CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

D04 College, bijlage Eindrapportage 'Schiphol vernieuwd verbinden'.pdf

Gemeenteraad 4 maart 2021, gemeente HillegomBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken28.259 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Advies: Leg de basiskwaliteit voor participatie bij

aan op de implementatie.

luchtvaartaangelegenheden op nationaal niveau vast met daarbij aandacht voor de vereisten aan

De kosten van de verdere uitbouw, het beheer en de

participatieplannen en de invulling van procedures,

ontsluiting van de informatie vanuit dit meetnetwerk

rollen en betrokkenheid van belanghebbenden bij zowel

kunnen – net als alle andere inpassingskosten – in alle

luchtvaart- als woningbouwbesluiten in het gebied.

redelijkheid niet anders dan rusten op de schouders van de veroorzakers van het omgevingsgeluid c.q. de

3. Basiskwaliteit Informatie

passagiers. Het Rijk voorziet vanuit zijn kaderstellende en faciliterende rol in een wettelijke grondslag voor een heffing op de ticketprijs met dit doel. Tevens treft het Rijk alle

Eveneens van belang is dat het nationale kader ingaat op de

noodzakelijke maatregelen die ervoor zorgen dat een van

basiskwaliteiten van de informatievoorziening in de omge-

alle partijen onafhankelijk en ter zake deskundig instituut

ving rond Schiphol. Het kan bijvoorbeeld niet zo zijn dat het

(zoals RIVM, KNMI of TNO) dit meetnetwerk kan behe-

centrale ankerpunt van het nationale beleid de neerwaartse

ren en de informatie op basis daarvan naar alle partijen

ontwikkeling van het aantal gehinderden is, maar dat niemand

communiceert via het Omgevingshuis (zie hoofdstuk 7).

zicht heeft op de (langjarige) ontwikkeling van het aantal gehinderden op basis van het gerealiseerde vliegverkeer en het actuele aantal inwoners. Daarmee ontstaan ruimte en ruis,

Verder is het van belang om in de basiskwaliteit van de

doordat het dan aan iedere partij wordt overgelaten om cijfers

informatievoorziening in het nationale kader, de toegankelijkheid

te presenteren op basis van eigen belang en interpretatie.

van de basisinformatie die voor de omgevingseffecten relevant is, voor een ieder vast te leggen. Hetzelfde geldt voor de rol van de

In de nationale kaderstelling is het daarom van belang om

onafhankelijke inspectie bij de toetsing van die informatie.

onder meer een actieve en transparante monitoring van de ontwikkeling van zowel het feitelijke aantal gehinderden als van

Tot slot legt het nationale kader de basis voor het

de geluidbelasting in het algemeen én op lokaal niveau vast

Omgevingshuis Schiphol, zodat de omgevingsrelevante

te leggen. Dat kan op basis van de in de publieke regelgeving

informatie niet alleen passief beschikbaar is, maar ook

aangegeven indicatoren.

actief vanuit een onafhankelijk loket wordt gebundeld en aangeboden. Dit onafhankelijke loket vormt tevens de centrale

Daarnaast borgt het Rijk in het nationale kader in ieder

omgevingsportal naar de dienstverlening aan de omwonenden,

geval dat zo spoedig mogelijk een onafhankelijk regionaal

die hier terecht kunnen met alle voorkomende vragen om

geluidsmeetnetwerk rond Schiphol wordt ingevoerd.

informatie en diensten (van informatie voor scholieren en werken woningzoekenden tot verzoeken om schadeloosstelling). Voor mij is essentieel dat informatie over de omgevingskwaliteit en dienstverlening transparant, centraal vindbaar, begrijpelijk en compleet is en de betrouwbaarheid en objectiviteit geborgd zijn. Dit uitgangspunt hoort thuis in het nationale kader. In hoofdstuk 7 licht ik toe hoe dit nader vorm gegeven kan worden in de Schipholregio.

Verbindingsplan Schiphol en omgeving 2021-2025 | 20

Advies: Leg de basiskwaliteit voor informatievoorziening bij luchtvaartaangelegenheden op nationaal niveau vast met ­daarbij aandacht voor inzicht in de ontwikkeling van lokale ­geluidsbelasting (gekoppeld aan de basis­ leefkwaliteit), de implementatie en benutting van een regionaal meetnetwerk, toegang tot en onafhankelijk toezicht op de informatie­bronnen en de stroomlijning van informatie in een Omgevingshuis Schiphol.

5 Interbestuurlijk Programma Schiphol

In dit hoofdstuk ga ik in op een van de drie in mijn ogen belangrijke verbindingsopgaven: de verbinding van de bestuurlijke lagen Rijk, provincie en gemeenten. De nationale kaders voor de inpassing in de regio behoeven uitwerking met de regionaal betrokken overheden om te kunnen leiden tot concrete resultaten. Ik schets het nut en de noodzaak van interbestuurlijke samenwerking als ‘scharnierfunctie’ tussen nationale kaderstelling en regionale uitvoering en inpassing. Daarbij schets ik ook de wijze waarop deze scharnierfunctie kan worden vormgegeven en de rol van de luchtvaartpartijen hierbij. Hiermee beoog ik de bestuurskracht en de uitvoeringskracht te vergroten waardoor de leefkwaliteit in de regio Schiphol versterkt wordt.

1. Motivering van een nationaal-regionale scharnierfunctie

De weging van de belangen rond de inpassing van Schiphol in zijn omgeving is een publieke zaak die niet beperkt kan worden tot ‘rijksluchtvaartbeleid’. Het gaat om meer. Het raakt andere beleidsdomeinen. Het raakt ook medeoverheden in de kern van

Nationaal Interbestuurlijke Programmaraad Rijk

hun publieke taken: de articulatie en integratie van belangen

kader

en uitvoering van rijkstaken. Het is daarom noodzakelijk om als

Luchtvaartpartijen

Provincies Gemeenten

Schiphol

LVNL

Carriers

bevoegde overheden binnen de door het Rijk gestelde kaders te komen tot een publieke weging en zo één overheid voor de burgers in het Schipholgebied te vormen. De recent verschenen studie van de studiegroep Interbestuurlijke Financiële

Omgevingshuis

Verhoudingen ‘Als één overheid - slagvaardig de toekomst tegemoet!’ (2020) wijst hier ook op. De nationale kaders voor de inpassing in de regio behoeven uitwerking om te kunnen leiden tot concrete resultaten. En

Maatschappelijke Raad Schiphol (Bewoners, maatschappelijke organisaties, wetenschappers)

die uitwerking kan geografisch uiteindelijk nergens anders haar concreet beslag krijgen dan in de regio. Er kan niet over het niveau van de regio – en de regionale bevoegdheden en

Brede maatschappelijke participatievormen

verantwoordelijkheden – heen gestapt worden als het gaat om

(Critical reviews, huiskamergesprekken, internetconsultaties, inspraak, etc.)

de inpassing van de luchtvaartactiviteiten in de leefomgeving.

Verbindingsplan Schiphol en omgeving 2021-2025 | 22

Hoofddoel daarbij is dat er effectief maatregelen worden

Rijk veel nadrukkelijker betrokken te zijn bij en gebruik te

genomen voor bewoners in de luchthavenregio, die

maken van de regionale en lokale kennis en expertise die

waarneembaar leiden tot een verbetering van het leefklimaat

aanwezig zijn bij provincies en gemeenten.

dan wel in ieder geval de bewoners beschermen tegen een onderschrijding van de basisleefkwaliteit die op nationaal niveau

c.

Richting de burger is het dienstbaar om de bevoegde overheden in het gebied ‘één gezicht’ te geven. Daarmee

gedefinieerd is.

wordt ook de basis gelegd voor een lang gekoesterde De daarvoor noodzakelijke maatregelen worden niet ‘gevangen’

wens om in de uitvoering en dienstverlening richting

in bestuurlijk-geografische grenzen: er zijn raakvlakken

omwonenden in het betrokken gebied ‘één loket’ tot

met het Rijk, (meerdere) provincies en (veel) gemeenten.

stand te brengen waar de burgers terechtkunnen met al

Alle overheden in het gebied hebben eigen bevoegdheden

hun vragen, opmerkingen, opinies en verzoeken inzake

gebaseerd op wet- en regelgeving, met elk een eigen voor-

beleidsafwegingen, compensatie en isolatie. Burgers

geschreven verantwoordingsstructuur met een geheel

moeten met al hun vragen en opvattingen op één plek

eigen karakter (Provinciale Staten, gemeenteraden, raden

terechtkunnen en vandaar uit bediend worden. De

van commissarissen, aandeelhouders, raden van toezicht

commissie-Cohen waarschuwt terecht voor een stapeling

et cetera). Maar er is vanuit ieders rol gezamenlijke input

van participatie van belanghebbenden in de omgeving.

noodzakelijk om tot een kwaliteitsimpuls voor de leefkwaliteit in

Daar kan nog een waarschuwing aan toegevoegd worden:

de luchthavenregio te komen en zo de nationale kaderstelling

de waarschuwing voor een stapeling van overheidsbeleid,

van het Rijk in te vullen.

