BV21.0105 Verslag CIE AB d.d. 9 juni 2021
Tekst van het document
Zoals de wethouder ook aangaf: er worden grote kosten bij drukken en verzenden gemaakt. De brief zijn ook vooral portokosten, dus daar kan je ook nog wat in schuiven. Ik hoor nog dat lokale partijen mee zouden kunnen helpen, dus dat lijkt me iets wat ook nader afgestemd kan worden. Als ik nu kort inga op een paar details. Meneer Van Doorn noemde het participatieplatform. De naam van die gemeente weet ik even niet meer. Daar ben ik niet mee bekend. Over het algemeen is het wel zo, dat participatieplatforms ook een soort selectie effect kennen. Dus als het een online platform is: je moet je wel aanmelden, hoe krijg je mensen zover om zich aan te melden? Ik zou dat daarom ook meer als een schakel in dit hele traject zien, maar misschien weet ik niet goed wat u precies bedoelt. Wat wij weleens doen: online communities, een soort online focusgroep. Dan moet je eerst goed mensen selecteren en dan kan je een bepaalde casus doorspreken. Ik heb de tijdelijke brug weidebloembuurt opgeschreven. Dan kan je daar verder over doorpraten. Mevrouw Van Bakel vroeg wat de meerwaarde van optie 3 is. Ik ben onderzoeker. Je kunt een onderzoek of peiling vanuit 2 kanten bekijken. Uit onderzoekstechnisch oogpunt. Dan heeft optie 3 in ieder geval meerwaarde, want met een goede steekproef ben je er al. Vandaag was onderzoek van 2 collega’s in het nieuws, over verkrachting van studenten.
Daarvoor hebben ze niet alle studenten in Nederland ondervraagd maar een dwarsdoorsnede. Daar kun je dan zeker goede uitspraken over doen. Wat alleen wel zo is, is dat een peiling niet alleen een onderzoeksinstrument is, maar ook een participatieinstrument en communicatie-instrument. Dus als een signaal: de gemeente komt naar u toe, we willen iedereen betrekken, we creëren meer draagvlak, we creëren meer bewustzijn et cetera. Daar zit de meerwaarde van optie 3 in. Vergeef me als het beknopt gaat, maar ik probeer de punten zo goed en zo zorgvuldig mogelijk langs te gaan. Mevrouw Van Heusen had een paar vragen over de enquête zelf. Allereerst dank voor de missende ‘u’. Het opnemen van demografische gegevens is altijd een beetje triggy, want mensen vragen zich dan toch af: doe je dat wel vertrouwelijk, doe je dat zorgvuldig, waar is
11/29
dit voor? Dus dat is altijd de afweging. Een andere optie bij geslacht toevoegen, dat is normaal, dat is ook goed te doen, denk ik. Het komt vaker voor, moet ik zeggen in plaats van normaal. Andere achtergrond gegevens zoals huishouden samenstelling of werkzaamheid kunnen interessant zijn, maar mijn ervaring is dat ze vooral opleiding meenemen, dat dat een waardevolle variabele is. Ik zou ervoor pleiten om niet teveel toe te voegen, maar opleiding wel als interessante achtergrond kenmerk. Dan een vraag: lid worden van een burgerpanel. Dit wordt een online vragenlijst, dus het wordt geprogrammeerd in de huisstijl van Lansingerland. Als je dan klikt: ik wil graag lid worden, dan ga je gewoon naar het sluitscherm en vervolgens word je, als je dat wil, naar de aanmeldpagina. Als het goed is, is dat automatisch geregeld. Je hoeft dan niet dingen in te typen ofzo. Meneer Dieleman had het over het risico van zelfselectie en dat hij de vragenlijst lastig vond. Dat vind ik een terechte en een heel belangrijke opmerking, want het heeft natuurlijk wel met de validiteit van het onderzoek te maken. Volgens mij heb ik de pijnpunten al enigszins benoemd. Ik weet niet of het zo afdoende was. Ja, heel fijn. Bij mevrouw Den Heijer heb ik alleen tijdelijke brug weidebloembuurt opgeschreven, want die bleef in mijn geheugen haken. Verder had u geen vragen voor mij.
Meneer Ruijtenberg noemde de demografische opties, de extra aanvulling. Dat kan zeker. Evenals het toevoegen van buurtschappen in plaats van allen de drie kernen. Een andere optie, die we soms doen, is vragen naar postcode, maar ik vind vragen naar welke kern mensen wonen of welke buurt of welke wijk, zeker als het aansprekende termen zijn, die ook goed leven, dat vind ik altijd een vriendelijkere manier om dat te doen. Ik weet niet meer precies hoe de buurtschappen heten, maar daar kunnen de collega’s bij de gemeente me wel mee helpen. Het rappel is gericht. We sturen geen ongericht rappel naar iedereen. Mensen loggen in met een code of met een QRcode, want we scannen de brief. Als ze die vragenlijst helemaal afronden, dan zien we dat die code gebruikt is. Vervolgens herinneren we die code dan uit het herinneringsbestand. Deze codes worden niet gekoppeld aan de uitkomsten van de onderzoeken zelf. Op die manier kunnen we niet koppelen dat iemand met een bepaald adres heeft gezegd dat burgerparticipatie een vier verdient, ik noem maar even iets basaal, dat is niet mogelijk. Ik weet niet of het zo voldoende is. De totale doorlooptijd is ook wat groter bij het versturen van brieven, simpelweg ook omdat er wat logistieke dingen in zitten. We moeten attest verzamelen, overeenkomsten tekenen, er moeten brieven gedrukt en verzonden worden. Dat zit er in.
Daarnaast is het ook belangrijk, dat we mensen de optie bieden om ook een papieren vragenlijst aan te vragen. Die worden door ons opgestuurd, dus dat kost een dagje met de post, die moeten ook weer terug gestuurd worden met een retourenveloppe. Mensen moeten de tijd hebben om ons te bellen, zodat wij het kunnen opsturen. Als ze dan 3 dagen hebben om alles voor elkaar te maken, dan voelen mensen zich een beetje overvallen. Vandaar dat we een iets langere doorlooptijd nemen. Mevrouw Verhoef, de vragenlijst is maatwerk. Het is wel wat schuiven met de volgorde. Ik heb iemand mea culpa horen gebruiken. Of misschien een vraag toevoegen: wat houdt u bezig in Lansingerland? Of: welk onderwerp gaat u aan het hart? Over de precieze vraagstelling moeten we dan even nadenken, dat kan ook zeker een optie zijn. Ik heb volgens mij alles nu benoemd. Ik hoor graag of er verdere opmerkingen of vragen zijn. De voorzitter: Dank u wel. Ik ga u een voorstel doen. Er zijn zoveel vragen gesteld en al die vragen zijn ook allemaal beantwoord. Ik kan me voorstellen dat er geen tweede termijn nodig is. Bent u dat met mij eens? Ja? Mevrouw Verhoef: Ik ben dat niet met u eens. De voorzitter: Dan ga ik toch een tweede termijn doen, alleen voor degenen, die dat willen. Ik zag een heleboel mensen bevestigend knikken op mijn voorstel. Ik zag een hand bij meneer Ammerlaan en bij mevrouw Verhoef.
Verder niemand? Mevrouw Den Heijer. Ik wil u vragen dat heel kort te doen, laten we zeggen: 1 minuutje. Om uw vragen te stellen. Er is heel uitgebreid op ingegaan. Tweede termijn Mevrouw Verhoef, PvdA: Dank aan de heer Fortuyn en ook aan de heer Van Engeland voor zijn toelichting en beantwoording. Die enquête is een eerste stap. Het is geen copy/paste. Het is maatwerk. Maar ik heb nog steeds geen antwoord, en dat mag ook in een later stadium nog een keer op de post komen: welke eerder input is gebruikt bijvoorbeeld van het rapport van de rekenkamer om deze vragen op te stellen? Dan haal ik even 1 ding uit het rapport van de rekenkamer: zo koppelt de gemeente niet altijd terug naar de burger. Dan zou je verwachten, dat er een vraag bij zit: zou u terugkoppeling willen? Zo ja, hoe dan? Of: wanneer wel / niet? Dat is één punt, waarvan ik denk: welke input is er nou gebruikt om dit specifiek voor Lansingerland in een situatie waarin de rekenkamer daar echt expliciet dingen over heeft gezegd, om daar de juiste vragen te stellen, om verder dit nu zo goed mogelijk te gaan doen. Dat is nog een vraag. Een tweede punt is toch nog die participatieladder. Niet om nou moeilijk te doen, maar de wethouder zegt zelf: we kijken terug, we gebruiken wat er eerder is gebeurd, maar de wereld is veranderd, belangrijke energietransitie, omgevingsvisie.
