Bijlage 1 Begroting 2022.docx
Tekst van het document
Afname van vermogensdelicten diefstal uit woning, autokraak en fietsdiefstal.
3
In 2023 is er meer zicht op ondermijning in het buitengebied en de bedrijventerreinen dan ten tijde van het ondermijningsbeeld 2017. Inwoners die zorg nodig hebben en in de criminaliteit (dreigen te) belanden of overlast veroorzaken, glijden niet verder af.
4
Hieronder wordt het deelprogramma per doelstelling uitgewerkt.
Doelstelling 1 Handhaven van het huidige (hoge) veiligheidsgevoel onder inwoners van Houten. Effectindicatoren
Doel Omschrijving
Realisatie
Bron
2018
2019
Raming 2020
2021
2022
1.1
% Inwoners dat zich wel Monitor Sociale eens onveilig voelt in eigen Kracht buurt
4%
5%
5%
3%
4%
1.2
% Inwoners dat zich wel eens onveilig voelt op het Rond
Monitor Sociale Kracht
7%
12%
13%
10%
9%
1.3
Aantal vernielingen en beschadigingen in de openbare ruimte per 1.000 inwoners (BBV)
CBS
3,8
3,3
4,3
4
3,8
1.4
Aantal geweldsmisdrijven per 1.000 inwoners (BBV)
CBS
2,5
2,8
2,7
2,5
2,6
Betrokkenheid verbonden partijen Politie, OM, zorgpartners
Wat gaan we daarvoor doen? In 2022 richten we ons op het actief en laagdrempelig informeren van onze inwoners als het gaat om het voorkomen van criminaliteit en het bevorderen van veiligheid. We gebruiken daarvoor verschillende communicatiekanalen, waaronder de inzet van de campagnefiets. Een campagnefiets past goed in het imago van Houten fietsstad, het is tevens een laagdrempelig en zeer flexibel instrument om dicht bij de inwoner te komen en deze van informatie te voorzien op het moment dat de
Begroting 2022
72
informatiebehoefte het grootst is (bijv. net nadat er inbraken zijn gepleegd). Ook de activiteiten vanuit de whatsappgroepen kunnen snel schakelen waarmee in korte tijd veel bewoners kunnen worden bereikt. Daarnaast zetten we in op het leren herkennen van signalen van huiselijk geweld en kindermishandeling door het Sociaal Team Houten en de ketenpartners. Voor de oudere jeugd hebben we 4 nieuwe chill locaties ingericht. Hierdoor hebben jongeren een eigen plek waar ze kunnen chillen en waar ze ook minder overlast veroorzaken. Prestatie-indicatoren
Voor deze doelstelling is geen prestatie-indicator opgenomen.
Doelstelling 2 Afname van vermogensdelicten diefstal uit woning, autokraak en fietsdiefstal. Effectindicatoren
Realisatie
Raming
Doel Omschrijving
Bron
2.1
Aantal aangiften van (poging) woninginbraak
Politie
63
48
80
50
60
2.2
Aantal aangiften autokraak
Politie
232
210
185
195
160
2.3
Aantal aangiften fietsdiefstal Politie
142
109
133
120
110
2018
2019
2020
2021
2022
* Het aantal pogingen van woninginbraak neemt toe. ** De politie en gemeente gaan eind 2021 een pilot starten om de fiets- en scooterdiefstallen terug te dringen ** De politie en gemeente gaan eind 2021 een pilot starten om de fiets- en scooterdiefstallen terug te dringen
Betrokkenheid verbonden partijen Bij deze doelstelling zijn geen verbonden partijen betrokken.
Wat gaan we daarvoor doen? In 2022 breiden we de voorlichtingscampagne tegen autokraken uit van hot spotlocaties op bedrijventerreinen naar de woonwijken. We maken hierbij mede gebruik van de campagnefiets als instrument om op locatie, laagdrempelig advies te geven op het moment dat inwoners daar het meest voor openstaan. Dat is over het algemeen op het moment dat ze net te maken hebben gehad met deze vorm van criminaliteit. De inzet van innovatieve middelen zoals de nano trackers, waarmee autobezitters hun voertuig zelf kunnen beveiligen zullen we ook onder de aandacht brengen. Indien er sprake is van bepaalde trends communiceren we hierover via de (Social) Media en via de Whatsapp groepen en onze eigen facebookpagina Houten Veilig. Ook zullen de we de campagnefiets inzetten voor voorlichting en preventietips op het gebied van voorkomen van fiets- en scooterdiefstal en woninginbraak. Prestatie-indicatoren
Realisatie
Doel Omschrijving
Bron
2.1
Team Samenleving
Aantal deelnemers Burgernet*
2018 5.696
2019 5.715
Raming 2020 5.525
2021 5.925
2022 6000
Doelstelling 3 In 2023 is er meer zicht op ondermijning in het buitengebied en de bedrijventerreinen dan ten tijde van het ondermijningsbeeld 2017. Effectindicatoren
Voor deze doelstelling is geen effectindicator opgenomen.
Begroting 2022
73
Betrokkenheid verbonden partijen Bij deze doelstelling zijn verbonden partijen zijdelings betrokken. Als de VRU, RUD of Stichtse Groenlanden een bijdrage kunnen leveren aan zicht op een gebied of aan een project, dan maken we hierover afspraken.
Wat gaan we daarvoor doen?
We brengen informatie over locaties die (potentieel) interessant zijn voor criminele activiteiten bijeen en controleren de locaties. We zetten daarbij in het bijzonder in op het buitengebied en bedrijventerreinen. We gebruiken hierbij de kansenkaart voor criminelen waarmee we deze gebieden in kaart hebben gebracht. We continueren het signaaloverleg ondermijning en de integrale samenwerking met de partners binnen het Regionaal Informatie- en Expertisecentrum Midden-Nederland (RIEC), Lekpoort en het district. In alle gevallen waarbij een handelshoeveelheid drugs wordt aangetroffen in een pand wordt indien mogelijk overgegaan tot sluiting van het pand op grond van de Opiumwet, Gemeentewet of APV. De burgemeester kan in het kader van het herstel van de openbare orde, veiligheid, gezondheid en zedelijkheid een pand voor een bepaalde duur sluiten.
Prestatie-indicatoren
Voor deze doelstelling is geen prestatie-indicator opgenomen.
Doelstelling 4 Inwoners die zorg nodig hebben en in de criminaliteit (dreigen te) belanden of overlast veroorzaken, glijden niet verder af. Effectindicatoren
Doel Omschrijving
Realisatie
Bron
2018
2019
Raming 2020
2021
2022
4.1
Meldingen jongerenoverlast Politie en Meldpunt Jeugd en Veiligheid gemeente
259
275
700
250
350
4.2
Meldingen overlast personen Politie met verward gedrag
170
114
nnb
120
150
4.4
Aantal PGA aanmeldingen
Team Samenleving
35
16
40
20**
30
4.6
Aantal cases in het Top X overleg*** van het Veiligheidshuis
Veiligheidshuis
5
5
nnb
5
4
* met de 4 nieuwe chill locaties voor jongeren verwachten we minder overlastmeldingen uit de buurt ** Het gebiedsteam GGZ biedt sinds 2019 ook outreachende hulpverlening, dit betekent dat er minder casussen door hoeven te worden aangemeld voor de PGA. *** Het aantal jongeren dat voor de PGA wordt aangemeld zal door intensivering van de gemeentelijke regie op de aanpak dalen. **** Lokale casuïstiek die in de PGA aanpak niet tot een oplossing wordt gebracht kan worden opgeschaald naar het Top X overleg in het Veiligheidshuis.
Betrokkenheid verbonden partijen Bij deze doelstelling zijn geen verbonden partijen betrokken.
Wat gaan we daarvoor doen?
Binnen de persoonsgerichte aanpak Zorg en Veiligheid en de Top X in het Veiligheidshuis wordt integraal samengewerkt om verder afglijden van inwoners te voorkomen. Er wordt per casus gekeken wat er nodig is. Eens per kwartaal hebben de portefeuillehouders zorg en veiligheid een gecombineerd beleidsoverleg. We verbinden daarmee ook op bestuurlijk niveau de beide domeinen. Om jongerenoverlast en het afglijden van jeugdgroepen naar problematisch gedrag te voorkomen en te verminderen, werken (diverse afdelingen van de) gemeente, jongerenwerk en politie intensief samen. We betrekken niet alleen melders actief bij de aanpak maar ook de
Begroting 2022
74
jongeren én hun ouders. De nadruk ligt op preventie waar mogelijk en repressie waar nodig. Gewerkt wordt conform het 7-stappenmodel. De inzet is proportioneel en integraal. In het kader van de persoonsgerichte aanpak Zorg en Veiligheid worden indien nodig ook andere partijen actief betrokken zoals de school van de jongere. Het maandelijkse afstemmingsoverleg Jeugd en Veiligheid werkt met een eigen specifieke methodiek. Deze methodiek richt zich niet alleen op groepen en overlast, maar ook op individuen. Vanuit het afstemmingsoverleg wordt waar nodig ook de verbinding tussen zorg en veiligheid gelegd.
