CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

D22 VRHM, terugkoppeling zienswijzen Regionaal Risicoprofiel 2023-2026.pdf

Gemeenteraad 15 december 2022, gemeente HillegomBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken37.979 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

Bijlagen

Daarnaast moet er in de zomerperiode rekening worden gehouden met een onbekend, maar groot aantal vakantiegasten in de regio. Deze groep mensen is in geval van extreme hitte moeilijke te bereiken via de reguliere methodes van crisiscommunicatie. Ten slotte lopen deelnemers aan (sport)evenementen tijdens extreme hitte een verhoogd risico. Maar ook wanneer er geen sprake is van ‘extreme hitte’, maar wel hoge temperaturen kunnen problemen optreden. In 2018 moesten tijdens de Marathon van Leiden zes deelnemers naar het ziekenhuis worden gebracht omdat zij onwel werden door de combinatie van hitte en fysieke inspanning.

Extreme wind, windhozen, zware storm Wanneer windstoten boven een snelheid van 100 kilometer per uur komen, spreken we van zeer zware windstoten. Deze zijn met name gevaarlijk voor het verkeer (fietsers, vrachtauto’s en auto’s met aanhangers) en recreatie (vooral op het water). Vooral bij buiig weer in de zomer kan een plotselinge toename van wind zeer verraderlijk zijn40. Een windhoos is een zeer plaatselijke wervelwind die optreedt bij kritische verschillen in luchtvochtigheid en temperatuurverschillen tussen lucht en aarde. Windhozen komen met name voor in de zomerperiode en zijn vaak gekoppeld aan onweersbuien. Zowel storm als windhozen kunnen veel schade aanbrengen aan gebouwen en infrastructuur. Daarbij kunnen slachtoffers vallen. Zware windhozen, ook wel tornado’s genoemd, komen in Nederland maar zelden voor. De laatste windhoos waarbij dodelijke slachtoffers zijn gevallen was op Ameland in 199241.

38 Natuurenmiliue.nl. Waterschaarste in Nederland Geraadpleegd op 12 oktober 2021. 39 RIZA (2005). Droogtestudie Nederland: aard, ernst en omvang van watertekorten in Nederland. 40 KNMI.nl. Windstoten. Geraadpleegd op 12 oktober 2021. 41 KNMI.nl. Windhozen. Geraadpleegd op 12 oktober 2021.

15

Hier viel in 48 uur 120 millimeter neerslag. Een zogenoemde waterbom kan ook Hollands Midden voorkomen en grootschalige gevolgen hebben46. Door klimaatverandering zal de kans op deze extreme neerslag flink toenemen47. Door het toenemen van de temperatuur kan de lucht meer vocht bevatten en kan het harder gaan regenen. Een reguliere regenbui hoeft geen problemen te veroorzaken in de woon- en werkgebieden binnen de regio. De riolering voert het regenwater af naar de rioolwaterzuivering (RWZI) of naar het oppervlaktewater. Daarnaast loopt het regenwater weg in groene gebieden, zoals tuinen en parkjes. Wanneer een regenbui heviger wordt en er meer regen valt dan direct kan worden afgevoerd, kunnen er problemen ontstaan. Concrete voorbeelden van wateroverlast bij extreme neerslag zijn ondergelopen straten, kelders, wegen, tunnels, weilanden, overlopende toiletten, afvalwater op straat en verloren oogsten in de land- en tuinbouwsector. Verdichting zorgt ervoor dat er steeds minder groen is waar regenwater door de grond kan worden opgenomen. Hierdoor zal wateroverlast toenemen.

Er is sprake van storm als de windsnelheid gedurende een uur gemiddeld 75-88 km/uur (21 m/s) bedraagt. Langs de kust doet deze situatie zich gemiddeld ieder jaar wel een keer voor. Over het algemeen levert een storm pas hinder, schade of zelfs slachtoffers op als een storm zwaar (10 Bft: 89-102 km/uur), zeer zwaar (11 Bft: 103-117 km/uur) of zelfs een orkaan is (12 Bft: >117 km/uur). Zware stormen doen zich gemiddeld één keer per anderhalf jaar voor. In Nederland is de kans op een orkaan zeer klein, omdat de daarvoor vereiste extreme temperatuurverschillen zich hier niet voordoen. Wel kunnen restanten van een orkaan elders ons land bereiken43. Dit resulteert in nat en winderig weer, maar heeft bij lange na niet de gevolgen die de oorspronkelijke orkaan had. Begin 2022 (16 t/m 21 februari) heeft het 6 dagen achter elkaar gestormd. Naast enorme schade heeft dit ook een aantal mensen het leven gekost44.

1.2.1 Beoordeling impact

Extreme neerslag

Territoriale veiligheid

Klimatologische veranderingen zorgen ervoor dat we in toenemende mate te maken krijgen met extreme regenval. Het regent vaker en intensiever. In Nederland is de jaarlijkse neerslag vanaf 1906 toegenomen met 26%45. Echt extreme neerslag komt ongeveer één keer per eeuw voor. Dit gaat om boven de 50 millimeter in een uur en 100 millimeter in een dag. Hiervan was sprake in Zuid-Limburg juli 2021.

Er zijn veel verschillende soorten extreme weersomstandigheden die zich in uiteenlopende gradaties manifesteren en waarbij de mate van impact divers is. Afhankelijk van het soort weersomstandigheden en de grootte van het getroffen gebied zal de territoriale veiligheid in het geding komen. Windhozen kunnen al snel voor vernieling zorgen in een gebied, terwijl dit bij extreme hitte een stuk minder snel zichtbaar is.

42 Weer.nl. Valwind Leersum Geraadpleegd op 12 oktober 2021. 43 Weerplaza.nl Krijgen we ook orkanen in Nederland? Geraadpleegd op 12 oktober 2021 44 NOS.nl. Minstens half miljard euro stormschade. Geraadpleegd op 22 februari 2022 45 Compendium voor de Leefomgeving (2020). Jaarlijkse hoeveelheid neerslag in Nederland, 1910-2019.

46 Deltares (2021). Wat als ‘de waterbom’ elders in Nederland was gevallen? 47 Stowa.nl. Hoe extreem was neerslag in Limburg? Geraadpleegd op 12 oktober 2021.

Bijlagen

Iets wat vaak wordt verward met windhozen zijn valwinden. Bij een valwind kan wind leiden tot wervelingen, maar treed er geen slurf op. Zo’n valwind is vooral gevaarlijk door de plotselinge windtoename. Op 18 juni 2021 was in Leersum sprake van een valwind die op grote schaal veel schade aanrichtte. Negen mensen raakten hierbij gewond en er werd naar schatting voor enkele miljoenen aan schade aangericht42.

16

Fysieke veiligheid Extreme weersomstandigheden kunnen zowel resulteren in gewonden als dodelijke slachtoffers. Zo kunnen slachtoffers vallen als gevolg van gladheid, wateroverlast op wegen, door rondvliegend puin of uitdroging.

Economische veiligheid De kosten als gevolg van extreme weersomstandigheden kunnen erg variëren. De meeste schade wordt aangericht aan infrastructurele voorzieningen of huizen. Dit kan door bijvoorbeeld extreme wind of extreme regenval. Ook langdurige droogte kan zorgen voor kosten, doordat de dijken minder stabiel worden. De kosten die gepaard gaan met het doorbreken ervan hoog oplopen.

Ecologische veiligheid Extreme weersomstandigheden kunnen veel invloed hebben op flora en fauna. De vele klimatologische veranderingen hebben invloed op allerlei abiotische factoren, zoals de samenstelling of diepte van water en bodem. Veranderingen hierin hebben gevolgen voor dieren en planten48. Daarnaast hebben droogte en neerslag ook invloed op de oogst in de agrarische sector. Naar verwachting zullen weersomstandigheden alleen maar extremer worden, waardoor de impact op milieu en natuur ook toeneemt. 48 Klimaatadaptatienederland.nl. Natuur - Klimaatadaptatie. Geraadpleegd op 16 februari 2022

Sociale en politieke stabiliteit Deelname aan het normale maatschappelijke verkeer kan worden belemmerd door extreem weer. Door extreme weeromstandigheden kan het onveilig worden om naar buiten te gaan, kan openbaar vervoer stil komen te liggen en kunnen wegen onbegaanbaar worden. Hierdoor kunnen mensen bijvoorbeeld niet naar werk of boodschappen doen. Omdat door klimaatverandering en verdichting de impact van extreme weersomstandigheden toeneemt, zal de overlast voor het dagelijks leven ook toenemen. De onvoorspelbaarheid van het extreme weer draagt hier ook aan bij.

