Bijlage 1 - Perspectiefnota 2022 vs 1.0 25-5-2021.pdf
Tekst van het document
Naast de gemeente zijn ook ondernemers (winkeliers, horeca), bewoners, vastgoedeigenaren/ initiatiefnemers en andere stakeholders betrokken. In co-creatie met hen willen we werken aan de ambities en het uitvoeringsprogramma herijking visie Oude Dorp 2030.
16 / 49
Perspectiefnota 2022
2.5 Thema Openbare ruimte en groen Houten is een prachtig groene gemeente. Dat maakt het wonen in Houten ook zo aantrekkelijk. Samen met onze inwoners koesteren we die kwaliteit en behouden we die voor de toekomst. We verbeteren het aanzien en de beleving van het groen. Een grote verscheidenheid aan planten en dieren zorgt ervoor dat de natuur haar nuttige functies voor de mens kan blijven vervullen, zoals het bestuiven van gewassen, schoon drinkwater en zuivere lucht. Een groene omgeving is dus niet alleen mooi maar ook hard nodig. De verscheidenheid aan planten en dieren neemt af en dat heeft gevolgen voor mens en natuur. Houten wil daarom bijdragen aan het vergroten van de biodiversiteit. We ontwikkelen een totaalvisie op het Houtense groen. Deze visie is een belangrijke bouwsteen bij de ontwikkeling van woningbouwlocaties. We maken de visie samen met inwoners, ondernemers en andere betrokken partijen. (Bron: Coalitieakkoord 2018-2022) Meer groen en diversiteit (cpr-thema 2.5.1) 28. Essentaksterfte Conform de Visual Tree Assessment (VTA) (boomveiligheid) zullen ook in 2022 zoals ook al eerder in 2020 is gebeurd, de aangetaste essenlanen met een toekomstverwachting van minder dan 5 jaar vervangen worden. Het is noodzakelijk dergelijke essenlanen te vervangen om een grote kaalslag in de toekomst te voorkomen.
Het herplanten zal conform bomenbeleid en natuurwet uitgevoerd moeten worden. De gemeente Houten heeft 31.295 (laan/park) bomen waarvan er 5.346 essen zijn. Ongeveer de helft van de essen is aangetast door de essentaksterfte. Op dit moment bestaat geen adequate oplossing om de ziekte te bestrijden. Volgens het onderzoek ”Gevolgen Essentaksterfte Houten in beeld” van Terra Nostra is het nodig de komende 10 jaar gemiddeld 250 bomen per jaar te kappen en te vervangen door een breed assortiment van bomen/ nieuwe duurzame en kwalitatief hoogwaardige beplanting. Dit is gestart in 2020 en er zal elk jaar een inventarisatie uitgevoerd worden als grondslag voor de vervanging. Inventarisatie vindt plaats in de zomer van de essentaksterfte. Als er bomen weg moeten, heeft dit impact op de leefomgeving van bewoners. Bestrijding wateroverlast (cpr-thema 2.5.2) 29. Onderdeel van Klimaatadaptatieplan In 2021 wordt het gemeentelijke klimaatadaptieplan (inclusief uitvoeringsplan) opgesteld. Uitgangspunt is dat maatregelen moeten passen binnen de huidige financiële kaders van de gemeentebegroting. Waar mogelijk sluiten we aan bij de financiële ruimte die het Water- en Rioleringsplan (WRP) biedt. Waar dit niet past en maatregelen wel wenselijk zijn, zal gezocht worden naar externe financieringsmogelijkheden. Wat er exact in 2022 gaat gebeuren aan klimaatadaptatiemaatregelen is nu nog niet bekend.
Wat betreft klimaatadaptatie werken we in het Netwerk Water en Klimaat nauw samen met regionale partners. Zo wordt er momenteel gezamenlijk een uitvoeringsplan opgesteld voor de Regionale Adaptatie Strategie. Mogelijk leidt dat tot regionale afspraken met financiële en personele gevolgen voor Houten:
Afspraken over de toepassing van nieuwe Bouwregelgeving; Regionale afspraken over de beperking van de gevolgen van overstromingen. Nieuwe regels van het waterschap betreffende het opstellen voor meer waterberging en verbetering van de waterkwaliteit die ook tot meer (aanleg en beheer) kosten kunnen leiden voor de gemeente. We blijven alert op het ontstaan en zo nodig voorkomen van ongewenste en onrealistische beheeropgaven. Mooier aanzien (cpr-thema 2.5.3) 30. Onkruid in verharding Voor 2022 en verder werkt de gemeente aan een herijking van de beeldkwaliteit rondom onkruid op verhardingen en het bijbehorende kostenplaatje.
17 / 49
Perspectiefnota 2022
2.6 Thema Economie en ondernemen In de afgelopen jaren is een aantal bouwstenen voor onze Economische koers gemaakt. Denk aan de Toekomstvisie Houten 2025, de Retailvisie 2025, de Woonvisie, de Kantorenvisie en recentelijk de Stedenbouwkundige verkenning. (Bron: Coalitieakkoord 2018-2022) Economische agenda (cpr-thema 2.6.1) 31. Economische agenda De economische agenda is in samenspraak met de ondernemersverenigingen opgesteld. Een van de belangrijkste onderwerpen is het Ondernemersfonds. De gemeente Houten heeft medio mei 2021 de formele aanvraag ontvangen om te komen tot een ondernemersfonds in de gemeente Houten. De gemeente heeft aangegeven te hechten aan draagvlak bij ondernemers en het delen van de ambities tussen ondernemers en gemeente om tot een economische agenda te komen waar het ondernemersfonds een rol in kan spelen. Gedacht wordt aan de start van het ondernemersfonds vanaf 2022. 32. Gunstig vestigingsklimaat Het onderzoek onder ZZP Houten heeft vertraging opgelopen en zal pas in de tweede helft van 2021 plaats vinden. Daardoor is het nog niet bekend welke maatregelen in 2022 gevraagd worden om deze groep ondernemers te ondersteunen. Naast de corona omstandigheden (daardoor is het beeld vertekend) is ook het uiteenvallen van de ZZP vereniging in Houten een belemmerende factor in het onderzoek.
Immers hiermee ontbreekt een belangrijke klankbordgroep voor het onderzoek. De uitkomsten van het aanstaande onderzoek onder ZZP’ers in Houten zal input zijn voor de Economische Agenda. Het ZZP-onderzoek zal worden uitgezet en de resultaten worden met het Economisch Platform Houten besproken, teneinde hier acties voor de Economische Agenda aan te kunnen verbinden. 33. Smart City Vanuit het proces om een nieuwe overeenkomst af te sluiten voor het beheer en vervanging van de openbare verlichting is in 2021 gekeken welke ontwikkelingen mogelijk meegenomen kunnen worden tijdens de aanbesteding van de openbare verlichting. Hierdoor is er ook op grote lijnen gekeken naar de mogelijkheden van smart city en 5G. Huidige inzichten geven aan dat er op dit moment geen behoefte is voor smart city en 5G oplossingen binnen de aanbesteding van de verlichting. De aanbesteding van de openbare verlichting wordt dusdanig ingestoken dat het geen belemmering mag opleveren voor mogelijke toekomstige 5G en smart city oplossingen. Of en wanneer smart city een rol gaan spelen binnen de gemeente Houten is nog niet te zeggen. Daarentegen is er al wel een landelijke uitrol bekend van 5G technologie. De impact op diverse vlakken van 5G is op dit moment nog niet geheel bekend. Hierdoor zal er ook in 2022 continue gekeken moeten worden naar ontwikkelingen en impact op de verschillende beleidsterreinen.
