CConstaterende datlaren
Koppel je AI →
Document · PDF

A.15.1 BIJLAGE - jaarverslag 2023

Gemeenteraad 25 september 2024, gemeente larenBij agendapunt: Vaststellen lijst ingekomen stukken27.732 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Om leerkrachten en ouders binnen Talent Primair te informeren over het medezeggenschapswerk publiceert de GMR na iedere vergadering een bericht op Social Schools en in de schoolnieuwsbrieven.

Onderwerpen waarop instemming of advies is verleend

Februari 2023 • In deze vergadering is gesproken over het Jaarplan Talent Primair (evaluatie van plan 2022 en toelichting op plan 2023) en de Beleidsnotitie Personeel (ter vervanging van de betreffende onderdelen van het handboek). Er lagen geen dossiers voor ter instemming of advies. April 2023 • Bestuursformatieplan 2023-2024 (instemming PGMR/positief advies OGMR): de GMR benoemt de krapte op de arbeidsmarkt en het behouden en duurzaam inzetten van medewerkers als belangrijk en doorlopend aandachtspunt. Talent Primair heeft een goed en stevig personeelsbeleid en de GMR is blij met initiatieven als het zijinstroomtraject en de aandacht voor werkdrukbeleving, maar vraagt het College van Bestuur om de stand van zaken nauwgezet te monitoren. • Kwaliteitskaart Verplichte mobiliteit (instemming): de toevoegen van de onmisbaarheidsclausule aan het mobiliteitsbeleid als onderdeel van het afspiegelingsbeginsel geeft directeuren meer ruimte. De GMR benadrukt dat in het proces van het aanwijzen van een onmisbare medewerker subjectiviteit zo veel mogelijk moet worden voorkomen. 50 | TALENT PRIMAIR

Bijlage I

Rapportage toezichthoudend orgaan en Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad

• Nieuwe strategische Koers Talent Primair (ter informatie): de GMR heeft input geleverd op de thema’s voor de nieuwe koers. Juni 2023 • Kwaliteitskaart Vierdaagse lesweek (instemming O(G)MR): de kwaliteitskaart Vierdaagse schoolweek is opgesteld ter voorbereiding op mogelijke scenario’s rond personeelstekorten. Als een school moet overgaan tot een vierdaagse schoolweek, moet dit plan worden besproken met het team en de MR. De PMR heeft in zo’n geval instemmingsrecht. De kwaliteitskaart geeft de spelregels voor deze oplossingen aan. • De GMR stelt voor op alle scholen nu al na te denken over de hoofdlijnen van passende scenario’s, omdat duidelijk is dat het lerarentekort alleen maar toeneemt • Kwaliteitskaart Met Pensioen (instemming P(G)MR): de GMR is voorstander van alle initiatieven om ervaren leerkrachten langer te behouden • Amsterdam-toelage Wisperweide (instemming PGMR): de GMR beschouwt het voorstel voor het toekennen van een Amsterdam-toelage aan het personeel van de Wisperweide als wettelijke verplichting • Gezien de duidelijke toelichting naar aanleiding van de vragen over het Jaarverslag 2022 en de kwartaalrapportage zonder verrassingen was het niet nodig om een ongevraagd advies uit te brengen over het Jaarverslag 2022 of de Eerstekwartaalrapportage 2023.

Oktober 2023 • Koersplan 2024-2028 (advies): het Koersplan 2024-2028 is een inspirerend en duidelijk • Document, dat wel goed moet worden gecommuniceerd naar ouders en leerkrachten. Het thema Anders organiseren komt op verschillende plekken terug in de koers • Voorgenomen besluit afroming NPO-gelden voor zijinstromers (instemming): de GMR is groot voorstander van de mogelijkheden die dit programma biedt om nieuwe leerkrachten aan te nemen en het NPO-geld een zinvolle bestemming te geven. Het is goed dat het voorstel zo breed is gedeeld en wordt gedragen binnen de organisatie. Wel vraagt de GMR aandacht voor de NPO-plannen op de afzonderlijke scholen. De MR’en hebben hier instemmingsrecht op. December 2023 • Begroting 2024 en Meerjarenbegroting 2025-2028 (positief advies): aandachtspunten voor 2024 zijn de uitgaven van de NPO-gelden die in 2023 zijn ontvangen, waardoor de operationele exploitatie “verliesgevend” wordt, en het effectueren van de wijziging in de verslagleggingsregels over de voorziening groot onderhoud. De GMR steunt het voornemen van het College van Bestuur om de komende jaren realistischer te begroten volgens de verwachte ontvangsten en het zoeken van alternatieve bestedingen als duidelijk is dat het budget niet wordt uitgenut. Hierdoor neemt het effect van onverwacht grote extra’s in de Rijksbaten en in niet bestede posten af.

Begroting en realisatie

De GMR is in 2023 binnen de geraamde begroting van €28.350,00 gebleven. Deze kosten worden gedragen door het bevoegd gezag (Talent Primair). Onderstaande figuur geeft het overzicht van de bestedingen van de GMR in 2023. Verreweg de grootste uitgaven deed de GMR op de post Ambtelijk secretaris. De GMR hecht er grote waarde aan dat alle leden zich tijdens de vergadering met de inhoud bezig kunnen houden. De ambtelijk secretaris zorgt voor verslaglegging van de vergaderingen en het opstellen van de GMR-besluiten. Ook neemt ze administratieve taken zoals het plannen en voorbereiden van voorbesprekingen met het CvB, communicatie met de GMR-leden, het bewaken van de voortgang van advies- en instemmingstrajecten en het schrijven van columns voor Social Schools en de schoolnieuwsbrieven uit handen van het dagelijks bestuur.

51 | TALENT PRIMAIR

Bijlage I

Rapportage toezichthoudend orgaan en Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad

Daarnaast zijn in 2023 eenmalig de medezeggenschapstrainingen die door VOO zijn gegeven op verschillende scholen voor rekening van de GMR gekomen.

Post Begroot 2023 Besteed

Beschikbaar

Compensatie personeelslid in DB GMR

€ 7.500,00

€ 0

€ 7.500,00

Scholingsbijeenkomsten/trainingen

€ 5.000,00

€ 4.027,45

€ 972,55

Reiskosten GMR-leden € 1.000,00 € 147,12 € 852,88 Attenties voor GMR-leden

€ 850,00

€ 814,00

€ 36,00

Vergaderkosten/huur € 500,00 € 47,55 € 452,45 Adviseur inhuren bij geschil en/of meelezen GMR-stukken

€ 2.500,00

€ 0

€ 2.500,00

Ambtelijk secretaris

€ 10.000,00

€ 8.251,86

€ 1.748,14

Lidmaatschappen en abonnementen

€ 500,00

€ 219,27

€ 280,43

Communicatie richting MR-achterban

€ 500,00

€ 0

€ 500,00

Totaal € 28.350,00 € 13.507,25

€ 14.842,45

Het resterende bedrag van € 14.842,45 vloeit terug in de algemene middelen van Talent Primair.

52 | TALENT PRIMAIR

Bijlage II

Wie zijn we? (het schoolbestuur)

1. Missie, Visie en kernwaarden Hieronder beschrijven we onze missie, visie en kernwaarden.

Missie en visie: Talent staat primair!

Vier fundamentele elementen vormen het gemeenschappelijk draagvlak van onze missie: talenten ontwikkelen, het beste voor de omgeving, autonomie in verbondenheid en goed werk.

Talenten ontwikkelen

Wij bieden kinderen ervaringen, kennis en vaardigheden om hun talenten te ontwikkelen en hun eigen plek in de maatschappij in te nemen. Vanuit een positief zelfbeeld bieden we leerlingen kansen en mogelijkheden hun eigen talenten te verkennen, te ontwikkelen en in te zetten. We zetten daarbij in op brede ontwikkeling. De landelijk vastgestelde kerndoelen voor het primair onderwijs maken we op maat van het kind. We stimuleren creatief denkvermogen zodat leerlingen ook buiten bestaande paden kunnen denken en handelen, wat in toenemende mate leidt tot het zelfstandig kunnen oplossen van vragen. Op onze scholen is veel aandacht voor het leren leren, het kunnen zien van samenhang in informatie en het kunnen maken van keuzes hierin. Voortdurend innoveren we ons aanbod gericht op vaardigheden die in deze eeuw van belang zijn. We leren daarbij van en voor de toekomst. Zo verwerven kinderen functionele kennis en vaardigheden en kunnen zij op een ontspannen manier een ongewisse toekomst tegemoet treden. Ons onderwijs boeit en maakt kinderen nieuwsgierig naar de wereld om hen heen. We gaan daarbij voor blijvende verwondering en inspiratie voor alle kinderen! Passend onderwijs is voor ons geen landelijke wetgeving maar een kans om elk kind tot leren te brengen.

