CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Ruimte 14 september 2021, gemeente Lansingerland48.310 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Daarom overweegt de PvdA-fractie hierover een amendement in te dienen dan wel motie om het college in de actieve modus te zetten en meer de regie te laten nemen. Een interessante constatering is de volgende relativering van het college van het dorpse karakter op blz.39. Ik citeer: Berkel en Rodenrijs en Bergschenhoek groeien nu verder richting een stedelijke eenheid zonder de dorpse kwaliteit te verliezen. Ik heb zitten rekenen met de te bouwen woningen, die in de woonvisie staan. Ik kom uit op een inwoneraantal van 90.000 tot 100.000 inwoners, verspreid over 4 kernen en 2 buurtschappen, Kruisweg en Rotte. Ik heb al eerder in mijn woordvoering aangegeven dat dit de realiteit gaat zijn en dat we daarop stedenbouwkundig, planologisch en vooral sociaaldemocratisch voorbereid moeten zijn. De heer Van Santen noemde dat de VVD niet

10/34

verder wil groeien dan 75.000 inwoners. Dat is echt achterhaald. De woningbouwopgave, die we hebben, laat dat ook zien. Ook met de programmering, die we voor ogen hebben. Fijn dat er aandacht is voor gelijkvloers wonen voor ouderen. Mijn sociaaldemocratisch hart gaat sneller kloppen van de volgende zin in de woonvisie: voor Bleizo west en Driehoek Noordpolder zien we kansen voor 30% sociaal. Echter, dat mag nog wel explicieter. Kansen zijn mooi, maar het mag explicieter. Het doet oprecht veel deugt om dat terug te lezen. Wel is het de vraag hoe we Driehoek Noordpolder gaan ontwikkelen. Het maatschappelijk middenveld kan in onze gemeente niet aan een huis komen, denk aan de leraar, de wijkagent en verpleegkundige. Dit is o.a. belangrijk voor het verenigingsleven en de bevolkingssamenstelling. Ik ben het met de heer Hofman eens, dat deze samenstelling zeer belangrijk is en ook goed is voor de toekomst van Lansingerland. Net als de heer Jumelet is mijn fractie ook benieuwd hoe de gesprekken gaan met 3B Wonen, als er überhaupt gesprekken zijn over sociale woningbouw. De heer Blonk benoemde ook al, dat de VVD fractie in Provinciale Staten net als mijn fractie hier lokaal van de PvdA heel graag 4.000 tot 6.000 woningen ziet gerealiseerd worden in Bleizo west. Daar kan uiteraard mijn fractie niet op tegen zijn. Dat steunen wij van harte.

Als laatste wil ik graag meegeven dat mijn fractie de heer Blonk steunt om het anti-speculatiebeding op 10 jaar te zetten en ook de middenhuur via de woningcorporatie organiseren zeker van harte steunen. Daarnaast onderschrijf ik de woorden van de heer Blonk om de definities goed te ordenen om uniformiteit mee te geven in de woonvisie. Als laatste. De woonvisie moet uitgaan van 50% sociaal, betaalbaar en bereikbaar woningen als algemene doelstelling en dit in combinatie met Wilderszijde. Hier gaat mijn fractie nog broeden op een motie. Dank u wel. De voorzitter: Het is bijna niet te bevatten om het allemaal samen te vatten, maar er zit wel een aantal rode lijnen in. Ik heb de wethouder driftig zien schrijven. Het begon met de terminologieën, de aankondiging van de nodige amendementen en moties. Percentages, de woonwagenbewoners, de arbeidsmigranten, flexwonen, Wolfend, tempo in bouwen, Noordpolder, Bleizo. Ik hoop dat u in de gelegenheid bent geweest om alles te kunnen volgen en te kunnen schrijven. Beantwoording college Wethouder Arends: Er zijn inderdaad heel veel vragen gesteld en daar ben ik ongelooflijk blij mee, want wij praten vanavond over de woonvisie, een document waar heel veel tijd en kennis in zit. Waarom doen we dit nou eigenlijk? We willen ambtelijk, bestuurlijk, maar ook politiek houvast bieden.

Hoe we vanuit het heden om willen gaan met het wonen in Lansingerland. We geven inzicht in ons woonareaal, welke inwoners we hebben en bedienen, welke mensen er komen en hoe we ervoor staan met de woningmarkt. Het is daarom ook belangrijk om helder te hebben welke trends zichtbaar relevant zijn voor ons. Het onderzoek en de beschouwing hebben we heel bewust gedaan in overleg met onze stakeholders. Dan moet u denken aan onze buurgemeenten, de provincie, metropoolregio Rotterdam Den Haag, ontwikkelaars, bouwers, coöperatie, huurdersvereniging in Lansingerland, zorgpartijen en uiteraard met onze inwoners. Met deze kennis in handen kunnen we handelen met kennis van zaken. (…) met name voor de inwoners: er moet actie komen. Met deze visie 2021-2025 pakken we gezamenlijk de regie en die willen we zo houden. Daarnaast geeft het onszelf en u een horizon van 10 jaar in de richting van 2030 en tegelijk beschouwen we verder tot de volgende generatie naar 2040. En zoals oud vice-president van Amerike en Nobelprijs winnaar All Gore al eens stelde: de waarheid in onze visie is niet alleen een gemakkelijke waarheid. Het is ingewikkeld, meervoudig, complex. Het spanningsveld tussen individu en ontwikkelingen ten goede van vele woningzoekenden. De rekensom qua financiering, een puzzel voor wat betreft bouwen, de boerensector die onder hoge spanning staat.

Ruimte vinden en tegelijk ruimte behouden. Deze woonvisie gaat ons daarbij helpen en daarom vind ik het ook heel fijn om met u vanavond de woonvisie te bespreken. U heeft met volle overgave, dat blijkt uit alle inspraak en vragen, de woonvisie zeer aandachtig gelezen en er kennis van heeft genomen, maar ook nagedacht over wat het voor u betekent en welke wensen u daarbij heeft, wat u waardeert en wat u nog mist. Vanavond hebben we ook 3 insprekers gehad, belangrijke insprekers, die vanuit hun eigen (…) aangeven wat voor hen belangrijk is. De heer Bergwerff, die zo illustratief vertelt wat de woonbehoefte van starters is. En ook de woonwagenbewoners, waar ik straks uitgebreid op inga, die aangeven de nodige behoefte te hebben in het toevoegen van woonwagens. Ook de heer van de Driehoek Noordpolder, die heel duidelijk zegt: voor ons willen wij graag (…) en vinden wij het niet passen dat de Driehoek Noordpolder opgenomen is in deze woonvisie. Dus belangrijk, dat er inspraak is. Wij als politiek vinden dit een belangrijk thema, maar uiteindelijk doen we het voor en met inwoner om uiteindelijk aan die behoefte te willen voldoen met alle (….) die we gezamenlijk daarvoor een set geven voor toekomstige woningbouwlocaties. Als u het goed vindt, ga ik per fractie, per woordvoerder de vragen langs, mogelijk hebben meerderen dezelfde vragen gesteld.

Het ging heel snel, dus ik hoop dat ik alle vragen heb en vergeef mij dat anders, dan hoop ik dat u in de tweede termijn een vervolgvraag of dezelfde vraag wil stellen. De heer Blonk geeft aan, dat de terminologie, die we gebruiken, best wel ingewikkeld is. Welke definitie is het nou? Er zijn heel veel definities, die we hanteren. Dat klopt, het is ook ingewikkeld. Ik ben het ook met de heer Blonk eens om daar veel meer eenduidigheid in te creëren: wat is betaalbaar, wat is bereikbaar, tot welke

11/34

percentages gaat dat, als het gaat over koop- of huurprijzen? Belangrijk is daar wel bij te noemen, dat zowel de BZK als de provincie en de regio bereikbaar hanteren, dat is de bereikbaarheid waar de heer Blonk naar schetste, de NHG grens hanteren zij ook als betaalbaar. Dus prima om daar een stap in te zetten naar die eenduidigheid, maar de wereld om ons heen, de regio, de provincie en het rijk, hanteren ook wel andere normen en het is goed, dat wij dat ook weten met elkaar. De verdeling over Wilderszijde, de heer Blonk gaf dat aan. Wat we nu in de woonvisie doen is natuurlijk voor de toekomstige woningbouwlocaties. Eén van de dingen is belangrijk, zoals de segmenten nu in Wilderszijde zijn bepaald. Belangrijk is, dat het in Wilderszijde ook gaat over 1.250 huur. In de woonvisie willen we vooral de betaalbare woningen naar € 1.000 huur bepalen, omdat dat in het behoefteonderzoek nadrukkelijk naar voren kwam, dat een grote groep inwoners daar baat bij heeft. De heer Blonk noemde de antispeculatie, de motie daarover. Is het niet een idee om van 5 jaar naar 10 jaar te gaan? Hij overweegt om daar een amendement in naar voren te brengen. Belangrijk is wel dat ook de doorstroming nodig is.