Voorbeeld in aanbestedingsbeleid (cpr-thema 2.6.4) 34. Lokale ondernemers Bij aanbestedingen onder de Europese drempel wordt in 2022 standaard bekeken of er Houtense ondernemers bij zijn. Voor de circulaire economie kijken we samen met het bedrijfsleven en maatschappelijke initiatieven naar mogelijkheden. We zoeken ook in 2022 lokale kansen om materiaalkringlopen meer te sluiten. Daarbij blijven we onze (klassieke) rol benutten om als aanbesteder en als inzamelaar van het huishoudelijk afval de circulaire economie aan te jagen. Dit kan bijvoorbeeld door te kiezen voor:
een nog hoger percentage afvalscheiding in het inkoopbeleid te kiezen voor circulair tenzij …
Vitale winkelcentra en horeca (cpr-thema 2.6.5) 35. Stimuleren vitale winkelcentra en horeca Vitale winkelcentra en horeca betekent dat we leegstand willen terugdringen, een aantrekkelijk winkelaanbod en een aangename verblijfsruimte voor bezoekers van winkelcentra en horeca nastreven, in de meeste gevallen voor onze inwoners. 18 / 49
Perspectiefnota 2022 Speerpunten voor 2022 zijn:
Mede als gevolg van de coronacrisis is er is de komende jaren extra inzet en middelen nodig om – met name Het Rond – toekomstbestendig en vitaal te houden. Er wordt in 2021 een burgerpanel onderzoek uitgevoerd naar de kwaliteit van het winkelaanbod in het centrum. Op basis hiervan kunnen we in 2022 de eigenaar van het winkelcentrum voeden tijdens het centrumoverleg (gemeente, eigenaar, winkeliersvereniging). Cijfers over bezoekersmonitoring worden door de eigenaar niet met de gemeente gedeeld. Met de horeca is er overleg waarbij we hen tijdens en na de huidige coronacrisis waar mogelijk lokaal perspectief bieden. Ook in 2022 stimuleren we met het Evenementenfonds Houten passende evenementen in de centrumgebieden. Dat is de komende jaren nog harder nodig om de vitaliteit en levendigheid in winkelcentra te versterken. Tot slot verkennen we de mogelijkheden met bewoners, en eigenaren van de centrumgebieden om de buitenruimte aantrekkelijker, leefbaarder en veiliger te maken. Indien zich kansen voordoen in een van de winkelcentra willen we daar op in kunnen spelen. Naast de gemeente zijn ook ondernemers (winkeliers, horeca) en vastgoedeigenaar betrokken, evenals bewoners. Gezamenlijk werken we in 2022 aan vitalere winkelcentra en horeca. De gemeente heeft de regie en faciliteert (capaciteit, beleid).
2.7 Thema Veiligheid Veiligheid heeft als doel zorg te dragen voor een veilige sociale en fysieke leefomgeving. In deze periode willen we prioriteit leggen op het bestrijden en voorkomen van criminaliteit en overlast, tegengaan van ondermijnende criminaliteit, aandacht voor water en veiligheid en het versterken van informatie-gestuurd werken op het gebied van openbare orde en veiligheid. (Bron: Coalitieakkoord 2018-2022) Bestrijden en voorkomen van criminaliteit en overlast (cpr-thema 2.7.1) 36. Capaciteit Boa’s In het kader van toezicht en handhaving is er door corona meer aandacht nodig op het terrein van het tegengaan van toenemende jeugdoverlast op straat en op de zogenaamde ‘hotspots’ in de gemeente. Ook na corona zijn we alert op het feit of hier sprake is van een structurele ontwikkeling. Voor een adequaat toezicht en handhaving op de toenemende jeugdoverlast is in 2020 en 2021 de Boacapaciteit met 2 formatieplaatsen tijdelijk uitgebreid. We hebben dit kunnen financieren uit de van het Rijk ontvangen coronacompensatie. Als er sprake is van een structurele ontwikkeling, kijken we in eerste instantie of het noodzakelijk toezicht en handhaving kan worden opgevangen binnen de bestaande capaciteit. Indien dit niet kan, komen we met voorstellen om de formatie structureel uit te breiden. Tegengaan van ondermijnende criminaliteit (cpr-thema 2.7.2) 37.
Ondermijning De aanpak van de Georganiseerde Ondermijnende Criminaliteit (GOC) vereist veel tijd, energie, inzet en geduld. Op basis van eerdere integrale controles blijkt dat er meer aan het licht komt dan in eerste instantie zichtbaar is aan de oppervlakte. Voor de komende jaren vraagt de GOC ook van onze gemeente meer inzet, ook in regionaal verband. Voor de komende periode zal er extra capaciteit nodig zijn in het voorbereidend onderzoekswerk, de beleidsvorming en de concrete inzet van toezichthouders, adviseurs, controlemogelijkheden. Ook voor de aanpak van de GOC kijken we in eerste instantie of we dit kunnen realiseren door herprioritering van werkzaamheden binnen de bestaande formatie. Water en veiligheid (cpr-thema 2.7.3) 38. (Regionaal) programma gevolgbeperking overstromingen (meerlaagsveiligheid). In het Netwerk Water en Klimaat werken we met regionale partners samen aan een programma voor de beperking van de gevolgen van overstromingen. Op dit moment is nog onbekend welke maatregelen worden afgesproken en dus ook in hoeverre het programma leidt tot financiële en personele gevolgen voor Houten vanaf 2022. We blijven alert op het ontstaan van voor de gemeente Houten ongewenste opgaven.
19 / 49
Perspectiefnota 2022 39. Onderzoek slimme aanpassing infrastructuur Slimme aanpassingen aan de bestaande infrastructuur zijn nodig ten behoeve van schadebeperking bij een eventuele overstroming en ten behoeve van de voorbereiding op rampen en crises.” Wat betreft overstromingen gaat het hierbij om zaken die ook aan de orde komen bij het thema “(Regionaal) programma gevolgbeperking overstromingen (meerlaagsveiligheid)” (zie vorige thema). Wat betreft rampen en crises is dit primair een aandachtspunt voor integrale veiligheid. Er loopt momenteel een onderzoek naar het gebruik van de Rondwegwal als waterkering bij een overstroming van de Lek. Er zijn nog geen echte bestuurlijk relevante ontwikkelingen te verwachten binnen dit thema in 2022. 40. Breder pakket maatregelen Het gaat hierbij om verschillende maatregelen uit het Water en Rioleringsplan (WRP) 2020-2023 die ook in de komende jaren worden uitgevoerd en waarvoor dekking is in het WRP. Er zijn geen echte bestuurlijk relevante ontwikkelingen binnen dit thema in 2022.
20 / 49
Perspectiefnota 2022
3. Onze Sociale omgeving We streven naar een inclusieve samenleving waarin iedereen naar vermogen kan meedoen en een waardevolle bijdrage kan leveren. Het gaat daarbij niet om eenrichtingsverkeer, maar om wederkerigheid. Iedereen voelt zich thuis in Houten en draagt een steentje bij. De inclusieve samenleving vormt ook het uitgangspunt van het Programma Sociale Kracht van de gemeente. Centrale ambitie daarvan is: “Iedereen doet mee!”. We staan voor een persoonsgerichte en integrale benadering. We bevorderen dat zoveel mogelijk mensen betaald of onbetaald kunnen werken. Het gaat om het stimuleren van economische zelfstandigheid, het minder afhankelijk maken van uitkeringen en het bevorderen van maatschappelijke deelname, ondernemerschap en herstel. De vraag en de eigen kracht van de inwoner staan daarbij centraal. Omdat voorkomen beter is dan genezen, is preventie van belang. Er is een verandering in gang gezet naar meer preventie, naast de zorg die nodig blijft. In die kanteling zetten we de komende vier jaar meer stappen. De gemeente werkt samen met onderwijs, zorginstellingen, maatschappelijke organisaties, kerken en ondernemers. We vinden het belangrijk dat de gemeente en andere organisaties toegankelijk zijn en in begrijpelijke taal met inwoners communiceren. Goede ondersteuning begint bij “vinden en gevonden worden”.
We leveren zoveel mogelijk maatwerk en handelen vanuit de bedoeling van de regels. (Bron: Coalitieakkoord 2018-2022)
3.0 Sociale Koers Inleiding (cpr-thema 3.0) Met de vaststelling van de Sociale Koers in 2020 en het Uitvoeringsplan Sociale Koers 2021-2022 in maart 2021 ligt de transformatieopdracht voor het aankomende jaar vast. Binnen de vier integrale thema’s ligt de uitdaging in een inhoudelijke doorontwikkeling met tegelijkertijd de groei naar een financieel gezond sociaal domein. Ook in 2022 gaan wij voor een Houten waar iedereen meetelt en meedoet. Waar alle inwoners tot hun recht komen. En een kans krijgen om mee te doen aan sociale activiteiten. Waar werk, gezondheid, onderwijs, zelfstandig wonen, zorg en welzijn bereikbaar zijn voor iedereen. Waar iedereen iets bijdraagt aan de samenleving en omkijkt naar elkaar. Wij willen dat inwoners in Houten zoveel mogelijk voor zichzelf en elkaar kunnen zorgen. We werken gezamenlijk met inwoners en partners aan een sterk Houten waar mensen zorg en aandacht hebben voor elkaar. Als het – tijdelijk – niet lukt, dan zorgen wij voor ondersteuning, liefst op maat en dichtbij huis. Vanuit vijf hoofdopgaven geven we vorm aan deze opdracht: - Versterking van het gewone leven; - Versterking van de sociale infrastructuur; - Betere aanpak van multiproblematiek; - Realisatie van woonplekken voor kwetsbare inwoners; - Realiseren van een gezonde financiële basis.
Binnen alle projecten werken we nauw samen met onze partners om onze gezamenlijke verantwoordelijkheid in te vullen en om de vraagstukken in samenhang op te pakken. De uitvoering gebeurt binnen de middelen die ter beschikking zijn gesteld.