Prestatie-indicatoren
Voor deze doelstelling is geen prestatie-indicator opgenomen.
Deelprogramma Fysieke veiligheid en crisismanagement Wat willen we bereiken? GG3,GG11,GG13
Concreet willen we de volgende doelen bereiken: 1 Minder (kans op) fysieke calamiteiten - minder (kans op) slachtoffers - minder (kans op) schade. 2 De verkeersveiligheid op een hoog niveau houden en waar mogelijk op basis van meer risicosturing verder verbeteren. 3 Het bevorderen van dierenwelzijn. Hieronder wordt het deelprogramma per doelstelling uitgewerkt.
Doelstelling 1 Minder (kans op) fysieke calamiteiten - minder (kans op) slachtoffers - minder (kans op) schade. Effectindicatoren
Doel Omschrijving
Realisatie
Bron
2018
2019
Raming 2020
2021
2022
1.1
Aantal prio 1 VRU rapportage brandmeldingen in gebouwen versus het aantal woningbranden*
13/8
12/8
nnb
11/-
17/12
1.3
Geregistreerde Website rookmelderdichtheid in gemeente Houten woningen gemeente Houten
56%
58%
58%
70%
100%
* Prio 1: Geeft kwalificatie van de melding aan. Prio 1 staat voor Prioriteit 1. De hoogste kwalificatie. Vanaf 1 juli 2022 is het verplicht in Nederland om een rookmelder te hebben op elke woonverdieping in een huis en in besloten ruimtes waar een vluchtroute doorheen. Hiervoor wordt het Bouwbesluit aangepast en wordt het dus wettelijk verplicht om hieraan te voldoen. Ook als wordt gewoond in een huurhuis.
Betrokkenheid verbonden partijen Veiligheidsregio Utrecht (VRU) Programma Risicobeheersing (nader uitgewerkt in vastgestelde begroting 2022 VRU) De VRU inventariseert risico’s van branden, rampen en crises. Zij adviseert het bevoegd gezag gevraagd en ongevraagd over de risico’s. Daarmee proberen ze risico’s niet te laten ontstaan, dan wel zo klein mogelijk te maken. Verder richt de VRU zich op het voorkomen en beperken van (brand)gevaar en op voorkomen van ongevallen voor mens en dier door o.a. brand of gevaarlijke stoffen. Hierin betrekken zij actief burgers, bedrijven en instellingen om zo het veiligheidsbewustzijn en veilig handelen te stimuleren.
Begroting 2022
75
Wat gaan we daarvoor doen? Conform de Wet veiligheidsregio's ligt de primaire verantwoordelijkheid voor brandveiligheid en brandweerzorg bij het college. Veel wettelijke taken zijn gemandateerd aan de Veiligheidsregio Utrecht (VRU). De VRU heeft haar wettelijke taak beschreven in haar beleidsplan en de gemeente ziet toe op de uitvoering. Zowel strategisch, tactisch als operationeel vinden door het jaar heen gesprekken met de VRU plaats over de kwaliteit van de brandweerzorg en de voortgang van de voorbereiding op calamiteiten. De burgemeester voert dit overleg in nauwe samenspraak met VRU. Naast de wettelijke uitvoering van de VRU zijn er maatschappelijke ontwikkelingen die op het gebied van fysieke veiligheid vragen om inzet van de gemeente. Dit is beschreven in het Integraal Veiligheidsplan (IVP). In 2022 geven we uitvoering aan de volgende thema's:
Brand- en vluchtveiligheid woningen Hoe meer adressen in de gemeente Houten zijn voorzien van werkende rookmelders, hoe kleiner de kans dat er slachtoffers vallen bij een brand en hoe groter de kans op minder schade door een brand. Vanaf 1 juli 2022 is het verplicht in Nederland om een rookmelder te hebben op elke woonverdieping in een huis en in besloten ruimtes waar een vluchtroute doorheen loopt. Hiervoor wordt het Bouwbesluit aangepast en wordt het dus wettelijk verplicht om hieraan te voldoen. Het is de taak van de gemeente inwoners hierop te wijzen. Via campagnes wordt dat uitgevoerd en wordt de rookmelderdichtheid in Houten blijvend in beeld gebracht.
Brandveiligheid in woonappartementencomplexen Inwoners blijven steeds langer zelfstandig thuiswonen ook als zij verminderd zelfredzaam zijn. Het is van belang dat inwoners bij het ouder worden ook veilig thuis kunnen blijven wonen. Woonappartementencomplexen hebben daarbij onze speciale aandacht. Een uitgevoerde pilot bij appartementencomplex Fluweelmos in Houten in 2020 heeft een format vluchtplan opgeleverd. Dit plan en bijbehorende toolkit wordt verder uitgerold bij andere woonappartementencomplexen in Houten.
Brandveiligheid bij kleine ondernemers De ontwikkelde portal brandveilig ondernemen wordt onder de aandacht gebracht bij nieuw gevestigde ondernemers, die niet gebruiksmeldings- of gebruiksvergunningsplichtig zijn en bij ondernemers die de portal (nog) niet hebben gebruikt. Brandveiligheid bij ondernemers blijft verder een belangrijk aandachtspunt binnen het overleg Keurmerk Veilig Ondernemen Het Rond en Castellum. De portal wordt ook in samenwerking met de Veiligheidsregio Utrecht doorontwikkeld en breder in de regio ingezet.
Externe veiligheid Water en veiligheid: De ambitie is om de gevolgen van een eventuele overstroming te beperken. Denk aan de vermindering van schade, letsel, overlast en verbetering van de rampenbestrijding en crisisbeheersing. Deze ambitie komt voor uit het landelijke deltaprogramma klimaatadaptatie. Regionaal is hiervoor een programma opgesteld dat gecoördineerd wordt door de provincie. Diverse partijen werken hier aan mee, zoals Rijkswaterstaat, het waterschap, de Veiligheidsregio Utrecht en alle gemeenten uit de provincie Utrecht. Dit is vastgelegd in een intentieverklaring. De provincie Utrecht coördineert het (regionaal) programma gevolgbeperking overstromingen (meerlaagsveiligheid). Lokaal kijkt de gemeente Houten welke maatregelen er getroffen kunnen worden om de schade bij een overstroming te beperken . Dit onderwerp wordt meegenomen in de uitwerking van beleid m.b.t. klimaatadaptatie en de nieuwe omgevingsvisie. Aandacht voor dit thema dient er te zijn bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen, bouwwerken, vitale en kwetsbare sectoren, (hoofd)verdeelstations, waterwinlocaties en andere vitale bedrijven en locaties. Daarnaast is bewustwording bij inwoners en bedrijven belangrijk, zodat zij het belangrijk vinden om maatregelen te nemen om de gevolgen van overstromingen te beperken.
Vanuit crisisbeheersing en rampenbestrijding dient hiervoor adequate planvorming aanwezig te zijn.
Crisisbeheersing en rampenbestrijding Opleiden, trainen en oefenen van de gemeentelijke crisisorganisatie aan de hand van de
Begroting 2022
76
regionale planning Veiligheidsregio Utrecht. Ook kijken we naar een oefening om de digitale veiligheid binnen de gemeente te kunnen oefenen.
Risicocommunicatie Voortzetten van de risicocommunicatie met inwoners, bedrijven, organisaties en instellingen en hen stimuleren om te investeren in zelfredzaamheid bij calamiteiten. Dit doen we door het accent te leggen op digitale communicatie (via website en social media), door de communicatiemomenten te spreiden en deze te laten aansluiten op actuele gebeurtenissen. Uiteraard wordt rekening gehouden met de minder zelfredzame mensen. Het risicocommunicatiebeleid sluit daarmee aan bij de beleving, behoeften en verwachtingen van inwoners. Naast communicatie aan inwoners richten we ons ook op de ondernemers. Het doel is om het veiligheidsbewustzijn van ondernemers te vergroten door ze te wijzen op de externe veiligheidsrisico's die effect kunnen hebben op de bedrijfsvoering en bedrijfscontinuïteit van bedrijven. We informeren ondernemers over verantwoordelijkheden en taken en wijzen ze op het belang van het treffen van maatregelen. We sluiten de risicocommunicatie aan op landelijke en regionale thema's. We communiceren daarnaast over lokale urgente en actuele thema's.
