CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[BV25.0084] Verslag commissie Samenleving d.d. 11 september 2025

Commissie Samenleving 13 november 2025, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling verslag vorige vergadering27.013 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Dat was meer richting de heer Lieverse die daar een voorstel. Daar zit WIJ Lansingerland in ieder geval niet op te wachten. Laten we gewoon doorpakken en gewoon uitvoeren wat er uitgevoerd moet worden. Dank u wel.

16/43

De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Afalah. Mevrouw Draak van de VVD in deze tweede termijn. Mevrouw Draak: Dank u wel, voorzitter. Ik dacht even dat we een semantische discussie gingen houden over wat wel of niet concreet is, maar de heer Lieverse zei daar ook al iets over. Ik denk dat de verwachtingen van de wethouder wat anders lagen dan die van de commissie, als ik het zo bekijk. Kijk, de plannen, als je het leest, zijn best wel concreet. De taal daarover is concreet. Maar ik denk dat wij in de commissie meer op zoek waren naar tastbare resultaten of gewenste resultaten. En toen, na een tijdje, raakte de wethouder op dreef en ging hij het hebben over ketenaanpak. Toen zei hij, dan gaan we met het lokale team het gezin bekijken en ondersteunen en daarmee kunnen we dan misschien voorkomen dat Veilig Thuis ingeschakeld moet worden. Even in mijn eigen woorden. Toen dacht ik, now we’re talking. En dit is precies wat ik graag meer zou willen zien in dit programma. De wethouder heeft allemaal plannen gemaakt. Waarom zijn die plannen gemaakt? Wat beogen we ermee te bereiken? En als je die concreetheid, zoals wij concreet noemen, toe zou kunnen voegen aan dit plan, dan weten we ook waarom die stappen worden gezet. En dan krijg je inderdaad ook dat je denkt, inderdaad, dat stond in de verordening sociaal domein. Die aanpak wordt hier doorgezet. Dan vallen dingen in elkaar.

En dan wordt het dus concreter. En de toezegging om al onze punten op hun meritus te beoordelen, die neem ik graag aan en vind ik fijn dat de wethouder dat aanpakt. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Draak. Mevrouw Gabin, in deze tweede termijn. Mevrouw Gabin: Wij willen graag aansluiten bij wat mevrouw Biharie van de PvdA in haar eerste termijn en tweede termijn heeft gezegd over de wijkteams. GroenLinks ziet daar een grote meerwaarde van. De wethouder spreekt consequent over lokale teams. Wij willen graag nog even opheldering over wat het nou is, lokale teams of wijkteams. De voorzitter: De heer Oosterlaan van het CDA tot slot in deze tweede termijn. De heer Oosterlaan: Dank u wel, voorzitter. Allereerst, wethouder, dank voor de antwoorden op de vragen die gesteld waren. Tweede, de antwoorden die op de vragen van andere partijen waren voor ons ook een verheldering. Het is ook nu heel duidelijk hoe het vervolg er ongeveer gaat uitzien. Ik ben ook blij dat u, evenals wij, de zorgen delen wat betreft de financiële kant van dit geheel. Dat is mijn tweede termijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Oosterlaan. Dan gaan we tot slot nog naar de heer Hoek voor de laatst gestelde vragen uit deze tweede termijn. Wethouder Hoek, graag dicht bij de vragen blijven en bij het stuk wat voor ligt. Dank u wel.

Beantwoording college De heer Hoek: ChristenUnie, nee, het is echt een collegebesluit. Dus wat dat betreft nemen wij al uw zaken mee. U krijgt het plan opgestuurd met daarin een onderbouwing van wat we allemaal hebben meegenomen en wat we om redenen niet hebben meegenomen. Leefbaar 3B had nog een vraag over die ze gemist hadden met betrekking tot de AVG, maar die heb ik in de eerste termijn echt beantwoord. En ik heb heel duidelijk gezegd, op het moment dat er zorg is of problemen zijn, dan gelden er andere regels voor de AVG. En ik heb u ook nog verteld dat dat altijd een item is van 3B en ik heb het meerdere keren hier uitgelegd. Maar daar mag je dus gewoon, daar gelden andere regels voor en die gaan veel verder dan dat je niks mag. Maar we moeten ons wel ook aan die uitzonderingsregels houden. Maar ik ben het helemaal met u eens, het mag niet zo zijn dat we vanwege AVG

17/43

kinderen laten zwemmen of ouderen of verzin het maar. Dat kan nooit de bedoeling zijn. En dat is ook niet de bedoeling van de AVG. D66, even kijken hoor, eind 2026, dat is een tussentijdse evaluatie. Dus wat dat betreft. De casus die u schetste met betrekking tot dementie en inderdaad agressief gedrag en partners die hun echtgenoot niet meer kennen, die problematiek kennen we. En bij Veilig Thuis is die ook bekend. Partij van de Arbeid, het is het lokale team. Zo is die altijd in het kader van de hervormingsagenda genoemd en zo wordt die ook in de regio genoemd. Dus ik snap dat deze begrippen wellicht wat door elkaar lopen. Maar laten we nu vanaf nu het gewoon het lokale team noemen. En over de inhoud, daar kan ik hier wel op ingaan en ik snap ook best dat dat op sommige onderdelen met betrekking tot dit plan handig is, alleen, dat ligt echt bij mijn collega. En die komt daar zeker op terug. Het plan van aanpak en de wachtlijst. U weet hoe het werkt. Het is echt niet zo dat er gezegd wordt, u heeft extra geld nodig, hier heeft u het. Nee, daar wordt natuurlijk gevraagd, wat gaat u daarmee doen? En ook de Inspectie voor de Gezondheidszorg en Jeugd hebben daar natuurlijk met nadruk naar gevraagd. Dus wat dat betreft ligt er een goed onderbouwde aanpak om die wachtlijsten terug te dringen. Dus wat dat betreft, ik ben het helemaal met u eens. We gaan niet zomaar geld geven.

En even kijken hoor. Volgens mij waren dat de vragen, voorzitter. De voorzitter: Dat denk ik ook. Daarmee zijn we aan het einde gekomen van agendapunt 5.a. Nogmaals, dat ligt niet ter besluitvorming voor, maar enkel en alleen om uw input mee te geven aan het college. Waarvoor veel dank. 6. Stukken ter advisering aan de raad 6.a BR2500049 Beleidsplan volwassenen 'Grip op het leven' De voorzitter: Dan gaan we over naar agendapunt 6. Dan beginnen we bij het eerste raadsvoorstel van vanavond gelijk al. Is dat een punt van orde, mijnheer Kampinga? Mijnheer Kampinga, bij deze, u mag zo meteen beginnen. Maar we zijn nog niet zover, want ik wilde u net gaan vertellen dat het eerste raadsvoorstel van vanavond het beleidsplan voor volwassenen is, met als titel, Grip op het leven. In dit plan beschrijft het college hoe het de komende jaren wil bijdragen aan het versterken van de zelfredzaamheid, gezondheid en participatie van de volwassen inwoners. Het plan sluit ook aan op de eerder al vastgestelde beleidsstukken voor jeugd en ouderen. Je zou dus ook kunnen zeggen, hij valt er ook mooi tussenin, tussen jeugd en ouderen. Vanavond bespreken we het plan in de commissie en ik wil graag natuurlijk van u weten hoe u daarmee verder wilt gaan naar de raad die in twee weken staat geagendeerd. Nu zou ik natuurlijk kunnen vragen, wie mag ik daarvoor het woord geven, maar dat ga ik niet doen.

We beginnen bij u, mijnheer Kampinga. U heeft het woord. Eerste termijn De heer Kampinga: Dank u wel, voorzitter. De uitgangspuntennotitie benadrukte de adviesraad Sociaal Domein in zijn advies, raad is namelijk mannelijk, dat de gemeente een sterke visie moet uitstralen. Niet dat het allemaal minder moet, omdat er minder geld is, maar omdat het in ieders belang is om sterk en stabiel in het leven te staan. Wie kan het nog mooier zeggen dan de ASD? Dus heel nieuwsgierig nu naar de volgende stap, het concept beleidsplan. In den lande speelt het volgende, medische specialisten gaan flink snijden in behandelingen en onderzoeken die nu standaard zijn, maar die niet of nauwelijks effectief blijken te zijn. En, het komt nu al doorlangs, er is kennelijk ook een methode gevonden om de wachttijden flink te bekorten. Je kunt door gegevens informatieoverdracht kun je, dat staat allemaal in die overeenkomst die ze nu gesloten hebben. Dus, mooie ontwikkelingen. Een scherpe doelstelling. Monitoren op resultaat en sturen op niet financiële resultaten.

