CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

BV21.0105 Verslag CIE AB d.d. 9 juni 2021

Commissie Algemeen Bestuur 30 juni 2021, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling verslag vorige vergadering27.974 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

21/29

historisch dat dat af en toe gebeurt. Dus wat dat betreft bieden de resultaten helemaal geen garantie voor de toekomst. Niettemin: we hebben inderdaad een overschot. Iedereen die dat zegt heeft gelijk. Tegelijkertijd zien we natuurlijk, dat we enerzijds te maken hebben met geen Eneco-dividend meer, nauwelijks Stedin-dividend meer en met sterk oplopende kosten in het sociaal domein, jeugdzorg, WMO. Collega Van Tatenhove kan dat veel beter duiden dan ik het kan, maar de situatie maakt natuurlijk, dat er wel spanning zit op onze structurele begroting. We hebben, laten we de metafoor nemen van mijn buurvrouw en van mijzelf. Ik heb een hele mooie spaarrekening, die heb ik niet, maar stel dat ik hem had, ik heb heel veel geld op mijn spaarrekening, maar elke maand heb ik zoveel vaste lasten en uitgaven, dat mijn inkomen daar niet tegenop weegt. Heb ik dan een probleem, ja of nee? Je bent heel rijk en toch heb je een probleem. Ik denk dat iedereen dat kan uitleggen en begrijpen, voor zichzelf maar ook voor zijn buren en de mensen verderop in de straat, maar dat is de situatie van Lansingerland. We hebben een goedgevulde bankrekening, alleen het is belangrijk en niet alleen inhoudelijk belangrijk maar ook noodzakelijk richting onze toezichthouder om ervoor te zorgen, dat je inkomsten en uitgaven jaarlijks met elkaar in balans zijn. Die raken uit balans.

Bij de kadernota zullen we het daar nader over hebben. Maar dat is wel een situatie die zich hier aftekent in deze jaarstukken en die reëel is, ondanks de gezonde situatie, die er in de gemeente Lansingerland is. We putten hoop uit de arbitragezaak die genoemd. Voor wie het niet heeft gevolgd: er is onenigheid tussen rijk en gemeenten over de middelen die nodig zijn voor goede jeugdzorg. Er is nu eindelijk een knoop doorgehakt en gezegd: er is € 1,7mld te weinig en dat wordt onderkend. De arbitragecommissie tussen rijk en gemeenten heeft ook gezegd: dat klopt. Dat krijgen we nu ongeveer incidenteel, maar dat moet natuurlijk structureel worden. Op het moment dat het structureel wordt, dan verandert de situatie significant. Dan komt er plotseling structureel meer geld naar onze gemeente. Als hetzelfde gebeurt voor de WMO en hetzelfde gebeurt voor klimaatbeleid, waar we ook te weinig geld voor krijgen van de overheid enzovoorts, dan komen we in een nieuwe situatie. Dus met die arbitragezaak van de jeugd heb ik wel hoop, heeft het college wel hoop, dat uiteindelijk het rijk bij zinnen zal komen en zal onderkennen, dat het gemeentefonds gewoon omhoog moet. En ook dat het een beetje anders verdeeld moet worden.

Ook dat is nog wel iets wat ons een beetje dwars zit of ons een beetje steekt, dat er eigenlijk gemeenten zijn die te weinig geld krijgen uit het gemeentefonds, als je kijkt naar de criteria worden gesteld, de lasten die gemeenten hebben, en de gemeenten die teveel krijgen. Objectief beschouwd krijgt Lansingerland relatief te weinig. Op het moment dat de herverdeling van het gemeentefonds door zou gaan, dat is niet besloten, maar het zit eraan te komen, ook dan verandert de situatie voor Lansingerland een beetje. Maar tot die tijd hebben we op onze zaak te letten en moeten we dus de tering naar de nering zetten. Bij de kaderbrief spreken we er nader over. Er zijn veel inhoudelijke vragen gesteld, waarvan sommige heel technisch, daarvan hoop ik dat die op een ander moment kunnen worden afgedaan, maar ik snap dat in een aanloop naar een debat dat soort dingen soms oppoppen, dus ik probeer ze nu van een goed antwoord te voorzien. Een heel aantal vragen is ook echt specifiek gericht op de collega’s, dus daar zullen ze ongetwijfeld hun vinger over opsteken, zoals als het gaat om de kengetallen veiligheid, die horen gewoon bij onze burgemeester. Laat ik even beginnen bij het begin in de volgorde van de fracties, die hebben ingesproken.

De fractie van het Christen Democratisch Appel heeft gezegd: klopt het dat slechts € 127.000 is terugontvangen van het rijk als het gaat om die coronamaatregelen. Ja en nee, € 127.000 is ontvangen, dat blijkt uit het staatje in de jaarrekening op deze manier specifiek geoormerkt, maar het overige is ontvangen via een algemene uitkering. Dus het is een beetje techniek waarom hier maar € 127.000 staat, maar feitelijk is het meer, namelijk € 1,2mln indicatief. De vraag van meneer Ammerlaan: hoe kan het nou dat je teveel OZB hebt ontvangen? We hebben heus niet de ambitie, niemand in dit huis, om meer binnen te halen, dan we begroten en toch gebeurt dat, hoe kan dat nou? We hebben best een professionele club voor onze belastinginning, de SVHW. Die begroot dat op een goede manier, die krijgt er ook lof voor van de landelijke keuringsinstantie voor belastinginners. Ze worden elk jaar tegen het licht gehouden of ze hun taxatie bijvoorbeeld netjes en goed doen. Toch is het zo, dat uiteindelijk in het derde en vierde kwartaal een aantal belastingaanslagen wordt opgelegd waar in het eerste en tweede kwartaal geen rekening werd gehouden, in de zin dat de waarde die op dat moment geldig zou zijn eerder niet op die manier bekend was. Dat zorgt er toch voor, dat aan het eind van het jaar een meevaller ontstaat. Is dat te vermijden? Ik vrees van niet, meneer Ammerlaan.

