I21.10303 RM Jaarstukken 2020
Tekst van het document
0 0
0 0
758.760 131.400
758.760 132.295
0 -895
Totaal
0
0
890.160
891.055
-895
Rekening 2019
Primitieve begroting 2020
Begroting na wijziging 2020
Rekening 2020
Algemene reserve tbv dekking kredieten Investeringsreserve tbv dekking kredieten Investeringsreserve tbv Herinr.gebied rond A16 Afschrijvingsreserves corrigeren naar Investeringsres. Reserve Herinrichting Gebied rond A16 Reserve Rivieroevers
228.071 151.982 0 0 0 3.000.000
0 43.058 0 0 0 0
173.037 262.560 758.760 131.400 92.049 0
156.622 216.880 758.760 132.295 44.873 0
16.416 45.680 0 -895 47.177 0
Totaal
3.380.053
43.058
1.417.806
1.309.428
108.378
Onttrekkingen aan reserves
Resultaat
Resultaat
23
Jaarstukken 2020 | Programmaverantwoording
3.3
Algemene dekkingsmiddelen
Algemene dekkingsmiddelen Algemene dekkingsmiddelen
Rekening 2019
Primitieve Begroting na Rekening 2020 begroting 2020 wijziging 2020
Resultaat
Lasten Deelnemersbijdrage Overige structurele lasten Totaal lasten
609 609
17.700 17.700
8.700 8.700
228 228
8.472 V 8.472 V
Baten Deelnemersbijdrage Overige structurele baten Totaal baten
3.829.946 310 3.830.256
3.928.900 3.928.900
3.928.900 3.928.900
3.928.900 3.928.900
-
Saldo gewone bedrijfsvoering
3.829.647
3.911.200
3.920.200
3.928.672
8.472 V
Kredieten Lasten kredieten Baten kredieten (bijdragen derden) Saldo kredieten Totaal saldo van baten en lasten Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Toevoeging reserves Onttrekking reserves Saldo toevoegingen en ontrekkingen aan reserves
Gerealiseerd resultaat
-
-
3.829.647
3.911.200
311.799 338.290 26.491
95.900 95.900
3.856.138
4.007.100
3.920.200 -
3.920.200
-
-
3.928.672
8.472 V
411.688 411.688 -
411.688 N 411.688 V -
3.928.672
8.472 V
Toelichting Lasten Het voordelige resultaat ten opzichte van de begroting betreft met name het budget voor onvoorzien ad. € 7.000, dat niet is aangewend.
Baten Deelnemersbijdragen
Aandeel in nadelig exploitatiesaldo
Percentage
Gemeente Rotterdam Gemeente Lansingerland Gemeente Zuidplas
3.575.300 196.400 157.200
91% 5% 4%
TOTAAL
3.928.900
100%
Verdeling deelnemersbijdrage
De deelnemersbijdrage is conform de begroting 2020.
24
Jaarstukken 2020 | Programmaverantwoording
Mutaties in reserves Toevoegingen aan reserves
Rekening 2019
Primitieve begroting 2020
Begroting na wijziging 2020
Rekening 2020
Resultaat
Afschrijvingsreserve Algemene reserve, exploitatieresultaat Algemene reserves restant LBB
302.490 9.309
0 0 0
0 0 0
226.220 0 185.468
-226.220 0 -185.468
Totaal
311.799
0
0
411.688
-411.688
De toevoegingen betreft de overheveling vanuit de investeringsreserve naar de afschrijvingsreserve. Dit om de toekomstige afschrijvingslasten van de geactiveerde maatschappelijknut investeringen te kunnen opvangen. Onttrekkingen aan reserves
Rekening 2019
Primitieve begroting 2020
Begroting na wijziging 2020
Rekening 2020
Resultaat
Investeringsreserve t.b.v. vorming Afschrijvingsreserve Algemene reserve, exploitatieresultaat Reserve Herinrichting Gebied rond A16 naar alg. res.
302.490 35.800 0
0 95.500 0
0 0 0
226.220 0 185.468
-226.220 0 -185.468
Totaal
338.290
95.500
0
411.688
-411.688
De onttrekkingen betreft de overheveling vanuit de investeringsreserve en reserve Herinrichting Gebied rond A16 naar de afschrijvingsreserve.
25
Jaarstukken 2020 | Programmaverantwoording
3.4
Overzicht Overhead
Wat hebben we bereikt? Kwalitatief bestuurlijke en juridische advisering aan het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur, over ten minste de volgende aandachtsgebieden: - lopende zaken, beleid, ontwikkelingen en toekomst van het schap; - nieuwe of gewijzigde wet- en regelgeving die van invloed zijn op het schap; - financieel beleid, begroting en verantwoording. Daarbij is rekening gehouden met wat er speelt op de betreffende beleidsvelden en met het netwerk binnen en buiten het schap. Dit netwerk bestaat uit schapsdeelnemers, ambtelijk apparaat, natuur- en milieuorganisaties en andere stakeholders in het schapsgebied. Daarnaast zijn alle bestuursvergaderingen voorbereid, inclusief verslaglegging van bestuursvergaderingen en het zorgdragen voor het uitvoeren van de actiepunten. Wat hebben we daarvoor gedaan en wat heeft het gekost? De ondersteuning van het Dagelijks en het Algemeen Bestuur heeft plaats gevonden door het leveren van de volgende producten: 1. Bestuursproducten; 2. Juridische ondersteuning en advisering; 3. Financiën.
Ad.1 Bestuursproducten De bestuursproducten omvatten: - het voorbereiden en plannen van bestuursvergaderingen; - het verslagleggen van bestuursvergaderingen en het (laten) uitvoeren wat afgesproken is; - het signaleren van knelpunten in de uitvoering en het aandragen van oplossingen; - het fungeren als eerste aanspreekpunt voor schapsdeelnemers, ambtelijk apparaat en stakeholders voor alle zaken/projecten die in schapsverband spelen; - het vertegenwoordigen van de schapsbesturen in ambtelijke en bestuurlijke netwerken en gremia van de deelnemers; - de eindtoets op bestuursvoorstellen. Op 1 januari 2018 is de gewijzigde Gemeenschappelijke Regeling in werking getreden. Hiermee is de regeling omgezet van een gemengde regeling (waaraan raden en colleges deelnemen) naar een collegeregeling (waaraan uitsluitend colleges deelnemen). De gewijzigde Gemeenschappelijke Regeling voorziet in de instelling van een vaste adviescommissie ‘voor de periodieke afstemming op het gebied van de beleidsterreinen van de taken en de kaderstelling’. Het Algemeen Bestuur heeft in 2018 deze Vaste Ambtelijke Adviescommissie (VAAC Rottemeren) ingesteld. De dienstverlening aan het recreatieschap wordt sinds 1 januari 2017 verricht door Staatsbosbeheer.
Momenteel werken het recreatieschap samen op basis van de eind 2018 ondertekende Samenwerkingsovereenkomst Staatsbosbeheer-Recreatieschap Rottemeren 2019 tot en met 2023.
