7 20251106 Begroting 2026 gemeente Laarbeek
Tekst van het document
Bij nieuwe gebiedsontwikkelingen wordt natuur-inclusiviteit van bebouwing en openbare ruimte als norm gehanteerd. 25
3.11
In afspraken met gebiedsontwikkelaars wordt bij de toewijzing van koop- en huurwoningen ingezet op voorrang voor de eigen inwoners, personen met een economische binding en spijtoptanten. Bij de uitgifte van gemeentelijke gronden worden eveneens de (juridische) mogelijkheden hiervoor benut. Daarnaast integreren we zelfbewoningsplicht in ons beleid.
3.12
Er worden onderhoudsplannen opgesteld voor het openbaar groen, waarbij groenbeleving, biodiversiteit en klimaatadaptatie leidende principes zijn. We werken aan een normering voor een toekomstbestendige inrichting van de openbare ruimte, waarbij rekening wordt gehouden met mensen met een geestelijke of fysieke beperking. Bij het terugdringen van wateroverlast ten gevolge van clusterbuien wordt ingespeeld op kansen (grondverwerving), maar worden inwoners ook gestimuleerd om hun eigen verantwoordelijkheid te nemen. Op het gebied van grootschalige opwek van energie wordt in beginsel ingezet op bewezen en effectieve maatregelen. Besparende maatregelen en zonnepanelen op het dak worden met voorrang gestimuleerd. Bij de eventuele plaatsing van windmolens is voldoende draagvlak een vereiste, met lokaal eigenaarschap als uitgangspunt. Daarbij worden de resultaten en conclusies van de omgevingsdialoog meegenomen. We vinden de bescherming en instandhouding van het erfgoed in het algemeen en van Landgoed Eyckenlust, Landgoed Croy en Missieklooster Heilig Bloed erg belangrijk. Hierbij geldt ‘behoud door ontwikkeling’ als uitgangspunt. Het paraplubestemmingsplan archeologie en monumenten en de Kerkenvisie worden opgesteld.
In verband met het grote aantal verkeersuitdagingen binnen het grondgebied van Laarbeek, wordt een Integrale Verkeersstudie verricht, met daarin een doorkijk naar en afstemming met de regionale verkeersproblematiek en de kansrijke inbreidings- en uitbreidingslocaties. In deze studie worden ook onderwerpen als de Sonseweg en de ervaren verkeersoverlast in de kernen meegenomen. We accepteren een 2x2-baans N279, indien nut en noodzaak (Ladder van Verdaas) op basis van actuele cijfers zijn aangetoond. Bij de planontwikkeling voor de N279 wijzen wij een omleiding rond Dierdonk, hetgeen nieuw asfalt betekent, af. De aansluiting van de N615 op de N279 (fly-over) en de aansluiting van de Peeleindseweg op de N615 (rotonde) worden bij voorrang met een hoge urgentie geprioriteerd. We streven naar het oplossen van het verkeersknelpunt bij de Beekse brug.
3.13
3.14
3.15
3.16
3.19
3.20 3.21
3.22 3.23 3.24
3.25
Wat gaan we daar voor doen? 3.03
Wij stellen een Omgevingsvisie op voor de kernen die door de raad vóór 1 januari 2025 moet zijn vastgesteld. Het centrale thema hierin is meer integrale aandacht voor wonen, klimaat, water en groen binnen de bebouwde kom. Omgevingsvisie voor kernen Planning De Omgevingsvisie wordt voor 1 januari 2027 aan uw raad voorgelegd. 12 - 2026 Tevens worden voorbereidingen getroffen om de Omgevingsvisie te vertalen naar een Omgevingsplan. Dit betreft een meerjarig, veelomvattend proces dat leidt tot een juridisch bindend plan dat uiterlijk in 2031 moet zijn vastgesteld.
26
3.21
In verband met het grote aantal verkeersuitdagingen binnen het grondgebied van Laarbeek, wordt een Integrale Verkeersstudie verricht, met daarin een doorkijk naar en afstemming met de regionale verkeersproblematiek en de kansrijke inbreidings- en uitbreidingslocaties. In deze studie worden ook onderwerpen als de Sonseweg en de ervaren verkeersoverlast in de kernen meegenomen. Fietsvriendelijke route Lieshout – Mariahout – Son en Breugel We onderzoeken de mogelijkheden om de veiligheid en het comfort voor fietsers tussen Lieshout, Mariahout en Son en Breugel te verbeteren.
Planning 12 - 2026
Fietsparkeren Planning We onderzoeken op welke plekken het fietsparkeren moet worden 12 - 2026 uitgebreid en/of verbeterd. Focus in 2026 ligt op de centrumgebieden, bij scholen en bij sportverenigingen. Strategie Elektrisch Rijden Met de groei van het aantal elektrische voertuigen neemt ook de vraag naar oplaadpunten toe. Om ervoor te zorgen dat voor iedereen een passende laadoplossing beschikbaar is gaan we aan de slag met een integrale visie op elektrisch rijden en bijbehorend plaatsingsbeleid voor laadpalen.
Planning 12 - 2026
Financiën Rekening bedragen x € 1.000
Begroting
Meerjarenbegroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
-12.806
-18.185
-12.029
-12.683
-17.814
-13.450
Cultureel erfgoed
-154
-855
-145
-115
-105
-105
Economische promotie
-247
-1.086
-217
-217
-217
-217
Media
-511
-523
-492
-392
-392
-392
-2.879
-6.167
-2.689
-2.689
-2.682
-2.682
-22
-23
-25
-24
-24
-28
-3.115
-3.337
-3.034
-3.089
-3.112
-3.151
Lasten
Milieubeheer Musea Openbaar groen en (openlucht) recreatie Recreatieve havens
-5
-5
-5
-5
-5
-5
Ruimte en leefomgeving
-2.195
-2.040
-1.133
-1.259
-1.454
-1.492
Verkeer en vervoer
-3.276
-3.640
-3.966
-4.571
-9.501
-5.055
Wonen en bouwen
-401
-509
-322
-322
-322
-322
Baten
2.709
4.742
1.665
1.665
1.665
1.665
15
18
18
18
18
18
155
155
155
155
155
447
447
447
447
Cultureel erfgoed Economische promotie Media
66
23
Milieubeheer
752
3.124
Musea
1
1
1
1
1
1
Openbaar groen en (openlucht) recreatie
62
159
63
63
63
63
Ruimte en leefomgeving
608
73
74
74
74
74
Verkeer en vervoer
231
215
208
208
208
208
Wonen en bouwen
975
975
699
699
699
699
Saldo van baten en lasten
-10.097
-13.443
-10.364
-11.018
-16.149
-11.785
Stortingen in reserves
-8.974
-2.653
-55
-55
-55
-55
Onttrekkingen aan reserves
5.487
5.217
456
942
5.804
1.298
-13.584
-10.879
-9.962
-10.131
-10.400
-10.542
Resultaat
27
Onderstaande tabel geeft de ontwikkelingen van de begrotingssaldi weer.
Begroting
Meerjarenbegroting
bedragen x € 1.000
2026
2027
2028
2029
Bestaand beleid
-310
-459
-669
-707
Kapitaallasten
88
65
60
99
Overige mutaties
113
113
113
113
Loon- & prijsontwikkeling
-101
-99
-99
-99
Totaal ontwikkelingen begroting 2026-2029
-210
-381
-595
-594
Toelichting financiële mutaties Onderstaande tabel laat de mutaties uit de Programmabegroting 2026 zien. Begroting
Meerjarenbegroting
bedragen x € 1.000
2026
2027
2028
2029
Bestaand beleid
-310
-459
-669
-707
Aanpassing systematiek van te verwerken plankosten grondexploitatie
192
36
-159
-197
Lasten
192
36
-159
-197
Met ingang van 2026 passen we de systematiek aan van de te verwerken plankosten binnen de grondexploitatie. Hierbij gaan we van het toerekenen van een vast jaarlijks bedrag naar een jaarlijks fluctuerend bedrag gebaseerd op de geraamde plankosten per grondexploitatie per jaar volgens de grondnota. Deze wijziging zorgt voor een transparantere en realistischer toerekening van kosten aan ruimtelijke projecten. Door de actualisatie sluiten de plankosten beter aan bij de werkelijke inzet van personeel en middelen. Dit bevordert een efficiëntere kostenbeheersing en versterkt de financiële onderbouwing van toekomstige gebiedsontwikkelingen. De nieuwe systematiek wordt toegepast op zowel lopende als nieuwe grondexploitaties en is afgestemd op landelijke richtlijnen en onze gemeentelijke ambities. Brandverzekering - inkoopstrategie 2026 Lasten
2
2
2
2
2
2
2
2
Door een verlaging van de doorleenpremie valt de nieuwe jaarpremie voor de uitgebreide gevarenverzekering lager uit.
