BV21.0059 Verslag Gemeenteraad 25 maart 2021
Tekst van het document
Dan weet ik zeker, als het aangenomen wordt, dat het terug komt in de woonvisie. Dank u wel. De heer Muis, D66: We zijn het heel erg eens met de heer Markus van de CU. Dit is inderdaad het moment om dingen te benadrukken en aan te scherpen en te zorgen dat er enige focus wordt aangebracht. Je kunt niet alles even belangrijk vinden in een aanpak, je zult moeten bepalen wat wanneer kansrijk is, wat vinden echt dat topprioriteit heeft, wat heeft vervolgens ook prioriteit, maar komt later. Getracht is met amendementen en moties daar scherpte in aan te brengen. Dat kunnen we inderdaad nog een keer doen als die woonvisie er ligt, maar de rol van de raad is toch vooral om kaders proberen helder te krijgen met elkaar, zodat we daar ook op kunnen sturen, straks aan de achterkant, maar het liefst nu aan de voorkant. We hebben al eerder gezegd: de focus zou minder moeten komen te liggen op duur en nog duurder. Dat is al een keuze. Het zou fijn zijn als je dat echt benadrukt. Dan de tegenvraag van de wethouder: hoe dan maximaal faciliteren? Dat verbaast me toch wel enigszins voor een wethouder die een persoonlijke campagne heeft gevoerd, waarin ze zegt het woningmarktprobleem op te willen lossen in Lansingerland en heel Nederland en daarbij allerlei goede voorbeelden heeft genoemd hoe je dat zou kunnen doen.
Natuurlijk willen we daarover van gedachten wisselen, maar dat vind ik iets te gemakkelijk. Er is een hele ambtelijke organisatie en ook een visie bij het college om dingen aan te pakken. Een klein voorbeeldje: we zijn al heel lang bezig met mensen die het initiatief willen nemen voor tiny houses. Zoiets, daar kun je echt proactief mee aan de slag gaan om dat een stap verder te helpen. Of je kunt het weer opnemen in een nota van uitgangspunten en weer doorschuiven naar de volgende fase. Volgens mij is het helder, wat iedereen heeft gezegd. We kunnen wat mij betreft gaan stemmen. Dank u wel. De heer Ruijtenberg, GL: De heer Markus heeft het gewoon goed gezegd. Als je dingen vooraf in de uitgangspunten al goed regelt, dan hoef je later uiteindelijk, als de visie er ligt, niet meer te repareren. Dat zou een aansporing moeten zijn voor iedereen om voor het amendement te kiezen en wat mij betreft ook voor de motie. In heb even Funda opgezocht en even gekeken naar de opmerking van de heer Jumelet hoeveel huizen er onder de € 3 ton nu daadwerkelijk te koop staan in Lansingerland. Dat zijn er 13. Van die 13 zijn er 5 verkocht onder voorbehoud of er is al een bod op gedaan. Dat betekent dat er dus 8 te koop staan. Van die 8 zijn er 3 die maar 1 of 2 kamers hebben. Dat betekent dus dat er in heel Lansingerland 5 huizen te koop staan onder de € 3 ton.
Het goedkoopste huis in Lansingerland is een huis van € 225.000. Dat is niet uit te leggen aan buitenstaanders. We hebben duur en nog duurder en we hebben heel erg duur. Het is belangrijk, dat we nu topprioriteit geven aan andere klassen. Daarom: steun deze motie, steun dit amendement en laten we daarmee de woonvisie aangaan. Dank u wel. Wethouder Arends: Er wordt nog wat gevraagd over de motie. Volgens mij heeft u het allemaal goed gehoord. Wat ik heb bedoeld, is dat het college de oproep, die de motie aangeeft om topprioriteit te stellen, precies is wat we in ons handelen doen. Dat uit zich in de brief aan de provincie en ook in een memo, die we uitgebreid met elkaar hebben besproken. Als u zegt: omarmt u dat? Ja, dat omarm ik, want het sluit aan bij de handelwijze van het college. De tweede heb ik inderdaad gevraagd t.a.v. het amendement pijler 2: wat verstaat u onder maximaal faciliteren? Ik krijg daar iets meer duiding over. De heer Markus gaf aan: het is meer dan ondersteunen. Dat is ook wat wij, ook in de brief en in de memo, hebben aangegeven, dat dat natuurlijk is, dat we maximaal inzetten daarvoor. Naast alle andere dingen van betaalbaarheid en ook uw politieke besluitvorming per wijk die we gaan ontwikkelen. Dus maximaal faciliteren, wat ik u daarover hoor, is iets meer dan ondersteunen. Volgens mij staat dat voldoende in de toelichting.
De uiting daarvan staat in de brief aan de provincie en ook in de memo. In die zin is het aan u om aan te geven wat u wilt. Het is niet zo dat ik zeg: ik zou hem omarmen. Want daarvoor is hij niet nodig met alles wat we nu al inzetten. Dank u wel. Mevrouw Verhoef: Ik hoor de wethouder nu wel duidelijk zeggen: ik omarm de motie. Bent u dan ook bereid om te zeggen: ik zeg daarmee ook toe, dat ik in de lijn van deze motie zal toewerken naar de woonvisie en daar hoort ook bij het faciliteren van het ervoor zorgen dat het woontekort, zoals we dat hebben omschreven, wordt opgeheven. U zegt dat toe, bedoelt u dat? Als u zegt: ik heb het al gedaan, dan kijken we niet vooruit. Wethouder Arends: Wat ik 12/36
bedoel, is dat er in de brief aan de provincie precies staat hoeveel woningen, zowel op sociaal als op betaalbaarheid wij gaan inzetten. Dat is wat ik toezeg aan de provincie, met ook politieke besluitvorming zoals we daar in de commissie over gesproken hebben. Dat geeft bij ons de prioriteit aan, die wij daaraan geven. De heer Ruijtenberg: Het is natuurlijk wel heel mooi, die brief aan de provincie, en daar is uitgebreid over gesproken, maar er staan ook richting de provincie voorbehouden bij, dat de raad het moet accorderen. Zo keihard als zij zegt, staat het er niet in. Eigenlijk sluit ik me aan bij de woorden van mevrouw Verhoef: doet de wethouder een toezegging op deze motie, ja of nee? De heer Jumelet: Ik had nog een vraag gesteld aan de wethouder of zij een toelichting kan geven m.b.t. de versnelling waar wij om gevraagd hebben en nu ook weer vragen, waar ook het rapport STEC toe oproept. Mijn vraag is: kan de wethouder nou eens aangeven hoe die versnelling nou daadwerkelijk wordt vorm gegeven? Mevrouw Verhoef: Het ging me om die toezegging. De brief aan de provincie is natuurlijk mooi, die hebben we ook toegejuicht. Het gaat om de zinsnede in de motie, dat we in het proces richting de uitwerking naar de woonvisie, dat u in het proces van opstellen, als absolute topprioriteit zult hanteren enzovoorts.
Bij dat proces hoort ook de interactie met de stakeholders en ook dat er gefaciliteerd wordt en er geen hindernissen worden opgeworpen. Dat is wat je in een proces doet als je gaat naar het oplossen van het enorme tekort. Kunt u een toezegging doen, dat u naar het dictum van de motie inderdaad zult gaan handelen. Het gaat om het doen. Wethouder Arends: Allereerst zou ik willen reageren op de heer Ruijtenberg van GL. Het klopt inderdaad, dat in de brief aan de provincie voorbehouden zijn gemaakt. Dat heeft alles te maken met het bevoegd gezag, die u heeft in het dan wel of niet akkoord geven op een bestemmingsplanwijziging. Dat is wel een belangrijke waarde, die u zelf heeft. Ik mag niet alvorens u daar een besluit over heeft genomen een harde toezegging aan de provincie doen: dit regelen wij. Dat mag ik niet, want dat is echt aan u. U heeft dat zelf in de hand. Bij elk voorstel, dat ik naar u toe ga brengen, daar heeft u zelf de bevoegdheid om daar op te besluiten. De heer Ruijtenberg: Ik weet inderdaad, en al mijn collega’s weten dat, dat wij het bevoegd gezag zijn en dat wij als hoogste orgaan van de gemeente Lansingerland dit finale oordeel erover hebben. Daarom vind ik het vreemd, dat de wethouder aangeeft: ik stuur een brief, wat daarin staat willen wij doen en gaan wij regelen. Terwijl ook de wethouder weet dat het niet zo werkt.
