D07 VRHM, voorlopige jaarstukken 2022 VRHM.pdf
Tekst van het document
15 locaties Leiden, Gooimeerlaan 25 Leiden, Rooseveltstraat 4a Leiden, Rooseveltstraat 4a
Volledig eigendom Opstal Gemeente Leiden Gemeente Leiden
Voormalige GMK, kantoorpand
Leiden, Rooseveltstraat 4a
Volledig eigendom
Parkeerterrein
Leiden, Rooseveltstraat 4a
Gemeente Leiden
ROB
Waddinxveen, Noordeinde 48
Gemeente Waddinxveen; oefenobjecten volledig in eigendom
Voorlopige jaarstukken 2022
De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de VRHM aan haar financiële verplichtingen kan voldoen. De solvabiliteitsratio is, voornamelijk als gevolg van een sterke toename van het vreemd vermogen, gedaald van 14% tot 8%. De schulden (vast en vlottend) zijn totaal met € 25,1 mln. fors toegenomen en dan met name de Vaste schulden (€ 23,0 mln.). De oorzaak is hierboven toegelicht.
33
Voorlopige jaarstukken 2022
Bergambacht, medegebruik RAV Hollands Midden
Leiden, Schipholweg 130
Er zijn diverse verkennende gesprekken gevoerd om de ambulancepost te verplaatsen en onder te brengen in de brandweerkazerne. Verwacht wordt dat de interne verbouwing en inhuizing medio 2023 plaatsvindt.
In 2021 is de ruwbouw van de nieuwe kazerne neergezet en begonnen met het aanbrengen van de installaties. Het gebouw is in oktober 2022 opgeleverd en de brandweerkazerne is sinds 17 oktober operationeel. De officiële opening vond op 18 november 2022 plaats. Deze nieuwe kazerne is in de plaats gekomen van de kazernes Leiderdorp, Leiden-Noord en Oegstgeest. De huur van de drie kazernes is per 1-1-2023 opgezegd.
Driebruggen, nieuwbouw Voor de nieuwe kazerne is in het afgelopen jaar een schetsontwerp gemaakt en een anterieure overeenkomst voorbereid. Begin 2023 zal de gemeente een bestemmingsplanwijziging voorstellen. Gezien de doorlooptijd van dat traject en de daaropvolgende voorbelasting van het terrein, verwachten we realisatie van de nieuwbouw in 2024. Voorlopig loopt de huur van de huidige kazerne gewoon door.
Leiden, Rooseveltstraat 4a Na het besluit in 2020 om de locatie aan te houden en te verbouwen, is er in 2021 veel voorbereid. Eerst zijn de nodige ontwerpfasen doorlopen om te komen tot een goedgekeurd, definitief ontwerp. Op basis daarvan heeft de directie een begroting goedgekeurd. Als gevolg van diverse tegenslagen en de sterke marktontwikkelingen in de bouw, is eind 2022 een additioneel krediet bij het Bestuur aangevraagd en goedgekeurd. Vanwege de diverse tegenslagen vindt de oplevering in mei 2023 plaats.
Noordwijk, verbouwing De gemeente is bezig met de voorbereiding om het gebouw ingrijpend te renoveren. Dit heeft ook gevolgen voor de brandweerkazerne, dat onderdeel uitmaakt van het gebouw. Het gebouw wordt in fasen gerenoveerd en naar verwachting wordt de brandweerkazerne in 2024 verbouwd.
Noordwijkerhout, verbouwing De verbouwing is in 2022 afgerond.
Schoonhoven, nieuwbouw In 2022 zijn diverse oriënterende gesprekken gevoerd over de nieuwe locatie voor de brandweer. Samen met een projectontwikkelaar wordt onderzocht of de nieuwe kazerne ondergebracht kan worden in een bedrijfsverzamelgebouw. Het is nog niet bekend wanneer de realisatie plaatsvindt en of de brandweerkazerne onderdeel gaat uitmaken van dit gebouw.
Stolwijk, nieuwbouw Medio april 2022 is gestart met de bouw. De kazerne is in december 2022 opgeleverd en operationeel.
34
Vervoersmiddelen
Binnen VRHM zijn voorbereidingen getroffen om de kazerne en het ROB op de huidige locatie integraal, in samenwerking met de gemeente, her te ontwikkelen. Onverwachts bleek dat de gemeente op de locatie woningbouw had voorzien. Hierover is strategisch overleg gevoerd tussen VRHM en de gemeente. Het resultaat hiervan is dat voor de kazerne een nieuwe locatie beschikbaar is gesteld. Voor het ROB is een alternatieve locatie in overweging gegeven. De ontwikkeling van een nieuwe kazerne zal enkele jaren duren. In afwachting daarvan wordt overwogen om de huidige kazerne een kleine opknapbeurt te geven.
Er is een aantal jaren geleden een grootschalig materieel vervangingstraject opgestart om het wagenpark van de Veiligheidsregio Hollands Midden te vernieuwen. In 2022 zijn er veel zichtbare resultaten geboekt. In totaal zijn er elf (van in totaal 45) nieuwe tankautospuiten in gebruik genomen. Ook zijn er vier (van in totaal 7) autoladders vervangen. Verder zijn er drie WTS500 voertuigen in gebruik genomen, zijn er diverse dienstbussen vervangen en is er een start gemaakt met het vervangingstraject voor de hulpverleningsvoertuigen.
Zwammerdam, nieuwbouw MFA
In tal van kazernes zijn aanpassingen uitgevoerd (koeldrogers, rookgasafzuiging) vanwege de komst van nieuw materieel. In de komende jaren zullen meerdere van dit soort aanpassingen worden aangebracht.
De voorbereidingen voor de nieuwbouw van de Multifunctionele Accommodatie (MFA), waar de kazerne onderdeel van uitmaakt, zijn door VRHM voor zover mogelijk afgerond. Het definitieve ontwerp en de aanbestedingstukken zijn voorbereid en de vergunning is aangevraagd. Vanuit omwonenden zijn echter veel bezwaren gemaakt. Deze bezwaren hebben geen betrekking op de kazerne, maar op de andere gebruikers. Het is nog onduidelijk wanneer het gebouw wordt gerealiseerd.
Koop versus huur In 2022 heeft met de gemeente Kaag en Braassem overleg plaatsgevonden om de kazernes Roelofarendsveen en Woubrugge te verkopen aan de VRHM. Besluitvorming over deze overdracht vindt plaats in 2023.
Aanpassingen ten behoeve van nieuw materieel
Meerjarenonderhoudsplan De werkzaamheden om tot een nieuw Meerjarenonderhoudsplan (MJOP) voor de gebouwen in eigendom te komen op basis van de BOEI-methode zijn weliswaar in 2021 opgestart, maar is als gevolg van het vertrek van de betrokken medewerker begin 2022 tijdelijk ‘on hold’ gezet. Vanaf september 2022 is het traject met de externe partij weer opgestart, maar het complete MJOP was eind 2022 nog niet gereed.
Voorlopige jaarstukken 2022
Waddinxveen, nieuwbouw
Persoonlijke functionele uitrusting De aanbesteding voor de nieuwe uitrukkleding is in 2022 succesvol afgerond, Deze kleding wordt naar verwachting begin 2023 geleverd. Ook is er nieuwe werkkleding aangeschaft, ook deze wordt naar verwachting begin 2023 geleverd. Verder is de transitie afgerond van het informatiesysteem op de voertuigen. Het DBK-RIS-systeem is vervangen door het nieuwe systeem LiveOP.
35
Financieel
Voorlopige jaarstukken 2022
Onderhoudslasten (x € 1.000)
2020
2021
Begroting 2022
2022
Gebouwen Vervoermiddelen Persoonlijke functionele uitrusting Totaal
686 1.293 224 2.203
676 827 162 1.665
836 1.050 256 2.142
739 1.013 226 1.977
De onderhoudslasten bedragen € 2,0 mln. en zijn € 0,1 mln. lager dan begroot. De oorzaak is de lagere onderhoudslasten voor de gebouwen (€ 98.000). Oorzaak is voornamelijk dat in 2022 geen dotatie aan de voorziening groot onderhoud heeft plaatsgevonden. De dotatie was begroot op € 46.000 maar aangezien er eind 2021 geen goed onderbouwd meerjarenonderhoudsplan aanwezig was, is de voorziening voor groot onderhoud omgezet in een reserve.
