BV21.0117 Verslag raadsvergadering van 24 juni 2021
Tekst van het document
De heer Hoek heeft al gevraagd aan de heer Van der Stelt en ik ga dat niet nog een keer doen: wat is nu het verschil tussen de motie van WIJ, die GL destijds mede ingediend heeft, samen met o.a. PvdA, en deze motie. Ik zie echt oprecht het verschil niet. Maar goed, die vraag is al een keer gesteld. Geen antwoord op. Dan ga ik een andere vraag stellen: wat voegt deze motie toe wat niet al geregeld wordt in het amendement? Want daarin zitten ook voorbehouden over de stijging. Voor ik definitief een beslissing ga nemen over deze motie, wil ik de heer Van der Stelt verzoeken om daar, wellicht nu of in een andere termijn, op te reageren. Ik weet niet hoe de voorzitter daar over denkt. De voorzitter: U had dat moeten vragen tijdens de inbreng van de heer Van der Stelt. De heer Van der Stelt kan nu niet antwoorden via een interruptie, dat is een lastige. Maar er waren nog andere sprekers, wellicht dat iemand de beantwoording van de heer Van der Stelt over neemt. Misschien dat de heer Markus dat wil doen. De heer Markus: Ik wilde aangeven, dat ik dat in mijn tweede termijn zal doen anders blijven we elkaar interrumperen. Dus die toelichting gaat u krijgen. De heer Muis, D66: Ik ga proberen het iets korter te houden, maar daar is de rest ook bij betrokken, dus we gaan het zien. Ik denk niet dat andere partijen het ons kwalijk kunnen nemen dat wij vast willen 11/31
houden aan de oorspronkelijke ambitie van de hele raad ten aanzien van groen. Zeker omdat dat werd voorgesteld in combinatie met 2.500 tot 3.000 woningen denk ik dat de argumentatie wat betreft de onderbouwing vooral aan de andere kant ligt en niet zozeer bij ons. Wij houden gewoon simpelweg vast aan de ambitie, die wij met zijn allen eerder hebben gesteld. De wethouder weet het natuurlijk mooi om te draaien. Het gaat er niet om dat wij nog groener willen. Het is zo groen als de ambitie die we hadden en daar zouden we aan vast willen houden. Dat het college minder groen voorstelt, is prima, goed recht van het college om met een ander voorstel te komen met dit terugvalscenario. Dat geeft niet, maar wij vragen niet om meer groen. We kunnen het er dus nog lang of breed over hebben. Wordt het inderdaad de groenste wijk van Lansingerland? Er werd ook een vergelijking gemaakt met de wijk waarin ik woon en ook de heer Machielse. Nou, ik weet het niet, ik loop rond, ik zie wel groen langs de sloot en veel water, maar om nou te zeggen dat dit één van de groenste wijken van Lansingerland is, ik waag het te betwijfelen. Ik zou eens zeggen: loop eens rond in de Oosteindse Akker met de brede singels en brede groenstroken. Als je het hebt over mooi buurtgroen, dan moet je daar zijn. Dat was het begin van de Vinex, toen er nog voldoende geld was.
Ik snap, dat is in andere tijden gebouwd, maar die vergelijking gaat niet helemaal op. Ik denk dat het vooral zit in het park of andere dingen. Lang en breed kunnen we erover praten, gaan we niet doen, we gaan niemand meer overtuigen, ik kan mijn knopen tellen. Door corona wordt het soms iets minder, maar in de raad blijven we nog evenveel knopen tellen. Volgens mij kunnen we er gewoon over stemmen. Dan de motie van het CDA. Net als in de eerste termijn: ik denk dat het geen kwaad kan om een extra stok achter de deur te zetten. Wat er dan wel of niet in een eerdere motie heeft gestaan, dat zal. Iedereen die een eerdere motie van D66 nog eens in wil dienen, is wat ons betreft van harte welkom. Dank u wel. De heer Markus, CU: Ik zal ze nog eens doornemen. Wellicht bij de kadernota nog eens overnemen. Om even te beginnen bij die motie. Het begon allemaal zo vriendelijk deze avond en het dreigt toch wat minder vriendelijk te worden. Wij dienen die motie ook mede in. Natuurlijk heb ik naar de motie gekeken, die indertijd is ingediend door WIJ. Maar er wordt heel expliciet verwezen naar beleggers en dat was toen ook de discussie. Er werd toen verwezen naar een niet nader te noemen prins. Dat was toen de aanleiding, in ieder geval was dat de beleving die wij hadden en dat staat ook in de motie, dat het ging om beleggers, die de markt op kochten.
Is die motie voldoende? Alle eer en credits naar WIJ. Wij hebben in ieder geval gemeend, nu dit weer speelt, het speelt ook in de media, je ziet bij gemeenten de discussie weer terug komen, maar wij hebben in ieder geval gemeend dat het goed is om het nog een keer aan te scherpen en te zeggen: let op, zorg er nou met elkaar voor dat hetgeen betaalbaar is ook betaalbaar blijft. De heer Hoek: Dat ben ik ten dele met u eens. Er staat ook heel duidelijk in dat betaalbare woningen voor de doelgroep behouden moeten blijven. Daar heeft het college op geanticipeerd en daar hebben ze beleid op los gelaten. Dat is nu allemaal in gang gezet. Ik heb tijdens de presentatie van de woonvisie afgelopen week nog gevraagd hoe de stand van zaken is m.b.t. dit item. Er werd door de bewuste ambtenaar gezegd, dat in alle gremia dit wordt meegenomen. Dan begint het een beetje op bühne politiek te lijken en dat vind ik echt jammer. De heer Markus: Ik deed een poging om nader tot elkaar te komen, maar dat lukt niet echt. Nogmaals, ik ben helemaal niet van bühne politiek, dat zal de heer Hoek toch zo langzamerhand moeten weten. Wat voegt het toe ten opzichte van het amendement? Ik dacht dat ik dat ook in mijn eerste termijn gezegd had. Het amendement gaat sec alleen over die 5% extra NHG, als je het even heel letterlijk leest. Maar we bouwen natuurlijk meer dan alleen die 5% extra.
We hebben al 5% NHG en nog meer betaalbare woningen daar, dus deze motie moet eigenlijk het hele pulletje aan betaalbare woningen, dat we in Wilderszijde neerzetten vullen en borgen dat we dat met elkaar betaalbaar houden de komende tijd. Ik denk dat het zeer goed is om als raad nog even heel stevig en kritisch uit te spreken dat we er inderdaad alles aan moeten doen om die woningen betaalbaar te houden. Niet alleen voor beleggers, die dat wellicht opkopen, maar het heeft ook te maken met, dat is in Bergschenhoek gebeurd, dat mensen naar eer en geweten een woning kochten en die het naar eer en geweten 2 jaar later met een prachtige winst weer verkochten. Dat zijn zaken die we met elkaar willen voorkomen. Dat is wat wij gemeend hadden te doen met deze motie. Nogmaals, er zit geen enkele bühnepraat bij. We hebben in alle eerlijkheid gedacht dit nog eens scherper neer te zetten. Wat betreft het groen, we hebben daar in de commissie over gedebatteerd. Toen ben ik overtuigd. Overigens wordt in het masterplan gesproken over circa en daar past dit ook in. Daarnaast nog een klein ding. Er wordt gesproken over minimaal 18, dus de optie dat het meer wordt staat altijd nog open, meneer Ruijtenberg, dus misschien dat uw groene en linkse hart nog naar alle behoren wordt gevuld met mooie plannen. Daar wil ik het bij laten. Dank u wel.
