Verslag raadsvergadering d.d. 1 februari 2023
Tekst van het document
HI20230201
19
De heer VONK had graag het GroenLinks-voorstel gesteund, maar daarin is volgens hem zoveel water bij de wijn gedaan dat hij dat niet kan doen. Hij vraagt waarom GroenLinks met de VVD is meegegaan om toch de auto meer ruimte te geven. De heer VAN WAARDEN legt uit dat volgens amendement A 23-19 de auto in binnensteden minder ruimte krijgt en er meer ruimte komt voor groen, fietsers en voetgangers. De nuance in het amendement is dat dat niet voor elke plek geldt. De heer NANNINGA vraagt de heer Van Waarden uit te leggen hoe amendement A 23-19 straks gaat werken met de ABC-benadering per wijk. De heer VAN WAARDEN verwijst daartoe naar twee links onder het amendement ter informatie. Die geven een kapstok om in de toekomst keuzes te maken. De heer NANNINGA begrijpt dat nog niet duidelijk is wanneer het STOMP-principe zal worden toegepast. Wat de heer VAN WAARDEN betreft wordt het STOMP-principe overal toegepast, maar dat zal op verschillende locaties anders zijn. Het principe is een hulpmiddel om te starten met die leefbaarheid. Mevrouw KALK vond het oorspronkelijke amendement veel scherper en duidelijker en vraagt waar inwoners voor en tegen mogen zijn. Zij willen namelijk weten wanneer hun woonomgeving autovrij zal zijn. De heer VAN WAARDEN licht toe dat het amendement een tekstuele toevoeging doet aan de tekst over mobiliteit en het inrichten van de openbare ruimte.
Stip aan de horizon is een 15 minuten fiets- en loopstad, waarbij ook het STOMP-principe wordt genoemd. De heer DOCTER vindt het amendement A 23-19 dermate ingewikkeld dat het hem beter lijkt om dat eerst in een commissievergadering te bespreken. De heer VAN WAARDEN brengt het instrumentarium in om de gebiedsagenda’s te verrijken. Mevrouw DURLACHER ziet in het amendement steden staan die als voorbeelden gelden, omdat zij het goed voor elkaar zouden hebben op het gebied van mobiliteit. Leiden en Amsterdam hebben het volgens haar wel goed voor elkaar met groen, maar niet in de wijken. Die steden hebben heel grote parken. De vergelijking van Hilversum met Leiden en Amsterdam begrijpt zij niet. De heer VAN WAARDEN heeft die steden als voorbeelden genoemd, omdat daar wordt gewerkt aan vergroenen en minder auto’s in het centrum. Op het gebied van de voorzieningen is de conceptvisie hem te algemeen. Daarom dient hij samen met de SP een motie in die oproept om richtinggevende normen voor het voorzieningenniveau te ontwikkelen.
Motie M 23-15 ‘Een evenwichtig (maatschappelijk) voorzieningenniveau’ “De raad van de gemeente Hilversum in vergadering bijeen op 1 februari 2023, besprekende de Concept-omgevingsvisie Hilversum 2040; constaterende dat: • er in de concept-omgevingsvisie (paragraaf 4.4.4 en 4.9) geen richtinggevende normen zijn gegeven voor de (maatschappelijke) voorzieningen; • de omgevingsvisie de basis is voor de uitwerking van gebiedsprogramma’s waarin per wijk gekeken wordt wat nodig is (maatwerk), overwegende dat: • voldoende - en bereikbare - (maatschappelijke) voorzieningen van groot belang zijn voor de leefbaarheid van wijken, de gezondheid en kwaliteit van leven van alle inwoners (denk hierbij aan onderwijsvoorzieningen, zorgvoorzieningen, welzijn voorzieningen, sport voorzieningen, cultuurvoorzieningen en religieuze voorzieningen); verzoekt het college om: • richtinggevende normen te ontwikkelen per (maatschappelijke) voorziening. Een referentie is bijvoorbeeld te vinden bij de gemeente Utrecht; 1 • deze richtinggevende normen in de omgevingsvisie op te nemen als basis voor het ‘maatwerk’ in de gebiedsagenda’s; HI20230201
20
•
het voorzieningenniveau en de bereikbaarheid van de voorzieningen periodiek te evalueren en maatregelen te nemen indien nodig; en gaat over tot de orde van de dag.” (Motie M 23-15 van GroenLinks, de SP, de PvdA, Hart voor Hilversum en de VVD) 1
Referentie Utrecht: “Richtinggevende normen per maatschappelijke voorziening”, bijlage in het koersdocument “Leefbare stad en maatschappelijke voorzieningen” https://omgevingsvisie.utrecht.nl/de-koers
Vanwege de in de visie benoemde gematigde groei is het naar de overtuiging van GroenLinks noodzakelijk om te voorzien in de enorme woningvraag die er is en die er ook zal zijn in 2040 en om de voorzieningen op peil te houden. En daarbij zijn, omdat het gaat om binnenstedelijk bouwen, bouwhoogte en verdichting altijd een punt van discussie. GroenLinks is het duidelijk dat Hilversum geen dorp is. Op plekken waar dat kan wordt een paar lagen hoger gebouwd, bij OV-knooppunten en op het Circusterrein. De toekomst laat zich moeilijk voorspellen. Een visie bevat altijd dilemma's en onzekerheden. Hij wil die benoemen en oppakken. Ook wil hij in gesprek blijven en vanuit vertrouwen samen toewerken naar de stip aan de horizon: de mooie, groene, duurzame en vitale tuinstad. De heer DE JONG wil graag de uitgebreide visie op Hilversum voorleggen aan de inwoners. Het CDA heeft de omgevingsvisie vanuit haar uitgangspunten beoordeeld. Allereerst ziet hij een herkenbaar Hilversum, met dorpse karakteristieken en stadse voorzieningen. Het is een dorp met jonge monumenten, waar hij de borging van dit culturele erfgoed ziet doorklinken in de visie. Voorzieningen worden per wijk en per gebied in samenhang beoordeeld. En er wordt een verbinding met bestaanszekerheid gemaakt.
In de visie ziet hij woningen voor doelgroepen, ruimte voor cruciale beroepen en dat is voor het CDA belangrijk, omdat niet alles zomaar aan de markt overgelaten kan worden. In de visie ziet hij ook een afname in verstedelijking en hij is blij dat het illusielandschap erin terugkomt. Daarbij komt dat Arcadis constateert dat met deze omgevingsvisie een omkering ontstaat op gebieden die binnen autonome ontwikkeling onder druk zouden staan. Hij noemt het daarom een stip op de horizon met een dosis realisme. Leefbaarheid in wijken is en blijft een grote uitdaging. Daar zijn goede voorzieningen voor nodig. Het CDA blij met motie M 23-15 van GroenLinks, de SP, de PvdA, Hart voor Hilversum en de VVD. Binnen het sociale weefsel mist hij het benoemen van de belangrijke rol die religieuze instellingen spelen en kunnen spelen. Daarom dient het CDA amendement A 23-14, ‘Religieuze voorzieningen horen er gewoon bij’ van de ChristenUnie graag mede in. Participanten zien een verminderde rol van de auto. Die ziet het CDA nog niet in de cijfers terug. Daarom kijkt hij met zorg naar de teneur rondom autobezit, autogebruik en parkeernormen zoals die zijn benoemd. Veel mensen hebben geen keuze en de auto is nodig voor hun werk, hun zorg, mantelzorg en het vrijwilligerswerk wat ze doen. Dat er iets moet gebeuren is duidelijk.
