3e VRT_Jaarrekening VRT 2023.pdf
Tekst van het document
De verwachting is dan ook dat met deze maatregel het verlofsaldo is terug te brengen tot een genormaliseerd niveau.
40 // JAARSTUKKEN 2023
4.4
Toelichting op de rechtmatigheidstoets
Deze paragraaf geeft een toelichting op de criteria van de rechtmatigheidsverantwoording, zoals gepresenteerd in par. 11 plus enkele aanvullende onderwerpen die onder de scope van de rechtmatigheidstoets vallen.. Met het laatste wordt bedoeld de onderwerpen die volgens de kadernota van de commissie dienen te worden opgenomen in de paragraaf bedrijfsvoering. Deze passage moet dan ook worden beschouwd als een 2 e paragraaf bedrijfsvoering. Om redenen van leesbaarheid is gekozen voor een afzonderlijke passage. Begrotingscriterium Het begrotingscriterium heeft betrekking op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting. Het gaat hierbij zowel op om de exploitatielasten per programma als de investeringslasten per categorie. Alle overschrijdingen van het begrotingskader en het investeringskader zijn rechtmatig van karakter. De meeste overschrijdingen hebben betrekking op uitgaven waar gerelateerde inkomsten tegenover staan. Begrotingskader Multidisc. onderwerpen Brandweer GHOR Gemeenten Overhead Totaal
Overschrijding (x € 1.000) 1.669 3.785 51
Rechtmatig? Ja Ja Ja
Investetingskader Gebouwen Materieel Materialen ICT
5.754
Overschrijding x € 1.000) 2.387 -
Rechtmatig?
Ja
2.387
Voorwaardencriterium Het voorwaardencriterium heeft betrekking op de eisen die afkomstig zijn uit diverse wet- en regelgeving en betrekking hebben op o.a. termijnen, normbedragen en recht, hoogte en duur van regelingen. Voor VRT spitst dit hoofdstuk zich voornamelijk toe op de Aanbestedingswet en het eigen inkoopbeleid van de organisatie. In 2023 is aan de hand van een review op de beschikbare inkoopdocumentatie en spendanalyses een bedrag van € 597.308 aan rechtmatigheidsfouten geconstateerd. De meeste dossiers zijn enkel onrechtmatig in het licht van het eigen inkoopbeleid van de organisatie en stijgen niet uit boven de vastgestelde rapportagegrens voor afwijkingen van € 0,1 mln2. Een tweetal dossiers stijgt hier wel boven uit: Dossier Operationeel Informatiesysteem
Afwijking x € 1.000) 108
Voedingsmiddelen
143
Overige dossiers < 100 k (8x) Totaal
346 597
Toelichting Het bewuste systeem is niet meer te kwalificeren als uniek en dient volgens de regelgeving te worden aanbesteed. Betreft de uitgaven (t.b.v. de lunchvoorziening en bereiding van maaltijden voor beroepskrachten). Het dossier is al enkele jaren als fout aangemerkt.
Maatregel De applicatie is in 2023 ordentelijk aanbesteed. De fout is met ingang van 2024 ongedaan gemaakt. De voedingsmiddelen zijn in 2023 ordentelijk aanbesteed. De fout is met ingang van 2024 ongedaan gemaakt.
M&O criterium Het misbruik en oneigenlijk gebruik heeft betrekking heeft op het voorkomen, detecteren en corrigeren van misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsmiddelen door derden. VRT verstrekt geen uitkeringen of subsidies en heft evenmin belastingen. VRT heeft dan ook geen regeling in het normenkader staan die betrekking heeft op dit criterium.
2
Fin. Verordening 2023, artikel 9 lid 3
41 // JAARSTUKKEN 2023
Overige onderwerpen van de rechtmatigheidstoets In lijn met de kadernota BBV van de commissie BBV wordt binnen de scope van de rechtmatigheidstoets nog enkele andere onderwerpen jaarlijks belicht. Voor wat betreft deze onderwerpen zijn in 2023 geen bijzonderheden aangetroffen. Begrotingskader
Toelichting
Treasury: wet Fido en aanverwante regelingen
Uit de verbijzonderde interne controle op treasuryactiviteiten in 2023 komen geen bijzonderheden naar voren.
Wet Markt & Overheid
Geen bijzonderheden. Het takenpakker waarop de gedragsregels van toepassing zijn (Twente Safety Campus) is niet gewijzigd. De jaarlijkse screening op deze regelgeving wordt opgenomen in het nieuwe Interne Controleplan (medio ’24).
Fraude
Er zijn geen fraudegevallen in 2023 geconstateerd. Uit de frauderisicoanalyse (uitgevoerd in Q1 van 2024) komen geen wezenlijke actiepunten naar voren. Het is wel zaak om blijvend aandacht te houden voor onderwerpen van integriteit. Sinds het einde van 2022 heeft VRT wordt dit onderwerp programmatisch opgepakt.
Gids Proportionaliteit
Die betreffende regelgeving maakt onderdeel van het eigen inkoopbeleod van de organisatie en valt dan ook rechtstreeks onder het normenkader (zie passage voorwaardencriterium).
4.5
Verbonden partijen
Deze paragraaf betreft derde rechtspersonen waarmee Veiligheidsregio Twente een bestuurlijke én financiële band heeft, door een participatie in een vennootschap of deelnemingen in stichtingen. Met een bestuurlijk belang bedoelen we een zetel in het bestuur van een deelneming of stemrecht. Een financieel belang houdt in dat de organisatie middelen ter beschikking heeft gesteld en die verliest bij faillissement van de verbonden partij en/of als financiële problemen bij de verbonden partij op haar verhaald kunnen worden. Van een financieel belang is ook sprake als Veiligheidsregio Twente bij liquidatie van een derde rechtspersoon middelen uitgekeerd kan krijgen. Visie en beleid op verbonden partijen Veiligheidsregio Twente heeft geen specifieke visie ontwikkeld op gebied van verbonden partijen. Het belang daarvan groeit naarmate de organisatie zich verbindt aan meer partijen. Maar dat is niet het geval. Het aantal verbonden partijen van VRT daalt gestaag sinds oprichting. Risicoanalyse verbonden partijen Het is niet nodig om de partijen waarmee VRT zich heeft verbonden te voorzien van een risicoscore. Zowel de vereniging van eigenaren als de stichting Meldkamer Twente zijn rechtspersonen die enkel in het leven zijn geroepen om de uitvoering van zaken te waarborgen. Het zijn bovendien rechtspersonen zonder personeel (en dus zonder eigen wil).
42 // JAARSTUKKEN 2023
Lijst met verbonden partijen Stichtingen en verenigingen Vereniging van Eigenaren genaamd Hulpverlening-diensten. Gevestigd aan de Demmersweg 55 (Westermaat) te Hengelo. 1. Doelstelling
2.
Bestuurlijk en financieel belang
Informatie Instandhouding van het pand aan de Demmersweg, waar de Meldkamer in gevestigd is, volgens het vastgestelde reglement als bedoeld in artikel 111d, Boek 5 van het B.W. De eigenaren in de gemeenschap zijn stemgerechtigd voor de volgende delen: • Veiligheidsregio Twente 39 stemmen • Stichting Ambulance Oost 61 stemmen Het bestuur van de vereniging bestaat uit twee bestuurders van Veiligheidsregio Twente namelijk de portefeuillehouder Financiën en de secretaris VRT en één bestuurder (directeur) van de Stichting Ambulance Oost. In 2020 is de stallingsruimte van het appartement aan de Demmersweg te Hengelo verkocht aan de Ambulance Oost. Het deel dat Veiligheidsregio Twente bezit is hiermee gedaald van 52 naar 39. Zij kan voor 39/100 deel aansprakelijk gesteld worden bij een faillissement of bij een financieel probleem.
3.
Mate van beïnvloedbaarheid in bedrijfsvoering Financiële kengetalen (in €) 4. Jaarrekeningresultaat 5. Eigen vermogen 6. Vreemd vermogen Stichting Meldkamer Twente Gevestigd aan de Demmersweg 55 (Westermaat) te Hengelo. 1. Doelstelling
2.
Bestuurlijk belang en financieel belang
3.