Is het wenselijk? Nee, zeker niet. Dus waar mogelijk sturen we er natuurlijk op dat we uiteindelijk exact evenveel binnen krijgen als we begroten, maar soms lukt dat niet. Soms valt het lager uit, soms valt het hoger uit. Dan kom ik meteen op het punt van mevrouw Van Heusen, nee, ze schudt haar hoofd, dan was het waarschijnlijk mevrouw Van Olst, over dubieuze debiteuren. Hebben we nou te maken met te lage opbrengsten? Moeten we rekening houden met het feit dat mensen de belasting niet zouden kunnen betalen? Daar is specifiek naar gekeken door de accountant en het lijkt erop, dat we onze post dubieuze debiteuren niet hoeven bij te stellen, dus dat is een meevaller. De fractie van het CDA vroeg verder naar: was het niet eerder bekend, die bijstellingen op het vlak van de WMO en de jeugd? Daar wil je natuurlijk ook gewoon op nul uit komen, dat je begroting aansluit bij je realisatie. Toch is het zo helaas, collega Van Tatenhove kan dat nog inhoudelijker duiden, dat als het gaat om jeugd en WMO, dat er een na-ijl effect is. De slotwijziging klinkt als: helemaal aan het eind van het jaar. Maar feitelijk is de

22/29

peildatum ervoor september. Dat is niet december, dus er volgen nog facturen nadien van de aanbieders van WMO. Ook het verzilveringspercentage, zoals we dat noemen, een inschatting. Dat is een inschatting die nooit accuraat is omdat het nooit 100% is, altijd naar beste eer en geweten, maar de WMO ontwikkelt zich heel snel, zoals u weet. Er komt steeds meer vraag op ons af, dus die getallen bieden weinig garantie voor de toekomst. Hetzelfde geldt voor de jeugdzorgaanbieders. Na september is nog een heel stuk facturatie te doen en dan blijkt daaruit, dat die vraag zich anders heeft ontwikkeld dan was gedacht. Daar zit natuurlijk wel een heel proces op, om dat beter te krijgen. De monitoring daarvan wordt steeds sterker en we maken ook gebruik van een model van de VNG om die voorspelling van met name de WMO wat beter te gaan doen. Want ook hier moeten we naar nul, maar dit was helaas niet te vermijden. De fractie van de CU heeft een heel mooi exposé gegeven van de resultaten. Dat hebben we als college ook zelf geprobeerd te doen in onze managementsamenvatting, om te duiden dat we op ondermijning, jeugd, woningen, bedrijven, op alle fronten hebben geprobeerd te blijven presteren ondanks die moeilijke situatie. Op veel fronten is dat gelukt, daar zijn we ook trots op, maar op sommige vlakken is het niet gelukt.

We hebben geprobeerd op een zo goed mogelijke manier met u te communiceren en dat heeft geleid tot uitstel op diverse fronten. Een enkel voorbeeld werd genoemd door de woordvoerder van de VVD, het deed me veel plezier dat te vernemen uit zijn mond, dat bijvoorbeeld op het plan van aardgasvrije wijken, als ik het wel heb van hem, dat daar niet 3 plannen zijn gerealiseerd, nee, het projectplan aardgasvrije wijken is later opgeleverd dan gehoopt en dat is met name te herleiden tot de coronadrukte. Dus dat gebeurt af en toe en dat is vervelend. Verder overigens op dat vlak, om bij duurzaamheid te blijven: inderdaad is het zo, dat het instellen van een duurzaamheidsfonds in zichzelf natuurlijk niet zo erg interessant is. Het gaat om de benutting daarvan. Worden er leningen verstrekt en zo ja, worden die leningen dan ook verstrekt voor de goede doelen? Daar komen we over te spreken in de kwartaalrapportage, die we maken over duurzaamheid. De eerste leningen zijn verstrekt, kan ik u vertellen. Hoeveel het er op dit moment zijn, daarover laat ik u even in spanning tot de eerste kwartaalrapportage. Terug naar de fractie van de CU, die had geen specifieke vragen, dus ik ga naar de fractie van WIJ. Er was een opmerkende vraag over de risicoparagraaf, over o.a. ondernemers, die zouden kunnen gaan omvallen.