Als je hem helemaal op slot zet, kan je het ook voor starters op slot zetten, dus die flexibiliteit van doorstroming, ook al wil je niet dat er speculatie is, maar je wil wel die doorstroom blijven bevorderen, waar deze woonvisie ook aandacht voor heeft. De middeldure huurwoningen, dat is zeker een aandachtspunt, ook met 3B Wonen. Dat gaat een rol krijgen in het uitvoeringsprogramma, niet alleen 3B Wonen, maar meerdere corporaties: welke rol kunnen zij daarin innemen en waar kunnen wij in de prestatieafspraken aandacht aan geven? 3B Wonen en ook de andere corporaties zijn daartoe zeker bereid. We kijken ook naar wat de mogelijkheden daar dan toe zijn. Er is gevraagd naar de contacten met 3B Wonen (…). (….) woonvisie en met elkaar kijken naar het uitvoeringsprogramma. Dus het is een heel belangrijke partner voor ons als het gaat over het sociale segment en mogelijk in de toekomst ook een grote rol als het gaat over het middeldure huursegment. Ik ben even de naam van de heer van de VVD kwijt. Normaal is er meneer Van As, maar we hebben nu een vervanger, een hele goede vervanger. Hij vraagt: kan je bij de prestatieafspraken afspraken maken over het liberaliseren? Wat wij wel voor nu heel belangrijk vinden is dat we alles wat nu beschikbaar is zo lang mogelijk beschikbaar houden.

We zijn niet (…) sociale huurwoningen, dus wij vinden het heel belangrijk, dat we wat er nu is behouden. Daarin hebben we ook afspraken met woningcorporaties over het behoud van minimaal 20 jaar. Daarna is er zeker mogelijkheid voor liberaliseren, maar tot noch toe zijn we daar wel terughoudend in, omdat daarmee misschien een verkleining kan komen op het aantal en dat willen we zeker niet. Daar waar wel nieuwbouw toegevoegd kan worden en een ruil kan gemaakt worden met oudere woningen, kan het eventueel geliberaliseerd worden. Maar de doelstelling is zoveel mogelijk behoud van met name het sociale segment. De heer Van Harn stelt terecht: hoe staat het met flexwonen. U ziet dat dat een plek krijgt in deze woonvisie. Wij willen natuurlijk heel graag dat dat parallel loopt, nu het onderzoek naar flexwonen, dat onderzoek loopt ook. Vanwege capaciteitsproblemen is het niet gelukt om gelijktijdig dat op te leveren, maar na de zomer verwacht ik de uitkomsten van dat onderzoek en dan komt dat naar u toe, want het is echt wel een belangrijke, het toevoegen van flexwoningen. Ik ben ook zelf benieuwd naar die uitkomst, want het kan echt wel een antwoord zijn op vraagstukken m.b.t. de druk van wachttijden, de spoedzoekers, eventueel de grotere vraag op versneld huisvesten van onze inwoners, waar o.a. de statushouders mogelijk ook een aanspraak op kunnen maken.

Maar weet wel, voor ons is iedereen gelijk, daarom is ook pijler 1, een plek voor iedereen, natuurlijk ongelooflijk belangrijk. Daar waar de druk enorm toe neemt, vraagt dat van ons wel alternatieve vormen en daar zou flexwonen een antwoord mogelijk bij kunnen zijn. De heer Van Harn stelt ook vragen over arbeidsmigranten. Er staat in het stuk dat wij een faciliterende rol hier in nemen en dat de markt initiatieven neemt. Is het nou niet beter dat de gemeente daar een actievere houding inneemt? U heeft daartoe vorig jaar zelf het beleid op vast gesteld, over arbeidsmigranten, het toetsingskader, maar ook de rol die de gemeente daarin inneemt. Daarin heeft u als raad ook aangegeven, dat de faciliterende rol juist passend is als het gaat over huisvesting arbeidsmigranten. Maar we zijn het volgens mij allemaal met elkaar eens, dat dat belangrijk is. Daarom zijn we ook voorloper in de regio, dat we beleid hebben, een toetsingskader, een communicatiekader, omdat we heel graag willen faciliteren, want het is een belangrijk vraagstuk voor onze economie en daarin willen wij juist heel hoogwaardige huisvesting van arbeidsmigranten en geen gekke dingen, wat we weleens in de rest van Nederland tegenkomen. We willen echt zuiver en hoge kwaliteit huisvesting voor arbeidsmigranten realiseren. De heer Van Harn stelde: ik wil wel een voorbehoud maken over locaties, percentages.

Dat staat er nu in, maar is het helemaal vast? Laat ik er duidelijk over zijn: dit zijn kaders die u mee geeft. Bij elke locatie komt dat nog naar u toe in een nota van uitgangspunten, in een masterplan, in een bestemmingsplan, dus u heeft nog alle mogelijkheden per locatie om aan de knoppen te draaien. Dus daarom kunt u soms afwijken van het voorstel t.a.v. het percentage sociaal of t.a.v. de typologie. Dus u heeft te allen tijde nog recht, want u heeft het laatste woord als raad als het gaat over de bevoegdheid van het vaststellen van het bestemmingsplan. Het is wel een belangrijk kader, want dit geeft wel richting en duidelijkheid voor ontwikkelaars, voor corporaties, voor onszelf en u als politiek. Dus het geeft wel echt de basis, maar per locatie bent u aan zet om daadwerkelijk de invulling te geven wat u op dat moment nodig lijkt en wenselijk vindt. De woonwagenbewoners. De inspreker was vanavond ook aanwezig. U heeft gezien, dat zij aandacht hebben gevraagd middels een demonstratie bij het gemeentehuis. Net als de woonbehoefte voor alle inwoners

12/34

zijn wij de afgelopen 2,5 jaar intensief in gesprek met de woonwagenbewoners, ook aan de Meerweg in Berkel. Inmiddels zijn wij ver met het beleid voor de woonwagenbewoners en we hebben uitgebreid onderzoek gedaan naar de behoefte. De gemeente heeft dat gedaan als ook een extern onderzoeksbureau. Ook de bewoners van de Meerweg, niet allemaal individueel, maar zeker woordvoerders van het woonwagenkamp, hebben daarin mee gedacht. Zij vragen vanavond daar ook aandacht voor, voor het toevoegen van meer woonwagens op die locatie bij Meerweg. U ziet ook in de woonvisie, dat daar aandacht voor is, dat dat een specifieke doelgroep is, waar wij een actieve rol willen innemen en ook willen voorzien in de behoefte die naar 10 jaar gaat, tussen de 10 en 15 toevoegingen voor Meerweg en Bosland 3, een toevoeging van 3 standplaatsen. Dat krijgt een vervolg in het uitvoeringsprogramma, die (….). In Bosland loopt nu al een project, omdat het over de herontwikkeling gaat voor dat hele gebied, maar er zal ook een project opgericht worden voor Meerweg. Dat doen wij uiteraard in samenspraak met de wensen en behoeften van de woonwagenbewoners. We hebben een vaste contactpersoon (…) die veelvuldig contact heeft en daarnaast heb ik minimaal 3 keer bestuurlijk contact gehad met de bewoners van de Meerweg. Voor mij net als statushouders, starters, ouderen: er is een plek voor iedereen.

Het rijk vindt ook (….) geen uitsterfbeleid maar een omarming en een ondersteuning. Dat is de eerste stap, die u vanavond daarin gaat zetten en ook het vast stellen van de woonvisie op dit onderdeel. Ik denk dat de woonwagenbewoners daar dook heel blij mee zullen zijn als u (…) in deze woonvisie. De heer Alsemgeest gaf aan, dat hij blij is (…) specifieke doelgroepen en dat er ook natuurlijk actie nodig is en prioriteitstelling. Naast dat we dat in de uitvoeringsprogramma’s doen en per locatie, zijn we natuurlijk al in actie. Er werd gesproken over locaties als in Bergschenhoek of in Wolfend of in Bleiswijk. Zoals u weet, hebben we een nota van uitgangspunten voor Bleiswijk vast gesteld en zijn we nu toe aan het werken naar een masterplan, die komt in het najaar naar u toe. In Wolfend heeft u een pre-beeldvormende avond gehad, u heeft al een beetje de richting gehoord, dat daar initiatiefnemers zijn, die daar woningen willen toevoegen. Daarin zijn we dat aan het onderzoeken, de vraag aan ontwikkelaars. Dat komt na de zomer ook naar u toe.

