CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[BV21.0186] Verslag Raad Begroting d.d. 4 november 2021

Gemeenteraad 25 november 2021, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling van het verslag van de vorige vergadering35.952 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

We vinden het belangrijk, dat de inzet kracht wordt bijgezet door goed te kijken naar onze eigen vastgoed. Daarom dienen we ook het amendement in voor het onderzoek verduurzamen zwembad. Wij zien deze in de categorie laaghangend fruit. Ik heb een overzichtelijke tabel gemaakt, maar in mijn scherm komt het redelijk onoverzichtelijk terug. Dan de plukbermpjes, perkjes. We zijn er natuurlijk niet op tegen, plukbermen op zich, maar om het zo met een amendement te regelen vinden wij niet heel erg handig. Ook het bedrag van Horti Science: dat is nog helemaal niets. Het is ergens opgenomen en er schijnt een hek omheen te staan, maar het is nog helemaal niets. Wat ons betreft had het zo uit de begroting gekund. We vinden het dan ook niet passend om daar € 5.000 uit te halen, want we hebben het nog niet. Het volgende gaat over verbetering dienstverlening voor inwoners van PvdA. Dienstverlening, daar zijn 11/36

we hartstikke voorstander van, maar ik weet niet zo goed of dit met een motie moet worden geregeld of dat we dit al doen. We zijn dan ook wel benieuwd waar de PvdA de nadruk op legt wat dan niet goed gaat, want misschien is het handig om daar bij stil te staan en dat probleem vast te pakken. In eerste instantie denken we dat het overbodig is, maar we wachten de discussie af en wat de wethouder erover te melden heeft. Dan de motie ‘geen plek voor criminelen’. Wij waren een beetje verbaasd dat deze motie kwam, want wij horen eigenlijk de burgemeester regelmatig met trots vertellen hoe bekend onze aanpak is en hoe die wordt gewaardeerd. We krijgen ook regelmatig een update van alle ontwikkelingen. Dan snap ik deze motie niet zo goed. Is het dat de burgemeester het niet goed doet? Dat u daarom deze motie heeft gemaakt? Of is het als een steuntje in de rug? Wat ons betreft lijkt het overbodig, maar dat zou ik van de burgemeester willen horen, hoe hij dit opvat. Als hij het ziet als een steuntje in de rug, dan is het prima. Dan over grip op het MIP. Ik zie dat veel partijen hier hun naam onder hebben gezet en het steunen. Ik heb het eigenlijk een beetje langs me heen gelezen, want ik zag in mijn agenda een beeldvorming komen, dus ik dacht: dit wordt toch al geregeld? Maar blijkbaar is het meer dan dat, dus daar ga ik nog even goed op studeren. Dan de motie over ‘niemand in de kou’.

Die tekenen we natuurlijk mee. We hebben ook al eerder mee gestemd met de CU, die hier ook aandacht voor vroeg. Ik denk dat het erg belangrijk is om hier aandacht voor te hebben. Uiteraard voeren we geen inkomenspolitiek, maar we krijgen natuurlijk wel te maken met de mensen, die hier zo meteen de dupe van zijn, dus het is goed om daar even de vinger aan de pols te houden, zo zie ik het maar. Ik las in het AD, dat ook Zoetermeer daarover heeft gestemd om ook vinger aan de pols te houden in die gemeente. Ik denk dat het goed is als wij dat ook doen. Dan ben ik er doorheen. Dan hebben we nog cameratoezicht, die niet is ingediend, maar waar we het nu toch allemaal over gaan hebben, dat is wel grappig. Eerst was het een motie, maar nu hoor ik VVD en CU vragen om een toezegging van de burgemeester. Is het nou een verkapte motie of doen we het op deze manier? Ik wil alleen meegeven in de discussie, dat wij absoluut geen voorstander zijn van cameratoezicht. We hebben het de vorige keer erover gehad. Tijdelijk toezicht kan wel, maar niet permanent. Als de burgemeester daar een toezegging over doet, dan wil ik dat even goed bespreken, want er is geen raadsbrede vraag. Daar wil ik het bij laten. Dank u wel.

De heer Ruijtenberg, GL: Ik wil graag beginnen met de moties en amendementen, die ingediend zijn, voordat ik bij onze eigen 2 amendementen kom, en daarbij zal ik van groot naar klein gaan. L3B, geen plek voor criminelen. Toen ik het las bevreemdde het mij. Een partij die lokaal is en zich altijd beroept op lokale politiek, gaat hier eigenlijk de regio en het rijk in, om daarmee te ondersteunen wat wij doen. Dat was mijn eerste bevreemding daarin. Als ik het lees, vindt ik het wel een sympathieke motie. Kwaliteit van wonen is niet alleen een stapel stenen ergens neergooien, maar het gaat ook over je prettig voelen in je omgeving. Criminaliteit kan ervoor zorgen, dat je je niet prettig voelt in jouw omgeving, als het ondermijning is, maar ook als het fietsendiefstallen zijn of nagefloten worden, jongedames of jongeheren. Deze fractie is dan ook regelmatig stevig op criminaliteit, omdat wij veiligheid bij uitstek als een sociaal en dus links thema zien. Echter, wat deze motie toevoegt aan het beleid dat we nu al hebben binnen onze gemeente, is ons niet helemaal duidelijk. Volgens ons is onze aanpak al heel erg goed, u geeft dat zelf aan, de burgemeester vertelt er regelmatig over, dus we twijfelen nog heel erg over deze motie. Onze definitieve positieve positie is afhankelijk van het oordeel van de portefeuillehouder.

We zeggen niet per definitie nee, maar we houden het nog even in beraad. De VVD grip op het MIP, dat hebben wij mede ingediend, het is gewoon een heel goede motie. Het is een oproep aan het college en toekomende colleges om nog beter te onderbouwen hoe we gaan investeren, om ons daarin mee te nemen in beeldvormende avonden. Het kan voorkomen dat we in een situatie komen, waarin we nu zitten, met raadsbrede amendementen en moties. Wat ons betreft hartstikke goed, we hebben hem van harte mee ingediend. Dan ‘niemand in de kou’. GL was de eerste fractie die mee tekende, toen het voorstel van WIJ op tafel kwam, omdat wij dit als een belangrijke motie zien, om ons sociale gezicht te laten zien van Lansingerland. Het klopt dat wij als gemeente niet aan inkomensbeleid doen. Aan de andere kant zijn we ook gewoon verantwoordelijk voor o.a. de bijstand, dus ook daar doen we wel iets aan inkomen. Waar we echter wel verantwoordelijk voor zijn in de meest brede zin van het woord is het welbehagen van onze inwoners. Dat ze er warm bij zitten, en dan bedoel ik letterlijk er warm bij zitten, is een vorm van welbehagen. We doen ook aan welbehagen door mee te werken aan schuldhulpverlening. Andere hebben het ook al genoemd: kan het niet in de reguliere werkwijze van schuldhulpverlening? Wij zien dit als een aanvulling daar op.

Op het moment dat je je energierekening niet kan betalen, maar je moet hem wel betalen, want je wilt niet afgesloten worden en die € 400 is misschien niet voldoende, dan ga je het ene gat dichten door een ander gat te creëren, op voedsel, op sport of op andere dingen, maar er gaat iets gebeuren met die gezinnen. In het kader daarvan vinden wij het ontzettend belangrijk dat we ons sociale gezicht daarbij laten zien. Dan de PvdA over digitale dienstverlening. Ik zou bijna de heer Jumelet willen citeren, die heel vaak bij moties en amendementen roept: welk probleem lossen we hiermee op? Ook voor GL is het niet helemaal duidelijk welk probleem we hiermee oplossen. In onze fractie zijn er weinig tot geen signalen, dat het echt een urgent probleem is, ik heb het ook verder gehoord vanuit de omgeving van waar ik woon. Ik zou graag van de PvdA wat meer duiding willen zien ze ertoe gekomen zijn, dat er inderdaad een probleem is. Als de duiding van de PvdA goed is en ook het antwoord van de wethouder is naar wat wij denken, dan gaan we die natuurlijk wel steunen, maar we laten het nog even in het midden. Dan hebben we 2 moties en 2 amendementen ingediend, die 12/36