18/43

Optimaal zorg verschaffen is niet maximaal zorg verschaffen. Wat lees je echter in het beleidsplan? De stijgende lijn van het gebruik van maatwerkvoorzieningen afvlakken. Niet ombuigen, nee, afvlakken. De tweede is wel goed. Het gebruik van laagdrempelige, vrij toegankelijke voorzieningen vergroten. Prima. Hulpvragen van volwassenen gaan we meer dan nu in een sociale basis aanpakken, met lichtere, goedkopere vormen van hulp die passend zijn bij de hulpvraag. Prima. In de medische zorg speelt ook steeds meer dat minder zorg en minder nazorg vaak uitstekende resultaten laten zien. Het is een cliché, less is more. In het beleidsplan leggen we zes prioriteiten vast. Hoe ga je dat doen als je gelijktijdig zes prioriteiten gaat doen? Ik vind dat een merkwaardig uitgangspunt. Ik kom daar niet uit. Tot slot, zoals de ASD nu in zijn advies stelt, wij missen in het beleidsplan daadkracht, de uitdaging naar organisaties, het kritisch meedenken of plannen passen binnen de ambities van de gemeente en het, hoor ik ook nooit vanavond, het volgen van de uitvoering. Je kunt dingen wel voornemen, maar hoe is de uitvoering? De allerlaatste zin, de ogen daarom hoopvol gericht op het op te stellen uitvoeringsplan, omdat dat de mooie woorden van deze stukken gaat omzetten naar actie. Kanttekening is wel, het viel net nog, dat alleen het college daarover gaat.

Het college gaat over het uitvoeringsplan. Dus ik vrees dat we daar geen say in zullen hebben. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kampinga. Dan ga ik verder met de heer Erwich, leefbaar 3B. De heer Erwich: Dank u wel, voorzitter. In dit beleidsplan, Grip op Leven zien we veel goede dingen. Het uitgangspunt dat inwoners zoveel mogelijk zelf hun leven kunnen leiden, dat gezondheid en meedoen vooropstaan, dat hulp beschikbaar blijft voor wie het nodig heeft, sluit volledig aan bij Leefbaar 3B. Maar we maken ons ook zorgen, want te vaak klinkt het alsof de gemeente een administratiekantoor is. Regeltjes, versobering, verschaling. Terwijl wij juist willen dat Lansingerland een partner is. Een gemeente die samenleving ondersteunt, naar mensen toegaat en samen mogelijkheden zoeken. Vrijwilligers laten dit goed zien. Zij zorgen elke dag voor het verschil met projecten die mensen samenbrengen. Maar zij krijgen in dit plan weinig erkenning. In plaats van hen tegen te werken met stapels regels, moeten we hen juist eens faciliteren en ruimte geven. Daarnaast missen wij ook de rol, en dat is gelijk even de vraag aan de wethouder, de rol van de ouders in dit beleid. Ouders zijn cruciaal voor een gezonde en vitale toekomst voor kinderen. Dat hoort beleid bij jeugd en volwassenen beter met elkaar te verbinden. Ouders mogen niet verdwalen in een doolhof van loketten.

Volgende vraag ook aan de wethouder. Dan is er in mijn beleving nog een vergeten groep, dat zijn de 55-plussers en de 65. Dat is zo'n apart groepje die vaak tussen het wal en het schip vallen. Niet jong, niet oud, maar wel met een specifieke vraag en behoefte. Als we hen nu allen actief betrekken, voorkomen we problemen voor later. Daarom vragen we ook de commissie wat zij hierin vinden. En vragen de wethouder om deze groep apart in het beleid op te nemen. Hierover overwegen wij een amendement. En ik hoor graag wie er eventueel in mee wil gaan. Voorzitter, onze boodschap is eigenlijk kort en krachtig, minder administratie, meer ondersteuning, vrijwilligers actief faciliteren, de 55 tot 65 groep nadrukkelijk meenemen en de jeugd en volwassenen beleid beter verbinden. Lansingerland moet geen administratiekantoor worden met vinkjes, maar een gemeente die inwoners faciliteert en ondersteunt. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Is dat nog een interruptie, mevrouw Molenaar? Mevrouw Molenaar-Van der Beek: Ik wil daarna ook wel gelijk aan de beurt zijn, maar ik heb inderdaad wel even een vraag om straks in mijn bijdrage erop te kunnen reageren. Ik snap nog niet helemaal wat u bedoelt met die speciale groep 55-65. Ik mag er zelf ook bij horen. Wat voor speciale groep ben ik?

19/43

De voorzitter: Mijnheer Erwich, let op uw woorden. Wat voor speciale groep? De heer Erwich: U bent een hele speciale groep, maar of u onder deze regel te vangen is, weet ik niet. Maar het is een aparte doelgroep te benoemen en actief te betrekken, kan Lansingerland het beleid en de voorzieningen beter laten aansluiten bij hun behoefte of uw behoefte. Bijdragen aan een vitaliteit en participatie vergroten en de toekomstige senioren problematiek voorkomen. Die volzinnen had ik erbij bedacht. De voorzitter: Mijnheer Erwich, dank u wel. Dan stel ik voor dat ik akkoord ga met uw voorstel, mevrouw Molenaar. U heeft het woord in deze eerste termijn. Mevrouw Molenaar-Van der Beek: Ik moet gelijk denken aan, een slimme meid is op haar toekomst voorbereid. Dus ik ga er nog over nadenken. U brengt me helemaal van stuk. Het beleidsplan. In de uitgangspuntennotitie die we in april ‘25 besproken hebben, is er al heel veel aan de orde geweest. We zien heel veel moois en waardevols ook terugkomen in dit plan. Een mooie basis voor uitvoeringsplannen. Want laten we wel wezen, de uitvoering van al het moois wat hier staat, daar valt of staat het uiteindelijk mee. En ik kan eerlijk gezegd ook niet wachten om daar ook verder nog weer wat van te zien. Toch missen we in het beleidsplan ook nu wel een aantal punten die we bij die uitgangspuntennotitie wel hebben meegegeven.

Ik wil ze toch even kort noemen om even te vragen, zit dat er wel in of komt dat er straks wel uit bij de uitvoeringsplannen? Dat gaat allereerst om het puntje positieve gezondheid. Toen we dat vorige keer noemden werd dat enthousiast beaamd. Maar ik zie er niet heel veel direct van terug. Het gaat dan over het voorkomen van armoede, de gezonde leefomgeving, de eenzaamheid. Die aspecten van gezondheid. Gezondheid lijkt nu al heel erg te gaan over fysieke gezondheid. Het tweede punt, daarbij ga ik ook aansluiten bij een stukje wat de ASD in het advies aangeeft. En dat gaat, wat ik vorige keer al heb genoemd, als gastvrije hulp. Het gaat erom dat we als we hulp aanbieden vanuit de gemeente dat we dat gastvrij in de zin van dat je niet je heel erg terughoudend hoeft te voelen of dat je een gunst komt vragen om hulp. We willen echt als gemeente hulp aanbieden aan mensen die het echt nodig hebben. En eigenlijk lijkt in dit stuk toch nog wel veel de nadruk te liggen op de zelfredzame inwoner. Dat willen we allemaal zijn, dat wil ik ook zijn. Maar uiteindelijk willen we toch vooral regels hebben om te zorgen dat mensen die dan net dat niet lukt, om die goed te kunnen helpen. Dus ik zou, we zouden toch echt ook bij de uitvoering de focus heel graag wel op die groep willen hebben. Ik weet trouwens niet of dat de groep 55-65 is, maar dat terzijde.

We willen dus vooral het reactieve wat er heel veel in zit in de uitgangspunten van, de gemeente helpt waar nodig, ook andersom het aanbieden, echt het goed aanbieden ook via de ketenpartners met wie afspraken worden gemaakt. Een derde punt wat ik nog niet direct terug zag en wat we vorige keer toch ook wel duidelijk hebben besproken is, als we dit gaan communiceren naar de inwoners, hoe gaan we dat doen? We willen toch voorkomen dat het een beeld ontstaat van dat we als gemeente moeten gaan bezuinigen en dat we daarom de hulp anders gaan inrichten. Laten we vooral benadrukken dat we geld goed willen inzetten, namelijk voor die mensen die het echt nodig hebben. En dat sluit eigenlijk aan bij wat ik net zei. Die groep heeft het hardste nodig. Een heleboel andere mensen kunnen het met wat onderlinge hulp in de samenleving, met de sociale basis, heel prima redden. Het laatste wat ik nog aan wil geven is, we hebben na de uitgangspuntennotitie ook het rapport van de Rekenkamer gehad over de inkomensregelingen. En toen hebben we ook aangegeven dat daar best een aantal handige handvatten in zitten om zaken te monitoren of het werkt. En een inkomensregeling is toch ook wel in het kader van bestaanszekerheid een heel belangrijk ding. Ik dacht eigenlijk dat er wel iets in dit beleidsplan terug zou komen wat daar ook op terug zou grijpen.