De heer Jumelet, WIJ: In de eerste plaats het amendement rondom het groen. De wethouder gaf aan, dat het amendement wellicht meer tijd vraagt als het gaat om MER et cetera, maar dat is wel een bijzonder antwoord, want als je kijkt naar de vergelijking tussen scenario 1 en 2, dan zie je een gelijk moment dat het bestemmingsplan gereed is. In die zin denk ik dat de wethouder het mis heeft, want het amendement voorziet eigenlijk in het behoud van hetgeen we al met elkaar hadden afgesproken. In die zin denk ik dat hij de plank op dat punt mis slaat als het gaat om de doorlooptijd. Ik noemde het net al even in de vraagstelling richting de heer Ruijtenberg. Het één hoeft het ander niet uit te sluiten, multifunctioneel gebruik van de buitenruimte kan juist dat hogere percentage groen ook realiseren. Met betrekking tot de 12/31
motie moet me toch even van het hart, en het is wel grappig dat de volledige coalitie deze motie indient en dat wij als WIJ en de oppositiepartijen feitelijk ook aangeven dat de motie in 2018 door ons ingediend en door de raad aangenomen en uiteindelijk ook uitgevoerd door het college door ons als voldoende wordt ervaren en wij steunen dan het college van harte als het gaat om de uitvoering. Blijkbaar is de coalitie toch niet zo tevreden over de uitvoering van hetgeen we als raad hebben gezegd in 2018. Mevrouw Verhoef: Ik wil aan de heer Jumelet vragen: zou het voor u misschien helpen als de motie, die nu wordt ingediend door de heer Van der Stelt, als daar een zinsnede in komt met een verwijzing naar de eerdere motie en dat er wordt uitgelegd in een zin wat er al is gedaan en wat dit nu bij gaat dragen aan een volgende stap, bijvoorbeeld om het concreter in het beleid te krijgen of onderzoek nog iets aan te scherpen, zodat er recht is gedaan aan de eerdere motie en we wel gewoon door kunnen pakken met het doel dat we allemaal voor ogen hebben, namelijk betaalbare woningen betaalbaar houden. Dus dat we historisch recht doen aan uw eerdere inspanningen. De heer Jumelet: Dank u wel voor uw bemiddelingspoging. Inhoudelijk zijn we het natuurlijk met elkaar eens over het behoud van betaalbare woningen et cetera.
Wat ons een beetje steekt, de pot verwijt de ketel wel een klein beetje, en dat wil ik terug geven richting de heer Van der Stelt, dat deze motie eigenlijk overbodig is omdat er eerder al een motie is ingediend en het college heeft gezegd: we gaan het uitvoeren op de manier waarop het vermeld staat in het overzicht. Dus wij hebben alle vertrouwen in het college, let op, oppositiepartijen, we hebben alle vertrouwen in het college, dat het ook netjes gebeurt. Wat de heer Hoek aangaf in zijn interruptie zojuist, is het bevestigd door de ambtenaren bij de behandeling van de woonvisie. De heer Markus: Ik snap ergens de frustratie wel, maar ik vind het ook een beetje zuur. Zo ken ik WIJ niet helemaal, dat vind ik toch jammer. Ik vind de oproep van de heer Muis een heel mooie: hoe trots kun je zijn als jouw motie 2 jaar later wordt gekopieerd en weer wordt ingediend. Ik zou zeggen: dat is twee keer. Dat meen ik in alle oprechtheid. Er wordt nu gedaan of dingen gestolen zijn. Dat zit er helemaal niet achter. Er is in alle oprechtheid een probleem gezien en dat adresseren we nog een keer stevig en dat pakken we op. Als u er problemen mee heeft, dat het niet bij u vandaan komt, alle credits naar WIJ, jullie hebben dat thema stevig op de kaart gezet, dat wil ik vanaf nu altijd vrolijk blijven verkondigen, maar nogmaals, wij hebben gemeend het op deze manier te moeten doen.
Daar zit verder helemaal verdachts achter. Dus ik hoop, dat u de oproep van D66 mee neemt. Laten we proberen daar met elkaar op een goede manier uit te komen. De heer Van der Stelt: Ik wilde ook even hierop reageren, eigenlijk ook op de handreiking die mevrouw Verhoef heeft gedaan. We kunnen natuurlijk in de overwegingen opnemen de verwijzing naar de eerder door WIJ ingediende motie. Als dat helpt, zou het toch wel mooi zijn als we hier raadsbreed onze schouders onder kunnen zetten. Ik ben benieuwd hoe de heer Jumelet daarover denkt. De heer Jumelet: Inhoudelijk steunen wij natuurlijk uiteraard die gedachte, omdat het een invulling is zoals wij hem met elkaar voor staan. Zeker ook mijn fractie. Het steekt als het gaat om de manier waarop dit is gegaan. Dat zeg ik ook eerlijk. Het is ook een beetje de pot die de ketel verwijt. In een eerdere raadsvergadering werd ons de mantel uitgeveegd over het indienen van een motie. Het grappige is dan wel, dat deze motie ook ingediend wordt door degene, die ons toch wel het e.e.a. verwijt. Maar goed, wij zullen over onze eigen schaduw heen stappen en we zoeken graag de overeenkomsten. We zullen gewoon de motie steunen. Voor ons hoeft niet de verwijzing, want dat is kinderachtig als we dat zouden eisen, dus dat gaan we ook niet doen. Dus de motie kan zoals die nu is ingediend blijven en wij zullen die gewoon steunen.
Wat ons betreft zetten we een punt achter dit verhaal en klaar. We zijn blij dat de VVD nu mee doet met het amendement, dat wij met elkaar indienen rondom de 5%. Wat dat betreft uiteindelijk: eind goed, al goed. Een prachtige avond. Dank u wel. De voorzitter: Dat is een positieve toon aan het einde. De heer Machielse, VVD: U nam me de woorden uit de mond, want ‘eind goed al goed’ was wat direct bij mij naar boven kwam toen de heer Jumelet zijn betoog aan het afsluiten was. Al blijvend het voor mij een eindeloze speculatie of de heer Ruijtenberg zijn groene polo heeft aangedaan om een statement te maken in ons debat of dat we daar nog een half jaar op moeten gaan wachten, maar we gaan het allemaal meemaken. In ieder geval wil ik de heer Van der Stelt bedanken voor het daadwerkelijk indienen van zijn motie. Zoals ik in de eerste termijn al heb aangegeven, zal de VVD die van harte steunen. Dank u wel. De heer Ruijtenberg: Ik wil de Machielse nog even in herinnering brengen, dat ik gisteren een rode polo droeg. Het wordt mysterieuzer. De voorzitter: Dan gaan we naar de heer Blonk, die rood/groene pakjes achter zich heeft staan. De heer Blonk, L3B: Het is een chaos in mijn kantoor, want ik ga verhuizen. Er staan hier allemaal dozen met van alles en nog wat. Mooi hè, die kleuren daar. Rood en groen zitten er ook bij, ja. Het was mij nog niet opgevallen. Ik kan het heel kort houden.
Het amendement PvdA mede ingediend, daar is voldoende over gezegd. Het amendement van GL ook voldoende over gezegd, daar zullen wij tegen stemmen. De motie van het CDA ingediend in de tweede termijn, die motie vinden wij echt niet overbodig, daar is het onderwerp te belangrijk voor. Een mooie oproep van collega Muis en een compliment voor mevrouw Verhoef voor de geslaagde bemiddelingspoging. Dank u wel. Beantwoording college tweede termijn 13/31
Wethouder Van den Beukel: Een levendig debat in de raad scheelt de wethouder in zijn beantwoording. Ik heb met name vragen genoteerd of opmerkingen m.b.t. het amendement over het groen, dus daar wil ik het toe beperken in de tweede termijn in eerste instantie. Dat ging over de opmerking en ook wel de vraag: hoe kan het nou dat u hier zo op reageert, terwijl we alleen voorstellen vast te houden aan het percentage, zoals het stond in scenario 1? Daar is een beetje op gereageerd, in die zin, dat in het masterplan stond een voorstel van circa 20% en 11% groen te doen. Daar heb ik toch echt kritische opmerkingen over gekregen van DCMR o.a. Die zegt: circa, daar bouw je niks op. Veel beter zijn minimum percentages. Dus sowieso horen we in deze fase van het ontwerp bestemmingsplan dan over te gaan niet naar de circa’s maar naar de minima en vervolgens op de hoogte zoals benoemd is. Hoe is dan die vertraging te plaatsen, vraagt mevrouw Verhoef specifiek. Ik heb geprobeerd duidelijk te maken in de commissie dat we parallel aan het inzichtelijk maken van de knoppen en parallel aan deze besprekingen van de laatste maanden wel zijn door gegaan met het voorbereiden van het ontwerp bestemmingsplan. Dus daar zit hem de kneep in. Die voorbereidingen gaan we niet op 1, 2, 3, 4, 5 scenario’s baseren. Die gaat uit van 1 scenario en dat is inderdaad het voorkeurscenario van het college.