4.3 P aragraaf financiering (artikel 13 BBV) 4.3.1 Risicobeheer van de financieringsportefeuille Het risicobeheer is opgenomen onder de treasury functie. De doelstelling van de treasury functie is als volgt geformuleerd: • Het beheersen van de financiële risico’s zoals renterisico’s, liquiditeitenrisico’s en kredietrisico’s. • Het continu verzorgen van voldoende liquiditeit voor de organisatie. • Het minimaliseren van de rentekosten.
Het Treasury statuut vormt het kader voor het uitvoeren van de treasury functie onder de volgende voorwaarden: • Gelden worden alleen uitgezet bij het Ministerie van Financiën in verband met de heersende Regelgeving Schatkistbankieren voor decentrale overheden; • Het aantrekken van leningen geschiedt door een offerte aan te vragen bij tenminste twee of meerdere financiële instellingen. • Er wordt geen gebruik gemaakt van derivaten. • De VRHM verstrekt zelf geen geldleningen. • Met het oog op de voorgenomen nieuwe investeringen zal op basis van de liquiditeitsplanning worden beoordeeld tot welk bedrag aanvullende geldleningen benodigd zijn. Bij aanschaf van duurzame goederen worden de aangegane geldleningen qua looptijd zoveel mogelijk afgestemd op de economische levensduur van die activa. • Het enkel voor beleggingsdoeleinden kopen van aandelen is in de verordening uitgesloten, behalve voor zover deze gekocht worden in het kader van de uitoefening van de publieke taak. Aandelen zullen nooit worden gekocht zonder voorafgaand advies van het DB. De VRHM is te typeren als een geld vragende instelling en treedt niet als partij op om eventueel tijdelijk overtollige middelen om te zetten in beleggingsproducten. De VRHM houdt zich aan de in de Uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden vermelde normen ten aanzien van de renterisiconorm en de kasgeldlimiet.
Binnen de taken van der VRHM is geen sprake van grondexploitatie.
36
4.3.2 Kasgeldlimiet De gemiddelde vlottende schuld, over drie maanden gezien, is voor een gemeenschappelijke regeling gelimiteerd op 8,2% van het begrotingstotaal. Een gemeenschappelijke regeling mag twee kwartalen achter elkaar deze limiet overschrijden. In onderstaande tabel is de ontwikkeling van de kasgeldlimiet in 2022 weergegeven:
Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4
Gemiddelde netto vlottende schuld -5.442 -22.910 -10.133 -6.678
Kas daglimiet 5.000 5.000 5.000 5.000
Ruimte of overschrijding -10.442 -27.910 -15.133 -11.977
In heel 2022 was er sprake van een vordering en daardoor geen sprake van een overschrijding van het kasgeldlimiet. De wet FIDO schrijft voor dat de toezichthouder vooraf geïnformeerd moet worden als de kasgeldlimiet drie opeenvolgende kwartalen wordt overschreden.
4.3.3 Renterisiconorm Over de langlopende schuld mogen de jaarlijkse aflossingen en renteherzieningen niet meer bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. In onderstaande tabel is de ontwikkeling van de renterisiconorm in 2022 weergegeven:
Renterisiconorm (bedragen x (€ 1.000)
2022
2021
Begrotingstotaal
59.358
58.997
20%
20%
11.872 -1.955 9.917
11.799 -4.711 7.089
Wettelijke percentage Renterisiconorm Bedrag waarover renterisico wordt gelopen (aflosiingen) Ruimte onder risico
Voorlopige jaarstukken 2022
Kasdaglimiet 2022 (bedragen x (€ 1.000)
Uit bovenstaand tabel blijkt dat het bedrag aan langlopende leningen, waarover de VRHM een renterisico loopt, ruimschoots binnen de wettelijke norm (volgens de wet FIDO) blijft.
37
4.3.4 Financiering De ontwikkeling van de leningenportefeuille is in onderstaande tabel gegeven:
Voorlopige jaarstukken 2022
Ontwikkeling leningenportefeuille (bedragen x (€ 1.000)
2022
Stand per 1 januari 2022 Nieuwe leningen Reguliere aflossimgen Vervroegde aflossimgen Stand per 31 december 2022
25.036 25.000 -1.955 48.082
Overzicht leningenportefeuille BNG 2022 Leningnummer
Hoofdsom
BNG 40.102390 BNG 40.110863 BNG 40.110864 NWB 10030215 BNG 40.113461 NWB10030988 BNG 40.115302 BNG 40.115760 BNG 585559 Totaal
2.500.000 4.000.000 3.000.000 4.000.000 7.000.000 6.500.000 5.000.000 7.000.000 18.000.000 57.000.000
Looptijd (jaren)
Einddatum
Rente
20 7 15 20 20 40 20 20 0,2
15-12-2026 1-12-2023 1-12-2031 1-8-2039 19-12-2039 1-6-2061 13-12-2041 7-6-2042 31-1-2023
4,00% 0,28% 0,88% 0,57% 0,45% 0,64% 0,50% 2,02% 1,85%
Saldo 1-1-2022
Nieuw
625.000 1.142.857 2.000.000 3.512.195 6.327.686 6.428.578 5.000.000
25.036.315
7.000.000 18.000.000 25.000.000
Halverwege en eind 2022 is gebleken dat het aantrekken van nieuwe leningen noodzakelijk was. De eerste lening was nodig voor het financieren van de aanschaf van repressieve voertuigen. De tweede lening betrof een kortlopende lening, die deels ook doorliep begin 2023. Eind 2022 bleek het kassaldo fors terug te lopen vanwege de voorfinanciering van de kosten in het kader van crisiswerkzaamheden ten behoeve van Crisis noodopvang (CNO) voor het COA en Gemeentelijke Opvang Oekraïners (GOO) voor het Ministerie van J&V.
38
Aflossing 125.000 571.429 200.000 195.122 338.407 143.531 238.433 142.894 1.954.815
Rente boekjaar
Saldo 31-12-2022
24.969 3.200 17.600 19.741 27.594 40.914 24.455 70.700 41.070 270.243
500.000 571.429 1.800.000 3.317.073 5.989.279 6.285.046 4.761.567 6.857.106 18.000.000 48.081.500
4.3.5 Rentemethodiek en renteresultaat¬
Omslagrente (bedragen x (€ 1.000)
2022
Aan taakvelden toe te rekenen rente Waarde vast activa per 31 december 2021 Gemiddelde rente Keuze voor de omslagrente
266 39.213 0,68% 0,68%
Hieronder een overzicht van het renteresultaat:
Renteresultaat (bedragen x (€ 1.000)
2022
De externe rentelasten De externe rentebaten Saldo rentelasten en rentebaten
270 -4 266
Doorbelaste rente Aan taakvelden toe te rekenen externe rente
266
Rente over eigen vermogen Rente over voorziening Rente over het eigen vermogen en de voorziening
-
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente
266
Aan taakvelden toegerekende rente
-266
Renteresultaat op het taakveld Treasury
Voorlopige jaarstukken 2022
Voor de toerekening van de rentelasten maakt de VRHM gebruik van de rente-omslag-methode. Het totaal van de rentelasten wordt ‘omgeslagen’ over het geheel van de investeringen. De rentelasten betreffen het totaal van de rentelasten op de langlopende geldleningen. Door toepassing van de rente-omslag-methode worden de rentelasten aan de hand van de stand van de investeringen toegerekend aan de prestaties. De achterliggende gedachte is hierbij dat de gehanteerde omslagrente een reëel percentage is. Bij de gehanteerde rentesystematiek wordt de betaalde rente omgeslagen over het totaal aan activa. Voor 2022 bedraagt dit 0,68%. Dit percentage wordt de omslagrente genoemd.
-
39
4.3.6 Schatkistbankieren ¬ Op grond van de wet Verplicht schatkistbankieren houdt VRHM haar overtollige middelen gedurende het jaar aan bij de schatkist. Het gemiddelde saldo van de overtollige middelen van een kwartaal mag het drempelbedrag niet overschrijden. Dat is in 2022 niet gebeurd.
Voorlopige jaarstukken 2022
Het drempelbedrag voor openbare lichamen met een begrotingstotaal kleiner dan of gelijk aan € 500 miljoen is het drempelbedrag gelijk aan 2,0% van het begrotingstotaal. Waarbij het drempelbedrag minimaal € 1 miljoen bedraagt.
