BIJL Regels bestplan NVK Opperduit 78 nav ABRS 12-05-2021.pdf
Tekst van het document
30 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
d. het opslaan van meststoffen en landbouwproducten; e. het aanleggen van waterbassins, opslagruimten voor meststoffen en paardenbakken; f. het gebruik van gebouwen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch - cranberryteelt' voor andere doeleinden dan de berging van gereedschap en machines ten behoeve van cranberryteelt. 6.5
Afwijken van de gebruiksregels
6.5.1 Gewasbeschermingsmiddelen Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 6.4.1 onder c om na 1 januari 2024 het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen toe te staan indien een uitbraak van storingssoorten dreigt, mits: a. aangetoond is dat de inzet van andere middelen niet toereikend is voor de bestrijding van storingssoorten; b. er vooraf door het bevoegd gezag schriftelijk advies is ingewonnen bij deskundigen op het gebied van gewasbeschermingsmiddelen en natuur; c. de gewasbeschermingsmiddelen uitsluitend worden gebruikt voor de bestrijding van storingssoorten; d. er geen gewasbeschermingsmiddelen op basis van de werkzame stof glyfosaat worden gebruikt; e. de gewasbeschermingsmiddelen uitsluitend pleksgewijs worden toegepast; f. oevers tot 3 meter afstand van de waterlijn gevrijwaard blijven van gewasbeschermingsmiddelen. 6.5.2 Uitmijnen Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 6.4.1 onder b om ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van natuur - uitmijnen' het gebruik van meststoffen ten behoeve van uitmijnen toe te staan, mits: a. de noodzaak voor het gebruik van meststoffen is aangetoond voor een doelmatige uitmijning om fosfaat uit de bodem te onttrekken; b. uitsluitend stikstof en kalium als meststoffen worden gebruikt; c.
de meststoffen niet leiden tot een toevoeging van fosfaat aan de bodem; d. de meststoffen niet afspoelen richting het oppervlaktewater; e. er vooraf door het bevoegd gezag schriftelijk advies is ingewonnen bij deskundigen op het gebied van bodemchemie en bodemecologie. 6.6
Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
6.6.1 Verbod Het is verboden om op de voor 'Natuur' aangewezen gronden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden uit te voeren of te laten
31 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
uitvoeren: a. het afgraven, verlagen, vergraven, ophogen of egaliseren van gronden; b. het graven, dempen, dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren van waterlopen, watergangen, waterpartijen en greppels, waaronder begrepen de aanleg van dammen, alsmede het anderszins verlagen van de waterstand; c. het beplanten van gronden met bomen of andere houtopstanden; d. het vellen of rooien van houtopstanden en houtgewassen; e. het scheuren van grasland; f. het aanleggen, verbreden en verharden van wegen, wandel- en fietspaden, parkeergelegenheden en het aanleggen van andere oppervlakteverhardingen groter dan 10 m²; g. het aanbrengen van boven- of ondergrondse transport-, energieof telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties en apparatuur. 6.6.2 Uitzonderingen Het in lid 6.6.1 genoemde verbod geldt niet voor werken en/of werkzaamheden die: a. tot het normale onderhoud en beheer worden gerekend, waaronder begrepen het vellen of rooien van houtopstanden en houtgewassen in het kader van (achterstallig) natuuronderhoud en -beheer; b. op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit bestemmingsplan in uitvoering waren of waarvoor op dat tijdstip reeds een vergunning was verleend; c. worden uitgevoerd ten behoeve van de verwezenlijking van de doeleinden zoals genoemd in lid 6.1 overeenkomstig het Inrichtingsplan Krimpenerwaard in Bijlage 4.
6.6.3 Toetsingscriteria Een vergunning als bedoeld in lid 6.6.1 kan slechts worden verleend indien door de uitvoering van het werk of de werkzaamheid dan wel door de daarvan hetzij direct, hetzij indirect te verwachten gevolgen, geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de in lid 6.1 genoemde landschappelijke, cultuurhistorische en natuurwaarden, tenzij hieraan door het stellen van voorwaarden voldoende tegemoet kan worden gekomen. 6.6.4 Advies ecologisch deskundige Alvorens het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 6.6.1, wint het bevoegd gezag advies in bij een ecologisch deskundige. 6.6.5 Advies waterbeheerder Alvorens het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 6.6.1 onder b, wint het bevoegd gezag advies in bij de waterbeheerder.
32 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
Artikel 7
Natuur - Bestaand
7.1
Bestemmingsomschrijving De voor 'Natuur - Bestaand' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het behoud, het herstel en de versterking van landschappelijke, cultuurhistorische en natuurlijke waarden van het veenweidelandschap in de vorm van cultuurhistorisch waardevolle karakteristieke landschapselementen; b. watergangen en andere waterpartijen, waterhuishoudkundige voorzieningen, oevers, dammen en bruggen; c. extensief recreatief medegebruik; d. bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals wandel- en fietspaden.
7.2
Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: Toegestaan zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde met dien verstande dat: a. de bouwhoogte van terreinafscheidingen niet meer mag bedragen dan 1,5 meter; b. de bouwhoogte van poldermolens niet meer mag bedragen dan 12 meter; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde niet meer mag bedragen dan 3 meter; d. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding vrijstaande schuur of stal' de bestaande schuur of stal is toegestaan waarbij de bestaande omvang als maximum geldt.
