11. jaarstukken GGD Zuid-Limburg 2025
Tekst van het document
De deelnamegraad, tevredenheid van de ouder en (in geval van ouder - kind relatie) het aantal doorverwijzingen naar IMH (Infant Mental Health) bij GGZ wordt. Bijdrage aan Trendbreuk en integrale preventie JGZ draagt vanuit de reguliere preventieve inzet bij aan het verkleinen van gezondheidsachterstanden. Belangrijke programma ’s zijn Kansrijke Start (prenataal huisbezoek, Stevig Ouderschap, VoorZorg, Centering Ouderschap), MAZL in het voortgezet onderwijs, het Rijksvaccinatieprogramma en de ketenaanpak KeiGezond met inzet van centrale zorgverleners (CZV). Ook via knooppunten (Kan srijke Start, peuter, basis - en voortgezet onderwijs) en JOGG versterken we de doorgaande preventielijn. Ook is in 2025 de “Plasklas” geïmplementeerd. In samenwerking met Reinigingsdiensten Rd4, de 16 Zuid - Limburgse gemeenten, kinderopvangorganisaties, Provincie Limburg en Trendbreuk. De Plasklas is een korte, speelse training voor kinderen vanaf 1,5 jaar die nog niet zindelijk zijn. Door tijdige zindelijkheid wordt de schoolinstroom verbeterd, hebben ouders minder zorgen én minder kosten en wordt luierafval flink gereduceerd. De implementatie van de Plasklas heeft regionaal, maar ook landelijk veel positieve (media)aandacht gekregen.
Uniformering VVE - indicering en spraak - taalontwikkeling Binnen de reguliere dienstverlening vervult de JGZ een belangrijke rol in het vroegtijdig signaleren van risico’s op spraak - en taalontwikkeling en waar nodig in het doorverwijzen naar voor - en vroegschoolse educatie (VVE) partners. De inzet van VVE kan ve rschillende redenen hebben. Enerzijds op vroege leeftijd (rond de 12 maanden) wanneer er door criteria langs de gezinssituatie te leggen een risico op onderwijsachterstand wordt vastgesteld (preventief). Anderzijds wanneer er al sprake van een taalachterst and is. VVE kan dan (onderdeel van) een passend aanbod zijn in overleg met ouders en/of gemeentelijk team. Een geharmoniseerde werkwijze voor VVE - indicering is in 2025 Zuid - Limburg breed afgestemd met gemeenten en kinderopvangorganisaties met een VVE aanbod. Zo is o.a. de doelgroep definitie volgens brede criteria uniform vastgelegd, verloopt de registratie van VVE indicaties nu eenduidig en zien we dat het aantal peuters tussen 2 en 4 jaar met een VVE - indicatie gelijk is gebleven ten opzichte van 2024. Procentueel afgez et tegen de totale geboortecohorten is het aantal indicaties toegenomen van 25.1% (2024) naar 26.3% in 2025.
Jaarstukken GGD ZL 2025
Pagina 19
Daarnaast is in 2025 op verschillende manieren gericht aandacht besteed aan spraak taalverwerving en - ontwikkeling : • In navolging van Parkstad zijn in de Westelijke Mijnstreek boekstartcoaches actief op JGZ locaties. Hiervoor wordt samengewerkt met bibliotheek De Domijnen ; • Samen met gemeente Heerlen, Schunck en ketenpartners is het plan Taalschatten uitgewerkt. JGZ geeft bij postnatale huisbezoeken het boekje ‘Schatten van Maastricht’ cadeau. In 2026 volgen de andere gemeenten ; • JGZ is aangesloten bij de Gemeentelijke gezinsaanpak geletterdheid. Samen met gemeenten, onderwijs, kinderopvang, en bibliotheek Maastricht ; • Gezinsgericht werken met Schunck: JGZ en Schunck werken in Parkstad samen waarbij een taalconsulent aanwezig is op het consultatiebureau. • Al deze activiteiten zijn de JGZ - bijdrage aan Taalrijke Start in Zuid - Limburg. Taalrijke Start is een beweging gelanceerd in 2025 in een integrale samenwerking met alle Zuid - Limburgse gemeenten, Trendbreuk, Provincie Limburg, Number 5 Foundation, Taalschat ten, bibliotheken, geboortezorg en kinderopvangorganisaties. Facilitering en ondersteuning van het uitvoerend proces In 2025 hebben we gericht geïnvesteerd in een stevige basis voor de uitvoering: • •
• • •
Procesmanagement: primaire en ondersteunende JGZ - processen zijn geoptimaliseerd ; Organisatieontwikkeling: toevoeging teamleiders voor nabije sturing, kwaliteitsborging, ‘coaching - on - the - job’ en betere capaciteitsplanning. De ‘span of control’ is teruggebracht naar 40 medewerkers per fulltime leidinggevende, waarbij de teamleiders hoofd zakelijk werken op locaties in de eigen regio ; Digitalisering: start van een Europees aanbestedingstraject voor een nieuw en beter passend digitaal JGZ - dossier ; Ondersteuning uitvoering: gestandaardiseerde werkafspraken, geactualiseerde protocollen, verbeterde rapportages en dashboards voor betere sturing ; Leren en ontwikkelen: scholingen gericht op diverse inhoudelijke thema’s, flexibiliteit (Pluis Niet - Pluis, opleiding verpleegkundig specialisten, opleiding artsen M&G), cultuur (Omdenken) en samenwerken (Doorbraakmethode).
-
Vaccinatiegraad: inzet op bereik en vertrouwen De dalende vaccinatiegraad blijft een belangrijk aandachtspunt. In 2025 hebben we in samenwerking met de afdelingen Algemene Gezondheidszorg en AWPG Mosa ingezet op een plan tot beter bereik (maatwerkuitnodigingen, extra consultmogelijkheden), het wegnemen van drempels (prikangstreductie, begrijpelijke informatie) en het versterken van vertrouwen (desinformatie weerleggen, samenwerken met lokale partners en dichter bij burgers opereren/vaccineren). Dit heeft geresulteerd in twee subsidieaanvragen voor uitvo ering in 2026 in de gemeenten Maastricht en Heerlen. Samen met kennispartners verkennen we doelgroepgerichte interventies om deelname aan het RVP te bevorderen. Wijzigingen in het RVP en implementatie 2025 In 2025 zijn de doorgevoerde wijzigingen in het vaccinatieschema van het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) geïmplementeerd. Een aantal vaccinatiemomenten is verschoven naar een andere leeftijd, volgens landelijke richtlijnen. Daarnaast is in het najaar 2025 d e vaccinatie tegen het RS - virus voor zuigelingen toegevoegd. Doel is een nog betere bescherming tegen infectieziekten. Mooi om te lezen is dat Limburgse ziekenhuizen aangeven dat ze zien dat minder kinderen opgenomen zijn die besmet zijn met het RS - virus. Dit lijkt een direct gevolg van de prik tegen het virus, die sinds september beschikbaar is voor baby's.
Jaarstukken GGD ZL 2025
Pagina 20
JGZ heeft activiteiten gestart om structureel inzicht te krijgen in verandering in vaccinatiedeelname. Naast geloofsovertuigingen, zijn ook groeiend wantrouwen in de overheid, groeiende desinformatie op sociale media, vergeten hoe verschrikkelijk de ziekte n zijn waartegen we vaccineren en prikangst als redenen aangegeven. Deze inzichten en een veranderende maatschappij vragen om aanpassingen in de manier waarop we vaccineren. Er is door onderzoeken in samenwerking met AWPG Mosa kennis opgedaan hoe we kunnen bijdragen aan het verhogen van de vaccinatiegraad en dit vraagt extra inspanningen (denk aan maatwerk). .
Jaarstukken GGD ZL 2025
Pagina 21
2.4
Programma Veilig Thuis
2025 was een pittig jaar voor Veilig Thuis. Het was het jaar waarin het onderwerp geweld in afhankelijkheidsrelaties (GIA) hoog op de maatschappelijke en politieke agenda stond doordat er onder meer veel aandacht was voor fem icide en kindermishandeling. Hierdoor is het aantal meldingen en adviezen bij Veilig Thuis fors toegenomen. Dit is een landelijk beeld dat door het CBS wordt geschetst, het CBS beschrijft dat vanaf 2022 er ongeveer 10 procent meer meldingen en 28 procent meer adviezen binnenkomen bij Ve ilig Thuis . In 2025 alleen al steeg het aantal meldingen van huiselijk geweld in Zuid - Limburg met 10,3% naar 5.224 meldingen. Als Veilig Thuis zelf een dienst uitvoert vraagt dit gemiddeld 35 tot 59 uur per casus, afhankelijk van de complexiteit. Het aantal adviezen b leef in 2025 echter nagenoeg stabiel op 5.344 adviezen (gemiddeld 2 uur per advies). Deze groei én de complexiteit van casuïstiek hebben geleid tot een grote druk op de capaciteit binnen Veilig Thuis met als gevolg een oplopende wachtlijst. We hebben in 2025 intensief gewerkt aan het terugdringen van deze wachtlijst. Ondanks alle inspannin gen om dit te voorkomen en op te lossen is dit niet gelukt. Integendeel, de wachtlijst liep verder op. We hebben externe hulp gevonden die op basis van het verlenen van diensten werk van ons heeft overgenomen.