raadsbreed ingediend zijn. Eigenlijk moeten we daar een compliment aan onszelf geven als raad. We werden hier geconfronteerd met een begroting, een septembercirculaire en andere dingen, waar we gewoon niet gelukkig van werden. Het paste niet in het beleid dat we voorstaan, in de onderbouwingen was het slecht aangegeven in de begroting, ook mondeling was het slecht onderbouwd. We vonden er allemaal wat van, maar we vonden met name in eenheid dat het zoals het er nu uit zag het niet moest gebeuren. De heer Van Doorn heeft daartoe initiatief genomen, ik complimenteer hem daar nog een keer mee, om een raadsbrede meeting op te zetten waarbij we allemaal onze punten kwijt konden. Dit is gekomen tot 2 goede amendementen en 2 goede moties, waarvan we denken dat die echt wel ergens voor staan. Ik denk dat het goed is, dat we nu een begroting laten zien, die in balans is. Je kan er nog steeds met allerlei plussen en minnen wat van vinden, maar raadsbreed doen we dit hartstikke goed met zijn allen. Ik denk dat dit uniek is in de Nederlandse politiek en het is zeker uniek in de Lansingerlandse politiek, dat we zo raadsbreed een begroting, oppositie en coalitie, corrigeren naar wat we wel willen. Dat is voor onszelf allemaal een felicitatie waard. Dan de 2 amendementen die wij zelf indienen, eerst Horti Science, de plukbermen.

Het klopt dat Horti Science niet in de begroting staat gebudgetteerd. We weten niet wat we er voor willen, maar we weten wel dat we er € 1.205.000 voor nodig hebben. Als je zo’n bedrag erin zet, dan ga ik ervan uit, dat je ook daadwerkelijk wel weet wat je er eigenlijk mee wilt, anders had je ook € 1,3mln kunnen doen of € 1,1mln of € 1mln, noem een bedrag, maar dit is zo’n gespecificeerd bedrag. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken, dat men hier meer weet dan wat eigenlijk in de begroting staat. Overal wordt verder gesproken over € 1,2mln. We hebben zoiets van: het is ons inziens belangrijker dat de jeugd en inwoners van Lansingerland geconfronteerd worden met fruitbomen, struiken waarbij ze kunnen zien wat er daadwerkelijk gebeurt in de natuur. Het onderhoud kan bij voorkeur door bewoners zelf gedaan worden, maar kan ook in de reguliere stroom gedaan worden. Als we het nu hebben over laaghangend fruit, dan is dit helemaal laaghangend fruit. Ik roep u op om het te overwegen, om ook hier aan de maatschappij aan te geven: dit kunnen wij. Dan het zwembad. Ik dank de fracties, die reeds mede ingediend hebben of steun hebben aangegeven. CDA en VVD vroegen zich af of dit wel nodig is. Ik verwijs nog even naar de brief, het nummer staat erbij, dat is makkelijker zoeken. Daar staat: om aan de toezegging te voldoen is een bedrag nodig van € 18.750 excl.

btw, het onderzoek duurt na opdrachtverlening 5 maanden. Was het maar zo makkelijk als de heer Hoek zegt: we zeggen gewoon dat we dit willen en daar dienen we een begroting voor in, geef een offerte en we gaan het doen. De realiteit leert ons dat zeker een complex gebouw als de Windas, dat het gewoon moeilijk is. Die afgerond € 19.000, het is gewoon moeilijk om echt goed onderzoek te doen voor de verduurzaming. We willen allemaal die verduurzaming, we vinden dat het belangrijk is als raad. We vinden dat we dan ook moeten zeggen: dat geld, zodat we echt onderzoek kunnen doen op een goede manier. Simpelweg isoleren is niet afdoende, omdat het een jong gebouw is. Dit onderzoek is echt nodig. Het is een relatief kleine uitgave, waarmee we daarna miljoenen kunnen besparen. Ook voor de partijen die nog twijfelen: ik zou van harte meegaan in dit amendement en om de brief nog eens goed te lezen. Als laatste de motie, die geen motie is, maar waar we het wel uitgebreid over hebben: camerabeleid. Ook hierbij sluit ik me aan bij de woorden van mevrouw Den Heijer: als de burgemeester hier een toezegging op doet, heeft hij geen raadsbrede steun. Net als de heer Hoek zijn we van mening: cameratoezicht is repressief, het is invasief op privacy, het is contraproductief, want we verplaatsen van de ene kant naar de andere kant.

Als je echt iets wilt doen aan preventie, dan zou ik zeggen: het geld dat hiermee gemoeid is, investeer dat in een straatcoach of jongerenwerker. Eén ervan levert veel meer op dan alle cameratoezicht. Daar wil ik het bij laten. Dank u wel. Mevrouw Verhoef, PvdA: We hebben stevige debatten gevoerd bij de kadernota en ook bij de gezamenlijke commissievergadering rond de begroting. De PvdA-fractie is net als andere fracties blij dat we samen in deze raad 2 amendementen en 2 moties hebben opgesteld, waarmee we de onverwachte en tot dusverre nog niet goed onderbouwde intensiveringen van het college voorlopig hebben teruggedraaid en ook de bezuinigingen die bij de kadernota nog op tafel lagen. Het deed ons pijn, dat het sociale domein opnieuw de klos leek te worden als gevolg van bezuinigingen. Bezuinigingen die volgens onze fractie niet nodig waren, omdat het rijk met een forse compensatie voor de jeugdzorg zou komen. Inmiddels is ook zeker, dat de septembercirculaire positief uitpakt over de komende jaren. We zijn ook blij, dat we raadsbreed, dat was steeds een vurige wens van de PvdA, dat we in ieder geval voor 2022 de € 255.000 bezuiniging op de beleidsaccenten sociaal domein kunnen laten vervallen.

Het liefst zouden we na 2022 hierop ook niet bezuinigen, want door de jaren heen hebben we gezien dat ze grote waarde hebben gehad voor het sociale domein, voor de mensen die het hard nodig hebben. Bij de eerste begrotingswijziging kunnen en zullen we integraal verder afwegingen maken of we structureel de bezuinigingen kunnen terugdraaien. Ik denk dat het goed is om dat samen met de intensiveringen, die dan voor liggen, te bespreken. Ik wil me wel aansluiten bij de woorden van de heer Hoek, dat hebben we ook al eerder kenbaar gemaakt. Het hele proces verdient geen schoonheidsprijs. Het college leek achter de feiten aan te lopen als het gaat om middelen die vanuit het rijk zouden gaan komen. Er lagen te lang bezuinigingen op tafel. Ook bleef het college tamelijk geforceerd beschutting zoeken in haar onderbouwing van de begroting bij de onzekerheid over de toekomst van het gemeentefonds. Dat blijven wij een gelegenheidsargument vinden, want een nieuwe regering moet zich daar eerst over gaan buigen, het duurt nog zeker tot 2023 voordat daar uitsluitsel over is en misschien pakt het helemaal niet zo 13/36

negatief uit als het nu wordt voor geschilderd. We vonden het niet nodig om daar nu al politiek zo zwaar op te gaan anticiperen. We gaan afstevenen op een sluitende begroting voor 2022 en daar kunnen we gezamenlijk trots op zijn en daar is ook de PvdA bijzonder blij mee. Dan ga ik nu over naar de moties en amendementen. De 2 moties en 2 amendementen heb ik net besproken, die intensiveringen voorlopig on hold zetten en de bezuinigingen op de beleidsaccenten in ieder geval voor 2022 terug draaien, daar ga ik verder niet meer op in. Ik ga naar de motie over verbetering dienstverlening aan inwoners voor wie de digitale gemeente moeilijk toegankelijk is. Ik heb al uitgelegd om wie dat gaat, dat gaat over inwoners die moeite hebben om om te gaan met digitale communicatiemiddelen en dus juist graag iemand in persoon preken, het liefst face-to-face als dat kan. Het gaat om mensen die juist ondersteuning nodig hebben, het gaat om ongeletterde mensen en mensen van hoge leeftijd.