Het CDA kijkt heel erg uit naar een gebalanceerde uitwerking van de visie op dit gebied. Wachtlijsten van vijf tot zeven jaar voor een parkeervergunning zijn wat hem betreft onwenselijk voor Hilversum. Ook op het gebied van energietransitie heeft het CDA zorgen. Participanten hebben de wens om binnen één generatie fossielvrij te zijn. De SP en de PvdA dienden de motie in voor meer ambitie in de energietransitie. Rentmeesterschap is mooi, maar moet wel solidair en realistisch zijn. Dan zijn woorden als ‘degradatiekandidaat’ en ‘middenmoter’ leuk, maar populistisch vindt hij die wel, want een gemeente kan namelijk niet degraderen. Het zijn van middenmoter klinkt leuk, maar heeft geen enkele dekking. Sommige dingen kun je niet zomaar eerlijk verdelen over de gemeenten en over de regio's. In Nederland worden heel veel dingen niet eerlijk over de regio’s, dorpen en steden verdeeld. Er zijn ook regio's die minder cultureel erfgoed hebben, waardoor isolatie beter bereikbaar is. Er zijn regio's die meer kunnen opwekken dan Hilversum en deze nuance mist hij in de omgevingsvisie. Meer naar elkaar omzien en een veilige en groene omgeving zijn aanknopingspunten die hij herkent in de omgevingsvisie. HI20230201
21
De heer NANNINGA laat weten dat een ‘town’ in de Engelse taal kleiner dan een grote stad is, maar groter dan een dorp. ‘Town’ is afgeleid van het Germaanse woord ‘tun’, ofwel tuin. En tuinstad is precies wat Hilversum wil zijn, een stad groot genoeg voor voldoende voorzieningen, maar niet zo groot dat men wil inleveren op kwaliteiten als groen en de dorpse cultuur. De omgevingsvisie heeft dat wat hem betreft goed verwoord en doet ook recht aan de uitkomsten uit de participatie, waarin beide geluiden te horen zijn. Wel vindt hij dat duidelijker moet worden uitgewerkt wat dan precies het gewenste voorzieningenniveau inhoudt. Daarom steunt de ChristenUnie de amendementen A 23-10 van D66, de PvdA en motie M 23-15 van GroenLinks, de SP, de PvdA, Hart voor Hilversum en de VVD over het maatschappelijke voorzieningenniveau. Wat hem betreft worden in de omgevingsvisie religieuze voorzieningen in zijn geheel gemist. Zij zijn een belangrijk onderdeel van de fysieke ruimte. Te denken valt aan de monumentale kerken en andere gebouwen die Hilversum rijk is en die ook vaak een brede functie hebben, zoals voor de voedselbank of voor nieuwjaarsbijeenkomsten. Ze hebben ook een belangrijke maatschappelijke functie en zijn onderdeel van het sociale weefsel en de netwerken in Hilversum. Er worden allerlei initiatieven georganiseerd om elkaar te ontmoeten en verbinding te zoeken.
De gemeente heeft ook een taak om ervoor te zorgen dat ook religieuze voorzieningen een plek houden in het fysieke en sociale domein. Daarom dient hij samen met het CDA het volgende amendement in: Amendement A 23-14 ‘Religieuze voorzieningen horen er gewoon bij’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 1 februari 2023, behandelend de concept-omgevingsvisie’; overwegende dat: • religieuze voorzieningen en instellingen, zoals kerken, moskeeën, synagogen, tempels en allerlei daaraan verbonden organisaties en initiatieven, niet los kunnen worden gezien van het sociaal weefsel en de informele netwerken van de gemeente Hilversum; • religieuze voorzieningen in de omgevingsvisie en de omgevingsfoto niet zijn meegenomen en benoemd; besluit: beslispunt twee van het concept-raadsbesluit te wijzigen zodat deze als volgt komt te luiden: 2. Te oordelen dat de ontwerp-Omgevingsvisie en ontwerp-planMER voldoende zijn om vrij te geven voor inspraak en daarmee fase 3 van het bestuurlijk plan van aanpak af te ronden, met wijziging in de ontwerp-omgevingsvisie van het volgende: In paragraaf 4.9. onder ‘Sociaal weefsel’ de volgende tekst toe te voegen: ‘Religieuze voorzieningen en instellingen zijn onderdeel van het sociaal weefsel en de informele netwerken in Hilversum.
In toekomstig kaderstellend beleid van de gemeente Hilversum gaan we daarom expliciet aandacht geven aan religieuze voorzieningen en instellingen, zodat de bijdrage van deze voorzieningen in het fysieke en sociale domein ook op lange termijn kan worden gewaarborgd en gefaciliteerd.’” (Amendement A 23-14 van de ChristenUnie en het CDA) Het amendement is ingediend om ervoor te zorgen dat ook in toekomstig kaderstellend beleid voldoende aandacht wordt gegeven aan deze voorzieningen. Ten slotte is hij blij met de richting die wordt gegeven aan de mobiliteit in Hilversum. Hiermee wordt de onduidelijkheid die nog bestond in de mobiliteitsvisie nu in de omgevingsvisie helderder: meer ruimte voor de fiets en de voetganger, minder faciliteren van het privé autogebruik. Dit wordt een proces van jaren, omdat inwoners nog veel gebruik maken van de eigen auto en dat patroon moeilijk te veranderen is. Maar om nu een duidelijke richting te kiezen waar de gemeente heen wil is belangrijk. Dat mag van hem nog wel wat concreter gemaakt worden. Daarom steunt hij het oorspronkelijke amendement van GroenLinks voor het STOMP-principe. Maar dat is nu een beetje onduidelijk uitgangspunt geworden. Zelf dient hij nog een amendement in om de fietsbrug als deelmaatregel uit de omgevingsvisie te halen, omdat die maatregel bedoeld is om de doorstroming voor auto’s te verbeteren. HI20230201
22
Amendement A 23-13 ‘Geen fietsbrug’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 1 februari 2023, behandelend de concept-omgevingsvisie; overwegende dat: • in de raadscommissie van 29 september 2021 het verlengen van de ‘rechtsaffer’ richting Media Park in combinatie met de aanleg van een fietsbrug over het spoor parallel aan het viaduct op de Johannes Geradtsweg benoemd is als mogelijke terugvaloptie om de doorstroming van de auto op de Johannes Geradtsweg te verbeteren, indien het beter doseren van het autoverkeer geen oplossing biedt; • met de raad en bewoners is afgesproken dat er eerst onderzoek gedaan zou worden naar de haalbaarheid en doeltreffendheid van deze terugvaloptie alvorens daartoe verder te besluiten; • bij de raad en bewoners nog geen resultaten van dit onderzoek bekend zijn, waardoor de haalbaarheid en doeltreffendheid van deze maatregelen nog niet zijn aangetoond; • in de omgevingsvisie (paragraaf 4.3.4) de aanleg van de fietsbrug ten onrechte wordt genoemd als maatregel om de alternatieven voor de auto te verbeteren; • in de omgevingsvisie paragraaf 4.3.4. bij ‘Maatregel 5, overgang naar een duurzamer systeem van mobiliteit versnellen’ (pagina 59) staat: ‘Het aanleggen van grootschalige auto-infrastructuur, …, past niet bij deze mobiliteitstransitie.
Het geld kan beter worden besteed aan het bevorderen van andere vormen van vervoer en slim gekozen ‘mobiliteitshubs’ voor uitwisseling van personen- en goederenvervoer aan de randen van de stad.’ • het verlengen van de ‘rechtsaffer’ richting Media Park in combinatie met de aanleg van een fietsbrug kan worden gezien als ‘grootschalige auto-infrastructuur’; besluit: beslispunt twee van het concept-raadsbesluit te wijzigen zodat deze als volgt komt te luiden: 2. Te oordelen dat de ontwerp-omgevingsvisie en ontwerp-planMER voldoende zijn om vrij te geven voor inspraak en daarmee fase 3 van het bestuurlijk plan van aanpak af te ronden, met wijziging in de ontwerp-omgevingsvisie van het volgende: In paragraaf 4.3.4 onder maatregel 5.4 (pagina 58, deelmaatregelen om de alternatieven voor de auto te verbeteren) de volgende deelmaatregel te verwijderen: • het realiseren van een fietsbrug over het spoor parallel aan het viaduct op de Johannes Geradtsweg.” (Amendement A 23-13 van de ChristenUnie, D66, de SP, de PvdA en Democraten Hilversum) Met bewoners en de raad is afgesproken om eerst onderzoek te doen naar nut en noodzaak van de maatregel van een fietsbrug, voordat hiertoe echt besloten zal worden. De fietsbrug als maatregel noemen vindt hij daarom voorbarig en loopt op de zaken vooruit.
