[BV22.0062] Verslag commissie Samenleving van 9 juni 2022
Tekst van het document
De gemeente heeft daar inderdaad een verantwoordelijkheid, wij krijgen daar vanuit het rijk geld voor, daarmee gaat ook dat geld richting de peuterspeelzalen, naar de voorschoolse educatie. We hebben de leeftijd pas wat opgerekt, dat heeft u waarschijnlijk in de raadsinformatiebrief gelezen. Het was 2,5 en we zijn terug gegaan naar 2, want laten we ook hardop tegen elkaar zeggen, er zijn toch nog heel wat kinderen met een flinke taalachterstand. Met mevrouw Dieterich heb ik het al besproken, zij is vorige week ook aanwezig geweest bij een ander overleg, excuus dat ik u met termen om de oren sla, het OGO en het LEA, lokaal educatieve agenda. Ik heb vorige week al gezegd hoe waardevol ik het vond dat u daar bij aanwezig was samen met een collega om juist over deze groep te spreken, omdat die op een gegeven moment op de basisschool komt, we proberen hen te laten instromen in groep 1 met die gelijke kansen. Dat zal altijd een aandacht blijven, maar zeer waardevol. Ik heb het voornemen uitgesproken om juist deze deelnemers regelmatig uit te nodigen bij die LEA omdat het over diezelfde kinderen gaat als ze nog iets jonger zijn, daar heeft de gemeente weldegelijk een verantwoordelijkheid, meneer Smolders. Van mevrouw Gielis heb ik geen vragen genoteerd, dank u wel. Meneer Afalah van WIJ, dank u wel ook voor uw vragen.
U wil graag op de hoogte worden gehouden, dat is beslispunt 3 in het raadsvoorstel, dat wij via de normale P&C cyclus, de normale rapportages vanuit het college u ook van deze financiering op de hoogte houden. Hoe betrekken we de voorschoolse educatie bij het IKC? Ik denk dat ik daar net iets over heb gezegd. De heer Afalah: Dat op de hoogte houden ging mij meer om de samenwerking tussen de kinderdagverblijforganisatie en de schoolbesturen, of dat matcht met elkaar en hoe dat zich ontwikkelt. Wethouder Cnossen: Ik wil niet vervelend doen, maar ik verwijs dan toch wel graag naar de P&C cyclus waarin je rapporteert. Dat is niet alleen geld, vandaar dat ik het daar over had, maar daarin hebben we met elkaar als raad en college afspraken vast gelegd, om ook over de inhoud te rapporteren. Vanuit het college vind ik dat de mooiste methode, maar laten we kijken of dat voor u voldoend is. Dan de voorschoolse educatie betrekken bij IKC. Laat ik daar ook helder over zijn. Als scholen en kinderopvang een IKC starten, mogen zij daar ook VVE bij betrekken. Een heel moeilijke zin. Het is afwachten hoe zich dat gaat ontwikkelen, want de kwaliteit zit op dit moment bij de peuterspeelzalen die dat op een heel goede manier doen en ook een andere doelgroep aantrekken, van anderstalige ouders, die hun kinderen daar via het consultatiebureau naartoe verwezen hebben gekregen.
Laten we het laten gebeuren. Die kwaliteit vind ik inderdaad heel belangrijk, daar heeft mevrouw Dieterich mij wel van overtuigd. Mevrouw Gabin van GL, dat ging over risico leegstand, financieel aantrekkelijk, ja, ik weet het weer. U maakt zich zorgen, dat er zoveel kosten verwerkt worden in die kostprijs, dat het voor kinderopvang toch nog te duur wordt. Omdat het in 40 jaar wordt afgeschreven, is dat niet de verwachting. Op dit moment is het voor kinderopvang bijna niet meer te doen om ruimte te huren. Zelf bouwen is voor hen heel erg moeilijk, dus wij doen als overheid niet iets heel bijzonders. Andere particuliere verhuurders zouden ook winst willen maken en dat doen wij dan weer niet als overheid, dus ik wij u op de afschrijvingstermijn. De ruimte die zij particulier zouden moeten huren, zal altijd duurder zijn. Wij denken, maar de praktijk zal het leren, dat het zich gaat wijzen. U vroeg contact met alle schoolbesturen. Ik heb net iets over het OGO gezegd, ik denk dat dat voor u ook voldoende is. Het is juist vanuit de schoolbesturen gekomen en
12/28
wij hebben daarmee een vraag beantwoord. Mevrouw Dieterich gepasseerd, ik heb het daar met mevrouw Dieterich over gehad, dat je achteraf altijd ziet van: hé, dat had ook nog gekund. Maar juist omdat wij met de vraag van de schoolbesturen aan de gang zijn gegaan, en u heeft de stukken gelezen, toen ik het de eerste keer las overviel het me ook, hoe je daarover na moet denken, ja, dan kan het gebeuren dat je daar zo mee bezig bent, dat je even dit punt uit het oog bent verloren, maar we kunnen dat beentje alsnog bijtrekken. Mevrouw Biharie vraagt zich af of de schoolbesturen zorgvuldig omgaan met de financiën, zij krijgen een bepaalde voorfinanciering. Schoolbesturen hebben zelf ook inspecties, die moeten ook verantwoording afleggen over van alles wat zij doen, dus ik maak me daar niet zoveel zorgen over, want schoolbesturen worden streng gecontroleerd op alles wat zij doen. Ik denk dat wij het vertrouwen mogen hebben, dat deze belangrijke partners op een goede manier daarmee omgaan. Dan was het klaar. Dank u wel. De voorzitter: We zijn aan het eind van de eerste termijn. Voor de tweede termijn geef ik u even mee, dat ik wil horen uitspreken of het als hamerstuk naar de eerstvolgende raadsvergadering zou kunnen of niet. Als u geen tweede termijn wenst, ga ik ervan uit, dat het voor uw fractie een hamerstuk is.
Tweede termijn Mevrouw Leijendekker, CDA: Dank u wel, wethouder, voor de beantwoording van de vragen. Ik had 1 aanvullende vraag, een vraag n.a.v. het antwoord van de wethouder. U geeft aan dat als er nieuwe initiatieven komen, die niet kunnen meelopen in de eerste periode tot 2025. Mijn vraag is wel: wat voor weigeringsgronden heeft u op dat punt? Op welke grond kunt u op grond van dit beleid van nieuwe initiatieven zeggen dat men er niet voor in aanmerking komt? Dat is mijn vraag. Als daar een duidelijk antwoord op komt, dan is het een hamerstuk. De her Wezenberg, VVD: Ik had in de eerste termijn een paar vragen gesteld en die zijn niet beantwoord. Ik wil ze herhalen, maar misschien heeft de wethouder ze nog, dan hoef ik ze niet te stellen. De voorzitter: Ik zie de wethouder knikken. Is het voor de VVD een hamerstuk of kunt u daar nog niets over zeggen? De heer Wezenberg: Hoe kan ik dat nu al zeggen als ik het antwoord nog niet heb. De heer Smolders, D66: Wat dit stuk betreft is het een hamerstuk, maar ik zou nog graag van de wethouder willen horen of de VVE wel goed geborgd blijft, omdat het om kwetsbare kinderen gaat, ook mede gezien de inspreker. Het is een hamerstuk, maar als de wethouder iets over die borging zou kunnen toezeggen, graag.
Mevrouw Molenaar, CU: Ik dacht: ik ga even netjes zeggen, dat het wat ons betreft een hamerstuk is, zeker gezien de antwoorden, waar we heel blij mee zijn. Dank u wel. De heer Afalah, WIJ: Ik wil me aansluiten bij de heer Smolders. Ik vind het toch wel belangrijk, dat dat geborgd wordt. Wat mij betreft is dat dan zeker een hamerstuk. Dank u wel. Mevrouw Gabin, GL: Wij willen de wethouder bedanken voor de heldere beantwoording. We hebben goede hoop dat de wethouder in een goed gesprek met inspreekster nog het e.e.a. wil verduidelijken. Wat ons betreft is het een hamerstuk. Mevrouw Biharie, PvdA: Ik wil de wethouder bedanken voor de uitgebreide beantwoording van alle vragen en daarmee is het voor de fractie van de PvdA een hamerstuk. Wethouder Cnossen: Excuus, meneer Wezenberg, dat ik net u moet overslaan, het staat er netjes op, maar ik ging onmiddellijk naar mevrouw Biharie door, ik weet niet wat daar gebeurde. U had de vraag, scholen moeten zelf hun nek uitsteken in het implementatieproces, moeilijk woord, ik had het niet helemaal uitgeschreven, maar zij moeten de kosten voor hun rekening nemen. Omdat het maatschappelijke instellingen zijn vraagt u of we tegemoet willen komen in de kosten. Wij hebben van de scholen niet die vraag gekregen, meneer Wezenberg, dus op dit moment willen we het echt op deze manier organiseren.
