CConstaterende datLaarbeek
Koppel je AI →
Document · PDF

16 20210520 Bijlage Concept RES 1.0 bijlagen.pdf

Raadsvergadering 20 mei 2021, gemeente LaarbeekBij agendapunt: B. Voorstel tot vaststelling van de zienswijze op de Regionale Energiestrategie (RES) 1.022.215 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

19

investeren in sponswerking van de regio: naar wateropvang icm financiering vanuit de RES - met Agrariers zoeken naar wateropvang icm financiering vanuit de RES te geven om echt in sponswerking te investeren - beekdalen meer ruimte geven om echt in sponswerking te investeren sen -op jonge veldontginning wind veldontginning icm wind aanplant nieuwe bossenicm op jonge

Ruimtelijke analyse ten behoeve van concept-RES Metropoolregio Eindhoven

Legenda bouwstenen Legenda bouwstenen Windmolens langs infralijnen

1

1

Windmolens infralijnen inzetten op 2langsWindmolens 2 markante locaties

Windmolens inzetten op markante locaties

Agrariers met land grenzend aan natuurgebie Agrariers met land grenzend aan natuurgebieden krijgen ruimte

ENERGIE & AGRARISCH ENERGIE & AGRARISCH 3 COMBINATIE 3 COMBINATIE voor extensivisering/ N re voor extensivisering/ natuurontwikkeling/ N reductienatuurontwikkeling/ (eventueel ACTIVITEITEN ACTIVITEITEN

•

Er dient rekening gehouden te worden met de hoogtebeperking van Eindhoven Airport.

Parkeerplaatsen ASML ea bedrijventerreinen gebruiken voor zonnepanelen

Stadsrand accentueren met molens langs de snelweg Koppel plannen ‘Energiecorridor A67 De Peel’ (bron: sessie 21 maart 2019 te Heeze)

2

Stadsrand 8 1 accentueren met molens langs de snelweg

8 1

8

Revenuen van energie maatregelen investeren in sponswerking om droogte tegen te gaan.

Het gebied ten zuiden van de A67 en ten oosten van de Tongelreep kenmerkt zich en zuiden van de A67 en ten Groote Heide Tongelreep door een wordt verwevenheid in het e Tongelreep kenmerkt zich ook gezien alslandschap de van functies. wevenheid in het landschap “achtertuin”. Jaarlijks - Het gebied heeft een recreëren hieroppervlak 1 miljoenvan 265 km en 55.000 inwoners. heeft een oppervlak van 265 mensen. - Deze inwoners zijngrote met name gericht 0 inwoners. - Er is een opgave in net buiten het ers zijn met name gericht op de grote hetkernen/steden gebied m.b.t. nog te gebied. realiseren natuur (500ha) en kernen/steden net buiten het - Er is weinig ook geconcentreerde de RES zal ruimte vragen. bedrijvigheid en veel bewoners werken geconcentreerde - Daarbij komt de regio. en veel bewoners werken buiten delandbouwtransitie, 40% van - De verwevenheid in het landschap gio. de agrariërs stopt binnen 5van landbouw is groot vanwege de nheid in het landschap vannatuur enjaar. En de klimaatadaptatie nog relatief kleine percelen. ndbouw is groot vanwege de opgave zal ook landen in het (bron: sessie 21 maart 2019 te Heeze) kleine percelen. gebied. 21 maart 2019 te Heeze)

Groote Heide Tongelreep wordt ook gezien als de “achtertuin”. Jaarlijks recreëren hier 1 miljoen initiatief voor mensen. wind in gebied - Er is een grote opgave het gebied m.b.t. nog te A2 en de tussen realiseren natuur (500ha) Buulderen Aa ook de RES zal ruimte vragen. - Daarbij komt de Beekdalen landbouwtransitie, 40% van belangrijke troef voor de agrariërs stopt binnen 5 sponswerking. niet jaar. En de klimaatadaptatie alleen meandering opgave zal ook landen in het vd beek maar totale gebied. beekdal meenemen in het klimaatadaptief maken van gebied

Er dient rekening gehouden te worden met de hoogtebeperking van de Belgische Luchtmachtbasis KleineBrogel.

6

WINDBOS + TRANSFORMATIE NIEUWE BOSSEN: WINDBOS + TRANSFORMATIE NIEUWE BOSSEN:

4

4 3

Tussen A2 en spoor ligt stuk jonge veldontginning, Tussen A2 en spoor ligt stuk jongegebied veldontginning, mogelijk transformeren naar gebied mogelijk transformeren naar 3 energielandschap: energielandschap: - daarnaast loopt hier energie infrastructuur. - daarnaast loopt hier energie infrastructuur. - combineren nieuw bos met wind (windbos) - combineren nieuw bos met wind (windbos) Revenuen moeten ten goede komen aan: Revenuen moeten ten goede komen aan: - verdroging tegen gaan - verdroging tegen gaan - landschapsherstel: beekdalen - landschapsherstel: beekdalen - naaldbos transformeren naar naar sponswerking + 3 - naaldbos transformeren naar naarhogere sponswerking + biodiversiteit hogere biodiversiteit

5

5 initiatief voor wind gebied tussen A2 en de Buulder Aa Beekdalen belangrijke troef3voor sponswerking. niet alleen meandering vd beek maar totale beekdal meenemen in het klimaatadaptief 6 maken van gebied

Revenuen van energie maatregelen worden geinvesteerd in sponswerking om droogte tegen te gaan.

2 3 windmolen van 8 MW

2

inzetten als landmark van entree gebied

Revenuen van energie maatregelen worden geinvesteerd in sponswerking om droogte tegen te gaan.

Windbos richt zich op de uitbreiding van bestaand bos (CO2 compensatie, biomassa, houtproducti Windbos richt zich op de uitbreiding van bestaand kan worden beplantbos (CO2 compensatie, biomassa, houtproductie). Agrarisch land kan worden beplant Wind + natuur

4

Wind + natuur

4

BOS

BOS

5

5

Natuur ontwikkeling

Recreatieve paden

Natuur ontwikkeling

6

Recreatieve paden

gebieden transfor Verschillende beken zijn in loop der tijd rechtgetrokken 7 Industriele 6 tbv energielandschappen: Vanuit klimaatadapatie, biodiversiteit, Industriele gebieden transformeren naar Verschillende beken zijn in loop derlandbouw. tijd rechtgetrokken 7 recreatie is op aantal plekken landschapherstel van de energielandschappen: tbv landbouw. Vanuit klimaatadapatie, biodiversiteit, beekdalen wenselijk. Financiering RES + co-financiering) recreatie is op aantal plekken landschapherstel van de beekdalen wenselijk. Financiering RES + co-financiering) Recreatieve paden Historische kavel patroon versterken

windmolen van 8 MW inzetten als landmark van entree gebied

Recreatieve paden

Historische kavel patroon versterken

6

meandering beken terugbrengen beken ontdiepen

meandering beken terugbrengen beken ontdiepen

Zink industriele transformeren naar energielandschappen: grootschalig Zink industriele transformeren naar zon op daken en restruimtes, energielandschappen: grootschaligruimte voor windmolens en zon op daken en restruimtes, daarmee lokaal energie (warmte en 8 ruimte voor windmolens en electriciteit) leverend en gebieden daarmee lokaal energie (warmte enzelfvoorzienend te maken electriciteit) leverend en gebieden zelfvoorzienend te maken

FIGUUR 15: SUB-REGIO A2-GEMEENTEN, MAJEURE OPGAVEN EN ENERGIE-BOUWSTENEN 20

Recreatieve paden

8

2

6

Er dient rekening gehouden te worden met de hoogtebeperking van de Belgische Luchtmachtbasis KleineBrogel. 8

Recreatieve paden

windmolen van 8 MW inzetten als landmark + uitzichtpunt van de High Tech Campus/ Brainport. Symbool van duurzaamheid!