Bij al die locaties, door meerderen werd daar aandacht voor gevraagd, ook van meneer Van der Stad van D66, dat bij elke locatie natuurlijk een participatietraject van groot belang is, want naarmate we dichter bij bebouwde woningen zijn, gaat er iets veranderen voor de inwoners daar omheen en is het heel belangrijk, dat zij mee genomen worden in de ontwikkelingen, soms vragen van ontwikkelaars, maar vinden wij het als gemeente heel belangrijk om goed te horen hoe het landt bij inwoners, wat zij belangrijk vinden, wat zij aan voorkeuren hebben, wat zij liever niet vinden of waar ze hun zorgen over hebben. Dat willen we goed in beeld krijgen, daar waar we stappen zetten om woningbouw mogelijk te maken. Voor de verduurzaming van woningen en de mobiliteit zijn natuurlijk apart separate beleidsstukken voor, maar in de omgevingsvisie komt dat ook weer allemaal bij elkaar. Per locatie komt natuurlijk de bereikbaarheid en de duurzaamheid naar u toe. U heeft dat gezien voor Bleiswijk in de nota van uitgangspunten, daar is duurzaamheid een apart thema naast de andere thema’s. Dat is bij elke woningbouwontwikkeling. De heer Ruijtenberg gaf aan: wij vinden groen heel belangrijk. Ik hoop dat u dat echt terug ziet in de woonvisie, want dat is de waarde die inwoners geven aan het huidige woonmilieu, dat er juist veel groen is (…).

Dat is ook belangrijk in een woonwijk, dat we ook veel toevoegen. U ziet Wilderszijde, hoewel dat niet helemaal de wens van GL is, daar zien we dat dat de groenste wijk van Lansingerland gaat worden. Volgens mij moeten we dat met elkaar koesteren, dat we dat belangrijk vinden, daar waar je dichtbij woont, dat er ook groen om heen is. De heer Hofman vroeg aandacht voor de wachttijd en de doelstelling. Voor hem gaf dat nog onvoldoende richting in deze woonvisie. Wat vooral belangrijk is bij de wachttijd, daar hebben we eerder met elkaar over gesproken en het komt nog terug in het uitvoeringsprogramma, maar het toevoegen van woningen is de belangrijkste sleutel. Veel woningen toevoegen maakt dat mensen naar een woning kunnen en dat daarmee de wachttijd gaat verlagen. Het is natuurlijk niet alleen meer woningen toevoegen, het is ook belangrijk de typologie. Dat ziet u ook, dat is echt anders dan eerder in de woonvisies, de behoefte van onze inwoners laat echt zien, dat gelijkvloerse, kleinere woningen en betaalbare woningen (…). Als je woningen toevoegt, moet je ook de juiste woningen toevoegen om doorstroom te realiseren. Empty nesters, die bijvoorbeeld in een grote sociale gezinswoning zitten willen mogelijk een stap maken naar een appartement. Zij laten dan een grote woning vrij, zodat er instroom in een andere kan zijn.

De heer Hofman gaf aan: het is toch niet zo, dat het goedkopere segment en gelijkvloers één op één is? Nee, daar ben ik het helemaal met u eens. (..) alle prijscategorieën, maar onze nadruk en onze opgave zit natuurlijk wel in de opgave van sociaal en betaal toevoegen, want dat is de grootste urgentievraag op dit moment in Lansingerland. Zeker bij gelijkvloerse woningen, dat laat de behoefte zien. De heer Hofman gaf aan: 40% goedkopere woningen gaat over 40% gelijkvloerse woningen. Van die 40% zien we 2/3 betaalbaar en 1/3 het hogere segment. Dat gaat ook over een krachtige samenleving. Dat is niet alleen inkomen, dat zijn alle inkomens die een krachtige samenleving kunnen geven. Daarmee hoop ik ook antwoord te hebben gegeven op ons mensbeeld, want we willen een inclusieve samenleving zijn en dat staat ook in mijn optiek goed ingezet op pijler nummer 1: een plek voor iedereen. Waarin ook de kwetsbare inwoners met zorg wonen, senioren, maar ook de kwetsbare jongvolwassenen, die willen we in de behoefte die nodig is voorzien. Ook de statushouders werden benoemd. Uiteraard zijn zij ook gelijk aan onze andere inwoners, maar wat ik eerder noemde, zien we

13/34

wel een grote druk op de sociale huurwoningen. De wachttijd is echt enorm toegenomen, dus dat vraagt om alternatieve vormen. Eerder hebben we dat gedaan met de Hergerborch en nu zien we dat in veel woningen toevoegen, maar ook mogelijk het flexwonen toevoegen. Er werd ook nog een vraag gesteld: over welke cijfers gaat het nu? Wat is het ene, wat is het andere? Maar uiteindelijk gaf de heer Van der Stad ook wel aan: het moet over een resultaat gaan met voldoende geschikte woningen. Deze visie en behoefteonderzoek laten zien, niet alleen naar 2030, maar juist ook naar 2040, omdat tussen 2030 en 2040 met name die gelijkvloerse woningen en de grotere stap naar de vergrijzing, die dan zichtbaar wordt. Dan wil je niet wachten en dan pas bouwen, nee, dan wil je nu al op voorsorteren, want woningbouwprogramma's, u heeft dat gezien bij Wilderszijde, daar is een lange adem voor nodig en die lange adem moeten we met elkaar hebben, maar dan ook die behoefte naar 2040 goed scherp hebben. Dus daarin willen we voorzien. Ook werd er gekeken met elkaar, meerdere partijen hadden het er met elkaar over, naar het aantal inwoners: 75.000, andere partijen gaven aan: dat mag meer. Wat u ziet is een woningbouwbehoefte met een aantal woningen. U ziet ook dat er meer woningen in staan, u heeft dat ook gezien in de brief van de provincie.

De provincie wil dat we rekening houden met 130% programmering, omdat er ook uitval kan zijn. Het is aan u om per locatie aan te geven of u daar ontwikkeling wenst of niet. Wij zien wel, als het gaat om een grotere stap naar meer evenwicht en je wilt gedifferentieerde wijken behouden, dat het dan belangrijk is om al deze locaties naar u toe te brengen om daar een besluit over te nemen, want ook het niet laten oplopen van de wachttijd vraagt om veel woningen toevoegen. De heer Ruijtenberg vroeg om ambitie m.b.t. de percentages. Ik heb regelmatig die discussie in de regio. Ik zeg altijd maar: in een percentage wonen we niet. Het gaat erover: gaan we in 2030 in de regio voldoende beschikbare en betaalbare woningen neerzetten. Als we kijken naar de lokale behoefte, dan zit die vooral op gelijkvloerse woningen. Als we kijken naar de regionale behoefte, dan zien we dat vooral bij gezinswoningen met name tot 230. In beide hebben we een verantwoordelijkheid in. Met het bod, dat wij nu neerleggen, daarmee voorzien wij een grote stap en ook in het eerdere bod hebben wij voldoende en betaalbare woningen met de informatie die wij op dit moment hebben. Wat is de gewenste samenstelling? Dat is altijd wel een mooie. Wie vindt dat? De ene partij heeft daar misschien een ander beeld bij dan een andere.

Wat in ieder geval het college heel erg belangrijk vindt, is dat we recht doen aan zoveel mogelijk belangen en zoveel mogelijk behoefte. Wat ik al in mijn inleiding zei: het is een grote opgave, die we met elkaar hebben, een complexe opgave. Maar ik merk vanavond, dat we er allemaal voor willen gaan: een plek voor iedereen. De gewenste samenstelling zullen we dan ook per locatie met elkaar bepalen. De visie geeft dat aan: 50% betaalbare woningen, meer gelijkvloerse woningen, duidelijk voor de doelgroepen, starters, senioren, sterke schouders en zeker ook de specifieke doelgroepen. De heer Xhemaili stelde een aantal vragen in lijn met vorige sprekers. Dat is een nadeel als je helemaal op het eind bent, dus ik hoop dat ik enigszins al u vragen heb kunnen beantwoorden. Ik hoop dat ik redelijk alle antwoorden heb kunnen voorzien en anders hoor ik dat graag van de commissieleden in de tweede termijn. Dank u wel. Tweede termijn De heer Blonk, L3B: Eerst een reactie op een aantal collegae. De heer Van Santen: dure huurwoningen verkopen. Dat betekent: woningen verkopen in een huur tussen € 650 en € 751 sociale huur. Ik denk dat dat het tekort niet oplost van huurwoningen in die prijsklasse, want je moet meer zoeken in huurwoningen in de prijsklasse van € 751 tot € 950, waardoor je meer doorstroming krijgt. Dus geen sociale huurwoningen verkopen, daar zie ik geen heil in.

