CConstaterende datlandsmeer
Koppel je AI →
Document · PDF

05 Bijlage 4 Voorlopige jaarstukken 2025 VrZW

Raadsvergadering 8 juni 2026, gemeente landsmeerBij agendapunt: Zienswijze jaarrekening 2025 en begroting 2027 Veiligheidsregio Zaanstreek Waterland18.968 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

33

Hiermee is een belangrijke basis gelegd voor rechtmatige en transparante informatiehuishouding. De Archiefinspectie heeft de verbeteringen bevestigd. Duurzaamheid VrZW heeft zich voor het derde opeenvolgende jaar gecertificeerd voor de CO2-prestatieladder. Het programma Duurzaamheid is geborgd in de lijn. Het specifieke projectbudget is geschrapt. VrZW blijft de methodiek van de CO2-prestatieladder hanteren maar laat zich niet meer certificeren. Bij aanbestedingen besteden leveranciers specifiek aandacht aan de eisen die we stellen aan duurzaamheid. Bij de verbouwing worden verschillende materialen circulair verwerkt. Landelijke samenwerking Vanuit de vakraad Bedrijfsvoering wordt gewerkt aan het versterken van landelijke samenwerking tussen : inkoop, werkgeverschap, informatieveiligheid en communicatie. van de RCDV, heeft de vakraad Bedrijfsvoering met betrokkenheid van de themagroep P&O, deze opdracht aangenomen. Dit meerjarenprogramma is gestart om te anticiperen op ontwikkelingen in de arbeidsmarkt (krapte, vergrijzing) en in de samenleving. Het programma omvat onder andere de thema's Leiderschap, Diversiteit & Inclusie, Aantrekkelijk werkgeversmerk, Duurzame Inzetbaarheid en Moderne Arbeidsvoorwaarden. In 2025 is de landelijke regeling op 1 februari 2026 van kracht zal worden.

Arbeidsmarkt en behoud Door onze recruiter en gerichte arbeidsmarktcommunicatie is het nog steeds gelukt om nieuwe medewerkers aan ons te binden. Bij specialistische functies zoals bij voorbeeld medewerker opleiden en oefenen merken we de krapte op de arbeidsmarkt. Deze zal de komende jaren verder toenemen waardoor onze strategische personeelsplanning steeds belangrijker wordt. Deze helpt ons om gericht te investeren in de ontwikkeling en mobiliteit van de zittende medewerkers. We bieden kansen om intern door te stromen naar een andere functie en medewerkers kunnen deelnemen aan projecten in de eigen regio of daarbuiten. Ook zijn we trots op het door ons bereikte resultaat met de 24-uurs dienst in Zaandam die op 31 maart 2025 van start is gegaan. Hiervoor is een grote groep nieuwe collega s aangetrokken en opgeleid. Per dezelfde datum is na een succesvolle pilot in Purmerend een nieuwe leidinggevendenlaag toegevoegd. Elke 24-uursploeg wordt aangestuurd door een ploegchef, die zowel operationeel leidinggevende als bevelvoerder is. Hierdoor worden verantwoordelijkheden en bevoegdheden lager in de organisatie belegd. Er zijn via interne werving 8 ploegchefs aangesteld, deels mannen en deels vrouwen. Hiermee hebben we weer een stap gezet in het vergroten van het aantal vrouwen in leidinggevende posities bij de brandweer.

Versterken van zichtbaarheid, weerbaarheid en verbinding In 2025 heeft team Communicatie ingezet op het versterken van de verbinding met inwoners, partners en medewerkers. Tijdens de brandpreventieweken organiseerden we de campagne en publieksactie Test je fietsaccu, in Poelenburg met bewoners van hoog risico woongebouwen om hun zorgen op te halen en samen met gebouwbeheerders brandveilig gedrag te stimuleren. We ontwikkelden een regionale on- en offlinecampagne binnen de landelijke Denk Vooruit-campagne. Het doel hiervan was inwoners duidelijkheid te geven over de rol van de veiligheidsregio tijdens incidenten en hun weerbaarheid te versterken. 34

We voerden een brede interne en externe communicatiestrategie uit rondom de financiële uitdagingen van de organisatie. Daarnaast namen we medewerkers visueel mee in de verbouwing van het pand aan het Prins Bernhardplein, samen met de GGD-ZW, om betrokkenheid te vergroten. Extern maakten we inzichtelijk wat de mogelijke gevolgen zijn als een organisatie als de onze niet langer alle taken kan uitvoeren, en we lieten op een positieve manier zien hoe belangrijk deze werkzaamheden zijn voor de veiligheid in de regio. Prestatie-indicatoren KPI

Norm

2025

2024

2023

Toelichting

Ziekteverzuimpercentage

<*

4,4%

4,1%

4,34%

Norm: lager dan landelijk gemiddelde gemeenten (2025: %)*

Ziekteverzuim-frequentie

< **

0,36

0,66

0,7

Aantal malen dat een medewerker per jaar ziek is. Norm: lager dan landelijk gemiddelde gemeenten in (2025 .)*

Accountantsverklaring

Goedgekeurd

Norm: goedkeurende verklaring

* De personeelsmonitor gemeenten komt meestal uit rond mei. In 2024 bedroeg het landelijk gemiddelde gemeenten 6,7%. ** De personeelsmonitor gemeenten komt meestal uit rond mei. In 2024 was het landelijk gemiddelde gemeenten 0,96.

Toelichting Het gemiddelde ziekteverzuim 2025 is 4,4% en daarmee licht gestegen ten opzichte van 2024. De meldingsfrequentie is gedaald naar 0,36. Deze cijfers zijn in vergelijking met andere sectoren op een keurig niveau. Om dit zo te houden werken we aan preventie en duurzame inzetbaarheid.

35

4.1.3 Wat heeft het gekost? Organisatie (Overhead)

Begroting primair

Begroting na Rekening wijziging

Saldo

2025

Lasten

10.913

11.329

10.888

-441

Baten Totaal saldo van baten en lasten

-596 10.317

-611 10.718

-781 10.107

-170 -611

Toelichting op verschillen product 'Organisatie (Overhead)' Lasten

V/N

Salarislasten en inhuur derden

-318

V

Overige personeelskosten

-10

V

Inhuur vaste aanneemsom Samen Sterker/Project Duurzaamheid

-406

V

NS Businesscard

20

N

Opleiding organisatie breed

-53

V

Software afdeling bedrijfsvoering

180

N

Contributie NIPV

20

N

Overig Totaal lasten

127 -440

N V

Baten

V/N

Uitkering verzekeringsmaatschappij niet begroot

-20

V

Uitkering UWV niet begroot

-53

V

Hogere opbrengst detachering

-62

V

Bijdrage gemeente Zaanstad huur etage PBP niet begroot

-20

V

Hogere opbrengst Brandweerschool Noord Holland Totaal baten

-16 -171

V V

Saldo

-611

V

Toelichting lasten De vacatureruimte wordt hier zichtbaar vooral door de in 2025 niet ingevulde vacatures in aanloop naar de vacaturestop in 2026. Daarnaast leidt instroom van jongere medewerkers tot lagere inschaling. De kosten van inhuur derden voor de uitvoering van de verbouwing zijn geactiveerd in plaats van direct in de exploitatie genomen. Voor project duurzaamheid heeft geen specifieke inhuur meer plaatsgehad. De hogere kosten van software zijn bestuurlijk geagendeerd.

Toelichting baten Uitkeringen verzekeringsmaatschappij: bij een ongeval tijdens een inzet/oefening betaalt VrZW een vergoeding vanwege gederfde inkomsten in de herstelperiode. Tegenover deze aanvullende kosten staat ook een ontvangen uitkering van de verzekeringsmaatschappij. Door verschil in declaratieperioden lopen vergoeding en ontvangen uitkering niet altijd gelijk op.