Dat is inderdaad een landelijk debat, dat speelt: dat worden zombie-bedrijven genoemd, die straks massaal gaan omvallen als het subsidie-infuus eruit wordt gehaald. Dat volgen we met zorg en met aandacht. Ik meen dat collega Arends druk doende is met een nieuwe strategie op de winkelcentra om daarop te acteren. Dat heeft een beetje te maken met corona, maar een beetje ook niet. Misschien dat collega Arends daar iets over kan aanvullen. De fractie D66 vroeg naar KPI’s over digitalisering, digitale dienstverlening. Die laat ik graag even voor rekening van collega Fortuyn. Ook het scheidingspercentage, dat ging over afvalscheiding, denk ik, niet over scheidingen, daar zou je ook KPI’s op kunnen stellen, maar dat is iets minder in handen van de gemeente, ook dat laat ik graag even aan collega Fortuyn. De fractie van GL had niets dan compimenten, waarvoor dank, die zal ik doorsturen naar de ambtelijke medewerkers. De fractie van de PvdA vond het allereerst een goed leesbaar stuk. Daar was ik wel blij mee, om dat gehoord te hebben. Niet alleen van hem, maar ook van anderen, omdat het echt de intentie is om die stukken, die PC stukken, steeds te verbeteren. Ik hoor het dus met genoegen. De jaarstukken zijn buitengewoon omvangrijk, 25 bladzijden meer, dat zijn er natuurlijk gewoon heel veel te veel, maar soms is het nodig.

Als het per saldo als goed leesbaar wordt ervaren door u, want we schrijven ze voor u en ook voor andere belangstellenden, maar met name voor u, dan is dat heel plezierig. Een vraag van de PvdA was: hoe zit het nou met die apparaat lasten, die overschrijding, is het nou incidenteel, is het nou structureel? Dat heeft met name te maken, meneer Azzouzi, met een boekingsfout, zou je het kunnen noemen. Of een nieuwe inschatting. De teammanagers, om het heel concreet te maken, werden in eerste instantie gezien als gewoon toerekenbaar aan de operatie. Bij nader inzien moeten ze eigenlijk worden beschouwd als overhead. Dus de lasten, die eerst werden geboekt op de beleidsvelden, worden nu toch geboekt op overhead. Maar onder aan de streep maakt het geen verschil, want of nou het één wordt geboekt of het andere wordt geboekt, die mensen zijn er en die doen hun zegenrijke werk. Maar in die zin is het structureel, alleen structureel nul, omdat bij het één weg gaat en bij het ander erbij komt. Dan een aansluiting van €1,8mln kapitaallasten, die vond ik wat moeilijk te volgen, dus wanneer van belang, dat verzoek ik u die even te herhalen, dan ga ik proberen in de tweede termijn daar een antwoord op te geven. De fractie L3B had specifieke vragen over openbare orde en veiligheid, die ik voor collega Van de Stadt laat. Ook over cultuur en sport, naar collega Van Tatenhove.

De vragen over het voorkomen van uitkeringen zijn voor collega Arends. Daar wil ik het bij laten. Nog los van het feit, dat de heer Philippens terecht markeerde: een financieel gezonde gemeente. Dat is inderdaad de situatie. Dan tot slot had de Volkspartij voor Vrijheid en Democratie naast een opmerking over duurzaamheid ook nog een vraag over Wilderszijde. Als nu het collegevoorstel aangenomen wordt, en dat zou zomaar kunnen, is mijn stellige verwachting en ook mijn hoop, wat doet dat dan met de weerstandsratio? Die kan nog gunstiger uitvallen. Dat klopt. Maar (….) in goed Nederlands, aan het eind van het jaar pas wordt het bestemmingsplan vast gesteld, daarmee de financieel economische haalbaarheid bepaald en ook de grondexploitatie geopend. Tussen nu en dan zit nog een heel aantal maanden, dus ik wil daar eigenlijk niet teveel op vooruit lopen, met uw welnemen. Zoals het er nu naar uitziet, lijkt het of die voorziening wat lager kan uitvallen, maar laten

23/29

we daar niet al teveel op vooruit lopen. Het zal een voorstel zijn in de tussentijd, tussen het moment van de jaarrekening, die ziet op het afgelopen kalenderjaar, waarin dingen gebeuren, die in het lopende jaar zomaar een effect zouden kunnen hebben op de weerstandsratio. Tot slot de vraag over de overschrijding OZB. Ik heb er al iets over gezegd richting de heer Ammerlaan, nu even richting de heer Van Santen. Technisch is het wellicht mogelijk om een eenmalige teruggave te doen van de OZB, mits je in je besluit heel duidelijk maakt, dat het eenmalig is, dus geen structurele verlaging is. Maar dat vergt ook wel overleg met de provincie, hoe zij dat dan typeren, of die OZB dan nog volledig structureel is zonder die teruggaaf. Ingewikkelde materie, maar subsidies aan inwoners, waar het op neer zou kunnen komen, kun je natuurlijk geven, los even van het feit, dat een overschrijding van de OZB inkomsten natuurlijk niet perse te relateren is aan de OZB van woningeigenaren, maar ook te maken kan hebben met nietwoningen. Tot zover wat mij betreft. De collega’s kunnen mij, in de volgorde die u wenst, mij aanvullen. Wethouder Fortuyn: Er zijn nog een paar vragen over gebleven. De heer Weerheijm had een vraag over afvalscheiding. Dat staat er niet specifiek in. Er staat wel in, dat de GFT van 3% naar 8% is gestegen. Dus dat staat er wel als kengetal in.