Als die wereld dan zo veranderd is, wil die burger ook iets anders. Als je kijkt naar die vragenlijst, dan gaat de vragenlijst over meedenken. Misschien is dat dan nog net meepraten, misschien wil die burger wel meewerken of mee bepalen, want dat is de moderne manier van burger participeren. Ik zie daar niet op doorgevraagd worden. Bij transities
12/29
is dat nou juist wel de manier waarop je zou willen werken in burgerparticipatie. Deze meting wordt een nulmeting genoemd. Het is in mijn ogen absoluut geen nulmeting, want er is ook geen nameting, althans, die zal niet precies dezelfde vragen stellen, want die enquête is bedoeld om te informeren hoe je zo goed mogelijk een dialoog gaat doen om straks bij die visie en die nota te komen. Het is geen tevredenheidsonderzoek, dat soort vragen zitten erin, maar dat is het niet. Tot slot. Ik weet hoe moeilijk het is om een goede vragenlijst te maken, dus ik heb er alle begrip voor. Iets meer aan het begin uitleg: waar kan het nou eigenlijk over gaan bij burgerparticipatie? Hoe kan dat eruit zien? Als je aan het begin al meer een gevoel krijgt en niet pas bij vraag 13 en 19 denkt: oh, dit is het hele pallet. Ik denk dat dat heel nuttig is. Dat weet ik ook uit eigen ervaring van nog veel moeilijkere onderwerpen dan dit. Maar verder veel dank voor alle input en alle harde werken. De heer Ammerlaan, CDA: De vraag is om het kort te houden. Dat doe ik dan ook. Ik hoor bij mijn collega’s een paar opmerkingen. Niet om daar een opmerking over te maken of om daar kritiek op te geven, maar een soort weerspiegeling. Meneer Ruijtenberg zei: opleidingsniveau is in Lansingerland gemiddeld zo hoog, dus dat kan zo. Ik hoorde meneer Dieleman zeggen: wij zijn die taal gewend.
Nou, ik ben ook raadslid, maar ik ben een gewoon simpel raadslid, zeg ik altijd maar. Ik hoor jargon voorbij komen, als we dat gaan communiceren met de burger, wat voor mij niet duidelijk is. Ik zal eerlijk zijn: ik heb vijf keer usual suspects gehoord, maar dan denk ik: oh, bedoelt ze dat? We zeggen niet gewoon duidelijk Hollands wat we bedoelen. Ik ben een simpele ziel, dat wil ik er niet mee zeggen, maar ik wil zeggen: we moeten het duidelijk en simpel houden. Toen ik raadslid werd, heb ik gezegd, en dat namen collega’s me niet in dank af: het glazen huis staat te ver weg, de mensen weten niet wat er gebeurt. Dat vonden ze niet leuk, maar het is zo. De voorzitter: Dat is in de beantwoording uitgebreid aan de orde geweest. Dat taal begrijpelijk neergezet moet worden. U herhaalt dat nu, dus ik denk dat uw vraag overbodig is nu. De heer Ammerlaan: Het is een verduidelijking. Mevrouw Den Heijer, D66: Ik zal het kort houden, want er is al een hele brij aan informatie geleverd. Het wordt nu meer een beeldvorming dan een bespreking, waar we nu mee bezig zijn. Wat mij nog niet duidelijk is, welke variant. Even terug naar de kernvraag welke variant we gaan doen, want we hebben volgens mij verdeeldheid bij de commissieleden tussen 2 en 3 en volgens mij zitten we daar een beetje 50/50 in. Dus ik ben er even benieuwd naar hoe we daarmee om gaan.
De voorzitter: Dat is een terechte vraag. Ik heb dat bijgehouden. Ik heb het van alle fracties opgeschreven of het 2 of 3 was. Alleen van de VVD weet ik dat nog niet, die twijfelt nog tussen 2 en 3. Misschien dat mevrouw Van Bakel aan kan geven of het 2 of 3 is, dan is het helder. Dan zal ik samenvatten wie 2 of 3 gezegd heeft. Mevrouw Van Bakel: Ik ben heel blij met de uitleg van de heer Van Engeland. De voorzitter: Geen uitleg nodig. Mevrouw Van Bakel: Geen uitleg dan. Wij kiezen voor variant 3. Mevrouw Verhoef: Ik wilde een kleine interruptie op mevrouw Van Bakel plegen, maar dan pleeg ik hem meteen op de hele raad. Ik wil wel even mee geven: men is hier misschien op het verkeerde been gezet, omdat men denkt dat het een nulmeting is. Dat moet iemand nog even rectificeren. Dank u wel. De voorzitter: Ik vraag de heer Van Engeland om te reageren op met name de vragen van mevrouw Verhoef. Dat is de nulmeting, de ladder en de aandachtspunten van de rekenkamer. En de uitleg m.b.t.: waar gaat het nu eigenlijk over? Die 4 punten vond zij belangrijk, als die even door de heer Van Engeland kort aangegeven kunnen worden. De heer Van Engeland: Nulmeting is ook de term, die ik niet zou gebruiken, maar ik denk dat het misschien gebruikt wordt omdat het als een start wordt gezien van een heel traject.
Nulmeting betekent inderdaad dat je een bepaalde peiling gaat herhalen om effect te meten en dat is niet hoe die bij ons is binnen gekomen, dus ik zou het gewoon peiling of onderzoek willen noemen. Welke input? Ik heb mijn vaste contactpersonen bij de gemeente Lansingerland, die ook altijd bij onderzoek met het burgerpanel betrokken zijn. Ik heb met hen afgestemd: waar gaat het over, wat moet aan bod komen? Ik heb niet het rapport van de rekenkamer gelezen. Tegelijkertijd begrijp ik nu dat dat heel belangrijke input is. U geeft aan: de focus ligt teveel hierop, op dit deel van de participatieladder. Misschien moeten we uitleggen wat het hele scala van participatie is, dus ik denk dat we daar gewoon even goed naar moeten kijken, zodat het meer in balans is in de vragenlijst, zo simpel is het. De treden van de ladder. We zitten nu op meedenken en niet zozeer meedoen of mee uitvoeren of mee beslissen. Dat is ook wat ik bedoel met dat we in de vragenlijst vooral op één aspect van participatie zitten: mee denken. Volgens mij is de vraag of het verzoek om dat meer in balans te brengen. Niet alleen vragen naar meedenken, maar ook vragen: waarbij wilt u mee doen of mee beslissen, in welk stadium, met wie? Ik noem even wat vragen op, want dat is volgens mij wat mevrouw Verhoef bedoelt. Mijn antwoord is: dat snap ik.
Ik denk dat we met de contactpersonen nog even goed naar de vragenlijst moeten kijken, zodat het wat meer onder de aandacht komt.
13/29
Mevrouw Verhoef, PvdA: Het werd toegelicht. De heer Fortuyn zei: het is nu een heel andere wereld. Dan moet die vragenlijst ook wel burgers bevragen op hoe ze in die andere wereld willen participeren en niet alleen maar meedenken. Dus het was eigenlijk meer als steun in de rug voor de heer Fortuyn. Ik zie zijn punt, maar dan wil je ook wel kennis ophalen om die dialogen enzovoorts goed te doen. Dank u. De voorzitter: Tot slot geef ik nog even aan, wie er 2 en wie er 3 heeft aangegeven. L3B 3, VVD 3, CDA 3, WIJ 3, CU 2, D66 2, GL 2 en PvdA 2. Dat is wat ik genoteerd heb en dat komt overeen met wat jullie hebben aangegeven. Dan sluit ik nu dit onderwerp af. Het komt zeker een aantal keer terug. Ik moet zeggen: dat lijstje van mevrouw Verhoef in haar eerste termijn, dat starten in 2012 dat triggerde me toch wel. We hebben al vaker de eerste stap gezet en we zetten nu weer een eerste stap, maar laten we nu ervoor zorgen dat we ook de volgende stappen gaan zetten. Daar wil ik graag mee afsluiten. 6. Stukken ter advisering aan de raad: 6.a Meerjaren Prognose Grondexploitaties 2021 De heer Azzouzi, PvdA: We danken het college en de organisatie voor de stukken. De stukken zijn helder en overzichtelijk. We zijn blij om te lezen dat de risicoprofielen van een aantal projecten afneemt.
