CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

D17 RBL HR, jaarverslag 2020-2021.pdf

Gemeenteraad 11 november 2021, gemeente HillegomBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken21.718 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

22

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

Doelstelling 2 – Wij dragen bij aan het tegengaan van VSV 2.1 – VSV-aanpak gezamenlijk, in dit verslag focus op inzet RBL Het doel van de verzuimaanpak (zie hoofdstuk 3) van het RBL is voortijdig schoolverlaten (VSV) voorkomen. Dit is in het belang van de jongere, én in het belang van de maatschappij. 18 Als jongeren toch willen of moeten stoppen met hun opleiding, helpen wij hen waar mogelijk naar een andere opleiding. Als een startkwalificatie niet haalbaar blijkt, begeleiden wij ze naar een zo passend mogelijk alternatief. Dit kan bijvoorbeeld werk zijn, maar ook hulpverlening of lokale projecten waar jongeren zich verder ontwikkelen. Individuele gemeenten hebben op die manier ook een belangrijke rol bij voortijdig schoolverlaters. Bij het tegengaan van VSV werken veel verschillende partijen en mensen samen. Jongeren zijn natuurlijk eerst zelf verantwoordelijk voor hun schoolloopbaan. Ook hun sociale netwerk is een belangrijke factor. Daarnaast hebben docenten, mentoren en begeleiders op school een heel belangrijke rol. Zij hebben dagelijks contact met hun studenten. Door hun inzet, aandacht en inspiratie dragen zij bij aan het voorkomen van voortijdige schooluitval. Bovenop deze samenwerking worden extra maatregelen ingezet in het regionale VSV-programma, om voortijdig schoolverlaten te voorkomen.

In dit programma wordt in regionaal verband samengewerkt door verschillende partijen. In december 2020 is het vierjarige VSV-programma “Op naar de Finish” afgerond. In januari 2021 is het nieuwe regionale VSV-programma 2021-2024 van start gegaan. Het nieuwe programma is tot stand gekomen met inbreng van docenten, begeleiders van scholen, gemeenten, (jeugd)hulporganisaties en jongeren. Vanaf 2020 financieren de gemeenten, aanvullend aan het regionale VSV-programma, gezamenlijk een aantal VSV-projecten en een maatwerkbudget. Het doel hiervan is het voorkomen en verder terugdringen van voortijdig schoolverlaten. De projecten en het maatwerkbudget richten zich met name op kwetsbare jongeren. Het RBL is als beheerder van de middelen betrokken en zorgt voor de inhoudelijke afstemming met gemeenten, scholen, projectleiders en het PHO-Maatschappij. In juni 2021 zijn deze gemeentelijke VSV-projecten geëvalueerd. Geconcludeerd is dat deze inzet nodig is, effectief is en een goede bijdrage levert aan het terugdringen van voortijdig schoolverlaten. Door het PHO maatschappij is geadviseerd de gemeentelijke VSV-projecten vanaf 2022 voor ten minste vier jaar te continueren. Voortgang en monitoring van de regionale en gemeentelijke VSV Projecten vindt plaats in de Regiegroep VSV, waarin bestuurders van gemeenten en het onderwijs participeren. Hierdoor worden de projecten in samenhang ingezet.

Dit jaarverslag richt zich op de inzet van het RBL om voortijdige schoolverlaten te voorkomen. Deze inzet is zowel gericht op nieuwe vsv’ers (uitgevallen in het huidige schooljaar), als op oude vsv’ers (uitgevallen in eerdere schooljaren). Cijfers en analyses over het aantal nieuwe vsv’ers in de regio rapporteert het RBL altijd in de VSV-analyse in maart. Zie hier de meest recente vsv-analyse over schooljaar 2019-2020.

18 MBO studenten die hun startkwalificatie halen, leveren de maatschappij drie keer zoveel op als de

kosten van hun studie, bleek recent nog uit onderzoek: https://nos.nl/artikel/2394824-opbrengst-mbostudenten-drie-keer-zo-hoog-als-kosten-studie 23

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

2.2 – Grootste deel VSV’ers in beeld Het RBL heeft steeds vaker al contact met jongeren vóór uitval. Het doel hiervan is zo veel mogelijk uitval voorkomen in samenwerking met scholen. Als er nog geen contact is geweest, dan wordt zo snel mogelijk na uitval contact gezocht. Ook in de jaren daarna wordt contact gehouden met de zogenaamde oud-VSV’ers. Het belangrijkste doel van deze benadering is passende begeleiding aanbieden. De consulenten voortijdig schoolverlaten gaan samen met het netwerk van de jongere op zoek naar mogelijkheden die voor deze jongere passend zijn. Dit kan terugkeer naar onderwijs zijn, maar dat hoeft niet per se. Soms is werk of hulpverlening logischer. Door deze aanpak beschikt het RBL inmiddels over interessante data voor gemeenten over voortijdig schoolverlaten, de wensen van de benaderde jongeren en de eventuele belemmeringen om deze wensen te realiseren. Het verzamelen van data is uiteraard niet het hoofddoel, maar kan gemeenten helpen bij het analyseren van problemen en het uitwerken van oplossingen. Ontvangen feedback van een jongere: “Hi Annetthe, het gaat super goed op stage ik vind het heel erg leuk en heb al 2 examens afgrond met een 7 ik ga volgende week mijn laatste praktijkexamen doen en daarna mijn stageverslag afronden. Ik ben rond 16-6 klaar en heb vandaag nog contact gehad met mijn stagebegeleider van het mboRijnland.

Bedankt nog voor alles wat u voor mij gedaan heeft, echt ik waardeer het enorm.”

2.2.1 – Aandeel bereikte nieuwe uitvallers is gestegen van 80% naar 88% Wij definiëren nieuwe uitvallers als ‘jongeren boven de 18 die ergens in het afgelopen schooljaar zijn uitgevallen en minimaal een maand als uitvaller bij ons bekend zijn geweest 19’. In schooljaar 2020-2021 is 88% van de nieuwe uitvallers bereikt. Hiermee bereiken we een fractie meer uitvallers dan de vorige piek in 2018-2019 (86%). In 2019-2020 lag een aandeel met 80% iets lager. In dat schooljaar hebben wij een aantal maanden geen huisbezoeken kunnen doen vanwege de harde lockdown.

Dit jaar iets meer nieuwe uitvallers bereikt Aandeel nieuwe uitvallers bereikt 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0%

86% 77%

2017-2018

2018-2019

88% 80%

2019-2020

2020-2021

Het RBL heeft afgelopen schooljaar voor het eerst met de ‘overstapmodule MBO-MBO’ van Intergrip gewerkt. Hiermee is zichtbaar of een jongere in het aanmeldproces zit van een MBO-instelling. Als 19

Wij rapporteren op het aantal bereikte uitvallers. Dit is wat anders dan voortijdig schoolverlaters. Alle jongeren die stoppen met hun opleiding, zijn een uitvaller. Alleen jongeren die na 1 oktober van het opvolgende schooljaar nog steeds niet ingeschreven zijn op een opleiding, zijn voortijdig schoolverlater. De opgave voor het RBL is om te zorgen dat uitvallers weer starten met een opleiding, zodat zij geen voortijdig schoolverlater worden.

24

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

jongeren willen overstappen naar een andere opleiding en een aanmelding hebben gedaan, is de noodzaak om contact te leggen kleiner. Hierdoor kunnen we meer tijd vrijmaken voor jongeren die nog geen schoolaanmelding hebben en onze steun dus beter kunnen gebruiken. Door gebruik van de module hebben wij afgelopen schooljaar het aantal te benaderen jongeren kunnen reduceren met 35. Dit resultaat is nog enigszins beperkt. Hier speelt mee dat veel MBO-instellingen nog niet helemaal gewend zijn aan het – verplichte – up to date houden van Intergrip.

2.2.2 – Persoonlijke problematiek vaker belangrijk bij uitval Aan alle jongeren die stoppen met hun opleiding wordt door onze consulent gevraagd wat de reden hiervan is. Op basis van eerdere ervaringen heeft het RBL dit geclassificeerd in vijf hoofdoorzaken van uitval. Steeds vaker lijken persoonlijke, veelal psychische problemen een belangrijke rol te spelen bij uitval. Afgelopen schooljaar was het zelfs de vaakst geregistreerde oorzaak (123 keer van de 370 uitvallers, tegen 104 van de 397 in schooljaar 2019-2020). In schooljaar 2019-2020 was ‘verkeerde opleidingskeuze’ nog de meest genoemde reden om te stoppen met een opleiding. De Corona-crisis heeft deze verschuiving mogelijk beïnvloed. Voor jongeren die toch al potentieel kwetsbaar zijn, kunnen de corona-maatregelen een extra duwtje de verkeerde kant op vormen. Door het onderwijs op afstand verliezen deze jongeren hun binding met docenten, studieloopbaanbegeleider (SLB’er) en klasgenoten. Zij worden letterlijk en figuurlijk ‘niet gezien’. Sommigen van deze jongeren krijgen zelfs depressieve klachten door het sociale isolement. Voor andere jongeren is het online onderwijs simpelweg niet geschikt. Zij raken totaal gedemotiveerd en haken af. Overigens blijkt uit gesprekken die wij voeren dat er vrijwel nooit één oorzaak is.