3.1 Thema Gezondheid, zorg en welzijn De zorg moet inclusief, nabij, eenvoudig, op tijd en betaalbaar zijn… (Bron: Coalitieakkoord 2018-2022) De ingangen tot zorg (cpr-thema 3.1.1) 41. Toegang tot zorg Voor 2022 en verder staan een drietal belangrijke ontwikkelingen op stapel die van invloed zijn op de werkzaamheden van het Sociaal Team Houten. Het betreft de volgende ontwikkelingen: -
Nieuwe inkoopstrategie voor jeugdhulp en Wmo (ontwikkeling binnen bestaande beleidskaders); Beschermd Wonen/ beschermd Thuis (ontwikkeling als gevolg van wet- en regelgeving); Vernieuwde ketensamenwerking binnen de jeugdbeschermingsketen (ontwikkeling als gevolg van wet- en regelgeving). 21 / 49
Perspectiefnota 2022 Alle drie de ontwikkelingen sluiten aan bij de transformatieopgaven binnen het sociaal domein: -
Hulp- en ondersteuning wordt meer lokaal georganiseerd; Er wordt meer en beter gebruik gemaakt van voorliggende voorzieningen; Bij de inzet van ondersteuning wordt integraal gekeken naar wat nodig is; Bij de inzet van hulp en ondersteuning is meer aandacht voor effectiviteit en opbrengst.
Deze drie ontwikkelingen hebben direct invloed op het werk in 2022: -
Er komen nieuwe taken bij; bijvoorbeeld, de toegang tot Beschermd wonen en jeugdbeschermingstaken; - Er komen nieuwe doelgroepen bij wie vaak sprake is van complexe problematiek; - Er worden nieuwe werkwijzen geïntroduceerd waarin medewerkers moeten worden geschoold; - Er worden nieuwe vaardigheden gevraagd waarin medewerkers moeten worden geschoold. De financiering van de op handen zijn veranderingen is nog niet volledig in beeld. Het is de verwachting de daadwerkelijke kosten slechts gedeeltelijk worden gedekt uit rijksmiddelen. De maatwerkvoorzieningen worden waarschijnlijk wel gedekt maar de extra implementatiekosten en de uitvoeringskosten met betrekking tot toeleiding naar zorg niet. Om die reden worden de implementatiekosten voor 2022 en verder aangemerkt als risico. Om lokaal ook de gewenste dienstverlening te kunnen bieden aan de inwoners is het van belang dat het Sociaal Team voldoende is toegerust qua informatie, vaardigheden en formatie. Ter voorbereiding zijn in regionaal verband al meerdere werkgroepen actief waarin zowel beleidsadviseurs, medewerkers uit het Sociaal Team en Regionale Backoffice Lekstroom (RBL) in participeren. In dit proces wordt kritisch gekeken naar de uitvoerbaarheid van de plannen gezien de huidige tekorten in het sociaal domein.
Dit leidt al tot slimme keuzes om zo de uiteindelijke kosten van voorbereiding, implementatie en uitvoering zo laag mogelijk te houden. Passende ondersteuning en vroeg-signalering (cpr-thema 3.1.2) 42. Signalering & toeleiding naar zorg In het kader van de bij de begroting 2020 vastgestelde ombuigingen binnen het sociaal domein en de verder oplopende kosten voor jeugdhulp en Wmo wordt gekeken waar aanvullende besparingen mogelijk zijn op de kosten van de verschillende maatwerkvoorzieningen (bestaande beleidskaders). Hiertoe wordt een businesscase “begeleiding” uitgewerkt. Deze businesscase geeft mogelijk aan dat een investering in het bieden van begeleiding door het Sociaal Team, leidt tot een structurele afname van de kosten van maatwerkvoorzieningen. Hiermee wordt invulling gegeven aan de transformatieopgave om “de beweging naar voren” te maken. Inwoners kunnen lokaal nabij terecht voor begeleiding. De begeleiding die wordt geboden gaat uit van de principes van gekanteld werken: zo snel mogelijk normaliseren door versterken van de inwoner en zijn/haar netwerk. Hierdoor wordt gekomen tot duurzame oplossingen en hoeft er minder maatwerk te worden ingezet. Stichting Sociaal Team is de trekker en werkt plannen/businesscase uit. Om tijdig te kunnen afschalen wordt nauw samengewerkt met voorliggende voorzieningen waarbij van Houten & Co een belangrijke partner is.
Over de resultaten en het vervolg op de businesscase wordt de raad geïnformeerd. Right to challenge (cpr-thema 3.1.6) 43. Pilotproject Het (pilot)project van het Zorg- en welzijnsnetwerk Schalkwijk en Tull en ’t Waal brengt vernieuwing in het gebied op gang met de opzet van een zorgstructuur die de inwoners helpt en ondersteunt daar waar nodig. Het Zorg- en welzijnsnetwerk Schalkwijk/ Tull en ’t Waal zal in de pilot-periode activiteiten ontwikkelen waardoor er een actieve en interactieve gemeenschap ontstaat waarin bewoners zich met elkaar verbonden voelen en elkaar met diensten, hulp, informatie, ontmoeting en activiteiten kunnen helpen. Te denken valt aan: -
pilot dorpsondersteuner; bewegen; gezamenlijke maaltijden; klusjesdienst; haal en breng service.
22 / 49
Perspectiefnota 2022 Onder de werking van een Provinciale- en Europese LEADER subsidie is een dorpscoöperatie De Trossel opgericht om invulling te geven aan het zorg- en welzijnsnetwerk Schalkwijk en Tull en ’t Waal. Zij hebben LEADER subsidie ontvangen tot eind 2021. De dorpscoöperatie zal voor 2022 een gemeentelijke subsidie aanvragen en ook wordt nog naar andere financiële mogelijkheden (intern-extern) gekeken.
3.2 Sociale zekerheid, werk en inkomen Werken is één van de manieren om mee te kunnen doen in de samenleving… (Bron: Coalitieakkoord 2018-2022) Inburgering 44. Nieuwe wet inburgering De nieuwe wet inburgering gaat op 1 januari 2022 van start; we hebben dan weer de volledige regie op alle inburgeraars. Het Rijk belegt deze taak bij gemeenten en hevelt hiermee ook budget over. In 2021 worden de voorbereidingen getroffen. Het jaar 2022 is een jaar van uitvoeren en bijstellen waar nodig. De middelen die beschikbaar zijn, kunnen onvoldoende blijken bij een hoge ambitie en verhoogde instroom. Eind 2021 hebben we hier meer zicht op Aanpak van armoede (cpr-thema 3.2.2) 45. Evaluatie minimabeleid Op 18 juli 2019 heeft de raad de evaluatie minimaregelingen vastgesteld. In deze evaluatie werd aangegeven dat het van belang is dat de gemeente Houten het pakket aan minimaregelingen blijft monitoren en daar waar nodig tussentijds bijstuurt. Als gevolg daarvan zijn achtereenvolgens in 2020 de rapporten ”WIJ is meer dan IK” en de vervolgrapportage doorontwikkeling minimaregelingen verschenen. De rekenkamer heeft in 2020 onderzoek gedaan naar de minimaregelingen in Houten en heeft een rapport met aanbevelingen gepubliceerd in het eerste kwartaal van 2021. Daarin pleit de rekenkamer onder meer voor een fundamentele herijking van de minimaregelingen.
Wij hebben aangegeven deze herijking voor het lopende jaar 2021 niet realistisch te achten en wil deze bij voorkeur overdragen aan een nieuw college, waardoor de herijking in 2022 of 2023 kan worden afgerond. Een meerderheid van de raad heeft ons verzocht om in 2021 wel alvast een start te maken. De manier waarop dit zal gebeuren is nog niet duidelijk. Dit is de belangrijkste fundamentele ontwikkeling rondom het minimabeleid. Belangrijk om te benadrukken is, dat een herijking niet hetzelfde is als een evaluatie. Een integrale herijking van de minimaregelingen vergt veel inzet/capaciteit en deskundigheid.
3.3 Thema Jeugd en onderwijs Samen met jongeren en gezinnen die er op eigen kracht of met hun sociale netwerk niet uitkomen, wordt gezocht naar passende hulp… (Bron: Coalitieakkoord 2018-2022) Inclusief onderwijs (cpr-thema 3.3.3) 46. Voorschoolse educatie Vanaf 2022 moeten we de uitbreiding ureninzet van de pedagogisch beleidsmedewerker voor nog betere voorschoolse educatie financieren. Dit is wettelijk verplicht. De kwaliteit van de voorschoolse educatie wordt vergroot, zodat de kinderen nog beter voorbereid (met minder achterstand) aan de basisschool kunnen starten. Hierdoor nemen de Onderwijs Achterstand Beleid (OAB) middelen af en staat dat budget onder druk. Tegelijkertijd is er een toename instroom nieuwkomers, met onder andere gezinnen met kleine kinderen, waardoor dit volume groter wordt. Hierdoor is mogelijk ook behoefte aan extra capaciteit voor peuteropvang/ VE. Vanuit het Rijk is nog niet helder welke vergoedingen beschikbaar worden gesteld. Hier ligt mogelijk vanaf 2022 een risico.
