Samenwerkingsovereenkomst Ambrosiusweg (04-02 OK- bijlage 2 - MCA Upcycle Village)
Tekst van het document
3.1.2
Ambrosiusweg 0/0/0/0/-
Lage Haghorst 0/0/0/0/-
Wilhelminadijk 0/0/0/0/-
Mierbeek Noord 0 0 -
Totaal 0/0/-
WATER
Het thema water gaat over diverse hydrologische aspecten: beheer en kwaliteit van grondwater, van oppervlaktewater en waterveiligheid. Vanuit verschillende overheden (Europees, Rijk, provinciaal, waterschap of gemeentelijk) kunnen regels of beperkingen gelden vanuit water. Voor een ontwikkeling op een van de locaties is vooral van belang of er belemmeringen voor een ontwikkeling gelden, bijvoorbeeld vanuit waterveiligheid of bescherming van grond- en oppervlaktewater. Omgekeerd kan het concept ook effect hebben op de waterhuishouding ter plekke. Dit laatste heeft bijvoorbeeld betrekking op afname van verhard oppervlak, compensatie van toename verhard oppervlak en een goede afwatering van de ontwikkeling.
Oppervlaktewater De waterschappen Aa en Maas, Brabantse Delta en De Dommel hebben de keuren geüniformeerd in de NoordBrabantse Waterschapsbond (NBWB). Voor ontwikkelingen die mogelijk invloed hebben op oppervlaktewater zijn voor alle ontwikkelvarianten de Keur en Legger van de Noord-Brabantse waterschappen van belang: hierin worden regels en randvoorwaarden voor de gebieden gesteld. In de navolgende figuren worden de relevante watergangen binnen en nabij de locaties weergegeven. Er wordt hier onderscheid gemaakt in primaire (A-) en secundaire (B-) watergangen. Primaire watergangen hebben de belangrijkste water afvoerende functie, gevolgd door de secundaire watergangen.
figuur 15.
Overzicht watergangen op en nabij de locatie Ambrosiusweg o.b.v. de Legger.
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Pagina 24 van 52
figuur 16.
Overzicht watergangen op en nabij de locaties Lage Haghorst en Wilhelminadijk o.b.v. de Legger.
figuur 17.
Overzicht watergangen op en nabij de locatie Mierbeek Noord o.b.v. de Legger.
In de omgeving van de locaties Ambrosiusweg, Lage Haghorst en Mierbeek Noord zijn enkele watergangen aanwezig; dit betreffen zowel primaire als secundaire watergangen. Er zal op deze locaties voldoende afstand worden gehouden van deze watergangen om de waterafvoerende functie van deze sloten te handhaven of eventueel in aangepaste vorm te behouden. Op locatie Ambrosiusweg loopt een B-watergang door het gebied waar mogelijk extra bedrijventerrein wordt gerealiseerd op en ten zuiden van Ambrosiusweg 15. Bij ontwikkeling dient deze B-watergang te worden verlegd. Voor deze verplaatsing dient een watervergunning te worden aangevraagd maar als gevolg van deze procedure worden geen belemmeringen verwacht. Er zijn geen significante effecten op watergangen binnen de ontwikkellocaties.
Grondwater De grondwaterstanden op de locaties zijn dusdanig, dat er geen belemmeringen zullen zijn voor (eventuele) ontwikkeling. De locaties Lage Haghorst en Wilhelminadijk zijn in de huidige situatie nagenoeg volledig bebouwd en verhard. Met realisatie van de ontwikkelvarianten zal met name op locatie Lage Haghorst veel minder verharding aanwezig zijn door de aanleg van de ecologische verbindingszone. Dit heeft een positief effect voor de grondwaterhuishouding aldaar. De beoogde ontwikkelingen zullen geen significante effecten hebben op de grondwaterkwaliteit.
Waterberging De beoogde nieuwe bedrijfslocatie op locatie Ambrosiusweg wordt aangeduid als gebied voor regionale waterberging. Vanuit de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant worden regels opgelegd aan dit gebied. Deze
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Pagina 25 van 52
regels zijn gericht op het beperken van functies en activiteiten die ten koste kunnen gaan van het waterbergend vermogen van het gebied. Bij het opnemen van een regeling in het bestemmingsplan geldt dat betrokkenheid van de waterschappen, als primair verantwoordelijk bestuursorgaan voor de inrichting van de waterbergingsgebieden, nodig is. In overleg met waterschap de Dommel zal dus bekeken moeten worden of er alternatieve manieren zijn om de waterbergende functie voor de regio te behouden. Vanwege de oriënterende fase waarin dit project zich bevindt heeft dit overleg nog niet plaatsgevonden. Op de beoogde bedrijfslocatie is sprake van een hoge grondwaterstand en van locaties met hoge grondwaterstanden is bekend dat hier sprake is van een verminderd waterbergend vermogen. Op landgoed Hilverhoeve is een vijver aanwezig die zal worden vergroot zodat hier hemelwater afkomstig van de bedrijfslocaties kan worden geborgen. Het neergeslagen hemelwater kan door middel van een buisleiding naar de vijver worden gepompt. De grootte en nieuwe vorm van deze vijver worden in een latere fase geconcretiseerd met het waterschap. Een mogelijke invulling van de aanvullende waterberging wordt weergegeven in figuur 18. Omdat water in een vijver beter kan worden geborgen dan in het reserveringsgebied met een hoge grondwaterstand, wordt deze ontwikkeling positief beoordeeld.
Op locatie Wilhelminadijk blijft de hoeveelheid erfverharding nagenoeg gelijk, op locatie Mierbeek Noord wordt compenserende waterberging in de groene bufferzone gerealiseerd als gevolg van de vergroting van het verhard oppervlak.
figuur 18.
Mogelijke locatie voor waterbergingsvoorziening.
Beoordeling De ontwikkeling van locatie Ambrosiusweg heeft naar verwachting een positief effect op de regionale waterhuidhouding. Er moet nog afstemming worden gezocht met waterschap de Dommel over het waterbergingsgebied waar mogelijk ontwikkeld gaat worden. Daardoor bestaat nog onzekerheid over de compensatie van het waterbergend vermogen van de infiltratievijver. Op de achterblijvende locaties in Haghorst (Lage Haghorst en Wilhelminadijk) worden woningen ontwikkeld, waardoor de hoeveelheid erfverharding hier nagenoeg gelijk blijft. Op locatie Mierbeek Noord wordt in de groene bufferzone compenserende waterberging gerealiseerd als gevolg van de toename van het verhard oppervlak. De ontwikkelvarianten worden op het aspect water als volgt beoordeeld:
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Pagina 26 van 52
Beoordeling water Variant A Variant B Variant C Variant D
3.1.3
Ambrosiusweg + + + +
Lage Haghorst 0 0 0 0
Wilhelminadijk 0 0 0 0
Mierbeek Noord 0 0 0 0
Totaal + + + +
ECOLOGIE
De eventuele belemmeringen en kansen vanuit natuur voor een ontwikkeling spelen een belangrijke rol in de beoordeling. Naast het feit dat Nederland een strenge en uitgebreide natuurbeschermingswetgeving kent, zijn de locaties in ecologisch opzicht waardevol omdat ze in of grenzend aan het buitengebied gelegen zijn. Er is daarom nader onderzoek nodig naar de mogelijke effecten op en belemmeringen vanuit ecologische waarden. Natuurbescherming is in te delen in twee categorieën: de bescherming van natuurgebieden en de bescherming van waardevolle plant- en diersoorten. Voor gebiedsbescherming is onderzocht welke mogelijke relaties er zijn met Natura 2000-gebieden en Natuurnetwerk Brabant (NNB) gebieden. Daarnaast zijn de locaties beoordeeld op basis van omgevingskenmerken om in te schatten of er potentieel geschikt leefgebied aanwezig is voor beschermde plant- en diersoorten.
Locatie Ambrosiusweg
figuur 19.
Luchtfoto locatie Ambrosiusweg (rood omcirkeld) met NNB-gebieden (groen) en Natura 2000 (rood gestreept).