Het beste voor de omgeving

We maken het verschil voor onze naaste(n), onze leefomgeving en onze aarde. Dit leren we onze kinderen, maar doen we ook zelf. Een van de grootste verantwoordelijkheden is dat kinderen en volwassenen zorg voor elkaar hebben, voor de wereld waarin wij leven en het behoud van onze aarde. Vanuit onze maatschappelijke opdracht zorgen we ervoor dat onze scholen breed toegankelijk zijn. Vanuit historisch en statutair perspectief zorgen we in ieder geval voor het in stand houden en bevorderen van openbaar en bijzonder neutraal onderwijs (Montessori-, Dalton- en Jenaplan- onderwijs).

Autonomie in verbondenheid

Toenemende autonomie van de leerlingen is een middel en een doel, evenals het vanuit een gezond zelfvertrouwen streven naar weerbaarheid, samenwerken en sociale verbondenheid. Zo leggen we een goede basis voor de motivatie tot levenslange, persoonlijke en sociale ontwikkeling. Ook onze medewerkers werken vanuit autonomie in verbondenheid. Medewerkers stellen hun bezieling, passie en vakmanschap in dienst van onderwijs dat de kinderen boeit. Zij werken daarin vanuit een professionele autonomie en binnen gemeenschappelijke kaders. Intern leren we vooral samen in het werk. We werken vanuit een systemische benadering hecht samen. Wij werken vanuit openheid, respect en vertrouwen. Vanuit goede relaties, zowel intern als extern, dragen we met elkaar bij aan de kwaliteit van ons onderwijs. De goede relatie met ouders en opvoeders is cruciaal.

53 | TALENT PRIMAIR

Bijlage II

Wie zijn we? (het schoolbestuur)

Goed werk

We zijn gedreven het goede te doen. We zijn nieuwsgierig en samen zoekend hoe die opgave in te vullen. Goed onderwijs is ons vertrekpunt, beter onderwijs is ons doel. Vakmanschap en passie zijn daarbij nodig om te komen tot onderwijs dat boeit en hoge opbrengsten levert. Data en observaties zijn voor ons voortdurend het startpunt voor reflectie, analyse en verbetering. Kwaliteitszorg is een opdracht aan alle betrokkenen.

Onze kernwaarden In onze missie en visie verwoorden we waar we voor staan: de reden van bestaan van de scholen van Talent Primair. In onze kernwaarden geven we aan wat men in ons handelen mag verwachten bij het realiseren van onze missie en visie.

Het belang van het kind centraal

Iedere volwassene die bij Talent Primair werkt, stelt onvoorwaardelijk de belangen van de kinderen centraal. Alle andere belangen zijn hier dienstbaar aan. Bij elke afweging op het niveau van het individuele kind, op klassenniveau, schoolniveau en stichtingsniveau wordt dit uitgangspunt toegepast. Op deze wijze staat de leerling daadwerkelijk centraal en hebben we betekenis voor elke leerling.

zien ieder kind en met elkaar de wereld om ons heen.

Vertrouwen

Leerlingen krijgen binnen onze scholen voldoende ruimte en vertrouwen voor hun eigen ontwikkeling. Ook voor volwassenen is er ruimte om hun eigen bijdragen te leveren aan goed onderwijs en zijn er volop mogelijkheden voor een eigen, voortdurende professionele ontwikkeling.

Samenwerking

Gemeenschap, openheid, respect en vertrouwen krijgen binnen de stichting volop ruimte. Vanuit goede relaties, zowel intern als extern, dragen we met elkaar bij aan de kwaliteit van ons onderwijs. De goede relatie met ouders en opvoeders is cruciaal. Solidariteit wordt op alle niveaus nagestreefd: tussen individuen, tussen scholen en breder ook buiten onze organisatie.

Creatief en nieuwsgierig

Om te kunnen leren, vernieuwen en ondernemen biedt Talent Primair volop mogelijkheden voor denken buiten bestaande kaders; door het stimuleren van creatief en nieuwsgierig denken liggen verrassende, nieuwe oplossingen binnen bereik. Leerlingen die met de ontwikkeling van deze vaardigheid de school verlaten, kunnen daardoor adequaat anticiperen en positief bijdragen aan een betere en veranderende wereld.

zien voortdurend nieuwsgierig naar vernieuwing en verbetering.

Enthousiasme

Vanuit innerlijke diepe betrokkenheid zorgen we samen voor boeiend onderwijs, waar kinderen graag in werken en spelen. Optimisme en doorzettingsvermogen paren we aan arbeidsvreugde voor medewerkers en kinderen.

Verantwoordelijkheid

Bij Talent Primair liggen verantwoordelijkheden zo laag mogelijk in de organisatie. Een van de grootste verantwoordelijkheden is dat kinderen en volwassenen zorg hebben voor elkaar. Sociaal bewustzijn en solidariteit moeten daarom zichtbaar zijn ten voordele van de gezamenlijke zorg voor de wereld.

54 | TALENT PRIMAIR

Bijlage II

Wie zijn we? (het schoolbestuur)

2. Beleid Onze missie en visie hebben we vertaald in beleid. Hieronder beschrijven we in hoofdlijnen dat beleid op drie gebieden: • Onderwijs en kwaliteit • Personeelsbeleid • Financiën.

2.1 Onderwijs en kwaliteit Hoe definiëren wij onderwijskwaliteit bij TP?

Onze visie op onderwijs luidt als volgt: vanuit een positief zelfbeeld en autonomie ontwikkelt elk kind de eigen talenten. Talent Primair biedt daarvoor de juiste pedagogische mix van autonomie, relatie en competentie. De kinderen verkeren in de scholen in een veilige leeromgeving: ze worden uitgedaagd door onderwijs dat hen boeit. Wij gaan ervan uit dat kinderen willen leren. De leerkracht helpt hen via een doordachte mix van materiaal, leeromgeving, instructie en werkvormen naar ‘het punt’ waar het leren kan gebeuren. Leren vindt meestal plaats via momenten van ongemak en kost moeite. Leerkrachten weten dat en helpen en motiveren leerlingen om toch naar dat ‘punt van moeite’ te gaan. Zij zorgen voor een zo groot mogelijke kans op succes. Dat succes maakt leren leuk. Door dit onderwijs wordt bij de kinderen de passie voor levenslang leren gestimuleerd omdat kinderen weten hoe zij zich door momenten van ‘niet meer weten’ kunnen slaan en hoe belonend dat is. Voor de definitie van onderwijskwaliteit betekent dit dat het leerstofaanbod is gericht op een ononderbroken ontwikkeling, het past dus bij de leerbehoefte van leerlingen en bereidt hen voor op het vervolgonderwijs en helpt hen bij het ontwikkelen van sociale vaardigheden en zelfsturing. Leraren geven motiverend les, zij doen dit op basis van een goede analyse van waar de kinderen zich bevinden ten opzichte van de leerlijn.

Bovendien weten zij hun lessen aan te passen aan specifieke onderwijsbehoeften. Kinderen krijgen steeds stimulerende feedback zodat zij zelf weten wat de volgende stap in hun leerproces is. Dit alles leidt tot in ieder geval voldoende leerresultaten. Kinderen voelen zich veilig en gezien. De school is een samenleving waarin zorg voor elkaar is en voor de buitenwereld. Onze scholen voldoen uiteraard aan de wet primair onderwijs, dus ook aan de kwaliteitsvereisten die daar genoemd staan. Die wet schrijft bovendien voor dat scholen hun eigen ambities hebben (opgeschreven in het schoolplan).