Wat nog al jaren opvalt, is dat de grondexploitaties in zijn totaliteit nog steeds verlieslatend zijn, althans, zoals het er nu uit ziet. Ik vind het in ieder geval belangrijk, dat het tempo versneld wordt en dat we genoeg woningen borgen voor onze inwoners conform planning. We hebben maar één vraag aan de wethouder, dan houden we het gewoon kort. We stellen vast, dat het risicoprofiel van Westpolder Bolwerk nog altijd als hoog gekwalificeerd staat. Als we kijken naar de toelichting zien we dat deze afneemt. We lezen in de jaarstukken het argument van de omvang en de langere doorlooptijd. Kan de wethouder dit nog nader toelichten? Dat was hem. Heel kort. De heer Ruijtenberg, GL: Ik denk dat ik het nog korter kan houden dan de collega van de PvdA. Het zijn goede, heldere stukken. Ze zijn goed omschreven. In de algemene toelichting staan een paar prikkelende onderwerpen over duurzaamheid en woningbouw, waar je bijna wat van zou kunnen vinden, maar daar hebben we het gisteren al genoeg over gehad, dus dat laat ik daarbij. Maar zoals gezegd: goede stukken, heldere stukken, duidelijke omschrijving. Wat ons betreft een hamerstuk. De heer Weerheijm, D66: Ook de fractie van D66 kan het kort houden. Ik wil grotendeels aansluiten bij de woorden van de heer Ruijtenberg. Voor ons is het ook een hamerstuk. Zoals altijd dank voor de heldere toelichting.
Het is toch fijn om ieder jaar alles weer even op een rijtje te hebben, zodat we kunnen zien hoe alles er voor staat. Dat is altijd heel fijn. Daar wil ik het bij laten. De heer Dieleman, CU: Ik schrok een beetje toen ik zag dat ik 5 minuten had voor dit agendapunt, want mijn bijdrage ligt geheel in de lijn met de vorige 3 sprekers, dat we het uitstekende stukken vinden en dat die wat ons betreft gewoon als hamerstuk naar de raad kunnen. Ik ga straks de behandeling van de jaarstukken in 3 minuten niet redden. Kunt u nog een stukje spreektijd van dit onderwerp mee nemen naar het volgende agendapunt? Dan hoop ik, dat u daar over het hart strijkt. De voorzitter: Die vraag is vandaag al bij de griffie gekomen van de heer Ammerlaan. Toen heb ik gezegd: dat gaan we zeker doen, 5 minuten bij de jaarstukken. Ik denk dat wij als agendacommissie dit verkeerd ingeschat hebben qua tijd voor dit onderwerp. Dat kan gebeuren. Het is niet zo erg. De heer Dieleman: Een pak van mijn hart. Dan zit ik compleet ontspannen bij het volgende agendapunt. De voorzitter: Daar word ik ook vrolijk van. Mevrouw Van Heusen, WIJ: Dank aan de opstellers van deze MPV. Het is keurig verzorgd en goed onderbouwd. Het saldo van de eindwaarden van de grondexploitaties is nagenoeg gelijk gebleven, vergeleken met vorig jaar en dan gaat er ook nog € 7,5mln terug naar de algemene reserve.
Wie had dat aan het begin van deze crisis kunnen bedenken? Wij in ieder geval niet, wij waren hier vorig jaar nog erg ongerust over. We zijn dus verheugd met dit resultaat en we hopen dat de trend voort gezet kan worden. Tot zover. Hamerstuk dus ook. De heer Ammerlaan, CDA: Ik wil ook bedanken voor het mooie en heldere stuk, de ambtenaren. Toch ook een MPV met een resultaat van € 7,5mln. Mevrouw Van Heusen was verbaasd, maar ik niet helemaal, want de bouwwereld gaat gewoon door. Dat had ik ook wel verwacht. Blij met de mijlpaal, dat we af kunnen sluiten de scholen Boterdorp met een klein positief resultaatje. Dat kunnen we ook afsluiten. Ik vraag me af wanneer Parkzoom afgesloten gaat worden. Dat is nog even een vraag aan de wethouder. Wanneer is die te verwachten? Want volgens mij was die ook bijna klaar. We hebben nu 10 lopende grondexploitaties en ik zie ernaar uit, dat we de grondexploitatie van Bleiswijk voor de woningbouw kunnen openen, want daar kijkt iedereen naar uit in Bleiswijk. Daar kan ik het bij laten. Het is een hamerstuk voor mij.
14/29
De heer Van Santen, VVD: Ik hoop dat ik goed verstaanbaar ben, ik had wat problemen met de verbinding. De voorzitter: Luid en duidelijk en we zien u. De heer Van Santen: Kijk, dat is mooi. Ook wederom dank. Eén van de favoriete stukken, wat mij betreft, van hoog kwalitatief niveau, duidelijk. Dus dank aan de ambtenaren, die dit opgesteld hebben. Van 11 naar 10 projecten, waarvan de meeste zijn afgerond uiterlijk in 2027 op Oudeland na, dus daar begint toch wel een horizon te komen van een einde aan het verhaal. De risico’s zijn in totaal verlaagd. Ik heb dezelfde vraag als de heer Azzouzi als het gaat om hogere risico t.a.v. Westpolder Bolwerk en met name ten opzichte van Wilderszijde. Dat lijkt me dan juist een hoger risico, dus ik zou daar ook graag wat meer uitleg en toelichting op willen hebben van de portefeuillehouder. Verder zag ik dat de accountant een opmerking maakte over de aandacht voor de kwaliteit van de plankostenraming, zoals dat zo mooi heet, in de grondexploitaties en het vorm geven van sturing en beheersing op de plankosten. Een hele zin vol. Het zal voor de portefeuillehouder heel duidelijk zijn, hij zal die zin ook gelezen hebben, maar ik hoor graag even zijn reactie hierop, of hij het daarmee eens is en zo ja, hoe hij hier dan mee om gaat en dit gaat verbeteren.
Dan had ik tot slot, overigens voor ons ook een hamerstuk, maar tot slot had ik nog een opmerking over tabel 4.1. Daar staat iets over 292 hectaren nog uit te geven op Oudeland, terwijl in 3.7 staat: nog 22 hectaren. Misschien vliegen de hectares mij nu om de oren en heb ik het allemaal zelf niet zo door en heb ik het mis of het is een verschrijving, die 292. Dat geef ik graag nog even mee. Als het niet klopt, wellicht dat het nog gecorrigeerd kan worden. Dank u wel. De heer Philippens, L3B: Een goede update, zeer gewaardeerd. Hamerstuk. Dank u wel. Beantwoording college Wethouder Van den Beukel: Tsjongejonge, dat zijn een hoop complimenten om door te geven aan de gewaardeerde medewerkers en dat doe ik bij deze heel graag, want ze luisteren mee. Niet alleen de hoofdsteller, maar ook de projectleiders. Dit is wel een moment, want het gaat altijd om grote bedragen en grote projecten. Er zijn gemeenten in onze regio, die misschien wel 1 project hebben van dit kaliber, maar niet zovele. Dus het is een hele verantwoordelijkheid, die we samen met u als bestuur dragen. Het is mooi, dat het inderdaad op deze manier goed gaat, naar uw oordeel en ook naar het mijne. De paar vragen die er dan zijn even vast pakkend. Het risicoprofiel van Westpolder. Dat heeft te maken met onze kwalificatiesystematiek. Wat dat betreft kun je zeggen: zo is het nu eenmaal.
Deze omvang en deze looptijd leidt tot het risicoprofiel hoog. Er speelt nog iets meer. Dat heeft ook te maken met dat we aan de provincie hebben aangegeven en ook zelf mee bezig zijn te onderzoeken of we in Westpolder niet een hoger percentage sociaal kunnen realiseren. Dat heeft natuurlijk toch een effect op de hoogte van de opbrengst, dus dat is een aspect. En ook de fiscale route, die we eerder voornemens waren te volgen, die kan niet door gaan. Dat zijn 2 specifieke redenen, waarom dat risicoprofiel is zoals het is. Ook in relatie tot Wilderszijde vraagt de heer Van Santen van de VVD naar de kwalificatie van het risico. Ja, Wilderszijde is weleens verwarrend. Ik weet niet of dat de oorzaak is van uw vraag. Wilderszijde is het allereerste stukje van Wilderzijde. Wilderszijde waar we gisteren over spraken is nog niet in exploitatie genomen. Wat dat betreft is dit nog een overzichtelijk stukje Wilderszijde, waar we het over hebben op dit moment. De vraag van de heer Van Santen over de opmerking van de accountant. Dat hebben we goed besproken in de begeleidingscommissie voor de accountant vorige week of een paar weken geleden. Zoals we het daar hebben besproken, ziet dat aandachtspunt van de accountant met name op de hoogte van de plankosten. Die zijn hoog, altijd hoger dan je wilt, want uiteindelijk wil je liever je geld stoppen in realisatie en niet in plannenmakerij.
