02. Eindrapport &Van de Laar WOL - Krachtig en Robuust
Tekst van het document
worden Bovendien, door de krapte aan personeel en financiële middelen blijven veel
passende woningen, toegankelijke zorg via de Wmo en jeugdhulp, en meer
inwonersinitiatieven, die niet tot de verplichte taken behoren, buiten beeld en
gemeentelijke dienstverlening. De te verwachte toename in vraag op deze
worden ze niet opgepakt
onderdelen staat niet in verhouding tot de beschikbare financiële middelen, wat risico’s met zich meebrengt voor de dienstverlening.
34 |
• Inwonersinitiatieven kunnen door gebrek aan capaciteit steeds minder opgepakt
3c. Sterke maatschappelijke verbinding, maar… Complexiteit van dienstverlening neemt sterk toe •
De gemeenten streven ernaar hun dienstverlening te verbeteren door beter in te spelen op de behoeften van inwoners. Dit moet niet alleen de kwaliteit van de ondersteuning vergroten, maar ook de betrokkenheid van inwoners versterken. Daarnaast is er een sterke ambitie om mensen langer thuis te laten wonen, wat vraagt om passende voorzieningen en ondersteuning.
•
Tegelijkertijd zorgen demografische verschuivingen voor een toenemende druk
op de gemeentelijke dienstverlening. Er wordt bijvoorbeeld steeds vaker een beroep gedaan op mantelzorgondersteuning, de Wmo en kinderopvang. Bovendien worden de problemen van inwoners complexer, wat veel vraagt in het kader van passende dienstverlening. •
Hierdoor ontstaat spanning op de vraag of het verbeteren van dienstverlening wel een passende ambitie is. Gezien de trends in de maatschappij zoals hier benoemd, lijkt het op peil houden van de huidige dienstverlening al een forse uitdaging
35 |
3d. Spanningsveld rondom economische ontwikkeling Ambitie om werkgelegenheid te behouden: dilemma in de woonopgave
Lokaal vestigingsklimaat als ambitie, maar velen werken in omliggende steden
• Het is voor de gemeenten belangrijk om lokale werkgelegenheid voor hun inwoners
•
De drie gemeenten richten zich op het behouden en creëren van een lokaal
te kunnen bieden. Dit draagt bij aan een lokaal vestigingsklimaat en voorkomt dat
werkklimaat, waarbij inwoners zoveel mogelijk binnen de gemeentegrenzen
inwoners voor werk afhankelijk zijn van andere steden of gemeenten in omgeving.
kunnen en willen werken. Dit vereist echter aanzienlijke investeringen in de
Bedrijventerreinen aan de randen van de gemeenten spelen hierin een cruciale rol,
verbetering van de bedrijventerreinen, die gemoderniseerd en verduurzaamd
en de drie gemeenten vinden het dan ook belangrijk deze bedrijventerreinen te
moeten worden. Daarbij moet er bijzondere aandacht komen voor 'gevoelige
behouden. Echter, dit zorgt voor een spanning in relatie tot de woonopgave waar de
functies’ van het bedrijventerrein die overlast (kunnen) veroorzaken, zoals geur-
drie gemeenten voor staan: sommige van deze terreinen herbergen 'gevoelige
en geluidshinder. Bij het verbeteren van het bedrijventerrein moet ingezet worden
functies' die overlast kunnen veroorzaken voor woningen, bijvoorbeeld door geur-
om dit soort overlast te minimaliseren.
en geluidshinder. Daarnaast moet door het gebrek aan fysieke ruimte een keuze gemaakt worden tussen ofwel bedrijventerreinen, ofwel ruimte voor woningbouw.
•
Tegenover de ambitie van de drie gemeenten om een lokaal werkklimaat te behouden, blijkt uit de realiteit dat, met name in Oostzaan en Landsmeer, veel
• In Landsmeer neemt de omvang van de bedrijventerreinen af, aangezien deze ruimte
36 |
inwoners werkzaam zijn in de MRA en dus buiten de eigen gemeentegrenzen
wordt herbestemd voor woningbouw. Dit draagt bij aan de woningopgave, maar
werken. Dit maakt het behouden dan wel terugkrijgen van een lokaal werkklimaat
gaat ten koste aan het werkgelegenheidspotentieel. Ook in Wormerland en
uitdagend. Vanuit inwoners komt de wens naar voren om niet het lokale
Oostzaan is de spanning op dit thema aanwezig. Hier is nog geen dominante
werkklimaat maar juist de infrastructuur tussen de kleinere gemeenten en grote
strategie gekozen in hoe om te gaan met het dilemma omtrent het bieden van
steden zoals Amsterdam te verbeteren, zodat de verbindingen voor woon-
voldoende woonruimte en het behouden van werkgelegenheid in de regio.
werkverkeer worden versterkt en de afstanden verkort.
3e. Behoud lokale identiteit vormt speerpunt Behoud van groene identiteit en nabijheid van bestuur als randvoorwaarden • Een belangrijke ambitie van de drie gemeenten is het behoud van hun groene identiteit en dorpse karakter. Dit maakt hen een aantrekkelijke ‘tegenpool’ van de
stad en zorgt ervoor dat inwoners graag in de gemeenten blijven wonen. De nabijheid van het bestuur en de toegankelijkheid van gemeentelijke dienstverlening spelen hierin een cruciale rol. Inwoners hechten waarde aan korte lijnen met de gemeente, wat bijdraagt aan een betrokken gemeenschap en maatwerk in beleid en voorzieningen. De gemeenten delen hiermee soortgelijke opgaven en ambities, en werken aan het versterken van hun dorpse karakter als speerpunt voor hun ruimtelijke en sociale ontwikkelingen. • Tegelijkertijd brengen deze kwaliteiten ook uitdagingen met zich mee. De groene en dorpse uitstraling maakt de gemeenten aantrekkelijk voor beleggers en forenzen, wat de vraag naar woningen verder aanwakkert en de druk op de krappe woningmarkt verhoogt. Daarnaast is zichtbaar dat inwoners zich steeds meer buiten de eigen gemeente oriënteren, bijvoorbeeld richting Amsterdam voor Landsmeer en
richting Zaanstad voor Oostzaan. Dit benadrukt de noodzaak om het lokale vestigingsklimaat te versterken en tegelijkertijd de eigen identiteit te behouden.
37 |
4. & Onze bevindingen: een diagnose van de bestuurskracht
38 |
4a. Uitvoeringskracht organisaties zwaar onder druk De gemeenten staan politiek-bestuurlijk én ambtelijk voor majeure uitdagingen • De drie gemeenten worden geconfronteerd met grote en complexe thema’s,
arbeidsmarktpositie. Door de zware arbeidsmarktpositie waarin de drie gemeenten
ondanks hun beperkte schaalgrootte. Onderwerpen zoals de Wet maatschappelijke
zich bevinden, met een relatief beperkt loongebouw ten opzichte van grote
ondersteuning (Wmo), jeugdhulp, woningbouw en energietransitie leggen een zware
aangrenzende gemeenten als Zaanstad, Purmerend en Amsterdam is het lastig om
last op de gemeentelijke organisatie. Daarnaast kampen de gemeenten met
vakspecialisten te vinden én behouden, zo wordt aangegeven in gesprekken. Dit
uitdagingen bij het sluitend krijgen van de begroting. Dit dwingt het bestuur tot
blijkt nadrukkelijk ook uit de personele cijfers.
ingrijpende politieke keuzes, zoals het verhogen van de inkomsten of het verlagen van de uitgaven, wat directe gevolgen heeft voor de samenleving. • Wij constateren dat de beide ambtelijke organisaties gesteld staan voor wezenlijke uitdagingen. Het bemensen van zowel de kerntaken als de bredere opgaven en ambities wordt steeds moeilijker. De OVER-gemeenten als ambtelijke fusie organisatie en de organisatie van Landsmeer zijn ieder voor zich zoekende in de balans tussen opgaven en ambities én beschikbare capaciteit.
39 |
• Dit heeft ook te maken met de huidige krappe arbeidsmarkt én de zware
4a. Uitvoeringskracht organisaties zwaar onder druk 2022
2023
2024
OVER-gemeenten
6,6
7,5
7,5
Landsmeer
7,9
7,9
7,9
Referentiegroep < 20.000 inw.
6,8
7,4
Niet bekend
Referentiegroep 20.000 - 50.000 inw.