Samengevat vindt hij de omgevingsvisie in de basis goed, die gebalanceerd inzet op de tuinstad als toekomstvisie en die recht doet aan de uitkomst van de participatie, maar met een aantal benodigde aanscherpingen op het gebied van voorzieningenniveau en mobiliteit. Mevrouw VAN DE LINDE is het uit de participatie gebleken dat allen houden van Hilversum, waarbij de opbrengst naar haar mening goed vertaald is in de voorliggende omgevingsvisie. De VVD vindt het belangrijk te bouwen voor doorstroming met het dna van Dudok: bouwen in bestaande wijken op een manier die deze wijken sterker maakt, waar voldoende voorzieningen zijn en goede scholen. En zij was blij met de voorstellen van GroenLinks en D66 om deze visie op dit punt nog meer aan te scherpen. De VVD vindt het belangrijk dat Hilversum levendig en bruisend is, waar ondernemers kansen kunnen pakken en mensen een baan kunnen vinden, wat uiteindelijk de beste vorm van sociale zekerheid is. Hilversum zou een gezellig centrum moeten hebben, met winkels, uitgaans- en culturele voorzieningen, waarin wordt geïnvesteerd in meer groen, mooiere gevels, mooiere bestrating en in andere bedrijventerreinen, zoals Zuidwest en het arenapark. HI20230201
23
De VVD is ook heel blij met de natuur en het groen in Hilversum, maar vooral ook om Hilversum. Als het gaat om de hoeveelheid groen per inwoner telt voor haar ook de hei en het bos die vanuit zoveel wijken zo in te lopen zijn. En de VVD vindt het belangrijk dat de natuur om Hilversum ook toegankelijk blijft, want natuur is niet om naar te kijken, maar om in te wandelen, in plassen te stampen, in zandkuilen te springen of in bomen te klimmen. Het gaat om een gezonde omgeving die uitnodigt om te sporten en bewegen. De omgeving moet ook uitnodigen tot ontmoeten, wat eenzaamheid helpt tegengaan. Amendement A 23-14 van de ChristenUnie en het CDA over religieuze voorzieningen die erbij horen is voor de VVD-raadsleden een vrije kwestie. Persoonlijk zal zij dat amendement niet steunen, hoewel zij het goede werk van kerken en moskeeën waardeert. Er zijn echter ook tal van andere verenigingen en instanties die bijdragen aan het sociale weefsel, zoals serviceclubs en Hilversummers.nl. Aan mobiliteit besteedde zij in de commissievergadering uitgebreid aandacht, omdat zij in de concept-omgevingsvisie vooral een sterke wens zag om minder auto's op de Hilversumse straten te krijgen, zonder dat zij daar echt een concreet plan bij las. Alle trendonderzoeken laten geen dalende lijn zien. De trend is dat het autobezit licht stijgt.
Zij vindt het daarom van belang om met een realistische aanpak aan de slag te gaan om het aantrekkelijk te maken om voor een ander vervoersmiddel te kiezen. Dat vervoermiddel moet passend zijn bij de verschillen tussen de wijken. Daartoe diende zij samen met GroenLinks amendement A 23-19 in. Mevrouw WALTERS (wethouder) merkt op dat er veel participatie is geweest en een denkrichting is vastgesteld als basis voor de omgevingsvisie. Er is nu een breed stuk met een planMER opgeleverd. Nu is het tijd om te kijken of dat goed genoeg is om voor inspraak vrij te geven. Fracties konden aangeven welke punten zij nog wilden aanpassen voordat zij het stuk voor inspraak willen vrijgeven. Toegewerkt wordt naar een stadsgesprek op donderdag 9 maart a.s. en een inspraakronde en een wijzigingsnota, waarover voor de zomer wordt gesproken. Het gaat ook telkens tussen de ambitie en realisme. Daarover zijn er verschillende inzichten. Hart voor Hilversum heeft geen wijzigingsvoorstellen ingediend en vroeg of het college inwoners en participanten gaat informeren over de komende inspraakronde. Daarop antwoordt zij bevestigend. Met het schrijfbureau werkt zij aan het opzetten van die informatieronde, met duidelijke overzichten over waarover de omgevingsvisie gaat.
Het college is dus zeker gemotiveerd om zoveel mogelijk mensen te bereiken voor het stadsgesprek, maar ook om een zienswijze in te laten dienen. In de omgevingsvisie staat op bladzijde 63 dat een van de doelen van meedoen het waarborgen en versterken van de sociale veiligheid is. Daartoe is ook een aantal maatregelen uitgeschreven. Het college wil bijvoorbeeld aan functiemenging doen, zodat er levendigheid is op plekken, die de sociale veiligheid vergroot. Het college werkt ook aan het verkleinen van de verschillen. Daaraan is met het minimabeleid vanavond ook een flinke stap gezet. Ook dat vergroot het veiligheidsgevoel en het gevoel van meedoen. Ook het integraal veiligheidsplan werkt voor de sociale veiligheid, maar ook de uitvoeringsagenda vergunningen en handhaving. Niet alles zit dus in de omgevingsvisie , maar ook in andere stukken. D66 hield een mooi en positief betoog en is blij dat het illusielandschap blijft. Het college ziet in de participatie dat bouwhoogte een heel belangrijk onderwerp is. D66 zegt in amendement A 23-12 de bouwhoogte af en toe een beetje los te laten, wat het college niet zo vindt aansluiten bij wat uit de participatie is gekomen. Daarom ontraadt het college dat amendement. D66 vroeg een ander normering voor groen te bepalen dan een aantal vierkante meter per inwoner. De raad heeft onlangs over het groenbeleidsplan gesproken.
Daar staat per wijk in hoeveel openbaar groen er is. Daaraan kan men streefgetallen hangen en die richting zou men kunnen opgaan. Ook wil zij uit de inspraak vernemen wat inwoners van groen vinden en of zij op dat gebied verschillen per wijk zien. Met dat aspect kan dan iets in de nota van wijzigingen gebeuren. Het college adviseert positief op amendement A 23-10 van D66, de PvdA en de VVD over toekomstbestendig onderwijs in Hilversum. Democraten Hilversum vraagt zich af of Hilversum zoveel inwoners krijgt dat zij de dienstverlening niet meer aan kan. Die fractie gaat uit van een toename van 12.000 inwoners vanuit 6.000 nieuwe woningen, maar ondertussen gaat het aantal mensen dat in bestaande woningen woont omlaag. Het is dus de vraag of de bevolkingstoename wel 12.000 inwoners zal bedragen. HI20230201
24
Democraten Hilversum wil ook het tempo van bij te bouwen woningen doorzetten. De heer DOCTER vraagt of het de wethouder bekend is dat de gemiddelde woningbezetting in Hilversum juist toeneemt in plaats van afneemt. Mevrouw WALTERS (wethouder) ziet ook veel een- en tweepersoons huishoudens, zodat het niet duidelijk is dat de gemiddelde woningbezetting juist zou toenemen. Het huidige woningbouwtempo is 250 woningen per jaar en dat tempo gaat nog tot 2040 door. Het gaat dan om 4.500 woningen. De omgevingsvisie stelt een aantal van 6.000 te bouwen woningen voor. Er staan al 5.000 woningen in plannen, zodat die ook haalbaar zijn. 1.000 woningen komen terecht in bijvoorbeeld kantoorgebouwen of in bestaande stenen via woningsplitsing. Het college denkt dat gematigde groei van 6.000 woningen en vasthouden aan de hoogtes in de structuurvisie een prima richting is die ook in de participatie is meegegeven. Daarom ontraadt het college amendement A 23-03 van Democraten Hilversum, ‘Hoog of laag, dat is de vraag’. Zij snapt de zorg in amendement A 23-05 van Democraten Hilversum, ‘Bouw niet in de natuur’ over bouwen in de natuur. Dat wil het college ook niet helemaal dichtzetten, vanwege benodigde bedrijfswoningen of agrarische wensen. Het college ontraadt daarom dat amendement.
Wat betreft amendement A 23-04 van Democraten Hilversum, ‘Groen moet je doen’, lijkt het haar goed om te kijken welk percentage groen er in de wijken is en of er daar tot een norm te komen is. Een algemene norm voor heel Hilversum lijkt haar echter niet zoveel toevoegen, zodat zij dat amendement ontraadt. De heer DOCTER verzoekt de wethouder in te gaan op zijn opmerkingen over de groene schil rond Hilversum, waar het gebruik van geïntensiveerd wordt en die verwordt van natuur tot recreatie. Mevrouw WALTERS (wethouder) erkent dat er nu een groene schil met natuur is, maar waar nu ook al gerecreëerd wordt. Het GNR beslaat ook beide functies, natuur en openstelling voor publiek. Samen met het GNR wil zij in de volgende planning kijken hoe natuur en recreatie zo goed mogelijk kunnen samengaan. De heer DOCTER vraagt wat is bedoeld met de zinsnede dat het in de groene schil drukker zal worden, zodat het ergens anders rustig blijft. Mevrouw WALTERS (wethouder) licht toe dat er meer mensen zullen recreëren in de natuur direct om Hilversum heen. Af en toe moet het ook op een plek rustig zijn, wat ook in de omgevingsvisie staat. Hoe dat uitwerkt, moet de gemeente met het GNR bepalen. De SP vertelde dat naar inwoners luisteren nog niet zo simpel is, iedereen dat naar bester kunnen kan doen en vooral wordt gekeken naar het algemeen belang. Dat vindt zij goed uitgelegd.
