CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Collegebrief inzake Resultaten Hilversum Monitor 2021

GEMEENTERAAD 1 februari 2023, gemeente HilversumBij agendapunt: Ingekomen stukken - Rubriek 029.492 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Monitor Hilversum 2021

15 van 96

Oost Met Oost gaat het in vergelijking met de gemeente als geheel en de overige wijken wat minder op bepaalde thema’s. Dit is met name terug te zien bij de punten die betrekking hebben op leefbaarheid en veiligheid: • men is minder positief over de kwaliteit van de woning; • één van de laagste rapportcijfers voor de mate van prettig wonen in de buurt (7,8); • minder verbondenheid met de buurt dan gemiddeld; • de schaalscore voor fysieke kwaliteit is lager dan gemiddeld; • één van de hoogste percentages slachtofferschap van een delict of voorval (34%); • meer behoefte aan verbetering van de verkeersveiligheid; • één van de hoogste percentages voor onveiligheidsgevoelens, samen met het Centrum. Op duurzaamheidsthema’s scoort Oost meestal wel gelijk aan het gemeentelijke gemiddelde, bijvoorbeeld als het gaat om het ervaren van milieuklachten (40%) en de bereidheid tot ‘Natuurinclusief Bouwen’ (35%).

Noord-Oost Noord-Oost scoort net als de wijken Centrum en Oost lager dan gemiddeld op verscheidene thema’s. Voor Noord-Oost geldt in vergelijking met het Hilversumse gemiddelde en de andere wijken het volgende: • de laagste beoordeling voor de kwaliteit van de woning; • het laagste cijfer voor de mate van prettig wonen in de buurt (7,7); • de score voor fysieke kwaliteit is lager dan gemiddeld en ook lager dan in 2020; • laagste beoordeling voor het onderhoud van de openbare ruimte; • hoogste aandeel inwoners die hun eigen gezondheid (zeer) slecht vinden (5%); • samen met Centrum de meeste slachtoffers van discriminatie (13%); • laagste beoordeling voor de kwaliteit van de dienstverlening van de gemeente (6,8). Op verschillende punten is de tevredenheid van inwoners van Noord-Oost ook afgenomen ten opzichte van 2020: • lagere beoordeling voor de sfeer en uitstraling van het centrum van Hilversum; • minder tevredenheid over de handhaving van de coronamaatregelen; • minder positief over de faciliteiten voor het stallen van fietsen in het centrum; Inwoners van Noord-Oost zijn wel positiever dan gemiddeld over de ontwikkeling van hun buurt in het afgelopen jaar.

Monitor Hilversum 2021

16 van 96

Landelijk gebied De uitkomsten voor het Landelijk gebied zijn indicatief, aangezien deze gebaseerd zijn op de antwoorden van slechts 20 respondenten. Hierdoor is de bandbreedte van de uitkomsten groter bij het Landelijk gebied en daardoor minder stellig. Bij de andere wijken is er wel sprake van meer stelligheid en weinig bandbreedte. Toch kunnen er wel een aantal zaken geconstateerd worden voor het Landelijk gebied: • inwoners van het Landelijk gebied zijn in vergelijking met andere wijken zeer vaak positief over de kwaliteit van hun woning en ook positiever dan in 2020; • het aandeel inwoners dat zich niet verbonden voelt met de woonomgeving is het grootst, ook is de score op sociale cohesie in het landelijk gebied het laagst; • de score op fysieke kwaliteit (7,7) is hoger dan gemiddeld (7,0); • het aandeel inwoners dat problemen ervaart in de woonomgeving is kleiner dan in 2020; • inwoners geven de sfeer in het centrum de laagste beoordeling van alle wijken; • inwoners voelen het minst vaak binding met de gemeente Hilversum; • in het Landelijk gebied hebben inwoners de minst te maken met discriminatie; • de bereidheid tot ‘Natuurinclusief Bouwen’ is in het Landelijk gebied het grootst; • inwoners geven de hoogste beoordeling voor de dienstverlening van de gemeente.

Monitor Hilversum 2021

17 van 96

Inleiding

Monitor Hilversum 2021

18 van 96

1

Inleiding

1.1

Uitvoering onderzoek

Voor de uitvoering van het onderzoek heeft de gemeente Hilversum onderzoeksbureau I&O Research ingeschakeld. Dit is de vierde editie van de monitor die door I&O is uitgevoerd.

1.2

Steekproef en respons

Voor dit onderzoek is door de gemeente Hilversum een aselecte steekproef getrokken van 10.464 inwoners1 uit de Basis Registratie Personen (BRP). Per adres is er maximaal één persoon geselecteerd. De steekproefomvang is zo gekozen dat er per wijk voldoende deelnemers zijn voor het doen van betrouwbare uitspraken op wijkniveau. De geselecteerde inwoners kregen december 2021 een brief thuis met een persoonlijke uitnodiging voor deelname aan het onderzoek en konden vervolgens tot en met begin februari 2022 de vragenlijst invullen. Aan non-responders is tot tweemaal een herinnering per post gestuurd. In totaal hebben 3.118 van de 10.464 geselecteerde inwoners een geldige2 vragenlijst ingevuld. Dit komt neer op een respons van 30 procent. Van de deelnemers heeft 57 procent de vragenlijst online ingevuld en 43 procent schriftelijk. In de tabellen achterin het rapport zijn de achtergrondkenmerken van de respondenten samengevat.

1.3

Representativiteit

De gekozen methode van steekproeftrekking: aselect en gestratificeerd per wijk, zorgt ervoor dat de deelnemers een goede afspiegeling zijn van de bevolking van Hilversum. Door gebruik te maken van verschillende methoden van onderzoek (digitaal en schriftelijk) wordt geprobeerd om een zo breed mogelijke doelgroep te bereiken. Het is ook dezelfde methode die in vorige edities is gebruikt, om de vergelijkbaarheid met voorgaande jaren zo hoog mogelijk te maken. In de praktijk zijn sommige doelgroepen echter ondervertegenwoordigd. Soms is dit omdat een groep minder vaak in de steekproef terecht is gekomen (minder vrouwen dan mannen), of omdat een doelgroep vaker meedoet met onderzoek (ouderen in vergelijking met jongeren). Op de uitkomsten van het onderzoek is daarom een weging toegepast, waarbij er wordt gecorrigeerd voor verschillen tussen de samenstelling van de netto-steekproef en de bevolking van Hilversum. Met deze weging wordt de representativiteit van de uitkomsten verder verhoogd.

1

Het betreft inwoners van 18 jaar en ouder in particuliere huishoudens. Dit is exclusief inwoners die verblijven in instellingen, inrichtingen en tehuizen. De inwoners moeten minimaal 12 maanden woonachtig in Hilversum zijn en er is maximaal 1 persoon per huishouden geselecteerd. 2 Vragenlijsten die zijn ingevuld tot en met het onderdeel ‘Hilversum in het algemeen’ zijn aangemerkt als geldig.

Monitor Hilversum 2021

19 van 96

1.4

Vragenlijst

De vragenlijst van het onderzoek bestaat uit acht overkoepelende thema’s, waar verschillende onderwerpen aan bod komen, onder andere op het gebied van wonen, leefomgeving en veiligheid. Voor deze overkoepelende thema’s zijn er verschillende vragenblokken binnen de vragenlijst, zie onderstaande tabel voor het overzicht van de vragenblokken. De volledige vragenlijst is beschikbaar als losstaande bijlage. Overzicht van vraagblokken in de Hilversum monitor: • Wonen • Leefomgeving • Sport en recreatie • Cultuur, evenementen en uitgaan • Duurzaamheid, natuur en milieu • Zorg en welzijn & sociale acceptatie • Corona • Mantelzorg en vrijwilligerswerk • Sociale contacten • Jeugd en onderwijs • Bereikbaarheid • Arbeid en werkgelegenheid • Verkeersveiligheid • Vervoermiddelen • Interactie gemeente – burger & burgerparticipatie • Dienstverlening • Sociaal plein • Communicatie gemeente • Veiligheid algemeen • Gemeente Hilversum in het algemeen

1.5

Analyse

De uitkomsten van de Hilversum Monitor 2021 zijn in dit rapport, waar mogelijk, vergeleken met de resultaten van 2020 en eerdere jaren. De resultaten vanaf 2016 zijn beschikbaar, waarmee voor verschillende indicatoren trendanalyses mogelijk zijn. De verschillen tussen de resultaten van 2021 en 2020 worden beschreven als deze significant zijn. Dat wil zeggen dat als het minimaal 95 procent zeker is dat de resultaten ook daadwerkelijk van elkaar verschillen en het gevonden verschil niet te wijten is aan toeval. Verschillen tussen de wijken worden beschreven aan de hand van het stadsgemiddelde. Met behulp van standaard betrouwbaarheidsmarges is berekend welke wijken hoger of lager scoren dan gemiddeld. Bij percentages wordt zes procentpunt verschil gehanteerd als marge, bij rapportcijfers en schaalscores 0,3 punt.

