[BV21.0219] Verslag CIE AB d.d. 8 dec 2021
Tekst van het document
VERSLAG Commissie Algemeen Bestuur BV21.0219 Datum vergadering
: 8 december 2021
Digitaal aanwezig via Teams: Commissieleden: Leefbaar 3B : Johan Philippens, Marjolein Gielis, Don van Doorn VVD : Ed van Santen CDA : Matthijs Ruitenberg, Frans Ammerlaan WIJ Lansingerland : Petrine van Olst, Dianne van Heusen CU : Paul Lieverse D66 : Ineke den Heijer, Brecht Weerheijm GroenLinks : Marko Ruijtenberg PvdA : Petra Verhoef, Hamid Azzouzi Burgemeester Wethouders
: Pieter van de Stadt : Jan-Willem van den Beukel, Kathy Arends, Titia Cnossen, Simon Fortuyn
Aanwezig in de raadszaal: Voorzitter : Jan Pieter Blonk Commissiegriffier : Lianne van den Houten Afwezig CU VVD
: Jurjen Dieleman : Nathalie van Bakel, Edwin Vervaet
1. Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter, om 19.00 uur: Goedenavond allemaal. Alvorens ik de vergadering open, ga ik even de presentielijst langs van de commissieleden. De heer Ammerlaan, de heer Azzouzi, de heer Van Doorn, mevrouw Den Heijer, mevrouw Van Heusen, de heer Lieverse, mevrouw Van Olst, de heer Ruijtenberg, de heer Ruitenberg, de heer Van Santen, mevrouw Verhoef, de heer Weerheijm: aanwezig. Ga ik even terug naar mevrouw Gielis, nog niet aanwezig. De heer Philippens ook niet. Mevrouw Van Bakel ook niet. We hebben een quorum, dus ik open de vergadering van de raadscommissie AB van de gemeente Lansingerland. Mede namens de commissiegriffier welkom, raadsleden, duo-raadsleden, collegeleden, vertegenwoordigers ambtenaren, vertegenwoordigers van de media en natuurlijk de inwoners die via de webcast mee kijken en luisteren naar deze commissievergadering. Afwezig is Jurjen Dieleman, hij wordt vervangen door Paul Lieverse. Ook heeft zich afgemeld Edwin Vervaet van de VVD. 2. Insprekers De voorzitter: Die hebben zich niet aangemeld voor vanavond. 3. Vaststelling verslag vorige vergadering d.d. 10 november 2021 De voorzitter: Er zijn geen wijzigingsvoorstellen ingediend. Dat betekent dat het verslag bij deze is vastgesteld. 4.
Vaststelling agenda en inventarisatie rondvragen De voorzitter: Zijn er commissieleden, die wat willen zeggen over de agenda? De heer Ruijtenberg, GL: Ik had het handje al opgestoken bij agendapunt 3. Het is weliswaar geen formele wijziging, maar het verslag heeft als titel: verslag van de commissie algemeen bestduur. Dat is misschien wel waar we het over hebben, dure dingen, maar het lijkt me handig als die d eruit gaat. De voorzitter: Dat gaan we doen, heel goed dat u dat opgemerkt heeft. Inventarisatie rondvraag:
1/30
Mevrouw Van Olst, WIJ: Ik wilde graag een rondvraag stellen. De voorzitter: U heeft zich aangemeld voor de rondvraag en die gaat over Bleizo-west en de provincie. Die is reeds binnen gekomen. 5. Bespreekpunten: 5.a Brief college Steunfonds voor lokale bedrijven en kwetsbare mensen Mevrouw Gielis, L3B: Ik heb een heel slechte verbinding, maar ik ga het gewoon proberen. De subsidieregeling richt zich op lokale ondernemingen en kwetsbare inwoners, die als gevolg van de coronacrisis het moeilijk hebben. Maar die regeling zit zo ingewikkeld in elkaar, dat de moed je al in de schoenen zinkt als je eraan wilt beginnen. Onze allereerste vraag aan het college is: hoe is de verdeling tussen de lokale bedrijven en de kwetsbare mensen? We hebben het over lokale bedrijven en kwetsbare mensen, dat zijn in mijn beleving 2 totaal verschillende groepen en ik zou graag willen weten hoe die verdeling is en wat de omschrijving daarvoor is. Dan hebben we nog een paar technische vragen. De voorzitter: Technische vragen had u eerder schriftelijk moeten stellen. Mevrouw Gielis: Oké. Ik heb wel een vraag: waarom de regeling gelinkt is aan de subsidieverordening van 2018, want toen was er nog geen corona bekend. Verder zou ik willen weten hoe we creatief kunnen kijken naar wat er wel kan i.p.v. naar wat er niet kan in deze omschrijving. Dat was het voor de eerste termijn. Dank u wel.
De heer Van Santen, VVD: Allereerst goed, dat het college dit voorlegt aan de commissie. Dat is een prettige manier om zoiets te bespreken. De teneur in de brief kunnen wij goed volgen als fractie: het moet helder zijn welk probleem we nu oplossen. Als ik dan kijk, werknemers die in de knel komen als gevolg van de coronacrisis, hebben we inmiddels het herstelplan ‘samen de schouders eronder’, iets van € 560.000. Mijn vraag aan de wethouder is: hoe zit het met de uitnutting hiervan? Is er al een deel van gebruikt? Daarnaast is er ondersteuning voor ondernemers door het rijk met allerlei regelingen. Voor kwetsbare inwoners zijn er voorzieningen binnen het sociaal domein, dat zien wij ook, daar volgen wij het college. Dan is eigenlijk de vraag: bedrijven en kwetsbare mensen, die op één of andere manier niet een beroep kunnen doen op al die voorzieningen die er nu zijn, vallen alsnog buiten de boot en daar is dit eigenlijk voor bedoeld. Wat doen we daar dan mee? Mijn vraag is allereerst: zijn dat soort gevallen er? Inmiddels hebben we 1,5 jaar corona of langer en zou je dus ook verwachten, dat we er een beeld van hebben.
Mijn vraag is: zijn er al ondernemers of mensen geweest, die niet op basis van bestaande voorzieningen een beroep kunnen doen en dan toch in problemen komen? Zijn die er? Er wordt ook gezegd: we kunnen eventueel het fonds van de bijzondere bijstand aanvullen, aan welk bedrag wordt er dan gedacht? Dat vind ik lastig om te beantwoorden, die vraag. Ik zou die eigenlijk willen terugkoppelen: waar denkt het college dan aan? Kan er dan ook echt getoetst worden in het geval van corona, want daar ging het om, of is dit dan de normale bijzondere bijstand regeling, zoals we die eigenlijk al kennen? Dat is het voor nu? Dank u wel. De heer Ammerlaan, CDA: Een steunfonds voor kwetsbare inwoners en lokale bedrijven die door de coronacrisis het financieel moeilijk hebben. Ja, dat vindt het CDA een goede mogelijkheid om ondersteuning te bieden voor hen, want als mensen tussen wal en schip vallen dan moet de overheid er voor hen zijn. Het CDA vindt dat de uitvoering daarbij zo min mogelijk bureaucratisch en zo efficiënt mogelijk moet plaats vinden, want anders blijft er van die € 5ton niets over. Voor de aanvragers moet het laagdrempelig en gemakkelijk aan te vragen zijn. Men moet er niet zoveel moeite voor moeten doen, dat men afziet van de benodigde ondersteuning, om dat aan te vragen. Dat hoor ik ondernemers weleens zeggen: ik moet er zoveel voor doen. En dan laten ze het maar.
In de brief van het college worden 3 kanttekeningen mee gegeven en op zich zijn dat goede kanttekeningen. Het herstelplan Lansingerland ‘samen de schouders eronder’ biedt in samenspraak met ondernemingen op breed gebied financiële ondersteuning, maar ook stimulering van de economie en dat is in de breedte een goede zaak. Voor kwetsbare inwoners in Lansingerland is er al een uitgebreid aanbod van subsidiemogelijkheden via het sociaal domein, ook dat is goed om te benoemen. Over de uitvoeringskosten wordt gezegd: die gaan hoog worden als we het doen zoals het hier beschreven staat. We vinden het daarom een goede overweging om die doelgroep kwetsbare inwoners een deel van het budget, maar dan is het de vraag welk deel van het budget, van het steunfonds te gebruiken om wat te doen aan de kosten van de individuele bijstand. Voor het resterende gedeelte van het fonds van de uitvoer van de subsidieregeling kunnen we ons richten op de lokale bedrijven c.q. ondernemers. Het CDA is daarbij voorstander van een lichte en globale toetsing van de aanvragen, waarbij het doel moet zijn dat de subsidieverstrekking doelmatig moet zijn. We pleiten er wel voor, dat er een hardheidsclausule in de regeling wordt opgenomen om af te wijken indien er onrechtmatigheden zouden kunnen plaats vinden.