Prestatie-indicatoren
Doel Omschrijving
Realisatie
Bron
2018
2019
Raming 2020
2021
2022
1.1
Aantal wooncomplexen waar Gemeente / een informatiebijeenkomst Viveste brandveiligheid is georganiseerd.
0
0
1
3
3
1.2
Percentage van het aantal Portal Brandveilig niet gebruiksmeldings- of Ondernemen gebruiksvergunningsplichtige ondernemers in bedrijfspanden dat een geautomatiseerd advies vanuit het portal brandveilig ondernemen kreeg.
X
32%
32%
35%
35%
Doelstelling 2 De verkeersveiligheid op een hoog niveau houden en waar mogelijk op basis van meer risicosturing verder verbeteren. Effectindicatoren
Doel Omschrijving
Realisatie
Bron
2018
2019
Raming 2020
2021
2.1
Snelheidsoverschrijdingen Meetel-data SPIop 30 km, 50 km, 60 km en kompas 70 km-wegen terugdringen
X
X
10%
2.2
Aantal geregistreerde RAVU-data ongevallen naar type: (brom- VeiligheidNL )fietsongevallen
X
X
nnb
2022
Betrokkenheid verbonden partijen Bij deze doelstelling zijn geen verbonden partijen betrokken.
Wat gaan we daarvoor doen?
De gemeente voert per kwartaal, op eigen initiatief of in het kader van de aanpak ‘Veilige Straat’, metingen uit en raadpleegt het SPI-kompas op te anticiperen op
Begroting 2022
77
snelheidsoverschrijdingen. Bij overschrijding wordt gezocht naar oplossingen, zoals een handhavingsactie in samenwerking met politie/bewoners/school e.d. of fysieke maatregelen. Samen met zowel landelijke als provinciale verkeersveiligheidspartners onderzoek doen naar zinvolle indicatoren om te gebruiken voor het verkeersbeleid in Houten. In samenwerking met bezorgdiensten de ervaren brommeroverlast gericht aanpakken. Onderzoek naar alternatieve mogelijkheden van pakketbezorging. Dit mede om overlast van bestelbussen te verminderen . Onderzoek naar de veiligheid van een 3-tal kruispuntlocaties auto- en (brom-)fietsverkeer in verband met letselongevallen onder (brom-)fietsers.
Prestatie-indicatoren
Voor deze doelstelling is geen prestatie-indicator opgenomen.
Doelstelling 3 Het bevorderen van dierenwelzijn. Effectindicatoren
Voor deze doelstelling is geen effectindicator opgenomen. Betrokkenheid verbonden partijen Bij deze doelstelling zijn geen verbonden partijen betrokken.
Wat gaan we daarvoor doen?
De wettelijke taken van de gemeente voor de opvang van zwerfdieren voeren de Dierenambulance en verschillende opvangcentra uit. Deze samenwerking ligt vast in overeenkomsten. De gemeente voert actiepunten uit en beantwoordt onderzoeksvragen zoals die zijn gesteld in de nota dierenwelzijn.
Prestatie-indicatoren
Voor deze doelstelling is geen prestatie-indicator opgenomen.
Begroting 2022
78
Wat mag het kosten? x€1 Programma
Begroting 2022
Deelprogramma
Lasten
Baten
Saldo
Sociale veiligheid en Openbare orde
1.376.729
390.067
-986.662
Fysieke veiligheid en crisismanagement
2.866.982
219
-2.866.763
4.243.711
390.286
-3.853.425
4.243.711
390.286
-3.853.425
Veilige leefomgeving
Programmabrede kosten Saldo van baten en lasten programma Mutaties reserves Totaal resultaat programma
In de financiële begroting is een overzicht opgenomen van lasten en baten per (deel)programma op basis van: Rekening 2020 Begroting 2021 primitief. Begroting 2021 (na wijziging). Begroting 2022 De verschillenanalyse bij het overzicht van lasten en baten per (deel)programma, licht de verschillen op programmaniveau toe tussen de begroting 2022 en de begroting 2021 (primitief). De bijlage ‘Programma, deelprogramma en product’ geeft aan welke producten onder de (deel)programma’s vallen. De bijlage ‘Structuuroverzicht deelprogramma’s en verantwoordelijk collegelid’ toont welk collegelid verantwoordelijk is voor de verschillende deelprogramma’s.
Begroting 2022
79
Begroting 2022
80
Programma Betrokken bij de samenleving
Begroting 2022
81
Programma Betrokken bij de samenleving Omschrijving programma Dit programma gaat over hoe we met inwoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers tot mooie resultaten willen komen. Gemeentelijk beleid en de uitvoering daarvan komen, anders dan een aantal jaren geleden, steeds meer tot stand met inbreng van en in samenwerking met de Houtense samenleving. Zowel vanuit het college als vanuit de raad gaan we op een vernieuwende manier de verbinding aan. 'We stellen de mens centraal' uit de Toekomstvisie Houten 2025 is nog altijd leidend. Dat betekent ook dat vragen en initiatieven van de samenleving centraal staan. Daarin willen we op verschillende manieren faciliteren. We willen een toegankelijke, gemakkelijk benaderbare gemeente zijn. Dat wil onder andere zeggen dat we goed bereikbaar zijn, dat we diensten zoveel mogelijk digitaliseren - maar ook het gemeenteloket openblijft - en in begrijpelijke taal communiceren. Telefonisch en persoonlijk contact blijft altijd mogelijk. We ondersteunen en handelen naar wat mensen nodig hebben, passend bij onze verantwoordelijkheid als overheid.
Overzicht relevante beleidskaders Toekomstvisie Houten 2025 Collegeprogramma 2018-2022: Duurzaam, ondernemend en dichtbij! Visie communicatie en participatie 2017-2021: Communicatie is van ons allemaal
Overzicht verbonden partijen Bij dit programma zijn geen verbonden partijen betrokken.
Deelprogramma's
Politiek en bestuur Dienstverlening
Deelprogramma Politiek en bestuur Wat willen we bereiken? Bij het vinden en uitvoeren van oplossingen van maatschappelijke vraagstukken is zowel de inzet van de gemeente als de inzet van inwoners, maatschappelijke partners en ondernemers van groot belang. Daarom streven we voortdurend naar het juiste gesprek tussen al deze spelers en ook tussen college en raad. Of het nu gaat om initiatieven vanuit de gemeente of vanuit de samenleving. Samen zetten we onze (denk)kracht in. Dat levert uiteindelijk meer op. We willen dat ook inwoners en partners in de Houtense samenleving dat zo ervaren. We willen dat inwoners zich nauw betrokken voelen bij wat de gemeente doet. GG10,GG11,GG16,GG17
Concreet willen we de volgende doelen bereiken: 1 Inwoners voelen zich bij plannen en activiteiten van de gemeente steeds goed en op tijd geïnformeerd, gehoord en betrokken. 2 Een krachtige participatiesamenleving met gedeelde verantwoordelijkheid. Hieronder wordt het deelprogramma per doelstelling uitgewerkt.
Doelstelling 1 Inwoners voelen zich bij plannen en activiteiten van de gemeente steeds goed en op tijd geïnformeerd, gehoord en betrokken.
Begroting 2022
82
Effectindicatoren
Doel Omschrijving
Realisatie
Bron
2018
2019
Raming 2020
2021
2022
1.1
% Inwoners dat vindt dat de Monitor Sociale gemeente hen voldoende Kracht betrekt bij haar plannen, activiteiten en voorzieningen*
44%
50%
40%
52%
50%
1.2
Rapportcijfer dat inwoners Monitor Sociale geven voor de gemeentelijke Kracht communicatie en voorlichting**
7,1
7,0
7,0
7,5
7,2
1.3
% Inwoners dat vindt dat medewerkers zich verantwoordelijk tonen om daadwerkelijk tot een oplossing te komen***
76%
81%
76%
82%
85%
Monitor Sociale Kracht
* Gemiddelde bij Nederlandse gemeenten in 2020: 33%. Het voor 2021 geraamde percentage moet gezien worden in relatie tot het gerealiseerde percentage in 2019. ** Gemiddelde bij Nederlandse gemeenten in 2020: 6,7 *** Gemiddelde bij Nederlandse gemeenten in 2020: 68%
Betrokkenheid verbonden partijen Bij deze doelstelling zijn geen verbonden partijen betrokken.
