C02 ODWH, definitieve kadernota 2024 en voorlopige jaarstukken 2022.pdf
Tekst van het document
Regulieren
Politiek / bestuurlijk
2021
Alle
Financieel
2020
Alle
Financieel
2021
Alle
Organisatorisch
2022
Voor medewerkers is het mogelijk om een deel van je verlof te sparen voor later. Deze verlof-spaarpot kan Alle bijvoorbeeld gebruikt worden om eerder te stoppen met werken of een periode minder uren te gaan werken (met behoud van loon en pensioenopbouw). Maar kan ook tussendoor opgenomen worden voor bijvoorbeeld een sabbatical. De kosten worden gerekend tegen de tarieven nu, maar opgenomen tegen het tarief in de toekomst. DIt betekent dat hier mogelijk een risico voor de dienst in zit.
Organisatorisch
2022
In tabel 4.2.5 is de financiële impact van de risico’s berekend op basis van de verwachte omvang van het risico. Daarin is rekening gehouden met de kans waarmee het risico zich voordoet en met de zekerheidsfactor. Bij de berekening van de impact is gebruikt gemaakt van de risicomatrix zoals beschreven in de nota weerstandsvermogen. Daarbij zijn de volgende grenzen in omvang en waarschijnlijkheid vastgesteld: Risicoscore omvang (of verwachtingswaarde) gebaseerd op de netto verwachte omvang van het risico. Tabel 4.2.3 – Verwachtingswaarde Score
Verwachtingswaarde van het risico
1
< € 50.000
2
≥ € 50.000 en < € 100.000
3
≥ € 100.000 en < € 250.000
4
≥ € 250.000 en < € 500.000
5
≥ € 500.000
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
25 / 72
Risicoscore waarschijnlijkheid (de kans dat een risico zich daadwerkelijk voordoet). Tabel 4.2.4 – Risicoscore
Tabel 4.2.5 – Risico-impact en bepaling hoogte weerstandsvermogen Naam risico
Minimale omvang
Verwachte omvang
Ongedekte prijsloonontwikkelingen € 60.000 € niet in de indexering Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen Rechtsgedingen Robuustheid organisatie/medewerkers Invoering Omgevingswet Privatisering bouwtaken Uren stuwmeer informatisering kosten Bouwtaken Noordwijk Verlofsparen Totaal omvang en impact risico's
Maximale omvang
Str./ Bruto Incid. verwachte omvang
Structureel Netto effect maat- verwachte regelen omvang -80.000 €
-
RisicoKans Impact score waarschijnlijkheid 6 90% € -
pm
€
-
1
pm pm
€ €
- 1 200.000 2
pm pm pm € -500.000 pm pm € -580.000
€ 150.000 3 € - 1 € 174.375 5 € 500.000 3 € - 5 € 400.000 5 € 1.424.375
80.000 €
90.000 I
€
80.000 €
€
-
€
-
S
€
-
€ - € € 50.000 €
100.000
€ €
150.000
S S
€ €
200.000
€ 250.000 € € 348.750 € 750.000 € € 550.000 € 2.138.750
I I I S I i
€ 150.000 € € 174.375 € 1.000.000 € € 400.000 € 2.004.375
€
-
€ 50.000 € € 116.250 € 400.000 € € 25.000 € 701.250
€ 150.000 € € 174.375 € 500.000 € € 400.000 € 1.404.375
5%
€
5% € 10% € 20.000 25% 5% 75% 25% 75% 75%
€ 37.500 € € 130.781 € 125.000 € € 300.000 € 613.281
Bruto omvang = verwachte omvang * 1 (bij incidenteel) of *2 (bij structureel). Netto verwachte omvang = bruto verwachte omvang – structureel effectmaatregelen.
Beheersmaatregelen met structureel effect Om de financiële impact van de risico's te bepalen, moet rekening worden gehouden met de structurele effecten van beheersmaatregelen die zijn getroffen om het risico te verminderen, over te dragen of te vermijden. In onderstaande tabel staat per geïdentificeerd risico aangegeven welke aanpak is gekozen en welk (structureel) effect de aanpak heeft. De genoemde bedragen maken deel uit van de risicoimpactberekening uit de vorige paragraaf.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
-
26 / 72
Tabel 4.2.6 – Aanpak en effect per geïdentificeerd risico Naam risico
Gekozen aanpak
Ongedekte prijsloonontwikkelingen Accepteren niet in de indexering
Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen Rechtsgedingen
Robuustheid organisatie/medewerkers
Invoering Omgevingswet
Privatisering bouwtaken
Uren stuwmeer
informatisering kosten
Bouwtaken Noordwijk
Verlofsparen
Toelichting gekozen aanpak
Bij het vasstellen wordt gebruik gemaakt van het indexcijfer afgegeven door de commissie Financiele Kaderstelling Gemeenschappelijke Regelingen. Deze wordt door het Algemeen Bestuur in de kadernota definitief vastgesteld. Het verleden laat zien dat deze indexatie meestal voldoende is op de werkelijke indexatie op te vangen. Indien dit niet het geval is heeft de dienst de opgave om dit zo veel mogelijk binnen de exploitatie op te lossen.
Accepteren
Effect maat- Structureel regelen effect maatregelen -€ 80.000 -€ 80.000
Termijnen om te beslissen worden nauwlettend bewaakt. Het in 2014 ingerichte ServiceburO vervult daarbij een belangrijke rol. Overdragen Hiervoor is een verzekering voor rechtsbijstand en aansprakelijkheid afgesloten met een daarbij gebruikelijke dekking. Gezien de inschatting zijn er geen extra maatregelen genomen. Verminderen De dienst heeft er voor gekozen om de arbeidsmarkt actiever te benaderen. Dit vindt plaats via "Werken in het Westen" en andere digitale kanalen. Tevens wordt er actief gesproken met onze ingehuurde mensen met als doel deze in vaste dienst te laten komen. Voor het programma Bouwen is in samenspraak met een externe partner een trainneeprogramma opgezet om zodoende personeel zelf op te leiden. Accepteren Ondanks de onduidelijkheid over de invoering van de Omgevingswet heeft de dienst als streven om op 1/1/2022 gesteld te staan voor de uitvoering van de Omgevingswet. Dit gebeurd in samenspraak met onze deelnemers welke hiervoor uren beschikbaar hebben gesteld. Accepteren Uit een impact analyse van de vereniging BWT die de ODWH heeft uitgevoerd blijkt vooralsnog dat eventuele aanpassingen van de capaciteit (flexibele schil) kunnen worden opgevangen binnen de huidige formatie.
pm
€0
pm
€0
pm
€0
pm
€0
pm
€0
Verminderen De afgelopen jaren is er sterk gestuurd op het verminderen van de stuwmeren. Dit heeft geleidt tot een aanzienlijke vermindering van het aantal uren. In 2020 was er sprake van het coronavirus, waardoor het aantal uren weer is toegekomen. De komende tijd zal er verder gestuurd worden op het verminderen van het aantal uren. Verminderen In 2020 is er een start gemaakt met doorontwikkeling van het zaaksysteem, mede in kader van de Omgevingswet. Tevens zal er worden gekeken naar het ontsluiten van de informatie. Beide trajecten zullen leiden tot een herijking van de visie over Informatisering. Tevens zal er gestuurd blijven worden op de budgetten. Overdragen De nota Planning & Control voorziet in de situatie dat een deelnemer zijn takenpakket wilt terugnemen. Zij zullen dan frictiekosten dienen te betalen aan de dienst van 5x het aantal uren * geldend uurtarief. Verminderen Op basis van een memo van de commissie BBV zal de dienst een voorziening trefften voor deze kosten. Deze zal het grootste deel van het risico opvangen. Tevens zal er 2023 beleid worden gemaakt om jaarlijks te komen tot herijking van de voorziening. Totaal
pm
€0
-€ 500.000
-€ 500.000
pm
€0
pm
€0
€ -580.000
4.2.3. Financiële kengetallen Artikel 11 van het BBV bepaalt dat de vijf financiële kengetallen opgenomen moeten worden. Dit zijn kengetallen voor de netto schuldquote, solvabiliteitsratio, structurele exploitatieruimte, grondexploitatie en belastingcapaciteit. De laatste twee zijn voor de dienst niet van toepassing.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
27 / 72
Tabel 4.2.7 – Financiële kengetallen Verloop kental Netto schuldquote Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
Realisatie 2021 -4% 11% 9%
Begroting 2021 -1% 15% 0%
Realisatie 2022 -7% 13% 4%
Netto schuldquote De netto schuldquote geeft de verhouding weer van de schuldenlast van de dienst ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De realisatie laat een ander beeld zien dan begroot. De eigen middelen zijn door het toevoegen van het exploitatieresultaat (voor bestemming) hoger dan begroot. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft de verhouding weer van het eigen vermogen ten opzichte van de totale passiva. Bovendien geeft het aan in welke mate de dienst het eigen vermogen kan inzetten voor de dekking van de schulden, oftewel in hoeverre de dienst in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Onder het eigen vermogen verstaan we de algemene reserve en de overige bestemmingsreserves. Het eigen vermogen (voor bestemming) van de dienst is mede door het positieve exploitatieresultaat hoger dan begroot. Dit betekent dat de dienst meer middelen beschikbaar heeft om de eventuele schulden te voldoen. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte geeft antwoord op de vraag of de dienst voldoende structurele baten heeft om de structurele lasten te dekken. Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten.