Verder zie ik dat er in de uitvoering heel veel gesproken wordt over compensatie van OZB, maar dat is voor een doorsnee MKB-winkel feitelijk €125, terwijl er veel meer kosten zijn. In de brief wordt verwezen naar een soort lokale TONK of TOZO regeling en ik denk dat dat het zal moeten zijn, in die richting. Ik heb wel een vraag. Er wordt bij de conceptregeling gesproken over 2 groepen kosten maximaal € 1.250 per aanvraag en kosten vanaf € 1.250
2/30
tot € 7.500 per aanvraag. Ik zie niet helemaal goed wat daar de verschillen in zijn, dat zou ik graag willen weten. Dat was hem. Mevrouw Van Heusen, WIJ: Wij stellen voor om het eenvoudig te houden en de compensatieregeling zo in te richten, zoals al in de overwegingen aan het eind van de brief is opgenomen. Ten eerste eventuele tekorten op de individuele bijstand opvang met een deel van dit fonds. Dan zijn we nog wel geïnteresseerd in: welk deel wordt dat dan? Dan deze compensatieregeling vervolgens zo inzetten zoals wordt aangegeven, bijvoorbeeld OZB niet-woningen. Zeker in 2022 wordt voor het OZB niet-woningen gebruikersgedeelte de eigenaar aangeslagen. Stel, dat hij dat pand niet verhuurd heeft door corona of door deze moeilijke situatie, dan heeft hij al geen huurinkomsten en hij wordt dan ook nog aangeslagen voor dat gebruikersgedeelte. Wij vertrouwen erop, door het steunfonds op deze manier in te richten dat er zo weinig mogelijk geld gaat naar de uitvoering ervan en het maximale naar de inwoners en de bedrijven, die het echt nodig hebben. Dank u wel. De heer Lieverse, CU: Het steunfonds is netjes omschreven in de brieven. Het valt ons echter op, als we daar doorheen lezen, nu we weten van alle rijksregelingen die gekomen zijn, dat het heel goed bedoeld was, maar waarschijnlijk toch heel veel minder nodig dan we aanvankelijk gedacht hebben.
Het was een charmant idee, het was een goede oproep, maar wij pleiten met de gegevens die we tot nu toe hebben en anders zullen we daar van het college meer over horen, ervoor om dit fonds niet door te zetten zoals het nu omschreven staat op één uitzondering na. Er wordt gesproken over zogenaamde kwetsbare mensen. Die titel nemen wij niet graag over, we zouden die graag willen vervangen door mensen met een laag inkomen, want die zijn weldegelijk geraakt en die worden nu ook dagelijks geraakt. We willen ook graag een concreet voorstel doen. We willen graag het college vragen of zij iets willen doen voor mensen met een laag inkomen, met name mensen met bijzondere bijstand, mensen die bekend zijn bij Humanitas en Schuldhulpmaatje, die in een schuldhulpverleningstraject zijn om hen gratis zelftesten te verstrekken. Het is voor ons allemaal al een aderlating om te merken dat de prijs regelmatig stijgt, maar voor hen zou het een grote hulp zijn en ook een veilig idee om hieraan te kunnen voldoen, aan deze oproep. Tot zover. De heer Weerheijm, D66: Allereerst dank voor het opstellen van deze brief en het concept, dat we hebben gekregen van het college. Het college vraagt de commissie in een soort open debat te gaan over het voorstel, dus ik zal in iets globalere termen spreken dan de voorgaande sprekers. Om te beginnen: het idee van een steunfonds dat ondersteunt D66 van harte.
Er zitten punten in de brief die wij al eerder hebben aangedragen, ook aan het begin van de coronacrisis. Bijvoorbeeld ook de effecten van de verhoging van de OZB is iets waar wij ons, zeker bij de begroting van vorig jaar, al flink zorgen over maakten. Wij hebben nog geprobeerd om het een jaar uit te stellen, maar dat is helaas niet gelukt. Goed dat daar nu wel aandacht aan wordt besteed. Natuurlijk was het altijd een beetje grof geschut geweest, want niet iedere onderneming heeft evenveel last gehad van de coronacrisis. Anderzijds willen we ook niet dat de verdeling van de OZB-sleutel niet-woningen ook weer verandert, zoals mevrouw Van Heusen net ook al correct opmerkte. Dat is wel iets waar wij achter staan. Daarnaast ook het ondersteunen niet alleen van ondernemers, maar ook van die heel andere categorie inwoners, die het zwaar heeft gehad, dat kunnen wij van harte toejuichen. Dus in principe een heel goed plan, maar er is een heel aantal kanttekeningen en het college schetst die zelf ook al, waardoor wij er nog niet helemaal uit zijn hoe we dit verder aan moeten pakken. Allereerst zijn er landelijk ook al maatregelen, zeker gericht op ondernemers, die voor heel veel financiële steun zorgen.
Aan de andere kant hebben we ook gezien, dat de regelingen zoals TONK niet helemaal zonder slag of stoot is uitgerold in Lansingerland en waar we in deze commissie regelmatig aandacht aan hebben besteed. Het is niet zo heel erg veel gebruikt in Lansingerland, voor zover we weten. Inderdaad, zoals de heer Ammerlaan net al toelichtte, zijn de regels soms best wel streng wat het aanvragen best wel moeilijk maakt. Als we een regeling als dit lokaal uitrollen, dan moet de bureaucratie zo min mogelijk zijn. Als we kijken naar de doelgroepen is het voor mijn fractie niet alleen van belang om te kijken naar ondernemers en naar inwoners, er zit nog een heel maatschappelijk middenveld tussen, zoals stichtingen en verenigingen die ook te maken hebben gehad met inkomensverlies en dergelijke door de coronacrisis. Als we dan toch als gemeente iets willen doen voor mensen die geraakt zijn door Covid, dan is het misschien goed om ook die groep mee te nemen. Volgens mij heb ik dan nu de belangrijkste punten wel genoemd. Nadrukkelijk nog een keer: die bureaucratie is wel een probleem. Aan de ene kant willen we ervoor zorgen, dat het geld terecht komt bij de mensen die het echt nodig hebben. Aan de andere kant zorgt dat er automatisch voor dat er meer bureaucratie nodig is, wat weer ten koste gaat van het hele budget.
Voor D66 is het nog niet helemaal helder of we hier een goede balans in gaan vinden, maar we onderschrijven het doel en de noodzaak in ieder geval van de maatregelen absoluut. Dank u wel. De heer Ruijtenberg, GL: Om te beginnen is het goed, dat het college met een initiatief als dit komt. Het is goed, dat we gaan nadenken over: hoe kunnen we mensen, bedrijven en andere organisaties
3/30
eventueel, daar sluit ik me aan bij de heer Weerheijm, zo goed mogelijk door de crisis van corona heen jagen? Aan de andere kant, zoals het nu is opgeschreven roept dit veel meer vragen op bij de fractie van GL dan dat er dingen beantwoord worden. Een klein dingetje bijvoorbeeld: er staat in dat het een eenmalige tegemoetkoming is voor ondernemers vanwege de OZB-verhoging in 2022. Maar lang niet alle ondernemers, freelancers en ZZP’ers hebben een bedrijfspand. Betekent dat dan dat die er geen recht op hebben? Dan wordt er gesproken over lokale ondernemingen. Wat is de definitie van een lokale onderneming? Is een onderneming die gevestigd is in Lansingerland, zoals Zalando, een lokale onderneming? Komt die er dan ook in aanmerking voor? Of gaat het uitsluitend om bedrijven die statutair gevestigd zijn in Lansingerland? Daarin zou je iets meer differentiatie mogen hebben, wat we daar willen. Dan wordt er gesproken over kleinschalige kosten, die gerelateerd zijn aan de coronacrisis, die niet binnen de compensatie van het rijk vallen. Maar we hebben de NOW, de TONK, de TOZO, we hebben heel veel andere regelingen. Wat voor regelingen zijn er dan nog, waarvan we nu al weten: die worden niet gecompenseerd door het rijk en daar zou een onderneming voor in aanmerking komen. Bij de voorwaarden staat nog een aantal dingen.