Maar misschien ben ik iets te enthousiast en komt het straks in de uitvoering. Maar ik wil hem toch nog graag meegeven. Als deze punten terugkomen in de uitvoering, dan zijn we helemaal superblij. Ik hoop dat we dit ambitieuze plan ook echt op die manier goed kunnen

20/43

gaan uitvoeren, met de aantekeningen die ik net maakte. Want dat willen we allemaal, in onze eigen leefomgeving door elkaar geholpen worden en goed verzorgd worden. Maar we willen het ook allemaal dat als het niet lukt dat er nog ergens iets is waar je een beroep op kan doen en dat je geholpen wordt. Dat was het. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Molenaar. Mevrouw Gabin van GroenLinks, dat is geen interruptie? Uw eerste termijn, u heeft het woord. Mevrouw Gabin: Vanavond bespreken we het beleidsplan volwassenen, Grip op het leven. Een plan dat, zo zegt de gemeente zelf, het kader vormt voor alle volwassenen in Lansingerland. Het plan moet richting geven, prioriteiten stellen en duidelijk maken waar we als gemeente voor staan. En juist daarom maken wij ons grote zorgen, want de wethouder heeft toegezegd dat het armoedebeleid in dit beleidsplan volwassenen zou worden opgenomen. Dat zien we nauwelijks terug. In de uitgangspuntennotitie stond armoedebestrijding nog expliciet genoemd als onderdeel van de opgave volwassenen. Maar in het beleidsplan dat nu voor ons ligt is dat weggezakt. Het woord armoede komt slechts zijdelings terug bij problematische schulden, inkomensverlies en bestaanszekerheid. Daarmee is armoedebeleid verworden tot een bijzin en geen pijler. Het ASD waarschuwde hier al voor, ik citeer uit hun advies.

Naar de mening van het ASD heeft het lokale armoedebeleid nog geen plek gekregen in het beleidsplan. En laten we eerlijk zijn, de financiële kaders laten zien dat bij een schaalminimum juist het minimumbeleid en de maatjesprojecten als eerste worden afgebouwd, terwijl dat juist de kern is van preventie en bestaanszekerheid. Daarmee draaien we de kwetsbare inwoners de rug toe. Ik voorzie het antwoord van de wethouder al, dit zijn slechts kaders. De uitvoering komt in een later plan. Maar, voorzitter, dat argument gaat niet op, want dit beleidsplan is de kapstok waar al het beleid aan moet hangen. En ik hoor net van de heer Kampinga dat de uitvoering een collegebevoegdheid is. Dus als armoedebeleid niet aan die kapstok hangt valt het straks gewoon af. Wij vragen om een aparte paragraaf armoedebeleid en bestaanszekerheid in dit beleidsplan waarin concrete doelstellingen worden opgenomen. Minder niet gebruik van regelingen, meer bereik van minimabeleid en ondersteuning van inwoners die niet mondig genoeg zijn om de weg zelf te vinden. Wij vragen om een ondergrens vast te stellen dat minimabeleid en preventieve voorzieningen niet mogen sneuvelen in bezuinigingsscenario's. Daarom zal GroenLinks zich beramen over een amendement en is dit voor ons al bij voorbaat geen hamerstuk. De voorzitter: Even voor de scherpte, mevrouw Gabin, dat ik u goed heb begrepen.

Over uw wens om een aparte paragraaf/hoofdstuk over armoedebeleid op te nemen, overweegt u zelf een amendement voor te bereiden, zeg ik dat goed? Dat is even belangrijk voor de scherpte, want het college kan het niet meer aanpassen voor u. Het stuk is nu van de raad en daarmee van deze commissie. Dank u wel, mevrouw Gabin. Dan gaan we door in deze eerste termijn. Wie mag ik het woord geven? Dat is de heer Alsemgeest, WIJ Lansingerland. De heer Alsemgeest: Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, als je de stukken doorleest, is het goed om te zien dat er aandacht is gegeven aan hetgeen de commissieleden en bijvoorbeeld de ASD en het rapport van de Rekenkamer hebben meegegeven in de aanloop naar dit beleidsplan. Onze fractie is tevreden over het opgestelde beleidsplan, waarin onzes inziens goed naar voren komt dat we ons moeten concentreren op het niveau van samenleving en de sociale basis. De heer Erwich kwam er al mee naar voren, laten we vooral niet vergeten hoeveel vrijwilligers er iedere dag bezig zijn om die sociale basis die we hebben binnen onze samenleving handen en voeten te geven.

Wetende dat door de bezuinigingen in de komende jaren hoogstwaarschijnlijk het ambitieniveau wat we graag willen iets te hoog gegrepen is, zou onze fractie aan het college mee willen geven om in het uitvoeringsplan duidelijk naar voren te laten komen dat vooral het niveau van de sociale basis waarin die

21/43

vrijwilligers hun werk doen hiervan niet de dupe wordt. Voor onze fractie is het beleidsplan in ieder geval wel een hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Alsemgeest. Dan ga ik naar de heer Smolders, D66. De heer Smolders: Dank u wel, voorzitter. Het beleidsplan, Grip op het leven van de doelgroep 18 tot 65, volgens mij zit daar de groep 55 tot 65 al in. En hoor ik ook bij die bijzondere groep. Ik had eigenlijk dit beschouwd als een hamerstuk, maar ik kom gaandeweg de behandeling van dit stuk van de andere partijen achter, met de uitzondering van WIJ, dat er toch best veel vragen zijn en opmerkingen op dit stuk. Als je het stuk als een beleidsstuk ziet, dan denk ik dat het gewoon prima kan. Want er staat gewoon helder in uitgelegd hoe het beleid de komende jaren wordt vormgegeven. En er is ook een opgave te doen als het om de financiën gaat. Dan moeten we niet vergeten dat als we op dezelfde voet doorgaan met de groei van 8000 mensen in een aantal jaren tijd, onder de volwassenen, dat je dan op een gegeven moment spaak loopt om het betaalbaar te houden. Dus er moet een verandering komen hoe we dat nu doen, denk ik. Dat denk ik niet alleen, dat denkt ook D66. Daarom zit ik hier. Dat het geen hamerstuk wordt, dat lijkt wel wiedes. Dus ik neem ook die opmerkingen serieus die gemaakt zijn door mijn collega's in de raad. In de commissie, sorry.

Dus kijk daar goed en serieus naar. Die uitdaging van de financiën heb ik net genoemd. Nog een compliment aan de Adviesraad Sociaal Domein. Door hun scherpe bijdrage is het stuk al wat verbeterd. Maar er behoort nog wat meer. Ik ben het ook eens met mevrouw Gabin van, kijk ook naar bestaanszekerheid en armoedebeleid. En in die zin, als dat allemaal wordt meegenomen en met aangepaste amendementen, dan moeten we eens kijken wat de raad gaat doen met dit stuk. De voorzitter: Het wordt bijna journalistiek zo, mijnheer Smolders. Dan moeten we eens gaan kijken wat de raad ermee gaat doen. Dat is wel waar. De heer Smolders: Ik zit niet in de raad. De voorzitter: Ook dat is waar. Dank u wel, mijnheer Smolders. Ik ga door in deze eerste termijn met mevrouw Biharie van de PvdA. Mevrouw Biharie: Dank u wel, voorzitter. Toen wij het beleidsstuk behandelen voor de jeugd, toen is er toegezegd over het bestaanszekerheid en armoede, dat het zou terugkomen in het beleidsstuk van de volwassenen. En terecht, mevrouw Gabin wijst erop, dat, en ook van ChristenUnie, mevrouw, dat het hier een gemiste kans is. Terwijl dat wel, even hoor, Annette. Dat stuk over armoede, bestaanszekerheid, dat zou hierin terug. Dat is steeds toegezegd en dat is hier heel vaag. En dat is ook het advies en de conclusie van Adviesraad Sociaal Domein. Dus ik zie graag de amendementen van GroenLinks tegemoet.

