RIB26-010 Stand van zaken omgevingsprogramma woningbouw en bijbehorend concept plan-mer-beoordelingsbesluit (zonder bijlagen bij bijlagen)
Tekst van het document
n.v.t.
0,44
0,47
kruispuntvorm De oversteekbaarheid voor fietsers en voetgangers over de hoofdrichting OW van dit kruispunt is slecht. De oversteekbaarheid voor fietsers en Oversteekbaarheid
voetgangers op de zuidwestelijke tak is matig en op de noordoostelijke tak goed. Een gelijkvloerse fietsoversteek bij een eirotonde en turborotonde is onwenselijk vanuit verkeersveiligheidsoogpunt.
Tabel 4.9: Resultaat verkennende kruispuntanalyse (kruispunt G)
5
Verdiepend onderzoek moet uitwijzen in hoeverre een turborotonde noodzakelijk is om de
verkeersafwikkeling in Plan 2040 te waarborgen.
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
31
H. N207 – Beijerscheweg in Stolwijk Het voorrangskruispunt N207 – Beijerscheweg is gelegen in Stolwijk, zie figuur 4.9. Uit de analyse in tabel 4.10 komt naar voren dat een eirotonde zorgt voor een betere verkeersafwikkeling. In dat geval kan verkeer vanuit de Beijerscheweg beter de N210 op komen. In bijlage 2 staat een voorbeeld van de voorgestelde kruispuntvorm.
Figuur 4.9: Voorrangskruispunt N207 – Beijerscheweg (kruispunt H)
Autonoom 2032 OS
AS
Passende(re)
Plan 2032 OS
AS
Autonoom 2040 OS
AS
Plan 2040 OS
AS
eirotonde
kruispuntvorm6
De oversteekbaarheid voor fietsers en voetgangers over de hoofdrichting Oversteekbaarheid
NZ van dit kruispunt is slecht. Een gelijkvloerse fietsoversteek over de hoofdrichting bij een eirotonde is onwenselijk vanuit verkeersveiligheidsoogpunt.
Tabel 4.10: Resultaat verkennende kruispuntanalyse (kruispunt H)
6
Op basis van Kruispuntschema van Goudappel.
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
32
I.
N228 – Goverwellesingel richting Gouda
Het kruispunt N228 – Goverwellesingel richting Gouda is geregeld met verkeerslichten, zie figuur 4.10. Uit de analyse in tabel 4.11 komt naar voren dat een kruispunt met verkeerlichten een passende kruispuntvorm is met het oog op de toekomst7.
Figuur 4.10: Verkeersregelinstallatie N228 – Goverwellesingel (kruispunt I)
Autonoom 2032 Passende(re) kruispuntvorm8
Plan 2032
Autonoom 2040
Plan 2040
OS
AS
OS
AS
OS
AS
OS
AS
VRI
VRI
VRI
VRI
VRI
VRI
VRI
VRI
Oversteekbaarheid fietsers en voetgangers is bij een VRI gewaarborgd, Oversteekbaarheid
doordat conflicten tussen gemotoriseerd verkeer en langzaam verkeer zijn geregeld.
Tabel 4.11: Resultaat verkennende kruispuntanalyse (kruispunt I)
7
Verdiepend onderzoek moet uitwijzen in hoeverre de kruispuntconfiguratie voldoet: het aantal
opstelstroken en de lengtes per opstelstrook. 8
Op basis van Kruispuntschema van Goudappel.
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
33
J.
N210 – Kerkweg in Schoonhoven
De enkelstrooksrotonde N210 – Kerkweg is gelegen in Schoonhoven, zie figuur 4.11. Uit de analyse in tabel 4.12 komt naar voren dat deze enkelstrooksrotonde de verkeersstromen in de slecht kan verwerken, dit geldt al bij Autonoom 2032. Een passende kruispuntvorm voor een goede verkeersafwikkeling is een eirotonde. In bijlage 2 staat een voorbeeld van de voorgestelde kruispuntvorm.
Figuur 4.11: Enkelstrooksrotonde N210 – Kerkweg (kruispunt J)
Autonoom 2032 Verzadigingsgraad huidige vormgeving Passende(re) kruispuntvorm
Plan 2032
Autonoom 2040
Plan 2040
OS
AS
OS
AS
OS
AS
OS
AS
0,94
0,90
0,96
0,90
1,04
0,94
1,09
0,99
Eirotonde NZ
Eirotonde NZ
Eirotonde NZ
Eirotonde NZ
0,42
0,43
0,47
0,49
Verzadigingsgraad passende(re)
0,54
0,55
0,58
0,61
kruispuntvorm De oversteekbaarheid van fietsers en voetgangers over de hoofdrichting NZ van dit kruispunt is slecht. Op de zijrichtingen is de oversteekbaarheid Oversteekbaarheid
voor fietsers en voetgangers goed. Een gelijkvloerse fietsoversteek over de hoofdrichting bij een eirotonde is onwenselijk vanuit verkeersveiligheidsoogpunt.
Tabel 4.12: Resultaat verkennende kruispuntanalyse (kruispunt J)
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
34
K.
N210 – N216 in Schoonhoven
De enkelstrooksrotonde N210 – N216 is gelegen in Schoonhoven, zie figuur 4.12. Uit de analyse in tabel 4.13 komt naar voren dat de enkelstrooksrotonde de verkeersstormen in de avondspits slecht kan verwerken, dit geldt al bij Autonoom 2032. Een passende kruispuntvorm voor een goede verkeersafwikkeling is een eirotonde. In bijlage 2 staat een voorbeeld van een turborotonde.
Figuur 4.12: Enkelstrooksrotonde N210 – N216 (kruispunt K)
Autonoom 2032 Verzadigingsgraad huidige vormgeving
Plan 2032
Autonoom 2040
Plan 2040
OS
AS
OS
AS
OS
AS
OS
AS
0,63
0,86
0,64
0,86
0,71
0,88
0,76
0,90
Passende(re)
Partiële
Partiële
kruispuntvorm
eirotonde OW
eirotonde OW
0,54
0,56
Eirotonde OW
Eirotonde OW
0,54
0,63
Verzadigingsgraad passende(re)
0,68
0,69
0,45
0,43
kruispuntvorm De oversteekbaarheid van fietsers en voetgangers over de hoofdrichting OW van dit kruispunt is slecht. Op de noordelijke zijtak kunnen de fietsers Oversteekbaarheid
wel goed oversteken. Een gelijkvloerse fietsoversteek over de hoofdrichting bij een (partiële) eirotonde is onwenselijk vanuit verkeersveiligheidsoogpunt.
Tabel 4.13: Resultaat verkennende kruispuntanalyse (kruispunt K)
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
35
L.
N210 – ontsluiting plangebied Nieuw-West in Schoonhoven
Bij de ontwikkeling van Nieuw-West hoort naar alle waarschijnlijkheid een nieuwe ontsluiting op de N210. Deze ontsluiting is gelegen aan de westkant van Schoonhoven. In figuur 4.13 is het zoekgebied aangegeven voor het nieuwe kruispunt. Uit de analyse in tabel 4.14 komt naar voren dat een ontsluiting met een eirotonde een passende kruispuntvormgeving is. In bijlage 2 staat een voorbeeld van een turborotonde.
Figuur 4.13: Zoekgebied potentiële locatie ontsluiting plangebied Nieuw-West (kruispunt L)
Autonoom 2032 Verzadigingsgraad huidige vormgeving
Plan 2032
Autonoom 2040
Plan 2040
OS
AS
OS
AS
OS
AS
OS
AS
n.v.t.
n.v.t.
0,86
0,84
n.v.t.
n.v.t.
0,98
0,94
Passende(re)
n.v.t.
kruispuntvorm
Eirotonde OW
n.v.t.
Eirotonde OW
Verzadigingsgraad passende(re)
n.v.t.
n.v.t.
0,40
0,39
n.v.t.
n.v.t.
0,45
0,43
kruispuntvorm Bij realisatie van een eirotonde scoort de oversteekbaarheid voor fietsers en voetgangers over de hoofdrichting OW van dit kruispunt slecht Oversteekbaarheid
aangezien oversteken niet wordt gefaciliteerd. De oversteekbaarheid op de zijrichting is wel goed. Een gelijkvloerse fietsoversteek over de hoofdrichting bij een eirotonde is onwenselijk vanuit verkeersveiligheidsoogpunt.
Tabel 4.14: Resultaat verkennende kruispuntanalyse (kruispunt L)
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
36
5. Verkeerseffecten regionale verbindingen Naast de verkeerseffecten binnen de gemeente Krimpenerwaard zorgen de plannen ook voor verkeerseffecten op de veerponten van/naar de gemeente Molenlanden en de provinciale wegen van/naar Gouda, Rotterdam en Utrecht. De verkeersintensiteiten in mvt/etm en de I/C-verhoudingen in de ochtend- en avondspits op wegvakniveau geven een eerste indicatie over de mate van doorstroming op onderstaande belangrijke regionale verbindingen: I.
N228 tussen N207 en Gouderaksedijk in Gouda;
II.
N228 tussen Zwier Regelinkstraat en Hoenkoopserijweg in Oudewater;
III.
N210 bij Algerabrug in Capelle aan den IJssel;
IV.
Veerpont Schoonhoven, richting Groot-Ammers;
V.
Veerpont Krimpen aan de Lek, richting Kinderdijk;
VI.
N207 bij Gouderaksebrug in Gouda;
VII.
