Bijlage VI Begroting MGR 2023-2026
Tekst van het document
43
43
43
43
43
43
43
Operationele lasten
Totaal programma
B 2022
B 2024
B2025
B2026
375
344
344
344
348
348
348
348
1.073
1.045
1.045
1.045
1.049
1.049
1.049
1.049
5.4.2 Lasten onderdeel Vastgoed Tabel 15 Totale lasten Werkbedrijf onderdeel Vastgoed in 2021 t/m 2026 ▲
Toelichting op de begroting 2023 Begeleide participatie en Overhead Voor 2023 verwachten we € 1,0 miljoen aan baten. Dit is ten opzichte van 2022 een toename van €4.000 wegens indexering van de gemeentelijke bijdrage met de BRN norm.
B 2023
Toelichting op de begrotingswijziging 2022 Begeleide participatie en Overhead Voor 2022 verwachten we € 1,0 miljoen aan lasten. Het gaat om kapitaallasten, onderhoud, energie en overige vaste lasten. De lasten zijn ten opzichte van de bijgestelde begroting 2022 niet gewijzigd.
Toelichting op de begroting 2023 Begeleide participatie en Overhead Voor 2023 verwachten we € 1,0 miljoen aan lasten. Het gaat om kapitaallasten, onderhoud, energie en overige vaste lasten. Dit is ten opzichte van 2022 een toename van € 4.000 door indexering met de BRN norm.
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
51
6 Baten en lasten ICT Rijk van Nijmegen Toelichting op de begrotingswijziging 2022 In 2022 ramen we dat we € 18,0 miljoen nodig hebben, exclusief de plusproducten van € 560.000. In deze begroting is reeds verwerkt de afname van de formatie als gevolg van applicatiebeheer belastingen. Voor 2022 gaat het om een bedrag van € 76.000 structureel. De toegenomen loonkosten in 2022 vangen we eenmalig op door een eenmalig voordeel op de kapitaallasten. De investeringen van € 1,0 miljoen zijn met een jaar vertraagd waardoor er een eenmalig voordeel ontstaat in 2022. De bijgestelde begroting 2022 met € 560.000 toe ten opzichte van de ontwerpbegroting 2022. Dit komt door het toevoegen van de plusproducten aan de begroting waardoor zowel de baten als de lasten toenemen. De plusproducten betreft de specifiek met gemeenten overeengekomen aanvullende dienstverlening. De voor deze dienstverlening gemaakte kosten worden één op één doorbelast aan de gemeente waaraan de dienstverlening geleverd wordt. Voor 2022 betreft het deels de extra inzet van personeel en de inzet van een aantal aanvullende producten zoals TopDesk, Oracle en Visio.
Baten Bedragen in € 1.000 Overhead Arbeidsparticipatie Totaal Baten Lasten Bedragen in € 1.000 Arbeidsparticipatie
MGR ICT Rijk van Nijmegen R 2021
B 2022
18.593
17.631
b 2022 (h)
B 2022 W
B 2023
17.631
18.191
B 2024
18.079
B2025
18.079
B2026
18.079
18.079
429
361
361
361
370
370
370
370
19.022
17.992
17.992
18.552
18.449
18.449
18.449
18.449
MGR ICT Rijk van Nijmegen R 2021
B 2022
b 2022 (h)
B 2022 W
B 2023
B 2024
B2025
B2026
468
361
361
382
383
383
383
383
Overhead
16.930
15.876
15.876
16.275
16.265
16.265
16.265
16.265
Totaal programma
17.398
16.236
16.236
16.657
16.648
16.648
16.648
16.648
Overhead MGR
1.624
1.755
1.755
1.895
1.801
1.801
1.801
1.801
Totaal lasten
19.022
17.992
17.992
18.552
18.449
18.449
18.449
18.449
0
0
0
0
0
0
0
0
Saldo baten en lasten
Toelichting op de begroting 2023 Het meerjarenbudget tot en met 2026 neemt met € 457.000 toe ten opzichte van 2022 (exclusief de plusproducten van € 560.000). In de dienstverlening is tevens opgenomen de dienstverlening voor WerkBedrijf. De toename betreft: 1. € 336.000 als gevolg van een stijging van de salarissen met 3,9% conform het cao-akkoord. 2. € 197.000 als gevolg van een indexering van de operationele lasten met de BRN-norm van 2,7%.
3. Daarnaast neemt de begroting 2023 ten opzichte van 2022 met € 76.000 af als gevolg van de verdere afbouw van de formatie van het applicatiebeheer voor belastingen (Gemeente Nijmegen). In de begroting 2023 is de afbouw van de 4 fte ook financieel volledig geeffectueerd. 4. Het PFO van 29 november 2021 heeft het besluit van de generieke korting van 3 maal 1% herzien. Daarmee is de korting van 1% voor 2023 komen te vervallen.
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
52
Op dit moment is nog geen zicht op welke extra diensten in 2023 afgenomen zullen gaan worden. Daarom zijn de plusproducten voor 2023 en volgende jaren niet geraamd Begin 2022 is een akkoord bereikt over de nieuwe gemeente CAO waardoor de lonen in 2022 met 3,9% zullen toenemen. Zowel voor 2022 als voor 2023 wordt deze toename niet volledig gedekt door de BRN-norm. Voor 2022 verwachten wij dit deels te kunnen opvangen door de lagere kapitaallasten voor dit jaar. Voor 2023 en volgende jaren melden we op dit punt een risico en is het afhankelijk van de overige kostenstijgingen of de toename opgevangen kan worden. In het laatste kwartaal van 2021 is de evaluatie ICT Rijk van Nijmegen en de I&A samenwerkingspartners van PWC afgerond. De effecten uit de rapportage liggen nu ter besluitvorming voor en kunnen leiden tot wijzigingen in de begroting voor 2023 en volgende jaren. De effecten zijn op dit moment nog onvoldoende duidelijk om te verwerken in de meerjarenbegroting die voorligt. De verwachting is dat in de loop van 2022 hier meer duidelijkheid over komt.