Ik heb eigenlijk een heel simpele vraag gesteld: geeft u een toezegging op de motie, ja of nee. U hoeft mij echt niet uit te leggen hoe het proces werkt, dat begrijp ik. Wethouder Arends: Als u mij vraagt om een toezegging te doen: ik heb met alle woorden aangegeven wat mijn inzet zal zijn. Het is aan u als raad om voor of tegen deze motie te stemmen. Ik kan niet meer woorden geven dan mijn inzet en hoe het college zit t.a.v. de topprioriteit, zoals het verwoord is in de brief, zoals het ook verwoord is in de memo. Meer kan ik daar niet over weergeven. De heer Ruijtenberg: Kan ik hier de conclusie uit trekken, dat de wethouder geen toezegging doet? Dat het dus een heel simpel nee is? Wethouder Arends: Ik blijf bij mijn inbreng daarover. Dat het college topprioriteit heeft, dat in aansluiting is met de motie. In die zin omarm ik dat. Dat staat helemaal in lijn met het handelen. Volgens mij is het aan u om in de stemming aan te geven wat u daarmee wilt. Los daarvan gaan wij dat als prioriteit nemen. Dan is niet anders dan wat ik eerder heb aangegeven. De heer Jumelet stelde een vraag over de versnelling. Dat is een belangrijk thema, dat heeft u in de beeldvormende avonden gegeven, daar waar het gaat over het toevoegen. Het toevoegen van woningen en het bijsturen daarop, maar zeker ook de versnelling. Met zijn allen zijn we vooral bezig met Wilderszijde als versnellingslocatie.
Dat heeft helaas nu niet geleid tot die versnelling, die we met elkaar voor ogen wilden hebben en die mogelijkheid, maar daar komen we nog over met u in gesprek. Een andere versnelling is de woningbouwontwikkeling van Bleiswijk. Die hebben we naar voren gehaald. Dat is ook een belangrijke. Eén dezer dagen krijgt u het voorstel van de nota van uitgangspunten voor Wolfend in Bergschenhoek, die breng ik eerder naar u toe dan aanvankelijk de bedoeling was. Dan hebben we ook nog de driehoek Noordpolder, waarbij u zelf de keuze heeft gemaakt voor het participatietraject voor de verkeersontsluiting. De uitkomsten zijn daar inmiddels van binnen en er komt een voorstel naar u toe voor de nota van uitgangspunten met ook de uitkomsten van de verkeersontsluiting. Daarnaast is het ook niet zo, dat we nu niets doen. Volgens mij fietst en wandelt u allemaal graag door de gemeente en ziet u overal bouwwerken staan. Ik sla eerste palen bij Hordijk of Gouden Harplaan, de Goud- en Vuurjuffers zijn opgeleverd, dus we zijn volop bezig en er komt nog heel veel aan. Daar gaat u hopelijk snel over besluiten. De voorzitter: Daarmee zijn we aan het eind van de bespreking over dit agendapunt en gaan we over tot de stemming. Wij doen dat in de gebruikelijke volgorde amendement, raadsvoorstel, motie. Voor alle drie ga ik vooraf vragen, zoals u weet, of u stemming wenst.
De heer Jumelet: Ik wil vast aankondigen, dat ik een stemverklaring wil afleggen bij de stemming van het raadsvoorstel. De voorzitter: Ik vraag u vooraf of u stemming wenst. Zo niet, dan is het voorstel, het amendement of de motie automatisch aangenomen. Als u dat wilt voorkomen, moet u stemming aanvragen. We gaan over tot de stemming. Dat doen we via IBABS. Ik ga het nog met u doornemen. Ik open de stemming, dan moet u nog niet direct stemmen, want u krijgt een seintje dat de elektronica ook gereed is. Dan geef ik een seintje als alle stemmen binnen zijn. Dan gaat de griffier het systeem sluiten, als alles binnen is. Mocht u constateren, dat u niet heeft kunnen stemmen voordat ik hem gesloten heb of dat er iets onjuist is gegaan, dan kunt u dat gewoon mondeling bij mij melden, dan corrigeert de griffier dat in de stemming. Dan sluit ik de stemming en tellen we de uitslag. 13/36
De voorzitter: Ik ga eerst in stemming brengen het amendement van mevrouw Verhoef, PvdA. Ik open deze stemming. U kunt stemmen. De heer Meester: Mag ik mondeling stemmen? Ik moet een wachtwoord invoeren en dat heb ik even niet paraat. Ik gebruik altijd heel moeilijke wachtwoorden en die kan ik niet onthouden. Ik stem tegen het amendement. De voorzitter: Dat noteren wij. De stem van mevrouw Van Bakel is nog niet binnen en die van meneer Erwich ook nog niet. Mevrouw Van Bakel: Hij blijft hangen in het systeem, ik snap niet zo goed wat er gebeurt, maar ik ben tegen dit voorstel. De heer Erwich: Sorry, ik kom er ook niet uit, maar ik ben tegen. De voorzitter: Dank u wel. Dan zijn alle stemmen binnen. Er zijn 20 stemmen tegen en 10 stemmen voor, daarmee is dit amendement verworpen. De voorzitter: Dan gaan wij stemmen over het raadsvoorstel, de nota van uitgangspunten voor de woonvisie Lansingerland. Ik open de stemming. De heer Jumelet: De uitgangspunten voor de woonvisie laten helaas onvoldoende prioriteit zien m.b.t. de problematiek van het tekort aan woningen voor starters, jongeren en lage inkomens, maar ook voor ouderen. We zijn echt teleurgesteld, dat de broodnodige versnelling en bijsturing onvoldoende doorklinkt in het voorliggende voorstel.
Mijn fractie zal desondanks toch instemmen met de uitgangspunten voor de langverwachte woonvisie, zodat we de in mei te verwachten woonvisie toetsen op de twee genoemde items, versnelling en bijsturing. Dank u wel. Mevrouw Verhoef: Ik zal stemmen voor de uitgangspunten van de woonvisie, maar zoals aangegeven vind ik het bijzonder teleurstellend, dat het niet scherper is geformuleerd en dat we moeten wachten op de woonvisie om het scherper te krijgen. Het woontekort van betaalbare woningen is in onze gemeente echt te groot. Het aantal woningen is te klein. Op dit moment hadden we echt een flinke aanscherping kunnen doen en dat hebben we helaas niet gedaan. Ik zal wel voor de woonvisie stemmen. De heer Ruijtenberg: Ook de fractie van GL zal uiteindelijk voor stemmen, ondanks de teleurstellende uitkomst van het amendement. Het is wat ons betreft een gemiste kans om juist aan de voorkant dingen scherper te stellen, waarmee we uiteindelijk een betere woonvisie zullen krijgen en niet achteraf hoeven te repareren. Er spreekt uit deze nota van uitgangspunten niet voldoende ambitie en niet voldoende om voort te gaan, om ambitie te hebben om het op te gaan lossen. Maar zoals ook de twee voorgaande sprekers zeiden: iets is beter dan niet, uiteindelijk. De voorzitter: Dan gaan we stemmen. Ik open de stemming. Hij is open, u kunt stemmen. De heer Meester: Ik heb nog steeds een probleem.
Ik moet één of andere code invullen, die weer vervallen is als ik aan het eind ben, dus ik word er helemaal giebelig van. Maar ik stem voor het voorstel. De voorzitter: Zal ik het standaard aan u vragen? De heer Meester: Ik zou het zeer op prijs stellen. De voorzitter: Dan doen we dat. De heer Jonker nog, de heer Van As en mevrouw Van Bakel. De heer Jonker: Ik heb al gestemd, maar ik zal het nog een keer doen. Op mijn scherm staat dat ik mijn stem heb uitgebracht. De voorzitter: U bent voor het voorstel? De heer Jonker: Dat klopt. De voorzitter: Dan noteren we dat even. Dan zijn alle stemmen binnen. Dan sluit ik de stemming. Het voorstel is met unanieme stemmen aangenomen. De voorzitter: Dan gaan we naar de motie ‘prioriteit in de woonvisie is bouwen’. Ik open de stemming. Ja, u kunt stemmen. De heer Meester: Ik stem voor de motie. De voorzitter: Mevrouw Van Bakel, we missen u nog. Mevrouw Van Bakel: Het lukt me niet om te stemmen op deze manier. Tegen alstublieft. De voorzitter: Dank u wel, dat noteren wij. Dan sluit ik de stemming. Er zijn 8 stemmen voor, 22 stemmen tegen. Daarmee is de motie verworpen. Daarmee komen we aan het eind van deze stemming en sluiten we dit agendapunt af. 8.b Uitgangspunten Mobiliteitsvisie 2040 Nulde termijn De heer Blonk, L3B: L3B heeft een amendement ‘parkeren’ voor de nota uitgangspunten mobiliteitsvisie 2040 geschreven.
