CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[BV25.0067] Verslag gezamenlijke commissie perspectiefnota 18 juni 2025

Commissie Algemeen Bestuur 10 september 2025, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling verslag vorige vergaderingen 18 en 25 juni47.843 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

We zijn wat dat betreft helemaal niet daar radicaal in, in die lasten, maar echt als last resort zien we dat. Voorzitter, het is niet altijd transparant wat we nou bedoelen met wat in deze stukken. Dus even ter check. U kent het CDA als een voorvechter

16/76

van ons tuinbouwcluster. De parel van Lansingerland. Lansingerland Home of Horti Science was voor drie jaar gefinancierd. Die reeks is nu ten einde. Dus voor hoeveel geld, dat is mijn vraag aan wethouder Hoek, voor hoeveel geld zit eigenlijk die uitvoeringsagenda Horti Science nu nog in de begroting voor volgend jaar? Hoeveel was het vorig jaar? En wat is eigenlijk de impact van de voorstellen in deze perspectiefnota? Er moet wel iets over blijven. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken voor een interruptie van de heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. Ik wil terug naar het punt van bezuinigen op Wmo en jeugd, het verwijt die de heer Van den Beukel aan het college doet. Zijn de voorgestelde bezuinigingen in die twee scenario's onvoldoende voor het CDA als het gaat om jeugd en Wmo en participatie? En welke concrete bezuinigingen kunnen ingeboekt worden volgens het CDA? De voorzitter: Ik ga terug naar de heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Voorzitter, welke voorstellen wij doen, dat zou een legitieme vraag zijn als wij met het voorstel zouden komen in eerste instantie. Maar het voorstel kwam, ik heb het geciteerd, van het college. Die hebben een consultant ingehuurd. Die consultant zei, daar en daar geven jullie te veel uit. Het college zou zelf onderzoek doen en met voorstellen komen. En dat hebben ze gewoon verzaakt tot nu toe.

Ik kan het niet anders zeggen. Tenminste, of ik heb een brief gemist, ik hoop het. Maar dat is mijn vraag. En dat is ook echt de verwachting die ik bij het college neerleg. Voorzitter, als we dan doorgaan naar een ander punt waar we wat vaagtaal aantreffen dan is dat op het vlak van ondernemen, vindingrijk en ondernemend. Dat is een term uit de omgevingsvisie. Maar daaronder zit, denken wij, eigenlijk het geld voor het warmtenet voor de tuinbouw. Want er staat heel klip en klaar, ik heb daar GroenLinks niet over gehoord, tot mijn verbazing, we gaan de doelen voor klimaat niet halen. En dan heb ik het niet over de duurzaamheidslening, dan heb ik het echt over de klimaatdoelen. De heer Markus wees daarop. Voorzitter, betekent dit nu dat eigenlijk het college wil stoppen met ondersteuning van de uitrol van het warmtenet? Dat zou echt een hele onverstandige keuze zijn, zoals wij er naar kijken. Omdat je daarmee onze inwoners, onze tuinders met name, opzadelt met hele hoge aardgasrekeningen in de komende jaren. En je mist die klimaatdoelen en je maakt de tuinbouw kwetsbaar voor de economische ontwikkelingen die eraan zitten te komen. Graag daar verduidelijking van wethouder Muis. Bijna tot slot, voorzitter. De uitgangspunten van de begroting. Heel veel daarvan is prima en logisch. Maar, dat is for the record.

1.13 van de uitgangspunten, daar staat, de lasten, die moeten fors omhoog. Daar zijn we dus echt nog lang niet van overtuigd als CDA dat dat nodig is tot we zeker weten dat alle franje weggesneden is. Dus daar maken we een voorbehoud. Helemaal tot slot, voorzitter, de Partij van de Arbeid maakte een heel helder en valide punt wat ik ook had willen maken over het inzetten van de algemene reserve, ten dele, omdat we inderdaad niet kunnen uitleggen, afgelopen jaar hebben we vier miljoen aan meevallers gezien in het jaarverslag ten opzichte van de begroting. Dat is zodanig veel dat we niet moeten nalaten om gebruik te maken van die regel. Dus we steunen het amendement. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van den Beukel. We gaan naar WIJ Lansingerland. De heer Bik geef ik graag het woord. Gaat uw gang. De heer Bik: Dank u wel, voorzitter. Allereerst wil ik mijn waardering uitspreken voor het opstellen van deze perspectiefnota. Voor iedereen een nieuwe manier van werken. En elke manier heeft zo zijn voors en tegens. En het is af en toe nog wat geblinddoekt sturen, maar we nemen nu ook nog geen onomkeerbare besluiten vandaag. We benoemen vooral wat voor

17/76

gemeente we willen zijn. En het is geen gemakkelijke tijd om keuzes te maken. Veel financiële informatie vanuit het Rijk ontbreekt. WIJ Lansingerland wil vooraf benadrukken en met nadruk stellen dat de voorgestelde bezuinigingsrichtingen niet het gevolg zijn van financieel wanbeleid of onzorgvuldig bestuur. Het is ook niet zo dat ik dat mensen heb horen zeggen, maar ik vind het wel belangrijk om dat te benoemen, door deze raad of het college. De pijn zit veel dieper. Structureel te weinig middelen vanuit het Rijk voor taken die eerder centraal gefinancierd werden. Tel daarbij op het landelijk bezuinigingsbeleid van het huidige demissionaire kabinet en we bevinden ons als gemeente in een krap keurslijf, financieel gezien. Met als klap op de vuurpijl de enorme onduidelijkheid over de financiële Rijksbijdrage. We maken geen gemakkelijke keuzes, maar noodzakelijke keuzes. En WIJ Lansingerland steunt in de basis de collegevariant als basis voor de perspectiefnota. Wel hebben we eerder aangegeven dat we een aantal accenten en verfijningen wensen. Met name op de thema's, verbonden in de metropool. Dus niet naar binnen gekeerd zijn, maar juist samenwerken. Dat heb ik nu ook vanuit onder andere de fractie van D66 gehoord. En vindingrijk en ondernemend. Bijvoorbeeld het behoud van vestigingsklimaat en goed onderhouden bedrijventreinen.

Ik hoorde ook andere partijen op dit onderwerp, maar dan juist op het duurzaamheidsvlak. Daar hebben we, en verder hebben we daar niet veel medestand in gehoord. Op basis van de nu voorliggende perspectiefnota vragen wij het college om, zodra er financiële ruimte ontstaat, bijvoorbeeld via de meevallers in de mei- of septembercirculaire, de bezuinigingen op jeugd, sportverenigingen en ouderen als eerste te ontzien. Met betrekking tot jeugd kent u ons standpunt. WIJ Lansingerland staat voor preventie. En denk aan de projecten die zich richten op opvoedondersteuning, vroegsignalering en het versterken van de pedagogische basis. Deze aanpak verdient zich terug in maatschappelijk en financieel opzicht. Ik heb ook heel veel meer partijen hier voorafgaand over gehoord. Onze fractie zou dan ook graag zien dat als er financiële meevallers zijn het ambitieniveau van de pijler kansrijk opgroeien weer hersteld wordt. Tegelijkertijd vragen we ook om scherpte. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken voordat u aan die scherpte gaat beginnen. Ik ga eerst naar de heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. Ik denk dat de partij van WIJ Lansingerland profileert zich als sociale partij. Maar ik hoor wel de heer Bik praten over ondernemen. Het wekt de indruk dat het ondernemingsklimaat boven kansrijk opgroeien.

Klopt deze conclusie? Want ik zie wel dat als er ruimte ontstaat, dan wel niet bezuinigen. De voorzitter: Ik ga terug naar de heer Bik. De heer Bik: Eén, ja, wij zijn een sociale partij. Ja, en wij zijn een partij met ondernemers. Er zit er hier eentje naast me. En dat kan tegelijkertijd hand in hand met elkaar samengaan. Dus daar waar wij zeggen dat we graag zien dat ondernemerschap en vindingrijk en ondernemendheid in de gemeente moet worden gestimuleerd, wil dat juist zeggen dat we onze rijkdom en onze basis van goede bedrijven in de regio willen vasthouden. Wat dan ook weer het effect heeft op het binnenhalen van meerdere inwoners en een fijne omgeving om in te werken en te wonen. Is dat zo genoeg antwoord op uw vraag? De voorzitter: Als u die vraag gaat stellen, dan gaat de heer Azzouzi reageren. Mijnheer Azzouzi. De heer Azzouzi: Ik wil duidelijkheid krijgen, gaat er nou kansrijk opgroeien, niet bezuinigen op kansrijk opgroeien boven ondernemers?

