CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

betrokkenheid-inwoners-energie-en-warmtetransitie-eindrapport

GEMEENTERAAD 31 maart 2021, gemeente HilversumBij agendapunt: Rekenkameronderzoek naar betrokkenheid inwoners bij de Hilversumse energie- en warmtetransitie (749360)27.163 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Regionale Energie Strategie (RES) In het Klimaatakkoord is onder andere afgesproken dat er Regionale Energiestrategieën (RES-en) worden opgesteld. Deze RES-en moeten inzicht geven waar binnen een regio in de komende jaren nieuwe wind- of zonneparken ontwikkeld gaan worden. Decentrale overheden (gemeenten, provincies en waterschappen) hebben de opdracht gekregen om de RES op te stellen. Dit doen zij samen met betrokken partijen in de regio’s. Naast maatschappelijke partners, netbeheerders en het bedrijfsleven worden ook de inwoners betrokken bij het opstellen van deze strategieën. Voor het maken van een RES is Nederland opgedeeld in 30 RES-regio’s. In juli 2021 stellen de gemeenteraden, de Provinciale Staten en het algemeen bestuur van de waterschappen de RES 1.0 vast. De RES wordt om de twee jaar geactualiseerd, waarmee ruimte wordt gecreëerd voor nieuwe initiatieven en ontwikkelingen.

Programma Aardgasvrije Wijken

In het Klimaatakkoord is afgesproken dat gemeenten de regie hebben in de aanpak om stap voor stap wijken aardgasvrij te maken. Om gemeenten hierbij te ondersteunen is het Programma Aardgasvrije Wijken gestart. Om ervaring op te doen met het aardgasvrij maken van woonwijken zijn financiële middelen beschikbaar gesteld voor een aantal proeftuinen. Het programma selecteert proeftuinen waarin verschillende aanpakken worden getoetst, en zorgt via een Kennis- en Leerprogramma dat alle gemeenten kunnen leren van de ervaringen die in de proeftuinen worden opgedaan. In 2018 zijn in de eerste ronde 27 proeftuinen geselecteerd die de afgelopen twee jaar aan de slag zijn 25

gegaan met aardgasvrij wonen. Voor de tweede ronde is een rijksbijdrage van gemiddeld 4 miljoen euro per proeftuin beschikbaar voor ongeveer 25 wijken. In totaal hebben 71 gemeenten een aanvraag voor de tweede ronde ingediend. De gemeente Hilversum heeft een aanvraag ingediend voor de wijk Hilversumse Meent. Op 26 oktober 2020 is bekend gemaakt dat de aanvraag voor de Meent door het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties is gehonoreerd.

A.3

Gemeentelijk beleid

Evaluatie duurzaamheidsprogramma 2012-2015 en totstandkoming van het programma Duurzaam Hilversum 2016-2020 Eind 2015 is het duurzaamheidsprogramma 2012 -2015 geëvalueerd door adviseurs van Royal Haskoning DHV. Dit ter voorbereiding op het nieuw op te stellen programma. In deze evaluatie stellen de adviseurs – op basis van een enquête onder bewoners – dat het de gemeente nog niet goed lukt om bewoners zo te ver krijgen dat zij investeren in duurzame maatregelen. Echter blijkt ook dat bewoners zelf maatregelen treffen zonder dat de gemeente hier goed zicht op heeft. In de evaluatie adviseert Royal Haskoning DHV de gemeente onder andere om de ondersteuning van initiatieven te intensiveren en een aanjagende en verbindende rol te pakken. Naast de uitgevoerde evaluatie, heeft Royal HashKoning DHV ook de kaders geschetst voor het opvolgende programma: het duurzaamheidprogramma 2016-2020. De aanpak gaat mede uit van ‘Co-creatie met de stad: het nieuwe programma wordt opgesteld samen met relevante actoren’. Hiertoe is in 2015 gesproken met vertegenwoordigers van bedrijven, scholen, sportverenigingen, het mediapark en de energiecoöperatie. Deze partijen is gevraagd mee te denken over het programma duurzaamheid en hun positie daarin. De input is verwerkt in het programma.

Het resultaat hiervan was onder meer dat er extra paragrafen in het programma zijn toegevoegd die specifiek ingaan op de bedrijven of de sportverenigingen. Ook is er bij de evaluatie in 2015 een enquête afgenomen onder Hilversummers. De bevindingen zijn gebruikt om het nieuwe programma richting te geven. Verder hebben bewoners bij het opstellen van het nieuwe programma - anders dan vertegenwoordigers van bovengenoemde partijen – geen rol gespeeld bij het opstellen van het programma Duurzaam Hilversum 2016-2020.

Programma Duurzaam Hilversum 2016-2020 De ambitie van de gemeente Hilversum is een aardgasvrij Hilversum in 2040 en een klimaatneutraal Hilversum in 2050. Deze ambitie is vastgelegd in het Programma Duurzaam Hilversum 2016-2020. In 2019 zijn deze doelstellingen verder aangescherpt:

• • •

Hilversum is in 2050 een CO²-neutrale gemeente: de energie die nodig is binnen Hilversum wordt duurzaam en zoveel mogelijk lokaal en in lokaal eigendom opgewekt; in 2040 is de gemeente aardgasvrij: vanaf 2040 worden woningen en bedrijfspanden niet langer verwarmd met bronnen waarvoor aardgas wordt verbrand; in 2030 is de CO²-uitstoot met 250 kTon verminderd ten opzichte van 1990.

Omdat 2050 nog ver weg is, heeft het college in het Jaarplan 2019 een aantal tussentijdse doelen geformuleerd: • vanaf 2022 worden in Hilversum 2.000 woningen per jaar Aardgasvrij-klaar2 opgeleverd; • in 2022 is de organisatie van de gemeente Hilversum CO²-neutraal en hebben scholen dit doel vastgelegd in hun onderhoudsplanning.

Een woning is aardgasvrij-klaar als deze zodanig is geïsoleerd dat in de warmtebehoefte van de woning kan worden voorzien door een alternatieve (CO²-neutrale) energiebron. 2

26

Om de gestelde doelen te halen, heeft het college in eerste instantie een driesporenstrategie ontwikkeld. Sinds 2018 is dit uitgebreid met een vierde spoor: • Spoor 1 – Energieplatform Hilversum (sinds 2018 bekend als Hilversum100) en Green Deals: Dit spoor is erop gericht om via het platform ‘innovatieve denkkracht’ en ‘maatschappelijk kapitaal’ uit de samenleving te bundelen en tot concrete afspraken te komen; de zogeheten ‘Green Deals’. Het platform, later bekend als Hilversum100, is dus bedoeld om partijen in de stad met elkaar te verbinden en afspraken met hen te maken die bijdragen aan de gemeentelijke duurzaamheidsdoelstellingen. •

Spoor 2 – de gemeente als voorbeeld en inspiratie: De gemeente geeft het goede voorbeeld door zonnepanelen te plaatsen op daken van gemeentelijke gebouwen en de eigen organisatie energieneutraal te maken.

•

Spoor 3 – de gemeente steunt maatschappij om te verduurzamen: De gemeente werkt samen met initiatieven vanuit de samenleving, zoals energiecoöperaties en wijkinitiatieven. Ook het in stand houden en opzetten van revolverende fondsen voor bewoners, VvE’s en maatschappelijk vastgoed valt onder dit spoor. De regionale samenwerking is ook onderdeel van dit spoor.

•

Spoor 4 – aardgasvrije wijken en aardgasvrije projecten: Dit spoor is gericht op de transitie naar aardgasvrije wijken. Hierin werkt de gemeente samen met de regio, Servicepunt Duurzame Energie3 en Smart Energy Cities (specifiek voor Meent Aardgasvrij, een initiatief om de wijk Hilversumse Meent aardgasvrij te maken).

De jaarlijkse doelen en acties zijn beschreven in een jaarplan dat wordt aangeboden aan de raad. De voortgang wordt gemonitord en gerapporteerd aan de gemeenteraad in tussenrapportages en jaarrapportages. Het programma beschrijft een aantal instrumenten die specifiek zijn gericht op initiatieven uit de samenleving en / of het faciliteren van individuele bewoners en VvE’s.