ZZP’ers en freelanceres fluctueren regelmatig in inkomen of in omzet vanwege andere redenen. Neem als voorbeeld een toneelschrijver. Stel, deze heeft in 2019 een bepaalde omzet en in 2021 een heel andere omzet. Dit kan komen door corona, doordat theaters gesloten zijn en dat er dus minder behoefte was aan een toneelstuk. Maar het kan ook heel goed zijn, dat de kwaliteit van het werk een stuk minder was en dat niemand geïnteresseerd was. Hoe kunnen we dan daarbij aantonen, dat zijn omzetverlies, zijn inkomstenderving gerelateerd is aan de coronacrisis? Het is voor mij vrij onduidelijk. Sowieso is onduidelijk hoe burgers dan in aanmerking komen. Bij de voorwaarden zijn veel bullets gesteld, waarbij ik me afvraag of het en, en, en is. Of zijn het voorwaarden van of, of, of? Een deminimis-verklaring bijvoorbeeld is een verklaring waarbij je moet aantonen, dat je aanvraag hebt gedaan voor steun bij het rijk, maar dat je die niet of gedeeltelijk gekregen hebt. Vervolgens moet je dat wel aangeven bij de gemeente. Is dat een en-verklaring? Als ik een ondernemer ben, die nog nooit steun heeft gevraagd. De voorzitter: U zit aan de 3 minuten. De heer Ruijtenberg: Nu al? Dan ga ik veel bewaren voor de tweede termijn.
Mevrouw Verhoef, PvdA: Bij het vaststellen van de kadernota 2022-2025, net voor de zomer, heeft de raad besloten om lokale bedrijven en kwetsbare inwoners, die het moeilijk hebben door de coronacrisis, extra te gaan ondersteunen. Wij vonden dit heel belangrijk en ook een heel goed voorstel, omdat de maatschappelijke en economische gevolgen van Covid19 nog lang niet voorbij zijn en er zeker op lange termijn nog last van zal worden ondervonden, met name door de meest kwetsbare mensen en mensen met lage inkomens, maar ook ondernemers die kwetsbaar zijn, bijvoorbeeld omdat ze ZZP’er zijn. Heel belangrijk dus om verder inkomensongelijkheid in onze gemeente te voorkomen. Covid19 kan die inkomensongelijkheid alleen maar versterken. Onze insteek daarbij was en is nog steeds, dat de overheid zo dicht mogelijk bij die kwetsbare bedrijven en inwoners moet proberen te komen. Het moet een aanvulling zijn op de bestaande regelingen. Dat laatste staat ook heel duidelijk in het voorstel van het college, waarvoor dank. Het is een eerste aanzet. We gaan hier nu over in debat. Maar laat ik dan meteen zeggen wat ons tegen viel. Allereerst: het is een vrij summier voorstel, waar meteen een aantal mitsen en maren worden neergezet. Eigenlijk wordt er gezegd: wat we voorstellen vanuit het college is, we gaan als er overschrijdingen zijn op individuele, bijzondere bijstand dat uit deze pot aanvullen.
We willen niet een hele subsidieregeling gaan optuigen voor de bedrijven en ondernemers, want dat kost alleen maar geld, dus we gaan compensatie geven voor de gestegen OZB op niet-woningen. De heer Ammerlaan is een ondernemer, die heeft al gezegd: dat heeft niet zo heel veel zin, veel ondernemers hebben daar geen baat bij. Dus dat werkt eigenlijk niet. Het eerste punt van de individuele bijzondere bijstand aanvullen, is oké. Als die pot leeg is, is het mooi, maar de vraag is eigenlijk: weten mensen, die echt in de problemen zitten, de gemeente te vinden? Wij draaien het liever om. Wat wij voorstellen is: ga als gemeente veel dichter naar je burgers toe, gebruik dit niet om een subsidiestructuur op te tuigen, maar om echt in contact te komen met ondernemers en mensen die het moeilijk hebben, ga in gesprek, breng in kaart via je maatschappelijke organisaties bijvoorbeeld, gebruik hen als informatiebron, wie is er nou echt in de problemen? Ga dat persoonlijke contact aan. Ik begin mezelf te herhalen. Zoek de mensen op, die niet voldoende hebben aan die rijks ondersteuning en ga met een creatief, warm hart met een klein clubje ambtenaren op zoek naar passende oplossingen. Geef die ambtenaren in die zin wat vrijheid om op een creatieve menselijke manier die oplossing te gaan zoeken op basis van vertrouwen. De voorzitter: U zit aan de 3 minuten. Mevrouw Verhoef: Nog 1 zin.
Wij vinden het een beetje mager, vrij afstandelijk voorstel. Wij zouden het op die wat menselijkere manier doen, zoals ik net voorstelde. De voorzitter: U gaat in herhaling vallen, het is duidelijk. U heeft nog een tweede termijn. Beantwoording college Wethouder Van den Beukel: Ik heb een feestje vanavond, ik mag 3 stukken behandelen in eerste instantie, maar wel als team, dus ik ga een paar keer verwijzen naar collega Arends en ook naar collega Cnossen, omdat het voor een deel gaat over bijzondere bijstand, ondernemers en er is een bepaalde
4/30
paraplu-gedachte en dat begon bij de kadernota en dat begon ook bij de coronareserve en bij compensatie voor OZB-stijging voor niet-woningen. Vandaar dat ik graag even de aftrap verricht. Dank voor de waarderende woorden uit de mond van diversen van uw leden, o.a. de heer Van Santen (…) voor deze onderlegger voor het debat. Zo is het ook bedoeld. Iedereen die zegt: is het nou en, en? Of is het nou of, of? Ik mis nog een detail, hoe zit het met lokale vestiging, zij hebben volledig gelijk. Wat het college betreft, is dit ook niet de ultieme regeling, die tot de allerlaatste punt en komma af is. Dit debat is voor ons heel waardevol, voor ons allemaal, om echt te spreken over nut en noodzaak en de koers van het idee. Zo zijn we er als college ook aan begonnen, vroeg in het voorjaar, bij de kadernota in de context van dat moment, wetende dat er problemen zijn in de samenleving bij mensen, ondernemers, ZZP’ers. Die waren groter dan nu, de zorgen over een recessie waren toen groter dan nu, die zijn op dit moment afwezig, denk ik. De inflatie is torenhoog en de schaarste op de arbeidsmarkt idem. Maar in die context hebben we een koers bepaald en vervolgens is nu de vraag: wat is wijsheid? Daarvoor doen we graag een beroep op de collectieve wijsheid, want de raad en het college weten meer dan alleen het college.
Dus een debat op hoofdlijnen wat het college betreft, niet omdat de details er niet toe doen, maar omdat dit debat de opmaat zou kunnen zijn naar een uiteindelijke regeling en die uiteindelijke regeling moet kloppen tot cijfers achter de komma en daar kunt u vervolgens mee instemmen of niet. Een aantal specifieke vragen op hoofdlijnen. Het gaat over de verdeling, daar werd naar gevraagd door mevrouw Gielis. De verdeling tussen bedrijven en kwetsbare mensen of mensen met een laag inkomen, zoals vanuit de CU werd gehoord. Daar zit geen schot op dit moment in. Dat is niet het idee, dat in de regeling vervat is. Niet omdat het niet te creëren zou zijn, maar omdat we bij voorbaat niet weten waar de nood het hoogst is. Je zou een suboptimale uitkomst creëren als je daar een schot in zou aanbrengen. Waarom op basis van de subsidieregeling 2018? Een detailvraag, maar ik wil er wel antwoord op geven. Dat is nog steeds de vigerende regeling. In die zin is dat de juiste regeling om hem aan op te hangen. Dan de vraag over uitnutting van ‘samen de schouders eronder’. Dat is er typisch eentje die echt bij collega Arends hoort. Zij kan meer over het ondernemersplan vertellen. En ook over de vraag: zijn er groepen aan te wijzen die er tussen vallen? Vanuit mijn perspectief, dat ik heb op de werkelijkheid, zijn die niet te pinpointen.