Daarnaast die speciale groep van de heer Erwich, daar ben ik heel erg benieuwd naar, mijn fractie. Die wachten we ook even af wat we daarin kunnen betekenen. Ik ben ook een van de gelukkige in die speciale groep. Ik ben niet van hokjes, maar ik weet niet waarmee u komt. Dus ik sta open voor uw amendement. Dus bij deze, overwegend wat GroenLinks en vooral ChristenUnie heeft ingebracht en het advies van Adviesraad Sociaal Domein, wordt het voor ons geen hamerstuk en gaan we even goed overwegen voordat het dan naar de raad kan. Dank u. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Biharie. Ik ga zo in de tweede termijn u wel vragen om te kiezen, mevrouw Biharie. Want of het gaat naar de raad en uw wacht amendementen af of u vindt dat het nog niet naar de raad kan. Maar beiden kan natuurlijk niet. Maar daar gaan we het zo wel over hebben. Dat komt helemaal goed, mevrouw Biharie. Daar ga ik u

22/43

bij helpen. Maar voordat we dat gaan doen, gaan we naar de laatste spreker. Mijnheer Oosterlaan, CDA. De heer Oosterlaan: Dank u wel, voorzitter. Gevraagd wordt om advies over het beleidsplan, Grip op het Leven. Dit beleidsplan heeft een zorgvuldig voortraject gehad met ophalen en bespreken van input bij betrokkenen. Veel tijd was hiermee gemoeid, maar het product is er dan ook naar. Er is een beeldvormingsavond belegd waar vertegenwoordigers zich konden uitspreken over het opgestelde beleidsplan. Met die inbreng is verder gewerkt aan het beleidsplan en het resultaat ligt nu voor ons. Als ik nu de eerste zes bullets op pagina 1 van het raadsvoorstel lees, dan denk ik, ga aan de slag met dit plan, waarin wordt uitgegaan dat het voldoet aan de normen en wensen die zijn opgehaald tijdens het overleg en informatiebijeenkomsten. Meerdere partijen vanuit de samenleving hebben inspanningen geleverd ten behoeve van een goed resultaat. Ervaringen en de daaruit voorkomende wensen zijn geuit naar het team van ambtenaren. Zij zijn met die input hard aan het werk en dit is tot stand gekomen. Het advies van ASD is voor een deel overgenomen en verwerkt in het beleidsplan. Ook maakt het ASD nog enkele waardevolle opmerkingen die niet opgenomen zijn in dit beleidsplan. De adviezen zijn van dien aard dat ze toch niet zomaar direct terzijde gelegd kunnen worden.

Het aantal inwoners wat tot de doelgroep behoort waarvoor dit beleidsplan is opgesteld is stijgende. 26 procent van onze inwoners behoort inmiddels daarbij. En die groep wordt niet alleen ouder, maar ook vitaler. Er zal dus regelmatig hierop moeten worden geanticipeerd. Het is echter in lijn met de vergrijzing die zich voordoet in Nederland. Een evenredige kostenstijging van dit plan, wat dit plan met zich meebrengt, moet wel in controle blijven. Niet te gemakkelijk worden afgedaan dat dit een logisch gevolg is van het toenemende aantal oudere inwoners. Met angst wordt al gekeken naar het zogenoemde ravijnjaar wat eraan komt. Ongetwijfeld heeft dit gevolgen voor de samenleving in Lansingerland en het ambitieniveau. Is alles haalbaar, is dan de vraag. In de begrotingsbehandeling van de gemeente zal elke keer weer de aandacht hier naartoe moeten gaan. Wat is mogelijk, ondanks de afnemende financiële middelen? Het maatregelenpakket, wat op pagina 5 van het raadsvoorstel wordt gesteld, wordt door het CDA ondersteund. Evenals voorgestelde flexibiliteit bij onzekere gemeentefinanciën. Dat wat nu allemaal in de gemeente is opgestart, met inbreng van een groot aantal vrijwilligers, moet in stand gehouden worden. Het draagt bij aan het sociaal welzijn van de doelgroep die in Lansingerland woont. Voor het taakveld Wmo wordt geadviseerd om te kijken naar de bezuinigingen.

Het CDA gaat er vooralsnog vanuit dat aanvragen betreffende Wmoondersteuning altijd deskundig worden bekeken en beoordeeld voor zij worden toegekend. We faciliteren en investeren in een actieve samenleving met behoud van de regie van eigen leven met als basis dat hulp daarvoor beschikbaar moet blijven. En er wordt ingezet op geschikt wonen van de doelgroep middels een doordacht bouwplan. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Oosterlaan. Daarmee zijn we aan het einde gekomen van deze eerste termijn van de commissie en wil ik de wethouder vragen om te reageren op de gestelde vragen. Met een heel kleine inleiding dan, wethouder. U heeft het woord. Beantwoording college De heer Hoek: Het beleidsplan, Grip op Leven staat nu op de agenda. Het is een vervolg op de uitgangspuntennotitie. En met het beleidsplan leggen we het wat vast. Het maakt onderdeel uit van de samenlevingsvisie waarin we al eerder plannen hebben vastgesteld. Kansrijk opgroeien, vitaal en waardig ouder worden en het integraal veiligheidsplan. Dit is het beleidsplan en hierna volgt het uitvoeringsplan wat concreet ingaat op het beleid wat we hier vaststellen. Daarna, en dat bespaart u misschien een hoop amendementen, daarna volgen er nog deelplannen omdat dit een bijzonder veelomvattend plan is. Het gaat natuurlijk om een hele grote doelgroep. Te denken valt aan het armoedebeleid,

23/43

schuldhulpverlening, inburgering en nieuwkomers, bijstand en participatie en preventieve gezondheid. Die komen dus allemaal nog terug in separate uitvoeringsplannen. Juist om de juiste aandacht te geven en omdat het ook een bijzonder veelomvattende materie is. Dus dat gaan we doen. Het plan kent ook weer de vier leidende thema's. Kansgelijkheid, bestaanszekerheid, gezondheid en leefbaar en veiligheid. En laat het nou zo zijn dat deze raad een amendement heeft aangenomen met betrekking tot bestaanszekerheid. En het college heeft dat te respecteren. We zijn ermee aan de slag gegaan. Dus dat betekent dat er een hele hoop zaken die nu in dit beleidsplan zitten, Grip op het leven, dat we daar afblijven. Omdat dat invulling geeft aan het amendement wat u heeft aangenomen. Eigenlijk alleen op het onderdeel gezondheid zullen er voorstellen vanuit het college komen om op te bezuinigen. Dus wat dat betreft hebben wij goed naar u geluisterd en is dat ook wat u wilt. Voor u ligt er dan nog wel een uitdaging hoe u de mogelijke bezuinigingen wel vorm en inhoud gaan geven. Maar daarvoor is de begrotingsbehandeling en die wachten we af. Met betrekking tot onze volwassenen hebben we vijf uitgangspunten en hier onderscheiden we zes prioriteiten in. Daar haak ik ook aan bij wat de VVD heeft gesteld van die prioriteiten, ik kan dat niet helemaal vertalen, maar de Engelse term, less is more.

En ik denk als u goed kijkt dan is dat dat is inderdaad wel de bedoeling. Dus de prioriteiten zijn er echt op gericht om wel goede hulp te blijven bieden, maar wel ook te kijken waar ligt de eigen verantwoordelijkheid. En ook, dat ben ik met de ChristenUnie ook eens, op het moment dat mensen die eerste stap niet kunnen maken moeten we wel nadenken over hoe je mensen inderdaad moet verleiden. En of dat via het netwerk gaat of dat daar een rol van de gemeente ligt daar kom ik straks nog even op terug. Dan Leefbaar 3B, is de gemeente administratiekantoor? Dat ben ik helemaal met u eens, mijnheer Erwich. Dat zou heel slecht zijn. Dat moeten we ook niet willen. Ik spreek regelmatig met onze ambtenaren, de uitvoerende mensen en ik kan u verzekeren dat de gemeente zeker geen administratiekantoor is, want we doen ons uiterste best om de juiste ondersteuning te bieden. En vrijwilligers, dat ben ik helemaal met u eens, is daar een hele belangrijke groep in. Zeker wanneer je uitgaat van hoe we dit ook weer aangevlogen hebben. Dat we een groot beroep doen op die samenleving. Vrijwilligers krijgen weinig herkenning. Dat is niet de avond om het hier over te hebben. Veel regels, daar gaan we vanavond ook niet over. Wat ik u wel zeg is dat wij onze vrijwilligers bijzonder waarderen en dat zij een belangrijke rol hebben in dit geheel.