Maar we hebben de wereld vrij ingewikkeld gemaakt in ons goede vaderland en dat blijkt uit de hoge plankosten. Dat is de reden om nog nadrukkelijker te gaan monitoren, gewoon in simpele operationele processen van alledag, om daar nog vaker, nog nadrukkelijker, nog nauwkeuriger bij stil te staan om die plankosten goed in de tang te houden. De tabel waar de heer Van Santen aan refereert, tabel 4.1. Dat is inderdaad een tikfout en dat passen we aan. Dank voor uw alertheid, want inderdaad, 292 hectaren, dat is een heel stuk groter dan Oudeland is, dan zal je een stukje Rotterdam moeten annexeren, maar dat zijn we niet voornemens. Nog een vraag van de heer Ammerlaan over Parkzoom. Het is inderdaad een belangrijk jaar, dat we ingaan voor Parkzoom. Het is een project dat lang geleden gestart is. Ik heb bij het college een keer mogen benoemen, dat het eigenlijk een heel bijzonder jaar is, dat we Parkzoom inhoudelijk gaan afronden. Als ik kijk naar het tabelletje van oplevering van woningen in Parkzoom, dan staan daar de laatste woningen voor 2021 voor oplevering. Het project loopt nog tot 2024. Het werkt zo dat het werk aan de gemeentekant nog even kan na-ijlen na het opleveren van de laatste woning. Niettemin, als we een kans zien om eerder het project af te sluiten, dan doen we dat heel graag, want dat scheelt een hoop beheersingsmaatregelen en ook kosten.
Dus we proberen volgens de regels van de financiële verordening weliswaar, die daarvoor gesteld zijn, om dat eerder af te ronden. Dat moet dan, dat mag dan, als alle opbrengsten binnen zijn en 90% van de kosten zijn gemaakt. We monitoren het nadrukkelijk, maar als het lukt, dan ronden we het liever vandaag dan morgen af, want dan kunnen veel energie op nieuwe uitdagingen richten. Dat wordt nog een feestje, is het voornemen, de afronding van Parkzoom. Tot zover.
15/29
De voorzitter: Ik denk niet dat er behoefte is aan een tweede termijn. Dat lijkt mij niet. Nee? Zeven partijen hebben aangegeven, dat het een hamerstuk kan zijn. De PvdA ook een hamerstuk, meneer Azzouzi. De heer Azzouzi: Ja, wat ons betreft ook een hamerstuk. De voorzitter: Dat gaat dit agendapunt als hamerstuk naar de raad van 24 juni. 6.b Vaststellen jaarstukken 2020 De voorzitter: Over de tijd hebben we het net gehad: 5 minuten in de eerste termijn, 3 in de tweede termijn. Ik ga ergens in het midden beginnen. Ik begin bij het CDA en dan naar klein en dan L3B en VVD. De heer Ammerlaan, CDA: U overvalt me. Ik begon al met de titel: accountantscontrole jaarstukken 2020. Naar aanleiding van een opmerking van mij is het aangepast, want ik denk: hoe zit het nou? De jaarstukken zijn het belangrijkste rapport van het hele jaar, daar zie je als ondernemer altijd naar uit. De voorzitter: Heel goed, dat u dat zag. De heer Ammerlaan: Dank u wel, alstublieft. We kijken dus vandaag naar de jaarstukken 2020, een mooi geordend geheel. Wel 25 bladzijden meer dan vorig jaar, dus het was meer doorkijkwerk. Bedankt aan de ambtenaren, die er wat moois van gemaakt hebben. Het jaar 2020 was wel een bijzonder jaar door de coronacrisis, een crisis met een grote impact op de samenleving, maar we zagen daarbij ook hoe de veerkracht als basis in onze samenleving tot uiting kwam.
Het waren en zijn zware tijden voor ondernemers, onderwijs, jongeren die beperkt zijn in mogelijkheden en ook ouderen. Maar deze crisis is wel een andere crisis, dan we in 1980 of 2008 gehad hebben, waar heel veel andere dingen aan de orde waren. Ik denk daarom, dat het vervolg anders zal zijn. Het zorgde er ook voor, dat het moeilijker begroten was, want er waren veel onzekere factoren in het gemeentehuis. Toch kunnen we afsluiten met een positief resultaat. Ik zie dat er een coronafonds van € 5mln is ingesteld om extra kosten te bekostigen en onze maatschappelijke en verenigingsleven door de crisis heen te helpen. Wat mij opvalt, is dat we ter compensatie uit het rijk slechts € 170.000 hebben gekregen. Ik had eigenlijk wat meer verwacht. Vraag aan het college: klopt het, dat het € 170.000 bedraagt? Is er uiteindelijk nog een hogere bijdrage van het rijk te verwachten? Is er een beeld of er dit jaar door corona veel financiële mee- of tegenvallers zullen zijn? Ik snap dat het koffiedik kijken is, maar toch deze vraag even. Ten opzichte van de slotwijziging viel het ons op, dat er een bedrag staat over OZB-opbrengsten van € 376.000. De OZB aanslagen zijn in februari 2020 verstuurd. Hoe kan het dat pas na 6 november 2020 bekend is dat deze opbrengsten zoveel hoger zijn? Had dat al niet eerder bekend kunnen en moeten zijn, vraag ik mij af.
Dan nog een ander punt, dat mij opviel: de kosten voor het sociaal domein zijn behoorlijk hoog, die zijn toegenomen, dat weten we, dat is bekend. We zien echter dat de kosten van jeugd € 119.000, de WMO € 700.000 ook pas na de slotwijziging van 6 november bekend zijn. Waarom waren deze overschrijdingen niet eerder bekend bij de afdeling van jeugd en WMO? Iets over de accountantscontrole. Bij de BAC hebben we kunnen constateren, dat het werk van de accountant goed gaat. Merkbaar is ook, dat de samenwerking tussen gemeente en accountant goed gaat en dat is fijn. Goed om te constateren, dat er dit jaar een reactie van het college is op de aanbevelingen van de accountant. Daar hebben we vorig jaar om gevraagd. De accountant was ook tevreden met de reactie van het college, dat is heel belangrijk. Dus dat sluit aardig op elkaar aan. Alles bij elkaar zien we dat de gemeente, onze financiële afdeling en de accountant met elkaar goed grip en inzicht in onze financiën hebben. Dat geeft een goed gevoel. Met betrekking tot de financiële positie Eneco-gelden. De algemene reserve daalde in 2020 met circa € 30mln. Deze daling werd met name veroorzaakt doordat er € 36mln bestemmingsreserve is opgenomen. De schuld nam af met € 36mln, dat is ook prima. Nu hebben we een eigen vermogen van € 141mln. Dat is natuurlijk een gigantisch bedrag.
Maar om € 137mln hebben wij als raad een hek heen gezet, daar gaan we op een later moment nog eens goed over praten, hoe we dat uit gaan geven. Dus qua liquiditeit staan we er prima voor, maar we moeten dat nog even goed gaan bekijken. Als je dan naar de cijfers kijkt en alle parameters, dan krijg je natuurlijk een heel ander beeld. Dus dat is even anders. Wat betreft financiën blijft natuurlijk de grote zorg de structurele hoge lasten van jeugdzorg en WMO: hoe krijgen we jaarlijks de begroting sluitend? We weten met zijn allen dat dat best heel lastig wordt. Dan heb ik enkele specifieke vragen en opmerkingen. De budgetten die overgeheveld zijn van 2020 naar 2021: waar kan de raad deze budgetten terug zien? Dat staat dan even in het voorstel, maar waar blijven ze? Aansluitend specifiek nog even vanuit het sociaal domein. Daar staat op blz.37: er wordt voor de GR jeugd naar 2021 € 117.000 overgeheveld en een bedrag van € 241.000 overgeheveld. Waar kunnen we dat terug zien? Het zijn toch behoorlijke bedragen. Hoe kunnen we het volgen? Dan hadden we vorig jaar een jaarrapportage sociaal domein. Die is er nu niet, want in de brief van 3 maart, ambtelijke organisatie onder druk, is meegedeeld, afgesproken dat de raad dit jaar een afgeslankte vorm krijgt van de jaarrapportage sociaal domein. Maar volgens mij hebben we die nog niet gezien.