Door incidentele meevallers heeft de dienst dit jaar een onderbesteding op de structurele lasten, met name op het gebied van overige personeelslasten en overige huisvestingslasten. De structurele baten zijn nagenoeg gelijk gebleven, waardoor er voor dit jaar exploitatieruimte is. Dit heeft grotendeels een incidenteel karakter en voor een klein deel een structureel karakter (zie paragraaf 3.2).
4.3. ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN De paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen bevat op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) in elk geval de volgende kapitaalgoederen: wegen, riolering, water, groen en gebouwen. Voor de dienst is geen van deze onderdelen van toepassing.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
28 / 72
4.4. FINANCIERING Algemeen De dienst is als uitvoeringsinstantie van een Gemeenschappelijke Regeling, volgens de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet FIDO), verplicht een financieringsparagraaf op te nemen. Hierin beschrijven we de ontwikkelingen rond de kasgeldlimiet, de ontwikkelingen wat betreft de rente- en risiconorm, de verwachte toe- en/of afname van geldleningen of uitzettingen en het beleid en de uitvoering van de treasury. Alle deelnemers ontvangen voorschotnota’s op basis van de volgende verdeling: • Eerste kwartaal: 25% • Tweede kwartaal: 30% • Derde kwartaal: 25% • Vierde kwartaal: 20% Een aantal deelnemers heeft in de loop van het jaar opdracht verstrekt voor aanvullende taken. De dienst heeft de voorschotten hier niet op aangepast. Mede hierdoor wijken het resultaat en het bedrag nog te betalen/ontvangen van die deelnemers af van de betaalde voorschotten. Rentevisie De dienst heeft geen leningen lopen. Koersrisico Koersrisico is de kans dat de financiële activa van de organisatie in waarde verminderen door negatieve koersontwikkelingen. De dienst bezit geen derivaten en van koersrisico is daarom geen sprake. Valutarisico Valutarisico is bij de dienst uitgesloten omdat de dienst niet beschikt over, of aanspraken heeft in vreemde valuta. Rente- en risiconorm De dienst heeft geen schulden. Er is geen sprake van een mogelijk renterisico.
Liquiditeitenplanning Omdat de dienst met voorschotnota’s werkt, waarbij rekening is gehouden met ons uitgavenpatroon, is het minder noodzakelijk een liquiditeitenplanning op te stellen. De dienst werkt aan een liquiditeitsdashboard. Deze zal in de eerste helft van 2023 in gebruik genomen worden. Financieringsrisico’s Omdat de deelnemende gemeenten gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor het financiële beleid van de dienst en zich verplicht hebben de tekorten in zijn geheel gezamenlijk te dragen, zijn er geen financieringsrisico’s.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
29 / 72
Kasgeldlimiet Jaarlijks geeft het ministerie aan welk bedrag een gemeente mag financieren met kortlopende geldleningen: de kasgeldlimiet. Het betreft een percentage (8,2%) van het totaal van de begroting. Voor 2022 komt de toegestane kasgeldlimiet op € 1.603.100 Deze limiet mag de dienst gedurende het begrotingsjaar niet overschrijden. Als de kasgeldlimiet structureel wordt overschreden, moet de kortlopende schuld worden omgezet in een langlopende schuld. Tabel 4.4 – Kasgeldlimiet Overzicht Kasgeldlimiet
Bedragen in euro’s 1 e kwartaal
2e kwartaal 3 e kwartaal
4 e kwartaal
19.550.000
19.550.000
19.550.000
19.550.000
8,20%
8,20%
8,20%
8,20%
1.603.100
1.603.100
1.603.100
1.603.100
Opgenomen gelden < 1 jaar
10.372.729
6.993.228
8.894.511
13.343.245
Schuld in rekening courant
0
0
0
0
Gestorte gelden door derden < 1 jaar-
0
0
0
0
Overige geldleningen niet zijnde vaste schuld
0
0
0
0
10.372.729
6.993.228
8.894.511
13.343.245
Toegestane kasgeldlimiet Omvang begroting In procenten van de grondslag In bedrag Omvang vlottende korte schuld
Vlottende middelen Contante gelden in kas Tegoeden in rekening courant Overige uitstaande gelden < 1 jaar
-
-
-
-
8.097.020
8.134.836
6.062.115
11.966.968
3.727.846
2.220.008
6.513.488
2.679.057
11.824.866
10.354.844
12.575.603
14.646.025
Toets kasgeldlimiet Toegestane kasgeldlimiet
1.603.100
1.603.100
1.603.100
1.603.100
Totaal netto vlottende middelen
-1.452.136
-3.361.616
-3.681.093
-1.302.781
Ruimte(+) / Overschrijding (-)
3.055.236
4.964.716
5.284.193
2.905.881
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
30 / 72
4.5. BEDRIJFSVOERING Deze paragraaf geeft op basis van artikel 14 BBV inzicht in de stand van zaken van een aantal onderwerpen die onder de bedrijfsvoering vallen.
4.5.1 Informatisering en automatisering Algemeen Een van onze ambities voor 2022 was om de informatievoorziening op peil te brengen. Hiervoor ontwikkelden we het projectplan IM in control, met verschillende projecten die ervoor zorgden dat de kwaliteit en de effectiviteit van de eigen bedrijfsvoering en de dienstverlening aan onze deelnemers aanzienlijk verbeterde. Dit is te danken aan technische verbeteringen, maar vooral ook door de bewustwording binnen de dienst dat Informatie Management niet een op zichzelf staande afdeling is. We zij samen In control! Want iedereen maakt gebruik van de systemen en dus moet iedereen ook goede data en input leveren. Inmiddels zorgen 26 key-users (of ambassadeurs) er binnen elke afdeling voor dat dit gebeurt. Belangrijkste projecten 1. De digitale werkplek: Alle medewerkers maken gebruik van één informatieportaal, maar krijgen een gepersonaliseerd startscherm die toegang geeft tot de informatie die zij die dag nodig hebben. 2. Veiligheid: Er is een uitvoeringsprogramma opgesteld dat beschermt tegen de gevaren van cybercriminaliteit en dat zorgdraagt voor de privacybescherming. Onderdeel daarvan is een bewustwordingsprogramma binnen de eigen organisatie. De vitale risico’s zijn grotendeels gedicht bij de implementatie van de digitale werkplek. Hierin is onder andere het risico bij het inlogproces verkleind door een nieuwe manier van inloggen.
3. Centraal informatieportaal: Dit portaal maakt het mogelijk om veel meer informatie op te zoeken door het koppelen van verschillende systemen. 4. Datakwaliteit: De toegankelijkheid van de data in de systemen is verbeterd, met name voor het zaaksysteem PowerBrowser. Iedereen in de organisatie maakt hier gebruik van voor het vastleggen en raadplegen van informatie. PowerBrowser heeft een nieuwe structuur gekregen. Er is bovendien een team samengesteld, dat het doorvoeren van wijzigingen in de toekomst op een gestructureerde manier zal begeleiden. Het effect hiervan is dat iedereen efficiënter en beter kan werken. Accurate data zorgen bovendien voor een hogere kwaliteit van beslissingen rondom vergunningen en toezicht.