Hoe bewaken wij onderwijskwaliteit bij TP?

Onze scholen zijn zelf verantwoordelijk voor het bereiken van hoge onderwijskwaliteit. Zij verantwoorden zich hierover. Dit doen zij per schooljaar door middel van een geëvalueerd jaarplan en een schoolscan. Wij stimuleren de scholen om die waardering te baseren op zoveel mogelijk feitelijke evaluatieve data en om deze data samen met hun team te duiden. Daarnaast hebben wij een eigen verzameling van gegevens over de scholen, het zogenaamde dashboard. Op basis hiervan krijgen wij inzicht in de leerresultaten, het ziekteverzuim, schoolklimaat en veiligheid en de tevredenheid van ouders en leerlingen. Het jaarplan en de terugblik daarop en de schoolscan bespreken wij met twee scholen tegelijkertijd. Wij noemen dat de zogenaamde ‘kampvuurgesprekken over onderwijs’. We reflecteren op de kwaliteit van het onderwijs op de scholen en geven suggesties voor verbetering. Een half jaar later leggen wij een

55 | TALENT PRIMAIR

Bijlage II

Wie zijn we? (het schoolbestuur)

schoolbezoek af. Dan bespreken we onder andere de ontwikkelingen op de m-toetsen en de voortgang van het jaarplan van de school. Ook gaan we met het team in gesprek. Als wij ons op basis van deze verantwoording zorgen maken over de kwaliteit van de school dan gaan we intensiever meekijken. We noemen dit onze aandachtsscholen. Soms laten we een verdiepende analyse door een externe onderzoeker uitvoeren om beter zicht te krijgen op de onderwijskwaliteit. Vervolgens volgen wij de school nauwgezet in de stappen die zij zetten naar verbetering. Onze kwaliteitsmedewerker ondersteunt daarbij. Bovenstaande kwaliteitscyclus geeft ons inzicht in hoe wij bovenschools kunnen helpen om de kwaliteit te stimuleren. Verbeterpunten die bovenschools aangestuurd kunnen worden, komen terug in bestuurlijk jaarplan. Daarnaast gebruiken wij ons maandelijks overleg met onze directeuren om kennis te delen of kennis van buiten naar binnen te halen. Ook in onze zogenaamde binnenkringen werken directeuren en andere medewerkers aan gezamenlijke verbeterpunten.

2.2 Personeel en Professionalisering Ons personeelsbeleid is afgestemd op onze koers. We zetten de leerkracht én het kind centraal. Ons doel is om de talenten van kinderen te laten groeien en de kinderen te helpen het beste in zichzelf te ontdekken. Vanuit onze vastgelegde kernwaarden sturen we op de kwaliteit van ons personeelsbeleid. Binnen Talent Primair streven wij ernaar om autonome professionals aan het werk te hebben die zich volop kunnen richten op de inhoud van hun werk. De randvoorwaarden zijn aantrekkelijk, helder en duidelijk. Dit geeft onze leerkrachten ondersteuning bij het dagelijks uitvoeren van de werkzaamheden. Wij zijn op zoek naar nieuwsgierige leerkrachten die door middel van vragen stellen op zoek gaan naar verbinding en vernieuwing. Een startende/nieuwe medewerker voelt zich welkom. We introduceren onze visie en doelen. Wij staan niet stil en blijven zoeken naar de best aansluitende mogelijkheden. We willen bereiken dat de nieuwsgierige instelling van onze medewerkers gedurende de hele loopbaan behouden blijft en ondersteund is. Dit maakt ons een aantrekkelijke werkgever waar mensen graag werken en zich gezien en gewaardeerd voelen. Om onze doelen te bereiken zoeken we commitment en verbinding met alle betrokken partijen. Daarom werken wij met binnen- en buitenkringen. Hierin participeren leden van de schooldirecties, leraren en leden van de GMR.

Een meerscholendirecteur is voorzitter van de binnenkring. We creëren proeftuinen om de juiste aansluiting te vinden.

56 | TALENT PRIMAIR

Jaarrekening

57 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING 3.1. Grondslagen voor waardering van activa, passiva en resultaatbepaling Algemene grondslagen voor opstelling van de jaarrekening

De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de bepalingen opgenomen in de ministeriële Richtlijn Jaarverslag Onderwijs. Hierbij wordt aansluiting gezocht bij de bepalingen van Boek 2 titel 9 van het Burgerlijk Wetboek en de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving waaronder Richtlijn 660 Onderwijsinstellingen. De waardering van activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij de desbetreffende grondslag voor de specifieke balanspost anders wordt vermeld, worden de activa en passiva gewaardeerd tegen nominale waarde. Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop ze betrekking hebben. Positieve resultaten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verplichtingen en mogelijke verliezen die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht genomen als zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. De in de jaarrekening opgenomen bedragen luiden in hele euro’s. Indien nodig zijn de vergelijkende cijfers geherrubriceerd ten behoeve van de vergelijkbaarheid. De jaarrekening is opgesteld op basis van de continuïteitsveronderstelling. Stichting Basisonderwijs Gooi en Vechtstreek (Talent Primair) is opgericht in 2003. De stichting staat bekend onder bestuursnummer 41376.

Er is een scheiding aangebracht in toezicht en bestuur (twotier bestuursmodel) en bestaat uit een raad van toezicht en een college van bestuur. Bij de Kamer van Koophandel staat Talent Primair ingeschreven als Stichting Basisonderwijs Gooi en Vechtstreek te Gemeente Huizen onder nummer 32095223.

Vergelijking met voorgaand boekjaar

De grondslagen voor waardering van activa, passiva en van resultaatbepaling zijn ongewijzigd ten opzichte van voorgaand jaar.

Grondslagen Balans Materiële vaste activa

De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs plus bijkomende kosten of de vervaardigingsprijs, verminderd met de afschrijvingen. De afschrijvingen vinden lineair en naar tijdsgelang plaats op basis van de verwachte toekomstige gebruiksduur. Er wordt rekening gehouden met de bijzondere waardeverminderingen die op balansdatum worden verwacht. Onderstaand worden de afschrijvingstermijnen per categorie weergegeven. Ook zijn de activeringsgrenzen vermeld.

58 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING

Tabel: Afschrijvingstermijnen

Toelichting materiële vaste activa

Voor vaste activa wordt op iedere balansdatum beoordeeld of er aanwijzingen zijn dat deze activa onderhevig zijn aan bijzondere waardeverminderingen. Als dergelijke indicaties aanwezig zijn, wordt de realiseerbare waarde van het actief geschat. De realiseerbare waarde is de hoogste van de bedrijfswaarde en de opbrengstwaarde. Als het niet mogelijk is de realiseerbare waarde te schatten voor een individueel actief, wordt de realiseerbare waarde bepaald van de kasstroom genererende eenheid waartoe het actief behoort. Wanneer de boekwaarde van een actief (of een kasstroom genererende eenheid) hoger is dan de realiseerbare waarde, wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies verantwoord voor het verschil tussen de boekwaarde en de realiseerbare waarde. Indien sprake is van een bijzonder waardeverminderingsverlies van een kasstroom genererende eenheid, wordt het verlies allereerst toegerekend aan goodwill die is toegerekend aan de kasstroom genererende eenheid. Een eventueel restant verlies wordt toegerekend aan de andere activa van de eenheid naar rato van hun boekwaarden. Verder wordt op iedere balansdatum beoordeeld of er enige indicatie is dat een in eerdere jaren verantwoord bijzonder waardeverminderingsverlies is verminderd. Als een dergelijke indicatie aanwezig is, wordt de realiseerbare waarde van het betreffende actief (of kasstroom genererende eenheid) geschat.

Terugneming van een eerder verantwoord bijzonder waardeverminderingsverlies vindt alleen plaats als sprake is van een wijziging van de gehanteerde schattingen bij het bepalen van de realiseerbare waarde sinds de verantwoording van het laatste bijzonder waardeverminderingsverlies. In dat geval wordt de boekwaarde van het actief (of kasstroom genererende eenheid) opgehoogd tot de geschatte realiseerbare waarde, maar niet hoger dan de boekwaarde die bepaald zou zijn (na afschrijvingen) als in voorgaande jaren geen bijzonder waardeverminderingsverlies voor het actief (of kasstroom genererende eenheid) zou zijn verantwoord.

