[BV21.0219] Verslag CIE AB d.d. 8 dec 2021
Tekst van het document
Hoe dat precies moet, weet ik nog niet zo goed, want nogmaals, ik wil het eigenlijk structureel beschikbaar stellen, maar dan wel met de oproep om het zo incidenteel mogelijk in te zetten, zodat je straks als nieuwe coalitie nog de ruimte hebt om te zeggen: het was structureel beschikbaar gesteld, maar het is incidenteel ingezet, dat gaan we dan toch niet verder helemaal structureel maken en dat doen we dan in ruil voor één van die ombuigingen, die ook pijnlijk waren. Ik noem maar even o.a. de verhoging van de OZB. De heer Van Santen: Ik deel de zorgen, hoor, van de heer Ruitenberg. Structureel zo incidenteel mogelijk, een nieuwe soort categorie, waarvan ik dan denk: bedoelt u dan jaarcontracten? Legt u dat eens uit. De heer Ruitenberg: Ik zou het eigenlijk aan de creativiteit van het college willen overlaten. Ik kan me voorstellen dat als je 8 fte voor ICT gaat werven, dat het niet zo eenvoudig is. Of 11 fte, ik weet het niet helemaal, in ieder geval veel. Dat je ze niet allemaal 1, 2, 3 beschikbaar hebt. Het is best een lastige arbeidsmarkt, ik kan me voorstellen dat een deel toch wordt ingehuurd van bureaus en dat een ander deel een arbeidscontract krijgt aangeboden. In dat soort variëteiten kun je denken. Idem dito voor alle strategische adviseurs, die worden voorgesteld. Zo kan je misschien toch iets doen.
Dan stel je feitelijk als raad voor 2022 en daarna dat geld wel structureel beschikbaar, maar als het college het niet inzet houd je toch marge om dat later anders in te vullen en integrale keuzes te maken. Dat is eigenlijk mijn oproep. Mevrouw Van Olst, WIJ: Helaas heeft de heer Fortuyn bevestigd dat ik het goed zag. Volgens mij is het dan dus zo, dat er een miljoen nog bij komt om het plaatje op orde te krijgen bovenop wat er nu al ligt. Daar hebben we nu natuurlijk niets aan, maar voor het meerjaren plaatje wordt het dan natuurlijk echt een heel andere situatie, dan wordt het echt nog veel slechter. Dus daar spreek ik wel mijn zorgen over uit. Ik heb geen idee hoe je het zou kunnen oplossen. Inderdaad, creativiteit ten top moet ingezet worden. Het is natuurlijk inderdaad wel heel wrang, dat we zo’n berg geld hebben en dat je dan uiteindelijk toch keuzes moet gaan maken om of te bezuinigen of om de OZB omhoog, in ieder geval geen leuke dingen, moet gaan doorvoeren. Dus laten we hopen, dat er toch nog ergens geld van binnen komt, anders doe ik een beroep op de creativiteit van ons allen. Dank u. De heer Lieverse, CU: Ik heb geen aanvullende vragen. Ik had ook eigenlijk weinig vragen. Op wat ik naar voren bracht is goed op gereageerd door het college. Dank u wel.
Mevrouw Den Heijer, D66: We hebben uitleg gekregen waarom dit allemaal nodig is, iedereen verdedigt het op zijn eigen terrein. Het is een structureel plaatje, dat is begrijpelijk. Het blijft toch echt wel de vraag waarom dit nu allemaal opeens, op dit laatste moment, opgevoerd wordt. Ik krijg daar toch niet helemaal antwoord op. Het is lastig te bedenken dat het opeens dit jaar gekomen is, terwijl de plaatjes die neergelegd worden echt grote formatieverzoeken zijn, die had je toch meer opgeknipt ingezet kunnen hebben de afgelopen jaren. Het is lastig te begrijpen, dat dat niet gebeurd is. Dat het nu
22/30
structureel nodig is, hebben we heel goed begrepen. De verantwoording waar de VVD naar vraagt, krijgen we natuurlijk gewoon in de jaarrapportages: is het goed besteed, is het doelmatig geweest? Dat soort dingen komen daar weer terug, maar ook wij maken ons echt zorgen over dat meerjaren plaatje. Dat ligt dus niet alleen bij het CDA of bij de VVD, maar dat ligt ook echt wel bij ons. Hoe moet je daar nou naar kijken? Hoe kan je nou ook weer die nieuwe integrale afweging maken en dat gefaseerd aannemen, waar de heer Ruitenberg het over heeft, dat kan ik echt wel als een soort oplossing voor me zien. Zo snel gaat het niet, je hebt niet iedereen voor april al binnen, dus je zou er een faseringsplan voor kunnen gaan maken, waarbij je wel dat eindbeeld voor ogen houdt, maar dat je nog wel bepaalde go-or-no-go momenten kan inbouwen. Dat zie ik ook wel voor me. Ik zou echt willen verzoeken om het op die manier aan te pakken, omdat je dan nog een moment hebt, waarop je opnieuw weer kan afwegen welke bezuinigingen je opnieuw zou willen inzetten of welke verzwaren, die nu worden doorgevoerd, toch een tandje minder zou willen. Ik zie dat ook wel op die manier voor me. Ik ben benieuwd of daar een voorstel voor kan komen. Daar wil ik het bij laten. Dank u wel.
De heer Van Santen: Mevrouw Den Heijer komt een beetje met hetzelfde punt als de heer Ruitenberg en ik ben ook ontzettend voor creativiteit, maar eigenlijk komt het erop neer, dat je dan feitelijk een deel van het budget niet structureel vrij geeft. Het is een oproep aan het college van: doe uw best. Dat kan natuurlijk altijd, maar als je akkoord gaat, mag het structureel ingevuld gaan worden. Dat is een beetje mijn vraag. Is het een oproep of gaat het verder dan dat? Mevrouw Den Heijer: Ik heb het antwoord ook niet helemaal voor me inderdaad, dat heeft u goed gezien. Ik zit ook een beetje mee te denken hoe je dat op een goede manier kan doen, maar je weet gewoon: je hebt dat niet allemaal zo georganiseerd zoveel fte in één keer. Dat is echt wel een onderdeel van de oplossing, dat zou het kunnen zijn. Je kan het je ook voorstellen, dat je eerst een groepje aanneemt, dat ingewerkt moet worden en dan vervolgens het nieuwe team aannemen, dat ook weer ingewerkt moet worden, want zoveel in één keer heb je nooit binnen en zeker niet op een goede manier ingewerkt. Ik zie daar een soort fasering voor me, waarvan je kan zeggen: andere afwegingen zijn noodzakelijk. Zo zie ik het voor me, maar helemaal uitgewerkt heb ik het niet, zeker niet, maar daarom is het meer een oproep: zou daar een plan voor gemaakt kunnen worden? Een plan klinkt groot, een plan van aanpak.