In de omgevingsvisie gaat het deels ook over het sociaal domein, vanwege de voorzieningen en ontmoeten. GroenLinks had ook mooie woorden over waar Hilversum in de toekomst heen gaat. Amendement A 23-19 van GroenLinks en de VVD, over een wijkgerichte aanpak van mobiliteit en mobiliteitsmilieus, heeft het over een richting die al in de omgevingsvisie zit. Daar staat al in de rol van de auto een beetje terug te brengen en voetgangers en fietsers meer ruimte te geven. Zij bevindt zich wat betreft het advies over dat amendement in een dilemma. Het STOMP- en ABC-model zijn technisch van aard en de vraag is of die nodig zijn om nu in te voegen. Het is niet helder wat de consequenties van die modellen zijn. De heer VAN WAARDEN gaat het om twee te gebruiken principes in het ontwerpproces over gebieden. Zijn intentie is het 15 minuten loop- en fietsprincipe, zodat voorzieningen, centrum en natuur vlot en op veilige wijze te voet of per fiets te bereiken zijn. Mevrouw VAN DE LINDE heeft gekeken vanuit welke waarden naar de mobiliteitsontwikkeling wordt gekeken. Dat zijn de stip op de horizon van de 15-minutenstad en een wijkgerichte benadering om daartoe te komen. Mevrouw WALTERS (wethouder) concludeert dat het voor de raad een afweging is om de principes nu toe te voegen.
Zij zou graag in het stadsgesprek of in zienswijzen vernemen hoe mensen tegen het idee van een 15-minutenstad aankijken. Dat amendement laat zij dus aan het oordeel van de raad over. Het college is positief over motie M 23-15 van GroenLinks, de SP, de PvdA, Hart voor Hilversum en de VVD over een evenwichtig (maatschappelijk) voorzieningenniveau, omdat die voorzieningen beter in kaart kunnen worden gebracht. HI20230201
25
Het CDA ging met name in op het reëel zijn van de ambities, wat zij een goede afweging vindt. Benadrukt werd door die fractie dat de auto nodig blijft en die nuanceerde de hoge ambitie van de energietransitie. Het college is positief over amendement A 23-14 van de ChristenUnie en het CDA over erbij horende religieuze voorzieningen. In reactie op amendement A 23-13 van de ChristenUnie, D66, de SP, de PvdA en Democraten Hilversum, ‘Geen fietsbrug’, merkt zij op dat de coalitieafspraak is om voor doorstroming te gaan, ook wel voor het belang van de inwoners aan de Johannes Geradtsweg. Zij ontraadt dat amendement. De heer NANNINGA verzoekt de wethouder te reageren op het gegeven dat de tekst staat onder een kopje dat het een maatregel is om de alternatieven voor de auto te stimuleren. Mevrouw WALTERS (wethouder) heeft in de commissievergadering al toegegeven dat de maatregel bedoeld is voor doorstroming van auto’s. De fietsbrug is gericht op de doorstroming naar het Media Park en voor de inwoners van de Johannes Geradtsweg. De VVD gaf aan dat de participatie goed is verwoord en heeft gewezen op de wijkgerichte aanpak. De heer HELLER (wethouder) gaat in op motie M 23-02 van de PvdA en D66 over het Schone Lucht Akkoord. Vanwege gebrek aan personeel is het college nog niet aan dat onderwerp toegekomen.
Bij de voorjaarsnota is budget vrijgemaakt om per 1 januari capaciteit uit te breiden. De betreffende medewerker is per 1 februari gestart en is nu een voorstel aan het schrijven. Hij vraagt de motie aan te houden, temeer daar ondertekening van het akkoord onder andere behelst keuzes te maken uit acties. Er is een aantal verplichte acties, maar er zijn ook keuzes. Het kan ook zijn dat er financiële consequenties zijn. Een voorstel kan voor de zomervakantie besproken worden. Mevrouw KALK geeft daarop te kennen motie M 23-02 aan te houden. De heer HELLER (wethouder) gaat vervolgens in op motie M 23-09 van de SP en de PvdA over meer ambitie rond de energietransitie, een buitengewoon belangrijk onderwerp. Wat daarin is gevraagd wordt al gedaan of gaat het college doen. Er is een wijkaanpak, waarmee dit jaar 17.000 woningen worden bereikt. Er wordt gewerkt voor mensen met minder draagkrachtige inkomens, waartoe dit jaar het isolatiefonds wordt opgetuigd. Daarmee komt € 1,5 miljoen aan subsidies beschikbaar. Over twee weken vindt de commissiebespreking van het energiejaarplan plaats. De heer VONK blijkt uit de cijfers dat de gemeente nog veel te weinig doet, wat de planMER ook aangeeft. De heer HELLER (wethouder) deelt dat oordeel niet en daagt de heer Vonk uit om aan te geven aan welke knoppen het college nog meer moet draaien en wat het nu nog niet zou doen.
Concrete suggesties om meer te doen zijn altijd welkom. De VOORZITTER schorst de vergadering om 22.05 uur. Schorsing. De VOORZITTER heropent de vergadering om 22.20 uur. De heer VAN WAARDEN is er onder andere door de heer Deen op gewezen dat het technisch gezien beter is om van motie M 23-15 over een evenwichtig (maatschappelijk) voorzieningenniveau een amendement te maken, omdat dan de tekst in de concept-omgevingsvisie ter inzage komt te liggen, waardoor men daar wat van kan vinden. Zijn voorstel is om die motie dus te veranderen in amendement A 23 15 De tekst daarvan wordt : Amendement A 23-15 ‘Een evenwichtig (maatschappelijk) voorzieningenniveau’ “De raad van de gemeente Hilversum in vergadering bijeen op 1 februari 2023, besprekende de Concept-omgevingsvisie Hilversum 2040; constaterende dat: HI20230201
26
•
er in de concept-omgevingsvisie (paragraaf 4.4.4 en 4.9) geen richtinggevende normen zijn gegeven voor de (maatschappelijke) voorzieningen; • de omgevingsvisie de basis is voor de uitwerking van gebiedsprogramma’s waarin per wijk gekeken wordt wat nodig is (maatwerk), overwegende dat: • voldoende - en bereikbare - (maatschappelijke) voorzieningen van groot belang zijn voor de leefbaarheid van wijken, de gezondheid en kwaliteit van leven van alle inwoners (denk hierbij aan onderwijsvoorzieningen, zorgvoorzieningen, welzijn voorzieningen, sport voorzieningen, cultuurvoorzieningen en religieuze voorzieningen); op bladzijde 67 van de omgevingsvisie paragraaf 4.4 punt 6 bij de tweede bullet, waar over het voorzieningenniveau gesproken wordt met de volgende vragen, richtinggevende normen te ontwikkelen per maatschappelijke voorziening. Deze richtinggevende normen in de omgevingsvisie op te nemen met als basis voor maatwerk in de gebiedsagenda’s; het voorzieningenniveau en de bereikbaarheid van de voorzieningen periodiek te evalueren en maatregelen te nemen indien nodig.” (Amendement A 23-15 van GroenLinks, de SP, de PvdA, Hart voor Hilversum en de VVD) Mevrouw WALTERS (wethouder ) denkt dat het wel correct is om die woorden in de tekst van de concept-omgevingsvisie op te nemen, zodat daarover bij de inspraak zienswijzen kunnen worden ingediend.