De voorzitter: Wethouder Hoek, ik heb een interruptie van de heer, mijnheer Erwich, gaat die interruptie wel over het beleidsplan? De heer Erwich: Over de woorden van de heer Hoek. Dus het heeft te maken met het beleidsplan, neem ik aan. De voorzitter: Dat ga ik zeer strikt valideren. Wat is uw interruptie? De heer Erwich: Wat mij opvalt is dat de heer Hoek zegt dat vrijwilligers hier niet genoemd worden. En daar gaat het toch juist ook over in dit stuk. Die zitten hier toch in. Daarom valt het me op. Anders kan ik er toch niet opkomen. Ik schrijf het er niet zomaar tussen. De voorzitter: De wethouder gaat over zijn eigen woorden. Het punt wat de wethouder, denk ik, probeerde te maken, en wat voor de orde van deze vergadering wel handig is, is dat dank en waardering voor vrijwilligers niet an sich onderdeel uit hoeven te maken van het beleidsplan en in die zin dus niet vanavond aan de orde zijn. Dan gaan we nu door met de beantwoording op het beleidsplan, wethouder. De heer Hoek: Dank u wel, voorzitter. En ja, die vrijwilligers zijn in onze aanpak wel belangrijk. Laat dat duidelijk zijn. Maar niet, zoals de voorzitter het net verwoordde, daar

24/43

gaan we hier vanavond niet over. Die 55 plus en 65 plus mensen die daartussen vallen. U moet wel opschieten, want ik hoop dit jaar nog 64 te worden en ik wil zeker niet tussen wal en het schip raken. Maar ik ben wel heel nieuwsgierig wat u daar nou precies mee bedoelt en wat u voor ogen heeft. Want u heeft het over de toekomstige seniorenproblematiek proberen te voorkomen. Daar kan je niet tegen zijn. Maar hoe dat nou er concreet uitziet, dat wil ik u dan in de tweede termijn vragen. Daar ben ik wel nieuwsgierig naar. De ChristenUnie, de uitvoering valt of staat bij de uitvoering. Dat ben ik helemaal met u eens. Ik ben ook een doener. Het kan mij ook niet snel genoeg gaan. Over die positieve gezondheid, daarvan heb ik gezegd, daar komt nog een separaat uitvoeringsplan voor. Dus die vraag heb ik denk ik beantwoord. Gastvrije hulp, daarvan hebben we richting de ASD gezegd, daar zijn we wel een voorstander van. Alleen, het is in de samenlevingsvisie niet helemaal overgenomen. De initiatieven moeten wat ons betreft echt uit de samenleving komen. En vanuit die responsieve overheid, die moet wel een duwtje in de rug geven, maar niet trekken. Hetzelfde is, weleens als je met sportverenigingen om tafel zit, dan zeggen ze allemaal, we willen graag een sportraad. En als je dan zegt, neem het initiatief en kom dan naar ons toe, dat is heel ingewikkeld.

Als initiatieven uit de samenleving zelf komen, dan is wel de ervaring dat, dat heel veel meer oplevert. En ja, op het moment, dat ben ik wel met u eens, als u het heeft over gastvrije hulp, als iemand de weg niet weet te vinden, natuurlijk proberen we iemand daarin te helpen. Dat zou ook nog via diezelfde website kunnen, met een iets andere subtitel. De voorzitter: Wethouder, eerst een interruptie van mevrouw Molenaar. Mevrouw Molenaar-Van der Beek: Dank u wel, voorzitter. Toch nog even een kleine vraag naar aanleiding van wat er nu uit de samenlevingsvisie naar voren wordt gehaald. Dat staat er in principe in, maar er staat er ook in dat we ongelijke gevallen ongelijk behandelen. Dus als het gewoon nodig is, dan moet er toch gewoon opgetreden, tenminste, dan moet er toch juist vanuit de gemeente ook een beweging zijn. Dan kan het niet altijd alleen maar vanuit de samenleving komen. Want dat is nou precies het vangnet wat je wilt hebben en dat is wat ik bedoelde. De voorzitter: Wethouder Hoek, kort. De heer Hoek: Volgens mij hebben we dat altijd zo gesteld.

Iets wat nodig is, als we acteren op een zelfredzame samenleving en iemand heeft geen netwerk en wij constateren dat, dan zal je als gemeente heel erg moeten nadenken, hoe gaan we die persoon nou wel bereiken? Aan de andere kant, op het moment dat je iemand hebt die wel een netwerk heeft, dan kan je die insteek maken van, joh. Maar op het moment dat iemand helemaal zit te vereenzamen, ik noem maar een voorbeeld, dan snappen we met zijn allen, ook de uitvoerende medewerkers, dat we daar een andere actie op moeten zetten dan dit beleidsplan in grote lijnen behelst natuurlijk. De voorzitter: Nog een interruptie van de heer Alsemgeest. De heer Alsemgeest: Voorzitter, de wethouder noemt nu eigenlijk een aantal zaken. De heer Erwich kwam al, en dat mocht eigenlijk niet, over de vrijwilligers. aar nu komt de ChristenUnie en die zegt, als we hulp, dan moet er eigenlijk een hulpvraag uit de samenleving vandaan komen en waar komt dan die hulpvraag vandaan, wethouder? Die komt over het algemeen bij vrijwilligersorganisaties vandaan, die mensen willen helpen. En de vraag was of u in het werkplan straks rekening wilt houden met het feit dat we die vrijwilligers niet een schouderklopje geven, dat soort dergelijke dingen, nee, dat we een beetje een baan maken voor ze, dat ze goed en makkelijk hulp kunnen verlenen aan degenen die hulp nodig hebben.

25/43

De voorzitter: De wethouder. De heer Hoek: Dat kunnen we in ieder geval meenemen. We hebben hem genoteerd. Alleen hoe je dat moet organiseren vind ik wel een ingewikkelde. Want op het moment dat een vrijwilliger bij de voetbal zegt, deze man zit thuis te vereenzamen, dan vind ik het wel ingewikkeld hoe je daar dan op een goede manier moet op acteren. Maar ik ben het wel met u eens, op het moment dat we dit soort signalen krijgen moeten we wel nadenken, maar wat zou dan een adequate actie kunnen zijn? Maar hoe dat dan weer gaat met betrekking tot AVG en weet ik veel wat, maar in ieder geval is die genoteerd en kunnen we hem wat dat betreft meenemen. De balans tussen gastvrij en zelfredzaam dat is natuurlijk een ingewikkelde, daar heb ik het over gehad. En dat dat niet allemaal helemaal klip en klaar is, dat moge ook duidelijk zijn. Maar dat we die in ieder geval meenemen en erover nadenken van, hoe moeten we dan acteren, dat heb ik net toegezegd. Ik ben het met u eens dat we het niet als een bezuiniging moeten brengen. Dat ben ik helemaal met u eens. Dat is in principe ook niet helemaal de bedoeling. Ik bedoel, ik denk dat je een betere samenleving krijgt wanneer je een zelfredzame samenleving hebt en dat het geld bedoeld is voor de mensen die het echt nodig hebben. Dat ben ik helemaal met u eens. GroenLinks, het armoedebeleid.

Daar komt een apart beleidsplan voor, omdat op het moment dat je dat allemaal in één beleidsplan doet dan wordt het wel erg veel en het is nou juist de bedoeling om op een goede manier aandacht te schenken aan die armoede. Maatjesprojecten heeft u het over gehad. Sorry, dat was GroenLinks, neemt u mij niet kwalijk. Maatjesprojecten, ik ben het helemaal met u eens. Je kan heel eenvoudig zeggen dat dat wel onder bestaanszekerheid valt, die maatjestrajecten, omdat dat een heel belangrijk iets is voor mensen die dat op die manier nodig hebben. En wel op een dusdanige manier dat we die bestaanszekerheid op die manier kunnen waarborgen, organiseren is misschien een groot woord, maar wel dat dat aan de orde is. De voorzitter: Heeft u daar nog een interruptie over, mevrouw Gabin, zag ik? U heeft het woord. Mevrouw Gabin: De wethouder heeft eerder toegezegd dat armoede in het beleidsplan volwassenen zou terugkomen. Waarom schuift u dit nu door naar een uitvoeringsplan, terwijl dit beleidsplan zelf de kapstok is? Dat is onze vraag. Waar wij dus namelijk heel erg bang voor zijn, is dat wij de uitvoeringsplannen nu niet kunnen beoordelen, dat ligt in de toekomst. En al helemaal niet als de beleidsplannen zelf dus geen duidelijke kaders over armoede bevatten.