De heer Ruijtenberg, GL: De zorgen over het meerjaren plaatje zijn door ons allemaal benoemd. Ik denk dat elke van de 8 partijen, die hier in dit huis vertegenwoordigd zijn, digitaal vertegenwoordigd zijn, dezelfde zorgen delen daarover, over de toekomst. Aan de andere kant, we zien wat er in 2021 gebeurd is met de begroting of bijdragen van de rijksoverheid, we weten dat we waarschijnlijk voor de Kerst of in januari een nieuwe regering gaan krijgen, waarbij dan ook weer nieuwe plannen gaan komen. We weten niet wat daar uit gaat komen. Aan de ene kant moeten we heel erg creatief zijn en moeten we na gaan denken over: hoe kunnen we ervoor zorgen dat we meer inkomsten krijgen? We kunnen ook vast gaan nadenken over een aantal dingen, die we niet moeten doen. Bezuinigen op duurzaamheid lijkt ons juist geen goed plan, daar moeten we juist in gaan investeren. Aan de andere kant: heel veel dingen weten we gewoon niet, er is ook heel veel onzeker. We moeten scherp zijn, we kunnen alle voorbeelden die er genoemd zijn, scherp aan de wind zeilen, op dun ijs schaatsen, en wat allemaal meer de revue is gepasseerd de afgelopen jaren, kunnen we voor ons laten. Waar we ons nu op moeten concentreren is toch deze begroting, er zijn nog teveel onzekerheden, teveel mitsen en maren. Hopelijk weten we in januari meer over de toekomst.
Voor nu wil ik het erbij houden, dat het als hamerstuk naar de raad kan. Dank u wel. De heer Azzouzi, PvdA: Dank aan de wethouders voor het beantwoorden van de vragen. Het pleidooi is helder. Nut en noodzaak is aangetoond. Ik had een vraag over urgentie. Ik ga geen hamerstuk zeggen, ik ga eerst overleggen met mijn fractie en andere fracties. Ik had nog een vraagje op het gebied van sociaal domein, de transformatie. We gaan investeren, maar wat gaat het ons opleveren aan de kostenkant in 2024 of 2025? Dat zie ik niet terug in het stuk. Dat was ik vergeten in mijn eerste termijn. Dank u wel. Wethouder Van den Beukel: Twee hoofdvragen voor mij om te beantwoorden. Allereerst iets over rapportage. Mevrouw Den Heijer zegt het goed, inderdaad in de jaarstukken, zoals te doen gebruikelijk, zult u kunnen terug lezen wat de stand van zaken is zowel wat betreft de intensiveringen als ook de impact van de intensiveringen, want uiteindelijk is dat waar het om gaat. Dat is ook wat we centraal geprobeerd hebben te stellen in het stuk dat vandaag op tafel ligt. Het doel en dan het doel in zo maatschappelijk mogelijke termen, want we zijn er niet voor onszelf, we zijn er om de maatschappij te dienen, dus dat komt zeker in de jaarstukken terug.
Vervolgens de vraag, die u allen heeft: hoe gaan we nou om naar het komend voorjaar met de noodzaak om ook flexibel te zijn, afhankelijk van de opgave die er dan is voor 2023? Er komt natuurlijk zoals gebruikelijk een heel uitgebreid formatiedossier. We gaan een beetje operationeel nu als we niet oppassen, maar het wordt opgewerkt en daarin is ook het strategisch personeelsmanagement centraal. Wel vanuit de ambities, vanuit die opgaven. Het zou zomaar kunnen zijn dat een nieuw college andere accenten zet. Dat zou onverstandig zijn, want dit zijn fantastische accenten, maar toch zou ik me dat kunnen voorstellen, dus die ambities zullen worden
23/30
bijgesteld, opgehoogd of flink worden verlaagd. Dat zal vervolgens consequenties hebben in financiële zin en die ruimte is er dan ook. De burgemeester kan er meer op detail ingaan als het gaat om de personeelsportefeuille, maar dat is hoe ik er als portefeuillehouder financiën naar kijk. Alle knoppen moeten natuurlijk weer beschikbaar zijn voor een volgende coalitie en met voldoende budgetflexibiliteit om te doen wat nodig is. Tot zover. Burgemeester Van de Stadt: Het gaat even over de vraag: hoe flexibel is dat structureel nu? Dat is de kern. Er zit een beetje een misverstand in het woordje structureel, want dat is lastig. Je praat over structurele middelen en die moet je ook structureel invullen als je daar structureel personeel voor aanneemt. Maar zo structureel is personeel in de praktijk niet. Laat ik een fictief voorbeeld doen: we hebben een ambitie X, die formuleert u morgen als raad en u zegt: ga ermee aan de slag. Het college schat in daar 4 fte voor nodig te hebben, daar nemen we 4 fte voor aan en we gaan dat uitvoeren. 2 jaar later komen we erachter, ook in overleg met de raad, dat die ambitie niet gehaald wordt of dat er aanscherping nodig is en dan komt misschien de vraag: er moet een vijfde persoon bij, want die 4 redden het niet. Dan vraag je structureel budget aan voor die vijfde persoon.