Green Deals Gemeenten kunnen zogenoemde ‘Green Deals’ afsluiten met lokale partijen die de gemeente helpen bij het realiseren van de duurzaamheidsdoelstellingen. In eerste instantie heeft de gemeente Hilversum deze taak gedelegeerd aan het Energieplatform Hilversum. In 2018 heeft de gemeente deze taak weer naar zich toegehaald. Het Energieplatform had vanaf dat moment dus niet meer de taak om Green Deals af te sluiten, maar is toen doorgegaan als Hilversum100; een platform van Hilversummers die zich inzetten voor duurzaamheid. Via de Green Deal-aanpak kan de (lokale) overheid vernieuwende, duurzame initiatieven uit de samenleving de ruimte geven. De gemeente Hilversum heeft inmiddels een vijftal Green Deals gesloten met kortheidshalve de volgende doelen: Green deal

Doel

1.

Kantoren en bedrijfsmatig vastgoed

Stappen zetten in verduurzaming kantoorpanden

2.

Media

Verduurzamen van mediabedrijven

3.

Gijsbrecht

Verduurzamen winkelstraat De Gijsbrecht

4.

Energiecoöperatie HilverZon

Realiseren van zonne-energie

5.

Energiecoöperatie Hilversumse Energie

Stimuleren van het gebruik van elektrische deelauto’s

Transitie (HET)

Het Servicepunt Duurzame Energie is een initiatief van de provincie Noord-Holland bedoeld om allerlei vragen van gemeenten, regio’s en woningbouwcorporaties over duurzame energie te beantwoorden. 3

27

Duurzaamheidslening Voor woningeigenaren en VvE’s die energiebesparende maatregelen willen uitvoeren stelt de gemeente een duurzaamheidslening ter beschikking. Deze lening staat los van leningen die bij landelijke overheidsinstellingen (zoals de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland) kunnen worden aangevraagd. De duurzaamheidslening is een revolverend fonds, wat betekent dat het uitgeleende geld na terugbetaling opnieuw beschikbaar komt voor nieuwe leningen. De totale gemeentelijke inleg in dit fonds bedroeg tot aan 2020 ruim 2 miljoen euro (opgebouwd sinds 2014). In totaal hebben 171 particulieren en 208 VvE’s gebruik gemaakt van het duurzaamheidsfonds. In september 2020 is het fonds bijna uitgeput vanwege de hoeveelheid aanvragen. Om die reden heeft het college van Hilversum besloten het fonds op te hogen met 1 miljoen euro. Het fonds is niet voor alle inwoners toegankelijk. Onderdeel van de aanvraag is een krediettoets (vergelijkbaar met een hypotheekverstrekking), aangezien het om een lening gaat. De gemeente kijkt naar het netto-inkomen, woonlasten en de financieringslasten van de aanvragers. Daarnaast dienen aanvragers jonger dan 75 jaar te zijn.

“De gemeente heeft een duurzaamheidslening voor inwoners. Deze zetten we voort en breiden de mogelijkheden uit voor dit revolverende fonds in samenwerking met de Bank Nederlandse Gemeente.” Jaarplan Energietransitie 2020

Het Duurzaam Bouwloket De gemeente informeert inwoners over kansen van duurzaam bouwen via de website van het Duurzaam Bouwloket4. Het Duurzaam Bouwloket is een onafhankelijk energieloket waar ruim 100 gemeenten bij zijn aangesloten. Inwoners van Hilversum kunnen hier terecht met allerlei vragen over de verduurzaming van hun woning. Via deze website worden inwoners wegwijs gemaakt in het aanbod van duurzame renovatie van woningen en verwijst daarbij ook door naar lokale partijen, zoals energiecoöperatie HilverZon en Hilversum100.

Maak je huis Hoom In het duurzaamheidsprogramma beschrijft de gemeente de organisatie ‘Maak je huis Hoom’ (Hoom) als een van de samenwerkingspartners bij de verduurzaming van particuliere woningen. Hoom biedt een wijkgerichte aanpak en ondersteunt daarmee de ontwikkeling van lokale partijen, zoals de energiecoöperaties en wijkinitiatieven. Sinds 2018 komt Hoom niet meer in de jaarplannen of rapportages van de gemeente voor. De taken van Hoom, zoals het inzetten van energiecoaches en ondersteunen of organiseren van bijeenkomsten zijn overgenomen door de lokale energiecoöperaties en Hilversum100.

Prestatieafspraken Hilversum 2017-2020 Begin 2017 zijn de gemeente Hilversum, de woningcorporaties en de huurdersorganisaties prestatieafspraken overeengekomen. De prestatieafspraken beschrijven de gezamenlijke ambities waar het gaat om de sociale woningvoorraad in Hilversum. Na 2020 worden deze afspraken weer vernieuwd. Het onderwerp ‘woningkwaliteit en duurzaamheid’ is een van de vijf thema’s. De ambitie is om de bestaande huurwoningenvoorraad te verduurzamen en energiezuinig (energielabel B) te maken, en hiermee een daling van de woonlasten van huurders te bewerkstelligen. Ook is er een gezamenlijke ambitie om de mogelijkheden voor verduurzaming, zoals nul-op-de-meter-woningen (aardgasvrij), nader te onderzoeken.

4

www.duurzaambouwloket.nl

28

Evaluatie programma Duurzaam Hilversum 2016-2020 (concept) Het programma Duurzaam Hilversum 2016-2020 is door een extern adviesbureau geëvalueerd. Deze evaluatie was ten tijde van het opstellen van dit onderzoeksrapport van de rekenkamer nog niet vastgesteld door het college en de gemeenteraad en is daarom buiten beschouwing gelaten. Van duurzaamheid naar energietransitie In 2019 is door het college binnen het programma gekozen voor een nauwere focus. Vanwege deze focusverschuiving is ook de naamgeving van het jaarplan veranderd van Jaarplan Duurzaamheid naar Jaarplan Energietransitie. Het is de ambitie om duurzaamheid onderdeel te laten zijn van alle afdelingen waarbij het team Energietransitie gericht ‘meters kan maken’ op een aantal punten, zoals de warmtetransitie en de RES. Momenteel werkt het team Energietransitie aan het nieuwe programma. Echter, tegelijkertijd heeft de ambtelijke organisatie naar eigen zeggen te maken met bezuinigingen. Dit komt volgens hen het programma niet ten goede. Bovendien is de capaciteit van het team al krap en wordt er meer gevraagd dan het team kan leveren. Hierdoor moeten er keuzes gemaakt worden, zo wordt aangegeven.

A.4

Ontwikkeling nieuw beleid

Het duurzaamheidsprogramma liep tot en met 2020. Om die reden werkt de gemeente aan een nieuw programma. Daarnaast is de gemeente bezig met haar aandeel in de regionale energiestrategie Noord-Holland Zuid en stelt zij momenteel de Transitievisie Warmte op.

Programma Energietransitie 2021-2025 Het nieuw te schrijven programma Energietransitie heeft een looptijd van 2021 tot en met 2025. Naar verwachting is dit programma in het eerste kwartaal van 2021 gereed. De hoofdlijnen in het nieuwe programma Energietransitie 20212025 blijven energie besparen en duurzaam opwekken, net als in het voorgaande programma. Een belangrijk aandachtspunt volgens de ambtelijke organisatie is dat er meer samenhang komt tussen de verschillende onderdelen in vergelijking met het huidige programma. De RES en de Transitievisie Warmte komen beide op hoofdlijnen aan bod in het nieuwe programma, maar worden niet uitgewerkt. Dit doet de gemeente separaat in de Regionale Energiestrategie Noord-Holland Zuid en de Transitievisie Warmte. Parallel werkt de gemeente ook aan een nieuwe Mobiliteitsvisie, waarbinnen duurzaamheid één van de onderwerpen is.

Concept Regionale Energiestrategie Noord-Holland Zuid (RES NHZ) De gemeente Hilversum maakt onderdeel uit van de RES Noord-Holland Zuid. Binnen deze RES-regio valt Hilversum binnen de deelregio Gooi en Vechtstreek. De concept-RES NHZ is gereed en op 1 juli 2020 voor kennisgeving aangenomen door de gemeenteraad van Hilversum. De concept-RES NHZ is het eerste resultaat om te komen tot de RES 1.0. In haar zienswijze op de concept-RES NHZ spreekt de gemeente Hilversum haar sterke voorkeur uit om vol in te zetten op zonne-energie op daken. Deze wens komt mede voort uit het advies van de adviesgroep van 50 Hilversummers die participeerden in dit traject. Het advies van deze groep Hilversummers is volgens de stukken van de gemeente herkenbaar zichtbaar in de concept-RES NHZ. Daarnaast gebruikt de gemeente Hilversum het advies als een ‘richtsnoer’ bij de eigen wensen en bedenkingen bij de concept-RES NHZ. De concept-RES NHZ ligt momenteel voor beoordeling bij het Nationaal Programma RES (NP RES) en het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Een uitdaging richting de RES 1.0 is volgens de gemeente het betrekken van een brede groep inwoners, meer divers dan de huidige adviesgroep van 50 Hilversummers. In deze groepen waren vrouwen en jongeren namelijk ondervertegenwoordigd. De gemeente verwacht dat brede participatie pas echt gaat spelen zodra plannen uit de RES concreet worden.