Monitor Hilversum 2021

20 van 96

1.6

Presentatie en cijfers

In dit rapport worden de resultaten voornamelijk op drie wijzen gepresenteerd: • een deel van de resultaten wordt gepresenteerd in de vorm van percentages, bijvoorbeeld het percentage personen dat ergens tevreden over is. Bij de berekening van de percentages zijn de ‘weigert’- en ‘weet niet’, niet buiten beschouwing gelaten; • in dit rapport wordt ook gebruik gemaakt van zogenoemde schaalscores. Dit zijn cijfermatige samenvattingen van meerdere met elkaar samenhangende vragen die met een antwoordschaal worden beantwoord (bv. 'helemaal mee eens' tot 'helemaal mee oneens'). De antwoorden krijgen een waarde en vervolgens wordt de score berekend als een schaal van 0 tot 10. Bij de berekening van de schaalscores zijn de ‘weigert’- en ‘weet niet’-antwoorden, wel buiten beschouwing gelaten; • het rapport bevat ook rapportcijfers. Hier zijn deelnemers gevraagd om een cijfer van 1 tot 10 te geven over een onderwerp, bv. 'veiligheid'. Bij de berekening van het gemiddelde rapportcijfer zijn de ‘weigert’- en ‘weet niet’-antwoorden, wel buiten beschouwing gelaten.

Let op! Een schaalscore staat niet gelijk aan een rapportcijfer, omdat deze variabelen zijn samengesteld op basis van percentages (on)tevredenheid en niet een gemiddelde is van door inwoners toegekende waarderingscijfers.

1.7

Leeswijzer

In de hoofdstukken 2 tot en met 4 worden de resultaten gepresenteerd over achtereenvolgens wonen en leefomgeving; participatie, zorg, welzijn en arbeid; en verkeer en bereikbaarheid. De hoofdstukken 5 en 6 geven een beeld van recreatie en duurzaamheid in de gemeente Hilversum. In hoofdstuk 7 en 8 wordt ingegaan op veiligheid en bestuur en publieke dienstverlening. Achterin het rapport in bijlage A staat een responsverantwoording met de respons uitgesplitst naar achtergrondkenmerken. Er horen daarnaast drie losstaande bijlagen bij het rapport. Bijlage 1 bevat de vragenlijst van de enquête. Bijlage 2 is een Excel document met alle uitkomsten (tabellenboek). De antwoorden op open vragen uit de enquête staan in bijlage 3.

Monitor Hilversum 2021

21 van 96

Wonen en leefomgeving

Monitor Hilversum 2021

22 van 96

2

Wonen en leefomgeving

In dit hoofdstuk komen verschillende aspecten op het gebied van wonen en leefomgeving aan bod. In paragraaf 2.1 wordt ingegaan op het type woningen waarin Hilversummers wonen en wat het oordeel van hen is over de kwaliteit van de woning. In paragraaf 2.2 wordt weergegeven hoe Hilversummers het leven in hun buurt, op verschillende aspecten, ervaren. In paragraaf 2.3 wordt op verschillende punten de beoordeling die Hilversummers van de gemeente hebben beschreven. •

•

• • • • • • • •

•

•

• •

Ongeveer zeven op de tien Hilversummers geven aan tevreden te zijn over de kwaliteit van hun woning. De indruk van inwoners over de kwaliteit is in meerdere wijken licht afgenomen. Ruim twintig procent van de inwoners is op zoek naar een nieuwe woning, ongeveer evenveel als vorig jaar. De meeste Hilversummers met verhuisplannen zijn nu minder dan een jaar op zoek. Drie op de tien inwoners geven aan dat zij (misschien) geïnteresseerd zijn in nieuwe woonconcepten. Net als vorig jaar beoordelen Hilversummers het wonen in hun buurt gemiddeld met een 8,0. Ongeveer de helft van de inwoners voelt zich (zeer) verbonden met de buurt waarin zij wonen. De schaalscore van sociale cohesie is voor Hilversum een 6,8 en ligt het hoogst in de wijk de Hilversumse Meent (7,2). Hilversummers beoordelen de fysieke omgeving gemiddeld met een 7,0. De wijken laten veel onderlinge verschillen zien. In Noord-Oost zijn de inwoners in 2021 significant minder tevreden (6,9) met hoe de openbare ruimte onderhouden wordt dan in 2020 (7,2). Inwoners noemen het vaakst hard rijdende auto’s, vervuiling en te weinig parkeermogelijkheden als buurtproblemen. Vorig jaar stond de pinautomaat nog niet in de top 3 van gemiste voorzieningen en noemden inwoners in plaats hiervan een bak voor het oud papier. Verder staan parkeergelegenheden en de brievenbus dit jaar opnieuw in de top 3 gemiste voorzieningen.

Een op de tien Hilversummers vindt dat de buurt achteruit is gegaan, negen procent spreekt van vooruitgang. In alle wijken behalve Noord-West en Hilversumse Meent vinden bewoners vaker dat de buurt achteruit is gegaan in 2021 in plaats van vooruit. Vorig jaar was dit ook nog het geval voor Noord-Oost, Zuid en Zuid-Oost. Inwoners geven de gemeente opnieuw een 7,5. De sfeer en uitstraling van het centrum wordt met een 6,7 beoordeeld, iets slechter dan vorig jaar. In 2016 was het rapportcijfer nog een 6,4, in de jaren daarna steeds een 6,8. Bijna zes op de tien inwoners zijn (zeer) gehecht aan Hilversum. De mate van gehechtheid ligt het hoogst in de wijk Zuid-West. Inwoners zijn meer te spreken over de ontwikkeling van de gemeente Hilversum als geheel, dan over de ontwikkeling van de eigen woonbuurt.

Monitor Hilversum 2021

23 van 96

2.1

Wonen

Hilversummers even tevreden over kwaliteit van hun woning als in 2020 Over het algemeen zijn inwoners van de gemeente Hilversum tevreden over de kwaliteit van hun woning (Figuur 2.1). Bijna zeven op de tien inwoners beoordelen de kwaliteit van hun woning als ‘goed’. Dit is vergelijkbaar met een jaar geleden. Inwoners uit het landelijk gebied en Noord-West zijn het vaakst positief over de kwaliteit van hun woning. In het landelijk gebied is hier een stijging zichtbaar in vergelijking met 2020 (van 71% naar 86%). Zuid-Oost, Zuid en Zuid-West scoren ook nog hoger dan gemiddeld. De wijk Noord-Oost krijgt de laagste beoordeling van haar inwoners, net zoals vorig jaar. Figuur 2.1 - Mening over kwaliteit woning per wijk (percentage ‘goed), vergelijking met 2020 71%

Landelijk gebied

86% 84% 85% 78% 76%

Noord-West Zuid-Oost

69% 72% 76% 72% 74% 69% 69% 65% 64% 63% 64% 58% 71% 69%

Zuid Zuid-West Hilversumse Meent Oost Centrum Noord-Oost Gemeente Hilversum 0%

20%

40%

60%

80%

2020 2021

100%

De tevredenheid over de kwaliteit van de woningen laat een lichte daling zien als je dit vergelijkt over de jaren (Figuur 2.2). De tevredenheid vertoonde een dalende trend tussen 2016 en 2019, maar nam vorig jaar toe. De meeste inwoners geven aan tevreden te zijn met hun huidige woonruimte en niet op zoek te zijn naar iets nieuws (75%). Dit aandeel is in 2021 vrijwel gelijk gebleven ten opzichte van het voorgaande jaar. 17 procent van de inwoners is wel op zoek naar een nieuwe woning (Figuur 2.3). Bij deze woningzoekers gaat de voorkeur uit naar een koopwoning, daarna is een sociale huurwoning (corporatie) het meest gewild. Van de inwoners die op zoek zijn naar een nieuwe woning, wil een ruime meerderheid graag binnen Hilversum blijven. Dit is iets minder dan in vorig jaar, toen zes op de tien Hilversummers met verhuisplannen nog in de gemeente wilde blijven. Daarnaast wil een relatief groot aandeel van de inwoners in elk geval binnen de regio blijven (23%). Bij elkaar genomen is er geen significante verandering in de regio’s waar men op zoek is naar een woning.

Monitor Hilversum 2021

24 van 96

Figuur 2.2 - Mening over kwaliteit woningen per jaar 100%

2%

90%

21%

80%

3%

4%

3%

25%

25%

30%

3%

3%

26%

27%

70% 60%

Slecht

50%

Redelijk

40%

77%

72%

71%

2017

2018

30%

67%

Goed

71%

69%

2020

2021

20% 10% 0% 2016

2019

Figuur 2.3 - Op zoek naar een nieuwe woning in Hilversum

2016

12%

2017

16%

2018

17%

2019

17%

2020

18%

2021

17%

0%

5%

10%

15%

20%

2.1.1 Hilversummers verdeeld over nieuwe woonconcepten Van de mensen die op zoek zijn naar een nieuwe woning binnen de regio, geeft meer dan 10 procent aan dat hun zoektocht inmiddels al 5 jaar of langer duurt. Het grootste deel van de inwoners is inmiddels minder dan een jaar (ruim vier op de tien) of tussen de één tot twee jaar (iets meer dan een kwart) op zoek naar een nieuwe woning binnen de regio. Aan de groep woningzoekers is bovendien gevraagd of zij geïnteresseerd zijn om te wonen in nieuwe woonconcepten. Hieronder vallen concepten zoals tiny houses, flexwonen en deelwonen. Een ruime meerderheid van de inwoners geeft aan dat zij hier niet voor geïnteresseerd zijn. Ruim tien procent zegt hier wel in geïnteresseerd te zijn, een iets hoger aandeel zegt ‘misschien’ of geeft aan dat ze te weinig van dit soort concepten weten.