Als je 2 jaar later erachter komt dat het een tandje minder kan of dat het been bijgetrokken is, dan kan je ook weer terug. Het is niet zo, dat die aangenomen persoon dan wordt ontslagen. In mijn voorbeeld net, als mensen gemiddeld hier 10 jaar zouden werken, dan vertrekt er elke 2 jaar iemand. Op een willekeurig moment kan je er van uit gaan dat volgend jaar er wel weer iemand vertrekt. Dan ben je gewoon weer terug bij 4. Dus uw ambitie bepaalt die formatie. Uw ambitie is uit zijn aard flexibel, afhankelijk van de omstandigheden die er zijn. Het kan zijn dat u zegt in een bepaalde situatie, als we minder geld hebben: we stellen onze ambities naar beneden bij. Vaak noemen we dat bezuinigen, maar soms is het op sommige dingen wat minder gaan doen, dat hoeft niet altijd letterlijk bezuinigen te zijn, het kunnen ook ombuigingen zijn, zo’n raar woord. Of u zegt: die ambitie is zo belangrijk, dat we extra inkomsten moeten hebben. Dat personeel, onze medewerkers, zijn daarbij niet een sta-in-de-weg. Uiteindelijk, als u de ambitie bijstelt, dan zal op zo’n groot ambtelijk apparaat als wij hebben in zijn totaliteit altijd ruimte zijn om organisch te krimpen en te groeien. Er zijn ook heel veel medewerkers, die graag eens wat anders willen gaan doen, binnen de organisatie. Het opent ook perspectieven.
Het klinkt heel structureel, en de fte’s die hier gevraagd worden zijn ook bijna allemaal vrij specifieke functies, waarvan je kan zeggen die lang nodig te hebben, maar als je kijkt binnen het totaal van de teams, wethouder Van den Beukel gaf een voorbeeld op zijn beleidsterrein, maar het geldt voor de meeste beleidsterreinen, is de kwestie: hoe ambitieus zijn we? In het sociaal domein hebben we bijvoorbeeld veel extra werk op dit moment vanwege de pandemie. Het domein veiligheid idem dito. De BOA’s idem dito. Daar zitten al wat verschuivingen in. Ik hoop ook op mijn portefeuille ondermijning dat we op een gegeven moment kunnen afschalen op het moment dat wij de situatie hier meer en meer onder controle krijgen. Ik wil dat nog maar even mee geven. Volgens mij is dat echt het antwoord op het dilemma waar de heer Van Santen en de heer Ruitenberg tegenaan lopen. Het beantwoordt ook de invulling die mevrouw Den Heijer vraagt. Het is dus nooit in één keer morgen, je moet inderdaad werven, teams groeien, teams krimpen, het is niet fixet, op een gegeven moment komt er een functie vrij waarvan wij zeggen: die hoeven we niet in te vullen, want die taak is al grotendeels ingevuld. Ik noem maar even wat: verkoop bedrijventerreinen.
Toen ik hier kwam 6 jaar geleden hadden we 100 hectaren, ik weet niet hoeveel wethouder Van den Beukel er nog heeft, misschien wel nul ongeveer, ongetwijfeld is organisch dat verkoopteam gekrompen. Neemt u dat niet te letterlijk. Ik denk dat er te allen tijde ruimte is voor uw ambities, als die terug moeten, als er de wens is om dat terug te schroeven of we moeten dat doen, om daar gewoon organisch in mee te groeien. Deze specifieke functies vallen echt onder iets wat op dit moment echt noodzakelijk is en structureel. Het is een structurele functie, maar zo structureel is het misschien niet als je over begrotingstermen en mensen praat. Dank u wel. De heer Van Santen: Een duidelijk verhaal, dank daarvoor, die gaan we mee nemen, hopelijk. Een vraag die ik heb: welke plekken komen er op een gegeven moment vrij, mocht dat inderdaad nodig zijn? Hoe is het verloop de afgelopen jaren binnen? Dat is de ruimte die er eigenlijk is. Kunt u dat aangeven? Burgemeester Van de Stadt: Dan moet ik een beetje in mijn geheugen grijpen en dan moet u mij vergeven als ik ernaast zit. Ik zei voor de grap 10 jaar, dus 40 per jaar. Ik denk dat het eerder 60, 70 per jaar is. Er is echt wel flink verloop. Dat hoort ook gewoon bij de moderne arbeidsmarkt. Als ik alleen al kijk naar het team communicatie, hoe aan die mensen getrokken wordt en hoeveel verloop er is.
Voor goede mensen die vertrekken weer goede mensen terug krijgen, dat hoort er gewoon bij en zou ik ook zeker niet negatief willen duiden. U heeft het ook in het VNG magazine kunnen lezen. Er zijn landelijk zo’n 9.000 vacatures bij de gemeenten, er zijn gewoon enorm veel kansen en mensen vinden het gewoon leuk en dat begrijp ik ook. Mijn vrouw is net na 4 jaar ook van werkgever veranderd en niet omdat ze de werkgever niet leuk vond, want ze vond het hartstikke leuk, maar na 4 jaar liggen er gewoon kansen. Ik kan het u te allen tijde doen toekomen, meneer Van Santen, als u dat wilt, maar u moet echt denken aan 40, 60, dat soort aantallen. Misschien is dat goed voor het formatiedossier anders. Mevrouw Van Olst: Even voor de duidelijkheid. Dat mensen van baan veranderen is natuurlijk zo, ik ben pas ook van baan veranderd. Maar het gaat nu om 11 fte, als ik het over ICT heb, 11 fte uitbreiding, die noodzakelijk moet worden op 25 fte. Dus dat zijn extra mensen. Wat heeft het ermee te maken, dat er een verloop komt?
24/30
Dan wordt er toch extra geld uitgegeven? Burgemeester Van de Stadt: Zeker, mevrouw Van Olst. We moeten onderscheid maken, daarom is het ook 3.a en 3.b. De ICT is onderdeel van het totale plaatje van functioneren van de gemeente en essentieel onderdeel om alles mogelijk te maken. Dat we op tijd een uitkering betalen, dat we op tijd een vraag beantwoorden, dat onze handhavers op tijd kunnen ingrijpen. Dus dat is echt ondersteuning. Dat soort basisvoorwaarden heb je heus niet zoveel keuze in, uiteindelijk heb je iemand nodig die salarissen betaalt bij wijze van spreken. Maar we hebben ook heel veel uitvoering, we hebben heel veel projecten, we besteden veel tijd en aandacht, dat is een wens die ik graag met de raad deel, dat we goed omgaan met burgerparticipatie. Dat is allemaal intensief werk, daar heb je mensen voor nodig. Ja, mevrouw Van Olst, er zit echt een structurele component in. Deze fte’s, maar op andere plekken zullen er altijd weer fte’s verdwijnen. Bovenal wil ik aangeven: dit is gebaseerd op de huidige ambitie van de huidige raad. Het kan zijn dat de volgende coalitie of wel andere ambities heeft, kan ook meer, of gedwongen is om ambities bij te stellen en dan bewegen we als ambtelijke organisatie daar prima in mee.