De heer Wezenberg: Het ging me niet om de scholen, het ging me juist om de VVE’s die vaak geen geld hebben, geen middelen. Op het moment dat u de middelen biedt om het te financieren, dan kunnen ze wel aansluiten. Maar nu haken ze vaak al af omdat ze simpelweg het geld niet hebben om hun personeel om te scholen dan wel om hun organisatie te veranderen. Wethouder Cnossen: Dan heb ik u verkeerd begrepen, want ik was inderdaad op zoek naar welke maatschappelijke instelling. VVE is echt een aparte geldstroom. We hebben subsidie die wij toekennen aan de peuterspeelzaal die de VVE verzorgt. Daarin hebben wij onze taak richting deze VVE als gemeente geborgd. Op het moment dat een schoolbestuur samen met de kinderdagopvang, kinderopvang, denkt: wij willen ook VVE daarbij hebben. Dan gaan ze dat zelf organiseren. Maar op dit moment is de VVE
13/28
geborgd, ook financieel vanuit de subsidie die wij daar naartoe brengen. Dus daar zitten niet de kosten in om het allemaal extra te organiseren en dat is ook niet de bedoeling van mevrouw Dieterich, want zij wil dat gewoon graag bij elkaar houden. De heer Wezenberg: VVE was een voorbeeld. Het gaat erom, zoals het nu is ingericht, biedt u eigenlijk alleen maar ruimte voor commerciële partijen, die willen aansluiten. Het gaat juist om de niet-commerciële partijen die een kans moeten krijgen om hierin mee te doen. In Rotterdam loopt dit al veel langer en in Rotterdam zie je dat juist alle niet-commerciële instellingen zijn afgehaakt omdat ze simpelweg het geld niet hadden om mensen op te leiden, om te scholen, te trainen. Het enige wat ik u vraag: bent u bereid daarover na te denken? Nee is ook een antwoord. Wethouder Cnossen: Ik had dit probleem zelf nog niet onderkend, meneer Wezenberg, goed dat u het noemt en ook het voorbeeld van Rotterdam. Dan gaan wij op het gemeentehuis kijken waar ze dan precies tegenaan lopen. Ik spreek de bereidheid van het college uit om daar in elk geval nog goed naar te kijken. Daarna had u nog een vraag: moet je ook beleid maken op huisvesting, dat bedoelde u ook daarvoor. Die begrijp ik nu ook beter, want ik dacht: dat is toch het IHP. Maar u had het over peuterspeelzalen en daar hebben we natuurlijk ook bepaald beleid op.
Maar ik zeg u toe, dat we dat punt nog nader onder de loep nemen. In de tweede termijn hadden we nog 2 punten, de weigeringsgrond van mevrouw Leijendekker. Op dit moment wordt elk schoolbestuur gefaciliteerd. 2025 lijkt nog ver weg, maar het is niet en mogelijk om op dit moment voor renovatie of nieuwbouw dan in aanmerking te komen. Dus wij sluiten niemand uit, komt er een nieuw initiatief zal dat toch pas vanaf 2025, wanneer alles weer open gaat, gefaciliteerd worden. Dus op dit moment speelt dit probleem niet. De VVE borgen, ik denk dat ik uitgesproken heb dat VVE, voorschoolse educatie, een wettelijke taak van de gemeente is, die wij zeer serieus nemen, want het is echt heel belangrijk dat kinderen met ongelijke kansen van huis uit gelijke kansen krijgen in deze gemeente om in elk geval van de basisschool weer door te gaan. De heer Smolders: Misschien is het een technische vraag, dat mag u beoordelen. U heeft het erover dat u financiële steun krijgt van het rijk, dat is afgestemd op het aantal locaties of het aantal leerlingen, denk ik. Op het moment dat er meer VVE’s komen wordt dat geld dan verdeeld over de verschillende VVE’s? Wethouder Cnossen: Voorschoolse educatie is bedoeld voor kinderen met op een bepaalde manier een achterstand. Er komt een bepaalde indicatie vanuit het consultatiebureau. Voor de voorschoolse educatie krijgen we vanuit het rijk geld.
Stel dat het kinderaantal verdubbelt, dan zullen we daar geld op moeten toeleggen, laat dat helder zijn. Maar we hebben wel met elkaar afgesproken dat we vanaf 2 jaar, wettelijk is vanaf 2,5 jaar, maar we vinden het in Lansingerland belangrijk om dat toch iets naar voren te trekken, om de kinderen in groep 1 goed te laten beginnen. Dus het geld kan inderdaad op zijn, dan zult u dat terug zien in de P&C cyclus. De voorzitter: Daarmee zijn we aan het einde gekomen van de tweede termijn. Toch nog een interruptie op de wethouder. De heer Wezenberg: Het is een hamerstuk voor de VVD. De voorzitter: Dat kunt u niet doen als interruptie bij de wethouder, meneer Wezenberg, maar daarmee brengt u me wel bij de afsluiting van de tweede termijn. Eén en ander gehoord hebbende doe ik u het volgende voorstel, om het vaststellen IKC beleid als hamerstuk naar de raadsvergadering van 30 juni door te geleiden. Ik zie duimen omhoog gaan en daarmee is het vastgesteld. 6.b Actualisatie Nota Integraal Huisvestingsplan 2020-2024 Primair Onderwijs Mevrouw Biharie, PvdA: Kijkend naar de grote behoefte nu aan kinderopvang en dit onder één dak te brengen bij een IKC-locatie om maximaal pedagogisch effect te behalen voor onze jongste inwoners, willen wij ook verzoeken tegelijkertijd te kijken naar de prognose, naar de vergrijzing binnen onze gemeente.
Hierop aansluitend willen wij als fractie het volgende mee geven. Bij de risicoanalyse dat een IKC locatie in de toekomst leeg zou komen te staan, vind ik het goed dat er vast gedacht wordt hoe de IKC-locaties voor andere doeleinden gebruikt zouden kunnen worden. Het is goed om binnen onze gemeente bij het bouwen alvast mee te nemen hoe je op een betaalbare manier gebouwen kunt ombouwen voor andere doelgroepen. Indien, zoals tijdens de beeldvorming is aangegeven, als ik het goed heb begrepen is er een kans dat sommige huidige scholen zullen leeglopen, omdat kinderen naar een IKClocatie gaan. Mijn fractie vindt het goed om deze locatie in te zetten voor betaalbare en sociale huurwoningen, voor starters en voornamelijk meer voor studenten. Ons inziens van mijn fractie is er binnen onze gemeente helemaal niets voor onze studerende jongeren. Zij vertrekken naar steden om ons heen en meestal kunnen ze niet meer terugkomen om hier te komen wonen. Om ook deze groep jongeren in onze gemeente een plek te geven, is dit onze suggestie. Daarnaast wil onze fractie aan de wethouder meegeven: nu bouwen met de nodige faciliteiten voor onze jongste inwoners binnen onze gemeente en bij leegstand ombouwen voor onze ouderen, bijvoorbeeld in de vorm van een Knarrenhof. Zo zou je de risico’s van het inzetten van gemeenschapsgeld van onze inwoners goed kunnen waarborgen en verantwoorden. Dank.
De heer Alsemgeest, WIJ: Ik heb een heel ander verhaal, een heel andere strekking. Toen ik zo’n anderhalf of twee weken geleden de stukken onder ogen kreeg en genoemde punten van 1 tot en met 13 zag, toen kreeg ik het een beetje warm en een beetje koud tegelijk. Wat moet ik als nieuwbakken commissielid van de commissie samenleving hiermee aan? Heb ik hier een antwoord op? Echter, na het
14/28
lezen van de bijgevoegde stukken kan ik u vertellen dat ik een heel stuk wijzer was en ook nog samen met mijn fractie tot een oordeel kon komen. Afgezien van de bedragen die genoemd worden in de stukken, waren de stukken heel erg helder. De actualisatie van het integraal huisvestingsplan is een goede, maar vooral ook een noodzakelijk. De nieuwe scholen die zich melden binnen onze gemeenten die we een onderkomen moeten verschaffen. Verduurzaming van de scholen, of dit wel haalbaar is, de gestegen prijzen van allerlei zaken die met de huisvesting van de scholen te maken hebben en doorgerekend moeten worden in onze begroting en dan ook nog het beleid vast stellen van het integraal kindcentrum. Het integrale huisvestingsplan voor het primair onderwijs 2022-2024, we zijn nu in 2022, moet eigenlijk al heel snel geactualiseerd worden, maar dat hadden we eigenlijk wel kunnen verwachten, want we zitten in een jonge en groeiende gemeente. Mijn vraag aan de wethouder is, de enige vraag die ik heb: kunnen we binnen 2 jaar weer een nieuwe actualisatie tegemoet zien? Voor de rest, afgezien van de bedragen die genoemd zijn in de stukken, dat is voor ons nog een klein beetje leren, want we weten niet van welke bedragen we ooit uitgegaan zijn.
