CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

D07 VRHM, voorlopige jaarstukken 2022 VRHM.pdf

Gemeenteraad 25 mei 2023, gemeente HillegomBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken21.546 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Aan de Gemeenteraden van gemeenten die deelnemen in de Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Hollands Midden

Bezoekadres

T.a.v. de griffiers

Postadres

Rooseveltstraat 4a 2302 BC Leiden

Postbus 1123 2302 BC Leiden

Datum: Ons kenmerk:

28 april 2023 D2023-04-003330

Telefoon:

Uw kenmerk:

E-mail:

Uw brief van:

Onderwerp:

Contactpersoon:

088 246 51 14

Bijlage:

1

Fax:

Ernst Breider, Concerncontroller

ernst.breider@vrhm.nl

Voorlopige Jaarstukken 2022 Veiligheidsregio Hollands Midden Graag bij correspondentie kenmerk en onderwerp vermelden.

Geachte leden van de raad, Het Dagelijks Bestuur van de Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM) biedt u ter kennisneming hierbij aan de voorlopige Jaarstukken 2022 van de Veiligheidsregio Hollands Midden. Op grond van artikel 34b Wet gemeenschappelijke regelingen dient dit te gebeuren voor 30 april 2023. Het voorlopig rekeningresultaat 2022 (voor bestemming) bedraagt € 405.836 negatief. Dit voorlopige resultaat is het gevolg van een aantal bijzondere (incidentele) kostenposten. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar de bijlage ‘voorlopige Jaarstukken 2022 VRHM’. Dekking negatief jaarrekeningresultaat 2022 Aan het Algemeen Bestuur wordt gevraagd in te stemmen met een onttrekking aan de Reserve FLO voor een bedrag (ter grootte van het negatief rekeningresultaat) van € 405.836. Hiermee kan het negatief rekeningresultaat gedekt worden binnen de eigen begroting en is geen extra gemeentelijke bijdrage nodig. Controleverklaring en Rapport van bevindingen van de accountant De eindcontrole van de accountant is nog niet afgerond. De controleverklaring en het Rapport van bevindingen van de eindcontrole van de accountant (Publieke Sector Accountants) zijn dus ook nog niet gereed. Deze zullen worden nagezonden.

Vaststelling Het dagelijks bestuur van de gemeenschappelijke regeling dient de jaarrekening binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór 15 juli van het jaar volgende op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, toe te zenden aan gedeputeerde staten.

De vaststelling van de jaarstukken 2022 is geagendeerd voor de openbare vergadering van het Algemeen Bestuur op 29 juni 2023. Zienswijzeprocedure niet van toepassing De wettelijke zienswijzeprocedure die geldt voor de programmabegroting is niet van toepassing op de jaarstukken. U ontvangt de jaarstukken ter kennisneming. Communicatie Uw College is tevens op de hoogte gesteld van de aanbieding van de voorlopige Jaarstukken 2022.

Hoogachtend, Namens het Dagelijks Bestuur van de Veiligheidsregio Hollands Midden

J.J. Zuidijk Secretaris

Bijlage: 1. Voorlopige Jaarstukken 2022 VRHM

2

Voorlopige jaarstukken 2022

Voorlopige jaarstukken 2022

Datum: Juni 2023

2

Inhoudsopgave Jaarverslag 2022

1.

Organisatie en Beleidsontwikkelingen

4 5 7

8

2. Beleidsverantwoording

11

2.1

11 14 16 18 20 21 24

Programma Fysieke Veiligheid 2.1.1. Meldkamer 2.1.2. Risico- en crisisbeheersing 2.1.3. GHOR 2.1.4. Bevolkingszorg 2.1.5. Brandweerzorg 2.1.6. Bedrijfsvoering

3. Overzicht Overhead

26

4. Paragrafen

28

4.1 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing (artikel 11 BBV)

28

4.2 4.3 4.4 4.5 4.6

33 36 41 42 42

Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen (artikel 12 BBV) Paragraaf financiering (artikel 13 BBV) Paragraaf verbonden partijen (artikel 15 BBV lid 2 BBV) Paragraaf bedrijfsvoering (artikel 14 BBV) Wet open overheid (Woo)

Jaarrekening 2022

43

Balans per 31 december 2022 Overzicht van baten en lasten over 2022 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Toelichting op de balans per 31 december 2022 Toelichting op het overzicht van baten en lasten over 2022 Bijlage 1: Taakveldenoverzicht

43 45 47 48 60 71

Bijlage 2: Verantwoordingsinformatie specifieke uitkeringen (SiSa-bijlage)

72

Bijlage 3 V  erantwoording CTB, GOO en CNO Voorstel resultaatbestemming 2022 Controleverklaring 2022

74 75 75

Voorlopige jaarstukken 2022

Inleiding Vaststellingsbesluit Jaarstukken 2022 Jaarverslag 2022 in één oogopslag

4

3

Jaarverslag 2022 Inleiding

Voorlopige jaarstukken 2022

De VRHM is een samenwerkingsverband van gemeenten in de regio Hollands Midden krachtens de (gewijzigde) Wet gemeenschappelijke regelingen 2015. Het openbaar lichaam Veiligheidsregio Hollands Midden bezit rechtspersoonlijkheid en is gevestigd in Leiden. De Veiligheidsregio behartigt, op grond van de vastgestelde gemeenschappelijke regeling, de gemeenschappelijke belangen van de deelnemende gemeenten op de volgende terreinen: • De brandweerzorg; • Het inrichten en in stand houden van de gemeenschappelijke meldkamer; • De geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen; • De multidisciplinaire rampenbestrijding en crisisbeheersing; • De samenwerking bij de gemeentelijke crisisbeheersing en rampenbestrijding. De wijze van uitvoering van de taken en de inrichting van de organisatie zijn vastgelegd in de gemeenschappelijke regeling en in de organisatie-verordening. Bij de stemverhouding binnen het Algemeen Bestuur en de bijdrage van de deelnemende gemeenten wordt rekening gehouden met het aantal inwoners per gemeente. Hiernaast zijn de inwoneraantallen volgens CBS vermeld per 1 januari 2020 (basis voor programmabegroting 2022).

4

2022 was wederom een bijzonder jaar. Naast de uitvoering van onze reguliere taken, is veel capaciteit ingezet ten behoeve van de vluchtelingencrisis.

Gemeente

Aantal inwoners

Alphen aan den Rijn

111.897

Bodegraven-Reeuwijk

34.872

Gouda

73.427

Hillegom

22.209

Kaag en Braassem

27.297

Katwijk

65.753

Krimpenerwaard

56.319

Leiden

125.099

Leiderdorp

27.056

Lisse

22.955

Nieuwkoop

28.811

Noordwijk

43.508

Oegstgeest

24.840

Teylingen

37.440

Voorschoten

25.596

Waddinxveen

29.291

Zoeterwoude

8.605

Zuidplas

43.885

Totaal

808.860

Vluchtelingencrisis

Vaststellingsbesluit Jaarstukken 2022

Gemeentelijke Opvang Oekraïners (GOO)

Het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Hollands Midden;

Om dit voor elkaar te krijgen zijn diverse collega’s van de veiligheidsregio speciaal vrijgemaakt voor deze taak. Daarnaast zijn collega’s met specifieke kennis en kunde vanuit piketgroepen ingezet en hebben de ondersteunende afdelingen vanuit bedrijfsvoering zich in het noodzakelijke hoge tempo hiervoor tot het uiterste ingespannen. Tevens zijn er voor het draaiend houden van de opvanglocaties mensen ingehuurd (locatiemanagement en -hoofden, catering, schoonmaak, beveiliging etc.).

Crisisnoodopvang (CNO) voor het COA Kort voor de zomervakantie ontstond een acuut tekort aan opvangplekken voor asielzoekers in Nederland, wat tot mensonterende taferelen bij het aanmeldcentrum in Ter Apel leidde. Opnieuw is toen de hulp van veiligheidsregio’s ingeroepen. Dit keer ter ondersteuning van het COA (Centraal Orgaan opvang asielzoekers).

Gezien het voorstel van het Dagelijks Bestuur van xx maart 2023, agendapunt 6 en de mededeling over het definitieve rekeningresultaat 2022 in het Algemeen Bestuur van xx april 2023 door de heer C. Visser, Portefeuillehouder Middelen; Gelet op het bepaalde in de Wet Gemeenschappelijke Regelingen en het bepaalde in de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Hollands Midden; Besluit: I. De jaarstukken 2022 van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Hollands Midden vast te stellen; II. Décharge te verlenen aan het Dagelijks Bestuur conform het bepaalde in de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Hollands Midden; III. Het resultaat van de jaarrekening 2022, te weten € xxxxxx positief, als volgt te bestemmen: a. de Algemene Reserve aan te vullen tot het bestuurlijk afgesproken niveau en € xxx hieraan te doteren. b. v oor het resterend saldo ad € xxxxx volgt een voorstel van het Dagelijks Bestuur aan het Algemeen Bestuur in de vergadering van xx juni 2023.