7.3
Specifieke gebruiksregels Voor het gebruik gelden de volgende regels:
7.3.1 Strijdig gebruik Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. (extensief) agrarisch (mede)gebruik, waaronder begrepen aquatische landbouw; b. het gebruik van meststoffen; c. het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, met uitzondering van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen tot 1 januari 2024 waarbij geldt dat: 1. het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen uitsluitend is toegestaan voor de bestrijding van storingssoorten; 2. het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen op basis van de werkzame stof glyfosaat niet is toegestaan; 3. gewasbeschermingsmiddelen uitsluitend pleksgewijs mogen worden toegepast; 4. oevers tot 3 meter afstand van de waterlijn gevrijwaard dienen te blijven van gewasbeschermingsmiddelen. d. het opslaan van meststoffen en landbouwproducten;
33 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
e. het aanleggen van waterbassins, opslagruimten voor meststoffen en paardenbakken. 7.4
Afwijken van de gebruiksregels
7.4.1 Gewasbeschermingsmiddelen Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 7.3.1 onder c om na 1 januari 2024 het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen toe te staan indien een uitbraak van storingssoorten dreigt, mits: a. aangetoond is dat de inzet van andere middelen niet toereikend is voor de bestrijding van storingssoorten; b. er vooraf door het bevoegd gezag schriftelijk advies is ingewonnen bij deskundigen op het gebied van gewasbeschermingsmiddelen en natuur; c. de gewasbeschermingsmiddelen uitsluitend worden gebruikt voor de bestrijding van storingssoorten; d. er geen gewasbeschermingsmiddelen op basis van de werkzame stof glyfosaat worden gebruikt; e. de gewasbeschermingsmiddelen uitsluitend pleksgewijs worden toegepast; f. oevers tot 3 meter afstand van de waterlijn gevrijwaard blijven van gewasbeschermingsmiddelen. 7.5
Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
7.5.1 Verbod Het is verboden om op de voor 'Natuur - Bestaand' aangewezen gronden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren: a. het afgraven, verlagen, vergraven, ophogen of egaliseren van gronden; b. het graven, dempen, dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren van waterlopen, watergangen, waterpartijen en greppels, waaronder begrepen de aanleg van dammen, alsmede het anderszins verlagen van de waterstand; c. het beplanten van gronden met bomen of andere houtopstanden; d. het vellen of rooien van houtopstanden en houtgewassen; e. het scheuren van grasland; f. het aanleggen, verbreden en verharden van wegen, wandel- en fietspaden, parkeergelegenheden en het aanleggen van andere oppervlakteverhardingen groter dan 10 m²; g. het aanbrengen van boven- of ondergrondse transport-, energieof telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties en apparatuur. 7.5.2 Uitzonderingen Het in lid 7.5.1 genoemde verbod geldt niet voor werken en/of werkzaamheden die:
34 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
a. tot het normale onderhoud en beheer worden gerekend; b. op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit bestemmingsplan in uitvoering waren of waarvoor op dat tijdstip reeds een vergunning was verleend; c. worden uitgevoerd ten behoeve van de verwezenlijking van de doeleinden zoals genoemd in lid 7.1 overeenkomstig het Inrichtingsplan Krimpenerwaard in Bijlage 4. 7.5.3 Toetsingscriteria Een vergunning als bedoeld in lid 7.5.1 kan slechts worden verleend indien door de uitvoering van het werk of de werkzaamheid dan wel door de daarvan hetzij direct, hetzij indirect te verwachten gevolgen, geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de in lid 7.1 genoemde landschappelijke, cultuurhistorische en natuurwaarden, tenzij hieraan door het stellen van voorwaarden voldoende tegemoet kan worden gekomen. 7.5.4 Advies ecologisch deskundige Alvorens het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 7.5.1, wint het bevoegd gezag advies in bij een ecologisch deskundige. 7.5.5 Advies waterbeheerder Alvorens het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 7.5.1 onder b, wint het bevoegd gezag advies in bij de waterbeheerder.
35 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
Artikel 8 8.1
Natuur - Extensief agrarisch medegebruik
Bestemmingsomschrijving De voor 'Natuur - Extensief agrarisch medegebruik' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het behoud, het herstel en de ontwikkeling van landschappelijke, cultuurhistorische en natuurwaarden van het veenweidelandschap, waaronder begrepen openheid en het verkavelingspatroon, in de vorm van een natuurgebied met uitsluitend de volgende: 1. natuurbeheertypen zoals beschreven in Bijlage 1: vochtig weidevogelgrasland (N13.01); kruiden- en faunarijk grasland (N12.02) vochtig hooiland (N10.02); nat schraalland (N10.01); glanshaverhooiland (N12.03); moeras (N05.01); gemaaid rietland (N05.02); ruigteveld (N12.06); zoete plas (N04.02); veenmosrietland en moerasheide (N06.01); hoog- en laagveenbos (N14.02); eendenkooi (N17.04); 2. landschapsbeheertypen zoals beschreven in Bijlage 2: natuurvriendelijke oever (L01.15); houtwal en houtsingel (L01.02); poel en klein historisch water (L01.01). elzensingel (L01.03); knotboom (L01.08); hakhoutbosje (L01.11); rietzoom en klein rietperceel (L01.14). 3. slootbeheertypen zoals beschreven Bijlage 3: kroos of draadalgen sloot; uniform begroeide sloot; gevarieerd begroeide sloot; diepe, weinig begroeide sloot; krabbenscheersloot; verlandingsvegetatie. b. extensief agrarisch medegebruik; c.
watergangen en andere waterpartijen, waterhuishoudkundige voorzieningen, oevers, dammen en bruggen; d. extensief recreatief medegebruik; alsmede voor: e. ter plaatse van de aanduiding 'parkeerterrein', een parkeerterrein; f. bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals wandel- en fietspaden.
8.2
Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels:
36 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
Toegestaan zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde met dien verstande dat: a. de bouwhoogte van terreinafscheidingen niet meer mag bedragen dan 1,5 meter; b. de bouwhoogte van poldermolens niet meer mag bedragen dan 12 meter; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde niet meer mag bedragen dan 3 meter; d. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding vrijstaande schuur of stal' de bestaande schuur of stal is toegestaan waarbij de bestaande omvang als maximum geldt. 8.3
Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 8.2 om de bouw van een gebouw ten dienste van het natuurbeheer toe te staan, waarbij het oppervlak en de bouwhoogte niet meer mogen bedragen dan respectievelijk 25 m² en 3 meter, met dien verstande dat per 50 ha natuurbeheer één gebouw is toegestaan.
8.4
Specifieke gebruiksregels Voor het gebruik gelden de volgende regels:
8.4.1 Strijdig gebruik Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken met deze bestemming, wordt in ieder geval gerekend: a. aquatische landbouw; b. agrarisch gebruik anders dan bedoeld in lid 8.1 onder b; c. het gebruik van meststoffen, met uitzondering van het gebruik van meststoffen op gronden met het natuurbeheertype kruiden- en faunarijk grasland (N12.02) of vochtig weidevogelgrasland (N13.01) als bedoeld in lid 8.1 en waarbij geldt dat uitsluitend compost, dierlijke meststoffen en kalkmeststoffen als meststoffen mogen worden gebruikt; d. het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, met uitzondering van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen tot 1 januari 2024 waarbij geldt dat: 1. het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen uitsluitend is toegestaan voor de bestrijding van storingssoorten; 2. het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen op basis van de werkzame stof glyfosaat niet is toegestaan; 3. gewasbeschermingsmiddelen uitsluitend pleksgewijs mogen worden toegepast; 4. oevers tot 3 meter afstand van de waterlijn gevrijwaard dienen te blijven van gewasbeschermingsmiddelen. e. het opslaan van meststoffen en landbouwproducten; f. het aanleggen van waterbassins, opslagruimten voor meststoffen en paardenbakken; g. de teelt van ruwvoedergewassen.