23 / 49
Perspectiefnota 2022 47. Inclusieve Onderwijshuisvesting De ontwikkeling naar meer inclusief onderwijs vergt een zorgvuldig proces van meerdere jaren en hangt samen met ontwikkelingen op onderwijshuisvesting. We maken daarvoor ook in 2022 gerichte samenwerkingsafspraken met het onderwijs (passend onderwijs). Als gemeente gaan we Passend Onderwijs niet organiseren wel faciliteren en huisvesten. Mogelijk leidt dit tot andere eisen die aan de onderwijshuisvesting worden gesteld dan tot nu toe. Landelijk: Uit de landelijke evaluatie passend onderwijs komt naar voren dat een onderdeel van de routekaart ook de onderwijshuisvesting van passen onderwijs zal moeten zijn. Samen oplopend met het onderhoud aan en de verduurzaming van de huisvesting, zal het op een nader te bepalen moment voor schoolbesturen en gemeenten verplicht moeten worden om met groot onderhoud ofwel nieuwbouw ook nadrukkelijk inclusiever onderwijs mee te nemen. Regionaal: Op het REA-college (Route Educatie Arbeid) is een sessie geweest over inclusief onderwijs en huisvesting naar aanleiding van de landelijke evaluatie. In deze evaluatie staat dat over 2 jaar, op weg naar méér inclusief onderwijs in ieder Integraal Huisvestingsplan is opgenomen. Hierin staat onder andere beschreven dat: -
Jeugdhulp op school georganiseerd kan worden. Dit vraagt om passende (overleg) ruimtes; De verschillen tussen gespecialiseerd onderwijs en het regulier onderwijs vervagen. Reguliere scholen vangen ook steeds meer ‘bijzondere’ leerlingen op; - Er bij grote schoolgebouwen na wordt gedacht over ‘veilige zones’. Samen met het onderwijsveld wordt een nieuw integraal huisvestingsplan onderwijs (IHP Onderwijs) opgesteld. Daarin wordt niet alleen aandacht gegeven aan inclusief onderwijs en de gevolgen daarvan voor de onderwijshuisvesting, maar ook aan de algemene gevolgen van het verouderen van de bestaande schoolgebouwen in met name Houten-Noord. Huisvesting scholen (cpr-thema 3.3.5) 48. Huisvesting Initiatief 10-14 jarigen Als gemeente blijven we op de hoogte van het initiatief onderwijs 10-14 jarigen, maar hebben inhoudelijk geen verantwoordelijkheid. Onze verantwoordelijkheid ligt wel bij de huisvesting van onderwijs. Kinderen 10-12 en 13-14 zitten niet meer op de basisschool en zitten tussen basisschool en voortgezet onderwijs in. Hiervoor wordt nu aparte, leegstaande huisvesting gebruikt. De samenwerkende scholen bekostigen zelf de huisvesting, dus dit heeft geen financiële gevolgen voor de gemeente. Leerlingen in de leeftijd 10-14 jaar krijgen het onderwijs aangeboden in college de Heemlanden.
Hiervoor kan gebruik worden gemaakt van leegstaande ruimten die door de Heemlanden worden gehuurd. Wij blijven ook in 2022 in contact met de initiatiefnemers van onderwijs 10-14 jarigen (KS Fectio en De Heemlanden) over de ontwikkelingen en de mogelijke behoeften aan (bestaande, beschikbare) onderwijshuisvesting.
3.4 Thema Kunst, cultuur en sport We willen in Houten meer ruimte voor ontplooiing op kunst-, cultuur- en sportgebied… (Bron: Coalitieakkoord 2018-2022) ‘Ruimte’ voor kunst, cultuur en sport (cpr-thema 3.4.1) 49. Onderzoek gesloten sportparken Wij hebben besloten om in 2022 een pilot uit te voeren voor een proefperiode van 1 jaar. De pilot was eerst gepland voor 2021. De intentie is om voor de proefperiode de volgende sportparken te selecteren: sportpark Oud Wulven, sportpark Kruisboog, sportpark De Meerpaal (excl. de honkbalvelden). De hoofdgebruikers van de sportparken staan, onder voorwaarde dat ze geen extra last ondervinden, positief tegenover het openstellen van de sportparken. Uiteraard zullen in de evaluatie aan het einde van de pilot – in nauw overleg met de gebruikersoverlast-aspecten van deze openstelling worden meegenomen. 50. Onderzoek atletiek facilitering binnen bestaande sportaccommodaties De atletiekunie heeft een plan gemaakt voor sportpark Meerpaal (oude handbalveld en de grond erachter), waarbij de grenzen van het park gerespecteerd blijven. Atletiek Houten heeft een stichting opgericht die tot doel heeft om de investering voor de atletiekvoorziening te realiseren. Deze stichting is bezig om fondsen te werven om zelf te investeren. Hoe groter deze investering kan worden, hoe 24 / 49
Perspectiefnota 2022 lager het huurbedrag. In 2021 is het onderzoek nog gaande om te kijken of Atletiek Houten het huurbedrag kan opbrengen. Samen met de Stichting Een Leven Bewegen (ELB) wordt onderzocht hoe de servicekosten van de Atletiekvereniging zo laag mogelijk te houden. Zodra bekend is welke investering noodzakelijk is, volgt overleg met Atletiek Houten om te bepalen wat gerealiseerd kan worden tegen het beschikbare geld. De ambitie is om uiteindelijke samen met de partners een atletiek-voorziening in 2022 te realiseren. Ondersteuning verenigingen (cpr-thema 3.4.4) 51. Totaalbeeld sportaccommodaties In het collegeprogramma is het onderzoek opgenomen om het totaalbeeld van sportaccommodaties te vernieuwen in relatie tot huidige situatie en demografische ontwikkelingen in het algemeen en de gevolgen van Samen Bouwen aan Houten 2040 in het bijzonder. Onderzoek: Deze opdracht is reeds in 2019 verstrekt aan het Mulier Instituut. Het onderzoek heeft uitgewezen dat er momenteel met name bij de voetbalverenigingen tekorten aan velden zijn. Voor de realisatie van bijvoorbeeld een kunstgrasveld, worden met de voetbalverenigingen afspraken gemaakt over een kostendekkende huur. Er wordt nu gewerkt aan de vervanging van grasvelden door kunstgrasvelden om de bespeelbaarheid voor SV Houten te vergroten.
Voor FC Delta Sports wordt ditzelfde voorbereid en wordt nagedacht over een uitbreiding met kleedkamers. Met VV ’t Goy wordt ook gesproken over mogelijke uitbreiding van de velden. In de uitwerking van het rapport op basis van de voorlopige cijfers van de Ruimtelijke Koers blijkt voorts dat er tekorten aan capaciteit ontstaan bij hockey en de binnensportaccommodaties. Cultureel erfgoed en cultuureducatie (cpr-thema 3.4.6) 52. Erfgoedbeleid De aandacht voor cultureel erfgoed wordt steeds groter en wordt maatschappelijk gezien steeds meer gewaardeerd. In april 2021 is de raad geïnformeerd, dat in dit jaar het beleid zal worden geactualiseerd en er in 2021 een visie op hoofdlijnen zal worden opgesteld. In deze visie Bij deze actualisatie wordt tevens het huidige beleid geëvalueerd. Ook wordt de eerder door de raad gestelde vraag om te onderzoeken of een Houtens museum haalbaar is hierbij betrokken. We verwachten eind 2021 de visie door de raad te kunnen laten vaststellen. Via in 2022 uit te werken uitvoeringsplannen zal invulling worden gegeven aan deze visie.
25 / 49
Perspectiefnota 2022
4. Betrokken bestuur 4.1 Thema Bestuur en inwonersparticipatie Over grote maatschappelijke opgaven, bij de totstandkoming van beleid en bij de uitvoering van beleid, gaan we in gesprek met inwoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers. In samenwerking met hen komen we tot concrete en breed gedragen oplossingen. Dat leidt tot betere besluiten en effectief bestuur. Maar we willen meer. Samen met Houtenaren stellen we een samenlevingsagenda op. Hierin leggen we vast hoe we samen vraagstukken oplossen. Daarin spreken we ook af wie wat doet. Jaarlijks bekijken we samen waar we staan … (Bron: Coalitieakkoord 2018-2022) Meedenken en samenwerken (cpr-thema 4.1.1) 53. Communicatie en participatie In 2019 en 2020 is de samenlevingsagenda vastgesteld, zijn ambtenaren opgeleid in de methode Factor C (Het relevante gesprek), is de nieuwe leidraad communicatie en participatie bij particuliere initiatieven aan de raad voorgelegd en zijn we ons gaan voorbereiden op de komst van de Omgevingswet (waarin participatie en communicatie een grote rol spelen).