N210 tussen Vrouwenmantel en Nicolaas van Catsweg in Lopik.
Figuur 5.1: De belangrijke regionale verbindingen
Voor de beoordeling van de I/C-verhoudingen zijn de volgende grenswaarden gehanteerd, zie tabel 5.1.
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
37
Score
I/C-verhouding
Uitstekend
< 70 %
Goed
70% - 80%
Redelijk
80% - 90%
Matig
90% - 100%
Slecht
> 100%
Tabel 5.1: Grenswaarden beoordeling I/C-verhoudingen
I.
N228 tussen N207 en Gouderaksedijk in Gouda
In deze paragraaf zijn per modelvariant de resultaten beschreven. De verkeersintensiteiten zijn weergegeven voor locatie l (N228 tussen N207 en Gouderaksedijk in Gouda), zoals weergegeven in figuur 5.1. De verkeersintensiteiten (in mvt/etm) zijn bij de Autonome scenario’s vergeleken met Basisjaar 2021 van RVMH versie 4.1. De modelresultaten en vergelijkingen zijn in tabel 5.2 weergegeven. De vergelijking bij Referentie en Plan is telkens ten opzichte van modelvariant in de kolom erboven. Uit de resultaten blijkt sprake van forse verkeerstoenames tussen Autonoom en Basisjaar. Verder blijkt dat de relatieve verkeerstoenames van Plan ten opzichte van Referentie (Woonvisie plannen) neerkomen op een beperkte +2% tot +3%. Modelvariant
Intensiteit
Absoluut verschil
Relatief verschil
Basisjaar 2021
10.600
n.v.t.
n.v.t.
Autonoom 2032
15.600
+5.000
+47%
Referentie 2032
15.800
+200
+1%
Plan 2032
16.100
+300
+2%
Autonoom 2040
18.500
+7.900
+75%
Referentie 2040
18.300
-200
-1%
Plan 2040
18.900
+600
+3%
Tabel 5.2: Modelresultaten N228 tussen N207 en Gouderaksedijk (in mvt/etm)
In tabel 5.3 zijn de I/C-verhoudingen in de ochtend- en avondspits op wegvakniveau per richting weergegeven. In alle modelvarianten scoren de I/C-verhoudingen uitstekend.
l
richting zuid
richting noord
OS
AS
OS
AS
Basisjaar 2021
31%
46%
38%
42%
Autonoom 2032
38%
49%
56%
43%
Referentie 2032
39%
55%
48%
44%
Plan 2032
39%
56%
50%
43%
Autonoom 2040
38%
49%
56%
43%
Referentie 2040
43%
66%
56%
44%
Plan 2040
41%
68%
65%
41%
Tabel 5.3: I/C-verhoudingen N228 bij Gouda (locatie l)
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
38
II.
N228 tussen Zwier Regelinkstraat en Hoenkoopserijweg in Oudewater
In deze paragraaf zijn per modelvariant de resultaten beschreven. De verkeersintensiteiten zijn weergegeven voor locatie ll (N228 tussen Zwier Regelinkstraat en Hoenkoopserijweg in Oudewater), zoals weergegeven in figuur 5.1. De verkeersintensiteiten (in mvt/etm) zijn bij de Autonome scenario’s vergeleken met Basisjaar 2021 van RVMH versie 4.1. De modelresultaten en vergelijkingen zijn in tabel 5.4 weergegeven. De vergelijking bij Referentie en Plan is telkens ten opzichte van modelvariant in de kolom erboven. Uit de resultaten blijkt sprake van forse verkeerstoenames tussen Autonoom en Basisjaar. Verder blijkt dat de relatieve verkeerstoenames van Plan ten opzichte van Referentie (Woonvisie plannen) neerkomen op een redelijke +4% tot +8%. Modelvariant
Intensiteit
Absoluut verschil
Relatief verschil
Basisjaar 2021
6.700
n.v.t.
n.v.t.
Autonoom 2032
8.700
+2.000
+30%
Referentie 2032
9.100
+400
+5%
Plan 2032
9.500
+400
+4%
Autonoom 2040
11.100
+4.400
+66%
Referentie 2040
11.400
+300
+3%
Plan 2040
12.300
+900
+8%
Tabel 5.4: Modelresultaten N228 tussen Zwier Regelinkstraat en Hoenkoopserijweg (in mvt/etm)
In tabel 5.5 zijn de I/C-verhoudingen in de ochtend- en avondspits op wegvakniveau per richting weergegeven. In alle modelvarianten scoren de I/C-verhoudingen uitstekend.
ll
richting west
richting oost
OS
AS
OS
AS
Basisjaar 2021
14%
29%
26%
18%
Autonoom 2032
16%
50%
36%
19%
Referentie 2032
15%
50%
36%
19%
Plan 2032
16%
52%
38%
20%
Autonoom 2040
16%
50%
36%
19%
Referentie 2040
15%
66%
56%
23%
Plan 2040
17%
67%
61%
25%
Tabel 5.5: I/C-verhoudingen N228 bij Oudewater (locatie ll)
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
39
III.
N210 bij Algerabrug in Capelle aan den IJssel
In deze paragraaf zijn per modelvariant de resultaten beschreven. De verkeersintensiteiten zijn weergegeven voor locatie lll (N210 bij Algerabrug in Capelle aan den IJssel), zoals weergegeven in figuur 5.1. De verkeersintensiteiten (in mvt/etm) zijn bij de Autonome scenario’s vergeleken met Basisjaar 2021 van RVMH versie 4.1. De modelresultaten en vergelijkingen zijn in tabel 5.6 weergegeven. De vergelijking bij Referentie en Plan is telkens ten opzichte van modelvariant in de kolom erboven. Uit de resultaten blijkt sprake van forse verkeerstoenames tussen Autonoom en Basisjaar. Verder blijkt dat de relatieve verkeerstoenames van Plan ten opzichte van Referentie (Woonvisie plannen) neerkomen op een beperkte +1%. Modelvariant
Intensiteit
Absoluut verschil
Relatief verschil
Basisjaar 2021
43.100
n.v.t.
n.v.t.
Autonoom 2032
47.100
+4.000
+9%
Referentie 2032
47.200
+100
+0%
Plan 2032
47.500
+300
+1%
Autonoom 2040
48.600
+5.500
+13%
Referentie 2040
48.700
+100
+0%
Plan 2040
49.200
+500
+1%
Tabel 5.6: Modelresultaten N210 bij Algerabrug (in mvt/etm)
In tabel 5.7 zijn de I/C-verhoudingen in de ochtend- en avondspits op wegvakniveau per richting weergegeven. De I/C-verhoudingen scoren in alle modelvarianten vooral slecht in de ochtendspits van Capelle aan den IJssel richting de Krimpenerwaard. De woningbouwontwikkelingen in de Krimpenerwaard zorgen in Plan 2040 voor licht hogere I/C-verhoudingen ten opzichte van Autonoom.
lll
richting west
richting oost
OS
AS
OS
AS
Basisjaar 2021
94%
73%
117%
103%
Autonoom 2032
89%
97%
125%
98%
Referentie 2032
89%
97%
125%
99%
Plan 2032
89%
97%
125%
99%
Autonoom 2040
89%
97%
125%
98%
Referentie 2040
90%
101%
125%
100%
Plan 2040
90%
100%
125%
101%
Tabel 5.7: I/C-verhoudingen N210 bij Algerabrug (locatie lll)
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
40
IV.
Veerpont Schoonhoven, richting Groot-Ammers
In deze paragraaf zijn per modelvariant de resultaten beschreven. De verkeersintensiteiten zijn weergegeven voor locatie lV (Veerpont richting Groot-Ammers), zoals weergegeven in figuur 5.1. De verkeersintensiteiten (in mvt/etm) zijn bij de Autonome scenario’s vergeleken met Basisjaar 2021 van RVMH versie 4.1. De modelresultaten en vergelijkingen zijn in tabel 5.8 weergegeven. De vergelijking bij Referentie en Plan is telkens ten opzichte van modelvariant in de kolom erboven. Uit de resultaten blijkt sprake van forse verkeerstoenames tussen Autonoom en Basisjaar. Verder blijkt dat de relatieve verkeerstoenames van Plan ten opzichte van Referentie (Woonvisie plannen) neerkomen op een beperkte +2%. Modelvariant
Intensiteit
Absoluut verschil
Relatief verschil
Basisjaar 2021
5.400
n.v.t.
n.v.t.
Autonoom 2032
4.700
-700
-13%
Referentie 2032
4.700
+0
+0%
Plan 2032
4.700
+0
+0%
Autonoom 2040
4.700
-700
-13%
Referentie 2040
4.700
+0
+0%
Plan 2040
4.800
+100
+2%
Tabel 5.8: Modelresultaten9 Veerpont richting Groot-Ammers (in mvt/etm)
In tabel 5.9 zijn de I/C-verhoudingen in de ochtend- en avondspits op wegvakniveau per richting weergegeven. De I/C-verhoudingen scoren in alle modelvarianten hoofdzakelijk redelijk. De woningbouwontwikkelingen in de Krimpenerwaard zorgen naar 2040 nauwelijks voor hogere I/C-verhoudingen ten opzichte van Autonoom. De I/C verhouding is een versimpelde weergaven van de werkelijkheid. Bij een veerpont is dit wellicht niet de beste indicator om te hanteren, echter geeft het enigszins een beeld.
lV
richting zuid
richting noord
OS
AS
OS
AS
Basisjaar 2021
78%
85%
80%
83%
Autonoom 2032
79%
83%
81%
84%
Referentie 2032
79%
84%
81%
82%
Plan 2032
79%
84%
81%
82%
Autonoom 2040
79%
83%
81%
84%
Referentie 2040
79%
84%
80%
81%
Plan 2040
80%
84%
80%
82%
Tabel 5.9: I/C-verhoudingen veerpont bij Groot-Ammers (locatie lV)
9
Tussen Autonoom en Basisjaar 2021 is sprake van verkeersafnames. Deze verkeersafnames zijn ook
zichtbaar in de standaard vastgestelde de modelvarianten van het RVMH versie 4.1 door ODMH. Een routekeuze-effect lijkt de meest logische verklaring voor deze verkeersafnames.