De concrete vraag is, kunt u garanderen dat de raad straks bij het uitvoeringsplan nog dezelfde invloed heeft als nu? Of dat we dus dan feitelijk al te laat zijn. Want u heeft het over deelplannen. Wanneer worden die deelplannen aan de raad voorgelegd en wanneer kunnen we ze verwachten? De voorzitter: De wethouder. De heer Hoek: Goede vraag. We hebben nu, grip op de samenleving. Als deze vastgesteld is, dan gaan we de vervolgstappen zetten. En de armoede uitgangspuntennotitie, daar krijgt u ook kennis van. Dus u kunt op inhoud meedenken en meepraten. Juist omdat wij het zo'n belangrijk onderwerp vinden. Maar dat geldt ook voor participatie, schuldhulpverlening. Al dit soort onderwerpen. De voorzitter: Mevrouw Gabin. Mevrouw Gabin: Kunt u mij uitleggen wat het verschil is tussen een deelplan en een uitvoeringsplan en in hoeverre de raad daar invloed op heeft?

26/43

De voorzitter: Hoe de raad daar invloed op heeft. De wethouder. De heer Hoek: We hebben nu het beleidsplan. En alle onderwerpen, ook armoede, wordt hierin genoemd. Maar het gaat te ver om in het beleidsplan heel inhoudelijk in te gaan over het armoedebeleid. Wij vinden het juist zo belangrijk dat dit de juiste aandacht krijgt door er een apart plan voor te maken waar u alle invloed nog op heeft. De voorzitter: Even voor de scherpte dan, wethouder, puur technisch, alle invloed, is dat een raadsvoorstel, die deelplannen? De heer Hoek: Dan moet ik even naar mijn buurvrouw kijken hoe we dat… Ambtelijke ondersteuning: Het wordt ter overweging aangeboden aan de commissie. De voorzitter: Dus geen raadsvoorstel. De heer Hoek: We hebben straks nog een minuut pauze, geloof ik, dan kom ik er in de tweede termijn op terug. De voorzitter: Helder. Gaat u dan verder met de beantwoording. De heer Hoek: Even kijken hoor. WIJ Lansingerland, sociale basis belangrijk, juist die vrijwilligers, heb ik net iets over gezegd. Partij van de Arbeid, bestaanszekerheid, armoede heb ik iets over gezegd. Het CDA, de input bij betrokkenen. Die hebben we opgehaald en daar zijn we mee aan de slag gegaan. Dat heeft u ook terug kunnen zien. Is alles haalbaar? Wat is mogelijk? Zeker afgezet tegen de op handen zijnde bezuinigingen zullen we keuzes moeten maken.

U heeft middels het amendement bestaanszekerheid daar al een keuze in gemaakt en daar zijn wij op verder gegaan. Dus dat betekent dat grip op je, dat dat voor een groot deel dat dat vast ligt. De begrotingsbehandeling moet straks uitwijzen of dat we dat ook boven tafel kunnen houden. Maar daar gaat u over. Dus de raad gaat daar straks over discussiëren. Wij hebben met het aanbieden van de begroting rekening gehouden met het amendement wat voor ligt met betrekking tot bestaanszekerheid. Dat was het, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, wethouder Hoek. Dan gaan we over naar de tweede termijn. Te beginnen in dezelfde volgorde, bij u, mijnheer Kampinga. Tweede termijn De heer Kampinga: Dank u, voorzitter. Ik heb eerder al eens gezegd, als we zo doorgaan, dan krijgen we mannen en vrouwen en kinderen. Je krijgt steeds meer groepen. Dus ik vind het uitsplitsen, tenzij daar echt een hele goede reden voor is, van 55 naar 65, vind ik heel twijfelachtig of het zinvol is. Verder, ik ging ervan uit oorspronkelijk dat er gewoon één veelomvattend uitvoeringsplan zou komen, maar ik ben een beetje de draad kwijt. Er komt een plan voor schuldhulp, er komt voor armoedebeleid. Kunt u dat zo nog eens even helder uitleggen? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kampinga. Mevrouw Gielis. Sorry, het was u, mijnheer Erwich. Ik zit bij de goede partij, maar nu ook bij u, mijnheer Erwich.

De heer Erwich: Zeker. Dank u wel. Ik ben blij dat de heer Alsemgeest zo mooi over de vrijwilligers heeft gesproken. Dan kan ik dat overslaan. Maar zoals u merkt, voelen veel

27/43

mensen van 55 tot 65 plus zichzelf vaak nog gewoon midden in het leven staan. Dat is natuurlijk ook zo. Ze werken nog lekker, ze zijn actief, zelfstandig. En ze doen een beetje lacherig als je erover gaat praten. Dat valt me nu even vanavond op. Verschillende zeggen nu, maar ik zit er nog hartstikke goed in. En dat is misschien ook precies waarom ik daar een aparte doelgroep voor zou willen. Kijk, ik val erbuiten, dus ik doe het niet voor mezelf. Laten we dat even vooropstellen. Ik ben nog jonger dan die groep. Maar juist zij zitten in die overgangsfase. En door hen apart te benoemen, kunnen we beter inspelen op de behoeften en de problemen die later gaan komen. Dus je kan je al daarop voorbereiden. Daarom is het zo belangrijk om goed uit te leggen waarom je hen apart wil benoemen. Want tot 55 jaar ben je nog natuurlijk lekker in volwassenen beleid en dan voel je je nog jong en dan fruitig. Maar vanaf 65 ben je gewoon oud en dan zit je in het ouderen beleid. Dus daartussenin is gewoon niks te vangen. En daartussen val je dus gewoon in het wal, tussen de wal en het schip. Ik denk dat het belangrijk is. Ik doe het niet voor mezelf, ik doe het voor jullie lachers. Dus ik dacht dat het heel boeiend zou kunnen zijn om erover te praten om daar een amendement voor te maken, zodat de aandacht er blijft.

En natuurlijk zijn jullie vitaal en werken, maar dadelijk komt de mantelzorg of er komen misschien andere problemen die je nu even niet voorziet en daar is dat stukje voor. Dank u wel. De voorzitter: Dus concreet, mijnheer Erwich, het is geen hamerstuk, want Leefbaar 3B gaat een amendement voorbereiden over 55 tot 65-jarigen? De heer Erwich: Ja, dat lijkt mij een zinvolle aanvulling. De voorzitter: We zien dat graag tegemoet, mijnheer Erwich. Dank u wel. Dan gaan we door naar mevrouw Molenaar, voor de tweede termijn. Mevrouw Molenaar-Van der Beek: Dank u wel. Ik raakte nog meer in verwarring toen de heer Erwich begon over 55 plus en de overgang. Dan ga ik toch ook weer gelijk aan hele andere dingen denken. Maar dat even, maar dat terzijde. Ik heb erover nagedacht. Ik denk niet dat het nodig is om er een aparte groep van te maken, want hetzelfde probleem heb je ook bij jongeren van jong naar volwassen. Je hebt altijd grenzen, zijn altijd lastig. En als je 55 gaat maken, dan gaat het bij een 54-jarige die heel veel fysieke problemen heeft, geeft ook weer een probleem. Dus ik zie voorlopig nog geen aanleiding om een aparte groep te ondersteunen. Tenzij er echt zo'n ontzettend mooi plan komt dat ik denk, daar gaan we gelijk voor meestemmen.

Dus ik vind in ieder geval de aandacht dat je er goed op voorbereid bent dat je ouder wordt en dat je daar rekening mee moet houden, dat is in ieder geval een goed signaal. Maar of dat hier voor dit plan nu van belang is dat vraag ik me dus af. Dus ik kan daar nog even niks mee. Het armoedebeleid vind ik toch wat anders. Ik ben toch ook nog even een beetje in de war van, armoede voor bestaanszekerheid en inkomensregelingen, minimabeleid. Dat vinden we als ChristenUnie ook een heel belangrijk punt. Ook straks als het gaat over, waarop ga je wel of niet bezuinigen. Dus ik vind het nog wel een beetje bijzonder, op welk moment gaan we in de commissie of in de raad daar nog een mogelijkheid voor krijgen om daar dan wat van te vinden. Dus daarvoor hangt wel vanaf hoe we daar, dus daar gaan we niet zelf een amendement van maken, maar ik ben wel heel benieuwd wat eventueel er nog gaat komen. Voor onszelf is het dus een hamerstuk, maar ik heb wel nog wat vraagpunten. Heb ik het zo gehad? Ja. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Molenaar. Mevrouw Gabin, GroenLinks. Mevrouw Gabin: Dank u wel, voorzitter. Dank voor de beantwoording, maar wij blijven erbij, armoedebeleid hoort in dit beleidsplan. De wethouder heeft dat ook toegezegd. Nu wordt het doorgeschoven naar een uitvoeringsplan. Maar dat uitvoeringsplan stelt de raad niet vast.

