Verslag raadsvergadering d.d. 9 december 2020
Tekst van het document
19
Mevrouw VAN DROOGE vraagt of de uitkomst van de aandeelhoudersvergadering met de commissie kan worden besproken. De heer KUIPERS (wethouder) doet dat graag. Zij inzet is in de aandeelhoudersvergadering af te spreken wat eenieders bijdrage is. Openheid naar alle raden en de provincie over de rekensommen moet daarna volgen. Die informatie zal hij dan graag met de raad delen en hij zal anders uitleggen waarom dat niet is gelukt. De heer VAN ROODEN trekt amendement A 20-110 in en dient het aangepaste amendement A 20-112 mede in. De heer JAARSMA liep vooral voor op de besluitvorming door een positieve context en heeft die eruit gehaald. Hij heeft het amendement dermate aangepast, zodat tegemoetgekomen wordt aan de wens van de PvdA en de SP om bij een volgend besluit nog even op de inhoud te kunnen terugkomen. Aangepast amendement A 20-112 ‘Wijzigen beslispunt 3 bij Turap II’ “De raad van de gemeente Hilversum in vergadering bijeen op 9 december 2020, behandelende de Tweede tussenrapportage 2020 (Turap II); overwegende, dat de gemeente Hilversum participeert in de ROM Utrecht en deze participatie wil voortzetten, o.a. door bij te dragen aan extra fondsvermogen voor bedrijven in de regio om de gevolgen van de corona crisis op te vangen; dat het college bij brief van 8 december jl.
heeft aangegeven nog in gesprek te zijn met de mede aandeelhouders van de ROM Utrecht over de hoogte van ieders bijdrage aan de benodigde €12 miljoen regionale cofinanciering voor dat extra fondsvermogen; dat het daardoor nog niet het geschikte moment is om over de hoogte van de Hilversumse bijdrage te besluiten; besluit: beslispunt 3 te schrappen; en verzoekt het college op een later moment met een nieuw voorstel te komen.” (Aangepast amendement A 20-112 van D66, Hart voor Hilversum, de VVD, GroenLinks, Hilversums Belang, de PvdA en de SP) Zonder stemming wordt het aangepaste amendement A 20-112 van D66, Hart voor Hilversum, de VVD, GroenLinks, Hilversums Belang, de PvdA en de SP unaniem aangenomen. Zonder stemming wordt het gewijzigde voorstel van burgemeester en wethouders unaniem aangenomen. 11
KOERSDOCUMENT REGIO GOOI EN VECHTSTREEK
De VOORZITTER geeft aan dat het Koersdocument het beoogde product van de koersfase van de regionale samenwerking Omgevingsvisie is. Eerder zijn de fases verkenning en analyse afgerond. De derde tussenstand van het Koersdocument wordt nu aan de raden voorgelegd voor het uiten van wensen en bedenkingen. De teksten van het raadsvoorstel en de bijlagen zijn in alle gemeenteraden van de Gooi en Vechtstreek hetzelfde. De woordvoerders van de fracties van Hart voor Hilversum, D66, de VVD, GroenLinks en de SP achtten het stuk rijp voor behandeling in de raad en maakten een voorbehoud. De woordvoerders van de fracties van het CDA, de ChristenUnie, de PvdA, Leefbaar Hilversum, Hilversums Belang en Democraten Hilversum achtten het stuk rijd voor behandeling door de raad. HI20201209
20
Mevrouw VAN DROOGE stelde vast dat een meerderheid van partijen zich afvroeg of de raad het Koersdocument ter kennisneming vast wilde stellen. Zij vindt dat prima. Het college zou men met iets moeten terugsturen naar de regio, een sterker signaal dan niets over het document zeggen. Met verreweg de meeste wensen en bedenkingen is zij het niet eens en daarom dient zij een amendement daarover in. Ook vindt zij dat de algehele tendens van het stuk veel meer gebaseerd zou moeten zijn op wat door de lokale raden en regionale besluitvorming al is vastgelegd. Amendement A 20-111 “De gemeenteraad van Hilversum, bijeen op 9 december 2020, gelezen het voorstel ‘Koersdocument regio Gooi- en Vechtstreek’; overweegt het volgende: • dat deze versie van het koersdocument Gooi- en Vechtstreek een tussenstand betreft die nog niet volledig is; • dat het desalniettemin goed is als raad om hiervan kennis te nemen en feedback te geven; • dat de koers die wordt uitgezet grotendeels gebaseerd is op bovenregionale strategieën en niet is gebaseerd op regionaal of lokaal vastgesteld beleid; spreekt als mening uit: • dat het niet wenselijk is om een koers uit te zetten op basis van enig ander beleid dan wat door de gemeenteraden in de regio zelf is vastgesteld; besluit: • om besluitpunt 2 ‘In te stemmen met de in dit voorstel genoemde wensen en bedenkingen.’ te vervangen door het volgende: 2.
om als wensen en bedenkingen in te brengen: • het document is als derde tussenstand logischerwijs nog niet voltooid, en kan hierdoor nog geen status hebben, noch kan er enige betekenis aan ontleend worden tot het door de raden is vastgesteld; • de ‘regionale inzet’ in bovenregionale context moet herkenbaar gebaseerd zijn op de eigen kaders en ambities die door de gemeentes in de regio zijn vastgesteld, zoals bijvoorbeeld recentelijk nog verwoord in de RSA, en niet op de ambities van bovenregionale partijen zoals de MRA; • alle verwijzingen naar het ‘sleutelgebied Hilversum’ dienen in het koersdocument geschrapt te worden; • het document moet aangepast worden op basis van de bovenstaande wensen en bedenkingen voordat het wordt voltooid; en gaat over tot de orde van de dag.” (Amendement A 20-111 van de PvdA, Democraten Hilversum, de VVD, de ChristenUnie, het CDA, de SP, Hilversums Belang en Hart voor Hilversum) De heer KRUIJSWIJK JANSEN meent dat men niet over het voorstel kan besluiten, omdat het niet af is. Daarom heeft het CDA amendement A 20-111 mede ingediend. Het CDA heeft grote zorgen over de regio. Het feit dat het niet lukt om een samenbindend koersdocument op te stellen en dat het eigenlijk een volgdocument is geworden baart hem zorgen. Exemplarisch daarvoor is dat de regio in het geheel heeft gemist dat Hilversum zich als sleutelgebied heeft teruggetrokken.
Met dergelijke onvoldragen stukken creëert men bestuurlijke drukte en hij vraagt zich dan ook af wat de bijdrage van de Hilversumse collegeleden in de regio is als dergelijke koersdocumenten naar raden gaan; op wat voor manier stuurt het college dan op het verbeteren van dergelijke stukken. Hij had het sterker gevonden als de wethouder naar de regio zou zijn teruggegaan om te vertellen dat de raad dit soort werk niet accepteert en iets wil terugzien dat wel klopt. Die wil was er echter niet. Op 7 december jl. las hij in de krant dat niet uit te sluiten is dat gemeenten om extra bijdragen gevraagd kan worden omdat de kosten oplopen. Die extra bijdrage moet het wel waard zijn om te geven en dat vertrouwen heeft hij met dit soort stukken nog niet. Dat signaal wil hij in de regio laten afgeven. HI20201209
21
De heer VAN WAARDEN laat weten dat de intentie van het Koersdocument is om alle bovengemeentelijke ontwikkelingen in beeld te brengen en daarmee een waardevolle context te bieden voor de afwegingen die de komende jaren te maken zijn in Hilversum bij het opstellen van de omgevingsvisie. Amendement A 20-111 stelt terecht dat het Koersdocument nog niet is voltooid. Het dictum daarvan, dat de regionale inzet gebaseerd moet zijn op de eigen kaders en ambities, onderschrijft GroenLinks van harte. Hij heeft moeite met de bijzin dat de ambities van bovenregionale partijen, zoals de MRA, niet worden meegenomen in het opstellen van de plaatselijke en regionale koers. Dat vraagt wat hem betreft om een kanttekening. Hij wil het amendement steunen, maar in de overtuiging dat bovenregionale ontwikkelingen en ambities wel degelijk meegewogen worden in de komend jaar te maken keuzes. Bovenregionale samenwerking is een realiteit en biedt kansen, niet alleen bedreigingen. De veelgehoorde allergie voor de term ‘polycentrische verstedelijkingsstrategie’ is een duidelijk signaal. Die keuze is nooit formeel aan raden voorgelegd, wat indruist tegen de MRA-slogan ‘Alleen ga je sneller en samen kom je verder’. Het is daarom goed om in de collegebrief over het BO MIRT te lezen dat de raden in 2021 bij de discussie betrokken worden.