4.5.2 Personeel HR op orde We hebben geïnventariseerd wat er nodig is om HR op orde te maken. Onderdeel hiervan is het vastleggen en digitaliseren van de HR-werkprocessen en -beleid. Door ons beleid te harmoniseren zorgen we ervoor dat we mensen beter bij de dienst kunnen binnenhalen en - heel belangrijk - ze te boeien en binden. Verloop en verjonging Aan de instroom-, doorstroom- en uitstroomcijfers is te zien dat het totale aantal medewerkers 148 (133,2 FTE) is.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
31 / 72
Doorkanteling We hebben een start gemaakt met de doorkanteling van onze matrixorganisatie naar een organisatie in afdelingen. Op deze manier kunnen we nog beter zorgdragen voor de medewerkers en zal er meer aandacht komen voor de inhoud. In 2022 is een tweetal kwartiermakers aangesteld die de afdelingen gaat opzetten. Arbeidsmarktcommunicatie De vijf omgevingsdiensten in Zuid-Holland werken samen aan arbeidsmarktcommunicatie. Met behulp van diverse trajecten zorgen we voor een betere profilering van de Omgevingsdienst en stralen we uit dat we een aantrekkelijke werkgever zijn. Op landelijk niveau hebben we meegedaan aan de Nationale Carrièrebeurs. Dit leverde direct resultaat op in de vorm van een nieuwe collega. OR Er zijn tussentijdse digitale verkiezingen geweest voor de OR. Die is nu weer voltallig, met zelfs een paar reservekandidaten. Hybride werken Vanaf maart zijn de coronaregels versoepeld en kon er weer op kantoor gewerkt worden. De meeste collega’s werken in overleg met de leidinggevende hybride. In 2022 heeft iedereen een maandelijkse vergoeding ontvangen op basis van een forfaitaire regeling, waarbij uitgegaan werd van het aantal werkdagen en de reiskosten- en thuiswerkvergoeding.
4.5.3 Planning & Control Rechtmatigheid De rechtmatigheidsverantwoording is uitgesteld. Vanaf begrotingsjaar 2023 (in plaats van 2022) moet het bestuur een rechtmatigheidsverantwoording opnemen in de jaarrekening. De afdeling Planning & Control is bezig vorm te geven aan het normenkader, de controlematrix, het controleprotocol en de norm- / grensbedragen waarbij de verantwoordingsgrens op geconstateerde onrechtmatigheid ligt. In 2022 heeft Planning & Control geïnvesteerd in het aanpassen van processen en onderliggende documenten. Tevens is er een start gemaakt met het opstellen van een controleplan, het aanpassen van de controleverordening en onderliggende beleidsregels. Deze zullen in het begin van 2023 ter besluitvorming worden voorgelegd aan het bestuur. Inkoop en Aanbesteding De vijf Zuid-Hollandse diensten hebben ervoor gekozen om samen te werken op het gebied van inkoop- en aanbesteding en waar mogelijk gezamenlijk de markt te benaderen. Er is gestart met het afstemmen van de aanbestedingskalenders en het analyseren van de aanbestedingen. In 2022 is nog geen gezamenlijke aanbesteding gedaan, maar de verwachting is dat de samenwerking in de toekomst voordelen zal hebben. Processen Vanwege de komst van de wetswijziging op rechtmatigheidsverantwoording en het project IM in Control, hebben we in 2022 ook de focus op de primaire processen gelegd.
Dit heeft geleid tot aanpassing van diversen procesbeschrijvingen van de zaaktypen en de werkinstructies voor de producten. Door het uitstel van de Omgevingswet zijn nog niet alle processen en werkinstructies af. Dit wordt in 2023 verder opgepakt.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
32 / 72
Duurzame bedrijfsvoering Een van de speerpunten van onze dienst is duurzaamheid. We willen niet alleen duurzaam zijn voor onze deelnemers, maar ook in onze bedrijfsvoering. De eerste stappen zijn gezet met het vernieuwen van het wagenpark en het vervangen van de verlichting. In 2022 zijn de koffiemachines vervangen door refurbished koffiemachines. Deze zijn duurzamer en passen beter in een circulaire economie. Een bijkomend voordeel is dat we er minder huur voor hoeven te betalen. Ook de koffiebonen die we nu gebruiken hebben het keurmerk duurzaam en fairtrade. Dashboard 2022 was ook het jaar van het doorontwikkelen van onze interne rapportagetools. Het team Informatiemanagement heeft met behulp van het programma Power BI aan een rapportagetool gewerkt die de organisatie steeds beter voorziet van real-time sturingsinformatie. In 2023 zullen we ook de informatievoorziening naar onze deelnemers herijken.
4.6. STAAT VAN INVESTERINGEN Tabel 4.6 – Staat van investeringen (in euro’s)
Boekwaarde Bij: Af: Af: Boekwaarde begin investeringen desinvestering Afschrijvingen einde boekjaar boekjaar 2022 boekjaar 2022 boekjaar 2022 boekjaar 2022 2022
Verbouwing Vondellaan
334.983
27.815
0
35.353
327.445
Inventaris, inrichting & apparatuur
325.653
100.565
10.817
106.045
309.356
Totaal
660.636
128.380
10.817
141.398
636.801
4.7. VERBONDEN PARTIJEN Deze paragraaf is niet van toepassing op de dienst.
4.8. GRONDBELEID Deze paragraaf is niet van toepassing op de dienst.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
33 / 72
5. Jaarrekening 2022 5.1. BALANS PER 31 DECEMBER 2022 Hierna wordt via de balans met toelichting de financiële verantwoording afgelegd over het gerealiseerde beleid in 2022. Tabel 5.1 – Balans per 31 december 2022
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV), de financiële verordening en de nota Planning & Control 2020-2023. De toegepaste waarderingsgrondslagen voor de activa en passiva zijn ten opzichte van het voorgaande jaar ongewijzigd gebleven. Materiële vaste activa De materiële vaste activa worden gewaardeerd op verkrijgings- of vervaardigingsprijs, onder aftrek van de op de economische levensduur gebaseerde afschrijvingen, zoals bedoeld in artikel 64 van het BBV. De materiële vaste activa worden afgeschreven binnen een termijn en op een wijze, die is vastgesteld door het bestuur in de begroting 2015. Hierin volgt de dienst zowel het beleid van het BBV als de eigen financiële verordening.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
34 / 72
Vlottende activa De vorderingen, overlopende activa en liquide middelen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met de noodzakelijk geachte voorzieningen, zoals bedoeld in artikel 63 van het BBV. Vlottende passiva De vlottende schulden en overlopende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, zoals bedoeld in artikel 48 en 49 van het BBV. Eigen vermogen Onder het eigen vermogen zijn opgenomen de algemene reserve, de bestemmingsreserves en het saldo van de rekening van baten en lasten. Voorzieningen De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
35 / 72
5.2. TOELICHTING OP DE BALANS Materiële vaste activa Tabel 5.2.1 – Materiële vaste activa
In 2022 hebben wij in de begroting diverse investeringen van € 151.600 opgenomen. Er is geïnvesteerd voor een bedrag van € 129.380. Debiteuren Er zijn in 2022 geen vorderingen wegens oninbaarheid op debiteuren afgeboekt.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
36 / 72
Vlottende activa Tabel 5.2.2 – Vorderingen op openbare lichamen en overige vorderingen
*Debiteuren openbare lichamen betreft voor € 1.203.280 gemeente Noordwijk en € 6.383 voor de DCMR Milieudienst Rijnmond. Beide bedragen zijn in januari betaald.