Monitor Hilversum 2021

25 van 96

Ruim vier op de tien inwoners, het grootste aandeel van alle woningzoekers in Hilversum, geeft aan dat hun zoektocht naar een nieuwe woonruimte minder dan een jaar duurt.

41%

2.1.2

Meerderheid van de thuiswonende kinderen die op zoek is naar een eigen woning, wil binnen de regio blijven Iets minder dan een tiende van de Hilversummers geeft aan dat zij thuiswonende kinderen hebben die graag het huis uit willen. Van deze thuiswonende kinderen heeft een meerderheid de voorkeur voor het vinden van een woonruimte binnen de regio. Zij geven aan graag binnen Hilversum of binnen Regio Gooi & Vechtstreek te willen wonen. Ruim een kwart van de thuiswonende kinderen is op zoek naar een woonruimte in de rest van Nederland of het buitenland. Een soortgelijk aandeel is er nog niet over uit waar ze precies wil gaan wonen. Thuiswonende kinderen die op zoek zijn naar een woning kijken daarmee vaker buiten de regio dan de gemiddeld woningzoeker uit Hilversum.

58%

Bijna zestig procent van de Hilversummers met thuiswonende kinderen die op zoek zijn naar een zelfstandige woonruimte, geeft aan dat hun kinderen graag binnen Hilversum of binnen de regio willen blijven.

Monitor Hilversum 2021

26 van 96

2.2

Leefomgeving

2.2.1 Hilversummers vinden het erg prettig wonen in de buurt Veel inwoners vinden het prettig wonen in Hilversum. Net als vorig jaar beoordelen zij het wonen in hun buurt gemiddeld met een 8,0 (Figuur 2.4). De inwoners van de wijk Noord-West zijn het meest te spreken over hun leefomgeving (8,6), in Centrum en Noord-Oost geven mensen relatief gezien het laagste cijfer (7,7). Deze score betreft echter nog steeds een ‘ruim voldoende’. In de meeste wijken is de beoordeling in vergelijking met 2020 stabiel gebleven. Inwoners van de wijken Zuid-Oost en Zuid-West beoordelen het wonen in hun buurt nu iets hoger, maar het gaat om beperkte verschillen. Figuur 2.4 - Mate waarin men prettig woont in de buurt (rapportcijfer) Noord-West

8,6 8,6

Hilversumse Meent

8,5 8,5

Landelijk gebied

8,5 8,5

Zuid

8,3 8,3

Zuid-Oost

8,1 8,2

Zuid-West

7,9 8,1

Oost

7,8 7,8

Noord-Oost

7,7 7,7

Centrum

7,8 7,7

2020 2021

8,0 8,0

Gemeente Hilversum 0,0

2,0

4,0

6,0

8,0

10,0

2.2.2 Gevoel van verbondenheid met de buurt toegenomen Ongeveer de helft van de inwoners voelt zich (zeer) verbonden met de buurt waarin zij wonen. In vergelijking met 2020 is er een toename in het aandeel inwoners dat zich zeer verbonden voelt met de buurt (van 6 naar 8 procent) en een afname in het aandeel inwoners dat zich helemaal niet verbonden voelt met de buurt (van 4 naar 3 procent). De mate van verbondenheid is niet hetzelfde voor de inwoners van alle wijken (Figuur 2.5). Mensen die woonachtig zijn in de wijk Hilversumse Meent voelen zich het vaakst (zeer) verbonden met hun woonbuurt, ruim zeven op de tien inwoners geven dit aan. Inwoners van Centrum voelen met veertig procent het minst vaak binding met hun woonbuurt. Wel geeft een relatief groot percentage inwoners aan dat zij neutrale gevoelens hebben over deze verbondenheid. Negentien procent voelt zich (helemaal) niet verbonden met de woonbuurt. In het landelijke gebied is dit aandeel van inwoners het grootst (21%).

Monitor Hilversum 2021

27 van 96

Dit ligt ver boven het gemiddelde van de gemeente Hilversum, waar twaalf procent van de inwoners aangeeft (helemaal) geen verbondenheid te voelen met de plek waar zij wonen. Figuur 2.5 - Verbondenheid met woonbuurt per wijk Centrum

40%

40%

Zuid-Oost

54%

Zuid

56%

Zuid-West

32%

9%

44%

56%

Hilversumse Meent

13%

35%

48%

Noord-West

19%

7%

36%

70%

7% 26%

4%

(Zeer) verbonden Neutraal (Helemaal) niet verbonden

Oost

47%

38%

15%

Noord-Oost

47%

38%

15%

Landelijk gebied

51%

29%

Gemeente Hilversum

50%

0%

20%

21%

37%

40%

60%

12%

80%

100%

2.2.3 Sociale cohesie in de buurt Hilversummers konden hun oordeel geven over verschillende aspecten van sociale cohesie in de buurt, waaronder of buurtbewoners voor elkaar klaar staan en de mate van saamhorigheid in de buurt. Uit de antwoorden op deze stellingen zijn schaalscores berekend.

De schaalscores voor sociale cohesie zijn berekend op basis van een viertal stellingen: ‘de mensen gaan in deze manier op een prettige manier met elkaar om’, ‘ik voel me thuis bij de mensen die in deze buurt wonen’, ‘ik woon in een gezellige buurt waar veel saamhorigheid is’ en ‘de mensen kennen elkaar in deze buurt nauwelijks’. De schaalscore kan variëren tussen de 0 en 10. Hoe hoger de score, des te positiever men is over de sociale cohesie in de eigen buurt.

De schaalscore van sociale cohesie in Hilversum ligt op een 6,8, nagenoeg gelijk aan de score van een jaar eerder (6,7). Wijken scoren verschillend op sociale cohesie (Figuur 2.6). Inwoners uit de Hilversumse Meent vinden dat er sprake is van de meeste sociale cohesie in de buurt (7,2). De wijken Zuid en Zuid-Oost liggen ook nog boven de gemiddelde score. Het landelijk gebied scoort het laagst wat betreft sociale cohesie in de buurt (6,1). In 2020 was de sociale cohesie in het landelijk gebied nog 6,9. In geen van de wijken is er echter sprake van een significante ontwikkeling in de sociale cohesie.

Monitor Hilversum 2021

28 van 96

Figuur 2.6 - Schaalscore sociale cohesie 7,1 7,2

Hilversumse Meent Zuid

6,9 7,0

Zuid-Oost

6,9 6,9

Noord-West

6,8 6,8

Oost

6,7 6,8

Zuid-West

6,7 6,6

Centrum

6,5 6,5

Noord-Oost

6,4 6,4

2020 2021

6,9

Landelijk gebied

6,1 6,7 6,8

Gemeente Hilversum 0

2

4

6

8

10

2.2.4 Fysieke omgeving en onderhoud openbare ruimte De inwoners van Hilversum konden in de vragenlijst aangeven wat hun mening is over verschillende aspecten met betrekking tot de fysieke omgeving in de wijk. Deze aspecten hebben onder andere betrekking op een schone en groene omgeving en de aanwezigheid van voorzieningen. Van deze aspecten is een schaalscore berekend.

De schaalscore voor fysieke kwaliteit is berekend op basis van de drie stellingen over fysieke voorzieningen. De schaalscore kan variëren tussen 0 en 10. Hoe hoger de score, des te meer inwoners de kwaliteit van de aanwezige fysieke voorzieningen waarderen.

Inwoners van Hilversum zijn tevreden over de fysieke omgeving. De score voor de fysieke kwaliteit in 2021 komt uit op een 7,0, een iets lagere score dan in 2020 (7,1). Tussen de wijken zijn wel relatief grote verschillen zichtbaar. Inwoners uit Noord-West en het landelijke gebied zijn het meest te spreken over de fysieke omgeving. Hier zijn de scores respectievelijk een 7,9 en een 7,7, vrijwel gelijk aan de beoordelingen uit het voorgaande jaar. Inwoners van Centrum geven de laagste beoordeling aan aspecten met betrekking tot de fysieke omgeving (6,2), die ook iets is afgenomen ten opzichte van 2020 (6,4). In de wijken Zuid-Oost, Zuid-West en Noord-Oost is er ook sprake van iets lagere scores wat betreft de fysieke kwaliteit. In geen van de wijken is er echter sprake van een significante negatieve ontwikkeling.