Op ca. 2,3 kilometer ten noordoosten van de nieuwe bedrijfslocatie ligt het Natura 2000-gebied Kampina & Oisterwijkse Vennen. Significante gevolgen door aantasting van het oppervlak, geluidsoverlast, lichtoverlast en optische verstoring wordt vanwege de grote afstand niet verwacht. In figuur 19 is te zien dat een deel van de beoogde nieuwe bedrijfslocatie aan de Ambrosiusweg een stuk overlap heeft met natuurgebied in het kader van de NNB. Op het bosperceel zijn beschermingsregels uit de Interim Omgevingsverordening van toepassing. Deze regels schrijven voor dat een bestemmingsplan van toepassing op Natuur Netwerk Brabant strekt tot het behoud, herstel of de duurzame ontwikkeling van de ecologische waarden en kenmerken. Hierop worden enkele uitzonderingen genoemd. Een ontwikkeling binnen Natuur Netwerk Brabant kan onder voorwaarden mogelijk worden gemaakt in onder andere het geval het gaat om een kleinschalige herbegrenzing (artikel 3.21). Deze voorwaarden zijn onder andere dat de aantasting van areaal Natuur Netwerk Brabant kleinschalig is, dat de ontwikkeling leidt tot een kwalitatieve of kwantitatieve versterking van de ecologische waarden en kenmerken van het Natuur Netwerk Brabant als geheel en dat bij verlies van ecologische waarden en kenmerken wordt gecompenseerd op voorgeschreven wijze (artikel 3.22 en 3.23).
Fysieke compensatie kan plaatsvinden door niet gerealiseerde delen van het Natuur
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Pagina 27 van 52
Netwerk Brabant of door niet gerealiseerde ecologische verbindingszones aan te leggen. Op locatie Lage Haghorst wordt een niet gerealiseerde ecologische verbindingszone aangelegd. Hoewel de ontwikkeling op locatie Ambrosiusweg een negatief effect heeft op het Natuur Netwerk Brabant ter plaatse, kan door de aanleg van de ecologische verbindingszone op locatie Lage Haghorst naar verwachting voldoende compensatie worden behaald. Door de bebouwing klimaatneutraal en met goede isolatie te realiseren wordt geluids- en lichtoverlast op aangrenzende NNB-gebieden voorkomen. Het wel of niet ontwikkelen van extra klimaatneutraal bedrijventerrein op en ten zuiden van Ambrosiusweg 15 heeft geen directe invloed op NNB- of Natura 2000-gebieden omdat hiertussen voldoende afstand aanwezig is. Mogelijke effecten op Natura 2000-gebieden als gevolg van stikstofdepositie wordt beoordeeld in paragraaf 3.3.4. Op en rondom de locatie zijn mogelijk geschermde plant- en diersoorten aanwezig. Gezien het huidige landbouwkundige gebruik en de omliggende bossen is het aannemelijk dat er beschermde soorten aanwezig kunnen zijn. Bij eventuele ontwikkeling van de locatie dient dit nader onderzocht te worden. Als er beschermde soorten aanwezig zijn, dan dienen passende maatregelen genomen te worden.
Gezien de verandering van grondgebruik wordt in deze studie er van uit gegaan dat er een potentieel negatief effect is op beschermde soorten.
Locatie Lage Haghorst
figuur 20.
Luchtfoto locatie Lage Haghorst (rood omcirkeld) met NNB-gebieden (groen) en ecologische verbindingszone (rood gearceerd).
Op ca. 5,4 kilometer ten zuidwesten van locatie Lage Haghorst ligt de Rovertsche Heide. Dit gebied maakt onderdeel uit van Natura 2000-gebied Kempenland-West. Ten westen en ten oosten van de locatie zijn gebieden gelegen die behoren tot Natuur Netwerk Brabant. In figuur 20 is te zien dat er een ecologische verbindingszone tussen deze gebieden wordt beoogd die over locatie Lage Haghorst loopt. Omdat (agrarische) bedrijfsactiviteiten worden gesaneerd ten behoeve van een ecologische verbindingszone in combinatie met woningbouw draagt deze ontwikkeling bij aan een verbetering van de ecologische waarden. Kieren en spleten in de verouderde bebouwing zijn potentieel geschikt als nestplaats voor vogels en vleermuizen. Mogelijk zal de sloop van de gebouwen op locatie kunnen leiden tot aantasting van verblijfsplaatsen van gebouwbewonende (beschermde) soorten. Alvorens de sloop kan worden uitgevoerd zal een ecologische quickscan uitwijzen in hoeverre er beschermde soorten op de locatie aanwezig zijn en op welke wijze verstoring voorkomen kan worden. Daar tegenover staat dat door het realiseren van de ecologische verbindingszone dier- en plantsoorten uit de twee NNB-gebieden in verbinding met elkaar komen te staan. Dit draagt bij aan de ecologische waarden in deze gebieden.
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Pagina 28 van 52
Vanuit het ecologisch oogpunt is het slopen of voortzetten van een deel van de bestaande bebouwing niet van onderscheidend belang. Het grootste verschil voor het aspect ecologie doet zich voor tussen de referentiesituatie en de overige vier ontwikkelvarianten. Omdat in de referentiesituatie een (agrarische) bedrijfslocatie de mogelijkheid tot de ontwikkeling van de ecologische verbindingszone blokkeert, worden de vier ontwikkelingsvarianten ten opzichte van de referentiesituatie zeer positief beoordeeld.
Locatie Wilhelminadijk
figuur 21.
Luchtfoto locatie Wilhelminadijk (rood omcirkeld) met NNB-gebieden (groen) en ecologische verbindingszone (rood gearceerd).
Op ca. 6,2 km ten zuidwesten van locatie Wilhelminadijk ligt de Rovertsche Heide. Dit gebied maakt onderdeel uit van Natura 2000-gebied Kempenland-West. Ten noorden van de locatie ligt het Wilhelminakanaal wat een ecologische verbindingszone vormt van het aangrenzende gebied dat behoort tot Natuur Netwerk Brabant. In de beoogde situatie wordt het oppervlak bestemd voor bedrijven verkleind en daarnaast worden bedrijven behorend tot een lagere milieucategorie toegestaan, in combinatie met een kleinschalige woningbouwontwikkeling. Deze ontwikkeling heeft geen negatief effect op ecologische waarden op zowel Natura 2000-gebied als de nabij gelegen gebieden behorend tot NNB. Naar verwachting is de verouderde te slopen bebouwing niet geschikt als nestplaats voor vogels of zoogdieren. De geluidproducerende werkzaamheden op de betonfabriek schrikken naar verwachting diersoorten af waardoor geen nestplaatsen op de locatie worden verwacht. Om toch inzicht te krijgen in mogelijk aanwezige vliegroutes rondom de locatie wordt alvorens de sloop zal worden uitgevoerd een ecologische quickscan uitgevoerd. Mochten er toch beschermde soorten voorkomen op de locatie dan zal advies worden uitgebracht met betrekking tot het voorkomen van verstoring.
Voor locatie Wilhelminadijk zijn er geen verschillen tussen de ontwikkelvarianten waardoor het enige verschil voor het aspect ecologie zich voordoet tussen de referentiesituatie en de overige vier ontwikkelvarianten. De beoogde terreinindeling is natuurvriendelijker dan de huidige indeling (minder bebouwing en minder tot geen milieuhinder) en grenst aan NNB, waardoor de ontwikkeling positief wordt beoordeeld.
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Pagina 29 van 52
Locatie Mierbeek Noord
figuur 22.
Luchtfoto locatie Mierbeek Noord (rood omcirkeld) met NNB-gebieden (groen) en ecologische verbindingszone (rood gearceerd).
Op ca. 1,4 kilometer ten westen van locatie Mierbeek Noord ligt de Rovertsche Heide. Dit gebied maakt onderdeel uit van Natura 2000-gebied Kempenland-West. Ten westen en ten oosten van de locatie zijn gebieden gelegen die behoren tot Natuur Netwerk Brabant. Kieren en spleten in de verouderde te slopen bebouwing zijn potentieel geschikt als nestplaats voor vogels en vleermuizen. Alvorens de sloop kan worden uitgevoerd zal een ecologische quickscan uitwijzen in hoeverre er beschermde soorten op de locatie aanwezig zijn en op welke wijze verstoring voorkomen kan worden. Er is een kans dat tijdens het locatiebezoek ten behoeve van de quickscan flora en fauna beschermde soorten worden aangetroffen in de stallen die mogelijk worden gesloopt. In dat geval dienen de aanbevelingen van de ecoloog te worden opgevolgd om te voorkomen dat aanwezige soorten worden verontrust of verstoord. In de ecologische beoordeling voor locatie Mierbeek Noord wordt geen verschil gemaakt tussen de ontwikkelvarianten. Bij ontwikkeling op deze locatie wordt weliswaar de uitstoot van ammoniak als gevolg van de veehouderij stopgezet, maar het effect dat dit heeft op ecologische waarden wordt beoordeeld in de paragraaf over stikstof (paragraaf 3.3.4).