26
Jaarstukken 2020 | Programmaverantwoording
Bestuursvergaderingen In 2020 heeft het Dagelijks Bestuur vier maal en het Algemeen Bestuur twee maal vergaderd. Samenstelling bestuur In 2020 heeft de heer J.W. van den Beukel de plaats van mevrouw K. Arends overgenomen in het Algemeen Bestuur. Tevens is hij door het Algemeen Bestuur benoemd tot lid van het Dagelijks Bestuur, dit in de plaats van de heer S. Fortuyn. De samenstelling van het Algemeen en het Dagelijks Bestuur is sindsdien als volgt: - Rotterdam: de heren B. Wijbenga (tevens voorzitter) en S. de Langen; - Lansingerland: de heren J.W. van den Beukel (tevens DB-lid)en S. Fortuyn ; - Zuidplas: de heren D.A. den Haas (tevens DB-lid) en J. Hordijk. Product Bestuursproducten
Rekening 2019 Lasten Baten
Saldo
Primitieve Begroting na Rekening 2020 begroting 2020 wijziging 2020 106.278 120.700 110.670 108.923 (106.278) (120.700) (110.670) (108.923)
Resultaat 1.747 V 1.747 V
Toelichting De lasten op het product bestuursproducten bestaan voor € 105.600 uit de vaste lasten door Staatsbosbeheer geleverde dienstverlening 2020. Ad.2 Juridische ondersteuning en advisering Dit product heeft betrekking op de juridische advisering op het gebied van publiek- en privaatrecht. Hieronder kan met name worden verstaan; het adviseren over, het beoordelen van of het opstellen van overeenkomsten. Daarnaast heeft het product betrekking op het beoordelen van aansprakelijkstellingen jegens het recreatieschap en het aansprakelijk stellen van derden. Tevens biedt dit product ondersteuning aan bij het opstellen en wijzigen van de Gemeenschappelijke Regeling, de Gebiedsverordening of de daartoe behorende aanwijzingsbesluiten. Bij eventuele gerechtelijke procedures wordt er opgetreden als gemachtigde. Tot slot behoren ook het behandelen van bezwaar- en beroepzaken en zaken op grond van de Wob (Wet openbaarheid van bestuur) en Wet Bibob (Wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur) tot de juridische ondersteuning en advisering. Product Juridische ondersteuning en advisering Saldo
Rekening 2019 Lasten Baten
Primitieve Begroting na Rekening 2020 begroting 2020 wijziging 2020 12.775 16.200 32.700 29.687 (12.775) (16.200) (32.700) (29.687)
Resultaat 3.013 V 3.013 V
Toelichting De lasten voor juridische ondersteuning en advisering zijn lager dan begroot. Ad.3 Financiën In het kader van de financiële ondersteuning zijn de volgende activiteiten uitgevoerd: verzorgen van de financiële administratie van de Gemeenschappelijke Regeling: tijdige en systematische vastlegging van baten, lasten en in- en uitgaande geldstromen; incasseren van gelden als gevolg van verkoop, heffing en/of in privaatrechtelijke overeenkomsten overeengekomen vergoedingen;
27
Jaarstukken 2020 | Programmaverantwoording
uitvoeren van de interne controle gericht op getrouwheid en rechtmatigheid op financieel gebied, waarbij de nadruk ligt op ‘inkoop en aanbestedingen’, het betalingsverkeer en de volledigheid van huur- en erfpachtopbrengsten; toetsen van bestuursvoorstellen op incidentele en/of structurele financiële consequenties; het voeren van periodieke budgetgesprekken met budgethouders en projectleiders; opstellen van de planning & control producten, zoals begroting, Najaarsrapportage en jaarstukken; werkzaamheden in het kader van de vennootschapsbelastingplicht; voorbereiden van de werkzaamheden van de accountant (interim controle, subsidiecontroles, jaarrekeningcontrole).
Product Financiën
Rekening 2019
Primitieve Begroting na Rekening 2020 begroting 2020 wijziging 2020 92.346 87.200 93.200 93.068 (92.346) (87.200) (93.200) (93.068)
Lasten Baten
Saldo
Resultaat 132 V 132 V
Kredieten N aam krediet
Actualisering legesv erordening - Dekking uit Investeringsreserve
Sluitdatum
2021
Totaal krediet (A)
Realisatie t/m Begroting na Rekening 2020 Realisatie t/m Restantkrediet % lasten t.o.v. 2019 wijziging 2020 (C) 2020 (per 31-12totaal krediet (B) 2020) (B+C) (A-B-C)
7 .200 7.200
0 0
5.04 0 5.040
0 0
0 0
7 .200 7.200
Totaal Overhead
7 .200
0
5.04 0
0
0
7 .200
- Dekking uit Investeringsreserve
7.200
0
5.040
0
0
7.200
0%
Toelichting Actualisering legesverordening Dit project wordt in 2021 uitgevoerd.
Mutaties in reserves Onttrekkingen aan reserves
Rekening 2019
Primitieve begroting 2020
Begroting na wijziging 2020
Rekening 2020
Resultaat
Investeringsreserve
0
0
5.040
0
5.040
Totaal
0
0
5.040
0
5.040
28
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
4. Paragrafen 4.1
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Het weerstandsvermogen weerspiegelt de mate waarin het schap in staat is middelen vrij te maken om de risico's die zich in de praktijk voordoen op te vangen zonder dat dit betekent dat het beleid veranderd / ingekrompen moet worden. Conform de nota weerstandsvermogen wordt de ratio weerstandsvermogen berekend om te bepalen of het schap in staat is voldoende financiële middelen vrij te maken voor het dekken van de risico’s op het moment dat de risico’s zich voordoen. Voor de waardering van de toereikendheid van het weerstandsvermogen wordt de volgende tabel gehanteerd.
Ratio weerstandsvermogen Waarderingscijfer A B C D E F
Ratio weerstandsvermogen > 2,0 1,4 < x < 2,0 1,0 < x < 1,4 0,8 < x < 1,0 0,6 < x < 0,8 < 0,6
Betekenis Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende
Risicoanalyse Veranderingen in bestaande (eerder gemelde) risico’s
Aard van het risico
Financiële omvang risico
1. Invoering van de Vennoot-
Incidenteel/ structureel
p.m.
Middel
Incidenteel
€ 285.000
Laag
€ 57.000
schapsbelasting (Vpb) voor overheidsondernemingen 2. Locatie asfaltfabriek
Kans van optreden*
Impact (uitgaande van vier jaar) p.m.
3. Essentaksterfte
vervallen
4. Nazorg grondwaterveront-
Incidenteel
€ 87.000
Laag
€ 17.400
Incidenteel
p.m.
Laag
p.m.
Incidenteel
€ 30.000
Middel
€ 15.400
reiniging stortplaats HBB 5. Gerechtelijke procedure ivm geannuleerd evenement in 2016 6. Ezelsbruggetje
Totaal
€ 372.000
€ 74.400
*De financiële impact wordt berekend door bij een hoog risico 80%, bij een gemiddeld risico 50% en bij een laag risico 20% van het bedrag van de financiële omvang te nemen.
29
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
Risico 1: Invoering van de Vennootschapsbelasting (Vpb) voor overheidsondernemingen Met ingang van 1 januari 2016 is de Vpb-plicht voor overheidslichamen, waaronder gemeenschappelijke regelingen, ingevoerd. De vennootschapsbelastingrisico's zijn in een extern advies door een fiscalist ten behoeve van alle recreatieschappen in beeld gebracht. De kern van het advies is als volgt: per activiteit of cluster van activiteiten is beoordeeld of met de uitvoering van de betreffende activiteit een onderneming in fiscaalrechtelijke zin wordt gedreven. Er is sprake van een fiscale onderneming indien aan elk van de volgende drie voorwaarden is voldaan: 1. Duurzame organisatie van kapitaal en arbeid; 2. Deelname aan het economisch verkeer; 3. Winstoogmerk en/of concurrentie. Voor een aantal activiteiten, die vallen onder economisch beheer (huren en erfpacht) is waarschijnlijk geen sprake van een fiscale onderneming, omdat geen sprake is van deelname aan het economisch verkeer. Aan dit criterium is niet voldaan aangezien de activiteiten beperkt zijn tot `normaal vermogensbeheer', dit omdat er slechts beperkt arbeid wordt verricht en er geen causaal verband is tussen arbeid en rendement.
Voor de overige activiteiten is ook geen sprake is van een fiscale onderneming omdat geen sprake is van structurele vermogensoverschotten dan wel wordt het standpunt ingenomen dat een vrijstelling kan worden toegepast, zodat geen vennootschapsbelasting is verschuldigd. Aangezien de inhoud van het advies nog niet is bevestigd door de Belastingdienst, blijft vennootschapsbelasting een risico. Dit is echter niet te kwantificeren en wordt derhalve beschouwd als een PM-post. Risico 2: Locatie asfaltfabriek De saneringsplicht voor de locatie asfaltfabriek is in 2007 afgelopen. Het recreatieschap beschouwt zich onschuldig eigenaar die niet voor de kosten (indicatie € 285.000) kan worden aangesproken. Zoals op 29 november 2007 aan het Algemeen Bestuur is medegedeeld heeft het Dagelijks Bestuur op basis van deze informatie op 20 september 2007 besloten niet tot sanering over te gaan. De locatie van de asfaltfabriek ligt in het tracé van de A16 Rotterdam en zal in dit kader worden gesaneerd door Rijkswaterstaat (RWS). De opdrachtnemer van RWS heeft de sanering in twee delen opgesplitst. Deel 1 is uitgevoerd en betreft de oppervlaktesanering om het bouwterrein in te kunnen richten. Deel 2 wordt uitgevoerd wanneer de damwanden rondom geplaatst zijn en het uitgraven van dit deel van de bouwkuip start. Verwachting is dat dit in 2021 gerealiseerd wordt.