-visies en -maatregelen jegens de omwonenden. Laat de overheid in dit toch al complexe dossier voor burgers één gezicht en één boodschap communiceren.

De verleiding is om een knip aan te brengen tussen ‘nationaal’ en ‘regionaal’. Er zijn echter zwaarwegende strategische en inhoudelijke redenen om dit niet te doen en de scharnierfunctie

d.

Het Interbestuurlijk Programma Schiphol helpt de

tussen nationale kaderstelling en regionale uitvoering en

regionale overheden beter toegang te krijgen tot de

inpassing – zoals hierboven aangegeven – te beleggen bij het

nationale beleidsafwegingen en uitvoeringsvraagstukken.

Interbestuurlijk Programma Schiphol:

Zoals in het verleden de ministeries van V&W, VROM en EZ interdepartementaal het Schiphol-beleid vorm en inhoud

a.

Om een zorgvuldige doorvertaling van de rijkskaders

gaven, zo zouden nu het Rijk en de regionale overheden

te borgen, is nationale betrokkenheid bij de regionale

interbestuurlijk tot een invulling van het Schiphol-beleid

inpassing van groot belang. Praktisch zal een nauwe

kunnen komen.

coöperatie ook van belang blijken wanneer op bepaalde punten de nationale kaderstelling vooraf niet zo scherp

e.

Diverse inhoudelijke vraagstukken in het Schiphol-dossier

als gewenst kan zijn. Hieraan kan dan werkende weg de

lenen zich er niet voor om een scherpe knip te maken tussen

rijksoverheid vanuit haar verantwoordelijkheid – in overleg

nationaal en regionaal, maar vragen om een veel robuustere

met de medeoverheden – verdere invulling geven. Een

invulling van de scharnierfunctie daartussen. Zo zullen naar

nauwe betrokkenheid van het Rijk draagt bij aan het tijdig

het zich laat aanzien bijvoorbeeld routevraagstukken de

signaleren en ondervangen van knelpunten in de nationale

komende jaren een uitermate belangrijk vraagstuk vormen.

kaderstelling.

Het Lelystad-dossier heeft geleerd dat het knippen tussen regionaal en nationaal tot onaangename verrassingen leidt.

b.

Ook kan het Rijk door coöperatie actief leren van de

Het routeontwerp – en dan met name van nieuwe routes

concrete problematiek waar mensen in de regio op

die op de internationale ‘snelwegen’ in de lucht aansluiten –

stuiten, en hierop acteren. In het tussenadvies heb ik erop

vereist een integraal perspectief van a naar b (van de interna-

gewezen dat de rol en betrokkenheid van de rijksoverheid

tionale snelweg naar de baan) om tot een optimale inpassing

bij de ontwikkeling en behandeling van hinderbeperkende

te komen, zowel dichtbij de luchthaven als verderop in het

maatregelen in de regio in het afgelopen decennium

land. Dit routeontwerp staat, met de in de Luchtvaartnota en

beperkt is geweest. Het was een keuze om die rol te laten

luchtruimherziening aangekondigde verkenning van vaste

bij de luchtvaartpartijen, regio en bewoners, en als Rijk

naderings- en vertrekroutes, hoog op de agenda.

via gremia als de Alderstafel en de ORS in verbinding te staan met die maatregelen. ‘Den Haag’ staat daarmee

Tegen deze achtergrond kom ik tot de conclusie dat de

vooralsnog op een vrij grote afstand van de dagelijkse

keuze voor een interbestuurlijk programma het beste past

concrete leefbaarheidsissues in de regio. In de regio is

binnen de doelstelling om te komen tot een versterking van

thans geen vertakte ‘infrastructuur’ van de rijksoverheid

de leefkwaliteit. Het gezamenlijk optrekken vergroot de

zelf om snel – zelfstandig – signalen rond lokale issues op

bestuurskracht en acht ik een effectieve manier om uit huidige

te vangen en te ondervangen, om vervolgens daarop tijdig

bestuurlijke impasses te komen.

rijksregie te voeren. Het heeft belangrijke voordelen om als

23 | Verbindingsplan Schiphol en omgeving 2021-2025

De vertaling en regionale uitwerking van de rijkskaders worden

2. Organisatie

daarbij uitgevoerd door de bevoegde organen gezamenlijk in

Om in de toekomst een aantrekkelijk woon- en vestigings-

het Interbestuurlijk Programma Schiphol. Dit interbestuurlijke

klimaat te behouden en tot vormgeving en invulling van

programma vult het ‘beleidsmatige gat’ tussen het abstractie-

de kaders te komen, is een goede samenwerking vereist,

niveau van een Luchtvaartnota en Luchtruimvisie en de

zowel van bestuurders onderling als tussen bestuurders en

concrete regionale inpassingsopgaven. Dit vertaalt zich in een

de brede omgeving. Op hoofdlijnen zie ik de uitwerking in

samenhangende gebiedsagenda waarin voor de komende jaren

organisatorische zin als volgt voor me.

beschreven is waarnaartoe gewerkt wordt en in een daarop gebaseerd samenhangend jaarprogramma voor de regio

De MIRT-systematiek kan in algemene zin de referentie vormen

Schiphol.

voor de invulling van de werkwijze. De manier waarop het bereikbaarheidsprogramma van de Metropoolregio Amsterdam

Het is uiteraard niet de bedoeling van dit Interbestuurlijk

(MRA) is vormgegeven in samenhang met de MIRT-systematiek

Programma Schiphol om alle lopende projecten en

zie ik als een voorbeeld van hoe dit in de praktijk kan werken.

programma’s opnieuw te starten en over te doen. Het gaat

De bestuurskundige reflectie van enkele hoogleraren sterkt mij

er veel meer om de lopende projecten en programma’s

in mijn gedachte dat een MIRT-achtige coördinatiefunctie zeer

op een zo ‘natuurlijk’ mogelijke wijze in te brengen in dit

behulpzaam kan zijn om tot besluiten te komen door bestuur-

Interbestuurlijk Programma, daarin samenhang te brengen

ders (zie bijlage).

met de andere trajecten en het onderwerp te maken van interbestuurlijke bespreking. Dit resulteert dan in zowel een

Het interbestuurlijk programma wordt opgesteld door

meerjarige gebiedsagenda waarin de bestuurders samen met

een interbestuurlijk samengesteld programmateam

bewoners, ondernemers, instellingen en andere partijen de

(het programmabureau) onder leiding van een programma-

belangrijkste opgaven van het gebied in kaart brengen als

coördinator van het Rijk op hoogambtelijk niveau. In het

een jaarlijks uitvoeringsprogramma. Specifieke programma’s

programmabureau worden de kennis en expertise van

worden dan vormgegeven langs de lijnen van de verdeling van

de verschillende overheden ingebracht. De programma-

bevoegdheden.

coördinator heeft met het programmabureau, naast de ontwikkeling van het beleid, de uitdrukkelijke taak om de

Een dergelijke programmatische aanpak is er ook op gericht

uitvoering hiervan te regisseren en te bewaken. Die uitvoe-

om tot een structurele financieringsaanpak te komen voor

ring blijft, evenals de formele besluitvorming, belegd via de

de leefbaarheidsmaatregelen, informatievoorziening en

reguliere lijnen via de bevoegde organen. De programma-

participatie zoals die uit de in dit advies voorgestelde aanpak

coördinator functioneert met het programmabureau onder

voortkomen.

verantwoordelijkheid van een (inter)bestuurlijk samengestelde programmaraad. Deze Interbestuurlijke Programmaraad Schiphol komt regelmatig samen.

Advies: Verbind de nationale en regionale opgaven in een interbestuurlijke programmatische aanpak waarbij bevoegde partijen na constructief onderling overleg, en

MIRT-aanpak Samen bouwen aan bereikbaarheid

na participatie van belanghebbenden, besluiten nemen

‘Samen bouwen aan bereikbaarheid’ is een programma

en via hun bestaande bevoegdheden tot uitvoering

van de Metroploolregio Amsterdam, ingebed in de

brengen.

