CConstaterende datKrimpen aan den IJssel
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage - Begroting 2024 PDF-versie

Gemeenteraad 9 november 2023, gemeente Krimpen aan den IJsselBij agendapunt: Raadsvoorstel Begroting 202431.665 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Verder handelen we op grond van: • Verordeningen met betrekking tot de Jeugdwet • De verordening en uitvoeringsregels met betrekking tot het leerlingenvervoer • Verordeningen met betrekking tot de Wmo • Regionaal Beleidsplan Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen 2022-2026 • De verordeningen en nadere regels met betrekking tot de Participatiewet • De gemeenschappelijke regeling IJsselgemeenten • De gemeenschappelijke regeling Promen • De gemeenschappelijke regeling Jeugdhulp Rijnmond • De verordening Iedereen doet mee fonds • Actieprogramma Armoede en Schulden 2021-2024 Hoe en wanneer leggen we verantwoording af? • Gemeentelijke monitor sociaal domein • Bestuursrapportage sociaal domein  Sturingsanalyse arbeidsparticipatie • Kwartaalrapportages Sociale Zaken IJsselgemeenten • Rapportages GR Promen • Kwartaalrapportages Sociale Zaken IJsselgemeenten • Bestuursrapportages GR Jeugdhulp Rijnmond

4.4 Opvang en inburgering Wat is er aan de hand/Wat willen we bereiken? 4.4.1 Opvang Krimpen aan den IJssel neemt haar verantwoordelijkheid in het immigratiebeleid. Dat doen we betrokken maar kritisch. We leveren een bijdrage aan (crisisnood)opvang. We bieden huisvesting aan Oekraïense ontheemden en we voldoen aan de taakstelling voor de huisvesting van statushouders. Maar we doen dit wel in balans met de bijdrage die andere overheden leveren. Binnen de gemeente Krimpen aan den IJssel zijn er 3 groepen waarvoor we opvang realiseren:

 Vluchtelingen  Statushouders  Oorlogsvluchtelingen uit Oekraïne Vluchtelingen Landelijk is er een groot tekort aan opvangplaatsen. De COA locaties zijn niet toereikend om alle vluchtelingen op te vangen. Gemeenten zijn verzocht om een bijdrage te leveren in het faciliteren van opvanglocaties. Ook in Krimpen leveren we hier een bijdrage aan door het mogelijk maken van de Alemannia in de Sliksloothaven als locatie voor crisisnoodopvang. Met de komst van de spreidingswet zal deze taak een structureel karakter gaan krijgen. Dit betekent voor Krimpen aan den IJssel dat er een keuze gemaakt moet worden voor een opvanglocatie met een meer structureel karakter dan de huidige opvanglocatie in de Sliksloothaven. De spreidingswet is nog niet vastgesteld maar het kabinet heeft de ambitie om dit wel op korte termijn te realiseren. Statushouders Elke gemeente heeft een taakstelling om statushouders te huisvesten. In Krimpen streven we naar een huisvesting waarbij we parallel aan de huisvesting ook werken aan maatschappelijke integratie, beheersing van de Nederlandse taal en werktoeleiding. Oorlogsvluchtelingen uit Oekraïne Inmiddels zijn 2 locaties ingericht voor de opvang van Oekraïense vluchtelingen. De duur van deze opvang is afhankelijk van de ontwikkelingen in Oekraïne. Naast huisvesting bieden we deze vluchtelingen ook onderwijs en ondersteuning.

Bij al deze vormen van opvang beschikken we in Krimpen over een groot aantal inwoners die zich inzet om de (tijdelijke) inwoners van Krimpen welkom te laten voelen en hen te ondersteunen bij de maatschappelijk integratie. De schaal van de opvang locaties en de forse inzet van onze vrijwilligers zorgen er voor dat de opvang zonder noemenswaardige incidenten verloopt. Wat is er aan de hand/Wat willen we bereiken? 4.4.2 Inburgering Met de komst van de nieuwe inburgeringswet is de gemeentelijke rol weer groter geworden. Binnen Krimpen aan den IJssel hebben we de regie op de individuele inburgeraars neergelegd bij de KrimpenWijzer. Hierbij pakken we de maatschappelijke begeleiding en het taalonderwijs gezamenlijk op. Op grond van welk beleid/afspraak handelen we?  Beleidsplan sociaal domein  Inburgeringswet  Actieplan Inburgering Hoe en wanneer leggen we verantwoording af?  Gemeentelijke monitor sociaal domein  Kwartaalrapportage inburgering  Raadsinformatiebrieven

Wat mag het kosten Sociaal domein

Rekening

Begroting

Begroting

2022

2023

2024

Meerjarenraming 2025

2026

2027

Lasten Preventie

3.570

2.572

3.041

3.107

3.134

Basishulp

3.498

3.308

2.661

2.767

2.888

2.987

Individuele hulp

30.164

36.064

35.977

36.631

37.924

38.946

- Jeugd

7.911

10.838

12.187

12.234

12.734

13.126

- Participatie

15.727

16.812

14.742

14.835

15.080

15.338

- WMO

6.526

8.414

9.048

9.562

10.110

10.483

Opvang en inburgering

679

568

585

598

Nieuw beleid & intensivering

411

313

120

127

41.944

42.770

43.386

44.651

45.869

Totaal lasten

37.232

3.211

Baten Preventie

296

54

680

680

586

587

Basishulp

60

224

120

106

109

111

8.739

8.549

8.182

8.385

8.594

8.808

733

419

162

164

168

171

7.657

7.776

7.656

7.848

8.044

8.245

349

353

364

373

382

392

441

321

329

329

Individuele hulp - Jeugd - Participatie - WMO Opvang en inburgering Nieuw beleid & intensivering Totaal baten Totaal saldo van baten en lasten Reservemutaties Resultaat Nieuw beleid en intensiveringen Sociaal domein

9.095

8.827

9.423

9.492

9.617

9.836

-28.137

-33.117

-33.347

-33.894

-35.034

-36.033

129

1.458

143

-28.009

-31.659

-33.204

-33.894

-35.034

-36.033

2024

2025

2026

2027

Bevorderen van een inclusieve samenleving

21

22

22

23

Versterken zelfredzaamheid en bekendheid van voorzieningen

50

51

53

54

Op weg naar een gezonde gemeente

50

50

Reintegratie in het kader van de participatiewet

20

21

21

22

Verbeteren mobiliteit lagere inkomens

64

66

67

69

Van woonzorgvisie naar actie

25 192

195

Veerkrachtig Krimpen

50

50

Update actieplan Armoede

191

189

Inzet op uitstroom

100

100

Verlaging BUIG door inzet op uitstroom

-160

-235

-235

-235

Totaal

411

313

120

127

Indicatoren De ingevulde gegevens bevatten geen streefwaarden, maar betreffen de meest actuele gerealiseerde waarden. In de kolom jaartal staat aangegeven uit welk jaar de gerealiseerde waarden komen. In de kolom ‘begroting 2023’ ziet u de gepresenteerde waarden van de begroting 2023. Het is mogelijk dat deze waarden nadien nog zijn geactualiseerd door de bron. De resultaten van de Burgerpeiling 2023 zijn nog niet beschikbaar gekomen voor de begroting 2024. Basisset indicatoren programma Sociaal domein

Begroting 2024

Jaartal Begroting 2023

Jaartal Bron

% kinderen tot 18 jaar dat in een gezin leeft dat van een bijstandsuitkering 6,0% moet rondkomen.

2021

5,0%

2020

Waarstaatjegemeente

Netto arbeidsparticipatie

72,6%

2022

68,5%

2020

Waarstaatjegemeente

% werkloze jongeren in de leeftijd van 16-22 jaar

1,0%

2021

2,0%

2020

Waarstaatjegemeente

Het aantal personen met een bijstandsuitkering, per 10.000 inwoners

335,60

2021

335,60

2021

Waarstaatjegemeente

Het aantal lopende reintegratievoorzieningen, per 10.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar

285,0

2022

266,2

2020

Waarstaatjegemeente

% Jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp

19,2%

2022

18,9%

2021

Waarstaatjegemeente

% Jongeren tot 18 jaar met jeugdbescherming

1,2%

2022

1,5%

2021

Waarstaatjegemeente

% Jongeren met jeugdreclassering in de leeftijd van 12-23 jaar

0,2%

2022

0,2%

2021

Waarstaatjegemeente

Wmo-cliënten met een maatwerkarrangement per 10.000 inwoners

580

2022

630

2021

Waarstaatjegemeente

% Werkelozen ten opzichte van de beroepsbevolking

3,3%

2022

3,4%

2020

Waarstaatjegemeente

% Huishoudens met een bijstandsuitkering

4,3%

2022

4,3%

2021

Waarstaatjegemeente

Lokale indicatoren programma Sociaal domein

Begroting 2024

Jaartal Begroting 2023

Jaartal Bron

Het percentage inwoners dat zich belemmerd voelt in zijn of haar dagelijkse activiteiten door het geven van zorg aan een hulpbehoevende naaste