De kosten worden door Rijkswaterstaat en de provincie Zuid-Holland gedragen. Het schap zal hier waarschijnlijk geen bijdrage in hoeven te doen. Om die reden wordt het risico laag ingeschat en is in de tabel 20% van € 285.000, zijnde € 57.000 opgenomen. Risico 3: Essentaksterfte Het recreatieschap heeft in 2017 besloten het areaal bos waarin essen voorkomt in een fasering van zes jaar om te vormen. In 2018, 2019 en 2020 is het planmatig bosbeheer in de eerste drie werkblokken uitgevoerd (Bleiswijkse Zoom Noord en Lage Bergse Bos, Bleiswijksezoom zuidelijk gedeelte en Zevenhuizenplas gedeeltelijk). In deze deelgebieden zijn alle aangetaste essen weggehaald. Risicobomen in andere deelgebieden worden gemonitord. Waar nodig zijn deze inmiddels ook verwijderd. De progressie van de aantasting door essentaksterfte blijft vrij
30
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
onvoorspelbaar maar wordt inmiddels als voldoende beheersbaar beschouwd. Verder is de aanpak van de essentaksterfte bij de herijking van het tereinbeheer-model geïmplementeerd in de meerjarenplanning groot onderhoud. Het risico voor het recreatieschap komt daarmee te vervallen. Risico 4: Nazorg grondwaterverontreiniging stortplaats Hoge Bergse Bos Uit de eindinspectie van de stortplaats in het Hoge Bergse Bos is gebleken dat het beheerssysteem dat rondom de stortheuvels is aangelegd niet optimaal werkt. Er is een (klein) risico dat in de toekomst een verontreiniging in het grondwater in de omgeving wordt vastgesteld, waardoor bodemsaneringsmaatregelen noodzakelijk zijn. Met dit risico is in het door Gedeputeerde Staten goedgekeurde nazorgplan geen rekening gehouden. Indien een dergelijke saneringsnoodzaak aanwezig is, dan is de provincie Zuid-Holland van mening dat het recreatieschap gedurende 10 jaar (tot 1 juli 2025) rekening moet houden met kosten op basis van de maatregelen en de mogelijke kosten die op € 87.000 worden geraamd wat bij een lage kans leidt tot een impact van € 17.400. Het recreatieschap kan zich vinden in deze benadering die goedkoper is dan het hernieuwd aanleggen van de drainage. Risico 5: Gerechtelijke procedure ivm geannuleerd evenement in 2016 De organisator van een in 2016 geannuleerd evenement heeft een procedure gestart jegens het recreatieschap.
In deze procedure vordert de organisator van het geannuleerde evenement een verklaring voor recht (oordeel van de rechtbank) dat het recreatieschap destijds onrechtmatig heeft gehandeld jegens de organisator door het verlenen van de toestemming in een laat stadium te weigeren. Pas als de rechtbank de organisator hierin gelijk zal geven, zal geprocedeerd worden over de hoogte van de schade die de organisator hierdoor zou hebben geleden. De hoogte van die vordering is dus nu nog niet bekend en ook nog niet aan de orde. Risico 6: Ezelbruggetje De kinderboerderij Het Ezelsbruggetje in de Bleiswijkse Zoom wordt op basis van een mondelinge gebruiksovereenkomst geëxploiteerd. De huidige exploitant/beheerder is op gevorderde leeftijd en heeft te kennen gegeven binnenkort te stoppen. Hij heeft geen opvolger. Samen met de gemeente Lansingerland wordt gezocht naar een nieuwe partij die de exploitatie van het Ezelsbruggetje wil continueren. Met deze partij zullen heldere afspraken worden vastgelegd. Echter, zolang deze partij en deze afspraken er nog niet zijn draagt het recreatieschap het risico voor het opruimen van terrein, opstallen etc. indien de huidige exploitant/beheerder stopt. Het risico wordt gemiddeld laag ingeschat en is in de tabel 50% van circa € 30.000, zijnde circa € 15.000 opgenomen.
COVID-19 (Corona) Zoals toegelicht in ‘Inleiding van de jaarrekening” hebben de Covid-19-uitbraak en maatregelen die door diverse overheden naar aanleiding daarvan zijn genomen om het virus in te dammen geen negatieve gevolgen gehad voor het Recreatieschap Rottemeren tot en met 2020. Naast de reeds bekende effecten leidt de macro-economische ontwikkeling tot verstoring van de economische activiteiten en is het onbekend wat de eventuele gevolgen op langere termijn zijn voor onze bedrijfsactiviteiten. De schaal en duur van deze pandemie blijven onzeker, maar zullen naar verwachting geen grote gevolgen hebben voor onze bedrijfsactiviteiten. De belangrijkste risico's zijn:
31
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
Toeleveringsketen: Het risico op vertraging bij onze belangrijkste ketenpartners, de aannemers, is zeer beperkt. Zij kunnen de produktiewerkzaamheden doorgang laten vinden. Voor de externe leveranciers geldt hetzelfde beeld. Omzet en resultaat: Vooralsnog wordt geen materieel effect op omzet en resultaat verwacht. Overheidssteun: Het Recreatieschap Rottemeren valt vooralsnog niet onder de door de overheid aangekondigde steunmaatregelen. Financiering en liquiditeit: in de jaarrekening 2020 is onze financierings- en liquiditeitspositie van de onderneming opgenomen. Hieruit blijkt dat het risico dat het Recreatieschap Rottemeren onvoldoende in staat zijn aan haar korte termijn verplichtingen te voldoen, ook als rekening gehouden wordt met de gevolgen van Covid19, uiterst klein is. Interne beheersing: De bestaande autorisaties, mandaatstructuur in onze financiële processen blijft gecontinueerd en zorgt ervoor dat het risico op fouten of fraude hiervan geen gevolgen ondervindt.
Continuïteit: Zoals toegelicht in de jaarrekening zijn wij op dit moment niet van mening dat de gevolgen van het Covid-19-virus een materieel negatief effect zullen hebben op onze financiële conditie of liquiditeit van het Recreatieschap Rottemeren i.c. er is geen sprake van een continuïteitsrisico. Ratio Weerstandsvermogen Zoals hiervoor aangegeven wordt de ratio weerstandsvermogen berekend om te bepalen of het schap in staat is voldoende financiële middelen vrij te maken voor het dekken van de risico’s op het moment dat de risico’s zich voordoen. Na verwerking van het saldo van deze jaarrekening 2020 en rekening houdend met de resterende claims bedraagt de Algemene Reserve € 3,3 mln. De gekwantificeerde risico’s bedragen ca. € 74.400. Daarmee is de ratio van het Weerstandsvermogen uitstekend te noemen. Kengetallen BBV In het BBV (=financiële regelgeving voor gemeenten, provincies, Gemeenschappelijke Regelingen) staat dat er in de jaarstukken enkele kengetallen moeten worden opgenomen. De kengetallen staan in onderstaande tabel.
Kengetallen
netto schuldquote netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen solvabiliteitsratio structurele exploitatieruimte
Rekening Begroting Rekening 2019 2020 2020 -261% -261% 70% 0%
nb nb 61% ntb
-247% -247% 71% 2%
Deze kengetallen geven enig inzicht in de financiële positie en de financiële weerbaar- en wendbaarheid van de organisatie.