Dit heeft de piek van de wachtlijst en werkdru k verzacht en voorkwam een onhoudbare situatie, maar is geen structurele oplossing in de keten . In 2025 is het hele proces nauwkeurig onder de loep genomen en uit (extern gevalideerd) onderzoek blijkt dat de capaciteit van Veilig Thuis achter is gebleven, kijkend naar de toename van het werk en de complexiteit ervan vanaf 2022. De risico’s hiervan zi jn hoog, voor alle betrokkenen. Vanzelfsprekend heeft ieder mens, van jong tot oud, recht op een veilige thuissituatie. Helaas komt geweld in afhankelijkheidsrelaties nog altijd voor. Denk hierbij onder andere aan huiselijk geweld, kindermishandeling, oudermishandeling, eerwraak, fem icide en mensenhandel. En daarmee heeft dus niet iedereen een gezonde en veilige leefomgeving. Voor al deze mensen die te maken hebben met geweld in afhankelijkheidsrelaties en de betrokken professionals zijn de medewerkers van Veilig Thuis (VT) er als het nod ig is. Door mensen in beweging te zetten, een steun in de rug te geven, te adviseren en meldingen te onderzoeken wordt een start gemaakt met het doorbreken van de cirkel van geweld. Veilig Thuis is 24/7 bereikbaar. De medewerkers van Veilig Thuis werken in de keten samen met andere professionals, maatschappelijke organisaties en (mede)overheden om te zorgen voor directe veiligheid en voor een duurzame stabiele omgeving op lange termij n.
Veilig Thuis werkt op het snijvlak van zorg en veiligheid . Uitvoeren wettelijke taak De Wet maatschappelijke ondersteuning is het wettelijk kader waarin Veilig Thuis werkt. Ook fungeert VT als expertisecentrum op aandachtsgebieden zoals femicide, zeden, mensenhandel, stalking en ouderenmishandeling. In de Wmo staan de volgende wettelijke t aken voor Veilig Thuis opgenomen: • Advies geven; • Meldingen in ontvangst nemen; • Onderzoek doen of er daadwerkelijk sprake is van huiselijk geweld of kindermishandeling; • Zo nodig vervolgstappen in gang zetten in de vorm van overdragen naar vrijwillige hulp, de Raad voor de Kinderbescherming informeren en/of melding doen bij de politie; • Terugkoppelen aan de melder.
Jaarstukken GGD ZL 2025
Pagina 22
Veilig Thuis heeft haar wettelijke taken geconcretiseerd in een aantal diensten. Dit zijn: • Melding; • Advies - en ondersteuning; • Veiligheidsbeoordeling; • Overdracht na veiligheidsbeoordeling; • Voorwaarden en vervolg; • Onderzoek • Overdracht; • Monitoring. Aanpak werkzaamheden en wachtlijst Veilig Thuis In 2025 stond de dienstverlening en uitvoering van de wettelijke taken van VT stevig onder druk. Dit is dan ook nadrukkelijk onderwerp van gesprek geweest met ketenpartners, medewerkers, directie en bestuur. Doel hiervan is een structurele oplossing in de keten te realiseren waarbij er geen wachtlijsten zijn, sprake is van een reële werkdruk en goede kwaliteit en snelheid van onze dienstverlening is gewaarborgd. In 2025 zijn naast de acties die in het voorgaande jaar zijn ondernomen, continu aanvullende maatregelen getroffen. Onderdeel hiervan was een steeds striktere prioritering in werkzaamheden, waarbij het zicht op veiligheid in de casussen die op de wachtlijs t staan en de dossiers in de monitoringsfase zitten wel is behouden. Ook is een deel van het werk (onderzoeken en afhandelen meldingen) uitbesteed aan een externe partij (Steiger B) om de wachtlijst te beperken. Daarnaast is er een start gemaakt met een nieuwe arbeidsmarktcampagne om zo via andere kanalen en manieren de benodigde instroom van personeel te realiseren.
Ook zijn in 2025 nieuwe functies geïntroduceerd waardoor er een aantal mbo - professionals het team kon versterken en de hbo ’ers kon ontlasten. Alle nieuwe medewerkers van Veilig Thuis worden zorgvuldig ingewerkt, dit proces duurt een klein jaar. Nieuw clientregistratiesysteem In oktober 2025 heeft Veilig Thuis na een zorgvuldige voorbereiding een nieuw cliëntregistratiesysteem in gebruik genomen. Dit was een verplicht en tijdrovend proces met extra impact op onze capaciteit, maar uiteindelijk is dit naar tevredenheid verlopen. Samenwerking en innovatie Om de expertiserol op het gebied van geweld in afhankelijkheidsrelaties te kunnen vervullen en echt preventief te kunnen werken, is het vergroten van bekendheid van dit onderwerp belangrijk. Een van de manieren om dit te doen is samenwerking in de keten om handelingsverlegenheid bij professionals te verkleinen en de drempel om te melden of advies te vragen te verlagen. In 2025 is dit gedaan in tw ee succesvolle voorlichtingsmiddagen in Heerlen en Sittard - Geleen met deelname van ruim 300 professionals. Eind 2025 is VT gestart met de voorbereiding voor een pilot AI - tool NICHD kindgesprekken. Bij een kindgesprek wordt in de dagelijkse praktijk in de regel alles opgenomen. Het kost echter veel tijd om dit gesprek uit te werken in een verslag of samenvatting.
Door het inzetten van de AI - tool wordt automatisch een samenvatting van het opgenomen gesprek gemaakt. Bij een succesvolle pilot in 2026 wil VT het gebruik van de AI - tool breder inzetten. Opleiden, scholen en trainen van medewerkers In 2025 heeft Veilig Thuis geïnvesteerd in noodzakelijke scholing en training van haar medewerkers. Dit in verband met de professionaliteit (o.a. de beroepsregistratie: SKJ registratie). Nieuwe medewerkers zijn/worden intensief ingewerkt gedurende het eers te jaar. Alle medewerkers hebben in 2025 de (vervolg)training van Kameleon gevolgd. Deze training is gericht op het verhogen van de weerbaarheid van de medewerkers om zo beter te kunnen
Jaarstukken GGD ZL 2025
Pagina 23
anticiperen op de dynamiek, de complexiteit van de werkzaamheden en de toenemende agressie in de samenleving/toegenomen agressie bij casussen. Veiligheid medewerkers en juridische zaken Veiligheid van onze medewerkers en cliënten is een steeds voornamer punt van zorg in de uitvoering. Het is immers essentieel dat medewerkers van VT wanneer zij in gesprek gaan met cliënten veilig kunnen werken. In 2024 is er dan ook een nieuwe werkwijze me t een alarmknop geïntroduceerd die in 2025 gecontinueerd wordt. Ook is het onderwerp veiligheid onderdeel van alle gesprekken die de medewerkers hebben met hun leidinggevende. In 2025 heeft VT te maken met een toename in het aantal aanvragen om dossiers in te zien en in het aantal klachten. Dit vraagt zorgvuldigheid en een forse tijdsinvestering en capaciteit. VT werkt veel samen met (externe) juristen en advocaten.
