CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

betrokkenheid-inwoners-energie-en-warmtetransitie-eindrapport

GEMEENTERAAD 31 maart 2021, gemeente HilversumBij agendapunt: Rekenkameronderzoek naar betrokkenheid inwoners bij de Hilversumse energie- en warmtetransitie (749360)27.163 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

De subsidierelatie kost HilverZon veel tijd en energie qua administratie en verantwoording. Vanuit de gemeente heeft HilverZon begrepen dat de onderlinge samenwerking naar co-creatie, een partnership, toe gaat. Daar merkt de coöperatie vooralsnog weinig van. Volgens HilverZon voelt het nu vooral als ‘u vraagt, wij draaien’.

De Hilversumse Energie Transitie (HET)

HET is eveneens een energiecoöperatie en heeft als kernthema’s elektrisch autodelen, zakelijk zon (het voorzien van bedrijven van zonnepanelen), de ontwikkeling naar aardgasvrije woningen door ‘ontzorging’ van bewoners en het verkennen van lokale alternatieve warmteopwekking. Bij de organisatie zijn medewerkers in dienst. De energiecoöperatie is ontstaan als initiatief vanuit de Hilversumse samenleving en tevens een afsplitsing van HilverZon.

Samenwerking en gemeentelijk perspectief op rolinvulling HET in de praktijk De gemeente heeft met HET een Green Deal gesloten over duurzame mobiliteit. Hierdoor ontving HET sinds 2018 tot aan maart 2020 €75.146 subsidie van de gemeente voor ‘HET rijdt op zon’, en het voorlichten van inwoners. Daarnaast heeft HET een subsidie van €100.000 voor 2019 en 2020 vanuit de provincie Noord-Holland ontvangen. Deze subsidie is bedoeld om een innovatieve financieringsvorm voor het aardgasvrij-klaarmaken van woningen te ontwikkelen. Hoewel er sprake lijkt van enige overlap tussen de focus van HET en HilverZon, richt HET zich – volgens de gemeente – op een andere doelgroep. Zo ligt de focus van HET meer op het bedrijfsleven, Vve’s en inwoners die specifiek geïnteresseerd zijn in elektrisch rijden. Net als HilverZon denkt HET volgens de gemeente ook mee bij de RES en is de coöperatie ook van belang om inwoners te informeren en om informatie bij hen op te halen. Wat dat betreft is de beoogde rol vergelijkbaar met HilverZon.

44

De gemeente beschouwt HET als een erg ambitieuze partij, maar die zich nog wel afhankelijk van de gemeente opstelt bij tegenslagen. Een recent voorbeeld hiervan is het gegeven dat inwoners minder gebruik maken van de elektrische auto’s van HET, waardoor zij te kampen heeft met een tekort. Volgens de gemeente vraagt HET dan de gemeente om dit tekort aan te vullen. Ook voor HET geldt, dat de ambtelijke organisatie weleens worstelt met de samenwerking (zie hiervoor het kader op pagina 43).

Eigen rolopvatting HET in de praktijk De energiecoöperatie ziet voor zichzelf meerdere rollen in de verduurzaming van Hilversum én in de warmtetransitie. Wanneer het gaat om aanleggen van zonnepanelen op daken van bedrijven ziet de coöperatie voor zichzelf een ondersteunende, begeleidende en uitvoerende rol. Hiervoor is het volgens de coöperatie wel nodig dat de gemeente beleid maakt, faciliteert en handhaaft. In de warmtetransitie is HET betrokken bij het warmtenetproject in Kerkelanden. Hier neemt de coöperatie een voortrekkersrol. HET neemt naar eigen zeggen initiatief en maakt plannen, maar moet die vervolgens ‘verkopen’ bij de gemeente. Net als HilverZon participeert de coöperatie bij de RES en denkt zij mee bij de RRE (Regeling Reductie Energiegebruik). In het kader van de RES wil HET – samen met andere partijen – een grotere rol nemen om te gemeente te ontlasten. Echter, de gemeente lijkt hier volgens de gesproken betrokkene niet voor open te staan. HET wil graag met de gemeente naar een andere samenwerkingsvorm toe. De coöperatie wil af van de subsidiestatus en niet afhankelijk zijn van de gemeente. Liever gaat de coöperatie een opdrachtgever-opdrachtnemer samenwerking aan waarbij HET afgerekend wordt op resultaat.

Verwachtingen HET ten aanzien van de gemeente Volgens HET worstelt de gemeente met haar rol richting de energiecoöperatie. Dit komt volgens hem omdat HET de tweede energiecoöperatie is. De gemeente vindt het volgens HET moeilijk om met twee energiecoöperaties om te gaan. Daarnaast ervaart HET verschillende signalen binnen het gemeentehuis. De samenwerking en medewerking verschilt volgens de coöperatie per ambtenaar. Duidelijkheid vanuit de gemeente is daarom wenselijk. Vooral over de samenwerking en rolverdeling tussen HET en de gemeente, maar ook over de rol die de gemeente voor haar inwoners ziet in de energie- en warmtetransitie. Daarnaast heeft HET behoefte aan een gezamenlijk ‘scenario’ waar de samenleving naar toe kan werken: een meerjarig plan met concrete doelen, ook voor de korte termijn. De gemeente kan hier de kaders voor stellen zodat de samenleving daar vervolgens invulling aan kan geven.

Veranderende samenwerking energiecoöperaties Beide energiecoöperaties zijn oorspronkelijk gestart als bewonersinitiatief. Het is de vraag in hoeverre zij nog een bewonersinitiatief zijn, of dat zij deze status inmiddels zijn ontgroeid. Hierover bestaat ook binnen de gemeente Hilversum discussie. Dit zit hem met name in de subsidiëring en de taakopvatting van de energiecoöperaties (dit geldt in sterkere mate voor HilverZon). Uit de gesprekken blijkt dat de subsidies niet gepaard gaan met heldere afspraken over hetgeen de coöperaties ‘leveren’. Doordat de verwachtingen vanuit de gemeente niet helder zijn geformuleerd is het vervolgens lastig om op resultaat te sturen en te controleren. Zo overlapt volgens de ambtelijke organisatie op dit moment een deel van het aanbod van de coöperaties met dat van andere partijen in de regio. Dat is niet efficiënt en dus zonde van de energie. Een voorbeeld hiervan is de inzet van HET op VvE’s, terwijl er volgens de gemeente al een goed lopend regionaal project voor VvE’s is. De gemeente ziet dan liever dat HET sterker inzet op de elektrische deelauto’s. Een ander voorbeeld waarbij de gemeente zich niet kan vinden in de inzet van de energiecoöperaties, is de ambitie om ‘krachtgroepen’ (bewonersinitiatieven6) op te zetten in meerdere wijken. Deze ambitie kost in de ogen van de gemeente (te)veel tijd en energie.

De gemeente ziet liever dat de coöperaties inzetten op activiteiten waar al de vaart

6

https://www.hilverzon.nu/start-je-eigen-krachtgroep-met-je-buren-hilverzon-helpt-met-startpakket/

45

in zit of die echt versterkt moeten worden. Volgens de ambtelijke organisatie wordt hun kritiek hierop door de coöperaties ervaren als een aanval, maar is dat niet zo bedoeld. Verder zijn er geluiden uit de ambtelijke organisatie dat de coöperaties in de huidige samenwerkingsvorm zich soms te afhankelijk opstellen van de gemeente, bijvoorbeeld wanneer het gaat om het aanvullen van tekorten. Tot slot stelt de gemeente dat het lastig inschatten is wie de energiecoöperaties allemaal vertegenwoordigen; ze bereiken slechts een deel van de Hilversummers. Echter, de coöperaties zijn volgens de gemeente wel van toegevoegde waarde, en de samenwerking is ook waardevol omdat de coöperaties taken kunnen uitvoeren en initiëren waar de gemeente dat niet kan. Om die reden wil de gemeente naar een andere vorm van samenwerking, meer als opdrachtgever en opdrachtnemer. Een meer zakelijke samenwerking dus, waarbij het makkelijker is om afspraken te maken en hierop te controleren. De gemeente is met een extern begeleider een traject gestart om hier vorm aan te geven.

Hilversum100 Hilversum100 is als het Energieplatform Hilversum gestart door de gemeente, maar inmiddels zijn er vooral bewoners en lokale ondernemers in actief. De organisatie is door de gemeente opgericht om duurzaamheid te stimuleren, ‘innovatieve denkkracht’ in de stad te bundelen en concrete Green Deals te sluiten. Tegenwoordig is het een netwerk van Hilversummers die werk maken van de energietransitie, daarom scharen wij dit onder een (bewoners)initiatief. Het is een groeiende groep van ondernemers, bewoners, bedrijven, scholen, sportverenigingen en andere organisaties die zich samen met de gemeente Hilversum inzetten om Hilversum naar eigen zeggen groener, gezonder en duurzamer te maken.