6,8
7,3
Niet bekend
Personele situaties OVER-gemeenten en Landsmeer beperken uitvoeringskracht • In onderstaande tabel wordt de bezetting in fte per 1.000 inwoners weergegeven voor de gemeenten Landsmeer en OVER- gemeenten. Deze bezetting wordt
vergeleken met gegevens van het A&O-fonds voor gemeenten met een vergelijkbare omvang (<20.000 inwoners) en gemeenten met een inwoneraantal tussen de 20.000 en 50.000. • Op het eerste gezicht lijken de cijfers vergelijkbaar. Echter, veel gemeenten met ongeveer 20.000 inwoners besteden een groot deel van hun taken uit en zijn of ontwikkelen zich richting een regiegemeente. In tegenstelling hiermee voeren de OVER- gemeenten en Landsmeer het merendeel van hun taken zelfstandig uit op ambtelijk niveau. Ook is er geen sterke samenwerkingscultuur binnen de regio Zaanstreek-Waterland, wat de mogelijkheden voor gedeelde oplossingen en efficiëntieverbetering beperkt.
40 |
4a. Uitvoeringskracht organisaties zwaar onder druk In- en uitstroom sterk volatiel, cijfers dalen in beide organisaties
40,00
• Naast een krappe bezetting in beide organisaties, blijkt dat de in- en uitstroom van
35,00
medewerkers binnen deze ambtelijke organisaties opvallend hoog is, en daarmee de
uitvoeringskracht beperken.
30,00
25,00 20,00 15,00
• Hoge in- en uitstroom cijfers leggen een grote werkdruk op het zittende personeel,
10,00
dat moet inspelen op wisselingen in het personeelsbestand. De gemeenten slagen
5,00
erin nieuwe medewerkers aan te trekken, maar dit geeft geen structurele versterking
2022
van de organisaties. Nieuwe medewerkers worden snel ingewerkt, maar maken ook snel een overstap naar andere organisaties waar zij betere carrièrekansen zien. • Uit de cijfers blijkt dat Landsmeer steeds beter in staat is om medewerkers aan zich te binden. Dit beeld wordt bevestigd in gesprekken: • In 2022 lag de uitstroom veel hoger dan de instroom
2023
2024
Instroom Landsmeer
Instroom OVER- organisatie
Referentiegroep <20.000
Referentiegroep 20.000-50.000
30,00 25,00 20,00
• In 2023 zijn er veel medewerkers aangenomen; veelal net afgestudeerd.
15,00
• In 2024 zijn de uitstroom en instroom nagenoeg gelijk.
10,00 5,00
• Uit de cijfers blijkt dat de instroom daalt tussen 2022 en 2024 terwijl de uitstroom een piek kent in 2023 van 24% (referentie rond 10%). In gesprekken wordt bevestigd dat er in deze periode veel personeelswisselingen waren.
41 |
2022
2023
2024
Uitstroom Landsmeer
Uitstroom OVER- organisatie
Referentiegroep <20.000
Referentiegroep 20.000-50.000
4a. Uitvoeringskracht organisaties zwaar onder druk OVER-gemeenten en Landsmeer kennen een hoog ziekteverzuim
OVER-gemeenten en Landsmeer maken in hoge mate gebruik van externe inhuur
• In vergelijkend opzicht is het ziekteverzuimpercentage in de OVER- organisatie hoog
• Uit onderstaande weergave blijkt dat de inhuur in vergelijking met de
in vergelijking met het gemiddelde van de referentiegroepen in 2022 en 2023. In
referentiegroepen van gemeenten tot 20.000 inwoners en gemeenten van 20.000 tot
Landsmeer is dit percentage in 2023 hoger dan in 2022, en daarmee ook hoger dan
50.000 hoger ligt in beide organisaties. Dit maakt de gemeenten kwetsbaar, zowel in
het gemiddelde.
de uitvoering van taken als in de ontwikkeling en borging van kennis binnen de organisatie.
• Een hoog ziekteverzuim kan wijzen op een hoge werkdruk, waardoor medewerkers overbelast raken en vaker ziek worden. Tegelijkertijd heeft een hoog ziekteverzuim
• In 2023 lag het percentage in OVER- gemeenten boven 22% (referentiegroepen rond
impact op de taakuitvoering: in een kleine organisatie met veel éénpitters kan het
de 19%). Uit gesprekken blijkt dat de externe inhuur in de jaren daarna is
werk stil komen te liggen, neemt de werkdruk bij collega’s toe of groeit de
afgeschaald, hetgeen terug te zien is in de cijfers over 2024.
afhankelijkheid van externe inhuur.
42 |
Ziekteverzuim
2022
2023
2024
Landsmeer
6,6
7,2
7,9
OVER- gemeenten
9,4
11,5
10,2
Referentiegroep <20.000 inw.
6,7
6,3
Referentiegroep 20.000 – 50.000 inw.
6,5
6,3
Externe inhuur als % van de loonsom
2022
2023
2024
Landsmeer
12,4
21,3
21
OVER-gemeenten
17,8
22,1
18,7
Niet bekend
Referentiegroepen <20.000 inw.
18,8
19,1
Niet bekend
Referentiegroep 20.000 - 50.000 inw.
17,6
18,8
Niet bekend
Niet bekend
4b. Financiële situatie vraagt om stevige keuzes Financiële situaties in één oogopslag •
•
Uit de tabel blijkt dat de financiële positie verschilt per gemeente, maar dat in alle
In onderstaand overzicht is de financiële positie van de drie gemeenten
drie de gemeenten reden is tot zorg. Enkele elementen die dit onderstrepen zijn:
weergegeven aan de hand van verschillende kengetallen op basis van de
-
begroting 2025.
Het kengetal solvabiliteitsratio geeft aan welk deel van het gemeentelijke bezit is afbetaald en vrij van schulden is. De VNG beschouwt een solvabiliteitsratio van meer dan 20% als voldoende, terwijl de gemiddelde
Wormerland
Oostzaan
Landsmeer
Begrotingsomvang in lasten (*1.000EUR)
52.936
30.011
35.190
Uitkering gemeentefonds (*1.000EUR)
31.961
Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen
52%
94%
76%
Solvabiliteitsratio
34%
21%
10%
Structurele exploitatieruimte
-3%
-0,7%
1%
Grondexploitatie
0%
0,1%
3%
Belastingcapaciteit
n.b.
141%
127%
solvabiliteitsratio bij vergelijkbare gemeenten volgens BDO (2025) op 40% ligt in 2023. ›
Landsmeer heeft een solvabiliteitsratio van 10%, wat ver onder zowel de VNG-norm als het landelijk gemiddelde ligt.
17.372
21.138
›
Oostzaan zit met 20% net op de VNG-norm, maar nog steeds ruim onder het gemiddelde van vergelijkbare gemeenten.
›
Wormerland scoort met 34% beter, maar blijft onder het landelijke gemiddelde.
-
Voor Landsmeer heeft dit een extra nadeel: de gemeente komt niet in aanmerking voor de nieuwe surplus-regeling mocht zij dat willen. Deze regeling stelt gemeenten met een solvabiliteitsratio boven de 20% in staat om maximaal 10% van hun reserves in te zetten voor het dekken van structurele lasten. Dit betekent dat Landsmeer geen extra financiële ruimte kan creëren via deze maatregel, wat de financiële kwetsbaarheid van de Landsmeer verder vergroot.
43 |
4b. Financiële situatie vraagt om stevige keuzes •
2025
2026
2027
2028
Wormerland
0
-1691
-1970
-1748
Oostzaan
0
-1018
-1219
-513
Landsmeer
-170
-1660
-1299
-1586
Alle drie de gemeenten genereren relatief weinig inkomsten uit grondexploitatie (GREX), wat betekent dat zij nauwelijks financiële opbrengsten uit grondontwikkelingen hebben. Uit de vergelijking van BDO (2025) blijkt dat bij gemeenten tot 25.000 inwoners de gemiddelde GREX-ratio in 2024 op 5,6% lag en naar verwachting in 2025 zal stijgen naar 6,5%. De WOL-gemeenten blijven hiermee duidelijk achter bij vergelijkbare gemeenten.
•
Ondanks deze sluitende begrotingen, is het structurele financiële beeld zorgwekkend. Voor alle drie de gemeenten laten de structurele saldi namelijk
•
Uit de benchmark van BDO (2025) blijkt dat gemeenten van vergelijkbare omvang
forse tekorten zien, wat betekent dat de begrotingen niet duurzaam in evenwicht
een begrote netto schuldquote van 56% hebben in 2025, een aanzienlijke stijging
zijn. Dit blijkt uit onderstaande tabel.
ten opzichte van 27,7% in 2023. Wormerland bevindt zich met 52% net onder dit
2025
2026
2027
2028
Wormerland
81
-1856
-2098
-1509
Oostzaan
410
-700
-888
-302
Landsmeer
239
-1386
-1226
-1523
gemiddelde, maar Oostzaan (94%) en Landsmeer (76%) liggen daar fors boven. Dit wijst op een aanzienlijk hogere schuldenlast bij deze twee gemeenten, wat hun financiële kwetsbaarheid vergroot. In alle drie de gemeenten is sprake van forse financiële (structurele) tekorten •
Om de structurele saldi in 2025 sluitend te maken, hebben de verschillende
De financiële situatie van Wormerland, Oostzaan en Landsmeer staat zowel nu als
gemeenten al maatregelen genomen. In Wormerland is bijvoorbeeld een deel van
in de toekomst onder druk. Hoewel het reguliere saldo van Wormerland en
de reserves ingezet om de structurele lasten te dekken. Dit is echter een
Oostzaan voor 2025 op €0 is begroot – wat betekent dat de begroting technisch
boekhoudkundige maatregel en geen financieel gezonde oplossing. Wormerland
sluitend is – blijven de financiële marges uiterst beperkt. In Landsmeer is er in
geeft aan dat dit noodzakelijk was om de begroting sluitend te maken en toezicht
2025 sprake van een begrotingstekort van 170.000 euro, dat wordt gedekt uit de
van de provincie te voorkomen.
reserves.
