Begroting 2023
Tekst van het document
4.06 Maatwerk participatie
Saldo na mutaties reserves
60
Bedragen * € 1.000 Omschrijving 4.01
2023
2024
2025
2026
Basis jeugd
Autonome ontwikkelingen -Ophogen Bijdrage GGD 2023
-36
-36
-36
-36
Totaal
-36
-36
-36
-36
-Ophogen budget Jongerenwerk
-8
-8
-8
-8
-inboeken MJOP 2022-2025 (Meerjarenonderhoudsplan)
-4
-4
-4
-4
Totaal
-13
-13
-13
-13
-Verwerking resultaat meicirculaire
-5
-5
-5
-5
Totaal
-5
-5
-5
-5
-Verhoging budget sportvelden
-5
-5
-5
-5
-Extra dotatie t.b.v. MJOP 2022-2025 Zwembad
0
-90
-90
-90
-inboeken MJOP 2022-2025 (Meerjarenonderhoudsplan)
-43
-43
-43
-43
-Actualisatie kapitaallasten 2023-2026
-5
-5
-5
9
-Actualisatie rentecomponent kapitaallasten 2023-2026
-28
-26
-25
-24
6
-3
-2
-2
-75
-172
-170
-156
-Investeringen kunstgrasveld.
0
-75
-75
-75
Totaal
0
-75
-75
-75
-Ophogen Bijdrage GGD 2023
-11
-11
-11
-11
Totaal
-11
-11
-11
-11
-Budget Lijkschouwing verhogen
-4
-4
-4
-4
-Structureel begroten budget Ontmoetingscentrum
-22
-22
-22
-22
-Ophogen budget Inspecties kinderopvang
-4
-4
-4
-4
-Verhogen subsidie Samen Meer
-32
-32
-32
-32
Totaal
-62
-62
-62
-62
Bestaand beleid
Effect circulaires
4.02
Basis sport/cultuur
Bestaand beleid
-Actualisatie kapitaallasten MIP 2023-2026 Totaal Nieuw beleid
4.03
Basis volwassenen
Autonome ontwikkelingen
Bestaand beleid
Nieuw beleid 61
-Ophogen budget Zorg&veiligheid (oa verpl GGZ)
-4
-4
-4
-4
Totaal
-4
-4
-4
-4
-Ophogen budget Jeugdreclassering
-45
-45
-45
-45
Totaal
-45
-45
-45
-45
-200
0
0
0
6
6
7
6
-194
6
7
6
-Ophogen Budget gemeentelijk minimabeleid
-5
-5
-5
-5
Totaal
-5
-5
-5
-5
-Verwerking resultaat meicirculaire
-3
-3
-3
-3
Totaal
-3
-3
-3
-3
-Schuldhulpverlening en sociale raadslieden voor 2023
-25
-25
-25
-25
-Verwerken septembercirculaire (Asiel)
-28
-22
0
0
-Verwerken septembercirculaire (IPS)
4
0
0
0
-50
-47
-25
-25
-Ophogen budget vervoer hulpmiddelen
-14
-14
-14
-14
-Actualisatie kapitaallasten 2023-2026
0
0
0
0
-Actualisatie rentecomponent kapitaallasten 2023-2026
0
0
0
0
-14
-14
-14
-14
-Verwerking resultaat meicirculaire
0
0
37
39
Totaal
0
0
37
39
-Verwerken septembercirculaire (SVB)
6
6
7
6
Totaal
6
6
7
6
-Ophogen budget inzet kernteam
-23
-23
-23
-23
-Ophogen budget Gedragsdeskundige
-6
-6
-6
-6
4.04
Maatwerk jeugd
Bestaand beleid
Nieuw beleid -Ophogen incidenteel budget Jeugd voor 2023 -Verwerken septembercirculaire (SVB) Totaal 4.06
Maatwerk participatie
Bestaand beleid
Effect circulaires
Nieuw beleid
Totaal 4.07
Maatwerk WMO
Bestaand beleid
Totaal Effect circulaires
Nieuw beleid
4.08
Toegang
Bestaand beleid
62
Totaal
-29
-29
-29
-29
-Activiteitenbudget Eenzaamheid
-5
-5
-5
0
Totaal
-5
-5
-5
0
-Ophogen incidenteel budget Jeugd voor 2023
200
0
0
0
Totaal
200
0
0
0
-Indexering
-496
-820
-1.138
-1.138
Totaal
-839
-1.333
-1.588
-1.568
Nieuw beleid
4.09
Reserves
Nieuw beleid
Indexering
4.01
Basis jeugd
Administratieve wijzigingen SD budgetten actualisatie Actualiseren van SD budgetten om kosten in eigen taalvelden op te pakken Autonome ontwikkelingen Ophogen Bijdrage GGD 2023 Als gevolg van de begroting 2023 is de bijdrage van de gemeente Landsmeer verhoogd. Conform raadsbesluit 30 juni 2022, Begroting 2023 GGD. Bestaand beleid Ophogen budget Jongerenwerk De kosten voor het jongerenwerk worden tot en met 2022 mede gefinancierd vanuit de middelen voor het Meerjarenbeleidsplan Sociaal Domein. Deze financiering valt vanaf 2023 weg. Derhalve is een structurele ophoging van het budget benodigd. inboeken MJOP 2022-2025 (Meerjarenonderhoudsplan) Op 17 februari 2022 heeft de raad het MJOP 2022-2025 vastgesteld en daarmee moet het voormalige (oude) MJOP uit de begroting gehaald worden en het nieuwe vastgestelde MJOP worden ingeboekt. Omdat de gemeentelijke objecten over de verschillende programma's zijn verdeeld, ziet u de financiële verwerking in het betreffende programma terug. Door alle programma's heen betreft dit een budget neutrale boeking. Effect circulaires Verwerking resultaat meicirculaire In de mei circulaire is er geld ter beschikking gesteld voor verschillende doeleinden. In het programma Integrale Veiligheid betreft dit structureel € 30K voor de extra inzet van BOA's.
In het programma Sociaal Domein betreft dit € 5K structureel voor de brede impuls combinatiefunctionarissen/buurtsportcoaches, € 3K structureel voor inburgering leefbaarheidstoets, en voor 2024 (€ 37K) en 2025 (€ 39K) voor de Eigen bijdrage voor huishoudelijke hulp (coalitieakkoord Rijk). Deze bedragen zijn opgenomen in deze begroting in de beide programma's.
63
4.02
Basis sport/cultuur
Administratieve wijzigingen SD budgetten actualisatie Actualiseren van SD budgetten om kosten in eigen taalvelden op te pakken Bestaand beleid Verhoging budget sportvelden Er is een aanbesteding uitgevoerd voor het maaien van al het gras en de sportvelden. Uit de aanbesteding is gebleken dat de kosten voor het maaien duurder is geworden en dit heeft een structureel negatief effect op de budgetten. Het maaien van de sportvelden is per jaar €5.000 hoger dan voorheen begroot, en daarmee dient het budget structureel te worden opgehoogd. Extra dotatie t.b.v. MJOP 2022-2025 Zwembad Er heeft in 2022 een fysieke inspectie door een externe partij plaatsgevonden van de onderhoudstoestand van al onze gemeentelijke gebouwen. Aan de hand van die inspectie is voorzien dat er voor de komende jaren extra middelen benodigd zijn om het onderhoudsniveau op een adequaat niveau te houden. Het MJOP 2022-2025 is op 17 februari 2022 vastgesteld door uw raad. Reeds in de begroting 2022 was een extra jaarlijkse storting van € 100.000,- opgenomen, bij de "Raadsinformatiebrief Onderzoek zwembad De Breek ten behoeve van Meerjarenonderhoudsplan" welke onder punt 8.A in de raadsvergadering d.d. 21 april 2022 is aangeboden, is aangegeven dat er in de jaren 2024 tot en met 2029 een jaarlijkse extra storting van € 90.000,- benodigd is.
Deze extra stortingen voor de jaren 2024-2029 zijn verwerkt in deze begroting, conform de Raadsinformatiebrief. inboeken MJOP 2022-2025 (Meerjarenonderhoudsplan) Op 17 februari 2022 heeft de raad het MJOP 2022-2025 vastgesteld en daarmee moet het voormalige (oude) MJOP uit de begroting gehaald worden en het nieuwe vastgestelde MJOP worden ingeboekt. Omdat de gemeentelijke objecten over de verschillende programma's zijn verdeeld, ziet u de financiële verwerking in het betreffende programma terug. Door alle programma's heen betreft dit een budget neutrale boeking. Actualisatie kapitaallasten 2023-2026 De actualisatie van de kapitaallasten 2023-2026 betreft de kapitaallasten volgend uit de tot nu toe geactiveerde investeringen. De actualisatie betreft investeringen die op alle programma's betrekking hebben. Actualisatie rentecomponent kapitaallasten 2023-2026 De rente is verhoogd door de ECB waardoor het noodzakelijk is om de doorberekende rente te verhogen. De omslagrente is verhoogd van 0, 11 % naar 0.6 % Het gevolg is dat de kapitaallasten voor de bestaande investeringen meerjarig 2023-2026 geactualiseerd zijn binnen de diverse programma's van de begroting. Actualisatie kapitaallasten MIP 2023-2026 Actualisatie kapitaallasten MIP 2023-2026 Nieuw beleid Investeringen kunstgrasveld. Voorgesteld wordt om in 2023 de kunstgrasvelden te gaan vervangen.