Samenwerking en gemeentelijk perspectief op rolinvulling Hilversum100 in de praktijk De gemeente Hilversum heeft in 2017 het initiatief genomen bedrijven, organisaties en initiatieven uit te nodigen voor Hilversum100. De gemeente omschrijft Hilversum100 als een verbindende partij die initiatieven van bewoners en ondernemers (financieel en met kennis) ondersteunt en met elkaar verbindt. De gemeente beschouwt Hilversum100 daarnaast als een partij die actieve participatie in de samenleving aanjaagt en kan versnellen, bijvoorbeeld door – in opdracht van de gemeente – stadsbrede gesprekken over de energietransitie te organiseren en door het organiseren van challenges. Met zo’n challenge haalt Hilversum100 duurzame ideeën op uit de samenleving. De Hilversummers met de beste ideeën ontvangen een bedrag om hun idee tot uitvoering te brengen. In de gesprekken met de ambtelijke organisatie worden de rollen van Hilversum100 bevestigd. Sinds 2016 ontvangt de organisatie – eerst nog onder de naam Energieplatform Hilversum – jaarlijks €100.000 voor innovatie en stimulering. In 2018 ontving Hilversum100 daarnaast een subsidie van €75.000 voor de challenges. In 2019 ontving de organisatie €80.000 extra subsidie voor de challenges en stadsgesprekken.

Eigen rolopvatting Hilversum100 in de praktijk Hilversum100 ziet zichzelf vooral als een organisatie die andere partijen verbindt en het netwerk onderhoudt. Mensen van andere initiatieven – zoals de energiecoöperaties - zijn bijvoorbeeld aangesloten bij Hilversum100. De organisatie probeert nu vooral ondernemers beter aan te haken bij verduurzaming. Hilversum100 is naar eigen zeggen een verlengstuk van de gemeente. Echter, hier wil de organisatie los van komen en de gemeente steunt dit voornemen. Momenteel onderzoekt Hilversum100 hoe zij meer eigenaarschap kan krijgen als organisatie. Daarnaast wil de organisatie een grotere rol van betekenis spelen, meer mensen betrekken en op meer thema’s actief zijn.

Verwachtingen Hilversum100 ten aanzien van de gemeente De gemeente faciliteert Hilversum100 met subsidies. Dit zou volgens Hilversum100 meer samenwerken moeten worden. Het moet niet zo zijn dat de gemeente alleen maar betaalt en dat andere partijen uitvoeren. De gemeente moet volgens de organisatie zelf actiever aan tafel zitten, ook ambtenaren buiten het duurzaamheidsprogramma. 46

Hilversum100 heeft de wens dat bij al hun themawerkgroepen gemeenteambtenaren aanhaken, bijvoorbeeld bij ‘smart waste’. Hier kan de gemeente veel kennis toevoegen volgens Hilversum100. Verder kan de gemeente helpen bij het vergroten van de bekendheid van Hilversum100.

Meent Aardgasvrij

Inwoners(organisaties) vormen een belangrijke groep in de energie- en warmtetransitie. Met name bij de warmtetransitie gaat het immers om de woningen van Hilversummers. In de gemeente Hilversum lopen er momenteel twee bewonersinitiatieven gericht op het aardgasvrij maken van de wijk: Kerkelanden. In de wijk Kerkelanden wordt momenteel onderzoek gedaan naar de haalbaarheid van een warmtenet. Hierbij zijn partijen als HET, Firan, Waternet, Liander en de woningcorporaties aangehaakt. De gemeente subsidieert het onderzoek. Uit de gesprekken met de gemeente blijkt dat de gemeente hier een afwachtende en faciliterende rol inneemt. De Meent. De stichting Hilversumse Meent is actief op verschillende terreinen in de wijk, bijvoorbeeld duurzaamheid, welzijn en woningbouw. Rond 2014 lag de focus van de stichting volgens een aantal bewoners te veel op welzijn. Om die reden richtten deze bewoners het initiatief Meentkracht op, wat zich meer focuste op het fysieke domein en duurzaamheid. Vanuit de regionale aanpak Energiebesparen Gooi en Vechtstreek, gestart in 2013, heeft de gemeente samen met Meentkracht meerdere avonden in de Hilversumse Meent over energiebesparing gehouden. Deze wijkbijeenkomsten waren gericht op isolatie en zonnepanelen. Zo is de samenwerking m.b.t. energie tussen de gemeenten en de Hilversumse Meent begonnen.

Uiteindelijk heeft Meentkracht ervoor gepleit om de ambitie Meent Aardgasvrij op de wijkagenda van de stichting Hilversumse Meent te zetten. Met de wijkagenda stuurt de stichting de activiteiten in de wijk. In 2017 kwamen verschillende initiatieven/aanleidingen uit De Meent samen waardoor er intensieve samenwerking in de wijk kon ontstaan: 1. Wijkagenda van de bewoners-stichting Hilversumse Meent (SHM); 2. Toenmalig inwonersinitiatief Meentkracht, die initiatieven voor verduurzaming en aardgasvrij maken van woningen ontwikkelde; 3. De opdracht van de raad om vooruitlopend op wetgeving alvast met aardgasvrij wonen te starten (motie M17/19 Hilversum Gasloos uit april 2017, waarin het college onder andere wordt gevraagd “al in 2017 de eerste stappen te nemen voor de realisatie van gasloze wijken”. Hoewel niet concreet om een pilot werd gevraagd, gaf deze motie wel het mandaat te starten met de pilot Hilversumse Meent Aardgasvrij); 4. Het aanbod vanuit Smart Energy Cities om een Hilversumse wijk te begeleiden; 5. Netbeheerder Liander gaf aan dat het gasnet in deze wijk “verouderd” is, maar nog niet direct vervangen hoeft te worden. Het gasnet is economische afgeschreven, waardoor Liander voor de keuze staat om het gasnet te vervangen of niet. Om de plannen voor de Meent Aardgasvrij verder uit te werken is er een werkgroep gevormd.

In een werkgroep werken de gemeente Hilversum, inwonersorganisatie Stichting de Hilversumse Meent, Meentkracht, Liander, woningcorporatie Het Gooi en Omstreken en woningcorporatie De Alliantie aan een wijkaanpak en een strategie om de wijk de Hilversumse Meent los te koppelen van aardgas en als voorbeeld te dienen voor andere wijken. Toen de gemeente in 2018 Meent Aardgasvrij niet voordroeg bij de eerste PAW-ronde, heeft Meentkracht zichzelf opgeheven. Het tempo lag volgens Meentkracht niet hoog genoeg. De gemeente wilde juist ruimer de tijd nemen om een aanvraag voor te bereiden. Sindsdien zit stichting Hilversumse Meent als enige bewonersorganisatie in de werkgroep. De werkgroep heeft in 2018 een wijkaanpak opgesteld om de Meent aardgasvrij te maken. Deze aanpak is bedoeld als houvast bij het traject en beschrijft de technische uitdagingen en de verschillende processtappen. Daarnaast biedt het plan inzicht in de verschillende doelgroepen in de wijk en hoe de werkgroep die wil betrekken. Zo speelden de 47

woningcorporaties een rol om hun huurders tijdig te informeren, kregen inwoners toegang tot het Duurzaam Bouwloket, kwam er een website met informatie en werd er een communicatieplan opgesteld. De stichting Hilversumse Meent richt zich met name op het vertegenwoordigen van de inwoners. Het traject in de wijk Hilversumse Meent heeft geleid tot een PAW-aanvraag begin 2020. Deze aanvraag is eind oktober toegekend.