Schatkistbankieren Tabel 5.2.3 – schatkistbankieren
*Dit is kortlopend gepresenteerd, aangezien het saldo altijd direct opeisbaar is.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
37 / 72
Tabel 5.2.4 – Drempelbedrag schatkistbankieren Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar 2022 (1)
Drempelbedrag
1.000 Kwartaal 1
(3a) = (1) > (2)
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag
(3b) = (2) > (1)
Overschrijding van het drempelbedrag
(2)
1.000 Kwartaal 2
1.000 Kwartaal 3
1.000 Kwartaal 4
223
206
220
232
777
794
780
768
-
-
-
-
(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a) (4b) (4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
19.550 19.550 -
(1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met een Drempelbedrag 1.000 minimum van €1.000.000 (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
20.068
18.769
20.264
21.365
90
91
92
92
223
206
220
232
De drempel voor gemeenschappelijke regelingen met een begrotingstotaal tot € 500 miljoen voor het verplicht schatkistbankieren bedraagt 2% van het begrotingstotaal met een minimum van € 1 miljoen. Liquide middelen In 2020 is er een bankgarantie afgegeven van € 129.056 voor de huur van het pand aan de Vondellaan 55 in Leiden. Hier is dit jaar € 108 aan renteopbrengsten aan toegevoegd. Tabel 5.2.5 – Liquide middelen
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
38 / 72
Overlopende activa De overlopende activa betreft uitgaven die betrekking hebben op 2023, maar waarvan de facturen eind 2022 zijn ontvangen. Tabel 5.2.6 – Overlopende activa
Passiva Tabel 5.2.7 – Eigen vermogen Eigen vermogen (in euro’s)
31-12-2022
Toevoegingen 2022
Algemene reserve
1.453.300
699.757
31-12-2021 na bestemming 0 753.543
Algemene reserve
1.080.543
327.000
0
753.543
816.305
Exploitatieresultaat 2021
372.757
372.757
0
0
567.238
ODWH bestemmingsreserves:
304.464
0
325.536
630.000
0
0
0
80.000
80.000
0
304.464
0
195.536
500.000
0
0
0
50.000
50.000
0
1.757.764
699.757
325.536
1.383.543
0
- Reserve organisatieontwikkeling gevolgen cao 2021-2022 - Reserve Informatiemanagement in Control - Reserve Terugbrengverplichting Schipholweg Eindsaldo boekjaar:
Onttrekkingen 2022
31-12-2021
1.383.543
De algemene reserve stijgt in 2022 van € 753.543 naar € 1.453.300. Het maximum van de algemene reserve mag in 2022 maximaal € 950.345 bedragen. Dit bedrag is gebaseerd op 5% van de omzet van het betreffende jaar, zoals is vastgesteld in de nota Planning en Control 2020-2023. Het voorstel aan het algemeen bestuur is deze overschrijding toe te staan om de cao-ontwikkeling in 2023 te kunnen opvangen binnen de algemene reserve. Het exploitatieresultaat 2022 bedraagt € 372.757 positief. Dit is na verwerking van de volgende mutaties in de reserves: • Toevoeging aan de algemene reserve van € 327.000 met betrekking tot het aanvullen van het weerstandsvermogen.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
39 / 72
• • •
Onttrekking aan de bestemmingsreserve met betrekking tot de terugbrengverplichting van de Schipholweg 128 te Leiden van € 50.000. Onttrekking aan de bestemmingsreserve met betrekking tot de cao-ontwikkeling 2022 van € 80.000. Onttrekking aan de bestemmingsreserve met betrekking tot informatiemanagement (IM) in control van € 195.536. Het plan met betrekking tot deze bestemmingsreserve loopt door tot eind 2023. Het restant zal dan ook in 2023 gebruikt worden om de gestelde doelen te halen voor eind 2023.
Voorzieningen Tabel 5.2.8 – Voorzieningen
De voorziening aanvulling WW bedraagt € 24.789. Via de salarissen wordt er maandelijks een bedrag aan deze voorziening toegevoegd volgens de wet regeling aanvullende voorzieningen bij werkloosheid. De voorziening verlofsparen bedraagt € 150.000. Deze voorziening is gevormd om toekomstige lasten met betrekking tot verlofsparen op te vangen. Deze structurele voorziening zullen we jaarlijks actualiseren. Overige schulden Tabel 5.2.9 –Overige schulden
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
40 / 72
Overlopende passiva Tabel 5.2.10 – Overlopende Passiva
•
BSV-subsidies: Van 1 januari 2015 tot en met 2020 heeft het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) subsidies beschikbaar gesteld voor geluidsanering voor woningen die op de landelijke saneringsvoorraadlijst staan. Alle 8.000 saneringswoningen in Holland Rijnland zijn in 68 projecten opgenomen en hiermee zijn de subsidies voor de voorbereiding en de uitvoering voor deze woningen veiliggesteld. Per project wordt een saneringsprogramma opgesteld en per woning onderzocht of het geluidniveau in de woning voldoet aan de wettelijk norm van 43 dB. Bij overschrijding van de norm ontvangt de woning geluidwerend gevelmaatregelen. De doorlooptijd van een project van subsidieaanvraag tot het aanbrengen van maatregelen duurt zes tot acht jaar. In 2022 is naast de uitvoeringssubsidie voor gevelmaatregelen in totaal € 700.000 aangevraagd en ontvangen voor het aanbrengen van geluid reducerend wegdek en het inrichten van een 30 km weg. Uitvoeringssubsidies worden verplicht opgenomen in de SiSa-verantwoording. Deze vindt u in bijlage B.
•
Regionaal geld wegverkeerslawaai restant ISV2 budget: Het overgebleven ISV-budget blijft bestemd voor gevelsanering. Deze budgetten worden gebruikt voor woningen die niet op de landelijke saneringsvoorraadlijst staan, maar wel aan een weg liggen samen met saneringswoningen. Deze woningen zijn tijdens de inventarisatie per abuis niet op de landelijke saneringsvoorraadlijst gezet. Het Ministerie van IenW stelt alleen subsidie beschikbaar als de woning op de saneringsvoorraadlijst staat. Is dit niet het geval, dan zijn de kosten voor de gemeente. Ook komt het voor dat de voorbereidingssubsidie niet toereikend is. De niet-gesubsidieerde kosten komen ook in dat geval ten laste van deze reserve.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
41 / 72
•
ISV bodem Teylingen: De provincie Zuid-Holland heeft voor de periode 2010-2014 een ISV-deelbudget Bodem aan de gemeente Teylingen beschikbaar gesteld. Om aanspraak te kunnen maken op dit deelbudget, is op 9 februari 2012 een bestuursovereenkomst ISV3 Bodem gesloten tussen de provincie en de gemeente. Deze overeenkomst heeft betrekking op de aanpak van de spoedlocaties in de gemeente Teylingen. De sanering van de restverontreinigingen in de Lindenlaan is uitgesteld. Op 18 mei 2017 heeft de dienst een beschikking ernstig, geen spoed genomen voor de resterende verontreiniging in de Lindenlaan. Hiermee is vastgesteld dat de sanering niet meer met spoed hoeft te worden uitgevoerd. Het gereserveerde budget uit de ISV-3 afspraken wordt vastgehouden voor het saneren van de restverontreiniging van de Lindenlaan, maar die sanering heeft het afgelopen jaar wederom niet plaatsgevonden. Omdat het geen meerwaarde heeft om de gelden nog langer op de balans van de Omgevingsdienst te laten staan is de vraag bij de gemeente Teylingen uitgezet om de gelden dit jaar naar hen over te maken.
•
Afkooptarief provincie: In 2019 is gevolg gegeven aan de wens van de provincie Zuid-Holland om het verschil in uurtarief dat aan de provincie en aan de overige deelnemers in rekening wordt gebracht op te heffen. Dit verschil in tarief is gebaseerd op de vergoeding van toelages die aan voormalig medewerkers van de provincie uitgekeerd moeten worden. Door het betalen van een afkoopsom van € 395.000, die op basis van een evenwichtige verdeling van risico’s is berekend, stelt de provincie de dienst in staat om met één uurtarief te werken. Dit jaar heeft er een vrijval plaatsgevonden van € 95.000
•
Specifieke uitkering voor energiebesparing : Het ministerie van Economische zaken en Klimaat (EZK) biedt specifieke uitkeringen voor energiebesparing. Die zijn bedoeld om bedrijven te controleren op de energiebesparingsplicht en zo bij te dragen aan het behalen van de klimaatdoelstellingen van 31 december 2026.