Beoordeling In deze paragraaf heeft een verkennende ecologische analyse plaatsgevonden per locatie en per type effect (Natura 2000, Natuur Netwerk Brabant en soortenbescherming). Hierbij is per locatie aangegeven welke effecten er waarschijnlijk of mogelijk kunnen plaatsvinden. Op locatie Ambrosiusweg wordt een bedrijventerrein gedeeltelijk op een bosperceel ontwikkeld dat behoort tot NNB. Door een ecologische verbindingszone te realiseren op locatie Lage Haghorst kan deze aantasting worden gecompenseerd. Omdat enige verstoring van diersoorten hier naar verwachting niet kan worden voorkomen krijgen de ontwikkelvarianten hier een negatieve beoordeling ten opzichte van de referentiesituatie. De ontwikkelvarianten op locatie Lage Haghorst zorgen voor een grote ecologische verbetering, mede vanwege het saneren van de milieubelastende bedrijfsactiviteiten en het realiseren van de ecologische verbindingszone. Ook uit de ontwikkeling op locatie Wilhelminadijk volgt een positieve beoordeling ten opzichte van de referentiesituatie. Milieubelastende bedrijfsactiviteiten worden gesaneerd en het terrein wordt grotendeels gevuld met woningen. Het oppervlak voor bedrijventerrein wordt drastisch verkleind terwijl de toegestane milieucategorie wordt
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Pagina 30 van 52
verlaagd. Deze ontwikkelingen hebben naar verwachting een positief effect op de nabij gelegen strook behorend tot het NNB. Op locatie Mierbeek Noord wordt enerzijds een veehouderij stopgezet in combinatie met de toevoeging van een groene bufferzone, anderzijds wordt (niet-agrarische) bedrijvigheid toegevoegd waardoor de varianten hier neutraal worden beoordeeld. Het bovenstaande heeft geleid tot de volgende beoordeling: Beoordeling ecologie Variant A Variant B Variant C Variant D
3.1.4
Ambrosiusweg -
Lage Haghorst + + + +
Wilhelminadijk + + + +
Mierbeek Noord 0 0 0 0
Totaal + + + +
VERKEER
Een belangrijk ruimtelijk aspect bij ontwikkelingen is verkeer. Een nieuwe ontwikkeling veroorzaakt mogelijk extra verkeer (verkeersgeneratie) en het extra verkeer moet op een goede manier op het omliggende wegennet afgewikkeld kunnen worden. Voor verkeer is geen specifieke wetgeving: er zijn geen ‘harde normen’ waar een plan aan moet voldoen, maar er kan wel worden ingeschat hoeveel verkeer er vanuit een bepaalde ontwikkeling komt en welk effect dit heeft op het wegennet. Om het aspect verkeer per locatie te kunnen beoordelen moet eerst worden bepaald hoeveel verkeer in elke variant op elke locatie wordt aangetrokken. De hoeveelheid verkeersbewegingen worden in deze paragraaf geschat op basis van verkeersgegevens uit de bestaande situatie. Maar in kleine mate worden nieuwe functies gecreëerd (woningen) en de verkeerssituatie verandert vooral door de bedrijfsfuncties die worden verplaatst.
Locatie Ambrosiusweg De Ambrosiusweg verbindt een viaduct van de provinciale weg (N269) met het centrum van Tilburg en ter plaatse van de beoogde aansluiting op de ontwikkellocatie mag 80 km/uur worden gereden. Deze provinciale weg vormt een verbinding met onder andere de A58, de A65 en meer zuidelijke kernen zoals Hilvarenbeek. Het aantal verkeersbewegingen dat als gevolg van de bedrijfsverplaatsing op de wegen in de omgeving van locatie Ambrosiusweg moet worden opgevangen is op voorhand moeilijk in te schatten. Er wordt vanuit gegaan dat dit minimaal het aantal verkeersbewegingen betreft dat in de huidige situatie op locatie Lage Haghorst en Wilhelminadijk wordt aangetrokken. Locatie Ambrosiusweg heeft een goede en snelle ontsluiting naar de N269 en A58, dus om deze locatie te bereiken zijn minder ‘aanloopkilometers’ nodig. Bovendien zijn hier minder omwonenden aanwezig die last van dit verkeer kunnen hebben. De infrastructuur rondom locatie Ambrosiusweg leent zich voor de omvang van de voertuigen en de aantallen vervoersbewegingen die hier als gevolg van de verplaatsing worden verwacht.
Locatie Lage Haghorst Rondom locatie Lage Haghorst zijn diverse plattelandswegen gelegen die passend zijn in het agrarische buitengebied. In de omgeving zijn landbouwbedrijven, veehouderijen, bed & breakfasts, een manege en een zorgboerderij gelegen en over de plattelandswegen lopen diverse fietsroutes. Deze wegen zijn in staat het zwaar vrachtverkeer behorend bij de bedrijfsvoering van Reyrink Groep te dragen, in het buitengebied komen immers agrarisch gerelateerde zware voertuigen voor. Echter, vanwege de aanwezigheid van de manege, zorgboerderij, fietsroutes en bed & breakfasts heeft de omgeving een rustig en recreatief karakter. De grote hoeveelheid bewegingen van het zware vrachtverkeer past niet bij deze omgeving. Als de locatie wordt herontwikkeld, dan zullen de grote hoeveelheden (vracht)verkeer van en naar de locatie verdwijnen. De ontwikkelvarianten verschillen onderling niet veel van elkaar op het aspect verkeer. Ze generen minder verkeer ten opzichte van de referentiesituatie, wat goed is voor de verkeersveiligheid.
Locatie Wilhelminadijk Locatie Wilhelminadijk staat verbonden met dezelfde (rustige en recreatieve) omgeving als locatie Lage Haghorst. Daarnaast grenst de locatie aan de (kleine) kern van Haghorst. De bedrijfslocatie wordt in de huidige situatie door veel (zwaar) verkeer bezocht, bestaande uit ca. 90 vrachtwagens, 120 busjes en 10 trekkers per week. Het grote aantal verkeersbewegingen met grote voertuigen past niet in het karakter van de omgeving. Over het algemeen genereren bedrijven uit een hogere milieucategorie meer zware voertuigbewegingen dan bedrijven uit een lagere milieucategorie. De ontwikkeling van woningbouw en woonwerkkavels heeft een significant kleinere en lichtere verkeersaantrekking tot gevolg dan de referentiesituatie. Dit heeft een positief effect op de zowel drukte op wegen
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Pagina 31 van 52
als op de verkeersveiligheid. Daardoor wordt de ontwikkeling op locatie Wilhelminadijk beoordeeld als zeer positief voor de verkeerssituatie.
Locatie Mierbeek Noord Locatie Mierbeek Noord ligt in het buitengebied van Esbeek en is goed ontsloten. Het wegennet voldoet zowel voor de vervoersbewegingen die plaatsvinden als gevolg van de agrarische activiteiten als voor de vervoersbewegingen in geval hier woningen en niet-agrarische bedrijven worden ontwikkeld. Het wel of niet ontwikkelen op deze locatie heeft geen invloed op het aspect verkeer.
Beoordeling De locaties Lage Haghorst en Wilhelminadijk liggen in het buitengebied of aan de rand van het dorp. De aanwezige wegen hebben een kleinschalig karakter en er is veel recreatief (fiets)verkeer. Als de bedrijfsactiviteiten verplaatsen komen daar veel minder verkeersbewegingen voor terug. Dit is positief voor de hoeveelheid verkeer: wegen worden rustiger en veiliger. De verbetering van de verkeerssituatie is met name waarneembaar op locatie Lage Haghorst en Wilhelminadijk. Omdat in alle varianten verkeer wordt weggehaald op plekken die in mindere mate geschikt zijn voor deze aantallen, worden alle varianten zeer positief beoordeeld. Beoordeling verkeer Variant A Variant B Variant C Variant D
3.1.5
Ambrosiusweg 0 0 0 0
Lage Haghorst ++ ++ ++ ++
Wilhelminadijk ++ ++ ++ ++
Mierbeek Noord 0 0 0 0
Totaal ++ ++ ++ ++
CONCLUSIES RUIMTELIJKE BEOORDELING
In de ruimtelijke beoordeling zijn de varianten getoetst op de te verwachten gevolgen op het gebied van archeologie, water, ecologie en verkeer. Uit de ruimtelijke beoordeling volgt dat het aspect archeologie licht negatief tot negatief wordt beoordeeld vanwege de mogelijke aanwezigheid van archeologische waarden in de bodem. Het aspect water wordt positief beoordeeld omdat de beoogde compenserende waterberging naar verwachting meer waterbergend vermogen heeft dan de planlocatie in de huidige situatie. Ecologie wordt met name positief beoordeeld vanwege de ecologische vooruitgang als gevolg van het realiseren van de ecologische verbindingszone op locatie Lage Haghorst. Het aspect verkeer wordt in alle varianten zeer positief beoordeeld omdat in alle varianten de overmatige verkeersproductie in en rond Haghorst wordt verplaatst naar een hiervoor geschikte plek. Over het algemeen kan geconcludeerd worden dat de ontwikkeling van Ambrosiusweg (licht) negatief beoordeeld kan worden omdat bedrijvigheid wordt toegevoegd in het landschap. Op andere plekken werkt de ontwikkeling juist positief, want daar wordt de bedrijvigheid weggehaald. Dit is positief voor het landschap, voor verkeer en voor de plaatselijke leefomgevingskwaliteit.