18/76

De voorzitter: Ik ga terug naar de heer Bik. De heer Bik: Wat mij betreft wordt de mogelijkheid onderzocht om dat allebei te doen. Dus het is niet of-of, dat heb ik ook niet gezegd. Tegelijkertijd vragen wij om scherpte, zo gaf ik net aan. Bereiken we in de jeugd de juiste doelgroepen? Zijn de subsidieregelingen effectief? Wij geloven in kansgelijkheid, maar ook in wederkerigheid. Zelfredzaamheid moet waar mogelijk het uitgangspunt zijn. Tegelijkertijd moeten we de mensen ondersteunen die het echt nodig hebben. Zonder het vangnet te laten veranderen in een hangmat. En hopelijk gaat de op handen zijnde vernieuwde verordening jeugdzorg hier aan bijdragen. Dan sportverenigingen. Wij Lansingerland stond aan de wieg van het met ruime meerderheid aangenomen amendement A20-23-0017. Dat regelt… ik hoor geen interruptie, dus ik ga even verder. A2023-0017, dat regelt dat de indexering van sporttarieven wordt gemaximeerd op 5 procent ten opzichte van de voorgaande twaalf maanden en geen verdere tariefsverhogingen. Ik roep het college op om op korte termijn in gesprek te gaan met vertegenwoordigers van de sportverenigingen om de vraag te beantwoorden, hoe kunnen we samen de financiële uitdagingen binnen het sportdomein oppakken en waar zit de ruimte om oplossingen te vinden? Tot slot, onze ouderen. Zij verdienen het om zoveel mogelijk ontzien te worden.

Ze hebben onze samenleving opgebouwd en dragen vaak ook nu nog bij als vrijwilliger of mantelzorger of anders. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken voor een interruptie van de heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Voorzitter, dank. Toch een beetje bezorgd door de op zich sympathieke woorden van collega Bik over sport. Inderdaad, hebben we daar zij aan zij gestaan om te voorkomen dat de huur van de sportverenigingen fors verhoogd werd, zoals het college voorstelde. Maar nu wil hij in gesprek gaan met sportverenigingen, althans het college vragen. Met welk doel vraag ik dan af? Om te praten om toch de huur te verhogen of wat is zijn verwachting? De voorzitter: Ik ga terug naar de heer Bik. Gaat uw gang. De heer Bik: Op alle vlakken zijn volgens mij uitdagingen benoemd in de komende tijd voor wat betreft haalbaarheid van ambities. En om te kijken hoe we zo min mogelijk aan die ambities en aan die pijlers van sport gaan zagen, willen we vooral ook met die sportverenigingen om tafel om te horen, waar zien ze zelf wellicht wat maatregelen die ze kunnen nemen om te zorgen dat ze gewoon hetzelfde kunnen blijven doen, met hetzelfde bedrag, of misschien met een iets minder bedrag, dan wat er eerder werd begroot. Dus voordat wij zelf gaan besluiten wat goed voor ze is, ga dan vooral met ze in gesprek om te horen wat de ideeën daar zijn en de creativiteit.

De voorzitter: Even kijken, ik zie een vervolginterruptie van de heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Voorzitter, in gesprek gaan klinkt goed. Ik ga er eigenlijk vanuit dat het college dat voortdurend is met die sportverenigingen. Maar begrijp ik dan wel goed dat de heer Bik eigenlijk geen ruimte geeft om de huren van de sportverenigingen ruimer te verhogen dan waartoe ruimte is gegeven tot nu toe? De voorzitter: Mijnheer Bik. De heer Bik: Wilt u die vraag nog één keer herhalen? Want die heb ik niet goed begrepen.

19/76

De heer Van den Beukel: Is WIJ Lansingerland bereid om de huren van sportverenigingen te verhogen om de financiële nood van de gemeente te lenigen? De heer Bik: Nee, in eerste instantie niet. Daarom heb ik ook dit punt als één van de drie punten benoemd waarvan ik vind dat het college er eerder naar moet kijken hoe ze die voorgenomen bezuinigingen kunnen terugdraaien of niet in werking kunnen stellen. De voorzitter: Ik ga nog één keer naar de heer Van den Beukel op dit punt. Gaat uw gang. De heer Van den Beukel: Laatste keer, om het zo helder mogelijk te hebben. Wanneer komt die tweede instantie? Is dat voor of na 2026?¨ De voorzitter: Mijnheer Bik. De heer Bik: Dat moet blijken uit de gesprekken met de sportverenigingen. De voorzitter: Maar voordat u verder gaat heb ik nog een interruptie van de heer Van Santen. De heer Van Santen: Ik had een vraag, mijnheer Bik. Kunnen we niet samen optrekken, die sportverenigingen ontzien en dat betalen we dan uit minder groei van ambtenaren? De voorzitter: Mijnheer Bik, gaat uw gang. De heer Bik: Als er een serieuze vraag komt vanuit de VVD wil ik hem graag beantwoorden, maar het antwoord voor nu is nee. De voorzitter: Gaat u verder. De heer Bik: Het antwoord is nee, omdat de vergelijking gewoon scheef gaat. Dat heeft helemaal niks met elkaar te maken. Tot slot, onze ouderen verdienen het om zoveel mogelijk ontzien te worden.

Ze hebben onze samenleving opgebouwd en dragen bij, nu ook nog bij als vrijwilliger of mantelzorger. En ook hier geldt voor mijn fractie, daar waar nodig juist ook deze groep een duwtje in de rug te geven om waardig oud te kunnen worden. Voorzitter, vanavond is een aantal keren, ook door mij, nog niet door mij, maar nu wel, het woord algemene reserve genoemd. De woorden algemene reserve. Mijn fractie staat voor een gezonde, structurele financiële huishouding. Het is gezien de huidige onduidelijkheid eventueel bespreekbaar om het mogelijke tekort deels in te lopen met een incidenteel bedrag voor 2026 vanuit de algemene reserves. Afrondend, we realiseren ons dat alle bezuinigingen… De voorzitter: Voordat u af gaat ronden, want ik zie dat er een interruptie is van mevrouw Den Heijer. Mevrouw Den Heijer: Dank u wel. Ik zat een beetje mee te schrijven en ik heb wel vaak het woord ontzien opgeschreven. Dan heb ik, ontzien van de ouderen, van de jongeren, verbonden in de metropool, vindingrijk en ondernemend. Heeft u ook nog een prioritering, wat het meest belangrijke is voor u? De voorzitter: Ik ga terug naar de heer Bik.

20/76

De heer Bik: Eigenlijk wilde ik daar in mijn afronding naartoe, maar dat is in zijn algemeenheid en dan over de domeinen heen, zal ik daar een antwoord op geven. Maar als u dat mij nu vraagt, dan zijn dat de domeinen sport, ouderen en jongeren, waar wat ons betreft voor de aanscherping van deze perspectiefnota het zwaartepunt ligt. Dus wij realiseren ons dat alle bezuinigingen gevoeld zullen worden en dat het pijn zal doen, maar er zal steeds meer ook een beroep worden gedaan op de zelfredzaamheid en eigen verantwoordelijkheid van onze inwoners. Daar hebben wij ook altijd voor gestaan. Mensen die hier niet in mee kunnen, zullen wij altijd de ondersteuning moeten geven, vindt mijn fractie, die ze nodig hebben om overeind te blijven, om uiteindelijk wel deze uitdagingen zelfstandig aan te kunnen gaan. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan wij naar de laatste bijdrage van de eerste termijn. Mijnheer Duivesteijn, gaat uw gang. De heer Duivesteijn: Dank u wel, voorzitter. Alle voorgangers die zeiden dat we vooral deze mooie gemeente intact moeten houden, bedankt voor het compliment. Want Leefbaar 3B staat namelijk al sinds 2010 hier aan het roer. En zolang Leefbaar 3B al bestuursverantwoordelijkheid neemt, zullen wij niet onnodig onze inwoners laten opdraaien voor het gepruts bij de Rijksoverheid. En ook dit jaar gaan we dat niet doen.