Ook daar zou collega Arends waarschijnlijk meer over kunnen zeggen. Wat betreft de kwetsbare mensen is gevraagd naar: is het meer dan gewone bijzondere bijstand uitvoeren? Zit er iets specifieks corona aan? Niet in de opzet, die wij suggereren. U heeft in de brief kunnen lezen de gedachte van het college in de laatste alinea. Die gedachten gaan verder dan de voorliggende regeling, om juist gebruik te maken van het elegante instrument dat bijzondere bijstand heet, dat er niet alleen wordt gekeken van de impact van a, b of c, maar waar juist een complex aan factoren wordt beschouwd en waarin we een overschrijding zien de laatste tijd. Die overschrijding zou dan goed op te vangen kunnen zijn met een stuk uit het budget van dit fonds. Maar als je het zou beperken tot de regeling, die we eerst hebben geconcipieerd, ja, dan zou er inderdaad sprake moeten zijn van aantoonbare impact als gevolg van corona. Dan zou er echt een relatie moeten kunnen worden gelegd. Maar ook daarvan is niet 100% helder wie dan, waar dan, hoeveel dan. Dan heb ik warme gevoelens bij de oproep van mevrouw Verhoef, die zegt: kom, maak een taskforce, ga het veld, leg je oor te luister in Lansingerland, ondernemend Lansingerland, wees creatief en kijk waar de nood het hoogst is. De collega’s kunnen dat aanvullen.
Ik heb naast warme gevoelens ook wel aarzelingen bij die aanpak, omdat we enerzijds voortdurend in contact zijn via accountmanagement met bedrijven en voortdurend in contact zijn via consulenten met mensen met een laag inkomen, dus het ontbreekt ons niet aan signalen en desondanks is nu niet met een schaartje te knippen waar exact extra noden zijn, die niet al kunnen worden geaccommodeerd via de bestaande regelingen. U heeft vandaag een brief van de provincie ontvangen, ik weet niet of u in de gelegenheid bent geweest om hem te lezen, u heeft ook nog ander werk overdag, maar een brief van de provincie over begrotingstoezicht, waar ik even kort naar wil verwijzen. Daar worden een paar warme woorden gesproken over de reserve crisismaatregelen. Daar zegt de provincie: goed, dat jullie oog hebben voor de risico’s, niet alleen voor je eigen begroting, maar ook voor de samenleving als gevolg van corona. Die regeling doet wat dat betreft zijn werk, niet alleen voor ondernemers, maar ook voor maatschappelijk middenveld. Heel veel meer specifiek kunnen we het nu niet maken, ondanks dat we nu ook al onze ogen en oren goed open hebben en onze voelhorens in die maatschappij hebben. De toetsing en de complexiteit ervan werd een paar keer genoemd. Ja, dat is natuurlijk waar.
Om vast te stellen of die ZZp’er in het voorbeeld van de heer Ruijtenberg nu gewoon een dienst heeft die minder in trek is of misschien wat minder goed georganiseerd is of dat het te maken heeft met een corona-effect, dat is lastig. Dan kun je 2 benaderingen kiezen: of veel meer controle of heel lichte toetsing. Het heeft allebei voor- en nadelen, maar dat zijn de keuzes die gemaakt kunnen worden, gemaakt moeten worden en waar ik graag naar u luister. Het gaat uiteindelijk over een afweging van zorgvuldigheid en complexiteit. In het voorliggende voorstel overigens ziet u, het is niet een finale regeling, maar u ziet dat de vereisten en onderbouwing wel beperkt zouden kunnen zijn. Beperkt maakt niet dat de uitvoeringskosten nul zijn, die zouden alsnog zomaar € 1 ton kunnen belopen en misschien wel meer. En tegelijkertijd in het voorliggende voorstel, ja, het aantonen van omzetverlies kan je heel complex maken, heel ver op door exerceren, je kunt het ook redelijk gauw aannemen op basis van jaarrekeningen en dergelijke. Dus dat is uiteindelijk een redelijk afgebakende manier van werken, die
5/30
zou kunnen werken. Dat over de complexiteit en de bureaucratie. De voorzitter: Kunt u het tempo iets verhogen? Wethouder Van den Beukel: Ik ga tot een afronding komen en ik ga het stokje over geven aan de collega’s. Ter afronding wat mij betreft, nogmaals, met alle mitsen en maren die er zijn, daar kunnen we als college ook veel mee. Dat is de reden, daar wil ik naar verwijzen, dat we in die brief naar u niet alleen 3 kanttekeningen hebben geplaatst, maar ook nog wel een blik naar voren hebben gericht. Die blik naar voren wijkt af van de voorliggende regeling, dat is echt een meer gerijpt idee, waarin we zeggen: het college zou willen voorstellen, dat we een deel van het budget inzetten op het opvangen van de overschrijding bijzondere bijstand en een ander deel heel sec in zetten gewoon ter compensatie van het exacte bedrag verhoging OZB niet-woningen, voor die bedrijven die aannemelijk kunnen maken dat er een corona-effect optreedt bij hun bedrijf. Zo elegant, zo simpel zou het ook kunnen zijn en wellicht kunt u daar in de tweede termijn uw gedachten over laten gaan. Tot zover van mijn kant.
Wethouder Arends: De heer Van Santen stelde nog 2 vragen, heel specifiek 1 over ‘samen de schouders eronder’ over het steunpakket, hoeveel is er benut vanuit 2021? En de andere vraag gaat over: hebben we nou een beeld van ondernemers die echt in de knel zitten en onvoldoende hebben aan de steunpakketten, die vanuit het rijk komen? Eerst wil ik ingaan op ‘samen de schouder eronder’. Zoals u weet hebben we dat samen met de ondernemers ontwikkeld met een tiental stappen of eigenlijk activiteiten, waarin we de detailhandel en de horeca ondersteunen met ruim € 5 ton. Daarvan is een deel benut, ik weet even de cijfers niet, maar ik kan wel even noemen welke activiteiten. Het lidmaatschap voor zowel de koninklijke horeca Nederland als van de winkeliersverenigingen zijn in 2021 gebruikt. Voor 2022 nog niet, dat gaat aankomend jaar pas, het was voor 2 jaar. Het uitstel van de belastingen is in 2021 gedaan en zal ook in 2022 zijn. Maar er stonden ook voorbeelden als evenementen, een gezamenlijk evenement, maar die heeft nog steeds niet plaats kunnen vinden. Ook de kosten voor een ander soort evenement zouden we kwijtschelden, maar die heeft ook nog helemaal niet plaats gevonden.
Ook de Sinterklaasintocht heeft nog niet plaats gevonden, hoewel de winkeliersvereniging van Berkel heeft aangegeven vanochtend: we hebben toch wel wat kosten gemaakt, want we willen toch wat inwoners naar ons toe trekken. Dus daar komt voor 2021 wel voor een deel een aanvraag op. Wat ook een belangrijke is, is alle kwijtschelding van de markten, voor de non-food, dat hebben we kunnen regelen in 2021. Wat ons voorstel is, zo was ook ons pakket, dat alles wat niet gebruikt wordt in 2021 benut gaat worden in 2022. Dan moet u o.a. ook denken aan de kerstpakketten. We hebben de afspraak dat alle medewerkers van de gemeente hun kerstcadeautje mogen besteden in de gemeente Lansingerland, maar daar zaten nog wel wat haken en ogen aan. In samenspraak met de ondernemers: hoe kunnen we dat nou op een goede manier doen? Dat is voor 2022. Hoe dat precies financieel in elkaar zit, is echt wel een technische vraag, meneer Van Santen. Als u dat expliciet wilt weten, dan kan ik dat natuurlijk voor u nagaan, maar hier moet u ongeveer aan denken. Of wij dan een beeld hebben van ondernemers, die het heel zwaar hebben en toch niet in aanmerking komen voor die landelijke steunpakketten of dat het onvoldoende is. Dat verschilt wel heel erg.