Wat heeft de PvdA nou gehoord, wat blijkbaar u nog niet ter ore was gekomen? Wij hebben gehoord van de ASD zelf, van Vluchtelingenwerk, ook van Humanitas, van allerlei organisaties die zich inzetten voor mensen die hulp nodig hebben om bepaalde ondersteuning te vinden bij de gemeente, dat dat vaak bijzonder moeizaam gaat, dat het heel veel tijd en moeite kost voor vrijwilligers om uiteindelijk de persoon in kwestie in contact te brengen met de gemeente. Wij zeggen niet dat het altijd slecht gaat, heel vaak gaat het wel goed en ik denk dat de welwillendheid van de wethouder en ook van de ambtenaren er zeker is, maar er kan nog een verbeteringsslag plaats vinden, want je kan niet alles of een groot deel van die taken bij de vrijwilligers leggen. Dit roept puur op om opnieuw in gesprek te gaan en te onderzoeken in gesprek: hoe is de dienstverlening nou voor inwoners, die moeite hebben met de digitale service. En te kijken of het beter kan. Waar ligt het nou aan? Kunnen we elkaar daarin vinden? Daar gaat het om. Ik kom nu bij de plukperkjes. Wij staan natuurlijk positief tegenover plukperkjes of plukbermen. Extra groen is altijd goed. Misschien zien we nog wel liever een aantal bomen geplant die schaduw geven, maar het gaat hier over plukperkjes.

Wij sluiten ons wel aan bij een aantal andere fracties, die al heeft gezegd: dit bedrag voor Horti Science komt ook niet uit de lucht vallen, daar gaan we later nog een uitgebreid besluit over nemen. We vinden het wat vreemd om daar nu € 5.000 van af te snoepen. Wij kunnen dit amendement niet steunen. Geen plek voor criminelen van L3B en VVD: een aantal andere fracties heeft gevraagd wat we hiermee oplossen. Wij zien hier vooral een motie in, die eigenlijk de regionale aanpak wil versterken en ook wil benadrukken als het gaat om het voorkomen en aanpakken van ondermijning en ook een oproep om te kijken hoe die kosten, die je daar voor maakt, structureel vergoed kunnen worden. Ik denk dat dit op zich een goede motie is, het gaat over een heel belangrijk onderwerp. We willen graag nog wel horen hoe de portefeuillehouder hier tegenaan kijkt, of hij dit een prettig steuntje in de rug vindt. Grip op MIP, een prachtige titel, konden we altijd maar van zulke pakkende titels bedenken, ik zal het zelf beter proberen te doen. Wij zijn mede indiener, we zien het als een stap om steeds grip te houden op de begroting, ze zoveel mogelijk sluitend proberen te houden voor een zekere toekomst van Lansingerland.

Met name het laatste bullet van de overwegingen, dat je iedere keer opnieuw afwegingen kunt maken als er zich wijzigingen voordoen, dat je als raad daarin goed wordt meegenomen, dat vinden wij een belangrijk aspect. Niemand in de kou, daar zijn we ook van harte mede indiener, daar heeft een aantal andere fracties ook het e.e.a. over gezegd. Er wordt bijvoorbeeld gezegd: er zijn toch allerlei vrijwilligersorganisaties als Schuldhulpmaatje, die zich daarvoor inzetten. Dat klopt, maar dan blijf ik bij een eerder punt, dat ik al best vaak heb gemaakt: leggen we niet teveel neer bij allerlei vrijwilligersorganisaties? Is het niet goed om als Lansingerland breed nu goed te kijken: kunnen we mensen die echt in de knel komen mogelijk gaan helpen met het betalen van de energierekening als dat echt lastig wordt? Zo’n publiekscampagne, daar kan je natuurlijk niet tegen zijn sowieso. Ik ga door met ‘lekker chillen komend voorjaar’. Ook daar van harte mede indiener. Oh, die is vreemd, sorry. Ik zie al uit naar het voorjaar, dan ga ik lekker bij de heer Hoek in het parkje voor de deur zitten. Ik zal me heel rustig houden. Ik kom bij het zwembad aan, het amendement voor het zwembad. Ik vind het heel belangrijk en met mij mijn hele fractie, dat we ook het gemeentelijk vastgoed zo snel mogelijk verduurzamen.

Als dat onderzoek vraagt en als daar ook een bepaald bedrag voor nodig is, en dat is in dit geval zo, dan moeten we dat ook doen, want als je geen goed onderzoek doet, dan neem je misschien de verkeerde maatregelen, dan ben je uiteindelijk duurder uit, dus ik denk dat het goed is om hier wel geld voor vrij te maken in deze begroting en zorgvuldig te onderzoeken hoe we dat zwembad zo snel mogelijk kunnen verduurzamen. Cameratoezicht stond er eigenlijk niet meer op, maar ik sluit me aan bij de heer Hoek en de heer Ruijtenberg, die naast me zit. Ook wij zijn geen groot voorstander van cameratoezicht. De heren hebben al heel goed uitgelegd wat je veel beter kunt doen. Dank u wel. De voorzitter: Daarmee zijn we aan het eind van de eerste termijn van de raad. U bent heel dicht in de buurt van de 8 minuten gebleven, dus complimenten. Het is half negen afgerond. Ik zou 10 minuten willen schorsen, de wethouders kunnen dan even verantwoord stroomlijnen. Dan gaan we over een minuut of 10 verder, dat is uiterlijk kwart voor. Schorsing De voorzitter: Ik heropen de vergadering en we gaan naar de wethouder financiën, van of voor de financiën? 14/36

Beantwoording college Wethouder Van den Beukel: Ik ben van de financiën. Dank aan alle woordvoerders van deze raad voor hun inbreng bij dit belangrijke stuk, dat op de agenda staat vanavond: de begroting 2022. We hebben het ergens over. Soms is het saai, maar uiteindelijk gaat het gewoon over bestedingen, die de samenleving dienen. Het is mooi, dat daar waarderende woorden over zijn gesproken, ook kritische woorden, maar ook waarderende woorden over de lange aanloop die dit proces heeft gehad. Want het is nogal wat. Op één avond spreek je over de begroting, maar feitelijk ben je er al sinds het voorjaar mee bezig. Toch bijzonder, hoeveel tijd dat eigenlijk vraagt, hoeveel aandacht het vraagt, hoeveel werk het vraagt om die keuzes voor te bereiden en tot een goed besluit te laten komen. Daar heb ik alle vertrouwen in, dat we tot een goed besluit zullen komen deze avond. Er zijn veel zaken gezegd, veel zaken ook op de beleidsterreinen van mijn collega’s. Ik heb slechts een paar punten. Beginnen bij het begin, bij de turbulentie in financiële zin, die gemeenten treft. Niet specifiek Lansingerland, maar gemeenten in Nederland.

Ik heb het ook in de commissie gezegd, dan heb ik het over de septembercirculaire, dan heb ik het over de cao, de heer Van Doorn refereerde eraan, 3,9%, een mooi bedrag voor werknemers of werkzoekenden, die nog een mooie werkplek zoeken, maar ook weer een grote verandering op financieel gebied. De jeugdzorgmiddelen zijn genoemd. Er is heel veel turbulentie. Dan zijn er mensen die zeggen, vaak retroperspectief: ik heb het gezien, ik heb het verteld, u heeft het toch gehoord, de jeugdzorgmiddelen kwamen er toch aan in het voorjaar? Jazeker. De heer Hoek dicht zichzelf zelfs profetische gaven toe. Als protestant wil ik dan even citeren uit Mattheüs, daar staat: hoed u voor de valse profeet. Laten we een beetje oppassen met dat soort termen, maar dat terzijde. Profetische gaven wil ik toch een beetje thuis laten, voor zover ik erover zou beschikken, als het gaat om financiën. We proberen hier toch te sturen, misschien in de mist, maar toch te sturen op de zekerheden die er wel zijn. Een beetje prudent te zijn, zodat we kunnen omgaan met tegenvallers, die ook kunnen optreden. Die zekerheden kennen we nu in belangrijke mate, maar de onzekerheden blijven er ook. De cao is al genoemd, ik noem hier nog een keer de herijking van het gemeentefonds. Daar kunnen we optimistisch over zijn zoals mevrouw Verhoef, je kan er ook pessimistisch over zijn, zoals wellicht anderen in deze zaal.