Ik heb even navraag gedaan, want ik moest het in alle eerlijkheid even navragen, maar de verwachtingen die wij zelf hadden komen wel uit, dat is dat ongeveer het afvalscheidingspercentage gelijk is gebleven. Echter, we worden wel geconfronteerd met echt vele malen meer kilo’s met name op het afvalbrengstation. De opruimwoede, die door corona tot stand is gekomen. Tegelijkertijd helpt het thuiswerken niet het afval te verminderen. Maar of je het nou op je werk achterlaat of thuis, per saldo blijft het hetzelfde, maar het percentage is ongeveer gelijk gebleven. Dat verwachten we ook voor dit jaar tot het nieuwe afvalbeleid echt concreet gaat worden en daardoor meer sturingsmiddelen ontstaan. Dus dat is op dit moment de status. De heer Van Santen had het over veilige rotondes, voor zijn gevoel zijn de rotondes veiliger. Ik kan bevestigen, dat niet alleen zijn gevoel, maar mijn gevoel ook, dat vooral het verderop leggen van de fietsers veel meer zicht geeft. Ik heb daar geen echte meetinstrumenten voor. Bovendien is het ook een lastig jaar geweest op dit traject, want dan zou je echt moeten meten waar die ongevallen plaats vinden. We hebben wel een registratie. En die registratie is geweest, dat er helaas een dodelijk ongeval is te betreuren in de gemeente Lansingerland. Geregistreerd is iets van 150 ongevallen, die variëren van materieel tot lichte en andere verwondingen.

Dat hebben we wel gemonitord. Om nou alleen specifiek op dit rotondes te focussen, normaal zou ik op het gemeentehuis zitten en dan moest ik regelmatig even opstaan, want dan zag ik weer wat op de rotonde gebeuren, zeker die bij het gemeentehuis, dat was ook zo’n lekkere rotonde. Maar tot nu toe heb ik daar eigenlijk weinig berichten over gehad of signalen gekregen, ook vanuit de bevolking of inwoners vandaan, dat hier gevaarlijke toestanden zijn. We hebben hier en daar nog wel een aanpassing gedaan, maar over het algemeen denk ik dat de ingrepen op de rotondes heel goed uitgewerkt hebben. Sowieso is fietsveiligheid, wat ook aan de orde komt in het mobiliteitsplan, een groot onderdeel, niet alleen bij ons in de gemeente Lansingerland, maar over heel Nederland, want het aantal kwetsbaren in de mobiliteit neemt toe. Dat is op zich heel goed i.v.m. gezondheid, het is heel goed om te fietsen, maar we zullen ook in de infrastructuur meer moeten gaan kijken waar we in moeten gaan grijpen om de fietsveiligheid te vergroten. Daar is ook de MRDH mee bezig. Ik heb wel het gevoel, en ik heb geen signalen dat, de rotondes niet bijdragen aan de verkeersveiligheid en datzelfde gevoel heeft u ook. Daar is niet een kengetal voor, zoals meneer Van Santen dat vraagt. Er is gevraagd naar KPI’s o.a. over digitalisering.

De vraag doet zich voor: wat wil je meten? Zoals u heeft gezien in de communicatie, maar ook daar waar het gaat over het rare jaar, dat we achter de rug hebben: in de digitalisering is een sterke toename geweest, want laten we eerlijk zijn: alleen al hoe wij werken met elkaar. Maar tegelijkertijd ook de bereikbaarheid van de gemeente: hoe gaat de inwoner daarmee om en kunnen ze informatie vinden, die ze moeten vinden? Wij denken wel, dat het gewerkt heeft bij het sociaal domein met aanvragen, maar ook vragen uit ondernemers, veel informatievoorziening via de website en daar waar nodig ook aangepast. Maar echte KPI’s heb ik daar niet in. Ik vraag me ook af wat we daarin kunnen meten, dus dat is voor mij ook even een zoektocht. Er zijn vragen gesteld over digitalisering en KPI’s, maar het is handig als ik een handvat krijg: wat wil je dan weten, dan kunnen we kijken of we er in een volgend jaarverslag wat mee kunnen. Ik denk dat ik de openstaande vragen hiermee beantwoord heb, maar mocht ik er één gemist hebben, dan hoor ik dat. Burgemeester Van de Stadt: Even de boel inschakelen, want het is een lange avond en volgens mij heb ik maar een klein onderdeeltje. Er wordt gevraagd naar de kengetallen. Ja, natuurlijk komen die in de begroting. Je moet ergens beginnen, dat is bij de jaarrekening, leek mij.

Waarom? Omdat u over 2019 en 2020 geld beschikbaar heeft gezet voor team ondermijning. Het eerste jaar is opbouwen en het tweede jaar is ook nog een beetje opbouwen, maar dan zie je dat met dat geld ook grote resultaten worden geboekt. U moet ook denken: 72 integrale controles. Hoekeindseweg begin dit jaar, even buiten dit jaar, dat zijn 80 man, voornamelijk niet van onze gemeente. Er is ook een exponentiële inzet van mensen door de middelen, die u beschikbaar stelt. Die mensen hebben daar niet 1 dag rond gelopen, die 80 man, daar is weken van voorbereiding en weken van na gevolgen, maatregelen, vervolgingen en dergelijke mee van doen. Er zit echt een enorm iets achter. Hoe gaan die kengetallen eruit zien? Dan zeg ik maar even: in de