37 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
8.5
Afwijken van de gebruiksregels
8.5.1 Aquatische landbouw Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 8.4.1 onder a om aquatische landbouw toe te staan, mits: a. de aquatische landbouw ten dienste staat van het behoud, het herstel en de ontwikkeling van landschappelijke, cultuurhistorische en natuurwaarden van het veenweidelandschap; b. er geen meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt; c. er vooraf door het bevoegd gezag schriftelijk advies is ingewonnen bij deskundigen op het gebied van landschap, cultuurhistorie, natuur en aquatische landbouw. 8.5.2 Gewasbeschermingsmiddelen Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 8.4.1 onder d om na 1 januari 2024 het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen toe te staan indien een uitbraak van storingssoorten dreigt, mits: a. aangetoond is dat de inzet van andere middelen niet toereikend is voor de bestrijding van storingssoorten; b. er vooraf door het bevoegd gezag schriftelijk advies is ingewonnen bij deskundigen op het gebied van gewasbeschermingsmiddelen en natuur; c. de gewasbeschermingsmiddelen uitsluitend worden gebruikt voor de bestrijding van storingssoorten; d. er geen gewasbeschermingsmiddelen op basis van de werkzame stof glyfosaat worden gebruikt; e. de gewasbeschermingsmiddelen uitsluitend pleksgewijs worden toegepast; f.
oevers tot 3 meter afstand van de waterlijn gevrijwaard blijven van gewasbeschermingsmiddelen. 8.6
Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
8.6.1 Verbod Het is verboden om op de voor 'Natuur - Extensief agrarisch medegebruik' aangewezen gronden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren: a. het afgraven, verlagen, vergraven, ophogen of egaliseren van gronden; b. het graven, dempen, dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren van waterlopen, watergangen, waterpartijen en greppels, waaronder begrepen de aanleg van dammen, alsmede het anderszins verlagen van de waterstand; c. het beplanten van gronden met bomen of andere houtopstanden; d. het vellen of rooien van houtopstanden en houtgewassen; e. het scheuren van grasland;
38 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
f.
het aanleggen, verbreden en verharden van wegen, wandel- en fietspaden, parkeergelegenheden en het aanleggen van andere oppervlakteverhardingen groter dan 10 m²; g. het aanbrengen van boven- of ondergrondse transport-, energieof telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties en apparatuur. 8.6.2 Uitzonderingen Het in lid 8.6.1 genoemde verbod geldt niet voor werken en/of werkzaamheden die: a. tot het normale onderhoud en beheer worden gerekend, waaronder begrepen het vellen of rooien van houtopstanden en houtgewassen in het kader van (achterstallig) natuuronderhoud en -beheer; b. op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit bestemmingsplan in uitvoering waren of waarvoor op dat tijdstip reeds een vergunning was verleend; c. worden uitgevoerd ten behoeve van de verwezenlijking van de doeleinden zoals genoemd in lid 8.1 overeenkomstig het Inrichtingsplan Krimpenerwaard in Bijlage 4. 8.6.3 Toetsingscriteria Een vergunning als bedoeld in lid 8.6.1 kan slechts worden verleend indien door de uitvoering van het werk of de werkzaamheid dan wel door de daarvan hetzij direct, hetzij indirect te verwachten gevolgen, geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de in lid 8.1 genoemde landschappelijke, cultuurhistorische en de natuurwaarden, tenzij hieraan door het stellen van voorwaarden voldoende tegemoet kan worden gekomen.
8.6.4 Advies ecologisch deskundige Alvorens het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 8.6.1, wint het bevoegd gezag advies in bij een ecologisch deskundige. 8.6.5 Advies waterbeheerder Alvorens het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 8.6.1 onder b, wint het bevoegd gezag advies in bij de waterbeheerder.
39 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
Artikel 9
Recreatie
9.1
Bestemmingsomschrijving De voor 'Recreatie' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. ter plaatse van de aanduiding 'volkstuinen', volkstuinen; b. bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals (ontsluitings)wegen en paden, groenvoorzieningen, parkeervoorzieningen en water.
9.2
Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: Toegestaan zijn uitsluitend bergingen, kassen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met dien verstande dat: a. per volkstuin maximaal één berging is toegestaan met een oppervlakte van maximaal 12 m2; b. per volkstuin maximaal één kas is toegestaan met een oppervlakte van maximaal 12 m2; c. de bouwhoogte van bergingen en kassen niet meer mag bedragen dan 2,5 meter. d. de bouwhoogte van terreinafscheidingen niet meer mag bedragen dan 2 meter; e. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde niet meer mag bedragen dan 3 meter. f. de oppervlakte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde niet meer mag bedragen dan 5 m².
9.3
Specifieke gebruiksregels Voor het gebruik gelden de volgende regels: a. het bestaande aantal volkstuinen mag niet worden vermeerderd; b. het gebruik van gronden en bouwwerken voor bewoning is niet toegestaan; c. het gebruik van gronden en bouwwerken voor (recreatief) nachtverblijf is niet toegestaan.
40 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
Artikel 10 10.1
Tuin - Landschapswaarden
Bestemmingsomschrijving De voor 'Tuin - Landschapswaarden' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. gronden behorende bij het op de aangrenzende gronden gelegen hoofdgebouw, met landschapswaarden in de vorm van openheid en groene inrichting die hoort bij een overgangszone van wonen naar het open veenweidegebied, en die om deze reden niet mogen worden gebruikt ten dienste van het hoofdgebouw; alsmede voor: b. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van tuin - bos, tuin en ganzen- en eendenverblijf: 1. bos; 2. een tuin met een ganzen- en eendenverblijf;
10.2
Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: Toegestaan zijn uitsluitend terreinafscheidingen met een bouwhoogte van maximaal 1 meter.
10.3
Specifieke gebruiksregels Voor het gebruik gelden de volgende regels: De voor 'Tuin - Landschapswaarden' aangewezen gronden mogen niet worden gebruikt ten dienste van het op de aangrenzende gronden gelegen hoofdgebouw, zoals voor terras, sier- of moestuin, verharden, parkeren, opslag, e.d., met dien verstande dat: a. ten tijde van de inwerkingtreding van dit bestemmingsplan bestaande beplantingen mogen worden gehandhaafd; b. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van tuin - bos, tuin en ganzen- en eendenverblijf', bos alsmede een tuin met een ganzen- en eendenverblijf is toegestaan.