Versterking uitvoeringskracht afdeling Leefomgeving
-253
-253
-503
-503
In de kadernota hebben wij aangekondigd dat we een nadere uitwerking zouden maken voor de versterking van de uitvoeringskracht van afdeling Leefomgeving, dit met als doel om voortvarend uitvoering te geven aan de woningbouwopgave waaraan gemeente Laarbeek zich via de Woondeal en Project Beethoven heeft geconformeerd. De formatieve sterkte neemt daarvoor geleidelijk toe met ca. 2,5 fte in 2026 en 2027 tot in totaal 4,5 fte met ingang van 2028. Dit correspondeert met een verhoging van het structurele budget met € 252.500 in de jaren 2026 en 2027, en € 502.500 vanaf 2028. Dat betekent dat we de inzet, kosten en afhankelijkheid van externe inhuur willen afbouwen ten gunste van het ingroeien naar meer vaste formatie. Hiermee bevorderen we dat de benodigde kennis (inclusief gebiedskennis en het netwerk) en ervaring binnen de organisatie aanwezig zijn en behouden blijven. Verder voorkomen we zoveel mogelijk dat capaciteit verloren gaat met overdracht en inwerken van nieuwe krachten, hetgeen een efficiënte benutting van de capaciteit ten goede komt.
28
Intrekken krediet Vervangen brug Lekerstraat/Peeleindsweg Beek en Donk Lasten
0
16
16
16
0
16
16
16
Uit nader onderzoek blijkt dat vervanging van de brug niet nodig is. De noodzakelijke werkzaamheden aan de brug worden betaald uit het reguliere onderhoudsbudget. Monitoring Soortenmanagementplan (SMP) Lasten
0
0
-14
-14
0
0
-14
-14
Er wordt van 2025 t/m 2027 gewerkt aan het opstellen van een Soortmanagementplan inclusief inventarisatiewerk en ontheffingaanvraag zodat grootschalige woningisolatie mogelijk wordt. Eén van de verplichtingen die daaruit voortkomt is dat er vanaf 2028 monitoring plaats zal moeten vinden op de effecten van (maatregelen uit) het SMP. Nieuwe projecten voor grootschalige energieopwek Lasten
10
0
0
0
10
0
0
0
In de Kadernota 2026 is een bezuinigingsvoorstel opgenomen op het gebied van grootschalige energieopwek vanaf het jaar 2027. Aanvullend wordt voorgesteld om de bezuiniging van € 10.000 ook in 2026 toe te passen. Indien er nieuwe initiatieven komen worden deze beoordeeld en wordt daar waar nodig incidenteel budget aangevraagd. Versnelling woningbouwopgave
-250
-250
0
0
In de kadernota hebben wij aangekondigd dat we een nadere uitwerking zouden maken voor de versterking van de uitvoeringskracht van afdeling Leefomgeving, dit met als doel om voortvarend uitvoering te geven aan de woningbouwopgave waaraan gemeente Laarbeek zich via de Woondeal en Project Beethoven heeft geconformeerd. Tevens heeft uw raad onlangs verzocht om een versnelling in onze woningbouwopgave door te voeren. Dat doen we door de komende 2 jaren het budget voor de flexibele schil te verhogen. Dit budget wordt in 2026 en 2027 uit incidentele middelen verhoogd met € 250.000. Voor een versnelling is niet alleen extra menskracht nodig. De bouwketen (de interne disciplines die samenwerken aan de woningbouwopgave, van initiatief tot realisatie) willen we verder versterken. En ook onderzoeken we waar er aanpassingen in de werkwijze mogelijk en nuttig zijn om de versnelling door te voeren. Daarbij kunt u onder meer denken aan het prioriteren van ruimtelijke initiatieven en aan procesoptimalisatie (het verkorten van het planproces door processtappen waar mogelijk parallel en niet volgordelijk- te zetten). De doorlooptijd van processen zal worden gemonitord zodat kan worden vastgesteld of een en ander daadwerkelijk tot een versnelling leidt. Verwerking financiële bijstelling Subsidiestaat 2026 Lasten
-11
-11
-11
-11
-11
-11
-11
-11
Bij de vaststelling van de Begroting 2026 wordt tevens de Subsidiestaat 2026 vastgesteld. Dit leidt tot diverse budgettaire bijstellingen als gevolg van gewijzigde hoeveelheden als ook door het toepassen van indexering. Als dekking is hiervoor het overgebleven deel van de stelpost Indexering beschikbaar. Deze stelpost is hoger dan de financiële bijstelling. Het restant van de stelpost valt nu vrij, zodat er een positief saldo overblijft.
29
Beleidsindicatoren
Beleidsindicator
verplicht volgens meet eenheid BBV j/n
actualiteit
Laarbeek
gemiddelde gemeente < 25.000 inwoners
Gemiddelde WOZ-waarde
Ja
x € 1.000
2025
440
428
Nieuw gebouwde woningen
Ja
per 1.000 woningen
2024
3,1
8,6
Demografische druk
Ja
%
2025
81,7
82
Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden
Ja
€
2025
957
996
Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden
Ja
€
2025
1.022
1.091
Investeringen Onderstaande tabel geeft inzicht in de investeringen binnen dit programma voor het begrotingsjaar 2026 en de meerjarenbegroting 2026-2028. Conform het financieel beleid en de bijbehorende financiële verordening worden de voorgestelde investeringsbudgetten (kredieten) voor het nieuwe begrotingsjaar 2026 direct door de raad beschikbaar gesteld in 2026 bij vaststelling van de begroting. De financiële ruimte voor de kapitaallasten van investeringen is in de Kadernota 2026-2029 opgenomen en zijn dus al verwerkt in het gepresenteerde saldo van de kadernota. Daarnaast zijn de toekomstige investeringsbudgetten van 2027 tot en met 2029 weergegeven. De hiervoor noodzakelijke financiële ruimte is wel in het meerjarig saldo verwerkt, maar deze investeringsbudgetten worden nu nog niet vastgesteld.
30
bedragen x € 1.000
Omschrijving
Kapitaallasten Bruto Jaar investerings investering budget
2026
2027
2028
2029
Bomenvervangingsplan 2026
2026
109
0
4
4
4
Deelfietsen bij bedrijventerreinen
2026
12
0
0
0
1
Fietsvriendelijke Sonseweg
2026
84
0
2
2
2
Speelvoorzieningen 2026 (cf. speelruimteplan)
2026
61
0
4
4
4
Verduurzaming groen openbare ruimte 2026
2026
300
0
10
10
10
Verv. openbare verlichting cfm beleidsplan 2026 Vervangingsinvesteringen wegen 2026 conform wegenbeleid 2024
2026
298
0
9
9
9
2026
1.864
0
47
47
47
Bomenvervangingsplan 2027
2027
109
0
0
4
4
Onderzoek verkeerscirculatie Beek en Donk
2027
512
0
0
0
21
Speelvoorzieningen 2027 (cf. speelruimteplan)
2027
61
0
0
4
4
Verduurzaming groen openbare ruimte 2027
2027
300
0
0
10
10
Verv. openbare verlichting cfm beleidsplan 2027 Vervangingsinvesteringen wegen 2027 conform wegenbeleid 2024
2027
309
0
0
9
9
2027
1.151
0
0
29
29
Voorbereidingskosten herinrichting Kapelstraat
2027
18
0
0
0
0
Bomenvervangingsplan 2028
2028
109
0
0
0
4
Speelvoorzieningen 2028 (cf. speelruimteplan)
2028
61
0
0
0
4
Verduurzaming groen openbare ruimte 2028
2028
300
0
0
0
10
Verv. openbare verlichting cfm beleidsplan 2028 Vervangingsinvesteringen wegen 2028 conform wegenbeleid 2024 Voorbereidingskosten herinrichting Peeleindseweg-N272
2028
321
0
0
0
9
2028
1.151
0
0
0
29
2028
6
0
0
0
0
Bomenvervangingsplan 2029 Fietsroute Beek en Donk-Helmond (brug Oranjelaan) Fietsroute Beek en Donk-Helmond (brug Oranjelaan)
2029
109
0
0
0
0
2029
112
0
0
0
0
2029
112
0
0
0
0
Optimalisaties (buurt)bushaltes
2029
9
0
0
0
0
OV-verbinding Gemert-Helmond
2029
56
0
0
0
0
Speelvoorzieningen 2029 (cf. speelruimteplan)
2029
61
0
0
0
0
Verduurzaming groen openbare ruimte 2029 Verkeerskundige aanpassingen fietsverbindingen bruggen
2029
300
0
0
0
0
2029
37
0
0
0
0
Verv. openbare verlichting cfm beleidsplan 2029 Vervangingsinvesteringen wegen 2029 conform wegenbeleid 2024
2029
333
0
0
0
0
2029
1.989
0
0
0
0
Voorbereidingskosten herinrichting Rooijseweg
2029
34
0
0
0
0
31
4. Economie en werkgelegenheid Portefeuillehouders Wethouder Briels Wethouder Slaets-Sonneveldt Wethouder Van den Berkmortel
Ontwikkelingen De economische dynamiek in Zuidoost Brabant zorgt (naast de druk op woningen en voorzieningen) niet alleen voor een forse groei van de werkgelegenheid, maar stelt Laarbeek en de regio ook voor forse opgaven op het gebied van economische infrastructuur. De ontwikkeling van het Regionaal Bedrijventerrein Brainport Oost biedt perspectief voor grootschalige bedrijvigheid.