We snappen de bedragen wel, die terug gestort worden omdat er niet verduurzaamd wordt op een aantal gebouwen en dat soort zaken, dat snappen we wel, maar voor de rest is het verhaal heel erg helder. Daar wil ik het voor de eerste termijn bij houden en dan hoor ik graag wat de andere fracties hebben te zeggen. Dank u wel. Mevrouw Gielis, L3B: Ik voel zeker mee met de heer Alsemgeest als het gaat over het warm en koud worden bij het zien van deze stukken. 13 vragen aan de commissie met allemaal achterliggende dossiers. Alles lezend, voor mij was het ook nieuw, dit onderwerp, heb ik er ook inderdaad een hele hoop van geleerd. Dit gaat niet om een beleidswijziging, het gaat om een tussentijdse en noodzakelijk herijking. De tijden zijn veranderd, er is meer geld nodig om staand beleid uit te voeren op dit front en het is verstandig om tussentijds andere keuzes te maken. Noodzakelijk en wellicht ook mooi, want de jeugd heeft de toekomst. Kennelijk hebben wij veel toekomstig schoolgaande jeugd in Lansingerland en maken we de omgeving voor deze jonge investeerders in onze toekomst ook nog eens een stukje duurzamer. Dus feitelijk kan L3B met het voorstel instemmen. We zijn heel benieuwd naar het antwoord op de vragen van mevrouw Biharie over het ombouwen van scholen bij leegstand naar een Knarrenhof, dat moet de heer Erwich erg aanspreken trouwens.
En we hebben nog een vraag aan de wethouder en die gaat over de monumentale status van de Parel en de financiële consequenties voor het behoud van die status. Wij gaan als raad niet over de status van het monument, maar wel over het geld. Als de kosten voor renovatie of andere wijzigingen aan dit gebouw, die zijn nog niet bekend, maar als die kosten worden overschreden op de begroting, wilt u dan in het kader van budgetrecht dan aan de raad voorleggen? Verder is het wat ons betreft een hamerstuk met de complimenten voor de wijze waarop we hier als raad over geïnformeerd zijn. Dank u wel. De heer Bergwerff, CDA: Ook ik wil starten met complimenten aan de wethouder en haar ambtenaren. Wij beseffen dat dit een pittige klus is geweest om dit document toch nog zo duidelijk op te stellen, terwijl het inhoudelijk juist zo ingewikkeld is. In het document is terug te lezen, dat wij hebben afgesproken in het IHP dat de gemeente meer kosten boven de VNG-norm dekt uit de algemene middelen. De eerder geaccepteerde aanvragen rijmen logischerwijs niet meer met het uitvoeringsprogramma van het IHP door de hoge prijsstijgingen van materialen. Dit is een feit en dit zullen we moeten accepteren als we onze doelen willen behalen. Het CDA begrijpt dan ook de gekozen wijzigingen in het IHP.
Omdat onderwijshuisvesting een wettelijke taak is, ligt alleen het proces zoals participatie en uitvoering van verduurzaming van gebouwen bij de gemeente. De CDA-fractie snapt dat het jammer genoeg maar simpelweg niet haalbaar is om de verduurzamingsmaatregelen voor de gebouwen uit te voeren zoals we eerder hadden besloten. Maar wij hebben wel geconstateerd, dat een aantal schoolbesturen aangeven dat zij het daar niet helemaal mee eens zijn en eventueel wel die duurzaamheidsmaatregelen van de gebouwen door willen voeren. Mijn vraag aan de wethouder is: kunt u dat uitleggen aan ons? Klopt het dat schoolbesturen wel denken de duurzaamheidsinvesteringen binnen 15 jaar terug te kunnen verdienen. Het is namelijk zo, dat als zij dat niet kunnen, dan kunnen ze minder subsidie krijgen, de wethouder weet wat ik bedoel. De heer Smolders: Ik zou graag willen weten over welke verduurzamingsinvesteringen de heer Bergwerff het heeft, die dan niet door zouden gaan en welke schoolbesturen dit dan betreft. De heer Bergwerff: Dan wordt het erg technisch. In het stuk staat letterlijk dat er een aantal schoolbesturen is, die het er niet mee eens zijn dat die duurzaamheidsmaatregelen van de gebouwen niet doorgaan. Welke dat precies zijn, dat kan ik u niet zeggen. Even verder. Het CDA vindt het bijzonder maar ook heel goed dat de Parel als monumentale school wordt aangeduid.
Het is een school met een interessante historische waarde en achtergrond en dit heeft voor het CDA meerwaarde. In Lansingerland moeten we dit soort panden met dusdanige achtergrond en geschiedenis koesteren, ook al kost dit extra aanpassingen en uitvoering rondom het IHP. Dat er tijdens de uitvoering van een nieuw IHP enige verschuiving plaats vindt rondom leerlingenaantallen in de scholen is niet zo gek. Het baart ons wel zorgen dat er aangegeven wordt dat er geen inschatting gemaakt kan worden en dat dit echt grote gevolgen kan hebben voor bestaande scholen. Inmiddels is er bekend geworden welke scholen, die een aanvraag hebben ingediend onder de nieuwe
15/28
wet, een BRIN-nummer hebben gekregen van het ministerie. Ons is nog niet duidelijk welke scholen dat zijn. Het ging toentertijd om de Springplank, het Avontuur, het Palet en Casa Lansingerland. Misschien kan de wethouder aangeven welke van deze scholen inmiddels een BRIN-nummer hebben gekregen. De voorzitter: Wilt u uw eerste termijn afronden? De heer Bergwerff: Ja, ik ga afronden. Even kijken wat ik sowieso nog wil horen van de wethouder. Deze wil ik wel even noemen, deze vraag met een kleine toelichting. De financiële verwerking van de interne uren, staat in het stuk, is voor een deel verwerkt in het MIP. De verdeling tussen schoolbesturen en gemeente in de aanpak van de projecten is nog een onderdeel van gesprek. Onderwerp van gesprek is ook de inzet van de projectmanager omtrent de coördinatie van het gehele IHP. Vraag aan de wethouder: hoe komt het dat de financiële verdeling tussen de scholen en de gemeente nog steeds niet duidelijk is? Daarbij de vraag: waarom is de inzet van de projectmanager nog niet besloten? Dank u wel. De heer Duk, GL: Veel is al gezegd, ik zal me daarom zoals u van mij gewend bent beperken tot de kleur van mijn pak, de vergroening van de schoolgebouwen. Bij het vaststellen van de rendabelheid van de verduurzaming van het schoolgebouw is rekening gehouden met de stijging van de energieprijs met 4%. Dit jaar rekent het CBS met een stijging van 86%.
Dat maakt de berekening waarmee we vandaag een besluit nemen volledig achterhaald. De komende jaren zal de import van Russisch gas waarschijnlijk niet weer worden opgepakt, zullen er kolencentrales gaan sluiten, zal er hooguit gedroomd, gepland, geprocedeerd en als het aan het kabinet ligt geïnvesteerd worden in kerncentrales, kortom, de vraag naar energie zal door de verduurzaming iets afnemen, maar er zal nog steeds een vraagoverschot zijn. Zeker als gemeenten zoals de onze niet meer werk gaan maken van opwekking van duurzame energie met wind en zon. Het college geeft daarom aan, dat een gemiddelde stijging van 35-40% nu waarschijnlijker wordt geacht. De 4% indexering uit dit stuk zal dan ook volgens GL moeten worden herijkt. Graag hoor ik van de wethouder of deze herberekening nog voor de raadsvergadering kan plaatsvinden. Ik begrijp oprecht niet waarom in dit stuk de huidige verwachte prijzen niet zijn opgenomen. We hebben het over een prijsstijging van 10-20 keer zo hoog als waar nu mee is gerekend. GL vermoedt dat projecten die volgens de huidige berekeningen niet rendabel zijn met de huidige en te verwachten prijsstijgingen dat wel zullen blijken. We zijn dan ook van mening dat aan de hand van de huidige berekeningen geen besluit kan worden genomen over verduurzaming van de scholen.