Dan is het zo praktisch dat uiteindelijk in een bestemmingsplan je het e.e.a. vast legt. Je legt vast de hoofdstructuur en je legt ook vast de woonvelden, zoals dat heet. Op het moment dat je de woonvelden aanpast, die worden nu geënt op voorstellen van percentages, op het moment dat je die aanpast, hoort daar een nieuw geluidsonderzoek bij en dat kost tijd, dus vandaar de vertraging. Zo heb ik het hopelijk praktisch duidelijk te hebben gemaakt. U wilde ook graag horen, mevrouw Verhoef, of die extra woningen hiermee te maken hebben. Ja, zo simpel is het inderdaad ook. Maar, zegt de heer Ruijtenberg, want in het masterplan was er toch 2.500 tot 3.000 beloofd? Ja, die bandbreedte zat erin en tegelijkertijd: het masterplan is natuurlijk echt op hoofdlijnen. Zo is het ook steeds genoemd: een masterplan op hoofdlijnen. Dan ben je nog niet bezig met de proefverkaveling op detailniveau, waarop we dat nu wel aan het doen zijn. Naarmate je verder voort schrijdt in het proces, word je specifieker en kom je tot de conclusie dat het eerder uitkomt op 2.600 dan op 3.000. Dat is met u gecommuniceerd. Dat is dan misschien een teleurstelling, maar dat zijn de feiten die steeds scherper worden.
Vervolgens kom je ook tot de conclusie, dat als je je woonvelden wat ruimer kunt maken dankzij een ander percentage groen in de hoofdstructuur, dat je dan uit komt op basis van een proefverkaveling op 2.700. Garandeer ik die dan, 2.700? Worden het er geen 2.705 of 2.790? Nee, helaas niet, maar misschien maar goed ook, want we maken een bestemmingsplan op basis van de crisis- en herstelwet met een verbrede reikwijdte. Daar zit juist flexibiliteit in om de komende 10 jaar in te spelen op veranderingen. Dus het getal, ik zal het nooit helemaal scherp kunnen afronden op 1, 2 of 3 woningen, het blijft indicatief, maar zeer zeker is het een fors hoger aantal, circa 100, als gevolg van deze optimalisatie. De heer Ruijtenberg: De wethouder legt zich terecht niet vast op een exact aantal van 2.700 woningen, dat begrijp ik heel goed, want vanuit de bestemmingsplannen kan je ervan afwijken op wat het uiteindelijk wordt. Daarom juist stellen wij in het amendement voor om, mocht vanuit die bestemmingsplannen nu blijken dat je toch terug zou moeten naar andere percentages qua buurtgroen of ander groen, dat je daar ook nog een terugvalscenario hebt. Dus ik begrijp dan toch niet waarom hij zo nadrukkelijk daaraan vast houdt. Zeker, we kunnen het in de bouw vast stellen door buurtgroen in de gebouwen onder te brengen. Wethouder Van den Beukel: Laat ik daar beginnen. Over innige bouw gesproken.
Een belangrijke beleidsregel voegen we toch wel toe over natuur-inclusief bouwen. Het is inderdaad zo, dat het in toenemende mate gelukkig in de architectuur en in de stedenbouw wordt nagedacht over de ruimte voor groen in en op en om gebouwen, in en om en op winkels en speelplaatsen en noem maar op, dus dat dubbele gebruik zoeken we zeker en sterker, dat regelen we ook. Dat zorgt er dan overigens wel voor, dat bepaalde stukken groen, meneer Machielse refereerde aan tuinen, dat is ook groen en dat zorgt ook voor klimaatadaptatie, maar dat tellen we niet tot het percentage waar we het nu over hebben. Dus er is meer groen dan deze percentages, laat dat helder zijn. Maar misschien komt de verwarring tussen de heer Ruijtenberg en mij toch voort uit het feit dat de heer Ruijtenberg speekt over bestemmingsplannen. Er is 1 bestemmingsplan. Dat is het ontwerp bestemmingsplan, dat we binnenkort na vanavond ter inzage willen gaan leggen en dat vervolgend eind dit jaar naar uw raad komt. Dus er zullen niet meer plannen zijn, die we elke paar jaar bij u onder de aandacht brengen. Nee, het zijn bouwvelden en bij die bouwvelden kun je inderdaad je voortschrijdend inzicht in kwijt, maar binnen dat ene bestemmingsplan. Dat hebben we nu onder handen en daar moeten we nu een keuze maken. De heer Ruijtenberg: Ik heb een laatste vraag aan de wethouder. Over de tuinen.
Het klopt dat ook die zorgen voor groen, helemaal eens. Echter, mensen kunnen natuurlijk ook besluiten om hun tuin onderhoudsarm of zelfs onderhoudsvrij aan te leggen. Gaat de wethouder propageren of gaat hij een plan voorleggen, dat operatie steenbreek een verplicht iets gaat worden bij deze wijk? Wethouder Van den Beukel: Ik krijg ruzie met 2.600 keer 2,5 mensen als ik het mensen verbied om een trampoline in een tuin aan te brengen, omdat die van plastic is. Daar moeten we een beetje mee oppassen, maar het is zeker zo, dat we in Wilderszijde eigenlijk de lijn doortrekken van o.a. Westpolder. Tegenwoordig is het zo, dat de ontwikkelaars direct bij de aanleg en oplevering van woningen groene tuinadviezen mee geven. Dat klinkt heel triviaal, maar het blijkt er in de praktijk voor te zorgen, dat mensen net eerder de goede keuze maken, de groene keuze maken, dan dat ze nog een rolletje kunstgras uitrollen. Dus inderdaad is daar volop aandacht voor in de communicatie en ook in de beleidsregels. Dan is er nog een punt van de heer Jumelet, die zegt: de wethouder heeft het mis. Als u 14/31
dat aan mijn kinderen vraagt of aan vrienden, dan zullen ze dat zeker beamen, in deze toch niet. U heeft het over de vergelijking van scenario 1 en scenario 2, waar toch eenzelfde symbooltje stond qua tijd, maar dat schema dateert van een hele poos geleden. Op dat moment maakte het inderdaad in de tijd niet uit voor welk scenario we zouden kiezen, scenario 1 of scenario 2. Tegelijkertijd zijn we op 1 spoor door gegaan. Dat spoor moet u het college vergeven of niet, dat is het spoor dat het college voor zich ziet. Inmiddels is het zo, dat wijzigingen in het groen of andere zaken vertraging opleveren. Dus het schema was toen accuraat, maar is nu gedateerd. En de winkels weg, dat zouden we ook niet voorstellen vanuit het college. Misschien is het ook niet uw concrete voorstel, maar we gunnen toch ook de mensen in Wilderszijde, dat moet een wijk worden een landschap van ontmoetingen, waar mensen elkaar ontmoeten en daar helpen winkels en commerciële voorzieningen wel bij, dus blijven gewoon staan, corona of niet, maar wel met een dubbele bestemming, zodat als blijkt na enige jaren dat er onvoldoende belangstelling is, dat ze dan voor een belangrijk deel kunnen worden omgecat naar woningen. De heer Jumelet: Twee opmerkingen rondom het voorbereiden van het bestemmingsplan.
Daarmee heeft de wethouder eigenlijk wel een enorm risico genomen, want op het moment dat deze raad had gezegd dat we het terugvalscenario niet doen en dat we vast houden aan scenario 1, dan had u dus feitelijk wel een probleem gehad, want u heeft al ruimschoots geleden geanticipeerd op het terugvalscenario als het gaat om het voorbereiden van het bestemmingsplan. Maar voor die discussie in de commissie heeft toch ook dat overzicht deel uitgemaakt van de discussie. In die zin is het ook weer niet zo oud, of het zijn dagprijzen die ze hanteren, maar volgens mij staan we niet op de markt. Ik vind het vreemd, dat u zegt dat het een ouder schema is. Het schema was toch begin deze maand onderdeel van de discussie in de commissie. Laat ik hierbij stoppen. Dank u wel. Wethouder Van den Beukel: Ik kan er kort over zijn: we hebben een risico genomen, ja. Het leven zit vol risico’s en ook voor een politicus. Ik had het team kunnen vragen om een paar maanden langer met hun handen op elkaar te zitten tot we hier dit debat hadden gevoerd. Het college heeft geoordeeld, dat dat niet verstandig zou zijn, gelet op de behoefte aan ontwikkeling van Wilderszijde, dus vandaar hebben we getaxeerd om verder te gaan op deze koers en vervolgens transparant erover te zijn, zodat als u toch een afwijking zou willen maken er voor een deel weer werk opnieuw moet worden gedaan.