In de eerste periode hebben we heel veel contact gehad met ondernemers, winkeliersverenigingen en ondernemersverenigingen en toen hoorden wij toch echt wel heel zorgelijke verhalen. Er was nog heel veel onduidelijkheid over die landelijke steunpakketten. De laatste periode, dan spreek ik over de laatste maanden, krijg ik bijna geen signalen, eigenlijk geen signalen, over dat een ondernemer helemaal in de knel is gekomen. De verenigingen weten, dat als ze dat constateren bij hun leden, dat ze echt bij ons aan kunnen kloppen en dat we met hen gaan kijken wat er eventueel voor nodig is. Maar op dit moment hebben wij niet een beeld over hoeveel ondernemers het er zijn, of eigenlijk niet. Dus het blijft wel de vraag: doet dit iets extra’s? Ja, we hebben toch een beeld dat alle maatregelen redelijk afdoende zijn, maar de ondernemers weten via alle ondernemersverenigingen, dat ze bij ons wel een vraag kunnen stellen mocht dat gerelateerd zijn en de maatregelen onvoldoende zijn. Volgens mij heb ik redelijk de vragen van de heer Van Santen kunnen beantwoorden. Dank u wel. Wethouder Cnossen: Bij mij overzichtelijk. Er is een aantal opmerkingen gemaakt over het woord ‘kwetsbare mensen’: zou je die niet beter ‘mensen met een laag inkomen’ kunnen noemen? Ik denk dat we dan wel bij elkaar komen, omdat het voorstel van het college is om dat via de normale weg bijzondere bijstand.
We komen deze mensen tegen bij de loketten, bij de toegang van Welzijn, Kwadraad, de Voedselbank, daar moeten we ons op richten om hen duidelijk te maken, dat als zij financiële problemen hebben, of dat nou door een gasprijs is, corona, wat dan ook, dat zij daarvoor bij de gemeente kunnen aankloppen. Dus eens met mevrouw Verhoef: we moeten die mensen inderdaad ook wel vinden, want niet iedereen is bij ons bekend. Dat is duidelijk, niet iedereen met een laag inkomen is bekend bij de gemeente. Ik hoorde van meneer Weerheijm nog een vraag over het maatschappelijk middenveld en de verenigingen, hoe we die tegemoet komen. Ik verwijs u dan ook naar de slotwijziging blz.8 en blz.9. Er zijn heel veel landelijke regelingen, die wij als gemeente naar al deze instellingen hebben uitgekeerd en nog steeds uitkeren. Dus op die manier komen we met huren kwijtschelding et cetera deze verenigingen tegemoet. Dan had meneer Lieverse eigenlijk iets heel nieuws: mensen met een laag inkomen gratis zelftesten verstrekken. Een heel begrijpelijk voorstel, even nieuw in dit kader,
6/30
maar je ziet het landelijk al meer dat mensen ermee bezig zijn. Er zitten wat haken en ogen aan, maar ik snap het wel, ik heb pas ook weer zo’n pak gekocht voor € 25. Als je dat moet doen, ben je een hoop geld kwijt wat je niet begroot hebt. Ik moet er wel bij vertellen dat op de scholen de zelftesten worden uitgereikt, die komen via het ministerie naar de kinderen van groep 6 tot 8, die zich 2 keer per week moeten testen. Dus die komen daar wel, maar dat is natuurlijk niet voor alle minima beschikbaar. We hebben ook nagevraagd bij de voedselbank. Ze krijgen af en toe een lading van het rijk en zij delen die dan ook, maar niet voldoende. En in de winkels zijn op dit moment ook tekorten. Dus wij willen uw suggestie graag mee nemen om te kijken hoe we het moeten doen, want dat het moet gebeuren voor minima is eigenlijk wel helder, maar hoe we het precies doen, via de Voedselbank, via de normale toegangen waar mensen al komen, bij Welzijn Lansingerland of iets dergelijks, daar gaan we over nadenken en dat heb ik nu nog niet helemaal paraat. Dat was mijn antwoord. De voorzitter: Wat u kunt mee geven aan het college, voor zover u dat nog niet in de eerste termijn hebt gedaan, kunt u zeker doen in de tweede termijn. U heeft maximaal 2 minuten.
Tweede termijn Mevrouw Gielis, L3B: Ik denk dat ik de heer Van den Beukel goed begrepen heb, maar ik wil het nog even controleren, dat 1/5 van de uitvoeringskosten, van die € 500.000 gaat 1/5 op aan uitvoeringskosten naar schatting. Dan heb ik nog een tweede vraag. Is het mogelijk om dit onderwerp te koppelen aan een pilot, zoals in meerdere gemeenten in Nederland nu gebeurt? Dat gaat om mensen, die een bijstandsuitkering hebben, de ruimte te geven om te mogen bijverdienen tot een maximum van € 220. Maar in ieder geval om ze te stimuleren om wat bij te verdienen, is het mogelijk om die pilot aan dit onderwerp te koppelen. De TONK-regeling, daar hebben we in het verleden al heel vaak vragen over gesteld en er zijn meer mensen, die er vandaag aan gerefereerd hebben. Ik denk dat we daar op dit moment genoeg aandacht aan geven. Dank u wel. De heer Van Santen, VVD: Ik vond het een prettige manier, daar begon ik mee. Ook alle opmerkingen van andere raadsleden horende kom je ook wel op wat nieuwe inzichten. De heer Ruijtenberg was toch wel heel scherp met de afbakening, corona-gerelateerd, hoe moet je dat allemaal zien. Het brengt mij er toe om het eenvoudig te houden ook vanwege de uitvoeringskosten. De OZB-verhoging niet-woningen zou kunnen spelen, dat is ook niet zo moeilijk vast te stellen, denk ik, dat we daar toch wel iets voor blijven reserveren.
Aan de andere kant hoor ik ook, dat we het niet kunnen pinpointen, dat we het niet precies weten. Dan zou ik toch eerder, als het gaat om een laag inkomen of kwetsbare mensen, de individuele bijstand, dat is een bestaande regeling, dus dat lijkt me dan eenvoudiger. Voor de ondernemers zou ik het bij de OZB houden. Dat er de laatste maanden niets is, zou ook kunnen komen, omdat in de zomer het allemaal goed ging. Het kan ook zijn, dat men al 2 jaar gewend is en inmiddels de weg weet te vinden bij de diverse loketten, dat weet ik niet, het zal misschien een mix zijn. Ik zou het vereenvoudigen, een deel individuele bijstand en een deel OZB niet-woningen. Dank u wel. De heer Ammerlaan, CDA: Veel gehoord. Het is duidelijk, dat we niet weten waar de problemen zijn. Mevrouw Verhoef zei: dat warme, luisterende oor kan tot het meeste leiden. Je hoort weinig, zegt wethouder Arends, vanuit de organisaties, maar het zijn vaak sluimerende dingen. Ik heb ook een netwerk en soms hoor ik ineens dingen uit een hoek waar ik het niet verwacht, waar het ook niet zomaar gezegd wordt. Ondernemers en mensen lopen er niet mee te koop. Wat dat betreft is goed luisteren het belangrijkste, denk ik, om hier verder mee te komen. De gratis zelftest van de CU: goed idee.
Ook het antwoord van de wethouder vond ik op zich wel heel goed om op die manier daar invulling aan te geven, bij de Voedselbank, bij organisaties waar mensen komen, die het moeilijk hebben, om daar die dingen aan te bieden is misschien wel het meest simpel, ook om de uitvoeringskosten laag te houden. Een ton minimaal zei de wethouder, dat ben je gauw kwijt. Alles wat je daarvan in je zak houdt en aan de mensen kan geven, via de bestaande manier, is toch het beste. Mevrouw Verhoef zei dat ik gezegd had dat die OZB geen hout snijdt. Dat bedrag niet, de problemen zijn groter, dan is de compensatie van de OZB een druppel op een gloeiende plaat in verhouding tot. De kosten zijn veel hoger of het verlies van omzet. Het blijft altijd moeilijk, simpel houden, wat wethouder Van den Beukel zei, misschien alleen OZB compenseren, ik denk dat dat niet het juiste middel is. Daar wilde ik het even bij laten. Mevrouw Van Heusen, WIJ: Dank aan de wethouders voor hun beantwoording. Ik herhaal wat ik een klein beetje in de eerste termijn zei: houd het alstublieft eenvoudig, zodat er zo weinig mogelijk uitvoeringskosten zijn, maak gebruik van de kanalen die er al zijn. Dank u wel. De heer Lieverse, CU: De voorzitter houdt niet van herhaling, dus dat ga ik niet doen, dat heb ik snel begrepen van u.