Verder snapt GL niet waarom het college vast houdt aan de terugverdientijd van 15 jaar, terwijl OCW 20 jaar toestaat. Daarmee verliest elk project een kwart van zijn terugverdientijd. Het is tekenend dat zelfs zonder de huidige energieprijzen mee te rekenen, die wel betaald gaan worden, en met de korte toegestane terugverdientijd een aantal projecten nog rendabel blijkt. Daarom mijn vraag aan de wethouder: waarom wordt er gerekend met deze kortere termijn en welke projecten zouden wel rendabel zijn als er met de toegestane 20 jaar wordt gerekend? Elke dag gaat er nu een enorm bedrag letterlijk in rook op tot de scholen, waar mogelijk, zelf hun energie gaan opwekken en de warme binnen houden in de warmte en juist buiten in de zomer. Verder vindt GL het vreemd dat er geredeneerd lijkt te zijn aan de hand van een alles of niets benadering. De scholen waar BENG niet haalbaar zou zijn, waar dus vraagtekens bij te zetten zijn, bij dat soort scholen wordt er nu gekozen om helemaal niet te investeren, terwijl is gebleken dat zonnepanelen eigenlijk altijd rendabel zijn en datzelfde geldt voor isolatie van glas, gevels en daken, ook als daarmee de BENG-norm niet wordt gehaald kan er sprake zijn van een investering die rendabel is. De voorzitter: Wilt u uw eerste termijn afronden. De heer Duk: Ik heb nog 3 zinnen.
Kan de wethouder aangeven of er bij de scholen waar nu geen winstgevende businesscase ligt wel wordt gekeken naar wat wel rendabel kan worden uitgevoerd? Nogmaals, elke euro die nu in rook opgaat is er één die niet in onderwijs kan worden gestoken. Dus voor de toekomst van onze jeugd en de planeet is investeren in verduurzaming waar mogelijk nu strikt noodzakelijk. De heer Smolders, D66: Veel is al gezegd, ook ik werd er warm en koud van. Heel veel stukken moeten lezen tijdens het Pinksterweekend. Maar gezien de veranderende situatie in de wereld, en daarmee bedoel ik de exponentiële stijging van de energieprijzen, de enorme stijging van de bouwkosten, de stijging van grondstoffen en het tekort aan personeel en daarbij ook nog de oorlog in Oekraïne, is het naast de verschuivende leerlingprognoses valide om het IHP te actualiseren. Daarbij komt dat er ook 2 nieuwe scholen zich gaan vestigen in Lansingerland in augustus 2022. Ik heb begrepen dat Cadans en Treehouse een BRIN-nummer hadden gekregen, dat staat ergens in het stuk. Hiervoor heeft de gemeente de wettelijke taak om voor huisvesting, eerste inrichting en onderwijs leermiddelenpakket te zorgen. Daarbij komt de veranderde leerlingenprognoses verschuiving daarin. Het meerjarig investeringsprogramma, het IHP, de actualisatienota biedt inderdaad perspectief aan schoolbesturen als het gaat om onderwijshuisvestingsbehoefte.
In die zin is D66 ook wel akkoord met dit stuk. Maar wij als gemeente hebben de keuze om te kijken naar de verduurzamingsopgaven van schoolgebouwen. In het coalitieakkoord is opgenomen, dat we samen verder gaan met het energieneutraal maken van schoolgebouwen voor primair onderwijs. Voor een fijne leeromgeving is een goed binnenklimaat van belang. De resultaten van de verdiepende haalbaarheidsonderzoeken van bureau Hevo geeft aan dat er een aantal scholen niet in aanmerking komt voor verduurzaming, doordat het technisch niet realiseerbaar
16/28
is of financieel niet haalbaar. Dat scholen te oud zijn en dat het daarmee beter is om voor nieuwbouw te gaan begrijpt D66, maar dat het financieel niet haalbaar is, daar hebben we nog een paar vragen over, die in lijn zijn met de heer Duk. Met name omdat Hevo als prijspeildatum juni vorig jaar heeft genomen en dus heeft gerekend met die 4% energiestijging en 2% stijging onderhoudskosten. Daarom vraagt D66 aan de wethouder of de prijsstijging nog wel actueel is. Erkent zij ook, dat deze niet meer actueel is? Dan doel ik met name op de scholen die geen verduurzaming kennen, dat is de school aan de Stampioendreef. Dat was mijn termijn. De heer Wezenberg, VVD: Alles is eigenlijk al gezegd. Meer dan een heldere beeldvormingsavond is er geweest, er kwamen goede antwoorden op de vragen die gesteld zijn, ook op de technische vragen die gesteld zijn. Ik heb maar 1 vraag gesteld, maar ik stelde hem op het verkeerde moment. Uit alles blijkt dat het gaat over groei, meer scholen en scholen erbij. Als je kijkt naar de prognoses die in 2017 gemaakt zijn voor na 2022, er werd op dat moment geprognotiseerd op gemiddeld 7.000 kinderen in Lansingerland. En als je kijkt naar de prognoses die heden ten dage gemaakt zijn, zitten ze rond de 6.600. Oftewel, de prognoses die er nu zijn, zijn lager dan ze voorheen gemaakt hebben. Ik maak me er zorgen over, er is dan leegstand.
Normaal gaat als er ergens een deur open gaat, ergens anders er eentje dicht of andersom. Ik ben benieuwd of daar over gedacht is of wat men daarvan vindt. Dank u wel. De heer Lieverse, CU: Voor ons was het gesneden koek, even om te plagen. Het scheelt wel, 2 jaar geleden hebben we met deze commissie uitgebreid over het IHP nagedacht en dat heeft wel geholpen om een goed beeld te krijgen van wat toen de belangen waren, wat de voorgangers van de ambtenaren die daar zitten keurig ook uitgelegd hebben. We hebben daarna nog verschillende keren in de commissie nagedacht over nieuwe schoolaanvragen, wat dat betekent, het ging niet allen over Wilderszijde maar ook over andere nieuwe scholen, de nieuwe wetgeving, wat OCW doet en wat wij enzovoorts. Dat maakt wel dat je een beetje anders kijkt naar deze nieuwe update. Ik vind het interessant wat de PvdA naar voren bracht. Ik weet dat er verpleeghuizen zijn, die ook als peuterspeelzaal dienen, dat is een soort combinatie. Er zijn starters die een kamer huren in een verpleeghuis om de integratie over en weer te bevorderen. Ik me wel af of dit in een IHP update opgenomen moet worden om eventuele leegstand naar woningen, wat voor soort woningen dan, om te gaan zetten.
Wat de Parel betreft, daar werd door het CDA iets over gezegd, wij zijn wel nieuwsgierig naar één aspect ervan, die vraag hebben we niet gesteld tijdens de beeldvormingsavond, er werden wel allerlei andere dingen beantwoord. Komen onderwijskundige normen misschien in het geding als die monumentale status gehandhaafd blijft? Ofwel, wordt er bouwkundig ingeleverd op wat voor een school wel belangrijk is, als het gaat over ruimte voor klassen, ventilatie en dat soort eisen? Wat betreft de opmerking van GL, wij zijn blij met het onderscheid dat gemaakt wordt tussen wettelijke en bovenwettelijke taken, zoals de verduurzaming. Terecht heeft onze raad aangedrongen op prioriteren van verduurzaming, maar niet als een kip zonder kop. Hiervoor is onderzoek gedaan door Hevo. Wij stellen ons op de positie dat we het daarbij laten. De heer Duk: Ik werd hier zo uitgedaagd, dat ik het toch even moet opnemen. Dit onderzoek, waar de CU zich aan wil verbinden, is uit 2021 voor de crisis in Oekraïne, voordat het CBS met 86% rekende in plaats van 4. Vindt de CU echt dat hiermee nog doorgerekend kan worden? Of is dit gewoon niet meer up-to-date? De heer Lieverse: De opmerking had u zelf al gemaakt. Wij stellen daar tegenover dat je elk jaar zo’n onderzoek kan gaan doen, maar op een gegeven moment moet je uitgaan van wat een valide bureau heeft uitgevoerd en daar doen wij het dus inderdaad mee.