Wat gaan we daarvoor doen? Blijkens de Monitor Sociale Kracht zijn de scores wat betreft betrokkenheid, participatie en communicatie wat teruggelopen. Uit de evaluatie is gebleken dat inwoners vaak aanvankelijk enthousiast zijn om vroegtijdig betrokken te worden bij plannen, maar hoe concreter de plannen worden, des te kritischer worden inwoners ten aanzien van de inhoud. Daarnaast speelt dat coronamaatregelen mogelijk remmend hebben gewerkt op de mogelijkheden om ideeën en initiatieven van inwoners te realiseren. In 2022 willen we weer minstens op het niveau komen van 2019. Er is (hernieuwde) inzet nodig om het belang te benadrukken dat we hechten aan goede communicatie, participatie en betrokkenheid bij de samenleving. Die inzet ziet er in 2022 als volgt uit.
We verwachten dat eind 2021 besluitvorming plaatsvindt over de geactualiseerde Leidraad participatie en communicatie bij particuliere (bouw)initiatieven. Daarin wordt ook rekening gehouden met de Omgevingswet. Het gemeentebestuur en de organisatie krijgen vanaf 2022 beter zicht op uitkomsten en kwaliteit van participatie bij bouwinitiatieven. Initiatiefnemers, die in veel gevallen verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van het participatietraject, krijgen betere handvatten en ondersteuning bij het voorbereiden en uitvoeren van de participatie, zodat de positie van inwoners helder wordt. Zo verhogen we de kwaliteit van uitvoering en resultaten van de participatie en krijgt deze een duidelijkere plek in het proces om te komen tot instemming met of vergunningverlening voor het initiatief.
In 2022 zal de samenleving na de coronacrisis verder normaliseren. De wijkwethouders en de burgemeester zullen waar nodig hun contacten met inwoners dan verder intensiveren, omdat ze weer letterlijk meer naar buiten kunnen treden.
Door de coronacrisis hebben veel bijeenkomsten noodgedwongen digitaal plaatsgevonden. Voordeel daarvan zou kunnen zijn dat inwoners vanuit hun thuisomgeving informatie- en participatiebijeenkomsten kunnen bijwonen of bijvoorbeeld kunnen inspreken in RTG's. Dit werkt drempelverlagend en het maakt dat het ook voor inwoners die bijvoorbeeld slecht ter been zijn of thuis moeten blijven voor zorgtaken makkelijker wordt om te participeren. Tegelijk is het digitale werken niet voor iedereen even makkelijk. Digitale bijeenkomsten zien we vooral als een welkome aanvulling op of in combinatie met fysieke vergaderingen en ontmoetingen, waar inwoners, bestuurders en ambtenaren elkaar tijdens gesprekken of discussies in de ogen kunnen kijken. De vernieuwing van de raadzaal draagt eraan bij dat op een plezierige manier fysiek, digitaal of hybride kan worden vergaderd. Begroting 2022
83
Eind 2021 blikken we terug op het verloop van het proces rond het referendum Ruimtelijke Koers. De evaluatie geeft aanleiding tot het actualiseren van de verordening.
De Visie communicatie en participatie ‘Communicatie is van ons allemaal’ loopt van 2017 tot en met 2021. In 2022 werken we aan een nieuwe geactualiseerde visie. Uiteraard doen we dat, net als bij de huidige visie, in overleg met de samenleving. Mede vanwege de op handen zijnde Omgevingswet, is het daarbij belangrijk goed te kijken naar wanneer de gemeente welke positie inneemt en welke rol daarbij passend is: sturend, opdrachtgevend, regisserend of samenwerkend. Dit zal steeds mede afhankelijk zijn van de voorliggende maatschappelijke vraagstukken. Daarover en over hoe we in de diverse situaties participatie het beste (herkenbaar, betrouwbaar, consistent en voorspelbaar) kunnen vormgeven gaan we in 2022 graag met de raad en de inwoners in gesprek. Voor de nieuwe visie maken we ook gebruik van de ervaringen die we in de afgelopen tijd hebben opgedaan met nieuwe vormen van participatie, zoals tijdens fietstochten en wandelingen, via online fora (op bijvoorbeeld energie-krommerijn-praatmee.nl) en met inzet van het online participatieplatform 'Houten praat mee'.
Een belangrijke manier voor inwoners om invloed uit te oefenen op het beleid van de gemeente is het uitbrengen van een stem tijdens de gemeenteraadsverkiezingen die op 16 maart 2022 plaatsvinden. De voorbereidingen worden al in 2021 ter hand genomen. Daarbij wordt er rekening mee gehouden dat er, net zoals bij de Tweede Kamerverkiezingen in 2021, nog altijd sprake kan zijn van Covid-19-maatregelen. Eventuele maatregelen kunnen opnieuw grote gevolgen hebben op de organisatie van de verkiezingen. Behoud van kwaliteit en daarmee een zorgvuldig verloop van het democratisch proces, staan altijd voorop.
Prestatie-indicatoren
Voor deze doelstelling is geen prestatie-indicator opgenomen.
Doelstelling 2 Een krachtige participatiesamenleving met gedeelde verantwoordelijkheid. Effectindicatoren
Doel Omschrijving
Realisatie
Bron
2018
2019
Raming 2020
2021
2022
2.1
% Inwoners dat vindt dat Monitor Sociale burgers en organisaties Kracht voldoende ruimte krijgen om ideeën en initiatieven te realiseren*
47%
52%
48%
53%
50%
2.2
Rapportcijfer dat inwoners Monitor Sociale geven voor de wijze waarop Kracht de gemeente hen en organisaties betrekt en de samenwerking opzoekt**
6,8
6,8
6,6
7,5
7,0
2.3
% Inwoners dat bereid is zich in te zetten voor leefbaarheid in de buurt***
84%
85%
88%
89%
89%
Monitor Sociale Kracht
* Gemiddelde bij Nederlandse gemeenten in 2020: 35% ** Gemiddelde bij Nederlandse gemeenten in 2020: 6,2 *** Gemiddelde bij Nederlandse gemeenten in 2020: 78%
Betrokkenheid verbonden partijen Bij deze doelstelling zijn geen verbonden partijen betrokken.
Begroting 2022
84
Wat gaan we daarvoor doen? Het percentage inwoners dat in meerdere of mindere mate bereid is zich in te zetten voor leefbaarheid in de buurt is gestegen. Dit zou kunnen samenhangen met de coronacrisis. De resultaten van beide andere effectindicatoren zijn iets gedaald ten opzichte van 2019. De mogelijke oorzaak hiervoor is onder doelstelling 1 weergegeven. Het percentage dat vindt dat er voldoende ruimte is om ideeën en initiatieven te realiseren is echter nog steeds veel hoger dan het gemiddelde bij Nederlandse gemeenten (48% ten opzichte van 35% gemiddeld). Gelet op de over 2020 behaalde resultaten hebben we voor deze indicatoren de ambitie voor 2022 ten opzichte van de raming voor 2021 iets naar beneden bijgesteld. Vanzelfsprekend zoeken we weer de stijgende lijn, onder andere met het werken volgens de samenlevingsagenda en door inwonersinitiatieven te ondersteunen.
Bij het werken conform de samenlevingsagenda, werkt de gemeente op basis van gelijkwaardigheid samen met inwoners, maatschappelijke partners en ondernemers en hebben alle betrokkenen hun eigen aandeel met bijbehorende verantwoordelijkheid. In 2020 en 2021 stonden het lokaal sportakkoord (Sport- en beweegakkoord Houten), het lokaal preventieakkoord (Leefstijlakkoord Healthy Houten), inburgering nieuwkomers, het actieplan circulaire economie en het veiligheidsbeleid op de samenlevingsagenda. Bij deze opgaven is het principe van het werken volgens de samenlevingsagenda waardevol gebleken. Daar houden we dan ook vast. Genoemde opgaven staan, in verschillende fasen van opzet of uitvoering, ook in 2022 nog op de samenlevingsagenda. Daarnaast gebruiken we de werkwijze van de samenlevingsagenda ook bij opgaven die niet expliciet op de samenlevingsagenda staan, zoals opgaven in het kader van de Sociale Koers.
Inwonersinitiatieven zijn 'organisaties' van inwoners die vanuit intrinsieke motivatie en onbetaald het heft in eigen hand nemen om een maatschappelijk doel te bereiken. Daarbij nemen zij zelf ook de uitvoering ter hand. Inwonersinitiatieven zijn en blijven zeer waardevol. We houden contact met de bestaande circa 40 initiatieven en blijven deze in 2022 ondersteunen. Dat doen we bijvoorbeeld door het organiseren van bijeenkomsten, het beschikbaar stellen van ruimtes om bij elkaar te komen, het meedenken over en faciliteren van huisvesting, het beschikbaar stellen van deskundigheid en het geven van praktische tips. Daarnaast blijven we nieuwe initiatieven stimuleren. In de uitvoering van het Energieplan komen de samenlevingsagenda en inwonersinitiatieven samen. Meer over de samenwerking bij de uitvoering van het Energieplan is te vinden in het deelprogramma Duurzaamheid & energietransitie.