3 Revenuen van energie maatregelen investeren in sponswerking om droogte tegen te gaan.

•

INDUSTRIE

INDUSTRIE

Investeer in stadland relatie (stedelijke uitloopgebieden), icm nieuwe stedelijke ontwikkelingen + beekdallandschap herstel windmolen van 8 MW inzetten als landmark + uitzichtpunt van de Parkeerplaatsen High Tech Campus/ ASML ea bedrijvenBrainport. Symbool van terreinen gebruiken duurzaamheid! voor zonnepanelen

Investeer in stadland relatie (stedelijke Er dient rekening uitloopgebieden), gehouden te worden met icm nieuwe stedelijke de hoogtebeperking van ontwikkelingen + Eindhoven Airport. beekdallandschap herstel

tijdelijk) voor of wind productie zodat ze e tijdelijk) voor zon of wind productie zodat zezon extra revenuen waarmee ze derving kunnen comp • gecombineerd Agrarische activiteiten worden gecombineerd ontvangen waarmee ze dervingontvangen kunnen compenseren. Agrarische activiteiten worden • Positief met energie productie • Positief effect op aangrenzende natuur.effect op aangrenzende natuur. met energie productie • Icm EU biodiversiteits subsidie. combineer met water• zoveel mogelijk Icm EU biodiversiteits subsidie. combineer met water zoveel •mogelijk • vermindering stikstof uitstoot vasthouden • vermindering stikstof uitstoot vasthouden • waterpeil kan omhoog waardoor verdrogin • waterpeil kan omhoog waardoor verdroging van natuurgebied wordt tegengegaan bied wordt tegengegaan

8

8

Als de stad-land relatie (rommelige stadsranden of doorsnijding door infra) ontbreekt kunnen energiemaatregelen worden ingezet om de stadsranden te verbeteren en stad-land relatie te verbeteren (stedelijke uitloopgebieden)

Ruimte voor berging af-

Zoekgebieden

voor stedelijke Als de stad-land relatie gekoppeld regenwater Zoekgebieden transformaties Energie maatregelen irt Ruimte voor berging af(rommelige stadsranden voor stedelijke kunstwerken gekoppeld regenwater of doorsnijding door transformaties Energie maatregelen irt infra) ontbreekt kunnen kunstwerken Recreatieve energiemaatregelen worden Recreatieve paden ingezet om de stadsranden te verbeteren en stad-land relatie te verbeteren (stedelijke uitloopgebieden)

stad-land relatie verbeteren (stedelijke uitloopgebieden)

stad-land relatie verbeteren (stedelijke uitloopgebieden)

Historische kave patroon versterk

Historische kavel patroon versterken

Ruimtelijke analyse ten behoeve van concept-RES Metropoolregio Eindhoven

FIGUUR 16: SUB-REGIO DE PEEL-GEMEENTEN, MAJEURE OPGAVEN EN ENERGIE-BOUWSTENEN 21

Ruimtelijke analyse ten behoeve van concept-RES Metropoolregio Eindhoven

FIGUUR 17: SUB-REGIO STEDELIJK GEBIED, MAJEURE OPGAVEN EN ENERGIE-BOUWSTENEN 22

Ruimtelijke analyse ten behoeve van concept-RES Metropoolregio Eindhoven

2.3 R U I M T E L I J K E D E N K R I C H T I N G E N M E T Z O E K G E B I E D E N ( D E R D E W E R K AT E L I E R )

2.3.2 R E S U LTAT E N D E R D E W E R K AT E L I E R – RUIMTELIJKE DENKRICHTINGEN

Op basis van een analyse van verschillende documenten, aangevuld

Op basis van het werkatelier zijn de volgende conclusies getrokken.

en gevalideerd door professionele stakeholders uit de regio,

•

‘Metropoolregio Eindhoven als energiepionier voor de wereld’

zijn vervolgens zogenoemde denkrichtingen geformuleerd. Ook

werd zeer herkend in de regio. Deze denkrichting lijkt goed te

hierbij leggen we de koppeling naar andere majeure gebieds- en

combineren met (componenten van) andere twee denkrichtingen

maatschappelijke opgaven.

(relatief kleine impact?). Daarom is besloten om deze denkrichting als overkoepelend thema te hanteren. Tijdens de

De denkrichtingen dienen als hulpmiddel om tot zoekgebieden

sessies is een aantal locaties benoemd waar ruimte lijkt te zijn

voor grootschalige opwek van duurzame energie te komen (zie ook

voor energie experimenten (living labs), zowel in stedelijk als

paragraaf 2.2 van de concept-RES):

landelijk gebied. Zo wordt er in De Peel geëxperimenteerd een

1.

Vitale landbouw

dorp energieneutraal te maken. Besloten is om deze locaties

2.

Veerkrachtig natuurlijk systeem

wel als zoekgebied uit te werken, maar te erkennen dat er op dit

3.

Energie innovaties

moment nog lastig aan ‘te rekenen’ is. De bijdrage aan het bod is daarom nog niet te concretiseren. De andere Brabantse RES

2.3.1 O V E R K O E P E L E N D E V I S I E : M E T R O P O O L R E G I O E I N D H O V E N A L S I N N O VAT I E V E REGIO

regio’s hopen dat Metropoolregio Eindhoven haar innovatiekracht

In gesprek tussen leden uit de werkgroep ruimte van de Metropoolregio Eindhoven ontstond de behoefte aan een overkoepelend ‘leitmotiv’ voor de regio dat dat leidend kan zijn bij de energietransitie en naadloos aansluit bij de kracht van de regio. De Metropoolregio Eindhoven als Brainportregio hanteert als overkoepelende uitgangspunten: •

Brainportregio (innovatieve technologieregio) is de kracht van de Metropoolregio Eindhoven regio waarbij denkers en doeners slim samen werken.

•

Versterken van topsectorinnovaties en de quality of life zowel voor het hoog stedelijke gebied als de omliggende landelijke gebieden en dorpen waar het accent op natuur, landschap en landbouw juist veel sterker is.

Drie ruimtelijke denkrichtingen zijn uitgewerkt en verder verkend in de derde werksessie. Elke denkrichting is opgebouwd uit verschillende zoekgebieden, zie volgende pagina’s.

23

Ruimtelijke analyse ten behoeve van concept-RES Metropoolregio Eindhoven

1

V I TA L E L A N D B O U W

De Metropoolregio Eindhoven (o.a. De Peel) kent veel intensieve

De Metropoolregio Eindhoven wil ook hier dingen slim doen

Eindhoven, rekening houdend met de belangen van boeren

veehouderij, maar hier is veel om te doen. De landbouwsector staat

op

die richting de toekomst verder willen?

aan de vooravond van grote veranderingen. Een deel van de agrariërs

extensivering) en werken aan de verduurzaming van de landbouw.

zal gaan stoppen, maar een deel wil ook verder. Hiervoor moet ruimte

Waar en hoe kan grootschalige opwek van duurzame elektriciteit

beschikbaar blijven.

bijdragen aan een vitale agrarische economie in de Metropoolregio

landbouwgebied

(VAB,

energieboeren,

kringlooplandbouw,

Aa

rarische economie voor de MRE

Aa

Een vitale agrarische economie voor de MRE

Legenda Legenda

Do

rze

Bee

rze

Gemert

Gemert

el

m

m Do

el m m

Bee

Rijks NNB (Natura 2000 en KRW) Rijks NNB (Natura 2000 en KRW) Laarbeek

Laarbeek

Provinciale NNB Provinciale NNB Groenblauwe mantel

Groenblauwe mantel

Natuur gebied (veen gebied)

Natuur gebied (veen gebied)

Beekdal landschap

Beekdal Stedelijke gebied landschap

Oirschot

Bakel

Son en Breugel

Stedelijke gebied

Bakel

Son en Breugel Ou

Hooidonksebeek

Zoek gebieden

Aa

Best

de

Ou

Oirschot

Best

Helmond de

Aa

lier

Oude zandontginningen landschap

De V

lier

Peelkern ontginningen landschap Jonge zandontginningen landschap

Deurne

Peelrand ontginningen landschap

Oude zandontginningen landschap

de

Do

Ou

mm

el

Helmond

Beekdal (indicatief )

Aa

Aste

nse

Eindhoven

Aa

mm erze

Ast

Beekdal (indicatief )

Liessel

ens

Eindhoven

Kassen gebied

Aa

el

e Be

m

m

de

Do

Do

Peelrand ontginningen landschap Groenblauwe mantel (langs veengebied)

Ou

ne

ei

Klein

Raamsloop

Geldrop-Mierlo

Veldhoven

Peelkern ontginningen landschap

Groenblauwe mantel (missing info)

Aa

Deurne

Kl

el

Zoek gebieden

Nuenen

Hooidonksebeek

Nuenen

Jonge zandontginningen landschap

De V

e AL. a

Biomassa gebied (indicatief ) Groenblauwe mantel (missing info)

Asten

Kl ne ei el

n

Ru

Eersel

Heezep

rks

el

e

ng Leende

To

a ote A

er

Gro

Aa

n

Ru

Valkenswaard

Ste

rks

ep

re el

ng

To

er Aa

24

uld

FIGUUR 18: ZOEKGEBIEDEN VITALE AGRARISCHE ECONOMIE VOOR DE MRE

Bu

el

mm

e

Ke

els

eA

a

Cranendonck

Do

Bergeijk

p rso

Aa

Asten

Liessel

Biomassa gebied (indicatief )

0

5

10

15 km

Test gebied 120 Ha (indicatief )

Someren

eA

a

ine

uld Bu

el

Eersel

mm

e

eerz

Bergeijk

Ke

e

p rso

els

Kle

Do

B ote

Mierden

Ste

re

Gro

Bladel

ine

sit

Valkenswaard

Waalre

sel-

Kle

L.

