[BV22.0092] Verslag van de raadsvergadering van 22 september 2022
Tekst van het document
klankbordgroep is opgezet in de pilot van de nieuwe burgerparticipatie in het kader van de omgevingswet. De omgevingswet schrijft voor dat men met de stakeholders, de belanghebbenden tot een plan komt waar men consensus heeft over hetgeen ontwikkeld gaat worden. De hoogte is eigenlijk heel goed beleefd in die zin, aanvankelijk waren er andere hoogtes, aanvankelijk was het gebied waarop die doos, die 25 meter, meer gepositioneerd over een groter geheel. Dat is door diezelfde klankbordgroep, ook mensen van Rotta, maar ook mensen die aan de Rottemeren wonen, is het naar achteren, naar de N209 verplaatst. De heer Ammerlaan: Ik hoorde meneer Baltzer net zeggen: er is onenigheid over de hoogte. Dat heb ik opgeschreven. Dat was meneer Baltzer uit de klankbordgroep. Er was onenigheid. Maar u zegt. Wethouder Fortuyn: Er was onenigheid, u zegt het goed. Aanvankelijk is er geprotesteerd en er is ingebracht. Daarop is het ontwerp aangepast en is het naar de voorzijde van de N209 gegaan, is het 25% van het bebouwde oppervlak. De voorkant wordt gelijk getrokken met de rooilijn van Zalando, dus het gebouw gaat iets naar achteren. Vervolgens is er een animatie gemaakt, daar heeft u een oordeel over kunnen vellen of u heeft er in ieder geval ideeën over. In de totale klankbordgroep wordt er geen bezwaar gemaakt tegen het ontwerp en schets.
Natuurlijk zijn er mensen die het liever lager hebben gehad, maar that’s it. Er is een vraag gesteld door mevrouw Boonstra over 10% afwijking: gaat het dan nog hoger worden? Nee, wij zullen erop toezien dat dit het maximale is wat er gebouwd mag worden, ondanks dat ik tot mijn verrassing, want zo goed ben ik ook niet in bestemmingsplannen veelal zie dat afwijkingen wel mogelijk zijn, 10, 20% op een door de gemeenteraad vastgesteld bestemmingsplan, want dat percentage zou een collegebevoegdheid zijn om dat toe te kunnen staan. In dit geval is 25 meter, 25 meter. Dat wil ik ook wel met u afspreken, dat moet goed geborgd worden, dat het geen 25 is en dat het college kan besluiten er 10% bij op te tellen. Dat is even het verhaal, dat ik tegenkwam in verschillende bestemmingsplannen, dat er een soort collegebevoegdheid is om dit te doen. Jumbo aan de overkant is 30 meter, daar zit een bevoegdheid van het college op om er 20% op te zetten, dan zit je op 36. Hoogvliet is meer dan 30 meter, die had er ook 6 meter bij kunnen doen. Je ziet hier en daar verschillende bevoegdheden, dat was voor mij ook wel een verrassing. Misschien voor jullie beeld om bij een bestemmingsplan te kijken hoe je hiermee om gaat. Voor mij ook wel een beetje verrassend, maar in dit geval: die 25 meter is 25 meter. Daar zullen we het bij houden en ook vast leggen.
Er is ook een vraag gesteld: is het nadelig om 10% lager te gaan? De robotisering en technische ontwikkelingen vragen die hoogte. Wij willen dubbel gebruik kunnen organiseren van het gebouw. Die hoogte hebben we nodig om een maximale invulling te kunnen plaatsen van de diversiteit aan verschillende logistieke bedrijven. Het is absoluut niet de bedoeling om een tweede Zalando neer te zetten. Ik kan het u nog anders vertellen. Dirk van de Broek wacht op zijn nieuwbouw, dat is een andere distributeur. We hebben Hello Fresh, die heeft iets andere logistieke processen. Zo is er een aantal bedrijven die nieuwbouw willen. Daar is ook die 25 meter uit voort gekomen. Niet alleen maar: nou, dat lijkt me wel mooi. De stedenbouwkundige heeft positief geadviseerd, dat hebben we kunnen zien. Het past goed in de omgeving zoals het daar nu staat. Dan is er een vraag gesteld over de integrale visie. Er is een brief, 30 december, gestuurd naar uw raad waarin alle elementen rondom Klappolder in beeld zijn gebracht, Zalando met calamiteitenweg en ook rondom de ontwikkeling van Greenery die op dat moment al 1,5 jaar aan de gang was en vertraagd is. Daar werd snelheid in gemaakt. Tegelijkertijd is aangegeven, dat we ook integraal gaan kijken naar de infrastructuur. En ook dat er gekeken zal gaan worden naar de gebiedsvisie of ontwikkeling voor de Chrysantenweg.
De Chrysantenweg is een privaat terrein van verschillende eigenaren. Het beeld erover is nog niet helder. In diezelfde brief wordt gezegd: potentieel kunnen we kijken naar Horti Science mogelijkheden, maar het zal een hele nieuwe ontwikkeling moeten gaan worden, die we niet weten. Dat gaat in een andere snelheid dan waar dit plan om gaat. Nogmaals, dit gaat over het gebied Greenery, privaat, voor de herontwikkeling. Dat andere deel rondom de Chrysantenweg, daar moet helemaal opnieuw gekeken worden: hoe gaan we het inrichten? Ondertussen hebben we wel met ULC geregeld, dat is ook een geruststelling richting de bewoners die ingesproken, dat bij het vaststellen van het bestemmingsplan er op 2 locaties op het private terrein van Greenery een ontsluitingsweg zou moeten komen als en mits of hoe dan ook er ontwikkeling plaats vindt rond de Chrysantenweg. Met andere woorden: we hebben inmiddels geborgd, dat gaan we ook borgen en juridisch borgen, dat de ontsluiting van een eventueel te ontwikkelen gebied rondom de Chrysantenweg de ruimte krijgt om de verkeersafwikkeling via het private terrein van Greenery te doen, ULC A12. Dus ik denk dat we het best oppakken, maar het zijn allemaal stapjes die je doet met elkaar.
Die kan ik allemaal niet in de verschillende snelheden gaan wachten, totdat de gebiedsvisie of de integrale visie klaar is, want het zijn verschillende snelheden en ontwikkeltrajecten, dus daar kan ik niet mee uit de voeten. Wat hier voor ligt, die scope, het gaat er helemaal niet over. Het gaat nu over die postzegel, nou ja, postzegel, wel erg groot, de landkaart van het Greenery terrein. Daar gaat het uiteindelijk om. Maar we hebben er wel aandacht voor, dat geldt ook voor de migrantenhotels, dat geldt ook voor die calamiteitenweg. Ik heb net toegezegd: ik ga praten met de bewoners van de Hoefweg en ik ga ook langskomen met de projectleider die bezig is met de N209 in zijn geheel, waar Klappolder onderdeel van uit maakt, om het goede gesprek te hebben en te kijken waar de pijn zit, wat je wel kan doen, wat je niet kan doen, wat we eventueel mee kunnen nemen, want we zijn in goed gesprek ook met de provincie. De heer Ammerlaan: U was daar duidelijk over. We beseffen dat er verschillende snelheden zijn. Bent u van mening, bent u het met mij eens, dat als je naar die grote postzegel, dat je toch naar die omgeving moet kijken. Dat blijkt ook uit de vraagstelling van al die bewoners, van ons hier ook. Het zit in de samenhang. 12/34
Chrysantenweg, dat ben ik het met u eens, daar kan je nog niet iets definitiefs over zeggen, maar je kan het wel globaal mee nemen, zodat je wat meer weet. Als je een huis gaat bouwen en ik ga met de keuken beginnen, dan moet ik toch weten hoe het hele huis eruit gaat zien, een beetje, anders kan ik toch geen keuken gaan maken? Ik vind toch dat de gebiedsvisie, de brief van 30 december zegt het ook gewoon, dat het college het goed aan wil pakken. Wethouder Fortuyn: Ik heb niets toe te voegen op hetgeen ik al gezegd heb. Dan ga ik door naar de amendementen en moties. Amendement aanpassen maximale bouwhoogte masterplan Urban Logistic Campus A12, die gaan wij ontraden. Dan het amendement gemeentelijk uitgangspunten masterplan ULC A12 voormalig Greenery, bij het kopje gezonde leefomgeving en voldoende gelegenheid voor fietsparkeren. Die willen wij omarmen, weliswaar, het betreft hier een visie. In deze fase van planvorming is dat uiteraard de basis voor het opstellen van een omgevingsplan. Er worden afspraken in gemaakt over licht, geluid, maar het is allemaal nog niet heel concreet. U heeft al eerder van ons gehoord, u kunt het ook terugvinden in de initiatieven: groen licht voor de flora en fauna, duurzame en Ledverlichting, zonnepanelen et cetera, geluidszoneringsbedrijven te verbieden, die willen wij verbieden om daar activiteiten te ontplooien.