Dat leek ons een verstandige keuze. Daar lijkt mij in deze ook niet zoveel mis mee. Tot zover, wat mij betreft. De voorzitter: Daarmee zijn we aan het einde van de behandeling van de bespreking van dit agendapunt en gaan wij over tot de stemming. Als eerste stemmen wij natuurlijk over de beide (…). De heer Markus: We zien u wel praten, maar we horen u niet. De heer Ruijtenberg: U bent niet te horen, voorzitter. De voorzitter: Ben ik weer te horen? Ik weet niet wat het was. Ik wilde u net in herinnering brengen: wij stemmen in volgorde over de beide amendementen, dan het voorstel en dan de motie. Ik ga straks eerst vragen of u stemming wenst. Bent u tegen het voorstel, dan dient u stemming te wensen, want als u geen stemming wenst, is het voorstel aangenomen. Bij de procedure als we gaan stemmen, open ik de stemming dan moet u nog niet stemmen, dan geef ik u een seintje dat u daadwerkelijk kan stemmen. Dat heeft ermee te maken, dat de griffier hem even klaar moet zetten voor u. Ik deel u dan mee dat u kunt stemmen, dan kunt u stemmen. Als alle stemmen binnen zijn, sluiten we het systeem en krijgen we de uitslag. Mocht het niet lukken, geeft u dan rustig even een seintje. Ik geef ook aan wie we nog niet binnen hebben, dan kunt u ook eventueel mondeling stemmen.
De voorzitter: We gaan als eerste naar het amendement 5% bereikbare woningen ingediend door mevrouw Verhoef met velen, zo niet op één na bijna unaniem, dat is de grootst mogelijke meerderheid van ondertekenaars, niet volledig. Ik vraag u: wenst u stemming over dit amendement? Dat is niet het geval, daarmee is dit amendement aangenomen. De voorzitter: Dan gaan we naar het amendement ingediend door de heer Ruijtenbeg van GL mede namens D66: groen op Wilderszijde. Wenst u stemming over dit amendement? De heer Machielse: Ja, ik wens graag stemming over dit amendement. De voorzitter: Ik zie van verschillende zijden dat er een stemming gewenst wordt, dat gaan wij dan doen, stemmen over het amendement groen op Wilderszijde. Ik ga de stemming openen. Hij is geopend, u kunt stemmen. De heer Erwich en de heer Kampinga missen wij nog. De heer Kampinga: Ik heb gestemd, maar hij blijft rondjes draaien, het komt niet door kennelijk. Dus ik zeg maar, dat ik tegen gestemd heb. De heer Erwich: Ik ben er ook en ik stem ook tegen. De voorzitter: Helder, tegen. Dan hebben we die binnen. Zijn we dan compleet? Ja. Dan sluit ik de stemming. Er zijn 8 stemmen voor en 23 stemmen tegen uitgebracht. Daarmee is het amendement niet aangenomen. De voorzitter: Dan gaan we naar het voorstel zelf.
Wenst u stemming over het voorstel definitief voorgenomen besluit terugvalscenario Wilderszijde? Dat is niet het geval, daarmee is het geamendeerde voorstel aangenomen. De voorzitter: Dan hebben we de motie ingediend door de heer Van der Stelt: wat betaalbaar en bereikbaar is moet betaalbaar en bereikbaar blijven. Wenst u stemming over deze motie? Ook dat is niet het geval, dan is de motie ook aangenomen. En daarmee zijn we aan het eind van dit agendapunt. 15/31
9.b Vaststellen jaarstukken 2020 De heer Van Santen, VVD: We bevinden ons in een bijzondere situatie. Aan de ene kant hebben wij in 2020 meer OZB ontvangen dan begroot en aan de andere kant zijn we van plan om de OZB structureel te verhogen vanaf volgend jaar. Daar hebben we van de week uitgebreid bij stil gestaan, bij al die maatregelen die wij voornemens zijn. Bij de subsessie van de tafeltjesavond, onlangs gehouden, hoorde ik vrij breed het onbegrip van aan de ene kant strak begroten en aan de andere kant tegelijkertijd wel eindigen met een overschot, wat toch heel regelmatig gebeurt. Dat tezamen, die twee zaken, heeft ons tot dit amendement gebracht, dat ik mede indien namens D66. Ik ga niet alles uit de toelichting voorlezen, maar ik wil er wel een paar zaken uit lichten. Ik wil met name benadrukken, dat burgers en bedrijven langzaam maar zeker, en we hopen dat dat door gaat, uit de lastige Covid periode komen. Wat ons betreft verdienen zij een financiële steun in de rug. Bij bedrijven en ondernemers hebben we dat als raad al geregeld via het herstelplan met € 500.000 en daarom dit amendement om het overschot, ik benadruk het overschot, van € 376.000 aan meer ontvangen OZB eenmalig te reserveren voor een mogelijke verhoging van de OZB volgend jaar.
Het is natuurlijk nog niet zeker, wellicht dat het niet door gaat, maar mocht het door gaan, dan hebben we daar een bedrag om dat volgend jaar te neutraliseren. Ik wil benadrukken, dat het incidenteel is. Ik kan me ook voorstellen dat dat van belang is voor de goedkeuring van de provincie. Wellicht dat de wethouder er nog wat over kan zeggen, maar ik heb wel begrepen dat wij niet de enige gemeente zijn, die dit op deze wijze doen. Dan ga ik naar het voorgestelde amendement. Ik begrijp dat ik geacht ben dat voor te lezen, dus dat zal ik doen. A2021-014 Het besluit als volgt te wijzigen. In het beslispunt 1 het bedrag van 1,5 miljoen euro positief te vervangen door: 1.124.000 euro positief. Een beslispunt 5 toe te voegen dat als volgt luidt: 5. a. Een bedrag ter hoogte van de meer dan begrote OZB-opbrengst van 376.000 euro te reserveren voor een eenmalig teruggave in 2022. b. Bij de begroting 2022-2025 een eenmalige compensatie op te nemen voor de heffing OZB-woningen van maximaal dit bedrag doch maximaal de verhoging van het tarief 2022 t.o.v. 2021 bij de aanslag OZB-woningen voor het jaar 2022, zodat deze maximaal gelijk is aan de heffing 2021 exclusief autonome ontwikkelingen. c. Het niet bij de begroting 2022-2025 gebruikte deel van de reservering dan toe te voegen aan de algemene reserve, verminderd met de eventuele uitvoeringskosten. Tot slot.
De heer Jumelet spreekt van een heugelijke dag, heb ik hem horen zeggen. Daarna was hij wat zuurder, zoals sommige mensen zeiden, maar hij had het over een heugelijke dag en ik hoop dat deze dag nog feestelijker kan worden voor onze inwoners als de voorgenomen belastingverhoging in 2022 de facto niet gaat plaats vinden. Dank u wel. De heer Philippens, L3B: Een amendement op de jaarstukken, maar het gaat eigenlijk naar aanleiding van de kadernota 2022, die we gisteren besproken hadden. Daar moeten we bij bezuinigen en we willen natuurlijk met zijn allen liefst zo min mogelijk bezuinigen. Dit amendement vraagt om een incidentele verlaging van de lokale lasten en dat kan op onze sympathie rekenen, maar we vragen ons wel af als partij of dit de juiste weg is en de juiste timing. De juiste weg is, het amendement roept op tot steun voor burgers en bedrijven, die uit een lastige Covid-periode komen. Die snappen wij, wij vinden ook, dat die groep gesteund moet worden, maar daar doen we al veel voor. Daar zijn meerdere regelingen voor. Is het dan handig om dat via de OZB te doen? Dan verwijs ik even naar de heer Ruijtenberg van het CDA, die dat gisteren ook aangaf. De OZB zit onder het gemiddelde, de percentages.