In 2021 en 2022 willen we doorpakken met het concreet handen en voeten geven aan: Het betrekken van inwoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers bij opstellen en uitvoeren van gemeentelijk beleid; Het stimuleren en ondersteunen van particuliere initiatiefnemers om ook bij hun initiatieven de belanghebbenden te betrekken; Hen te helpen om hierbij gebruik te maken van Factor C (Het relevante gesprek) en de daarbij horende methodiek en instrumenten (offline en online!); Het voor iedereen (initiatiefnemers en belanghebbenden) niet alleen inzichtelijk maken van de participatieprocessen maar ook de resultaten daarvan. Zo kan besluitvorming in Houten democratisch, transparant en collaboratief plaats vinden op basis van de rijke inzichten uit de samenleving. Online participatievormen zijn, mede vanuit oogpunt van inclusie, een onmisbaar element in de participatiemix geworden. Zeker met de Omgevingswet op komst en alle ruimtelijke en sociale projecten die de komende jaren in Houten spelen, moeten we ten aanzien van online participatie nog wel een inhaalslag maken. Wat we nodig hebben is een gebruiksvriendelijk online e-participatieplatform dat zorgt voor meer bereik onder de inwoners, het kunnen geven en ontvangen van adequate feedback en een beter beheer van alle participatieprojecten.
In 2021 zijn we daarom gestart met een pilot van een eenvoudige versie van het E-participatieplatform van Citizenlab bij het project warmtetransitie. In 2022 willen de mogelijkheden van deze pilot verder uitbreiden zodat het beschikbaar komt voor alle projecten (zowel die van de gemeente als die van externe initiatiefnemers) en tevens toegang biedt tot alle genoemde mogelijkheden. 54. Samenlevingsagenda: gelijkwaardige samenwerking Werken volgens de samenlevingsagenda houdt in dat partners in de samenleving actief worden betrokken bij opgaven die een breed Houtens maatschappelijk doel dienen. Zij zijn daarbij gelijkwaardig aan de gemeente. En krijgen waar mogelijk een eigen rol en verantwoordelijkheid. In 2020, met uitloop naar 2021, zijn de volgende onderwerpen op de samenlevingsagenda gezet: Lokaal Sportakkoord, Lokaal Preventieakkoord, Energieplan 2020-2025, inburgering nieuwkomers, actieplan Circulaire economie en het veiligheidsbeleid. Alle opgaven van de samenlevingsagenda lopen in 2022 nog door. Concreet betekent dit: We gaan verder met de opgaven die op de samenlevingsagenda staan. We werken, ook bij opgaven die niet expliciet op de samenlevingsagenda staan, waar mogelijk samen met partners in de samenleving, conform de werkwijze van de samenlevingsagenda. Er komen in 2021 geen nieuwe opgaven op de samenlevingsagenda.
Wat betreft participatie gaat de aandacht vooral uit naar de herziening van de Leidraad Communicatie & participatie particuliere (bouw) initiatieven.
26 / 49
Perspectiefnota 2022 Zichtbaar in de wijk (cpr-thema 4.1.2) 55. Zichtbaar in de wijk Het college wil zichtbaar en aanspreekbaar zijn in de wijken en de kleine kernen. Daarvoor bestaat grote aandacht in het college. Iedere wethouder is voor zijn deel van Houten laagdrempelig aanspreekbaar en dat is veelvuldig gebeurd. Alleen, als gevolg van de Covid-19-maatregelen van afgelopen tijd waren er minder contactmomenten dan gewenst. Het jaar 2022 zal in het teken van de verdere normalisering van de maatschappij staan. De wijkwethouders zullen daardoor hun contacten naar buiten in 2022 weer verder kunnen intensiveren. Verdere vernieuwing interne bestuurlijke stijl (cpr-thema 4.1.3) 56. Nieuwe manier van vergaderen (digitaal) blijvend In 2022 wordt er een nieuwe gemeenteraad gekozen. Door het inmiddels passeren van de grens van 50.001 inwoners, krijgt de gemeenteraad in 2022 31 raadsleden. Een nieuwe gemeenteraad brengt nieuwe mensen en vaak ook nieuwe wensen. De griffie verzorgt een inwerkprogramma voor de nieuwe gemeenteraad en haalt op wat deze ideeën zijn. Met de huidige gemeenteraad wordt bekeken welke procedures nog voor en welke na 2022 vernieuwd kunnen worden. College en raad kijken gezamenlijk naar welke type informatievoorziening en -verwerking past bij de bestuursstijl waar Houten voor staat.
Dialoog en informatie ophalen bij de inwoners en maatschappelijke partners is hierbij leidend. De verwachting is dat in 2022 de Tijdelijke Wet Digitale beraadslaging en besluitvorming door de Tweede Kamer wordt omgezet in een permanente wet. Dit betekent dat de gemeenteraad ook na de indamming van COVID-19 digitaal besluiten mag nemen. Voor ons als college gold dat al. Het digitaal vergaderen biedt mogelijkheden voor bestuurlijke vernieuwing. Het digitale vergaderen heeft laten zien dat het college de gemeenteraad en of inwoners op een goede manier kan informeren. Voor diverse informerende bijeenkomsten kan bewust gekozen worden om dit digitaal te blijven doen in 2022. Eind 2021 en dus ook in 2022 is de nieuwe raadszaal operationeel. Losse microfoons en camera’s vanuit diverse plekken in de raadszaal, zorgen ervoor dat er in verschillende opstellingen vergaderd kan worden. De manier waarop de gemeenteraad, het college en inwoners met elkaar in gesprek gaan, kan bijdrage aan het resultaat. Door hybride vergaderingen bieden we de mogelijkheid fysiek en digitaal vergaderen te combineren. Zo kan een zo groot mogelijke groep mee participeren. Organisatieversterking en ontwikkeling (cpr-thema 4.1.5) 57. Ontwikkeling organisatie en wendbaarheid Het vergroten van de wendbaarheid van een organisatie is een belangrijke voorwaarde voor succes.
In 2020 en 2021 is die wendbaarheid van de organisatie en medewerkers behoorlijk op de proef gesteld, toen de coronacrisis ons land en dus ook onze gemeente overviel. Er is veel flexibiliteit gevraagd en vanuit een geheel andere uitgangspositie (namelijk veelal vanuit huis en via digitaal contact), is de basis dienstverlening overeind gebleven. En is er doorgewerkt aan de verschillende inhoudelijke uitdagingen waar Houten voor staat (voldoende woningen, energietransitie, leefbaarheid van de stad en iedereen naar vermogen mee laten doen). Vanaf 2019 wordt gewerkt aan het vergroten van deze wendbaarheid. Dit wordt gedaan door via training en opleiding en in het dagelijks werk aandacht te hebben voor belangrijke principes op het gebied van sturing, manier van (samen)werken en leren binnen de organisatie. We tonen eigenaarschap voor ons werk; We geven coachend leiding; We kiezen bewust voor sturen via de lijn of via een programma; We werken integraal en verbindend; We werken opdracht gestuurd en resultaatgericht; We leren en vernieuwen. In de eerste helft van 2021 wordt een tussenevaluatie uitgevoerd, om in beeld te brengen hoe het gaat met dit vanaf 2019 ingezette ontwikkeltraject. In deze tussenevaluatie wordt ook stil gestaan bij de structurele investering in de formatie van de organisatie.
Na een periode van forse ombuigingen op de organisatie, stemde de raad halverwege 2018 in met een structurele impuls van € 400.000 vanaf 2020. Nog voor de zomer zal het adviesrapport van de tussenevaluatie worden opgeleverd. Daarna vindt verder communicatie hierover plaats. Op basis van de inzichten die in de tussenevaluatie worden opgedaan, kunnen gerichte verbeteringen naar de toekomst (in 2022 en verder) worden doorgevoerd.
