CConstaterende datKerkrade
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3a Woningbehoefteonderzoek Parkstad Limburg 2025

Openbare informatiebijeenkomst 2 september 2025, gemeente Kerkrade30.230 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

2015 Brunssum

2016

2017

Heerlen

2018

2019

Kerkrade

2020

Landgraaf

2021

2022

Simpelveld

2023 Voerendaal

Bron: CBS Statline (2024, cijfers 2014-2023). Bewerking Stec Groep (2024)

Met name koopwoningvoorraad tot € 240.000 sterk teruggelopen in afgelopen vijf jaar Met name voor startende huishoudens met een laag inkomen is de markt steeds krapper geworden. We zien dat deze doelgroepen op dit moment (medio 2024) een maximale hypotheek van € 240.000 kunnen afsluiten. Dit prijssegment is in de periode 2019-2023 teruggelopen van 77% van de koopwoningvoorraad naar 44%. Dit betekent dat deze doelgroepen steeds vaker zijn aangewezen op een huurwoning of meer vermogen moeten opbouwen om de koopwoningmarkt te kunnen betreden.

24

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Figuur 16: Ontwikkeling koopwoningvoorraad naar WOZ-waardeklassen in de regio Parkstad Limburg, 2019-2023

60.000 50.000 40.000 30.000 20.000 10.000 0 Tot € 240.000

€ 240.000 tot € 295.000

€ 295.000 tot € 355.0000

2019

€ 355.000 tot € 600.000

2021

Meer dan € 600.000

2023

Bron: CBS Microdata (2024). Bewerking Stec Groep (2024).

Hoge marktdruk in prijssegment tot € 390.000 We zien dat momenteel 69% van de te koop staande woningen in de regio Parkstad Limburg een vraagprijs lager dan € 390.000 heeft. Dit is beduidend minder dan de omvang van dit segment volgens de indeling naar WOZ-waarden uit 2023. Het aandeel verkochte woningen in dit segment is beduidend hoger. Dit is ook terug te zien in een lager aanbodratio. Dit kan er op duiden dat de marktdruk op het betaalbare segment hoger is waardoor dit type woning sneller verkocht wordt en dus minder lang te koop wordt aangeboden. In vergelijking met heel Nederland zien we dat het aanbodratio landelijk langer laag blijft. Dit duidt erop dat landelijk gezien de marktdruk nog hoog is tot bijvoorbeeld € 600.000. In Parkstad Limburg is het aanbodratio bij een bedrag hoger dan € 450.000 al veel hoger. In totaal ligt het aanbodratio in Parkstad Limburg (40%) in de buurt van het landelijke aandeel (35%). Dit komt door de relatief grote betaalbare voorraad. Hierdoor heeft een groter deel van het aanbod in Parkstad Limburg te maken met een hogere marktdruk.

Tabel 3: Huidig aanbod te koop (augustus 2024) en verkochte woningen (2023-2024) Prijsklassen

Te koop aug. ‘24

Verkocht aug. ’23‘24

%

%

Totaal

%

Aanbodratio* Park

Neder

stad Limburg

land

Tot € 240K

314

31%

1.091

43%

1.405

40%

29%

22%

€ 240K tot € 295K

183

18%

443

18%

626

18%

41%

24%

€ 295K tot € 390K

206

20%

559

22%

765

22%

37%

30%

€ 390K tot € 450K

75

7%

162

6%

237

7%

46%

31%

€ 450K tot € 600K

134

13%

173

7%

307

9%

77%

40%

Meer dan € 600K

94

9%

92

4%

186

5%

102%

58%

1.006

100%

2.520

100%

3.526

100%

40%

35%

Totaal

Bron: Funda (augustus 2024). Bewerking: Stec Groep (2024). Verkoop afgelopen jaar. *Aandeel te koop staande woningen ten opzichte van het totaal aantal verkochte woningen in afgelopen jaar. Een lager percentage betekent hogere dynamiek.

25

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Transactieprijzen weer sterk toegenomen met 9,7% in afgelopen jaar Afgelopen jaar was de gemiddelde transactieprijs van een woning in de COROP-regio Zuid-Limburg € 329.000. Dit is duidelijk lager dan de betaalbaarheidsgrens, maar wel hoger dan het bedrag waarvoor middeninkomens een hypotheek kunnen afsluiten.

Tabel 4: NVM-transactiegegevens COROP-regio Zuid-Limburg, Q2 2024 Transacties

Gem. transactieprijs

Tussenwoning

136

€ 258.000

Hoekwoning

109

2-onder-1 kap

Gem. transactieprijs per m²

%-ontw. per m2 Q2 ’23 - Q2 ‘24

Verkooptijd (dagen)

€ 2.405

12,2%

27

€ 310.000

€ 2.845

16,3%

27

189

€ 331.000

€ 2.805

10,5%

28

Vrijstaand

122

€ 502.000

€ 3.055

10,0%

43

Appartement

143

€ 261.000

€ 3.000

0,8%

28

Totaal

698

€ 329.000

€ 2.815

9,7%

30

Bron: NVM (2024). Bewerking Stec Groep (2024). Kolom 3 afgerond op € 100. Kolom 4 afgerond op € 5.

4.3 Woonsituatie huishoudens Bepaling inkomensgrenzen op basis van toewijzingsregels sociale huurwoningen De inkomensgrenzen in dit woningbehoefteonderzoek zijn gekozen op basis van de toewijzingsregels voor sociale huurwoningen, welke per 1 januari 2022 zijn aangepast en geïndexeerd. In onderstaand overzicht zijn de inkomensgrenzen per 1 januari 2024 gegeven. Historische gegevens worden geïndexeerd naar de toenmalige situatie op basis van de huidige grensbepaling. • Lage inkomens met passend toewijzen (primaire doelgroep corporaties): deze huishoudensgroep behoort tot de doelgroep van de sociale huur. Bij 95% van de woningen die corporaties toewijzen aan huishoudens met een inkomen onder de grens voor huurtoeslag (passend toewijzen) moet de kale huur onder de zogenoemde aftoppingsgrens liggen. Voor eenpersoonshuishoudens geldt een inkomensgrens van € 27.725 en voor meerpersoonshuishoudens een inkomensgrens van € 37.625. De inkomensgrens voor ouderen ligt iets lager (€ 27.225 / € 36.675). • Lage inkomens zonder passend toewijzen (secundaire doelgroep corporaties): deze huishoudensgroep behoort ook tot de doelgroep van de sociale huur. In principe moeten corporaties vanaf 2022 92,5% van de woningen toewijzen aan de doelgroep (lage inkomens). Dit betekent dat 7,5% vrij mag worden toegewezen.

Indien hierover afspraken zijn gemaakt met de gemeente en de huurdersorganisatie mogen corporaties tot maximaal 15% vrij toewijzen en 85% aan de doelgroep toewijzen. Eenpersoonshuishoudens in de doelgroep van sociale huur mogen maximaal een inkomen van € 44.035 hebben en meerpersoonshuishoudens een inkomen van maximaal € 48.625. Voor deze doelgroep geldt dat ze niet een passende woning voor huurtoeslag toegewezen hoeven te krijgen. • Middeninkomens: er is geen vaste inkomensgrens voor middeninkomens. In dit onderzoek gaan we uit van een maximaal inkomen van € 66.000 per huishouden. Dit is in 2024 gelijk aan ongeveer een huishoudensinkomen van 1,5 keer modaal. • Hoge inkomens tot betaalbaarheidsgrens: alle huishoudens met een inkomen van 1,5 keer modaal tot het inkomen waarvoor een hypotheek ten hoogte van de betaalbaarheidsgrens kan worden afgesloten. Dit zijn huishoudens met een inkomen van € 66.000 tot € 78.500 in 2024. • Hoogste inkomens: alle huishoudens die een hogere maximale hypotheek kunnen afsluiten dan de betaalbaarheidsgrens. Dit zijn huishoudens met een inkomen van € 78.500 of hoger in 2024.

26

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Relatief veel huishoudens met een laag inkomen in de regio Parkstad Limburg In Parkstad Limburg wonen relatief weinig huishoudens die tot de primaire doelgroep van woningcorporaties behoren (lage inkomens met passend toewijzen). Waar in heel Nederland 37% van de huishoudens tot deze doelgroep behoort, is dit in regio Parkstad Limburg 33%. Daarentegen zien we dat er juist relatief veel huishoudens (23%) tot de secundaire doelgroep behoren (lage inkomens zonder passend toewijzen) ten opzichte van het aandeel in Nederland (15%). De mensen die behoren tot deze tweede doelgroep kunnen in Parkstad Limburg relatief vaak een koopwoning kopen. In veel andere delen van Nederland zijn zij daarentegen gewezen op een huurwoning, wanneer ze nog niet de koopwoningmarkt hebben betreden. Verder wonen er relatief veel huishoudens met een middeninkomen en relatief weinig huishoudens met een hoog inkomen in Parkstad Limburg.

Tabel 5: Huishoudens naar inkomensgroep, 2022 Inkomensgroep

Regio Parkstad Limburg

Nederland

Lage inkomens met passend toewijzen (tot € 27.725 / € 37.625)

41.310

2.940.575

(33%)

(37%)

Lage inkomens zonder passend toewijzen

28.425

(€ 27.725 / € 37.625 tot € 47.699 / € 52.671)

(23%)

1.191.460 (15%)

Middeninkomens (€ 47.699 / € 52.671 tot € 66.000)

16.495

908.820

(13%)

(11%)

Hoge inkomens tot betaalbaarheidsgrens

11.290

768.905

(9%)

(10%)

25.815

2.126.370

(32%)

(27%)

123.335*

7.936.130

(100%)

(100%)

(€ 66.000 tot € 78.500) Hoogste inkomens (> € 78.500) Totaal

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2022). Bewerking Stec Groep (2024). *Van 2% van de huishoudens in Parkstad Limburg is het inkomen onbekend.

