CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

30 NOVEX De Peel 24-0003905 (geanonimiseerd)

Gemeenteraad 19 maart 2024, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Ingekomen brieven41.470 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Sfeerimpressie van de toekomstige natuur in de Peel. De Peelvenen vormen het groenblauwe hart van de Peel waar natte natuur voorop staat. De hoger gelegen horst kampt momenteel met verdroging en wordt vernat. Er wordt stevig ingezet op waterinfiltratie op de horst en waterbuffering rondom de

Peelvenen.

Natte

natuur

en

natte

teelten

SAMENVATTING

voeren

hier de

boventoon.

Vrijkomende agrarische bebouwing biedt kansen voor functieverandering, bijvoorbeeld voor passende verblijfsrecreatie, wonen evt. met zorg of milieu— en natuurvriendelijke vormen van werkgelegenheid.

ONTWIKKELPERSPECTIEF

silo's kunnen

ingericht als vogeluitkijkhut.

(geano im se rd)

Een en

DE

PEEL

15

natte schil met natte

teelten

waterbufferende

beschermt

natuur

de Peelvenen.

SAMENVATTING

ONTWIKKELPERSPECTIEF

DE

PEEL

16

SAMENVATTING

ONTWIKKELPERSPECTIEF

Natuurlijke en recreatieve-as langs de Peel-raamstelling.

zich

door

een

toekomstige landbouw in productieve kant waar gepionierd van

tielandschap gaat Multifunctioneel

de

transformeren

ruimtegebruik

naar

circulaire

zal diverse

de

Peel.

wordt. en

teelten

De Het

Peel

kenmerkt

landelijk produc

natuurinclusieve met

duurzame

landbouw.

energieopwekking historische drager

en

open productielandschap NG

ens

dubbelgebruik van de gronden: zelfrijdende zonnepanelen.

saecensseerserernvrearesrnsurseeseses st en En ne: ma ke mhd ae

Bres

en

recreatie

wordt

een

combineren.

natuurlijke

en

De

Peel-Raamstelling

recreatieve

as.

17

Efficiënt

es

( g e a n o i m s e r d ) (geano im se rd)

Sfeerimpressie

PEEL

N,

Groots

6

DE

als cultuur—

SAMENVATTING

Natuur

en

ONTWIKKELPERSPECTIEF

stad

worden

elkaar verbonden;

fietssnelwegen

en

DE

PEEL

18

Lokale

beter met

streekproducten

SAMENVATTING

ONTWIKKELPERSPECTIEF

DE

PEEL

19

worden

hier verkocht.

bv. met

ruiterroutes. Er wordt

Verdichting rondom Brainport: bv.

( g e a n o i m s e r d ) (geano im se rd) 7

_ Sfeerimpressie

toekomstige verstedelijking in de Peel. Verstedelijkingsdruk vanuit Brainport heeft invloed op de westflank van de Peel. Stationsgebieden in dorpen zijn, vanwege de gunstige connectie met OV, de ideale plekken voor woningbouw. Woningen kunnen met lokaal geteelde van

de

(geano im se rd) (geanoimse(rgd)anoimserd) grondstoffen beter

met

uit de

elkaar

Peel

worden

verbonden

gebouwd.

middels

OV

en

Daarnaast

worden

fietssnelwegen.

natuur

en

(geano im se rd)

stad

kernen

gebouwd met lokaal geteelde grondstoffen direct uit de Peel.

bij de

Deurne.

(geanoimserd)

(geanoimserd) (geano im se r(dg)eano im se rd)

(geanoimserd)

(geanoimserd)

(geano im se rd)

1. PROLOOG Waarom dit NOVEX-perspectief?

ONTWIKKELPERSPECTIEF

DE

PEEL

22

ONTWIKKELPERSPECTIEF

DE

PEEL

23

1.1 WAAROM

DIT ONTWIKKELPERSPECTIEF?

oplossing vragen, elkaar beïnvloeden en ruimte vragen. Denk aan de landbouw- en energietransitie, aanpak van droogte, verbeteren van natuur en waterkwaliteit, leefbaarheid, verstedelijking, economische vitaliteit, beschikbaarheid van voorzieningen en reactivering van vliegbasis de Peel. Opgaven van zowel regionaal, provinciaal als nationaal belang. Dit heeft ertoe geleid dat het Rijk in het Programma NOVEX (2022) de Peel heeft aangewezen als NOVEX-gebied. Dit zijn gebieden waar de nationale opgaven dusdanig stapelen dat een gebiedsgerichte aanpak en prioritering van nationale opgaven noodzakelijk is om tot een richtinggevende koers voor de toekomst te komen. Met de Peel als NOVEX-gebied wordt ingezet op een gezamenlijke gebiedsgerichte regie op deze samenkomende opgaven. In de

Peel

komen

veel

opgaven

samen

die

om

belangrijk voorbeeldgebied voor de “wederombouw van het plattelandschap”, zoals (geanonimiseerd) (hoogleraar brede welvaart) dat treffend noemt. Als we het in De Peel voor mekaar Krijgen gaat het ook elders in ons land lukken, is de gedachte.

een

nn

een

NPLG

PROVINCIALE

EN

GEBIED

LANDELIJK Daarmee

PROGRAMMA'S

raken

meteen

we

het

aan

Nationaal

Programma

Landelijk Gebied (NPLG). Met de focus op de natuur-, water- en en daarmee bodemopgaven op de noodzaak om het agrarische zitten we dicht grondgebruik toekomstbestendig in te richten op de gebiedsgerichte uitwerking van de provinciale programma's landelijk gebied. En op de inspanningen van waterschappen, gemeenten, natuurorganisaties en de agrarische sector om de transitie landelijk gebied te helpen realiseren. Er is naar gestreefd de beleidsrichtingen in dit Ontwikkelperspectief in lijn te houden met de programma's (Provinciale Programma's Landelijk Gebied, PPLG's) van Brabant en Limburg, maar er was sprake van parallelle processen. Daarom vindt in de consultatieronde nog nadere afstemming plaats. En er is meer: denk aan de opgave om ruimte te maken voor energieopwekking, voor het bufferen en vasthouden van water of het opvangen van verstedelijkingsdruk en economische groei vanuit de Brainport. Of bijvoorbeeld de opgave om ruimte te maken voor militair vliegen. De Minister van Natuur -

—

Dit

ontwikkelperspectief dat voor u ligt is het eerste resultaat van deze gezamenlijke gebiedsgerichte aanpak en is in opdracht van stuurgroep NOVEX De Peel, waarin rijk en regio samen optrekken, 2 provincies, 2 waterschappen, gemaakt. De betrokken overheden 18 gemeenten en LNV & BZK mede namens andere departementen willen hiermee samen de koers uitzetten. Dat is nodig omdat de toekomst van De Peel onder druk staat door de vele vraagstukken die hier samenballen. Vandaar dit Ontwikkelperspectief 2050 met beleidsrichtingen voor 2030. Het is geen plan of beleidsnota in formele zin, wel een toekomstvisie die inspiratie en houvast biedt aan de betrokken overheden om samen én met partijen uit de -

—

streek

te werken

onder

meer

via

aan

een

vitale

toekomst

voor

de

Peel.

Dat

kan

uitvoerings- en investeringsafspraken tussen rijk, provincies en gemeenten. Maar uiteraard ook via arrangementen met betrokken regio's, marktpartijen en maatschappelijke partners. Het is een perspectief dat we komende jaren in praktijk willen brengen en dat nu al op tal van plekken in praktijk gebracht wordt. De transitie naar de Peel van morgen is al in volle gang!

MEERKLEURIGE De

meerkleurig: het gebied moet nu en straks een aantrekkelijk thuis zijn voor agrarische en andere ondernemers (geel) en voor bewoners en bezoekers rood). Maar ook voor flora & fauna (groen) met de strategische grondwatervoorraden van de Peelhorst als blauw fundament. Dat betekent verandering want nu zetten we nog met steeds meer inspanning het natuurlijk systeem naar onze hand en dat is op termijn niet vol te houden. We moeten gaan meebewegen en de kracht van het natuurlijk systeem Die gaan benutten. oekomst geven we samen vorm met dit ontwikkelperspectief als onderlegger, als inspiratiebron om met elkaar te praten over hoe we dat dan kunnen doen. Doel voor NOVEX-gebied de Peel is het realiseren van een toekomstbestendige, gezonde en natuurlijke leefomgeving voor de mensen die er wonen, werken en recreëren (formulering uit NOVI-startnotitie 2021). Daarbij zijn bodem en water sturend en borgen, bevorderen we de ruimtelijke kwaliteit in het gebied (overkoepelende hoofdopgaven uit de provinciale startpakketten) en verbeteren de leefbaarheid waar die onder druk staat. Dit betekent dat we bestuurlijke keuzes moeten maken en

toekomst

soms

op de we

van

schuren

Peel

is

die keuzes:

gebruikelijke

naar

de

TOEKOMST

manier.

niet alles kan

Het OP2050

overal

geeft

de

en

en

overheid

richting

aan

waar

De

Peel

was

ooit

een

A.F.

van

Beurden,

dat

breed

vsvsen

Grens

waterschap

Grens

gemeente

———

—

Landsgrens Gemeentelijk samenwerkingsverband

ij

ondoordringbaar het

moeras.

gebied vijftien

was.