Dit amendement dien ik mede in namens de heer Van As VVD, de heer Van der Stelt, maar dat moet misschien mevrouw Bouman worden, en de heer Jumelet. Het wijzigingsvoorstel houdt in de nota van uitgangspunten mobiliteitsvisie 2040 A2021-004 Het wijzigingsvoorstel houdt in: de nota van uitgangspunten mobiliteitsvisie 2040 T21.0337 vast te stellen, met dien verstande dat het aantal autoparkeerplaatsen in de winkelgebieden en in bestaande woonwijken niet wordt verminderd. En dat in nieuwe woonwijken voor autoparkeerplaatsen rekening wordt gehouden met de vigerende nota parkeernormen gemeente Lansingerland, en deze te gebruiken voor het opstellen van de Mobiliteitsvisie Lansingerland 2040. De toelichting daarbij is: In de mobiliteitsvisie moet het beleid zijn het autogebruik te verminderen en niet het autobezit moeilijk te maken. Meer gebruik maken van de fiets wordt erg aanbevolen, maar dat zal zeker niet leiden tot forse vermindering van het autobezit. Veel inwoners van Lansingerland zullen in de periode naar 2040 zowel een fiets hebben (al of niet met elektrische trapondersteuning) en een (elektrische) auto. Ruimte voor de auto beperken is niet goed in suburbaan gebied, wat Lansingerland is. By the way in de periode naar 2040 14/36
zullen die auto’s nagenoeg allemaal elektrisch zijn. Er zal ook de komende 20 jaar voldoende parkeerruimte voor die auto’s in woonwijken beschikbaar moeten zijn. En dat geldt ook voor voldoende parkeergelegenheid bij winkelcentra en supermarkten. De mensen die eens per week voor hun hele gezin de boodschappen doen, kunnen dat veelal niet op de fiets doen. Gaan afwijken van de bestaande autoparkeernormen is niet verstandig. Samenvattend: er moet in nieuwe wijken en bij winkelcentra rekening gehouden worden met de vigerende nota parkeernormen gemeente Lansingerland. Het huidige aantal parkeerplaatsen in bestaande woonwijken en winkelgebieden aanzienlijk verminderen? Nee, dat zal geen uitgangspunt moeten zijn. Dat was het amendement van deze 4 partijen. De heer Van As, VVD: Ik heb een amendement ingebracht, genaamd: voor verkeersveilige doorstroming. Dat doe ik namens de heer Blonk van L3B, de heer Van der Stelt van het CDA, dat zal dan ook iemand anders doen, denk ik, de heer Markus van de CU, de heer Jumelet van WIJ, mevrouw Verhoef van de PvdA, mevrouw Gabin van GL en de heer Muis van D66. De voltallige raad. A2021-005 Ondergetekenden stellen het volgende amendement voor. De nota van uitgangspunten als volgt te wijzigen. De al opgenomen uitgangspunten 1 tot en met 5 doornummeren naar 2 tot en met 6.
Onderdeel f bij het nieuwe uitgangspunt 3 laten vervallen, en de tekst hiervan opnemen bij het hieronder voorgestelde uitgangspunt 1. Een nieuw uitgangspunt 1 invoegen op pagina 8 waarvan de titel en tekst als volgt worden: Uitgangspunt 1: We gaan voor 0 verkeersslachtoffers door vermijdbare oorzaken. A. Verkeersveiligheid zien we, zeker vanwege de toenemende mobiliteit in de regio, als heel belangrijke pijler onder een gezonde en plezierige openbare ruimte. Het wegnemen van risico’s en het faciliteren van een prettig weggebruik is essentieel. B. De zwakkere verkeersdeelnemers (fietsers, wandelaars) en minder validen krijgen expliciet de aandacht in het verkeersveiligheidsbeleid. C. Gedrag en bewuste deelname aan het verkeer is een belangrijk onderdeel van verkeersveiligheid. We investeren dan ook in educatie van onze inwoners en in het bijzonder kinderen in samenwerking met de scholen en sportverenigingen. D. De verkeersveilige fysieke inrichting van wegen en straten is een belangrijk onderdeel van verkeersveiligheid. We streven naar eenduidige en eenvoudige weginrichting en bebording in overeenstemming met geldende regels en richtlijnen. E. Handhaving is belangrijk voor het borgen van de verkeersveiligheid. F. Platforms en belangengroepen, zoals o.a. de Fietsersbond en Veilig Verkeer Nederland worden betrokken bij het opstellen van de mobiliteitsvisie.
Toelichting: Verkeersveiligheid is van het grootste belang. Dit verdient dan ook een eigen uitgangspunt met kaders voor de verdere uitwerking van de visie op mobiliteit. De uitwerking van de uitgangspunten wordt vastgelegd in de mobiliteitsvisie. Dit amendement stelt de kaders voor deze uitwerking en geeft richting aan de visie op mobiliteit ten aanzien van de verkeersveiligheid. Dank u wel. De heer Muis, D66: Wij hebben een motie over de nota parkeernormen en we hebben een amendement over de wijkontsluitingsweg. Met deze laatste te beginnen: collega Van der Stad heeft in zijn bijdrage in de commissie ruimte gesproken over het concept de categorie ‘wijkontsluitingswegen’. Ook zeker aanhakend op wat net is gezegd m.b.t. de verkeersveiligheid. Vanavond spreken we dus over die uitgangspunten voor die nieuwe mobiliteitsvisie. Net als bij de woonvisie is dat een mooi moment voor de raad om kaders mee te geven. Die kaders kunnen zijn verkeersveiligheid, geluidsoverlast, fijnstof. We zien in verschillende wijken in Lansingerland, die bewoners melden zich ook regelmatig bij ons, dat een toegangsweg of een gebiedsontsluitingsweg daar niet passend zijn. Eigenlijk zou je in die specifieke gebieden een tussencategorie wensen.
Een weg, waarbij de inrichting ervoor zorgt dat de snelheid van het verkeer wordt teruggebracht naar 30-40km/u in plaats van dat het gelijk een woonerf is of dat er gelijk 50-70km/u gereden mag worden. O.a. in Delft is hier geëxperimenteerd. Dat is niet zaligmakend, maar iedere situatie is uniek. Wij denken, dat het het onderzoeken waard is dat een wijkontsluitingsweg als een nieuwe categorie in Lansingerland geïntroduceerd kan worden. Dus wij stellen het volgende amendement voor, wat inhoudt, dat we: A2021-006 In de nota van uitgangspunten, onder uitgangspunt 2 toe te voegen: g) Voor een veilige en gezonde leefomgeving onderzoeken we het introduceren van een nieuwe wegcategorie: de wijkontsluitingsweg. Dit is een categorie tussen erftoegangswegen (30 km p/u) en gebiedsontsluitingswegen (50 en 70 km/u wegen). Dit was het amendement, vooralsnog alleen door ons ingediend, maar het staat natuurlijk een ieder vrij om zich te laten overtuigen op inhoud. Dan de motie, de motie parkeernormen. Even los van welke visie je aanhangt of wat iedereen in zijn kristallen bol ziet bij mobiliteitsbeleid in 2040, zou je toch niet willen verwijzen bij een visie tot 2040 naar een nota parkeernormen, die is gebaseerd op oud beleid, dat 15/36
tot 2020 loopt. Daarom dienen we samen met GL de motie ‘parkeernormen’ in, waarmee we ervoor zorgen, dat de nota parkeernormen passend gemaakt gaan worden aan de nieuwe mobiliteitsvisie, die nu in de maak is. Heel simpel, het dictum luidt: M2021-007 Verzoekt het college de nota parkeernormen gemeente Lansingerland in 2021 te herijken op basis van de in ontwikkeling zijnde mobiliteitsvisie. En gaat over tot de orde van de dag. Dank u wel. Eerste termijn De heer Blonk, L3B: Over mijn eigen amendement kan ik alleen maar vragen aan de collega’s om daar voor te stemmen. De toelichting is duidelijk. Het amendement, opgesteld door de VVD, voor verkeersveilige doorstroming: daar zijn we mede indiener van, dus in die zin zijn we het helemaal eens met wat de heer Van As zojuist heeft aangegeven. Daar zijn we het mee eens. Het amendement van D66, onderzoek introductie wijkontsluiting. Dat is een idee van de gemeente Delft, dat klopt, maar het is wel van 15 jaar geleden, dat het geïntroduceerd is in Delft, om een vierde categorie in het duurzaam veilig concept in te brengen. De verschillen tussen zo’n nieuwe weg en de gebiedsontsluitingswegen zijn gering. De snelheid zou van 50 km/u naar 40 km/u gaan, maar sommige gemeenten brengen dat weer op 30 km/u. Rijstroken zouden smaller zijn, middenbermen, een verhoginkje, een middenstreep.