Ook dit jaar gaan we die mooie gemeente gewoon met zijn allen in stand houden. Onze sterke lokale partij heeft altijd verantwoordelijkheid genomen. Ook in tijden dat het financieel slecht ging. En onze partij heeft daarbij een gemeente in stand weten te houden waar het schoon, heel en veilig is. En in die gemeente woont een ieder van ons, hier, nu, en heeft een ieder van ons het goed naar zijn zin. Een gemeente waar het groen is, waar je kunt recreëren en sporten in de buitenruimte, of je aansluit bij een van de vele verenigingen die Lansingerland rijk is. En waar veel innovatieve ondernemers zijn, maar ook familiebedrijven, die al tientallen jaren doen waar ze goed in zijn en gewoon doen. Zoals we dat bij Leefbaar 3B ook doen. En zoals we dat in onze drie verschillende dorpen met ieder hun eigen tradities en sociale structuren ook altijd doen. Onze fractie is dan ook enorm trots op wat wij als lokale partij bereikt hebben in deze gemeente. Wij hebben altijd onze eigen inwoners op één gezet. Door de tarieven van sportverenigingen laag te houden. Door te investeren in veiligheid, scholen, ouderen voorzieningen, een goede buitendienst, service van de gemeente tot aan de voordeur en een hoog onderhoudsniveau in de buitenruimte. Maar ook hebben wij altijd geïnvesteerd in kleine initiatieven en lokale tradities die door vrijwilligers in stand worden gehouden.

En één van onze speerpunten in al die bestuursperiodes is altijd geweest dat we daarbij de laagst mogelijke lasten hanteren. En nu staan we voor een flinke bezuinigingsopgave. En ook daarbij zullen we als Leefbaar 3B wederom proberen te zorgen dat we die rekening niet bij onze inwoners presenteren. En onze inwoners kunnen ook dit jaar weer op ons rekenen dat we de laagst mogelijke lasten zullen blijven hanteren voor de mooist mogelijke gemeente. Maar natuurlijk moeten we ook realistisch zijn. Misschien is de OZB-verhoging wel nodig. We lopen niet weg van die verantwoordelijkheid. Maar verantwoordelijkheid betekent ook dat je maatregelen durft te nemen als het Rijk niet over de brug komt en dat je niet dan bij voorbaat maar de rekening voor onze inwoners verhoogt. En wat ons betreft trekken we hier duidelijk een lijn. Geen geld, geen Zwitsers. Geen knaken, geen taken. Ook wil ik benadrukken dat wij hier allemaal ons te veel en te vaak bang laten maken. Vorig jaar werden we bang gemaakt met de OZB-maximering. Het resultaat? Hij is er niet. In de vorige jaren werden we bang gemaakt met het ravijnjaar. Resultaat? Twee jaar uitgesteld. En ik wil daarom een beroep op een ieder van ons doen om die angst niet te laten regeren. Wij zijn hier de baas in deze gemeente. Laten we vooral de rust bewaren en geen gekke dingen doen. Angst is helemaal geen goede raadgever.

Dan de voorgestelde koers. Ons eerste oordeel over de perspectiefnota is dat deze grotendeels lijkt op de voorkeursvariant zoals eerder besproken. Alleen staan er nu getallen bij. En zoals we vorige keer aangaven kan wat ons betreft de staaf bij

21/76

gezondheid door de helft. En dan komt die ongeveer op de lijn die het college voor scenario 2 hanteert. En wat ons betreft gaat het college dan ook gewoon aan de slag met de maatregelen voor scenario 2 uit te werken voor scenario 1. Dat levert direct al 1,2 structureel miljoen op. Verder valt ons op dat er voor 5,5 miljoen keuzeruimte geïdentificeerd is, waarbij we niet door de maatschappelijke ondergrens zakken. En daarbij hoor ik veel angst van andere partijen. Kansrijk opgroeien, bestaanszekerheid, duurzaamheid. Angst dat we alles afbreken met de voorliggende perspectiefnota. Maar ons is hier verzekerd dat het belangrijkste uitgangspunt van die keuzeruimte is dat we niet door de ondergrens zakken. Laten we daar dan op vertrouwen dat dat zo is. Maar wel vind ik het moeilijk, voorzitter, om in te schatten of we nou blij, bang of teleurgesteld moeten zijn dat er vijf miljoen is gevonden. Had het meer moeten zijn? Is het vijf miljoen na toch zware consequenties? Of is het maar vijf miljoen? En dat komt doordat we nog steeds niet weten wat het maatschappelijk minimum inhoudt. En dat is echt een gemiste kans. We zijn nog steeds blind aan het varen op de keuzes die we nu hier vandaag maken. De voorzitter: Ik ga u onderbreken voor een interruptie van de heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter.

Ik wilde de vraag stellen, wat is de ondergrens van Leefbaar? Maar de heer Duivesteijn die is daarover begonnen. De voorzitter: Fijn, dan gaan we gewoon verder. De heer Duivesteijn: Voorzitter, meer duiding op die ondergrens was ook echt geen overbodige luxe geweest. Dat we die informatie nu nog niet nemen, betekent ook voor ons als fractie dat wij straks heel kritisch naar die begroting gaan kijken of we daar inderdaad niet door de ondergrens zakken. Ten tweede, dat er nog steeds heel veel onduidelijk is, maken we daarmee nu echt betere keuzes dan voorgaande jaren met een reguliere kaderbrief? Ik ben ook benieuwd wat de wethouder van dit proces rondom de perspectiefnota nu vindt. Is het voor herhaling vatbaar en welke lessen zijn er geleerd? Onze fractie heeft in ieder geval niet het gevoel dat we nu beter aan de knoppen zitten dan voorgaande jaren. Ten derde, de groei aan autonome ontwikkelingen wordt bijna klakkeloos gepresenteerd en geaccepteerd, maar loopt wel op tot twaalf of elf miljoen tekort in 2029. Wij willen graag meegeven aan het college richting begroting dat we echt hier een verdiepingsslag op verwachten hoe we dit kunnen temmen. Dan moeten we veel kritischer zijn, ook bijvoorbeeld op de indexering voor de GR'en. Dat vinden we echt ongekend. Ook vragen wij af waarom we bijvoorbeeld subsidies hoger indexeren dan materiële budgetten.

Waarom trekken we niet gewoon één lijn? Er is toch maar één indexering? En dan wil ik ingaan op de uitgangspunten voor de begroting. Er lijkt namelijk nu een stap voorwaarts te worden genomen om de OZB naar het landelijk gemiddelde te krijgen. Dat uitgangspunt moet niet zijn dat we naar het landelijk gemiddelde verhogen. Het uitgangspunt moet zijn dat we de OZB alleen verhogen als de ambities die we in stand willen houden dat vereisen. Dus als sluitstuk. En daarom zullen wij ook niet akkoord gaan met het loslaten van de WOZ-waardecorrectie. Want dat betekent bij voorbaat al een 10 procent verhoging. Dus daar kunt u een amendement op verwachten. Tweede, vorig jaar hebben wij het geopperd en deels toegepast, en ook andere fracties in grote mate gehoord, dat we de algemene reserve als structureel dekkingsmiddel moeten inzetten. Bijvoorbeeld met een stijlpost op onderdelen waarvan we verwachten dat er nog geld komt, zoals compensatie jeugd. Of waarvan wij dat structureel vinden, maar de provincie dat niet vindt. Of, en dan nog een beter voorstel, is dat wij voorstellen om het gemiddelde overschot dat we jaarlijks overhouden in te zetten. Ook over 2024, het werd al genoemd, weer een positief saldo. En als u het aan mijn collega de heer Philippens vraagt, dan moeten wij anticyclus begroten. We moeten die algemene reserve gebruiken in tijden dat het slecht gaat.

En we vullen hem aan in de jaren dat het goed gaat. En

22/76

zo hoeven we dus ook, als we anticiperen op die verwachte overschotten, geen maatregelen te nemen die achteraf onnodig bleken. Dus voor ons als fractie is de volgorde, eerst verwerken circulaires en nieuwe inzichten. Dan maatregelen nemen conform de prioritering die we hier hebben besproken. Dan inzetten van de algemene reserve, bijvoorbeeld het gemiddelde overschot van de afgelopen jaren. En daarna kijken of er nog extra inkomsten nodig zijn. En als we dan uitkomen op een 10 procent verhoging van de OZB, zo zij het. Verder willen wij graag meegeven richting begroting dat wij echt van het knoppenboek verwachten dat daar tools in een andere orde van grootte in gaan komen dan de nu geïdentificeerde keuzeruimte. We vroegen vorig jaar maatregelen tot twaalf miljoen in kaart te brengen. En ons werd verzekerd dat we dat vast wel in beeld zouden krijgen richting deze begroting. Dat is niet gebeurd. Dat betekent dat we hier met een enorme informatieachterstand zitten. Ook richting begroting moet duidelijk gaan worden waarom we zo uit de pas lopen op jeugdzorg en wat er met dat Cebeon/Rijnconsult onderzoek nu echt is gedaan. Ik heb daar diverse andere fracties over gehoord en daar wil ik echt een uitkomst uit krijgen. Ten derde, er wordt ook aangekondigd dat moties en amendementen wederom kunnen worden losgelaten.