•
Specifieke uitkering IBP VTH: Het interbestuurlijke programma Vergunningen, toezicht en handhaving (IBP VTH) van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) richt zich specifiek op het versterken van het VTH-domein Milieu. Zij doet dit door een specifieke uitkering (SPUK) aan elke Omgevingsdienst te verstrekken om activiteiten (werkzaamheden) te verrichten in het kader van IBP VTH. Deze uitkering is de doorvertaling van de aanbevelingen van de commissie-Van Aartsen en landelijk zijn er zestig voorgenomen acties. De geplande uitvoering van de acties is voor ons van september 2022 tot eind 2023.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
42 / 72
5.3. NIET UIT DE BALANS BLIJKENDE VERPLICHTINGEN De dienst is voor toekomstige jaren eveneens financiële verplichtingen aangegaan die niet zijn opgenomen in een balanspost. Van deze niet uit de balans blijkende verplichtingen worden hieronder de belangrijke verplichtingen toegelicht. Onder belangrijke verplichtingen verstaan we alle aangegane overeenkomsten, waarbij de totale contractwaarde minimaal € 50.000 bedraagt. In 2022 en de voorgaande jaren zijn de volgende contracten met een looptijd langer dan een jaar afgesloten. Hierbij is het drempelbedrag voor de totale contractwaarde € 50.000. Tabel 5.3 – Niet uit de balans blijkende verplichtingen Contractpartij Leithon Multilease van Mossel Detron Fivespark Fivespark
Aard van het contract Huur kantoorpand Vondellaan Leaseauto's Leaseauto's ICT helpdesk en onderhoud en optimalisatie mobiele abonnementen Telefoon-centrale
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
Start Contract 01-06-2020 19-03-2014 3-1-2022 15-12-2021 16-10-2020 1-1-2021
Looptijd van het contract 31-7-2037 30-06-2022 11-11-2026 14-12-2029 28-2-2023 31-12-2026
Bedrag per jaar in € 426.510 6.455 30.529 138.416 50.000 7.500
43 / 72
5.4. PROGRAMMAREKENING 2022 Hierna wordt via de programmarekening het overzicht van baten en lasten met toelichting de financiële verantwoording afgelegd over het in het jaar 2022 gerealiseerde beleid. Tabel 5.4 –Programmarekening 2022
Grondslagen voor de programmarekening De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV), de financiële verordening en de Nota Planning en Control 2020-2023. Baten worden verantwoord in het jaar dat zij gerealiseerd zijn. Lasten worden verantwoord in het jaar waarin deze voorzienbaar zijn. De toegepaste waarderingsgrondslagen voor de baten en lasten zijn ongewijzigd gebleven ten opzichte van het voorgaande jaar. Programmaresultaat De afrekening met de deelnemende gemeenten wordt uitgevoerd conform de afspraken in de Nota Planning en Control 2020-2023. De systematiek houdt voor de deelnemende gemeenten in dat de kosten van dienstverlening vanuit de dienst doorbelast worden op basis van de werkelijke uren maal een vooraf vastgesteld uurtarief. De dienst heeft een algemene reserve die dient als buffer. De dienst streeft naar een weerstandsvermogen van vijf procent.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
44 / 72
Baten en lasten De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Alle baten en lasten die betrekking hebben op het boekjaar en die ten tijde van het opstellen van de jaarrekening bekend waren, zijn in het jaarverslag verwerkt. Onder de opbrengsten verstaan we: de bijdragen van de deelnemende gemeenten, de bijdrage van de overige contractpartners, subsidies en overige inkomsten voor diensten die kunnen worden toegerekend aan het verslagjaar. Zij worden verantwoord in het jaar waarin de diensten zijn verricht. Verliezen worden in aanmerking genomen in het jaar waarin ze voorzienbaar zijn. Winsten worden slechts meegenomen wanneer ze zijn gerealiseerd. De afschrijvingen worden lineair berekend op basis van de verwachte levensduur. Als startmoment van de afschrijving geldt de datum van in gebruik neming van het actief.
5.5. TOELICHTING OP DE PROGRAMMAREKENING Begrotingswijzigingen 2022 Het streven van de dienst is om (maximaal) één begrotingswijziging per begrotingsjaar aan het algemeen bestuur voor te leggen: de verwerking van de met de deelnemers afgesproken werkplannen. De begroting 2022 is goedgekeurd in het algemeen bestuur van 12 juli 2021. In het najaar tot begin 2022 zijn op basis van de voorlopige realisatie 2021 en de plannen voor 2022 de definitieve werkplannen voor 2022 vastgesteld (uitzondering hierop is het werkplan van de gemeente Noordwijk). Dit betreft zowel uren als materieel budget. De grootste mutaties in de werkplannen gelden voor Kaag en Braassem, Nieuwkoop, Zoeterwoude en de provincie. Ook de provinciale aanvullende budgetten zijn verhoogd ten aanzien van de oorspronkelijke begroting 2022. Voor deze mutaties in de werkplannen is een begrotingswijziging gemaakt als onderdeel van de bestuurlijke rapportage. Daarnaast zijn, na de behandeling van de jaarstukken 2021 in het algemeen bestuur, de onttrekkingen aan de reserves in de begrotingswijziging opgenomen. Tenslotte zijn de BSV-subsidies (gevelsanering) hoger geschat dan begroot. Deze subsidies zijn budgettair neutraal. De bestuurlijke rapportage is vastgesteld in het algemeen bestuur van 11 juli 2022.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
45 / 72
Toelichting op de lasten De werkelijke uitgaven zijn hoger dan begroot. De verschillen ten opzichte van de begroting per kostencategorie worden hierna toegelicht. Tabel 5.5.1 – Salarissen tabel per FTE inhuur en salarissen
Personeelslasten Er is een overschrijding in de personeelslasten van € 211.825. De posten salarissen, inhuur vacatureruimte, goederen/diensten primaire proces, bijdragen gemeenten/provincie en overige inkomsten zijn communicerende vaten. Tabel 5.5.2 – Salarissen tabel per FTE inhuur en salarissen Specificatie overschrijding personeelslasten Cao gemeenten eenmalige uitkering december 2022 Voorziening verlofsparen
Verschil Begroting vs. Realisatie 2022 -60.000 -150.000
Vrijval afkoop Provincie
95.000
Vrijval balanspost RRE
-127.000
Vertrokken vaste medewerkers
647.270
Verschuiving vertrokken medewerkers naar inhuur Overig personeelslasten door Corona en thuiswerken Totaal
-711.330
•
94.235 -211.825
Per 1 december 2021 zijn de salarissen gestegen met 1,5%. Daarnaast gingen de salarissen per 1 april 2022 nog een keer omhoog met 2,4%. Vanaf 1 januari 2022 ontvingen we een thuiswerkvergoeding van
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
46 / 72
• • • •
•
€ 2 netto per thuiswerkdag. Dit is verwerkt in de begrotingswijziging. De medewerkers hebben eind 2022 een eenmalige uitkering ontvangen, doordat de nieuwe cao gemeenten niet vlot verloopt. Dit betekent een incidentele overschrijding van € 60.000. Er is in afwijking op de begroting een voorziening gevormd voor verlofsparen van € 150.000. Deze is gevormd om toekomstige lasten met betrekking tot verlofsparen op te vangen. Deze structurele voorziening zullen we jaarlijks actualiseren De vrijval afkoop provincie bedraagt € 95.000. Deze vrijval is per abuis niet begroot. Deze afkoop is gebaseerd op de vergoeding van toelages die aan voormalig medewerkers van de provincie uitgekeerd moeten worden, zodat de provincie de dienst in staat stelt om met één uurtarief te werken. Er is een incidentele vrijval op inhuurlasten van € 127.000. Dit betreft een balanspost uit 2021 die is vrijgevallen met betrekking tot de definitieve goedkeuring van de SiSa-verantwoording RRE. Ondanks de onderschrijding op het werkplan hebben we toch een overschrijding op inhuurlasten. Dit komt door het vertrek van 7 fte aan vaste medewerkers die we door de krapte op de markt niet konden invullen. Inhuren is duurder dan een vaste medewerker aannemen. In deze huidige arbeidsmarkt is dit verschil nog groter, maar door naast ‘gewone’ inhuur ook trainees in te huren, hebben we dit verschil kunnen beperken.
Ook door het hoge ziekteverzuim van 5,52% hebben we meer medewerkers ingehuurd. Door de nasleep van corona is er een incidentele onderschrijding van € 94.235. Een groot deel hiervan is ontstaan door opleidingen die niet doorgingen door ziekte of te weinig aanmeldingen. In de tweede helft van het jaar zien we de ‘normale’ wereld weer verschijnen. Er werd een bedrijfsfeestje of interne borrel georganiseerd, maar ook daarin waren een paar kleine stagnaties vanwege de nasleep van corona.
