Strategische meerjarenagenda Regio Hart van Brabant 2019-2023
Tekst van het document
In samenwerking met de toegang, het medisch domein en Gecertificeerde Instellingen werken we dit verder uit. • Ieder kind voelt zich thuis op school Ieder kind heeft talenten en kan die ontwikkelen. In samenwerking met jeugdigen en het onderwijs kijken wat hiervoor nodig is als het niet vanzelf gaat.
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Mens & Samenleving | Programmalijnen
Participatie
Het meedoen in de maatschappij door onderwijs of een baan, versterkt de zelfredzaamheid en daarmee het welbevinden van inwoners. De komende jaren willen we zoveel mogelijk mensen laten participeren aan de arbeidsmarkt of laten bijdragen aan de samenleving. Dit vinden we voor alle generaties en doelgroepen een belangrijk speerpunt. In de regionale samenwerking zijn de initiatieven voor arbeidsparticipatie talrijk. Er is fundament om deze samenwerking de komende jaren verder te structureren, verbeteren en uit te bouwen.
Huidig regionaal programma Arbeidsmarkt Al meer dan vijf jaar is onder de vlag van Regio Hart van Brabant en Midpoint Brabant een regionaal programma Arbeidsmarkt van kracht. Dit programma zet ieder jaar met verschillende partners in op de verbetering van de arbeidsmarkt van werkenden en niet-werkenden en kent een grote verscheidenheid aan initiatieven. Onder de vlag van het regionaal Werkbedrijf bieden alle regiogemeenten en het UWV in samenwerking met Sociale Werkvoorziening (SW-) bedrijven, vakbonden en werkgevers een aanpak voor baanafspraken voor mensen met een arbeidsbeperking. Via een gezamenlijk label Werkgeversdienstverlening WerkHart presenteren de partners zich eenduidig aan bedrijven. Als regio is het de afgelopen jaren gelukt om via de inzet van Europese middelen een extra financieringsbron te creëren voor nieuwe impulsen: het regionaal fonds ESF Arbeidsmarkt. Sinds 2015 kent de regio een loket Leren en Werken. Dit loket ondersteunt werkenden en bedrijven in het vinden van nieuw werk voor degenen die met ontslag bedreigd worden voordat ze een uitkering moeten aanvragen. Er gaat dus een sterk preventieve werking van uit. Niet alleen werkenden en bedrijven met een krimp worden met de dienstverlening van het loket ondersteund, alle inwoners en bedrijven in de regio met een scholingsvraag kunnen er terecht voor advies en ondersteuning.
Het Ondernemersakkoord, dat reeds in 2013 is gestart, heeft regionaal een betrokken netwerk van ondernemers gecreëerd dat zelf het voortouw neemt in het vinden van nieuwe oplossingen voor de werkloze beroepsbevolking. Hierin snijdt het mes aan twee kanten, namelijk het bedrijfsbelang en het belang van meer mensen aan het werk. Met de Reshoring Connection heeft de regio als eerste in Nederland een tool, platform en bijbehorende dienstverlening ontwikkeld dat bedrijven ondersteunt en adviseert bij vragen over Reshoring. Arbeidsprocessen die tot voorheen waren verplaatst naar lagelonenlanden organiseren we bewust weer in onze eigen omgeving. We willen een regio zijn waar geen jeugdwerkloosheid is. Daarvoor hebben we het programma Jeugdwerkloosheidvrije Regio, waarin regiogemeenten, zorgaanbieders, werkgevers, UWV en kennisinstellingen de handen ineenslaan om uiteindelijk iedere jongere in Hart van Brabant in beeld te hebben en binnen vier maanden een passend aanbod voor werk, kwalificerende scholing of zorg te doen.
Strategisch programma Arbeidsmarkt voor komende jaren Het Rijk ziet de arbeidsmarktregio als het te hanteren schaalniveau voor de verdeling van middelen en het beleggen van verantwoordelijkheden voor het oplossen van arbeidsmarktvraagstukken. Voor een adequate ondersteuning van werkzoekenden en werkgevers en voor het oplossen van complexe vraagstukken, is samenwerking tussen regiogemeenten essentieel.
P33
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Mens & Samenleving | Programmalijnen
Op dit moment hebben we een regionale arbeidsmarktinfrastructuur voor zowel werkenden als niet-werkenden waarin werkgevers, intermediairs, gemeenten, kennisinstellingen, werkzoekenden, inwoners en andere partners elkaar van nature opzoeken en elkaar intensief betrekken bij vraagstukken. Werkgevers, werknemers, sollicitanten en inwoners vragen steeds meer van organisaties en dus ook van gemeenten en de regio. Niet alleen de kwaliteit in de mate van (integrale) dienstverlening, maar ook in de mate van betrokkenheid, flexibiliteit en snelheid van handelen. We moeten voldoende mechanismen ontwikkelen die ertoe leiden dat inwoners en bedrijven succesvoller kunnen bewegen op de arbeidsmarkt en in de maatschappij. We gaan de regionale arbeidsmarktinfrastructuur verder ontwikkelen, verduurzamen en waar nodig verbeteren. Enerzijds omdat dit meer gezonde en gelukkige mensen oplevert, anderzijds omdat we in de nieuwe economie goede en modern geschoolde arbeidskrachten nodig hebben. Mensen zijn van betekenis door de werkzaamheden die ze verrichten in de samenleving. Om de bijdrage aan de arbeidsmarkt en samenleving te verduurzamen, zetten we de komende jaren in op duurzame inzetbaarheid, modernisering van onderwijs en benutting van arbeidsreserves. Er zijn daarin veel raakvlakken met doelstellingen en activiteiten uit het deelprogramma Economie.
Op deze onderwerpen werken (arbeids)participatie en economie samen.
Modernisering onderwijs
Duurzame inzetbaarheid
Benutting arbeidsreserve
De komende jaren gaat het bij bedrijven, werkenden en werkzoekenden om blijvende ontwikkeling van talenten. Het Loket Leren en Werken verankeren we duurzaam in de werkwijze van de regionale werkgeversdienstverlening WerkHart. Langs deze weg zullen we met gebruikmaking van verschillende provinciale, landelijke en Europese middelen een leven lang ontwikkelen stimuleren.
We willen de komende jaren meer mensen laten profiteren van beschikbare vacatures. Dit verbeteren we door meer samenhang te creëren in de regionale uitvoeringsstructuur. Hierin kan focus op lokaal maatwerk hand in hand gaan met slimme samenwerking op regionaal vlak. Denk aan het gezamenlijk benutten van de infrastructuur van SW-bedrijven. Hierdoor gaat minder geld naar systeem en kunnen we meer van de spaarzame middelen inzetten op de mensen zelf. De verbetering van een gezamenlijke werkgeversdienstverlening WerkHart en het Ondernemersakkoord blijft op de agenda staan, zodat we zowel vanuit het bedrijfsbelang als vanuit de kandidaten zelf meer kansen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt blijven genereren.
Ahmed Kansouh, Baanbrekers “In de regionale samenwerking vinden we elkaar wel op intentie, maar in de uitvoering lukt het nog niet altijd.” “In de SMA lopen doel en bedoeling door elkaar. Door onze common ground te zoeken werken we samen aan een onderliggende waarde. Samenwerken is een middel voor gezamenlijke visie.”
P34
Gelet op de toenemende omloopsnelheid van functies en bijbehorende vaardigheden wordt de verbinding tussen bedrijfsleven en onderwijs de komende jaren alleen maar belangrijker. Een belangrijk instrument in de samenwerking tussen bedrijven en onderwijs vormt de Human Capital Agenda in een sector. In zo’n agenda wordt op basis van een sectoranalyse bepaald welke behoefte aan arbeidskrachten er is en zal zijn en hoe dat kan worden gekoppeld aan het arbeidspotentieel en (nieuwe) opleidingen met verschillende initiatieven en de nodige regie. We beogen voor de belangrijkste sectoren in de regio de werkwijze voor ontwikkeling en actualisering van de agenda’s te standaardiseren. De regio heeft veel verschillende opleidingen op verschillende niveaus in huis. Op thema’s als bijvoorbeeld ‘macrodoelmatigheid’ en ‘doorlopende leerlijnen’ is het belangrijk dat bedrijven, gemeenten en kennisinstellingen een gezamenlijke strategie bepalen. De komende jaren ontwikkelen we een gezamenlijke strategie en plan. Daarin kan als tussenstap naar dit hoger doel, een regionale mbo-agenda de eerste stap zijn.