Berekening drempelbedrag (bedragen x (€ 1.000)
2022
Begrotingstotaal verslagjaar Drempelbedrag VRHM
59.358 1.187
Berekening (x € 1.000)
2022
Drempelbedrag
1.187
Berekenimg (x € 1.000)
1e kwartaal
2e kwartaal
3e kwartaal
4e kwartaal
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten ‘s Rijks schatkist aangehouden middelen
301
293
300
300
Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag
887 -
894 -
887 -
887 -
Berekening kwartcijfer op dagbasis buiten ‘s Rijks schatkist aangehouden middelen 2022 (x € 1.000) 1e kwartaal 2e kwartaal 3e kwartaal Som van de per dag buiten ‘s Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil)
40
4e kwartaal
27.051
26.708
27.628
27.599
Dagen in het kwartaal
90
91
92
92
Kwartaalcijfer buiten ‘s Rijks schatkist aangehouden middelen
301
293
300
300
4.3.7 Overig Complexe financiële producten De VRHM maakt geen gebruik van complexe financiële producten zoals derivaten.
4.4 P aragraaf verbonden partijen (artikel 15 BBV lid 2 BBV) 4.4.1 Openbaar belang dat behartigd wordt De Veiligheidsregio behartigt, op grond van de vastgestelde gemeenschappelijke regeling, de gemeenschappelijke belangen van de deelnemende gemeenten op de volgende terreinen: • De brandweerzorg. • Het inrichten en in stand houden van de gemeenschappelijke meldkamer. • De geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen. • De multidisciplinaire rampenbestrijding en crisisbeheersing. • De samenwerking bij de gemeentelijke crisisbeheersing en rampenbestrijding.
Alphen aan den Rijn Bodegraven-Reeuwijk Gouda Hillegom Kaag en Braassem Katwijk Krimpenerwaard Leiden Leiderdorp Lisse Nieuwkoop Noordwijk Oegstgeest Teylingen Voorschoten Waddinxveen Zoeterwoude Zuidplas Totaal
6 2 4 2 2 4 3 6 2 2 2 3 2 2 2 2 1 3 50
Inwonerbijdrage 2022
Percentage
12% 6.698.778 4% 2.288.295 8% 4.818.758 4% 1.245.267 4% 1.795.264 8% 3.640.371 6% 3.463.676 12% 10.489.220 4% 1.729.066 4% 1.479.547 4% 1.636.751 6% 3.040.972 4% 1.375.773 4% 2.054.478 4% 1.418.674 4% 1.555.875 2% 684.937 6% 2.467.518 100% 51.883.220
Conform Artikel 51 van de Gewijzigde Gemeenschappelijke regeling VRHM geldend per 1 januari 2014 staan gemeenten garant voor exploitatie- en begrotingstekorten van de VRHM.
13% 4% 9% 2% 3% 7% 7% 20% 3% 3% 3% 6% 3% 4% 3% 3% 1% 5% 100%
Voorlopige jaarstukken 2022
Geldstromenbeheer De betalingen van de gemeente vinden zo veel mogelijk via de BNG plaats. Met de BNG is daartoe een ruime kredietfaciliteit van € 2 miljoen overeengekomen.
Gemeente
Aantal Percentage stemmen
41
Voorlopige jaarstukken 2022
Artikel 51 Waarborg/Garantstelling 1. De deelnemende gemeenten dragen er zorg voor dat de Veiligheidsregio te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan zijn verplichtingen te kunnen voldoen. 2. Indien aan het algemeen bestuur blijkt dat een deelnemer weigert deze uitgaven in de begroting op te nemen, doet het algemeen bestuur onverwijld aan gedeputeerde staten het verzoek over te gaan tot toepassing van artikel 194 en 195 Gemeentewet. 3. De aan deze regeling deelnemende gemeenten waarborgen dan wel stellen zich garant voor de Veiligheidsregio voor betaling van rente en aflossing van de door de Veiligheidsregio aangegane leningen en voor dekking van eventuele exploitatie- of begrotingstekorten van de Veiligheidsregio. Een en ander vindt plaats binnen de door het algemeen bestuur vastgestelde kaders en procedures.
4.4.2 Omvang van het vermogen x € 1.000 Eigen vermogen 31/12/2021 Eigen vermogen 31/12/2022 Vreemd vermogen 31/12/2021 Vreemd vermogen 31/12/2022
€ 6.823 € 5.659 € 41.692 € 67.394
4.4.3 Omvang van het financiële resultaat 2022 x € 1.000 Resultaat 2022
42
€ 405
negatief
4.5 Paragraaf bedrijfsvoering (artikel 14 BBV) De verantwoording is opgenomen onder ‘Programmataak Bedrijfsvoering’ (blz. 22). Dit is conform de indeling van de programmabegroting 2022.
4.6 Wet open overheid (Woo) De Wet open overheid (hierna: Woo) wil een transparante en actief openbaar makende overheid. In artikel 3.5 (Openbaarheidsparagraaf) van de Woo wordt voorgeschreven dat bestuursorganen in de jaarlijkse begroting aandacht besteden aan de beleidsvoornemens inzake de uitvoering van deze wet en in de jaarlijkse verantwoording verslag doen van de uitvoering ervan, mede in relatie tot de beleidsvoornemens. Hiermee wordt een impuls gegeven aan de actieve openbaarheid door voor te schrijven dat bestuursorganen in hun begroting en verantwoordingsverslag aan moeten geven hoe zij rekening houden met de bepalingen uit de Woo. De VRHM maakt op dit moment de belangrijkste verslagen en verantwoordingsrapportages (w.o. de Programmabegroting en het Jaarverslag) al actief openbaar. Verder is binnen de organisatie het proces van ontvangst, beoordeling en verwerking van een aanvraag tot openbaarmaking uitgewerkt en belegd. De VRHM zal in de komende periode in samenspraak met het Bestuur nagaan of meerdere documenten en/ of rapportages actief openbaar gemaakt zullen worden.
Jaarrekening 2022 Balans per 31 december 2022 31-12-2022
31-12-2021
Vaste activa
Materiële vaste activa - Investeringen met economisch nut Totaal
44.973
Financiële vaste activa - Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Totaal
8.768
30.094 44.973
Totaal vaste activa
30.094 9.119
8.768
9.119
53.741
39.213
Vlottende activa
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - Vorderingen op openbare lichamen - Uitzettingen ´s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - Overige vorderingen Totaal
Liquide middelen - Kassaldi - Banksaldi Totaal Overlopende activa - De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel - Nog te ontvangen, vooruitbetaald COA - Vluchtelingenhulp - Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Totaal
Totaal vlottende activa Totaal activa
247 9.712 83
96 7.962 16 10.043
1 347
8.073 2 398
348
400
-
62
8.081
-
840
766 8.921
829
19.312 73.053
9.302 48.515
Voorlopige jaarstukken 2022
Activa (x € 1.000)
43
Passiva (x € 1.000)
31-12-2022
31-12-2021
Vaste passiva
Voorlopige jaarstukken 2022
Eigen vermogen - Reserves a. Algemene reserve b. Bestemmingsreserves - Gerealiseerd resultaat Totaal
Voorzieningen - Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico’s - Voorziening ter egalisatie van kosten Totaal Vaste schulden met een rentetypische looptijd van korter dan één jaar - Onderhandse leningen van a. Binnenlandse banken en overige financiële instellingen b Openbare lichamen Totaal Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer - Onderhandse leningen van a. Binnenlandse banken en overige financiële instellingen b. Openbare lichamen Totaal
920 5.145 -406
859 4.225 1.739 5.659
8.463 -
6.823 6.907
8.463
18.000 -
6.907
18.000
30.082 -
Totaal vaste passiva
-
25.036 30.082
25.036
62.203
38.766
Vlottende passiva
Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - Overige schulden Totaal
8.982
6.823 8.982
6.823
Overlopende passiva -Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume
44
- De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren a. Voorschotten van het Rijk Totaal
Totaal vlottende passiva Totaal passiva
801
719
1.067
2.208 1.868
2.927
10.849 73.053
9.749 48.515
Overzicht van baten en lasten over 2022 Programmabegroting 2022 Wijziging -
Saldo
Realisatie 2022 Saldo
Verschil Saldo
1.312.167 5.891.069 644.647 29.867.387 37.715.270 2.446.521 8.114.317 10.560.838 13.446.349 13.446.349 61.722.458
LASTEN Meldkamer Risico- en Crisisbeheersing Bevolkingszorg Brandweerzorg Totaal Programmataken Directie & Staf Bedrijfsvoering Totaal Management & Ondersteuning Overhead Totaal Overhead Onvoorzien Totaal Onvoorzien Totaal Lasten BATEN (Algemene dekkingsmiddelen) Gemeentelijke bijdrage Rijksbijdrage Bijdragen van derden Vrijval van voorzieningen Totaal Baten Gerealiseerd totaal van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Na bestemming VPB
1.127.253 5.390.070 636.990 29.184.272 36.338.584 2.163.743 8.271.086 10.434.829 12.584.709 12.584.709 59.358.122
-
1.127.253 5.390.070 636.990 29.184.272 36.338.584 2.163.743 8.271.086 10.434.829 12.584.709 12.584.709 59.358.122
51.883.220 6.386.102 -938.800 59.208.122 150.000 -150.000 -
-
51.883.220 6.386.102 -938.800 59.208.122 150.000 -150.000 -
-51.581.498 -6.779.481 -2.805.643 -61.166.622 555.836 -150.000 405.836 -
184.915 500.999 7.657 683.115 1.376.686 282.778 -156.769 126.009 861.640 861.640 2.364.336 301.722 -393.379 -1.866.843 -1.958.500 405.836 -405.836 -
Gerealiseerd resultaat van baten en lasten
-
-
-
405.836
-405.836
Het rekeningresultaat 2022 (vóór bestemming) bedraagt € 405.836 negatief.