De heer GÖBBELS vindt het stuk voorttamboereren op de verstedelijkingsstrategie van de MRA en het polycentrisch model, welke manier van communiceren niet de bedoeling kan zijn. Het stuk staat ook nog eens vol met gele markeringen en is in alle opzichten een concept, zodat het niet thuishoort op de agenda van de raad. Dat is ook niet het geval als een meerderheid van partijen het stuk niet voor raadsbespreking geschikt acht. Het is daarom jammer vandaag te praten over wensen en bedenkingen, maar dat is nu realiteit. Het voorgestelde amendement lijkt hem uitstekend richting het college als signaal naar de regio. De heer PELSMA ziet dat vanuit regionale samenwerking, zoals bij Crailo, wel goede documenten opgeleverd kunnen worden, maar is wel enigszins teleurgesteld in het voorliggende Koersdocument. In die zin steunt hij amendement A 20-111 en sluit hij zich aan bij de vorige sprekers. Wat opvalt is de link dat regionale afspraken betere borging krijgen in de gemeente, wat hij waagt te betwijfelen. Er is namelijk geen enkele gebiedsontwikkeling die geen rekening houdt met de omliggende omgeving of de ontwikkeling van buitenaf. Men bouwt immers ook voor mensen buiten Hilversum en op wegen rijden ook mensen die niet in Hilversum wonen. De regionale koers wordt dus altijd meegenomen in de eigen omgevingsvisie van de gemeente, die hij graag eerst had vastgesteld.
Het stuk steekt te veel in op bouwen en daarom dient hij het amendement mede in. Mevrouw VAN DE LINDE is in tegenstelling tot de heer Göbbels wel blij met het bespreken van het Koersdocument, dat een tussenstand is en daarom ruimte geeft om input te leveren in de ontwerpfase. De heer Van Waarden merkte op dat het Koersdocument bedoeld is voor het in beeld brengen van bovenregionale ontwikkelingen, wat zij beaamt. De inleiding vermeldt ook dat in het Koersdocument de gemeentebesturen van de regio met elkaar lange termijnambities benoemen voor de toekomst van de fysieke leefomgeving. Het gaat om eigen ambities. Natuurlijk moet men zich dan verhouden tot bovenregionale ontwikkelingen, maar de eigen lange termijnambities zijn leidend. Voor de Hilversumse VVD zijn de Hilversumse behoeften, de Hilversumse kwaliteit en de Hilversumse kracht leidend. In het verlengde daarvan zijn in regionaal verband de gezamenlijke ambities leidend, zoals vastgelegd in de Regionale Samenwerkings Agenda (RSA). En dat is ook de reden dat zij zich goed kan vinden in het amendement A 20-111.
Een overweging is echter niet helemaal in lijn met het tekstuele besluit en daarom vraagt zij of de indieners bereid zijn om die overweging aan te passen conform het besluit, namelijk dat de regionale inzet in de bovenregionale context niet voldoende herkenbaar gebaseerd is op de eigen kaders en ambities, zoals bijvoorbeeld recentelijk nog vastgelegd in de RSA. De heer GÖBBELS constateert dat mevrouw Van de Linde stelt dat hij heeft gezegd het Koersdocument niet te willen bespreken. Dat wil hij best doen, maar dan moet het een volledig stuk zijn en HI20201209
22
geen concept met gele arceringen. Het stuk is dus incompleet. De VVD heeft in de discussie over het sleutelgebied ingestemd met bouwen voor de hele MRA, wat in het toenmalige voorstel stond. Diezelfde passage leest hij door zijn oogharen in het Koersdocument, waarop hij aanslaat. Mevrouw VAN DROOGE vraagt mevrouw Van de Linde de gewenste nader te verduidelijken. Mevrouw VAN DE LINDE stelt voor bij de overweging, waarin staat ‘de koers die wordt uitgezet grotendeels gebaseerd is bovenregionale strategieën‘ te wijzigen in ‘regionale inzet in bovenregionale context niet voldoende herkenbaar gebaseerd is op de eigen kaders en ambities’. Dat is eigenlijk de zin die ook in het besluit staat. Zij heeft begrepen dat de heer Göbbels het document een onaf conceptvoorstel vindt. Zij vindt het ook de moeite waard om een zienswijze te geven op een voorstel dat af is. Maar zij vindt het ook prettig om in de ontwerpfase al te mogen reageren. Afgesproken is dat dergelijke input door raden wordt geleverd. In alle behandelingen over het sleutelgebied heeft zij namens de VVD aangegeven te willen investeren in Hilversum en te bouwen en ontwikkelen wat Hilversum sterker maakt en nodig heeft. Zij wilde het aan tafel van de MRA blijven onderschrijven. Nergens heeft zij aangegeven te willen bouwen voor de MRA.
De heer BLOK is van mening dat er wat moet gebeuren met het regionale voorstel, ook omdat de andere gemeenteraden van de regio zich hierover tegelijkertijd buigen. Het amendement vindt hij mooi en hij vindt dat het Koersdocument eerst aan de hand van wensen en bedenkingen moet worden aangepast, waarna de raad er zelf over gaat beslissen. Mevrouw VAN VLIET ziet het Koersdocument veel discussie oproepen, wat begrijpelijk is, omdat de toekomst van Hilversum en de regio allen aan het hart gaat. Wat D66 betreft is Hilversum gebaat bij een sterke regio. Zij vindt dat het Koersdocument meer richting had kunnen meegeven voor deze discussie en meer ambitie had kunnen hebben. D66 voert graag een goed gesprek in de regio over gezamenlijke toekomstbeelden. Niet om de regio te laten bepalen wat er in Hilversum gebeurt, maar wel om een gedegen bouwsteen te hebben voor de omgevingsvisie, waarmee Hilversum vervolgens haar voordeel kan doen. Dit stuk is niet af en zeker niet perfect, maar is wel een stap in de goede richting. Het komt nog een keer op tafel bij het regiobestuur en komt daarna naar de raad voor een zienswijze. Overige gemeenten hebben nog hun inbreng. In het kader van de Omgevingswet volgen er sowieso nog afspraken met buurgemeenten over grensoverschrijdende infrastructuur en dergelijke.
De zienswijze die het college voorlegt vindt zij voldoende, waarmee Hilversumse geluiden uit de commissie en de raad voldoende te horen zijn. Met de voorgestelde aanpassingen, zoals het niet meer noemen en refereren aan het sleutelgebied, stemt zij in. Zij is benieuwd naar de volgende versie en hoopt dat het document inzicht geeft in de regionale ontwikkelingen en een bijdrage zal leveren aan een goede discussie in Hilversum en de regio over de omgevingsvisie. De heer EERENBERG wil het stuk graag laten behandelen door de raad, omdat het een politieke behandeling verdient op basis van het onderwerp regio. Bovenregionale ontwikkelingen aangeven in het stuk is prima, maar invullen is een brug te ver. De raad heeft bij meerdere dossiers, zoals 1221, aangegeven meer betrokken en in control te willen zijn. Dat geldt ook voor dit stuk. Los van het Koersdocument is er een groot participatietraject in het kader van de Omgevingswet en de omgevingsvisie. Het zou heel vervelend zijn als er weinig meer te participeren is, omdat belangrijke onderwerpen al in het Koersdocument zijn aangegeven en uitgespit. Regionale ontwikkelingen aangeven is dus prima, maar invulling is een zaak van raden. Hij complimenteert de PvdA met het initiatief voor het amendement, waarin hij zich kan vinden.