32%

2021

32%

2021

Burgerpeiling

Vaccinatiegraad

76,2%

2022

78,7%

2021

Jaarverslag CJG Rijnmond

Melding partnergeweld

85

2022

70

2021

Waarstaatjegemeente

Meldingen kindermishandeling

80

2022

80

2021

Waarstaatjegemeente

Verward gedrag: crisismaatregelen

5

2022

5

2021

Khonraad

% aantal meldingen bij Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond (VTRR)

174

2022

156

2021

Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond (VTRR)

Bereikbaarheid Krimpenwijzer (“Ik wist waar ik moest zijn met mijn hulpvraag”)

85%

2022

80%

2021

KTO

Door de dienstverlening die ik vanuit KrimpenWijzer/Krimpens Sociaal Team heb gekregen heb ik een betere kwaliteit van leven

79%

2022

78%

2021

KTO

Klantwaardering dienstverlening GR IJsselgemeenten

7,8

2022

7,3

2021

GR IJsselgemeenten

Inwoners van 70 jaar en ouder die zelfstandig wonen; per 1000 inwoners

961

Q2 2023

964

2021

Waarstaatjegemeente

Aantal mantelzorgers bekend bij Krimpenwijzer

722

2022

580

2021

Gemeentelijke registratie vrijwilligers

Aantal aanmeldingen schuldhulpbemiddelen GR Ijsselgemeenten

25

2022

37

2021

GR IJsselgemeenten

% Huishoudens zonder voorzieningen

77%

2022

77%

2021

Waarstaatjegemeente

Huishoudens met 1 t/m 5 voorzieningen

2.860

2022

2.835

2021

Waarstaatjegemeente

Huishoudens met 6 of meer regelingen

195

2022

185

2021

Waarstaatjegemeente

Huishoudens met Wmo voorzieningen

1775

2022

1770

2021

Waarstaatjegemeente

Middelen Overhead Inleiding Dit hoofdstuk biedt inzicht in de overhead van de gemeente Krimpen aan den IJssel. De programma’s bevatten alleen de lasten en baten van het primaire proces. Sinds de herziening van het Besluit Begroting en Verantwoording tonen we de baten en lasten van Overhead apart als onderdeel van de programma begroting. Onderdelen overhead Onder overhead wordt verstaan het geheel van functies en activiteiten gericht op sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Hierbij gelden de volgende uitgangspunten: • Directe kosten zoveel mogelijk direct toerekenen aan de betreffende taakvelden; • Ondersteunende taken zijn niet direct dienstbaar aan de externe klant of het externe product en behoren daarom tot de overhead. Wanneer deze ondersteunende taken worden uitbesteed, behoren de uitbestedingskosten bedrijfsvoering tot de overhead (bijvoorbeeld uitbesteding ICT); • Sturende taken vervuld door hiërarchisch leidinggevenden behoren tot de overhead. De bijbehorende loonkosten behoren ondeelbaar tot de overhead; • De positionering van een functie binnen de organisatie heeft geen invloed op de beoordeling of er sprake is van overhead.

Om enig inzicht te geven in de opbouw van de overhead is in deze begroting de overhead verdeeld in: • Personele lasten van onder andere de taken met betrekking tot directie, communicatie, bestuursondersteuning, facilitaire zaken, juridische zaken, HR en financiën. • Niet personele lasten, zoals huisvesting en ICT. Dit begrotingsonderdeel is slechts een weergave van de baten en lasten met betrekking tot overhead. Een meer inhoudelijke toelichting treft u aan in de paragraaf Bedrijfsvoering. Wat is er aan de hand/Wat willen we bereiken? 1. Implementatie Wet Open Overheid Wat is er aan de hand Als gemeente willen we zo transparant en open mogelijk naar de samenleving toe zijn. In de Wet open overheid is geformuleerd aan welke minimale eisen we als gemeente moeten voldoen om dit te realiseren. Enerzijds betekent dit dat we veel informatie uit eigen beweging openbaar zullen maken. Hiervoor zijn 11 informatiecategorieën geformuleerd, die geleidelijk aan moeten worden gepubliceerd. Momenteel wordt gewerkt aan de eerste 4 categorieën. Hoe meer we actief publiceren, hoe minder Woo-verzoeken er achteraf zullen worden ingediend. In 2023 waren dat nog behoorlijk wat verzoeken, ook wat omvang betreft. Anderzijds ligt er vanuit de Woo een opgave om onze informatiehuishouding op orde te brengen. Momenteel vindt er in onze gemeente daarvoor een aanzienlijke inventarisatie

plaats. Deze nulmeting vormt de basis voor alle verdere acties die informatie-gerelateerd zijn. Wat willen we bereiken 1. De volgende 4 informatiecategorieën zijn actief openbaar gemaakt. 2. Het proces voor Woo-verzoeken is verder verfijnd en 100% van de verzoeken wordt binnen de wettelijke termijn afgehandeld. 3. De nulmeting voor onze informatiehuishouding is gereed en het actieplan voor het verbetertraject is in uitvoering genomen. Speerpunten Informatiecategorieën zijn gedefinieerd Omschrijving (toelichting) De volgende 4 informatiecategorieën zijn gedefinieerd en informatie wordt gepubliceerd op het (landelijk) platform/onze website. Volledige en juiste wijze ordening Omschrijving (toelichting) Documenten worden volledig en op de juiste wijze geordend in het (zaak)systeem en efficiënt geanonimiseerd waardoor de doorlooptijd van het verzoek verkort wordt. Maken van informatiebeheerplannen voor de werkprocessen Omschrijving (toelichting) Op basis van de nulmeting worden er informatiebeheerplannen voor de werkprocessen gemaakt, zodat duidelijk is wie, welke documenten uit welke processen volgens de kwaliteitsnormen beheert. Dit maakt de archivering, alsmede, het beschikbaar stellen van documenten, passief en actief, een stuk eenvoudiger. Wat is er aan de hand/Wat willen we bereiken? 2.

Privacy op Orde (DPIA's) Wat is er aan de hand Momenteel hebben we nog te weinig DPIA’s uitgevoerd en zijn we onvoldoende bewust van de privacyrisico’s die aan onze verwerkingen kleven. Dit kan resulteren in datalekken en bij controle door de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) kan dit resulteren in forse boetes. Wat willen we bereiken We streven ernaar de komende jaren onze achterstand op dit punt in te lopen, het privacybewustzijn te vergroten en datalekken en eventuele boetes te voorkomen. Speerpunten Uitvoeren van de belangrijkste DPIA’s Omschrijving (toelichting) Uitvoeren van de belangrijkste DPIA’s. Dit zijn de DPIA’s voor verwerkingen met bijzondere persoonsgegevens.

Vergroten van privacybewustzijn Omschrijving (toelichting) Vergroten van privacybewustzijn. Voorkomen van datalekken en eventuele boetes Omschrijving (toelichting) Voorkomen van datalekken en eventuele boetes. Wat is er aan de hand/Wat willen we bereiken? 3. Implementatie Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv) Wat is er aan de hand De Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer zal naar verwachting op 1 juli 2024 inwerking treden. Het wetsvoorstel geeft de burger recht om officiële berichten, zoals aanvragen voor vergunningen, wijzigingen en bezwaarschriften elektronisch aan de gemeente te kunnen zenden, op een door de gemeente bepaalde wijze. De gemeente dient zorg te dragen voor de terbeschikkingstelling van digitale kanalen voor formele berichten. De digitale kanalen moeten aan bepaalde eisen voldoen zodat zij als een veilige en toegankelijke omgeving dienen om zaken af te handelen. Vóór de Wmebv van kracht is, moeten er een aantal aanpassingen op de website worden doorgevoerd zodat inwoners hun zaken eenvoudig online kunnen regelen. Hierna dient er een vervolgstap te worden gezet om onze inwoners en ondernemers in de toekomst beter van dienst te kunnen zijn. Eén digitale ingang via de website maakt het voor inwoners en ondernemers mogelijk om hun zaken veilig online te regelen. Hiertoe is een klantportaal noodzakelijk. Wat willen we bereiken 1.

Voor 1 juli 2024 voldoen we aan de eisen van de Wmebv. 2. In 2024 hebben we een duidelijk beeld hoe ons klantportaal eruit komt te zien. 3. In 2024 zijn de onderzoeksresultaten die bij de eerste fase (aansluiten op zaaksysteem en BRP) horen in het plan van aanpak omschreven. Speerpunten Alle producten en diensten op onze website tegen het licht houden Omschrijving (toelichting) In 2024 houden we alle producten en diensten op onze website tegen het licht en waar nodig maken we het mogelijk dat inwoners en ondernemers hun zaken digitaal kunnen regelen. Onderzoek doen naar de eisen van een klantportaal Omschrijving (toelichting) In 2024 hebben we een onderzoek gedaan naar de eisen van een klantportaal voor onze gemeente.