Psychische problemen en de inhoudelijke motivatie voor een opleiding kunnen elkaar veroorzaken en/of versterken.

Medische/Psychische/Persoonlijke problemen belangrijkste oorzaak uitval Antwoord van bereikte jongeren bij stoppen met de opleiding 33%

Medische/psychische/persoonlijke problemen

31%

Verkeerde opleidingskeuze 16%

Wil werken Studie te moeilijk en/of NSA

10%

Kwaliteit inhoud onderwijs / begeleiding

10% 0%

5%

2020-2021

10%

15%

20%

25%

30%

35%

40%

2019-2020

2.2.3 – Aandeel bereikte oud-VSV’ers verder gestegen Bij het terugdringen van voortijdig schoolverlaten gaat het niet alleen om nieuw uitgevallen jongeren, maar ook om jongeren die al voor dit schooljaar uitvielen (oud-VSV’ers). Hierbij focussen we primair op de jongeren die te weinig verdienen om zelfstandig in hun levensonderhoud te kunnen voorzien. De grens hiervoor ligt op 300 euro per maand. Deze ‘primaire doelgroep’ bereiken we door te bellen, appen of door op huisbezoek20 te gaan. Het doel is dat we minimaal één keer per jaar contact hebben. Bij jongeren die een uitkering ontvangen heeft de woongemeente van de jongere de regie.

20

We gaan op huisbezoek, indien het telefoonnummer niet bekend is of we de jongere telefonisch niet kunnen bereiken. Huisbezoeken zijn daarmee onaangekondigd.

25

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

We bereiken wederom meer oud-VSV'ers Aandeel bereikte oude-VSV'ers in primaire doelgroep 70%

63% 58%

60% 50% 40%

43% 36%

30% 20% 10% 0% 2017-2018

2018-2019

2019-2020

2020-2021

Dit schooljaar is het aandeel bereikte oud-VSV’ers in de primaire doelgroep verder gestegen. Juist in deze Corona-tijd is het nodig dat we jongeren hebben kunnen blijven spreken. Net als in 2019-2020 ging het ook afgelopen schooljaar vanwege de corona-maatregelen vooral om ‘straatbezoeken’21. Bij alle bezoeken die niet slagen, doen we een kaartje in de brievenbus met uitleg over wat het RBL voor een jongere kan betekenen. Hierdoor heeft elke jongere de mogelijkheid contact op te nemen, hetgeen ook af en toe gebeurt. Zo niet, dan doen we na een half jaar opnieuw een huisbezoek. Het aandeel ligt met 63% wel nog duidelijk onder de 88% die we bereiken onder de nieuwe uitvallers. Een belangrijke verklaring hiervoor is dat jongeren soms maar enkele maanden in een schooljaar binnen onze primaire doelgroep vallen. Wanneer die periode kort volgt op een moment waarop we de jongeren al gesproken hebben, gaan we niet nog een keer op pad. Zie onderstaand voorbeeld: Voorbeeld: een jongen van 20 zonder werk en zonder uitkering is in juni 2020 bezocht met een huisbezoek en wil geen begeleiding. Hij wil het zelf uitzoeken en dat lukt ook, want hij vindt snel daarna werk in een supermarkt, waarmee hij meer dan 1000 euro per maand verdient. Hiermee verdwijnt hij uit onze doelgroep. In oktober 2020 raakt hij zijn baan kwijt, en valt hij weer in onze doelgroep.

Maar omdat we hem vier maanden geleden nog hebben gesproken, contacteren wij de jongere niet. Ons beleid bij oud-vsv’ers is om contactmomenten niet te kort op elkaar te plannen, om zo te voorkomen dat we jongeren overvragen. Vanzelfsprekend kan de jongere ons wél bereiken. Tijdens het bezoek in juni heeft de betrokken consulent haar contactgegevens achtergelaten. Als de jongen werkloos zou blijven, staat hij gepland om weer te contacteren in april/mei 2021. In februari 2021 vindt de jongere echter nieuw werk, en valt hij weer uit onze doelgroep. Deze jongere is volgens onze definitie in schooljaar 2020-2021 dus wél oud-vsv’er geweest, maar we hebben hem – om goede redenen – dit schooljaar niet gecontacteerd, en daarmee niet bereikt.

21

Gesprekken vinden hierbij i.v.m. Corona niet binnen plaats, maar voor de deur.

26

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

2.3 – Dagbesteding VSV’ers: merendeel is naar tevredenheid aan het werk 2.3.1 – Klap corona-crisis op arbeidsmarktpositie vsv’ers achter de rug In juli 2021 had 51% van alle VSV’ers inkomsten uit (loon)dienst en verdiende meer dan 300 euro.22 Dit is een flinke stijging ten opzichte van juli 2020. Het aandeel VSV’ers zonder werk (met al dan niet een uitkering) daalde juist iets. Hiermee lijkt de ergste klap van de Corona-crisis gelukkig alweer achter de rug. De evenementenbranche ligt nog altijd grotendeels plat, ook de reisbranche is nog lang niet terug op niveau. Maar de horeca is inmiddels weer grotendeels open, en met de test-industrie is er ineens een behoorlijke sector bijgekomen. Het niveau van 2018-2019 (55% van de vsv’ers met werk) is echter nog niet bereikt. In de “Aanpak jeugdwerkloosheid” werken de gemeenten, mboRijnland, de SBB en het RBL samen om de gevolgen van de coronacrisis voor jongeren op te vangen. De verbeterde situatie op de arbeidsmarkt biedt jongeren meer kansen. Het behalen van branchecertificaten en het aanbieden van leerbanen of stages biedt jongeren zonder startkwalificatie mogelijkheden op een betere positie op de arbeidsmarkt. In de trajectbegeleiding van het RBL wordt nauw samengewerkt met verschillende gemeenten en organisaties om dit mogelijk te maken.

Meer VSV'ers hebben werk Aandeel van alle VSV'ers op 31 juli, naar inkomenspositie 60%

55% 51% 48%

50% 40%

39% 35%

37%

30% 20% 13% 10%

10%

11%

0% Geen of weinig werk, geen uitkering 2018-2019

Werk 2019-2020

Uitkering 2020-2021

22

Wij ontvangen informatie over de inkomenspositie van onze doelgroep via SUWINET, een elektronische infrastructuur voor gemeenten om hun wettelijke taak te kunnen uitoefenen. Op basis van deze informatie kunnen we onze doelgroep - kwetsbare VSV’ers - scheiden van de VSV’ers die werk hebben en zelfstandig in hun levensonderhoud kunnen voorzien.

27

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

2.3.2 – In bijna alle gemeenten daalt het aantal VSV’ers zonder werk In bijna elke gemeente daalt het aantal jongeren zonder werk, hoewel in de ene gemeente een sterkere daling zichtbaar is dan in een andere. In Leiden ligt het aantal VSV’ers zonder werk inmiddels zelfs weer onder het niveau van voor Corona. In de bollenstreek (Hillegom, Lisse, Teylingen) is dat nog niet het geval. Dit houdt mogelijk verband met verschillen in plaatselijke arbeidsmarktontwikkelingen.

In bijna alle gemeenten daalt aantal VSV'ers zonder werk Aantal VSV'ers per gemeente zonder of met beperkt inkomen of met uitkering 400 350 300 250 200 150 100 50 0

351

333

128 129 39 49

56 60

50 61

2019

37 50

2020

79 87 47 45

54

83

45 58 12 11

2021

28

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

2.4 – Begeleidingstrajecten door het RBL Het RBL wil met VSV’ers in contact komen om in ze in beweging te krijgen. Uitvinden wat een jongere motiveert en hierop inspelen, is essentieel in het bereiken van resultaat. Bij jongeren die nu geen dagbesteding hebben, kan werk of een hulpverleningstraject meer passend zijn dan (direct) terugkeren naar het onderwijs. Wij denken met jongeren mee en coachen ze in hun zoektocht naar een volgende stap.