De heer VOORINK (wethouder) erkent dat dit stuk niet zo had moeten voorliggen, maar wel een regionale omgevingsvisie, wat ook is afgesproken in de Regionale Samenwerking Agenda, omdat bepaalde zaken, zoals wonen, werken, energie en klimaat niet ophouden bij de grens van Hilversum. Een regionale omgevingsvisie is echter een brug te ver, omdat het juridisch een niet bestaand document is. Uiteindelijk HI20201209
23
gaat de raad erover en is er maar één omgevingsvisie die telt, de ooit nog eens een keer vast te stellen lokale omgevingsvisie van Hilversum. Participatie is niet nutteloos en alles ligt nog open. Juist de uitdagingen in de RSA zet hij als stip aan de horizon en waarvoor regionale bestuurders aandacht vragen in de lokale omgevingsvisie. Een heleboel zaken wordt niet herkend uit lokaal beleid en dat trekt hij zich aan en daaraan wil hij iets doen. Bijna alles in het Koersdocument is volgens hem gebaseerd op regionaal en lokaal vastgesteld beleid en als dat niet goed over komt is dat niet goed. Ook de verwijzingen in het stuk naar het sleutelgebied trekt hij zich aan. Al die verwijzingen moeten eruit. Met het dictum van het amendement kan hij prima leven. Het is nooit de bedoeling geweest om compleet nieuw beleid te doen. Hij zal bezien om met verwijzingen zaken duidelijk te maken. Het Koersdocument beoogt niet meer dan een goede opmaat te zijn om regionale belangen bij alle gemeenten die nog een lokale omgevingsvisie gaan vaststellen en daar een voorzet voor te doen. Wat daarmee gebeurt is aan de raad. Mevrouw VAN DROOGE heeft ondertussen het amendement aangepast op verzoek van mevrouw Van de Linde.
Aangepast amendement A 20-111 “De gemeenteraad van Hilversum, bijeen op 9 december 2020, gelezen het voorstel ‘Koersdocument regio Gooi- en Vechtstreek’; overweegt het volgende: • dat deze versie van het koersdocument Gooi- en Vechtstreek een tussenstand betreft die nog niet volledig is; • dat het desalniettemin goed is als raad om hiervan kennis te nemen en feedback te geven; • dat de ‘regionale inzet’ in bovenregionale context niet voldoende herkenbaar gebaseerd is op de éigen kaders en ambities die door de gemeentes in de regio zijn vastgesteld, zoals bijvoorbeeld de RSA; spreekt als mening uit: • dat het niet wenselijk is om een koers uit te zetten op basis van enig ander beleid dan wat door de gemeenteraden in de regio zelf is vastgesteld; besluit: • om besluitpunt 2 ‘In te stemmen met de in dit voorstel genoemde wensen en bedenkingen.’ te vervangen door het volgende: 2.
om als wensen en bedenkingen in te brengen: • het document is als derde tussenstand logischerwijs nog niet voltooid, en kan hierdoor nog geen status hebben, noch kan er enige betekenis aan ontleend worden tot het door de raden is vastgesteld; • de ‘regionale inzet’ in bovenregionale context moet herkenbaar gebaseerd zijn op de eígen kaders en ambities die door de gemeentes in de regio zijn vastgesteld, zoals bijvoorbeeld recentelijk nog verwoord in de RSA, en niet op de ambities van bovenregionale partijen zoals de MRA; • alle verwijzingen naar het ‘sleutelgebied Hilversum’ dienen in het koersdocument geschrapt te worden; • het document moet aangepast worden op basis van de bovenstaande wensen en bedenkingen voordat het wordt voltooid; en gaat over tot de orde van de dag.” (Aangepast amendement A 20-111 van de PvdA, Democraten Hilversum, de VVD, de ChristenUnie, het CDA, de SP, Hilversums Belang en Hart voor Hilversum) Mevrouw VAN DE LINDE verzoekt de voorzitter om de vergadering te schorsen. De VOORZITER schorst de vergadering om 22.35 uur. HI20201209
24
Schorsing. De VOORZITTER heropent de vergadering om 22.40 uur. Tweede termijn Mevrouw VAN VLIET blijft in haar maag zitten met de tekst van het amendement en heeft daarom afgesproken dat het voor haar fractie een vrije kwestie is. Aangepast amendement A 20-111 van de PvdA, Democraten Hilversum, de VVD, de ChristenUnie, het CDA, de SP, Hilversums Belang en Hart voor Hilversum wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 30 tegen 6 stemmen aangenomen, met de stemmen van D66 tegen. Zonder stemming wordt het geamendeerde voorstel van burgemeester en wethouders unaniem aangenomen. 12
DOELGROEPENVERORDENING HILVERSUM
De VOORZITTER deelt mee dat voorgesteld wordt de Doelgroepenverordening Hilversum vast te stellen. Met deze verordening kunnen nieuwbouwwoningen beschikbaar worden gemaakt voor de in de verordening bepaalde doelgroepen. In de verordening is opgenomen welke doelgroepen passen bij sociale huurwoningen, middeldure huurwoningen en middeldure huurwoningen plus. De verordening is in de commissievergadering van 18 november jl. behandeld, waarbij de woordvoerders hebben aangegeven een aantal amendementen te zullen voorbereiden. Mevrouw VAN VLIET doet mede namens de PvdA het voorstel van orde om eerst te stemmen over motie M 20-108 van D66, de PvdA, Hart voor Hilversum, de SP, Hilversums Belang, de VVD en Democraten Hilversum over middeldure huurwoningen te bestemmen voor mensen met middeninkomens. Daarna, indien nodig, kan over amendement A 20-101 van de PvdA, Hilversums Belang en de SP over de meldplicht worden gestemd. Een meldplicht is minder verstrekkend dan het reguleren van de verhuur van middeldure huurwoningen. Daarom is het handig in dit geval af te wijken van de stemvolgorde volgens het reglement van orde. Aldus wordt besloten. Voor mevrouw KALK voelt de behandeling als een feestelijk moment, waarbij eindelijk over de Doelgroepenverordening wordt besloten.
Zij constateert dat de woningmarkt volledig op hol is geslagen en de Doelgroepenverordening weer iets aan die op hol geslagen woningmarkt kan herstellen. Zij heeft samen met andere fracties zes amendementen ingediend. Samen is gezorgd voor een fantastische Doelgroepenverordening en daarom zeg zij ook: ‘We doen het samen’. Amendement A 20-99 ‘Doelgroepenverordening Hilversum 1% opslag’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 9 december 2020, behandelend agendapunt 12 ‘Doelgroepenverordening Hilversum’, constaterende dat: de doelgroepenverordening bedoeld is om woningen, die gebouwd en ontwikkeld worden als sociale huurwoningen of middenhuurwoningen, voor een langere termijn voor deze categorieën te behouden; deze verordening van toepassing dient te zijn op alle ontwikkellocaties en nieuw te bouwen woningen in de gemeente Hilversum; overwegende dat: HI20201209
25
-
in artikel 2.3 de maximale aanvangshuurprijs jaarlijks wordt geïndexeerd overeenkomstig de consumentenprijsindex van het CBS, met een opslag van ten hoogste 1%; deze opslag tot ongewenste prijsstijgingseffecten kan leiden, hetgeen niet in overeenstemming is met de bedoeling van een doelgroepenverordening; een opslag van de prijsindexatie niet gewenst is,
besluit: de Doelgroepenverordening Hilversum met de bijbehorende toelichting vast te stellen, met dien verstande dat artikel 2.3 ‘De in lid 1, b en c bedoelde maximale aanvangshuurprijs wordt jaarlijks per 1 januari geïndexeerd overeenkomstig de consumentenprijsindex vanuit het Centraal Bureau voor de Statistiek, met ene opslag van ten hoogste 1%’ wordt gewijzigd in: artikel 2.3 ‘De in lid 1, b en c bedoelde maximale aanvangshuurprijs wordt jaarlijks per 1 januari geïndexeerd overeenkomstig de consumentenprijsindex vanuit het Centraal Bureau voor de Statistiek, en de nota van toelichting voor zover nodig hierop wordt aangepast.’” (Amendement A 20-99 van de PvdA, Hilversums Belang, de SP en het CDA)
Amendement A 20-103 ‘Doelgroepenverordening Hilversum DAEB-norm’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 9 december 2020, behandelend agendapunt 12 ‘Doelgroepenverordening Hilversum’; constaterende dat: de Doelgroepenverordening is bedoeld om woningen die gebouwd en ontwikkeld worden als sociale huurwoningen of middenhuur woningen voor een langere termijn voor deze categorieën te behouden; deze verordening van toepassing dient te zijn op alle ontwikkellocaties en nieuw te bouwen woningen in de gemeente Hilversum; overwegende dat: het voor starters zeer lastig is een woning op de Hilversumse woningmarkt te kunnen bemachtigen; het voor lagere en midden inkomens nagenoeg onmogelijk is een woning op de Hilversumse woningmarkt te bemachtigen; de inkomensgrens voor de middenhuur niet in wetgeving is vastgelegd; de woningnood aan betaalbare woningen voor veel groepen grote gevolgen heeft; besluit: de Doelgroepenverordening Hilversum met de bijbehorende toelichting vast te stellen, met dien verstande dat: artikel 3.2. Als doelgroep voor middeldure huurwoningen worden aangemerkt huishoudens met een inkomen tot maximaal €49.960,00; artikel 3.3. Als doelgroep voor middeldure huurwoningen plus worden aangemerkt huishoudens met een inkomen tot maximaal 1,5 keer de DAEB-norm, tezamen worden vervangen door: artikel 3.2.