We besteden specifieke aandacht aan jongeren en ouderen in onze regio. Door de verworvenheden van de Jeugdwerkloosheidvrije zone te verduurzamen en tegelijkertijd te verbinden aan een breder regionaal plan voor kwetsbare jongeren laten we geen jong talent verspild gaan. Voor ouderen, die ook in hoogconjunctuur minder makkelijk een baan vinden, ontwikkelen en implementeren we een stimuleringsprogramma. Overigens gaat deze inclusieve arbeidsmarktstrategie hand in hand met een goede ontwikkeling en huisvesting van (arbeids) migranten in de regio. Inwoners én nieuwkomers helpen we met het (beter) leren lezen, schrijven en spreken van de Nederlandse taal. De regionale arbeidsmarkt heeft alle talenten nodig.
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Mens & Samenleving | Programmalijnen
Veiligheid, zorg en leefbaarheid Veiligheid en leefbaarheid zijn al jaren een bestuurlijke prioriteit. Vanuit de verantwoordelijkheid van de samenwerkende burgemeesters en bestuurders in het sociaal domein wordt invulling gegeven aan veiligheid en zorg voor onze inwoners. In de regio wordt ingezet op veiligheid en leefbaarheid in de alledaagse woonen leefomgeving, in de wijk, de buurt en de straat. Daarbij streven we naar inclusieve en veilige wijken. De domeinen van zorg en veiligheid worden nog nadrukkelijker verbonden en doorontwikkeld. Via het Zorg- & Veiligheidshuis wordt overleg gevoerd met twintig maatschappelijke instanties, gericht op jeugd, veelplegers, slachtoffers en plegers van huiselijk geweld en personen met meervoudige en complexe problematiek. De aanpak van verwarde personen en complexe casuïstiek, de reintegratie van (ex)gedetineerden en een vernieuwende aanpak daarin blijft de komende jaren de nodige aandacht vragen. Met maatschappelijke partners werken we aan innovatieve oplossingen op het gebied van veiligheid. Zoals samen met Midpoint Brabant en Brainport Development in het Dutch Institute for Technology, Safety and Security (DITSS).
Via de Districtelijke Driehoek worden afspraken gemaakt met politie en het Openbaar Ministerie over veiligheid en de aanpak van WOSfeiten: woninginbraken, overvallen en straatroof, maar ook over politie-inzet bij grote evenementen en jeugdoverlast. De zogenaamde ondermijnende criminaliteit (vormen van georganiseerde misdaad die een bedreiging vormen voor de integriteit van de samenleving, zoals belastingontduiking, fraude, drugshandel en mensenhandel) blijft expliciet op de regionale agenda. De maatschappelijke weerbaarheid van burgers en de weerbaarheid van de overheid inzake de aanpak van ondermijning krijgt nog steeds hoge prioriteit.
P35
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Mens & Samenleving | Overkoepelende aanpak
Doelen & indicatoren In het sociaal domein heeft het kiezen en aanscherpen van de selectie van indicatoren de aandacht. De onderstaande tabel is een eerste aanzet voor de ontwikkeling van indicatoren.
Doelen
Indicatoren
Ons doel is om de best passende ondersteuning te bieden aan onze inwoners, zonder dat regelgeving in de weg zit.
Wmo en/of jeugdhulp wordt als nuttig en effectief ervaren: % respondenten dat met een 8 of hoger waardeert, % respondenten dat met een 4 of lager waardeert Cliënten met invloed op de ondersteuningsplannen neemt toe: % cliënten dat aangeeft samen beslissingen te hebben genomen
Inwoners krijgen snel de juiste hulp en/of ondersteuning.
Clientbeoordeling(en) Wmo en/of jeugdhulp, zoals Gemeentelijke Monitor Sociaal Domein: ‘Ik wist waar ik moest zijn met mijn hulpvraag’ ‘Ik vind de kwaliteit van de ondersteuning die ik krijg, goed’ ‘Door de ondersteuning die ik krijg heb ik een betere kwaliteit van leven’ *Clientervaringsonderzoeken Jeugd worden opnieuw ingericht
We zetten in op preventie waardoor complexe en dure ondersteuning minder vaak nodig zijn.
P36
Bij ontwikkeling van indicatoren wordt onder andere aangesloten bij de beleidsmonitor jeugd. Voorbeelden van indicatoren zijn: % jongeren dat gebruik maakt van zorg en ondersteuning in natura % ouders van 0-11 jarigen dat aangeeft dat hun kind gelukkig is % jongeren van 12-18 jaar dat aangeeft gelukkig te zijn
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Mens & Samenleving | Overkoepelende aanpak
Doelen
Indicatoren
We organiseren zorg, welzijn en ondersteuning dicht bij de inwoner, liefst in de wijk.
Mantelzorg geven (Telos, sociale cohesie)
De komende jaren willen we onze inwoners zoveel mogelijk laten participeren en ontwikkelen, waardoor ze inzetbaar zijn op de arbeidsmarkt of ten behoeve van de samenleving.
(Langdurige) werkloosheid Werkgelegenheid Het aantal (en %) gediplomeerde schoolverlaters Actief in verenigingen (Telos, sociale cohesie) Als regio zullen we verder vormgeven aan de indicator om participatie te meten. We denken bijvoorbeeld aan registratie van stappen van inwoners op de participatieladder
De vraag en het aanbod op de arbeidsmarkt zijn zo veel als mogelijk in evenwicht. De mismatch is zo klein mogelijk.
Benutting arbeidspotentieel Vervullingsquote van het aantal beschikbare vacatures
We zijn een jeugdwerkloosheidsvrije regio. Iedere jongere heeft binnen vier maanden een passende opleiding, werk of passend ondersteuningsaanbod gevonden.
Registratie sluitende aanpak partners jeugdwerkloosheidsvrije regio
Het duurzaam stoppen van huiselijk geweld en kindermishandeling.
Aantal adviezen over en meldingen van huiselijk geweld Aantal meldingen kindermishandeling (Telos, Veiligheid)
Verbeteren van de veiligheid in wijken
Het bijhouden van WOS-feiten: Woninginbraken Overvallen Straatroven Veiligheidsbeleving, betrokkenheid en vertrouwen van inwoners (%), bron: veiligheidsmonitor
Terugdringen van ondermijnende criminaliteit van drugshandel, mensenhandel, outlaw motorcyclegangs en vrijplaatsen Indicatoren zijn in ontwikkeling
Indicatoren zijn in ontwikkeling
Tegengaan van cybercriminaliteit
Indicatoren zijn in ontwikkeling
P37
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Mens & Samenleving | Overkoepelende aanpak
Activiteiten
• We voeren het preventieplan door in de schuldenaanpak door deelnemende gemeenten in de regio te inspireren met deze werkwijze. • We implementeren en actualiseren de Human Capital Agenda’s en verrijken deze met data uit de regio. Op die manier maken we inzichtelijk hoe de arbeidsmarkt zich ontwikkelt. We verbinden onderwijs aan actuele ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. • We zijn een jeugdwerkloosheidsvrije regio. Iedere jongere heeft binnen vier maanden een passende opleiding, werk of passend ondersteuningsaanbod gevonden. De aanpak jeugdwerkloosheidsvrije regio wordt structureel opgenomen in ons regiobeleid.xxv • De regio geeft invulling aan de verschuiving van Centrumtaken voor Beschermd Wonen, verslavingszorg, Preventieve GGZ en Verslavingszorg naar een gemeentelijke verantwoordelijkheid. We onderzoeken daar onder andere de mogelijkheden voor financiële samenhang tussen Beschermd en begeleid wonen. • ‘Regionalisering’ van Beschermd Wonen, Opvang, Preventieve GGZ en Verslavingszorg regionaal inbedden met solidariteitsafspraken.