MIRT-overlegstructuur. De samenwerkende partijen in het programma zijn: de ministeries van IenW en BZK en de overheden vertegenwoordigd in het samen-

In het volgende hoofdstuk ga ik concreter in op enkele

werkingsverband MRA. Bij veel projecten zijn ook het

voorbeelden van inhoudelijke vraagstukken die een plek

bedrijfsleven en de directe omgeving betrokken. Alle

zouden kunnen krijgen op de concept-agenda van het

samenwerkende partijen zijn nodig, want de opgaven zijn

Interbestuurlijk Programma Schiphol. Voor het rijkskader is

urgent en complex. Ze overstijgen beleidsterreinen en

dat in de vorige paragraaf ook inhoudelijk ingevuld. Omdat het

verantwoordelijkheden van de verschillende overheids-

gaat om de regionale opgaven, waarop samenwerking met de

lagen. Bestuurlijk commitment is daarom cruciaal.

bestuurlijke regio zich richt, en dit de kern van mijn opdracht

Partijen worden uitgedaagd om slimmer en innovatiever

betreft, ga ik hier uitvoeriger op in. Maar eerst beschrijf ik in

te werken en mee te bewegen met de (technologische)

dit hoofdstuk nog een slag specifieker de organisatie van de

ontwikkelingen. De structuur van het programma maakt

scharnierfunctie en vervolgens de rol van de luchtvaartpartijen

daarbij voortdurende afstemming tussen koers, strategie

hierbij.

en actieagenda mogelijk. Het programmateam Het programmateam wordt aangestuurd door twee

Verbindingsplan Schiphol en omgeving 2021-2025 | 24

programmamanagers: een vanuit het Rijk en een vanuit de

De eerste stap van het Interbestuurlijk Programma Schiphol

MRA. Het programmateam levert beslisinformatie aan de

is de opstelling van een jaarprogramma en een meerjarige

programmaraad, zodat die op zijn beurt richting kan geven

gebiedsagenda – zoals te doen gebruikelijk in de MIRT-

aan het programma. Binnen het programmateam werken

systematiek – waarin de opgaven in samenhang worden

de verschillende projectmanagers aan de programmalijnen

beschreven en wordt aangegeven welke hiervan ‘no regret’ zijn

zoals die in het Bestuurlijk Overleg MIRT zijn vastgesteld.

en met welke prioriteit de overige opgaven ter hand worden

Ook daar wordt veelal gewerkt met duo-projectleiders

genomen. Zodra het Interbestuurlijk Programma Schiphol er

(Rijk-regio-duo’s). Verder bestaat het team uit een

is, dient het jaarlijkse programmaplan ervoor om aan te geven

omgevingsmanager en een programmasecretaris.

hoe de diverse opgaven in de regio bijdragen aan de kwaliteitsslag die als ambitie is neergelegd in het Interbestuurlijke

De programmaraad

Programma Schiphol.

De programmaraad maakt gebiedsgerichte afwegingen en zorgt voor bestuurlijke sturing. De raad komt minimaal

Bij elke van de inhoudelijke opgaven wordt een uitgewerkt

twee keer per jaar bij elkaar. De leden zijn samen verant-

participatieplan opgesteld en vastgesteld (vergelijkbaar met de

woordelijk voor de ontwikkeling van het programma en

Omgevingswet). Deze worden voor een zienswijze voorgelegd

de samenwerking. Daarnaast is er een hoog-bestuurlijk

aan de Maatschappelijke Raad Schiphol (zie verder hoofd-

expertpanel dat de programmaraad adviseert.

stuk 7), waarna het bevoegde orgaan deze zienswijze afweegt en het participatieplan vaststelt. Insteek daarbij is dat op alle

Het directeurenoverleg

onderwerpen van het interbestuurlijk Programma Schiphol

De leden van het directeurenoverleg zijn gedelegeerd

participatie plaatsvindt met luchtvaartpartijen en omgevings-

opdrachtgever van het programma en komen vier keer

partijen (zie hieronder).

per jaar bij elkaar. Zij vertegenwoordigen Rijk en regio, maar het directeurenoverleg is breder samengesteld dan

Om het mandaat en het commitment expliciet aan de voorkant

de programmaraad: ook NS, ProRail, Schiphol Group en

te verankeren, is het aan te bevelen om de opstelling en

Rijkswaterstaat zijn afgevaardigd. Het directeurenoverleg

uitwerking van het Interbestuurlijk Programma Schiphol op

is zowel een klankbord voor het programma als besluit-

politiek-bestuurlijk niveau vast te leggen in een bestuurs-

vormend voor een aantal zaken. Het directeurenoverleg

overeenkomst. In de interbestuurlijke samenwerking wordt

wordt ambtelijk voorbereid door het programmateam.

ieders rol en verantwoordelijkheid gerespecteerd, inclusief de verantwoordingsrelatie richting de controlerende volks-

Het Vooroverleg Programmaraad Private Partijen

vertegenwoordigende organen. In de bestuursovereenkomst

Het Vooroverleg Programmaraad Private Partijen bestaat

wordt vastgelegd hoe dit wordt geborgd voor alle betrokken

uit een brede vertegenwoordiging van directeuren van

besturen. In deze bestuursovereenkomst wordt eveneens

uiteenlopende belanghebbende organisaties. Dit overleg

vooraf vastgelegd op welke wijze de participatie en informatie-

fungeert als een maatschappelijk klankbord. Naast een

voorziening op een evenwichtige, transparante en betekenis-

aantal partijen uit het directeurenoverleg, zoals NS,

volle manier wordt ingevuld (dit punt is hieronder verder

Prorail en Schiphol, zijn ook organisaties vertegenwoor-

uitgewerkt).

digd als Amvest, ANWB, Rover, Almere 2.0, VU, Bouwagenda, Arriva, Transdev en de Johan Cruijff Arena. Het

De taken en bevoegdheden behorend bij de concrete

panel toetst de producten die geagendeerd staan in de

inhoudelijke opgaven berusten bij uiteenlopende partijen.

programmaraad. Het expertpanel komt daarom meestal

Die bestaande bevoegdheidstoedeling is het uitgangspunt bij

een week voor de programmaraad bijeen.

het zoeken naar een effectieve en voortvarende uitvoering. Een gemeenschappelijk te ontwikkelen interbestuurlijk

Het Bestuurlijk Overleg MIRT

programma – dat de resultaten kan neerleggen in bijvoor-

Jaarlijks vindt een Bestuurlijk Overleg plaats tussen de

beeld een Omgevingsvisie Schiphol – legt daarvoor de basis.

betrokken ministeries en regionale overheden in het

Daarin scheppen publieke partijen het kader waarbinnen

kader van het MIRT. Binnen dit overleg bespreken zij de

de afstemming plaatsvindt tussen de luchtzijdige (routes en

voortgang van de projecten, de resultaten van studies en

bochtstralen, vlieghoogtes en -procedures, vlootvernieuwing)

onderzoeken en de prioriteiten voor de komende perio-

en landzijdige aspecten (isolatie, verhuisregelingen,

de. Ook maken ze afspraken over knelpunten, mogelijke

groenvoorzieningen, bouwactiviteiten).

belemmeringen en de financiering.

25 | Verbindingsplan Schiphol en omgeving 2021-2025

Taken

3. Rol luchtvaartpartijen

In de zogenoemde takentabel heeft het bureau

Nationaal

Berenschot een vereenvoudigd overzicht gegeven van de taken die aan de orde zijn en er daarbij op gewezen dat er ook onbelegde (‘vrije’) taken kunnen zijn. Bij nog onbelegde taken is het des te meer van belang om

kader

Interbestuurlijke Programmaraad Rijk

Luchtvaartpartijen

Provincies Gemeenten

Schiphol

LVNL

Carriers

de rollen van uitvoeringsverantwoordelijken helder te beleggen. Bij deze onbelegde taken, maar ook bij de vaste taken, is het van belang te onderkennen dat ook

Omgevingshuis

daarbij een sterke wederzijdse afhankelijkheid tussen partijen bestaat.