Ambities A. Er zijn voldoende bedrijfskavels beschikbaar in Laarbeek en in de regio. B. We nemen een actieve houding aan in het versterken van de winkelcentra en het tegengaan van leegstand van centrumpanden. C. Arbeidsmigranten worden op een menswaardige manier gehuisvest.
Financiën Rekening bedragen x € 1.000
Begroting
Meerjarenbegroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
-8.900
-11.064
-6.537
-2.561
-769
-310
Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen
-82
-46
-28
-28
-28
-28
Beheer overige gebouwen en gronden
-28
-24
-23
-23
-23
-23
Economische ontwikkeling
-655
-555
-451
-441
-431
-406
Fysieke bedrijfsinfrastructuur
-3.644
-3.848
-3.407
177
177
177
Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen)
-4.490
-6.531
-2.628
-2.246
-463
-30
Lasten
Vennootschapsbelasting (VpB) Baten
-60 8.332
12.099
6.714
2.368
442
8
Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen
63
67
67
67
67
67
Beheer overige gebouwen en gronden
43
45
45
45
45
45
Fysieke bedrijfsinfrastructuur
3.956
4.333
3.873
-103
-103
-103
Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen)
4.270
7.655
2.729
2.360
434
Saldo van baten en lasten
-568
1.036
176
-192
-327
-302
Stortingen in reserves
-109
-1.935
-505
-144
Onttrekkingen aan reserves
122
447
Resultaat
-555
-452
-328
-337
-327
-302
32
Onderstaande tabel geeft de ontwikkelingen van de begrotingssaldi weer.
Begroting
Meerjarenbegroting
bedragen x € 1.000
2026
2027
2028
2029
Bestaand beleid
-16
-20
-20
-20
Kapitaallasten
3
3
3
3
Overige mutaties
-31
-31
-31
-31
Loon- & prijsontwikkeling
-4
-4
-4
-4
Totaal ontwikkelingen begroting 2026-2029
-47
-52
-52
-52
Toelichting financiële mutaties Onderstaande tabel laat de mutaties uit de Programmabegroting 2026 zien. Begroting
Meerjarenbegroting
bedragen x € 1.000
2026
2027
2028
2029
Bestaand beleid
-16
-20
-20
-20
Aanpassing systematiek van te verwerken plankosten grondexploitatie
-17
-17
-17
-17
Lasten
439
461
310
272
Baten
-456
-478
-327
-289
Met ingang van 2026 passen we de systematiek aan van de te verwerken plankosten binnen de grondexploitatie. Hierbij gaan we van het toerekenen van een vast jaarlijks bedrag naar een jaarlijks fluctuerend bedrag gebaseerd op de geraamde plankosten per grondexploitatie per jaar volgens de grondnota. Deze wijziging zorgt voor een transparantere en realistischer toerekening van kosten aan ruimtelijke projecten. Door de actualisatie sluiten de plankosten beter aan bij de werkelijke inzet van personeel en middelen. Dit bevordert een efficiëntere kostenbeheersing en versterkt de financiële onderbouwing van toekomstige gebiedsontwikkelingen. De nieuwe systematiek wordt toegepast op zowel lopende als nieuwe grondexploitaties en is afgestemd op landelijke richtlijnen en onze gemeentelijke ambities. Brandverzekering - inkoopstrategie 2026 Lasten
1
1
1
1
1
1
1
1
Door een verlaging van de doorleenpremie valt de nieuwe jaarpremie voor de uitgebreide gevarenverzekering lager uit. Ophoging kosten ontwikkeling centrumplan Lieshout Lasten
0
-4
-4
-4
0
-4
-4
-4
Aan de hand van de besluitvorming in de raad van 2 oktober 2025 is een bijstelling nodig voor de ontwikkeling van de Heuvel. In de kadernota 2026 hebben we een bedrag € 14.000 gereserveerd. De bedragen zijn geactualiseerd, aanvullend is er structureel € 4.400 extra nodig.
33
Beleidsindicatoren De functiemengingsindex (FMI) weerspiegelt de verhouding tussen banen en woningen, en varieert tussen 0 (alleen wonen) en 100 (alleen werken). Bij een waarde van 50 zijn er evenveel woningen als banen. Deze is hieronder weergegeven als indicator.
Beleidsindicator
verplicht volgens meet eenheid BBV j/n
actualiteit
Laarbeek
gemiddelde gemeente < 25.000 inwoners
Vestigingen (van bedrijven)
Ja
per 1.000 inwoners 15 t/m 64 jr
2023
195,8
187,3
Functiemenging
Ja
%
2023
47,9
49,8
34
5. Gezondheid, welzijn, zorg en onderwijs Portefeuillehouders Wethouder Briels Wethouder Slaets-Sonneveldt
Ontwikkelingen De gezondheidszorg en de sociale voorzieningen zijn van een hoog niveau, maar dit staat onder druk door de toenemende vraag en beperkte beschikbaarheid. Diverse (regionale) initiatieven en projecten zijn ontwikkeld om dit aan te pakken. Het Integraal Zorgakkoord (IZA) richt zich op passende zorg, samenwerking en preventie, met een werkagenda voor regionale uitvoering. In de Peelregio wordt dit opgepakt via het netwerk 'Peel Duurzaam Gezond'. Het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) stimuleert preventie en een gezonde leefomgeving, met extra aandacht voor kwetsbare groepen. Het gaat om omzien naar elkaar. De Hervormingsagenda Jeugd (HVAJ) wil het jeugdstelsel verbeteren en financieel houdbaar maken. In de Peelregio pakken we dit regionaal op via samenwerking in het netwerk '10voordeJeugd'. Het integraal huisvestingsplan voor onderwijs (IHP) heeft de focus op inclusief, thuisnabij en kerngericht onderwijs, en betere samenwerking tussen scholen.
Ambities A. We willen een bijdrage leveren aan het tegengaan van de toenemende sociale en culturele tweedeling in de maatschappij. B. We werken toe naar een sociaal domein zonder schotten met minder regels, met als doelstelling om goede zorg betaalbaar te houden. C. We richten ons op de bestrijding van de (verborgen) armoede. D. We zetten ons in voor een eenzaamheidsaanpak (voor jong en oud). E. Vanwege het belang voor de samenleving blijven we verenigingen en vrijwilligers actief ondersteunen. F. We blijven inzetten op een bredere kijk op (positieve) gezondheid. G. We willen overbelasting van mantelzorgers voorkomen. H. Voor mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt worden laagdrempelige voorzieningen gecreëerd, gericht op participatie (inclusiviteit). I. De participatie van jeugd in de samenleving wordt bevorderd. J. We onderschrijven het belang van algemeen toegankelijke voorzieningen. K. We zorgen ervoor dat de functionaliteit en het beheer van onze accommodaties op orde blijven.
Speerpunten Wat willen we bereiken? 5.01
5.02
De komende raadsperiode wordt gewerkt aan een nieuw Beleidsplan sociaal domein met als centrale thema’s integraliteit, maatwerk, inclusiviteit, toegankelijkheid (in brede zin) en vindbaarheid. We rollen vroegsignalering breder uit over het sociaal domein.
5.03
We blijven inzetten op activerend huisbezoek.
5.04
Het minimabeleid krijgt een stevige impuls met extra aandacht voor vroegsignalering. 35
5.05
We ontwikkelen de huiskamerprojecten door.
5.06
Laarbeek blijft inzetten op een ‘dementie-vriendelijke gemeente’.
5.07
De mantelzorger wordt ondersteund en ontlast.
5.08
Schulddienstverlening wordt verder uitgebouwd.
5.09
We zijn ruimhartig in de opvang van statushouders en vluchtelingen.
5.10
We zetten in op maatwerk door samenwerking met alle partners die nodig zijn om mensen te helpen volwaardig deel te nemen aan de arbeidsmarkt en kijken daarbij over de grenzen van de bestaande regels en kaders heen. Er vindt een herijking plaats van het accommodatiebeleid, waarbij tevens wordt gestudeerd op de wenselijkheid en uitvoerbaarheid van omni-verenigingen. We zetten in op het toekomstbestendig maken van het Ontmoetingscentrum Beek en Donk. De energieneutraliteit van gemeentelijke gebouwen wordt aangepakt, hetgeen een forse investering tot gevolg kan hebben. Hierbij wordt niet alleen naar de kosten, maar ook naar de opbrengsten en vervangingsinvesteringen gekeken. De gemeente streeft naar een 55% reductie van de CO2-voetafdruk van haar gemeentelijke gebouwen in 2030 (ten opzichte van 1990). Maatregelen worden bij voorkeur uitgevoerd tijdens natuurlijke vervangingsmomenten.
5.11 5.12 5.13
Wat gaan we daar voor doen? 5.11
Er vindt een herijking plaats van het accommodatiebeleid, waarbij tevens wordt gestudeerd op de wenselijkheid en uitvoerbaarheid van omniverenigingen. Herijking accommodatiebeleid Er wordt een nieuw beleidskader maatschappelijk vastgoed opgesteld, waarin de gemeentelijke doelstellingen van maatschappelijk vastgoed worden bepaald.