Dat hebben we als coalitie de afgelopen jaren gerealiseerd van ver boven landelijk, dus we kwamen van heel ver, naar nu onder het landelijk gemiddelde in een heel moeilijke context. De woningeigenaren binnen Lansingerland hebben de afgelopen coalitieperiode al heel veel voordeel gehad. Dat wil niet zeggen, dat je niet nog extra voordeel kan geven, maar het is de vraag, als het doel is om bedrijven en burgers te ondersteunen, die het moeilijk hebben n.a.v. corona, of dit de juiste oplossing is. Met betrekking tot het overschot: sommige jaren hebben een overschot en sommige jaren hebben een tekort. Dat zit nou eenmaal in de begrotingssystematiek en daar doe je een schatting mee. Dus over meerdere jaren strepen die bedragen zich tegen elkaar weg. Als je de systematiek van het amendement volgt, ik hoor de heer Van Santen zeggen dat hij dat niet wil, maar dan zou je in jaren dat we te weinig hebben na kunnen heffen. Ik geloof, dat dat niet de bedoeling is, maar dit lijkt het wel een beetje uit te stralen. Kunnen we dan niet andere dingen doen om die burgers te ondersteunen. Een heel mooi voorbeeld is, dat gaan wij straks in een motie vreemd inbrengen, is de TONK regeling. De TONK regeling is juist voor burgers en bedrijven, die het moeilijk hebben vanwege corona. Laten we dat soort regelingen nog ruimhartiger toepassen. Of een ander voorbeeld.
Onze corona crisisreserve, die kan ook ingezet worden voor de financiering van uitkeringen en eventueel kwijt schelden van belasting en leges. Dat wil ik de VVD in overweging mee geven: is dat niet een gerichter instrument in plaats van een sleepnet in te zetten, waarin alle huishoudens ongeveer € 13 krijgen met die teruggaaf van de OZB, om gerichter in te zetten op de burgers en bedrijven die het echt nodig hebben. De juiste weg: is het ook de juiste weg van de provincie? Deze vind ik wel zwaarwegend. Mogelijk moeten we in 2022 € 200.000 structureel gaan bezuinigen, maar dan doen we nu tegelijkertijd een incidentele teruggaaf. Dan kijk ik ook even naar de wethouder, de heer 16/31
Van Santen deed dat ook al. Gaat een provincie dit niet zien als eigenlijk een uitstel van je structurele begroting? Maakt dat onze begroting structureel daardoor niet meer in evenwicht? Even een vraag aan de wethouder: kan hij mijn partij 100% garantie geven of toezeggen dat een provincie dit niet zo ziet? Of kan er ambtelijk contact plaats vinden, ik denk dat dat meer redelijk is, met de provincie of dit op hun goedkeuring kan rekenen? Waarom ik hier zo scherp op ben? Het zou niet de eerste keer zijn in deze raad dat met een goedbedoelde motie of amendement dat wordt ingediend of gesteund, waarmee we onbewust een bom leggen onder de structurele sluitendheid van onze begroting en dat we daarmee op ramkoers komen met de provincie. Ik geef u de begrotingsbehandeling 2021 in overweging. Dus laten we deze nu goed uitlopen. Over de timing heb ik gesproken. Er zit nog een hoop onzekerheid tussen de kadernota en de begroting. We weten pas echt wat we moeten bezuinigen bij de begrotingsbehandeling. Wat ons betreft is dit amendement prematuur. Wat er eigenlijk wordt voorgesteld is een reserve in te stellen voor een bezuiniging, waarvan we niet zeker weten of we die door moeten voeren. Ik wil eigenlijk een tegenvoorstel doen, want wij vinden het als partij echt een sympathiek idee, maar volgens mij moet een aantal essentiële zaken nog verder uitgewerkt worden, zeker met de provincie.
Laten we dat dan doen. Vervolgens kunnen we dit initiatief, want ik vind het nog steeds een goed initiatief, behandelen bij de begroting 2022 als we duidelijk hebben of en wat de bezuinigingen worden. Dank u wel. De heer Ammerlaan, CDA: Er is € 376.000 OZB over. En ja, mogelijk gaan we, het is nog niet zeker natuurlijk, we hebben nu de kadernota gehad, we zijn nog niet zover voor 2022, maar het zou kunnen zijn dat we dan de OZB gaan verhogen om rond te komen. Wij als CDA zijn er ook voor om de burgers zo min mogelijk te laten betalen. Ik zie het niet in het kader van corona nu, maar het gaat erom om de lasten niet hoger te maken dan nodig is. Ik was er gisterenavond niet bij, bij de kadernota, maar ik weet dat mijn fractievoorzitter het er ook over had. We hebben een spaarpot, die heel groot is en anderzijds moeten we ervoor zorgen, dat het in evenwicht blijft. Die zin sprak mij wel aan en dat is ook hier het verhaal. Ik had eerst ook mijn bedenkingen: is dit nou de goede manier? Maar toen ik er 2 nachtjes over geslapen had, kon ik denken: het is misschien toch een goede manier om de lasten niet hoger te maken voor de burgers dan nodig is.
Maar wat ook meneer Philippens al zei: een voorwaarde moet natuurlijk wel zijn, dat het allemaal technisch verantwoord is, volgens de bekende BBV, dat we niet terug gefloten worden en zeker niet voor een in verhouding zo’n klein bedrag in verhouding tot andere dingen die we weleens tegen gekomen zijn. Ook is het zo, voordat dit definitief is, als we de begroting van 2022 gaan vast stellen, dan is het wel of niet, dus nu zou voorgesteld kunnen worden om het voorlopig te reserveren en dan definitief te zeggen of je het wel of niet gaat gebruiken. Maar ik wil uiteraard graag de wethouder horen hoe hij er tegen aan kijkt. Is dit technisch haalbaar? Heeft hij er nog tijd voor nodig? Moeten we het even aanhouden? Dit was mijn bijdrage, dank u wel. Mevrouw Van Olst, WIJ: Wij hebben in de commissie AB de jaarstukken natuurlijk al goedgekeurd, het was voor ons een hamerstuk. Dat houden wij ook zo. Wij zijn er zeker voor om inwoners, die het nodig hebben extra te helpen, maar op deze manier lijkt ons niet de juiste. Het is niet het juiste moment en niet de juiste manier. Want een rekensom leert, dat er circa 24.000 huizen in Lansingerland zijn en dat het bedrag, dat nu wordt voorgesteld, die € 376.000 een bedrag betekent van circa € 15,70 per woning per jaar. Het gaat dus over € 1,30 per maand.
Ik wil niet zeggen met het oog op de verkiezingen, dat zou wel erg voorbarig zijn, ik denk echt wel dat er een goede bedoeling van uit gaat, maar ik denk dat het hele administratieve proces ook al heel veel kosten met zich meebrengt, dus het lijkt ons niet opportuun. Voorlopig stemmen wij tegen dit amendement. Dank u wel. De heer Markus, CU: Om maar gelijk met de deur in huis te vallen: wij zullen ook tegen het amendement stemmen. Alle redenen, die al eerder genoemd zijn herkennen wij zeer goed. Allereerst, het gaat om een zeer klein bedrag per huishouden. Als ik om me heen vraag, zeggen mensen: besteed het alsjeblieft aan mensen die het harder nodig hebben. Dus de oproep die de heer Philippens doet om eens te kijken of we met het overschot misschien degenen kunnen helpen, die het veel harder nodig hebben, vinden wij veel beter. Daarnaast vragen wij ons ook af, de OZB gaan we structureel verhogen en die gaan we eenmalig incidenteel veranderen, we vragen ons af of dat kan. Wij denken ook: het ene jaar heb je een overschot, dan geef je het terug en als je een tekort hebt moet je ook verplicht zijn om het op te halen. Dat is iets wat we met zijn allen niet willen, dus laten we deze consistente lijn vast houden. Overschotten zijn ten gunste van de algemene reserve en uit de algemene reserve kunnen we mooie dingen doen voor inwoners die het nodig hebben.