Voorlopige jaarstukken 2022

Op 7 maart 2022 heeft het kabinet alle veiligheidsregio’s via het Veiligheidsberaad verzocht de realisatie van grootschalige opvang van Oekraïense vluchtelingen te coördineren. Veiligheidsregio Hollands Midden heeft deze opdracht ter hand genomen in nauwe samenwerking met onze achttien gemeenten.

Aldus besloten in de openbare vergadering van het Algemeen Bestuur van xx juni 2023. De secretaris, voorzitter,

J.J. Zuidijk Ingezonden op xx juni 2023 aan: Het College van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland

de

H.J.J. Lenferink

5

Voorlopige jaarstukken 2022

6

Begroting 2022

Baten (totaal)

61.167

59.208

Lasten (totaal)

61.722

59.358

-406

0

Balanstotaal

73.053

59.000

Eigen Vermogen

5.659

5.473

932

932

Resultaat (na bestemming)

Weerstandsvermogen

Adviezen evenementenveiligheid Adviezen Bereikbaarheid tbv repressie Adviezen overig Controles brandveiligheid Hercontroles brandveiligheid

Brandweerzorg

Brand

1.804

1.473

621

406

2.465

1.729

597

1.699

1.006

1.239

0

132

Gecertificeerde crisisfunctionarissen

7

vakbekwame gemeentelijke crisisfunctionarissen

1.500

1.500

Gemiddeld aantal intakegesprekken burgers en automatische meldingen

53.543

67.870

Gemiddeld aantal spoed (incl. Haaglanden)

29.802

22.921

13,0

11,4

-

> 95%

GHOR-crisis functionarissen per 31-12-2022 volgens planning opgeleid

100%

> 90 %

92%

> 95%

100%

100%

adviezen evenementen binnen 10 werkdagen 1)

1.855

1.598

962

1.317

Ongeval en dienstverlening

4.911

3.782

Ongeval gevaarlijke stoffen

2

1

Waterongeval

202

150

Totaal aantal gealarmeerde crisisfunctionarissen vanaf GRIP 1 voldoen aan de vastgestelde verplichte opkomsttijden

First Responder

225

184

GHOR GRIP-incidenten geanalyseerd

Automatische brandmeldingen

Begroting 2022

2022

8

seconden gemiddelde opnametijd

GHOR

Risico- en crisisbeheersing

Adviezen Omgevingsveiligheid (WABO)

Kengetal

Bevolkingszorg

2022

Meldkamer

Kengetal

1) in 2022 heeft geen analyse plaatsgevonden

Voorlopige jaarstukken 2022

Jaarrekening x 1.000

Jaarverslag 2022 in één oogopslag

7

Organisatie en Beleidsontwikkelingen Voorlopige jaarstukken 2022 8

Gemeentelijke Opvang Oekraïners (GOO) Op 7 maart 2022 heeft het kabinet alle veiligheidsregio’s via het Veiligheidsberaad verzocht de realisatie van grootschalige opvang van Oekraïense vluchtelingen te coördineren. Veiligheidsregio Hollands Midden heeft deze opdracht ter hand genomen in nauwe samenwerking met onze achttien gemeenten. In eerste instantie was de opdracht om 1.000 plekken te realiseren, maar reeds korte tijd later werd dit aantal opgehoogd naar 2.000. Binnen enkele dagen had een aantal gemeenten al de eerste crisisnoodopvangplekken gerealiseerd en was er vanuit de veiligheidsregio een Regionaal Coördinatieteam Vluchtelingen Spreiding (RCVS) actief. Kort daarna is er in het tenniscentrum Nieuwe Sloot in Alphen aan den Rijn een Regionale Crisisnoodopvang (CNO) geopend met 100 slaapplekken. Om dit voor elkaar te krijgen zijn diverse medewerkers van de veiligheidsregio speciaal vrijgemaakt voor deze taak. Daarnaast zijn collega’s met specifieke kennis en kunde vanuit piketgroepen ingezet en hebben de ondersteunende afdelingen vanuit bedrijfsvoering (facilitaire zaken, inkoop, servicedesk) zich in het noodzakelijke hoge tempo hiervoor tot het uiterste ingespannen. Tevens zijn er voor het draaiend houden van de opvanglocaties mensen ingehuurd (locatiemanagement en -hoofden, catering, schoonmaak, beveiliging etc.).

Gestaag werden er in alle gemeenten noodopvanglocaties en plekken gerealiseerd, waarbij de verdeling op basis van het aantal inwoners werd gebaseerd. De landelijke taakstelling voor de opvang van vluchtelingen uit Oekraïne is kort voor de jaarwisseling voor Hollands Midden verder verhoogd naar 3412. Vanuit het Landelijke Coördinatiecentrum Vluchtelingen Spreiding (LCVS) kwamen dagelijks verzoeken binnen bij de veiligheidsregio om ontheemden vanuit Oekraïne in Hollands Midden op te vangen. Door de goede samenwerking tussen alle betrokken partners zijn in 2022 al ruim 3.000 ontheemden uit Oekraïne door de gemeenten opgevangen in de GOO. Organisatie en Beleidsontwikkelingen

In de Crisisnoodopvanglocatie Nieuwe Sloot hebben in 2022 een kleine 10.000 overnachtingen plaatsgevonden. Het ging hierbij zowel om ontheemden vanuit Oekraïne als om asielzoekers.

Crisisnoodopvang voor het COA Kort voor de zomervakantie ontstond een acuut tekort aan opvangplekken voor asielzoekers in Nederland, wat tot mensonterende taferelen bij het aanmeldcentrum in Ter Apel leidde. Opnieuw is toen de hulp van veiligheidsregio’s ingeroepen. Dit keer ter ondersteuning van het COA (Centraal Orgaan opvang asielzoekers). Een eerste groep van z’n 60 asielzoekers is kort opgevangen geweest in de CNO-Nieuwe Sloot, maar al snel bleek het tekort aan opvangplekken zo hardnekkig dat niet lang daarna een nieuwe groep van z’n 75 asielzoekers is opgevangen. Ondertussen werd er in gemeenten gezocht naar locaties waar crisisnoodopvang (CNO) voor asielzoekers gerealiseerd zou kunnen worden, geëxploiteerd en beheerd door de veiligheidsregio. Deze CNO’s zijn gerealiseerd in Nieuwkoop (Zevenhoven), Oegstgeest, Zuidplas (Moordrecht), Waddinxveen, Leiderdorp en Teylingen (Sassenheim). In onze regio is ook in Voorschoten een CNO beheerd door het COA gekomen. Het gevolg van de organisatie brede inspanning is dat andere werkzaamheden zijn blijven liggen of vertraging hebben opgelopen. De organisatie is er wel in geslaagd om de continuïteit van de brandweerzorg en crisisbeheersing overeind te houden. De bedoeling is dat de activiteiten van de veiligheidsregio in het kader van de crisisnoodopvang van asielzoekers in de eerste helft van 2023 zullen eindigen.

Gezien het grillige karakter van de vluchtelingencrisis is het maar helemaal de vraag of dit daadwerkelijk zal lukken.

Omgevingswet De invoering van de Omgevingswet zal een grote impact hebben op de organisatie door de verschuiving van ‘regelgericht’ naar ‘risicogericht’ werken. De ingangsdatum van de Omgevingswet is uitgesteld tot 1 januari 2024. De organisatie is volledig voorbereid.

Verbouwing Leiden-Zuid

Organisatieonderdeel Sector Directie en Staf Sector Bedrijfsvoering Sector Brandweerzorg Sector Risico- en Crisisbeheersing Bevolkingszorg Totaal

Organisatie-ontwikkeling Het organisatieplan ‘Samen Verder’ is de basis geweest voor een omvangrijke organisatieontwikkeling, sinds de inwerkingtreding op 3 september 2018.

Coördinerend functionaris

Formatie (fte)

Begroting

11,6 56,9 235,3 64,5 3,5 371,8

11,6 56,0 233,8 67,0 3,5 371,9

Directeur Veiligheidsregio Regionaal Commandant Concern controller

aansturing

Strategie en beleid

Planning en control Risico- en crisisbeheersing Risicoduiding Risicoadvisering Brandveiligheid Crisisbeheersing bedrijfsvoering

Bureau gemeentelijke Crisisbeheersing (BGC)

Brandweerzorg

Bedrijfsvoering

Plannen, procedures en ontwikkeling

Personeel, organisatie en commuicatie

Vakbekwaamheid Beheer en onderhoud Integrale planning

Voorlopige jaarstukken 2022

Een doelstelling in het organisatieplan is het versterken van de samenwerking. Hierin speelt het ontwikkeltraject voor leidinggevenden een trekkersrol: zowel in de interne samenwerking als de samenwerking met partners. In 2022 is in een aantal bijeenkomsten met diverse programma’s verdere invulling aan het samenwerken gegeven.