Door de ontwikkeling van de Ambrosiusweg is er per saldo minder negatief effect, want de bedrijven worden efficiënter, nieuwer en duurzamer uitgevoerd dan ze voorheen waren.
3.2
Economische beoordeling
Naast een ruimtelijke beoordeling vindt ook een economische beoordeling van de ontwikkelvarianten plaats zodat de ontwikkelbaarheid van de locaties kan worden ingeschat. Immers: een plan kan ruimtelijk gezien misschien goed in elkaar zitten, als de ontwikkeling economisch niet haalbaar is, zal er niet veel gebeuren. De economische beoordeling wordt uitgevoerd op de volgende aspecten: • Financiële beoordeling, in de vorm van een overzicht van de kosten en opbrengsten per ontwikkelvariant; • Een beoordeling van de vergunbaarheid: het aantal procedures dat naar verwachting nodig is om een locatie tot ontwikkeling te kunnen brengen; • Een beoordeling van het afzetrisico: het risico dat kavels en bedrijfsruimte niet of met een tegenvallende opbrengst kan worden verkocht of verhuurd.
3.2.1
FINANCIËLE BEOORDELING
Voor alle locaties is de (globale) financiële haalbaarheid bepaald. Dit is gedaan door een kosten- en opbrengstenberekening op te stellen per ontwikkelvariant. Afgeleide kosten met betrekking tot het verhuizen van de bedrijven zijn niet meegenomen, omdat deze vooraf moeilijk in te schatten zijn en voor de ontwikkelvarianten gelijk zijn.
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Pagina 32 van 52
Variant A De kosten op de vier verschillende locaties voor variant A komen uit op ca. € 9.000.600,-. Daar tegenover staat een opbrengst van € 13.202.260,-. In totaal hebben de ontwikkelingen in deze variant naar verwachting een opbrengend vermogen van ca. € 4.201.660,-. tabel 2.
Kosten- en opbrengstenberekening variant A.
Variant B De kosten op de vier verschillende locaties voor variant B komen uit op ca. € 6.640.950,-. Daar tegenover staat een opbrengst van € 11.888.940,-. In totaal hebben de ontwikkelingen in deze variant naar verwachting een opbrengend vermogen van ca. € 5.247.990,-. tabel 3.
Kosten- en opbrengstenberekening variant B.
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Pagina 33 van 52
Variant C De kosten op de vier verschillende locaties voor variant C komen uit op ca. € 10.169.475,-. Daar tegenover staat een opbrengst van € 16.294.760,-. In totaal hebben de ontwikkelingen in deze variant naar verwachting een opbrengend vermogen van ca. € 6.125.285,-. tabel 4.
Kosten- en opbrengstenberekening variant C.
Variant D De kosten op de vier verschillende locaties voor variant D komen uit op ca. € 7.489.875,-. Daar tegenover staat een opbrengst van € 14.581.440,-. In totaal hebben de ontwikkelingen in deze variant naar verwachting een opbrengend vermogen van ca. € 7.091.565,-. tabel 5.
Kosten- en opbrengstenberekening variant D.
Beoordeling De financiële beoordelingen van de ontwikkelvarianten hebben plaatsgevonden op basis van te verwachten kosten en opbrengsten. In de onderstaande tabel wordt de samenvatting weergegeven van de kosten en opbrengsten van de verschillende varianten. Hierbij dient nogmaals te worden opgemerkt dat dit overzicht van kosten en baten geen inzicht geeft over het totale opbrengend vermogen van de ontwikkeling in zijn geheel. Veel kosten die wél volgen uit het proces (een verhuizing van twee bedrijven met dergelijke omvang), zijn níet meegeteld in deze financiële beoordeling. Om de bedrijven op de beschreven manier naar de nieuwe, circulaire locatie te kunnen verplaatsen wordt van de initiatiefnemers een zeer grote investering gevraagd. Omdat de omvang van deze investering in deze oriënterende fase nog moeilijk in te schatten is in combinatie met het feit dat deze investering in
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Pagina 34 van 52
elke ontwikkelvariant gelijk is, zijn deze kosten niet meegenomen in deze financiële beoordeling. De weergegeven resultaten zeggen dus iets over het opbrengend vermogen van de varianten ten opzichte van elkaar, niet over het opbrengend vermogen van de totale ontwikkeling. tabel 6.
Overzicht kosten- en opbrengstenberekeningen van varianten.
In de berekeningen is te zien dat voor alle ontwikkelvarianten een positief resultaat wordt verwacht. De resultaten van ontwikkelvariant A en B zijn globaal met elkaar vergelijkbaar, dit geldt tevens voor ontwikkelvariant C en D. Omdat elke variant een positief resultaat heeft worden allen positief beoordeeld, omdat variant C en D een grotere compensatie generen worden deze varianten zeer positief beoordeeld. Financiële beoordeling Variant A Variant B Variant C Variant D
3.2.2
Totaal + + ++ ++
VERGUNBAARHEID EN AFZETRISICO
Een ander aspect dat belangrijk is voor de economische haalbaarheid, is de vergunbaarheid en het afzetrisico. De vergunbaarheid gaat over de hoeveelheid benodigde vergunningen of besluiten. Deze kunnen grote invloed hebben op het tijdspad van een ontwikkeling, maar ook op de haalbaarheid. Vergunningen zijn nagenoeg altijd appellabel, dus hoe meer vergunningen nodig zijn, hoe groter de kans op bezwaar en beroep. Een andere factor die in de economische beoordeling meegenomen dient te worden is het afzetrisico. Het afzetrisico betreft het risico dat bijvoorbeeld woningen niet, of voor een tegenvallende prijs verkocht kunnen worden. Er wordt ingeschat hoe een overheid (die de vergunning moet afgeven) mogelijk aankijkt tegen een ontwikkeling, dus hoe groot de kans is dat een vergunning wordt verleend. Er is alleen in beeld gebracht welke vergunningen, besluiten of ontheffingen van belang kunnen zijn en welke onderscheidend kunnen zijn. Uitvoeringsgerichte vergunningen zoals een inritvergunning, kleinschalige kapvergunning of watervergunning voor verhard oppervlak zullen niet onderscheidend zijn en zijn daarom niet meegenomen in de beoordeling. Een belangrijk risico betreft het planologisch toestaan van een ontwikkelvariant op de locaties. Als het concept al binnen een vigerend bestemmingsplan gerealiseerd kan worden, dan hoeft er geen ruimtelijke procedure te worden gestart.
Geen enkele locatie staat planologisch één van de ontwikkelvarianten al toe: locatie Ambrosiusweg heeft bestemming agrarisch en locaties Lage Haghorst en Wilhelminadijk hebben een bedrijfsbestemming. Het bovenstaande betekent dat op iedere locatie een nieuw bestemmingsplan moet worden opgesteld. Dit vergt een uitgebreide motivering waarin alle ruimtelijke en milieuaspecten worden verantwoord. Voor alle locaties geldt dat een planologisch besluit genomen moet worden en er geldt dan een zogenoemde ‘uitgebreide procedure’ (d.w.z. eerst ontwerpbesluit, dan tervisielegging ontwerpbesluit, dan een definitief besluit, dan eventueel bezwaar en beroep). Voor het afzetrisico wordt gekeken naar het aantal uitgeefbare meters bedrijventerrein, kantoor en aantal woningen. In deze paragraaf wordt het afzetrisico van een ontwikkelvariant hoger beoordeeld wanneer de variant meer woningen, kantoorruimte en bedrijfsmeters op de markt brengt.
