CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[BV23.0021] Verslag commissie Samenleving d.d. 9 februari 2023

Commissie Samenleving 16 maart 2023, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling verslag vorige vergadering22.891 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

De uitlegbaarheid van keuzes, die de gemeente maakt in beleid en uitvoering is voor de fractie van de CU een belangrijke reden om achter deze samenlevingsvisie te staan. Met deze samenlevingsvisie kunnen we de komende jaren vooruit. Bij de aangekondigde evaluatie in 2025 kunnen we bijstellen waar nodig. Er ligt nu een gezonde en positieve basis. Wat de fractie van de CU betreft gaan we aan de slag met deze samenlevingsvisie. Mevrouw Draak, VVD: De VVD-fractie is bijzonder positief over deze samenlevingsvisie. De teksten zijn duidelijk, het is behapbaar en leesbaar en er is heel veel onderbouwing d.m.v. cijfermateriaal en beeld, wat de leesbaarheid en het begrip ten goede komt. Wat we ook positief vinden, is dat heel duidelijk zichtbaar is, dat de participatie en input gedurende het langdurige aanloopproces zichtbaar verwerkt zijn in het eindproduct. Als voorbeeld wil ik daarbij noemen het stuk over het kompas en de barometer, waar op een beeldvormende avond nog overduidelijk nog onduidelijk over was en wat nu in het stuk goed is verwerkt en inderdaad kan dienen als uitgangspunt. Als we de samenlevingsvisie langs de liberale principes van de VVD leggen, dan zien we daar ook heel veel in terug. Eigenlijk is de Lansingerlandse standaard in zichzelf al iets heel liberaals. We hebben ook met elkaar gesproken over de ongelijke aanpak, dat is juist heel mooi.

Ieder mens is gelijkwaardig, maar niet gelijk. Dat betekent dat je soms iets ongelijks moet doen om mensen dezelfde kansen te geven, wat in deze tijd natuurlijk gelukkig een heel belangrijk thema is. Ook wat dat betreft zijn we er heel blij mee. De visie lijkt ook een duidelijke toets te bevatten voor nieuw beleid. Er is eigenlijk maar 1 zorgelijk ontwikkeling die in deze samenlevingsvisie wordt beschreven en dat is dat Lansingerland steeds meer naar het gemiddelde gaat. Als we nu naar alle cijfers kijken, dan zien we eigenlijk dat we in Lansingerland gemiddeld genomen, we hebben het wel over gemiddelden, welvarend zijn met elkaar, gezond zijn met elkaar, dat er relatief weinig uitkeringen zijn, relatief weinig schulden zijn in vergelijking met andere gemeenten. Lansingerland zal door de groei meer naar het gemiddelde gaan trekken. Daarover heb ik eigenlijk een vraag aan de wethouder. Is Lansingerland daarop voorbereid? Op dit moment zitten we aan de gunstige kant van de statistieken, maar als wij meer gemiddeld gaan worden in de komende jaren, gaan we dus meer uitkeringen verstrekken, krijgen we meer problematische schulden, meer zorgvraag, misschien wel dakloosheid of criminaliteit, wat nu relatief kleine problemen zijn bij ons. Vraag dus aan de wethouder: zijn wij daarop voorbereid de komende jaren? Daarnaast heb ik nog 3 andere vragen aan de wethouder.

De eerste vraag is of het mogelijk zou zijn om die grofmazige financiële plaat in een later moment breder uit te werken? Omdat ik echt denk dat het voor zowel het ambtelijk apparaat als voor ons als raad enorm nuttig kan zijn om een A4tje per onderwerp te hebben, waarin we dat kleine gekleurde plaatje iets meer specificeren in waar het geld dan naartoe gaat. Dan heb ik nog een vraag over het raadsvoorstel, er zijn 2 dingen die voor mij nog niet helemaal duidelijk zijn. Het eerste gaat over de 4 beleidsplannen. Er wordt benoemd dat het sociaal domein aan de slag zal gaan met 4 beleidsplannen, maar welke zijn dat dan? En er staat iets over juridische aspecten. Er staat: de samenlevingsvisie en de beleidsstukken die op deze visie zijn gebaseerd zullen leiden tot heroverweging, toetsing en actualisatie van verordeningen, beleidsregels en uitvoeringsprotocollen. De vraag die ik daarbij heb is eigenlijk, dit is een soort melding, maar gaat de ambtelijke organisatie zelf proactief overal doorheen, verordeningen en beleidsregels die we hebben, of gaat dat op het moment dat iets op de agenda staat, wordt er een speciale actie verwacht van raad of college? Daar zou ik ook nog graag antwoord op willen. Samengevat: wat ons betreft ziet het er gewoon heel erg goed uit, dank u wel. Mevrouw Gabin, GL: Ons is gevraagd om de samenlevingsvisie vast te stellen.

Alhoewel wij erg hoopvol waren en ook wel blij zijn met de toevoeging van de inclusieve samenleving, vinden wij toch dat de visie tekort schiet in ambities. De visie neemt ons niet mee op reis. Het gaat over Lansingerland, maar het had ook net zo goed kunnen gaan over een willekeurige andere gemeente. Een visie gaat over ambities en heeft betrekking op de gewenste richting, waarop geanticipeerd kan worden. Daarbij ligt de nadruk op de vraag: wat willen we in de toekomst bereiken? Met de visie moet je eigenlijk meegenomen worden naar de toekomst. Hoe gaat Lansingerland er ideaal gezien uit zien over 5 of 10 jaar? De opgaven waar

12/24

we voor staan, zijn complex. Vooral in deze bijzondere en onrustige tijden hoop je dat de gemeente de mens voorop stelt. Het principe de samenleving dient zich autonoom te ontwikkelen, wordt voorop gesteld in de samenlevingsvisie. De gemeente is daarin volgend, tenzij. Wat houdt dat nou precies in? Uiteindelijk is samenleven samen doen, nietwaar? Er wordt aangegeven een voorspelbare en betrouwbare overheid te willen zijn, maar dit stuk brengt het bestuur en de burger niet dichter bij elkaar. Het straalt meer een zakelijke gemeente uit met weinig ambities naar de samenleving toe, waarbij de burger op afstand wordt gehouden. In hoeverre draagt deze samenlevingsvisie bij aan het vertrouwen tussen burger en bestuur? Komt dit de democratische participatie van de gemeente Lansingerland ten goede? Al met al, naar onze mening, had de samenlevingsvisie meer ambities mogen uitstralen. Mevrouw Molenaar: De vragen die u stelt, zijn aan de orde geweest in de beeldvormingsavonden. Heeft u die terug gekeken daarover? Ik herken een heleboel van uw vragen niet, omdat we daar juist uitgebreid en vergaand op ingegaan zijn tijdens de beeldvormingsavonden, waar ik juist zo heel blij mee was. Mevrouw Gabin: De beeldvorming is niet door mij persoonlijk bijgewoond, maar volgens mij is de fractie van GL aanwezig geweest.

Mevrouw Draak: Ik wil het toch even laten bezinken, maar ik heb toch een vraag aan mevrouw Gabin. Ze zegt: het had ook over een andere gemeente kunnen gaan. Heeft ze dan wel dezelfde samenlevingsvisie gelezen als ik? Er staan alleen maar voorbeelden in, meerdere pagina’s vol, die allemaal over Lansingerland gaan en die duiding geven aan hoe onze gemeente in elkaar zit. Mevrouw Gabin: Er staan inderdaad cijfers bij, die bij Lansingerland horen en voorbeelden. Maar wij vinden de ambities, de thema’s, te oppervlakkig en spreken niets uit van de Lansingerlandse ambitie. De heer Erwich, L3B: De samenlevingsvisie moet samen met de omgevingswet het kompas zijn voor de toekomstige besluitvorming. De manier waarop het document gemaakt is, is heel prettig. Ik houd van veel plaatjes en gezellige kleurtjes, niet alleen maar tekst. Het zat er allemaal in. De praatplaat is een prachtig exemplaar geworden. Je zou het eventueel kunnen verrijken met wat bedragen erbij, die bij de dingen horen. Het is erg belangrijk om als overheid een sterk inlevingsvermogen te hebben in de inwoner. Niet afstandelijk en zonder wantrouwen. Daarom zien we dit document als prima toetsingskader en kan het richting geven aan de toekomstgerichte doelen, de stip op de horizon naar een nog mooiere Lansingerlandse samenleving. Het is één van de belangrijkste documenten die voor de samenleving gemaakt wordt.