Het kantoorgedeelte van de kazerne Leiden-Zuid wordt sinds 1 november 2021 verbouwd. De betreffende medewerkers hebben hybride gewerkt vanuit andere kazernes en thuis. De initiële door de directie goedgekeurde begroting is in 2022 verhoogd. Oorzaken zijn diverse tegenslagen bij de verbouwing en de sterke marktontwikkelingen in de bouw. Het additionele krediet is eind 2022 door het bestuur goedgekeurd. De oplevering van het verbouwing vindt in mei 2023 plaats.

Infornatiemanagement Proces- en projectondersteuning

Beroepskazernes

Facilitaire zaken

Vrijwilligerskazernes I

Financiën

Vrijwilligerskazernes II Vrijwilligerskazernes III

Organisatie en Beleidsontwikkelingen

9

Voorlopige jaarstukken 2022 10 Programma Fysieke Veiligheid

2. Beleidsverantwoording 2.1 Programma Fysieke Veiligheid

Kennen en duiden van de risico’s uit het Regionaal Risicoprofiel Op de thema’s klimaatadaptatie, energietransitie, continuïteit en cultureel erfgoed lopen de werkzaamheden voor het grootste deel conform planning. Met name op het thema klimaatadaptatie is in 2022 vertraging opgelopen door de vluchtelingencrisis. Wel is de planvorming voor het falen van regionale keringen bijna gereed, die gaat in 2023 geïmplementeerd worden. Ook is een start gemaakt met een Opleiding, Training en Oefen (OTO) plan op dit thema. De uitvoering van dit OTO-plan zal voornamelijk in 2023 plaatsvinden. Het plan van aanpak voor de beheersing van de impact van extreem weer is nog in ontwikkeling. De inventarisatie op het thema continuïteit is met uitzondering van de bedrijfsvoering processen gereed. De inventarisatie bevat een overzicht van interne kritische processen, hoe deze kunnen uitvallen en wat daar op dit moment tegenover staat.

Bevorderen van zelfredzaamheid In 2022 is een grote campagne uitgevoerd over de invoering van de rookmelderplicht in woningen. De gesprekken over (brand)veiligheid met de woningbouwcoöperaties schuiven, voor zover nog niet uitgevoerd, door naar 2023. De maandelijkse campagnes op gebied van risicocommunicatie op de website hollandsmiddenveilig.nl loopt. De basis staat en werkt goed. Wel wordt nog gewerkt aan een aantal verbeteringen in de werkwijze. Daarnaast wordt hollandsmiddenveilig.nl standaard ingezet bij incidenten en crises (zoals ook voor vluchtelingen).

Voorlopige jaarstukken 2022

In ons Regionaal Beleidsplan 2020-2023 ‘Veiligheid in samenhang’ hebben we zeven gezamenlijke doelen benoemd. Vanuit alle organisatieonderdelen van de Veiligheidsregio wordt hieraan invulling gegeven.

11 Programma Fysieke Veiligheid

Adviseurschap nieuwe omgevingsrecht

Voorlopige jaarstukken 2022

De invoering van de Omgevingswet is opnieuw uitgesteld tot 1 januari 2024. Het inhoudelijk opleiden van de medewerkers in het kader van de Omgevingswet, het testen van het Digitaal Stelsel Omgevingswet en het herijken van procesafspraken tussen gemeenten en veiligheidsregio’s is een continu proces. Naast inhoudelijke kennis vraagt het werken met het Omgevingsrecht ook andere competenties van de adviseurs. Op dit moment beschikken nog niet alle adviseurs deze competenties in voldoende mate. Hier moet daarom nog een investering op gaan plaatsvinden.

Meer en slimmer gebruik maken van informatie We willen als organisatie veel meer gebruik gaan maken van de mogelijkheden die data bieden en streven naar een meer informatiegestuurde organisatie. We geven hier invulling aan middels het BI-project. Met dit project wordt gewekt aan het technisch mogelijk maken van data-analyse en presenteren. Daarnaast wordt er nagedacht over hoe wel na het project deze manier van werken inbedden in de organisatie. Het project loopt twee maanden achter op schema. De oorzaak is tweeledig. In de praktijk blijkt het meer tijd te kosten om de data van voldoende kwaliteit te krijgen. Daarnaast is voor veel van de projectleden dit werk bovenop ander werk gekomen waardoor er in de praktijk niet altijd voldoende tijd is om de voortgang te maken die we voor ogen hadden. De werkgroep risico- en crisiscommunicatie is gestart met het versterken van de verbinding tussen risico- en crisiscommunicatie. De eerste stap is gezet; er is een visie vastgesteld. In 2023 worden de volgende stappen gezet om te komen tot een werkwijze voor risicocommunicatie die samenhangt met crisiscommunicatie.

12 Programma Fysieke Veiligheid

Inzicht vergroten in prestaties

Kennen van onze partners In 2022 is het door de vluchtelingencrisis niet gelukt om aan de hand van de methodiek van Partnerprofiel de samenwerking met onze partners verder uit te werken. Wel is de basis van de samenwerking met onze partners op orde. De veiligheidsregio onderhoudt in generieke zin contact met alle vaste (convenant)partners. Ook is een verbreding en intensivering van samenwerking met (nieuwe) partners ontstaan in relatie tot de corona-, Oekraïne, en vluchtelingencrisis.

Voorlopige jaarstukken 2022

We werken aan het verstevigen van de interne controle cyclus. We proberen onder andere de integrale afstemming tussen sectoren te verbeteren. Begin dit jaar zijn we daarom gestart met een integraal beleidsoverleg. Daarnaast proberen we de operationele prestatieindicatoren te verbeteren. Dit onderwerp is binnen het BI-project opgepakt en vormt één van de dashboards. Het nieuwe operationele prestatie indicatoren (OPI) dashboard heeft helaas door te weinig capaciteit vertraging opgelopen en wordt nu in het 1e kwartaal van 2023 verwacht.

Van en voor gemeenten De diensten en producten die VRHM aanbiedt op het vlak van (fysieke) veiligheid zijn opgenomen in een Producten- en Dienstencatalogus (PDC) en verspreid over gemeenten zodat zij deze informatie kunnen gebruiken bij het opstellen van hun Integraal Veiligheids Beleid en bijbehorende jaarplannen. In 2023 wordt in beeld gebracht of de PDC behulpzaam is geweest bij het opstellen van de integrale veiligheidsplannen.

13 Programma Fysieke Veiligheid

2.1.1 Meldkamer

Voorlopige jaarstukken 2022

Met het vaststellen van het convenant meldkamerfunctie brandweer Haaglanden en brandweer Hollands Midden is de samenwerking geformaliseerd. Het beheer van de brandweermeldkamer is hiermee overgegaan van de politie naar de veiligheidsregio Haaglanden. Ook de overgang van de brandweercentralisten is afgerond. De aansluiting (na verbouwing) van de meldkamer op het nieuwe landelijke LMS-systeem stond gepland op 31 oktober 2023. Helaas heeft de aanbestedingsprocedure bij de landelijke politie voor de verbouwing vertraging opgelopen en dit betekent dat de aansluiting pas na 1 januari 2024 zal plaatsvinden (niet tijdens of vlak voor de jaarwisseling om operationele redenen). Sinds 2021 beschikt de meldkamer over een 24/7 Calamiteiten Coördinator (CaCo). Dit is een wettelijke verplichting. Deze functie is in 2022 geëvalueerd en geconstateerd is dat de positie van de CaCo als multidisciplinair aanspreekpunt meldkamer sterk is verbeterd. De bijdrage van de politie aan deze functie stopt in 2024. Dit kan worden opgevangen binnen de formatie van de brandweermeldkamer. Begin november 2022 is de meldkamer geslaagd voor de certificering ISO27001, een norm voor informatiebeveiliging. De meldkamer Den Haag is de eerste meldkamer in Nederland die deze certificering heeft behaald.