Hierbij wordt uitgegaan van een eigen bijdrage van de clubs van 10%. Uitvoering in 2023 betekent dat in 2024 de kapitaalslasten beginnen te lopen.Deze post betreft de kapitaallasten die volgen uit de investeringen in het kunstgrasveld .
64
4.03
Basis volwassenen
Administratieve wijzigingen SD budgetten actualisatie Actualiseren van SD budgetten om kosten in eigen taalvelden op te pakken Autonome ontwikkelingen Ophogen Bijdrage GGD 2023 Als gevolg van de begroting 2023 is de bijdrage van de gemeente Landsmeer verhoogd. Conform raadsbesluit 30 juni 2022, Begroting 2023 GGD. Bestaand beleid Budget Lijkschouwing verhogen Door een stijgend aantal casussen is het budget voor de kosten lijkschouwing niet meer afdoende. Structureel begroten budget Ontmoetingscentrum De kosten voor het ontmoetingscentrum de Zoete inval voor inwoners met beginnende dementie worden tot en met 2022 gefinancierd vanuit de middelen voor het Meerjarenbeleidsplan Sociaal Domein. Deze financiering valt vanaf 2023 weg. We willen deze functie graag voortzetten. Het voorkomt dat voor deze inwoners dagbesteding moet worden ingezet wat in alle gevallen veel duurder gaat uitpakken. Ophogen budget Inspecties kinderopvang Inspecties kosten meer tijd dan voorheen. Er is een personeelstekort in de branche en dat maakt dat de controle van de inspecteurs of er wel voldoende personeel aanwezig is bij de houders meer tijd vraagt. Verhogen subsidie Samen Meer Samen Meer blijft langer gebruik maken van hun gebouw dan verwacht. Investeringen in het gebouw kunnen hierdoor niet langer wachten.
Daarnaast is sprak van hogere kosten voor personeel, energie, vervoer gerelateerd aan activiteiten en kantoor/automatisering. Nieuw beleid Ophogen budget Zorg&veiligheid (oa verpl GGZ) De uitvoering van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg is belegd bij GGD-Zaanstreek Waterland. In 2022 is er een regionale dienstverleningsovereenkomst met hogere kosten vastgesteld. 4.04
Maatwerk jeugd
Bestaand beleid Ophogen budget Jeugdreclassering Het aantal kinderen met een jeugdbeschermingsmaatregel is stijgende. Deze maatregel wordt door een rechter opgelegd en ligt grotendeels buiten de invloedsfeer van de gemeente. Nieuw beleid Ophogen incidenteel budget Jeugd voor 2023 We verwachten in 2023 nog noodzakelijke inzet van een dure vorm van jeugdzorg. Verwerken septembercirculaire (SVB) De VNG en het ministerie van VWS zijn overeengekomen om met ingang van 2023 een structureel bedrag uit te nemen uit het gemeentefonds ten behoeve van de uitvoeringskosten PGB van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) van de Jeugdwet en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Dit totaalbedrag wordt derhalve verdeeld over 2 posten. In de september circulaire is hier voor geld ter 65
beschikking gesteld, in de paragraaf Financiën treft u de meerjarige bruto verwerking van de september circulaire aan, de verwerking hier van zijn opgenomen in de verschillende programma’s en worden in het programma uitgelegd. In het Sociaal Domein treft u verwerkingsposten aan : SVB-Asiel en IPS. In het Ruimtelijk Domein treft u verwerkingspost Wkb en in Financiën de verwerkingspost GDI. 4.06
Maatwerk participatie
Administratieve wijzigingen SD budgetten actualisatie Actualiseren van SD budgetten om kosten in eigen taalvelden op te pakken Bestaand beleid Ophogen Budget gemeentelijk minimabeleid Om de ziektekostenverzekering voor minima te kunnen afhandelen maken we gebruik van gezondverzekerd.nl. De licentiekosten zijn gestegen. Effect circulaires Verwerking resultaat meicirculaire In de mei circulaire is er geld ter beschikking gesteld voor verschillende doeleinden. In het programma Integrale Veiligheid betreft dit structureel € 30K voor de extra inzet van BOA's. In het programma Sociaal Domein betreft dit € 5K structureel voor de brede impuls combinatiefunctionarissen/buurtsportcoaches, € 3K structureel voor inburgering leefbaarheidstoets, en voor 2024 (€ 37K) en 2025 (€ 39K) voor de Eigen bijdrage voor huishoudelijke hulp (coalitieakkoord Rijk). Deze bedragen zijn opgenomen in deze begroting in de beide programma's. Nieuw beleid Schuldhulpverlening en sociale raadslieden voor 2023 Het bedrag voor schuldhulpverlening was te hoog begroot. Aan de andere kan is het bedrag voor sociaal raadslieden te laag begroot. Het verschil hebben tot en met 2022 kunnen dekken uit de middelen voor het meerjarenbeleidsplan Sociaal Domein.
Vanaf 2023 zijn deze middelen niet meer beschikbaar Verwerken septembercirculaire (Asiel) In het bestuurlijk akkoord met betrekking tot de opvang van asielzoekers op 26 augustus 2022 is afgesproken dat het kabinet voldoende financiële middelen beschikbaar stelt voor integratie. Als gevolg van een hogere instroom van inburgeraars is afgesproken het budget op te hogen. In de september circulaire is hier voor geld ter beschikking gesteld, in de paragraaf Financiën treft u de meerjarige bruto verwerking van de september circulaire aan, de verwerking hier van zijn opgenomen in de verschillende programma’s en worden in het programma uitgelegd. In het Sociaal Domein treft u verwerkingsposten aan : SVB-Asiel en IPS. In het Ruimtelijk Domein treft u verwerkingspost Wkb en in Financiën de verwerkingspost GDI. Verwerken septembercirculaire (IPS) Dit programmageld is bestemd voor de inzet van IPS trajecten voor de re-integratie van mensen met een ernstige psychische aandoening of een zogenoemde common mental disorder via een subsidieregeling. Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) trekken hierin samen op. De subsidieregeling ‘IPS-trajecten voor de gemeentelijke doelgroep’ verstrekt subsidie aan een GGZ-instelling voor een tot en met 14 december 2023 aangevraagd IPS-traject.
Het betreft IPS-trajecten voor mensen die vallen onder de reintegratieverantwoordelijkheid van gemeenten. Hiertoe behoren mensen met een bijstandsuitkering, een Inkomensvoorziening voor oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAWuitkering) of een Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte zelfstandigen (IOAZuitkering) en niet-uitkeringsgerechtigde werkzoekenden. In de september circulaire is hier voor geld ter beschikking gesteld, in de paragraaf Financiën treft u de meerjarige bruto verwerking van de september 66
circulaire aan, de verwerking hier van zijn opgenomen in de verschillende programma’s en worden in het programma uitgelegd. In het Sociaal Domein treft u verwerkingsposten aan : SVB-Asiel en IPS. In het Ruimtelijk Domein treft u verwerkingspost Wkb en in Financiën de verwerkingspost GDI. 4.07
Maatwerk WMO
Bestaand beleid Ophogen budget vervoer hulpmiddelen Het aantal ouderen dat gebruik maakt van WMO voorzieningen neemt toe. Hierdoor zal de aanspraak op het Wmo budget naar verwachting structureel toenemen. De verwachting is dat hiervoor jaarlijks extra 14k benodigd is. Actualisatie kapitaallasten 2023-2026 De actualisatie van de kapitaallasten 2023-2026 betreft de kapitaallasten volgend uit de tot nu toe geactiveerde investeringen. De actualisatie betreft investeringen die op alle programma's betrekking hebben. Actualisatie rentecomponent kapitaallasten 2023-2026 De rente is verhoogd door de ECB waardoor het noodzakelijk is om de doorberekende rente te verhogen. De omslagrente is verhoogd van 0, 11 % naar 0.6 % Het gevolg is dat de kapitaallasten voor de bestaande investeringen meerjarig 2023-2026 geactualiseerd zijn binnen de diverse programma's van de begroting. Effect circulaires Verwerking resultaat meicirculaire In de mei circulaire is er geld ter beschikking gesteld voor verschillende doeleinden. In het programma Integrale Veiligheid betreft dit structureel € 30K voor de extra inzet van BOA's.