Beoordeling Al met al zijn meerdere besluiten, vergunningen en ontheffingen voor de varianten nodig. In de beoordeling wordt de variant met de meeste benodigde ruimtelijke procedures en het hoogste aantal woningen en bedrijfsmeters het meest negatief beoordeeld. Naarmate voor een variant minder planologische procedures nodig zijn is deze
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Pagina 35 van 52
variant beter vergunbaar. Het afzetrisico van woningen, bedrijfs-, kantoor- en opslagruimte is afhankelijk van de vraag ernaar op een locatie waardoor deze risico’s niet bij elkaar kunnen worden opgeteld. Wel kunnen risicobeoordelingen gedaan worden per soort. Het ontwikkelen van 53 woningen brengt immers meer afzetrisico met zich mee dan het ontwikkelen van 35 woningen. In tabel 7 worden de aantallen woningen, bedrijfs-, kantoor- en opslagmeters weergegeven per variant. tabel 7.
Variant A B C D
Overzicht aantallen woningen, bedrijfsruimte en kantoor per variant.
Woningen 50 36 52 38
Woonwerkkavels ca. 8.000 m² ca. 8.000 m² ca. 8.000 m² ca. 8.000 m²
Bedrijfsruimte
Kantoor
Opslag
ca. 260.000 m² ca. 260.000 m²
1.980 m² 1.980 m²
ca. 1.500 m² ca. 1.500 m²
In de bovenstaande tabel is te zien dat bij de ontwikkelvarianten met minder woningen meer kantoor- en opslagruimte aanwezig is. Ook is te zien dat de verschillen tussen de ontwikkelvarianten niet groot zijn. Hierdoor worden de ontwikkelvarianten gelijk beoordeeld op het aspect afzetrisico. De planologische procedures die nodig zijn voor de ontwikkelvarianten verschillen van elkaar. Wanneer een bestaande functie behouden blijft, hoeft deze functie niet opnieuw ruimtelijk te worden getoetst; deze functie werd immers al planologisch toegestaan. Als een kantoor, weide of boerderij dus niet wordt herontwikkeld naar een nieuwe functie, zijn voor deze variant minder planologische procedures nodig. In variant B wordt geen extra bedrijventerrein op locatie Ambrosiusweg ontwikkeld, blijft de boerderij op locatie Mierbeek Noord in bedrijf en wordt een deel van de bestaande bebouwing op locatie Lage Haghorst behouden waardoor deze variant neutraal wordt beoordeeld. In variant C wordt geen van de bovenstaande functies behouden waardoor deze de meeste procedures nodig heeft en daardoor het meest negatief wordt beoordeeld.
Omdat de toevoeging van bedrijventerrein een grotere ruimtelijke impact heeft dan de herbestemming van een kantoor naar wonen wordt variant A minder negatief beoordeeld dan D, wat resulteert in de volgende beoordeling: Beoordeling vergunbaarheid en afzetrisico Variant A Variant B Variant C Variant D
3.2.3
Totaal 0/0 --
CONCLUSIES ECONOMISCHE BEOORDELING
In deze paragraaf zijn de mogelijke opbrengsten en de mogelijke risico’s beoordeeld. Er zijn verschillen waarneembaar tussen de ontwikkelvarianten op het gebied van mogelijke opbrengsten en risico’s. Zoals gebruikelijk hebben ontwikkelingen met een groter risico een groter rendement. Over het algemeen kan worden gesteld dat alle ontwikkelvariant een positieve economische beoordeling krijgen omdat voor alle varianten een positief resultaat wordt verwacht, terwijl het risico voor geen van de varianten onevenredig hoog wordt geacht.
3.3
Milieubeoordeling
In deze paragraaf worden de vier ontwikkelvarianten milieukundig beoordeeld. De milieukundige beoordeling vindt plaats op de volgende aspecten: • Bodem • Geluid • Luchtkwaliteit • Stikstof • CO2-uitstoot • Externe veiligheid
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Pagina 36 van 52
3.3.1
BODEM
Naast archeologie is de bodemkwaliteit een belangrijk aspect van de ondergrond. Bodemkwaliteit gaat vooral over de milieukundige kwaliteit, dus over eventuele verontreinigingen in de bodem en in het grondwater. Deze verontreinigingen komen meestal door grondgebruik in het verleden, zoals oude stortplaatsen; pas in de laatste decennia zijn er (steeds strenger wordende) regels voor bescherming van de bodemkwaliteit. Het is voor een ontwikkelvariant wenselijk om een schone bodem te hebben. Immers, mensen wonen en verblijven niet graag op een plek waar een verontreiniging zit. Als de verontreiniging ernstig genoeg is, kan dit zelfs gevaar voor de volksgezondheid opleveren. Door wet- en regelgeving is geborgd dat de bodemkwaliteit voldoende moet zijn voor de functie die er plaatsvindt. Om inzicht te krijgen in de bodemmilieukundige situatie van de locaties, zijn diverse bronnen geraadpleegd: de Brabantse bodematlas, ‘Stortplaatsen op kaart’ (provincie Noord-Brabant) en de Noord-Brabantse Omgevingsrapportage.
Locatie Ambrosiusweg Op Ambrosiusweg 15 is potentieel ernstige verontreiniging aanwezig in verband met verontreinigende activiteiten die hier aanwezig zijn geweest. Daarbij gaat het om een afvalverwerkingsbedrijf, machine- en apparatenreparatiebedrijf en een niet-mobiele puinbreekinstallatie. Er is dus een risico dat op de locatie waar mogelijk extra bedrijventerrein wordt ontwikkeld sprake is van bodemverontreiniging.
Locatie Lage Haghorst Op Lage Haghorst 15 is mogelijk bodemverontreiniging aanwezig vanwege de activiteiten boomkwekerij, grond-, water- en wegenbouwkundige bedrijven en loonbedrijf t.b.v. land- en tuinbouw.
Locatie Wilhelminadijk Op Wilhelminadijk 6 is mogelijk bodemverontreiniging aanwezig vanwege de aanwezigheid van een moffelinrichting, autoreparatiebedrijf en een verfspuitinrichting (metaal). Op Wilhelminadijk 7 is mogelijk bodemverontreiniging aanwezig vanwege de aanwezigheid van een betonfabriek, betonmortelcentrale en betonwarenfabriek.
Locatie Mierbeek Noord Over locatie Mierbeek Noord zijn geen bodemgegevens bekend. Om woningbouw mogelijk te maken op een agrarische locatie waarvan de bodemkwaliteit onbekend is, is altijd een verkennend bodemonderzoek nodig.
Beoordeling De mogelijke aanwezigheid van verontreiniging is op geen van deze locaties uitputtend onderzocht, maar op basis van beschikbare informatie is wel een globale inschatting te maken. Verkennende bodemonderzoeken zullen de bodemkwaliteit op deze locaties dus moeten aantonen, waarna mogelijk bodemsanering nodig is. Het gebruik van een gebied voor bewoning en natuur zal niet leiden tot een verslechtering van de bodemkwaliteit, omdat er geen activiteiten plaatsvinden die bodemverontreiniging kunnen veroorzaken. De huidige bodemkwaliteit op de locaties Lage Haghorst, Wilhelminadijk en Mierbeek Noord is nog niet bekend terwijl hier potentieel sprake is van bodemverontreiniging vanwege de huidige bedrijfsactiviteiten. Voortzetting van het huidige gebruik zonder bodemonderzoek zorgt eerder voor een verslechtering van de bodemkwaliteit dan voor een verbetering; de huidige activiteiten worden immers voortgezet. Enerzijds kan de verontreinigingspotentie een gevaar zijn voor ontwikkeling omdat er dure saneringskosten gemaakt kunnen worden, anderzijds draagt ontwikkeling hier mogelijk bij aan kwaliteitsverbetering omdat de bodembedreigende activiteiten hier stoppen. In geval van herontwikkeling van een locatie zullen eventuele verontreinigingen gesaneerd worden conform huidige wet- en regelgeving.