Als doelgroep voor middeldure huurwoningen en middeldure huurwoningen plus worden aangemerkt huishoudens met een inkomen tot maximaal twee keer de DAEBnorm. De gevolgen van deze wijziging worden aangepast in de toelichting, en artikel 3.4 wordt vernummerd tot artikel 3.3.” (Amendement A 20-103 van de PvdA, het CDA, de SP en Hilversums Belang) Amendement A20-98 ‘Gronduitgifte’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 9 december 2020, behandelend agendapunt 12 ‘Doelgroepenverordening Hilversum’; constaterende dat:
HI20201209
26
-
de Doelgroepenverordening bedoeld is om woningen, die gebouwd en ontwikkeld worden als sociale huurwoningen of middenhuurwoningen, voor een langere termijn voor deze categorieën te behouden; deze verordening van toepassing dient te zijn op alle ontwikkellocaties en nieuw te bouwen woningen in de gemeente Hilversum; overwegende dat: artikel 4.1 de werking van de doelgroepenverordening Hilversum voor sociale huurwoningen beperkt tot die woningen, waar een gemeentelijke gronduitgifte aan ten grondslag ligt; deze beperking van de werking van de doelgroepenverordening ongewenst is, besluit: de Doelgroepenverordening Hilversum met de bijbehorende toelichting vast te stellen, met dien verstande dat: artikel 4.1. ‘sociale huurwoningen zoals bedoeld in artikel 2 lid 1 sub a, dienen gedurende een termijn van tenminste 25 jaar na de eerste ingebruikname voor de doelgroep zoals bedoeld in artikel 3 beschikbaar te blijven, wanneer het gemeentelijke gronduitgifte betreft’; wordt gewijzigd in: artikel 4.1.
‘sociale huurwoningen zoals bedoeld in artikel 2 lid 1 sub a, dienen gedurende een termijn van tenminste 25 jaar na de eerste ingebruikname voor de doelgroep zoals bedoeld in artikel 3 beschikbaar te blijven’;” (Amendement A 20-98 van de PvdA, Hilversums Belang, de SP, het CDA en GroenLinks) Amendement A 20-100 ‘Instandhoudingstermijn’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 9 december 2020, behandelend agendapunt 12 ‘Doelgroepenverordening Hilversum’; constaterende dat: de Doelgroepenverordening bedoeld is om woningen, die gebouwd en ontwikkeld worden als sociale huurwoningen of middenhuurwoningen, voor een langere termijn voor deze categorieën te behouden; deze verordening van toepassing dient te zijn op alle ontwikkellocaties en nieuw te bouwen woningen in de gemeente Hilversum; overwegende dat: de Doelgroepenverordening de instandhoudingstermijn regelt voor de duur van de beschikbaarheid van de woning voor de betreffende doelgroep; er in de voorliggende Doelgroepenverordening een onderscheid wordt gemaakt in de instandhoudingstermijnen voor de sociale huur, te weten 25 jaar en de middenhuur, te weten 20 jaar; dit onderscheid niet gewenst is, besluit: de Doelgroepenverordening Hilversum met de bijbehorende toelichting vast te stellen, met dien verstande dat: ‘artikel 4.2 Middeldure huurwoningen en middeldure huurwoningen plus zoals bedoeld in artikel 2
lid 1 sub b en c, dienen gedurende een termijn van tenminste 20 jaar na de eerste ingebruikname voor de doelgroep zoals bedoeld in artikel 3 beschikbaar te blijven;’ wordt gewijzigd in: ‘artikel 4.2. Middeldure huurwoningen en middeldure huurwoningen plus zoals bedoeld in artikel 2 lid 1 sub b en c, dienen gedurende een termijn van tenminste 25 jaar na de eerste ingebruikname voor de doelgroep zoals bedoeld in artikel 3 beschikbaar te blijven, en de toelichting hierop wordt aangepast.’” (Amendement A 20-100 van de PvdA, Hilversums Belang, de SP en het CDA) Amendement A 20-102 ‘Hardheidsclausule’ HI20201209
27
“De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 9 december 2020, behandelend agendapunt 12 ‘Doelgroepenverordening Hilversum’; constaterende dat: de Doelgroepenverordening bedoeld is om woningen, die gebouwd en ontwikkeld worden als sociale huurwoningen of middenhuurwoningen, voor een langere termijn voor deze categorieën te behouden; deze verordening van toepassing dient te zijn op alle ontwikkellocaties en nieuw te bouwen woningen in de gemeente Hilversum; overwegende dat: het college, in die gevallen dat deze verordening een bijzondere hardheid heeft voor aanvrager, van deze verordening kan afwijken; dit afwijken alleen en slechts (weg: kan) zou moeten kunnen nadat de raad over een toepassing van de hardheidsclausule (weg: in vertrouwen, vervangen door: met oplegging van geheimhouding) is geïnformeerd; besluit: de Doelgroepenverordening Hilversum met de bijbehorende toelichting vast te stellen, met dien verstande dat: artikel 6. Hardheidsclausule ‘burgemeester en wethouders zijn bevoegd in gevallen waarin de toepassing van deze verordening naar hun oordeel tot een bijzondere hardheid leidt ten gunste van de aanvrager af te wijken van deze verordening’, wordt vervangen door: artikel 6.
Hardheidsclausule ‘burgemeester en wethouders zijn bevoegd in gevallen waarin de toepassing van deze verordening naar hun oordeel tot een bijzondere hardheid leidt ten gunste van de aanvrager af te wijken van deze verordening, nadat zij de raad hierover heeft geïnformeerd en de raad zijn gevoelens hierover heeft kunnen uitspreken’.” (Amendement A 20-102 van de PvdA, Hilversums Belang, de SP en het CDA) Amendement A 20-101 ‘Meldplicht’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 9 december 2020, behandelend agendapunt 12 ‘Doelgroepenverordening Hilversum’; constaterende dat: de Doelgroepenverordening bedoeld is om woningen, die gebouwd en ontwikkeld worden als sociale huurwoningen of middenhuurwoningen, voor een langere termijn voor deze categorieën te behouden; deze verordening van toepassing dient te zijn op alle ontwikkellocaties en nieuw te bouwen woningen in de gemeente Hilversum; overwegende dat: de effectiviteit van de doelgroepenverordening gebaat is bij een juiste toepassing en uitvoering; een meldplicht, na het tekenen van een huurovereenkomst, daarbij een behulpzaam instrument is; de reden dat niet elke eigenaar zich zal houden aan de meldplicht op voorhand geen reden kan zijn om daarom geen meldplicht in de verordening op te nemen, besluit: de Doelgroepenverordening Hilversum met de bijbehorende toelichting vast te stellen, met dien verstande dat:
aan de verordening een Meldingsplicht wordt toegevoegd, middels een artikel luidende: ‘Artikel 6 De verhuur van woningen als bedoeld in artikel 2 van de verordening dient gedurende de in artikel 4 van deze verordening gestelde instandhoudingstermijn, door of namens de eigenaar binnen vier weken na het tekenen van de huurovereenkomst door middel van een door burgemeester en wethouders voorgeschreven formulier gemeld te worden bij burgemeester en wethouders’; HI20201209
28
de nummering van de daarna volgende artikelen van verordening hierop wordt aangepast; en: de toelichting op deze verordening wordt aangepast; (Amendement A 20-101 van de PvdA, Hilversums Belang en de SP) De heer KRUIJSWIJK JANSEN vindt het achttal wijzigingsvoorstellen bijzonder, waarop de ‘Teller van Heller’ wat hem betreft ook van toepassing is. Kennelijk pakt wethouder Heller signalen niet op en moet de raad zaken volop corrigeren. Kennelijk gaan het met wethouder Heller alles behalve sneller. Het CDA is blij dat er in de verordening aandacht is voor voorrang van huishoudens met maatschappelijke beroepen. Het CDA vraagt al jaren aandacht voor huisvesting van ouderen, waartoe hij mede namens Democraten Hilversum en Hilversums Belang het volgende amendement indient.
