[BV21.0219] Verslag CIE AB d.d. 8 dec 2021
Tekst van het document
11/30
De voorzitter: Misschien kan het college uitleg geven aan de hand van de verschillende hoofdstukken van de roman slotwijziging 2021. Beantwoording college Wethouder Van den Beukel: Dat is een mooie uitdaging, die u me geeft, die u ons geeft. We gaan het gewoon proberen. Eens kijken of dat werkt, of die roman dan nog steeds prettig leest. Ik had een andere volgorde in mijn hoofd, maar het is een prima experiment in het kader van de pilots die eerder genoemd zijn vanavond. Even kijken waar we dan beginnen. We beginnen bij het begrotingssaldo, dat soort zaken en vervolgens komen we bij programma 1. Eerst even over dat saldo, dan pak ik meteen een punt beet. Een paar van u vroegen: in control, hoe kan dat toch, best grote bedragen van links naar rechts. Ja, hoe kan dat nou toch? Een beetje met een kwinkslag wil ik u toch gelijk geven als u zegt: het is een omvangrijk boekwerk. De vorige slotwijziging was tussen de 10 en 20 bladzijden, dit is meer dan 60. De antwoorden zitten inhoudelijk in het stuk. Hoe kan dat? Het heeft te maken met wat verschillende woordvoerders heeft gezegd met een stuk Lansingerland ontwikkelt, met een stuk sociaal domein. Het is op zich navolgbaar wat de oorzaken zijn van de afwijkingen. Hoe kan dat? Bij de zomerrapportage beschouwen we de eerste 4 maanden van het jaar en dit zijn vervolgens weer 5 maanden daarbij, dus 9 maanden van dit jaar.
In die maanden doen zich allerlei ontwikkelingen voor. Bijvoorbeeld op Bleiz, de heer Philippens refereerde daar aan. De Driehoek Noordpolder (..). Dat zijn allemaal keuzes die vervolgens hierin als afwijking van de begroting worden verklaard. Het is nog geen jaarrekening. Een deel van uw punten zijn misschien ook op zijn plek zijn bij de jaarrekening. Het is wat dat betreft toch een redelijk technisch stuk, zo is het ook bedoeld. Maar die afwijkingen verklaren we hier en die rapporteren we hier. Het uiteindelijke verschil tussen de slotwijziging en de jaarrekening zou overzichtelijk moeten zijn, daar kunt u van uitgaan. Maar het is wel het beeld van nu versus de begroting, die vorig jaar in de zomer van 2020 en in oktober vastgesteld, zich heeft voorgedaan. Dat is best een heel lange tijd, waarin zich ontwikkelingen voordoen. Dan blijvend op het saldo, daar is een opmerking over gemaakt, daar zijn vragen over gesteld. Ware het niet verstandig om het saldo van € 1,8mln te reserveren? Dan heb ik het over de vragen van de heer Ruijtenberg van het CDA. Dat geld is natuurlijk niet weg. Dat geld stoppen we veilig in onze gemeentelijke staatskas om het volgende jaar weer bij nood, bij ideeën, bij investeringen, bij uw ambities als raad die weer in te zetten.
Tegelijkertijd, we hebben in het kader van de coronacompensatie vanuit het rijk soms middelen gekregen, die we niet 1 op 1 konden aanwenden al hadden we het gewild. Ik noem een stuk compensatie van buurt- en dorpshuizen, dat hebben we niet kunnen wegzetten, omdat er geen beroep op is gedaan. Idem voor een extra uitkering m.b.t. afvalverwerking. Dan kunnen we het in een pot stoppen, maar in het kader van de eenvoud is het wijs om dat toe te voegen aan de algemene reserve. Dat heeft niets afgedaan aan de ruimte, die u ons heeft gegeven, die we als college hebben benut om dat vanuit die reserve crisismaatregelen te doen wat nodig is. Of het is voor de 3B-bus of voor de Kievit of voor sportverenigingen, u kent de voorbeelden, u heeft het kunnen nalezen. Wel nalezen op hoofdlijnen, zeg ik tegen de heer Azzouzi. Dus inderdaad, bij de jaarrapportage zult u met meer detail worden geholpen als het gaat om dat lijstje. Sorry, het was niet de heer Azzouzi, het was de heer Lieverse, maar wellicht had u dezelfde vraag in uw hoofd, meneer Azzouzi. Dan toch proberen de hoofdstukken van de roman te volgen. Bij bestuur en dienstverlening heb ik niet heel veel specifieke opmerkingen of vragen genoteerd. Openbare orde en veiligheid, sport, cultuur, onderwijs eigenlijk evenmin, maar er is wel een vraag die goed kan worden opgepakt door collega Cnossen aan het einde van mijn beantwoording.
Om veel geshuffle te voorkomen, denk ik dat het toch handig is als ik eerst mijn deel van de roman afmaak en dat u vervolgens het stokje doorgeef aan mevrouw Cnossen, maar dat is aan u. Sociaal domein wellicht idem, daar heb ik ook niet iets specifiek genoteerd. Dan kom ik op de kwaliteit openbare ruimte Lansingerland Ontwikkelt, het MIP vraagstuk. Mevrouw Van Olst, begrip voor uw opmerkingen, uw zorg, uw verbazing misschien wel. Anderzijds even de feiten, zoals ik ze ken: 1 december hebben wij gesteld gestaan voor een beeldvormende avond en is het een keuze geweest van uw agendacommissie om te zeggen: nee, laten we dat toch fysiek doen, dat ware beter. Dat is prima, het mag alsnog digitaal. Als u het morgen wilt, dan doen we het morgen. De verwachting was geweest, dat we het 1 december zouden doen, maar u gaat over uw eigen agenda. Maar die was er, want we hebben er over gesproken, over het belang daarvan en dat was ook een toezegging op korte termijn, maar ik ga niet over uw agenda. Even kijken of ik nog opmerkingen heb verder. Nee, niet meer aan mijn adres. Ik wil het hierbij laten. Wethouder Cnossen: Ik heb 2 punten genoteerd, waar ik een reactie op wil geven. De heer Van Santen had het over het grip houden op al die huisvestingskosten voor de scholen. Je ziet Lansingerland groeien, dus die scholen blijven ook wel uitbreiden.
Ik wijs u er wel op, dat deze kosten, die hier nu in staan, komen doordat wij de normbedragen van de VNG hebben doorgevoerd in de begroting. Die zijn verhoogd. U kent de bouwkosten uiteraard, dus we komen nu met reële kosten. Eigenlijk, meneer Ruitenberg, dank u wel, u gaf al enigszins het antwoord aan de heer Van Santen. Maar daar zit het in. Is het een open eind
12/30
regeling? Ja, we zullen wel voor huisvesting van scholen moeten blijven zorgen. Op een gegeven moment zijn alle kinderen groot en dan houdt dat misschien een keer op. Ik had nog 1 vraag van de heer Azzouzi van de PvdA. Hij miste de afwikkeling van de bezuiniging beleidsaccenten. Ik wijs erop, dat dat niet past in een slotwijziging, dat is een rapportage van de dingen die zijn gebeurd in het lopend jaar en wordt hierin niet gerapporteerd. Wethouder Arends: De heer Ruitenberg stelde nog een vraag over de Driehoek Noordpolder. Als u het mij toestaat, wil ik daar graag een antwoord op geven. Hij stelde de vraag: het verhalen van de kosten, die dan nu afgeschreven worden. De kosten zijn door het lange proces fors hoger dan we ze waarschijnlijk überhaupt kunnen gaan verhalen. Daarnaast wordt het geld ook nu afgeschreven vanwege de pauze die is ingelast. Maar zodra dit traject weer wordt opgestart zullen we bekijken om alle kosten die redelijk zijn natuurlijk bij de ontwikkelaar in rekening te brengen. Echter, de onduidelijkheid op dit moment en over wanneer het weer opgestart wordt en over de hoogte van de haalbaarheid en de verhaalbaarheid van de kosten leiden ertoe dat we het nu gaan afschrijven. Dank u wel. De voorzitter: Misschien kunnen de fracties die dat nog niet gedaan hebben aangeven of het een bespreekstuk of een hamerstuk in de raad moet worden.