Allemaal hele dure aanpassingen voor de discutabele verhoging van de verkeersveiligheid. Een onderzoek opnemen in een beleidsvisie zie ik eigenlijk niet zo zitten. Ik zie er wel wat in, want ik weet er onvoldoende van. Ik zou de fractie van D66, de heer Muis, in overweging willen geven, om het amendement in te trekken en dan samen met de griffie hierover op korte termijn een beeldvormende avond te organiseren, waarin de hele raad duidelijk kan gaan zien: wat is dat, is het verstandig, gaan we het wel of niet doen? In die zin, denk ik dat ik dat wil aangeven. Dan kom ik bij het laatste, de nota parkeernormen gemeente Lansingerland. De vigerende nota parkeernormen gemeente Lansingerland, die ik ook genoemd heb in mijn amendement, geeft nog steeds goede en bruikbare handvatten voor het parkeerbeleid in onze gemeente voor nu en voor later. Ook full electric auto’s hebben parkeerruimte nodig. In suburbaan gebied, ik heb het net ook al aangegeven, hebben inwoners veelal zowel een auto als een fiets. Deelmobiliteit staat nog steeds in de kinderschoenen, dat wordt er ook bij gehaald door D66, maar het is de vraag of die voetjes echt gaan groeien de komende 20 jaar. In stedelijk gebied zal dat zeker waar zijn, maar in het suburbane Lansingerland is die inschatting zeer klein. Dus L3B zal tegen deze motie stemmen. Ik hoop, dat ik het kort genoeg gedaan heb.
De voorzitter: Als het een poging is, ben ik al tevreden. De heer Van As, VVD: Zoals in de commissie al benoemd: de beschreven trends van meer reizen, beter reizen en slimmer reizen herkennen wij. Niets aan af te dingen en van harte ondersteund. Wel vinden wij, dat er nog ruimte moet blijven voor het autogebruik. Vandaar dat wij mede indiener zijn van het amendement van de heer Blonk over parkeren. Hier kom ik zo nog op terug. Verkeersveiligheid gaat mij aan het hart. We kunnen trots zijn op bijvoorbeeld de aanpassingen, die zijn gedaan, aan de rotondes van de Boterdorpseweg en de Klapwijkseweg. Daar is het ook echt veiliger geworden. In de commissie heb ik al aangekaart, dat het een apart uitgangspunt verdient, verkeersveiligheid. Om die reden heb ik het amendement ingediend. In de titel ‘voor verkeersveilige doorstroming’ zitten de facetten, die voor ons heel belangrijk zijn. Doorstroming en bereikbaarheid op een verkeersveilige wijze. Ook dank, nogmaals, aan de andere partijen voor de steun op dit amendement en alle mede indieners. Komend op het amendement ‘parkeren’. Dank aan de heer Blonk voor het indienen van dit amendement. Wij doen dat graag samen. We vinden het belangrijk, dat er vooral ook voldoende ruimte blijft voor de auto, zonder afbreuk te willen doen aan de trend van vernieuwende vervoersoplossingen.
We zijn immers geen stads gebied, waar alles op loopafstand is, waar OV fijnmazig is geregeld. Daar werken we aan, dat komt, maar tot die tijd zal een auto nog wel even nodig blijven voor onze inwoners. Daarnaast is het voor zowel onze ondernemers als onze inwoners heel belangrijk, dat de centra ook nog bereikbaar blijven met de auto. Het amendement van D66, de wijkontsluitingsweg. Wellicht is het nog iets te vroeg om dit op deze wijze te benoemen. Het gaat over de nota van uitgangspunten. Dit is misschien meert iets voor de mobiliteitsvisie, dus de verdere uitwerking. We zijn benieuwd hoe het college hier tegenaan kijkt. Ik sluit me eigenlijk wel aan bij het voorstel van de heer Blonk. Het is een uitstekend onderwerp om met elkaar over van gedachten te wisselen. Of dat op korte termijn is of dat we dat met de mobiliteitsvisie doen, misschien heb ik voor dat laatste wel de voorkeur. Ik ben wel benieuwd naar hoe mijn collega van D66 daar naar kijkt. De motie ‘parkeernormen’ van D66. Daar gaan we echt van uit, dat die worden besproken, zeker bij de verdere uitwerking van de mobiliteitsvisie. In dat licht lijkt deze motie niet nodig. We wachten ook hier graag de reactie van het college af. Wellicht kan de wethouder hierop een toezegging doen. Dat is het voor mijn eerste termijn. Dank u wel.
16/36
Mevrouw Bouman, CDA: Ten aanzien van de parkeerplaatsen, wat we gezamenlijk ingediend hebben met o.a. L3B. Wat is al ettelijke malen naar voren gebracht? De elektrische auto, de elektrische fiets. In de afgelopen 10 jaar is er toch het e.e.a. veranderd. Wij zijn zeker van mening, dat de elektrische auto misschien wel in opmars gaat komen, maar dat laat onverlet dat het aantal parkeerplaatsen, zowel bij woningen als bij voorzieningen, de winkels, dat daar nog wel het nodige gebruik van gemaakt zal worden, zowel door huishoudens als huishoudens met kinderen, die misschien wel met de auto naar sportverenigingen gaan of extern naar de sport moeten gaan. Wij zien het autogebruik niet minder worden al zouden sommigen dat misschien wel graag willen. Ik denk dat dat niet gaat gebeuren. Met andere woorden: de parkeerplaatsen, zoals het omschreven staat in het amendement, daar staan we dus volledig achter. Dan de nota parkeernormen, daar kom ik zo nog wel even op. Dan het amendement ingediend door o.a. meneer Van As. Dat ondersteunen wij ook geheel en al, want verkeersveiligheid staat bij ons hoog in het vaandel. Het is natuurlijk wel van belang, dat verkeersgebruikers zich houden aan de diverse regels, met name ten aanzien van het rijden in een auto, maar ook op een fiets.
Ook is belangrijk de instructie aan kinderen, dat zij weten waar ze zich mee bezig houden als zij op de fiets zijn, gaande van huis naar school dan wel naar andere items, bijvoorbeeld naar de sportverenigingen. Gedrag van mensen, ongelooflijk belangrijk. Voor weggebruikers moet heel duidelijk zijn: op wat voor weg rijd ik, mag ik hier zoveel kilometer, waar moet ik me aan houden? Het heeft heel veel te maken met houding en gedrag van ons allen. Met andere woorden: wij zullen dit amendement zeker van harte ondersteunen. Wij zijn ook mede indieners van dit mooie amendement. Dan ga ik naar de wijkontsluitingsweg, waar meneer Muis het over had. U heeft het over de snelheid, geluidsoverlast, fijnstof. Ik kan me herinneren, nog niet zo lang geleden, dat we een inwoner vanuit Bergschenhoek hadden met de vraag: wat kan er allemaal gedaan worden? Ja, die wijkontsluiting, dat is misschien toch wel een heel goed idee, van de heer Blonk, om eens een keer te kijken wat er allemaal mogelijk is en waar we tegenaan lopen. Dan verder als we in gesprek gaan: wat gaat het ons kosten als wij dat eventueel zouden willen, zo’n wijkontsluiting? Zeker als je praat over de bestaande wijken, want dan komen er euro’s naar voren. Met andere woorden: ik vind het een goed voorstel om dat van tevoren te gaan bedenken. Dan de motie van D66 over de parkeernorm.
De heer Blonk heeft het bij de parkeerplaatsen al over de parkeernorm gehad. We hadden een nota parkeernormen, die hebben wij in 2013 vast gesteld en die liep tot 2020. Laat onverlet dat wij van mening zijn, dat het aantal parkeerplaatsen zeker niet minder mag worden, maar we kunnen er best een gesprekje over hebben om te kijken hoe het allemaal zit. Dus ja, ik zit er nog even mee: hoe ga ik daarmee om? Dus ik laat het even bezinken en kijk hoe onze wethouder daarop reageert. Ik ben heel benieuwd, dan kom ik er in de tweede termijn op terug. Volgens mij heb ik ze allemaal gehad. De heer Jumelet, WIJ: Ik zal proberen het kort te houden. De wijkontsluitingsweg, ik denk dat de heer Blonk daar uitstekend gereageerd heeft, de suggestie om het er in de commissie over te hebben. De opmerking van mevrouw Bouman hadden wij zelf ook. Op het moment dat je dat zou willen, zijn er wellicht heel veel kosten aan verbonden. Tegen de achtergrond van de financiën vragen wij ons af of dit nou een gelukkige keuze is. Maar wellicht kunnen we er in de commissie over van gedachten wisselen. Dan kom ik bij het amendement parkeerplaatsen, die wij mede hebben ingediend met o.a. L3B. Ik heb eerder al een aantal keer in de commissie aangegeven, dat wij toch wel hechten aan het onderscheid tussen autogebruik en autobezit.