En ik verwacht hier van het college dit jaar echt veel meer sensitiviteit dan voorgaande jaren, toen we alles hebben teruggedraaid. De raad heeft zich hier meerdere malen over uitgesproken. Denk dus alstublieft twee keer na voordat u weer een amendement terugdraait. Voorzitter, ik ga afronden. Ik zie dat er veel werk in de perspectiefnota is gestoken. Waarvoor onze dank. We staan voor een grote bezuinigingsopgave. En dat is niet handig het jaar voor de verkiezingen. Maar het lijkt hier wel alsof de angst regeert. Maar juist nu moeten we ons niet bang laten maken. Wij bepalen namelijk welke koers we varen. En wat ons betreft blijven we onze eigen inwoners gewoon op één zetten, zoals we dat al sinds het ontstaan van Lansingerland doen. Laten we de rust bewaren. Het komt wel goed. En laten we eerst wachten tot er een betrouwbaar kabinet komt. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Goed, dank u wel. Ik kijk even naar de klok. Ik moet u eigenlijk wel een compliment maken, want het is vijf voor half zeven. Voordat we gaan schorsen wil ik in ieder geval toch even één ding meegeven, want er is best wel ook achter de schermen wat gebeurd. En na het zuur komt altijd het zoet, zeggen ze. En vanavond is het zoet als toetje verzorgd door mevrouw Boonstra. In ieder geval bedankt daarvoor alvast. U applaudisseert, maar u moet even afwachten wat het is natuurlijk.

Maar ik ga u vragen om half acht stipt hier weer terug te zijn, want we willen ook om half acht, we hebben nog een heel programma te gaan. Dus half acht stipt hier terug. En voor nu schorsen we even de vergadering. Schorsing De voorzitter: Dames en heren, het is half acht. We gaan weer verder. Ik zie dat er nog een paar stoelen leeg zijn. Ik was al bezig. We zijn mensen van de klok hier. De raad zit al, de commissie eigenlijk, vrijwel compleet alweer. Eigenlijk helemaal compleet. Wij wachten nog op de heer Hoek, maar we gaan gewoon beginnen. U heeft daarstraks een applaus gegeven voor het toetje en ik denk dat dat terecht was. Het fijne daarvan was in ieder geval wel dat er genoeg suiker in zat, dus we hebben weer genoeg energie. Dus wat dat betreft gaan we weer verder. Ik ga u toch even attenderen op uw spreektijden. Want u heeft natuurlijk nog ruimschoots de tijd, maar ik ga er toch even op attenderen. En we gaan starten met de eerste termijn van het college. Maar ik ga het college vragen, dat klinkt misschien wat bijzonder uit mijn mond, maar kort en bondig te zijn. Dus als u dat zou kunnen doen. Want we hebben nog een aantal agendapunten. We gaan het niet afraffelen hoor, dat niet. Maar graag kort en bondig. Wie mag ik van het college als eerste het woord geven? Mijnheer Fortuyn, gaat uw gang. Beantwoording college

23/76

De heer Fortuyn: Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Geachte raadsleden, dank voor jullie inbreng in de eerste termijn. Het is ook wel een goed gevoel dat wij het met elkaar over de inhoud hebben. Want dat is namelijk datgene waar we het wel vanavond over hebben. Waar uiteraard natuurlijk wel de getallen bij moeten komen, ook de kleuring moet komen voor welke keuzes wij gaan maken naar de opwerking van de begroting 2026 en verder. Ik ben ook blij om te constateren in algemeenheid dat er ook wel wat ruimte gezocht wordt in creativiteit. Onder andere ook voor de OZB waar ik zo direct op terugkom. En wat ik ook wel belangrijk vind is dat, wij ondersteunen de oproep. Maar sterker nog, ik denk dat wij als gemeente de regie hebben. En dat de angst niet hoeft te regeren. Dus wij willen best wat dat betreft daarin meegaan, want uiteindelijk bepalen we onze richting grotendeels zelf. En zeker u als raad. Dat gezegd hebbende zijn er inderdaad een aantal opmerkingen gemaakt van partijen. Dat herken je natuurlijk ook wel een beetje in de kleur. En dat is natuurlijk ook logisch, want je zit hier ook namens je eigen achterban. En we hebben daar goed nota van genomen. We hebben dat ook boven genotuleerd in steno. Maar we zullen daar ook in het vervolg wel rekening mee gaan houden, daar waar het mogelijk is. En we tellen ook de knopen en de zegeningen.

En wij kunnen ook tellen waar meerderheden zitten. In dat verband reageer ik ook even op de moties en amendementen opgemerkt door Leefbaar 3B, die kan je zomaar niet naast je neerleggen. En dat was onze bedoeling ook niet. Maar er zitten heel veel moties en amendementen tussen wat een beetje klein leed aanraakt. Maar er zitten ook wel moties bij waar het best ook wel een hoop geld kost. En zullen dat ook dan gemotiveerd, als we daarvan afwijken en ook aangeven, want dat is natuurlijk de vorige keer verkeerd gegaan, aangeven waarom wij die amendement aanraden om die in te trekken. Dus in die zin denk ik dat we elkaar in grote lijnen heel erg goed kunnen vinden. We hebben ook gekeken naar de waardedaling correctie. Daar is ook het CDA had er iets over, Leefbaar 3B, meerdere partijen, of sowieso last resource. De meerderheid, en dat is weer een van die knopen tellen, is wel voor om het eventueel wel in te zetten. Maar de technische discussie daarover, daar komen we even op terug. Moet je het doen inderdaad in de waardedaling of de waarde correctie, laat ik het zo maar zeggen. Wil je die handhaven, ja of nee? We willen daar eerst even technisch goed naar kijken. Dus we krijgen een technische beantwoording hoe we eventueel kijken naar de toekomstbestendige wijze van OZB-berekening.

in het tarief of anderszins, of dat de waardecorrectie bij waardedaling, of dat wel een slimme oplossing is. Dus kortom, we willen daar technisch naar kijken wat de beste oplossing is naar een structurele wijze van OZB berekenen. Dus daar komen we later op terug. En we hebben u gehoord, ook andere partijen die welwillend staan, maar eigenlijk als last resource zit om aan die OZB-knop te zitten. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken voor een interruptie van de heer Van Santen. Gaat uw gang. De heer Van Santen: Dank u wel, voorzitter. Ik hoor u zeggen, we gaan er technisch naar kijken. Al die jaren doen we het al zonder die correctie. Dus we weten precies hoe dat werkt. En als u de OZB wilt verhogen, dat doen we ook al met de indexatie van de inflatie. Dan tellen we een aantal procenten erbij op. Als u er nu voor zou kiezen als college en raad dat u op een gegeven moment zoveel honderdduizend of zoveel miljoen tekort komt, dan rekent u dat uit. En dan gooit u de OZB met x procent omhoog. Dus wat is daar nou technisch aan te onderzoeken? De voorzitter: We gaan terug naar de wethouder. Mijnheer Fortuyn. De heer Fortuyn: Dat heeft te maken met het feit, de sterk oplopende prijzen heeft er ooit toe geleid dat we die waardecorrectie erin gezet hebben. Dus bij stijgende prijzen is dat wellicht

24/76

een systeem, dan kan je je tarief doen. Maar er is ooit besloten door deze raad om het op deze wijze te doen. Dus als we dat besluit, en ik weet niet of daar een amendement onder ligt, dat zou ik echt even uit moeten zoeken, dan zal dat amendement gewoon als zodanig ingetrokken moeten worden en dat we naar een ander systeem gaan. Het is het systeem wat we nu hebben, is de waardecorrectie en dan de indexatie. De voorzitter: Mijnheer Van Santen. De heer Van Santen: We hebben inderdaad nu dat systeem van waardecorrectie. En in de uitgangspunten wijzigt u dat nu. Dat is het voorstel. En dan, dus u verandert iets, zeg maar. Dus dat heeft u natuurlijk onderzocht, waarom u dat wilt doen. En op het moment dat wij dan als raad, stel je voor dat een meerderheid zegt, doe dat maar niet. Doe het maar gewoon op de ouderwetse manier. Dan begrijp ik niet wat u dan technisch moet onderzoeken. De voorzitter: We gaan terug naar de heer Fortuyn. De heer Fortuyn: Wat wij technisch willen onderzoeken is als die waardecorrectie weg gelaten wordt en we alleen op indexatie gaan zitten, wat het effect zou zijn, zowel bij daling als bij stijging. Zou je met tarief kunnen opvangen? Daar wordt even naar gekeken of dat ook praktisch uitvoerbaar is. Dat geeft mij even de ruimte om er even technisch naar te kijken, om een goed voorstel te hebben.