Mate van beïnvloedbaarheid in bedrijfsvoering Financiële kengetalen (in €) 4. Jaarrekeningresultaat 5. Eigen vermogen 6.. Vreemd vermogen 43 // JAARSTUKKEN 2023
In 2023 is het pand aan de demmersweg verkocht aan Ambulance Oost en daaropvolgend de VVE geliquideerd. Invloed op bedrijfsvoering is mogelijk via de benoemde bestuurders en de meerderheid van stemmen. 2023
2022
€€€-
€ 24.199 € 85.806 € 71.455
Informatie Het bevorderen van multidisciplinaire samenwerking van de meldkamers van de Politie Twente, Ambulance Oost en Veiligheidsregio Twente, door het faciliteren van ondersteunende processen. Zij tracht haar doelstelling te bereiken door het verwerven en exploiteren van infrastructuur en andere voorzieningen. De stichting wordt financieel gevoed door de achterliggende organisaties. (Politie, Ambulance Oost en VRT). Het stichtingsbestuur wordt gevormd door de directeuren van de verschillende hulpverleningsdiensten. Per 1 april is zijn de meldkamers in Oost Nederland samengevoegd en vervult de stichting geen functie meer. In het licht van de opheffing van de stichting Meldkamer Twente zijn de resterende activa verrekend met het rekening courant saldo van de stichting. Het overtollige vermogen van de stichting (= saldo rekening courant) wordt bij liquidatie van de stichting in 2024 gerestitueerd aan de betrokken partijen. De beïnvloedbaarheid in de bedrijfsvoering is redelijk groot gelet op het lidmaatschap van VRT in het stichtingsbestuur. 2023 (per liquidatiedatum)
2022
-€ 13.019 € 564.227 €-
-€ 45.562 € 955.257 € 5.256
Overige partijen Expertisebureau Risicobeheer Veiligheidsregio’s / Waarborgfonds Ongevallen Betreft een tweetal stichtingen dat in collectief verband zijn opgericht om te ongevallenschades van veiligheidsregio’s af te handelen en te financieren. Bestuurlijke vertegenwoordiging ontbreekt in beide stichtingen.. Meldkamer Oost-Nederland -
BOGO -
NIPV -
De meldkamertaken worden vervuld door Meldkamer Oost-Nederland. Meldkamer Oost Nederland is echter geen entiteit. Het werkgeverschap voor de deelnemende veiligheidsregio’s is belegd bij de VNOG.
De BOGO is een stichting die de brandweeropleidingen voor een aantal veiligheidsregio’s in Oost Nederland verzorgt. De commandant van Brandweer Twente neemt deel aan het bestuur van de BOGO. Statutair gezien heeft Veiligheidsregio Twente binnen de BOGO geen bestuurlijk belang.
Het NIPV is het gezamenlijke kennisinstituut voor Crisisbeheersing en Brandweerzorg. Voor het NIPV ontbreekt het financieel belang. Er wordt een jaarlijkse bijdrage betaald waar een directe tegenprestatie tegenover staat. Daarbij is het NIPV een zelfstandig bestuursorgaan en kunnen zij geen beroep op de Veiligheidsregio doen ingeval van financiële problemen.
4.6
Financiering
Treasury gaat over het sturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële geldstromen en de hieraan verbonden risico’s. Het in 2018 vastgestelde treasurystatuut stelt hiervoor de beleidskaders. Het Rijk heeft met de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) en aanvullende regelgeving regels gesteld over hoe decentrale overheden hun geld en kapitaal beheren. De regeling schatkistbankieren houdt in dat overtollige middelen van decentrale overheden bij het ministerie van financiën moeten worden aangehouden. Het treasurystatuut sluit aan op de regelgeving en geeft ook de verdeling van verantwoordelijkheden en bevoegdheden weer. Belangrijk instrument voor de uitvoering van de treasury is de liquiditeitsplanning. Tweemaal per jaar wordt een treasurybericht opgesteld voor de portefeuillehouder Middelen. Dit bericht geeft inzicht in de stand van zaken van de treasury en legt een basis voor de uitvoering van de treasury in de komende periode. Risico’s Door de wet Fido en aanvullende regelgeving zijn de risico’s op de treasuryactiviteiten als beperkt te kwalificeren. De wet Fido stelt grenzen aan de mogelijkheid om goederen te financieren met kortlopende middelen (kasgeldlimiet) en maximeert de aflossing en renteherziening op aangetrokken leningen in enig jaar (renterisiconorm).
Daarmee wordt het renterisico beperkt. Ook zijn er regels gesteld ten aanzien van het gebruik van derivaten, de vorm waarin leningen worden opgenomen of verstrekt en met welk soort instellingen financiële transacties mogen worden gedaan. Door proactief uitvoering te geven aan de treasuryfunctie (periodiek opstellen liquiditeitenplanning en periodieke check op renteprognoses) zijn de restrisico’s verder te verminderen. Met de gedifferentieerde leningenportefeuille van € 57,7 miljoen (stand ultimo 2023) is een groot deel van de activa met langlopende financiering afgedekt. Wettelijke kengetallen Vanuit de regelgeving zijn er drie kengetallen die periodiek moeten worden berekend. De kasgeldlimiet en het schatkistbankierenpercentage worden achteraf gemiddeld per kwartaal berekend. Voor de renterisiconorm wordt vooruitgekeken met een berekening voor het komende jaar en een doorkijk naar de volgende drie jaren. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is opgenomen om de directe gevolgen van een snelle rentestijging te beperken. Deze limiet beperkt het aandeel van de financieringsbehoefte dat met kortlopend vreemd vermogen mag worden gefinancierd. Bij wet is het maximum gesteld op 8,2% van het begrotingstotaal (in 2023 € 5,1 mln.). De percentages voor 2023 staan in de onderstaande grafiek.
Kasgeldlimiet 44 // JAARSTUKKEN 2023
Q1 8,2%
Q2 14,2%
Q3 0%
Q4 0%
Schatkistbankieren Schatkistbankieren houdt in dat decentrale overheden de verplichting hebben om hun middelen aan te houden bij het ministerie van financiën. Voor de middelen beneden het drempelbedrag (0,75% van het begrotingstotaal) geldt deze verplichting niet. De kwartaalgemiddelden voor 2023 staan in onderstaande tabel. Met de bank is automatische afdracht naar de rekening schatkistbankieren afgesproken.
Schatkistpercentage
Q1 0,0%
Q2 0,0%
Q3 0,0%
Q4 0,0%
Renterisiconorm De renterisiconorm bepaalt dat van de vaste schuld jaarlijks een bedrag van maximaal 20% (in 2023 € 12,4 mln.) van het begrotingstotaal onderhevig mag zijn aan renteherziening en herfinanciering. Hiermee is een grens gesteld aan het renterisico op de leningenportefeuille. De renterisicopercentages vanaf 2023 zijn berekend op basis van het begrotingstotaal 2023. Deze staan in onderstaande tabel en laten zien dat de norm ruimschoots wordt gehaald.
Renterisiconorm
2023 3,5%
2024 0,0%
2025 3,2%
2026 5,0%
Omslagrentepercentage Renteschema 2023 (x € 1.000,-) a. de externe rentelasten over korte en lange financiering b. de externe rentebaten over de korte en lange financiering Saldo rentelasten en rentebaten c1.
1.433 157 1.276
De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden doorberekend De rentebaat van door-verstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken, die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend Aan taakvelden toe te rekenen externe rente
n.v.t. n.v.t.
d1. d2.
Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente
n.v.t. n.v.t. 0
e. f.
De aan taakvelden toe te rekenen rente (renteomslag) Renteresultaat op het taakveld treasury
1.204 72 -/-
c2. c3.
n.v.t.
0
Het renteresultaat bedraagt 6% van de werkelijke rentelasten en ligt hiermee ruim binnen de limiet (25%) waardoor een correctie van de omslagrente niet nodig is.