24/29

discussie aan het begin van mijn burgemeesterschap die ik met de toenmalige fractievoorzitter van de CU had over de jeugdgroepen. Die merkte op: burgemeester, we hadden nooit jeugdgroepen en nu hebben we er plotseling 3. Ik heb hem ervan overtuigd, dat we die jeugdgroepen al heel lang hadden en dat we ze eindelijk aanpakten. Maar de vraag is dus: moet zo’n kengetal dus streven naar meer of is het streven naar minder? Op dit moment denk ik, vrees ik, dat het omhoog zal gaan. Het aantal zaken dat wij aanpakken en de straffen onder dwangsom sluiten zal nog wel even toenemen, maar ik denk ook dat het op een gegeven moment gaat afnemen. Wij zien dat effect al een beetje ontstaan. We krijgen meldingen uit andere delen van het land over mensen die bij ons bekend zijn, dus er is uitwijkgedrag. Dat kan en zal moeten leiden, natuurlijk, tot het afbouwen van ondermijnende activiteiten in onze gemeente. Dus hoe die kengetallen zich precies gaan ontwikkelen, dat is nog even een vraag, ook voor mij. Moeten we ze nou ambitieus omhoog of ambitieus omlaag zetten? Ik denk wel dat het heel belangrijk is, dat we in de jaarrekening goed verantwoording afleggen met deze cijfers voor dat wat we doen met de middelen die u ter beschikking stelt en waar u verder, gezien de aard van de dingen, niet heel veel over kunt horen. Dank u wel.

Wethouder Van Tatenhove: Ik had een aantal vragen, maar mijn collega Van den Beukel heeft in elk geval de vraag van meneer Ammerlaan al beantwoord over de wijzigingen na de slotwijziging, dus die hoef ik niet meer te beantwoorden. Meneer Ammerlaan had ook een vraag over de bedragen, die we overhevelen. Ik wil hem in elk geval verwijzen naar pagina 210 van het jaarstukkendocument, want daar staat heel duidelijk boven geschreven, dat we soms bedragen krijgen, die specifiek voor een project bedoeld zijn vanuit het rijk of vanuit politieke besluitvorming van onze gemeenteraad. Als die dan in het betreffende jaar niet volledig uitgenut zijn, dan mogen ze mee naar het volgende jaar voor hetzelfde doel en dan worden ze in hetzelfde programma toegevoegd als waar ze in het jaar ervoor voor beschikbaar waren gesteld. Dus daar kunt u dat terug vinden, pagina 210. Meneer Ammerlaan vroeg ook mede namens zijn collega’s vanuit de commissie samenleving of en wanneer de jaarrapportage sociaal domein komt. Ja, er komt een rapportage. Zoals u waarschijnlijk heeft gelezen, is dat wel een beknopte rapportage vergeleken met wat u van ons gewend bent, want dat hebben we afgesproken in verband met alle drukte, die er op het domein van samenleving ligt in onze organisatie. De bedoeling is dat het nog voor de zomervakantie uw kant op komt. Daar wordt in elk geval hard aan gewerkt.

Dan had L3B een vraag over de tarieven en de benchmark voor de cultuur, sport en onderwijs. Zoals u waarschijnlijk weet, zijn we van plan om na het sportaccommodatieplan aan de slag te gaan met het tarievenbeleid. Dan is het ook de bedoeling dat we daar een benchmark in opnemen, dus op dat moment krijgt u inzicht in hoe onze tarieven zich verhouden tot de tarieven in de ons omliggende of ons vergelijkbare gemeenten. U vroeg ook of de rijksbijdrage, die we krijgen voor het kwijtschelden van de huren of die voldoende is. Wat er nu in de jaarrekening is, dat zijn de verrekeningen tot en met het derde kwartaal. Daar hebben we 100% kostendekkendheid, maar we zijn nog in afwachting van de resultaten over het vierde kwartaal en daarna komt Q1 en Q2 van 2021, want er is weer een soortgelijke regeling. Dus ik stel voor, dat we u dan gewoon in de coronabrief, of als die een keer verdwijnt op een andere manier, daarover wel informeren, wat het dan totaal in 2020 heeft betekend en hoe het zich op dit moment ontwikkelt. Dat waren de vragen, die nog voor mij open stonden. Wethouder Arends: Ja, ook voor mij was er nog een aantal vragen. Mevrouw Van OIst legde haar zorgen voor ondernemers neer. Mijn collega Van den Beukel gaf daar al enigszins antwoord op. Dat wil ik graag aanvullen. We hebben nauw contact met de ondernemersverenigingen, ook de winkeliersverenigingen.

We hebben een goed beeld daarover, welke ondernemers het hartstikke goed doen en welke inderdaad veel steunpakketten hebben. Terecht dat u zegt: hoe lang houden ondernemers dat vol? Wat betekent dat o.a. voor het centrum? Naast ook dat we met ondernemersverenigingen contact hebben, hebben we ook in de regio nauwe contacten met de arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal. Ook met het regionaal bureau voor zelfstandigen. De komende periode zijn we bezig met een regionaal mobiliteitsteam, o.a. waar voor ZZP’ers mogelijkheden nodig zijn en eventueel opleidingen te volgen of scholing te volgen zijn voor kansberoepen. Daarnaast is het zo dat we rondom de centra bezig zijn met het toekomstperspectief. Belangrijke thema’s zijn: wat doet de coronacrisis en wat zijn de beelden daarvan? Daarom is het belangrijk om nu in te zoomen: wat is onze visie op de ontwikkeling van de centra, ook wat corona met zich meebrengt. Daar zijn we mee aan de slag, dat komt in de loop van dit jaar mogelijk naar u toe. Dat even ten aanzien van mevrouw Van Olst en haar vraag. De heer Philippens vroeg zich nog af, als het gaat over het voorkomen van uitkeringen. Uiteraard zetten wij ons vooral in voor mensen die een uitkering nodig hebben. Dan is het ook belangrijk om die uitkering te verstrekken. Maar we willen natuurlijk wel misbruik voorkomen of oneigenlijk gebruik voorkomen.