Dat is het verhaal: u bepaalt de ambitie als raad, u geeft de opdracht aan het college om beleid te maken en uit te voeren en wij hebben daarvoor de handjes nodig. Als u mij morgen opdracht geeft om Rotterdam te veroveren, zal ik u ook vragen om handjes om dat te doen, want anders wordt het wat utopisch. Maar u bepaalt of we het gaan doen. Wethouder Fortuyn: Ik zou de burgemeester voorstellen eerst maar eens Bleizo-West te veroveren, dat lijkt me overzichtelijker dan Rotterdam. Maar dat even bezijden. Ik heb eigenlijk niets toe te voegen aan hetgeen Pieter zojuist heeft betoogd en wat ook mijn collega’s hebben betoogd in de eerste termijn. De basis op orde krijgen, want dat is het, we zakken door het ijs. Dat is geen keuze meer, het is gewoon noodzaak. Dus die fte’s zijn gewoon structureel. Daar willen we geen misverstanden over laten bestaan. Het kan niet zo zijn, dat we allerlei domeinen laten zwemmen met een ICT die niet voldoet aan de dienstverlening, zoals wij die aan onze burgers willen bieden en moeten bieden. Ik wil inhaken op wat meneer Ruitenberg aangaf: die € 88mln is leuk, maar ik bedoelde het meer als beeldvorming. Je bent een ‘rijke gemeente’ en tegelijkertijd ben je je hele dienstverlening aan het ondermijnen en dat is niet goed. We moeten de keus maken, wij hebben de keus gemaakt zoals we hem hier neergelegd hebben.
De ICT is een structurele opgave, daar moeten we met elkaar de noodzaak van inzien. Meneer Van der Stadt heeft het uitvoerig toegelicht, ook de overige collega’s. Ik pleit er zeer voor om het ICT gedeelte in ieder geval, maar ook de andere 2 opgaven die er liggen, zowel in het sociaal domein en in de duurzaamheid, dit op te nemen. We lopen niet weg voor de opgaven straks naar 2023 toe en de volgende jaren. We hopen dat er meer duidelijkheid is in de begrotingen, want het is heel erg lastig begroten als je niet weet hoe het rijk met jou omgaat. Oftewel: geen geld, geen Zwitsers. Voor dit moment zou ik zeggen, dat we met elkaar hiervoor moet kiezen, dit is een noodzakelijk iets. Fte volgt beleid en wat ICT betreft is het geen keuze, het is gewoon bittere noodzaak. Dat wilde ik nog even toevoegen aan dit geheel. Het is nu aan de raad. Wethouder Cnossen: Ik had nog 1 vraag van de heer Azzouzi van de PvdA. Hij had nog de vraag over de investering sociaal domein: wat levert dat op in kosten? Als wij in de jeugdhulp inderdaad het geld beschikbaar stellen, dat het rijk ons beschikbaar heeft gesteld, dan levert dat niet zozeer direct en bezuiniging of wat dan ook op, maar wel dat we kinderen helpen en daar is het geld uiteraard voor bestemd.
Ik hoop op de langere termijn, dat we wel kosten gaan besparen, doordat de specialistische jeugdhulp of minder wordt of dat we dat op een betere manier organiseren. Een lange adem, maar we hebben nu te maken met die wachtlijstproblematiek en we moeten er wat mee. Ik ben blij, dat het rijk dit geld beschikbaar heeft gesteld. De voorzitter: Dan gaan we afronden. Ik heb in ieder geval gehoord, dat de fractie van L3B mogelijk een amendement wil indienen. Ik heb ook gehoord dat de fractie van de PvdA het niet als hamerstuk wil hebben, ze willen nog terugkoppelen naar de eigen fractie. Ik denk dat dit agendapunt als bespreekstuk naar de raad van 23 december moet gaan. Ik zie instemmend knikken van andere collegae. 6.c Vaststellen legesverordening en belastingverordeningen met bijbehorende tarieven 2022 De heer Azzouzi, PvdA: Heel kort. We kunnen instemmen met het voorstel. Wat ons betreft een hamerstuk. De heer Ruijtenberg, GL: Wat ons betreft ook als hamerstuk. Complimenten. Goed dat de bouwleges voor scootmobielstelling met 100% verminderd worden, die worden dus afgeschaft, dat is goed voor mensen in de WMO. Vermindering in groenleges niets doorbrekend, lijkt me ook logisch, het is een afwijking van minder dan € 50.000, waar heb je het dan over? Al met al, wat ons betreft ook een hamerstuk.
Mevrouw Den Heijer, D66: Nee, we hebben geen opmerkingen over dit stuk, voor ons is het ook een hamerstuk. Dank u wel.
25/30
De heer Lieverse, CU: Er zijn behartigenswaardige dingen te zeggen over de vergroening van de leges. Ik heb begrepen uit de overlevering dat (…). Alsnog een compliment daarvoor. Voor ons een hamerstuk. Mevrouw Van Heusen, WIJ: We hebben slechts één tekstuele opmerking en die gaat over het raadsvoorstel. Op blz. 6 bij punt 1.2, onroerende zaakbelasting, in de tweede alinea, ik citeer: aannemelijk is dat de volledige OZB heffingen in onze gemeente ook verlegd is aan de huurders dan wel verschmerzd is in het huurtarief. Ik val over het woord verschmerzd. Er zijn dagen dat ik het niet gebruik. Kan dat veranderd worden in ingecalculeerd of verdisconteerd, want dat is wat er bedoeld wordt. Dat is een verzoek. De heer Ruitenberg, CDA: Wij hebben eigenlijk één opmerking. Die betreft de OZB voor niet-woningen. Daar is ook een technische vraag over gesteld. Wij vinden het enorm belangrijk, dat daar heel goede communicatie over plaats vindt en ook tijdige communicatie, dus niet pas als de aanslag wordt verstuurd, maar zo snel als mogelijk, eigenlijk had het misschien al verstuurd moeten zijn, want in de meeste gemeenten die dit soort dingen doen, versturen dat al een jaar van tevoren, zodat huurcontracten daarop aangepast kunnen worden, maar dat is bij ons natuurlijk niet zo.