Samenwerking en gemeentelijk perspectief op rolinvulling Hilversumse Meent in de praktijk In de werkgroep heeft de gemeente volgens ambtelijk betrokkenen in eerste instantie getracht een regisserende rol te nemen. Vanuit de wijkinwoners kwamen er wisselende reacties op het plan om de wijk aardgasvrij te maken. Hierdoor moest de gemeente handelen en de rust bewaren. De gemeente was daardoor – zeker bij de start – zoekende in haar rol. Ze was deels regisseur, maar ook deels uitvoerder. In eerste instantie had een externe partij – Smart Energy Cities (SEC) – de leiding genomen in het traject. De aanpak volgt twee sporen: sociaal-maatschappelijk (betrekken van inwoners) en technisch (hoe maak je een wijk aardgasvrij). De gemeente wilde van SEC leren over beide sporen. Langzaamaan heeft de gemeente naar eigen zeggen steeds meer de rol van SEC overgenomen. SEC is nu nog alleen strategisch adviseur. De gemeente heeft volgens de ambtelijke organisatie steeds meer zelfvertrouwen gekregen, vooral op technisch vlak. Hierdoor doet zij de uitvoerende taken zoveel mogelijk zelf. ”De gemeente had het momentum vast moeten houden en moeten doorpakken met de koplopers. Daar hebben ze steken laten vallen. Als de gemeente had volgehouden was er meer gelukt, nu ontstaat er twijfel.” Quote koploper

De rol van de gemeente heeft zich bij dit project dus door de jaren heen ontwikkeld. Van regisseur naar uitvoerder. Dit komt volgens ambtelijk betrokkenen ook door de onderlinge verhoudingen tussen gemeente en de bewonersorganisatie. Ambtenaren krijgen betaald voor hun werk en nemen daarom – naar eigen zeggen – toch eerder het voortouw. De rol van de bewoners uit zich volgens de gemeente op een aantal manieren. Allereerst zijn er inwoners – via de stichting Hilversumse Meent – aangesloten bij de werkgroep. Zij denken dus mee over de aanpak in de wijk en dragen bij aan de communicatie richting de wijk. Vervolgens zijn er de koplopers die praktijkervaring opdoen en daarmee een rol als ambassadeur spelen.

Echter, op basis van de gesprekken met de gemeente, de stichting en een koploper blijkt dat de ambassadeursrol van de koplopers nauwelijks wordt ingevuld. Dit omdat de koplopers vooralsnog weinig stappen nemen om daadwerkelijk te verduurzamen. Het is voor de gemeente niet duidelijk waarom dit nog niet gebeurt. Een koploper geeft in een gesprek aan dat het proces tot stilstand is gekomen vanwege een gebrek aan begeleiding vanuit de gemeente. De koplopers werden in 2019 door een externe adviseur begeleid bij het verduurzamen, maar deze begeleiding is inmiddels door de gemeente stopgezet. Hierdoor is het momentum om echt duurzame maatregelen te treffen verloren gegaan. Niet alleen de stichting Hilversumse Meent, maar ook de gemeente speelt een rol in de communicatie richting de wijkinwoners. Allereerst zijn de inwoners door de gemeente geïnformeerd over het voornemen om de wijk aardgasvrij te maken. Daarnaast zijn de wijkinwoners – op door de gemeente georganiseerde avonden - geïnformeerd over het isoleren en het financieren van een verbouwing. Volgens een ambtelijk betrokkene is de gemeente hier wel een beetje op teruggekomen; er bleek weinig interesse bij wijkbewoners.

De ontwikkelde aanpak in de Meent dient volgens de gemeente als (procesmatige) blauwdruk voor andere wijken in Hilversum, maar de uiteindelijke invulling zal volgens de ambtelijke organisatie per wijk verschillen. Deels vanwege andere technische mogelijkheden, maar ook vanwege sociaaleconomische verschillen. Dankzij het project in de Meent heeft de gemeente naar eigen zeggen veel geleerd over wat er allemaal komt kijken bij het aardgasvrij maken van een wijk. De gemeente Hilversum ziet het project Meent Aardgasvrij, de stichting de Hilversumse Meent en de Koplopers dan ook als voorbeelden en als voortrekkers. Er is kennis opgedaan die straks breder inzetbaar is.

48

Eigen rolopvatting stichting Hilversumse Meent in de praktijk In de werkgroep werkt de stichting naar eigen zeggen goed samen met de andere partijen. Wel zou de stichting ook aan tafel willen zitten bij andere zaken, bijvoorbeeld wanneer het gaat over de woningbouwprogrammering in de wijk. Hier ziet de stichting een meer overkoepelende rol voor zichzelf (helikopterview). De stichting wordt sporadisch wel gevraagd om mee te denken bij het beleid, maar wil hier best een grotere rol in spelen. De stichting probeert alle bewoners in de wijk te vertegenwoordigen, bijvoorbeeld via bijeenkomsten en de klankbordgroep. Het voornemen van de werkgroep was om in de klankbordgroep vertegenwoordigers uit elke straat te hebben, maar dit is helaas niet gelukt volgens de stichting. De klankbordgroep wordt bijeen geroepen om voorstellen en ideeën te toetsen en wanneer inspraak wenselijk is. Op die manier kunnen bewoners een stem krijgen. Uiteindelijk wil de stichting als onderdeel van de werkgroep in het kader van de PAW-aanvraag per blok of straat in gesprek komen met betrokken bewoners, zowel met woningeigenaren als met huurders. Deze gesprekken worden geïnitieerd vanuit de werkgroep en is dus niet alleen een taak voor de stichting. Via de werkgroep heeft de stichting invloed gehad op de inhoud van de PAW-aanvraag. Echter, de stichting had geen invloed bij het uiteindelijke indienen ervan.

Om de PAW-aanvraag te kunnen doen diende de raad een besluit te nemen om – in het geval dat de aanvraag wordt toegekend – ambtelijke capaciteit vrij te maken. De werkgroep, en dus ook de stichting, had geen invloed op dit raadsvoorstel.

Verwachtingen stichting Hilversumse Meent ten aanzien van de gemeente

De stichting verwacht een aantal zaken van de gemeente ten aanzien van Meent Aardgasvrij. Allereerst verlangt – of eigenlijk hoopt – de stichting op meer tempo vanuit de gemeente. Los van (het slagen van) de aanvraag kunnen er volgens de stichting verdere stappen gezet worden om de wijk aardgasvrij te maken. Daarnaast moet de gemeente volgens de stichting een plan klaar hebben, zowel bij toekenning als afwijzing van de aanvraag7. Het is volgens de stichting van belang dat de gemeente snel schakelt wanneer er duidelijkheid is. De stichting is van mening dat snel handelen vereist is, omdat anders het gecreëerde momentum verloren gaat. Er zijn de afgelopen jaren immers al veel stappen gezet in de wijk om mensen te betrekken en enthousiast te krijgen. Daarnaast wenst de stichting dat de gemeente het thema duurzaamheid meer aansprekend maakt voor bewoners. Er moet volgens de stichting een duidelijk communicatief verhaal komen voor bewoners vanuit de gemeente. Dat is nu nog niet voldoende het geval, maar wel wenselijk. De stichting heeft de indruk dat gemeenteraadsleden en collegeleden soms openlijk twijfelen aan bepaalde duurzame maatregelen, bijvoorbeeld aardgasvrij. Dat zorgt voor verwarring bij bewoners, zij vragen zich bijvoorbeeld af of hun huizen wel geschikt zijn voor deze maatregel.

De gemeente moet hier dus volgens de stichting duidelijkheid creëren met heldere communicatie. Verder heeft de stichting behoefte aan stabiliteit binnen de gemeente. Ambtelijke en bestuurlijke wisselingen werken vertragend en verstoren relatieopbouw.

7

De aanvraag is op 26 oktober 2020 toegekend door BZK

49

D

Verwachtingen inwoners van gemeente

D.1

Inleiding

D.2

Bekendheid van het duurzaamheidsbeleid

De verwachtingen van inwoners ten aanzien van de gemeente, waar het gaat om duurzaamheid en meer specifiek de warmtetransitie, is onderzocht aan de hand van een enquête. Deze enquête is afgenomen onder het Hilversumse burgerpanel8. Aanvullend is een aantal telefonische interviews gevoerd met inwoners die een duurzaamheidsinitiatief zijn gestart of hierover nadenken. Na de inleiding gaan we in op de bekendheid van het duurzaamheidsbeleid en de verwachtingen die inwoners hebben van de gemeente bij verduurzaming en de warmtetransitie. Vervolgens is er aandacht voor de betrokkenheid van Hilversummers hierbij en de vraag in hoeverre inwoners zichzelf verantwoordelijk voelen.