Een vraag van de heer Hofman: wat is nou de kracht van een wijk? De kracht van een wijk is in mijn visie niet afhankelijk van de fysieke omgeving, maar meer van het contact tussen de mensen onderling en de zorg voor elkaar. Dat komt gelukkig nog heel veel voor. Dan ga ik naar de heer Ruijtenberg. Hij gaf aan: 25% moet 30% worden en 30% moet 35% worden van sociale woningbouw. Ik denk dat het met name gezocht moet worden, wat ik net ook al aangaf, in het veel meer bouwen in de huurklasse € 750 - € 950 per maand en de koop tot € 254.000. Dan komen er door doorstroming meer huurwoningen vrij. Dan ga ik naar de wethouder, de definiëring. Het is ingewikkeld, zegt de wethouder, want het rijk hanteert andere normen daarin, andere termen. Dan vraag ik mij af: waarom hanteren wij dan niet de termen van het rijk en de provincie? Of is dat ook zo’n lappendeken? Dus de vraag aan de wethouder: gebruiken het rijk en de provincie ook de termen, die het college in verschillende documenten gebruikt? Ik noem ze nog even op: sociale koop, middenhuur, betaalbaar plus, betaalbaar min, bereikbare middenhuur laag, bereikbare middenhuur hoog. Dit college gebruikt deze termen, doen de provincie en het rijk dat ook? Als dat niet zo is, dan moeten wij de termen van rijk en provincie overnemen, dan hoef ik dat amendement niet in te dienen. Maar dat zien we dan nog wel.

Dan is de vraag aan de wethouder over de middenhuur, het is mij onduidelijk wat u nou heeft afgesproken met 3B Wonen daarover. Ik kon het niet volgen. Nu kan het aan mij liggen, die OV ontsluiting van met name nieuwe wijken, busontsluitingen zoals Wolfend, nieuwe wijk in Bleizo en dat soort dingen: als de wethouder erop gereageerd heeft, heb ik het gemist, maar anders graag nog even een reactie daarop, want ik mis dat in de visie. Er blijft zeker een aantal amendementen staan en mogelijk een motie ook, dus wat dat betreft zal het voor ons geen hamerstuk worden in de raad.

14/34

De heer Van Santen, VVD: Ik hoor veel amendementen en wellicht nog moties. Wij zullen die allemaal op hun merites beoordelen. Op een paar zaken ga ik in. Ik was het anti-speculatiebeding vergeten in de eerste termijn: dat ga ik positief voorleggen aan mij fractie. Ik ben het met de CU eens, dat we natuurlijk niet alleen in het betaalbare segment bouwen voor senioren. Ik ken ontzettend veel senioren met een huis, waarvan ik denk: als die door kunnen stromen, dan kan er weer een gezin in. Maar ik hoor de wethouder zeggen: 1/3 is voor het hogere segment. Dat is wat mij betreft prima. De heer Van der Stad van D66 heeft het over Driehoek Noordpolder er niet in. Anderen vinden dat weer wel of niet. Of je noemt geen enkele potentiële locatie of je noemt ze allemaal. Voor ons is het pas beslissen op het moment, dat het zover is in de raad. Dat geldt voor alles. We kunnen er al een voorschot op nemen, maar dat lijkt me niet zo handig. We zijn het eens met GL, dat is ook wel weer apart, dat overal waar nu groen is, dan verdwijnt het groen. Ja, dat zijn we helemaal met meneer Ruijtenberg eens. Met betrekking tot de PvdA, die zegt dat 75.000 achterhaald is, ja, daar ben ik het niet mee eens. We hebben nu 63.000 inwoners. We waren ontzettend blij afgelopen keer, dat we 500 woningen hebben gebouwd. Ik hoorde iemand zeggen: reken nou eens 2 personen per woning. Dat is 1.000 mensen.

Dan zijn we sowieso nog 12 jaar aan het bouwen om aan die 75.000 te komen en dan moet de economie zo blijven, want iedereen weet wat er gebeurt als de economie tot stilstand komt, want dan gebeurt er ineens helemaal niets meer op die woningmarkt. Zelf was ik 12 ooit in Bleiswijk, toen waren er iets van 35.000 alles bij elkaar in Lansingerland, misschien iets meer of iets minder. Nu 43 jaar later is het 63.000. Dat is een toename van 30.000 in 43 jaar en dan hebben we ook nog de Vinex, de gedwongen bouw, gehad. Dus het gaat allemaal niet zo snel als we willen. De heer Ruijtenberg: Een vraag en een opmerking. Het gemiddeld aantal mensen, dat in Lansingerland in een huis woont, is niet 2 maar 2,57 om het over 2 cijfers achter de komma te hebben. Daarnaast, ja, we weten allemaal van economie, maar we weten ook dat de premier heeft gezegd, dat we het (…) van Nederland zijn en als beste uit de crisis zijn gekomen. Ik neem aan, dat de heer van de VVD zich aansluit bij die woorden. Maar dan mijn echte vraag: ik heb de heer Van Santen in zijn bijdrage horen zeggen, dat 75.000 inwoners voor zijn partij de grens is, de max is, van hoeveel inwoners Lansingerland heeft. We kunnen zien vanuit alle programma’s die we hebben, vanuit de provincie of vanuit onszelf, dat we daar boven gaan komen.

Hoe gaat de heer Van Santen, hoe gaat de VVD, actief sturen dat 75.000 inwoners de bovengrens is van het aantal inwoners van Lansingerland? Daar ben ik heel erg benieuwd naar. De heer Van Santen: Twee zaken: de economie, ja, sterker uit de economie, dat steun ik van harte wat de heer Rutte zegt, maar we weten dat er in 12 jaar tijd echt nog wel een economische crisis zal komen en daar kan de heer Rutte niets aan doen, dat is nou eenmaal zo, dat zijn de economische wetten. Met betrekking tot die 75.000, dat is onze inzet. Volgens mij gaan wij hier als gemeenteraad over hoeveel er gebouwd wordt en waar niet en dat is niet iets wat de provincie bepaalt of het rijk, tenzij ze dat van ons overnemen, maar dat zullen we dan wel zien. De heer Xhemaili: Ik heb de berekening nagedaan. Volgens mij kom ik toch wel op 90.000 tot 100.000 inwoners met een programmering van ongeveer 6.000 huizen. Of er wel of geen crisis komt, die gaan op termijn wel komen. Mijn pleidooi is om daar nu al rekening mee te houden planologisch, stedenbouwkundig en sociaaldemocratisch. Ik zie niet hoe de heer Van Santen daar weg duikt of dat niet onderkent, ook gezien het feit dat de VVD in Provinciale Staten dat ook heel graag wil in Bleizo west. Daar willen ze ook 4.000 tot 6.000 woningen. Met Wilderszijde erbij kom ik toch al heel gauw op 6.500 tot 7.000 woningen.

Mijn vraag is aan de heer Van Santen: wat wil zijn fractie, wat wil hij met Bleizo west? Wilt u daar een antwoord op geven? De heer Van Santen: We wachten natuurlijk het onderzoek af, maar we willen daar geen 4.000 tot 6.000 woningen, dus dat lijkt me duidelijk. De heer Blonk: Ik ga een gewetensvraag aan de heer Van Santen stellen en het gaat over Bleizo west. Stel nou, dat Bleizo west bebouwd gaat worden, die 4.000 tot 6.000 woningen komen daar en dan gaan we over die 75.000 inwoners met Lansingerland en dat wil de VVD niet. Moet er dan een grenswijziging komen, zodat Bleizo west met in het kielzog ook Kruisweg naar Zoetermeer gaat, zodat wij misschien niet eens de 70.000 gaan halen? Is dat het doel van de VVD? De heer Van Santen: Nee, nee, zo zien wij dat niet, meneer Blonk. Wij zullen ons ervoor inzetten, dat het niet gaat gebeuren. U heeft het over de situatie dat het wel gebeurt, maar daar wil ik niet op ingaan. Ik ga ervan uit, dat er voldoende inwoners zijn in Lansingerland. Er zijn diverse onderzoeken geweest, dat we het dorpse karakter en de huidige omvang prettig vinden en we gaan ervan uit, dat wij voldoende groot zijn de komende verkiezingen, zodat we dat kunnen voorkomen. De heer Blonk: De afstand tussen Berkel en Bleizo west is groter dan de afstand met Rotterdam, Hillegersberg en Schiebroek.