Bij pandeigenaren denken we natuurlijk aan mensen die heel veel panden hebben en soort grootgrondbezitters zijn, maar er zijn ook mensen, die dat hebben als onderdeel van hun pensioen of iets dergelijks, dat zijn mensen met een modaal inkomen. Als je dan ineens de OZB dubbel voor je rekening moet nemen en je kan dat niet doorleggen naar de gebruiker, dan kan dat best een klap zijn. Ik denk dat het heel belangrijk is om dat super snel in orde te hebben, eigenlijk het liefst nog voor de kerst, dat er een eerste brief de deur uit gaat, want het is belangrijk dat mensen er goed op voorbereid zijn. Als laatste zou ik nog willen zeggen, dat als het aan het CDA ligt volgend jaar deze lijst met verordeningen er één verordening minder is, dat is die van de hondenbelasting. Misschien heeft u ons verkiezingsprogramma nog niet gelezen, maar wij zijn het er niet mee eens dat dat wordt afgeschaft en dat er een nieuwe wordt toegevoegd, namelijk van de forensen- en toeristenbelasting. Dank u wel. De heer Van Santen, VVD: Wordt het toch nog een fantastische avond als ik het zo hoor. Mevrouw Van Heusen, gecomplimenteerd met de mooie uitspraken, ook al is het woord niet de bedoeling, ik kan het u niet nadoen. Voor ons is het een hamerstuk. Ik wilde ook iets zeggen over de OZB niet-woningen. We zijn blij dat het samengevoegd wordt, het eigenaars- en gebruikersdeel.
Daar hebben we al eerder voor gepleit, dat het nu geëffectueerd wordt, daar ben ik blij mee. Ik ben het met de heer Ruitenberg eens, dat er wel aandacht gegeven moet worden aan de communicatie, dat dat op een goede manier gebeurt. We hopen dat ook, dat het enigszins de leegstand tegen gaat. Dat is natuurlijk ons doel hiermee. Dank u wel. Mevrouw Gielis, L3B: Uiteraard, meneer Van Santen, zijn wij het volledig met u eens als het over communicatie gaat, dat is altijd mijn toverwoord geweest. Over hondenpoep, het CDA, voor ons is het een hamerstuk, maar ik wil er toch wel iets over zeggen onder het motto ‘een hondenkakje hoort in het zakje’ stelt onze gemeente die zakjes gratis ter beschikking en daar zijn we gewoon heel content mee. Wij vinden het gewoon fijn, dat de kosten, die geïnd worden op deze manier, volledig worden uitgegeven aan hondenbezitters. Hondenbezitters zouden het ook heel fijn vinden extra uitrenvelden, extra uitbreiding van het aantal afvalbakken, het regelmatig legen van die bakken. Dat is niet alleen voor de hondenbezitters fijn, maar voor iedereen in Lansingerland. Verder is het voor ons een hamerstuk. Dank u wel. Beantwoording college Wethouder Van den Beukel: Twee punten heb ik genoteerd. Een belangrijke opmerking over het woord ‘verschmerzd’. Het is een keuze tussen twee kwaden, want verdisconteren is een latinisme en verschmerzd is een germanisme.
We gaan op zoek naar een goed Nederlands woord om onze moerstaal te gebruiken in dit stuk. Dus dat is een toezegging. Vervolgens iets inhoudelijker, een stuk communicatie over OZB niet-woningen. Een terecht punt van de heer Ruitenberg, waarop aangesloten wordt door mevrouw Gielis en de heer Van Santen. Onlangs een concept brief goedgekeurd die separaat zal worden verstuurd naar de mensen die bij ons bekend staan als verhuurder van vastgoed dat het betreft. Separaat, dan bedoel ik separaat van de aanslag, die in januari zal komen, zodat een gewaarschuwd mens voor 2 telt en onderzocht kan worden hoe e.e.a. verlegd of doorgelegd kan worden, want dat kost tijd. Dit is het moment dat we die brief kunnen versturen, na vanavond of eigenlijk na de raad, waar dit stuk wordt vastgesteld, daarom heb ik hem niet eerder willen en ook niet kunnen versturen. Maar na de raad zal die z.s.m. op de post gaan via het adressenbestand van de SVHW, als het even kan voor de Kerst en anders wordt het daarna. Wat ik ook heb georganiseerd of voorgesteld, om even het concept daarvan tegen Ondernemend Lansingerland en VNO-NCW Oostland te laten houden om hen hierin goed mee te nemen. Ze worden vaak gevraagd als vraagbaak voor ondernemers, dat is goed en logisch, dus het is
26/30
belangrijk dat we de achtergrond hiervan, wat details, ook echt zorgvuldig met hen delen, zodat we dit geen verrassing laten zijn en waardoor we mensen voor een verrassing zouden stellen. Dat waren de vragen aan mijn adres. Tweede termijn Mevrouw Van Heusen, WIJ: Misschien is ‘verrekend’ dan goed? De heer Ruitenberg, CDA: Dank aan de wethouder voor zijn uitgebreide toelichting rond de communicatie, dat stelt gerust, dat het op deze manier gaat plaats vinden. Ook heel goed om het tegen VNO-NCW en Ondernemend Lansingerland aan te houden. Richting mevrouw Gielis zou ik willen zeggen, dat helder is dat wij op dit moment meer belasting ontvangen van hondenbezitters, dan we aan kosten maken. Dan heb je dus een willekeurige groep inwoners, die meer belast wordt dan de rest en dat vinden wij niet eerlijk. Vandaar. Mevrouw Gielis, L3B: Dan zou ik toch graag van de wethouder willen horen of het correct is wat de heer Ruitenberg net heeft verteld. Wethouder Van den Beukel: Voor zover mij bekend, maar is niet heel nauwkeurig onderzoek verricht naar de totale uitgaven voor hondenfaciliteiten in Lansingerland, dat zouden we kunnen doen, kost wel weer inzet, maar voor zover mij bekend is het inderdaad zo dat de opbrengsten ruim de kosten overstijgen.