10.4
Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
10.4.1 Verbod Het is verboden om op de voor 'Tuin - Landschapswaarden' aangewezen gronden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren: a. het afgraven, verlagen, vergraven, ophogen of egaliseren van gronden; b. het graven, dempen, dan wel verdiepen, vergroten of anderszins herprofileren van waterlopen, watergangen, waterpartijen en greppels, waaronder begrepen de aanleg van dammen, alsmede
41 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
het anderszins verlagen van de waterstand; c. het beplanten van gronden met bomen of andere houtopstanden; d. het aanleggen of vergroten van oppervlakteverhardingen; e. het aanbrengen van boven- of ondergrondse transport-, energieof telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties en apparatuur. 10.4.2 Uitzonderingen Het in lid 10.4.1 genoemde verbod geldt niet voor werken en/of werkzaamheden die: a. tot het normale onderhoud en beheer worden gerekend; b. op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit bestemmingsplan in uitvoering waren of waarvoor op dat tijdstip reeds een vergunning was verleend. 10.4.3 Toetsingscriteria Een vergunning als bedoeld in lid 10.4.1 kan slechts worden verleend indien door de uitvoering van het werk of de werkzaamheid dan wel door de daarvan hetzij direct, hetzij indirect te verwachten gevolgen, geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de in lid 10.1 genoemde landschappelijke waarden, tenzij hieraan door het stellen van voorwaarden voldoende tegemoet kan worden gekomen. 10.4.4 Advies waterbeheerder Alvorens het bevoegd gezag beslist over een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 10.4.1 onder b, wint het bevoegd gezag advies in bij de waterbeheerder.
42 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
Artikel 11
Verkeer
11.1
Bestemmingsomschrijving De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wegen en straten; b. voet- en fietspaden; c. parkeervoorzieningen; d. speelvoorzieningen; e. groenvoorzieningen; f. water, waterhuishoudkundige voorzieningen, oevers en bruggen; g. straatmeubilair; h. nutsvoorzieningen; i. bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals faunapassages en voorzieningen voor het openbaar vervoer.
11.2
Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: Toegestaan zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met dien verstande dat: a. de bouwhoogte van bouwwerken ten behoeve van geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer niet meer mag bedragen dan 12 meter; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde niet meer mag bedragen dan 3 meter.
43 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
Artikel 12
Water
12.1
Bestemmingsomschrijving De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. water en de waterhuishouding; b. waterberging; c. waterhuishoudkundige voorzieningen en oevers; d. het behoud, het herstel en de ontwikkeling van landschappelijke, cultuurhistorische en natuurwaarden; e. voorzieningen ten behoeve van kruisend verkeer; f. extensief recreatief medegebruik; g. bruggen, dammen en duikers; h. bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals stuwen en (aanleg)steigers.
12.2
Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels: Toegestaan zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met dien verstande dat: a. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van waterhuishoudkundige voorzieningen niet meer mag bedragen dan 4 meter; b. de bouwhoogte en oppervlakte van (aanleg)steigers niet meer mogen bedragen dan respectievelijk 1 meter en 7,5 m²; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde niet meer mag bedragen dan 3 meter.
44 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
Artikel 13
Wonen
13.1
Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen, met dien verstande dat: 1. per bestemmingsvlak maximaal één woning is toegestaan, tenzij anders is aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden'; 2. ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden', het aantal wooneenheden niet meer mag bedragen dan is aangeduid; 3. ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen', uitsluitend bijgebouwen zijn toegestaan; b. beroepsmatige activiteiten aan huis, met inachtneming van het bepaalde in lid 13.4.1; c. bed & breakfast, met inachtneming van het bepaalde in lid 13.4.2; d. nevenactiviteiten, zoals vermeld in lid 13.4.3, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding voormalige agrarische bedrijfsbebouwing'; e. erven en tuinen; f. water en groenvoorzieningen; g. parkeervoorzieningen.
13.2
Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels:
13.2.1 Woning a. woningen mogen uitsluitend vrijstaand worden gebouwd, tenzij de bestaande woningen halfvrijstaand gebouwd zijn, in welk geval woningen uitsluitend halfvrijstaand mogen worden gebouwd; b. in geval van herbouw van een woning mag de voorgevel van de nieuwe woning niet dichter naar de weg worden gebouwd dan de voorgevel van de te slopen woning; c. in geval van herbouw van een woning mag de situering niet zodanig worden gewijzigd dat deze negatieve gevolgen heeft voor nabij gelegen agrarische bedrijven; d. de inhoud van een woning, inclusief aan- en uitbouwen en exclusief bijgebouwen en ondergrondse kelders, mag niet meer dan 650 m3 bedragen, met dien verstande dat indien de inhoud van de bestaande woning meer bedraagt, de bestaande inhoud als maximum geldt; e. de goothoogte van een woning mag niet meer bedragen dan 4 meter; f. de bouwhoogte van een woning mag niet meer bedragen dan 9 meter. 13.2.2 Aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen a. bij iedere woning zijn aanbouwen, uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen toegestaan, waarbij: 1. de gezamenlijke oppervlakte van bijgebouwen en
45 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
overkappingen maximaal 50 m² mag bedragen, behalve indien: het achtererf van de woning groter is dan 500 m², in welk geval de gezamenlijke oppervlakte van bijgebouwen en overkappingen ten hoogste 75 m² mag bedragen; het achtererf van de woning groter is dan 750 m², in welk geval de gezamenlijke oppervlakte van bijgebouwen en overkappingen ten hoogste 100 m² mag bedragen; 2. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding voormalige agrarische bedrijfsbebouwing', het bepaalde ten aanzien van bijgebouwen en overkappingen onder 1 (inclusief de voormalige agrarische bedrijfsgebouwen) geldt, met dien verstande dat wanneer op het tijdstip van inwerkingtreding van dit bestemmingsplan een grotere oppervlakte aanwezig is, dit mag worden gehandhaafd; 3. herbouw van voormalige agrarische bedrijfsgebouwen niet is toegestaan; 4. bijgebouwen, aanbouwen, uitbouwen en overkappingen minimaal 3 meter achter het verlengde van de voorgevel van de woning zijn gelegen; 5. de goothoogte van aanbouwen en uitbouwen niet meer bedraagt dan 0,25 meter boven de eerste verdiepingsvloer van de woning, met een maximum van 4 meter; 6. de goothoogte van bijgebouwen en overkappingen niet meer bedraagt dan 3 meter; 7. de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 6 meter;. 8. de afstand tot het hoofdgebouw maximaal 20 meter bedraagt; 9. dakkapellen en dakopbouwen niet zijn toegestaan; 10.
ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding voormalige agrarische bedrijfsbebouwing' aanpassingen in en aan bestaande gebouwen zijn toegestaan ten behoeve van het geschikt maken van de bebouwing voor nevenactiviteiten. b. in afwijking van het bepaalde onder a, zijn ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen' uitsluitend de bestaande bijgebouwen toegestaan waarbij de bestaande omvang als maximum geldt; c. in afwijking van het bepaalde onder a sub 4, mogen aanbouwen voor de voorgevel van de woning, waaronder begrepen erkers en ingangspartijen, worden gebouwd, met dien verstande dat: 1. de breedte niet meer mag bedragen dan 50% van de breedte van de voorgevel van de woning; 2. de diepte niet meer mag bedragen dan 1,5 meter, gerekend vanaf de voorgevel van de woning; 3. de oppervlakte niet meer mag bedragen dan 5 m²; 4. de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan de hoogte van de eerste bouwlaag van de woning tot een maximum van 3 meter. 13.2.3 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde a. paardenbakken niet zijn toegestaan; b. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag voor de voorgevellijn van de woning niet meer bedragen dan 1 meter; c. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag achter de voorgevellijn van de woning niet meer bedragen dan 2 meter;
46 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
d. zwembaden en tennisbanen mogen uitsluitend achter (het verlengde van) de achtergevel van de woning worden gebouwd, met dien verstande dat: 1. bij zwembaden en tennisbanen geen verlichting is toegestaan; 2. de bouwhoogte van zwembaden niet meer mag bedragen dan 0,35 meter; 3. de oppervlakte van zwembaden niet meer mag bedragen dan 100 m2; e. de bouwhoogte van vlaggenmasten mag niet meer bedragen dan 6 meter; f. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 2 meter. 13.3
Afwijken van de bouwregels
13.3.1 Andere situering woning Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 13.2.1 onder c ten behoeve van een andere situering van de woning op het perceel indien zulks vanuit stedenbouwkundig of milieuhygiënisch oogpunt of om redenen van algemeen belang gewenst of toelaatbaar is en geen afbreuk wordt gedaan aan de gebiedseigen waarden en de stedenbouwkundige structuur in de directe omgeving en de bedrijfsvoering van agrarische bedrijven in de directe omgeving. Het bevoegd gezag vraagt in het kader van de beoordeling van een afwijkingsverzoek advies bij een ter zake deskundige. 13.3.2 Uitbreiding voormalige agrarische bedrijfsbebouwing ten behoeve van nevenactiviteiten Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 13.2.2 onder a om binnen bestemmingsvlakken met de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - voormalige agrarische bedrijfsbebouwing' een vergroting van de voormalige agrarische bedrijfsbebouwing toe te staan ten behoeve van nevenactiviteiten, mits tevens de in lid 13.5.3 bedoelde omgevingsvergunning wordt verleend.
13.3.3 Hekwerk rondom paardenbak Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 13.2.3, onder a, om een hekwerk rondom een paardenbak toe te staan bij een via afwijking als bedoeld in lid 13.5.2 onder m toegelaten paardenhouderij of paardenpension, mits de bouwhoogte van het hekwerk niet meer bedraagt dan 1,5 meter. 13.4
Specifieke gebruiksregels Voor het gebruik gelden de volgende regels:
13.4.1 Beroepsmatige activiteiten aan huis De uitoefening van beroepsmatige activiteiten aan huis in de woning alsmede in aanbouwen, uitbouwen en bijgebouwen is toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie, waarbij de volgende
47 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
bepalingen van toepassing zijn: a. de omvang van de activiteit mag niet meer bedragen dan 40% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de (woon)bebouwing tot een maximum van 50 m2; b. het gebruik mag geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en op eigen terrein dient te worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid; c. detailhandel is niet toegestaan; d. de activiteit wordt uitgeoefend door de bewoner; e. er mag geen buitenopslag plaatsvinden. 13.4.2 Bed & breakfast De uitoefening van een bed & breakfast in de woning alsmede in aanbouwen, uitbouwen en bijgebouwen is toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie, waarbij de volgende bepalingen van toepassing zijn: a. het aantal kamers mag maximaal 4 bedragen; b. het aantal personen dat gelijktijdig gebruik maakt van de bed & breakfast mag maximaal 8 bedragen; c. het gebruik mag niet leiden tot belemmeringen voor omliggende functies; d. het gebruik mag geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en op eigen terrein dient te worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid; e. de bed & breakfast wordt uitgeoefend door de bewoner. 13.4.3 Nevenactiviteiten Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding voormalige agrarische bedrijfsbebouwing' zijn in de bestaande bebouwing de volgende nevenactiviteiten toegestaan: a.
hobbymatige agrarische activiteiten, zoals het houden/stallen van vee, tevens toegestaan buiten de bebouwing; b. verkoop van zelfgemaakte, bewerkte, gekweekte of geteelde producten en detailhandel in agrarische streekproducten, waarvan ten minste 95% uit het Groene Hart komt, tot een verkoopvloeroppervlakte van ten hoogste 50 m²; c. hoveniersbedrijf (advies, ontwerp/beplantingsplannen, aanleg en onderhoud van tuinen); d. natuur- en landschapsbeheer (tegen vergoeding onderhouden van natuur en/of landschap), tevens toegestaan buiten de bebouwing. onder de voorwaarden dat: 1. de omvang van de voormalige agrarische bedrijfsbebouwing wat betreft oppervlakte (m²) en inhoud (m³) niet wordt vergroot; 2. er geen opslag van goederen plaatsvindt in de buitenlucht. 13.5
Afwijken van de gebruiksregels
13.5.1 Bedrijfsmatige activiteiten aan huis Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 13.1 ten behoeve van het gebruik van ruimten binnen
48 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
een woning alsmede aanbouwen, uitbouwen en bijgebouwen voor bedrijfsmatige activiteiten aan huis als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie, waarbij de volgende bepalingen van toepassing zijn: a. de omvang van de activiteit mag niet meer bedragen dan 40% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de (woon)bebouwing tot een maximum van 50 m2; b. het gebruik mag geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en op eigen terrein dient te worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid; c. uitsluitend bedrijfsactiviteiten in de categorieën 1 en 2 van de Staat van bedrijfsactiviteiten aan huis in Bijlage 6 zijn toegestaan; d. detailhandel, anders dan productiegebonden detailhandel, is niet toegestaan; e. de activiteit wordt uitgeoefend door de bewoner; f. er mag geen buitenopslag plaatsvinden. 13.5.2 Nevenactiviteiten Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 13.1 om ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - vrijkomende agrarische bebouwing' de volgende nevenactiviteiten toe te staan: a. agrarisch loonbedrijf; b. veehandelsbedrijf; c. foeragehandel; d. sierviskwekerij; e. dierenartspraktijk; f. recreatief nachtverblijf in de vorm van recreatieappartementen buiten het hoofdverblijf in een ander gebouw binnen het bestemmingsvlak; g. kampeerboerderij; h.