44 |
•
4b. Financiële situatie vraagt om stevige keuzes •
De huidige (financiële) situatie is uiterst kwetsbaar, omdat de begroting structureel
•
Het door BDO toegekende rapportcijfer over 2023 bevestigt de zorgwekkende
niet in evenwicht is. Het is belangrijk te benadrukken dat dit voor veel gemeenten
financiële positie van de drie gemeenten – ook in meerjarig perspectief. Binnen de
geldt en deels samenhangt met het zogeheten ‘ravijnjaar’ 2026: het jaar waarin de
groep van 113 Nederlandse gemeenten met minder dan 25.000 inwoners is
herverdeling van gemeentelijke middelen door het Rijk leidt tot een forse daling
Landsmeer gerangschikt op plek 111 – waarbij plek 113 de financieel zwakste
van de algemene uitkering uit het Gemeentefonds. Veel gemeenten, waaronder
gemeente is – en ontvangt het een rapportcijfer één. Wormerland staat op plaats
Wormerland, Oostzaan en Landsmeer, komen voor grote financiële uitdagingen te
107 met een rapportcijfer twee, terwijl Oostzaan net daarboven op plek 106 eindigt
staan, om met minder middelen de gemeentelijke dienstverlening te blijven
met een rapportcijfer drie. Deze lage scores onderstrepen de structurele financiële
realiseren.
kwetsbaarheid van de drie gemeenten en maken de urgentie van structurele maatregelen om de financiële positie te verbeteren des te duidelijker.
•
Het verschil is echter dat veel gemeenten een tijdelijke dip ervaren in het ravijnjaar en de begroting daarna verbetert. Dit herstel blijft bij deze drie gemeenten uit. De zorgwekkende situatie wordt bovendien bevestigd door de resultaten uit de jaarlijkse financiële benchmark van BDO (2025) die een vergelijkbaar beeld laten
zien. Uit deze benchmark blijkt dat de financiële positie van Landsmeer, Wormerland en Oostzaan tot de zwakste van Nederland behoort. In vergelijking met gemeenten van vergelijkbare omvang staat Landsmeer zelfs in de top drie van financieel minst gezonde gemeenten.
45 |
4c. Positie in Zaanstreek-Waterland en MRA beperkt Drie gemeenten beperkte positie in regio Zaanstreek-Waterland en MRA
•
Hoewel Wormerland, Oostzaan en Landsmeer vertegenwoordigd zijn in de MRA
• De regio Zaanstreek-Waterland - waartoe onder meer de Veiligheidsregio, de GGD
Raadtafel, is hun invloed beperkt. Door hun kleinere schaal en bestuurlijke positie
en het Regionaal Archief behoren - bestaat uit zeven gemeenten: Wormerland,
wegen hun stemmen minder zwaar in regionale besluitvorming, wat het moeilijk
Oostzaan, Landsmeer, Edam-Volendam, Purmerend, Waterland en Zaanstad. Binnen
maakt om lokale belangen te behartigen.
dit samenwerkingsverband zijn de gemeenten Purmerend en Zaanstad aanzienlijk groter dan de andere gemeenten. Daardoor zijn zij in hoge mate bepalend voor
•
In zowel de regio Zaanstreek-Waterland als de Metropoolregio Amsterdam
regionale keuzes, bijvoorbeeld op het gebied van mobiliteit, bereikbaarheid en
worden de discussies en besluitvormingsprocessen gedomineerd door de grotere
veiligheid.
gemeenten. Zij hebben meer gespecialiseerde ambtenaren en kunnen hun bestuurders beter voorbereiden, wat hen een strategisch voordeel geeft.
• Voor Wormerland, Oostzaan en Landsmeer, de kleinere en groene gemeenten in de regio, betekent dit een relatief bescheiden positie binnen het regionale samenspel.
•
Wormerland, Oostzaan en Landsmeer hebben een beperkte positie binnen deze
Bovendien is de bestuurlijke afstemming tussen deze ‘groene long-gemeenten’
samenwerkingsverbanden. Door minder ambtelijke capaciteit en specialistische
onderling momenteel beperkt, waardoor zij minder slagkracht hebben in de
kennis kunnen zij kansen op financiële middelen en ruimtelijke ontwikkelingen
regionale overleggen.
niet altijd optimaal benutten, wat hun invloed in de regionale besluitvorming beperkt.
• Ook binnen de MRA is dit het geval. De MRA is een samenwerkingsverband tussen
de provincies Noord-Holland en Flevoland, 30 gemeenten en de Vervoerregio Amsterdam. Binnen dit netwerk worden belangrijke besluiten genomen over ruimtelijke ordening, mobiliteit en economische ontwikkeling in de regio.
46 |
4d. Bestuurskracht gemeenten ernstig onder druk Drie gemeenten staan voor grote bestuurlijke uitdagingen •
op regionale besluitvorming gering is. Dit heeft gevolgen voor thema’s zoals
De drie gemeenten – Wormerland, Oostzaan en Landsmeer – hebben
mobiliteit, woningbouw, energietransitie en economische ontwikkeling, waarbij
omvangrijke kerntaken, maatschappelijke opgaven en bestuurlijke ambities.
de stem van deze gemeenten niet altijd voldoende wordt gehoord.
Echter, de uitvoeringskracht staat zwaar onder druk. De combinatie van een beperkte ambtelijke capaciteit en een krappe arbeidsmarkt maakt het steeds
•
De optelsom van deze factoren leidt tot de conclusie dat de bestuurskracht van
lastiger om deze taken effectief en duurzaam uit te voeren. Vacatures blijven
de drie gemeenten ernstig onder druk staat. De urgentie om tot structurele
langer openstaan, specialisten zijn moeilijk te vinden en de werkdruk op
oplossingen te komen is hoog, zeker gezien de krappe arbeidsmarkt, de
zittende medewerkers neemt toe.
beperkte positie binnen de regio en de zorgwekkende financiële vooruitzichten. Zonder ingrijpen dreigt de bestuurlijke en ambtelijke slagkracht verder af te
•
Daarnaast dwingt de precaire financiële situatie de gemeenten tot ingrijpende
nemen, met alle gevolgen van dien voor inwoners, ondernemers en
keuzes. Structurele tekorten zorgen voor onzekerheid over de toekomst, wat
maatschappelijke organisaties.
directe gevolgen heeft voor de kwaliteit en beschikbaarheid van gemeentelijke voorzieningen en diensten. Het tekort aan middelen beperkt de mogelijkheid om te investeren in innovatie, duurzaamheid en sociale voorzieningen, waardoor de leefbaarheid op de lange termijn onder druk komt te staan. •
Ook binnen de regio’s Zaanstreek-Waterland en de MRA is de positie van Wormerland, Oostzaan en Landsmeer kwetsbaar. Grotere gemeenten bepalen in hoge mate de koers, waardoor de invloed van deze drie kleinere gemeenten
47 |
5. & De confrontatie van ambtelijke fusie met toetsingscriteria
48 |
5a. Ambtelijke fusies: van eindmodel tot einde model • In dit hoofdstuk staan we stil bij de impact van een ambtelijke fusie WOL op de huidige situaties van de drie gemeenten en de uitdagingen waar deze gemeenten
Ambtelijke fusie steeds vaker ‘einde model’ in plaats van ‘eindmodel’ •
Het hoogtepunt van deze ontwikkeling lag in 2017, toen er 24 ambtelijke
voor aan de lat staan. Om dit goed te beoordelen, bespreken we eerst kort wat een
fusieorganisaties in Nederland bestonden die in totaal 59 gemeenten bedienden,
ambtelijke fusie inhoudt en hoe het landelijk verloop van ambtelijke fusies eruit ziet.
goed voor 1,8 miljoen inwoners. Sindsdien is het aantal gedaald: anno 2024 zijn er
Vervolgens gaan we in op de mate waarin een ambtelijke fusie passend is voor WOL
nog 13 ambtelijke fusieorganisaties, waarin 32 gemeenten met samen 0,9 miljoen
aan de hand van enkele toetsingscriteria.
inwoners zijn ondergebracht. De afname is grotendeels te verklaren door gemeentelijke herindelingen, maar ook door het uiteenvallen van enkele
Context als aanleiding voor de komst van ambtelijke fusies •
fusieorganisaties. Eind 2024 zijn er geen initiatieven bekend tot de vorming van
De eerste ambtelijke fusie vond plaats in 2007 tussen de gemeenten Groningen en
nieuwe ambtelijke fusieorganisaties.