36

37

5. Overzicht algemene dekkingsmiddelen Algemene dekkingsmiddelen Lasten Baten Totaal saldo van baten en lasten

Begroting

Begroting na

Rekening

primair

wijziging

2025

Saldo

115

110

149

39

-41.827 -41.712

-41.827 -41.715

-41.952 -41.802

-125 -87

Toelichting op verschillen programma "Algemene dekkingsmiddelen" Lasten Toerekening rente Totaal lasten

V/N 39 39

Baten

N N V/N

Rente schatkistbankieren

-29

V

BDUR Totaal baten

-96 -125

V V

Saldo

-87

V

Toelichting lasten Toerekening Rente In 2025 is er meer rente ontvangen dan begroot door een hogere rentevergoeding op het Treasury resultaat niet.

Toelichting baten Rente schakistbankieren: Zie toelichting bij lasten. De indexering op de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding en Crisisbeheersing (BDuR) is hoger dan geraamd.

38

6. Mutaties reserves Mutatie reserves

Begroting primair

Toevoegingen reserves Onttrekkingen reserves Totaal saldo van baten en lasten

Begroting na wijziging 0 0 0

0 -395 -395

Rekening 2025 0 -12 -12

Toelichting op verschillen "Mutatie reserves" Toevoegingen reserves

Saldo 0 383 383

0 0

V/N N N

Onttrekkingen reserves Onttrekking reserve aanpassing huisvesting hybride werken Totaal

-12 -12

V/N V V

Saldo

-12

V

Totaal

Toelichting Er heeft een onttrekking uit de reserve aanpassing Huisvesting/ Hybride Werken plaatsgehad. De aanloopkosten van het project Samen Sterker worden uit deze reserve gedekt. De niet in de door het bestuur vastgestelde business case opgenomen lasten, gaan direct ten laste van de exploitatie. Na afronding van de verbouwing maken we de balans op. Via een besluit van het Algemeen Bestuur wordt vastgesteld welk bedrag ten laste van de reserve Huisvesting/ Hybride Werken moet komen.

39

7. Heffing vennootschapsbelasting Toelichting Op basis van de resultaten en aanvullende analyse heeft Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland over de belastingjaren tot en met 2024 geen aangifte vennootschapsbelasting ingediend. Over deze jaren is hierdoor dus geen vennootschapsbelasting betaald. In samenwerking met een (externe) belastingadviseur is wel dossiervorming voor een (mogelijke) controle opgesteld. Voor het jaar 2025 is de verwachting dat ook geen aangifte vennootschapsbelasting hoeft te worden gedaan. In deze jaarrekening is derhalve geen rekening gehouden met aanvullende lasten. In samenwerking met de belastingadviseur wordt ook voor dit jaar een fiscaal dossier opgesteld.

40

41

8. Verplichte paragrafen 8.1 Paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing Aanleiding en achtergrond

Het beleid van VrZW is vastgelegd in de Nota weerstandsvermogen en risicobeheersing VrZW (vastgesteld op 18 december 2013). Op 20 oktober 2017 is het beleid geactualiseerd. Het Algemeen Bestuur heeft besloten dat het weerstandsvermogen in voldoende mate toereikend moet zijn voor het afdekken van . Risicoprofiel

n dermate kleine impact dat ze in deze paragraaf niet zijn opgenomen. Risico

Maatregelen

Opgave: Samenwonen met de GGD. Voor de gezamenlijke huisvesting van VrZW en GGD-ZW wordt een pand van VrZW op Prins Bernhardplein in Zaandam verbouwd. De verbouwingskosten kunnen hoger uitvallen dan oorspronkelijk begroot en er kan vertraging ontstaan in de oplevering.

In 2025 is het ontwerp van de architect vastgesteld. Dit ontwerp leidt niet tot hogere kosten. Op basis van het ontwerp zijn een aannemer en een installateur aangetrokken. Deze partijen committeren zich aan het budgettair kader. De verbouwing is in 2025 gestart. In de raming is rekening gehouden met mogelijk onvoorziene kosten. Er is 15% hiervoor geraamd. Een overschrijding van de advieskosten voor het totale project wordt niet verwacht. Voor de verbouwing van de brandweerpost t.b.v. 24 uurs dienst is een krediet van 3,5 mln. toegekend. In de raming is geen rekening gehouden met onvoorziene kosten omdat daarin is voorzien in de verbouwing van de locatie voor samenwonen met de GGD. De aannemer en de installateur committeren zich aan het budgettair kader. De inrichting van de verblijfsruimten zal voor een deel uit reguliere budgetten voor meubilair worden gerealiseerd. In het Veiligheidsberaad vindt discussie plaats over een rijksbijdrage voor de verplichte wijziging van het brandweerstelsel. Een onverhoopt lager aanvullende structurele bijdrage van het rijk noopt tot bijstelling van de plannen. Het is ongewenst c.q. niet realistisch de inschatting staat op 50%. Actief - Gerichte werving van specifieke kwaliteit. Eventueel externe inhuur.

Opgave: Toekomstbestendige Brandweerzorg. De verbouwing t.b.v. de huisvesting van de 24 uursdienst op Prins Bernhardplein in Zaandam kan hoger uitvallen dan oorspronkelijk begroot.

Opgave: Toekomstbestendige Brandweerzorg. Het komen te vervallen van een 1 mln. (verplichte bouwsteen) in het kader de verplichte wijziging van het brandweerstelsel.

Opgave: Toekomstgerichte Crisisbeheersing. Aantrekken van gekwalificeerd personeel voor crisisbeheersing is

Maximaal financieel gevolg

42

500.000

niet eenvoudig want alle vijver. Opgave Samenwerkingen. Verhogen van de doeltreffendheid en de doelmatigheid door samenwerking te intensiveren met omon-ZW, v andere partners. VrZW is afhankelijk van de medewerking van partners.

Onvoorziene uitgaven door uitval kritische systemen na cyberincident (uitrukalarmering, mobiele systemen auto's, eigen administratiesystemen)

Noodstroom In het kader van bedrijfscontinuïteit van de veiligheidsregio en GGD is een noodstroomfaciliteit noodzakelijk. Daarnaast is het in het kader van de opdracht tot versterking van de maatschappelijke weerbaarheid noodzakelijk de beschikking te hebben over noodstroomfaciliteiten bij brandweerposten in onze regio. Meer langdurige grootschalige inzet dan waarmee bij het opstellen van de begroting rekening is gehouden. Denk aan duur en complexiteit van de crisis en aan de omstandigheden waaronder de crisis bestreden moet worden. De kosten van investeringen/inkoop stijgen harder dan de reguliere inflatie. Aan het brandweermaterieel worden in het kader van arbeidsveiligheid steeds hogere eisen gesteld. De technologie drijft de prijzen op. Toegekende indexatie van bijdrage van gemeenten is onvoldoende om hogere kosten (dan voorzien) in begroting en meerjarige investeringsraming op te vangen. De indexerings-systematiek gaat uit van CBS-cijfers. De feitelijke loonen prijsontwikkeling week daar in de afgelopen jaren van af. Onvoorziene acute uitgaven om paraatheid op peil te houden door uitval van materieel als gevolg van

De Algemeen Besturen nemen in 2026 een besluit over de samenwerking tussen GGD-ZW en VrZW. Op landelijk en regionaal niveau wordt gewerkt aan kaders voor de samenwerking tussen Het streven is dat de samenwerkingen ruimte in het budgettair kader opleveren waardoor de bijdragen van gemeenten naar beneden kan worden vastgesteld. Actief - 24 uur monitoring en incidentresponse van ICT-togehouden. Bewustwording van cyberveiligheid van de organisatie door o.a. bijeenkomsten, nep phishing-mails en informatie. Regelmatige controle pentesten, Actief - Cyberverzekering, (netto van 500k naar 150k eigen risico), Actief - Back-up afspraken, bijvoorbeeld met andere regio's, Actief - Kritische systemen zijn minimaal dubbel uitgevoerd Op locatie Prins Bernhardplein moet de stroomvoorziening zijn gegarandeerd. Het nieuwe noodstroomaggregaat dient de gehele installatie gedurende 48-uur te voeden bij 100% belasting. Tevens dient er een voorziening te worden gemaakt voor het extern kunnen inkoppelen van een huuraggregaat. Het huidige noodstroom aggregaat op PBP wordt verplaatst naar de Industrieweg in Wormerveer. In die locatie moeten bouwkundige aanpassingen plaatsvinden om noodstroom op de juiste wijze toe te passen. Actief - Tegen dit risico en de gevolgen daarvan zijn geen maatregelen te treffen door VrZW. De aanvullende rijksbijdrage moet de crisisbeheersing robuuster maken.