En fietsparkeren, die mogelijkheid. Dan ga ik nog een stapje verder, binnen het masterplan en ook binnen de planning van het bedrijf zelf worden de fietspaden op het bedrijventerrein gesepareerd van het snelverkeer in casu vrachtverkeer en autoverkeer. Dus er wordt echt veel rekening mee gehouden, maar we omarmen hem dus wel. Dan de motie maak haast met een integrale visie, toekomstbestendig maken van bedrijventerrein Klappolder en omgeving. Weet u, ik heb daar net ook al op geantwoord, je zit met een aantal verschillende snelheden. Wij hebben er ook voor, we gaan het gesprek aan met die bewoners, want daar zit de grootste zorg m.b.t. geluidsoverlast en verkeer. We gaan het gesprek gewoon aan, dus die ontraden. Dan de motie duurzame groene ambities naar concrete afspraken. Dat is ook iets waarvan we zeggen: dat hoort er ook wel bij, dat willen wij ook graag omarmen. Dan inzichtelijke participatie bij de pilot, daar wil ik even stil bij blijven staan. Ik zit even te denken hoe ik u mijn gevoel kan meegeven. We hebben het hier over een pilot. Die pilot betekent dus dat de omgevingswet nieuwe stijl 1 januari ingaat, althans, dat is nog steeds de planning. Dat de directe omgeving bepaalt wat er gaat gebeuren in de omgeving, zowel in kleur als wat je wilt bereiken met elkaar en dat de inbreng van de inwoners of de stakeholders gewoon groot is.
Dus als je nu gaat zeggen: we willen toch iets anders inbrengen dan wat de klankbordgroep heeft besproken en het masterplan dat hier voor ligt, dan krijg je toch een beetje een nieuwe eerste pilot en in de eerste pilot gaat de gemeenteraad misschien iets anders besluiten. Daar heb ik eigenlijk een beetje moeite mee. De inhoudelijke kant van deze zaak om het logboek, dat is gemaakt, dat kunnen we zo inzichtelijk maken, dat kunnen we zo publiceren, dat is geen enkel probleem, dat vinden wij best een heel aardig idee. We zeggen ook: we zijn als klankbordgroep niet tegen die ontwikkeling. De rest waar we het hier over hebben, over verkeer, over een migrantenhotel en over andere zaken, dat valt eigenlijk buiten de scope van dit verhaal. Maar dat geef ik u gewoon mee en dat zeg ik ook tegen u: wij willen deze toch ontraden om die inzichtelijke participatiepilot te doen. Aan de andere kant, we zijn natuurlijk wel bereid om het gesprek aan te gaan met de bewoners, we zijn uiteraard ook bereid om de gespreksverslagen c.q. het logboek te publiceren, u kunt daar ook kennis van nemen. Ik worstel een beetje met deze motie, dus ik leg hem liever neutraal voor aan u. Mevrouw Den Heijer: Fijn dat u uw worsteling even met ons deelt, dus daar haak ik even op aan.
Ik vroeg me af: wat is uw zorg daarbij? Die worsteling is me nog niet helemaal helder, waar bent u bang voor? Wethouder Fortuyn: Ik ben nergens bang voor, mevrouw Den Heijer, maar ik vind het een beetje vreemd als er consensus is in de klankbordgroep daar de raad misschien een ander besluit op gaat nemen. Dan denk ik: je doet het de eerste keer, je bent met een pilot bezig. Dan zou zo’n klankbordgroep ook kunnen zeggen: waarom ben ik er in gestapt? Dat is mijn vrees, dat de waarde van de klankbordgroep tot zijn recht komt. Mevrouw Den Heijer: Daar zaten we ook over te puzzelen, moet ik u eerlijk vertellen, ik worstelde daar ook mee. Het lijkt alsof de volgorde niet helemaal goed is. We moeten als raad ook in positie komen in zo’n participatieproces, we zijn met elkaar aan het oefenen. Dan is het wel zaak dat we als raad ook die heldere kaders mee kunnen geven. Wat dan de klankbordgroep doet, die moet dan binnen die kaders aan de slag. We moeten duidelijke afspraken maken wie wat wanneer kan beslissen. Een klankbordgroep is geen beslissend orgaan, dat weten ze natuurlijk ook, maar wij zijn het wel. Misschien is het wel goed om dat een keer goed met elkaar door te spreken, wie welke rol nou heeft, want dat gaat door elkaar lopen. Wethouder Fortuyn: Ik ben het geheel met u eens. We hebben deze pilot, maar we krijgen ook Merenweg en Lange Vaart is ook een pilot.
Het is sowieso goed dat we dit evalueren met elkaar. Ik denk ook, dat er hier en daar misschien iets niet helemaal goed gegaan is. Ik heb hier een masterplan liggen, waar ook de uitgangspunten tegelijkertijd zijn ingebracht. Dat had in principe ook niet gemoeten, maar door de snelheid en de vertraging die opgetreden is, hebben wij gemeend dit zo te moeten doen. Maar ik ben het wel met u eens, daar zit mijn worsteling een beetje. Ik leg het voor, voor mij prima als die aangenomen wordt, ik vind het goed, maar we hebben wel die evaluatie te doen. De heer Ruijtenberg: Ik ben een beetje verbaasd over het antwoord van de heer Fortuyn. Wie worstelt komt meestal boven, maar dat geldt niet voor de heer Fortuyn hier. De motie van de heer Ammerlaan vraagt om een goede terugkoppeling te verzorgen en informatievoorziening gestructureerd in te richten. Daar gaat de motie over. Dat kan d.m.v. een logboek, via de website gemeente of openbaar maken voor gemeenteraad, bewoners en stakeholders. Daarna wordt er een analyse gemaakt van gemaakte keuzes. Waarin is de wethouder dan bevreesd, dat de klankbordgroep een andere beslissing zou gaan nemen dan iets wat de 13/34
raad doet? Daar gaat die hele motie niet over. Ik lees ook alle stukken niet, dat geef ik eerlijk toe, maar ik vraag me af of u hem gelezen heeft. Wethouder Fortuyn: Er zijn meer moties ingediend, zo simpel is dat. Daarom heb ik een aantal ontraden. We kunnen het nu enten op alleen het logboek, maar er zit een aantal dingen bij, die hoogte-accenten, die ontraden wij. U kunt er straks een andere beslissing over nemen. De heer Ruijtenberg: Het gaat niet over de motie van de hoogte. Het gaat hier over de motie van de burgerparticipatie en over logboek, om daar een analyse over te maken. Laten we het over die motie hebben en niet over andere moties die ingediend zijn erbij halen. Hierin gaat het om de vraag waarom u deze motie ontraadt. Wethouder Fortuyn: Ik heb me teruggetrokken van ontraden, ik leg hem neutraal voor. Het is aan uw raad. Mevrouw Boonstra: Ik had de wethouder gevraagd hoe verbeterd kan worden het participatieproces en logboek. Ik zie hier in het participatieplan, dat ik nu voor me heb, en een aantal vragen uit het logboek, waar bijvoorbeeld als antwoord staat op vraag 13: in de komende tijd wordt u nader geïnformeerd over het project Chrysantenweg. En vraag 8: in de komende tijd wordt u nader geïnformeerd over het project Chrysantenweg. Vraag 9 idem dito.