Als bodembedreigende activiteiten worden verplaatst naar een nieuwbouwlocatie waar de nieuwste technieken op het gebied van bodembescherming kunnen worden toegepast is dit beter voor de bodemkwaliteit dan als deze op een verouderde locatie worden voortgezet. Gezien de mogelijkheid dat er verontreinigingen aanwezig kunnen zijn en dat deze verontreinigingen worden gesaneerd bij herontwikkeling, komen wij tot de volgende beoordeling van de ontwikkelvarianten voor het aspect bodem: Beoordeling bodem Variant A Variant B Variant C
Ambrosiusweg 0 0 0
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Lage Haghorst + + +
Wilhelminadijk + + +
Mierbeek Noord 0 0 0
Totaal + + +
Pagina 37 van 52
Variant D
3.3.2
0
+
+
0
+
GELUID
Voor geluid wordt gekeken naar de akoestische belasting van een locatie: is er op een locatie sprake van veel of weinig geluidsbelasting, bijvoorbeeld vanuit wegen, spoor of industrie? Per locatie is beoordeeld wat de akoestische belasting is en in welke mate een mogelijke ontwikkeling de akoestische situatie op een locatie zou beïnvloeden. De geluidsbelasting per locatie is beoordeeld op basis van geluidskwaliteitsindicaties van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en op basis van akoestische richtafstanden uit de ‘Handreiking Bedrijven en Milieuzonering’ van de VNG. De kwaliteitsindicaties van het RIVM geven weer wat globaal de totale geluidsbelasting op een locatie is vanuit wegverkeer (auto’s en vrachtverkeer), spoorwegverkeer (trein) en luchtverkeer (vliegtuig). De indicatie van de geluidbelasting door provinciale en gemeentelijke wegen is gebaseerd op verkeersramingen uit 2011, maar geven wel een goed relatief inzicht in de locaties: de actuele geluidsbelasting zal wellicht iets anders zijn, maar niet fors verschillen t.o.v. de situatie zoals door middel van indicaties wordt weergegeven. Bij de beoordeling van het geluid wordt in de VNG-brochure onderscheid gemaakt tussen twee omgevingstypen, ‘rustige woonwijk en rustig buitengebied’ en ‘gemend gebied’.
Dit onderscheid wordt gemaakt omdat in gebieden met functiemenging meer sprake is van milieubelastende en milieugevoelige functies en omstandigheden die op kortere afstand van elkaar zijn gesitueerd. In gebieden waar sprake is van functiemenging worden kortere richtafstanden gehanteerd dan in gebieden waar sprake is van functiescheiding. Akoestische richtafstanden van de VNG zijn afhankelijk van het omgevingstype waarin de activiteit ligt en de bedrijfssector waartoe de activiteit behoort. Deze richtafstanden zijn gebaseerd op gemiddelde afstanden tot bedrijfsactiviteiten waarbij geen geluidshinder optreedt. Als een geluidsgevoelig object dus op kortere afstand tot de activiteit is gelegen dan de richtafstand, kan (incidentele) geluidshinder niet op voorhand worden uitgesloten.
Locatie Ambrosiusweg Blijkens de indicatieve cijfers van het RIVM betreft de geluidsbelasting op locatie Ambrosiusweg 61-65 Lden, wat wordt beoordeeld als slecht. De grote hoeveelheid geluid op deze locatie wordt naar verwachting veroorzaakt door de grote hoeveelheid infrastructuur met grote hoeveelheden verkeersbewegingen in de directe omgeving. De beoogde bedrijfslocatie heeft geen lage geluidsbelasting nodig, maar in de omgeving liggen wel enkele woningen die niet mogen worden blootgesteld aan onaanvaardbare geluidshinder. Daarnaast heeft overmatige geluidsproductie een negatief effect op dieren die verblijven in nabij gelegen bossen. De omgeving rondom locatie Ambrosiusweg wordt als gemengd gebied beoordeeld omdat hier drukke infrastructuur, bedrijven en woningen op kortere afstand van elkaar gesitueerd zijn. De betonfabriek die in de huidige situatie op locatie Wilhelminadijk is gevestigd heeft milieucategorie 3.2. Hiervoor geldt binnen omgevingstype ‘gemengd gebied’ een richtafstand van 50 meter. De betonproductie zal op zijn nieuwe locatie volledig inpandig worden uitgevoerd in hoogwaardig geïsoleerde bedrijfsbebouwing waardoor deze activiteit naar verwachting nauwelijks geluid zal produceren.
Naast de hoofdlocatie aan de Ambrosiusweg dienen ook vestigende bedrijven op het extra bedrijventerrein bij Ambrosiusweg 15 aan geluidsnormen te voldoen ten opzichte van woningen in de omgeving. Gezien de kleine hoeveelheid omwonenden zal deze toetsing naar verwachting geen problemen opleveren. Omdat de geluidssituatie ondanks geluidsbeperking naar verwachting verslechtert ten opzichte van de referentiesituatie, wordt de ontwikkeling op deze locatie negatief beoordeeld.
Locatie Lage Haghorst Blijkens de indicatieve cijfers van het RIVM betreft de geluidsbelasting op locatie Lage Haghorst 46-50 Lden, wat wordt beoordeeld als goed. Het betreft een rustige omgeving waarin verspreid enkele woningen gelegen zijn. Hierdoor wordt aangenomen dat er geen akoestische belemmeringen zijn voor woningbouwontwikkeling op deze locatie. In de mogelijk te behouden bedrijfsverzamelgebouwen worden alleen bedrijven toegestaan met een lage milieucategorie en dus ook met een lage geluidsproductie. De ontwikkelvarianten verschillen onderling niet op het aspect geluid. In alle ontwikkelvarianten wordt de bebouwing (eventueel m.u.v. de bedrijfsverzamelgebouwen en het stalletje) weggehaald, waardoor minder lawaai van de locatie afkomt. Ten opzichte van de referentiesituatie wordt dus een winst geboekt met betrekking tot het aspect geluid.
Locatie Wilhelminadijk
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Pagina 38 van 52
Blijkens de indicatieve cijfers van het RIVM betreft de geluidsbelasting op locatie Wilhelminadijk 51-55 Lden, wat wordt beoordeeld als redelijk. Het betreft een rustige omgeving grenzend aan de bebouwde kom van Haghorst. Hierdoor wordt aangenomen dat er geen akoestische belemmeringen zijn voor woningbouwontwikkeling op deze locatie. De activiteiten die op de woonwerkkavels worden uitgevoerd zullen moeten voldoen aan wet- en regelgeving omtrent akoestiek zodat ter plaatse van de nieuwe woningen sprake zal zijn van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Op de woonwerkkavels worden bedrijven met maximaal milieucategorie 1 of 2 toegestaan waardoor de geluiduitstraling afkomstig van locatie Wilhelminadijk aanzienlijk zal afnemen. Naar verwachting wordt een aanzienlijke winst geboekt met betrekking tot het aspect geluid. Vanwege de ligging tegen de kom van Haghorst zijn relatief veel mensen gebaat bij het wegnemen van geluidshinder waardoor deze ontwikkeling zeer positief wordt beoordeeld.
Locatie Mierbeek Noord Blijkens de indicatieve cijfers van het RIVM betreft de geluidsbelasting op locatie Mierbeek Noord 51-55 Lden, wat wordt beoordeeld als redelijk. Het betreft een rustige omgeving grenzend aan de bebouwde kom van Esbeek. Hierdoor wordt aangenomen dat er geen akoestische belemmeringen zijn voor woningbouwontwikkeling op deze locatie. Zowel de beoogde woningen als de agrarische bedrijfsfunctie heeft geen noemenswaardige geluidsproductie tot gevolg. Daarom heeft het al dan niet ontwikkelen van deze locatie geen invloed op de beoordeling van het aspect geluid.
Beoordeling De omgeving rondom locatie Ambrosiusweg behoort tot omgevingstype gemengd gebied, de locaties Lage Haghorst en Wilhelminadijk behoren tot omgevingstype rustige woonwijk en rustig buitengebied. Waar in de omgeving van locatie Ambrosiusweg drukke infrastructuur, bedrijven en enkele woningen op kortere afstand van elkaar gesitueerd zijn, is hier in het buitengebied van Haghorst geen sprake van. Gekeken naar de omgevingstypen is locatie Ambrosiusweg een passendere omgeving voor geluidproducerende bedrijfsactiviteiten dan locatie Lage Haghorst en Wilhelminadijk. Geluidsgevoelige functies zoals woningen zijn dan weer beter passend op de achterblijvende locaties. Hoewel voor de ruimtelijke procedures de akoestische inpasbaarheid dient te worden berekend, levert dit aspect naar verwachting geen belemmeringen op vanwege de kleine hoeveelheid omwonenden. De ontwikkelvarianten verschillen op dit aspect nauwelijks van elkaar, het grootste verschil bestaat tussen de referentiesituatie en de ontwikkelvarianten. Het aspect geluid wordt als volgt beoordeeld: Beoordeling geluid Variant A Variant B Variant C Variant D
3.3.3
Ambrosiusweg -
Lage Haghorst + + + +
Wilhelminadijk ++ ++ ++ ++
Mierbeek Noord 0 0 0 0
Totaal ++ ++ ++ ++
LUCHTKWALITEIT
Voor de beoordeling van luchtkwaliteit met betrekking tot de Nederlandse volksgezondheid wordt meestal gekeken naar de stoffen stikstofdioxide (NO2) en fijnstof (PM10). Dit komt doordat deze stoffen de belangrijke maatgevende stoffen zijn in de Nederlandse lucht; andere stoffen zijn bijna nooit beperkend. Om een beeld te krijgen van de luchtkwaliteit op de locaties is gebruik gemaakt van de Grootschalige Concentratie- en Depositiekaarten Nederland (GCN-kaarten) van het RIVM. tabel 8.