45 // JAARSTUKKEN 2023
4.7
Openbaarheidsparagraaf
Het uitgangspunt van de Wet open overheid (Woo) is dat overheidsinformatie voor iedereen (eventueel naar aanleiding van een verzoek) openbaar is, tenzij de Woo een wettelijke grondslag biedt om specifieke informatie niet openbaar te maken. Het doel is dan ook om overheidsinformatie zo toegankelijk, transparant en vindbaar mogelijk te maken. Ieder jaar krijgt VRT meerdere verzoeken om documenten openbaar te maken. Hierbij wordt bijvoorbeeld gevraagd om brandrapporten, beeldopnamen, adviezen, e-mails, brieven, besluiten enzovoorts. Iedereen kan een verzoek om openbaarmaking van documenten indienen. VRT past de Woo toe bij de afhandeling van verzoeken om documenten openbaar te maken. Naast de verplichting om informatie op verzoek openbaar te maken, schrijft de Woo voor dat bepaalde informatie actief openbaar gemaakt moet worden. VRT publiceert alle belangrijke documenten op de eigen website, zoals vergaderstukken van het Algemeen Bestuur, beleidsdocumenten, rampbestrijdings- en crisisplannen, regelingen en verordeningen en financiële documenten en daarnaast op overheid.nl. Ook is er een Woo coördinator aangewezen. In 2023 zijn er vier Woo verzoeken behandeld. Daarnaast zijn er drie zienswijze verzoeken ontvangen, waarbij een ander bestuursorgaan een woo verzoek ontving waar stukken van VRT onderdeel van uitmaakten.
De informatiehuishouding van onze organisatie is wel voor verbetering vatbaar. Zowel op het gebied van beleid als implementatie rond bewaring van emails, social media, etc. en de inbedding daarvan in onze processen. De eerste stappen zijn gezet om dit verder op te pakken. Een nulmeting zal opgesteld worden en vervolgens een plan van aanpak om tot de gewenste situatie te komen. Daarna volgt de implementatie.
46 // JAARSTUKKEN 2023
Jaarrekening
47 // JAARSTUKKEN 2023
5 Balans per 31-12-2023 Voor resultaatbestemming en na verwerking van tussentijdse mutaties in de reserves ACTIVA (in €)
Ultimo 31-12-2023
Ultimo 31-12-2022
68.100.494 4.141.806 30.893.293 19.832.995 478.410 7.960.122 4.793.868
60.259.385 3.603.956 32.681.802 14.496.486 264.949 7.249.116 1.963.077
0 0
0 0
68.100.494
60.259.385
8.085.537 1.030.376 6.658.117 369.336 27.677
4.371.409 328.707 3.442.837 302.160 297.705
1.384 0 1.384
2.808 174 2.634
5. Overlopende activa Overige vooruitbetaalde bedragen Nog te ontvangen bedragen van Europese en Nederlandse overheidslichamen: Europese overheidslichamen Het Rijk Overige Nederlandse overheidslichamen Overige nog te ontvangen bedragen
2.023.467 1.214.556
1.756.427 1.306.590
0 26.841 734.585 47.485
0 9.301 389.527 51.009
Totaal vlottende activa
10.110.388
6.130.644
TOTAAL GENERAAL
78.210.882
66.390.030
1. Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut Gronden en terreinen Bedrijfsgebouwen (incl. civieltechnische aanpassingen) Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa Activa in uitvoering 2. Financiële vaste activa Overige langlopende leningen u/g
Totaal vaste activa
Vlottende activa 3. Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ‘s Rijks schatkist Overige vorderingen Kortlopende vorderingen 4. Liquide middelen Kassaldi Bank- en girosaldi
48 // JAARSTUKKEN 2023
PASSIVA (in €)
Ultimo 31-12-2023
Ultimo 31-12-2022
6. Eigen vermogen
2.503.971
1.962.627
Algemene reserve Bestemmingsreserve Nog te bestemmen resultaat
-968.474 2.098.766 1.373.679
-1.132.840 2.346.430 749.037
313.503 245.670 67.833
327.865 304.497 23.368
8. Vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer Binnenlandse banken en overige financiële instellingen
57.700.000
45.700.000
57.700.000
45.700.000
Totaal vaste passiva
60.517.475
47.990.492
16.082.594
14.821.267
Kasgeldleningen
5.000.000
7.900.000
Overige schulden
11.082.594
6.921.267
10. Overlopende passiva Vooruit ontvangen bedragen van Europese en Nederlandse overheidslichamen: Europese overheidslichamen
1.610.813
3.578.271
22.519
22.519
675.888 912.406
2.562.818 992.934
Totaal vlottende passiva
17.693.407
18.399.538
TOTAAL GENERAAL
78.210.882
66.390.030
Vaste passiva
7. Voorzieningen Verlof Verlofspaarregeling
Vlottende passiva 9. Netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar
Het Rijk Overige Nederlandse overheidslichamen
49 // JAARSTUKKEN 2023
6 Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening Bedragen x € 1.000,-
Programma
Begroting 2023 voor wijziging Baten
Begroting 2023 na administratieve wijziging
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Realisatie 2023
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Multidisciplinaire onderwerpen
2.458
1.857
601
2.379
1.652
727
4.702
3.541
1.161
Brandweer
8.258
46.166 -37.908
7.857
45.806
-37.949
10.290
49.279
-38.989
GHOR
955
1.298
-342
993
1.369
-375
1.275
1.349
-74
Gemeenten
581
619
-38
476
514
-38
526
527
0
Subtotaal
12.253
49.940 -37.687
11.706
49.341
-37.635
16.793
54.695
-37.902
49.650
49.650
49.650
49.650
50.103
536
12.499 -11.963
575
-12.015
1.113
12.471
-11.358
Algemene dekkingsmiddelen Gemeentelijke bijdrage Overhead
12.590
Heffing VPB
0
0
Bedrag onvoorzien
0
0
50.103
Subtotaal
50.186
12.499
37.687
50.225
12.590
37.635
51.216
12.471
38.745
Totaal gerealiseerde saldo baten en lasten
62.439
62.439
0
61.932
61.932
0
68.009
67.166
842
1.265
733
531
0
0
67.900
1.374
Toevoegingen/ onttrekkingen aan reserves
0
0
Onttrekking aan weerstandsvermogen
0
0
Gerealiseerd resultaat
62.439
* Resultaat is exclusief interne verrekening BRW-TSC
50 // JAARSTUKKEN 2023
62.439
0
61.932
61.932
0
69.273
7 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Algemeen De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals overlopende verlofaanspraken en dergelijke. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming te weten vier jaar.
Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (reorganisaties) dient wel een verplichting gevormd te worden. Balans Vaste activa Materiële vaste activa met economisch nut Overige investeringen met economische nut: Activa worden gewaardeerd op basis van de verkrijgingsprijs of aanschafwaarde. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en bijkomende kosten. De aanschafwaarde omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte gronden hulpstoffen en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de aanschaf kunnen worden toegerekend (kosten van de architect bij nieuwbouw of de inbouwkosten van de inventaris bij vervoermiddelen). In de aanschafprijs kunnen voorts worden opgenomen een redelijk deel van de indirecte kosten en de rente over het tijdvak dat aan de vervaardiging van het actief kan worden toegerekend; in dat geval vermeldt de toelichting dat deze rente is geactiveerd. Reserves worden niet in mindering gebracht op de boekwaarde van een investering. Deze mogen wel worden gebruikt ter dekking van de jaarlijkse kapitaallasten. Bijdragen van derden moeten op de waarde van de investering in mindering worden gebracht indien er een directe relatie aanwezig is met het actief. Implementatiekosten van software kunnen alleen worden geactiveerd wanneer het een eigen actief betreft of indien er sprake is van gebruiksrechten voor onbepaalde duur.
In andere gevallen worden implementatiekosten jaarlijks in de exploitatie begroot en verantwoord. Op vaste activa met een beperkte levensduur wordt vanaf het moment van ingebruikneming jaarlijks afgeschreven volgens de lineaire afschrijvingsmethode dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur. Bij materieel wordt rekening gehouden met een restwaarde van 5%. Op grond en op activa in uitvoering wordt niet afgeschreven. De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren: • Gronden en terreinen n.v.t. • Woonruimten 5 – 40 • Bedrijfsgebouwen 5 – 40 • Vervoermiddelen 3 – 20 • Machines, apparaten en installaties 3 – 15 • Overige materiële vaste activa diverse
51 // JAARSTUKKEN 2023
Inhaalafschrijving Extra afschrijvingen vloeien voort uit duurzame waardeverminderingen van het actief (art. 65 lid 1). De waardevermindering wordt bij constatering als last genomen. Materiële vaste activa met maatschappelijk nut Niet van toepassing. Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen en leningen u/g zijn opgenomen tegen nominale waarde. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid in mindering gebracht. Vlottende activa Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid kan een voorziening in mindering worden gebracht. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Vaste passiva Bestemmingsreserves Bestemmingsreserves worden gevormd door instemmen van het algemeen bestuur. Dit gebeurt aan de hand van een format waarin wordt aangegeven wat de bestemming is, hoe deze wordt gevormd/gevoed, het wel of niet toevoegen van rente, de looptijd van de reserve en de maximale hoogte van de reserve. Indien het format is vastgesteld kunnen toevoegingen en onttrekkingen plaatsvinden binnen de gestelde normen zonder aanvullend besluit van het algemeen bestuur. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies.
Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rente typische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
52 // JAARSTUKKEN 2023
8 Toelichting op de balans per 31-12-2023 Alle bedragen zijn in euro’s. 1.
Activa
Materiële vaste activa De materiële vaste activa bestaan uit de volgende onderdelen: Boekwaarde 31-12-2023 € 68.100.494 € 68.100.494
Overige investeringen met een economisch nut Totaal materiële vaste activa
Boekwaarde 31-12-2022 € 60.259.385 € 60.259.385
De overige investeringen met economisch nut kunnen als volgt worden onderverdeeld: Boekwaarde Boekwaarde 31-12-2023 31-12-2022 € 4.141.806 € 4.342.456 Gronden en terreinen € 30.893.293 € 31.943.302 Bedrijfsgebouwen € 19.832.995 € 14.496.486 Vervoermiddelen € 264.949 Machines, apparaten en installaties € 478.410 € 7.960.122 € 7.249.116 Overige materiele vaste activa € 4.793.868 € 1.963.077 Activa in uitvoering € 68.100.494
Totaal investeringen economisch nut
€ 60.259.385
Het onderstaand overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de overige investeringen met economisch nut weer. De kolom ‘bijdrage van derden’ en ‘afwaardering’ is achterwege gelaten, omdat dit niet van toepassing was in 2023. Boekwaarde 01-01-2023
Investering
Desinvestering
Afwaardering
Afschrijving
Correctie
Boekwaarde 31-122023
Gronden en terreinen
€ 4.342.456
€-
€ 200.650
Bedrijfsgebouwen
€ 31.943.302
€ 1.413.759
€ 1.199.053
€ 1.545.084
€ 280.369
€ 30.893.293
Vervoermiddelen
€ 14.496.486
€ 6.549.384
€ 139.713
€ 2.286.917
€ 1.213.756
€ 19.832.995
Machines, app. en installaties Overige materiele vaste activa
€ 264.949
€ 255.838
€ 7.249.116
€ 2.468.586
€ 337.248
€ 7.960.122
Activa in uitvoering
€ 1.963.077
€ 4.662.165
Totaal
€ 60.259.385
€ 15.349.731
€ 4.141.806
€ 42.377 € 47.840
€ 85.326
€ 1.961.662
€ 1.587.256
€ 85.326
€ 5.836.040
€ 478.410
-€ 1.831.373
€ 4.793.868
€-
€ 68.100.494
Bijzondere waardevermindering In 2023 zijn de meldkamers in Oost Nederland (Overijssel en Gelderland) samengevoegd. In het licht van de opheffing van de stichting Meldkamer Twente zijn de resterende activa verrekend met het rekening courant saldo van de MKT. Dit besluit is in eerder stadium genomen door het stichtingsbestuur en kan nu de meldkamer is samengevoegd worden geëffectueerd. Het overtollige vermogen van de stichting (= saldo rekening courant) wordt bij liquidatie van de stichting in 2024 gerestitueerd aan de betrokken partijen. De belangrijkste in het boekjaar gedane investeringen staan in het onderstaande overzicht vermeld: Tankautospuiten Schuimblusvoertuigen Nieuwbouw kazerne Hellendoorn Verbouwing Hengelo Ademluchtapperatuur
53 // JAARSTUKKEN 2023
€ 6.952.148 € 1.232.292 € 1.219.894 € 1.210.709 € 331.030 € 10.946.073
2. Financiële vaste activa Het verloop van de financiële vaste activa gedurende het jaar 2023 wordt in onderstaand overzicht weergegeven: Boekwaarde 31-12-2022
Investering
Desinvestering
Afloss. / Afschr.
Afwaar- Boekwaarde Deringen 31-12-2023
Overige langlopende leningen Hypothecaire leningen personeel
€0
€0
Totaal financiële vaste activa
€0
€0
Vlottende activa 3. Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt gespecificeerd worden:
Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijksschatkist Overige vorderingen Debiteuren Overige vorderingen Kortlopende vorderingen Totaal uitzettingen korter dan één jaar
Boekwaarde 31-12-2023 1.030.376 6.658.117
Boekwaarde 31-12-2022 328.707 3.442.837
276.013 93.353 27.677 8.085.537
223.363 78.803 297.705 4.371.409
Uitzettingen in ’s Rijksschatkist Schatkistbankieren houdt in dat decentrale overheden de verplichting hebben om hun middelen aan te houden bij het ministerie van financiën. Voor de middelen beneden het drempelbedrag (2% van het begrotingstotaal) geldt deze verplichting niet. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar 2023 (1)
Drempelbedrag
466,4175 Kwartaal 1
(2)
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
(3a) = (1) > (2) (3b) = (2) > (1)
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
0
0
0
0
Ruimte onder het drempelbedrag
466
466
466
466
Overschrijding van het drempelbedrag
-
-
-
-
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a) (4b) (4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
62.189 62.189 -
(1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met een Drempelbedrag 466,42 minimum van €250.000 (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
54 // JAARSTUKKEN 2023
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
3
19
5
2
90
91
92
92
0
0
0
0
4. Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten: Boekwaarde 31-12-2023 Kasgelden Rekening-courant tegoeden banken Totaal liquide middelen
1.384 1.384
Boekwaarde 31-12-2022 174 2.634 2.808
5. Overlopende activa De post overlopende activa zijn als volgt te onderscheiden:
Overige vooruitbetaalde bedragen Nog te ontvangen bedragen van Europese en Nederlandse overheidslichamen: Europese overheidslichamen het Rijk overige Nederlandse overheidslichamen Overige nog te ontvangen bedragen
Boekwaarde 31-12-2023 1.214.556
Boekwaarde 31-12-2022 1.306.590
26.841 734.585 47.485
9.301 389.528 51.009
2.023.467
1.756.428
Totaal overlopende activa Overige nog te ontvangen is als volgt opgebouwd: •
Te ontvangen overige bedragen
€
• •
Te ontvangen bedragen van Het Rijk Te ontvangen bedragen van Overige Overheid
€ 26.841 € 734.585
47.485
Passiva Vaste passiva 6. Eigen vermogen Het in de balans opgenomen eigen vermogen bestaat uit de volgende posten:
Algemene Reserve Bestemmingsreserves: overige bestemmingsreserves Resultaat na bestemming Totaal eigen vermogen
Boekwaarde 31-12-2023 -968.474 2.098.766
Boekwaarde 31-12-2022 -1.132.840 2.346.430
1.373.679 2.503.971
749.037 1.962.627
De algemene reserve is als volgt opgebouwd: Reserve FLO Enschede Gemeente Enschede en Veiligheidsregio Twente hebben op 16 oktober 2013 sluitende afspraken gemaakt over de afwikkeling van het FLO-dossier brandweer Enschede. Deze additionele set afspraken is vastgelegd in een juridisch bindende overeenkomst. Onderdeel van de afspraak is dat Veiligheidsregio Twente een vordering van gemeente Enschede ad. € 1.980.000 accepteert die bestaat uit in het verleden gemaakte FLOkosten. Om deze last niet af te wentelen op de overige gemeenten is in het AB overleg van 30 juni 2014 besloten om hiervoor een bestemmingsreserve in te stellen. Per ultimo 2023 is de stand van de reserve als uitvloeisel van deze FLO afspraak en navolgende afspraken bijgesteld tot €-1.117.645,-.