Ten Boer, gevolgd door de BEL Combinatie (Blaricum, Eemnes en Laren) in 2009. Tussen 2010 en 2015 groeide het aantal ambtelijke fusies sterk, mede door de
Dilemma’s en uitdagingen in de praktijk van ambtelijke fusies
context van dat moment:
•
• •
•
Bij de start van een ambtelijke fusie hebben gemeenten vaak uiteenlopende
Het streven naar gemeenten met 100.000+ inwoners onder Minister
verwachtingen en einddoelen. Sommige gemeenten zien de fusie als een definitief
Plasterk.
samenwerkingsmodel, terwijl andere het beschouwen als een tussenstap op weg
De decentralisaties in het sociaal domein, die zorgden voor een grotere
naar een bestuurlijke herindeling. Dit verschil in visie kan leiden tot frustratie en
uitvoeringslast bij gemeenten.
onduidelijkheid over de richting van de samenwerking. Evenzo kunnen de
De financiële crisis, waardoor kostenbesparing en schaalvergroting
prioriteiten uiteenlopen: de ene gemeente richt zich vooral op kostenbesparing,
urgent werden.
terwijl een ander belang hecht aan kwaliteitsverbetering en het versterken van de dienstverlening.
49 |
5a. Ambtelijke fusies: van eindmodel tot einde model • Een ander spanningsveld ontstaat tussen de behoefte aan lokale autonomie en
De ervaringen uit het verleden met ambtelijke fusies bieden waardevolle inzichten
maatwerk per gemeente, enerzijds, en de noodzaak tot efficiëntie en
bij het beoordelen van de vraag of een dergelijke fusie een geschikte oplossing is
beleidsharmonisatie, anderzijds. Gemeenten willen vaak hun eigen werkwijze
voor de WOL-gemeenten. In het volgende deel gaan we dieper in op de specifieke
behouden, maar tegelijkertijd is er druk om processen en beleid op elkaar af te
situatie van deze drie gemeenten en onderzoeken we of dit model passend is voor
stemmen, wat kan leiden tot frustratie. Dit wordt vaak versterkt door de verdeling
hun uitdagingen.
van middelen en capaciteit. Er kan het gevoel ontstaan dat de ene gemeente disproportioneel profiteert van de gezamenlijke organisatie, wat de samenwerking bemoeilijkt. • Daarnaast kan een gebrek aan bestuurlijke verbinding tussen de deelnemende gemeenten de ambtelijke fusie in de weg staan. Zonder voldoende afstemming tussen de lokale politieke bestuurders kan de samenwerking moeizaam verlopen, met als risico dat de fusie niet het gewenste resultaat oplevert. Politieke dynamiek speelt hierbij ook een rol: wisselingen van wethouders, raadsleden of gemeentesecretarissen kunnen ertoe leiden dat de oorspronkelijke doelstellingen van de fusie verwateren. Dit maakt de ambtelijke organisatie kwetsbaar voor
politieke invloeden, waardoor het risico ontstaat dat de samenwerking meer een speelbal van de politiek wordt dan een effectief bestuursmodel.
50 |
•
5b. Eén organisatie, drie autonome gemeentebesturen Een ambtelijke fusie van WOL op hoofdlijnen
Technische schetst van een ambtelijke fusie WOL
• In de variant van een ambtelijke fusie tussen Wormerland, Oostzaan en Landsmeer
•
gemeenschappelijke regeling OVER-gemeenten. Een bredere ambtelijke fusie met
(WOL) ontstaat één gezamenlijke ambtelijke organisatie die in dienst staat van drie
Landsmeer zou leiden tot een nieuwe organisatie, waarin de drie gemeenten
autonome gemeentebesturen. Dit betekent dat de gemeenten hun bestuurlijke
gezamenlijk eigenaar zijn, maar afzonderlijk als opdrachtgever optreden.
zelfstandigheid behouden, terwijl de uitvoering van beleid en dienstverlening wordt ondergebracht in één geïntegreerde organisatie. •
OVER-gemeenten en het oprichten van een nieuwe juridische entiteit op basis
van diensten waarmee de kerntaken, maatschappelijke opgaven en bestuurlijke
van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr.), waarin alle drie de gemeenten
ambities van de drie gemeenten worden gerealiseerd. Dit betreft zowel de directe
als deelnemer toetreden. De tweede is het uitbreiden van OVER-gemeenten met
dienstverlening aan inwoners en ondernemers als de ondersteuning van
Landsmeer als derde deelnemer. In beide gevallen ontstaat er één geïntegreerde
maatschappelijke instellingen binnen de gemeenten.
ambtelijke organisatie.
• De dienstverlening van de ambtelijke organisatie aan de drie gemeenten wordt kwaliteit en kwantiteit van de dienstverlening expliciet gekoppeld aan een financiële bijdrage per gemeente. Dit zorgt voor transparantie in de afspraken en biedt de gemeenten grip op de mate waarin de ambtelijke organisatie hun beleidsdoelen ondersteunt.
51 |
Technisch-juridisch gezien zijn er twee mogelijkheden om een fusie vorm te geven. De eerste is het opheffen van de bestaande gemeenschappelijke regeling
• De gezamenlijke ambtelijke organisatie zal verantwoordelijk zijn voor het verlenen
vastgelegd in een (dienstverlenings)overeenkomst. Hierin wordt de te leveren
Oostzaan en Wormerland werken sinds 2010 samen binnen de
•
De geschatte formatieve omvang van een gezamenlijke ambtelijke organisatie op basis van de formaties van de bestaande organisaties bedraagt circa 290
formatieplaatsen. Een fusieorganisatie is hiermee groot genoeg om schaalvoordelen te behalen, en tegelijkertijd klein genoeg om een directe en toegankelijke dienstverlening aan de drie gemeenten te waarborgen.
5c. Impact op dienstverlening, beleidsvrijheid en grip Kansen van een ambtelijke fusie gaan tegelijkertijd gepaard met grote uitdagingen
•
Een zakelijk partnerschap vraagt om duidelijke afspraken over de kwaliteit en
• Een ambtelijke fusie kan een positieve impact hebben op de dienstverlening, doordat
kwantiteit van de dienstverlening, zonder dat dit leidt tot een bureaucratisch
een robuustere organisatie ontstaat met bredere expertise en grotere capaciteit. Dit
‘uurtje-factuurtje’-model. Mogelijkheden zoals een basis- en pluspakket met
zorgt in principe voor een stabielere en professionelere uitvoering van taken.
doorbelasting moeten worden verkend, net als een verdeelsleutel voor de kosten
Tegelijkertijd bestaat het risico dat prioriteiten worden bepaald door wie het meeste
en de stemverhoudingen binnen de nieuwe organisatie. Daarbij rijst ook de vraag
betaalt of het hardste roept. Dit kan spanningen veroorzaken bij de verdeling van
hoe de organisatie wordt aangestuurd: door gemeentesecretarissen, een directeur
middelen en aandacht tussen de drie gemeenten. Een belangrijke uitdaging is dan ook
of een combinatie hiervan? Aangezien samenwerking tussen twee gemeenten al
om duidelijke afspraken te maken over prioritering en te voorkomen dat gemeenten
complex is, zal de toevoeging van een derde partner deze dynamiek verder
elkaars lasten dragen.
beïnvloeden.
• Hoewel de gemeenten zelfstandig blijven en hun autonomie behouden, is volledige
•
Een ambtelijke fusie mag echter geen oplossing zijn voor een bestuurlijk
beleidsvrijheid zonder enige harmonisatie niet realistisch. Om efficiënt te werken,
probleem. Het gemeentebestuur blijft in deze variant op lokaal niveau intact,
moeten processen en systemen op elkaar worden afgestemd. De vraag is echter of
evenals de directe nabijheid van dienstverlening aan inwoners en ondernemers.
harmonisatie verder moet gaan dan alleen technische en procesmatige integratie, en
Dit behoud van bestuurlijke nabijheid heeft zowel voordelen als nadelen. Aan de
ook het beleid zelf moet omvatten. Dit vereist heldere afspraken over wat gezamenlijk
ene kant blijft de binding met de lokale gemeenschap gewaarborgd, maar aan de
wordt opgepakt en wat binnen elke gemeente afzonderlijk blijft.
andere kant kan dit leiden tot een ‘gelijke monniken, gelijke kappen’-benadering,
waarbij maatwerk voor afzonderlijke gemeenten moeilijker wordt.