Zij gaat er dus mee akkoord om de motie in een amendement om te zetten. De heer GROENEVELD legt mede namens de heer Eerenberg een stemverklaring af en stemt voor het vrijgeven van de omgevingsvisie voor inspraak. Hij kan het stuk op hoofdlijnen steunen. Om deze redenen stemt hij tegen alle ingediende moties en amendementen. Dat is een principiële keuze aangaande het participatieproces en niet op de inhoud van de moties en amendementen. Wat hem betreft zijn de inwoners van Hilversum nu aan zet om eventuele zienswijzen in te dienen en dan komt de raad later in positie. De heer DE JONG steunt amendement A 23-19 van GroenLinks en de VVD over een aanpak van mobiliteit en de mobiliteitsniveaus, vanwege de wijkgerichte aanpak. Met amendement A 23-13 van de ChristenUnie, D66, de SP, de PvdA en Democraten Hilversum, ‘Geen fietsbrug’, gaat hij niet akkoord. De beantwoording van de wethouder daarover sluit volledig aan bij de stemverklaring van het CDA. Alles wat doorstroming bevordert juicht het CDA toe. Amendement A 23-03 van Democraten Hilversum, ‘Hoog of laag, dat is de vraag’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 4 tegen 32 stemmen verworpen, met de stemmen van Democraten Hilversum en BVNL voor.
Amendement A 23 12 van D66, ‘Beperk Hilversum niet’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 9 tegen 27 stemmen verworpen, met de stemmen van D66 en de PvdA voor. Amendement A 23-05 van Democraten Hilversum, ‘Bouw niet in de natuur’, wordt bij handopsteken in stemming gebracht en met 4 tegen 32 stemmen verworpen. Amendement A 23-04 van Democraten Hilversum, ‘Groen moet je doen’, wordt bij handopsteken in stemming gebracht en met 7 tegen 29 stemmen verworpen. Amendement A 23-10 van D66, de PvdA en de VVD, ‘Toekomstbestendig onderwijs in Hilversum’, wordt bij handopsteken in stemming gebracht en met 28 tegen 8 stemmen aangenomen. HI20230201
27
Amendement A 23-13 van de ChristenUnie, D66, de SP, de PvdA en Democraten Hilversum, ‘Geen fietsbrug’ wordt bij handopsteken in stemming gebracht en met 15 tegen 21 stemmen verworpen, met de stemmen van D66, Democraten Hilversum, de SP, de PvdA en de ChristenUnie voor. Amendement A 23-19 van GroenLinks en de VVD, ‘Stip aan de horizon: wijkgerichte aanpak mobiliteit en mobiliteitsmilieus’, wordt bij handopsteken in stemming gebracht van 25 tegen 11 stemmen aangenomen. Amendement A 23 14 van de ChristenUnie en het CDA, ‘Religieuze voorzieningen horen er gewoon bij’, wordt bij handopsteken in stemming gebracht en met 16 tegen 20 stemmen verworpen, met de stemmen van de ChristenUnie en het CDA voor. Amendement A 23-15 van GroenLinks, de SP, de PvdA, Hart voor Hilversum en de VVD, ‘Een evenwichtig (maatschappelijk) voorzieningenniveau’, wordt bij handopsteken in stemming gebracht en met 30 tegen 6 stemmen aangenomen. Motie M 23-09 van de SP en de PvdA, ‘Meer ambitie rond de energietransitie’, wordt bij handopsteken in stemming gebracht en met 13 tegen 23 stemmen verworpen. Het geamendeerde voorstel van burgemeester en wethouders wordt bij handopsteken in stemming gebracht en met 33 tegen 3 stemmen aangenomen. 10
PROGRAMMA VAN EISEN BUITENRUIMTE STATIONSGEBIED
De VOORZITTER laat weten dat met de vaststelling van de uitvoeringsnota in 2021 het project Stationsgebied de realisatiefase is ingegaan. Een onderdeel daarvan is het ontwerp en de aanleg van openbare ruimte. Het plan wordt in delen uitgevoerd. Om ervoor te zorgen dat de deelonderwerpen voldoen aan de verwachtingen van de raad en andere stakeholders is een programma van eisen opgesteld. Hieraan worden de ontwerpen getoetst. Het doel van het voorliggende voorstel is om door de vaststelling van het plan van eisen kaders te stellen voor de vaststelling van ontwerpen door het college. In de commissievergadering van 12 januari jl. achtten de aanwezige woordvoerders het voorstel rijp voor behandeling door de raad met debat. De woordvoerders gaven aan dat ze zich over amendementen zouden beraden, bijvoorbeeld over het toevoegen van speelelementen in de openbare ruimte. Hij geeft het woord aan de heer Lahaise voor het houden van diens maidenspeech. De heer LAHAISE vindt het een hele eer in het prachtige raadhuis te mogen spreken. De meesten kennen hem al als een PvdA’er met grote interesse in media, cultuur, architectuur, ruimte en verkeer. Wat het laatstgenoemde onderwerp betreft voelt hij zich in het dorp extra uitgedaagd. Hilversum is een mediastad én een autostad. Als liefhebber van auto's en motoren zegt hij dat zonder verbetenheid.
De PvdA doet niet aan autootje pesten, maar van een sociaaldemocraat mag men wel eisen dat hij niet het recht van de sterkste of de snelste dient, maar dat van de zwakste, de voetganger, de OV-reiziger, het spelende kind, de gehandicapte en de fietser. Voor zijn eerste bijdrage als Hilversums raadslid liet hij zich inspireren door ‘Het recht van de snelste’ van Thalia Verkade en UvA-planoloog en fietsprofessor Marco te Brömmelstroet. Deze uitgave van De Correspondent vindt hij een aanrader voor wie een mooier, groener, relaxter, gezonder en veiliger Hilversum wenst. Het is een boek vol nieuwe en in menig gemeente overigens al ingeburgerde verkeersinzichten. Het STOMP-principe is hij daar trouwens niet in tegengekomen. De PvdA is best enthousiast over het plan van eisen voor het Stationsgebied. Hilversum zal eindelijk de entree krijgen die de mediastad verdient, maar hij ziet ook enkele gemiste kansen. Die kansen zijn de raad wel voorgehouden als topeis, zoals het verbinden van het Stationsgebied en Oost met het HI20230201
28
centrum. Die verbinding moet uiteraard plaatsvinden voor de voetganger en voor de fietser vanuit Oost. Dus stoort hem de asfaltautogoot die gewoon terugkeert, al is het in een ander kleurtje, alsof er geen nieuwe verkeersinzichten zijn. Er komen ook nog twee fietspaden aan weerszijden tussen toekomstige hoogbouw. Alsof Hilversum als ongeveer enige gemeente straks zegt: welkom automobilist en fatbiker in het stadshart, racet u maar lekker. Er komen stoplichten of in jargon vri’s, maar het zijn weer de voetgangers die moeten oversteken in plaats van andersom. Het kan ook anders en die mogelijkheid wil de PvdA openhouden. Daarom dient hij samen met de ChristenUnie, de SP en Democraten Hilversum het volgende amendement in: Amendement A 23-07’Voetganger op de eerste plaats’ “Met het vaststellen van het Plan van Eisen (PvE) ‘Buitenruimte Stationsgebied’ biedt de raad het college het definitieve ontwerp voor de Schapenkamp (deelontwerp 1) aan. Deze set ‘harde generieke eisen’ vormt de basis voor het ontwerpproces. De raad neemt met het vaststellen van de PvE en de daarin verwoorde ‘top-eisen’ zijn kaderstellende rol. De raad maakt een keuze voor de toekomst. Er is spanning tussen de top-eisen nr. 1, 2, 6 en 8. M.n.
een ‘duurzame en veilige’ doorstroming van voetgangers, inclusief gehandicapten en blinden/slechtzienden, laat zich niet aflezen van een geasfalteerde Schapenkamp met vrij liggende fietspaden zoals in de profielschetsen. Voetgangers steken over bij de drie ingetekende oversteekplaatsen ter hoogte van de Spoorstraat, Leeuwenstraat en Stationsstraat, ‘mogelijk ’voorzien van een vri (verkeerslicht). In plaats van ‘een goede ruimtelijke en functionele verbinding (…) tussen het station en het centrum (fysiek en visueel)’, zoals verwoord in de eerste eis, lijkt doorstroming van het doorgaande zuid-noord, centrum doorstekend autoverkeer in deze asfaltinrichting voorop te staan. Actuele verkeerskundige inzichten suggereren dat verbeterde doorstroming van autoverkeer juist een verkeersaantrekkende werking kan hebben, met effecten op de veiligheid, de luchtkwaliteit1 en de geluidsoverlast. Dit zal zeker het geval zijn wanneer de binnenring als geheel 50 km blijft. Het optrekken van stoplicht naar stoplicht zal dat effect versterken, zeker buiten de spits. Een op doorstroming autoverkeer afgestemde afstelling van de vri’s zal leiden tot een gemiddeld hoge snelheid, waar het juist de intentie is om Stationsgebied en Centrum te verbinden en tot een aangenaam en veilig verblijfsgebied te maken.