Deelnemersbijdrage (bedrag x € 1 miljoen) 19,0 18,8 18,6
18,6 18,4
18,4
18,4
18,2 18,0 17,8
18,0
17,6 2022
2023
2024
Begroting (incl. plusproducten)
Ontwikkeling begrotingstotalen: ICT Rijk van Nijmegen omvat twee onderdelen; Automatisering en Informatie-& Applicatiebeheer (I&A).
2025
2026
Begroting (excl. plusproducten)
*Voor de vergelijkbaarheid van de bedragen is de tabel excl. en incl. de plusproducten van € 560.000 in 2022 opgenomen. Dit omdat plusproducten alleen in 2022 zijn opgenomen en vooralsnog niet meerderjarig. ▲
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
53
Personele lasten De personele lasten zijn niet meer volledig zichtbaar omdat een deel van deze lasten onderdeel uitmaakt van de overhead MGR. De personele lasten bestaan uit de volledige loonsom en het inhuurbudget. Overige personele lasten zijn buiten beschouwing gelaten. Ook de inhuur is uitgedrukt in fte’s. In onderstaand overzicht tonen we de ontwikkeling van de personele lasten voor de jaren 2022 tot en met 2026. De personele lasten bestaan uit de volledige loonsom van het directe personeel en het inhuurbudget. De personele lasten directie en management maakt onderdeel uit van de overhead MGR. De personele lasten op het taakveld overhead en arbeidsparticipatie nemen toe ten opzichte van de primitieve begroting. Dit is het gevolg van de aanpassing van het loonprijspeil als gevolg van het cao-akkoord. De loonstijging van in totaal 3,9% is daarmee 1,2% hoger dan de indexering van de BRN-normering. Vanaf 2022 resulteert dit in een toename van € 570.000. In 2023 neemt het personele budget met € 310.000 af dit wordt met name veroorzaakt als gevolg van de verdere afbouw van de formatie op belastingen. In de begroting 2023 is de afbouw van de 4 fte ook financieel volledig geeffectueerd.
Personele lasten Bedragen in € 1.000 Arbeidsparticipatie Overhead Totaal
R 2021 452
B 2022
b 2022 (h)
B 2022 W
325
338
325
B 2023 338
B 2024 338
B2025 338
B2026 338
9.777
8.979
8.979
9.537
9.227
9.227
9.227
9.227
10.229
9.305
9.305
9.875
9.565
9.565
9.565
9.565
De totale omvang van het inhuurbudget bedraagt € 600.000 bij automatisering en blijft daarmee gelijk aan het volume in 2021. Echter zijn er veel openstaande vacatures, met name bij ICT-Beheer. Dit komt deels doordat het moeilijker wordt geschikt personeel aan te trekken. Ook wordt er, gelet op toekomstige ontwikkelingen, soms ook een bewuste afweging gemaakt om vacatures niet in te vullen maar hiervoor in te huren. Eventuele openstaande vacatureruimte kan ten gunste komen aan het inhuurbudget. De medewerkers die deelnemen aan het generatiepact maken in totaal voor 1,6 fte ruimte om jonge collega’s aan te stellen.
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
54
6.1 Baten en lasten ICT Rijk van Nijmegen onderdeel Automatisering Automatisering valt volledig onder het taakveld Overhead. We rapporteren over het totaal aan baten en lasten, waarbij de overhead apart is opgenomen, conform de BBV-richtlijn. Op de volgende pagina’s geven wij de toelichting op de begrotingswijziging 2022 ten opzichte van de begroting 2022-2025. Vervolgens worden de bijstellingen van de begrotingstotalen van de begroting 2023-2026 en de ontwikkeling van de begroting over de jaren nader gespecificeerd. Anders dan in de vorige begroting is in de onderhavige begroting geen bezuinigingstaakstelling meer verwerkt.
ICT Rijk van Nijmegen - onderdeel Automatisering
Baten Bedragen in € 1.000
R 2021
Overige bijdragen
B 2022
b 2022 (h)
B 2022 W
B 2023
B 2024
B2025
B2026
1.078
1.070
1.070
1.070
1.099
1.099
1.099
1.099
447
0
0
289
0
0
0
0
12.975
13.058
13.058
13.058
13.461
13.461
13.461
13.461
Totaal Baten
14.500
14.128
14.128
14.417
14.560
14.560
14.560
14.560
Lasten Bedragen in € 1.000
R 2021
B 2022
B2025
B2026
Overhead
Overige bedrijfsopbrengsten Gemeentelijke bijdragen
Overhead
ICT Rijk van Nijmegen - onderdeel Automatisering b 2022 (h)
B 2022 W
B 2023
B 2024
Operationele lasten
5.715
5.347
5.347
5.392
5.511
5.645
5.533
5.533
Personele lasten
5.831
5.647
5.647
6.047
5.867
5.867
5.867
5.867
1.919
2.108
2.108
1.908
2.124
1.990
2.102
2.102
Totaal programma
Kapitaallasten
13.466
13.102
13.102
13.347
13.502
13.502
13.502
13.502
Overhead MGR
1.034
1.026
1.026
1.070
1.058
1.058
1.058
1.058
Totaal lasten
14.500
14.128
14.128
14.417
14.560
14.560
14.560
14.560
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
55
Toelichting op de begrotingswijziging 2022 De baten en lasten in de voorliggende begroting stijgen met € 289.000 ten opzichte van de Ontwerpbegroting. Dit wordt veroorzaakt plusproducten en diensten zijn toegevoegd aan de begroting. Dat is alleen voor de bijgestelde begroting 2022. De baten staan onder de post ‘Overige Bedrijfsopbrengsten’, de lasten onder ‘Operationele Lasten’. In bijlage 3 zijn de plusproducten nader gespecificeerd. De bedragen zijn op basis van voorcalculatie. De factuur is op basis van de werkelijke kosten.
en volgende jaren is deze indexatie onvoldoende om de loonkostenstijging van 3,9% op te vangen. Het is afhankelijk van de overige kostenstijgingen of de toename van de loonkosten opgevangen kan worden binnen het bestaande kader.