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
41
V.
Veerpont Krimpen aan de Lek, richting Kinderdijk
In deze paragraaf zijn per modelvariant de resultaten beschreven. De verkeersintensiteiten zijn weergegeven voor locatie V (Veerpont richting Kinderdijk), zoals weergegeven in figuur 5.1. De verkeersintensiteiten (in mvt/etm) zijn bij de Autonome scenario’s vergeleken met Basisjaar 2021 van RVMH versie 4.1. De modelresultaten en vergelijkingen zijn in tabel 5.10 weergegeven. De vergelijking bij Referentie en Plan is telkens ten opzichte van modelvariant in de kolom erboven. Uit de resultaten blijkt sprake van forse verkeerstoenames tussen Autonoom en Basisjaar. Verder blijkt dat de relatieve verkeerstoenames van Plan ten opzichte van Referentie (Woonvisie plannen) neerkomen op een beperkte +3%. Absoluut verschil
Relatief verschil
Modelvariant
Intensiteit
Basisjaar 2021
2.400
n.v.t.
n.v.t.
Autonoom 2032
3.300
+900
+38%
Referentie 2032
3.300
+0
+0%
Plan 2032
3.300
+0
+0%
Autonoom 2040
3.300
+900
+38%
Referentie 2040
3.300
+0
+0%
Plan 2040
3.400
+100
+3%
Tabel 5.10: Modelresultaten veerpont richting Kinderdijk (in mvt/etm)
In tabel 5.11 zijn de I/C-verhoudingen in de ochtend- en avondspits op wegvakniveau per richting weergegeven. In alle modelvarianten scoren de I/C-verhoudingen uitstekend.
V
richting zuid
richting noord
OS
AS
OS
AS
Basisjaar 2021
46%
69%
40%
46%
Autonoom 2032
61%
68%
68%
62%
Referentie 2032
62%
67%
67%
62%
Plan 2032
62%
68%
67%
62%
Autonoom 2040
61%
68%
68%
62%
Referentie 2040
63%
67%
67%
62%
Plan 2040
65%
67%
67%
63%
Tabel 5.11: I/C-verhoudingen veerpont bij Kinderwijk (locatie V)
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
42
VI.
N207 bij Gouderaksebrug in Gouda
In deze paragraaf zijn per modelvariant de resultaten beschreven. De verkeersintensiteiten zijn weergegeven voor locatie Vl (N207 bij de Gouderaksebrug in Gouda), zoals weergegeven in figuur 5.1. De verkeersintensiteiten (in mvt/etm) zijn bij de Autonome scenario’s vergeleken met Basisjaar 2021 van RVMH versie 4.1. De modelresultaten en vergelijkingen zijn in tabel 5.12 weergegeven. De vergelijking bij Referentie en Plan is telkens ten opzichte van modelvariant in de kolom erboven. Uit de resultaten blijkt sprake van forse verkeerstoenames tussen Autonoom en Basisjaar. Verder blijkt dat de relatieve verkeerstoenames van Plan ten opzichte van Referentie (Woonvisie plannen) neerkomen op een redelijke +1% tot +2%. Modelvariant
Intensiteit
Absoluut verschil
Relatief verschil
Basisjaar 2021
18.600
n.v.t.
n.v.t.
Autonoom 2032
26.400
+7.800
+42%
Referentie 2032
26.500
+100
+0%
Plan 2032
26.800
+300
+1%
Autonoom 2040
30.400
+11.800
+63%
Referentie 2040
30.400
+0
+0%
Plan 2040
30.900
+500
+2%
Tabel 5.12: Modelresultaten N207 bij Gouderaksebrug (in mvt/etm)
In tabel 5.13 zijn de I/C-verhoudingen in de ochtend- en avondspits op wegvakniveau per richting weergegeven. In alle modelvarianten scoren de I/C-verhoudingen goed tot uitstekend.
VI
richting zuid
richting noord
OS
AS
OS
AS
Basisjaar 2021
38%
71%
58%
42%
Autonoom 2032
64%
77%
72%
63%
Referentie 2032
63%
77%
72%
63%
Plan 2032
63%
77%
73%
63%
Autonoom 2040
64%
77%
72%
63%
Referentie 2040
77%
78%
77%
74%
Plan 2040
76%
77%
77%
72%
Tabel 5.134: I/C-verhoudingen N207 in Gouda (locatie Vl)
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
43
VII.
N210 tussen Vrouwenmantel en Nicolaas van Catsweg in Lopik
In deze paragraaf zijn per modelvariant de resultaten beschreven. De verkeersintensiteiten zijn weergegeven voor locatie Vll (N210 tussen Vrouwenmantel en Nicolaas van Catsweg in Lopik), zoals weergegeven in figuur 5.1. De verkeersintensiteiten (in mvt/etm) zijn bij de Autonome scenario’s vergeleken met Basisjaar 2021 van RVMH versie 4.1. De modelresultaten en vergelijkingen zijn in tabel 5.14 weergegeven. De vergelijking bij Referentie en Plan is telkens ten opzichte van modelvariant in de kolom erboven. Uit de resultaten blijkt sprake van forse verkeerstoenames tussen Autonoom en Basisjaar. Verder blijkt dat de relatieve verkeerstoenames van Plan ten opzichte van Referentie (Woonvisie plannen) neerkomen op een redelijke +1% tot +5%. Modelvariant
Intensiteit
Absoluut verschil
Relatief verschil
Basisjaar 2021
13.000
n.v.t.
n.v.t.
Autonoom 2032
14.100
+1.100
+8%
Referentie 2032
14.300
+200
+1%
Plan 2032
14.500
+200
+1%
Autonoom 2040
15.000
+2.000
+15%
Referentie 2040
15.100
+100
+1%
Plan 2040
15.900
+800
+5%
Tabel 5.14: Modelresultaten N210 tussen Vrouwenmantel en Nicolaas van Catsweg (in mvt/etm)
In tabel 5.15 zijn de I/C-verhoudingen in de ochtend- en avondspits op wegvakniveau per richting weergegeven. In alle modelvarianten scoren de I/C-verhoudingen goed tot uitstekend.
Vll
richting west
richting oost
OS
AS
OS
AS
Basisjaar 2021
28%
52%
48%
33%
Autonoom 2032
33%
59%
58%
27%
Referentie 2032
33%
60%
58%
26%
Plan 2032
33%
60%
59%
26%
Autonoom 2040
33%
59%
58%
27%
Referentie 2040
33%
61%
65%
27%
Plan 2040
32%
62%
71%
28%
Tabel 5.15: I/C-verhoudingen N210 bij Lopik (locatie Vll)
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
44
6. Conclusie Zoals vermeld in de aanleiding (hoofdstuk 1) heeft de gemeente Krimpenerwaard de ambitie om op diverse locaties verspreid over de gemeente 4.000 woningen tot 2040 toe te voegen. Voor circa 3.300 woningen is nog geen vastgesteld plan. Deze ambitie is opgenomen in de Woonvisie van Krimpenerwaard, vastgesteld in juli 2023. De woningbouwplannen gaan impact hebben op het omliggende wegennet binnen de Krimpenerwaard en op regionale verbindingen. In dit kader zijn de verkeerseffecten op middellange (2032) en lange termijn (2040) onderzocht. Hiervoor zijn modeldoorrekeningen met regionaal verkeersmodel RVMH versie 4.1 en verkennende analyses naar verkeersafwikkeling op kruispuntniveau uitgevoerd. Tussen Basisjaar 2021 en Autonoom (2032 en 2040) is sprake van forse verkeerstoenames. Deze toenames zijn te verklaren door autonome verkeersgroei en het meenemen van de ruimtelijke ontwikkelingen in buurgemeenten van de Krimpenerwaard, zoals Cortelande en Westergouwe. In voorliggend onderzoek ligt de focus op inzicht verkrijgen in het planeffect van de woningbouwontwikkelingen. Hiervoor dient te worden gekeken naar Referentie en Plan ten opzichte van Autonoom (zie inleiding hoofdstuk 3).