Amendement A 20-109 ‘Ouderen als doelgroep’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 9 december 2020, ter behandeling van agendapunt 12 Doelgroepenverordening Hilversum; constaterende dat: er in Hilversum naar verwachting de komende 20 jaar zo’n 6.000 75+ huishoudens bij komen; Senver (Seniorenvereniging Hilversum) en PCOB Hilversum het afgelopen jaar diverse gesprekken met de drie grote woningcorporaties hebben gevoerd; het aanbieden van adequate huisvesting aan ouderen nu vaak erg langzaam gaat; overwegende dat: huisvesting aan ouderen het treintje van doorstroming op gang brengt; besluit: de Doelgroepenverordening Hilversum met de bijbehorende toelichting vast te stellen, met dien verstande dat: artikel 3.4. ‘In aanvulling op de definiëring van de doelgroepen naar inkomen kan het college in overleg met de ontwikkelaar/belegger bepalen dat de woningen in een bepaald project bij voorrang worden aangeboden aan huishoudens met (lokale en/of regionale) binding en/of bij voorrang aan huishoudens met maatschappelijke beroepen (zoals zorg en onderwijs)’; wordt gewijzigd in: artikel 3.4.
‘In aanvulling op de definiëring van de doelgroepen naar inkomen kan het college in overleg met de ontwikkelaar/belegger bepalen dat de woningen in een bepaald project bij voorrang worden aangeboden aan huishoudens met (lokale en/of regionale) binding en/of bij voorrang aan huishoudens met maatschappelijke beroepen (zoals zorg en onderwijs) en/of aan ouderen met een AOW-gerechtigde leeftijd en/of een sociale huurwoning achterlaten’”. (Amendement A 20-109 van het CDA, Hilversums Belang en Democraten Hilversum) Ouderen zijn volgens hem een vergeten groep en het amendement geeft hen een nadrukkelijke positie in de Doelgroepenverordening. Hij wordt bijna dol van het aantal wijzigingsvoorstellen en maakt zich daarover zorgen. Hij is benieuwd hoe de raadsvoorzitter daarop reflecteert, temeer daar die verantwoordelijk is voor goede voorbereiding van besluitvorming vanuit het college. Wellicht zijn er suggesties te verwachten. Mevrouw VAN VLIET is blij met de voorliggende verordening en het werk van de PvdA daarvoor. De verordening borgt dat middeldure woningen in stand blijven voor twintig of vijfentwintig jaar en voor wie huurwoningen bedoeld zijn. Nog niet geregeld is zorgen dat de middeldure huurwoningen ook echt bij de middeninkomens terecht komen. De toewijzing wordt niet gereguleerd.
Amendement A 20-101 van de PvdA, Hilversums Belang en de SP over de meldingsplicht borgt dat ook niet voldoende. Regulering via de HI20201209
29
Huisvestingsverordening borgt dat wel en alleen zo borgt men dat beleidsdoelen ook werkelijkheid worden. Dat is belangrijk, omdat de gemeente investeert om middeldure huurwoningen te laten realiseren. Zij wil maatschappelijk rendement hiervan zien, zodat zij samen met veel andere fracties motie M 20-108 indient. Motie M 20-108 ‘Middeldure huurwoningen zijn bestemd voor de middeninkomens’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen en behandelend agendapunt 12, ‘Doelgroepenverordening Hilversum’; constaterende dat: de gemeenteraad van Hilversum op 9 december 2020 de doelgroepenverordening zal vaststellen; het daarmee mogelijk wordt om middeldure huurwoningen als zodanig te bestemmen in bestemmingsplannen en ze langdurig als zodanig in stand te houden; het daarmee duidelijk is voor welke inkomensgroepen de middeldure huurwoningen bedoeld zijn; het daarmee nog niet is geregeld dat deze woningen daadwerkelijk aan de middeninkomens worden toegewezen.
Een eventuele meldingsplicht maakt dit niet afdwingbaar; daarmee het doel van de doelgroepenverordening niet bereikt wordt, namelijk het vergroten en beschermen van het woningaanbod voor deze doelgroep; overwegende dat: een huisvestingsverordening het geëigende middel is om dit te regelen; de wetgever dit sinds 1 juli 2019 mogelijk maakt; verschillende gemeenten Hilversum hierin zijn voorgegaan; dit een lokale bevoegdheid is en dus zonder tussenkomst van de regio in onze huisvestingsverordening verwerkt kan worden; verzoekt daarom het college: de Huisvestingsverordening uit te breiden met een huisvestingsvergunningplicht voor de toewijzing van middeldure huurwoningen waarop de Doelgroepenverordening van toepassing is; ervoor zorg te dragen dat de Huisvestingsverordening in werking is voor de eerstvolgende toewijzing van woningen waarop de doelgroepenverordening van toepassing is; en gaat over tot de orde van de dag.” (Motie M 20-108 van D66, de PvdA, Hart voor Hilversum, de SP, Hilversums Belang, de VVD en Democraten Hilversum) Verder gaat zij in op amendement A 20-99 van de PvdA, Hilversums Belang, de SP en het CDA dat de extra opslag van 1% uit de verordening haalt. D66 steunt dat amendement. Amendement A 20-103 van de PvdA, het CDA, de SP en Hilversums Belang stelt dat er nog maar één inkomensgrens is en wel twee maal de DAEB-norm, zijnde ongeveer € 80.000,-.