Wij mogen daar hooguit overwegingen mee geven, zoals het vorige agendapunt.

28/43

Daarmee verliezen wij als raad onze kaderstellende rol. Daar komt bij dat in deze bezuinigingsscenario's juist het minimabeleid en de maatjesprojecten als eerste sneuvelen. Als armoedebeleid nu niet stevig in dit beleidsplan staat, dreigt het straks tussen wal en schip te vallen bij de eventuele begrotingsafwegingen. Dus wij zullen ons beramen over amendementen en voor ons is het geen hamerstuk. De voorzitter: Helder. Dank u wel, mevrouw Gabin. Mijnheer Alsemgeest. De heer Alsemgeest: Voorzitter, toch nog heel eventjes terug. In de eerste termijn gaf ik aan dat het voor ons, wat onze fractie betreft, een hamerstuk is. Goed luisterend naar wat mevrouw Gabin zegt, moeten wij er toch ook nog eens eventjes over nadenken. Want dat armoedebeleid, dat zou hierin terugkomen. Nu komt het eigenlijk niet terug, maar komt het misschien straks in het werkplan terug. Maar wat mevrouw Gabin ook zegt, wij hebben straks over het werkplan eigenlijk geen beslissing meer te nemen. Dat is een collegeopdracht, laten we maar zeggen. Dus wij mogen dan misschien nog wel iets aandragen, maar uiteindelijk beslissingsbevoegdheid over dat hele zaakje hebben we dan niet meer. Dus dat vind ik een beetje jammer. Dus we gaan daar nog eventjes over beraden en kijken waar GroenLinks mee komt. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Alsemgeest. De heer Smolders in tweede termijn.

De heer Smolders: Ja, voorzitter. Het gaat van mijn tijd af. De voorzitter: Ik had uw microfoon al uitgezet, mijnheer Smolders. Daar had ik overigens een ander doel mee dan u tijd besparen. We moeten toch voorkomen dat er allerlei dingen op de webcast te horen zijn waarvan we niet weten wat het is. De heer Smolders: De heer Erwich aanhorende over die groep 55 tot 65 besef ik me ineens dat ik in een ontkenningsfase zit met mijn 58. Dus ik zie het niet zitten, en dat ben ik ook met mevrouw Molenaar eens, om nu een aparte groep hierin te zetten. Tenzij hij met een heel mooi amendement komt waarvan we denken, dat is misschien toch wel slim om te doen. En dan kom ik wellicht uit die ontkenningsfase. Ik ben het wel eens met het amendement van GroenLinks, mevrouw Gabin, dat het beleid armoede en bestaanszekerheid volgens mij ook in een beleidsplan thuis hoort. Ik heb het nog snel even gescreend, maar ik kon het niet goed terugvinden. Want de wethouder gaf aan dat het er al in stond, maar waar dan, zou ik het wel willen weten. Dus het is denk ik geen hamerstuk en kijken we welke amendement we kunnen steunen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Smolders. Dan ga ik naar de PvdA, mevrouw Biharie. Mevrouw Biharie: Dank u wel, voorzitter. Ik had nog een vraag aan de wethouder in de eerste termijn. Hij zei, als er bezuinigd gaat worden, wordt het op gezondheid.

Nou vind ik gezondheid een breed begrip, dus zou de wethouder één concreet klein voorbeeld daarvan geven, waar zijn gedachte op zit als hij het heeft over bezuinigen op gezondheid. En daarnaast, wij gaan zeker met GroenLinks over de armoede, want ik weet dat het eerder is toegezegd om in het beleidsplan hier volwassenen terug te komen. En aangezien we daar straks alleen maar overwegingen kunnen meegeven gaan we dat amendement samen opstellen. Daar wil ik het bij laten. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Biharie. Dan, tot slot, mijnheer Oosterlaan nog een toevoeging?

29/43

De heer Oosterlaan: Dank u wel, voorzitter. Ik wil het kort houden. Alleen nog één opmerking en dat is, wij, CDA, vinden het niet nodig dat er nog meer doelgroepen worden aangeduid dan die er al nu zijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Oosterlaan, dat is helder. Daar gaan we het over twee weken in de raad dan verder met elkaar over hebben, want het amendement is aangekondigd. Wij zijn aan het einde van de tweede termijn van de commissie en gaan voor een laatste reactie naar wethouder Hoek. Beantwoording college De heer Hoek: Dank u wel, voorzitter. De vragen die concentreren zich rond het amendement van Leefbaar 3B, denk ik. De 55, 65 plus. Ik hoor wat medestanders, ik hoor ook wat mensen die daar kritisch over zijn. Een leeftijdsgroep is altijd arbitrair. Maar we moeten de inhoud van het amendement dan maar afwachten, in hoeverre dat op een meerderheid kan rekenen. Daarnaast hoor ik heel veel vragen over de uitvoeringsplannen. Dat kan niet nieuw zijn, want dat is in de beeldvorming in juli is dat met u gedeeld, dat er vier uitvoeringsplannen komen. Participatie, schulden en armoede, gezondheid en maatschappelijke ondersteuning, nieuwkomers en inburgering. Dat is tijdens de beeldvorming aan de orde gekomen. En dus, het kan op dit moment geen verrassing zijn dat we dat op die manier bedacht hadden.

Daarnaast krijgt u dan, moet ik het goed zeggen, de uitvoeringsplannen ter overweging. En dat zal plaatsvinden, commissie Samenleving, net als bij het werkprogramma. Dus wat dat betreft zit daar geen verschil in. Dus dat. Dan had mevrouw, de Partij van de Arbeid vroeg nog iets over gezondheid. Nee, daar ga ik op dit moment geen mededeling over doen, want daar moet het college nog iets van vinden. Maar met name die gezondheid is een onderdeel wat niet direct terug te, dat heeft niet direct iets met bestaanszekerheid te maken. Maar we komen daar in de begroting bij u op terug. Dank u wel. De voorzitter: Nou wil ik nog even een aantal kansen geven voor interrupties, omdat ik wel even met u wil gaan afhameren wat we met het stuk gaan doen. Maar die interrupties moeten wel gaan over het beleidsplan. Mevrouw Biharie, ik ga bij u beginnen. Mevrouw Biharie: Voorzitter, de wethouder gaf net aan… In de beeldvorming is over het beleidsplan aangegeven over de uitvoeringsdeelplannen. Maar ik wil de wethouder wel meegeven, en ik heb de eerste termijn, ik blijf dat aangeven, daarvoor is toegezegd door uw collega-wethouder Cnossen dat armoede zou terugkomen in het beleidsplan. En daarom blijf ik daaraan vasthouden. Dus in de beeldvorming over de uitvoering, daar heeft u gelijk in.

De voorzitter: Maar mevrouw Biharie, wat is dan uw interruptie? Want de wethouder kan het nu niet meer aanpassen, want het stuk is van de raad. Mevrouw Biharie: Juist, maar ik wil het wel hier scherp gesteld hebben dat dat toegezegd is en dat het nu verschoven wordt. Dat wil ik wel. En niet omdat de wethouder nu zegt, in de beeldvorming hadden jullie meegekregen. Maar we hebben ook dat meegekregen, dat het nu erin zou zitten, de armoede. Dat wil ik wel even ook helder hebben. Daar laat ik het bij. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Biharie, dat is helder. Het is niet helemaal een interruptie, mevrouw Biharie, want het debat is afgesloten. Is er nog een commissielid dat een prangende interruptie heeft voor de wethouder, voordat we kunnen concluderen wat we met het stuk gaan doen? Dat is niet het geval. Dan doe ik u het volgende voorstel, onder mogelijk

30/43

amendement van Leefbaar 3B en van GroenLinks, mevrouw Gabin, onder mogelijk amendement van Leefbaar 3B en van uw partij, GroenLinks, gaat het stuk naar de raadsvergadering over twee weken. Kan dat op uw instemming rekenen? Ja? Mooi. Dan is dat klaar. Dan gaan we nu schorsen voor drie minuten voor onze avondactiviteit. We gaan een stukje wandelen. Schorsing 6.b Rapport Rekenkamer Lansingerland 'Samen op zoek naar zicht. Onderzoek GR Jeugdhulp Rijnmond.' De voorzitter: Dames en heren, welkom terug bij deze vergadering. Als u allemaal weer plaats wilt nemen, alstublieft. Dan heropen ik hierbij de vergadering van de commissie Samenleving. Zijn we aangekomen bij agendapunt 6.b, het rapport van de Rekenkamer Lansingerland, Samen op zoek naar zicht. De Rekenkamer onderzocht voor de periode 20182024 of regionaal jeugdhulp inkopen via de GRJR, de gemeenschappelijke regeling jeugdhulp Rotterdam, of Rijnmond, excuus, maar dat wist u allemaal, voldoet aan de verwachtingen van regionaal samenwerken. Centraal staat de vraag in hoeverre de GRJR de regionale jeugdhulp op een effectieve en efficiënte manier organiseert en of de gemeente hier ook dan adequaat over wordt geïnformeerd. De Rekenkamer doet in haar rapport vijf aanbevelingen en het is aan de raad om een besluit te nemen.