Tweede termijn De heer Philippens, L3B: Voor ons is het een hamerstuk. Complimenten op het stuk. Dank u wel. De heer Van Santen, VVD: Ik begin met een hamerstuk, dan weet u dat alvast. Over het dikte van de slotwijziging, daar ging een aantal raadsleden op in. Goed, de eerste 10 pagina’s geven natuurlijk wel een heel goede samenvatting en inhoud. Voor wie niet verder wil lezen, is het maar 10. Ik heb liever wat teveel informatie dan te weinig, zo zie ik dat. Dank voor het antwoord m.b.t. de scholen. Als het inderdaad alleen maar, nou ja, alleen maar, het is natuurlijk niet weinig, voor rekening van de stijging van bouwkosten et cetera is, dan begrijp ik dat, dank daarvoor. Blij en toch wel enigszins verrast met het antwoord van de heer Van den Beukel over die coronareserve, er zijn meerdere raadsleden die daar iets over vroegen. Kennelijk ziet u het op dit moment zo positief, dat u het laat vrijvallen. Natuurlijk, als het nood is komen we weer terug, dat begrijp ik, maar dat is toch wel positief moet ik zeggen, in deze barre tijden. Wat had ik nog meer? Meneer Ruijtenberg vroeg: wanneer is het dan hoog genoeg, die algemene reserve? Daar ga ik natuurlijk niet over, maar waar ik wel naar kijk is het weerstandsratio. Dat zat natuurlijk niet in deze slotrapportage, maar daar is die algemene reserve natuurlijk aan gelinkt en dat zag er niet al te best uit de komende jaren.
Dan zakken we toch bijna door het ijs. Vandaar dat ik het woordje ‘oppepper’ gebruikte. Dat was mijn bijdrage voor de tweede termijn. De voorzitter: Even kijken of de heer Ruitenberg nog steeds zo lyrisch is over zijn roman. De heer Ruitenberg, CDA: Zeker, dat is niet anders geworden. Ik hoor goed van de wethouder, dat hij denkt dat hij met fondsen rondom corona, zowel in 2021 als in 2022, alles kan doen wat er nodig geacht wordt voor de samenleving. Als dat wordt aangegeven, dan is dat voor ons geen reden om wat anders aan te nemen, dus dan kan het daarmee een hamerstuk zijn. Waar ik nog wel op wil reageren is het antwoord van wethouder Arends op mijn opmerking over de Driehoek. Ik snap de techniek, dus ik snap uw antwoord wel, maar ik vind het eigenlijk gewoon verkeerd, dat wij als gemeenschap dit voor onze rekening moeten nemen. Wij moeten dat voortaan beter regelen met commerciële ontwikkelaars. Op het moment dat zij komen met een plan, de grond heeft nog niet de juiste bestemming, die bestemming moet veranderd worden, dan kan je op dit moment ook het antwoord nee krijgen en dat zou dan niet tot heel hoge kosten voor de Lansingerlandse belastingbetaler moeten leiden en dat is hier wel aan de orde en dat vinden wij eigenlijk niet correct.
Mevrouw Van Olst, WIJ: Ik wil de wethouder hartelijk danken voor zijn antwoord, want ik ben echt wel gerustgesteld, dat we op één lijn zitten v.w.b. het MIP. Daarbij roep ik dus wel de agendacommissie op, volgens mij zit de voorzitter daar ook in, om dit wel zo snel mogelijk te plannen. Er wordt telkens gezegd: we hebben geen invloed op de boze buitenwereld, we weten niet wat er gebeurt. Maar waar hebben we juist wel invloed op? Dat is dat MIP. Misschien blijkt later wel, dat dat allemaal wel meevalt, maar we hebben er nu eigenlijk, ik voor mezelf heb er onvoldoende gevoel bij of er nog iets mee kan. Dus ik doe bij deze nu echt de oproep om dit wel zo snel mogelijk in te plannen en desnoods digitaal. De voorzitter: Begrijp ik dat het een hamerstuk kan worden? Mevrouw Van Olst: Ja, dat had ik in mijn eerste bijdrage al gezegd. De heer Lieverse, CU: Graag nog iets over deze roman, hoewel ik een voorkeur heb voor poëzie, misschien voor een volgende editie, maar dat wachten we rustig af. Ik vind dat de wethouder goed
13/30
gereageerd heeft op mijn kritiek voor wat betreft het in control zijn. Aan de andere kant: ik vraag me af wat de andere commissieleden hadden gezegd als we niet in de goede lijn waren gegaan naar een plus, maar als we juist waren gezakt naar een dikke min, hoe dan de reactie was geweest over het in control zijn. Maar nogmaals, het antwoord is gehoord en gewaardeerd. Ook is gewaardeerd wat gezegd is over de jaarrekening, dat er dan een duidelijkere verantwoording zal komen van de uitgaven voor de coronacrisis. Dus ook voor ons is het een hamerstuk. De heer Weerheijm, D66: Allereerst: voor ons is het ook een hamerstuk. Ik ben blij dat we het bij nonfictie houden en er geen poëzie van maken, want die begrijp ik meestal niet zo heel erg goed. Alleen als het begrijpelijk blijft. Nee, alle gekheid op een stokje. Eén verdere opmerking nog. Bedankt, de heer Ruitenberg, over de (….). Dat wil ik toch wel even benoemen. Dat was hem. De heer Ruijtenberg, GL: Ook ik wil mijn naamgenoot van het CDA bedanken voor zijn opmerking over de Driehoek Noordpolder. Hij heeft gewoon gelijk. We moeten dat op een andere manier regelen en ervoor zorgen dat niet de kosten daarvoor bij de inwoner komen. Dat gezegd hebbende, had ik al aangegeven dat het voor ons een hamerstuk was en dat blijft ook zo. Dank u wel.
De heer Azzouzi, PvdA: Van mijn kant nog 1 vraag, die nog niet beantwoord is en nog een vraag die niet naar tevredenheid beantwoord is. Ik had de heer Van den Beukel gevraagd naar de € 10mln boeggolf, die verschoven wordt naar 2022. Dat is eigenlijk bijna de helft van de investeringen na de slotwijziging. Hoe ziet hij dat? We hadden vorig jaar dezelfde boeggolf gehad. Het geeft het gevoel, dat we niet in control zijn qua planning van de investeringen. Tweede vraag, het antwoord van mevrouw Cnossen verbaast me. De beleidsaccenten hebben we niet voor niets terug gedraaid voor 2022. Ik wil eigenlijk de stand van zaken van 2021 weten. Dan kan ik kijken of dat geld ook geamendeerd wordt, dat het ook nog terecht komt bij het doel. Kan de wethouder iets zeggen over de stand van zaken? Is dat geld uitgegeven? Zijn die taken uitgevoerd? Of niet? Dank u wel. Wethouder Van den Beukel: Een stukje poëzie, om daar mee te starten, ik zie een compromis: lyrische poëzie. Misschien is dat niet het goede woord, ik ben geen Neerlandicus, een roman in verzen, die ik u allen aanraad voor onder de Kerstboom (…), mijn favoriete boek, ik raad het u allen aan. Dat terzijde. De vraag die mij gesteld is, die € 10mln boeggolf van de heer Azzouzi. Dat is wel een uitdaging, dat zeg ik in alle eerlijkheid. We hebben buitengewoon veel projecten in de buitenruimte met name als Lansingerland.
Het is u niet ontgaan, we zijn een ontwikkelgemeente, dus er gaan heel veel investeringen elke dag de grond in. Dat is ook goed. Tegelijkertijd: het zal nooit op nul komen, het MIP. Het is makkelijker om projecten vertraagd te zien worden, dan om projecten naar voren te halen. Dat is een realiteit in alle gemeenten, die op deze manier werken. Ik probeer het zo strak mogelijk te plannen, alle planoptimisme eruit te halen, want dat leidt maar tot verwachtingen die gewekt zijn en vervolgens niet worden nagekomen. We zijn daarin de laatste jaren, als u de verschillende documenten erop naslaat, echt onszelf fors aan het verbeteren. Veel van het planoptimisme is eruit gegaan. Tegelijkertijd: het was natuurlijk een moeilijk jaar. Dat heeft te maken met corona, dat heeft ook te maken met een aantal andere factoren en ontwikkelingen, ik ga ze niet herhalen, voor een deel toegelicht. Het streven is, dat deel ik met u, om dit zover mogelijk richting nul te krijgen, wetende dat het nooit nul wordt, gewoon omdat we zo goed mogelijk willen zijn in het plannen van al die projecten in de buitenruimte. Nog een opmerking tot slot, een beetje een retorische vraag van de heer Van Santen over de coronareserve, daar ben ik in de eerste termijn niet voldoende op in gegaan.