agrarische dagrecreatie, zoals poldersport, agrarische kinderfeestjes, kinderboerderij en excursies, tevens toegestaan op aangrenzende gronden; i. overige dagrecreatie, zoals bezoektuinen, bezoekerscentrum, tentoonstellingsruimte, museum, sauna; j. educatie en voorlichting; k. paarden-, kano- roeiboot-, fluisterboot- of fietsenverhuur; l. gebruiksgerichte paardenhouderij of een paardenpension, mits de volgende voorwaarden in acht worden genomen: 1. de paardenbak wordt gesitueerd: achter de hoofdgebouwen; ten minste 20 meter uit de rand van de weg; ten minste 1,5 meter uit de slootranden; maximaal 50 meter achter de bestaande bebouwing; minimaal 25 meter van woningen van derden; 2. de omvang van een paardenbak mag ten hoogste 20 x 40 meter bedragen; 3. de bouw van een hek rond een paardenbak is alleen toegestaan met een afwijking van de bouwregels zoals genoemd in artikel 13.3.3; 4. het plaatsen van verlichting bij een paardenbak is niet toegestaan;
49 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
5. de paardenbak dient te zijn voorzien van natuurlijk waterdoorlatend bodemmateriaal; 6. indien de paardenbak vanaf de weg zichtbaar is, afschermende gebiedseigen beplanting wordt aangebracht, mits hierdoor geen doorbreking plaatsvindt van bestaande zichtlijnen op het open weidegebied; 7. er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende en overige nabij gelegen gronden en de zich daarop bevindende bouwwerken; m. bewerking en opslag van agrarische producten; n. zorgboerderij, met dag en/of nachtverblijf; o. (para)medische dienstverlening, zoals een privékliniek, een kuuroord of een groepspraktijk; p. commerciële dienstverlening zoals een computerservicebedrijf, een geluidsstudio of verhuur vergader- of workshopruimte; q. hoefsmederij; r. ambachtelijke landbouwproductverwerkende bedrijven zoals slachterij, vlees-, zuivel- en plantaardige productverwerking, imkerij, palingrokerij, wijnmakerij, bierbrouwerij, en riet- en vlechtwerk; s. overige ambachtelijke bedrijven, voor zover deze vallen onder de milieucategorieën 1 en 2 en verkeerscategorie 1 van de Staat van bedrijfsactiviteiten in Bijlage 5; t. opslag en stalling van niet-milieugevaarlijke, niet-agrarische goederen die geen risico's voor de omgeving opleveren, alsmede opslag voor internetverkoop.
Onder internetverkoop wordt verstaan verkoop van artikelen via internet, waarbij op het perceel alleen opslag/magazijnruimte voor deze artikelen aanwezig is en waarbij de artikelen (evt. per post) bij de klant worden thuis bezorgd; u. kinderopvang; v. theeschenkerij tot een oppervlakte van 50 m2; w. wooneenheden (tot een maximum aantal van 3), in bestaande bebouwing ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - monument', onder voorwaarde van sloop van alle niet karakteristieke bebouwing en mits ter plaatse van de wooneenheden voldaan wordt aan de eisen van de Wet geluidhinder en sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. (Nieuwe) bijgebouwen zijn toegestaan tot een gezamenlijke oppervlakte van ten hoogste 50 m² per wooneenheid; x. andere niet-agrarische activiteiten die naar aard en omvang gelijk te schakelen zijn aan de activiteiten genoemd onder a t/m v en beperkt worden door de categorieën 1 en 2 en verkeerscategorie 1 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten in Bijlage 5 of categorie 3.1 indien de activiteit qua aard en schaal gelijk is te stellen aan categorie 2 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten in Bijlage 5. met dien verstande dat bij het verlenen van de omgevingsvergunning de volgende voorwaarden in acht dienen te worden genomen: 1.
de omvang van de voormalige agrarische bedrijfsbebouwing mag wat betreft oppervlakte (m²) en inhoud (m³) niet wordt vergroot;
50 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
2. de omliggende (agrarische) bedrijven mogen niet in hun bedrijfsvoering worden belemmerd; 3. de hoeveelheid extra verkeer past bij de wegenstructuur; 4. het parkeren behorende bij het andere gebruik dient binnen het bestemmingsvlak op eigen terrein plaats te vinden; 5. er mag geen opslag van goederen, behorende bij het andere gebruik in de open lucht plaatsvinden; 6. het andere gebruik dient qua aard en schaal te passen bij de specifieke kwaliteiten en schaal van de omgeving, met name wat betreft visuele aspecten zoals reclame-uitingen en technische installaties; 7. het andere gebruik betreft geen detailhandel, met uitzondering van detailhandel in zelfgemaakte, -bewerkte, -gekweekte of -geteelde producten; 8. per bestemmingsvlak zijn maximaal 2 bedrijven toegestaan. 13.5.3 Uitbreiding voormalige agrarische bedrijfsbebouwing ten behoeve van nevenactiviteiten Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van de voorwaarde in lid 13.4.3 onder 1 of 13.5.2 onder 1 dat de oppervlakte (m²) en inhoud (m²) van de voormalige agrarische bedrijfsbebouwing niet mag worden vergroot, en toestaan dat binnen bestemmingsvlakken met de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding voormalige agrarische bedrijfsbebouwing' een extra bouwmogelijkheid van ten hoogste 100 m² en een maximale inhoud van 300 m³ opgericht mag worden, onder de voorwaarden dat: a.
de noodzaak van de extra bebouwing wordt aangetoond; b. de openheid van het omringende landschap niet onevenredig wordt aangetast; c. de bebouwing landschappelijk wordt ingepast; d. de bebouwing direct aansluit op de bestaande bebouwing en daarmee één geheel vormt.
51 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
Artikel 14
Leiding - Brandstof
14.1
Bestemmingsomschrijving De voor 'Leiding - Brandstof' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor een brandstofleiding met de daarbij behorende beschermingszone, waarbij de bestemming 'Leiding - Brandstof' voorrang heeft op de andere daar voorkomende bestemmingen.