Implementeren digitale klantportaal Omschrijving (toelichting) In 2024 nemen we een bestuurlijk besluit over de wijze waarop we het digitale klantportaal implementeren. Wat is er aan de hand/Wat willen we bereiken? 4. Digitale toegankelijkheid Wat is er aan de hand Gemeenten moeten voldoen aan de digitale toegankelijkheidseisen Web content accessability guidelines (WCAG). Deze eisen zorgen ervoor dat websites en applicaties voor iedereen toegankelijk zijn. Op onze websites staan honderden documenten die nu nog niet voldoen aan de eisen. Om hier bewustwording voor te creëren en deze documenten toegankelijk te maken, is het van belang hier iemand voor in te huren. Wat willen we bereiken Wij hebben 2 doelstellingen. Enerzijds willen we zo goed mogelijk voldoen aan de wettelijke eisen rond digitale toegankelijkheid. We willen dat elke website en applicatie de status A of B krijgt. Daarnaast willen we collega’s bijbrengen dat het ontzettend belangrijk is om standaard word-documenten op een bepaalde manier op te bouwen. Om zo te voldoen aan de toegankelijkheidseisen. Speerpunten Toegankelijkheid digitale aanlevering Omschrijving (toelichting) Nieuwe documenten die online gepubliceerd worden moeten digitaal toegankelijk zijn. Status applicatie en websites Omschrijving (toelichting) Al onze applicaties of websites hebben status B of A. Wat is er aan de hand/Wat willen we bereiken? 5.

Archivering Corsa en omgevingsvergunningen Wat is er aan de hand In 2018 is de gemeente overgestapt op een ander zaaksysteem genaamd Djuma. Het oude zaaksysteem Corsa bevat nog informatie waarop een bewaarplicht van toepassing is. In 2023 heeft de gemeente via de samenwerking met het Streekarchief Midden-Holland het e-depot met pre-depot functionaliteit van Preservica aangeschaft. Het hebben van een e-depot is een wettelijke verplichting. Dit biedt ons tevens de mogelijkheid om de digitale informatie over te plaatsen naar het pre-depot dat in het beheer is van het Streekarchief. Dit migratietraject is een complexe activiteit waarbij externe ondersteuning vereist is om de informatie uit Corsa te extraheren en in het pre-depot te ingesten(verwerken). In het Predepot is de mogelijkheid er om de informatie verder te behandelen, zodat het geschikt is voor het e-depot.

Wat willen we bereiken Door de informatie die nu vastzit in het oude zaaksysteem over te plaatsen naar het predepot komt de mogelijkheid om deze op een geschikte wijze te beheren en klaar te maken voor de overbrenging vanuit het pre-depot naar het e-depot.(dit is één systeem).Het oude zaaksysteem Corsa moet uitgefaseerd worden, maar onze informatie moet beschikbaar blijven. Speerpunten Uitfaseren Corsa Omschrijving (toelichting) Uitfaseren Corsa. Migreren van aanwezige informatie Omschrijving (toelichting) Migreren van aanwezige informatie uit Corsa naar het pre-depot. Opschonen en vernietigen zaken Omschrijving (toelichting) Opschonen en vernietigen zaken. Digitaliseren project bouwvergunning Raadhuisplein Omschrijving (toelichting) Digitaliseren project bouwvergunning Raadhuisplein. Wat is er aan de hand/Wat willen we bereiken? 6. Functiehuis Wat is er aan de hand Er is een toename van complexiteit in het werk. Met meer uitdagende vraagstukken. In 2019 zijn we overgestapt naar zich zelf organiserende teams. Dit heeft geleid tot verandering in de manier waarop we werken en samenwerken. Inwoners en ondernemers vragen iets anders, reageren anders. Polarisatie. Krapte op de arbeidsmarkt. Het werk van de gemeente is aanzienlijk veranderd, waarbij nieuwe taken zijn toegevoegd en andere taken zijn verdwenen. De snelheid waarmee nieuwe taken opgepakt moeten worden is soms hoog.

Wat willen we bereiken Eind 2023 is het functiehuis vernieuwd. Met het vernieuwde functiehuis een grotere rol te spelen in ondersteuning van teams op het gebied van: • Werving en selectie • Gespreksvoering • Ontwikkeling kennis en ervaring en doorgroei (leerwegposities en loopbaanpaden)

Speerpunten Passend maken van functieprofielen en loopbaanpaden Omschrijving (toelichting) Functieprofielen en loopbaanpaden moeten passen bij de vereiste expertise en vaardigheden. Ondersteunen van onze werkwijze door het functiegebouw Omschrijving (toelichting) Het functiegebouw moet onze werkwijze ondersteunen en ervoor zorgen dat de juiste rollen en verantwoordelijkheden worden gedefinieerd. Functiegebouw met aantrekkelijke en competitieve functiestructuur Omschrijving (toelichting) Een functiegebouw met een aantrekkelijke en meer competitieve functiestructuur waarmee we aansluiten op de arbeidsmarkt en de juiste kandidaat aantrekken. Ondersteunen van flexibiliteit door het functiegebouw Omschrijving (toelichting) Een functiegebouw dat aansluit op het werk en flexibiliteit zoveel als mogelijk ondersteunt. Wat is er aan de hand/Wat willen we bereiken? 7. Inrichting Raadhuis Wat is er aan de hand We hebben signalen uit de ambtelijke organisatie en het college ontvangen over het gebrek aan representatieve vergaderzalen voor kleinere gezelschappen voornamelijk voor externe bezoekers in het raadhuis. Daarnaast is de ruimte van het Krimpens contact centrum (KCC) te klein voor het aantal collega’s dat hier werkt. Wat willen we bereiken  Meer en representatievere vergaderruimtes . In het bijzonder voor kleinere vergaderingen.

 Een goede werkomgeving voor ons KCC Speerpunten Representatieve vergaderruimtes Omschrijving (toelichting) Representatieve vergaderruimtes in het Raadhuis. Creëren van een goede werkomgeving Omschrijving (toelichting) Een goede werkomgeving voor ons KCC.

Wat is er aan de hand/Wat willen we bereiken? 8. Vernieuwen techniek Raadzaal Wat is er aan de hand De techniek in de raadzaal is verouderd. De technische ondersteuning is nog meegenomen vanuit het oude raadhuis en voldoet niet meer aan de wensen van deze tijd. Wat willen we bereiken De techniek in de raadzaal moderniseren. Zodat de techniek in de raadzaal de activiteiten beter kan ondersteunen. Speerpunten Optimalisering technische ondersteuning van de Raadzaal Omschrijving (toelichting) Optimalisering technische ondersteuning van de Raadzaal.

Wat mag het kosten Overhead

Rekening

Begroting

Begroting

2022

2023

2024

Meerjarenraming 2025

2026

2027

Lasten Personele lasten

4.914

6.041

5.966

6.145

6.477

6.808

Niet personele lasten

5.811

5.944

5.848

6.212

6.292

6.446

645

586

553

491

Nieuw beleid & intensivering Totaal lasten

10.725

11.985

12.460

12.943

13.322

13.746

3.785

329

336

341

347

355

Totaal baten

3.785

329

336

341

347

355

Totaal saldo van baten en lasten

-6.940

-11.656

-12.124

-12.602

-12.976

-13.390

Reservemutaties

-1.270

701

150

Resultaat

-8.210

-10.955

-11.974

-12.602

-12.976

-13.390

2025

2026

2027

2025

2026

2027

Baten Personele baten Niet personele baten Nieuw beleid & intensivering

Investeringen Overhead

2024

Vervanging noodstroomaggregaat raadhuis

29

Inrichting Raadhuis

320

Techniek Raadhuis

160

Totaal

509

Nieuw beleid en intensiveringen Overhead Functiehuis

2024 350

Inrichting Raadhuis Privacy op orde (DPIA's)

20

Techniek Raadzaal

364

379

394

35

35

35

25

28

30

34

33

33

79

Digitale toegankelijkheid

50

Archivering Corsa en omgevingsvergunningen

100

Wet open overheid

75

77

WMEBV (klantportaal)

50

51

Totaal

645

586

553

491

Indicatoren De ingevulde gegevens bevatten geen streefwaarden, maar betreffen de meest actuele gerealiseerde waarden. In de kolom jaartal staat aangegeven uit welk jaar de gerealiseerde waarden komen. In de kolom ‘begroting 2023’ ziet u de gepresenteerde waarden van de begroting 2023. Het is mogelijk dat deze waarden nadien nog zijn geactualiseerd door de bron.