Ik zou willen dat ik verder vooruit kon kijken dan onze gewaardeerde premier Rutte als het gaat om corona en hoe omgaan met maatregelen, maar ik kan het niet. Hoe wij volgend jaar rond deze tijd zullen kijken naar de noodzaak van regelingen en lokale steunregelingen, ik weet het niet. Ik dacht dat we af waren van de TOZO’s en de TONK’s maar volgens mij is een deel daarvan toch weer van stal gehaald recentelijk bij de laatste coronamaatregelen. Dus inderdaad, bij het opstellen van de begroting is er vanuit gegaan, dat we uiteindelijk de reserve zouden opheffen. Dat zou mooi zijn, dat is ook mijn inzet, maar ik wil wel open staan voor de actuele ontwikkelingen, zoals die zich zullen voordoen de komende maanden. En op basis daarvan bij de jaarrekening (…) geven als voorstel aan uw raad. Tot zover. Wethouder Cnossen: Ik had nog een vraag van de heer Azzouzi. Ja, ik was wat kortaf, meneer Azzouzi, omdat het geen afwijkingen zijn. U heeft inderdaad in 2020 voor 2021 die bezuiniging ook terug gedraaid en dat geld is gewoon conform besteed, dus er zijn geen afwijkingen te melden in deze slotwijziging. We krijgen straks in het volgende document natuurlijk hier ook nog wel een stukje over, dus misschien dat we het er daar verder over kunnen hebben hoe dat dan in 2022 gaat. Wethouder Arends: Er zijn verder geen vragen gesteld over de Driehoek Noordpolder.
De voorzitter: Als u het zo interpreteert is het wat mij betreft goed.
14/30
De voorzitter: Dan zijn we nu aan het eind. Nee, ik heb nog een vraag aan de PvdA, of het wel of niet een hamerstuk moet zijn. De heer Azzouzi: Wat ons betreft een hamerstuk. Het verhaal van de beleidsaccenten komt terug bij de jaarstukken. De voorzitter: Dan concludeer ik, dat deze slotwijziging 2021 als een hamerstuk naar de raad van 23 december gaat. 6.b 1e begrotingswijziging 2022 De heer Philippens, L3B: Om tot de begroting 2022 te komen hebben we met elkaar een zorgvuldig en zeer intensief traject doorlopen. Van grof naar fijn. Deze eerste wijziging is weer een verfijningsstap daarop. Dus in het bredere proces plaatsen we deze dan ook even. Bij de kadernota dachten we te moeten gaan bezuinigen, maar gelukkig is dat niet noodzakelijk gebleken, omdat last minute onder politieke druk het rijk toch over is gekomen met geld voor het sociaal domein. In plaats van volledig terug draaien heeft het college toentertijd voorgesteld een tussenoplossing, een deel bezuinigen en een deel intensiveren. Volgens mij hebben we toen in een mooi duaal proces als raad unaniem gezegd: we willen die bezuinigingen wel volledig eruit, we verzoeken het college om die intensiveringen nader toe te lichten, dat te koppelen aan de septembercirculaire mogelijk als dekking. Dat is nu gebeurd.
Als wij dit stuk nu lezen en zien, zijn wij zeer tevreden met deze uitwerking en wij kunnen het grotendeels steunen. Dan ga ik het even per punt af. Het eerste punt, veilige informatievoorziening digitale dienstverlening, dat is gewoon goed onderbouwd. Wat ik daarover kan zeggen, is dat het college zich tekort heeft gedaan door dit niet eerder met de raad te delen, want het is voor mijn gevoel gewoon een goed verhaal. Het sluit nu ook aan bij wat de accountant hierover benoemt, een belangrijk aandachtspunt bij de managementletter. Het college heeft ook rekening gehouden met onze huidige financiële context door in eerste instantie voor het onontkoombare scenario te kiezen. Een goede digitale veiligheid is gewoon ontzettend belangrijk, je wilt niet dat gegevens van burgers op straat komen te liggen of dat onze systemen gegijzeld worden. Als laatste triggerde me in de vorige commissie algemeen bestuur de vragen van de VVD over onze BOA’s. Dan zien we dat we op dit moment niet in staat zijn dat we onze BOA’s een veilige telefoon kunnen geven, waarmee ze direct op social media kunnen zitten. In dat beroep is het contact, die informatievoorziening met de burgers zo belangrijk. Ik denk dat we dat als gemeente niet moeten willen, dus wij zien deze investering als zeer essentieel, dus die kunnen we steunen.
3B, strategische opgaven, daar hebben we als fractie heel kritisch naar gekeken. Ons standpunt is op hoofdlijnen, dat was vorig jaar ook al, dat de formatie het beleid volgt. Hier hebben we gewoon beleid op gemaakt en dan volgt de formatie. Echter, we gaan richting verkiezingen, volgend jaar volgt er misschien weer nieuw beleid, we willen terughoudend zijn met over ons graf heen regeren. We hebben heel kritisch naar al die functies gekeken en wij komen als fractie tot de conclusie, dat die functies passend zijn bij goed functioneren van onze gemeente in zijn algeheel. Met de opgaven die we hebben en de hoeveelheid inwoners, die we hebben. Dan hadden we o.a. voor dit aspect al € 6ton gelabeld gepland en die kan wat ons betreft ook ingezet worden. Een mooi bruggetje naar het vorige onderwerp, het te pakken en aan te geven: zijn we in control? We willen meer in control komen, we willen ook meer beleidsmatige informatie. Daar heb je een businesscontroller nodig om dat op te sterken. Allemaal elementen waarvan wij denken dat ze noodzakelijk zijn. Het laatste element, versnellen transformatie jeugd, heb ik even wat meer duiding nodig vanuit het college. We zijn in eerste instantie nog wat terughoudend, maar wellicht dat de wethouder dat weg kan nemen. We zien dat we vanuit de septembercirculaire € 3,8mln krijgen, maar dat is alleen voor 2022.
Vanuit de provincie ZuidHolland toestemming om 75% van wat de commissie van wijzen ons toedicht voor de voorgaande jaren op te nemen, maar dat geld hebben we nog niet. Punt is, voor 2022 hebben we geld, voor volgende jaren nog niet. Maar we hebben wel een taakmutatie erbij gekregen. Voor dat geld moet er commitment komen, dat wij meewerken aan landelijke kostenbeheersingsmaatregelen. In eerste instantie goed om te lezen, dat we dit lokaal oppakken. Er komt een aantal elementen bij. We zien dat het gaat naar de aanpak wachtlijstproblematiek. Is het niet problematiek dat ontstaan is juist door de tekorten op jeugdzorg? We zetten er toch structureel een redelijk budget tegenover. Is dit dan de oplossing? Of moeten we dan niet gewoon los van deze wachtgeld zaken gewoon investeren in jeugdhulp zelf en daar gaat de wachtlijst ook van omlaag. Een ander voorbeeld, beweging van zware en gespecialiseerde hulp naar licht en informele hulp, daar vraag ik me af: is dat echt realistisch? Is zware en gespecialiseerde hulp niet gewoon zware en gespecialiseerde hulp en moet je dat op die manier aanpakken? Een gevoel, maar misschien kan de wethouder dat duiden, ik krijg het gevoel dat er betere oplossingen zijn dan het rijk ons hiertoe dwingt. Klopt dat gevoel? Een tweetal elementen daar naast zit op de hoogte van het bedrag en de structuraliteit ervan.
De hoogte is: willen zoveel investeren, ook gekoppeld aan het gevoel, kan het niet lager, willen we dat niet meer inzetten in echt op de jeugdzorg i.p.v. de randelementen op te pakken. M.b.t. de structuraliteit wil ik toch nog even voorleggen: kan dit niet incidenteel? Gecombineerd. In 2022 hebben we daar geld voor gekregen, volgende jaren niet, maar we zetten het wel al structureel neer, waar we eigenlijk vanuit het rijk nog geen dekking voor hebben. De voorzitter: We gaan stoppen.