32
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
De netto schuldquote geeft een beeld van het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Bij de “netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen” worden ook de verstrekte leningen meegenomen. Een negatieve schuldquote geeft in feite aan dat er per saldo geen sprake is van een schuld. Ten opzichte van 2019 (292%) is de netto schuldquote iets verslechterd. Dit komt met name door de uitgaven aan kredieten in verband met eigen investeringen. De solvabiliteitsratio wordt berekend als het percentage van het totale eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen van het schap. Dit geeft inzicht in de mate waarin het schap in staat is om aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Ten opzichte van 2019 (70%) is de solvabliliteitsratio gelijk gebleven. Het kengetal “structurele exploitatieruimte” geeft aan of de structurele baten groter zijn dan de structurele lasten. Dit wordt in het kengetal als percentage van de totale baten uitgedrukt. Dit kengetal zegt in feite iets over het structurele jaarrekeningsaldo, d.w.z. zonder alle incidentele baten en lasten.
33
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
4.2 Onderhoud kapitaalgoederen Het goed onderhouden van de gebieden is een belangrijke taak voor het schap om duurzaam gebruik mogelijk te maken. Als basis voor het plannen van regulier- en groot onderhoud en vervangingsinvesteringen wordt het Terrein Beheer Model (TBM) gehanteerd. Dit model is gebaseerd op zogenaamde doeltypen (bijvoorbeeld speel- en ligweide, strand of bos) waarvoor een gestandaardiseerde inrichting met daarbij behorende onderhoudscycli en normkosten zijn bepaald. Het totaal aan oppervlaktes, stuks en lengte van de aanwezige doeltypes bepaalt met de cycli en de normkosten de geplande lasten voor meerjarig duurzaam onderhoud. De geplande lasten van groot onderhoud fluctueren van jaar tot jaar. Dit kan een direct en groot effect hebben op het jaarresultaat en daarmee op de jaarlijkse deelnemersbijdrage. Om dit ongewenste effect zoveel mogelijk te voorkomen heeft het schap ervoor gekozen om een egalisatievoorziening groot onderhoud in te stellen. Jaarlijks wordt een vastgestelde dotatie ten laste van de exploitatie gebracht en de werkelijke onderhoudslasten worden ten laste van de Voorziening verantwoord. Jaarlijks worden de geplande lasten, de dotatie en de werkelijke kosten gemonitord. Elk jaar wordt de dotatie opnieuw berekend en vastgesteld tenzij uit de monitoring volgt dat eerder een bijstelling nodig is.
In 2019 heeft een nieuwe herijking plaatsgevonden, welke 2020 doorgevoerd is. De onttrekking aan de voorziening Groot Onderhoud in 2020 bedraagt € 2.080.299 (incl p) inclusief de doorgeschoven werkzaamheden uit 2018 en 2019 (circa € 679.000). De werkelijke lasten zijn verantwoord op de Voorziening Groot Onderhoud. De prognose van 2020 was € 1.957.619 (incl p) exclusief . Het verschil tussen de prognose en de werkelijke onttrekking is circa € 100.541 (excl p) en is veroorzaakt door de volgende redenen: 1.
2.
3.
4.
5.
De beschikbare capaciteit is in 2020 ook ingezet is voor de afronding van een aantal projecten Groot Onderhoud dat doorgeschoven was uit 2018 en 2019 voor € 679.000. Het betrof het uitvoeren van groot onderhoud in 2020 aan asfalt, duikers, halfverharding, baggeren, routebebordingen en Bos en Beplanting. Verhoging lasten ten opzichte van de begroting van Bos en Beplanting (incl solitairen) in 2020 van € 8.000. Daarnaast wordt € 50.000 naar 2021 doorgeschoven, hier is rekening mee gehouden in de voorziening. Er zijn minder lasten dan begroot van € 25.000 voor harde oevers in verband met doorschuiven naar 2021. Hier is rekening mee gehouden in de voorziening. Er zijn minder lasten dan begroot van € 88.000 voor steigers en vlonders, hiervan wordt € 85.000 doorgeschoven naar 2021, hiermee is rekening gehouden in de voorziening. Voor de post Asfalt is € 194.000 minder uitgegeven dan begroot, een deel van deze werkzaamheden worden naar verwachting in 2021 uitgevoerd voor € 74.000, hiermee is rekening gehouden in de voorziening.
+ € 679.000
+ € 8.000
-/- € 25.000
-/- € 88.000
-/- € 194.000
34
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
6.
Voor de post Duikers is € 80.000 minder uitgegeven dan begroot, deze werkzaamheden worden naar verwachting in 2021 uitgevoerd, hiermee is rekening gehouden in de voorziening. 7. Voor de post bruggen is € 80.000 minder uitgegeven dan begroot, deze werkzaamheden worden naar verwachting in 2021 uitgevoerd, hiermee is rekening gehouden in de voorziening. 8. Er zijn minder lasten dan begroot € 21.000 voor elementverharding. Hiervan wordt € 75.000 doorgeschoven naar 2021, hiermee is rekening gehouden in de voorziening. 9. Er zijn minder lasten dan begroot € 115.000 voor halfverharding. Hiervan wordt € 54.000 doorgeschoven naar 2021, hiermee is rekening gehouden in de voorziening. 10. Diverse posten groot onderhoud van € 17.000, hogere lasten in 2020..
-/- € 80.000
-/- € 80.000
-/- € 21.000
-/- € 115.000
+ € 17.000
Onderstaande tabel laat het verwachte verloop van de voorziening Groot Onderhoud zien voor de komende jaren, inclusief de herijking welke 2020 is uitgevoerd. De dotatie van de voorziening is vanaf 2021 jaarlijks geindexeerd.
N.B.: De onttrekking 2020 is inclusief de vanuit 2018 en 2019 doorgeschoven GO werken, de onttrekking 2021 is inclusief de vanuit 2019 en 2020 doorgeschoven GO werken. Het meerjarenonderhoudsplan is gerelateerd aan het terreinbeheermodel en de daarin opgenomen doeltypes. Sommige doeltypes kennen fluctuaties in de lasten en vragen een planning met een meerjarenperspectief. Deze doeltypes zijn ondergebracht in specifieke categorieën, zoals baggeren of asfalt. In onderstaand staafdiagram zijn de geplande lasten voor groot onderhoud (alleen de materiële lasten) op de verschillende categorieën weergegeven.
35
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
36
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
4.3 Financiering Kasgeldlimiet Tot het kasgeld behoren alle vlottende schulden < 1 jaar, de contante gelden in kas, de uitgaande gelden < 1 jaar en de tegoeden / schulden rekening-courant. Doel van de kasgeldlimiet is het beperken van de renterisico’s op de korte schuld. De korte schuld is bedoeld voor de lopende uitgaven en zodoende is de limiet gekoppeld aan het begrotingstotaal. De kasgeldlimiet is vastgesteld op 8,2% van het totaal van de jaarbegroting bij aanvang van het jaar. Bij dit schap wordt voldaan aan de kasgeldlimiet, aangezien er per saldo geen sprake is van een kortlopende schuld. Renterisiconorm De renterisiconorm stelt een limiet aan het renterisico over de lange termijn financiering. Het renterisico is het geldbedrag aan leningen dat in een bepaald jaar aan renteherziening en herfinanciering onderhevig is. Het renterisico mag maximaal 20% van het begrotingstotaal per 1 januari van het betreffende kalenderjaar bedragen. De renterisiconorm benadrukt het belang van een goede spreiding van de leningenportefeuille en de renterisico’s. De renterisiconorm is voor dit schap niet van toepassing, aangezien er geen sprake is van opgenomen geldleningen. Ook voor de komende 4 jaren worden geen geldleningen verwacht.