Duidelijke verschillen tussen gemeenten, meeste lage inkomens in Heerlen en Kerkrade We zien duidelijke verschillen terug in de inkomensverdeling van huishoudens tussen de gemeenten. Zo wonen in Heerlen (62%) en Kerkrade (61%) relatief gezien de meeste huishoudens met een laag inkomen en in Beekdaelen (45%) en Voerendaal (44%) de minste huishoudens met een laag inkomen. Het landelijk gemiddelde (52%) bevindt zich dus tussen deze uitersten in.

27

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Figuur 17: Inkomensgroepen per gemeente, 2022 0% Beekdaelen Brunssum

20%

40%

25%

60%

20%

13%

33%

80%

11%

24%

100%

32%

14%

10%

19%

Heerlen

39%

23%

13%

8%

17%

Kerkrade

36%

25%

13%

9%

17%

Landgraaf

30%

Simpelveld

27%

Voerendaal Parkstad Limburg

23%

14%

23%

23%

14%

21%

13%

33%

11% 10%

33%

13%

Lage inkomens met passend toewijzen Middeninkomens Hoogste inkomens

26%

10%

23%

23%

9%

21%

Lage inkomens zonder passend toewijzen Hoge inkomens tot betaalbaarheidsgrens

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2022). Bewerking Stec Groep (2024).

Huishoudenssamenstelling cruciaal voor huishoudensinkomen Onderscheid makend naar verschillende doelgroepen op basis van huishoudenssamenstelling en inkomen zien we dat met name de samenstelling cruciaal is voor het huishoudensinkomen. Stellen bestaan tegenwoordig namelijk voor een groot deel uit tweeverdieners. Dit zorgt ervoor dat stellen voor meer dan de helft uit huishoudens bestaan met een hoog inkomen. Dit terwijl minder dan 10% van de alleenstaanden een hoog inkomen heeft. Wanneer we kijken naar verschillen tussen leeftijdsklassen, dan valt op dat huishoudens tot 55 jaar een hoger inkomen hebben dan huishoudens ouder dan 55 jaar.

0%

20%

40%

60%

Alleenstaand <35 jaar

39%

40%

Alleenstaand 35 tot 55 jaar

43%

32%

Alleenstaand 55 tot 75 jaar Stel zonder kinderen <35 jaar Stel zonder kinderen 35 tot 55 jaar Stel zonder kinderen 55 tot 75 jaar

10%

10%

11%

Stel zonder kinderen >75 jaar Stel met kinderen

12%

10%

15%

19%

15% 20%

19%

33% Lage inkomens met passend toewijzen Middeninkomens Hoogste inkomens

17%

8% 4%5% 26%

21% 9% 13% 23% Lage inkomens zonder passend toewijzen Hoge inkomens tot betaalbaarheidsgrens

Figuur 18: Inkomensgroepen per huishoudenstype, 2022 Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2022). Bewerking Stec Groep (2024).

7% 8%

49%

16%

68%

Totaal

32%

15% 33%

14%

7%1%1%

47%

16% 18%

38%

Eenouder Overig

16% 18%

17%

12% 3%4% 45%

21%

16%

3%2%

5% 5%

15% 36%

55% 8%

100% 16%

31%

50%

Alleenstaand >75 jaar

80%

28

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Voldoende passende woningen voor huishoudens met laag of middeninkomen We zien dat er op dit moment nog voldoende passende woningen zijn voor huishoudens met een laag of middeninkomen in de regio Parkstad Limburg. Dat beeld is anders dan in veel andere delen van Nederland. Dit komt zowel door een relatief goedkope huurwoningvoorraad als koopwoningvoorraad. Of dit ook in de toekomst standhoudt is afhankelijk van de prijsontwikkelingen op de huur- en koopwoningmarkt. Daaruit blijkt wel dat in ieder geval de koopwoningmarkt het afgelopen jaar krapper is geworden voor huishoudens met een lager inkomen (zie paragraaf 3.2). Desondanks verwachten we dat bij doorstroming op de woningmarkt de komende tijd relatief veel woningen voor startende huishoudens met een laag of middeninkomen beschikbaar zullen komen.

Tabel 6: Betaalbaarheidsgrenzen en omvang woningvoorraad naar prijsklasse regio Parkstad Limburg Inkomensgroep

Betaalbare klasse huur en koop

Lage inkomens met passend toewijzen (tot € 27.725 / € 37.625)

Koop: tot € 170.000 Huur: tot € 650,53 / € 697,07

41.310

Lage inkomens zonder passend toewijzen

Koop: € 170.000 € 240.000 Huur: € 650,53 -

28.425

(€ 27.725 / € 37.625 tot € 47.699 / € 52.671) Middeninkomens (€ 47.699 / € 52.671 tot € 66.000)

Aantal huishoudens

Passende huurwoningen

Passende koopwoningen

Aandeel passend

39.385

8.000

115%

5.620

22.975

101%

3.050

15.075

110%

825

14.590

137%

75

10.565

41%

(33%)

(23%)

€ 879,66 Koop: € 240.000 –

16.495

€ 295.000

(13%)

Huur: € 879,66 € 1.157,95

Hoge inkomens tot betaalbaarheidsgrens (€ 66.000 tot € 78.500)

Hoogste inkomens (> € 78.500)

Koop: € 295.000 –

11.290

€ 390.000

(9%)

Huur: € 1.157,95 – € 1.300 Koop: > € 390.000

25.815 (32%)

Huur: > € 1.300 Bron: Hypotheker.nl, CBS Microdata (2024, cijfers 2022). Bewerking Stec Groep (2024). *Huurprijzen van particuliere woningen betreft deels een inschatting door het CBS.

Met name jongeren met een laag inkomen hebben koopwoningmarkt nog niet betreden De mate waarin krapte ontstaat in het betaalbare segment is sterk afhankelijk van de mate waarin huishoudens met een laag inkomen al in een koopwoning wonen. Zij nemen dan immers de (over)waarde op hun woning mee als zij een volgende stap op de woningmarkt willen zetten. Vaak kunnen zij hierdoor in een ander prijssegment zoeken dan starters of doorstromers vanuit de huurwoningmarkt met een vergelijkbaar inkomen. In totaal woont 30% van de huishoudens met een laag inkomen met passend toewijzen in een koopwoning. In heel Nederland is dit percentage vergelijkbaar (31%). Voor lage inkomens zonder passend toewijzen is dit in Parkstad Limburg 56%. Een groot deel van hen heeft de afgelopen jaren waarschijnlijk

29

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

geprofiteerd van de stijging van de koopwoningprijzen en zal bij verkoop van hun huidige woning van overwaarde gebruik kunnen maken. Het valt op dat met name oudere huishoudens met een laag inkomen in een koopwoning wonen. Dit komt doordat zij de koopwoningmarkt hebben kunnen betreden in een tijd dat de prijzen veel lager lagen en de koopwoningen voor hen beter bereikbaar waren. Jongere huishoudens wonen daarentegen vaker in een huurwoning. Dit kan overigens ook te maken hebben met hun levensfase (meer flexibiliteit). In Parkstad Limburg zien we namelijk dat er ook nog redelijk veel woningen worden aangeboden die passend zijn voor huishoudens met een laag inkomen (zie tabel 1).

Tabel 7: Woonsituatie huishoudens met laag inkomen (met en zonder passend toewijzen) per huishoudenstype in de regio Parkstad Limburg Huishoudenstype

Koop (%)

Tot aftoppingsgrens (%)

Aftoppingsgrens tot liberalisatiegrens (%)

Middenhuur (%)

Dure huur (%)

Alleenstaand <35 jaar

24%

65%

8%

3%

1%

Alleenstaand 35 tot 55 jaar

31%

61%

6%

2%

0%

Alleenstaand 55 tot 75 jaar

35%

59%

4%

1%

0%

Alleenstaand >75 jaar

38%

53%

4%

3%

1%

Stel zonder kinderen <35 jaar

32%

50%

10%

7%

0%

Stel zonder kinderen 35 tot 55 jaar

50%

42%

6%

2%

0%

Stel zonder kinderen 55 tot 75 jaar

63%

32%

4%

1%

0%

Stel zonder kinderen >75 jaar

58%

35%

4%

2%

1%

Stel met kinderen

55%

45%

0%

0%

0%

Eenouder

30%

64%

5%

1%

0%

Totaal

41%

53%

4%

2%

0%

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2022). Bewerking Stec Groep (2024).

Deel midden- en hoge inkomens bezet sociale huurwoningen We zien dat een deel van de huishoudens met een midden- of hoog inkomen nog in een woning tot de liberalisatiegrens woont. Dat zijn woningen die eigenlijk bedoeld zijn voor huishoudens met een laag inkomen. Indien de markt voor huishoudens met een laag inkomen beperkter wordt, kan dit reden zijn om doorstroming van deze doelgroepen te stimuleren.

Tabel 8: Woonsituatie naar inkomensgroepen in de regio Parkstad Limburg Inkomensgroep

Koop (%)

Tot aftoppingsgrens (%)

Aftoppingsgrens tot liberalisatiegr ens (%)

Middenhuur (%)

Dure huur (%)

30

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Lage inkomens met passend toewijzen

30%

64%

4%

1%

0%

Lage inkomens zonder passend toewijzen

56%

36%

5%

3%

1%

Middeninkomens

75%

18%

3%

3%

1%

Hoge inkomens

90%

6%

1%

2%

1%

Totaal

60%

34%

3%

2%

1%

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2022). Bewerking Stec Groep (2024).