Verkeerstoenames op provinciale, waterschaps- en gemeentelijke wegen Op provinciale wegen zorgen de woningbouwplannen hoofdzakelijk op de N210 van Bergambacht tot aan de oostkant van Schoonhoven en op de N475 tussen de N210 en Ouderkerk aan den IJssel voor verkeerstoenames. In deze gebieden zijn meerdere woningbouwplannen voorzien. Op de provinciale wegen zijn de grootste verkeerstoenames zichtbaar op: Referentie t.o.v. Autonoom (vastgestelde plannen) N210 tot +2% in 2032 en tot +1% in 2040 N216 tot +3% in 2032 en tot +3% in 2040 N228 tot +3% in 2032 en tot +1% in 2040 N475 tot +2% in 2032 en tot +3% in 2040 Plan t.o.v. Referentie (Woonvisie plannen) N210 tot +5% in 2032 en tot +9% in 2040 N216 tot +1% in 2032 en tot +4% in 2040 N228 tot +3% in 2032 en tot +6% in 2040 N475 tot +4% in 2032 en tot +9% in 2040 Plan t.o.v. Autonoom (alle woningbouwplannen) N210 tot +5% in 2032 en tot +9% in 2040 N216 tot +4% in 2032 en tot +4% in 2040 N228 tot +6% in 2032 en tot +6% in 2040 N475 tot +6% in 2032 en tot +9% in 2040
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
45
Verder blijkt uit de modelresultaten dat de I/C-verhoudingen op wegvakniveau binnen de gemeente Krimpenerwaard onder de 80% blijven. Dit betekent dat de doorstroming op wegvakniveau geen knelpunten oplevert. Tegelijkertijd zorgen de woningbouwplannen ook voor verkeerstoenames op het onderliggend wegennet in beheer van Hoogheemraadschap Schieland en Krimpenerwaard (HHSK) en de gemeente Krimpenerwaard. De toenames op deze wegen zijn meestal het directe gevolg van individuele (woningbouw)plannen. Bijvoorbeeld aan oostkant van Gouderak en IJsseldijk west en aan de noordkant van Stolwijk. Op de verkeerstoenames mogelijkerwijs tot knelpunten in verkeersveilig- en leefbaarheid op het onderliggend wegennet, in beheer van HHSK en de gemeente Krimpenerwaard. Het identificeren van verkeersveiligheid- en leefbaarheidsknelpunten op het onderliggend wegennet vormt geen onderdeel van voorliggend onderzoek. Deze knelpunten moeten nader worden onderzocht. De grootste verkeerstoenames zijn zichtbaar op: Referentie t.o.v. Autonoom (vastgestelde plannen) Bilwijkerweg tot +9% in 2032 en tot +6% in 2040 Middelblok tot +1% in 2032 en tot +0% in 2040 Fransekade tot +3% in 2032 en tot +4% in 2040 IJsseldijk west tot +1% in 2032 en tot +2% in 2040 Plan t.o.v.
Referentie (Woonvisie plannen) Bilwijkerweg tot +7% in 2032 en tot +9% in 2040 Middelblok tot +6% in 2032 en tot +17% in 2040 Fransekade tot +2% in 2032 en tot +4% in 2040 IJsseldijk west tot +2% in 2032 en tot +6% in 2040 Plan t.o.v. Autonoom (alle woningbouwplannen) Bilwijkerweg tot +17% in 2032 en tot +15% in 2040 Middelblok tot +7% in 2032 en tot +16% in 2040 Fransekade tot +5% in 2032 en tot +8% in 2040 IJsseldijk west tot +4% in 2032 en tot +8% in 2040
Passendere kruispuntvormgevingen nodig Kruispunten zijn doorgaans maatgevend in de verkeersafwikkeling. Verkeerstoenames kunnen gevolgen hebben voor de mate van verkeersafwikkeling. Daarom zijn verkennende kruispuntanalyses voor twaalf relevante kruispunten uitgevoerd voor de scenario’s Autonoom en Plan. Uit deze analyses blijkt dat bij negen van de twaalf kruispunten de huidige vormgeving niet passend is met het oog op de toekomstige verkeerstromen, dit geldt al in Autonoom 2032. Op deze kruispunten is een passende(re) vormgeving nodig om een goede verkeersafwikkeling te waarborgen. Welke specifieke kruispuntvormgeving passend is verschilt soms tussen 2032 of 2040. Bij de meeste kruispunten geldt dat de woningbouwontwikkelingen (planeffect) op zichzelf niet zorgen voor de noodzaak tot andere kruispuntvormgevingen. Immers zijn als gevolg van autonome verkeerstoenames al andere kruispuntvormgevingen nodig voor een goede verkeersafwikkeling. Het gaat om de volgende negen kruispunten:
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
46
•
N207 – Populierenlaan in Stolwijk;
•
N210 – H.A. Schreuderstraat in Schoonhoven;
•
N207 – Middelblok bij de Gouderaksebrug richting Gouda;
•
N210 – Dijklaan in Bergambacht;
•
N207 – N228 op grens Gouda en Haastrecht;
•
N207 – Molenlaan in Bergambacht;
•
N207 – Beijerscheweg in Stolwijk;
•
N210 – Kerkweg in Schoonhoven;
•
N210 – N216 in Schoonhoven.
Bovenstaande geldt niet voor de andere drie van de twaalf kruispunten. Het kruispunt N210 – N476 in Lekkerkerk blijkt toekomstbestendig. Wel geldt dat in Plan 2040 mogelijk een turborotonde passender is. Het kruispunt N228 – Goverwellesingel richting Gouda dat geregeld is met verkeerslichten blijkt ook toekomstbestendig, mogelijk dat hier de kruispuntconfiguratie nog aangepast dient te worden. Voor de ontwikkeling Nieuw-West in Schoonhoven is het plan om direct te ontsluiten op de N210. Hiervoor adviseren wij een nieuwe (partiële) eirotonde te realiseren. De passende(re) kruispuntvormgevingen zijn veelal zijn meerstrooksrotondes. Bij meerstrooksrotondes is sprake van een verslechterde oversteekbaarheid voor langzaam verkeer, doordat fietsers en voetgangers tweestrooks toe- en afritten gelijkvloers over moeten steken.
Sprake van verkeerseffecten op regionale verbindingen Op zeven regionale verbindingen zijn de verkeersintensiteiten en I/C-verhoudingen in de ochtend- en avondspits op wegvakniveau geanalyseerd. Het gaat om de regionale verbindingen: veerponten bij Schoonhoven en Krimpen aan de Lek van/naar de gemeente Molenlanden en provinciale wegen van/naar Gouda, Rotterdam en Utrecht. Uit de analyses blijkt dat de woningbouwplannen zorgen voor beperkte toenames (tot 3%) in de I/Cverhoudingen op wegvakniveau. Voor alle regionale verbindingen geldt dat de woningbouwontwikkelingen (planeffect) op zichzelf niet zorgen voor redelijke tot slechte I/C-verhoudingen. Voor de N210 bij Algerabrug in Capelle aan den IJssel en veerpont Schoonhoven, richting Groot-Ammers geldt dat in de Autonome situatie al sprake is van redelijke tot slechte I/C-verhoudingen. Voor wat betreft de verkeersintensiteiten wordt hoofdzakelijk drukker op de N228 en N210. De grootste verkeerstoenames zijn zichtbaar op: Referentie t.o.v. Autonoom (vastgestelde plannen) N228 in Oudewater tot +1% in 2032 en tot +3% in 2040 N210 in Lopik tot -1% in 2032 en tot +1% in 2040 Plan t.o.v. Referentie (Woonvisie plannen) N228 in Oudewater tot +4% in 2032 en tot +8% in 2040 N210 in Lopik tot -1% in 2032 en tot +5% in 2040
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
47
Plan t.o.v. Autonoom (alle woningbouwplannen) N228 in Oudewater tot +6% in 2032 en tot +11% in 2040 N210 in Lopik tot +1% in 2032 en tot +5% in 2040 De woningbouwontwikkelingen zijn dynamisch en bestaan uit een groot aantal kleine projecten met een eigen dynamiek. In dit kader is de gemeente voornemens de verkeerseffecten van de woningbouwontwikkelingen te blijven monitoren. Concreet gaat het om een driejaarlijkse check op in hoeverre het verkeersonderzoek nog actueel is. De beschreven onderzoeksresultaten, conclusies en aanbevelingen zullen ook bij kleine gewijzigde omstandigheden blijven gelden.
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
48
7. Aanbevelingen Naar aanleiding van de conclusie zijn hieronder vier aanbevelingen opgenomen. 1)
Per plan de verkeerseffecten en ontsluitingsstructuur onderzoeken
Voorliggend onderzoek geeft gedeeltelijk houvast om uitspraken te doen over de verkeerseffecten en ontsluitingsstructuur van individuele (woningbouw)plannen. Tegelijkertijd bevelen we aan om per plan de exacte verkeerseffecten en ontsluitingsstructuur nader te onderzoeken. De belangrijkste redenen hiervoor zijn: woningbouwprogrammering, ontsluitingsstructuur en focus op gemotoriseerd verkeer. Voor het woningbouwprogramma per plan zijn bepaalde uitgangspunten gehanteerd, een aanpassing in het woningbouwprogramma per plan kan een andere verkeersgeneratie betekenen. De gehanteerde ontsluitingen per planlocatie liggen nog niet vast. Per (woningbouw) plan moeten de mogelijkheden in de wijze van ontsluiting zorgvuldig worden bekeken. Binnen dit onderzoek ligt de focus hoofdzakelijk op de effecten voor gemotoriseerd verkeer. Voor de voetganger en fiets moet een fijnmazig netwerk binnen de planlocatie en naar de bestaande kernen worden voorzien. Ook de bereikbaarheid per openbaar vervoer is een belangrijk aandachtpunt. 2)
Gevolgen voor verkeersveilig- en leefbaarheid op onderliggend wegennet
Op het onderliggend wegennet in beheer van Hoogheemraadschap Schieland en Krimpenerwaard (HHSK) en gemeente Krimpenerwaard is op sommige wegvakken sprake van forse verkeerstoenames. Deze toenames zijn grotendeels het gevolg van autonome verkeersgroei. Over het algemeen zorgt vooral de toevoeging van de nog niet-vastgestelde plannen voor forsere verkeerstoenames, in vergelijking met de vastgestelde plannen. Tegelijkertijd is het erg afhankelijk van de locatie in de gemeente in hoeverre de vastgestelde (Referentie) of de nog niet-vastgestelde (Plan) woningbouwplannen al en in welke mate zorgen voor verkeerstoenames. Voor de onderliggende wegen die te maken krijgen met verkeerstoenames bevelen we aan om nader onderzoek te doen naar de verkeersveiligheid voor weggebruikers en leefbaarheid van aanwonenden. 3)
Uitvoeren verdiepende kruispuntanalyses
In het kader van de verkeersafwikkeling op kruispuntniveau zijn binnen voorliggend onderzoek verkennende analyses uitgevoerd. Deze analyses geven een eerste indicatie van waar de huidige kruispuntvorm niet voldoet en welke kruispuntvorm in dat geval wel passend is, met het oog op de toekomstige verkeerstromen. In deze fase reikte het te ver om voor elk kruispunt een verdiepende analyses te doen. Voor de kruispunten die naar voren komen in hoofdstuk 4 bevelen we aan om verdiepende analyses uit te voeren met COCON, Vissim en de Kruispuntwijzer (afhankelijk per kruispunt). We bevelen aan bij deze verdiepende analyses ook direct de (on)mogelijkheden voor ruimtelijke inpassing te beschouwen.