Gebouwen

De gebouwen en terreinen worden opgenomen indien sprake is van economisch eigendom. Hiervan is sprake in het geval van eigen investeringen of van doordecentralisatie van de huisvesting. Op terreinen wordt niet afgeschreven. Voor de toekomstige uitgaven van groot onderhoud aan de bedrijfsgebouwen is een voorziening voor groot onderhoud gevormd. De toevoeging aan de voorziening wordt bepaald op basis van het geschatte bedrag van het onderhoud en de periode die telkens tussen de werkzaamheden van groot onderhoud verloopt. 59 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING Bij de bepaling van de voorziening groot onderhoud is gebruik gemaakt van de tijdelijke uitzonderingsbepaling volgens RJO-artikel 4, Lid 1c.

Vorderingen

De vorderingen en overlopende activa worden bij eerste verwerking opgenomen tegen de reële waarde van de tegenprestatie en vervolgens gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Als de ontvangst van de vordering is uitgesteld op grond van een verlengde overeengekomen betalingstermijn wordt de reële waarde bepaald aan de hand van de contante waarde van de verwachte ontvangsten en worden er op basis van de effectieve rente rente-inkomsten ten gunste van de winst-en verliesrekening gebracht. Voorzieningen wegens oninbaarheid worden in mindering gebracht op de boekwaarde van de vordering.

Liquide middelen

De liquide middelen staan, voor zover niet anders vermeld, ter vrije beschikking van het bestuur. Liquide middelen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Liquide middelen die niet ter vrije beschikking staan worden verwerkt onder de vorderingen. Liquide middelen bestaan uit kas, banktegoeden en deposito’s met een looptijd korter dan twaalf maanden.

Eigen Vermogen

Het eigen vermogen bestaat uit de algemene reserve die voortkomt uit de door (semi-) overheidsinstellingen gefinancierde activiteiten en bestemmingsreserves. Hierbij is onderscheid gemaakt tussen reserves uit private middelen en reserves uit publieke middelen. Reserves worden geacht uit publieke middelen te zijn opgebouwd tenzij expliciet anders vermeld in de toelichting op de balans. Het eigen vermogen bestaat uit de algemene reserves en bestemmingsreserves. Hierin is ook een segmentatie opgenomen naar publieke en private middelen. De algemene reserve betreft een buffer ter waarborging van de continuïteit van het bestuur/de scholen en wordt opgebouwd uit resultaatbestemming van overschotten welke ontstaan uit het verschil tussen de toegerekende baten en de werkelijke gemaakte lasten. In geval van een tekort wordt dit resultaat ten laste van de algemene reserve gebracht. Reserves worden geacht uit publieke middelen te zijn opgebouwd tenzij expliciet anders is vermeld in de toelichting op de balans.

Bestemmingsreserves

Bestemmingsreserves worden gevormd met als doel deze in de toekomst aan te wenden voor een specifiek doel. Bestemmingsreserves zijn gevormd op basis van een besluit van het bevoegd gezag. Aan de bestemmingsreserves ligt een plan ten grondslag waarin is opgenomen welke uitgaven ten laste van de reserves komen, een inschatting van het totaal van de uitgaven en een inschatting in welk jaar de uitgaven zullen worden gedaan. In het kader van het Nationaal Programma Onderwijs (NPO) ontvangen onderwijsinstellingen extra bekostiging. Deze regeling eindigt (voor zover nu bekend) op 31 juli 2025.Het bestuur heeft besloten om voor de bedragen die per 31 december van het jaar nog niet besteed zijn een bestemmingsreserve genaamd Nationaal Programma Onderwijs (NPO) te vormen. De bestemmingsreserves zijn reserves met een beperkte bestedingsmogelijkheid, welke door het bestuur is aangebracht.

60 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING Omschrijvingen

Doel

Beperkingen

EUR

Reserve Personeels- en Arbeidsmarktbeleid

Personele doeleinden

Reserve nulmeting

Afschrijvingskosten

Dekking afschrijvingskosten

0

Private middelen

Algemeen

Inzet door stichting

344.632

Nationaal Programma Onderwijs

Algemeen

Inzet door de stichting

2.642.298

201.405

Tabel: Bestemmingsreserves

Voorzieningen

Voorzieningen worden gevormd voor in rechte afdwingbare of feitelijke verplichtingen die op de balansdatum bestaan, waarbij het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen noodzakelijk is en waarvan de omvang op betrouwbare wijze is te schatten. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de verplichtingen per balansdatum af te wikkelen. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de contante waarde van de uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de verplichtingen af te wikkelen, tenzij anders vermeld. Wanneer de verwachting is dat een derde de verplichtingen vergoedt, en wanneer het waarschijnlijk is dat deze vergoeding zal worden ontvangen bij de afwikkeling van de verplichting, dan wordt deze vergoeding als een actief in de balans opgenomen Voorzieningen worden onderscheiden naar aard en doel. Toevoegingen aan de voorzieningen vinden plaats door dotaties ten laste van de staat van baten en lasten. De onttrekkingen vinden rechtstreeks plaats ten laste van de betreffende voorziening.

Voorziening jubilea

Op grond van de Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving is een voorziening voor toekomstige jubileumuitkeringen gevormd. Voor de berekening is uitgegaan van de datum van indiensttreding van de medewerker in het onderwijs. Vanaf deze datum bouwt de medewerker aanspraken op voor een te ontvangen jubileumgratificatie bij 25-jarig en 40-jarig dienstverband. Daarbij wordt rekening gehouden met een variabele blijfkans en een discontovoet van 2,37%.

Voorziening langdurig zieken (bij eigen risicodragerschap ziekteverzuim en/of WGA)

De instelling is eigen risicodrager voor het ziekteverzuim van de medewerkers gedurende de eerste twee jaar. Voor medewerkers die per balansdatum langdurig ziek zijn (en dit naar verwachting blijven) wordt een voorziening gevormd voor de loonkosten van de nog resterende maanden van deze periode. Dit vanuit de veronderstelling dat deze medewerkers tijdens hun ziekte geen prestaties voor die instelling leveren. De voorziening wordt opgenomen tegen nominale waarde. De dotatie wordt ten laste van de personeelskosten gebracht. De werkelijke loonkosten voor deze medewerkers worden onttrokken aan de voorziening. De voorziening langdurig zieken wordt niet tegen contante waarde gewaardeerd omdat de waarde van de impact daarvan te verwaarlozen is.

Voorziening ERD WGA

Dit betreft een voorziening voor verwachte uitgaven over tien jaar voor medewerkers die vanwege de WIA/WGA door Talent Primair worden betaald. De voorziening is gewaardeerd tegen nominale waarde.

61 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING Voorziening WW-uitkeringen

De voorziening WW is een voorziening gevormd voor de ingeschatte te betalen WW- en bovenwettelijke uitkeringen voor ex-medewerkers in de toekomstige jaren, rekening houdend met de kans dat de ex-medewerkers weer aan het werk gaan. De voorziening is gewaardeerd tegen nominale waarde.

Voorziening groot onderhoud

Voor uitgaven voor groot onderhoud van gebouwen wordt een voorziening gevormd om deze lasten gelijkmatig te verdelen over een aantal boekjaren. De toevoeging aan de voorziening wordt bepaald op basis van het geschatte bedrag van het groot onderhoud en de periode die telkens tussen de werkzaamheden voor groot onderhoud verloopt. Talent Primair maakt gebruik van de overgangsregeling.

Langlopende schulden

Langlopende schulden worden bij de eerste waardering gewaardeerd tegen reële waarde. Schulden worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, zijnde het ontvangen bedrag rekening houdend met agio of disagio en onder aftrek van transactiekosten.