De genoemde activiteiten geven een concreet beeld op welke manier er aan de ambities en doelen in het sociaal domein gewerkt wordt. Omstandigheden kunnen natuurlijk leiden tot het bijstellen van of het ondernemen van aanvullende activiteiten om de gestelde doelen te halen. Hieronder een (niet uitputtend) overzicht van de activiteiten die we al ontplooien of komende periode gaan starten.
• We werken in de regio aan een passend woonaanbod voor ouderen en andere zorggerelateerde doelgroepen. Denk daarbij aan levensloopbestendige en nultreden woningen, maar ook aan concepten als meergeneratiewoningen, groepswonen en moderne hofjes. Bij voorkeur in de nabijheid van (zorg)voorzieningen. • We streven naar minder residentiële of intramurale zorg in 2023. De realisatie van gezinsgerichte alternatieve voorzieningen in de wijk draagt hieraan bij. • We verankeren het Loket Leren en Werken duurzaam in de werkwijze van de regionale werkgeversdienstverlening WerkHart. • We voeren het Taalakkoord uit. xxvi
• We leren en innoveren met elkaar in het sociaal domein en voeren daarvoor het ‘Maatpact’ uit. Gemeenten stellen bureaucratievrije middelen beschikbaar voor dit doel.
• We zoeken meer samenwerking met maatschappelijke organisaties, vrijwilligers en inwoners rondom bijvoorbeeld mantelzorg.
• Samenwerking versterken met organisaties buiten de gemeentelijke overheid, zoals zorgverzekeraars, zorgaanbieders, justitie, politie, de provincie en het Rijk. Bijvoorbeeld het samenwerkingsprogramma met zorgverzekeraars: Samenwerken Over Stelsels (S.O.S.).
• Er wordt een verkenning gestart naar een regiobreed en samenhangend onderwijsoffensief naar de arbeidsmarkt, met name om Leven Lang Ontwikkelen te stimuleren.
• We gaan inkoop van Wmo-begeleiding12, de inkoop van jeugdhulp en de inkoop voor arbeidsparticipatie (voor bijvoorbeeld arbeidsmatige dagbesteding) verder met elkaar afstemmen en verbeteren. We evalueren en leren van elkaar op het moment dat we verschillende keuzes maken.
• In nauwe samenwerking met het bedrijfsleven, brancheorganisaties en het onderwijs organiseren we specifieke en doorlopende leerlijnen.
• We bundelen regionaal onze data, werken aan een uniform meetsysteem, ontwikkelen indicatoren, voor de vergelijkbaarheid en resultaatgericht werken. Dit pakken wij op samen met onze kennispartners.
P38
Voetnoot
• De uitvoering van de Koers Samen met de Jeugdxxiv wordt ter hand genomen. 12
aalwijk en Loon op Zand kiezen voor een inspanningsgerichte inkoop W (p*q, price * quantity) van Wmo-begeleiding. De overige regiogemeenten werken met een resultaatgerichte inkoop van Wmo-begeleiding.
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
ONZE PROGRAMMA’S
Leefomgeving & Milieu Ambitie: slimme samenleving | ecologische meerwaarde Hart van Brabant hecht aan haar ecologisch kapitaal. We nemen de verantwoordelijkheid om dit te koesteren en te ontwikkelen voor toekomstige generaties. Vanuit mondiale en landelijke klimaatdoelstellingen investeren we samen in een bestendige omgeving die klimaatadaptief, energieneutraal en circulair is. We maken ruimte voor de transitie van de agrarische sector, die daarin een belangrijke schakel is. Bij de ontwikkeling van gebieden kiezen we voor een integrale benadering en voor slimme, vraaggerichte mobiliteit. We koesteren het Midden-Brabants mozaïek met de nabijheid van kernen, voorzieningen en hoogwaardig groen, complementair aan de kwaliteit van de (hoog)stedelijke gebieden. En we investeren in woontevredenheid, onze bereikbaarheid en onze agglomeratiekracht. Innovaties, die we realiseren met onze kennisinstituten, stellen we ten dienste aan anderen. Het koesteren en het blijven ontwikkelen van ons ecologisch kapitaal draagt bij aan een sterke economie. Hart van Brabant is een regio waar mensen graag willen wonen, werken en verblijven en dat willen wij zo houden. Daarvoor moet onze regio ook bereikbaar zijn, en met het mobiliteitssysteem bijdragen aan de verbinding met en tussen regio’s om ons heen.
De hoge kwaliteit van onze leefomgeving en het groen en water daarin dragen bij aan de kwaliteit van leven en aan een gezonde ontwikkeling van onze inwoners. We hebben daarom zorg voor onze landschappelijke kwaliteit en richten onze ruimtelijke omgeving duurzaam in. Klimaatopgaven pakken we de komende jaren aan in de context van het landelijk klimaatakkoord. De samenwerking tussen overheid, semioverheid (zoals de waterschappen), het bedrijfsleven, kennisinstellingen en maatschappelijke partners (zoals woningcorporaties en scholen) – is daartoe sterk in ontwikkeling. We zoeken deze op elk van de programmalijnen Klimaatbestendig, Aantrekkelijk en Bereikbaar nadrukkelijk op.
P39
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Leefomgeving & Milieu | Uitwerking ambitie
Integraal werken en gebiedsopgaven Regionaal werken we op integrale wijze aan een aantal gebiedsopgaven. Ze zijn voor het realiseren van onze ambities van groot belang en hebben ook lokaal vaak grote consequenties. Per gebied bekijken relevante partijen gezamenlijk welke opgaven er liggen en hoe deze zich tot elkaar verhouden. Zij houden hierbij oog voor vraagstukken over de ruimtelijke ordening, mobiliteit, energietransitie, klimaatadaptatie, economische zaken, landschapsontwikkeling en natuurbehoud, waterbeheer, en recreatie en toerisme en bundelen verschillende instrumenten en beleid. Op dit moment zijn er drie integrale gebiedsopgaven gedefinieerd, namelijk rondom de A58, de N261/ N269 en de Loonse en Drunense Duinen plus Schil. De komende periode bezien we of zo ook de A59 voor het westelijk deel van Waalwijk op deze manier aangepakt kan worden, alsook het gebied het Groene Hart tussen de rivier De Donge en de N261. Door de uitvoeringsprogramma’s regionaal en integraal op te stellen, versterken maatregelen elkaar onderling, en kunnen ze in de tijd op elkaar worden afgestemd. De integrale gebiedsopgaven dragen zo op toekomstbestendige wijze in de volle breedte bij aan een aantrekkelijke regio.
Vraagstukken op het vlak van financiering, programma-aansturing, meekoppelkansen voor circulariteit, klimaat- en energiedoelstellingen en de samenwerking met betrokken partijen zullen de komende periode hoog op de agenda staan. Voorlopig uitgangspunt is dat de regio deze opgaven initieert en aanjaagt, waarna gemeenten samen met gebiedspartners de uitwerking ter hand nemen. Partijen koppelen hun lokale en individuele projecten aan integrale regionale (gebieds)agenda’s. In de komende periode zal ook de groter wordende ruimte voor innovatie en de samenwerking met kennisinstellingen gaan bijdragen aan de integrale aanpak, vanuit het oogpunt ecologisch kapitaal.
P40
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Leefomgeving & Milieu | Programmalijnen
Klimaatneutraal en klimaatbestendig Het klimaat verandert sneller dan verwacht. Hart van Brabant investeert in een bestendig leefklimaat dat klimaatadaptief, energieneutraal en circulair is. De komende jaren zal dit gebeuren in de context van het klimaatakkoord en zetten we stevige stappen om de ambities te gaan waarmaken. Recent heeft de regio, als een van de pilotregio’s in Nederland, een Regionale Energiestrategie (RES) opgesteld. Maar we kunnen de daarin opgenomen ambities alleen realiseren als alle samenwerkingspartners hierin samenwerken. Als overheden, semi-overheden (zoals de waterschappen), bedrijven, kennisinstellingen en maatschappelijke partners (zoals woningcorporaties en scholen) werken we samen aan deze activiteiten. Elke sector levert hieraan zijn eigen bijdrage. Van de waterschappen en de agrarische sector die hieraan een wezenlijke bijdrage kunnen leverenxxvii, tot de vrijetijdssector, waar recreatiebedrijven klimaatadaptieve maatregelen kunnen treffen. Gezamenlijk ondersteunen en stimuleren we onze inwoners om ook hun particuliere bijdrage te leveren. Klimaatadaptatie vraagt om veel ruimtelijke aanpassingen om zo de hoofdopgaven uit het Deltaplan 2017xxviii vorm te geven: het voorkomen van wateroverlast, het tegengaan van verdroging, een gevolgbeperking van overstromingen en het voorkomen van hittestress in stedelijk gebied.