Onze collega’s van sociaal domein zouden we graag willen zien om te kijken hoe het de stromen daar gaat. Op blz.33 de uitnutting van de 10 beleidsaccenten. Dat blijft toch een beetje hangen (…). Voor de rest zien wij dat er dit jaar ook een hoop goede dingen gerealiseerd zijn. Om maar het belangrijkste te benoemen: vorig jaar waren er weinig huizen opgeleverd, dit jaar zijn er 535 woningen
16/29
opgeleverd, waarvan 68 sociale woningen, natuurlijk altijd te weinig, maar het zijn er in ieder geval wel 68, en 98 starterswoningen. Die 535 is aanzienlijk meer dan de 280 die begroot waren, dus daar kunnen we toch blij mee zijn. Ook heeft het college een strategische positie ingenomen om de hortiscience meer naar voren te brengen. Dat kost geld, maar het is ook van belang. Dit is een onderlegger, die loopt als een rode draad door de andere opgaven heen m.b.t. werk, onderwijs, mobiliteit en wonen. Dat zijn toch essentiële dingen bij ons in de gemeente. De voorzitter: U zit aan de 6 minuten. De heer Ammerlaan: Het was voor mij een zoektocht, maar ik snap u helemaal, u heeft gelijk. Ik ga kort en snel afronden. We hopen dat het hortiscience park in Bleizo zijn beslag kan krijgen, want dat is belangrijk voor de hele Lansingerlandse economie. Nog een puntje, het integraal onderwijs huisvestingsplan is vastgesteld. Ook dat is belangrijk, waardoor we nieuwe en gerenoveerde scholen krijgen. We hebben ook afgesproken alles te verduurzamen, dat is ook een heel belangrijk punt. Veranderopgave jeugdhulp gaan we beter aanpakken. Ik denk dat ik door mijn aantekeningen heen ben. Dank u. Mevrouw Van Olst, WIJ: Ik zal geen 5 mintuten nodig hebben, want wij vonden het een heel mooi en duidelijk stuk met een goed verhaal erbij van de accountant.
We merken op wederom dit jaar weer, dat er goed wordt samengewerkt ook met de financiële afdeling. Wij kunnen dat erg waarderen. Dat is weleens anders geweest. Het geeft een goed en getrouw beeld. We hebben gelukkig een positief resultaat, dat is wel wat administratief, maar het is positief, dus prima. De ratio’s zijn goed, dat heben we ook weleens anders gezien. Met name over de schuldratio hebben wij ons best wel druk gemaakt, maar die is gewoon echt goed, ook zonder Eneco is dat gewoon goed te noemen. Vorig jaar om deze tijd voorspelde ik een financiële crisis. Die is er nog niet. Ik denk nog steeds dat we aan de vooravond staan, maar de avond duurt heel lang. Ik hoop, dat ik het mis heb, maar het zijn wel de risico’s waar we on op moeten voorbereiden. Nu hebben we gelukkig wat vet op de botten. Maar met name de risicoparagraaf heb ik natuurlijk naar gekeken, want daar heb ik vorig jaar om gevraagd en dat is vorig jaar ook in de jaarstukken gezet en dit jaar weer. Daar wordt gesproken over dat mensen, die hun baan verliezen, waarschijnlijk op den duur in de bijstand gaan komen, maar dat ze eerst het vangnet hebben van de WW.
Ik zie daar alleen niets of te weinig voor mijn gevoel over ondernemers staan, want ondernemers zijn nu nog aan het infuus van de overheid, maar wat gebeurt er als dat weg valt? Als je dan verder kijkt, dan zou dat voor onze gemeente bijvoorbeeld kunnen betekenen, dat er leegstand zou kunnen ontstaan in de winkelcentra. De sociale cohesie, we hebben het hier heel vaak gehad over levendige dorpskernen en dat soort zaken, dat we daar misschien al op kunnen voorsorteren of misschien wordt dat ook wel gedaan. Verder dacht ik nog: hoe zit het eigenlijk met debiteuren? We hebben een belastingcapaciteit, die wat hoger is dan gemiddeld in het land. Dat wil zeggen, dat de mensen die in Lansingerland wonen iets meer gemeentelijke belastingen betalen. Dat is natuurlijk een heel mooi verhaal, maar hoe zit dat dan? Betaalt iedereen wel? Betaalt iedereen op tijd? Is dat de reden, waarom je het pas in november dan kunt zien, zoals meneer Ammerlaan net zei? Zie je daar al een verschuiving in? Dat mensen later betalen of misschien minder. Ik kijk ook even in mijn aantekeningen of ik nog iets te melden heb. Nee, dat is voorlopig nog niet het geval. Dank u wel. De heer Dieleman, CU: Ja, die 5 minuten heb ik zeker nodig.
Wij hebben de jaarrekening natuurlijk op financiën doorgekeken, daar hebben we eigenlijk maar 1 opmerking over, namelijk dat het resultaat wel erg positief is en dat vind ik altijd heel gaaf, maar aan de andere kant: misschien hadden we dat iets beter in beeld moeten hebben bij de slotwijziging, zeker als we aan de vooravond staan van een kadernota, waarin we gaan bezuinigen, dan vind ik het altijd best spannend als er zo’n positieve jaarrekening aan zit te komen, terwijl we dat niet verwachtten. In hoeverre zijn we dan in control en moeten we inderdaad zo hard gaan bezuinigen als we de komende tijd moeten gaan doen? Want we zien eigenlijk ieder jaar, dat we bij de jaarrekening meer geld over houden dan we voorspeld hadden. Ik vind het altijd een beetje spannend en dat vonden we ook bij deze jaarrekening weer. Tot zover de financiën, want daarover zijn al een hoop andere dingen gezegd door fracties. Ik neem aan, dat de heer Van Santen en Philippens daar zo meteen ook nog wat aandacht aan gaan geven, hen kennende. Als CU hebben wij de jaarrekening vooral doorgekeken met de bril: wauw, wat gaaf, wat er allemaal is gebeurd in 2020. Daar willen we ook in deze bijdrage doorheen lopen. We willen door de jaarrekening heen lopen en een aantal punten aanhalen, waar wij heel trots op zijn, dat we die in 2020 hebben bereikt. En dat gaat over een heel bizar jaar.
Waar we in 2020 met elkaar nog in de raadszaal begonnen en we wethouder Van den Beukel nog de hand mochten schudden toen hij net wethouder was geworden, viel dat al heel snel op. Want de coronacrisis veranderde het jaar compleet. In heel de jaarstukken zien we terug wat er allemaal is gebeurd om die coronacrisis zo goed en zo kwaad als dat kon in Lansingerland in goede banen te leiden. Daar ook een heel groot compliment naar alle medewerkers van onze gemeente organisatie, die zich daarvoor het afgelopen jaar zo hard voor ingezet hebben, want er is keihard gewerkt. Vanuit huis, dat is niet leuk, het is niet leuk om zo lang thuis te moeten werken en ontzettend knap dat al het werk is verzet in de coronacrisis, in het grootschalig testen in Lansingerland. We zijn heel erg blij met alles wat we voor elkaar hebben gebokst. Ook trouwens wat we als raad voor elkaar hebben gebokst, want ook voor ons was en is het wennen om digitaal te vergaderen. Hoewel ik er zeer naar uitzie om deze collega’s
17/29
gewoon weer in real live te zien, ben ik er heel trots op hoe wij de omslag naar het digitaal werken hebben gemaakt. We zien in de jaarrekening van alles terug, wat we als gemeente hebben gedaan om de coronacrisis te beteugelen. Zo hebben we geen huur gevraagd aan verenigingen, of we hebben waar mogelijk een huurverlaging doorgevoerd. We zien een bibliotheek, die zeer creatief aan het werk is gegaan om ondanks de perioden waarin de bibliotheek regelmatig dicht moest, om toch bezig te blijven met verschillende activiteiten. We zien dat de gemeente belangrijke taken heeft opgepakt zoals de uitvoering van de TOZO regeling. We zien de inzet richting jongeren, waar een heleboel werk is gedaan, zoals Expeditie Lansingerland afgelopen zomer. Zo is er vanuit de gemeente een heleboel werk gedaan aan de coronacrisis, maar vooral ook door de vrijwilligers, die Lansingerland maken tot wat het is. Al die verenigingen, organisaties, gewoon mensen die hun buurman gingen helpen, die geen boodschappen kon doen. Dat compliment wil ik vooral maken aan onze samenleving, voor al het werk dat zij hebben gedaan om de coronacrisis te lijf te gaan. Dat even over het blokje corona. Een ander onderwerp, dat voor de CU altijd heel belangrijk is, is het sociaal domein. Ook daar hebben we gekeken naar hoe we ervoor staan. We zien uiteraard nog wel wat issues.