Als je dat zo doorleest, is er dus een aantal vragen die hetzelfde antwoord hebben, waar de insprekers ook over vallen. Dan komen ze toch bij een getal van 60 vragen, die onbeantwoord zijn, omdat ze iedere keer hetzelfde antwoord krijgen, wat dus eigenlijk geen goed antwoord is op dat moment. Mijn vraag is: hoe kan dat worden verbeterd? Wethouder Fortuyn: Ik denk dat dat één van die punten is, om in de evaluatie nou eens goed te kijken: wat staat er in de logboeken, hoe is het proces gelopen, wat zijn aan de voorkant de uitgangspunten. Daar moeten we met elkaar van leren. Het is een lerend proces, wat we met elkaar afgesproken hebben, ook in het kader van burgerparticipatie. We gaan een plan maken, dat is één van de pilots. Hier moeten we lering uit gaan trekken om het verder aan te scherpen. Dat gaan we ook graag doen, want het is soms een beetje vallen en opstaan, dat klopt. Maar u heeft mijn toezegging, ook naar de inwoners toe, wat ik van plan ben, om de gesprekken aan te gaan. De voorzitter: Daarmee zijn we aan het einde van de eerste termijn van het college. We gaan naar de tweede termijn van de raad. De heer Crielaard, L3B: Ik zou graag 10 minuten willen schorsen. De heer Jumelet, WIJ: Ik had dezelfde vraag. De voorzitter: Ik ga graag in op uw verzoek. Ik schors de vergadering voor 10 minuten, eigenlijk 9 of 8, kwart voor gaan we verder.
Schorsing De voorzitter: Ik kondig vast aan: als we om elf uur niet klaar zijn, dan zal ik om elf uur het debat aangaan over wat de eindtijd wordt, dan wel of wij een andere dag doorgaan. Ik verzoek u krachtig te zijn op de onderwerpen. We gaan door met de tweede termijn van de raad. Ik houd dezelfde volgorde aan, tenzij iemand een wijziging in zijn amendement of motie wil voorstellen. Dat is niet het geval. De heer Ammerlaan, CDA: Ik was niet voornemens een wijziging in te dienen, tenzij er aanleiding voor zou kunnen zijn, wat wel of niet zou kunnen helpen. Ik mag niet teveel zeggen. L3B zegt: het moet snel. Ik hoor dat meer zeggen. De vraag is dan: als het iets langzamer zou gaan om de kwaliteit te verbeteren, wethouder, waar zou dat toe kunnen leiden? Er is een grote behoefte aan een integrale visie en ik snap alle mitsen en maren, maar: kan het gelijk opgaan? Je kan best op 2 schaakborden tegelijk werken, als we maar met goed resultaat komen. Dat is mijn idee. Ik wil geen zeur zijn, maar ik wil tot een goed resultaat komen. Lerend proces, ja, prima, maar we moeten wel aan de voorkant staan. Nu staan we een beetje achteraan en gaan we achteraf het constateren. Ik sprak net ook een paar mensen die in de participatie zitten.
Ze zeiden, ja wethouder, u hebt beloofd dat u met die mensen aan de praat gaat, ze hadden u liever misschien een keertje eerder gezien, zeg ik eerlijk, maar alles kan verbeterd worden. Dat is even mijn opmerking op dit moment. De heer Toussaint, VVD: Allereerst wil ik mijn collega’s bedanken voor de steun voor de motie van het participatieproces. Ik heb inmiddels te horen gekregen, dat er potentieel raadsbreed gesteund wordt, dus heel blij, dank daarvoor. De andere moties en amendementen zal ik ook even langs gaan. De bouwhoogte steunt de VVD. Ik vind het een heel goed initiatief, dat we hem iets scherper weg zetten, iets concreter. Dat geldt ook voor de integrale aanpak en geluid reducerende maatregelen. Daarnaast vind ik het een heel sympathieke motie van D66, waar het gaat om de duurzaamheid, zeker in combinatie met de groene daken. Tot zover. Mevrouw Den Heijer, D66: Ik zal het ook kort houden. Ik had alleen nog een vraag van de collega’s van L3B, om iets meer toelichting te geven over de duurzame en groene ambities. Volgens mij heeft de wethouder daar ook al op geantwoord, dat hij daar goed mee uit de voeten kan, dus volgens mij is dat 14/34
ook voldoende beantwoord. Voor de rest heb ik er genoeg over gesproken. We kunnen wat mij betreft overgaan tot stemming. De heer Hofman, CU: Van mij nog over 2 zaken een kleine opmerking. Omtrent de hoogte. De wethouder gaf goed aan, het is een spel van geven en nemen geweest ook in de klankbordgroep. Die consensus lijkt ons heel erg goed en positief dat u aangeeft dat er hier niet gekruimeld mag gaan worden. Ik denk dat dat ook een toezegging is die het in de raad wellicht goed kan doen. De motie gebiedsvisie, daar worstelen we toch een beetje. Verschillende snelheden. Maar we willen wel dat de omgeving weet waar die aan toe is bij de vaststelling van het bestemmingsplan van de Greenery straks. De omgeving verdient dat om op zijn minst op het moment dat het wordt vastgesteld eventueel met een visie de stand van zaken weergeven. Aan de andere kant, de ontwikkelaar zit straks ook niet stil en die heeft ook onder het huidige bestemmingsplan mogelijkheden om tot de bouwgrens van het huidige bestemmingsplan te gaan bouwen. Gaat hij dat dan niet doen als wij niet snel genoeg dit bestemmingsplan gaan vaststellen? Kan de wethouder misschien daar nog iets op ingaan? Participatie is genoemd. Ik houd het hierbij. Mevrouw Verhoef, PvdA: Ik heb nog een paar kleine opmerkingen. De motie inzichtelijke participatie bij de pilot, die wij nu toch echt definitief steunen.
Ik heb nog wel een vraag aan de wethouder in de context van participatie. De klankbordgroep heeft blijkbaar consensus bereikt over dit onderwerp van de uitgangspunten in het hele masterplan eigenlijk. Kan de wethouder nog goed toelichten of de klankbordgroep ook in de volgende stappen betrokken blijft, met name bij het tot stand komen van het bestemmingsplan, want dat is me toch nog niet helemaal duidelijk en dat vind ik heel belangrijk, zeker voor omwonenden en in het bijzonder de insprekers. Ik worstel eigenlijk net als de heer Hofman met die motie integrale visie bedrijventerrein Klappolder. Ik vond het betoog van de wethouder heel duidelijk, verschillende snelheden, overal recht aan doen, maar het kost tijd enzovoorts. Kan de wethouder niet toch een toezegging doen, waarin hij in de geest van de motie gaat handelen, maar zichzelf wel de ruimte geeft die nodig is, ook gezien de verschillende snelheden. De motie duurzame en groene ambities naar concrete afspraken brengen, die ga ik toch steunen omdat de wethouder deze ook omarmt, dan steun ik deze ook van harte. Dank u wel. Mevrouw Boonstra, WIJ: Bij mij was de laatste vraag, die ik gesteld had nog niet beantwoord door de wethouder. Dat was de vraag, hoe groot de vertraging voor het project ULC A12 zou zijn als de raad besluit om te wachten tot deze visie er is.
De heer Crielaard, L3B: Allereerst het amendement over de bouwhoogtes. Ik wil nogmaals even goed aangestipt hebben, dat wij het echt een belangrijk kader vinden, geen afbreuk aan het zicht vanaf de Rotte. Maar verder is ons standpunt niet veranderd, wij stemmen tegen dit amendement. Die over de uitgangspunten, daar zijn we nog steeds voor. Die over duurzaamheid, ik heb de wethouder horen zeggen: het past er goed bij. Ik heb ook de heer Ruijtenberg er het e.e.a. over horen zeggen, dus wij hebben besloten daar voor te gaan stemmen. Dan participatie, ik had in mijn eerste termijn aangegeven: daar worstelen wij een beetje mee. Ik hoorde de wethouder er ook mee worstelen. Uiteindelijk weegt voor ons de zorgen minder zwaar dan de argumenten voor, dus alles overwegend gaan we daar ook voor stemmen. Dan hebben we nog die gebiedsvisie, daar heb ik toch nog zorgen over. De heer Hofman heeft zorgen geuit, mevrouw Verhoef heeft zorgen geuit. Wij neigen ernaar om tegen de gebiedsvisie te stemmen. Ik heb er toch nog een aantal vragen over, want die brief hebben we sinds 30 december. Ik zou dan toch wel willen vragen: kunnen we dan wel op zijn minst tempo maken met die gebiedsvisie, maar het dan niet te randvoorwaardelijk maken met dat bestemmingsplan. Dus wel tempo in de gebiedsvisie, die is heel belangrijk, maar niet ten koste van het bestemmingsplan. Dank u wel.