Transitievisie Warmte Oorspronkelijk was bedoeld dat in de Transitievisie Warmte de gemeente Hilversum zou bepalen welke wijken wanneer van het aardgas afgaan, welke alternatieve bronnen daarvoor zijn en hoe inwoners worden geholpen bij de 29

voorbereidingen die zij daarvoor moeten treffen. De wijken zouden volgens de gemeente in eerste instantie geselecteerd worden vanuit de technische kansen en mogelijkheden. Vervolgens zou aan draagvlak onder inwoners gewerkt. Dit plan zou de gemeente maken in een open proces met stakeholders, inwoners en ondernemers. De gemeente stond hierbij naar eigen zeggen aan de lat voor het aardgasvrij-klaar maken van de woningen. De daadwerkelijke afkoppeling en de kosten daarvan liggen bij de gemeente. Het is overigens niet geheel duidelijk voor wie de kosten van het daadwerkelijk aardgasvrij maken van de woningen en gebouwen zijn. De gemeente verwacht hierover meer duidelijkheid vanuit het Rijk. Het was oorspronkelijk de bedoeling om in de transitievisie een participatie- en communicatieparagraaf op te nemen met daarin hoe wijkinwoners en andere stakeholders, zoals bedrijven en ketenpartners, worden betrokken bij de plannen en waarover met hen wordt gesproken. Met behulp van de visie inventariseert de gemeente de wijken waar al initiatief zit en die (mede vanwege een dergelijk initiatief) kansrijk zijn. Dit bepaalt de volgorde waarin wijken vervolgens aardgasvrij-klaar worden gemaakt. Per wijk kan deze aanpak verschillen. Dit zal leiden tot de zogenaamde wijkuitvoeringsplannen. De gemeente Hilversum wordt bij het opstellen van de Transitievisie Warmte begeleid door externe adviseurs.

In het voorjaar van 2020 is er gestart met rondes met stakeholders. De ambtelijke organisatie geeft aan te hebben gesproken met de woningcorporaties, netbeheerders, energiecoöperaties en Green Deal coaches. Vervolgens zou de gemeente gaan werken aan een zogenoemde 0.8 versie. Deze versie van de visie zou in het najaar van 2020 naar de gemeenteraad gaan. Nadat de raad hier kennis van heeft genomen, zou het participatietraject met inwoners in 2021 van start kunnen gaan. Inmiddels (eind 2020) is duidelijk dat in de Transitievisie Warmte geen aparte participatie- en communicatievisie komt. Participatie is onderdeel om te komen tot de Transitievisie Warmte. Verder is inmiddels duidelijk dat er geen volgorde komt voor het aardgasvrij(klaar) maken van de buurten. Wel wordt gekeken naar indicatie van buurten die kansrijk zijn om mee aan de slag te gaan. Er zal niet overgegaan worden tot het opstellen van buurtuitvoeringsplannen, zolang de warmtetransitie nog niet haalbaar en betaalbaar is. Haalbare initiatieven die van onderaf komen, zullen worden ondersteund. De zogenoemde ‘0.8 versie’ heeft inmiddels volgens de ambtelijke organisatie de status van een startdocument.

Pilot in Hilversumse Meent In de wijk de Hilversumse Meent is sinds 2017 een werkgroep actief (Werkgroep Hilversumse Meent Aardgasvrij), waar de gemeente, netbeheerder, woningcorporaties en een inwonersorganisatie deel van uitmaken. Deze werkgroep heeft twee doelen. In de eerste plaats is dat het ontwikkelen van een wijkaanpak en strategie om de transitie naar een aardgasvrij de Meent vorm te geven. Verder is het de bedoeling te leren van de opgedane ervaringen en de aanpak in de Meent, om dat als voorbeeld mee te nemen voor de ontwikkeling van de transitieplannen voor andere wijken. De wijkaanpak is in 2018 opgesteld en alle betrokken partijen hebben hierbij actief meegedacht. De gemeente heeft de aanvraag voor Pilot Hilversumse Meent formeel ingediend bij het Programma Aardgasvrije Wijken. De leden van de werkgroep Meent Aardgasvrij (de Stichting Hilversumse Meent, Liander, woningcorporatie Gooi en Omstreken, woningcorporatie de Alliantie en de gemeente Hilversum) hebben input geleverd voor de aanvraag. De pilot is geïnitieerd door de betrokken partijen mede omdat een van de redenen was dat de wijkstichting aardgasvrij op hun wijkagenda had gezet. Op 26 oktober 2020 is bekendgemaakt dat de aanvraag wordt gehonoreerd. Dat betekent dat de gemeente vanuit het Programma Aardgasvrije Wijken (financieel) ondersteund wordt om de wijk stap voor stap aardgasvrij te maken.

Er is gemiddeld 4 miljoen euro beschikbaar per proeftuin. De gemeente heeft aangegeven nu samen met de inwoners stappen te gaan zetten, te beginnen met de inwoners die graag snel van het gas af willen.

30

A.5

Beleidsmatige visie op eigen rol

De gemeente Hilversum gaat in het programma Duurzaam Hilversum 2016-2020, de jaarplannen en de jaarrapportages in op de aard van de externe samenwerking in het kader van energie- en warmtetransitie en de eigen rol in deze samenwerking. Document Programma Duurzaam Hilversum 2016-2020

Jaarrapportage 2016 Jaarplan Duurzaam Hilversum 2017

Jaarplan Duurzaam Hilversum 2018

Eindrapportage 2018 Duurzaam Hilversum Jaarplan Energietransitie 2019

Voortgang uitvoering Jaarplan Energietransitie Hilversum 2019

Jaarplan Energiestrategie 2020

Rol

De gemeente ziet het belang van samenwerking met verschillende stakeholders. Daarnaast ziet de gemeente een steeds grotere rol voor de samenleving. De gemeente wil samenwerken, lokale initiatieven ondersteunen en een voorbeeldrol vervullen. De gemeente wil met het programma investeringen vanuit de maatschappij aanjagen en versnellen. De gemeente zegt afhankelijk te zijn van anderen om de duurzaamheidsambities te realiseren. Samenwerking is het sleutelwoord. De gemeente neemt hierbij de rol als regisseur en facilitator. De gemeente Hilversum kan “daar waar de transitie niet vanzelf loopt” naar eigen zeggen de volgende rollen vervullen: ondersteunen; aanjagen; faciliteren; regisseren; kaderstellen; inspireren. De gemeente stelt dat zij een rol heeft vervuld als aanjager, voorbeeldfunctie om draagvlak te creëren en facilitator van de ‘juiste context’ zodat de samenleving aan de slag kon. Er is nog onzekerheid over de rol van de overheid bij de warmtetransitie. De gemeente gaat dieper in op de samenwerking en rolverdeling. Te lezen is dat de gemeente faciliteert, financiële ondersteuning biedt, stimuleert, kennis en netwerk deelt, (aanpak) ontwikkelt en het goede voorbeeld geeft. De rolopvatting is geïllustreerd aan de hand van enkele voorbeelden.

De gemeente zegt samen te werken door te agenderen, financieel te ondersteunen en cofinanciering te vragen op eigen activiteiten, kennis en netwerk te delen en verbinden, gezamenlijk tot besluiten en uitvoering van initiatieven te komen. De gemeente schrijft dat zij in de energietransitie verschillende rollen aanneemt: informerend, stimulerend, faciliterend, sturend, regisserend en handhavend. Ook de rol van verbinder tussen partijen wordt genoemd. Verder schrijft de gemeente dat zij zorgt voor de kennis en faciliteiten zodat iedereen mee kan doen. In het laatste jaarplan kijkt de gemeente alvast naar het opvolgende programma, waarin zij binnen de gemeentelijke organisatie duurzaamheid wil aanjagen en ontwikkelen. Verder probeert de gemeente de samenleving verder te ondersteunen, blijft zij samenwerken met verschillende regionale en private partijen en energiecoöperaties.