14.2
Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels:
14.2.1 Verbod Het is verboden om te bouwen of te laten bouwen op de voor 'Leiding - Brandstof' mede bestemde gronden. 14.2.2 Uitzonderingen Het in lid 14.2.1 genoemde verbod is niet van toepassing op bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de brandstofleiding met een bouwhoogte van maximaal 3 meter. 14.3
Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het verbod in lid 14.2.1 voor het bouwen volgens de andere daar voorkomende bestemming(en), mits: a. de bouw verenigbaar is met de belangen van de brandstofleiding; b. de veiligheid met betrekking tot de brandstofleiding niet wordt geschaad; c. de leidingbeheerder omtrent het bepaalde onder a en b heeft geadviseerd; d. er geen kwetsbaar object wordt toegelaten.
14.4
Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
14.4.1 Verbod Het is verboden om op de voor 'Leiding - Brandstof' aangewezen gronden de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren, of te laten uitvoeren zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van het bevoegd gezag: a. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen of bomen; b. het uitvoeren van grondwerkzaamheden; c. het aanbrengen van oppervlakteverhardingen; d. het indrijven van voorwerpen in de bodem; e. het verrichten van grondroeractiviteiten (b.v. het aanbrengen van rioleringen, kabels, leidingen en drainage) anders dan normaal spit- en ploegwerk; f. diepploegen;
52 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
g. het permanent opslaan van goederen waaronder ook begrepen het opslaan van afvalstoffen; h. het aanleggen van waterlopen of het vergraven, verruimen of dempen van bestaande waterlopen; i. het plaatsen van objecten zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair. 14.4.2 Uitzonderingen Het in lid 14.4.1 genoemde verbod is niet van toepassing op werken en/of werkzaamheden die: a. noodzakelijk zijn voor het normale onderhoud van de gronden; b. worden uitgevoerd ten behoeve van de instandhouding en/of onderhoud aan de leiding; c. noodzakelijk zijn voor de realisering van een bouwwerk waarvoor een omgevingsvergunning voor het bouwen is verleend; d. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerking treding van dit plan of waarvoor op dat tijdstip reeds een vergunning was verleend; e. graafwerkzaamheden betreffen als bedoeld in de Wet informatie-uitwisseling ondergrondse netten. 14.4.3 Toetsingscriteria De in lid 14.4.1 genoemde vergunning wordt slechts verleend indien de werken en/of werkzaamheden verenigbaar zijn met de belangen van de brandstofleiding en de leidingbeheerder daarover heeft geadviseerd.
53 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
Artikel 15
Leiding - Gas
15.1
Bestemmingsomschrijving De voor 'Leiding - Gas' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor een gasleiding met de daarbij behorende voorzieningen en beschermingszone, waarbij de bestemming 'Leiding - Gas' voorrang heeft op de andere daar voorkomende bestemmingen.
15.2
Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels:
15.2.1 Verbod Het is verboden om te bouwen of te laten bouwen op de voor 'Leiding - Gas' mede bestemde gronden. 15.2.2 Uitzonderingen Het in lid 15.2.1 genoemde verbod is niet van toepassing op bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de gasleiding met een bouwhoogte van maximaal 3 meter. 15.3
Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het verbod in lid 15.2.1 voor het bouwen volgens de andere daar voorkomende bestemming(en), mits: a. de bouw verenigbaar is met de belangen van de gasleiding; b. de veiligheid met betrekking tot de gasleiding niet wordt geschaad; c. de leidingbeheerder omtrent het bepaalde onder a en b heeft geadviseerd; d. er geen kwetsbaar object wordt toegelaten.
15.4
Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
15.4.1 Verbod Het is verboden om op de voor 'Leiding - Gas' aangewezen gronden de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren, of te laten uitvoeren zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van het bevoegd gezag: a. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen of bomen; b. het rooien van diepwortelende beplantingen of bomen; c. het uitvoeren van grondwerkzaamheden; d. het aanbrengen van oppervlakteverhardingen; e. het indrijven van voorwerpen in de bodem; f. het verrichten van grondroeractiviteiten (b.v. het aanbrengen van rioleringen, kabels, leidingen en drainage) anders dan normaal spit- en ploegwerk; g. diepploegen;
54 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
h. het permanent opslaan van goederen waaronder ook begrepen het opslaan van afvalstoffen; i. het aanleggen van waterlopen of het vergraven, verruimen of dempen van bestaande waterlopen; j. het plaatsen van objecten zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair. 15.4.2 Uitzonderingen Het in lid 15.4.1 genoemde verbod is niet van toepassing op werken en/of werkzaamheden die: a. noodzakelijk zijn voor het normale onderhoud van de gronden; b. worden uitgevoerd ten behoeve van de instandhouding en/of onderhoud aan de leiding; c. noodzakelijk zijn voor de realisering van een bouwwerk waarvoor een omgevingsvergunning voor het bouwen is verleend; d. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerking treding van dit plan of waarvoor op dat tijdstip reeds een vergunning was verleend; e. graafwerkzaamheden betreffen als bedoeld in de Wet informatie-uitwisseling ondergrondse netten. 15.4.3 Toetsingscriteria De in lid 15.4.1 genoemde vergunning wordt slechts verleend indien de werken en/of werkzaamheden verenigbaar zijn met de belangen van de gasleiding en de leidingbeheerder daarover heeft geadviseerd.
55 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
Artikel 16
Leiding - Hoogspanningsverbinding
16.1
Bestemmingsomschrijving De voor 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor een bovengrondse hoogspanningsverbinding met de daarbij behorende beschermingszone, waarbij de bestemming 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' voorrang heeft op de andere daar voorkomende bestemming(en).
16.2
Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels:
16.2.1 Verbod Het is verboden om te bouwen of te laten bouwen op de voor 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' mede bestemde gronden. 16.2.2 Uitzonderingen Het in lid 16.2.1 genoemde verbod is niet van toepassing op bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de hoogspanningsverbinding, met dien verstande dat: a. de bouwhoogte van hoogspanningsmasten niet meer mag bedragen dan 60 meter; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde niet meer mag bedragen dan 3 meter. 16.3
Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het verbod in lid 16.2.1 voor het bouwen volgens de andere daar voorkomende bestemming(en), mits de bouw verenigbaar is met de belangen van de hoogspanningsverbinding en de leidingbeheerder daarover heeft geadviseerd.
16.4
Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
16.4.1 Verbod Het is verboden om op de voor 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' aangewezen gronden de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren, of te laten uitvoeren zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van het bevoegd gezag: a. het aanbrengen van opgaande beplantingen of bomen; b. het aanleggen van waterlopen of waterpartijen of het verruimen van bestaande waterlopen en waterpartijen; c. het wijzigen van het maaiveldniveau; d. het aanbrengen van oppervlakteverhardingen; e. het plaatsen van objecten zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair.
