Bijlage 3. Beleidsregels bijzondere bijstand 2026
Tekst van het document
Als dat niet het geval is kan dat een reden zijn voor afwijzing van de aanvraag. Vrije keuze voor verzekeraar – vergoeding conform pakket Compact
22
Iedereen is vrij in de keuze van de zorgverzekering en het aanvullende pakket. Wij verwachten dat er een aanvullende verzekering wordt gekozen. Als de aanvullende verzekering minder vergoed dan het pakket compact van Univé, dan kan de vergoeding aangevuld worden tot de hoogte van de vergoeding die gegeven wordt volgens het pakket compact.
4.3a Kosten met een medische kant Kledingslijtage en bewassing Het is mogelijk dat een inwoner extra kosten moet maken voor het wassen of aanschaffen van kleding, als gevolg van een ziekte of beperking. Die inwoner kan in aanmerking komen voor bijzondere bijstand als aan de voorwaarden is voldaan. De gemeente vraagt medisch advies aan om vast te stellen of de inwoner vaker dan gemiddeld kleding moet aanschaffen of moet wassen. Voor het vaststellen van de extra kosten sluit de gemeente aan bij de normbedragen voor waskosten uit de Nibud-prijzengids. De gemeente gaat ervan uit dat ouders van kinderen tot 4 jaar geen extra kledingkosten voor die kinderen maken. Ouders met een thuiswonend gehandicapt kind van 3 tot 18 jaar oud hebben recht op dubbele kinderbijslag als voor het kind een CIZ-indicatie is afgegeven. De dubbele kinderbijslag is een voorliggende voorziening voor de extra kosten voor kleding, schoenen en/of beddengoed. De mogelijke aftrek bij de belastingdienst wordt niet als voorliggende voorziening beschouwd. De duur van de periodieke bijzondere bijstand hangt af van de duur van de indicatie. Afhankelijk van de individuele situatie wordt er na een jaar een heronderzoek gedaan naar de verhoogde kosten. Dieetkosten Extra kosten voor een noodzakelijk dieet worden niet vergoed door de zorgverzekering.
De gemeente kan bijzondere bijstand voor dieetkosten verstrekken als aan de voorwaarden is voldaan. De gemeente vraagt medisch advies aan om vast te stellen of de inwoner een speciaal dieet moet volgen en daar extra kosten voor moet maken. Voor het vaststellen van de extra kosten sluit de gemeente aan bij de normbedragen voor voeding uit de Nibud-prijzengids. Stookkosten Het kan nodig zijn dat de inwoner zijn woning extra moet verwarmen als gevolg van ziekte of beperking. De gemeente kan bijzondere bijstand voor die extra kosten verstrekken als aan de voorwaarden is voldaan. De gemeente vraagt medisch advies aan om vast te stellen of de inwoner de woning extra moet verwarmen. Is het nodig dat de inwoner de woning extra verwarmt? Dan gaat de gemeente ervan uit dat die extra kosten per graad warmer 7% bedragen van de normbedragen voor verwarming per huishouden uit de Nibud-prijzengids.
4.3b Kosten in verband met gezondheid Extra kosten maaltijdvoorziening De extra kosten van de warme maaltijd ten opzichte van de prijzen in de NIBUD-prijzengids. Hoogte, duur en betaling bijzondere bijstand • De hoogte is gelijk aan de extra kosten ten opzichte van de Nibudprijzengids. Dit om te voorkomen dat er maaltijden afgenomen worden van leveranciers die hoge prijzen rekenen. • Wat de duur betreft waarvoor bijzondere bijstand kan worden verleend, wordt verwezen naar paragraaf 2.2. • De bijzondere bijstand wordt op declaratiebasis betaald.
23
• Als de kosten maandelijks hetzelfde zijn, kan de bijzondere bijstand als periodieke bijstand per maand worden betaald, zonder dat er nota’s ingeleverd hoeven te worden. Er wordt dan één keer per jaar onderzoek gedaan naar de hoogte van de kosten. Dit wordt op initiatief van de consulent gedaan. Zolang er niets veranderd hoeft te worden, is een nieuwe beschikking niet nodig. De bijzondere bijstand wordt om niet gegeven. Pedicurekosten Voorwaarden De gemeente kan bijzondere bijstand voor pedicurekosten toekennen onder de volgende voorwaarden: • • • • •
De pedicurebehandeling moet medisch noodzakelijk zijn. Dit moet worden aangetoond met een verklaring van een arts, podotherapeut of medisch specialist. De kosten worden niet (volledig) vergoed via de basis- of aanvullende zorgverzekering. De afwijzing of overzicht van de zorgverzekeraar dient te worden overgelegd. De kosten moeten aantoonbaar zijn middels een offerte of factuur van een erkende pedicurepraktijk. De kosten kunnen niet op een andere manier worden vergoed. Alleen de behandelingen van een erkende pedicure worden vergoed.
Kenmerken van een erkende pedicure Registratie bij ProVoet of Stipezo ProVoet is de landelijke brancheorganisatie voor pedicures. Een pedicure die hierbij is aangesloten, voldoet aan bepaalde kwaliteitsnormen. Stipezo is een stichting die medische pedicures certificeert. Een erkende pedicure heeft een AGB-code (Algemeen GegevensBeheer-code), waarmee zorgverzekeraars kunnen controleren of de behandelaar bevoegd is. Een erkende pedicure toont vaak haar diploma’s (bijv. Medisch Pedicure) en certificaten in de praktijk of op de website. Je kunt erkende pedicures vinden via: -
https://www.provoet.nl https://www.zorgkaartnederland.nl https://www.kwaliteitsregisterparamedici.nl/ - Kwaliteitsregister Paramedici https://www.pe-online.org/fe/publicRegister/658 - Kwaliteitsregister voor pedicures van ProCert https://www.stipezo.nl/rpv-register - Register paramedische voetzorg van Stipezo https://www.kabiz.nl/raadplegenregister/default.aspx - Kwaliteitsregister Medisch Voetzorgverleners van de Nederlandse Maatschappij Medisch Voetzorgverleners
Hoogte vergoeding De gemeente vergoedt maximaal tien pedicurebehandelingen per kalenderjaar jaar tot een maximumbedrag van € 30,- per behandeling .
24
Abonnement Wonen Plus Welzijn Als veel praktische zaken niet zo gemakkelijk meer gaan is een helpende hand vaak welkom. Voor een klein bedrag per maand kan de klant een Thuisabonnement afsluiten. Hiermee is het mogelijk gebruik te maken van de hieronder vermelde diensten, die worden uitgevoerd door deskundige vrijwilligers. Mogelijkheden van ondersteuning • klein onderhoud in de tuin • klussen in en om huis • boodschappen • belastingopgave • administratie • formulieren • computer • medicijnbezorging • vervoer • het aanvragen van maaltijden thuis • informatie en advies over wonen, welzijn en zorg (ook een afspraak bij u thuis is mogelijk). De kosten zijn niet hoog (rondom de € 5,00 per maand). Geen bijzondere bijstand Voor deze kosten wordt geen bijzondere bijstand verleend. Deze beleidskeuze is gebaseerd op de volgende overwegingen: - Volgens artikel 35 van de Participatiewet is bijzondere bijstand bedoeld voor noodzakelijke kosten van het bestaan die voortkomen uit bijzondere omstandigheden en die niet uit eigen middelen kunnen worden betaald. De diensten binnen het Thuisabonnement (zoals hulp bij administratie, vervoer, tuinonderhoud, etc.) zijn nuttig en ondersteunend, maar worden doorgaans niet als strikt noodzakelijk aangemerkt in juridische zin. - Het gaat hier om algemeen gebruikelijke kosten.
Kosten die veel mensen zelf dragen en die niet uitzonderlijk zijn, komen niet in aanmerking voor bijzondere bijstand. Een abonnement op welzijnsdiensten valt hier doorgaans onder, net als bijvoorbeeld kosten voor een telefoonabonnement of lidmaatschap van een vereniging. Bijzondere bijstand is niet bedoeld voor algemeen gebruikelijke uitgaven die binnen het bestedingspatroon van de doelgroep passen.