In het programma Sociaal Domein betreft dit € 5K structureel voor de brede impuls combinatiefunctionarissen/buurtsportcoaches, € 3K structureel voor inburgering leefbaarheidstoets, en voor 2024 (€ 37K) en 2025 (€ 39K) voor de Eigen bijdrage voor huishoudelijke hulp (coalitieakkoord Rijk). Deze bedragen zijn opgenomen in deze begroting in de beide programma's. Nieuw beleid Verwerken septembercirculaire (SVB) De VNG en het ministerie van VWS zijn overeengekomen om met ingang van 2023 een structureel bedrag uit te nemen uit het gemeentefonds ten behoeve van de uitvoeringskosten PGB van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) van de Jeugdwet en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Dit totaalbedrag wordt derhalve verdeeld over 2 posten. In de september circulaire is hier voor geld ter beschikking gesteld, in de paragraaf Financiën treft u de meerjarige bruto verwerking van de september circulaire aan, de verwerking hier van zijn opgenomen in de verschillende programma’s en worden in het programma uitgelegd. In het Sociaal Domein treft u verwerkingsposten aan : SVB-Asiel en IPS. In het Ruimtelijk Domein treft u verwerkingspost Wkb en in Financiën de verwerkingspost GDI. 4.08
Toegang
Bestaand beleid Ophogen budget inzet kernteam De kosten voor inhuur van een ambulant hulpverlener zijn gestegen. In 2022 was het mogelijk om deze extra kosten te compenseren met lagere kosten dan verwacht voor de inhuur van de Praktijkondersteuner Jeugd voor de huisartsen. In 2023 en verder is dit niet meer mogelijk.
67
Ophogen budget Gedragsdeskundige De gedragsdeskundige ondersteunt en toetst de zorgregisseurs jeugd bij de uitvoering van hun werk. Er is een nieuw contract afgesloten voor de komende jaren, als gevolg waarvan het budget Gedragsdeskundige structureel verhoogd moet worden. Nieuw beleid Activiteitenbudget Eenzaamheid Dit budget is bedoeld om een nieuw initiatief een (financieel) zetje te geven. Denk bijvoorbeeld aan de start van een initiatief zoals Resto Van Harte Tot en met 2022 was er de mogelijkheid om initiatieven vanuit het thema Eenzaamheid vanuit het meerjarenbeleidsplan Sociaal Domein de financieren. Deze financiering valt weg in 2023 en verder. 4.09
Reserves
Nieuw beleid Ophogen incidenteel budget Jeugd voor 2023 We verwachten in 2023 nog noodzakelijke inzet van een dure vorm van jeugdzorg. Indexering De indexering betreft een gesaldeerd bedrag per jaar, zoals aangegeven in de samenvatting van deze begroting, dit betreffen lasten.
Beleidsindicatoren
68
Indicator Absoluut verzuim
Eenheid
Periode
Aantal per 1.000 leerlingen
Bron 2017
Waarde DUO
Benchmark 1,8
Waarde
Nederland
1,8
Hiervan is sprake als een leerplichtige jongere tussen de 5 en 16 jaar of een jongere van 16 of 17 jaar die valt onder de kwalificatieplicht niet is ingeschreven op een school en ook niet vrijgesteld is van de inschrijvingsplicht. Relatief verzuim
Aantal per 1.000 leerlingen
2021
DUO/Ingrado
28
Nederland
19
Het aantal leerplichtigen dat wel staat ingeschreven op een school, maar ongeoorloofd afwezig is. Vroegtijdig schoolverlaters totaal (VO + MBO)
% deelnemers aan het VO en MBO onderwijs
2019
DUO/Ingrado
1,2
Nederland
1,7
Het percentage van het totaal aantal leerlingen (12 - 23 jaar) dat voortijdig, dat wil zeggen zonder de startkwalificatie, het onderwijs verlaat
Voldoende bewegen
%
2020
Gezondheids-monitor volwassenen , GGD’en, CBS en RIVM
48,9
Nederland
49,3
Het percentage t.o.v. bevolking van 19 jaar en ouder dat niet minstens één keer per week aan sport doet. Banen
Aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd 15 – 64 jaar
2021
LISA
470
Nederland
685
Onder een baan wordt een vervulde positie verstaan. Dit betreffen zowel fulltimers, parttimers als uitzendkrachten. De indicator betreft het aantal banen per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 tot en met 65 jaar. Jongeren met een delict voor de rechter
% 12 t/m 21 jarigen
2019
CBS Jeugd
1
Het percentage jongeren (12 - 21 jaar) dat met een delict voor de rechter is verschenen
69
Nederland
1
Kinderen in armoede
% kinderen tot 18 jaar
2020
CBS Jeugd
4
Nederland
6
70,4
Nederland
70,4
Nederland
431,2
Het percentage kinderen tot 18 jaar in een uitkeringsgezin Netto arbeidsparticipatie
%
2021
CBS Arbeidsdeelname
% van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking Personen met een bijstandsuitkering
Per 1.000 inwoners 18 jaar en ouder
2021 CBS - Participatiewet
267,3
Het aantal personen met een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand (WWB, t/m 2014) en de Participatiewet (vanaf 2015). De uitkeringen (leefgeld) aan personen in een instelling, de elders verzorgden, zijn niet inbegrepen. Re-integratie voorzieningen
per 10.000 inw.1565jr
2020 CBS - Participatiewet
56,9
Nederland
202
Nederland
12,9
Het aantal re-integratievoorzieningen, per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar Jongeren met jeugdhulp
% van alle jongeren tot 18 jaar
2021
CBS Beleidsinformatie Jeugd
10,8
Het percentage jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp ten opzichte van alle jongeren tot 18 jaar Jongeren met jeugdbescherming
% van alle jongeren tot 18 jaar
2021
CBS Beleidsinformatie Jeugd
0,6
Nederland
1,2
Het percentage jongeren tot 18 jaar met een jeugdbeschermingsmaatregel ten opzichte van alle jongeren tot 18 jaar Wmo-cliënten met een maatwerk arrangement
Per 10.000 inwoners
1e halfjaar 2021
CBS - Monitor Sociaal Domein WMO
530
Nederland
700
Aantal per 1.000 inwoners in de betreffende bevolkingsgroep. Een maatwerk-arrangement is een vorm van specialistische ondersteuning binnen het kader van de Wmo. Voor de Wmo-gegevens geldt dat het referentie-gemiddelde gebaseerd is op 327 deelnemende gemee 70
71
Beleidsstukken
Bij dit programma horen de volgende beleidsstukken: ·
Meerjarenbeleidplan sociaal domein (2019-2023)
·
Nota Harmonisatie Kinderopvang en Peuterspeelzalen (2017)
·
Beleidsplan armoedebestrijding en schuldhulp (2021-2024)
·
Uitvoering Participatiewet Landsmeer (2016)
·
Beleidsnotitie Nieuwe Wet Inburgering (2022)
Verordeningen participatie: ·
Re-integratieverordening/gewijzigde re-integratieverordening (2018)
·
Verordening individuele studietoeslag Participatiewet (2022)
·
Verordening individuele inkomenstoeslag (2015)
·
Verordening tegenprestatie (2015)
·
Verordening loonkostensubsidie (2018)
·
Verordening persoonsgebonden budget begeleid werken Wet sociale werkvoorziening (2019)
Verordeningen jeugd & onderwijs: ·
Verordening leerlingenvervoer (2014)
·
Verordening onderwijshuisvesting (2017)
·
Verordening jeugdhulp gemeente Landsmeer (2022)
Verordeningen WMO: ·
Verordening maatschappelijke ondersteuning (2020)
Overige verordeningen: ·
Algemene Subsidieverordening gemeente Landsmeer (2021)
·
Verordening adviesraad sociaal domein (2018)
72
Verbonden partijen
Bij dit programma horen de volgende verbonden partijen: - GGD Zaanstreek-Waterland Voor een uitgebreide toelichting op deze verbonden partijen, zie de paragraaf verbonden partijen.
73
Financiën Portefeuillehouder Wethouder E. Heinrich
Missie
Het programma financiën en algemene dekkingsmiddelen is het laatste programma van de programmabegroting. Algemene dekkingsmiddelen zijn middelen die geen vooraf bepaald bestedingsdoel hebben. Naast de algemene dekkingsmiddelen worden in dit programma baten en lasten verantwoord welke niet zijn onder te brengen in andere programma's. Voor het grootste deel bestaat dit programma uit belastingen (lokale heffingen) waarvan de besteding niet gebonden is, uitkering uit het gemeentefonds en overige baten en lasten. Naast 'Treasury' wordt in dit programma ook het door het BBV verplicht onderdeel 'Overhead' verantwoord. Onder overhead wordt dat deel van de personeelsbegroting verstaan wat aan door BBV gedefinieerde overheadtaken toe moet worden gerekend. Voor de komende jaren zal worden vastgehouden aan het stringente begrotingsbeleid (vastgelegd in de begroting 2021). Toekomstbestendig begroten en terughoudendheid met het aangaan van structurele verplichtingen zijn belangrijke speerpunten in dit programma.