We doen het, wat het college betreft, met name met de zekerheden die we hebben. Daarom het voorstel van het college aan uw raad, deze begroting. En tegelijkertijd, inderdaad, het is vaker genoemd: de transparantie naar uw raad over waar onze middelen heen gaan en wat andere keuzes zouden zijn. Dat is een risico, want die transparantie biedt inzicht en biedt dan ook de knoppen waaraan mensen kunnen gaan draaien. Tegelijkertijd, dat is ook goed in een duaal stelsel, dat de raad zijn budgetrecht ook goed kan uitoefenen. Daar heb je grip voor nodig. Niet alleen grip op het MIP, maar ook grip op die andere uitgaven in de begroting. Dan een beetje meer inhoud. Er is veel gezegd, en in de commissie heb ik er ook iets over gezegd, over het proces met name op het vlak van de intensiveringen, die zijn voorgesteld in de begroting versus de kadernota. Ik ben een fan van sommige politieke series o.a. van Yes, Minister. Daar ben ik laatst een quote tegen gekomen, die een beetje van toepassing is op dit vlak. Sir Humphrey zegt tegen zijn collega: the minister thinks he doesn’t exist unless he is shown in the media. Dat is een stuk ijdelheid, dat veel bestuurders treft en misschien wel raadsleden. Dat je denkt dat je pas bestaat als er over je wordt geschreven in de krant. Dat geldt ook een beetje voor uitvoering. De intensiveringen gaan over uitvoering.

Het is niet iets, waar je nou grote koppen van in de krant krijgt. Daar word je niet populair van, het is ook niet heel sexy. Het zijn intensiveringen, die geld kosten en die naar het oordeel van het college nodig zijn. Op die manier ontraden we het amendement, omdat het dat voor nu eruit schrapt. Tegelijkertijd ben ik wel blij te horen dat ook uw raad zegt: we nodigen u wel uit, geacht college, om die voorstellen nader te onderbouwen en dat een beetje snel te doen en dan vertrouwen we erop, dat die onderbouwing goed zal zijn. Alleen, we hebben hem wel nodig. We hebben die onderbouwing nodig om er volmondig ja tegen te zeggen. Er wordt al hard aan gewerkt en bij de begrotingswijziging komt dat naar u toe, mocht uw raad besluiten, ondanks het advies van het college om het amendement en de motie aan te nemen. Het laatste woord daarover. De uitvoering van uw plannen, van al onze plannen, of het nu gaat om control, om IT, om landschap, dat vraagt uiteindelijk mensen en die mensen hebben we hard nodig. Zoals ik zei: de cao biedt daar misschien extra ruimte voor, extra wervingskracht en tegelijkertijd: het is echt wel urgent. Die urgentie zullen we goed gaan onderbouwen naar u. Een ander stukje, dat ik nog wil raken, een laatste voor mijn termijn, dat is het MIP. Er is een motie ingediend en die kan het college wel ondersteunen.

Het lijkt heel passend, gelet op het gesprek dat we voeren en de verdere door ontwikkeling van het MIP, om op die manier te werk te gaan. Het MIP was een paar jaar geleden meer rudimentair dan het nu is. Er wordt een goede categorisering aangebracht, op allerlei manieren is het in ontwikkeling en is het de ambitie van het college om u er meer grip op te geven. Zo’n jaarlijkse beeldvorming is een verschil met de beeldvorming die we binnenkort hebben. Het zou een incident zijn als het niet zo zou zijn als uw raad zich uitspreekt over het structureel willen organiseren van dat type beeldvormingen. Dat is een prima motie wat het college betreft. Tot slot, mijn collega Cnossen zal er nader op ingaan, over energie. Het gaat hier vandaag inderdaad over de energieprijzen en de impact ervan op consumenten. Ik wil toch even benoemen: in Lansingerland Home of Horti Science, in deze tuinbouwgemeente, hebben energieprijzen ook heel veel invloed op onze tuinders. Er zijn tuinders die momenteel hun kas leeg laten staan, minder productief laten zijn vanwege die hoge energieprijzen. Gelukkig zijn er ook voorlopers, die druk zijn met 15/36

aardwarmte of elektrificatie, die minder gevoelig zijn voor de hoge aardgasprijzen. Het thema beroert een groot deel van onze ondernemers en ik denk dat het belangrijk is, dat we daar oog voor hebben. Daar gaat de motie niet over, dus die laat ik even specifiek aan de collega over. Tot zover wat mij betreft. Wethouder Fortuyn: Ik heb vanavond goed geluisterd naar hetgeen gezegd is vanavond. Ik heb ook het goede gevoel, dat we met elkaar dezelfde doelen nastreven. Er zijn wat amendementen ingediend en één daarvan is het verduurzamen van de Windas, om die te versnellen bij het gasloos maken. Ik wil er als volgt op reageren. Iets dood maken met een blije mus, dat is het omdraaien van een bekend spreekwoord, heeft alles te maken met het feit, als we deze motie niet aan zouden nemen, we eigenlijk niet weten of de uitkomst is een blije mus. Wij willen als college toch graag deze motie omarmen. Waarom? Wij hebben met elkaar afgesproken, dat we de eerste slag doen met de PVT panelen en de zonnepanelen. Dat levert een goed rendement op, dat levert op korte termijn een enorme CO2-reductie op. We hebben toen aangegeven op aandringen van GL: wij willen hem eigenlijk gasloos. Daar heb ik een toezegging op gedaan, dat is toezegging 2021-051, waarin ik aangegeven heb dat wij daar jaarlijks een update over geven.

Wat wij in eerste instantie in de voorstellen van PVT en de zonnepanelen hebben gedaan, is het advies van Sweco, dat geen diepgaand maar wel een eerste advies was. Het pand dat we hebben bestaat zo’n 10 jaar, is goed geïsoleerd en de ontwikkelingen in geothermie, maar ook PVT, maar ook in warmtepompen is iets wat dagelijks aan het veranderen is. Wacht er nou even mee, het pand is nog te nieuw, daar moeten we zwaar op afschrijven en bovendien is het een ingewikkeld proces. In die zin hadden we gezegd: laten we de tijd nemen. Maar goed, desondanks wordt erom gevraagd. Ik denk op zich dat het wel goed is. Een offerte aanvragen heeft niet zoveel zin, want dan gaan ze kijken wat we nodig hebben en dat gaan ze gewoon vervangen, maar er wordt niet gekeken of we het stapsgewijs kunnen doen, want ik vermoed dat het stapsgewijs gaat werken, want het is nogal een enorme installatie. De goethermie, de WKO, warmte/koude opslag. Zonder onderzoek doen we niets. Desondanks zeg ik: laten we hem toch maar aannemen, want dan weten we in ieder geval zeker of we op de goede weg zijn, dat we in ieder geval een spade dieper gaan. Het zou zomaar kunnen zijn, dat we een mooie motie aannemen en de uitkomst is gewis. Je zou zomaar iemand blij kunnen maken, dus een blije mus, wat uiteindelijk een dode mus blijkt te zijn. De uitkomst is ongewis, maar het college omarmt hem wel om deze aan te nemen.

De voorzitter: Dank voor dit nieuwe gezegde: iets dood maken met een blije mus. Wethouder Cnossen: Ik hoop, dat ik een blije mus blijf. Ik wil beginnen met de motie, die de heer Hoek heeft ingediend: niemand in de kou. Daar zijn we het allemaal mee eens. Wat zal het lastig zijn voor mensen als dit boven je hoofd hangt, terwijl je al zoveel onzekerheid hebt over je financiën, want het treft weer een doelgroep waarvan we denken: weer, weer, weer. Dus helemaal met u eens om er zeker aandacht aan te geven. Maar ik wil u eigenlijk vertellen dat het onmiddellijk al kan beginnen. We hoeven daar geen onderzoek naar te doen, we hebben, dat heeft u van andere raadsleden ook gehoord, een beleid armoedebestrijding en daar past dit in. We hebben heel veel organisaties die juist met deze doelgroep vaak in gesprek zijn en daarin willen we het tweede deel, de publiekscampagne, uiteraard in opnemen. Wat is een publiekscampagne? Je gaat niet in de Heraut een artikel schrijven, je moet deze mensen echt persoonlijk aanspreken. Dat is de bedoeling, dat we via bijvoorbeeld het spreekuur samen doen, actief. We hebben de kalender weer klaar staan, veel voor een beetje kalender, dus allemaal middelen om deze doelgroep te wijzen op de mogelijkheden.