5.12
Planning 12 - 2026
We zetten in op het toekomstbestendig maken van het Ontmoetingscentrum Beek en Donk. Ontwikkeling ontmoetingscentrum Beek en Donk Planning Het nieuwbouwscenario van het Ontmoetingscentrum wordt verder 12 - 2026 uitgewerkt. Het definitief ontwerp en bijhorende investeringskrediet wordt voorgelegd aan de raad.
Financiën Rekening bedragen x € 1.000
Begroting
Meerjarenbegroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
-32.280
-35.275
-35.086
-34.923
-34.680
-34.663
Arbeidsparticipatie
-68
-113
-117
-111
-81
-81
Begeleiding (WMO)
-497
-546
-503
-503
-503
-503
Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie
-159
-172
-210
-210
-210
-210
Dagbesteding (WMO)
-187
-203
-198
-198
-198
-198
Huishoudelijke hulp (WMO)
-1.328
-1.460
-1.709
-1.709
-1.709
-1.709
Hulpmiddelen en diensten (WMO)
-1.202
-1.247
-1.317
-1.306
-1.356
-1.366
Inkomensregelingen
-7.384
-7.776
-8.299
-8.389
-8.453
-8.526
Lasten
Geëscaleerde zorg 18-
36
Jeugdbescherming
-326
-337
-327
-327
-327
-327
Jeugdhulp ambulant regionaal
-2.767
-3.172
-3.234
-3.234
-3.234
-3.234
Jeugdhulp met verblijf landelijk
-1.491
-974
-896
-896
-896
-896
Jeugdhulp met verblijf regionaal
-1.255
-2.259
-2.794
-2.794
-2.794
-2.794
-49
-52
-49
-49
-49
-49
Jeugdreclassering Onderwijsbeleid en leerlingzaken
-1.111
-1.167
-1.083
-1.083
-1.083
-1.083
Onderwijshuisvesting
-278
-364
-332
-335
-318
-311
PGB Jeugd
-190
-190
-200
-200
-200
-200
PGB WMO
-73
-114
-119
-119
-119
-119
Samenkracht en burgerparticipatie
-5.253
-5.814
-4.238
-4.218
-4.487
-4.561
Sportaccommodaties
-1.108
-1.262
-1.334
-1.304
-1.319
-1.321
-327
-489
-546
-546
-546
-546
Sportbeleid en activering Toegang en eerstelijnsvoorzieningen Integraal
-502
-424
-433
-433
-433
-433
Toegang en eerstelijnsvoorzieningen Jeugd
-2.013
-2.188
-2.252
-2.252
-1.702
-1.702
Toegang en eerstelijnsvoorzieningen WMO
-1.079
-1.208
-1.190
-1.190
-1.190
-1.190
-978
-1.048
-1.113
-1.113
-1.113
-1.113
WSW en beschut werk
-2.655
-2.697
-2.594
-2.405
-2.360
-2.191
Baten
10.054
8.904
6.748
6.706
6.951
6.951
Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie
12
14
14
14
14
14
Geëscaleerde zorg 18-
937 90
180
180
180
Volksgezondheid
Huishoudelijke hulp (WMO) Hulpmiddelen en diensten (WMO)
66
3
15
15
15
15
4.416
4.587
4.748
4.765
4.765
4.765
859
400
250
250
250
268
182
140
140
140
140
3.528
2.713
746
746
746
746
Sportaccommodaties
217
192
192
192
192
192
Sportbeleid en activering
590
353
403
403
403
403
245
245
Inkomensregelingen Jeugdhulp met verblijf regionaal Onderwijsbeleid en leerlingzaken Onderwijshuisvesting Samenkracht en burgerparticipatie
Toegang en eerstelijnsvoorzieningen Jeugd Volksgezondheid Saldo van baten en lasten
20 -22.225
-26.371
-28.338
-28.217
-27.729
-27.712
Stortingen in reserves
-616
Onttrekkingen aan reserves
1.402
668
442
442
442
442
-21.439
-25.703
-27.896
-27.775
-27.287
-27.270
Resultaat
37
Onderstaande tabel geeft de ontwikkelingen van de begrotingssaldi weer.
Begroting
Meerjarenbegroting
bedragen x € 1.000
2026
2027
2028
2029
Bestaand beleid
-786
-782
-832
-842
Kapitaallasten
238
428
213
184
Nieuw beleid
-24
-24
-24
-24
Loon- & prijsontwikkeling
-56
-54
-54
-54
Totaal ontwikkelingen begroting 2026-2029
-628
-432
-696
-736
Toelichting financiële mutaties Onderstaande tabel laat de mutaties uit de Programmabegroting 2026 zien. Begroting
Meerjarenbegroting
bedragen x € 1.000
2026
2027
2028
2029
Bestaand beleid
-786
-782
-832
-842
-18
-15
-15
-15
-18
-15
-15
-15
1e begrotingswijziging 2026 GR Peelgemeenten Lasten
Via de voorgestelde 1e begrotingswijziging 2026 van de GR Peelgemeenten vinden op een aantal onderdelen bijstellingen plaats: - CAO-afspraken - Een 10 voor de Jeugd - Inburgering - Formatie kwaliteit en Jeugd Als gevolg hiervan stijgt de bijdrage 2026 van de gemeente Laarbeek met € 18.454 (structureel € 14.767 + incidenteel € 3.687). Brandverzekering - inkoopstrategie 2026 Lasten
14
14
14
14
14
14
14
14
Door een verlaging van de doorleenpremie valt de nieuwe jaarpremie voor de uitgebreide gevarenverzekering lager uit. Gevolgen aanbesteding collectief vervoer Lasten
0
0
-50
-60
0
0
-50
-60
De financiële gevolgen van het nieuwe contract voor de uitvoering van het Wmo vervoer per 1 maart 2028 worden geraamd op extra € 60.000 op jaarbasis. In de Raadsinformatiebrief 'Gunning Taxbus en Bravoflex' is aangegeven dat deze financiële bijstelling wordt meegenomen bij de samenstelling van de Begroting 2026-2029. Integrale aanpak jongeren Lasten
-70
-70
-70
-70
-70
-70
-70
-70
Er is sprake van een toename van overlast gevende groepen jongeren, met groeiende veiligheidsrisico’s. Dit blijkt uit de stijging van meldingen bij Veilig Thuis, gemeente en politie, en signalen van LEVgroep. De geregistreerde jeugdoverlast steeg van 46 meldingen in 2023 naar 76 meldingen tot en met augustus 2025. Om grip te krijgen op deze jongeren en hun netwerk is intensievere samenwerking met partners noodzakelijk. Dit vraagt om extra inzet van jongerenwerkers voor vroegsignalering, ondersteuning en preventie.
38
Verwerking financiële bijstelling Subsidiestaat 2026 Lasten
-80
-80
-80
-80
-80
-80
-80
-80
Bij de vaststelling van de Begroting 2026 wordt tevens de Subsidiestaat 2026 vastgesteld. Dit leidt tot diverse budgettaire bijstellingen als gevolg van gewijzigde hoeveelheden als ook door het toepassen van indexering. Als dekking is hiervoor het overgebleven deel van de stelpost Indexering beschikbaar. Deze stelpost is hoger dan de financiële bijstelling. Het restant van de stelpost valt nu vrij, zodat er een positief saldo overblijft. Verzekeringspremies - bijstelling prijspeil 2025 Lasten
-6
-6
-6
-6
-6
-6
-6
-6
De budgetten verzekeringspremies worden bijgesteld op het prijspeil 2025. Hierin is begrepen een bijstelling van € 7.774 voor de hogere arbeidsongeschiktheidsverzekering vanwege toename aantal medewerkers afgelopen jaren. Zorgkosten Sociaal Domein - actualisatie n.a.v. rapportage Zorgkosten Q2-2025 Lasten
-626
-626
-626
-626
-626
-626
-626
-626
Eind augustus 2025 is vanuit de GR Peelgemeenten de rapportage Zorgkosten Q2-2025 aangeleverd met daarin een geactualiseerde prognose van de zorgkosten over 2025, aangevuld met een doorkijk naar 2026. Op basis hiervan stellen we de budgetten van de zorgkosten in het sociaal domein bij (Wmo, jeugd, bijzondere bijstand, minimabeleid & schuldhulpverlening en inburgering). Voor de actualisatie ervan is geen dekking aanwezig, met uitzondering van inburgering.