Vanuit de gedachte van integraal werken, gevoed door landelijke trends en de hoofdlijnen uit het Klimaatakkoord (2018), verankeren we klimaatadaptatie in onze regionale energiestrategie. De energietransitie en klimaatadaptatie zijn tenslotte twee zijden van dezelfde (klimaat)medaille. De regionale energiestrategie vullen we in 2019 aan met concrete plannen om tot 49% CO2-reductie te komen in 2030, waaronder regionale warmtevoorziening, de energie-infrastructuur, opslag en de opgave voor hernieuwbare elektriciteitsopwekking.
P41
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Leefomgeving & Milieu | Programmalijnen
Hierna volgt een uitvoeringsprogramma met voorstellen voor ruimtelijke inpassing en adaptatie. Zo komen wij komende periode tot een Regionale Energie- en Klimaatstrategie (REKS), welke leidt tot besluitvorming in het omgevingsbeleid (omgevingsvisie, -plannen, -programma’s en –verordeningen) en ook een bijdrage kan leveren aan transities in andere sectoren, zoals de land- en tuinbouwsector. De inventarisatie en het omlijnen van benodigde uitvoeringsmaatregelen vinden regionaal plaats. Uitwerking vindt de komende periode vervolgens plaats mede in de regionale gebiedsopgaven, de uitvoering van het Natuurbod,xxix in bovenlokale infrastructurele maatregelen of in subregionale of lokale projecten in de bouw, infrastructuur of de agrarische sector. Waar mogelijk laten we toekomstige voorzieningen meteen circulair uitvoeren. Conform de afspraken die zijn gemaakt in het Klimaatakkoord van Parijs, het Regeerakkoord, het Interbestuurlijk programma en het landelijk klimaatakkoord, werkt de regio in 2019 aan deze REKS, in samenwerking met alle regionale partijen, zo ook de waterschappen Brabantse Delta en De Dommel, met formele bevoegdheden. De kennis en innovatie om dit inhoudelijk te organiseren en begeleiden halen we zoveel mogelijk uit onze eigen regio.
Binnen de internationale en nationale ambities voor energie en klimaat zijn wij als Hart van Brabant een vooruitstrevende en innovatieve regio en kunnen wij voorbeeldregio zijn voor de rest van het land. Daarbij zijn we ons bewust van de ruimtelijke impact die de energietransitie zal hebben op het landschap van Brabant en streven we ernaar onze definitie van aantrekkelijk te verbinden met die van klimaatbestendig.
Het op verantwoorde wijze produceren en verwerken draagt sterk bij aan het terugdringen van onze CO2-uitstoot13 en het koesteren van ons ecologisch kapitaal.14 Vanuit het deelprogramma Economie zetten we hier de komende periode sterk op in via de toepassingsgebieden smart industry, smart logistics en smart leisure. De negen gemeenten erkennen de noodzaak, vanwege de bijdrage die dit levert aan een toekomstbestendig klimaat, en faciliteren deze transitie waar nodig en mogelijk. De negen gemeenten en provincie werken verder aan de elektrificatie van het wagenpark door het plaatsen van E-laadpunten (laadpalen), maken afspraken met bedrijfsleven over energieneutrale stadsdistributie en bereiden energieneutrale concessies regiovervoer voor. Vanuit het programma Leefomgeving & Milieu zetten we sterker in op het benutten van biologische en technische kringlopen bij de verschillende vormen van afvalinzameling en -verwerking in de regio. We dringen de omvang van ons huishoudelijk restafval terug. Overheden vullen een voorbeeldfunctie in en maken circulair inkopen en aanbesteden tot vanzelfsprekendheid. Via circulaire gebiedsontwikkeling (openbare ruimten, gebouwde omgeving, industrieterreinen) dringen we samen de benodigde hoeveelheid virgingrondstoffen15 terug.
Voetnoot
Cécile Franssen, bestuurslid Waterschap Brabantse Delta
P42
Landelijk zou een reductie van 17.000 kton CO2-uitstoot per jaar realistisch zijn (TNO, 2013). 14 Reductie van 2.180 km2 aan landgebruik en 0,7 miljard m3 aan waterverbruik (TNO, 2013). 15 Virgingrondstoffen: grondstoffen die nog niet eerder zijn ingezet. 13
“Ik ben enorm trots op de samenwerking tussen de gemeenten en de waterschappen binnen de regio Hart van Brabant. Mede daardoor is Regio Hart van Brabant een voorbeeld voor andere regio’s en koploper op het gebied van innovatie en klimaatadaptatie - in ieder geval in het gebied van de Brabantse Delta.”
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Leefomgeving & Milieu | Programmalijnen
Aantrekkelijk Hart van Brabant heeft een bovengemiddeld ecologisch kapitaal en wil dit koesteren vanwege de positieve effecten op de gezondheid, economie, het woon- en leefklimaat en onze veiligheid. Ons groene DNA maakt onze regio ook aantrekkelijk; het biedt inwoners en bezoekers een prettige leefomgeving. Natuurgebieden zoals de Loonse en Drunense Duinen en omliggend groen in de ruit Tilburg – Waalwijk – Oisterwijk, maar ook aan de zuidrand van de regio dragen daar sterk aan bij. De regio versterkt haar groene DNA via de verdere realisatie van het natuurnetwerk. Investeren in het natuurnetwerk is van groot belang om de regio op lange termijn leefbaar te houden voor planten, dieren en mensen. Concreet gaat het om restopgaven zoals hectares nieuwe natuur, ecologische verbindingszones, faunapassages, beekherstel en vispassages. Deze natuuropgaven zijn nadrukkelijk verweven in de integrale gebiedsopgaven in de regio en de regionale energie- en klimaatstrategie, waar ze belangrijke meerwaarde bieden voor de kwaliteit van deze gebieden. Regiobreed hebben we aandacht voor natuur(behoud), biodiversiteit in het water en op het land. We gaan door met zoeken naar oplossingen voor leegstand in het stedelijke én in het buitengebied. Daarbij gaat onze speciale aandacht uit naar de herbestemming van onze vrijkomende agrarische bebouwingen.
Dit doen we vanwege mogelijke criminaliteit/ ondermijning en de aantrekkelijkheid van het landschap. We spreken elkaar meer aan op de naleving van gemaakte afspraken in het kader van kwaliteitsverbeteringen landschap en onderzoeken of, en zo ja op welke wijze, ecologische maatregelen deel kunnen uitmaken van de landschapsverbeteringen. We voelen de urgentie om met klimaatadaptatie aan de slag te gaan en zien dat de aanpak daarvan sterk verweven is met andere agenda’s (landbouw, economie, natuur, verstedelijking). (Semi-)overheden haken verder aan bij de transitie in de agrarische sector en faciliteren de bijdrage die samen met alle betrokkenen (van agrariërs tot gemeente tot ZLTO en GGD) geleverd kan worden aan ons ecologisch kapitaal; van verminderen afname biodiversiteit tot het nemen van klimaatadaptieve maatregelen tot het bijdragen aan duurzame energieopwekking.
P43
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Leefomgeving & Milieu | Programmalijnen
Vanuit kaders vastgelegd in de Nationale Omgevingsvisie (NOVI)xxx en de Brabantse Omgevingsvisie werken we aan opgaven op het gebied van klimaatverandering en energietransitie, verstedelijking en bereikbaarheid, toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied en een concurrerende, duurzame economie. Vanuit de regio leveren we input op de provinciale Omgevingsverordening en gaan we aan de slag met programma’s. Voor de op te stellen integrale omgevingsagenda (NOVI) (in Brabant) zal de regio een belangrijke bouwsteen kunnen aandragen. We realiseren ons dat de Omgevingsverordening van de provincie impact gaat hebben op en samenhang vertoont met andere regionale trajecten, waaronder de Regionale Energie- en Klimaatstrategie en de integrale gebiedsopgaven. We ontwikkelen een nieuwe manier van samenwerken met de provincie in de geest van de Omgevingswet. Duurzaam partnerschap en werken als één overheid vraagt ook ontkokering, ontschotting en samenwerking met ketenpartners. Een nieuwe rolopvatting dus.