Jaarstukken GGD ZL 2025
Pagina 24
2.5
Programmaverantwoording
GGD Zuid Limburg
Rekening 2025 in €
Rekening 2025 in €
Rekening 2025 in €
Begroting na wijzigingen 2025 in €
Programmalijn GGD onderdeel: COVID-19
Programmalijn GGD onderdeel: GGD Regulier
Programmalijn GGD totaal: COVID-19 + GGD Regulier
Programmalijn GGD totaal: COVID-19 + GGD Regulier
Rekening 2025 in €
Begroting na wijzigingen 2025 in €
Rekening 2025 in €
Begroting na wijzigingen 2025 in €
Rekening 2025 in €
Begroting na wijzigingen 2025 in €
Programmalijn Veilig Thuis
Programmalijn Veilig Thuis
Programmalijn Jeugd gezondheidszorg
Programmalijn Jeugd gezondheidszorg
Totaal programmalijnen: GGD, Veilig Thuis en JGZ
Totaal programmalijnen: GGD, Veilig Thuis en JGZ
Individueel Baten Bijdragen Gemeenten Tarieven Gemeenten Plusproducten Bijdragen Gemeenten Plusproducten Bijdragen Rijk/Provincies Overige bijdragen Incidentele opbrengsten
2.222.347 5.376 -
Totale baten
2.227.723
10.331.143 2.450.692 907.051 8.005.011 8.082.293 277.235
10.331.143 2.450.692 907.051 10.227.358 8.087.669 277.235
10.331.143 2.605.000 7.284.000 3.543.387 110.000
9.136.516 26.146 2.030 2.577
9.136.516 -
21.928.993 1.335.300 657.333 727.696 8.081
21.928.993 1.299.000 273.000 1.010.000 -
41.396.652 3.812.138 907.051 10.884.691 8.817.395 287.893
41.396.652 3.904.000 7.557.000 4.553.387 110.000
30.053.425
32.281.148
23.873.530
9.167.269
9.136.516
24.657.403
24.510.993
66.105.820
57.521.039
977.266 386.817 61.502 12.351 57.393 23.210 1.918
14.637.328 591.738 2.559 383.421 1.008.135 300.923 621.525 4.141.014 316.034
15.614.594 978.555 2.559 383.421 1.069.637 12.351 358.316 644.735 4.141.014 317.952
14.594.829 762.000 8.000 636.877 15.000 1.115.000 550.000 1.037.000 111.000
6.135.445 381.120 191.743 260.318 781.370 14.597
7.134.160 106.000 107.509 66.000 -
15.658.202 1.851.124 139.644 16.586 226.159 1.374 369.434 107.344 32.734 62.976
15.912.092 1.553.000 49.000 369.113 252.000 67.000 2.000 -
37.408.241 3.210.799 142.203 400.007 1.487.539 13.725 988.068 752.079 4.955.118 395.525
37.641.081 2.421.000 57.000 1.113.499 15.000 1.433.000 617.000 1.039.000 111.000
1.520.457
22.002.677
23.523.134
18.829.706
7.764.593
7.413.669
18.465.577
18.204.205
49.753.304
44.447.580
47.209
1.463.128 8.494.361
1.463.128 8.541.570
1.463.128 6.506.952
1.567.351
1.722.847
5.504.368
6.306.788
1.463.128 15.613.289
1.463.128 14.536.587
660.057 660.057
1.019.515 44.5967.082 982.001
1.679.572 44.5967.082 1.642.058
-
164.675164.675-
-
687.458 687.458
Lasten Personeelslasten Huisvestingslasten Afschrijvingslasten Rentelasten en Bankkosten Beheers en adm. lasten Lasten vervoermiddelen Lasten Automatisering Lasten medische middelen Lasten uitvoering derden Incidentele lasten Totale lasten Algemene dekkingsmiddelen Overhead Resultaat vóór VPB en vóór bestemming Vennootschapsbelasting boekjaar Ontrekkingen aan reserves gedurende het jaar* Gerealiseerde resultaat
Jaarstukken GGD ZL 2025
-
2.202.355 44.5967.082 2.164.841
-
Pagina 25
3.
Financiële paragrafen
3.1 Algemeen De verplicht voorgeschreven paragrafen geven inzicht in de financiële positie van de GGD beheersmatige aspecten en in de risico’s. De voor de GGD ZL relevante paragrafen zijn: • Weerstand svermogen en risicobeheersing ; • Weerstandscapaciteit en weerstandsvermogen ; • Financiële kengetallen; • Onderhoud kapitaalgoederen ; • Financiering ; • Bedrijfsvoering ; • Openbaarheidsparagraaf Wet open overheid (Woo) • Verbonden partijen . De paragrafen grondbeleid en lokale heffingen zijn
ZL , in
;
voor de GGD niet van toepassing.
3.2 Weerstand svermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen en risicomanagement vormen, naast het structureel begrotingsevenwicht en een beheersbare schuldenpositie, belangrijke pijlers voor de financiële positie van de GGD Zuid - Limburg. Ambities kunnen niet gerealiseerd worden zonder risico’ nemen. Risico’s horen bij een proces van voortdurende verandering. Het is belangrijk dat het bestuur de aard en de omvang van de risico's kent die verband houden met het beleid van de GGD Zuid - Limburg en dat het hierop stuurt.
s te
Of een overheidsorganisatie in staat is om de gevolgen van de risico’s op te vangen zonder dat het beleid of de uitvoering daarvan in gevaar komt, wordt weergegeven door de weerstandscapaciteit resp. het weerstandsvermogen. Onder weerstandscapaciteit verst aan we de middelen en mogelijkheden die de GGD Zuid - Limburg heeft om financiële tegenvallers op te vangen. De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit het vrij aanwendbare gedeelte van de algemene reserve die in de begroting is opgenomen en eventuele r uimte in de begroting. De benodigde weerstandscapaciteit is afhankelijk van de aard en de omvang van de risico’s waar de GGD Zuid - Limburg mee wordt geconfronteerd (risicoprofiel), bijvoorbeeld financiële risico’s binnen projecten. Voor deze risico’s kunnen geen verzekeringen wor den afgesloten of voorzieningen worden gevormd, omdat de risico’s zich niet regelmatig voordoen en niet goed meetbaar zijn. Tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit, bepaald door de risico’s waarvoor de GGD Zuid - Limbu rg geen maatregelen heeft getroffen 1, maar die zich wel kunnen manifesteren, bestaat dus een relatie. Deze relatie wordt het weerstandsvermogen of –ratio genoemd. GGD Zuid - Limburg beheerst op een gestructureerde wijze gesignaleerde (potentiële) risico’s en neemt of accepteert ze bewust.
Daarom houden we inzicht in de (financiële) impact van het risicoprofiel en zetten we dat af tegen de beschikbare weerstandscapacit eit. Bijlage 2 geeft inzicht in de actuele risico’s. De in de begroting aangegeven Kansen en Bedreigingen zijn in deze jaarrekening gepresenteerd als algemene en lokale trends en ontwikkelingen. Het al dan niet treffen van meer of minder (beheers)maatregelen ter afwending van risico’s is afhankelijk van d e inschatting van de mate van dreiging, de impact en de doelmatigheid ervan in relatie tot deze twee. 1
Jaarstukken GGD ZL 2025
Pagina 26
Voorts komt nog de volgende informatie aan de orde: 1. Benodigde weerstandscapaciteit (zie paragraaf 3.3.1) 2. Beschikbare weerstandscapaciteit (zie paragraaf 3.3.2 ) 3. Confrontatie risico’s met beschikbare weerstandscapaciteit; (zie paragraaf 4. Financiële kengetallen (zie paragraaf 3.4 ).
3.3.3 )
3.2.1 Algemene trends & ontwikkelingen Risico's zijn van velerlei aard en komen voort uit meerdere bronnen. Om een idee te geven welke bronnen dit onder meer zijn, is hieronder een korte uiteenzetting gegeven van de trends en ontwikkelingen, die ook van invloed zijn op GGD Zuid - Limburg. Klimaatverandering en gezondheidsrisico’s Landelijk is er al meer sprake van zeer hete dagen, extreme lawaai, uv - straling en langere seizoenen voor pollen en infectieziekten. GGD‘en adviseren gemeenten bij hitte - en stresstesten en het opstellen van lokale protocollen, bijvoorbeeld voor kwetsbare groepen zoals dak - en thuislozen. Bezuinigingen en druk op infectieziektebestrijding Door bezuinigingen op landelijke pandemische paraatheid (VIP - en SPUK - gelden) kan de continuïteit van het managen van infectieziekten bedreigd worden. Hierdoor zijn GGD en RIVM minder in staat nieuwe uitbraken snel te detecteren en adequaat te reageren. Di t zal leiden tot trager ingrijpen bij uitbraken zoals vogelgriep, dengue of mazelen, waardoor risico’s voor de volksgezondheid toenemen. RIVM en IGJ waarschuwen ook dat dit leidt tot tekort aan artsen, epidemiologen en verpleegkundigen. Strengere formatienormen en regelgeving De herziening van de VISI - norm legt een veel breder en intensiever inzetbare structuur op voor infectieziektebestrijding.