En die waardecorrectie, die heeft inderdaad ooit in het verleden bestaan. Dus dat wil ik even uitzoeken. De voorzitter: Even gelijk maar even dan te kijken naar de heer Van Santen, maar ik neem aan dat u voor de raad hier iets gaat teruggeven aan de raad voor de discussie voor? Ik vraag het even aan de heer Fortuyn hoor. De heer Fortuyn: Wij zeggen op een gegeven moment, we zien dus wel die mogelijkheden van die OZB. Daar zitten die varianten in, indexatie, waardecorrectie en dan een variant van die… De voorzitter: Even voordat u het opnieuw uit gaat leggen. De concrete vraag is even, u geeft een antwoord aan de heer Van Santen, een toezegging, maar ik kan me voorstellen dat het voor de komende raadsvergadering van belang is om die informatie te hebben. Dus mijn vraag is even, gaat u die informatie dan verstrekken voor de komende raadsvergadering? De heer Fortuyn: Ja, correct. De voorzitter: Dat was hem. Gaat u verder. De heer Fortuyn: Ik heb hem uitgedrukt, mijnheer de voorzitter. Dat is mijn fout. Dank u wel. Dan hebben we over die de gemiddelde, want daar komen we ook een beetje uit bij de inzet van de algemene reserve, door meerdere partijen aangereikt. Amendement aangekondigd door PvdA, ondersteund door CDA. Is weliswaar geen meerderheid. Echter, ik heb wel meerdere gehoord over de algemene reserve.

Wij willen inderdaad kijken of we die die reserve die potentieel in de afgelopen jaren, die is niet potentieel, maar is vastgesteld door de raad. ‘24 dan nog eigenlijk niet, maar we hebben de BAC gehad, dus we gaan er vanuit dat het ook meegaat. Maar die wordt binnenkort vastgesteld. Dan praten wij over de orde van grootte voor ‘26 en ’27, want het is voor twee jaren, zouden we 1,2 miljoen zouden we in kunnen zetten als een gemiddeld overschot en dus daarmee de bezuinigingen ook naar beneden kunnen brengen. Dus dat is even het antwoord op de bezuinigingen en het gemiddelde dan. We hebben ‘23 en ‘24 genomen, dan

25/76

zou je op 1,2 miljoen zitten over die twee jaren, ‘26, ’27. Als u het alleen over ‘26 doet, dan is het even de vraag of we dat ‘23 en ‘24 één keer in ‘26 zouden verrekenen. De voorzitter: Ik heb een interruptie van de heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Ik heb een verzoek aan de wethouder. Doet niks af aan de kwaliteit van het antwoord op de tweede vraag. Daar ben ik blij mee. Maar of hij misschien wat minder nadruk wil leggen op de meerderheden of minderheden die hij ziet voor voorstellen. Twee antwoorden gekregen en het eerste, dat was dan belangrijk dat daar een meerderheid voor was. Het tweede is dan geen meerderheid voor. Maar we zitten daar helemaal niet voor, voorzitter, om van de wethouder te horen waar wel geen meerderheden voor zijn. Ik zou hem willen verzoeken om gewoon op de inhoud te reageren en vervolgens zien we wel bij een raad of een andere keer hoe de raad er precies erover denkt. De voorzitter: Dit is een punt van orde feitelijk en hoeft de wethouder voor de rest niet op te reageren, maar het is even, nemen we notie van. Gaat u verder. De heer Fortuyn: We hebben gehoord wat de heer Van den Beukel van het CDA heeft gememoreerd. Dan hebben wij, in de verdeling van de vragen, kom ik bij een vraag uit van de heer Van Santen over de verkeersveiligheid en de mobiliteit.

Dat de verkeersveiligheid bij de bezuinigingen, de potentiële bezuinigingen, de verkeersveiligheid niet in het gedrang komt. Dat kan ik u ook toe zeggen, dat gaat niet gebeuren. Als we al kijken naar mobiliteit, moet je echt kijken naar onderhoud zoals pollers en dat soort zaken, dat je die niet meeneemt meer in het onderhoud. Want het meeste werk, ook in verkeersveiligheid, zit ook vaak in werk met werk maken in de openbare ruimte. Dus dat is niet aan de orde dat wij verkeersveiligheid überhaupt hier in de waagschaal zetten. Dan de volgende vraag van de heer Van Santen was over het rapportcijfer, de zes van BDO. En u was ook bij de BAC en u weet ook dat die zes waarderingen voor de financiële situatie van gemeente Lansingeland, die is van een acht naar een zes gegaan. En u weet, we hebben een nieuwe accountant en die kijkt dat wat langer door en die ziet dat de algemene reserve sterk aan het afnemen is. En daardoor, onder ook de weerstandscapaciteit, en daardoor wordt er een zes gegeven. Het is meer een waarschuwingsgetal dan dat het nu een zes is, want het is nu geen zes. Maar het is een waarderingsgetal. Daar even voor de duidelijkheid. Dan hebben we de vraag ook, kunt u een lijstje leveren? Dat zullen we ook dan wel, zover we het kunnen, voor de raadsbehandeling, voor deze perspectiefnota, zullen we een lijstje aangeven wat de lokale lasten zijn opgeteld.

Hoe dat gaat uitwerken naar de koopkracht weet ik niet. Maar in ieder geval, we kunnen wel een overzicht geven van de lasten. En dat was over rioolbelasting en over hondenbelasting en over dat soort dingen. Waarvan we ook nog weten dat die belastingen ook weer door u in december worden vastgesteld. Maar in ieder geval, we kunnen wel een inzage geven. Dan is het zo dat, even kijken hoor. Ik kan het CDA grotendeels overslaan, want die wordt door andere collega's van mij beantwoord. Dan hebben wij, even kijken, Leefbaar 3B. Mijnheer Duivesteijn, een mooie weergave hoe de gemeente Lansingerland ervoor staat. Ik ben ook blij dat dat in de verschillende onderzoeken ook gewaardeerd wordt, met zevens en zeven plussen. Het is fijn om dat ook te zien. En vind ik ook heel fijn dat we dat hebben op kunnen bouwen met elkaar. De vraag over de ondergrens. Wat is nou de ondergrens? U bent op zoek naar de ondergrens. Er zijn er meerdere op zoek naar de ondergrens. Er zijn twee ondergrenzen. A, dat is de wettelijke taak die je moet doen en waar je ook je middelen voor krijgt. Dat is feitelijk je ondergrens. En verder bepalen wij, we hebben het er net over gehad bij de start al, we gaan zelf over ons eigen, wat voor gemeente willen we zijn. Dus u bepaalt gewoon wat de ondergrens is in de verschillende dossiers. En of het nou voor jongeren, ouderen is, of de buitenruimte is, of anderszins.

Want u heeft namelijk het beleidsinstrument in

26/76

handen en ook het budget. Dus die ondergrens is niet te kwantificeren in geld of in directe lijstjes. Dan was er nog over een vraagje, vond ik wel bijzonder, u vraagt aan mij wat ik vind van het proces van de perspectiefnota. De voorzitter: Voordat u daaraan gaat beginnen heb ik eerst nog een interruptie van de heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Over de ondergrens. Volgens mij, de wethouder legt de bal bij de raad, maar u heeft zelf een stukje ondergrens gedefinieerd. En daar zoekt de raad naar, wat u bedoelde met die ondergrens. Dus u kunt er daar antwoord op geven? De voorzitter: De wethouder. De heer Fortuyn: Ik kan het niet kwantificeren. We hebben wel natuurlijk naar de wettelijke taken gekeken. Dat is duidelijk. En we hebben gekeken van wat eventueel nog, zijn bij die bezuinigingen die we hebben aangegeven in scenario C, dat we dat wel eventjes bij de ondergrens zoeken. Als je dat op gaat tellen in bedragen, dan loop je ergens naar de twaalf miljoen of zo toe. Maar dat kan ik niet exact aangeven wat het nou per onderdeel is op dit moment. Dat heb ik gewoon niet paraat. Maar het is natuurlijk wel zo dat wij gekeken hebben, dat wij in ieder geval gekeken hebben, geen kapitaalsvernietiging, als het enigszins kan, niet doen. Sociale basis, wat is dan de sociale basis? Dan krijg ik die discussie weer.