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
49
Met de beschreven tools is beter inzicht te krijgen in de exact benodigde inrichting van de kruispunten en de gevolgen voor de oversteekbaarheid van fietsers en voetgangers. Resultaat van deze verdiepende analyses zijn verliestijden in seconden en wachtrijlengtes in meters. Deze details zijn nodig om concretere optimalisaties voor te stellen, zoals: extra opstelstroken bij een kruispunt met verkeerslichten of in hoeverre een tunnel/brug gewenst op basis van de verliestijden voor fietsers en voetgangers. Deze zaken zijn uiteindelijk ook van belang om per kruispunt inzicht te krijgen in de kosten van de infrastructurele maatregelen. 4)
Fasering van maatregelen in infrastructuur
We bevelen aan om nader onderzoek te doen naar de fasering van infrastructurele maatregelen. Uit dit nadere onderzoek moet blijken in hoeverre en welke van de maatregelen op middellange (tot 2032) en lange termijn (2032-2040) nodig zijn. Deze aanbeveling hangt samen met de laatste alinea van de conclusie.
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
50
Bijlage 1 Bedrijventerreinen B.1.1
Inleiding
Naast de woningbouwprogrammering is de gemeente Krimpenerwaard voornemens op twee locaties in de gemeente 1.500 arbeidsplaatsen tot 2040 toe te voegen. In figuur B1.1 zijn de twee potentiële nieuwe bedrijventerreinen weergeven: Zijdepark in Ouderkerk aan den IJssel en De Wetering in Bergambacht. In het kader van deze planontwikkelingen onderzoekt de gemeente voor de lange termijn (2040) de verkeerseffecten van deze toevoeging van arbeidsplaatsen op het wegennet in en rond Krimpenerwaard. In voorliggende bijlage zijn de resultaten beschreven van het onderzoek naar de verkeerseffecten als gevolg van de toevoeging van twee bedrijventerreinen in de gemeente Krimpenerwaard. De bijlage is leesbaar in combinatie met de hoofdrapportage. Hiervoor gelden dezelfde onderzoeksvraag (paragraaf 1.2), werkwijze (paragraaf 1.3) en uitgangspunten (paragraaf 2.1 en 2.4) als beschreven in de hoofdtekst.
Figuur B1.1: Potentiële bedrijventerreinlocaties binnen de gemeente Krimpenerwaard
B.1.2
Uitgangspunten
Voor het onderzoek naar de verkeerseffecten als gevolg van de ontwikkeling van twee bedrijventerreinen zijn overwegend dezelfde uitgangspunten gehanteerd als beschreven in paragrafen 2.1 en 2.4. Het voornemen van de gemeente is de twee bedrijventerreinen pas na 2032 te realiseren. Om deze reden zijn de verkeerseffecten van deze ontwikkelingen met het verkeersmodel voor zichtjaar 2040 doorgerekend. In het verkeersmodel is de ontwikkeling van arbeidsplaatsen boven op de woningbouwontwikkelingen (Plan 2040, paragraaf 3.6) gezet. In tabel B1.1 staat de voorziene toevoeging van het arbeidsplaatsen op De Nieuwe Wetering in Bergambacht en in het Zijdepark in Ouderkerk aan den IJssel. Plaats
Plannaam
Toevoeging arbeidsplaatsen t/m 2040
Bergambacht
De Nieuwe Wetering
1.276
Ouderkerk aan den IJssel
Zijdepark
275
Tabel B1.1: Bedrijventerrein plannen, onderdeel van Plan 2040 inclusief bedrijventerreinen
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
51
Het multimodaal verkeersprognosemodel (zwaartekrachtmodel) RVMH gaat uit van De herkomst(modelzone) van ritten van/naar de modelzone van het bedrijventerrein is deels vanuit de eigen gemeente en deels van buiten de gemeente. Over het algemeen geldt daarbij hoe verder de herkomstzone, hoe minder ritten worden gegenereerd. De meeste ritten van/naar de bedrijventerreinen zullen hun herkomst hebben in de gemeente10. De in tabel B1.1 weergegeven arbeidsplaatsen zijn onderverdeeld in 80% 'overige' arbeidsplaatsen en 20% 'industrie' arbeidsplaatsen. De categorie ‘industrie’ genereert relatief meer vrachtritten ten opzichte van ‘overige’.
B.1.3
Verkeerseffecten binnen Krimpenerwaard
In tabel B1.2 zijn de resultaten van de modeldoorrekening Plan 2040 inclusief bedrijventerreinen weergegeven. Net als in hoofdstuk 3 zijn op 38 wegvakken binnen de gemeente Krimpenerwaard de verkeersintensiteiten in mvt/etm en de absolute en relatieve toe-/afnames zichtbaar, in dit geval tussen Autonoom 2040 en Plan 2040 inclusief bedrijventerreinen. Uit de resultaten blijkt dat de verkeerstoenames op Middelblok, N475 (#26) en de Bilwijkerweg groter zijn dan +10%. De grootste absolute toenames zijn zichtbaar op de N210 van Bergambacht tot aan de oostkant van Schoonhoven.
Nr.
Wegvak
Tussen
Plan 2040
Absoluut
Relatief
Autonoom
inclusief
verschil
verschil
2040
bedrijven-
t.o.v.
t.o.v.
terreinen
autonoom
autonoom
1
N210
Handelsweg en Capellelaan
19.300
20.700
+1.400
+7%
2
Fransekade
Opweg en West Vlisterdijk
4.000
4.300
+300
+8%
16.900
+600
+4%
3
N207
Molenlaan en N210
16.300
4
N210
N207 en Dijklaan
21.600
22.900
+1.300
+6%
5
N210
Dijklaan en Handelsweg
18.900
20.200
+1.300
+7%
6
N210
Veerweg en Zuidbroekse Opweg
14.400
15.300
+900
+6%
7
N478
N210 en Lekdijk-West
6.200
6.300
+100
+2%
2.600
+200
+9%
8
Tussenlanen
Bergweg en Weidestraat
2.400
9
Zuidbroekse Opweg
N210 en Zuidbroek
2.500
2.500
+0
+2%
10
Middelblok
Dorpstraat en Kanaaldijk
8.000
9.400
+1.400
+17%
27.800
+300
+1%
11
N207
Kanaaldijk en N228
27.500
12
N228
Schoonhovenseweg en Goverwellesingel
12.700
13.200
+500
+4%
13
N228
Goverwellesingel en Grote Haven
12.700
13.500
+800
+6%
14
N210
N477 en N474
23.800
24.600
+800
+3%
15
N477
Breekade en N210
9.400
9.800
+400
+4%
19.600
+500
+3%
16
N210
Nieuwe Tiendweg en N474
19.100
17
N474
N210 en Vijverlaan
10.000
10.300
+300
+3%
18
N210
N476 en Zuidbroekse Opweg
15.900
16.800
+900
+5%
21.300
+700
+3%
20.600
+800
+4%
19
N210
N475 en N476
20.600
20
N210
N477 en N476
19.800
10
Middels een selected zone-analyse kan gedetailleerder inzicht worden gegeven in de herkomst van
verkeer van/naar de bedrijventerreinen.