De heer Van Santen, VVD: Een jaar of 2, 3 geleden hebben we er onderzoek naar laten doen in de gemeente en toen bleken inderdaad dat de opbrengsten de kosten ver overstegen, dus het verhaal van de heer Ruitenbeg klopt. De voorzitter: Kan ik constateren, kan ik vast stellen, dat dit een hamerstuk wordt voor de raad van 23 december? Ja? Oké, dan is dat het geval. 6.d Verordening Bedrijveninvesteringszone (BIZ) Bedrijvenpark Rodenrijs De voorzitter: Het gaat om een verlenging. Mevrouw Verhoef, PvdA: Het is een helder verhaal, deze verordening. De stichting BIZ wil graag doorgaan onder de huidige wetgeving. De gemeente gaat dat volgens de richtlijnen bekostigen via een subsidie. Er wordt nu eerst een draagvlakmeting uitgevoerd over dat plan, dat er nu ligt, mogelijk licht aangepast. Alleen als dat positief is, als er een positieve uitkomst is van de draagvlakmeting, dan wordt de verordening vastgesteld. Ik vind dat een heel nette manier om dat te doen. Het is ook goed om een verordening BIZ te hebben, omdat het de ruimtelijke kwaliteit van het bedrijventerrein ten goede komt en ook de veiligheid. Voor ons is het een hamerstuk, we hebben geen vragen of opmerkingen. De heer Ruijtenberg, GL: In dit geval sluit ik me geheel aan bij de PvdA. De heer Weerheijm, D66: Wij hadden ook geen aanvullingen of vragen hierover. Een hamerstuk voor ons.
De heer Lieverse, CU: Dat de heer Ruijtenberg zich kan aansluiten bij de PvdA is misschien vooruitlopend op een close samenwerking. Dat gaat de CU niet doen, die samenwerking, maar we sluiten ons wel aan bij de inhoud van de woorden. De voorzitter: Voor u dus ook een hamerstuk. Mevrouw Van Heusen, WIJ: Goed om te vernemen, dat de ondernemers de samenwerking in de BIZ willen voortzetten en dat de gemeente deze procedure volgt. Hamerstuk. De heer Ammerlaan, CDA: De BIZ is iets wat ik omarm. Ik ben initiatiefnemer diverse malen bij winkelcentra geweest. We lezen dat ondernemers zelf graag willen verlengen. De gemeente is erg blij met hoe het de afgelopen periode is verlopen. De BIZ voorkomt freeriders, dat is een belangrijk gegeven daarin. (….) Het is ter voorkoming van freeriders en dat is heel belangrijk, want anders betaalt de één wel en de ander niet. Samen bereik je meer, dat is altijd heel belangrijk. We lezen dat het ondernemers samen brengt. Conclusie: iedereen tevreden, verlengen dus. Er moet wel een draagvlakmeting worden gehouden. Even een winstwaarschuwing, ik heb het eerder meegemaakt. Men denkt: het gebeurt wel. Die meting moet wel aandacht krijgen, dat er ook verlengd gaat worden, want het kan ook weleens tegenvallen. Als er net te weinig aandacht is vanuit de gemeente of vanuit de ondernemers, dan zit je er ineens naast. Dat even de waarschuwing. Hamerstuk.
De heer Van Santen, VVD: Wij zijn vanzelfsprekend voor. Hamerstuk.
27/30
Mevrouw Gielis, L3B: Ik had een verhelderende vraag, maar ik kan hem nu niet vinden, want bij mij is alles uitgeschakeld nu. Hebben jullie alsjeblieft nog 2 seconden? Ja. Art.5 meldt over die draagvlakmeting, dat de straten binnen het afgebakende gebied worden vermeld. Ondernemers die geen stembiljet hebben ontvangen, kunnen dat melden bij info@lansingerland.nl. Hoe weten die inwoners dat ze geen stembiljet hebben ontvangen? Wethouder Arends: Ik hoor van de volledige meerderheid dat hier positief op gereageerd wordt en daar ben ik blij mee. Volgens mij willen wij zoveel mogelijk de verantwoordelijkheid bij de ondernemers zelf laten en dit is echt een heel goede manier. De heer Ammerlaan zegt terecht: die draagvlakmeting moet nog wel gedaan worden. Het is weleens bij een bedrijventerrein gebeurd, dat was in Bergschenhoek, waar te weinig draagvlak was. Dan gaat het inderdaad niet door. We hebben wel goede hoop, dat het in Rodenrijs is. De voorzitter van de vereniging daar trekt er ook hard aan, er zijn veel ondernemers die het echt graag willen, dus we hebben echt heel goede hoop daarvoor. Mevrouw Gielis vraagt: hoe weet iemand dat ze geen stembiljet krijgen? Nee, dat klopt. Er is een stembiljet, maar er wordt ook op andere manieren aandacht aan gegeven, ook in de nieuwsbrief.
Ook wij als gemeente hebben een brief gestuurd voor de ondersteuning, die wordt ook gedeeld met alle ondernemers op het bedrijventerrein. We hopen daarmee dat alle ondernemers daarvan goed op de hoogte zijn en dat het belangrijk is dat ze gaan stemmen. Mochten ze geen stembiljet hebben, dan hoop ik dat ze aan de bel trekken. Zo gaat het, ze worden op verschillende manieren geïnformeerd. Volgens mij was dat de enige vraag en dan is het aan u of u er een hamerstuk van gaat maken. Tweede termijn Mevrouw Gielis, L3B: Voor mij geen verhelderende vraag meer. De voorzitter: Voor u ook een hamerstuk? Mevrouw Gielis: Ja, zeker. De voorzitter: Dan heeft iedereen aangegeven, dat het een hamerstuk is, dus dan wordt het een hamerstuk voor de raad van de 23e. 7a. Actualiteiten uit het college Burgemeester Van de Stadt: Ik heb een kleintje, maar misschien kan ik ook nog een mededeling doen, die eigenlijk onder verbonden partijen valt. De eerste kleine mededeling is, dat er dit jaar mede in overleg met onze collega’s binnen de veiligheidsregio geen live nieuwjaarsreceptie zal zijn. Helaas, maar gezien de maatregelen is dat niet op verantwoorde wijze te organiseren en dat zal in principe ook nergens in de regio gebeuren.