Kortlopende schulden

De overlopende passiva betreffen de vooruit ontvangen bedragen die aan opvolgende perioden worden toegerekend en/of nog te betalen bedragen. Kortlopende schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Kortlopende schulden worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, zijnde het ontvangen bedrag rekening houdend met agio of disagio en onder aftrek van transactiekosten. Dit is meestal de nominale waarde.

Grondslagen voor bepaling van het resultaat

Het resultaat wordt bepaald als het verschil tussen de baten en lasten over het verslagjaar, met inachtneming van de hiervoor al vermelde waarderingsgrondslagen. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop ze betrekking hebben. Lasten en risico’s die hun oorsprong vinden vóór het einde van het verslagjaar, zijn in acht genomen als zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Het resultaat van de staat van baten en lasten wordt toegevoegd aan de bestemde reserves die door het bestuur zijn bepaald.

Rijksbijdragen

Onder de rijksbijdragen worden de vergoedingen voor de personele en materiële exploitatie opgenomen verstrekt door het Ministerie van Ministerie van OCW. De ontvangen (normatieve) rijksbijdragen uit hoofde van de basisbekostiging (lumpsum) worden in het jaar waarop de toekenning betrekking heeft (in het jaar van toewijzing) volledig als baten verwerkt in de staat van baten en lasten. Niet-geoormerkte Ministerie van OCW-subsidies (subsidies die volledig vrij besteedbaar zijn) worden in het jaar waarop de toekenning betrekking heeft volledig als baten verwerkt in de staat van baten en lasten. Geoormerkte Ministerie van OCW-subsidies met een vrij besteedbaar overschot (G1-doelsubsidies waarbij het overschot geen verrekeningsclausule heeft) worden naar rato van de voortgang (%) van de gesubsidieerde activiteiten verwerkt in de staat van baten en lasten. De subsidies waarvoor nog niet (alle) activiteiten (prestaties) zijn verricht per balansdatum worden verantwoord onder de vooruitontvangen subsidies Ministerie van OCW (overlopende passiva) zolang de bestedingstermijn (subsidietijdvak) nog niet is verlopen.

62 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING Geoormerkte Ministerie van OCW-subsidies (G2-doelsubsidies met verrekeningsclausule) worden ten gunste van de staat van de baten en lasten verantwoord in het jaar waarvan de werkelijke subsidiabele lasten komen (naar rato van de aan het verslagjaar toe te rekenen werkelijke subsidiabele uitgaven). Niet bestede middelen worden verantwoord onder de vooruitontvangen subsidies Ministerie van OCW (overlopende passiva) zolang de bestedingstermijn (subsidietijdvak) nog niet is verlopen. Niet bestede middelen worden verantwoord als schuld aan het Ministerie van Ministerie van OCW onder de kortlopende schulden zodra de bestedingstermijn (subsidietijdvak) is verlopen op balansdatum (terugvordering door Ministerie van Ministerie van OCW)

Overige overheidsbijdragen

Onder de overige overheidsbijdragen worden de vergoedingen opgenomen verstrekt door gemeente, provincie of andere overheidsinstellingen. De overige overheidsbijdragen worden toegerekend aan het verslagjaar waarop ze betrekking hebben.

Overige baten

Onder de overige baten worden de vergoedingen opgenomen die niet verstrekt zijn door het Ministerie van OCW, gemeenten, provincie of andere overheidsinstellingen. De overige baten worden toegerekend aan het verslagjaar waarop ze betrekking hebben.

Personeelsbeloningen

Lonen, salarissen en sociale lasten worden op grond van de arbeidsvoorwaarden verwerkt in de staat van baten en lasten voor zover ze verschuldigd zijn aan werknemers. De stichting heeft de toegezegde pensioenregeling bij het bedrijfstakpensioenfonds in de jaarrekening verwerkt als verplichtingenbenadering. Voor de toegezegde bijdrageregelingen betaalt de instelling op verplichte, contractuele of vrijwillige basispremies aan pensioenfondsen en verzekeringsmaatschappijen. Behalve de betaling van premies heeft de instelling geen verdere verplichtingen uit hoofde van deze pensioenregelingen. De premies worden verantwoord als personeelskosten als deze verschuldigd zijn. Vooruitbetaalde premies worden opgenomen als overlopende activa indien dit tot een terugstorting leidt of tot een vermindering van toekomstige betalingen.

Pensioenregeling

Talent Primair heeft voor haar werknemers een toegezegde pensioenregeling. De verplichtingen zijn ondergebracht bij het bedrijfstakpensioenfonds ABP. Talent Primair betaalt hiervoor premies waarvan ongeveer 2/3 door de werkgever wordt betaald en 1/3 door de werknemer. De pensioenrechten worden jaarlijks geïndexeerd, als en voor zover de dekkingsgraad van het pensioenfonds (het vermogen van het pensioenfonds gedeeld door haar financiële verplichtingen) dit toelaat.

Nederlandse pensioenregelingen:

De instelling heeft op de balans geen eigen pensioenvoorziening opgenomen. De instelling is volgens de cao PO aangesloten bij het ABP. De belangrijkste kenmerken van deze regelingen zijn: • • • •

Pensioengevende salarisgrondslag is middelloon Er heeft in 2023 geen indexatie plaatsgevonden De dekkingsgraad van het ABP was per 31-12-2023: 110,5% Overige kenmerken zijn te vinden op www.abp.nl

Op de Nederlandse pensioenregelingen zijn de bepalingen van de Nederlandse Pensioenwet van toepassing en worden op verplichte, contractuele of vrijwillige basispremies aan pensioenfondsen en verzekeringsmaatschappijen betaald door de instelling.

63 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING De premies worden verantwoord als personeelskosten zodra deze verschuldigd zijn. Vooruitbetaalde premies worden opgenomen als overlopende activa indien dit tot een terugstorting leidt of tot een vermindering van toekomstige betalingen. Nog niet betaalde premies worden als verplichting op de balans opgenomen. De instelling is niet verplicht tot dekking van pensioentekort anders dan door hogere toekomstige pensioenpremies.

Afschrijvingen op materiële vaste activa

Materiële vaste activa worden vanaf het moment van ingebruikneming afgeschreven over de verwachte toekomstige gebruiksduur van het actief. Over terreinen en vastgoedbeleggingen wordt niet afgeschreven. Als een schattingswijziging plaatsvindt van de economische levensduur, dan worden de toekomstige afschrijvingen aangepast.

Huisvestingslasten

Onder de huisvestingslasten worden de uitgaven voor huisvesting opgenomen. De lasten worden toegerekend aan het verslagjaar waarop ze betrekking hebben.

Overige lasten

De overige lasten hebben betrekking op uitgaven die voortvloeien uit aangegane afspraken dan wel noodzakelijk zijn voor het geven van onderwijs en worden toegerekend aan het verslagjaar waarop ze betrekking hebben

Financiële baten en lasten

Rentebaten en rentelasten worden tijdsevenredig verwerkt, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de betreffende activa en passiva.

Grondslagen kasstroomoverzicht

Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode. Bij de indirecte methode wordt het resultaat als basis genomen. Dit overzicht geeft weer waaraan de in de verslagperiode beschikbaar gekomen gelden zijn besteed. In samenhang met de balans en de staat van baten en lasten moet het kasstroomoverzicht bijdragen aan het inzicht in de financiering, de liquiditeit, de solvabiliteit en het vermogen van de instelling om geldstromen te genereren.

Kredietrisico

De liquide middelen staan uit bij banken die minimaal voldoen aan het treasurybeleid.

Operationele activiteiten

Onder de operationele activiteiten is het saldo van de baten en lasten opgenomen welke in het verslagjaar gerealiseerd zijn. Het saldo van baten en lasten wordt gecorrigeerd met de lasten door afschrijvingen, dotatie en vrijval van voorzieningen die in het saldo van de baten en lasten wordt ook gecorrigeerd met de fluctuatie van kortlopende vorderingen en schulden gedurende het verslagjaar. Ontvangsten en uitgaven uit rente gedurende het verslagjaar zijn ook opgenomen onder de operationele activiteiten.

Investeringsactiviteiten

Uitgaven en inkomsten welke voortvloeien uit het respectievelijk aankopen en verkopen van duurzame middelen.