27 / 49
Perspectiefnota 2022 58. Aantrekkelijk werkgeverschap Om de juiste mensen aan onze organisatie te (blijven) binden, in een aantrekkende arbeidsmarkt, is het belangrijk om te blijven investeren in onze aantrekkelijkheid als werkgever. Dit doen we door te zorgen voor een uitdagende en prettige werkomgeving en door aandacht te hebben voor de vitaliteit en duurzame inzetbaarheid van onze medewerkers (onder andere door voldoende ontwikkel- en doorgroeimogelijkheden, goede werk-privébalans). Een eigentijdse stijl van arbeidsmarktcommunicatie is hierbij ook van groot belang. Om Houten als aantrekkelijk werkgever op de kaart te zetten, is in de afgelopen jaren het werkgeversmerk ontwikkeld; ‘het verhaal van Houten als werkgever’. De kanalen van sociale media worden meer ingezet, in combinatie met een verbeterd werving- en selectiebeleid. Gezien de krappe arbeidsmarkt en de vergrijzende organisatie, waardoor de komende jaren veel uitstroom plaats zal vinden (hetgeen dus ook vertrek van kennis en kunde betekent), is het van groot belang om de lijn van eigentijdse stijl van arbeidsmarktcommunicatie door te zetten en verder uit te bouwen. 59. Garantiebanen In 2022 wordt ook uitvoering aan de wet Banenafspraak gegeven. In het najaar 2020 is gestart met de uitvoering van de opdracht Banenafspraak en Quotumregeling.
In de komende jaren worden de diverse plaatsingsmogelijkheden gescand binnen de organisatie. Dit zal ook tot concrete plaatsingen moeten gaan leiden, maar vraagt ook wat van de organisatie als geheel. Voor de korte termijn richt de aandacht zich met name op werkzaamheden bij de financiële administratie en op uitvoering van beheer. Bij toekomstige plaatsingen zal bezien worden of loonkostensubsidies van toepassing zijn en zal extra begeleiding op de werkvloer nodig zijn voor deze doelgroep. De gemeente Houten wil zich ook richten op het realiseren van deze banen via aanbestedingen van diensten (schoonmaak, post, catering, et cetera.). Daarom zal in ons inkoopbeleid, bij de inkoop van die diensten, nog nadrukkelijker bepalingen worden opgenomen met betrekking tot Social Return On Investment (SROI) en de plaatsing van medewerkers bij opdrachtnemers in garantiebanen. Dit heeft in de praktijk al gerichte resultaten opgeleverd. Zo verloopt de ingehuurde schoonmaakdienst al geruime tijd via UW en is sinds vorig jaar de postdienst uitbesteed aan Cycloon. Dit onder de voorwaarde dat beide bedrijven medewerkers uit de doelgroep inzetten bij deze werkzaamheden. De inmiddels opgedane positieve ervaringen zijn voor ons de bevestiging, dat we bij toekomstige aanbestedingen van diensten deze inkoopvoorwaarde blijven continueren.
Belangrijk gegeven is dat de behandeling van een nieuw wetsvoorstel in het parlement, met betrekking tot de uitvoering van de participatiewet, is aangehouden. Dit is in afwachting van het aantreden van een nieuw kabinet. De bonus/ malus regeling zal de komende jaren nog niet van kracht worden. 60. Voldoen aan wettelijke vereisten omgevingswet De invoering van de Omgevingswet is (uiteindelijk) niet controversieel verklaard in Eerste en Tweede Kamer. Hiermee blijft invoering op 1 januari 2022 mogelijk en gaan we om die reden vanuit. Alle inspanningen zijn erop gericht om in het laatste kwartaal van dit jaar gereed te zijn voor de komst van de wet. Het werven van voldoende gekwalificeerd personeel op de benodigde posities blijkt moeilijk tot zeer moeilijk, door de grote vraag naar Omgevingswet expertise in de markt. Inmiddels is het ook gelukt een interim programmamanager aan te trekken. We kiezen bij de implementatie van de wet voor een groeimodel. Dit jaar gebruiken we om per 1 januari 2022 gereed te zijn om te voldoen aan alle wettelijke vereisten, opdat we onze taken als bevoegd gezag ook onder de Omgevingswet kunnen blijven uitoefenen. De jaren daarna benutten we voor verdere verdieping en uitbouw. Zo dienen wij bijvoorbeeld in 2024 te beschikken over een integrale en gebiedsdekkende Omgevingsvisie en uiterlijk 2029 over een integraal en gebiedsdekkend Omgevingsplan.
28 / 49
Perspectiefnota 2022 Persoonlijke en digitale dienstverlening (cpr-thema 4.1.6) We zijn een toegankelijke, benaderbare gemeente. Daarvoor optimaliseren we de bereikbaarheid, toegankelijkheid en digitalisering van de gemeentelijke dienstverlening. Persoonlijk contact staat hoog in het vaandel. Vragen en initiatieven van de samenleving staan centraal en we ondersteunen en handelen naar wat mensen nodig hebben. We werken op afspraak en willen daarmee zoveel mogelijk flexibiliteit voor de inwoner bieden. We leveren dienstverlening op maat. In de komende bestuursperiode brengen we de behoefte aan dienstverlening en flexibilisering van openingstijden van het gemeentehuis in kaart. Aan de hand daarvan passen we de dienstverlening aan. Waar mogelijk is de dienstverlening digitaal. Aan mensen die laaggeletterd dan wel niet of minder digitaal vaardig zijn, bieden we alternatieven. We vinden het belangrijk dat de gemeente op een eigentijdse en begrijpelijke manier communiceert met inwoners. Brieven van de gemeente zijn geschreven in begrijpelijke taal. (Bron: Coalitieakkoord 2018-2022) 61. Decentrale Regelgeving en Officiële Publicatie (DROP) Zolang de nieuwe Wet elektronische bekendmakingen niet in werking treedt, voldoen we met de huidige werkwijze aan de wettelijke verplichtingen.
Zodra de inwerkingtreding een feit is, gaan we volledig over op DROP en voldoen we daarmee aan de nieuwe wettelijke verplichtingen.
29 / 49
Perspectiefnota 2022
Financieel perspectief
30 / 49
Perspectiefnota 2022
5. Financieel meerjarenperspectief 2022-2025 Houten is financieel gezond en dat willen we zo houden. Dit betekent dat de (meerjaren)begroting structureel sluitend is én er sprake is van een solide reservepositie. (Bron: Coalitieakkoord 2018-2022) In de tabel hieronder is de indicatie van het financieel meerjarenperspectief 2022-2025 weergegeven. Deze indicatie is gebaseerd op de inzichten die bij het opstellen van perspectiefnota 2022 beschikbaar zijn. Tabel: indicatie financieel meerjarenperspectief 2022-2025 bedragen * € 1.000 §
Omschrijving
2022
2023
2024
2025
5.1
Stand meerjarenbegroting 2022-2025 (op basis van besluitvorming tot en met 20 april 2021)
420
-485
38
-71
5.2
Raadsbesluiten in voorbereiding (na 20 april 2021)
-577
-688
-658
-593
5.3
Algemene uitkering (meicirculaire 2021)
pm
pm
pm
pm
-3.140
-3.011
-3.017
-3.018
1.151
1.151
1.151
1.151
-1.989
-1.860
-1.866
-1.867
-2.150
-3.050
-2.500
-2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
2.500
350
-550
0
0
5.4 5.4.1
Financiële effecten perspectiefnota 2022 Jeugdhulp en Wmo Stelpost ‘compensatie door het Rijk voor hogere kosten 5.4.2 jeugdhulp’ Totaal financiële effecten perspectiefnota 2022 Indicatie financieel meerjarenperspectief 2022-2025 1 5.5
Ombuigingen Nader (in de begroting 2022) uit te werken 5.5.1 ombuigingsvoorstellen Totaal Ombuigingen Indicatie financieel meerjarenperspectief 2022-2025 (inclusief nader in de begroting 2022 uit te werken ombuigingsvoorstellen)
Op basis van de nog bij de begroting 2022 uit te werken ombuigingsvoorstellen is de meerjarenbegroting voor de jaren 2022 en 2024-2025 structureel sluitend. Alleen de prognose voor 2023 is, als gevolg van het grillige verloop van de algemene uitkering, negatief. Indien nodig wordt dit tekort in de begroting 2023 uit de vrije algemene reserve afgedekt.
1 Bedragen afgerond naar beneden op € 50.000.
31 / 49
Perspectiefnota 2022
Toelichting op de indicatie financieel meerjarenperspectief 2022-2025 Hieronder worden de financiële effecten uit de tabel op de vorige pagina toegelicht.