15/30
De heer Van Santen, VVD: De eerste begrotingswijziging, ik beperk me even tot de intensiveringen van € 1,8mln. Het blijft wel curieus dat tijdens de kadernota de intensiveringen, die nu als noodzakelijk worden gezien, niet bij de raad bekend waren en 25fte extra IT als voorbeeld in het ergste scenario, dat komt toch niet uit de lucht vallen? Maar zo komt het nu wel over en vandaar de amendementen en de motie in november. Het voorstel van het college komt erop neer, dat het meerjaren beeld van de begroting fors is verslechterd met tekorten in de jaren 2023 tot en met 2025 van € 2mln oplopend naar € 3mln of € 4mln in 2025 en dan komt er nog de herverdeling van het gemeentefonds bij, die naar verwachting nadelig uitpakt voor Lansingerland. Een volgend college en de nieuwe coalitie zal dit moeten oplossen. Dat betekent dat elke structurele last, die nu extra wordt genomen in de komende jaren leidt tot een extra bezuiniging op een ander terrein, zoals het sociaal domein of een forse belastingverhoging. Vandaar de oproep in de motie om vooral te kijken wat structureel moet en incidenteel kan, dat was waartoe de motie opriep. We zien echter dat het college alle intensiveringen structureel heeft gehandhaafd. Dan loop ik ze even alle drie af.
Ten aanzien van de ICT investeringen kunnen we dat met de onderbouwing wel deels begrijpen, maar ook hier willen wij pleiten voor terughoudendheid. Een deel van het veranderbudget zou incidenteel kunnen zijn. Zo’n € 6ton is al on hold gezet door de raad, hieruit zou het structureel extra budget voor IT gefinancierd kunnen worden. En € 2ton zou dan incidenteel kunnen. De vraag is of alle functies op korte termijn wel ingevuld kunnen worden. Ten aanzien van de strategische opgave zien wij veel specifieke adviesfuncties. Deze worden op dit moment al vaak incidenteel ingevuld. Hier zien we bij uitstek een taak voor de nieuwe coalitie om een afweging te maken. Wat ons betreft zou dit in essentie tot er een nieuwe afweging is gemaakt incidenteel kunnen worden ingevuld. In 2022 lijkt daar voldoende ruimte voor te zijn. Ik ben benieuwd hoe andere partijen dit zien. Versnellen transformatie jeugd. De VVD-fractie kan de voorgestelde keuzes ondersteunen, met name het werken aan verkleinen van de wachtlijsten en het verstrekken van laagdrempelige hulp aan jeugd en gezinnen gedurende de tijd dat men op de wachtlijst staat is erg belangrijk, juist omdat tijdens de wachtlijst de problemen in gezinnen soms erg oplopen. Wel jammer, dat het college dit ook als structureel voorstelt. De heer Philippens zei het ook al, als het incidenteel zou kunnen, dan zou dat onze voorkeur hebben. Tot zover.
Dank u. De heer Ruitenberg, CDA: Fijn dat de toelichting op de door het college gewenste maar niet voldoende onderbouwde intensiveringen er zo snel is gekomen en nu gecombineerd met de septembercirculaire en de nieuwe cao voor gemeenteambtenaren in de eerste begrotingswijziging aan ons wordt voorgelegd. Het geeft ons een goed beeld van het hoe en waarom en inhoudelijk kunnen we best met die intensiveringen meegaan en begrijpen waarom ze nodig zijn, op hoofdlijnen. Je kunt overal wel mitsen en maren bij gaan noemen, maar op hoofdlijnen kunnen we het volgen. Maar het meerjarenplaatje op blz.3 van het raadsbesluit is er één om enorme buikpijn van te krijgen. Het voelt namelijk erg vreemd om stevig structureel te intensiveren in 2022, terwijl je weet dat je dat in 2023 niet meer kan betalen en in 2025 al helemaal niet meer. De heer Van Santen noemde net al de getallen. Dan hangt inderdaad de herverdeling van het gemeentefonds nog als zwaard van Damocles boven ons hoofd. Ik zou van het college graag willen horen hoe zij dit zien. Ik begrijp natuurlijk heel goed, dat het voor het werven op de arbeidsmarkt veel aantrekkelijker is om al deze banen structureel te maken en met uitzicht op een vaste baan te gaan werven. Dat is een veel prettigere manier om personeel te vinden dan om dat te doen met een tijdelijke optie.
Maar tegelijkertijd moeten we ons als gemeenteraad en ook als college niet gedragen als het orkest van de Titanic, niet verder weg kijken dan onze neus lang is. Ik hoor dan ook graag van iedere wethouder, die eigenlijk onderdeel is van de intensiveringen, hoe we het mogelijk kunnen maken om aan de ene kant het geld structureel ter beschikking te stellen, zodat u de arbeidsmarkt goed op kan, maar tegelijkertijd het zo incidenteel als mogelijk in te vullen, zodat een volgende coalitie en een volgend college alle opties open heeft als er toch eigenlijk de bijna onvermijdelijke bezuinigingsrondes aan komen om die meerjaren financiën op orde te houden. Zoals ik er nu tegenaan kijk, denk ik dat je in de toekomst het misschien wel en, en moet doen. En je zult bezuinigingen moeten doorvoeren, die we bij de afgelopen begroting hebben uitgesteld, zou je kunnen zeggen, of hebben afgesteld gedeeltelijk, en je zult daarnaast ook iets moeten doen aan deze intensiveringen, die ook niet allemaal kunnen, want structurele tekorten van meer dan € 4mln zijn enorme bedragen om in te vullen. Wat mij betreft is ook dit een onderdeel van verantwoord overdragen. Om het zo incidenteel als mogelijk te doen, zonder dat daarmee de arbeidsmarktstrategie van het college geschaad wordt. Ik hoor graag een reactie van alle portefeuillehouders over hoe we dat het beste kunnen doen. Dank u wel.
Mevrouw Van Olst, WIJ: Ik wil met name even ingaan op de € 800.000 voor de informatievoorziening. Tijdens de begrotingsbehandeling stuurden we als raad het college terug naar de tekentafel, niet zozeer om het e.e.a. opnieuw te bedenken, maar wel om het beter te onderbouwen of sowieso te onderbouwen. Bedragen van meer dan € 1,4mln per jaar gedurende 4 jaar zonder onderbouwing goedkeuren vonden wij als totale raad geen goed idee, dus moeten we ons nu hierin verdiepen. Het verdient niet de schoonheidsprijs, maar het voorstel dat nu voor ligt geeft wel meer duidelijkheid over wat de bedoeling is. Over de informatievoorziening heb ik nog wat vragen, want de basis lijkt niet op orde. Telkens worden
16/30
er ad hoc maatregelen genomen en personeel ingehuurd om de spreekwoordelijke brandjes te blussen. Dit moet structureel verbeteren en daarom is dit bedrag nodig. Dat is op zich een prima verhaal, maar creëer je door te mager in te schatten niet een probleem voor de toekomst? Er worden 3 scenario’s genoemd, waarbij gekozen wordt voor het scenario onontkoombaar. Dit betreft een uitbreiding van het aantal fte van 11,18. Maar de naam zegt het al: onontkoombaar. Ik vind dat niet echt uitblinken in vertrouwen, dat we dan ruim in ons jasje zitten. Dat hoeft ook niet, maar als scenario 1 heet ‘noodzakelijke opgaven’ dan vind ik dat al spannend genoeg. Alleen, dit scenario kost 25 fte. Dan kom je met een simpele rekensom al uit op een bedrag van nog eens € 1mln erbij. Dat is op de lange duur sowieso niet vol te houden, de voorgaande sprekers zeiden dat ook al. Ik zou toch wat meer duiding willen hebben over: wat is er nu nog precies noodzakelijk aan scenario 1 als we nu scenario 3 goedkeuren? Is het dan een soort lapmiddel of bereiken we hier ook structureel echt iets mee? Ik wil gewoon een goede afweging kunnen maken en ik wil weten wat die verschillende scenario’s opleveren, want regeren is vooruit zien en het motto van verantwoord overdragen naar een volgend college zie ik hier nog niet echt. Ik zou daar echt meer onderbouwing voor willen. Dank u wel.