Beleidsindicatoren
Beleidsindicator
verplicht volgens meet eenheid BBV j/n
actualiteit
Laarbeek
gemiddelde gemeente < 25.000 inwoners
Relatief verzuim
Ja
per 1.000 leerlingen
2024
10
21
Absoluut verzuim
Ja
per 1.000 leerlingen
2024
7,0
8,5
Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsvers)
Ja
%
2024
1,4
1,8
Niet sporters
Ja
%
2024
46,1
44,1
Banen
Ja
per 1.000 inwoners 1564 jr
2023
636,4
708,1
Jongeren met een delict voor de rechter
Ja
%
2023
1
1
Kinderen uit uitkeringsgezinnen
Ja
%
2023
4
3
Netto arbeidsparticipatie
Ja
%
2024
74,6
73,8
Werkloze jongeren
Ja
%
2023
1
1
Personen met een bijstandsuitkering
Ja
per 10.000 inwoners
2024
147,2
176,0
Lopende reintegratievoorzieningen
Ja
per 10.000 inwoners van 15 - 64 jaar
2024
77,5
156,6
39
Jongeren met jeugdhulp
Ja
% van alle jongeren tot 18 jr
2024
12,2
13,1
Jongeren met jeugdbescherming
Ja
%
2024
0,6
0,9
Jongeren met jeugdreclassering
Ja
%
2024
onbekend
0,4
Cliënten met een maatwerkarrangement WMO
Ja
per 10.000 inwoners
2024
600
669
Omvang huishoudelijk restafval
Ja
kg per inwoner
2023
54
106
Hernieuwbare elektriciteit
Ja
%
2022
30,0
45,7
Investeringen Onderstaande tabel geeft inzicht in de investeringen binnen dit programma voor het begrotingsjaar 2026 en de meerjarenbegroting 2026-2028. Conform het financieel beleid en de bijbehorende financiële verordening worden de voorgestelde investeringsbudgetten (kredieten) voor het nieuwe begrotingsjaar 2026 direct door de raad beschikbaar gesteld in 2026 bij vaststelling van de begroting. De financiële ruimte voor de kapitaallasten van investeringen is in de Kadernota 2026-2029 opgenomen en zijn dus al verwerkt in het gepresenteerde saldo van de kadernota. Daarnaast zijn de toekomstige investeringsbudgetten van 2027 tot en met 2029 weergegeven. De hiervoor noodzakelijke financiële ruimte is wel in het meerjarig saldo verwerkt, maar deze investeringsbudgetten worden nu nog niet vastgesteld.
bedragen x € 1.000
Kapitaallasten Bruto investerings budget
2026
2027
2028
2029
2026
677
0
0
27
27
MFA de Dreef - zonnepanelen (routekaart)
2026
123
0
0
5
5
Nieuwbouw ontmoetingscentrum BD
2026
13.650
0
1
276
276
OBS Het Klokhuis - Zonnepanelen (routekaart)
2026
223
0
6
6
6
Uitbreiding OBS De Driehoek Sporthal de Klumper-Overige verduurzamingen (routekaart)
2026
1.380
0
0
0
28
2027
616
0
0
25
25
Sporthal de Klumper-Zonnepanelen (routekaart)
2027
202
0
0
8
8
Omschrijving MFA de Dreef - Overige verduurzaming (routekaart)
Jaar investering
40
6. Financiën en bedrijfsvoering Portefeuillehouders Burgemeester Van der Aa Wethouder Briels
Ontwikkelingen De komende jaren blijft het financieel perspectief onzeker. Het ravijnjaar is uitgesteld en hangt nog steeds boven de markt. Hiervoor is het nodig om de ambities, taken en middelen naar de toekomst in balans te brengen. Ontwikkelingen wordt scherp in de gaten gehouden en waar nodig wordt actie ondernomen.
Ambities A. We streven ernaar om de goede financiële situatie te behouden dan wel te verbeteren. B. Het personeelsbestand van de gemeente is kwalitatief en kwantitatief in overeenstemming met haar taken. C. De gemeentelijke systemen voor Informatisering & Automatisering zijn robuust, dataveilig en toekomstbestendig.
Speerpunten Wat willen we bereiken? 6.01
We zijn terughoudend met het verhogen van de lasten voor onze inwoners.
6.02
6.05
We blijven investeren in het behoud van ons hoge voorzieningenniveau, met een realistische blik op mogelijkheden, onmogelijkheden en goed uit te leggen overwegingen. Onroerend Zaak Belasting is niet bij voorbaat sluitpost van de begroting. Er dient een balans te zijn tussen opbrengsten, kosten en het voorzieningenniveau in onze kernen. De gemeente investeert - aangetoond door een goede onderbouwing - in het personeelsbestand en de bedrijfsvoering, zodat die in evenwicht zijn met de maatschappelijke opgaven en taken van deze tijd. We sturen actief op het grondbedrijf vanuit een brede totaalblik (niet per project), met een goede balans tussen beleidsdoelstellingen en financiële positie. We zetten in op verantwoord actief grondbeleid.
6.06
We streven naar meer kostendekkende heffingen en retributies.
6.07
De invoering van verblijfsbelasting wordt versneld ingevoerd per 2024.
6.08
We zoeken naar mogelijkheden om een herstructureringsfonds of een vereveningsfonds in het leven te roepen voor het realiseren van sociale woningbouw. Er wordt gekeken naar de financiële en praktische mogelijkheden om rioolheffing te baseren op werkelijk waterverbruik.
6.03
6.04
6.09
41
Wat gaan we daar voor doen? 6.03
De gemeente investeert - aangetoond door een goede onderbouwing - in het personeelsbestand en de bedrijfsvoering, zodat die in evenwicht zijn met de maatschappelijke opgaven en taken van deze tijd. Investering in personeelsbestand en bedrijfsvoering In 2026 investeren we in een nieuw werkplekkenconcept en een professionele werkomgeving.
Planning 12 - 2026
Financiën Rekening bedragen x € 1.000
Begroting
Meerjarenbegroting
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Lasten
-12.380
-13.011
-12.110
-12.251
-12.457
-12.569
Overhead
-11.989
-12.129
-12.052
-12.031
-12.113
-12.168
-176
-768
108
110
101
100
-4
-4
-5
-5
-5
-5
-211
-110
-162
-327
-440
-497
Baten
51.610
52.590
53.292
53.327
52.215
52.513
Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds
43.616
45.430
46.028
45.931
44.718
44.915
Belastingen overig
24
27
27
27
27
27
Overhead
875
289
261
246
246
246
Overige baten en lasten
373
Overige baten en lasten OZB woningen Treasury
OZB niet-woningen
2.316
2.417
2.440
2.440
2.440
2.440
OZB woningen
4.021
4.220
4.327
4.474
4.575
4.676
386
206
210
210
210
210
39.230
39.579
41.182
41.076
39.758
39.944
Stortingen in reserves
-777
-2.540
-155
-424
-817
-940
Onttrekkingen aan reserves
574
3.763
287
556
949
1.072
39.027
40.802
41.314
41.208
39.890
40.076
Treasury Saldo van baten en lasten
Resultaat
Onderstaande tabel geeft de ontwikkelingen van de begrotingssaldi weer.