Wij vinden het plan nog steeds sympathiek, maar tegelijkertijd, als wij horen dat de problemen meevallen bij ondernemers, willen we toch waarschuwen om er teveel werk in te stoppen,
7/30
waarbij zoveel voetangels zijn om ook te waarborgen, dat men gelijk behandeld wordt. We zijn heel blij met de toezegging, dat uitgezocht gaat worden hoe zelftesten gratis beschikbaar kunnen komen bij die mensen die het moeilijk zelf kunnen betalen. Tenslotte is gebruik van zelftesten, zeg ik tegen u allemaal, een heel goed gebruik. Het blijkt volgens diverse media dat veel mensen daar niet aan toe komen door de kosten. De heer Weerheijm, D66: Allereerst dank aan het college voor de uitgebreide beantwoording van alle gestelde vragen. Ik krijg toch een beetje het idee na de discussie, dat we misschien op twee verschillende gedachten hinken. Aan de ene kant willen we het allemaal heel concreet maken, door bijvoorbeeld alleen te kijken naar OZB voor ondernemers. Aan de andere kant merken we ook dat dat niet het enige punt is waarop je als ondernemer problemen kan ondervinden door corona. Eigenlijk zijn we een beetje op zoek naar maatwerk voor mensen, organisaties en ondernemingen, die net buiten alle regelingen vallen, die we al opgetuigd hebben. Mijn fractie is nog een beetje zoekende of dit het juiste instrument is om het maatwerk te kunnen gaan leveren, terwijl we het ook simpel willen houden. We zijn nog een beetje zoekende.
Ik denk dat het college daar ook nog wel een beetje mee zit: doen we dit op de goede manier? Ik wil kort inhaken op de zelftest die door de heer Lieverse wordt genoemd. Dat vind ik echt een heel erg goed idee, om wat meer te promoten. Ik ben het zelf gewend tegenwoordig om 2 keer per week te zelftesten, het is een soort routine geworden. Voor heel veel mensen is het dat nog niet. Het is een beetje extra veiligheid, dus als we mensen mee kunnen nemen of daarbij tegemoet kunnen komen, dan zou ik dat alleen maar toejuichen. De heer Ruijtenberg, GL: Ik wil het college bedanken voor hun antwoorden, met name dat de heer Van den Beukel nog even goed heeft duidelijk gemaakt, dat het hier niet gaat om een plan in detail, maar dat het gaat om een hoofdlijn, een denkwijze daarin. Dan had ik nog een heel rijtje met allerlei mitsen en maren, waarvan ik dacht: dat is nu duidelijk. Die laat ik min of meer achterwege, omdat we op die hoofdlijnen gaan. Ik wil wel nog één ding aangeven: wees in ieder geval in de toetsing ruimhartig. Ook voor ondernemers: wees er ruimhartig in. Het zullen voornamelijk wat kleinere ondernemingen zijn, die hier mee aan komen, die net buiten allerlei regelingen vallen.
Juist omdat het kleine ondernemingen zijn, wil ik wel even aangeven: er wordt ergens gevraagd dat een onderneming een oprichtingsakte en statuten moet hebben, maar freelancers en ZZP’ers hebben geen statuten, dat is echt voor een B.V. Dus ik zou zeggen: haal dat er in ieder geval uit. Het idee van mevrouw Verhoef voor een taskforce om dit verder uit te diepen en uit te werken, lijkt me een heel goed idee. We hebben het eerder in deze commissie al eens gehad over scharrelambtenaren, laat nu inderdaad die ambtenaren het veld ingaan, hun werk doen, luisteren, praten met mensen, waar zijn de problemen. De heer Lieverse heeft het gehad over zelftesten en ik sluit aan bij de heer Weerheijm: het lijkt me een ideaal idee. Uiteindelijk is de manier om uit deze crisis te komen vaccineren en zelftesten, dus als we daarin iets kunnen doen, lijkt me dat een heel goed plan. Ik hoop, dat ik nu binnen de tijd ben. Mevrouw Verhoef, PvdA: Ook dank aan het college voor de duidelijke uitleg, toelichting en ook de steun die ik proef bij het college voor de taskforce, zo noemde wethouder Van den Beukel het. Een stelletje scharrelambtenaren, zegt de heer Ruijtenberg.
In ieder geval dicht bij de mensen proberen te komen en via de bekende organisaties, die mevrouw Cnossen ook noemde, Welzijn, Kwadraad, Voedselbank proberen te achterhalen wie er in de problemen aan het komen is, ondernemers, maar ook burgers met een laag inkomen. Het voorstel, zoals is gedaan door het college, om een deel te gebruiken om tekorten op individuele bijzondere bijstand en misschien een ander deel voor ondernemers die in de problemen komen, is goed, maar dan wel met die menselijke aanpak taskforce. Daar blijf ik aan vast houden en ik proef daar ook steun voor bij de anderen, waarvoor dank. Ik vroeg me nog wel af, volgens mij zei de heer Ruijtenberg het ook: leg niet alles vast of het corona-gerelateerd is of niet. Als je op een probleem stuit, probeer dat ruimhartig op te lossen, daar sta ik helemaal achter. De gratis zelftesten, op zich is dat natuurlijk een prima plan. Als epidemioloog onderschrijf ik dat en dat weet de heer Lieverse ook, maar als PvdA’er denk ik: als gezin met een laag inkomen, heb je liever een gevulde ijskast of erger nog, een nieuwe ijskast als de oude kapot is. Ik vind het een aardig gebaar, maar het is voor mij ook het minimale wat je zou kunnen doen.
De pilot van mevrouw Gielis, extra verdienen als je in de bijstand zit, ik denk dat dat in het algemeen een interessante pilot zou zijn om dat hier in Lansingerland te doen, maar het hoeft van mij niet perse gerelateerd te zijn aan de coronaproblematiek. Dank u wel. De voorzitter: Ik wil het college vragen in te gaan op hoe het verder gaat na vandaag, hoe het college verder gaat, en de raad daar ook over informeert, hoe ze verder met dit onderwerp omgaan. Wethouder Van den Beukel: Zal ik zeker doen, ik zal ermee beginnen. We hebben aangegeven in de brief aan uw raad, het is natuurlijk een bespreekstuk, dat dit een regeling op hoofdlijnen is, die we graag geven voor het debat met uw raad om vervolgens te horen hoe uw raad kijkt naar dit vraagstuk. Ik denk dat zich een aantal grote lijnen aftekent. Die lijnen zijn lijnen van nadruk op eenvoud, nadruk op mensen
8/30
in de bijzondere bijstand. Er is ook een contour zichtbaar als het gaat over de zelftesten. Volgens mij is de normale gang der dingen bij een voorstel zoals dit, bij een debat zoals dit, dat het college dat mee terug neemt als huiswerk en vervolgens met een nader uitgewerkt raadsvoorstel komt en dat vervolgens ter besluitvorming wordt voorgelegd aan uw raad. Dat even over het proces. Dan ingaand op de luttele vragen, die aan mij gericht zijn in de tweede termijn. Die zagen o.a. op een paar technische details, statuten et cetera, dat nemen we gewoon even mee terug, meneer Ruijtenberg, maar niet een antwoord. Mevrouw Gielis vraagt of ze het goed heeft begrepen, dat 1/5 uitvoeringskosten zou zijn. Ja, tenminste, daar heeft de heer Ammerlaan gelijk in, die het op die manier formuleerde. De vraag over bijvoorbeeld de pilot met de bijstand, ja, die hoort bij collega Arends, dus daar hoef ik nu verder niet op in te gaan. Dat was het voor mijn kant. Wethouder Arends: Mevrouw Gielis stelde de vraag: zouden we bereid zijn eventueel een pilot in te richten als het gaat over een bijstandsuitkering en bijverdienen, het te koppelen aan dit fonds. Dat vinden wij niet verstandig om te doen. Als we even echt uitgaan van de huidige wet- en regelgeving binnen de participatiewet, dan gaan we daar als gemeente niet over.
Voor nu op dit moment zien wij ook niet voor ogen om deel te gaan nemen aan een pilot. Wethouder Cnossen: Ik heb geen vragen meer gehoord. Mevrouw Gielis: Ik wil aan mevrouw Arends vragen, als het dan niet gekoppeld is aan dit onderwerp of die pilot dan wel een optie zou kunnen zijn, onafhankelijk van dit. Ik heb het hier aan gekoppeld en u zegt: we vinden het niet verstandig om het aan dit onderwerp te koppelen. Wethouder Arends: De vraag van mevrouw Gielis is: als het hier niet aan gekoppeld kan zijn, staat de gemeente dan open voor een pilot? Wat u stelt, of het mogelijk is om bij te verdienen, staat los van geld geven of iets geven in het kader van dat iemand niet rond kan komen. Dat zijn inderdaad 2 heel verschillende dingen. De wet- en regelgeving geeft ons de ruimte niet. Wij gaan er op dit moment niet over, om als gemeente zelfstandig te kunnen zeggen dat wij dat bijverdienen toelaten. Als gemeente willen wij het liefst de landelijke regelgeving volgen. Voorop staat nu niet, dat wij mee zouden willen doen aan een pilot. De voorzitter: Dan zijn we aan het einde van dit bespreekpunt. Hartelijk dank aan de commissie voor de inbreng, het college voor de beantwoording. Het komt nog terug, heeft de wethouder in de procedure aangegeven. 6.