Voorlopige jaarstukken 2022
Primair
45
Toelichting verschil in baten
Voorlopige jaarstukken 2022
De baten bedragen € 61,2 mln. en liggen € 2,0 mln. hoger dan de programmabegroting 2022. Dit komt met name door een onvoorziene incidentele bate in de Bijdrage van derden. Over 2022 is € 1,4 mln. aan het COA voor overheadkosten in rekening gebracht naar aanleiding van de werkzaamheden voor de Crisis Noodopvang (CNO). Gemeentelijke bijdragen De gemeentelijke bijdragen, begroot op € 51,9 mln., zijn € 301.722 lager. Oorzaak is dat de vordering op Gouda ingevolgde FLO via de balans wordt verwerkt en niet meer via de V&W-rekening. Dit geldt ook voor de verplichting aan FLO-uitkeringen aan de lastenkant. Deze waren in de begroting 2022 nog niet via de balans verwerkt. Rijksbijdrage De rijksbijdrage is ca. € 0,4 mln. hoger dan begroot. Dit zit met name in een loon- en prijsbijstelling BDUR (Brede Doeluitkering Rampenbestrijding) en participantenvergoeding USAR. De rijksbijdrage BDUR was voor € 6,4 mln. meegenomen in de programmabegroting 2022. Vanwege een loon- en prijsbijstelling was de uiteindelijke beschikking ca. € 0,3 mln. hoger. Daarnaast is de Participantenbijdrage voor USAR ad € 55.721 ontvangen. Bijdragen van derden (overige baten) De Bijdragen van derden is ca. € 1,9 mln. hoger dan begroot. De voornaamste oorzaak is met name een incidentele bate bij het COA vanwege de werkzaamheden voor de Crisis noodopvang (CNO).
Over de totale werkzaamheden ten behoeve van de CNO zijn € 1,4 mln. overheadkosten in rekening gebracht. Deze baten waren niet voorzien. Ook is er voor ca. € 0,3 mln. aan materiële vaste activa verkocht wat vooraf niet was begroot.
46
De overige baten zijn verdeeld over verschillende kleinere vergoedingen die ook niet in programmabegroting 2022 waren meegenomen. Onder deze post vallen verder verschillende vergoedingen, zoals detacheringsvergoedingen, piketdienst 25kV, ziektewetuitkeringen, hoogte assistentie RAV, inzet personeel voor opleidingen en oefeningen etc.
Toelichting verschil in lasten De totale lasten bedragen € 61,7 mln. en liggen € 2,4 mln. hoger dan de programmabegroting 2022. Dit komt met name door een aantal incidentele lasten in 2022 en hogere overheadkosten (eenmalige projectkosten) en hogere uitgaven bij de Programma’s Risico- en Crisisbeheersing en Brandweerzorg. Incidentele lasten In 2022 bedroegen de incidentele lasten ca € 1,7 mln. • V oorziening voor verlofsparen De nieuw gevormde voorziening voor verlofsparen ad € 745.000 heeft betrekking op het totaal aantal uren dat voor alle medewerkers in 2022 is omgezet in spaarverlof. Bij de berekening van de voorziening is rekening gehouden met de CAO-stijging van de salarissen zoals in het Principe-akkoord is afgesproken. Met spaarverlof krijg je de mogelijkheid om uren opzij te zetten voor later. Het spaarverlof is onbeperkt geldig. • Extra dotatie voorziening FLO a.g.v. nieuwe CAO Naast de reguliere dotatie aan de voorziening FLO, heeft in 2022 een extra dotatie plaatsgevonden. De uit te keren bedragen aan de FLO-deelnemers nemen toe als gevolg van de CAO-stijging van de salarissen zoals in het Principe-akkoord is opgenomen. Voorgaande jaren werd altijd rekening gehouden met een gemiddelde loonstijging van 2,44%. Op basis van het Principe-akkoord moet deze worden bijgesteld met een eenmalige verhoging van 5,5%.
Dat betekent een noodzakelijke extra dotatie aan de voorziening FLO van € 414.000.
Overheadkosten De totale overheadkosten bedragen € 13,45 mln. en liggen € 862.000 hoger dan begroot. Onder de overheadkosten is ook de vorming van de voorziening voor schade-uitkering personeel ad € 250.000 verantwoord. Zie voor de toelichting op de overheadkosten pagina 25.
COVID-19 effecten Alhoewel begin 2022 nog steeds restricties waren vanwege COVID-19, zijn afgelopen jaar hier geen substantiële financiële effecten van zichtbaar.
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling 1. De jaarrekening is opgesteld overeenkomstig het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). 2. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden.
3. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. 4. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeid gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, verlofaanspraken en dergelijke. Indien er sprake is van (eenmalige) effecten van grote omvang dient een verplichting opgenomen te worden. 5. Materiële vaste activa: Investeringen met economisch nut worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven. De afschrijving start in de maand na ingebruikname van de activa.
De gehanteerde afschrijvingstermijnen (op basis van de lineaire afschrijvingsmethode) bedragen in jaren:
Soort activum Gronden en terreinen Gebouwen Vervoermiddelen Overige bedrijfsmiddelen
Jaren
Voorlopige jaarstukken 2022
• V oorziening Schade-uitkering personeel Naar aanleiding van een civielrechtelijke aansprakelijkheidsstelling is, in goed onderling overleg, een eenmalige vergoeding van € 250.000 overeengekomen. • Afkoop brandweercentralisten In 2022 heeft een eenmalige afkoop ad € 170.000 plaatsgevonden van brandweercentralisten die in dienst waren bij de Politie. • Regeling voor Vervoegde Uittreding (RVU) In 2022 hebben 2 medewerkers gebruik gemaakt van de RVUregeling. De totale kosten bedragen € 111.000.
5-40 5-15 5-20
Voor het bepalen van de afschrijvingstermijnen is het bepaalde in artikel 9.5 lid 9 Waarderen en afschrijven van vaste activa van het Financieel Statuut VRHM van toepassing.
47
Voorlopige jaarstukken 2022 48
De minimale activeringsgrens is € 25.000 voor aangeschafte (groep) activa vanaf 1 januari 2017. Investeringen in software betreft veelal een SaaS-oplossing en worden daarom niet geactiveerd en afgeschreven. 6. Financiële vaste activa: Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van korter dan één jaar of van één jaar of langer worden gewaardeerd tegen nominale waarde. 7. Vorderingen en overlopende activa worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid wordt een voorziening in mindering gebracht. Liquide middelen en overlopende posten worden tegen nominale waarde opgenomen. 8. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. 9. Vaste schulden met een rentetypische looptijd van korter dan één jaar of één jaar of langer worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. 10. Vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Na wijziging van het BBV op 10 juli 2007 omvatten de overlopende passiva ook de van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen maar nog niet bestede voorschotbedragen voor overdrachten met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren en waarvoor bij niet-besteden een terugbetalingsverplichting bestaat.