De heer Lieverse, CU: De eerste begrotingswijziging. De uitgebreide toelichting op de intensiveringen kan de CU met instemming overnemen. Wat meneer Philippens erover zei, kunnen wij eigenlijk punt voor punt overnemen wat dit betreft. Wat het sociaal domein betreft, wijkt het wel een beetje af van wat meneer Philippens zei. Ik wil daar 2 dingen over zeggen. Wat de transformatie jeugdzorg betreft, of het wel of niet structureel moet zijn, denken wij van wel. Zo ziet het ernaar uit, wat wij de afgelopen jaren ook hebben gehoord, wat wij besproken hebben in de commissie samenleving, over de wachtlijst problematiek die niet zomaar opgelost zal worden, maar met name om de transformatie die we ingezet hebben om de lichtere zorg mogelijk te maken, zoals de inzet van POH jeugd GGZ. Dat is niet alleen het wegwerken van wachtlijsten, dat betekent ook betere zorg, want jeugdigen die niet bij een psychiater terecht komen, maar bij de psycholoog naast de huisarts, die krijgen minder gauw een stigma, worden sneller geholpen, hoeven daar minder lang op te wachten en worden niet aangekeken van: je bent een beetje een gekkie. Oftewel, alles wat we kunnen doen als gemeente aan casusregie is een verbetering, maar het zal echt een nieuwe koers zijn en die transformatie is structureel. Het andere punt, wat meneer Azzouzi al zei bij het vorige agendapunt, over de beleidsaccenten.
Het feit dat nu de overheveling van € 1mln geregeld wordt, vinden wij een goed idee, maar we vinden het met name een goed idee dat we de gehele opzet van de beleidsaccenten opnieuw gaan doorspitten. Met die nieuwe opzet zou het best kunnen zijn, dat we ook het jaar daarop niet over hoeven te gaan tot bezuinigingen op de beleidsaccenten, maar wel tot een nieuwe indeling. Dus in plaats van 10 oudere misschien wel 10 of 8 geheel nieuwe enzovoorts. Tot slot over de loonindexaties samenhangend met de cao, dat zou een nieuwe begrotingswijziging kunnen betekenen, dat hoeft voor ons niet, dat zou met een brief afgedaan kunnen worden. Dank u wel. Mevrouw Den Heijer, D66: Ik sla even de voorgeschiedenis over, want dat is al goed toegelicht door mijn voorgangers, daar hoeven we het niet meer over te hebben, we gaan door naar de intensiveringen. Zoals we al eerder hebben aangegeven wat betreft de informatieveiligheid zijn wij daar echt voorstander van. Het is zo ontzettend belangrijk om die goede dienstverlening te hebben, die mag echt niet versloffen. Maar wij schrokken echt wel van de omvang van die noodzakelijke investeringen. Je kan dit niet lezen, je krijgt echt de indruk dat lange tijd van alles is blijven liggen en dat nu die hoognodige investeringen en inhaalslag moet worden gemaakt.
Je krijgt dan toch wel de vraag: waarom heeft het zo lang geduurd voor die inhaalslag is ingezet? Ik zou daar toch nog wel graag enige toelichting op willen hebben van de wethouder, want het is echt een flink aantal fte’s. Dat heb ik in mijn eigen werk nog nooit gezien, dat die inhaalslag zo enorm is. Je krijgt bijna de indruk dat er helemaal niemand op de ICT afdeling aanwezig is. We vonden het eigenlijk nog knap dat het werk doorgaat, als je het zo bekijkt. Hetzelfde geldt ook in zekere mate voor die transformatie. Het is een hele inhaalslag qua personeel op veel verschillende afdelingen. Het hele overkoepelende verhaal zagen we eigenlijk niet zo goed en ik heb het ook bij andere woordvoerders gehoord. Maar goed, het belang van een stevig personeelsbestand is in deze tijd echt wel nodig, want we hebben enorme opgaven waar we als gemeente voor staan, dus daar moeten we ook iets mee. Dweilen met de kraan open kost uiteindelijk de gemeente en de inwoners gewoon meer dan het gat nu even goed dichten, dus onze steun kan het college daarin krijgen. Maar we schrokken er wel van, want het is echt groot achterstallig onderhoud. De transformatie van de jeugd lijkt ons wel nodig. We denken ook wel, dat het echt structureel is, dat heeft de heer Lieverse goed toegelicht.
Maar we zijn het ook wel erg eens met de kritische woorden, die voorafgaand zijn geweest over incidenteel versus structureel. We moeten daar echt kritisch naar kijken. De vragen die de heer Ruitenberg heeft gesteld, zou ik graag willen benadrukken. Ik ben ook benieuwd wat de antwoorden dan de wethouders daarop zijn. Wij zullen de kennis van de heer Ruitenberg nog erg missen in de toekomst, want we hebben allemaal een beetje die zorgen. De ongemakkelijke waarheid is natuurlijk ook, dat het meerjaren plaatje echt heel zorgwekkend is. De nieuwe raad en college hebben volgend jaar een belangrijke taak voor zich liggen om de begroting vanaf 2023 weer netjes sluitend te gaan krijgen. Dat is zeker geen fijne start voor
17/30
een nieuwe raad en zeker niet voor een nieuw college. Dus de vraag is dan ook: hoe kunnen we dan die start toch zo goed mogelijk maken? Daar wil ik het bij laten. Dank u wel. De heer Ruijtenberg, GL: Eigenlijk is alles al zo’n beetje gezegd. Alle dingen die ik voorbereid had, zijn door de 6 voorgaande partijen al zo ongeveer genoemd. Ik heb D66 en WIJ goede vragen horen stellen over IT, die ook bij ons zaten. Ik heb de heer Lieverse goede vragen horen stellen over zorg. Ik heb de heer Van Santen gehoord over jeugdbeleid met goede vragen. Daarmee is alles al gezegd. Ik wil wel kort ingaan op wat mevrouw Den Heijer heeft gezegd over de start van het nieuwe college en de nieuwe raad. Ik deel haar zorgen. Als we kijken naar het plaatje hoe dat er in de toekomst uit gaat zien, dan kunnen we niet anders dan concluderen dat de nieuwe raad en het nieuwe college zeer creatief zullen moeten gaan zijn om dit negatieve beeld in de toekomst om te draaien. Ik kan me ook niet voorstellen, dat we ook creatief zullen moeten zijn op het voorzien in: hoe kunnen we onze inkomsten in de toekomst vergroten? We zouden dan toch moeten gaan kijken naar impopulaire maatregelen als bijvoorbeeld betaald parkeren om een aantal gaten daarin te slijten. Dat is een discussie voor de campagne volgend jaar. Op zich sluiten we ons aan bij de vragen die gesteld zijn.
Verder ziet het er wel redelijk goed uit allemaal. We hebben er heel veel werk in gestoken, in het proces. Als de vragen naar tevredenheid beantwoord zijn, dan zou het wat ons betreft een hamerstuk kunnen worden. Dank u wel. De heer Azzouzi, PvdA: Er is veel gezegd. Wij zitten eigenlijk met een dubbel gevoel. Aan de ene kant willen wij als gemeente voldoen aan de eisen, aan de wettelijke eisen, maar ook aan een betere dienstverlening aan onze inwoners. Aan de andere kant, als wij kijken naar de toekomst, dan is het onzeker, ook als het gaat om de financiën structureel. De herverdeling gemeentefonds is voor Lansingerland negatief. We willen eigenlijk een integrale afweging maken. Daarom waren we bij de begroting tegen die intensiveringen. We hebben wel gestemd voor het amendement, een betere onderbouwing. De onderbouwing is goed, behalve de urgentie. Waarom moet het nu? Waarom niet bij de kadernota 2023? Het verhaal van het CDA, de heer Ruitenberg, ondersteun ik maar ik wil het omdraaien, dat het eigenlijk incidenteel gedekt wordt vanuit de reserve en dat in 2023 structureel doortrekken. Dat je nu inhuurt om die taken te doen en pas structureel bij een integrale afweging als het geld komt vanuit het rijk of niet, omdat je ook moet ombuigen. Als ik moet kiezen tussen dienstverlening en sociaal domein, zorg aan inwoners, dan kies ik voor de zorg aan inwoners.
Dat is het dilemma waar wij mee zitten. Het punt over de fte’s, die vraag heb ik ook bij de beeldvorming gesteld. Wij hebben dit eigenlijk niet gezien. We hadden bij de begroting 2021 € 1,4mln opgeplust aan fte’s. Die andere fte’s, die nu komen, hadden wij niet gezien. Kan de wethouder of burgemeester dit beantwoorden? Dank u wel. Beantwoording college Wethouder Van den Beukel: Dank aan de leden voor hun inbreng en hun vragen en toch ook wel hun waarderende woorden, wat ook een rode draad was bij hun inbreng naast de zorgen, die ik deel, daar zal ik zo op ingaan. De waardering voor de onderbouwing, die gevraagd is en ook geleverd is binnen niet al te lange termijn. Fijn te horen, dat u het de informatie vindt die u zoekt als raadsleden bij de voorstellen van het college. Dat is onze inzet geweest en waar we in tweede instantie aan hebben kunnen voldoen. Er zijn behartigenswaardige woorden gesproken over het lange termijn beeld. Ik deel die, we delen die. U heeft gemerkt, dat het college de laatste jaren elk jaar bezuinigingen heeft gepresenteerd en tegelijkertijd ook een aantal intensiveringen. Dit is de situatie waarin we verkeren. Enerzijds moeten we er rekenschap van geven, dat we een ontwikkelgemeente zijn, groeien, waarbij nieuwe taken op ons af komen, die we goed willen invullen.