Begroting
Meerjarenbegroting
bedragen x € 1.000
2026
2027
2028
2029
Bestaand beleid
-75
-119
-113
-134
Gemeentefonds
838
926
926
926
Kapitaallasten
-18
-17
-54
-37
Overige mutaties
153
153
153
190
Loon- & prijsontwikkeling
177
174
174
174
1.076
1.117
1.086
1.118
Totaal ontwikkelingen begroting 2026-2029
42
Toelichting financiële mutaties Onderstaande tabel laat de mutaties uit de Programmabegroting 2026 zien. Begroting
Meerjarenbegroting
bedragen x € 1.000
2026
2027
2028
2029
Bestaand beleid
-75
-119
-113
-134
0
-1
-1
-1
0
-1
-1
-1
Aanpassing raadszaal (voorbereidingskrediet) Lasten
De huidige vaste inrichting van de raadszaal is aan vervanging toe. Ter voorbereiding op een definitief nieuwe inrichting van de raadszaal worden kosten gemaakt. Aan de hand van een programma van eisen worden een aantal varianten uitgewerkt van waaruit een keuze gemaakt kan worden. De inrichting van de raadszaal dient toekomstbestendig te zijn, representatief en breed inzetbaar als vergaderfaciliteit. Voorbereidingskrediet € 25.000, kapitaallasten vanaf 2027. Brandverzekering - inkoopstrategie 2026 Lasten
2
2
2
2
2
2
2
2
Door een verlaging van de doorleenpremie valt de nieuwe jaarpremie voor de uitgebreide gevarenverzekering lager uit. Juridische advisering Lasten
-45
-45
-45
-45
-45
-45
-45
-45
Voorgesteld wordt om het budget juridische advisering structureel bij te stellen. Het aantal en duur van juridische procedures, klachtenbehandelingen en WOO-verzoeken nemen al een aantal jaren toe. We werken met een flexibele schil (inhuurkrachten en advocatenkantoren) om de werkvoorraad beheersbaar te houden. In 2026 gaan we kijken naar de juridische interne dienstverlening in relatie tot werkvoorraad, capaciteit en benodigde specialisaties. Reiskostenvergoeding woon-werkverkeer (CAO) Lasten
-130
-130
-130
-130
-130
-130
-130
-130
Gemeenten dienen n.a.v. de laatste cao-wijzigingen 2025-2027 per 1 januari 2026 een woonwerkregeling vast te stellen. Om aantrekkelijk werkgeverschap te bevorderen in een krappe arbeidsmarkt en gelijke arbeidsvoorwaarden binnen de Peelregio te realiseren, wordt een lokale regeling voorgesteld, te weten; een vergoeding van 0,23 cent per kilometer tot maximaal 50 km enkele reis. De geraamde kosten zijn ingeschat op basis van het huidige personeelsbestand, vergoeding per kilometer, woon-werkafstand en gemiddelde werkdagen op locatie. De huidige mogelijkheid om reiskosten fiscaal uit te ruilen van het IKB blijft van toepassing vanaf 50 km enkele reis. Vervanginginvesteringen buitendienst Lasten
0
-6
0
-21
0
-6
0
-21
Omdat we geen investeringen onder de € 50.000 activeren brengen we deze in als een incidenteel budget. Het gaat om de volgende investeringen: bladblazer tractor, klepelmaaier, wegenschaaf en dieseltank. Verwerking financiële bijstelling Subsidiestaat 2026 Lasten
113
113
113
113
113
113
113
113
Bij de vaststelling van de Begroting 2026 wordt tevens de Subsidiestaat 2026 vastgesteld. Dit leidt tot diverse budgettaire bijstellingen als gevolg van gewijzigde hoeveelheden als ook door het toepassen van indexering. Als dekking is hiervoor het overgebleven deel van de stelpost Indexering beschikbaar. Deze stelpost is hoger dan de financiële bijstelling. Het restant van de stelpost valt nu vrij, zodat er een positief saldo overblijft. 43
Verzekeringspremies - bijstelling prijspeil 2025 Lasten
-15
-15
-15
-15
-15
-15
-15
-15
De budgetten verzekeringspremies worden bijgesteld op het prijspeil 2025. Hierin is begrepen een bijstelling van € 7.774 voor de hogere arbeidsongeschiktheidsverzekering vanwege toename aantal medewerkers afgelopen jaren. Opvoering investering Hardware 2026 Lasten
0
0
0
0
0
0
0
0
De benodigde investeringen in Hardware voor het jaar 2026 zijn in beeld gebracht. Dit leidt uiteindelijk tot een beschikbaar te stellen investeringskrediet ter grootte van € 113.130 waarbij de dekking van de kapitaallasten plaatsvindt uit de hiervoor beschikbare stelpost automatisering. Opvoering investering Hardware 2027 Lasten
0
0
0
0
0
0
0
0
Voor de benodigde investeringen in Hardware voor het jaar 2027 is een globale inschatting gemaakt. Dit leidt uiteindelijk tot een beschikbaar te stellen investeringskrediet ter grootte van € 100.000 waarbij de dekking van de kapitaallasten plaatsvindt uit de hiervoor beschikbare stelpost automatisering. Opvoering investering Hardware 2028 Lasten
0
0
0
0
0
0
0
0
Voor de benodigde investeringen in Hardware voor het jaar 2028 is een globale inschatting gemaakt. Dit leidt uiteindelijk tot een beschikbaar te stellen investeringskrediet ter grootte van € 100.000 waarbij de dekking van de kapitaallasten plaatsvindt uit de hiervoor beschikbare stelpost automatisering. Opvoering investering Software 2026 Lasten
0
0
0
0
0
0
0
0
De benodigde investeringen in Software voor het jaar 2026 zijn in beeld gebracht. Dit leidt uiteindelijk tot een beschikbaar te stellen investeringskrediet ter grootte van € 267.076 waarbij de dekking van de kapitaallasten plaatsvindt uit de hiervoor beschikbare stelpost automatisering. Opvoering investering Vervanging audiovisuele middelen (raadszaal en vergaderruimtes) Lasten
0
-38
-38
-38
0
-38
-38
-38
De huidige audiovisuele middelen in het gemeentehuis zijn aan vervanging toe. De faciliteiten voor beeldpresentaties in de raadszaal worden vervangen en verbeterd. De AV-middelen in de vergaderruimtes worden vervangen. Vergaderruimtes worden voorzien van sight camera's ten behoeve van digitale overleggen. Projectruimtes worden voorzien van wandschermen ten behoeve van informatiedeling. De AV vervanging loopt gelijktijdig mee met de herinrichting van het gemeentehuis. De werkomgeving wordt aangepast op het activiteitgerelateerd werken. We spelen in op het hybride en flexibel werken waarin vergaderingen fysiek, digitaal en/of hybride plaats vinden. Gemeentefonds
838
926
926
926
Correctie verwerking meicirculaire 2025 gemeentefonds
838
926
926
926
838
926
926
926
Baten
Bij de verwerking van zowel de Voorjaarsnota 2025 (=voorloper op de Meicirculaire) als de Meicirculaire 2025 zelf is abusievelijk budgettair gerekend met een dubbele afslag voor de geraamde kosten voor loon- en prijsstijging 2026. Hierdoor dient de meerjarenraming 2026-2029 positief te worden bijgesteld.
44
Beleidsindicatoren
Beleidsindicator
verplicht volgens meet eenheid BBV j/n
actualiteit
Laarbeek
gemiddelde gemeente < 25.000 inwoners
Bezetting
Ja
Fte per 1.000 inwoners
2026
5.83
onbekend
Formatie
Ja
Fte per 1.000 inwoners
2026
6.39
onbekend
Apparaatskosten
Ja
Kosten per inwoner
2026
niet gemeten
onbekend
Ja
Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen
2026
4.69%
onbekend
Ja
% van totale lasten (excl. toevoegingen aan reserves)
2026
15,13
onbekend
Externe inhuur
Overhead
Investeringen Onderstaande tabel geeft inzicht in de investeringen binnen dit programma voor het begrotingsjaar 2026 en de meerjarenbegroting 2026-2028. Conform het financieel beleid en de bijbehorende financiële verordening worden de voorgestelde investeringsbudgetten (kredieten) voor het nieuwe begrotingsjaar 2026 direct door de raad beschikbaar gesteld in 2026 bij vaststelling van de begroting. De financiële ruimte voor de kapitaallasten van investeringen is in de Kadernota 2026-2029 opgenomen en zijn dus al verwerkt in het gepresenteerde saldo van de kadernota. Daarnaast zijn de toekomstige investeringsbudgetten van 2027 tot en met 2029 weergegeven. De hiervoor noodzakelijke financiële ruimte is wel in het meerjarig saldo verwerkt, maar deze investeringsbudgetten worden nu nog niet vastgesteld.
45
bedragen x € 1.000
Omschrijving
Kapitaallasten Bruto Jaar investerings investering budget
2026
2027
2028
2029
Hardware 2026
2026
113
0
28
28
28
Software 2026
2026
267
0
53
53
53
Vervanging audiovisuele middelen (raadszaal en vergaderruimtes)
2026
125
0
38
38
38
Bestelbus voor calamiteiten
2027
55
0
0
6
6
Hardware 2027
2027
100
0
0
25
25
Pick-up bus geschikt als strooivoertuig
2027
65
0
0
7
7
Pick-up voor regulier werk
2027
60
0
0
6
6
Vrachtwagen
2027
200
0
0
20
20
Hardware 2028
2028
100
0
0
0
25
Hardware 2029
2029
100
0
0
0
0
46
4. Paragrafen 4.1 Lokale heffingen Geraamde belastinginkomsten (en overige heffingen) Lokale heffingen stellen de gemeente in staat eigen middelen te verkrijgen. Die middelen worden ingezet voor uitgaven voor de uitvoering van de gemeentelijke taken. De invoering, wijziging of intrekking van lokale heffingen vindt plaats door middel van een verordening, die door de gemeenteraad wordt vastgesteld. Ook de tarieven worden vastgesteld door de gemeenteraad. In deze paragraaf wordt een beeld gegeven bij de ramingen op het gebied van gemeentelijke belastingen. Na een samenvattende tabel volgt een toelichting per belastingsoort, de lokale lastendruk en het kwijtscheldingsbeleid. De onderstaande tabel geeft de meerjarig geraamde inkomsten weer.
Begroting
Meerjarenbegroting
bedragen x € 1.000
2026
2027
2028
2029
Leges
1.388
1.388
1.388
1.140
155
155
155
155
Onroerendezaakbelasting
6.767
6.914
7.015
7.116
Afvalstoffenheffing
2.168
2.209
2.207
2.207
Rioolheffing
2.894
3.009
3.127
3.247
27
27
27
27
13.702 13.920
13.892
Verblijfsbelasting
Reclamebelasting Totaal Lokale heffingen
13.399
Beleidsuitgangspunten Binnen de gemeente Laarbeek gelden de volgende lokale heffingen: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
Onroerendezaakbelasting Rioolheffing Afvalstoffenheffing Verblijfsbelasting Reclamebelasting Leges Markt- en staangelden
De raad stelt de verordeningen jaarlijks vast en de Belastingsamenwerking Oost-Brabant (BSOB) zorgt vervolgens voor de uitvoering, zoals het opleggen en innen van de aanslagen. Dat geldt niet voor de leges en markt- en staangelden, de heffing daarvan verloopt rechtstreeks via de gemeente. Een nadere toelichting op het beleid is te vinden in de Nota lokale heffingen. Deze is op 17 september 2015 door de raad vastgesteld. Daarnaast zijn de actuele verordeningen te vinden via www.overheid.nl.