2.4.1 – 1 op 10 jongeren in begeleiding, net als vorig schooljaar Het aandeel VSV’ers dat we begeleiden ligt ongeveer op hetzelfde niveau als vorig schooljaar: voor nieuwe VSV’ers op 11%, voor oude VSV’ers op 10%. Onder een traject verstaan wij dat een jongere minimaal twee afspraken met het RBL heeft gehad. Een aanzienlijke groep is met één gesprek al verder geholpen en kan het verder zelf regelen. Deze gesprekken zijn niet meegenomen in onderstaande overzichten. Veel jongeren hebben geen behoefte aan begeleiding omdat ze aan het werk zijn en hier tevreden mee zijn. Ook geven jongeren vaak aan dat ze geen hulp nodig hebben op dit moment, of het zelf uit willen zoeken. Het RBL merkt dat het vaak een kwestie van timing is: soms komen we op het goede moment en staat een jongere open voor een nieuwe stap. Juist daarom is het zo belangrijk om geregeld contact te houden met (oud)-VSV’ers.

1 op de 10 VSV'ers wil begeleiding Aandeel VSV'ers dat begeleid is, per jaar 12% 10% 8% 6% 4% 2% 0%

11%

10%

10%

10%

7%

6%

Nieuw VSV'ers

Oude VSV'ers

2018-2019

2019-2020

2020-2021

Terwijl het aandeel jongeren in begeleiding gelijk is gebleven, is het aantal jongeren dat wij begeleidden wel iets gedaald. De belangrijkste verklaring hiervoor is dat het totaal aantal vsv’ers ook flink gedaald is. Scholen waren in de Corona-crisis zeer terughoudend met het uitschrijven van jongeren. Met 160 gestarte trajecten ligt het aantal wel flink hoger dan in 2017-2018 en 2018-2019

Minder uitvallers, dus minder begeleidingstrajecten Aantal nieuwe begeleidingstrajecten, onderverdeeld naar nieuw en oude VSV'ers 200 150 100 50 0

128

114

72

72

46

40

58

46

2017-2018

2018-2019

2019-2020

2020-2021

Nieuwe VSV'ers

Oud VSV'ers

29

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

2.4.2 – RBL helpt VSV’ers aan onderwijsplek of werk Consulenten zijn afhankelijk van de motivatie van jongeren. Het komt regelmatig voor dat jongeren, met of zonder overleg vooraf, een traject tussentijds stoppen. Dit jaar zijn 71 jongeren vanuit onze primaire doelgroep succesvol begeleid richting school, werk of is de regie overdragen aan specialistische hulpverlening. Dat zijn er iets minder dan in 2019-2020, als gevolg van het feit dat er minder vsv’ers zijn en daarmee minder begeleidingstrajecten gestart zijn. Maar wel flink meer dan in de pre-corona jaren 2017-2018 en 2019-2020. Het aandeel succesvol afgeronde begeleidingstrajecten bleef stabiel in vergelijking met schooljaar 2019-2020.

Opnieuw veel jongeren toegeleid naar school, werk, of passende hulp Aantal begeleidingstrajecten met positief resultaat, per jaar 100 80

11

60

17

25 12 8

11 17

40 20

48

34

22

0

20

2017-2018

2018-2019 Naar school

Naar werk

34

2019-2020

2020-2021

Naar ketenpartner

Begeleiden naar school of werk kan gezien worden als een positief resultaat. De vraag is natuurlijk of dit resultaat ook duurzaam is. Om die vraag te beantwoorden hebben wij gekeken naar de dagbesteding van jongeren, zo’n twee jaar nadat we de begeleiding met een positief resultaat afrondden. Zo checkten we de dagbesteding op 1 oktober 2019, voor jongeren succesvol begeleid in schooljaar 2017-2018. En op 1 oktober 2020, voor jongeren succesvol begeleid in schooljaar 20182019. Voor beide jaren blijkt: zo’n 70% van de jongeren die we succesvol naar school of werk hadden geleid, zaten zo’n twee jaar na dato op school of waren aan het werk. Een enkeling had inmiddels zijn/haar startkwalificatie. Slechts 12% had geen werk, met al dan niet een uitkering. 18% behoorde niet langer tot onze doelgroep (verhuisd of 23 geworden).

Positief resultaat is in 70% van gevallen duurzaam Status jongeren twee jaar later (als % van jongeren met positief resultaat) 2018-2019

69%

12%

19%

2017-2018

69%

13%

18%

0%

20% School of werk

40% Uitkering, geen werk

60%

80%

100%

Einde doelgroep

Ontvangen feedback van een jongere: “Ik ben ontzettend blij met de begeleiding van Irene, ik voelde mij gehoord en ze begreep mij goed en dat vond ik heel fijn”

30

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

2.5 – Alle Praktijk- en Speciaal onderwijsjongeren blijven in beeld Vanaf 1 januari 2019 heeft het RBL de wettelijke taak om ook alle jongeren in beeld te houden die van het Praktijk- en Speciaal onderwijs afkomen. Ook de jongeren die uitstromen naar de arbeidsmarkt of naar dagbesteding. Deze jongeren vallen formeel niet binnen de VSV-doelgroep. Het RBL heeft afgelopen jaar 91 jongeren bezocht uit deze doelgroep, vorig jaar was dat nog 57. Net als bij de VSV’ers (zie volgende paragraaf) hebben we het afgelopen schooljaar ook jongeren bezocht die 300 tot 900 euro verdienen in loondienst. Dit verklaart de flinke stijging. Van de jongeren die zijn bezocht, is meer dan de helft van de jongeren uit deze doelgroep toch aan het werk. Opvallend in vergelijking met de VSV’ers, is het grote aandeel jongeren in een zorgtraject zonder betaald werk en zonder uitkering. In de meeste gevallen wonen deze jongeren bij hun ouders en voorzien ouders (grotendeels) in hun levensonderhoud.

Meeste PrO/VSO jongeren aan het werk... Dagbesteding oud-pro/vso jongeren met uitstroomprofiel werk 56%

Werk: in loondienst 22%

Zorg: in zorgtraject Anders: zoekt werk

5%

Werk: eigen bedrijf

5%

Anders: geen dagbesteding/vraagt uitkering aan

3%

Anders: zoekt opleiding

2%

Anders: zorgtaken (o.a. kind, mantelzorg)

2%

Opleiding: particulier onderwijs

2%

Opleiding: regulier onderwijs

1% 0%

10%

2020/2021

20%

30%

40%

50%

60%

70%

2019/2020

Antwoord op vraag wat oud-pro/vso jongeren wil 51%

Wil blijven werken 22%

Is al in begeleiding bij andere partij 13%

Wil het zelf doen 9%

Jongere wil trajectbegeleiding Zorgt voor anderen

2%

Volgt al een opleiding

2%

Gaat binnenkort naar school

1% 0%

10% 2020/2021

20%

30%

40%

50%

60%

2019/2020

Het RBL onderhoudt korte lijntjes met de PRO en VSO scholen in de regio. Voor een huisbezoek of bij het starten van trajectbegeleiding, stemmen wij af met de school van herkomst. Deze scholen kennen de jongeren goed en hebben een breed werkgeversnetwerk. Ook wordt veel samengewerkt met partners op het gebied van arbeidsbemiddeling, waaronder gemeenten. 31

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

2.6 – Succesvolle pilots met nieuwe doelgroepen Vanuit het Rijk wordt voor alle VSV’ers een prioritering meegegeven op basis van het inkomen. Hierbij krijgen de jongeren met een inkomen onder de 300 euro per maand prioriteit. Het RBL vindt deze grens te laag omdat jongeren die bijvoorbeeld 500 euro per maand verdienen, nog niet zelfstandig kunnen functioneren in de maatschappij. Daarom heeft het RBL bij wijze van pilot het afgelopen schooljaar óók de jongeren die meer dan 300 maar minder dan 900 euro bruto per maand verdienen bezocht. Deze aanpak heeft ervoor gezorgd dat het RBL veel jongeren kon bereiken die door de coronacrisis geraakt zijn. De 300-900 euro groep is niet de enige nieuwe doelgroep die het RBL in 2020-2021 heeft bezocht. Samenwerkend met – en gefinancierd door – de gemeente Leiden, hebben wij Leidse jongeren tussen de 23 en 27 jaar bezocht die geen werk, startkwalificatie of uitkering hebben. 23 Door proactief contact te leggen met deze groep hopen de gemeente Leiden en het RBL ervoor te zorgen dat jongeren (nieuwe) kansen krijgen voor werk, onderwijs of een andere zinvolle dagbesteding. Door (opnieuw) het contact te leggen, ook bij deze oudere leeftijdsgroep, kunnen jongeren soms meer openstaan voor begeleiding.

De verwachting is dat op termijn de landelijke wetgeving verandert waardoor de RMCfunctie uitgebreid gaat worden met de leeftijdsgroep 23 tot 27 jaar. Voor dat dit zover is zijn we vermoedelijk wel enkele jaren verder. Belangrijke vraag voor beide pilots was natuurlijk of jongeren geïnteresseerd zouden zijn in onze begeleiding. En zo ja, of deze begeleiding wat oplevert. De eerste resultaten zijn positief. Het aandeel gestarte begeleidingstrajecten lag bij beide groepen zelfs wat hoger dan bij de reguliere doelgroep. Ook het aandeel positief afgesloten trajecten stemt tot tevredenheid.