Neemt u nou maar van mij aan, want uw fractie in de Provinciale Staten vindt dat ook heel belangrijk, dat er goede woningbouw komt, het is ook rijksbeleid, dus ik zou toch uit die illusie gaan van dat het niet gaat gebeuren. Dank u wel. De heer Ruijtenberg: De heer Van Santen draait er makkelijk van weg. Het is een beetje Luka Modric hier. Ik begrijp dat het zijn inzet is om niet meer dan 75.000 inwoners te hebben, maar ook de heren Xhemaili en Blonk vragen dat: wat wil u nu bereiken, die 75.000, hoe gaat u borgen dat dat er niet komt? U wilt geen grenscorrectie, u wil minder woningen. U zegt ook: wij zijn zelf aan de lat over hoeveel woningen we hier gaan bouwen. U heeft de brief van de provincie gelezen, dat als wij niet genoeg bouwen, dan kan de provincie gewoon ingrijpen, dus dat gaat echt wel gebeuren. Eigenlijk zijn het 2 vragen: wat gaat de VVD nu echt concreet

15/34

doen om ervoor te zorgen, dat die magische grens van 75.000 plotseling stopt? Ik ben ook benieuwd hoe ze dat dan gaan doen met bevolkingsaanwas. Je zal maar de 75.001 ste zijn. Maar ook: waarom niet? Wat is er op tegen? Als wij nu een dorps karakter in 3 of 4 kernen kunnen garanderen en we kunnen dat doen met 90.000 inwoners? Waarom wordt er dan zo expliciet gezegd: nee, dat kan niet, dat mag niet, foei. Waarom? De heer Van Santen: Het is prima om het uitstapje naar Bleizo west te doen, daar kunnen we de hele avond over praten, maar als daar een wijk tot 6.000 woningen komt, dan is dat een wijk die met zijn rug gekeerd staat naar Lansingerland toe en meer naar Zoetermeer, dus dat is één; het is Lansingerland. En 2: wat gaan wij doen? Dat is onze inzet. Zolang wij daar invloed hebben, politiek, zullen wij dat proberen te voorkomen. De heer Xhemaili: Aanhakend op de heer Ruijtenberg, als we kijken naar Bleizo west, dan moet je juist kansen grijpen om nu al planologisch, sociaaldemocratisch en stedenbouwkundig alles goed met elkaar te verbinden en daar juist de plannen op voort borduren. Als we daar nu niet op gaan acteren, dan lopen we achter de feiten aan. De voorzitter: Dit heb ik van u al een paar keer gehoord. Geen herhaling van zetten graag. De heer Xhemaili: Het is wel heel belangrijk.

De heer Jumelet: Ik wilde ook vragen naar het leidend motief van de VVD als het gaat om Bleizo west, want vooruitgang houd je niet altijd tegen. Stel dat het onderzoek aangeeft, dat daar een goede kern gerealiseerd kan worden van wellicht 4.000 woningen, is dan het argument van de VVD om daar tegen te zijn het 75.000 inwoneraantal? Of het dorpse karakter in Berkel, dat op enige afstand ligt, Bergschenhoek en Bleiswijk? Of is het het feit dat de VVD eigenlijk gewoon vierde kern eventueel zou willen? Ik ben toch wel benieuwd wat het leidend motief is in deze. De heer Van Santen: Wat betreft woonlocaties, maar volgens mij gaat het over de woonvisie, maar ik kan wel bevestigend antwoorden: wij willen geen vierde kern. De heer Ruijtenberg: Ten eerste constateer ik dat de heer Van Santen roept, dat hij nu al blijkbaar weet hoe Bleizo west gebouwd gaat worden, dat het met de rug naar Lansingerland gaat staan. Opvallend, want er is nog geen plan gepresenteerd. De vraag is: wat is er tegen een gemeente met de invulling van 90.000 die toch het dorpse karakter kan behouden? Wat is daar op tegen? Dit is de laatste keer dat ik deze vraag stel, dat beloof ik. De heer Van Santen: Als de gemeente Lansingerland, zoals het nu is, met zoveel inwoners groeit, dan zien wij niet dat het dorpse karakter behouden kan blijven. Ik was klaar, dus dat scheelt weer tijd.

De heer Van Harn, CDA: Ik richt mij eerst tot de wethouder, want de wethouder noemt mij hardnekkig de heer Harn, maar mijn naam is toch echt Van Harn. Ik hoop dan ook, dat zij mijn naam volledig wil uitspreken. De wethouder heeft geantwoord op de studie van het flexwonen, die komt er na de zomer aan, daar ben ik blij om. Maar ze heeft ook gezegd, dat m.b.t. de arbeidsmigranten Lansingerland voorloopt in de regio. Nu zal dat misschien op papier zo zijn, maar in de praktijk zie ik daar nog weinig van. We zijn er allemaal getuige van geweest, dat we brieven hebben gekregen waarin de beoogde locatie voorlopig ingetrokken wordt voor arbeidsmigranten. Dus dat voorop lopen in de regio, daar heb ik nog wel mijn vraagtekens bij. Er is een aantal vragen gesteld. Ben ik het eens met L3B, dat de zelfbewoningsplicht van 5 naar 10 jaar gaat? Ik kan me daar zeker in vinden, want 5 jaar is wel erg kort en ze zijn voorbij voordat je het weet. Dan had de CU een vraag over wachttijden bij 3B Wonen van 87 maanden. Daar kunnen we kort over zijn: dat is een onwenselijke situatie. De wethouder zei daarvan: de enige oplossing daarvoor is het toevoegen van woningen en misschien dat de doorstroommakelaar daar nog een klein beetje in zou kunnen helpen. Dan had de CU ook een vraag, dat niet alle ouderen op zoek zijn naar een appartement in de sociale sector.

Daar zou ik de heer Hofman willen wijzen op dat er in de woonvisie gesproken wordt over collectief particulier opdrachtgeverschap. Misschien is dat ook een oplossing, waar deze ouderen dan terecht zouden kunnen. Ik denk dat ik het hierbij houd. Dank u wel. De voorzitter: Meneer Jumelet, de wethouder had het over de heer Alsemgeest. De heer Jumelet, WIJ: Ja, bij de heer Van Harn kwam het nog iets in de buurt, maar bij mij is het helemaal afwijkend. Maar het geeft niet, het zal het tijdstip zijn. Hier is een punt van orde wellicht, de opmerkingen van de heer Blonk m.b.t. de terminologie in het stuk. Maar ook het punt rondom het antispeculatiebeding. Er is een motie aangenomen in de laatste raad, we hebben eerder een motie aangenomen, er is een amendement aangenomen in de laatste raad. Mijn vraag is nu: moeten we nu feitelijk de woonvisie weer gaan amenderen? Of gaat het college het stuk aanpassen n.a.v. de recente bespreking in de raad van vorige week? Dat is een vraag vooraf. Wellicht kan de wethouder hier op reageren, want ik vind het een beetje omslachtig als we nu weer moeten gaan amenderen om te bevestigen wat we eerder besloten hebben, qua tijdsbestek. Maar ook de terminologieën. In de beantwoording van de wethouder over de duurzaamheid, daar is ze eigenlijk niet op ingegaan.

Het ging even over duurzaamheid, maar het ging even de andere kant op, dus ik weet niet of zij daar nog op in kan gaan. (…) noemde dat smal geformuleerd. Je kan het over het verdeelsysteem hebben, daar hebben we eerder een discussie over gehad. Meneer Alsemgeest heeft het ook geïllustreerd aan de hand van de situatie in zijn eigen omgeving. De enige oplossing is het toevoegen van het aanbod. De heer Hofman ging hier op in en daar zijn we het van harte over eens. Ik hoop dat het uitvoeringsprogramma daar op een goede manier invulling aan geeft. Dan toch even over de woonwagenbewoners of de woonwagencentra.