De heer Ruijtenberg, GL: Ik heb eigenlijk in de tweede termijn ook in de beantwoording van de wethouder niets gehoord wat mij van mening doet veranderen. Dat betekent dat ik de moties en amendementen, die we mede hebben ingediend, blijf mede indienen en daarmee ook steunen. Ik blijf nog steeds tegen dit masterplan. Het verbaast me wel een beetje, een aantal dingen die de wethouder benoemd heeft. De 25 meter, die er zou moeten komen door o.a. robotica. Nergens in het stuk staat dat, wordt dat benoemd. Wat ik hier lees, stedenbouwkundige meerwaarde, een mooi herkenbaar hoogteaccent aan de zijde van het voormalige Greenery terrein. Ik denk dan: de dingen die je in je stukken schrijft. Daarnaast is meerdere keren geroepen dat er consensus is in de klankbordgroep. Niet ik maar de heer Duk heeft een aantal maanden geleden de klankbordgroep gesproken en ik hoor daar toch echt andere geluiden over, dat er geen consensus is. Al met al heeft mij doen besluiten dat ik voor de moties en amendementen zal stemmen, maar tegen het uiteindelijke masterplan. Wethouder Fortuyn: Dank u wel, geachte raad. Er is een aantal partijen, WIJ, CU, PvdA, CDA, L3B, over de integrale visie, of die gelijk op kan gaan.
Laat ik het zo zeggen, als we de integrale visie randvoorwaardelijk maken bij het nu vaststellen van het masterplan om richting voorontwerp te gaan, dan zou dat zomaar een vertraging van een jaar of meer kunnen zijn, omdat het verschillende snelheden heeft. We zijn natuurlijk al 2 jaar bezig met deze partij om tot een goede ontwikkeling te komen. Ik heb 15/34
u aangegeven, dat er ook verschillende partijen zijn, zoals Dirk van de Broek, Hello Fresh en een aantal andere bedrijven, die graag nieuwbouw willen laten plaatsvinden. Dan gaan we het allemaal weer op een soort vertragingstermijn zetten en dan hebben we geen besluitvorming. Tegelijkertijd heb ik ook aangegeven, dat wij met de ontwikkelaar de ontsluitingen echt gaan borgen daar op het terrein wanneer de Chrysantenweg eventueel tot ontwikkeling komt. Maar dat is helemaal een proces dat lang duurt. In de brief van december is aangegeven dat wellicht daar een Horti Science campus ontwikkeld zou kunnen worden. Eer je dat allemaal hebt. Bovendien heb ik niet 1 eigenaar, maar verschillende, dus je zit ook met verwerving, medewerking, noem maar op, het duurt gewoon lang. De vraag is: kan je het niet parallel laten lopen? Ik zal u zeggen: wij doen ons uiterste best om zo goed misschien al een stand van zaken te geven wanneer het bestemmingsplan ter inzage komt. We kunnen inderdaad wel richting geven, wat ik u hier zeg, inclusief de calamiteitenweg en inclusief de eventuele aanpassing van de weginrichting die er gaat plaatsvinden. Tegelijkertijd ga ik ook met de bewoners praten. Bewoners hebben ook voorgesteld: maak er een variant van á la de Noordeindseweg, dat je hem afsluit voor een deel of ander verkeer toestaat. We gaan gewoon kijken wat de mogelijkheden zijn.
Maar nu gaat het om dit plan. Dit plan, daar moet nog een bestemmingsplan voor uitkomen, we gaan eerst naar een voorontwerp. De heer Ammerlaan: Duidelijk en goed betoog, wethouder. Er zijn allerlei vragen, maar dan blijft die vraag van 30 december, hoe moet ik die brief van 30 december zien? Daar staat toch duidelijk: we willen dit. Ik snap u wel, maar ik snap niet waarom die brief daar ligt. Hoe moet ik hem zien? Er wordt beloofd en toegezegd en nu gaan we het anders doen. Wethouder Fortuyn: Dat is niet helemaal waar, want als u de brief leest, staat er een apart hoofdstuk in over de Greenery en de ontwikkelingen die er plaats vinden. En dat we ook van zins zijn om een ontsluitingsvisie te maken, een gebiedsvisie te maken, waarin aan de ene kant infrastructuur werd genoemd en aan de andere kant de potentiële ontwikkeling van de Chrysantenweg, dus er zitten al knippen in. Het is maar net hoe je die brief leest. Wat er nu gebeurt, is dat er hier een plan ligt. Dat was een mooie vraag van mevrouw Boonstra, nee, meneer Hofman. De huidige situatie, stel dat de 25 meter het niet haalt en de 16,5 meter is nu maatgevend met bevoegdheid om 20% erop te zetten, dan zit je op 20 meter. Ik heb net al aangegeven, ze kunnen in feite morgen een sloop- en herbouwvergunning aanvragen en dan kunnen ze morgen beginnen, want het is privaat terrein. Dat is feitelijk wat er aan de orde is.
Ze zullen het niet doen, want ze zijn juist met ons bezig om hier een mooi toekomstbestendig bedrijventerrein in te richten. Dus dat is eigenlijk wat er alsdan zou kunnen gebeuren. Ik verwacht het niet, want ik hoop dat we met elkaar dit masterplan kunnen vaststellen. Dan even over de volgende stap, die met de klankbordgroep gemaakt wordt. Het zijn verschillende momenten. Als dit aangenomen wordt vanavond, dan gaat de ontwikkelaar een voorontwerpplan maken. In dat voorontwerpplan trekt hij samen op totdat er een definitief ontwerp is, in het kader van de omgevingswet en de klankbordgroep. Later komt het bestemmingsplan, het bestemmingsplan kan geamendeerd worden door u, de rondweg werd zojuist een keer genoemd. Vervolgens hebben we ook nog de zienswijzen en na het vaststellen van het bestemmingsplan is er ook een beroepsprocedure. Dus er zijn nog wel momenten dat er ingegrepen kan worden als het niet zint, de plannen zoals ze er liggen, want het is een masterplan, dat nu invulling moet gaan krijgen. Ik zie geen lampjes verschijnen. De voorzitter: Dan zijn we aan het einde van deze termijn en gaan we over naar de stemming. Ik neem even met u door waar u over gaat stemmen voor alle helderheid.
We hebben 2 amendementen, die hebben de nummers A2022-023 aanpassing bouwhoogte, een amendement ingediend door de heer Ammerlaan, en nummer A2022-024, ingediend door mevrouw Verhoef, uitgangspunten masterplan ULC A12. Daarna stemmen we over het al dan niet geamendeerde voorstel. En vervolgens over de 3 moties, die hebben nummer M2022-027, integrale visie bedrijventerrein Klappolder, ingediend door de heer Ammerlaan, M2022-028, inzichtelijke participatie bij de pilot, ingediend door de heer Toussaint, nummer M2022-029, verduurzamen groene ambities, ingediend door mevrouw Den Heijer. Ik reken erop, dat u allemaal het overzicht heeft. We gaan over naar de stemming. A2022-023 aanpassing bouwhoogte De voorzitter: U kunt stemmen. Het is heel spannend, maar er zijn 14 stemmen voor en 15 tegen. Nee, ik heb ze niet allemaal, ik mis er 2. Meneer Alsemgeest, wilt u uw pas er opnieuw in dien. Uithalen, insteken, kijk even bij uw buurman. We hebben last van een verkeerde registratie, dus we gaan de heer Alsemgeest en mevrouw Heijblom vragen mondeling te stemmen. Mevrouw Heijblom is voor. Ik mag aangeven, dat mevrouw Heijblom voor stemt? De heer Alsemgeest heeft wel een microfoon. Wat stemt u? De heer Alsemgeest: Tegen. De voorzitter: Ik heb mevrouw Heijblom ook in beeld. Mevrouw Heijblom: Voor. A2022-024, uitgangspunten masterplan ULC A12 De voorzitter: Dank u wel.