4.4 Woonkosten Woonkosten moet de inwoner uit het maandelijkse inkomen betalen. Soms is dat lastig, omdat de kosten hoog zijn en er geen huurtoeslag mogelijk is. Onder bepaalde voorwaarden kan de inwoner dan in aanmerking komen voor bijzondere bijstand. Woonkostentoeslag bij huur Voor de huur van een woning kan de inwoner in principe huurtoeslag krijgen. Bijzondere bijstand is daarom meestal niet mogelijk. In twee situaties is dat anders. De gemeente kan bijzondere bijstand in de vorm van woonkostentoeslag verstrekken, als de inwoner geen huurtoeslag kan krijgen: a. over de eerste maand huur; of b. omdat de huur te hoog is.
25
Eerste maand huur Huurtoeslag gaat in op de eerste dag van de maand, mits de inwoner op die eerste dag al op dat adres was ingeschreven. Anders gaat de huurtoeslag een maand later in. Als dat het geval is, kan de gemeente bijzondere bijstand verstrekken ter hoogte van de niet ontvangen huurtoeslag over de gebroken eerste maand, vanaf de dag van inschrijving. Te hoge huur Als huurtoeslag niet mogelijk is omdat de huur te hoog is, kan de gemeente bijzondere bijstand in de vorm van woonkostentoeslag verstrekken. De gemeente berekent de woonkostentoeslag als volgt: • welke huurtoeslag kan maximaal worden verkregen voor deze woning, met deze huur? Dat bedrag kan als bijzondere bijstand worden verstrekt; • hoeveel hoger dan de maximale huurgrens voor de huurtoeslag is de huur van deze woning? Voor die hogere huur kan dan ook bijzondere bijstand worden verstrekt. • beide bedragen worden opgeteld en samen als woonkostentoeslag verstrekt. Onder ‘huur’ verstaan we de rekenhuur huur. Dat is de huur die voor de huurtoeslag meetelt. Zie ook: https://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/nl/huurtoeslag/content/welke-huur-teltmee-voor-huurtoeslag De gemeente verstrekt de woonkostentoeslag voor maximaal 12 maanden. De inwoner is in die periode verplicht om: a. actief te zoeken naar goedkopere woonruimte waarvoor wel recht bestaat op huurtoeslag; b.
als woningzoekende ingeschreven te staan bij minimaal twee woonruimteverdeelsystemen, bijvoorbeeld Woonmatch Kop van Noord-Holland; c. een adviesgesprek aan te vragen bij de gemeente Hollands Kroon over wonen (team Woonurgentie/spoedzoekers); en d. te handelen overeenkomstig het advies van het team Woonurgentie/spoedzoekers. In het advies van het team Woonurgentie/spoedzoekers staat vermeld welke acties de inwoner kan ondernemen om zo snel mogelijk andere geschikte woonruimte te vinden. De woonkostentoeslag kan met twaalf maanden worden verlengd wanneer de inwoner geen goedkopere woonruimte heeft gevonden en de gemeente vindt dat dit de inwoner niet te verwijten is. De consulent toets de aanvraag aan de criteria onder b, c en d. De woonkostentoeslag kan telkens voor maximaal een jaar worden verlengd. Voor hoelang de woonkostentoeslag wordt gegeven, hangt af van de omstandigheden van het geval en is dus maatwerk. Er kan tijdelijk worden afgezien van de verplichting om goedkopere woonruimte te zoeken, als er bijzondere omstandigheden zijn.
In de volgende situaties wordt geen woonkostentoeslag toegekend: • De huur van een woning met een huurprijs boven de maximum huurprijs van de huurtoeslag, waarbij de woning geaccepteerd is tijdens een periode waarin de inwoner aangewezen was op een inkomen op of rond het sociaal minimum of op een tijdstip waarop reeds bekend was dat hij op termijn mogelijk aangewezen zou zijn op een inkomen op of rond het sociaal minimum. • Huur voor een niet zelfstandige wooneenheid (de huur van een kamer). Een zelfstandige wooneenheid is een woning met een eigen toegangsdeur, die van binnen en buiten op slot
26
• •
kan. In de woning moet op zijn minst aanwezig zijn: een eigen woon(slaap)kamer, een eigen keuken met aanrecht, aan- en afvoer voor water en een aansluitpunt voor een kooktoestel en een eigen toilet met waterspoeling. De kosten verbonden aan het wonen in een stacaravan, pension, hotel of bed&breakfast. De huur wordt voor deze situaties uitdrukkelijk buiten de Wet op de huurtoeslag gelaten. De situatie dat de huurtoeslag te laat is aangevraagd, waardoor de huurtoeslag niet wordt gekregen, of met ingang van een latere datum.
Het inkomen van de inwoner boven de bijstandsnorm telt volledig mee als draagkracht. Het vermogen boven de vermogensgrens telt volledig mee bij het berekenen van de woonkostentoeslag. Woonkostentoeslag bij eigen woning Een inwoner die een eigen huis bewoont kan geen huurtoeslag krijgen. De gemeente kan toch woonkostentoeslag verstrekken als: a. het om een woning gaat waarvoor de inwoner huurtoeslag zou kunnen krijgen als die woning gehuurd was, los van de hoogte van de huur, en als b. de woonkosten hoger zijn dan de basishuur die voor de woning van de inwoner geldt op grond van de Wet op huurtoeslag. De basishuur is een drempelbedrag. Zijn de woonkosten lager, dan kan geen woonkostentoeslag worden verstrekt. De gemeente berekent de woonkostentoeslag op dezelfde manier als bij een huurwoning met hoge huur. De volgende woonkosten worden daarbij meegeteld: a. de kosten van de hypotheekrente, na aftrek van de teruggaaf Inkomstenbelasting voor die kosten), en b. de zakelijke lasten van de woning, zoals premie opstalverzekering en onroerende zaakbelasting. c. onderhoudskosten van de woning. De term "onderhoudskosten" verwijst hier naar de kosten die noodzakelijk zijn om de woning in bewoonbare staat te houden.
Dit kan bijvoorbeeld gaan om: • groot onderhoud aan dak, gevel of fundering; • vervanging van installaties (zoals cv-ketel); • herstel van gebreken die de veiligheid of leefbaarheid beïnvloeden. De onderhoudskosten voor de eigen woning zijn per 01-07-2012 voor het laatst gepubliceerd in Schulinck. Vanaf die datum worden de laatst gepubliceerde bedragen verhoogd met het percentage van de consumentenprijsindex. De geïndexeerde onderhoudskosten voor een eigen woning per juli 2025 bedragen ongeveer €157,07 per maand. Dit is gebaseerd op het oorspronkelijke bedrag van €110,00 per juli 2012, verhoogd met de jaarlijkse consumentenprijsindex (CPI) tot en met 2025. De geïndexeerde toeslag voor appartementen per juli 2025 bedraagt ongeveer €27,64 per maand. Dit komt bovenop de eerder berekende onderhoudskosten van €157,07, wat het totaal voor een appartement op €184,71 per maand brengt. Om de woonkostentoeslag te kunnen berekenen zijn de volgende bewijsstukken nodig: • de akte van de hypotheek + bewijs van maandelijks te betalen rente; • de aanslag onroerende zaakbelasting (WOZ-beschikking); • de gegevens over het erfpachtcanon; • de aanslag waterschapsheffing, voor het eigenaarsdeel; • de rekening van de premie opstalverzekering;
27
• • • •
de rekening van de vereniging van eigenaren; de premies/subsidies die belanghebbende krijgt omdat hij een eigen huis heeft; bewijs aanvraag voorlopige teruggave belastingdienst in geval dat er nog geen voorlopige teruggave is; de beslissing voorlopige teruggave van de belastingdienst.
Als de teruggave van de belastingdienst volgens een voorlopige teruggave wordt ontvangen, dan wordt het direct op de hypotheekrente in mindering gebracht. Wordt er geen voorlopige teruggave ontvangen, dan wordt de aanvrager verplicht om de voorlopige teruggave alsnog aan te vragen, zodat het alsnog direct op de rente in mindering wordt gebracht. Na vaststelling van de hoogte van de zakelijke lasten en onderhoudskosten van de woning, wordt de woonkostentoeslag net zoals bij “bijzondere bijstand voor huur” berekend. De hoogte van de woonkostentoeslag wordt herberekend per 1 juli van enig jaar omdat de hoogte van de huurtoeslag dan ook verandert. De gemeente verstrekt de woonkostentoeslag voor maximaal 12 maanden. De inwoner is in die periode verplicht om: a. actief te zoeken naar goedkopere woonruimte waarvoor wel recht bestaat op huurtoeslag; b. als woningzoekende ingeschreven te staan bij minimaal twee woonruimteverdeelsystemen , bijvoorbeeld Woonmatch Kop van Noord-Holland; c. een adviesgesprek aan te vragen bij de gemeente Hollands Kroon over wonen (team Woonurgentie/spoedzoekers); en d. te handelen overeenkomstig het advies van het team Woonurgentie/spoedzoekers. In het advies van het team Woonurgentie/spoedzoekers staat vermeld welke acties de inwoner kan ondernemen om zo snel mogelijk andere geschikte woonruimte te vinden.