Autogebruik, daarvan zeggen wij: je moet mensen verleiden om op andere manieren zich te verplaatsen, als dat kan. Ik heb ook weleens het voorbeeld gegeven: stel dat je werkt op het industrieterrein in Waddinxveen, hoe kom je daar dan? Dan ben je toch wel aangewezen op de auto. We moeten ook realistisch zijn: binnen onze kernen en binnen onze gemeente kan je het autogebruik, waar je ook met OV naar Rotterdam en Den Haag kan, kan je heel erg mensen verleiden om die vormen van vervoer te nemen. Maar dat laat onverlet dat het autobezit een keuze van mensen zelf is. Het idee, dat de heer Blonk aangeeft in het amendement: we zitten niet in een grote stad als Rotterdam of Den Haag, we zitten in suburbaan gebied, waarbij we toch grotere afstanden moeten overbruggen, die vaak niet met OV op een redelijke manier te doen zijn. Mensen moeten kunnen blijven beschikken over een auto. Of het elektrisch is, of ouderwets benzine of diesel, dat zal wel veranderen in de loop der tijd. Dat brengt mij ook gelijk een klein beetje bij de motie van D66. De vraag is: wat los je nou eigenlijk op? Om die parkeernormen weer te gaan herijken, terwijl je weet dat het nu voldoet, althans, op hetgeen gewenst is na. Dat het verandert, confessioneel, van brandstof richting elektrisch, dat levert geen lagere parkeernorm op. Deelauto’s, ja, in Den Haag en Rotterdam zal het uitstekend werken.
Maar wij denken, dat de komende jaren deelauto’s maar een heel klein onderdeel uitmaken van het arsenaal van vervoersmiddelen in onze gemeente, dus daar moeten we niet te hoge verwachtingen van hebben. Het is een beetje wishfull thinking om de deelauto heel prominent te gaan inzetten door het in normen te gaan vertalen, want dan kom je van een koude kermis thuis, want dat betekent dat mensen hun auto niet meer kwijt kunnen in hun eigen woonbuurt. Wij hebben er geen behoefte aan om die parkeernormen nu te gaan herijken. Wij willen eigenlijk gewoon de parkeernormen, zoals ze nu zijn, handhaven. Dat is ook de reden, waarom wij het amendement samen met L3B indienen. Tenslotte het amendement rondom de verkeersveiligheid, dat eigenlijk raadsbreed is ingediend. Dank, meneer Van As, voor het opstellen daarvan. Verkeersveiligheid, daar kan en daar mag je niet tegen zijn natuurlijk. We vinden het heel goed, dat het heel expliciet op deze manier toegevoegd wordt aan de uitgangspunten voor de 17/36
mobiliteitsvisie. Dan herhaal ik mezelf een klein beetje misschien van eerder deze avond. We geven graag het college heldere uitgangspunten mee om te komen tot visies, als het gaat om mobiliteit maar ook andere onderwerpen. Verkeersveiligheid als een hard uitgangspunt meegeven, dat is voor alle deelnemers aan het verkeer uitermate belangrijk. Ik heb het vrij kort gehouden, ik stop ermee. De voorzitter: Ik kan een glimlach niet onderdrukken. De heer Markus, CU: Ik moet er hardop om lachen. De laatste zinnen van de heer Jumelet deden mij glimlachen. Hij zei: ik herhaal het. En vervolgens zei hij, dat hij het kort gehouden had. Dat vond ik een prachtige slotzin, zo ken ik de heer Jumelet, ten voeten uit. Ik mis overigens het hardop lachen wel een beetje inderdaad, dus ik doe het thuis weleens in mijn eentje en dat levert wat vreemde dingen op, maar dat terzijde. De uitgangspunten van de mobiliteitsvisie zijn ons uit het hart gegrepen, dat zou zomaar uit ons verkiezingsprogramma kunnen zijn, wellicht heeft de heer Fortuyn dat goed doorgelezen. Het zijn prima uitgangspunten om mobiliteit duurzamer, gezonder en innovatiever te maken. Een onderdeel daarvan is die prioriteitenladder. We willen de fiets op 1 zetten en de meer vervuilende mobiliteiten een veel lagere prioriteit geven.
Juist die prioritering onderschrijft iedereen, maar vervolgens als we dan maatregelen kunnen nemen om die prioritering handen en voeten te geven, dan stellen een paar partijen voor om die bij voorhand al te schrappen. Dat is toch teleurstellend, want als je die prioriteitenladder zo belangrijk vindt en de fiets echt belangrijk vindt en je kan prima met je elektrische fiets naar een industrieterrein in Waddinxveen, dat is nog geen uurtje fietsen, dan is het toch mooi, dat je alle maatregelen in de hand houdt om daar sturing aan te geven. Dat moet je zeker op voorhand die maatregel niet schrappen richting het opstellen van de mobiliteitsvisie. Zoals aangegeven: het zijn prima uitgangspunten, maar we missen er inderdaad eentje en dat was verkeersveiligheid. Dat heeft de heer Van As terecht opgemerkt tijdens de commissie. Een prima amendement, van harte mede ingediend. We zijn blij, dat er expliciet aandacht is voor de zwakke verkeersdeelnemer en minder validen is opgenomen. Dat is toch een groep verkeersdeelnemers, die vaak te maken hebben met ongelukken. Mooi dat we er met elkaar naar streven om naar nul verkeersslachtoffers te gaan door vermijdbare oorzaken. Een mooi ambitieus uitgangspunt. Dan het amendement over de wijkontsluitingsweg. We vonden dit wel een sympathiek idee.
We hebben inderdaad discussies gevoerd over de Jacob Marislaan, over de Oostersingel verder in het verleden. Allemaal wegen, waarbij de vraag is: wat moeten we daar nou mee qua snelheid? We vonden het wel een sympathiek amendement, maar het is wat raar om een onderzoek in de mobiliteitsvisie te zetten. Wat de heer Blonk aangaf is misschien een goede tussenvorm, om daarover eens in de commissie van gedachten te willen. Misschien moeten we een paar concrete casussen bij de hand nemen om op die manier door te akkeren of het een oplossing biedt. De motie parkeernormen. Ja, ik vind het eigenlijk een heel logische motie. Als je een andere visie hebt op mobiliteit, dan betekent dat ook iets voor jouw nota parkeernormen. Wij vonden het eigenlijk zo logisch, dat we niet snappen dat deze motie ingediend moet worden, omdat we het normaal vonden dat je de parkeernormen aanpast. Een nota die richting de 10 jaar oud gaat, die kan natuurlijk nooit meer actueel zijn. Wat ons betreft een prima motie. Zoals de heer Muis aangaf: het gaat niet om meer of minder parkeerplaatsen in deze motie. Het gaat erom, dat de nota aangepast wordt aan de mobiliteitsvisie die we met elkaar gaan vaststellen. Daar kan volgens mij helemaal niemand tegen zijn. Dat was het voor de eerste termijn. Dank u wel. De heer Muis, D66: Zeker dank aan de heer Markus voor die laatste opmerking. Zo zat ik er ook in.
Dit is echt volstrekt logisch, dat je een nota 2013-2020 gaat herijken op de visie tot 2040. Maar je kunt er dus over van mening verschillen, dat mag. Ik ga naar de ingediende amendementen en moties. Het amendement van de VVD, veilige verkeersdoorstoming. Die is door iedereen ondertekend. Heel terecht, dat er aandacht wordt gevraagd voor verkeersveiligheid. Dat was een blinde vlek, zullen we maar zeggen, dus dank aan de heer Van As. Wij dienen die van harte mede in. Dan het amendement over de parkeerplaatsen. Deels kunnen we ons daarin vinden als het gaat over het hier en nu en zeker voor voldoende parkeerplaatsen in winkelgebieden. Daar hebben wij en andere fracties, eigenlijk als raad als geheel, ons natuurlijk hard voor gemaakt, en nog steeds, om ervoor te zorgen, dat het in balans komt, want het is niet in balans, het aantal parkeerplaatsen in de winkelgebieden. We hebben daarvoor dus ook al meerdere moties en amendementen ingediend. Dus het eerste punt van het amendement zouden we in de huidige situatie ook zeker kunnen steunen. Ook begrijpen wij best waar het tweede beslispunt vandaan komt. Natuurlijk moet er voldoende ruimte zijn voor een auto in nieuwe woonwijken. Overigens is het in bestaande wijken soms ook een probleem. Maar tegelijk gaat het hier om uitgangspunten voor een visie tot 2040.