Nieuwe doelgroepen: vergelijkbare effectiviteit Aandeel van jongeren (%) 50%

47%

45% 40%

35%

35%

32% 29%

30% 25% 20% 15%

15%

18%

15%

12%

10%

10% 5% 0% Start begeleiding na contact

Resultaat - positief (van gestarte trajecten)

Regulier VSV

SUWI300900

Resultaat - nog open (van gestarte trajecten)

P27

Ondersteund door deze resultaten, willen wij ook volgend jaar de doelgroep van jongeren met een inkomen van 300-900 euro per maand benaderen. Dit kunnen wij financieren met de tijdelijke Rijkssubsidie ‘aanpak jeugdwerkloosheid’. De intentie van het RBL en de gemeente Leiden is om ook de 23-27 doelgroep opnieuw te bezoeken. Uitbreiding naar andere gemeenten binnen de RBL-regio zou een logisch vervolg zijn. Dit wordt momenteel verkend.

De gemeente Leiden heeft vanuit de module ‘jongeren in beeld’ gegevens beschikbaar gesteld aan het RBL van jongeren tussen de 23 tot 27 jaar die geen werk, startkwalificatie of uitkering hebben. 23

32

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

2.7 – Inzet van VSV-voorspelmodel voorlopig van de baan Het RBL mag wettelijk beschikken over een grote hoeveelheid data over leerlingen. Met deze data is het theoretisch mogelijk een model te bouwen, waarmee een voorspelling gedaan kan worden over het al dan niet behalen van de startkwalificatie van een leerling. Geholpen door een dergelijk voorspelmodel zou het RBL vervolgens kunnen differentiëren in de aanpak. De afgelopen jaren hebben wij twee verschillende opties onderzocht om zo’n voorspelmodel in gebruik te nemen: ontwikkelen in eigen beheer (1) of afnemen bij softwareleverancier (2). Beide opties bleken meer nadelen dan voordelen te bieden. Ontwikkelen in eigen beheer brengt een grote kwetsbaarheid voor een kleine organisatie als het RBL, gezien de benodigde hoeveelheid kennis slechts bij één persoon zou worden belegd (data-analist RBL). Juist bij een big-data model is het essentieel altijd goed te kunnen uitleggen waarom het nodig is, hoe het werkt, hoe de privacy wordt gerespecteerd en bijvoorbeeld profiling wordt voorkomen. De afhankelijkheid van die ene persoon bij het kunnen beantwoorden van deze vragen, maakt kwetsbaar. Naast de kwetsbaarheid bleek ook de investering van het bouwen, trainen en incorporeren in het huidige werkproces (te) aanzienlijk.

In de afgelopen jaren hebben verschillende RMC-organisaties in Nederland een vsv-voorspelmodel afgenomen bij een softwareleverancier (‘Ynformed’). Wij hebben deze collega-organisaties gesproken over hun ervaringen. Allemaal zijn ze inmiddels gestopt met het gebruiken van het model. Naast de hoge kosten en vele technische uitdagingen, bleek met name ook de implementatie in de werkprocessen van de consulenten zelf een enorme uitdaging. Voor consulenten van deze RMCorganisaties was het bijvoorbeeld een flinke uitdaging om hun eigen risico-inschatting ondergeschikt te maken aan de risico-inschatting van het model. Op dit moment is ook de betreffende softwareleverancier vanwege gebrek aan vraag gestopt met het aanbieden van het vsv-voorspelmodel. Concluderend denken wij dat het op dit moment niet verstandig is om tijd en geld te investeren aan de implementatie van een vsv-voorspelmodel. Vanzelfsprekend houden wij wel vinger aan de pols bij ontwikkelingen in de branche.

2.8 – Data-analyse RBL draagt bij aan monitoring jeugdhulpuitgaven Bovenstaande betekent allerminst dat wij stilstaan als het gaat om data-gestuurd werken. De uitgaven aan jeugdhulp zijn de afgelopen jaren behoorlijk gestegen in Holland Rijnland. We zien een toenemende trend van gebruik van jeugdhulp. Uiteraard onderschrijven we het gebruik van jeugdhulp voor jongeren die dit nodig hebben, tegelijkertijd zien we de financiële uitdaging van de gemeenten op dit gebied. Data-analyse kan helpen om grip te krijgen op deze uitgaven. Als RBL leveren we daar graag een bijdrage aan. Met de nieuwe inkoopstrategie voor de jeugdhulp en het aparte segment ‘onderwijs’, wordt steeds meer ingezet op collectieve jeugdhulp in het onderwijs. Om goed te kunnen inschatten op welke scholen deze collectieve inzet zou kunnen werken, én om te monitoren in hoeverre deze preventievere collectieve inzet op termijn ook leidt tot een afname van specialistische jeugdhulp, koppelen wij jaarlijks jeugdhulp-data en onderwijs-data aan elkaar. Op deze manier is inzicht te verkrijgen in hoeveel kinderen op een bepaalde school jeugdhulp ontvangen, welk type jeugdhulp dat is, en bij welke aanbieder. Idealiter nemen we ook PGB-data mee in deze analyses, om zo een compleet beeld te kunnen schetsen. Het is aan gemeenten om het mogelijk te maken dat wij deze PGB-data mogen ontvangen en koppelen.

33

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

Doelstelling 3 – We dragen bij aan het terugdringen van verzuimrecidive 3.1 – Inleiding – Rol RBL bij verzuim Uit onderzoek24 blijkt dat kinderen die vaak verzuimen van school een grotere kans hebben om uit te vallen. Dat indirecte doel, het voorkomen van schooluitval, is de belangrijkste reden dat het RBL zich inzet voor het terugdringen van ongeoorloofd schoolverzuim. Daarnaast is er een direct doel: het tegengaan van ongeoorloofd schoolverzuim is – bij 18min - op zichzelf een wettelijke taak van het RBL. De eerste verantwoordelijkheid voor het aanpakken van verzuim ligt bij de school. Als RBL staan we de school bij. Zo voeren wij soms preventieve gesprekken op de scholen en adviseren we hen bij beginnend verzuim, om zo te voorkomen dat het verzuim oploopt. Als een leerling minimaal 16 uur in 4 weken verzuimt is de school verplicht (volgens wet of regionale afspraak) een verzuimmelding te doen bij DUO. De school geeft daarbij ook aan of actie gewenst is. Via DUO komt de melding bij het RBL binnen. Het RBL stemt af met school en gaat met de leerling en ouder(s)/verzorger(s) in gesprek om de reden van het verzuim te bepalen. Verzuim kan namelijk een signaal zijn van achterliggende problematiek. In alle gevallen gaat het RBL samen met de leerling en ouder(s)/verzorger(s) en eventueel andere instanties op zoek naar een oplossing om het verzuim te stoppen.

In het gesprek met de leerling en ouder(s)/verzorger(s) gaan onze consulenten ten eerste altijd na of het verzuim verwijtbaar is. Dit is niet altijd het geval. Wanneer het verzuim verwijtbaar is, maakt het RBL vaak afspraken om het verzuim te stoppen. Soms is een officiële waarschuwing op zijn plaats. Wij wijzen jongeren er dan op dat nogmaals verzuimen zou kunnen leiden tot een Halt-verwijzing of Proces-Verbaal. Wanneer het verzuim continueert, kan handhaven – in het geval van 18min verzuimpassend zijn. Het RBL handhaaft alleen bij het vermoeden dat dit een positief effect heeft op de leerling en ouder(s)/verzorger(s). Waar zorg voorliggend is, heeft handhaven bijvoorbeeld weinig zin. Wij volgen hierin de landelijke richtlijnen, zoals geformuleerd in de MAS (Methodische Aanpak Schoolverzuim) In de gesprekken met jongeren proberen onze consulenten de oorzaak van het verzuim boven tafel te krijgen en een oplossing te zoeken. Deze gesprekken zijn onze mogelijkheid om het gedrag van de leerling en ouder(s)/verzorger(s) te beïnvloeden. Wat we willen: de naam van de leerling na een eerste gesprek niet nogmaals terugzien in een verzuimmelding. Verzuimrecidive is daarmee voor ons een belangrijkere indicator dan verzuim zelf, omdat we op de eerste meer invloed hebben dan op de laatste.

Ontvangen feedback van een ouder “Ik vond mevrouw Pigler zeer meedenkend en ze praatte op een goeie manier duidelijke taal tegen mijn zoon. Mijn zoon had tenminste wel het idee dat deze mevrouw ook naar zijn kant van het verhaal wilde luisteren en daardoor nam hij haar zeker serieus.”