De woonkostentoeslag kan alleen verlengd worden als de huurder zich maximaal heeft ingespannen om een andere woonruimte te zoeken en hiervan bewijs kan laten zien. De woonkostentoeslag kan telkens voor maximaal een jaar worden verlengd. Voor hoelang de woonkostentoeslag wordt gegeven, hangt af van de omstandigheden van het geval en is dus maatwerk. Er kan tijdelijk worden afgezien van de verplichting om goedkopere woonruimte te zoeken als er bijzondere omstandigheden zijn. De woonkostentoeslag is een maandelijks bedrag ‘om niet’ (als gift). De woonkostentoeslag wordt in afwijking van het vorenstaande in de vorm van een lening verstrekt, indien de noodzaak van de kosten verwijtbaar is of als belanghebbende binnen een korte termijn over genoeg middelen beschikt (artikel 48 lid 2 sub a en b van de P-wet). De bijzondere bijstand wordt niet ten laste van de krediethypotheek gebracht. Zie artikel 50 lid 2 van de P-wet. Dit is alleen mogelijk voor de bijstandsuitkering. Het inkomen van de inwoner boven de bijstandsnorm wordt volledig meegeteld als draagkracht. Het vermogen boven de vermogensvrijlating telt volledig mee bij het berekenen van de woonkostentoeslag.
28
Verhuizing, eerste huisvesting, eerste huur, waarborgsom en administratiekosten Bij verhuizing of eerste huisvesting moet de inwoner vaak extra woonkosten maken, zoals het betalen van een waarborgsom, vooruitbetaling van de eerste huur en administratiekosten. Deze kosten moeten uit het maandelijkse inkomen worden betaald. De inwoner kan (behalve in uitzonderlijke situaties) in principe niet in aanmerking komen voor bijzondere bijstand.
4.5 Uitvaartkosten De kosten van een begrafenis of crematie moet de inwoner betalen uit de eventuele nalatenschap en een uitvaartverzekering van de overleden persoon. Als de inwoner de overblijvende kosten niet kan betalen, kan de gemeente bijzondere bijstand verstrekken, als de inwoner erfgenaam is en meebetaalt aan de uitvaart. Uitgangspunt is dat bijstand wordt verleend tot maximaal het erfrechtelijk deel van de overblijvende kosten. Voor de hoogte van de te vergoeden bedragen sluit de gemeente aan bij de bedragen zoals die in de actuele prijzengids van het Nibud staan en op de site van www.uitvaart.nl. NB Er bestaat geen recht op bijzondere bijstand voor de kosten van of die te maken hebben met een begrafenis in het buitenland (territorialiteitsbeginsel). De volgende kosten worden als noodzakelijk gezien: • legeskosten overlijdensakte • maximaal 50 rouwkaarten • het werk van de uitvaartverzorger • eenvoudige kist • grafrechten (voor een algemeen graf, niet voor een graf in eigendom) • rouwauto met maximaal 1 volgauto • opbaren in rouwcentrum • eenvoudige grafzerk Als niet noodzakelijke kosten worden gezien: • rouwadvertentie • kosten eredienst en/of kosten voor de culturele en religieuze gewoontes • koffietafel etc. Hoogte bijzondere bijstand Zoals vermeld is uitgangspunt is dat bijstand wordt verleend tot maximaal het erfrechtelijk deel van de overblijvende kosten.
Hiermee wordt het volgende bedoeld. De hoogte van de bijzondere bijstand is de hoogte van de bijdrage die belanghebbende moet leveren aan de crematie of begrafenis. Hierbij wordt rekening gehouden met het aantal personen die ook in aan de kosten moeten bijdragen vanwege hun band met de overledene. De berekening is dus: de hoogte van de kosten van de begrafenis/crematie gedeeld door het aantal personen die hierin bij dienen te dragen. Vorm bijzondere bijstand De bijzondere bijstand wordt om niet gegeven, tenzij de erfenis nog niet is vastgesteld. Uit de erfenis komen waarschijnlijk middelen. Er wordt in dat geval bijzondere bijstand in de vorm van een lening gegeven (art. 48, lid 2 onder a P-wet).
29
4.6 Duurzame gebruiksgoederen (huishoudelijke apparaten, meubels etc.) De inwoner kan in aanmerking komen voor bijzondere bijstand in de kosten van aanschaf of vervanging van een duurzaam gebruiksgoed. Als belanghebbende verwijtbaar niet of onvoldoende heeft gepaard, heeft de bijzondere bijstand de vorm van een geldlening. Over een periode van maximaal drie jaar betaalt belanghebbende maandelijks 5% van de bijstandsnorm inclusief vakantiegeld terug. Nadat iemand zich aan de aflossingsverplichting heeft gehouden, wordt het restantbedrag kwijtgescholden. Dit wordt in de beschikking gezet. Als belanghebbende geen verwijt kan worden gemaakt dat hij niet of onvoldoende heeft gespaard, dan wordt de bijzondere bijstand om niet (als gift) verleend. De hoogte van de bijzondere bijstand wordt bepaald aan de hand van de richtprijzen uit de actuele prijzengids van het Nibud (inclusief verwijderingsbijdrage). Voor de hoogte van de bijzondere bijstand houden wij 55% van de Nibudprijzengids aan.
4.7 Woninginrichting Kosten van woninginrichting kunnen bestaan uit: • een complete inrichting, meestal bij toewijzing van een woning aan statushouders; of • een gedeeltelijke inrichting na verhuizing of echtscheiding. • vervanging van inboedel of stoffering door slijtage (dit is geregeld in paragraaf 4.7). Voor de kosten van woninginrichting kan worden gespaard van de bijstandsnorm en/of kan worden betaald van de individuele inkomenstoeslag. Als er geen spaargeld is maken wij de volgende keuze: • bijstand om niet als er niet verwijtbaar niet (genoeg) gespaard is; • bijstand in de vorm van een lening als er verwijtbaar niet (genoeg) gespaard is en de noodzakelijke verhuizing daardoor niet kan. Statushouder: Van statushouders die zich vanuit een Asielzoekerscentrum in een woning vestigen, kan niet verwacht worden dat zij reserveren. Zij krijgen bijzondere bijstand voor een complete inrichting. Hiervan wordt 20% om niet gegeven en 80% in de vorm van een lening. Het deel wat om niet wordt gegeven, is voor stofferingskosten. Voor deze kosten mag volgens vaste jurisprudentie geen geldlening worden verstrekt. Dit is omdat stoffering vaak niet meegenomen kan worden als iemand verhuist. Voor de hoogte van de bijzondere bijstand voor een complete woninginrichting houden wij 55% van de Nibudprijzengids aan. De verhouding geldlening/om niet is afgestemd op de Nibudprijzengids.
Over een periode van maximaal drie jaar betalen zij 5% van de bijstandsnorm inclusief vakantiegeld terug voor het gedeelte van de bijzondere bijstand wat als lening is gegeven. Nadat iemand zich aan de aflossingsverplichting heeft gehouden, wordt het restantbedrag kwijtgescholden. Dit wordt in de beschikking gezet. Volledige dan gedeeltelijke woninginrichting of vervanging Bij gedeeltelijke inrichting na verhuizing of echtscheiding houden we voor de hoogte van de bijzondere bijstand 55% van de Nibudprijzengids aan. Wij gaan er in het algemeen vanuit dat de klant kiest voor de goedkoopst mogelijke optie.