Dat vraagt om extra inzet op diverse fronten en tegelijkertijd dat we elk jaar weer een structureel sluitende begroting willen en ook moeten presenteren. Dus je bent aan het remmen en gas aan het geven, misschien een gekke metafoor, maar daar komt het wel op neer. Ook dit jaar is een gemengd beeld, dat de begroting oproept inclusief de eerste begrotingswijziging. Een beeld van enerzijds pas op de plaats en anderzijds intensiveren. Een pas op de plaats is wel, dat is een deel van het antwoord richting de heer Ruitenberg, dat is het voorstel van het college geweest en het voorstel dat u heeft geamendeerd als raad. U heeft geconstateerd dat in 2022 die noodzaak inmiddels ontbreekt, die noodzaak was er wel maar dankzij een aantal ontwikkelingen is die noodzaak voor 2022 er niet meer. In die context, daar hebben we het voldoende over gehad, heeft u ervoor gekozen om die ombuigingen niet door te voeren. Dat maakt de zorg voor 2023 dan wel groter. Als u het college integraal zou volgen, dan zou u het ombuigingspakket alsnog doorvoeren. Wat het college betreft, is dat nog steeds een acceptabel pakket in deze huidige constellatie. Dat is dus ook iets wat op het presenteerblaadje ligt van formerende partijen volgend jaar naast alle andere inzichten, die worden opgewerkt en in alle begrotingsknoppen verwerkt zijn. Dat is het verhaal op hoofdlijnen.
Het verhaal op hoofdlijnen zegt: voor 2023 ligt er een opgave. Hoe groot die opgave is, is moeilijk nu te voorspellen. We zullen voor de Kerst een coalitie akkoord zien. U leest de kranten, net als ik. Ik weet er niet bijster veel van. Ik hoor signalen over herijking gemeentefonds, dat daar nog weinig draagvlak voor is na het heel kritische rapport van de ROB, dus misschien is het risico ietsje kleiner geworden dan het een aantal maanden geleden was.
18/30
Tegelijkertijd blijft het een risico. De cao nemen we nu voor onze kap. Maar hoe het beeld uiteindelijk zal zijn voor 2023 is ons onbekend. Dat er een bezuinigingsopgave ligt, dat is duidelijk. Volgens mij is er ook vanuit de ambitie geredeneerd voldoende ruimte om te bezuinigen, in alle eerlijkheid. Dat gaat dan wel vanuit de ambitie naar fte’s. De vraag van de heer Ruitenberg was nu even specifiek geënt op de inhoud van de voorliggende intensiveringen. Het zijn toch wel, als ik kijk voor mijn eigen portefeuilles, behalve financiën dat een overall beeld betreft, de systeemverantwoordelijkheid, het zijn intensiveringen die wat mij betreft structureel noodzakelijk zijn. Het gaat over een stuk businesscontrol, dat gaat de komende jaren niet weg, die opgave wordt niet minder, dus dat is niet iets waarvan je met droge ogen kan beweren dat dat een incidenteel project is, dat afgerond is na volgend jaar. Idem voor het stuk landschapsbeheer. De roep vanuit onze samenleving om goed te zorgen voor het groen, zowel het kleinschalige groen als het grootschalige groen, het Triangelpark, Vlinderstrik, discussies over de Rottezoom, zijn allemaal zaken die heel veel aandacht en ook deskundigheid vragen. Dat is niet iets voor volgend jaar, dat is iets voor de komende jaren. Dus dit is een stuk intensivering, die wat mij betreft als structureel te kwalificeren zou moeten zijn.
Tegelijkertijd, als je kijkt naar het pakket aan ombuigingen heb ik ook gezien dat er inderdaad, en ik zeg niet dat ik ernaar uitzie, in theorie een stuk op te bezuinigen valt, op het budget van duurzaamheid. In mijn hart zou het heel veel groter worden, maar het kan. Wat dat betreft zit er ruimte in mijn portefeuille om volgend jaar keuzes, die noodzakelijk zijn op zich te maken, maar deze intensiveringen zijn wat mij betreft structureel noodzakelijk. Volgens mij is daarmee mijn stukje van de beantwoording afgerond. Wethouder Fortuyn: Mooie discussie en ook begrijpelijk. Aanhakend op wat mijn collega Van den Beukel aangeeft, ligt er wel een opgave, ook een opgave voor straks de nieuwe raad en wellicht ook het nieuwe college om met deze begrotingen aan de slag te gaan. Dat neemt niet weg, dat de voorgestelde intensiveringen in de eerste begrotingsaanbieding, die we gedaan hebben aan u, gewoon noodzakelijk zijn. Het is geen wensdenken, het is geen luxe, het is een absolute noodzaak. Het lijkt nu een beetje te gaan om te discussiëren over het aantal fte’s en of je het niet wellicht incidenteel kan doen, maar dat is niet goed. Waarom is dat niet goed? Wij moeten ons realiseren, dat wij een organisatie op niveau moeten brengen en de organisatie is niet op niveau.
Dat het onder kop ICT geschakeld, die discussie heb ik binnen het college, maar ook binnen de organisatie, ICT is niet een soort onafhankelijk orgaan met een aparte kamer, die op een gegeven moment wat roept: ik heb wat meer mensen nodig. Nee, het is namelijk te voorzien in de behoefte die vanuit de domeinen, en het geldt alle domeinen van dienstverlening tot sociaal domein, de buitenruimte en noem maar op, ook vanuit de omgevingsvisie, de roep is om ondersteuning, implementatie, aanpassing van de systemen en de ontwikkelingen daarin. Dus de structurele basis van de organisatie is op dit moment niet op orde. Ik vond het wel mooi wat mevrouw Van Olst aangaf: de basis is niet op orde. Nee, de basis is niet op orde. Dat betekent dat wij hier onderkend hebben, dat we hier stevige stappen, in ieder geval een been bij moeten trekken, en het is nog maar een klein beetje. In antwoord op de vraag van de heer Van Santen: er is een doorkijk gegeven om bij het verantwoord overdragen aan te geven, dat dit alleen maar een basisverhaal is, dat er outlook is naar 26 mensen uitbreiding om de afdelingen te laten functioneren, zowel op basis van wet- en regelgeving, maar ook op basis van een aantal ambities, die we in willen vullen, met name ook de dienstverleningskant.
Terecht dat mevrouw Van Olst zegt: is het niet te weinig, want dit is niet vol te houden? Nee, mevrouw Van Olst, dit is niet vol te houden. Alleen, wij willen deze opgave ook wel neerleggen op de eventuele coalitietafel, die wellicht gaat komen na de verkiezingen in maart. In dat verband zeg ik ook maar, dat incidentele invulling daar waar het ICT betreft, wat ons betreft als college niet aan de orde is. Hier moet je op investeren, anders dreigen we door het ijs te zakken. Dat wil ik niet, zelf persoonlijk niet, maar wij als college ook niet voor onze verantwoording nemen. Het is misschien scherp, het is misschien hard, maar we hebben uitgebreid in meerdere pagina’s uitgelegd waar we voor staan. Voor de overige behoefte die er is naar die 25,9 of 26 worden plannen ontwikkeld, er wordt een presentatie voor ontwikkeld, er wordt een budgetaanvraag voor u gedaan, nut en noodzaak zal met u afgewogen worden. Maar de 8,9 die we nu vragen, die € 8ton, willen wij structureel ingebed hebben. Dan weten we ook bij de coalitieonderhandelingen waar we staan, want we hebben nu wel scherp waar de tekorten zijn, zonder de zekerheden van het gemeentefonds, zonder aanvullende financieringen van de overheid.