Meer dan de helft van alleenstaanden woont in huursegment Wanneer we de doelgroepen uitsplitsen naar hun woonsituatie dan valt op dat met name alleenstaanden vaak in een huurwoning wonen. Dit komt doordat zij vaker een laag inkomen hebben. Ze hebben immers maar één inkomensbron. De beperkte huishoudensomvang van veel huishoudens met een lager inkomen betekent mogelijk wel iets voor het gewenste woningtype voor deze doelgroep. Een kleinere, en daarmee betaalbare woning, kan dan passend zijn. Dit biedt zowel mogelijkheden voor compacte betaalbare huur- als koopwoningen. Verder valt op dat alleenstaanden en stellen ouder dan 55 jaar vaak in een koopwoning wonen, ondanks dat zij vaker een lager inkomen hebben. Zij profiteren daarmee van de waardestijging die koopwoningen hebben doorgemaakt en zij zijn daarmee mogelijk ook kapitaalkrachtiger bij een verhuizing dan op basis van hun inkomen wordt vermoed.

Tabel 9: Woonsituatie naar doelgroep in de regio Parkstad Limburg Doelgroepen

Koop (%)

Tot aftoppingsgrens (%)

Aftoppingsgrens tot liberalisatiegrens (%)

Middenhuur (%)

Dure huur (%)

Alleenstaand <35 jaar

31%

57%

8%

4%

1%

Alleenstaand 35 tot 55 jaar

42%

49%

5%

2%

1%

Alleenstaand 55 tot 75 jaar

43%

51%

4%

2%

0%

Alleenstaand >75 jaar

42%

49%

4%

4%

1%

Stel zonder kinderen <35 jaar

65%

21%

7%

7%

0%

Stel zonder kinderen 35 tot 55 jaar

78%

16%

3%

3%

0%

Stel zonder kinderen 55 tot 75 jaar

80%

16%

2%

1%

0%

Stel zonder kinderen >75 jaar

67%

26%

3%

3%

1%

Stel met kinderen

84%

16%

0%

0%

0%

Eenouder

39%

55%

4%

1%

0%

Totaal

60%

34%

3%

2%

1%

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2022). Bewerking Stec Groep (2024).

31

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

5. Demografie en verhuizingen Demografische ontwikkelingen hebben een grote invloed op de woonwensen en dus opgaven van de toekomst. In dit hoofdstuk brengen we daarom op regioniveau, met uitsplitsingen naar gemeenteniveau, de ontwikkeling van het aantal personen en huishoudens in beeld. Dit doen we inclusief onderliggende ontwikkelingen zoals vergrijzing, huishoudensverdunning en (binnenlandse en buitenlandse) migratiestromen. Dit vormt de basis voor de doorkijk naar de toekomst.

5.1 Demografische ontwikkeling Vanaf 2015 afname van -990 inwoners en toename van +1.475 huishoudens in de regio Parkstad Limburg Sinds 2015 is het aantal inwoners van de regio Parkstad Limburg in totaal met -990 personen afgenomen. Daartegenover staat juist een groei van +1.475 huishoudens. Dit duidt op een huishoudensverdunning. Verder zien we dat zowel het aantal inwoners als huishoudens in 2023 sterker is toegenomen.

Figuur 19: Inwonersontwikkeling (linker as) en huishoudensontwikkeling (rechter as) 261.000

127.500

260.000

127.000

259.000

126.500

258.000

126.000

257.000

125.500

256.000

125.000

255.000

124.500

254.000

124.000 123.500

253.000 2015

2016

2017

2018

2019

Inwoners

2020

2021

2022

2023

Huishoudens

Bron: CBS (2024, cijfers 2014-2023). Bewerking Stec Groep (2024).

Vergrijzing en huishoudensverdunning belangrijkste demografische trends Sinds 2015 zien we dat met name een afname van het aantal 35 tot 55-jarigen heeft gezorgd voor een dalend aantal inwoners. Het aantal 75+’ers steeg in dezelfde periode juist fors. Dit komt grotendeels doordat jongere doelgroepen simpelweg ouder zijn geworden. De vergrijzing van Parkstad Limburg is daarmee dus al duidelijk zichtbaar in de inwonersontwikkeling. Als we kijken naar de

32

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

huishoudensontwikkeling, dan valt op dat de volledige huishoudensgroei veroorzaakt wordt door een toename van het aantal alleenstaanden in Parkstad Limburg (+12%). Zowel het aantal stellen als gezinnen nam niet toe. Deze huishoudensverdunning zorgt er dan ook voor dat het aantal huishoudens kon toenemen, terwijl het aantal inwoners afnam in de regio.

Figuur 20: Inwoners naar leeftijdsklassen (links) en huishoudens naar samenstelling (rechts) op regioniveau, periode 2014-2023 60.000

90.000 80.000

50.000

70.000

40.000

60.000 50.000

30.000

40.000

20.000

30.000 20.000

10.000

10.000

0

0

<15 jaar 55-75 jaar

15-35 jaar >75 jaar

35-55 jaar

Alleenstaanden

Stellen

Gezinnen

Bron: CBS (2024, cijfers 2014-2023). Bewerking Stec Groep (2024).

Weinig verschil in leeftijden, maar meer in huishoudenssamenstelling tussen gemeenten Wanneer we de huidige bevolking van de gemeenten in de regio met elkaar vergelijken, dan valt op dat deze op basis van leeftijdsklassen niet veel van elkaar verschillen. In alle gemeenten is de leeftijdsgroep 55 tot 75 jaar duidelijk de grootste. Zij zullen in de nabije toekomst zorgen voor extra vergrijzing. Wat betreft huishoudenssamenstelling zien we meer verschillen. Zo zien we dat relatief veel alleenstaanden in Heerlen en Kerkrade wonen en stellen juist vaak in Beekdaelen, Simpelveld en Voerendaal. Dit hangt ook samen met het type bebouwing en het woonmilieu van deze gemeenten.

33

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Figuur 21: Verdeling van inwoners naar leeftijdsklassen op gemeenteniveau, 2024 0%

20%

40%

60%

80%

100%

Beekdaelen

13%

19%

23%

31%

13%

Brunssum

12%

20%

24%

31%

13%

Heerlen

13%

23%

Kerkrade

12%

20%

24%

31%

12%

Landgraaf

13%

20%

24%

32%

12%

Simpelveld

12%

19%

23%

31%

15%

Voerendaal

14%

18%

22%

31%

14%

Parkstad Limburg

13%

20%

<15 jaar

15-35 jaar

11%

29%

24%

12%

30%

24% 35-55 jaar

55-75 jaar

>75 jaar

Bron: CBS (2024, cijfers 2023). Bewerking Stec Groep (2024).

Figuur 22: Verdeling van huishoudens naar samenstelling op gemeenteniveau, 2023 0% Beekdaelen Brunssum

20%

40%

31%

60% 36%

40%

Heerlen

31% 27%

42%

100%

32%

47%

Kerkrade

80%

31%

29% 26% 27%

Landgraaf

36%

34%

30%

Simpelveld

35%

36%

29%

Voerendaal Parkstad Limburg

31%

37%

41% Alleenstaanden

33% 31%

Stellen

28% Gezinnen

Bron: CBS (2024, cijfers 2023). Bewerking Stec Groep (2024).

Positievere bevolkingsontwikkeling veroorzaakt door migratie, daartegenover staat natuurlijke krimp De inwonerskrimp in de regio Parkstad Limburg is in 2022 een halt toegeroepen. Dit kwam door een hoge instroom van buitenlandse migranten, met name als gevolg van de oorlog in Oekraïne. In 2023 zagen we daarna echter al weer een lichte krimp terug. Dit komt doordat de natuurlijke krimp in de regio Parkstad Limburg zeer fors is en ook nog verder toeneemt als gevolg van vergrijzing. Er worden door deze vergrijzing namelijk minder kinderen geboren dan dat er mensen overlijden. Om dan alsnog een positieve bevolkingsontwikkeling door te maken is een positieve migratie-instroom noodzakelijk. Dit lukt de laatste jaren beter dan voorheen. Met name de omslag van binnenlandse verhuizingen is opvallend. Voorheen was het binnenlands migratiesaldo negatief, maar sinds 2017 is dit omgeslagen naar een positief saldo. Mogelijk hangt dit samen met de relatief goedkope woningvoorraad van de regio, die elders in Nederland nauwelijks aanwezig is. Huishoudens met een laag- of middeninkomen kunnen hierdoor bijvoorbeeld in de regio Parkstad Limburg nog een woning kopen, terwijl dit elders niet kan.

34

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Figuur 23: Bevolkingsontwikkeling per jaar, regio Parkstad Limburg, periode 2014-2023 2.500 2.000 1.500 1.000 500 0 -500 -1.000 -1.500 -2.000 -2.500 2014

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Natuurlijke ontwikkeling (geboorte - sterfte)

Binnenlands migratiesaldo

Buitenlands migratiesaldo

Totale bevolkingsontwikkeling

2023

Bron: CBS (2024, cijfers 2018-2022). Bewerking Stec Groep (2024).

5.2 Verhuizingen op hoofdlijnen In deze paragraaf kijken we naar alle verhuizingen van en naar de regio Parkstad Limburg. Vervolgens splitsen we het totaal aantal verhuizingen op per paragraaf in buitenlandse, binnenlandse en binnen-regionale verhuizingen. 45% van alle verhuizingen vindt binnengemeentelijk plaats Rekening houdend met alle verhuizingen, vindt 45% binnengemeentelijk plaats. Het hoogste aandeel binnengemeentelijke en binnen-regionale verhuizingen zien we in Brunssum (77%) en Landgraaf (80%). Veruit het merendeel van de huishoudens die verhuizen naar één van deze twee gemeenten komt dus uit de regio Parkstad Limburg. De gemeenten Beekdaelen (32%), Simpelveld (26%) en Voerendaal (25%) kennen de meeste buiten-regionale verhuizingen. Dit komt ook doordat deze gemeenten zich aan de randen van Parkstad Limburg bevinden en buurgemeenten dus deels geen onderdeel zijn van de regio. In Kerkrade zien we het grootste aandeel buitenlandse verhuizingen terug. Dit komt door de ligging van de gemeente Kerkrade aan de grens met Duitsland.