Wat mag het kosten?
74
Bedragen * € 1.000 Financiën 5.01 Overhead
Rekening
Begroting
begroting voor
Mutatie
Begroting
2021
2022
2022
2023
2023
Meerjarenraming 2024
2025
2026
-4.200
-5.076
-4.853
-272
-5.125
-5.301
-5.484
-5.516
5.02 Algemene uitkering
0
0
0
0
0
0
0
0
5.03 Onroerendezaakbelastingen 5.04 Overige belastingen
-117
-136
-136
-1
-138
-139
-140
-140
-24
0
0
0
0
0
0
0
5.05 Overige uitgaven en inkomsten 5.06 Treasury
-73
-161
-270
-10
-280
-497
-595
-595
3
-45
-45
-1
-45
-45
-45
-45
Totaal lasten 5.01 Overhead
-4.410 823
-5.417 -55
-5.304 36
-284 0
-5.588 36
-5.982 36
-6.265 36
-6.297 36
5.02 Algemene uitkering
15.634
18.221
16.085
2.007
18.092
19.435
20.394
19.812
5.03 Onroerendezaakbelastingen 5.04 Overige belastingen
2.348
3.066
3.099
156
3.255
3.356
3.455
3.455
16
105
105
1
106
107
108
108
5.05 Overige uitgaven en inkomsten 5.06 Treasury
303
216
31
0
31
31
31
31
154
97
97
0
97
97
97
97
Totaal baten
19.277
21.649
19.453
2.164
21.617
23.064
24.121
23.540
Saldo Toevoeging reserves
14.867 -646
16.232 -90
14.149 -27
1.880 27
16.029 0
17.082 0
17.856 0
17.243 0
Onttrekking reserves
812
405
7
0
72
7
7
72
Saldo reserves
166
315
-20
92
72
7
7
72
15.033
16.547
14.129
1.972
16.101
17.089
17.863
17.315
Saldo na mutaties reserves
75
76
Bedragen * € 1.000 Omschrijving 5.01
2023
2024
2025
2026
Overhead
Autonome ontwikkelingen -Ophogen Bijdrage Waterlands Archief
-7
-5
-13
-13
-Bijdrage regionale portefeuillehoudersoverleggen MRA/Zawa
12
0
0
0
Totaal
5
-5
-13
-13
55
55
55
55
-107
-107
-107
-107
-Actualisatie kapitaallasten 2023-2026
-6
-6
-6
17
-Actualisatie rentecomponent kapitaallasten 2023-2026
-12
-11
-10
-9
-Actualisatie kapitaallasten MIP 2023-2026
20
16
10
-45
Totaal
-49
-52
-58
-89
-Verwerken septembercirculaire (GDI)
5
5
5
5
-Bijdrage personeelslasten en organisatie
85
0
0
0
-Aanpassing inzet reserve kapitaallasten
80
-47
-56
9
-Uitwerking thuiswerk - en reiskosten vergoeding
-80
-80
-80
-80
Totaal
90
-121
-131
-66
0
532
491
338
-Verwerking resultaat meicirculaire
1.866
2.367
2.951
1.978
-Bruto effect septembercirculaire
141
188
174
718
2.007
3.087
3.616
3.035
-Indexering OZB
156
257
354
354
Totaal
156
257
354
354
-Ophogen budget straatreiniging
20
20
20
20
-Ophogen budget openbaar groen
44
44
44
44
-Verhoging budget sportvelden
5
5
5
5
-156
-257
-354
-354
Bestaand beleid -inboeken MJOP 2022-2025 (Meerjarenonderhoudsplan) -Uitvoering heroverweging management formatie
Nieuw beleid
5.02
Algemene uitkering
Effect circulaires -Extra ophoging meicirculaire jeugdhulp
Totaal 5.03
Onroerende-zaakbelastingen
Bestaand beleid
5.05
Overige uitgaven en inkomsten
Bestaand beleid
-Indexering OZB 77
-Actualisatie rentecomponent kapitaallasten 2023-2026
-1
-1
-1
-1
Totaal
-88
-188
-286
-286
-Inzet stelpost loon -en prijsstijgingen
80
80
80
80
Totaal
80
80
80
80
-Actualisatie rentecomponent kapitaallasten 2023-2026
-1
-1
-1
-1
Totaal
-1
-1
-1
-1
-Indexering
-228
-333
-436
-436
Totaal
1.972
2.724
3.126
2.578
Nieuw beleid
5.06
Treasury
Bestaand beleid
Indexering
5.01
Overhead
Autonome ontwikkelingen Ophogen Bijdrage Waterlands Archief Als gevolg van de begroting 2023 van het Waterlands Archief is de de bijdrage van de gemeente Landsmeer verhoogd. De structurele doorwerking is conform uw raadsbesluit van 9 juni 2022 in onze begroting opgenomen. Bijdrage regionale portefeuillehoudersoverleggen MRA/Zawa Binnen de deelregio wordt samengewerkt in regionale portefeuillehoudersoverleggen. Er zijn gezamenlijke projecten gepland, waarvoor een gezamenlijk budget benodigd is. Afgesproken is € 1,- per inwoner te reserveren, derhalve is hiervoor € 11.500 structureel opgenomen. Voor 2023 is er een dekking voor deze kosten uit de reserve IBP. Na 2023 is deze reserve leeg en dient het budget structureel verhoogd te worden. In de paragraaf financiën treft u voor 2023 de tegenboeking aan (de dekking voor 2023). Vanaf 2024 is er dus geen dekking meer en treft u dan ook geen dekking aan in de paragraaf financiën. Bestaand beleid inboeken MJOP 2022-2025 (Meerjarenonderhoudsplan) Op 17 februari 2022 heeft de raad het MJOP 2022-2025 vastgesteld en daarmee moet het voormalige (oude) MJOP uit de begroting gehaald worden en het nieuwe vastgestelde MJOP worden ingeboekt. Omdat de gemeentelijke objecten over de verschillende programma's zijn verdeeld, ziet u de financiële verwerking in het betreffende programma terug.
Door alle programma's heen betreft dit een budget neutrale boeking. Uitvoering heroverweging management formatie Bij het vaststellen van de begroting 2022 is er een bezuiniging doorgevoerd van 1 fte op management formatie. Dit betrof een structurele bezuiniging van 107K per jaar. Deze overhead kosten zijn verdeeld over verschillende programma's. Deze bezuiniging is na het vast stellen van de begroting 2022 als 1 post (107K) tegen geboekt. De boekhoudkundige verwerking hiervan, raakt meerdere programma's en vind u derhalve terug in deze begroting 2023, verdeeld over verschillende programma's. Actualisatie kapitaallasten 2023-2026 De actualisatie van de kapitaallasten 2023-2026 betreft de kapitaallasten volgend uit de tot nu toe geactiveerde investeringen. De actualisatie betreft investeringen die op alle programma's betrekking hebben. 78
Actualisatie rentecomponent kapitaallasten 2023-2026 De rente is verhoogd door de ECB waardoor het noodzakelijk is om de doorberekende rente te verhogen. De omslagrente is verhoogd van 0, 11 % naar 0.6 % Het gevolg is dat de kapitaallasten voor de bestaande investeringen meerjarig 2023-2026 geactualiseerd zijn binnen de diverse programma's van de begroting. Actualisatie kapitaallasten MIP 2023-2026 Actualisatie kapitaallasten MIP 2023-2026 Nieuw beleid Verwerken septembercirculaire (GDI) De financiering van de generieke digitale infrastructuur (GDI) wordt vanaf het begrotingsjaar 2023 centraal onder gebracht bij het ministerie van BZK. Een centrale financiering draagt bij aan de gewenste bredere deelname en een hoger gebruik van de GDI. De centrale financiering wordt gerealiseerd door de structurele bijdragen van departementen en medeoverheden. In de september circulaire is hier voor geld ter beschikking gesteld, in de paragraaf Financiën treft u de meerjarige bruto verwerking van de september circulaire aan, de verwerking hier van zijn opgenomen in de verschillende programma’s en worden in het programma uitgelegd. In het Sociaal Domein treft u verwerkingsposten aan : SVB-Asiel en IPS. In het Ruimtelijk Domein treft u verwerkingspost Wkb en in Financiën de verwerkingspost GDI.