Dat lijkt ons een uitstekende volgorde. Wij zullen dan ook tegen dit amendement stemmen. Dank u wel. Mevrouw Den Heijer, D66: Dit creatieve en sympathieke voorstel dienen wij met veel plezier samen met de VVD in. Dank aan de fractie van de VVD en specifiek aan de heer Van Santen voor het bedenken van deze mooie oplossing. Dit amendement zorgt ervoor, dat de OZB voor inwoners incidenteel niet verder omhoog gaat in 2022. Belangrijk om te noemen is dat het niet alleen gaat om coronasteun, maar het is veel meer principieel wat je met OZB doet. Zoals gisterenavond al door meerdere partijen opgemerkt werd, bestaat de financiële problematiek van Lansingerland niet uit die lege spaarpot, maar uit dat structurele saldo. Ook dit relatief kleine overschot uit de OZB oppotten in de algemene reserves, terwijl 17/31
de rekening van de inwoner stijgt, vindt mijn fractie principieel onwenselijk. Gisteren liet ik tijdens de bespreking van de kadernota al weten dat het voor de fractie van D66 het verlagen van lokale lasten een belangrijke prioriteit is. Hoewel dit amendement natuurlijk incidenteel een opplussing biedt alleen voor 2022, is het altijd nog beter, wat ons betreft, dan helemaal niets doen. Uiteraard moeten we blijven zoeken naar meer structurele oplossingen om die lokale lasten te verlagen. Als je kijkt naar het afvalbeleid moet het een belangrijke rol daarbij spelen, maar wat ons betreft is het tot die tijd: alle beetjes helpen. Daarom dienen we dit amendement dus ook samen in. Tot slot is het natuurlijk altijd van belang, dat we dit netjes volgens de regels doen. Dat delen wij met alle andere fracties natuurlijk, maar wij denken dat dit voorstel daaraan voldoet. Natuurlijk zijn we benieuwd naar de inschatting van de wethouder. Als het technisch kan, is dit de beste oplossing wat ons betreft. Dank u wel. De heer Ruijtenberg, GL: Ook wij zullen tegen dit amendement stemmen. Laat heel duidelijk zijn: wij vinden dat inwoners die teveel betalen dat geld terug moeten krijgen. Dat geld is inderdaad van de inwoners.
Echter, je kunt je ook afvragen: hoe ga je het geld terug geven aan de inwoners? Als we lezen dat het bij dit voorstel gaat om een bedrag van € 376.000 terug te geven via de OZB aan inwoners en we weten vanuit de kaderbrief dat we ook onmiddellijk zeggen dat € 375.000 gaan bezuinigen op het sociaal domein. Die bedragen zijn ongeveer 1 op 1. Alleen daarom al vinden wij, dat je dit niet moet doen en om het toe te voegen aan de algemene reserve. Mocht het inderdaad teveel zijn, dan zou je nog beter, wij gaan wellicht een amendement indienen op het moment dat wij de kaderbrief gaan bespreken, of wat de heer Philippens zei bij de begroting als we meer weten over wat er echt bezuinigd gaat worden, om op dat moment het overschot dat we hier hebben aan OZB aan te wenden om die bezuiniging op het sociaal domein, die volgens onze fractie veel ingrijpender is en ook veel eerder van de baan moet, om die daarmee te vereffenen. Dus niet omdat we tegen zijn, maar omdat we het bedrag nog even willen reserveren om er eventueel nog betere doelen mee aan te wenden. Daarom zullen wij tegen dit amendement stemmen. Mevrouw Verhoef, PvdA: Zoals de heer Philippens zegt: soms is er een overschot van OZB en soms een tekort. Dat geld, als er een klein overschot is, wordt goed benut door onze gemeente.
De VVD wil incidenteel een cadeautje, een teruggave, geven aan mensen die een koophuis hebben, een dak boven hun hoofd of een bedrijfspand met als motivatie de zware coronatijd. Meneer Van Santen, iedereen heeft zware tijden gehad in de Covid-periode, althans, veel mensen, ook mensen die geen eigen huis hebben en zelfs geen sociale huurwoning, maar bij hun moeder met 2 kinderen op zolder in Bleiswijk wonen. Ik vind het raar om dit voor te stellen met een bezuiniging in het sociaal domein in het verschiet, als het aan de kadernota ligt. Dus als de indieners dan toch graag wat willen doen voor de OZB-betaler, doe dan een lagere OZB-verhoging in die ombuiging of veel liever: draai de bezuinigingen terug in het sociaal domein, die nu zijn aangekondigd, terwijl dat allemaal nog uiterst onzeker is en misschien is het allemaal niet nodig. Dus zoals de heer Philippens zegt: liever bij de begroting bespreken, dan kunnen we kijken hoe we dat overschot aan OZB gelden gaan besteden. Dan kan ik me ook zomaar voorstellen, dat je ook een amendement zou kunnen indienen en zeggen: geef de helft terug aan de OZB betaler, doordat je die OZB-verhoging minder hoog laat en geef een deel aan gezinnen, die in armoede leven, want dat is nog steeds 5% van de huishoudens in Lansingerland. Dank u wel.
Beantwoording college Wethouder Van den Beukel: Dank voor de gelegenheid en de inbreng van de diverse leden. Het aantal vragen aan mij is beperkt. Een heel duidelijke vraag, die een paar keer is gesteld: hoe zou de provincie hier nu naar kijken? Zou het niet goed zijn om daar ambtelijk contact mee te hebben? Dat is er al geweest. Deze inbreng heeft zijn schaduw vooruit geworpen, dus vandaar dat er al contact is gezocht en het antwoord is dat het kan. Waarom dan? Waar het om gaat bij structurele dekkingsmiddelen, zoals deze, is dat je het tarief op de goede hoogte vast stelt. Als wij het percentage vast stellen op een bepaalde hoogte, dan is dat het uitgangspunt, de basis voor het bepalen van de structurele inkomsten door de provincie. Als je vervolgens een eenmalige teruggave doet, die je separaat verantwoordt, dan is dat eigenlijk een kostenpost voor de gemeente. Dat doet niets af aan je structurele inkomsten op basis van het vastgestelde percentage OZB. Dus dat kan. Dat is geen beletsel. Er redenen om ervoor te zijn, om ertegen te zijn. Die redenen heeft u grotendeels genoemd. Wat dat betreft staat het college hier heel neutraal in. Het is uitvoerbaar op diverse manieren ook. Het is ook elders gedaan. Je kunt het waarschijnlijk doen door 1 regel toe te voegen op de aanslag.
Je kunt het ook wat bewerkelijker doen door het echt op een separate manier over te maken, dan is het een soort subsidie. Niet die figuur, maar het is dan iets bewerkelijker. Maar er zijn mogelijkheden. De uitvoeringsinstantie, die wij daar voor hebben, de SVHW, heeft hier ook positief op gereageerd als in: het is technisch mogelijk. Maar verder is het oordeel geheel en al aan uw raad. Dat is in het kort de beantwoording die ik voor u in petto heb. (…) De heer Van Santen: U staat op mute. De voorzitter: Ben ik nu te horen? Ik sta niet op mute, maar de koptelefoon is kennelijk niet helemaal tot medewerken bereid vandaag. 18/31
Tweede termijn De heer Van Santen, VVD: Iedereen bedankt voor zijn bijdrage en ook de wethouder voor zijn antwoord. Blij, dat de provincie in elk geval niet het probleem is. Een aantal vroeg: zit het wel goed, want dat is een voorwaarde voor het amendement. Dat is in elk geval van tafel, dus dan is het een politiek oordeel, dat in deze raad geveld gaat worden. Dan wil ik toch even reageren op een aantal. Het is altijd goed om iets heel klein te maken op het moment dat het niet helemaal uit komt. Eén euro zoveel of tien euro. Ik stel wel vast, dat we wel menen die verhoging te moeten doorvoeren, dus kennelijk vinden we dat soort kleine bedragen wel heel prettig als gemeente. En landelijke zitten we nog steeds met onze lasten 14% hoger dan landelijk en ook hier in de regio behoren wij, op Pijnacker na, tot de gemeenten met de hoogste lasten. Onze burgers doen genoeg, betalen genoeg en als dat ook nog eens meer is dan begroot dan lijkt het me niet anders dan redelijk om dat eenmalig terug te geven. We geven het niet terug, want we doen dat alleen maar op het moment dat er een verhoging is. Wij zijn niet voor teruggave van belastinggeld op een bepaalde manier. Mevrouw Verhoef: Hoe kijkt u hier nou maatschappelijk naar? U geeft aan de ene kant incidenteel mensen die het misschien best wel kunnen lijden geld terug.