Daarmee maken we gebruik van quick scans. Dat is met name aan de poort. We willen heel graag voorkomen. Soms kan het zijn dat een inwoner nog onvoldoende kennis heeft, die rusten we dan toe tot voldoende kennis, of het echt terecht is dat er een vraag voor bijstand gesteld wordt. De heer Van Santen van de VVD gaf aan: het zijn er best veel als je kijkt hoeveel quick scans er zijn gedaan en dat er dan 55 onterecht zijn afgegeven. Dat klopt. Het zijn er inderdaad veel. 2020 is ook een eerste jaar, dat we op deze manier werken. Dat heeft alles te

25/29

maken met het beleid, dat we hebben ontwikkeld en nu de uitvoering daarvan en dat werpt zijn vruchten af. We willen vooral het voorkomen, dus juist al aan de poort goed zich daarop krijgen. Soms is het ook als iemand al langere periode een uitkering heeft, dat we dan constatering door middel van toezicht en handhaving, dat iemand oneigenlijk gebruik maakt. Ik denk dat ik de vragen heb behandeld. Tweede termijn De heer Ammerlaan, CDA: We hebben veel voorbij zien komen. Dank aan alle wethouders hiervoor en burgemeester. Als ik het zo een beetje bekijk, mis ik één ding eigenlijk. Ik heb ook een vraag gesteld over de 10 beleidsaccenten. Daar wordt op blz. 33 over gesproken. Er blijft onduidelijkheid over die 10 beleidsaccenten. Er staat nog steeds het bedrag van € 255.000 uit de begroting van vorig jaar. De vraag aan de wethouder concreet is: wanneer komt daar duidelijkheid over? Dat is een vraag van mijn collega. Verder had ik geen opmerkingen. Mevrouw Van Olst, WIJ: Ik wil in ieder geval wethouder Van den Beukel met name bedanken en mevrouw Arends. Ik krijg de indruk, dat waar ik zorgen over had, dat dat goed in beeld is. Succes daarmee. Dank u wel. De heer Dieleman, CU: Wij hebben eigenlijk geen behoefte aan een tweede termijn. Wat ons betreft kunnen de jaarstukken binnenkort afgehamerd worden.

De heer Weerheijm, D66: Dank aan het college voor de beantwoording van al onze vragen. Terecht, dat wethouder Fortuyn de bal een beetje terugkaatst rondom digitalisering. We zullen er nog wat verder over na gaan denken, dan kunnen we misschien met een leuk voorstel daarover komen. Voor de rest geen opmerkingen. De voorzitter: De heer Ruijtenberg had al gezegd, dat het een hamerstuk zou zijn. De heer Ruijtenberg, GL: Ja, en oordeel wethouder. Dat is het enige. De heer Azzouzi, PvdA: Dank aan de wethouder voor de beantwoording van de vragen. Volgens mij heeft de wethouder mijn eerste vraag niet goed begrepen. Hij heeft wel een goed antwoord op het onderdeel van teammanagers, dat staat op blz.77. Maar mijn vraag ging over blz.139. Daar staat een overzicht met loonkosten, maar ook inhuurkrachten. Daar stel ik vast, dat wij € 7,5ton aan extra inhuur hebben uitgegeven. Omdat eenmaal de jaarstukken en de kadernota met elkaar te maken hebben, mijn vraag is of die overschrijding de oorzaak was van onderbezetting van het apparaat dat wij hebben. Vandaar dat wij in 2021 1,4 hebben opgeplust, in de komende kadernota met 1,4 structureel. Dus: is mijn constatering juist? Dat is mijn eerste vraag en de link naar die 1,4. Mijn tweede vraag is wat technischer van aard. Het gaat om de investeringen, bij de presentatie van de MIP heb ik die vraag gesteld.

Als we een vrijval hebben van € 1,5mln oplopend tot €3,9mln aan kapitaallasten, dan moet een aantal investeringen afgesloten worden of ingetrokken worden. Toen verwees de ambtenaar naar de jaarstukken. Nu in de jaarstukken zie ik een lijst met afgesloten kredieten van circa € 8mln. Als ik dat deel door 30 jaar, dan kom je op € 3ton vrijval. Dat is niet die € 1,5mln. Dus komt er nog een voorstel over het intrekken of herfasering van de kredieten richting ons voor de kadernota? Of hoe zit dat? Als ik die vraag nu stel, ben ik te vroeg. En als ik hem straks stel bij de kadernota, dan zijn we te laat, dan moeten we iets herstellen. Dank u wel. De heer Philippens, L3B: Kort. Goed stuk, goede toelichting van het college. Hamerstuk. Dank u wel. De heer Van Santen, VVD: Kort twee puntjes. Die rotondes, ik heb de heer Fortuyn gehoord en ik begrijp dat. Aan de ene kant vind ik het wat onbevredigend als je meer dan € 2mln in veilige rotondes investeert, dat je eigenlijk niet precies weet of het effectief is gebleken. Daar laat ik het bij, maar het geeft mij een wat minder gevoel. Dan ten aanzien van die OZB, eenmalige teruggave, noem ik het maar even. Blij met het antwoord van de wethouder, dat het technisch in elk geval mogelijk is. Ik begrijp dat het natuurlijk overduidelijk eenmalig moet zijn, ook naar de provincie, maar ook naar burgers.