Schatkistbankieren Bij het schatkistbankieren wordt dagelijks het saldo bij een vastgesteld drempelbedrag overgeboekt op een bankrekening ten gunste van de rekening-courant die een decentrale overheid heeft bij de schatkist. Omgekeerd kan het saldo ook worden aangevuld ten laste van de rekening-courant die een decentrale overheid heeft bij de schatkist. Voor het schap zijn de benodigde overeenkomsten met het Rijk afgesloten. De beleggingen bij de Royal Bank of Scotland blijven tot het moment van vrijvallen gecontinueerd omdat deze vallen onder de vrijstelling van invoeringsdatum schatkistbankieren. Zie verder het overzicht in de toelichting op de balans, onderdeel Schatkistbankieren. EMU saldo De berekening van het EMU-saldo is op transactiebasis. Dit betekent dat de daadwerkelijke betaling van belang is. De berekeningswijze is vergelijkbaar met het kasstelsel, dat voor het Rijk van toepassing is. De decentrale overheden, waaronder gemeenschappelijke regeleingen, voeren echter een administratie uit op basis van het baten-lastenstelsel. Dit stelsel is voor de decentrale overheden verplicht op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten). Het EMU-saldo wordt berekend door, afhankelijk van de kasmutatie, bij het exploitatiesaldo enkele posten op te tellen of af te trekken.
37
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
Berekening EMU-saldo 2020 (X 1.000) Om sch r i jv i n g T ell i n g
Ja a r st u kken
Ex ploit a t iesa ldo v óór t oev oeg in g a a n c .q. on t t r ekk in g u it r eser v es A fsch r ijv in g en t lv de ex ploit a t ie
+/+
-9 2 1
+/+
447
Br u t o dota t ies a a n de post v oor zien in g en t en la st e v a n de ex ploit a t ie
+/+
-5 3 4
In v est er in g en in (im )m a t er iële v a st e a ct iv a die op de ba la n s w or den g ea ct iv eer d Ba t en u it bijdr a g en v a n a n der e ov er h eden , de Eu r opese Un ie en ov er ig en , die n iet op de ex ploit a t ie zijn v er a n t w oor d en n iet a l in m in der in g zijn g ebr a c h t op in v est er in g en in (im )m a t er iële v a st e a ct iv a A a n k oop v a n g r on d en u it g a v en a a n bou w -, w oon r ijp m a ken La st en op ba la n spost V oor zien in g en v oor zov er deze t r a n sa ct ies m et der den bet r effen V er w a ch t e boek w in st bij v er koop effect en en v er w a ch t e boek w in st bij v er k oop (im )m a t er iële v a st e a ct iv a A a n deel i n EMU-sa l do
-/-
3 07
+/+
0
-/-
0
-/-
0
-/-
-1.315
38
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
4.4
Grondbeleid
Het Dagelijks Bestuur van het Recreatieschap Rottemeren heeft begin 2016 de nota grondbeleid vastgesteld, waarin de volgende uitgangspunten centraal staan Grond is een middel en geen doel. Bij en met de inzet van grond wordt financiële optimalisatie nagestreefd. Met de inzet van grond wordt samenwerking met gebiedspartijen gezocht. Hoewel het schap zelf geen grond- of opstalexploitaties voert, heeft zij in haar aanpak een actieve houding. Hierbij stuurt zij – in samenwerking met de andere gebiedspartijen - actief op programmering, kostenbeheersing en opbrengstoptimalisatie. Het schap werkt innovatief en extern gericht, zoekt naar nieuwe verbanden en geeft waar mogelijk ruimte aan nieuwe technologieën en duurzame toepassingen. Het schap neemt in beginsel niet risicodragend deel in gebieds- en vastgoedontwikkelingen en niet zelf grond-of opstalexploitaties voert. Bij de inzet van grond en vastgoed werkt het schap transparant en marktconform. Financieel Naast het algemene uitgangspunt van financiële optimalisatie is de inzet vooral gericht geweest op het behoud van het huidige niveau van inkomsten in de schapsbegroting, zulks in relatie tot de met eigendom/erfpacht samenhangende kosten. Door het aanhoudende herstel van de economie zal de investeringsbereidheid bij ontwikkelende partijen toenemen, maar concrete investeringsvoorbeelden zijn nog niet voor handen.
Oppervlakte: Totaal
31-12-2019 1.254ha
31-12-2020 Toelichting mutatie: 1.254 ha
Deze tabel betreft de grondpositie; in het onderdeel “gebiedsbeheer” van programma 1 wordt ingegaan op het beheerareaal en eventuele mutaties hierin. Peildatum voor deze tabel is de kadastrale registratie per 31 december 2020.
39
Jaarstukken 2020 | Paragrafen
4.5
Bedrijfsvoering
Rottemeren is een bestuurlijke organisatie en heeft geen eigen personeel in dienst. Uitvoering van de eigen kerntaken vereist derhalve een derde uitvoerende partij. Dit is Staatsbosbeheer. De samenwerking is eind 2018 verlengd tot en met 2023. Bij de samenwerkingsovereenkomst hoort een volmacht- en mandaatlijst. In het afgelopen jaar heeft de professionalisering van het opleidingstraject zich voornamelijk gericht op de regelgeving omtrent BTW en VPB. Hiervoor zijn door een extern deskundige partij cursussen gegeven om het kennisniveau van de medewerkers te vergroten. Zodoende wordt geborgd dat de kennis en kunde binnen de organisatie up to date blijft. Verder is er door het aantrekken van een projectcontroller een kwaliteitsimpuls gegeven aan projectcontrol. De personele component van de dienstverlening door Staatsbosbeheer in 2020 blijkt uit de volgende tabel.
Productomschrijving
Gebiedsbeheer Economisch beheer Regelgeving & handhaving Communicatie Planvorming & gebiedsontwikkeling Bestuursproducten Juridische ondersteuning & advisering Financiën Subtotaal Dienstverlening in uitgaven voorziening Groot Onderhoud Dienstverlening in uitgaven kredieten Totaal
1. Beheer, onderhoud en exploitatie gebieden
2. Ontwikkeling
Algemene dekkingsmiddelen
Overhead
698.300 97.000 509.900 12.700 105.600 12.800 71.700
698.300 97.000 509.900 12.700 242.500 105.600 12.800 71.700
190.100
1.750.500
242.500
1.317.900
242.500
375.152 2.841-
366.287
-
Totaal
375.152 363.446 2.489.098
40
JAARREKENING 2020
41
5.1
Balans per 31 december 2020
ACTIVA
31 december 2020
31 december 2019
Vaste activa Materiële vaste activa Investeringen met economisch nut Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut
4.849.808 254.949 4.594.859
4.989.897 682.353 4.307.544
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd < dan 1 jaar Overige vorderingen
13.021.647 386.029 12.556.960 78.658
11.021.811 199.824 10.792.884 29.103
Liquide middelen Banksaldi
156.424 156.424
3.472.245 3.472.245
Overlopende activa De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
308.006
394.689
127.071
5.277
180.935
389.412
Totaal
18.335.885
19.878.642
PASSIVA
31 december 2020
31 december 2019
13.022.728 4.435.080 8.930.952 343.304-
13.943.838 4.456.258 9.346.780 140.800
3.699.654 3.393.306
4.233.322 3.902.817
306.348
330.505
Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserves Gerealiseerde resultaat Voorzieningen Onderhoudsegalisatievoorzieningen Voorzieningen van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Waarborgsommen Vlottende passiva Netto-vlottende schulden rentetypische looptijd < 1 jaar Overige schulden
-
750 750
543.256 543.256
367.945 367.945
Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen
1.070.247
1.332.787
128.428
109.283
939.222
1.221.127
2.597
2.377
Totaal
18.335.885
19.878.642
42
5.2
Overzicht van baten en lasten 2020
Programma
Rekening 2019
Primitieve Begroting na Rekening 2020 begroting 2020 wijziging 2020
Resultaat
Lasten Programma Beheer, Onderhoud en Exploitatie Programma Ontwikkelingen Algemene dekkingsmiddelen Overhead Totaal lasten
4.256.486 234.500 609 211.399 4.702.994
4.411.400 242.500 17.700 224.100 4.895.700
4.400.590 242.500 8.700 236.570 4.888.360
4.832.516 242.500 228 231.678 5.306.921
431.926 N 8.472 V 4.892 V 418.561 N
Baten Programma Beheer, Onderhoud en Exploitatie Programma Ontwikkelingen Algemene dekkingsmiddelen Overhead Totaal baten
1.221.954 3.830.256 5.052.210
737.400 3.928.900 4.666.300
799.740 3.928.900 4.728.640
873.966 3.928.900 4.802.866
74.226 V 0V 74.226 V
349.216
(229.400)
(159.720)
(504.055)
344.335 N
Kredieten Lasten kredieten Baten kredieten (bijdragen derden) Saldo kredieten
3.380.054 3.845 (3.376.209)
110.972 67.914 (43.058)
752.431 (752.431)
427.379 10.325 (417.054)
325.052 V 10.325 V 335.377 V
Totaal saldo van baten en lasten