Maar we willen gewoon niet de mensen in armoede laten vervallen of dat soort zaken, daar moet je aan denken. Maar nogmaals, daar heel concreet een bedrag hebben van, wat is het, dat heb ik hier niet paraat. De voorzitter: Mijnheer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Dan een andere poging, want ik sluit me aan bij de zorgen die de heer Duivesteijn heeft geuit over de transparantie van dit stuk. Ik weet, de wethouder is erg ook van de veiligheid. Er staat in het stuk dat op het thema veiligheid bijvoorbeeld, niet dat het CDA van plan is daar zwaar op te bezuinigen, maar toch, dat daar een percentage van uit mijn hoofd drie, ik zoek het even gauw erbij, te bezuinigen is. Anderhalve boa, twee boa's, drie boa's, dat is al meer dan drie procent. Dus dat komt toch ergens vandaan, dat percentage komt toch ergens vandaan, dat minimum. Dus ik zoek gewoon naar, waarom staat wat er staat. De heer Fortuyn: Er is natuurlijk door ons gekeken met allerlei teams binnen de verschillende domeinen welke potentiële bezuinigingen er zouden kunnen zijn. Denk maar ook even aan de wijkbrandweerman om een dwarsstraat te noemen. Daar is gewoon naar gekeken. Dat is een optelsom geworden. Wij gaan met die lijst, gaan we natuurlijk straks aan de slag. Er komt ook heel veel, kijk ook maar naar het knoppenboek. Dat is hetzelfde verhaal. We hebben daar wel keuzes gekeken, wat kan en wat kan niet.

Daar ligt natuurlijk wel een beetje de grens. Als wij in de vervolgfase komen, want wat we nu hebben in deze commissie, is wel een inhoudelijke discussie van, welke richtingen willen we uit? Waar willen we op bezuinigen? Hoe en wat, dat komt straks, als wij de begroting gaan doen, gaan wij met u ook de keuzes die we gemaakt hebben, A, beargumenteerd weer met u delen. En er zitten ook scenario's bij, of in ieder geval maatregelen bij, waarop u andere keuzes kunt maken. Dus deze discussie gaat echt over de inhoud en niet zozeer over geld. Laten we daar even helder in zijn. En u krijgt nog, net als bij toentertijd, wij hebben niet gekozen, dat is de perspectiefnota ook, om eerst met allerlei kadernota-achtige zaken te komen, met allerlei voorbeelden van bezuinigingen. We weten, teveel op dit moment is onduidelijk. Dan krijgen we hier allerlei discussies over eventuele

27/76

maatregelen, waar we eigenlijk van zeggen, die willen we nu nog niet hebben in deze fase. Die willen we pas in de tweede fase hebben. We willen eerst de discussie hebben, wat voor gemeente willen we zijn. Dat heeft u ook hier aangegeven. Sport, jeugd, ouderen, noem maar op. Dat hebben we gehoord. Dit is wel de manier waarop. Als u zegt, ja, en dat kan best zijn, als er vanuit Rijk meer scherpte komt, van waar kan je op rekenen, en wij meer scherpte hebben op kosten, zoals abonnementstarieven, of jeugdzorg, of de hervormingsagenda's, en wat meer stabiliteit hebben aan die kant, kan je ook structureler met elkaar dit soort dingen, en dan kan je de oude kadernota, bij wijze van spreken, dan wel van stal halen. Maar er zitten zo ongelooflijk veel onduidelijkheden in, ook vanuit Rijkswege vandaan, dat we gekozen hebben toen met elkaar, het zal geen makkelijke opgave worden, we zullen grote richtingen moeten kiezen, en van daaruit gaan wij proberen die begroting sluitend te krijgen. Dat is een beetje de discussie die we nu hebben. Dus ik wil even wegblijven van allerlei kleur. U krijgt het echt, ook als de begroting er is, maar geef ons even de ruimte om dit met elkaar op te werken.

Dan even de… Daarna is het met u uiteraard dat we gaan evalueren, want dat is natuurlijk met elkaar, hoe hebben we dit gevonden? En het kan best zijn, dat als er meer duidelijkheid is, dat we dan weer naar een andere vorm gaan. Maar voor nu hebben we hiervoor gekozen met elkaar. Dan hebben we over die indexatie, dat was ook een vraag. Waarvoor wordt het één zus en het ander zo? Het heeft ook te maken dat materiële kosten, als je subsidie verstrekt, als dat subsidie is, doet, dan is de ene regeling op subsidie, is meer op materiaal geënt dan op loonkosten. Bij de GRJR, de organisatie, we geven ongelooflijk veel geld uit aan de GRJR, dat gaat over de honderden miljoenen heen. Niet alleen voor Lansingerland hoor, maar de organisatie is 6, 7 miljoen en dat is eigenlijk alleen maar personeel en een gebouw wat je huurt. Dan krijg je natuurlijk een andere indexatie getoond, dan heb je met cao’s te maken en andere inbrengen, dan wanneer je combinaties hebt van materiaal, en dat zie je in de bouw ook, en lonen. Dus in dat verband brengt een variatie.

Tegelijkertijd wil ik er wel even op wijzen dat wij zojuist ook een brief gestuurd hebben, dat heeft u ook gezien, waarin wij weer een beroep doen op de verschillende AB-besturen, van, kijk nog eens heel even na, we zitten met die bezuiniging, kan je nog wat doen? Ze hebben in het afgelopen jaar, hebben ze positief gereageerd, sommigen konden niet, maar sommigen hebben wel een toezegging gedaan, DCMR die heeft zelfs bevroren. Zo hebben we wel met elkaar het gesprek aangegaan, maar zo zit het wel in elkaar. Dan heb ik als laatste eigenlijk nog een paar openstaande dingen. Een overzicht van, laat ik zeggen, de bezuinigingen die we voorstellen, heb ik net aangegeven, en er zitten natuurlijk ook een aantal andere bezuinigingsknoppen bij, waarop u andere keuzes kunt maken. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken voordat u naar de knoppen gaat. Mijnheer Van Santen. De heer Van Santen: Ik wilde heel even terug naar de indexatie, om het af te maken. Er waren een aantal partijen hier die zeiden van, misschien komen we met een voorstel of een amendement om niet akkoord te gaan. Zoiets hoorde ik. Maar kunt u dan iets zeggen, stel voor dat deze raad zegt, we gaan niet akkoord, wat gebeurt er dan? De voorzitter: De wethouder. De heer Fortuyn: U heeft daar ook technische vragen over gesteld. Ik wil die letterlijke tekst wel even herhalen.

Je kan als raad een ander besluit nemen om de indexatie niet te betalen. Dat wordt dan nog een gevecht met het AB van de desbetreffende GR. Zo simpel is dat. En als het alleen maar bij GRJR is en het is alleen maar loonkosten voornamelijk, wat ga je met die cao doen? Ga je mensen ontslaan? Dus dat wordt nog een heel raar verhaal. En bovendien, een GR en een JR bestaat altijd uit meerdere gemeenten. Dan moet je ook weer een meerderheid hebben in het AB. Ik zou het niet adviseren. Het kan meevallen. We letten er wel op. Maar we gaan

28/76

ervan uit dat er ook wel wat gaat gebeuren. Dus we kijken er ook naar. Ik heb hem ook bij mezelf hoog gezet om in de onzekerheden om nog eens extra scherp ernaar te kijken. Dus we gaan het wel, het heeft wel de aandacht. De opmerking is wel meegenomen. Het is niet zo dat als ik een antwoord hier geef dat we die opmerking niet meer meenemen. We nemen hem zeker mee. Dan ben ik even, die overzichten komen dan. Maar die orde van 12 juni kan ik niet aangeven. Dat zei ik net al. We gaan wel kijken dat je voldoende alternatieven hebt om eventueel andere keuzes te maken. Dat is dan in dit geval voor mijn deel, mijnheer de voorzitter, ben ik, denk ik, alle vragen zo goed mogelijk en ik hoop naar tevredenheid van de raad beantwoord. Dank u wel. De voorzitter: Dat laatste gaan we in tweede termijn horen van de commissie. Maar we gaan naar de volgende wethouder. Ik weet niet welke wethouder. Wie gaat er? Hoek. Wethouder Hoek, aan u het woord. De heer Hoek: Een ieder heel hartelijk dank voor de constructieve bijdragen. Er zijn een aantal vragen gesteld over met name de bezuinigingen op jeugd. Niet door één partij, maar door verschillende partijen. En waarom nou op jeugd juist? Dat wordt natuurlijk mede ingegeven door de uitdagingen die we hebben op landelijk gebied.