Dat geldt ook voor een 30 km-tracé tussen Spoorstraat en Stationsstraat, gelet op de almaar zwaarder worden auto’s.2 Een recept voor onveiligheid, zeker met de beoogde en verwachte toename van het langzaam verkeer in het nieuwe Stationsgebied.3 Het alternatief ligt voor de hand: laat niet de voetganger oversteken om van het station naar het centrum te geraken, maar het snelverkeer, inclusief de steeds sneller wordende fietser/e-biker. En daarom, dit alles overwegende, dient de PvdA het volgende amendement in: “De raad van de gemeente Hilversum in vergadering bijeen op 1 februari 2023 behandelende het agendapunt 10, Programma van eisen openbare ruimte Stationsgebied, besluit: beslispunt twee van het concept-raadsbesluit te wijzigen zodat deze als volgt komt te luiden: 2. Het programma van eisen (pve) voor de buitenruimte in het Stationsgebied vast te stellen, met dien verstande dat daarin het volgende wordt gewijzigd: 1. In top-eis 6 wordt: Een duurzame en veilige doorstroming van alle verkeersdeelnemers en een heldere (herkenbaar, duidelijk en logisch) routing en indeling van de openbare ruimte realiseren. gewijzigd in: Een duurzame en veilige doorstroming van met name voetgangers en fietsers via een heldere (herkenbaar, duidelijk en logisch) routing en indeling van de openbare ruimte realiseren. HI20230201
29
2.
Bij de profiel-impressies Schapenkamp wordt een derde variant toegevoegd waarin tussen Spoorstraat en Stationsstraat een plateau is ingetekend als gelijkvloerse oversteek van het Stationsgebied naar het centrum. 3. Op pagina 10 onder ‘Verkeer’ en ‘wegen’ wordt: Voor de centrumring is gekozen voor asfalt. gewijzigd in: Voor de centrumring is gekozen voor asfalt, met uitzondering van de overgang tussen Stationsgebied en centrum tussen Spoorstraat en Stationsstraat. 4. Op pagina 11 onder ‘voetganger’ wordt: Er komen mogelijk drie oversteekplaatsen voorzien van een vri (Spoorstraat, Leeuwenstraat en Stationsstraat wordt nog onderzocht). gewijzigd in: Er komen mogelijk drie oversteekplaatsen voorzien van een vri (Spoorstraat, Leeuwenstraat en Stationsstraat wordt nog onderzocht) of één brede vanaf Spoorstraat tot Stationsstraat.” (Amendement A 23-07 van de PvdA, de ChristenUnie, de SP en Democraten Hilversum) 1 2 3
Zie o.a. https://www.infomil.nl/onderwerpen/luchtwater/luchtkwaliteit/@98630/verkeersaantrekkende/ Zie o.a. https://www.verkeersnet.nl/verkeersveiligheid/1392/zware-autos-veilig-vooreigen-bestuurder-onveilig-voor-anderen/ (Bio)mechanica impliceert dat rijsnelheden zijn afgestemd op kwetsbare verkeersdeelnemers zoals voetgangers en fietsers. Waar kwetsbare verkeersdeelnemers mengen met zwaar gemotoriseerd verkeer (in verblijfsgebieden en op kruispunten) is de rijsnelheid maximaal 30 km/uur, omdat de kans op een dodelijke afloop van een ongeval sterk toeneemt bij een botssnelheid vanaf circa 30 km/uur [7]. Op kruispunten waar voetgangers en fietsers zwaar gemotoriseerd verkeer kunnen ontmoeten, is de snelheid idealiter dus maximaal 30 km/uur. Dit is bijvoorbeeld af te dwingen met kruispuntplateaus [8] of rotondes (zie SWOV-factsheet Rotondes). Op 50km/uur-wegen moeten voetgangers en fietsers daar dus met voetpaden en fietspaden fysiek gescheiden worden van het gemotoriseerd verkeer. Oversteken gebeurt op kruispunten omdat op de wegvakken de rijsnelheid te hoog is. Door de ligging van belangrijke looproutes en hoofdfietsroutes kan er ook binnen wegvakken van 50km/uurwegen behoefte zijn aan oversteekplaatsen. Volgens de Uitvoeringsvoorschriften BABW mogen er binnen de bebouwde kom zebrapaden zijn op wegen met een maximumsnelheid van 30 km/uur of 50 km/uur.
Vanwege de risico’s door hoge rijsnelheden op wegvakken, bevelen de ASVV en andere CROW-publicaties [9] [10] [11] aan om een zebrapad alleen toe te passen onder bepaalde condities (bijvoorbeeld alleen als er relatief veel voetgangers oversteken) en met aanvullende maatregelen (bijvoorbeeld het verlagen van de snelheid van het gemotoriseerde verkeer ter hoogte van de oversteekplaats naar maximaal 30 km/uur met bijvoorbeeld een plateau). Binnen 30km/uur-zones worden zebrapaden in beginsel niet toegepast omdat bij een geloofwaardige inrichting overal binnen de zone veilig overgestoken zou moeten kunnen worden. Bron: https://swov.nl/nl/factsheet/infrastructuurvoor-voetgangers-en-fietsers
De PvdA dient ook een motie in over de fietsenstalling. Daarin vraagt hij om een haalbaarheidsonderzoek naar het vergroten en doortrekken van de ondergrondse fietsenstalling naar de oostzijde van het Station. Twee hoofdentrees zullen ook de verkeersafwikkeling aan de centrumzijde ten goede komen. Hilversum-Oost, oftewel de helft van de Hilversumse bevolking, verdient volgens hem een gelijkwaardige oplossing, zeker met alle extra drukte die dit stadsdeel en het Oosterspoorplein nog staat te HI20230201
30
wachten. Stationsgebied en Oosterspoorplein staan niet los van elkaar. Ze zijn wat ons betreft communicerende vaten. Motie M 23-11 ‘Extra ingang fietsenstalling oostzijde’ Met het vaststellen van het Plan van Eisen (PvE) ‘Buitenruimte Stationsgebied’ biedt de raad het college het ontwerp voor de inrichting van het Stationsgebied aan, inclusief de toegang tot de ondergrondse fietsenstalling voor 5.000 fietsen. Deze bevindt zich aan de centrumzijde van het station. Minstens de helft van de treinreizigers die met de fiets naar het station komen woont echter in Oost. Dat is dagelijks te zien aan de grote hoeveelheid, vaak lukraak neergezette fietsen op het Oosterspoorplein. Uitbreiding van Oost (o.a. Hunkemöller, Philips en Anna’s Hoeve) voorspelt een forse toename van het aantal reizigers uit dat deel van Hilversum. Een extra gebouwde fietsenstalling op het plein biedt op de lange termijn wellicht enige soelaas, maar of zo’n gebouwde stalling voor slechts 2.000 fietsen op het plein zal bijdragen aan de gewenste kwaliteitsslag aan die kant van het station is zeer de vraag. Fietsers uit Oost naar de ondergrondse stalling aan de centrumzijde dirigeren, zal een flinke extra druk geven op de fietstunnel en op de verkeersstroom in het Stationsgebied.
En daarom, dit alles overwegende, dient de PvdA de volgende motie in: “De raad van de gemeente Hilversum in vergadering bijeen op 1 februari 2023 behandelende het agendapunt 10, Programma van eisen openbare ruimte Stationsgebied; verzoekt het college 1. te onderzoeken of het technisch haalbaar is om ook aan de oostzijde van het station een toegang te maken tot de toekomstige ondergrondse fietsenstalling; 2. hierin de optie mee te nemen om de ondergrondse fietsenstalling uit te breiden tot voldoende capaciteit om forenzen uit centrum en oost te laten stallen.” (Motie M 23-11 van de PvdA) De heer EERENBERG heeft nog wat openstaande zorgpunten. Wat betreft de verbinding voor onder andere voetgangers tussen Station en het centrum stelt de wethouder gekleurd asfalt voor. Hij vraagt een toelichting op het verwachte effect daarvan bij het oversteken van voetgangers. Graag wil hij ook een harmonische uitstraling en materiaalkeuze, zodat de verbinding tussen het Station en het centrum wordt bevestigd. Hart voor Hilversum is indien mogelijk voorstander van een 30 km-zone op de Schapenkamp. Hij vraagt of het college die zal onderzoeken en wanneer het de raad over de resultaten denkt te informeren. In het plan van eisen zit een aantal belangrijke deelontwikkelingen.