Bijdrage personeelslasten en organisatie De organisatie levert voor het jaar 2023 een bijdrage aan de begroting. Deze bijdrage is niet structureel gezien de opgave die er is om de organisatie te structureren daarvoor te groot is. Aanpassing inzet reserve kapitaallasten Bij de begroting 2021 is een kapitaallasten limiet ingesteld van € 300.000. In de bijlage MIP (Meerjaren investeringsplan) wordt uitgelegd dat er een indexatie dient plaats te vinden op de investeringen. Voorgesteld wordt om de kapitaallasten limiet mee te laten bewegen met de ontwikkelingen op de markt (indexatie). Dit betekent dat de kapitaallasten limiet ook geïndexeerd wordt en daarmee vanaf 2023 € 350.000 wordt. Als gevolg hiervan wordt de reserve kapitaallasten aangepast. Verdere toelichting vindt u terug in de bijlage MIP. Uitwerking thuiswerk - en reiskosten vergoeding In de begroting 2022 is, vooruitlopend op de onderhandelingen van de CAO, getracht rekening te houden met de mogelijke thuiswerkvergoeding door middel van een hogere indexering op de loonsom toe te passen dan voorheen. Bij het vaststellen van de CAO begin 2022 is echter gebleken dat de initieel toegepaste hogere indexering niet voldoende was voor de indexering op de lonen, zoals ook uitgelegd in de paragraaf bedrijfsvoering (overige ontwikkelingen – indexering). Hierdoor is er voor 2022 e.v. geen dekking voor de thuiswerkvergoeding.
Daarbij is vanaf 1 augustus 2022, als gevolg van marktwerking en inflatie, een meer marktconforme reiskostenvergoeding van kracht. Deze financiële gevolgen worden derhalve in de 2e Berap duidelijk en moeten daarom bijgesteld worden. Voor 2022 betekent dit een ophoging van dit budget van 60K en vervolgens vanaf 2023 structureel 80K voor thuiswerkvergoeding en reiskostenvergoeding. 5.02
Algemene uitkering
Effect circulaires Extra ophoging meicirculaire jeugdhulp Het kabinet heeft besloten om de bijdragen met betrekking tot de jeugdhulp te verhogen naar het oude niveau.
79
Verwerking resultaat meicirculaire In de mei circulaire is er geld ter beschikking gesteld voor verschillende doeleinden. In het programma Integrale Veiligheid betreft dit structureel € 30K voor de extra inzet van BOA's. In het programma Sociaal Domein betreft dit € 5K structureel voor de brede impuls combinatiefunctionarissen/buurtsportcoaches, € 3K structureel voor inburgering leefbaarheidstoets, en voor 2024 (€ 37K) en 2025 (€ 39K) voor de Eigen bijdrage voor huishoudelijke hulp (coalitieakkoord Rijk). Deze bedragen zijn opgenomen in deze begroting in de beide programma's. Bruto effect septembercirculaire Deze post betreft de bruto verhoging van de algemene uitkering naar aanleiding van de septembercirculaire (de verhoging t.o.v. de mei circulaire). Deze post bevat dus niet de budgetclaims die gelegd worden naar aanleiding van de september circulaire. In de programma's Sociaal Domein (SVBAsiel-IPS), Ruimtelijk Domein (Wkb) en Financiën (GDI) treft u de verwerking op deze bruto verhoging aan. 5.03
Onroerende-zaakbelastingen
Bestaand beleid Indexering OZB Conform vastgesteld beleid in de begroting 2022 vindt er elk jaar een nacalculatie plaats op de indexering van de OZB. De uitleg over de systematiek van indexering vindt u terug in de paragraaf Bedrijfsvoering onder "overige ontwikkelingen". De financiële gevolgen van deze nacalculatie en indexering op de OZB, wordt in de stelpost loon- en prijsstijgingen gestort. In de paragraaf Financiën treft u de indexatie van de OZB aan, alsmede de storting in de stelpost loon- en prijsstijgingen. De omschrijving van de post is hetzelfde, maar de indexatie heeft een positief bedrag en de storting in stelpost (omschrijving is ook "indexering OZB") laat een negatief bedrag zien (de storting in de stelpost). 5.05
Overige uitgaven en inkomsten
Bestaand beleid Ophogen budget straatreiniging Door de stijging van algemene kosten (brandstof en salarissen) is de aanbesteding van straatreiniging hoger uitgevallen. Voor het lopende jaar, 2022, zijn deze kosten in de 1e Berap opgevangen door de stelpost loon- en prijsstijgingen. Voor de jaren 2023 e.v. dient het budget structureel te worden verhoogd, hiervoor wordt structureel de post loon- en prijsstijgingen ingezet om de stijging te kunnen opvangen. In het programma Financiën treft u onder de gelijke benaming (Ophogen budget straatreiniging) de dekking aan, welke wordt geput uit de stelpost loon- en prijsstijgingen. Ophogen budget openbaar groen Door de stijging van algemene kosten (Brandstof en salarissen) is de aanbesteding van onderhoud openbaar groen hoger uitgevallen. Voor het lopende jaar, 2022, zijn deze kosten in de 1e Berap opgevangen door de stelpost loon- en prijsstijgingen. Voor de jaren 2023 e.v. dient het budget structureel te worden verhoogd, hiervoor wordt structureel de post loon- en prijsstijgingen ingezet om de stijging te kunnen opvangen. In het programma Financiën treft u onder de gelijke benaming (Ophogen budget openbaar groen) de dekking aan, welke wordt geput uit de Stelpost loon- en prijsstijgingen. Verhoging budget sportvelden Er is een aanbesteding uitgevoerd voor het maaien van al het gras en de sportvelden.
Uit de aanbesteding is gebleken dat de kosten voor het maaien duurder is geworden en dit heeft een structureel negatief effect op de budgetten. Het maaien van de sportvelden is per jaar €5.000 hoger dan voorheen begroot, en daarmee dient het budget structureel te worden opgehoogd.
80
Indexering OZB Conform vastgesteld beleid in de begroting 2022 vindt er elk jaar een nacalculatie plaats op de indexering van de OZB. De uitleg over de systematiek van indexering vindt u terug in de paragraaf Bedrijfsvoering onder "overige ontwikkelingen". De financiële gevolgen van deze nacalculatie en indexering op de OZB, wordt in de stelpost loon- en prijsstijgingen gestort. In de paragraaf Financiën treft u de indexatie van de OZB aan, alsmede de storting in de stelpost loon- en prijsstijgingen. De omschrijving van de post is hetzelfde, maar de indexatie heeft een positief bedrag en de storting in stelpost (omschrijving is ook "indexering OZB") laat een negatief bedrag zien (de storting in de stelpost). Actualisatie rentecomponent kapitaallasten 2023-2026 De rente is verhoogd door de ECB waardoor het noodzakelijk is om de doorberekende rente te verhogen. De omslagrente is verhoogd van 0, 11 % naar 0.6 % Het gevolg is dat de kapitaallasten voor de bestaande investeringen meerjarig 2023-2026 geactualiseerd zijn binnen de diverse programma's van de begroting. Nieuw beleid Inzet stelpost loon -en prijsstijgingen De stelpost loon - en prijsstijgingen wordt met deze mutatie ingezet om de thuiswerk en reiskostenregeling te compenseren. 5.06
Treasury
Bestaand beleid Actualisatie rentecomponent kapitaallasten 2023-2026 De rente is verhoogd door de ECB waardoor het noodzakelijk is om de doorberekende rente te verhogen. De omslagrente is verhoogd van 0, 11 % naar 0.6 % Het gevolg is dat de kapitaallasten voor de bestaande investeringen meerjarig 2023-2026 geactualiseerd zijn binnen de diverse programma's van de begroting. Indexering De indexering betreft een gesaldeerd bedrag per jaar, zoals aangegeven in de samenvatting van deze begroting, dit betreffen lasten.
Beleidsindicatoren
81
Indicator Gemiddelde WOZ waarde
Eenheid
Periode
Duizend euro
Bron
Waarde
Benchmark
CBS - Statistiek 2021 Waarde Onroerende Zaken
Waarde
457
Nederland
290
0,2
Nederland
8,9
84,2
Nederland
70,3
De gemiddelde WOZ waarde van woningen Nieuw gebouwde woningen
Aantal per 1.000 woningen
2021
Basisregistratie adressen en gebouwen
Het aantal nieuw gebouwde woningen, per 1.000 woningen Demografische druk
%
2022
CBS - bevolkingsstatistiek
De som van het aantal personen van 0 tot 15 jaar en 65 jaar of ouder in verhouding tot de personen van 15 tot 65 jaar Gemeentelijke woonlasten eenpersoons huishouden
In Euro’s
2021
COELO
870
Nederland
733
Het gemiddelde totaalbedrag in euro's per jaar dat een éénpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten Gemeentelijke woonlasten meerpersoons huishouden
In Euro’s
2021
COELO
962
Nederland
Het gemiddelde totaalbedrag in euro's per jaar dat een meerpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten
82
810
Beleidsstukken
Bij het programma financiën behoren geen geldende beleidsstukken of verordeningen.
Verbonden partijen
Bij dit programma horen de volgende verbonden partijen: - Ombudsman metropoolregio - BNG Voor een uitgebreide toelichting op deze verbonden partijen, zie de paragraaf verbonden partijen.