De heer Hoek: Daar ben ik natuurlijk reuze blij mee, alleen, de cruciale vraag is natuurlijk als je het hebt over compensatie dan zal je daar wel iets van moeten vinden. Ik snap dat u zegt: we hebben in principe de bewoners in beeld. Prima, dan hoeven we geen onderzoek te doen. Maar hoe gaat die compensatie er dan uiteindelijk uit zien? Daar roept de motie ook toe op: we moeten die mensen enigszins tegemoet komen. Hoe ziet dat er dan uit? Zegt u op voorhand: wij gaan dat doen en ik koppel u daarover terug. Hoe gaat dat? Wethouder Cnossen: U bent een beetje snel, want ik wilde nog wat meer vertellen als u het goed vindt. Uiteraard, de compensatie van het rijk is duidelijk, alle mensen krijgen die. Ik hoor al van prachtige acties in kerken: laten wij onze compensatie geven aan mensen die dat misschien harder nodig hebben. Op die manier kan ook de samenleving in actie komen. Maar ik probeer juist te betogen, dat juist deze doelgroep bekend moet zijn bij degenen, die ook met armoedebestrijding bezig zijn. Juist in deze gemeente is er altijd integraal beleid op gezinnen waar problemen zijn, schulden zijn en daar zijn ze bekend. U zegt: vertel dat ze bij de energiemaatschappij moeten aankloppen om een regeling. Dat soort dingen zal je ze inderdaad in een heel vroeg stadium moeten vertellen. Punt is wel, dat we nog niet precies weten wanneer iemand in de problemen komt.

Ik weet niet hoe het bij u is, maar bij ons is er een jaarafrekening in april of zoiets, dan zie je wat er gebeurt. Dat kan natuurlijk bij iedereen verschillend zijn. Mensen kunnen ook nu al in de problemen zijn. Wat ik wil zeggen, is dat ze ook nu al kunnen aankloppen en dat ze altijd kunnen aankloppen bij financiële problemen, juist deze doelgroep. Daarom ontraden wij u de motie om een onderzoek in te stellen, omdat dat overbodig is, omdat ons beleid en onze voorzieningen al voldoende zijn om deze groep op te vangen. Het zou kunnen zijn, dat in de loop van de tijd blijkt dat het of heel veel is, dat we richting de raad iets over het budget moeten vertellen. Het zou kunnen zijn, dat het college extra beleidsregels op moet stellen, omdat het niet helemaal past, maar daar gaan we voor 16/36

zorgen. De heer Hoek: Helder, maar het onderzoek richt zich met name op de vraag of de landelijke compensatie voldoende is, niet dat we die mensen in beeld hebben, want daarvan zegt u die in beeld te hebben. Is die landelijke compensatie nou voldoende? Daarvan denk ik dat het niet zo is en dan moeten we doorschakelen. Wethouder Cnossen: Daar heeft u gelijk in. Maar het is niet zo, dat wij zomaar iedereen kunnen gaan compenseren. Mensen zullen echt aan moeten kloppen, zoals bij alle problemen met financiën moet dat eerst in beeld gebracht worden om daar wat mee te kunnen doen. Ik zeg u: daar zijn de normale kanalen voor en ik zou het graag daar willen laten, omdat het ambtelijk apparaat daar al helemaal op ingericht is en ook onze maatschappelijke partners Humanitas, Kwadraad, overal waar deze mensen bekend zijn, dus dat hoeft niet extra te gebeuren. Die publiekscampagne, we kunnen u omarmen daarin, dat we dat zeker gaan doen, maar misschien is het overbodig om dat in een motie aan te nemen. Dat over deze motie. Dan ga ik naar mevrouw Verhoef kijken, zij heeft een amendement en een motie ingediend over wat ik maar even snel samenvat over de beleidsaccenten. Over het amendement wil het college naar voren brengen, dat de raad uiteraard budgetrecht heeft, dat weet u met zijn allen.

Dit is een overheveling van een budget en wij laten het aan de raad om hier een uitspraak over te doen. Over de motie die u daarbij indient, dat is wat meer een nuance: wanneer ga je er wat van zien? Incidentele gevolgen van het omzetten dit budget, stel dat die er zijn, voor 2022 zouden bij een begrotingswijziging meegenomen moeten worden dit jaar nog, maar het structurele geld, ik heb dat ook andere fracties horen zeggen, moet volgend jaar echt in de integrale afweging komen als de nieuwe raad en het nieuwe college aan het werk is, een nieuwe samenlevingsvisie opstelt. Dat is toch het moment om met elkaar weer eens goed te kijken: waar willen wij de accenten de komende tijd op leggen? Misschien zijn er wel weer nieuwe maatschappelijke problemen, waarvoor we toch ook weer aan het werk moeten om onze inwoners te ondersteunen. Dus ook de motie laten we aan de raad, maar ik vertel wel dat het college daar in feite mee bezig is. Digitale dienstverlening. Ik heb verschillende fracties ook al u de vraag horen stellen: wat zijn dan de signalen? U heeft er wat van genoemd, van de organisaties die dat aan uw fractie verteld hebben. Eigenlijk zou ik de uitnodiging willen doen voor alle raadsleden als je dat soort signalen krijgt, probeer dat dan richting het gemeentehuis door te zetten. Ik heb uiteraard ook nagevraagd waar het probleem zit.

Kennen we het? Wij kennen het op dit moment niet, maar dat wil natuurlijk niet zeggen dat mensen weleens grote problemen hebben om verder te komen in allerlei systemen. Maar verder is het een open deur, dat je digitale dienstverlening natuurlijk hebt en dat je 80% van onze inwoners daar een heel groot plezier mee doet. Ik kan ’s avonds mijn verhuizing doorgeven als ik naar Lansingerland verhuis, dat vind ik heel erg fijn, ik hoef niet meer naar het gemeentehuis. Maar er blijven altijd mensen die anders geholpen worden en dat is juist de doelgroep, u noemde de WMO, schuldhulpverlening, die toch al vaak face to face gesprekken hebben of met vrijwilligers, maar die mochten we van u niet teveel belasten, dat ben ik het ook met u eens, maar juist deze groep mensen is juist al in gesprek, telefonisch of fysiek, met medewerkers om verder te komen om hun zaken te regelen. Mevrouw Verhoef: Dank ook aan de wethouder voor de toelichting tot nu toe. Ik hoor de wethouder zeggen: dit soort mensen is vaak al in gesprek, zij worden al geholpen. Maar wat ik geprobeerd heb om duidelijk te maken, is dat wij van een aantal organisatie, die toch regelmatig met dit bijltje hakt, hebben gehoord dat een deel van hun mensen moeite heeft om op niet digitale manier die service te krijgen en dat dat ook voor deze organisaties een flinke belasting is.

Dat doen ze met alle liefde en dat weet u ook, want u kent ze ook. U bent nieuw als wethouder en u bent een tijdje weg geweest, ook al woont u hier al heel lang. De motie roept op om in gesprek te gaan en te horen welke problemen er zitten, die wij misschien hier op het gemeentehuis nog niet scherp hebben. Kunt u daar nog even op reageren? Wethouder Cnossen: Uiteraard riep ik ertoe op om als die signalen er zijn dit door te geven op het gemeentehuis. Maar misschien krijgen we niet alles door. Juist de organisaties die u noemt, de adviesraad sociaal domein, Vluchtelingenwerk, Humanitas, het zijn allemaal partners van de gemeente om met elkaar onze inwoners zo goed mogelijk te helpen om verder te komen in wat zij nodig hebben bij de gemeente. Om nou dat speciaal in een motie vast te leggen, ik vind dat gewoon ons werk, moet ik u eerlijk zeggen. Ik hoor ook een aantal mensen zeggen: wat is hier nieuw aan? Wij moeten dit met elkaar doen. Nogmaals: digitale dienstverlening is niet meer weg te denken, maar er zullen altijd mensen zijn, die op een andere manier geholpen willen worden. Mevrouw Verhoef: Nog een korte vraag aan de wethouder. Doet u dan een toezegging, dat u vanuit het gemeentehuis hier dat gesprek aanknoopt op dit onderwerp? Of gaat u wachten tot de organisaties zich melden? Kunt u een toezegging doen? Ik hoor het wel een beetje in uw stem.