Bijlagen

Onder invloed van klimaatverandering zullen alle typen weersomstandigheden in intensiteit toenemen en daardoor ook voor meer overlast zorgen. Bovendien vergroot verdichting de impact van extreme weersomstandigheden op het grondgebied omdat bijvoorbeeld overtollig water niet weg kan en hitte door stedelijke bebouwing wordt versterkt. Hierdoor kunnen bijvoorbeeld wegen onbegaanbaar en bruggen onbedienbaar worden. Door deze trends neemt de impact van extreme weersomstandigheden op de integriteit van het grondgebied dus toe.

Tenzij het bestuur echt verwijtbaar heeft gehandeld, zullen extreme weersomstandigheden geen invloed hebben op het functioneren of de legitimiteit van het openbare bestuur. Na afloop van extreme weersomstandigheden kan er door burgers bij het bestuur wel meer op worden aangedrongen om klimaatadaptieve maatregelen te nemen. Hoewel het KNMI steeds beter kan voorspellen wanneer extreem weer Nederland of een bepaalde regio aandoet, kan de impact van deze extreme weersomstandigheden lokaal erg verschillen. Hierdoor kunnen burgers in sommige gevallen alsnog worden overvallen door heftige weersomstandigheden. Ook kan extreem weer huizen en bezitting ernstig beschadigen. Echter zijn Nederlanders over het algemeen bekend met de mogelijkheid op extreme weersomstandigheden en hebben zich hierop voorbereid. Daarom valt de sociaal psychologische impact naar verwachting mee.

17

Veiligheid van cultureel erfgoed

Conclusie Het gaat altijd om extremen, dus de impact van extreem weer is hoog. Zowel op het gebied van slachtoffers, kosten als integriteit grondgebied.

1.2.2 Beoordeling waarschijnlijkheid De kans dat extreme weersomstandigheden zich voordoen is groot. Met het oog op klimaatverandering en op basis van voorspellingen van het KNMI wordt verwacht dat de weersextremen de komende decennia alleen nog maar zullen toenemen50.

1.2.3 Beoordeling beleving Uit de gegevens van de Veiligheidsmonitor 2019 blijkt dat binnen Hollands Midden extreem weer het risico is wat onder de bevolking het ernstigst beleefd wordt. Ook in een enquête gehouden onder de inwoners van de gemeente Krimpenerwaard wordt droogte aangemerkt als het meest zorgwekkende klimaateffect51. De belevingen van extreme weersomstandigheden komt overeen met de impact- en waarschijnlijkheidsanalyse gedaan tijdens de themabijeenkomsten.

49 Unesco.nl. Verbinding klimaat en cultuur. Geraadpleegd op 23 februari 2022 50 KNMI (2014). KNMI’14: Klimaatscenario’s voor Nederland. 51 Gemeente Krimpenerwaard (2021). Rapport Klimaatadaptatie Krimpenerwaard.

1.3 Natuurbranden In 2018 beleefde Nederland een enorme piek in natuurbranden vanwege de droogte en hitte. In juni en juli van dat jaar waren er 2811 incidenten in Nederland, tegenover 1213 een jaar eerder. Wel bleven de onbeheersbare natuurbranden uit, doordat de wind op tijd draaide en/of het begon te regenen. De grootste brand dat jaar vond plaats in Nationaal Park DrentsFriese Wold bij Wateren (Drenthe). Op 7 augustus 2018 ging 35 hectare natuurgebied verloren en moesten enkele campings en vakantieparken worden ontruimd52.

Bijlagen

Klimaatverandering heeft invloed op cultureel erfgoed. Materieel erfgoed kan worden bedreigd door extreme weersomstandigheden. Daarbij gaat het om zowel gebouwen als archeologisch erfgoed en documenten. Wel is veel van ons natuurlijk en cultureel erfgoed ook sterk vormgegeven door klimatologische omstandigheden. Denk hierbij aan de molens van Kinderdijk en het Woudagemaal (beide werelderfgoed)49.

Een natuurbrand is een dynamische brand die moeilijk te bestrijden is, snelle uitbreidingsmogelijkheden heeft en een reëel veiligheidsrisico vormt voor de omwonenden, recreanten en het brandweerpersoneel. Natuurgebieden in Nederland zijn namelijk intensief verweven met andere gebruiksfuncties. Binnen het crisistype natuurbranden kennen we meerdere incidenttypen:

• Bosbranden; • Duinbranden; • Heidebranden; • Rietbranden; • Veenbranden. Voor Hollands Midden zijn deze niet allen even relevant. Heideen rietbranden komen in de regio niet (veel) voor. Om die reden wordt vooral gekeken naar de andere soorten natuurbranden.

52 IFV (2019). Natuurbranden in Nederland.

18

1.3.1 Beoordeling impact

Ten aanzien van inventarisatie van de natuurbrandrisico´s wordt gebruik gemaakt van de landelijke systematiek om een natuurbrandrisico te inventariseren: een zogenaamde Risico-Index Natuurbranden (RIN)53. Met de RIN wordt duiding gegeven aan de kans op het ontstaan van (onbeheersbare) natuurbrand. Voor het duingebied in Noordwijk is in 2017 een RIN reeds opgesteld. Samengevat is het risicobeeld dat er een aantal zorginstellingen in het gebied zijn, er veel recreatie plaatsvindt, de bluswatervoorziening (primair en/of secundair) op veel locaties beperkt is en de toegankelijkheid van het gebied voor hulpverleningsdiensten slecht is. Om een meer regionaal risicobeeld voor natuurbranden te krijgen is het opstellen van een structurelere RIN voor de gehele regio nodig. De bestrijding van een natuurbrand dient gericht te zijn op de veiligheid van personen in het gebied en het behoud van de aanwezige flora en fauna. Om die reden is het van toegevoegde waarde om nauw samen te werken met gebiedsbeheerders. Denk hierbij aan terreinbeheerders en de gemeente. Zij hebben meer kennis en kunde van het gebied en kunnen op die manier een waardevolle bijdragen leveren in het bestrijden, maar wellicht ook voorkomen van natuurbranden.

53 Brandweer Nederland (2017). Risico index natuurbranden.

Territoriale veiligheid De impact op de territoriale veiligheid wordt door veel factoren beïnvloed. In tijden van droogte kan een natuurbrand makkelijker verspreiden. Daarnaast is de bereikbaarheid voor hulpdiensten vaak lastiger in een natuurgebied. Hierdoor is de kans groter dat de opkomsttijd van het eerste voertuig tot de brand de vastgestelde normen overschrijdt. In Hollands Midden is mede hierdoor de opkomsttijd van een eerste voertuig tot de brand meer dan 15 minuten. Ook is bluswatervoorziening vaak beperkt in deze gebieden. Hierdoor duurt het langer voordat begonnen kan worden met blussen. Dit alles heeft invloed op de grootte en duur van een natuurbrand en daarmee ook op de integriteit van het grondgebied54.

Bijlagen

Voor het ontstaan van een natuurbrand zijn de volgende oorzaken denkbaar: bewust menselijk handelen (brandstichting), onbewust menselijk handelen (brandende sigaret) of een natuurlijke oorzaak zoals een blikseminslag. Naast de zomermaanden is er ook in de maanden januari t/m maart sprake van een verhoogd risico op brand. Er is dan veel afgevallen blad en dood gras aanwezig.

Door klimaatveranderingen wordt het bovendien steeds warmer en droger en neemt de brandbaarheid van de natuur toe. Zo ligt er meer dood hout en groeit er steeds meer vegetatie wat snel vlam vat. Als de inrichting van natuurgebieden niet verandert, maken deze factoren het voor de brandweer steeds lastiger om een brand onder controle te krijgen. Hierdoor zal de impact van een natuurbrand op de integriteit van het grondgebied ook kunnen toenemen55.

Fysieke veiligheid Het aantal slachtoffers van natuurbranden hangt af van de plek waar het gebied zich bevindt, de gebruiksfunctie en het aantal mensen dat zich in het gebied bevindt. Dit wordt mede bepaald door de seizoenen. ’s Zomers zijn er doorgaans meer mensen in natuurgebieden (recreanten, kampeerders, etc.). De kans op slachtoffers door een natuurbrand is dan ook groter.