Financieringsactiviteiten

Inkomsten en uitgaven welke voortvloeien uit het respectievelijk aangaan of aflossen van leningen.

64 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING Kredietrisico

De liquide middelen staan uit bij banken die minimaal voldoen aan het treasurybeleid.

Verbonden partijen

Als verbonden partij worden aangemerkt alle rechtspersonen waarover overheersende zeggenschap, gezamenlijke zeggenschap of invloed van betekenis kan worden uitgeoefend. Ook worden rechtspersonen die overwegende zeggenschap kunnen uitoefenen aangemerkt als verbonden partij. Hetzelfde geldt voor statutaire directieleden, andere sleutelfunctionarissen in het management van de instelling en nauwe verwanten.

Gebruik van schattingen

De opstelling van de jaarrekening vereist dat het bestuur oordelen vormt en schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van grondslagen en de gerapporteerde waarde van activa en passiva en van baten en lasten. Schattingen hebben betrekking op: • de waardering van materiële vaste activa, waaronder de gehanteerde afschrijvingstermijnen; • de verwachte onderhoudsuitgaven bij bepaling van de voorziening onderhoud; • de bepaling van personele voorzieningen. De daadwerkelijke uitkomsten kunnen afwijken van deze schattingen. De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend beoordeeld. Herzieningen van schattingen worden opgenomen in de periode waarin de schatting wordt herzien en in toekomstige perioden waarvoor de herziening gevolgen heeft.

65 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING 3.2 Balans per 31 december 2023 En vergelijkende cijfers 2022, na verwerking van de resultaatbestemming

Toelichting balans

De balanspositie is licht afgenomen door enkele verschuivingen. Aan de activazijde neemt de boekwaarde van de materiële vaste activa toe door met name uitgevoerde investeringen van meubilair, devices en touchscreens en nieuwe methodes bij diverse scholen. De vlottende activa laten gesaldeerd een daling zien. De toename van de vorderingen wordt voornamelijk veroorzaakt door de vooruitbetaalde bedragen nieuwbouw Wisperweide en ikc Loosdrecht (De Linde & De Sterrenwachter), afrekening van Complex Blaricum en Complex Eemnes en vooruitbetaalde bedragen die betrekking hebben op het boekjaar 2024. De liquide middelen zijn afgenomen door de vooruitbetaling van diverse uitgaven nieuwbouw, extra uitgaven groot onderhoud en de extra inzet op de subsidies NPO en basisvaardigheden. Het balanstotaal aan de passivazijde is gedaald door enerzijds toevoeging van het (positief) resultaat aan het eigen vermogen, anderzijds een afname van de voorzieningen. Voor de specificatie van de resultaatverdeling en het verloop van het eigen vermogen wordt verwezen naar de desbetreffende paragrafen. De mutatie personeelsvoorzieningen laat een toename zien en de voorziening groot onderhoud een afname, hetgeen resulteert in een gesaldeerde afname. De kortlopende schulden laten een stijging zien.

De grootste veroorzakers zijn een afname crediteuren, vooruitontvangen incidentele subsidies OCW overige kortlopende schulden en een toename reservering vakantiegeld en afdrachten belastingen en premies sociale verzekeringen (10% stijging loonkosten cao). Voor het lezen van de details wordt verwezen naar de toelichting verderop in het verslag. 66 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING 3.3 Staat van baten en lasten 2023 En vergelijkende cijfers 2022, na verwerking van de resultaatbestemming

Toelichting staat van baten en lasten

De staat van baten en lasten laat in 2023 een positief resultaat zien van € 283.300, voornamelijk veroorzaakt door herziening van de onderhoudsplannen, waardoor de dotatie voor de voorziening groot onderhoud afnam. Daarnaast zijn de baten en ook de lasten stuk hoger dan begroot door de invoering van de nieuw cao (loonstijging 10% en incidentele uitkering). De Rijksbijdragen overstijgen de begroting 2023 en realisatie 2022 door met name de prijscompensatie voor de eenmalige uitkeringen en de loonstijgingen die voortkomen uit de implementatie van de nieuwe cao. Ook is er een toename van de baten asielzoekers en vreemdelingen door tijdelijke uitbreiding van de regeling. Daarentegen zijn er baten NPO ontvangen over de eerste zeven maanden van 2023 en in 2022 over het gehele boekjaar en is sprake van een afname inkomsten arrangementen SWV. De gemeentelijke bijdragen zijn ten opzichte van vorig boekjaar afgenomen door minder inkomsten gemeente Huizen voor de opvang van Oekraïense kinderen en lagere omzet onderwijssubsidies gemeente Amsterdam. In 2023 zijn niet alle ontvangsten begroot. De overige baten laten een veelvoud van over- en onderschrijdingen zien. De afname in vergelijk met vorig jaar wordt voornamelijk veroorzaakt door het wegvallen van de subsidie ‘Extra handen in de klas’ en minder inzet van uitgaande detacheringen (ASKO).

67 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING De gerealiseerde personeelslasten zijn hoger dan begroot, voornamelijk veroorzaakt door de invoering van de nieuwe cao en daarmee gepaard gaande salarisverhogingen, inhuur derden en extra inzet regulier personeel op de verschillende incidentele projectsubsidies en via NPO (Nationaal Programma Onderwijs). De realisatie afschrijvingslasten is in lijn met het begroot bedrag en valt lager uit dan voorgaand boekjaar. In 2022 zijn er veel extra uitgaven ICT gepleegd vanuit NPO-middelen. Gesaldeerd lopen de huisvestingslasten achter bij het begroot bedrag. De dotatie aan de onderhoudsvoorziening viel lager uit en er is een opboeking gemaakt voor het voorbereidingskrediet van nieuwbouwproject ikc Loosdrecht. Vergelijk met vorig boekjaar laat naast voorgenoemde een gesaldeerde stijging zien door enerzijds een lagere dotatie voorziening groot onderhoud en anderzijds een toename van de lasten van huur en medegebruik, onderhoudslasten, energie en schoonmaak. Per saldo is sprake van meer uitgaven ‘overige lasten’ dan begroot, verdeeld over meerdere posten. De meest omvangrijke afwijkingen betreffen hogere uitgaven deskundigenadvies, kosten onderwijsleerpakket, licenties en de afrekening met ASKO in verband met een overname.

Door wijziging van de rentetarieven en de bankkosten is gesaldeerd sprake van een positief saldo baten en lasten in vergelijk met de begroting en vorig boekjaar.

68 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING 3.4 Kasstroomoverzicht

Toelichting kasstroomoverzicht

De mutatie liquide middelen laat een daling zien van afgerond € 829.000, gespecificeerd in bovenstaand overzicht.

69 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING 3.5 Toelichting op de balans

Toelichting MVA

De boekwaarde MVA is gestegen met ruim € 63.000. Dit is het gesaldeerde effect van uitgevoerde investeringen in meubilair, devices en touchscreens en nieuwe methodes bij diverse scholen, verminderd met de cumulatieve afschrijvingslast.

70 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING Toelichting vorderingen

De toename van de vorderingen ten opzichte van voorgaand boekjaar van ruim € 489.000 wordt voornamelijk veroorzaakt door vooruitbetaalde bedragen nieuwbouw Wisperweide en ikc Loosdrecht (De Linde & De Sterrenwachter), afrekening van het Complex Blaricum en Complex Eemnes en vooruitbetaalde bedragen die betrekking hebben op boekjaar 2024. Ook is het debiteurensaldo toegenomen door openstaande posten van stichting Kinderopvang SKBNM. De vordering op gemeenten is separaat verantwoord voor een bedrag van bijna € 13.000. Onder overige overlopende activa zijn nog te ontvangen bedragen van de energieleverancier DVEP verantwoord van ruim € 43.000 en te ontvangen rente van de charitas rekening bij de ABN-AMRO voor € 5.000. Het resterend deel betreft nog enkele verrekeningen met gemeenten voor een bedrag van afgerond € 6.000.

Toelichting liquide middelen

De liquide middelen zijn in totaal afgenomen met € 829.000. De middelen zijn toegenomen door het positief resultaat en afgenomen door gedane investeringen mva, de vooruitbetaling van diverse uitgaven nieuwbouw, extra uitgaven groot onderhoud (o.a. Gouden Kraal) en de inzet op de subsidies NPO en basisvaardigheden.