Bron:

Rijksmuseum,

2023.

uitgegeven

door

(geanonimiseerd) |

uur

Kaart

In 1919

schatte

een

‘gaans’ (lopen) lang van

Brabant,

De

en

Peel,

landmeter, vier

uur

in 1688

Samenwerkingsverband

kabinet de coördinerende

werken

aan

één

Peel.

BEGRENZING Er is

maar

één

Peel

VAN en

toch

PLANGEBIED

HET zijn

er

verschillende

gebied te begrenzen. We hebben er voor gekozen om het watersysteem

in

het

druk

de

groot en verschillende majeure transitieopgaven landelijk gebied, energie & klimaat, wonen & mobiliteit moeten worden ingepast. Ordenen is kiezen. De ruimtelijke ordening heeft daarom onder het huidige (inmiddels demissionaire) kabinet een impuls gekregen. In het kader van het programma NOVEX heeft het Rijk alle provincies gevraagd met ruimtelijke voorstellen te komen op basis van een aangereikt startpakket (dec. 2022). Het is de bedoeling dat het Rijk en de provincies op basis van deze ruimtelijke voorstellen eind 2023 komen tot zogeheten ‘ruimtelijk arrangementen’. Daarin maken zij afspraken over de toekomstige inrichting van de schaarse ruimte. op

ruimte

Nederland

is

-

-

de

Maasdal

in

westen

en

het

sturende

de

Roerdalslenk

Dit

ontwikkelperspectief voor de Peel vormt een bouwsteen voor de ruimtelijke voorstellen van Limburg en Noord-Brabant. anders dan in veel Bijzonder aan NOVEX-gebied De Peel is dat het andere aandachtsgebieden waar vooral de verstedelijkingsopgave dominant is hier primair draait om de toekomst van het landelijk gebied. De Peel aan Brabantse en Limburgse zijde is daarmee

-

—

grenzen

die deel

uitmaken

van

de

Peelregio.

De

Groote

ligt. Gevolg is dat het plangebied niet exact samenvalt met bestuurlijke (i.e. gemeentelijke) grenzen en de begrenzing ook niet als harde lijn moet worden gezien. In nadere uitwerking kan de precieze invloedsfeer van dit ontwikkelperspectief beter worden bepaald. Het geschetste plangebied van de Peel omvat 14 gemeenten in het geheel, maar van 4 overige (meest stedelijke) gemeenten slechts het buitengebied. Daarnaast hebben we in de analyse gekeken naar een nog breder economisch invloedgebied: je kunt de Peel alleen begrijpen in groter verband: als vitale streek tussen de Brainport Eindhoven, Greenport Venlo, Agrifood iets verder weg Health Valley Capital Noordoost-Brabant en Nijmegen. Ook ecologisch bekijken we de groenblauwe kern in brede samenhang.

-

Bestuurlijke

waarin

Peel

-

8

te laten

begrenzing zijn. Dit laat

De

RUIMTELIJKE

vanuit

leidend

qua

het

PROVINCIES

EN

verklaren

in dit OP2050

om

VOORSTELLEN

NOVEX-GEBIEDEN

zich

manieren

werking van bodem en water. Daarom kijken we zowel naar centrale (hogere) Peelhorst met Deurnsche Peel als naar de beide (lagere) flanken die hydrologisch verbonden zijn: in het oosten de zogenaamde Venloslenk tot aan

plangebied

Gemeente

het demissionaire

namens

bewindspersoon voor NOVEX-gebied De Peel. Daarnaast er is een Stuurgroep onder leiding van de Dijkgraaf van Waterschap Aa en Maas en de Minister van Natuur en Stikstof die fungeert als integrerend platform. Ook de verantwoordelijke gedeputeerden maken deel uit van die NOVEX-stuurgroep. Het motto is: als één

9

Grens

is

niet alles kan

toe willen.

am

Stikstof

*

Dat

zijn Helmond,

Land

van

Cuijk, Meijerijstad,

Venlo.

ONTWIKKELPERSPECTIEF

TOTSTANDKOMING

VAN

DE

PEEL

24

ONTWIKKELPERSPECTIEF

DE

PEEL

25

DIT

ONTWIKKELPERSPECTIEF Voor

van

dit

ontwikkelperpectief 2050 is opdracht gegeven aan de combinatie van Royal HaskoningDHV (procesontwerp en -begeleiding) en FLUX Landscape Architecture (ontwerpend onderzoek). Zij hebben hiervoor een interactief traject ingericht rondom meerdere ateliers met ambtenaren van departementen, provincies, waterschappen en gemeenten. En daarnaast zijn bestuurlijke gesprekken en reflectiesessies met een aantal maatschappelijke partners georganiseerd. Bij wijze van start is basisinformatie verzameld

over

en

het

historie

opstellen

van

drie scenario's

geïnspireerd

het

actuele opgaven en de kenmerken In een eerste atelier zijn vervolgens

gebied. verkend (groen,

door

studies

ondernemend

van

het

een

tweede

atelier

van

de

Wat

willen

we

idealiter

de

lange termijn (2050)

en

wat

leefbaar),

en

Planbureau

mede

leefomgeving.

In

geprobeerd een synthese te maken door de kaarten op elkaar te leggen en te kijken waar het past of waar het wringt. De beleidslijn ‘water en bodem sturend’ was daarbij steeds het vertrekpunt. Een en ander is vervolgens uitgewerkt naar ambities voor de verschillende deelgebieden c.q. landschapstypen Peel.

(2030)?

is

STATUS Met

de

VAN

is

kansrijk?

betekent

voor

het

beleid

op van

een

derde

DOCUMENT

DIT

Omgevingswet

Via

dat

of ontwikkelen

ambtelijk atelier, werksessies met het bestuur en reflectiegesprekken met een aantal maatschappelijke partners is de koers verdiept. De weerslag staat in dit NOVEX-ontwikkelperspectief dat op zijn beurt weer input is voor een uitvoerings- en investeringsagenda van rijk en regio én voor inkleuring van de ruimtelijke voorstellen van Brabant en Limburg. morgen

Wat

behouden

krijgt

het

ruimtelijk beleid juridische vorm via een aantal kerninstrumenten (omgevingsvisies, programma's, algemene rijksregels, projectbesluiten en omgevingsvergunningen). Een Ontwikkelperspectief valt daar niet onder en heeft bij gevolg geen juridische status. Dat is de intentie ook niet. Het is primair een gezamenlijke stip op de horizon van de betrokken overheden die richting geeft aan te zetten beleidsmatige vervolgstappen en aan te maken afspraken over uitvoering en investeringen. Het is een inspiratiebron. Denk aan nader te verkennen thema's en de relaties daartussen, te agenderen kwesties in het overleg tussen rijk en regio, bespreekpunten met bewoners, ondernemers en andere maatschappelijk betrokken partijen in het gebied, weg te nemen praktische belemmeringen enzovoorts. Alles vanuit één narratief. Omdat dit NOVEX-perspectief ook input is voor de ruimtelijke voorstellen van de twee provincies die uiteindelijk moeten doorwerken in een volgende generatie provinciale omgevingsvisies en ontstaat op termijn enige daarop gebaseerde besluiten bindende werking. Maar vooralsnog gaat het dus vooral om de vertaling van een groot aantal opgaven in een samenhangend, richtinggevend en inspirerend toekomstperspectief en het weten te vertalen van dit perspectief in concrete projecten en investeringen.

Elkaar bestuurlijk vasthouden en als één overheid samen werken aan een meerkleurige toekomst van de Peel aan -

-

-

brede

welvaart

en

een

thuishaven

-—

dat

is

de

functie

van

dit

(geanoimse(rd)geano i(mgeansoeimsredrd)) (geano im se r(dg)eano im se rd) ( g e a n o i m s e r d ) (geano im se rd) (geanonimise rd()geano im se rd) ( g e a n o i m s e r d ) (geanoimserd) (geanoimserd)

( g e a n o i m s e r d ) ( g e a n o n i m i s e r d ) ( g e a n o n i m i s e r d ) (geano im se rd) (geano im se rd)

( g e a n o n i m i s e r d ) (geano im se rd() geanonimise rd) (geanonimise rd) (geano im se rd)(geano im se rd)

(geanoimserd)

(geanoimserd)

(geano im se rd) (geano im se rd) (geanoimserd)

(geano im se rd)

(geano im se rd)

(geanoimserd)

(geano im se rd)

( g e a n o n i m i s e r d ) ( g e a n o i m s e r d ) (geano im se rd)

(geanonimise rd)

( g e a n o i m s e r d ) (geano im se(rgde)anonimise rd)(geanonimise rd)

OP2050. 10

_ Foto’s van ateliers in samenwerking

met

o.a.

gemeenten,

waterschappen,

LNV,

( g e a n o i m s e r d ) (geano im se rd)

provincies

en

het

rijk.

2. FUNDAMENTEN Opgaven

van

vandaag

en sporen

uit het verleden.

In dit hoofdstuk gaan we in op de basisinformatie die voor dit ontwikkelperspectief is verzameld: de opgaven van vandaag en de sporen uit het verleden.