Op het moment dat we niet bezuinigen, dan vrezen wij ervoor dat het systeem omvalt en dat we onze jeugd helemaal niet meer kunnen helpen. Dus vandaar dat er niet alleen in Lansingerland, maar gewoon landelijk breed, heel veel wordt gekeken naar, hoe kunnen we op deze jongeren bezuinigen? En daar zijn natuurlijk een aantal instrumenten voor, dat weet u. Daar zal ik straks op terugkomen. Maar dat er bezuinigd moet worden, dat is wel duidelijk. In feite zegt de Partij van de Arbeid ook van, die sociale basis zoveel als mogelijk ontzien. Daar zijn wij natuurlijk als college natuurlijk ook een voorstander van. Het is niet onze insteek om mensen door het ijs te laten zakken. Daar besloot u ook mee, volgens mij, jongeren die het niet redden, wat doen we daar nou mee? Daar is nou juist die sociaal-maatschappelijke basis voor. Want ik ben het helemaal met u eens. Wat voor gemeente ben je op het moment dat je jongeren, maar ook anderen, laat zwemmen, omdat ze er niet uitkomen? U weet ook dat we met alle visies die er nu liggen, die zijn aan de, hoe heet het, maatschappelijke visie, jongeren, ouderen. U weet dat alle aandacht en insteek er ook op gericht is om die hulpvragen te verkleinen. Maar wel met als alternatief dat we die sociale basis, die maatschappelijke basis en die zelfredzaamheid binnen de bevolking willen stimuleren. We hebben een aantal van die samenlevingsvisies gehad.

In feite heeft u daar heel veel input aan geleverd om te kijken hoe we nu juist voorkomen dat mensen niet door die ondergrens gaan. Want dat is uiteraard ook de insteek van dit college. De voorzitter: Ik ga u onderbreken voor een interruptie van de heer Azzouzi. De heer Azzouzi: Dank u wel, voorzitter. De wethouder vertelt een mooi verhaal over dat wij de sociale basis gaan ontzien. Maar de werkelijkheid is dat wij gewoon twee scenario's van vijf miljoen en zeven miljoen voorleggen, waar ook fors de kansrijk opgroeien versoberd wordt. Dus hoe rijmt dat? De voorzitter: De wethouder. De heer Hoek: Mevrouw Den Heijer heeft er al aan gerefereerd, soms is het ook een hele uitdaging om te kijken hoe je meer kan doen met minder. En we hebben verschillende samenlevingsvisies nu vastgesteld. U heeft daar heel veel input aan kunnen leveren. Straks komt het beleid met betrekking tot onze volwassenen aan de orde. En daar heeft u weer de gelegenheid om ervoor te zorgen dat we niet door die sociale basis gaan. We willen niet

29/76

bezuinigen op de sociaalmaatschappelijke basis. Die willen we juist versterken. Dus om er juist voor te zorgen dat we die dure hulp niet in hoeven te schakelen. GroenLinks, oog voor elkaar hebben. Volgens mij past dat prima binnen het verhaal wat we hebben over de sociale basis. Dat we die willen versterken. We willen mensen weer in hun kracht zetten, zodat ze het zelf weer kunnen. En ja, als dat niet lukt, dan zijn we er ook om ervoor te zorgen dat we daar een alternatief voor hebben. Dus altijd een vangnet voor mensen die het niet redden. De ChristenUnie, bestaanszekerheid en kansrijk opgroeien. Ik heb er al iets over gezegd en mijn beantwoording richting de ChristenUnie zal ook in dezelfde lijn zijn. Het is nooit de bedoeling natuurlijk om mensen door het ijs te laten gaan. Dus al die deelplannen vanuit de samenlevingsvisie die vormen de input om dit te voorkomen. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Markus. De heer Markus: Voorzitter, ik hoor heel de tijd, niet door het ijs gaan, niet door de ondergrens zakken en dat soort algemeenheden hoor ik elke keer langskomen. Maar er staat toch duidelijk, er wordt bezuinigd op het minimabeleid. Ik weet niet door welke ondergrens we dan niet zakken. Ik heb toch behoefte aan wat meer duiding hoe we nou die ondergrens moeten zien. Want dat blijft toch een worsteling die al een paar maanden voortduurt.

Nu de ene zegt, het zit er wel in, de ander, zit er niet in. Wat houdt nou die ondergrens in? De voorzitter: Ik ga naar de heer Hoek. De heer Hoek: Ik snap wat u zegt. Om een voorbeeld te noemen, wij helpen mensen op 130 procent van het bestaansminimum. Er zijn ook gemeenten die zeggen, wat ons betreft is 120 procent voldoende, of 110 procent. Dat is een keuze die je kan maken. En dat heeft alles met, volgens mij, het minimum te maken wat je kan doen. Dus daarin kan je heel veel gradaties aanbrengen van, wat is acceptabel, wat niet. Maar inhoudelijk gezien denk ik dat met name het vaststellen van de verschillende beleidsvisies het moment is om met elkaar te bespreken van, wat verstaan we daar dan onder, wat we overigens in het verleden ook hebben gedaan. Dus wat dat betreft kunt u aan veel knoppen draaien en is het aan u wat u definieert als, dit is nog acceptabel. D66, zaken anders doen. Dat willen we ook. Meer samenwerken, efficiëntie. We kijken regelmatig bij andere gemeenten, Pijnacker-Nootdorp hebben we hele korte banden mee. Dus daar werken we nauw in samen om inderdaad te kijken van, hoe kunnen we elkaar vinden zonder dat we alle twee het wiel aan het uitvinden zijn. Het CDA, de verhoging GRJR met 2,1 miljoen. Dat heeft alles te maken met, dat klinkt een beetje tegenstrijdig, maar het heeft te maken met de besparing die we op de dure regionale jeugdhulp hebben gedaan.

Daarvoor hebben we een lokaal palet ingericht. En wat blijkt nu, de kosten op het lokale palet, die nemen ontzettend toe. En als je die lijn zou doortrekken, dan gaat het ons geld kosten. Vandaar ook dat we heel erg insteken om die tendens te doorbreken. En dat doen we middels de hervormingsagenda, daar hebben we het onlangs over gehad. We hebben het gehad over normaliseren, het dichtzetten van de toegang, sterke lokale teams. Dat zijn allemaal maatregelen die er uiteindelijk voor moeten zorgen dat we de zaken adequaat blijven doen en dat we ook op kosten gaan besparen. Dus ja, die overschrijving, of in ieder geval die toename zit erin. En alle acties die we nu aan het ondernemen zijn, waar u deelgenoot van bent geweest onlangs nog, afgelopen week, die worden ingezet om ervoor te zorgen dat dat begrote tekort naar beneden gaat. Even kijken hoor. Die heb ik gehad, de hervormingsagenda. Het Cebeonrapport, dat hebben we ook nog een keer, want dat was voor ons ook wel een verrassing dat we best wel meer geld uitgeven gemiddeld aan onze jongeren. Dat hebben we nog een keer laten duiden door een second opinion aan te vragen. En op zich klopt het dat wij meer uitgeven. En de maatregelen die we nu hebben aangekondigd, waar ik u zojuist het een en ander over vertelde,

30/76

daarvan zegt Cebeon ook, jullie zijn op de goede weg. Dus dat moet uiteindelijk wel ervoor gaan zorgen dat je een kentering krijgt in die overschrijdingen. De voorzitter: Ik ga u even onderbreken voor een interruptie van de heer Markus. De heer Markus: Wat de wethouder zegt, dat intrigeert me wel. Een second opinion, daar ben ik wel benieuwd naar. Dat is één. En twee, de maatregelen die we nu nemen, dat is de goede richting, zegt Cebeon. Maar we nemen toch nog geen maatregelen, beste wethouder, want we blijven in algemeenheden praten. Dus ik heb toch wat meer behoefte aan duiding, over wat voor maatregelen hebben we dan, waarvan Cebeon zegt, dat is de goede weg. Want schijnbaar is er nog ergens iets te vinden wat een heel goed idee is. De voorzitter: We gaan naar de wethouder. Mijnheer Hoek. De heer Hoek: Second opinion was een beetje een verspreking. We hebben meer om duiding gevraagd van, waar moeten we het nou zoeken? En Cebeon geeft daar ook maar, dat is een constatering op CBS-gegevens. En die zeggen, als we dat vergelijken met een aantal referentiegemeenten, dan hebben jullie een overschrijving. Overigens, wanneer we onze begroting leggen naast de begrotingen van de verschillende gemeenten binnen onze GRJR, dan staan wij echt niet in het meest rechtse rijtje. Die maatregelen, daar zijn we nu juist mee bezig om die maatregelen wat meer te voorzien van inhoud en kleur.