Wethouder Cnossen: De toezegging, mevrouw Verhoef, is dat er altijd als er signalen zijn, stel dat de adviesraad sociaal domein iets heeft, zij hebben zo vaak gesprekken hier op het gemeentehuis ook met het college, dat zij altijd welkom zijn om dit door te geven. We hebben daar geen oproep voor nodig, want laten we wel zijn: we zitten daar toch om mensen te helpen? Volgens mij heb ik mijn amendementen en moties gehad. De voorzitter: Anders horen we het. Burgemeester Van de Stadt: Dan gaan we naar de portefeuillehouder veiligheid, die de creatieve nonmotie kreeg. U kent mijn beleid als voorzitter, ik vind creativiteit één keer leuk, dus in dit geval ook. U bent er zelf ook allemaal op ingegaan, dus ik sta het toe, maar eigenlijk spreken we alleen over de moties en amendementen ingediend. Richting zowel de heer Ruitenberg als de heer Machielse, maar dat geldt net zo goed voor degenen die meer moeite hebben met cameratoezicht, zoals de heer Ruijtenberg en mevrouw Den Heijer: beleidsregels maken zijn cruciaal. Het gaat hier niet over wel of niet 17/36

cameratoezicht, want dat heeft u al vastgelegd in de APV en u heeft er ook budget voor toegekend. Maar elke bevoegdheid, die de burgemeester heeft, moet ook vastgelegd worden in beleidsregels, want dat geeft rechtszekerheid aan mensen. Ik heb het recht om panden te sluiten op basis van de Opiumwet, ik heb daartoe beleidsregels, het zogenaamde Damocles-beleid, opgesteld over in welke situatie een pand voor hoe lang dicht gaat. Dat geeft rechtszekerheid. Ik beroep me dan dus ook altijd op mijn eigen beleid als ik een pand sluit. Ook cameratoezicht: er moet beleid worden vastgesteld en ik moet mij op het beleid beroepen waarom ik ergens wel of niet camera’s plaats. Dat is de zorgvuldigheid van het handelen van de overheid en in dit geval van de burgemeester. De heer Machielse zegt daarbij: bent u daar mee bezig, klopt dat nou? De heer Ruitenberg vraagt: mogen wij dat dan zien of kunt u ons dat toesturen? Beide kan ik bevestigend beantwoorden. Ja, we zijn op dit moment beleid aan het opstellen. Wij doen dat ook omdat wij bezig zijn met cameratoezicht op de Kruin in Bergschenhoek. Daar moeten beleidsregels aan ten grondslag liggen, we vinden daarmee ook een beetje het wiel uit van cameratoezicht: wat kan wel, wat kan niet? Wanneer kunnen wij besluiten, kan de burgemeester besluiten en wanneer is de politie en het OM aan zet? Dat moet allemaal vastgelegd worden in dat beleid.

Daarmee geeft het ook de kaders aan. U krijgt het sowieso, het is mijn bevoegdheid tenslotte, maar ik denk dat degenen die meer moeite hebben met cameratoezicht juist behoefte moeten voelen om dat beleid te zien en er mede als raad een oordeel over uit te kunnen spreken. Nogmaals, het is mijn bevoegdheid om het vast te stellen, maar ik doe dat heel graag in nauwe samenwerking met u. Ook omdat er vanuit de samenleving soms een roep is om meer cameratoezicht, er zijn partijen die echt aan mij trekken om meer cameratoezicht toe te passen, maar er zijn ook partijen die minder willen, zoals ook door de heer Hoek aangehaald. Laten we daar het evenwicht proberen te vinden in die beleidsregels. Dan de motie, die daadwerkelijk is ingediend ‘geen plek voor criminelen’ door de heer Van Doorn mede namens anderen. De vraag was even: wat voegt dit toe, wat betekent dit? Het is altijd lastig, moties die het beleid ondersteunen. Beschouwt u het als ondersteuning, vroeg mevrouw Verhoef. Voor mij is cruciaal, en dat is wat het toevoegt, dat de raad een uitspraak doet. Ondermijning is een zaak van de burgemeester. Of in Nederland: de burgemeesters. Maar dat kan je niet zelfstandig doen. Je hebt, net als bij cameratoezicht, de raad nodig. Met name voor de budgettaire middelen die daarvoor nodig zijn, maar ook soms voor bevoegdheden die nodig zijn om die strijd te kunnen voeren.

Ja, er is gelukkig in toenemende mate aandacht voor. Overigens ook ten gevolge van een aantal incidenten, die voorspelbaar bijna waren helaas. Daarom ben ik er ook trots op, dat we koploper op dat gebied zijn, dat we er al eerder mee begonnen zijn, mede ook door een incident hier dat voor mijn komst naar Lansingerland heeft plaats gevonden, dat was voor mij ook een motor, dat heb ik eerder ook in de pers gezegd. Dus denk ik dat we als Lansingerland heel goed bezig zijn, dat het voor mij altijd een taak is om uit te dragen naar mijn collega’s en daar wordt echt nog wisselend op gereageerd, maar ook veel collega’s zijn jaloers: joh, dat jij die middelen krijgt, mijn raad zit daar terughoudender in. Dat is een oproep van de raad voor mij zeer bruikbaar om ook uit te kunnen dragen, dat de raad in Lansingerland dit nadrukkelijk steunt en hoe belangrijk dat is. Dat helpt. Hoe breder het hier aangenomen wordt, hoe groter het signaal is naar andere gemeenten en naar het rijk: doe mee. De regionale oproep is ook belangrijk. Als wij het over onze regio hebben, dan hebben we het over Rotterdam-Rijnmond, maar ik hoef u niet te vertellen, dat wij op het kruispunt van 3 regio’s liggen en die andere regio’s zijn net zo belangrijk en daar hebben we niet dagelijks contact mee, ook niet op bestuurlijk niveau.

Het is wel zo dat onze ondermijnende criminaliteit direct over de grens in Zuidplas of in Pijnacker of in Zoetermeer plaats vindt, dus die regio’s hebben we ook nodig. Ons RIEC is Rijnmond. Dus er is de nadrukkelijke opdracht om het succes van de regio Rotterdam Rijnmond, ons RIEC, naar die andere te kunnen uitdragen. Die rol is specifiek voor Lansingerland prominent, want daar hebben ze bij wijze van spreken in Albrandswaard misschien minder last van. Wij liggen op dat kruispunt van die 3 regio’s. In die zin beschouw ik de motie als zeer welkom, niet alleen als ondersteuning waarvoor ik sta, maar als een duidelijk signaal van de gemeenteraad richting andere raden, richting andere gemeenten, richting andere burgemeesters, richting de regio’s en richting het rijk: we willen waken voor de succesvolle lokale en regionale aanpak. Daarbovenop komt nog een argument, dat is de genoemde € 500 miljoen, die het kabinet wil uittrekken voor aanpak ondermijning, dat naar een landelijk team gaat. We, en dan bedoel ik nadrukkelijk de regio en de regioburgemeester, willen wel dat het ten goede komt aan de regionale en lokale aanpak en dat het niet in een landelijke aanpak verdwijnt, die misschien zelfs wel ten koste gaat van onze aanpak, omdat het menskracht weg trekt, denk aan politie.

Ook daar is het een goed signaal in, wat niet alleen mij ondersteunt, maar ook de regioburgemeester ondersteunt. Wat dat betreft is dat mijn oordeel over deze motie. Ik verwelkom hem en zie hem als ondersteuning, maar ook als een aanvulling op waar ik zelf voor sta. De heer Ruijtenberg: Ik heb een interruptie op het hele college. Ik heb keurig gewacht tot één van de 4 sprekers iets zou noemen over de plukbermpjes, maar hoewel Horti Science 52 keer genoemd wordt in de begroting, is er nu nul aandacht aan gegeven. Burgemeester Van de Stadt: Dan ben ik aan het einde. Wethouder Van den Beukel: Dat is toch wat, we proberen goed collegiaal samen te werken en dan op zo’n belangrijk onderwerp als plukbermpjes gaat het mis. Nee, over Horti Science was wat verwarring. De dekking is één punt, dat lag bij mij. De inhoud gaat over beheer en buitenruimte, dat is collega Fortuyn. Ik wil even iets zeggen over de dekking. De heer Ruijtenberg: Hoewel het een amendement is 18/36

over slechts € 5.000 en niet bijzonder het meest belangrijk, maar ik zou het wel op prijs stellen als de wethouder hier iets serieuzer op in zou willen gaan en iets minder humoristisch over een amendement waar wij aandacht voor willen hebben. We begrijpen, dat het voor u misschien minder van belang is, maar ik zou het op prijs stellen als uw toon iets professioneler is. Wethouder Van den Beukel: Sorry daarvoor, het was niet mijn intentie om het te ridiculiseren, geenszins. Het was echt een omissie, we hebben elkaar daar niet goed over verstaan, collega Fortuyn en ik. Ik wil iets zeggen over de dekking. De inhoud gaat over beheer en buitenruimte en dat hoort bij collega Fortuyn. We hebben eerder bij de kadernota vast gesteld, dat uw raad zegt: dat bedrag is richtinggevend en niet meer dan dat en over de inhoud komen we later te spreken. Daar is door diverse leden van uw raad over gezegd: dat is nog steeds de manier om het te doen.