De erkenning van die wederzijdse afhankelijkheid kan ook tot uitdrukking gebracht worden in de voorgestelde aanpak van

Maatschappelijke Raad Schiphol (Bewoners, maatschappelijke organisaties, wetenschappers)

de opgaven. Daarvoor kan voor elk van de (clusters van de)

Brede maatschappelijke participatievormen

opgaven overwogen worden om op basis van de inhoudelijke

(Critical reviews, huiskamergesprekken, internetconsultaties, inspraak, etc.)

opgave bijvoorbeeld bestuurlijke trekkers hiervoor aan te wijzen (door de programmaraad) die bestuurlijk verantwoordelijkheid

Belangenafweging en beleidsuitvoering

nemen om een in het Interbestuurlijk Programma Schiphol

Kaderstelling en belangenafweging zijn een publieke zaak. De

neergelegde opgave uit te voeren.

uitvoering is aan professionele uitvoeringsorganisaties – op het terrein van exploitatie, luchtverkeersleiding, slotcoördi-

Om de samenhang en een voortvarende uitvoering te

natie. Die belangenafweging zelf kan niet worden uitbesteed.

borgen, benoemt de programmaraad een onafhankelijke

Dus besluitvorming over bijvoorbeeld verkeersvolumes (dan

externe rapporteur. Deze rapporteur vervult wat in bestuurlijk

wel maxima aan geluids- en/of andere emissies), de aanleg

Nederland wel bekend is als de ‘rekenkamerfunctie’. De

van start- en landingsbanen en afweging van nieuwe start- en

rapporteur stelt (half)jaarlijks een openbaar verslag op over de

landingsroutes hoort thuis in de publieke arena. Het resultaat

voortgang, de samenhang en de effecten van de werkzaam-

van deze besluitvorming verdient het om transparant neer-

heden. Door de externe onafhankelijke rol geeft de rapporteurs-

gelegd te worden in publieke regelgeving, zodat dat resultaat

functie de bevoegde en controlerende instanties tijdig signalen

voor de democratisch controlerende organen en voor de

indien de uitvoeringskracht of de samenhang in de besluit-

belanghebbenden kenbaar is.

vorming en uitvoering achterwege blijft. Het uitgangspunt van het sturingsmodel, waarbij groei kan worden verdiend en dus een zorgvuldige uitvoering van beleid Advies: Werk de interbestuurlijke programmatische

wordt beloond, is helder. De kaders van de ontwikkeling (zoals

aanpak uit naar analogie van de MIRT-systematiek

de volumes van etmaal en nacht, geluidspreferentieregels

en leg deze vast in een bestuursovereenkomst. In

en het sturingsmodel dat daar betrekking op heeft) worden

die bestuursovereenkomst kan de invulling van de

politiek gewogen, vastgelegd en gehandhaafd. Binnen die

Programmaraad, de rol van de programmacoördinator

kaders gelden vervolgens – nog uit te werken en in regelgeving

en het programmabureau en de werkwijze met een

transparant en handhaafbaar vast te leggen (zie hoofdstuk 6)

jaarprogramma, een meerjarige gebiedsagenda,

– prikkels voor de luchtvaartpartijen om zoveel mogelijk hinder

particpatieplannen, informatievoorziening en een

te beperken. Vrijwel alle maatregelen voor hinderbeperking

onafhankelijke externe rapporteur worden neergelegd.

passen in dat model en sluiten ook aan bij de bevoegdheden van de luchtvaartpartijen: volumeverdeling over het etmaal en baanbeschikbaarheid (Schiphol), baancapaciteit en strikt geluidspreferent baangebruik (LVNL en Schiphol) en vlootvernieuwing (carriers). Routes als uitkomst van publieke belangenafweging Voor nieuwe routes of routeoptimalisaties (inclusief de ligging van waypoints, bochtstralen, et cetera) en start- en landingsprocedures vraag ik afzonderlijk aandacht. Hierboven heb ik er reeds voor gepleit om deze transparant vast te leggen in publieke regelgeving voor in ieder geval het gebied dat binnen de gehanteerde definitie als ‘gehinderd’ wordt aangemerkt.

Verbindingsplan Schiphol en omgeving 2021-2025 | 26

Verschuivingen van die routes en verandering van procedures

dat de kennis en expertise vanuit de uitvoering benut door deze

hebben in ieder geval binnen dat gebied de afgelopen jaren

in te winnen, op waarde te schatten en het een plek te geven in

laten zien uiterst gevoelig te liggen. Wijzigingen hierin – en dus

de afwegingen van publieke belangen.

besluiten hierover – leiden tot een andere verdeling van hinder en raken rechtstreeks de belangen van diverse bevolkings-

Bij de beleidsafwegingen in de interbestuurlijke programma-

groepen. Het gaat hier dan steeds om een belangenafweging.

raad is het nuttig en nodig om de informatie op basis van de

Vanuit het perspectief van een zorgvuldige bescherming van de

uitvoeringsdeskundigheid van de luchtvaartpartijen mee te

omgeving behoort die weging van belangen onafhankelijk en

wegen. Deze deskundigheid kan de programmaraad van dienst

gecontroleerd in het publieke domein plaats te vinden.

zijn op alle punten die ter afweging voorliggen (zie het volgende hoofdstuk).

Het is ook wel zo fair richting de luchtvaartpartijen om hen af te rekenen op de zaken waarvoor zij vanuit de aard van hun

Waar het de uitvoering van de reguliere operatie betreft

professionaliteit aanspreekbaar kunnen worden gehouden.

– binnen het bestaande beleid en regelgeving – kunnen

En hen niet aan te spreken op hun mate van succes in de

de luchtvaartpartijen vanuit hun eigen bevoegdheden en

bemiddeling tussen de belangen van verschillende overheden

verantwoordelijkheden de omgeving actief informeren.

en bevolkingsgroepen bij het optreden van waterbedeffecten. Als er behoefte is aan optimalisaties, is de koninklijke weg dat lokale/regionale bestuurders deze inbrengen in het overleg met

Participatie bij reguliere operatie

het Rijk in de programmaraad, en dat deze dan gezamenlijk

Bij de invulling van de participatie rond de reguliere

tot een afweging worden gebracht. Dit in samenhang met

operatie zou in ieder geval kunnen worden vastgelegd

de definiëring van hinder. Daar waar luchtvaartpartijen zelf

dat de Maatschappelijke Raad Schiphol:

initiatiefnemer zijn van aanpassingen kunnen deze eveneens

• jaarlijks de gelegenheid krijgt om advies uit te

via de programmaraad worden ingebracht, waarna een zorgvuldige weging van de in het geding zijnde belangen kan plaatsvinden. Nadat die weging heeft plaatsgevonden en is

brengen over de gebruiksprognose voor het volgende jaar en de planning van het groot baanonderhoud; en • geïnformeerd wordt over de realisaties van het

uitgemond in een besluit, is het vervolgens aan de luchtvaart-

afgesloten jaar, inclusief het klachtenoverzicht en de

partijen om deze zo effectief mogelijk uit te voeren.

afhandeling daarvan.

Advies De uitvoerende organisaties in de Nederlandse luchtvaart

In hoofdstuk 7 ga ik nader in op de rol en invulling van deze

zijn spelers met kennis en expertise op het terrein van

Maatschappelijke Raad Schiphol.

intercontinentale netwerkontwikkeling, luchthavenexploitatie en (veilige) vluchtafhandeling die tot de wereldtop gerekend moeten worden. Het is niet goed denkbaar dat deze kennis en expertise

Advies: Betrek de uitvoeringsdeskundigheid van de

genegeerd kunnen worden in de beleidsvorming. Ze verdienen

uitvoerende partijen bij de afweging van de publieke

respect in de beleidsvorming, maar zonder dat dit afdoet aan een

belangen.

transparante weging van de in het geding zijnde belangen en aan

Laat de verantwoordelijkheid om de omgeving actief te

de bescherming van de omwonenden. Dat respect kan het best

informeren bij de uitvoerende partijen daar waar het de

tot uitdrukking gebracht worden door een zelfbewust bestuur,

reguliere operatie betreft.

6 Agendapunten Interbestuurlijk Programma Schiphol

In dit hoofdstuk reik ik potentiële bouwstenen aan voor een conceptagenda voor het Interbestuurlijk Programma Schiphol. Ze zijn indicatief bedoeld. Het behoort niet tot mijn opdracht om een voorstel te doen voor de invulling. Dat is aan de bevoegde en betrokken overheden, gehoord hebbend de belanghebbende partijen. Wel wil ik illustreren welke punten in de komende jaren van een publieke afweging dienen te worden voorzien, gegeven het belang van de ontwikkeling van de kwaliteit van het verbindingennetwerk én van de kwaliteit van de leefomgeving. Ik heb er bewust voor gekozen om als ‘buitenstaander’ niet om de moeilijke punten heen te lopen. Ik geef een indruk van waar het om zou moeten gaan, zonder dat ik de pretentie heb compleet te willen zijn.