Wanneer bezuinigingen ertoe leiden dat GGD’en deze normen niet (volledig) kunnen invullen, ervaren burgers hinder in de vorm van trage re opsporing, minder advies en hogere gezondheidsrisico’s — met potentieel strenger toezicht als gevolg. Nationaal gezondheidsbeleid en monitorprojecten Programma’s als het Gezond & Actief Leven Akkoord (GALA), Integraal Zorg Akkoord (IZA) en het Aanvullend Zorg - en Welzijnsakkoord (AZWA) vragen om regionale betrokkenheid. Deze programma’s stimuleren samenwerking rond preventie, gezonde leefstijl en zorgin tegratie. Zowel GALA, IZA als AZWA zijn in Zuid ‑Limburg concreet in uitvoering, gecoördineerd door GGD Zuid ‑Limburg, met actief structureel, regionaliserend en domein - overstijgend beleid. 3.2.2 Lokale trends & ontwikkelingen Regionaal gezondheidsbeleid 2025 –2030 Zuid - Limburg heeft een regionaal beleidsplan “Gezondheid nu, voor later!” dat vier pijlers kent: gezond opgroeien, gezond blijven, gezonde geest en gezonde leefomgeving. Het richt zich erop regionale gezondheidsachterstanden in te lopen en vraagt om langdu rige samenwerking tussen gemeenten, zorg en GGD ZL. Trendbreuk - aanpak in Zuid - Limburg Sinds 2019 werkt GGD ZL met de Trendbreuk - aanpak om gezondheidsachterstanden bij jongeren terug te dringen. Dit programma wordt landelijk aangestuurd en vergt structurele inzet van GGD middelen, coördinatie, advisering en training.
-
Gezondheidsatlas en lokale monitoren GGD ZL publiceert lokale data via de Gezondheidsatlas en monitort periodiek gezondheidstrends zoals overgewicht, roken, alcoholgebruik, mentale gezondheid en mantelzorgbelasting in de regio. Jaarstukken GGD ZL 2025
Pagina 27
Specifieke milieu - inzet & crises in Zuid - Limburg In Zuid - Limburg zijn recente incidenten geweest zoals vogelgriep in Born en melamine - en ammoniak - lekken rond Chemelot. GGD Zuid ‑Limburg vervult op basis van de Wet publieke gezondheid de wettelijke taak van infectieziektebestrijding en medische milieukunde. In die hoedanigheid werkt de GGD samen met de NVWA, het RIVM en andere partners in regionale samenwerkingsverbanden voor hygi ëne, infectiepreventie en gezondheidsadvies in de fysieke leefomgeving. Mentale gezondheidsdruk en mantelzorg Uit recente regionale statistieken blijkt dat de mentale gezondheid van jongeren kwetsbaar blijft en dat een significant deel van mantelzorgers zich overbelast voelt. De GGD een wettelijke rol in signalering en monitoring, zodat gemeenten beter geïnformeer d beleidsbesluiten kunnen nemen ten behoeve van deze groep. Spanning Nationaal / Regionaal beleid Er bestaat actieve erkenning van deze spanning: terwijl regionale GGD’en hun eigen context en lokale netwerk nodig hebben, kijkt het landelijk beleid aan tegen de noodzaak van uniforme crisisaansturing en coördinatie. De afgelopen jaren is er dan ook beleid ontwikkeld om beide niveaus beter te laten samenwerken, maar de praktijk blijft uitdagend.
Burgerparticipatie GGD Zuid ‑Limburg zet burgerparticipatie in via grensoverschrijdende projecten, regionale peilingen, gerichte ondersteuning voor kwetsbaren, en structurele monitoring. De trend is duidelijk: meer co - creatie, inclusiviteit en burgerinspraak in gezondheidsbeleid. 3.2.3 Conclusie Als GGD Zuid - Limburg zijn we alert op de impact van landelijke bezuinigingen, strengere normen, regionale groeitrajecten zoals Trendbreuk en acute gezondheids - en milieu - incidenten in Zuid Limburg, om zodoende onze kerntaken effectief en veilig uit te (kun nen blijven) voeren. Risicomanagement is geen momentopname dat zich enkel concentreert rond de momenten van begroting en jaarrekening en is, behalve lokaal, ook sterk verweven met regionale, nationale en mondiale ontwikkelingen. Door deze trends systematis ch te integreren in beleidsvorming en risicobeheersing, vergroot de GGD Zuid - Limburg haar weerbaarheid en speelt zij proactief in op toekomstige uitdagingen. 3.3
Weerstandscapaciteit en weerstandsvermogen
3.3.1
Benodigde weerstandscapaciteit
Risico
Impact
Datalekken/informatiebeveiliging Cyberdreigingen Aansprakelijkheid functionarissen Incidentele gelden Externe inhuur a.g.v. schaarste Semi - structurele bijdragen Uitbraak infectieziekte* Overbelasting door crisisrespons*
750.000 500.000 500.000 1.000.000 400.000 1.000.000
Totaal
4.150.000
Kans 50% 50% 70% 80% 75% 25%
GGD
Veilig Thuis
375.000 250.000 350.000 800.000 100.000 250.000
375.000 250.000 350.000
2.125.000
1.225.000
JGZ 375.000 250.000 350.000 -
250.000
200.000
-
-
1.175.000
*opgehaald bij inventarisatie, vooralsnog niet concreet te vertalen naar Kans en Impact
Jaarstukken GGD ZL 2025
Pagina 28
3.3.2 Beschikbare weerstandscapaciteit Onder beschikbaar weerstandscapaciteit verstaan we de middelen en mogelijkheden die de GGD Zuid - Limburg heeft om onverwachte, niet begrote kosten te kunnen dekken. Dit betreft het vrij aanwendbare gedeelte van de algemene reserve die in de begroting is opg enomen en eventuele ruimte in de begroting.
Saldo 1- 1- 202 5 in €
Resultaat Bestemming 202 4 in €
Toevoe gingen 202 5
Ont trekkingen 202 5 in €
Saldo 31- 12- 202 5 exclusief res. best. in €
776.845
-
-
-
776.845
Algemene reserve VT
-
-
-
-
-
Algemene reserve JGZ
-
-
-
-
-
Omschrijving Reserves Algemene reserve GGD
Algemene Reserve
776.845
-
-
-
776.845
Reserve risico FORGNK GMP
30.485
-
-
-
30.485
300.000
-
-
7.082
292.918
Reserve preventie Reserve wachtlijsten VT
-
500.000
-
-
500.000
Reserve problematiek FGK
-
500.000
-
-
500.000
330.485 1.107.330
1.000.000 1.000.000
-
7.082 7.082
1.323.403 2.100.248
Overige reserves Totaal
In de gemeenschappelijke regeling (art. 31) is bepaald dat de algemene reserve en de voorzieningen worden gevormd overeenkomstig het door het Algemeen Bestuur vastgestelde beleid. Hierbij moet de algemene reserve tenminste 6% van het totaal van de exploita tielasten van enig boekjaar bedragen. De algemene reserve in relatie tot de exploitatielasten bedraagt per ultimo 2025 voor resultaatbestemming 1,2%. Weerstandscapaciteit GGD Zuid - Limburg Peildatum 31 december 20 25 vóór verwerking voorstel bestemming reguliere bedrijfsresultaat . GGD Veilig Thuis JGZ Algemene reserve 776.845 Bestemmingsreserve 823.403 500.000 Ruimte op de begroting Totaal 1.600.248 500.000 Weerstandscapaciteit GGD Zuid - Limburg Peildatum 31 december 20 25 na verwerking bestemming reguliere GGD Algemene reserve 1.216.686 Bestemmingsreserve 1.648.403 Ruimte op de begroting Totaal 2.865.089
Jaarstukken GGD ZL 2025
resultaatbestemming Veilig Thuis 500.000 500.000
-
JGZ 9 00.000 9 00.000
Pagina 29
3.3.3 Confrontatie risico’s met beschikbaar weerstandsvermogen De bepaling van het weerstandsvermogen vindt plaats aan de hand van de onderstaande formule:
Weerstandsvermogen Peildatum 31 - 12 vóór resultaatbestemming Peildatum 31 - 12 na resultaatbestemming
Weerstandsratio WR > 2.0 1,4 > WR < 2,0 1,0 > WR < 1,4 0,8 > WR < 1,0 0,6 > WR < 0,8 WR < 0,6
202 5 GGD
202 5 VT
202 5 JGZ
202 4 VT
202 4 GGD
202 4 JGZ
0, 37
-
-
-
-
-
0,57
-
-
-
-
-
Classificatie Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende
Voor de Weerstandsratio streven we ernaar om deze in ieder geval groter dan 1 te laten zijn. Dat wil zeggen dat het aanwezige weerstandsvermogen toereikend is om de (gekwantificeerde) risico’s mee af te dekken. Het weerstandsvermogen staat bij de GGD, JGZ en Veilig thuis onder druk. De deelnemende gemeenten staan echter als eigenaar garant voor de gehele GGD Zuid - Limburg. Conclusie De algemene reserve van de GGDZL dient volgens de gemeenschappelijke regeling minimaal 6% van de exploitatielasten van enig jaar te zijn. De algemene reserve in relatie tot de exploitatielasten bedraagt per ultimo 2025 voor resultaatbestemming 1,2%. Een aantal van de gekwantificeerde risico’s heeft een structureel karakter, terwijl een belangrijk deel van de weerstandscapaciteit een incidenteel karakter heeft. Het weerstandsvermogen van de GGDZL is in 2025 als ruim onvoldoende te classificeren. JGZ heeft geen weerstandscapaciteit (geen algemene reserve). Hierdoor is met de bestaande risico’s binnen JGZ het weerstandsvermogen als ruim onvoldoende te classificeren. Veilig Thuis heeft geen weerstandscapaciteit (geen algemene reserve). Hierdoor is met de bestaande risico’s binnen VT het weerstandsvermogen als ruim onvoldoende te classificeren.