Ik ga eerst de schriftelijke stemming doen en dan mondeling. Ja. Mevrouw Heijblom: Voor. De heer Alsemgeest: Voor. De voorzitter: Dan hebben wij 31 stemmen voor. Dit amendement is aangenomen. Voorstel 16/34
De voorzitter: Dan het geamendeerde voorstel zelf. Wie is er voor het voorstel? Mevrouw Heijblom: Voor. De heer Alsemgeest: Voor. De voorzitter: Met 30 stemmen voor en 1 tegen, van de heer Ruijtenberg, is het voorstel aangenomen. M2022-027, integrale visie bedrijventerrein Klappolder De voorzitter: Ik open de stemming. Mevrouw Heijblom: Voor. De heer Alsemgeest: Tegen. De voorzitter: Dan zijn er 15 stemmen voor en 16 stemmen tegen. Deze is verworpen. M2022-028, inzichtelijke participatie bij de pilot De voorzitter: Ik open de stemming. Mevrouw Heijblom: Voor. De heer Alsemgeest: Voor. De voorzitter: Dan is deze met algemene stemmen aangenomen. M2022-029, verduurzamen groene ambities De voorzitter: Ik open de stemming. Mevrouw Heijblom: Voor. De heer Alsemgeest: Voor. De voorzitter: Ook deze is met algemene stemmen aangenomen. Dan zijn we aan het einde van dit agendapunt. 10.b Openen grondexploitatie Sporthoeklaan (Langdurige opvang Oekraïners) De voorzitter: Ik draag het voorzitterschap over aan de u welbekende heer Blonk. De voorzitter, de heer Blonk: Aan de orde agendapunt 10.b, dat is het oude agendapunt 10.a: openen grondexploitatie Sporthoeklaan, langdurige opvang Oekraïners. Dit is direct in de raad gekomen zonder commissie. Er is een amendement aangekondigd van het CDA door de heer Van den Beukel. De heer Van den Beukel, CDA: Ter toelichting op het amendement alleen.
De voorzitter: U mag alles inbrengen, want het is niet in de commissie geweest. De heer Van den Beukel: Geweldig, dan gaan we los. Nee, even serieus. Het gaat over een belangrijk onderwerp. Een amendement van mijn hand met mede ondersteuning van de heer Machielse namens de VVD, de heer Ruijtenberg namens GL. Eerst een toelichting op het amendement graag. Het gaat hier over de grondexploitatie voor een nieuw project aan de Sporthoeklaan, de vestiging van flexwoningen en daar dreigt volgens de berekeningen een fors tekort op, € 3,6 mln. Een tekort vraagt om een dekking en volstrekt onafhankelijk van wat je van het project zelf vindt, wel, niet, voor wie enzovoorts, ligt ook de fundamentele vraag voor: hoe dek je het? Het college doet daar en duidelijk voorstel voor, het college stelt voor om het te dekken uit de Enecoreserve. Dat heeft me hogelijk verbaasd, omdat er uitgesproken is in deze raad over hoe de Enecomiddelen aan te wenden. Daar zijn verschillende woorden aangegeven, maar onderaan de streep was toch de consensus zoals wij die hebben beleefd: die middelen zijn door generaties voor ons opgebouwd en die moeten voor de generaties na ons renderen, tastbaar, voelbaar, dat zijn woorden die gebruikt zijn.
Het ging over het maatschappelijk belang, het ging over dingen waar we trots op kunnen zijn, waarvan onze kleinkinderen kunnen zeggen: kijk, dat hebben we neergezet dankzij de Eneco-middelen. Om die Eneco-middelen aan te wenden voor een project dat eigenlijk als een gewoon woningbouwproject zou kunnen worden beschouwd, dat over 10 jaar ook weer weg is, dat komt ons heel bijzonder voor. Nogmaals, los van de inhoudelijke beoordeling van het project zelf. Vandaar het voorstel van de indieners om de dekking te vinden in de algemene reserve, die daarvoor bedoeld is, zoals dat te doen gebruikelijk is bij woningbouwprojecten en niet in de Eneco-reserve. Dat ter toelichting en ik hoop voor een raadsbrede steun daarvoor. Dan de inhoud van het voorliggende voorstel. We hebben ons als CDAfractie er eerder over uitgelaten positief. Positief in de zin van dat het college heeft geluisterd naar de inwoners en is gekomen tot de locatiekeuze Sporthoeklaan. Complimenten daarvoor, ook voor de voortgang om daar te gaan bouwen aan die 150 flexwoningen in het kader van de nood die we zien voor Oekraïners, langdurige opvang Oekraïners. Even in herinnering waarom dit agendapunt heet: langdurige opvang Oekraïners.
De vraag is dan ook, de eerste vraag aan het college: waarom heeft het college eigenlijk, gelet op de behoefte aan plaatsen voor Oekraïners, eerder was sprake van 1.500, ervoor gekozen om 40% van de flexwoningen te reserveren voor Oekraïners en 60% voor spoedzoekers. Dank aan de heer Markus voor het stellen van technische vragen, die dit aan het licht brachten, dat dat de verhouding zal zijn. Op 6 september schreef het college nog, dat 2/3 van de plekken voor Oekraïners zou zijn en 1/3 voor spoedzoekers, precies andersom. Zonder goede onderbouwing vanuit het college stelt mijn fractie voor om eigenlijk te blijven op die route van 6 september en 2/3 van de woningen te reserveren voor Oekraïners en 1/3 voor spoedzoekers. Overigens, wanneer de oorlog voorbij is, het college hoopt over 2 jaar, misschien sneller, misschien langer, zijn alle woningen natuurlijk beschikbaar voor de lokale woningmarkt, laat dat duidelijk zijn. Maar de nood, in onze beleving, geschetst door het college, was toch het allergrootst en het allerhoogst bij die langdurige opvang van Oekraïners. Overigens minder belangrijk, maar toch goed om te noemen, is dat uit de antwoorden op de vragen van de heer Markus ook blijkt, dat die businesscase toch een stuk positiever zou uitvallen als je daar meer Oekraïners zou huisvesten, omdat je daar een flinke vergoeding voor krijgt vanuit het rijk.
Over de duim berekend zou dat toch € 8 ton schelen, als je het scenario zou volgen, dat ik net omschrijf. Twee vragen over die vergoedingen en de vraag of de randvoorwaarden die geschetst zijn ingevuld worden. We hebben hier lang gesproken over de randvoorwaarden voor de opvang van Oekraïners en één daarvan en misschien wel 17/34
de meest prominente en ook de allereerste is: financieel moeten de effecten van de opvang neutraal zijn voor de gemeente Lansingerland. Of ik heb er overheen gelezen of het staat echt niet in de stukken of nu wel of niet naar het oordeel van het college is voldaan aan die randvoorwaarden. Toch belangrijk op het moment dat je staat voor de keuze om een grondexploitatie te openen. Bijvoorbeeld de vraag: hoe zijn de kosten die gemaakt worden voor maatschappelijke voorzieningen op Wilderszijde meegenomen? Hoe hoog zijn die? Op welke manier worden die gedekt door het rijk? Laatste vraag, gerelateerd niet direct aan Sporthoeklaan maar wel aan dit onderwerp. De Kulck zou misschien sluiten per 1 november, is eerder genoemd. Is dat inderdaad een zekerheid geworden? Ik hoor van bewoners die zich zeer zorgen maken over een verplichte verhuizing naar elders. Kunnen die mensen dan ook, als hier sprake van zou zijn, niet naar het Hart van Bleiswijk? Zou dat niet een optie zijn, hoe zijn daar de gedachten inmiddels over ontwikkeld? Tot zover. De heer Bik, WIJ: Allereerst wil ik namens WIJ waardering uitspreken richting het college over de voortgang en ontwikkeling rondom de langdurige opvang van Oekraïners. We hebben steeds gezegd, dat we de ontheemden moeten helpen en daar lijkt nu concreet body aan gegeven te worden.
De officiële ambitie was om rond deze tijd al de eerste flexwoningen op te leveren, door allerlei redenen is dit te ambitieus gebleken. De op dit moment geschetste tijdlijnen zijn in ons beeld een stuk realistischer. Het interview met de directie voorzitter of directeur bestuurder Hanneke Vliet Vlieland van 3B Wonen in de Heraut deze versterkt dat beeld. De afgelopen is een aantal randvoorwaarden met elkaar gedefinieerd, ook al naar verwezen door de heer Van den Beukel. Een belangrijke randvoorwaarde van WIJ is en blijft dat we naast het opvangen van Oekraïners ook voor onze eigen spoedzoekers flexwoningen kunnen bouwen op die opvanglocaties. Daar zijn de plannen voor aangegeven en daar zijn we heel erg blij mee. Een zorgpunt vanuit mijn fractie blijft de onzekerheid van de dekking van de kosten vanuit het rijk / veiligheidsregio. Daar is nog steeds geen volmondig: ja, we gaan de rekening betalen. Ik ga ervan uit, dat het college haar uiterste best blijft doen om deze garantie over de streep te trekken. Ik heb daar vragen over. M.b.t. het openen van de grondexploitatie en het dekken van het negatieve saldo uit de reserve Eneco-middelen, daarin volgen wij het voorstel van het college. In het toetsingskader investeringen uit Eneco-gelden zijn de opgaven op pagina 7 die zijn vastgesteld vanuit het toekomstperspectief opgenomen. Helemaal bovenaan staat: wonen.