Daarnaast is in de begroting 2022 rekening gehouden met de cao-stijging van 3,9%. Voor 2022 kan deze eenmalig opgevangen worden met het voordeel op de kapitaallasten. De investeringen van € 1,0 miljoen zijn met een jaar vertraagd waardoor er een eenmalig voordeel ontstaat in 2022.
In bijlage 3 is de opbouw van de deelnemers bijdragen per gemeente over de jaren 2022 tot en met 2025 te zien.
Toelichting ontwikkelingen begroting 2023-2026: De gemeentelijke en overige bijdragen nemen in 2023 en volgende jaren ten opzichte van 2022 met € 432.000 toe en betreft de BRN-indexering van 2,7%. Ten aanzien van de personele ontwikkelingen melden wij een risico. Ondank het feit dat we de begroting hebben kunnen indexeren voor 2023
De kapitaallasten veranderen nauwelijks omdat we werken met een ideaalcomplex (jaarlijks gelijke investeringen), waarbij een onderuitputting van het investeringsbudget in enig jaar onder voorwaarden kan worden ingezet in het daarop volgende jaar.
Overhead MGR In het BBV is voorgeschreven dat met ingang van 2018 apart inzicht wordt gegeven in de overhead. Onder overhead wordt verstaan alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. In de hiernaast staande tabel is de (meerjarige) omvang van de overhead weergegeven.
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
56
6.2 Baten en lasten ICT Rijk van Nijmegen onderdeel Applicatie beheer
Arbeidsparticipatie
Bij Informatie-& Applicatiebeheer (I&A) zijn twee taakvelden van toepassing. Dat is het taakveld Arbeidsparticipatie voor de interne Dienstverlening (DVO) welke I&A voor het Werkbedrijf onderdeel Werk verricht. De dienstverlening voor de gemeente staat opgenomen onder het taakveld Overhead. Ook hier rapporteren we over het totaal aan baten en lasten met de overhead apart, conform de BBV-richtlijn.
Overhead
R 2021 Overige bijdragen Gemeentelijke bijdragen Overige bedrijfsopbrengsten
Totaal Baten
Arbeidsparticipatie
Overhead
b 2022 (h)
B 2022 W
429
B 2022 361
361
361
370
370
370
370
3.530
3.503
3.503
3.503
3.519
3.519
3.519
3.519
3.890
3.890
3.890
3.890
563 4.522
B 2023
B 2024
B2025
B2026
271 3.863
3.863
4.134
ICT Rijk van Nijmegen - onderdeel Informatie- en Applicatiebeheer
Lasten Bedragen in € 1.000
b 2022 (h)
B 2022 W
Operationele lasten
R 2021 13
35
35
44
45
45
45
45
Personele lasten
456
325
325
338
338
338
338
338
B 2022
B 2023
B 2024
B2025
B2026
Operationele lasten
376
226
226
281
226
226
226
226
Personele lasten
3.081
2.541
2.541
2.640
2.530
2.530
2.530
2.530
Kapitaallasten Totaal programma
Op de volgende pagina’s geven wij de toelichting op de begrotingswijziging 2022 ten opzichte van de begroting 2022-2025. Vervolgens worden de bijstellingen van de begrotingstotalen van de begroting 2023-2026 en de ontwikkeling van de begroting over de jaren nader gespecificeerd. Anders dan in de vorige begroting is in de onderhavige begroting geen bezuinigingstaakstelling meer verwerkt.
ICT Rijk van Nijmegen - onderdeel Informatie- en Applicatiebeheer
Baten Bedragen in € 1.000
7
7
7
7
7
7
7
7
3.932
3.135
3.135
3.310
3.146
3.146
3.146
3.146
Overhead MGR
590
729
729
824
743
743
743
743
Totaal lasten
4.522
3.863
3.863
4.134
3.890
3.890
3.890
3.890
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
57
Toelichting op de begrotingswijziging 2022 De baten en lasten in de voorliggende begroting stijgen met € 271.000 ten opzichte van de ontwerpbegroting. Dit wordt voor € 271.000 veroorzaakt door toevoeging van de plusproducten aan de begroting. Dat is alleen voor de bijgestelde begroting 2021 (voor 2022 e.v. vooralsnog niet). De baten staan onder de post ‘Overige Bedrijfsopbrengsten’, de lasten onder ‘Operationele Lasten’ en ‘Personele Lasten’.
begroting hebben kunnen indexeren voor 2023 en volgende jaren is deze indexatie onvoldoende om de loonkostenstijging van 3,9% op te vangen. Het is afhankelijk van de overige kostenstijgingen of de toename van de loonkosten opgevangen kan worden binnen het bestaande kader.
Van de totaal 4 fte afbouw Functioneel Beheer Belastingen, vervallen 2 fte per 1-7-2022 (2 fte zijn al per 1-1-2021 vervallen). De financiële consequenties daarvan zijn al verwerkt in de (meerjaren)begroting 2022-2025. In 2022 leidt dit tot een structurele bezuinig van € 76.000.