24 Zie bijvoorbeeld Hartkamp, J. P. (2005). Monitor voortijdig schoolverlaten Rotterdam 2005: 4e – metingschooljaar 2003/2004.

Amsterdam: Desan Research Solutions.

34

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

3.2 – Sterke impact Corona-crisis op schoolverzuim 3.2.1 – Invloed van Corona-crisis op ons werk Voor het tweede schooljaar op rij drukte de corona-epidemie een grote stempel op het onderwijs. Grote gedeelten van het schooljaar werd er geen volledig fysiek onderwijs gegeven. Aan scholen, leerlingen en ouders werd ontzettend veel aanpassingsvermogen gevraagd. Wat ouders, leerlingen en scholen precies van elkaar mochten verwachten, was soms (tijdelijk) onduidelijk. Dit leidde het hele schooljaar tot veel extra vragen aan onze consulenten. Ook leerplichtorganisaties zoals het RBL moesten zich wendbaar tonen, omdat kaders voortdurend veranderden. Schematisch overzicht van (gedeeltelijke) fysieke schoolsluitingen:

Volledig open Onderwijs op afstand, alleen kwetsbare leerlingen Gedeeltelijk open sept

okt

nov

dec

jan

feb

mrt

apr

mei

jun

jul

PO VO

MK plicht

MBO

MK plicht

1,5 m 1 dag per week

In september 2020, het begin van het afgelopen schooljaar, openden PO en VO scholen volledig de deuren. Ook de leerplicht ging weer volledig gelden. Hierbij werd vanzelfsprekend wel afgesproken dat bij kinderen die vanwege een kwetsbare gezondheid of een kwetsbaar familielid niet naar school konden komen, niet gehandhaafd zou worden. Met name de eerste maanden hadden onze consulenten veel te maken met ‘Corona-angst’. Ouders hielden hun kinderen thuis, uit vrees voor een besmetting. Scholen zijn in die gevallen niet verplicht om onderwijs op afstand vorm te geven. Wij hebben in deze situaties met name een intermediërende rol gespeeld, altijd werkend vanuit het recht op onderwijs van het kind. Zo is in de ene situatie bijvoorbeeld met een school afgesproken dat het kind eerder gebracht en gehaald kon worden, zodat de ouder niet op het drukke schoolplein hoefde te staan tussen andere ouders. In de andere situatie is de school bereid gevonden toch onderwijs op afstand te bieden aan de betreffende leerling. Verder in het najaar liep het aantal besmettingen op, én vanaf 1 december ging de mondkapjesplicht (zie ‘MK plicht’ in figuur hierboven) gelden in het VO. Dit bracht weer andere vragen met zich mee. Zo hielden sommige ouders hun kind thuis, andere kinderen kwamen wel naar school, maar weigerden een mondkapje te dragen.

In het laatste geval leidde dit mogelijk tot een schorsing door een school, wegens niet naleven van het schoolreglement. In hoeverre is hier sprake van verwijtbaar ongeoorloofd verzuim? Immers het is de school die de leerling wegstuurt, de leerling wil gewoon naar school (zonder mondkapje weliswaar…). Medio december sloten de scholen voor de tweede keer in twee jaar tijd, voor een langere periode, de deuren. Alleen kwetsbare kinderen werden nog opgevangen. Alle andere kinderen kregen onderwijs op afstand. De situatie voor ons als leerplichtconsulenten was wél anders dan tijdens de lockdown in 2020, omdat niet deelnemen aan het afstandsonderwijs nu wél als ongeoorloofd verzuim zoals bedoeld in de leerplichtwet aangemerkt kon worden.

35

aug

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

3.2.2 – Nog altijd flink minder ‘verzuimers’ gemeld dan voor corona Terwijl scholen verzuim van afstandsonderwijs dit schooljaar dus konden melden als ware het fysiek verzuim, bleef het aantal gemelde personen flink achter bij de pre-corona jaren 2017-2018 en 20182019. Vooral V(S)O scholen meldden flink minder verzuim. Het PO meldde weer ruwweg evenveel verzuim als pre-corona. In paragraaf 3.3. gaan wij dieper in op de ontwikkelingen per schooltype.

Nog altijd flink minder verzuim dan voor Corona Aantal unieke personen met minimaal 1 verzuimmelding, per schooltype 1200

1081 913

1000

913 804

801

871

800 566 597

600

574 449

498 474

400 200

126 106 163 107

0 PO

VO 2017-2018

MBO 18min

2018-2019

2019-2020

MBO 18plus

2020-2021

3.2.3 – Verschillen in verzuim tussen gemeenten Bijna alle minderjarigen in onze gemeenten hebben het afgelopen schooljaar doorlopen zonder bij ons te worden gemeld voor verzuim. In Leiden werden – met 2,7% van de kinderen tussen de 5 en 18 jaar (27 van de 1000 jongeren) – relatief de meeste kinderen gemeld. Ook Hillegomse kinderen en jongeren werden relatief veel gemeld. In andere gemeenten lag het aandeel gemelde kinderen lager. Dit kan te maken hebben met de samenstelling van de bevolking in die gemeenten, maar ook met verschillen tussen scholen. Mochten scholen in Lisse bijvoorbeeld ‘terughoudender’ melden dan scholen in Leiden, dan beïnvloedt dat de verschillen in verzuimcijfers tussen die gemeenten. Verder in dit hoofdstuk meer over verschillen tussen scholen. Het RBL stuurt niet op verzuim per gemeente maar op verzuim per school. Immers het verzuimbeleid wordt op schoolniveau ingericht, niet op gemeenteniveau.

Aandeel jongeren (5-18jaar) dat 1 of meerdere keren is gemeld voor verzuim Per gemeente, per 1000 jongeren 40 35 30 25 20 15 10 5 0

27

26 20

18

17

2018-2019

17

2019-2020

20 13

18

17

16

2020-2021

36

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

3.2.4 – Verzuimrecidive loopt iets op Zoals uiteengezet sturen we als RBL vooral op de verzuimrecidive. Helaas is deze het afgelopen schooljaar iets gestegen. Dit heeft vermoedelijk te maken met Corona. Wanneer wij VO en MBO leerlingen spraken na verzuimmeldingen, bleek vaak dat het onderwijs op afstand een behoorlijke rol speelde bij het verzuim. Juist voor de leerlingen die toch al kampten met motivatieproblemen, was het online onderwijs het zetje de verkeerde kant op. Veel van deze leerlingen komen voornamelijk naar school voor hun medeleerlingen en medestudenten: vrienden en vriendinnen. Nogal eens troffen wij leerlingen die in een behoorlijk sociaal isolement waren geraakt. Waar nodig hebben wij hier, samen met de school, passende hulpverlening ingeschakeld. Van de VO-leerlingen waarbij we verzuim constateren, wordt 1 op de 9 (11%) opnieuw gemeld. De stijging ten opzichte van voorgaande jaren valt nog enigszins mee. Er worden flink minder leerlingen gemeld dan voor corona, maar áls ze worden gemeld, is de kans groter dat het verzuim hardnekkig is. De verzuimrecidive op het MBO steeg van 36% naar 39%. Naast bovengenoemde verklaringen speelt mee dat het MBO het afgelopen schooljaar zeer terughoudend is geweest met uitschrijven (zie ook hoofdstuk twee).

Studenten die frequent verzuimen bleven dus vaker dan voorheen ingeschreven, wat de recidive-cijfers natuurlijk doet stijgen. Met name op de locatie Betaplein van mboRijnland liep de recidive flink op. Bijna de helft van de jongeren van wie wij het verzuim constateren, wordt daarna opnieuw gemeld. Met name vanuit het Domein ‘Startup’ ontvingen wij zeer veel herhaalmeldingen. Hierover verder in dit hoofdstuk meer. De recidive op het MBO ligt flink hoger dan op het VO. Dat is op het eerste gezicht opvallend. Immers ook de 18-minners op het MBO hebben leerplicht en weten dat het RBL kan handhaven wanneer het verzuim niet stopt. Een verklaring voor dit verschil kan zijn dat verzuim op het MBO vaker dan op het V(S)O samenhangt met motivatieproblemen of een verkeerde studiekeuze. Wanneer een opleiding niet passend is, ligt herhaling van het verzuim op de loer. Handhaven is dan veelal niet effectief.

Verzuimrecidive loopt weer iets op Na constatering van verzuim nog eens gemeld 50% 43%

45%

39%

40%

36%

34%

35% 30% 25% 20% 15%

10%

10% 10%

11%

7%

5% 0% VO 2017-2018

MBO 2018-2019

2019-2020

2020-2021

In de volgende hoofdstukken zoomen wij verder in op het verzuim vanuit de verschillende schooltypen.