52 |
5c. Impact op dienstverlening, beleidsvrijheid en grip Beperkte invloed op regionale positie • Op regionaal niveau blijven de verhoudingen binnen de regio Zaanstreek-Waterland in principe ongewijzigd. Een ambtelijke fusie zal op zichzelf nauwelijks een positieve
impuls geven aan de bestuurlijke positionering van de WOL-gemeenten binnen zowel de regio Zaanstreek-Waterland als de MRA. Dit is relevant, omdat het Rijk steeds vaker inzet op regionale samenwerking als uitgangspunt voor beleid en financiering, bijvoorbeeld via Regio Deals en het programma Elke Regio Telt. • Wil de ambtelijke fusie ook leiden tot een sterkere positie in de regio, dan is het essentieel dat de drie gemeentebesturen zich actief verbinden. Dit vraagt om een gezamenlijke vertegenwoordiging met een sterk ‘WOL-geluid’ aan regionale overlegtafels. Alleen door als één blok op te treden in de regio, kunnen de gemeenten daadwerkelijk invloed uitoefenen op inhoud, geldstromen en beleidskeuzes op bovenlokaal niveau.
53 |
5d. Robuustheid neemt toe: kansen en beperkingen • Met de vorming van een gezamenlijke ambtelijke organisatie voor de WOL-
• Daarnaast is het de vraag in hoeverre de gezamenlijke organisatie beter kan
gemeenten ontstaat een organisatie van ongeveer 290 formatieplaatsen. Dit biedt
concurreren op de arbeidsmarkt binnen de regio Zaanstreek-Waterland en de
kansen, zoals een bredere expertise, meer continuïteit in de dienstverlening en een
Metropoolregio Amsterdam. De schaalvergroting maakt de organisatie niet
robuustere ambtelijke structuur. Echter, er zijn ook duidelijke beperkingen en
automatisch een sterkere speler in de strijd om talent, gezien de concurrentie van
aandachtspunten die de effectiviteit en aantrekkelijkheid van deze fusie kunnen
grotere gemeenten en andere overheidsinstanties in de regio.
beïnvloeden. • Tot slot roept de ambtelijke fusie serieuze vragen op over de toekomstbestendigheid • Een van de structurele beperkingen is het salarisplafond binnen de ambtelijke organisatie. In een ambtelijke fusie wordt het loongebouw bepaald door de grootste
met zich meebrengt, blijft de vraag of deze variant op de lange termijn een
deelnemende gemeente, in dit geval Wormerland met 16.500 inwoners. Dit betekent
duurzame en robuuste oplossing biedt voor de uitdagingen waar de gemeenten
dat doorgroeimogelijkheden voor medewerkers begrensd blijven, wat de
voor staan.
aantrekkelijkheid van de organisatie als werkgever, bijvoorbeeld in een regio grenzend aan de MRA, kan verminderen. • Een bijkomende uitdaging die &Van de Laar hier signaleert is dat hoewel de schaalvergroting kansen biedt voor professionele ontwikkeling, dit model ook
negatieve associaties kan oproepen bij de huidige medewerkers die gewend zijn aan hun bestaande werkcultuur en groeiperspectieven. Waar alle drie de gemeente al moeite hebben met het behouden van personeel, kan een verandering als deze grote impact hebben.
54 |
en haalbaarheid van deze oplossing. Hoewel schaalvergroting in theorie voordelen
5e. Organisatielasten stijgen, geen extra bijdragen Hogere organisatiekosten zonder extra financiële bijdragen
Extra financiële lasten zonder compensatie
• Een ambtelijke fusieorganisatie brengt onvermijdelijk een toename van
• Een structurele financiële impuls in de organisatie is noodzakelijk om daadwerkelijk
organisatielasten met zich mee. Het bedienen van drie autonome gemeenten vraagt
een meerwaarde te realiseren. Alleen een optelsom van de drie huidige organisaties
om extra coördinatie en een bredere bestuurlijke en ambtelijke structuur. Dit
biedt onvoldoende schaalvoordelen of extra strategisch vermogen. Zonder
betekent onder andere een uitgebreide toplaag, waarbij drie gemeentesecretarissen
aanvullende investeringen in specialistische kennis en strategische capaciteit blijft de
of een directieteam nodig zijn om de afzonderlijke gemeenten goed te kunnen
impact van de fusie beperkt.
ondersteunen. Daarnaast blijven de drie gemeenten elk hun eigen planning-encontrolcyclus (P&C-cyclus) hanteren, terwijl de ambtelijke fusieorganisatie
• Daarnaast brengt de oprichting van een nieuwe ambtelijke organisatie aanzienlijke
daarbovenop een eigen P&C-cyclus moet voeren. Dit verhoogt de administratieve
incidentele kosten met zich mee. Denk hierbij aan project- en frictiekosten, kosten
lasten en vraagt om constante afstemming om een evenwicht te behouden tussen
voor personele integratie en sociaal plan, afschrijvingen van bestaande ICT-systemen
prestaties en kosten.
en contractbreuken. Deze kosten lopen naar verwachting in de miljoenen euro’s en moeten volledig door de gemeenten zelf worden gedragen. Er zijn geen financiële
• Bovendien brengt de samenwerking een intensieve afstemming tussen bestuurders
compensaties vanuit de provincie of het Rijk voor ambtelijke samenwerking of fusies.
en ambtenaren met zich mee, zowel inhoudelijk als organisatorisch. Dit vereist veel overleg en coördinatie, waarbij tijd en capaciteit worden besteed aan bestuurlijke en
• Ook op lange termijn biedt een ambtelijke fusie geen structurele financiële
ambtelijke afstemming in plaats van directe uitvoering van beleidsdoelen. Ook
voordelen voor de gemeentelijke begrotingen. De samenwerking heeft enkel invloed
praktische zaken, zoals reisuren tussen verschillende locaties, kunnen ten koste gaan
op de bedrijfsvoeringslasten en leidt niet tot een hogere Algemene Uitkering uit het
van productieve uren.
gemeentefonds. Dit betekent dat gemeenten geen extra structurele inkomsten ontvangen, terwijl de organisatiekosten wel toenemen.
55 |
5f. Veranderproces impactvol voor medewerkers Grote impact op medewerkers en organisatieontwikkeling
• Daarna zal de nieuwe organisatie nog enkele jaren nodig hebben om zich te
• De vorming van een ambtelijke fusieorganisatie is een ingrijpend
stabiliseren en een werkbare relatie op te bouwen met de drie autonome
reorganisatieproces, waarbij medewerkers te maken krijgen met onzekerheden en
gemeentebesturen. Deze overgangsperiode brengt een risico met zich mee: de
veranderingen in hun functie, werkstructuur en werkomgeving. Dit proces gaat
onzekerheid rondom de fusie kan leiden tot een verhoogde uitstroom van
gepaard met personele waarborgen, zoals een sociaal plan, maar brengt
medewerkers en een verminderde instroom van nieuw talent. Dit is extra zorgelijk,
onvermijdelijk ook onzekerheden met zich mee. In de praktijk leidt dit vaak tot een
gezien de huidige krapte op de arbeidsmarkt en de al bestaande personele
periode van interne gerichtheid, waarin er minder aandacht is voor de externe
uitdagingen binnen de gemeenten
opgaven en ambities van de gemeenten. Vrijwillig proces zonder externe sturing • Op basis van eerdere ervaringen met ambtelijke fusies verloopt dit proces meestal in
56 |
•
Een ambtelijke fusie is een volledig vrijwillig proces, dat door de betrokken
twee fasen. Eerst is er een jaar nodig voor besluitvorming door de colleges van B&W,
gemeenten zelf wordt geïnitieerd en vormgegeven. Er is geen formele of
waarbij ook de gemeenteraden toestemming moeten geven voor de oprichting van
wettelijke betrokkenheid van andere overheden, zoals regiogemeenten, de
een gemeenschappelijke regeling (GR) en de bijbehorende begrotingsvrijval.
provincie, het Rijk of waterschappen. Dit betekent dat de gemeenten zelf de regie
Vervolgens volgt een jaar waarin de organisatie daadwerkelijk wordt gevormd en
voeren over de manier waarop en het tempo waarin het fusieproces verloopt.
opgebouwd. Dit betekent dat er vanaf het eerste besluit tot de daadwerkelijke
Hoewel dit flexibiliteit biedt, brengt het ook de verantwoordelijkheid met zich
startdatum (die vaak op 1 januari wordt gezet vanwege de planning- en
mee om het proces zorgvuldig en doordacht in te richten, zonder externe druk of
controlcyclus) ongeveer twee jaar verstrijkt.
ondersteuning.