Overhead MGR
Toelichting ontwikkelingen begroting 2023-2026: De gemeentelijke en overige bijdragen nemen in 2023 en volgende jaren ten opzichte van 2022 met € 27.000 af. Dit betreft voor € 92.500 de BRN-indexering van 2,7%. En een afbouw van de personele lasten van € 76.000 en betreft de deel van de 4 fte die structureel bezuinigd is op functioneel beheer Belastingen voor Gemeente Nijmegen. Ten aanzien van de personele ontwikkelingen melden wij een risico. Ondank het feit dat we de
In bijlage 3 is de opbouw van de deelnemers bijdragen per gemeente over de jaren 2022 tot en met 2025 te zien.
In het BBV is voorgeschreven dat met ingang van 2018 apart inzicht wordt gegeven in de overhead. Onder overhead wordt verstaan alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. In de hiernaast staande tabel is de (meerjarige) omvang van de overhead weergegeven.
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
58
Deel 3 PARAGRAFEN Een begroting moet een aantal paragrafen bevatten die in de BBV voorgeschreven zijn. Dit noemen we de paragrafen. In dit deel van de begroting gaan we achtereenvolgens in op: • • • • •
Weerstandsvermogen en risicobeheersing Financiering Bedrijfsvoering Onderhoud kapitaalgoederen Verbonden partijen
Tot slot formuleren we op het eind van dit deel het besluit van het algemeen bestuur.
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
59
7 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen geeft aan in welke mate de MGR Rijk van Nijmegen in staat is tegenvallers op te vangen. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen: a. de weerstandscapaciteit: dit zijn de middelen en de mogelijkheden waarover de MGR Rijk van Nijmegen beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken; b. alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. De paragraaf over het weerstandsvermogen bevat minimaal: a. een inventarisatie van de weerstandscapaciteit; b. een inventarisatie van de risico’s; c. het beleid over de weerstandscapaciteit en de risico’s. Voor nadere informatie verwijzen we naar de notitie risico-inventarisatie van de MGR.
Weerstandscapaciteit De MGR kiest er voor geen weerstandsvermogen aan te houden maar mogelijk een kostenegalisatiereserve per gemeente te vormen. Dit betekent dat de risico’s worden opgenomen in de begroting en jaarrekening van de deelnemende gemeenten.
Risico’s De inventarisatie van risico’s heeft tot doel om verantwoording af te leggen over en inzicht te geven in de risico’s die voor de MGR Rijk van Nijmegen (zowel procesmatig als voor het bedrijf zelf) van belang zijn. Het is essentieel dat de risicoparagraaf voldoende vooruitkijkt naar toekomstige risico’s in beleid, uitvoering en de gevolgen ervan voor de middelen. De risicoparagraaf geeft informatie over de houdbaarheid van de strategie voor de komende periode. In deze paragraaf benoemen we de grootste risico’s inzake: 1 wet- en regelgeving en politiek bestuurlijke risico’s; 2 maatschappelijke risico’s; 3 middelen, organisatie, medewerkers en efficiency.
Ad 1 W et- en regelgeving en politiek bestuur lijke risico’s Afbouw en ontschotting Participatiebudget Momenteel wordt onderzocht hoe het gemeentefonds opnieuw kan worden verdeeld. Op basis van de op 14 en 15 december 2021 gehouden bijpraatcessies is duidelijk geworden dat gemeenten de urgentie van het verbeteren van de financiële positie onderstrepen. Tegelijkertijd wordt wel aangegeven dat op dit moment nog onvoldoende recht gedaan wordt aan de aanbevelingen van de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB). Daarnaast zijn de gemeenten van mening dat de omvang van het gemeentefonds nog onvoldoende is om tot een goede herverdeling te komen. In januari 2023 komt de VNG met een advies aan het ministerie van Binnenlandse Zaken. Afhankelijk van de inhoud van het advies en de haalbaarheid van de aanpassingen zal de geplande invoerdatum van 1 januari 2023 gehaald gaan worden. De herverdeling gaat effect hebben op WerkBedrijf omdat participatie één van de vier clusters is binnen het sociaal domein. Daarmee worden de tien maatstaven waaruit participatie nu bestaat teruggebracht tot vier. Het gevolg is dat de herkenbaarheid van de specifieke re-integratie middelen verdwijnt. Het zal met name gaan om de middelen uit het klas-
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
60
sieke re-integratie budget, de middelen nieuwe wajong en een deel van de middelen nieuwe begeleiding. Over de bekostiging zullen nieuwe afspraken met de gemeenten gemaakt moeten gaan worden. Dit kan mogelijk leiden tot frictie, omdat de lasten niet meer gedekt kunnen worden uit de beschikbare budgetten (en de lasten niet heel snel afgebouwd kunnen worden). Om die reden werken we onder andere met een flexibele personele schil. De overige kosten zijn wat minder snel af te schalen. Aanbieden beschut werk (nieuw) vanuit de Participatiewet Kandidaten die uitsluitend in een beschutte werkomgeving betaald werk kunnen verrichten, ondersteunen we zoveel mogelijk om actief te kunnen zijn op de arbeidsmarkt. Voor kandidaten die een positief advies beschut werk nieuw van het UWV krijgen, organiseren we (indien mogelijk) een tijdelijk dienstverband in een beschutte omgeving van maximaal 23 maanden, met 100% Wettelijk minimumloon (WML). We sturen op duurzame plaatsingen en bemiddelen de kandidaat naar een volgende of vaste werkplek. De kosten dekken we uit de loonkostensubsidie. Die wordt overgeheveld vanuit het bijstandsbudget (BUIG) van de gemeenten. Uit het Participatiebudget financieren we de begeleidingsvergoeding en eventuele werk-