Monitor Hilversum 2021

29 van 96

Figuur 2.7 - Schaalscore fysieke omgeving 8,0 7,9

Noord-West Landelijk gebied

7,7 7,7

Hilversumse Meent

7,6 7,6 7,1 7,2

Zuid Zuid-Oost

7,4 7,2

Zuid-West

7,2 7,1

Noord-Oost

6,8 6,7

Oost

6,7 6,7

2020 2021

6,4 6,2

Centrum

7,1 7,0

Gemeente Hilversum 0,0

2,0

4,0

6,0

8,0

10,0

Inwoners van Hilversum beoordelen het onderhoud van de openbare ruimte in de eigen buurt met een rapportcijfer 7,2, precies gelijk aan de beoordeling uit 2020. De beoordeling voor het onderhoud in de openbare ruimte varieert van een 6,9 (Noord-Oost) tot een 7,6 (Hilversumse Meent). In Noord-Oost zijn de inwoners in 2021 significant minder tevreden (6,9) met hoe de openbare ruimte onderhouden wordt dan in 2020 (7,2). Dit is de enige wijk waarin het rapportcijfer in 2021 significant verschilt ten opzichte van vorig jaar. 2.2.5 Ruim een vijfde ervaart geen problemen in de woonbuurt Ruim een vijfde (22%) van de inwoners van Hilversum ervaart geen problemen in de woonbuurt (Figuur 2.8). Dit aandeel is licht afgenomen ten opzichte van vorig jaar en komt hiermee weer ongeveer op het niveau van 2019 terecht. Het percentage inwoners dat geen problemen ervaart in de woonbuurt ligt nog wel steeds hoger dan in 2016 en 2017. In Hilversumse Meent en in Zuid Oost ervaart men het minst vaak problemen in de woonbuurt, de inwoners van het Centrum ervaren juist het vaakst problemen (Figuur 2.9). In vergelijking met 2020 zijn er veranderingen opgetreden in hoe vaak inwoners problemen ervaren binnen de verschillende wijken. In het landelijke gebied gaf in 2020 bijna vier op de tien inwoners aan geen problemen te ervaren in de woonbuurt, in 2021 is dit nog maar de helft hiervan (19%).

In Centrum, Noord-Oost en Noord-West hebben Hilversummers ook vaker problemen ondervonden in hun woonbuurt. Een kanttekening hierbij is dat er in 2021 meer (mogelijke) buurtproblemen zijn voorgelegd dan in 2020 (zoals geluidsoverlast, stankoverlast), de veranderingen kunnen daarom ook (deels) veroorzaakt zijn door de aanpassing van de vraag.

Monitor Hilversum 2021

30 van 96

Figuur 2.8 - Problemen woonbuurt naar jaar (geen problemen) 30% 25%

24%

23%

22%

21%

20%

18%

17%

15% 10% 5% 0% 2016

2017

2018

2019

2020

2021

Figuur 2.9 - Problemen woonbuurt per wijk (geen problemen) Hilversumse Meent

28%

Zuid-Oost

28% 28%

Zuid

28% 27%

32%

30%

Noord-West

23% 18%

Oost

21%

2020

22% 20%

Zuid-West

2021 27%

Noord-Oost

20%

Landelijk gebied

19%

37% 15%

Centrum

9% 24% 22%

Gemeente Hilversum 0%

5%

10%

15%

20%

25%

30%

35%

40%

Inwoners noemen het vaakst hard rijdende auto’s, vervuiling en te weinig parkeermogelijkheden als buurtproblemen (Figuur 2.10). De volgorde van de top 3 blijft hiermee in 2021 hetzelfde als in het voorgaande jaar. De meeste wijken kennen vrijwel dezelfde top 3 van buurtproblemen, hoewel de volgorde van deze top 3 nog wel eens wisselt. Onder ‘andere’ problemen noemen meerdere Hilversummers dat er ook buiten de jaarwisseling om veel vuurwerk wordt afgestoken en dat zij dit als een probleem ervaren. Ook noemen inwoners hier naast het te hard rijden door auto’s andere onveilige verkeerssituaties, zoals verkeer dat zich niet houdt aan de eenrichting.

Monitor Hilversum 2021

31 van 96

Figuur 2.10 - Top 3 problemen in de woonbuurt 45% 40%

39% 35%

35%

33% 29%

30% 25%

23% 21%

2020

20%

2021

15% 10% 5% 0% Hard rijden door auto’s

Vervuiling (b.v. door zwerfvuil, hondenpoep)

Te weinig parkeermogelijkheden

2.2.6 Parkeergelegenheid nog steeds meest gemiste voorziening Ruim een kwart van de inwoners (26%) geeft in 2021 aan geen voorzieningen in de buurt te missen. Dit is gelijk aan het aandeel in 2020. Inwoners voor wie wel voorzieningen ontbreken, geven aan vooral parkeergelegenheid, een brievenbus of een pinautomaat te missen. Parkeergelegenheid werd in 2019 ook al het vaakst genoemd. Vorig jaar stond de pinautomaat nog niet in de top 3 en noemden inwoners in plaats hiervan vaak een bak voor het inleveren of opruimen van oud papier. Bij de optie ‘andere voorziening’ geven meerdere inwoners aan goede sportgelegenheden en GFT-containers te missen. Figuur 2.11 - Top 3 gemiste voorzieningen 20% 18%

17%

16%

15%

14%

15%

14%

12%

14%

11%

2020

10%

2021

8% 6% 4% 2% 0% Parkeergelegenheid

Monitor Hilversum 2021

Brievenbus

Pinautomaat

32 van 96

2.2.7 Buurt het afgelopen jaar gelijk gebleven Bijna driekwart van de inwoners van Hilversum is van mening dat de woonbuurt in het afgelopen jaar gelijk is gebleven en niet vooruit of achteruit is gegaan. In 2020 lag dit aandeel nog op zeventig procent. Een op de tien Hilversummers vindt dat de buurt vooruit is gegaan (Figuur 2.12). Inwoners van de wijken Noord-West, Hilversumse Meent, Noord-Oost en ZuidWest zijn positiever dan gemiddeld over de ontwikkeling van hun buurt. Inwoners van Centrum hebben het negatiefste beeld, bijna vijftien procent van de inwoners is van mening dat hun woonbuurt er qua ontwikkeling op achteruit is gegaan in het afgelopen jaar. Dit is ook een negatieve ontwikkeling ten opzichte van 2020, toen waren er nog meer inwoners die vonden dat de buurt vooruit ging dan achteruit. Ook in Zuid waren inwoners in 2020 nog vaker positief dan negatief over de ontwikkeling van de buurt. In Zuid-West daarentegen is het perspectief op de buurtontwikkeling juist verbeterd, hier was het aandeel inwoners dat een achteruitgang van de buurt zag in 2020 nog veel groter dan het aandeel inwoners dat een vooruitgang zag. Figuur 2.12 - Ontwikkeling woonbuurt afgelopen 12 maanden Centrum

7%

15%

Zuid-Oost

8%

5%

Zuid

8%

5%

Zuid-West

12%

14%

Noord-West

6%

Hilversumse Meent

6%

Oost

11%

Noord-Oost

13%

Landelijk gebied

Vooruitgegaan

9% 13% 8% 9%

10%

10%

Achteruitgegaan

14%

0%

Gemeente Hilversum 20%

17%

0%

10%

20%

Als tekens van vooruitgang noemen inwoners dingen zoals vernieuwde wegdekken en bestrating en nieuwbouwprojecten die jonge mensen aantrekken. Bij achteruitgang verwijzen inwoners naar verkeerssituaties waar zij zich aan ergeren of die zij onveilig vinden, groenvoorzieningen die onvoldoende onderhouden worden en overlast door jeugd en hangjongeren.

2.3

Gemeente Hilversum in het algemeen

Inwoners van Hilversum geven de gemeente, net zoals in de drie voorgaande jaren, een rapportcijfer van een 7,5. De sfeer en uitstraling van het centrum van Hilversum wordt door de inwoners met een 6,7 beoordeeld, in de afgelopen jaren was dit steeds een 6,8. Tussen de wijken zijn er nauwelijks verschillen in de rapportcijfers die inwoners geven aan Hilversum als geheel. Bij de beoordeling van de sfeer en uitstraling van het centrum zijn de onderlinge verschillen iets groter. Inwoners uit het landelijk gebied geven de sfeer in het centrum een 6,2, terwijl inwoners uit het Hilversumse Meent het hoogste rapportcijfer geven (7,0). Inwoners uit Centrum en Noord-Oost beoordelen de sfeer en uitstraling van het Hilversumse centrum in 2021 significant lager in vergelijking met 2020.

Monitor Hilversum 2021

33 van 96

2.3.1 Meer dan de helft van de Hilversummers is (zeer) gehecht aan de gemeente Bijna zes op de tien inwoners zijn (zeer) gehecht aan Hilversum (Figuur 2.13). Dit aandeel is iets afgenomen ten opzichte van 2019 en 2020, maar ligt wel hoger dan in de drie jaren daarvoor. Inwoners uit de diverse wijken van Hilversum laten onderling veel verschillen zien wat betreft hun mate van gehechtheid aan de gemeente. Inwoners uit Zuid-West geven het vaakst aan dat zij (zeer) gehecht zijn aan de gemeente (ruim zestig procent). In Hilversumse Meent en het landelijk gebied voelen de inwoners het minst vaak hechting met de gemeente Hilversum. In Hilversumse Meent is de verbondenheid met de woonbuurt juist bijzonder hoog (zie Figuur 2.5, p. 26). Figuur 2.13 - Gehechtheid aan Hilversum 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0%

17%

17%

31%

28%

15%

30%

12%

12%

13%

26%

27%

29%

(Helemaal) niet gehecht Neutraal 51%

54%

55%

2016

2017

2018

61%

60%

57%

2019

2020

2021

(Zeer) gehecht

2.3.2 Inwoners vinden minder vaak dat Hilversum vooruit is gegaan dan in 2020 Hilversummers vinden vaker dat de gemeente Hilversum in 2021 achteruit is gegaan in plaats van vooruit (16% tegenover 12%). Dit is een beeld dat in 2020 ook al zichtbaar is, maar dit jaar iets sterker is geworden. (Figuur 2.14). De algemene tendens over de laatste jaren wat betreft de vooruitgang van Hilversum dalend. In de jaren tussen 2016 en 2019 vonden veel meer inwoners dat Hilversum het afgelopen jaar vooruit is gegaan, variërend tussen ruim een derde (2017) en een kwart (2019) van de inwoners. In 2021 is het aandeel inwoners dat vindt dat Hilversum achteruit is gegaan, licht gestegen ten opzichte van 2020. Figuur 2.14 - Ontwikkeling Hilversum het afgelopen jaar 40% 30% 20% 10%

34% 25%

24% 14%

0% 10%

29%

12%

10%

7%

10%

11%

13%

16%

2016

2017

2018

2019

2020

2021

Vooruitgegaan Achteruitgegaan

20% 30% 40%

Monitor Hilversum 2021

34 van 96

Een belangrijke reden waarom Hilversummers vinden dat Hilversum in de afgelopen 12 maanden achteruit is gegaan, is de aanzienlijke leegstand van winkels. Veel inwoners leggen de oorzaak hiervoor bij de coronacrisis en de lockdowns. Ook vinden inwoners dat straatvuil wijst op achteruitgang. Als het gaat om vooruitgang, verwijzen inwoners vaak naar de nieuwe en verbeterde voorzieningen, zoals het nieuwe politiegebouw. Ook vinden zij het positief dat er meer groenvoorzieningen zijn in de gemeente.