55 // JAARSTUKKEN 2023
Reserve FLO Borne en Almelo Per 1 januari 2006 is het FLO bij de brandweer herzien en wordt de 2 e loopbaan ingevoerd. Voor medewerkers die onder de FLO-regeling vielen is FLO-overgangsrecht afgesproken. De gemeenten hebben afzonderlijk structureel budget ingebracht. Resultaten op deze begrotingspost worden afzonderlijk met betrokken gemeenten verrekend d.m.v. een egalisatiereserve per gemeente. Door de reparatie van het FLO-overgangsrecht (en het daaruit volgende versneld volstorten van de levensloop) zijn de resultaten zodanig nadelig dat de egalisatiereserve in het negatief is geschoten. Negatieve bestemmingsreserves zijn niet toegestaan. Om die reden zijn deze tijdelijke tekorten in de financiering van het overgangsrecht als negatieve component in de algemene reserve op de balans verantwoord. FLO algemeen Op 30 juni 2014 is in het AB het besluit genomen om egalisatiesreserves te vormen voor een viertal gemeenten. Het resultaat op FLO wordt elke jaar cf. het besluit toegevoegd/ onttrokken aan de ingestelde egalisatiereserves. 7.
Voorzieningen Boekwaarde 31-12-2023 € 245.670 € 67.833 € 313.503
Verlof Verlofspaarregeling Totaal voorzieningen
8.
Boekwaarde 31-12-2022 € 304.497 € 23.368 € 327.865 -
Vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer Boekwaarde 31-12-2023
Boekwaarde 31-12-2022
Onderhandse leningen van: Binnenlandse banken en overige financiële instellingen
€ 57.700.000
€ 45.700.000
Totaal vaste schulden van één jaar of langer
€ 57.700.000
€ 42.200.000
De leningenportefeuille ziet er als volgt uit: Lening 2.200.000 3.500.000 2.500.000 5.000.000 3.000.000 3.500.000 3.000.000 5.000.000 5.000.000 5.000.000 10.000.000 10.000.000
Looptijd 10 jaar 5 jaar 10 jaar 14 jaar en 365 dagen 8 jaar 10 jaar 10 jaar 20 jaar 10 jaar 25 jaar 30 jaar 50 jaar
Aangetrokken bij BNG NWB Gemeente Huizen BNG NWB NWB Gemeente Huizen NWB BNG NWB NWB BNG
Einddatum 13-10-2025 0.-04-2026 24-05-2027 03-03-2028 01-04-2030 07-04-2031 13-04-2032 04-03-2033 08-08-2033 04-03-2038 04-03-2043 08-08-2073
Rentepercentage 1,33% -0.36% 1,075% 3,30% 1,319% 0,07% 1,35% 3,65% 3,329% 3,80% 3,91% 2,992%
57.700.000 De rentelasten van de bovenstaande leningenportefeuille bedraagt in 2023 € 1.253.354,-.
56 // JAARSTUKKEN 2023
9. Netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar De in de balans opgenomen kortlopende schulden kunnen als volgt gespecificeerd worden:
Kasgeldleningen Overige kortlopende leningen Overige schulden Crediteuren Diverse overige schulden nog te betalen kortlopende verplichtingen Kruisposten Totaal netto vlottende schulden
Boekwaarde 31-12-2023 5.000.000
Boekwaarde 31-12-2022 7.900.000
1.759.401
798.336
8.614.122 8.442 700.628 16.082.594
5.218.045 59.708 845.177 14.821.267
Nog te betalen Boekwaarde per 31-12-2023 bestaat voornamelijk uit de volgende bedragen: • Af te dragen UWV premies / loonbelasting • Mutaties schatkistbankieren • Te verrekenen BTW belastingdienst • Overige nog te betalen bedragen Rekening-courant verhouding Deze post heeft betrekking op de rekening-courant verhouding tussen VRT en de stichting Meldkamer Twente. De rekening-courant verhouding is ingesteld om het betalingsverkeer voor de stichting als verbonden partij van de VRT te regelen. In 2023 zijn de meldkamers in Oost Nederland (Overijssel en Gelderland) samengevoegd. In het licht van de opheffing van de stichting Meldkamer Twente zijn de resterende meldkameractiva verrekend met het rekening courant saldo van de MKT. Dit besluit is in eerder stadium genomen door het stichtingsbestuur en kan nu de meldkamer is samengevoegd worden geëffectueerd. Het overtollige vermogen van de stichting Meldkamer Twente (= saldo rekening courant) wordt bij liquidatie van de stichting in 2024 gerestitueerd aan de betrokken partijen. 10. Overlopende passiva De specificatie van de post overlopende passiva is als volgt:
Vooruit ontvangen bedragen Europese overheidslichamen het Rijk Overige Nederlandse overheidslichamen Totaal vooruit ontvangen bedragen:
57 // JAARSTUKKEN 2023
Boekwaarde 31-12-2023
Boekwaarde 31-12-2022
22.519 675.888 912.406
22.519 2.562.818 992.934
1.610.813
3.578.271
Europese overheidslichamen V&K / Kenniscentrum S&O / Management Het Rijk S&O / Management S&O / Mens en Organisatie S&O / OIV V&K / Kenniscentrum BV / Brandveilig Leven B&T / Onderhoud & Techniek Twente Safety Campus Gemeenten VB / Management VRT Algemeen VRT VB CTB Overige Nederlandse overheidslichamen V&K / Kenniscentrum V&K / Vakbekwaamheid Brandveilig leven B&T / Onderhoud & Techniek B&T / Service & Beheer TSC Kenniscentrum Mensenhandel Veiligheidshuis Twente VB / Management Totaal
Boekwaarde 31-12-2022
Vermindering
Vermeerdering
Boekwaarde 31-12-2023
Herallocatie
22.519
-
-
22.519
0
21.677 842
21.677 842
2.562.818 522.607
2.074.205 378.591
187.275
675.888 144.016
51.439
31.587
19.851
232.261 22.164 0
202.108 22.164
150.000
150.000
30.153 0 0 0
0 263.866 500.843 311.357 508.281
263.866 206.251 311.357 508.281
992.934
332.736
137.358
28.327
109.031
525.074
286.006
239.068
187.275
0 0 481.868 0 0
252.207
912.406
15.000
0
15.000
117.787
4.313
56.020
169.494
6.456 191.259 3.578.271
14.090 2.406.941
196.187 439.482
6.456 373.357 1.610.813
NUBBV Langlopende financiële verplichtingen In het kader van de overdracht van de brandweer zijn de contracten geïnventariseerd en voor zover mogelijk gekwantificeerd. De contracten hebben voornamelijk betrekking op de volgende organisatieonderdelen: • Gebouwenbeheer; • Beheer & Techniek; • Informatievoorziening; • Algemeen beheer. De resterende verplichting van de lopende contracten is in totaal berekend op € 15.058.774,49 Gebeurtenissen na balansdatum Na het opmaken van de jaarrekening vindt in 2024 de liquidatie van de meldkamer Twente plaats. De overtollige middelen van de stichting worden gerestitueerd aan de betrokken partijen. Het aandeel voor VRT bedraagt daarin ±150K.
58 // JAARSTUKKEN 2023
0
0
8.1
Toelichting op de mutaties van de reserves
In deze paragraaf worden de mutaties van de reserves toegelicht. De aard, reden en het oordeel per 31-12-2023 van de onderstaande reserves zijn te vinden in bijlage 2. Naam reserve Algemene reserve Algemene reserve Reserve FLO Enschede Reserve FLO Almelo Reserve FLO Borne Totaal algemene reserve
Saldo 31-12-2022 426.911 -1.232.420 -327.331 -1.132.840
Resultaatbestemming Toevoegingen 2022 2023
203.330 82.164 21.203 306.697
Onttrekkingen 2023
88.555 222.520 168.745 168.745
311.075
Saldo 31-12-2023 426.911 -1.117.645 -140.356 -137.383 -968.473
Bestemmingsreserves Brandweermaterieelplan Bedrijfsvoering Troned/ TSC FLO Almelo FLO Hengelo Innovatie Veiligheidsstrategie Veiligheidshuis Twente Zorgfraude IVZ Totaal bestemmingsreserves
0 297.087 5.171 831.717 267.001 171.440 751.052 0 22.962 2.346.430
Totaal reserves
1.213.590
59 // JAARSTUKKEN 2023
219.180
178.746
95.658
52.014 48.446 16.596 12.787 349.023
3.642 22.871 692.346
516.267 0 445.458 267.000 44.708 799.499 12.954 12.878 2.098.766
402.355
802.058
1.287.711
1.130.293
5.171 481.916
95.658
8.2
Toelichting op de mutaties van de voorzieningen
In 2022 heeft de VRT twee voorzieningen getroffen. Eén voor verlofstuwmeren en één voor de verlofspaarregeling. Verlof Het verlofsaldo van de Veiligheidsregio is opgebouwd uit wettelijk en bovenwettelijk verlof. Het wettelijk verlof kent een verjaringstermijn van 12 maanden na einde kalenderjaar, het bovenwettelijke van 60 maanden na einde kalenderjaar volgens de AVT. Bij de overgang van RAET naar AFAS (01-01-2022) is al het resterende verlof van de periode 2021 en daarvoor overgegaan met als oormerk ‘resterend verlof 2021’. De verwachting is dat dit verlof echter deels betrekking heeft op de jaren voor 2021. Op basis van de overgang van RAET naar AFAS is niet meer te achterhalen hoe de ontwikkeling van het verlof is geweest. Het verlof van repressieve collega’s wordt bijgehouden in het roosterprogramma (brandweerrooster). AFAS wordt op een later moment afgeboekt ten gevolge van de boekingen in het roosterprogramma. Dit om reden van het feit dat het verlofsaldo van repressieve collega’s zich verhoudt tot het ‘tijd-voor-tijd saldo’. Op basis van bovenstaande gebrekkige historie is de VRT in relatie tot een eventueel te vormen voorziening voor verlofstuwmeren voornemens de volgende maatstaaf aan te houden. Voor het wettelijke verlof wordt uitgegaan van een gemiddelde ‘doorloop’ van verlof over het jaar van 72 uur. Dit is 50% van de toegekende 144 uur (bij fulltime aanstelling).