37

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

3.3 – Verzuim per schooltype 3.3.1 – Aantal PO meldingen valt weer terug Het aantal verzuimmeldingen dat wij vanuit het PO ontvangen ligt traditioneel laag. Het totaal aantal verzuimmeldingen kwam meestal maar net boven de honderd uit. Het is de vraag of er echt zo weinig ongeoorloofd wordt verzuimd op het primair onderwijs. Uit landelijk onderzoek25 blijkt dat PO-scholen lang niet al het ongeoorloofd verzuim melden bij Leerplicht. Daarom benadrukken wij continu het belang van het melden van verzuim, bijvoorbeeld in nieuwsbrieven of tijdens schoolbezoeken. In het schooljaar 2019-2020 zagen we een behoorlijke stijging van het aantal meldingen. Dit had te maken met Corona, waardoor ouders hun kinderen (tijdelijk) thuishielden nadat de scholen weer opengingen in mei 2020. Het afgelopen schooljaar is het aantal meldingen weer teruggevallen naar het pre-corona niveau. Ook hebben wij relatief veel verzuimmeldingen afgedaan als ‘niet ongeoorloofd’. Het aantal waarschuwingen bleef juist laag. Vanwege corona zijn wij bewust terughoudend geweest met drang en dwang richting ouders. Verzuim vanuit het PO betreft relatief vaak ‘luxe verzuim’: ouders die hun kinderen meenemen op vakantie buiten de schoolvakanties. Hierdoor ligt het aandeel meldingen dat met een officiële waarschuwing of PV wordt afgedaan wel relatief hoog in dit schooltype, vergeleken met het VO en het MBO.

Aantal meldingen PO terug op pre-corona niveau Aantal meldingen vanuit PO, naar afdoening 180 160 140 120 100

7

Niet behandeld: overig

54

Niet behandeld: verzuim niet ongeoorloofd Ter kennisgeving aangenomen

21 16

16

9 11

13

32

15

80 18

14

43 11

60

Geen actie gewenst door consulent Geen actie gewenst door school Leerling wordt uitgeschreven

8

PV 40

55

47

49

20

20 0

8 2017-2018

25

12

15

15

15

2018-2019

2019-2020

2020-2021

Waarschuwing gegeven Afspraken gemaakt

https://ingrado.nl/assets/uploads/Rapport_Leerplicht_in_het_primair_onderwijs_18_april_2018.pdf

38

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

3.3.2 – Voortgezet Onderwijs meldt opnieuw weinig verzuim Na een scherpe daling in schooljaar 2019-2020 werd er in het afgelopen schooljaar opnieuw relatief weinig verzuim gemeld door scholen uit het VO en VSO. Het aantal meldingen steeg slechts licht ten opzichte van 2019-2020. Ondanks dat scholen dit schooljaar verzuim van afstandsonderwijs regulier konden melden, heeft dit niet geleid tot een toename van het aantal meldingen. Ten opzichte van de pre-corona jaren 2017-2018 en 2018-2019 meldden vrijwel alle grote V(S)Oscholen minder verzuim. Vanuit Da Vinci Kagerstraat, Limes, Rijnlands Sassenheim, Teylingen Duinzigt en de KTS ontvingen wij zelfs minder dan half zoveel meldingen als pre-corona. Ook werden wij regelmatig pas zeer laat betrokken. Het verzuim was in die gevallen bijvoorbeeld al behoorlijk uit de hand gelopen. Onze voorkeur heeft het juist om vroegtijdig betrokken te raken, zodat we zo preventief mogelijk te werk kunnen gaan.

Figuur 1 - Aantal meldingen per VO school per schooljaar 20172018 Andreas College Andreas - Helmbergweg Andreas - Louise de Coligny Bonaventuracollege Bonaventura - Boerhaavelaan Bonaventura - Burggravenlaan Bonaventura - Marienpoel Bonaventura - Roelofarendsveen Da Vinci College Da Vinci - Betaplein Da Vinci - ISK Da Vinci - Kagerstraat Fioretti College Fioretti - Hillegom Fioretti - Lisse Het Waterland Leonardo College Limes Praktijkonderwijs Northo College Rijnlands - Oegstgeest Rijnlands - Sassenheim Stedelijk Gymnasium - Athena Stedelijk Gymnasium - Socrates Teylingen College Teylingen - ISK Teylingen - Noordwijkerhout Teylingen - Oegstgeest Teylingen - Voorhout (KTS) Visser 't Hooft Lyceum Vlietland College Wellantcollege Wellantcollege - Alphen Wellantcollege - Oegstgeest Wellantcollege - Rijnsburg Wellantcollege - Overig VO - Overig

97 61 36 73 26 24 16 7 185 77 45 63 49 34 15 20 21 40 31 18 28 15 0 99 3 7 17 72 65 35 37 2 22 13 0 175

20182019 46 26 20 103 34 37 26 6 239 122 80 37 72 55 17 32 33 44 34 25 22 24 11 152 14 25 22 91 71 20 53 2 16 35 0 200

20192020 52 45 7 61 21 26 14 129 77 41 11 51 33 18 17 9 11 36 5 10 12 8 62 8 20 12 22 52 22 33 2 18 13 0 132

20202021 51 35 16 75 41 19 15 155 99 34 22 49 34 15 30 16 5 28 19 11 11 6 40 7 11 2 20 50 14 44 2 27 15 0 215

2020-2021 vergeleken met pre-corona (gemiddelde 2017-2018 en 2018-2019) -20% -43% 37% -38% -29%

-1% -46% -56% -24% -6% 15% -41% -88% -14% -12% -56% -44% 9% -18% -31% -90% -75% -26% -49% 0% 42% -38% 15%

39

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

De Corona-crisis maakt dat het heel moeilijk is om de verzuimcijfers van verschillende jaren met elkaar te vergelijken. De lockdowns, het afstandsonderwijs, de regels op scholen: allemaal hebben zij invloed op het verzuim en de registratie ervan. Toch kunnen we niet om de sterke daling heen. Het is verleidelijk om de dalende verzuimcijfers positief uit te leggen. En natuurlijk zijn er scholen waar, als gevolg van goed, preventief verzuimbeleid, het verzuim echt aan het afnemen is. Toch weten we uit de praktijk dat de corona-crisis heel vaak heeft geleid tot ‘afhaken’ bij leerlingen: bijvoorbeeld omdat afstandsonderwijs de motivatie van veel leerlingen enorm aantast. Hoe kan het dan toch dat de verzuimcijfers zo dalen? Op basis van signalen die wij ontvingen en gesprekken die wij voerden, zien wij als mogelijke verklaringen voor de dalende verzuimcijfers: -

Scholen hebben ongeoorloofd verzuim veel moeilijker kunnen herkennen en registreren. Scholen hebben het tijdens Corona zo druk met andere dingen, dat het melden van verzuim minder prioriteit heeft gekregen. Scholen hebben meer begrip voor verzuim ten tijde van de corona-crisis, daardoor neemt de meldingsbereidheid af. Scholen brachten ons in het verleden op de hoogte van hun ‘langdurig verzuimers’ (zie hoofdstuk 1) middels een ‘gewone’ verzuimmelding. Vanaf schooljaar 2019-2020 worden die stromen beter gescheiden.

-

Op het moment van schrijven is het de verwachting dat VO-scholen dit schooljaar weer volledig zullen openen. Daarmee is het zaak dat scholen het verzuim weer goed registreren en melden. Wij zullen dit als RBL nog eens scherp benadrukken in onze jaarlijkse gesprekken.

Aantal meldingen VO opnieuw laag Aantal meldingen vanuit VO, naar afdoening 1200 58 154

Niet behandeld: overig

185

Niet behandeld: verzuim niet ongeoorloofd

1000 58 94 800 102

168

Ter kennisgeving aangenomen

127 47 600

84

116

129 400

379

118

Geen actie gewenst door consulent

47 51

Geen actie gewenst door school

57

480 46 228 223

200 203

Leerling wordt uitgeschreven

170

PV/Halt Waarschuwing gegeven

216 122

Afspraken gemaakt

0 2017-2018

2018-2019

2019-2020

2020-2021

40

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

Bijna 40% van alle V(S)O meldingen worden niet ter hand genomen door onze consulenten. Soms geeft school aan dat geen actie vereist is, of is er eerder contact geweest met de leerling waardoor een nieuw gesprek als weinig zinvol wordt gezien. Soms is in de melding al te zien dat het verzuim niet ongeoorloofd is. Wanneer we jongeren en hun ouder(s) spreken, kiezen we vergeleken met vorig jaar relatief vaker voor het maken van afspraken en minder vaak voor een officiële waarschuwing. 26 Ook een doorverwijzing naar Halt of een Proces-Verbaal worden minder vaak ingezet dan in 2018-2019. Dit hangt enerzijds samen de Corona-crisis, waarin wij terughoudender zijn met handhaven. Anderzijds is dit het gevolg van een al langer aanhoudende trend, waarbij de Methodische Aanpak Schoolverzuim (MAS) zijn intrede heeft gedaan en de rol van de leerplichtconsulent langzaam verschuift van handhaver naar regisseur.