De uitdaging voor dit ontwikkelperspectief is te komen tot een nieuw natuurlijk evenwicht waar dat door menselijk ingrijpen - zowel binnen als buiten de Peel – de afgelopen decennia verstoord is geraakt. We lopen namelijk tegen de grenzen van de natuurlijke systemen aan en ondervinden daarvan inmiddels de gevolgen. Overstromingen en perioden van droogte, epidemische uitbraken van dierziekten, achteruitgang van de biodiversiteit, toenemende gezondheidsrisico’s en groeiende onzekerheid over de beschikbaarheid van voedsel en energie, zijn voorbeelden van deze gevolgen. Het voorkomen van deze gevolgen vraagt steeds meer inspanningen en wordt steeds duurder. De omvang van schades neemt toe. Dit alles zet onze welvaart en ons welbevinden onder druk. Duidelijk is dat het bestrijden van de symptomen niet meer werkt en er grote transities nodig zijn. Om deze transities in gang te zetten heeft het Rijk een aantal nationale, landsdekkende programma’s met opgaven ontwikkeld. In dit ontwikkelperspectief worden deze opgaven met een gebiedsgerichte aanpak gekoppeld aan de Peel. Om deze koppeling te kunnen maken moeten we zowel de Peel als de opgaven snappen. In dit hoofdstuk leggen we hiervoor een fundament. De basis voor de opgaven van vandaag en de oplossingen van morgen liggen voor een belangrijk deel in het verleden.

Het nieuwe hoofdstuk van het verhaal van de Peel wordt immers toegevoegd aan de vele hoofdstukken die maken dat het gebied is geworden zoals het nu is. Van woeste natuur via een ontginningenlandschap naar het huidige productielandschap. Heel belangrijk zijn daarbij de mensen die wonen en werken in de streek: de Peel is door mensenhanden gemaakt, een grootse aanpak is niet geschuwd en Peelwerkers zijn van oudsher gezegend met een gezonde pioniersgeest. Ook die cultuur is basis voor de toekomst: het thuisgevoel combineren met verandering.

ONTWIKKELPERSPECTIEF

DE

PEEL

29

2.1 STARTPAKKET Vanuit

het

EN

NOVEX

programma

VERSCHILLENDE zijn

PERSPECTIEVEN

op de ruimtelijke voorstellen een pakket aan de provincies Brabant en Limburg, het

met

het oog

uitgangspunten en opgaven meegegeven zogenaamde startpakket. Die uitgangspunten en opgaven moeten dus ook in meer of mindere mate aandacht krijgen in het ontwikkelperspectief voor de Peel. De opgaven zijn gekoppeld aan drie perspectieven zoals benoemd in de Ruimtelijke ordeningsbrief van 17 mei 2022: (1) creëren perspectief voor landbouw en natuur; (2) realiseren ordenende netwerken voor energie en circulaire economie; (3) zorgen voor leefbare steden en regio’s.

van

Bij elk van deze opgaven is de draagkracht van het natuurlijk systeem het uitgangspunt: water en bodem zijn sturend, samen met het borgen en bevorderen van ruimtelijke kwaliteit (programma Mooi Nederland). Om verstandige keuzes in te maken binnen en tussen opgaven worden in het startpakket de drie afwegingsprincipes uit de NOVI onder de aandacht gebracht:

kenmerken

en

identiteit

van

het

gebied

centraal

afwenteling.

VOOR

ambitie

zoals

LANDBOUW

van

het

kabinet

is

een

ruimteclaims

sterke

en

vragen

groenblauwe dooradering

en

om

slimme

verweving

combinaties, natuur-

van

en

landbouwdoelen. Er

dreigt een tekort aan zoetwater: vasthouden van gebiedseigen water is een must. We

moeten

voor en

met

verstoorde

sedimentlagen

in

een

gegraven

sleuf

bij

Bakel

(Bron: VU

—

2023). (geanonimiseerd) |

ECONOMIE

De

ambitie

ons

voldoende

retentie

van

aanpassen ruimte water

voor voor

aan

en

Klimaatverandering

het opvangen

van

langere periodes

circulair

het

van

te

zijn.

kabinet

is

om

in

2050

klimaatneutraal

en

De

doelstelling in 2050 volledig circulair te zijn, voor 2050 wordt gemikt op een vermindering van het gebruik van primaire abiotische grondstoffen van 50%. Dit betekent een verschuiving naar hergebruik en recycling, en het gebruik van biotische grondstoffen als alternatief. Dit maakt in de Peel het telen van biobased grondstoffen interessant.

NATUUR

Concurrerende

Peelrandbreuk

(CIRCULAIRE)

EN

Voor

meervoudig ruimtegebruik

veerkrachtige natuur, een robuust en klimaatbestendig watersysteem en een schone vitale bodem. Een gezonde leefomgeving en robuuste natuur is een voorwaarde voor een toekomstbestendige en vitale Peel. He: is de bedoeling dat het landelijk gebied aantrekkelijk en bruikbaar blijft voor voedselproductie, (nieuwe) economische activiteiten, recreatie en ontspanning, voorzieningen en uiteraard wonen. He grondgebruik moet in balans worden gebracht met de natuurlijke grenzen van het water- en bodemsysteem. Dit betekent dat he natuurlijk hydrologisch samenspel tussen hoge ruggen, breuklijnen, flanken en beekdalen bepalend wordt en het grondgebruik zich daarnaar voegt. In het NPLG staan structurerende keuzes die vertaald zijn in de PPLG's van Brabant en Limburg. In het startpakke: zijn vrij vertaald de volgende aandachtspunten meegegeven die relevant zijn voor de Peel:

De

ENERGIE

Voorkom

naar

PERSPECTIEF

1

VOOR

(ruimtelijke kwaliteit)

Zet

De

NETWERKEN

uitwerking heeft betrekking op het opwekken van duurzame energie (via de RES-en), ruimte voor bedrijvigheid en de milieudruk van industrie en bedrijvigheid. In het startpakket is onder meer gevraagd om een goede afweging maken voor de uitbreiding van nationale energienetwerken in relatie tot de draagkracht het water- en bodemsysteem.

Streef

EN

ORDENENDE

bergen

en

zorgen

wateroverlast

van

droogte.

circulaire

economie

LEEFBARE

STEDEN

Het

van

is de

ambitie

netwerken en

verder

compacte

het

is

EN

maakt

dat

altijd

relatief

Verder

wordt

in het

dienen

deze

waarden

wonen,

met

REGIO'S

demissionaire

te versterken.

steden

de

een

werken

netwerk

van

sterke economie

en

en

Het

kabinet

voorzieningen

in

om

de

stedelijke

goed bereikbare hoge leefkwaliteit heel

Nederland

nabij zijn. Bovendien worden de steden omgeven door landelijk gebied met een rijk palet aan natuurgebieden en waardevolle landschappen. Juist dat laatste is relevant voor de Peel als groenblauwe hart omringd door stedelijke netwerken van Eindhoven, Nijmegen en Venlo. Vanuit het startpakket wordt onder meer aandacht gevraagd voor verstedelijking in relatie tot de draagkracht van het water en bodemsysteem, het realiseren van voldoende energie infrastructuur en een gezonde leefomgeving. Ondermijning is een probleem in heel Zuid-Nederland. Maar in een transitiegebied zoals de Peel kan leegstaande agrarische bebouwing een verhoogd risico op ondermijning opleveren. Vlot aansturen op passend hergebruik is dus ook een aandachtspunt. startpakket aandacht gevraagd voor culturele identiteit en erfgoed: bij de inpassing van de nationale en provinciale opgaven dienen erfgoed en ruimtelijke kwaliteit gepositioneerd te worden als integraal onderdeel van de herinrichtingsopgave en te worden

behouden

of versterkt.

Sluit zoveel

mogelijk aan bij de kenmerken en identiteit van het gebied, is het principe. In de Peel doen wij dat volop (zie hoofdstuk 2). Tenslotte is meegegeven dat naast het streven naar een gezonde en groene leefomgeving in meer algemene zin ‘brede welvaart’ leidend moet zijn. Ook dat uitgangspunt omarmen wij uiteraard in dit OP2050.

ONTWIKKELPERSPECTIEF DE PEEL

OPGAVEN

OPGAVEN

GEBIED

Woningbouwopgave stijgt naar 981. 000 tot en met 2030

WONEN,

ENERGIE Emissiereductieopgave: Reductie opgave methaan: 3, 12 Mton in Nederland

Zo min mogelijk afdekken van de bodem

EN

Ruimtelijke inpassing transitie naar duurzame energie en een circulaire economie

WERKEN

(CIRCULAIRE) 30% natuurherstel Vogel- en Habitatsrichtlijn, met een areaal en kwaliteitsopgave

EN 100% Energieneutrale woonen werkomgeving in 2050

ECONOMIE

Water en bodem sturend: waterveiligheid, wateroverlast, bodemdaling en waterbeschikbaarheid als uitgangspunt voor nieuwe woon- en werklocaties

MOBILITEIT Versterken stedelijk netwerk

Natuurnetwerk (NNN) : verwerven of van functie veranderen van een groot deel van het bestaande natuurnetwerk

Nieuw bos 2030: 37. 000 hectare aan bos erbij in heel Nederland. Ook revitaliseren van bestaand bos

10% groenblauwe dooradering

Hydrologische condities op peil

NATIONALE OPGAVEN De startpakketten voor de ruimtelijke voorstellen van Brabant en Limburg bevatten ruim 40 nationale opgaven. In de Peel ligt het accent uiteraard op de transitieopgaven voor het landelijk gebied: natuur, natuurlijk systeem en (agrarisch) grondgebruik dat daarmee in balans dient te zijn. Echter ook opgaven voor energie en klimaat, wonen, circulaire economie en mobiliteit spelen een rol in het perspectief voor de Peel (zie schema) . Deze opgaven zijn het vertrekpunt voor beleidsrichtingen die we in H6 schetsen voor deelgebieden.