Advies: Bepaal als eerste stap in het Interbestuurlijk

Ik schets concreet enkele voorbeelden van inhoudelijke

Programma Schiphol een gezamenlijke inhoudelijke

beleidsvraagstukken op dit tussenniveau die nu tussen wal

agenda die neergelegd wordt in een jaarprogramma en

en schip dreigen te geraken. De burgers in de omgeving rond

een meerjarige gebiedsagenda. Als aanzet om daartoe

Schiphol hebben er recht op dat hun overheden op deze

te komen worden 10 inhoudelijke aandachtspunten

vraagstukken een heldere en integrale afweging maken. Dat

meegegeven.

is in dit land de taak van publieke organen. Zij – en zij alleen – kunnen daar democratisch verantwoording over afleggen door aan te geven hoe zij daarbij alle belanghebbenden zorgvuldig

De inhoudelijke opgaven rond de inpassing van Schiphol in

hebben gehoord en hun belangen hebben gewogen. Om voor

zijn omgeving bevinden zich ergens tussen het abstractie-

zowel de belanghebbenden als de volksvertegenwoordigingen

niveau van de Luchtvaartnota en de individuele leefwereld

inzicht te geven in de keuzes waartoe dit binnen de gegeven

van de burgers; ergens tussen het Rijk, dat op (inter)nationaal

rijkskaders (zie hoofdstuk 4) leidt, beveel ik het Interbestuurlijk

niveau acteert in het luchtvaartdossier, en de omwonenden,

Programma Schiphol aan. Ook omdat daarmee invulling kan

woningzoekenden en werknemers die de effecten van het

worden gegeven aan de regionaal en lokaal sterk gevoelde

internationale verbindingennetwerk aan den lijve ondervinden.

behoefte aan samenhang.

Op dat niveau kan en mag de inbreng van de intermediaire bestuurlijke rol van de provincies niet gemist worden, evenmin

Ik acht het daarbij nuttig en nodig dat, zoals gebruikelijk bij

als de inbreng van de lokale overheden, die als publiek

het MIRT, zowel een jaarlijks uitvoeringsprogramma wordt

bestuursorgaan het dichtst bij de leefwereld van de burgers en

opgesteld als een meerjarige gebiedsagenda, waarin de

hun lokale knelpunten staan.

bestuurders, gehoord hebben de omwonenden, ondernemers,

Verbindingsplan Schiphol en omgeving 2021-2025 | 28

instellingen en andere belanghebbende partijen in de regio, de

Sturen op hinderreductie

belangrijkste opgaven van het gebied in kaart brengen.

Vanuit de inhoud komen bij het sturingsmodel voor ‘groei op basis van hinderbeperking’ al heel snel

1. Uitwerking van het sturingsmodel Schiphol

uitwerkingsvragen aan de orde die illustreren hoe groot het belang van de omgeving hierbij is, en ook welk belang de luchtvaartpartijen zelf hebben bij een bepaalde uitwerking:

In de brief d.d. 5 juli 2019 over de ontwikkeling van Schiphol

• Wat is het peiljaar van de hinderreductie?

heeft het ministerie aangegeven dat “het aantal mensen dat op

• Gaat het alleen om geluid of ook om andere

basis van de huidige systematiek als ernstig gehinderd wordt

omgevingsfactoren?

aangemerkt ieder jaar aantoonbaar omlaag [moet]” (p. 4).

• Hoe wordt omgegaan met gebieden buiten de

In de Luchtvaartnota wordt dat herhaald: “Neemt de geluids-

• Hoe verhoudt de methodiek voor afrekening van de

belasting en uitstoot van schadelijke stoffen af? Dan kan de

luchtvaart zich tot de methodiek die het Rijk met

luchtvaart groei verdienen. (…) De rijksoverheid verwacht van

LVNL hanteert bij het ontwerp van de luchtruim-

de burgerluchthavens dat zij in voorbereiding op een nieuw

herziening, met name de ontwerpeis dat boven de

luchthavenbesluit, met de belanghebbenden in hun regio

6000ft de uitstoot leidend is en daaronder het geluid?

48 dB(A) Lden? (zie het tussentijdse advies)

de gewenste ontwikkeling verkennen. Ze moeten rekening

• Hoe wordt omgegaan met door Schiphol uitgevoerd

houden met de ambities van de Rijksoverheid en de ruimte

baanonderhoud als uitzonderingsgrond? (zie het

voor groei binnen het geldende luchthavenbesluit. Na deze regionale verkenning beslist de Rijksoverheid over de verdere ontwikkeling van de luchthavens.”

tussentijdse advies) • Wordt al het verkeer meegenomen, inclusief het maatschappelijk verkeer? (zie het tussentijdse advies en de Luchtvaartnota)

Het sturingsmodel raakt de omgeving in haar hart, zowel qua

• Hoe wordt omgegaan met de invloed van het weer

hinderbeperking als qua ontwikkelmogelijkheden voor andere

op de jaarlijkse verdeling van het geluid over de

ruimtevragende sectoren (met name woningbouw). Gegeven

omgeving en daarmee van het effect van het weer op

het herhaaldelijk gehanteerde motto van de omgevingspartijen ‘eerst zien, dan geloven’ is draagvlak in de regio voor de uitwerking van het sturingsmodel cruciaal. Daarbij zijn tal van inhoudelijke vragen aan de orde die expliciete betrokkenheid van de omgeving noodzakelijk maken, en ligt het niet voor de

het aantal gehinderden? • Hoe wordt omgegaan met meer hinder door nieuwbouw? • Hoe wordt omgegaan met veiligheidsmaatregelen die leiden tot meer hinder?

hand om in eerste aanleg de normadressaat (zijnde de lucht-

• Wordt de hinderbeperking bepaald op basis van

vaartpartijen) te vragen om een voorstel voor de norm uit te

prognoses van Schiphol of op basis van door de

werken. De uitwerking van publieke normen komt toe aan over-

inspectie geverifieerde realisatiedata? (zie het

heden, die gegeven hun karakter de geëigende partijen zijn om

tussentijdse advies)

belangen af te wegen en tot een normstelling te komen. Het zijn juist ook de overheden die erop ingericht zijn om hierover publiekelijk democratische verantwoording over af te leggen (en zo nodig, vanuit een bestuursrechtelijk perspectief, juridische verantwoording), uiteraard na participatie van luchtvaart- en omgevingspartijen.

29 | Verbindingsplan Schiphol en omgeving 2021-2025

2. Hinderreductie door afstemming ruimtelijke ontwikkeling op de grond en in de lucht

Anderzijds is het risico groot dat, door onvoldoende afstemming, opgelegde beperkingengebieden de ontwikkeling in de regio onnodig belemmeren, waardoor verloedering

Een belangrijk aandachtspunt voor Rijk en regionaal bestuur is

dreigt. Of dat de woningbouw hierdoor zodanig aan banden

hoe invulling wordt gegeven aan de door het regionaal bestuur

wordt gelegd dat niet kan worden voorzien in de regionale (en

verlangde ‘wederkerigheid’ in het luchtvaartbeleid en het

nationale) behoefte aan volkshuisvesting. Een constructieve

ruimtelijk beleid. Hoe kan in het beleid gekomen worden tot

interbestuurlijke afstemming is hierbij de enige remedie om

een eenduidige definitie van en normstelling voor hinder? Die

een verantwoorde balans te vinden.

eenduidigheid is van belang om ervoor te zorgen dat zowel planmakers in de ruimtelijke ontwikkeling als de luchtvaart kunnen bijdragen aan eenzelfde overkoepelend doel en norm: minder hinder. Wanneer dat niet gebeurt, is het risico groot dat de hinder toeneemt en de omgeving zo de rekening betaalt voor het ontbreken van afstemming en integraliteit.

Woningbouw en hinderontwikkeling2 Door het woningbestand waarmee de tellingen worden uitgevoerd, te actualiseren, kan scherp inzichtelijk worden gemaakt welk aandeel woningbouw heeft in de ontwikkeling van de hinder, zie onderstaand figuur. Daaruit komt naar voren dat niet alleen de luchtvaartontwikkeling bepalend is voor de toename van het aantal ernstig gehinderden. Ook de woningbouwontwikkeling draagt voor bij aan de ontwikkeling van hinder in de omgeving. In de periode 2005-2050 gaat het dan om zo’n 75.000 ernstig gehinderden (meer dan 30 procent).