Gro ote

el

Aa

rze Bee

De Mierden

Kassen gebied

Someren

Leende

Aa

ote

Reu s

m

m

Gro

erze

Bladel

Reusel-

Heeze-

Geldrop-Mierlo

Veldhoven

Groenblauwe mantel (langs veengebied) Test gebied 120 Ha (indicatief )

sit

Do

e Be Klein

Waalre

Aa 0

5

10

15 km

Ruimtelijke analyse ten behoeve van concept-RES Metropoolregio Eindhoven

2

V E E R K R A C H T I G N AT U U R L I J K S Y S T E E M

landschap (bodem, natuur, klimaatadaptatie, mozaïeklandschap met

Waar en hoe kan grootschalige opwek van duurzame elektriciteit

De Metropoolregio Eindhoven heeft een aantal grote, mooie maar ook

afwisseling bos heide, cultuurhistorie) waarmee je de gezondheid

bijdragen aan een veerkrachtig(er) natuurlijk systeem in de

kwetsbare bos- en natuurgebieden. Het landschap en de natuur van de

van de mensen verbetert (schone lucht, bewegen, stedelijk uitloop

Metropoolregio Eindhoven?

Metropoolregio Eindhoven staan onder druk (droogte, verrommeling

gebied) en daarmee een aantrekkelijk(er) vestigingsklimaat creëert

landschap, uitstoot intensieve landbouw en verkeer). Investeer in het

(attractieve woon-en leefomgeving).

FIGUUR 19: ZOEKGEBIEDEN ROBUUST EN VEERKRACHTIG NATUURLIJK SYSTEEM

25

Ruimtelijke analyse ten behoeve van concept-RES Metropoolregio Eindhoven

MRE als energiepionier voor de wereld 3

E N E R G I E I N N O VAT I E S

Binnen Brabant zien we Metropoolregio Eindhoven als één groot, levend laboratorium, een test- en ontwikkelomgeving, waar

Gemert

vernieuwing en innovatie de standaard is. In de periode richting RES 1.0 gaat de regio graag in gesprek met de andere Brabantse regio’s over het oppakken van een rol van living lab door de Metropoolregio Eindhoven.

Laarbeek

Waar en hoe kan de Metropoolregio Eindhoven vanuit haar Son en Breugel

innovatiekracht een bijdrage leveren aan de grootschalige opwek van Oirschot

duurzame elektriciteit in Nederland (en daarbuiten)?

Bakel

Best

Legenda Helmond Nuenen

Rijks NNB (Natura 2000 en KRW) Provinciale NNB

Deurne

Groenblauwe mantel Natuur gebied (veen gebied) Beekdal landschap

Eindhoven

Stedelijke gebied Jonge zandontginningen landschap Geldrop-Mierlo

Veldhoven

Oude zandontginningen landschap

Liessel L.

Peelkern ontginningen landschap

Asten

Peelrand ontginningen landschap

sit

Snelwegen en kruispunten

Waalre

Someren

Leende

Provinciale wegen Spoor

Heeze-

Bladel

ReuselDe Mierden

Eersel

Zoek gebieden

Valkenswaard

VIC Stedelijke gebied

iessel

Bedrijven terreinen Dorpen

Bergeijk

Stedelijke ontwikkeling Testgebied - agrarisch innovatieve bedrijfsmodellen

Aansluiting stadsrand/weg Test gebied - campus Test gebied - airport

Cranendonck Test gebied - Varkens Innovatie Centrum

VIC

0

5

10

15 km

FIGUUR 20: ZOEKGEBIEDEN VOOR MRE ALS ENERGIE-PIONIER VOOR DE WERELD 26

Ruimtelijke analyse ten behoeve van concept-RES Metropoolregio Eindhoven

2.4 V I E R D E R U I M T E L I J K E W E R K AT E L I E R : KANSRIJKE ZOEKGEBIEDEN

eigen identiteit heeft. De identiteit kan ruimtelijk of qua koppelkansen

dienen dan ook gecombineerd te worden met bodem-, water- en

verschillen. Deze clusters kunnen bestaan uit zowel wind als zon. De

biodiversiteitsdiensten. Er zal sprake zijn van sterke extensivering.

A58 is al aangeduid als energie-corridor. Tijdens het vierde en laatste werkatelier zijn de zoekgebieden uit de

6

ENERGIE VOOR LANDSCHAPSHERSTEL (TEN

verschillende denkrichtingen afgestemd met de restricties van met

3

name de windmolens.

ECONOMIE (SIGNIFICANTE BIJDRAGE)

Energie inzetten met als doel beeksystemen zoveel mogelijk in hun

Landschappelijk zijn grootschalige zonne- en windturbineparken

oorspronkelijke staat terug te brengen en daardoor hun oorspronkelijke

het beste te verenigen met jonge grootschalige zandontginningen.

sponswerking terug te krijgen. Het huidige watersysteem binnen

Dit zijn tevens gebieden waar kansen liggen voor versterking van de

de beekdalen wat is ingericht om zo snel mogelijk water af te

Het voorgaande proces (eerste drie werkateliers) heeft zeven typen

agrarische economie en de landbouwstructuur. De landbouw staat

voeren moet daarom herzien worden naar een systeem wat zoveel

zoekgebieden opgeleverd, die op kaart zijn gezet en geordend naar

namelijk aan de vooravond van grote veranderingen. In deze gebieden

mogelijk water vast kan houden. Veel beekdalen zijn namelijk, door

mate van bijdrage aan de opwek (figuur 25 en figuur 26).

is sprake van intensieve agrarische economie. Windmolenparken

bijvoorbeeld ruilverkaveling ten behoeve van de landbouw, ingericht

Elk type zoekgebied biedt ruimte aan een aantal mogelijke

en zonnevelden kunnen in combinatie met landbouw bijdragen aan

om water zo snel mogelijk af te voeren. Met beekdal wordt het

energiebouwstenen en is kort beschreven. Dit biedt de mogelijkheid

het behoud van een vitale, toekomstbestendige agrarische sector in

totale beekdallandschap bedoeld (gemiddelde breedte van een

te berekenen in hoeverre een zoekgebied kan bijdragen aan de

onze regio.

paar honderd meter, vaak tussen de beekbegeleidende wegen).

2.4.1 K A N S R I J K E Z O E K G E B I E D E N

ENERGIE VOOR VERSTERKING AGRARISCHE

grootschalige opwek. In de vierde werksessie zijn zeven kansrijke zoekgebieden aangescherpt en zijn aandachtspunten benoemd:

D I E N S T E VA N )

Een historische kaart kan dienen als referentiekader hoever de 4

E N E R G I E V O O R N AT U U R O N T W I K K E L I N G

oorspronkelijke beekdallandschappen reikten. Het is noodzakelijk

( S I G N I F I C A N T E B I J D R A G E / T E N D I E N S T E VA N )

om een waardering uit te voeren van de verschillende beekdalen.

Energie kan ook ingezet worden om bestaande bossen en

Gave oorspronkelijke beekdalen moeten namelijk uitgesloten

(NO-REGRET)

natuurgebieden uit te breiden en met elkaar te verbinden. Afhankelijk

worden van energiemaatregelen. Energie is hierbij nadrukkelijk een

Binnen het stedelijk gebied kan op de grootschalige daken van

van het type verbinding dat wordt nagestreefd kan worden gekozen

financieringsmogelijkheid om de opgaven te kunnen realiseren. De

bedrijven maximaal ingezet worden op grootschalig zon. Ook

voor de aanleg van productiebossen met korte omloop of bossen

bijdrage aan energieopwekking is dan ook minimaal en kan tijdelijk

grootschalige daken in het buitengebied, van bijvoorbeeld stallen,

met een hogere natuurwaarde. De productiebossen vormen

zijn.

kunnen maximaal benut worden voor grootschalige zonne-energie.

een buffer voor zowel de natuurzones als voor de omliggende

Energie-opwek kan (een deel van) de oplossing zijn voor verminderd

Daarnaast liggen binnen het stedelijk gebied tevens restruimten

landbouwgebieden. Bij voorkeur worden bossen aangelegd op

verdiend vermogen van de agrariërs.

waar mogelijk ruimte is voor zonnevelden. Ook zijn er gebieden die

percelen die nu door de ontwateringseisen voor de landbouw leiden

in transitie zijn en daarom als pauzelandschap worden aangewezen.

tot drainage van een groter gebied. Door het aanleggen van bos is

7

Op deze gebieden is mogelijk ruimte voor tijdelijke zonnevelden. Ook

ontwatering niet meer nodig.

( T E N D I E N S T E VA N )

1

ENERGIE OP DAKEN EN STEDELIJK GEBIED

op het industrieterrein Nyrstar kan met zonnevelden intensief energie opgewekt worden.