Daar hebben we onlangs een beeldvorming over gehad. Daarin hebben we besproken van, waar zouden we aan kunnen denken? Met name bijvoorbeeld het aanpassen van de verordening. We hebben eerst de beleidsregels al gedaan, dan de verordening. Dat is wat mij betreft redelijk concreet, als ik het zo mag vertalen. De voorzitter: Ik ga voor een interruptie naar de heer Van Santen. De heer Van Santen: Dank u wel. U maakt een opmerking over de GRJR, hoe wij er dan voor staan ten opzichte van anderen. Maar dat is natuurlijk niet relevant, want je moet appels met appels vergelijken. En dat heeft juist het rapport van Rijnconsult gedaan, of Cebeon, hoe dat ook heet. Om juist naar referentie, omdat wij veel meer jongeren hebben. Dus ik begrijp niet waarom u dan die vergelijking maakt met bijvoorbeeld Rotterdam, wat dan ook. Dat heeft toch geen enkele zin. De voorzitter: De wethouder. De heer Hoek: Ik kan het wel enigszins duiden. De dynamiek die in deze regio heerst, is misschien niet de dynamiek die rond Barneveld heerst. En u heeft gelijk, we hebben veel meer jongeren procentueel gezien. Dus dat zorgt ook dat we hogere uitgaven hebben. De dynamiek van de regio waarin wij wonen, is wel een iets andere dan bijvoorbeeld de dynamiek van Barneveld. En dat is ook wel onderkend. En als ik dan kijk binnen onze eigen GRJR, want die cijfers, daar kunt u regelmatig kennis van nemen.

Dan worstelt bijna iedere individuele gemeente binnen de GRJR met dezelfde uitdagingen waar wij ook mee te kampen hebben. Wat overigens niet wil zeggen, dat ik dit niet serieus neem. Want honderd euro per jongere, dat vind ik echt substantieel geld. En het is voor ons college een grote uitdaging om daar een vinger achter te krijgen. Betekent ook dat ik u nodig heb om straks die spade dieper wellicht te gaan zetten, daadwerkelijk. Want bezuinigen doet zeer. En niemand in dit huis zal dat ontkennen. Maar het zijn wel maatregelen die nodig zijn om in control, ik wil niet zeggen in control te komen, maar wel om onze jeugdhulpkosten, om die wel beheersbaar te houden.

31/76

De voorzitter: Ik heb twee interrupties, van de heer Duivesteijn en de heer Markus. Ik ga eerst naar de heer Duivesteijn. Gaat uw gang. De heer Duivesteijn: Dank u wel, voorzitter. Ik hoor de wethouder zeggen dat we op de goede weg zijn. Dat Cebeon/Rijnconsult dat heeft gezegd. Maar u geeft ook aan, honderd euro per inwoner meer. Dat zou voor onze gemeente 6,6 miljoen zijn. Hoe ver zijn wij dan op de goede weg? Als wij nu op dat staafje, iets van 1,6 heb ik gevonden. Is dat dan het product daarvan? Is dat de uitkomst van Cebeon/Rijnconsult? Ik ben net als de heer Markus meer op zoek naar duiding van, hoe ver zijn we dan op die goede weg? De voorzitter: Ik ga naar de wethouder. De heer Hoek: De jaarrekening van de GRJR geeft aan dat we vorig jaar 5,5 ton hebben overgehouden. Dus in die zin zijn we op de goede weg. En we staan nog maar aan het begin, want de beeldvormingen die we onlangs hebben gehad, daar worden nog heel veel maatregelen besproken die we uiteindelijk nog uit moeten rollen. De voorzitter: Ik ga naar de heer Markus. De heer Markus: Voorzitter, ik snap dat het lastige materie was. Maar wat we volgens mij met elkaar hebben afspraken, is, we hebben de uitkomst gehad van Cebeon en we hadden inderdaad honderd euro per jongere meer. Toen hebben we ook afgesproken, maak dan inzichtelijk waar die honderd euro in zit.

En zit er nog ruimte in die honderd euro om daar iets in te vinden? De uitkomst kan ook zo zijn dat het gewoon zo is. Maar volgens mij hebben we die uitkomst waar die honderd euro in zit en wat erachter zit, wat de redenen zijn, die hebben wij als raad, zover wij weten, in ieder geval nog nooit gezien. Maar zou u die kunnen geven? Want dat geeft ook meer inzicht in de discussie. En dan weten we waar we eventueel op kunnen bezuinigen. Of blijkt dat het helemaal niet kan. De voorzitter: Het is een hele concrete vraag. De heer Hoek: Ik ga kijken of ik dat… De voorzitter: Mijnheer Hoek. Mijn voorganger zei altijd, we gaan via de voorzitter. De heer Hoek: Dit is onderzoek geweest, ‘…’ op CBS-cijfers. Ik zal kijken of de achtergrondinformatie of daar wat meer duiding aan te geven is. Dat zeg ik u toe. De voorzitter: Ik kijk even naar de heer Markus, want ik wil even wel wat scherpte hebben. Geldt het dan ook in deze voor de komende raad in juli? Of zegt u, dat gaat daar overheen? De heer Hoek: Nee, dat lijkt me handig. Nee, dat zeg ik toe. De voorzitter: Oké, dat zegt u toe. Dus voor de raad van, wat is het is, zoveel juli, is hij… Gaat u verder. De heer Hoek: Even kijken hoor, ik was bij het CDA. Even kijken hoor. Die ophoging van die 2,1 miljoen, daar heb ik u over verteld. Dan het Horti Science verhaal.

Met betrekking tot de financiën, daar heeft u een brief over gehad met de oprichting van het HIC. Volgens mij heeft u

32/76

zelf aan de wieg gestaan van het vaststellen van de Horti Science visie en weet u ook dat we hier best een ingewikkelde discussie hebben gehad over die 3 keer 1,2 miljoen die we ter beschikking wilden stellen aan dit unieke traject. U heeft gelijk, dat loopt eerdaags af. En de bedoeling is, en dat was ook toen de bedoeling, dat die gelden als een soort katalysator zouden dienen om uiteindelijk als vliegwiel te dienen voor het bedrijfsleven die dan ook gaat investeren in het hele mooie verhaal. En je ziet dat dat nu aan de orde is, gezien het feit dat we echt serieuze stappen maken met het Horti Glasshouse, het HIC. Maar ook de investeringen die de WUR doet, de ‘…’ gelden. Dus ja, we zitten volgens mij prima op het goede spoor. En er komt een moment dat we weer rond de tafel gaan om te kijken, hoe ziet de toekomst er de komende tijd weer uit. En natuurlijk hou ik u daarvan op de hoogte. Dus die hebben we gehad. De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel: Voorzitter, mijn vraag is eigenlijk heel simpel. Hoeveel euro zit er volgend jaar gealloceerd voor de Horti Science-uitvoeringsagenda in de begroting? De heer Hoek: In principe niets. We hebben de jaarrekening ‘24, hebben we een overheveling gehad van vijfhonderd zoveel duizend euro. Die gaan we dit jaar besteden. En in feite volgend jaar, op zich zit daar volgens mij niets meer.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=02dc5a5a-2aa6-4453-b7fa-1ef24771affe