Basisset indicatoren Overhead

Begroting 2024 Jaartal Begroting 2023 Jaartal Bron

Formatie in fte per inwoner x 1.000

5,94

2023

5,68

2022

Vensters voor Bedrijfsvoering (eigen berekening)

Bezetting in fte per inwoner x 1000

5,38

2023

5,42

2022

Vensters voor Bedrijfsvoering (eigen berekening)

Apparaatskosten per inwoner

735,06*

2023

657,88*

2022

Vensters voor Bedrijfsvoering (eigen berekening)

Externe inhuur als % van totale kosten loonsom 2,50%

2023

2,50%

2022

Vensters voor Bedrijfsvoering (eigen berekening)

Overhead als % van totale lasten

2023

11,31%

2022

Vensters voor Bedrijfsvoering (eigen berekening)

11,41%

*Er heeft een verbetering van de toerekeningssystematiek van de apparaatskosten plaatsgevonden. Om een reële weergave van de ontwikkeling van de apparaatskosten te tonen, is er een herijking in de berekening voor de begroting 2023 doorgevoerd.

Algemene dekkingsmiddelen Inleiding In dit hoofdstuk zetten we de algemene dekkingsmiddelen en de post onvoorzien op een rij. Binnen de begroting bestaat een onderscheid tussen algemene dekkingsmiddelen en specifieke dekkingsmiddelen. De algemene dekkingsmiddelen zijn middelen die vrij zijn aan te wenden. De besteding van deze inkomsten is niet aan een bepaald programma gebonden. De algemene dekkingsmiddelen vormen de financiële dekking van de negatieve financiële saldi van de programma’s. De algemene dekkingsmiddelen beslaan meer dan de helft van de totale baten van de gemeente. De belangrijkste algemene dekkingsmiddelen zijn: • uitkering uit het gemeentefonds • inkomsten uit de onroerendezaakbelastingen (ozb) • inkomsten uit deelnemingen De uitkering uit het gemeentefonds is de grootste bron van gemeentelijke inkomsten. Eigen inkomsten als de ozb vormen slechts een beperkt deel van de totale baten. Uitkering gemeentefonds De omvang van het gemeentefonds is gekoppeld aan de rijksbegroting, waarbij op basis van de systematiek 'samen de trap op en samen de trap af' de algemene uitkering wordt geïndexeerd (ook wel accres genoemd). Sinds 2022 is dit zogenaamde accres gesplitst in een volume- en een nominaal deel, waarbij het nominale deel ter compensatie is van loon- en prijsstijgingen en het volumedeel ter compensatie van bevolkingsgroei en reëel accres.

Voor de periode 2022-2025 zijn de VNG en het Rijk overeengekomen dat het volume-accres wordt bevroren waardoor gemeenten zekerheid hebben over de ontwikkeling van de algemene uitkering. Het nominale deel (loon- en prijsontwikkelingen) valt daar buiten. Vanaf 2026 vervalt de trap-op-trap-af systematiek. Pas met ingang van 2027 wordt op basis van een gewijzigde financieringssystematiek accres toegekend. Er is dan echter sprake van een grote terugval in Rijksmiddelen en een lager accres. Deze korting op het gemeentefonds heeft tot gevolg dat vanaf 2026 grote tekorten in de gemeentebegroting ontstaan. Bij het afronden van deze begroting bestaat nog geen duidelijkheid over een oplossing van dit probleem, waarmee vrijwel alle gemeenten te maken hebben. De uitkering uit het gemeentefonds bestaat uit 3 soorten uitkeringen: algemene uitkering, integratie-uitkeringen en decentralisatie-uitkeringen. Voor Participatie ontvangt de gemeente een integratie-uitkering. De decentralisatieuitkeringen bevatten uitkeringen voor onder andere vergunningverlening, toezicht en

handhaving van provinciale taken, armoedebestrijding kinderen en de voorschoolse voorziening peuters. Naast deze 3 vormen van algemene middelen ontvangt de gemeente zogenaamde specifieke uitkeringen (SPUK's). Deze worden verantwoord op het betreffende programma en zijn niet vrij inzetbaar. Bovendien wordt over deze middelen verantwoording afgelegd bij de jaarrekening. De cijfers in deze begroting zijn gebaseerd op de septembercirculaire 2023 van het gemeentefonds. Wij wijken daarmee opnieuw af van de vastgestelde lijn om uit te gaan van de meicirculaire. Jaarlijks zijn er goede redenen om toch de septembercirculaire als basis voor de begroting te gebruiken. In elk geval wordt daarmee de meest actuele informatie over de algemene uitkering in de begroting verwerkt. Om weer een bestendige gedragslijn te hanteren gebruiken we voortaan de septembercirculaire bij het opstellen van de begroting. Een van de onzekerheden betreft de extra middelen voor uitvoering van de Jeugdwet. Alleen voor 2024 en 2025 bestaat nu zekerheid en zijn middelen in het gemeentefonds opgenomen. Voor de jaren erna mogen gemeenten uitgaan van bedragen op basis van de uitspraken van de Commissie van Wijzen (abitrage). Daarnaast verwacht het Rijk dat gemeenten vanaf 2025 een oplopende besparing realiseren.

In deze begroting is rekening gehouden met de extra inkomsten, maar nog slechts voor een klein deel met de besparing, omdat de uitwerking daarvan voor individuele gemeenten nog niet duidelijk is. Bovendien zijn in de Hervormingsagenda diversen maatregelen opgenomen die in Krimpen aan den IJssel al geïmplementeerd zijn en dus geen voordeel meer opleveren. Onroerende zaakbelastingen De opbrengst uit onroerende zaakbelasting wordt in deze begroting met 3% verhoogd. Dat is gelijk aan de algemene trend. Omdat de WOZ-waarden van vrijwel al het vastgoed boven trendmatig zijn gestegen, wordt een verlaging van het tarief toegepast. Op deze wijze stuurt de gemeente op de benodigde opbrengst en speelt de ontwikkeling van de WOZ-waarde een ondergeschikte rol. Een hogere waarde leidt dus niet automatisch tot een boven trendmatig hogere OZB-aanslag. Dividenden Alle beleggingen van Krimpen aan den IJssel liggen in het verlengde van de publieke taak. De verwachte inkomsten uit beleggingen beoordelen we jaarlijks en stellen we - indien nodig bij. In 2021 zijn cumulatief preferente aandelen Stedin verworven, waarop we een gegarandeerd dividend van 3% ontvangen. Op basis van prognoses en het laatst afgesloten boekjaar is in deze begroting geen rekening gehouden met dividend over de reguliere aandelen Stedin. Verder leveren alleen de aandelen BNG divideninkomsten op.

Over de aandelen Oasen en Cyclus wordt geen dividend uitgekeerd. Saldo van de financieringsfunctie Dit betreft het saldo van het taakveld treasury. Dit saldo wordt veroorzaakt doordat de omslag van de rente naar de programma’s plaatsvindt op basis van een afgerond percentage. De gehanteerde rekenrente in deze begroting bedraag 1%, terwijl de berekende omslag 0,79% is. Er is daardoor sprake van een financieringssaldo. In paragraaf D Financiering wordt dit nader toegelicht.

Stelposten In de begroting is een aantal stelposten opgenomen. Voor een groot deel betreffen die de onderwerpen die als nieuw beleid en intensiveringen in de begroting zijn opgenomen. Wanneer we het nieuw beleid daadwerkelijk in uitvoering nemen, vindt omzetting naar een reguliere raming plaats. Dit is feitelijk een manier om zicht te houden op de uitvoering van het nieuw beleid. Daarnaast zijn stelposten opgenomen voor lasten die we nog niet kunnen toerekenen aan een programma. Het gaat daarbij vooral om verwachte kostenstijgingen voor nieuwe contracten en ontwikkeling van de energiekosten. In de loop van 2024 beoordelen we of die stelposten moeten inzetten. Stelposten Nieuw beleid 2024-2027

Begroting

Mjb

Mjb

Mjb

2024

2025

2026

2027

1.931

1.538

1.262

1.137

Nieuw beleid voorgaande begrotingsjaren

526

420

387

387

Stelposten

67

Taakstellingen Saldo stelposten

2.524

-6

-786

-598

-625

-625

-625

1.327

238

301

Vennootschapsbelasting Reclame-uitingen In de gemeentelijke begroting is rekening gehouden met een aanslag VPB voor reclameuitingen. (Hypothecaire) leningen De Rechtbank heeft een uitspraak gedaan over het verstrekken van (hypothecaire) leningen aan ambtenaren. Dat zou volgens het vonnis een ondernemersactiviteit zijn. Daar de gemeente Krimpen weliswaar geen nieuwe leningen meer verstrekt, maar nog wel een portefeuille heeft, wordt thans bekeken of dit tot een aanslag zou kunnen leiden voor onze gemeente. En of het niet zo zou kunnen zijn, dat het überhaupt verstrekken van leningen wordt beschouwd als een ondernemersactiviteit. Dit zou gevolgen kunnen hebben voor het verstrekken van leningen aan sportverenigingen of aan particulieren voor het verduurzamen van hun huis. Grondexploitaties Voor de grondexploitaties wordt jaarlijks een quick scan uitgevoerd om na te gaan of sprake is van vennootschapsbelastingplicht. Tot nu toe is dat niet het geval. Overige activiteiten Of er nog meer activiteiten van de gemeente als ondernemerschap moeten worden aangemerkt blijft dus nog steeds onzeker, zodat om die reden nog steeds een risico is opgenomen. Onvoorzien De post onvoorzien is volgens het Besluit Begroting en Verantwoording een verplicht onderdeel van de begroting. Gemeenten zijn vrij de hoogte van deze post te bepalen.