De voorzitter: Alvorens wij naar de beantwoording van het college gaan, moet mij als nieuwe voorzitter nog wel een opmerking van het hart en dat is dat wij in Lansingerland het BOB-model hanteren. In de commissie hoeft de wethouder geen antwoord te geven op technische vragen. Ik heb een enorme hoeveelheid aan technische vragen gehoord van zo goed als elke fractie. Ik wil u toch verzoeken, meer kan ik ook niet doen als uw voorzitter, om vooral tijdens de beeldvorming, zeker op dit punt was er een enorme delegatie van 6 specialisten uit de ambtelijke organisatie aanwezig, om tijdens de beeldvorming uw technische vragen te stellen. Bij overgebleven technische vragen deze schriftelijk te stellen voorafgaand aan de commissie, zodat wij in deze commissie echt het debat met elkaar kunnen voeren over de verschillen, de inzichten en de wens van de commissie en niet over de technische details. Dat gezegd hebbende zal het college zich ongetwijfeld inspannen om in een goed antwoord te voorzien. Beantwoording college Wethouder Cnossen: Dank u wel, commissieleden, voor toch het grondig bestuderen van al die punten. Ik moet u zeggen, dat ik richting de ambtenaren ook datzelfde had, ik zei: dat kan je de raad toch niet aan doen, al die punten. Maar eigenlijk trok ik diezelfde conclusie, als je het eenmaal doorleest, is het ook wel heel logisch om per stuk die besluiten te nemen.
Dus uiteindelijk hebben ze mij ook weten te overtuigen, want ik ben altijd voor korte stukken en niet te ingewikkeld. Maar in dit IHP gaan de complimenten naar de ambtenaren, hoe ze dit goed op een rij hebben weten te zetten. Een aantal
17/28
vragen zal ik beantwoorden en als het technisch is doe ik toch een poging en als het niet helemaal lukt, dan hoort u het vanzelf. Mevrouw Biharie kijkt heel ver vooruit, het leeglopen van scholen. Ja, op een gegeven moment zal die vergrijzing in Lansingerland ook zo zijn, dat er minder kinderen naar de basisscholen gaan. Maar met een IHP kijken we vooruit voor 15 jaar. Laten we hier nou tegen elkaar zeggen: het is voor ons al moeilijk om een jaar vooruit te kijken. We hoorden meneer Duk ook, als er iets verouderd is, ja, dat kan. Maar op dit moment, als we 15 jaar vooruit kijken, dan hebben al deze scholen bestaansrecht, daar gaan kinderen naar toe. En natuurlijk kunnen we na die tijd kijken wat je er wel van kan maken, maar dat laat ik graag over aan mensen die na ons komen. Meneer Alsemgeest constateerde: binnen 2 jaar alweer een actualisatie van het IHP, ja, inderdaad, het was hard nodig, u heeft het ook gezien. En u constateert terecht dat we een jonge, groeiende gemeente zijn, maar ook de ontwikkelingen van een IKC en de verduurzaming maken dit nodig. Hebben we dat dan over 2 jaar weer? We maken elke 4 jaar een IHP, een integraal huisvestingsplan, dus over 2 jaar krijgt u een nieuw, herzien IHP voorgelegd. Dat is ook mooi halverwege een raadsperiode, daar kunnen we dan ook weer mee uit de voeten.
Mevrouw Gielis heeft zich verdiept in de monumentale status van de Parel, daar is in de beeldvorming ook iets over gezegd. Wat zijn de financiële consequenties, de kosten zijn nu niet bekend. Dat geldt voor meer kosten, die zien wij gewoon ontwikkelen. Bij de woordvoering van meneer Duk zal ik er ook iets over zeggen. Op een gegeven moment moet je een besluit nemen als gemeente, dat moet ergens op gebaseerd zijn. Dan is dat inderdaad een Hevo-rapport van zomer 2021. Als wij voortdurend maar nieuwe rapporten blijven vragen, dan besluiten wij niets en dan zitten de scholen op ons te wachten. Zo hebben we ook nu even naar de monumentale status van de Parel gekeken. De Parel heeft op zich genomen met een architect dat te bestuderen. De kosten zijn op dit moment nog niet bekend. Op een gegeven moment werd wel gezegd: ongeveer gelijk aan nieuwbouw. Op dit moment wordt toch weer wat meer ingeschat, maar bij overschrijdingen gaan we u uiteraard op de hoogte brengen, het budgetrecht is aan de raad, maar op dit moment is dit de informatie die we hebben en stel ik u voor het hier even mee te doen. Dank meneer Bergwerff voor uw complimenten voor het IHP. Over de verduurzaming, dat een aantal scholen het daar niet mee eens zijn. Wij hebben dit met alle scholen besproken, dus ik herken dit niet helemaal wat u nu zegt. Alle projecten zijn afgestemd met de schoolbesturen.
Binnen 15 jaar terugverdienen, dat was op het moment van opstellen van dit plan ook de wet. Iemand zei: het is inmiddels 20 jaar. Maar ook daarvoor geldt, dat we bezig waren met dit plan, we hebben dit met alle scholen besproken, alle scholen hebben er ook mee ingestemd om nu even op die 15 jaar te blijven zitten. Scholen mogen van de wet niet investeren als ze dat niet binnen die tijd terug verdienen. Dus na die 20 hebben we inderdaad meer ruimte en ik denk dat we over 2 jaar daar zeker naar kijken, maar op dit moment hebben we even de situatie bevroren en dit zo genomen. Welke scholen hebben een BRIN-nummer, u had het ook over toegelaten. Ik had dat bij de actualiteiten uit het college willen zeggen. Een BRIN-nummer hebben alleen maar de scholen die vanaf augustus gaan starten. Van de 4 aanvragen zijn 3 scholen toegelaten: Casa Lansingerland, Pallet en IKC Avontuur, waarvan 2 van bestaande schoolbesturen. De aanvraag van de Springplank is afgewezen. Ik wijs u erop, dat er in juni gewoon weer een nieuwe ronde is begonnen, dus wij wachten af wat daar uit komt. Het zijn 3 scholen die zich in Wilderszijde willen vestigen. Toen had u echt een heel moeilijke vraag over de inzet van een projectmanager. Ik heb daar wel wat informatie over gekregen, ik zal proberen dat zo goed mogelijk aan u te vertellen.
De inzet van de projectmanager is onderdeel van de algemene middelen in 2022 en over het algemeen niet toerekenbaar aan projecten. Het is een algemene beleidstaak, die wij als gemeente gewoon moeten doen. Voor 2023 moeten we dit nog bepalen. 1 op 1 inzetten op projecten, daar voorzien we de uren van de projectmanager in de interne toerekening van uren. Ja, dat is echt iets heel technisch in de begroting, maar u weet wat het BBV voorschrijft, dat je interne uren moet toerekenen aan projecten. Als ik dit allemaal zeg, weet ik niet zeker of het duidelijk is, maar anders kan u dat via de griffie nog navragen. Dan komen we bij meneer Duk. Ja, meneer Duk, het is allemaal waar wat u zegt, per dag veroudert hier alles. Toen wij in januari begonnen met de aanbesteding van de noodlokalen, konden wij niet voorzien dat die vreselijke, die oorlog in Oekraïne zou uitbarsten, waardoor nu alles in beslag is genomen voor tijdelijke huisvesting. Het is maar goed, dat je niet alles van tevoren weet, want dan zou je helemaal niet meer willen bewegen. Ook die verduurzaming, ook de prijsstijgingen, nee, we hebben een bepaald moment gekozen, we hebben het Hevo-rapport als onderbouwing, de beste onderbouwing die we op dat moment hadden gekozen. We hebben die 15 jaar laten staan in plaats van die 20, daar kunnen we het beste de volgende keer mee rekenen.