30
Witgoed Inwoners wordt gestimuleerd om voor duurzame, energiezuinige opties te kiezen. Daarom houden we rekening met de keuze van de klant om voor een duurzame optie te kiezen bij witgoed, minimaal energielabel A. Er wordt bij een aanvraag rekening gehouden met de levensduur van het witgoed wat vervangen moet worden, zowel bij eerste als opvolgende aanvragen. Stofferingskosten Onder stofferingskosten vallen kosten als verf en alles wat iemand niet mee kan nemen naar een nieuwe woning bij verhuizing. Deze kosten mogen volgens de vaste jurisprudentie door de aard van de kostensoort niet in de vorm van een lening worden verstrekt, en wordt daarom altijd om niet gegeven. Als niet noodzakelijk wordt gezien: De kosten voor de 1ste woninginrichting. Wij gaan er vanuit dat iedereen hiervoor geld spaart omdat deze kosten te voorzien zijn. Vorm bijzondere bijstand • Bij de statushouder deels om niet (20%) en deels als lening (80%); • Geldlening als er verwijtbaar niet (genoeg) gespaard is; • Om niet als er niet verwijtbaar niet (genoeg) gespaard is. Dwangsommen IND Als iemand een aanvraag doet voor een verblijf in Nederland, moet de IND binnen een bepaalde tijd een beslissing nemen op die aanvraag. Dit is de wettelijke beslistermijn. Als de IND niet binnen deze wettelijke termijn beslist, kan het zijn dat we een geldbedrag moeten betalen aan de aanvrager: een dwangsom.
Deze dwangsommen worden bij de draagkrachtberekening als middel in aanmerking genomen.
4.8 Babyuitzet In overleg met de aanstaande ouder(s) wordt bekeken wat er noodzakelijk is. Uitgangspunt is dat de onderstaande spullen tweedehands worden aangeschaft. Dit kan bijvoorbeeld via Marktplaats, kringloopwinkel, Arker Boetje in Middenmeer of via advertenties in de supermarkt. Het gaat om de volgende artikelen: • bedje inclusief matras • box • maxi cosi • combiwagen Wij verlenen geen bijzondere bijstand voor spullen die al aanwezig zijn. Als het om een 2e of daaropvolgende kind gaat, gaan wij er vanuit dat een babypakket en eventueel een bedje genoeg is. Of en wat genoeg is in het geval van een tweede of daaropvolgend kind, is afhankelijk van de leeftijd van het oudere kind en de omstandigheden van het geval. Als er geen spaargeld is om de kosten van te betalen, wordt de volgende keuze gemaakt:
31
• bijzondere bijstand wordt verleend in de vorm van een lening als er verwijtbaar niet (genoeg) gespaard is; • bijzondere bijstand wordt verleend om niet (als gift) als belanghebbende ter zake geen verwijt kan worden gemaakt. Babybox 1 van de Stichting babyspullen Via Stichting babyspullen kunnen aanstaande ouders die weinig geld hebben een gratis babybox krijgen. Dit kan via www.stichtingbabyspullen.nl. Dit is geen vorm van bijzondere bijstand en kan buiten ons om worden geregeld/ingezet. De babybox wordt geleverd door verzending van het verwijsformulier die op de website staat. De hulpverlener van de belanghebbende vult deze in en verstuurt de verwijsbrief. Dit kan ook iemand vanuit de gemeente zijn. De babybox wordt thuis bezorgd. Voor de verzendkosten moet de ontvanger € 6,95 betalen. Voor de verzendkosten wordt geen bijzondere bijstand gegeven. Het is een klein bedrag wat vanuit een bijstandsuitkering betaald moet kunnen worden. Inhoud van het pakket: kleertjes van maat 50 tot en met 68 en de meest noodzakelijke spullen zoals een fles met speen, een molton, een laken, een slaapzak, luiers etc.
4.9 Rechtsbijstand De Wet op de rechtsbijstand is een voorliggende voorziening voor de kosten van rechtsbijstand, maar voor de eigen bijdrage en het griffierecht is er geen voorliggende voorziening. De CrvB (uitspraak 31-10-2006 nr. 06/3262 WWB) is van mening dat de eigen bijdrage en griffiekosten gezien kunnen worden als bijzondere noodzakelijke kosten van het bestaan waarvoor bij het ontbreken van draagkracht, bijzondere bijstand kan worden gegeven. De noodzaak van de kosten staat vast volgens de beoordeling van de Raad voor de rechtsbijstand. De inwoner die een advocaat toegewezen krijgt op grond van de Wet op de rechtsbijstand, betaalt doorgaans een eigen bijdrage. Voor die eigen bijdrage is dus bijzondere bijstand mogelijk. De inwoner kan voor andere vormen van rechtsbijstand in principe geen bijzondere bijstand krijgen. De gemeente verstrekt ook geen bijzondere bijstand voor: a. de proceskosten van de tegenpartij, als de inwoner deze kosten moet betalen; b. vertaalkosten (de advocaat kan gebruik maken van het gesubsidieerde vertaalbureau); c. reiskosten voor het bijwonen van rechtszittingen van bestuursrechters; of voor d. de kosten die de inwoner maakt vanwege een ingediend bezwaarschrift, zoals reiskosten voor het bijwonen van een hoorzitting of kosten van ondersteuning door een adviseur. e.
kosten rechtsbijstand waarvoor de Raad voor de rechtsbijstand een afwijzing heeft gegeven omdat de procedure als niet noodzakelijk wordt gezien volgens de voorwaarden; f. kosten rechtsbijstand van procedures die zijn ontstaan uit uitoefening van zelfstandig bedrijf en beroep (omdat deze kosten volgens de Wet rechtsbijstand niet noodzakelijk zijn); Hoogte van de bijzondere bijstand voor rechtsbijstand Als de Raad voor de Rechtsbijstand (hierna: de Raad)een toevoeging verleent, krijgt de belanghebbende in bepaalde zaken een korting van € 61,- (bedrag 2024) op zijn eigen bijdrage. Voorheen was dit een korting indien iemand eerst bij het Juridisch Loket was geweest. Sinds maart 2020 past de Raad deze korting automatisch toe, ook als belanghebbende niet bij het Juridisch Loket bent geweest. Je krijgt geen korting op de eigen bijdrage in: - een strafzaak;
32
- een asielzaak; - een bestuurlijke sanctie;(opent in nieuw venster) - (hoger) beroep bij een hogere rechter; cassatie bij de Hoge Raad. De korting geldt ook niet bij een: - Mediationtoevoeging; - Lichte adviestoevoeging. NB Het komt voor dat een bezwaar- of beroepsprocedure gevoerd wordt tegen de gemeente. Volgens het Besluit proceskosten moeten de proceskosten worden vergoed. Als de rechter de gemeente veroordeelt tot betaling van de proceskosten dan wordt in de uitspraak vermeld dat de gemeente de griffierechten moet vergoeden aan belanghebbende. Als de gemeente al bijzondere bijstand heeft verleend voor die kosten, dan is dat dubbel. De medewerker die de beroepszaak afhandelt, controleert of er bijzondere bijstand verstrekt is. Als dat het geval is, wordt het griffierecht niet voor de tweede keer betaald.
4.10 Griffierechten De inwoner met een toegevoegde advocaat kan in aanmerking komen voor bijzondere bijstand voor de griffierechten die de inwoner moet betalen om een procedure te voeren. Heeft de inwoner geen toevoeging op grond van de Wet op de rechtsbijstand, dan beoordeelt de gemeente per situatie of de procedure noodzakelijk is. Is dat zo, dan is bijzondere bijstand mogelijk voor de griffierechten als ook aan de andere voorwaarden voor bijzondere bijstand is voldaan. Let op: als de rechter de tegenpartij veroordeelt in de kosten van de procedure, dan vordert de gemeente de bijzondere bijstand van de inwoner terug. Let op in de beschikking opnemen dat belanghebbende ons informeert over de uitslagprocedure
4.11 Bewindvoering, curatele en mentorschap Als een belanghebbende vanwege persoonlijke eigenschappen of financiële omstandigheden niet in staat is om zijn financiële of persoonlijke belangen zelf te behartigen kan de rechter een bewindvoerder, mentor of curator aanwijzen om de belangen te behartigen. Er is geen voorliggende voorziening voor deze kosten. De rechter bepaalt dat er een bepaalde vorm van belangenbehartiging nodig is door bewind, mentorschap of curatorschap in te stellen. De noodzaak staat hiermee vast. Dit blijkt uit constante jurisprudentie. Voor de kosten van een curator, bewindvoerder of mentor kan bijzondere bijstand worden aangevraagd op grond van de Participatiewet. Indien door de rechtbank een beschikking is afgegeven waarin curatele, bewind of mentorschap is uitgesproken, komen de daarmee samenhangende kosten in beginsel in aanmerking voor bijzondere bijstand. De hoofdregel is dat bijzondere bijstand uitsluitend wordt verstrekt op aanvraag en niet met terugwerkende kracht. Uitzondering hierop vormt de verstrekking van periodieke bijzondere bijstand, waarbij het college bevoegd is om bijstand te verlenen met terugwerkende kracht tot maximaal zes maanden voorafgaand aan de datum van de aanvraag.