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
52
21
N476
Randweg en N210
12.300
12.700
+400
+4%
22
IJsseldijk noord
Burgemeester Neetstraat en Nesse Tiendweg
5.200
5.600
+400
+6%
23
IJsseldijk west
Abelenlaan en Breekade
9.700
10.600
+900
+9%
24
Kerkweg
Loet en Tiendweg Oost
2.700
2.800
+100
+4%
3.300
+200
+9%
25
N475
N210 en Tiendweg West
3.100
26
N475
Abelenlaan en Tiendweg West
2.100
2.600
+500
+21%
27
Oudelandseweg
N475 en Westeinde
3.400
3.700
+300
+8%
21.800
+1.100
+5%
28
N210
H.A. Schreuderstraat en N216
20.700
29
N210
N216 en Vrouwenmantel
14.500
15.400
+900
+6%
30
N210
H.A. Schreuderstraat en Rotterdamseweg
16.900
17.800
+900
+5%
31
N210
Capellelaan en Rotterdamseweg
18.700
20.100
+1.400
+7%
32
N216
Lopikersingel en veerpont Groot-Ammers
4.500
4.700
+200
+3%
4.400
+300
+8%
33
Opweg
Fransekade en Beneluxlaan
4.100
34
Bilwijkerweg
Groeneweg en Schenkelweg
2.500
2.900
+400
+15%
35
N207
Populierenlaan en Beijerscheweg
19.300
20.100
+800
+4%
17.500
+400
+2%
36
N207
Molenlaan en Koolwijkseweg
17.100
37
N207
Beijerscheweg en N228
20.800
21.600
+800
+4%
38
West-Vlisterdijk
Fransekade en Bilwijkerweg
4.600
4.700
+100
+3%
Tabel B1.2: Modelresultaten Plan 2040 inclusief bedrijventerreinen (in mvt/etm)
B.1.4
Verkeerseffecten regionale verbindingen
Net als in hoofdstuk 5 zijn hieronder de verkeerseffecten op veerponten richting de gemeente Molenlanden en provinciale wegen richting Gouda, Rotterdam en Utrecht beschreven. In tabel B1.3 zijn de resultaten van de modeldoorrekening Plan 2040 inclusief bedrijventerreinen weergegeven met de verkeereffecten in mvt/etm op zeven regionale verbindingen. Uit de resultaten blijkt dat vooral de N228 richting Oudewater en de N210 richting Lopik te maken krijgen met verkeerstoenames.
Locatie
Wegvak
Tussen/bij/richting tussen N207 en
Plan 2040 incl.
Absoluut
Relatief
bedrijven-
verschilt.o.v.
verschil t.o.v.
terreinen
autonoom
autonoom
18.500
19.100
+600
+3%
11.100
12.300
+1.200
+11%
Autonoom 2040
l
N228
ll
N228
lll
N210
bij Algerabrug
48.600
49.400
+800
+2%
lV
Veerpont
richting Groot-Ammers
4.700
4.700
+0
-1%
V
Veerpont
richting Kinderdijk
3.400
3.400
+0
+0%
Vl
N207
bij Gouderaksebrug
30.400
31.100
+700
+2%
15.000
15.800
+800
+6%
Vll
N210
Gouderaksedijk tussen Zwier Regelinkstraat en Hoenkoopserijweg
tussen Vrouwenmantel en Nicolaas van Catsweg
Tabel B1.3: Modelresultaten Plan 2040 inclusief bedrijventerreinen (in mvt/etm)
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
53
In tabel B1.4 zijn de I/C-verhoudingen van de modeldoorrekening Plan 2040 inclusief bedrijventerreinen op zeven regionale verbindingen weergegeven. Uit de resultaten blijkt dat vooral de veerpont richting Groot-Ammers en de Algerabrug te maken krijgen met redelijke tot slechte I/C-verhoudingen op wegvakniveau. Voor beide regionale verbindingen geldt dat sprake is van beperkte toenames ten opzichte van Plan 2040.
OS
Locatie l lV V Vl
N228 Veerpont Veerpont N207
tussen N207 en Gouderaksedijk richting Groot-Ammers richting Kinderdijk bij Gouderaksebrug
AS
OS
richting zuid Gouda Groot-Ammers Kinderdijk Gouda
61% 80% 65% 77%
AS richting noord
67% 84% 67% 77%
44% 81% 67% 78%
richting west ll
N228
lll
N210
Vll
N210
tussen Zwier Regelinkstraat en Hoenkoopserijweg bij Algerabrug tussen Vrouwenmantel en Nicolaas van Catsweg
43% 81% 63% 74% richting oost
Oudewater
17%
67%
61%
25%
Capelle aan den IJssel
91%
102%
126%
101%
Lopik
33%
62%
69%
28%
Tabel B1.4: I/C-verhoudingen op zeven regionale verbindingen van/naar Krimpenerwaard
B.1.5
Conclusie
Zoals vermeld in de inleiding (paragraaf B1.1) heeft de gemeente Krimpenerwaard de ambitie om naast de woningbouwplannen op twee locaties in de gemeente 1.500 arbeidsplaatsen tot 2040 toe te voegen. In het kader van deze planontwikkelingen onderzoekt de gemeente voor de lange termijn (2040) de verkeerseffecten van deze toevoeging van woningbouw inclusief arbeidsplaatsen op het wegennet in en rond Krimpenerwaard. Hiervoor zijn modeldoorrekeningen met regionaal verkeersmodel RVMH versie 4.1 en verkennende analyses naar verkeersafwikkeling op kruispuntniveau uitgevoerd. In voorliggend de bijlage ligt de focus op inzicht verkrijgen in het planeffect van de woningbouwplannen inclusief de ontwikkeling van de twee bedrijventerreinen (Plan t.o.v. Autonoom). Verkeerstoenames op provinciale, waterschaps- en gemeentelijke wegen Op provinciale wegen zorgen de woningbouwplannen inclusief de bedrijventerreinen hoofdzakelijk op de N210, N228, N216 en N475 voor verkeerstoenames. De bedrijventerreinen zijn voorzien bij Bergambacht (N210) en Ouderkerk aan den IJssel (N475). Op de provinciale wegen zijn de grootste verkeerstoenames zichtbaar op (Plan t.o.v. Autonoom): •
N210 tot +7% in 2040;
•
N216 tot +3% in 2040;
•
N228 tot +6% in 2040;
•
N475 tot +21% in 2040.
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
54
Daarnaast zorgen de woningbouwplannen inclusief de bedrijventerreinen ook voor verkeerstoenames op het onderliggend wegennet in beheer van Hoogheemraadschap Schieland en Krimpenerwaard (HHSK) en de gemeente Krimpenerwaard. De toenames op deze wegen zijn meestal het directe gevolg van individuele (woningbouw)plannen. Bijvoorbeeld aan oostkant van Gouderak en IJsseldijk west en aan de noordkant van Stolwijk. Op de verkeerstoenames mogelijkerwijs tot knelpunten in verkeersveilig- en leefbaarheid op het onderliggend wegennet, in beheer van HHSK en de gemeente Krimpenerwaard. Het identificeren van verkeersveiligheid- en leefbaarheidsknelpunten op het onderliggend wegennet vormt geen onderdeel van voorliggend onderzoek. Deze knelpunten moeten nader worden onderzocht. De grootste verkeerstoenames zijn zichtbaar op (Plan t.o.v. Autonoom): •
Bilwijkerweg tot +15% in 2040;
•
Middelblok tot +17% in 2040;
•
Fransekade tot +8% in 2040;
•
IJsseldijk west tot +9% in 2040.
Sprake van verkeerseffecten op regionale verbindingen Op zeven regionale verbindingen zijn de verkeersintensiteiten en I/C-verhoudingen in de ochtend- en avondspits op wegvakniveau geanalyseerd. Het gaat om de regionale verbindingen: veerponten bij Schoonhoven en Krimpen aan de Lek van/naar de gemeente Molenlanden en provinciale wegen van/naar Gouda, Rotterdam en Utrecht. Uit de analyses blijkt dat de woningbouwplannen inclusief de bedrijventerreinen zorgen voor beperkte toenames (tot 3%) in de I/C-verhoudingen op wegvakniveau. Voor alle regionale verbindingen geldt dat de ontwikkeling van de woningbouw en bedrijventerreinen (planeffect) op zichzelf niet zorgen voor redelijke tot slechte I/C-verhoudingen. Voor de N210 bij Algerabrug in Capelle aan den IJssel en Veerpont Schoonhoven, richting GrootAmmers geldt dat in de Autonome situatie al sprake is van redelijke tot slechte I/Cverhoudingen. Voor wat betreft de verkeersintensiteiten wordt hoofdzakelijk drukker op de N228 en N210. De grootste verkeerstoenames zijn zichtbaar op (Plan t.o.v. Autonoom): •
N228 in Oudewater tot +11% in 2040;
•
N210 in Lopik tot +6% in 2040.
De ontwikkeling van de woningbouwplannen inclusief de bedrijventerreinen zijn dynamisch en bestaan uit een groot aantal kleine projecten met een eigen dynamiek. In dit kader is de gemeente voornemens de verkeerseffecten van de woningbouwontwikkelingen te blijven monitoren. Concreet gaat het om een driejaarlijkse check op in hoeverre het verkeersonderzoek nog actueel is. De beschreven onderzoeksresultaten, conclusies en aanbevelingen zullen ook bij kleine gewijzigde omstandigheden blijven gelden.
B.1.6
Aanbevelingen
Zie hoofdstuk 7.