71 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING Toelichting eigen vermogen

De algemene reserve is met € 236.809 toegenomen door toevoeging van het resultaat € 283.300, gecorrigeerd voor de mutatie in de bestemmingsreserves van de nog te besteden gelden NPO van € 56.842 en de afboeking nulmeting -/- € 10.351.

Toelichting voorzieningen

De voorziening laat op totaalniveau een daling zien van afgerond € 642.000. De personele voorziening laat een stijging zien van € 246.000, terwijl de voorziening groot onderhoud daalt met € 888.000. De mutatie langdurig zieken is opnieuw gevormd na de intrede van het eigenrisicodragerschap (ERD) voor ziektevervanging en geactualiseerd voor de stand op 31-12-2023 met een vrijval van afgerond € 64.000. Daarnaast is een dotatie opgenomen van € 47.500 voor de financiële gevolgen die voortkomen uit de getekende vaststellingsovereenkomst van een personeelslid die vervroegd zal uittreden per april 2024. Actualisering van de voorziening jubilea heeft met de gebruikelijke rekenregels plaatsgevonden via periodieke dotaties voor in totaal afgerond € 56.000 en er zijn jubilea-uitkeringen uitgekeerd in 2022 voor ruim € 49.000. Hierdoor is sprake van een lage dotatie. Bureau Synck heeft een betrouwbare schatting berekend voor werknemers met een verwachte instroom in WGA die ultimo 2023 42 weken of langer ziek zijn, alsmede werknemers die zijn ingestroomd in de WGA. Deze doorrekening leidt tot een extra dotatie van € 275.000, doordat sprake is van een toename instroom van 6 werknemers (2022) naar 10 medewerkers (2023).

Ook is er een nieuwe voorziening WW/PF gevormd voor een tweetal medewerkers die (tijdelijk) gebruik maken van de uitkering werkloosheidswet (WW) via het Participatiefonds (PF). Dit betrof een dotatie van afgerond € 33.000. Voor de berekening van de voorziening groot onderhoud voor de komende jaren is rekening gehouden met een jaarlijkse dotatie van € 535.000. Het saldo personele voorzieningen is hiermee € 1.043.579 en onderverdeeld in < 1 jaar (€ 473.427), 1 t/m 5 jaar (€ 479.690) en > 5 jaar (€ 90.462). De voorziening onderhoud is volledig kortlopend (< 1 jaar). Bij het opstellen van de jaarrekening 2023 zijn er geen aanspraken duurzame inzetbaarheid opgebouwd (volgens artikel 8a CAO Primair Onderwijs). Om deze reden is er geen voorziening gevormd. Talent Primair maakt gebruik van het overgangsrecht voor de voorziening groot onderhoud.

72 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING

Toelichting langlopende schulden

Talent Primair heeft enkele renteloze langlopende leningen lopen bij gemeenten. De start aflossing betrof 1-12-2008 en hebben een looptijd van 20 jaar. Ultimo 2023 is het openstaand saldo € 100.229.

Toelichting kortlopende schulden

De kortlopende schulden stijgen gesaldeerd met afgerond € 98.000. De stijging wordt voornamelijk veroorzaakt door de toename van de afdrachten belastingen en premies sociale verzekeringen, pensioenen en de reservering vakantiegeld. Deze toename is voornamelijk het gevolg van de stijging van salarissen personeel door de invoering van de nieuw cao. Gesaldeerd betreft dit een toename van € 337.000. De crediteuren nemen af met - € 53.000. Dit is het gevolg van het uitvoeren van extra betalingen in de kerstvakantie van 2023. De overige kortlopende schulden stijgen met € 159.000, voornamelijk het gevolg van opgenomen verplichtingen oudergelden. De vooruitontvangen subsidies laten min of meer een gelijk saldo zien. Vorig jaar was de bezoldiging van de leden RvT te laat ingediend, waardoor een schuld is opgenomen. De overlopende passiva laten een daling zien door het wegvallen van een schuld aan ASKO van € 213.000 en door de reservering bindingstoelage van € 117.000.

73 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING 3.6 Toelichting op de staat van baten en lasten

Toelichting Rijksbijdragen

Per 1 januari 2023 heeft de vereenvoudigde bekostiging zijn intrede gedaan. Scholen krijgen een basisbedrag per leerling en per school. De teldatum van leerlingen gaat van 1 oktober naar 1 februari (van voorgaand kalenderjaar). Voor de eerste 3 jaren (1e jaar 75% - 2e jaar 50% - 3e jaar 25%) is er een overgangsregeling. Hierdoor krijgen scholen de tijd om hun uitgaven aan te passen aan de nieuwe situatie en wordt de compensatie (verschil tussen oude en nieuwe bekostiging) in drie jaar afgebouwd. De Rijksbijdragen (3.1) zijn op totaalniveau € 2.811.000 gestegen t.o.v. de begroting door; • Prijsindexatie (cao) en volumewijziging van het leerlingaantal € 595.000 • Verhoogde inkomsten vreemdelingen en asielzoekers € 699.000 • Overgangsbekostiging vanaf 2023 € 748.000 • Toename subsidie basisvaardigheden en studieverlof/zij - instroom € 668.000 • Daling basiszorgbekostiging en afname arrangementen SWV € 101.000 Vergelijk met de realisatie 2022 levert merendeels dezelfde argumenten op voor het verschil van € 2.168.000, naast de ontvangst van de subsidie basisvaardigheden in 2023 van € 500.000 en subsidie studieverlof/zij instroom van € 98.000.

Toelichting overige overheidsbijdragen en -subsidies

De overige subsidies laten een stijging van € 49.000 zien ten opzichte van de begroting en een daling van € 96.000 in vergelijk met voorgaand boekjaar. Door fluctuaties in toegekende (incidentele) subsidies ontstaan de verschillen. De grootste veroorzakers zijn: • In 2022 hogere ontvangsten gemeente Huizen voor de opvang van Oekraïense kinderen • Meer ontvangsten in 2022 vanuit gemeente Blaricum voor de uitvoer van vakonderwijs • Hogere onderwijssubsidiebeschikkingen in 2022 vanuit de gemeente Amsterdam • In 2023 zijn niet alle ontvangsten begroot

74 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING

Toelichting overige baten

De overige baten zijn te laag begroot en overstijgen de begroting met € 576.000. Vergelijk met voorgaand boekjaar laat een daling zien van afgerond € 201.000. De highlights zijn: • De inkomsten uit verhuur zijn gestegen door toename van het medegebruik en inkomsten uit incidentele verhuur. Ook zijn de prijzen geïndexeerd in 2023. • De inkomsten detacheringen laten een daling zien, omdat minder personeel elders is geplaatst. • De vrijwillige ouderbijdragen vallen behoorlijk hoger uit, doordat het aantal buitenschoolse activiteiten weer is toegenomen. • De post overig valt hoger uit t.o.v. de begroting door inkomsten uit overige subsidies (onder andere flanksubsidie zij-instroom, vergoedingen voor opleiden in de school, vergoeding maaltijden). In 2022 werd nog een grote subsidie ontvangen voor ‘Extra handen in de klas’ die het verschil naast voorgenoemde merendeels verklaard.