Iets minder dan een op de vijf (18%) inwoners zegt in grote lijnen een beeld of een duidelijk beeld te hebben van de duurzame beleidsdoelen van de gemeente Hilversum. Bijna zes op de tien (58%) Hilversummers tot 35 jaar zeggen helemaal geen beeld te hebben. Uit Figuur 3 blijkt dat naar mate de inwoners ouder zijn, het beeld van de beleidsdoelen verbetert. Van de inwoners van 65 jaar en ouder heeft een kwart (27%) in grote lijnen tot een duidelijk beeld van het duurzaamheidsbeleid. Figuur 3 - In welke mate heeft u een beeld van de beleidsdoelen van de gemeente Hilversum op het gebied van duurzaamheid? 100% 16%

75%

8%

13%

13%

25%

Daar heb ik een duidelijk beeld van

30% 44%

47%

Daar heb ik in grote lijnen een beeld van

54%

50%

49%

Daar heb ik wel eens iets van gehoord, maar ik weet niet wat de gemeente concreet doet

58%

25%

42%

36%

29%

23%

0% Totaal

18 t/m 34 jaar

35 t/m 49 jaar

Daar heb ik helemaal geen beeld van

50 t/m 64 jaar 65 jaar en ouder

Vervolgens hebben we een aantal concrete instrumenten (duurzaamheidslening, Duurzaam Bouwloket), uitingen (website) en lopende projecten (RES) voorgelegd (Figuur 4). Een ruime meerderheid is niet bekend met de vier voorgelegde zaken. Een derde (33%) van de inwoners is tenminste een beetje bekend met de duurzaamheidslening en een op de vijf (20%) is tenminste een beetje bekend met het Duurzaam Bouwloket.

8

Dit zijn inwoners van de gemeente Hilversum die zich hebben aangemeld voor deelname aan online onderzoeken van de gemeente. Het panel bestaat uit 1.884 panelleden. de gemeente. De panelleden zijn via e mail uitgenodigd om deel te nemen aan dit onderzoek. Er is één herinneringsmail gestuurd.

50

Figuur 4 - Kunt u aangeven met welke van de volgende zaken u bekend bent? 28%

Duurzaamheidslening

67%

De website ‘Hilversum Aardgasvrij’

14%

83%

Regionale Energie Strategie (RES)

13%

84%

Duurzaam bouwloket

19%

0%

25%

Goed mee bekend

D.3

80%

50%

Een beetje mee bekend

75%

100%

Niet mee bekend

Verwachtingen over de rol van de gemeente bij verduurzaming

Zoals beschreven in hoofdstuk A.5 kan de gemeente ten aanzien van het duurzaamheidsbeleid een aantal rollen aannemen. Te denken valt aan een ondersteunende, aanjagende, faciliterende, regisserende, kaderstellende of inspirerende rol. Daar tegenover staat dat inwoners waarschijnlijk bepaalde verwachtingen hebben van de rol(len) die de gemeente aanneemt. Om deze verwachtingen in beeld te krijgen zijn verschillende rollen – die de gemeente kan aannemen richting inwoners – voorgelegd aan het panel (Figuur 5). Figuur 5 - Wat verwacht u vooral van de gemeente op het gebied van duurzaamheid? Dat de gemeente...

43%

het goede voorbeeld geeft

40%

informeert over duurzaamheid duurzaamheidsplannen van inwoners betaalt of subsidieert

35%

lokale duurzame initiatieven ondersteunt met kennis en kunde

35%

lokale duurzame initiatieven ondersteunt met geld

25%

mensen enthousiast maakt over duurzaamheid

25% 22%

regels en kaders opstelt over duurzaamheid voor inwoners

19%

adviseert over het verduurzamen van mijn woning 7%

duurzaam gedrag bij inwoners afdwingt

adviseert over het verduurzamen van mijn gedrag

5%

Anders, namelijk

6% 4%

Ik verwacht niets van de gemeente Weet ik niet

1%

51

Inspireren en informeren Op de vraag wat men van de gemeente verwacht op het gebied van duurzaamheid is het goede voorbeeld geven het meest genoemd (43%). Hierbij valt te denken aan het verduurzamen van het Raadhuis, de inkoop van groene stroomen het gebruik van elektrische auto’s. Een kwart van de inwoners (25%) verwacht dat de gemeente mensen enthousiasmeert over duurzaamheid. Een andere verwachting is dat de gemeente inwoners informeert over duurzaamheid (40%), bijvoorbeeld over ontwikkelingen, energiebesparing en initiatieven in de wijk. Een kwart (25%) van de inwoners verwacht dat de gemeente mensen enthousiast maakt over duurzaamheid.

Ondersteunen Ruim een derde (35%) van de inwoners verwacht dat de gemeente lokale duurzame initiatieven ondersteunt met kennis en kunde. Een op de vijf (19%) verwacht advies van de gemeente over het verduurzamen van de eigen woning en een op de twintig (5%) wenst advies van de gemeente over het verduurzamen van het eigen gedrag. Ondersteuning kan ook in financiële zin. Ruim een derde (35%) verwacht dat de gemeente duurzaamheidsplannen van inwoners betaalt of subsidieert. Een kwart verwacht van de gemeente financiële ondersteuning van lokale duurzame initiatieven.

Kaderstellen Ruim een op de vijf inwoners (22%) verwacht van de gemeente dat deze regels en kaders opstelt over duurzaamheid. Slechts een beperkte groep van 7 procent geeft aan dat het goed zou zijn als de gemeente duurzaam gedrag bij inwoners afdwingt.

D.4

Verwachtingen van rol gemeente in warmtetransitie

In de vorige paragraaf ging het over verwachtingen van inwoners over de rol van de gemeente bij duurzaamheid in het algemeen. Deze paragraaf focust zich op de verwachtingen van inwoners waar het gaat om de warmtetransitie. Allereerst is aan de inwoners gevraagd welke partijen zij het belangrijkste vinden in de warmtetransitie. Vervolgens is aan hen gevraagd wat zij verwachten van de gemeente. Daarnaast is in de enquête ook gevraagd naar de opvatting van inwoners over de eigen verantwoordelijkheden en rollen bij de warmtetransitie.

Gemeente belangrijkste partij Gevraagd naar wat de belangrijkste drie partijen in dit verband zijn, wordt de gemeente Hilversum het vaakst genoemd (60%, Figuur 6). Vier op de tien inwoners vinden dat inwoners zelf een belangrijke rol hebben en een kwart noemt netbeheerders, energieleveranciers, de Rijksoverheid en woningcorporaties. Opvallend is hoe weinig bewonersinitiatieven worden genoemd als een van de belangrijkste partijen. Mogelijk speelt hierin mee dat men niet goed weet wat men daar onder moet verstaan en/of dat onbekend is wat ze doen.

52

Figuur 6 - Wat zijn volgens u de belangrijkste drie partijen in de warmtetransitie in de gemeente Hilversum? 60%

De gemeente Hilversum 39%

De inwoners van de gemeente Hilversum Netwerkbedrijven en netbeheerders (bijv. Liander)

31%

De energieleveranciers (bijv. Vattenfall)

31%

De Rijksoverheid

30% 26%

De woningcorporaties 13%

De provincie Noord-Holland

10%

De regio Gooi- en Vechtstreek Burgerinitiatieven

5%

Huurdersverenigingen

4%

De Omgevingsdienst Flevoland, Gooi- en Vechtstreek

1%

Anders, namelijk

4%

Weet ik niet

11%

Verwachtingen van de gemeente Slecht 3 procent van de inwoners zegt helemaal niets te verwachten (Figuur 7), en 11 procent weet het niet. Daarnaast verwacht een op de zeven (14%) dat de gemeente zich niet bemoeit met het aardgasvrij maken van de woning. De overige respondenten hebben wel een of meerdere verwachtingen van de gemeente bij de warmtetransitie. Deze verwachtingen werken we hieronder verder uit.

Figuur 7 - Wat verwacht u vooral van de gemeente op het gebied van de warmtetransitie? Dat de gemeente…

54%

informatie geeft over financierings- en/of… 39%

(een deel van) de kosten vergoedt

38%

aangeeft welk alternatief voor mij het beste is voor de… 33%

mij de vrijheid geeft om zelf de keuze te maken voor een… 22%

zegt welke stappen ik moet nemen en wanneer

21%

mij verwijst naar geschikte en betrouwbare… 14%

zich niet bemoeit met het aardgasvrij maken van mijn woning 7%

mij verbindt met buurtgenoten die hun woning ook…

8%

Anders, namelijk Ik verwacht niets van de gemeente Weet ik niet

3% 5%

53

Gemeente als ondersteuner Uit Figuur 7 blijkt verder dat de helft (54%) verwacht dat de gemeente informatie geeft over financierings- en/of subsidiemogelijkheden. Vier op de tien (39%) gaan ervan uit dat de gemeente minimaal een deel van de kosten vergoedt. Uit een nadere verdieping op de kosten van de warmtetransitie blijkt dat 70 procent van de inwoners verwacht dat de gemeente hen gedeeltelijk financieel tegemoet komt (Figuur 8). Vier op de tien (40%) verwachten zelfs een volledige vergoeding. Twee derde (65%) is het dan ook niet eens met de stelling dat inwoners zelf opdraaien voor de kosten. Figuur 8 - Stellingen: gemeente als ondersteuner

Ik verwacht dat de gemeente mij gedeeltelijk financieel tegemoetkomt wanneer mijn woning aardgasvrij wordt

28%

Ik verwacht dat de gemeente mij volledig financieel tegemoetkomt wanneer mijn woning aardgasvrij wordt

20%

De kosten van het aardgasvrij maken van een woning zijn voor de bewoners zelf

7%

0% Helemaal mee eens

Mee eens

42%

Neutraal

20%

23%

25% Mee oneens

18%

32%

18%

37%

50%

5%

5%

28%

75%

Helemaal mee oneens

100% Weet ik niet

Gemeente als adviseur Een andere rol voor de gemeente – die uit Figuur 7 naar voren komt - is die van adviseur. Iets minder dan vier op de tien (38%) horen graag van de gemeente welk alternatief het beste is voor de verwarming van de eigen woning. Verder verwacht een op de vijf (22%) informatie van de gemeente over welke stappen er in dat verband op welk moment gezet moeten worden.