Ik hoop, dat u met het college mee gaat denken dit structureel te maken, dat geldt ook voor de overige 2 intensiveringen, want het zijn de basiselementen die we nodig hebben als gemeente Lansingerland naar onze samenleving. Het is niet te verkopen in mijn optiek, een persoonlijke opmerking, vanavond nog in de slotwijziging gezegd, met een eigen vermogen positie in kas € 88mln. Ja, we hebben met elkaar grote stappen te doen en het kan zijn, dat we straks moeten bezuinigen, het kan zijn dat het in de intensiveringen zit, het kan zijn, dat hetgeen we eerder hebben voorgesteld weer op tafel komt, het kan zijn, zoals GL aangaf dat we het verdienmodel moeten aanpassen, maar dat laten we aan de nieuwe coalitie over. Maar nu staan we voor het feit, dat we dit in willen zetten, want dit is een absolute noodzaak. Ik vertrouw hiermee iedereen toch wel naar behoren geantwoord te hebben. Dank u wel.
19/30
Wethouder Arends: Ik wilde graag ingaan op de vraag van de heer Ruitenberg/Ruijtenberg. Het betreft eigenlijk maar een klein deel van mijn portefeuille als het gaat om de strategische opgaven, de strategische adviseur van het team MO, ik denk dat mevrouw Cnossen daar zo uitgebreid op in gaat, maar ook als het gaat over de inkoop en de juridische inkoop van het team MO, zoals u weet zijn mevrouw Cnossen en ik samen het sociaal domein en een klein onderdeel, of klein, best groot, maar in verhouding een derde, de participatiewet, alles rondom re-integratie en natuurlijk ook de wet inburgering. Mevrouw Cnossen zal straks uitgebreid uitleggen hoe we namens het college daar in staan, maar als het gaat over deze onderdelen dan moet je echt willen dat er een goede expertise is, breed als het gaat om goede inkooptrajecten, zodat het juridisch allemaal staat. Dat wordt steeds complexer, steeds ingewikkelder. Wij gunnen ook in de dienstverlening dat alles wat wij inkopen, vaak voor onze kwetsbare inwoners, dat dat goed is. Meer kan ik er eigenlijk niet over zeggen. Dan kan je zeggen: is dat dan incidenteel? Nee, natuurlijk is dat niet incidenteel, want dat heb je structureel nodig. Structureel wil je een goed systeem hebben met goede deskundigheid, met veel expertise om de juiste inkooptrajecten te doen eigenlijk voor het hele sociaal domein en dat het juridisch ook allemaal kloppend is.
In mijn optiek kan je daar niet van zeggen: dat doen we incidenteel. Want het jaar daarna wil je het ook op hoog niveau plaatsen. Mevrouw Cnossen heeft het grote deel van het sociaal domein, zij vult het verder aan. Wethouder Cnossen: Ik heb niet zo heel veel toe te voegen aan wat collega Arends net vertelde over de inkoop. Het enige wat ik wel kan toevoegen, u weet als raad dat de accountant ons ook vaak wijst op inkoop, dat dat niet helemaal volgens de regels verloopt. Ik ben nu een maand hier wethouder en ik heb al verschillende casussen langs zien komen. Je ziet dat inkoop echt een specialiteit is, die of bij een gemeente hoort of je moet het met elkaar doen in een gemeenschappelijke regeling, maar het moet goed geregeld zijn. Het gaat om heel grote bedragen in het sociaal domein. Dat over het inkoopteam MO, waar u naar vroeg, om daar een toelichting op te geven. Dan zijn er ook opmerkingen gemaakt over het versnellen van de transformatie jeugd: moet dat nou structureel of incidenteel worden opgenomen? Ik hoor de heer T. nog zeggen bij de beeldvorming: transformatie is een zaak van lange adem, dat is niet in een jaar klaar. U ziet in het hele document een aantal maatregelen, die we nemen.
Ik hoorde meneer Philippens: ja, is dat dan landelijk, moet dat niet meer lokaal? Er wordt heel strak landelijke samengewerkt, omdat er binnenkort via de VNG onderhandeld gaat worden over het uiteindelijke bedrag, over de hervormingsagenda jeugd. Wat we in elk geval weten, is dat de commissie Sint van Marjanne Sint heeft opgeleverd, dat de gemeenten ook iets zullen moeten bezuinigen op de lange termijn op de jeugdkosten om uit te komen met het geld. Wat u hier extra ziet, daar zit al een besparing bij, die het rijk ons heeft opgelegd. Bij het extra geld heeft het rijk de voorwaarde gesteld, dat we met die hervormingsagenda aan de gang gaan. Daar zijn we dus ook mee bezig. U leest het e.e.a., de heer Lieverse heeft ook het e.e.a. al terecht verteld. Je wilt naar die lichtere zorg voor de jeugd. Kan dat dan? Eén van u zei: heel zware zorg zal toch niet onmiddellijk lichter worden? Nee. Maar wat ons leert bij de praktijkondersteuners bij de huisartsen is dat zij al bij gesprekken 50% kunnen afvangen wat niet meer doorverwezen hoeft te worden. Daar zit gewoon resultaat op. In de eerste plaats is dat voor de kinderen fijn, want kinderen die naar zware specialistische hulp moeten, dat weet u ook van kinderen die naar het speciaal onderwijs moeten, dat is niet fijn voor ouders. Dus je probeert steeds meer in het eigen netwerk lokaal op te vangen door die lichtere zorg.
Inderdaad, laten we hopen dat de wachtlijsten een keer opgelost zijn, maar voorlopig zijn ze dat niet. Dat is ook personeelstekort. We hebben wel onderkend dat kinderen, ouders, die op een wachtlijst staan ook tussentijds wat hulp nodig hebben om de problemen niet zwaarder te maken. Dat leest u in het stuk ook voldoende, daar zetten we ook op in, om daar maatregelen voor te nemen, om de problemen gewoon niet zwaarder te maken. Het geld voor jeugdzorg is echt iets structureels en dat wordt gesteund door de provincie. We moeten altijd met de provincie overleggen over dingen die we in de begroting opnemen. De provincie geeft aan: je mag daar 75% structureel van opnemen. Even kijken of ik nog meer vragen had. Ik wil graag nog collega Fortuyn ondersteunen bij ICT, want dat is inderdaad een gemeentebreed iets, wat wij in al onze portefeuilles heel hard nodig hebben, zeker als je ook meer data gestuurd wilt werken in het sociaal domein om toch betere begrotingen te krijgen dan nu, waar we vaak bij moeten plussen. Dat was het, dank u wel. Burgemeester Van de Stadt: Ik ga via de opmerking van de heer Azzouzi naar de heer Ruitenberg/Ruijtenberg en dan weer terug naar de vraag van de heer Azzouzi. De heer Azzouzi zei: als het gaat om het sociaal domein en dienstverlening, dan kiezen wij voor sociaal domein. Maar ik zou toch waken voor dit soort valse tegenstellingen.
Uiteindelijk is een goede dienstverlening van de gemeente een breed begrip, vooral in het belang van die mensen die ten eerste veel contact hebben met de gemeente en met die mensen die misschien minder snel in de pen klimmen naar de raad c.q. een advocaat inhuren. Bij uitstek zijn die klantcontacten in het sociaal domein. Een goede dienstverlening is ook echt sociaal beleid. Dat geldt ook voor alle andere functies, die onze gemeente uitoefent. De gemeente is bij uitstek een maatschappelijke organisatie, daar zal de PvdA het ongetwijfeld met mij eens zijn, bij uitstek een maatschappelijke organisatie, die dingen doet die belangrijk zijn voor onze inwoners. Daarin is de raad, deze raad, gelukkig heel ambitieus. Ik heb ook vanavond verschillende malen
20/30
opdrachten gehoord aan het college: vind de mensen die in nood zitten, doe wat voor de ondernemers die het moeilijk hebben, wees in control van de begroting enzovoorts. Allemaal terechte opmerkingen, allemaal opmerkingen die ook terecht om bemensing vragen. Dan zeg ik tegen de heer Ruitenberg/Ruijtenberg, het is op de individuele portefeuilles al beantwoord, ik heb ook nog 1 plaatje dat is de medior veiligheid, ik kan weinig toevoegen aan de duidelijke omschrijving. We hebben een prioriteit voor ondermijning met zijn allen afgesproken en de vragen, ook vanuit de raad, zijn terecht hoog. Cameratoezicht staat in het voorbeeld genoemd. Het is: geen geld, geen Zwitsers. Maar het is ook: zonder medewerkers bij de gemeente, geen beleid. Als ik kijk hoeveel werk het is om cameratoezicht goed geregeld te krijgen, als je alle juridische privacy eisen ziet, daar is gewoon ontzettend veel tijd in geïnvesteerd. En dat moet dan wel kunnen. Vandaar dat ik zeg: houd die twee scherp aan elkaar gekoppeld. Dat hebben we ook afgesproken. We zijn met zijn allen ambitieus, we zijn een groeigemeente, we willen het goed doen voor onze gemeente, daar hoort een goed apparaat bij. Dat is niet tijdelijk. Fte, dat is een eis van de provinciaal toezichthouder, formatie is altijd structureel, maar uiteraard is het ook niet structureel.