Dat betekent dat je verder moet kijken dan de problemen van vandaag en morgen en rekening moet houden met toekomstige ontwikkelingen in mobiliteit. Het verbaast me dan ook, dat sommige collega’s denken te weten hoe het er dan in 2040 uit ziet en wat dan wel of niet nodig zal zijn. En op basis daarvan te kunnen bepalen: we kunnen het nu zo wel houden tot 2040. Dat lijkt me niet de bedoeling. Ik zou niet aanraden je vast te klampen aan de verouderde, verlopen parkeernormen, want dan blijf je een beetje in het verleden leven. Er komen auto’s, er zijn auto’s, die zichzelf parkeren en hierdoor minder ruimte nodig hebben. Ook het delen van auto’s, misschien neemt het een vlucht, misschien ook niet, misschien verdwijnt de auto wel. Thuis werken, de groei van OV zullen allemaal impact hebben. Onder jongeren is het autobezit en het autogebruik veel lager. Dan moeten die jongeren 18/36
natuurlijk wel eerst een woning kunnen vinden in Lansingerland, maar laten we ervan uitgaan, dat dat probleem wordt opgelost, dan hebben ze gewoon minder auto’s en minder autogebruik. Wij weten het niet, maar het ook niet goed om het bij voorbaat al in beton te gieten, die parkeernormen, en te zeggen: dit is mooi, die zetten we bij en die houden we voor altijd zo. Onze eigen motie en amendement hebben we natuurlijk toegelicht. Ik hoor heel veel fracties zeggen, over de wijkontsluitingsweg: goed idee, maar misschien iets te vroeg, kunnen we dat niet beter in een commissie of in een beeldvorming doen. Ik ben op zich al positief verrast, dat iedereen het hier over wil hebben, dus wat mij betreft trekken we dan gelijk hierbij dat amendement in, van de wijkontsluitingsweg, omdat ik voel dat veel mensen het hier over willen hebben. Niet zozeer met toezeggingen van wie dan ook, maar ik heb er alle vertrouwen in, dat we het hier met elkaar over kunnen hebben in een beeldvorming dan wel in een commissie ruimte. De motie over de nota parkeernormen, dat wachten we nog even af, want ik hoop dat mensen het iets objectiever en voor de langere termijn willen bekijken en zich wellicht laten overtuigen door een gloedvol betoog van de wethouder. Dank u wel. Mevrouw Gabin, GL: Het amendement van de VVD is raadsbreed ingediend.
In eerste instantie vonden wij het een goed raadsvoorstel, maar vervolgens heeft de VVD ons verrast met een nog grotere verbetering. Ook wij hechten veel waarde aan verkeersveiligheid, dus dat hebben we mede ingediend. Dan het amendement van L3B over de parkeerplaatsen. Een parkeernorm aanhouden, terwijl mogelijkerwijs in de praktijk blijkt dat daar minder behoefte aan is, is gewoon onverstandig, het weggooien van openbare ruimte en openbaar geld. Er wordt niet gesuggereerd dat de parkeernorm omlaag moet. Er staat alleen: op het moment dat er minder autobezit komt. L3B moet erkennen, dat de wereld aan het veranderen is. Dat zie je ook nu aan de huidige toestand met corona. Dan kan de parkeernorm worden verlaagd. Het woordje ‘kan’ impliceert veel vrijheid om naar eigen inzicht een besluit te nemen. Waarom zouden lege parkeerplaatsen moeten worden gefaciliteerd? Wij passen de parkeernorm alleen maar aan op het moment dat blijkt dat dat haalbaar is. Daarbij is parkeren op afstand voor GL geen onacceptabel punt. Wij dus hierop tegen. Dan het amendement van D66, maar die is ingetrokken, dus ik laat mijn bijdrage even voorbijgaan. De motie van D66. Het is een logische motie. De nota en de visie vormen immers een samenhangend geheel.
Met het oog op de toekomst en de veranderende vraag naar mobiliteit is het dan ook nodig dat de nota parkeernormen wordt afgestemd op de mobiliteitsvisie. Stapsgewijs dient het wellicht te worden aangepast aan de nieuwe omstandigheden, die de mobiliteitsvisie van 2040 met zich meebrengt. Vandaar dat wij het mede hebben ondertekend. Tot dusver. Mevrouw Verhoef, PvdA: De PvdA kan zich in grote lijnen heel goed vinden in de mobiliteitsvisie. We hebben in de commissie wel aangegeven, dat we het nog een beetje problematisch vonden, dat er heel erg wordt gedacht vanuit de huidige situatie en er te weinig wordt doorgedacht: wat hebben we nou echt nodig in 2040, welke innovaties zijn er in de tussentijd echt een stap verder? Vanuit die gedachte zal ik dan ook reageren op de moties en amendementen, die er liggen, maar laat ik zeggen dat het in grote lijnen een heel goede nota van uitgangspunten is om toe te werken naar een heel mooie mobiliteitsvisie. Het amendement van de heer Van As, daarvan zijn wij ook mede indiener. Inderdaad, veiligheid moet natuurlijk bovenaan staan als het gaat om verkeer en mobiliteit. Dat is al heel goed toegelicht door iedereen, we zijn van harte mede indiener. Dan het amendement van L3B, die in de lead is over de parkeernorm, het aantal autoparkeerplaatsen in winkelgebieden. Wij gaan dat amendement niet steunen.
Dat is eigenlijk ook in lijn met wat ik net zei: we vinden dat er teveel gedacht is vanuit nu. Natuurlijk, we hebben ook wel eerder gepleit, ook met anderen, van: zorg ervoor, dat er voldoende parkeerruimte nu in de winkelcentra is. Maar op termijn in 2040 ziet de wereld er heel anders uit en bewegen we ons op heel andere manieren. Als je juist het fietsgebruik wil stimuleren en het autogebruik wil terugdringen, dan zou dat ook met het boodschappen doen in het centrum moeten kunnen. Dus die gaan we niet steunen. Dat brengt mij bij de motie over parkeernormen van D66. Die kunnen wij wel steunen, omdat daar inderdaad wordt gedacht vanuit de toekomst, vanuit 2040. Daar wordt de vraag gesteld: is de huidige nota parkeernormen voldoende, moet die niet worden afgestemd, herijkt worden om in lijn te zijn met die nieuwe mobiliteitsvisie. Dus die zouden wij kunnen steunen. Dan mis ik er nog één. De wijkontsluitingsweg, daar heb ik staan: klinkt als een goed plan. Het amendement is al terug getrokken, maar het is fijn om daar van de wethouder nog even iets over te horen. Dan later er breder over te praten in de commissie ruimte. Volgens mij heb ik nu alle moties en amendementen genoemd. Dank u. Beantwoording college Wethouder Fortuyn: Dank u wel, geachte afgevaardigden, voor jullie inbreng. Net als mevrouw Bouman ben ik hier ook aan het worstelen met allerlei papieren.
Ik probeer het successievelijk af te pellen. Als wij over de amendementen praten, door L3B ingezet, maar ook ondersteund door VVD, CDA en WIJ, en later zijn er wel optelsommetjes gemaakt, ja, dan is het net alsof het stuk over verkeersveilige doorstroming, en dat bedoel ik het niet negatief, ik bedoel het eigenlijk heel positief, alsof er een tank over je heen dendert, want de over-, overgrote meerderheid is gewoon voor deze twee amendementen. In die zin luister ik ook, het is me al eerder in de commissievergadering verteld, naar de raad hoe de 19/36
gevoelens zijn. Er wordt ook ambtelijk mee geluisterd. Aangaande het L3B amendement over de parkeernormen: ik heb een aantal andere insprekers gehoord. Als we nu eens even 20 jaar terug denken, we gaan even terug naar 2001, toen had ik nog een enveloppenfabriek en toen investeerde ik nog in machines en in 2008 heb ik alles verkocht. Dat heb ik niet voor niets gedaan, want ik zag de ontwikkelingen rondom digitalisering op een geweldige manier op ons afkomen. Dat geldt natuurlijk ook een beetje voor hetgeen we het vanavond over hebben. Dit wil ik wel even delen met jullie. Het kan nooit zo zijn, dat je iets in beton giet en er nooit meer op terug gaat komen. Als ik praat over parkeernormen, over parkeerplaatsen, dan sta ik in principe best wel achter: we gaan geen parkeerplaatsen opheffen, we gaan geen auto-pesten. Dat is absoluut niet de bedoeling. Maar het is wel zo, dat de parkeernormen die we nu hanteren vanuit 2014 zijn en allang niet meer passen in de CROW richtlijnen. Dat betekent dat de parkeernormen vanuit 2014, die we hanteren, nodig en broodnodig aan actualisatie toe is. Dat we het gebaseerd hebben op typen woningen, ja, we gaan nu meer kijken naar gebiedsgerichtheid. Ik wil even aanhalen met jullie hoe we nu in het masterplan van Wilderszijde deze discussie ook gehad hebben. We maken het niet onmogelijk, maar we maken een ruimtelijke inrichting ook mogelijk.