6. & De confrontatie van bestuurlijke fusie met toetsingscriteria
57 |
6a. Bestuurlijke fusie: trend van alle tijden • In dit hoofdstuk duiden we de impact van een bestuurlijke fusie WOL in relatie tot de
• Lichte samenvoeging (kleinere gemeente(n) integreren bij een grotere gemeente):
huidige situaties en uitdagingen van de drie gemeenten. We duiden wat een
alleen de kleinere gemeenten worden opgeheven en voegen in bij een grotere
bestuurlijke fusie inhoudt en hoe deze trend zich landelijk ontwikkelt. Voorts toetsen
gemeente, waarvan de naam behouden blijft. Er komt een nieuwe gemeenteraad en
we de impact voor Wormerland, Oostzaan en Landsmeer aan de hand van de
college, maar de burgemeester, gemeentesecretaris en griffier van de grootste
criteria.
gemeente blijven aan. Alleen de kleinere gemeenten staan onder preventief toezicht vanaf besluit op het herindelingsontwerp. Het beleid van de grootste gemeente
Verschillende vormen van bestuurlijk fuseren
vormt het uitgangspunt.
• Bij een bestuurlijke fusie worden meerdere gemeenten opgeheven en samengevoegd tot één nieuwe gemeente, of wordt een (onderdeel van) een gemeente geïntegreerd bij een gemeente. De wet biedt formeel drie vormen van
buurgemeente. Indien het inwoneraantal van geen van de betrokken gemeenten
bestuurlijke fusie:
met 10% of meer zal toe- of afnemen, is er sprake van een grenscorrectie.
• Reguliere samenvoeging (ongeveer gelijkwaardige gemeenten): alle fuserende gemeenten worden opgeheven en vormen samen één nieuwe gemeente met een nieuwe naam, gemeenteraad, college van B&W, burgemeester, gemeentesecretaris en griffier. Tijdens het proces staan alle gemeenten onder preventief financieel
toezicht, vanaf moment van besluit op herindelingsontwerp. De nieuwe gemeente ontwikkelt gezamenlijk nieuw beleid.
58 |
• Grenscorrectie: delen van een gemeente worden overgeheveld naar een
6a. Bestuurlijke fusie: trend van alle tijden Bestuurlijke fusies in Nederland: een voortdurende trend •
Het aantal gemeenten in Nederland is sinds de jaren ’90 sterk afgenomen door herindelingen. Waar er in die periode nog ongeveer 650 gemeenten waren, zijn
dat er per 2024 nog 342. Sinds 2005 is het aantal gemeenten met 27% gedaald, en per 1 januari 2027 zal dit verder afnemen tot 341 gemeenten. De gemiddelde
Aantal gemeenten x tijd (jaren)
omvang van een gemeente is dan circa 53.000 inwoners. •
Oostzaan en Landsmeer behoren met respectievelijk ongeveer 10.000 en 11.000 inwoners tot de kleinste gemeenten van Nederland. De meeste gemeenten onder de 20.000 inwoners zijn óf een eilandgemeente, óf maken al deel uit van een ambtelijke fusie, óf oriënteren zich actief op hun bestuurlijke toekomst.
•
Opvallend is dat steeds meer gemeenten met een grotere bevolkingsomvang, zoals Renkum en Best (beide ruim 30.000 inwoners), hun bestuurlijke toekomst ter discussie stellen. Daarnaast zien we dat kleinere gemeenten steeds vaker een fusie met een grotere stad als kans in plaats van een bedreiging beschouwen,
zoals recent gebeurde bij Weesp-Amsterdam en Wijdemeren-Hilversum, per 1 januari 2027.
59 |
6a. Bestuurlijke fusie: trend van alle tijden Voordelen van en dilemma’s bij een bestuurlijke fusie
•
Tegelijkertijd roept een bestuurlijke fusie ook vragen en zorgen op. Een belangrijk risico is het mogelijke verlies van lokale identiteit, vooral voor kleinere kernen en
• Een bestuurlijke fusie kan aanzienlijke voordelen bieden, maar brengt ook
dorpen binnen de nieuwe gemeente. Daarnaast kan de afstand tussen inwoners
uitdagingen met zich mee. We duiden ze hieronder nader:
en het bestuur groter worden, waardoor directe zeggenschap over de • Door het samenvoegen van gemeenten ontstaat een grotere organisatie met meer
leefomgeving afneemt. Financieel gezien kunnen de woonlasten stijgen,
expertise, wat de bestuurskracht versterkt. Daarnaast kan een grotere gemeente een
afhankelijk van hoe de harmonisatie van tarieven en belastingen wordt
sterkere positie innemen in regionale, landelijke en Europese
vormgegeven. Ook het gelijktrekken van beleid tussen de voormalige gemeenten
samenwerkingsverbanden, waardoor de toegang tot subsidies en andere financiële
kan leiden tot spanningen en weerstand, vooral wanneer gemeentelijke culturen
middelen verbetert. Ook kan de dienstverlening aan inwoners en ondernemers
en belangen uiteenlopen. Bovendien vraagt een fusie om een intensief
efficiënter worden ingericht, doordat schaalvoordelen leiden tot een betere
reorganisatieproces, dat tijd en energie kost en op korte termijn kan leiden tot
benutting van middelen en expertise. Bovendien sluit een fusie vaak beter aan bij
een dip in de realisatiekracht. Tot slot is schaalvergroting geen garantie voor
bestaande samenwerkingspatronen tussen inwoners, ondernemers en
succes: niet elke fusie levert automatisch de verwachte voordelen op.
maatschappelijke instellingen. Financieel kan een fusie bijdragen aan een robuustere begroting, terwijl een grotere organisatie aantrekkelijker wordt voor gekwalificeerd personeel en zo haar werkgeverschap versterkt.
•
De vraag blijft dan ook of een bestuurlijke fusie de beste oplossing is voor de uitdagingen van de WOL-gemeenten. In de verdere analyse onderzoeken we in hoeverre een samenvoeging daadwerkelijk passend is voor deze specifieke
situatie.
60 |
6b. Eén organisatie, één gemeentebestuur Bestuurlijke fusie WOL: één gemeente, één organisatie • In het geval van een bestuurlijke fusie van de WOL-gemeenten zou de variant van reguliere samenvoeging gelden: er ontstaat dan één nieuwe gemeente, waar een
nieuwe naam, gemeenteraad, college, van B&W, burgemeester, gemeentesecretaris en griffier moet worden benoemd. Er moet daarnaast één nieuwe ambtelijke organisatie opgetuigd worden met één gezamenlijk beleidsplan. • De huidige gemeentelijke entiteiten van Landsmeer, Oostzaan en Wormerland worden bij wet opgeheven, en een nieuw gemeentebestuur wordt gevormd. Dit gebeurt op basis van een reguliere samenvoeging, zoals vastgelegd in de Wet algemene regels herindeling (arhi). Ook de gemeenschappelijke regeling OVERgemeenten wordt opgeheven. Onder de vlag van de nieuwe gemeente wordt een ambtelijke organisatie opgebouwd, bestaande uit de medewerkers en het management van zowel OVER-gemeenten als de ambtelijke organisatie van Landsmeer.
• Op basis van de bestaande formatiegroottes schatten we dat de ambtelijke organisatie van de nieuwe gemeente WOL ongeveer 290 formatieplaatsen telt.
61 |
6c. Impact op dienstverlening, beleidsvrijheid en grip Dienstverlening en nabijheid
•
• In een bestuurlijke fusie zal de wijze waarop lokale dienstverlening wordt
Hoewel het bestuur dichterbij de inwoners komt door de fusie, zal de afstand tussen bestuur en inwoners in zekere mate toenemen. De nieuwe gemeente zal
vormgegeven een belangrijk aandachtspunt zijn. Hoewel de ambtelijke organisatie
meerdere dorpen, gehuchten en buurtschappen omvatten, met ongeveer 38.000
vanaf het begin efficiënt en robuust kan opereren, moeten in een latere fase nog
inwoners. Dit biedt voordelen, zoals meer uniforme besluitvorming en het
specifieke afspraken worden gemaakt over de nabijheid van de dienstverlening.
principe van 'gelijke monniken, gelijke kappen'. Echter, de grotere schaal kan
Hierbij gaat het om de vraag hoe de lokale dienstverlening wordt georganiseerd,
leiden tot een vermindering van de directe betrokkenheid van inwoners bij het
zodat deze aansluit bij de behoeften van de inwoners in de verschillende dorpen,
gemeentebestuur.
gehuchten en buurtschappen. De impact op de dienstverlening zal overwegend positief zijn door de grotere robuustheid van de nieuwe gemeentelijke organisatie,
Bestuurlijke grip en positie in de regio
maar het zal ook nodig zijn om afspraken te maken over de rol van dorpsraden en
•
hun bevoegdheden, budgetten en de manier van dienstverlening.