Uit de stukken van de gemeente komen dus verschillende rollen naar voren. Door de jaren heen zijn dit deels dezelfde rollen, maar komen er ook nieuwe rollen bij of verdwijnen er weer rollen. In de genoemde stukken is niet expliciet gemaakt wat hiervan de achtergrond of het doel is. De algemene aanduiding van de rollen is in de stukken niet geconcretiseerd.

31

Tijdens de gesprekken met de ambtelijke organisatie is de rolopvatting van de gemeente ook aan de orde gekomen. Hieruit blijkt dat de gemeente een grote rol voor zichzelf ziet in het informeren over duurzaamheidoplossingen (energieverbruik en -besparing), de energietransitie en de warmtetransitie. De achtergrond hiervan is dat het voor inwoners lastig kan zijn de hoeveelheid beschikbare informatie op te nemen en te waarderen. Er is bijvoorbeeld veel te vinden over allerlei energiebesparende maatregelen en vanuit de markt komen er regelmatig aanbiedingen bij inwoners terecht. Echter, deze maatregelen en aanbiedingen zijn niet altijd de beste oplossing voor een inwoner. Om die redenen ziet de gemeente voor zichzelf een belangrijke rol in het zorgen voor betrouwbare en eenduidige informatie richting inwoners. Een andere belangrijke rol die vanuit meerdere gesprekken naar voren komt is het creëren van overzicht in de initiatieven op wijkniveau en het vinden van manieren om die aan elkaar te verbinden. Volgens de gemeente is er geen sprake van een vaste rol, maar verschilt deze per situatie. Inwoners en andere partijen hebben verschillende verwachtingen, behoeften en wensen ten aanzien van (de rol van) de gemeente en die verwachtingen kunnen per situatie en moment ook nog verschillen.

De best passende rol is dus niet alleen afhankelijk van de aard van de samenwerking maar kan bijvoorbeeld ook per fase van de samenwerking verschuiven. Het is een zoektocht naar ‘de juiste rol op het juiste moment’. Als voorbeeld geeft de ambtelijke organisatie aan dat zij zich in de wijk Kerkelanden – waar een haalbaarheidsonderzoek wordt uitgevoerd naar een warmtenet – meer afwachtend en faciliterend opstelt terwijl de gemeente bij de pilot in de Hilversumse Meent meer een co-creërende partnerrol neemt. Uit de gesprekken blijkt verder dat interne onduidelijkheid over waar de gemeente wel en niet over gaat bij de energie- en warmtetransitie, het kiezen van de juiste rol bemoeilijkt. Zeker wanneer het gaat om initiatieven uit de samenleving, waar de gemeente ‘niet over gaat’. De rol is dan in principe faciliterend door bijvoorbeeld belemmeringen weg te nemen. Soms kan het echter nuttig zijn om te voorkomen dat het initiatief doodbloedt een actievere rol aan te nemen en het initiatief naar zich toe trekken. Met deze dynamiek worstelt de gemeente, waardoor zij naar eigen zeggen op dit moment soms een te grote rol aanneemt of een te grote rol krijgt toebedeeld. Vanuit de ambtelijke organisatie wordt aangegeven dat het een uitdaging is om vast te houden aan de eigen rol en ook in te spelen op de verwachtingen van de inwoners en externe partijen.

Zeker wanneer het gaat om samenwerking met inwoners kan er spanning en wrijving zijn tussen de manier van werken van professionals enerzijds en inwoners anderzijds. Dit laatste is een verwijzing naar de energiecoöperaties die de gemeente subsidieert. De onderlinge verwachtingen tussen gemeente en coöperaties zitten niet altijd op één lijn. Hoofdstuk C.4 gaat hier dieper op in.

32

A.6

Gemeentelijke visie op rollen andere partijen en initiatieven

Beleidsmatige visie

De gemeente Hilversum beschrijft in het duurzaamheidsbeleid niet alleen haar eigen rollen, maar ook die van andere partijen. Ze erkent het belang van samenwerken met andere stakeholders, ook omdat de gemeente zich realiseert dat zij de duurzaamheidsambities niet zelfstandig kan waarmaken. Daarom heeft de gemeente de inzet nodig van bijvoorbeeld het bedrijfsleven, woningcorporaties, mediapark en scholen. De gemeente wil samen met dergelijke partijen werken aan de verduurzaming van Hilversum. De gemeente Hilversum ziet een grote rol voor de samenleving bij duurzaamheid. In het programma Duurzaam Hilversum 2016-2020 stelt de gemeente dat zij zich aansluit bij de maatschappelijke ontwikkeling waarbij bewoners en coöperaties steeds meer eigen initiatief nemen om te verduurzamen. De gemeente geeft aan bewoners actiever te willen ondersteunen en op die manier investeringen te willen stimuleren, bijvoorbeeld met het duurzaamheidsfonds. Het activeren van bewoners wil de gemeente intensiveren met behulp lokale initiatieven. Waar het gaat om de warmtetransitie heeft de gemeente niet de bevoegdheid om achter de voordeur van inwoners aan de slag te gaan. Het komt hier voor een groot deel aan op de eigen verantwoordelijkheid van de inwoners. De lokale energiecoöperaties en Hilversum100 hebben een belangrijke rol om de samenleving van onderop te verduurzamen.

Zij hebben volgens de gemeente een belangrijke taak om inwoners te bereiken en betrekken zodat zij vervolgens zelf aan de slag gaan. In die zin ligt er voor initiatieven (zoals in de Meent Aardgasvrij) en inwoners ook een rol in de uitvoering, namelijk het daadwerkelijk verduurzamen en aardgasvrij maken van woningen. In de jaarplannen en rapportages van het duurzaamheidsprogramma worden met name de rollen van energiecoöperaties en wijkorganisaties beschreven. Document

Rol initiatieven

Jaarrapportage 2016

De gemeente ziet een grote rol voor lokale initiatieven bij het stimuleren van energiebesparing voor bewoners. De gemeente wil initiatieven van onderop ondersteunen. De gemeente wil de communicatie over duurzaamheid richting verschillende doelgroepen doorontwikkelen met behulp van het Energieplatform/Hilversum100. Energiecoöperatie HilverZon speelt een essentiële rol bij de energietransitie vanwege haar netwerk en vanwege het informeren van inwoners over energiebesparing. Hilversum100 en HilverZon vervullen een rol in het aanjagen van actieve participatie van de samenleving bij de energietransitie. Samenwerkingsverbanden – waaronder initiatieven – spelen een rol om de energietransitie aan te jagen. Initiatieven spelen een rol om te komen tot aardgasvrije woningen. De energiecoöperaties spelen een rol bij de opwekking van duurzame energie. Inwoners en bedrijven worden uitgenodigd om actief deel te nemen aan de energieopgave, de besluitvorming voor te bereiden en initiatief te nemen. Samenwerking en krachten bundelen met duurzame initiatieven in de stad. De lokale energie- en buurtcoöperaties spelen een sleutelrol in de opwekking van duurzame energie in lokaal eigendom. Om deze rol te pakken wil de gemeente helpen te professionaliseren zodat zij zonder subsidie uit kunnen. Alle inwoners en bedrijven in de gelegenheid stellen mee te praten en te denken.

De lopende initiatieven spelen hier een rol in. Hilversum100 krijgt de rol om initiatieven en initiatiefnemers te laten ‘bruisen’ en impact te laten hebben. Daarnaast wil de gemeente inwoners bereiken via een campagne met Hilversumse verhalen, gericht op wat bewoners zelf kunnen doen, wat dat oplevert en waar ze terecht kunnen voor informatie. Ook hier ziet de gemeente een rol voor lokale partijen.