We werken verder vanuit het Regionaal Woonkader (2015) en het Kwalitatief Woningbehoefteonderzoek (2018)xxxi om in samenhang met woningcorporaties, zorginstellingen en andere maatschappelijke organisaties de effectiviteit van het lokale woonbeleid te vergroten en de aantrekkelijkheid van de regio als geheel te vergroten. Voor de toekomst zetten we verder in op een passende huisvesting van arbeidsmigranten. En natuurlijk blijven ook regionale afspraken, onderzoeken en kennisuitwisseling op de agenda staan, op het terrein van afval, wonen, ruimte en landschap, vaak in samenwerking met provincie en waterschappen. Werken in gezamenlijkheid aan hoogwaardige werklocaties voor de toekomst waarin levensvatbare economische kansen samenvallen met landschappelijke kwaliteit en klimaatdoelstellingen (klimaatadaptief, energieneutraal en circulair). Iconen als Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen en de verbinding met Nationaal Landschap Het Groene Woud blijven doorgaan en worden uitgebreid met de ontwikkelingen van het Van Gogh Nationaal Park. Zo houden wij onze regio aantrekkelijk.
Dirk Lips, directeur Libéma “De meeste van onze bedrijven hebben een duurzaamheidslabel ‘green key gold’. We hopen dat we door de dingen die we doen onze klanten het goede voorbeeld geven.” “Bedrijven kunnen van alles willen, maar overheden hebben we nodig om samenwerking in gang te zetten. De samenwerking loopt goed. Er is een hoge mate van vertrouwen. Ondernemers kennen elkaar en weten elkaar te benaderen.” “We willen naar hoogwaardig, jaarrond toerisme en streven naar een verdubbeling in het aantal overnachtingen.” “Onze ambities vergen groei in human capital. We kunnen veel doen in eigen opleidingen, maar willen wel graag meer dan nu met regulier onderwijs samenwerken.” “Er valt veel te winnen in de koppeling van theorie en praktijk. Bijvoorbeeld door docenten uit het hoger onderwijs in onze Libéma academie een rol te geven.”
P44
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Leefomgeving & Milieu | Programmalijnen
Bereikbaar
Hart van Brabant is een regio waar zowel personen- als goederenmobiliteit een belangrijke rol spelen. Zowel externe als interne bereikbaarheid staan op onze regionale agenda. Deze bereikbaarheid is van groot belang om de gewenste agglomeratiekracht te versterken. Deze is namelijk voor een groot deel afhankelijk van de kwaliteit van onderliggende netwerken tussen de afzonderlijke kernen (netwerkkracht). Daarmee wordt het ‘daily urban system’ een centraal uitgangspunt om de bereikbaarheid aan af te meten. Als regio zetten we in op bereikbaarheid door vraaggerichte mobiliteit en smart mobility, inclusief de daarvoor benodigde IT-infrastructuur. Ook het doel om mee te ontwikkelen met urgente klimaatopgaven blijft staan. We zetten regionaal in op energieminimalisatie en een transitie naar andere manieren van vervoeren. We willen een duurzaam mobiliteitssysteem realiseren. Minder en schoner energieverbruik moeten zorgen voor betere luchtkwaliteit. Daarom zetten we in op emissieloos vervoer, verbetering van het openbaar vervoer en stimuleren we gebruik van de fiets en verkeersveilige snelfietsroutes. En voor goederenvervoer werken we aan multimodale en duurzame oplossingen zoals vervoer over water en spoor. Onze regio is in staat, gezien de technologische ontwikkelingen en de capaciteit in onze regio, om de innovaties van maatschappelijke waarde door te voeren.
De komende periode staat niet langer de modaliteit, maar de mobiliteit centraal. Traditionele indelingen in vervoerswijzen vervagen en mobiliteitsdoelen versmelten met werk-, gezondheids-, verduurzamings- en sociale doeleinden. Onze regio sluit hierbij aan door het mobiliteitssysteem, de gebruiker hiervan en de deur-totdeurreis centraal te stellen en de keuzemogelijkheden en aansluitingen tussen verschillende vervoerswijzen te optimaliseren. Bestaande infrastructuur en netwerken blijven op orde, maar worden slimmer benut. We upgraden het bestaande systeem zodat het robuust wordt voor de uitdagingen die voor ons liggen. En we hebben aandacht voor verkeersveiligheid. Brabant heeft daarin nog veel te winnen. De provincie heeft een NULcampagne ontwikkeld en er zijn concrete acties opgenomen in het Brabantbrede verkeersveiligheidsplan. Onze regio vertaalt dit plan naar een regionale en lokale aanpak. De nieuwe beleidsagenda mobiliteit hanteert de komende periode een vraaggestuurde mobiliteitsaanpak. De aanleg van alleen maar meer infrastructuur is niet de oplossing, gelet op de voorziene toenemende drukte, extra woningbouwopgave, ruimtebeslag door economische activiteiten en de gevolgen hiervan voor de leefbaarheid en duurzaamheid.
Daartoe willen wij inzetten op het nadrukkelijker meewegen van andersoortige, slimme maatregelen, waarmee we ook de vraag kunnen beïnvloeden en flexibiliteit tussen de modaliteiten kunnen vergroten. Voorbeelden hiervan zijn het delen van data of beter benutten van de capaciteit op de weg, spoor en water, bijvoorbeeld via autodelen en fietsstimulering. Aan de voorkant betekent dit het inzetten op slimme locatiekeuzes zoals voor logistieke bedrijvigheid, grote spelers in de vrijetijdseconomie en multimodale knooppunten. Deze uitgangspunten vinden ook hun plaats in de regionale integrale gebiedsopgaven. We werken samen met provincie en Brabantstadpartners om hiervoor passende subsidieregelingen te maken. Financieel en planmatig houden we voldoende ruimte om adaptief in te kunnen inspelen op innovaties en nieuwe ontwikkelingen, de maatschappelijke context verandert immers snel.
P45
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Leefomgeving & Milieu | Uitwerking ambitie
Doelen & indicatoren
Indicatoren
Samen met o.a. de waterschappen beperken we schade en hinder die we regionaal ondervinden als gevolg van klimaatverandering, van droogte en wateroverlast, tot gezondheidsrisico’s en biodiversiteitsissues.
Geluidbelasting, Lichtbelasting, Overlast stank, stof of vuil, Geluidhinder, Hittestress, Aardbevingen, Wateroverlast, Overstromingen, Risico bedrijven (Telos ‘Hinder en calamiteiten’)
We dragen via de REKS bij aan de landelijke CO2reductiedoelstelling van 49% in 2030 (ten opzichte van 1990).
Indicatoren zoals te formuleren in de REKS (bijv. % of kton CO2-reductie regionaal, % toename aandeel hernieuwbare energie, energieminimalisatie gebouwde omgeving, % aandeel emissieloos vervoer)
Om woningen te verduurzamen stimuleren we particuliere woningeigenaren en maken we afspraken met woningcorporaties. Het gemiddelde energielabel in de regio zal daarmee de komende periode verder verbeteren.
Gemiddeld energielabel in de regio
In 2023 zijn we met ‘Van Afval Naar Grondstof’ (VANG) naar maximaal 60 kg restafval per persoon per jaar16 en daarmee meer dan 75% van alle huishoudelijk afval in als secundaire grondstof in een biologische of technische kringloop.17
Kilogram restaval per persoon per jaar Totaal huishoudelijk afval
Voetnoot
Doelen
P46
16 17
ANG-doelstelling 2020 = max 100 kg restafval per persoon per jaar, 2025 max 30 kg. restafval per persoon per jaar. V ‘Nederland Circulair in 2050’, september 2016: de Rijksoverheid ambieert 75% in 2020 en de regio heeft als doel 85% in 2030.
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Leefomgeving & Milieu | Uitwerking ambitie
Doelen
Indicatoren
We hebben in 2023 de helft van de aangeboden maatregelen ter vervolmaking van het natuurnetwerk gerealiseerd (het totaalpakket wordt gerealiseerd in de periode 2019 - 2027).