54 RIN (2017) Duingebied Hollands Midden. 55 NOS.nl (2021). Natuurbranden in Nederland worden onbeheersbaar door klimaatverandering. Geraadpleegd op 3 december 2021.

19

Economische veiligheid De impact op het functioneren van de lokale of regionale overheid wordt niet groot geacht. De sociaal psychologische impact zal het grootst zijn voor inwoners of bezoekers van het gebied waar de natuurbrand woedt. Hoe groot de impact is, is afhankelijk van de grootte van de natuurbrand en hoe snel deze zich verspreid. Voor de rest van de samenleving zal de sociaal psychologische impact beperkt blijven.

Ecologische veiligheid

De impact van natuurbranden op cultureel erfgoed wordt laag ingeschat. Een natuurbrand kan impact hebben op cultureel erfgoed, zoals in de Veiligheidsregio Noord Oost Gelderland waar het Kröller Möller museum door een natuurbrand in de Hoge Veluwe 300 schilderijen in veiligheid moest brengen59. In Hollands Midden is zo’n situatie niet snel aan de orde, waardoor de impact laag wordt ingeschat.

Natuurbranden veroorzaken ecologische schade. De hitte van een natuurbrand kan de bodem aantasten en die waterafstotend maken, waardoor de kans op erosie en overstromingen sterk toeneemt. Wanneer een natuurbrand plaatsvindt heeft dit invloed op flora en fauna. Een winterbrand heeft wel minder negatieve effecten dan een brand in het voorjaar of in de zomer, wanneer het voortplantingsseizoen plaatsvindt57. Desondanks is de impact van een natuurbrand op flora en fauna veelal groot.

Sociale en politieke stabiliteit In het geval dat er een grootschalige evacuatie nodig is, zal de verstoring van het dagelijks leven voor het getroffen gebied erg groot zijn. Hiernaast kan rookontwikkeling overlast veroorzaken die verder strekt dan het effectgebied van de natuurbrand. Verder is het mogelijk dat infrastructuur, zoals elektriciteit, mobiele telecommunicatie, drinkwatervoorziening, hoofd(vaar) wegen en het spoor, wordt aangetast58.

56 Analistennetwerk Nationale Veiligheid (2016). Het Nationaal Veiligheidsprofiel 2016. 57 Wur.nl Bosbranden en andere natuurbranden . Geraadpleegd op 12 oktober 2021 58 Analistennetwerk Nationale Veiligheid (2016). Het Nationaal Veiligheidsprofiel 2016.

Veiligheid van cultureel erfgoed

Bijlagen

De economische schade bij natuurbranden wordt onderverdeeld in directe en indirecte schade. De directe schade omvat alles wat er in het effectgebied van de natuurbrand staat. Dit kunnen campings, gebouwen, wegen spoor en andere bebouwing en infrastructuur zijn. Indirecte schade wordt veroorzaakt door imagoschade van de recreatiesector, indirecte bedrijfsschade door uitval/aantasting van de vitale infrastructuur en herstelkosten infrastructurele voorzieningen en natuurgebied56.

Conclusie De impact van een natuurbrand kan groot zijn, afhankelijk van de grootte en duur. De bestrijding wordt binnen Hollands Midden ook bemoeilijkt door beperkte bereikbaarheid en beperkte aanwezigheid van primaire en/of secundaire bluswatervoorziening.

59 Gelderlander.nl. Minder natuurschade door Veluwebrand dan gedacht. Geraadpleegd op 20 oktober 2021.

20

1.3.2 Beoordeling waarschijnlijkheid

De data van natuurbranden de afgelopen jaren laat tot nog toe geen significante stijging laat zien. Het is daarentegen voorstelbaar dat onder invloed van klimaatverandering en daardoor een toename van hitte, droogte en wind de kans op de verschillende typen natuurbranden in de nabije toekomst toeneemt.

1.3.3 Beoordeling beleving Uit de Veiligheidsmonitor (2019) komt naar voren dat onder de bevolking de kans op een natuurbrand laag wordt inschat. De beleving van natuurbranden komt dus niet overeen met de gemaakte impact- en waarschijnlijkheidsanalyse.

60  De gebruikte data is afkomstig van de Gemeenschappelijke meldkamer. Deze is echter niet volledig doordat er voor ‘natuurbranden’ meerdere classificaties in het systeem zijn. Hierdoor worden niet alle meldingen op dezelfde manier verwerkt. Dit dient dan ook als disclaimer te worden meegegeven bij de getrokken conclusies op basis van deze data.

Hollands Midden kenmerkt zicht door een combinatie van stedelijk gebied en landelijk gebied. Hier bevinden zich een aantal bedrijven die te maken kunnen krijgen met plagen en dierziekte. Denk hierbij aan boomkwekerijen en veeteeltbedrijven..

Plagen Wereldwijd groeit de handel in planten, mede door hyperconnectiviteit. Planten kunnen steeds makkelijker en meer worden geïmporteerd en -exporteert. Dit kan er echter voor zorgen dat meer (onbekende) plagen en dierziekten naar Nederland komen. Nederland, maar ook ontvangende landen willen gevrijwaard blijven van nieuwe ziekten en plagen. Daarom zijn internationale afspraken gemaakt over het monitoren van ziekten en plagen en het afgeven van certificaten die bevestigen dat de geïmporteerde planten aan de eisen van het ontvangende land voldoen61. In de regio vindt veel teelt van sierplanten plaats, maar ook van geïmporteerde soorten waarmee invasieve exoten kunnen worden geïntroduceerd. Ondanks alle regelgeving, geeft dit geeft een hoger risico op plagen in Hollands Midden. Mede door klimaatverandering kunnen in de toekomst meer soorten plagen en dierziekten hier overleven62.

Bijlagen

De afgelopen jaren hebben diverse natuurbranden in Nederland plaatsgevonden. Voorbeelden zijn de duinbranden op de Hoge Veluwe (2014), de heidebrand aan de Blommers in Tilburg (2018) en de bosbrand in het Brabantse Alphen (2018). De meeste natuurbranden in Hollands Midden vinden, volgens data60, plaats in de maanden april tot en met september. Het type natuurbrand wat het meest in Hollands Midden voorkomt is bermbranden. Hoewel een stuk minder dan bermbranden, heeft Hollands Midden relatief vaak te maken met duinbranden.

1.4 Plagen en dierziekten

In december 2009 was in de gemeente Boskoop sprake van de Aziatische boktor. Om te voorkomen dat de boktor zich in het gebied vestigde, zijn alle loofbomen en struiken in het gebied, met een straal van 100 meter rond de vondst, verwijderd. De boktor was niet schadelijk voor mensen en dieren, maar wel heel schadelijk voor bomen en struiken. Tijdens de verschillende inspecties binnen de bufferzone in 2010 en 2011 - op bedrijven en in het openbare en private groen – zijn verder geen boktorvondsten gedaan.

61 NVWA.nl Werkzaamheden van de NVWA. Geraadpleegd op 26 oktober 2021. 62 Plant Research International (2014). Klimaatrisico’s en -kansen voor de landbouw.

21

Op 26 januari 2010 is een bufferzone ingesteld met een straal van 2 kilometer rond de vondst. Deze bufferzone gold voor minimaal vier jaar.

1.4.1 Beoordeling impact Territoriale veiligheid Indien een plaag of dierziekte uitbreekt in Hollands Midden met een hoog besmettingsgevaar, kan dit een grote impact hebben op de territoriale veiligheid. Om verdere verspreiding van de plaag of dierziekten tegen te gaan, kunnen gebieden in zijn geheel of gedeeltelijk worden afgesloten.

Dierziekten

Fysieke veiligheid

Het betreft hier de meer reguliere dierziekten en dierziekten die van dier naar mens kunnen overslaan. Door de aanwezigheid van agrarische gebieden in Hollands Midden en nabijgelegen veiligheidsregio’s evenals laboratoria met proefdieren, bestaat er een grotere kans dat een dier-op-dier-besmetting zich voordoet. Indien zich een besmettingshaard voordoet, kan deze worden verspreid via de lucht en door dieren (in het wild) die virussen en/of bacteriën overdragen. De kans op een uitbraak van dier-op-dier-besmetting is reëel, gezien deze in de afgelopen jaren meermaals zijn voorgekomen. Voorbeelden hiervan zijn MKZ, varkenspest en vogelgriep.