47
Overzicht lokale heffingen Onroerendezaakbelasting Onder de naam ‘Onroerendezaakbelasting’ wordt een belasting geheven van de eigenaren en gebruikers van alle binnen de gemeente gelegen niet-woningen en van de eigenaren van de woningen. Uitgegaan wordt van de waarde die op basis van de Wet Waardering Onroerende Zaken (Wet WOZ) is vastgesteld. Jaarlijks vindt een algehele hertaxatie plaats waarmee de nieuwe WOZwaarden worden vastgesteld. Voor belastingjaar 2026 is de waardepeildatum voor de WOZ-waarde 1 januari 2025. De volgende beleidsuitgangspunten worden toegepast bij de berekening van de OZB-tarieven: OZB is algemeen dekkingsmiddel, er is geen relatie te leggen met de bijhorende kosten. Tariefdifferentiatie (gebruik bedrijven, eigendom bedrijven en eigendom woningen). Trendmatige opbrengsten stijging om voorzieningen in de vier kernen te handhaven. Belastingtarieven worden voor het begin van het kalenderjaar vastgesteld door de gemeenteraad. De waardering van de onroerende zaak en vervolgens de heffing en inning van de onroerende zaakbelastingen is volledig overgedragen aan de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking Oost-Brabant (BSOB) per 1 januari 2018, zodat deze als gecombineerde aanslag met de waterschapsbelastingen bij de inwoners en eigenaren wordt opgelegd.
Ondernemersfonds Sinds 2017 wordt een extra heffing toegepast op alle niet-woningen ten behoeve van het Ondernemersfonds Laarbeek. Tot en met het jaar 2025 is een bedrag van €30,- per €100.000,- WOZwaarde gehanteerd. De heffing wordt verdeeld in 55% voor de eigenaar van de niet-woning en 45% voor de gebruiker/huurder van de niet-woning. De ambities van het Ondernemersfonds Laarbeek ontstijgen het huidige budget. Dit is de laatste jaren opgevangen door een buffer die ontstaan is in de corona-periode, maar dit is vanaf 2026 opgebruikt. De gemiddelde landelijke bijdrage aan ondernemersfondsen bedraagt €60,- per €100.000,- WOZ-waarde, de laagste bijdrage per €100.000,- WOZ-waarde die gehanteerd wordt is de €30,- in Laarbeek. Op verzoek van het Ondernemersfonds Laarbeek stellen we bij de Belastingverordeningen 2026 (raadsvergadering 18 december 2025) een verhoging voor vanaf het jaar 2026. De financiële verwerking van dit voorstel zal plaats vinden na de besluitvorming in de gemeenteraad van 18 december 2025.
Rioolheffing De volgende beleidsuitgangspunten worden toegepast bij de berekening van de tarieven rioolheffing: • De rioolheffing wordt geheven op basis van de uitgangspunten zoals die zijn opgenomen in het Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029. • Kostendekkende heffing, alle uitgaven die betrekking hebben op riolering en watertaken worden gecompenseerd met de rioolheffing. • Tariefdifferentiatie in woningen en niet-woningen. Voor woningen geldt een tarief per perceel en voor niet-woningen geldt een tarief volgens een staffel als meer dan 500 m3 wordt afgevoerd. • Bij de berekening wordt rekening gehouden met BTW, overheadkosten en toerekening van een deel van de lasten van kwijtschelding. • Belastingtarieven worden voor het begin van het kalenderjaar vastgesteld door de gemeenteraad. • Tariefverhoging van € 7 op basis van het Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 20252029. • Indexering van 2,1 % conform de Financiële uitgangspunten uit de Kadernota 2026 (pagina 7). 48
• •
De tariefstijging in 2026 bedraagt daardoor per saldo € 12,80 ten opzichte van het tarief rioolheffing 2025 (€ 269,28). Het tarief wordt € 282,08. Voor deze heffing is kwijtschelding mogelijk.
Berekening kostendekkendheid
Begroting
Rekening
Rioolheffing
2026
2025
2024
2024
Netto kosten taakveld
1.710
1.826
1.647
1.753
Overhead BTW Kwijtschelding
831
674
695
695
303
235
231
192
50
50
0
0
Totale kosten
2.894
2.785
2.573
2.640
Opbrengst heffingen
2.894
2.785
2.573
2.640
Dekkingspercentage
100%
100%
100%
100%
Toe te rekenen kosten:
Afvalstoffenheffing De volgende beleidsuitgangspunten worden toegepast bij de berekening van de afvaltarieven: • Kostendekkende heffing, alle uitgaven die betrekking hebben op afvalinzameling en verwerking worden gecompenseerd met de afvalstoffenheffing. • Bij de tariefberekening wordt rekening gehouden met BTW, overheadkosten en toerekening van een deel van de lasten van kwijtschelding. • Belastingtarieven worden voor het begin van het kalenderjaar vastgesteld door de gemeenteraad. • Voor deze heffing is een kwijtschelding mogelijk tot een bedrag van € 269,78.
Berekening kostendekkendheid
Begroting
Rekening
Afvalstoffenheffing
2026
2025
2024
2024
Netto kosten taakveld
1.746
1.591
1.621
1.631
Toe te rekenen kosten:
Overhead BTW Kwijtschelding
71
118
92
92
307
323
323
323
45
45
0
0
Totale kosten
2.169
2.077
2.036
2.046
Opbrengst heffingen
2.168
2.077
2.036
2.045
Dekkingspercentage
100%
100%
100%
100%
49
Verblijfsbelasting Per 1 januari 2025 is verblijfsbelasting ingevoerd voor niet-ingezeten van Laarbeek. De voornaamste uitgangspunten zijn: De verblijfsbelasting wordt geheven per persoon per nacht. Er wordt onderscheid gemaakt voor verblijven met een vaste slaapplek (bijvoorbeeld hotel, B&B en huisvesting arbeidsmigranten) en verblijven waarbij mensen hun eigen bed meenemen (bijvoorbeeld camping). De volledige uitgangspuntennotitie is in de raadsvergadering van 26 september 2024 vastgesteld.
Reclamebelasting Reclamebelasting wordt opgelegd in de winkelgebieden Piet van Thielplein en Heuvelplein. De belasting is ingevoerd op verzoek van de ondernemersverenigingen. Doel van de heffing is om alle winkeliers mee te laten betalen aan de verdere ontwikkeling van het gebied. Welke activiteiten hiervan worden ondernomen wordt ingevuld door de ondernemersverenigingen. De volgende beleidsuitgangspunten zijn toegepast bij de berekening van de reclamebelasting: • Het heffingsgebied betreft winkelgebied Piet van Thielplein en Heuvelplein. • 100% doorbetaling van de werkelijke opbrengst. • Bij de tariefberekening wordt geen rekening gehouden met BTW en overheadkosten. • Belastingtarieven worden voor het begin van het kalenderjaar vastgesteld door de gemeenteraad, dit kan ook betekenen dat verordeningen van oude jaren niet geactualiseerd worden. • Voor reclamebelasting is geen kwijtschelding mogelijk.
Leges De volgende beleidsuitgangspunten worden toegepast bij de berekening van de leges-tarieven: • Het beleid is erop gericht om de komende jaren te groeien naar verdergaande kostendekking. De leges in 2026 worden daarom verhoogd met 5%, voor zover mogelijk. • Op basis van de Kadernota 2026-2029 is voor enkele specifieke tarieven een extra aanpassing verwerkt. Daarmee wordt beoogd om versneld te komen tot een hogere mate van kostendekkendheid. Het gaat om de volgende leges: Omzetten geregistreerd partnerschap, verstrekking basisregistratie personen, vergunning tijdelijke verhuur leegstaande woonruimte, gehandicaptenparkeerkaart, verken uw idee, principeverzoek, kruimelgevallenregeling, alcoholwet ontheffing en evenement categorie C. • Voor bepaalde leges geldt een wettelijke maximale tariefstelling. Indien het berekende tarief hoger is dan wettelijk is toegestaan, wordt het wettelijke maximumtarief toegepast. • Leges zijn diensten, de werkelijke opbrengst is afhankelijk van het aantal gevraagde diensten. • Bij de tariefberekening wordt geen rekening gehouden met btw. • Leges worden voor het begin van het kalenderjaar vastgesteld door de gemeenteraad. • Voor leges is geen kwijtschelding mogelijk. Sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024 zijn er op basis van ervaringen verbeteringen aangebracht in de Legesverordening en de onderbouwing hiervan.
Dit is een doorlopend proces waaraan de komende jaren verder wordt gewerkt samen met de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant. In de komende P&C producten krijgt de verdere verbetering van deze methode een vervolg.