Prestatie-indicatoren
Voor deze doelstelling is geen prestatie-indicator opgenomen.
Deelprogramma Dienstverlening Wat willen we bereiken? De gemeente Houten zorgt ervoor dat iedereen mee kan doen. We zijn een persoonlijke overheid die maatwerk levert. Dienstverlening is en blijft van de hele gemeentelijke organisatie. Onze houding en
gedrag zijn gebaseerd op de volgende pijlers:
wij geven de inwoners een welkom gevoel; we zijn toegankelijk; we communiceren en regelen zaken duidelijk, helder en simpel; we communiceren en regelen zaken transparant en betrouwbaar; we denken mee met de inwoners, maar stellen wel duidelijke grenzen. GG10,GG16
Concreet willen we de volgende doelen bereiken: 1 Goede kwaliteit van en toegankelijkheid tot gemeentelijke informatie, diensten en producten. 2
Digitale dienstverlening zodat inwoners en ondernemers 24/7 zaken met ons kunnen doen.
Begroting 2022
85
Hieronder wordt het deelprogramma per doelstelling uitgewerkt.
Doelstelling 1 Goede kwaliteit van en toegankelijkheid tot gemeentelijke informatie, diensten en producten. Effectindicatoren
Realisatie
Raming
Doel Omschrijving
Bron
1.1
Rapportcijfer dat inwoners geven voor de algehele gemeentelijke dienstverlening*
Monitor Sociale Kracht
7,2
7,2
7,2
7,7
7,5
1.2
Rapportcijfer dat inwoners geven voor de digitale dienstverlening**
Monitor Sociale Kracht
7,4
7,4
7,3
7,7
7,5
1.3
Indicator excellente dienstverlening***/****
Monitor Sociale Kracht
6,8
7,0
6,7
7,0
7,0
2018
2019
2020
2021
2022
* Gemiddelde bij Nederlandse gemeenten in 2020: 6,9 ** Gemiddelde bij Nederlandse gemeenten in 2020: 7,0 *** Deze maat betreft een samengestelde variabele op basis van de score op zes stellingen. De score ligt tussen de 1 en de 10 waarbij een 10 staat voor uitmuntend hostmanship (excellente dienstverlening; dat wil zeggen medewerkers die professioneel en dienstbaar zijn, zich goed weten te verplaatsen in de klant en met hem/haar meedenken). **** Gemiddelde bij Nederlandse gemeenten in 2020: 6,4
Betrokkenheid verbonden partijen Bij deze doelstelling zijn geen verbonden partijen betrokken.
Wat gaan we daarvoor doen? De Monitor Sociale Kracht laat over 2020 een lichte daling zien voor wat betreft de tevredenheid over verschillende aspecten van dienstverlening. Dit kan te maken hebben met de coronamaatregelen, waardoor bijvoorbeeld de dienstverlening aan de balie tijdelijk afgeschaald - maar altijd open - is geweest en bestuur en medewerkers, mede door het thuiswerken, wellicht minder makkelijk (fysiek) bereikbaar waren. Uiteindelijk hebben de inwoners de gemeente toch hetzelfde rapportcijfer (7,2) als in 2019 toegekend voor de algehele dienstverlening. Dit alles bezien in het perspectief van het jaar 2020 waarin we te kampen hadden met de coronapandemie en -maatregelen. De raming voor 2021 is gelet op de resultaten over 2020 waarschijnlijk te hoog. Vandaar dat we de ambities voor 2022 iets bijstellen, waarbij we nog altijd beter willen scoren dan in 2020. Het interne onderzoek naar onze dienstverlening heeft geleid tot een herijkte missie Dienstverlening, waarvan de pijlers hiervoor zijn weergegeven. Daarnaast heeft het waardevolle inzichten en aanknopingspunten opgeleverd voor verdere ontwikkeling van onze dienstverlening, waarbij de blik meer naar buiten gericht is en meer innovatie naar binnen gehaald kan worden. Zo 'is en blijft dienstverlening van ons allemaal'. Prestatie-indicatoren
Voor deze doelstelling is geen prestatie-indicator opgenomen.
Doelstelling 2 Digitale dienstverlening zodat inwoners en ondernemers 24/7 zaken met ons kunnen doen.
Begroting 2022
86
Effectindicatoren
Realisatie
Doel Omschrijving
Bron
2.1
Productenoverzicht digitalisering (eformulieren)
Gebruik E-formulieren
2018 12.000
2019 12.731
Raming 2020
2021
12.451
13.400
2022 13.000
Betrokkenheid verbonden partijen Bij deze doelstelling zijn geen verbonden partijen betrokken.
Wat gaan we daarvoor doen? eFormulieren zijn digitale formulieren die wij zelf beheren en aanbieden via de gemeentelijke website. In 2020 was het aantal keren dat een eFormulier is gebruikt net iets lager dan in 2019. Gelet daarop lijkt de raming voor 2021 te hoog te zijn. Daarom is de prognose voor 2022 bijgesteld. In 2021 hebben we de digitale dienstverlening met 13 zogenaamde eDiensten op het gebied van burgerzaken en verkiezingen uitgebreid. Met de eDiensten en de eFormulieren kent de gemeente Houten organisatiebreed 62 producten die digitaal kunnen worden aangevraagd. Bezien wordt in hoeverre onze digitale dienstverlening nog verder kan worden uitgebreid. Prestatie-indicatoren
Voor deze doelstelling is geen prestatie-indicator opgenomen. Wat mag het kosten? x€1 Programma
Begroting 2022
Deelprogramma
Lasten
Baten
Saldo
Politiek en bestuur
2.998.893
1.520
-2.997.373
Dienstverlening
1.912.466
637.723
-1.274.743
4.911.359
639.243
-4.272.116
4.911.359
639.243
-4.272.116
Betrokken bij de samenleving
Programmabrede kosten Saldo van baten en lasten programma Mutaties reserves Totaal resultaat programma
In de financiële begroting is een overzicht opgenomen van lasten en baten per (deel)programma op basis van: Rekening 2020 Begroting 2021 primitief. Begroting 2021 (na wijziging). Begroting 2022 De verschillenanalyse bij het overzicht van lasten en baten per (deel)programma, licht de verschillen op programmaniveau toe tussen de begroting 2022 en de begroting 2021 (primitief). De bijlage ‘Programma, deelprogramma en product’ geeft aan welke producten onder de (deel)programma’s vallen. De bijlage ‘Structuuroverzicht deelprogramma’s en verantwoordelijk collegelid’ toont welk collegelid verantwoordelijk is voor de verschillende deelprogramma’s.
Begroting 2022
87
Begroting 2022
88
Algemene dekkingsmiddelen en ondersteuning organisatie Dit is het 6de “programma” Algemene dekkingsmiddelen en ondersteuning organisatie omdat de BBV (besluit begroting en verantwoording)-voorschriften de gemeente verplicht om naast haar 5 facultatieve programma’s ook dit programma in de begroting op te nemen. Dit programma heeft een heel ander karakter dan de andere programma's en is daarom anders van opbouw. Het programma algemene dekkingsmiddelen en ondersteuning organisatie betreft de OZB en de uitkeringen uit het gemeentefonds. Deze middelen kennen geen vooraf bepaald bestedingsdoel en zijn daarmee vrij aanwendbaar. Daarnaast is in dit programma volgens de BBV notitie overhead de overhead apart begroot en dus niet meer verwerkt in de (deel)programma's. Ook het renteresultaat komt via dit programma naar voren en voldoet aan de criteria van de notitie rente. De niet vrij aanwendbare heffingen, zoals het rioolrecht en afvalstoffenheffing, en de ontvangsten van specifieke uitkeringen zijn als baten opgenomen in de betreffende programma’s. Overhead Hieronder volgt een overzicht van de overhead:
Deze overheadkosten bedragen 43,8 % (2021 43,4%) van de totale kosten van de organisatie (apparaatskosten). De overheadkosten zijn in de paragraaf lokale heffingen ook apart inzichtelijk bij de kostenonderbouwing gemeentelijke heffingen (rioolrecht en afvalstoffenheffing). Vennootschapsbelasting(Vpb) Sinds 1 januari 2016 zijn gemeenten vennootschapsbelastingplichtig voor zover een onderneming wordt gedreven in fiscale zin. Veel gemeenten bieden reclame-exploitanten de mogelijkheid om reclame-uitingen aan te brengen op eigendommen van de gemeente. Commerciële partijen exploiteren de advertentieruimte, waarvoor gemeenten inkomsten ontvangen. Zo ook Houten. Hierbij wordt reclame-exploitanten een exclusief gebruiksrecht gegeven op eigendommen van de gemeente, zoals grond of lichtmasten. Hier kunnen dan reclameobjecten, zoals lichtbakken en abri’s, worden aangebracht. De Belastingdienst neemt het standpunt in dat dit een belaste activiteit is. Veel gemeenten nemen het standpunt in dat sprake is van normaal vermogensbeheer. Inmiddels zijn de aangiften 2016 tot en met 2020 door onze fiscalist ingediend, welke aansluit bij het standpunt van de belastingdienst. Dit resulteert in dat Houten over deze activiteit Vpb moet betalen.