Figuur 24: Verdeling inkomende verhuizingen naar migratietype per gemeente, 2018-2022 0% Beekdaelen Brunssum

20%

40%

60%

8% 16%

33%

44%

100%

32%

26%

34%

80%

8%

Heerlen

49%

21%

19%

11%

Kerkrade

45%

26%

16%

14%

Landgraaf

43%

Simpelveld Voerendaal Parkstad Limburg Binnen-gemeente

26%

26%

39%

33%

35% 45% Binnen-regionaal

13%

37%

26% Buiten-regionaal

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2022). Bewerking Stec Groep (2024).

7% 9%

25%

7%

19%

10% Buitenlands

35

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Met name alleenstaanden en stellen tot 55 jaar verhuizen vaker buiten-regionaal Onderscheid makend naar huishoudenstypen valt op dat dat alleenstaanden en stellen tot 55 jaar relatief vaak van buiten de eigen regio komen. Dit komt onder andere door arbeidsmigratie uit het buitenland, maar ook vanuit andere gemeenten in Nederland zien we relatief veel verhuizingen terug bij deze huishoudenstypen. Ouderen verhuizen juist relatief vaak binnen de eigen regio.

Figuur 25: Verdeling inkomende verhuizingen naar migratietype per doelgroep, 2018-2022 0%

20%

40%

A&S <35 jaar

60%

80%

11% 4%

85%

Binnen-regionaal

9%

19%

72%

A&S 75 jaar en ouder

17%

20%

64%

A&S 55 tot 75 jaar

10%

15%

75%

A&S 35 tot 55 jaar

14%

19%

66%

Gezinnen

100%

Buiten-regionaal

Buitenlands

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2022). Bewerking Stec Groep (2024). A&S = alleenstaanden en stellen.

Weinig verschil in inkomen tussen binnen-regionale en buiten-regionale verhuizers uit Nederland Onderscheid makend naar inkomen zien we weinig verschil in inkomende verhuizingen uit de eigen regio en verhuizingen vanuit een andere gemeente in Nederland. Van buitenlandse verhuizingen is het inkomen bij instroom vaak nog onbekend. In totaal heeft circa 63% van de instromende huishoudens een laag inkomen.

Figuur 26: Verdeling inkomende verhuizingen naar inkomensklassen, 2018-2021 0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

80%

90%

Binnen-regionaal

64%

12%

24%

Buiten-regionaal

62%

14%

24%

Laag inkomen

Middeninkomen

100%

Hoog inkomen

Bron: CBS Microdata (2024, cjfers 2018-2021). Bewerking Stec Groep (2024).

Koopsegment meest in trek bij buiten-regionale verhuizer uit Nederland We zien dat binnen-regionale verhuizers relatief vaker verhuizen naar een sociale huurwoning (54%) dan buiten-regionale verhuizers uit Nederland (45%). Buiten-regionale verhuizers verhuizen daarentegen vaker naar een koopwoning. Dit komt mogelijk door het feit dat in Parkstad Limburg een goedkope koopwoningvoorraad staat die elders in Nederland nauwelijks te vinden is. Dit geldt minder sterk voor het sociale huursegment. Buitenlandse verhuizers belanden wel vaak in een sociale huurwoning. Dit hangt mogelijk samen met de tijdelijkheid waarmee een deel van de arbeidsmigranten naar Parkstad Limburg trekt.

36

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Figuur 27: Aandeel verhuizingen naar woningtype, 2018-2021 50%

43%

45% 40%

36%

35%

34%

30%

30% 25% 20% 15%

38%

36%

18% 15%16%

10%

2% 3%

5%

5%

4% 5% 3%

VSH APP

Koop APP

4% 4%

4%

0% SH GGB

VSH GGB

Koop GGB

Binnen-regionaal

SH APP

Buiten-regionaal

Buitenlands

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2021). Bewerking Stec Groep (2024).

5.3 Buitenlandse verhuizingen Parkstad Limburg trekt voornamelijk huishoudens uit buurlanden, overig deel met name arbeidsmigratie Van de buitenlandse inkomende verhuizers is een groot deel afkomstig uit Duitsland en België. Samen zorgen huishoudens uit deze landen voor 30% van de instroom. Overige landen van waaruit veel huishoudens afkomstig zijn, zijn Polen (8%), Oekraïne (7%) en Roemenië (6%). Huishoudens uit Polen en Roemenië zullen voornamelijk naar Parkstad Limburg komen voor arbeid en huishoudens uit Oekraïne zijn vaak gevlucht voor de oorlog in hun land van herkomst. Deze vestigers zijn voor een groot deel alleenstaanden en stellen tot 35 jaar. Slechts een zeer beperkt deel is ouder dan 55 jaar.

Tabel 10: Buitenlandse verhuizingen naar land van herkomst (links) en verdeeld naar doelgroepen (rechts), regio Parkstad Limburg, periode 2018-2022 Land van herkomst

Aantal

%

Duitsland

970

19%

België

565

11%

Polen

410

8%

Oekraïne

350

7%

Roemenië

310

6%

Curaçao

270

5%

Griekenland

210

4%

A&S 55 tot 75 jaar

Spanje

160

3%

A&S 75 jaar en ouder

Hongarije

150

3%

Groot-Brittannië

120

2%

Overig*

1.655

32%

Eindtotaal

5.170

100%

1% 11%

A&S <35 jaar 40%

Gezinnen A&S 35 tot 55 jaar

26%

22%

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2022). Bewerking Stec Groep (2024). *De top tien is weergeven, de rest valt onder overig. A&S = alleenstaanden en stellen.

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

37

5.4 Buiten-regionale verhuizingen De regio Parkstad Limburg heeft de sterkste buiten-regionale verhuisrelatie met de gemeente Sittard-Geleen. In totaal komt 17% van de buiten-regionale verhuizers hiervandaan. Zij verhuizen relatief veel naar de nabijgelegen gemeente Beekdaelen, maar nog meer naar de gemeente Heerlen, de grootste gemeente uit de regio. Ook is 12% van de buiten-regionale verhuizers afkomstig uit Maastricht. Ook zij verhuizen het meest naar de gemeente Heerlen. Andere gemeenten, zoals in figuur 22 is te zien, volgen op duidelijke afstand. Wel betreft het wat betreft de overige gemeenten in de top-10 allen gemeenten uit Midden- of Zuid-Limburg. Los daarvan zien we dat ook 47% nog afkomstig is uit een andere gemeente van Nederland.

Figuur 28: Top-10 herkomstgemeenten inkomende buiten-regionale verhuizingen, 2018-2022

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2022). Bewerking Stec Groep (2024).

Met name personen tussen de 25 en 65 jaar verhuizen vaak naar Parkstad Limburg Op basis van persoonsgegevens zien we dat met name personen tussen de 25 en 65 jaar vaker naar Parkstad Limburg verhuizen dan dat er uit deze regio vertrekken. In de leeftijdsklassen 15 tot 20 jaar (studenten) en ouder dan 80 jaar zien we juist een negatief saldo terug. In totaal is het migratiesaldo echter duidelijk positief.

38

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Figuur 29: Migratiesaldo personen naar leeftijd in de regio Parkstad Limburg, 2019-2023 15.000 10.000 5.000 0 -5.000 -10.000 -15.000 0 tot 5 5 tot 10 10 tot jaar jaar 15 jaar

15 tot 20 jaar

20 tot 25 jaar

Gevestigd in regio

25 tot 30 jaar

30 tot 40 jaar

40 tot 50 jaar

50 tot 65 jaar

Vertrokken uit regio

65 tot 80 jaar 80 jaar en ouder Saldo

Bron: CBS (2024, cijfers 2019-2023). Bewerking Stec Groep (2024).

Alleenstaanden en stellen tot 55 jaar en gezinnen veruit sterkst vertegenwoordigd onder buiten-regionale verhuizers Onderscheid makend naar vijf huishoudenstypen zien we dat het overgrote deel van de buiten-regionale verhuizers uit Nederland een alleenstaande of stel is tot 55 jaar (58%) of een gezin (22%). Alleenstaanden en stellen ouder dan 55 jaar verhuizen dus relatief weinig van buiten de regio naar Parkstad Limburg. Dit beeld zien we terug in alle gemeenten.

Figuur 30: Inkomende buiten-regionale verhuizingen naar doelgroep per gemeente, 2018-2022 0%

20%

40%

60%

80%

100%

Beekdaelen

34%

25%

20%

19%

2%

Brunssum

36%

24%

19%

19%

2%

14%

3%

Heerlen

40%

Kerkrade

38%

Landgraaf

Voerendaal Parkstad Limburg A&S <35 jaar

24%

22%

17%

47% 32%

30%

37%

22%

Gezinnen

A&S 35 tot 55 jaar

16%

1%

21%

0%

18%

18%

0%

20%

18%

0%

20%

26%

33%

Simpelveld

22%

21%

21% A&S 55 tot 75 jaar

17%

3%

A&S >75 jaar

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2022). Bewerking Stec Groep (2024). A&S = alleenstaanden en stellen.

39

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Buiten-regionale verhuizers hebben vaker laag inkomen dan huidige regionale inkomensverdeling van doelgroepen 62% van de buiten-regionale verhuizers heeft een laag inkomen. Dit is relatief veel ten opzichte van het aandeel huishoudens met een laag inkomen in Parkstad Limburg (56%). Met name gezinnen hebben bij buiten-regionale verhuizingen vanuit andere gemeenten in Nederland relatief vaak een laag inkomen (56%). Van alle gezinnen in Parkstad Limburg is dit 39%.