Elk toekomstig beleid wordt aan dit document opgehangen. Echter, we missen wel een betere communicatie met de inwoners, zodat ze zich vaker en vooral makkelijker rechtstreeks zelf kunnen uitspreken. In de Heraut van deze week stond een goed stuk van Freek Zijlstra met een duidelijk verhaal, waarin terecht een goede link gemaakt werd tussen Zestienhove, ik ben een ouderwetse Rotterdammer, tussen Zestienhove de visie op de samenleving. Daarom onze vraag aan de wethouder. Hoe nemen we draagvlak van de samenleving mee in toekomstige beleidsstukken? Voor L3B geldt dat we een transparante overheid en een faciliterende gemeente willen zijn. Gewoon lekker laagdrempelig. Denk aan de tekst in het gemeentehuis: kan ik iets voor u doen? We hebben wethouder Cnossen vorige week ook horen zeggen n.a.v. vragen van L3B over de WMO, dat er een enorm personeelstekort is en dat de wachttijden voor zorg alleen maar oplopen. Dat past niet helemaal lekker bij elkaar. We zien dan ook niet hoe we dit met dit toetsingskader gaan verhelpen en zijn benieuwd naar de ambities in de nieuwe beleidsplannen. De mondiale problemen en de landelijke problemen vloeien uit naar de lokale politiek. We staan voor grote opgaven. Toch wil L3B als een begrenzing toegepast wordt het liefst dat de samenleving die begrenzing bepaalt, bijvoorbeeld d.m.v.

wijk- of themagerichte peilingen of zelfs een raadgevend referendum plaats laten vinden. De vergrijzing kunnen we niet voorkomen. Gelukkig is deze gemeente ook nog relatief jong en vinden we het fijn, dat er oog is voor jong en oud. L3B vraagt erop toe te zien dat er praktijkaandacht blijft voor het samenvoegen van oud en jong, zoals schaken in de buitenruimte, dat is een perfect idee. Aandacht om samen oud met jong iets te doen voor elkaar en met elkaar is van groot belang als je wilt zorgen voor een vitale samenleving. Van iedereen die dit kan wordt gevraagd om verantwoording te nemen voor de eigen leefomgeving. Op moment lukt dat in Lansingerland voor 94% van de inwoners. Maar gezien de eerder genoemde mondiale en landelijke problemen, zou dat cijfer natuurlijk wel kunnen teruglopen. Door maatregelen van de rijksoverheid gesteund door de landelijke politiek worden alle gemeenten opgezadeld met zorgtaken, die van het rijk naar de gemeenten overgedragen zijn. Daarom hebben we een vraag aan de wethouder. L3B is benieuwd of de wethouder ons een idee kan geven in hoeverre de spreidingswet van invloed kan gaan zijn op onze samenleving. Ook willen we graag aandacht vragen voor het evaluatietraject. We willen het college vragen om een tussentijdse evaluatie over anderhalf of 2 jaar te plannen, zodat deze nog in deze raadssamenstelling kan worden beoordeeld.

Mevrouw Molenaar: Ik snap niet helemaal het verband met de spreidingswet en de samenlevingsvisie, kunt u dat nog een klein beetje toelichten? De heer Erwich: Misschien dat mevrouw Molenaar even geduld heeft, want de wethouder gaat daar zo meteen op in, neem ik aan. De voorzitter: De heer Afalah had dezelfde vraag aan u. De heer Erwich: Ik had nog 1 vraagje. Hoe gaan we dit allemaal aanpakken? Kunnen we ervan uit gaan, als deze visie wordt vastgesteld, dat alle toekomstige raadsvoorstellen met het afwegingskader naar de raad komen? Dank u wel. We zijn benieuwd naar de beantwoording.

13/24

Mevrouw Heijblom, D66: Als D66 kunnen we het eens zijn met het vaststellen van de samenlevingsvisie en om het te gebruiken als kompas en afwegingskader voor nieuwe beleidsinitiatieven. Heel belangrijk dat de samenlevingsvisie en omgevingsvisie op elkaar aansluiten. D66 is te spreken over het proces dat heeft geleid tot deze visie. Het proces was zorgvuldig, er is tijd voor genomen en er zijn dialogen en inspiratiesessies geweest met de omgeving. De samenlevingsvisie is een mooi document geworden, waarin vooral de sprekende cijfers en data opvallen. Het wordt daardoor heel helder waar we het over hebben in de gemeente Lansingerland. De thema’s bestaanszekerheid, gezondheid en kansengelijkheid zijn belangrijke thema’s voor D66. Wij geloven dat mensen pas echt vrij zijn als ze zichzelf kunnen ontwikkelen, als ze eerlijke kansen hebben om er iets van te maken in het leven en als ze zich geen zorgen hoeven te maken over hun huis of hun inkomen als het een keertje tegen zit. In de samenlevingsvisie moet echter wel iedere inwoner van Lansingerland zich herkennen en daarom zijn de thema’s leefbaarheid en veiligheid toegevoegd, waarmee aandacht voor de samenleving als geheel een plek heeft gekregen en daar zijn we blij mee. Wat ons betreft is deze visie in de gemeenteraad een hamerstuk.

Mevrouw Bouman, CDA: Lansingerland, een samenleving welke mijns inziens continu aan verandering onderhevig is. Nu ligt er een samenlevingsvisie, een visie op een krachtige, vitale samenleving en wie kan daar tegen zijn? Toen ik het e.e.a. las, kwam mij de nodige discussies van afgelopen jaren vanaf 2018 naar voren. De Lansingerlandse standaard, versterken van veerkracht, de 10 beleidsaccenten en niet te vergeten het toekomstperspectief, we zijn al de nodige jaren bezig t.a.v. een aantal items, wat nu samengevoegd wordt en verder doorgewerkt wordt in de samenlevingsvisie. De basis ligt er nu. In die basis is een uitbreiding gekomen met onderwijs, welzijn en zorg. Een visie, richting de ambtenaren en de wethouder, welke goed te lezen is, dank daarvoor. Er wordt getoetst volgens het kompas, daar staat het nodige over in. Er zijn 4 elementen: bestaanszekerheid, gezondheid, kansgelijkheid, veiligheid en leefbaarheid. Items die zeer zeker door het CDA onderschreven worden. Naast het kompas en het afwegingskader, dat wordt samengevoegd en dan gaan we keuzes maken, dan komen er beleidsplannen. Ja, en toen leverde dat bij mij toch wel enige vragen op. Het volgende. Is e.e.a. wel smart te maken straks? We hebben ook nog een jeugdwet, WMO en participatiewet uit te voeren, die zeker uitgevoerd moeten worden.

Gelet op de personele bezetting, komen wij dan wel toe aan het maken van beleidsplannen? Ik hoorde net de VVD iets zeggen over de financiële plaat, die heb ik natuurlijk ook gezien. Allemaal leuk en aardig, het geeft inzicht in de investeringen, maar hoe gaan wij als raad dit allemaal volgen? Hoe kunnen wij zicht krijgen op de voortgang t.a.v. de financiën? Ik heb de wethouder wel eens een keer horen zeggen: dat zit allemaal verwerkt in diverse items, paragrafen in het sociaal domein. Dat zal wel goed zijn, dat wij dat kunnen volgen t.a.v. financiële uitnutting. Dan nog een punt over de evaluatie. Evaluatie na 4 jaar. Het gaat wel wat te ver, dat we het dan pas gaan doen, want de samenleving is aan verandering onderhevig. Ik denk dat de monitoring zodanig moet zijn, dat je jaarlijks moet kijken: hoe zit het met de prestatie-indicatoren? Die gaan we allemaal nog krijgen. Is het nog nodig dat er in de samenlevingsvisie misschien toch al op kortere termijn iets veranderd moet worden. Ik verwacht dat het college dan naar de raad komt om te zeggen: er is het e.e.a. veranderd, dus wij gaan toch wel het e.e.a. aan u voorleggen. De heer Erwich: U noemt 4 jaar voor de tussentijdse evaluatie. Bent u niet in de war? Ik zei 1,5 tot 2 jaar. Mevrouw Bouman: Volgens mij bedoelen we hetzelfde. In de stukken staat een evaluatie na 4 jaar, maar tussentijds is het sowieso noodzakelijk dat.