Begroting 2022
89
Ook zijn er In 2019 afspraken gemaakt tussen de brancheorganisatie die zich bezig houdt met de inzameling van huishoudelijk afval (de NVRD) en de Belastingdienst. Over afvalstromen met een positieve waarde moet nu, met terugwerkende kracht vanaf 2016, aangifte worden gedaan van een “winst” ter grootte van 1% van de opbrengst. Ons samenwerkingsverband (AVU) doet aangifte van de “winst” met betrekking tot de opbrengst van papier en glas (de twee grootste afvalstromen die een positieve waarde hebben). Houten doet aangifte over de resterende afvalstromen (oud ijzer en frituurvet), Deze en de reclame-opbrengsten zijn de reden om vanaf de begroting 2022 een structurele post van € 25.000 voor te betalen vennootschapsbelasting op te nemen. Wat mag het kosten? x€1 Programma
Begroting 2022
Deelprogramma
Lasten
Baten
Saldo
Lokale heffingen
729.926
13.577.198
12.847.272
Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds
604.869
67.650.705
67.045.836
12.754.558
293.231
-12.461.327
Saldo financieringsfunctie
128.484
10.000
-118.484
Vennootschapsbelasting (VpB)
25.034
Algemene dekkingsmiddelen en ondersteuning organisatie
Overhead
Overige baten en lasten
2.127.461
Onvoorzien
-25.034 1.170.834
63.214
Saldo van baten en lasten programma Mutaties reserves Totaal resultaat programma
-956.627 -63.214
16.433.546
82.701.968
66.268.422
150.000
1.920.146
1.770.146
16.785.465
84.622.114
67.836.649
In de financiële begroting is een overzicht opgenomen van lasten en baten per (deel)programma op basis van: Rekening 2020 Begroting 2021 primitief. Begroting 2021 (na wijziging). Begroting 2022 De verschillenanalyse bij het overzicht van lasten en baten per (deel)programma, licht de verschillen op programmaniveau toe tussen de begroting 2022 en de begroting 2021 (primitief). De bijlage ‘Programma, deelprogramma en product’ geeft aan welke producten onder de (deel)programma’s vallen. De bijlage ‘Structuuroverzicht deelprogramma’s en verantwoordelijk collegelid’ toont welk collegelid verantwoordelijk is voor de verschillende deelprogramma’s.
Begroting 2022
90
Paragrafen
Paragraaf Lokale heffingen Belangrijkste ontwikkelingen in 2022 Gemeentelijk beleid Uitgangspunt voor de Onroerende-zaakbelasting (OZB) en de toeristenbelasting is een trendmatige aanpassing van de begrote opbrengst, dat wil zeggen een mutatie als gevolg van de algemene prijsontwikkeling conform de korte termijnraming van het CPB. Voor 2022 leidt de trendmatige aanpassing van deze begrote opbrengsten tot een verhoging van 1,6%. Voor de overige belastingen en heffingen geldt als uitgangspunt dat deze kostendekkend in de begroting worden verwerkt. Dit is conform de begrotingsrichtlijnen 2022 zoals die door de raad zijn vastgesteld. Afvalstoffenheffing De totaal begrote kosten (saldo van opbrengsten en uitgaven) van de afvalinzameling bedragen voor 2022 € 5,748 miljoen. Dit is een daling van € 0,012 miljoen ten opzichte van 2021. Deze kleine daling is veroorzaakt doordat de hogere kosten voor afvalverwerking en -inzameling in 2022 gecompenseerd worden doordat vulling in 2021 van de voorziening egalisatie tarieven afvalstoffenheffing met € 0,267 miljoen in 2022 niet noodzakelijk is. Bij de berekening van het tarief 2022 neemt ook het aantal huishoudens toe met 395 eenheden. Op basis hiervan is het tarief voor meerpersoonshuishoudens van de afvalstoffenheffing voor 2022 op € 309,72 (2021: € 315,84) berekend.
Dit is een daling van 1,9% ten opzichte van 2021, terwijl volgens de begrotingsrichtlijnen 2022 nog een trendmatige aanpassing van +1,6% zou worden doorgevoerd. Overzicht geraamde inkomsten per belastingsoort Voor 2022 worden de volgende inkomsten verwacht. Ter vergelijking zijn cijfers uit voorgaande jaren opgenomen. Omschrijving
Rekening 2020 Begroting 2021* Begroting 2022
% van de totale opbrengst
01. Afvalstoffenheffing
4.627.571
5.760.247
5.748.362
23,9%
02. Hondenbelasting
166.221
180.251
168.978
0,7%
03. Leges algemeen
1.676.474
1.621.255
1.441.221
6,0%
137.205
165.332
168.719
0,7%
3.477
3.533
0,0%
04. Lijkbezorging 05. Marktgelden 06. Onroerend zaakbelasting
12.728.681
12.765.516
13.014.044
54,1%
07. Rioolheffing
2.992.433
3.211.491
3.278.166
13,6%
129.780
216.229
219.689
0,9%
22.458.364
23.923.798
24.042.712
100,0%
08. Toeristenbelasting Totale opbrengst * Stand na 1e Bestuursrapportage 2021
Begroting 2022
92
Lokale lastendruk In onderstaande tabel wordt de verwachte lokale lastendruk in Houten in 2022 weergegeven. Het uitgangspunt is een meerpersoonshuishouden. Voor de berekening van de onroerend-zaakbelasting is uitgegaan van een trendmatige aanpassing van het tarief. Lokale lastendruk Rekening 2019
Rekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
Afvalstoffenheffing
230
258
316
310
Rioolheffing
114
145
148
150
Totaal gebruiker
344
403
464
460
OZB-eigenaar gedeelte
386
389
396
402
Totaal eigenaar / gebruiker
730
792
860
862
Omschrijving
Om een beeld te geven van hoe de lokale lasten zich vanaf 2017 hebben ontwikkeld zijn hieronder de tarieven afvalstoffenheffing, rioolheffing en ozb/eigenaar grafisch weergegeven.
Begroting 2022
93
Bij de calculatie voor de woonlasten voor meerpersoonshuishouden (mphh) die COELO voor 2021 hanteert, staat de gemeente Houten op de 219e plaats (€ 853). In 2020 was dit de 181e plaats. Provinciaal staat Houten op de 9e plaats (2020:11e). In onderstaande tabel zijn enkele vergelijkende cijfers uit de Atlas van de lokale lasten 2021 opgenomen. Vergelijking woonlasten mphh Woonlasten Procentuele hh Coelo vergelijking
Omschrijving
Positie ranglijst
Landelijk goedkoopste gemeente (Tilburg/Haaren)
598
70%
1
Gemeente Houten
853
100%
219
1.517
178%
377
Provinciaal goedkoopste gemeente (Veenendaal)
646
76%
1
Gemeente Houten
853
100%
9
1.101
129%
26
Landelijk duurste gemeente (Bloemendaal)
Provinciaal duurste gemeente (Bunnik)
Indicatoren In onderstaande tabel zijn de van toepassing zijnde relevante BBV-indicatoren binnen het taakveld 'Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ontwikkeling en stedelijke vernieuwing (Vhrosv)' per 1 januari van het betreffende jaar opgenomen. Realisatie Omschrijving Gemeentelijke woonlasten in euro eenpersoonshuishouden (BBV)
Bron Coelo
2018 560
2019 588
Begroting 2022
Raming 2020 623
2021 662
2022 X*
94
Coelo
687
730
789
853
X*
CBS
301
321
350
X*
X*
Gemeentelijke woonlasten in euro meerpersoonshuishouden (BBV) Gemiddelde WOZ-waarde per € 1.000 (BBV)
* Gegevens uit Waarstaatjegemeente/ CBS, cijfers 2022 nog niet bekend. Van gemiddelde WOZ-waarde is ook 2021 nog niet bekend.