Laten we zeggen, dat een moderne werknemer 10 jaar op zijn werk blijft, we hebben meer dan 400 mensen hier rond lopen, dat betekent dat er gemiddeld 40 mensen per jaar vertrekken of 40 functies vrij komen en die ingevuld worden. Even heel algemeen. Dat betekent dus ook, dat als de raad andere keuzes maakt voor de toekomst, het apparaat altijd moet aanpassen, nog los van de ontwikkelopgaven, en dat we gewoon inhuur hebben. In die zin is het ook niet in beton gegoten, dat dit het totale formatiebudget altijd is. Dan sluit ik af met de opmerking van de heer Azzouzi. We hebben eerder een programma doorlopen: waarom komt dit er bovenop? Dat kan ik het meest helder uitleggen als: we hebben de vorige keer de basis op orde gebracht. Zo hebben we het ook genoemd, wethouder Fortuyn heeft dat vaak genoemd. We zagen dat we echt op heel verschillende functies tekort komen. Dit is het fijnslijpen van. U ziet de functies keurig benoemd. We zien een aantal gevoelige gaten los van de ICT, die een onderdeel is van het brede pakket. Je hebt ICT ook nodig als je uitkeringen op tijd wilt betalen, je hebt ICT ook nodig wil je de TONK regeling uitvoeren. Het is altijd onderdeel van. Terecht werd verwezen naar: op het moment dat wij een nieuwe app willen invoeren om het digitaal handhaven mogelijk te maken, en vervolgens moeten we sociale media om veiligheidsredenen uitschakelen, niet aantrekkelijk.
De inkoop is genoemd, echt een gevoelig onderwerp, ook de accountant wijst daar op. Het zijn dingen die we moeten doen. Daarmee kan ik alleen maar in de richting van de heer Azzouzi zeggen: dit zijn de gaatjes van de organisatie die we nu vullen. Dan staat het met de aantekening van het onderdeel ICT, wethouder Fortuyn. We weten allemaal: ICT is voor elke organisatie op dit moment in Nederland, of het nou een vereniging is, een gemeente, een andere overheid of een bedrijf, echt een uitdaging. Wat daar op ons afkomt is voor iedereen spannend. Dank u wel. Tweede termijn De heer Philippens, L3B: Het meerjaren plaatje is natuurlijk negatief, dat is meerdere malen benoemd. Er is al een aantal oplossingsrichtingen langs gekomen. Ik zou daar verblijfsbelasting aan toe willen voegen, dat hebben we al vaker naar voren gebracht. Er zou wat ons betreft bij de formatieonderhandelingen een integrale afweging gemaakt kunnen worden op basis van de context die dan geldt. We zijn dan 4 of 5 maanden verder en dan zit je misschien wel in één keer € 5mln in de plus, je weet het niet, maar de afweging komt dan. In de huidige context, zoals wij het nu kunnen zien, denken wij dat die eerste twee intensiveringen structureel noodzakelijk zijn. Dan op het gebied van jeugdzorg. Ik wil de heer Lieverse, maar ook wethouder Cnossen, bedanken enerzijds voor de toelichting en het warme pleidooi.
Eens, dat die transitie een lange termijn heeft, zodat je er ook met die visie ernaar moet kijken. Maar u weet het, het pijnpunt zit bij mijn partij op de dekking vanuit het rijk. Dan verwijs ik ook naar: geen geld, geen Zwitsers. Hiermee hebben wij toch het gevoel het risico te lopen toch weer genept te worden door het rijk op het sociaal domein. Mogelijk komen we met een amendement, dat ga ik even bij de fractie na. Daarbij ook gezegd hebbende: uw woorden gehoord te hebben, die mee te nemen en die te wegen. Als laatste op jeugdzorg. Landelijk kostenbeheersingsmaatregelen, misschien nog een stukje verduidelijking richting de wethouder. Er wordt landelijk gevraagd, het wordt lokaal ingevuld, tenminste, dat is wat ik ervan begrijp. Dat vinden we juist heel fijn, heel prettig. Dat pleit ook voor deze transitie, om dat nog even mee gegeven te hebben, dus dank u wel daarvoor. Daar wil ik het bij laten, hopelijk binnen de 3 minuten. De heer Van Santen, VVD: Ik hoor eigenlijk alle wethouders, inclusief de burgemeester, een vurig pleidooi houden om het op deze manier te doen, structureel, en dat het eigenlijk niet anders kan. Daarmee worden de donkere wolken, die komen, financieel, niet ontkend en er worden wat suggesties gedaan.
De suggestie van de heer Fortuyn, dat er mogelijk ook weer bezuinigd wordt op deze intensiveringen, dat vind ik wel een aparte, want ik zou bijna willen zeggen: dat kun je de mensen die nog niet aan boord zijn toch niet aandoen, om dat idee te hebben? Dat zal toch echt op andere punten moeten zijn, maar dat is dan voor de nieuwe coalitie. Maar ik wil toch het college iets vragen. Als u allen er zo van overtuigd bent, dat dit structureel nodig is en dat dit het goede is voor de gemeente, dan wil ik u ook vragen, kunt
21/30
u dan, misschien bent u dat niet maar uw opvolger, over een jaar verantwoording afleggen over de investeringen die dan nu worden gedaan en wat het onze burgers heeft opgeleverd. Een voorbeeld, zijn er dan camera’s? Is er dan iets gebeurd met die wachtlijsten? Zo kan ik al uw portefeuilles en zaken afgaan. Is die ICT er dan op bepaalde punten geregeld? Wat is er dan specifiek geregeld? Dat zou ik dan wel graag terug willen. Het lijkt mij, dat dat geen probleem is, want dat is verantwoording afleggen, maar dan wel apart op deze investering. Dat zou ik u willen vragen. Dank u wel. De heer Ruitenberg, CDA: Ik heb de wethouders en de burgemeester goed gehoord. Eigenlijk maak ik me wel een beetje zorgen, niet een beetje zorgen, maar heel veel zorgen. Iedereen, en dat begrijp ik vanuit de huidige politieke context, neemt de positie in dat de kosten structureel moeten blijven en verdedigt dat met verve, we hebben het allemaal gehoord, u staat daar voor. Maar tegelijkertijd voel ik eigenlijk weinig collectieve reflectie over dat meerjaren plaatje, waar we zulke diepe zorgen over hebben. Ik hoor eigenlijk weinig perspectief in het antwoord van de verschillende collegeleden. Ik hoor alleen de heer Van den Beukel zeggen, dat hij wel wat ruimte zag op de portefeuille duurzaamheid, maar de anderen heb ik nergens horen zeggen hoe het dan wel opgelost zou moeten gaan worden.
Daar maak ik me wel zorgen over. Ik hoor wethouder Fortuyn iets roepen wat niet correct is, namelijk: het is niet uit te leggen, want we hebben zoveel vermogen. Dat kan zo zijn, maar de provincie toetst of wij een structureel sluitende begroting hebben en die kijkt niet naar vermogen. Daar zullen we toch echt op een andere manier naar moeten kijken. Volgens mij doen we alles wat incidenteel kan al incidenteel, dus het vermogen gebruiken we maximaal. Ik hoor eigenlijk wethouder Van den Beukel zeggen: ja, het college had een integraal plaatje bedacht, wij hadden de bezuinigingen en de ombuigingen van de kadernota willen doorvoeren en deze intensiveringen ook, onze keuze is: liever deze intensiveringen dan het uitstellen van de ombuigingen. Als raad hebben wij gezegd: zover zijn we nog helemaal niet. Op het moment dat wij de keuze maakten voor de mogelijke ombuigingen bij de kadernota, toen hadden we nog niet de keuze uit deze intensiveringen, dus die hebben wij nooit integraal goed naast elkaar kunnen leggen. Wat wil je nou echt liever van al deze keuzes? Ik zou toch wel de ruimte willen houden om die integrale keuze op een goed moment wel te maken straks, in een formatie.