Niet onbelangrijk, wat is de prioritering in dit geheel? We hebben de 4 beleidsplannen, maar wanneer gaat dat allemaal gebeuren? Zeker gelet op het feit, dat we een personele bezetting hebben, waarvan we allemaal weten dat daar de nodige problemen zijn. Wat gaat er dan gebeuren? Als ik dan lees: het komende jaar. Is dat 2024? Graag daar een reactie op van de wethouder, wanneer we het e.e.a. naar voren kunnen zien. Ik heb net gehoord het integraal werken, de omgevingsvisie en de samenlevingsvisie. Ik ga ervan uit, de omgevingsvisie hebben we al vastgesteld, of het allemaal doorgaat gaan we zien, maar als het niet doorgaat en we kunnen eerder met de samenlevingsvisie, dan ga ik ervan uit dat de onderwerpen, die in de notitie her en der staan, dat daar rekening mee gehouden wordt en de te ontvangen beleidsplannen. Dan hoorde ik ook iets over communicatie en participatie. De voorzitter: Zou u willen afronden? Mevrouw Bouman: Ja, laatste punt. Communicatie en participatie, ik hoorde er net iets over. Participatie via burgerparticipatie en ASD. Ik heb begrepen dat de ASD aanwezig was bij de laatste beeldvorming. Echter, wat ik mis, zeker bij zo’n samenlevingsvisie: wat is de reactie van de ASD op deze samenlevingsvisie? Wat is de reactie van het college? Ik mis dat stuk. Misschien kan het nog geleverd worden, ik hoor graag een reactie. Conclusie, wat nu voor ons ligt, prachtig.

De beleidsplannen gaan komen, wij zien dat met belangstelling tegemoet, dat er een vertaling komt van de visie in de beleidsplannen. Dank u. De heer Afalah, WIJ: Hier ligt die dan: de samenlevingsvisie. Ik heb niet alles meegemaakt, die hele procedure die is gevolgd, omdat ik nieuw ben als raadslid. Maar wat ik gezien en terug gekeken heb vanaf 2022 is het een mooi proces geweest. Dank daarvoor ook aan de ambtenaren, die er hard voor gewerkt hebben om dit samen te stellen. Ook aan de collega’s van de vorige raad en deze raad. Voor mij en voor

14/24

mijn andere collega’s van WIJ was het wel een lastig iets, omdat we halverwege de wedstrijd erin komen, dan is het lastig om terug te kijken, maar het is uiteindelijk goed gelukt. Ik vind het een mooi document. Voor mij geeft de samenlevingsvisie iets over: wat is de stand van zaken op dit moment. Dat konden we heel mooi terug vinden. Het is heel algemeen, dat ben ik het wel eens met GL, maar volgens mij is het ook wel bedoeld als zodanig. Later in de toekomst, als we echt beleid gaan maken op deeltrajecten, of het nou over ouderen gaat of jeugd of wat dan ook, dan gaan we pas echt de diepte in en details in. Daar moet die ambitie uitspreken van Lansingerland, denk ik. Ik vind het een mooi toetsingskader voor nieuw beleid, dat we samen gaan maken met zijn allen. Het bouwt ook voort op de vorige visie versterken van veerkracht. Dat is ook de basis, de Lansingerlandse standaard. Van 2018-2022 vind ik wel een periode apart, we gaan nu van 2022-2026, terwijl we al in 2023 zitten. Dat vind ik wel een heel lange periode. Ik sluit me ook aan bij L3B en CDA, maar ik heb het idee, daar wil ik duidelijkheid van de wethouder van, dat we wat vaker dingen gaan toetsen. Dat we niet hoeven te wachten tot het einde van deze raadsperiode. Ik heb wel wat gelezen, maar ik wil duidelijkheid hebben of dat klopt.

Ik zou dan eerder dan over 3 of 4 jaar hierop terug willen komen om te kijken waar we staan. Een kompas, een afwegingskader om nieuw beleid te gaan maken met zijn allen. Ik vind het positief. Ik ben er heel blij mee, WIJ is er blij mee, dat dit er is. Nogmaals, in de toekomst moet uitwijzen hoe dat precies in de praktijk gaat uitlopen. We hebben de laatste keer gemerkt, dat het niet allemaal heel makkelijk gaat, om dat te toetsen als we beleid gaan maken met zijn allen of om het eens te worden met elkaar, omdat iedereen toch zijn eigen politieke voorkeur heeft. Voor ons, de VVD zei dat het heel erg past bij hun liberale gedachtengoed, maar in principe past het ook bij ons DNA, dat vind ik wel apart. Ik kan me heel goed herkennen in deze visie, waar het om gaat. Mevrouw Draak: Ik ben benieuwd waarom meneer Afalah dat apart vindt, want als het gaat over samenlevingszaken, dan vinden de VVD en WIJ elkaar toch wel vaker naar mijn idee. De heer Afalah: Ja, dat is ook zo. Wij zijn alleen wel iets meer van alle groepen de kansen geven die ze verdienen. En bij de VVD heb ik nogal eens het idee dat sommige groepen niet helemaal terug komen in hun beleid. Dan gaat het met name om de mensen die iets kwetsbaarder zijn, die dus niet voor zichzelf kunnen opkomen, maar misschien zit de VVD in Lansingerland daar anders in, dat zou best kunnen.

Mevrouw Draak: We gaan mijn tijd daar verder maar niet voor gebruiken, maar laten wij maar eens koffie gaan drinken, want ik denk dat ik nog wel het e.e.a. kan uitleggen over hoe de VVD erin zit. Wat u zegt, dat klopt niet. De heer Afalah: Of het klopt wel, dat we het wel vanuit verschillende perspectieven kunnen lezen, zo’n samenlevingsvisie. Dat is ook wel mooi, dat iedereen zich erin kan herkennen. Ik heb ook wel wat kanttekeningen. De voorzitter: U moet uw eerste termijn gaan afronden. De heer Afalah: Dat ga ik doen, even heel kort. De term 65plusser, daar hebben we het over gehad, dat komt veelvuldig voor, niet alleen in dit stuk, maar in meer beleidsstukken. Ik zou heel graag, het wordt vaak wat negatief bekeken, daar bedoel ik mee: dan gaat het om vergrijzing, de zorg. Maar ik zou echt wat meer de kracht van de 65-plusser terug willen laten komen. Misschien is dat niet voor deze visie, maar zeker als het straks over de ouderen gaat, de visie over ouderen, om de kracht van de 65-plusser daarin terug te laten komen, want de 65-plusser van nu is absoluut niet die van 20 of 30 jaar geleden. Wat ik ook dingetje vind, en dat doet niets af aan de samenlevingsvisie, maar het gaat om het onderdeel kansengelijkheid. De voorzitter: U had 3 minuten voor uw eerste termijn, inmiddels bent u over de 6 minuten heen. De heer Afalah: Het laatste punt, dat wilde ik echt gezegd hebben.

Kansengelijkheid en de term over hoog, midden en laag opgeleid. Kunnen we alsjeblieft kijken of we die termen op een andere manier kunnen gebruiken, want het heeft een negatieve bijklank. Ik begrijp dat het CBS daarmee werkt, maar de vraag: zijn er alternatieven om dat soort termen eruit te halen? Dank u. Mevrouw Verhoef, PvdA: Ik wil voorop stellen, dat mijn fractie vindt dat bij het tot stand komen van deze samenlevingsvisie er een uitgebreid proces is gevolgd, een beeldvorming met veel ruimte voor input van de commissieleden en ook een goede oordeelsvorming over de uitgangspunten. We hebben zeker geen kritiek op het proces, we vinden het een overzichtelijk stuk en het is mooi vorm gegeven. Net als de heer Erwich ben ik best visueel ingesteld, dus dat is hartstikke fijn. Het gaat goed in Lansingerland, dat lazen wij in bijgaande brief. Dat was een zinsnede waar meteen ons oog op viel. Een eerste observatie op grond van de indicatoren uit de barometer. Maar toch, ook hier in Lansingerland hebben we daklozen, we hebben eenzame ouderen en eenzame jonge mensen, we hebben mensen die in armoede leven, mensen die hun papierhandel niet op orde krijgen, die geen eigen woning hebben. Mevrouw Draak zei het al: door de groei van het aantal inwoners zullen we naar het gemiddelde trekken.