Daar is D66 het niet mee eens. Daardoor verdwijnt ook de grens van € 49.960,- uit de verordening als tussenschot en worden de lagere en middeninkomens minder bediend, omdat meer mensen met een hoger inkomen in het toepassingsbereik passen. D66 kan daar niet voor zijn. Ingewikkeld is dat in de verordening de tussengrens van € 49.960,- niet wordt geïndexeerd en de andere inkomens- en huurgrenzen wel. Om die reden behoeft amendement A 20-102 van de PvdA, Hilversums Belang, de SP en het CDA aanpassing. Daarom heeft zij een nieuw amendement gemaakt, amendement A 20-116. Amendement A 20-116 ‘Doelgroepenverordening 1% Artikel 2; Indexatie in de pas’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 9 december 2020, behandelend agendapunt 12 ‘Doelgroepenverordening Hilversum’; constaterende dat: HI20201209
30
-
de Doelgroepenverordening bedoeld is om woningen, die gebouwd en ontwikkeld worden als sociale huurwoningen of middenhuurwoningen, voor een langere termijn voor deze categorieën te behouden; deze verordening van toepassing dient te zijn op alle ontwikkellocaties en nieuw te bouwen woningen in de gemeente Hilversum; de indexatie van de sociale huurgrenzen en de Daeb inkomensgrenzen per wet geregeld zijn; dat dit voor de indexatie van de huurgrenzen voor de middeldure huur alsmede de indexatie van de inkomens van de doelgroepen voor deze woningen niet vastgelegd is en dat de gemeente daar zelf voorstellen kan doen in deze doelgroepenverordening; het inkomen voor de middenhuur plus maximaal 1,5 * de DAEB-norm is en indexatie daardoor bij wet geregeld is; het inkomen voor de middenhuur € 49.960,00 is en hiervoor geen indexatie is geregeld in de verordening; overwegende dat: in artikel 2.3 de maximale aanvangshuurprijs jaarlijks wordt geïndexeerd overeenkomstig de consumentenprijsindex van het CBS, met een opslag van ten hoogste 1%; deze opslag tot ongewenste prijsstijgingseffecten zal leiden en de betaalbaarheid vermindert omdat de huren sneller stijgen dan het inkomen, hetgeen niet in overeenstemming is met de bedoeling van een doelgroepenverordening; de bereikbaarheid van de middenhuurwoningen daardoor jaarlijks vermindert omdat de inkomenseis van € 49.960,00 niet wordt
geïndexeerd; besluit: de Doelgroepenverordening Hilversum met de bijbehorende toelichting vast te stellen, met dien verstande dat artikel 2.3 ‘De in lid 1, b en c bedoelde maximale aanvangshuurprijs wordt jaarlijks per 1 januari geïndexeerd overeenkomstig de consumentenprijsindex vanuit het Centraal Bureau voor de Statistiek, met ene opslag van ten hoogste 1%’; wordt gewijzigd in: artikel 2.3 ‘De in lid 1, b en c bedoelde maximale aanvangshuurprijs wordt jaarlijks per 1 januari geïndexeerd overeenkomstig de consumentenprijsindex vanuit het Centraal Bureau voor de Statistiek’; en het volgende wordt toegevoegd aan artikel 3 ‘lid 5 De in lid 2 genoemde inkomensgrens wordt jaarlijks per 1 januari geïndexeerd overeenkomstig de consumentenprijsindex vanuit het Centraal Bureau voor de Statistiek.’ en de nota van toelichting voor zover nodig hierop wordt aangepast.’” (Amendement A 20-116 van D66) Mevrouw REDMEIJER is ook blij met de Doelgroepenverordening, maar betreurt het dat die met zoveel amendementen bijgesteld moet worden. Dat neemt zij echter niemand kwalijk. Prettig is met elkaar samen te werken en dat er na de commissievergadering goede amendementen ter tafel zijn gekomen. Hart voor Hilversum vindt het heel belangrijk dat er sociale en middeldure woningen zijn en komen voor de Hilversummers die ze nodig hebben.
De nieuwbouwpercentages behoeven koppeling aan een bestemmingsplan om te kunnen werken, zodat doelgroepen expliciet benoemd moeten worden. Om dat scherper te maken steunt Hart voor Hilversum amendement A 20-98 van de PvdA, Hilversums Belang, de SP, het CDA en GroenLinks over gronduitgifte; amendement A 20-116 van D66, ‘Doelgroepenverordening 1% artikel 2; Indexatie in de pas’. Motie M 20-108 van D66, de PvdA, Hart voor Hilversum, de SP, Hilversums Belang, de VVD en Democraten Hilversum over middeldure huurwoningen voor middelinkomens dient zij mede in. HI20201209
31
De heer BLOK constateert dat er wijzigingsvoorstellen zijn ingediend over: het twintig tot vijfentwintig jaar verhuurd blijven van sociale en middeldure huurwoningen aan de betreffende doelgroepen; de komst van een meldingsplicht van verhuurders aan de gemeente; de toewijzing van middeldure huurwoningen aan mensen met een middeninkomen; voorrang bij verhuur aan senioren. De bovengenoemde wijzigingsvoorstellen steunt hij. De heer GÖBBELS erkent dat de Doelgroepenverordening beter is dan een anterieure overeenkomst tussen de gemeente en ontwikkelaars. Hij complimenteert de PvdA met het naar voren brengen van een doelgroepenverordening en hoopt dat de doelgroepenverordening ook inspirerend zal werken voor andere gemeenten in de regio. De heer KOOL noemt een gevolg van de ontspoorde woningmarkt met nog nauwelijks aanbod voor het middensegment dat mensen vastzitten in een sociale huurwoning, dat er geen doorstroming is en jongeren wegtrekken, zodat Hilversum meer dan nodig en wenselijk verder vergrijst, terwijl de economie in de toekomst van jongeren afhankelijk is. Door het instellen van een doelgroepenverordening lost de coalitie een coalitieafspraak in, omdat in het coalitieakkoord staat minimaal 50% te bouwen in het middeldure segment en te regelen dat die woningen in de eerste twintig jaar voor de doelgroep behouden blijven.
Amendement A 20-99 van de PvdA, Hilversums Belang, de SP en het CDA dat de extra opslag van 1% uit de verordening haalt steunt hij niet, omdat hij amendement A 20-116 van D66 beter vindt, zodat de prijsindexatie de koopkracht volgt. Hij betwijfelt bij amendement A 20-101 van de PvdA, Hilversums Belang en de SP de effectiviteit van de meldplicht, terwijl die wel voor een administratieve last zorgt. GroenLinks voelt meer voor het informeren van de toekomstige huurder van zijn rechten en van daaruit de handhaving op afwijkingen te doen. In de alternatieve motie M 20-108 van D66, de PvdA, Hart voor Hilversum, de SP, Hilversums Belang, de VVD en Democraten Hilversum zit eigenlijk hetzelfde gevaar. Die motie steunt hij wel. Als die motie wordt aangenomen vraagt hij het college de effectiviteit en werkbaarheid van de huisvestingsvergunning te betrekken bij de geplande evaluatie. Amendement A 20-102 van de PvdA, Hilversums Belang, de SP en het CDA over de hardheidsclausule steunt hij niet. Naar zijn idee is de verlangde zeggenschap een collegebevoegdheid. Bij aanname van amendement A 20-103 van de PvdA, het CDA, de SP en Hilversums Belang over de DAEB-norm zou het verschil tussen middelduur en minder duur vervallen, wat onwenselijk is, zodat hij dat amendement niet steunt.
Middeldure huurwoningen worden daardoor namelijk minder bereikbaar voor lagere inkomensgroepen, wat geen goede zaak is. Bij amendement A 20-109 van het CDA, Hilversums Belang en Democraten Hilversum over ouderen als doelgroep is volgens hem niet gegarandeerd dat ouderen een woning in het middensegment achterlaten, wat mogelijk contraproductief is aan de doelstelling om meer middeldure woningen aan de woningmarkt toe te voegen en te behouden. Het is juist positief van de Doelgroepenverordening dat juist jongeren daarvan meer kunnen profiteren, wat alleen al een bijdrage kan leveren aan een meer evenwichtige bevolkingssamenstelling van Hilversum. Daarom steunt hij dat amendement niet. De heer KRUIJSWIJK JANSEN geeft de heer Kool mee dat er nooit garanties in het leven zijn, maar met elke verhuisbeweging weer een nieuw treintje opgezet kan worden. Ieder treintje doet iets in de wens van vele mensen om te verhuizen. Vanuit dat oogpunt geeft hij GroenLinks in overweging om amendement A 20-109 toch te steunen. De heer PELSMA is blij met de Doelgroepenverordening en nuanceert dat er ooit een verhuurdersheffing is gekomen, waardoor woningcorporaties veel minder gebouwd hebben. Zij verkopen vaak hun woningen met de meest onrendabele top of waarin te investeren is.
Deels is het dus symboolpolitiek om te denken dat woningen wel in corporatiebezit blijven door afspraken te maken over HI20201209
32
twintig of vijfentwintig jaar behouden voor de doelgroep. Juist oudere en minder aantrekkelijke woningen worden verkocht. Hij gaat akkoord met het kijken naar een goede verdeling tussen DAEB- en niet-DAEB en het verhogen van huren te maximaliseren en waar huren wel stijgen meer huur opleveren. Corporaties zouden zoveel mogelijk moeten doen om woningen in hun bezit te houden. Corporaties hebben de afgelopen jaren woningbezit verkocht om nieuwbouwwoningen op te richten. Vanwege de verhuurdersheffing zijn er andere afspraken gemaakt en zijn er allerlei woningen niet bijgebouwd. Die nuance ontbreekt in de meeste amendementen en stukken en vanuit die optiek zit hij iets kritischer in het onderwerp. In het algemeen zal de ChristenUnie diverse amendementen steunen. Mevrouw VAN DE LINDE complimenteert de PvdA en vond het fijn samen op te kunnen trekken. De vele amendementen had zij graag ook anders gezien, maar zij schikt zich naar de daarover gemaakte afspraken. De VVD heeft bij het onderwerp altijd twee belangrijke thema’s voor ogen. Middenhuurwoningen wil zij behouden voor de doelgroep en helpen om de dynamiek in de woningmarkt op gang te krijgen, waarbij de Doelgroepenverordening kan helpen. Ook de suggesties van het CDA over ouderen zijn waardevol en zij hoort graag de reflectie van de wethouder daarop.