33
Indien de aanvraag wordt ingediend later dan zes maanden na de datum van de rechterlijke uitspraak, geldt de datum van indiening van de aanvraag als ingangsdatum voor de bijzondere bijstand. Voorbeeld: Een aanvraag wordt ingediend op 10 maart 2025. De beschikking van de rechtbank dateert van januari 2024. De bewindvoerder verzoekt om bijzondere bijstand met terugwerkende kracht, omdat er gedurende enige tijd geen voorziening in de kosten heeft plaatsgevonden. Aangezien de aanvraag binnen zes maanden voorliggende periode valt, kan bijzondere bijstand worden toegekend met ingang van 10 oktober 2024. Bij aanwezigheid van draagkracht in het inkomen wordt bijzondere bijstand toegekend tot het einde van het draagkrachtjaar, in dit geval tot 1 maart 2026. Indien er geen draagkracht aanwezig is, kan bijzondere bijstand worden toegekend voor een periode van maximaal 36 maanden, met als einddatum 1 maart 2028. Bij de indiening van een eerste aanvraag voor bijzondere bijstand ten behoeve van de kosten van bewindvoering, curatele of mentorschap, waarbij een recente beschikking van de rechtbank is overgelegd, hanteert het college de volgende uitgangspunten voor het bepalen van de ingangsdatum.
De ingangsdatum van de bijzondere bijstand wordt vastgesteld op de 1e of de 16e van de maand, conform de beloningsregeling voor professionele bewindvoerders, mentoren en curatoren zoals vastgelegd in de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren. • Indien de beschikking van de rechtbank is gedateerd vóór de 16e van de maand, wordt de ingangsdatum vastgesteld op de 1e van die maand. • Indien de beschikking is gedateerd op of ná de 16e van de maand, wordt de ingangsdatum vastgesteld op de 16e van die maand. Voor WSNP-bewindvoerdersloon wordt geen bijzondere bijstand verstrekt. Deze kosten worden verrekend met de boedelafdracht en indien dit niet mogelijk is vergoedt Bureau WSNP deze kosten aan de WSNP-bewindvoerder. Wanneer een onder bewind, mentorschap of curatele gestelde burger een inkomen op bijstandsniveau heeft, wordt bijzondere bijstand verstrekt voor het loon van de bewindvoerder, mentor of curator en voor de eenmalige extra kosten, zoals in- en uitstapkosten en griffierecht. Deze eenmalige extra kosten, komen alleen voor vergoeding in aanmerking als deze zijn bekrachtigd door de rechter. Berekening van een hoger tarief vanwege problematische schulden is toegestaan wanneer de rechter dit in de beschikking heeft opgenomen. Wat de kosten van de bewindvoering betreft, geldt nog het volgende.
De maandelijkse kosten van bewindvoering moeten in eerste instantie meegenomen worden in de berekening van het vrij te laten bedrag (vtlb) en de aflossingscapaciteit: • indien de kosten volledig kunnen worden verrekend, wordt er geen bijstand verstrekt; • indien de kosten gedeeltelijk kunnen worden verrekend, wordt er over het resterende deel bijstand verstrekt; • indien de kosten niet kunnen worden verrekend, wordt er bijstand verstrekt voor de volledige kosten.
34
Naast de jaarbeloning kunnen professionele curators, bewindvoerders en mentoren in voorkomende gevallen ook aanspraak maken op een forfaitaire beloning voor bepaalde incidentele werkzaamheden. De kosten in verband met deze incidentele werkzaamheden kunnen in aanmerking komen voor bijzondere bijstand. Een machtiging van de rechter dient in dat geval aan het college te worden overgelegd. Wanneer de aanvrager die onder curatele is gesteld, zelf om de curatele heeft verzocht, komen de kosten voor publicatie in de landelijke dagbladen in aanmerking voor bijzondere bijstand. Voor de vergoeding van de tarieven sluit de gemeente aan bij de “Regeling indexering beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren” zoals deze jaarlijks wordt gepubliceerd in de Staatscourant. Bankkosten Bewindvoerders mogen sinds 2020 een keer per jaar bankkosten in rekening brengen. Deze kosten kunnen voor bijzondere bijstand in aanmerking komen. Bewindvoerders hebben voor deze extra kosten geen keuze en ook geen mogelijkheid om deze te vermijden. Met deze verhoging is ook geen rekening gehouden in de regeling beloning die door de minister is vastgesteld.
Het is niet mogelijk de aanvraag om bijzondere bijstand in de bankkosten af te wijzen, op de grond dat deze kosten dienen te worden gerekend tot de, incidenteel voorkomende, algemene kosten van het bestaan en daarom in beginsel dienen te worden voldaan uit het inkomen. Niet iedereen heeft namelijk deze kosten. Deze kosten kunnen dan ook niet gerekend worden tot de, incidenteel voorkomende, algemene kosten van het bestaan.
4.12 Budgetbeheer Als een belanghebbende door persoonlijke eigenschappen of financiële omstandigheden niet in staat is om zijn zaken zelf goed te regelen kan hij een beroep doen op een persoon of instelling om zijn zaken te behartigen. Voor het budgetbeheer worden kosten in rekening gebracht. Er is geen voorliggende voorziening aanwezig. De kosten kunnen worden aangemerkt als bijzondere kosten van het bestaan waarvoor bijzondere bijstand gegeven kan worden als er geen draagkracht is. Er is recht op bijzondere bijstand voor de kosten van budgetbeheer als het budgetbeheer noodzakelijk is en de belanghebbende niet in staat is om zelf de zaken te regelen. Anders dan bij bewindvoering kan er niet zonder meer van worden uitgegaan dat de kosten noodzakelijk zijn. De noodzaak van budgetbeheer stellen wij vast aan de hand van de situatie van belanghebbende. Als borging dat de inwoner de juiste hulp krijgt, wordt bij toekenning van de bijzondere bijstand altijd advies ingewonnen bij een consulent Schulddienstverlening over nut en noodzaak van de inzet van budgetbeheer en het voorgenomen pakket. Daarnaast wordt in geval van problematische schulden een plan van aanpak vanuit het team Schulddienstverlening gemaakt met daarin een tijdspad waarin naar een minder zwaar pakket wordt gewerkt en indien mogelijk het volledig afbouwen van budgetbeheer.
Dit bevordert het traject naar financiële zelfredzaamheid van de klant en voorkomt onnodig aanhouden van een zwaarder en duurder budgetbeheerpakket.
35
De budgetbeheerder moet een deskundige en professioneel werkende instelling zijn. Hij beheert namelijk de gelden van de belanghebbende. Daarom verdient het de voorkeur dat de budgetbeheerder is aangesloten bij een branchevereniging, bijvoorbeeld de NVVBS. De hoogte van de bijzondere bijstand is gelijk aan de echt gemaakte kosten, dus de hoogte van het pakket wat belanghebbende nodig heeft bij de betreffende budgetbeheerder De bijzondere bijstand wordt om niet gegeven. De vergoeding voor de budgetbeheerder wordt maandelijks betaald.