Gemeente als verbinder Een tweetal stellingen in Figuur 7 had betrekking op de rol van de gemeente als verbinder. De meeste belangstelling is er voor een rol voor de gemeente in het verwijzen naar geschikte en betrouwbare (installatie)bedrijven (21%) en in mindere mate een rol in het verbinden van buurtgenoten die hun woning aardgasvrij maken (7%).

Gemeente als regisseur Naast de voorgelegde verwachtingen in Figuur 7 geeft 8 procent aan nog iets anders te verwachten van de gemeente. Ze verwachten vooral dat de gemeente de regie neemt. Enerzijds door de stappen inzichtelijk te maken die de gemeente én de inwoners moeten zetten en anderzijds door het voortouw te nemen in collectieve warmtevoorzieningen. Dit betekent volgens hen ook dat de gemeente inzichtelijk maakt welke mogelijkheden er allemaal zijn. Daarnaast geven enkele inwoners aan dat de gemeente ervoor moet waken dat iedereen zelf aan de slag gaat. Zij verwachten een coördinerende rol van de gemeente hierin.

D.5

Betrokkenheid van inwoners

Iets meer dan de helft van de inwoners van Hilversum (52%) stelt het op prijs om te worden betrokken bij maatregelen om over te stappen naar duurzame energiebronnen in de gemeente (Figuur 9). Waar het gaat om maatregelen in de eigen wijk om van het gas af te gaan zegt driekwart (75%) hierbij betrokken te willen worden. Hierbij gaat het met name om bewoners van koopwoningen. Hoewel bewoners van huurwoningen hiervoor in mindere mate belangstelling hebben, heeft van hen ook een meerderheid interesse. 54

Figuur 9 - Stellingen: betrokkenheid bij warmtetransitie

Ik vind het belangrijk om betrokken te worden bij de maatregelen in mijn wijk om van het gas af te gaan

28%

Ik vind het belangrijk om betrokken te worden bij de maatregelen in de hele gemeente om over te stappen naar duurzame energiebronnen (de Regionale Energiestrategie)

15%

0% Helemaal mee eens

Mee eens

47%

Neutraal

14% 5%

37%

25% Mee oneens

30%

50%

9%

75%

Helemaal mee oneens

100%

Weet ik niet

Wijze van betrokkenheid Een ruime meerderheid van de inwoners (82%) wil op de hoogte worden gehouden via (nieuws)brieven (Figuur 10). De helft (50%) geeft aan dat zij hun mening willen geven over de maatregelen om hun wijk aardgasvrij te maken. Verder willen vier op de tien (39%) op de hoogte worden gehouden via bijeenkomsten en 18 procent wil meepraten in een werk- of klankbordgroep. Figuur 10 - Op welke manier(en) wilt u betrokken worden bij de maatregelen van de gemeente om uw wijk aardgasvrij te maken? 82%

Ik wil op de hoogte worden gehouden via (nieuws)brieven 50%

Ik wil mijn mening geven, bijvoorbeeld via een enquête 39%

Ik wil op de hoogte worden gehouden via bijeenkomsten 18%

Ik wil meepraten in een werkgroep of klankbordgroep Ik wil zelf een initiatief starten, of ben al een initiatief gestart

1%

Anders, namelijk

4%

Ik wil niet betrokken worden

4%

Weet ik niet

2%

55

D.6

Eigen verantwoordelijkheid en initiatief

In het verlengde van de verwachtingen ten aanzien van de gemeente en de manier waarop bewoners betrokken willen worden, is ingegaan op hoe inwoners aankijken tegen de eigen verantwoordelijkheid en rol in de warmtetransitie.

Eigen verantwoordelijkheid bij aardgasvrij maken eigen woning Ruim een op de drie (31%) ziet een verantwoordelijkheid voor zichzelf (Figuur 11). Dat geldt dan vooral voor woningeigenaren (34%) en in veel mindere mate voor huurders (17%). Een op de tien zegt het aardgasvrij maken zelfstandig te willen doen, zonder hulp van de gemeente of anderen. De meerderheid (57%) verwacht echter dat bij het aardgasvrij maken van hun wijk, de gemeente samen met deskundigen de juiste keuzes maakt. Figuur 11 - Stellingen: Eigen verantwoordelijkheid Ik ga ervan uit dat de gemeente, met deskundigen, de juiste keuze maakt voor het aardgasvrij maken van mijn wijk

16%

Het aardgasvrij maken van mijn woning is mijn eigen verantwoordelijkheid

11%

20%

Ik wil het aardgasvrij maken van mijn woning zelfstandig doen, zonder hulp van mijn gemeente of anderen

6%

28%

0% Helemaal mee eens

Mee eens

Neutraal

41%

21% 27%

Mee oneens

23% 31%

25%

10% 9% 14% 23%

50%

8%

75%

Helemaal mee oneens

100%

Weet ik niet

Kennis en informatie over aardgasvrij maken eigen woning Hoewel de overstap naar een samenleving zonder aardgas door een meerderheid (van 53%) als een goede zaak wordt gezien, is maar een derde (32%) op de hoogte wat het voor de eigen woning betekent om deze aardgasvrij te maken. Een meerderheid (60%) van de inwoners weet op dit moment niet waar ze met hun vragen over warmtetransitie terecht kunnen. Op deze beide punten zijn er nauwelijks verschillen tussen bewoners van koopwoningen en bewoners van huurwoningen. Uit deze uitkomsten blijkt dat het eventueel aardgasvrij maken van de eigen woning nog niet erg leeft bij de inwoners. Figuur 12 - Kennis en informatie De overstap naar een samenleving zonder aardgas is een goede zaak

21%

Ik weet wat het voor mijn woning betekent wanneer mijn woning aardgasvrij wordt

9%

23%

11%

18%

Ik weet waar ik terecht kan met mijn vragen over het aardgasvrij maken van mijn wijk en/of woning 0% Helemaal mee eens

Mee eens

Neutraal

32%

25% Mee oneens

20%

18%

12%

22% 37%

50% Helemaal mee oneens

18% 23%

11% 5% 9% 9%

75%

100%

Weet ik niet

56

Gebruik van ondersteuning en informatie Een kwart van de inwoners kent de gemeente als ingang voor advies, ondersteuning of subsidies met betrekking tot duurzaamheid. Het merendeel heeft hier echter geen gebruik van gemaakt. Hoewel slechts weinig inwoners hulp hebben gehad van de gemeente bij hun plannen om hun woning te verduurzamen, zijn bijna alle inwoners die wél hulp hebben gehad hier tevreden over. Desgevraagd geeft men aan de volgende ondersteuning van de gemeente te hebben gekregen: advies, subsidie, voorlichting, bouwvergunning, duurzaamheidslening en hulp van een energiecoach.

Figuur 13 - Weet u waar u bij de gemeente terecht kunt voor advies, ondersteuning of subsidies met betrekking tot duurzaamheid?

4%

Ja, dat weet ik en heb ik weleens gedaan 22%

Ja, dat weet ik, maar heb ik nog nooit gedaan 73%

Nee, dat weet ik niet

Positieve punten: •

“We hebben deskundig advies en goede, bruikbare tips gekregen.”

•

“Persoonlijk en helder antwoord.”

•

“Bruikbare adviezen gekregen van energiecoach.”

•

“Goed kunnen spiegelen welke keuze de juiste is.”

•

“Was blij met de subsidie en was net het zetje wat ik nodig had om in actie te komen.”

Aandachtspunten: •

“Het is heel fijn als je subsidie krijgt omdat deze maatregelen veel geld kosten. Het zou nog fijner zijn als de informatie actief aangeboden wordt en ik van de gemeente onafhankelijk advies zou krijgen. Nu moet ik zelf uitzoeken wat het beste is en dat is niet eenvoudig.”