De regio Zaanstreek-Waterland blijft in tact, maar door de bestuurlijke fusie zal WOL een sterkere speler worden binnen deze regio. Dit biedt nieuwe kansen voor de drie gemeenten, vooral in hun invloed op de bredere regio en de relatie met
• Het nieuwe gemeentebestuur, dat na de fusie ontstaat, zal de prioriteiten bepalen voor de komende jaren. Dit betekent dat er een samenspel moet plaatsvinden tussen
en financiële ondersteuning, bijvoorbeeld via Regio Deals en initiatieven zoals
de gemeenteraad, het college van B&W en de ambtelijke organisatie. Er is hierbij
'Elke Regio Telt'. De bestuurlijke positie van de nieuwe WOL-gemeente kan
ruimte voor zelfstandigheid van de voormalige gemeenten, maar tegelijkertijd is het
daardoor sterk verbeteren, met meer mogelijkheden om inhoudelijk invloed uit te
noodzakelijk om binnen twee jaar na de fusie een beleidsharmonisatie door te
oefenen en toegang te krijgen tot financiële middelen die ten goede komen aan
voeren. Dit houdt in dat niet alleen processen en systemen op elkaar afgestemd
de regio.
moeten worden, maar ook het beleid en de woonlasten van de drie voormalige gemeenten.
62 |
de MRA. Het Rijk kiest steeds vaker de regio als ingang voor beleidsontwikkeling
6d. Robuustheid neemt toe: kansen en beperkingen • Een bestuurlijke fusie resulteert in een grotere organisatie van ongeveer 290
•
De positionering van de nieuwe gemeente op de arbeidsmarkt zal ook iets
formatieplaatsen, wat de robuustheid van de ambtelijke organisatie vergroot. Deze
krachtiger zijn, vooral binnen de regio Zaanstreek-Waterland en de
grotere omvang biedt zowel kansen als beperkingen voor de betrokken gemeenten.
Metropoolregio Amsterdam. Door de grotere omvang en invloed zal de
gemeente beter in staat zijn om talent aan te trekken, wat een belangrijk voordeel • De nieuwe ambtelijke organisatie heeft een aantrekkelijker loongebouw, wat het
is in een concurrerende arbeidsmarkt.
mogelijk maakt om competitieve salarissen aan te bieden. Dit is gekoppeld aan de inschaling van de burgemeester van de nieuwe gemeente, die zo'n 38.000 inwoners
•
Hoewel de toekomstbestendigheid van de oplossing over meerdere
zal bedienen. Dit kan bijdragen aan het aantrekken van talentvolle medewerkers en
bestuursperioden heen enige beperkingen kent, biedt de bestuurlijke fusie wel
het behouden van ervaren personeel, wat een belangrijke factor is voor de duurzame
kansen voor de nieuwe gemeente om effectiever samen te werken met andere
werking van de nieuwe organisatie.
mede-overheden. Deze ambtelijke samenwerking kan de gemeente beter positioneren om gezamenlijke opgaven aan te pakken en voordelen te behalen
• Wat betreft de ontwikkel- en doorgroeikansen voor medewerkers, biedt de bestuurlijke fusie meer mogelijkheden dan een ambtelijke fusie. De opbouw van functiehuizen en het loongebouw in de nieuwe gemeente zorgt voor meer ruimte voor persoonlijke en professionele groei binnen de organisatie. Dit draagt bij aan een sterker en gemotiveerder personeelsbestand, wat essentieel is voor het succes
op de lange termijn.
63 |
uit samenwerkingsverbanden op regionaal en nationaal niveau.
6e. Organisatielasten stijgen, incidentele Rijksbijdragen • Bij een bestuurlijke fusie nemen de organisatielasten toe, wat zowel kansen als uitdagingen met zich meebrengt. Door de grotere omvang van de nieuwe gemeente
Balans tussen baten en lasten moet opnieuw bepaald worden •
De herindeling heeft ook invloed op de algemene uitkering uit het
wordt het loongebouw opgetrokken, wat het mogelijk maakt om hogere salarissen
gemeentefonds. De vaste voet voor het ‘zijn van een gemeente’ vervalt, wat
en betere arbeidsvoorwaarden te bieden. Dit kan bijdragen aan het aantrekken van
resulteert in een structurele vermindering van ongeveer 2,7 miljoen euro per jaar
specialismen en het versterken van het strategisch vermogen van de organisatie.
in het geval van een WOL-fusie. Een herindelingsscan kan de exacte impact op de
Echter, dit brengt ook een opdrijvend effect op de loonkosten met zich mee, wat
totale algemene uitkering duidelijk maken, zodra het herindelingsontwerp wordt
impact kan hebben op de financiële situatie van de nieuwe gemeente.
opgesteld.
Incidentele lasten en vergoedingen
•
De bestuurskosten zullen dalen door het kleinere aantal raden en colleges,
• Bij een herindeling treden incidentele kosten op die verband houden met het
aangezien er maar één gemeenteraad en college overblijven. Er kan ook enige
samenvoegen van drie ambtelijke organisaties. Dit zijn project-, frictie- en
efficiëntie worden behaald in het management, maar de besparingen zullen
desintegratiekosten, die het gevolg zijn van het integreren van de structuren en
waarschijnlijk worden ingezet om het effect van het opdrijvende loongebouw en
processen van de deelnemende gemeenten. Deze kosten worden gedeeltelijk
de versterking van de strategische capaciteit van de organisatie te ondersteunen.
vergoed door een eenmalige uitkering van het Rijk, de zogenaamde arhi-gelden, die als een 'lumpsum’ vergoeding wordt verstrekt. De verwachte hoogte van deze
•
Bij een bestuurlijke fusie moeten de woonlasten worden geharmoniseerd. De
uitkering is ongeveer 7,5 miljoen euro voor de vorming van de WOL-gemeente. Deze
nieuwe gemeenteraad bepaalt welk niveau van woonlasten er gehanteerd wordt:
betaling wordt in vijf tranches uitgekeerd: één deel voorafgaand aan de herindeling
het hoogste van de drie gemeenten, het laagste, het gemiddelde, of ergens
en de overige delen in de vier jaren na de fusie.
tussenin. Het uitgangspunt is dat geen enkele inwoner er financieel op achteruitgaat door de fusie. De baten van de fusie moeten opnieuw worden vastgesteld, waarbij de lasten in overeenstemming worden gebracht met het
64 |
beleid van de nieuwe gemeente.
6f. Veranderproces impactvol voor alle betrokkenen • Een bestuurlijke fusie ofwel een herindeling heeft verstrekkende gevolgen voor alle betrokkenen: raadsleden, griffiers, burgemeesters en wethouders,
• De wettelijke stappen bij een bestuurlijke fusie (in de vorm van een reguliere samenvoeging) zetten we hieronder puntsgewijs op een rij:
gemeentesecretarissen, management en medewerkers. Het is een proces dat niet
1.
Vaststellen herindelingsontwerp in de betrokken gemeenteraden.
alleen de structuur van de gemeenten verandert, maar ook de functies en
2.
Na de besluiten wordt elke deelnemende gemeente onder preventief financieel
verantwoordelijkheden van de betrokkenen ingrijpend beïnvloedt.
toezicht geplaatst. 3.
Wettelijke stappen in het herindelingsproces • Herindeling is een wettelijk proces (bijlage D) dat van kracht wordt zodra het
zienswijzen. 4.
herindelingsontwerp door de gemeenteraden is vastgesteld. Dit proces omvat meerdere wettelijke stappen en termijnen. De ervaring leert dat, in een voortvarend
5.
Het herindelingsadvies wordt door de betrokken gemeenteraden definitief vastgesteld, waarmee de herindeling lokaal politiek onomkeerbaar wordt.
6. • Naast de bestuurlijke fusie, moet er ook één ambtelijke organisatie worden gevormd.
Het herindelingsadvies wordt vervolgens getoetst door Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Holland, met een zienswijze van de Provinciale Staten.
7.
personele waarborgen in de vorm van een sociaal plan. Gedurende deze periode is er vaak sprake van meer interne gerichtheid, met minder aandacht voor de externe
Het herindelingsontwerp, inclusief een reactienota op de zienswijzen, wordt omgezet in een herindelingsadvies.
proces, het doorlopen van dit proces ruim twee jaar tijd in beslag neemt.
Dit is een reorganisatieproces met bijbehorende onzekerheden, wat vraagt om
Het herindelingsontwerp wordt vervolgens acht weken ter inzage gelegd voor
Gedeputeerde Staten biedt het herindelingsadvies aan bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
8.
opgaven en ambities.
Het wetsontwerp wordt voorgelegd aan de Raad van State, waarna de
besluitvorming in zowel de Tweede als Eerste Kamer volgt. 9.
Herindelingsverkiezingen vinden plaats in november van het jaar voorafgaand aan herindelingsdatum.
10.
65 |
De nieuwe gemeente start op 1 januari van enig jaar.