Tabel 11: Inkomende verhuizingen van buiten de regio per doelgroep, periode 2018 - 2021 Doelgroep A&S <35 jaar

Gezinnen

A&S 35 tot 55 jaar

A&S 55 tot 75 jaar

A&S >75 jaar

Inkomende verhuizingen

Inkomensverdeling huishoudenstotaal (2022)

Laag inkomen

1.910 (65%)

58%

Midden inkomen

415 (14%)

16%

Hoog inkomen

595 (20%)

25%

Laag inkomen

985 (56%)

39%

Midden inkomen

190 (11%)

12%

Hoog inkomen

570 (33%)

49%

Laag inkomen

1.080 (65%)

60%

Midden inkomen

245 (15%)

15%

Hoog inkomen

345 (21%)

25%

Laag inkomen

765 (59%)

56%

Midden inkomen

185 (14%)

15%

Hoog inkomen

355 (27%)

29%

Laag inkomen

145 (71%)

82%

Midden inkomen

35 (17%)

10%

Hoog inkomen

25 (12%)

8%

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2021). Bewerking Stec Groep (2024). A&S = alleenstaanden en stellen.

Voorkeur voor woningtype sterk afhankelijk van gemeente Uit figuur 21 bleek dat buiten-regionale verhuizers relatief vaak verhuizen naar een koopwoning. In onderstaande figuur zien we echter dat er wel duidelijke verschillen bestaan in de woningkeuze tussen gemeenten. Dit hangt uiteraard sterk samen met het beschikbare woningaanbod. Zo verhuizen huishoudens van buiten de regio met name naar een grondgebonden koopwoning in de gemeenten Beekdaelen (56%) en Voerendaal (63%) en vaker naar een sociale huurappartement in Heerlen (40%) en Kerkrade (47%). In het totale beeld valt op dat het aandeel huishoudens dat naar een sociale huurappartement verhuist (34%) beduidend groter is dan het aandeel van dit woningtype in de totale woningvoorraad (21%, zie figuur 2).

40

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Figuur 31: Inkomende buiten-regionale verhuizingen naar woningtype per gemeente, 20182021 0% Beekdaelen Brunssum

20% 16% 12%

3%

17%

Kerkrade

11% 2%

Landgraaf

15%

Simpelveld

13%

Parkstad Limburg SH GGB

80%

4% 3% 4%

29%

28%

3%

100%

18%

43%

3% 3%

47%

3%

52%

29%

6% 39%

VSH GGB

Koop GGB

5% 9% 3%

63%

3%

4%

25%

51%

3%

9%

6% 5%

40%

34%

19% 15%

60% 56%

3%

Heerlen

Voerendaal

40%

SH APP

34%

4% 4%

VSH APP

Koop APP

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2021). Bewerking Stec Groep (2024). SH is sociale huur en VSH is vrijesectorhuur. GGB = grondgebonden, APP = appartement.

Buiten-regionale huishoudens uit zowel grondgebonden huur- als koopwoning geven voorkeur aan grondgebonden koop Wanneer we voor buiten-regionale verhuizers het woningtype voor verhuizing afzetten tegen het woningtype na verhuizing, valt op dat huishoudens uit zowel een grondgebonden huur- als koopwoning na hun verhuizing het vaakst zijn gaan wonen in een grondgebonden koopwoning. Zo woont slechts 39% van de verhuizers uit een buiten-regionale grondgebonden sociale huurwoning na hun verhuizing ook nog in dit woningtype. Dit komt mogelijk doordat een deel van hen in hun herkomstgemeente geen grondgebonden koopwoning kan betalen en in de regio Parkstad Limburg wel.

Tabel 12: Buiten-regionale verhuizingen regio Parkstad Limburg naar type woning voor verhuizing (links) en na verhuizing (boven), 2018 - 2021 SH GGB

VSH GGB

Koop GGB

SH APP

VSH APP

Koop APP

SH GGB

39%

5%

41%

14%

2%

0%

VSH GGB

15%

13%

64%

8%

0%

0%

Koop GGB

10%

3%

66%

14%

3%

4%

SH APP

14%

2%

16%

61%

5%

3%

VSH APP

0%

5%

39%

36%

14%

7%

Koop APP

2%

0%

17%

51%

10%

20%

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2021). Bewerking Stec Groep (2024). SH is sociale huur en VSH is vrijesectorhuur. GGB = grondgebonden, APP = appartement.

5.5 Binnen-regionale verhuizingen De binnen-regionale verhuizingen bestaan uit verhuizingen binnen de regio Parkstad Limburg. Dit kunnen dus zowel binnengemeentelijke verhuizingen zijn als verhuizingen tussen gemeenten in de regio Parkstad Limburg.

41

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Gemeente Heerlen heeft grootste aantrekkingskracht vanuit overige regiogemeenten De inwoners van de verschillende gemeenten in de regio Parkstad Limburg zijn over het algemeen gehecht aan de eigen gemeente. Van de binnen-regionale verhuizingen heeft in elke gemeente bij een verhuizing de eigen gemeente het vaakst de voorkeur. Bij een verhuizing naar een andere gemeente zien we dat vanuit alle gemeenten het vaakst huishoudens verhuizen naar de gemeente Heerlen. Dit is verklaarbaar uit het feit dat in deze gemeente ook veruit het grootste woningaanbod is. Het aandeel verhuizingen naar Heerlen is het laagst vanuit Kerkrade (18%), maar dit komt met name doordat in deze gemeente het aandeel binnengemeentelijke verhuizingen zeer fors is (65%). Enkel in de gemeente Heerlen is dat aandeel hoger (71%).

Tabel 13: Interne verhuizingen regio Parkstad Limburg naar gemeente van herkomst (links) en vestiging (boven), 2018 - 2022 Beekdaelen

Brunssum

Heerlen

Kerkrade

Landgraaf

Simpelveld

Voerendaal

Beekdaelen

51%

13%

24%

5%

4%

1%

3%

Brunssum

7%

60%

23%

4%

5%

0%

1%

Heerlen

4%

6%

71%

8%

7%

1%

2%

Kerkrade

2%

2%

18%

65%

10%

1%

1%

Landgraaf

2%

4%

23%

17%

52%

1%

1%

Simpelveld

2%

2%

20%

10%

5%

57%

3%

Voerendaal

7%

2%

32%

5%

4%

3%

46%

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2022). Bewerking Stec Groep (2024).

Intern relatief veel verhuizingen van alleenstaanden & stellen tot 35 jaar en gezinnen We zien dat er binnen-regionaal voornamelijk alleenstaanden en stellen tot 35 jaar en gezinnen binnenregionaal verhuizen. Dit zijn de doelgroepen die vaak ook het meest verhuisgeneigd zijn. Het percentage alleenstaanden en stellen tot de 35 jaar en gezinnen is vrij vergelijkbaar in alle gemeenten. Naar de meest stedelijke gemeenten verhuizen wel relatief meer alleenstaanden en stellen en naar de landelijkere gemeenten juist relatief meer gezinnen.

Figuur 32: Binnen-regionale verhuizingen naar doelgroepen, 2018 – 2022 Beekdaelen

Brunssum

Heerlen

Kerkrade

Landgraaf

Simpelveld

Voerendaal

A&S <35 jaar

29%

31%

36%

31%

30%

32%

30%

Gezinnen

36%

29%

28%

28%

32%

33%

38%

A&S 35 tot 55 jaar

13%

15%

17%

19%

16%

15%

13%

A&S 55 tot 75 jaar

16%

19%

15%

17%

17%

13%

15%

A&S >75 jaar

5%

6%

4%

5%

5%

8%

4%

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2022). Bewerking Stec Groep (2024). A&S = alleenstaanden en stellen.

42

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Huishoudens met laag inkomen verhuizen relatief veel naar Heerlen en Kerkrade Onderscheid makend naar inkomen zien we dat huishoudens met een laag inkomen relatief meer naar Heerlen en Kerkrade verhuizen. Dit komt waarschijnlijk door de betaalbaardere woningvoorraad in deze gemeenten die meer aansluit op de mogelijkheden van huishoudens met een laag inkomen. Hierdoor heeft circa 70% van alle binnen-regionale verhuizingen naar Heerlen of Kerkrade een laag inkomen. In Beekdaelen (47%) en Voerendaal (47%) is dit beduidend minder.

Tabel 14: Binnen-regionale verhuizingen per inkomensgroep, 2018 – 2021 Beekdaelen

Brunssum

Heerlen

Kerkrade

Landgraaf

Simpelveld

Voerendaal

Laag inkomen

47%

63%

69%

70%

57%

53%

47%

Midden inkomen

14%

14%

11%

11%

14%

13%

12%

Hoog inkomen

39%

22%

20%

19%

29%

34%

41%

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2021). Bewerking Stec Groep (2024).

Intern vaker verhuizing richting een sociale huurwoning De interne verhuizingen vinden plaats richting vergelijkbare woningen als overige inkomende verhuizingen (van huishoudens die van buiten de regio komen). Dit is logisch omdat dit ook zeer afhankelijk is van het woningaanbod dat vrijkomt. Wel zien we enkele nuanceverschillen. Zo is het aandeel interne verhuizingen naar een sociale huurwoning iets hoger en naar een koopwoning iets lager.