De Wet op veiligheidsregio voorziet in een aanvullende vergoeding van buitensporige kosten in geval van zeer grote ramp en/of crisis in een regio. Actief - Investeringsraming 2027 e.v. is geactualiseerd op nieuw prijsniveau.

250.000

550.000

Deze ontwikkeling is bij Algemeen Bestuur onder de aandacht gebracht.

500.000

De levering van materieel is na de coronaperiode op niveau want sluit aan op de planning.

250.000

43

schade en/of leveringsproblemen in de aanvoerketen van materieel en (indirecte) gevolgen voor de organisatie Onvoorziene claims door nieuwe beroepsziekten (denk aan PTSS en blootstelling aan PFAS) en niet gedekte aanspraken uit dienstongevallen.

VrZW slaagt er gelukkig in gekwalificeerde medewerkers (vrijwilligers = beroepsmedewerkers) aan te trekken. In de huidige arbeidsmarkt blijft dit wel een aandachtspunt. Als het personeel er niet is, komt de operationele taakuitvoering in gevaar. Wet Normalisatie rechtspositie Ambtenaren (WNrA) wordt naar verwachting niet van toepassing op

Op landelijk is een PTSS regeling afgesproken. Een belangrijk onderdeel van de regeling zijn preventieve maatregelen om PTSS te voorkomen. In de regeling is een bepaling opgenomen dat ook erkende PTSS-gevallen met terugwerkende kracht rechten kunnen ontlenen aan de regeling. Het ministerie van Justitie en Veiligheid draagt bij aan de collectieve kosten voor uitvoering van de regeling. Er bestaat een (financieel) risico voor toepassing van de regeling met terugwerkende kracht. In voorbereiding - Voldoende aantrekkelijk blijven als werkgever (modern werkgeverschap). Arbeidsmarktstrategie. Actief - Diversificatie vrijwilligers

500.000

Actief bestemmingsreserve. Bijdrage van het rijk (bouwsteen 1)

250.000

250.000

vraagstuk op het gebied van Europese wetgeving in relatie tot het kazerneren en consigneren van brandweervrijwilligers.

Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit: alle financiële middelen die je zou kunnen inzetten bij tegenvallers (bijv. algemene reserve, vrij besteedbare bestemmingsreserves, onbenutte belastingcapaciteit) is 0.33 De weerstandscapaciteit is dan 0.64 Kengetallen financiële positie De volgende kengetallen zijn van toepassing: Ratio Netto Schuldquote

Ultimo 2022 35,60%

Ultimo 2023 34,80%

Ultimo 2024 31,34%

Ultimo 2025 46,04%

35,60% 6,29% 0,05%

34,80% 7,52% -0,32%

34,34% 3,96% 0,33%

46,04% 2,76% 0,01%

Netto Schuldquote (gecorrigeerd voor alle leningen) Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

Netto schuldquote Het kengetal netto schuldquote, ook bekend als de netto-schuld als aandeel van de inkomsten, zegt het meest over de financiële vermogenspositie van de gemeenschappelijke regeling. De netto schuldquote geeft aan of de gemeenschappelijke regeling investeringsruimte heeft of juist op zijn tellen moet passen. Daarnaast geeft het kengetal inzicht in de flexibiliteit van de begroting. Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de 44

gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. In de uitgave 'Houdbare Gemeente financiën' van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is aangegeven dat wanneer de schuld lager is dan de jaaromzet (100%) dit als voldoende kan worden bestempeld. Voor veiligheidsregio's wordt 80% als norm aangehouden. VrZW blijft ruim onder de norm. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft de mate aan waarmee de bezittingen zijn betaald met eigen middelen. Hoe hoger de verhouding eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen, hoe financieel gezonder de gemeenschappelijke regeling. Bij VrZW daalt de solvabiliteit. VrZW is wel in staat aan haar kortlopende en langlopende schulden te voldoen. Structurele exploitatie ruimte Voor de beoordeling van de financiële positie is het van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. Structurele baten zijn voornamelijk de gemeentelijke bijdragen en de rijksbijdrage BDuR. Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Bij VrZW is de structurele exploitatieruimte klein en dat komt omdat structurele baten niet meegroeien met de ontwikkeling van de structurele lasten.

Daarnaast verlaagt de rijksoverheid de rijksbijdrage.

8.2 Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen VrZW heeft geen voorziening gevormd voor het eventuele (achterstallige) onderhoud aan kapitaalgoederen om de volgende redenen: Gebouwen De 23 panden waarin onze veiligheidsregio gehuisvest is, zijn in 2024 in eigendom van de gemeenten. Voor het meerjarig groot onderhoud blijven de gemeenten zelf verantwoordelijk. Hiervoor zijn door VrZW geen voorzieningen gevormd. De werkwijze ten aanzien van huisvesting is opgenomen in de paragraaf bedrijfsvoering. Voertuigen en brandweer specifiek materieel Gezien de hoge mate van aandacht voor de voertuigen en materieel, omdat de brandweer en GHOR moeten voldoen aan de hoogste standaarden qua snelheid en kwaliteit van optreden, is het niet noodzakelijk om een voorziening voor (cyclisch groot) onderhoud op te nemen. Genoemde hoge eisen zorgen ervoor dat het noodzakelijk onderhoud adequaat en tijdig plaatsvindt.

45

8.3 Paragraaf Financiering Financiering VrZW heeft de investeringsuitgaven van 2025 voor een deel uit de lopende rekening-courant kunnen financieren. In 2025 9 miljoen met een looptijd van 15 jaar aangetrokken. Een hoger investeringsvolume en de verbouwing van Prins Bernhardplein maakt het aantrekken van langlopende leningen noodzakelijk. Ultimo 2025 kent VrZW de volgende langlopende geldleningen: Mutaties vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer - BNG 40.113444 (13-12-2019) - BNG 40.115797 (3-10-2022) - BNG 40.116792 (15-11-2023) - BNG 40.117729 (1-12-2024) -BNG 40.118484 (10-12-2025) Totaal

Rentepercentage 0,380% 2,810% 3,528% 2,895% 3,370%

Saldo 1-1-2025

Vermeerderingen

3.536.987 3.615.893 3.485.372 2.500.000 0 13.138.252

Aflossing 2025

0 0 0 0 9.000.000 9.000.000

Saldo 31-12-2025

347.684 228.538 196.377 135.247 0 907.846

3.189.303 3.387.355 3.288.995 2.364.753 9.000.000 21.230.406

Kasgeldlimiet VrZW heeft voor de financiering van het werkkapitaal een rekening-courantfaciliteit geopend bij de BNG. Voor gemeenschappelijke regelingen geldt de wettelijke kasgeldlimiet voor 2025 van 8,2% van de totale begroting (Uitvoeringsregeling Financiering decentrale overheden art 2, lid 1d). Dit komt neer op een bedrag van 3.385.780 per 1 januari 2025. De gemiddelde netto-vlottende schuld van VrZW per kwartaaleinde is in 2025 geen enkele keer boven de wettelijke limiet uitgekomen. Renterisiconorm De huidige activa heeft VrZW gefinancierd met langlopende leningen. De renterisiconorm voor VrZW bedroeg voor 2025 8.258.000. In 2025 waren er geen leningen waarvan de rente kon worden herzien. Hiermee heeft VrZW voldaan aan de renterisiconorm. Schatkistbankieren VrZW heeft het gehele jaar voldaan aan de in de Wet schatkistbankieren opgenomen eisen. De volgende kwartaalgemiddelden zijn over 2025 van toepassing: Kwartaal 1 Op dag basis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Drempelbedrag Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag

213 1.000 787 n.v.t.

46

Kwartaal 2 210 1.000 790 n.v.t.