Zo zien we helaas een stijging van het aantal meldingen van huiselijk geweld. Ook dat zal waarschijnlijk een corona-effect zijn. We zien helaas een flinke kostenstijging op WMO, de heer Ammerlaan refereerde er net ook al aan in zijn termijn. Maar we zien ook een heleboel dingen die goed zijn gegaan. Zo zien we dat we een gestage start hebben gemaakt met het werken met combinatiefunctionarissen. We zien een goede samenwerking met de adviesraad sociaal domein, waarover in de jaarstukken wordt gerapporteerd. We zien een team jeugd, dat ontzettend hard aan het werk is met een heel hoge productiviteit, waarbij wachtlijsten blijven bestaan voor specialistische jeugdhulp, maar waar echt slagen in worden gemaakt. We zijn gestart met praktijkondersteuners voor jeugd GGZ. Er zijn ontzettend veel schuldhulptrajecten afgerond. We zijn gestart met een coördinator eenzaamheid. Ieder jaar als we de jaarrekening lezen, zijn we weer blij verrast met al die dingen die zijn gebeurd. We zijn heel trots op wat we ook in het sociaal domein in 2020 weer voor elkaar hebben gekregen. Dat is natuurlijk niet alles wat we gedaan hebben. We hebben een huisvestingsplan voor primair onderwijs vast gesteld. In een heel andere hoek is de waardering voor de buitenruimte omhoog gegaan.
Zijn we eindelijk tot ons nieuwe afvalbeleid gekomen, waar we ook in deze raad jarenlang met elkaar over gesproken hebben, maar het is er en we gaan aan de slag. We zijn blij met de keus, die we daar gemaakt hebben. We zien een heleboel terugkomen in de jaarrekening over wat we op het gebied van duurzaamheid hebben bereikt, van de wat grote dingen, zoals de voorbereiding van de RES tot hele kleine en praktische dingen, zoals ‘tegel eruit, groen erin’, een uitstekend initiatief. We zijn uitgeroepen tot de meest innovatieve glastuinbouwgemeente van deze wereld. Ik haalde dat even in de fractie aan en daar zeiden ze: ja, die 5 glastuinbouwgemeenten in Nederland. Ik zei: nee, de meest innovatieve glastuinbouwgemeente van de wereld. En daar mogen we echt met elkaar heel trots op zijn. Dat was eigenlijk ook het gevoel, dat bleef hangen toen wij de jaarstukken doorlazen. Ik heb nu een paar voorbeelden genoemd en ik ga ze niet allemaal voorlezen, want dan ga ik die 5 minuten niet redden. We zijn gewoon heel trots op de gemeente Lansingerland. We zijn trots op wat we in het jaar 2020 hebben gedaan. We zijn blij met wat we als gemeente hebben gedaan, we zijn blij met wat onze samenleving heeft gedaan en we zijn heel blij om als fractie van de CU hier in Lansingerland daar ons steentje aan bij te mogen dragen.
We hopen dat we vanuit deze vipe, die we in de jaarrekening terug zien komen, ook in de komende tijd weer verder gaan. Dank u wel. De voorzitter: Krap 6 minuten, maar met uw prachtige verhaal vond ik dat niet erg. De heer Weerheijm, D66: Ik zal het kort houden, zodat meneer Dieleman mijn ene minuut kan lenen. Ik denk dat de opsomming van de heer Dieleman mooi samenvat wat er het afgelopen jaar allemaal wel is gelukt. Ik beperk mij in mijn bijdrage niet zozeer tot alles wat gelukt is, dat is ook belangrijk, dat het genoemd wordt, maar het ook over dingen die misschien wat minder gaan of waar we vragen over hebben. Allereerst dank voor de heldere stukken. Zoals ieder jaar is het ontzettend veel werk om dat helemaal op te stellen. Het is dan fijn dat je de gegevens toch op die tweehonderzoveel pagina’s hebt staan, daar zijn we heel erg blij mee. Voor D66 laten de jaarstukken van 2020 een beetje een dubbel beeld zien. Aan de ene kant zijn we natuurlijk heel erg blij met wat er allemaal wel gebeurd, maar aan de andere kant zien we ook, dat het een raar en bewogen jaar was, waardoor we niet hebben kunnen doen wat we hadden willen doen van tevoren. Hetzelfde geldt ook voor het initiële resultaat, dat we zien. Aan de ene kant zien we een positief eindresultaat, een flink ruim overschot, zoals de heer Dieleman net ook al aangaf.
Aan de andere kant zien we dat dat ook een gevolg is van de zaken die zijn uitgesteld. Hogere OZB-inkomsten is een gevolg van lastenverzwaring en dergelijke en dat er ook een aantal flinke deuken in de begroting zijn geslagen, waardoor de kosten in het sociaal domein flink zijn gestegen. Al met al is 2020 een bewogen jaar. Ik denk dat we dat eerder hadden kunnen vaststellen, maar dat blijkt toch maar weer eens uit de jaarstukken. Laten we hopen dat 2021 een wat beter jaar gaat worden. We zijn inmiddels bijna over de helft. Met wat meer vaccinaties hopen we natuurlijk dat we volgend jaar gewoon weer in de raadszaal zitten en dat we dan een iets gewoner jaar achter de rug hebben. Dan nog een paar inhoudelijke punten, die ons opvielen. Allereerst in het sociaal domein. We hebben het al vaker gehad over de kosten die stijgen in het domein jeugd, maar als je kijkt naar de
18/29
cijfers is het wel heftig, dat je ziet dat de wachttijden begroot 15 weken, dan komt het uit op 35 weken (…), het is in ieder geval een flinke verdubbeling van de tijd, die begroot stond voor het contact en het maken van afspraken. Dat is natuurlijk wel heel erg zorgelijk, dat is al vaker aangekaart, niet in deze commissie, maar in de commissie samenleving. Dat is toch wel iets waar we ons zorgen over maken. Er moeten geen illusies zijn, dat ook met de uitkomst van arbritagezaken en mogelijkheden er meer geld uit moet voor jeugd, dat het daarmee opgelost is. Daar blijft de zorg ook wel mee zitten. Daarnaast nog een stukje over het domein bestuur en dienstverlening. Wij juichen de aandacht voor digitalisering heel er aan, zeker na dit coronajaar denk ik dat er ook geen weg terug meer is, die digitale weer terug naar fysieke dienstverlening. Ik denk dat we er blij mee kunnen zijn, omdat we het allemaal wat gestroomlijnder en makkelijker en toegankelijker maken. Daarom leek het ons wel handig om een aantal indicatoren op te nemen in het vervolg, waarmee we onze eigen prestaties op het gebied van digitale dienstverlening wat beter in kaart kunnen brengen. Het is natuurlijk heel erg fijn, dat we daarop sturen, maar het zou zijn als we daarover iets in kaart kunnen brengen.
Ik heb zelf niet heel concrete ideeën over hoe we dat zouden kunnen doen, maar ik denk dat we met een beetje kritisch denken wel een aantal indicatoren voor zouden kunnen bedenken. Dan nog een vraag over afval, dat is iets waar ik ieder jaar op terug kom. Het is natuurlijk heel fijn, dat we echt aan de slag zijn gegaan het afgelopen jaar met het afvalbeleid. Toch een dingetje, dat ik zo snel niet kon vinden in de jaarstukken: hoe het scheidingspercentage zich het afgelopen jaar heeft ontwikkeld. Het is misschien een beetje technisch, maar het is toch altijd fijn om dat ieder jaar even bij te houden. Tot slot nog een kleine reflectie op de lokale lasten. Ik gaf het net al even aan. Een deel van het positieve resultaat komt voort uit de net al genoemde extra opbrengsten uit de OZB. Aan de ene kant natuurlijk een fijne financiële meevaller, maar het is in feite een lastenverzwaring, die gedragen wordt door onze inwoners. De WOZ-waarden in vergelijking met onze buurgemeenten, zoals we kunnen zien in de jaarstukken, is gewoon ontzettend hoog in deze gemeente.