Figuur 33: Binnen-regionale verhuizingen naar woningtype, 2018 – 2021 0%

20%

Beekdaelen

17%

3%

Brunssum

17%

2%

Heerlen

20%

40%

60%

80%

3%4%

19%

55%

3% 6%

32%

40% 28%

3%

100%

42%

4% 4%

44%

3%3%

Kerkrade

15%

Landgraaf

17%

2%

47%

28%

3%3%

Simpelveld

18%

2%

46%

29%

2% 4%

Voerendaal Parkstad Limburg SH GGB

2%

VSH GGB

13%

55%

3%

24% 18%

34%

2%

36% Koop GGB

SH APP

3% 2%

36%

4%4%

VSH APP

Koop APP

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2021). Bewerking Stec Groep (2024). SH = sociale huur, VSH = vrijesectorhuur. APP = appartement, GGB = grondgebonden.

43

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Gezinnen verhuizen binnen-regionaal vaak naar grondgebonden woning, ouderen vaakst naar appartement Onderscheid makend naar doelgroepen zien we dat met name gezinnen verhuizen naar grondgebonden woningen, zowel sociale huur- als koopwoningen. Dit is dan ook het woningtype dat het beste past bij de huishoudensgrootte van gezinnen. Voor 75-plussers geldt juist dat zij het vaakst verhuizen naar een appartement. Dit type woning is ook het vaakst aangepast aan de wensen van ouderen, zoals nultreden.

Figuur 34: Binnen-regionale verhuizingen doelgroepen naar woningtype, 2018 - 2021 0% A&S < 35 jaar

20%

34%

1%

3%

34%

A&S 35-55 jaar

15%

A&S 55-75 jaar

12% 2%

A&S 75 jaar en ouder

0%7% 5%

SH GGB

VSH GGB

60%

80%

4% 2%

3% 3%

41%

4% 9%

46%

8%

16%

63%

SH APP

2%

15%

49%

25%

Koop GGB

100%

45%

36%

10% 3%

Gezinnen

40%

VSH APP

Koop APP

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2021). Bewerking Stec Groep (2024). SH = sociale huur, VSH = vrijesectorhuur. APP = appartement, GGB = grondgebonden.

39% van binnen-regionale starters weet koopwoningmarkt te betreden Van huishoudens die voor hun verhuizing nog thuiswonend waren bij hun ouders weet 39% van hen binnenregionaal de stap naar een koopwoning te maken. Dit is daarmee vergelijkbaar met het aandeel verhuizingen richting naar een koopwoning op de gehele woningmarkt. De relatief betaalbare koopwoningvoorraad van de regio Parkstad Limburg zorgt ervoor dat starters deze stap hier nog goed kunnen maken.

Figuur 35: Binnen-regionale verhuizingen van starters naar woningtype, 2018-2021 3% 5%

9%

2% SH GGB VSH GGB Koop GGB

44%

36%

SH APP VSH APP Koop APP

Bron: CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2021). Bewerking Stec Groep (2024). SH = sociale huur, VSH = vrijesectorhuur. APP = appartement, GGB = grondgebonden.

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

44

6. Toekomstige huishoudens-ontwikkeling Voor het bepalen van de kwantitatieve woningbehoefte in de regio Parkstad Limburg vormt de verwachte huishoudensontwikkeling het uitgangspunt. In onze basisdoorrekeningen brengen we deze in beeld voor de periode 2024 tot 2044. Daarbinnen maken we echter onderscheid naar de perioden 2024 t/m 2030 (aansluitend op de periode van de Woondeal), 2024 tot 2034 (10 jaar) en 2024 tot 2044. In onze economische scenariostudie kijken we nog verder vooruit (tot 2050). Gezien de grote onzekerheden bij een dergelijk lange periode nemen we deze niet mee in onze basis-doorrekening van de woningbehoefte. De huishoudensontwikkeling in de regio Parkstad Limburg is afhankelijk van natuurlijke bevolkingsontwikkelingen, maar ook van migratiestromen. Met name dit tweede is lastiger voorspelbaar. Zo kunnen ook geopolitieke ontwikkelingen de oorzaak zijn van immigratie. De instroom van Oekraïners is hier een recent voorbeeld van. Om deze reden werken we in ons onderzoek met twee uitgangspunten: • Basisscenario: in de provincie Limburg wordt om het jaar een huishoudensprognose opgeleverd, de Progneff genaamd. De meest recente versie is de Progneff2023. Deze prognose maakt gebruik van het migratiesaldo in Limburg over een zeer lange periode, namelijk 2008-2022. Daarbij geldt wel dat de laatste jaren zwaarder meewegen.

• Migratiescenario: er is in de afgelopen jaren sprake geweest van een migratieomslag in Parkstad Limburg. Zowel het verhuissaldo vanuit binnen- als buitenland is nu positief. We zien mogelijkheden dat de regio dit hoge migratiesaldo de komende jaren kan vasthouden. Dit betekent dat het basisscenario een onderschatting kan zijn van de daadwerkelijke huishoudensontwikkeling. Om die reden kiezen we ervoor een tweede huishoudensprognose uit te werken waarbij we werken met een recente kortere periode, namelijk 2019-2023. Deze trekken we door voor de gehele periode tot 2044. Het uitwerken van twee mogelijke ontwikkelingen laat de onzekerheid zien die huishoudensprognoses geven. Om die reden is het dus ook van belang met voorzichtigheid om te gaan met de uitkomsten en te monitoren welk van de twee ontwikkelingen zich dichterbij de gerealiseerde huishoudensontwikkeling bevindt.

6.1 Basisscenario: -12.470 huishoudens tot 2044 We beredeneren de verwachte huishoudensgroei in eerste instantie vanuit de Progneff2023huishoudensprognose. Hierin heeft Etil de verwachte groei van huishoudenstypen naar leeftijd en samenstelling per gebied (buurt, wijk of gemeente) geschat. Deze prognose vormt een doorrekening van migratiestromen en natuurlijke ontwikkelingen uit het verleden en neemt deze als basis voor toekomstverwachtingen. Zoals in bovenstaand tekstkader is genoemd, rekent deze prognose met de gerealiseerde migratie over de periode 2008 tot en met 2022. Progneff2023: in periode 2024 tot 2044 in totaal -12.470 huishoudens door vergrijzing In de periode 2024 tot 2044 verwacht de Prongeff2023-prognose een forse afname van het aantal huishoudens in Parkstad Limburg. In totaal betreft dit -4.165 huishoudens tot 2034 (-3%) en -12.470 huishoudens tot 2044 (-10%). De huishoudensafname is dus het sterkst in de tweede tien jaar. Met name het aantal alleenstaanden en stellen tot 35 jaar (-23%) en het aantal alleenstaanden en stellen tussen de 55 en 75 jaar (-29%) neemt volgens deze prognose fors af. Daartegenover staat een sterke toename van de doelgroep alleenstaanden en stellen van 75 jaar of ouder. Dit komt door de grote groep inwoners van de

45

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

regio die op dit moment nog tot de doelgroep 55 tot 75 jaar behoort, maar ouder wordt en dus tot de oudste doelgroep gaat behoren voor 2044. Verder is de aanwas van nieuwe huishoudens beperkt, uitgaande van de migratie uit de gehele periode 2008 tot en met 2022. Hierdoor neemt ook het aantal alleenstaanden en stellen tot 35 jaar fors af.

Tabel 15: Verwachte huishoudensontwikkeling regio Parkstad Limburg naar doelgroepen volgens Progneff2023, 2024-2044 Doelgroepen

Stand 2024

2024-2031

2024-2034

2024-2044

A&S tot 35 jaar

12.855

-1.275 (-10%)

-1.785 (-14%)

-2.895 (-23%)

Gezinnen

35.760

-1.395 (-4%)

-1.880 (-5%)

-3.640 (-10%)

A&S 35 tot 55 jaar

16.430

-680 (-4%)

-885 (-5%)

-2.800 (-17%)

A&S 55 tot 75 jaar

40.180

-2.435 (-6%)

-4.620 (-11%)

-11.780 (-29%)

A&S >75 jaar

20.895

+3.400 (+16%)

+5.015 (+24%)

+8.695 (+42%)

Overig

485

-5 (-2%)

-15 (-3%)

-45 (-9%)

Totaal

126.600

-2.395 (-2%)

-4.165 (-3%)

-12.470 (-10%)

Bron: Progneff2023. Bewerking Stec Groep (2024). A&S = alleenstaanden en stellen. Afgerond op vijftallen.

Progneff2023: in elke gemeente sprake van huishoudensafname tot 2034 en tot 2044 We splitsen de huishoudensontwikkeling ook uit naar de gemeenten in de regio. Hieruit blijkt dat in elke gemeente op basis van de Progneff2023-prognose een afname van het aantal huishoudens wordt verwacht tot 2044. Deze afname is in absolute aantallen het sterkst in Heerlen (-4.065 huishoudens), maar relatief het sterkst in Kerkrade (-15%). In de gemeente Beekdaelen wordt de relatief minst sterke afname verwacht (4%). In elke gemeente geldt dat de afname naar verwachting het sterkst is in de periode 2034-2044 ten opzichte van de periode 2024-2034. Per gemeente is ook een uitsplitsing gemaakt naar de ontwikkeling van de diverse doelgroepen. Deze is te vinden in de uitwerking van het onderzoek op gemeenteniveau in de bijlagen.

Tabel 16: Verwachte huishoudensontwikkeling regio Parkstad Limburg naar gemeenten volgens Progneff2023, 2024-2044 Gemeenten

Stand 2024

2024-2031

2024-2034

2024-2044

Beekdaelen

16.345

+10 (0%)

-95 (-1%)

-660 (-4%)

Brunssum

13.650

-150 (-1%)

-320 (-2%)

-1.300 (-10%)

Heerlen

45.410

-820 (-2%)

-1.405 (-3%)

-4.065 (-9%)

Kerkrade

22.970

-865 (-4%)

-1.350 (-6%)

-3.455 (-15%)

Landgraaf

17.705

-420 (-2%)

-725 (-4%)

-2.155 (-12%)

Simpelveld

4.910

-80 (-2%)

-145 (-3%)

-440 (-9%)

Voerendaal

5.610

-65 (-1%)

-130 (-2%)

-395 (-7%)

Bron: Progneff2023. Bewerking Stec Groep (2024). Afgerond op vijftallen.