Stukken ter advisering aan de raad: 6.a Slotwijziging 2021 De heer Philippens, L3B: Ik denk dat ik die 5 minuten niet nodig heb, want voor zover wij het zien is dit een prima slotwijziging, waarin afwijkingen juist worden verwerkt en goed om dat nu te doen om de jaarstukken schoon te houden. Als ik er dan iets over wil zeggen, dan zien we dat we toch weer grote afwijkingen hebben ten opzichte van de planning. Dat zien we ook bij de kadernota richting begroting bij dezelfde septembercirculaire, wat het besturen gewoon knap lastig maakt. Daar kan het college niets aan doen, want het is deels corona en deels weer een onduidelijke rijksoverheid. Krijgen we nu die coronagelden sociaal domein ja of nee. En als we het krijgen is het lastminute. Gelukkig dat die wijziging positief uitvalt, maar ik vind hem ook wel jammer, dat wil ik ook even benoemd hebben. We hebben voor 2021, voor deze begroting, best wel een knap bestuurlijk en ambtelijk traject doorlopen met een hoop technische wijzigingen, waarvan je kan zeggen: achteraf hadden we misschien die ambtelijke en bestuurlijke slagkracht ergens anders op in kunnen zetten. Ik denk dan aan Bleizo-West, dat traject. Er loopt een goed traject, maar dat hadden we misschien wat sneller kunnen doen. Met de grondexploitatie zie je dat met ieder jaar vertraging dat € 0,8mln aan kosten oplevert en dat is dan jammer.
Het is wat het is, fijn dat het positief uitvalt, maar jammer dat we er al die moeite in gestoken hebben met nu toch dit resultaat. Daar wil ik het bij laten. De heer Van Santen, VVD: Ja, de slotwijziging. Allereerst dank voor de uitgebreide beeldvorming door de heer T. Dat was heel duidelijk, hij heeft goed zijn tijd ervoor genomen. De slotwijziging bevat geen nieuw beleid, zo heb ik er ook naar gekeken en dat is prima. Goed om te zien dat de min € 1,3mln uit de zomerrapportage omgeslagen is naar een plus van € 1,1mln. De algemene reserve kan wat dat betreft wel een oppeppertje gebruiken. Uitgebreid het coronafonds, de uitnutting daarvan beschreven, waarvoor dank. Ik had er nog wel een vraag over, ook tijdens de beeldvorming gevraagd. In de begroting staat het coronafonds nu op nul. Er is op dit moment nog een behoorlijk bedrag niet uitgenut van die € 5mln, ik geloof € 1,8mln. Er wordt gezegd: of we het wel of niet nodig hebben, dat besluit nemen we dan bij de jaarrekening. Ik verwacht dat dat ergens mei of juni is, maar niet binnen nu en een paar maanden. Dan is mijn vraag: is dat besluit dan niet te laat? Kunt u dan nog wel maatregelen treffen, die u vanwege corona nodig heeft. Misschien dat u daar wat over kan zeggen, hoe dat nou precies zit. Dan het MIP, een stijging
9/30
van € 2mln aan afwijkingen. Als ik het goed zie, is dat vooral voor rekening van onderwijs, schoolgebouwen et cetera. We hebben enige tijd geleden al een budget van zo’n € 5mln gereserveerd voor verduurzaming van de scholen, ook een fors bedrag. Nu een extra investering van € 2mln. Ik ben geen specialist op het gebied van scholen en onderwijs, ik zie alleen dat die bedragen fors zijn en fors oplopen. Ik wil niet zeggen, dat het lijkt op een open eind regeling, maar het budget wordt er niet op gehaald. Mijn vraag aan de wethouder is: hoe kunnen we hier nou meer grip op krijgen? Kijkt het college ook naar alternatieven om de kosten in de hand te houden? Dank u wel. De heer Ruitenberg, CDA: De slotwijziging, een lijvig stuk. Toen ik het bestand opende, dacht ik: oe, dat is toch wel meer pagina’s dan ik had verwacht bij een slotwijziging. Maar het was wel goed leesbaar, het las als een roman. Dank aan allen, die hier hard aan hebben gewerkt en ook dank voor de beeldvorming, die we gehad hebben. Er zitten flinke verschillen in, de heer Philippens zei het ook al. Ja, inmiddels zijn we dat wel een beetje gewend bij dit soort financiële stukken. Het zou inderdaad heel fijn zijn als we tot meer voorspelbare documenten zouden kunnen gaan komen, maar dat hebben wij niet alleen zelf in de hand. Wel eentje, die we zelf in de hand hebben, zijn de onderwijsinvesteringen.
Ik begrijp heel goed waarom deze nu worden bij geplust, want de VNG-normen, zoals ze in het verleden gehanteerd werden, daar kan je geen school voor bouwen, dat is algemeen bekend. Het is eigenlijk wel vreemd, dat we dat nu pas doen, maar het is in ieder geval goed, dat we die aanpassen aan reële bouwkosten, want anders mislukt ieder project. Waar wij wel wat moeite mee hebben in de slotwijziging is het afboeken van de plankosten voor de Driehoek Noordpolder. Wij zien dat toch als een volledig commerciële ontwikkeling en we vinden het toch wel vreemd dat er nu Lansingerlands belastinggeld gebruikt gaat worden voor kosten die feitelijk voor de ontwikkelaar zouden moeten zijn. Ik zou graag horen van de wethouder welke pogingen wij nog kunnen doen om dit geld terug te krijgen. Ook natuurlijk hoe we dit in de toekomst gaan voorkomen bij andere meer commerciële ontwikkelingen. Dan hebben we nog 1 punt en dat is het onderdeel coronasteun. Als ik het goed begrepen heb, dan hebben wij in 2020 en in 2021 circa € 3,43mln aan coronasteun ontvangen in verschillende circulaires van het rijk. Ik lees nu dat we van die € 3,43mln € 1.574 hebben gebruikt voor coronasteun, dat we € 891.000 doorschuiven naar 2022 en dat we de rest, dat is ongeveer € 1,8mln laten vrijvallen in het resultaat.
Eigenlijk, als je het mij vraagt, zou ik dat helemaal niet willen vrij laten vallen in het resultaat, ik zou dit willen gebruiken voor de kwetsbare mensen die het nodig hebben. Het is financieel gezien een leuke meevaller voor de gemeente, maar het is een meevaller waar we eigenlijk niet zo op zitten te wachten. Mijn vraag is eigenlijk: kan dit niet anders? Wat hebben we nu echt nog nodig in 2021? Want ik zou er eigenlijk de voorkeur voor hebben om wat meer door te schuiven naar 2022, zodat u bijvoorbeeld als college direct vanaf 1 januari meer geld kunt stoppen bijvoorbeeld in de bijzondere bijstand, daar hadden we het net ook al over, zodat we meer kunnen doen om sportverenigingen tegemoet te komen of bijvoorbeeld zelftesten te kopen voor mensen, die dat niet zelf kunnen betalen en ga zo maar door. Ik hoor graag van het college toch een beschouwing over: wat kunnen we nou anders doen met die € 1,8mln dan het maar laten vrij vallen in het resultaat straks in mei bij de jaarrekening en pas dan te gaan nadenken wat we ermee kunnen doen? Daar wil ik het bij laten. Mevrouw Van Olst, WIJ: Wij kunnen instemmen met deze slotwijziging. We willen het ambtenarenapparaat bedanken voor het uitgebreide rapport, dat we gezien het MIP, dat uitgebreid aan bod komt hierin, zeker als naslag er nog weleens bij zullen pakken.