•

“Het is mij niet helemaal duidelijk wat die lening me nou precies heeft opgeleverd, vergeleken met een gewone lening van de bank. Het was wel wat papieren rompslomp.”

Inwoners die geen hulp hebben gevraagd bij de gemeente bij hun plannen voor verduurzaming van hun woning, geven daarvoor uiteenlopende redenen, waaronder: • onbekendheid met de rol en meerwaarde van de gemeente; • dat men niet terecht kon bij de gemeente (geen subsidie beschikbaar, men kwam niet in aanmerking); • het was niet nodig; men kon het zelf regelen of had hulp van anderen (zoals de verhuurder, de VvE, de aannemer). De inwoners die de gemeente wel om ondersteuning hebben verzocht, maar deze niet hebben gekregen, geven daarvoor vooral redenen die te maken hebben met het niet (meer) beschikbaar zijn van subsidies. Een enkeling refereert aan de opstelling van de gemeente. Zo wordt gezegd dat er geen reactie op hun verzoek kwam en dat er sprake was van onwil van de ambtenaar. Onder de panelleden waren ook deelnemers aan het project “Koplopergroep Hilversumse Meent Aardgasvrij”. Zij merkten op dat dit project onvoldoende werd gesteund door de gemeente en is verzand in onduidelijkheid.”

57

Zelf starten van duurzaamheidsinitiatief Zes procent van de ondervraagde inwoners zegt een initiatief te zijn gestart in het kader van duurzaamheid. Een even grote groep heeft het overwogen of geprobeerd maar niet doorgezet. Voorbeelden van dergelijke initiatieven zijn: • zonnepanelen aanleggen; • mobiliseren van buurt; • dubbelglas aanleggen; • duurzaam maken van appartementen; • aanleg van groen dak; • introductie van circulaire woningbouw; • warmtepomp aanleggen; • vergroenen woonomgeving; • werkgroep duurzaamheid opgericht binnen VvE; • plaatsing van zonnepanelen op de platte daken van een appartementencomplex.

Ervaringen van initiatiefnemers

In een aantal telefonische interviews is gesproken met individuele inwoners die alleen of samen met buren initiatief hebben genomen om de eigen woning te isoleren of zelf energie op te wekken (via zonnepanelen) dan wel met meer experimentele initiatieven aan de slag wilden (zoals waterstof). Ondanks dat zij zich goed in duurzaamheid en de mogelijkheden hebben verdiept, waren zij nauwelijks bekend met het beleid van de gemeente. Ook bij het zoeken naar informatie over het verduurzamen van hun woning, bleek de gemeente bij deze geïnterviewde initiatiefnemers niet ‘top of mind’. De initiatiefnemers hebben informatie ingewonnen bij bedrijven, belangenorganisaties en landelijke organisaties (zoals Milieu Centraal), maar nauwelijks bij de gemeente. De gemeente komt pas later in beeld, bijvoorbeeld wanneer de plannen concreter worden. Dan heeft men de gemeente nodig voor bijvoorbeeld het “Mensen in huurwoningen met een kleinere beurs lijken hier geven van subsidie. De teleurstelling ligt dan op de minder van te profiteren. De middelen bereiken dus de loer wanneer de subsidiepot leeg is of wanneer de verkeerde doelgroep.” plannen niet voldoen aan de voorwaarden.

Het niet Quote inwoner kunnen voldoen aan deze verwachtingen van inwoners leidt tot demotivatie en voedt het idee dat de gemeente weinig kan betekenen en/of dat gemeentelijke subsidies en de duurzaamheidslening terechtkomen bij de mensen die het niet per se nodig hebben. Bijvoorbeeld omdat die inwoners weten hoe de procedures werken of ervaring hebben met het aanvragen van subsidie, maar ook omdat de gemeente een inkomensondergrens hanteert bij het verstrekken van een lening. Uit de interviews kwamen desgevraagd enkele voorbeelden naar voren over de manier waarop de gemeente van meerwaarde zou kunnen bij de verduurzaming van het eigen huis. Gewezen wordt op een adviserende rol, bijvoorbeeld bij het doorrekenen van plannen en een rol als doorverwijzer naar bedrijven en leveranciers. Dit laatste kan door inwoners wel als strijdig worden ervaren met de positie als onafhankelijke overheid.

58

E

Rol en verwachtingen van de gemeenteraad

E.1

Inleiding

E.2

Informatiepositie en rol van de gemeenteraad

Dit hoofdstuk gaat over de wijze waarop de gemeenteraad is betrokken bij de energie- en warmtetransitie. Er wordt ingegaan op de verwachtingen die de raad heeft van het college bij het betrekken van inwoners. Verder komt in dit hoofdstuk de kindergemeenteraad aan bod; hoe denken de leden daarvan over duurzaamheid en welke ideeën hebben zij om inwoners te betrekken?

Bij het opstellen van het programma Duurzaam Hilversum in 2015 is de gemeenteraad op verschillende manieren betrokken. In het najaar van 2015 zijn twee beeldvormende sessies georganiseerd waar met gemeenteraadsleden is gesproken over de ambities, maatregelen en de rol en financiële inzet van de gemeente. Dit heeft geleid tot een kader voor het duurzaamheidsprogramma. Met het kader legden de raadsleden de prioriteit bij energiebesparing, energieopwekking en de voorbeeldfunctie van de gemeente. Als randvoorwaarden bij het programma stelden zij dat de gemeente zich moet inzetten om de samenleving mee te krijgen en aan te jagen om te verduurzamen en de bewustwording te vergroten. Daarnaast zouden de financiële middelen moeten dienen als vliegwiel, zodat anderen gaan investeren in duurzaamheid. Tot slot gaven de raadsleden aan bereid te zijn om meer budget vrij te maken op basis van een goed voorstel. De gemeenteraad heeft het duurzaamheidsprogramma op 22 december 2015 vastgesteld. Bij de behandeling heeft de gemeenteraad een amendement aangenomen om de financiering van het programma op een andere wijze dan voorgesteld te organiseren. Tijdens de looptijd van het programma is de commissie Duurzaamheid en Bereikbaarheid op verschillende momenten geïnformeerd over de voortgang, via de jaarplannen, tussenrapportages en jaarlijkse eindrapportages.

Deze documenten zijn ter advisering aan de commissie voorgelegd en in dit verband besproken. Op verschillende momenten hebben commissieleden bij de behandeling extra toelichting gevraagd, bijvoorbeeld bij de behandeling van het Jaarplan Energietransitie 2019; de commissie wilde beter weten hoe inwoners betrokken worden en welke activiteiten de gesubsidieerde initiatieven ondernemen. Het college heeft deze toelichting gegeven via een collegebrief (d.d. 17 april 2019). In de brief gaat het college in op de activiteiten van HilverZon, HET, Hilversum100 en de samenwerking in Meent Aardgasvrij, een groot deel van deze activiteiten is gericht op het betrekken en informeren van inwoners. Bij de behandeling van het Jaarplan Energietransitie 2020 (d.d. 25 juni 2020) vroegen meerdere commissieleden om concretere formuleringen in het stuk, zodat de commissie ook echt kan zien of een activiteit is uitgevoerd en wat het oplevert. De verantwoordelijk wethouder Heller gaf aan dit mee te zullen nemen in het nieuwe duurzaamheidsprogramma. De gemeenteraad heeft op een aantal momenten invloed gehad op de energie- en warmtetransitie, bijvoorbeeld wanneer het gaat om de concept-Regionale Energie Strategie Noord-Holland Zuid (RES NHZ). In september 2019 heeft de gemeenteraad van Hilversum bij de behandeling van de startnotitie RES NHZ (d.d. 25 september 2019) een amendement aangenomen.