E N E R G I E I N S T E D E L I J K E U IT LO O P G E B I E D E N

Energie kan helpen om buitengebieden van de stedelijke regio’s 5

E N E R G I E V O O R N AT U U R I N C L U S I E F B O E R E N

te transformeren naar aantrekkelijke uitloopgebieden waarin

( T E N D I E N S T E VA N )

gerecreëerd kan worden met ruimte voor nieuwe woonmilieus

Energie kan kansen bieden voor natuurinclusief boeren. Hierbij is

(off-the-grid landgoederen). Dit kan in combinatie met concepten

de bijdrage aan energieopwekking beperkt, maar gaat het om de

zoals herenboeren, voedselbossen, natuurboeren of stadsboeren,

infrastructuur

opgaven die met de revenuen van duurzame energieopwekking

die produceren middels korte ketens en diensten bieden voor

gekoppeld worden. Voor de inpassing hiervan moet het Brabantse

aangepakt kunnen worden. Het is hierbij noodzakelijk om moderne

de stedeling. Energie (electra en warmte) kan hierin een extra

mozaïeklandschap ruimtelijk leidend zijn. Voor de snelweg A2, in het

landbouwsystemen te ontwikkelen als onderdeel van een nieuw te

verdienmodel vormen.

noorden van de Metropoolregio Eindhoven, kunnen zonnepanelen

ontwikkelen bedrijfsmodel. De opgaven om het waterpeil omhoog te

De zone die zich hiervoor leent bevindt zich voornamelijk rond de

geïntegreerd worden op de geluidschermen of clustering langs

krijgen liggen vooral in de groenblauwe mantel met veengebieden. In

grote kernen Eindhoven, Helmond en Veldhoven. Deze gebieden

de snelweg. De A67 is daarnaast een zone die het gebied van de

dit gebied kan extensief geboerd worden in combinatie met verhoogde

lenen zich, gezien de ligging, voor het leveren van energie (elektra

Metropoolregio Eindhoven doorsnijdt. Deze zone kan aangeduid

zonnepanelen ten behoeve van ecosysteem- of groenblauwe

en warmte) passend en afgestemd op schaal en karakter van het

worden als energie-corridor. Indien hiervoor gekozen wordt, dan passen

diensten. Het watersysteem is gericht op het vasthouden van al

gebied. De bijdrage aan energieopwekking is hierbij beperkt.

clusters langs infrastructuur het beste bij het mozaïeklandschap van

het water, het verlagen van de stikstofuitstoot en het verhogen van

de regio, refererend naar een kralensnoer waarbij iedere kraal zijn

de biodiversiteit rondom de veennatuurgebieden. Zonnevelden

2

ENERGIE OP INFRASTRUCTUUR

(SIGNIFICANTE BIJDRAGE) Energiemaatregelen

kunnen

aan

grootschalige

27

Ruimtelijke analyse ten behoeve van concept-RES Metropoolregio Eindhoven

Genoemde zoekgebieden gaan uit van kansen voor grootschalige opwek van duurzame elektriciteit. De kracht van de zoekgebieden zit in de onderliggende analyse waar koppelingen zijn gelegd tussen energietransitie en ander relevante maatschappelijke gebiedsvraagstukken. Tegelijkertijd kunnen kansen soms (nog) niet worden benut, aangezien er belemmeringen zijn in bestaand beleid die dat tegenhouden (zie figuren X tot en met Y). De zoekgebieden liggen verspreid over de hele regio. Elke gemeente in de regio kan een bijdrage leveren aan de gezamenlijke opgaven op een manier die past bij de landschappelijke kenmerken van het gebied en andere gebiedsopgaven die daar spelen (leidend principe: gezamenlijke opgave waaraan iedereen bijdraagt).

2.4.2.

BEPERKINGEN WIND EN ZON FIGUUR 21: BEPERKINGEN ALS GEVOLG VAN VEILIGHEIDSNORMEN

FIGUUR 23: BEPERKINGEN ALS GEVOLG VAN VLIEGVERKEERSNORMEN

FIGUUR 22: BEPERKINGEN ALS GEVOLG VAN DE GELUIDSNORMEN

FIGUUR 24: BEPERKINGEN ALS GEVOLG VAN NATUURWET- EN REGELGEVING

Bestaand beleid kan beperkingen opleveren voor de mogelijkheden van grootschalige opwekking van duurzame elektriciteit. Voorbeelden van belemmeringen zijn veiligheidscontouren rondom windturbines, provinciaal beleid rondom opstellingen van windturbines, funnels rondom vliegvelden, natuurbeleid, etc. Hierbij is onderscheid gemaakt tussen verschillende soorten restricties, in mate van hardheid. Van deze beperkingen bestaan kaarten (zie figuren 21 tot en met 24).

2.4.3 R E S U LTAT E N V I E R D E W E R K AT E L I E R – KANSRIJKE ZOEKGEBIEDEN In het en afsluitende werkatelier zijn we het gesprek met de stakeholders aangegaan over de kansrijke zoekgebieden. We hebben samen de zoekgebieden aangescherpt en de aandachtspunten voor het vervolgproces in beeld gebracht. Hieronder de mogelijke zoekgebieden die vanuit de technische en wettelijke analyse naar voren zijn gekomen: Confrontatie van de belemmeringenkaart met de kansenkaart heeft geleid tot een kaart met kansrijke zoekgebieden en bijbehorende energiebouwstenen (figuur 25 en figuur 26). De kansrijke gebieden die uit deze analyse naar voren zijn gekomen zijn besproken in het laatste werkatelier. Het resultaat is ruimtelijk plan bestaande uit kansrijke zoekgebieden waarvan ingeschat kan worden hoeveel duurzame elektriciteit er duurzaam opgewekt kan worden in de Metropoolregio Eindhoven. Deze kaart vormt de basis voor de doorrekeningen van netbeheerder Enexis en de concept-RES. 28

Ruimtelijke analyse ten behoeve van concept-RES Metropoolregio Eindhoven

FIGUUR 25: VERKENNING ZOEKGEBIEDEN VOOR METROPOOLREGIO EINDHOVEN 29

Ruimtelijke analyse ten behoeve van concept-RES Metropoolregio Eindhoven

Beschrijving zoekgebieden No regrets

Significante bijdrage aan RES

Energie op daken en in stedelijk gebied

Energie langs infrastructuur

Energie voor versterking agrarische economie

Energie voor natuurontwikkeling

Binnen het stedelijk gebied kan op de grootschalige daken van bedrijven maximaal ingezet worden op grootschalig zon (< 60 panelen). Hiermee ontstaat logisch match tussen vraag en aanbod. Ook grootschalige daken in het buitengebied, van bijvoorbeeld stallen, kunnen maximaal benut worden voor grootschalige zonne-energie. Daarnaast liggen binnen het stedelijk gebied tevens restruimten waar mogelijk ruimte is voor zonnevelden. Ook zijn er gebieden die in transitie zijn en daarom als pauzelandschap worden aangewezen. Op deze gebieden is mogelijk ruimte voor tijdelijke zonnevelden. Ook op het industrieterrein Nyrstar kan met zonnevelden intensief energie opgewekt worden.

Landschappelijk zijn grootschalige zonne- en windturbineparken het beste te verenigen met jonge grootschalige zandontginningen. Dit zijn tevens gebieden waar kansen liggen voor versterking van de agrarische economie en de landbouwstructuur, zogenaamde agrarische parels. De landbouw staat namelijk aan de vooravond van grote veranderingen. In deze gebieden is sprake van intensieve agrarische economie. Windmolenparken en zonnevelden kunnen in combinatie met landbouw bijdragen aan het behoud van een vitale, toekomstbestendige agrarische sector in onze regio.

Energie kan ook ingezet worden om bestaande bossen en natuurgebieden uit te breiden en met elkaar te verbinden. Afhankelijk van het type verbinding dat wordt nagestreefd kan worden gekozen voor de aanleg van productiebossen met korte omloop of bossen met een hogere natuurwaarde. De productiebossen vormen een buffer voor zowel de natuurzones als voor de omliggende landbouwgebieden. Bij voorkeur worden bossen aangelegd op percelen die nu door de ontwateringseisen voor de landbouw leiden tot drainage van een groter gebied. Door het aanleggen van bos is ontwatering niet meer nodig.

Onderliggend landschapstype:

Onderliggend landschapstype:

Stedelijke gebieden

Energiemaatregelen kunnen aan grootschalige infrastructuur gekoppeld worden. Voor de inpassing hiervan moet het Brabantse mozaiklandschap ruimtelijk leidend zijn. Voor de snelweg A2, in het noorden van de Metropoolregio Eindhoven, kunnen zonnepanelen geintegreerd worden op de geluidschermen of clustering langs de snelweg. De A67 is daarnaast een zone die het gebied van de Metropoolregio Eindhoven doorsnijdt. Deze zone kan aangeduid worden als Energie corridor. Indien hiervoor gekozen wordt dan passen clusters langs infrastructuur het beste bij het mozaiklandschap van de regio, refererend naar een kralensnoer waarbij iedere kraal zijn eigen identiteit heeft. De identiteit kan ruimtelijk of qua koppelkansen verschillen. Deze clusters kunnen bestaan uit zowel wind als zon. De A58 is al aangeduid als energiecorridor.