Monitor Hilversum 2021

35 van 96

Participatie zorg, welzijn en arbeid

Monitor Hilversum 2021

36 van 96

3

Participatie, zorg, welzijn en arbeid

Dit hoofdstuk richt zich op aspecten op het vlak van participatie, zorg, welzijn en arbeid. Daarnaast zijn ook jeugd (kinderopvang) en corona (effecten op inwoners) toegevoegd. • • • • • • • • •

• •

• • • • • • •

•

• •

Ruim driekwart van de Hilversummers is tevreden over zijn gezondheid. Inwoners zijn het positiefst in de wijken Noord-West en Zuid-Oost. Het aantal Hilversummers dat hulp krijgt van familie, vrienden of kennissen of van een thuiszorginstelling is ten opzichte van 2020 significant toegenomen. Een op de tien inwoners heeft het afgelopen jaar ervaring gehad met discriminatie. In NoordOost en Centrum geven inwoners het vaakst aan (13%) dat zij dit hebben ervaren. Meer mensen staan positief tegenover uitingen van verschillen vormen van seksuele geaardheid in het openbaar dan vorig jaar. In vergelijking met 2020 is het aantal inwoners dat incidenteel hulp biedt aan muren significant gestegen. Vrijwilligerswerk wordt het minst vaak gedaan door Hilversummers. Het aantal mensen dat aangeeft in de nabije toekomst geen vrijwilligerswerk te gaan of blijven doen, is toegenomen. Ongeveer een kwart van de mantelzorgers voelde zich (een beetje) overbelast in het afgelopen jaar. Vorig jaar lag dit aandeel nog op 30 procent. Bijna een derde van de Hilversummers voelt zich weleens eenzaam, ongeveer net zoveel als in 2020. In de wijken Centrum en Zuid voelen mensen zich het vaakst eenzaam. Drie op de vier Hilversummers heeft voldoende sociale contacten. In vergelijking met vorig jaar is het aantal inwoners dat behoefte heeft aan meer sociale contacten, significant afgenomen.

Inwoners onderhouden het vaakst contact met familie, vrienden of kennissen. Het aandeel inwoners met een betaalde baan (ongeveer zes op de tien) is in vergelijking met 2020 nagenoeg gelijk gebleven. De meeste inwoners van Hilversum zijn werkzaam in de sector gezondheids- en welzijnszorg, net zoals vorig jaar. Het aandeel inwoners dat ergens anders in Nederland werkt is toegenomen ten koste van het aandeel dat in Hilversum zelf werkt. Het aantal werkende Hilversummers in loondienst is licht toegenomen, naar 80 procent. In Centrum en Oost heeft het grootste deel van de inwoners een betaalde baan (zeven op de tien). Een derde van de inwoners die op zoek is naar een nieuwe baan, geeft aan minder dan een maand op zoek te zijn. In het Centrum en Zuid zijn de meeste inwoners op zoek naar een (andere) betaalde baan. Net als vorig jaar reizen de meeste inwoners met de auto naar het werk (vier op de tien). De meeste Hilversummers merken dat als gevolg van corona de hoeveelheid sociale contacten die zij hebben is verminderd, namelijk ruim acht op de tien. Inwoners geven het minst vaak aan dat een gezond eetpatroon heeft geleden onder de coronacrisis. Inwoners van Centrum zijn minder vaak van mening dat de coronacrisis voor hen grote persoonlijke gevolgen heeft gehad. Fysieke gezondheid, sociale contacten, gezond eten en de financiële positie gingen minder vaak (sterk) achteruit.

De meeste Hilversummers zijn redelijk tevreden over de handhaving van de coronamaatregelen. In Noord-Oost zijn de inwoners het vaakst tevreden over de handhaving van de maatregelen in Hilversum (47 procent).

Monitor Hilversum 2021

37 van 96

3.1

Zorg en welzijn en sociale acceptatie

3.1.1 Ruim driekwart van de inwoners ervaart goede gezondheid Veel Hilversummers ervaren een goede gezondheid, ruim driekwart van de inwoners beoordeelt de eigen gezondheid als zeer goed of goed (Figuur 3.1). Dit is niet aanzienlijk anders dan in 2020 (77%) Een heel klein deel (4%) geeft aan een slechte tot zeer slechte gezondheid te ervaren, dit is niet veranderd ten opzichte van vorig jaar. Het percentage inwoners dat zegt ‘gaat wel’ ten aanzien van de gezondheid is in 2021 (19%) iets groter dan in 2020 (17%), maar gelijk aan 2019. Inwoners van Noord-West en Zuid-Oost zijn het positiefst over hun eigen gezondheid, ruim acht op de tien inwoners geven aan een zeer goede of goede gezondheid te ervaren. In het landelijk gebied beoordelen de minste inwoners hun eigen gezondheid als (zeer) goed, namelijk iets meer dan zeventig procent. In Noord-Oost stelt het grootste aandeel inwoners (5%) dat zij hun eigen gezondheid zien als (zeer) slecht. Figuur 3.1 - Beoordeling gezondheid naar wijk Noord-West

13%

85%

1%

Zuid-Oost

81%

Centrum

78%

17%

4%

Noord-Oost

77%

17%

5%

16%

3%

Zuid

77%

19%

3%

Zuid-West

75%

21%

4%

Hilversumse Meent

74%

22%

3%

Oost

73%

22%

4%

Landelijk gebied

72%

Gemeente Hilversum

28% 19%

77%

0% (Zeer) goed

10%

20%

Gaat wel

30%

40%

(Zeer) slecht

50%

60%

70%

80%

90%

0% 4%

100%

Weet niet/wil ik niet zeggen

3.1.2 Aantal inwoners dat hulp ontvangt van thuiszorginstelling of de eigen omgeving is gestegen Een ruime meerderheid (84%) van de inwoners heeft geen behoefte aan zorg of hulp (Figuur 3.2). Dit aandeel is afgenomen ten opzichte van 2020 (toen 86%) en is vergelijkbaar met 2019. Ongeveer een zesde van de inwoners heeft behoefte aan hulp en ontvangt deze ook. Net als vorig jaar wordt het grootste deel van de hulp gegeven door familie, vrienden of kennissen. Slechts een procent van de inwoners geeft aan wel behoefte te hebben aan hulp, maar deze niet te ontvangen. Het aantal Hilversummers dat hulp krijgt van familie, vrienden of kennissen of van een thuiszorginstelling is ten opzichte van 2020 significant toegenomen.

Monitor Hilversum 2021

38 van 96

Figuur 3.2 - Behoefte aan zorg of hulp binnen huishouden naar jaar 100% 90%

1% 5%

1% 5%

1% 5%

1% 4%

1% 5%

1% 4%

5%

4%

4%

4%

4%

5%

7%

8%

7%

8%

7%

8%

80%

Ja, maar ik kan geen zorg/hulp krijgen

70%

Ja, krijg zorg of hulp op een andere manier

60% 50% 40%

84%

83%

85%

84%

86%

84%

Ja, krijg zorg of hulp van een thuiszorginstelling Ja, krijg zorg of hulp van familie, vrienden of kennissen

30%

Nee, geen behoefte aan zorg of hulp

20% 10% 0% 2016

2017

2018

2019

2020

2021

3.1.3 Negen op de tien inwoners hebben geen ervaring met discriminatie Een op de tien inwoners heeft in het afgelopen jaar zelf een ervaring gehad met discriminatie. In vergelijking met eerdere jaren is dit stabiel gebleven. De wijken laten wel wat onderlinge verschillen zien. In het landelijke gebied ervaren de inwoners de minste discriminatie, slechts twee procent geeft aan zelf gediscrimineerd te zijn in de afgelopen twaalf maanden. Ten opzichte van vorig jaar, toen 24 procent aangaf wel eens een ervaring met discriminatie te hebben gehad, is dit een significante afname. De steekproef van het landelijk gebied is wel klein (n=20), dus hiermee moet men rekening houden bij het interpreteren van de resultaten. In Noord-Oost en Centrum geven inwoners het vaakst aan (13%) dat zij zich in het laatste jaar wel eens gediscrimineerd hebben gevoeld. Figuur 3.3 - Eigen ervaring met discriminatie afgelopen jaar naar wijk Landelijk gebied

98%

2%

Zuid-Oost

94%

6%

Noord-West

93%

7%

Hilversumse Meent

93%

7%

Zuid

92%

8%

Zuid-West

Nee

91%

9%

Oost

Ja

88%

12%

Centrum

87%

13%

Noord-Oost

87%

13%

Gemeente Hilversum

90%

10%

0%

20%

40%

60%

80%

100%

Inwoners geven aan vooral gediscrimineerd te worden op basis van herkomst/huidskleur (2,6%), leeftijd (2,4%) of op grond van iets anders (2,7%). Bij ‘iets anders’ noemen inwoners vaak dat zij zich gediscrimineerd voelen door de QR-code of de ‘vaccinatieplicht’ voor corona.