Hectare nieuwe natuur Aantal nieuwe faunapassages Kilometer ecologische verbindingszone Kilometer beekherstel Aantal vispassages
We koesteren de kwaliteit van ons landschap en streven een ontwikkeling na waarbij de ecologische-, de recreatieve- en de belevingswaarde in balans met elkaar blijven.
Natuurwaarden (bos en natuurlijk terrein, soortenrijkdom) Toegang tot natuur (afstand openbaar groen) Aantal bezoeken aan natuurgebieden
De gemiddelde woontevredenheid van inwoners in de regio blijft gelijk of stijgt verder ten opzichte van 2018 (77%). xxxii
Rapportcijfer woontevredenheid 2022, rekening houdend met conjuncturele situatie
Het vervoer wordt steeds schoner. In de regio stijgt het aandeel emissieloos vervoer ten opzichte van voorgaande jaren.
% aandeel emissieloos vervoer (bus, taxi, auto, scooter) Fijnstof in de lucht CO2-reductie
Het aantal fietsparkeervoorzieningen en deelfietsen bij HOV-haltes en OV-hubs richting bedrijventerreinen is toegenomen.
Aantal fietsparkeervoorzieningen en gebruik ervan Aantal deelfietsen en gebruik ervan
We stimuleren werknemers en bezoekers aan de regio op een milieuvriendelijke manier te verplaatsen. Het aantal fietsverplaatsingen op belangrijke woon-werkverbindingen is toegenomen.
Aantal fietsers naar doelgroep
We vertalen het Brabantbrede verkeersveiligheidsplan in een jaarlijkse regionale Uitvoeringsagenda.
Aantal lokale en regionale veiligheidsmaatregelen en acties die jaarlijks worden opgenomen in het Regionaal UitvoeringsProgramma (RUP)
P47
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Leefomgeving & Milieu | Uitwerking ambitie
Activiteiten
Hieronder een (niet uitputtend) overzicht van de activiteiten die we al ontplooien of komende periode gaan starten.
• Op het snijvlak tussen de programma’s onderzoeken we innovatieve concepten samen met onderwijs- en kennisinstellingen, bedrijfsleven en maatschappelijke- en zorgpartners. Dat kan gaan van een Green Deal Circulaire Inkoop tot data-gedreven experimenten om gezondheidswinst te boeken via de groene leefomgeving, of tot algenkweek in leegstaande agrarische bebouwing met inzet van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. • De regio stelt in 2019 samen met de waterschappen en provincie Noord-Brabant zijn Regionale Energie- en Klimaatstrategie (REKS) vast en start in 2020 met het uitvoeringprogramma, waarbij en waarna doelstellingen onder andere worden verweven in integrale gebiedsopgaven. • We onderzoeken de wijkgerichte aanpak naar gasvrij en energieneutraal via het grootschalig SMILE-programma. We slaan een brug tussen technologische innovaties en maatschappelijke acceptatie. • Om woningen te verduurzamen stimuleren we particuliere woningeigenaren en maken we afspraken met woningcorporaties. Het gemiddelde energielabel in de regio zal daarmee de komende periode verder verbeteren. • We realiseren grootschalige opwek via wind- en zonne-energie en maken de verbinding met integrale gebiedsopgaven, zoals met de Energiecorridor A58.
• We richten onze leefomgeving klimaatbestendig en waterrobuust in, mede via het uitvoeringsprogramma van de Regionale Energie- en Klimaatstrategie en onder andere geïntegreerd in de drie integrale gebiedsopgaven: A58-zone, N261/N269 en Loonse en Drunen Duinen plus Schil. Voor de aanpak van klimaatadaptatie verbinden we de outcome van onze klimaatstresstest aan de ruimtelijke agenda’s van stad en platteland. • Vanuit het programma Een Gezond Leisureklimaat zorgen partijen ervoor dat we regionaal concrete uitvoeringsprojecten in de vrijetijdsector op het gebied van klimaatadaptatie realiseren, mede via kennisuitwisseling, netwerkvorming en het aanbieden van procesgeld.
P48
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Leefomgeving & Milieu | Uitwerking ambitie
• We onderzoeken de mogelijkheden om VANG-afspraken met betrekking tot bedrijfsafval te maken, op zo’n manier dat de incentive om afspraken na te leven inherent is aan de voorgestelde aanpak.
• We blijven de samenwerking opzoeken met woningbouwcorporaties, zorginstellingen en andere maatschappelijke organisaties om de effectiviteit van het lokale woonbeleid te vergroten en de aantrekkelijkheid van de regio als geheel te vergroten.
• Er is een regionaal plan in uitvoering om zwerfafval terug te dringen en aan te leveren aan een biologische of technologische kringloop.
• We dragen bij aan het in onze regio objectief en op een eenvoudige, laagdrempelige wijze informeren van inwoners over de maatregelen die zij kunnen nemen op het vlak van duurzame energie, energiebesparende maatregelen en klimaatadaptatie, evenals mogelijkheden voor subsidies en leningen daartoe. Afwegingen worden gemaakt binnen de Regionale Energie- en Klimaatstrategie.
• We bieden ondersteuning aan circulair ondernemen door grote en kleine bedrijven te helpen met subsidies. • De negen gemeenten van Hart van Brabant voeren een beleid waarbij circulair inkopen en aanbesteden vanzelfsprekendheid is geworden. Regionaal realiseren van een toename van social return on investment in aanbestedingen vanuit onderwijs- en kennisinstellingen, woningcorporaties en andere maatschappelijke en zorginstellingen. • De 013Food-beweging verkent bestuurlijk draagvlak voor circulair en gezond voedsel. • We sluiten een Green Deal binnen de agrarische sector en een Green Deal binnen de land- en tuinbouwsector met effecten op natuur, biodiversiteit en insectenpopulatie, in samenwerking met ZLTO, Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten en andere verwante organisaties. • Voor de drie lopende gebiedsopgaven creëren we helderheid over schaalniveau(s) waarop de uitvoering plaatsvindt en daarmee over financiering en eigenaarschap. Voor elk van de agenda’s maken we een goede start met de uitvoering ervan. • We koesteren en versterken de voor onze regio kenmerkende methodiek van de integrale gebiedsontwikkeling waarin belangen en belanghebbenden vanuit verschillende domeinen rondom de opgave in een geografisch gebied samengebracht worden, zodat deze methodiek ook op andere gebieden kan worden toegepast.
• We stellen de regionale agenda mobiliteit op in samenwerking met provincie en Rijkswaterstaat. Met daarin een verdere uitwerking van de SMA naar opgaven en geprioriteerde (of concrete) projecten. • We gaan de bereikbaarheid van de regio en doorstroming en ontsluiting binnen de regio garanderen en versterken via de uitvoering van de nieuwe mobiliteitsagenda, maar ook via de Integrale Gebiedsopgaven A58Zone, N261/N269 en LDD plus Schil. • We werken door aan een veilig, (inter)regionaal snelfietsroutenetwerk vanuit de sterke behoefte aan en het draagvlak voor deze ontwikkeling. Tezamen met een fietsstimuleringsaanpak richting werkgevers en werknemers bieden we een alternatief voor het autogebruik in het dagelijks woon-werkverkeer. • We investeren in HOV-haltes en OV-hubs richting bedrijventerreinen in fietsparkeervoorzieningen en deelfietssystemen om zo de zogenaamde ‘last mile’ van de reiziger te optimaliseren. Dit draagt bij aan gezond en minder vervuilend reizen in de regio. • We voorzien in behoefte aan laadstations en oplaadpunten om de groei van emissieloos vervoer te faciliteren.
• We stellen de regionale agenda wonen jaarlijks vast in samenwerking met de provincie Noord-Brabant, met daarin vastlegging van regionale woningbouwafspraken en bijhorende uitvoeringsagenda. Huisvesting van arbeidsmigranten vormt een onderdeel van deze agenda.