En met de andere hand pakt u, als het aan de kadernota ligt, structureel geld af van mensen die het nodig hebben. Hoe gaat u dat maatschappelijk uitleggen? De heer Van Santen: Ik geef mensen geen geld terug. Het voorstel is juist om de verhoging niet door te voeren. Dat is toch anders dan wat u zegt. Ik probeerde net te benadrukken, dat wij geen geld terug geven. Wij compenseren de verhoging met wat er het jaar ervoor teveel ontvangen is. Als dat niet was gebeurd, hadden we dit voorstel nooit ingebracht. Zo moet u het zien: om het weer in balans te brengen. Mevrouw Verhoef: Dan begrijp ik niet waarom u het een eenmalige teruggave OZB noemt. Dan had u moeten zeggen: voorkomen dat de OZB onnodig stijgt door enzovoorts. De introductie was duidelijk: we gaan terugbrengen wat teveel betaald is. De heer Van Santen: Technisch is dat natuurlijk zo. Er wordt een structurele verhoging doorgevoerd, ik ga er in het voorstel van uit dat dat gebeurt, en als je in 2022 dat wil voorkomen gefinancierd vanuit het geld van het jaar ervoor, dan is het technisch gezien, de wethouder legde het netjes uit, er komt een regel om de OZB, technisch gezien gaat het er van af, maar per saldo heb je dan dus geen verhoging gedaan. Per saldo geven we geen geld terug. Daar gaat het ons natuurlijk om. Dan ga ik even door.
De heer Philippens had het over het vormen van een reserve en dat dat dan misschien een probleem is. Wat is er mis met een reserve, die je uiteindelijk niet nodig hebt? Dat doen we wel vaker en dan valt het uiteindelijk toch vrij in de algemene reserve. Ik zie daar helemaal niet het probleem van. Natuurlijk kunnen we wachten op de begroting, maar wij vonden het juist zo zuiver om dit bij de jaarstukken te doen, omdat van die € 4,5mln positief meerdere bedragen herbestemd worden en gereserveerd. Juist dat deel van de OZB dat teveel ontvangen is zouden we graag reserveren. Natuurlijk kunnen we altijd bij de begroting, maar dat geldt voor alles, een voorstel doen uit de algemene reserve incidenteel zaken te dekken, maar dat heeft onze voorkeur wat dat betreft niet op dit moment. Mevrouw Verhoef: Ik doe nog een hele kleine interruptie. We kijken nu vooruit, we kijken naar de mogelijke bezuinigingen via de kadernota. We kunnen ook terug kijken. We hebben het afgelopen jaar gesneden in de sociale domein voorzieningen. Tegelijkertijd hebben we iets teveel OZB geheven, dus we hebben ergens zitten snijden terwijl we het geld hadden om dat gat te dichten. Hoe gaat u dat dan verantwoorden, als u naar het jaar dat achter ons ligt kijkt? De heer Van Santen: U probeert die combinatie te maken tussen het sociaal domein en de OZB en die maak ik dus bewust niet.
Ik kijk puur naar die OZB en die is vorig jaar voor € 376.000 meer ontvangen dan begroot. Dat is waar ik naar kijk. Was dat niet gebeurd, hadden we dit voorstel niet gedaan. Dus ik maak die koppeling met het sociaal domein niet, die u wel maakt. U zei nog wel, u noemde een lagere OZB verhoging. Dat is juist wat niet kan, want dan krijgen we structureel een probleem en dan hebben we geen sluitende meerjarenbegroting uiteindelijk, dus daar zijn we niet voor. Volgens mij ben ik op de meeste vragen of opmerkingen ingegaan. Dank u wel. De heer Philippens, L3B: Eén van mijn punten is mooi weg genomen door de wethouder. Het kan volgens de provincie, dus daarmee blijft deze optie open staan. Dat is mooi om te horen. Maar ik sluit me aan bij de andere fracties, die tegen stemmen bij dit amendement, want ik denk dat het belangrijk is om breder te kijken richting de begroting. Dat we dan anderzijds weten wat er noodzakelijk is of we daar überhaupt een gat te dichten hebben en dat we dan met elkaar scherper kunnen kijken of er ook andere bestedingsmogelijkheden zijn voor dit bedrag. Dus wij zullen tegen dit amendement stemmen. Dank u wel. De heer Ammerlaan, CDA: We hebben gehoord, dat het technisch uitvoerbaar is en dat was voor ons de belangrijkste vraag. We kunnen er allerlei dingen bij halen, zoals ik van andere partijen hoor, maar wij kunnen er gewoon voor zijn.
Het moet niet structureel zijn, maar in dit geval kunnen wij ermee instemmen. Even een opmerking aan meneer Van Santen. We hebben hier de hoogste lasten, maar even een opmerking: daar krijg je ook wat voor. Voor wat, hoort wat. We kunnen er iedere keer mee komen, maar we wonen in een mooie gemeente en ja, dat kost wat. Dat wilde ik u even mee geven. Dat was het, dank u wel.
19/31
Mevrouw Van Olst, WIJ: Ik heb niets toe te voegen aan mijn eerste termijn. Het blijft zoals het was. Wij stemmen tegen. Dank u wel. De heer Markus, CU: Ik heb ook verder niets toe te voegen aan mijn eerste termijn. Dank u wel. Mevrouw Den Heijer, D66: Ik heb ook verder niet toe te lichten aan mijn eerste termijn. Ik vond dat de heer Van Santen het fantastisch heeft uitgelegd, wat de bedoeling is van dit amendement. Daar heb ik eigenlijk niets aan toe te voegen. Dank u wel. De heer Ruijtenberg, GL: Ik heb wel iets toe te voegen. De heer Van Santen heeft aangegeven, dat hij geen koppeling maakt tussen aan de ene kant OZB en aan de andere kant sociaal domein. Dat is heel erg mooi, maar die koppeling is er natuurlijk wel. Het is gewoon gemeenschappelijk geld. Het is niet geoormerkt geld, dat je alleen maar voor bepaalde dingen mag gebruiken. Als je dit geld even bewaart, wat de heer Philippens ook voorstelt, tot je weet wat we daadwerkelijk zouden moeten bezuinigen met de begroting, die bedragen worden ongeveer 1 op 1. Dus ons voorstel is, en dat past ook weer gewoon in zorgzaam zijn voor je medemens, je zorgt ervoor dat echt zwakkere die het nog veel harder nodig hebben, dat zij hun geld hebben in plaats van mensen, zoals mevrouw Verhoef al zei, die het wellicht toch enigszins kunnen lijden. Daarnaast heb ik vandaag wel wat geleerd.
Volgens mij is de heer Van Santen de eerste vertegenwoordiger van de VVD, die ik ooit heb horen zeggen, dat hij niet is voor het teruggeven van belastinggeld aan inwoners. Dat is voor mij een unicum, moet ik zeggen. Dat gezegd hebbende, wij blijven tegen dit amendement. Mevrouw Verhoef, PvdA: Wij blijven ook zeker tegen dit amendement. Het past niet in de solidaire gemeente, die Lansingerland kan en wil zijn. Ik vond het ook uiterst vreemd, dat er al uitgebreid met de wethouder is overlegd, althans, die indruk kreeg ik, of dit volgens de provincie financieel technisch wel zou kunnen en bij de SVHW of dit uitgevoerd kan worden. Ik vind dat toch wel heel erg op de feiten vooruit lopen. Het doet er ook eigenlijk helemaal niet toe. Je moet zelf als gemeente die politieke afwegingen maken. Zoals ik zei: in mijn solidaire gemeente Lansingerland past dit voorstel absoluut niet. De heer Van Santen: Los van de politieke afweging, die ik natuurlijk respecteer, maar ik begrijp niet de opmerking dat als je een amendement invoert, dat je maar afwacht of het überhaupt uitvoerbaar is. Het lijkt me toch, dat je dat van tevoren probeert te toetsen. Dat u dat niet doet, prima, maar wij zullen dat blijven doen. Mevrouw Verhoef: Het is altijd goed om te toetsen of een amendement technisch haalbaar is en dat doe ik voor zover dat mogelijk is ook, dat is zeker goed.