250.000

Nieuwbouw 2030-2050

Aantal ernstig gehinderden

Nieuwbouw 2025-2029 200.000

Nieuwbouw 2020-2024 Nieuwbouw 2018-2019 Nieuwbouw 2015-2017

150.000

Nieuwbouw 2005-2014

100.000

50.000 Woningsituatie 2005 0 2015

2016

2017

2018

2019

Gebruiksjaar

2)

Voor deze door T070 uitgevoerde analyse van de woningsituatie na 2018 is gebruik gemaakt van bekende woningbouwplannen tussen 2018 en 2050. Deze plannen zijn verzameld uit twee openbare bronnen van de provincie Noord-Holland en Zuid-Holland. De opbouw van de database is uitgevoerd door RIGO Research en Advies, met toestemming van de provincie Noord-Holland en Zuid-Holland. Voor de provincie Zuid-Holland is de peildatum februari 2019, voor de provincie Noord-Holland is dit april 2019. Echter, omdat niet alle gemeenten op hetzelfde moment de plangegevens updaten en aanleveren, zijn niet alle gegevens van dezelfde peildatum. Ook bevatten de bronnen enkel de door gemeenten openbaar gedeelde plannen. Deze gegevens geven een indicatie van de capaciteit in woningbouwplannen op basis van de nu bekende plannen. De daadwerkelijke aantallen zullen afwijken doordat plannen veranderen of niet doorgaan en doordat er nieuwbouwplannen bij kunnen komen.

Verbindingsplan Schiphol en omgeving 2021-2025 | 30

3. Routeoptimalisaties met directe betrokkenheid van belanghebbenden (zowel baathebbers als gedupeerden)

Onduidelijke publiekrechtelijke ordening van aanpassingen in vlieggedrag Het recente verleden kent diverse voorbeelden van

Routeoptimalisaties zijn altijd een verdelingsvraagstuk met een

aanpassingen waardoor de regio zich ‘verrast’ heeft

waterbed-effect: een voordeel voor de ene woonkern is een

gevoeld en waarvan mensen de effecten ondervinden.

nadeel voor de andere.

Een greep: 1. De verschuiving naar het zuiden van het waypoint EHO37 ten noorden van Uithoorn, met als gevolg dat

Waterbedeffect

het vertrekkende verkeer van de Aalsmeerbaan is

Er zijn tal van recente praktijkvoorbeelden:

opgeschoven richting de bebouwing van Uithoorn.

1. De vaste bochtstraal bij Leimuiden (recent

2. De verschuiving naar het oosten van de uitvliegroute

geïmplementeerd). 2. De routeverlegging bij Bodegraven (implementatiefase). 3. De vaste nachtnaderingsroute op de Zwanenburgbaan (implementatiefase). 4. De routeligging ter hoogte van Gouda (verkenningsfase). 5. De routeligging voor uitvliegroutes van de Aalsmeerbaan tussen Aalsmeer en Uithoorn (verkenningsfase).

van de Aalsmeerbaan naar het zuiden, met als gevolg dat de route voor het uitvliegende verkeer ook aan de westkant van Uithoorn dichter bij de bebouwde omgeving is komen te liggen. 3. De sluiting van de vaste naderingsroute op de Polderbaan in de nacht (Artip2C), waardoor een toename aan overlast is ontstaan in de regio Castricum. 4. De toepassing van een nieuwe startprocedure (nadp2 adjusted) door carriers, waardoor het geluidseffect op de grond is gewijzigd. 5. Recentelijk zijn er toenemende signalen dat er

Verbeterde inpassing is nooit te realiseren zonder dat ergens

op bepaalde locaties meer van de route wordt

iemand erop achteruit gaat. Daarnaast moet onderkend

afgeweken, wat tot extra overlast leidt.

worden dat zowel alle regionale partijen als luchtvaartpartijen bij dit type maatregelen belanghebbenden zijn. Ook de luchtvaart dus. Routevarianten hebben namelijk ook effect op de vliegafstand (kerosine-kosten en ook CO2), de efficiënte vluchtafhandeling en de capaciteit. Daarom ben ik eerder in dit advies reeds op ingegaan dat het hier zaken betreft die een

4. Inpassing van vaste routes op alle banen en de vierde IAF in het zuidoosten

publieke afweging behoren te zijn en waarvan de resultaten

In aansluiting op de routeoptimalisaties verdient de

ook transparant in een publiekrechtelijke regeling behoren te

aankondiging in de Luchtvaartnota van een verkenning van

worden neergelegd.

vaste naderingsroutes en een vierde IAF afzonderlijk aandacht vanwege de te verwachten impact op de omgeving:

De gesprekken over routeoptimalisaties leren dat er vanwege het onvermijdelijke waterbedeffect moeilijke afwegingen bij

“Vaste naderingsroutes naar luchthavens [vormen] een

komen kijken die niet zomaar te regelen zijn in een een-tweetje

belangrijke bouwsteen voor de roadmap op weg naar 2035.

of met een rechttoe rechtaan toepassing van een nationaal

Deze naderingsroutes gaan de verspreiding van geluid tegen

afwegingskader. Aandacht op maat is noodzakelijk, juist omdat

maar kunnen wel leiden tot een toename van het geluid

er partijen zijn die nadelige effecten van de optimalisatie

onder die routes. In welke mate dergelijke naderingsroutes

ondervinden. Om rapportenoorlogen vanwege de verschillende

onderdeel zijn van de luchtruimherziening bepaalt het Rijk in

regionale belangen te voorkomen, is een gezamenlijke feiten-

samenhang met andere bouwstenen in de voorkeursbeslissing

verzameling (‘joint fact finding’) cruciaal, waarbij ruimte wordt

over de luchtruimherziening in het voorjaar van 2021. Ter

geboden voor zowel specifiek gevraagd inzicht in bepaalde

onderbouwing daarvan wordt een plan-MER opgesteld.”

onderdelen als meerdere opties. Het blijkt nogal eens dat, wanneer alle partijen met elkaar om tafel gaan en alle opties op tafel worden gelegd, er in gesprek met elkaar een betere variant te bedenken is. En tijdig een gezamenlijke feitenbasis scheppen, kan een belangrijke bijdrage leveren aan de acceptatie van de uitkomst. Het moet vooral voorkomen worden dat de omgeving ‘verrast’ wordt door aanpassingen in het vlieggedrag, doordat de procedure voor aanpassing – en de participatie van de regio daarbij – niet duidelijk publiekrechtelijk verankerd is.

31 | Verbindingsplan Schiphol en omgeving 2021-2025

Luchtruimherziening

worden ontzien. Hiervoor is gekozen om de eenvoudige reden

Op dit moment werkt het ministerie aan de invulling van

dat er in het verlengde van de primaire banen relatief minder

de voorkeursbeslissing voor de luchtruimherziening.

woningen staan en dus ook relatief minder mensen gehinderd

Elementen die daarbij worden afgewogen zijn de aanleg

worden dan bij het gebruik van de secundaire banen. Op

van een vierde Initial Approach Fix, gelegen aan de

basis hiervan hebben in 2008 alle partijen gekozen voor een

zuidoostelijke kant van Schiphol, vaste naderings-

strikt preferentieel baangebruik. Hoe vaker de primaire banen

routes overdag op alle banen, een buizensysteem

kunnen worden ingezet, hoe minder hinder er in het gebied als

voor vertrekroutes en een 2+2-operationeel concept.

geheel ontstaat. Hoe vaak (primaire) banen kunnen worden in-

Vaste naderings- en vertrekroutes hebben effect op

gezet, is echter afhankelijk van de baancapaciteit. Deze is weer

de baancapaciteit. Samen met een 2+2-operationeel

afhankelijk van diverse andere factoren (zie kader). Minstens

concept en een vierde IAF is het zeer wel denkbaar

zo belangrijk is de planning van het verkeersaanbod in relatie

dat ze grote consequenties kunnen hebben voor de

tot de beschikbare baancapaciteit.

‘geluidsafdruk’ van de luchthaven op zijn omgeving, waarbij verplaatsing van hinder aan de orde is. Zo heeft het ontwerp van vaste naderingsroutes een concentratie

Baancapaciteit

van verkeer met een hogere geluidsbelasting voor de

De baancapaciteit is afhankelijk van twee ontwikkelingen

gebieden onder de routes tot gevolg. Ook zullen er

in het bijzonder. De eerste is hierboven al genoemd: de

consequenties zijn voor de ligging van de routes en de

ontwikkeling van vaste naderings- en vertrekroutes. Bij

verdeling van het verkeer over de omgeving.

vaste routes wordt het verkeer ‘opgelijnd’ op langere afstand in het verlengde van de baan dan nu het geval is. Het ‘treintje’ van vliegtuigen dat dan ontstaat over

Het gaat hier qua impact op de omgeving om een majeure

langere afstand beperkt de mogelijkheden van de lucht-

operatie in de komende jaren. Het is zoiets als het werken

verkeersleiding om in te grijpen. Het waarborgen van een

aan rijkswegen in het dichtstbevolkte gebied van Nederland.

minimumseparatie tussen toestellen wordt daarmee des

Daarnaast grijpt het op allerlei manieren in op andere trajecten

te belangrijker. Dit drukt de baancapaciteit en noodzaakt

die effect op de omgeving hebben (zoals het nieuw normen- en

daarmee tot het eerder inzetten van secundaire banen,

handhavingsstelsel).

waardoor dus meer hinder ontstaat. Zoals hierboven aangegeven is dit een belangrijke reden om de effecten van vaste naderingsroutes samen met de regio te wegen. Daarnaast wordt de baancapaciteit in negatieve zin beïnvloed door de scherpe veiligheidsnormen. Onderdeel daarvan is dat de Onderzoeksraad voor Veiligheid naar aanleiding van veiligheidsincidenten met doorstarts, in toenemende mate van de luchtvaartpartijen maatregelen vraagt die moeten voorkomen dat banen worden ingezet die (bij doorstarts) kruisend verkeer zouden kunnen opleveren. Deze maatregelen hebben als effect dat ze de baancapaciteit verlagen. Daarnaast heeft de OvV aandacht gevraagd voor de baanpreferenties waarin kruisend baangebruik voorkomt. Ook dit beïnvloedt de mate waarin gebruik kan worden gemaakt van de

5. Baangebruik

primaire banen.