Nabijheid tussen wonen, werken en voorzieningen

Energietransitie integraal onderdeel van verstedelijkingsopgave Volledig circulaire economie in 2050. Tussendoel: 50% minder gebruik van primaire abiotische grondstoffen in 2030

Nederland klimaatneutraal in 2050

Beschikbaar maken dan wel in stand houden van (milieu) ruimte voor grootschalige bedrijfsvestigingen en industrie

Invulling geven aan de benodigde (milieu) ruimte voor werklocaties

Duurzame slimme en veilige mobiliteit, goede regionale verbindingen

Toepassen landelijke maatlat voor een groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving

•

Behouden en versterken van cultureel erfgoed

Verhoging grondwaterpeilen met 10-35cm op hoge zandgronden

49% minder CO2-uitstoot in 2030 ten opzichte van 1990. Met een streven naar een vermindering van 55%

Verduurzaming, vergroening en verdichting bestaande wijken

Beleid, inrichting en beheer aangepast aan veranderend klimaat, 5-10%ruimte in diepste delen watersysteem reserveren voor waterberging Emissiereductie van 14, 3 Mton CO2-reductie in 2030 t. o. v. 1990 voor industrie

Groen groeit mee met de verstedelijking

0, 5 Mton CO2 vastleggen in landbouwbodems (heel NL)

• Gezonde leefomgeving (lucht, geluid, externe veiligheid,

trillingen) Hoogproductieve kringlooplandbouw passend binnen het bodem- en watersysteem

Ruimte voor eigen keuzes, ondernemerschap en ondersteuning van de transitie van agrarische bedrijven

31

2. 2

• Ontwikkeling biobased economie

Natuur- en landschapinclusieve landbouw: o. a. met natuurinclusieve boeren, 15% areaal biologische landbouw

ONTWIKKELPERSPECTIEF DE PEEL

OPGAVEN Uitvoering van de RES’en: 35TWh hernieuwbare energieproductie op land

Oppervlakte- en grondwater voldoen aan KRW-norm in 2027

LANDELIJK

30

Schone lucht: in 2030 gem. minimaal 50% gezondheidswinst t. o. v. 2016 voor de negatieve gezondheidseffecten van Nederlandse bronnen Goed toegankelijke landschappen en natuurgebieden

In stand houden en ontwikkelen van infrastructuur (hoofdwegennet, hoofdspoornet, hoofdvaarwegennet, zeehavens en transportkanalen

luchthaveninfrastructuur)

Verbeteren sociale leefbaarheid en veiligheid in wijken

12

Opgaven energietransitie: De overstap van fossiele brandstoffen naar duurzame energievormen vraagt ook aandacht en ruimte in De Peel. Vanuit de Regionale Energiestrategieën is de regio in beeld als zoekgebied voor de opwekking van duurzame energie. Dit betekent dat er zowel naar plaatsing van zonnevelden als windmolens gekeken gaat worden. De mogelijkheden voor windmolens worden beperkt door luchtvaart vanuit onder meer vliegbases Volkel en de Peel. En hoewel er discussie is over de wenselijkheid van zonnevelden in het landelijk gebied, zijn hiervoor in de Peel minder fysieke beperkingen. Echter, het bij elkaar brengen van vraag en aanbod, wat gezien de netwerkbelasting steeds belangrijker wordt, is ook een aandachtspunt. Ook zijn er mogelijkheden voor geothermie. De te realiseren internationale buisleidingencorridor (DeltaRhine corridor) biedt wellicht mogelijkheden voor de Peel en voor energieconversie. Voorts is een belangrijk doel van de energietransitie het verminderen van de CO2 uitstoot. Daar kan de akkerbouw een rol in spelen doordat veel gewassen CO2 binden tijdens de groei. Bij de keuze voor nieuwe teelten voor bijvoorbeeld biobased materialen kan hiermee rekening worden gehouden.

Opgaven (circulaire) economie: Ook de nationale doelstelling om in 2050 een volledig circulaire economie te hebben bereikt (Nationaal Programma Circulaire Economie) heeft gevolgen voor de Peel. Het betekent kringlopen identificeren en sluiten, met een zo kort mogelijke lus. Het betekent (niet alleen in de Peel) dat we ons consumptiegedrag moeten veranderen, veel zuiniger moeten opspringen met grondstoffen en reststoffen moeten gaan benutten. Dat biedt kansen voor nieuwe en hernieuwde economische dragers, bijvoorbeeld in de hoek van reparatie, hergebruik en biobased grondstoffen en producten. Dat vraagt weer innovatie, hightech, ICT en slim ondernemerschap. Dit laat onverlet dat een ieder in de Peel een fatsoenlijke boterham moet kunnen verdienen en het ontwikkelperspectief ook een duurzaam perspectief voor ondernemers moet bieden. Opgaven wonen, werken en mobiliteit: met name ZuidoostBrabant heeft een enorme verstedelijkingsopgave met bijbehorende uitdagingen op het vlak van (slimme) mobiliteit. Een belangrijk deel van die opgaven zal worden opgevangen in de Eindhoven en andere stedelijke centra, bijvoorbeeld aan de westzijde van de stad. Maar te verwachten valt dat de verstedelijkingsdruk ook een weg gaat zoeken in de richting van De Peel, inclusief Midden-Limburg.

Dit kan een bedreiging vormen voor de kwaliteiten van de Peel zoals verlies goede landbouwgrond, maar ook kansen bieden ons kwetsbare aspecten bijvoorbeeld leefbaarheid en ruimtelijke kwaliteit te versterken. Voor de steden en dorpen in de Peel Drie grote nationale transitieopgaven en uitsplitsing naar 40 doelstellingen.

zijn (behoud van) een gezonde (groene) leefomgeving, een goed voorzieningenniveau en bereikbaarheid essentieel. Daaraan kan een bij de kern passende groei van het aantal woningen, vooral binnen de kern door transformatie en herbestemming van bestaande gebouwen, aan bijdragen. Ook de beleefbaarheid van het landschap en het behoud van cultuurhistorische elementen zijn belangrijke doelen. Mede met het oog op de economische krachtige (verblijfs) recreatie in De Peel. Ook voor deze opgaven geldt dat bodem en water sturend zijn en bijvoorbeeld het verder afdekken van de bodem zo veel mogelijk moet worden voorkomen. Ook zijn we bij deze opgave zuinig op goede landbouwgrond. •

Opgaven leefbaarheid: In algemene zin staat de leefbaarheid in het landelijk gebied onder druk. Het is in kleine kernen vaak moeilijk het voorzieningenniveau op peil te houden en openbaar vervoer is in het landelijk gebied vaak niet rendabel. Hierin schuilt het gevaar dat mensen in het landelijk gebied minder makkelijk toegang hebben tot voorzieningen zoals onderwijs, medische zorg en cultuur en meer autoafhankelijk worden. Mensen die niet over een auto beschikken kunnen in de knel komen. Daarom is een versterking van het regionale fiets- en openbaar vervoernetwerk nodig. Deze problematiek zien we ook in de Peel, met name in de ontginningsdorpen. Ook in gebieden met veel milieudruk (geluid, stank, licht) kan de leefbaarheid en gezondheid van bewoners onder druk staan. Opgave voor de Peel is om de leefbaarheid te verbeteren.

•

Mooi Nederland: staat in nauwe verbinding met het programma NOVEX. Programma Mooi Nederland stelt de belevingswaarde, gebruikswaarde en toekomstwaarde centraal bij het ordenen van de ruimte. Dat zorgt ervoor dat de inrichting van Nederland esthetisch en kwalitatief goed uitpakt. Dit wordt gedaan aan de hand van wenkende toekomstperspectieven waarbij nationale opgaven en lokale opgaven aan elkaar verbonden worden. Omdat de thematiek complex is, wordt in Mooi Nederland gebiedsgericht ontwikkeld. Samen met partners wordt het handelingsperspectief uitgewerkt.