In die zin zou ik vanuit de verantwoordelijkheid voor Horti Science het verstandig vinden om u wens om voedsel, gezondheid meer naar de burger te brengen, meer naar de Lansingerlander te brengen, dat denk ik te zien in relatie tot het belang van die voedselproductie, die misschien even verderop op een wat intensievere manier plaats vindt, om het dan echt aan de orde te hebben, want er komt een stevige pijler samenleving in de Horti Science visie, ook in de uitvoeringsagenda. Ik verwacht dat daar ook budget mee gemoeid is. Ik denk dat het belangrijk is om het er dan nadrukkelijk over te hebben, tenminste, voor zover uw idee over de plukbermen betrekking hebben op het belang van de samenleving betrekken bij grootschalige voedselproductie. Dat is een uitnodiging aan u om daar dan echt het gesprek te continueren en om op dat moment de keuze te maken voor de budgetallocatie. Wethouder Fortuyn: Er was even wat onduidelijkheid over de beantwoording van uw vraag. Ik heb hem natuurlijk vanavond langs horen komen. Ik wil daar als volgt op reageren. In feite een sympathiek idee, laten we eerlijk zijn. Maar we hebben het integraal beheerplan. Zoals u weet zouden we een slag dieper gaan in de biodiversiteit, maar dat hebben we uitgesteld omdat die bedragen aanzienlijk waren.

Dus het beheerniveau laten we een beetje zoals het is, een kleine bezuiniging, nou ja, € 345.000 is een hoop geld, in de buitenruimte wat afschalen. Wij hebben natuurlijk met elkaar 2 dingen afgesproken. Het zelfbeheer groen. Als mensen en inwoners initiatief tonen om een boomperkje of plantsoen te adopteren, dan ondersteunen we dat en dragen we feitelijk het onderhoud, althans, het normale dagelijkse onderhoud over aan de buurt en het groot onderhoud doen we zelf. Tegelijkertijd hebben we in deze zelfde begroting het Lansingerlands Initiatief weg bezuinigd om een aantal redenen. Dat had met een bezuiniging te maken, maar ook wel met de initiatieven die kwamen en de wijze hoe het tot stand kwam. Het kwam niet lekker boven water, het kwam niet echt goed van de grond en dat hebben we bezuinigd. In diezelfde bespreking hebben we gezegd, in meen dat het in de kadernota was: zijn er initiatieven voor € 5.000 van een inwoner of een aantal inwoners, dan lossen we dat in principe binnen de programma’s op. Waar gaat het om? We belonen initiatief en we vinden het leuk dat mensen bezig zijn met ‘tegel eruit, groen erin’ en andere zaken. En anderzijds om te voorkomen dat we ongemerkt allerlei areaaluitbreidingen krijgen op kleine vlakjes, die feitelijk niet te onderhouden zijn. Dus het is ook een praktische overweging.

Op zich sympathiek, maar dit is de inhoudelijke kant hoe wij tegen dit soort initiatieven aankijken. Dank u wel. De heer Machielse, VVD: Nog een vraag voor de voorzitter in zijn rol als portefeuillehouder veiligheid. Ik hoorde u duidelijk zeggen, dat u bezig bent met de voorbereiding voor camerabeleid, ik ben blij om dat te horen. U zei ook, dat het sowieso naar de raad komt, zodat u ons mee kunt nemen in hoe wij ernaar kijken en hoe wij dat kunnen bespreken met elkaar. Wanneer verwacht u dat? Burgemeester Van de Stadt: In ieder geval het eerste half jaar. Misschien eerste kwartaal, maar dat durf ik niet met zekerheid te zeggen. Laten we ervan uitgaan, dat het ergens maart of april wordt. De heer Machielse: Ik zal hier zijn. Dank u wel. De voorzitter: Ik neem aan, dat 1 zetel erin moet zitten en dan is die voor u, dat is het voordeel van de lijsttrekker. De voorzitter: Ik kijk even naar de raad. Bent u in staat om direct aan de tweede termijn te beginnen? Wenst u dat? Tweede termijn De heer Van Doorn, L3B: Ik had nog 2 open punten en nog wat vragen, maar ik neem aan met uw toelichting dat er niet veel vragen zijn over nut en noodzaak over ondermijning en dat je vanuit samenwerking lokaal mooie doelen kan halen. Dan blijven er 2 over en dat is dienstverlening.

Met de toelichting van de wethouder over de openheid naar organisaties toe en dat we het een vaste taak vinden om in gesprek te blijven, denken we dat die motie overbodig is en dat dat goed gaat komen. We hebben er vanavond aandacht aan besteed. Voor wat betreft ‘niemand in de kou’ eigenlijk een vergelijkbare conclusie voor ons. We hebben er vertrouwen in dat de doelgroep in beeld is, blijft. Mochten er budgetten nodig zijn omdat de problematiek dermate groot is, dan komt het wel naar de raad toe, daar ben ik ook van overtuigd. Dus ik denk dat we binnen bestaande kaders en werkwijzen het doel prima gaan bereiken. Dus dat voor zover ons standpunt m.b.t. die motie. Dan heb ik nog een afsluitende tekst natuurlijk, waarbij ik aangeef, dat de fractie van l3B zal instemmen met de geamendeerde begroting, 19/36

maar ik hecht er wel waarde aan om hier te delen, dat we over 1 financieel principe heel veel discussie hebben gehad en daarom is het wel van belang om dat afsluitend te melden: het instellen van een kapitaallastenreserve ligt erg gevoelig in mijn fractie, maar we accepteren bij hoge uitzondering deze eenmalige afwijking en de voorliggende pragmatische keuzes. Ik hecht er waarde aan om dat wel gemeld te hebben. Dank u wel. De heer Machielse, VVD: Ik wil me in deze tweede termijn beperken tot de moties en amendementen waar we vragen over hebben gesteld aan het college of aan de andere fracties. Dan begin ik met het amendement 'onderzoek energie zwembad’ van GL. Ik ga u iets vertellen, meneer Ruijtenberg: we waren het niet van plan, maar we gaan hem steunen. Soms kan ik u blij maken met een dode mus, of dood maken met een blije mus, ik weet het niet. In ieder geval wil ik u één ding zeggen: dit vogeltje gaat vliegen. Daarmee door naar de motie van de PvdA over digitale dienstverlening aan kwetsbare inwoners. Ik heb in mijn eerste termijn aangegeven, dat we deze doelstelling volledig onderschrijven, maar de warme woorden van de wethouder doen ons geloven, dat dit al onderdeel is van ons beleid en dat het al onderdeel is van de inzet, die wij als gemeente doen, dus we willen haar er volledig in steunen.

We zullen deze motie niet steunen en ik wil eigenlijk zelfs aan mevrouw Verhoef vragen of ze hem wil intrekken, maar als ze er andere overwegingen voor heeft om hem toch in te dienen, dan weet ze al dat de VVD hem niet zal steunen. Diezelfde lijn trek ik naar de motie ‘niemand in de kou’ van WIJ. Ik heb in mijn eerste termijn aangegeven, dat inkomenspolitiek er voor het rijk is, maar wanneer mensen in de problemen komen, moet de gemeente die eerste uitgestoken hand bieden om inwoner te helpen. Ook daar heb ik de wethouder horen zeggen, dat we dat doen, dat ze scherp heeft om welke doelgroepen het gaat en dat ze al beschikt over de middelen om hier op in te spelen en bij de raad terug komt als die middelen tekort schieten. Dus daar wil ik ook de lijn van de wethouder graag volgen en de heer Hoek vragen waar hij nog toegevoegde waarde ziet voor de motie en of hij het beleid, uiteengezet door de wethouder, kan omarmen. Tot slot: dank voor uw uitgebreide toelichting op het camerabeleid. We hebben in deze raad nog nooit zoveel gesproken over een motie, die niet eens is ingediend. Ook even richting WIJ en D66 en GL: de motie is niet ingetrokken, maar hij is feitelijk gewoon nooit ingediend, dus hij bestaat niet. Toch hebben we bereikt wat we wilden. We gaan met elkaar het goede gesprek voeren over camerabeleid en dat gaan we volgend jaar doen.