plekaanpassingen. Het eerste risico is dat deze dekking afneemt of wegvalt, terwijl de loonkosten voor kandidaten met een nieuw dienstverband beschut blijven bestaan. Een tweede risico is de stijging van de loonkosten. Bijvoorbeeld door de invoering van de basis CAO voor deze doelgroep in 2021. Wanneer de structurele kosten niet meer gedekt kunnen worden vanuit deze middelen, ontstaat er een financieel risico voor de gemeenten. De omvang van dit risico is pas te bepalen als het aantal kandidaten met een vast dienstverband bekend is. In de begroting van 2022 bijgesteld en 2023 en volgende jaren is daar voor het eerst een inschatting van gemaakt. Uittreden van een gemeente Uittreding van een gemeente uit de MGR of uit één of meerdere modules heeft tot gevolg dat frictiekosten ontstaan bij de MGR. Vooral als er langlopende verplichtingen zijn aangegaan kunnen de frictiekosten aanzienlijk zijn. Afbouw WSW budget en stijging gemiddelde loonkosten SW medewerkers WerkBedrijf rekent voor de dienstverlening van de Sociale Werkvoorziening (onderdeel SW) een kostendekkende bijdrage (kostprijs per SE) bij gemeenten. Deze bijdrage is hoger dan het WSW budget dat de deelnemende gemeenten
ontvangen vanuit het Rijk. Een afname van het WSW budget betekent geen direct risico voor de MGR. Aangezien gemeenten de bijdrage voor de uitvoering van de SW financieren vanuit het WSW budget benoemen we het risico wel in deze paragraaf. Wettelijke wijzigingen (cao, minimumloon en premies) zijn niet beïnvloedbaar, maar hebben een grote impact op de kosten. Sinds 2015 is er geen nieuwe instroom meer op basis van de Participatiewet. Dit heeft een vertragend effect op de daling van het loongebouw. Dit betekent ook geen direct risico voor de MGR, omdat de gemeenten verantwoordelijk zijn voor de bijdragen. De afgelopen jaren is het verschil tussen de bijdrage van gemeenten en de bekostiging vanuit het Rijk kleiner geworden. Of deze trend zich doorzet is op dit moment nog niet met zekerheid vast te stellen.
Ad 2 Maatschappelijke risico’s Klant- en marktrisico’s Onderdeel SW Hierbij gaat het voornamelijk om de volgende risicofactoren: - Lagere uurtarieven gedetacheerde SW-medewerkers; - Minder productieve uren gedetacheerde SW-medewerkers en/of lagere stijging toegevoegde waarde in beschut werk; - Onvoldoende detacheringsmogelijkheden in de markt.
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
61
ICT Dit betreft met name het risico van uitval of het hacken van ICT voorzieningen. De MGR anticipeert op dit risico door het uitvoeren van tests en door permanent aan het verbeteren van haar ICT omgeving te werken. Het voldoen aan de vereisten van de BIO maakt daar onderdeel vanuit. Ondanks dat blijft de mogelijkheid van uitval bestaan. Dit brengt risico’s in de continuiteit van dienstverlening met zich mee en kan tevens leiden tot hoge herstelkosten. De impact daarvan laat zich vooraf moeilijk bepalen.
Ad 3 Middelen, organisatie, medewerkers en efficiency Belastingen In 2017 heeft de Belastingdienst geconcludeerd dat de MGR onder voorwaarden niet vennootschapsbelasting plichtig is. De afspraken die daarover met de Belastingdienst gemaakt zijn hebben wij voor 2021 strikt toegepast. Wijziging in activiteiten vanuit de MGR of inzichten vanuit de Belastingdienst kunnen dit standpunt wijzigen. Ten aanzien van de omzetbelasting kunnen wij melden dat alle lopende discussies afgerond zijn in 2021.
Juridisch Op juridisch gebied zijn op dit moment geen risico’s bekend. Naleving van Wet- en regelgeving borgen we door het geven van voorlichtingsbijeenkomsten. We werken het zo concreet als mogelijk uit in instructies, verordeningen en beleidsregels. Ten slotte toetsen onze kwaliteitsmedewerkers op de naleving ervan. Informatiebeveiliging en Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) Informatiebeveiliging vormt een belangrijk onderwerp binnen de MGR Rijk van Nijmegen. Met name aan de borging van de privacy van betrokkenen wordt veel aandacht besteed. De noodzakelijke maatregelen zijn getroffen om tijdig te kunnen voldoen aan wet- en regelgeving op het gebied van informatiebeveiliging. Het grootste risico is dat bijzondere persoonsgegevens uitlekken. Ook het uitlekken van bedrijfsinformatie valt onder deze risico’s. Ondanks de getroffen maatregelen kunnen zich dergelijke incidenten voordoen. De impact van een dergelijk incident is niet vooraf in te schatten. De maximale geldboete kan oplopen tot ruim € 800.000 en er kan sprake zijn van veel negatieve publiciteit.