Alleen bij dierziekten overdraagbaar op mensen kunnen er slachtoffers vallen onder de bevolking. In de praktijk zijn deze niet te voorkomen als gekeken wordt naar bijvoorbeeld een uitbraak van de Q-koorts. Dierziekten welke overdraagbaar zijn op mensen heten zoönose en worden verder uitgewerkt in het hoofdstuk gezondheid en veiligheid (zie hoofdstuk 6).

Ook dier-op-mens-besmetting komt voor en kan de regio Hollands Midden treffen. Een voorbeeld hiervan is Qkoorts die Nederland tussen 2007 en 2010 trof. De grootste risicogroep hierbij zijn mensen die veel in contact zijn met dieren vanwege bijvoorbeeld werk. Echter kan besmetting ook plaatsvinden via dierlijke producten, zoals vlees, eieren en mest. Dierziekten die overdraagbaar zijn op mensen en vervolgens ook tussen mensen onderling overdraagbaar zijn, worden verder besproken onder bedreiging volksgezondheid (zoönose). 63 NVWA.nl. Xylella, plantenziekte. Geraadpleegd op 20 oktober 2021

Bijlagen

Xylella is een plantenziekte die hetzelfde effect zou kunnen hebben als de Boktor destijds in Boskoop. Dit betreft een bacterie die schadelijk is voor ruim 300 plantensoorten. Deze bacterie komt tot nu toe nog niet voor in Nederland maar dit is wel voorstelbaar. De aanwezigheid van Xylella kan grote economische gevolgen kunnen hebben voor boomkwekers en kwekers van vaste planten. De bacterie is echter niet schadelijk voor mensen en dieren, dus de directe gevolgen zijn economisch van aard.63

Wanneer deze risico’s zich uitmonden in een crisis, kunnen landelijke richtlijnen en procedures worden gevolgd van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA).

Economische veiligheid De economische impact kan erg variëren per plaag of dierziekte. Dit is bijvoorbeeld afhankelijk van de besmettingsgraad en de getroffen oppervlakte. Daarnaast heeft Hollands Midden een grote teelt van planten in het midden van de regio. Een bacterie als Xylella kan dus grote economische gevolgen hebben voor de boomkwekers en kwekers van vaste planten binnen Hollands Midden, maar niet direct voor de rest van de regio.

Ecologische veiligheid De ecologische impact is vanzelfsprekend groot bij plagen en dierziekte, omdat het vooral effect heeft op natuur en milieu.

22

Sociale en politieke stabiliteit

Het functioneren van de (lokale) overheid zal niet worden aangetast door een uitbraak van een plaag of dierziekte.

Veiligheid van cultureel erfgoed Een uitbraak van een plaag of dierziekte heeft geen impact op cultureel erfgoed.

Conclusie Plagen en dierziekten die voor zijn gekomen in Hollands Midden de afgelopen jaren hebben vooral een grote economische impact voor een bepaald deel van de regio. Wanneer een plaag of dierziekte overdraagbaar is op mensen, kan dit op andere vlakken impact hebben. Deze vallen dan echter veelal onder zoönose en dat incidenttype wordt verder beschreven onder gezondheid en veiligheid.

1.4.2 Beoordeling waarschijnlijkheid Omdat Hollands Midden gekenmerkt wordt door grote landelijke gebieden en een hoge export van planten en bomen, bestaat er een redelijke kans op plagen en dierziekte. Hierdoor is het besmettingsgebied ook redelijk groot. 64 Rijksoverheid.nl. Vogelgriep vastgesteld bij kleinschalige houderij in Nieuwerbrug. Geraadpleegd op 19 januari 2021

De maatregelen die genomen worden met betrekking tot de import en export van flora en fauna zijn strikt om de kans op plagen en dierziekte zoveel mogelijk te voorkomen.

1.4.3 Beoordeling beleving Uit de Veiligheidsmonitor (2019) blijkt dat de kans op een uitbraak van een plaag of dierziekte niet heel hoog wordt ingeschat. Deze beleving komt overeen met de gemaakte impact- en waarschijnlijkheidsanalyse die het risico op plagen en dierziekten laag inschat.

Bijlagen

De impact op het dagelijks leven wordt niet hoog ingeschat. Deelname aan het normale maatschappelijke verkeer kan in veel gevallen van de plagen en dierziekten gewoon doorgang vinden. Op het moment dat een type virus wel overdraagbaar is op mensen, zoals bij de uitbraak van Vogelgriep in Hekendorp (2014) en in Nieuwerbrug (2021)64, kan dit beperkende maatregelen opleveren voor mensen. Wanneer een dierziekte ook door mensen overdraagbaar kan worden, kan dit een grotere impact hebben (denk aan COVID-19). Dit betreft dan echter een zoönose en is verder uitgewerkt in hoofdstuk 6.

1.5 Aardbevingen Voor VRHM blijkt de waarschijnlijkheid van aardbevingen als gevolg van natuurlijke oorzaken nauwelijks aanwezig. De impact van aardbevingen zal ook zeer beperkt zijn. Indien een aardbeving plaatsvindt zal de schade niet merkbaar ofwel zeer licht zijn65. Dit valt binnen de reguliere hulpverleningscapaciteit op te lossen. Aardbevingen kunnen ook ontstaan door warmteboringen. Met de steeds verder gaande energietransitie wordt de kans op aardbevingen door warmteboringen (Geothermie) ook groter. Echter zijn er momenteel nog geen aanwijzingen dat warmteboringen in Hollands Midden plaats zullen vinden, maar deze ontwikkeling kan in de toekomst de waarschijnlijkheid en impact van aardbevingen veranderen.

65 Ministerie van volksgezondheid en welzijn (2014). De intensiteitsschaal van Mercalli.

23

2 Milieu Onder dit thema valt het volgende crisistype:

De aanjagers die van invloed zijn op deze crisistypen: energietransitie, hyperconnectiviteit en verdichting.

2.1 Incidenten met gevaarlijke stoffen Onder dit crisistype vallen de volgende incidenten met gevaarlijke stoffen:

• Incidenten met brandbare/explosieve stoffen; • Incidenten met giftige stoffen; • Radiologische en nucleaire incidenten. 2.1.1 Incidenten met brandbare/explosieve stoffen Dit soort incidenten kunnen zowel veroorzaakt worden door gassen, vloeistoffen als vaste stoffen. Als gevolg van het incident kan een boiling liquid expanding vapour explosion (bleve), fakkelbrand, plasbrand of een gaswolkbrand/explosie ontstaan. Een incident kan plaatsvinden bij een stationaire inrichting waar gevaarlijke stoffen worden opgeslagen, maar ook tijdens het transport van gevaarlijke stoffen. In Hollands Midden vindt dit transport zowel plaats over de weg als over het water, het spoor en door buisleidingen.

Bleve Bij een bleve dient onderscheid gemaakt te worden tussen een warme en koude bleve. Een koude bleve kan ontstaan door extreem hoge druk in een tank of schade aan een tank die gevuld is met tot vloeistof verdicht gas. Hierop volgt vervolgens een drukgolf. Wanneer het brandbaar gas betreft kan een koude bleve kan gevolgd worden door een gaswolkontbranding. Een warme bleve wordt veroorzaakt doordat een aanwezige brand (of warmte) de druk in een tank doet oplopen. Vervolgens bezwijkt de tankwandconstructie en ontstaat een warme bleve. Door de aanwezigheid van vuur en hitte zal de brandbare vloeistof ontsteken en een grote vuurbal met grote hittestraling en uitstraling naar de omgeving tot gevolg hebben. Daarbij kunnen ruiten breken met kans op (dodelijke) scherfwerking 67.

Bijlagen

• Incidenten met gevaarlijke stoffen

Voor de opslag, overslag, gebruik en productie van gevaarlijke stoffen binnen inrichtingen is wet- en regelgeving. Het doel hiervan is om risico’s te minimaliseren en te beheersen. Bedrijven moeten inspanningen verrichten om incidenten te voorkomen. Ook voor het transport van gevaarlijke stoffen is wet- en regelgeving om risico’s te minimaliseren en te beheersen66.

Fakkelbrand Een fakkelbrand is een (tiental tot honderden) meters hoge fakkel veroorzaakt door een brandend gas. Een fakkelbrand kan bijvoorbeeld ontstaan bij een breuk van een hogedrukaardgasleiding door graafwerkzaamheden. Een fakkelbrand blijft aanhouden zolang de aanvoer van brandbaar gas nog niet is beëindigd68.