4.13 Reiskosten In deze paragraaf wordt aangegeven hoe de bevoegdheid tot het verstrekken van bijzondere bijstand voor reiskosten wordt ingevuld. Reiskosten in verband met inburgering Op dit moment vallen reiskosten nog niet binnen de financiële afspraken tussen gemeenten en het Rijk. Indien gewenst, kunnen gemeenten reiskosten voor inburgeraars financieren uit de bijzondere bijstand. Reiskosten zijn algemene noodzakelijke kosten van het bestaan, die in beginsel uit het eigen inkomen voldaan dienen te worden. Bijzondere omstandigheden kunnen echter met zich meebrengen dat toch bijstand verleend dient te worden. Voor het volgen van een traject in het kader van de Wet inburgering 2013 en 2021 kan voor de gehele duur van het traject bijzondere bijstand worden verleend voor reiskosten. Reiskosten bezoek arts, specialist of andere medische of paramedische hulpverlener Voor reiskosten in verband met een bezoek aan een arts, ziekenhuis of andere medische of paramedische hulpverlener kan bijzondere bijstaand worden verleend, indien: • Eén van de gezinsleden minimaal 2 keer per maand naar een arts, ziekenhuis of andere medische of paramedische hulpverlener moet reizen. De reiskosten worden dus vanaf 2 keer per maand vergoed. • Als het nodig is dat een gezinslid meereist, worden ook de reiskosten van dit gezinslid vergoed.
NB Geen recht op bijzondere bijstand in de reiskosten als beroep kan worden gedaan op de Regeling vergoeding ziekenvervoer Deze regeling houdt het volgende in. Valt een behandeling onder de basisverzekering? Dan kan een belanghebbende een vergoeding krijgen voor de reiskosten van en naar zijn behandeling. Belanghebbende krijgt dan een vergoeding tot 200 km per enkele reis als: • hij zich alleen met een rolstoel kan verplaatsen; • hij een nierdialyse krijgt; • hij een oncologische behandeling met chemo-, radio- of immunotherapie krijgt; • hij niet alleen kan reizen door uw visuele beperking; • hij geriatrische revalidatiezorg krijgt; • zijn kind intensieve kindzorg krijgt en vervoer naar een verpleegkundig kinderdagverblijf medisch noodzakelijk is; • hij voor behandeling van een langdurige ziekte of aandoening per 12 maanden meer dan 1000 km enkele reis aflegt van zijn huis naar de behandeling (hardheidsclausule);
36
• hij deelneemt aan dagbehandeling die in een groepsverband wordt gegeven. Bijvoorbeeld een zorgprogramma voor oudere mensen met complexe aandoeningen (somatische en/of psychische). Of voor mensen met een niet-aangeboren hersenafwijking, een verstandelijke beperking of een progressieve, degeneratieve neurologische aandoening (zoals de ziekte van Parkinson, de ziekte van Huntington en MS). NB Om een vergoeding voor ziekenvervoer te ontvangen, heeft belanghebbende altijd toestemming nodig van de zorgverzekeraar. Op grond Basisverzekering worden de volgende vergoedingen verstrekt: • eigen vervoer: € 0,37 per km (de snelste weg volgens Routenet) • bijkomende kosten eigen vervoer (bijvoorbeeld tol, tunnel en veerboot): 100% • openbaar vervoer (2e klasse): 100% • gecontracteerde taxivervoerder: 100% Er geldt in 2024 een eigen bijdrage van € 118 voor ziekenvervoer per auto, taxi of openbaar vervoer. Dit was € 113 in 2023. Daarnaast geldt het eigen risico. De eigen bijdragen op grond van de Zvw komen niet in aanmerking voor bijzondere bijstand. De Zvw en de Wlz zijn volgens de constante jurisprudentie voor de kosten van (para) medische zorg een passende en toereikende voorliggende voorziening (artikel 15 Participatiewet).
Reiskosten bezoek familieleden ziekenhuis en inrichting Als gezinsleden in een ziekenhuis of een inrichting buiten Hollands Kroon worden verpleegd, is er bijzondere bijstand mogelijk voor de reiskosten. Het gaat hier om reiskosten in verband met het bezoek aan de partner van belanghebbende en de ten laste van belanghebbende of diens partner komend (pleeg)kind en (pleeg)kinderen. Ten aanzien van het aantal noodzakelijk geachte bezoeken geldt de volgende regel: • Bij terminale ziekte, verpleging op een intensive care en bij zieke kinderen, elke dag voor maximaal twee personen die direct tot het gezin behoren. • Bij overige ziekenhuisopnames, tweemaal per week voor twee personen die direct tot het gezin behoren. • Bij opname in een inrichting, eenmaal per week voor twee personen die direct tot het gezin behoren. Wegens sociale en/of medische redenen kan van deze aantallen worden afgeweken. NB Bij zieke kinderen is het verblijf in een Ronald McDonald huis vaak goedkoper dan de reiskosten die gemaakt moeten worden. Ouders betalen een eigen bijdrage van € 15 per kamer per nacht. De werkelijke kosten van een overnachting liggen veel hoger: € 75 per kamer, per nacht. Het verschil wordt betaald door donateurs en sponsoren. De goedkoopste oplossing verdient de voorkeur.
Reiskosten bezoek familieleden in detentie: Er is bijzondere bijstand mogelijk voor deze kosten, als het gaat om reiskosten in verband met bezoek aan gedetineerde gezinsleden in de eerste graad. Het gaat hierbij ook om pleegkinderen. Zodra de gedetineerde met weekendverlof mag komt de bijzondere bijstand voor de reiskosten van familieleden te vervallen. De gedetineerde kan voor reiskosten geen beroep doen op de bijzondere bijstand.
37
Wanneer de gedetineerde in een halfopen of open inrichting verblijft, komen de reiskosten voor familiebezoek niet voor vergoeding in aanmerking. Voor reiskosten wegens bezoek aan een in het buitenland gedetineerd gezins- of familielid wordt geen bijzondere bijstand verstrekt. Frequentie eenmaal per week per gezinslid. Reiskosten omgangsregeling: Als de ouders na echtscheiding niet in dezelfde woonplaats wonen, brengt de omgangsregeling kosten met zich mee. Deze kosten behoren in beginsel tot de algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan en worden uit de norm betaald. Bijzondere bijstand is dus niet mogelijk. De kosten van de kinderen komen altijd ten laste van de verzorgende ouder. Het recht van het kind op contact met de ouders en van het recht op gezinsleven is geen reden om tot bijstandsverlening over te gaan. Volgens de vaste jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) dienen namelijk de reis- en verblijfkosten die een kind in het kader van een omgangsregeling maakt ten laste te komen van de ouder tot wiens gezin het kind behoort (de verzorgende ouder). Soms komt het voor dat de verzorgende ouder, ook na aanhoudende verzoeken, weigert de reiskosten te betalen. Dan is het voor de niet-verzorgende ouder alleen mogelijk de kinderen te ontvangen als deze zelf de reiskosten betaalt. Als deze ouder bijstandsafhankelijk is en aannemelijk kan maken (d.m.v.
brief jeugdzorg of advocaat) alles te hebben gedaan om de ex-partner tot medewerking te bewegen, maar het toch zonder resultaat blijft, is bijzondere bijstand mogelijk. Voor de bezoekfrequentie kan aangesloten worden bij de omgangsregeling zoals deze door de rechter is vastgelegd. Reiskosten uit huis geplaatste kinderen: Als kinderen onder Bureau Jeugdzorg vallen en er een kinderbeschermende maatregel is getroffen, kan bij Bureau Jeugdzorg een beroep worden gedaan op een reiskostenvergoeding. Eenmaal per maand kan een vergoeding voor reiskosten verstrekt worden. Indien meer bezoek wenselijk is zal dit door de begeleider van Bureau Jeugdzorg bekeken worden, incidenteel is meer vergoeding voor reiskosten mogelijk via Bureau Jeugdzorg. Als het kind in een instelling verblijft die onder de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (Awbzinstelling) verblijft is er geen vergoeding mogelijk vanuit Bureau Jeugdzorg. Als een kind niet thuis verblijft is het soms wel mogelijk om kinderbijslag te ontvangen. Als er veel kosten zijn voor een uitwonend kind kan soms tweemaal kinderbijslag worden toegekend (zie voorliggende voorzieningen). Als er geen beroep kan worden gedaan op een voorliggende voorziening is bijzondere bijstand voor reiskosten mogelijk. Voor de bezoekfrequentie wordt aangesloten bij de bezoekregeling zoals bepaald door de instelling. Reiskosten in verband met sociale contacten
38
Als er geen familieleden of vrienden in de omgeving van de gemeente Hollands Kroon wonen zullen reiskosten gemaakt moeten worden voor de sociale contacten. Deze kosten vallen onder de incidenteel voorkomende noodzakelijke kosten van het bestaan en zullen vanuit het gewone inkomen moeten worden voldaan. Reiskosten deelname re-integratietraject Personen die van de gemeente ondersteuning krijgen bij de arbeidsinschakeling, komen niet aanmerking voor bijzondere bijstand in de reiskosten in verband met deelname aan een reintegratietraject of activiteiten gericht op arbeidsinschakeling. Deze kosten komen ten laste van het werkdeel. Wijze van vergoeden: Reiskosten worden alleen vergoed als de reisafstand enkele reis meer dan 5 km bedraagt. De reisafstand wordt bepaald aan de hand van www. Routenet.nl op basis van de kortste route. Bij de bepaling van de hoogte van de bijstand wordt uitgegaan van een reis per openbaar vervoer (2e klas). Bij periodieke kosten wordt bijzondere bijstand verstrekt voor een NS-voordeelurenkaart, waarna met korting gereisd kan worden. Per aanvraag zal bezien moeten worden of reizen met een voordeelurenkaart uit kan. Soms is het gebruik van een auto wegens het ontbreken van goed openbaar vervoer echter toch noodzakelijk. Bij het vaststellen gaan we uit van de door de overheid vaststelde belastingvrije kilometervergoeding.