50
Berekening kostendekkendheid
Begroting
Rekening
Leges
2026
2025
2024
2024
Totale netto kosten
2.688
1.953
1.772
2.142
Opbrengst leges
1.388
1.183
895
1.866
Dekkingspercentage
52%
61%
51%
87%
Markt- en staangelden Markt- en staangelden zijn vergoedingen die de gemeente vraagt voor het in gebruik geven van gemeentegrond voor private doeleinden. De mate van kostendekkendheid speelt geen rol bij deze heffing. Het gaat om beperkte opbrengsten die gerealiseerd worden door het ter beschikking stellen van gemeentegrond voor private doelen. De volgende beleidsuitgangspunten worden toegepast bij de berekening van de markt- & staangeldtarieven: • Stabiele prijzen, geen indexering om zoveel mogelijk kraamhouders te behouden voor de markt in Laarbeek. • Bij de tariefberekening wordt geen rekening gehouden BTW en overheadkosten. • Belastingtarieven worden voor het begin van het kalenderjaar vastgesteld door de gemeenteraad, dit kan ook betekenen dat verordeningen van oude jaren niet geactualiseerd worden. • Voor markt- & staangeld is geen kwijtschelding mogelijk.
Lokale lastendruk Aanduiding lokale Belastingdruk per woonruimte In onderstaande tabel wordt een beeld gegeven van de lokale lastendruk per meerpersoonshuishouden in vergelijking tot omliggende gemeenten op basis van gegevens uit 2025. In relatie tot het goede voorzieningenniveau binnen onze gemeente is het positief om te constateren dat de woonlasten op een gemiddeld niveau liggen. Gemiddelde woonlasten meerpersoonshuishoudens omliggende gemeenten
Bron: Coelo 2025 Atlas van de lokale heffingen
51
Kwijtscheldingsbeleid De gemeente is op grond van de Gemeentewet bevoegd om kwijtschelding van de gemeentelijke heffingen te verlenen. Door de gemeenteraad is besloten dat voor de volgende belastingen een verzoek om kwijtschelding kan worden ingediend: 1. Rioolheffing; 2. Afvalstoffenheffing; 3. Onroerende-zaakbelasting, gebruikersbelasting. De uitvoering van het kwijtscheldingsbeleid is in overeenstemming met de Uitvoeringsregeling invorderingswet 1990. Deze uitvoeringsregeling is met 2 punten beperkt door gemeentelijk beleid: 1. Bij kwijtschelding van de afvalstoffenheffing geldt een maximum van € 269,78. Dit maximumbedrag is opgenomen om te voorkomen dat belastingplichtigen die in aanmerking komen voor kwijtschelding hun containers onnodig laten ledigen en te stimuleren om door te gaan met het scheiden van afvalstoffen. 2. Er wordt alleen kwijtschelding verleend aan natuurlijke personen.
52
4.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 2026 Deze paragraaf geeft aan hoe de financiële positie van de gemeente zich verhoudt tot de risico's. Oftewel het vermogen van de gemeente Laarbeek om ook in ongunstige tijden de incidentele financiële risico’s op te kunnen vangen om zo haar taken ongewijzigd te kunnen voortzetten en hierdoor niet de continuïteit van de gemeente in gevaar komt. Het weerstandsvermogen is de verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit (buffer) en de ingeschatte risico’s die worden gelopen. Om het benodigde weerstandsvermogen te kunnen beoordelen geven we inzicht in de risico's. Onder een risico verstaan we het gevaar voor financiële schade of verlies als gevolg van interne en/of externe omstandigheden. Het risico heeft dan betrekking op het samenvallen van die bepaalde omstandigheden (de kans) en de negatieve gevolgen (de schade / bedrag). Tot slot wordt in deze paragraaf vijf financiële kengetallen gepresenteerd die vanuit de BBV gepresenteerd moeten worden, zijnde: schuldquota leningen, solvabiliteitsratio, grondexploitatie, structurele exploitatieruimte en belastingcapaciteit. Deze kengetallen geven inzicht in de financiële positie van de gemeente.
Beleidsuitgangspunten Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, dient de relatie te worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico’s en de daarbij gewenste weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. Jaarlijks inventariseren wij de risico’s die van invloed kunnen zijn op de bedrijfsvoering om deze (zo veel mogelijk) te beperken en de vermogenspositie te kunnen beoordelen. De belangrijkste risico’s qua financiële impact worden in kaart gebracht door middel van een korte scan van de organisatie. Uit de inventarisatie zijn in totaal 39 risico's in beeld gebracht. In het onderstaande paragraaf zijn de risico's gepresenteerd die de hoogste bijdrage hebben aan de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit. Het benodigde weerstandsvermogen uit de risico's zetten we vervolgens af tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De beschikbare weerstandscapaciteit is dat deel van het eigen vermogen dat beschikbaar is om eventuele risico’s financieel op te kunnen vangen. Om de ratio weerstandsvermogen te bepalen wordt het benodigde weerstandsvermogen in relatie gebracht tot de beschikbare weerstandscapaciteit. Dit geeft de conclusie in hoever wij als gemeente Laarbeek in staat zijn potentiële risico's financieel op te vangen.
53
Visueel ziet dat er als volgt uit:
Weerstandscapaciteit Zoals in het Besluit Begroting en Verantwoording is aangegeven, bestaat de weerstandscapaciteit uit de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken (artikel 11-1a). De beschikbare weerstandscapaciteit is dat deel van het eigen vermogen dat beschikbaar is om eventuele risico’s financieel op te kunnen vangen. Dit bedrag moet in verhouding zijn met de benodigde weerstandscapaciteit. Dit laatste bedrag komt voort uit het risicoprofiel van een gemeente. De benodigde weerstandscapaciteit geeft aan hoeveel vermogen een gemeente beschikbaar moet hebben om calamiteiten financieel aan te kunnen. De opbouw van onze beschikbare weerstandscapaciteit ziet er als volgt uit: bedragen x € 1.000
Algemene reserve
18.023
Reserve grondexploitatie
7.192
Onvoorzien incidenteel
60
Onbenutte belastingcapaciteit
1.898
Beschikbare weerstandscapaciteit
27.173
54
Vrij aanwendbaar deel reserves (algemene reserve) In de raadsvergadering van maart 2025 is de “Nota reserves en voorzieningen" vastgesteld. In deze nota wordt aangegeven aan welke criteria de diverse reserves en voorzieningen dienen te voldoen. De algemene reserve kan vrij over beschikt worden en kan worden aangewend voor het opvangen van eenmalige nadelen. Hierdoor kan de algemene reserve worden meegenomen in de berekening van de beschikbare weerstandscapaciteit. De algemene reserve bedraagt voor de begroting 2026 (zonder resultaatbestemming 2025 en 2026) € 18,023 miljoen. Reserve grondexploitatierisico’s Speciaal voor de risico’s die te maken hebben met grondexploitatie is een risicoreserve grondbedrijf gevormd. Deze reserve is onderdeel van de beschikbare weerstandscapaciteit. De stand van deze reserve bedraagt maximaal € 5,91 miljoen (volgens de grondnota). Het risico voor de grondexploitaties en strategische gronden uit de uitgevoerde Monte Carlo risicoanalyse (uitgevoerd in 2025 bij de grondnota) bedraagt € 6,30 miljoen. Er zijn reeds verliesvoorzieningen getroffen voor meerdere grondexploitaties waardoor deze risico's al gedekt zijn. Het bedrag aan reeds genomen verliesvoorzieningen betreft € 2,4 miljoen. Hierdoor bedraagt het risico voor grondexploitaties: € 3,91 miljoen. Bovenop het grondexploitatie risico wordt een buffer gehanteerd van € 2 miljoen.
Hierdoor bedraagt de maximale reserve € 5,91 miljoen. De reserve grondexploitatie bedraagt per eind 2026 € 7,192 miljoen. Bij de jaarrekening wordt jaarlijks bepaald hoe hoog de stand van de reserve is en of het de maximum grens van de reserve overschrijdt en het overtollige deel ten gunste komt van de algemene reserve. Stille reserves Van stille reserves is sprake als bedrijfsmiddelen meer waard zijn dan uit de boekhouding blijkt. De stille reserves zijn een onderdeel van de bedrijfsmiddelen die de gemeente gebruikt. Het is niet mogelijk om de middelen direct beschikbaar te maken en daarom nemen we dit onderdeel niet mee. Onvoorzien incidenteel Het is mogelijk om voor incidentele zaken een bedrag op te nemen in de begroting. Met dit bedrag kunnen incidentele nadelen opgevangen worden. Het gaat dan om zaken die bij het maken van de begroting nog niet bekend zijn, maar door bijvoorbeeld wetswijziging wel kosten voor de gemeente met zich meebrengen. In Laarbeek is voor 2025 een raming opgenomen van € 60.000. Onbenutte belastingcapaciteit Bij onbenutte belastingcapaciteit wordt uitsluitend gekeken naar de OZB-heffing. Wettelijk is namelijk bepaald dat de tarieven voor de overige heffingen maximaal 100%-kostendekkend mogen zijn. Bij afvalstoffenheffing en de rioolheffing is geen sprake van onbenutte belastingcapaciteit.
Om de onbenutte belastingcapaciteit van de OZB te berekenen, maken we gebruik van de norm die het rijk stelt aan de zogenaamde ‘artikel 12-status’. Zodra een gemeente in financiële problemen komt, houdt het Rijk rekening met een minimaal OZB-tarief (voor het jaar 2025) van 0,1595% (bron: COELO Atlas van de lokale lasten 2025, pagina 46). Voor de WOZ-waarde zijn de inschattingen van BSOB voor de tariefbepalingen 2025 gehanteerd.