16/34

Ik vind het toch bijzonder dat de heer Massing aangeeft dat de contacten toch niet heel erg uitbundig zijn. Ik weet niet of hij degene is, die de woonwagenbewoners vertegenwoordigt in het contact met de gemeente, maar van de wethouder hoor ik toch wat anders: we hebben regelmatig contact. Daar zit toch wel wat licht tussen, tussen het ene verhaal en het andere verhaal. Rondom Bergschenhoek geeft de wethouder aan een herontwikkeling van het gebied. Maar volgens mij hebben we gezegd en afgesproken met wethouder Fortuyn, dat met name gekeken gaat worden, destijds werd ingesproken door bewoners van het woonwagencentrum Bergschenhoek, actief gekeken zou gaan worden naar een vervangende locatie. Dat is in november geweest en we leven nu over een paar dagen in juli, wat betekent dat we driekwart jaar verder zijn en ik krijg nu niet de indruk, dat we heel veel opgeschoten zijn als het gaat om deze locatie. Mijn vraag is dan toch aan de wethouder, meer inhoudelijk: verwacht zij dat er op korte termijn wellicht een voorstel uit de raad komt rondom het woonwagencentrum Bergschenhoek? Na de zomer zijn we bijna een jaar verder, het is toch wel tijd dat er wat duidelijk gaat worden ook in het licht van de verplaatsing van het afvalbrengstation en de situatie die langzamerhand ontstaat daar in dat gebied.

De voorzitter: Ik hoor net van mijn buurvrouw dat er een antwoord is van het college, de laatste vraag over Bosland. Had u nog een ander punt? De heer Jumelet: Ik was al gestopt. De heer Hofman, CU: Ik start even met een punt, dat in de eerste termijn niet meer aan de orde kon komen. Dat gaat over flexwoningen. Wij zien in de visie dat flexwoningen, de inzet van de gemeente daarop, enkel wordt gekoppeld aan spoedzoekers. Dat kan wat ons betreft breder. Wij denken dat ook starters goed geholpen kunnen worden met een flexwoning en we zouden graag zien, dat in de woonvisie het onderzoek daarnaar verbreed wordt ten opzichte van wat er nu staat. Over het punt van de statushouders. De reden dat wij hierop aanhaakten was omdat de terminologie alternatieve huisvesting enkel zo geformuleerd staat voor statushouders. De wethouder, hebben we gehoord, vindt dat er plek is voor iedereen, niemand uitgezonderd. Blijkbaar staat dit dan onhandig geformuleerd in de woonvisie, waardoor wij hierop aanhaken. Om die reden gaan wij een amendement overwegen om dit te herformuleren. Over het anti-speculatiebeding. Even naar alle fracties: wethouder Van den Beukel heeft een bespreking toegezegd vorige week.

Ik zou erop willen aandringen om te wachten met het schrijven van een amendement totdat deze bespreking is geweest, want anders gaan we dingen door elkaar laten lopen en steken we misschien moeite in dingen, zonder dat het op dit moment nodig is. Het kan heel goed zijn overigens dat de uitkomst van het gesprek is dat ook dit stuk geamendeerd moet worden, maar dan zijn we het er tenminste van tevoren al over eens. De heer Blonk: Prima, een goed voorstel van de heer Hofman, alleen als dit in de woonvisie wordt vastgesteld, daar voel ik dus helemaal niets voor. Dus ik ga zeker het amendement indienen, want ik wil niet dat in de woonvisie die 5 jaar blijft staan. De heer Hofman: Ik denk dat u daar helemaal gelijk in heeft, meneer Blonk. Iets waarvan we in een eerdere vergadering hebben vastgesteld, dat we het anders willen gaan regelen, daarvan moeten we nu niet vast stellen, dat het op de oude manier moet. Dus het moet zeker anders, maar laten we het even in gezamenlijkheid doen. Volgens mij zijn we het allemaal best eens. Het punt van de senioren. Het stuk is hierop onduidelijk volgens ons. Het is een beetje gegoochel met percentages. Er staat dat 40% gelijkvloers gebouwd gaat worden en dat 2/3 van het betaalbare segment gelijkvloers wordt. Is het nu 40%? Of is het 40% van het geheel en daarnaast 2/3 van de 50% betaalbaar? Dat zou lekker veel zijn.

Of alleen 2/3 van 50% wat 33% is en daarnaast 7% uit de vrije sector? Het duizelt me van de getallen. Ik heb alle passages erop nagekeken en het stuk is in zichzelf tegenstrijdig. Graag een toelichting daarop. Even als voorzet: de prioriteit van de wethouder is dat het 50% betaalbaar moet zijn. Daarop volle inzet volgens de wethouder. Maar 50% betaalbaar betekent ook 50% vrije sector. Als het aan de projectontwikkelaar ligt, dan komt hij vooral met dure en nog duurdere grondgebonden woningen. Dat is de agenda waarmee hij aan tafel komt bij de wethouder. Vanavond hebben wij het over de agenda van de wethouder, waarmee zij aan tafel gaat. Ik wil dan ook een warm pleidooi houden, dat de wethouder de vrije sector iets minder vrij gaat maken en dat we daarin een forse plek vrij maken voor gelijkvloerse appartementen in het duurdere segment. Daarmee is de vrije sector misschien iets minder vrij, maar deze agenda geeft de wethouder wel handvatten in dit soort overleggen. De heer Van Harn gaf nog de suggestie voor collectief particulier opdrachtgeverschap. Dat is zeker goed. Het is niet de volledige oplossing, want het zijn vaak kleinschalige plannen, maar ik denk dat het goed is om er op te wijzen, dat wij als politiek ook enige flexibiliteit moeten tonen om hierin zaken mogelijk te maken. Alleen dan komt particulier opdrachtgeverschap van de grond. Dat was het wat mij betreft.

De heer Van der Stad, D66: Wij hebben een aantal antwoorden gekregen op onze vragen, maar op 1 vraag niet. Die gaat over het voorbehoud van de locaties. De wethouder geeft aan, dat nog alle mogelijkheden per locatie open liggen en dat de raad nog aan alle knoppen kan draaien, wanneer zaken in de raad komen. Dat klopt, maar waar ik naar op zoek ben is een duidelijk antwoord op het volgende. Kan volgens de wethouder in de woonvisie een duidelijke verwijzing worden opgenomen, dat het nog allerminst zeker is dat er gebouwd gaat worden in de Driehoek Noordpolder, vergelijkbaar aan het schrijven richting de provincie. Dus niet zoals de heer Van Santen zojuist stelde, dat het gehele project volgens D66 niet opgenomen zou moeten worden in de woonvisie. Dit hebben wij nooit gesteld. Van de wethouder

17/34

verneem ik hierop nog graag een reactie inclusief motivatie. De heer Van Santen: Mijn vraag aan de heer Van der Stad is dan: wat u nu zegt geldt dan toch voor alle woonlocaties? Er is niets besloten, voor geen één locatie, dus waarom deze nu apart eruit lichten? De heer Van der Stad: Dat klopt, dat geldt in principe voor alle projecten, alleen, er loopt hier een participatietraject en op een eerder moment is ook besloten in een brief richting de provincie ook een dergelijke nota op te nemen. Ik ben dan ook op zoek naar de motivatie van de wethouder hierin. De heer Van Santen: Maar voor andere locaties geldt ook een participatietraject, dat moet zelfs nog opgestart worden. Dan moeten we die ook maar allemaal niet opnemen. Ik begrijp nog steeds niet het verschil. De voorzitter: Ik denk dat er 2 items zijn, bij u en bij de heer Van der Stad. Zullen we verder gaan? De heer Ruijtenberg, GL: Goed dat de wethouder haar citaten herkent. Niet alleen de voormalige vicepresident geciteerd, maar ook voormalig PvdA-icoon Jan Schaefer. Daarin heeft ze gelijk. In een percentage woon je inderdaad niet. Alleen, een percentage is wel iets wat aangeeft waarin je gaat wonen en het geeft wel aan hoe de samenstelling is. Het is niet wat we een gewenste samenstelling hebben van de woningen, er staat letterlijk in: een gewenste samenstelling van de samenleving. Dat is echt wel iets anders.

Ik zo toch graag van de wethouder willen weten wat zij bedoelt met de gewenste samenstelling van de samenleving. Wie bepaalt dat? Waarom staat die zin erin? Dat is een vreemde keuze, die daar gemaakt is. Mevrouw Arends heeft ook een vraag aan mij gesteld. Dat er een visie is geschreven over groen en of ik me erin herken. Het antwoord aan haar is heel duidelijk: nee, ik herken dat niet. Het woord groen in wat voor samenstelling dan ook, staat exact 27 keer in de visie, vooral in pijler 2 staat het regelmatig in, dat er aandacht gevraagd wordt aan de groenblauwe slinger, maar er staat geen enkele concrete vorm in van hoe men dan aandacht gaat vragen daarin. Dat is een beetje voor de bühne. Je geeft aan, dat je ergens aandacht aan gaat geven, maar je weet niet hoe je dan aandacht gaat geven, dus de fractie van GL overweegt zeer sterk om hier een motie voor te gaan indienen. Dan de heer Blonk. Ik moet hem even corrigeren. Hij gaf aan, dat ik heb aangegeven dat waar 30 staat, dat dat 35 moet worden. Een kleine correctie: waar 35 staat moet 40 worden. Net iets meer. Dat is duidelijk. De heer Blonk gelooft erin dat als we meer middenhuur gaan bouwen, dat dan de mensen die in een sociale huurwoning zitten vanzelf zullen gaan doorstromen naar die woningen. Dat is niet correct. We kunnen het heel makkelijk concluderen.