Dit lijkt me dus een uitgelezen project om vanuit deze gelden te bekostigen. Het draagt naast de noodzakelijk opvang van ontheemden op korte termijn en lange termijn ook bij aan het realiseren van woningen voor spoedzoekers. De heer Machielse: Ik hoor de heer Bik natuurlijk spreken over het belang van wonen. Ik denk dat weinig mensen in deze raadszaal dat zullen tegenspreken, maar het toetsingskader spreekt ook uitgebreid over het langdurig effect en het meerjarig effect voor de volgende generatie. De woningen die worden voorgesteld hier staat 10 jaar, misschien niet eens, misschien wat langer. Hoe weegt de heer Bik dan dat tijdelijke aspect mee in zijn belang om toch te komen tot woningbouw, wat op zich een doelmatige besteding kan zijn? De heer Bik: Ik wil niet meteen het gras voor de voeten van de wethouder weg maaien, die daar een goede uitleg over heeft om daar zijn keuze in toe te lichten. Ik ga ervan uit, zoals nu beschreven, de woningen die worden neergezet voor langer dan 5 jaar inclusief verplaatsing gaan bijdragen aan een langdurige woningtekortvermindering voor onze gemeente.
De heer Machielse: Begrijp ik dan goed dat voor WIJ vanaf nu de planningshorizon voor het besteden van Eneco-middelen vanaf 5 jaar al voldoende is voor langdurig effect? En dat we in het vervolg ook op die manier bestedingen van Eneco-middelen kunnen gaan verwachten van WIJ? De heer Bik: Nee, dat begrijpt u niet goed. Ik ga verder met mijn stuk. Dat de procedure niet tot in detail en naar de letter van het toetsingskader wordt gevolgd is mede ingegeven door de spoed van deze opgave, voor ons in deze situatie geen onoverkomelijk punt. In deze situatie. Het geld wordt aan de juiste zaken uitgegeven en staat niet stilletjes in een hoek te verdampen als gevolg van de huidige torenhoge inflaties. Ik heb één vraag aan de burgemeester: kan de burgemeester een inkijk geven in de onderhandelingen met het rijk over de rekening? Er is al een technische vraag beantwoord van de heer Markus, ik zou graag een persoonlijke noot van de burgemeester daarbij willen horen. Dank u wel. De heer Philippens, L3B: Aan de voorkant wil ik aangeven, dat wij dit voorstel kunnen steunen. We hebben altijd gezegd, dat wij vluchtelingen moeten helpen in de regio. Dat vluchtelingen uit Afrika en Midden-Oosten worden opgevangen daar, maar ook vluchtelingen uit Oekraïne worden opgevangen in Europa. Zo doen we dat in Nederland, dus daar hebben we ons als partij altijd hard voor gemaakt.
De aantallen moeten wel behapbaar zijn voor onze gemeenschap. Wat betreft Leefbaar waren die aantallen van 1.500 vluchtelingen echt te veel, niet te dragen in deze gemeente, omdat onze eigen inwoners al zo onder druk staan door de verschillende crisissituaties. Daarom hebben we aangestuurd, kaders gegeven: 300 vluchtelingen uit Oekraïne, niet 1.500 maar 300. Verdeeld over 2 locaties met maximaal 150 per locatie. Dat is het kader waar wij ons aan vast willen houden, dat in reactie op het idee van het CDA, die 2/3 plekken vullen met Oekraïners. Dan komen er meer Oekraïners op die locatie terecht en 150 is wat ons betreft het kader. Dat vinden wij eigenlijk ook wel veel, want Vluchtelingenwerk stelt ook: jongens, doe het nou zo kleinschalig mogelijk en 150 vinden wij echt de grens voor het aantal Oekraïners op één locatie om op te vangen. Daarnaast hebben wij ook als kader gezegd: er moet draagvlak zijn bij omwonenden voor deze locatie. Als laatste, de heer Bik refereerde er ook al aan: laten we proberen een 18/34
win/win situatie te creëren door ook woningen te realiseren, flexwoningen, voor onze eigen inwoners, om ook een slag te slaan m.b.t. de wooncrisis. Als we dan kijken naar het huidige voorstel, dan zie ik dat aan al die kaders wordt voldaan. Onze conclusie als L3B: het college heeft zeer goed uitvoering gegeven aan die kaders en onze lijn. Daarmee hebben we wat ons betreft het beste gemaakt van een ongewenste, voor iedereen een zeer complexe situatie. Ik wil ook even het moment pakken om daar een compliment op te geven aan de ambtenaren, die met volle ziel en zaligheid daar aan werken. Maar ook de omwonenden, die zich hebben laten horen, maar die ook hebben meegedacht naar andere oplossingen. Daarnaast 3B Wonen natuurlijk en het college, complimenten voor het resultaat tot nu toe. Het amendement zullen wij niet steunen. Wat ons betreft kan de Eneco-reserve er wel op ingezet worden. Twee argumenten van de indieners, enerzijds het proces, dat kan ik volgen. Het proces zoals we dat hebben afgesproken, wordt hier niet gevolgd door het college. Echter, wat ons betreft is het hier een uitzonderlijke situatie. Voor dit geval willen we afwijken van die procedure. Op de inhoud wordt beargumenteerd, het zou gaan over reguliere activiteiten vanuit ons als gemeente. Wij zien dat niet als reguliere activiteit, extra woningbouw met flexwoningen op niet eerder beschikbaar gestelde plekken.
Dat is één. Als tweede, het toetsingskader, daar werd net al aan gerefereerd, daar zit een tijdsspanne in, maar het toetsingskader is breder, er wordt meer getoetst. Als we het toetsingskader langs gaan, dat we toch hebben opgesteld om een objectieve en heldere afweging met elkaar te maken, zien we dat er aan de harde eisen wordt voldaan en aan de zachte eisen ook. Daarmee zijn we van mening, dat het ingevuld kan worden vanuit de Eneco-reserve. De heer Machielse: Ik hoor de heldere beantwoording van de heer Philippens, zijn heldere reactie op het amendement. Ik wil hem eigenlijk even omdraaien: wat zou de heer Philippens er dan op tegen hebben om het vanuit de algemene reserve te dekken? Wat zijn zijn argumenten tegen? De heer Philippens: Ik denk dat we moeten oppassen niet kopschuw te worden met het inzetten van de Eneco-reserve. Ik denk dat de heer Bik daar net al een heel mooi argument voor gaf, je moet het niet zomaar over de balk smijten. Maar tegelijkertijd, we hebben het op de bankrekening staan met een inflatiepercentage van 10-12%. Dat is de andere kant van het verhaal. Als je lang wacht met de reserve, nogmaals, niet dat we het over de balk moeten smijten, maar als we te lang wachten, blijft er uiteindelijk niets van over door de inflatie. Als wij nu een voorstel hebben dat voldoet aan het toetsingskader, moeten we dat ook inzetten. Daar wil ik het bij laten.
Dank u wel. De heer Markus, CU: Het is mooi, dat we nu eindelijk concrete stappen kunnen zetten voor het opvangen van de Oekraïners. In de commissie AB is er al veelvuldig over gesproken, intens over gesproken. Ooit waren we van plan om er heel veel op te vangen in Bleizo, helaas is dat om allerlei redenen niet meer mogelijk, het was ook een lastige locatie. Nu is door het college gekozen voor 2 kleinere locaties. De eerste is de Sporthoeklaan. Met die locatie kunnen wij van harte instemmen, we vinden het prachtig dat we daar een concreet iets kunnen doen voor de grote nood die er is. Wat dat betreft prima. Maar wij zitten ook even met die aantallen te worstelen. Het college heeft besloten om op basis van de bespreking die in de commissie plaats vond te kiezen voor de opvang van 300 Oekraïners. De vraag aan de burgemeester is: in hoeverre is dat nou een harde afspraak? De heer Van den Beukel begon er ook al over n.a.v. de vraag die wij gesteld hebben. Je kan ook het sommetje maken, dat die aantallen ook anders kunnen uitpakken en dat je meer Oekraïners opvangt. Dat zou ons zeer na aan het hart staan, want dan doen we echt iets richting de grote nood die er is. Hoe cru het klinkt, een beetje plat, maar het leeft ook gewoon een betere businesscase op.