Op die manier hebben we met de scholen dit allemaal besproken. U vindt het geredeneerd vanuit alles of niets. Ik denk dat ik net heb toegelicht dat we dit ook in overeenstemming hebben gedaan met de wetgeving, waar scholen zelf aan moeten voldoen, dat ze geen investeringen mogen doen die niet op een bepaalde manier terugverdiend kan worden. Daar wil ik het even bij laten, anders ga ik daar te technisch op in. Zo hebben we het IHP opgesteld. De heer Duk: Ik verbaas me hier enigszins over, over dit antwoord. Het lijkt erop alsof dat als er geen BENG gehaald wordt, dat dan elke investering van de kaart is. Dat begrijp ik dus niet, waarom die keuze is gemaakt. Waarom wordt er niet gekeken, zonnepanelen op het dak leggen kunnen wel kostendekkend binnen 15 jaar terugverdiend, of liever 20, dan hoef je die BENG-norm niet te halen. Dat bedoel ik meer te zeggen. Wethouder Cnossen: Dank voor deze verduidelijking. Ik zou eigenlijk
18/28
ambtelijke mensen moeten raadplegen, maar uit mijn hoofd zeg ik: voor de verbetering van ventilatie van scholen, daar zijn schoolbesturen zelf verantwoordelijk voor. Schoolbesturen mogen ook investeren in zonnepanelen, ik kijk even of ik het goed zeg, dat hoeven ze niet aan de gemeente te vragen. Er wordt nee geschud. Dus scholen mogen dat zelf doen, net als de ventilatie, dat binnenklimaat. Dat stimuleren wij wel, daar kunnen we ook bij helpen, maar het is aan de schoolbesturen om dat te doen. De heer Duk: Dat is heel logisch. Alleen, de vraag was dus eigenlijk meer: kan de gemeente daar de school financieel in ondersteunen, zodat zij het in 15 jaar terugbetalen. Ik hoop hieruit te halen dat dat zo is. Wethouder Cnossen: Ik ga daar toch nee op zeggen, als ik zo vrij mag zijn, want de schoolbesturen hebben zelf ook die verantwoordelijkheid. Daarom noemde ik ook dat binnenklimaat. Zij moeten het initiatief nemen en het is heel goed voor alle kinderen dat dat gebeurt, maar schoolbesturen hebben een eigen verantwoordelijkheid daarin. Op dat moment, als het niet nu is opgenomen in het IHP, zie ik daar geen financiële verantwoordelijkheid van de gemeente. Ik kijk nog even naar de overkant, misschien dat er nog iets aan toe te voegen is. Mag dat, voor de verduidelijking? De voorzitter: Ik ben van mening dat de vraag beantwoord is. Wethouder Cnossen: Dank u wel, dan gaan we verder.
Meneer Smolders, ik ben bij de vorige sprekers ook al ingegaan op al die prijsstijgingen, dat je op een gegeven moment maar een situatie als een soort nul-situatie moet pakken, waar je besluitvorming op af moet stemmen. U heeft allemaal gelijk, maar we moeten wel door. Die prijspeildatum juli 2021, het lijkt wel de vorige eeuw, vindt u niet meneer Smolders, hoe snel gaat deze tijd. Maar ik heb voldoende uitgelegd hoe dat zit. De heer Smolders: Ik geef u daar volledig gelijk in, mevrouw Cnossen, maar het is ook wel zo als er scholen wel verduurzaamd worden, dan zijn de prijsstijgingen wat minder belangrijk. Dat is de reden waarom D66 akkoord is met dit stuk uiteraard. In mijn tweede termijn wil ik toch horen of de wethouder iets mee wil bewegen, maar dat zien we dan wel. De voorzitter: U komt zo aan bod voor uw tweede termijn. Wethouder Cnossen: Daar wacht ik even op, want dan kan ik over deze vraag nadenken. Dank u wel. Meneer Wezenberg prikt een bepaald punt aan over de prognoses. Inderdaad, in 2017 waren er andere prognoses en dat zie je elk jaar meebewegen, u heeft dat ook gezien, die staatjes zijn meegeleverd en u maakt zich zorgen over leegstand. Dat heeft er ook mee te maken dat een nieuwe school of een nieuw schoolgebouw of een nieuw type school, zoals nu tweetalig Montessori, kinderen aan kan trekken. Of ouders met name, want ouders beslissen.
Daar gaat de gemeente niet over. Dus er zullen in deze gemeente, dat weet u ook, in Bleiswijk is dat ook gebeurd, altijd leerlingenstromen zijn naar een bepaalde school die op dat moment zeer aantrekkelijk is voor ouders, maar dat is de keus van ouders zelf. Op het moment dat er leegstand is in een school, wat we bij de Parel doen is Cadans vanaf het nieuwe schooljaar daar huisvesten. Die leegstaande lokalen kan de gemeente dus gebruiken voor scholen die ruimte nodig hebben. Op dit moment denk ik dat er voldoende is, maar u heeft een terecht punt, dat we in het IHP constateren, we gaan heel veel ontwikkelen, heel veel bouwen, maar het leerlingenaantal blijft eigenlijk gelijk de komende jaren. Dat vond ik ook een bijzondere ontdekking, maar je snapt het ook wel als je erover nadenkt. Maar het heen en weer gaan van kinderen op scholen, daar kan de gemeente niets aan doen. De heer Wezenberg: Ik begrijp uw antwoord. Het interessante is dat het leerlingenaantal niet gelijk blijft, maar zelfs dalende lijkt volgens de prognoses vergeleken met die 5 jaar geleden gedaan zijn. Dat is het tegenstrijdige. Wethouder Cnossen: Ja, de prognose 2017 gaf een hoger aantal aan, maar op dit moment in het IHP wordt uitgegaan van deze prognose, die 6.600, dat die de komende jaren ongeveer gelijk blijft.
Al bouwen we nieuwe wijken, we gaan er toch van uit, dat het aantal leerlingen hetzelfde blijft, maar het gaat zich bewegen over verschillende scholen. Dan had ik nog een laatste punt, dan kan ik afronden. De nieuwsgierigheid van de heer Lieverse. De Parel is zelf bezig met een architect om te kijken hoe ze met die monumentale status om kunnen gaan en die renovatie vorm kunnen geven. Dus de school zelf zal daar goed naar kijken. Uiteraard, een school is een school, dus daar moet onderwijs gegeven worden. Dus de monumentale status gaat niet ten koste van het onderwijsniveau. Dank u wel. Tweede termijn De Bergwerff, CDA: Ik kom toch even terug op dat ene punt dat ik aanhaalde, over dat de schoolbesturen het niet helemaal eens zijn met e.e.a. Dat heb ik gehaald uit het stuk actualisatienota integraal huisvestingsplan punt 7.1, waar staat: een aangepaste uitvoeringsplanning van de duurzaamheidsprojecten is onderwerp van gesprek. De schoolbesturen hebben aangegeven niet akkoord te zijn met de oorspronkelijke uitvoeringsplanning van de duurzaamheidsprojecten in verband met de druk op de investeringsplanning en de meerjaren onderhoudsplanning van de schoolgebouwen. Dat is op pagina 9 van 14 van dat stuk. Dus ik heb het gewoon uit het stuk gehaald en niet van de scholen zelf, maar misschien begrijp ik het verkeerd, maar dat hoor ik dan graag van u.
Een duidelijk verhaal dat de duurzaamheidsmaatregelen nu in 20 jaar terugverdiend moeten worden, dat wist ik niet. Ik dacht dat dat 15 was, dus dat maakt wel duidelijk dat we over 2 jaar dat weer opnieuw onder de loep kunnen nemen, dus daar ben ik wel blij mee. Dan had ik nog een vraagje. Wellicht kunnen we leren van de eerste 2 scholen binnen onze gemeente die vallen onder de nieuwe wet, te weten Treehouse en Cadans. We weten allemaal hoe dat proces is gegaan in de vorige raadsperiode, dan denk ik aan bijvoorbeeld het
19/28
weggeven van die fietsen toen om die handtekeningen te krijgen. Wat onze fractie heel graag wil is gewoon een evaluatiedocument: hoe is het nou verlopen? Het was de eerste keer dat wij te maken hebben gehad met die nieuwe wet. Hoe is dat nou verlopen? Wat kan de volgende keer beter? Ik denk dat het fijn is om dat als raad een keer onder ogen te krijgen. Dank u wel. De heer Smolders, D66: Nu komt de toelichting natuurlijk. Allereerst steunen we het voorstel, we willen het traject dan ook niet gaan vertragen. Dat gezegd hebbende, zouden we het wel op prijs stellen, gezien de geopolitieke situatie waar nu sprake van is, de energieprijsstijgingen, de onzekere toekomst, dat toch voor de scholen die niet in aanmerking komen voor duurzaamheid, dan heb ik het met name over Stampioendreef, dat schoolgebouw, daar een hernieuwd haalbaarheidsonderzoek voor te stellen, zonder dat we dit project verder gaan vertragen. We zijn akkoord met dit voorstel, maar we zouden toch nog graag van de wethouder horen of we niet voor de Stampioendreef nog even een nieuw haalbaarheidsonderzoek kunnen starten, gezien de situatie in de wereld. De heer Duk, GL: Gelukkig heeft de heer Smolders een groot deel van mijn punten benoemd.