Mijn vraag eigenlijk hier is, want dan zullen we een voorstel moeten doen in de vorm van een motie of amendement: hoort dat dan bij de jaarstukken of moeten we dat op een later moment doen bij de begroting of bij de kaderbrief? Daar vraag ik nog even een reactie op. Dank u wel. Wethouder Van den Beukel: Ik heb 4 vragen genoteerd, waarvan eentje over beleidsaccenten heel specifiek voor collega Van Tatenhove, dus die wil ik even laten liggen. Ik begin even met de vraag van de heer Azzouzi. Ik begrijp ze, maar om ze nu echt adequaat te beantwoorden, ik denk dat het beter is om dat aan papier toe te vertrouwen. Dus met uw welnemen, voorzitter en meneer Azzouzi, zou ik die graag

26/29

even op schrift beantwoorden richting u. De vraag van de heer Van Santen, wanneer dat hoort, wanneer het passend is, zo’n voorstel: ik kan me goed voorstellen, dat het uiteindelijk uw keuze is, die gemaakt kan worden bij de kadernota. Het is een verantwoording over een afgesloten jaar. Dat bedrag kun je opnieuw willen aanwenden voor een bepaald doeleinde. Dat soort keuzes in aanwending lijkt me heel passend om bij de kadernota te doen. Wethouder Van Tatenhove: Excuses, meneer Ammerlaan, ik had hem in de eerste termijn niet zozeer als een vraag opgeschreven, maar meer als een constatering. Maar nu u hem als vraag stelt, kan ik u gerust stellen, want we hadden beloofd, dat we vanuit het college voor de zomer met een voorstel zouden komen hoe we het resterende bedrag van de beleidsaccenten zouden kunnen verdelen. Nu begrijp ik dat de zomer deze week wel begonnen is, maar gelukkig zat het gisteren in B&W, dat voorstel, dus dat komt als het goed is deze week naar u toe, dus ietsje na de zomer, maar de zomer is nog niet voorbij, dus het komt goed. Wethouder Fortuyn: Ik heb maar één reactie en dat is richting meneer Van Santen. Ik vind het jammer, dat het gevoel over de rotondes niet enthousiast ontvangen wordt. Dat past niet in de jaarrekening, vind ik. Ik wil daarvan zeggen: ik lees elke week de Heraut en het Hart van Lansingerland.

Daar kom ik weinig signalen tegen en ook weinig ongevallenregistratie. Het is natuurlijk niet alleen maar veiligheid te meten in de zin van aantallen slachtoffers, maar het is ook beleving. Ik zou u dan toch willen overtuigen, u heeft het zelf ook al aangegeven, dat het toch wel een prettig overzicht is, dat we het goede gevoel hebben, dat we een goede investering hebben gedaan. Dat gevoel wil ik wel overbrengen en ik hoop dat we samen er hetzelfde gevoel aan overhouden. De voorzitter: Dan denk ik, dat ik rond ben met het college. Dan ga ik kijken, ik heb het idee, dat het een hamerstuk voor de raad kan worden. Heb ik dat dan goed? Ik denk het wel, want L3B, WIJ, CU, D66, GL hebben allemaal aangegeven: een hamerstuk. De heer Van Santen: Voor mij is het ook een hamerstuk. Mijn handje was op de heer Fortuyn. Met uw welvinden reageer ik nog even kort. Dank u wel. Ik heb er ook een hartstikke goed gevoel over, meneer Fortuyn, dus daar vinden we elkaar wel. Ik denk dat het op een uitermate goede manier gedaan is. Ik denk ook, dat het een stuk veiliger is, maar het zou fijn zijn als je dit soort zaken wat objectiever kunt vast stellen als je dat soort investeringen hebt gedaan om er ook van te leren naar de toekomst. Ja, het gevoel zit goed, maar soms gaat het om meer dan gevoel. Daar wil ik het bij laten. Wethouder Fortuyn: Ik denk dat we allebei hetzelfde gevoel hebben.

De voorzitter: Voor het CDA ook een hamerstuk? De heer Ammerlaan: Ik dacht dat ik het gezegd had, anders bij deze nogmaals. De voorzitter: D66 ook en PvdA ook, neem ik aan. De heer Azzouzi: Ik krijg nog een reactie op de vragen. Wat ons betreft een hamerstuk. Als wij de beantwoording hebben gekregen, dan kunnen wij overwegen om dat op te waarderen. De voorzitter: Dus in principe een hamerstuk, tenzij het antwoord u aanleiding geeft om het terug te halen, dan kunt u dat doen in de raad. Dat is prima. Dan stellen we dat op deze wijze vast. 7a. Actualiteiten uit het college De voorzitter: Dan komt het coronajournaal. De burgemeester. Burgemeester Van de Stadt: Ik kan gelukkig heel kort zijn. Volgens mij zijn er geen bijzonderheden op dit gebied in onze gemeente. Ik wil me bij de woorden bij een vorig agendapunt van de heer Ruijtenberg aansluiten: volgens mij is onze gemeente niet alleen in 2020 goed door de coronacrisis gerold, of relatief goed, met alle zwaarte voor mensen die daar in zaten, zoals ondernemers, maar ook dit jaar denk ik dat onze inwoners het gewoon heel goed oppakken. Ik constateer gelukkig weer, gisteren even, het terras zitten, dat mensen genieten in onze prachtige gemeente, zoals velen van u dat vanavond gememoreerd hebben. Dus so far so good. Laten we dat met zijn allen volhouden.