•

Opgaven landelijk gebied: de Peel is vanuit haar historie een gebied met een groot aandeel landbouw en daaraan verbonden toeleverende industrie. De agrifoodsector, landbouw en toeleverende industrie vormen nog steeds een dominante economische factor in de regio. Het gebied is divers: van akkerbouw en tuinbouw tot (intensieve) veehouderij. Een enorme uitdaging voor de landbouw in De Peel is het verminderen van de milieudruk en wateronttrekking, mede in relatie tot de kwetsbaarheid van natuurgebieden op de Horst. Het voorkomen van watertekorten is zo ook aan de orde. Daarnaast ligt er een stevige opgave om de hoeveelheid

ONTWIKKELPERSPECTIEF DE PEEL

32

ONTWIKKELPERSPECTIEF DE PEEL

broeikasgassen door landbouw en landgebruik terug te dringen. Verduurzaming van de landbouw, aanpak van de stikstofproblematiek, voorkomen van verdroging, verbeteren waterkwaliteit, natuurherstel en terugbrengen biodiversiteit op het platteland zijn de belangrijkste doelen. •

•

13

Kaart met stikstofuitstoot (indicatief) en stikstofdepositie in N2000 gebieden. In de Peelvenen wordt de kritische depositie waarde (KDW) overschreden. Hier wordt meer dan twee keer de KDW waarde gemeten. De ingetekende stikstofuitstoot van wegverkeer en veehouderij is slechts indicatief. De grootte van de veehouderijen is gebaseerd op de Nederlandse grootte-eenheid (Nge) en niet de stikstofuitstoot. Bron: Compendium voor de Leefomgeving, 2023. www. clo. nl/indicatoren/nl0626-overschrijding-van-kritische-depositiewaarde-in-natura-2000-gebieden De kaart is op basis van de meest recent beschikbare informatie getekend, hier kunnen specifieke bedrijven niet in staan of missen. Dit is echter niet van invloed op de conclusie van de kaart.

Herstel biodiversiteit en oplossen stikstofprobleem: De invloed van stikstofuitstoot op grond- en oppervlaktewater en de invloed van stikstofdepositie op de gebiedseigen natuur is schadelijk en moet worden teruggedrongen. Het belang van het behoud van natuur is voor ons mensen groot want behoud en herstel van de biodiversiteit is essentieel voor ons voortbestaan. Niet alleen vanuit Europese en nationale wet- en regelgeving, maar ook vanuit de samenleving via protesten en gerechtelijke procedures, staat er druk op het terugdringen van de stikstofuitstoot. Dat terugdringen gaat niet zomaar, en heeft vergaande gevolgen in De Peel. Landbouw en automobiliteit zijn belangrijke oorzaken van het stikstofprobleem. Agrarische bedrijfsvormen, met name in de intensieve veehouderij, komen onder druk te staan door de gevraagde verduurzaming. Niet alle bedrijfsvormen zijn te verduurzamen en niet overal is perspectief voor bedrijven met een hoge veehouderijdichtheid. Veranderingen zijn noodzakelijk, hoe lastig dit soms ook is, maar er zijn ook wegen om uit deze problematiek te komen en daar willen we met dit ontwikkelperspectief aan bijdragen. Overigens zijn deze veranderingen voor de landbouw niet alleen noodzakelijk vanwege stikstof, maar ook vanwege het herstel van het bodem en watersysteem dat andere productieomstandigheden met zich meebrengt.

Nieuwe vormen van veehouderij, andere agrarische activiteiten, andere vormen van bedrijvigheid behoren tot de mogelijkheden. Uiteraard hebben dergelijke veranderingen gevolgen voor de financiële situatie van deze boerenbedrijven, de persoonlijke levenssfeer en de identiteit van De Peel. Landbouw en natuur bestaan in De Peel naast elkaar en de bedoeling is dat dit zo blijft, een passende manier hiervoor moet worden gevonden. Voor mens, dier en natuur. De aanpak van stikstofproblematiek vraagt daarom veel en bijzondere aandacht. Ruimte voor defensie: ook de eventuele reactivering van het militair vliegveld de Peel is onderdeel van het NOVEXstartpakket. Alhoewel daarover bij aanvang van dit traject nog geen definitief besluit is genomen, dient rekening te worden gehouden met vigerend ruimtelijk beleid zoals vastgelegd in Barro, Rarro en NOVI, waarin alle Defensieterreinen en de daar bijbehorende geluids- en veiligheidszones zijn vastgelegd. Dit vliegveld, maar ook de nabijgelegen basis Volkel, én het gebruik daarvan hebben als claim grote impact op de schaarse ruimte voor natuur, ondernemen en wonen/ recreëren. De op nationaal niveau nog te maken afweging raakt dit ontwikkelperspectief 2050: indien wordt besloten tot reactivering van de vliegbasis zullen onderdelen van het ontwikkelperspectief mogelijk opnieuw moeten worden afgewogen.

33

TOTALE DEPOSITIE STIKSTOF BINNEN N2000 (mol/ha/jaar) NB. binnen onderzoeksgebied overal overschrijding. Bron: RIVM, 2022. > 2.000

1. 000 - 2. 000 250 - 1. 000 > 250

STIKSTOFDIOXIDE 2021 (NO2) VAN WEGVERKEER NO2 conc. (μg/m3) Bron: Atlas voor de Leefomgeving, 2023. > 30

20 - 30 14 - 20

ONDERDELEN AGRIFOODSECTOR Veehouderijen en bedrijven gelinkt aan voedselindustrie Mestverwerker Biomassa energiecentrale Voedingsmiddelenindustrie diervoederindustrie Veehouderij (grootte in NGE) NNN

(geanonimiseerd)

NTWIKKELPERSPECTIEF

DE

PEEL

34

ONTWIKKELPERSPECTIEF

DE

PEEL

35

N

Veluwe

Scandinavië

2.5 DE

Biesbosch

IN

PEEL

BREDERE

CONTEXT kijken

We

eiland

en

naar

in

de

groter gebied

DE

PEEL Peel

vanuit

het

water-

economische, ecologische

veel

De

Peel

IN

in Zuid-Nederland

ECOLOGISCHE van

het

en

bodemsysteem,

sociaal-culturele

over

maar

de

Peel

zin verbonden

is geen met een

de grenzen.

CONTEXT

indertijd een twintigste deel van Nederland besloeg. De hoogveennatuur die resteert is slechts een fractie van dit ooit grootse veenmoeras. Ondanks de huidige, kleine oppervlaktes hoogveen vormt de Peel toch een belangrijke schakel in het ecologisch netwerk. De Peel vormt een verbinding tussen de Kempen in het zuidoosten en de Veluwe in het noorden. Wanneer we nog breder kijken, zien we dat de Peel via de Maas en de Kempen ook de Ardennen en verschillende andere natuurgebieden over de grens met Nederland verbindt. Ook voor trekvogels vormen de Peelvenen een pleisterplaats tussen het hoge noorden en het diepe zuiden. De rol van de Peel als schakel in dit grensoverschrijdend netwerk is relevant en kan aanleiding zijn om de Peelhorst als robuuste ecologische backbone door te ontwikkelen. was

ooit onderdeel

en

en

veenmoeras

dat

at

15

Extremadura

/

| We 14

De

Peel

in

grensoverschrijdende ecologische

context.

Le

Kraanvogels

lS op

besneeuwde

e

akker

Bron: ARK

Natuurontwikkeling,

2023.

ONTWIKKELPERSPECTIEF DE PEEL

36

ONTWIKKELPERSPECTIEF DE PEEL

17

DE PEEL IN ECONOMISCHE CONTEXT De Peel wordt omringd door de Brainport Eindhoven, de Greenport Venlo, de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen en Agrifood Capital van Noordoost-Brabant. De Peel vormt tegelijkertijd een gebied waar verschillende belangrijke stromen samenkomen. Via de Delta Rhine Corridor worden er ondergronds door de Peel heen verschillende stoffen richting de grens van Duitsland vervoerd en over de Brabantroute worden industriële stoffen vanaf de Maasvlakte, door de Peel en richting de Duitse grens vervoerd. Ook komen in het peelgebied hoogspanningslijnen en wateren als de Zuid-Willemsvaart en de Maas samen. De Peel vormt in potentie dan ook ‘een spin in het web’ tussen deze stromen. Deze aanwezige infrastructuur in combinatie met de chemische, farmaceutische en maakindustrie rondom de Peel, biedt economische kansen. In het kader van NOVEX-gebied de

16 17

18

Peel wordt onderzoek gedaan naar de mogelijkheden voor nieuwe economische dragers (door adviesbureau Buck Consultants International) . In de eerste onderzoeksfase is een combinatie nieuwe en hernieuwde economische dragers geïdentificeerd, namelijk: verbrede landbouw, ketenontwikkeling plantaardige eiwitten, ketenontwikkeling biobased bouwen, clusterontwikkeling agrotech bedrijven en regionale energiesystemen. Deze dragers zijn kansrijk en hebben een positieve impact op de brede welvaart, het regionale ruimtegebruik, ecologie, werkgelegenheid en welzijn. De dragers worden bovendien economisch haalbaar geacht. Bij de ontwikkeling van een aantal nieuwe economische dragers vormt de transitie van de landbouw een belangrijk aanknopingspunt.