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
62
Conclusie risico-inventarisatie In tabel 15 staat de risico-inventarisatie. Onder verwachtingswaarde (zie kolom in tabel 15) wordt verstaan het ingeschatte, te betalen schadebedrag als het risico zich daadwerkelijk voordoet. De Capaciteit MGR betreft de weerstandscapaciteit waarmee de MGR rekening moet houden. Aangezien de MGR geen weerstandsvermogen opbouwt, betekent dit dat de deelnemende gemeenten rekening dienen te houden met dit risico bij het bepalen van hun weerstandscapaciteit. In de bijlage hebben we het risico per gemeente opgenomen. Tabel 15 Risico-inventarisatie MGR ▶
Risico-inventarisatie MGR Bedragen in € 1.000
Verwachtings waarde
Capaciteit MGR
Wet en regelgeving en politiek bestuurlijke risico’s Landelijke of regionale ontwikkelingen in wet- en regelgeving en/of beleid
400
160
Niet naleven van wet- en regelgeving of subsidievoorwaarden
1.525
483
Subtotaal
1.925
643
250
90
Maatschappelijke risico’s Claims Imagoschade
PM
PM
Veranderende eisen vanuit de deelnemende gemeenten
500
300
Klant- en marktrisico's (voormalig) SW bedrijf
1.020
324
ICT
1.000
500
BIG - privacy
150
60
Subtotaal
2.920
1.274
Ziekteverzuim & Arbo
350
140
Leeftijd personeel
200
40
Personele frictie
850
370
Integriteit, fraude, diefstal
175
50
Verzekeringen
350
70
Bevoegdheden en verantwoordelijkheden
PM
PM
Financiële terugloop van SW middelen
PM
PM
Middelen, organisatie, medewerkers en efficiency
Automatisering
400
240
Subtotaal
2.325
910
Risico-inventarisatie MGR
7.170
2.827
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
63
8 Financiering Het doel van deze paragraaf is om te informeren over het treasurybeleid en de beheersing van financiële risico’s. De treasuryfunctie ondersteunt de uitvoering van de programma’s. Treasury is het besturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële geldstromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s. Meer concreet gaat het om financiering van het beleid tegen zo gunstig mogelijke voorwaarden. Op de MGR is de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet Fido). Het doel van deze wet is onder andere om op een verantwoorde, verstandige en professionele wijze de inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie (financieringsactiviteiten) van de MGR met een statuut te regelen. In 2015 is voor de MGR het treasurystatuut vastgesteld, waarin de regels over de algemene doelstellingen en de te hanteren richtlijnen en limieten en de administratieve organisatie van de financieringsfunctie zijn opgenomen. In 2020 is dit statuut herzien. Dit is tevens de meest recente versie.
Treasurybeheer Volgens artikel 13 van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten dient de begrotingsparagraaf betreffende de financiering in ieder geval de beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer te bevatten. Met betrekking tot risicobeheer gelden de volgende algemene uitgangspunten: •
De MGR mag leningen of garanties uit hoofde van de publieke taak uitsluitend verstrekken aan door het algemeen bestuur goedgekeurde derde partijen. Hierbij wordt vooraf advies ingewonnen over de financiële positie en de kredietwaardigheid van de betreffende partij.
•
De MGR kan middelen uitzetten uit hoofde van de treasuryfunctie als deze uitzettingen vertrouwd zijn en niet gericht op het genereren van inkomen door het lopen van overmatig risico. Het vertrouwde karakter van deze leningenuitzettingen wordt gewaarborgd met richtlijnen en limieten van dit treasurystatuut;
•
Het gebruik van derivaten is niet toegestaan.
Risicobeheer; de kasgeldlimiet en rente risiconorm De belangrijkste financiële risico’s bij de uitvoering van het treasurybeleid zijn koersrisico’s, renterisico’s en kredietrisico’s.
Koersrisico’s De MGR heeft geen leningen in buitenlandse valuta. Transacties in buitenlandse valuta komen niet of nauwelijks voor. Het koersrisico is dus nihil. De MGR heeft geen beleggingen en staatsobligaties. De MGR is verplicht eventuele overtollige middelen bij de schatkist te stallen (schatkistbankieren) en gaan dus geen nieuwe beleggingen aan. Renterisicobeheer De kasgeldlimiet geeft het renterisico op korte termijn weer. Hieronder vallen alle kortlopende financieringen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar. Het doel van dit limiet is om te voorkomen dat bij herfinanciering van de leningen bij (aanzienlijk) hogere rente grote schokken gaan optreden in de hoogte van de rente die de MGR moet betalen. Het niveau van het kasgeldlimiet is beperkt tot 8,5% van het totaal van de primitieve begroting. De wettelijk toegestane kasgeldlimiet
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
64
Schatkistbankieren Sinds de oprichting in 2015 is de MGR verplicht om hun overtollige middelen aan te houden bij het Rijk. Dit wordt schatkistbankieren genoemd. Hierdoor kan de MGR geen gelden meer beleggen en is ze voor rentevergoedingen afhankelijk van de vergoedingen die het Rijk geeft. De ‘overtollige middelen’ zijn de gelden boven een drempelbedrag. Dat drempelbedrag wordt bepaald aan de hand van een percentage van het begrotingstotaal. In enig kwartaal mag dit drempelbedrag aan eigen (gemiddeld) banksaldo niet worden overschreden.
van 8,2% is in 2020 niet overschreden. Ook het meerjarenperspectief is dat het niet structureel wordt overschreden.
Renterisiconorm De renterisico’s op de vaste schuld worden ingekaderd door de rente risiconorm. Jaarlijks mogen de renterisico’s door renteherziening en herfinanciering niet hoger zijn dan 20% van het begrotingstotaal (leningen met een looptijd vanaf 1 jaar). In tabel 16 is te zien dat de renterisiconorm de komende vier jaren ruimschoots wordt gehaald.
Gewaarborgde geldleningen De MGR is geen gewaarborgde geldleningen aangegaan bij een externe partij.
Tabel 16 Renterisiconorm en ruimte in de periode 2021 tot en met 2026 ▼
Bedragen in € 1.000 Begrotingstotaal
R 2021
B 2022
b 2022 (h)
B 2022 W
B 2023
B 2024
Overige geldleningen De MGR heeft in 2015 een lening afgesloten van € 1,2 miljoen, met een jaarlijkse vast aflossingsen rentebedrag van € 70.000. De looptijd is tot 2 januari 2035. In 2017 is een aflossingsvrije lening aangetrokken van € 4,5 miljoen. Deze lening is overeengekomen voor een looptijd tot 27 april 2037, met een aflossing in één termijn op het eind en een rentepercentage van 1,73%. In 2018 is een aflossingsvrije lening aangetrokken van 2,5 miljoen. Deze lening is overeengekomen voor een looptijd tot 25 juni 2038 met een aflossing in één termijn op het eind en een rentepercentage van 1,71%.