Let op: als meerdere gezinsleden samen reizen moet er rekening mee worden gehouden dat zij samen per kunnen auto reizen en dus de kosten kunnen delen. Bewijs • Bezoek aan gedetineerden: verklaring Penitentiaire inrichting. • Bezoek aan een gezinslid in ziekenhuis: verklaring van opname (begin en einddatum) in ziekenhuis. • Bezoek aan een inrichting bij opname van gezinsleden: verklaring van de inrichting. • Bezoek aan artsen etc.: afsprakenoverzicht van het ziekenhuis of de hulpverlener. • Bij eigen bijdrage bij reiskosten met speciale medische indicatie: afwijzingsbrief van de verzekering waarin staat dat ze die betreffende kosten zelf moeten betalen vanuit eigen bijdrage Uitbetaling De bijzondere bijstand wordt om niet gegeven. De bijzondere bijstand wordt pas betaald na inlevering van de treinkaartjes, afsprakenkaarten dan wel een verklaring van de instelling. De aanvrager moet deze maandelijks toesturen bij periodieke kosten. Het vorenstaande lijdt uitzondering bij bijzondere bijstand in reiskosten in verband inburgering. In dat geval wordt de bijzondere bijstand vooraf uitbetaald.
4.14 Reiskosten woon-werkverkeer, inburgering, reclassering of naar opleiding ten behoeve van niet-bijstandsklanten Voor reiskosten van de inwoner voor woon- werkverkeer als de werkgever deze niet of niet helemaal vergoedt, is bijzondere bijstand mogelijk. Het gaat om inwoners die geen
39
bijstandsuitkering van de gemeente ontvangen. Inwoners met een bijstandsuitkering kunnen namelijk via re-integratie een vergoeding voor deze kosten krijgen. De vergoeding stopt als er geen noodzaak meer is. Voor reiskosten van de inwoner van en naar de opleiding is bijzondere bijstand mogelijk als er geen recht is op vergoeding vanuit DUO of school. Het gaat om inwoners die geen bijstandsuitkering van de gemeente ontvangen. Inwoners met een bijstandsuitkering kunnen namelijk via re-integratie een vergoeding voor deze kosten krijgen. De vergoeding stopt als de opleiding stopt. Voor reiskosten van en naar reclassering kan ook bijzondere bijstand worden aangevraagd. Reiskosten worden alleen vergoed als de reisafstand enkele reis meer dan 5 km bedraagt. De reisafstand wordt bepaald aan de hand van www. Routenet.nl op basis van de kortste route. Hoogte bijzondere bijstand • Auto: de hoogte die de overheid vaststelt als belastingvrije kilometervergoeding. Let op: als meerdere gezinsleden samen reizen moet er rekening mee worden gehouden dat zij samen per kunnen auto reizen en dus de kosten kunnen delen. • OV: de goedkoopste vorm van reizen.
Voorliggende voorzieningen • Hele of gedeeltelijke vergoeding door de werkgever • In geval de reiskosten niet betaald kunnen worden door beslaglegging, WSNP of schuldenregeling is het laten aanpassen van de beslagvrije voet of vrij te laten bedrag een voorwaarde die maximaal gebruikt moet worden. • Voor reiskosten van en naar de opleiding is het studentenreisproduct via DUO voorliggend. De student kan dit krijgen bij het volgen van een voltijd opleiding MBO, HBO of universiteit of een duale opleiding (HBO of universiteit). Diegene dient wel jonger dan 30 te zijn voor de studiefinanciering ingaat. Voor deeltijd- of BBL opleidingen (MBO) kan geen studentenreisproduct worden verkregen van DUO. • De WTOS is geen voorliggende voorziening voor reiskosten van en naar een opleiding. Dit is volgens vaste jurisprudentie.
4.15 Reiskosten kinderen in het voortgezet onderwijs Het gaat om reiskosten van huis naar school van kinderen die voortgezet onderwijs volgen en waarvan de school op een afstand van minimaal 15 kilometer (enkele reis) vanaf het woonadres ligt. Onder voortgezet onderwijs wordt het navolgende verstaan: het voortgezet onderwijs omvat het voorbereidend wetenschappelijk onderwijs (vwo), het hoger algemeen voortgezet onderwijs (havo), het voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs (vmbo) en het praktijkonderwijs. Het vwo, havo, vmbo en praktijkonderwijs vallen onder de Wet op het voortgezet onderwijs. Voorliggende voorzieningen Vanaf 1 januari 2017 is voor mbo-studenten onder de 18 jaar het studentenreisproduct (ovjaarkaart) een voorliggende voorziening. De volgende zaken worden niet gezien als voorliggende voorzieningen:
40
• • •
Kindgebonden budget; Meedoen Hollands Kroon is ook geen voorliggende voorziening. Het is niet bedoeld voor reiskosten van en naar school; De WTOS is geen voorliggende voorziening voor reiskosten. Dit is volgens vaste jurisprudentie;
Van ouders verwachten wij dat zij een bepaald bedrag per maand uitgeven aan de reiskosten van hun kind(eren). Dat bedrag is bepaald op € 45,- per maand per gezin. Hierbij is uitgegaan van wat een gezin normaal gemiddeld uitgeeft voor woon-school-verkeer. Recht op bijzondere bijstand Er is recht op bijzondere bijstand voor de reiskosten voor voortgezet onderwijs van huis naar school en terug als: • de school de dichtstbijzijnde school is waar geschikt onderwijs gevolgd kan worden • De afstand van huis naar school meer is dan 15 kilometer enkele reis (fietsafstand). De afstand van de kortste route wordt berekend via www.routenet.nl • De reiskosten meer zijn dan € 45,00 per maand Hoogte bijzondere bijstand Tijdens de schoolvakanties wordt geen vergoeding gegeven. • De bijzondere bijstand betalen wij per maand voor maximaal 10 maanden per jaar. • Bij de start van het schooljaar (of de maand waarin de vergoeding start) berekenen wij hoe hoog de kosten gemiddeld per maand zijn. Daarvoor kijken wij op de websites van vervoerders of vragen wij een bewijs van de kosten. • De reiskosten van het eerste kind worden vergoed met de aftrek van € 45,- per maand. • De reiskosten van volgende kinderen worden helemaal vergoed.
4.16 Kosten kinderopvang Omschrijving van de kosten Het gaat om de kosten van: • Het inschrijfgeld bij de kinderopvangorganisatie; • De kosten van bemiddeling van de gastouderorganisatie; • Overblijfkosten op school. De eigen bijdrage die de ouder moet betalen: • Volgens de Wet kinderopvang door werk • Voor kinderopvang voor sociaal medische indicatie • Voor kinderopvang voor de Voor- en vroegschoolse educatie • Voor de eigen bijdrage voor de peuteropvang (dagopvang) die aangeboden wordt door de kinderopvangcentra voor maximaal 7 uren per week Voorliggende voorzieningen Voor kosten die te maken hebben met re-integratie is vergoeding volgens de Beleidsregel ‘ondersteunende voorzieningen re-integratie’ een voorliggende voorziening. Verder is er geen voorliggende voorziening voor deze kosten.