Als we gaan kijken naar het percentage scheefwoners, de goedkope scheefwoners is om exact te zijn 14,9, we zullen het afronden naar 15. Het percentage dure scheefwoners, ik memoreer, is 18. Als je meer in de middenhuur gaat doen en alle goedkope scheefwoners gaan doorstromen naar middenhuur, dan houd je nog steeds een percentage van 3% van dure scheefwoners over, die daar niet terecht kunnen. Dat betekent heel duidelijk, dat je daarin veel meer in sociale woningbouw moet gaan doen. Het is simpel rekenkundig daarin. Dit is eigenlijk wel een beetje waar ik in de tweede op terug wilde komen. Nog één opmerking voor de heer Hofman. Wat hij heeft aangegeven over de statushouders is ons echt uit het hart gegrepen. Zoals ik al in de eerste termijn een aanbieding deed, een uitgestoken hand, aan de heer Blonk, doe ik nu een uitgestoken hand aan de heer Hofman, om na te denken over een amendement voor de statushouders. Tot slot zal ik ook een citaat van de heer Cor (..) eruit gooien. Als we niet slagen lopen we het risico op een mislukking. Laat deze woonvisie slagen. Dank u wel. De heer Xhemaili, PvdA: Ik wil ook de wethouder bedanken voor haar antwoorden. Willen wij een veerkrachtige en daadkrachtige Lansingerland zijn, moet het maatschappelijk middenveld in onze gemeente een huis kunnen krijgen.

Dus er moet zoveel mogelijk in de prijs van € 751 huur worden gebouwd en koop tot € 265.000 worden gebouwd. Het is belangrijk voor het verenigingsleven, vrijwilligers en de economische gezondheid van de gemeente. Nogmaals, 90.000 is zeker niet een utopie en moet echt gebeuren. Nogmaals, het dorpse karakter kan je ook met 90.000 inwoners goed waarborgen. De woonvisie moet uitgaan van 50% sociaal, betaalbaar en bereikbare woningen en dat als algemene doelstelling. (…) Iemand zit door mij heen te praten. Ben ik er weer. Ik wil ook een hand uitsteken naar de heer Hofman om te kijken hoe wij mee kunnen doen met een amendement dan wel motie voor de statushouders, want het gaat ook zeker mij aan als ex-statushouder, dus graag. Wethouder Arends: Alvorens ik inga op de vragen, ga ik eerst mijn excuus aanbieden, want ik heb 2 namen niet goed uitgesproken. Dat is de heer Van Harn en de heer Jumelet. En ik was ook in de war met de heer Van As en de heer Van Santen. Mijn welgemeente excuses, maar inderdaad, ik heb het ongelooflijk heet in deze kamer en ik probeer alles zo goed mogelijk te overzien, maar mijn excuus daarvoor. Ik zal het bij deze ronde niet fout zeggen. De heer Blonk het gaf opnieuw aan over de definities. Ik wil er een aantal dingen over vertellen, maar mogelijk helpt het u om schriftelijk wat verduidelijking te doen, want we hebben het over prijzen, over koop, huur.

Het kan zijn dat het voor iedereen alle kanten op schiet. Allereerst: het rijk gebruikt de normen als het gaat over sociale huur. Dat is het rijk, dat een vastgestelde hoogte daarvoor heeft. Dat is € 751 max. De sociale koop, dat is door de regio vast gesteld. We hebben betaalbaar tot € 1.000 en tot een NHG grens. Wij hebben een eigen definitie gemaakt, want die is namelijk gebaseerd op de lage middeninkomens, om de behoefte die daar

18/34

is te duiden, om die zo mee te nemen in de woonvisie, zodat we bij ontwikkellocaties recht doen aan met name die groep, om die goed te voorzien. Vandaar dat we daarvoor een aparte definitie hebben. De heer Blonk: Ik begrijp wat de wethouder zegt, maar ze is niet consequent daarin. Er zijn teveel verschillende termen, die het college gebruikt. Als het college consequent is daarin, heb ik daar geen moeite mee, ook al is het anders dan het rijk en de provincie. Maar het college is niet consequent, ik heb het hele rijtje opgenoemd net. Dus dat vraag ik van het college. Wethouder Arends: Dat lijkt mij een heel belangrijke oproep. Ik wil u voorstellen om dat schriftelijk te duiden aan u, hoe eenduidig wij het in Lansingerland doen en waar het hetzelfde is als het rijk of waar wij afwijken, zodat het voor iedereen helder is. De voorzitter: Dat is een toezegging, die voor de raad naar ons toekomt. Wethouder Arends: Zeker. Dat vind ik wel belangrijk, zodat u ook weet wat wij hanteren en andere. Dan de heer Van Harn. Hij stelde nog over arbeidsmigranten en de waarde daarvan: volgens mij zitten we daar met zijn allen op één lijn. Vandaag is er ook een brief door het college vast gesteld over de situatie van de arbeidsmigranten en de brief die u gekregen heeft van Kafra, daarin geeft het college ook een duiding daarop, dus die komt naar u toe.

In de brief staat dat ik u adviseer om een bespreking te hebben over alle stand van zaken van alle locaties als het gaat over huisvesting arbeidsmigranten. Als het goed is heeft u daar vorige week een brief over gekregen met de stand van zaken. De heer Van Harn: U heeft het erover, dat we voorloper zijn op het gebied van de arbeidsmigranten. Waarin lopen we dan zo voorop, vraag ik me af. Wethouder Arends: Dat is gebaseerd op dat wij een gezamenlijk gedragen toetsingskader hebben vast gesteld en een communicatiekader hebben vast gesteld. Dat is een belangrijke richting en de faciliterende rol, die de gemeente daarin inneemt om alle initiatieven, die nu veel naar ons toe komen, om die te kunnen beoordelen. Die is niet in deze hoedanigheid in andere gemeenten. Dat vinden we met elkaar heel belangrijk, als er een initiatief komt (….) ten aanzien van het toetsingskader. (…) Meneer Van Harn gaf aan de wachttijden, dat het toevoegen van woningen belangrijk is, maar hij noemde ook de doorstroommakelaar. Dat ben ik het met hem eens, die heeft een belangrijke rol in het doorstromen van sociale woningen, van groot naar kleinere of een stap naar een hoger segment of een duurder segment. Hij vroeg ook aandacht voor particulier opdrachtgeverschap, aandacht hiervoor in de woonvisie en welke rol wij daarin willen nemen.

Daar waar het meer bijdraagt aan de opgave, die we met elkaar hebben, zullen we daar een actievere rol graag aannemen. De heer Jumelet, ik zeg het nu goed, vroeg of de anti-speculatie nog nodig is, om het nu al op te nemen in de woonvisie. Dat is wel iets wat in het uitvoeringsprogramma verder tot zijn recht gaat komen en ook in het grondbeleid. Dus in mijn optiek is het nu niet nodig om daar een amendement voor te doen. De heer Van den Beukel heeft inderdaad een toezegging gedaan ook in de voorbereiding bestemmingsplan Wilderszijde. Daar moet nog een bespreking over plaats vinden, dat heeft u vorige week in de raadsvergadering met elkaar besproken. De heer Jumelet noemde de duurzaamheid, dat hij dat mogelijk te smal geformuleerd vindt. Ik denk dat we veel aandacht daarvoor hebben in de woonvisie, maar het is de waarde hoe u dat ziet. Maar het vraagt wel per locatie bij een nota van uitgangspunten en een masterplan, hoe per locatie de duurzaamheid en de verbinding met groen en water een plek moet krijgen in de ruimtelijke ordening en de waarden die u hier als basis en kaders mee geven, dat moet een verdere uitwerking krijgen in het uitvoeringsprogramma, maar vooral ook in de projecten bij de locaties. De heer Jumelet: Ik begrijp wat u zegt, maar het raakt niet het punt dat ik bedoelde. Ik doel namelijk op blz.38, de bestaande woningen.