Koppelkansen:

Onderliggend landschapstype:

Onderliggend landschapstype:

Meervoudig ruimtegebruik, maatregelen tegen geluidshinder, invulling geven aan restruimtes en pauzelandschappen

Energiemaatregelen:

Zonnepanelen op daken en zonnevelden

Veelal bestaat het onderliggende landschap uit jonge grootschalige ontginningen en grootschalige peelkernen.

Koppelkansen:

De snelweg doorsnijdt verschillende landschapstypen, welke leidend zijn voor de inpassing van energie.

Versterken agrarische economie Financieren nieuwe functies/gewassen Productiebos voor economische activiteiten

Koppelkansen:

Energiemaatregelen:

Meervoudig ruimtegebruik (geluidswal), functioneel gebruik van braakliggende grond.

Clustering van windmolens, zonnevelden

Energiemaatregelen:

De zoekgebieden kunnen op verschillende landschapstypen worden ingezet maar beekdalen en kleinschalige oude ontginningen zijn zoveel mogelijk uitgesloten.

Koppelkansen:

klimaatadaptatie, biodiversiteit, recreatie, natuurontwikkeling

Energiemaatregelen:

Veelal windmolens in de vorm van een windbos maar ook zonnevelden in combinatie met natuurontwikkeling is mogelijk.

Zonnepanelen op geluidswallen, zonnevelden, clusters van windmolens

. Energie kan kansen bieden voor natuurinclusief boeren. Hierbij is de bijdrage aan energieopwekking beperkt, maar gaat het om de opgaven die met de revenu van duurzame energieopwekking aangepakt kunnen worden. Het is hierbij noodzakelijk om moderne landbouwsystemen te ontwikkelen als onderdeel van een nieuw te ontwikkelen bedrijfsmodel. Watersysteem moet herzien worden, zoveel mogelijk water vasthouden. Is nu ingericht om snel mogelijk af te voeren. De opgaven om het waterpeil omhoog te krijgen liggen vooral in de groenblauwe mantel met veengebieden. In dit gebied kan extensief geboerd worden in combinatie met verhoogde zonnepanelen ten behoeve van ecosysteemof groenblauwe diensten. Het watersysteem is gericht op het vasthouden van al het water, het verlagen van de stikstofuitstoot en het verhogen van de biodiversiteit rondom de veennatuurgebieden. Zonnevelden dienen dan ook gecombineerd te worden met bodem-, water- en biodiversiteitsdiensten. Er zal sprake zijn van sterke extensivering. Er kan worden gedacht aan nieuwe teelten die een hoog waterpeil kunnen hebben zoals populieren en voedselbossen.

Onderliggend landschapstype:

Deze zoekgebieden liggen grofweg binnen de groen-blauwe mantel rond de Peelnatuurgebieden. De onderliggende landschapstypen zijn voornamelijk de jonge zandontginningen, peelkern en peelrand. De verschillende landschapstypen zijn leidend voor de inpassing van energie. Energieopwekking als inkomstenbron voor landschapsdiensten, ecosysteemen waterdiensten.

• •

Industriele gebieden transformeren naar energielandschappen: Grootschalig zon op daken en restruimtes

Agro-clusters als nieuwe energie landschappen: Molens langs de infra •

•

?

Molens hebben ruimtelijke impact waardoor het logisch kan zijn om die aan dynamische landschappen als snelwegen kunnen worden gekoppeld. Dit kan in lijnopstelling of clustering Voor verschillende snelwegen zijn herstel/ uitbreidingsplannen. Kunnen er in die ontwikkeling energiemaatregelen worden gekoppeld

•

• • •

Agrarische functie verbreden met energieproductie voor levering energie (electra en warmte) voor directe omgeving met als doel inkomsten boeren aanvullen met revenuen uit energieproductie Vorming van agro clusters met Intensieve agrarische bedrijven met ruimte voor energieproductie Cooperatie voor boeren oprichten voor verduurzaming van de sector Gebouwen en kelders (assets) inzetten voor warmte opslag icm energie productie Combinatieteelten met zonnepanelen (vb: frambozen icm zonnepanelen)

Energiemaatregelen: Windbos: •

• • • •

Uitbreiding van bestaand bos of aanleg van nieuwe bossen om daarmee natuurlijke corridoren te creeren Agrarisch land beplanten met bos gefinancierd door energie maatregelen Bij de realisatie moet de aanvoer van materialen ook worden meegenomen Verloving (naald naar loofbos) Koppelkansen zijn CO2 opname, biomassa en houtproductie en verhoging biodiversiteit

•

Stedelijke transformatie gebieden die wachten op een nieuwe ontwikkeling of bestemming kunnen tijdelijk worden ingericht als zonnepark.

•

Voor verschillende snelwegen zijn herstel/ uitbreidingsplannen. Kunnen er in die ontwikkeling energiemaatregelen worden gekoppeld. Ruimte voor zon in oksels van infrastructuur of geintergreerd in geluidsschermen/wallen

STAL SLOPEN

VAB locaties opruimen/ functie verandering: •

• STAL SLOPEN NIEUWE FUNCTIE VOOR STAL

Infra hubs:

•

•

•

Energie kan helpen om buitengebieden van de stedelijke regio’s te transformeren naar aantrekkelijke uitloopgebieden waarin gerecreerd kan worden met ruimte voor nieuwe woonmilieus (off the grid landgoederen). Dit kan in combinatie met concepten zoals herenboeren, voedselbossen, natuurboeren of stadsboeren, die produceren middels korte ketens en diensten bieden voor de stedeling. Energie (electra en warmte) kan hierin een extra verdienmodel zijn. Dit zoek gebied geldt voor elke stadsrand. Vb Ruimte voor een cooperatief zonneveld initiatief langs de stads/dorpsrand met ruimte voor lokale gebiedsopgaven/versterken stad land relatie zoals piekberging in buitengebied. Deze gebieden lenen zich, gezien de ligging, voor het leveren van energie (elektra en warmte) passend en afgestemd op schaal en karakter van het gebied. De bijdrage aan energieopwekking is hierbij beperkt.

Onderliggend landschapstype: Beekdallandschap

Onderliggend landschapstype:

De zone van stedelijke uitloopgebieden is een mengeling van verschillende landschapstypen

Koppelkansen:

Recreatie, korte ketens voedselproductie, nieuwe woonmilieus, versterken stedelijk uitloopgebied

Energiemaatregelen:

Koppelkansen:

Energieopwekking als inkomstenbron voor landschapsdiensten, ecosysteemen groenblauwe diensten.

Kleinschalige zonnevelden, grootschalig zon op VAB locaties, warmte opslag

Energieboeren leveren energie aan de directe omgeving. Het gaat zowel om electriciteit als warmte

Energiemaatregelen:

Kleinschalige zonnevelden (tijdelijk), landschappelijk ingepast tussen beekbegeleidende beplanting haaks op de beek. Of energiemaatregelen naast het beeksysteem.

Stadsboeren, energieboeren & nieuwe woonmilieus: •

Recreatieve paden

meandering beken terugbrengen beken ontdiepen

•

Herstel beekdallandschap: Waterpeil omhoog brengen: •

Doel bouwsteen is het verhogen van waterpeil rondom veengebieden om uitdroging tegen te gaan Extensivering agrarisch gebied financieren met zon, stikstof uitstoot verlagen Combinatie plas dras vegetatie icm extensief zonnepark Icm EU biodiversiteits subsidie Landschappelijk inpassen (hekwerken beplanten met hagen, gebruik sloten met natuurvriendelijke oevers)

•

• • • • • •

Beekdallandschap als geheel klimaatadaptief inrichten met als doel om sponswerking te fungeren om landschap klimaatadaptief te maken Inrichting beplanting haaks op beek (ref. kaart 1900) Meandering rechtgetrokken beken Financiering vanuit RES + co-financiering Water langer vasthouden Verhoging biodiversiteit Recreatieve routes

• • • •

Zonnepanelen op overdekte parkeerplaatsen bij Infra Hubs met ruimte voor laadpunten en deelauto’s

Veel boeren hebben assets zoals kelders wat prima kan worden gebruikt voor warmte opslag. Ook aantal nertsen boerderijen die moeten stoppen maar waar de boeren nu allerlei innovaties verkennen Agrarische landschappen in langs stedelijke gebieden transformeren naar aantrekkelijke woonmilieus in combinatie met concepten zoals ‘ Herenboeren’, ‘ Voedsel bossen’, Stadsboeren die produceren middels korte ketens voor de stad Gebiedsontwikkeling als onderdeel van verbetering stad-land relatie Ruimte voor energie/ zelfvoorzienendheid van het gebied (energie boeren) ruimte voor groen/ blauwe diensten en landschapsherstel Ruimte voor recreatieve routes en stedelijke uitloopgebieden Zoekgebieden voor stedelijke transformaties