56 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
16.4.2 Uitzonderingen Het in lid 16.4.1 genoemde verbod is niet van toepassing op werken en/of werkzaamheden die: a. noodzakelijk zijn voor het normale onderhoud van de gronden; b. worden uitgevoerd ten behoeve van de instandhouding en/of onderhoud aan de hoogspanningsverbinding; c. noodzakelijk zijn voor de realisering van een bouwwerk waarvoor een omgevingsvergunning voor het bouwen is verleend; d. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerking treding van dit plan of waarvoor op dat tijdstip reeds een vergunning was verleend. 16.4.3 Toetsingscriteria De in lid 16.4.1 genoemde vergunning wordt slechts verleend indien de werken en/of werkzaamheden verenigbaar zijn met de belangen van de hoogspanningsverbinding en de leidingbeheerder daarover heeft geadviseerd.
57 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
Artikel 17
Leiding - Riool
17.1
Bestemmingsomschrijving De voor 'Leiding - Riool' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor een rioolpersleiding met de daarbij behorende beschermingszone, waarbij de bestemming 'Leiding - Riool' voorrang heeft op de andere daar voorkomende bestemmingen.
17.2
Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels:
17.2.1 Verbod Het is verboden om te bouwen of te laten bouwen op de voor 'Leiding - Riool' mede bestemde gronden. 17.2.2 Uitzonderingen Het in lid 17.2.1 genoemde verbod is niet van toepassing op bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de rioolpersleiding met een bouwhoogte van maximaal 3 meter. 17.3
Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het verbod in lid 17.2.1 voor het bouwen volgens de andere daar voorkomende bestemming(en), mits de bouw verenigbaar is met de belangen van de rioolpersleiding en de leidingbeheerder daarover heeft geadviseerd.
17.4
Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
17.4.1 Verbod Het is verboden om op de voor 'Leiding - Riool' aangewezen gronden de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren, of te laten uitvoeren zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van het bevoegd gezag: a. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen of bomen; b. het uitvoeren van grondwerkzaamheden; c. het aanbrengen van oppervlakteverhardingen; d. het indrijven van voorwerpen in de bodem; e. het verrichten van grondroeractiviteiten (b.v. het aanbrengen van rioleringen, kabels, leidingen en drainage) anders dan normaal spit- en ploegwerk; f. diepploegen; g. het permanent opslaan van goederen waaronder ook begrepen het opslaan van afvalstoffen; h. het aanleggen van waterlopen of het vergraven, verruimen of dempen van bestaande waterlopen;
58 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
i.
het plaatsen van objecten zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair.
17.4.2 Uitzonderingen Het in lid 17.4.1 genoemde verbod is niet van toepassing op werken en/of werkzaamheden die: a. noodzakelijk zijn voor het normale onderhoud van de gronden; b. worden uitgevoerd ten behoeve van de instandhouding en/of onderhoud aan de leiding; c. noodzakelijk zijn voor de realisering van een bouwwerk waarvoor een omgevingsvergunning voor het bouwen is verleend; d. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerking treding van dit plan of waarvoor op dat tijdstip reeds een vergunning was verleend; e. graafwerkzaamheden betreffen als bedoeld in de Wet informatie-uitwisseling ondergrondse netten. 17.4.3 Toetsingscriteria De in lid 17.4.1 genoemde vergunning wordt slechts verleend indien de werken en/of werkzaamheden verenigbaar zijn met de belangen van de rioolpersleiding en de leidingbeheerder daarover heeft geadviseerd.
59 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
Artikel 18
Leiding - Water
18.1
Bestemmingsomschrijving De voor 'Leiding - Water' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor een hoofdwaterleiding met de daarbij behorende beschermingszone, waarbij de bestemming 'Leiding - Water' voorrang heeft op de andere daar voorkomende bestemmingen.
18.2
Bouwregels Voor het bouwen gelden de volgende regels:
18.2.1 Verbod Het is verboden om te bouwen of te laten bouwen op de voor 'Leiding - Water' mede bestemde gronden. 18.2.2 Uitzonderingen Het in lid 18.2.1 genoemde verbod is niet van toepassing op bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de hoofdwaterleiding met een bouwhoogte van maximaal 3 meter. 18.3
Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het verbod in lid 18.2.1 voor het bouwen volgens de andere daar voorkomende bestemming(en), mits de bouw verenigbaar is met de belangen van de hoofdwaterleiding en de leidingbeheerder daarover heeft geadviseerd.
18.4
Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
18.4.1 Verbod Het is verboden om op de voor 'Leiding - Water' aangewezen gronden de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren, of te laten uitvoeren zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van het bevoegd gezag: a. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen of bomen; b. het uitvoeren van grondwerkzaamheden; c. het aanbrengen van oppervlakteverhardingen; d. het indrijven van voorwerpen in de bodem; e. het verrichten van grondroeractiviteiten (b.v. het aanbrengen van rioleringen, kabels, leidingen en drainage) anders dan normaal spit- en ploegwerk; f. diepploegen; g. het permanent opslaan van goederen waaronder ook begrepen het opslaan van afvalstoffen; h. het aanleggen van waterlopen of het vergraven, verruimen of dempen van bestaande waterlopen;
60 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021
NL.IMRO.1931.BP1804BG008-VG02 Vastgesteld d.d.
i.
het plaatsen van objecten zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair.
18.4.2 Uitzonderingen Het in lid 18.4.1 genoemde verbod is niet van toepassing op werken en/of werkzaamheden die: a. noodzakelijk zijn voor het normale onderhoud van de gronden; b. worden uitgevoerd ten behoeve van de instandhouding en/of onderhoud aan de leiding; c. noodzakelijk zijn voor de realisering van een bouwwerk waarvoor een omgevingsvergunning voor het bouwen is verleend; d. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerking treding van dit plan of waarvoor op dat tijdstip reeds een vergunning was verleend; e. graafwerkzaamheden betreffen als bedoeld in de Wet informatie-uitwisseling ondergrondse netten. 18.4.3 Toetsingscriteria De in lid 18.4.1 genoemde vergunning wordt slechts verleend indien de werken en/of werkzaamheden verenigbaar zijn met de belangen van de hoofdwaterleiding en de leidingbeheerder daarover heeft geadviseerd.
61 Gemeente Krimpenerwaard bestemmingsplan Natuurgebieden Veenweiden Krimpenerwaard mRO b.v. / REG / 90.09 / v10 / mei 2021