Jaarplan 2017 Programma duurzaam Hilversum Rapportage 2017 Programma Duurzaam Hilversum 2016-2020 Jaarplan 2018 Duurzaam Hilversum Eindrapportage 2018 Duurzaam Hilversum Jaarplan Energietransitie 2019

Voortgang uitvoering Jaarplan Energietransitie Hilversum 2019 Jaarplan Energietransitie 2020

Praktische uitwerking van de rollen

Om een dieper zicht te krijgen op de bovenstaande beoogde rollen van bewonersinitiatieven en lokale energiecoöperaties is gesproken met ambtenaren en is een ambtelijke stakeholdersanalyse bestudeerd. Het programmateam Energietransitie van de gemeente Hilversum heeft eind 2019 een stakeholdersanalyse uitgevoerd. Hierin zijn de partijen die een rol spelen bij de energietransitie geïdentificeerd en gecategoriseerd op basis van betrokkenheid en bevoegdheid bij de energie- en warmtetransitie. Het document biedt een overzicht van de betrokken partijen en inzicht in de onderlinge verhoudingen en gewenste rol vanuit gemeenteperspectief. De stakeholdersanalyse is een ambtelijk stuk dat nog in ontwikkeling is. Deze analyse was volgens ambtelijke organisatie in eerste instantie bedoeld voor de fase waarin het beleidsproces zich op dat moment bevond, namelijk de beleidsvoorbereidende fase. 33

Het wordt gezien als een ‘groeidocument’ dat gedurende het proces van beleidsvoorbereiding naar uitvoering, is aan te passen aan de veranderende rollen. De analyse is dan ook niet vastgesteld door college of raad. De stakeholdersanalyse wordt niet structureel gebruikt, maar wordt met het oog op het nieuwe programma wel verder uitgewerkt. De regionale analyse (Figuur 1) geeft de regionale en private partijen weer die volgens het programmateam belangrijk zijn en een rol spelen in de energietransitie. De stakeholders zijn ingedeeld naar type relatie en de aard van de betrokkenheid bij de energietransitie. In de kern van de roos staan de partijen die ‘meebepalen’ en daarbuiten achtereenvolgens die ‘meewerken’, ‘meedenken’ en tot slot in de buitenste ring ‘meeweten’. Hoe dichterbij de kern een partij zich bevindt, hoe groter de veronderstelde invloed.

Figuur 1 - Regionale stakeholdersanalyse energietransitie

34

In de lokale analyse staan de partijen weergeven die op lokaal niveau een rol spelen bij de energietransitie. De netbeheerder Liander is niet behandeld in de lokale stakeholdersanalyse. Dat is opvallend, aangezien Liander actief mee participeert bij twee lokale projecten gericht op het aardgasvrij maken van twee wijken. De woningcorporaties worden wel vermeld als een partij in de analyse, maar is geen mate van invloed toegekend, alleen een relatie. Ook dit is opvallend, gezien het corporatiebezit en hun daardoor veronderstelde bijdrage aan de energie- en warmtetransitie als gebouweigenaren.

Figuur 2 - Lokale stakeholdersanalyse energietransitie Voor de individuele inwoners maakt de lokale analyse een onderscheid tussen woningeigenaren, eigenaren monumenten/beschermde gezichten en huurders als ‘gebruikers/afnemers’. De huurders vallen buiten de cirkel van invloed. Woningeigenaren worden binnen de groep 'gebruikers/afnemers' aangeduid als ‘meedenkers’, eigenaren van monumenten/beschermde gezichten als ‘meeweters’.

35

B

Samenwerkingspartners in de energie- en warmtetransitie

B.1

Inleiding

B.2

Inventarisatie betrokken partijen

Dit hoofdstuk gaat in op de partijen met wie de gemeente in de energie- en warmtetransitie samenwerkt. Paragraaf B.2 bevat een inventarisatie van de betrokken partijen. In paragraaf B.3 presenteren we de partijen die specifiek in relatie tot de energie- en warmtetransitie een rol spelen.

Om een zo compleet mogelijk beeld te krijgen van de verschillende betrokkenen bij de energie- en warmtetransitie is gebruik gemaakt van het programma Duurzaam Hilversum 2016-2020 (inclusief de daarmee verbonden jaarplannen en -rapportages), aangevuld met informatie vanuit de interviews met ambtenaren en de stakeholdersanalyse van de gemeente. De betrokken partijen zijn onder te verdelen in drie categorieën: 1 overheden en uitvoeringsorganisaties; 2 private organisaties en maatschappelijke organisaties; 3 vertegenwoordigingen van inwoners en bewonersinitiatieven.

Overheden en uitvoeringsorganisaties

In het duurzaamheidsprogramma schrijft de gemeente dat samenwerking met de andere overheden in de regio onmisbaar is om de stap naar duurzaamheid te maken. Deze overheden zijn: • Gemeenteraden/ Regionale Samenwerkingsagenda (RSA); • Regiobestuur Gooi & Vechtstreek; • Partners Bestuurlijk Overleg Energietransitie Gooi & Vechtstreek (BOEG); • Waternet waterbedrijf; • Provincie Noord-Holland; • Metropoolregio Amsterdam; • Servicepunt Duurzame Energie. Een van de gezamenlijk doelstellingen – in het kader van de warmtetransitie – is om voort te bouwen op de wijkaanpak zoals in de Hilversumse Meent. Daarnaast zoekt de gemeente de samenwerking met de regio wanneer het gaat om energiebesparing, bijvoorbeeld door vanuit de regio het Duurzaam Bouwloket te financieren en gezamenlijk een Regionaal Energiedienstenbedrijf op te zetten. Uit de stukken blijkt dat de regio ook van belang is voor de uitwisseling van kennis en kunde, gezamenlijk duurzaam inkopen en het opstellen van de regionale visie energietransitie (inmiddels bekend als de Regionale Energiestrategie). Ook wordt er budget vrijgemaakt voor de visie fossielvrij 2050 (inmiddels bekend als de Transitievisie Warmte) welke in samenhang met de regionale visie energietransitie moet worden opgesteld.

Daarnaast verbindt de gemeente de regionale energiestrategie in 2018 met spoor 4 (aardgasloze wijken en aardgasloze grote projecten) van het duurzaamheidsprogramma: ‘De transitie naar aardgasvrije wijken en het zoeken naar nieuwe– duurzame – bronnen is niet alleen een Hilversumse Opgave, maar vooral een regionale opgave’ (Jaarplan 2018). De overstap van aardgas naar duurzame energiebronnen wil de gemeente dus samen met de regiogemeenten voorbereiden. In het kader van de RES en het opzetten van een regionaal energiedienstenbedrijf werkt de gemeente volgens de ambtelijke organisatie goed samen met de regio. Echter, bij de Transitievisie Warmte ligt dit volgens hen anders. Hierin loopt de gemeente Hilversum – naar eigen zeggen – voor op de regio. Andere regiogemeenten vliegen dit traject meer gezamenlijk aan. Hilversum heeft besloten om de visie een jaar eerder dan noodzakelijk vast te laten stellen, 36

terwijl er bestuurlijke afspraken lagen met de regio om dit in gezamenlijkheid op te pakken. De regiogemeenten waren niet te spreken over deze handelwijze van Hilversum en de wijze waarop daarover met hen is gecommuniceerd.

Private partijen en maatschappelijke organisaties Naast andere overheden zijn er verschillende private partijen en maatschappelijke organisaties in de Hilversumse energie- en warmtetransitie waarmee de gemeente samenwerkt. De volgende partijen komen regelmatig aan bod in de stukken: • Scholen; • Media; • Lokaal bedrijfsleven; • Sportverenigingen; • Duurzaam Bouwloket; • (Maak je huis) Hoom; • Energie Beheer Nederland; • Netbeheerder Liander; • Firan; • Woningcorporatie De Alliantie; • Woningcorporatie Dudok Wonen; • Woningcorporatie Het Gooi en Omstreken; • Stimuleringsfonds Volkshuisvesting (SVn); • Smart Energy Cities. De gemeente is met deze partijen op meerdere manieren bezig om de energie- en warmtetransitie in Hilversum vorm te geven. Zo zijn er Green Deals met de Media en het bedrijfsleven gesloten, ondersteunen Hoom en Duurzaam Bouwloket de lokale energiecoöperaties, is SVn verantwoordelijk voor de duurzaamheidslening en zijn Liander, de woningcorporaties en Firan betrokken bij lokale initiatieven voor aardgasvrije wijken. De ambtelijke organisatie merkt bij de gesprekken de lokale woningcorporaties (De Alliantie, Dudok Wonen en Het Gooi en Omstreken), de netbeheerder (Liander) en de huurdersverenigingen aan als belangrijke partijen in de lokale energie- en warmtetransitie.