Dat is natuurlijk heel fijn als je je huis verkoopt tegen een mooie prijs, dat je er iets moois voor terug kan vinden, maar aan de andere kant betekent het ook gewoon, dat er heel veel inwoners zitten opgezadeld met een hoge OZB, waardoor de lokale lasten alleen maar stijgen, wat toch heel erg frustrerend is voor veel inwoners. Hier wil ik het voor de eerste termijn bij laten. De heer Ruijtenberg, GL: Ik weet eigenlijk niet wat ik na de twee voorgaande sprekers nog zou moeten toevoegen. De voorzitter: Niks. De heer Ruijtenberg: Daar komt het wel een heel klein beetje op neer. Ik wil ook mevrouw Van Olst natuurlijk niet onderschatten met de vragen die zij gesteld heeft. Anders dan zij stelt, ben ik wel optimistisch en denk ik dat Nederland, en nu ga ik iemand citeren wat ik eigenlijk nooit doe, dus let op VVD’ers: Nederland is een heel gaaf land. En Lansingerland is een heel gave gemeente. Maar dat heeft de heer Dieleman veel beter gezegd dan dat ik het gezegd heb. Ik denk dat wij goed door deze coronacrisis heen gekomen zijn als land. Ik denk dat wij als gemeente goed door deze coronacrisis gegaan zijn. Er is een positief saldo. De algemene reserve is goed. Als ik kijk naar het weerstandsvermogen, dat ook op 1.6 staat. Ik denk dat het gewoon goed is. Ik denk dat we uiteindelijk krachtiger uit deze situatie gekomen zijn. Immers, alles wat je niet doodt, maak je sterker.
Ook wij zijn hier sterk uit gekomen. Ik zal geen tweede termijn nodig hebben. Ik het hierbij laten. Alles is al gezegd. Complimenten voor het college. Complimenten in deze voor de ambtenaren. Complimenten, zoals de heer Dieleman ook zei, voor onszelf, we hebben dit toch met zijn allen gedaan. In de richting van de heer Weerheijm zeg ik: ik denk dat wij na het zomerreces weer bij elkaar zitten. Dank u wel. De heer Azzouzi, PvdA: Ik ga er wat uitgebreider op in. We bedanken het college en de organisatie als eerste voor de stukken. De jaarstukken zijn helder en goed leesbaar. Complimenten voor de organisatie. Mooie bestuurlijke samenvatting. Nu de inhoud. In tegenstelling tot het college en een aantal fracties is de fractie van de PvdA minder blij met het positieve resultaat van de jaarstukken 2020. Het lijstje van successen van de heer Dieleman is mooi, maar een positief resultaat betekent in feite dat we een aantal dingen niet gedaan hebben of niet gerealiseerd voor onze inwoners. Je zou bijna zeggen, dat dit het gevolg is van de coronacrisis, maar ik heb de jaarstukken van voorgaande jaren doorgenomen en ik kwam tot dezelfde conclusie. En ja, een positief resultaat, dat klinkt raar, gelet op de tekorten, die we in de komende jaren hebben in de bijbehorende bezuinigingsvoorstellen. Eerlijkheidshalve zijn we niet uniek in deze, maar dat vinden wij geen argument.
Volgens mij moeten we bij de behandeling van de kadernota en de begroting extra aandacht hieraan besteden. Er is veel gevraagd, maar wij hebben maar 2 vragen aan de portefeuillehouder. De eerste vraag gaat over de overschrijding van de apparaatlasten van € 8,5ton. Kan de wethouder dit toelichten? Is dit incidenteel of structureel? Heeft dit ook een relatie met de uitbreiding van het ambtelijk apparaat vanaf 2021, wat terugkomt in de kadernota? De tweede vraag gaat over de investeringen. Bij de lijst investeringen zien we een aantal investeringskredieten, die afgesloten worden. In totaal een investeringsomvang van € 8mln. Dit sluit niet met de bijbehorende vrijval kapitaallasten, die in de kadernota gepresenteerd worden. Kan de wethouder dit toelichten? Dat was hem.
19/29
De heer Philippens, L3B: In tegenstelling tot vorige spreker ben ik wel blij met het positieve resultaat (…) ik begrijp het ook wel en ik sluit me aan bij de woorden van de heer Dieleman. Grote wijzigingen in rapportages, die elkaar opvolgen, tussen 3 maanden. De vraag is: zijn we nog steeds scherp aan de wind, zijn we in control? Dat geld had je ook voor iets anders in kunnen zetten. Maar dat even terzijde. In het algemeen zijn wij als partij zeer tevreden over de jaarstukken. Het werd al benoemd: een moeilijke context, corona, daar ga ik niet verder over uitweiden. Ik ben het met veel sprekers eens, dat we heel veel belangrijke zaken hebben bereikt of doorgezet. De heer Dieleman gaf een heel mooie opsomming, die ga ik niet herhalen, dat kan ik ook niet zo goed als hij het heeft gedaan, dus ik sluit me zeer aan bij de woorden, die hij daarop gezegd heeft. Ook op de managementrapportage van het college, waarin veel van die punten ook terug zijn gekomen. Ergens vind ik het wel een moeilijk jaarstuk om naar te kijken in het kader van de kadernota, want ik zie nu heel veel dingen die we in 2020 nog gedaan hebben, heel mooi, maar waar we in de kadernota 2022 misschien op moeten gaan bezuinigen. Maar we pakken het positief: mooi, dat we dit in 2020 wel allemaal hebben kunnen doen.
Mevrouw Van Olst gaf al aan: een positief resultaat, de kengetallen zijn verbeterd, een tevreden BAC, dat heeft voor mij ook altijd grote waarde. Dus goede stukken, waarin ik een financieel gezonde gemeente zie. Ik zal nog even een aantal onderwerpen afgaan met wat vragen en opmerkingen. Voor de portefeuillehouder openbare orde en veiligheid: daar zien we een aantal nieuwe kengetallen verschijnen op ondermijning. Daar zijn we heel erg blij mee. Echter, we zien de kengetallen die er al stonden over het convenant veilige school en met buurttoezicht, die zien we wat terug lopen. Mijn vraag is: heeft daar een verschuiving in plaats gevonden? Of wordt dat weer en en? En is dit een gevolg van corona? Daar zou ik graag nog een antwoord op willen. Voor cultuur, sport en onderwijs is bij onze fractie de vraag of er een mogelijkheid is om een overzicht te krijgen van de tarieven cultuur, binnen- en buitensport inclusief een landelijke en regionale vergelijking. Ik ben benieuwd of dat kan. Het tweede punt daarop is even een checkvraag voor de wethouder. We hebben de verhuur van de velden voor de buitensport. Daar is een rijksbijdrage voor van € 90mln, voor de misgelopen huurinkomsten bij de zomerrapportage was het onduidelijk hoe die verdeeld werd.
Ik zie die nu staan bij de lasten crisisreserve, daar zie ik hem zowel positief al negatief staan, dus ik ga ervan uit, dat dat de rijksbijdrage is geweest en dat we volledige dekking hebben gekregen van het rijk, maar graag even een bevestiging daarop. Op het sociaal domein, het beleidsveld participatie even de diepte in. Daar staat een aantal zinnen, dat ons opviel. Vanuit handhaving en toezicht zetten we circa 125 quick scans in om onterechte verstrekkingen van bijstandsuitkeringen tegen te gaan. Hiermee voorkwamen we de instroom van 55 uitkeringen in 2020. Vooral die laatste zin vonden wij wat vreemd, want volgens mij willen we als Lansingerland dit soort zaken niet voorkomen, maar we willen ervoor zorgen dat dit soort uitkeringen bij de juiste mensen terecht komen. Ik ga er even van uit, dat het college dat ook zo ziet, maar graag een bevestiging daarop. Als laatste pak ik hem nog even op duurzaamheid, als het nog mag. We hadden daar een aantal plannen op, bijvoorbeeld met de gasvrije wijken. Daar zien we vooralsnog dat nul van de 3 plannen gerealiseerd zijn. Eén van de drie is schoolpleinen klimaatadaptief. 66% van de laadpalen en 53% van de zonnepanelen. Daar was nog even het moment: dreigt het spaak te lopen op die verduurzaming. Ik zoek graag wat meer verduidelijking waarom dat toch wat beperkt gerealiseerd is geworden.