Kwartaal 3 224 1.000 776 n.v.t.

Kwartaal 4 240 1.000 760 n.v.t.

Het renteschema 2025 ziet er als volgt uit:

a1. De externe rentelasten b. De externe rentebaten Saldo rentelasten en rentebaten

343.234 -148.965 194.269

c.1 Rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend c.2 Rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend c.3 De rentebaat van door verstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (=projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend Subtotaal Saldo door te rekenen externe rente

f.

0

n.v.t. 0 194.269

d1. Rente over eigen vermogen d2. Rente over voorzieningen Subtotaal

e.

n.v.t.

0 0 0

De aan taakvelden (programma's inclusief overzicht Overhead) toe te rekenen rente

194.269

De werkelijk aan taakvelden (programma's inclusief overzicht Overhead) toegerekende rente (renteomslag) Renteresultaat op het taakveld Treasury

194.269 0

8.4 Paragraaf Bedrijfsvoering In deze jaarverantwoording geeft de directeur voor het jaar 2025 een ln Control Statement (lCS) af. Met een ICS geeft de directeur antwoord op de vraag in hoeverre het management voldoende grip heeft op de processen die leiden tot het realiseren van (strategische) doelstellingen. De directeur is van mening dat de organisatie in voldoende mate in control is. De ICS-tekst is tot stand gekomen door het gebruik van een speciaal voor de politie ontwikkelde methodiek maar is in onze ogen ook bruikbaar voor de veiligheidsregio. Het referentiemodel kent zes aspecten: strategie, procesbeheersing, normbeheersing, rapportagebeheersing, risicomanagement en cultuur. De verklaring is een kwalitatieve weergave van de mate van beheersing.

47

De gewenste ontwikkeling op de afzonderlijke aspecten laat zich op hoofdlijnen en in kwalitatieve termen als volgt schetsen: Strategievorming: In 2024 is het beleidsplan voor 2025-2028 opgesteld. In 2025 heeft concretisering van de plannen plaatsgevonden. Steeds meer vindt op landelijk niveau afstemming plaats over de wijze waarop Dat leidt er toe dat er een gemeenschappelijke beeld ontstaat van Zo werken de veiligheidsregio s samen aan een visie over de gevolgen van klimaatverandering, aan een veilig verloop van de energietransitie met nieuwe technologieën en met partners aan structurele bestuurlijke afstemming over digitale ontwrichting ter versterking van de informatiepositie. Procesbeheersing Het merendeel van de operationele werkprocessen is vormgegeven aan de hand van professionele standaards en protocollen. De borging van de vakbekwaamheid richt zich daarop. De inspectiedienst toetst de uitvoering. Voor de processen in de bedrijfsvoering versterkt standaardisering en digitalisering van processen de interne beheersing. Normbeheersing Voor operationele processen gelden de extern opgelegde normen en daarover wordt verantwoording richting de toezichthouders afgelegd. De kwaliteit van de uitvoering is niet altijd in normen te vatten. De VrZW brengt bij in- en externe evaluaties de kwalitatieve leerpunten in beeld en stimuleert daarmee de doorontwikkeling van de organisatie.

In de bedrijfsvoering zijn externe normen vertaald naar interne spelregels en richtlijnen. Jaarlijks wordt een interne audit naar informatieveiligheid uitgevoerd. Er is geen fraude door eigen medewerkers geconstateerd. Aan het begin van 2024 is een scan naar frauderisico uitgevoerd. In 2025 is naar aanleiding daarvan het integriteitsbeleid aangescherpt. Rapportagebeheersing VrZW wil een informatie gestuurde organisatie zijn en ontwikkelt in samenspraak met andere veiligheidsregio's stuurinstrumenten. In 2025 is een extern ingehuurde CIO (Chief Information Officer) gestart. Deze functionaris werkt plannen uit voor het versterken van de informatievoorziening en het vergroten van de informatieveiligheid. De P&C cyclus is ontwikkeld, geïmplementeerd en wordt nageleefd. De P&C cyclus wordt -naast financiële verantwoording- in toenemende mate ook ingezet voor de beleidsinhoudelijke verantwoording. Risicomanagement 48

Het kader voor risicomanagement ligt vast. Het risicobewustzijn in de organisatie is groot. In de bedrijfsvoering komt informatieveiligheid als belangrijkste risico naar boven. Daar zijn grote stappen gezet maar VrZW voldoet nog niet volledig aan het basisniveau voor informatiebeveiliging in de Nederlandse overheid. Cultuur Cultuur die in lijn is met de kernwaarden van de organisatie wordt zichtbaar in de vorm van gedrag. Via het is in 2025 gestuurd op gewenst gedrag. Er vinden interventies plaats op ongewenst gedrag. Begrotingsrechtmatigheid: over- en onderschrijding op vastgestelde begroting In onderstaand overzicht is de beoordeling van de rechtmatig van over- en onderschrijdingen van de begroting opgenomen. Thema

Baten

Lasten

Crisisbeheersing

-8

-545

Geneeskundige hulpverlening

-31

-97

Totaal Programma

-39

-642

Brandweerzorg

-592

982

Brandweerposten

391

-480

Beheer gemeenschappelijke meldkamer

209

-257

5

36

Risicobeheersing

Beoordeling rechtmatigheid per programma Pas op de plaats in uitvoering Toekomstgerichte Crisisbeheersing en dat vertaalt zich in gefaseerde invulling van vacatures. Opbrengst uit detachering hoger dan geraamd. Minder inhuur.

Argumentatie acceptabele onder- en overschrijding

Met hogere opbrengsten (verkoop voertuigen + doorbelasting kosten digitale verkenning) zijn hogere uitgaven (kosten voertuigen en materialen uitrukdienst) gefinancierd. Hogere personeelskosten dan geraamd want bijstelling budgettair kader voor Toekomstbestendige Brandweerzorg is niet volledig gerealiseerd. Daarnaast fiscale verplichting uit vergoeding van onkosten van brandweerverenigingen omdat landelijke discussie met de ficus hierover nog niet is afgerond. Geen dotatie aan voorziening gebruikersonderhoud en dus geen bijdrage van deelnemende gemeenten in dit kader. Lagere uitgaven stadsverwarming door vertrek uit locatie Prins Bernhardplein. Vacatures op de meldkamer in Haarlem. Lagere kosten en dus ook lagere detacheringsvergoeding. Hogere personeelslasten uit overige personeelskosten.

Sluit aan op beleid: hogere baten direct aangewend voor hogere lasten. Sluit aan op beleid: bestendige gedragslijn ten aanzien fiscale verplichting.

49

Sluit aan op beleid. Prudentie is noodzakelijk in het licht van de korting op rijksbijdrage BDuR.

Sluit aan op beleid.

Hogere personeelslasten sluiten aan bij het bestuursbesluit over opschorten van de uitbreiding van de bezetting voor redvoertuig in Wormerveer in relatie tot garanderen paraatheid waardoor wel 2 Wormerveer.

Sluit aan op beleid. Voorziening van klein gebruiksonderhoud sluit niet aan op richtlijnen BBV. Met deelnemende gemeenten afgesproken dat overdracht budget per 1 januari 2026 plaats gaat vinden.

Sluit aan op beleid. Door VrZW slechts beperkt te beïnvloeden.

Sluit aan bij beleid secundaire arbeidsvoorwaarden.

Totaal Programma

14

281

Organisatie (Overhead)

-170

-441

Algemene dekkingsmiddelen

-125

39

Totaal Programma

-295

-402

Aan de batenkant: hogere opbrengsten uit detachering, UWVuitkeringen, verhuur etage PBP en hogere doorbelasting aan Brandweerschool. Aan de lastenkant vacatures maar ook minder uitgaven voor externe inhuur. Daarnaast lagere uitgaven bedrijfsrestaurant en schoonmaak door vertrek uit locatie PBP. Meerkosten software is voor VrZW nauwelijks te beïnvloeden knelpunt Aan de batenkant een hogere indexatie van de rijksbijdrage dan geraamd en hogere renteopbrengsten. Aan de lastenkant komen hogere rentekosten terug.