Vertegenwoordigingen van inwoners en bewonersinitiatieven Een deel van de partijen die naar voren komen in de stukken en die door de ambtelijke organisatie wordt genoemd zijn (oorspronkelijk) bewonersinitiatieven. Inwoners kunnen zelf het initiatief nemen en aan de slag gaan met verduurzaming of meer specifiek projecten starten gericht op de warmtetransitie van gas naar alternatieve energiebronnen. Wat is een bewonersinitiatief? Een bewonersinitiatief is een organisatie van bewoners die een maatschappelijk doel nastreven. In dit geval bijvoorbeeld de verduurzaming van de gemeente Hilversum of het aardgasvrij maken van de wijk de Hilversumse Meent. Maar ook energiecoöperaties, bestaande uit leden, zijn in beginsel een bewonersinitiatief.

In de verschillende stukken van de gemeente staan inwonersinitiatieven of vertegenwoordigingen vermeld waarmee de gemeente samenwerkt en/of waaraan de gemeente ondersteuning biedt in het kader van de energietransitie. Dat zijn onder andere: • Platform Hilversum100; 37

• • • • • • • • • • •

Energiecoöperatie HilverZon; Energiecoöperatie Hilversumse Energie Transitie (HET); Stichting De Hilversumse Meent; Koplopers in de Meent (voorlopers in het verduurzamen van hun woning); Heikracht (richt zich binnen duurzaamheid hoofdzakelijk op energiebesparing); Hilversum Verbonden (breder dan warmtetransitie); Seinkracht (nu inactief); Stichting035 (opgeheven); Fairtrade Hilversum (gericht op duurzame handel); Vve’s; Huurdersverenigingen.

De ambtelijke organisatie benoemt een aantal belangrijke lokale initiatieven bij de energie- en warmtetransitie. Dit zijn de lokale energiecoöperaties (HilverZon en HET), de Stichting Hilversumse Meent en Hilversum100.

B.3

Belangrijkste partijen in energie- en warmtetransitie

Gedurende de looptijd van het duurzaamheidsprogramma verdwijnen er partijen uit de jaarplannen- en rapportages (zoals Hoom) en komen er nieuwe partijen bij (zoals energiecoöperatie HET). De focus van het programma verschuift met de jaren bovendien meer naar de energie- en warmtetransitie. Wat zijn nu de belangrijkste partijen? Op basis van de bestudeerde documenten, de stakeholdersanalyse, de actualiteit, relatie met de energie- en warmtetransitie en de gesprekken met de ambtelijke organisatie identificeren wij – naast de regio - de woningcorporaties De Alliantie, Dudok Wonen en Het Gooi en Omstreken en netbeheerder Liander als belangrijke private partijen in de Hilversumse energie- en warmtetransitie. Met deze partijen is de gemeente momenteel op meerdere manieren bezig om de energie- en warmtetransitie in Hilversum vorm te geven. Deze partijen zijn bijvoorbeeld betrokken bij de twee lokale bewonersinitiatieven gericht op het aardgasvrij maken van de wijk. Bovendien neemt Liander als beheerder van het energienetwerk in de gemeente een centrale positie in de warmtetransitie in. De woningcorporaties bezitten samen circa 12.500 woningen in de gemeente Hilversum en zijn daarmee een belangrijke speler waar het gaat om het ontkoppelen van deze woningen van het gas. In het vervolg van dit rapport ligt de focus daarom op deze private partijen. Private partijen

Type relatie

Mate van invloed

Netbeheerders / Liander

Toeleveranciers/uitvoerders

Meebepalen/ Meewerken

Woningcorporaties

Gebruikers/afnemers

Meedenken

Netbeheerders / Liander

-

-

Woningcorporaties

Beïnvloeders

-

Regionale rol

Lokale rol

Tabel 1 - Belangrijke private partijen en positie in de stakeholdersanalyse Daarnaast constateren wij – op basis van de stukken, de gesprekken en de uitgevoerde stakeholdersanalyse – dat de initiatieven Hilversum100, energiecoöperatie HilverZon, energiecoöperatie HET en het project Meent Aardgasvrij (met de Stichting Hilversumse Meent en de Koplopers als partijen) als belangrijk worden beschouwd door de gemeente. De partijen komen veelvuldig aan bod in het beleid van de gemeente. In dit rapport spitsen we ons daarom toe op deze initiatieven.

38

Bewonersinitiatieven

Type relatie

Mate van invloed

Energiecoöperatie HilverZon

Toeleveranciers/uitvoerders én

Meewerken

beïnvloeders Energiecoöperatie HET

Toeleveranciers/uitvoerders én

Meewerken

beïnvloeders Platform Hilversum100

Beïnvloeders

Meewerken

Stichting Hilversumse Meent/Koplopers

Beïnvloeders én gebruikers/afnemers

Meewerken

Tabel 2 – Belangrijke initiatieven en positie in de stakeholdersanalyse

39

C

Samenwerking in de praktijk

C.1

Inleiding

C.2

Samenwerking met woningbouwcorporaties

Dit hoofdstuk gaat dieper in op de samenwerking met belangrijke private partijen bij de energie- en warmtetransitie in Hilversum: de drie woningcorporaties De Alliantie, Dudok Wonen en het Gooi en Omstreken en netbeheerder Liander. In dit hoofdstuk werken we de samenwerking met deze partijen verder uit. Hierbij beschouwen we de woningcorporaties als één partij, ook omdat zij samen prestatieafspraken maken met de gemeente. In dit hoofdstuk beschrijven we per partij hoe de gemeente naar de samenwerking en de rol van de betreffende partij kijkt, hoe de partijen hun eigen rol zien en welke verwachtingen deze partijen hebben van de gemeente.

Samenwerking en gemeentelijk perspectief op rolinvulling woningcorporaties in de praktijk De rol van de woningcorporaties in relatie tot de energie- en warmtetransitie blijkt niet duidelijk uit het duurzaamheidsbeleid van de gemeente Hilversum. De corporaties worden meerdere malen genoemd als samenwerkingspartner, maar krijgen geen heldere rol toebedeeld. In de jaarlijkse rapportages vermeldt de gemeente de gerealiseerde besparing in Kiloton CO² die de corporaties dat jaar behaald hebben. De corporaties zijn dus in ieder geval verantwoordelijk voor het verduurzamen van hun eigen bezit en op die manier bij te dragen aan de verduurzaming van Hilversum. Verder stelt de gemeente in het programma uit 2016 dat zij zich actiever zal richten op de corporaties om in overleg met hen ambitieuze en haalbare doelstellingen te formuleren tot aan 2020 en met een vooruitblik richting 2050. Dit doen de gemeente en de woningcorporaties met behulp van de prestatieafspraken. Elke partij heeft binnen de prestatieafspraken een eigen rol en verantwoordelijkheid. In de afspraken staat beschreven dat dit kan als ‘leverancier, als schepper van randvoorwaarden, bewaker, aanjager of een combinatie van rollen’. Echter, deze rollen zijn vervolgens in de afspraken niet verdeeld. Wel blijkt uit de geformuleerde acties van de verschillende partijen een impliciete rolverdeling.

Zo staan de corporaties aan de lat om de woningen energiezuinig te maken en ruimte te bieden aan initiatieven van huurders, bijvoorbeeld om zelf zonnepanelen te plaatsen. De gemeente biedt corporaties de mogelijkheid om gebruik te maken van dezelfde subsidies voor particulieren wanneer er sprake is van gespikkeld bezit5. Daarnaast zet de gemeente in op voorlichting en initiatieven gericht op energiebewust gedrag van huurders. Dit doet de gemeente via organisaties als de energiecoöperaties en het Duurzaam Bouwloket en in samenwerking met de corporaties en huurders. Uit de gevoerde gesprekken met de ambtelijke organisatie kan het beeld van de samenwerking verder worden ingevuld, bijvoorbeeld wanneer het gaat om de RES. De woningbouwcorporaties zijn hierin gesprekspartner van de gemeente en leveren ook input, ‘meedenkers’ dus. Naast de RES lopen er verschillende communicatieve lijnen tussen de corporaties en de gemeente, zowel op ambtelijk als bestuurlijk niveau. Zo is er dus contact over de prestatieafspraken, maar ook in relatie tot specifieke woningbouwprojecten. Daarnaast is er een structureel tweemaandelijks overleg met de woningcorporaties (en andere partijen) over de energietransitie. Dit overleg is zowel op ambtelijk als bestuurlijk niveau.