14 Meldkamer

Prestatieverloop en kengetallen 2022 2021 Verdeling in 2021

2022 Verdeling in 2022

695.659 374.432 68.572 252.655

100% 54% 10% 36%

642.519 336.130 74.908 23.481

100% 52% 12% 36%

intake spoed totaal Intake politie spoed Intake brandweer spoed Intake spoed MKA

348.129 187.623 20.156 140.350

100% 54% 6% 40%

357.623 186.463 21.877 149.283

100% 52% 6% 42%

2021 gem. opnametijd politie gem. opnametijd brandweer gem. opnametijd MKA

Voorlopige jaarstukken 2022

Intake totaal Intake politie totaal Intake brandweer totaal intake MKA/RAV totaal

2022 9,7 11,3 11,1

13 in seconden 14 in seconden 13 in seconden

O.b.v. ongewogen gemiddelde per maand % overloop politie % overloop brandweer % overloop MKA

5,0 naar andere discipline 10,0 naar andere discipline 4,1 naar andere discipline

5,0 12,0 4,6

2021

2022

169.036 135.648

198.212 144.407

O.b.v. ongewogen gemiddelde per maand

Aantal incidenten Aantal met inzet

In de tabel is het totaal opgenomen van alle spoedtelefonie binnen de GMK Den Haag van de veiligheidsregio’s Haaglanden en Hollands Midden (Politie, Brandweer, MKA/RAV). Onder spoed wordt verstaan: alle doorverbonden 112-telefonie (mobiel + vast), respons op burgernetlijnen en spoedlijnen ten behoeve van meldingen van professionele partners zoals huisartsen, particuliere alarmcentrales en openbaarvervoerbedrijven.

15 Meldkamer

2.1.2 Risico – en Crisisbeheersing

Voorlopige jaarstukken 2022

Wij versterken het risicomanagement Op diverse fronten wordt gewerkt aan versterking van het risicomanagement. Op de helft van de onderdelen loopt dat op schema. Zo is het Regionaal Risicoprofiel vastgesteld en loopt het project het brandweerrisicoprofiel op schema. Door gebrek aan capaciteit vanwege de vluchtelingencrisis is het opzetten van een gedeeld referentiekader voor risico- en crisisbeheersing verschoven naar 2023. Ook de aanpassingen in het adviseren op bestemmingsplannen naar aanleiding van het nieuwe dekkingsplan zijn verschoven naar 2023. Op het gebied van het analyseren van data worden stappen gezet. Zo is een start gemaakt met het BI-project en is een programma aangeschaft om statistische analyses uit te kunnen voeren. Verder worden analyses uitgevoerd ter ondersteuning van het nieuwe Regionaal Risico Profiel.

Wij moderniseren onze crisisorganisatie In 2022 is op het gebied van het moderniseren van de crisisorganisatie niet zoveel vooruitgang geboekt als gehoopt. Dit in verband met de inzet voor de vluchtelingencrisis. Een aantal activiteiten is wel uitgevoerd. Er is een praatplaat ontwikkeld waarin inzichtelijk is gemaakt wat ons te doen staat (overzicht van activiteiten) in het kader van het moderniseren van de crisisorganisatie. Ook is de training scenariodenken ontwikkeld, aangeboden en uitgevoerd. Vanaf november 2022 is extern ingehuurd om een plan van aanpak voor de doorontwikkeling van de informatiepositie van de veiligheidsregio te maken. Dit wordt opgeleverd in 2023.

16 Risico – en Crisisbeheersing

Andere bestuurlijk relevante zaken/thema’s die om bestuurlijke vaststelling vragen Een groot deel van het programma ten aanzien van ontwikkelen en onderhouden van de planvormingsproducten is uitgevoerd. Voor een deel is dat ook niet gelukt vanwege de inzet voor de vluchtelingencrisis. Van de in totaal 13 GRIP-incidenten in 2022 zijn er negen geëvalueerd of is er een start gemaakt en loopt de uitwerking door in 2023. Door het niet beschikbaar hebben van evaluatoren is dit voor vier incidenten niet gelukt.

Prestatieverloop 2019

2020

2021

2022

% adv. WABO binnen behandeltermijn

88%

87%

86%

80%

Aantal registraties

2019

2020

2021

2022

Adviezen WABO Adviezen evenementen Adviezen bereikbaarheid Adviezen overig Controles brandveiligheid Hercontroles brandveiligheid

1.605 502 1.862 1.646 1.539 160

1.331 236 1.735 1.639 641 45

1.666 372 2.610 1.500 563 0

1.804 621 2.465 597 1.006 0

GRIP

2019

2020

2021

2022

GRIP 1 GRIP 2 GRIP 3 GRIP 4 Totaal

10 2 12

6 1 7

11 11

11 1 12

Voorlopige jaarstukken 2022

Een groot deel van het OTO-programma is uitgevoerd en de online leeromgeving wordt gemaakt en gaat (in beperkte vorm) aangeboden worden in 2023. Nog niet alle ambities ten aanzien van de online leeromgeving zijn dan uitgevoerd.

17 Risico – en Crisisbeheersing

2.1.3 GHOR

Voorlopige jaarstukken 2022

De ontwikkelingen van Landelijk Crisis Management Systeem Geneeskundige Zorg (LCMS-GZ) kent een grote afhankelijkheid van zorgpartners voor de implementatie. In 2022 zijn belangrijke stappen gezet om een blauwdruk te maken voor hoe de implementatie moet verlopen. Om implementatie daadwerkelijk uit te voeren moet er capaciteit zijn bij de betrokken zorginstellingen, zoals veelvuldig gerapporteerd in 2022 is de druk op de zorg nog steeds zeer hoog. Het was daarmee te hoog gegrepen om de implementatie in 2022 rond te hebben. Daarmee is deze doelstelling opnieuw opgenomen voor 2023, waarin ook verder is uitgesplitst op het soort zorginstelling om een beter beeld te kunnen waar de implementatie goed verloopt en waar vertraging is. In 2022 is de start gemaakt met het Zorg Risico Profiel (ZRP). De softwaretool die dit ondersteund is operationeel en de eerst casus waarop zorginstellingen hun risico’s scoren is in uitvoering. De doelstelling is om het ZRP in het najaar 2023 bij de Veiligheidsdirectie aan te leveren.

18 GHOR

Bedragen * € 1.000

Begroting 2022

Realisatie 2022

Exploitatiebaten Gemeentelijke bijdrage

2.256

-2.284

Totaal baten

2.256

-2.284

Exploitatielasten

-2.296

-2.024

Totaal exploitatielasten

-2.296

-2.024

Saldo

-40

260

Onttrekking aan reserves

40

0

Resultaat

0

260

Bovengenoemde cijfers zijn afkomstig van de GHOR. Deze cijfers zijn niet meegeconsolideerd in de jaarrekening 2022 van de VRHM en vormen ook geen onderwerp van controle. De cijfers van de GHOR maken onderdeel uit van de jaarrekening 2022 van de RDOG Hollands Midden (handelsnaam Hecht).

Voorlopige jaarstukken 2022

Het jaarplan en de tussentijdse-rapportage raken aan de concrete beleidsdoelen van de GHOR die zijn geformuleerd in het jaarplan. Daarmee is niet zichtbaar wat daarbuiten intern en extern de aandacht en inzet van de GHOR heeft gevraagd. De vluchtelingencrisis heeft voortdurend een grote inzet van de GHOR gevraagd om voor vluchtelingen (en asielzoekers) zorg te organiseren. Het gaat dan bijvoorbeeld om continuïteit van zorg, financiën, huisartsenzorg, medische evacuees met begeleider, afspraken met COA en GZA ouderen, gehandicapten en andere zorgbehoeftigen onder de vluchtelingen. Ook corona was begin 2022 nog in een grote piek en heeft gedurende het jaar ook de nodige aandacht gevraagd van de GHOR. Het jaar 2022 was ook het jaar dat evenementen na de coronaperiode werden ingehaald. Dit heeft een grote druk gegeven op de evenementenadvisering vanuit de GHOR om gemeentelijke vergunningverleners zo goed mogelijk van advies te voorzien, ook als termijnen niet gehaald werden bij gemeente en organisatoren. Een interne ontwikkeling was het personeelsverloop dat heeft geleid tot verlies van specialistische dossierkennis en discontinuïteit in relatiemanagement in het GHOR-netwerk. Het personeel en de geoefendheid van crisisfunctionarissen is een belangrijk aandachtpunt wat meegenomen wordt naar 2023.

Het (voorlopige) resultaat op de programmataak GHOR is € 260.000 positief.