3.4 Financiële kengetallen De financiële kengetallen stellen het bestuur in staat om de normen vast te stellen voor de sturing van de financiële positie via de meerjarenbegroting. De normen in hun onderlinge samenhang bepalen hoe risicovol het financiële beleid is dat gevoerd wordt. Een afweging die is voorbehouden aan het bestuur. Met de financiële kengetallen wordt het bestuur in staat gesteld het beleid te sturen en te monitoren ten aanzien van: • de reservepositie; • de schuldpositie; • de wendbaarheid; • het risicobeleid. Deze aandachtsgebieden vormen met de reëel en structureel sluitende meerjarenbegroting en de planning - en controlcyclus, de pijlers voor de sturing op onze financiële positie. Deze kengetallen maken het eenvoudiger om inzicht te krijgen in de financiële po sitie van de GGD Zuid - Limburg.
Jaarstukken GGD ZL 2025
Pagina 30
Financiële kengetallen (voor verwerking resultaatbestemming)
1A
Netto Schuldquote
A B C D E F G H
Vaste schulden Netto vlottende schuld Overlopende passiva Financiële activa Uitzettingen Liquide middelen Overlopende activa Totale baten Netto schuldquote
1B A B C D E F G H
Jaarrekening 202
(A +B+C - D - E - F - G)/H*100%
Netto Schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Vaste schulden Netto vlottende schuld Overlopende passiva Financiële activa Uitzettingen Liquide middelen Overlopende activa Totale baten Netto schuldquote
Jaarstukken GGD ZL 2025
(A +B+C - D - E - F - G)/H*100%
5
Begroting 202
6
Begroting 202
7
Begroting 202
8
12.545.833 5.611.533 5.580.102 5.372.802 5.980.700 53 2.316 2.763.422 67.568.948
11.579.167 6.560.106 6.040 .000 4.874.136 6.200 .000 527.524 2.650.000 6 6 .000.000
10 .650 .0 00 6.258. 294 6.040 .000 4.357.469 6.200 .000 527.524 2.650.000 6 6 .000.000
9.833 .333 5.918.982 6.040.000 3.840.803 6.200 .000 527.524 2.650.000 6 6 .000 .000
13,45 %
15,04 %
13,96 %
12,99 %
Jaarrekening 202 5 12.545.833 5.611.533 5.580.102 5.3 72.802 5.980.700 53 2.316 2.763.422 6 7.568.948
Begroting 202 6 11.579.167 6.560.106 6.040. 000 4.874. 136 6.200 .000 527.524 2.650.000 6 6 .000.000
Begroting 202 7 10 .650 .0 00 6.258.294 6.040.000 4.357.469 6.200.000 527.524 2.650.000 6 6 .000.000
Begroting 202 8 9.833.333 5.918.982 6.040.000 3.840.803 6.200 .000 527.524 2.650.000 6 6 .000.000
13,45 %
15,04 %
13,96 %
12,99 %
Pagina 31
2.
Solvabiliteitsratio
A B
Eigen vermogen Balanstotaal Solvabiliteit (A/B)*100%
3.
Kengetal grondexploitatie Niet van toepassing
4. A B C D E
Structurele exploitatieruimte Totale structurele lasten Totale structurele baten Totale structurele toevoegingen aan de reserves Totale structurele onttrekkingen aan de reserves Totale baten Structurele exploitatieruimte ((B - A)+(D - C))/E*100%
5.
Belastingcapaciteit
Jaarrekening 202
5
Begroting 202
6
Begroting 202
7
Begroting 202
4.265.089 29.356.605 14,53 %
2.10 0.248 27.296.836 7,69 %
2.100.248 26.028.357 8 ,07 %
2.100.248 24.759.879 8 ,48 %
Jaarrekening 202 5 6 4.971.068 67.281.055 6 7.568.948 3,42 %
Begroting 202 6 6 6 .000.000 6 6 .000.000 6 6 .000.000 0,00%
Begroting 202 7 6 6 .000.000 6 6 .000.000 6 6 .000.000 0,00%
Begroting 202 8 6 6 .000.000 6 6 .000.000 6 6 .000.000 0,00%
Niet van toepassing
Jaarstukken GGD ZL 2025
8
Pagina 32
Toelichting op de kengetallen Netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen) Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Een hoge net to schuldquote hoeft op zichzelf geen probleem te zijn. Of het wel een probleem is, valt niet direct af te leiden uit de netto schuldquote zelf, maar hangt af van verschillende factoren. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de GGD ZL in staat is om aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Als normaal wordt een ratio t ussen de 30% en 80% beschouwd. Voorzichtigheid is geboden bij een ratio tussen de 20 - 30%. Ook bij deze ratio geldt voor GGD ZL de maximering van de algemene reserve als beperking. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte de GGD heeft om de eigen lasten te kunnen dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is.
Voor de beoordeling van het stru cturele en reële evenwicht van de begroting wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten en baten. Bij incidentele lasten en baten gaat het om eenmalige zaken en om (meerjarige) projecten of subsidies als deze het karakter van tijdeli jkheid of een eindig doel hebben. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves te delen door de totale baten. Grondexploitatie Dit kengetal geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten en is alleen van toepassing bij grondbedrijven. En hiermee dus niet van toepassing voor GGD Zuid - Limburg. Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit geeft inzicht in hoe de belastingdruk in een gemeente of provincie zich verhoudt tot het landelijk gemiddelde. Ook dit kengetal is niet van toepassing voor GGD Zuid - Limburg. 3.5 Onderhoud kapitaalgoederen In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de realisatie van het beleid ten aanzien van onderhoud van kapitaalgoederen en de daaruit voortvloeiende financiële consequenties ten opzichte van de begroting. Het gaat hierbij ook om het gewenste onderhoudsniveau, de (lange termijn) onderhoudsplanning voor alle (materiële) activa en het voorzieningenbeleid ter zake.
Het beleid van de GGDZL is gericht op het in stand houden van de kapitaalgoederen , de tijdige vervanging (voor het einde van de economische levensduur) en voldoen aan wettelijk eisen. Voor aanschaf op basis van uitbreiding of kwaliteitsverbetering worden aanvullende besluiten genomen. Voor het hoofdkantoor in Heerlen is een onderhoudsplan opgesteld. Voor de uitvoering van het groot onderhoud is op basis van dit onderhoudsplan een voorziening onderhoud gevormd. Het onderhoudsplan is in overeenstemming met het bestuur opgesteld tijdens de vernieuwbouw van het pand te Heerlen voor de duur van 10 jaar. Het verloop van de onderhoudsvoorziening voorzieningen .