Wij houden ook heel erg vast aan het ge-update plan, regeren is vooruit zien, dat weet ik, je kunt dat alleen maar doen op de punten die je al hebt, maar in heel erg nieuwe tijden, die zo verschillend zijn met wanneer de berekeningen zijn gedaan, dan kun je niet zeggen: we gaan gewoon door met waar we mee bezig zijn. Het werkt niet zo, heel simpel. Mevrouw Biharie, PvdA: Ik had een vraag aan de wethouder. Waarom heeft een aantal scholen geen BRINnummer gekregen om zich hier te mogen vestigen? Heeft OCW een toelichting gegeven daarop, wat de reden daarvan was? Mijn vraag stel ik in het kader van diversiteit van scholen binnen onze gemeente. Dank u wel. De heer Alsemgeest, WIJ: Ik wil de wethouder bedanken voor het beantwoorden van de vragen. In de tweede termijn wil ik mij toch scharen achter de heer Smolders met het verzoek om eens te kijken met nieuwe berekeningen, want laten we eerlijk zijn, de energieprijzen zullen vandaag of morgen niet veranderen en ook de komende jaren misschien wel niet. Dan kan het toch zijn dat het de moeite waard is om verduurzaming op bepaalde onderwijsinstellingen te doen die eigenlijk eerst niet rendabel waren, maar nu misschien wel zijn. Daar hoeft niet het hele traject voor stilgelegd te worden, we kunnen best wel 1 of 2 plaatsen bekijken zonder dat de rest daar de dupe van is. Dank u wel.
Voor de rest kan mijn fractie zich prima vinden in deze actualisatie. Wethouder Cnossen: De heer Bergwerff had het over de aangepaste planning. Ik heb gemerkt dat daar ook even naar gekeken is. Er was een oorspronkelijke planning, dat klopt wel, voor verduurzaming. Die was te ambitieus, dat leest u goed in het plan. Dus op verzoek van de scholen is die aangepast. Dat is wel een proces waar je met elkaar in zit, waar je achter komt: we kunnen ook niet alles tegelijk. Dat geldt voor de gemeente, maar ook voor de schoolbesturen. Wat kunnen we leren van de eerste 2 scholen onder de nieuwe wet? Sorry, dat ik u moet corrigeren. Treehouse en Cadans zaten nog onder de oude wet, zij zijn toegelaten, daar gaan we nu in augustus mee beginnen. De 3 scholen die nu zijn toegelaten, dat is de nieuwe wet. Samen met beleidsmedewerker van onderwijs heb ik met het ministerie gesproken, samen met gemeente Pijnacker-Nootdorp en Zuidplas, omdat zij zich kijkend naar Lansingerland zorgen maken over die aanmeldingen. Ja, we hebben onze zorgen neergelegd bij het ministerie, met name over de manier van aanmelden met een bepaalde beloning, Dat was het ministerie ook opgevallen, dus dat zou gaan veranderen. Het is wel aan het ministerie, die krijgen deze aanvragen binnen, zij beoordelen ze. Andere gemeenten waren kritisch.
Ja, dit is de wet die zij uitvoeren, door het parlement vastgesteld en er is vrijheid van onderwijs, dat hebben wij maar te respecteren. Dat kan beter, hebben wij daar aangedragen, maar het is niet aan ons als gemeente om te evalueren, wij hebben het op onze schouders om scholen netjes te huisvesten. De heer Smolders, de scholen niet voor hernieuwd onderzoek in aanmerking te laten komen. Ik zeg eerlijk, meneer Smolders en ook meneer Duk, over 2 jaar komt een herzien IHP en dat gaat heel erg snel. U ziet ook dat het duurzaamheidsonderzoek van Hevo alweer van bijna een jaar geleden is, dus uiteraard blijven we meedenken en kijken wanneer investeringen wel bereikbaar zijn en op tijd terug verdiend worden. Dus ik ga de toezegging niet doen dat we dat tussentijds doen, ik vind het veel verstandiger om dat echt integraal in één geheel, ook vanwege de werkbelasting ook van de schoolbesturen en hier, om hier nu mee aan de slag te gaan. Over 2 jaar krijgt u een herzien IHP, waar al deze elementen in meegenomen kunnen worden. De heer Duk: We gaan niet 2 jaar wachten en heel veel geld in rook op laten gaan om dan uiteindelijk tot dezelfde conclusie te komen als we nu kunnen doen. Dit is echt weggooien van geld dat in onderwijs kan worden gestoken. Wethouder Cnossen: Ik heb mijn punt gemaakt. Dank u wel. Mevrouw Biharie, waarom de scholen geen BRIN-nummer krijgen.
De scholen die nu starten hebben een BRIN-nummer, dat hadden ze pas nog niet. De scholen die nu zijn toegelaten, zoals dat heet bij het ministerie van onderwijs, krijgen pas volgend jaar dat BRINnummer, dus dat is er nog niet. Heeft OCW een toelichting gegeven? Nee. Op de website kan je dat wel
20/28
lezen, waarom scholen wel zijn toegelaten, maar bij afgewezen zie je staan dat dat bij de scholen zelf bekend is en daar kan je het navragen. In zijn algemeenheid heb ik gelezen dat er heel veel gesneuveld is of niet toegelaten op de onderbouwing van de burgerschapsvorming of kunde, ik weet niet meer precies hoe dat er stond. Dat vond het ministerie onvoldoende. Maar de school kan natuurlijk opnieuw een aanvraag doen en dat beter onderbouwen. Maar de gemeente gaat daar niet over, het is het ministerie. Mevrouw Biharie: Dank u wel voor de toelichting. Kunt u toelichten wat burgerschapskunde inhoudt? Nieuw woord. Wethouder Cnossen: Dat is een vak dat verplicht is op scholen. Scholen moeten rekenen en taal goed leren aan de kinderen, maar ook dit is een verplicht vak. Met name middelbare scholen moeten daar een onderbouwing van geven hoe ze dat gaan doen om toegelaten te worden, maar dus ook de basisscholen. Wat is burgerschap? Dat is wat u hier aan het doen bent, democratie uitleggen, wat je rechten en plichten zijn als inwoner van de Nederlandse staat. Dat, volgens mij, maar ik denk dat onze voorzitter dat eigenlijk veel beter weet. Meneer Alsemgeest, u deed de oproep om bij nieuwe berekeningen waar wel rendabel geïnvesteerd kan worden, weet u, het is heel voor de hand liggend, maar op dit moment hebben we dit plan, dat gaan we uitvoeren, daar hebben we onze handen aan vol.
Ik denk dat die 2 jaar heel snel voorbij zijn. De voorzitter: Daarmee zijn we aan het einde gekomen van de tweede termijn, ook van het college. Eén en ander gehoord hebbend, ik heb geen voorstellen tot moties of amendementen gehoord op dit moment. Ik heb van een aantal fracties reeds gehoord dat het een hamerstuk is. Dan stel ik u voor het als hamerstuk te agenderen op de raadsvergadering van 30 juni. Mocht u zich in de tussentijd nog bedenken, dan kunt u altijd alsnog bij het vaststellen van de agenda op 30 juni het stuk naar de bespreekpunten te verplaatsen. Dan sluiten bij dit agendapunt af. 5. Bespreekpunten: 5.a Strategisch koersdocument van GGD Rotterdam-Rijnmond De heer Lieverse, CU: Ik heb begrepen dat meerderen van de commissie blij zijn met het agenderen van dit punt. De GGD klinkt saai van een afstandje. Zeker als ik de beginregels van onze factsheet voorlees, er staat: de GGD heeft tot doel het beschermen en bevorderen van de gezondheid van de bevolking of van specifieke groepen daarbinnen in het rechtsgebied van het lichaam. Daar wordt niet uw lichaam bedoeld, maar een ander lichaam. Het voorkomen en tijdig opsporen van ziekten onder de bevolking. Alles wat met het bovenstaande in de ruimste zin verband houdt. Fletser en inspiratielozer kan je het niet zeggen.