Naast het gebruik van de routes is er het baangebruik. Al een

Bij het baangebruik moet ook nog de ruimtelijke reservering

aantal keren is er zijdelings gerefereerd aan ontwikkelingen

voor de aanleg van een parallelle Kaagbaan genoemd worden.

die hier invloed op kunnen hebben, waardoor het een relevant

Deze beïnvloedt uiteraard ook in sterke mate het baangebruik

vraagstuk wordt voor de regio de komende jaren. Het is goed

en heeft een majeure impact op de omgeving. Mocht een

om de betekenis hiervan expliciet te maken.

dergelijke afweging aan de orde zijn, dan is het ondenkbaar dat dit buiten een constructief interbestuurlijk beraad en de

Het nieuwe normen- en handhavingsstelsel – zoals dat nu

inbreng van het planologisch instrumentarium van regionale

in het onwerp-LVB1 zijn beslag krijgt – gaat uit van een

overheden om zou kunnen gaan.

baangebruik waarbij zoveel als mogelijk de primaire banen worden ingezet en de secundaire banen zoveel mogelijk

Verbindingsplan Schiphol en omgeving 2021-2025 | 32

6. Maatregelen leefkwaliteit

Op basis van deze verkenning is duidelijk te zien dat

Bij de ontwikkeling van de luchthaven Schiphol zijn in het

de gemeenten in de zuidoosthoek achterop liggen bij

verleden isolatieprogramma’s toegepast: GIS1, 2 en 3. Het

het treffen van maatregelen. Dit terwijl op basis van het

laatste is uitgevoerd naar aanleiding van de aanleg van de

rapport over de Zuidoosthoek ook duidelijk is dat er geen

Polderbaan in 2003. Daarna is nooit op basis van de feitelijke

hoge verwachtingen meer mogen zijn van hinderreductie

ontwikkeling van het verkeersbeeld een nieuw maatregelen-

als gevolg van operationele maatregelen. Dan rest dus

pakket opgesteld. Zo is er in die jaren een substantiële

– bij een gegeven volume – alleen nog de mogelijkheid

toename van het volume geweest, waarvan de groei naar

om te investeren in de versterking van leefkwaliteit door

500.000 vluchten een significante stijging van het gebruik

middel van maatregelen als isolatie of compensatie.

van de secundaire banen heeft opgeleverd. In de praktijk

Uit de resultaten blijkt echter dat er vooral in Uithoorn,

is gebleken dat het vliegverkeer in de praktijk thans anders

Aalsmeer en Amstelveen woningen zijn waar de geluids-

afgewikkeld wordt dan in 2002 is voorspeld. Dat kan op zichzelf

belasting hoger is dan 58 dB(A) Lden, maar die niet

verklaarbaar zijn. Wel is het dan van belang de consequenties

zijn geïsoleerd in GIS 1, 2 of 3 en waarin dit ook niet is

hiervan voor de omgeving onder ogen te zien.

voorzien voor de toekomst.

Mismatch isolatie en hinder

Daarmee verbonden is het vraagstuk van het verstrijken

Waar het om gaat bij de mismatch tussen isolatie

van de levensduur van de isolatie die dertig jaar geleden is

en de gedefinieerde hinder is te illustreren aan de

aangebracht. Het is van belang daar zicht op te hebben. Wie

hand van een door het bureau To70 uitgevoerde

neemt hiervoor de verantwoordelijkheid? Voorkomen moet

indicatieve verkenning van het aantal geïsoleerde

worden dat dit tussen het nationale en het regionale niveau

en niet-geïsoleerde huizen in het wettelijke 58 dB(A)

terechtkomt, waarbij partijen naar elkaar wijzen en de burger

Lden-gebied bij een realisatie van 500.000 vliegtuig-

de dupe is. Dit is een belangrijk aandachtspunt bij het zoeken

bewegingen.

naar invulling van het noodzakelijke herstel van vertrouwen in de omgeving. Dat begint bij het erkennen van het probleem, het

Aantal woningen 0

1.000

2.000

Aalsmeer

3.000

verkrijgen van feitelijk inzicht in de omvang van het probleem, het scheppen van de noodzakelijke bevoegdheden en het voortvarend aanpakken van dit probleem.

Amstelveen Amsterdam

7. Informatievoorziening: meetsysteem Er is op dit moment geen wettelijke verplichting tot het meten van vliegtuiggeluid. Deze verantwoordelijkheid is dan ook

Abbenes

nergens belegd. In de praktijk wordt er wel gemeten: door Schiphol (NOMOS), individuele gemeenten (Sensornet,

Halfweg

Luistervink) en bewonersorganisaties (EANS). De regio kent ook een breed gedragen perspectief op de manier waarop een

Lijnden/Boesingheliede

regionaal meetsysteem rond Schiphol ingevuld zou kunnen worden. Omdat er inmiddels ook op nationaal niveau een

Rijsenhout

meetnetwerk is aangekondigd, is pas op de plaats gemaakt in het gesprek tussen de partijen over de uitvoering hiervan. Het is

Zwanenburg

van belang dat gesprek op korte termijn te hervatten, zodat het leidt tot concrete stappen in de implementatie van het eerder

Overige

ontwikkelde perspectief op een regionaal meetwerk.

Uithoorn

Er bestaat behoefte om de verschillende meetsystemen te

Zaanstad

in de directe leefomgeving en de validatie van berekeningen

koppelen om de informatievoorziening over de geluidssituatie te verbeteren. Daarnaast wordt door meerdere partijen het belang onderschreven van een meetsysteem dat niet onder

Niet geïsoleerd, binnen 58 dB(A) Lden Geïsoleerd

beheer van Schiphol is, maar onafhankelijk is, en waaraan de luchthaven in de afgelopen jaren ook zijn medewerking heeft toegezegd.

33 | Verbindingsplan Schiphol en omgeving 2021-2025

Nationale meetstrategie Het Rijk maakt in de nationale meetstrategie onderscheid tussen een nationaal deel (van slechts enkele punten voor de validatie van berekeningen) en een regionaal deel, waarbij het meer uitgebreide regionale deel voor de informatievoorziening teruggelegd wordt in de regio. Terwijl het Rijk voor het nationale deel aangeeft dat de kosten hiervan gedragen dienen te worden door Schiphol, is dat voor het regionale deel niet aangegeven. Het ministerie heeft mij gevraagd de bekostigingsvraag mee te nemen in het traject om tot een toekomstbestendige informatievoorziening te komen.