Jaarstukken GGD ZL 2025
is opgenomen in
de toelichting op de
balanspost
Pagina 33
3.6 Financiering In de financieringsparagraaf financiële risico’s.
wordt inzicht ge geven in het treasurybeleid en
in de beheersing van de
Het treasurybeleid van de GGD Z uid - L imburg is gericht op het optimaal financieren van de publieke taak, waarbij het beperk en van de financiële risico’s centraal staat. Deze financieringsparagraaf en het treasurystatuut zijn belangrijke instrumenten voor transparantie in de financieringsfunctie. Kasgeldlimiet Een berekening van de wettelijk toegestane kasgeldlimiet en de rente risiconorm is opgenomen. Jaar 202 5
Kasgeldlimiet
Q1 202 5 Omvang begroting per 1 januari (grondslag) 1
- in bedrag
3
Q3 202 5
Q4 202 5
Jaar 202 5
56 .203 .436
56 .203 .436
56 .203 .436
56 .203 .436
56 .203 .436
8,20%
8,20%
8,20%
8,20%
8,20%
4.608.682
4.608.682
4.608.682
4.608.682
4.608.682
Gemiddelde omvang vlottende korte schuld Opgenomen gelden < 1 jaar
- 13.271.229
Schuld in rekening courant
-
-
-
-
-
Gestorte gelden door derden < 1 jaar Overige geldleningen niet zijnde vaste schuld
-
-
-
-
-
- 13.907.013
- 11.959.668
- 11.188.091
- 12.581.500
-
-
-
-
-
Contante gelden in kas
-
-
-
-
-
Tegoeden in rekening courant
-
-
-
-
-
- 9.141.941
- 14.477.162
- 5.960.382
4.775.858
- 6.200.907
Totaal netto vlottende schuld (2 3)
- 4.129.288
570.149
- 5.999.286
- 15.95 63.949
- 6.380.594
Toegestane kasgeldlimiet ( 1 )
4.608.682
4.608.682
4.608.682
4.608.682
4.608.682
8.737.970
4.038.533
10.607.968
20.5 72.631
10. 98 9.275
V lottende middelen (gemidd. kwartaal)
Overige uitstaande gelden < 1 jaar 4
Q2 202 5
Toegestane kasgeldlimiet - in procenten van de grondslag
2
in onderstaande tabel
Toets kasgeldlimiet
Ruimte ( + ) / Overschrijding (
Jaarstukken GGD ZL 2025
- ) (1- 4)
Pagina 34
Stap 1 2 3 4 5a (4>3) 5b (4<3)
Stap 4a 4b 4= 4a*4b
Variabelen renterisiconorm Renteherzieningen Aflossingen Renterisico (1+2) Renterisiconorm Ruimte onder renterisiconorm Overschrijding risiconorm
Berekening renterisiconorm Begrotingstotaal Percentage regeling Renterisiconorm
202 5
202 6 -
202 7
202 8
202 9
-
966.667 966.667
966.667 966.667
929.167 929.167
816.667 816.667
766.667 766.667
11.796.833
11.607.821
12.025.702
12.458.627
11.976.886
10.830.167
10.641.154
11.096.536
11.641.961
11.210.219
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
202 5
202 6
202 7
202 8
58.984.167 20% 11.796.833
58.039.103 20% 11.607.821
60.128.511 20% 12.025.702
62 .293.137 20% 12.458.627
Renteschema: a De externe rentelasten over de korte en lange financiering b De externe rentebaten ( doorbelaste leningen RAV) Saldo rentelasten en rentebaten c1 De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend c2 De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend - /c3 De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (=projectfinanciering), die aan het betrekkende taakveld moet worden toegerekend Aan taakvelden toe te rekenen externe rente d1 Rente over eigen vermogen d2 Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente e De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) f Renteresultaat op het taakveld Treasury
59.884.430 20% 11.976.886
- /- /-
232.100 109.453 122.647 -
+/+
-
- /- /-
202 9
122.647 122.647 122.647
+/+ +/+ - /-
Liquiditeitenbeheer Door de hybride wijze van financiering worden tijdelijke overschotten , in overeenstemming met de geldende wet - en regelgeving , gestort in de schatkist (schatkistbankieren) en worden tijdelijke tekorten opgevangen door kasgeldleningen. De GGD Zuid - Limburg werkt met een maandelijkse liquiditeitenplanning. Vaste geldleningen In 202 5 is g een nieuwe vaste geldlening afgesloten
, noch zijn lopende geldleningen
volledig afgelost.
Schatkistbankieren Aangezien de GGD Z uid - L imburg geen contracten en/of beleggingen heeft die na 4 juni 2012 zijn aangegaan, heeft de GGD Z uid - L imburg geen nadelige consequenties hiervan ondervonden.
Jaarstukken GGD ZL 2025
Pagina 35
EMU - saldo Om deel te kunnen nemen aan de Economische Monetaire Unie (EMU) moeten aangesloten landen voldoen aan het criterium dat de overheidsschuld (EMU - schuld) lager moet zijn dan 60% van het Bruto Binnenlands Product (BBP). Ook moet het begrotingstekort (EMU - saldo) lager zijn dan 3% van het BBP. Het EMU - saldo wordt berekend op kasbasis, terwijl de GGD Zuid Limburg zelf met het stelsel van baten en lasten werkt en op basis daarvan ook haar saldo bepaalt. Deze saldi kunnen dan ook sterk uiteenlopen. Dat de GGD Zuid Limburg toch het EMU - saldo moet pr esenteren heeft te maken met de afspraken in Europa over de maximaal toegestane tekorten in de collectieve sector in de landen van de euro. Ook de EMU - saldi van de decentrale overheden tellen daarbij mee. Het EMU - saldo wordt nu nog centraal doorgegeven aan het CBS en telt nog niet mee bij de afzonderlijke gemeenten. Het berekende EMU - saldo op basis van de jaarrekening bedraagt voor 202 5 € 2. 395 .98 5.
3.7 Bedrijfsvoering Deze paragraaf geeft inzicht in de ontwikkelingen en de belangrijkste realisaties onderwerpen: 1. Investeringsbeleid 2. Organisatiestructuur 3. Administratieve organisatie 4. Informatisering en automatisering 5. Personeelsbeleid 6. Rechtmatigheid 3.7.1 Investeringsbeleid Voor een specificatie van de vervangings investeringen verwijzen we naar de bijlage 5.
over de volgende
Staat van Vaste Activa
in
De vervangings investeringen bedragen in 202 5 € 1.182.445 . De belangrijkste nieuwe investeringen in 202 5 betreffen het bedrijfsonderdeel GGD : • Investering voor een verbouwing van een huurpand, deze verbouwing is begin 202 5 gerealiseerd voor € 65.817 ; • Investering in veiligheidsvoorzieningen € 44.765 ; • Vervanging inventaris en kantoormeubilair € 108.356 ; • Vervanging automatiseringsapparatuur € 963.507. De verminderingen in 2025 bedragen € 86.499 en he bben betrekking op de vervoermiddelen die zijn overgegaan naar de GHOR. Bijdragen van derden en afwaarderingen wegens duurzame waardeverminderingen hebben zich niet voorgedaan in 2025. Het investeringsbeleid van de GGDZL is met name gericht op vervangingen. investeringen niet zijnde vervangingen worden deze apart ter besluitvorming
Jaarstukken GGD ZL 2025
Als er sprake is van nieuwe aan het bestuur voorgelegd.
Pagina 36
3.7.2 Organisatiestructuur De volgende onderdelen worden benoemd: • Bestuur: volgens de wettelijke bepaling in de Wet gemeenschappelijke regelingen bestaat de bestuursstructuur uit een Algemeen Bestuur en een Dagelijks Bestuur. De gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Zuid Limburg heeft met een bestuursovereenkomst de uitvoering van de GHOR - taken overgedragen aan de GGD Zuid Limburg. Het Bestuur van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Zuid Limburg blijft eindverantwoordelijk voor het beleid en de uitvoering van de GHOR - taken ; • Directie: in 2025 was sprake van een éénhoofdige directie die verantwoordelijk was voor de dagelijkse leiding en het beheer van de organisatie en hiervoor verantwoording af legde aan het Dagelijks Bestuur ; • Programma ’s en ondersteunende units: onder de directie vallen in 202 5 drie programma ’s te weten GGD, JGZ en Veilig Thuis. Daarnaast ressorteren onder de directie vijf ondersteunende units. 3.7.3 Administratieve organisatie De inrichting van de administratieve organisatie en interne controle is erop gericht om de doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid van ons handelen te waarborgen en de risico's te beheersen. De interne controle in 202 5 heeft zich met name gericht op de financiële rechtmatigheid en te komen tot de verantwoordingsverklaring.