Daar hebben we een hele mooie oplossing voor. Denk aan Westpolder rondom het station. Daar komen ook andere beelden over. Dan woon je direct op een knooppunt. Moet je dan nog een parkeernorm hanteren van 2,2 per woning afbouwend naar 1,4. Dus je moet er per project wel naar kijken. De heer Ruitenberg zei een keer: je loopt het risico, dat je op elk project of elke gebiedsontwikkeling weer de discussie krijgt. Ik sluit dat niet uit voor dit moment. Omdat we de parkeernota en de parkeernota die we integraal mee nemen in de visie ontwikkeling, dan krijgen we die discussies: zitten we nog op het juiste spoor? Als ik die interpretatie ook mag geven aan dit amendement, dat we wel de bereidheid hebben om de discussie aan te gaan bij gebiedsgerichte aanpak of gebiedsgerichte invulling, zeker ook bij nieuwbouw, is dat valide om dat te doen. Ja, je moet mee bewegen. Mee bewegen met datgene wat zich in de markt ontwikkelt. Ga nou niet bewegen als een markt daar niet om vraagt. Je moet wel vraag gestuurd werken. Dat is ook de intentie van dit verhaal. Wij willen graag in de mobiliteitsvisie ook de actualisering van de mobiliteit en de parkeernota mee nemen. De parkeernota zoals die er staat, is vigerend.
Wordt het aangepast op onderdelen, gezien de ontwikkelingen in de markt, wat ik net aangaf in mijn situatie als enveloppenfabrikant en ik later in een heel andere wereld beland ben, dan hebben wij geen moeite met dit amendement. Het gaat er wel om, dat we de bereidheid tonen met elkaar om dit met elkaar met enige regelmaat te actualiseren. Als ik kijk naar het amendement rondom de verkeersveilige doorstroming. Ja, dat heb ik al in de commissie aangegeven, dat dit een onderbelicht, het is zeker niet bedoeld als onderbelicht, maar het is goed dat we dit als uitgangspunt stevig vast leggen. Daar zijn we het ook helemaal mee eens als college. Of dat nou 1, 2, 6 of 3 op de lijst is. Er zit in principe geen prioritering in de uitgangspunten. De uitgangspunten zijn allemaal evenveel waard. Dus dat vind ik niet zo belangrijk. Ten aanzien van A tot en met F, wat u aanwijst: dat heb ik bij andere visies ook al gehoord. Het zijn uitgangspunten en waar we het hier over hebben zijn uitwerkingen. Het kan geen kwaad, dat u ons daarop wijst, ik wil dit graag meegenomen hebben. Wij luisteren, onze ambtenaren luisteren ook mee. Het is natuurlijk dom om dit soort dingen te negeren als je weet dat je daar toch straks de discussie over krijgt, dus nemen we het mee in de visie en de uitwerking. Hier in dit amendement wordt heel veel uitwerking gedaan.
Het zit me niet in de weg, we gaan hem wat dat betreft mee nemen, maar het is wel zo dat wij in de visie en latere programmering en uitwerking zaken in samenhang brengen. Dat geldt ook voor het amendement onderzoek introductie wijkontsluiting. Hij is terug getrokken door D66, door meneer Muis, maar we komen er over te praten in de commissie. Dit had net zo goed bij het amendement van de VVD gekund, want je bent in zekere zin met uitwerking bezig. De uitwerking komt na de visie. Zowel in de visie als in de programmering en de uitwerkingsplannen bent u op alle terreinen nog volledig aan zet. Maar het ambtelijk apparaat moet wel een richting weten: kunnen we met deze uitgangspunten het visiedocument maken en ook de gevoelens van de raad mee nemen, zoals die in de commissie besproken zijn en zoals die ook vanavond besproken worden. Het amendement is van tafel af, dus in die zin komen we er uiteraard op terug, later bij de visie en de uitwerking van dat plan. Dan de motie van D66 omtrent nota parkeernormen. Ik heb daar al voldoende over gezegd. Ik laat het aan u, aan de raad over om hier de stemming over te laten gaan. In ieder geval kort gezegd: het amendement van L3B en de overige partijen met ongeveer 24 zetels, ja, prima. Ik hoop dat de interpretatie zo is, die ik eraan gegeven heb, dat die op steun kan rekenen.
Het amendement van de VVD in het kader van verkeersveilige doorstroming, die heeft zo’n beetje een raadsbrede ondersteuning, ja, uiteraard. De overige punten: voegt het wat toe? Het is een stukje uitwerking, maar daar heb ik al het nodige over gezegd. Het amendement van D66 komt terug. En de motie rondom parkeernormen is aansluitend op hetgeen ik op het amendement van L3B heb gezegd, waar mijn antwoord op gegeven is. Ik wilde het hierbij laten met uw instemming. De voorzitter: Gezien de tijd en dat ik gezien heb dat de kaarten redelijk geschud zijn, ga ik niet een volledige tweede termijn doen, maar ga ik even vragen wie er nog een tweede termijn wenst. Dan proberen we dat kort te doen. Ik heb de heer Muis, de heer Blonk en de heer Jumelet. Dan gaan we die drie doen. Tweede termijn 20/36
De heer Blonk, L3B: Ten aanzien van het parkeren: met meneer Muis eens, dat een visie niet in beton gegoten is. Een visie tot 2040 zal ongetwijfeld in de loop der jaren aangepast worden. Een voorbeeld: Lansingerland op weg naar 2040. Dat is in 2009 vast gesteld. Dat is deze notitie en daar zijn we nu, na tien of elf jaar, ook weer mee bezig met de toekomstvisie en gaat volledig op de schop. Natuurlijk, terecht dat het niet in beton is gegoten, dat zal ook met deze toekomstvisie zijn. Ten aanzien van de motie van D66, een gloedvol betoog van de wethouder. Normen passen niet meer in de CROW normen. Ik voel dat de wethouder parkeernota wil actualiseren. Ik voel het niet, hij gaf het gewoon aan en dat hij de motie van D66 wil uitvoeren, wil omarmen. Wie ben ik dan om mijn eigen wethouder af te gaan vallen? Dus ik denk, dat mijn fractie voor de motie zal stemmen, om de parkeernormen te gaan herijken. Maar ik wil vast een winstwaarschuwing geven: dat wil niet zeggen dat wij een enorme krimp gaan krijgen van parkeernormen. Reken u niet rijk, want het zal niet weg zijn als we daarmee aan de gang gaan. Wij gaan ervan uit, dat de amendementen van L3B en VVD worden aangenomen. Met die wijzigingen zullen wij instemmen met de nota uitgangspunten mobiliteitsvisie. De voorzitter: De heer Van As en mevrouw Bouman hebben zich ook gemeld.