De Peel in grensoverschrijdende economische context Bewerking van de ruimtelijke strategie voor het energiesysteem van kabels, leidingen en locaties voor de opslag en het omzetten van energie van nationaal belang op land via het Programma Energiehoofdstuctuur. In zwart de beoogde DeltaRhine Corridor, in blauw de beoogde waterstofintrastructuur. Bron: Ministerie BZK, 2023. De Peel in grensoverschrijdende stedelijke context

16

DE PEEL IN LEEFBARE EN STEDELIJKE CONTEXT Het moerasgebied dat zich ooit midden in de Peel bevond is lange tijd bepalend geweest voor de bewoning en stedelijke groei in de regio. De barrière die deze ooit vormde tussen oost en west is nog altijd terug te zien in het huidige landschap, maar ook in dynamiek en vitaliteit van de kernen. Tussen de kernen is als het ware spraken van een tweedeling. Zo zijn er enerzijds de peeldorpen, kernen die tijdens de ontginning van de Peel ontstaan zijn en zich midden in het voormalig moeras bevinden. Anderzijds zijn er de kernen op de flanken rondom de horst. Deze kernen zijn ouder en staan meer onder invloed van de stedelijke ontwikkeling van omliggende steden als Eindhoven, Nijmegen en Venlo. Hoewel de fysieke barrière al lang verleden tijd is, lijkt de tweedeling in de Peel ook op andere onderwerpen nog steeds invloed te hebben. Woonen werkverkeer gaan grotendeels buiten de Peel om. Daarnaast kenmerken de Peeldorpen zich door een lage dynamiek, rust en ruimte en soms krimp. Terwijl de verstedelijkte gemeenten op de flanken gekenmerkt worden door een hogere dynamiek en een vestigingsklimaat dat nog steeds aantrekt. Met een toenemende verstedelijkingsdruk vanuit Eindhoven, Venlo en Nijmegen wordt het steeds belangrijker om te bezien hoe het karakter van de Peeldorpen kan worden beschermd (Programma Mooi Nederland) .

De rust, ruimte en lage dynamiek die deze kernen karakteriseert, zien we als tegenhanger van de toenemende hoog dynamische netwerkeconomie is een kwaliteit waarop in de streek ingespeeld kan worden.

37

18

Het

woeste

landschap

-

tot de

19e

ONTWIKKELPERSPECTIEF

eeuw

DE

PEEL

38

(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) Een

energiek landschap

hoogtij

-

in de

19e

ONTWIKKELPERSPECTIEF

productief landschap

-

Eind

19e

eeuw

2.4 SPOREN

UIT HET

VERLEDEN

tot

ontwikkelperspectief focust zich de omliggende gebieden beschrijven

zijdelings ook om de Peel goed in de context te plaatsen. Zoals de doorsneden hiernaast laten zien vormt de Peelhorst het kerngebied. Dit kerngebied wordt geflankeerd door het Maasdal aan de oostzijde en het Aa-dal aan de westzijde. Deze drie gebieden hebben elk een verschillende geschiedenis en landschapsbiografie. Voor een uitgebreide beschrijving van deze omliggende landschappen en de ontstaansgeschiedenis ervan verwijzen we naar de rapporten ‘De kracht van het Aa-dal’

nu

PX

uit 2016 nm

Een

strijdbaar landschap

-

1939

tot

ne

nu

(geanonimiseerd) Een

leefbaar

/ gezond

landschap

-

Eind

20ste

eeuw

tot

De

en

Peelhorst

‘De

van

karakteriserende

thema’s

uit de

Peelhorst

en

flanken,

uitgestrekte veenmoerassen en hoogvenen. Het woord ‘Peel’ is zelfs afgeleid van het Romeinse ‘Locus paludosus’ wat moerasgebied betekende. Het weidse hoogveenlandschap is nu vrijwel helemaal afgegraven en ontgonnen voor brandstof. Enkele restanten zijn overgebleven als natuurgebieden, op de horst zijn dit de Mariapeel en de Deurnsche Peel, op de flank

van

natuurgebieden

kenmerkend

van

nu

meer

dan

de

Peel

door

de

verhaal

dient

Het

en

Het Het Het Het

dat.

uit

het Aa-dal In deze

is dit de

zijn voor paragraaf

tijd beschreven aan de als inspiratie voor De Peel

Groote

Peel.

H oewel

de

het

landschap is De Peel wordt de ontwikkeling van hand van vijf the ma's. Hun van

de toekomst:

woeste

landschap, energieke landschap, productieve landschap, strijdbare landschap levendige landschap.

*

Bureau

Nieuwe

Gracht,

ARK, Staatsbosbeheer, Doorsnedes

ooit

de

uit 2018.

Maasterrassen’*

bestond

op

nu

(geanonimiseerd) 19

PEEL

eeuw

Dit

Een

DE

geschiedenis

van

de

Peel.

Waterschap WWF

en

Aa

en

Stichting

Maas het

regio-gemeenten

2016.

De

Kracht

Limburgse Landschap,

2018.

De

Maasterrassen.

en

van

het Aa-dal.

maar

zal

39

ONTWIKKELPERSPECTIEF DE PEEL

40

ONTWIKKELPERSPECTIEF DE PEEL

41

20

N

WOEST LANDSCHAP Een combinatie van natuurlijke processen heeft van De Peel een uniek woest landschap gemaakt. De aanwezige breuklijnen, wijstgronden, het veenmos, de bossen op de Peelflanken, en de Maasterrassen zijn hier het bewijs van.

‘ HOIS’

Breuklijnen in Nederland zijn grotendeels onzichtbaar maar veroorzaken met aardbevingen verzakkingen en verschuivingen in de bodem. Deze verschuivingen leidden miljoenen jaren geleden tot het ontstaan van de Peelhorst. Er is een verdeling ontstaan tussen de hoger gelegen Peelhorst in het midden en de lager gelegen slenken aan de randen. De hoogteverschillen waren aanvankelijk nog sterk te zien bij de breuklijnen, maar zijn door de tijd heen afgevlakt naar subtiele hoogteverschillen die vaak nog nauwelijks zichtbaar zijn. De meest bekende breuk, de Peelrandbreuk, is een actieve breuklijn waar in 1992 nog een zware aardbeving plaatsvond nabij Roermond. Bij Uden is de Peelrandbreuk nog duidelijk zichtbaar maar inmiddels zijn op veel andere plaatsen de breuklijnen grotendeels gemaskeerd door dekzand.

BRABANTIA

MILHESE

Opmerkelijk is dat de hoger gelegen Peelhorst natter was dan de lager gelegen slenken. In de Peelhorst stagneert de afvoer van grondwater, de slecht doorlatende leemlaag (de Waalre Formatie) voorkomt dat het grondwater verder naar beneden kan zakken. Het grondwater stroomt van grof rivierzand (Beegden Formatie) in fijn dekzand in de flanken (Boxtel Formatie) wat de grondwaterafvoer naar de slenken verder belemmert. Het grondwater stijgt hierdoor op in de bodem en komt als uittredend kwelwater tevoorschijn bij het breukvlak. Dit ijzerrijke kwelwater heeft een roestbruine kleur en wordt wijst genoemd. De wijstgronden van De Peel zijn uniek, ze komen elders in Europa niet voor. Het Sint Annabos is een van de laatste resten van het wijstlandschap. Vlak bij de breuklijnen is de opstuwing van grondwater het sterkst en ontstaan de natste gronden.

DEURNE

‘ HOES’

GELDRIA

De Peel als grensgebied. Over het gebruik van de Peel zijn uit de geschiedenis veel conflicten bekend. Vooral tussen de dorpen en buurtschappen Bakel, Milheeze, Deurne en Liessel aan de Brabantse kant en Merselo en Venray aan de andere, Gelderse kant. Deze twisten gingen vooral over de exacte locatie van de grens met de grenspalen. Naast ruzies over de grensligging waren er ook over en weer verwijten over illegaal turfsteken op elkaars grondgebied. Aan een lange tijd van grensincidenten en oorlogshandelingen in de Peel werd in 1716 een eind gemaakt. Den Haag en Pruisen sloten in 1716 het “Tractaet van Venlo”. Daarbij werden de oude grenskwesties geregeld en beslecht. De grens van de Peel werd hierin definitief bepaald. Dit wel tot ongenoegen van de Brabantse dorpen, die vonden dat ze van een groot deel van hun Peel bestolen waren.

20

Kaart van de Peel 1716. De Peel vormde lange tijd een natuurlijke grens tussen Limburg en Noord-Brabant. Dit zien we terug in de verschillende dialecten. (Maker: Draak, datum 1716, Bron: Nationaal Archief ‘s-Gravenhage, 2023) .

Elk dorp markeerde zijn grens met een nieuwe grenssloot tussen de grenspalen. Deze sloten en palen zijn soms nog zichtbaar in het landschap (zie kaart 3. 3) . Tot op de dag van vandaag vormt dit traktaat alweer bijna 300 jaar de (provinciale) grens.

De horst is een waterscheidingsgebied waar de afwatering naar het westen en oosten stroomt via enkele beken. In de nattere delen van de Peelhorst ontstond veen door ophoping van plantenresten. Het voedselarme hoogveen dat zich ontwikkelde bestaat vrijwel geheel uit veenmos. Het veenmos fungeert als een spons en vormt dikke kussens die zich volzuigen met regenwater. Van onderen sterft het veenmos af terwijl het aan de bovenzijde doorgroeit. Het veenmos is zelfvoorzienend in zijn waterhuishouding en daardoor alleen afhankelijk van regenwater. Deze processen resulteerden in een weidse, open en natte Peelhorst die als gebied lastig te doorkruisen was. In tegenstelling tot de Mariapeel en Deurnesche Peel ligt de Groote Peel niet op de natte horst, maar in een lager gelegen bekken tegen de westflank van de horst aan. Oude dalen die dit bekken ontwaterden zijn aan het einde van de laatste ijstijd dicht gestoven waardoor de ontwatering afnam en ook hier veengroei mogelijk werd.