In het kader van de Transitievisie Warmte is er een klankbordgroep waarbij de woningcorporaties volgens de gemeente participeren en input leveren. De woningcorporaties zijn daarnaast actief bij twee projecten in de gemeente; bij het haalbaarheidsonderzoek voor een warmtenet in Kerkelanden en bij de Proeftuin Aardgasvrije Wijken (PAW)-aanvraag in de Hilversumse Meent. In Kerkelanden is Dudok Wonen betrokken omdat zij veel bezit heeft in deze wijk. In de Hilversumse Meent zijn De Alliantie en Het Gooi en Omstreken betrokken bij het project. De ambtelijke organisatie

5

Gespikkeld bezit wil zeggen dat woningen in appartementencomplexen of rijtjeswoningen deels in handen zijn van de woningcorporaties en deels zijn aangekocht door particulieren.

40

geeft aan dat de corporaties het meest geïnteresseerd zijn in de financiering van de warmtetransitie ligt; welke mogelijkheden zijn er? In die zin proberen de corporaties volgens de gemeente te leren van het project. Enerzijds over de financiering, anderzijds over de uitvoering van een dergelijk project. Uit de gesprekken met de ambtelijke organisaties blijkt dat de woningcorporaties hun positie wel lastig vinden. Ze zitten immers met ‘hun’ bewoners in een werkgroep waardoor ze liever geen bedrijfsmatige of vertrouwelijke zaken in de werkgroep bespreken.

Eigen rolopvatting woningcorporaties in de praktijk De drie corporaties zijn alle drie met duurzaamheid bezig, bijvoorbeeld door zelf visies op te stellen, de eigen bedrijfsvoering te verduurzamen, bij woningbouwprojecten of door energiecoaches aan te bieden bij hun huurders. De woningcorporaties zien voor zichzelf een belangrijke rol in de energie- en warmtetransitie. Dit is in het klimaatakkoord ook zo bepaald; de woningcorporaties staan aan de lat om hun vastgoed te verduurzamen. Dit betekent niet dat de corporaties zichzelf zien als koploper in de energietransitie en de warmtetransitie. Zij beschouwen zichzelf eerder als slimme volger en haken aan waar en wanneer nodig. Ze proberen te leren van andere corporaties en proberen hun huurders te betrekken bij het verduurzamen van hun vastgoed. De corporaties zien voor zichzelf – en ook voor andere stakeholders zoals de netbeheerder en inwoners – een rol bij het opstellen van de Transitievisie Warmte. De gemeente is volgens de corporaties trekker van dit proces, maar dient dit wel in gezamenlijkheid met andere stakeholders te doen. Er moeten keuzes worden gemaakt voor de verschillende wijken en de gemeente Hilversum als geheel. Deze keuzes zijn vervolgens van invloed op de mogelijkheden van woningcorporaties in de warmtetransitie. Om die reden denken zij graag mee.

Verwachtingen woningcorporaties ten aanzien van de gemeente De drie corporaties hebben vergelijkbare verwachtingen van de gemeente Hilversum. Allereerst verwachten zij een goede onderlinge samenwerking en afstemming. Op dit moment ervaren de corporaties de samenwerking met de gemeente doorgaans als goed. Twee corporaties geven aan soms te worstelen met de verschillende ‘entiteiten’ binnen de gemeente. Ze geven aan dat het voorkomt dat hun duurzame plannen bij bestaandeen nieuwbouw – zoals zonnepanelen, voldoende gevelopeningen of kozijnen met ventilatieroosters – geblokkeerd of beperkt worden door de welstandscommissie. Dit verbaast hen aangezien zij de indruk hebben dat duurzaamheid hoog op de gemeentelijke agenda staat. Op dit punt hebben de corporaties behoefte aan één duidelijk standpunt, zodat zij weten waar ze aan toe zijn. De twee corporaties hebben daarnaast de indruk dat het ambitieniveau ten aanzien van duurzaamheid verschilt tussen de verschillende afdelingen van de gemeente. Dit vinden de corporaties soms lastig. Ze ontvangen op die manier verschillende signalen. Dit speelt volgens hen ook bij andere gemeenten en is dus geen specifiek Hilversums probleem. Volgens de woningcorporaties is het van belang dat de gemeente Hilversum samen met de woningcorporaties optrekt in de warmtetransitie.

De gemeente heeft hier wel de regierol volgens de corporaties, zeker als het gaat om het organiseren van collectieve warmteopwekking in een wijk. De corporaties geven aan deze rol – op basis van de Woningwet –niet te mogen nemen. De verantwoordelijkheid en bevoegdheid van de corporaties strekt zich enkel uit tot het eigen vastgoedbezit in de wijk, waardoor corporaties niet kunnen sturen op overstijgende initiatieven zoals collectieve warmteopwekking. Hierdoor stellen de corporaties dus afhankelijk te zijn van de oplossingen die door de gemeente worden aangedragen. De corporaties denken wel graag mee, maar het is de gemeente die het voortouw moet nemen. Ook op regionaal niveau, want warmteoplossingen stoppen volgens de corporaties niet bij de gemeentegrens. De corporaties pleiten dus voor een goede regionale samenwerking tussen gemeenten. Enerzijds om samen tot warmteoplossingen te komen, anderzijds om dubbel werk qua afstemming te voorkomen.

C.3

Samenwerking met netbeheerder Liander

Samenwerking en gemeentelijk perspectief op rolinvulling Liander in de praktijk 41

Uit de stukken blijkt dat de gemeente Hilversum de monitoring van netbeheerder Liander gebruikt om grip te krijgen op het energie- en gasverbruik en de energieopwekking via zonnepanelen. Verder blijkt dat de gemeente een rol ziet voor Liander bij het opstellen van de Visie Fossielvrij 2050 (inmiddels omgedoopt tot Transitievisie Warmte) en de RES. Hierbij is Liander vooral omschreven als een partij die kennis meebrengt. Vanuit die hoedanigheid – en omdat Liander het energienetwerk beheert- is Liander ook aangehaakt bij de initiatieven in de wijken Kerkelanden en (met name) de Meent. De exacte rol van Liander bij de projecten blijkt niet duidelijk uit de stukken. Uit de wijkaanpak voor Meent Aardgasvrij blijkt dat de rol van Liander vooral die van kennispartner is. De gemeente heeft Liander gevraagd om – samen met de woningcorporaties – in een klankbordgroep input te leveren op de Transitievisie Warmte die de gemeente momenteel opstelt. De netbeheerder wordt door de ambtelijke organisatie beschouwd als een belangrijke partij in de warmtetransitie. Het is een partij die – als beheerder van het netwerk – ook zelf met initiatieven kan komen. Omdat de gemeente niet over het energienetwerk gaat, maar wel verantwoordelijk is voor de veiligheid, vindt zij het lastig om haar rol ten opzichte van de netbeheerder te bepalen. Dit bleek bijvoorbeeld bij het project Meent Aardgasvrij.

Liander gaf richting de gemeente aan dat het gasnet verouderd was. Hierdoor ontstond er urgentie om in de wijk aan de slag te gaan. Vanuit veiligheidsoverwegingen moest er immers tempo gemaakt worden en werd de wijk zodoende kansrijk geacht voor ontkoppeling van het gas. Dat het gasnet verouderd zou zijn leidde tot onrust onder wijkbewoners. De gemeente moest daarom de regie nemen om de rust te bewaren, ook al is zij niet verantwoordelijk voor het netwerk. Later bleek dat het gasnet alleen economisch afgeschreven was, maar dat het qua veiligheid nog jaren mee kan. Echter, toen had de gemeente het project al grotendeels naar zich toegetrokken.

Eigen rolopvatting in de praktijk Liander De netbeheerder speelt – als beheerder van de gas- en elektra-infrastructuur in de ondergrond – een rol bij verschillende duurzaamheidsprojecten in de gemeente Hilversum, bijvoorbeeld bij de Hilversumse Meent. Hierbij levert de netbeheerder naar eigen zeggen vooral kennis. In het kader van de warmtetransitie zoekt de netbeheerder nog naar zijn rol. De transitie raakt direct zijn belangen. Momenteel heeft de netbeheerder naar eigen zeggen vooral een faciliterende rol, bijvoorbeeld door de gemeente te ondersteunen met kennis bij bijeenkomsten. Tegelijkertijd wil de netbeheerder meer een adviseursrol spelen, hiervoor zijn de capaciteiten in huis. De netbeheerder ziet voor zichzelf geen directe rol richting inwoners. Het motiveren en stimuleren van inwoners om van het gas af te gaan ligt volgens Liander echt bij de gemeente.