50

Sluit aan bij beleid. Effect van vacaturestop per 1 oktober 2025 bij bedrijfsvoering zichtbaar in 2025. Lagere facilitaire kosten door vertrek uit locatie PBP is logisch en in door bestuur vastgestelde plan voor verbouwing opgenomen.

Sluit aan op beleid. Voor VrZW niet beïnvloedbaar.

8.5 Paragraaf Verbonden partijen Verbonden partijen Een verbonden partij is een privaat- dan wel publiekrechtelijke organisatie waarin Veiligheidsregio Zaanstreek Waterland een bestuurlijk én een financieel belang heeft. Een financieel belang is aanwezig wanneer een ter beschikking gesteld bedrag niet verhaalbaar is bij faillissement dan wel als financiële aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt (artikel 1 BVV, Besluit Begroting Verantwoording gemeenten). Bestuurlijk belang is aanwezig indien er zeggenschap bestaat uit hoofde van stemrecht dan wel vertegenwoordiging in het bestuur van de organisatie. In deze paragraaf wordt ingegaan op de visie op verbonden partijen in relatie tot de realisatie van de doelstellingen van de veiligheidsregio. Visie op verbonden partijen Een verbonden partij is voor de veiligheidsregio een instrument om de overgenomen maatschappelijke doelstellingen voor de aangesloten gemeenten te behalen.

Bij het aansturen van een verbonden partij is het in ieder geval van belang dat: Afspraken over taken, bevoegdheden, verantwoordelijkheden, financieel en juridisch beleid worden vastgelegd (bijvoorbeeld in overeenkomsten of statuten); Afspraken worden gemaakt over de frequentie en inhoud van de verantwoordingsinformatie; De veiligheidsregio zich realiseert dat andere partijen die betrokken zijn bij de verbonden partij andere belangen kunnen hebben naast het gezamenlijk belang. Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland kent de volgende verbonden partijen: Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV, vestigingsplaats Arnhem) Het NIPV is een bij wet opgerichte zelfstandig bestuursorgaan (ZBO). De positie van het NIPV is vastgelegd in de Wet brandweerzorg en de aanpak op het terrein van de rampenbestrijding en crisisbeheersing. Coöperatie Brandweerschool Noord-Holland u.a. (vestigingsplaats Zaandam) De coöperatie Brandweerschool Noord-Holland is het gezamenlijke opleidingsinstituut van de veiligheidsregio s Zaanstreek-Waterland, Noord-Holland Noord en Kennemerland. Met de instelling van één opleidingsinstituut (met gedeconcentreerde vestigingen) wordt ingezet op kwaliteitsverbetering van het brandweeronderwijs en het tegengaan van versnippering. Ook wordt ingezet op innovatie middels een vernieuwing van onderwijsmethoden en -middelen.

De landelijke (en verplichte) audit Kwaliteit Aanbieders (KAB) is uitgevoerd. De brandweerschool heeft deze exercitie met goed gevolg doorlopen. Daarmee mag zij brandweeronderwijs verzorgen conform de landelijke standaarden. In 2023 heeft met goed gevolg een audit plaats gevonden van een accreditatie voor het CrKBO (Centraal register Kort Beroepsonderwijs).

51

Opbrengsten en kosten deelnemingen in relatie tot de begroting Nederland Instituut Publieke Veiligheid Alle veiligheidsregio s dragen financieel bij aan het NIPV. Deze bijdrage wordt rechtstreeks in mindering gebracht op de BDuR-gelden. Coöperatie Brandweerschool Noord-Holland u.a. De kosten van opleiden, en dus ook van de Brandweerschool Noord-Holland, zijn opgenomen binnen het programma brandweerzorg. Invulling aandeelhouders- en commissarisrol Nederlands Instituut Publieke Veiligheid , verenigd in het Veiligheidsberaad, vormen het algemeen bestuur van het NIPV. Het algemeen bestuur benoemt uit zijn midden een voorzitter en een dagelijks bestuur. De voorzitter van het NIPV is tevens voorzitter van het dagelijks bestuur. Het bestuur beslist bij meerderheid van stemmen. Coöperatie Brandweerschool Noord-Holland u.a. coöperatie een algemene ledenvergadering. Financieel overzicht verbonden partijen Deelneming

Nominaal bedrag

%

Bestuurlijk belang

Publiek belang

Coöperatieve Brandweeronder school financieel Noordbelang. Holland u.a.

33%

VrZW is lid van de coöperatie en wordt in de algemene ledenvergaderi ng vertegenwoordi gd door een aangewezen Burgemeester vanuit het algemeen bestuur VrZW.

Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV)

n.v.t.

VrZW participeert conform art. 67 lid 1a Wvr in het bestuur van het NIPV. De voorzitter van het algemeen bestuur vertegenwoordigd VrZW in het algemeen bestuur NIPV.

onder financieel belang.

Wijziging in 2025

Financieel belang

Balans Balans met VrZW met VrZW ultimo ultimo 2024 (x 2025 1.000) (x 1.000)

Het leveren van (brandweer) opleidingen en trainingen aan personeel van de leden.

Geen

Bijdrage in de jaarlijkse exploitatiekosten, geen storting in werkkapitaal.

0

0

Het NIPV verricht op grond van art 68 Wvr taken op het gebied brandweerzorg, crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening van de Veiligheidsregio's.

Geen

Bijdrage in de jaarlijkse exploitatiekosten, geen storting in werkkapitaal.

0

0

52

Risicotabel verbonden partijen Aan de hand van een risicotabel kan via een minimaal, laag, gemiddeld, hoog of zeer hoog risico(profiel) worden bepaald of op de onderdelen omgeving, politiek belang, financieel belang en het bestuurlijk belang extra aandacht voor een verbonden partij wenselijk is.

53

54

55

1. Jaarrekening 2025 1.1 Balans per 31 december 2025 31-122025

31-122024

852

0

23.194 24.046

19.852 19.852

2.889 0 285 476 3.650

198 0 325 358 882

0 257 257

0 57 57

0

0

1.318 1.318

1.804 1.804

Totaal vlottende activa

5.226

2.743

Totaal activa

29.272

22.596

Vaste activa Immateriële vaste activa -Immateriële vaste activa, bijdrage aan activa in eigendom van derden Materiële vaste activa -Investeringen met een economisch nut Totaal vaste activa

Vlottende activa Uitzettingen met een rent typische looptijd korter dan één jaar e typische looptijd korter dan één jaar -Rekening-courant met niet-financiële instellingen -Vorderingen op openbare lichamen -Overige vorderingen

Liquide middelen -Kassaldi -Banksaldi

Overlopende activa - de van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek Bestedingsdoel - Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen

56

31-122025 Vaste passiva Eigen vermogen -Algemene reserve -Bestemmingsreserves -Gerealiseerde resultaat

31-122024

832 612 543 1.986

691 624 141 1.456

499 499

237 237

21.230 21.230

13.138 13.138

23.716

14.831

0 2.102 2.102

2.500 2.444 4.944

2.427

2.772

1.026 3.543

49 2.821

Totaal vlottende passiva

5.556

7.765

Totaal passiva

29.272

22.596

Voorzieningen - Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's

Vaste schulden met een rent typische looptijd van één jaar of langer Onderhandse leningen van: - Binnenlandse banken en overige financiële instellingen

Totaal vaste passiva Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rent typische looptijd korter dan één jaar -Kasgeld lening van openbare lichamen -Overige schulden

Overlopende passiva -Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume , -Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen

57

1.2 Overzicht van baten en lasten

Programma

Begroting Begroting na Rekening Primair wijziging 2025

Thema

Saldo

Baten Crisisbeheersing

Crisisbeheersing

0

0

-8

-8

-17

-17

-48

-31

Brandweerzorg

-1.170

-660

-1.252

-592

Kazernes

-1.599

-1.603

-1.212

391

-644

-644

-435

209

0

-142

-137

5

-596

-611

-781

-170

Geneeskundige hulpverlening Brandweerzorg

Beheer gemeenschappelijke meldkamer Risicobeheersing Organisatie (Overhead)