5.1 Stand meerjarenbegroting 2022-2025 (op basis van besluitvorming door de raad t/m 20 april 2021) Op 27 oktober 2020 heeft de raad de begroting 2021 vastgesteld. Daarna zijn er door de raad verschillende besluiten genomen die van invloed zijn geweest op de stand van de meerjarenbegroting 2022-2025. Tabel: stand meerjarenbegroting 2022-2025 (op basis van besluitvorming door de raad t/m 20 april 2021) bedragen * € 1.000 Omschrijving
2022
2023
2024
2025
Begroting 2021 (raadsbesluit 27 oktober 2020) Benoeming referendumcommissie (raadsbesluit 17 november 2020) Financiering nieuwbouw scholen De Velduil, Van Harte School en Montessorischool (raadsbesluit 12 januari 2021) Kadernota 2022 VRU (raadsbesluit 12 januari 2021) Zienswijze 1e begrotingswijziging 2021 WIL (raadsbesluit 9 februari 2021) Kadernota 2022 RAZU (raadsbesluit 9 maart 2021) Kadernota 2022 GGDrU (raadsbesluit 6 april 2021) Stand meerjarenbegroting 2022-2025 (op basis van besluitvorming door de raad t/m 20 april 2021)
560
-368
181
105
-2
-2
-2
-2
-34
-33
-57
-88
-60
-60
-60
-60
-1
-3
-5
-7
-19
-19
-19
-19
420
-485
38
-71
-24
5.2 Raadsbesluiten in voorbereiding Het college heeft, vooruitlopend op de besluitvorming door de raad, een aantal besluiten genomen waarover de raad besluit nadat het college de perspectiefnota 2022 heeft vastgesteld. De financiële effecten van deze raadsbesluiten in voorbereiding zijn in de tabel op de volgende pagina opgenomen. Tabel: raadsbesluiten in voorbereiding bedragen * € 1.000 Omschrijving Begroting 2022 en meerjarenperspectief 2023-2025 BghU (raadsbesluit 27 mei 2021) Begroting 2022 RSG (raadsbesluit 27 mei 2021) Begroting 2022 RUD (raadsbesluit 27 mei 2021) Ontwerpbegroting 2022 VRU (raadsbesluit 17 juni 2021) Begroting 2022 GGDrU (raadsbesluit 17 juni 2021) Ontwerpbegroting 2022 WIL (raadsbesluit 17 juni 2021) Eerste bestuursrapportage 2021 (raadsbesluit 17 juni 2021) Totaal raadsbesluiten in voorbereiding
2022
2023
2024
2025
-42
-5
14
6
-4
-4
-4
-4
-14
-14
-14
-14
1
1
-6
26
-7
-7
-7
-7
-80
-72
-72
-72
-431
-587
-569
-528
-577
-688
-658
-593
Het financieel effect 2022-2025 van de eerste bestuursrapportage 2021 wordt in de tabel hieronder uitgesplitst weergegeven. 32 / 49
Perspectiefnota 2022 Tabel: Financieel effect 2022-2025 eerste bestuursrapportage 2021 bedragen * € 1.000 Omschrijving Septembercirculaire 2020 (raadsinformatiebrief 9 oktober 2020) Decembercirculaire 2020 (raadsinformatiebrief 1 februari 2021) Overige Totaal financieel effect 2022-2025 eerste bestuursrapportage 2021
2022
2023
2024
2025
-463
-555
-518
-477
-7
18
18
18
39
-50
-69
-69
-431
-587
-569
-528
5.3 Algemene uitkering (meicirculaire 2021) De begroting 2022 is gebaseerd op de meicirculaire 2021 (begroting 2021: meicirculaire 2020). Dit betekent dat naast het financieel effect van de meicirculaire 2021, ook de financiële effecten uit de september- en decembercirculaire 2020 worden verwerkt in de begroting 2022. De structurele effecten van de deze rijkscirculaires zijn verwerkt in de eerste bestuursrapportage 2021 (zie § 5.2). Bij het opstellen van de perspectiefnota 2022 was de meicirculaire 2021 nog niet beschikbaar. Deze wordt naar verwachting eind mei gepubliceerd. Na de analyse van de meicirculaire 2021 wordt de raad met een raadsinformatiebrief over het resultaat hiervan geïnformeerd. De raad ontvangt deze brief voor de behandeling van de perspectiefnota 2022 in de RTG op 29 juni 2021. Op die manier beschikt de raad bij de behandeling van de perspectiefnota 2022 over de meest actuele stand van de meerjarenbegroting 2022-2025.
5.4 Financiële effecten perspectiefnota 2022 5.4.1
Jeugdhulp en Wmo
Over 2020 is er een tekort van circa € 3,3 miljoen op het Sociaal domein (zie jaarstukken 2020). Dit wordt bijna is zijn geheel veroorzaakt door budgetoverschrijdingen bij de kosten voor jeugdhulp en Wmo. Over de oorzaken hiervan is de raad geïnformeerd in de raadsinformatiebrief d.d. 8 januari 2021 (Q3 prognose 2020) en d.d. 6 april 2021 (Q4 prognose 2020). Bij jeugdhulp zijn de kosten van de Landelijke Transitie Arrangementen en KmB & JenO fors gestegen. Bij de Wmo heeft de invoering van het abonnementstarief voor een aanzuigende werking gezorgd en daarmee hogere kosten. De stijging van deze kosten is in lijn met de trend die al enkele jaren (vanaf 2015) te zien is. Niet alleen bij de gemeente Houten, maar bij nagenoeg alle gemeenten in Nederland. Naar aanleiding van deze ontwikkeling hebben het ministerie van BzK en de VNG het bureau AEF de opdracht gegeven om een onafhankelijk onderzoek te doen. Het resultaat van dit onderzoek bevestigt dat gemeenten structureel € 1,6 - € 1,8 miljard te weinig middelen hebben om de taken op het gebied van jeugdhulp adequaat uit te voeren. Hiervan wordt door AEF € 1,5 miljard als niet-beïnvloedbaar, binnen het bestaande stelsel, door gemeenten gezien. Afgesproken is dat het nieuwe kabinet uiteindelijk bepaalt of en zo ja hoeveel structurele middelen er extra naar gemeenten gaan voor de uitvoering van de jeugdhulp taken.
Vooruitlopend hierop heeft het demissionaire Kabinet recent voor 2021 incidenteel € 613 miljoen (landelijk) extra beschikbaar gesteld. Deze middelen komen bovenop de al eerder jaarlijks beschikbaar gestelde middelen van € 300 miljoen (landelijk) voor de periode 2019-2022. De verdeling van deze extra middelen voor 2021 naar gemeenten wordt naar verwachting in de meicirculaire 2021 opgenomen. Ongeacht het besluit van het nieuwe kabinet is het duidelijk dat op basis van de kostenontwikkeling voor jeugdhulp en Wmo de meerjarenbegrotingen op basis van de actuele inzichten moeten worden geactualiseerd. Anders is er geen sprake meer van een reële begroting voor jeugdhulp en Wmo. Voor het actualiseren van de meerjarenbegrotingen jeugdhulp en Wmo zijn drie scenario’s in beeld gebracht, te weten: 1. Realistisch scenario (gebaseerd op autonome groei in 2021-2022) 2. Behoudend scenario (gebaseerd op autonome groei in 2021-2022, waarbij is uitgegaan van een afvlakking vanwege de ingezette acties om de kosten te verlagen) 3. Scenario op basis realisatie 2020 (gebaseerd op geen verdere autonome groei)
33 / 49
Perspectiefnota 2022 Uitgangspunten bij de scenario’s voor jeugdhulp: 1. -
Realistisch scenario gebaseerd op: Indexatie begroting 2020 voor kostenontwikkeling 2021 8% groei in 2021-2022 bij Samen Veilig 10% groei in 2021-2023 bij LTA’s 9% groei in 2021-2022 bij KmB en JenO 0,5% groei in 2021-2023 bij GGZ Maatwerk niet meer van toepassing vanaf 2023 in verband met nieuwe inkoop in 2022 Indexatie voor 2022 op basis van de begrotingsrichtlijnen 2022
2. -
Behoudend scenario gebaseerd op: Indexatie begroting 2020 voor kostenontwikkeling 2021 4% groei in 2021-2022 bij Samen Veilig, 5% groei in 2021-2023 bij LTA’s 4,5% groei in 2021-2022 bij KmB en JenO 0,25% groei in 2021-2023 bij GGZ Maatwerk niet meer van toepassing vanaf 2023 in verband met nieuwe inkoop in 2022 Indexatie voor 2022 op basis van de begrotingsrichtlijnen 2022
3. -
Scenario gebaseerd op realisatie 2020 Indexatie begroting 2020 voor kostenontwikkeling 2021 Uitgaven LTA gebaseerd op meerjarig gemiddelde 2015-2020 Maatwerk niet meer van toepassing vanaf 2023 in verband met nieuwe inkoop in 2022 Indexatie voor 2022 op basis van de begrotingsrichtlijnen 2022
Tabel: financiële effecten scenario’s jeugdhulp bedragen (afgerond) * € 1.000 Scenario 1 2 3
Omschrijving Realistisch scenario Behoudend scenario Scenario gebaseerd op realisatie 2020
2021 -3.200 -2.800 -2.800
2022 -4.100 -3.200 -2.800