P49
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
ONZE PROGRAMMA’S
Economie Ambitie: slimme economie We versterken onze maakindustrie, logistiek en vrijetijdseconomie door te investeren in innovatie (digitalisering en dataficatie), circulariteit en energieneutraliteit. Daarbij zorgen we ervoor dat er een optimale aansluiting is tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt, in kwalitatieve en kwantitatieve zin. Innovatie vereist de inzet van nieuwe kennis en de toepassing ervan. De kennisintensieve dienstverlening aan onze sterke economische sectoren is randvoorwaardelijk voor toekomstig succes. Daarom voegen we slimme dienstverlening als kernprogramma toe aan onze economische strategie. We zorgen ervoor dat de randvoorwaarden op orde zijn, zodat de toegevoegde waarde die onze speerpuntsectoren realiseren, groeit.
P50
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Onze programma’s
Economie
We gaan de kracht van onze pluriforme economische structuur met een hoofdrol voor het midden- en kleinbedrijf meer benutten en versterken. We stimuleren bedrijvigheid in onze bestaande concentraties in maakindustrie, logistiek en vrijetijdsindustrie door in te zetten op continue innovatie en verduurzaming van producten, processen en diensten. We ambiëren in samenwerking met Regio West-Brabant (via de regiodeal MidWest-Brabant Makes & Moves) een koploperspositie in de transitie naar verantwoorde productie en distributie. Zodoende dragen we bij aan de realisatie van het Duurzame Ontwikkelingsdoel 12 van de VN: Responsible production and consumption. Voor onze publieke economie (zorg, onderwijs) bevorderen we een waardevolle en toekomstgerichte bestendigheid van de werkgelegenheid. Talent heeft onze bijzondere aandacht: vraag en aanbod in kwalitatieve en kwantitatieve zin komen zo dicht mogelijk bij elkaar. Projecten ter ontwikkeling van onze bestaande clusters van bedrijvigheid moeten automatisch aandacht hebben voor circulaire economie.
Voetnoot
Door te investeren in innovatie en verduurzaming en de juiste ontwikkeling, inzet en behoud van talent willen we een slimme economie realiseren waarvoor trends als digitalisering, dataficatie, robotisering en klimaatontwikkelingen geen bedreigingen, maar kansen zijn. In de slimme economie die we nastreven staat slimme dienstverlening (en de toepassing van nieuwe sleuteltechnologieën als kunstmatige intelligentie en simulatie in combinatie met menselijk gedrag) centraal. Dit leidt tot meer economische waarde en minder belasting van onze omgeving. Hiervoor is kennisintensivering cruciaal. Daarom geven we via Midpoint Brabant één overkoepelend ontwikkelprogramma vorm dat nieuwe kennisintensieve dienstverlening, smart services, als sleutel en aanjager ziet. Onze toepassingsgebieden zijn de clusters van bedrijvigheid en innovatie in onze gehele regio in maakindustrie, logistiek en vrijetijdsindustrie. Deze ontwikkelen we met de deelprogramma’s: Smart Industry, Smart Logistics, Smart Leisure.18
P51
18
Rob Kluyt, algemeen directeur Midpoint Brabant “ De regio Midden-Brabant heeft een lange traditie van intensieve samenwerking tussen overheid, onderwijs en ondernemers. Midpoint Brabant is de schakel in die samenwerking waar partners in
netwerkverband samenwerken en waar op allerhande manieren innovatie en ondernemerschap worden gestimuleerd. De enige manier om de uitdagingen, kansen én bedreigingen van de technologische ontwikkelingen van de 21e eeuw naar de lokale economie te brengen, is door intensieve samenwerking. De wetenschap bedenkt, snapt, duidt en legt uit, ondernemers vertalen dat naar nieuwe businessmodellen, onderwijs helpt met de uitrol van kennis en leidt de arbeidsmarkt van overmorgen op. Combineer deze kennis en kunde met het typerende proberen-énhanden-uit-de-mouwenkarakter van de regio, dan is dat wat mij betreft een prima vertrekpunt om met Midpoint Brabant als kartrekker deze ontwikkeling verder vorm te geven. Ik gun de regio gepaste trots om stil te staan bij de successen van vandaag als opstap naar die van morgen.”
ier past de opmerking dat in het kennisintensieve economische speelveld vaak Engels jargon wordt gebezigd. Dat is nu eenmaal een werkelijkheid in een werkveld met internationale studenten en H bedrijven, een Engels voerende universiteit en subsidie- en acquisitietrajecten over de grenzen heen.
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Economie
ONZE PROGRAMMA’S
Economisch ontwikkelprogramma MIDPOINT BRABANT TOEPASSINGEN smart logistics
smart leisure
smart industry clusteren campusvorming
kunde
startupondersteuning
talent
SMART SERVICES
kar ak t
MULTIHELIX SAMENWERKING
is nn ke
innovatie
er
MIDPOINT BRABANT THEMA’S
MIDPOINT BRABANT TOOLS circulaire economie
P52
financieringsadvies
dashboard acquisitie & promotie
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Economie | Uitwerking ambitie
Smart Services Binnen het economische speelveld is de ecosysteembenadering inmiddels een breed geaccepteerd gedachtegoed. Het maakt de samenhang tussen bedrijven onderling en van bedrijven met kennisinstellingen inzichtelijk in de vorm van waardenketens. In ons Smart Services-programma passen we deze benadering toe en kijken we waar verdere winst in het ecosysteem te behalen is. We ontwikkelen de kennis-as Hart van Brabant waarop de universiteitscampus, de Spoorzone en de Midpoint Brabant ‘huizen’ en innovatie-omgevingen in de regio stevig met elkaar verbonden zijn. We investeren daarbij in open netwerken en testomgevingen, optimale ontsluiting van de mogelijkheden voor bedrijfs- en projectfinanciering voor ondernemers, goede begeleiding van startende ondernemers en start-ups, effectieve promotie en acquisitie. Onze expertise is complementair aan de kennis en ondernemerschapsclusters in andere Brabantse regio’s en vormt daarmee een krachtig geheel, op de Brabantse kennis-as. Onze regio heeft met een universiteit, twee hogescholen en een brede keuze aan mbo- en praktijkgericht onderwijs ‘goud’ in handen. We kunnen deze kracht nog beter benutten. Er ligt een enorme kans in het ontwikkelen van nieuwe arrangementen en instrumenten om onze kennis te vermarkten en op te schalen.
Tilburg University biedt excellente alfa- en gammaopleidingen met een toepassingsgericht technisch profiel, zoals blijkt uit opleiding Data Science en de participatie in de Jheronimus Academy of Data Science (JADS). Het opvoeden van de digitale generatie combineert Tilburg University met het creëren van bewustzijn over de impact van ons handelen. Daarbij richt de universiteit ook zelf actief de blik naar buiten en verbinding, onder andere door inrichting van een nieuwe leergang over entrepreneurship, deelname in het startup-programma Braventure samen met onder andere Avans en Fontys en door de samenwerking met de regio op te zoeken.
P53
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Economie | Uitwerking ambitie
De hoger onderwijsinstellingen zetten naast kennis en kunde ook in op het bekwamen van studenten in vaardigheden en karakter. Op die manier leren zij niet alleen hoe ze de samenleving kunnen doorgronden, maar ook hoe ze die kunnen versterken en verbeteren. Onze regionale kennis-as heeft belangrijke verbindingen met de regio’s Zuidoost (TU Eindhoven), Noordoost (JADS) en West-Brabant (Breda University of Applied Sciences en Logistics Community Brabant). Langs deze Brabantse as schakelen we vanuit onze competentie ‘advancing society’ met disciplines op het gebied van ‘hightech industrie’, dataficatie en ‘make and move’. Zodoende kunnen we beschikken over een schat aan kennis die bovendien prima aansluit bij onze toepassingsgebieden smart industry, smart logistics en smart leisure.
P54
Waalwijk
Dongen
Gate2
Gilze en Reijen
Loon op Zand Huis van de Logistiek
TiU Campus
SPZ013 House of Leisure
Tilburg
Oisterwijk
MIDPOINT BRABANT QUADRUPLE HELIX
Goirle
overheden
Hilvarenbeek
bedrijven
Met het kernprogramma Smart Services zetten we in op het actief, bewust en structureel verbinden en versterken van de diverse bronnen van kennis, kunde en karakter in Hart van Brabant; zowel in onderlinge samenhang als in de verbinding met ons mkb en onze maatschappelijke opgaven. Daartoe gaan we Kennis Deals sluiten en werken met kennis- en praktijkvouchers.