Dat is wat ik gezegd heb, dat is te smal geformuleerd. U zegt het over de nieuwbouw, maar ik bedoel de bestaande woningen op blz.38 van de woonvisie, rechts onderin, dat kleine stukje. Wethouder Arends: Helder. Het is aan u, als u wenst dat het college dat voorlegt, maar het betekent dat er in het uitvoeringsprogramma meer aandacht voor is. Zeker de duurzaamheid van bestaande woningen, wethouder Van den Beukel is van het beleid m.b.t. duurzaamheid, ook hoe je die stap gaat zetten bij bestaande woningen. Dat beleid is in samenhang met de woonvisie en uiteindelijk de omgevingsvisie. Dat moet allemaal gezamenlijk zijn beslag krijgen. Hier wordt daar ook aan gerefereerd. U stelde ook een vraag over Wolfend, terecht, want u heeft daar een pre-beeldvormende avond over gekregen. Blij dat u zegt: ik wil eigenlijk de volgende stap zien, want is ben geïnteresseerd. Wij zijn bezig met een participatietraject om dat goed vorm te geven. Dat is ook in de pre-beeldvormende avond aan u verteld. Ik verwacht dat we Q4 naar u toe kunnen komen over de nota van uitgangspunten van Wolfend. Ook in het najaar de volgstap in Bleizo, dat gaat dan over het masterplan. Over Bosland, u vroeg zich af wat daar nu de stand van zaken is. De heer Fortuyn is daar bezig met een project. Ook daarover hebben we vandaag gesproken in het college.

U krijgt de stand van zaken deze week schriftelijk naar u toe, zodat u precies kan lezen wat nu de stand van zaken daarover is. De heer Hofman vroeg aandacht voor flexwonen, dat het alleen spoedzoekers zijn. Maar voor ons zijn ook starters spoedzoekers. Het gaat echt over een tijdelijke oplossing en de urgentie daarop is niet voor één bepaalde doelgroep, dat kan iedereen zijn, dus ook voor starters zou dat kunnen zijn. Hij gaf aan, dat het voor hem toch nog onduidelijk is als het gaat over de senioren. Wat er nu in de woonvisie staat gaat over, waar behoefte is bij senioren, gelijkvloerse woningen. De behoefte daarin vertalen we nu in de woonvisie, wat uit het onderzoek is gekomen, van die gelijkvloerse woningen dat daarvan 2/3 betaalbaar is en 1/3 het hogere segment. In het totaal, dus in alle locaties willen we streven naar 50% (…) maar de meeste locaties 25% sociaal. Ik hoop dat het mogelijk iets meer duidelijkheid heeft gegeven en anders hoor ik dat nog van de heer

19/34

Hofman. De heer Van der Stad gaf nogmaals aan het voorbehoud van de locaties, licht er de Driehoek Noordpolder uit. De heer Van Santen interrumpeerde hem ook, want het betreft inderdaad alle locaties, ook Wolfend. We zijn in verschillende fases per locatie bezig. Met de Driehoek Noordpolder zitten we echt nog in een studie, op dat niveau zitten we. Bij Wolfend zitten we daar ook. Dus alle locaties hebben zo hun waarde en het proces waar ze in zitten. Bleiswijk is al een stap verder, want daarin heeft u het principebesluit al genomen door het vast stellen van de nota van uitgangspunten. Dus er is eigenlijk een voorbehoud voor alle locaties Dat geldt ook voor Bleizo west, want u gaat daar later nog over besluiten. De heer Ruijtenberg vroeg nogmaals: wat is die gewenste samenstelling? Wat ik bij de eerste termijn ook aangaf: het is echt een balans in alle belangen en behoeften. Als het gaat over het sociale segment, dat is afgestemd op de lokale behoefte, en ook de stap naar meer evenwicht. Dus zouden we sec op lokale behoefte als het de sociale woningbehoefte is, dan zouden we lager uit komen in het aantal, maar we zien door de vraag vanuit de provincie en de regio, dat we daar een forse stap in willen zetten en dat is meer een regionale behoefte.

Maar de samenstelling per wijk, dat vinden we belangrijk in diversiteit en typologie, de verschillende belangen, de verschillende behoeften, stedenbouwkundig, groen, dat moet allemaal samen komen per locatie. Het is aan u om uiteindelijk te bepalen wat u dan de gewenste samenstelling vindt. Wij als college willen graag in de behoefte voorzien, alle waarden en alle criteria, zoals in deze woonvisie. Dat is complex, dat is echt een zoektocht met elkaar. Daarin hebben we een belangrijke opgave. De heer Ruijtenberg: Ik heb een vraag. Is de wethouder van mening, dat de afgelopen jaren, laten we zeggen de afgelopen 3 jaar, dat er voldoende invulling is geweest aan de behoefte van de inwoners in de samenstelling van de wijk of überhaupt aan de woningbehoefte in Lansingerland? Wethouder Arends: Er zit echt wel een verschil in. Als we kijken naar de afgelopen jaren, dan zien we dat we best eenzijdig hebben gebouwd. En we zien ook, dat we nu veel dure woningen hebben. We zijn het echt met elkaar eens, dat de beschikbaarheid van betaalbare woningen veel te klein is ten opzichte van de behoefte. Het afgelopen jaar hebben we die lokale behoefte willen onderzoeken, die hebben we ook onderzocht en die vraagt een bijsturing. Daar is deze woonvisie met de kaders het middel voor om andere typologie, maar dus ook andere prijsklassen toe te voegen om die behoefte te voldoen.

(….) dat de woonvisie slaagt. Volgens mij willen we dat met elkaar. Alle kleuren die u vertegenwoordigt (….) een samen gedragen woonvisie. Waar we daadkracht willen zien, actie, maar ook ruimte willen geven aan alle belangen, wensen van niet bouwen, wel bouwen, groen, dat is een opgave, die we met elkaar aangaan. De vragen van de heer Xhemaili heb ik gedaan bij alle andere vragen en anders moet hij me interrumperen, als ik nog iets vergeten ben. Maar dan kom ik tot mijn beëindiging van mijn beantwoording in de tweede termijn, als u het goed vindt. De voorzitter: Ik zie geen interrupties meer. Even voor de helderheid, ik zei het net al, maar eind van deze middag zijn er 2 brieven in onze richting gekomen over de arbeidsmigranten en over Bosland. Bij deze. Alles gehoord en overziend, dan komen er bij de raad de nodige moties en amendementen. Het zal dan wel weer een forse discussie worden, zo ook deze avond op dit onderwerp gezien hebbend. 6.b Optimalisatie uitgangspunten en vaststellen parkeernormen deelplan 4 West, Westpolder-Bolwerk De voorzitter: Ik kijk even naar de klok. Wij worden geacht nog even 2 onderwerpen te doen. Het volgende onderwerp is uitgangspunten en vaststellen parkeernormen deelplan 4 West. Ik hoop dat u in de eerste en tweede termijn u aan uw tijden kunt houden.

Ik had aangegeven, in eerste instantie, 3/2 en later bedacht ik me, ook omdat het over uitgangspunten gaat, misschien 5/3. Maar gelet op de klok: we gaan of vanavond door of er wordt nog een avond voor volgende week bekeken, want ik ben niet van plan om na half één bij wijze van spreken nog door te gaan en ik denk dat u dat ook niet wil. De heer Blonk, L3B: Toen ik dit raadsvoorstel las, was ik enorm verbaasd over het geringe aantal sociale huurwoningen. In de brief van 17 maart 2021 van het college van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland staat in de bijlage bovenaan Westpolder Bolwerk, deelplan 4 west Berkel en Rodenrijs totaal 310 woningen, 93 sociale huur, dat is 30%, overige betaalbare huur, koop 62, dat is 20%. In het voorstel is die 310 verhoogd naar 321. Verder staat er in het voorstel een totaal andere verdeling, te weten 31 woningen sociale huur 9,7%, 124 woningen betaalbaar 38,6% en 166 woningen vrije sector 51,7%. Verder ben ik in het archief gedoken en terug gegaan naar de raad van november 2016. Daar is die verdeling van Westpolder Bolwerk deelplan 4 west aan de orde geweest. Het aantal woningen was toen 193, waarvan 17 sociale huurwoningen 8,8% en 40 huur tot € 850 per maand, dat is 20,7%. Hierover hebben wij als raad besloten op 24 november 2016. Dus die 8% en die 20%.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=e6966300-6e2d-4a1e-9a72-a427a11acd71