Binnen de VRT ligt het bezettingspercentage boven de 0,9fte. Om reden daarvan wordt in de beredenering gerekend met full time aanstellingen (144 uur). De toekenning van bovenwettelijk verlof is gerelateerd aan leeftijd. Voor een ‘jonge’ medewerker komt dit verlof neer op 7,2 uur, voor een ‘oudere’ collega kan dit oplopen tot 43,2 uur. Ook voor het bovenwettelijke deel wordt een gemiddelde toegepast om te kunnen bepalen wat het meer dan trendmatige deel is. Dit gemiddelde is als volgt berekend (verlof tussen de 7,2 en 43,2 uur, gemiddeld 25 uur, vermenigvuldigd met 5 jaar -> 125 uur als genormaliseerd saldo). Wanneer op individueel niveau de omvang van het verlof beoordeeld wordt per ultimo 31-12-2023 kan gesteld worden dan 6.838 uur meer dan trendmatig is. Voor de bezoldigingsgrondslag wordt uitgegaan van het uurtarief geldend voor de betreffende medewerker. De totale omvang van de voorziening komt hiermee op € 245.670. Hiermee wordt voldaan aan het gestelde beleid waarbij strakker wordt gestuurd op verlof waarbij het saldo afneemt. Verlofspaarregeling De verlofspaarregeling biedt medewerkers de mogelijkheid om niet besteed verlof te sparen voor een ‘langere’ periode van afwezigheid of vervroegde uitdiensttreding. In 2022 is voor het eerste jaar gedoteerd aan deze verlofspaarpot.
De omvang is nog beperkt echter is de verwachting dat deze omvang in de komende jaren verder gaat toenemen. Per ultimo 31-12-2023 zit er 1.853 uur in de verlofspaarpot. De omvang hiervan is in het afgelopen jaar dus toegenomen. Uitgaande van dezelfde uurtarieven komt de totale voorziening voor verlofsparen uit op € 67.833.
60 // JAARSTUKKEN 2023
9
Toelichting op het overzicht van baten en lasten 9.1
Analyse op afwijkingen tussen de begroting na wijziging en de jaarstukken
De analyse op de programma’s is inclusief het taakveld overhead. Programma Multidisciplinaire onderwerpen Overzicht baten en lasten (x € 1.000,-) Baten Lasten Totaal
Begroting na wijziging 2.379 1.652
Realisatie
Verschil
4.702 3.541
2.322 1.889
Analyse afwijkingen Toelichting ( x € 1.000,-) In 2023 zijn een aantal aanvullende taken (Oekraïne, VS, zorgfraude) opgepakt of gecontinueerd waar aanvullende baten tegenover stonden. Het multidisciplinair oefenen heeft grotendeels conform planning plaatsgevonden. Daarnaast zijn er uitgaven gedaan die vallen onder de dekking van de incidentele middelen. Dit verklaart de ‘meer opbrengst’ en bijbehorende kosten. De kosten van de gemeenschappelijke meldkamer worden doorbelast naar LMS. Deze verrekening (lasten en baten) is niet geraamd. De kosten van Platform IVZ zijn in 2023 lager uitgevallen dan begroot. Daarnaast is de bijdrage in 2023 verhoogd van 0,3 naar 0,33 euro per inwoner. De intentie is het overschot te doteren aan de in 2021 ingestelde reserve. De baten en lasten van Veiligheidsstrategie Oost-Nederland zijn niet begroot. Veiligheidsstrategie Oost Nederland wordt normaliter via separate invorderingen gedekt. In 2023 is gezien de omvang van de reserve gekozen om geen invordering te versturen naar betrokken gemeenten maar het tekort te dekken uit de reserve. Dit verklaart de onbalans tussen baten en lasten. Weerbaar Twente is niet gebudgetteerd. De activiteiten binnen weerbaar Twente worden gedekt vanuit incidentele middelen. Veiligheidshuis Twente heeft gedurende het boekjaar een aanvullende bijdrage ontvangen.
De bedrijfsvoering en personele bezetting van 2023 waren nagenoeg op de aanvullende bijdrage ingericht. In opvolgende jaren zal dit traject worden voltooid. Kenniscentrum Mensenhandel is in 2021 gestart. Het saldo over 2023 is ligt negatief maar kan gedekt worden uit de vorig jaar ‘gereserveerde’ middelen. De opvang voor vluchtelingen uit Oekraïne is in de begroting van 2023 niet voorzien en niet gebudgetteerd. Inhoudelijk is het wel onderdeel van de crisisorganisatie. Op basis van een eerste inschatting is een voorschot door het ministerie uitgekeerd. De realisatie van kosten moet hiermee worden verrekend. De coördinatie van CNO en statushouders is net als de vluchtelingen opvang een onvoorzien onderdeel van de crisisorganisatie geworden. Baten en lasten zijn om reden daarvan niet geraamd. Zorgfraude is in 2022 geïntroduceerd als nieuw beleid met aanvullende financiering. De baten en lasten nivelleren elkaar daardoor. Baten en lasten waren in de begroting van 2023 niet geraamd. Zorg veiligheid en straf is een nieuw gesubsidieerd traject vallend onder de Veiligheidsregio. Vanwege de gesubsidieerde geldstroom nivelleren baten en lasten elkaar. Trajecten risicobeheersing Aanvullende rijksgelden loon- en prijsbijstelling en niet aangewende versterkingsgelden. Dit saldo zit versnippert over de programma’s Totaal
61 // JAARSTUKKEN 2023
Lasten
Baten
149
238
108
190
273
355
-4
9
234
55
18
18
161
334
-18
-18
511
511
139
139
153
149
58
58
37 0
22 211
1.890
2.322
Programma Brandweer Overzicht baten en lasten (x € 1.000,-) Baten Repressie Beheer & Techniek Brandveiligheid Vakbekwaamheid Strategie & Ondersteuning TSC Totaal baten Lasten Repressie Beheer & Techniek Brandveiligheid Vakbekwaamheid Strategie & Ondersteuning Troned Totaal lasten Totaal
Begroting na wijziging
Realisatie
Verschil
45 131 40 0 4.734 2.907 7.857
312 915 536 159 5.845 3.323 11.091
267 784 496 159 1.112 416 3.234
13.843 14.406 4.365 5.965 4.319 2.908 45.806
14.880 14.795 5.018 6.081 5.749 3.104 50.080
1.037 388 653 116 1.430 196 3.821
Analyse afwijkingen Toelichting (x € 1.000,-) Brandweer algemeen (salarissen) De uitkomst is het resultaat van diverse ontwikkelingen: • Het resultaat van niet begrote lasten ihkv de CAO verhoging per januari 2023. • Het werkelijke periodiek gewogen gemiddelde loopt verder weg van de begrotingsnorm (max-1). • Formatie/ bezetting: boven formatief aandeel in de bezetting t.o.v. formatie. • Het uitloopeffect (via het overgangsprotocol gegarandeerd voor het zittende personeel) is slechts ten dele in de geraamd loonsom betrokken. Daar tegenover staan inkomsten met betrekking tot detacheringen en uitkeringen (zwangerschap, ziekte etc.) Repressie 2023 is een ‘rustig’ repressief jaar geweest. Ondanks CAO effecten in de vergoedingssfeer is het saldo positief. Het aantal uitrukken was lager dan in eerdere jaren. Daarnaast is in 2022 het piket voor kazernes Borne en Haaksbergen afgekocht. Het voordeel hiervan loopt nog door in 2023. Voor het budget op natuurbrandbeheersing middels luchtsurveillance is in 2020 besloten dit niet meer te doen. Momenteel wordt nagedacht over de wijze waarop deze middelen anderszins worden ingezet voor dit specialisme. Activiteiten in het kader van brandweerwedstrijden/ jeugdbrandweer hebben weer plaatsgevonden in 2023. In 2023 zijn een aantal open dagen geweest, de uitgaven hiervoor liggen in lijn met het budget.