Toelichting op de balans per 31 december 2022 Vaste activa Materiële vaste activa Materiële vaste activa (bedragen x € 1.000)
Saldo Afschrijvingen Saldo Investe- DesinveAf31-12desinves31-12steringen steringen schrijvingen 2021 teringen 2022
Gronden en terreinen Gebouwen Vervoermiddelen Overige materiële vaste activa
1.749 18.914 7.163 2.269
184 7.332 7.232 2.975
-102 -3.029 -
25 3.029 -
-831 -1.436 -501
1.932 25.338 12.959 4.744
Totaal
30.094
17.723
-3.131
3.054
-2.768
44.973
De VRHM heeft alleen vaste activa met economisch nut in eigendom. De materiële vaste activa bedragen per 31-12-2022 € 44.973.000 en bestaan voornamelijk uit gebouwen en vervoersmiddelen. De toename in 2022 van € 14.879.000 wordt voornamelijk veroorzaakt door aan de ene kant de investeringen in gebouwen en vervoermiddelen en overige materiele vaste activa en aan de andere kant door desinvesteringen van gebouwen en vervoermiddelen. Rechtmatigheid investeringen In 2022 was er geen sprake van een overschrijding van de bestuurlijke aangevraagde kredieten voor investeringen.
Desinvesteringen In 2022 is in totaal voor € 3.131.000 gedesinvesteerd. Deze desinvesteringen bestaan uit:
- Gronden (bedragen x € 1.000) De investeringen in gronden ad € 184 bestaan uit: • € 184 Stolwijk aankoop perceel
- Gebouwen (bedragen x € 1.000) De desinvesteringen in gebouwen ad € 102 bestaan uit: • € 102 Waddinxveen – Oefencentrum
- Gebouwen (bedragen x € 1.000) De investeringen in gebouwen ad € 7.332 bestaan uit: • € 3.635 Verbouwing kazerne Leiden-Zuid, Rooseveltstraat • € 2.679 Nieuwbouw kazerne Leiden Noord Schipholweg • € 1.018 Nieuwbouw kazerne Stolwijk
- Vervoermiddelen (bedragen x € 1.000) De deinvesteringen in vervoermiddelen ad € 3.029 bestaan uit: • € 1.567 oude tankautospuiten • € 1.125 oude autoladders • € 268 Dienstbussen • € 69 Dienstauto’s De desinvestering van de vervoersmiddelen betreffen voertuigen die volledig zijn afgeschreven en in 2022 zijn verkocht.
- Vervoermiddelen (bedragen x € 1.000) De investeringen in vervoermiddelen ad € 7.232 bestaan uit: • € 3.383 nieuwe tankautospuiten • € 1.677 nieuwe autoladders • € 1.237 nieuwe watertransportauto’s (WTS-500) • € 594 Dienstbussen • € 184 Piket voertuigen • € 82 Brandweervaartuig • € 41 Aanhangers • € 34 Dienstfietsen en scooters - Overige materiële vaste activa (bedragen x € 1.000) De investeringen in overige materiële vaste activa ad € 2.975 bestaan uit: • € 1.973 Bepakking nieuwe tankautospuiten • € 453 Huisvesting • € 392 Investeringen voor het nieuwe repressieve operationele informatie voorzieningssysteem • € 64 Duikuitrusting • € 60 First responder set • € 33 Duiktoestel
Financiële vaste activa Financiële vaste activa (bedragen x € 1.000)
Saldo Saldo Ontvangst 31-12-2021 31-12-2022
Vordering gemeente Gouda
9.119
-351
8.768
Totaal
9.119
351
8.768
De financiële vaste activa bedraagt per 31-12-2022 € 8.768.000. De afname in 2022 van € 351.000 wordt veroorzaakt door de jaarlijkse ontvangst van de gemeente Gouda. De VRHM ontvangt jaarlijks een vast bedrag van € 351.000 voor de afkoop van de FLO-rechten van voormalig Goudse medewerkers die bij de regionalisatie in dienst zijn gekomen van de VRHM. Bij de start van de VRHM is met de gemeente Gouda afgesproken dat de gemeente Gouda jaarlijks een vaste vergoeding betaalt voor de FLO-rechten van hun oud-medewerkers. De nominale waarde van deze vordering staat op de balans als langlopende vordering (financieel vast actief) en loopt af in 2047. Tegenover deze langlopende vordering staan de FLO-verplichtingen aan de medewerkers. Deze zijn opgenomen in de voorziening FLO-Gouda.
Voorlopige jaarstukken 2022
Investeringen In 2022 is in totaal voor € 17.723.000 geïnvesteerd. Deze investeringen bestaan uit:
49
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
Voorlopige jaarstukken 2022
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar (bedragen x € 1.000) Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen ´s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige vorderingen Totaal
Liquide middelen
Saldo Saldo 31-12-2022 31-12-2021 247
96
9.712
7.962
83
16
10.043
8.073
De vlottende activa bedragen per 31-12-2022 € 10.043.000 en bestaan voornamelijk uit Uitzettingen ’s Rijks schatkist (€ 9.712.000). De toename in 2022 van € 1.970.000 wordt voornamelijk veroorzaakt door de toename van het saldo van de uitzettingen in ’s Rijks Schatkist met € 1.750.000. De uitzettingen in ’s Rijks Schatkist betreffen de liquide middelen die conform de regeling Schatkistbankieren decentrale overheden binnen ’s Rijks Schatkist dienen te worden aangehouden. Hiermee voldoet de VRHM aan de drempelwaarde voor het aanhouden van gelden buiten ’s Rijks Schatkist. Voor het overzicht van de berekening van de benutting van het drempelbedrag schatkistbankieren wordt verwezen naar paragraaf 4.3 Financiering. Het saldo van de vorderingen op openbare lichamen is toegenomen met € 151.000. De vorderingen op openbare lichamen bestaan uit facturen voor detacheringen en subsidies.
Liquide middelen (bedragen x € 1.000) Kassaldi Banksaldi
1 347
2 398
Totaal
348
400
De totale liquide middelen bedragen per 31-12-2022 € 348.000 en bestaan voornamelijk uit banksaldi. De banksaldi zijn in 2022 afgenomen met € 53.000 tot € 347.000 Het per ultimo 2022 aangehouden saldo aan liquide middelen blijft binnen de normering van de ‘Regeling schatkistbankieren decentrale overheden’.
Overlopende activa Overlopende activa (bedragen x € 1.000) De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Nog te ontvangen, vooruitbetaald Vluchtelingen COA Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Totaal
50
Saldo Saldo 31-12-2022 31-12-2021
Saldo Saldo 31-12-2022 31-12-2021
-
62
8.081
-
840
766
8.921
829
De overlopende activa bedragen per 31-12-2022 € 8.921.000 en zijn in 2022 met € 8.093.000 toegenomen.
Vooruitbetaald ten laste van volgende begrotingsjaren Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen ten laste van volgende begrotingsjaren komen (bedragen x € 1.000)
Vooruitbetaald Uitkeringen met specifiek bestedingsdoel De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel (bedragen x € 1.000)
Saldo Saldo 31-12-2022 31-12-2021
Nog te ontvangen bedragen
-
62
Totaal
-
62
Saldo Saldo 31-12-2022 31-12-2021
Nog te ontvangen bedragen Vooruitbetaalde bedragen Overige
260 577 3
102 662 2
Totaal
840
766
Het totaal van de ‘vooruitbetaalde bedragen’ bedraagt per 31-12-2022 € 577.000 en bestaat hoofdzakelijk uit vooruitbetaalde licentie- en onderhoudskosten uit doorlopende contracten. Het totaal van de ‘nog te ontvangen bedragen’ bedraagt per 3112-2022 € 260.000 en bestaat grotendeels uit een nog te factureren bedrag aan de RAV voor afhijsingen en detacheringskosten.
Er is eind 2022 niets meer te ontvangen, alle subsidies van de Rijnlandroute zijn afgerekend. Vooruitbetaald COA werkzaamheden Crisis Noodopvang Nog te ontvangen, vooruitbetaald Vluchtelingen COA (bedragen x € 1.000)
Saldo Saldo 31-12-2022 31-12-2021
Vooruitbetaald Vluchtelingen COA
8.081
-
Totaal
8.081
-
Vaste passiva Eigen vermogen Eigen vermogen (bedragen x € 1.000)
Deze toename wordt veroorzaakt door het vooruit financieren van de kosten die zijn gemaakt voor CNO. Dit betreft zowel betalingen aan leveranciers als overheadkosten. Deze kosten worden vervolgens op een later tijdstip gedeclareerd bij het COA.