83
Paragrafen
84
Lokale heffingen Algemeen
De paragraaf lokale heffingen heeft betrekking op zowel de heffingen waarvan de besteding is gebonden als waarvan de besteding ongebonden is. De belangrijkste heffingen van de gemeente zijn onroerende zaakbelastingen, afvalstoffenheffing en rioolheffing. De lokale heffingen, die gerekend worden tot de algemene dekkingsmiddelen (ongebonden heffingen), zijn de roerende en onroerende zaakbelastingen (OZB). Daarnaast zijn er heffingen die niet tot de algemene dekkingsmiddelen horen (gebonden heffingen). De belangrijkste daarvan zijn de afvalstoffenheffing en de rioolheffing.
Geraamde inkomsten
Onderstaand wordt een totaaloverzicht gegeven van de geraamde opbrengsten heffingen en leges in 2023 t/m 2026. Bedragen x €1.000 Totaal programma
2023
2024
2025
2026
Afvalstoffenheffing
1.960
2.032
2.106
2.106
Leges burgerzaken
152
152
152
152
Leges omgevingsvergunningen
183
189
196
196
Marktgelden
10
10
10
10
3.252
3.353
3.452
3.452
30
31
31
31
1.234
1.295
1.360
1.428
Roerende zaakbelasting
3
3
3
3
Toeristenbelasting
72
72
72
72
6.895
7.137
7.381
7.450
Onroerende zaakbelasting Precariobelasting Rioolheffing
Saldo baten
Kostendekkendheid
Uitgangspunten tarievenbeleid Het streven is om tot 100% kostendekkendheid voor alle leges en heffingen te komen. Dit met uitzondering van de lijkbezorgingsrechten en marktgelden, waarbij de raad heeft aangegeven niet te streven naar 100% kostendekkendheid. Het uitgangspunt voor de overige heffingen is dat deze trendmatig worden opgehoogd. Afvalstoffenheffing
Begroting 2023
Opbrengsten
2.019.140
Onttrekking voorziening
-
Uitgaven
1.429.923
Storting voorziening
100.000
Compensabele BTW
247.809
Toegerekende overhead
241.408
Dekkingspercentage
100% 85
Voor de afvalstoffenheffing hanteert de gemeente het uitgangspunt van 100% kostendekkendheid. De totale baten van de afvalstoffenheffing dekken de kosten inclusief de toegerekende kosten voor overhead en compensabele BTW. De overheadkosten worden toegerekend op basis van een percentage ( de totale lasten van de overhead te delen door de totale lasten van de begroting). De uitkomst hiervan is het percentage aan overheadkosten dat aan de directe kosten wordt toegerekend. Rioolheffing
Begroting 2023
Opbrengsten
1.233.537
Onttrekking voorziening
295.767
Uitgaven
1.276.427
Storting voorziening
-
Compensabele BTW
236.136
Toegerekende overhead
16.740
Dekkingspercentage
100%
Voor de rioolheffing hanteert de gemeente het uitgangspunt van 100% kostendekkendheid. De totale baten rioolrecht. De overheadkosten worden toegerekend op basis van een percentage ( de totale lasten van de overhead te delen door de totale lasten van de begroting). De uitkomst hiervan is het percentage aan overheadkosten dat aan de directe kosten wordt toegerekend. Lijkbezorgingsrechten
Begroting 2023
Opbrengsten
152.960
Onttrekking voorziening
-
Uitgaven
136.775
Storting voorziening
2.264
Toegerekende overhead
27.355
Dekkingspercentage
92%
De lijkbezorgingsrechten is één van de heffingen waarvan de raad aangeeft dat hier het principe van 100% kostendekkendheid niet gehanteerd wordt. De overheadkosten worden toegerekend aan de totale lasten van de overhead te delen door de totale lasten (exclusief overhead) van de begroting). De uitkomst hiervan is het percentage aan overheadkosten dat aan de directe kosten wordt toegerekend. Leges algemene dienstverlening
Begroting 2023
Opbrengsten
151.800
Uitgaven
425.055
Toegerekende overhead
81.823
Dekkingspercentage
30%
86
De lasten die in de begroting worden gepresenteerd onder taakveld 8.1 Ruimtelijke ordening en 8.3 Wonen en bouwen worden voor 99% toegerekend aan de leges dienstverlening vallend onder de fysieke leef-/ omgevingsvergunning. De dienstverlening heeft betrekking op de omgevingsvergunningen. De overheadkosten worden toegerekend door de totale lasten van de overhead te delen door de totale lasten (exclusief overhead) van de begroting. De uitkomst hiervan is het percentage aan overheadkosten dat aan de directe kosten wordt toegerekend. Begroting 2023
Dienstverlening vallend onder de fysieke leef/omgevingsvergunning Opbrengsten
242.375
Uitgaven
549.093
Toegerekende overhead
105.700
Dekkingspercentage
37%
De lasten die in de begroting worden gepresenteerd onder taakveld 8.1 Ruimtelijke ordening en 8.3 Wonen en bouwen worden toegerekend aan de leges dienstverlening vallend onder de fysieke leef-/ omgevingsvergunning. De dienstverlening heeft betrekking op de omgevingsvergunningen. De overheadkosten worden toegerekend door de totale lasten van de overhead te delen door de totale lasten (exclusief overhead) van de begroting. De uitkomst hiervan is het percentage aan overheadkosten dat aan de directe kosten wordt toegerekend.
Lokale lastendruk
De onroerende zaakbelasting behoort, tezamen met de afvalstoffenheffing en de rioolheffing tot de gemeentelijke woonlasten. Bij de berekening van de gemiddelde woonlasten is als uitgangspunt gehanteerd een woning met een WOZ-waarde van € 500.000,- en bewoond door een huishouden van 3 of meer personen. Het uitgangspunt bij de bepaling van de OZB is dat het huidige niveau van de OZB niet wordt verhoogd anders dan met de indexatie. Uitgangspunt bij de bepaling van de afvalstoffenheffing en de rioolheffing is dat deze 100% kostendekkend moeten zijn. Beide heffingen zijn doorgelicht en geactualiseerd qua beleid en kostendekkendheid. De bijstelling van de afvalstoffenheffing is het gevolg van duurdere aanbestedingen dan verwacht, maar blijft binnen de gestelde kaders . De verhoging van het afvaltarief is 5.1 % conform indexatie. De bijstelling van de rioolheffing is het gevolg van het noodgedwongen moeten actualiseren van het GRP. Financieel beleidsmatig en rekenkundig liepen de begroting en het vigerende GRP te sterk uiteen. De spaarmethode is tijdelijk stopgezet en de investeringsplanning is bijgesteld ten opzichte van het vigerende GRP. De stijging van de rioolheffing is 5.1 % eveneens conform indexatie.
87
Woonlasten per huishouden Omschrijving
2022
2023
Gemiddelde woningwaarde
500.000
500.000
OZB eigenaren
497,18
497,18
Afvalstoffenheffing
461,78
485,33
Rioolheffing
234,37
246,32
Totaal
1193,33
1228,83
Kwijtscheldingsbeleid
Voor mensen met de laagste inkomens bestaat de mogelijkheid van een gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van de afvalstoffenheffing. Dit is het geval als aan de voorwaarden voor kwijtschelding van de Invorderingswet is voldaan. Kwijtschelding
Begroting 2023
Gemeentelijke belastingen
57.750
88
Weerstandsvermogen Algemeen
Artikel 11 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) verplicht overheden tot een risicomanagementbeleid waarin de beschikbare en de benodigde weerstandscapaciteit een rol spelen. De beschikbare weerstandscapaciteit is het geheel van middelen en mogelijkheden om onvoorziene gebeurtenissen op te vangen. De belangrijkste bron voor beschikbare weerstandscapaciteit is de Algemene Reserve, en de ingestelde bestemmingsreserve Weerstandsvermogen. De benodigde weerstandscapaciteit wordt bepaald door het resterend risico. Dat is het risico waaraan de gemeente na het treffen van beheersmaatregelen nog is blootgesteld en dat redelijkerwijs niet in de programmabegrotingen kan worden opgevangen. Voor het resterend risico moet binnen de gemeentebegroting dekking aanwezig zijn. De hoogte van de dekking komt tot uiting in het weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen is de verhouding tussen: De beschikbare weerstandscapaciteit waarmee de financiële gevolgen van resterende risico’s op het jaarrekeningresultaat gedekt kunnen worden; De benodigde weerstandscapaciteit voor resterende risico’s waarvoor dekking niet meer redelijkerwijs binnen de programmabegroting is op te nemen. Op grond van het risicomanagementbeleid moet de Algemene Reserve en de bestemmingsreserve voldoende zijn om negatieve jaarrekeningresultaten als gevolg van resterende risico’s te dekken.