Huur en overige huisvestingslasten Tabel 5.5.3 – Huur en overige huisvestingslasten
Dit betreft een onderschrijding van € 125.331. Deze wordt grotendeels veroorzaakt door een onderschrijding van € 103.993 in de overige huisvestingslasten. In de overige huisvestingslasten is de terugbrengverplichting van de Schipholweg 128 te Leiden begroot. Deze opleveringsverplichting is komen te vervallen. Dit betekent een incidenteel voordeel van € 50.000. De andere onderschrijding van € 53.993 betreft voor circa € 35.000 grotendeels een structurele onderschrijding. Bij de Schipholweg hadden we regelmatig onderhoudsbedrijven nodig voor reparaties en kleine verbeteringen. Ook moesten we zelf zorgen voor de beveiliging van het pand. Daarnaast zit de WOZbelasting al in de huurprijs, terwijl we dit bij de Schipholweg apart gefactureerd kregen. Kortom, het huidige kantoorpand aan de Vondellaan is hierin zeer compleet. Waar we vorig jaar nog regelmatig incidentele lasten zagen voor de Schipholweg (huurcontract is eind vorig jaar beëindigd), zien we deze lasten niet in 2022 voor de Vondellaan. Ook is het hybride werken nu de standaard geworden, waardoor er minder snel zaken kapot gaan en er minder werkplekaanpassingen nodig zijn.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
47 / 72
Overige goederen en diensten Tabel 5.5.4 – Overige goederen en diensten
Het onderdeel ‘overige goederen en diensten’ omvat het merendeel van de materiële uitgaven van de organisatie, zoals ICT-kosten en overige kosten. Deze overige kosten zijn onder andere autokosten, schoonmaakkosten en salarisadministratie. Het budget voor overige goederen en diensten kent een voordeel van € 419.199 ten opzichte van de begroting. Tabel 5.5.5 – Specificatie voordeel op overige goederen en diensten Specificatie overige goederen en diensten ICT IM in cotrol
Verschil Begroting vs. Realisatie 2022 -304.464
ICT overige
-34.736
Overige lasten door hybride werken en nasleep Corona Totaal
-79.999 -419.199
Deze onderschrijding wordt grotendeels veroorzaakt door het project IM in Control. De uitvoering is in volle gang en er is al heel veel bereikt in 2022. In 2023 gaan we hier volop mee verder. Deze onderschrijding is budgettair neutraal, aangezien de onttrekking aan de reserves ook € 304.464 lager is. De structurele onderschrijding op het normale ICT-budget bedraagt € 34.736. Dit is grotendeels veroorzaakt door het ingaan van het contract met de nieuwe leverancier voor ICT-beheer. De leverancier met een gunstigere prijs-kwaliteitverhouding is eind oktober gestart.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
48 / 72
Overige goederen en diensten primaire proces Tabel 5.5.6 – Goederen en diensten primaire proces
Tabel 5.5.7 – Uitsplitsing onderschrijding goederen en diensten primaire proces Specificatie overige goederen en diensten primaire proces Materiële lasten deelnemers Aanvullende opdrachten Provincie Totaal
Verschil Begroting vs. Realisatie 2022 121.251 419.095 540.346
Het budget voor goederen en diensten in het primaire proces laat een verschil zien van € 540.346 ten opzichte van de begroting. Dit zijn in opdracht van de deelnemers uitgevoerde projecten. Een groot deel van dit verschil betreft een onderschrijding van de provinciale opdrachten, zoals Spoed- en nazorg van € 358.000 en Briks van € 48.400. De materiële lasten voor de deelnemers zijn ook achtergebleven op de begroting. Deze onderschrijding betreft voornamelijk de projectkosten voor de gemeenten en het materiële budget voor de provincie. Voor details per deelnemer verwijzen wij u naar de eindrapportages van onze deelnemers. Deze onderschrijding is budgettair neutraal, aangezien de werkelijke kosten worden doorbelast aan onze deelnemers in de post deelnemersbijdrage gemeente/provincie. Subsidies Tabel 5.5.8 – Subsidies
De subsidie-lasten zijn € 309.486 lager dan begroot. Deze subsidies zijn budgettair neutraal. De opbrengsten zijn opgenomen onder de post subsidies bij de baten. De onderschrijding is het indirecte gevolg van de coronacrisis en de oorlog in Oekraïne: nooit eerder was het tekort aan bouwmaterialen en personeel zo groot als nu.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
49 / 72
Afschrijvingslasten Tabel 5.5.9 – Afschrijvingslasten
In 2022 hebben wij in de begroting diverse investeringen van € 151.600 opgenomen. Er is geïnvesteerd voor een bedrag van € 129.380. Naast een onderschrijding op de investeringsruimte in 2022 van € 22.220 zijn de investeringen grotendeels later in het jaar gedaan, waardoor de afschrijvingslasten incidenteel lager zijn dan begroot. Toevoegingen aan de reserves Tabel 5.5.10 – Toevoegingen aan de reserves
Dit betreft een voorziene dotatie aan de algemene reserve van € 327.000
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
50 / 72
Toelichtingen op de baten In 2022 zijn de werkelijke baten lager dan de geraamde baten. Dit is voornamelijk te verklaren door het feit dat de bijdrage van de gemeenten en provincie grotendeels bepaald worden door de realisatie van de uren en de materiële lasten die rechtstreeks voor rekening van een of meerdere deelnemers worden gebracht. Zowel de uren als de materiële lasten zijn lager uitgevallen dan begroot. In bijlage C wordt de samenvatting uren en bijdrage per deelnemer nader zichtbaar gemaakt. Ook vindt u een gedetailleerd overzicht per deelnemer terug in de eindrapportage van 2022. In deze eindrapportage geven we uitgebreid inzicht in de geraamde uren en materiële lasten en de werkelijke uren en materiële lasten. Het saldo vormt de afrekening van meeren minderwerk per deelnemer. Bijdrage gemeenten/provincie Tabel 5.5.11 – Bijdrage gemeenten/provincie
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
51 / 72
De onderschrijding wordt veroorzaakt door: Begroting 2022 A
Werkelijk 2022 B
Verschil
Deelnemersbijdragen (in euro's) Deelnemersbijdragen
-17.858.792 -17.335.654
-523.138
Aanvullende opdrachten Provincie Aanvullende opdrachten overige deelnemers
A-B
-951.208
-795.733
-155.475
0
-27.745
27.745
-18.810.000 -18.159.132
-650.868
De posten salarissen, inhuur vacature, goederen en diensten primaire proces, bijdrage gemeenten/provincie en overige inkomsten zijn communicerende vaten. De afwijking tussen de begroting en de realisatie op de deelnemersbijdragen bedraagt € 523.138. Zoals eerder toegelicht in paragraaf 3.1 en bij de personeelslasten, hebben we een onderbesteding op het oorspronkelijk afgesproken werk. In de realisatie over heel 2022 is gebleken dat we ten opzichte van het actueel werkplan (begroting inclusief begrotingswijziging) uitkomen op een realisatie van 96%. De oorzaken van deze onderschrijdingen op de werkzaamheden zijn op hoofdniveau beschreven in hoofdstuk 2 van deze jaarstukken. Overige inkomsten Tabel 5.5.12 –Overige inkomsten
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
52 / 72
Tabel 5.5.13 –Overige inkomsten
De overige inkomsten laat een incidentele overschrijding van € 371.529 zien. We hebben diverse inkomsten verkregen door werkzaamheden uit te voeren voor de bovengenoemde aanvullende opdrachten. In de bestuurlijke rapportage zijn deze verwachte inkomsten opgenomen onder deelnemersbijdragen in plaats van overige inkomsten. Ook hierbij geldt wederom dat dit onderdeel is van de communicerende vaten van het primaire proces. Subsidie baten Tabel 5.5.14 – Specificatie overschrijding overige subsidie-inkomsten
De subsidie-inkomsten zijn € 301.897 lager dan begroot. De subsidies zijn budgettair neutraal. De lasten zijn opgenomen onder de post subsidies en daar wordt ook de verklaring van de onderschrijding gegeven. Rente baten De rente is in het laatste kwartaal van 2022 aanzienlijk gestegen. Dit is niet begroot en levert een voordeel op van € 38.136.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
53 / 72
Tabel 5.5.15 – Onttrekking aan reserves
Onttrekking aan reserves (in euro’s) Vrijval terugbrengverplichting Schiphol
Realisatie 2022 -50.000
Vrijval cao-ontwikkeling
-80.000
Vrijval informatiemanagement (IM) in control
-195.536
Totaal per boekjaar:
-325.536
De onttrekkingen aan de bestemmingsreserves hebben betrekking op de vorig jaar gereserveerde bedragen. Doordat het project IM In Control een plan is voor zowel 2022 als 2023, zal de onderschrijding met betrekking tot het project IM in Control van € 304.464 in 2023 besteed worden.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
54 / 72
5.6. WET NORMERING TOPINKOMENS Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ingegaan (artikel 2.3 van de WNT). Deze verantwoording is opgesteld op basis van de volgende op de dienst van toepassing zijnde regelgeving: Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector. Een uitgebreid overzicht vindt u in bijlage A Wet Normering Topinkomens.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
55 / 72
Ondertekening Aldus vastgesteld door het algemeen bestuur van Omgevingsdienst West-Holland d.d. 3 juli 2023,
De voorzitter,
de secretaris,
A. North
M.E. Krul-Seen
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
56 / 72
Bijlagen
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
57 / 72
BIJLAGE A: WET NORMERING TOPINKOMENS Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ingegaan (artikel 2.3 van de WNT). Deze verantwoording is opgesteld op basis van de op de dienst van toepassing zijnde regelgeving: Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector. Het bezoldigingsmaximum in 2022 voor dienst is € 216.000. Dit geldt naar rato van de duur en/of omvang van het dienstverband. Voor topfunctionarissen zonder dienstbetrekking geldt met ingang van 1 januari 2021 voor de eerste 12 kalendermaanden een afwijkende normering, zowel voor de duur van de opdracht als voor het uurtarief. 1. Bezoldiging topfunctionarissen 1a. Leidinggevende topfunctionarissen en gewezen topfunctionarissen met dienstbetrekking. Tevens leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling. Bedragen x € 1
mevrouw M. Krul
Functiegegevens
directeur
Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2022
1/1 - 31/12
Omvang dienstverband (in fte)
1,0
Dienstbetrekking?
Ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
123.204
Beloningen betaalbaar op termijn
22.013
Subtotaal
145.217
Individueel WNT-maximum
216.000
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Totale bezoldiging Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t. 145.217 N.v.t. N.v.t.
Gegevens 2021 Functiegegevens 2021 Aanvang en einde functievervulling in 2021
1/1 - 31/12
Omvang dienstverband 2021 (in fte)
1,0
Dienstbetrekking?
Ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
117.273
Beloningen betaalbaar op termijn
20.375
Subtotaal
137.648
Individueel WNT-maximum
209.000
Totaal bezoldiging 2021
137.648
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
58 / 72
1c. Toezichthoudende topfunctionarissen WNT gegevens 2022 Naam topfunctionaris Functie Looptijd mevrouw Hoekstra AB lid, wethouder Hillegom 1/1 - 31/12 heer De Jong AB lid, wethouder Hillegom 1/1 - 31/12 mevrouw Peters-Adrian Voorzitter DB en AB, wethouder Kaag en Braassem 1/1 - 31/12 mevrouw Van der Meer AB lid, wethouder Kaag en Braassem 1/1 - 1/7 de heer D. Kistemaker AB lid, wethouder Kaag en Braassem 1/7 - 31/12 heer Nagtegaal AB lid, wethouder Katwijk 1/1 - 1/7 heer Mostert AB lid, wethouder Katwijk 1/1 - 1/7 de heer J.C. Knape DB en AB lid, wethouder Katwijk 1/7 - 31/12 de heer S. Spek AB lid, wethouder Katwijk 1/7 - 31/12 De heer North Voorzitter DB en AB, Wethouder Leiden 1/1 - 31/12 mevrouw Jordan AB-lid, raadslid Leiden 1/1 - 22/3 mevrouw Y.A. van Delft AB lid, Wethouder Leiden 1/7 - 22/3 heer Van Woudenberg AB lid, wethouder Leiderdorp 1/1 - 1/7 mevrouw Van Elburg AB lid, raadslid Leiderdorp 1/1 - 22/3 de heer B. Vastenhoud AB lid, wethouder Leiderdorp 1/7 - 31/12 de heer H. Romeijn AB lid, wethouder Leiderdorp 1/7 - 31/12 heer van Haaster DB en AB lid, wethouder Lisse 1/1 - 01/05 heer Meiland AB lid, raadslid Lisse 1/1 -22/3 mevrouw H. Austie-Ziengs AB lid, wethouder Lisse 1/7 - 31/12 de heer C.P.M. van der Zwet AB lid, wethouder Lisse 1/7 - 31/12 heer Elkhuizen AB lid, wethouder Nieuwkoop 1/1 - 1/7 Mevrouw A.
Ingwersen DB en AB lid, wethouder Nieuwkoop 1/1 - 31/12 mevrouw I.R.J.G. de Ridder AB lid, wethouder Nieuwkoop 1/7 - 31/12 de heer Alkemade DB en AB lid, Wethouder Noordwijk 1/1 - 31/11 heer Duijndam AB lid, raadslid Noordwijk 1/1 - 22/3 de heer R. ter Hark AB lid, Wethouder Noordwijk 1/7 - 31/12 heer Glasbeek AB lid, wethouder Oegstgeest 1/1- 1/7 heer Welling AB lid, raadslid Oegstgeest 1/1- 22/3 de heer E. Bus AB lid, wethouder Oegstgeest 1/7 - 31/12 de heer T.I.M. van Tongeren AB lid, wethouder Oegstgeest 1/7 - 31/12 Mevrouw Hooij AB lid, wethouder Teylingen 1/1- 31/13 mevrouw Wietsma-Biesbroek AB lid, raadslid Teylingen 1/1 - 22/3 mevrouw E. Koek AB lid, wethouder Teylingen 1/7 - 31/12 mevrouw Spil AB lid, wethouder Voorschoten 1/1 - 1/7 heer Cramwinckel AB lid, wethouder Voorschoten 1/1 - 1/7 de heer C.J. van der Elst AB lid, wethouder Voorschoten 1/7 - 31/12 de heer R.J.M. Zoetemelk AB lid, wethouder Voorschoten 1/7 - 31/12 heer Bouter AB lid, wethouder Zoeterwoude 1/1 - 1/7 Mevrouw Van der Kooi- van den Kolk AB lid, raadslid Zoeterwoude 1/1 - 22/3 de heer M. Paardekooper AB lid, wethouder Zoeterwoude 1/7 - 31/12 de heer P. Olthof AB lid, wethouder Zoeterwoude 1/7 - 31/12 heer Stolk DB en AB lid, gedeputeerde PZH 1/1 - 31/12 Mevrouw J. Baljeu AB lid, gedeputeerde PZH 1/1 - 31/12
2. Uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen met of zonder dienstbetrekking zijn niet van toepassing. 3. Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met dienstbetrekking die in 2022 een bezoldiging boven het individuele WNT-maximum hebben ontvangen. Er zijn in 2022 geen ontslaguitkeringen betaald aan overige functionarissen die op grond van de WNT dienen te worden vermeld, of die in eerdere jaren op grond van de WOPT of de WNT vermeld zijn of hadden moeten worden.