Progneff2023: relatief sterkste huishoudensafname in stedelijke woonmilieus We kunnen op basis van de gemeentelijke huishoudensprognoses ook een inschatting maken van hoe het aantal huishoudens per woonmilieu ontwikkelt. Hiervoor maken we onderscheid in stedelijke, suburbaan/dorpse en landelijke woonmilieus. In 2024 woont 40% van de huishoudens in Parkstad Limburg in een stedelijk woonmilieu, 54% in een suburbaan of dorps woonmilieu en 6% in een landelijk woonmilieu.

46

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Rekening houdend met de verwachte huishoudensontwikkelingen verwachten we volgens de Progneff2023prognose een afname van -5.860 huishoudens in stedelijke woonmilieus, -5.920 huishoudens in suburbaan/dorpse woonmilieus en -595 huishoudens in landelijke woonmilieus.

Tabel 17: Verwachte huishoudensontwikkeling regio Parkstad Limburg naar woonmilieus volgens Progneff2023, 2024-2044 Woonmilieus

Stand 2024

2024-2031

2024-2034

2024-2044

Stedelijk

49.905

-1.260 (-3%)

-2.085 (-4%)

-5.860 (-12%)

Suburbaan / Dorps

67.485

-1.025 (-2%)

-1.865 (-3%)

-5.920 (-9%)

Landelijk

8.675

-50 (-1%)

-150 (-2%)

-595 (-7%)

Bron: Progneff2023. Bewerking Stec Groep (2024). Afgerond op vijftallen.

6.2 Migratiescenario: -3.290 huishoudens tot 2044 In het tweede scenario dat we doorrekenen voor de regio Parkstad Limburg hebben we een huishoudensprognose gemaakt op basis van de huidige migratietrend (2019-2023). Deze migratietrend is positiever dan de migratietrend van de periode 2008-2022. Het doorrekenen van deze migratietrend richting de toekomst zorgt dan ook voor een positievere huishoudensontwikkeling. Er is immers meer aanwas van huishoudens van buitenaf. Voor het doorrekenen van deze migratietrend hebben we gebruik gemaakt van CBS Microdata. Daarin zien we namelijk de instroom naar doelgroepen en gemeenten terug. In deze verhoudingen is ook de verwachte instroom uit binnen- en buitenland doorgerekend. Migratiescenario: in periode 2024 tot 2044 in totaal -3.290 huishoudens, huidige migratietrend weegt niet op tegen natuurlijke krimp Wanneer we de huidige migratietrend doorrekenen in de verwachte huishoudensontwikkeling van Parkstad Limburg dan kan een huishoudensafname van -3.290 huishoudens verwacht worden tot 2044. Deze afname wordt in het geheel veroorzaakt in de periode 2034-2044. Dit komt doordat in deze periode relatief veel van de oudere huishoudens overlijden. Daarnaast zet de vergrijzing nog wel verder door. Zo neemt het aantal alleenstaanden en stellen ouder dan 75 jaar met +45% toe. Dit is niet veel meer dan in het basisscenario.

Dat komt doordat deze doelgroep weinig over regio- en gemeentegrenzen heen verhuisd (zie hoofdstuk 4). Een groot deel van de toename komt dan ook doordat jongere instromers (55 tot 75 jaar) in de loop van de komende twintig jaar tot deze doelgroep gaan behoren. We zien juist bij gezinnen de grootste positieve verandering terug. Voor deze doelgroep verwachten op basis van de huidige migratietrend een huishoudenstoename van +2% tot 2044. Dit komt zowel door een instroom van dit huishoudenstype als doordat jonge alleenstaanden en stellen instromen in de regio en vervolgens een gezin gaan vormen.

47

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Tabel 18: Verwachte huishoudensontwikkeling regio Parkstad Limburg naar doelgroepen volgens huidige migratietrend, 2024-2044 Doelgroepen

Stand 2024

2024-2031

2024-2034

2024-2044

A&S tot 35 jaar

12.855

-470 (-4%)

-905 (-7%)

-2.130 (-17%)

Gezinnen

35.760

-285 (-1%)

-100 (0%)

+685 (+2%)

A&S 35 tot 55 jaar

16.430

-40 (0%)

+60 (0%)

-970 (-6%)

A&S 55 tot 75 jaar

40.180

-1.900 (-5%)

-3.845 (-10%)

-10.190 (-25%)

A&S >75 jaar

20.895

+3.520 (+17%)

+5.230 (+25%)

+9.355 (+45%)

Overig

485

-5 (-2%)

-15 (-3%)

-45 (-9%)

Totaal

126.600

+815 (+1%)

+420 (0%)

-3.290 (-3%)

Bron: Progneff2023. CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2022). Bewerking Stec Groep (2024). A&S = alleenstaanden en stellen. Afgerond op vijftallen.

Migratiescenario: sterke verschillen in huishoudensverwachting door huidige migratietrend Onderscheid makend naar gemeenten zien we op basis van de huidige migratietrend sterke verschillen ontstaan richting de toekomst. Dit komt doordat de huidige migratietrend in sommige gemeenten sterker afwijkt van de migratie uit de periode 2008 tot en met 2022 dan in andere gemeenten. Zo is er bijvoorbeeld in Simpelveld geen sprake van een sterkere instroom van huishoudens van buitenaf in de afgelopen paar jaar, terwijl we in de gemeente Heerlen juist een zeer sterke migratie-omslag zien. Dit zorgt er dan ook voor dat de verwachte huishoudensontwikkeling in de gemeenten Beekdaelen (+5%) en Heerlen (+1%) positief is, terwijl deze in andere gemeenten, zoals Kerkrade, Landgraaf en Simpelveld (allen -9%) nog sterk negatief is. Hoe in werkelijkheid het aantal huishoudens per gemeente ontwikkelt is ook sterk afhankelijk van waar nieuwbouw in de regio gepland wordt. Een deel van de huishoudens zoekt namelijk regionaal naar een woning en niet gemeentelijk. Dit is voor de binnen-regionale verhuizingen bijvoorbeeld terug te zien in tabel 11, maar hetzelfde (of zelfs meer) zal gelden voor buiten-regionale verhuizingen.

Tabel 19: Verwachte huishoudensontwikkeling regio Parkstad Limburg naar gemeenten volgens huidige migratietrend, 2024-2044 Gemeenten

Stand 2024

2024-2031

2024-2034

2024-2044

Beekdaelen

16.345

+530 (+3%)

+655 (+4%)

+835 (+5%)

Brunssum

13.650

+170 (+1%)

+140 (+1%)

-375 (-3%)

Heerlen

45.410

+740 (+2%)

+825 (+2%)

+400 (+1%)

Kerkrade

22.970

-350 (-2%)

-615 (-3%)

-1.980 (-9%)

Landgraaf

17.705

-205 (-1%)

-410 (-2%)

-1.530 (-9%)

Simpelveld

4.910

-80 (-2%)

-145 (-3%)

-440 (-9%)

Voerendaal

5.610

0 (0%)

-35 (-1%)

-205 (-4%)

Bron: Progneff2023. CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2022). Bewerking Stec Groep (2024). Afgerond op vijftallen.

Migratiescenario: lichte toename in landelijke woonmilieus, afname sterkst in stedelijke woonmilieus Wanneer we vervolgens onderscheid maken naar de woonmilieus in de regio Parkstad Limburg, dan valt op dat volgens het migratiescenario het aantal huishoudens in een landelijk woonmilieu als enige toeneemt tot 2044. Dit komt met name door de sterke vertegenwoordiging van deze doelgroep in de gemeente Beekdaelen, waar een huishoudensgroei verwacht wordt. De afname is daarentegen het sterkst in stedelijke

48

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

woonmilieus. Dit komt met name door de relatief sterke verwachte huishoudensafname in Kerkrade en Landgraaf, waar veel huishoudens in dit woonmilieu wonen.

Tabel 20: Verwachte huishoudenontwikkeling regio Parkstad Limburg naar woonmilieus volgens huidige migratietrend, 2024-2044 Woonmilieus

Stand 2024

2024-2031

2024-2034

2024-2044

Stedelijk

49.905

+35 (0%)

-245 (0%)

-2.225 (-4%)

Suburbaan / Dorps

67.485

+630 (+1%)

+515 (+1%)

-1.090 (-2%)

Landelijk

8.675

+205 (+2%)

+215 (+2%)

+120 (+1%)

Bron: Progneff2023. Bewerking Stec Groep (2024). Afgerond op vijftallen.

6.3 Vergelijking scenario’s: met name sturing in jonge doelgroepen mogelijk We maken tenslotte een vergelijking tussen de twee scenario’s die we hiervoor hebben geschetst. Deze geven namelijk een bandbreedte weer waarin de onzekerheid rond migratie wordt weergegeven. Hieronder tonen we deze bandbreedte voor de totale huishoudensontwikkeling in de periode 2024 tot 2044. Uiteraard is het ook mogelijk dat de huishoudensontwikkeling nog buiten deze bandbreedte plaatsvindt. Zo kan de huishoudensontwikkeling hoger uitvallen door een sterkere economische groei van de regio. Een dergelijk scenario, die nog niet gestoeld is op gerealiseerde demografische ontwikkelingen, werken we verder uit in de economische scenariostudie in hoofdstuk 7.

Figuur 36: Verwachte huishoudensontwikkeling op basis van twee scenario’s 130.000 125.000 120.000 115.000 110.000 105.000 100.000

Progneff2023 Bron: Progneff2023. Stec Groep (2024).