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
55
Bijlage 2 Kruispuntvorm
Figuur B2.1: Partiele eirotonde
Figuur B2.2: Eirotonde
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
56
Figuur B2.3: Knierotonde
Figuur B2.4: Turborotonde
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard - 24 juni 2025
57
Figuur B2.5: Voorrangsplein
Goudappel BV werkt vanuit Amsterdam, Den Haag, Deventer, Eindhoven en Leeuwarden en via onze partners in het buitenland Snipperlingsdijk 4
Postbus 161
+31(0) 570 666 222
BTW
NL 0072 11 879 B01
7417 BJ Deventer
7400 AD Deventer
info@goudappel.nl
KVK
3801 7479
Nederland
Nederland
Verkeersonderzoek woningbouw Krimpenerwaard www.goudappel.nl IBAN NL09 INGB 0001 2746 -3224 juni 2025
58
Bijlage X: samenvatting verkeersonderzoek Voor de Plan MER beoordeling (Milieueffectrapportage) heeft de gemeente diverse onderzoeken uitgevoerd, onder andere naar het geluid en stikstof. Ook is er een verkeersonderzoek uitgevoerd. In dit verkeersonderzoek is gekeken naar autonome ontwikkelingen – zoals de toename van autobezit - en wat er gebeurt als de woningbouwambitie van 4000 woningen tot 2040 wordt waargemaakt. Het verkeersonderzoek is een ambtelijke verkenning en heeft zich alleen gericht op de doorgaande wegen, dus niet op de wegen in de kernen zelf. Belangrijke conclusies zijn onder andere:
• • •
Ook autonome ontwikkelingen zorgen voor een toename van knelpunten bij kruisingen en rotondes. De wegen zelf kunnen de extra capaciteit wel aan . Ongeveer 10 kruisingen en rotondes hebben de komende 15 jaar aanpassingen nodig.
De meeste van deze wegen zijn provinciale wegen en sommige wegen zijn eigendom van het Hoogheemraadschap (HHSK). De gemeente gaat samen met de provincie en HHSK om de tafel om te komen tot een investeringsagenda. Om tot een financieel haalbaar geheel te komen voor alle partijen zijn drie zaken van belang: 1) Er wordt zoveel mogelijk aangesloten bij natuurlijke onderhoudsmomenten. Een aanpassing van een rotonde wordt goedkoper als deze gekoppeld wordt aan noodzakelijk onderhoud; 2) Subsidies zijn belangrijk voor de financiële haalbaarheid. De komende jaren moeten de betrokken partijen subsidies aanvragen. Een goed plan met een goede onderbouwing is daarvoor essentieel en het verkeersonderzoek is een belangrijke bouwsteen; 3) Van alle partijen zijn financiële bijdrages nodig. De nota kostenverhaal is daarvan een bouwsteen. De toekomstige woningbouw in de Krimpenerwaard gaat verspreid over de 16 kernen plaats vinden. Sommige projecten weten we vrij zeker, maar er zijn ook nog veel projecten onzeker. Er zullen woningbouwprojecten afvallen en bijkomen. Dit heeft weer invloed op het verkeer en op de gewenste aanpak van knelpunten. We werken daarom aan een adaptieve investeringsagenda die regelmatig weer bijgesteld wordt als er nieuwe inzichten zijn over toekomstige woningbouw en nieuwe ontwikkelingen.
Akoestisch onderzoek
Woningbouw Krimpenerwaard
projectnummer 0501445.100 revisie 01 19 september 2025
www.anteagroup.nl
Akoestisch onderzoek Woningbouw Krimpenerwaard projectnummer 0501445.100 revisie 01 19 september 2025
Auteur(s) S. van Rijckevorsel
Opdrachtgever Gemeente Krimpenerwaard Postbus 51 2820 AB STOLWIJK
Gecontroleerd E. Maas
datum 19 september 2025
beschrijving Definitief (aanpassing woningbouwlocaties)
vrijgave M. van de Klundert
Inhoudsopgave 1.
Inleiding
4
2.
Wettelijk kader
5
2.1 2.2 2.3
Evenwichtige toedeling van functies aan locaties Toetsing geluid op geplande woningen Toetsingskader toename wegverkeer
5 5 6
3.
Uitgangspunten
8
3.1 3.1.1 3.1.2 3.1.3
Onderzoeksopzet Beoordelingspunten Bebouwing Geluidbronnen
8 8 8 8
4.
Resultaten
10
4.1 4.2 4.3
Geluidbelasting gemeentewegen op plangebieden Geluidbelasting provinciale wegen op plangebieden Indirecte geluidhinder
10 20 23
5.
Samenvatting en conclusie
24
5.1 5.2
Effect op nieuwe geluidgevoelige functies Effect op bestaande geluidgevoelige gebouwen
24 25
Akoestisch onderzoek Woningbouw Krimpenerwaard projectnummer 0501445.100 19 september 2025 revisie 01 Gemeente Krimpenerwaard
1.
Inleiding De gemeente Krimpenerwaard heeft in haar Woonvisie de ambitie uitgesproken om circa 4.000 nieuwe woningen te realiseren in de periode 2025 tot en met 2040. Om deze ambitie te concretiseren, wordt een Omgevingsprogramma Woningbouw opgesteld. Dit programma richt zich op de ontwikkeling van ongeveer 3.300 woningen, verspreid over elf kernen binnen de gemeente. De resterende circa 700 woningen vallen buiten het programma, aangezien hiervoor reeds een bestemmingsplan is vastgesteld of een omgevingsvergunning is verleend. Binnen het Omgevingsprogramma bevinden zich zowel locaties die reeds in beeld zijn als locaties die nog onderzocht worden. In het kader van de plan-m.e.r.-beoordeling en ter waarborging van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties is dit akoestisch onderzoek uitgevoerd. In onderstaande figuur 1.1 zijn de verschillende plangebieden van de ontwikkeling weergegeven.
Figuur 1.1 Locaties plangebieden woningbouw Krimpenerwaard
Het doel van dit akoestisch onderzoek is het in kaart brengen van de effecten van wegverkeersgeluid op zowel bestaande als toekomstige geluidgevoelige functies binnen het plangebied. Hiermee wordt beoordeeld in hoeverre de voorgenomen woningbouwontwikkeling akoestisch aanvaardbaar is en welke maatregelen eventueel nodig zijn om aan de geldende regelgeving en normen te voldoen.
blad 4 van 25
Akoestisch onderzoek Woningbouw Krimpenerwaard projectnummer 0501445.100 19 september 2025 revisie 01 Gemeente Krimpenerwaard
2.
Wettelijk kader In dit hoofdstuk is de wet- en regelgeving voor de relevante geluidbronnen in en rondom het plangebied weergegeven. Het wettelijk kader voor geluid in een plan-m.e.r. is geïntegreerd in de Omgevingswet. De regels voor de fysieke leefomgeving, waaronder geluid, zijn hier in opgenomen. Om deze reden bieden de kaders nodige context om de berekende waarden beter te kunnen duiden.
2.1
Evenwichtige toedeling van functies aan locaties Ingevolge de Omgevingswet (Besluit kwaliteit leefomgeving) dient voor de beoordeling van een aanvraag voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) of het vaststellen van een omgevingsplanwijziging rekening te worden gehouden met het geluid door activiteiten op (bestaande en/of beoogde) geluidgevoelige gebouwen, waarbij wordt beoordeeld in hoeverre het geluideffect aanvaardbaar is en daarmee, vanuit optiek van geluid, sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Als basis voor deze beoordeling worden de instructieregels ingevolge het Besluit kwaliteit leefomgeving gehanteerd.
2.2
Toetsing geluid gemeentewegen op geplande woningen In het kader van een wijziging van het omgevingsplan dient de gemeente op basis van artikel 5.78s van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) rekening te houden met het geluid door wegen op geluidgevoelige gebouwen in een geluidaandachtsgebied. Een omgevingsplan dat een nieuw geluidgevoelig gebouw toelaat, voorziet erin dat het geluid op dat gebouw niet hoger is dan de standaardwaarde, bedoeld in tabel 5.78t van het Bkl. Indien wordt voldaan aan deze standaardwaarde dan is het geluid in beginsel aanvaardbaar. Het bevoegd gezag mag meer geluid dan de standaardwaarde toestaan, tot maximaal de grenswaarde. De standaard- en grenswaardes per geluidbronsoort zijn weergegeven in tabel 2.1. Om de invloed van de gemeentewegen op de te realiseren woningen inzichtelijk te maken wordt aan de waardes weergegeven in tabel 2.1 getoetst. De van toepassing zijnde waardes zijn dikgedrukt. Tabel 2.1 Standaardwaardes en grenswaardes per bronsoort volgens het Bkl Geluidbronsoort
Standaardwaarde
Grenswaarde
Provinciale wegen
50 Lden
60 Lden
Rijkswegen
50 Lden
60 Lden
Gemeentewegen
53 Lden
70 Lden
Waterschapswegen
53 Lden
70 Lden
Lokale spoorwegen
55 Lden
65 Lden
Hoofdspoorwegen
55 Lden
65 Lden
Indien de standaardwaarde wordt overschreden, kunnen gebouwen alsnog worden toegestaan. Het besluit om meer geluid aanvaardbaar te achten dan de standaardwaarde moet voldoen aan de eisen uit de instructieregels. Deze instructieregels zijn opgenomen in artikel 5.78u t/m 5.78ad Besluit kwaliteit leefomgeving. Hierbij dient aan de volgende voorwaarden te worden voldaan: Er kunnen geen geluidbeperkende maatregelen worden getroffen om aan de standaardwaarde te voldoen; De overschrijding van de standaardwaarde wordt zo veel mogelijk beperkt door het treffen van geluidbeperkende maatregelen; Het geluid op de geluidgevoelige gebouwen is niet hoger dan de grenswaarde, opgenomen in tabel 2.1.
blad 5 van 25
Akoestisch onderzoek Woningbouw Krimpenerwaard projectnummer 0501445.100 19 september 2025 revisie 01 Gemeente Krimpenerwaard
Hierbij geldt dat geluidbeperkende maatregelen zoals hierboven genoemd in aanmerking worden genomen als die financieel doelmatig zijn en daartegen geen overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of technische aard bestaan.