Beetje moeilijk om dat te zeggen, want dan lijkt het toch een beetje op handel, maar ik denk dat het in die zin een prachtige win/win situatie is. Je doet echt iets aan de nood die er leeft en het levert ook nog een beter resultaat op met de bijdragen die vanuit het rijk geleverd worden. Daar graag een reactie op van het college en ook van de overige partijen, hoe ze hier in zitten. Van sommige hebben we dat al gehoord. Dan over het amendement. Het is eigenlijk al gezegd door de heer Philippens. Het proces is niet gevolgd zoals we hebben afgesproken, maar ik denk dat dit een voorstel is dat met stomend en kokend water heel snel klaar moest komen en dat we niet het normale traject konden volgen. In die zin vinden wij dat prima. Inderdaad, het heeft een minder langdurig effect voor de generaties na ons, dus dat is inderdaad een criterium dat minder goed scoort, maar de andere scoren wat ons betreft wel goed. Ik denk dat dat goed is. Daarnaast, waarom uit de algemene reserve. Ik ben zo langzamerhand een beetje kwijt waar we zitten qua algemene reserve. Als het besloten wordt, dan stel ik voor dat te doen bij de begroting, want dan heb je een integrale afweging. Vooralsnog denk ik dat het prima is om vanuit de Eneco-middelen te doen, tenzij er nog ontzettend goede argumenten komen om het niet te doen, maar dat is even hoe we er op dit moment in staan. Dank u wel.
De heer Weerheijm, D66: Het is vertrouwd om u hier als voorzitter te hebben bij dit onderwerp, toch een beetje commissie AB, zo langzamerhand. Ik zal tot de inhoud komen. Heel veel dingen die ik had staan, zijn door de vorige sprekers ook al genoemd. Allereerst ook mijn complimenten voor het college, ambtenaren, inwoners en ook een klein beetje voor onszelf als raad over het proces. Toch complimenten aan iedereen die zich tegen dit proces aan bemoeid heeft, klinkt niet positief, maar zo bedoel ik het wel. We hebben heel veel intense vergaderingen gehad over dit onderwerp, veel beeldvormingen, veel discussies met elkaar gehad over hoe we dit nou moeten aanvliegen. Ik denk dat we best trots mogen zijn op de resultaten, dat we met zijn allen hebben bereikt. Opvang voor ontheemde Oekraïners, 19/34
tegelijkertijd ook iets doen aan de wooncrisis voor spoedzoekers. Ik denk dat het een mooi resultaat is, dat we daarmee hebben weten te boeken. Daarbij zeker complimenten aan het college, die altijd heel welwillend tegenover de bezwaren en ideeën van de commissie hebben gestaan, ze hebben mee gedacht en steeds gereageerd, daar ben ik echt wel heel erg blij mee. Dit is toch een beetje het moment na alle discussies die we hebben gehad in de raad, vooral in de commissie, dat we van het concept tweede fase naar de daadwerkelijke uitwerking gaan. Dat is best wel een beetje spannend, maar ik denk wel dat er hier een mooi plan voor ons ligt. Flexwoningen ook voor spoedzoekers, wat we al tijden in deze raad hebben besproken, daar hebben we al vaak over gezegd: dat is iets wat we eigenlijk willen. Nu kunnen we er ook daadwerkelijk uitvoering aan geven, na een paar jaar er alleen maar over gesproken te hebben dat het ambitie is, gaat het nu ook gewoon gebeuren. Dat is ook een heel mooie score om te benoemen. De aantallen van woningen en hoe de verdeling precies zit, ik snap die vraag wel een beetje.
Ik kan mij herinneren dat dit ook te maken had met gezins- en huishoudensamenstelling, dat de meeste Oekraïense ontheemden gezinnen zullen zijn, dus dat 1 flexwoning een gezin met 3 mensen kan huisvesten en dat misschien een deel van die getallen huisvesting kan verklaren, maar ik wacht het antwoord van de burgemeester hierop af, want hij weet het vast beter dan ik. Een andere wens van mijn fractie, waar dit voorstel aan tegemoet komt, is het partnerschap. Partnerschap tussen de gemeente en onze lokale partners, specifiek 3B Wonen. We hebben waarschijnlijk allemaal het interview gelezen in de Heraut. Blij om dat te zien, dat we samen met zo’n belangrijke maatschappelijke partner optrekken om dit soort crises te tackelen, ik denk dat het iets is wat we vooral moeten blijven doen. Dit is een eerste mooie stap bij de woningcrisis, maar om bij andere crises zo om te gaan met onze maatschappelijke partners en op die manier de samenwerking op te zoeken. Over het amendement van het CDA en VVD en GL, daar is door vorige sprekers al een aantal dingen over gezegd, daar kan ik me in grote lijnen bij aansluiten. Het is niet een reguliere grondexploitatie, geen reguliere woningbouwopgave, dit is echt iets anders.
De termijn, het is niet dat onze achterkleinkinderen hier nog plezier van gaan hebben, maar de komende 20 jaar gaan heel veel mensen hier wel plezier van hebben, dus de huidige generatie en de generatie die eraan zit te komen heeft hier wel heel veel plezier van. Dat vind ik ook een heel mooie score. Dat is mijn kant voor de eerste termijn. Ik kijk uit naar de woorden van de andere fracties. Mevrouw Verhoef, PvdA: Ik zal het ook maar meteen zeggen. De PvdA-fractie zal dit voorstel steunen. We vinden het belangrijk, dat hebben we ook in de commissie aangegeven bij monde van Nanno Scheringa, we vinden het belangrijk dat op korte termijn goede woningen, geschikte woningen voor Oekraïense ontheemden worden geregeld. Dit is urgent en dat kan door flexwoningen relatief snel gerealiseerd worden. We vinden het ook fijn, dat die flexwoningen voor lokale spoedzoekers worden gebouwd daarnaast. Op termijn worden die woningen dan helemaal voor spoedzoeker beschikbaar als de Oekraïense mensen op termijn weer hopelijk naar huis kunnen. Voor hen dan hopelijk. Ook dat vinden we belangrijk, dat ook de lokale spoedzoekers op deze manier sneller worden bediend van een huis. Dit is gehonoreerd, daar zijn we het college ook dankbaar voor, dat dat ook mee is genomen. Het college is voortvarend te werk gegaan, dat is ook al gezegd.
De participatie is zorgvuldig gegaan, ook wel hick-ups, maar het is toch goed gegaan. Waar ik mee zit, dat zijn de nieuwe cijfers die vandaag ineens opdoken. De heer Van den Beukel bracht ze onder mijn aandacht, de heer Markus refereerde er ook aan, die had er vragen over gesteld. Het verwart mij. Ik wil van de portefeuillehouder daar opheldering over. In principe zijn we dit hele proces begonnen om Oekraïense ontheemden een woning te bieden, dat staat voor mij voorop, maar ik heb er graag opheldering over, hoe het zit. Als er natuurlijk een positievere businesscase aan hangt om meer Oekraïners een huis te bieden, dan wil ik graag horen hoe dat dan precies zit. Het CDA vroeg nog: is er voldaan aan de randvoorwaarden, dat dit volledig kostenneutraal kan, dat het rijk dit gaat vergoeden? Ook de PvdA-fractie hoopt natuurlijk dat dit kostenneutraal kan en dat het rijk over de brug komt, maar we hebben het eigenlijk vanaf het begin een utopie gevonden dat het ons helemaal niets zou kosten als gemeente. Vanuit humanitaire overwegingen, de urgentie die hierbij speelt, is onze fractie bereid om kleine meerkosten wel zelf te dragen. Het amendement van het CDA. We vinden dit juist typisch geschikt voor een investering vanuit de Eneco-middelen. Het is een groot maatschappelijk belang om een huis te bieden aan ontheemden.