Toelichting personele lasten

De lonen & salarissen laten een behoorlijke stijging zien. Dit is merendeels het gevolg van het ondertekende cao-akkoord voor primair onderwijs voor 2023-2024, naast een lichte stijging van de inzet fte’s met 2,3 fte. Met de nieuwe cao krijgen de medewerkers in het primair onderwijs een loonstijging van 10% vanaf 1 juli 2023. Daarnaast hebben medewerkers in november een eenmalige uitkering ontvangen. Deze was hoger voor werknemers in de lagere salarisschalen. Op basis van een voltijds dienstverband bedroeg de eenmalige uitkering € 1.000,- voor werknemers in de salarisschalen 1 tot en met 5, € 600,- voor werknemers in de salarisschalen 6 tot en met schaal 9, en € 350,- voor overige werknemers. Dit verklaart zowel het verschil ten opzichte van de begroting alsook ten opzichte van voorgaand boekjaar. 75 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING In de begroting van 2023 zijn de pensioenpremies en de premies participatiefonds niet apart begroot, maar maken onderdeel uit van de lonen en salarissen. De overige personele lasten overschrijden afgerond de begroting met € 723.000 door: • Niet begrote lasten voor de dotaties van personele voorzieningen € 295.000 • Verhoogde inzet van inhuur derden door personeelstekorten € 866.000 • Onder overig zijn onvoorziene salariskosten begroot, waarop niet is gerealiseerd en zijn er enkele posten samengevoegd onder overige personele lasten die niet volledig is gerealiseerd. -/- € 438.000 Het verschil van € 225.000 tussen realisatie 2022 en 2023 wordt voornamelijk veroorzaakt door de toename dotaties personele voorzieningen. De uitkeringen personeel overschrijden het begroot bedrag met € 162.000 en dalen in vergelijk met de realisatie 2022 met € 101.000. Het verschil wordt met name veroorzaakt door: • niet begrote inkomsten van uitkeringen zwangerschap UWV; • toename declaraties van transitievergoedingen bij het UWV; • op de uitkeringen in mindering gebrachte lasten ERD WGA vanuit het UWV. De afname in 2023 wordt voornamelijk veroorzaakt door hogere uitkeringen zwangerschap en minder lasten ERD WGA in 2022. De gemiddelde inzet fte’s laat een lichte stijging zien van 2,3 fte, met name het gevolg van personele inzet op de subsidie basisvaardigheden.

Toelichting afschrijvingslasten

De afschrijvingslasten zijn gerealiseerd op begrotingsniveau. In 2022 zijn er veel extra uitgaven ICT gepleegd vanuit NPO-middelen. Dit verklaart het verschil tussen de realisatie 2023 en 2022.

Toelichting huisvestingslasten

De kosten huur en medegebruik zijn met € 96.000 toegenomen door doorgevoerde prijsstijgingen. Naast indexering zijn in 2022 de kosten van Muiderkring geëlimineerd i.v.m. een overgang naar ASKO, totaal € 61.000.

76 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING De verzekeringen zijn in 2022 voor een deel gecrediteerd bij AON. In 2023 is de onderwijspakketpolis geprolongeerd met uitbreiding van de bestuurdersaansprakelijkheid, zonnepanelen en een inventarisverzekering vanuit gemeente Huizen. Dit verklaart de € 14.000 toename ten opzichte van de begroting en de realisatie 2022. De onderhoudslasten zijn € 37.000 lager dan begroot, doordat meer groot onderhoud is gepleegd en minder regulier onderhoud. Dit geldt ook voor vergelijk met vorig boekjaar. De energielasten laten een stijging zien van € 48.000 door stijging verbruik en tarifering ten opzichte van begroting en voorgaand jaar € 181.000. De schoonmaaklasten zijn met € 102.000 toegenomen door uitbreiding schoonmaak en indexering van de prijzen. In 2022 lagen de kosten € 53.000 lager om dezelfde reden. Belastingen en heffingen betreft de in rekening gebrachte rioolheffing van ruim € 6.000. Door herrubricering worden deze kosten apart verantwoord. De dotatie onderhoudsvoorziening valt € 465.000 lager uit dan begroot en gerealiseerd in 2022, doordat de onderhoudsplannen zijn herzien volgens de componentenmethode. De overige huisvestingslasten laten een hogere realisatie zien van gesaldeerd € 160.000 dan begroot.

Merendeels is dit het gevolg van een doorgevoerde correctie die heeft plaatsgevonden voor gemeente Wijdemeren voor de nieuwbouw van ikc Loosdrecht van afgerond € 189.000. Daarnaast is sprake van hogere lasten beveiligingskosten gebouwen en afvalstoffenverwerking, totaal € 31.000. De begrote kosten van € 53.500 voor de inzet beheerscommissie complexen zijn verantwoord onder de loonkosten. Naast voorgenoemde lagen de beveiligingskosten gebouwen in 2022 € 19.000 lager dan in 2023.

Toelichting overige instellingslasten

De overige instellingslasten overschrijden de begroting met ruim € 709.000 en laten een lichte stijging zien van de uitgaven met € 43.000 in vergelijk met het boekjaar 2022. Per rubriek worden alleen de grootste posten die het verschil veroorzaken benoemd en toegelicht. Administratie en beheer In 2023 zijn ten opzichte van de begroting de uitgaven gestegen met afgerond € 272.000. Dit is onder andere het gevolg van: • Toename van de inhuur deskundigenadvies en juridisch advies € 133.000 • Toename contributies bestuurlijk orgaan (18K), abonnementen (13K), vergaderkosten (18K), accountantskosten (12K), TSO (10K) totaal € 70.000 • Incidentele stijging van de kosten uitbesteding administratie met i.v.m. inhuur interim controller en extra inzet administratiekantoor FA; € 66.000 In 2022 was sprake van minder uitgaven deskundigenadvies (88K) en minder uitgaven uitbesteding administratie (- 42K), hetgeen het verschil van € 53.000 merendeels verklaard. Inventaris en apparatuur In totaal zijn er voor € 25.000 meer kosten gerealiseerd dan begroot, hetgeen wordt veroorzaakt door: • Stijging uitgaven reparatie en aanschaf ICT-middelen < € 2.500, totaal € 17.000 • Meer uitgaven klein inventaris & apparatuur € 8.000 Voor 2022 geldt grotendeels voorgenoemde om het verschil van € 29.000 te verklaren.

77 | TALENT PRIMAIR

Bijlage III

JAARREKENING Leer- en hulpmiddelen De leer- en hulpmiddelen laten in vergelijk met de begroting een overschrijding zien van bijna € 279.000. De grootste veroorzakers zijn: • Stijging uitgaven boven de begroting van het verbruiksmateriaal (147K) en licenties (54K), totaal € 201.000 • Meer uitgaven buitenschoolse activiteiten (21K) en testen en toetsen (23K) totaal € 43.000 • Meer uitgaven overige lasten ICT € 30.000 In 2022 gelden op hoofdlijnen dezelfde argumenten. Toegevoegd met minder uitgaven ICT en muziek. Samenvattend wordt daarmee de stijging van € 120.000 verklaard. Overige De post overig laat gesaldeerd een overschrijding zien van het begroot bedrag van € 134.000. De grootste veroorzakers zijn: • Stijging kosten vrijwillige ouderbijdrage € 106.000 Gesaldeerd meer uitgaven algemene kosten (- 4K) en overige • Onderwijskosten (48K), totaal € 44.000 • Minder uitgaven sponsoring (- 9K) en bibliotheek (- 10K), totaal -/- € 19.000 In 2022 lagen de uitgaven aanmerkelijk hoger door de opname van de afrekening ASKO voor € 213.000 en lagere lasten ouderbijdrage - € 77.000. Dit verklaart merendeels het verschil van € 159.000. In het betreffende boekjaar zijn de volgende bedragen aan accountantshonoraria (onderdeel van 4.4.1) ten laste van het resultaat gebracht:

Toelichting accountantshonoraria

Alle hierboven opgesomde werkzaamheden zijn verricht door hetzelfde accountantskantoor in het huidig en/of vorig boekjaar. Vanaf medio 2023 is er een nieuw controleteam ingezet. Dit heeft geleid tot een kostenstijging van € 12.000 t.o.v. begroting en is ook het verschil tussen de nieuw afgesloten dienstverleningsovereenkomst met Flynth en de vorige overeenkomst. In 2022 zijn deels activiteiten, die betrekking hebben op 2021, verantwoord. Bovenstaande honoraria betreffen uitsluitend de werkzaamheden die bij de stichting zijn uitgevoerd door accountantsorganisaties en externe accountants zoals bedoeld in art. 1, lid 1 Wta (Wet toezicht accountantsorganisaties). De kosten voor de controle zijn inclusief bekostiging en omzetbelasting. Bovenstaande accountantshonoraria zijn verwerkt op basis van het facturenstelsel.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14565659/2