Er zullen meer mensen zijn die zorg en ondersteuning gaan vragen in de toekomst, een huis zoeken enzovoorts. Het gaat lang niet met iedereen goed. Pech bestaat en dat vraagt om solidariteit. Wat de heer Xhemaili zei in de raadscommissie samenleving, toen we het over de uitgangspunten hadden, hij zei: neem de solidaire samenleving als uitgangspunt, want de WMO en de participatiewet zijn wetten waarbij de overheid op afstand staat en dat is niet toekomstbestendig en daar moeten we vanaf. Dat is niet als uitgangspunt genomen, daar zijn we helemaal niet chagrijnig over. Mijn fractie ziet ook, dat er moeite is gedaan om verbeterstappen te maken. In grote lijnen vinden we dit ook best een bruikbare kapstok voor het vaststellen en uitvoeren van ons beleid. Maar toch een aantal kanttekeningen ook. Er staat best veel in

15/24

beleidstermen misschien heel mooie, maar ook wel heel abstracte en heel hoogover taal in. Ik heb een vraag aan de wethouder, maar ook aan de andere commissieleden. Denkt u dat dit bij de uitvoering ook bruikbaar is, dit soort vrij abstracte taal? Kunnen de ambtenaren daarmee uit de voeten bij de uitvoering? Dan kom ik op de rol van de overheid. Die vinden wij onduidelijk. Valmir zei in zijn inbreng destijds: die overheid staat op afstand. Is die zorg nou echt terecht? Misschien zien wij dat zo en is dat niet zo, maar het staat er toch niet helder in. De ene keer bij bestaanszekerheid is de overheid voorspelbaar en betrouwbaar, dat vinden wij mooi, dat vinden wij belangrijk. Maar bij het principe samenleving aan zet, dan volgt de overheid, want de samenleving ontwikkelt zich autonoom. Dan bij het principe bewust kiezen, dan gaat het over kiezen tussen het zijn van een presterende of responsieve overheid. We houden continu aandacht voor uitvoerbaarheid van ons beleid, maar kunt u dan oog hebben voor de verschillende inwoners, kunt u maatwerk uitvoeren of is dat niet meer uitvoerbaar? Het blijft abstract en het geeft mij geen inzicht, dat ik er echt op kan vertrouwen dat de overheid dichtbij staat en maatwerk kan leveren. Tot slot in deze eerste termijn nog een ander punt. Ik wil eigenlijk het thema bestaanszekerheid verbinden aan het thema kansengelijkheid.

Bestaanszekerheid vonden wij al niet zo heel fijn verwoord, het ging over eigen regie, zelfredzaamheid, dat vonden we eigenlijk niet zo passend. Het staat er nog. Bestaanszekerheid hangt er ook vanaf of je zelf in de eigen inkomen kunt voorzien. Dan kom je dus bij kansengelijkheid en daar staat: we werken aan een inclusieve samenleving, iedereen krijgt voldoende kans om mee te kunnen doen. Wij zouden dit liever veel specifieker willen hebben, namelijk: iedereen krijgt de kans om zelf aan zijn eigen bestaanszekerheid te werken. Dan denken wij bijvoorbeeld aan een basisbaan, of dat ook mensen met een beperking mee kunnen doen, bijvoorbeeld met een betaalde baan. Bij bestaanszekerheid moet een koppeling zijn met mee kunnen doen en ook kunnen voorzien in je eigen bestaan. Dank u wel. Beantwoording college Wethouder Cnossen: Dank aan alle commissieleden voor hun inbreng en het bestuderen van de stukken. Mooi om terug te horen dat de vormgeving bij u ook iets doet, dat is voor het team heel belangrijk, dat het een toegankelijk stuk is dat je er ook even makkelijk erbij pakt om te toetsen: hoe hadden we dat daar opgeschreven. Een aantal woordvoeringen herken ik heel goed, bij de beeldvormingen hebben we al dit soort discussies met elkaar gehad.

Ik heb het voor mezelf vertaald in de woorden, sorry dat ik hoogover ga, van Herman Tjeenk Willink, die heeft zo’n leuk boekje geschreven: groter denken, kleiner doen. Daarin kan ik voor mezelf die samenlevingsvisie heel goed plaats. Samen met Divosa zijn 3 grote thema’s opgehaald, bestaanszekerheid et cetera. En als Lansingerland hebben we veilige en leefbare wijken toegevoegd. Die grote thema’s van Divosa zijn er en die moeten we op de één of andere manier kleiner zien te maken en dichtbij de burgers zien te brengen, dat heb ik van verschillende van u ook gehoord. Als wethouder, als raadslid heb je te maken met inwoners. Ze stellen een vraag en dan ben je benieuwd: hoe werkt dat beleid van de gemeente nu? Vandaar dat ik denk vanuit het motto van Herman Tjeenk Willink, wat ik heel belangrijk vind om hier op elk thema los te laten, want we kunnen er niet aan ontkomen, we zijn geen eiland, één van u noemde zelfs mondiaal, er zijn hele grote problemen die de samenlevingsvisie, wie weet zitten we volgend jaar in weer een andere situatie. We zien wat er gebeurt in de wereld, dat verandert voortdurend. Maar het is toch goed om elke keer vanuit dat hele grote toch weer terug te gaan naar het kleine lokale en daarover nadenken: wat doet dat met onze inwoners? Wat hebben wij nodig om daar richting in te kiezen. We zijn ook een groeiende gemeente.

Een paar van u zei: we groeien naar een gemiddelde gemeente, dat betekent iets. Dat is ook één van de redenen om na te denken in deze samenlevingsvisie: wat betekent die groeiende gemeente over een aantal jaar voor al deze thema’s, maar ook voor de ambtelijke organisatie, wat heb je daarvoor nodig. Daar zullen ook echt keuzes gemaakt worden, laat dat helder zijn. Als het aantal ouderen verdubbelt, die 65-plussers zullen volop ingezet worden, hier zit er ook één, ik ga nog even lekker door. Binnen die groep ouderen krijg je ook een groot verschil. Waar wij vroeger dachten: 65, dan schrijf je je in voor Hergerborch, dat was in mijn tijd, heel lang geleden. Dat is niet meer zo natuurlijk. Ik hoor zelfs van 80-jarigen die nog heel actief in de samenleving zijn en mensen helpen. Daarin gaat deze samenleving ook echt veranderen. Ik denk dat we daar heel hoopvol in mogen zijn, dat er altijd weer handjes komen die mensen kunnen helpen. Daarmee ga ik naar de verschillende woordvoeringen, want anders gaat het allemaal veel te lang duren, als ik zo lang ga praten, maar de samenlevingsvisie ligt dicht aan mijn hart in elk geval. Mevrouw Molenaar, dank voor uw complimenten. Toevoegen van veerkracht, daar had u een vraag bij, welke plaats heeft dat in het kompas. Het kompas is de manier waarop we nu vooruit kijken, het kompas.

En veerkracht staat er gewoon, dat is de Lansingerlandse standaard, die blijft staan, dat is maatwerk voor alle individuele inwoners waar we de WMO op toepassen, jeugd, de participatiewet. Dat is de veerkracht, die blijft staan, u ziet dat ook in de omgekeerde pyramide, die basis is er. We gaan dus nu werken aan dat middenstuk: hoe kunnen we met elkaar organiseren dat het allemaal daar omheen georganiseerd blijft? Mevrouw Molenaar: Hartelijk dank voor het antwoord. Mijn vraag was vooral, maar misschien ben ik de enige voor wie dat niet zo duidelijk is. In de leidende principes en thema’s komt dat onderdeel, dat dit de basis is, eigenlijk nergens meer terug. Daar ging mijn vraag eigenlijk over, want dat wordt dan

16/24

toch straks het afwegingskader voor het nieuwe beleid. Wethouder Cnossen: Even kijken, want dan praten we iets langs elkaar heen. Die veerkracht, die we in de vorige periode goed opgezet hebben met elkaar, de Lansingerlandse standaard, blijft gewoon. Dat is voor mensen die aan het loket komen, die met consulenten spreken over een WMO-voorziening of een participatiewet uitkering, dat blijft er gewoon staan. Natuurlijk, deze gemeente hoort net als elke gemeente voor de individuele inwoners te zorgen, maar daar bovenop zie je de grote opgave van de hele samenleving om mensen in een positieve gezondheid ook weerbaar te houden. Daar gaat dit stuk over. Ik hoop dat ik u hiermee bereik. Die ondersteuning blijft gewoon zo staan, mevrouw Molenaar. In de nieuwe beleidsplannen gaan we dit inderdaad concreet toepassen, dus daar mag u ons op afrekenen, dat u daar elke keer zelf ook langs gaat en dat u ook zelf kunt zien hoe we dit gebruikt hebben. U had het over de evaluatie, daar kom ik bij de andere woordvoeringen op terug. Dank u wel, mevrouw Draak, ook voor uw positieve woorden. Heel fijn dat u en uw fractie zich er goed in herkennen. U noemt het zorgelijk dat we steeds meer naar het gemiddelde gaan. Ja, zorgelijk, het is een constatering, we zien dit gebeuren en daar zullen we het mee moeten doen.