Het is van belang dit punt interbestuurlijk op te pakken over de grenzen van een ‘nationaal’ en ‘regionaal’ netwerk heen. En daarmee ook de bekostigingsvraag integraal op te pakken. Het gesprek daarover leent zich uitstekend voor de agenda van het Interbestuurlijk Programma Schiphol. Zoals ik in hoofdstuk 5 reeds heb opgemerkt, dient de programmatische benadering er ook op gericht te zijn om tot een structurele en integrale financieringsaanpak te komen voor de leefbaarheidsmaatregelen, informatievoorziening en participatie zoals die uit de in dit advies voorgestelde aanpak voortkomen. Op een andere wijze geldt dit ook voor de monitoring van de

8. Bereikbaarheid

ontwikkeling van de lokale geluidsbelasting. Het is van groot belang dat publieke organen – die de verantwoordelijkheid

Bij bereikbaarheid gaat het om vraagstukken over de

dragen om te komen tot een afweging van de belangen bij de

(regionaal-)economische ontwikkeling van de regio in

instelling van een basiskwaliteit – zelf kunnen beschikken over

relatie tot de luchthaven, zoals aandacht voor de belangrijke

de daarvoor relevante beslisinformatie.

internationale verbindingen voor de regio en de te volgen strategie ten aanzien van toerisme. Maar ook vraagstukken rond werkgelegenheid in de regio: hoe kunnen de luchtvaart-

Monitor lokaal geluid

strategie en het sociaaleconomische beleid in de regio elkaar

Er is een instrument ontwikkeld om inzicht te geven in

versterken?

de langjarige ontwikkeling van geluidsbelasting (vanaf 2004). Op basis van eerder door Schiphol geleverde

Bereikbaarheid is ook zo’n vraagstuk dat zich niet houdt aan de

informatie in het kader van het formele toezicht en

geografische begrenzing van overheidslagen. De behoefte aan

de handhaving is informatie gebundeld. Die kan nu

mobiliteit wordt ook door een complex van factoren veroorzaakt:

voor beleidsmakers en een breed publiek ontsloten

zowel de ontwikkeling van de luchthaven als de ontwikkeling van

worden, zodat transparant is waar precies in het gebied

het aantal arbeidsplaatsen en het aantal woningen bijvoorbeeld.

knelpunten ontstaan wanneer deze informatie gekoppeld wordt aan een basiskwaliteit waarvoor ik hierboven heb gepleit.

Bereikbaarheidsvraagstukken in de regio De verbetering van de aansluiting tussen internationaal spoor en luchtvaart vraagt de komende jaren om maatregelen bij station Schiphol Airport en in het spoornetwerk. De ontwikkeling van het Schipholareaal is hierbij een belangrijk uitgangspunt. Er wordt op dit moment gekeken naar oplossingen als: • een nieuw of aangepast station Schiphol Airport; • het doortrekken van de Noord-Zuidlijn; • verbetering van de snelwegen A4 en A9; • vergroting van de capaciteit van het spoor.

Verbindingsplan Schiphol en omgeving 2021-2025 | 34

Het is niet denkbaar dat een dergelijke afweging plaatsvindt

10. Veiligheid

zonder intensieve betrokkenheid van lokale en regionale over-

De veiligheid raakt de bestuurlijke bevoegdheden en

heden. Een gebiedsgerichte aanpak is hier reeds de praktijk in

verantwoordelijkheden op meerdere punten. Daarom is ook

het kader van het MIRT. Dit ligt in lijn met de aanpak waarvoor

de uitwerking van het veiligheidsbeleid voor de luchtvaart

in dit advies een verbreding en intensivering wordt bepleit.

een thema dat thuis hoort in het Interbestuurlijk Programma Schiphol.

9. Duurzaamheid Veiligheidsvraagstukken in de regio De Luchtvaartnota erkent dat niet alleen de geluidsoverlast

Op het terrein van de openbare veiligheid liggen in de

door de groei van de luchtvaart stijgt, maar ook de uitstoot

regio expliciete bevoegdheden en verantwoordelijk-

van CO2, (ultra)fijnstof en stikstof. Nieuwe, schone

heden, juist ook bij calamiteiten en in crisissituaties.

technieken hebben dat tempo niet bij kunnen houden. Dit

Om deze naar behoren te kunnen invullen, is een goede

raakt in negatieve zin het draagvlak voor de luchtvaart in de

afstemming tussen overheden van grote betekenis.

samenleving.

Besluiten over toegangswegen of terminalcapaciteit kunnen namelijk de mogelijkheden van de lokale

Maatregelen voor de leefomgeving rond de luchthaven Schip-

overheid bij de invulling van de verantwoordelijkheden op

hol verdienen daarmee eveneens een interbestuurlijke aanpak.

het gebied van openbare veiligheid beïnvloeden.

Die gezamenlijke aandacht is noodzakelijk voor knelpunten inzake de gezondheid als gevolg van (ultra)fijnstof en stikstof.

Daarnaast geldt dat keuzes die gemaakt worden

Bestuurders, luchthavens, gebruikers van de luchthaven en

aangaande de inrichting van het externe veiligheids-

omwonenden in de omgeving zijn hierbij betrokken. Duurzaam-

beleid – in combinatie met de ruimte voor ontwikkeling

heid is een belangrijk thema, waarbij op diverse fronten winst

die aan Schiphol geboden wordt – de ruimtelijke

geboekt kan worden door interbestuurlijke samenwerking.

ordening in het gebied rechtstreeks raken door de ligging van de beperkingengebieden. Hoezeer de veiligheidsnormering ook een nationale bevoegdheid is, een goede

Duurzaamheidsvraagstukken in de regio

afstemming met de regionale en lokale overheden is

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

essentieel nu die hier de taak hebben (in opdracht van

(RIVM) onderzoekt momenteel de gezondheidseffecten

het Rijk) de regionale opgave van woningbouw uit te

van ultrafijnstof. Daarvoor doet het in de directe regio

voeren. Net als bij het vraagstuk van (de cumulatie van)

uitvoerig onderzoek, waarvan de resultaten in 2021

geluid is een interbestuurlijke aanpak hier op zijn plaats.

worden verwacht. Het is van belang de regionale en lokale overheden uitdrukkelijk te betrekken bij de conclusies en vervolgacties die uit dat onderzoek naar voren komen. Het betreft namelijk de gezondheidssituatie voor de inwoners van het grondgebied waar zij zorg voor dragen. Daarnaast geldt dat luchtvaart geen significant negatieve effecten mag hebben op de natuur (Natura 2000), waarvoor vooral stikstof en verstoring verantwoordelijk zijn. Bij de invulling van de Natura 2000-kaders en de ontwikkeling en te nemen maatregelen in het kader van de luchtvaart, is een gecoördineerde interbestuurlijke aanpak aan te bevelen om de effectiviteit en legitimiteit van het gevoerde beleid te bepalen. Dat geldt ook voor de ligging en normering van stiltegebieden in de regio, bijvoorbeeld in relatie tot de aanleg van vaste naderingsroutes.

7 Intensivering van participatie en informatievoorziening

Het is anno 2020 alleszins redelijk om als belanghebbenden te verlangen om bij de vaststelling van beleid en de besluitvorming over maatregelen – die een (potentieel) effect hebben op de leefkwaliteit – vooraf te kunnen participeren. En om daarbij adequaat geïnformeerd te willen worden, zowel vooraf als bij de uitvoering van dat beleid en de betreffende maatregelen. In dit hoofdstuk ga ik eerst in algemene zin in op dat recht op participatie van belanghebbenden. Daarna focus ik op de Maatschappelijke Raad Schiphol en het Omgevingshuis Schiphol, die bij de participatie en de informatievoorziening een belangrijke ordenende werking kunnen hebben, en de dialoog tussen overheden, luchtvaartpartijen en de brede aanwezige belangen in de samenleving kunnen faciliteren.

1. Participatierecht

Het is van belang dat de bevoegde organen voorafgaande aan een besluit actief invulling geven aan het recht van alle partijen

Nationaal Interbestuurlijke Programmaraad Rijk

of personen die direct of indirect door een maatregel geraakt

kader

worden, om een rechtstreekse inbreng te hebben bij een voor-

Luchtvaartpartijen

Provincies Gemeenten

Schiphol

LVNL

Carriers

Omgevingshuis

genomen maatregel. De Maatschappelijke Raad Schiphol (zie hieronder) kan daarin een kanaliserende rol vervullen.

Voorbeelden van recht op participatie Bij het recht op participatie van belanghebbenden inzake luchtvaartaangelegenheden gaat het bijvoorbeeld concreet om: • de regelgeving van de rijksoverheid over het verkeers-

Maatschappelijke Raad Schiphol (Bewoners, maatschappelijke organisaties, wetenschappers)

Brede maatschappelijke participatievormen (Critical reviews, huiskamergesprekken, internetconsultaties, inspraak, etc.)

volume (dan wel de maxima aan geluids- en/of andere emissies), de ligging van start- en landingsbanen en van start- en landingsroutes (inclusief waypoints, vaste bochtstralen, start- en landingsprocedures et cetera);

Verbindingsplan Schiphol en omgeving 2021-2025 | 36

• de keuzes van luchtvaartpartijen in de reguliere

Tegen deze achtergrond is het van belang om de lijn uit de

luchthavenoperatie die de omgeving in mindere

Omgevingswet in deze te volgen door actief gebruik te maken

of meerdere mate (ook) in negatieve zin raken (in

van participatieplannen. Het bevoegde gezag bij een (beleids)

termen van de definitie van hinder zoals door de

maatregel stelt bij een voorgenomen besluit dan steeds

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/145/documents/15632