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
59 / 72
BIJLAGE B: SISA-BIJLAGE 1. SiSa-Bijlage 2022 (tabel deel 1)
Specifieke uitkering
E3
Subsidieregeling sanering verkeerslawaai
Ontvanger
Uitkeringscode
IenW
Juridische grondslag
Verstrekker
SiSa bijlage verantwoordingsinformatie 2022 op grond van artikel 3 van de Regeling informatieverstrekking sisa - d.d. 30-1-2023
Indicator Hieronder per regel één beschikkingsnummer en in de kolommen ernaast de verantwoordingsinformatie
Indicator Besteding (jaar T) ten laste van Rijksmiddelen
Indicator Overige bestedingen (jaar T)
Indicator Besteding (jaar T) door meerwerk dat o.b.v. art. 126 Wet geluidshinder ten laste van het Rijk komt
Indicator Correctie over besteding (t/m jaar T)
Indicator Kosten ProRail (jaar T) als bedoeld in artikel 25 lid 4 van deze regeling ten laste van Rijksmiddelen
Subsidieregeling sanering verkeerslawaai Provincies, gemeenten en gemeenschappelijke regelingen (Wgr) Aard controle n.v.t. Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Indicator: E3/01 Indicator: E3/02 Indicator: E3/03 Indicator: E3/04 Indicator: E3/05 Indicator: E3/06 1 IenM/BSK-2016/208849 €0 €0 €0 €0 €0 2 IenM/BSK-2017/150375 € 1.175 €0 €0 €0 €0 3 IenW/BSK-2018/213362 € 9.180 €0 €0 €0 €0 4 IenW/BSK-2019/163270 €0 €0 €0 €0 €0 5 IenW/BSK-2019/180811 €0 €0 €0 €0 €0 6 IenW/BSK-2019/212041 € 137.113 €0 €0 €0 €0 7 IenW/BSK-2019/215788 €0 €0 €0 €0 €0 8 IenW/BSK-2019/216921 €0 €0 €0 €0 €0 9 IenW/BSK-2019/217727 €0 €0 €0 €0 €0 10 IenW/BSK-2019/238534 €0 €0 €0 €0 €0 11 IenW/BSK-2019/286 €0 €0 €0 €0 €0 12 IenW/BSK-2019/291 €0 €0 €0 €0 €0 13 IenW/BSK-2019/6058 €0 €0 €0 €0 €0 14 IenW/BSK-2020/149577 -€ 1.152 €0 €0 €0 €0 15 IenW/BSK-2020/167803 €0 €0 €0 €0 €0 16 IenW/BSK-2020/172145 €0 €0 €0 €0 €0 17 IenW/BSK-2020/2618 €0 €0 €0 €0 €0 18 IenW/BSK-2020/32375 €0 €0 €0 €0 €0 19 IenW/BSK-2021/109097 €0 €0 €0 €0 €0 20 IenW/BSK-2021/164790 €0 €0 €0 €0 €0 21 IenW/BSK-2021/17643 €0 €0 €0 €0 €0 22 IenW/BSK-2021/205825 €0 €0 €0 €0 €0 23 IenW/BSK-2021/344718 €0 €0 €0 €0 €0 24 IenW/BSK-2018/276294 €0 €0 €0 €0 €0 25 BSV/22/00006 €0 €0 €0 €0 €0 26 BSV/22/00149 €0 €0 €0 €0 €0 27 BSV/22/00187 €0 €0 €0 €0 €0 28 BSV/22/00188 €0 €0 €0 €0 €0 29 BSV/22/00207 €0 €0 €0 €0 €0
30 BSV/22/00208 €0 €0 €0 €0 €0 31 BSV/22/00247 €0 €0 €0 €0 €0 32 BSV/22/00248 €0 €0 €0 €0 €0 33 BSV/22/00260 €0 €0 €0 €0 €0 34 BSV/22/00287 €0 €0 €0 €0 €0 35 BSV/22/00288 €0 €0 €0 €0 €0 36 BSV/22/00289 €0 €0 €0 €0 €0 37 BSV/22/00303 €0 €0 €0 €0 €0 38 BSV/22/00307 €0 €0 €0 €0 €0 39 BSV/22/00348 €0 €0 €0 €0 €0 Kopie beschikkingsnummer Cumulatieve bestedingen ten Cumulatieve overige bestedingen Cumulatieve Kosten ProRail (t/m Correctie over besteding kosten Eindverantwoording (Ja/Nee) laste van Rijksmiddelen (t/m jaar (t/m jaar T) jaar T) als bedoeld in artikel 25 ProRail (t/m jaar T) T) lid 4 van deze regeling ten laste van Rijksmiddelen Deze indicator is bedoeld voor Deze indicator is bedoeld voor Deze indicator is bedoeld voor de tussentijdse afstemming van de tussentijdse afstemming van de tussentijdse afstemming van de juistheid en volledigheid van de juistheid en volledigheid van de juistheid en volledigheid van de verantwoordingsinformatie de verantwoordingsinformatie de verantwoordingsinformatie Aard controle n.v.t.
Indicator: E3/07 1 IenM/BSK-2016/208849 €0 2 IenM/BSK-2017/150375 € 96.693 3 IenW/BSK-2018/213362 € 275.446 4 IenW/BSK-2019/163270 €0 5 IenW/BSK-2019/180811 €0 6 IenW/BSK-2019/212041 € 175.185 7 IenW/BSK-2019/215788 € 85.562 8 IenW/BSK-2019/216921 €0 9 IenW/BSK-2019/217727 €0 10 IenW/BSK-2019/238534 €0 11 IenW/BSK-2019/286 €0 12 IenW/BSK-2019/291 €0 13 IenW/BSK-2019/6058 €0 14 IenW/BSK-2020/149577 € 1.930 15 IenW/BSK-2020/167803 €0 16 IenW/BSK-2020/172145 €0 17 IenW/BSK-2020/2618 €0 18 IenW/BSK-2020/32375 €0 19 IenW/BSK-2021/109097 €0 20 IenW/BSK-2021/164790 €0 21 IenW/BSK-2021/17643 €0 22 IenW/BSK-2021/205825 €0 23 IenW/BSK-2021/344718 €0 24 IenW/BSK-2018/276294 €0 25 BSV/22/00006 €0 26 BSV/22/00149 €0 27 BSV/22/00187 €0 28 BSV/22/00188 €0 29 BSV/22/00207 €0 30 BSV/22/00208 €0 31 BSV/22/00247 €0 32 BSV/22/00248 €0 33 BSV/22/00260 €0 34 BSV/22/00287 €0 35 BSV/22/00288 €0 36 BSV/22/00289 €0 37 BSV/22/00303 €0 38 BSV/22/00307 €0 39 BSV/22/00348 €0
Aard controle n.v.t. Indicator: E3/08
Agendapunt 5 DB 3 april 2023: Jaarverslag 2022 (2023031500)
Aard controle n.v.t. Indicator: E3/09 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0
Aard controle n.v.t. Indicator: E3/10 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0
Aard controle R Indicator: E3/11 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0
Aard controle n.v.t. Indicator: E3/12 Nee Ja Ja Nee Nee Ja Ja Nee Nee Nee Nee Nee Nee Ja Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Ja Nee Nee Nee Nee Ja Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee
60 / 72
SiSa-Bijlage 2022 (tabel deel 2)
IenW
E83B
Tijdelijke regeling specifieke uitkering bodem 2022
Hieronder per regel één gemeente(code) uit (jaar T) selecteren en in de kolommen ernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen
Projectnaam / nummer
Besteding (jaar T) per project
Cumulatieve besteding (t/m jaar T) per project
Cumulatieve eigen/externe financiering (t/m jaar T) per project
Project afgerond (Ja/Nee)
SiSa tussen medeoverheden Aard controle n.v.t. Aard controle n.v.t. Indicator: E83B/01 Indicator: E83B/02 1 IENW/BSK-2022/223051 Industriekade 14-18 Sassenheim € 8.172 2 IENW/BSK-2022/223051 3 IENW/BSK-2022/223051 4 IENW/BSK-2022/223051 5 IENW/BSK-2022/223051 6 IENW/BSK-2022/223051
Kopie projectnaam / nummer
Zuideinde Nieuwkoop Van Leeuwenpark Leiderdorp Tespellaan Noordwijkerhout Achterweg 11 Noordwijk Uitvoer bodemsaneringen diffuus lood regio WestHolland (€ 11.000) Uitvoering is volgens aanvraag uitgevoerd (Ja/Nee), zo nee geef in indicator 09 de reden aan
Aard controle n.v.t. Indicator: E83B/07 1 Industriekade 14-18 Sassenheim 2 Zuideinde Nieuwkoop 3 Van Leeuwenpark Leiderdorp
E93
Regeling specifieke uitkering Interbestuurlijk programma VTH
Aard controle R Indicator: E93/01
F21
Eenmalige specifieke uitkeringen ten behoeve van extra ondersteuning voor toezicht op en handhaving van de energiebesparingsplicht
€ 20.062 € 48.074 € 14.674 € 9.080 € 1.966
€0 €0 €0 €0 €0
Aard controle n.v.t. Indicator: E83B/06 Nee Nee Nee Nee Nee
Nee Optionele toelichting. Verplicht als bij 08 nee is ingevuld
Aard controle n.v.t. Indicator: E83B/09
Overschrijding: dit betreft meerwerk voor de uitbreiding van het monitoringsnetwerk met instemming van de provincie Zuid-Holland