Organisatie (Overhead)

Algemene dekkingsmiddelen

Algemene dekkingsmiddelen

-41.827

-41.827

-41.952

-125

Heffing Vennootschapsbelasting Vennootschapsbelasting

0

0

0

0

Bedrag onvoorzien

0

0

0

0

-45.852

-45.504

-45.826 V

Crisisbeheersing

3.112

3.099

2.554

-545

Geneeskundige hulpverlening

1.311

1.279

1.183

-97

Brandweerzorg

24.410

23.921

24.902

982

Kazernes

1.789

1.961

1.481

-480

Beheer gemeenschappelijke meldkamer

1.378

1.371

1.114

-257

Onvoorzien

Totaal Baten

-322 V

Lasten Crisisbeheersing Brandweerzorg

Risicobeheersing

2.818

2.987

3.023

36

Organisatie (Overhead)

Organisatie (Overhead)

10.913

11.329

10.888

-441

Algemene dekkingsmiddelen

Algemene dekkingsmiddelen

115

110

149

39

Heffing Vennootschapsbelasting Vennootschapsbelasting

0

0

0

0

Bedrag onvoorzien

0

0

0

0

45.847

46.058

45.295 V

-763 V

-5

554

-531

-1.085 V

Onvoorzien

Totaal Lasten Saldo van Baten en Lasten Toevoeging reserves

Mutaties reserves

0

0

Onttrekkingen reserves Resultaat

Mutaties reserves

0 -5

-395 159

58

0

0

-12 -543 V

383 -702 V

1.3 Toelichtingen 1.3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) daarvoor geeft. Deze jaarrekening is opgesteld uitgaande van de continuïteitsveronderstelling van de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland. Het boekjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Rechtmatigheid De grens waarboven afwijkingen in de rechtmatigheidsverantwoording moeten worden opgenomen is door het Algemeen Bestuur op 16 oktober 2025 bepaald op 2% van de totale lasten. In de Beleidsnota Rechtmatigheid van VrZW is door het Algemeen Bestuur een rapporteringsgrens vastgesteld op een absoluut bedrag, te 50.000. Vergelijking met voorgaande jaren De grondslagen voor waardering van activa, passiva en van de resultaatbepaling zijn ongewijzigd ten opzichte van voorgaand jaar. Er hebben geen stelsel- en/of schattingswijzigingen plaatsgevonden. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben.

Baten en winsten oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume en verplichtingen uit (groot) onderhoud. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorziening en c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals overlopende verlofaanspraken. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen en verplichtingen voor (groot) onderhoud van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (reorganisaties) dient wel een verplichting gevormd te worden.

59

BALANS Vaste activa Immateriële vaste activa De immateriële vaste activa worden gewaardeerd op basis van de verkrijgingsprijs verminderd met de afschrijving. De verkrijgingprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De afschrijvingen worden jaarlijks berekend volgens een stelsel dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur. Afschrijvingen geschieden daarnaast onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar. Materiële vaste activa Activa worden gewaardeerd op basis van de verkrijgingsprijs verminderd met de afschrijving. De verkrijgingprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De afschrijvingen worden jaarlijks berekend volgens een stelsel dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur. Afschrijvingen geschieden daarnaast onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar. Veiligheidsregio ZaanstreekWaterland start met afschrijven op 1 januari van het jaar dat volgt op het jaar waarin het actief gereed komt dan wel verworven wordt. Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland hanteert een -. Investeringen onder dit bedrag worden niet geactiveerd op de balans, maar komen ineens ten laste van de exploitatie van het betreffende boekjaar. Investeringen met economisch nut. Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op desbetreffende investeringen in mindering gebracht.

Op de vaste materiële activa met een beperkte gebruiksduur wordt jaarlijks afgeschreven. De afschrijvingsmethode en -termijnen zijn vastgelegd in de Financiële verordening Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland 2025, deze is vastgesteld door het Algemeen bestuur op 10 december 2025 met terugwerkende kracht. In bijlage 2 zijn de geldende afschrijvingstermijnen opgenomen. Vlottende activa Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar Vorderingen De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid wordt, wanneer van toepassing, een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Vaste passiva Eigen vermogen De post eigen vermogen wordt onderscheiden in: 1) Reserves, gespecificeerd naar: - algemene reserve; - bestemmingsreserve. 2) Het gerealiseerde resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening. Reserves In het BBV worden reserves omschreven als vermogensbestanddelen die als eigen vermogen zijn aan te 60

merken en die vanuit bedrijfseconomisch oogpunt vrij te besteden zijn. De vaststelling van de noodzakelijke omvang van reserves is een zaak van het Algemeen Bestuur van Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland. Daarom worden reserves ook wel onderverdeeld in algemene en bestemmingsreserves. Zodra het Algemeen Bestuur aan een reserve een bepaalde bestemming (beklemming) heeft gegeven, is er sprake van een bestemmingsreserve. Heeft een reserve geen bestemming dan wordt het de algemene reserve genoemd. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorziene verlies. De voorziening wordt gevormd conform de eisen van artikel 44 lid 1 van het Besluit Begroting en Verantwoording. Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rente typische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.

1.3.2 Toelichting op de balans per 31 december 2025 ACTIVA Vaste activa Immateriële vaste activa De immateriële activa worden gevormd door de projectfacturen van de aannemer inzake de projecten Samen Sterker en Toekomst Bestendige Brandweer Zorg. Dit betreft de bijdrage van VrZW aan activa in eigendom van derden, te weten Gemeente Zaanstad welke eigenaar is van het pand aan het Prins Bernhardplein te Zaandam dat momenteel wordt verbouwd ten behoeve van het samenwonen van de GGD en de VrZW. Materiële vaste activa De materiële vaste activa bestaan uit de volgende onderdelen: Omschrijving Investeringen met een economisch nut Totaal

Boekwaarde per 31-12-2025

Boekwaarde per 31-12-2024

24.046 24.046

19.852 19.852

De investeringen met een economisch nut kunnen als volgt worden onderverdeeld: Omschrijving

Boekwaarde per 31-12-2025 852 134 1.491 15.084 5.149 1.336 24.046

Immateriële VA eigendom derden Gronden en terreinen Bedrijfsgebouwen vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa Totaal

61

Boekwaarde per 31-12-2024 0 134 913 13.738 4.321 746 19.852

Het hierna opgenomen overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de overige investeringen met een economisch nut weer: De desinvestering op machines, apparaten en installaties betreft voornamelijk het buitengebruik stellen van ICT-apparatuur. Deze zijn volledig afgeschreven. Omschrijving

Immateriële Gronden en BedrijfsMachines, Vervoer- Overige Totaal VA eigendom terreinen gebouwen apparaten, middelen derden installaties

Aanschafwaarde 31/12/2024 Nog te activeren activa Cumulatieve afschrijving 31/12/2024 Boekwaarde 31/12/2024

0 0 0 0

134 0 0 134

1.240 16 -343 913

10.290 205 -6.173 4.322

24.253 0 -10.515 13.738

Mutaties 2025 Investeringen Desinvesteringen / verkopen Bijdragen derden Her categorisering Afschrijvingen correctie desinvestering afschrijving Afwaarderingen

852 0 0 0 0 0 0

0 0 0 0 0 0 0

677 0 0 0 -99 0 0

1.920 -117 0 0 -1.093 117 0

2.944 -2.062 0 0 -1.519 1.983 0

872 0 0 0 -282 0 0

7.266 -2.179 0 0 -2.993 2.100 0

0

134

1.932

12.298

25.135

4.146

44.498

0 852

0 134

-442 1.491

-7.149 5.149

-10.051 15.084

-2.810 -20.451 1.336 24.046

Aanschafwaarde 31/12/2025 Cumulatieve afschrijving 31/12/2025 Boekwaarde 31/12/2025

3.209 39.126 64 285 -2.527 -19.558 746 19.852

Vlottende activa Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt gespecificeerd worden: Omschrijving