De post onvoorzien is op basis van de financiële verordening 2023 vastgesteld op € 0 per inwoner. Op grond van welk beleid/afspraak handelen we • Nota lokale heffingen 2019 • Belastingverordeningen • Financiële verordening 2023 • Nota reserves en voorzieningen Hoe en wanneer leggen we verantwoording af Begrotingswijzigingen (in principe elke raadsvergadering) Jaarrekening (voor 15 juli t+1) Wat mag het kosten Algemene dekkingsmiddelen, vennootschapsbelasting en onvoorzien

Rekening

Begroting

Begroting

2022

2023

2024

Meerjarenraming 2025

2026

2027

Onroerende zaakbelasting

5.925

6.204

6.370

6.587

6.827

7.030

Uitkeringen gemeentefonds

55.567

58.048

60.854

63.362

60.564

62.711

Dividenden en winstuitkeringen

121

124

124

124

124

124

Saldo van de financieringsfunctie

-42

-225

-128

-729

-560

-456

Lasten algemene dekkingsmiddelen

-12

-209

-23

176

175

183

-300

-210

-133

-121

-107

61.558

63.642

66.986

69.386

67.009

69.484

-2

-4

-4

-4

-4

-4

61.557

63.638

66.982

69.382

67.006

69.480

66.982

69.382

67.006

69.480

Stelposten Algemene dekkingsmiddelen Vennootschapsbelasting Onvoorziene lasten Saldo van baten en lasten Reservemutaties Resultaat

23 61.557

63.661

Paragrafen Paragraaf A Lokale heffingen Inleiding Lokale heffingen zijn inkomsten die de gemeente ontvangt op grond van publiekrechtelijke regels. Doorgaans gaat het om belastingen, heffingen en retributies. Onze gemeente legt de volgende heffingen op: • onroerende zaakbelastingen (ozb) • afvalstoffenheffing • rioolheffing • haven- en marktgelden • lijkbezorgingsrechten • leges De Nota Lokale heffingen 2019, de kadernota 2024 en het bestuursakkoord dienen als uitgangspunten voor 2024. Deze uitgangspunten zijn vertaald in de begrotingsopzet voor 2024.

Ontwikkelingen 2024 Lokale heffingen In april 2019 is de Nota Lokale heffingen 2019 vastgesteld. In deze nota zijn voor de diverse kostendekkende heffingen en retributies bandbreedtes vastgelegd. Bij de raming van de opbrengsten voor 2024 zijn deze bandbreedtes het uitgangspunt. Voor de begroting 2024 is als ozb-opbrengst het volume uit 2023 geraamd en verhoogd met de reguliere gebiedsuitbreiding. Daarnaast vindt een verhoging van het ozb-volume plaats met de index van 3%. Om het aldus bepaalde ozb-volume in 2024 te realiseren, dalen bij een verwacht hoger waarde niveau de drie ozb-tarieven (eigenaar woningen, eigenaar niet-woningen en gebruiker niet-woningen). De afvalstoffenheffing en de rioolheffing blijven 100% kostendekkend. In het het bestuursakkoord is afgesproken de kostendekking van de lijkbezorgingsrechten jaarlijks met 5% te laten stijgen. In 2024 komt de kostendekking voor de lijkbezorgingsrechten uit op 90%. In de belastingvoorstellen voor 2024 wordt dit verder uitgewerkt. Deze voorstellen en de belastingverordeningen voor 2024 komen in de raadsvergadering van december 2023 aan de orde. Hervorming lokaal belastinggebied? Tot 2025 komt er geen uitbreiding van het lokaal belastinggebied. Momenteel wordt tussen rijk en gemeenten gesproken over een nieuwe of aangepaste financieringssystematiek.

De wens is om per 2026 tot een nieuwe wijze van bekostigen te komen, waarbij verruiming van het lokale belastinggebied een te onderzoeken onderdeel is. Wet WOZ De WOZ-waarde van woningen is sinds 1 oktober 2016 een openbaar gegeven. Iedereen kan eenvoudig en laagdrempelig de WOZ-waarde opvragen bij één centraal punt. De openbaarmaking van WOZ-waarden van woningen vindt plaats via de landelijke voorziening WOZ (www.wozwaardeloket.nl). No cure no pay bedrijven Het aantal no cure no pay-bezwaren tegen WOZ-beschikkingen neemt de afgelopen jaren enorm toe. Daardoor staat een verantwoorde uitvoering van de Wet WOZ onder druk. Op 19 september 2023 heeft het kabinet het wetsvoorstel ‘Wet herwaardering proceskostenvergoeding WOZ en bpm’ ingediend als onderdeel van het Belastingplan 2024 . De wet zal na behandeling en goedkeuring door het parlement, naar verwachting, op 1 januari 2024 werking treden. Het wetsvoorstel bevat waarschijnlijk de volgende elementen: Verlaging van de proceskostenvergoeding voor door een derde beroepsmatige verleende rechtsbijstand met 75% (No cure no pay bureau bedrijven) Uitbetaling van proceskosten aan belanghebbende in plaats van aan een no cure no pay bedrijf. Dit voorstel beoogd het verdienmodel van de commerciële bezwaarbureaus minder aantrekkelijk te maken.

De verwachting is dat de onevenredige druk op de uitvoering van fiscale wetgeving door gemeenten hierdoor wordt verminderd. Ook in Krimpen aan den IJssel hebben wij te maken met een oplopende druk bij de uitvoering van de Wet WOZ in verband met deze groep bezwaarmakers. Tot op heden heeft dit nog niet geleid tot grote problemen in de uitvoering.

Omgevingswet In verband met de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024 is een geheel nieuwe legesverordening en tarieventabel voorbereid. De legestarieven zijn conform de begrotingsrichtlijn met 3% verhoogd. Als uitzondering hierop zijn een aantal tarieven uit hoofdstuk 1 van de tarieventabel niet verhoogd. De reden is dat voor deze tarieven een maximum geldt en het tarief reeds gelijk is aan dit maximum. Het betreft hier met name de leges voor reisdocumenten en rijbewijzen. De verordening en tarieventabel 2024 is gebaseerd op de nieuwe modelverordening van de VNG. Er is van de gelegenheid gebruik gemaakt om de huidige tabel te actualiseren. De grootste verschillen doen zich voor in het onderdeel dat betrekking heeft op de omgevingsvergunning. Nieuw is de splitsing van de huidige activiteit bouwen in bouwactiviteiten en een ruimtelijke toets. Deze splitsing is noodzakelijk door de inwerkingtreding van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. Vanaf de inwerkingtreding van de Omgevingswet ontstaat de mogelijkheid leges te heffen voor milieubelastende activiteiten. We gaan vanaf 2024 gebruik maken van deze heffingsmogelijkheid. Ook de provincies hebben besloten hiervoor leges te gaan heffen. De tarieven zijn afgeleid vanuit de kosten die DCMR in rekening brengt voor de milieubelastende activiteiten. Deze kosten zijn als tarief in de tarieventabel 2024 opgenomen.

Ten slotte zijn bijna alle verwijzingen naar wet- en regelgeving gewijzigd. Kwijtschelding Op dit moment wordt er kwijtschelding verleend als de inwoner voldoet aan twee normen, de inkomensnorm en de vermogensnorm. Moties vanuit de Tweede kamer hebben ertoe geleid dat de nadere regels voor kwijtschelding zijn aangepast. Hierdoor wordt het voor de gemeente mogelijk om binnen de kwijtscheldingstoets een ophoging toe te passen van de vermogensnormen. Gemeenten hebben de beleidsvrijheid om de vermogensnorm met een zelf te bepalen bedrag (tot maximaal 2.000 euro) op te hogen. De verhoging van de vermogensnorm hangt af van de leefsituatie van de belastingschuldige (echtgenoten, alleenstaanden of alleenstaande ouders). In 2023 is deze norm verruimd. Ook in 2024 maken wij gebruik van de beleidsvrijheid om deze norm te verruimen, zodat een grotere groep inwoners in aanmerking komt voor kwijtschelding. Lokale heffingen Hieronder worden de diverse lokale heffingen weergegeven. Lokale heffingen

Rekening

Begroting

2022

2023

Begroting 2024

Onroerendezaakbelasting

5.994

6.269

6.457

Afvalstoffenheffing

4.801

4.919

5.226

Rioolheffing

3.693

3.847

4.061

104

108

115

Haven- en marktgelden Lijkbezorgingsrechten

547

588

654

Leges, overig

1.191

978

1.132

Totaal lokale heffingen

16.331

16.708

17.646

Opbrengsten Hieronder worden de diverse heffingen weergegeven.