Huidige migratietrend doorgetrokken

49

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Vasthouden migratietrend met name gericht op jongere doelgroepen Om de huidige migratietrend te kunnen vasthouden, zullen met name aantrekkelijke woningen voor jongere doelgroepen beschikbaar moeten komen. Dit kan zowel door het vrijspelen van bestaande woningen (doorstroming) als door nieuwbouw. Jonge doelgroepen verhuizen immers vaker buiten-regionaal (zie tabel 8). Indien dit bewerkstelligt wordt, is de bovenkant van de bandbreedte realistisch.

Tabel 21: Verwachte huishoudensontwikkeling 2024-2044 in bandbreedte naar doelgroepen Doelgroepen

Bandbreedte 2024-2034

Bandbreedte 2024-2044

-1.785 (-14%) tot -905 (-7%)

-2.895 (-23%) tot -2.130 (-17%)

-1.880 (-5%) tot -100 (0%)

-3.640 (-10%) tot +685 (+2%)

A&S 35 tot 55 jaar

-885 (-5%) tot +60 (0%)

-2.800 (-17%) tot -970 (-6%)

A&S 55 tot 75 jaar

-4.620 (-11%) tot -3.845 (-10%)

-11.780 (-29%) tot -10.190 (-25%)

+5.015 (+24%) tot +5.230 (+25%)

+8.695 (+42%) tot +9.355 (+45%)

Overig

-15 (-3%) tot -15 (-3%)

-45 (-9%) tot -45 (-9%)

Totaal

-4.165 (-3%) tot +420 (0%)

-12.470 (-10%) tot -3.290 (-3%)

A&S tot 35 jaar Gezinnen

A&S >75 jaar

Bron: Progneff2023. CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2022). Bewerking Stec Groep (2024). A&S = alleenstaanden en stellen. Afgerond op vijftallen.

Bandbreedte per gemeente geeft indicatie, maar er is schuifruimte tussen gemeenten De verdeling naar gemeenten toont een verwachte inschatting op basis van huidige migratiestromen. Door middel van aantrekkelijke nieuwbouw kunnen huishoudens echter ook voor een woning in buurgemeenten kiezen. Hierdoor kan de gerealiseerde huishoudensontwikkeling in de ene gemeente hoger uitvallen en in een andere gemeente tegelijkertijd lager.

Tabel 22: Verwachte huishoudensontwikkeling 2024-2044 in bandbreedte naar gemeenten Gemeenten

Bandbreedte 2024-2034

Bandbreedte 2024-2044

Beekdaelen

-95 (-1%) tot +655 (+4%)

-660 (-4%) tot +835 (+5%)

Brunssum

-320 (-2%) tot +140 (+1%)

-1.300 (-10%) tot -375 (-3%)

Heerlen

-1.405 (-3%) tot +825 (+2%)

-4.065 (-9%) tot +400 (+1%)

Kerkrade

-1.350 (-6%) tot -615 (-3%)

-3.455 (-15%) tot -1.980 (-9%)

Landgraaf

-725 (-4%) tot -410 (-2%)

-2.155 (-12%) tot -1.530 (-9%)

Simpelveld

-145 (-3%) tot -145 (-3%)

-440 (-9%) tot -440 (-9%)

Voerendaal

-130 (-2%) tot -35 (-1%)

-395 (-7%) tot -205 (-4%)

Bron: Progneff2023. CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2022). Bewerking Stec Groep (2024). Afgerond op vijftallen.

Totaaloverzicht: huishoudensontwikkeling is divers met uiteenlopende woonbehoeften Voor de gehele regio maken we een indeling van de huishoudens naar leeftijd, huishoudenssamenstelling, inkomen en woonmilieu. Zowel voor de huidige situatie als voor de toekomstige situatie. Dit resulteert in 31 Stec-doelgroepen. Elk van deze doelgroepen heeft haar eigen verhuisgeneigdheid, verhuisgedrag en woonwensen. Deze gebruiken we hierna om de kwalitatieve woonbehoefte te bepalen. Hieronder geven we per doelgroep voor de regio Parkstad Limburg de verwachte huishoudensontwikkeling.

50

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

Tabel 23: Ontwikkeling Stec-doelgroepen* regio Parkstad Limburg in bandbreedte Naam doelgroep

Woonmilieu

Leeftijd en samenstelling

Inkomen

Sted-1

Stedelijk

A&S tot 35 jaar

laag

Sted-2

A&S tot 35 jaar

Sted-3

Aantal 2024

Ontwikkeling 20242034

Ontwikkeling 20242044

3.825

-555 tot -295

-895 tot -665

midden

710

-105 tot -55

-165 tot -125

A&S tot 35 jaar

hoog

1.350

-195 tot -110

-315 tot -245

Sted-4

Gezinnen

laag en midden

7.365

-425 tot -35

-855 tot +110

Sted-5

Gezinnen

hoog

6.115

-375 tot -80

-750 tot -30

Sted-6

A&S 35 – 55 jaar

laag

4.020

-255 tot -30

-790 tot -350

Sted-7

A&S 35 – 55 jaar

midden en hoog

3.135

-200 tot -30

-610 tot -285

Sted-8

A&S 55 – 75 jaar

laag

9.720

-1.190 tot -1.010

-2.940 tot -2.560

Sted-9

A&S 55 – 75 jaar

midden en hoog

5.995

-750 tot -640

-1.845 tot -1.620

Sted-10

A&S 75 jaar+

laag

5.380

+1.375 tot +1.430

+2.315 tot +2.485

Sted-11

A&S 75 jaar+

midden en hoog

2.300

+595 tot +615

+990 tot +1.060

A&S tot 35 jaar

Laag

3.465

-470 tot -235

-770 tot -560

A&S tot 35 jaar

midden en hoog

2.665

-350 tot -170

-575 tot -420

Sub-3

Gezinnen

laag en midden

8.495

-435 tot -5

-845 tot +210

Sub-4

Gezinnen

Hoog

11.145

-555 tot -30

-1.045 tot +230

Sub-5

A&S 35 – 55 jaar

Laag

3.995

-205 tot +30

-660 tot -205

Sub-6

A&S 35 – 55 jaar

midden en hoog

4.205

-195 tot +40

-630 tot -170

Sub-7

A&S 55 – 75 jaar

Laag

12.080

-1.345 tot -1.115

-3.480 tot -3.005

Sub-8

A&S 55 – 75 jaar

midden en hoog

9.605

-1.070 tot -885

-2.775 tot -2.405

Sub-9

A&S 75 jaar+

Laag

7.700

+1.800 tot +1.880

+3.170 tot +3.415

Sub-10

A&S 75 jaar+

midden en hoog

4.140

+955 tot +1.000

+1.685 tot +1.815

A&S tot 35 jaar

Laag

505

-70 tot -25

-110 tot -70

Land-2

A&S tot 35 jaar

midden en hoog

340

-40 tot -15

-65 tot -40

Land-3

Gezinnen

laag en midden

670

-25 tot +10

-40 tot +45

Land-4

Gezinnen

Hoog

1.975

-65 tot +35

-110 tot +125

Land-5

A&S 35 – 55 jaar

Laag

515

-15 tot +20

-65 tot +10

Land-6

A&S 35 – 55 jaar

midden en hoog

560

-10 tot +30

-45 tot +35

Land-7

A&S 55 – 75 jaar

Laag

1.450

-135 tot -100

-385 tot -315

Land-8

A&S 55 – 75 jaar

midden en hoog

1.335

-125 tot -95

-355 tot -290

Land-9

A&S 75 jaar+

Laag

860

+185 tot +195

+335 tot +365

Land-10

A&S 75 jaar+

midden en hoog

465

+155 tot +160

+245 tot +260

126.065

-4.100 tot +485

-12.375 tot -3.195

Sub-1 Sub-2

Land-1

Totaal

Suburbaan / Dorps

Landelijk

Bron: Progneff2023. CBS Microdata (2024, cijfers 2018-2022). Bewerking Stec Groep (2024).*Exclusief overig.

Woningbehoefte-onderzoek regio Parkstad Limburg

51

7. Kwalitatieve woningbehoefte In dit hoofdstuk is de toekomstige kwalitatieve woonbehoefte in beeld gebracht. We doen dit naar woningtypen en prijssegmenten. Zowel op basis van woonwensen (WoON2021) als verhuisgedrag (CBS Microdata) naar de twee scenario’s die we in het vorige hoofdstuk hebben geschetst. Hiermee brengen we ook in beeld binnen welke segmenten de meeste marge en onzekerheden zitten op basis van de migratiestromen naast de behoefte die vanuit de huidige eigen inwoners ontstaat.

7.1 Kwalitatieve woonbehoefte op basis van Stec doorstroommodel De verwachte huishoudensontwikkeling naar doelgroepen en de bestaande woningvoorraad per gemeente vormen de basis om de kwalitatieve woningbehoefte te kunnen bepalen. We zetten hiervoor ons StecDoorstroommodel in. Hiermee berekenen we op basis van de kenmerken van de demografie en woningmarkt aan welke type woningen de komende jaren behoefte dan wel overschot bestaat. We houden hierbij rekening met de verhuisgeneigdheid, woonwensen en het verhuisgedrag van de doelgroepen die nu en in de toekomst naar verwachting in de regio Parkstad Limburg zullen wonen. Dit doorstromingsprincipe houdt er rekening mee dat een deel van de woningzoekenden ook goed kan landen in de bestaande woningvoorraad. We gebruiken daarvoor de landelijke WoON-enquête (woonwensen) en CBS Microdata (verhuisgedrag). In onderstaand tekstkader lichten we het Stec-Doorstroommodel verder toe.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Kerkrade&id=3e45d262-5465-46a9-9508-af81eda9df7a