Ontvangen feedback van volwassene “Ik ben V. de R. , u bent heel wat jaren geleden mijn leerplichtconsulent geweest. Via deze weg wil ik u graag bedanken voor alles wat u voor mij gedaan heeft. Dankzij u ben ik toen der tijd op het Boerhaave college terecht gekomen om daar mijn Vmbo-diploma te behalen. Inmiddels heb ik ook mijn diploma verpleegkunde gehaald. Nogmaals bedankt!”

26

Bij een officiële waarschuwing weten ouders/leerlingen dat de bij de volgende keer verzuim PV kan worden opgemaakt.

41

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

3.3.3. Aantal herhaalmeldingen vanuit het MBO loopt steeds verder op Waar het verzuim in het VO flink is afgenomen sinds de Corona-crisis, is dit op het mbo allerminst het geval. Het aantal gemelde personen is ongeveer gelijk gebleven ten opzichte van vorig schooljaar. Tegelijkertijd is het aantal meldingen flink opgelopen. Wij ontvingen bijna 4000 meldingen vanuit de verschillende mbo-domeinen.

Aantal gemelde personen ongeveer stabiel... Aantal unieke MBO studenten met minimaal 1 verzuimmelding

...maar aantal meldingen stijgt flink totaal aantal meldingen van MBO studenten 4500

4500

4000

4000 3500

3500

3000

3000

2500

2500

2000

2000

1500

1500

1000

913

804

871

449

574

498

474

2017-2018 2018-2019 2019-2020 2020-2021 MBO 18min

MBO 18plus

2785 2176

2039

1000 500

500 0

1081

2901

849

1214

963

1134

0 2017-2018 2018-2019 2019-2020 2020-2021 MBO 18min

MBO 18plus

Vooral het aantal meldingen over meerderjarige studenten nam toe. De 871 meerderjarige jongeren die verzuimden, zorgden samen voor 2785 meldingen. Bij verzuim van 18-plussers zorgt een hele kleine groep jongeren bovendien voor heel veel meldingen. De groeiende groep zeer frequente groep verzuimers is deels te verklaren door de invoering van de ‘wet vroegtijdig aanmelden’ in schooljaar 2017-2018. Een onderdeel hiervan is de procedure voor het afgeven van een (negatief) bindend studieadvies (BSA) waarmee de onderwijsinstelling de jongere kan uitschrijven. Voor een meerjarige opleiding mag dit op zijn vroegst 9 maanden na de inschrijvingsdatum. Ook moet de student de kans krijgen om zich te verbeteren 27. Dit geldt ook voor studenten die frequent en/of langdurig verzuimen. De corona-crisis komt hier nog eens bovenop. Veel scholen hadden de afgelopen jaren het bewuste beleid om terughoudend te zijn met het uitschrijven van studenten. Jongeren worden dus veel later uitgeschreven dan voorheen, met flink meer verzuimmeldingen tot gevolg. Meer nog dan in het V(S)O leidt een melding vanuit het MBO lang niet altijd tot een gesprek met de jongere.

In veel gevallen is er – naar oordeel van school (805 meldingen) óf consulent (1392 meldingen) – geen actie nodig: Zo melden scholen vaak, omdat dat wettelijk verplicht (18-) of de bovenregionale afspraak (18+) is, maar hebben ze intussen zelf goede afspraken met de jongere gemaakt om het verzuim te stoppen. Een gesprek met het RBL heeft dan weinig toegevoegde waarde. Ook RBL-consulenten besluiten vaak dat een gesprek met een jongere niet zinvol is. Wat hier meespeelt is dat informatie verkregen vanuit de verzuimmedewerkers van het mbo soms zeer 27

https://onderwijsenexaminering.nl/publicaties/handreiking-bindend-studieadvies/

42

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

summier is, omdat verzuimmedewerkers geen contact hebben gehad met de SLB’er van de jongere. Na contact met de SLB’er blijkt dan dat er geen actie gewenst is. Dit gebeurt met name bij ‘herhaalmeldingen’: consulenten ontvangen dan een verzuimmelding van jongeren met wie zij kortgeleden al een gesprek hebben gehad. Een nieuw gesprek is dan vaak niet zinvol, omdat het een herhaling van zetten zou zijn. In die gevallen is er wel altijd een goed lopend contact tussen SLB’er en consulent. Ook de categorie ‘overig’ is flink gegroeid (836 meldingen). Het betreft hier meestal ‘gekoppelde meldingen’, waarbij eenzelfde student meerdere keren kort achter elkaar wordt gemeld voor hetzelfde verzuim. Wanneer een mbo-student minderjarig is, kunnen wij in theorie handhavende instrumenten inzetten, zoals een Halt-verwijzing of een Proces-Verbaal. Dit doen we traditioneel weinig, in vergelijking met PO en VO. Verzuim op het MBO heeft relatief vaak te maken met motivatieproblemen, bijvoorbeeld als gevolg van een verkeerde studiekeuze. Met een Proces-Verbaal aanwezigheid proberen af te dwingen, werkt dan vaak niet. Het afgelopen schooljaar maakten we – als gevolg van Corona – nóg minder gebruik van deze instrumenten. Slechts 42 keer werd er een officiële waarschuwing gegeven, 3 keer werd er PV opgemaakt.

Slechts klein deel van meldingen MBO vraagt om verzuimgesprek Aantal meldingen vanuit MBO, naar afdoening

4500

4000

339 Niet behandeld: overig

204 3500

855 Niet behandeld: verzuim niet ongeoorloofd

3000

466

141

274 2500

219

146 2639

Leerling wordt uitgeschreven

1801

1024

1000

500

146 71 115

Geen actie gewenst door consulent Geen actie gewenst door school

862

2000

1500

1392

Ter kennisgeving aangenomen

244 99 157

132 114

327

418

305

2017-2018

2018-2019

2019-2020

805

PV/Halt (alleen 18-)

127 42

Waarschuwing gegeven (alleen 18-)

554

Afspraken gemaakt

0 2020-2021

43

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

3.3.3.1 – Stijgend aantal meldingen met name afkomstig van mboRijnland college Startup De stijging in het aantal verzuimmeldingen was vrijwel volledig afkomstig van MBO Rijnland locatie Lammenschans (aan het Betaplein). Waar andere ROC’s (Mondriaan, Nova, Amsterdam) minder verzuim meldden dan in 2019-2020, steeg het aantal meldingen vanuit Lammenschans met ruim 50% (van nog geen 1500 naar bijna 2400. Vooral vanuit het college ‘Startup’ (opleidingen entree en servicemedewerker) ontvingen wij veel meer meldingen dan vorig jaar. Het grootste deel van die meldingen betrof herhaalmeldingen. Waar andere ROC’s ervoor kozen om hun kwetsbare studenten (entree en soms ook niveau 2) naar school te laten komen, werd bij college startup vrijwel al het onderwijs op afstand gegeven. Kijkend naar de explosief stijgende verzuimcijfers, is het de vraag of dit voor deze doelgroep wel haalbaar was.

Flink meer meldingen vanuit mboRijnland Lammenschans (Betaplein) Meldingen per mbo locatie 2500 2000 1500 1000 500 0

2018-2019

2019-2020

2020-2021

Het melden van 18-plus verzuim is wettelijk niet verplicht. Landelijk en met omliggende regio’s en ROC’s zijn hier afspraken over gemaakt, met als doel schooluitval tegen te gaan. Het komende jaar gaan wij opnieuw in gesprek met mboRijnland en de bovenregionale partners in de verzuim 18plus aanpak, omdat wij vraagtekens zetten bij de balans tussen effectiviteit en administratieve last, zowel aan onze kant als aan de kant van de scholen. Onze inzet is een risicogestuurde aanpak, waarbij we de administratieve lasten terugbrengen. Insteek zou kunnen zijn dat scholen alleen melden bij risico op uitval. Ongeoorloofd verzuim kán spelen, maar hoeft niet. Ook studenten waarbij geen sprake is van ongeoorloofd verzuim, maar waar wel risico op uitval is, zouden in zo’n nieuwe aanpak kunnen worden gemeld. Denk hierbij bijvoorbeeld aan veelvuldige ziekte, geen boeken, etc. Cruciaal is dat verschillende personen (SLB’er, verzuimmedewerker, JGZ, RBL) elkaar snel weten te vinden. 44

Jaarverslag Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland, 2020-2021

In een pilot op de locatie Storm Buysingstraat van mboRijnland (Windkracht4’) is al geëxperimenteerd met een werkwijze die hier raakvlakken mee heeft. Drie consulenten van het RBL namen deel aan zgn. ‘clusteroverleggen’ op school. Deze overleggen bestaan uit verzuimmedewerker, (coördinerend) Studie Loopbaan Begeleider, de Onderwijs Service Centrum Adviseur en de consulent van het RBL van een aantal gerelateerde opleidingen (‘clusters’). Door de hoge frequentie van deze overleggen konden alle jongeren, waar zorgen over bestonden 28, worden besproken. Bij alle besproken studenten werden aanpak en verdeling van taken onderling goed afgestemd. Dit zorgde voor snelle actie, waar in het verleden casuïstiek soms langer bleef liggen of onder de radar bleef. De signalerende rol van de (coördinerend) SLB’er en de verzuimmedewerker bleek hierin erg belangrijk. De uit het Transformatiefonds Jeugdhulp bekostigde psycholoog op locatie en de inzet van de GGD hielpen bij het tijdig inschakelen van passende hulp. Op basis van een evaluatie onder studenten, docenten, begeleiders en andere partners heeft mboRijnland aangegeven de preventieve werkwijze stapsgewijs uit te willen breiden naar alle drie de locaties in Leiden. De inzet van een psycholoog en van de GGD wordt vanaf januari 2021 gecontinueerd op de locatie Storm Buysingstraat en uitgebreid naar de andere twee locaties van mboRijnland.