Onroerende zaakbelastingen Voor de begroting is als ozb-opbrengst het volume uit 2023 geraamd en verhoogd met de reguliere gebiedsuitbreiding. Daarnaast vindt een verhoging van het ozb-volume plaats met de index van 3%. Dit alles geeft het volgende beeld: Rekening 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

5.994

6.269

6.457

Onroerendezaakbelasting

Overzicht baten en lasten Conform artikel 10 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) wordt in de paragraaf lokale heffingen een overzicht van baten en lasten opgenomen voor de heffingen waarbij sprake is van het verhalen van kosten. Jaarlijks worden de berekeningen van de kostendekking van de diverse heffingen opnieuw uitgevoerd, rekening houdend met de uitgangspunten van het BBV. Deze berekeningen hebben gevolgen voor de tarieven en opbrengsten van de diverse heffingen. Bij de vaststelling van de nota lokale heffingen zijn bij de diverse heffingen bandbreedtes vastgesteld. In de begroting 2024 blijven deze heffingen en retributies binnen de bandbreedte. Bij de kadernota 2024 is de keuze gemaakt om voor de lijkbezorgingsrechten een kostendekking van 90% toe te passen. In de volgende alinea’s geven we de lasten en baten weer van de diverse heffingen waarbij sprake is van het verhalen van de kosten. Afvalstoffenheffing In de Nota Lokale heffingen 2019 is voor de afvalstoffenheffing een bandbreedte van kostendekking vastgesteld van een percentage tussen de 90% en 100%. Sinds de begroting 2021 is gekozen voor maximale kostendekking. Om in 2024 de kostendekking op 100% te houden wordt de afvalstoffenheffing verhoogd met 6,79% De directe kosten behorende bij het taakveld afval worden voor 100% toegerekend aan de heffing.

Straatvegen is een activiteit die indirect een bijdrage levert aan de afvalexploitatie, hiervan wordt 25% van de kosten toegerekend. In Krimpen aan den IJssel hangt het tarief af van de omvang van de huishoudens. Voor 2024 bedraagt het tarief onderscheid tussen één- of meerpersoonshuishoudens ruim 76 euro. Dit alles geeft voor 2024 het volgende beeld:

Afvalstoffenheffing

lasten

baten

kostendekking

5.774

5.774

100%

Rioolheffing Bij de Nota Lokale heffingen 2019 is voor de rioolheffing een bandbreedte van kostendekking afgesproken tussen de 90% en 100% dekking. Sinds de begroting 2021 is gekozen voor maximale kostendekking. Om in 2024 de kostendekking op 100% te houden moet de rioolheffing met 5 % worden verhoogd. Daarmee komt de kostendekking op 100%. De directe kosten behorende bij het taakveld riolering worden voor 100% toegerekend aan de heffing. Daarnaast wordt bij de berekening van de kosten voor straatvegen en onkruidbestrijding 25% toegerekend aan de rioolexploitatie en 20% aan het onderhoud aan

binnenwater en beschoeiing. In Krimpen geldt het beleid waarbij sprake is van een rioolheffing in de vorm van een aansluitrecht voor de eigenaar en een afvoerrecht voor de gebruiker. Dit alles geeft voor 2024 het volgende beeld: lasten

baten

kostendekking

4.061

4.061

100%

Rioolheffing

Havengelden In de Nota Lokale heffingen 2019 is besloten dat voor de kostendekking van de havengelden een bandbreedte zal worden gehanteerd van een percentage tussen de 75% en 100%. Toepassing van een verhoging van 8 % is nodig om de kostendekking binnen deze bandbreedte te houden. Een overzicht van de lasten en baten geeft het volgende beeld:

Haven

lasten

baten

kostendekking

101

76

75%

Het bovenstaande kostendekkingspercentage valt binnen de vastgestelde bandbreedte. Marktgelden In de Nota Lokale heffingen 2019 is besloten dat voor de kostendekking van de marktgelden een bandbreedte zal worden gehanteerd van een percentage tussen de 80% en 100%. Toepassing van een verhoging van 3% is voldoende om de kostendekking binnen deze bandbreedte te houden. Een overzicht van lasten en baten geeft voor 2024 het volgende beeld:

Markt

lasten

baten

kostendekking

45

41

90%

Het bovenstaande kostendekkingspercentage valt binnen de vastgestelde bandbreedte . Lijkbezorgingsrechten In de Nota Lokale heffingen 2019 is voor de lijkbezorgingsrechten een bandbreedte in kostendekking vastgesteld tussen de 70% en 80%. Daarnaast is in het bestuursakkoord de keuze gemaakt om een jaarlijks een extra verhoging van de kostendekking van 5% toe te passen. Dit resulteert voor 2024 in een kostendekkingspercentage van 90%. De lijkbezorgingsrechten moeten met 11 % worden verhoogd om de kostendekking in 2024 op 90% te brengen. Dit geeft voor 2024 het volgende beeld:

Lijkbezorging

lasten

baten

kostendekking

726

654

90%

Legesverordening De beleidslijn die bij de bepaling van de leges wordt gehanteerd, is een integrale

kostendekking te bereiken van maximaal 100%. Bij de berekening daarvan vormen de leges voor de omgevingsvergunning de hoofdmoot. Ook vanwege het per jaar wisselende bouwprogramma, zijn de leges omgevingsvergunning voor wat betreft de mate van kostendekking onvoorspelbaar. De overige diensten hebben minder effect op de volledige kostendekking. Nieuw is de splitsing van de huidige activiteit bouwen in bouwactiviteiten en een ruimtelijke toets. Deze splitsing is noodzakelijk door de inwerkingtreding van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. Deze Wet zorgt voor een indeling van bouwwerken in gevolgklassen. Voor bouwwerken in gevolgklasse 2 is de tariefopbouw gelijk aan het tarief in 2023. Voor bouwwerken in gevolgklasse 0 en 1 geldt wettelijk alleen nog het tarief voor de ruimtelijke toets. De huidige kosten zijn naar rato van de verlaging van de verhaalbare lasten verlaagd. Vanaf de inwerkingtreding van de Omgevingswet ontstaat de mogelijkheid leges te heffen voor milieubelastende activiteiten. We gaan vanaf 2024 gebruik maken van deze heffingsmogelijkheid. Ook de provincies hebben besloten hiervoor leges te gaan heffen. De tarieven zijn afgeleid vanuit de kosten die DCMR in rekening brengt voor de milieubelastende activiteiten. Deze kosten zijn als tarief in de tarieventabel 2024 opgenomen..

Hierna volgt een weergave van de kostendekking op onderdelen, gevolgd door de totale kostendekking van de verordening. Dit alles geeft het volgende beeld:

Lasten

Baten

Paragraaf 1.1

Paragraaf Burgelijke stand

51

34

66%

Paragraaf 1.2

Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart

247

201

81%

Paragraaf 1.3

Rijbewijzen

153

130

85%

Paragraaf 1.4

Verstrekkingen in het kader van de basisregistratie persoonsgegevens

6

2

40%

Paragraaf 1.5

Bestuursstukken

Paragraaf 1.6

Vastgoedinformatie

Paragraaf 1.7

Overige publiekszaken

14

5

37%

Paragraaf 1.8

Gemeentearchief

Paragraaf 1.9

Bijzondere wetten

10

24

226%

Paragraaf 1.10

Diversen

Paragraaf 2.1

Algemene bepalingen

Paragraaf 2.2

Voorfase

Paragraaf 2.3

Activiteiten met betrekking tot bouwwerken

816

664

81%

Paragraaf 2.4

Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed

Paragraaf 2.5

Milieubelastende activiteiten

Paragraaf 2.6

Lozingsactiviteiten

Paragraaf 2.7

Aanlegactiviteiten

Paragraaf 2.8

Overige activiteiten

Paragraaf 2.9

Maatwerkvoorschriften

Paragraaf 2.10

Gelijkwaardigheid

Paragraaf 2.11

Overige tarieven

Paragraaf 2.12

Modaliteiten

Paragraaf 2.13

Vermindering

Paragraaf 2.14

Teruggaaf

Paragraaf 3.1

Horeca

Paragraaf 3.2

Seksbedrijven

Paragraaf 3.3

Winkeltijdenwet

Paragraaf 3.4

Organiseren evenement of markt

Paragraaf 3.5

Standplaatsen

Paragraaf 3.6

Kinderopvang

Paragraaf 3.7

In dit hoofdstuk niet benoemd besluit

Totaal

Omschrijving

Kostendekking

40

0%

25

0%

8

0%

11

0%

1

1

68%

1.383

1.061

77%

Lastendruk Op basis van de nieuwe tarieven berekenen we voor een aantal situaties de lastendruk voor 2024. In deze situaties is geen rekening gehouden met een wijziging van de WOZ-waarde van de woning. Deze is moeilijk te voorspellen en niet voor iedereen gelijk. In paragraaf B Weerstandsvermogen en risicobeheersing is het kengetal belastingcapaciteit opgenomen.