Ik wil heel graag in aanvulling op voorgaande sprekers, waar ik het overigens mee eens ben, de aandacht vragen voor dit MIP. Tijdens de presentatie vertelde de heer T. dat de presentatie omtrent het MIP wordt uitgesteld naar een moment later als we weer een tafeltjesavond kunnen doen. Dit vond ik zeer opmerkelijk, omdat wij in de begrotingsbehandeling van vorig jaar, dus in november 2020, de eerste motie omtrent het onderwerp hebben ingediend. Deze MIP-workshop, zo wil ik het maar even noemen, is toegezegd. We zouden met een soort stofkam door alle investeringen gaan en kijken waar we nog kunnen sturen en wat er nog mogelijk is. Volgens mij zijn er daarna nog 2 moties achteraan gekomen, die hier verband mee hielden en is er ook een toezegging gedaan door de wethouder om dit zelfs voor de begrotingsbehandeling nog voor elkaar te krijgen. Dit is dus niet gebeurd. Nu wordt het weer verzet. Tot wanneer wordt het dan verzet? Hoelang duurt het presenteren op deze manier nog? We merken afgelopen jaar, dat het voeren van een tafeltjesavond via Teams ook prima is. Als voordeel vind ik het hebben, dat je juist meer door kan vragen en ook hoort wat de andere collega’s te zeggen en te vragen hebben. Dus ik wil heel graag oproepen, zonder dat er weer een motie moet worden ingediend of wat dan ook om een datum te geven wanneer deze virtuele tafeltjesavond wordt gepresenteerd.
Ik hoor ook heel graag wat de andere collega’s daarvan vinden. Ik wil het nou gewoon een keer van tafel hebben, want ik heb echt het idee, dat het telkens wordt uitgesteld en volgens mij is dat de bedoeling niet. Dank u wel. De heer Lieverse, CU: Iemand anders noemde het ook al, meneer T. heeft ons een keurig verhaal verteld kort geleden. Het is altijd erg prettig luisteren naar deze talentvolle onderwijzer. Maar over het stuk zelf. Het is een omvangrijk stuk en dat heeft ons verrast. Het is een soort van mini jaarrekening. Het
10/30
verbaast ons, omdat de jaarrekening 2021 er niet dunner op zal worden, terwijl we recent nog gehoord hebben dat de dienst financiën zelf problemen heeft met de personele bezetting. We hadden verwacht dat het puntiger en meer in grote lijnen had gekund. Het verbaast ook om een aantal inhoudelijke punten, ik noem er 2. In de zomer werd ons nog voor gerekend, dat er een tekort zou zijn van € 1,7mln eind van het jaar, daar zouden we op afstevenen. Nu lijkt het erop, dat we € 4,2mln in de plus zitten. Dat grote verschil van meer dan € 5mln, 5,5 wekt de indruk dat we niet in control zijn. Ik heb graag commentaar van het college op dit punt. Het lijkt ook een terugkerend probleem, zeg ik met een dubbele bedoeling, probleem. Als we op deze manier met een tegoed eindigen, dan hebben we misschien wel een beetje voor niets de afgelopen periode, net als vorig jaar, moeite gedaan om over bezuinigingen na te denken, waar het misschien niet zo hard nodig was. Dan over het coronafonds, waar al een paar opmerkingen over gemaakt zijn. We hebben te maken met een coronasteunpakket, we hebben te maken met een reserve crisismaatregelen en we hebben te maken met de mogelijkheden in het bestaand budget. Voor ons loopt het erg door elkaar heen als we naar de tabel kijken op met name blz.9 en 10. We krijgen het idee, dat een deel van die € 3,5mln misschien ook wel wat makkelijk uitgegeven is.
We weten dat er door het rijk een compensatie is gegeven voor de huur van sportverenigingsaccommodaties. Wij pleiten er niet voor, dat zeg ik voor de duidelijkheid, dat deze slotwijziging nu aangepast wordt, maar we zouden wel graag zien dat met name die tabel over diverse uitgaven voor coronaproblematiek in de jaarrekening wel duidelijk toegelicht worden. Tot zover. De heer Weerheijm, D66: Mevrouw Den Heijer komt later deze avond aan het woord, dus maakt u zich geen zorgen. Er zijn een heleboel goede opmerkingen gemaakt over de slotwijzigingen, die we hebben mogen ontvangen. Inderdaad iets dikker dan we van tevoren misschien gedacht hadden, maar op zich is dat niet heel erg, want het geeft een fijn naslagwerk voor de komende tijd. Het maakt de jaarstukken iets minder verrassend. Ik ben het eens met de heer Lieverse, dat we natuurlijk graag zouden willen zien dat we helemaal in control zijn en dat er niet zulke hele grote afwijkingen zitten. Deze grote getallen verbazen ook ons wel een beetje, maar aan de andere kant zijn de ontwikkelingen die geschetst worden door de heer Philippens ook gewoon waar. We zijn afhankelijk van een hele hoop aantal factoren, waardoor het ook echt niet altijd in te schatten is welke kant het nou opgaat met de gemeentelijke financiën. Dus fijn is het niet, maar kunnen we er echt iets aan doen? Daar twijfel ik ook wel een beetje aan.
Ook dank voor de goede toelichting, die we kregen van de afdeling financiën over de slotwijzigingen. Op dit moment heeft mijn fractie geen inhoudelijke vragen of opmerkingen over de jaarstukken. Ik wil alle sprekers bedanken voor alle goede opmerkingen die er gemaakt zijn. Dank u wel. De heer Ruijtenberg, GL: Ook ik zal de 5 minuten niet nodig hebben voor deze slotwijziging. Zoals de heer Philippens al heeft aangegeven, het is moeilijk om op een hoop dingen in control te zijn. Het zou een ideale wereld zijn als de gemeente Lansingerland helemaal zelf zijn eigen begroting zou kunnen maken en daarbij geen rekening hoeft te houden met externe factoren, echter, zo zit de realiteit nu eenmaal niet in elkaar. Ik begrijp de zorgen van de heer Lieverse over het wel of niet in control zijn, ik denk echt wel dat we onze financiële afdeling, niet alleen de ambtenaren maar ook de wethouder, een compliment mogen geven over het feit dat ze toch geacteerd hebben op een continu veranderend veld, waar een hoop financiële zaken in zitten. Wat ons betreft nemen we deze slotwijziging onverkort over, we hoeven het niet te gaan amenderen of moties op in te dienen, er is al heel veel over gedaan. Laten we nu ervoor zorgen, dat het goed voor elkaar is. Het kan wat ons betreft als hamerstuk naar de raad.
Ik heb alleen nog 1 vraag aan de heer Van Santen, die hoeft hij nu niet te beantwoorden, dat doen we wel een keer in een campagne ofzo. Als hij vindt dat de algemene reserve een oppepper kan gebruiken en ik zie dat die na de slotwijziging op € 88mln staat, dan vraag ik me af: wanneer is hij dan tevreden over de algemene reserve? Hoe hoog moet die zijn? Maar daar komen we later wel een keer op, voor nu wil ik het erbij laten. De heer Azzouzi, PvdA: Er is al veel gezegd, maar toch een korte bijdrage van onze kant. We danken het college en de organisatie voor de stukken. De slotwijziging is een dik boek geworden, dat geeft het gevoel dat veel (…) valt. De hoeveelheid aanpassingen baart ons zorgen, net als de andere fractieleden. Een extra reden om de zomerrapportage volgende jaren beter te positioneren, zodat wij beter kunnen bijsturen. Sterker nog, volgend jaar met de nieuwe verantwoordingswet 2022 is een laatste wijziging of een slotwijziging niet meer nodig, omdat je de begrotingsafwijkingen via de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarstukken kunt verantwoorden. Inhoudelijk hebben we nog 2 vragen wat betreft de investeringen. Ik sluit me aan bij WIJ wat betreft de MIP en de presentatie daarvan, maar het is duidelijk dat we nog niet in control zijn. Een boeggolf van investeringen van € 10mln wordt verschoven naar het volgende jaar.
Hoe ziet de wethouder deze blijvende ontwikkeling? De tweede vraag betreft de bezuiniging beleidsaccenten. Bij de begroting 2022 hebben we de beleidsaccenten van 2022 terug gedraaid of on hold gezet. We missen in deze rapportage de afwikkeling van die bezuinigingen in 2021 voor een bedrag van € 205.000. Is de bezuiniging doorgegaan? Kan de wethouder dit toelichten? Misschien de wethouder sociaal domein. Dank u wel.