Kostenonderbouwing gemeentelijke heffingen Voor de rioolheffing en de afvalheffing volgen hieronder de verplichte kostenonderbouwing: Berekening van kostendekkendheid riolen
2022
Kosten taakveld(en) incl. (omslag)rente
-2.437.631
Inkomsten taakveld(en), excl. Heffingen
0
Netto kosten taakveld
-2.437.631
Toe te rekenen kosten: Overhead incl. (omslag)rente
-369.674
BTW
-470.861
Totale kosten
-3.278.166
Opbrengst heffingen
3.278.166
Dekking
100%
Berekening van kostendekkendheid afval
2022
Kosten taakveld(en) incl. (omslag)rente
-5.415.716
Inkomsten taakveld(en, excl. Heffingen
899.126
Netto kosten taakveld
-4.516.590
Toe te rekenen kosten: Overhead incl. (omslag)rente
-478.007
BTW
-753.765
Totale kosten
-5.748.362
Opbrengst heffingen
5.748.362
Dekking
100%
Kwijtscheldingsbeleid Bij kwijtschelding van belasting wordt de 100% norm van de relevante bijstandsnorm gehanteerd. Voor de overige regels wordt rijksbeleid gevolgd. Op grond van de belastingverordeningen kan alleen kwijtschelding worden verleend voor de afvalstoffenheffing, hondenbelasting (alleen de eerste hond), rioolheffing en in zeer uitzonderlijke gevallen de onroerende-zaakbelasting. Voor de overige belastingen en heffingen wordt geen kwijtschelding verleend. De beoordeling van de kwijtscheldingsverzoeken is met de uitplaatsing van Belastingen vanaf 2015 ondergebracht bij de BghU. In onderstaande tabel zijn de totaalbedragen van de verleende en verwachte kwijtschelding opgenomen: Heffingsjaar Kwijtgescholden bedrag
Rekening 2019 Rekening 2020 Begroting 2021* Begroting 2022 203.751
217.757
175.374
223.942
* Stand na 1e Bestuursrapportage 2021
Begroting 2022
95
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing 1. Inleiding Voor het bereiken van onze doelstellingen en het bewaken van de financiële positie van de gemeente Houten is inzicht gewenst in potentiële financiële risico’s en de mogelijkheden om deze tegenvallers op te vangen (de weerstandscapaciteit). In deze paragraaf werken we de risico’s en de weerstandscapaciteit uit. De verhouding tussen de weerstandscapaciteit en de risico’s wordt het weerstandsvermogen genoemd en geeft een beeld van de robuustheid van onze financiële situatie. Een toereikend weerstandsvermogen voorkomt dat iedere financiële tegenvaller ons direct tot bezuinigingen dwingt of ten koste gaat van bestaande taken. Incidenteel kunnen deze financiële tegenvallers worden gedekt uit het weerstandsvermogen. Indien er sprake is van structurele financiële tegenvallers zijn hier uiteraard op langere termijn maatregelen voor nodig om de begroting structureel en reëel in evenwicht te laten zijn. De ratio voor het weerstandsvermogen in de begroting 2022 is 5,4. Deze is hoger dan vorig jaar. De ratio voor het weerstandsvermogen was toen 1,5. De oorzaak van de toename is tweeledig. Enerzijds is de weerstandscapaciteit gestegen als gevolg van een hogere vrije algemene reserve en onbenutte belastingcapaciteit.
Anderzijds is het risicoprofiel afgenomen als gevolg van het wegvallen van het risico ‘hogere kosten jeugdhulp’ voor 2022. De hoge ratio weerstandsvermogen is van belang gezien het aantal niet-kwantitatieve risico's. Deze risico’s kunnen zich uiteindelijk in meer of minder mate gaan vertalen in concrete risico’s. De hoge ratio is dan een buffer om deze risico’s incidenteel af te dekken. Naast een robuust weerstandsvermogen is een adequaat risicomanagement gewenst. Dit betekent een proactieve houding in het signaleren, herkennen en beheersen van risico’s. Concreet vullen we dit in met een periodieke screening op mogelijke risico’s, te nemen beheersmaatregelen en het gesprek met elkaar hierover. In tegenstelling tot de begroting 2021 en de jaarstukken 2020 is er geen aparte paragraaf Covid-19 opgenomen. In hoofdstuk 3 ‘risicoprofiel’ wordt hier nader op ingegaan. Op basis van de huidige ontwikkelingen hoeft er nu geen rekening te worden gehouden met een reservering binnen de vrije en/of beklemde algemene reserve voor eventuele kosten van de nazorg- en herstelfase als gevolg van Covid-19. Voor eventueel toekomstige kosten van de nazorg- en herstelfase wordt in eerste instantie gebruik gemaakt van (in 2021) ontvangen, maar niet uitgegeven vrij besteedbare corona-middelen. Bijvoorbeeld op basis van de specifieke TONK-regeling en de algemene corona-compensatie van het Rijk.
Deze middelen worden gestort in de bestemmingsreserve Overlopende posten. Hierdoor blijven deze middelen ook in 2022 beschikbaar. Deze paragraaf begint met een weergave van de weerstandscapaciteit. Vervolgens komt het risicoprofiel, uitgesplitst in risico’s aan bod. Vanuit de weerstandscapaciteit en risico’s wordt een conclusie getrokken over het weerstandsvermogen. Deze paragraaf sluit af met een aantal financiële kengetallen en balansprognose van 2021 t/m 2025. 2. Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit het geheel van middelen en mogelijkheden om niet begrote, onverwachte kosten te dekken. Deze bestaan uit het vrije deel van de algemene reserve, de onbenutte belastingcapaciteit en de stelpost onvoorzien. De werkelijke omvang eind 2020, de prognose begin 2021 (uit de programmabegroting 2021) en de actuele prognose begin 2022 wordt in de volgende tabel weergegeven. Weerstandscapaciteit Vrij deel algemene reserve - provinciale minimumnorm - boven de provinciale minimumnorm
31-12-2020 werkelijk 2.914 2.511 403
Onbenutte belastingcapaciteit Stelpost onvoorzien Totaal
2.914
Begroting 2022
bedragen x € 1.000 1-1-2021 1-1-2022 prognose prognose 2.914 3.373 2.491 2.529 423 844 2.510 64
3.380 63
5.488
6.816
96
Het vrij besteedbare deel van de algemene reserve bedraagt naar verwachting op 1 januari 2022 € 3,373 miljoen. Aan dit vrije deel van de algemene reserve stelt de provincie (als toezichthouder) als omvang een minimumnorm van € 50 per inwoner. Met een verwacht inwonersaantal begin 2022 van 50.571 inwoners moet het vrij besteedbaar deel een minimumomvang hebben van € 2,529 mln. De omvang van € 2,529 ligt € 844.000 boven de minimumnorm, dus dit voldoet aan deze minimumnorm. De onbenutte belastingcapaciteit wordt berekend door de verwachte taxatiewaarde van het totale areaal woningen te vermenigvuldigen met het verschil tussen het gemiddeld OZB-tarief woningen en niet-woningen in Houten en het landelijk normtarief OZB voor beroep op artikel 12 van de Financiële verhoudingswet. Het normtarief is door het Rijk in de meicirculaire 2021 bepaald op 0,1800% (2020: 0,1809%). Dit tarief is 0,0433% hoger dan ons gemiddeld tarief. Met een geraamde belastingopbrengst woningen van € 7,8 miljoen komt onze onbenutte belastingcapaciteit voor 2022 uit op € 3,380 miljoen. De forse stijging ten opzichte van prognose 2021 van een jaar eerder is veroorzaakt door een forse waardestijging van woningen. De omvang van de stelpost onvoorzien is gebaseerd € 1,25 per inwoner en een omvang van € 63.000. 3.
Risicoprofiel Covid-19 In de begroting 2021 en de jaarstukken 2020 is in een aparte paragraaf Covid-19 ingegaan op de gevolgen van Covid-19 voor ondernemers, zzp’ers, maatschappelijke organisaties en (sport)verenigingen. Maar ook op een indicatie van de financiële effecten hiervan voor de gemeente Houten. In die fase was een dergelijke aparte paragraaf wenselijk. Er was namelijk nog veel onduidelijk over het verloop van de pandemie en mogelijke financiële compensatie van het Rijk aan lokale overheden. Nu zitten we in een andere fase van de pandemie. De impact op het maatschappelijk en economisch leven neemt, als gevolg van het versoepelen van de maatregelen, af en er kan worden gewerkt aan het herstel. Uiteraard betekent dit niet, dat de corona-crisis voorbij is aangezien niemand weet hoe de pandemie zich ontwikkelt vanaf het najaar 2021. In 2020 en 2021 is er besluitvorming geweest over algemene en specifieke hulpmaatregelen. Het beoogd effect van deze hulpmaatregelen was “de gemeente Houten kan, in samenhang met andere overheden en organisaties, haar aandeel leveren om de liquiditeit in de periode 1 maart - 1 september te waarborgen en daarmee zoveel mogelijk er voor te zorgen dat ondernemers, zzp’ers, maatschappelijke organisaties en (sport)verenigingen ook na de crisis voort kunnen bestaan.