Lastendruk 1 persoonshuishouden

Huur/koop

Een woning met een WOZ-waarde van € 250.000, bewoond door 1 persoon; het waterverbruik is 45 m3.

huur

koop

Lastendruk 2 persoonshuishouden

Huur/koop

Een huurwoning met een WOZ-waarde van € 300.000, bewoond door 2 personen het waterverbruik is 90 m3.

huur

koop

Lastendruk meerpersoonshuishouden

Huur/koop

Een huurwoning met een WOZ-waarde van € 350.000, bewoond door meer dan 2 personen het waterverbruik is 150 m3.

huur

koop

Onderdeel Rioolheffing, het gebruikersdeel

2023

2024

% Bedrag effect

72,60

76,19 4,94%

3,59

Afvalstoffenheffing

358,00

382,30 6,79%

24,30

Totale lastendruk per jaar

430,60

458,49 6,48%

27,89

Rioolheffing, het gebruikersdeel

72,60

76,19 4,94%

3,59

Rioolheffing, het eigenarendeel

174,15

183,00 5,08%

8,85

Afvalstoffenheffing

358,00

382,30 6,79%

24,30

Onroerendezaakbelasting

224,00

230,72 3,00%

6,72

Totale lastendruk per jaar

828,75

872,21 5,24%

43,46

Onderdeel

2023

2024

Rioolheffing, het gebruikersdeel

72,60

76,19 4,94%

3,59

Afvalstoffenheffing

393,80

420,53 6,79%

26,73

Totale lastendruk per jaar

466,40

496,72 6,50%

30,32

Rioolheffing, het gebruikersdeel

72,60

76,19 4,94%

3,59

Rioolheffing, het eigenarendeel

174,15

183,00 5,08%

8,85

Afvalstoffenheffing

393,80

420,53 6,79%

26,73

Onroerendezaakbelasting

268,80

276,86 3,00%

8,06

Totale lastendruk per jaar

909,35

956,58 5,19%

47,23

Onderdeel

2023

2024

145,20

152,38 4,94%

Rioolheffing, het gebruikersdeel

% Bedrag effect

% Bedrag effect 7,18

Afvalstoffenheffing

429,60

458,76 6,79%

29,16

Totale lastendruk per jaar

574,80

611,14 6,32%

36,34

Rioolheffing, het gebruikersdeel

145,20

152,38 4,94%

7,18

Rioolheffing, het eigenarendeel

174,15

183,00 5,08%

8,85

Afvalstoffenheffing

429,60

458,76 6,79%

29,16

Onroerendezaakbelasting

313,60

323,01 3,00%

9,41

5,14%

54,60

Totale lastendruk per jaar

1.062,55 1.117,15

Kwijtschelding Inwoners met de laagste inkomens kunnen gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van de lokale lasten krijgen. De rijksoverheid bepaalt in de Invorderingswet de regels hiervoor. Het beleid over de kwijtschelding is verder uitgewerkt in de ´Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2023´ van de gemeente Krimpen aan den IJssel die door de raad is vastgesteld op 15 december 2022. Naar verwachting komen rekening houdend met de ervaringen in voorgaande jaren, globaal 300 huishoudens voor (gedeeltelijke) kwijtschelding in aanmerking. Dit alles geeft voor 2024 het volgende overzicht:

Kwijtscheldingen

Rekening

Begroting

2022

2023

Begroting 2024

Afvalstoffenheffing

114

128

131

Rioolheffing

29

29

31

Totaal kwijtscheldingen

143

157

162

Woonlasten (vergelijking met omliggende gemeenten) Woonlasten (vergelijking met omliggende gemeenten) Het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) geeft inzicht in de woonlasten per gemeente en de posities die de gemeenten ten opzichte van elkaar innemen in Nederland. Hierbij geldt dat nummer 1 de goedkoopste gemeente is. In 2023 staat Krimpen aan den IJssel op plaats 315 van de 352 (deel)gemeenten. In 2022 nam Krimpen aan den IJssel nog een 311e plaats in van de 354 gemeenten. Wat betreft de omringende gemeenten zijn de woonlasten als volgt (peiljaar 2023): Vergelijking woonlasten per gemeente

Netto woonlast

Rangnummer COELO

(duur->goedkoop) Gouda

1148

328

Krimpen aan den IJssel

1116

315

Zuidplas

1006

254

Krimpenerwaard

925

156

Rotterdam

918

148

Capelle aan den IJssel

734

7

Paragraaf B Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Deze paragraaf gaat in op de risico’s, de bijbehorende beheersmaatregelen en de mate waarin de gemeente voldoende buffer heeft om risico’s af te dekken. In de nota weerstandsvermogen en risicobeheersing (2023) is het beleid vastgelegd dat de basis vormt voor de gevolgde werkwijze. Door de complexe samenleving, de veelzijdige gemeentelijke activiteiten en veranderingen in wet- en regelgeving lopen gemeenten veel risico’s. Risico’s zijn onvermijdelijk, maar kunnen wel worden beheerst. In het uiterste geval kan de gemeente risico’s opvangen via de weerstandscapaciteit. De gemeente beschikt over vrij aanwendbare middelen die, wanneer dat nodig is kunnen worden ingezet om dergelijke tegenvallers op te vangen; de weerstandscapaciteit. De benodigde weerstandscapaciteit wordt bepaald door de financiële omvang van de gemeentelijke risico’s te vermenigvuldigen met de ingeschatte kans dat deze risico’s zich ook echt gaan voordoen. De verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit bepaalt of de gemeente voldoende weerstandsvermogen heeft. In de belangrijkste planning- en controldocumenten (kadernota, begroting en jaarrekening) is altijd een geactualiseerd overzicht opgenomen van de belangrijkste risico’s en een analyse van het weerstandsvermogen.

De overzichten geven op hoofdlijnen informatie over

risicobeheersing. Wetgever, toezichthouder en gemeenteraad hechten in toenemende mate belang aan risicobeheersing. Risico's Gedurende het jaar heeft risicobeheersing de doorlopende aandacht. Op de volgende pagina zijn de grootste risico’s opgenomen waaronder ook de risico’s van de verbonden partijen, die direct gevolgen hebben voor de financiën van onze gemeente. De risicobeheersing tot sturing op financiële risico’s vindt plaats door samenwerking, overleg en verantwoording in informatievoorziening. Artikel 15 van BBV schrijft voor om in de begroting de risico’s van de verbonden partijen op te nemen die geheel of gedeeltelijk zijn afgewend op de gemeente Krimpen aan den IJssel. Conform de nota weerstandsvermogen en risicobeheersing 2023 zijn de risico's in kaart gebracht. In deze paragraaf wordt de top 10 van de risico's behandeld. Wat niet in de top 10 risico's is opgenomen maar wel benoemd dient te worden zijn cyberrisico's. Met het steeds meer digitaliseren van dienstverlening, gegevensbeheer en -archivering wordt dit risico groter. Gemeenten zijn ook voor hackers een prooi geworden, zie bijvoorbeeld de gemeenten Buren en Noordenveld. De (financiële) gevolgen van bijvoorbeeld een datalek (boete van Autoriteit Persoonsgegevens) of ransomware (losgeld) zijn moeilijk in te schatten.

Risico's Begroting 2024 GEKWANTIFICEERDE RISICO'S bedragen x 1.000

S / Max Kans Benodigde I kosten op capaciteit bij gevolg gevolg

Beheersmaatregelen

Grondexploitaties 1. MPG2023 Bij de actualisatie van het Meerjaren Perspectief Grondexploitaties (MPG) zijn meerdere risico’s met mogelijke financiële consequenties gedefinieerd en gewogen. Het aantal risico’s is toegenomen doordat de uitvoering van enkele projecten in een vervolgfase is gekomen. Doordat beter zicht is gekomen op de uitvoering kunnen de risico's ook beter worden ingeschat en kunnen gerichte beheersmaatregelen worden ingezet.

I

4.739

div.

1.429 Diverse beheersmaatregelen zijn van toepassing, deze zijn per grondexploitatie geïnventariseerd.

2. Renteontwikkeling S De stijgende rente heeft gevolgen voor de lasten van nog af te sluiten leningen. De omvang van het investeringsprogramma betekent dat zeer waarschijnlijk in 2025 een lening nodig is. Er is rekening gehouden met 3% rente voor een lening van 20 miljoen in 2025. Het risico gaat uit van 4%.