500 v. Chr Het hoogveengebied de Peel strekte zich ooit uit van Grave tot Weert.

1250 n. Chr De zandrug van Meijel was een eiland in het natte veengebied.

1850 n. Chr Ontginning begon aan de randen van het veen op kleine schaal, het midden werd met veenkolonien en turfmaatschappijen ontgonnen.

De flanken van de Peelhorst bestonden uit voedselarme dekzanden met voornamelijk eiken-berkenbossen, en de meer voedselrijke dekzanden met beuken-eikenbossen. Verder oostwaarts heeft de Maas door insnijding en verbreding het landschap in traptreden uitgesleten. Deze traptreden, bekend als Maasterrassen, zijn overal in het gebied zichtbaar. Soms zijn de terrasranden goed herkenbaar en vormen ze een duidelijke overgang tussen hooggelegen Maasdorpen en de lager gelegen, natte weidegronden (bijvoorbeeld bij Meerlo, Broekhuizen en Grubbenvorst) .

SEVENUM

21

De ontwikkeling van het areaal van het hoogveen in de Peel. Bewerking gebaseerd op paleografische kaarten van (Vos et al. , 2018) .

2000 n. Chr Nu zijn er enkel restanten over van het uitgestrekte veenlandschap. Nu zijn dit beschermde natuurgebieden.

45 21

24

(geano im se rd) 22

Afbeeldingen

van

het

turf

landschap (Bron:

ENERGIEK

LANDSCHAP

De

van

veengronden

handelswaar,

zo

De

leverde

Peel het

Geschiedenis

((geanoimserd) geanoimserd)

Peel,

werden

gebruikt als landschap energie op.

(geanoim(sgeanrodi)mserd)

2023).

brandstof De

en

grond was afgegraven,

namelijk te zuur en nat voor landbouw en werd daarom gedroogd en gebruikt als brandstof. Eerst voor eigen huishoudens koken

en

verwarmen)

en

later

voor

industrie,

zoals

ovens

en

brouwerijen. Eeuwenlang werd turf gestoken op kleine schaal met nauwelijks ontwatering. Veenputten liepen daardoor weer snel vol met water. Turf werd verkocht in de stad en omgekeerd werd mest aangevoerd naar de Peel ten behoeve van de landbouw. De Aa fungeerde daarvoor lange tijd als vaarverbinding met ‘s-Hertogenbosch.

STRIJDBAAR

Later

Nog

in de

opgeschaald voor de industrialisatie. Op de Limburgse zijde werd turf kleinschalig gestoken en afgevoerd met paarden en karren via uitgespaarde ‘peelbanen’. Op de Brabantse zijde werd het veen door Maatschappij Helenaveen (grootschalig) gewonnen en ging men systematisch te werk met kanalen. De Helenavaart is bijvoorbeeld zo'n kanaal dat werd gegraven voor de afvoer van turf. Wegen werden aangelegd en huizen werden gebouwd voor de veenarbeiders. Dorpen als Helenaveen en Griendtsveen zijn gebouwd als veenkoloniën in Zuid-Nederland. Op provinciaal niveau werd de ZuidWillemsvaart aangelegd om de ontsluiting van het zuiden en de handel in het noorden te bevorderen. De handel in Peelse turf nam toe dankzij de

kanalen.

Na

de

19e

eeuw

introductie

brandstof.

van

werd

het

steenkool

Uiteindelijk zijn

de

turf

25

steken

werd

turf

minder

belangrijk veengebieden

Peel-Raamstelling

in 1940,

met

op

de

voorgrond

kazemat

533

en

loopgraven (Bron:

(geano im se rd) 24

Transport

via

trein.

(geanonimise rd) (geano im se rd) (geanonimise rd)

(Bron: Geschiedenis

voor

de

Heel

lang geleden was de Peelhorst ondoordringbare grens. Het gebied

(geanoimserd)

als

moerassige

bestaande

Noordervaart. barrière

kanalen Het

zoals

de

vormde

zone

een

natuurlijke barrière waar men vooral omheen moest, of op trage wijze erdoorheen. Dat bleef door de eeuwen zo. De grootschalige ontginning en ontwatering van de Peelhorst zorgde er echter voor dat de Peel nu makkelijk te doorkruisen was. In 1959 werd daarom de Peel-Raamstelling als Nederlandse verdedigingslinie aangelegd. De stelling maakte gebruik van de resterende veenmoerassen en

Graafse

Defensiekanaal

werd

Raam, als

een

Helenavaart

versterking

van

en

de

aangebracht. Langs de kanalen werden kazematten gebouwd met vrije schootsvelden. De Peel-Raamstelling was Peel,

2023).

Canon

2023).

van

Nederland,

alle

inspanningen niet bestand tegen de Duitse invasie, dag van de inval, 10 mei 1940, viel deze stelling. Tot

LANDSCHAP

ontginning vormde het moerasgebied van De Peel vormde een ondoordringbare grens. Later, in de 20e eeuw fungeerden de Peel-Raamstelling, het Defensiekanaal en de kazematten met schootsvelden als weerstandslinie tegen de Duitse inval. Nog weer later werden er in de regio vliegbases aangelegd. Vandaag de dag vormen deze landschapselementen cultuurhistorische kenmerken van een strijdbaar landschap.

als

de overgebleven Groote Peel, Deurnsche Peel en Mariapeel slechts fracties van wat het veenlandschap ooit was. Deze hoogveengebieden dreigen momenteel te verdrogen met achteruitgang van de natuurkwaliteit als gevolg. Compleet hoogveen komt in Nederland niet meer voor en ook elders in Europa wordt hoogveen steeds zeldzamer.

De

ondanks

op

de

eerste

op heden

zijn

interessante is

en

het schootsveld

cultuurhistorisch

landschapselementen.

Vliegbasis Volkel aangelegd door de Duitsers. Na de oorlog werd de beschadigde vliegbasis hersteld en gebruikt door de Koninklijke Luchtmacht. Tot op heden is de vliegbasis actief voor luchtsteun en luchtverdediging. Later is in 1954 is Vliegbasis De Peel aangelegd als reservebasis. Tot 1995 werd het vliegveld incidenteel gebruikt door de luchtmacht. In 2019 heeft Defensie aangegeven voornemens te zijn de vliegbasis opnieuw in gebruik e nemen en is daartoe gestart met de voorbereiding van een Luchthavenbesluit en planMER. Inmiddels heeft de Staatsecretaris op 5 juli 2025 in een brief aan de TK het Nationaal Programma Ruimte voor Defensie aangekondigd. Dit programma is erop gericht de ruimte die Defensie in de toekomst nodig heeft voor haar operationele gereedheid in kaart te brengen, af te wegen, en juridische-planologisch te borgen. Het (al dan niet demissionaire) kabinet zal naar verwachting in de loop van 2024 een besluit nemen over de positie van vliegbasis De Peel in dit programma. n

1940

de kazematten

ONTWIKKELPERSPECTIEF

wel

vruchtbare

landbouwgrond was. In de Peel werd de bolster grootschalig geëxporteerd als turfstrooisel naar o.a. Engeland. Aanvankelijk waren er in Zuid-Nederland minder regels voor de vervening dan in Noord-Nederland. Gevolg was dat de Peelhorst was veranderd in een onvruchtbare zandvlakte. Ter vergelijking, in Noord-Nederland was het verplicht om de bolster na vervening e mengen met de onderliggende zandbodem zodat een goede landbouwgrond overbleef. De achtergelaten onvruchtbare zandgronden maakte landbouw onmogelijk, tot de introductie van kunstmest

KAULELKKT

LKENIN ALLEUR

®

eeuw

naar

Langs

de

rond

1870.

De

Peel

transformeert

daardoor

landbouwlandschap met veel gras- en natte Peelrandbreuk ligt vooral grasland.

eind

19e

bouwlanden.

een

De

agrarische sector in de Peel bestaat tot WOII vooral uit gemengde boerenbedrijven met voedselgewassen zoals rogge en aardappelen in combinatie met veeteelt. Tijdens de oorlog

IN é

8

}

ontstond

een

zijn

massaal

toen

eelt

van

tekort

vlas.

textielvezel.

aan

overgeschakeld

Onder

andere

in

Boeren

naar

de

26

Het

huidige grootschalig productielandschap

PRODUCTIEF

landschap van De Peel systeem voor de landbouw.

Middenpeelweg.Bron:

NRC,

2022.