De heer Buitendijk, CDA: Dank aan de burgemeester voor de update, het op de hoogte houden van het herstelplan ook, samen de schouders eronder zetten. Nu ben ik toch eigenlijk benieuwd of er al nieuws is betreffende een soortgelijk herstelplan voor cultuur en verenigingen. Dat is al eerder besproken, dat willen we allemaal. Zijn er al stappen gezet? Burgemeester Van de Stadt: Ik zou dat aan de wethouder cultuur willen vragen, nu ze er toch allemaal zijn. Anders is het het beste om dat even mee te nemen in de volgende, maar misschien dat de wethouder cultuur er even wat over kan zeggen. Wethouder Van Tatenhove: Het lijkt me heel goed om in de volgende brieven iets specifiek iets te zeggen over sport en cultuur en de staat van de verenigingen en hoe blij ze zijn, dat ze weer wat meer mogen. Ik kan wel vast verklappen dat het programma voor Expeditie Lansingerland in herhaling gaat de komende zomerperiode en dat daar weer heel veel verenigingen zich bij hebben aangesloten. Dus voor onze jeugd en jongeren hebben we in elk geval weer een mooie zomerprogrammering. Maar we komen er in een volgende brief, wat mij betreft, even op terug.

27/29

7b. Actualiteiten uit de commissie De voorzitter: Daar zie ik niemand. 7c. Verbonden partijen De voorzitter: Reacties? Collegeleden? Raadsleden? Nee, dat is niet het geval. 8. Rondvraag en sluiting De heer Philippens, L3B: De TONK-regeling is een bijzondere bijstandsregeling, ondersteuning voor huishoudens, die noodzakelijke kosten, zoals woonkosten, niet meer kunnen betalen. Als gemeente kunnen we grotendeels zelf de criteria bepalen en de hoogte van de uitkering van de TONK-regeling. Daar heb ik laatst wat technische vragen over gesteld. Dan zien we dat we ongeveer € 250.000 van het rijk hiervoor ontvangen hebben en tot op heden € 2.500 uitgenut. Die regeling loopt tot eind juli. Let wel op, dat is met terugwerkende kracht, dat is wel even goed om dat aan te geven. Tot nu toe zijn er 17 aanvragen voor die regeling gedaan en 2 ingewilligd. Dan kom ik bij een tweetal vragen. Gezien de beperkte uitnutting en aanvragen en het budget dat daarvoor beschikbaar is, moeten we niet die criteria en/of hoogte van die uitkering aanpassen? En/of dit breder communiceren? Dat was de vraag. Wethouder Arends: Goede vragen van de heer Philippens, want het is een belangrijke extra ondersteuning voor inwoners, die echt hun vaste lasten niet meer kunnen dragen vanwege de gevolgen van de coronacrisis.

De vermogensgrens die we hebben, gaat uit van wat iemand daadwerkelijk aan geld op een rekening heeft staan. Dat is voor deze regeling echt soepeler dan bij bijzondere bijstand. De regeling is ook echt bedoeld om inwoners te compenseren, wanneer ze die woonlasten moeilijk kunnen betalen. Dus daarin zijn we redelijk ruim. De TONK-regeling wordt heel breed gecommuniceerd via onze website, maar ook op social media. Daarnaast is bij al onze toegangspartijen en schuldhulpverleners en de uitvoerders van de vroegsignalering de mogelijkheid om mensen te wijzen op de TONK-regeling. Zij treffen de inwoners, die soms wat kwetsbaarder zijn. Zo breed mogelijk willen we dat dan kenbaar maken. Het achterblijven van het beroep op de TONK is een landelijk fenomeen. Dat zien we niet alleen in Lansingerland, maar bij veel gemeenten. De reden ook om het initiatief van het rijk, VNG en UWV om het via de UWV en regionaal aandacht hierop te laten besteden. Een verklaring voor die achterblijvende aanvraag kan mogelijk deels worden gezocht in het succes van de Covid-gerelateerde steunmaatregelen, waardoor een beroep op de regeling achter blijft. We hebben wel bewust ingezet op ruimhartige toegang, dus eigenlijk tot twee maal toe de bijstandsnorm. Dat is wel veel hoger als we kijken naar andere gemeenten in onze nabije omgeving, maar dat vinden wij belangrijk.

Het is niet voor niets dat het rijk dat biedt. Daarmee willen we ook voor degenen, die het echt heel zwaar hebben, dan mogelijk maken. Voor alle duidelijkheid: deze regeling is echt nog tot 1 augustus dit jaar, kan dat worden aangevraagd, dus hij loopt nog door. Ik hoop dat ik hiermee de heer Philippens voldoende heb kunnen beantwoorden. De heer Philippens: Voldoende. Dank u wel. Dank aan de wethouder. De voorzitter, om 23.15 uur: Dan zijn we aan het eind van deze vergadering. Ik wil u hartelijk danken voor jullie inzet van vanavond. Hoe laat is het? Het is kwart over elf. Ik had het niet ingeschat, het heeft toch nog wat langer geduurd, maar we hebben een goede avond gehad. Een jaarrekening, die als hamerstuk naar de raad gaat van zo’n moeilijk coronajaar, dat is toch bijzonder, althans, dat vind ik. Met deze woorden wil ik graag deze bijeenkomst afsluiten, deze vergadering van de commissie afsluiten. Ik wens u nog een goede avond, welterusten en morgen gezond weer op. Tot de volgende keer.

28/29

Verslag opgesteld door Marianne Jansen, Lothassa Secretarie, met behulp van geluidsopname.

29/29

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=d787aed1-9317-4203-b341-db61887a007a