Toelichting (x € 1.000,-) Beheer & Techniek Lagere kosten op kapitaallasten repressieve uitrusting o.a. door de vertraagde levering van het operationeel uniform en nieuwe ademluchtvoorzieningen. Uitrol van het operationeel uniform vindt plaats in Q4 2023 en Q1 van 2024. Ademlucht zou worden vervangen in 2023, dit is door aanbestedingsperikelen opgeschoven naar 2024/2025. Dit leidt tot directe voordelen in de kapitaallasten sfeer in 2023.
62 // JAARSTUKKEN 2023
Lasten
Baten
1.470
141
-70
-14
31
1
2
0
Lasten
-307
Baten
De kosten met betrekking tot schadeherstel is voor een deel gedekt vanuit de schade-uitkeringen. Het verschil heeft voornamelijk te maken met het eigen risico. De persoonlijke uitrusting is dit jaar intensief gebruikt. Daardoor zijn de daaraan verbonden uitgaven iets hoger dan normaal. Dit hangt mede samen met de vertraagde uitlevering van het operationele uniform. De aanbestedingseffecten in 2023 (later leveren van de basisvoertuigen van de brandweer) heeft geresulteerd in een positief saldo op kapitaallasten materieel. Daarbij is per 2022 de materieelbegroting opgesteld op basis van actuele informatie, waardoor het overschot in de eerste jaren nog zal aanhouden. De begrotingsaanpassing is in administratieve zin taakstellend opgevangen. Zie de opmerking onder het kopje Strategie & Ondersteuning over taakstellende bedragen. In 2023 is het budget mede overschreden vanwege het feit dat het wagenpark is verouderd. Hierdoor zijn meer onderhoudskosten gemaakt dan begroot. De verwachting is dat de werkelijke uitgaven weer in lijn zijn te brengen met het budget als het wagenpark in de loop van 2023 en 2024 (met name tankautospuiten en dienstvoertuigen) is vernieuwd. Daarnaast is voor één van de hoogwerkers een midlife update uitgevoerd waardoor directe vervangingen niet direct noodzakelijk is. Verkoop van een reeks dienstvoertuigen. Het gros van deze goederen is reeds afgeschreven.
Daarbij lag de verkoopprijs veelal hoger dan verwacht. In 2022 heeft een forse prijsstijging op brandstofkosten plaatsgevonden. Dit werkt nog door in de lasten van 2023. De verzekeringsportefeuille is in de afgelopen jaren gegroeid en duurder geworden. Vanaf 2023 zijn hier fundamenteel andere keuzes in gemaakt. Overige afwijkingen binnen Onderhoud en Techniek die het resultaat zijn van wat kleine positieve en negatieve verschillen. Projecten Onderhoud en Techniek betreft het aanbod van projecten voor andere partijen (andere Veiligheidsregio’s of onderwijsinstituten). Omdat hier geen kosten en opbrengsten voor geraamd zijn leidt dit tot een verschil. Eind 2018 is een eenduidige bepakkingslijst voor de tankautospuiten vastgesteld met als uitgangspunt dat deze bij de aanschaf van nieuwe tankautospuiten wordt gehanteerd. I.v.m. vertraging in de nieuwbouwprocessen liggen de werkelijke kapitaallasten in 2023 lager dan begroot. In de komende jaren verdwijnt dit verschil t.o.v. de begroting. In het tweede helft van het jaar is kritisch gekeken naar de onderhoudsprojecten. Hierbij zijn alleen de noodzakelijke projecten opgepakt. Daarnaast zijn een aantal onderhoudswerkzaamheden die in 2022 gepland stonden niet doorgegaan. De schoonmaakkosten liggen structureel hoger dan begroot. Dit komt mede door hoge indexeringen van aanbiedende partijen.
In 2023 is een nieuwe aanbesteding geweest met ingangsdatum in 2024. Prijzen van gas en elektra zijn door latere invoerdatum van de overeenkomst met Vattenfall conform begroting in 2023. Door wijzigingen in de catering zijn kosten conform begroting uitgevallen aangezien er inkomsten tegenover het tekort staan door bijdrage van werknemers. In 2023 zijn eenmalige kosten gemaakt voor de tijdelijke huisvesting in Almelo. Overige afwijkingen binnen de kosten voor gebouwen die het resultaat zijn van wat kleinere positieve en negatieve verschillen. Brandveiligheid De lasten en baten van Risk Factory Twente zijn deels niet begroot. De lasten zijn gedekt binnen de bestaande gelden voor Risk Factory Twente en Brandveilig leven. Daarnaast is afgelopen jaar het VO gedeelte van de Risk Factory opgetuigd. De kosten voor deze bouw zijn verrekend met de daarvoor verkregen subsidie. Op de lopende kostendrager van Voorlichting en Toezicht zijn een aantal kleine voordelen gerealiseerd door verminderde activiteit. Op de lopende kostendrager van advies zijn een aantal kleine nadelen gerealiseerd door aanvullende activiteit. Vakbekwaamheid & Kennis Vakbekwaamheidsactiviteiten zijn onderhevig aan een bijstelling van het oefenprogramma op de TSC. Daarnaast is er een korte periode niet geoefend met de rijsimulator vanwege kinderziekten in het systeem.
63 // JAARSTUKKEN 2023
111
94
51
-35
-822
317
-18
435 58 70 73
12
75
0
113
65
-225
-63
73
128 97
22
54 354
186
487
451
-8
1
9
-73
De opleidingsbehoefte stijgt structureel uit boven de budgettaire kaders maar is ook in grote mate onderhevig aan de ‘grillen’ van de organisatie. Wanneer werving en selectie onvoldoende kandidaten oplevert heeft dit als gevolg dat een geplande opleidingsgroep niet kan starten. Dit maakt dat het bestedingspatroon sterk fluctueert. Voor de komende jaren ligt de focus op cost control. Activiteiten van het Kenniscentrum kennen een reguliere doorloop. Voor 2023 leidt dit tot een minimaal overschot. Subsidietrajecten/ projectuitgaven zijn in 2023 voor een groot deel gedekt vanuit subsidie inkomsten en/of bestemde incidentele middelen. Daarbij heeft de afwikkeling van een subsidie geleid tot niet voorziene baten. Deze zijn verwerkt in het saldo. Strategie & Ondersteuning Voor het overgangsrecht FLO zijn egalisatiereserves ingesteld, die dienen ter verrekening van resultaten met de betreffende gemeenten. De uitgaven voor FLO waren in 2023 hoger dan geraamd vanwege het versneld volstorten van de levensloop. Het saldo wordt onttrokken aan de hiervoor ingestelde reserves. De afwikkeling van Repressieve keuringen heeft in 2023 een hoger kostenplaatje gehad dan begroot. De opbrengsten van de interne verrekening zijn niet begroot en leiden tot een afwijking. Internationaal en FEU waren in de begroting 2023 niet geraamd. Een substantieel deel van de kosten is voorzien van dekking.