Boekwaarde per 31-12-2025

Voorziening oninbaarheid

Balanswaarde per 31-12-2025

Balanswaarde per 31-12-2024

Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rente typische looptijd < 1 jaar Rekening-courant verhoudingen met nietfinanciële instellingen

285

0

285

325

2.889

0

2.889

198

0

0

0

0

Overige vorderingen Totaal

476 3.650

0 0

476 3.650

358 882

Het is beleid om vorderingen ouder dan 90 dagen te voorzien voor zover de invorderingsprocedure daar aanleiding toegeeft. Eind 2025 was geen aanleiding om een voorziening debiteuren op te nemen. In onderstaande tabel is het verloop met betrekking tot het schatkistbankieren opgenomen: Kwartaal 1 Kwartaal 2 Op dag basis buiten 's Rijks schatkist gehouden middelen Drempelbedrag Ruimte onder drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag

62

Kwartaal 3

Kwartaal 4

219

235

242

213

1.000 781

1.000 765

1.000 758

1.000 787

0

0

0

0

Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten: Saldo 31-12- Saldo 31-122025 2024 Kassaldi 0 0 Banksaldi 257 57 Totaal 257 57 Liquide middelen staan ter vrije beschikking van Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland. Overlopende activa De post overlopende activa kan als volgt onderscheiden worden: Saldo 31-12-2025 Saldo 31-12-2024 De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinancieringen op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Totaal

0

0

1.318

1.804

1.318

1.804

PASSIVA Vaste passiva Eigen vermogen Van het eigen vermogen kan het volgende overzicht worden gegeven: Saldo 31-12-2025 Algemene reserve Bestemmingsreserve Gerealiseerde resultaat Totaal Omschrijving Algemene reserve

Bestemmingsreserve WNRA Bestemmingsreserve Huisvesting als gevolg van Hybride werken Subtotaal bestemmingsreserves Resultaat 2024 Gerealiseerde resultaat 2025 Subtotaal resultaat Totaal eigen vermogen Weerstandsvermogen

Saldo 31-12-2024 691 624 141 1.456

832 612 543 1.986 Saldo 31-12-2024 691 691

Bestemming Onttrekking Resultaat 2025 141 0 141 0

Saldo 31-12-2025 832 832

229

0

0

229

395 624

0 0

12 12

383 612

141 0 141 1.456

-141 543 92 543

0 0 0 12

0 543 233 1.986

691 63

832

De paragraaf Weerstandsvermogen (8.1) geeft aan dat het geldende niveau te laag is voor de afdekking

Bestemmingsreserve WNRA Om te kunnen anticiperen op de invoering van de WNRA en toepassing van Europese wetgeving is bij de resultaatbestemming 2019 ingestemd met de vorming van een nieuwe bestemmingsreserve WNRA, ter dekking van verwachte implementatiekosten en de eerste exploitatiekosten. De invoering van de WNRA gaat voor veiligheidsregio s naar alle waarschijnlijkheid niet plaatsvinden. De consequenties van Europese wetgeving op de positie van vrijwilligers is nog niet uitgekristalliseerd. Daarom is de hoogte van de bestemmingsreserve niet aangepast. Bestemmingsreserve Huisvesting als gevolg van hybride werken Uit het van het kantoor als gevolg van hybride werken. In 2025 zijn op deze reserve de (externe) projectkosten in mindering gebracht. Weerstandsvermogen Conform de nota Weerstandsvermogen en Risicobeheersing VrZW tellen naast de algemene reserve de bestemmingsreserves met de typering A1, A2 en B1 mee in de berekening van de weerstandscapaciteit. Voorzieningen Het verloop van de voorzieningen in 2025 wordt in het hierna opgenomen overzicht weergegeven: Omschrijving Voor verplichtingen, verliezen en risico's (BBV at 44.1a en 1b) Voorziening verlofsparen Voorziening wachtgeldverplichtingen Totaal voorzieningen

Saldo 31-12-2024

Toevoeging Onttrekking

-237 0 -237

-148 -115 -263

0 0 0

Vrijval

Saldo 31-12-2025

0 0 0

-384 -115 -499

zijn vrijgevallen. Alle aanwendingen van de voorzieningen zijn rechtstreeks ten laste van de voorziening gebracht. Voor het spaarverlof zoals dit vanaf 2023 van toepassing is, moet voor de verplichting een voorziening worden opgenomen omdat hier sprake is van een spaarsaldo dat in de tijd, naar verwachting, niet van gelijke omvang zal zijn wat betreft toevoegingen en opnamen van spaarverlof. In de opbouwjaren zal naar verwachting vooral sprake zijn van toevoegingen en groei van de omvang van het spaarsaldo. Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer De onderverdeling van de in de balans opgenomen vaste schulden met een looptijd langer dan één jaar, is als volgt: Omschrijving Onderhandse lening - binnenlandse banken en overige financiële instellingen - openbare lichamen Totaal

64

Saldo per 31-12-2025

Saldo per 31-12-2024

21.230 0 21.230

13.138 0 13.138

In het hierna opgenomen overzicht wordt het verloop weergegeven van de vaste schulden met een rente typische looptijd langer dan één jaar over het jaar 2025.

Onderhandse leningen Totaal

Saldo 31-12-2024 13.138 13.138

Vermeerderingen 9.000 9.000

Aflossing 2025

Saldo 31-12-2025 21.230 21.230

908 908

Vlottende passiva Onder de vlottende passiva zijn opgenomen: Saldo 31-122025

Omschrijving

Netto-vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar Overlopende passiva Totaal

2.102 3.763 5.865

Saldo 31-122024 4.944 2.821 7.765

Netto-vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar De in de balans opgenomen netto-vlottende schulden kunnen als volgt worden gespecificeerd: Omschrijving boekwaarde boekwaarde 31-12-2025 31-12-2024 Kasgeldlening van openbare lichamen 0 2.500 Crediteuren 2.102 2.444 Totaal 2.102 4.944

Overlopende passiva De specificatie van de post overlopende passiva is als volgt: boekwaarde boekwaarde 31-12-2025 31-12-2024

Omschrijving Nog te betalen bedragen Voorschotten van overheidslichamen voor specifieke doelen Af te dragen BTW Loonbelasting en premies sociale verzekering Pensioenpremie Overige schulden Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen Overige vooruit ontvangen baten die ten bate van volgende begrotingsjaren komen Totaal

65

0 127 1.611 292 397

115 108 1.548 259 742

2.427

2.772

1.026 3.453

49 2.821

1.3.3 Toelichting op het overzicht van Baten en Lasten verwezen naar de financiële toelichtingen en analyses zoals opgenomen in de verantwoording per programma van het jaarverslag. In de paragraaf bedrijfsvoering is een beoordeling van de begrotingsrechtmatigheid opgenomen. Ook deze beoordeling maakt onderdeel uit van het jaarverslag.

Programma

Crisisbeheersing

Thema

Crisisbeheersing

Geneeskundige hulpverlening

Begroting na wijziging

0

BATEN Realisatie

-8

Mutatie

-8

Begroting na wijziging

3.099

LASTEN Realisatie

2.554

Mutatie

beoordeling per programma

acceptabel

sluit aan op beleid

-545

*budgetneutrale mutatie crisisnoodopvang *lagere opleiding - en oefenkosten conform vastgelegde prioriteitstelling

sluit aan op beleid: prioriteiten gesteld in programma versterking crisisbeheersing

*lagere personeelslasten door later invullen vacatures in aansluiting op planvorming

sluit aan op beleid: functies ploegchef ingevuld

*lagere lasten vrijwilligersvergoeding is afhankelijk van aard en omvang incidenten

sluit aan op beleid en in bestuurs-rapportage gemeld

*lagere bijdrage brandweerschool in relatie tot dienstverlening *hogere bijdrage meldkamer is afhankelijk van afspraken samenwerkende partners en bestuurlijk afgestemd

sluit aan op beleid. VrZW werkt samen met andere regio's in brandweerschool en meldkamer

*hogere opbrengsten uit specifieke dienstverlening en verkoop materieel

sluit aan op beleid en voor deel niet te beïnvloedden.