Heusden Metal Valley
burgers en instellingen
Deze regionale kennis wordt verrijkt en versterkt door creatieve studies en door de combinatie met sterk praktijkgericht beroepsonderwijs van ROC Tilburg, Rooi Pannen en Helicon. Een groot deel van onze regionale beroepsbevolking is immers mbogeschoold en goed vakmanschap wordt een steeds schaarser en daardoor waardevoller goed. De beroepen van nu en van de toekomst vragen om ‘een leven lang ontwikkelen’. Daarbij is het onze gezamenlijke opgave om die ontwikkeling voortdurend te stimuleren en te faciliteren, aansluitend bij de behoeftes en de talenten uit de praktijk. Dat betekent in nauwe samenspraak met het ondernemers- en onderwijsveld.
Kennis-as Hart van Brabant
kennisinstellingen
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Economie | Toepassingsgebieden
Smart Industry Voor Smart Industry ligt onze focus op digitalisering in relatie tot het (verder) ontwikkelen van voorspelbaar onderhoud, 3D printing, nieuwe materialen en productietechnieken en simulatie. In aansluiting op de nationale Smart Industry Agenda en in lijn met de Smart Industry Agenda Zuid. Daarbij zetten we in op het ontsluiten van kennis en kunde voor ons mkb, onder andere via het project CAMPIONE 2.0.
CAMPIONE 2.0 CAMPIONE is het eerste nationale Smart Industry Fieldlab project, waarvan het centrale Fieldlab gevestigd is op Gate2 in Gilze en Rijen. Hier worden innovaties gericht op voorspelbaar onderhoud in de procesindustrie getest en richting toepassing en businesscases gebracht. In de tweede fase (CAMPIONE 2.0) zal het netwerk en de opgedane kennis breder worden ontsloten voor het mkb in Midden- en West-Brabant. Bedrijven en scholen gaan op basis van zelf ingebrachte casussen experimenteren met de mogelijkheden van smart industry, zoals data science, internet of things, virtual en augmented reality en robotica. CAMPIONE 2.0 zal aandacht schenken aan de harde kant van smart industry (technologie en innovatie), alsook de zachte kant (arbeidsmarkt en vaardigheden) en organisatorische aspecten (nieuwe businessmodellen, contracten).
P55
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Economie | Toepassingsgebieden
Smart Logistics Binnen Smart Logistics zetten we in op ‘niet meer, maar slimmer’. We investeren in het behouden en versterken van onze positie als topregio in de (inter)nationale logistiek door te verslimmen en verduurzamen. Het grootste deel van ons mkb behoort niet tot de selecte hoog innovatieve voorhoede, maar ook niet tot de achterhoede. We richten ons op de grote groep bedrijven in het midden en hanteren daarbij een focus op de zogenaamde early adapters. Het testen en toepassen van innovaties staat centraal. We bevorderen de datamaturiteit van ons logistieke mkb, samen met West-Brabant, met het project DALI.
DALI Data Science voor Logistieke Innovatie (DALI) is de proeftuin die in 2019 start als uitvloeisel van het project Supply Chain Data Science. In samenwerking met de jonge talenten van JADS, Logistics Community Brabant en de Breda University of Applied Sciences worden 22 bedrijven geholpen bij het vergroten van hun datamaturiteit. Daarbij gaat het om het realiseren van concrete toepassingen van data science in de supply chain door het implementeren van een nieuw concept, het inzetten van een nieuwe techniek, het testen van een nieuwe tool (een werkend prototype) of het ontwikkelen van een nieuw verdienmodel.
P56
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Economie | Toepassingsgebieden
Smart Leisure Met het programma Smart Leisure werken we aan het versterken en verduurzamen van het vrijetijdsaanbod in Midden-Brabant, waardoor de regio kan uitgroeien tot de aantrekkelijkste vrijetijdsregio van Noordwest-Europa voor de korte gezinsvakantie tussendoor. Hierbij zoeken we in het aanbod naar de juiste balans tussen de door de sector onderscheiden vormen urban leisure, experience leisure en slow leisure. Het programma Een Gezond Leisure Klimaat, waarin we samenwerken met omgevingspartners, is daarvan een belangrijk onderdeel. We blijven inzetten op waardevolle en complementaire aanvulling van het aanbod (naast topspelers De Efteling en Safaripark de Beekse Bergen). We benutten daarbij vooral ook de kansen die ons landschap in combinatie met historie biedt, bijvoorbeeld via het project Van Gogh Experience.
VAN GOGH EXPERIENCE Op 21 juni 2018 werd het Van Gogh Nationaal Park (VGNP) in oprichting feestelijk gepresenteerd. VGNP ontstond als idee in 2016 via het bidboek dat samen met Het Groene Woud werd ingediend voor de publieksverkiezing Mooiste Natuurgebied van Nederland. In het verlengde daarvan heeft Midpoint Brabant House of Leisure de toeristisch recreatieve mogelijkheden onderzocht. Hieruit blijkt dat het VGNP voor Hart van Brabant een attractie van betekenis kan zijn waarbij slow leisure centraal staat. Relevantie ontstaat door symbiose te creëren tussen de identiteit van het gebied en de beleving/ervaring van de bezoeker. Bijvoorbeeld door een iconisch paviljoen met als doel het Brabants landschap door de ogen van Van Gogh te zien en het daarmee internationaal op de kaart te zetten.
P57
STRATEGISCHE MEERJARENAGENDA 2019-2023
Economie | Prioritaire thema’s
Innovatie De innovatiekracht van onze regionale maatschappij en economie verloopt via het grote aantal mkb’ers en hangt sterk samen met de toepassing van slimme technieken en processen. Dat vraagt om voldoende onderzoeks- en ontwikkelkracht (R&D). In onze regio stimuleren we dat door te blijven investeren in incubators, testomgevingen (fieldlabs), proeftuinen (living labs) en door het ontsluiten en openstellen van bestaande locaties bij bijvoorbeeld onderwijsinstellingen en (grote) bedrijven voor meerdere partijen. Onderzoek (Buck 2018) wijst immers uit dat open innovatie en gedeelde faciliteiten leidt tot meer start-ups en spin-offs en een magneetwerking heeft naar jong talent en nieuwe bedrijvigheid. De omvang van ons regionaal R&D volgen we als een indicator voor onze innovatiekracht. Vanuit onze samenwerking in Brainport Network leveren we input voor de nieuwe RIS3, waarbij de wens van de Europese burger centraal staat dat geld besteed wordt aan innovatie met een duidelijke opbrengst voor de samenleving. De data-economie vraagt om hoogwaardige kennis en om gekwalificeerde datawerkers. Het merendeel van het Brabantse mkb is echter nog niet of onvoldoende bekend in de wereld van big data, zo blijkt onder andere uit een recent onderzoek van de BOM en JADS (juni 2018).
Volwassenheid in het gebruik van data, ook wel datamaturiteit, kent vijf niveaus: basaal, controle, standaard, optimaal en innovatief. Voor onze clusters logistiek en maintenance geldt dat zij gemiddeld 2,6 en 2,5 scoren, hetgeen overeenkomt met het controleniveau. Met onze inzet willen we deze bedrijvigheid de komende vier jaar tenminste één niveau hoger brengen op deze schaal voor datamaturiteit. Om de interactie tussen kennisinstellingen, bedrijfsleven, omgevingspartners en overheid te bevorderen blijven we investeren in de kennis-as Hart van Brabant en zetten we in op de ontwikkeling van een innovatiedistrict in de Tilburgse Spoorzone, in verbinding met de campus van Tilburg University. Zo stimuleren we cross-overs en kennisuitwisseling en dragen we tevens bij aan netwerkvorming. Dat is immers essentieel om de krachten van het mkb te bundelen en ten volle te benutten. Andere belangrijke kristallisatiepunten op de kennis-as Hart van Brabant zijn onze (bestaande) bedrijvenclusters en ‘huizen’, te weten: • Smart Industry: Gate 2 (Gilze en Rijen), Metal Valley (Heusden) • Smart Logistics: Huis van de Logistiek (Tilburg/Waalwijk) • Smart Leisure: House of Leisure (Oisterwijk)