Risicoprofiel Om de risico's van Gemeente Landsmeer in kaart te brengen wordt bij de jaarrekening altijd een uitgebreide risico inventarisatie uitgevoerd en opgenomen in de jaarrekening. Omdat er dit jaar een aanzienlijke verhoging was door een bepaald risico, is er bij de jaarrekening 2021 een storting geweest in de weerstandsreserve. Omdat die claim is komen te vervallen, willen wij u wel alvast laten zien wat de invloed is hiervan, maar de financiële doorwerking hiervan (mogelijke overheveling van het surplus vanuit de weerstandsreserve naar de algemene reserve) vind plaats bij de jaarrekening 2022. In onderstaande overzichten vindt u de kansverdeling en de tien belangrijkste risico’s die de grootste bijdrage leveren aan de berekende benodigde weerstandscapaciteit. Dit om transparant alvast inzicht te geven in het effect van het wegvallen van de betreffende claim.
89
Risico
Kans
Financieel gevolg
Invloed
Lagere dan geraamde uitkering uit het gemeentefonds
50%
€ 200.000
22%
extra noodvoorzieningen door uitstel/afstel onderhoud en vervangingsinvesteringen kapitaalgoederen openbare ruimte
15%
€ 400.000
13%
Onverwachte (extra) overschrijding van budget voor inhuur, calamiteit of andere kortlopende taken die de gemeente krijgt
50%
€ 100.000
11%
Niet (volledig) realiseren van de geraamde grondopbrengsten voor het Breekproject
10%
€ 600.000
9%
extra kosten bodemsanering bij uitvoering gemeentelijke projecten en projecten derden (nutsvoorzieningen) of waar gemeente verantwoordelijk wordt gesteld
19%
€ 194.343
9%
Cybercriminaliteit; hacking en gijzeling
5%
€ 500.000
6%
Extra voorzieningen WMO (incidentele grote en dure voorzieningen)
25%
€ 100.000
6%
als gevolg van (extreme) weersomstandigheden meer dan geplande werkzaamheden in de openbare ruimte moeten uitvoeren
40%
€ 50.000
4%
hoger aantal personen jeugdhulpverlening (duurdere verblijfstrajecten) dan geraamd
10%
€ 150.000
3%
extra uitgaven vaststellingsovereenkomsten (VSO)
30%
€ 40.000
3%
90
De nodige weerstandscapaciteit wordt berekend op basis van een risicomodel . Met dit model maken we schattingen van de negatieve financiële gevolgen van risico’s. Met deze schattingen wordt bepaald welke weerstandscapaciteit nodig is om het resterend risico op te kunnen vangen, zonder daarbij 100% garantie na te streven. Na Corona waarvan de risico’s op dit moment beperkt zijn, komen nieuwe onzekerheden in de plaats. Uitvloeisel van de oorlog in de Oekraïne heeft naast effecten op de organisatie ook impact op de prijsontwikkelingen in de energie- en bouwsector. De aansprakelijkstelling richting de gemeente aangaande een bepaald festival is inmiddels komen te vervallen. Deze mogelijke claim had een grote invloed op de hoogte van de weerstandsvermogen. Bij de jaarrekening 2022 zal er een nieuwe sessie plaatsvinden om alle risico's die dan spelen goed en overdacht in kaart te brengen, hetgeen zal leiden tot een aanpassing van het benodigde weerstandsvermogen. Vanwege het feit dat de mogelijke claim van het festival, in de jaarrekening 2021 opgenomen in deze paragraaf, is komen te vervallen laten wij u in deze begroting 2023 wel alvast een aangepaste risicoparagraaf zien.
De financiële aanpassingen, mogelijk een verlaging van de weerstandsreserve (overboeken naar de algemene reserve), vind pas plaats bij de jaarrekening 2022, nadat er een uitgebreide risico inventarisatie heeft plaatsgevonden. Wij laten u nu alleen het verwachte risico zien, zonder daar een financiële consequentie op door te voeren. Voor de berekeningen van onze weerstandscapaciteit is dit ook niet van belang, nu een eventuele verlaging van de weerstandsreserve bij de jaarrekening 2022 zal voorzien in een overheveling van die gelden in de algemene reserve. Het zekerheidspercentage voor het te vormen weerstandsvermogen is 90%. Het bedrag dat hieraan bij is gekoppeld bedraagt € 455.791. Conform het instellingsbesluit bij Berap 1-2020 wordt dit vermenigvuldigd met de aanvangsgrens van de vastgestelde bandbreedte waaraan de weerstandsratio minimaal moet voldoen. Deze bandbreedte is 1,40 - 2,00. De aanvangswaarde is 1,40. De berekening wordt dan € 455.791 x 1,4 = € 624.107. Dit bedrag is met een waarschijnlijkheid van 90% voldoende om voor een periode van twee jaar de financiële gevolgen van het resterend risico te dragen. Daarbij is er een kans van 10% dat dit bedrag toch tekortschiet.
Zekerheidspercentage
Bedrag
10% 25% 50% 75% 80% 90% 95% 99%
€ 52.910 € 108.165 € 193.283 € 307.291 € 343.338 € 455.791 € 556.641 746.799
91
Statistieken Minimum Maximum Gemiddeld Standaarddeviatie Absolute maximum
Waarde €0 € 1.372.792 € 228.314 € 164.703 3.172.032
Weerstandscapaciteit
De mate waarin Landsmeer in staat is om deze risico’s op te vangen wordt de ‘beschikbare weerstandscapaciteit’ genoemd. De beschikbare weerstandscapaciteit is in het BBV omschreven als ‘de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken’. De belangrijkste component van de beschikbare weerstandscapaciteit is de Algemene Reserve. Wanneer de benodigde weerstandscapaciteit wordt gedeeld door de beschikbare weerstandscapaciteit wordt duidelijk wat de weerstandsratio is. De gemeenteraad heeft in 2019 bepaald dat er gestuurd moet worden op een weerstandsratio aan de bovenkant van de bandbreedte 1.4 - 2.0 met als kwalificatie ruim voldoende." Bij de jaarrekening 2021 is een onbenutte belastingcapaciteit berekend van € 1.210.994 en zijn de stille reserves getaxeerd op € 762.000. Op basis van de huidige definitie van de weerstandscapaciteit nemen we deze getallen mee in de berekening van de totale weerstandscapaciteit, omdat de huidige cijfers op het moment van dit schrijven nog niet bekend zijn. Echter hierbij dient duidelijk aangetekend te worden dat deze bedragen niet direct te verzilveren zijn op de korte termijn, zodat de mogelijkheid om weerstand te kunnen bieden aan plotselinge risico's beperkter is dan de uitkomst van de ratio doet vermoeden.
In de nieuwe nota Weerstandsvermogen zullen we terugkomen op dit thema, zodat de cijfers in het vervolg een meer gewogen oordeel geven over de weerstandscapaciteit.
Omschrijving
Bedrag
Algemene reserve per 1-1-2023
€ 1.188.000
Reserve weerstandvermogen
€ 1.225.600
Stelpost onvoorzien
€ 50.000
Stille reserves
€ 762.000
Onbenutte belasting capaciteit Totale weerstandscapaciteit
€ 1.210.994 € 4.436.594
Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, dient de relatie te worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico's en de daarbij gewenste weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De relatie tussen beide componenten wordt in onderstaande figuur weergegeven. Hierbij dient opgemerkt te worden dat punt 4. jaarresultaat alleen maar van 92
toepassing is in een jaarrekening en niet in een begroting. Derhalve is deze niet meegenomen in de berekening weerstandscapaciteit.
De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen.
Rekensom 4.436.594 Ratio weerstandsvermogen
=
624.107
=
Weerstandsnorm Waarderingscijfer
Ratio
Betekenis
A
> 2.0
uitstekend
B
1.4-2.0
ruim voldoende
C
1.0-1.4
voldoende
D
0.8-1.0
matig
E
0.6-0.8
onvoldoende
F
< 0.6
ruim onvoldoende
De ratio van de gemeente Landsmeer valt in klasse A. Het weerstandsvermogen is met een ratio van 7.11 daarom als “uitstekend” te kwalificeren. 93
7,11
Kengetallen
94
Kengetallen
Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2021
2022
2023
2024
2025
2026
Netto schuldquote
65%
59%
75%
72%
73%
74%
Netto schuldquote voor verstrekte leningen
65%
59%
75%
72%
73%
74%
Solvabiliteitsrisico
17%
12%
10%
10%
10%
11%
Structurele exploitatieruimte
-2%
-1%
3%
0%
-2%
0%
Grondexploitatie
5%
3%
3%
0%
0%
0%
Belastingcapaciteit
119%
124%
123%
120%
116%
114%
95
Kengetallen kunnen vooral in onderlinge samenhang informatie geven. Van belang is te kijken naar ontwikkelingen en trends over een langere periode, evenals naar het onderliggende risicoprofiel. Op basis van de cijfers bij de begroting 2023-2026 kunnen we concluderen dat de gemeente in deze begroting met uitzondering van de solvabiliteitsratio aan de gestelde normen voldoet. De netto schuldquote loopt in deze begrotingsperiode op van 75% in 2023 tot 74% in 2026 en blijft daarmee onder de VNG-norm van 100% (kwalificatie voldoende). Netto schuldquote De netto schuldquote wordt berekend door de netto schuld conform Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) te delen door het begrotingstotaal. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote weergegeven zonder en met correctie voor verstrekte leningen. In de VNG-uitgave Houdbare gemeentefinanciën wordt een schuld lager dan 100% van het begrotingstotaal als voldoende bestempeld en een schuld hoger dan 130% van het begrotingstotaal als onvoldoende. De netto schuldquote van de gemeente Landsmeer voor 2023 is met 75% volgens de VNG-norm voldoende.
Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio wordt berekend door het eigen vermogen te delen door het balanstotaal. De solvabiliteitsratio is een maatstaf voor kredietwaardigheid. De VNG-uitgave Houdbare gemeentefinanciën bestempelt een solvabiliteitsratio hoger dan 30% als voldoende en lager dan 20% als onvoldoende. De solvabiliteitsratio van de gemeente Landsmeer is voor 2023 met 10% volgens de VNGnorm onvoldoende. De daling bij de solvabiliteitsratio wordt veroorzaakt door het hoge jaarrekening resultaat 2021 waar een bedrag van € 1,3 miljoen voor het MJOP (voorziening onderhoud gemeentelijke gebouwen) in meegerekend was. Door het overboeken van dit bedrag naar de voorziening ontstaat een afname van het eigen vermogen, waardoor de solvabiliteit afgenomen is.
Structurele exploitatieruimte
De structurele exploitatieruimte is een maatstaf voor het verschil tussen structurele baten en lasten waarbij rekening gehouden moet worden met beperkingen en verruimingen van de exploitatie door toevoeging en onttrekking aan reserves. De maatstaf geeft aan welke ruimte de gemeente heeft om haar lasten te dragen. Het percentage geeft aan hoeveel de lasten nog kunnen stijgen dan wel de baten kunnen dalen, voordat de gemeente de lasten niet meer volledig kan dragen. Er is geen VNG- norm voor het niveau van dit kengetal, maar een negatief percentage geeft aan dat de begroting of jaarrekening niet sluit. De structurele exploitatieruimte is 3% positief.
Grondexploitatie
Dit percentage geeft informatie over de boekwaarde van Niet in exploitatie genomen gronden (NIEGG) en Bouwgronden in exploitatie (BIE) in verhouding tot de totale gemeentelijke baten. Er is geen VNGnorm voor de hoogte van deze ratio. In de regel geldt: hoe lager de ratio des te minder investeringen in grondexploitaties er hoeven te worden terugverdiend en daarmee hoe lager het financiële risico voor de gemeente. Omdat naar verwachting vanaf 2024 er geen grondexploitaties meer zijn is het kengetal hier "0" vanaf 2024 omdat geen investeringen hoeven worden terugverdiend.
96
Belastingcapaciteit (t.o.v. landelijk gemiddelde)
De belastingcapaciteit wordt bepaald aan de hand van de hoogte van de gemiddelde lasten per meerpersoonshuishouden voor OZB, rioolheffing en reinigingsheffing ten opzichte van het landelijk gemiddelde. De gemiddelde lasten per meerpersoonshuishouden in Landsmeer stijgen vanaf 2023 ten opzichte van begroting 2022 van € 1.122 naar € 1.157. De gemiddelde lasten per meerpersoonshuishouden in Nederland bedragen in 2022 € 904. De belastingcapaciteit geeft inzicht in de mate waarin bij het voordoen van een financiële tegenvaller in het volgende begrotingsjaar kan worden opgevangen of ruimte is voor nieuw beleid. Om deze ruimte weer te kunnen geven is een ijkpunt nodig. In dit geval landelijk gemiddelde tarieven.
97
Onderhoud kapitaalgoederen Algemeen Deze paragraaf beschrijft het onderhoudsniveau van onze kapitaalgoederen. Dit volgens artikel 9 en 12 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Ook geven we aan of er sprake van achterstallig onderhoud is. Kapitaalgoederen vormen het gezicht van de gemeente. Het zijn goederen die regelmatig onderhoud nodig hebben. Met onderhoud bedoelen we: uitvoeren van preventieve of correctieve maatregelen om een object binnen de levensduur in goede staat te houden of te brengen. Die goede staat is een vooraf vastgesteld kwaliteitsniveau. Bij de onderhoudskosten onderscheiden we:
Klein onderhoud (ook wel dagelijks onderhoud genoemd);
Groot onderhoud.
Bij klein onderhoud gaat het om nodige periodieke kosten om het object in goede staat te houden binnen een vooraf vastgesteld kwaliteitsniveau. Voorbeelden zijn reinigen van rioolstelsels en periodiek onderhoud aan elektrische installaties. Kosten van groot onderhoud ontstaan na een langere gebruiksperiode van een object. Ze zijn vaak ingrijpend en gaan om een groot of belangrijk deel van het object. Ten behoeve van het onderhoud en vervanging van de verschillende soorten kapitaalgoederen gelden onderstaande beleidsnota’s: Beleidsnota
Periode
Riolering Gem.rio.pl. 'Samen water ruimte geven" 2018-2023 Water/beschoeiingen Beheerplan oevers 2008-2018 Waterplan Landsmeer 2016-2026 Openbare verlichting Beleidsplan openbare verlichting 2020-2028 Groen Groenbeleidsplan Landsmeer 2021-2031 Kunstwerken Beheerplan bruggen 2014-2018 Gebouwen Onderhoudspl.gemeentelijke gebouwen 2016-2025 Speelruimteplan Speelbeheerplan Landsmeer 2017-2022 Wegen Beheerplan wegen 2018-2022
Vastgest. Actualis. 21-12-17 30-09-08 21-12-16 18-06-20 25-11-21 19-03-15 10-11-16 20-04-17 18-05-17
2023 2021 2026 2028 2031 2022 2020 2022 2021
Wegen, kunstwerken en openbare verlichting
We vinden het belangrijk dat de inwoners van de gemeente Landsmeer zich makkelijk kunnen Verplaatsen en dat de doorstroming goed is. Voor deze doelstelling is goed onderhoud cruciaal. Voor het beheer en onderhoud van het gemeentelijke wegennet is het beheerplan in 2017 geactualiseerd. Door 2-jaarlijks inspecties uit te voeren, is er actueel inzicht in de kwaliteit van het areaal. In 2023 wordt de reserve voor achterstallig onderhoud wegen uitgenut. In 2023 zal dan ook een nieuw beheerplan moeten worden vastgesteld. Op basis van de inspecties zal dan een nieuw plan voor het onderhoud worden opgesteld. In 2020 is het beleidsplan Openbare verlichting geactualiseerd en vastgesteld door de raad d.d.18 juni 2020. Het beleidsplan in combinatie met het beheerplan verschaft 98
inzicht in de maatregelen die worden uitgevoerd om de bestaande openbare verlichting in stand te houden en om voor toekomstige uitbreidingen en renovaties een leidraad (materiaalkeuze) voor inrichting en beheer beschikbaar te hebben. Doel is om binnen 2 jaar alle verlichting te vervangen voor led-verlichting.
Rioleringen
Eind 2017 is het “verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2018-2023” voor een beleidsperiode van 6 jaar vastgesteld. In dit plan is geanticipeerd op de gevolgen van de klimatologische veranderingen voor het rioleringsbeheer van de gemeente. Meer neerslag en zwaardere extreme buien moeten worden verwacht en de gemeente moet zich daarop voorbereiden. Dientengevolge wordt de inrichting van de openbare ruimte nadrukkelijker betrokken bij het rioleringsbeheer. De inrichting van de openbare ruimte wordt, waar nodig, aangepast om de gevolgen van de toenemende neerslag in de toekomst het hoofd te bieden. Dit plan is het eerste regionale GRP van de gemeente. Landsmeer is één van de zeven gemeenten die deelnemen binnen het convenant Samenwerking Waterketen Zaanstreek – Waterland met het HHNK. Dit langjarige samenwerkingsverband vloeit voort uit de verplichtingen en opgaven in het nationale Bestuursakkoord Water 2011. Het nieuwe GRP bevat, naast een regionale visie en strategie, ook gemeentelijke paragrafen, waarin de Landsmeerse opgaven in de riolering zijn beschreven met de financiële consequenties ervan. In het verbreed GRP 2018-2023 is beschreven wat rioolbeheer in de toekomst gaat betekenen voor Landsmeer en welke kosten te verwachten zijn bij de ambities die in het plan zijn vastgesteld. In het Meerjaren InvesteringsPlan (MIP) worden bedragen opgenomen om het GRP uit te voeren.