In dit amendement stelt zij extra kaders ten aanzien van innovaties, biomassacentrales en financiële verantwoording bij het opstellen van de concept-RES NHZ. Op die manier heeft de raad dus haar kaderstellende rol ingezet, en invloed uitgeoefend aan de voorkant van het proces. Echter, er waren al snel zorgen: in het najaar van 2019 zijn er door het CDA schriftelijke vragen (art. 41) gesteld aan het college. Uit de vragen blijkt zorg over het traject en de betrokkenheid van de raad hierbij. Deze zorgen zitten hem vooral in de borging van lokale belangen. Dit omdat de RES uitgaat van bepaalde scenario’s die niet door de raad zijn vastgesteld. Een maand later antwoordde het college met een toelichting op de inhoudelijke stappen binnen het traject en de momenten waarop raadsleden kunnen participeren bij lokale bijeenkomsten (de lokale verrijking). Gedurende 2018, 2019 en 2020 vonden er acht bijeenkomsten plaats (beeldvormende sessies en raadsklankbordgroepen) over de RES NHZ (en deels over de warmtetransitie). 59

Bij de behandeling van de concept-RES NHZ in de commissie (d.d. 25 juni 2020) was er vanuit de raad kritiek op het proces. Zo gaven de VVD, CDA en Leefbaar Hilversum aan dat zij ontevreden waren met de gang van zaken, onder andere omdat ingediende moties en amendementen niet terugkwamen in de concept-RES NHZ. Hier wilden zij graag nog uiting aan geven. Dit hebben zij de week daarop gedaan bij de behandeling van de concept-RES NHZ in de gemeenteraad. Tijdens de behandeling werden meerdere moties en amendementen ingediend. De twee amendementen (‘Zon voor wind’ A20/51 en ‘blijf van dat dak af’ A20/54) zijn overgenomen in de wensen en bedenkingen van de gemeente Hilversum op de concept-RES NHZ. Deze wensen en bedenkingen zijn vervolgens gedeeld met de Stuurgroep RES NHZ9. Daarnaast nam de raad een motie aan waarin het college onder andere werd verzocht om het gesprek aan te gaan met lokale partijen die een rol spelen bij de RES, zoals de energiecoöperaties, bewonersinitiatieven in de Meent en Kerkelanden en de regiogemeenten om onbenutte kansen in beeld te brengen. Het college reageerde hier positief op en gaf aan graag het gesprek aan te gaan met de partijen. Ook in het kader van de Transitievisie Warmte is er een raadsklankbordgroep opgericht om raadsleden de gelegenheid te geven vroegtijdig mee te denken.

Deze groep is vijf keer bijeen geweest en overlapt deels met de bijeenkomst over de RES NHZ. In deze sessies zijn met raadsleden de opgaves en potenties in kaart gebracht. Het doel van de bijeenkomsten was om iedereen voldoende kennis te bieden, de richting en input van raadsleden mee te nemen in de uitwerking en de raadsleden bij elke stap te betrekken. In deze bijeenkomsten zijn uitgangspunten geformuleerd die later zullen dienen als kader voor de Transitievisie Warmte. Een van de uitgangspunten is dat initiatief van bewoners en organisaties zwaar weegt bij de prioritering in het aardgasvrij maken van wijken. Een ander uitgangspunt is dat iedereen de kans krijgt om aan te haken en dat er tot 2030 alleen tot uitvoering wordt overgegaan indien er draagvlak is. Deze uitgangspunten zijn nog niet bestuurlijk vastgesteld. De ambtelijke organisatie geeft aan dat de rol van de raad groter is geworden de laatste jaren. Er wordt volgens hen nu veel van de raad gevraagd met de RES NHZ en de Transitievisie Warmte. Dat bleek ook tijdens het groepsinterview met de raad. Raadsleden hebben waardering voor de zogeheten raadsklankbordgroepen. Daarnaast beamen raadsleden dat zij veel informatie ontvangen via de raadsvergaderingen, de behandeling van de jaarplannen in de raadscommissie, de nieuwsbrieven en de provincie. Toch is er voor een deel van de raadsleden nog steeds veel onduidelijkheid.

De energie- en warmtetransitie is een ingewikkeld dossier: het is voor raadsleden vanuit de overvloed van informatie soms lastig te bepalen wat precies relevant is. Ook is de informatie niet voor iedereen goed terug te vinden. Er komen vanuit de raad signalen dat hij zich niet voldoende betrokken voelt, dit blijkt ook uit de ingediende moties en amendementen. De opzet van het proces van de RES NHZ zorgt ervoor dat raadsleden voor hun gevoel (te) laat worden betrokken en (te) weinig invloed kunnen uitoefenen. Voor het college is de wens van de raad niet altijd helemaal duidelijk. Hoe willen raadsleden betrokken worden, op welke manier en wat zijn dan de speerpunten? Een deel van de raad heeft in ieder geval behoefte aan stroomlijning van de informatie, om zo beter te kunnen bepalen wat de uitdagingen precies zijn en waar Hilversum op dit moment staat ten aanzien van de warmtetransitie. Een ander deel van de raadsleden vindt juist dat de informatievoorziening al voldoet en wijst erop dat de raadscommissie ‘er bovenop zit’ mede aan de hand van de jaarplannen.

E.3

Verwachtingen gemeenteraad over het betrekken van inwoners

In relatie tot bewonersinitiatieven is er volgens de raadsleden niet sprake van één dominante rol. De rol kan van geval tot geval en per fase van het traject verschillen. De ene keer wordt een reactie gevraagd op een bewonersinitiatief, een andere keer pakt het college het voortouw. Dat gaat deels goed, maar soms ook niet. Een deel van de raadsleden verwacht op dit moment het meeste van een leidende en voortvarende rol van de gemeente, met name in het project

9

In de Stuurgroep RES NHZ zitten bestuurlijke vertegenwoordigers vanuit de 6 deelregio’s (Zaanstreek/Waterland, Amsterdam, Gooi en Vechtstreek, Haarlemmermeer, IJmond & Zuid-Kennemerland en Amstelland), de provincie Noord-Holland, het waterschap Hoogheemraadschap Holland Noorderkwartier, waterschap Rijnland, waterschap Amstel, Gooi en Vecht (Waternet) en de netbeheerders (Liander en Stedin).

60

Meent Aardgasvrij. Dit betekent dat de gemeente het voortouw neemt en snel moet kunnen handelen, bijvoorbeeld nu met de gehonoreerde PAW-aanvraag in de Meent. Het begeleiden en faciliteren van initiatieven van inwoners is goed en nodig, maar om het goed op de rails te krijgen en tot een succes te maken is een leidende rol bij deze initiatieven op bepaalde momenten zeker ook nodig. De kunst is dus situationeel te wisselen van rol maar wel koers te houden. Verder dient de gemeente volgens de raadsleden open te staan voor kritiek en zorgen. Een rol voor de gemeente die verder genoemd wordt is het informeren: maak zichtbaar wat er gebeurt en zorg bijvoorbeeld voor een laagdrempelig informatiepunt waar inwoners moeten zijn en dat onder meer inzicht geeft in de kosten van de warmtetransitie. De gemeente moet in ieder geval het goede voorbeeld geven, waar het gaat om het eigen energiegebruik. In algemene zin is er waardering voor de initiatieven vanuit de inwoners. Er zijn succesvolle voorbeelden, maar tegelijk is duidelijk dat deze processen soms moeizaam of traag verlopen. De vraag is of de gemeente voldoende doet om bewonersgroepen die iets willen te faciliteren of daar waar nodig koudwatervrees weg te nemen. Het betrekken van bewoners is ook aan de orde in andere beleidsdossiers.

De raadsleden verschillen van mening over de vraag of er voldoende aandacht en ruimte is voor burgerparticipatie. Waar de een stelt dat de gemeente Hilversum voldoende doet, geeft de ander aan dat waar het gaat om het betrekken van inwoners, Hilversum kan leren van andere gemeenten. Ook een actievere rol van de gemeente bij verenigingen van eigenaren biedt wellicht kansen om initiatieven te faciliteren. Een belangrijke uitdaging is het betrekken van inwoners die niet als koplopers zijn te beschouwen, maar degenen die nog minder met verduurzaming bezig zijn en/of zelf de weg naar de gemeente moeilijker vinden. Een goede aanpak om deze groepen mee te krijgen heeft de aandacht van de raad en het college, maar is nog in ontwikkeling.

E.4

Verwachtingen van de kindergemeenteraad

Niet alleen de volwassen gemeenteraad, maar ook de kindergemeenteraad van Hilversum is betrokken bij dit onderzoek. De kindergemeenteraad bestaat uit zestien kinderen van verschillende scholen. De kinderen vertegenwoordigen hun klas en school. In het kader van dit onderzoek is gesproken met de kindergemeenteraad. Bij het gesprek waren zes leden aanwezig. De kinderraadsleden vinden duurzaamheid een lastig, maar ook een leuk onderwerp. Vooral omdat er zoveel verschillende dingen onder vallen, zoals zonnepanelen, een moestuin, zuinig omgaan met energie, recyclen, een groene omgeving. Dat het zo veelzijdig is, maakt het ook leuk. Uit het gesprek met de kindergemeenteraad komt naar voren dat het motiveren van inwoners om zich duurzamer te gedragen wat de kinderraadsleden betreft op een aantrekkelijke en leuke manier zou moeten. Dat kan misschien met een spel; dat motiveert kinderen. Verder hebben de jongeren ideeën voor filmpjes via sociale media die jongeren en kinderen gebruiken en zien zij een rol voor vloggers en bekende inwoners van Hilversum. Dit geldt volgens de leden van de kindergemeenteraad overigens ook voor volwassenen. Ook voor hen zou het belang van duurzaamheid op een speelse manier naar voren gebracht kunnen worden, bijvoorbeeld door een comedian of cabaretier.