Ik vraag u weer de handjes naar beneden te doen, want anders kan ik het niet zien als u wilt interrumperen. Ik heb u genoteerd. De heer Van As, VVD: Ik zal het kort houden. De motie parkeernormen van D66: ik hoor een toezegging, dat het college het meeneemt bij de uitwerking van de mobiliteitsvisie. Daarmee op zich niet nodig, maar wij zijn zeker niet tegen. Wij zullen voor stemmen. Het amendement verkeersveiligheid: ik dank de wethouder voor zijn beantwoording. De wethouder geeft aan, dat dit een stukje uitwerking is. Wij willen het gewoon graag duidelijk hebben. Dit zijn de kaders, dat zien we raadsbreed. Het zit de wethouder nit in de weg, hoor ik, dus daar wil ik het bij laten voor de tweede termijn. Mevrouw Bouman, CDA: Ik zal het ook kort houden. De motie van D66 t.a.v. de parkeernormen, daar zat ik nog mee: ik heb de wethouder horen zeggen, dat het wordt meegenomen, dat het omarmd wordt. Laat onverlet dat ik ook even een winstwaarschuwing geef, dat wij zeer kritisch zullen kijken naar de parkeernormen. We hebben de discussie gehad voor Wilderszijde. Het is nog geen gelopen race, maar we zullen wel meedoen en meedenken, hoe we dat zo goed mogelijk invullen t.a.v. nieuwe wijken. Misschien krijgen we daar wel een diversiteit in, maar dat kunnen we t.z.t. zien. Met andere woorden: wij zijn ook voor de motie. De heer Jumelet, WIJ: Ik heb n.a.v.
het betoog van de wethouder toch ingetikt op internet bij het CBS het autobezit. Dan zie je gelijk oppoppen: autopark groeit sterker dan bevolking. Dan zien we dat het autobezit van 2019 naar 2020 wederom is toegenomen met 1,7%. De grap is dan ook wel, dat je ziet dat 50 jaar het autobezit heel stabiel is, vanaf 2015 tot 2020. Maar dat boven de 50 jaar het autobezit significant toeneemt. Laat nou net de opbouw zijn in onze gemeente, dat wij in de toekomst naar 2040 wellicht meer ouderen krijgen, dus de winstwaarschuwing die mevrouw Bouman net gaf en de heer Blonk, zou het best weleens kunnen zijn dat de parkeernormen omhoog moeten, gezien dat onze samenstelling van de bevolking wijzigt en dat het autobezit dus toeneemt, als ik me even baseer op de CBS gegevens, maar dat lijkt me toch redelijk objectief. Daarbij genomen, dat jongeren langer thuis willen wonen. Het wordt dus een hele interessante discussie over de parkeernorm. Laten we inderdaad, om met de woorden van mevrouw Bouman te spreken, alsjeblieft niet rijk rekenen, want wellicht krijgen we een heel andere uitkomst dan u wellicht voorzien had, meneer Muis. We gaan het zien. Wij zullen overigens instemmen met de motie van D66 om de parkeernormen te actualiseren. We zien uit naar de discussie op basis van objectieve gegevens. Dank u wel.
De heer Muis, D66: Wat ons betreft gaat het helemaal niet om winstwaarschuwingen of vooraf er duiding aan te geven. Het gaat er volgens mij om zoals de wethouder aangeeft: sowieso passen die normen niet en je moet gaan kijken hoe en waar je ervoor zorgt dat het straks passend is. Dat kan dus verschillen, dat kan divers zijn, stel ik mij voor. Dus je moet kijken wat er nodig is. Wij zitten er absoluut niet dogmatisch in. Ik zie het niet als een winstwaarschuwing, dat er juist een hogere of lagere norm voor iedereen moet gelden. Juist niet, we willen juist inspelen op toekomstige ontwikkelingen en dat er bij de inrichting rekening wordt gehouden met verschillende vormen van verblijven en wonen, die een andere norm vereisen. Wij zitten er objectief in. Geen waarschuwingen aan de voorkant. Ik ben heel blij, dat de heer Fortuyn aangeeft, dat hij het graag wil actualiseren, dat hij dat zelfs logisch vindt bij een visie om dat te doen. Ook dank voor de steun, die is uitgesproken door voorgaande sprekers om die nota te actualiseren. Dus wij brengen de motie straks gewoon in stemming. Dank u wel. Wethouder Fortuyn: Kort. De winstwaarschuwing is mij helder, maar die had ik zelf ook al in de eerste termijn gezegd. We gaan geen dingen doen waar vraag en aanbod in onbalans komt. Je moet wel open staan voor de discussie bij bepaalde wijk- of gebiedsontwikkelingen. Die ruimte is er.
We gaan over de parkeernota de discussie nog aan. Dan is hartstikke goed. Dat moet ook op feiten gebaseerd worden, dat even gezegd hebbend naar meneer Jumelet. Zowel hier in de raad, maar ook in de buitenwereld heb ik 21/36
ook een politieke functie van een bepaalde partij, ik ben ook niet van plan om politieke zelfmoord te plegen, dus in die zin hoeft u dat van mij niet te verwachten. Ik moet wel zeggen, dat ik eigenlijk wel een beetje trots ben op deze raad over de wijze hoe we deze punten behandeld hebben. Ja, ik ben echt blij met de inbreng. Dat was het. De voorzitter: Dan gaan we over tot de stemmingen. We brengen eerst in stemming het amendement van de heer Blonk over parkeerplaatsen. Ik vraag u of u stemming wenst. Mevrouw Gabin: Ik wens stemming. De voorzitter: Mevrouw Gabin wenst stemming, dan gaan wij over tot stemming over dit amendement. U kunt ook aangeven, dat u geacht wil worden tegen gestemd te hebben. Dan wordt dat ook zo genoteerd, dan hoeven wij niet te stemmen. Ik ga over tot de stemming over dit amendement. Ik open de stemming. Hij is aan, u kunt gaan stemmen. De heer Meester: Ik ben voor even weer de baas over de techniek. De voorzitter: U heeft de strijd gewonnen, ik ben blij om dat te horen. Mevrouw Van Bakel, de heer Erwich, de heer Blonk. De heer Meester is binnen. Mevrouw Van Bakel: Hij blijft gewoon draaien. Ik stem voor. Mevrouw Verhoef: Is dit nu het amendement van de heer Blonk? De voorzitter: Het amendement van de heer Blonk over parkeerplaatsen, ja, correct. De heer Erwich: Ik ben klaar met stemmen, er wordt gezegd: u heeft reeds gestemd.
De voorzitter: Inderdaad, ik hoor dat u binnen bent. Meneer Blonk, we weten wat u stemt. De heer Blonk: Op mijn scherm staat: u stemt voor. Dat is goed, maar als u mij nog niet binnen heeft, moet u mij als voorstemmer noteren. De voorzitter: Dat noteren we. Mogelijk moet u het nog een keer bevestigen, meneer Blonk, maar we noteren het sowieso. Dan sluit ik de stemming. Met 22 stemmen voor en 8 tegen is dit amendement aangenomen. De voorzitter: Dan gaan we stemmen over het amendement, ingediend door de heer Van As, over de veilige verkeersdoorstroming. Ik open de stemming. De heer Blonk: Dat hoeft niet, iedereen is voor. De voorzitter: U heeft gelijk. Wenst u stemming? Nee. Dan is dit amendement aangenomen. Blij dat u mij gewaarschuwd heeft, dat scheelt minstens 10 minuten. De voorzitter: Dan gaan we stemmen over het voorstel. Wenst u stemming over het voorstel mobiliteitsvisie? Dat is niet het geval. Dan is het voorstel ook aangenomen. De voorzitter: Tenslotte hebben we de motie parkeernormen, ingediend door de heer Muis. Wenst u stemming over deze motie? Dat is niet het geval. Daarmee is de motie ook aangenomen. Zo beëindigen wij dit agendapunt 8.b. 8.c Afvalbeleid De heer Ruitenberg, CDA: Ik zal het woord voeren over dit onderwerp, omdat mijn collega Van der Stelt er wegens ziekte niet bij kan zijn. Inderdaad, wij hebben een amendement en dat amendement luidt als volgt.
A2021-007 De raad van de gemeente Lansingerland in vergadering bijeen, stellen het volgende amendement voor: Aan beslispunt 1 toe te voegen “als principebesluit” en aldus te wijzigen in: het nieuwe Afvalbeleid “Afvalbeleid Lansingerland 2021-2025 Van afval naar grondstof – op weg naar volledig circulair in 2050” als principebesluit vast te stellen. Lansingerland kiest hiermee voor een beleid met als uitgangspunt een variabel tarief voor restafval (oftewel Diftar). Een beslispunt 4 toe te voegen, luidende: een definitief besluit over het afvalbeleid op basis van alle met de invoering van een variabel tarief restafval (Diftar) gemoeide incidentele en structurele kosten voor gemeente en inwoners uiterlijk in januari 2022 aan de Raad voor te leggen. De toelichting staat eronder. Dat zal ik straks uitgebreider doen, want ik denk dat ik mijn nulde en eerste termijn wel kan combineren met uw goedvinden. Een toelichting: Lansingerland streeft met het afvalbeleid naar volledige circulariteit in 2050. Dat vereist inzet van een mix van maatregelen die kosteneffectief zijn en op draagvlak van onze inwoners kunnen (blijven) rekenen. De opzet en werking van een systeem van variabel beprijzen van restafval is met veel uitvoeringsvragen en -keuzes omgeven, hetgeen ook blijkt uit de ervaringen van gemeenten die eerder dit instrument hebben ingezet.