Inderdaad, die zin werd door één van u geciteerd in de brief: het gaat goed in Lansingerland. Ja, iemand die het voor het eerst las en al die cijfers las, ja, het gaat eigenlijk gewoon heel erg goed in Lansingerland op dit moment. Er zijn ook zorgen, maar dit is de constatering nu. Zijn we dan voorbereid op die toekomst, waar veel meer zorgvragen zullen komen? Wij bereiden ons daarop voor met deze samenlevingsvisie, omdat we zien dat we met de verdubbeling van het aantal ouderen keuzes zullen moeten maken wat we nog voor ouderen actief willen doen. Dat doen we aan de hand van die samenlevingsvisie. Een voorbeeld geef ik u, dat Aukje Bolle van het kunstgebouw mij gaf, zij inspireerde mij om met cultuur aan de slag te gaan. Ze zei: mensen die een kaartje kopen voor de Doelen en daar zelf naartoe gaan, daar hoef je je als gemeente totaal niet mee te bemoeien, daar moet je ook niks van vinden, dat doen ze gewoon. Maar mensen die eenzaam zijn en die je kunt helpen met een cursus participatie in cultuur, daar moet je je wel op inzetten. Dat zijn de keuzes, die we gaan maken.

Daarnaast, personeelstekort, al hebben wij voldoende consulenten die de voorzieningen kunnen toekennen, dan zien we nog dat het aantal handen om deze mensen te helpen eigenlijk ook in de toekomst er niet zal zijn, dus wij zullen daar wel een koers in moeten uitzetten en meer een beroep moeten doen op mensen daaromheen, hun netwerk of dat mensen zelf dingen moeten blijven doen. Dat is dat voorbereiden op de toekomst. Dat doen we niet alleen als gemeente, ik vind het interessant dat we een netwerk hebben met het zorgkantoor en zorgverzekeraars en 3B Wonen om daar samen over na te denken. U vroeg om een A4 om de onderwerpen nog wat breder uit te werken. Ik vind het eigenlijk een heel positieve opmerking, want ik vind het zelf ook heel informatief om die verdeling te zien. Die ga ik terug mee nemen om te kijken per beleidsplan, of we daar nog iets meer in kunnen duiken. U geeft aan: waar gaat het geld naartoe? Dat wil je als gemeenteraad volgen in de monitoring, dus die neem ik mee om per beleidsplan daarop terug te komen. Welke 4 beleidsplannen, dat vroeg u aan mij. Dat zijn de beleidsplannen ouderen, daar zijn we al voorzichtig mee gestart, jeugd, veilige en leefbare wijken en dan hebben we er nog eentje, die ben ik even vergeten. Het komt, het zijn er 4, als ik het heb dan kom ik ermee. Participatie, ja, natuurlijk.

Nog een aspect dat ik graag ambtelijk mee wil geven: juridische aspecten, die meldingen. Proactief. We zullen daarin meebewegen. Stel dat je nieuwe beleidsregels als college moet vaststellen, dan ga je uiteraard de samenlevingsvisie gebruiken. Gaan we dat proactief doen? Dat lijkt me niet handig. Op het moment dat er iets aan bod is om te wijzigen, dan ga je daarin de samenlevingsvisie meenemen. Mevrouw Gabin, u benoemt dat de opgaven complex zijn. Ik hoop dat u het college daar ook in kunt volgen, dat we toch proberen in die grote complexiteit toch wat wegen te vinden waarin we met elkaar op kunnen gaan. U zei: de gemeente moet de mens voorop stellen. Ja, dat ben ik het helemaal met u eens, mevrouw Gabin. Ik hoop dat, richting mevrouw Molenaar, voldoende is gebleken, dat altijd dat maatwerk voor de inwoner blijft. Die ene inwoner, die een beroep doet op de gemeente, die heeft alleen de gemeente aan wie die bijvoorbeeld bij de participatiewet een uitkering kan vragen, natuurlijk moet je daarvoor blijven zorgen. Dat staat zeker voorop. Maar het is wel zo, dat we inderdaad kijken naar de samenleving, waar spontaan goede dingen gebeuren. Als er een voedselbank is, hoeft de gemeente daar niets van te vinden, want de voedselbank is er. Dat bedoelen we met het volgen van dingen die in de samenleving gebeuren.

Een goed werkende club bij de sportverenigingen, doet een beroep op ons met subsidies, dat is het faciliteren waarin je volgt. Maar ik hoef niet te vertellen welke trainer ze willen of hoe hun clubgebouw geverfd moet worden. Dat is echt aan die samenleving, dat is hiermee bedoeld. We moeten een betrouwbare overheid zijn, dat is voor mij één van de uitgangspunten, dat trouw zijn, dat burgers moeten weten waar ze aan toe zijn. Is dat dan zakelijk, zetten we de burger op afstand? Ik hoop dat ik duidelijk heb gemaakt dat daar gradaties in zitten. De burger die ons echt nodig heeft als gemeente voor zijn WMO-voorziening, nee, die zetten we niet op afstand. Maar de mensen die zichzelf prima kunnen redden, ik vind het goed om daar niet heel veel tijd in te steken, omdat ze het zelf kunnen en een beroep kunnen doen op een subsidiemogelijkheid die er is en dat zullen we dan toetsen aan de samenlevingsvisie. Draagt dit bij aan het vertrouwen van de inwoner? Ja, wij hopen dat wij met deze woorden in de samenlevingsvisie, nog vrij abstract, dat gaat concreter worden in de beleidsplannen, maar toch de mensen om ons heen kunnen laten zien waar we naartoe willen als gemeente. Die abstractheid is er nu nog, dat hebben we met elkaar gewisseld bij de

17/24

beeldvorming, maar dat zal steeds concreter worden. Ook in het gesprek met de partners, want besef ook, dat dit een samenlevingsvisie is, die via een bijzondere vorm van participatie, namelijk een dialoogvorm, tot stand is gekomen. Een aantal dingen hebben we landelijk opgehaald, van Divosa, maar heel veel ook van onze maatschappelijke partners. De adviesraad sociaal domein heeft heel vaak meegedaan in de dialogen, Welzijn Lansingerland uiteraard, welke partners hebben we nog meer, heel veel. De kerken uiteraard, bedenk het maar. Deze partners hebben we in dit deel van het proces betrokken in de dialoogvorm en heel veel woorden zijn ook daar vandaan gekomen. Op het moment dat we met de beleidsplannen aan de gang gaan, dan gaan we naar de inwoners. Eén van u vroeg heel concreet naar de adviesraad sociaal domein, die laten we mee adviseren om mee te kijken. In dit stadium hebben ze via de dialoog heel actief mee gedaan. Meneer Erwich, dank voor uw complimenten voor de vormgeving. Er is veel tijd aan besteed, dus heel fijn dat u dat zo benoemt. Communicatie met inwoners rechtstreeks, dat klopt. Hier zitten we wat meer op het niveau van de dialoog met samenwerkingspartners, met u als raad, met mensen uit het land, maar rechtstreeks met inwoners komt bij de beleidsplannen. U vroeg ook naar mijn mening, of de spreidingswet van invloed is op de samenleving.

Ik sprak vandaag bij het algemeen bestuur van de GGD de wethouder uit Rotterdam Ronald Buijt, misschien heeft u in het nieuws gezien dat de wethouder daar grote zorgen uitspreekt over de almaar groeiende zorgkosten van de gemeente Rotterdam. Hij gaf: hoe krijgen we al die taken er nog bij? Dat het een zorg is, ja. Heeft het effect op de samenleving, ja. Maar ik zit ook wel zo in elkaar, moet ik eerlijk zeggen: wij moeten hier lokaal besturen, soms moeten we het doen met landelijke wetgeving, er zitten meer lastige dingen tussen. Dat laat ik in Den Haag. Uiteraard kunnen we allemaal proberen dat te beïnvloeden, maar dat mensen ergens moeten wonen, dat is zo, dat heeft effect. Evaluatie, daar heeft een aantal van u naar gevraagd. Dat hebben we zo opgeschreven, omdat het mooi is om aan het eind van deze periode te evalueren om het volgend college ook weer de kans te geven misschien eens een andere koers in te zetten, het gaat echt over de koers. Maar uiteraard gaat u jaarlijks volgen via de monitoring of er bijgesteld moet worden. De wereld is zeer in beweging, er kan volgend jaar iets anders nodig zijn. Dat was een mooie opmerking van u: gaan we in toekomstige raadsvoorstellen dit terug zien? Het antwoord is: ja. Dat hebben we niet voor niets.