Betreft het in 2022 niet gerealiseerde deel van de taakstellende bedragen die in de begroting nog niet zijn opgelost. Voor een groot deel hangt dit samen met de begrotingsaanpassing voor het materieel (zie opmerking hierover onder het kopje “Beheer & Techniek”). De kosten van OMS worden gedekt middels een bijdrage vanuit de aangesloten objecten. Kosten en opbrengsten waren in het afgelopen jaar lager dan verwacht. Het OMS-traject is in 2023 verder afgebouwd. De kosten voor Regionale Toezicht ruimte worden volledig doorbelast naar de deelnemende partijen. Die doorbelasting is niet geraamd. In 2023 zijn niet begrote kosten gemaakt voor cyber security en deels gedekt vanuit daarvoor bestemde incidentele middelen. Het overige verschil betreft oplopende kosten voor software en licenties en projecten. Aan de baten kant zit een vrijval van een deel van de incidentele gelden. Financieringsresultaat Overige afwijkingen die het resultaat zijn van wat kleinere positieve en negatieve verschillen waarvan een groot deel is voorzien van aanvullende dekking. Aanvullende rijksgelden loon- en prijsbijstelling en niet aangewende versterkingsgelden. Dit saldo zit versnippert over de programma’s Troned Het omzetniveau voor 2023 ligt boven niveau van de begroting. De kosten zijn in lijn met de stijgende omzet en het variabele deel hierin wat hoger dan geraamd.
De omzetgroei is vooral te herleiden naar de laatste 2 maanden van het jaar. Totaal
64 // JAARSTUKKEN 2023
-7
-21 111
117
630
6
4
162
129
574
-427
-481
250
250
73
240
211 72
83
0
1.1121
196
416
3.821
3.234
Programma GHOR Overzicht baten en lasten (x € 1.000,-) Baten Lasten Totaal
Begroting na wijziging 993 1.369
Realisatie
Verschil
1.275 1.349
282 -20
Analyse afwijkingen Toelichting (x € 1.000,-) Nadeel op salarissen wegens het tijdelijk inhuren van vervangende capaciteit gedekt uit een uitkering alsmede niet begrote CAO ontwikkelingen. De kosten van het convenant met Ambulance Oost liggen in 2023 in lijn met de begroting doordat hier met ingang van 2023 reëel op is geraamd. In 2023 zijn substantieel minder oefeningen en opleidingen geweest dan begroot. De jaarlijkse licentiekosten van LCMS-GZ wordt volledig in rekening gebracht bij de GHOR en vervolgens weer doorbelast naar de partners (gebruikers). Overige afwijkingen die het resultaat zijn van wat kleinere positieve en negatieve verschillen waaronder de versnipperde weergave van het voordeel op de versterkingsgelden en de loon- en prijsbijstelling. Totaal
Lasten
Baten
22
24
-2 -50 9
-34 27
1
263
-20
282
Realisatie
Verschil
526 527
50 12
Programma Gemeenten Overzicht baten en lasten (x € 1.000,-) Baten Lasten Totaal
Begroting na wijziging 476 514
Analyse afwijkingen Toelichting (x € 1.000,-) Hogere personele lasten vooral ingegeven door niet begrote CAO wijzigingen. De OTO kosten voor bevolkingszorg is in 2023 lager uitgevallen. Dit heeft geleid tot een restitutie van de bijdrage van de gemeenten. Overige afwijkingen die het resultaat zijn van wat kleinere positieve en negatieve verschillen waaronder de versnipperde weergave van het voordeel op de versterkingsgelden en de loon- en prijsbijstelling. Totaal
65 // JAARSTUKKEN 2023
Lasten
Baten
36 -24
-24
0
74
12
50
Overhead Overzicht baten en lasten (x € 1.000,-) Baten Lasten Totaal
Begroting na wijziging 575 12.590
Realisatie
Verschil
1.113 12.471
537 -119
Analyse afwijkingen Toelichting (x € 1.000,-) Algemeen VRT (salarissen) De uitkomst is het resultaat van diverse ontwikkelingen: • Formatie / bezetting: verschillende vacatures zijn dit jaar tijdelijk niet of later vervuld. • Hoger dan gemiddeld aandeel gedetacheerde collega’s • Hogere baten door vrijval van incidentele middelen ten behoeve van ingehuurde advies capaciteit. Multidisciplinaire onderwerpen In 2023 zijn opleidingen volgens begroting gevolgd. Er zijn in 2022 nagenoeg geen kosten gemaakt voor deelname aan symposia en/ of congressen. Overige afwijkingen die het resultaat zijn van wat kleinere positieve en negatieve verschillen. Brandweer Betreft het eigen risico m.b.t. ziekte, arbeidsongeschiktheid en WW. In combinatie met lager uitvallende verzekeringskosten. De zelf betaalde kosten voor schade zijn wel hoger uitgevallen in 2023. Opleidingskosten vallen dit jaar wat lager uit dan begroot. Het voordeel binnen ICT houdt vooral verband met de vrijgevallen investeringen in ICT-infrastructuur en geactiveerde software. Vervanging daarvan lijkt voorlopig niet aan de orde. Daarnaast zijn oude ICT-goederen verkocht en zijn licentiekosten doorbelast naar gebruikers (andere Veiligheidsregio’s). Aan de andere kant zien we dat kosten voor software en licenties steeds verder oplopen. Afgelopen jaar is ingehuurd conform begroting.
De facilitaire kosten waren lager dan begroot In 2023 waren de huisvestingskosten (bureaubehoeften en frankeerkosten) lager dan begroot. In 2023 zijn er minder kosten gemaakt voor promotie (geen open dagen etc.) en minder kosten voor personele activiteiten. In 2023 zijn boven budgettaire kosten gemaakt voor gezondheidsbevordering als aanvulling op sport- en keuringsprogramma’s. Overige afwijkingen die het resultaat zijn van wat kleinere positieve en negatieve verschillen. GHOR In 2023 zijn minder personele activiteiten uitgevoerd dan gepland. Totaal
66 // JAARSTUKKEN 2023
Lasten
Baten
-12
400
8 -18 107
111
58
-11 -138
15
-21 -53 -53 -3 33 4
3
-27 -119
537
9.2
Aanwending van het bedrag voor onvoorzien
Veiligheidsregio Twente kent geen bedrag voor onvoorzien.
9.3
Incidentele baten en lasten Incidentele baten (x € 1.000,-)
Brandweer Diverse projecten Verkoop roerende en onroerende activa Risk Factory VO Eenmalige besteding wagenpark Vrijval incidentele middelen
Realisatie begrotingsjaar
Raming begrotingsjaar na wijziging
Raming begrotingsjaar voor wijziging
117 435 361 7 1.056
0 0 0 0
0 0 0 0
677 919 485
0 0
0 0
4.057 Realisatie Begrotingsjaar
0 Raming begrotingsjaar na wijziging
Brandweer Diverse projecten Tijdelijke huisvesting Almelo Risk Factory VO Eenmalige besteding wagenpark Verplichtingen bij vrijval incidentele middelen
111 54 361 120 789
0 0 0 0 0
0 0 0 0 0
Multidisciplinaire onderwerpen Diverse projecten Oekraïne/CNO/Statushouders Verplichting bij vrijval incidentele middelen
715 919 373
0 0
0 0
3.442
0
0
Multidisciplinaire onderwerpen Diverse projecten Oekraïne/CNO/Statushouders Vrijval incidentele middelen
Totaal incidentele baten Incidentele lasten (x € 1.000,-)
Totaal incidentele lasten
0 Raming begrotingsjaar voor wijziging
Toelichting: Brandweer Diverse projecten In 2023 zijn binnen de programma brandweer verschillende projecten uitgevoerd, die deels zijn gedekt met inkomsten van het Rijk, subsidies, reserves, partners dan wel anderszins. Deze projectmatige activiteiten zijn in de primitieve begroting veelal niet weergegeven. Het gaat hierbij om o.a. de volgende projecten: • Accumulate • Doorontwikkeling Drone Verkoop roerende en onroerende activa In 2023 is een aantal voertuigen verkocht. Deze voertuigen zijn volledig afgeschreven. Hiertegenover staan de kosten die worden gemaakt voor het aanmelden van het voertuig voor verkoop (veiling). Risk Factory VO De Risk Factory heeft in 2022-2023 een nieuwe programmalijn geïmplementeerd voor het voortgezet onderwijs. Deze kosten voor implementatie waren niet begroot maar zijn in volledigheid afgedekt vanuit een ontvangen subsidie. Eenmalige besteding wagenpark De bepakking en inzetmogelijkheden van de nieuwe tankautospuiten (voortkomend uit de aanbesteding) zijn verbeterd ten opzichte van de ‘oude lichting’. Aangezien aanschaf van nieuwe voertuigen gespreid wordt