Ruimte voor berging afgekoppeld regenwater

Energie maatregelen irt kunstwerken

Recreatieve paden

stad-land relatie verbeteren (stedelijke uitloopgebieden)

Historische kavel patroon versterken

Versterken stad-land relatie: •

•

VAB locaties opruimen/ functie verandering: Overal in MRE gebied stoppen boeren en komt bebouwing vrij. Lege stallen kunnen leiden tot verloedering. Niet altijd financien om stallen te ruimen/ asbest te verwijderen Revenuen vanuit energiemaatregelen inzetten om nieuwe functie aan stallen te geven, om stallen te slopen of asbest te saneren

Overal in MRE gebied stoppen boeren en komt bebouwing vrij. Lege stallen kunnen leiden tot verloedering. Niet altijd financien om stallen te ruimen/ asbest te verwijderen Revenuen vanuit energiemaatregelen inzetten om nieuwe functie aan stallen te geven, om stallen te slopen of asbest te saneren

Energie in te zetten met als doel om beeksystemen zoveel mogelijk in hun oorspronkelijke staat terug te brengen, waarbij water zolang mogelijk wordt vastgehouden en als sponswerking kan fungeren. Veel beekdalen zijn namelijk, door bijvoorbeeld ruilverkaveling ten behoeve van de landbouw, ingericht om water zo snel mogelijk af te voeren. Watersysteem moet herzien worden, zoveel mogelijk water vasthouden. Is nu ingericht om snel mogelijk af te voeren. Met beekdal wordt het totale beekdallandschap bedoeld (gemiddelde breedte van een paar honderd meter, vaak tussen de beekbegeleidende wegen). Een historische kaart kan dienen als referentiekader hoever de oorspronkelijke beekdallandschappen reikten. Het is noodzakelijk om een waardering uit te voeren van de verschillende beekdalen. Gave oorspronkelijke beekdalen moeten namelijk uitgesloten worden van energiemaatregelen. Energie is hierbij nadrukkelijk een financieringsmogelijkheid om de opgaven te kunnen realiseren. De bijdrage aan energieopwekking is dan ook minimaal en kan tijdelijk zijn. Er kan worden gedacht aan nieuwe teelten die een hoog waterpeil kunnen hebben zoals populieren en voedselbossen.

Recreatieve paden

• •

NIEUWE FUNCTIE VOOR STAL

Energie in stedelijke uitloopgebieden

Historische kavel patroon versterken

•

Zon langs de infra

•

•

Kleinschalige zonnevelden ingepast binnen agrarische parcelering. Ruimte onder de panelen voor tijdelijke waterberging.

•

Pauze landschap

Energie als kans voor landschapsherstel

Energie voor natuurinclusief boeren

Koppelkansen:

Zon op bedrijfsgebouwen

Energie ten dienste van het aantrekkelijk maken van stedelijk uitloopgebied

Energie ten dienste van natuuruitbreiding & verbinding

• •

Om aantrekkelijke woonmilieus te creeren is de overgang van stad naar buitengebied een belangrijke opgave Het verbeteren van de dorpsranden kan aanleiding zijn voor integrale gebiedswikkeling waarin ruimte voor zonneparken kan worden opgenomen Initiatieven worden cooperatief ontwikkeld Ook andere gebiedsopgaven kunnen hierin worden meegenomen zoals water retentie, verhoging biodiversiteit en netwerk van recreatieve routes kan worden versterkt

Windbos als productie bos •

Productiebos icm windmolens kan een nieuwe economie vormen voor agrariers

Groen Ontwikkelfonds Brabant (tijdelijke zonnevelden)

Percelen tegen Natuurnetwerk Brabant liggen kunnen worden ingericht met zonnepanelen tbv landschapselementen. Groen Ontwikkelfonds Brabant heeft de opdracht om de ontwikkeling van natuur op deze locaties te stimuleren en kan een gedeelte van de grondwaardedaling voor haar rekening nemen. De opbrengsten van de zonnepanelen hebben gedurende 15 jaar als cofinanciering gediend voor de ontwikkeling en bekostiging van de natuur. • Minimaal 30% ruimte voor landschapselementen • Totale looptijd van 15 jaar • Gelijkblijvend commercieel rendement • Vanaf dag 1 natuur en energie • Na 15 jaar volledig natuur

FIGUUR 26: BESCHRIJVING ZOEKGEBIEDEN EN BIJBEHORENDE ENERGIE-BOUWSTENEN 30

Ruimtelijke analyse ten behoeve van concept-RES Metropoolregio Eindhoven

3 VERVOLG RICHTING RES 1.0 VANUIT DEZE RUIMTELIJKE ONDERBOUWING De aanpak zoals beschreven in hoofdstuk 2 gaat in op het ontwerp-

worden ingezet. Of een energie-bouwsteen in dat gebied benut wordt

Het traject tot deze concept-RES heeft geleid tot zoekgebieden voor

traject dat met de regionale stakeholders is doorlopen. In een

en de mate waarin dat dan gebeurt in dat gebied, hangt onder andere

grootschalige opwek. Deze zoekgebieden zijn nog redelijk abstract.

gezamenlijke zoektocht zijn de mogelijkheden voor grootschalige

af van de dialoog die met de relevante gebiedspartijen wordt gevoerd.

Met behulp van gereedschapskist en de kennis over de verschillende

opwek van energie binnen de context van de regio verkend. Dit

Ook MER-adviezen (plan-MER en/of project-MER) kunnen maken dat

gebiedsopgaven in de Metropoolregio Eindhoven kan de regio

heeft geresulteerd in een zoekgebiedenkaart en een beschrijving

initiatieven voor grootschalige opwek van duurzame elektriciteit geen

verdere stappen zetten om te komen tot potentiële projectlocaties

van de energie-bouwstenen die per gebied (landschapstype,

doorgang kunnen vinden, ook al is er maatschappelijk draagvlak voor

voor grootschalige opwek van energie, zoals gevraagd worden in de

landschapsstrategie en koppelmogelijkheden met majeure opgave)

in een gebied.

RES 1.0.

kunnen worden ingezet. Het is dus niet zo dat het hele gebied ‘vol gelegd’ gaat worden met één Op basis van de kansrijke zoekgebiedenkaart (figuur 25) en de

of meer bepaalde bouwsteen/bouwstenen, tenzij de stakeholders in

beschrijving van de energie-bouwstenen (figuur 26) kan richting

dat gebied dat na goed overleg overeenkomen.

RES 1.0 een uitgebreidere en meer gedetailleerde confrontatie met

De zoektocht per gebied gaat over wat er kan en wat men wil in dat

de ruimtelijke beperkingen en belangen, zoals landschap, natuur en

gebied.

leefomgeving plaatsvinden. In een gebiedsgerichte dialoog met de stakeholders in specifieke gebieden kan worden gestart. Overwogen

Het is dus ook mogelijk dat mede op basis van de gebiedsdialoog de

kan worden om voorafgaand aan de gebiedsdialoog een plan-MER uit

conclusie moet worden getrokken dat een gebied dat nu op de kaart

te laten voeren op de concept-RES. Met meer zicht op milieueffecten

staat als zoekgebied, moet komen te vervallen. Dit kan bijvoorbeeld

en zorgvuldige gebiedsdialogen kunnen dan weloverwogen keuzes

komen doordat draagvlak voor het grootschalig opwekken van

worden gemaakt over waar windturbines en zonnevelden ruimtelijk

energie ontbreekt, of andere gebiedsopgaven een hogere prioriteit

en met maatschappelijk draagvlak ingepast kunnen worden.

krijgen waardoor het opwekken van energie niet meer of minder goed past binnen dat gebied, of de uitkomst van een MER-traject negatief

De contouren van de zoekgebieden zijn tot stand gekomen tijdens de

is.

werkateliers die vanuit het RES-traject waren opgestart. De input van de aanwezigen bij die werkateliers hebben geleid tot definiëring van

In figuur 21 is een groot aantal zoekgebieden verkend. Het is niet

zoekgebieden. Die gebieden bestonden eerst nog niet als zodanig.

per se nodig om op korte termijn in al deze zoekgebieden een

De 33 energie-bouwstenen die nu zijn ontwikkeld dienen ter inspiratie.

gebiedsdialoog te starten. Het ligt voor de hand om te starten in de

Het is geen uitputtende opsomming. Nieuwe (energie-)bouwstenen

gebieden waar de opgaven het meest urgent worden ervaren, dan wel

kunnen worden ontwikkeld wanneer er nieuwe combinaties tussen

waar de potentie voor grootschalige opwek van elektriciteit het meest

maatschappelijk vraagstukken en energietransitie worden onderkend.

kansrijk lijkt. In sommige gebieden wordt al gewerkt aan het opzetten van gebiedsprogramma’s. In deze gebieden kan energietransitie een

Per gebied, dat binnen een gemeente kan vallen, maar ook

onderdeel worden van dat zo’n programma.