Monitor Hilversum 2021

39 van 96

3.1.4 Meer inwoners van Hilversum positief over uiting seksuele geaardheid in openbaar Ongeveer vier op de tien inwoners van Hilversum staat neutraal tegenover uitingen van verschillende soorten seksuele geaardheid in het openbaar (Figuur 3.4). Dit is iets minder dan in 2020. Meer mensen staan positief tegenover uitingen van seksuele geaardheid in het openbaar dan vorig jaar, bij negatieve gevoelens zijn er nauwelijks veranderingen opgetreden. Er is wel nog steeds de meeste sociale acceptatie voor een zoenende man en vrouw in een openbare ruimte (42%) en de minste acceptatie voor twee zoenende mannen (36%). Figuur 3.4 - Mening over uiten seksuele geaardheid

Wat vindt u ervan wanneer een man en een vrouw zoenen in de openbare ruimte?

42%

41%

4% 12%

Positief Neutraal

Wat vindt u ervan wanneer twee vrouwen zoenen met elkaar in de openbare ruimte?

38%

Wat vindt u ervan wanneer twee mannen zoenen met elkaar in de openbare ruimte?

36%

7% 12%

Negatief Geen mening over

0%

3.2

42%

41%

50%

9%

13%

100%

Mantelzorg en vrijwilligerswerk

3.2.1 Het aantal Hilversummers dat vrijwel nooit hulp biedt aan buren is afgenomen Als het gaat om het inzetten voor anderen, geven de meeste inwoners aan dat zij hulp bieden aan buren. Ongeveer zes op de tien inwoners doet dit wel eens (Figuur 3.5). In vergelijking met 2020 is het aantal inwoners dat (vrijwel) nooit hulp biedt aan buren significant gedaald. Het grootste deel van de inwoners verleent deze hulp incidenteel. Slechts vier procent verleent intensieve hulp aan buren. Een wat kleiner aandeel van de Hilversummers, ongeveer vier op de tien, geeft aan dat zij incidenteel of intensief aandacht hebben voor buren in een zorgwekkende situatie. Na hulp aan buren wordt door vijfendertig procent van de inwoners ook zorg verleend aan een hulpbehoevende naaste. Een kleiner deel van de inwoners (11%) verleent deze zorg intensief. Vrijwilligerswerk wordt het minst vaak gedaan van de verschillende vormen van inzetten voor anderen. Ongeveer dertig procent doet dit incidenteel of intensief.

Monitor Hilversum 2021

40 van 96

Figuur 3.5 - Inzetten voor anderen of maatschappelijke doelen in het afgelopen jaar Zorg aan een hulpbehoevende naaste

11%

Hulp aan buren 4% Aandacht voor buren in een 4% zorgwekkende situatie Vrijwilligerswerk

10%

0%

65%

24%

38%

58%

Ja, intensief Ja, incidenteel

72%

19%

20%

Nee, (vrijwel) nooit

61%

35%

40%

60%

80%

100%

Naast een significante toename van het aantal Hilversummers dat incidenteel hulp biedt aan buren, zijn er geen duidelijke veranderingen opgetreden bij de andere vormen van maatschappelijke hulp. De ontwikkelingen zijn beperkt. Het aantal mensen dat aangeeft in de nabije toekomst geen vrijwilligerswerk te gaan of blijven doen, is significant toegenomen (van 27 naar 32 procent). Het aantal mensen dat nog twijfelt, is juist gedaald. (Figuur 3.6). Figuur 3.6 – Bereidheid om zich te blijven inzetten voor anderen of maatschappelijke doelen in de nabije toekomst (Basis: alle mensen die aangeven intensief of incidenteel hulp te bieden) 35%

31%

30%

32% 29%

27%

25% 20%

23% 21% 19%

18%

2020

15%

2021

10% 5% 0% Ja, zeker

Ja, misschien

Nee

Weet niet

Ondanks de mogelijke extra zorg vanwege de coronacrisis gaf een kwart van de mantelzorgers aan dat zij zich (een beetje) overbelast hebben gevoeld in het afgelopen jaar (Figuur 3.7). Dit aandeel ligt lager dan vorig jaar, toen 30 procent zich (een beetje) overbelast voelde. Het merendeel van de mantelzorgers (85 tot 91 procent) hebben afgelopen jaar geen ondersteuning ontvangen bij hun taken (Figuur 3.8). Voor ongeveer 6 procent van hen zou deze ondersteuning echter wel welkom zijn.

Monitor Hilversum 2021

41 van 96

Figuur 3.7 - Voelde u zich als mantelzorger overbelast het afgelopen jaar? 100%

80%

60%

70%

74%

Nee Een beetje

40%

20%

0%

Ja

21%

19%

9%

7%

2020

2021

Figuur 3.8 - Kreeg u hulp of ondersteuning als mantelzorger het afgelopen jaar?

Kreeg u als mantelzorger ondersteuning vanuit de gemeente of een andere instantie het afgelopen jaar?

8% 6%

Kreeg u hulp van een vrijwilligersorganisatie als mantelzorger 4%6% het afgelopen jaar?

0%

85%

91%

50%

100%

Ja, en dat beviel goed

Ja, maar dat beviel niet zo goed

Nee, maar zou dat wel graag willen

Nee, maar heb daar ook geen behoefte aan

Monitor Hilversum 2021

42 van 96

3.3

Sociale contacten

3.3.1 Een derde van de inwoners geeft aan zich weleens eenzaam te voelen Bijna een derde van de Hilversummers voelt zich weleens eenzaam, ongeveer net zoveel als vorig jaar (Figuur 3.9). Het grootste deel van de inwoners dat zich weleens eenzaam voelt, geeft aan dat dit soms het geval is (27%). Een klein deel, namelijk vijf procent, voelt zich regelmatig tot vaak eenzaam. In vergelijking met 2020 hebben er geen significante veranderingen plaatsgevonden in hoeveel mensen zich weleens eenzaam voelen en hoe vaak dit het geval is. Over de langere termijn is er wel een toename zichtbaar in het aandeel inwoners dat zich soms, regelmatig of vaak eenzaam voelt. Figuur 3.9 - Voelt u zich weleens eenzaam? 100% 3%

4%

4%

4%

21%

19%

20%

90% 17%

80%

5%

5%

28%

27%

70% 60%

Weet ik niet / geen antwoord

50%

Regelmatig / vaak

40%

Soms 78%

73%

74%

72% 65%

65%

2020

2021

30%

(Bijna) nooit

20% 10% 0% 2016

2017

2018

2019

Figuur 3.10 - Voelt u zich weleens eenzaam? Uitgesplitst naar wijk Noord-West

76%

Zuid-Oost

22%

71%

24%

Zuid-West

68%

Landelijk gebied

66%

20%

Noord-Oost

65%

24%

Hilversumse Meent

64%

29%

Oost

63%

Zuid

23%

26%

61%

Centrum

(Bijna) nooit

Monitor Hilversum 2021

10%

20%

Soms

30%

7% 8% 2% 5%

6% 6%

27%

40%

50%

Regelmatig / vaak

60%

70%

5%

5% 3%

32%

65%

0%

5% 5% 7%

31%

57%

Gemeente Hilversum

2%

80%

5% 3%

90%

100%

Weet ik niet / geen antwoord

43 van 96

In de wijken Centrum en Zuid voelen mensen zich het vaakst eenzaam, iets minder dan vier op de tien inwoners geven aan soms tot vaak gevoelens van eenzaamheid te ervaren (Figuur 3.10). In Zuid was er vorig jaar iets minder eenzaamheid, al gaat het om een beperkte ontwikkeling. In Zuid-Oost en Noord-West voelt het kleinste deel van de inwoners zich eenzaam (beide ongeveer een kwart). In Noord-West geven mensen bovendien significant minder vaak aan zich regelmatig eenzaam te voelen dan in 2020. 3.3.2 Eenzaamheid het grootst onder jongeren en oudste leeftijdsgroep Jongeren (18 t/m 29 jaar) ervaren opvallend vaker gevoelens van eenzaamheid in vergelijking met de andere leeftijdsgroepen (Figuur 3.11). Ruim vier op de tien jongeren geeft aan dat zij zich weleens eenzaam voelen. Jongeren voelen zich significant vaker eenzaam ten opzichte van alle andere leeftijdsgroepen. De leeftijdsgroepen tussen 40 en 75 jaar voelen zich het minst vaak eenzaam. Figuur 3.11 - Voelt u zich weleens eenzaam? Uitgesplitst naar leeftijdscategorie