66 Besluit risico’s zware ongevallen (2015). Geraadpleegd op wetten.nl/ BWBR0036791 67 Elsevier (2015). A closer look at BLEVE overpressure. 68 RIVM (2018). Maatregelen | Omgevingsveiligheid. Geraadpleegd op 4 november 2021.

24

Plasbrand

2.1.2 Beoordeling impact

Bij een plasbrand ontbrandt materiaal dat verdampt uit een laagje vloeistof. Een plasbrand kan bijvoorbeeld ontstaan wanneer een tankwagen met benzine openscheurt na een botsing69.

Territoriale veiligheid

Een gaswolkontbranding wordt veroorzaakt door vertraagde ontsteking van ontsnapte brandbare gassen of verdampte brandbare vloeistoffen. Het ontsteken van de gaswolk leidt tot een kortdurende vlammenzee. Als de wolk bij het ontbranden niet kan uitbreiden ontstaat een gaswolkexplosie70.

Gaswolkexplosie Een gaswolkexplosie volgt wanneer een explosief mengsel van brandbaar gas zich heeft gevormd en vervolgens ontstoken wordt. Op 10 mei 2021 vond in Sassenheim een gasexplosie plaats in een woning waarna een brand ontstond. Meerdere woningen raakte hierbij beschadigd. Doordat er geen bewoners aanwezig waren vielen hierbij geen slachtoffers71. Op het gebied van explosieve/brandbare stoffen vinden veel ontwikkelingen plaats. De energietransitie brengt nieuwe energiebronnen die zorgen voor nieuwe risico’s en nieuwe maatregelen die getroffen moeten worden. Denk aan waterstof en blauwe energie72. Effecten op gezondheid en veiligheid, zeker op lange termijn, zijn niet nauwkeurig te voorspellen73. 69 Scenarioboek Externe Veiligheid (2018). Een handboek met beschrijvingen van ongevalscenario’s met gevaarlijke stoffen. 70 Scenarioboek Externe Veiligheid (2018). Een handboek met beschrijvingen van ongevalscenario’s met gevaarlijke stoffen. 71 Omroep West. Woning brandt uit na explosie in huis in Sassenheim. Geraadpleegd op 3 november 2021 72 Blauwe energie is energie die stamt uit osmose: uit verschillen in zoutconcentratie tussen twee watermassa’s. Op plekken waar een zoetwaterrivier de zee in stroomt, wordt een membraan geplaatst dat het zout tegenhoudt. Het zoete water stroomt dan naar het zoute water.

Daardoor ontstaat er hogere druk aan de ‘zoute’ kant van het membraan, dat gebruikt kan worden als energiebron (bron: feenstra.com). 73 RIVM(2021). Klimaatakkoord: effecten van nieuwe energiebronnen op gezondheid en veiligheid in Nederland.

Fysieke veiligheid De hoeveelheid doden en gewonden die zullen vallen bij een incident zijn afhankelijk van de grootte van het incident, de locatie en het aantal personen in de nabije omgeving. In stedelijke gebieden is de kans op slachtoffers groter, omdat daar meer mensen verblijven (wonen en werken). Verdichting kan er dus voor zorgen dat de effecten van een incident met een gevaarlijke stof groter worden.

Bijlagen

Gaswolkontbranding

In hoeverre de territoriale veiligheid van het grondgebied wordt aangetast is afhankelijk van waar het incident plaats vindt en de grootte van het effectgebied. Door de impact van het incident met een brandbare of explosieve stof kan het desbetreffende gebied onbegaanbaar of afgesloten worden.

Economische veiligheid De kosten van een incident met een brandbare/explosieve stof zijn afhankelijk van wat zich in de omgeving van het incident bevindt. Als er veel gebouwen in de omgeving zijn aangetast door de brand of explosie, zullen de kosten hoger zijn. Daarnaast kan ook infrastructuur, zoals spoorwegen, beschadigd raken wat hersteld moet worden.

Ecologische veiligheid Bij incidenten met brandbare/explosieve stoffen is er altijd een reëel gevaar voor het milieu. De bodem, het grondwater en oppervlaktewater kunnen verontreinigd raken. Denk hierbij aan chemicaliën die in de grond komen via bluswater.

25

Sociale en politieke stabiliteit

Wat betreft het lokale en regionale openbaar bestuur kan de impact van een incident met gevaarlijke stoffen groot zijn. Afhankelijk van afgegeven vergunningen of beslissingen die het bestuur heeft genomen en grootte van het incident, kunnen dit soort incidenten veel impact hebben op het bestuur. De psychologische impact voor getroffenen en de directe omgeving kan aanzienlijk zijn. Afhankelijk van het soort incident kan de bevolking angstig reageren. De onbekendheid met brandbare/explosieve stoffen draagt hieraan bij. Door op tijd een duidelijk handelingsperspectief te communiceren kan deze impact worden verminderd. Voor de rest van samenleving zal de sociaal psychologische impact over het algemeen laag zijn.

2.1.3 Beoordeling waarschijnlijkheid Ieder jaar doen zich tientallen incidenten voor met brandbare of explosieve stoffen74 wat maakt dat de kans op een brand of explosie aanzienlijk is. Veelal blijft de impact van dergelijke incidenten beperkt en kan het incident lokaal worden afgehandeld, zonder dat een risico ontstaat voor de omgeving. Toch vinden er af en toe ook incidenten plaats die een grote(re) impact hebben om de omgeving. Een voorbeeld hiervan is Venlo (2018) waar een grote brand in een coatingbedrijf zorgde voor zwaveloxide in de omgeving75.

Bijlagen

Ook bij het dagelijks leven is de impact afhankelijk van de grootte van het incident en de locatie. Bij de meeste incidenten met gevaarlijke stoffen zal de impact op het dagelijks leven lokaal zijn met mogelijke uitstraling naar omliggende gebieden. De kans dat mensen echter geen onderwijs kunnen volgen, niet naar werk kunnen of naar maatschappelijke voorzieningen (als sport en cultuur) wordt klein geacht.

2.1.4 Beoordeling beleving Uit de gegevens van de Veiligheidsmonitor 2019 blijkt dat inwoners van Hollands Midden een incident met een explosieve stof als een laag risico beleven. Dit komt overeen met de bovenstaande impact- en waarschijnlijkheidsanalyse.

Veiligheid van cultureel erfgoed Als een incident met gevaarlijke stoffen in of nabij cultureel erfgoed plaatsvindt, kunnen culturele objecten worden beschadigd of verwoest. In alle andere gevallen, dus als het incident niet in de nabijheid van cultureel erfgoed plaatsvindt, zal de impact gering zijn.

Conclusie De impact van een incident met brandbare/explosieve stoffen kan aanzienlijk zijn, met name in de directe omgeving van de brand of explosie. De impact heeft voornamelijk betrekking op het aantal slachtoffers, schade aan flora en fauna, kosten en de sociaal psychologische impact. De mate van impact is sterk afhankelijk van de omvang en de locatie van het incident.

74 RIVM (2017). Analyse van incidenten bij grote bedrijven met gevaarlijke stoffen 2016-2017. 75 RTLniews.nl Gevaarlijke stoffen vrijgekomen bij brand Venlo: houd ramen en deuren gesloten | RTL Nieuws

26

2.2 Incidenten met giftige stof in open lucht

1. Een gifwolk ontstaat geleidelijk wanneer er een giftige vloeistof vrijkomt. Deze vloeistof zal zich over de grond verspreiden, waarna uitdamping77 plaatsvindt; 2. Een gifwolk kan ontstaan doordat de giftige stof direct als gas ontsnapt bij een ongeval. Incidenten met giftige stoffen kunnen zich voordoen bij zowel het transport hiervan, als bij de opslag, overslag, gebruik en productie. Ook voor giftige stoffen geldt dat het moet voldoen aan wet- en regelgeving om incidenten te voorkomen, risico’s te minimaliseren en te beheersen. Een gifwolk kan ontstaan door diverse oorzaken zoals het falen van een tank of een ongeval bij het vervoer van de giftige stof. Op 7 mei 2021 vond in Koudekerk aan den Rijn een lek van chloorbleekloog plaats. Een vrachtauto lekte dit zogenoemde zwembadchloor tijdens het overpompen van de vloeistof vanuit de opslagwagen naar een openluchtzwembad78. De gifwolk (uitdamping chloor) was in dit geval snel onder controle. In sommige gevallen is het lastiger om de stof te detecteren, doordat het geen geur of kleur heeft (denk aan koolstofmonoxide). Dit maakt de bestrijding van het incident ook lastiger.