& Bijlagen
66 |
Bijlage A: onze onderzoeksaanpak
Oktober
November- December
December- Januari
Januari
START EN INVENTARISATIE
VERDIEPING
ANALYSE EN SPIEGELSESSIES
EINDRAPPORTAGE
1. Startgesprek werkgroep WOL
5. Verdiepende gespreksrondes met:
7. Expertmatige analyse
10. Eindrapportage
7 oktober 2024
• Burgemeester van alle drie de gemeenten • Gemeentesecretaris van alle drie de
2 en 3: Documentanalyse en eerste uitwerking opgavenprofiel
gemeenten
de gemeenten • Voltallige college van alle drie de gemeenten 6. Verdiepende sessie gemeenteraden
67 |
en advies
• Griffier van alle drie de gemeenten • Fractievoorzitters/ presidia van alle drie
4. Informatiebijeenkomst raden
8. Opstellen denklijnen voor bevindingen
9. Spiegelsessies • Werkgroep WOL • Gemeenteraden
Bijlage B: geraadpleegde documenten Categorieën
Documenten
Algemene beleidsdocumenten Wormerland, Oostzaan en Landsmeer
Beleidsdocumenten van Wormerland, Oostzaan en Landsmeer die inzicht bieden in de opgaven en ambities van de gemeente en de context waarin de gemeente opereert. Denk hierbij aan algemene beleidskaders, coalitieakkoord 2022- 2026, collegebesluiten of rapportages van informatieve raadsbijeenkomsten gerelateerd aan beleidsuitvoering.
Financiële rapportages van Wormerland, Oostzaan en Lansmeer
Algemene financiële documenten die onderdeel zijn van de P&C- cyclus met name jaarrekeningen, begroting en periodieke rapportages die inzicht geven in de budgetoverhevelingen en geplande investeringen.
Recente onderzoeken
Recente onderzoeken van de drie gemeenten naar de bestuurskracht en toekomstbestendigheid van de gemeentelijke organisaties.
Formatie en verzuimrapportages over de jaren 2022, 2023 en 2024 van de drie gemeenten.
Aangeleverde cijfers van de drie gemeenten over de periode 2022 t/m 2024 over formatie, bezetting vacatureruimte, inhuur, verzuim, in- en uitstroom.
Visiedocumenten Wormerland, Oostzaan en Landsmeer
Richtinggevende documenten van Wormerland, Oostzaan en Landsmeer waarin (deel)ambities omschreven zijn, zoals de toekomstvisies van de drie Gemeenten, de omgevingsvisies, en de deelvisies zoals economische visie, woonvisie, sociale visie, etc.
68 |
Bijlage C: herindelingen sinds 2019 in Nederland
69 |
Jaar
Oorspronkelijke gemeenten
Inwoneraantal voor fusie
Nieuwe gemeentenaam
Inwoneraantal nieuw
2027
Gemeente Wijdemeren Gemeente Hilversum
24.500 94.500
Gemeente Hilversum
120.000
2022
Gemeente Uden Gemeente Landerd
42.266 15.896
Gemeente Maashorst
60.000
2022
Gemeente Heerhugowaard Gemeente Langedijk
59.102 28.593
Dijk en Waard
90.000
2022
Gemeente Purmerend Gemeente Beemster
81.538 10.703
Gemeente Purmerend
95.000
2022
Gemeente Weesp Gemeente Amsterdam
20.766 882.633
Gemeente Amsterdam
2022
Gemeente Cuijk Gemeente Boxmeer Gemeente Sint Anthonis Gemeente Grave Gemeente Mill en Sint Hubert
25.677 29.721 11.790 12.462 11.057
Gemeente Land van Cuijk
92.000
2021
Gemeente Appingedam Gemeente Delfzijl Gemeente Loppersum
11.496 24.596 9.495
Gemeente Eemsdelta
45.000
2021
Gemeente Haaren (14.000)
2019
Gemeente Bedum Gemeente Eemsmond Gemeente De Marne Gemeente Winsum
10.493 15.411 10.037 11.947
Gemeente Het Hogeland
48.000
2019
Gemeente Ten Boer Gemeente Haren Gemeente Groningen
7.289 20.191 203.819
Gemeente Groningen
240.000
Opsplitsing
Bijlage C: herindelingen sinds 2019 in Nederland
70 |
Jaar
Oorspronkelijke gemeenten
Inwoneraantal voor fusie
Nieuwe gemeentenaam
Inwoneraantal nieuw
2019
Gemeente Grootegast Gemeente Leek Gemeente Marum Gemeente Zuidhorn
12.191 19.732 10.484 19.066
Gemeente Westerkwartier
65.000
2019
Gemeente Dongeradeel Gemeente Kollumerland/ Nieuwkruisland Gemeente Ferweradiel
23.845 12.761 8.575
Gemeente Noardeast-Fryslân
65.000
2019
Gemeente Geldermalsen Gemeente Neerijnen Gemeente Lingewaal
27.036 12.468 11.193
Gemeente West-Betuwe
53.000
2019
Gemeente Leerdam Gemeente Vianen Gemeente Zederik
21.248 20.444 14.020
Gemeente Vijfheerenlanden
61.000
2019
Gemeente Oud- Beijerland Gemeente Binnenmaas Gemeente Korendijk Gemeente Cromenstrijen Gemeente Strijen
24.403 29.292 11.269 12.916 8.776
Gemeente Hoeksche Waard
90.000
2019
Gemeente Giessenlanden Gemeente Molenwaard
14.540 29.318
Gemeente Molenlanden
45.000
2019
Gemeente Aalburg Gemeente Werkendam Gemeente Woudrichem
13.321 27.295 14.770
Gemeente Altena
58.000
2019
Gemeente Onderbanken Gemeente Nuth Gemeente Schinnen
7.782 15.187 12.758
Gemeente Beekdaelen
36.000
2019
Gemeente Noordwijk Gemeente Noordwijkerhout
26.174 16.685
Gemeente Noordwijk
46.000
2019
Gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude Gemeente Haarlemmermeer
6.167 148.068
Gemeente Haarlemmermeer
163.000
Bijlage D: ambtelijke fusie: wat is het (niet)? slide uit presentatie gehouden voor gemeenteraden WOL-gemeenten
GR Ambtelijke werkorganisatie
•
Kwaliteit, Kwetsbaarheid, Kosten, Kansen medewerkers (en Kracht in regio)
Dir-secr.
•
Gemeenten blijven politiek-bestuurlijk zelfstandig: eigen raad, eigen griffie, eigen college, eigen gemeentesecretaris
•
Ambtelijke krachtenbundeling in GR
•
AFO met rechtspersoonlijkheid
•
AFO heeft eigen bestuur (uit colleges)
•
Directie van GS-en en/ of aparte directie
•
Eventueel klein regieteam ‘achterhouden’ voor bestuurlijk comfort
•
Programmagelden lokaal, bedrijfsvoeringsmiddelen gebundeld
Bestuur
Regieteam X
Griffie
71 |
Regieteam Y GS
GS
College X
College Y
Raad X
Raad Y
Griffie
Bijlage D: ambtelijke fusie ‘vrij in te richten’ slide uit presentatie gehouden voor gemeenteraden WOL-gemeenten
•
Ambtelijke fusie geheel van onderop
•
Vormvrij qua proces (tijdpad) en inhoud (afspraken)
•
Geen incidentele middelen vanuit provincie of Rijk
•
Geen structurele effecten op Rijksmiddelen (Algemene Uitkering) of lasten inwoners
•
Ofwel: bedrijfsvoering! …vooral des colleges
72 |
Bijlage D: route richting ambtelijke fusie slide uit presentatie gehouden voor gemeenteraden WOL-gemeenten Richten
Inrichten
Verrichten
•Wenkend perspectief (visie op AFO)
• (Ver)bouwen nieuwe organisatie
• Implementatie inrichtingsplan
•Dienstverleningsconcept
• Verbouwen terwijl de winkel openblijft
• Knelpunten vanuit inrichtingsfase inventariseren (bijv. ‘vergeten functies’, processen, etc.)
•Sturingsfilosofie •Juridisch construct •Mogelijkheden onderzoeken tot harmonisatie
• Besluitvorming op inrichtingsplan (collegebesluit) met advies OR •Start nieuwe AFO
•Financiële afspraken
•Besluitvorming colleges op bedrijfsplan en GR (met toestemming raden)
Ca. één jaar besluitvorming, één jaar inrichten: start 1/1 van enig jaar 73 |
Bijlage D: bestuurlijke fusie: wat is het (niet)? slide uit presentatie gehouden voor gemeenteraden WOL-gemeenten
•
•
•
74 |
Reguliere samenvoeging (ongeveer gelijkwaardig) -
Alle fuserende gemeenten opheffen en nieuwe gemeente vormen