*voorbereiding implementatie toegangs-beveiliging *kosten gebruikersonderhoud in relatie tot vergoeding van gemeente

sluit aan op beleid uitkering verzekeringsmaatschappij niet begroot

-17

-48

-31

1.279

1.183

-97

-17

-56

-40

4.379

3.737

-642

Brandweerzorg Brandweerzorg

Brandweer kazernes

-1.603

-1.252

-1.212

-592

391

23.921

1.961

24.902

1.481

982

-480

Beheer gem. meldkamer

-644

-435

209

1.371

1.114

-257

Risicobeheersing

-142

-137

5

2.987

3.023

36

-3.050

-3.036

14

30.240

30.521

281

Organisatie (Overhead)

Organisatie (Overhead)

Algemene dekkingsmiddelen

Algemene dekkingsmiddelen

Totaal

-660

-611

-781

-170

11.329

10.888

-441

-41.827

-41.952

-125

110

149

39

-45.504

-45.826

-322

46.058

45.295

-763

66

*rentebaten en toerekening rente

B: Investeringskredieten en investeringen

Categorie MVA

Investering na wijziging 2025

Hardware

Realisatie totaal 100

103 103

100

Overschrijding

Toelichting overschrijding 3 Valt binnen beleid 3

Toelichting overschrijdingen op investeringskredieten/budgetten: Volgens bovenstaand overzicht zijn de investeringskredieten ultimo 2025 slechts overschreden met een totaalbedrag 3K Deze overschrijding leidt tot licht hogere afschrijvings- en financieringslasten in de begroting van 2026 en verder. Een nadere toelichting op deze investeringskrediet-overschrijdingen wordt gegeven in onderdeel C.1. (Voortgangsoverzicht investeringen). Op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en het Controle protocol 2025, goedgekeurd door het Algemeen Bestuur op 16 oktober 2025, zijn de bovenstaande overschrijdingen van investeringskredieten per definitie en moeten daarom worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording 2025. De overschrijdingen zijn wel acceptabel want sluiten aan bij het vastgestelde investeringsbeleid.

1.3.4 Overzicht incidentele baten en lasten Overzicht van incidentele lasten en baten INCIDENTELE LASTEN Crisisbeheersing Inhuur van derden niet in primaire begroting Eenmalige aanschafkosten satelliet communicatie voor toekomstgerichte crisisbeheersing Brandweerzorg WKR belasting boven vrije ruimte Inhuur derden ten behoeve van project keuren bepakking Inhuur derden ten behoeve van project opvang vluchtelingen Grootschalige incidenten inhuur materieel Extra kosten LTFO gasdetectie apparatuur

Jaarrekening

V/N

266 35

N N

104 67 137 56 71

N N N N N

Organisatie (overhead) Inhuur derden interim CIO diensten Extra kosten uitbreiding TBBZ hardware Implementatiekosten roosterprogramma

30 24 45

N N N

Algemene dekkingsmiddelen Fin en rentebepaling

34

N

Totaal incidentele lasten

869

N

Mutatie Reserves

-12

V

INCIDENTELE BATEN Crisisbeheersing Detachering personeel

-45

V

67

Brandweerzorg Ontvangst UWV Team digitale verkenning Doorberekening kosten van inhuur derden tbv opvang vluchtelingen Verkoop voertuigen Voorlichting brandveilig leven Uitkering schadeverzekeringen

-70 -80 -73 -271 -39 -54

V V V V V V

Organisatie (overhead) Detachering personeel niet begroot Ontvangst UWV Uitkeringen verzekeringen

-77 -53 -20

V V V

algemene dekkingsmiddelen BDUR Fin en rentebepaling Totaal incidentele baten Totaal

-96 -29 -907 -50

V V V V

1.3.5 Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen Artikel 53 BBV schrijft voor dat in de toelichting op de balans de niet in de balans opgenomen belangrijke financiële verplichtingen, waaraan de gemeenschappelijke regeling voor toekomstige jaren is verbonden, worden vermeld. Dit kan gaan om langlopende huur- of leasecontracten, subsidieverplichtingen, wachtgeldregelingen, etc. VrZW heeft verplichtingen uit hoofde van niet opgenomen verlofuren van medewerkers. Deze verplichtingen worden niet op de balans verantwoord omdat er bij VrZW geen sprake is van overmatige verlofstuwmeren. VrZW hanteert een vervaltermijn en stimuleert medewerkers in het kader van vitaliteit tot het opnemen van verlof. De wettelijke verlofrechten moeten binnen de wettelijk vastgestelde termijn worden opgenomen. Het wettelijk verlofsaldo per 31 december behoeft geen voorziening, omdat de kosten binnen deze termijn worden vereffend. Voor bovenwettelijke verlofuren wordt ook geen voorziening gevormd, omdat opname het uitgangspunt is en er geen juridische of feitelijke verplichting bestaat tot uitbetaling. Het verlofsaldo blijft ruim onder de 72 uur per medewerker. De totale waarde van de openstaande bovenwettelijke verlofuren bedraagt per 31 december 463.352 (11.583 inclusief IKB). De verlofuren in het kader van verlofsparen zijn wel in een voorziening in de balans verantwoord.

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de meerjarige verplichtingen per categorie die VrZW is

Categorie kosten

Exploitatie of investering (E/I)

Totaalbedrag

Huurkosten/gebruikers- vergoeding locatie Prins Bernhardplein

E

7.298

Facilitaire contracten

E

1.520

Softwarelicenties

E

954

Lease contracten

E

64

Bovenwettelijk verlof

E

463 10.299

68

1.4 SISA verantwoording 2025

69

1.5 Overzicht van de gerealiseerde baten en lasten per taakveld en overhead Een totaaloverzicht met de gerealiseerde baten en lasten per taakveld en het verdelingsprincipe op basis

Overzicht gerealiseerde baten en lasten per taakveld Taakveld

2025 Baten

Lasten Saldo

0.4 Overhead

-782 10.243

0.5 Treasury

-149

0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds

9.461

149

-6.362

0

0 -6.362

0.8 Overige baten en lasten

-48

1.470

1.422

0.10 Mutaties reserves

-12

0

-12

0

0

0

0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten 1.1 Crisisbeheersing en brandweer

-38.485 33.260 -5.225

6.1 Samenkracht en burgerparticipatie

0

8.3 Wonen en bouwen Totaal

0

0 173 -45.838 45.295

0 173 -543 V

Verdeling programma taakvelden Programma

2025 Taakveld

Crisisbeheersing

Brandweerzorg

Baten

Lasten

Saldo

0.8 Overige baten en lasten

-48

1.470

1.422

1.1 Crisisbeheersing en brandweer

-8

2.267

2.259

6.1 Samenkracht en burgerparticipatie

0

0

0

-3.036

30.348

27.312

0

173

173

-782

10.243

9.461

1.1 Crisisbeheersing en brandweer 8.3 Wonen en bouwen

Organisatie

0.4 Overhead

(overhead)

0.8 Overige baten en lasten

0

0

0

1.1 Crisisbeheersing en brandweer

0

645

645

0.5 Treasury 1.1 Crisisbeheersing en brandweer 0.7 Alg. uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds 0.9 Vennootschapsbelasting 0.8 Overige baten en lasten

-149 -35.441 -6.362

149 0 0

0 -35.441 -6.362

0 0 -45.826

0 0 45.295

0 0 -531 V

0.10 Mutatie reserves

-12 -45.838

0 45.295

-12 -543 V

Algemene dekkingsmiddelen

Heffing vpb Bedrag onvoorzien Subtotaal Mutaties reserves Algemeen totaal

1.6 Gebeurtenissen na balansdatum Er zijn geen gebeurtenissen na balansdatum te vermelden die toelichting behoeve in deze paragraaf.

70

1.7 Wet Normering Topinkomens (WNT) WNT-verantwoording 2025 Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland De WNT is van toepassing op Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland. Het voor Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2025 46.000,00. Het betreft hier het algemeen bezoldigingsmaximum 1. Bezoldiging topfunctionarissen 1a. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=landsmeer&id=105416ed-4bbe-4dc8-a3df-9c788d778548