76 Omgevingsveiligheid.rivm.nl Maatregelen | Omgevingsveiligheid. Geraadpleegd op 4 november 2021. 77 Door warmte een vloeistof laten verdampen (bron: van Dale 1898). 78 Omroepwest.nl. Veel brandweer op de been bij chloorlekkage Koudekerk. Geraadpleegd op 4 november 2021.

Territoriale veiligheid In hoeverre de territoriale veiligheid van het grondgebied wordt aangetast is afhankelijk van waar het incident plaats vindt, de grootte van het effectgebied en wat de aard van de stof is. Het daadwerkelijke functionele verlies of buiten gebruik zijn van een bepaald gebied zal over het algemeen niet meerdere dagen duren en het gebied blijf meestal beperkt tot een wijk of een dorp (zoals in Koudekerk). De impact op het grondgebied is dan ook niet groot.

Bijlagen

Een gifwolk is een (al dan niet zichtbare) wolk, die stoffen bevat die schadelijk zijn voor personen, dieren en/of milieu. Een gifwolk kan op twee manieren ontstaan76:

2.2.1 Beoordeling impact

Fysieke veiligheid De kans op (dodelijke) slachtoffers is afhankelijk van de aard, locatie en omvang van het incident. In stedelijke gebieden is de kans op slachtoffers groter, omdat daar meer mensen verblijven (wonen en werken). Verdichting kan er dus voor zorgen dat de effecten van een incident met een gevaarlijke stof groter worden.

Economische veiligheid Net als bij het grondgebied en de slachtoffers zijn ook de kosten afhankelijk van de aard, locatie en omvang van het incident. Kosten kunnen bijvoorbeeld bestaan uit het schoonmaken van de omgeving, herstelwerkzaamheden en het vergoeden van schadenclaims. Bij het incident in Moerdijk op 5 januari 2011 worden de kosten bijvoorbeeld geschat op 71 miljoen euro79. Hier was een grote brand in een bedrijf wat zich bezighoudt met de opslag, verwerking en verpakking van chemicaliën.

Ecologische veiligheid Bij incidenten met giftige stoffen is er altijd een reëel gevaar voor het milieu. De bodem en het grond- en oppervlaktewater kunnen verontreinigd raken. Het waterschap, de omgevingsdiensten en de gemeenten zijn belangrijke partners om de gevolgen van dergelijke incidenten voor het milieu te beperken. 79 Parool.nl. Kosten brand Moerdijk veel hoger dan genoemd. Geraadpleegd op 4 november 2021.

27

Sociale en politieke stabiliteit De mensen die in het getroffen gebied wonen of werken zullen enige tijd zich niet kunnen verplaatsen binnen dat gebied. Dit zal echter niet zodanig lang duren dat het daadwerkelijk impact heeft op het dagelijks leven.

Afhankelijk van het soort incident en de omvang kan de bevolking angstig reageren. De onbekendheid met giftige stoffen draagt hieraan bij. Door op tijd een duidelijk handelingsperspectief te communiceren kan deze impact worden verminderd.

Veiligheid van cultureel erfgoed

Ieder jaar doen zich tientallen incidenten voor met gevaarlijke stoffen80. Veelal blijft de impact van dergelijke incidenten beperkt en kan het incident lokaal worden afgehandeld, zonder dat een risico ontstaat voor de omgeving. Toch zijn er ook enkele grote incidenten te benoemen, die wel degelijk (grote) impact hadden op de omgeving. Het is voorstelbaar dat zich een incident voordoet waarbij een giftige wolk vrijkomt.

2.2.3 Beoordeling beleving

Bijlagen

Wat betreft het lokale en regionale openbaar bestuur is de impact op gering. De kans dat dit soort incidenten van invloed zijn op het functioneren van het openbaar bestuur wordt niet groot geacht.

2.2.2 Beoordeling waarschijnlijkheid

In de Veiligheidsmonitor (2019) zijn incidenten met giftige stof in open lucht niet meegenomen. Hierdoor is geen vergelijking te maken met de impact- en waarschijnlijkheidsanalyse.

Tenzij het incident plaatsvindt in of rondom cultureel erfgoed, wordt de impact hierop niet hoog ingeschat.

Conclusie De locatie van het incident en de grootte van het effectgebied zijn met name bepalend voor de mate van impact. De impact van een dergelijk incident is het grootst op het gebied van de integriteit grondgebied, de kosten en de flora en fauna.

80 RIVM (2017). Analyse van incidenten bij grote bedrijven met gevaarlijke stoffen 2016-2017.

28

2.3 Radiologische en nucleaire incidenten

In de kernenergiewet wordt een onderscheid gemaakt tussen categorie A-objecten en categorie B-objecten. Onder A-objecten vallen de in werking zijnde kerncentrales in en nabij Nederland, onderzoeksreactoren, satellieten, schepen die gebruik maken van kernenergie en kernwapens. Onder B-objecten vallen alle andere objecten waar sprake is van radioactieve stoffen en hoog risico biologische stoffen (zoals installaties voor uraniumverrijking, verwerking en opslag van radioactieve stoffen, ziekenhuizen en laboratoria). Bij A-objecten kan een incident gevolgen hebben voor het hele land. In dat geval is inschakeling van de rijksoverheid van het buurland nodig in verband met mogelijke landgrensoverschrijdende aspecten, zoals afstemming met buitenlandse autoriteiten 83.

Het meest waarschijnlijke incident is een ongeval waarbij het vervoer van nucleair materiaal betrokken raakt. Verder is het mogelijk dat bij een nucleaire inrichting84 brand ontstaat, waarbij de opslag van radioactief materiaal beschadigd raakt en kan worden verspreid door de rookpluim van de brand of door de verspreiding van besmet bluswater85. Recent is door VRHM een informatiekaart ontwikkeld voor stralingsincidenten waarop onder andere het netwerk wordt benoemd en de maatschappelijke effecten.

Bijlagen

CBRN-incidenten zijn incidenten waarbij chemische, biologische, radiologische of nucleaire stoffen vrij kunnen komen81. Organisaties die zich beroepshalve bezighouden met kernenergie of daaraan gerelateerde zaken vallen onder de kernenergiewet82. Deze organisaties zijn daardoor gebonden aan strikte wet- en regelgeving om de kans op een incident zo klein mogelijk te maken. Dit heeft te maken met de mogelijke gevolgen van een kernongeval: zeer grote effectgebieden, onmiddellijke politieke en maatschappelijke onrust en de benodigde specialistische deskundigheid.

De Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS) is een partij die over veel kennis beschikt en geraadpleegd kan worden.

2.3.1 Beoordeling impact Territoriale veiligheid Hoewel in onze regio geen A-objecten gelegen zijn, kan een CBRN-incident in bijvoorbeeld de kernreactor in Delft grote impact hebben op de integriteit van het grondgebied van Hollands Midden. De stof die tijdens een CBRN-incident vrijkomt, kan de omgeving vervuilen en daarmee de integriteit van het grondgebied aantasten.

Fysieke veiligheid

Binnen regio Hollands Midden bevindt zich geen A-object. In de directe buurregio, Haaglanden, bevindt zich één A-object. In Delft staat een kernreactor die in beheer is van de Universiteit van Delft. Er bevinden zich wel B-objecten in de regio. VRHM beschikt niet over een overzicht van alle B-objecten in de regio.

Bij CBRN-incidenten kunnen mensen, dieren, objecten en/of de omgeving met de CBRN-stof besmet raken. Dat kan zijn een uitwendige besmetting (bijvoorbeeld van kleding, haar of huid, en/of een inwendige besmetting (via inademen, door het eten of drinken van besmette voedingsmiddelen (ingestie), een wond in de huid of rechtstreeks via intacte huid). Negatieve gevolgen voor de gezondheid kunnen zich in geval van een CBRN-incident ook pas na lange tijd openbaren.

81 IFV (2014). CBRN-incidenten en zelfredzaamheid. 82 Wetten.overheid.nl. Regeling - Kernenergiewet - BWBR0002402. Geraadpleegd op 4 november 2021. 83 IFV (2021). Landelijk Crisisplan Straling.