(3.026.993)
(272.458)
(912.151)
(921.109)
8.958 N
Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Toevoeging reserves Onttrekking reserves Saldo toevoegingen en ontrekkingen aan reserves
690.551 3.858.344 3.167.793
272.458 272.458
890.160 1.802.311 912.151
1.302.743 1.880.548 577.805
412.583 N 78.237 V 334.346 N
140.800
-
(343.304)
343.304 N
Saldo gewone bedrijfsvoering
Gerealiseerd resultaat
-
Het overzicht van lasten en baten is als volgt opgebouwd: Reguliere lasten en baten bedrijfsvoering Dit onderdeel betreft de exploitatielasten en –baten van de structurele activiteiten. Dit zijn de jaarlijks min of meer in dezelfde vorm terugkerende activiteiten. Op basis van deze informatie kunnen meerjarige trends en ontwikkelingen worden geschetst. Diverse lasten en baten bedrijfsvoering In tegenstelling tot de reguliere lasten en baten komen deze exploitatielasten en – baten slechts incidenteel voor door de aard hiervan en/of de oorzaak. Het gaat hierbij om o.a. de effecten van periodieke herzieningen van voorzieningen, de financiële consequenties van uitspraken op beroeps- en bezwaarschriften die niet voorzien kunnen worden en terugontvangen bedragen. Deze zaken, welke niet zijn begroot, worden separaat gepresenteerd om de vergelijkbaarheid over de jaren heen eenvoudiger te maken. Kredieten De kredieten hebben betrekking op uitgaven gerelateerd aan activiteiten die zorgen voor veranderingen in de natuur- en recreatiegebieden, zoals investeringen met maatschappelijk nut in de openbare ruimte. Deze uitgaven worden gedekt vanuit bijdragen derden (subsidies, bijdragen) en/of onttrekkingen aan de algemene of bestemmingsreserves. Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Dit onderdeel omvat alle mutaties (stortingen en onttrekkingen) in de reserves.
43
5.3
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling
Inleiding De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften, die het Besluit begroting en verantwoording (BBV) en de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector daarvoor geven. Voor zover niet anders vermeld, worden de activa en passiva gepresenteerd in afgeronde bedragen van € 1.
Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten worden slechts genomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Baten en lasten worden verantwoord tot hun brutobedrag.
Balans Materiële vaste activa De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs, verminderd met de daarop verrichte lineaire afschrijvingen. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht. De afschrijvingen geschieden op basis van de verkrijgings- of aanschaffingsprijs en de geschatte economische levensduur. De afschrijving op het actief start per 1 januari van het kalenderjaar volgend op het jaar van aanschaf c.q. volledige egalisatie van de investering. De volgende richtlijnen zijn grotendeels gehanteerd voor de afschrijvingstermijnen: - gronden en terreinen geen afschrijving - bedrijfsgebouwen 25, 30 of 35 jaar - grond- weg- en waterbouwkundige werken 10-35 jaar - machines, apparaten en installaties 4,5,6,7,10 of 15 jaar - overige materiele vaste activa afhankelijk van de gebruiksduur Het BBV onderscheidt de navolgende investeringen: 1. Investeringen met economisch nut 2. Investeringen met maatschappelijk nut in de openbare ruimte
Investeringen met economisch nut Investeringen hebben een economisch nut wanneer ze verhandelbaar zijn en/of indien ze kunnen bijdragen aan het genereren van middelen. Investeringen met economisch nut boven € 25.000 worden geactiveerd.
44
Investeringen met maatschappelijk nut in de openbare ruimte Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut moeten door gewijzigde regelgeving per 1 januari 2018 worden geactiveerd. De richtlijn is dat Investeringen met maatschappelijk nut boven € 25.000 per component worden geactiveerd. Indien investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut worden geactiveerd, vindt de afschrijving hiervan eveneens lineair plaats. Door de invoering van de nieuwe systematiek blijven verschillen bestaan in de wijze waarop mag worden afgeschreven op investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut die voor het begrotingsjaar 2020 zijn gedaan. Om inzicht te geven in het deel van de activa dat wel vergelijkbaar is qua systematiek is in het verloopoverzicht in de toelichting op de balans aangegeven welk bedrag volgens de nieuwe systematiek is verantwoord en welk deel volgens een andere systematiek. In 2020 zijn er nog geen maatschappelijk nut investeringen afgeschreven. In erfpacht uitgegeven gronden Voor de in erfpacht uitgegeven gronden geldt de uitgifteprijs van eerste uitgifte als verkrijgingsprijs. Gronden in eeuwig durende erfpacht worden gewaardeerd tegen registratiewaade. Eventuele afkoopsommen voor voortdurende contracten zijn verwerkt onder de langlopende schulden en vervallen naar rato van afkoopperiode vrij ten gunste van het resultaat.
Financiële vaste activa De overige uitzettingen met een looptijd van één jaar of langer worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen De banksaldi worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Overlopende activa De overlopende activa (nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen) worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Eigen vermogen Dit betreft de Algemene Reserve, de bestemmingsreserves en het gerealiseerde resultaat. Voorzieningen De onderhoudsegalisatievoorzieningen zijn gebaseerd op een meerjarenraming van het uit te voeren grootonderhoud aan de kapitaalgoederen, waarin rekening is gehouden met de kwaliteitseisen die ter zake geformuleerd zijn. In de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen die is opgenomen in het jaarverslag is het beleid ter zake nader uiteengezet. De voorzieningen van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden, worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
45
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer, de netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar en de overlopende passiva Deze posten worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
46
5.4
Toelichting op de balans
Vaste activa Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut Investeringen met een economisch nut Bedrijfsgebouwen
Boekwaarde 1-1-2020
Investeringen
Extra afschrijvingen
Afschrijvingen
Bijdrage van derden
Afwaarderingen
Afgeronde activa
Boekwaarde 31-12-2020
682.353
0
0
30.670
0
396.734
0
254.949
682.353
0
0
30.670
0
793.468
0
254.949
De afschrijvingen betreffen de afschrijving op de Sluiswachterswoning Rottekade 2 en de boerderij Zuideinde. Daarnaast betreft de afwaardering de afboeking van boerderij Zuideinde aangezien deze verkocht gaat worden voor € 1,-. Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut De boekwaarde van de investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut had het volgende verloop: Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut Gronden en Terreinen
Boekwaarde 1-1-2020 3.328.573
Investeringen
Extra afschrijvingen
Afschrijvingen
Bijdrage van derden
0
0
0
Afwaarderingen
0
0
Afgeronde activa
Boekwaarde 31-12-2020
0
3.328.573
Ten laste van Afschrijvingsreserve: Grond- weg- en waterbouwkundige werken activa in bewerking: Grond- weg- en waterbouwkundige werken
0
0
0
19.687
0
0
1.099.834
1.080.147
978.972
1.091.628
0
0
784.627
0
-1.099.834
186.139
4.307.544
1.091.628
0
19.687
784.627
0
0
4.594.859
Van de gronden die in eigendom zijn van Natuur- en Recreatieschap Rottemeren, totaal 1254 hectaren, zijn enkele gronden uitgegeven in erfpacht, met name aan exploitanten. Dit leidt jaarlijks tot erfpachtopbrengsten. Met deze exploitanten zijn langdurige erfpachtcontracten afgesloten. Activa in bewerking waarvan de bewerking is afgerond en welke in gebruik wordt genomen, wordt gepresenteerd naar de categorie Grond-, weg- en waterbouwkundige werken en overige activa. Deze presentatie is te zien in de kolom “afgeronde activa”. De afschrijving op het afgeronde actief start per 1 januari van het kalenderjaar volgend op het jaar van afronding bewerking en ingebruikname.