De heer HELLER (wethouder) noemt het bijzonder vanavond de Doelgroepenverordening te gaan vaststellen en vindt het ook niet handig om zoveel amendementen te hebben voorliggen. Hij vindt het echter flauw om het grote aantal te koppelen aan het kwaliteit van het voorstel. Het college was niet in staat naar aanleiding van de commissiebehandeling met een nieuw voorstel te komen. Het merendeel van de amendementen spreekt zich uit tegen punten die in eerdere versies ook stonden en geen discussie opleverde. Het college heeft zich ook bewust open opgesteld ten aanzien van de input van de fracties en heeft geen zaken dicht willen zetten. Dat betekent een gezamenlijk opgewerkte doelgroepenverordening. Vervolgens gaat hij in op motie M 20-108 van D66, de PvdA, Hart voor Hilversum, de SP, Hilversums Belang, de VVD en Democraten Hilversum over middeldure huurwoningen voor middeninkomens. Het college heeft geen zicht op mutaties binnen deze groep huurwoningen. Het college heeft een aantal overwegingen om een ander verzoek te doen. Er is een Huisvestingsverordening, maar die is regionaal afgestemd. Aanpassing daarvan behoeft dus regionaal overleg. Aanname van de motie betekent dat huurders een vergunning moeten aanvragen en de gemeente moet die aanvragen beoordelen, wat werk betekent.
Daarom verzoekt hij de indieners de motie aan te houden en die te betrekken bij de externe evaluatie na een jaar. Daarna kan het college een concreet voorstel doen, ook over een kostenplaatje. In de tussentijd is dan regionaal overleg erover te voeren. Mevrouw KALK wijst erop dat in de commissievergadering niemand voorstander was om na een korte termijn van een jaar te evalueren. Het voorstel van de wethouder bevreemdt haar daarom. Mevrouw VAN VLIET erkent dat de Huisvestingsverordening grotendeels regionaal afgestemd wordt, omdat die over de toewijzing van sociale huurwoningen gaat. Voor het reguleren van middeldure huurwoningen is volgens haar echter geen regionale afstemming nodig. De heer HELLER (wethouder) beaamt dat, maar vanwege afstemming in het verleden is het netjes om dat ook hier te doen. De overwegingen van na een jaar evalueren heeft hij aangegeven, namelijk het passend verhuren van woningcorporaties. Na evaluatie kan men zeggen ook weer later te evalueren. Over een jaar komt het college terug naar de raad met een uitgewerkt voorstel inclusief een kostenplaatje en een gevoerd regionaal overleg. Het college geeft de voorkeur aan amendement A 20-116 van D66 boven amendement A 20-99 van de PvdA, Hilversums Belang, de SP en het CDA over 1% opslag. Amendement A 20-103 van de PvdA, het CDA, de SP en Hilversums Belang over de DAEB-norm moet hij afwijzen.
Het amendement voegt de inkomensgrenzen voor de doelgroepen middelduur en middelduur-plus samen, zodat er wel twee woninggroepen zijn, maar nog maar één huurdersgroep. Daarnaast ontstaat de situatie dat mensen een inkomen tot € 80.000,- worden toegelaten voor huurwoningen in het middeldure segment. HI20201209
33
Over amendement A 20-109 van het CDA, Hilversums Belang en Democraten Hilversum over ouderen als doelgroep stelt hij een vraag. Het gewijzigde dictum luidt ‘en/of aan ouderen met een AOWgerechtigde leeftijd en/of een sociale huurwoningen achterlaten’. Hij begrijpt niet helemaal wat daarmee bedoeld wordt: het toevoegen van twee nieuwe doelgroepen of het toevoegen van de doelgroep ouderen met een AOW-gerechtigde leeftijd die al dan niet een sociale huurwoning achterlaten. De heer KRUIJSWIJK JANSEN antwoordt dat het gaat om twee doelgroepen. De heer HELLER (wethouder) beveelt A 20-98 van de PvdA, Hilversums Belang, de SP, het CDA en GroenLinks over gronduitgifte aan. Amendement A 20-100 van de PvdA, Hilversums Belang, de SP en het CDA over de instandhoudingstermijn raadt het college eveneens aan. Het is netjes om die termijn gelijk te trekken op vijfentwintig jaar. Amendement A 20-102 van de PvdA, Hilversums Belang, de SP en het CDA over de hardheidsclausule wijst het college principieel af, wat te maken heeft met de rolverdeling tussen en de verantwoordelijkheden van raad en college. De raad stelt het beleid of een verordening vast en het college voert die uit. De raad controleert achteraf of het college dat juist heeft gedaan. Amendement A 20-101 van de PvdA, Hilversums Belang en de SP over de meldplicht verzoekt hij aan te houden.
Tweede termijn Mevrouw REDMEIJER heeft naar aanleiding van de beantwoording op motie M 20-108 over middeldure huurwoningen voor middeninkomens niet de behoefte om een jaar te wachten voordat de gemeente iets gaat doen. Een administratie op touw zetten mag geen reden zijn om niet aan de slag te gaan. Zij hoort graag een steviger argument waarom het geen goede motie zou zijn, omdat zij die anders in stemming wil laten brengen. Mevrouw VAN VLIET meent dat het evalueren van de Doelgroepenverordening niet zoveel zin heeft als geen projecten zijn opgeleverd. De Huisvestingsverordening is volgens haar de enige manier om te borgen dat de gemeente haar doelen haalt. Vanwege de workload bij het beoordelen van vergunningen heeft D66 in de motie aangegeven dat het alleen gaat om het beoordelen van mensen die onder de Doelgroepenverordening vallen. De gemeente moet er alles aan doen om haar beleidsdoelen te halen. Mevrouw VAN DE LINDE gaat het erom een probleem op te lossen. Er is volgens haar geen andere oplossing dan dit proberen met elkaar. De VVD is geen fan van een te grote overheid, maar wel van een effectieve overheid. Een jaar lang niks doen terwijl het probleem zo nijpend is zou wat haar betreft anders moeten uitvallen. De heer HELLER (wethouder) erkent geen beter instrument te hebben dan wat in motie M 20-108 is voorgesteld.
Het college wijst amendement A 20-109 van het CDA, Hilversums Belang en Democraten Hilversum over ouderen als doelgroep af vanwege het principiële argument dat doorstroming niet het doel van de verordening is. Het doel is om specifieke woningen voor specifieke doelgroepen beschikbaar te houden. De heer KRUIJSWIJK JANSEN vindt dat jammer, omdat ouderen een vergeten doelgroep zijn en hij hoort dan graag dat de wethouder snel met iets komt waaraan ouderen wel iets hebben. Mevrouw VAN DE LINDE erkent dat het jammer is. De verordening wordt wel gebruikt om woningen toe te wijzen aan specifieke doelgroepen, waarmee een effect wordt gecreëerd, welk effect doorstroming kan zijn. Zij vraagt of de wethouder de bedoeling van die aanpassing kan omarmen. De heer HELLER (wethouder) erkent het belang van doorstroming absoluut en deelt die bedoeling. Motie M 20-108 van D66, de PvdA, Hart voor Hilversum, de SP, Hilversums Belang, de VVD en Democraten Hilversum over middeldure huurwoningen voor middelinkomens HI20201209
34
wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 31 tegen 5 stemmen aangenomen, met de stemmen van GroenLinks tegen. Amendement A 20-99 van de PvdA, Hilversums Belang, de SP en het CDA over 1% opslag wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 10 tegen 26 stemmen verworpen, met de stemmen van het CDA, de PvdA, de SP, Hilversums Belang en Democraten Hilversum voor. Amendement A 20-103 van de PvdA, het CDA, de SP en Hilversums Belang over de DAEB-norm wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 9 tegen 27 stemmen verworpen, met de stemmen van het CDA, de PvdA, de SP en Hilversums Belang voor. Amendement A 20-116 van D66 over indexatie in de pas wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 36 tegen 0 stemmen unaniem aangenomen. Amendement A 20-109 van het CDA, Hilversums Belang en Democraten Hilversum over ouderen als doelgroep wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 25 tegen 11 stemmen aangenomen, met de stemmen van GroenLinks en Hart voor Hilversum met uitzondering van het lid Redmeijer tegen. Amendement A 20-98 van de PvdA, Hilversums Belang, de SP, het CDA en GroenLinks over gronduitgifte wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 36 tegen 0 stemmen unaniem aangenomen.