Hiertoe is in 202 5 een nieuw intern controleplan en controleprotocol opgesteld . 3.7.4 Informatisering en automatisering Op het gebied van informatiebeveiliging en privacy blijft de samenleving in verandering. Het navolgen van de wet - en regelgeving op dit gebied is onverminderd belangrijk om als GGDZL onze taak te blijven uitvoeren. 3.7.5 Personeelsbeleid Als organisatie voor mensen, door mensen, zijn onze medewerkers ons grootste goed en is investeren in kwalitatief personeel essentieel voor de basis van ons bestaan. Volgens de visie van Personeel en Talentontwikkeling (PRO) van de GGDZL, wordt geïnvesteer d in de vitaliteit, professionaliteit en wendbaarheid van de medewerkers. Hierdoor staat GGD Zuid - Limburg sterk in de maatschappelijke opdracht in een omgeving die continu verandert. Er wordt nu en in de toekomst geïnvesteerd in het behouden van medewerker s en het binden van nieuwe collega's. Een toekomstbestendige GGD met voldoende hoogwaardig gekwalificeerd personeel vraagt om vooruit denken. Daarom is het belangrijk dat de GGDZL een goede positie behoudt op de arbeidsmarkt. Het concreet neerzetten van een sterk werkgeversmerk is één van de o nderwerpen die in 2025 hebben geleid tot een nieuwe arbeidsmarktcampagne. Met de campagne “Volg je hart’ wordt de maatschappelijke waarde en unieke positie van de GGD benadrukt.
Zo zijn en blijven we als organisatie een aantrekkelijke werkgever. De GGDZL streeft naar een veilige werkomgeving met gelijke kansen voor iedereen. Aandacht voor diversiteit en inclusie stelt ons in staat om onze opdracht nóg beter uit te voeren: het vergroten van de gezondheid van alle burgers in Zuid - Limburg. Na het ond ertekenen van het Charter Diversiteit zijn we aan de slag gegaan met de doelstellingen waaraan de organisatie zich heeft gecommitteerd. Het z iekteverzuimpercentage bedroeg in 202 verzuim betreft .
5 gemiddel d 6,1%, waarbij het grootste deel langdurig 202 4
Aantal fte Aantal medewerkers Verzuim
Jaarstukken GGD ZL 2025
202 5 496 646 4,9%
471 617 6,1%
Pagina 37
3.7.6 Rechtmatigheid Gemeenten , provincies en gemeenschappelijke regelingen moeten volgens de verslaggevingseisen een rechtmatigheidsverantwoording opnemen in de jaarrekening.
(BBV)
Er zijn in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording belangrijke afwijkingen geconstateerd. Het betreft enerzijds de begrotingsrechtmatigheid en anderzijds afwijkingen in het kader van de aanbestedingen. Voor de begrotingsrechtmatigheid verwijzen we naar de paragraaf 4.4. 2. Het betreft hier zogenaamde acceptabele afwijkingen. Deze zullen in deze paragraaf niet verder worden toegelicht. In 202 5 is er een start gemaakt de kennis over aanbested ingsprocedures te versterken onder de medewerkers. In 202 6 zal de ondersteuning aan medewerkers op dit gebied verder vormkrijgen . 3.8 Openbaarheidsparagraaf Wet ope n overheid (Woo) De openbaarheidsparagraaf is een verplichte paragraaf die voortkomt uit artikel 3.5 van de Wet open overheid (Woo). Deze wet is bedoeld om bestuursorganen transparanter te maken en zo het belang van openbaarheid van publieke informatie beter te dienen. Om tot deze transparantie te komen dient informatie beter vindbaar en uitwisselbaar te worden. In 2025 werd door de GGD ZL verder uitvoering gegeven aan de verplichtingen uit de Wet open overheid (Woo).
Het streven is om verder in te zetten op het structureel vergroten van de actieve openbaarmaking van informatie, onder meer door het publiceren van de wettelijk voorgeschreven informatiecategorieën, het stapsgewijs werken aan het publiceren van toekomstige informatiecategorieën en het verbeteren van de vindbaarheid daarvan. Daarnaast wordt verder gewerkt aan de verdere professionalisering van de informatiehuishouding, waarbij aandacht is voor duurzame toegankelijkheid, ordentelijk beheer en tijdige vernietiging van informatie. In aansluiting daarop wordt invulling gegeven aan deze wetgeving door het versterken van de zorgplicht voor een goede informatievoorziening, onder andere via duidelijke verantwoordelijkheidsbelegging, het actualiseren van werkprocessen en het vergroten van het bewustzijn bij medewerkers. Ten aanzien van de ontvangen Woo - verzoeken ligt de focus op een zorgvuldige en tijdige afhandeling daarvan, met aandacht voor kwaliteit, transparantie en rechtsbescherming. Daarbij wordt ingezet op het verder stroomlijnen van processen, het verbeteren van de samenwerking tussen afdelingen en het vergroten van de kennis en vaardigheden van betrokken medewerkers. In het onderstaande wordt nader toegelicht wat de stand van zaken is en welke acties in 2025 in dit kader zijn uitgevoerd en wat er voor 2026 is gepland.
Actieve openbaarmaking De organisatie zet in op het vergroten van transparantie door informatie uit eigen beweging openbaar te maken, zodat deze voor eenieder toegankelijk en vindbaar is. In de komende periode wordt verder gewerkt aan de gefaseerde openbaarmaking van de wettelij k voorgeschreven informatiecategorieën, waarbij prioriteit wordt gegeven aan categorieën met een groot maatschappelijk belang. Hiermee wordt beoogd de informatiepositie van inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties verder te versterken en het aa ntal Woo - verzoeken waar mogelijk te beperken.
Jaarstukken GGD ZL 2025
Pagina 38
Het implementatietraject van de Woo binnen GGD ZL volgt de fasering zoals deze is voorgesteld door de VNG in het implementatieplan actief openbaar maken (Woo). In 2025 zijn we verdergegaan met de categorieën organisatiegegevens en bestuursstukken. Dit houd t in dat op de openbare website de volgende informatie is geplaatst en wordt beheerd : • • • • • • • •
Hoe een informatieverzoek kan worden ingediend; Informatie over de (werkwijze van de) organisatie en bereikbaarheidsgegevens; Samenstelling van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur; Notulen van de bestuursvergaderingen; Besluitenlijsten van het algemeen bestuur; Aantal overige besluiten; Jaarverslagen; Meerjarenbeleidsplan .
De naleving en actualiteit van deze openbaarmaking worden gemonitord binnen de reguliere bedrijfsvoering . De GGD ZL geeft hiermee uitvoering aan de verplichting tot actieve openbaarmaking zoals vastgelegd in de Wet open overheid (Woo). Voor een aantal van deze stukken geldt er nog geen wettelijk verplichting tot actieve openbaarmaking. De invoering van deze c ategorieën is voorzien in vervolgfases (tranches), waarvan de exacte inwerkingtredingsdata nog door het Rijk moeten worden vastgesteld. Verwacht wordt dat hierover in 2026 nadere besluitvorming plaatsvindt. De GGD ZL bereidt zich hierop voor door de informatiehuishouding en publicatieprocessen zodanig in te richten dat toekomstige uitbreidingen van de verplichtingen tot actieve openbaarmaking beheerst en controleerbaar kunnen worden geïmplementeerd . De rol Woo - contactfunctionaris is intern belegd bij de juridisch adviseurs. Deze belegging draagt bij aan de toegankelijkheid en transparantie van GGD ZL. De Woo - contactfunctionarissen zijn onder andere te bereiken via het daarvoor ter beschikking gestelde formulier op de website van de GGD ZL. De Woo - index is een landelijk platform waar overheidsorganisaties hyperlinks kunnen plaatsen naar de te openbaren informatiecategorieën. In 2025 was de GGD ZL nog niet hierop aangesloten.