18 tot en met 29 jaar

43%

30 tot en met 39 jaar

42%

61%

12%

28%

6%

40 tot en met 54 jaar

70%

55 tot en met 64 jaar

75%

20%

3%

65 tot en met 74 jaar

73%

21%

3%

23%

4%

(Bijna) nooit Soms Regelmatig / vaak

75 jaar en ouder

63%

0%

20%

28%

40%

60%

80%

5%

Weet ik niet / geen antwoord

100%

Figuur 3.12 - Heeft u voldoende sociale contacten of heeft u behoefte aan meer? 100% 90% 80%

6%

7%

22%

19%

70%

Weet ik niet / geen antwoord

60% 50% 40% 30%

Ik zou wel meer sociale contacten willen hebben 72%

74%

2020

2021

20%

Ik heb voldoende sociale contacten

10% 0%

Monitor Hilversum 2021

44 van 96

3.3.3 Aantal inwoners met meer behoefte aan sociale contacten afgenomen Drie op de vier Hilversummers geeft aan voldoende sociale contacten te hebben (Figuur 3.12). In vergelijking met vorig jaar is het aantal inwoners dat behoefte heeft aan meer sociale contacten, significant afgenomen (van 22% naar 19%). Dit is een opvallend gegeven, aangezien we eerder zagen dat het aantal mensen dat zich weleens eenzaam voelt niet is afgenomen (Figuur 3.11). Inwoners onderhouden hebben het vaakst contact met familie, vrienden of kennissen, ruim de helft van de inwoners heeft meerdere keren per week contact met deze personen (Figuur 3.13). In vergelijking met 2020 vertoont de frequentie van contact voor de verschillende categorieën weinig veranderingen. Inwoners geven wel vaker aan dat zij meerdere keren per week contact hebben met buren (van 27% naar 31%), zij hebben juist minder vaak zelden of nooit contact met buren (van 14% naar 11%). Figuur 3.13 - Sociale contacten frequentie 100% 90% 80%

7%

5%

15%

16%

5%

22%

22%

30%

31%

32%

48%

26%

31%

40% 30%

11%

28%

50%

20%

14%

26%

70% 60%

5%

51%

42%

32%

Minder dan 1 keer in de week Ongeveer 1 keer per week

43%

10%

Zelden of nooit

27%

31%

2020

2021

Vaker dan 1 keer per week

0% 2020

2021

Contact met familie

Monitor Hilversum 2021

2020

2021

Contact met vrienden of kennissen

Contact met buren of mensen uit de buurt

45 van 96

3.4

Arbeid en werkgelegenheid

3.4.1 Zes op de tien inwoners heeft een betaalde baan Het aandeel inwoners met een betaalde baan is in vergelijking met 2020 nagenoeg gelijk gebleven (Figuur 3.14). Ruim zes op de tien Hilversummers heeft betaald werk. Er is ook weinig veranderd in de verhouding tussen het aantal banen van meer of minder dan 12 uur per week. Nog steeds heeft het grootste deel van de inwoners een betaalde baan van 12 uur of meer per week. Figuur 3.14 - Hebben van een betaalde baan naar jaar 100% 80%

45% 60%

64%

63%

60%

59%

60%

Meer dan 12 uur per week

3%

40% 20%

Minder dan 12 uur per week 3%

4%

2%

2%

4%

37%

34%

35%

36%

37%

2017

2018

2019

2020

2021

Nee

51%

0% 2016

De meeste inwoners van Hilversum zijn werkzaam in de sector gezondheids- en welzijnszorg, net zoals vorig jaar (Figuur 3.15). Bij de categorie anders (12%) worden onder andere ICT, kinderopvang en autobedrijven- en garages meerdere keren genoemd. In 2020 zat media in de top 5 arbeidssectoren en behoorde ‘overige dienstverlening’ nog niet tot de top 5 meest beoefende sectoren. Verder zijn er in vergelijking met 2020 weinig veranderingen opgetreden in de top 5. Figuur 3.15 – Top 5 arbeidssectoren

16%

Gezondheidszorg en welzijnszorg

17%

Onderwijs

8%

Advisering, onderzoek en andere specialistische zakelijke dienstverlening

8%

Overige dienstverlening

8%

8%

2021

8% 7%

Groot – en Detailhandel (o.a. winkels, retail)

7%

0%

Monitor Hilversum 2021

2020

8%

5%

10%

15%

20%

46 van 96

3.4.2 Inwoners zijn vaker buiten Hilversum gaan werken Iets minder dan de helft van de inwoners met een betaalde baan geeft aan dat zij in Hilversum of ergens anders in de regio Gooi en Vechtstreek werkzaam zijn (Figuur 3.16). Vijfendertig procent heeft een baan in Hilversum, iets minder dan het aandeel van vorig jaar (39%). De meeste Nederlanders werken ergens anders in Nederland. In vergelijking met 2020 is het aandeel inwoners dat ergens anders in Nederland werkt toegenomen ten koste van het aandeel dat in Hilversum zelf werkt. Hilversummers hebben dus vaker een baan verder van huis. Figuur 3.16 – Waar vinden werkzaamheden plaats (basis: inwoners die aangeven werk te hebben) 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0%

9%

8%

7%

8%

10%

10%

43%

49%

50%

47%

42%

45%

13%

36%

2016

14%

10%

13%

28%

33%

32%

2017

2018

2019

10%

Anders Elders in Nederland

10%

39%

35%

2020

2021

Elders in Gooi en Vechtstreek Hilversum

3.4.3 Hilversummers gaan vooral met de auto naar het werk Aan Hilversummers met een betaalde baan is gevraagd met welk vervoersmiddel zij naar het werk reizen. Net als vorig jaar geven de meeste inwoners, namelijk vier op de tien, aan dat zij hiervoor de auto gebruiken. Daarna volgen de fiets (22%) en de trein (17%). Het aantal inwoners dat aangeeft dat ze vanuit huis werken is iets toegenomen, al gaat het om een beperkte ontwikkeling.

Monitor Hilversum 2021

47 van 96

Figuur 3.17 - Vervoersmiddel voor reizen naar het werk (basis: inwoners die aangeven werk te hebben) 43% 41%

Auto (bestuurder) 24% 22%

(Elektrische) fiets 16% 17%

Trein 8% 10%

Ik werk vanuit huis 4% 4% 2% Anders, namelijk: 2% 1% Motor/scooter/brommer 2% 1% Auto (passagier) 1% 1% Bus (openbaar vervoer) 1% 1% Bus (bedrijfsvervoer) 0% 0% Carpoolen (wisselend bestuurder of… 0%

Lopend

0%

10%

2020 2021

20%

30%

40%

50%

3.4.4 Lichte toename in werkenden in loondienst, aantal ZZP’ers juist iets afgenomen Na een beperkte afname van het aantal werkenden in loondienst in 2020, is het aantal werkende Hilversummers in loondienst dit jaar juist weer licht toegenomen, naar 80 procent (Figuur 3.17). In ruil hiervoor laat het aantal werkenden dat werkzaam is als ZZP’er of een eigen bedrijf of praktijk heeft een lichte afname zien (van 18 procent naar 16 procent). Figuur 3.18 - Uitsplitsing naar arbeidsrelatie per jaar (basis: inwoners die aangeven werk te hebben) 100% 80%

6%

5%

6%

21%

17%

16%

4% 16%

4%

4%

18%

16%

Zowel in loondienst als eigen bedrijf/praktijk/zzp

60%

Eigen bedrijf/praktijk/zzp 40%

74%

78%

78%

80%

78%

80%

Loondienst

20% 0% 2016

2017

2018

2019

2020

2021

3.4.5 Meeste werkzoekende Hilversummers in Centrum en Zuid In Centrum en Oost heeft het grootste deel van de inwoners een betaalde baan. In beide wijken werkt ongeveer zeven op de tien inwoners, dit is wel iets minder dan in 2020. In Hilversumse Meent hebben de minste inwoners een betaalde baan, namelijk ongeveer de helft. Van alle Hilversummers, ongeacht of men al werk heeft of niet, is een op de tien op zoek naar een andere baan (Figuur 3.19). In het Centrum en Zuid is het aandeel inwoners dat op zoek is naar een (andere) betaalde baan het hoogst, al is dit aandeel in beide wijken afgenomen in vergelijking met 2020. Over het algemeen zien we in bijna alle wijken een daling in Hilversummers die op zoek zijn naar ander werk.