Amendement A 20-100 van de PvdA, Hilversums Belang, de SP en het CDA over de instandhoudingstermijn wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 36 tegen 0 stemmen unaniem aangenomen. Amendement A 20-102 van de PvdA, Hilversums Belang, de SP en het CDA over de hardheidsclausule wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 10 tegen 26 stemmen verworpen met de stemmen van het CDA, de PvdA, de SP, Hilversums Belang en Democraten Hilversum voor. Zonder stemming wordt het geamendeerde voorstel van burgemeester en wethouders unaniem aangenomen. 13
AANPASSING ALGEMENE PLAATSELIJKE VERORDENING 2010 (APV) WIJZIGEN ARTIKEL 2.7.4 CARBID
De heer STREUTKER vindt het jammer dat verdergaande regulering nodig is. Wel vindt hij dat begrijpelijk. Zonder stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 14
VRAGEN AAN HET COLLEGE Er zijn geen vragen.
HI20201209
35
15
MOTIE M 20-106 ‘EEN VOLWAARDIGE KERSTUITKERING VOOR GEDUPEERDE OUDERS’ Motie M 20-106 ‘Een volwaardige kerstuitkering voor gedupeerde ouders’ De gemeenteraad van Hilversum in vergadering bijeen op woensdag 9 december 2020; constaterende dat: een voorstel van de SP in de Tweede Kamer is aangenomen om vele ouders die getroffen zijn door de toeslagenaffaire en nog niet zijn geholpen, € 750,- uit te keren in de komende weken; overwegende dat: gemeenten geregeld ervoor kiezen om ten aanzien van de bijstandsuitkering bepaalde kosten met elkaar te verrekenen; de ouders al maandenlang wachten op enige vorm van compensatie voor de schade die ze is aangedaan door de belastingdienst ten aanzien van de toeslagenaffaire; de gemeente een positieve rol kan innemen in het herstel van het vertrouwen in de overheid van deze ouders en kinderen en het hiervoor belangrijk is dat er niet wordt getornd aan het bedrag van € 750,- op enige manier; gemeenten altijd een keuze hebben in het niet te hoeven verrekenen van bepaalde kosten en posten; verzoekt het college: de € 750,- uitkering, die de getroffenen van de toeslagenaffaire dit jaar krijgen, op geen enkele manier te verrekenen met de bijstandsuitkering of andere gemeentelijke uitkeringen; en gaat over tot de orde van de dag. (Motie M 20-106 van de SP, de PvdA en Hilversums Belang)
Mevrouw VERWEIJ licht de motie toe. Men kan redeneren dat de Participatiewet een clausule biedt om een uitzondering te maken. Daarom vindt zij het goed om de wens te bekrachtigen dat het geld bij gedupeerde ouders terecht komt. Ambtenaren zouden indien nodig met externen in contact kunnen treden. Mevrouw WOLTHERS (wethouder) heeft het gestelde in de motie ook intern afgesproken en ziet die dan ook als een warme steun in de rug voor wat zij van plan is. De motie is dus overbodig. De motie wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 35 stemmen voor tegen 1 stem aangenomen, met de stem van Democraten Hilversum tegen. 16
MOTIE M 20-107 ‘STEUN VOOR GEDUPEERDE OUDERS KINDERTOESLAGENAFFAIRE’ Motie M 20-107 ‘Steun voor gedupeerde ouders Kindertoeslagenaffaire’ De gemeenteraad van Hilversum bijeen in vergadering op woensdag 9 december 2020; constateert dat: er in Hilversum ouders en kinderen zijn die getroffen zijn door de zogenaamde toeslagenaffaire. Volgens de nu bekende gegevens tenminste 111 gezinnen; dit grote gevolgen heeft voor deze gezinnen; er door gedupeerden van de toeslagenaffaire is aangeven dat ze van het kastje naar de muur gestuurd worden en weer terug, dat werkt verlammend en er behoefte is aan ondersteuning. Het liefst één loket, aan goede geclusterde support; er in Almere een speciaal team met mensen van werk en inkomen, de Plangroep, interventieteam e.a. wordt ingesteld om hulp en ondersteuning te bieden aan de gedupeerden van de kindertoeslagaffaire; overwegende dat:
HI20201209
36
de weerslag van de jarenlange trajecten van onterechte terugvordering op uitvoeringsniveau (werk, integratie, zorg, wonen, veilig thuis, schuldhulpverlening, bijstand) uiteindelijk gemeente toevallen. De staatssecretaris van Financiën heeft toegezegd hierover met de gemeenten in gesprek te gaan om samen aan oplossingen in de uitvoering te werken; onze gemeente graag een rol wil nemen in het ondersteunen van gezinnen in problemen; verzoekt het college: actief onderzoek te doen o.a., in haar eigen systemen of er slachtoffers van de toeslagenaffaire bekend zijn. Maar ook door actief uit te dragen dat mensen zich kunnen melden bij de gemeente voor advies en ondersteuning; te signaleren om welke ouders en kinderen het gaat en waar hun grootste zorgen en hulpvragen zitten; de betrokken mensen actief te wijzen op de hersteloperatie. Dat kan hier: https://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/nl/gedupeerdenkinderopvangtoeslag/ged upeerden-kinderopvangtoeslag; een gemeentelijk meldpunt met een vertrouwenspersoon/ombudsman/gespecialiseerde hulpverlener/organisatie aan te stellen als aanspreek en oplossingspunt, met tot taak: ‘deze ouders proactief te ondersteunen bij complexe schulden, achterstanden en andere knelpunten die ontstaan zijn afgelopen jaren doordat ze onterecht terecht zijn gekomen door oneigenlijke terugvordering van toeslagengeld.
Deze organisatie/persoon het meldpunt helpt bij toegang tot regelingen en diensten met betrekking tot de weerslag van de vorderingen en oplossing schuldenproblematiek en neemt Lijst gedupeerden kindertoeslagaffaire htts://webcache.googleusercontent.com/search?q=cache:H5Hij2om9FYJ:https://services.be lastingd ienst.nl/toeslagen-herstel/wp-content/uploads/sites/3/2020/10/Lijst-per-gemeenteen-woonplaats-I-12102020.pdf+&cd=1&hl=nl&ct=clnk&gl=nl waar de ouder niet meer in staat is tijdelijk de rol van contactpersoon over, ook biedt ze support door een luisterend oor te bieden. De contactpersoon koppelt regelmatig terug aan het college wat de stand van zaken is bij deze ouders en kinderen en signaleert wat de positieve ontwikkelingen en knelpunten zijn zodat er zo effectief mogelijk ingezet kan worden in de korte en lange termijn’; specifieke aandacht aan kinderen te besteden omdat de impact op hen zich vaak later en anders zal manifesteren; bij de gemeenten in de regio Gooi en Vechtstreek aandacht te vragen voor deze problematiek omdat dit niet alleen in Hilversum speelt maar in de hele regio (naar nu bekend 171 gezinnen); en gaat over tot de orde van de dag.` (Motie M 20-107 van de SP, de PvdA en Hilversums Belang) Mevrouw VERWEIJ licht te motie toe en dankt het college voor de snelle acties na haar vragen van 17 november jl.
Op 26 november is het gewenste meldpunt ingesteld en zij vraagt het college daar hard reclame voor te maken en ook de huur- en zorgtoeslag bij dat meldpunt te betrekken. Zij trekt de motie in. 17