Voor 2026 is het onderwerp actieve openbaarmaking in het kader van de Woo door de juristen geagendeerd om verder uit te werken. Aansluiting op de Woo - index is hier onderdeel van. Passieve openbaarmaking Onder passieve openbaarmaking van informatie verstaan we het openbaar maken van informatie naar aanleiding van een Woo - verzoek. De organisatie streeft naar een zorgvuldige, tijdige en transparante behandeling van Woo - verzoeken, waarbij het uitgangspunt van openbaarheid centraal staat. Beleidsvoornemens zijn gericht op het verder uniformeren en stroomlijnen van werkprocessen, het ve rsterken van de samenwerking tussen juridisch adviseurs en de vakafdelingen en het vergroten van de kwaliteit en consistentie van besluitvorming. Daarnaast wordt ingezet op vroegtijdig contact met verzoekers om de reikwijdte van verzoeken te verduidelijken en te komen tot een efficiënte en doelgerichte afhandeling. Hiermee wordt beoogd de rechtszekerheid te versterken, doorlooptijden te beheersen en het vertrouwen in het handelen van de organisatie verder te vergroten. GGD ZL heeft geen aparte deskundigen voor het behandelen van deze verzoeken. De verzoeken worden afgewikkeld door de juridisch adviseurs in samenspraak met de inhoudelijk betrokken medewerkers van de afdeling waar het verzoek op ziet. Dit betekent dat elk verzoek voor de betrokken teams/medewerkers Jaarstukken GGD ZL 2025
Pagina 39
dus een extra belasting is naast de normale, primaire werkzaamheden. De vormvereisten en termijnen in de Woo zijn strikt, met mogelijk snel financiële gevolgen, reden waarom er wordt ingezet op het zo snel mogelijk afhandelen van deze verzoeken. • •
•
•
In 2025 zijn er door de GGD ZL 4 Woo verzoeken rechtstreeks van burgers en andere belanghebbenden ontvangen en afgehandeld; Voorts heeft de GGD ZL 9 kennisgevingen ontvangen van andere bestuursorganen (zoals bijvoorbeeld het Ministerie van VWS) in het kader van (voorgenomen) openbaarmaking van documenten waarin de GGD ZL als derde - belanghebbende is betrokken. In deze gevallen i s beoordeeld of sprake is van een zienswijzemogelijkheid als bedoeld in de Woo en zijn - waar van toepassing - zienswijzen tijdig en gemotiveerd ingediend. Dit betekent dat de diverse documenten intern beoordeeld dienen te worden. Dit vraagt om een gedegen j uridische risicobeoordeling en afstemming tussen de juridisch adviseurs en het team waar de informatie betrekking op heeft. De afhandeling van deze kennisgevingen is vastgelegd en maakt onderdeel uit van de beheersing en verantwoording van de Woo - uitvoerin g. In 2025 is gebleken dat het intern proces voor de afhandeling van Woo - verzoeken (dat al in 2023 werd herzien) nog verder aangescherpt en verbeterd kan worden. Dit is voor 2026 geagendeerd door de juridische afdeling; De afhandeling van een Woo - verzoek vergt een grotere inspanning en personele inzet van de teams, aangezien GGD ZL niet kan terugvallen op gemeentelijke diensten hiervoor. Dit is landelijk per GGD verschillend ingericht.
3.9 Verbonden partijen E en verbonden partij is een privaat - dan wel publiekrechtelijke organisatie waarin een bestuurlijk en een financieel belang is. Een financieel belang is aanwezig wanneer een ter beschikking gesteld bedrag niet verhaalbaar is bij faillissement, dan wel als financiële aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Bestuurlijk belang is aanwezi g als er zeggenschap bestaat uit hoofde van stemrecht dan wel vertegenwoordiging in het bestuur van de organisatie. D aar is sprake van bij faillissement, dan wel als financiële aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet n akomt . Bestuurlijk belang is aanwezig als er zeggenschap bestaat uit hoofde van stemrecht dan wel vertegenwoordiging in het bestuur van de organisatie. Binnen de GGD Bestuur.
ZL geldt dat verbonden partij
en de goedkeuring moet
en hebben van het Algemeen
GGD Zuid - Limburg heeft zowel bestuurlijk als financieel een 50% minus 1 aandeel belang in Ease B.V. (gevestigd te Maastricht). Dit jaar is het besluit genomen de activiteiten van Ease B.V. te beëindigen . O p grond d aarvan zal de B.V. in 2026 worden geliquideerd . In de concept jaarrekening 2025 va n Ease B.V. bedraagt het resultaat (afgerond) € 208.000 nadelig . Gezien de omvang van het eigen vermogen verwachten de aandeelhouders een positieve afrekening na liquidatie. De voorgeschreven
(voorlopige) informatie van deze verbonden partij luidt als volgt: Ease B.V.
Eigen vermogen per 1 - 1- 2025 Eigen vermogen per 31 - 12- 2025
1.471.867 1.264.0 33
Vreemd vermogen per 1
- 1- 2025
330.069
Vreemd vermogen per 31
- 12- 2025
352.416
Resultaat 202 5
- 20 7.834
De GGD ZL zelf is een verbonden partij voor de deelnemende gemeenten. Dit zijn de 16 gemeenten: Beek, Beekdaelen, Brunssum, Eijsden - Margraten, Gulpen - Wittem, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Maastricht, Meerssen, Simpelveld, Sittard - Geleen, Stein, Valkenburg a/d Geul, Vaals en Voerendaal.
Jaarstukken GGD ZL 2025
Pagina 40
4
Jaarrekening
20 25
4 .1 Balans per 31 december 20 25 (Balans voor resultaatbestemming) BALANS GGD Zuid
- Limburg
31 december
31 december
31 december
31 december
202 5 in €
202 4 in €
202 5 in €
202 4 in €
776.845
776.845
1.323.403
330.485
2.164.841
1.479.127
4.265.089
2.586.457
1.354.048
1.010.233
12.545.833
13.512.500
ACTIVA
PASSIVA
Vaste activa
Vaste passiva
Materiële vaste activa
Eigen vermogen
Investeringen met economisch nut
14.695.334
14.579.371
Algemene reserve Bestemmingsreserves
Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
Gerealiseerde resultaat 189.469
207.469
5.183.333
5.700.000
5.372.802
5.907.469
Voorzieningen Voorzieningen ter egalisering van kosten
Vaste schulden met een rente typische looptijd van langer dan één jaar: Totaal vaste activa
20.068.136
20.486.840
Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen
Vlottende activa
Voorraden
Vlottende passiva
12.031
15.324
Netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar: Kasgeldleningen
Uitzettingen met een rente typische looptijd
Rekeningen courant
korter dan één jaar:
Overige schulden
Vorderingen op openbare lichamen Uit zettingen in ‘Rijks schatkist meet een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige vorderingen
1.776.932
3.027.626
3.964.721
2.820.293
239.047
180.157
5.980.700
6.028.076
Kas Bank
70
2.735
532.246
527.524
532.316
530.259
883.679
1.192.618
1.879.743
1.602.835
2.763.422
2.795.453
9.288.469
9.369.112
29.356.605
29.855.952
-
385.858
5.611.533
4.960.205
5.611.533
5.346.063
Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen Overige vooruit ontvangen bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
Liquide middelen
-
-
-
-
5.505.434
7.362.123
74.668
38.576
5.580.102
7.400.699
11.191.635
12.746.762
Overlopende activa Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen Overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen
Totaal vlottende activa
TOTAAL ACTIVA
Jaarstukken GGD ZL 2025
Totaal vlottende passiva
TOTAAL PASSIVA
29.356.605
29.855.952
Pagina 41
4.2
Rekening van baten en lasten 20 25 Begroting na
GGD Zuid - Limburg
Rekening
wijzigingen
202 5 in €
202 5 in €
Baten Bijdragen gemeenten
41.396.652
41.396.652
Tarieven Gemeenten
3.812.138
3.904.000
Plusproducten bijdragen
907.051
Bijdrage Rijk/Provincies
10.884.691
7.557.000
Overige bijdrage
8.817.395
4.553.387
Incidentele opbrengsten
287.893
110.000
66.105.820
57.521.039
Personeelslasten
37.408.241
37.641.081
Huisvestingslasten
3.210.799
2.421.000
Afschrijvingslasten
142.203
57.000
Rentelasten en Bankkosten
400.007
-
Beheers en adm. lasten
1.487.539
1.113.499
Lasten vervoermiddelen
13.725
15.000
Lasten Automatisering
988.068
1.433.000
Lasten medische middelen
752.079
617.000
Lasten uitvoering derden
4.955.118
1.039.000
Incidentele lasten
395.525
111.000
49.753.304
44.447.580
Algemene dekkingsmiddelen
1.463.128
1.463.128
Overhead
15.613.289
14.536.587
Resultaat vóór VPB en vóór bestemming
2.202.355
-
44.596 -
-
7.082
-
2.164.841
-
Totale baten
-
Lasten
Totale lasten
Vennootschapsbelasting boekjaar Onttrekkingen
aan reserves gedurende het jaar
Gerealiseerde resultaat
Na de rekening van baten en lasten per programma is een overzicht van de primaire en gewijzigde begroting per programma opgenomen. In de toelichting op de rekening van baten en lasten is steeds een vergelijking gemaakt tussen de realisatie en de bijgestelde begroting 202 5.
Jaarstukken GGD ZL 2025
Pagina 42
4.3
Rekening van baten en lasten 202
5 per programm a Begroting
GGD Zuid - Limburg
Begroting
Begroting
Begroting
Rekening
Rekening
Rekening
na wijzigingen
Rekening
na wijzigingen
Rekening
na wijzigingen
Rekening
na wijzigingen
202 5 in €
202 5 in €
202 5 in €
202 5 in €
202 5 in €
202 5 in €
202 5 in €