Saldo Saldo 31-12-2022 31-12-2021
Reserves Gerealiseerd resultaat
6.065 -406
5.084 1.739
Totaal
5.659
6.823
Voorlopige jaarstukken 2022
Deze toename wordt grotendeels veroorzaakt door het vooruit financieren van de kosten van de Crisis Noodopvang (CNO) werkzaamheden voor het COA.
Het eigen vermogen (inclusief het gerealiseerd resultaat 2022) bedraagt per 31-12-2022 € 5.659.000 en bestaat voornamelijk uit de reserves.
51
Reserves Reserves (bedragen x € 1.000)
Voorlopige jaarstukken 2022 52
Saldo Saldo 31-12-2022 31-12-2021
Algemene reserve Bestemmingsreserves
920 5.145
859 4.225
Totaal
6.065
5.084
Het totaalbedrag aan Reserves bedraagt per 31-12-2022 € 6.065.000. Deze worden hieronder verder uitgesplitst.
Algemene reserve (bedragen x € 1.000)
Saldo OntSaldo Dotatie 31-12-2021 trekking 31-12-2022
Algemene reserve
859
61
Totaal
859
61
920 -
920
In 2022 is het voorgestelde deelresultaat ad € 61.000 van 2021 goedgekeurd door het DB en toegevoegd aan de algemene reserve.
Bestemmingsreserves (bedragen x € 1.000)
Saldo 31-12-2021
Toevoegingen
Onttrekking
Vermindering ivm afschrijving op activa
Saldo 31-12-2022
Samenwerken loont Flankerend beleid Multiteam/netcentrisch werken/LCMS Resterende exploitatielasten MK HM FLO Gouda FLO overgangsrecht 2018 Ontwikkel en Innovatiebudget Groot Onderhoud 2e Loopbaanbeleid
419 627 37 1.905 725 125 387 -
890 180
-
(150) -
419 627 37 1.755 725 125 387 890 180
Totaal
4.225
1.070
-
(150)
5.145
Het saldo van de bestemmingsreserves bedraagt per 31-12-2022 € 5.145.000 en is in 2022 met € 920.000 toegenomen. In 2022 is € 1.070.000 gedoteerd en € 150.000 onttrokken aan de reserves.
Deze worden hieronder verder toegelicht.
Multiteam/netcentrisch werken/LCMS Doel van de reserve:
Doel van de reserve: Ter dekking van de incidentele kosten voor multi-beleidsvoornemens.
Oorspronkelijk was deze reserve ter dekking van de migratiekosten van het MultiTeam-systeem naar LCMS, nu is de reserve ter dekking van de incidentele (door) ontwikkelkosten van LCMS.
Mutaties 2022 Overige mutatie
Begroot
Realisatie
-
Verschil
-
-
Toelichting mutaties 2022:
Mutaties 2022:
Begroot
Overige mutatie
-
Realisatie
Verschil
-
-
Toelichting mutaties 2022:
In 2022 waren er geen kosten die in aanmerking kwamen voor een onttrekking uit deze reserve.
In 2022 waren er geen kosten die in aanmerking kwamen voor een onttrekking uit deze reserve.
Flankerend beleid FLO Gouda
Doel van de reserve:
Doel van de reserve:
Het opvangen van financiële negatieve gevolgen van organisatieontwikkeling voor de medewerkers. Voorbeelden zijn bijscholing, herplaatsingen, outplacement, vervroegde uittredingsmogelijkheden o in uiterste gevallen het treffen van stimuleringsmaatregelen bij vertrek.
Mutaties 2022:
Begroot
Overige mutatie
-
Realisatie
Verschil
-
Toelichting mutaties 2022: In 2022 waren er geen kosten die in aanmerking kwamen voor een onttrekking uit deze reserve.
De reserve dient ter egalisatie van de verschillen inde balansposten Financiële vaste activa FLO Gouda en Voorziening FLO Gouda, in het kader van het FLO-overgangsrecht voor de medewerkers in dienst van de gemeente Gouda ten tijde van het instellen van het FLOovergangsrecht. De verschillen kunnen onder andere ontstaan door collega’s die uit dienst gaan, veranderende (fiscale) wet- en regelgeving, stelselwijzigingen of wijzigingen in gehanteerde rekenrentes.
Voorlopige jaarstukken 2022
Samenwerken loont
Mutaties 2022: Onttrekking
Begroot -
Realisatie
Verschil
-
-
Toelichting mutaties 2022: In 2022 waren er geen kosten die in aanmerking kwamen voor een onttrekking uit deze reserve.
53
Toelichting per reserve met mutatie
FLO overgangsrecht 2018
Voorlopige jaarstukken 2022
Doel van de reserve:
Resterende exploitatielasten MK HM
Het opvangen van kosten in verband met de Reparatie van het FLOovergangsrecht 2018 (oud-medewerkers) Alpen aan den Rijn en Leiden. Het gaat hierbij om de baten (voor deelnemende gemeenten) en lasten (voor VRHM) over de jaren heen gelijkmatig te verdelen (egalisatiefunctie).
Doel van de reserve:
Mutaties 2022:
Begroot
Onttrekking
-
Realisatie
Verschil
-
-
Mutaties 2022:
Begroot
Realisatie
Onttrekking
-150
-150
Verschil -
Toelichting mutaties 2022: De onttrekking is ter dekking van de kapitaallasten ivm de herbestemming van de Meldkamer.
Toelichting mutaties 2022: In 2022 waren er geen kosten die in aanmerking kwamen voor een onttrekking uit deze reserve.
Groot Onderhoud Doel van de reserve:
Ontwikkel en Innovatiebudget Doel van de reserve:
Het opvangen van kosten in verband met de uitvoering van het groot onderhoud (huisvesting).
Het opvangen van kosten in verband met het versnellen en versterken van het ontwikkelproces van de Veiligheidsregio Hollands Midden (bestedingsfunctie).
Mutaties 2022:
Mutaties 2022:
Onttrekking Dotatie
Onttrekking Dotatie
Begroot
Realisatie -
Verschil
-
Toelichting mutaties 2022: In 2022 waren er geen kosten die in aanmerking kwamen voor een onttrekking uit deze reserve.
54
Gedeeltelijke dekking van de resterende exploitatielasten van de oude GMK Hollands Midden.
-
Begroot -
Realisatie
Verschil
890
(890)
Toelichting mutaties 2022: In 2022 is het voorgestelde bestemmingsresultaat van 2021 ad € 890.000 toegevoegd aan de nieuw te vormen reserve groot onderhoud.
2e Loopbaanbeleid Doel van de reserve: Het opvangen van kosten in verband met de uitvoering van het 2e loopbaanbeleid binnen de VRHM.
Begroot
Onttrekking Dotatie
Realisatie
Verschil
180
(180)
-
Toelichting mutaties 2022: In 2022 is het voorgestelde bestemmingsresultaat van 2021 ad € 180.000 toegevoegd aan de nieuw te vormen reserve 2e loopbaanbeleid.
Voorzieningen Voor verplichtingen, verliezen en risico’s
Voorzieningen (bedragen x € 1.000)
Saldo Dotatie 31-12-2021
Vrijval
Saldo 31-12-2022
FLO Verlofsparen Schadeuitkering personeel
6.907 -
561 745 250
-
7.468 745 250
Totaal
6.907
1.556
-
8.463
Het totaalbedrag van de voorzieningen bedraagt per 31-12-2022 € 8.463.000. Deze bestaat uit de voorziening FLO, voorziening verlofsparen en voorziening schade-uitkering personeel. Voorziening FLO De voorziening FLO is in 2022 met € 561.000 toegenomen, voornamelijk als gevolg van de te verwachten salarisstijgingen. Bij de berekening van de voorziening zijn de salarisstijgingen uit het op 14 april 2023 definitief bekrachtigde Principeakkoord Cao Veiligheidsregio’s meegenomen.
Het financieel risico voor het beroepsbrandweerpersoneel afkomstig van de gemeenten Alphen aan den Rijn en Leiden ligt niet bij de VRHM. Voor betreffende gemeenten is geen voorziening noodzakelijk in de jaarrekening van de VRHM. De jaarlijkse verplichtingen en bijdragen hiervan zijn in het overzicht van baten en lasten verantwoord. De voorziening is berekend op basis van het Principeakkoord Reparatie FLO-overgangsrecht brandweerpersoneel. De rechten van personeelsleden inzake FLO-overgangsrecht zijn gebaseerd op de bepalingen uit hoofdstuk 9a tot en met 9f van de CAR. De FLO-rechten zijn gewaardeerd op basis van het bij de berekening bekende Caoloon. In dit geval is dit de Cao 2019-2020. In de berekening van de totale voorziening is geen rekening gehouden met de kans op het vervallen van rechten door natuurlijk verloop en het voortijdig uit dienst treden van het beroepsbrandweerpersoneel. Voorziening Verlofsparen De nieuw gevormde voorziening voor verlofsparen ad € 745.000 heeft betrekking op het totaal aantal uren dat voor alle medewerkers in 2022 is omgezet in spaarverlof. Met spaarverlof krijg je de mogelijkheid om uren opzij te zetten voor later. Het spaarverlof is onbeperkt geldig.