Als we met elkaar over de omgevingsvisie gaan praten, dan moeten we dit er ook bij pakken: hé, past dat? Mevrouw Heijblom, ook dank voor uw woorden. Inderdaad, goed geconstateerd, dat we echt de Lansingerlandse accenten, de leefbaarheid en veiligheid, hebben toegevoegd aan de grote landelijke thema’s. Tot nu toe is dat een terrein waar we nog eens met elkaar over na kunnen denken, wat we in die wijken kunnen doen. Mevrouw Bouman vroeg zich af hoe we dit meer smart kunnen maken. Via de beleidsplannen willen we ook daar inzicht geven en gewoon blijven volgen via de begroting, want dat is toch wel de systematiek, de prestatie-indicatoren wat we hiermee bereiken. De CBS-cijfers die u ziet zijn mooie, objectieve gegevens van buiten om ons aan te spiegelen. Niet alleen in de begroting, maar uiteraard via de beleidsplannen gaat u concreet nog meer zien en dat gaat u als raad vaststellen en ook volgen hoe we dit voor elkaar krijgen. Over evaluatie zei ik net iets, via de monitoring, dat is elk jaar het moment om met elkaar het gesprek te voeren: zijn we nog op koers, wijst het kompas nog de goede kant op? U vroeg ook naar prioritering van beleidsplannen. Ik gaf al aan, met het ouderenbeleidsplan zijn we bezig. Het is wel de bedoeling om dit en komend jaar alle 4 de plannen klaar te hebben, anders is de collegeperiode al weer bijna voorbij, dat moeten we ook niet hebben.

Laten we daar druk op houden en het misschien wat beperkter doen en niet eindeloze stukken schrijven, want dat is helemaal niet nodig. U miste de reactie van de ASD, de adviesraad sociaal domein, ik denk dat ik daar voldoende over gezegd heb. Zij hebben meegedaan in alle dialogen. U heeft ze ook gezien bij de beeldvorming, maar op dit moment niet een apart advies gegeven, dat komt per beleidsplan. Mevrouw Bouman: In het verleden bij het ‘versterken van veerkracht’ en de nodige nieuwe visies, daar heeft de ASD gevraagd en ongevraagd advies gegeven. Ik kan me herinneren dat dat heeft plaats gevonden. Ze hebben wel meegedaan en ze zijn bij de beeldvorming geweest, maar het zou wel prettig zijn als er dan ook het e.e.a. aan hen gevraagd wordt: hoe denkt u erover? En dat het college reageert op hun advies. Ik mis dat. Ik vraag dus: waar is het advies van de ASD? Wat is hun betrokkenheid? De adviesraad was een tijd niet compleet. Hoe zit dat? Wethouder Cnossen: Uw vraag is helder. Ik heb toegelicht hoe we de adviesraad sociaal domein er voortdurend bij hebben betrokken. U refereert aan de periode dat de adviesraad wat minder bezet was, toen hebben we daar ook gesprekken over gevoerd, dat heb ik hier ook teruggekoppeld.

Dat de adviesraad er behoefte aan heeft, dat ze niet alleen een stuk, een verordening op hun bureau krijgen, maar dat ze juist meer aan de voorkant met de medewerkers, die u daar ziet zitten, het gesprek willen voeren over het beleid dat wordt ontwikkeld en op die manier hun invloed willen uitoefenen. Dan ziet u niet onmiddellijk welk stukje daar vandaan komt, maar een dialoog zegt ook genoeg, want een dialoog is naar elkaar luisteren en dingen van elkaar meenemen. Daar hebben ze echt een grote rol in gespeel. Bij de beleidsplannen zult u een advies van hen zien met een reactie van het college. Mevrouw Bouman: Niet over de ASD, want daar heb ik zo mijn eigen visie en mening over. Even nog over de personele bezetting. Er staat een heleboel op stapel, dat begrijp ik, maar is het e.e.a. echt te realiseren t.a.v. de problematiek die er is? Er moet een aantal plannen komen, gaat dat echt lukken? Volgens mij is er een probleem. Wethouder Cnossen: Wat ik in eerdere vergaderingen al verteld heb, inderdaad, bij de echte concrete WMO-aanvragen, aanvragen voor

18/24

jeugd, daar zit het probleem. De consulenten zijn heel moeilijk aan te vullen, maar dat gebeurt ook bij de bestemmingsplannen, waar we ook wachtlijsten hebben. Daar concreet. Wat ik hier nu vertel over die beleidsplannen, die we in petto hebben voor u, dat is uiteraard afgestemd met de directeur en ook de medewerkers, dat dit ook haalbaar is, anders zou ik het hier niet vertellen, dat zou een beetje raar zijn. Toch nog heel even over de adviesraad sociaal domein, excuus, een klein uitstapje nog. Ze zijn speciaal voor het sociaal domein, terwijl de samenlevingsvisie nog breder is dan alleen het sociaal domein. Nu houden we erover op, voldoende. Ik ga richting de fractie van WIJ, de heer Afalah. Bouwt voort op veerkracht, dat was geen vraag. U had het over CBS-cijfers, waar bepaalde termen worden gebruikt van hoog, middel en laag opgeleid. Daar zijn betere voor, zoals praktisch geschoold. Maar omdat we die CBStermen gebruiken om de cijfers te laten zien, hebben we ons daar wel bij aangesloten om het herkenbaar te houden, maar u heeft gelijk. Laten we opletten met elkaar, dat we de goede woorden gebruiken, want er zit heel veel in woordkeuze om goed aan te duiden over wie we het hebben. Dat vind ik een mooi aandachtspunt, dat u meegeeft. Ik dacht dat u nog een vraag had, maar die hoor ik dan in de tweede termijn.

Mevrouw Verhoef, is dit bruikbaar bij de uitvoering als de beleidstermen zo abstract zijn? Met elkaar hoop ik dat we dat de komende tijd gaan zien, dat zal echt concreet worden in de beleidsplannen, dus laten we dat maar gebruiken als bewijs dat het werkt. Als het niet werkt, komen we elkaar vanzelf tegen. U had opmerkingen over de verschillende rollen die de overheid heeft. Heel belangrijk dat die overheid dichtbij is, wat mevrouw Gabin ook aangaf. Maar inderdaad, de overheid is niet altijd voor iedereen precies hetzelfde. Wij kunnen die keuze maken. We gaan reageren op wat er gebeurt met bijvoorbeeld subsidie te geven of we zijn de presterende overheid voor de mensen die afhankelijk zijn van ons, waar we gewoon wetgeving voor hebben, wat de gemeente moet. En maatwerk blijft gewoon, dat onderste stukje veerkracht staat er en dat blijft er. De discussie over bestaanszekerheid hebben we inderdaad al vaker met u gevoerd. Bestaanszekerheid is in deze samenlevingsvisie het begrip, niet alleen inkomen. Ik vind bijvoorbeeld een woning heel belangrijk voor bestaanszekerheid. Hoeveel mensen hebben op dit moment een tijdelijke huurwoning? Stel, je woont daar met je kinderen, zij zitten op een basisschool, dat geeft geen bestaanszekerheid. Bestaanszekerheid heeft iets van duurzaamheid, dat je met elkaar iets op kunt bouwen in een buurt, relaties op kunt bouwen.

Eigenlijk nog meer dan wat u aangeeft, een eigen inkomen, dat zit er natuurlijk ook in. Die kansengelijkheid, de kans om mee te doen, dat zit ook in het maatwerk van de wetgeving die we gewoon uitvoeren. Zelf aan het werk gaan en een basisbaan staat hier niet in, daar heeft u gelijk in, maar het mee kunnen doen zit in de WMO, dat is eigenlijk de oudste term van de WMO. Ons begrip bestaanszekerheid is dus eigenlijk iets breder dan wat u aangeeft. Dan ga ik stoppen. De voorzitter: Ik hoop dat dat alleen stoppen met de eerste termijn is. U had het net over 65-plussers die nog even doorgaan, ik schrik er bijna van. Alvorens wij naar de tweede termijn gaan, wil ik u in overweging geven, dat ik van een enkeling al helder heb gehoord wat u qua besluitvorming wenst, of het als hamerstuk naar de raad kan of dat moties of amendementen in voorbereiding gaat nemen. Dat wil ik wel graag van u horen deze tweede termijn. Om volstrekt andere redenen, dat heeft te maken met een kleine noodzaak, ga ik de vergadering voor enkele minuten schorsen. Ik kom zo bij u terug voor de tweede termijn. Ik schors de vergadering. Schorsing De voorzitter: Na deze schorsing van enkele minuten zie ik in ieder geval alle fracties weer vertegenwoordigd, daarmee heropen ik de vergadering.