2.3
Toetsing geluid provinciale wegen op geplande woningen Sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn voor de provinciale wegen binnen de gemeente Krimpenerwaard nog geen geluidproductieplafonds (gpp’s) als omgevingswaarden vastgesteld. In deze overgangssituatie blijft de Wet geluidhinder (Wgh) van toepassing bij het toelaten van geluidgevoelige gebouwen binnen de geluidzone van deze wegen. Dit is geregeld in artikel 3.5 van de Aanvullingswet geluid 1. Bij het toelaten van een geluidgevoelig gebouw binnen de geluidzone van een provinciale weg zonder gpp’s, wordt getoetst aan de voorkeurs- en grenswaarden zoals die onder de Wgh golden. Voor wegverkeerslawaai gelden de waarden zoals weergegeven in tabel 2.2 (inclusief aftrek 2 dB conform artikel 110g Wgh). Tabel 2.2 Voorkeursgrenswaarde en maximale grenswaarde provinciale wegen volgens Wgh
2.4
Binnenstedelijk gebied
Buitenstedelijk gebied
Voorkeursgrenswaarde
48 Lden
48 Lden
Maximale grenswaarde
63 Lden
53 Lden
Toetsingskader toename wegverkeer Toelaten van een ontwikkeling (ontwikkeling van een woonwijk) kan leiden tot een verkeerstoename op wegen in de omgeving. Bij het vaststellen van een omgevingsplan zorgt het bevoegd gezag ervoor dat het geluid op een geluidgevoelig gebouw door wegen waarover geen besluit wordt genomen, niet méér toeneemt dan 1.5 dB (artikel 5.78af, lid 1 Bkl). Deze toename bepaalt het bevoegd gezag ten opzichte van de situatie in het maatgevende jaar zonder de wijziging. Het omgevingsplan kan ook voorzien in een toename van meer dan 1.5 dB (artikel 5.78af, lid 2 Bkl). Dit is alleen mogelijk onder de voorwaarden onder artikel 5.78af, lid 3 tot en met 5 Bkl. Deze voorwaarden zijn als volgt; Lid 3: Een omgevingsplan kan erin voorzien dat het geluid met meer dan 1,5 dB toeneemt als: a. geen geluidbeperkende maatregelen kunnen worden getroffen om die toename te voorkomen; b. de toename van het geluid door het treffen van geluidbeperkende maatregelen zoveel mogelijk wordt beperkt; en c. het geluid op geluidgevoelige gebouwen niet hoger is dan de grenswaarde, bedoeld in artikel 3.35. Lid 4: Geluidbeperkende maatregelen als bedoeld in het derde lid worden in aanmerking genomen als die financieel doelmatig zijn en daartegen geen overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of technische aard bestaan.
Lid 5: Bij de toepassing van het derde lid wordt de aanvaardbaarheid van het gecumuleerde geluid op het geluidgevoelige gebouw beoordeeld.
2.5
Lokaal afwegingskader In het geval van een overschrijding van de standaard- of grenswaarde wordt naar de ‘Beleidsregel Hogere Waarden, 2018’ van regio Midden-Holland verwezen.
2.5.1
Overschrijding standaardwaarde In deze beleidsregel staat beschreven dat bij een overschrijding van de standaardwaarde gekeken moet worden naar mogelijke maatregelen om geluidsoverlast te beperken. Geluidbeperkende maatregelen worden met een voorkeursvolgorde gehanteerd, deze is als volgt; blad 6 van 25
Akoestisch onderzoek Woningbouw Krimpenerwaard projectnummer 0501445.100 19 september 2025 revisie 01 Gemeente Krimpenerwaard
Maatregelen aan de bron; Maatregelen in de overdrachtssfeer; Maatregelen bij de ontvanger. Wanneer deze maatregelen niet doeltreffend genoeg zijn of niet te realiseren zijn kan het college van burgemeester en wethouders beoordelen of een hogere waarde vastgesteld kan worden. Dit betreft maatwerk en is per situatie verschillend.
2.5.2
Overschrijding grenswaarde Bij een overschrijding van de maximale grenswaarde mogen niet zomaar gebouwen geplaatst worden. Dit kan alleen in het geval dat er een ‘dove gevel’ geïnstalleerd wordt op de zijde van het gebouw waar de maximale grenswaarde overschreden wordt. Een gebouw mag hoogstens één gevel met een geluidsbelasting boven de maximale grenswaarde hebben wanneer een dove gevel geïnstalleerd wordt.
blad 7 van 25
Akoestisch onderzoek Woningbouw Krimpenerwaard projectnummer 0501445.100 19 september 2025 revisie 01 Gemeente Krimpenerwaard
3.
Uitgangspunten
3.1
Onderzoeksopzet In de nabijheid van de plangebieden liggen verschillende bronnen van wegverkeerslawaai. Het effect van deze geluidbronnen binnen de plangebieden wordt berekend op contourpunten en toetspunten gelegd op geluidgevoelige functies. Vervolgens worden de resultaten in beeld gebracht aan de hand van contourtekeningen op de plangebieden. Deze worden vervolgens vergeleken met de normen van het Bkl. De resultaten worden gebruikt voor de onderbouwing van de beoogde omgevingsplanwijziging voor de plan-merbeoordeling Krimpenerwaard. De ontwikkelingen in Krimpenerwaard beginnen in 2025 en worden verwacht in 2040 afgerond te zijn.
3.1.1
Beoordelingspunten Het is nog niet bekend wat voor gebouwen de nieuwe ontwikkeling precies betreft. Het is dus ook niet bekend wat de hoogte van de geplande gebouwen zal zijn. Het geluidniveau op de nieuwe gebouwen is daarom berekend op een hoogte van 1,5 meter. Toetsing op 1,5 m hoogte is in de plan-m.e.r.-fase voldoende om het milieueffect van wegverkeersgeluid inzichtelijk te maken en een besluit te nemen over de ruimtelijke inpasbaarheid van het plan. In latere fasen kan aanvullend onderzoek op hogere beoordelingshoogten worden uitgevoerd. Het geluidniveau wordt inzichtelijk gemaakt aan de hand van vrije veldcontouren.
3.1.2
Bebouwing In dit akoestisch onderzoek is gerekend zonder nieuwe bebouwing, aangezien het stedenbouwkundig ontwerp nog niet definitief is. Deze benadering biedt een worst-case inschatting van de geluidbelasting en maakt het rapport breed toepasbaar voor toekomstige planinvullingen. Bij wijzigingen in de locatie, omvang of positionering van de woningbouw binnen het Omgevingsprogramma blijft dit rapport in beginsel bruikbaar, mits de wijzigingen binnen de gehanteerde uitgangspunten vallen. Bij significante afwijkingen dient aanvullend akoestisch onderzoek te worden overwogen.
3.1.3
Geluidbronnen De effecten van de ontwikkelingen in Krimpenerwaard worden bepaald ten opzichte van de zogenaamde referentiesituatie: de toekomstige situatie zonder de geplande woningbouw ontwikkelingen. In deze referentiesituatie zitten ook verkeergegevens van vastgestelde en onherroepelijke woningen die in 2040 reeds gerealiseerd zullen zijn. In de beoogde plansituatie zijn deze woningen ook meegenomen. Daarnaast zijn ook alle verkeerscijfers voor zowel de referentiesituatie in 2040 als de plansituatie in 2040 geleverd door de gemeente Krimpenerwaard. De invoer van deze gegevens is weergegeven in Bijlage 1. Er worden geen aanpassingen gedaan aan de ligging van bestaande wegen. Op de geluidregister kaart van het CVGG (Centrale voorziening geluidgegevens) is te zien dat de plangebieden niet in een geluidaandachtsgebied liggen van spoorwegen of rijkswegen. Onderstaande figuur 3.1 laat de geluidaandachtsgebieden nabij gemeente Krimpenerwaard zien.
blad 8 van 25
Akoestisch onderzoek Woningbouw Krimpenerwaard projectnummer 0501445.100 19 september 2025 revisie 01 Gemeente Krimpenerwaard
Figuur 3.1: Ligging geluidaandachtsgebieden Krimpenerwaard, alle plangebieden zijn gelegen binnen het groene kader (rijkswegen in rood, spoorwegen in blauw)
blad 9 van 25
Akoestisch onderzoek Woningbouw Krimpenerwaard projectnummer 0501445.100 19 september 2025 revisie 01 Gemeente Krimpenerwaard
4.
Resultaten
4.1
Geluidbelasting gemeentewegen op plangebieden In onderstaande afbeeldingen wordt de berekende geluidbelasting op de verschillende plangebieden weergegeven aan de hand van geluidcontouren. Hier is per onderzoeklocatie te zien of er een overschrijding van de standaardwaarde (53 Lden) of de grenswaarde (70 Lden) als gevolg van de gemeentewegen optreedt. Per locatie is de geluidbelasting op 1,5 meter hoogte berekend. De ligging en bijbehorende benaming per plangebied zijn weergegeven in bijlage 3.
Figuur 4.1: Contour Ammerstol gemeentewegen 1,5 meter hoogte (Plangebied Hogedijk 56)
In bovenstaand kaartbeeld is te zien dat binnen het onderzoeksgebied (blauw omkaderd) het geluid de standaardwaarde van 53 dB niet overschrijdt. In het volledige plangebied wordt aan de standaardwaarde voldaan. Dit houdt in dat voor een uiteindelijke omgevingsplanwijziging geen maatregelen onderzocht dienen te worden.