Voorlopige jaarstukken 2022
Mutaties 2022:
Na afkoop van het FLO-overgangsrecht door de gemeente Gouda, komen de lasten van deze regeling voor rekening van de Veiligheidsregio Hollands Midden. De omvang van de voorziening is bepaald op basis van de toekomstige verplichtingen.
Voorziening Schade-uitkering personeel Naar aanleiding van een civielrechtelijke aansprakelijkheidsstelling is, in goed onderling overleg, een eenmalige vergoeding van € 250.000 overeengekomen.
55
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van korter dan één jaar
Voorlopige jaarstukken 2022
Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer (bedragen x € 1.000)
Saldo 31-12-2021
Vermeerdering
Aflossing
Saldo 31-12-2022
Leningen bij de Bank Nederlandse Gemeenten Nederlandse Waterschapsbank
-
18.000 -
-
18.000 -
Totaal
-
18.000
-
18.000
Eind 2022 is gebleken dat het aantrekken van een nieuwe lening noodzakelijk was. Deze lening betrof een kortlopende lening, die begin 2023 is afgelost. Eind 2022 bleek het kassaldo fors terug te lopen vanwege de voorfinanciering van de kosten in het kader van crisis-werkzaamheden ten behoeve van Crisis noodopvang (CNO) voor het COA en Gemeentelijke Opvang Oekraïners (GOO) voor het Ministerie van J&V.
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer (bedragen x € 1.000)
Saldo 31-12-2021
Vermeerdering
Aflossing
Saldo 31-12-2022
Leningen bij de Bank Nederlandse Gemeenten Nederlandse Waterschapsbank
15.096 9.941
7.000 -
-1.616 -339
20.479 9.602
Totaal
25.036
7.000
-1.955
30.082
De stand van de onderhandse leningen per 31-12-2022 bedraagt € 30.082.000 en bestaat uit leningen bij de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) en de Nederlandse Waterschapsbank (NWB). Het saldo is in 2022 met € 5.046.000 toegenomen. In 2022 is voor € 7.000.000 een nieuwe langlopende lening afgesloten en is voor € 1.995.000 afgelost. Voor een specificatie van de onderhandse leningen verwijzen wij naar paragraaf 4.3 Financiering. Rentelast 2022 De rentelast over de langlopende leningen bij de BNG en de NWB was in 2022 € 270.243.
56
Vlottende passiva Netto-vlottende schulden Saldo 31-12-2022
Saldo 31-12-2021
Overige schulden
8.982
6.823
Totaal
8.982
6.823
De netto-vlottende schulden bedragen per 31-12-2022 € 8.982.000 en zijn in 2022 met € 2.159.000 toegenomen. Zoals uit bovenstaande tabel blijkt zit dit in de overige schulden. Dit zijn met name de nog te betalen crediteuren en hoge salarisuitbetalingen via de 13e run.
Overlopende passiva Overlopende passiva (bedragen x € 1.000) Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume
Saldo 31-122022
Saldo 31-122021
801
719
De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren
1.067
2.208
Totaal
1.868
2.927
De overlopende passiva bedragen per 31-12-2022 € 1.868.000. Dit is een afname van € 1.059.000 in 2022. Oorzaak is voornamelijk lagere voorschotbedragen van overheidslichamen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel.
Voorlopige jaarstukken 2022
Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar (bedragen x € 1.000)
Lasten die volgend boekjaar worden betaald Het totaalbedrag van de verplichtingen die volgend jaar betaald gaan worden bedraagt per 31-12-2022 € 801.000. Deze lasten zijn ontvangen na balansdatum en bestemd voor het boekjaar 2022, worden in 2023 betaald maar zijn opgenomen in het boekjaar 2022.
57
Voorschotbedragen van overheidslichamen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel
Voorlopige jaarstukken 2022
Voorschotten van het Rijk (bedragen x € 1.000) Bijdrage Complete Lijn uitschakeling en inzet van de 25 kV Spanningstester (CLU+)
Toevoeging
Aanwending
Saldo 31-12-2022
110
23
-
133
SiSa CTB 2021
2.098
-
1.164
934
Totaal
2.208
23
1.164
1.067
De voorschotten van het Rijk bedragen per 31-12-2022 € 1.067.000 en zijn in 2022 met € 1.141.000 afgenomen. De oorzaak van deze afname zijn uitbetalingen begin 2022 aan de gemeenten, van hun gedeclareerde kosten ten behoeve van de Corona Toegangsbewijzen in 2021 (SiSa CTB 2021). Deze zijn in mindering gebracht op de ontvangst van de SiSa-bijdrage (CTB 2021) ad € 2.098.000. Volgens de SiSa CTB 2021 verantwoord de VRHM in 2022 de ontvangen bijdrage van het Ministerie J&V en betaalde declaraties aan de gemeenten conform hun Jaarrekening 2021.Niet in de balans opgenomen verplichtingen
Niet in de balans opgenomen verplichtingen Huurcontracten van de kazernes De totale huurlasten van de kazernes bedragen in 2022 € 3,1 miljoen. De huurcontracten van de diverse kazernes zijn jaarlijks opzegbaar. De huurcontracten van de kazernes Leiden-Noord, Leiderdorp en Oegstgeest zijn, in verband met de ingebruikname van de nieuwe kazerne Leiden Schipholweg eind 2022, opgezegd met ingang van 1 januari 2023. De huurlasten voor deze 3 kazerne bedragen € 528.000. Tankautospuiten Eind 2020 is het contract ter waarde van ca € 17,7 miljoen voor de levering van 45 nieuwe tankautospuiten getekend. In 2021 is er echter een discussie ontstaan met de leverancier over de al dan niet door te berekenen prijsindexatie. In 2022 is de aanvullende indexering contractueel vastgelegd. De totale contractwaarde bedraagt totaal (inclusief indexering) € 18,5 miljoen.
58
Saldo 31-12-2021
In 2022 zijn er 11 vervangen en in gebruik genomen. De resterende 34 tankautospuiten kosten totaal € 14,3 miljoen. Autoladders Medio 2020 is het contract ter waarde van ca € 5,5 miljoen voor de levering en onderhoud van 7 nieuwe autoladders getekend. In 2021 is er echter een discussie ontstaan met de leverancier over de al dan niet door te berekenen prijsindexatie. In 2022 is de aanvullende indexering contractueel vastgelegd. De totale contractwaarde bedraagt totaal (inclusief indexering) € 5,7 miljoen. In 2022 zijn er 4 geleverd. De resterende 3 ladderwagens kosten in totaal € 2,5 miljoen.
Gebeurtenissen na balansdatum
Het Dagelijks Bestuur heeft eind 2022 besloten om het Algemeen Bestuur voor te stellen in te stemmen met: 1. Een verhoging van het krediet voor de Realisatie verbouwing GMK/Kantoor Leiden Zuid ter grootte van € 2,22 mln. 2. Een verhoging van het krediet voor de gelijktijdige renovatie van de vergaderruimte van het Regionaal Beleidsteam (RBT) en aanpalende (sanitaire) ruimten ter grootte van € 0,29 mln. en dit bedrag te onttrekken uit de reserve Samenwerking Loont. Eind februari 2023 heeft het Algemeen Bestuur ingestemd met de verhoging van het krediet. De oplevering van de verbouwing vindt in mei 2023 plaats. Eind 2022 is ca € 4 mln. van de verbouwing gefactureerd en in de jaarrekening 2022 verantwoord. De resterende kosten bedragen ca € 2,1 mln. Het risico op prijsstijgingen en de leveringszekerheid is ook in 2023 nog aanwezig en kan dus van invloed zijn op de totale kosten en de voortgang in relatie tot het projectbudget en de planning van de project.