Ik kan u ook zeggen, dat in plaats daarvan ik vandaag een drietal filmpjes heb mogen opnemen met een Kerstboodschap, een vuurwerkboodschap richting de jongeren en een nieuwjaarsboodschap, die op gezette tijden de lucht in zullen gaan. Maar helaas, daar moeten we het mee doen. Ik hoop dat het wat is, die filmpjes, want ik ben nooit zo overtuigd van mijn eigen acteurskwaliteiten, ik heb toch liever een live receptie. De grote mededeling, of serieuze mededeling, op verbonden partijen: een aantal van u is vorige week bij de presentatie geweest over het budget van de veiligheidsregio en de verdeelsleutel van dat budget. Dank daarvoor, dat u daar was. Ik kan u zeggen, dat vandaag het algemeen bestuur unaniem akkoord is gegaan met beide voorstellen, dus daarmee is een grote hobbel genomen. Er moet nog wel het e.e.a. door de raden geaccordeerd worden, maar alle bijeenkomsten met de raden zijn eigenlijk heel positief verlopen. Alle raden, ook degene die nadeelgemeente zijn en bij wie het echt pijn doet, staan wel achter het principe lijkt het, dus ik heb goede hoop dat dat nu in de komende periode afgerond wordt, wat voor Lansingerland natuurlijk goed nieuws is, een flinke extra investering in de veiligheid en met name de brandweer enerzijds en anderzijds een verlaging van de Lansingerlandse bijdrage.
Dat in het licht van eerder de avond gesomber, zal ik maar zeggen, de zorgen die er waren, dan is dit een klein lichtpuntje daarbij. Dank u wel. Wethouder Van den Beukel: Om u een brief te besparen een klein punt over Dunea, als dat mag, als verbonden partij. Het volgende wil ik graag met u delen. Er is een aandeelhoudersvergadering geweest van Dunea eind november, nog niet zo erg lang geleden en daar is een aantal uitdagingen besproken voor de vennootschap. Het is vanzelfsprekend, voldoende drinkwater, maar dat is toch niet zo vanzelfsprekend als het lijkt. Er moet heel veel meer drinkwater worden gemaakt en het is steeds lastiger om drinkwater te maken. Er komen vele miljoenen kubieke meters bij de komende tijd en dat betekent dat er fors moet worden geïnvesteerd in waterbronnen en infrastructuur. Neem bijvoorbeeld Wilderszijde, daar moet tijdig een wateraansluiting worden gemaakt, infrastructuur, noemt u het allemaal maar op. Naast die investeringen nemen ook de operationele kosten toe, bijvoorbeeld voor veiligheid en ook voor het voldoen aan die strenge PFAS normen, waarover we in de krant allemaal lezen. Dus dat betekent dat uiteindelijk de aandeelhouders hebben ingestemd met het plegen van die investeringen en daarmee ook met een stijging van de kosten voor het water. Dus komend, voor het eerst
28/30
in jaren, moet die waternota stijgen. Voor een gemiddeld 2-persoonshuishouden betekent dat een stijging van € 10 op jaarbasis. Helaas. Tegelijkertijd is er ook nieuws dat dit weer verzacht, namelijk vanaf 2021 loopt de overgangsregeling voor de precarioheffing op kabels en leidingen af, waardoor er geen precarioheffing meer in rekening wordt gebracht op de waternota. Dus netto is de kostenstijging voor onze inwoners zeer summier. Dan vraagt u zich af: wat is zeer summier? Het antwoord daarop is: voor een gemiddeld huishouden is dat € 0,30. Dus dat is dan weer een meevaller vanwege die samenloop van die 2 zaken, precario enerzijds en de kosten anderzijds, maar niettemin is het een ontwikkeling, waarvan het goed is dat u ervan op de hoogte bent. Tot zover. De heer Van Santen, VVD: Waren we al bij verbonden partijen? Ik wil iets bij verbonden partijen zeggen. 7b. Actualiteiten uit de commissie De voorzitter: Zijn die er nog? Dat is niet het geval. 7c. Verbonden partijen De heer Van Santen, VVD: Afgelopen week was ook de adviescommissie economisch vestigingsklimaat voor alle raadsleden, die daar in zitten.
Daarin zijn we geïnformeerd over de fantastische innovatieve initiatieven, die er zijn in de regio, waar de MRDH een rol speelt om een initiatief te helpen opstarten om het daarna zonder financiële ondersteuning van de MRDH zelfstandig verder te laten gaan, vaak met hulp van de provincie. Mijn voorstel is om via een informatiesessie als raad kennis te nemen van deze mooie ontwikkelingen, deze mooie initiatieven, waar ook een aantal ondernemers weliswaar via Teams vol passie hun initiatief hebben gepresenteerd. Ik merkte ook bij andere raadsleden, waar we af en toe weleens kauwen op dikke stukken, dat dat veel energie gaf. Ik dacht: misschien is het aardig om een keer te vragen aan de MRDH, als daar tijd voor is in onze agenda, daar een informatiesessie over te houden. Als u dat goed vindt, ga ik dat de griffie vragen te organiseren. De voorzitter: Ik kijk even naar de commissieleden. Kunnen die ermee instemmen? Ik denk het wel, ik vind het een goed idee. Ik denk dat u dat kunt doen, met de griffie contact daarover opnemen, dat lijkt een goed idee. 8. Rondvraag en sluiting Mevrouw Van Olst, WIJ: Nota bene in het weekbericht van de PvdA stuitten wij op het Statenvoorstel van de Provinciale Staten, waaruit blijkt dat Bleizo-West de bestemming houdt zoals deze nu is, dus bedrijventerrein en windmolenlocatie.
Dit bericht kwam op 2 november net nadat we als raad besloten hebben dat we verder gaan met de proeftuin in Bleizo. We kregen dat bericht dus niet op 2 november, er is geen belletje geweest, geen mailtje, niets, want er wordt namelijk nogal wat gevraagd, dus dat hadden we wel verwacht. In het voorstel staat, dat om deze bestemming te kunnen veranderen, is volgens de provincie een nadere gemeentelijke onderbouwing en besluitvorming nodig. De onderbouwing moet ingaan op energie, wonen, economie en een gezonde leefomgeving en dit moet tijdig gebeuren. De vergadering staat gepland voor 2 februari 2022, behoorlijk snel dus. In de stukken zien we dat op 16 december een vergadering is van AB Bleizo. Mijn vraag is: wat wordt de boodschap daar? Is er invulling gegeven aan de oproep, die de raad deed in een motie van 28 oktober om in gesprek te gaan met de provincie? Kan de wethouder uitleggen hoe hij dit zo spoedig mogelijk nader kan onderbouwen en het tijdig, dus voor 2 februari 2022, kan laten besluiten door beide gemeenten? Nogmaals, ik vind het als raadslid onbegrijpelijk, dat ik dit soort belangrijke info moet lezen via het weekbericht van de PvdA, waarvoor overigens hartelijk dank. Volgens mij is het raadzaam, dat het college dit soort brieven en notities expliciet bij de raadsleden onder de aandacht brengt. Graag hoor ik ook wat de wethouder hiervan vindt.