200

75%

150 Afspraken maken met de BNG, de renteontwikkeling volgen, waar mogelijk alternatieve financiering zoeken.

Algemene uitkering / Middelen

Ruimtelijk domein 3. Grote projecten Buitenruimte Kosten kunnen aanzienlijk oplopen in verband met marktwerking bij aanbestedingen en tijdens de uitvoering van projecten. Ook de planning van projecten is een risico. We hebben gezien dat de prijzen en levertijden van allerlei grondstoffen en materialen stijgen. Het zijn inmiddels forse prijsstijgingen en de komende ontwikkeling is niet goed te voorzien.

I

3.000

10%

300 Monitoring en waar nodig anticiperen bij opstellen meerjarenplanning herstraten en riolering.

4. Verwerkingstarief en afvalhoeveelheden Onderdeel van de Dienstverleningsovereenkomst (DVO) met Cyclus

I

300

50%

150 Significante prijschommelingen in 2023 kunnen effect hebben op de prijzen in 2024.

5. Omgevingswet De Omgevingswet vormt de (nieuwe) basis voor een samenhangende benadering van de ‘fysieke’ woon- en leefomgeving. Om de samenhangende benadering verder vorm te geven bevat de wet (nieuwe) instrumenten zoals de Omgevingsvisie, het Omgevingsplan en het Programma. Gemeenten dragen hun eigen invoeringskosten, waaronder investeringen in digitale middelen, veranderkosten, coördinatie en invoeringskosten.

I

600

25%

150 Wij hebben er in eerste instantie voor gekozen om te voldoen aan het overzicht ‘Minimale acties Omgevingswet’ zoals dat door de VNG is opgesteld. Binnen het bestaande budget van het team Omgevingsloket is ruimte gecreëerd om de minimale acties te kunnen uitvoeren

6. Stijgende vraag zorg I Er is (landelijk) sprake van een stijgende vraag naar zorg. Dit heeft effect op zowel de lokale als de regionale budgetten voor jeugdzorg en Wmo.

400

50%

200 Op basis van monitoring wordt bezien in hoeverre er sprake is van een toename in de zorgvraag. Een incidenteel effect kan hiermee worden opgevangen. Structurele verwerking moet plaatsvinden via een begrotingswijziging 2023 op een later moment.

Sociaal Domein

7. Wmo verordening Mogelijk juridische gevolgen als gevolg van de aanpassing van de verordening voor financiële zelfredzaamheid. Dit versus het abonnementstarief. Het ministerie van Volksgezondheid heeft nog niet besloten of het een streep haalt door de Wmo-regels van een aantal gemeenten. Uit verzet tegen de huidige financiële opzet van de Wet maatschappelijke ondersteuning, weegt het lokale bestuur soms het inkomen mee bij hulpvragen van inwoners. Deze praktijk is in strijd met de wet, stelde de vorige zorgminister Hugo de Jonge. Hij dreigde daarom met ingrijpen. Staatssecretaris Van Ooijen, nu verantwoordelijk voor de Wmo, beraadt zich nog op eventuele bestuurlijke stappen.

I

500

50%

250 In afwachting van een eventueel proefproces https://www.gemeente.nu/sociaal/wmo/van-ooijenwacht-nog-met-ingrijpen-in-wmo-regels/

8. Kosten bijstand De inkomsten van de Specifieke uitkering BUIG (Bundeling Uitkering Inkomensvoorzieningen Gemeenten) laat een grillig verloop zien. Mogelijk wijkt het definitief budget voor 2023 sterk af van het voorlopig budget BUIG en nader voorlopig budget BUIG.

S

300

50%

150 Jaarlijks ontvangt de gemeente op 3 momenten een indicatie van het BUIG Budget van het Rijk. Een voorlopig budget, een nader voorlopig budget en een definitief budget. Het is gebruikelijk de opgave van het Rijk te volgen. De bedragen op deze 3 momenten in één begrotingsjaar fluctueren aanzienlijk. Daarnaast is er sprake van extra onzekerheid als gevolg van de nawerking van coronaeffecten. Ook de huidige financiële ontwikkelingen als gevolg van de effecten van de oorlog in Oekraïne en de hoge inflatie wegen mee. Daarom wordt als beheersmaatregel voorgesteld een risico te benoemen in de paragraaf weerstandvermogen.

9. GR Jeugdhulp Rijnmond De 2e Burap van de GRJR laat een forse overschrijding zien om perceel B als gevolg van de overgang van intramurale zorg naar alternatieve jeugdzorgvoorzieningen. Het effect is mogelijk nog groter dan waar rekening mee wordt gehouden in de begroting 2024.

S

300

50%

150 Er vindt monitoring plaats. Eventuele afwijkingen worden meegenomen in een begrotingswijziging en zo nodig structureel verwerkt.

Situatie jeugdhulp+ ontwikkelingen op regionaal en landelijk niveau

S

300

50%

150 Er wordt gewerkt aan een continuïteitsplan/ voorkomen herstelplan voor respectievelijk Schakenbosch en Ihub. Er is regionaal een liquiditeitsborg gesteld voor Ihub. Voor wat betreft een verschuiving in vraag naar jeugdhulp, wordt steeds op basis van de meest reële informatie de begroting bijgesteld.

Er wordt vanaf 2025 structureel rekening gehouden met S een taakstelling van totaal € 625.000 op jeugdzorg. Er wordt gewerkt aan maatregelen om de taakstelling in te vullen vanaf 2025.

625

25%

156 Wanneer de maatregelen onvoldoende blijken wordt de begrotng structureel bijgesteld via een begrotingswijziging.

Verbonden partijen Risico's die geheel of gedeeltelijk afgewend kunnen worden op de gemeente (verbonden partijen).

I

-

I/S

5.450

-

Overige risico's Risico's die niet binnen de top 10 vallen. TOTAAL

16.714

div.

1.389 4.624

Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit betreft de middelen waarover de gemeente kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. In hoofdzaak bestaat de weerstandscapaciteit uit drie onderdelen: • reserves (eigen vermogen); • onbenutte belastingcapaciteit; • post onvoorziene lasten.

Reserves Van de reserves worden de algemene reserve, de algemene reserve bouwgrondexploitatie, de vrije reserve en bestemmingsreserves die een relatie tot de risico's hebben tot de weerstandscapaciteit gerekend. Dat wil zeggen dat de benodigde reservemiddelen voor al genomen besluiten in principe niet meetellen voor de weerstandscapaciteit. Algemene reserve De hoofdfunctie van de algemene reserve is het vormen van een buffer vanwege risico’s. In de nota weerstandsvermogen en risicobeheersing is vastgelegd dat de bodem en het plafond van deze reserve gerelateerd wordt aan de omvang (lasten) van de begroting en de weerstandsratio. Als bodem: a) 5% van de omvang van de begroting b) Indien weerstandsratio onder de 1,0 dreigt te komen. Als plafond wordt 10% van de omvang van de begroting aangehouden. Indien de weerstandsratio onder de 1,0 dreigt te komen, komt het college met voorstellen om dit te herstellen. Indien de algemene reserve boven het plafond komt wordt het surplus in de Vrije Reserve gedoteerd. Bij het opstellen van deze begroting blijft de algemene reserve binnen de bandbreedte. Reserve grondexploitatie De belangrijkste functie van de reserve grondexploitatie is de dekking van verliesgevende ruimtelijke projecten. De totale omvang van de reserve telt mee als buffer voor de risico's, zolang er geen besluit is over de inzet van middelen voor specifieke grexen.

Onbenutte belastingcapaciteit De onbenutte belastingcapaciteit heeft betrekking op de vier belangrijkste eigen inkomsten van de gemeente: de onroerende zaakbelasting (ozb), de afvalstoffenheffing, de rioolheffing en de leges, voor zover deze niet al ‘maximaal’ of kostendekkend zijn. De ozb is niet gemaximeerd en biedt dus in principe ruimte. Een belangrijk standpunt van de raad en het college is echter dat lastenstijging voor de burger zo veel mogelijk wordt beperkt. Het rekenen met onbenutte belastingmogelijkheden past niet in dat beeld. Daarom is de onbenutte belastingcapaciteit vanwege de ozb op € 0 gesteld. De afvalstoffenheffing en de rioolheffing zijn in deze begroting volledig kostendekkend opgenomen. Er resteert dus geen onbenutte belastingcapaciteit op die heffingen. De onderdekking op de totale leges die de gemeente in rekening brengt is niet eenvoudig in beeld te brengen. Het legespakket is zeer divers en er is nauwelijks op de opbrengsten te sturen. Ook voor dit onderdeel wordt daarom geen onbenutte belastingcapaciteit opgenomen. In de paragraaf lokale heffingen wordt op de kostentoerekening en kostendekkendheid van tarieven ingegaan. De kaders voor de kostendekking van de diverse leges en heffingen zijn vastgelegd in de nota lokale heffingen 2019. Post onvoorziene lasten en saldo begroting In de begroting wordt een (verplichte) raming onvoorziene lasten opgenomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13413944/7