Waarden NO2 en PM10 microgram/m³ per locatie.
Locatie Ambrosiusweg Lage Haghorst Wilhelminadijk Mierbeek Noord
NO2 25,8 14,7 14,4 15,0
PM10 18,37 18,35 18,57 17,92
Waarden stikstofoxide en fijnstof In de bovenstaande tabel worden respectievelijk de concentraties NO2 en PM10 weergegeven op de locaties. Hieruit blijkt dat de concentratie NO2 op locatie Ambrosiusweg zo rond de 26 μg/m³ (microgram NO2 per m³ lucht) ligt;
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Pagina 39 van 52
op de overige locaties is dit lager (ca. 15 μg/m³). De wettelijke norm voor NO2 is 40 μg/m³. Ofwel: de luchtkwaliteit op de locaties is erg goed. Ook voor fijnstof zijn de concentraties erg laag op de locaties: overal ligt de concentratie voor PM10 op circa 18 μg/m³. Voor PM10 is de wettelijke norm ook 40 μg/m³. De conclusie is dan ook dat de luchtkwaliteit op alle locaties goed is, waardoor de locaties geschikt zijn voor bewoning of wel dat er geen sprake is van een dreigende overschrijding als de bedrijfsverplaatsing plaatsvindt. De eventuele impact van het behouden van een kantoor of een woningbouwontwikkeling op de luchtkwaliteit is niet meegenomen omdat deze niet significant is. In Nederland geldt vanuit de wetgeving dat een initiatief of project niet getoetst hoeft te worden op luchtkwaliteit, als deze zogenaamd ‘niet in betekenende mate’ (NIBM) bijdraagt aan een verslechtering van de luchtkwaliteit (tenzij normen al worden overschreden). Voor woningbouwontwikkeling geldt dat een project NIBM is, als er (met 1 ontsluitingsweg) maximaal 1.500 woningen worden gebouwd. De activiteiten op de nieuwe bedrijfslocaties aan de Ambrosiusweg worden zoveel mogelijk klimaatneutraal uitgevoerd terwijl dit in de referentiesituatie niet gebeurt. Daarom wordt deze verplaatsing in zijn geheel als positief beoordeeld op het aspect luchtkwaliteit.
Door op locatie Ambrosiusweg duurzame energie op te wekken en te gebruiken worden bedrijfsactiviteiten zoveel mogelijk verduurzaamd. Omdat op de nieuwe locatie bedrijfsactiviteiten klimaatneutraal zullen worden uitgevoerd veroorzaken de toekomstige bedrijfsactiviteiten hier geen verslechtering van de luchtkwaliteit. Ook het bedrijventerrein op Ambrosiusweg 15 zal klimaatneutraal worden uitgevoerd. Mogelijk worden in de bouwfase en later in de gebruiksfase door werknemers en klanten verbrandingsmotoren gebruikt waardoor de varianten hier licht negatief worden beoordeeld. Ook het houden van dieren heeft emissie van fijnstof tot gevolg. Mits er ontwikkeld wordt op locatie Lage Haghorst en Mierbeek Noord worden de milieuvergunningen ingetrokken waardoor van fijnstofemissie op deze locaties geen sprake meer zal zijn. De vergunde fijnstofemissies zijn op deze locaties echter dermate laag dat het stopzetten van de activiteiten geen significante invloed heeft op de plaatselijke luchtkwaliteit. Deze ontwikkelingen zijn neutraal beoordeeld.
Beoordeling Als de bedrijven worden verplaatst zal op de achterblijvende locaties sprake zijn van een betere luchtkwaliteit. Op de Ambrosiusweg is mogelijk sprake van een licht negatief effect, maar gezien de slechtere aanwezige omgevingskwaliteit is dit verschil ten opzichte van de referentiesituatie verwaarloosbaar. Ook omdat er nieuwe bedrijfsbebouwing zal worden gerealiseerd exploiteren de bedrijven in de toekomst schoner. Over het algemeen zullen de ontwikkelvarianten grote verbeteringen veroorzaken met betrekking tot het aspect luchtkwaliteit. Beoordeling luchtkwaliteit Variant A Variant B Variant C Variant D
3.3.4
Ambrosiusweg 0/0/0/0/-
Lage Haghorst ++ ++ ++ ++
Wilhelminadijk ++ ++ ++ ++
Mierbeek Noord 0 0 0 0
Totaal ++ ++ ++ ++
STIKSTOF
Mestproductie afkomstig van landbouw (ammoniak) en verbrandingsprocessen ten behoeve van vervoer en industrie (stikstofoxiden) zijn de belangrijkste vormen van stikstofemissie. Deze stikstof komt in de lucht terecht en slaat vervolgens neer op Natura 2000-gebieden, wat zorgt voor verzuring van de bodem. Dit kan effect hebben op de vegetatie, vooral stikstofgevoelige vegetatie. Bepaalde plantensoorten doen het dan beter, andere soorten slechter. Dit kan weer gevolgen hebben voor de populatie van diersoorten die van deze planten afhankelijk zijn. Uiteindelijk zorgt stikstofdepositie voor een vermindering van de biodiversiteit. Stikstofdepositie als gevolg van bedrijfsactiviteiten en vervoersbewegingen worden niet verwacht omdat de nieuwe bedrijfslocatie volledig klimaatneutraal zal worden gerealiseerd. De duurzame energie die ter plaatse wordt opgewekt (zonne- en windenergie) voorziet de bedrijven in hun elektriciteitsbehoefte en er wordt waterstof mee geproduceerd om als brandstof te laten dienen voor het wagenpark. Met stikstofdepositieberekeningen in Aerius is gekeken welke effecten de ontwikkelvarianten hebben op Natura 2000-gebieden. Op de vervoersbewegingen van werknemers kan nauwelijks invloed worden uitgeoefend, deze zijn daarom niet meegenomen in de
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Pagina 40 van 52
stikstofdepositieberekeningen. In deze berekeningen is alleen de depositie berekend als gevolg van de bouwfase en de bedrijfsactiviteiten.
Beoordeling Er zit geen of nauwelijks verschil tussen het realiseren van 14 (gasloze) woningen en het behoud van een kantoor en werkplaats waardoor variant A en B dezelfde stikstofdepositie hebben, dit geldt tevens voor variant C en D. In deze stikstofbeoordeling worden twee gegevens als indicatoren gebruikt om de afname van stikstofdepositie te meten als gevolg van ontwikkelvariant A/B en C/D, te weten de grootte van de depositieafname op het hexagoon waar de grootste afname optreedt en de totale depositieafname van alle hexagonen bij elkaar. In de bijlage van de voorliggende multicriteria analyse zijn kaarten gevoegd die weergeven in hoeverre de stikstofdepositie op hexagonen in de omgeving verandert. Buiten het bereik van de bijgevoegde kaarten om vinden meer afnames plaats, maar om een duidelijk kaartbeeld te kunnen tonen is gekozen om in deze kaarten in te zoomen op de omgeving. Een rode kleur zou voor een depositietoename staan, een groene kleur staat voor een depositieafname. In tabel 9 worden de resultaten van de berekeningen weergegeven. tabel 9.
Resultaten berekening stikstofdepositie.