Wethouder Arends: Zoals mevrouw Van Olst terecht stelt, staat er een vergadering gepland op 16 december. Eind van de dag is dat een AB vergadering van Bleizo, maar ook die dag staat er een bestuurlijke bespreking met de provincie als het gaat over Bleizo-West. Dan gaat het over dit onderwerp en dan komen inderdaad deze punten langs. We hebben op dit moment nog geen standpunt of boodschap, we zijn te midden van de ambtelijke voorbereiding daarop. We gaan bij de vergadering met de gedeputeerde eerst de vragen die leven bij hen inventariseren om daarop gezamenlijk een antwoord te dichten. De datum van 2 februari, waarop een besluit moet worden genomen, is op zich niet zaligmakend, want dit mag namelijk ook later in het jaar plaats vinden. We houden u in elk geval goed op de hoogte van de ontwikkelingen rondom Bleizo, zeker als het college daar een standpunt over heeft ingenomen. Echter, voor nu is het nog niet klip en klaar, ons standpunt of de boodschap, enkel en alleen dan dat wij de vragen die leven bij de provincie inventariseren en we gaan bespreken hoe hier inhoudelijk op te reageren. Dank u wel. Mevrouw Van Olst, WIJ: Ik ben blij, dat ik begrijp, dat er niet direct bloed uit vloeit, maar dat u zegt dat u mij goed op de hoogte houdt, daar ben ik het absoluut niet mee eens, want ik vind gewoon dat dit niet kan.
Het kan toch niet zijn, dat ik afhankelijk ben van de speurneuzerij van mevrouw Verhoef, dat wij
29/30
achter dit voorstel komen? Ik vind dat er wel iets aan de hand is. We hebben met zijn allen een heel langdurige vergadering gehad met allerlei moties en nu ineens blijkt, dat er grote bezwaren zijn en dat er een soort van haast geboden is. Mevrouw Den Heijer, D66: De vraag van WIJ vind ik heel terecht. Wij hebben dit stuk ook net ontvangen en gelezen en we waren ook redelijk verbaasd dat we dat niet actief toegezonden hebben gekregen van het college. Er staan toch echt wel dingen in, die erg belangrijk zijn voor de voortgang van het project. We hebben een motie gemaakt met de VVD en het CDA, waarin punten staan, dat het van belang is om dit af te stemmen met de provincie. Er wordt nu klip en klaar door het college van de provincie ZuidHolland aangegeven, dat ze het plan niet zien zitten. Dat is toch echt wel even een breuk in het proces. Dat er nu een leeg antwoord komt van mevrouw Arends, dat vind ik onbegrijpelijk, er moet echt meer uitleg komen. Er zijn harde randvoorwaarden gesteld, gezondheid is niet op orde zeggen ze, het woningbouwprogramma is niet op orde en ook de locatie is nog niet onderzocht. We staan nu wel een beetje op het punt hoe we daarin verder moeten. Ik zou wel iets meer antwoord en duiding m.b.t. waar we nu staan willen hebben.
De heer Ruitenberg, CDA: Ik verbaas me een beetje over de verbazing van mevrouw Van Olst, want wij zijn helemaal niet verbaasd over de zorgen van de provincie. Die delen wij volledig. We vinden het ook volkomen legitiem, dat de provincie dit doet. Ik denk dat het onderschrijft waarom het amendement, dat wij destijds hebben ingediend, maar niet op uw steun kon rekenen, eigenlijk meer waardering had verdiend. Dank u wel. Mevrouw Verhoef, PvdA: Ik sluit me aan bij de woorden van mevrouw Van Olst en mevrouw Den Heijer. Ik heb nog wel een vraag. De wethouder zegt inderdaad niet veel, behalve dat ze in gesprek gaat op 16 december, dat de deadline van 2 februari niet hard is. Mijn vraag is: waar baseert u dat op, dat die deadline niet hard is? Mijn tweede vraag is: wat bedoelt u met ‘het college heeft nog geen standpunt ingenomen’? Een standpunt waarover? Wordt er een standpunt van u gevraagd? Of wordt er gewoon een heldere reactie op de pijnpunten van de provincie van u gevraagd? Wethouder Arends: Hele begrijpelijke vragen van mevrouw Van Olst, mevrouw Den Heijer en zeker ook van mevrouw Verhoef. Want natuurlijk willen we allemaal weten hoe dit vervolg moet krijgen. Ik kan u daar op dit moment echt inhoudelijk nog geen antwoord op geven.
We zijn druk doende, eigenlijk het hele college breed, om een goede voorbereiding te maken ook voor de bestuurlijke bespreking, die gaat plaats vinden met de provincie. De rondvraag luidde vandaag ook: wat wordt de inbreng tijdens de algemeen bestuursvergadering van Bleizo? Het eerlijke verhaal is, dat we echt dat gesprek met de provincie willen aangaan om te kijken hoe zij daarin staan. U weet hoe het college erin staat. Als u zegt een standpunt, dat gaat over een reactie op de brief en daarnaast natuurlijk dat de gedeputeerde de Staten informeert. Dat doen zij natuurlijk zelfstandig. Maar de brief die wij gaan sturen als reactie, gaan wij natuurlijk ook naar u sturen, maar daar kan ik op inhoud echt nog niets over zeggen, want dat ligt bij 2 collega’s van mij in dat bestuurlijke overleg. Dat wordt nu uitgebreid voorbereid. In dat gesprek zal het e.e.a. besproken worden en daarna zal duidelijk worden wat onze reactie daarop zal zijn. Daar wordt u tijdig in meegenomen. Daar wordt u over geïnformeerd. Dus ook als het gaat over de vergadering van de AB Bleizo, dan zal dat in deze trant zijn. De voorzitter, om 22.30 uur: Dank u wel, dan sluiten we dit agendapunt af. Dan zijn we toe aan de sluiting. Rest mij nog u hartelijk te danken voor de inbreng van vanavond. Nog even rustig zitten thuis en dan dadelijk lekker gaan slapen en morgen gezond weer op. Ik sluit de vergadering.
Verslag opgesteld door Marianne Jansen, Lothassa Secretarie, met behulp van geluidsopname.
30/30