Alleen, als het nou de grootste zorg is of het financieel technisch volgens de provincie mag, ik wil alleen maar aangeven: ik zou eerder aan die politieke solidaire kant de keus maken. Maar het is natuurlijk aan uw fractie, dus het is prima zo. Wethouder Van den Beukel: Misschien nog een reactie op mevrouw Verhoef. Als er concept amendement circuleren en worden ingediend, dan nemen we onze voorzorgsmaatregelen, wat we daar inhoudelijk van vinden, van amendementen of moties. Die kunnen van links komen en van rechts komen en dat is allemaal goed. Dank u wel. De voorzitter: Dan zijn we aan het eind van de bespreking en gaan wij naar de stemming. Eerst het amendement en daarna het vast stellen van de jaarstukken 2022. Het amendement, wenst u stemming? De heer Markus: Ja. De voorzitter: Dat is het geval. Dan gaan wij over tot stemming hierover. Ik open de stemming. U kunt stemmen. Ik sluit de stemming. De stemmingsuitslag is binnen. Het is 15 voor en 16 tegen. Daarmee is het amendement niet aangenomen. De voorzitter: Dan zijn we bij het vast stellen van de jaarstukken. Wenst u stemming daarover? Dat is niet het geval. Dan stellen wij de jaarstukken 2022 vast. 9.c Motie vreemd M2021-020 Vrijstelling voor ontvangen giften Mevrouw Verhoef, PvdA: Het is een motie vreemd aan de orde, die mijn fractie samen met de CU en GL en WIJ indient.
De titel van de motie is: vrijstelling voor ontvangen van giften tot € 1.200 per jaar voor mensen in de bijstand / participatiewet. M2021-020 De raad van de gemeente Lansingerland in vergadering bijeen op 24 juni 2021, constaterende dat de Tweede Kamer op 25 februari 2021 een motie van de fracties ChristenUnie, SP, GroenLinks en PvdA, met alleen de stemmen van de VVD fractie tegen, heeft aangenomen die de regering oproept om voor mensen in de bijstand een landelijke vrijstelling van ontvangen giften (onder andere voor boodschappen) te realiseren tot € 1.200 per jaar. Constaterende ook dat meerdere gemeenten zoals Apeldoorn, Nijmegen, Hengelo en Rijswijk inmiddels de beleidsregels wat betreft ontvangen van giften door mensen in de bijstand/participatiewet hebben verruimd tot € 1.200 per jaar, d.w.z. dat zij tot dat bedrag aan ontvangen giften niet gekort worden op hun uitkering. Overwegende dat deze vrijstelling de doelgroep direct een financieel extra steuntje in de rug biedt en dat de gemeente Lansingerland beleidsruimte 20/31
heeft om het ontvangen van giften door mensen in de bijstand/participatiewet te verruimen. Verzoekt het college om in afwachting van de landelijke regeling, bijstandsgerechtigden in Lansingerland reeds nu de mogelijkheid te bieden tot een vrijstelling van ontvangen giften tot € 1.200 per jaar. En gaat over tot de orde van de dag. Ik heb er op dit moment verder niets aan toe te voegen. Ik hoop van harte dat de andere fracties deze motie vreemd aan de orde ook zullen ondersteunen. Dank u wel. Mevrouw Gabin, GL: GL heeft deze motie mede ondertekend, omdat wij vinden dat de menselijke maat terug moet komen in de bijstand. In de gemeente Lansingerland is er momenteel geen vast bedrag voor de vrijstelling van giften. Per geval moet de vrijstelling van giften worden bekeken. Dit is naar voren gekomen n.a.v. de technische vragen, die L3B heeft ingediend. Maar dit is nu juist het probleem. Wat mag je wel of niet aan giften ontvangen in de bijstand? Wanneer moet je de gemeente daarvan op de hoogte stellen? Het is nogal complex en moeilijk, ook in de uitvoering. Het is zeer onduidelijk voor de bijstandsgerechtigden, maar ook voor de ambtenaren. Voor je het weet heb je onbedoeld de inlichtingenplicht geschonden en ontvang je een boete op de mat. Dat is natuurlijk niet wenselijk.
Bepaalde kaders, die reeds zijn voorgesteld op landelijk niveau, moeten meer duidelijkheid bieden over de gevolgen van giften voor de bijstandsuitkering, zoals het vrij stellen van giften tot € 1.200 van de inlichtingenplicht. Wat ons betreft moet dit zo snel mogelijk ook in Lansingerland gehanteerd worden om mogelijke gevallen, die in aanraking met dit probleem, op te lossen. Tot zover onze bijdrage. De heer Jonker, D66: Ik kan het kort houden. Wij steunen dit voorstel. Ik denk dat dit hard nodig is als je in de bijstand zit. Dat is bepaald geen pretje. Het idee dat mensen hierdoor langer in de bijstand zouden zitten lijkt me zeer, zeer onwaarschijnlijk. Ik denk alleen maar dat we hiermee het leven een stuk aangenamer en dragelijker maken. Daar wil ik het voor nu bij laten. De heer Lieverse, CU: Mevrouw Verhoef is ons voor. Alle eer aan de PvdA wat dit betreft, maar het is waar zoals mevrouw Verhoef al vertelde in de inleiding. Het was een aantal fracties samen in de Tweede Kamer, die de motie naar voren heeft gebracht, verdedigd heeft om een landelijke regeling te gaan treffen, die precies dit beoogt, namelijk om mensen in de bijstand die vrijstelling te geven. Daar is ook een reden voor. De boodschappenaffaire in Wijdemeren staat ons nog allemaal op het netvlies. Zoiets willen we niet opnieuw.
Je zou kunnen zeggen, als er een landelijke regeling nu afgesproken is, die nog ingevoerd gaat worden, waarom kunnen we daar niet rustig op wachten? Heel veel gemeenten hebben echter gezien, dat het zo belangrijk is om dit nu al te regelen. Mevrouw Verhoef noemde een aantal gemeenten. Ik weet dat het ook voor Arnhem geldt, Amsterdam, Walcheren, Heerlen en er zijn er nog heel wat meer, die aan het komen zijn. Wij staan er straks ook nog bij. Waarom is het een groot probleem? Kleine fouten, dat is gebleken, kleine fouten kunnen leiden tot onredelijke sancties. Kleine fouten kunnen leiden tot schrijnende situaties. Ik was heel blij met de technische vragen van L3B, die meneer Crielaard naar voren heeft gebracht en die ook beantwoord zijn op het laatste nippertje nog. Want het blijkt, dat ook onze ambtenaren moeten zoeken naar de juiste weg in dit woud van regels om te voorkomen dat mensen op een onredelijke manier benaderd worden. Voor ons was het heel duidelijk om dus mee te tekenen en samen met GL en PvdA dit voorstel te doen. Dank u wel. De heer Hoek, WIJ: Het is dat WIJ nog niet in de landelijke politiek zit, want anders hadden wij zeker mede ondertekenaar geweest van dit initiatief. Dat begrijpt u. Ik bedoel, de heer Lieverse zei het al: het is natuurlijk ingegeven door de hele boodschappenaffaire, waarbij er achteraf wel wat meer aan de hand bleek te zijn, maar dat kan.
Maar op het moment dat je het verhaal hoorde dan kreeg je het schaamrood op je kaken, dat je dacht: hoe kunnen wij als zorgzame samenleving op zo’n manier inschieten op een dergelijke situatie. Dat kan toch niet? Stel je voor, je hebt een kind in de bijstand zitten en je geeft haar iedere maand € 100. Jongens, wat kan daar op tegen zijn? We moeten juist in deze tijden goed voor elkaar zorgen en daarom is het goed dat deze motie voor ligt. Daarom zijn we ook mede ondertekenaar in hart en nieren. Dank u wel. Mevrouw Bouman, CDA: Toen ik de motie las, moest ik toch weer even denken aan de discussie in de commissie samenleving van januari dit jaar. Het is genoemd, het was het ontvangen van boodschappen en de daarop volgende maatregelen. Was het wel rechtmatig dan wel rechtvaardig? De wethouder gaf toen aan, dat schrijnende gevallen zoals toen afspeelde in Wijdemeren gelukkig niet bij haar bekend waren en dat het zich niet voordeed in Lansingerland, want in de leefsituatie was de menselijke maat toch wel van toepassing. Die stond centraal en dat de wetten ondersteunend moesten zijn in deze. Op mijn vraag of de hardheidsclausule van toepassing zou kunnen zijn in sommige gevallen, dat beaamde zij. Het is al gezegd: de Tweede Kamer heeft een motie uitgesproken en sommige gemeenten hebben daar een voorschot op genomen t.a.v. de wetswijziging participatiewet.
Nu ligt de motie van de PvdA bij ons voor. Ik moet zeggen: de motie is zeer sympathiek, zeker in het kader van de medemenselijkheid en het omzien naar elkaar, zeker voor mensen die afhankelijk zijn van een bijstandsuitkering. Echter, waar ik nog even mee zit. Wat zijn nu de gevolgen voor het aannemen van deze motie? Waar loopt men tegen 21/31