2023 -4.100 -3.200 -2.700
2024 -4.100 -3.200 -2.700
2025 -4.100 -3.200 -2.700
Uitgangspunten bij de scenario’s voor Wmo: 1. -
Realistisch scenario gebaseerd op: Indexatie begroting 2020 voor kostenontwikkeling 2021 1% bevolkingsgroei per jaar voor alle zorgsoorten 5% autonome groei in 2021 voor begeleiding 10% (2021) en 5% (2022) autonome groei Huishoudelijke ondersteuning afname (20%) uitgaven Wmo-woonvoorzieningen in 2021 Indexatie voor 2022 op basis van de begrotingsrichtlijnen 2022
2. -
Behoudend scenario gebaseerd op: Indexatie begroting 2020 voor kostenontwikkeling 2021 1% bevolkingsgroei per jaar voor alle zorgsoorten 5% autonome groei in 2021 voor huishoudelijke ondersteuning Indexatie voor 2022 op basis van de begrotingsrichtlijnen 2022
3. -
Scenario gebaseerd op realisatie 2020 Indexatie begroting 2020 voor kostenontwikkeling 2021 Uitgaven Wmo-woonvoorzieningen gebaseerd op meerjarig gemiddelde 2015-2020 Indexatie voor 2022 op basis van de begrotingsrichtlijnen 2022
Tabel: financiële effecten scenario’s Wmo bedragen (afgerond) * € 1.000 Scenario 1 2 3
Omschrijving Realistisch scenario Behoudend scenario Scenario gebaseerd op realisatie 2020
2021 -1.000 -800 -600
2022 -1.200 -800 -600
2023 -1.200 -900 -600
2024 -1.300 -900 -600
2025 -1.400 -1.000 -600
34 / 49
Perspectiefnota 2022 Voorstel Op basis van deze scenario’s wordt in de perspectiefnota 2022 voorgesteld de meerjarenbegrotingen jeugdhulp en Wmo te actualiseren op basis van het scenario dat gebaseerd is op de realisatie over 2020 (scenario 3 bij jeugdhulp en Wmo). Dit scenario past bij de consistente manier van begroten in de gemeente Houten, namelijk op basis van feiten (= realisatie 2020) en onzekerheden (= groei) opnemen in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Bovendien is nu ook nog niet te bepalen tegenover welk gedeelte van de groei (bevolkings- of autonome groei) geheel of gedeeltelijke dekking vanuit de algemene uitkering staat. Daarnaast wordt door de ontwikkeling van een dashboard ‘verklarende sturingsinformatie jeugdhulp en Wmo’ ingezet op een betere grip en sturing op de kostenontwikkeling bij jeugdhulp en Wmo. In de tabel hieronder is het financieel effect van de actualisatie van de meerjarenbegrotingen jeugdhulp en Wmo weergegeven. De laatste twee regels in de tabel hebben betrekking op stelposten in de begroting die gereserveerd zijn ter dekking van de hogere kosten voor jeugdhulp en Wmo. Tabel: geactualiseerde meerjarenbegrotingen jeugdhulp en Wmo bedragen * € 1.000 Nr.
Omschrijving Jeugdhulp Wmo 5.4.1 Surplus ombuigingstaakstelling ‘besparen Wmo-hulpmiddelen’ Restant stelpost indexatie sociaal domein Totaal effect geactualiseerde meerjarenbegrotingen jeugdhulp en Wmo
5.4.2
2022 -2.785 -553
2023 -2.662 -553
2024 -2.662 -553
2025 -2.662 -553
54
54
54
54
144
150
144
143
-3.140
-3.011
-3.017
-3.018
Stelpost ‘compensatie door het Rijk voor hogere kosten jeugdhulp’
De rapportage van AEF bevestigt dat gemeenten structureel € 1,5 miljard (zie § 5.4.1) te weinig middelen hebben om de taken in het kader van de Jeugdwet adequaat te kunnen uitvoeren. Gemeenten hebben voor de periode 2019-2022 incidenteel € 300 miljoen extra van het Rijk voor deze taken ontvangen. In de meicirculaire 2021 komt daar naar verwachting nog eens € 613 miljoen incidenteel voor 2021 bij. Hiervan komt € 120 miljoen in de vorm van specifieke uitkeringen beschikbaar. Het overige gedeelte (€ 493 miljoen) in de algemene uitkering. Een eventuele structurele compensatie is inzet van de VNG bij de onderhandelingen met het nieuwe kabinet. Dit betekent dat er in de meicirculaire 2021 geen duidelijkheid komt over een eventuele structurele compensatie én daarmee dus niet voor de begroting 2022. De begroting 2022 moet namelijk gebaseerd zijn op de meicirculaire 2021. Hierdoor ontstaat een financieel vraagstuk omdat de provincie Utrecht als financieel toezichthouder stelt dat ‘de begroting structureel en reëel in evenwicht moet zijn’ 2. Dit zou betekenen dat er forse ombuigingen nodig zijn om de begroting 2022 en de meerjarenbegroting 20232025 structureel en reëel in evenwicht op te stellen.
Om deels te kunnen anticiperen op bovenstaande ongewenste ontwikkeling heeft de gemeente Houten aan de financieel toezichthouder de vraag voorgelegd of de stelpost ‘compensatie door het Rijk voor hogere kosten jeugdhulp‘, die nu nog is gebaseerd op de extra bijdrage van het Rijk berekend op een macro bedrag van € 300 miljoen, mag worden verhoogd. De argumentatie hiervoor is dat uit het AEF-rapport blijkt dat deze stelpost feitelijk te laag is, omdat het becijferde tekort op jeugdhulp voor gemeenten veel groter is, Daarnaast heeft het Rijk zich gecommitteerd aan de uitkomst van de AEF-rapportage. Ook heeft de VNG het zwaarwegende advies aan gemeenten gegeven om in de begroting 2022 rekening te houden met maximaal 50% van € 1,5 miljard (het door gemeenten niet beïnvloedbare deel voor de kosten jeugdhulp). Hierbij moet er wel altijd ‘matching’ zijn met de daadwerkelijke lastenontwikkeling op jeugd van de betreffende gemeente. Vanaf februari 2021 hebben verschillende gesprekken met de financieel toezichthouder plaatsgevonden. Doel hiervan was om, onder voorwaarde, tot een maatwerkafspraak te komen. Een maatwerkafspraak gericht op het verhogen van de stelpost ‘compensatie door het Rijk voor hogere kosten jeugdhulp’. Dit vooruitlopend op een eventuele structurele compensatie door het nieuwe kabinet.
Voor het maken van een dergelijke maatwerkafspraak kijkt de provincie naar het risicoprofiel van de gemeente (onder andere weerstandsratio, voor- of nadeel gemeente bij herverdeling gemeentefonds, robuustheid begroting en dergelijke). Om zicht te krijgen op de mogelijkheid van een
2 Structureel evenwicht = de structurele lasten worden gedekt door structurele baten.
Reëel evenwicht = de geraamde bedragen moeten volledig, realistisch en haalbaar zijn.
35 / 49
Perspectiefnota 2022 maatwerkafspraak zijn er door de financieel toezichthouder vragen gesteld. Deze zijn uitgebreid beantwoord en vervolgens besproken. Op 14 mei 2021 heeft de provinciaal toezichthouder ingestemd met een maatwerkafspraak voor de gemeente Houten. Deze maatwerkafspraak is gebaseerd op:
Het mogen opnemen van een stelpost ‘compensatie door het Rijk van de hogere kosten voor jeugdhulp’ tot maximaal 50% van de in het AEF-genoemde bedrag (€ 1,5 miljard; 50% is € 750 miljoen) van door gemeente niet-beïnvloedbare kosten binnen het bestaande stelsel van de Jeugdwet. Dit is in lijn met het zwaarwegende VNG-advies. Deze stelpost mag als structureel dekkingsmiddel in de meerjarenbegroting 2022-2025 worden ingezet. Op basis van de verdeling van de eerder (landelijk) incidenteel beschikbaar gestelde € 300 miljoen (aandeel Houten € 767.000) is dit voor Houten € 1.918.000. Hiermee is er ook sprake van ‘matching’ met het begrote tekort op jeugdhulp circa € 2.662.000. Dit betekent dat de bestaande stelpost mag worden opgehoogd met € 1.151.000. Daarmee is de stelpost maximaal 50% van de in het AEF-rapport genoemde bedrag. Het risico, in het geval dat het Rijk niet of onvoldoende structureel compenseert, opnemen in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Indien voor het vaststellen op 4 november 2021 door de raad van de begroting 2022 blijkt dat er door het Rijk minder structureel beschikbaar wordt gesteld, wordt de provincie Utrecht middels een brief geïnformeerd over het proces tot herstel van het structureel evenwicht in de meerjarenbegroting.