gemeentegrens-overstijgend kan zijn, is al bekend welke majeure opgaven daar spelen. Ook is de gereedschapskist gevuld waardoor per gebied bekend is welke energie-bouwstenen gericht kunnen 31

H+N+S Landschapsarchitecten Bezoekadres Soesterweg 300 3812 BH Amersfoort Postadres Postbus 1603 3800 BP Amersfoort

Concept Regionale Energiestrategie (RES) Metropoolregio Eindhoven

Bijlage 7 Brabantbrede ruimtelijke principes

Metropoolregio Eindhoven

Bijlage 7: Brabantbrede ruimtelijke principes Op 28 november 2019 is een sessie georganiseerd om de 4 RES’en naast elkaar te houden. Dit om te kijken of de RES’en, qua ruimtelijke uitwerking, van elkaar verschillen of dat er vooral overeenkomsten zijn. Op basis van het verslag van de bijeenkomst welke door adviesbureau BVR is opgesteld, is een poging gedaan om een aantal Brabant brede ruimtelijke/landschappelijke principes op te schrijven, die min of meer in elke RES zijn toegepast/zijn gehanteerd. Uitgangspunten - De principes staan niet op zichzelf. De bestaande overkoepelende Brabantse ordeningsprincipes uit de Omgevingsvisie* en de Brabantse Energieagenda** zijn leidend. - De principes zijn concreter dan de hoofdprincipes van de Omgevingsvisie en abstracter dan de regels van de Verordening Ruimte. - De principes zijn niet uitsluitend. De principes zijn open en bieden vrijheden voor regionale / lokale invulling. Daarmee zijn deze principes verbindend, verhalend en verbeeldend. Principes dwingen je er toe om rekenschap af te leggen t.o.v. aanwezige ruimtelijke/culturele/sociale kenmerken en waarden van/in een gebied; je houdt er rekening mee of je houdt er gemotiveerd geen rekening mee. - De principes zijn niet uitsluitend opgesteld met de Brabantse energietransitie als perspectief.

Deze principes komen deels voort uit de ambitie van de provincie om te werken aan een goede omgevingskwaliteit en deels uit de ambities m.b.t. de energieopgave die door de provincie zijn vastgesteld. Ruimtelijke principes vanuit de Brabantse energietransitie 1. Elk landschap doet ertoe! Brabant kent vele landschappen. Ieder landschapstype, elk gebied heeft haar eigen verhaal, ontstaansgeschiedenis en bewoners. Dit maakt dat ieder landschap ertoe doet en dat bij een ingrijpende ontwikkeling als de energietransitie, deze in ieder landschap op een zorgvuldige manier een plek moet krijgen. Zorgvuldig slaat daarbij zowel op de ruimte als op de bewoners. Uiteindelijk moet er een goede balans worden gevonden tussen de ingreep en de omgeving die per plek/gebied kan verschillen. 2. De energietransitie wordt zichtbaar onderdeel van het landschap. De wijze waarop is afhankelijk van landschapskarakteristieken en van de menselijke waarden Elk landschap kent haar eigen karakteristieken en waarden waarop de vormgeving van de energiebronnen moet aansluiten. Ook is het afhankelijk van de manier waarop mensen in een gebied met elkaar samenwerken en samenleven en de wijze waarop dit landschap voor mensen een belangrijke waarde of belang vertegenwoordigd door de manier waarop het in gebruik is en het ingericht wordt.

3. Maak de energieopgave Brabant specifiek door te zorgen voor een logisch verhaal Zorg voor een logisch verhaal: waarom vindt deze ontwikkeling in dit gebied op deze manier plaats. Zoek daarbij ook de aansluiting met andere gebiedsopgaven. Bouw voort op de kenmerken en karakteristieken van de ruimte. De manier waarop mensen in een gebied met elkaar samenwonen en samenwerken (sociaal/culturele/economische aspecten). 4. Kijk over de grens Denken vanuit de regio kan in sommige gevallen leiden tot suboptimale oplossingen. Constateer potenties/mogelijkheden van buiten de eigen regio die kunnen bijdragen in het realiseren van de regio ambities/opgaven. Als voorbeeld restwarmtebronnen, als het transporteren naar de gebruiken in een andere regio dichtbij is. 5. Wees je bewust van grenseffecten en stem daarover af Veel regio’s (of gemeenten) plannen de opwekking van energie aan de grenzen. Daar waarbij er sprake is van grensoverschrijdende landschapstypen/gebieden/(infra)structuren is het wenselijk dat regio’s op dezelfde manier om gaan met de energieopwekking. Het benutten van infrastructuur als energiecorridor bijvoorbeeld wordt bij voorkeur tussen de verschillende RES’en onderling afgestemd. De A58 gebruiken als energiecorridor doe je of in alle 3 de RESen of je doet het niet. 6.

Wees je er bij locatiekeuzes van zon en wind van bewust dat tijdelijkheid in sommige gevallen de duur van (bijna) een mensenleven kan zijn Wees bij de keuze van opweklocaties er bewust van dat noodzakelijke uitbreiding/verzwaring van het netwerk (elektriciteit/warmte/ enz.) er toe leidt dat deze locaties wel voor de komende ca 50 jaar zullen worden benut (afschrijftermijn van dit soort netwerken). Dit om te voorkomen dat de maatschappelijke investeringen (de bijdrage van de belastingbetaler) in een netwerk niet renderen en om de netwerkbeheerder geen desinvesteringen te laten doen. Dit betekent echter ook dat allerlei andere ruimtelijke ontwikkeling zich in die tijd zullen gaan voegen naar de aanwezigheid van energie-opwek, -opslag of – transport. *De hoofdprincipes uit de Omgevingsvisie -

We stellen een heldere koers op samen met de regio’s. We sluiten aan bij de Nationale Energieagenda. We wentelen onze opgave in beginsel niet af op onze omgeving (of andere provincies). We verbinden de energieopgave met zoveel mogelijk andere maatschappelijke opgaven. We gaan uit van meervoudig en zorgvuldig ruimtegebruik. Alleen onder voorwaarden willen we energieopwekking in het Natuurnetwerk Brabant.

-

We houden rekening met de ondergrond.

** Vanuit de verantwoordelijkheid bij ruimtelijke afwegingen zijn in de Brabantse energieagenda daaraan toegevoegd -

Complementariteit, omgevingskwaliteit, meervoudig, efficiënt en zorgvuldig ruimtegebruik, combinaties van functies en initiatieven, integraliteit, meekoppeling, het bieden van een meerwaarde. Aandacht voor landschappelijke karakteristieken en waarden (Verordening Ruimte/Omgevingsverordening). Bevorderen tijdelijk gebruik van gebieden voor de inrichting van zonnevelden.

Concept Regionale Energiestrategie (RES) Metropoolregio Eindhoven

Bijlage 8 Doorrekening Enexis

Metropoolregio Eindhoven

DOORREKENING CONCEPT RES Metropoolregio Eindhoven Enexis Netbeheer

April 2020

OVER DIT DOCUMENT Doel

Dit document bevat de beschrijving van de impact van regionale plannen voor grootschalige duurzame opwek op de energie-infrastructuur van Enexis Netbeheer B.V. (hierna: Enexis). Indien meerdere scenario’s worden aangeleverd biedt het tevens inzicht in de verschillen. Ten behoeve van deze (2e) doorrekening van de Regionale Energiestrategie (RES) heeft de Metropoolregio Eindhoven ervoor gekozen 1 scenario aan te leveren. De informatie uit deze doorrekening kan worden gebruikt om keuzes ten aanzien van deze scenario’s te optimaliseren. Op 28 juni 2019 heeft het kabinet het Klimaatakkoord gepubliceerd. Het ontwerp van het Klimaatakkoord uit december 2018 bevat een samenhangend pakket aan maatregelen dat moet resulteren in een CO2-reductie van tenminste 49% in 2030 ten opzichte van het jaar 1990. Bij het opstellen van het Klimaatakkoord waren verschillende ‘sectortafels’ betrokken. Vanuit de sectortafel elektriciteit is als doel gesteld om 35 TWh duurzaam op te wekken op land om zodoende bij te dragen aan de beoogde CO2-reductie. Parallel aan de landelijke onderhandelingen aan de sectortafels, is Nederland opgedeeld in 30 klimaatregio’s op initiatief van gemeenten, provincies en waterschappen. Elke gemeente, provincie en waterschap werkt op dit moment binnen deze regio’s samen met stakeholders, waaronder de netbeheerder, aan een RES. Het opstellen van een RES is geen doel op zich.