19 GHOR

2.1.4 Bevolkingszorg

Voorlopige jaarstukken 2022

De geplande activiteiten uit het jaarplan, hebben ondanks de inzet ten behoeve van de vluchtelingencrisis voor een belangrijk deel doorgang kunnen vinden in de afgelopen periode. Er zijn meerdere scenariouurtjes georganiseerd en onze informatie- en samenwerkingsplatforms voldoen aan de behoefte, net zoals ons Dashboard Bevolkingszorg. Waar verbetermogelijkheden waren, hebben we deze actief opgepakt, zoals het gebruiksvriendelijker maken van de onze crisisapp. We hebben geconstateerd dat onze samenwerkingsafspraken met partners volstaan op landelijk en regionaal niveau, indien nodig worden deze herijkt. Zo willen wij in 2023 het gesprek aangaan met de Omgevingsdiensten en Monuta. Voor wat betreft hoe om te gaan met sociale calamiteiten heeft het nodige uitzoekwerk plaatsgevonden en is de casuïstiek verder inzichtelijk geworden. Wij gaan begin 2023 het gesprek met onze partners aan hoe dit in gezamenlijkheid in betere banen te leiden. Mogelijk resulteert dit in een nieuwe werkwijze en/of planvormingsproduct. De toename in werkdruk door onder andere de vluchtelingencrisis was bij zowel bij de veiligheidsregio als de gemeenten voelbaar.

Mede hierdoor is het helaas niet gelukt een evaluatierapport van het project Crisiscommunicatie in het Eerste Uur te realiseren; ook de registratie van de OTO-activiteiten (oefenen, trainen en opleiden) van bevolkingszorg functionarissen kon niet van start doordat de oplevering van de online leeromgeving vertraagd was. De werkzaamheden van de werkgroep Doorontwikkeling Oranje Kolom vorderen gestaag en met enige vertraging. Werkgroep leden hadden afgelopen jaar niet veel tijd, daardoor er minder is opgepakt dan gepland en er is gekozen voor een meer geleidelijk verbetertraject. In samenwerking met Strategie en Beleid is een producten en dienstencatalogus opgeleverd ten behoeve van de jaar- en beleidsplannen van gemeenten op gebied van veiligheid.

20 Bevolkingszorg

Formatie

Fte

Coördinerend Functionaris Beleidsmedewerker Ondersteunend medewerker

0,50 2,28 0,72

2.1.5 Brandweerzorg

De laatste maanden van 2022 is vooral veel tijd gaan zitten in het traject Visie 2030 en de voorbereidingen op het nieuwe Regionaal Beleidsplan. Het traject visie 2030 is in december afgerond. In dit traject is gewerkt aan een toekomstvisie die input moet leveren voor de komende twee beleidsplanperioden. Het is een intensief traject dat naast nieuwe doelen ook voor samenhang en draagvlak moet zorgen binnen de sector. In de rapportage is te zien dat een aantal projecten is stopgezet omdat deze bezien en geprioriteerd moeten worden vanuit de nieuwe visie. De visie vormt de input vanuit brandweerzorg in het nieuwe Regionaal Beleidsplan. Verder is de laatste periode van het jaar samen met Risico en Crisisbeheersing het Brandweer risicoprofiel afgerond. Er zijn goede stappen gezet in het op orde krijgen van de warme- en koude logistiek. Er zijn verschillende scenario’s opgesteld die begin 2023 input vormen voor besluitvorming over de implementatie. Ook aan het onderwerp vakbekwaamheid is veel tijd besteed. Er is inzichtelijk gemaakt waar de knelpunten rondom dit thema zitten. Belangrijkste conclusie is dat de knelpunten niet oplosbaar zijn zonder fors extra (financiële) middelen of ingrijpen in het takenpakket.

Er is zorg over de arbeidsveiligheid van onze brandweermensen en op (middellange) termijn of we instaat zijn voldoende brandweermensen vakbekwaam te hebben ten behoeve van de paraatheid. Voor het komende regionaal beleidsplanperiode is daarom uitgewerkt Brandweerzorg

Voorlopige jaarstukken 2022

Brandweerzorg heeft al bij de eerste tussentijdse rapportage haar jaarplan opnieuw geprioriteerd omdat duidelijk was dat het niet haalbaar was om alles binnen dit jaar af te ronden. De oorzaak hiervoor is enerzijds dat er meer werk was opgenomen dan in de praktijk haalbaar is, anderzijds heeft de sector te kampen met verzuim en personele wisselingen. Ten slotte is er sprake van aanvullende werkzaamheden als gevolg van de vluchtelingencrisis. Ook de werkzaamheden aan de Visie 2030 en het nieuwe Regionaal Beleidsplan leggen een beslag op de sector en waren niet meegenomen in het jaarplan.

21

Voorlopige jaarstukken 2022

wat er noodzakelijk is om op niveau te komen in de huidige manier van werken en dat we verwachten dat dit bedrag noodzakelijk is om ook de ombouw naar toekomstbestendige vakbekwaamheid vorm te geven. Daarnaast wordt in 2023 de route richting blijvende en aantoonbare vakbekwaamheid uitgewerkt. Deze richting moet er voor zorgen dat we werken aan een toekomst bestendig vakbekwaamheid om bij te dragen aan arbeidsveiligheid en te kunnen voorzien in voldoende brandweermensen. Tot slot lopen de grote materieel vervangingstrajecten gewoon door en tot dusver binnen de bestaande planning.

Kerngegevens Prestatieverloop 2019

2020

2021

2022

52% 1

51% 1

55% 4

52% 1

2019

2020

2021

2022

6.852 2 20 87

7.123 2 49 103

6.980 2 76 69

7.932 3 38 92

Incidenten

2019

2020

2021

2022

Brand Automatische brandmelding Ongeval en dienstverlening Ongeval gevaarlijke stoffen Waterongeval Totaal

1.512 1.371 3.816 1 152 6.852

1.701 1.188 4.069 0 165 7.123

1.628 1.202 3.985 1 164 6.980

1.855 962 4.911 2 202 7.932

Assistentie ambulance

2019

2020

2021

2022

Hoogte assist. ambulance BRW First Responder Totaal

547 180 727

611 202 813

662 239 901

661 225 886

Opkomsttijd prio 1 < normtijd* Ongeval met letsel personeel * inclusief verwerkingstijd meldkamer met een normtijd van 9 min

Incidenten Doden bij brand Gewonden bij brand Reddingen * * A.g.v. omissies in het registratieformulier van het aantal reddingen is het werkelijke aantal reddingen in 2019 hoger. Eind 2019 is dit formulier aangepast.

22 Brandweerzorg

2019

2020

2021

2022

Middel brand Grote brand Zeer grote brand Middel hulpverlening Grote hulpverlening Zeer grote hulpverlening Middel waterongeval Groot waterongeval Middel IBGS Totaal

54 13 9 8 1 0 6 1 0 92

48 17 5 7 0 0 3 0 0 80

73 16 6 14 1 0 0 0 2 112

103 22 10 12 0 0 0 2 0 149

Parate eenheden

2019

2020

2021

2022

Tankautospuiten Hulpverleningsvoertuigen Autoladders Waterongevallenwagens GSE eenheden WVD ploegen STH teams 25kV teams BRW First Responder teams Totaal

52 4 8 5 2 6 1 2 28 108

52 4 8 5 2 6 1 2 28 108

52 4 8 5 2 6 1 2 28 108

52 4 8 5 2 6 1 2 28 108

Personeel en kazernes

2019

2020

2021

2022

136 993 47

137 992 47

137 971 47

141 985 46

Voorlopige jaarstukken 2022

Opschaling incident

Kerngegevens Paraatheid

Beroeps Vrijwilligers Kazernes

23 Brandweerzorg

2.1.6 Bedrijfsvoering

Voorlopige jaarstukken 2022

De sector Bedrijfsvoering heeft dit jaar last van onderbezetting. Dit heeft drie oorzaken: 1. Personeel werd uitbesteed aan de crisisorganisatie (corona- en vluchtelingencrisis) 2. Langdurig verzuim 3. Een hoog verloop gecombineerd met langer openstaande vacatures Hierdoor zijn enkele projecten vertraagd of stil komen te liggen.

Wij werken aan duurzaamheid van mensen, materieel en materiaal Met de inzet van een ‘Greenteam’ bundelen vakspecialisten hun krachten om de verduurzaming van middelen in een stroomversnelling te brengen. Dit betreft onder andere de voertuigen, gebouwen en het maatschappelijk verantwoord inkopen daarvan. Maar ook duurzamere incidentbestrijding maakt hier onderdeel van uit. Maatschappelijk Verantwoord Inkopen is inmiddels vast onderdeel geworden van het inkoopproces. De evaluatie van de dienstvoertuigen en het plan tot verduurzamen zijn afgerond en worden in januari 2023 aangeboden. Ook het verduurzamingsplan voor het vastgoed wordt begin 2023 verwacht. De nieuwe kazernes Leiden Noord en Stolwijk zijn gereed en in gebruik genomen. De verbouwing van Leiden Zuid is vertraagd, de verwachting is dat deze locatie medio mei 2023 weer in gebruik genomen kan worden.