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan een jaar Vorderingen op openbare lichamen
Debiteuren Totaal
2020 386.029 386.029
2019 199.824 199.824
47
Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar 2020 12.556.960 12.556.960
Uitzettingen in 's Rijks schatkist < 1 jaar Totaal
2019 10.792.884 10.792.884
Sinds 2014 is het schatkistbankieren van toepassing. Hieronder zijn de bedragen weergegeven die op kwartaalbasis in de schatkist zijn aangehouden en de drempel die van toepassing was. De drempel is alleen het 1e kwartaal 2020 overschreden. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar Drempelbedrag
250 Kwartaal 1
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
586
140
144
150
-
110
106
100
336
-
-
-
Overige vorderingen
Debiteuren Voorziening dubieuze debiteuren Per saldo
2020 224.676 146.018 78.658
2019 89.251 60.148 29.103
De mutatie in 2020 aan de voorziening dubieuze debiteuren betreft ontvangen betalingen van € 15.026 en het aanvullen van de voorziening met € 100.896.
Banksaldi
ING-bank Rekening Courant 6400.61.214 (variabel %) Bank Nederlandse Gemeenten ING 661349128 rekening courant VM ING zakelijke spaarrekening Totaal
2020 0 0 156.424 0 0 156.424
2019 41.986 50 199.986 2.645.951 584.272 3.472.245
Alle saldi van bovenstaande rekeningen met saldo nul in 2020 zijn overgemaakt naar de BNG en deze rekeningen zijn opgeheven.
48
Overlopende activa De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Project Rijksbijdrage Watercompensatie A16 Overige Nederlandse overheidslichamen Kwaliteitsimpuls Biodiversiteit Warmteleiding Rotterdam-Leiden Kwaliteitsverbetering Ruiterpaden Waterkwaliteit Bleiswijkse Zoom DRV't Upgrade verlengde molengangpad KI LBB 1e fase Eilandenrijk Marketing Ook dit is De Rotte
Totaal
Saldo 1-1-2020
Toevoegingen
Ontvangen bedragen
Saldo 31-12-2020
0
8.759
0
8.759
4.962 315 0 0 0 0 0 5.277
19.760 630 31.547 4.692 38.164 14.864 8.069 117.726
0 0 0 4.692 0 0 0 4.692
24.722 945 31.547 0 38.164 14.864 8.069 118.311
5.277
126.485
4.692
127.070
Overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
Vooruitbetaalde bedragen Nog te ontvangen bedragen Ondernemers BTW Door te berekenen kosten Door te schuiven BTW Totaal
2020 18.314 37.856 30.959 0 93.806 180.935
2019 1.664 310 380 143 386.915 389.412
De nog te ontvangen bedragen heeft met name betrekking op Opstalrechten van 2020 (€ 27.716).
49
Vaste passiva Eigen vermogen Het verloop van de reserves in 2020 wordt in het hierna volgende overzicht weergegeven. Stand per Bestemming Toevoegingen Onttrekkingen 01-01-2020 Resultaat 2019 in 2020 in 2020 Algemene Reserve
Stand per 31-12-2020
Claims na 2020
4.456.258
140.800
889
162.867
4.435.080
815.273
3.813.644 2.228.758 47.580 0 2.385.468 50.000 821.330 9.346.780 13.803.038
0 0 0 0 0 0 0 0 140.800
132.295 0 0 0 758.760 0 410.799 1.301.854 1.302.743
1.214.560 120.800 0 0 230.340 0 151.982 1.717.682 1.880.549
2.731.379 2.107.958 47.580 0 2.913.888 50.000 1.080.147 8.930.952 13.366.032
1.397.938 2.107.958 47.580 0 2.913.888 50.000 1.080.147 7.597.511 8.412.784
Bestemmingsreserves Investeringsreserve Reserve beheer Noordoever Reserve vervangingsinvesteringen RM Reserve Programma Rivieroevers Reserve Herinrichting gebied rond A16 Reserve Kwaliteitsimpuls RM (biodiversiteit) Afschrijvingsreserve totaal bestemmingsreserves Totaal
ALGEMENE RESERVE De Algemene Reserve heeft als belangrijkste functie het vormen van een buffer voor financiële tegenvallers.
Saldo 1 januari Bij: bestemming resultaat Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2020 4.456.258 140.800 889 162.867 4.435.080
2019 4.669.407 47.913 9.309 270.371 4.456.258
Specificatie toevoegingen: Kredieten: - Kwaliteitsimpuls LBB
889
Totaal toevoegingen
889
Specificatie onttrekkingen: - conform 2e begrotingswijziging Kredieten: - Waterkwaliteit Bleiswijkse Zoom - Ontwikkellocaties fase II - RM Verkeerskundig onderzoek - Marketing Ook dit is de Rotte
25522.611 7.758 126.253
Totaal onttrekkingen
162.867
6.500
50
BESTEMMINGSRESERVES Investeringsreserve Het doel van de investeringsreserve is het dekken van de kosten van nieuwe investeringen.
Saldo 1 januari Bij: bestemming resultaat Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2020 3.813.644 0 132.295 1.214.559 2.731.380
Specificatie toevoegingen: - 2e begrotingswijziging €131.400 afschr. res corrigeren
132.295
Totaal toevoegingen
132.295
Specificatie onttrekkingen: - Conform programma begroting Sluiswachterswoning - Conform AB besluit Kredieten: - Monitoring Eendragtspolder - 2e ring fietspad Kooilaan - Ontwikkelplan Rottemeren - Intensivering communicatie KLB - Oriëntatieverlichting fp Bosweg Totaal onttrekkingen
2019 3.143.305 758.760 378.752 467.173 3.813.644
12.700 758.760 18.000 216.960 188.803 11.730 7.606 1.214.559
Reserve Beheer Noordoever Recreatieschap Rottemeren heeft voor het BRG (Bestaand Rotterdams Gebied) project Noordoever de verantwoordelijkheid voor het beheer van de Noordoever afgekocht. Om het beheer van de Noordoever over te nemen is een eenmalige afkoopsom beschikbaar gesteld door het Ontwikkelingsbedrijf Rotterdam. Jaarlijks wordt voor het beheer en onderhoud € 120.800 onttrokken uit de reserve Beheer Noordoever.
Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
Specificatie onttrekkingen: - Beheer Noordoever conform begroting Totaal onttrekkingen Reserve vervangingsinvesteringen
2020 2.228.758 0 120.800 2.107.958
2019 2.349.558 0 120.800 2.228.758
120.800 120.800
51
De reserve vervangingsinvesteringen heeft als doel het dekken van de kosten van vervangingsinvesteringen.
Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2020 47.580 0 0 47.580
2019 47.580 0 0 47.580
Reserve Rivieroevers Eind 2016 heeft het Algemeen Bestuur besloten tot het instellen van de bestemmingsreserve Rivieroevers van waaruit de meerjarige bijdrage vanuit het recreatieschap aan de ontwikkeling van het Programma Rivieroevers met een maximaal van totaal € 3 miljoen kan plaatsvinden. Deze bijdrage is onder de voorwaarde dat de Gemeente Rotterdam zelf tenminste een vergelijkbaar bedrag investeert.
Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2020 0 0 0 0
2019 3.000.000 0 3.000.000 0
Reserve Herinrichting Gebied A16 Eind 2016 heeft het Algemeen Bestuur besloten tot het instellen van een bestemmingsreserve van € 2,5 miljoen voor de financiering van de bovenwettelijke maatregelen voor het gebied rond de aan te leggen A16 in het Lage Bergse Bos. Daarnaast heeft het Algemeen Bestuur besloten tot een krediet van € 50.000 vanuit de reserve voor het proces van een kwaliteitsimpuls voor het lage Bergse Bos.
Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2020 2.385.468 758.760 230.340 2.913.888
Specificatie toevoegingen: - conform AB besluit
758.760
Totaal toevoegingen
758.760
Specificatie onttrekkingen: - Kwaliteitsimpuls LBB - KI LBB Uitwerken Inv.planning
185.468 44.872
Totaal onttrekkingen Reserve Kwaliteitsimpuls Biodiversiteit
2019 2.385.468 0 0 2.385.468
230.340
52
I.s.m. de Natuur- en vogelwacht Rotta is in 2016 een project opgestart waarbij de biodiversiteit in het Rottemerengebied verbetert. Naast de door PZH verstrekte subsidie staat het Recreatieschap garant voor het beheer van de voorzieningen gedurende 10 jaar en staat voor een deel garant voor fondsenwerving zodat de cofinanciering van de subsidie zeker is. Hiervoor is tot de reserve Kwaliteits impuls Biodiversiteit in 2016 besloten.
Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2020 50.000 0 0 50.000
2019 50.000 0 0 50.000
Afschrijvingsreserve Deze reserve is ingesteld ter dekking van de toekomstige afschrijvingslasten van de investeringen met maatschappelijk nut.
Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2020 821.330 410.799 151.982 1.080.147
Specificatie toevoegingen: - 2e ring fietspad Kooilaan - Kwaliteitsimpuls LBB
226.220 184.579
Totaal toevoegingen
410.799
Specificatie onttrekkingen: - 2e begrotingswijziging € 131.400 - Afschrijving Eendrachtspolder
132.295 19.687
Totaal onttrekkingen
151.982
2019 518.840 302.490 0 821.330
Gerealiseerd resultaat
Gerealiseerd resultaat
2020
2019
-343.304
140.800
53
Voorzieningen Het verloop van de voorzieningen in 2019 wordt in het hierna volgende overzicht weergegeven. Stand per 01-01-2020
Toevoegingen Onttrekkingen in 2020 in 2020
Stand per 31-12-2020
Claims na 2020
Voorziening Groot Onderhoud Voorziening puinstortgelden LNV Voorziening afkoopsommen
3.902.817 161.405 169.100
1.570.788 0 0
2.080.299 0 24.157
3.393.306 161.405 144.943
3.393.306 0 144.943
Totaal
4.233.322
1.570.788
2.104.456
3.699.654
3.538.249
ONDERHOUDSEGALISATIEVOORZIENINGEN Voorziening groot onderhoud Het doel van deze voorziening is het gelijkmatig verdelen van de lasten van groot onderhoud over de jaren. Hiertoe wordt jaarlijks een gelijkblijvende dotatie ten laste van de exploitatie gebracht. De werkelijke grootonderhoudskosten worden direct ten laste van de voorziening verantwoord. Voorziening Groot Onderhoud Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Aanwendingen Saldo 31 december
2020 3.902.817 1.570.788 2.080.299 3.393.306
Specificatie toevoegingen: - Klimaatenvelop - programmabegroting €1.574.900
16.638 1.554.150
Totaal toevoegingen
1.570.788
Specificatie aanwendingen: - Klimaatenvelop naar incidentele baten - Groot Onderhoud
16.638 2.063.661
Totaal aanwendingen
2.080.299
2019 3.942.191 1.654.900 1.694.274 3.902.817
Voor een toelichting op de onttrekking 2020 Groot Onderhoud wordt verwezen naar de programmaverantwoording (4.2 onderhoud kapitaalgoederen).
54
VOORZIENINGEN VAN DERDEN VERKREGEN MIDDELEN DIE SPECIFIEK BESTEED MOETEN WORDEN a) Voorziening puinstortgelden LNV De voorziening puinstortgelden LNV is geheel geoormerkt door het voormalig ministerie LNV en besteding kan plaatsvinden voor de aankoop van gronden en de inrichting hiervan in het Recreatiegebied.
Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Aanwendingen Saldo 31 december
2020 161.405 0 0 161.405
2019 161.405 0 0 161.405
b) Voorziening afkoopsommen Dit betreft de in 2015 ontvangen afkoopsommen ten behoeve van toekomstig Regulier Onderhoud vanuit het project Hoekse Park. Het bedrag is als volgt opgebouwd: - afkoop onderhoud brug € 132.231; - Stadsregio bijdrage € 100.000; - Meerjarig onderhoud natuurvriendelijke oevers € 9.340. Vanaf 2017 valt in een periode van 10 jaar het totaalbedrag van € 241.571 vrij ten gunste van het Regulier Onderhoud in de exploitatie.
Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Aanwendingen Saldo 31 december
2020 169.100 0 24.157 144.943
Specificatie aanwendingen: - Jaarlijkse vrijval cfm besluit 3e BW 2017
24.157
Totaal aanwendingen
24.157
2019 193.257 0 24.157 169.100
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Waarborgsommen
Saldo 1 januari Vermeerderingen Aflossingen Saldo 31 december
2020 750 0 750 0
2019 1.000 750 1.000 750
55
Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige schulden 2020 543.256 543.256
- Crediteuren Totaal
2019 367.945 367.945
Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume. 2020 25.709 90.104 12.615 128.428
- Te ontvangen facturen (leveranties en diensten van derden) - Dienstverlening SBB - Ondernemers BTW
2019 70.647 0 38.636 109.283
De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren
De specificatie van deze balanspost is als volgt: Ontvangen van overige Nederlandse overheidslichamen Project
Saldo
Ontvangen
1-1-2020
bedragen
Vrijgevallen, bestede of terugbetaalde bedragen
Saldo 31-12-2020
Restantsubsidie HP t.b.v. Molengangenpad (Verbindingenplan RM Bentwoud) Eendragtspolder Vaarnetwerk Fase II Bewegwijzeringssysteem vanaf de Rotte Aanleg 2e ring fietspad Kooilaan Verblijfsplek Rottebanbrug
789.438
0
31.191
758.247
115.637 32.305 10.891 21.732 0
0 0 24.000 206.000 27.000
12.463 20.065 15.455 207.212 1.395
103.174 12.240 19.436 20.520 25.605
Totaal
970.003
257.000
287.781
939.222
56
Ontvangen van het Rijk Project
Saldo 1-1-2020
Ontvangen bedragen
Vrijgevallen of terugbetaalde bedragen
Saldo 31-12-2020
Watercompensatie A16
251.124
149.094
400.218
0
Totaal
251.124
149.094
400.218
0
Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen Langlopende verplichtingen De meerjarige contracten zijn geïnventariseerd. Het betreft met name contracten meerjarige bestekken voor regulier onderhoud (bv hygiëne). De belangrijkste resterende verplichtingen (> € 100.000) per eind 2020 voor dit schap zijn: * Bestek regulier onderhoud hygiëne € 210924; * Bestek Gras en water € 599.025; * Samenwerkingsovereenkomst Staatsbosbeheer € 6.029.215. Gebeurtenissen na balansdatum De financiële gevolgen voor de jaarrekening met betrekking tot het COVID-19 (Corona) virus zijn verwerkt (zoals de extra verhoging van de voorziening dubieuze debiteuren). De gevolgen voor naar verwachting veel beleidsterreinen van onze begroting 2021 en mogelijk voor de jaren daarna nog niet. Hoe groot de financiële impact zal zijn is nu onmogelijk te bepalen. We monitoren onze risico’s en die van onze partners voortdurend. Onze organisatie loopt geen risico voor de continuïteit. We bewaken onze liquiditeitspositie goed en nemen zo nodig maatregelen om onze taken gedurende deze crisis zo goed mogelijk te blijven uitvoeren.
57
5.5
Toelichting op het overzicht van baten en lasten 2020
Programma 1 – Beheer, onderhoud en exploitatie gebieden Programma Beheer, onderhoud en exploitatie Rekening 2019 Primitieve Begroting na Rekening 2020 gebieden begroting 2020 wijziging 2020 Lasten Inrichting, beheer en exploitatie Regelgeving & handhaving Communicatie Totaal lasten
Resultaat
3.733.375 493.100 30.011 4.256.486
3.875.300 510.700 25.400 4.411.400
3.864.490 510.700 25.400 4.400.590
4.298.977 509.900 23.640 4.832.516
434.487 N 800 V 1.760 V 431.926 N
Totaal baten
1.221.954 1.221.954