Tevens kan de gemeente Houten hiermee een goed voorbeeld geven en anderen vragen hun voorbeeld te volgen. De kansen voor de lokale gemeenschap te verbeteren en de sociale cohesie zoveel mogelijk te behouden”. We kunnen nu constateren dat gegeven de omstandigheden het culturele-, sociale- en bedrijfsleven van onze gemeenschap tot nu toe redelijk in stand is gehouden. Het financieel effect van de hulpmaatregelen hebben we kunnen dekken vanuit de door het Rijk beschikbaar gestelde coronacompensatie (circa € 2,5 miljoen). Naast de algemene corona-compensatie zijn lokale overheden ook financieel ondersteund met specifieke uitkeringen. Bijvoorbeeld: SPUK (specifiek uitkering stimulering sport), TOZO (tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers) en TONK (tijdelijke ondersteuning noodzakelijke kosten). Als gevolg van dit totale pakket van financiële compensatie hebben we geen beroep hoeven te doen op onze vrije – en/of beklemde algemene reserve. Op basis van bovenstaande ontwikkelingen hebben we er voor gekozen om nu geen aparte paragraaf Covid-19 in de begroting 2022 op te nemen. Op basis van de huidige ontwikkelingen willen we nu vooruit kijken, naar de herstelfase.
Hoe komen we samen sterker uit de crisis? Voor een antwoord op deze vraag is in beeld gebracht welke economische, sociale en maatschappelijke aandachtspunten we zien om uit de corona-crisis te komen en de effecten van corona te verwerken, dan wel de schade te beperken of het herstel te bespoedigen. We doen dit aan de hand van onze eigen monitor sociale kracht. Maar maken ook gebruik van tools die de VNG aanbiedt en de trendstudies van Platform 31. Van deze verschillende informatiebronnen wordt een vertaalslag gemaakt naar de Houtense situatie. De raad is hierover in oktober 2021 (voorafgaand aan de behandeling van de begroting 2022) met een raadsinformatiebrief geïnformeerd. Overige (niet) kwantitatieve risico's Zoals gebruikelijk maken we bij het risicoprofiel onderscheid in niet-kwantitatieve risico’s (onzekerheden) en kwantitatieve risico's. De niet-kwantitatieve risico’s zijn ontwikkelingen waarvan de waarschijnlijkheid en de (financiële) impact van de ontwikkeling (nog) niet kan worden ingeschat maar
Begroting 2022
97
op termijn wel tot een risico (positief of negatief) kunnen leiden. De kwantitatieve risico’s zijn risico’s waarvan de financiële gevolgschade wel kan worden gekwantificeerd. Deze kwantitatieve risico’s zijn relevant bij het bepalen van de omvang van het weerstandsvermogen. De onzekerheden zijn in 5 categorieën onderverdeeld: 1. Financieel-economisch 2. Organisatie 3. Juridisch 4. Imago 5. Verbonden Partijen Achter elk risico is aangegeven of het gaat om een nieuw, gewijzigd of ongewijzigd risico ten opzichte van de risicoparagraaf van de jaarrekening 2020 (laatste integrale berichtgeving over risico’s). 1. Financieel-economisch Vertraging projecten door PFAS-houdende grond (Gewijzigd) Sinds 8 juli 2019 geldt een tijdelijk landelijk handelingskader PFAS met als doel een invulling te geven van de zorgplicht bij grondverzet en hergebruik van grond en bagger. In juli 2020 zijn er aanpassingen gedaan door het Rijk aan dit tijdelijk handelingskader. Hierin zijn de normen voor het (her)gebruik van grond op de landbodem iets verruimd. Momenteel werkt het Rijk nog aan een definitief handelingskader. Voor uiteindelijke normstelling moeten eerst de resultaten bekend zijn van nog lopend onderzoek naar de mobiliteit, uitloging, bio-accumulatie en het gedrag van PFAS in grondwater.
En het opnieuw afleiden van de risicogrenzen door het RIVM van de gezondheidskundige waarde uit de onafhankelijke wetenschappelijke opinie van de EFSA (European Food and Safety Association). Voor de uiteindelijke normstelling zal naar verwachting eind 2021 het Definitief handelingskader beschikbaar zijn. Houten heeft sinds januari 2020 een eigen beleid voor PFAS in de bodem vastgesteld (binnen de wettelijke beleidsruimte). Een deel van het grondverzet heeft hier sinds de vaststelling van dit betreffende beleid profijt van (vooral grondverzet binnen de gemeente). In 2021 heeft provincie Utrecht het initiatief genomen om zoveel mogelijk gemeenten binnen de regio Utrecht mee te nemen in een regionaal PFAS-beleid (met name de gemeenten die zelf nog geen PFAS beleid hadden vastgesteld). Ondanks deze positieve ontwikkelingen blijft de afvoer van PFAS-houdende grond met name naar buiten de provincie Utrecht voorlopig nog problematisch. Directe gevolgen kunnen zijn dat projectontwikkelaars, aannemers, saneerders en baggeraars hun grond/bagger niet (direct) kwijt kunnen omdat PFAS-houdende grond niet overal toegepast kan en mag worden en het daarom lastiger is grond terug te zetten in de markt. Wel wordt er weer PFAShoudende grond ontvangen door grondbanken en zijn er ontwikkelingen m.b.t. het reinigen van PFAShoudende grond.
Dit kan dan nog steeds leiden tot vertragingen en zelfs uitstel van projecten, extra (plan)kosten en illegale handelingen met vrijkomende grond. In 2021 zijn binnen de gemeente Houten geen grootschalige projecten gestart waarbij sprake was van een grote afvoer van grond. Wel zijn er kleinere projecten uitgevoerd die profijt hebben gehad van het Houtense PFAS-beleid. Het risico in deze kleine projecten is geringer voor inkopers van grond en daardoor blijft dat in combinatie met het Houtense beleid tot nog toe zonder (grote) problemen redelijk op gang. Het risico op vertraging van grotere projecten (denk hierbij aan grootschalige gebieds(her)inrichting met een aanzienlijke afvoer van overtollige grond), blijft vooral aanwezig bij grondverzet naar buiten de provincie Utrecht (daar waar in veel gevallen nog geen PFAS beleid is opgesteld). Hierbij moet wel worden opgemerkt dat grondverzet verder dan de provinciale grenzen, door transport van de grond (CO2) niet duurzaam is en daardoor ook relatief weinig plaatsvindt. Programma Aanpak Stikstof (Gewijzigd) Sinds 2015 gold het PAS als generiek model om toestemming te verlenen voor projecten die mogelijk gevolgen hebben voor de instandhouding van Natura 2000-gebieden. Met de uitspraak van de Raad van State van 29 mei 2019 mag het PAS echter niet meer als onderbouwing worden gebruikt. De
Begroting 2022
98
verlening van natuurvergunningen is daardoor stil komen te liggen. Sindsdien zijn het Rijk en Provincies samen met andere overheden en stakeholders in overleg hoe er op korte en lange termijn omgegaan moet worden met de ontstane stikstofproblematiek. De actualiteiten hierover volgen zich de laatste tijd in rap tempo op. Door de uitspraak van de Raad van State omtrent de stikstof berekeningen in het Tracébesluit van A12/ A15 Ressen-Oudbroeken (ViA15) liggen andere projecten ook onder het vergrootglas. Voor de A12/A15 heeft de Raad van State op 21 januari 2021 een nadere onderbouwing van de minister gevraagd van de stikstofberekeningen (uiterlijk op 21 juli 2021). Voor de Ring Utrecht is dezelfde methode toegepast. Het stikstofdossier wordt nu kabinetsbreed opgepakt. Eind juli 2021 is duidelijk geworden wat de consequenties zijn en hoe het kabinet hier mee om wil gaan. Nadere berichtgeving van de Minister (21 juli 2021): Het Adviescollege Meten en Berekenen Stikstof heeft aanbevelingen gedaan om de wetenschappelijke onderbouwing van de huidige meet- en rekensystematiek van stikstof te verbeteren middels een kennisprogramma. Deze aanbeveling is overgenomen.