De jongeren verwachten van de gemeente dat deze het goede voorbeeld geeft en laat zien hoe het moet, bijvoorbeeld door duurzame materialen en geen plastic te gebruiken. De burgemeester kan hier volgens de kinderen het voortouw in nemen en het goede voorbeeld geven. De gemeente moet niet aandringen of pushen, dat werkt niet volgens de jongeren.

61

Bijlage 2: Onderzoeksverantwoording In het kader van het onderzoek zijn de volgende activiteiten uitgevoerd: 1 Deskresearch; 2 Interviews met ambtenaren, betrokken externe partijen, en verantwoordelijk bestuurder; 3 Raadpleging inwoners; 4 Gesprek met kindergemeenteraad; 5 Gesprek met gemeenteraad; 6 Wederhoortraject.

1. Deskresearch

Gedurende het onderzoek zijn relevante (beleids)documenten verzameld en bestudeerd. Hieronder volgt een overzicht met geraadpleegde bronnen binnen de gemeente Hilversum, en daarbuiten.

Gemeente Hilversum Titel

Datum

Aangepast raadsbesluit Programma Duurzaam Hilversum 2016-2020 Amendement

22 december 2015

Adviesgroep Duurzame Energieopwekking (RES) - Advies

Februari 2020

Amendement CDA Hilversum— CU Hilversum Kaders Startnotitie RES (A19/89)

25 september 2019

Amendement “blijf van dat dak af” (A20-54)

1 juli 2020

Amendement “zon voor wind” (A20/51)

1 juli 2020

Beantwoording ex art 41 RvO CDA de Regionale Energiestrategie

5 december 2019

Collegebrief Voortgang Energietransitie Hilversum (T19/32 en T19/33)

17 april 2020

Concept stakeholdersanalyse lokaal (ambtelijk stuk)

December 2019

Concept stakeholdersanalyse regionaal (ambtelijk stuk)

December 2019

Duurzaamheidsprogramma Duurzaam Hilversum 2016-2020

9 december 2015

Duurzaamheidsprogramma Duurzaam Hilversum Halfjaarrapportage 2016

Q3 2016

Duurzaamheidsprogramma Duurzaam Hilversum Eindrapportage 2016

Q1 2017

Duurzaamheidsprogramma Duurzaam Hilversum Jaarplan 2017

Q1 2017

Duurzaamheidsprogramma Duurzaam Hilversum Halfjaarrapportage 2017

Q3 2017

Duurzaamheidsprogramma Duurzaam Hilversum Eindrapportage 2017

Q1 2018

Duurzaamheidsprogramma Duurzaam Hilversum Jaarplan 2018

Q1 2018

Duurzaamheidsprogramma Duurzaam Hilversum Halfjaarrapportage 2018

Q3 2018

Duurzaamheidsprogramma Duurzaam Hilversum Eindrapportage 2018

Q1 2019

Duurzaamheidsprogramma Duurzaam Hilversum Jaarplan Energietransitie 2019

Q1 2019

Duurzaamheidsprogramma Duurzaam Hilversum Halfjaarrapportage 2019

Q3 2019

Duurzaamheidsprogramma Duurzaam Hilversum Jaarplan 2020

Q1 2020

Evaluatie Hilversum Duurzaam

3 september 2015

Green Deal 'Heel Hilversum duurzaam' (gemeente en HilverZon)

27 januari 2015

Jaarplan HilverZon 2017

November 2016

Jaarverslag HilverZon 2017

April 2018

Jaarverslag HilverZon 2018

Maart 2019

Jaarplan HilverZon 2019

December 2018

Motie “In gesprek over de RES” (M20/52)

1 juli 2020

Overzicht besprekingen energiebeleid Hilversum (ambtelijk stuk)

25 augustus 2020

Plan van aanpak communicatie en participatie RES (ambtelijk stuk)

2019

Projectplan HET rijdt op Zon

15 februari 2018

62

Raadsbesluit concept Regionale Energie Strategie NHZ

1 juli 2020

Raadsbesluit Programma Duurzaam Hilversum 2016-2020

18 januari 2016

Raadsbesluit Startnotitie Regionale Energie Strategie NHZ

2 juli 2019

Startnotitie RES NHZ

24 mei 2019

Uitnodiging Adviesgroep Duurzame Energieopwekking (RES)

5 november 2019

Uitnodiging Beeldvormende avond Energietransitie

7 oktober 2015

Uitnodiging Beeldvormende avond Energietransitie

19 december 2018

Uitslag aanvraag Proeftuin Aardgasvrije Wijken Hilversumse Meent

26 oktober 2020

Verslag Commissie Duurzaamheid & Bereikbaarheid (tussenrapportage 2018)

5 september 2018

Verslag Commissie Duurzaamheid & Bereikbaarheid (jaarplan 2019)

6 maart 2019

Verslag Gezamenlijke Commissie (jaarplan 2020 en concept-RES)

25 juni 2020

Verslag Vergadering Gemeenteraad van Hilversum

1 juli 2020

Art. 41 vragen van het CDA aan het college over de Regionale Energiestrategie (RES)

5 november 2019

Werkplan de Meent Aardgasvrij

16 november 2018

Wethoudersbrief Green Deal elektrische auto’s

23 maart 2018

Wijkaanpak De Meent Aardgasvrij

18 november 2018

Zienswijze wensen en bedenkingen concept RES NHZ

2 juli 2020

Overig Titel

Organisatie

Datum

Het Klimaatakkoord in (meer dan) 70 vragen

Rijksoverheid

28 juni 2019

www.aardgasvrij.hilversum.nl/Meent_aardgasvrij

Gemeente Hilversum

2020

www.duurzaambouwloket.nl

Duurzaam Bouwloket

2020

www.hetcooperatie.nl

Hilversumse Energie Transitie

2020

www.hilversumverbonden.nl

Hilversum Verbonden

2020

www.hilversum100.nl

Hilversum100

2020

www.hilverzon.nl

HilverZon

2020

2. Interviews In het kader van het onderzoek zijn (video)gesprekken gevoerd met ambtenaren en betrokken partijen die zich bezighouden met duurzaamheid in de gemeente. In sommige gevallen betrof het een duo-interview. Van alle interviews zijn gespreksverslagen opgesteld, die ter accordering aan de geïnterviewden zijn voorgelegd. In de tabel is een lijst opgenomen van de functie/rol van de personen met wie een gesprek is gevoerd. Ten tijde van het opstellen van het rapport is er nog telefonisch contact geweest met twee ambtenaren om zaken te controleren.

organisatie

Functies

Gemeente Hilversum Adviseur Milieu Beleidsadviseur duurzaamheid Beleidsadviseur energietransitie Programmamanager Energietransitie

63

Interim programmamanager Energietransitie Wethouder (portefeuille Klimaat en Energie) Woningcorporatie De Alliantie

Assetmanager

Het Gooi en Omstreken

Adviseur Duurzaamheid

Dudok Wonen

Programmamanager Duurzaamheid / Assetmanager

Alliander

Gebiedsregisseur / Relatiemanager

Energiecoöperatie HilverZon

Voorzitter

Energiecoöperatie HET

Coördinator

Stichting De Hilversumse Meent

Secretaris en lid / Lid

Platform Hilversum100

Verbinder en deelnemer

Netbeheerder Initiatieven

3. Raadpleging inwoners

Inwoners van de gemeente zijn via een enquête betrokken bij het onderzoek. Hiervoor is het burgerpanel van de gemeente benaderd. Het panel bestaat uit 1.884 panelleden. Dit zijn inwoners van de gemeente Hilversum die zich hebben aangemeld voor deelname aan online onderzoeken van de gemeente. De panelleden zijn via e-mail uitgenodigd om deel te nemen aan de enquête. Er is één herinneringsmail gestuurd. 806 inwoners hebben de vragenlijst ingevuld, dit is een respons van 43 procent. De volledige uitkomsten van de peiling in het burgerpanel is opgenomen in een afzonderlijke bijlage. In de enquête is aan inwoners die een duurzaam initiatief zijn gestart of dit hebben overwogen/geprobeerd, gevraagd of zij wilden doorpraten over dit duurzame initiatief en hun ervaringen met de gemeente. Naar aanleiding hiervan is met een drietal inwoners gesproken. Tot slot is ook met een van de koplopers uit De Hilversumse Meent gesproken over de ervaringen met het koplopertraject in die wijk.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=eb69296b-4f11-48d8-8ede-a5510adc0fc7