Verwachtingen Liander ten aanzien van de gemeente De netbeheerder verwacht van de gemeente hoofdzakelijk een duidelijke visie aangaande de warmtetransitie: welke wijken worden wanneer aangepakt. Hierbij heeft de netbeheerder soms het gevoel dat de gemeente dit juist van hem verwacht. Verder verwacht de netbeheerder dat de gemeente hem betrekt bij projecten, daarmee voorkom je teleurstelling achteraf. Tot slot verwacht Liander een betere samenwerking in de regio. De netbeheerder geeft aan dat Hilversum in het kader van de warmtetransitie haar eigen plan lijkt te trekken, terwijl de andere regiogemeenten samen optrekken. Dit betekent extra werk voor de netbeheerder in de afstemming met gemeenten. Klankbordgroep in het kader van de Transitievisie Warmte in de eerste helft van 2020 hebben twee klankbordsessies plaatsgevonden in het kader van de Transitievisie Warmte, waarin de gemeente samen met de drie woningcorporaties (De Alliantie, Het Gooi en Omstreken en Dudok Wonen) en Liander over de energietransitie in Hilversum sprak. Onderwerpen die in de klankbordsessies aan bod zijn gekomen, zijn de kenmerken van Hilversum, de duurzame doelen die Hilversum nastreeft en kansrijke gebieden om te starten met de transitie. In de tweede helft van 2020 is een aantal vervolgsessies gepland, met als doel toe te werken naar concrete plannen. Dit proces wordt begeleid door externe adviseurs.

42

C.4

Samenwerking met bewonersinitiatieven

In deze paragraaf gaan we in op de belangrijkste lokale (bewoners)initiatieven die een rol spelen bij de energie- en warmtetransitie. Dit zijn Hilversum100, Meent Aardgasvrij en de twee energiecoöperaties HilverZon en HET.

HilverZon HilverZon is een duurzame energiecoöperatie, ontstaan als bewonersinitiatief met steun van de gemeente. HilverZon komt voort uit een initiatief op wijk- en buurtniveau, maar de coöperatie zet inmiddels breder in. Ook bedrijven, maatschappelijke organisaties en inwoners kunnen deelnemen. HilverZon streeft een volledig energieneutraal Hilversum na in 2030 door middel van energie besparen, duurzaam opwekken en groene energie inkopen. Dit doet de coöperatie onder andere door te voorzien in collectieve zonnepanelen en energiecoaches – die de inwoners informeren over energiebesparing - in te zetten.

Samenwerking en gemeentelijk perspectief op rolinvulling HilverZon in de praktijk De gemeente heeft met HilverZon een Green Deal gesloten. Uit het duurzaamheidsprogramma blijkt dat de gemeente Hilversum de bijdrage van HilverZon van belang acht voor het behalen van de gemeentelijke beleidsdoelstellingen. Enerzijds door het realiseren van collectieve zonnedaken voor inwoners en anderzijds door inwoners en organisaties te betrekken bij, en te informeren over, de energie- en warmtetransitie, het faciliteren van inwoners bij het terugdringen en het verduurzamen van hun energieverbruik en het ontzorgen van organisaties bij de realisatie van zonneenergieprojecten. De coöperatie komt in de documenten van de gemeente regelmatig voor en krijgt hierin verschillende rollen toebedeeld: uitvoeren (van duurzame energieopwekking), bewust maken, informeren en motiveren van inwoners. HilverZon ontving tot aan 2019 een subsidie van circa €150.000 per jaar van de gemeente Hilversum. In 2019 ontving de coöperatie €86.000 en in 2020 €132.000. De gesprekken met de ambtelijke organisatie bevestigen dit perspectief. Zij zien HilverZon als een waardevolle partij voor het betrekken en informeren van inwoners. Via de energiecoöperaties haalt de gemeente ook op wat er leeft onder de inwoners. Verder geeft de ambtelijke organisatie aan dat HilverZon input levert bij de RES.

Tegelijkertijd worstelt de ambtelijke organisatie soms met de huidige manier van samenwerken met coöperaties. Dit heeft te maken met de subsidierelatie, twijfel over ingezette activiteiten van de coöperaties, de vraag of de coöperaties nog wel bewonersinitiatieven zijn en de vraag in hoeverre de coöperaties inwoners vertegenwoordigen. Het kader op pagina 43 gaat dieper in op de samenwerking tussen de gemeente en de coöperaties.

Eigen rolopvatting HilverZon in de praktijk

HilverZon ziet voor zichzelf een rol in het stimuleren en versnellen van de verduurzaming van Hilversum, bijvoorbeeld door Hilversummers bewust te maken van de noodzaak om te verduurzamen. In de opstartfase heeft het initiatief om hulp en ondersteuning gevraagd bij de gemeente. De gemeente stemde hiermee in aangezien zij een middel zocht om inwoners te bereiken en hen te motiveren om te verduurzamen. De gemeente verwacht van HilverZon - volgens de energiecoöperatie – dat zij bewoners betrekken bij de energie- en warmtetransitie. Dit omdat HilverZon bij de inwoners achter de deur kan komen. De gemeente heeft die mogelijkheid niet. De samenwerking met de gemeente heeft geleid tot een Green Deal. Verder geeft HilverZon aan dat zij meedenkt bij de concept-RES NHZ in Hilversum en de RRE (Regeling Reductie Energiegebruik). Uit het gesprek met HilverZon blijkt verder dat de energiecoöperatie een grotere rol op zich wil nemen. Echter, de organisatie heeft de indruk dat zij steeds minder invloed heeft op het beleid van de gemeente en minder in de gelegenheid wordt gesteld om mee te praten. Acties of plannen van de gemeente Hilversum gaan voor het gevoel soms langs de coöperatie heen. Hierdoor voelt zij zich gepasseerd. Het inhuren van een bureau uit Amsterdam dat adviseert over de verduurzaming van monumenten, wordt in dit verband als voorbeeld genoemd.

Hoewel dit bureau door de regio is ingehuurd in het kader van een provinciale subsidie ‘regionaal energie besparingsprogramma woningen’, voelde HilverZon zich gepasseerd omdat ze naar eigen zeggen ook over deze kennis beschikken. De energiecoöperatie 43

ervaart het als een gemiste kans dat de gemeente in zo’n geval geen gebruik maakt van lokale partijen, zoals HilverZon en HET. Over het algemeen heeft HilverZon de indruk dat de gemeente veel taken uitbesteedt aan commerciële bureaus op het gebied van duurzaamheid. Volgens HilverZon komt dit doordat de gemeente relatief weinig ambtelijke capaciteit heeft. Dit is door de coöperatie aangekaart bij de vorige wethouder. Dat de gemeente momenteel nauwelijks gebruik maakt van lokale kennis ervaart de coöperatie als jammer. Te meer omdat de gemeente aangeeft HilverZon als een volwaardig gesprekspartner te zien. Echter, dat ziet HilverZon te weinig terug. Het gevolg is dat HilverZon zich niet voldoende serieus genomen voelt.

Verwachtingen HilverZon ten aanzien van de gemeente

HilverZon hoopt op – en verwacht – een meer actieve rol van de gemeente. De gemeente besteedt steeds meer aandacht aan de energie- en warmtetransitie en de energiecoöperatie verwacht dat de gemeente HilverZon (en andere samenwerkingspartners) hierbij beter aanhaakt en een grotere rol geeft. Daarnaast verwacht HilverZon een duidelijkere langetermijnvisie van de gemeente met concrete stappen. HilverZon heeft de indruk dat de gemeente nu vooral plannen maakt en overleg voert, maar weinig concreets uitvoert. Tot slot ervaart de coöperatie veel administratieve hinder van de strenge controle in het kader van de subsidieverstrekking. Het kost HilverZon veel tijd en geld om te voorzien in de gevraagde verklaringen en verantwoordingsdocumenten. Ten aanzien van de eigen rol verwacht HilverZon duidelijkheid van de gemeente. Welke verwachting heeft de gemeenten van de energiecoöperaties? De relatie is volgens HilverZon de laatste jaren onduidelijker geworden en daardoor verslechterd. Zo is het contact met de gemeente minder dan voorheen. De energiecoöperatie heeft de indruk dat de gemeente vooral bezig is om haar eigen rol te definiëren. HilverZon vraagt zich weleens af of zij nog een bewonersinitiatief is. Naar eigen zeggen ondersteunt en stuurt de coöperatie zes initiatieven (de collectieve zonnedaken) aan en voert zij daarnaast opdrachten uit voor de gemeente.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=eb69296b-4f11-48d8-8ede-a5510adc0fc7