B2025
B2026
90.443
91.039
91.039
90.277
94.588
92.406
89.978
85.722
Percentage renterisiconorm
20%
20%
20%
20%
20%
20%
20%
20%
Toetsbedrag renterisiconorm
18.089
18.208
18.208
18.055
18.918
18.481
17.996
17.144
55
55
55
55
56
57
58
58
18.034
18.153
18.153
18.000
18.862
18.424
17.938
17.086
Aflossingen Ruimte
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
65
9 Bedrijfsvoering Bedrijfsvoering is de sturing en beheersing van de primaire en ondersteunende processen om het voorgenomen beleid en de daarmee samenhangende doelstellingen van de MGR te realiseren. Een goede bedrijfsvoering is een voorwaarde voor het uitoefenen van het beleid, de dienstverlening aan kandidaten en ondernemers en de uitvoering van projecten. De kwaliteit van de uitvoering van de taken van de MGR is in grote mate afhankelijk van de kwaliteit van de bedrijfsvoering. In deze paragraaf informeren wij u over de belangrijkste bedrijfsvoering processen binnen de MGR. U treft informatie aan over het beleid, de organisatie, het personeelsbeleid, informatisering, de administratieve organisatie en de kansen en bedreigingen voor de MGR.
Beleid van de bedrijfsvoering De organisatiestructuur van de MGR is een afgeleide van het zogenoemde afdelingenmodel. De organisatie staat onder algemene leiding van een algemeen directeur, tevens secretaris van de MGR. Binnen de MGR is de planning & control cyclus ingericht. Deze start met de begroting waarin
de afspraken over het te voeren beleid worden vastgelegd. Via kwartaalrapportages leggen we tussentijds aan gemeenten verantwoording af over het gevoerde beleid. Het jaar sluiten we af met een jaarrekening waarin we verantwoording afleggen over het gehele boekjaar. Naast de verantwoordingsdocumenten zijn de volgende documenten opgesteld om de bedrijfsvoering verder vorm te geven: • • • • • • • • • •
Notitie weerstandsvermogen Notitie en richtlijn activeren en afschrijving Treasurystatuut Financiële verordening Controleverordening Controleplan Beschrijvingen van de primaire processen Gastheerrol Mandatering Informatiebeveiligingsbeleid
Bijgaande notities moeten waarborgen dat de MGR binnen de wettelijke en financiële kaders handelt. De resultaten hiervan leggen we aan het Dagelijks en het Algemeen Bestuur ter besluitvorming voor.
Organisatiestructuur De Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Rijk van Nijmegen kent de volgende drie bestuursorganen: Algemeen Bestuur, Dagelijks Bestuur en de Voorzitter. Daarnaast hebben we een bestuurscommissie Werk en een agendacommissie.
Het Algemeen Bestuur Het Algemeen Bestuur bestaat uit 15 leden, de voorzitter inbegrepen. Dit zijn leden van de colleges van Burgemeester en Wethouders van de deelnemende gemeenten. Aan het Algemeen Bestuur behoren de taken en bevoegdheden toe die in de wet aan het Algemeen Bestuur zijn opgedragen, evenals alle bevoegdheden die op basis van de modulaire gemeenschappelijke regeling Rijk van Nijmegen aan dit orgaan worden opgedragen, en niet aan het Dagelijks Bestuur, de voorzitter of een bestuurscommissie zijn opgedragen. Het Dagelijks Bestuur Het Dagelijks Bestuur telt vijf leden inclusief de voorzitter. De leden worden door en uit het Algemeen Bestuur benoemd. Conform de wet en de regeling komt het Dagelijks Bestuur de bevoegdheid toe die in de gemeente toekomt aan het college van Burgemeester en Wethouders. Drie zetels van de vijf zijn gevuld.
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
66
De voorzitter De voorzitter wordt door en uit het Algemeen Bestuur benoemd. De voorzitter is belast met de leiding van de vergaderingen van het Dagelijks als ook het Algemeen bestuur. Hij vertegenwoordigt de regeling in en buiten rechte. Bestuurscommissie Werk De leden van de bestuurscommissie worden door het Algemeen Bestuur benoemd. In de regel bestaan de leden uit de portefeuillehouders werk van de deelnemende gemeenten aan de MGR. De bestuurscommissie is verantwoordelijk voor de inhoudelijke koers van WerkBedrijf. De bestuurscommissie adviseert hierin het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur. Agendacommissie De agendacommissie bestaat uit raadsleden van de zeven deelnemende gemeenten en kent zeven leden, inclusief de voorzitter. De agendacommissie heeft haar taken en rolopvatting beschreven in haar reglement van orde. Zij heeft als taak de logistieke voorbereiding en planning van de politieke besluitvorming ten behoeve van de gemeenteraden van de aan de MGR deelnemende gemeenten en schept randvoorwaarden zodat de raden hun kaderstellende en controlerende taak goed kunnen vervullen. Verder adviseert zij het
dagelijks bestuur over de kwaliteit van de informatievoorziening van en door de MGR, denkt zij mee over de inrichting van de juridische regeling voor de MGR en organiseert ze regionale bijeenkomsten voor raden.