De uitwerking is de bevoegdheid van het college, maar de Hilversummer wil naar zijn mening graag betrokken blijven bij de dilemma's en de afwegingen om tot een goede keuze te komen. Graag hoort hij daarom van de wethouder hoe die die betrokkenheid van bewoners wil invullen. Wat betreft amendement A 23-07 onderschrijft Hart voor Hilversum het belang van de verbinding tussen het Station en het centrum. Het risico van het amendement is echter dat er straks misschien een lange file met auto's staat. Dat lijkt hem nu niet de oplossing. Hij sluit niet uit dat er in de toekomst anders tegen auto's in de binnenstad aan wordt gekeken, waardoor het amendement toch actueel. Op dit moment steunt Hart voor Hilversum het amendement niet. Motie M 23 11 over de ingang van de fietsenstalling aan de oostzijde noemt hij qua planvorming een beetje een gepasseerd station. Aan de oostzijde blijft er ruimte over voor het fietsparkeren. Niet alle inwoners van Oost gaan via de fietstunnel, maar komen ook via de Kleine Spoorbomen. Hij wacht vooralsnog de toelichting van de wethouder op deze motie even af. De heer VAN WAARDEN ziet met het raadsvoorstel dat de gemeente zorgt voor een hoogwaardige inrichting van het Stationsgebied. Het materialisatieplan ziet er zeer veelbelovend uit, wat hem als architect enorm aanspreekt.
Het programma van eisen zorgt voor een onderlinge samenhang tussen de verschillende deelontwerpen. De wethouder is naar aanleiding van een GroenLinks-motie, ingediend bij HI20230201
31
het voorstel tot het vaststellen van het bestemmingsplan Stationsgebied, bezig met het onderzoeken van de GOW30, een maximumsnelheid van 30 kilometer per uur voor auto's voor delen van de Centrumring. Hij verneemt graag de stand van zaken daaromtrent. Die snelheid vergroot de veiligheid. GroenLinks vindt de intentie van amendement A 23-07 glashelder, maar steunt dat niet. Dat er verkeerskundig een oversteek van de Centrumring komt is de afgelopen jaren vastgelegd in het stedenbouwkundig en het bestemmingsplan. Veiligheid en toegankelijkheid zijn voor alle verkeersdeelnemers van groot belang en zeker voor de meest kwetsbare groepen van het langzaam verkeer. Snelheidsverlaging naar 30 km per uur lijkt GroenLinks daarom essentieel, in combinatie met een goede afstelling van de stoplichten en de zorgvuldige inrichting van de oversteek. Over de voorgestelde klinkers vraagt hij zich af of die geschikt zijn, omdat asfalt meestal stiller dan klinkers is. De oproep in het amendement dat de oversteek maximaal veilig en toegankelijk moet zijn deelt hij uiteraard en hij hoort graag de reflectie van de wethouder daarop. Amendement A 23-08 van de SP, de VVD en de ChristenUnie over sporten en spelen steunt GroenLinks. De heer LAHAISE is zeker voor een maximumsnelheid van 30 kilometer per uur, het liefst in de hele stad.
De route van de Schapenkamp rijdt hij vaak en daar merkt hij niet veel momenten dat automobilisten harder dan die snelheid kunnen rijden, omdat er voortdurend mensen oversteken. Hij vraagt zich dus af wat die snelheid toevoegt aan de oversteekplaats tussen het Station en het centrum. De heer VAN WAARDEN weet dat duidelijk is aangetoond dat een maximumsnelheid van 30 km per uur voor veiligheid en minder geluid zorgt. Dat gaat om evidente voordelen. De inregeling van de stoplichten moet wat GroenLinks zodanig zijn dat er in de spits goede doorstroming van de auto’s is en dat op de rustiger momenten de voetganger veilig kan oversteken. De heer LAHAISE stelt vast dat zijn vraag niet is beantwoord. Die vraag luidde wat een 30 kmregime wezenlijk verandert aan de veiligheid op dat deel van de Schapenkamp, waar sowieso niet harder gereden kan worden dan 15 à 30 km per uur. De heer VAN WAARDEN deelt die stelling niet en ziet er regelmatig mensen harder dan die snelheid rijden. Met 30 km per uur is de remweg overigens de helft van de remweg bij een snelheid van 50 km per uur. De heer GÖBBELS neemt de raad mee terug in de tijd. Bij de herinrichting van het marktplein werd met de raad in twee sessies gesproken over het voorlopig en over het definitieve ontwerp. De raad gaf als uitgangspunt mee de wens voor een groen besloten plein met de sfeer van de het Haagse Lange Voorhout.
Het eerste ontwerp stelde teleur: onderhoudsarme betonnen bankjes, stalen lichtmasten en een wirwar van kleurlijnen in de bestrating. Wel positief waren de groene wanden en de fontein. De input voor verbeteringen vanuit de commissie werd verwerkt in het daarna gepresenteerde definitieve ontwerp. Er verschenen houten banken en lichtmasten en de natuurstenen bestrating werd in een patroon gelegd dat het grote plein probeert te structureren. Maar op de groene wanden was een aanslag gepleegd. De raad greep bij amendement in om het toch nog iets groener te maken en hechtte het bestaande brinkje op de kop van de Groest aan het ontwerp. Tevens werd voorgesorteerd op een beeldhouwwerk in het midden van de fontein in de zichtas van de Groest. Zo kwam het definitieve ontwerp tot stand. Het illustreert het belang om als raad betrokken te zijn bij belangrijke plekken in de openbare ruimte en die niet af te doen als details. Daarom dient hij amendement A 23 16 in, ‘Ode aan de openbare ruimte’. Amendement A 23-16 ‘Ode aan de openbare Ruimte’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 1 februari 2023, behandelend agendapunt 10, 'Programma van eisen buitenruimte Stationsgebied'; overwegende dat: - de openbare ruimte van en voor iedereen is en de inrichting de hele gemeenschap aangaat; -
HI20230201
het Stationsgebied een belangrijk entreepunt voor de stad is;
32
-
-
-
het definitief ontwerp daarom niet als detail kan worden aangemerkt maar deel is van de kaderstelling; het aangevoerde argument van 'tijd' om het Definitieve Ontwerp (DO) door burgemeester en wethouders te laten vaststellen geen tijdswinst oplevert omdat het proces bij burgemeester en wethouders net als bij de raad drie maanden duurt; ook anderszins blijkt dat majeure vertraging in het proces volgt uit procedures bij de Raad van State, en niet door de behandeling in de gemeenteraad; het college gemeld heeft het stationsgebied als vetrekpunt te willen gebruiken voor de volledige herinrichting van het centrum waarover evenmin overeenstemming en afstemming bestaat; de geformuleerde programma-eisen mede afkomstig zijn uit de handboeken met betrekking tot de openbare ruimte, waaronder het 'Handboek Inrichting Openbare ruimte, november 2008, waarvan het college aangeeft dit te moeten aanpassen voor de delen Koninginneweg/Schoolstraat/Langgewenst;
constaterend dat: - de handboeken met betrekking tot de openbare ruimte als geheel al sinds vele jaren geactualiseerd dienen te worden; -
de te actualiseren handboeken kaderstellende documenten zijn die door de raad vastgesteld dienen te worden;
-
de raad de Uitvoeringsnota Stationsgebied (2021) heeft vastgesteld waarin het proces is vastgesteld ten aanzien van de vaststelling van deelontwerpen van de openbare ruimte;
besluit: beslispunt 1 te schrappen: ‘Het in de Uitvoeringsnota Stationsgebied (2021) afgesproken proces ten aanzien van de vaststelling van deelontwerpen van de openbare ruimte als volgt aan te passen: de kaders worden de raad vastgelegd in een programma van eisen, deelontwerpen worden vastgesteld voor het college.” (Amendement A 23-16 van Democraten Hilversum) De heer VONK wordt niet echt vrolijk als hij nu langs het Station rijdt, zodat het goed is dat er daar iets gebeurt. De SP vindt nog steeds dat er heel veel geld uit wordt gegeven aan heel veel projecten tegelijk. De gemeente neemt heel veel hooi op haar vork, waarmee hij moeite heeft. Het project is daarvan een voorbeeld. Toch steunt hij het programma van eisen, maar dient wel een amendement in om als het enigszins kan wat speelplekken toe te voegen.