De wet op de publieke gezondheidszorg regelt dat alles en daarbij zijn we als gemeente slechts gehouden aan het afnemen van een minimum pakket. Dit moet anders. We zijn blij met het koersdocument 3.0 dat hiervoor allerlei handvatten biedt. We hebben 2 jaar in een crisis verkeerd en komende winter weten we nog niet wat het gaat brengen. Dit moet ons doen instemmen met een schaalvergroting van de GGD, dat is speerpunt 1 in de notitie. Ik stel daarbij: we hebben te lang nagelaten om te investeren in voorzienbare gezondheidsrisico’s. Nog meer zijn we ingenomen met de speerpunten 2 en 3. Nummer 2 is het belang van leefstijl, hoog tijd voor een lokaal preventieakkoord en de GGD kan daarbij helpen, die heeft daar een deskundigheid voor. De focus moet verder van zorg naar gezondheid. Iedere Lansingerlander moet kunnen rekenen op eenzelfde basispakket aan gezondheid beschermende maatregelen. Derde punt, de invloed van de leefomgeving op de gezondheid, die komt gelukkig meer in beeld. Je hoeft niet onder de rook van Tata Steel te wonen om dat te beseffen. Onze luchthaven, ons drukke verkeer helpt ons dat voldoende te beseffen. We moeten onze mensen beschermen tegen gezondheidsrisico’s, waar ze zelf nauwelijks invloed op hebben. Nog een sterk punt in de notitie, het gaat bij bevorderen en beschermen van gezondheid niet alleen om somatiek, onze lichamelijke aspecten.
Het gaat ook om veerkracht, tegenslag kunnen opvangen. Het gaat om functioneren, mobiliteit of ICT vaardig zijn. Het gaat om participatie, mee kunnen doen aan de samenleving. Kortom, we zijn heel tevreden met het koersdocument en we zien het als een basis om met de GGD in overleg te gaan om te kijken hoe dit in onze gemeente vorm kan krijgen. De voorzitter: U heeft 3 vragen aan de commissie in uw bespreekpunt. De heer Alsemgeest, WIJ: Dank aan de heer Lieverse, dat dit punt op de agenda is gezet. Deze notitie lag al een tijdje op de plank, dus het is goed dat we daar eens met elkaar over praten. De GGD is nou niet echt een onderwerp dat bovenaan het lijstje staat om eens te bespreken. Mede ingegeven door het feit dat we niet goed weten wat deze organisatie voor ons betekent en we in het dagelijks leven als gezonde burgers de GGD niet echt zien. Mede door de coronacrisis zijn we even terug gezet op het spoor van wat de GGD zou moeten zijn en wat de GGD zou moeten doen en betekent voor ons als burger. In de notitie wordt gewezen op de zwakte van de organisatie zoals bleek bij de coronacrisis. Het is dan ook nodig te leren van deze afgelopen periode. De zwakte die we zagen was geen medische zwakte of kennis, maar een organisatorische zwakte en een tekort aan goede data en kennis om met data aan de slag te gaan.
De leermomenten zijn duidelijk, de organisatie die we willen is een slagvaardige crisisorganisatie voor o.a. de bestrijding van infectieziekten. Een organisatie met een degelijke en moderne digitale ruggengraad.
21/28
Daarnaast een organisatie die inzet op de bescherming van gezondheid, preventie en het stimuleren van een gezonde leefomgeving en een gezonde levensstijl. Uit de notitie blijkt dat de GGD ook nog bepaalde andere ambities heeft, maar of die nodig en haalbaar zijn, dat weet ik niet, dat is een andere discussie. Eerst maar eens naar de organisatie kijken, zoals deze er nu staat. Wat moet er gebeuren om deze organisatie op sterkte te krijgen? Sterkte qua organisatie, sterkte qua digitale ruggengraad. Dat er een gebrek is aan financiële middelen wordt zachtjes wel duidelijk gemaakt in de brief van de GGD aan de informateur. Deze cijfers roepen bij mij wel vragen op. Hoe is het mogelijk dat de GGD van één van de meest dichtbevolkte regio’s van ons land met een leefomgeving die allesbehalve ideaal is het mag doen met een budget dat ver onder het landelijk gemiddelde ligt? Doen de andere het zo goed? Of doen wij het zo slecht? Is het altijd zo geweest? Of langzaamaan door bezuinigingen zo gegroeid? Ik zou graag van de wethouder horen hoe dit zo gekomen is. Misschien weet de wethouder ook wel iets wat we eraan kunnen doen. Moeten we er überhaupt wel iets aan doen? Of willen we er iets aan doen? Wat betreft de gestelde vragen van de heer Lieverse in het bespreekpunt, kan ik kort zijn. De evaluatie heeft zich al vlak na of in de coronacrisis zijn weg gevonden.
De speerpunten die genoemd worden kan ik van harte ondersteunen. Of dit via de genoemde succesfactoren tot stand moet komen, weet ik niet. Als ik de succesfactoren zie, een aantal van die succesfactoren, dan komt bij mij het idee op dat er weer heel veel vergaderd moet worden en overleg gepleegd moet worden en dergelijke. Ik zou het heel erg zonde vinden als daar het geld aan weg vloeit. Ik zie liever dat het geld geïnvesteerd wordt in goede zaken die de GGD sterker maken. Tot zover. De heer Xhemaili, PvdA: Ik wil de heer Lieverse bedanken voor het agenderen van dit bespreekpunt, heel belangrijk, want uit het niets was de GGD één van de belangrijkste organisaties in Nederland. De coronapandemie heeft ons 2 jaar behoorlijk in de greep gehouden. Het effect van de coronapandemie is eigenlijk niet voor te stellen als je rationeel nadenkt, maar toch is het gebeurd. Daarnaast wil ik ook benadrukken dat 2 jaar lockdown ook iets doet met de psychologische en mentale weerbaarheid van mensen, zowel jong als oud. De heer Lieverse refereerde ook aan andere problemen met gezondheidszorg. Een crisis brengt ook positieve zaken met zich mee. Het laat zien wat wel en niet werkt, hoe systemen reageren onder behoorlijke stress.
De coronacrisis heeft laten zien dat Nederland totaal niet voorbereid was op een dergelijke stresstest, die de maatschappij ontwricht, waardoor voornamelijk reguliere zorg in de verdringing kwam met alle gevolgen van dien. Winston Churchill zei ooit: never let a good crisis go to waste. Van een crisis valt namelijk veel te leren, of het is een kans om veranderingen door te voeren die eerder niet mogelijk waren. Zo is mijn fractie een voorstander van preventieve aanpak. Eén van de vragen die ik aan de wethouder heb hieromtrent is: wat doet het college naast de GGD bijvoorbeeld op het gebied van preventie en het stimuleren van een gezonde levensstijl in Lansingerland? Wat doet het college voor een gezonde leefomgeving? Wat heeft het college zelf geleerd in deze 2 jaar? Wat kunnen zij daaruit concluderen? Ik ga nu in op de vragen van de heer Lieverse. Wat vindt de commissie van de manier waarop de GGD de coronapandemie evalueert en geleerd van de genoemde leerpunten? Ik heb eerder in mijn betoog aangegeven op het gebied van samenwerken in de regio: alleen ga je sneller, maar samen kom je verder. Het organiseren van een robuuste organisatie die flexibel kan opereren juichen wij alleen maar toe, vooral met oog voor lokale uitdagingen. De gemeente Lansingerland is geen gemeente Rotterdam.
Gemeente Lansingerland is geen gemeente PijnackerNootdorp, dus er moet wel oog zijn voor de lokale vraag naar zorg. Wat vindt de commissie van de nieuw geformuleerde speerpunten? Herkent de commissie het belang ervan en vindt de commissie dat de taken en regionale aanpak in tegenstelling tot een mogelijk lokale aanpak? Ik benoemde net: samenwerken wel, maar met oog voor de lokale uitdaging. Voor de rest zijn de speerpunten niet los van elkaar te zien. Het zijn namelijk communicerende vaten, als je aan A draait, betekent dat iets voor B en C. Wat ik wel heel fijn vindt in het document 3.0 is de nieuwe, proactieve rol van de GGD. Dat vindt mijn fractie een goed uitgangspunt. Dus niet pas de put dempen als het kalf verdronken is, maar tijdig maatregelen nemen, dan wel op situaties inspelen die opdoen. De integraliteit wordt uitgestraald in het koersdocument. Dat doet mij ook deugd. Er wordt gesproken over intensivering van wetenschappelijk onderzoek en opleiden van onze partners. Intensiveren, samenwerken met andere gemeenten, huisartsen en scholen om in de haarvaten van de wijk actief te zijn. Dat klinkt allemaal heel goed, maar ik sluit wel bij de woorden aan van de heer Alsemgeest, het moet niet een papieren tijger zijn, die los staat van de werkelijkheid wat er buiten gebeurt. Er moet niet in een ivoren toren beleid worden gemaakt.