We zullen trotse kinderen hebben en trotse kleinkinderen, we hebben laten zien dat we medemenselijk zijn, dat we doorpakkende ouders en opa’s en oma’s zijn, die snel oplossingen zoeken, ook ten bate van onze lokale spoedzoekers. Wij zien ook geen reden om het uit de algemene reserve te doen, want dan daalt de weerstandsratio en misschien wel beneden de gewenste waarde van 1,7 die de raad eerder heeft vastgesteld bij een amendement op de kadernota. Wij waren overigens geen mede-indiener en ook geen steuner van dat amendement, omdat je dan juist minder flexibel bent als je voor speciale gevallen een greep zou willen doen uit de algemene reserve. De Eneco-middelen vinden we juist heel passend vanwege de punten die ik heb genoemd. Voor nu wil ik het daarbij laten. De heer Machielse, VVD: Die langdurige opvang Oekraïners, laten we het daar eerst eens even over hebben. Het moet, maar we willen ook helpen. Lansingerland neemt daarin zijn verantwoordelijkheid en uiteraard vindt de burgemeester als portefeuillehouder daar ook de VVD aan zijn zijde. En we hebben daar eerder een aantal zaken over gezegd. We hebben gezegd dat we een spreiding wilden over de gemeente, meerdere kleine locaties en niet 1 locatie met 1.500 Oekraïners. We hebben opgeroepen om 20/34
het te combineren met de lokale voorzieningen. En om juist die kansen voor onze eigen inwoners mee te nemen in verdere planvorming. Als je dan nu naar het voorstel kijkt van het college, dan zou je zeggen: so far, so good. Want aan de criteria die de VVD heeft mee gegeven en die andere partijen ook hebben gedeeld, is gehoor gegeven. Er ligt een plan voor Sporthoeklaan. Als je dan een ontwikkeling start, dan is het ook voor de VVD niet meer dan logisch om een grex te openen, laat daar ook geen twijfel over bestaan. Daarmee geven we op dit moment wel praktisch gezien goedkeuring aan deze ontwikkeling, want zonder geld geen opvang. Maar ook hier ziet de VVD procedureel nog geen bezwaar. Een vraag nog wel aan het college, dat is al eerder aangestipt vanavond, zijn die zekerheden over het geld van het rijk, want dat was ook een wens van ons, om daar meer informatie, meer gevoel, meer beeld en gelijk, meer muziek bij te krijgen en alle andere metaforen, die we daarbij nog kunnen bedenken, maar die schitteren in afwezigheid in het raadsvoorstel.
Hoe gaat het college er dan ook mee om, als er uiteindelijk geen geld zou komen? Als het rijk niet over de brug zou komen met hun toezeggingen, niet met hard geld zou komen, wat gaat het college dan doen? Terugkomen bij de raad voor meer geld? Het gewoon uitgeven? Of zich bedenken? Ik snap dat dat een speculatieve vraag is, maar ik wil er graag gevoel bij krijgen, hoe het college het zelf ziet. Dan kom ik op ons amendement, het amendement van het CDA, dat we mee hebben ondertekend. De heer Van den Beukel haalde dat al aan, dat amendement heeft een vrij principiële strekking. Ik haalde zojuist al aan, dat wij het voorstel in principe kunnen omarmen en ondersteunen, sterker nog, onderschrijven, om er nog een paar mooie woorden aan toe te voegen. Waar ons principiële bezwaar op zit, dat heb ik in een aantal interrupties al aangehaald, zit hem juist in het toetsingskader voor Eneco-gelden. We hebben daar criteria op gesteld en daar kan iedere partij natuurlijk zijn eigen invulling aan geven, maar voor de VVD voldoet dit voorstel simpelweg niet aan de criteria. Daarnaast steekt het ons dat het proces hierin niet wordt gevolgd. Ik hoor de heer Markus duidelijk zeggen, in mijn eigen woorden: ik ben even het totaalbeeld kwijt. Waar zitten we met de algemene reserve, waar zitten we met ons incidenteel geld? Ik zeg u, meneer Markus, ik ben dat beeld ook kwijt.
Juist daarom wil de VVD vast houden aan het proces om dit soort investeringen vanuit de Eneco-middelen bij een kadernota vast te stellen, als we het effect kunnen zien op het totaalplaatje in plaats van los links en rechts grepen doen uit de kas wanneer het ons goed uitkomt. Natuurlijk is het een uitzonderlijke situatie, daar willen we niet voor weg kijken, maar in een uitzonderlijke situatie zou je dan ook de algemene reserve kunnen inzetten. Want als het toch een uitzonderlijke situatie is, dan staan we daar voor met elkaar. De heer Philippens: Ik ben dan even benieuwd wanneer het voor u dan wel voldoet aan de criteria. Ik heb ze even hier voor me liggen, we hebben die harde criteria, waarvan er 2 groen moeten zijn en 1 minimaal geel, daar wordt aan voldaan. Vervolgens de zachtere criteria zoveel mogelijk groen, dat het groen kleurt. Dat zie ik hier ook gebeuren. Wanneer is het voor u wel goed om van de Eneco-reserve gebruik te maken? De heer Machielse: Dat is eigenlijk heel eenvoudig, want het toetsingskader wordt ingevuld en iedereen heeft daar zijn eigen beoordeling bij: groen, dondergroen, oranje, licht oranje. Daar heeft ook de VVD ons eigen gevoel bij. Als u mij concreet vraagt waar het hem op zit, dan zit hem dat op aan welke inwoners deze investering ten goede komen en ten tweede aan de langdurigheid van die investering.
Natuurlijk zou je kunnen stellen: dit is voor 20 jaar. Maar misschien is het maar voor 5 jaar en misschien 10. We weten het in feite niet. Juist omdat dat risico erin zit, voelt het voor ons logischer om dat te doen met geld dat we in het verleden als gemeente hebben verdiend, de algemene reserve. Dat hebben we verdiend met onze grondexploitaties, dat hebben we verdiend met een positief saldo op onze jaarrekening. En juist niet het spaargeld van de inwoners van de afgelopen tientallen jaren van Lansingerland in te zetten. Dat zijn de Eneco-gelden. Ik begrijp dat dat een beoordeling is, maar ik wil u wel graag mee nemen in welke beoordeling de VVD daaraan geeft. Ik hoor de Bik van WIJ dan zeggen: nee, dit schept geen precedent. WIJ gaat in de toekomst niet altijd zeggen: vanaf 5 jaar is een langdurig effect. Maar het is toch een behoorlijke rib uit het lijf van de Enecomiddelen en daar kan de VVD gewoon niet mee akkoord gaan, ook niet voor 5 jaar. Tot slot wil ik nog ingaan op het punt van de heer Philippens over de inflatie. Oké, ik geef toe aan de heer Philippens, ik ben blij met mijn hypotheekrente op dit moment, mijn hypotheek lost zichzelf af, daar hebben andere inwoners ook profijt van. Maar die inflatie en het minder waard worden van de Eneco-reserve geldt feitelijk natuurlijk ook voor de algemene reserve.
We hebben niet de werkwijze om die te beschouwen als een investeringspot voor eenmalige uitgaven, dat weet ik, daar hoeft u mij niet voor te interrumperen, maar uiteindelijk schrijven we daar net zo hard op af met de huidige inflatie als op de Eneco-middelen. Onderaan de streep maakt dat geen verschil. Daarmee wil de VVD dus vast houden aan onze steun voor het amendement, omdat wij echt vinden dat de Eneco-middelen niet de juiste dekking zijn voor een voorstel dat an sich helemaal voldoet aan hoe wij onze verantwoordelijkheid zien om de zorgen voor de langdurige opvang voor Oekraïners. Daar wilde ik het in de eerste termijn bij laten. De heer Ruijtenberg, GL: Laat één ding heel erg duidelijk zijn: GL is een ontzettend groot voorstander van de langdurige opvang van Oekraïners, van de langdurige opvang van mensen uit Jemen, van langdurige opvang van mensen uit Syrië, van mensen uit allerlei brandhaarden in de wereld. Waar we echter nu mee geconfronteerd worden, is dat op 2.731 kilometer bij ons vandaan, een afstand die korter is dan de afstand naar Athene, daar vinden ontzettend grote misdaden plaats, gepleegd uit naam van een regime dat zich gedraagt als een dictatoriale bezettingsmacht die elke wet die er ook in krijgsheerschap overtreedt. Er gebeuren dingen die onvoorstelbaar zijn, waar geen van de mensen die hier in deze zaal 21/34