Nieuwe CAO Veiligheidsregio’s Op 14 april 2023 heeft de definitieve bekrachtiging van het Principeakkoord Cao Veiligheidsregio’s plaatsgevonden. De belangrijkste financiële wijzigingen zijn: • Een nominale verhoging van €100 bruto per 2 januari 2023 gevolgd door: • Een loonsverhoging van 5,5% per 2 januari 2023. • En een verhoging van de eindejaarsuitkering (EJU) van 1,58% waardoor een volledige dertiende maand ontstaat. De EJU maakt onderdeel uit van het IKB. • Voor de vrijwilligers is afgesproken dat de jaar- en uurvergoedingen stijgen met 9,3%. Bovengenoemde salarisstijgingen zijn meegenomen bij de berekening van de voorziening voor FLO en de voorziening voor verlofsparen. De ingangsdatum van de nieuwe CAO is 2 januari 2023. Truckkartel Vrachtwagenfabrikanten profiteerden jarenlang van verboden prijsafspraken. In 2017 legde de Europese Commissie een boete op van meer dan 3 miljard euro aan de betrokkenen van de zogenoemde truckkartel. TVM verzekeringen heeft haar krachten gebundeld met ondernemersorganisatie Transport en Logistiek Nederland (TLN) en advocatenkantoor Hausfeld & Co bij de voorbereiding van een collectieve claim tegen deze vrachtwagenfabrikanten. De VRHM voert de zaak van het truckkartel namens gemeenten. In december 2021 is het vorderingsverzoek ingediend. De vrachtwagenfabrikanten hebben zich niet tegen dit verzoek verzet.
Op 16 februari 2022 heeft de rechtbank dit verzoek ingewilligd en besloten de vorderingen op te nemen. De rechtbank doet consequent zeer bemoedigende uitspraken ten gunste van de claimanten. De rechtbank heeft in juni 2022 een voorlopig schema met partijen gedeeld. Dit schema rekende er op dat een definitieve uitspraak over de aansprakelijkheid van de vrachtwagenfabrikanten mogelijk in 2024 zou worden gegeven. Hoewel dit proces eventueel nog enkele maanden of jaren kan duren, zijn de recente ontwikkelingen zowel in Europa als -met name- Nederland zeer positief.
Voorlopige jaarstukken 2022
Verbouwing Leiden-Zuid In 2020 is besloten om het pand aan de Rooseveltstraat 4a aan te houden en te verbouwen. In 2021 zijn de nodige ontwerpfasen doorlopen om te komen tot een goedgekeurd, definitief ontwerp. Op basis daarvan heeft de directie een begroting van € 3,8 miljoen goedgekeurd. De initiële door de directie goedgekeurde begroting is in 2022 verhoogd. Oorzaken zijn diverse tegenslagen bij de verbouwing en de sterke marktontwikkelingen in de bouw.
59
Voorlopige jaarstukken 2022
Toelichting op het overzicht van baten en lasten over 2022 Algemeen Binnen de programmabegroting en –verantwoording van de VRHM worden vier programmataken onderscheiden met per programmataak één of meerdere beleidsproducten. Onderstaande tabellen geven per programmataak en onderdeel de begrote en de gerealiseerde cijfers voor 2022 aan, alsmede het verschil tussen begroting en realisatie.
Begrotingsrechtmatigheid In een aantal taken is sprake van een overschrijding van de lasten ten opzichte van de begroting. Het totaal van de winst en verliesrekening laat een positief saldo zien.
Vennootschapsbelasting Naar verwachting heeft de VRHM geen prestaties die in aanmerking komen voor de VPB-plicht. In de hiernavolgende overzichten is derhalve geen post vennootschapsbelasting opgenomen.
60
Programmataak Meldkamer
LASTEN Salarislasten Projectkosten Subtotaal Lasten Overhead Subtotaal Overhead Totaal (incl. overhead)
Programmabegroting 2022 Primair Wijziging Saldo
Realisatie 2022 Saldo
Verschil Saldo 184.915 184.915 184.915
1.127.253 1.127.253
-
1.127.253
1.127.253
-
1.127.253
1.312.167 1.312.167 1.312.167
-1.127.253 -1.127.253
-
1.127.253 1.127.253
1.127.300 1.127.300
47 47
Gerealiseerd totaal van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Na bestemming Vennootschapsbelasting
-
-
-
-
--
184.867 184.867
184.962 184.962
Gerealiseerd resultaat van baten en lasten
-
-
-
184.867
184.962
BATEN Gemeentelijke bijdrage Overig bijdragen Subtotaal Baten
1.127.253
Voorlopige jaarstukken 2022
Meldkamer
Het negatieve resultaat (inclusief overhead) op de programmataak Meldkamer bedraagt inclusief de toegestane onttrekkingen uit reserves € 184.962. De hogere salarislasten worden veroorzaakt door een eenmalige afkoop van centralisten die in dienst waren bij de Politie van € 170.000.
61
Programmataak Risico – en Crisisbeheersing Risico en crisisbeheersing
Voorlopige jaarstukken 2022
LASTEN Salarislasten Opleiden en oefenen Overige lasten Subtotaal Lasten Overhead Subtotaal Overhead Totaal (incl. overhead) BATEN Nvt Subtotaal Baten
Programmabegroting 2022 Primair Wijziging Saldo
Realisatie 2022 Lasten
Verschil Saldo
4.715.150 213.240 461.680 5.390.070 591.200 591.200 5.981.270
-
4.715.150 213.240 461.680 5.390.070 591.200 591.200 5.981.270
5.049.995 193.538 647.536 5.891.069 626.504 626.504 6.517.573
334.845 -19.702 185.856 500.999 35.304 35.304 536.303
-
-
-
-
-
6.517.573 6.517.573
536.303 536.303
6.517.573
536.303
Gerealiseerd totaal van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Na bestemming Vennootschapsbelasting
5.981.270 5.981.270
-
5.981.270 5.981.270
Gerealiseerd resultaat van baten en lasten
5.981.270
-
5.981.270
Het negatieve resultaat (inclusief overhead) op de programmataak Risico- Crisisbeheersing bedraagt € 536.303. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door hogere salarislasten en hogere overige lasten. De hogere salarislasten liggen € 334.845 hoger, enerzijds als gevolg van de CAO-stijging van 2,4% per 1 april 2022, terwijl in de Programmabegroting 2022 een salaristoename van 1,4% was begroot. Anderzijds zijn de lasten voor de voorziening voor verlofsparen verantwoord, terwijl deze niet waren begroot.. Tevens is in 2022 een bovenformatieve medewerker aangenomen. Hier was incidenteel geld voor beschikbaar gesteld. De overige lasten zijn € 185.856 hoger als gevolg extra inzetten (Multi piket) ten behoeve van de vluchtelingencrisis en van de afloop van de corona crisis.
62
Programmataak Bevolkingszorg Bevolkingszorg
Programmabegroting 2022 Primair Wijziging Saldo
Realisatie 2022 Lasten
Verschil Saldo
259.200 117.000 260.790 636.990 64.700 64.700 701.690
-
259.200 117.000 260.790 636.990 64.700 64.700 701.690
320.361 101.032 223.254 644.647 94.588 94.588 739.235
61.161 -15.968 -37.536 7.657 29.888 29.888 37.545
BATEN Gemeentelijke bijdrage Rijksbijdrage (BDUR) Subtotaal Baten
-635.690 -66.000 -701.690
-
-635.690 -66.000 -701.690
-635.700 -635.700
-10 66.000 65.990
Gerealiseerd totaal van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Na bestemming Vennootschapsbelasting
-
-
-
-
-
103.535 103.535
103.535 103.535
Gerealiseerd resultaat van baten en lasten
--
-
-
103.535
103.535
Het negatieve resultaat (inclusief overhead) op de programmataak Bevolkingszorg bedraagt € 103.535. De hogere salarislasten ad € 61.161 zijn deels het gevolg van de CAO-stijging van 2,4% per 1 april 2022, terwijl in de Programmabegroting 2022 een salaristoename van 1,4% was begroot. Daarnaast zijn de lasten voor de voorziening voor verlofsparen verantwoord, terwijl deze niet waren begroot..
Voorlopige jaarstukken 2022
LASTEN Salarislasten Opleiden en oefenen Overige lasten Subtotaal Lasten Overhead Subtotaal Overhead Totaal (incl. overhead)
In de Programmabegroting 2022 is ten onrechte de Rijksbijdrage (BDUR) opgenomen. Dit veroorzaakt het verschil ad € 66.000 in de baten.