Is dat echt puur corona? Pakken we dit ook wat steviger aan, bijvoorbeeld met professionalisering projectmatig werken? Daar zou ik ook graag nog wat duiding over willen. Daar wil ik het bij laten. Dank u wel. De heer Van Santen, VVD: Jaarstukken 2020. Dank voor het opstellen. Het is een lijvig boekwerk, 230 pagina’s ofzo, dat is niet niks. En wellicht de laatste keer dat dit college zich verantwoord over het vorige jaar, wie weet. Ja, het is een bijzonder jaar en mijn waardering voor de inbreng van de heer Dieleman, die dat prachtig opsomde. Ik zag menig raadslid en ook de wethouder daarvan glimmen, dus dank voor deze terugblik. Kijk ik ernaar, dan zie ik in elk geval twee bijzondere dingen. Dat is aan de ene kant natuurlijk corona en aan de andere kant zie ik ook de verkoop Eneco, dat financieel het e.e.a. gedaan heeft. Dat zijn twee belangrijke punten. Ondanks corona is er toch 7 hectare bouwgrond verkocht. Blijkbaar kijken ondernemers daar doorheen en ze kijken vooruit, want het gaat verder. Wat mij opviel en daar heb ik gemengde gevoelens bij, dat er 125 scans zijn gedaan op aanvragen van bijstandsuitkeringen en dat er 55 ten onrechte zijn gebleken. Aan de ene kant: goed dat dat gescand wordt en gecontroleerd wordt. Aan de andere kant: wat een hoog percentage. Ik zou zeggen: ga daarmee door en probeer daar iets aan te doen, dat dat op deze manier niet gebeurt.
Positief vind ik ook: meer dan 500 woningen. In deze commissie of raad is er een partij, die vaak zegt: wanneer gebeurt er nou eens wat? Nou, meer dan 500 is een prestatie van formaat. Kijk ik dan financieel: schulden wederom gedaald. De vierde keer dat ik jaarstukken behandel en elk jaar dalen de schulden. Fantastisch om te zien, dat maakt ons uiteindelijk financieel veerkrachtig naar de toekomst toe. Over het resultaat heeft een aantal mensen wat gezegd. Ik houd het er maar even op, dat er € 1,5mln overgehouden is, omdat er overgeheveld wordt naar 2021. Dat gaat naar de algemene reserve, die vervolgens € 30mln daalt. Laten we dan vooral kijken naar het weerstandsratio. We hebben daar een doelstelling op gezet van 1,7. Daar zijn we nog niet. Wat dat aangaat, zullen we als VVD wel alert blijven m.b.t. investeringen en onttrekkingen uit die algemene reserve, maar we gaan de goede kant op, we zijn er bijna. U kunt alvast
20/29
noteren, dat wij ons kunnen vinden in de voorgestelde beslissingen. Dan heb ik nog enkele vragen. Als het voorstel van het college is, gisterenavond is dat behandeld, maar ik heb het nog niet terug kunnen zien, over Wilderszijde, maar als het voorstel van het college door zou gaan over Wilderszijde, dan is het begrote tekort lager dan nu in het weerstandsvermogen is opgenomen. Klopt het dan dat het voorstel van het college pas invloed heeft op dat ratio van het weerstandsvermogen of zijn we dan direct al aan de doelstelling van 1,7? Dat was mijn eerste vraag. De accountant heeft ook een aantal bevindingen en aanbevelingen. Kennelijk heeft u daarop gereageerd en ik ga er maar van uit, dat u heeft gezegd, dat u die aanbevelingen opvolgt. Mocht dat niet zo zijn, dan hoor ik het ook graag als reactie. Meneer Philippens haalde het al even aan: de nieuwe kengetallen op ondermijning. Fijn dat die opgenomen zijn. Ik schrik wel van een aantal van dat soort getallen. 72 controles in panden, 18 sluitingen. Dat zijn nogal getallen waaruit in elk geval blijkt, dat het goed is dat we daarin investeren, in ondermijning.
Mijn vraag aan de wethouder is: gaan we daar ook een soort begrote kengetallen van krijgen? Nu staan er nog nulletjes, dat is logisch, want het is de eerste keer, maar gaat u ook voor de volgende ronde daar een verwachting in schetsen? Dan de rotondes, die zijn er gekomen, ook wel fijn. Voor mijn gevoel is het een stuk veiliger. Het heet ook ‘veilige rotondes’ in de jaarstukken. Alleen lees ik dan weer niet hoeveel veiliger, daar is het uiteindelijk om te doen, om de rotondes zelf. Vraag aan de wethouder: heeft hij daar kijk op? Zo niet, zou hij daar dan de volgende keer iets over kunnen vermelden? Het zelfde geldt voor het duurzaamheidsfonds. Er staat: dat hebben we gestart. Maar vervolgens zie ik niet zoveel van wat er dan gebeurd is. Alleen het starten is prima als initiatief, maar ik zou ook graag zien wat ermee is gebeurd. Dan tot slot iets waar ik altijd bij stil sta bij dit soort onderwerpen, dat zijn de woonlasten. De heer Weerheijm zei er ook al iets over, dat het toch jammer is dat die omhoog zijn gegaan. Of in elk geval als opbrengst omhoog zijn gegaan. Ik constateer in elk geval dat die 14% hoger zijn dan landelijk gemiddeld. En dat de OZB aanslag bij ons 18% hoger is dan landelijk gemiddeld. Dus dat is een hogere belasting voor een gezin in Lansingerland. Die heeft dan een hogere WOZ-waarde, wat niet alles zegt over de portemonnee.
Hoewel aan de andere kant de financiële kengetallen zo positief zijn voor onze gemeente. We geven allemaal aan, dat we er financieel goed voor staan, maar daar profiteren onze burgers dus kennelijk niet van. Mijn vraag aan de wethouder is: als we € 376.000 extra OZB hebben ontvangen in 2020, we zien wellicht een verhoging aankomen op woningen van enkele tonnen, dan komt dat een beetje bij elkaar in de buurt: is het mogelijk, technisch in elk geval, om een eenmalige teruggave te doen aan onze inwoners van teveel ontvangen OZB? Dat zou goed zijn voor onze inwoners. De voorzitter: Er zijn vragen gesteld aan alle portefeuillehouders. Beantwoording college Wethouder Van den Beukel: Dank aan de raadsleden voor hun inbreng en de vele vragen. Ik heb geprobeerd driftig mee te schrijven, de collega’s ook, ik hoop dat ik niets mis. Ik doe even een oortje in, zodat ik wat beter te verstaan ben. We hopen dat het na de zomer klaar is met dat soort problemen. De resultaten, zoals beschreven door diverse raadsleden, zijn natuurlijk in eerste instantie inhoudelijk voor de samenleving. Vervolgens hebben ze een financiële vertaalslag gekregen en dat ziet u ook in het document. Maar het zijn nadrukkelijk jaarstukken, waarin staat hoe onze overheid, de overheid van alle Lansingerlanders, heeft gepresteerd.
Het is mooi, dat de aandacht van uw raad verdeeld is over en de inhoud en de financiën, want ze hebben wel alles met elkaar te maken. Ik ben het met iedereen eens, die zegt: Lansingerland is een financieel gezonde gemeente. Dat is mooi. Dat is lang geleden anders geweest. Maar dat het nu zo breed het sentiment is, de analyse ook eigenlijk wel, het is niet alleen gevoel, het is ook analyse, van de raad, van links tot rechts, van voor tot achter, en van het college, ja, dat vind ik heel mooi. Dat is een situatie die heel veel gemeenten, dan hoef ik niet heel ver te kijken, je kan naar het noorden gaan, naar een buurgemeente, die in heel veel gemeenten echt anders is. Dus dat is mooi. En dat is een situatie met onzekerheid, die diverse fracties ook noemen. De één is wat optimistischer, de ander is wat pessimistischer, maar met de onzekerheid die er is, is dat toch wel een fijne constatering in deze fase van de coronacrisis, die hopelijk aan het voorbijgaan is. Tegelijkertijd, de resultaten zijn mooi, maar de problemen zijn er ook. Dat is een lastig verhaal, maar het is een verhaal dat uit te leggen is en wat u ongetwijfeld doet richting uw achterban. Wat ik ook doe en waar ik het podium nog een keer voor wil benutten, omdat het belangrijk is om te constateren, dat enerzijds we meevallers hebben, de kosten van bouwprojecten vallen mee het afgelopen jaar. Dat scheelt miljoenen.
Iedereen die zegt: kun je dat niet voorkomen door scherper te begroten? Nee, dat valt dus toch niet te voorkomen. Dat zijn inschattingen over hoe de bouwkosten zich ontwikkelen. We hebben heel veel bouwprojecten, als dat een paar procent mee valt en dat doet het, hebben we net in de MPG gezien, we hadden gedacht 3% en het is 1% geworden, dan scheelt dat heel veel miljoenen, omdat we nu eenmaal een grote begroting hebben en ook een ontwikkelgemeente zijn. Dus dat positieve saldo is o.a. daaruit vrij eenvoudig te verklaren. Ook de opbrengsten zijn mee gevallen, die vrije kavels onder andere. Dat gaat natuurlijk door het dak op dit moment. Dat is ook iets waar de gemeente nu de vruchten van plukt. Wat ook heel snel kan veranderen op het moment dat de woningmarkt in elkaar zou zakken en we weten