Dat betekent ook dat dit nadrukkelijk een debat is binnen de commissie, want de Rekenkamer is tenslotte een middel van de raad. Dus de vraag die voor ligt is of u akkoord bent met het raadsvoorstel en wat u daar verder van vindt. Wie mag ik dan als eerste het woord geven? Dat is de heer Wezenberg van de VVD. Eerste termijn De heer Wezenberg: Dank u wel, voorzitter. Ik wil eerst even het volgende benoemen. Vandaag zag ik tot mijn grote vreugde een glazen huis in Berkel Centrum. Hier wordt aandacht gevraagd voor laaggeletterdheid. De voorzitter: Mijnheer Wezenberg, uw mooie woorden verliezen aan aandacht omdat u uw microfoon niet zo goed gebruikt. Dus zou u hem wat dichter bij u kunnen houden en ook wat meer in de microfoon praten? Dank u wel. De heer Wezenberg: Vandaag zag ik tot mijn grote vreugde in het dorp een glazen huis. Hier wordt aandacht gevraagd voor de laaggeletterdheid. Ik heb vanmiddag overwogen met de begeleidende brief bij het voorstel van het rapport van de Rekenkamer mij te melden bij dit huis. Door de wollige ambtelijke taal voelde ik me uitstekend passen bij het glazen huis. In maart 2025 verscheen er een conceptrapport. In juni reageerde het college en in juli was er een beeldvorming. Nu vraagt het college de aanbevelingen als gedaan in het rapport over te nemen.

De vraag die nu opkomt, hoe gaat het college dit doen? Wat gaat de gemeente Lansingerland hiervan merken? Maar bovenal, wat gaat de inwoner hiervan merken? Inmiddels is het september 2025 en hebben we inderdaad nog vijf commissievergaderingen te gaan en, snel doorberedenerend, nog vijf raadsvergaderingen voor de verkiezingen. Het zou mooi zijn dat we voor die tijd de eerste veranderingen kunnen merken van de overgenomen aanbevelingen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Wezenberg. Dan heb ik de heer Alsemgeest, WIJ Lansingerland. Excuus, mijnheer Alsemgeest, u heeft het woord.

31/43

De heer Alsemgeest: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, voor ons ligt een raadsvoorstel, het zijn in principe maar drie A4'tjes, met de titel, Rekenkamerrapport, Samen op zoek naar zicht. De titel is voor mijn fractie al veelzeggend, Samen op zoek naar zicht. 9 juli, zoals de heer Wezenberg al zei, vlak voor het zomerreces, gaf de heer De Ridder, plaatsvervangend directeur van de Rekenkamer, een beeldvormende avond, hier uitleg over dat rapport. En nadat hij een aantal zaken benoemd had, die nog niet zo goed liepen, even kijken, ik citeer, dat had ik even beter voor moeten bereiden, jongens. Jammer. Dat er een aantal zaken nog niet zo goed liepen. Ik kan het even niet meer vinden, maar jammer. Dat is even pech. Maar ik heb hem toen gevraagd, het waren zeker vijf punten die hij toen aangaf die niet zo goed liepen. Ik heb hem toen de vraag gesteld wat hij er zelf van vond, omdat ik het idee had dat we helemaal nergens zicht op hadden. Alles wat hij benoemde was vaag en het moest beter. De heer De Ridder gaf toen meteen te kennen dat het niet goed is om alles weg te gooien en opnieuw te beginnen, want dat duurt vaak langer en is duurder dan bij te sturen waar kan. Dat was ik deels wel met hem eens. Er kwamen in dat rapport een aantal aanbevelingen, vijf stuks, en zo ook hier in het raadsvoorstel. Er staat echter ook in dat het college maar vier van de aanbevelingen wil overnemen.

Aanbeveling twee kan men nog niet overnemen, want men wil eerst het inkoopbeleid evalueren en vergelijken met alternatieven. Onze fractie kan zich in die gedachte wel vinden, maar waarom staan er dan toch vijf aanbevelingen in het voorstel? Ik hoor dat graag van de wethouder. Als laatste punt wil ik graag van de wethouder weten hoe wij omgaan met de kanttekening van de Rekenkamer, dat deze aanbevelingen alleen geïmplementeerd kunnen worden als alle GRJRgemeenten deze vijf aanbevelingen ondersteunen. Want als dat niet zo is, dan komt er toch nog weer niks van terecht. Tot zover. De voorzitter: Mijnheer Alsemgeest, ik ben als uw voorzitter erg blij met uw termijn, want die noopt mij tot de enige optie die ons rest deze avond, en dat is om onze griffier het woord te geven, om u uit te leggen hoe dit raadsvoorstel tot stand is gekomen. Ik geef graag de commissiegriffier het woord. Mevrouw Kokke: Dank u wel, voorzitter. U vraagt hoe het raadsvoorstel zo tot stand is gekomen en waarom alle vijf de aanbevelingen zijn overgenomen, terwijl het college aangeeft dat er maar vier aanbevelingen overgenomen kunnen worden. Het is zo dat de Rekenkamer een adviesorgaan is van de raad. De Rekenkamer doet de aanbevelingen ook aan de raad en niet aan het college. Dus het is alsnog aan de raad om te bepalen of zij de aanbevelingen opdraagt aan het college, ja of nee.

Overigens is het misschien nog interessant om te vermelden dat de andere gemeenten ook hetzelfde onderzoek hebben uitgevoerd en jullie moeten er samen uitkomen. Pas dan kan het uitgevoerd worden. En andere gemeenten hebben aangegeven dat het wel uitvoerbaar is, dat alle aanbevelingen uitvoerbaar zijn. En er zijn zelfs al gemeenten waartoe dit zo is besloten. De voorzitter: Zijn daarover nu interrupties of vragen aan de griffier? Nee? Dan gaan we verder met, ja, mijnheer Alsemgeest. De heer Alsemgeest: Voorzitter, dan heb ik nog heel even de vraag, de andere gemeenten hebben wel aangegeven alle vijf de aanbevelingen mee te nemen. Dan zou dat bij ons vandaan ook zo moeten zijn, anders zijn niet alle gemeenten gelijk. Of zie ik dat verkeerd? De voorzitter: De griffier. Mevrouw Kokke: Het is aan uw raad om dat te doen. Het is wel zo dat alle gemeenten moeten instemmen, anders kan het sowieso niet uitgevoerd worden. We moeten gezamenlijk optrekken. Maar in het rapport leest u ook welke colleges hebben aangegeven

32/43

of het wel of niet mogelijk is. Ik heb zo even het paginanummer niet voor u, maar het staat in het rapport van de Rekenkamer. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan wij nu verder met de eerste termijn. Is dat oké? Ja? Ik kan niet beoordelen of dat nog vragen aan de griffier zijn of een vervolg van de eerste termijn. Maar het is een vervolg van de eerste termijn. Mevrouw Gielis, u heeft het woord. Mevrouw Gielis: Dank u wel, voorzitter. Wij hinken inderdaad op twee benen. En de heer Alsemgeest heeft het gras al voor mijn voeten weggemaaid. De uitleg van de griffier is duidelijk. We hebben het inderdaad over die aanbeveling nummer twee van de Rekenkamer aangaande het inkoopmodel. De wens van de Rekenkamer is om beter te sturen, want dan wordt het resultaat beter en kunnen de kosten omlaag. Zij pleiten om die reden voor inzet op stapsgewijze verbetering van het inkoopmodel. Het college wil graag het huidige model eerst evalueren en dan vervolgens vergelijken met alternatieven, voordat zij zich committeren aan de voortzetting van het huidige inkoopmodel. Dan komt er ook nog bij dat alle dertien gemeenten het ermee eens moeten zijn. Maar ons inkoopmodel moet ook in 2029, meen ik, opnieuw worden aanbesteed. Dus al met al is er nog wel een beetje tijd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=06810ec8-f366-4c44-a746-1a1ccfb4ef97