Variant A/B C/D
Maximale afname (mol/ha./jaar) 0,51163 1,208
Totale afname (mol/jaar) 1.949 2.623
Alle ontwikkelvarianten zorgen voor een afname van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden. Omdat variant C en D een grotere depositieafname veroorzaken dan variant A en B wordt het aspect stikstof als volgt beoordeeld: Beoordeling stikstof
Totaal
Variant A Variant B Variant C Variant D
3.3.5
+ + ++ ++
CO2-UITSTOOT
Locaties dichter bij de snelweg zijn beter bereikbaar dan locaties die op grotere afstand van de snelweg zijn gelegen. De verplaatsing van bedrijven die veel transportbewegingen veroorzaken in de richting van een beter ontsloten locatie zorgt voor een vermindering van het aantal afgelegde kilometers. Naast deze verplaatsing worden op de nieuwe bedrijfsbebouwing de nieuwste isolatietechnieken toegepast en zal het wagenpark en materieel op de locatie een duurzame energiedrager krijgen, namelijk elektriciteit in combinatie met waterstof. Dit geldt voor personenauto’s, bestelbusjes, vrachtwagens, grondverzetmachines, betonproductiemachines en ander materieel. Bovendien worden medewerkers door gunstige regelingen gestimuleerd om met de (elektrische)fiets en het OV naar het werk te komen. CO2-concentraties in de lucht als gevolg van de ontwikkelvarianten zijn moeilijk te meten of berekenen omdat een grote hoeveelheid aan variabelen invloed heeft op CO2-concentraties. Deze beoordeling wordt daarom kwalitatief uitgevoerd op basis van effecten die logischerwijs kunnen worden verwacht.
Beoordeling Door op locatie Ambrosiusweg duurzame energie op te wekken en te gebruiken worden bedrijfsactiviteiten compleet verduurzaamd. Omdat op locatie Ambrosiusweg activiteiten klimaatneutraal zullen worden uitgevoerd veroorzaken de toekomstige bedrijfsactiviteiten hier geen CO2-uitstoot. Mogelijk worden in de bouwfase en later in de gebruiksfase door werknemers en klanten verbrandingsmotoren gebruikt waardoor de varianten hier licht negatief worden beoordeeld. Op de achterblijvende locaties worden de ontwikkelvarianten zeer positief beoordeeld omdat met name het grote aantal verkeersbewegingen met verbrandingsmotoren in de referentiesituatie voor veel CO2uitstoot zorgen. Beoordeling CO2-uitstoot Variant A
Ambrosiusweg 0/-
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Lage Haghorst ++
Wilhelminadijk ++
Mierbeek Noord 0
Totaal ++
Pagina 41 van 52
Variant B Variant C Variant D
3.3.6
0/0/0/-
++ ++ ++
++ ++ ++
0 0 0
++ ++ ++
EXTERNE VEILIGHEID
Het risico op ongevallen met gevaarlijke stoffen wordt in het thema externe veiligheid beoordeeld. Het gaat dan om mogelijke ongevallen vanuit inrichtingen met gevaarlijke stoffen (bijv. bedrijven, LPG-tankstations, propaanopslag etc.) of vanuit vervoersassen (vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg, spoor, water of door een buisleiding). Alle risicobronnen voor externe veiligheid zijn in Nederland weergegeven op de Risicokaart. Uit de risicokaart blijkt dat er op het aangrenzende perceel ten zuiden van locatie Mierbeek Noord een bedrijf aanwezig is met een vergister ten behoeve van bio-energie. Per insluitsysteem is minder dan 500 m³ biogas aanwezig waardoor geen risicoafstanden beschikbaar zijn. Vanwege de positionering van de woningen zal de aanwezige vergister naar verwachting geen belemmering voor de ontwikkeling vormen met betrekking tot het aspect externe veiligheid.
Beoordeling Uit de risicokaart blijkt dat er geen risicobronnen in of nabij de beoogde woonlocaties Lage Haghorst en Wilhelminadijk zijn gelegen die invloed kunnen hebben op de veiligheidssituatie. Nabij de locatie Ambrosiusweg loopt de A58, hierover worden gevaarlijke stoffen vervoerd. Dit vormt naar verwachting geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling. De ontwikkeling van de ontwikkelvarianten zal niet leiden tot verandering van de externe veiligheidssituatie: er wordt niet gewerkt met gevaarlijke stoffen en omliggende locaties worden niet gehinderd. Alle locaties worden daarom neutraal beoordeeld. Beoordeling externe veiligheid Variant A Variant B Variant C Variant D
3.3.7
Ambrosiusweg 0 0 0 0
Lage Haghorst 0 0 0 0
Wilhelminadijk 0 0 0 0
Mierbeek Noord 0 0 0 0
Totaal 0 0 0 0
CONCLUSIES MILIEUBEOORDELING
In de milieubeoordeling zijn de varianten getoetst op de te verwachten gevolgen op het gebied van bodem, geluid, luchtkwaliteit, stikstof, CO2-uitstoot en externe veiligheid. Uit de milieubeoordeling volgt dat het aspect bodem over de varianten positief wordt beoordeeld. Het aspect externe veiligheid wordt in alle varianten neutraal beoordeeld omdat er zich geen verbeteringen of verslechteringen voordoen op de locaties. De overige milieuaspecten worden over alle varianten positief tot zeer positief beoordeeld. Net als in de ruimtelijke beoordeling kan geconcludeerd worden dat de ontwikkeling van Ambrosiusweg (licht) negatief beoordeeld kan worden omdat bedrijvigheid wordt toegevoegd in het landschap. Op andere plekken werkt deze ontwikkeling juist zeer positief, want daar wordt verouderde bedrijvigheid weggehaald. Dat milieuhinder op twee locaties wordt stopgezet is positief in milieukundig opzicht. Door de ontwikkeling van de Ambrosiusweg is er per saldo minder negatief effect, want de bedrijven worden efficiënter, nieuwer en duurzamer uitgevoerd dan ze voorheen waren.
3.4
Maatschappelijke beoordeling
In dit hoofdstuk worden de resultaten van de maatschappelijke beoordeling van de vier ontwikkelvarianten en de referentiesituatie beschreven. De maatschappelijke beoordeling vindt plaats op de volgende aspecten: • Landschap • Afvalproductie • leefkwaliteit • Duurzame instandhouding kern Haghorst/Esbeek
3.4.1
LANDSCHAP
In deze paragraaf wordt gekeken naar de landschappelijke effecten op de verschillende ontwikkellocaties. Is er sprake van een grote of kleine impact als op de locatie ontwikkeld wordt? En als de impact groot is, is dit dan
MCA Roozen Van Hoppe & Reyrink - D.04
Pagina 42 van 52
positief of negatief voor het landschap? Landschap wordt beoordeeld aan de hand van de menselijke beleving ervan. Dit wil zeggen dat landschappelijke kenmerken worden beoordeeld voor zover deze openbaar zichtbaar zijn.
Locatie Ambrosiusweg De locatie Ambrosiusweg behoort tot het landelijk gebied, maar is gelegen tegen de rand van de stad Tilburg aan. Locatie Ambrosiusweg behoort tot de groenblauwe mantel en het gebied behoort volgens het bestemmingsplan tot het kampenlandschap. Op gronden in het kampenlandschap moet het kleinschalige en besloten karakter behouden blijven. Tevens moeten hier kleine landschapselementen behouden blijven, dan wel worden hersteld. De locatie waar de bedrijfsverplaatsing wordt beoogd wordt momenteel gebruikt voor akkerbouw. Hier en daar zijn kleine landschapselementen aanwezig, zoals is weergegeven in figuur 23. De locatie waar mogelijk extra klimaatneutraal bedrijventerrein wordt ontwikkeld (Ambrosiusweg 15) bestaat grotendeels uit bedrijfsbebouwing van het afvalverwerkingsbedrijf dat hier tot recent aanwezig was. Omdat op deze locatie al geen landschapsbeleving aanwezig is wordt de mogelijke ontwikkeling van deze locatie vanuit het aspect landschap neutraal beoordeeld.
figuur 23.
Impressie van locatie Ambrosiusweg, gezien vanaf de Ambrosiusweg.
Locatie Lage Haghorst Locatie Lage Haghorst ligt in het rustige buitengebied tussen Haghorst en Diessen. In de omgeving zijn vooral weidse akkergronden gelegen met een verspreide ligging van agrarische of agrarisch verwante bedrijfslocaties. De omgeving kenmerkt zich door haar groene en daarbij gepaard gaande recreatieve karakter. In de omgeving liggen het Diessens Broek en het bos ‘Het Stuk’. Het groene karakter maakt de omgeving populair bij fietsers, gezien de aanwezigheid van het grote aantal fietsroutes en bed & breakfasts in de omgeving. In figuur 24 wordt een impressie gegeven van het open landschap waarin de bedrijfslocatie van Reyrink Groep zich bevindt en het aanzicht op de bedrijfsbebouwing en buitenopslag behorend tot de bedrijfslocatie.