Tweede termijn Mevrouw Molenaar, CU: Allereerst wil ik de wethouder hartelijk danken voor de antwoorden op de eigen vragen, maar ook op de vraag die ik stelde aan L3B, aan de heer Erwich. We hechten er toch nog aan als fractie van de CU om te zeggen, dat wij de inclusieve samenleving waarin iedereen ertoe doet heel belangrijk vinden, dus ook als we anders gaan uitkomen met gemiddelden of als er door de spreidingswet andere groepen inwoners hier komen. Wij zijn juist heel blij dat de samenlevingsvisie nu een heel duidelijk uitgangspunt is van hoe we met elkaar en ook met de nieuwe inwoners omgaan. Dat wilde ik graag toegevoegd hebben. Het is wat ons betreft een hamerstuk. Mevrouw Draak, VVD: Wethouder, erg bedankt voor de uitvoerige beantwoording. Wat ik wil toevoegen, de meeste commissieleden en de wethouder hadden het wel goed begrepen, maar wij hebben dus geen zorgen perse over dat we meer naar het gemiddelde gaan vanwege de mensen of de problematiek, maar meer vanwege de zorgvragen die eraan zullen komen. Dat nog even voor de notulen. Wat ons betreft is wat vaker evalueren ook prima. Verder is het een hamerstuk.

19/24

Mevrouw Gabin, GL: De wethouder had het over groter denken en kleiner doen, daar staan wij pal achter. Maar dat grote denken, een stip op de horizon, zien wij onvoldoende terug in de visie. Hoe dan ook, de samenlevingsvisie is een startpunt. Wij onderschrijven het belang om de visie periodiek te evalueren en te monitoren en de visie waar zo nodig aan te scherpen. Kritisch kijken of de visie nog wel past op de samenleving en Lansingerland de wenste richting op krijgen. Dus het is voor ons een hamerstuk. Wij willen de wethouder bedanken voor de uitgebreide beantwoording. De heer Erwich, L3B: Dank aan de wethouder voor haar duidelijke en uitgebreide toelichting, maar ik heb nog wel een vraagje. Er is aangegeven dat gehandicaptenbeleid ook een plek krijgt in deze samenlevingsvisie. Het kan zijn dat ik het gemist heb, maar als ik de uitgangsnotitie lees, vermoed ik dat dit valt dit onder de noemer ‘we werken aan inclusieve samenleving’. Binnen dat thema van kansgelijkheid. Maar klopt dat? Wordt het dan als vast punt mee genomen in alle beleidsstukken? Of komt er nu inderdaad een inclusie-agenda, waarin we praktisch invulling geven aan wat we vandaag besproken hebben met concrete acties en duidelijke rolverdeling? Dank u wel.

De voorzitter: Als er een antwoord op komt van de wethouder, is het een hamerstuk? De heer Erwich: Als het een heel goed antwoord is, dan wordt het een hamerstuk. De voorzitter: Mevrouw Heijblom had al aangegeven, dat het een hamerstuk is. Ik zie haar knikken. Mevrouw Bouman, CDA: Dank aan mevrouw Cnossen voor de beantwoording van de vragen die ik had. M.b.t. de participatie t.a.v. de ASD, daar heb ik zo mijn zienswijze over. Gevraagd en ongevraagd. In mijn optiek is er wel e.e.a. naar voren gebracht, dus ik vraag de wethouder of er nog even een reactie op kan komen. Voor ons is het een hamerstuk. De heer Afalah, WIJ: Dank aan de wethouder voor de beantwoording. Ik weet niet of het helemaal beantwoord is, maar ik had een opmerking over de term 65-plusser en hoe we hen positief in zo’n samenlevingsvisie kunnen plaatsen. Of dat het juist iets is wat terug gaat komen bij ouderenbeleid, waar we mee aan de gang gaan. Voor de rest, voor ons is het een hamerstuk. Dank u wel. Mevrouw Verhoef, PvdA: Ik wil de wethouder ook bedanken voor haar uitgebreide beantwoording op al onze punten en vragen. De wethouder heeft veel vertrouwen in het stuk, het gaat goed, er komen ook moeilijke tijden aan, maar we zijn goed voorbereid op de toekomst, hoor ik haar in grote lijnen zeggen.

We bereiden ons met die samenlevingsvisie voor op de problemen, we moeten keuzes maken, mensen moeten zelf meer dingen gaan doen. Het klinkt allemaal heel logisch en ook begrijpelijk, de overheid kan verschillende rollen hebben, soms dichtbij, soms veraf. Ook dat kan mijn fractie heel goed volgen. Maatwerk blijft, gelukkig maar. Bestaanszekerheid is breder dan alleen in komen. Ik kan het rationeel allemaal volgen. Wat ik ook kan volgen is het woord concreet in de beleidsplannen. Daar zit de crux, daar zullen we dan secuur naar kijken. We hoeven ze niet vast te stellen, dat weet ik, maar we zullen er wel goed naar kijken. Het mag voor ons een hamerstuk zijn, maar het voelt voor mij een beetje: het is een stuk zeep, het ruikt heel lekker, het is een heel mooi stuk zeep, maar als je niet oppast glipt het door je vingers. Daarom zijn die beleidsplannen zo belangrijk. Ik bedoel dat niet heel negatief, het zijn mooie woorden, maar houd het stuk zeep vast. Ik hoop dat dat in de praktijk goed gaat uitpakken. Dank u wel. Wethouder Cnossen: Ik zat nog even over dat stuk zeep na te denken, maar dat doe ik straks weer. Richting mevrouw Bouman, wij praatten net even langs elkaar heen. Er is inderdaad vanuit de adviesraad sociaal domein een reactie gekomen. Ze hebben meegedacht en ze hebben op een aantal teksten een reactie gegeven, maar geen advies.

Vandaar dat wij net even langs elkaar heen spraken. Zij zijn daar helemaal over bijgepraat, dat zij bij de beleidsplannen echt die actieve rol krijgen wat dan ook zichtbaar wordt richting u. De beleidsplannen worden weldegelijk door de raad vastgesteld, dat hoorde ik één van u zeggen. Meneer Erwich had een vraag, de inclusie-agenda. Uw fractie heeft de motie quick scan ingediend. Het was nog heel veel werk om dat uit te werken, ik heb daar een mooi stuk over gezien dat binnenkort richting de raad komt. Daarin wordt dat helemaal uitgewerkt, die inclusie-agenda. Het ging uit van de Verenigde Naties, dat handvest, maar eigenlijk is het steeds breder geworden, van handicap, naar gender, naar sekse, van alles. Dat is heel breed uitgewerkt en dat moet inderdaad een plek krijgen in die inclusieve samenleving, dus we willen het wel in de samenlevingsvisie hebben. Aan de hand van dat document moeten we met elkaar eens even kijken hoe we het kunnen volgen. Ik weet van een aantal gemeenten, dat ze een soort nulmeting maken en dan per jaar volgen hoe dat gaat. Maar dat komt nog naar uw raad toe. En de 65-plussers, ik ben toch zo positief geweest. Ik stop ermee. De voorzitter: E.e.a. gehoord hebbende concludeer ik wij de samenlevingsvisie als hamerstuk naar de eerstvolgende raadsagenda brengen. Allen dank voor de inbreng.

20/24

7. Actualiteiten uit het college Wethouder Hoek: Ik heb u toegezegd om u maandelijks bij te praten over de energiearmoede, dus dat zal ik ook deze keer doen. De constatering is, dat de energietoeslag goed gebruikt wordt. 1.805 huishoudens kregen de toeslag toegekend. Dit is een bereik van ongeveer 95%, dus dat is een goede score denken wij. We kregen 1 aanvraag bijzondere bijstand gestegen energiekosten, 1. Signalen van vroegsignalering blijven stabiel vergeleken met afgelopen maanden. Dat was er in januari 81 en 83 in december. Het aantal aanmelding m.b.t. schuldhulpverlening blijft ook stabiel. Sinds 7 februari, dat is u misschien niet ontgaan, is er een landelijk, tijdelijk noodfonds energie beschikbaar voor huishoudens met een laag inkomen en hoge energiekosten. Dat gaat wel tot 200% van het sociaal minimum. Dat is een landelijk initiatief, dus mensen moeten zich ook via een link aanmelden. We hebben het over een inkomen van € 2.980 bruto voor een alleenstaande en € 3.794 voor samenwonenden. De nieuwe wet energietoeslag 2023 gaat vooralsnog op 1 juni 2023 in. Uiteraard bereiden we ons hierop voor, daar zijn we op dit moment mee bezig, zodat de hiervoor benodigde beleidsregels voor 1 juni klaar zijn, zodat we dan direct met de uitvoering aan de slag kunnen.