84 Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle Nucleaire inrichtingen (klasse I) | FANC - Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle (fgov.be). Geraadpleegd op 2 december 2021 85 Ministerie van Infrastructuur en Milieu (2017), Responsplan Nationaal Crisisplan Stralingsincidenten.

29

Veiligheid van cultureel erfgoed

Economische veiligheid De kosten van een CRBN-incident kunnen hoog oplopen. De schoonmaak van zowel de omgeving als dieren en objecten kan lange tijd in beslag nemen. Daarnaast zullen veel mensen zorg nodig hebben (zowel korte als lange termijn).

Ecologische veiligheid Flora en fauna kunnen aangetast worden door het vrijkomen van radiologische of nucleaire stoffen. Wanneer radioactief afval terecht komt in de natuur, is dat erg schadelijk voor zowel dier als milieu. Er worden daarom strikte regels hierover opgelegd aan bedrijven die met radioactief of nucleair afval te maken hebben.

Sociale en politieke stabiliteit

CBRN-incidenten kunnen culturele objecten en monumentale gebouwen besmetten. Deze objecten en gebouwen zijn na besmetting met de CBRN-stof niet toegankelijk voor publiek en kunnen door het reinigen beschadigd raken.

Conclusie De impact van dit soort incidenten kan groot zijn, maar dit is afhankelijk van de aard, omvang en locatie van het incident.

2.3.2 Beoordeling waarschijnlijkheid

Bijlagen

De hoeveelheid doden en gewonden die zullen vallen bij een incident is afhankelijk van de locatie van het incident en het aantal personen in de nabije omgeving. Hoe meer mensen aanwezig, hoe groter het aantal dat getroffen kan worden. De toenemende verdichting kan ervoor zorgen dat bij een incident het aantal slachtoffers groter wordt. Er komen steeds meer gebieden die dicht bebouwd en bewoond zijn.

In de regio bevinden zich geen radiologische of nucleaire bronnen. De kans op een dergelijk incident wordt daarom vrij onwaarschijnlijk beschouwd.

2.3.3 Beoordeling beleving De Veiligheidsmonitor kijkt niet specifiek naar de risicobeleving rondom radiologische en nucleaire incidenten. Hierdoor is deze niet te vergelijken met de impact- en waarschijnlijkheidsanalyse.

Het dagelijks leven kan met name verstoord worden door angst onder de bevolking als gevolg van onbekendheid met dergelijke incidenten en de bijbehorende gezondheidsrisico´s. Wat betreft het lokale en regionale openbaar bestuur is de impact gering. De kans dat dit soort incidenten van invloed zijn op het functioneren van het openbaar bestuur wordt niet groot geacht. Afhankelijk van het soort incident kan de bevolking angstig reageren. De onbekendheid met radiologische en nucleaire stoffen draagt hieraan bij. Door op tijd een duidelijk handelingsperspectief te communiceren kan deze impact worden verminderd.

30

3 Continuïteit Vitale Voorzieningen • Verstoring elektriciteitsvoorziening; • Verstoring gasvoorziening; • Verstoring drinkwatervoorziening; • Verstoring rioolwaterafvoer en afvalwaterzuivering; • Verstoring telecommunicatie en ICT; • Verstoring afvalverwerking; • Verstoring voedselvoorziening. De volgende aanjagers hebben invloed op dit crisistype en de incidenttypen: hyperconnectiviteit, digitale afhankelijkheid, energietransitie en klimaatverandering

3.1 Verstoring elektriciteitsvoorziening Wanneer door een stroomstoring geen elektriciteit geleverd kan worden, kan dit voor grote problemen zorgen. Telefooncentrales kunnen uitvallen, mobiele communicatie raakt mogelijk overbelast, CV-installaties werken niet meer, de druk op de waterleiding kan wegvallen, bepaalde bedrijven kunnen geen diensten meer leveren en de productie van goederen kan stil komen te liggen. Als de verstoring van de elektriciteitsvoorziening langdurig aanhoudt, kunnen er grote problemen ontstaan86. Elektriciteitsstoringen kunnen verschillende oorzaken hebben. Voorbeelden hiervan zijn werkzaamheden, overbelasting van het netwerk of extreem warm weer. 86 Crisis.nl. Stroomuitval. Geraadpleegd op 18 oktober 2021.

Bijlagen

Onder dit thema vallen de volgende crisistypen:

Daarnaast kan ook de energietransitie van invloed zijn op mogelijke verstoringen van de elektriciteitsvoorziening87. De energietransitie heeft namelijk tot gevolg dat het ‘traditionele’ eenrichtingsverkeer (van producent naar gebruiker) verandert in een tweerichtingsverkeer, waarbij de gebruiker zelf ook stroom produceert. Het aanbod van stroom kan hierdoor groter worden dan de capaciteit van het netwerk (congestie). Daarbij komt ook dat het elektriciteitsverbruik van huishoudens toeneemt. De grotere variatie in de stromen en hogere pieken in de netbelasting hebben als gevolg dat netbeheerders meer moeten doen om het spanningsniveau in de elektriciteitsnetten op peil te houden en om overbelasting van netdelen te voorkomen88. Naast het beheer van het net, bewaakt TenneT de betrouwbaarheid en continuïteit van de Nederlandse elektriciteitsvoorziening. Stedin en Liander zijn in Hollands Midden verantwoordelijk voor het regionale gas- en elektriciteitsnetwerk. Bovenop de ‘gebruikelijke’ kleine en kortdurende stroomstoringen (zo’n 55 per dag89), komen ook grote en langdurige stroomstoringen voor. Bijvoorbeeld op 17 januari 2017 in Amsterdam, toen 360.000 aansluitingen zonder stroom kwamen te zitten. En op 15 maart 2018 vond een grote stroomstoring plaats in Leiden en omgeving, waarbij 100.000 huishoudens zonder stroom kwamen te zitten.

De verwachting is dat dit soort verstoringen in de toekomst alleen maar toenemen. Als gevolg van klimaatverandering wordt de kans op extreme weersomstandigheden, zoals extreme hitte, groter. Wanneer de grond zo heet wordt dat de warmte niet meer weg kan, kunnen stroomstoringen ontstaan. Het elektriciteitsnet is namelijk niet berekend op deze warmte. Met extreme warmte is de kans hierop dus groter en door de klimaatverandering komt extreme warmte vaker voor90. 87 Vemw.nl Congestie (vemw.nl). Geraadpleegd op 18 oktober 2021. 88 Rijksuniversiteit Groningen (2017). Energietransitie en de elektriciteitsmarkt. Verkenning van een gespannen relatie. 89 Radar.avrotros.nl. 55 stroomstoringen per dag in Nederland. Geraadpleegd op 18 oktober 2021. 90 Omropfryslan.nl Liander waarschuwt voor meer stroomstoringen door heet weer. Geraadpleegd op 18 oktober 2021

31

Economische veiligheid De kosten van een langdurige en grote stroomstoring kunnen in de miljoenen lopen. In het geval van de stroomstoring in de Bommelerwaard veroorzaakt door een Apache helikopter, moest Defensie 40 miljoen euro aan schadeclaims betalen91. Klanten krijgen 35 euro van het elektriciteitsbedrijf vergoed voor de eerste vier tot acht uur dat zij geen stroom hebben. Vervolgens krijgen zij 20 euro vergoed voor iedere vier uur dat de stroomuitval langer duurt92. Daarbij komen nog de kosten voor eventuele herstelwerkzaamheden.

3.1.1 Beoordeling impact

Sociale en politieke stabiliteit

Territoriale veiligheid Uitval van de elektriciteitsvoorziening kan vergaande gevolgen hebben, zeker nu de samenleving door de energietransitie steeds meer afhankelijk wordt van elektriciteit. Ook kan door de toenemende hyperconnectiviteit een elektriciteitsstoring tal van cascade-effecten hebben. Zo kan bijvoorbeeld de straatverlichting en de verkeersregelinstallaties uitvallen waardoor gebieden verminderd bereikbaar zijn en onveilig worden.