24 Brandweerzorg

Als gevolg van vertragingen in de aanbesteding en personeelswisselingen zal de uitvoering van de RI&E in 2023 plaatsvinden.

Wij werken aan een presterende organisatie Het stroomlijnen van processen en procedures helpt de organisatie om sneller te presteren. Dit subdoel heeft helaas het meest te lijden gehad onder de capaciteitsproblemen en daardoor zijn veel activiteiten niet behaald. We zijn genoodzaakt om deze door te schuiven naar 2023.

Wij werken aan een wendbare organisatie De organisatie wil snel kunnen inspelen op veranderende omstandigheden. De sector Bedrijfsvoering heeft de wervingscampagne voor vrijwilligers en de communicatie daarin aangepakt. De actualisatie van het organisatieplan wordt als project doorgeschoven naar volgend jaar als gevolg van capaciteitstekort.

Voor verdere digitalisering van onze werkprocessen is toegangsbeheer en autorisatiebeheer, optimalisering van de informatievoorziening en Business Intelligence opgepakt. De vervanging van het financieel systeem, de implementatie van het projectmanagementsysteem en het project OnlineLeerOmgeving worden wel doorgeschoven naar 2023.

Prestatieverloop Indicator

2020

2021

2022

Verzuimpercentage* Instroom* Instroom (vrijwilligers) Uitstroom* Uitstroom (vrijwilligers)

4,65% 41 60 20 46

6,90% 22 54 23 48

5,40% 34 26 12 11

* beroeps en kantoorpersoneel

Het ziekteverzuim is in 2022 fors afgenomen van 6,90% tot 5,40%. Na een toename in 2021 als gevolg de toename van het aantal langdurig zieken, is het in 2022 weer afgenomen.

Indicator Facturen en declaraties < 30 dagen betaald (%)

2020

2021

2022

88

94

98

Voorlopige jaarstukken 2022

De activiteiten rond de duurzame inzetbaarheid van medewerkers zijn grotendeels afgerond zoals gepland. Hybride werken, de implementatie van een nieuw voorvallensysteem, aanscherping van de rolduiding binnen de organisatie en de doorontwikkeling van de afdeling Personeel, Organisatie en Communicatie zijn allemaal gerealiseerd

25 Brandweerzorg

3 Overzicht Overhead 3.1 Algemeen

Voorlopige jaarstukken 2022 26

Overhead bestaat uit alle loonkosten van de met name genoemde zogenaamde PIOFACH-functies, ook de ICT kosten van alle PIOFACH-systemen, alle huisvestingskosten, de uitbestedingskosten bedrijfsvoering en naar rato de rentekosten die niet zijn toe te delen aan de taakvelden in het primaire proces. Dat betekent dat in ieder geval de kosten in verband met de volgende elementen tot kosten van overhead worden gerekend en moeten worden opgenomen: • • • • • • • • • •

Financiën, toezicht en controle organisatie Personeel en Organisatie Inkoop (incl. aanbesteding en contractmanagement) Interne en externe communicatie Juridische zaken Bestuurszaken en bestuursondersteuning Informatievoorziening en automatisering PIOFACH Facilitaire zaken en huisvesting (incl. beveiliging) Documentaire informatievoorziening (DIV) Managementondersteuning primair proces

Prestatieverloop en kerngegevens De totale overheadkosten 2022 bedragen € 13,45 mln. en zijn per saldo € 0,9 mln. hoger dan de begroting (€ 12,6 mln.). De afwijkingen op overheadkosten binnen de programmataken Bedrijfsvoering en Brandweerzorg worden hieronder toegelicht.

Overhead naar Programmataak (x € 1 mln.) Brandweerzorg Risico- en crisisbeheersing Bevolkingszorg Meldkamer Directie & Staf Bedrijfsvoering Totaal

Begroting 2022

Realisatie 2022

2,70 0,59 0,06 2,33 6,90 12,58

2,33 0,62 0,09 2,17 8,24 13,45

De lagere lasten binnen Brandweerzorg € 0,4 mln. worden voornamelijk veroorzaakt door de lagere salarislasten op tijdelijk niet bezette functies. De hogere lasten binnen Bedrijfsvoering ad € 1,3 mln. worden grotendeels veroorzaakt door hogere projectkosten. In 2022 is o.a. ingehuurd voor het project ter vervanging van het HRM-pakket. Op basis van de verslaggevingsregels van de BBV is het niet toegestaan om de gemaakte, bijkomende kosten bij de projecten die betrekking hebben op de implementatie van SaaS-oplossingen te activeren en vervolgens af te schrijven, aangezien het hier dienstverlening in de vorm van een abonnement betreft. Het juridisch en economisch eigendom ligt bij de dienstverlener. In de begroting 2022 was het uitgangspunt nog dat deze kosten konden worden geactiveerd en de afschrijvingslasten via het resultaat konden worden verantwoord.

De overhead per kostencategorie laat zien dat de realisatie binnen de kostencategorieën ‘Salarissen’, ‘Overige P-kosten’, ‘ICT’ en ‘Overig overhead’ significant afwijkt van de begroting 2022.

Daarnaast is binnen de sector Bedrijfsvoering ingehuurd op vacante functies of als gevolg van ziektevervanging.

De kosten binnen ‘Salarissen’ bedragen € 8,2 mln. en zijn € 0,7 mln. lager dan begroot als gevolg van tijdelijk niet bezette functies binnen de programmataken Brandweerzorg, Risico- en Crisisbeheersing en Bedrijfsvoering.

Overhead als % totale begroting

23,0

De kosten binnen ‘Overige P-kosten’ bedragen € 1,3 mln. en zijn € 0,7 mln. hoger dan begroot. De oorzaken zijn deels veroorzaakt door de hogere kosten voor inhuur van personeel in 2022. In 2022 is meer ingehuurd dan begroot als gevolg van knelpunten in de bezetting (ziektevervanging of vacatures). Daarnaast is eind 2022 een voorziening gevormd voor een bedrag van € 250.000 voor een schade-uitkering aan een voormalig personeelslid.

%

22,5 22,0 21,5 21,0 20,5 2020

Overhead (x € 1000) Huisvesting Salarissen Overige P-kosten ICT Overig overhead Totaal

2021

2021

2019

2020

Begroting 2022

Realisatie 2022

210 8.050 2.230 1.520 420 12,430

192 8.228 1.795 1.516 645 12,375

194 8.888 517 1.437 1.550 12.585

194 8.183 1.254 1.892 1.921 13.445

De kosten binnen ‘ICT’ bedragen € 1,9 mln. en zijn € 0,5 mln. hoger dan begroot. De voornaamste oorzaken zijn: • kosten voor IM/ ICT-projecten (HRM-pakket, Business Intelligence en Versnellingsprogramma Informatieveiligheid) die niet waren begroot; • hogere kosten voor de werkpleksoftware; • hogere kosten voor de aanschaf van ICT-divices.

Voorlopige jaarstukken 2022

In 2022 is ook het Versnellingsprogramma Informatieveiligheid gestart om aan alle BIO normen ten aanzien van Informatieveiligheid te voldoen. Ook voor dit project is ingehuurd en zijn extra (licentie) kosten gemaakt die beide niet in de begroting 2022 waren voorzien.

De kosten binnen ‘Overig overhead’ bedragen € 1,9 mln. en zijn € 0,4 mln. hoger dan begroot als gevolg van hogere lasten dan begroot op activiteiten rond advies, communicatie, werving en selectie.

27

4 Paragrafen Voorlopige jaarstukken 2022 28

4.1 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing (artikel 11 BBV) 4.1.1 Algemeen Op grond van het Besluit BBV bestaat het weerstandsvermogen uit de relatie tussen: • De weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de VRHM beschikt of kan beschikken om niet-begrote kosten te dekken. • Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. De paragraaf betreffende weerstandsvermogen en risicobeheersing bevat ten minste: • Een inventarisatie van de weerstandscapaciteit. • Een inventarisatie van de risico’s. • Het beleid over de weerstandscapaciteit en de risico’s. In de afgelopen jaren heeft de VRHM in het jaarbericht en in de begroting een gelijkluidende paragraaf opgenomen omdat beide documenten in dezelfde bestuursvergadering worden vastgesteld. In de paragraaf weerstandsvermogen worden vermeld: • De risico’s van materieel belang en een inschatting van de kans dat deze risico’s zich voordoen. • Het weerstandsvermogen en in hoeverre schade en verliezen als gevolg van risico’s van materieel belang met het weerstandsvermogen kunnen worden opgevangen.