41
Recht op bijzondere bijstand Er is recht op bijzondere bijstand als het gaat om de hierboven genoemde kosten. De noodzaak wordt aangenomen als door de belastingdienst de kinderopvangtoeslag is toekend. Is dit niet het geval dan beoordelen wij per geval de noodzaak. Het Rijk stelt een maximum uurtarief voor kinderopvang vast. Wij geven voor de gehele kosten bijzondere bijstand. Bewijs Voor kinderopvang en buitenschoolse opvang • Beslissing van de dienst Toeslagen over de vergoeding van de kinderopvang of • Gegevens van het inkomen en het contract met de kinderopvangorganisatie op grond waarvan met een proefberekening de vergoeding van de dienst Toeslagen kan worden berekend • Nota van het inschrijfgeld en nota of bewijs van de kinderopvangorganisatie waarin staat hoeveel bemiddelingskosten betaald moeten worden Voor kinderopvang voor VVE en SMI • Contract met de kinderopvangorganisatie • Nota van de kinderopvangorganisatie waarin staat wat de ouder moet betalen • Bij het wijkteam wordt de SMI/VVE indicatie opgevraagd voor de vaststelling van de noodzaak en de duur van de bijzondere bijstand Voor overblijfkosten • Nota van de school waarin staat hoeveel er betaald moet worden en hoe vaak het kind of de kinderen overblijven Hoogte bijzondere bijstand • Het hele bedrag van het inschrijfgeld kinderopvangorganisatie • Alle kosten van bemiddeling van de gastouderorganisatie •
Vergoeding van alle overblijfkosten gedurende een schooljaar • Vergoeding van de hele eigen bijdrage Wet kinderopvang gedurende een kalenderjaar • Complete vergoeding van de eigen bijdrage SMI en VVE tijdens de duur van de indicatie. Bij een VVE indicatie is dit meestal een kalenderjaar en een SMI indicatie wordt vaak steeds voor een half jaar afgegeven door de wijkteammedewerker. Vorm bijzondere bijstand • Om niet • Op verzoek betalen wij de bijzondere bijstand aan de opvangorganisatie Regels voor aanvrager • De gemeente op de hoogte houden van aanpassing of beëindiging van de kinderopvang of overblijven op school; • De eigen bijdrage volgens de Wet kinderopvang betalen wij maandelijks. Een maandelijkse nota inleveren is niet nodig; • Het geld wordt gebruikt waarvoor het bedoeld is. Dit kan gecontroleerd worden.
42
4.17 Kindgebonden budget alleenstaande ouder kop voor minderjarige ouder(s) (<18) Omschrijving van de kosten • Kosten van levensonderhoud van de baby van een tienermoeder die bij haar ouders inwoont. • Kosten van levensonderhoud van een weggelopen minderjarige die inwoont bij familie of vrienden en die niet wordt onderhouden door de ouders of de mensen bij wie hij/zij inwoont. Voorliggende voorziening In beide gevallen is de Jeugdwet de voorliggende voorziening en is verwijzing naar het wijkteam de aangewezen weg. Tienermoeder Voor de baby van de tienermoeder is de onderhoudsplicht van de vader een voorliggende voorziening. De ouders van de tienermoeder zijn niet onderhoudsplichtig voor de baby (kleinkind). Er is geen recht op de alo-kop, omdat de ouders toeslagpartner zijn. De eventuele onderhoudsbijdrage die de tienermoeder ontvangt van de vader wordt in mindering gebracht op de bijzondere bijstand. Weggelopen minderjarige Voor de weggelopen minderjarige die inwonend is, is de onderhoudsplicht van de ouder de voorliggende voorziening. Er wordt alleen bijzondere bijstand gegeven als zij de onderhoudsplicht niet of niet genoeg nakomen. De eventuele onderhoudsbijdrage die de minderjarige ontvangt van de vader wordt in mindering gebracht op de bijzondere bijstand.
Er zijn nog twee ander voorliggende voorzieningen: Pleeggeld Voor het kind dat niet bij de ouders kan wonen, kan door de verzorgers een pleeggeldvergoeding worden aangevraagd bij het Bureau Pleegzorg Nederland. Het bureau beoordeelt of er een indicatie is en als dat het geval is ontvangt de verzorger een pleeggeldvergoeding. Voogdij Voogdij is gezag over een minderjarig kind dat niet door de ouders wordt uitgeoefend, maar door iemand anders. De voogd neemt het recht en de plicht om voor een kind te zorgen over van de ouder(s). Voogdij kan door 1 voogd of door 2 voogden samen worden uitgeoefend. Als de voogdij door twee voogden wordt uitgeoefend zijn de voogden onderhoudsplichtig. Als één voogd is de voogd niet onderhoudsplichtig. Beoordeling van het recht en behandeling van aanvraag Tienermoeder Voor bijstand aan de baby van de tienermoeder hoeven er geen dringende redenen te zijn. Er moet worden onderzocht of de baby financieel onderhouden wordt. Is dat niet het geval dan is daarmee de noodzaak aangetoond. Aanvraag en beslissing • De uitkering wordt gegeven aan de baby. • Het verzoek van de moeder om bijstand voor haar baby te ontvangen, wordt ambtshalve opgevat als een aanvraag van de baby.
43
• •
De moeder moet het inlichtingenformulier voor een aanvraag levensonderhoud invullen en ondertekenen. Tijdens de afhandeling van de aanvraag wijzen wij de moeder op het feit dat zij haar kind moet aanmelden bij de zorgverzekering. Dit wordt in de beschikking gezet.
Weggelopen minderjarige Dringende redenen Alleen bij zeer dringende redenen kan er bijzondere bijstand gegeven worden. Na een gesprek met de jongere zal dan allereerst bekend moeten worden of er een beroep gedaan kan worden op de jeugdhulpverlening en zo nee waarom niet. Daarvoor wordt de jongere verwezen naar het wijkteam. Vervolgens zal nagegaan moeten worden met welke hulpverleners er contact is en zal er informatie over de situatie ingewonnen moeten worden bij de hulpverleners. Als de jongere daar geen toestemming voor geeft, betekent het feitelijk dat er geen bijstand gegeven kan worden. De jongere heeft feitelijk geen goed argument voor het weigeren van contact met een hulpverlener. Ook contact met de ouders is belangrijk. Het verhaal van de jongere is één kant van het verhaal. Er zullen jongeren zijn die niet willen dat er contact met de ouders wordt opgenomen, omdat zij bijvoorbeeld niet willen dat de verblijfplaats bekend wordt. De jongere kan daarvoor redenen hebben, maar dat moet dan wel met een geloofwaardig verhaal worden onderbouwd. Voordat bij hoge uitzondering bijzondere bijstand wordt gegeven, zal de hele situatie goed in beeld worden gebracht. De leeftijd van de jongere speelt ook een rol. Recht op bijzondere bijstand Er is recht op bijzondere bijstand in plaats van de alo-kop in de volgende situaties: 1. De tienermoeder wordt onderhouden door haar ouders.
Als de ouders van de tienermoeder de baby niet onderhouden dan verlenen wij bijzondere bijstand aan de baby voor het gemis van de alo-kop. Het bedrag van de alo-kop is het bedrag dat extra nodig is in het gezin door aanwezigheid van de minderjarige. De tienermoeder heeft geen recht op de alo-kop, omdat de ouder(s) van de tienermoeder toeslagpartners zijn (is). De tienermoeder heeft wel recht op kinderbijslag maar dit is geen voorliggende voorziening voor de kosten van levensonderhoud. 2. De tienermoeder is jonger dan 18 jaar en is dus geen toeslagpartner voor het gezin waar zij inwoont. De tienermoeder heeft recht op kindgebonden budget met alleenstaande ouderkop. De tienermoeder en het gezin bepalen samen hoeveel zij bijvoorbeeld aan kostgeld betaalt. Hoogte en duur van de bijzondere bijstand • De hoogte van de bijzondere bijstand is gelijk aan de alo-kop en wordt als periodieke bijzondere bijstand betaald. • De onderhoudsbijdrage van de vader van de baby of de ouders van de weggelopen minderjarige die betaald wordt aan belanghebbende wordt in mindering gebracht op de bijzondere bijstand. • De bijzondere bijstand wordt betaald aan de tienermoeder. De bijzondere bijstand voor de weggelopen minderjarige wordt betaald aan de minderjarige. • De bijzondere bijstand stopt op het moment dat de belanghebbende 18 jaar wordt of verhuisd.