Princepeel

als veeteelt

vruchtbare

vormt

al

eeuwenlang

De eerste

boeren

lössgronden

van

productie-

een

in Nederland

en

moest

beschikken

over

zowel

bouwland

waren

als wei-

en

Maasdal

de

aan

oostzijde

van

de

Peel

is

sinds

de

al

prehistorie relatief dicht bevolkt. Op de Maasterrassen zijn op tal van plaatsen bewoningssporen en grafvelden gevonden uit verschillende archeologische perioden. Dorpen ontstonden dicht bij de rivier of aan zijbeken vanuit de Peelhorst, veelal op hoger gelegen zandruggen. De hooggelegen terrassen zijn vruchtbare bouwlanden, de laaggelegen terrassen zijn goede hooilanden. Die hooilanden waren over het algemeen fijn verkaveld. Hier danken wij het Unesco Biosfeergebied de Maasheggen aan. Gedurende

de

Middeleeuwen

nam

de

bewoning

toe

en

heeft

is

vooral

veeteelt

en

akkers

worden

dan

zich

men

meer

de

productie omgevormd

toename

van

maïsakkers

zowel

de

oude

op

Het

landschap van productiesysteem;

ten

bodem-

en

het

grootse ontginning Niet alleen

watersysteem het

veen

het zwartveen

werd

van

eind

op

Peelhorst

19e

eeuw

waren

compleet

door

deze

vlas

op

illustreren

het

specialiseren

werd

en

van

veevoer

overheersend.

Veel

tot

weiland.

Er

een

grote

Maïs

wordt

behoeve

bouwlanden

de

Peel

staat

meer

dan

als

in

komt

van

veevoer.

de

beekdalen

grotendeels

70%(!)

in het

en

teken

van

van

het

dit

Naast

recreatieve

45

LANDSCHAP

productief

een

PEEL

kant.

landschap

Dat

is

mede

kent te

de

Peel

ook

een

danken

aan

het

landschap

erfgoed in de regio. Bossen, heidevelden, akkervelden en gemoedelijke dorpsheid zijn in trek bij jonge en oude mensen. Vanaf 1965 was de Peel van noord naar zuid goed ontsloten toen de Midden-Peelweg (N277) gereedkwam. Aan de Midden-Peelweg zijn daarna recreatieve clusters ontstaan. De Peel biedt diverse bestemmingen in verblijfsrecreatie, dagrecreatie en recreatieve routes zoals ruiterpaden en mountainbikeroutes. Naast grotere iconen zoals Attractiepark Toverland (700.000 bezoekers per jaar) of BillyBird Park Hemelrijk (jaarlijks ruim 250.000 bezoekers) ook landschappelijke bestemmingen zoals de Maashorst, Nationaal Park De Groote Peel, Strabrechtse Heide, Kraaijenbergse Plassen en de Stippelberg. Plaatselijk is de dichtheid van recreatieve bestemmingen en de samenhangende druk op de natuur erg groot. Zo is het afwisselend natuurlandschap in het Maasdal erg aantrekkelijk om te fietsen- en te wandelen, en wordt ook het Aa-dal

recreatief

Typerend vorm

van

in de

Peel

is

vinden

de

voor

in de

steeds

Maastricht

in

2017).

is ook

bungalows,

een

jaarlijks

in

Peel

interessanter.

factor

hotels

van

aanbod en

verblijfstoerisme campings: verblijfstoerisme

betekenis.

Ter

Daarnaast

is

de

lokale,

nationale

Oude

akkercomplex bij Bakel, deze akkers zijn eeuwenlang verrijkt via dierlijke mest vermengd met turf. Ze zijn zichtbaar door hun bolle vorm, waarbij het midden van de akker hoger ligt dan de randen, en de hoeken het laagst. Bron: Leestekens van het Landschap, 2016.

29

_Grandorse

paardensport.

Bron:

www.grandorsehorsetrials.nl,

2019.

in

De

Peel

internationale

en

paardensport actief in de hippische zone Grandorse en elders in de Peel. Paardensport en fokkerij is inmiddels een economische —

factor Een In

van

betekenis.

bijzondere de

kwaliteit

van

centrale

zone

is

de

lichtvervuiling.

Daar

is de

dat zelfs sterren

van

30

Toverland.

de Peel

Peel

is de

donkerte

dunbevolkt

hemelhelderheid

de

en

in de

is

in de

nacht.

gespaard nacht

zo

van

hoog

melkweg gezien kunnen worden. De echte donkerte heeft een positief effect op gezondheid en biodiversiteit en heeft als belevingswaarde voor de verblijfsrecreatie. Zie de Peel als tegenhanger van de lichtstad Eindhoven.

verandert.

28

illustratie:

1,5 miljoen

de

afgegraven en verkocht, maar ook de bolster. De bolster is de bovenste laag van het hoogveen die ongeschikt was als brandstof, maar in combinatie met bemesting

van

overnachtingen plaats, meer dan Valkenburg samen (1,1 miljoen overnachtingen

ca. en

het

(geano im se rd)

de

sterk

en

27

ontbossing op de flanken van de Peelhorst een vlucht genomen door houtkap en beweiding. In 1850 bestond Nederland slechts voor 1% uit bos (inmiddels bestaat Nederland voor 11 procent uit bos). De grootschalige kap van het bos had zijn keerzijde. Bomenkap, afplagging van heide en overbeweiding creëerden stuifzandvlaktes die veel overlast gaven. Het landschap werd steeds meer bepaald door gras- en heidevelden zonder bomen. Vanaf eind 19e eeuw worden stuifzanden geleidelijk ingeperkt met de aanplant van naaldhoutbossen. Het dennenhout werd benut voor tunnels in de mijnbouw. Veel van de huidige bossen op de flanken van de Peel zijn ontstaat uit deze productiebossen. De

gaan

werd

de

landoppervlak van de Peel bestaat uit mais en raaigras, ingericht om deze veestapel van voer te voorzien. De Peel is dus niet (enkel) een voedsellandschap, maar ook een voederlandschap.

hooiland. Het

oorlog

gewas:

jonge heideontginningen verbouwd. Varkens- en pluimveehouderijen maar ook veevoederbedrijven komen veel voor. Het landschap van de Peel staat grotendeels tot dienst van de landbouw en is sterk ontwaterd. De Peel is nu een intensief landbouwgebied dat dierlijke producten over de hele wereld exporteert, met meer dan 2 miljoen varkens, 4,5 miljoen stuks pluimvee en meer dan 150 duizend stuks rundvee. Ter vergelijking, dat is 20% van alle varkens in Nederland op slechts 5% van het landoppervlak.

Zuid-Limburg, vanaf ongeveer 5000 jaar voor Chr. Later werden ook de zandgronden in het zuiden en oosten van Nederland gebruikt voor landbouw. Eeuwenlang was de landbouw op de flanken van de Peel, het Aa-dal en het Maasdal kleinschalig met gemengde zelfvoorzienende boerderijen. Het gemengd boerenbedrijf bedreef zowel akkerbouw op

de

de

LANDSCHAP

Het

actief

langs

de

ondernemers

ander

een

grote schaal verbouwd. Gebeurtenissen als aanpassingsvermogen van de Peelbewoner. Na

en

LEVENDIG

DE

Attractiepark

Bron: Toverland,

2023.

ONTWIKKELPERSPECTIEF

DE

PEEL

46

Helenesaort

Astense

ONTWIKKELPERSPECTIEF

Mariapeel

Peel-Raamsteling

Weilanden

er

Schadjkse

maïsakkers

PEEL

Fijn dekzond

8Ad

Baîtel Ferrnotie Jy

Fijn dekzönd Bortel Formätie

en Grafriverzand

5

Beegden

Maasheggen

Hoest

>

1

47

Boston

Kabroeksabeer

Asten

An

DE

Formatie

Maas

kk

dg hd

Grot riderzond

Beegden den

fi]

ot,

F Formatie

Siecht doorlatende waafre Formatie m

1

leemlocg

Grof

\ 1 LJ

AA-DAL

EN DROOG

LAAG

31

….

Beegden vtm Formôtie

n

t

a

>

er

rivierzand

VENLOSLENK

&

d

EE)

….

LAAG EN DROOG

. …

Landschapsdoorsnede

van

de

….

Peel

2.5 Bronnen

MET

MENSENHANDEN GEMAAKT

,

van

Nederland

laatste

ijstijd

Provincie

Legenda: Hoewel

de Peel

gebied.

Dit komt door

hoger gelegen ligt,

Venlo, waartussen

is het ook

de Peelrandbreuk

en

een

natter

de Breuk

van

grondwater hoger in de bodem aanwezig blijft door een ondoortaatbare bodemf{aag die relatief hoog in de grond zit. Regenwater dat op de Peelhorst valt kan moeilijk wegzakken in de bodem door een stecht waterdoorlatende leemlaag @®.

het

Tegenwoordig

gezorgd

bijzondere hoogveenlandschap van de Peel, met de natte wijstgronden vlak langs de breuken. Grondwater wordt omhoog gestuwd en op de breuk ontstaat kwel. Het ijzerrijke water komt op de breuklijn aan de oppervlakte en oxideert. Dit zijn de wijstgronden @. Het water daalt vervolgens af via de slenken. Dit is een belangrijke bron voor de naastliggende beken (B. geanonimise rd) voor

het

vindt de zoetwateraanvoer

via het Peelkanaal.

steeds

vaker

plaats

Maasterrassentandschap loopt van de natte rivieroevers tot de drogere ruggen, met een afwisselende structuur van hogere en lagere delen, gevormd door de vlechtende

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13912805/1