4.1.2 Inventarisatie weerstandscapaciteit Het weerstandsvermogen is de mate waarin onvoorziene tegenvallers kunnen worden opgevangen zonder dat de continuïteit van het bedrijf in gevaar komt. Het weerstandsvermogen kan worden uitgedrukt als de verhouding tussen de reëel aanwezige weerstandscapaciteit en de geïnventariseerde (en gekwantificeerde) risico’s. De weerstandscapaciteit is de optelsom van in de organisatie aanwezige middelen om dit soort tegenvallers op te vangen. Deze middelen bestaan uit de algemene reserve, de bestemmingsreserves, de stille reserves en ook uit de nog niet ingevulde begrotingsruimte en de post onvoorzien. De belangrijkste component van de weerstandscapaciteit is het (vrije) eigen vermogen, dat wil zeggen de vrije componenten van de algemene reserve en van de bestemmingsreserves. De algemene reserve van de VRHM kent geen geoormerkte bestanddelen en is daarmee in haar geheel inzetbaar voor het afdekken van de financiële consequenties van risico’s. Ultimo 2022 bedraagt het saldo van de algemene reserve (voor resultaatbestemming 2022) € 920.000. Daarnaast beschikt de VRHM over bestemmingsreserves, waarvan de aard, de bestemming en het verloop in de Nota reserves 2021-2023 zijn aangegeven.

Het beleid van de VRHM is er op gericht te werken met een structureel sluitende exploitatiebegroting en de bestemmingsreserves in te zetten waarvoor zij zijn ingesteld. In de bestemmingsreserves is daarom geen ‘vrij besteedbare ruimte’ opgenomen die benut kan worden als een risico manifest zou worden.

4.1.3 Inventarisatie risico’s

Uit deze inventarisatie zijn in totaal 5 (hoofd)risico’s in beeld gebracht. Deze risico’s worden gezien als een potentieel substantieel financieel risico. 1.  Meerkosten die samenhangen met de taken van de Veiligheidsregio (financieel risico ingeschat op € 0,4 mln.) In 2022 zijn de veiligheidsregio’s geconfronteerd met extra kosten in verband met de Crisisnoodopvang voor Oekraïense vluchtelingen en ter ondersteuning aan het COA . Veiligheidsregio’s kunnen de gemaakte kosten voor de Crisisnoodvang declareren bij respectievelijk het Ministerie van Justitie en Veiligheid en het COA. Voor de declaratie van de kosten voor Oekraïense vluchtelingen zijn duidelijke richtlijnen opgesteld. Voor de declaratie van de kosten ter ondersteuning van het COA ontbreken deze echter. Het COA heeft inmiddels een concept-brief ter finale kwijting rond de COA-declaraties opgesteld. Aangezien deze op dit moment nog in concept is, bestaat het risico dat de kosten niet door het COA worden vergoed. De Veiligheidsregio draagt vervolgens het financieel risico zelf. 2.  Liquiditeitsrisico als gevolg van voorfinanciering kosten Crisisnoodopvang De kosten die verband houden met de Crisisnoodopvang voor Oekraïense vluchtelingen en ter ondersteuning aan het COA, kunnen weliswaar (grotendeels) worden gedeclareerd, maar moeten in eerste instantie worden voorgefinancierd.

De totale kosten voor de Crisisnoodopvang bedroegen in 2022 ca € 12,6

De verwachting is dat ook in 2023 de situatie zich zal voordoen dat, als gevolg van de voorfinanciering van de extra kosten voor de Crisisnoodopvang in combinatie met de uitgaven voor de reguliere bedrijfsvoering, onvoldoende liquide middelen aanwezig zijn. De af te sluiten nieuwe, (kortlopende) lening zal gezien de renteontwikkeling plaatsvinden tegen een hoger rentepercentage dan in de afgelopen jaren. De rente op deze (kortlopende) leningen als gevolg van voorfinanciering kosten (crisis)noodopvang wordt meegenomen in de declaraties. Het liquiditeitsrisico veroorzaakt niet direct een financieel risico. Strakke sturing op de liquiditeitsplanning is echter essentieel. 3.  Cyber- en digitale verstoringen (financieel risico ingeschat op € 0,25 - € 0,5 mln.) Een van de hedendaagse nieuwe risico’s wordt gevormd door cyber- en digitale verstoringen. Tussen 2017-2021 hebben zich diverse cyberaanvallen en digitale verstoringen voorgedaan in Nederland, bijvoorbeeld de cyberaanval op de Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG) in september 2020. De afhankelijkheid van digitale systemen is zó groot geworden dat aantasting van deze systemen kan leiden tot een ontwrichting van de organisatie. Cyber-verstoringen hebben een forse impact op getroffen organisaties. Andere expertise is nodig, de dynamiek is anders in vergelijking met klassieke (niet-digitale) incidenten.

Voorlopige jaarstukken 2022

De risico’s beschreven in de Programmabegroting 2022 en de 3 (hoofd) risico’s die eind 2020 naar voren kwamen uit een risico-inventarisatie op hoofdlijnen, zijn ook voor 2022 als vigerend beoordeeld. Naast deze 3 (hoofd)risico’s zijn als gevolg van externe ontwikkelingen 2 aanvullende risico’s geïdentificeerd: het liquiditeitsrisico en het inflatierisico.

mln. De periode tussen voorfinanciering (betaling) en ontvangst van de gedeclareerde kosten vanuit het Ministerie van Justitie en Veiligheid en het COA bedraagt meerdere weken of zelfs maanden. De uitgaven vanuit de reguliere bedrijfsvoering lopen echter ook door en dit heeft eind 2022 geleid tot situaties met onvoldoende liquide middelen om aan de korte termijn verplichtingen te voldoen. Om dit tekort op korte termijn aan te vullen is vervolgens een kortlopende lening van € 18 mln. afgesloten.

29

Voorlopige jaarstukken 2022 30

4.  Eigen risico onverzekerbare aanspraken (personele) ongevallenverzekeringen (financieel risico ingeschat op € 0,5 - 1 mln.) Veiligheidsregio’s worden in toenemende mate geconfronteerd met beperkte verzekerbaarheid, dekking en sterk gestegen premies van ongevallenverzekeringen. Daarnaast is gebleken dat veiligheidsregio’s een aantal zaken niet verzekerd hebben, die sterk samenhangen met de werkzaamheden van met name het repressief personeel. Hierdoor sluiten de verwachtingen en de afhandeling van claims niet altijd op elkaar aan. De verzekering is immers vooral een afdekking van het risico van de werkgever in plaats van de aanspraak van de medewerker. Veiligheidsregio’s kunnen daarbij dus geconfronteerd worden met financiering van niet verzekerbare aanspraken indien wordt uitgegaan van de werkelijke schade (m.n. bij overlijden en blijvende invaliditeit), waarbij het inkomen van de benadeelde het uitgangspunt (‘Goedwerkgeverschap na dienstongevallen’) vormt. Landelijk heeft dit bijgedragen aan de gedachte dat verzekeren ‘slechts’ een van de mogelijke opties is om financiële risico’s als gevolg van schade bij ongevallen op te vangen. In feite is daarmee de stap gezet van ‘verzekeringsdenken naar risicodenken’. Ook is de stap van ‘verzekeringsdenken naar het denken in aanspraken’ gezet: niet de verzekering, maar de aanspraak dient leidend te zijn voor de medewerker.

Om invulling te geven aan deze uitdagingen is de RCDV (Raad van Commandanten en Directeuren Veiligheidsregio’s) het Project ‘Risicomanagement & Verzekeringen’ gestart. Voor de verzekerbare aanspraken is het de bedoeling om één collectieve ongevallenverzekering in te kopen. De Europese aanbesteding van de ongevallenverzekering voor de 25 Veiligheidsregio’s vindt op dit moment plaats. De Europese aanbesteding van de ongevallenverzekering dient in de context te worden gezien van de invoering van de ‘Landelijke Regeling Aanspraken na Dienstongevallen Veiligheidsregio’s.