Het rijk biedt de mogelijkheid om alvast € 500 van de energietoeslag 2023 als voorschot ambtshalve toe te kennen aan huishoudens, die in 2022 de energietoeslag hebben ontvangen. Het college is op dit moment deze mogelijkheid aan het uitwerken en komt hierop bij u terug zodra er meer bekend is. We proberen dat in ieder geval voor 1 juni te regelen. De voorbereiding voor de inzet van energiecoaches voor huurwoningen is bijna afgerond, eind februari gaat de communicatiecampagne hierover van start. Er komt een collectieve inkoopactie isolatie voor koopwoningen. Dit wordt in diezelfde communicatiecampagne meegenomen. Dat voor wat betreft de energiearmoede. Gisteren is er ook al aandacht besteed aan de brand bij BVCB. Als wethouder sport ben ik nauw betrokken namens het college bij deze vereniging. Ik moet zeggen, de fase van echt rouw is afgesloten. Op z’n Rotterdams worden de mouwen nu opgestroopt. Er zit heel veel energie in de vereniging, dat is mooi om te zien. Zondag was ik er, dan zie je een hele hoop verdriet. Gisteren was ik er en dan zie je toch ook weer heel veel slagkracht. De eerste prioriteit van de vereniging is om onze jeugd weer te laten voetballen, dat is natuurlijk een heel mooi streven. Dit weekend worden alle wedstrijden nog uit gespeeld, maar wel gespeeld worden. Daarna wordt een inspanning gepleegd om zo snel mogelijk weer het reguliere programma te volgen.

Als college hebben we gezegd: als je dit als vereniging overkomt, dan moeten ook wij de handen uit de mouwen steken. Dat betekent dat we heel erg faciliterend zullen acteren daar waar het gaat om het afgeven van een sloopvergunning. Wellicht dat de buitendienst ook nog kan betekenen, dus we zitten als college echt constructief in de wedstrijd om deze vereniging zo snel mogelijk weer verder te helpen. De vereniging waardeert de insteek van de gemeente, de samenwerking is goed. We hopen met zijn allen, dat ze snel weer in ieder geval weer met de herbouw kunnen beginnen. We hebben het deze week gehad over de spreidingswet, hij is hier vanavond ook een aantal keer aan de orde geweest. Ik zal net als met energiearmoede ook proberen om maandelijks een update te geven m.b.t. de spreidingswet. Het is een behoorlijke uitdaging, die voor ons ligt. Daarom vind ik het heel belangrijk om u zo goed mogelijk mee te nemen. Dat betekent ook als u zegt eens ergens te willen gaan kijken of behoefte heeft aan informatie, geef het aan, want ik vind het bijzonder belangrijk dat we samen als commissie maar ook als raad ook deze klus op een goede en constructieve manier gaan klaren.

Op het moment dat er wat meer informatie voor nodig is of als u iets mist, dan houd het college zich aanbevolen, want we hebben er alleen maar baat bij op het moment dat u goed bent bijgepraat, zodat we op een juiste en constructieve manier de juiste beslissingen kunnen nemen m.b.t. deze uitdaging, die vanzelf op ons pad komt. Mevrouw Verhoef, PvdA: ik wil de wethouder bedanken voor de uitgebreide toelichting. Het ging over energiearmoede bij huishoudens, het ging ook over de vreselijke brand bij BVCB. Ik sprak u deze week informeer en u gaf toen aan, dat de landelijke ondersteuning vanuit het rijk voor sportclubs, die in energieproblemen mochten komen op zich laat wachten. U zei er nu niets over, kunt u daar nog iets over zeggen, want ik denk dat dat voor iedereen interessant kan zijn. Wethouder Hoek: Ja, dat kan ik zeker. We hebben ons als gemeente, toen we in oktober begonnen met het energievraagstuk, toen we hebben we daar ook de verenigingen in mee genomen. Mijn antwoord was toen, dat er een regeling komt, de zogenaamde TEK-regeling, tegemoetkoming energiekosten. We zouden gaan kijken: wanneer wordt die uitgerold en wat betekent dat? De ervaring leert dat die nog wel even op zich laat wachten. We hebben wel informeel een rondje gemaakt om te kijken of verenigingen in problemen zijn gekomen.

Ik weet dat de PvdA actief mee aan de slag is geweest, dus ik heb ook de PvdA benaderd of ze signalen hebben. Het voordeel is vaak, in ieder geval de binnensportverenigingen hebben daar relatie weinig last van, omdat we de tarieven voor dit jaar niet verhoogd hebben en de stookkosten zitten in de tarieven. Dat is een mooi voordeel voor in ieder geval de binnensportverenigingen. De buitensportverenigingen zijn we in het verleden erg tegemoet gekomen om Ledverlichting te subsidiëren maar ook zonnepanelen. Dat zorgt ervoor dat ik een aantal verenigingen heb gesproken, die zeggen: eigenlijk valt het met de genomen maatregelen op dit moment mee. Ik merk ook dat verenigingen echt in de stand staan van: we willen het ook zelf oplossen, het is niet zo dat we meteen bij de gemeente aankloppen. De redelijkheid gebied ook te zeggen, dat alle verenigingen ons over het algemeen heel goed kunnen vinden. Als er iets met het gras

21/24

is of de doelpalen, weet ik veel, maar dat we nu nog niet actief benaderd zijn over dat het problemen oplevert. We hebben dat wel informeel gedaan door zelf het net wat op te trekken, maar mijn idee is dat verenigingen eruit komen. Neemt niet weg dat we nog steeds reikhalzend uitkijken naar de TEK-gelden. Ontegenzeggelijk is het zo dat het wel op onderdelen gevolgen heeft en als we daar iets in kunnen betekenen dan zou dat mooi zijn. Op het moment dat een vereniging prima zelf overeind kan blijven, dan is dat een groot compliment waard in deze tijden. De heer Afalah, WIJ: Bedankt voor de beantwoording. U had het over het voorschot van € 500. Kan het college niet iets meer ambitie daarin tonen door in plaats van 1 juni. Mensen zitten op dit moment met een probleem, de lage inkomens. Alles staat opgetuigd, de ambtenaren weten wat ze moeten doen. Ze weten precies welke mensen er recht op hebben. Kunnen we er nou niet gewoon voor zorgen dat die mensen binnen 1 of 2 maanden die toeslag van € 500 krijgen. Dan kunnen we daarna altijd de wetgeving afwachten vanaf 1 juni voor de rest van het bedrag. Dank u wel. Wethouder Hoek: Volgens mij heb ik niet anders gezegd. Het is juist onze insteek om sneller dan die 1 juni te acteren. Wat mij betreft vindt u mij aan uw zijde. We willen daar actief naar kijken om dat zo snel mogelijk te doen, absoluut. Daarom zijn we er nu al mee begonnen.

De voorzitter: Actualiteiten zijn geen debat. Een verhelderende vraag kan ik toestaan. De heer Afalah: Kunt u een termijn aangeven, wanneer u daarmee terug komt? Dan kunnen we misschien wat dingen doen richting de volgende commissievergadering. Dank u wel. Wethouder Hoek: U probeert me nou een uitspraak te ontfutselen, dat dat voor de volgende commissievergadering geregeld is. Dat ga ik niet doen, maar ik vind het wel een mooie ambitie van mezelf, maar ik kan het niet toezeggen. De heer Kampinga, VVD: Ik ben verheugd te horen, wat de wethouder vertelt over de energietoeslag. Ik was even benieuwd of het financieel tot nu toe een beetje loopt zoals het verwacht werd. Wethouder Hoek: Daar kan ik ja op zeggen. Wethouder Cnossen: Drie korte punten. Met verwijzing naar de technische vragen van de VVD over Casa Cadanza, over de aanneemovereenkomst denk ik dat het goed is om hier te delen, dat er inderdaad wat vertraging zit bij de start van de bouw. De vertraging komt van de kant van de ontwikkelaar, die niet zo snel een technisch installatiebureau voor handen had, maar ik denk dat u daar voldoende over weet. Het is ons voornemen om u volgende maand weer wat breder te informeren over de voortgang, want de stoelen van meneer Erwich vragen ook nog om antwoord. Het zit in de pijplijn, ik vergeet u niet. Het volgende punt is van heel andere orde.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=6e7ecf3e-142f-43cd-a337-82fb37b3f2d2