De inzet van de psycholoog en de GGD voor 18-plussers wordt bekostigd vanuit tijdelijke middelen uit het regionale VSV-programma 2021-2024. Ontvangen feedback van mbo-adviseur “Trouwens… ik had afgelopen week weer te maken met een leerplichtambtenaar van een andere gemeente. We hadden een gesprek met een student die problemen had met rouwverwerking. En de leerplichtambtenaar was heel formeel, stug, traag, ingewikkeld, langdradig, onlogisch en afstandelijk… Op zo’n moment realiseer ik me weer hoeveel geluk we hebben met jullie van RBL: altijd spontaan, oprecht, flexibel, duidelijk en betrokken!”

28

In de breedste zin van het woord: Ook studenten werden besproken met psychische of lichamelijke problematiek, langdurige ziekte, gedragsproblemen, problemen thuis of school gerelateerde problemen.

45

1. Thuiszitters

Totaal regio

Thuiszitters langer dan 3 maanden in het schooljaar aantal absoluut verzuimers Thuiszitters met een schoolinschrijving aantal langdurig relatief verzuimers aantal langdurig geoorloofd verzuimers dat geen onderwijs volgt Vrijstellingen op lichamelijke en/of psychische gronden (5 onder a) Percentage jongeren dat thuis zit

2018-2019 268 85 84 3 81 180 0,4%

2019-2020 411 83 145 5 140 183 0,7%

2020-2021 419 81 153 8 145 185 0,7%

Overige vrijstellingen langer dan 3 maanden Onderwijs in het buitenland (5 onder c) Bedenkingen tegen richting onderwijs (5 onder b) Volgen van niet regulier onderwijs (15) Vervangende leerplicht inschrijving op andere school (16 jarige) (3b) Vervangende leerplicht inschrijving op andere school(3a) Trekkend bestaan (5a)

91 44 31 14 1 1 0

92 44 38 9 1 0 0

120 69 41 10 0 0 0

Absoluut verzuim naar eerst bekende oorzaak van het schooljaar TOTAAL Problematisch Kan tijdelijk niet naar school, wachtlst zorgtraj. Kan tijdelijk niet naar school, zorgtraject Ouders / school oneens over passende onderwijsplek School is passend, nog in orientatiefase opleiding Wil niet terug naar school, geen werk/dagbesteding Minder problematisch (Mogelijk) verhuisd, nog geen uitschrijving GBA Aangemeld op school, wacht op startmoment Gaat naar school, dit moet nog verwerkt worden In afwachting van vrijstelling Onderwijs in het buitenland, zonder vrijstelling Werk/andere zinvolle dagbesteding, MBO geen optie Reden (nog) niet bekend

Totaal 2021 81 28 3 25 2 16 9 53 24 32 1 4 5 24 0

laatste PO 21 7 1 3 1 2 0 14 9 2 0 1 2 0 0

laatste VO 47 21 1 11 1 4 4 26 9 6 0 0 3 8 0

TOTAAL Problematisch Kan tijdelijk niet naar school, wachtlst zorgtraj. Kan tijdelijk niet naar school, zorgtraject Ouders / school oneens over passende onderwijsplek School is passend, nog in orientatiefase opleiding Wil niet terug naar school, geen werk/dagbesteding Minder problematisch (Mogelijk) verhuisd, nog geen uitschrijving GBA Aangemeld op school, wacht op startmoment Gaat naar school, dit moet nog verwerkt worden In afwachting van vrijstelling Onderwijs in het buitenland, zonder vrijstelling Werk/andere zinvolle dagbesteding, MBO geen optie Reden (nog) niet bekend

2019 85 24 1 9 8 4 2 57 17 18 4 7 0 11 4

PO / VO / Geen school 2020 83 37 4 20 3 7 3 44 13 10 3 3 4 11 2

2021 81 28 2 14 2 6 4 53 24 11 1 3 5 9 0

Oorzaken thuiszitters met een schoolinschrijving TOTAAL Geen (overeenstemming over) passende onderwijsplek Kan nu geen onderwijs volgen: fysieke problemen Kan nu geen onderwijs volgen: psychische problemen Internaliserend Externaliserend HoogBegaafd/HoogSensitief Capaciteitsgebrek/wachtlijst passende onderwijspl. Langdurig relatief verzuim

Totaal 2021 153 12 6 122 87 29 6 5 8

Basisonderwijs 22 4 1 12 4 6 2 1 4

Per gemeente, totalen 2021 Thuiszitters langer dan 3 maanden in het schooljaar aantal absoluut verzuimers per gemeente Thuiszitters met een schoolinschrijving aantal langdurig relatief verzuimers aantal risicoleerlingen dat geen onderwijs volgt

Hillegom 22 9 5 1 4

Kaag en Braassem 14 1 6 1 5

laatste geen school 13 0 0 0 0 0 0 13 6 3 1 2 0 1 0

S(B)O 16 2 0 12 1 11 0 2 0

VMBO 34 2 0 27 24 2 1 1 4

HAVO 10 1 1 8 8 0 0 0 0

VWO 39 0 3 36 33 1 2 0 0

VSO 28 3 1 24 15 8 1 0 0

PRO 3 0 0 3 2 1 0 0 0

VO-Internationaal 1 0 0 0 0 0 0 1 0

Katwijk 76 10 31 0 31

Leiden 128 35 44 2 42

Leiderdorp 31 5 13 4 9

Lisse 13 2 5 0 5

Noordwijk 45 6 15 0 15

Oegstgeest 16 0 8 0 8

Teylingen 25 6 11 0 11

Voorschoten 30 6 13 0 13

Zoeterwoude 19 1 2 0 2

Vrijstellingen op lichamelijke en/of psychische gronden (5 onder a) Aantal jongeren 5 tm 17 zonder startkalificatie (peildatum 1 oktober) Percentage jongeren dat thuis zit

8 3.033 0,7%

7 3.743 0,4%

35 10.657 0,7%

49 13.756 0,9%

13 3.884 0,8%

6 3.155 0,4%

24 5.796 0,8%

8 4.095 0,4%

8 5.432 0,5%

11 4.119 0,7%

16 1.236 1,5%

Overige vrijstellingen langer dan 3 maanden Onderwijs in het buitenland (5 onder c) Bedenkingen tegen richting onderwijs (5 onder b) Volgen van niet regulier onderwijs (15) Vervangende leerplicht inschrijving op andere school (16 jarige) (3b) Vervangende leerplicht inschrijving op andere school(3a) Trekkend bestaan (5a)

1 1 0 0 0 0 0

11 9 2 0 0 0 0

16 4 12 0 0 0 0

44 27 17 0 0 0 0

1 1 0 0 0 0 0

3 1 2 0 0 0 0

13 9 4 0 0 0 0

3 3 0 0 0 0 0

5 2 3 0 0 0 0

11 10 1 0 0 0 0

2 2 0 0 0 0 0

2. Schooluitval en voortijdig schoolverlaten

Totaal regio 2018-2019 544 469 86% 40 15 12 1 2 8 17

2019-2020 563 451 80% 58 22 13 6 3 13 23

2020-2021 447 395 88% 48 18 14 2 2 14 16

Aantal oud vsv'ers (langer dan 12 maanden geleden uitgestroomd) Waarvan binnen de doelgroep Waarvan bereikt Waarvan bereikt (%) Waarvan trajectbegeleiding Trajectbegeleiding begeleid naar werk/onderwijs/zorgpartner Waarvan begeleid naar school Waarvan begeleid naar werk Waarvan begeleid naar ketenpartner Trajectbegeleding geen resultaat Trajectbegeleiding nog niet beëindigd op 31 juli

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/1407/documents/17375