Het uiteindelijke doel is het realiseren van de doelstellingen uit voornoemd Klimaatakkoord, welke voortkomt uit de internationale klimaatafspraken van Parijs (2015). De RES is een instrument om gezamenlijk te komen tot keuzes voor besparing, de opwekking van duurzame elektriciteit, de warmtetransitie in de gebouwde omgeving en de daarvoor benodigde opslag en energie infrastructuur. Dit document geeft inzicht in de impact op de energie-infrastructuur van diverse scenario’s in relatie tot het concept RES-bod van de MRE. Enexis geeft hiermee een indicatie van de netimpact van de verschillende scenario’s op drie aspecten: ® ® ®

de tijd die het kost om uitbreidingen te realiseren, de extra ruimte die nodig is voor nieuwe infrastructuur en de maatschappelijke kosten die nodig zijn om eventuele knelpunten in het net op te lossen.

2

OVER DIT DOCUMENT Leeswijzer

Dit document begint met een overzicht met de ‘Conclusies & samenvatting’. De vier secties daarna bevatten alle inhoudelijke informatie over de Metropoolregio Eindhoven, het bod en de netimpact: Sectie 2 ‘Regio in beeld’ geeft een overzicht van de Metropoolregio Eindhoven; geografisch en wat betreft de energie-infrastructuur. Sectie 3 ‘Aangeleverde gegevens’ bevat een samenvatting van de aangeleverde gegevens, zoals ze door Nationaal Programma Regionale Energiestrategie (NP RES) uitgevraagd zijn en zoals deze namens de Metropoolregio Eindhoven in het kader van de RES bij Enexis aangeleverd zijn. Sectie 4 ‘Impact regionaal bod’ geeft de resultaten van de doorrekening uitgevoerd door Enexis. De netimpact van de verschillende scenario’s wordt inzichtelijk gemaakt door knelpunten op de kaart aan te geven. Vervolgens wordt er een indicatie gegeven van de impact van mogelijke oplossingsrichtingen ten aanzien van kosten, ruimte en tijd. Sectie 5 ‘Aanbevelingen’ presenteert een aantal aandachtspunten die door de RES-regio meegenomen kunnen worden voor hun RES-bod. Deze aanbevelingen zijn bedoeld als discussiebron, omdat deze doorrekening slechts een eerste stap is en nog geen integraal beeld geeft. Ten slotte wordt enige verdiepende informatie gegeven in de laatste sectie ‘Verdieping & bijlagen’.

3

INHOUD 1.

Conclusies & samenvatting

2.

Regio in beeld

3.

Aangeleverde gegevens

4.

Impact regionaal bod

5.

Aanbevelingen

6.

Verdieping & bijlagen

1. CONCLUSIES & SAMENVATTING

CONCLUSIES & SAMENVATTING Beschrijving van situatie

Specifieke conclusies en aanbevelingen

De RES Metropoolregio Eindhoven heeft voor deze 2e doorrekening 1 scenario in het kader van het concept RES-bod met Enexis gedeeld. Enexis heeft dit scenario voor grootschalige opwek doorgerekend en de netimpact hiervan bepaald. Hierbij is specifiek gekeken naar de impact op de Hoogspanning/Middenspanning (HS/MS)-stations*, waarvan er 10 in het MRE-gebied zelf liggen en 3 in omliggende RES-regio’s. Voor een deel van het aansluiten van de grootschalige opwek die in dit RES-bod is voorzien zijn namelijk ook HS/MS-stations nodig die net buiten de RES-regio van het MRE liggen.

®

Op alle 12 HS/MS-stations waarop initiatieven worden geprojecteerd vanuit dit RES-bod verwachten we voor of in 2030 een knelpunt. Dit betekent dat voor het realiseren van dit RES-bod bij al deze stations uitbreidingen nodig zijn of nieuwe stations gebouwd moeten worden. Concreet gaat het om: ®

Voor de stations Helmond Zuid in de Peel en Hapert in de Kempen geldt dat er uiteindelijk geen uitbreidingen meer op de stations mogelijk zijn om alle initiatieven vanuit dit RES-bod aan te sluiten en dat voor de Peel en de Kempen nieuwe stations nodig zijn. Aanbevolen wordt daarom om daar eerst te kijken naar initiatieven die direct aangesloten kunnen worden en deze voor de korte termijn te prioriteren. Daarnaast is en blijft er overleg nodig tussen Enexis, TenneT en de betrokken gemeenten over het plaatsen van nieuwe stations ten behoeve van de gebieden de Peel en De Kempen. Aanbevolen wordt om rekening te houden met deze ontwikkelingen bij het nader specificeren van gebieden voor opwek via zon en wind.

®

Voor de HS/MS-stations Aarle-Rixtel, Best, Eindhoven Noord / Oost / Zuid / West, Helmond Oost, Maarheeze, Eerde en Weertheide zijn uitbreidingen nodig om het ingediende RES-bod vanuit de MRE helemaal te realiseren. Ook hier zal daarom rekening gehouden moeten worden met een langere realisatietijd van een deel van de initiatieven die aan deze stations gekoppeld zijn. Ook dit betekent goed faseren van de initiatieven.

Algemene conclusies en aanbevelingen Op basis van het aangeleverde scenario ontstaan bij een aantal stations vóór 2030 knelpunten in het net. Voor het aanpakken van deze knelpunten zijn 2 nieuwe stations nodig en uitbreiding van 11 bestaande stations. ® Wat betreft de tijd die het kost om al deze uitbreidingen te realiseren kan het volgende worden gemeld. Hierbij moet rekening gehouden worden met individuele doorlooptijden van 6-8 jaar voor nieuwe HS/MS-stations en van 4-6 jaar voor uitbreidingen van bestaande stations. ® Wat betreft de extra ruimte die nodig is voor nieuwe infrastructuur geldt het volgende. Voor de realisatie van 2 nieuwe HS/MS-stations is 3 tot 8 hectare aan ruimte nodig. Daarnaast is er nog ruimte nodig om bestaande HS/MS-stations uit te breiden. ® De maatschappelijke kosten die nodig zijn om deze knelpunten bij de HS/MSstations op te lossen bedragen tussen de 153 en 196 miljoen euro. Dit is exclusief de kosten voor aanpassingen aan het hoogspanningsnet door TenneT en exclusief de kosten voor het onderliggend net. ® Zie verder de sectie ‘Aanbevelingen’ voor een aantal aanvullende, algemene aandachtspunten. Deze zijn niet specifiek voor de RES Metropoolregio Eindhoven, maar zijn van groot belang om in acht te nemen.

®

In de analyse zien we wel dat veel knelpunten pas na 2025 ontstaan; dit betreft 8 van de 12 stations waar knelpunten gaan ontstaan als gevolg van dit RES-bod. Hierdoor lijkt het aangeleverde bod vanuit de RES MRE wel een redelijk maakbaar bod: er is tijd om een belangrijk deel van de uitbreidingen en nieuwe stations voor te bereiden en te realiseren voordat knelpunten optreden. Echter, om dit ook in de praktijk te kunnen waarmaken dienen de intenties richting RES 1.0 ook geconcretiseerd en nader gespecificeerd te worden zodat Enexis tijdig kan investeren. En is en blijft overleg en afstemming hierover tussen de gemeenten, provincie, netbeheerders en andere stakeholders van groot belang.

* Voor uitleg termen en afkortingen zie: https://www.regionale-energiestrategie.nl/documenten/HandlerDownloadFiles.ashx?idnv=1305951 ® V

6

2. REGIO IN BEELD

REGIO IN BEELD

Metropoolregio Eindhoven De RES Metropoolregio Eindhoven bestaat op dit moment uit 21 gemeenten: ® Reusel-De Mierden ® Bladel ® Oirschot ® Veldhoven ® Eersel ® Bergeijk ® Valkenswaard ® Waalre ® Best ® Eindhoven ® Son en Breugel ® Nuenen, Gerwen en Nederwetten ® Geldrop-Mierlo ® Heeze-Leende ® Cranendonck ® Helmond ® Laarbeek ® Someren ® Asten ® Deurne ® Gemert-Bakel

België

8

REGIO IN BEELD

Metropoolregio Eindhoven - De energie-infrastructuur in de regio Elektriciteit* 10 HS/MS-stations binnen de RES-regio. 3 HS/MS-stations net buiten of op de regiogrenzen, deze stations hebben een deel van het verzorgingsgebied in de Metropoolregio Eindhoven liggen. Deze zijn dus voor een deel meegenomen in deze doorrekening. Deze 13 stations zijn in de afbeelding hieronder weergegeven, net zoals de hoogspanningsverbindingen tussen deze stations.

* Voor gedetailleerde kaart transportnet TenneT, zie sectie ‘Verdieping & Bijlagen’.

Gas

Warmte(netten)

24 gasontvangststations binnen de RES-regio.

In de doorrekening van dit concept bod, is er nog niet gekeken naar de impact van (eventuele toekomstige) warmtenetten in de Metropoolregio Eindhoven op de elektriciteits- en gasnetten.

In de doorrekening van dit concept bod, is de impact op het gasnet niet bepaald. Bij een volgende doorrekening kan dit ook meegenomen worden, waaronder aspecten rondom groen gas.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Laarbeek&id=83074cd8-1853-4d8f-b78e-7e82651e3329