Amendement A 23-08 ‘Sporten, spelen, ja natuurlijk!’ “De gemeenteraad van Hilversum, in vergadering bijeen op 1 februari 2023, behandelend het Programma van eisen buitenruimte Stationsgebied; constaterende dat: • er straks veel woningen worden gebouwd rond het Station; • er weinig tot geen speel- en sportmogelijkheden zijn in het centrum; • er in dit plan van eisen ook geen sport – en speelgelegenheden worden toegevoegd; overwegende dat: • kinderen recht hebben op veilige speelplekken in iedere buurt1; • sporten en bewegen belangrijk is2; besluit: beslispunt 2 van het concept-raadsbesluit te wijzigen, zodat deze als volgt komt te luiden: HI20230201
33
Het programma van eisen (pve) voor de buitenruimte in het Stationsgebied vast te stellen, met dien verstande dat op pagina 10 bij sport- en spelvoorzieningen: ‘Niet van toepassing. Er komen wel zitelementen’ wordt gewijzigd in: ‘In het hele Stationsgebied gaan we alles in het werk stellen om enige sport- en spelvoorzieningen te realiseren. Dit kan door het plaatsen van kleine speeltoestellen maar ook door sport- en spelmarkeringen op de grond en door creatief gebruik van wanden en groen.’” (Amendement A 23-08 van de SP, de VVD en de ChristenUnie) 1 2
https://www.kinderrechten.nl/kinderrecht/alle-kinderrechten/?c=artikel-31-spelen-en-vrijetijd https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/sport-en-bewegen/sport-bewegen-engezondheid
Het Stationsgebied wordt straks weer een woonwijk, waar ook kinderen zullen wonen. In het centrum zijn er eigenlijk bijna geen mogelijkheden voor spelen. Die mogelijkheden wil hij wel realiseren. Mevrouw DURLACHER voerde met de heer Vonk’s collega Verweij in de commissievergadering een mooi debat over wipkippen. BVNL is ook voorstander van leuke en kleine ontmoetings- en speelplekjes. Zij wil echter graag horen hoe dat binnen het centrum is bedacht. Het is daar namelijk aanlokkelijk om die te slopen. De heer VONK reageert dat speelplekken veel verder dan wipkippen gaan, een woord waarvan hij overigens niet echt vrolijk wordt. Ook op een plat vlak kun je door middel van lijnen mensen uitnodigen tot beweging. Wanden kan men benutten voor klimmogelijkheden. Kinderen vinden de vrolijke blubberlijnen bij het Station prachtig en gaan ze volgen. In het gebied komen straks ook kinderen te wonen. De SP steunt amendement A 23-16 van Democraten Hilversum over zeggenschap van de raad over het definitief ontwerp. De SP gaat zich echter niet bemoeien met elke stoeptegel, maar wel met blindegeleidelijnen en het goed aanbrengen daarvan. De motie en het amendement ingediend door de PvdA vindt hij ook prima, teneinde de voetganger iets meer ruimte te geven. De heer WESTERNENG brengt naar voren dat zijn fractie heeft besloten dat hij daarover het woord zou mogen voeren.
Reden daarvoor was het heel goede idee in amendement A 23-08 over uitnodiging tot bewegen. De overige amendementen en de motie steunt de VVD niet. De heer SCHEEPERS (wethouder) wijst erop dat de raad in september 2021 kaderstellend topeisen heeft vastgesteld in de nota van uitgangspunten. Doorstroming voor alle vervoersmodaliteiten is altijd een belangrijk uitgangspunt geweest bij alle plannen voor het Stationsgebied. De hier gekozen constructie zorgt voor veiligheid voor alle typen vervoer en voor doorstroming. Het voordeel van doorstroming op de Schapenkamp is minder uitstoot. De combinatie van slimme verkeerslichten maakt dat het voor alle verkeersdeelnemers veiliger is, ook voor fietsers en voetgangers. De Fietsersbond ziet de vrij liggende fietspaden als een grote plus voor de fietsers in Hilversum. Een plateau van de Spoorstraat tot aan de Stationsstraat zou dusdanig lang zijn dat het door automobilisten niet meer als plateau wordt ervaren, maar als een verlenging van de weg. En dan gaat het veiligheidseffect verloren. Het inrichten met een andere kleur asfalt zorgt ervoor dat automobilisten zich in een andere omgeving wanen, wat tot ander gedrag en meer voorzichtigheid leidt. Er wordt nu gekozen voor drie oversteekplaatsen. Het omvormen tot één oversteekplaats wordt dan niet veiliger.
Bij gebruik van ander materiaal dan asfalt zijn de geluidsberekeningen niet meer geldig, omdat klinkers meer herrie veroorzaken. De zorg om langzame verkeersgebruikers is dus in het plan vervat. Hij ontraadt amendement A 23087van de PvdA, de ChristenUnie, de SP en Democraten Hilversum, ‘Voetganger op de eerste plaats’. HI20230201
34
De heer LAHAISE wijs op het probleem met de fietspaden dat voetgangers straks drie keer zullen moeten oversteken, namelijk tweemaal een fietspad en eenmaal een rijbaan. Hij is bang voor een voortdurend conflict en heeft daarom voorgesteld de stroom fietsers en voetgangers vanuit het Station naar het centrum voorrang te geven. De praktijk leert dat de beste remedie tegen files files zijn. De heer SCHEEPERS (wethouder) denkt dat de voorliggende plannen leiden tot grotere veiligheid voor fietsers en fietsers en voetgangers, omdat zal worden gewerkt met goed ingeregelde, moderne verkeerslichten die rekening houden met de verkeersstromen. Voetgangers en fietsers die vanuit het Station komen, kunnen straks veilig en met ruime tijd oversteken. Amendement A 23-11 van de PvdA over de extra ingang van de fietsenstalling aan de oostzijde van het Stationsplein vindt hij ingewikkeld. Er was discussie over de locatie van de fietsenstalling, de ingang daarvan en hoe de tunnel zich verhoudt tot de ingang van de fietsenstalling. Die discussie is uitgebreid door de raad gevoerd. Alles is buitengewoon grondig uitgezocht en dat wil hij niet nog een keer doen. Bovendien gaat het om een programma van eisen voor de openbare ruimte en niet over een fietsenstalling in Oost. Dat amendement ontraadt hij daarom met klem. De heer Eerenberg noemde de harmonisatie van de materiaalkeuze.
Als mensen uit het Station komen hebben ze straks het gevoel tot aan de Kerkbrink in het centrum te zijn. Het onderzoek naar GOW30 loopt en hij verwacht in de tweede helft van dit jaar met uitslagen te kunnen komen. De heer Eerenberg vroeg naar het betrekken van de raad. Met het voorstel is er een duidelijk kader waarmee de ontwerpen uit te werken zijn. Als het college richting definitief ontwerp gaat wil hij de raad meenemen in een beeldvormende sessie. Over amendement A 23-08 van de SP, de VVD en de ChristenUnie over sporten en spelen is hij heel enthousiast. De ruimte in het Stationsgebied is wel beperkt, zodat er niet heel veel kan worden gedaan. Wel kan men creatief zijn, zodat hij zoekt naar een openbare ruimte die uitnodigt tot bewegen. Het amendement beveelt hij daarom warm aan. De heer VAN GRIEKEN erkent dat de heer Göbbels goede voorbeelden heeft gegeven dat de raad vaak met verbeteringen komt. Hij vraagt wat de raad in een beeldvormende sessie nog zou kunnen doen. De heer SCHEEPERS (wethouder) reageert dat het voorliggende kader al heel gedetailleerd is, zodat de raad al in hoge mate is meegenomen. Een ontwerp wil hij in een beeldvormende sessie aan de raad voorleggen, wat voor de Schapenkamp in het voorjaar zal gebeuren. Als de raad dan zegt de bankjes lelijk te vinden, dan zal het college daarnaar nog kijken.