Een deel van de aanspraken uit de Landelijke Regeling, namelijk de kapitaalsuitkeringen bij overlijden en de kapitaalsuitkeringen bij blijvende invaliditeit wordt collectief aanbesteed. De intentie is om de overige aanspraken uit de Landelijke Regeling te financieren uit het nog op te richten ‘Waarborgfonds Veiligheidsregio’s’. Het voorstel Waarborgfonds is op 16 december 2022 aangenomen door het Veiligheidsberaad. Over het op te richten Waarborgfonds vindt in 2023 bestuurlijke besluitvorming plaats door via het Algemeen Bestuur een wensen en bedenkingenprocedure bij de gemeenteraden te initiëren. 5. Prijsstijgingen hoger dan indexering 2023. Het financiële kader (m.n. indexering) voor 2023 wordt gevormd door de Financiële kaderstelling gemeenschappelijke regelingen Hollands-Midden (FKGR) voor begrotingen 2023. De toegestane prijsindexatie voor 2023 bedraagt 3,7% voor beloning werknemers en 2,5% voor netto materieel. Voor de VRHM betekent dit een (gewogen) indexering van de gemeentelijke bijdragen van 3,28% t.o.v. 2022. Deze indexering is significant lager dan de prijsstijgingen die voor goederen en diensten worden doorberekend door de leveranciers. De VRHM loopt hierbij het risico dat, bij gelijkblijvende afname van diensten en goederen, de kosten voor 2023 hoger uit zullen vallen dan het financieel kader.

De beschikbare weerstandscapaciteit van Veiligheidsregio Hollands Midden bestaat uit het geheel aan middelen dat de organisatie daadwerkelijk beschikbaar heeft om de risico’s in financiële zin af te dekken. Deze bestaat uit de Algemene Reserve. Per ultimo 2020 bedroeg de Algemene Reserve € 920.300. Besloten is om deze stand voor de periode 2021-2023 als benodigde weerstandsvermogen, dus omvang van de Algemene Reserve, te handhaven.

4.1.4 Beleid over weerstandscapaciteit en risico´s Risicomanagement is erop gericht de schadelijke gevolgen van in kaart gebrachte risico’s zo veel mogelijk te voorkomen of te beperken. Dit kan worden gedaan door het vermijden van het risico (opheffen van de oorzaak), het verminderen van de impact van het risico (terugbrengen netto verwachte omvang en/of terugbrengen waarschijnlijkheid) of het overdragen van het risico (bijvoorbeeld door te verzekeren). De VRHM heeft diverse verzekeringspolissen afgesloten voor aansprakelijkheid, ongevallen personeel, schade aan opstallen, bedrijfsinventarissen en materieel. De VRHM voldoet hiervoor premie en kent per schade een beperkt eigen risico. Als de verwachte impact van het risico naar verhouding erg klein is, kan er ook voor gekozen worden het risico te accepteren. Als dat risico zich dan voordoet, draagt de VRHM de gevolgen zelf. Daar waar de VRHM een risico heeft verzekerd, maakt dit geen onderdeel meer uit van het vraagstuk rond het weerstandsvermogen. Immers het financieel risico is afgedekt en bij een derde, een verzekeringsmaatschappij, belegd.

4.1.5 B  eoordeling verhouding kengetallen in relatie tot de financiële positie Het weerstandsvermogen is de mate waarin onvoorziene tegenvallers kunnen worden opgevangen De aan de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten staan er garant voor dat de VRHM te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan zijn verplichtingen te kunnen voldoen (art. 51 gemeenschappelijke regeling VRHM). Daarmee is het weerstandsvermogen in principe altijd 100%.

Maar de VRHM heeft hierin ook een eigen verantwoordelijkheid en acht het vanuit normale bedrijfsvoering onwenselijk om telkens als zich een onverwachte tegenvaller voordoet, de deelnemende gemeenten aan te moeten spreken om financieel bij te springen. Daarom kiest zij ervoor zelf een zekere weerstandscapaciteit op te bouwen die afdoende dient te zijn om (de belangrijkste) onvoorziene tegenvallers op te kunnen vangen.

4.1.6 Financiële kengetallen Weerstandscapaciteit (x € 1 mln.)

2020

2021

2022

Algemene Reserve Totaal capaciteit

0,92 0,92

0,86 0,86

0,92 0,92

Risico’s (x € 1 mln.)

2020

2021

2022

Netto risico’s

0,92

0,92

0,92

Ratio Weerstandsvermogen

2020

2021

2022

Weerstandsvermogen

1,00

0,93

1,00

Financiële kengetallen

2020

2021

2022

Netto Schuldquote Netto Schuldquote (gecorrigeerd) Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

18% 18% 18% 3,90%

31% 31% 14% 2,0%

50% 50% 8% -2,3%

Het weerstandsvermogen is toegenomen van 0,93 tot 1,00. De toename van de algemene reserve met per saldo € 61.000 wordt veroorzaakt door de bestemming van het jaarrekeningresultaat 2021.

Voorlopige jaarstukken 2022

In 2022 hebben zich geen omstandigheden voorgedaan waarvoor een aanspraak gemaakt diende te worden op het weerstandsvermogen van de VRHM.

31

Ratio Weerstandsvermogen 1,00

Netto Schuldquote 50%

1,00

Voorlopige jaarstukken 2022

31% 0,93 2020

2021

18% 2022

Solvabiliteitsratio

2020

2021

Structurele exploitatieruimte 3,91%

18%

2,00%

14%

-2,30%

8%

2020

2022

2021

2022

2020

2021

2022

Hierin was besloten om de Algemene Reserve aan te vullen tot het bestuurlijk afgesproken niveau en € 61.000 hieraan te doteren. Als gevolg van deze toename is de VRHM (theoretisch) ‘voldoende’ in staat om de financiële consequenties van de geïdentificeerde risico’s zelf op te vangen. De netto risico’s zijn gelijk gebleven en de algemene reserve is dus toegenomen. Op basis van onderstaande normtabel bevindt het weerstandsvermogen van de VRHM zich in categorie ‘C’ en kwalificeert zich hiermee dus als ‘voldoende’.

32

Waardering

Ratio

Betekenis

A B C D E F

>2.0 1.4-2.0 1.0-1.4 0.8-1.0 0.6-0.6 <0.6

Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende

De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de VRHM ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De netto schuldquote is gestegen van 31% tot 50% mede als gevolg van de voorfinanciering van de kosten in het kader van crisiswerkzaamheden ten behoeve van Crisis noodopvang (CNO) voor het COA en Gemeentelijke Opvang Oekraïners (GOO) voor het Ministerie van J&V. Vooral de Vaste schulden zijn per saldo fors gestegen (€ 23,0 mln.) als gevolg van het afsluiten van totaal € 25,0 mln. aan nieuwe leningen. Halverwege en eind 2022 is gebleken dat het aantrekken van nieuwe leningen noodzakelijk was. De eerste lening was nodig voor het financieren van de aanschaf van repressieve voertuigen. De tweede lening betrof een kortlopende lening, die deels ook doorliep begin 2023. Eind 2022 bleek het liquiditeitssaldo fors terug te lopen vanwege de voorfinanciering van de kosten (totaal (€ 12,6 mln.) in het kader van crisis-werkzaamheden ten behoeve van Crisis noodopvang (CNO) voor het COA en Gemeentelijke Opvang Oekraïners (GOO) voor het Ministerie van J&V. Hiervoor is een kortlopende lening van € 18,0 mln. afgesloten, waarvan de aflossing begin 2023 heeft plaatsgevonden. Tegenover de nieuwe leningen staat een aflossing van € 2,0 mln. op bestaande leningen.

4.2 Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen (artikel 12 BBV)

De structurele exploitatieruimte geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is (structurele baten en lasten vergeleken met de totale baten). De structurele exploitatieruimte bedraagt -2,3% en is in 2022 fors afgenomen ten opzichte van 2021 (2,0%). Het negatieve percentage betekent dat in 2022 de structurele baten onvoldoende ruimte boden om de structurele lasten te dekken. De oorzaak is dat in 2022 de totale lasten ca € 0,6 mln. hoger zijn den de totale baten. Van de totale baten is ca € 1,4 mln. aan overhead doorbelast aan het COA. Deze baten zijn incidenteel en zijn hoger dan de totale incidentele lasten. Hierdoor zijn de structurele baten voor 2022 lager dan de structurele lasten 2022.

De financiële verordening schrijft ten aanzien van het onderhoud van de kapitaalgoederen het volgende voor: • Tenminste eens in de vier jaar wordt het meerjarig onderhoudsplan voor het (de) bedrijfsgebouw(en) in eigendom geactualiseerd om de noodzaak tot aanpassing van de jaarlijkse storting in de voorziening groot onderhoud gebouwen vast te stellen; • Bij de begroting en de jaarstukken doet het Bestuur verslag over de voortgang van het geplande onderhoud aan gebouwen en, als de actualisering van het meerjarig onderhoudsplan daartoe aanleiding geeft, van de (financiële) gevolgen daarvan. De VRHM beschikt niet over de kapitaalgoederen wegen, riolering, water en groen. In de sfeer van gebouwen, inventaris, voertuigen en redgereedschappen is wel sprake van onderhoud van kapitaalgoederen.

4.2.1 Onroerend goed Object

Locatie

Brandweerkazerne Loods Crisisruimte RBT Crisisruimte ROT

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/1555/documents/19729