Fysieke veiligheid Een stroomstoring zal niet direct tot dodelijke slachtoffers leiden. Echter kunnen mensen als gevolg van stroomuitval wel in benarde situaties terecht komen. Dit is bijvoorbeeld het geval voor mensen die afhankelijk zijn van medische apparatuur. Daarnaast vormt extreem weer in combinatie met stroomuitval een extra risico voor mensen met een verminderde weerbaarheid, zoals ouderen en zieken. Zij lopen een verhoogd risico op lijden of overlijden als tijdens extreme hitte of koude, het koelingssysteem of de verwarming niet meer werkt. Het zijn dus met name risicogroepen die indirect slachtoffer kunnen worden van verstoring van de elektriciteitsvoorziening.

Ecologische veiligheid

Bijlagen

In het geval van een stroomstoring zullen regionale netbeheerders de gevolgen zoveel mogelijk proberen te beperken. Over het algemeen is het mogelijk om huishoudens in het geval van een stroomstoring om te schakelen naar een ander onderdeel van het netwerk zodat mensen snel weer over stroom beschikken. Dit is echter niet altijd mogelijk. Er zijn afspraken gemaakt tussen de netbeheerders en de veiligheidsregio in het kader van informatiemanagement. Zo informeert de netbeheerder de veiligheidsregio indien er een station is uitgevallen en de stroomvoorziening ‘kritiek’ wordt. Het verzorgen van noodenergie is de verantwoordelijkheid van de afnemers, zowel particulier als zakelijk, zelf.

De impact van een verstoring van de elektriciteitsvoorziening op flora en fauna is zeer gering.

Afhankelijk van de aard en omvang van de verstoring kan het openbare leven ernstig verstoord raken door een uitval van elektriciteit. De impact van een dergelijke storing wordt nog eens versterkt door onze huidige afhankelijkheid van digitale systemen en netwerken. Wanneer de elektriciteit uitvalt kan bijvoorbeeld het betalingsverkeer, verkeerslichten en het openbaar vervoer stil komen te liggen. Niet alleen zullen burgers in hun privésfeer last ondervinden. Een uitval hindert ook bedrijven en openbare instellingen, zoals ziekenhuizen en zorginstellingen, in het uitvoeren van hun dagelijkse werkzaamheden. Hoewel het aantal instellingen met een eigen noodstroomvoorziening beperkt is, zijn de meeste stroomstoringen van zodanig korte duur dat dat geen probleem vormt.

91 IFV, Politieacademie en Vrije Universiteit Amsterdam (2008) Stroomuitval in de Bommeler- en Tielerwaard in december 2007 92 Consuwijzer.nl. Er is een stroomstoring geweest. Geraadpleegd op 18 oktober 2021.

32

3.1.2 Beoordeling waarschijnlijkheid

De sociaal psychologische impact is afhankelijk van de hoeveelheid huishoudens en organisaties die getroffen zijn en hoelang de verstoring duurt. Kleine stroomstoringen zullen als hinderlijk worden ervaren maar niet enorme sociaal psychologische impact hebben. Wanneer de verstoring van de elektriciteitsvoorziening langer aanhoudt, zal de sociaal psychologische impact toenemen.

Veiligheid van cultureel erfgoed Als elektriciteitsvoorziening langdurig uitvalt en het klimaatbeheersingssysteem uitvalt, kunnen waardevolle kunstobjecten beschadigd raken. Daarnaast vormt de uitval van elektriciteit een indirecte dreiging omdat het kan leiden tot de uitval van beveiligingssystemen en alarminstallaties wat cultureel erfgoed meer kwetsbaar maakt voor diefstal.93

Conclusie

De kans op een langdurige en/of grootschalige verstoring van de elektriciteitsvoorziening is vrij gering. Landelijke uitvallen van de elektriciteitsvoorzieningen kunnen goed opgevangen worden door de inrichting van het netwerk. Op lokaal niveau vormen overbelasting, veroudering en graafwerkzaamheden de meest voorkomende oorzaken van een stroomstoring. In 2020 was de jaarlijkse uitvalduur gemiddeld 21 minuten per burger en het gemiddeld aantal getroffenen 100 per onderbreking94. Vanwege de energietransitie wordt onze afhankelijkheid van elektriciteit steeds groter. Daarnaast gaan consumenten steeds meer elektriciteit zelf produceren. Het elektriciteitsnetwerk is (nog) niet volledig toegerust op deze variëteit van stromen en pieken (congestie van het netwerk) waardoor het voor de netbeheerders moeilijker is om de juiste netbalans te handhaven. De kans op stroomuitval zal daarom in de toekomst toenemen. De energietransitie leidt daarnaast ook tot een toenemend aantal grondwerkzaamheden. De ontwikkelingen rondom de energietransitie moeten daarom nauwlettend in de gaten worden gehouden. VRHM kan dit doen door nauw samen te werken met partners en met elkaar te communiceren over de voortgang van deze trends.

Bijlagen

Elektriciteit wordt beheerd door private partijen. De impact op het functioneren van het bestuur (landelijk of regionaal) zal daardoor niet (direct) groot zijn. Wel kan het van invloed zijn op de openbare orde en veiligheid, doordat bijvoorbeeld verkeersinstallaties uit kunnen vallen.

Afhankelijk van de aard en omvang van de stroomstoring kan dit een grote impact hebben. Zowel in kosten als op het dagelijks leven van mensen.

93 Faro.be. Bent u voorbereid op een brown-out of black-out? Geraadpleegd op 26 oktober 2021.

94 Netbeheernederland.nl. Energienet in 2020 meer dan 99,99 procent betrouwbaar. Geraadpleegd op 26 oktober 2021

33

3.1.3 Beoordeling beleving

3.2 Verstoring gasvoorziening

Omdat alle leidingen eerst moeten worden schoongemaakt voordat de desbetreffende gasaansluiting kan worden hersteld, kan de verstoring van de gasvoorziening enkele dagen duren.

3.2.1 Beoordeling impact Territoriale veiligheid Verstoring van de gasvoorziening heeft niet direct verstrekkende gevolgen voor de regio en haar bewoners. Mensen en organisaties kunnen een bepaalde periode zonder gas komen te zitten, afhankelijk van de omvang en duur van de verstoring, maar de gevolgen voor de integriteit van het grondgebied blijven beperkt.

Verstoringen in de gasvoorziening houdt in dat huizen, bedrijven, ziekenhuizen, verzorgingshuizen en overige gebouwen in het getroffen gebied geen gas meer krijgen. Dit betekent dat het niet mogelijk is om op gasfornuizen te koken en dat er geen verwarming of warm water meer is. De gevolgen van een uitval van de gasvoorziening zijn daarom in de winter en/of met koud weer erger dan in andere jaargetijden. Het gastransportnet wordt beheerd door Gastransport Services, onderdeel van de Nederlandse GasUnie, de distributienetten vallen in Hollands Midden onder toezicht van Stedin en Liander.

Fysieke veiligheid

Storingen van de gasvoorziening ontstaan voornamelijk als gevolg van het falen van een gasleiding. Dit kan komen door graafwerkzaamheden, maar ook bijvoorbeeld door het falen van andere naastgelegen leidingen of het falen van drukverdeelstation zoals het geval was in Reeuwwijk in 200995. Als een gasleiding bezwijkt, kan deze verontreinigend raken.

De schade voor leveranciers van gas kan groot zijn. Klanten hebben in bepaalde gevallen recht op een vergoeding. Het bedrag wat wordt uitgekeerd is afhankelijk van de duur van de storing en de hoeveelheid gas wat de klant normaal gesproken verbruikt96. Daarnaast moeten de leveranciers ook herstelwerkzaamheden treffen om de gasvoorziening weer werkend te krijgen.

95 Omroep West. Huishoudens Reeuwijk hebben weer gas - Omroep West. Geraadpleegd op 24 februari 2022

96 Stedin.nl. Heb ik recht op vergoeding na een storing? Geraadpleegd op 19 oktober 2021.

Bijlagen

Uit de gegevens van de Veiligheidsmonitor 2019 blijkt dat inwoners van Hollands Midden langdurige uitval van elektriciteit als een laag risico beleven. Hierbij dient wel te worden vermeld dat in de Veiligheidsmonitor geen onderscheid wordt gemaakt tussen de verschillende nutsvoorzieningen (gas, water en elektriciteit) die kunnen uitvallen. Met dit gegeven in acht nemend komt de beleving van de inwoners van Hollands Midden overeen met de impact- en waarschijnlijkheidsanalyse. Deze analyse schaalt een uitval van de elektriciteitsvoorziening (met langere duur) namelijk in als mogelijk met hoge impact.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/1502/documents/19247