Volgend met een sluitende begroting, waarin we geen lasten hoeven te verhogen en niet gaan bezuinigen op de samenleving, een resultaat waar we als raad trots op mogen zijn en een lijn van samenwerking, die ik graag door trek naar volgend jaar. Dank u wel. De heer Ruitenberg, CDA: Ik wil graag beginnen met ‘grip op het MIP’. Ik hoorde de wethouder daar een ding zeggen. Hij zei namelijk: er straks in het jaar één keer een beeldvorming. Maar de motie roept toch echt op om twee keer een beeldvorming te doen, namelijk één keer voor de kadernota en één keer voor de begroting. Je weet nooit hoe het loopt met MIP en beeldvormingen, dus laat ik het nog maar eens een keer zeggen. Dan kom ik bij de motie ‘niemand in de kou’. Ik ben eigenlijk heel blij met het antwoord van wethouder Cnossen en ook hoe ze dat verwoordde met de warmte erbij, dus we hebben alle vertrouwen in de aanpak die daar uit voort komt. Ook vanuit het idee: als er geld nodig is, trekt ze bij ons als raad aan de bel. Eigenlijk roep ik de heer Hoek op, hij heeft het punt duidelijk op de agenda gezet en het staat bij iedereen nu helder voor ogen wat we gaan doen, ik denk dat de motie niet meer nodig is om het punt kracht bij te zetten. De motie dienstverlening: eigenlijk een beetje hetzelfde antwoord. Wat ons betreft is helder dat we het eigenlijk al doen. Wij hebben ook navraag gedaan o.a.

bij KWO: herkennen jullie dit? We hebben een antwoord terug gekregen: niet direct. Dus ook hier alle vertrouwen, dat de wethouder het aangeeft als het nodig is. Dus nu geen steun en de overweging om hem nu nog niet in te dienen. Met het antwoord van de wethouder kunnen wij het amendement van het zwembad volledig steunen en we zullen zien of we straks één van de eerste gasloze zwembaden kunnen gaan krijgen, maar zeker interessant om dat uit te zoeken. Dank aan de burgemeester voor zijn toezegging m.b.t. cameratoezicht. Als je hebt geroepen, dat je niet meer herkiesbaar bent, dan wil je toch dat dingen even geregeld worden, dus ik doe hier eigenlijk een oproep aan de burgemeester om ervoor te zorgen, dat het gewoon Q1 wordt, want dan kan ik zelf nog met hem praten over cameratoezicht. Dat gaat hij vast in orde maken. Dan nog de motie van L3B over ondermijning. Zeker gezien de omarming van de burgemeester zullen wij die steunen. Dank u wel. De heer Hoek, WIJ: Hoed u voor de valse profeet, dat raakt mij wel, want wie is nou de valse profeet gebleken tussen de kadernota en nu? Ik heb er wel een idee over. Ik zal me beperken tot de moties en amendementen, waar ik nog iets over wil zeggen. Onderzoek energie zwembad.

Soms denk ik misschien te simpel, ik zie iedereen knikken, maar ik denk altijd: als je 10 jaar geleden een zwembad hebt gebouwd en je bent zwembadbouwer, dan kan ik me toch niet aan de indruk onttrekken, dat je echt wel weet hoe je op dit moment een zwembad duurzaam moet maken. Dat lijkt me heel simpel. Maar ik heb het antwoord gehoord van de wethouder en kennelijk is daar wel onderzoek voor nodig, dus zullen we deze motie steunen. Op de plukperkjes zal mijn collega van GL nog terug komen. Geen plek voor criminelen: ik blijf het een beetje een lege doos vinden. We zitten hier met de begrotingsbehandeling, maar volgens mij heeft het niets met de begroting te maken. Wordt het onveiligheidsgevoel in de motie 20/36

onevenredig opgeblazen? Zo ga je je hier wel onveilig voelen. Maar het is ook een motie, en dat doet L3B wel slim, waar je bijna niet tegen kan zijn. Wij zullen voor stemmen, maar ik wil toch oproepen om dit soort lege dozen-moties, ja, ik vind het erg lastig. Als de burgemeester van Albrandswaard jaloers is op onze gemeente, dan is het simpel: dan nemen ze contact met ons op hoe we dat hier doen en dan is het zo geregeld, daar hebben we echt geen motie voor nodig, maar goed, we zullen hem met een beetje jeuk steunen. Niemand in de kou: ik heb goed geluisterd naar de wethouder. Ze gaat de doelgroep tegemoet komen. Dan is de vraag: natuurlijk, maar ik verwacht daar een terugkoppeling van. Hoe groot is dat tegemoetkomen dan? Er is al gezegd: het kan ook geen open einde verhaal worden. Ik ben dan wel nieuwsgierig, en als de wethouder die toezegging kan doen, dat we daar goed over bijgepraat worden en ook dat we aandacht besteden aan hoe we deze mensen in beeld krijgen. De wethouder zegt wel dat we ze goed in beeld hebben, maar de brief die wij in maart hebben gekregen van het college zegt het tegenovergestelde, dat het heel lastig is, omdat mensen zich vaak te groot voelen om gebruik te maken van dit soort regelingen.

Dus dat schuurt een beetje, maar als de wethouder op deze zaken nog in kan gaan, dan wil ik de motie met alle plezier intrekken, want dan beschouw ik hem toch als aangenomen, omdat de zaken die in de motie verwoord zijn uitgevoerd worden. Dat is het uiteindelijke doel van het indienen van een motie. Wat dat betreft zijn we dan zeer tevreden. Hier wilde ik het bij laten, dank u wel. De heer Markus, CU: Wij kunnen kort zijn. Ik denk dat die toezegging over ‘niemand in de kou’ er zeker komt van de wethouder, dus dan zal die motie ingetrokken worden. Ik heb er alle vertrouwen in, dat we dat zeker op een goede manier gaan regelen. In reactie op wat de heer Hoek zegt, de terugkoppeling. Wat het lastig maakt: je hebt niet op 31 maart gelijk iedereen in beeld. Mensen zullen allerlei verschillende contracten hebben, dus dat in beeld krijgen zal zomaar een hele toer blijven om dat voor elkaar te krijgen, maar er ligt genoeg ervaring en uitdaging bij de gemeente om dat goed voor elkaar te boxen. Dan nog 2 moties, waar we een reactie op moeten geven. Even het ondermijningsverhaal. De burgemeester ziet het als steuntje in de rug en als we onze burgemeester een steun in de rug kunnen geven, dan zijn we daar van harte toe bereid. Nogmaals, het is zeker een belangrijk thema om goed op de kaart te zetten. Dan over de PvdA-motie over digitale dienstverlening.

Volgens mij lopen er allerlei gesprekken met andere geledingen in het sociaal domein. Ik denk dat dat prima werkt. Als het probleem moet worden aangekaart, moet dat op een goede manier opgelost worden. Ik denk dat daar een motie niet voor nodig is en in die zin overbodig is, dus die zullen wij niet steunen. Dat was het. Dank u wel. Mevrouw Den Heijer, D66: Ik kan het ook kort houden. We hebben al aangegeven, dat we zullen instemmen met het voorstel, het geamendeerde voorstel, dus dat is geen verrassing meer. We hebben nog een paar dingen, die we in de tweede termijn willen toelichten, of we daarin mee gaan of niet. In ieder geval dank aan de wethouder, onze nieuwe wethouder, voor de duidelijke woorden. Daarmee zijn voor ons de moties ‘niemand in de kou’ en ‘digitale dienstverlening’ eigenlijk overbodig geworden. Dat klinkt een beetje naar, maar daarmee bedoelen we dat het gewoon fijn is, dat we hier even de aandacht op hebben gevestigd, maar dat we daar dus blijkbaar geen motie voor nodig hebben om dat doel te bereiken, omdat het al gebeurt en dat onze netwerken stevig genoeg zijn om deze informatie te krijgen of om het goed te regelen met zijn allen. Dus we houden het vanaf nu goed in de gaten. Ik heb er vertrouwen in, dat als er in de uitvoering knelpunten komen, dat we als raad tijdig worden ingezet om voor oplossingen te zorgen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=2d54b9f1-b3e3-4796-ad07-2c4e32bffb82