Monitor Hilversum 2021

48 van 96

In Noord-West en Hilversumse Meent zijn de minste inwoners op zoek naar een (andere) betaalde baan, namelijk vijf procent of minder. In Hilversumse Meent heeft echter de helft van de inwoners geen betaalde baan. Dit is waarschijnlijk het gevolg van de bevolkingssamenstelling van de wijk, er wonen relatief veel ouderen. In het landelijk gebied geeft nul procent van de inwoners aan op zoek te zijn naar een (andere) betaalde baan, maar voor deze wijk is de steekproef relatief klein. Dit jaar is aan de werkzoekenden ook voor het eerst gevraagd hoe lang zij al op zoek zijn naar een andere baan. Het grootste deel, namelijk een derde van de werkzoekenden, zegt pas minder dan een maand op zoek te zijn. Iets minder dan twee op de tien zijn al langer dan een jaar op zoek naar een (andere) betaalde baan. Figuur 3.19 - Op zoek naar (andere) betaalde baan of eigen bedrijf naar wijk per jaar Centrum Zuid

11% 11% 11%

Oost Zuid-Oost

14%

15%

8%

Zuid-West Hilversumse Meent

5%

Noord-West

8% 8%

2021

12% 13%

0% 10%

0%

2020

13%

4%

Gemeente Hilversum

3.5

15%

12%

Noord-Oost

Landelijk gebied

18%

12%

5%

10%

13%

15%

20%

Jeugd en onderwijs

3.5.1 Naschoolse opvang opnieuw de meest gebruikte vorm van kinderopvang Iets meer dan acht op de tien inwoners van Hilversum gebruiken geen vorm van kinderopvang, omdat dit niet voor hen van toepassing is. Dit is ongeveer net zoveel als vorig jaar. Waarschijnlijk hebben deze inwoners geen kinderen in een leeftijd waar kinderopvang nodig is. Van de inwoners voor wie kinderopvang wel van toepassing is, maakt het grootste deel gebruik van naschoolse opvang, gevolgd door een kinderdagverblijf (Figuur 3.20). Het aantal ouders dat wel behoefte heeft aan kinderopvang maar nog op de wachtlijst staat, is licht toegenomen ten opzichte van vorig jaar. Het gaat wel om een beperkte ontwikkeling. Het aantal ouders dat gebruik maakt van een andere vorm van kinderopvang, lag in 2020 significant hoger. De meeste ouders noemen onder ‘andere’ opvang dat zij gebruik maken van een gastouder (aan huis).

Monitor Hilversum 2021

49 van 96

Figuur 3.20 - Gebruik en/of behoefte aan kinderopvang (basis: inwoners voor wie dit van toepassing is) 42% 45%

Ja, van naschoolse opvang 36% 37%

Ja, van een kinderdagverblijf 22% 19%

Ja, opvang via familie en/of kennissen

17% 15%

Nee, (nog) geen behoefte aan Ja, van een peuterspeelzaal

8% 6%

Ja, ander antwoord

5%

8%

Nee, maar staat/staan op wachtlijst

3% 4%

2020 2021

Nee, vanwege ontbreken van passend… 0%2% 0%

3.6

10%

20%

30%

40%

50%

Corona

Vanaf maart 2020 tot het voorjaar van 2022 houdt het coronavirus Nederland in zijn greep. De maatregelen die in deze periode gelden, raken iedereen. De overheid roept op om sociale contacten te verminderen en zoveel mogelijk thuis te werken. Omdat de gemeente Hilversum benieuwd is hoe Hilversummers de coronacrisis ervaren zijn er enkele vragen toegevoegd in de Hilversum Monitor. 3.6.1 Effect van corona op sociale contacten nog steeds het grootst De meeste Hilversummers merken dat als gevolg van corona de hoeveelheid sociale contacten die zij hebben is verminderd (Figuur 3.21). Ruim de helft van de inwoners geeft aan dat zij tijdens de coronacrisis minder hebben gesport en bewogen, wat wellicht samengaat met de ervaren achteruitgang van de fysieke gezondheid van sommige inwoners (36%). Bijna 45 procent van de inwoners stelt dat hun mentale gezondheid achteruit is gegaan. Inwoners geven het minst vaak aan dat hun financiële positie (21%) en een gezond eetpatroon hebben geleden onder de coronacrisis (16%). Voor deze aspecten zijn er ook de meeste inwoners die aangeven dat dit onder de coronacrisis is verbeterd (beide 13%). Ten opzichte van 2020 is er wat meer achteruitgang van mentale gezondheid, fysieke gezondheid en gezond eten.

Tegelijk is er is minder achtuitgang in sociale contacten, maar ook zijn er minder inwoners bij wie sport en beweging vooruit is gegaan als gevolg van de coronacrisis.

Monitor Hilversum 2021

50 van 96

Figuur 3.21 – Persoonlijke gevolgen coronacrisis 2021

2020

Sociale contacten

81%

Sport en beweging

16%

55%

Mentale gezondheid

44%

Fysieke gezondheid

36%

Financiële positie

21%

Gezond eten

16%

0% (Sterk) achteruit (Sterk) vooruit

30%

64% 69%

50%

5% 7% 13% 13%

100%

Gelijk gebleven Weet ik niet

Sociale contacten

88%

Sport en beweging

9%

49% 54%

3%

8% 3%

54%

Mentale gezondheid

41%

Fysieke gezondheid

35%

Financiële positie

22%

Gezond eten

15%

0% (Sterk) achteruit (Sterk) vooruit

28%

15%

5%

53%

54%

9%

64%

13%

69%

16%

50% 100% Gelijk gebleven Weet ik niet

Tussen de wijken zijn verschillen in hoe vaak inwoners vinden dat een bepaald aspect van hun leven achteruit is gegaan als gevolg van corona. Inwoners in de wijk Centrum zijn significant vaker positief over de gevolgen van corona. De fysieke gezondheid, sociale contacten, gezond eten en de financiële positie zijn minder vaak (sterk) achteruit gegaan. 3.6.2 Ongeveer helft van de inwoners is tevreden over handhaving coronamaatregelen De meeste Hilversummers geven aan dat ze redelijk tevreden zijn over de handhaving van de coronamaatregelen of dat ze niet goed weten hoe ze dit moeten beoordelen (Figuur 3.22). De helft van de inwoners is redelijk tot zeer tevreden over de handhaving van de maatregelen. Dit geldt ook voor het optreden van de burgemeester, hierover geeft een op de vijf inwoners aan ‘zeer tevreden’ te zijn. Ten opzichte van 2020 zijn er minder inwoners (zeer) tevreden over de handhaving van de maatregelen in Hilversum en de manier waarom de gemeente Hilversum inwoners informeert over de maatregelen. Het percentage inwoners dat geen mening heeft over de handhaving van coronamaatregelen is toegenomen. In Zuid-West, Noord-West en Noord-Oost zijn inwoners in 2021 minder tevreden over de handhaving van maatregelen in Hilversum dan een jaar eerder. In Noord-Oost is daarbij ook het percentage inwoners dat helemaal niet tevreden is toegenomen (van 3 naar 7 procent).

Monitor Hilversum 2021

51 van 96

Figuur 3.22 – Tevredenheid met handhaving coronamaatregelen 2021

2020

Handhaving van de maatregelen in Hilversum

18%

De manier waarop de gemeente Hilversum u informeert over de maatregelen

17%

Het optreden van de burgemeester van 9% Hilversum

43%

41%

30%

0%

7%

7%

20%

33%

35%

(Helemaal) niet tevreden

Redelijk tevreden

Zeer tevreden

Weet ik niet

Monitor Hilversum 2021

19%

43%

10%

28%

De manier waarop de gemeente Hilversum u informeert over de maatregelen

19%

44%

9%

28%

Het optreden van de burgemeester van 11% Hilversum

42%

50%

De handhaving van de maatregelen in Hilversum

100%

0% (Helemaal) niet tevreden Zeer tevreden

32%

21%

36%

50%

100%

Redelijk tevreden Weet ik niet

52 van 96

Verkeer en bereikbaarheid

Monitor Hilversum 2021

53 van 96

4

Verkeer en bereikbaarheid

In hoofdstuk vier komen verschillende aspecten op het gebied van verkeer en bereikbaarheid aan bod. Paragraaf 4.1 gaat over de mening van Hilversummers over verkeersveiligheid. Paragraaf 4.2 geeft weer wat voor vervoersmiddelen Hilversummers bezitten en hoe tevreden Hilversummers zijn met verschillende manieren van vervoer. In paragraaf 4.3 worden de rapportcijfers die Hilversummers geven wat betreft de bereikbaarheid naar het centrum weergegeven.

•

• • •

• • • •

4.1

Ongeveer de helft van de inwoners vindt dat er plekken zijn waar de verkeersveiligheid verbeterd kan of moet worden. In Hilversumse Meent vindt juist een grote meerderheid dat er geen plekken zijn waar het nodig is de verkeersveiligheid te verbeteren (77%). De (elektrische) fiets is net zoals vorig jaar het favoriete vervoersmiddel voor Hilversummers om zich mee te verplaatsen, Het aantal Hilversummers dat wekelijks gebruik maakt van de trein is significant toegenomen, het aandeel dat dagelijks in de trein stapt daalde juist aanzienlijk. De hoeveelheid parkeermogelijkheden voor inwoners dicht bij huis blijft onveranderd voor de gemeente als geheel. Inwoners van Centrum moeten hun auto wel vaker verder van hun huis parkeren dan in 2020. De helft van de Hilversummers weet niet of er een mogelijkheid is om een auto te delen in de buurt. Tevredenheid van inwoners over het gebruik van de fiets en de auto om zich door Hilversum te verplaatsen is afgenomen ten opzichte van een jaar eerder. Inwoners minder tevreden over bereikbaarheid per auto dan in 2020, juist wel meer te spreken over de bereikbaarheid per fiets. Ruim de helft van de Hilversummers vindt dat er genoeg plek is om hun fiets te stallen in het centrum. Inwoners uit Noord-Oost vinden dit significant minder vaak dan in 2020.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=a2a981ca-dfef-484c-aae3-f86728697e50