Uitvoeringsorganisatie en platform De uitvoeringsorganisatie kenmerkt zich door een platte organisatie met twee modules die worden geleid door een directeur/algemeen manager. De MGR kent daarnaast een secretaris/directeur die zorgdraagt voor de coördinatie en afstemming tussen de modules, de verantwoording naar het bestuur en de ontwikkeling van de platformfunctie voor de regio. Binnen iedere module is sprake van een beperkt aantal afdelingen en teams.
Administratieve organisatie De administratieve organisatie is zodanig opgesteld dat de dagelijkse gang van zaken erop ingericht is dat de financiële verordening, de controleverordening en het mandaat van de treasury nageleefd worden. Daarbij moet opgemerkt worden dat MGR de basisadministratie uitbesteed heeft aan de gastheer. Middels een dienstverleningsovereenkomst zijn afspraken met de gastheer gemaakt over het binnen haar kaders uitvoeren van de taken.
Informatisering en automatisering De informatisering en automatisering heeft tot doel de dienstverlening van de MGR aan haar klanten en kandidaten te optimaliseren. De informatisering en automatisering van de MGR maakt gebruik van het netwerk van iRvN. IRvN heeft contracten met diverse IT-aanbieders. De MGR maakt daar gebruik van. De belangrijkste systemen waarvan gebruik wordt gemaakt zijn: EVA, Compas, Unit4 en TopDesk. Voor de bedrijfsvoering wordt ook gebruik gemaakt van de informatiesystemen van de gastheer Gemeente Nijmegen. De belangrijkste systemen daarbij zijn: CODA en Beaufort. Back up, recovery, beveiliging en privacy zijn binnen iRvN vormgegeven en voldoen aan de minimaal daaraan te stellen vereisten om de continuïteit van de bedrijfsvoering voor de MGR te waarborgen. Conform de overeengekomen basisafspraken (DVO) wordt wekelijks een volledige back up gemaakt en dagelijks een incremental back-up van de applicatieserver, databases en netwerkschijven (dus niet van de lokale harde schijven van pc’s, laptops en dergelijke). In de basisafspraken zijn eveneens afspraken gemaakt over afdoende logische en fysieke beveiligingsmaatregelen om activiteiten van personen met
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
67
oneigenlijke of kwaadwillende bedoelingen op het iRvN netwerk en de daarop aangesloten systemen en applicaties uit te sluiten. Ten slotte zetten we ook in op bewustwording. Ten behoeve van de informatiebeveiliging worden binnen de MGR procedures en voorzieningen ingericht conform de eisen die gesteld worden in de BIO (Baseline Informatiebeveiliging Overheid).
Personeelsbeleid In het HR beleid van de MGR staan de thema's duurzame inzetbaarheid, vitaliteit en ontwikkeling centraal. Wij vinden het belangrijk dat onze medewerkers zich blijven ontwikkelen (door het opdoen van kennis en het verder ontwikkelen van de competenties). Enerzijds verhoogt dit de kwaliteit van onze dienstverlening en anderzijds zorgt dit ervoor dat onze medewerkers makkelijk kunnen meebewegen bij veranderingen. Op deze manier blijven zij wendbaar, weerbaar en interessant voor en op de arbeidsmarkt. De afdeling HR heeft hier een belangrijke adviserende en faciliterende rol in.
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
68
10 Onderhoud kapitaalgoederen Voor groot onderhoud wordt geen voorziening gevormd. In de begroting is voor de komende jaren €230.000 per jaar begroot voor onderhoud. Een deel daarvan betreffen jaarlijks terugkerende kosten voor onderhoud. € 65.000 betreft periodiek terugkerende kosten zoals schilderwerk, sprinklerinstallatie, automatische deuren, etc. Deze kosten en de kosten van het groot onderhoud zijn opgenomen in het meerjarig onderhoudsplan. Jaarlijks wordt op basis van het meerjarig onderhoudsplan beoordeeld wat het noodzakelijks onderhoud voor betreffende jaren gaat worden om te bezien of bijstelling van de begroting noodzakelijk is. De kosten van het groot onderhoud, zoals bijvoorbeeld het vervangen van daken, worden geactiveerd en gedurende de levensduur afgeschreven.
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
69
11 Verbonden partijen De MGR Rijk van Nijmegen is de gemeenschappelijke regeling van zeven gemeenten: • • • • • • •
Berg en Dal Beuningen Druten Heumen Mook en Middelaar Nijmegen Wijchen
Daarmee is de MGR een verbonden partij van deze gemeenten. De MGR zelf heeft geen verbonden partijen, en daarnaast bestaat ook geen visie of voornemen dit komend jaar te wijzigen.
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
70
12 Besluit algemeen bestuur Het algemeen bestuur van de Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Rijk van Nijmegen;
Besluit 1.
•
• •
•
•
Gezien de tijdige toezending van de ontwerpbegroting aan de Raden van de deelnemende gemeenten en aan Provinciale Staten van Gelderland; Gelet op artikel 29 van de Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Rijk van Nijmegen; Gelet op het advies van de Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen Regio Nijmegen; Gelet op de ingebrachte Zienswijzen van de Raden van de deelnemende gemeenten en de Provinciale Staten van Gelderland; Gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur van xx xxxxx 2022.
2. 3. 4. 5. 6.
De begroting van lasten en baten op programma’s voor het jaar 2023 vast te stellen; De bijgestelde begroting 2022 van lasten en baten op programma’s vast te stellen; De meerjarenbegroting voor de jaren 20242026 voor kennisgeving aan te nemen; De bevoorschotting 2022 conform bijlage 2 vast te stellen; De bevoorschotting 2023 conform bijlage 2 vast te stellen; Het dagelijks bestuur van de MGR Rijk van Nijmegen op te dragen na vaststelling van de begroting 2023 en de bijstelling 2022 dezen zo spoedig mogelijk toe te zenden aan Provinciale Staten.
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
71
Bijlagen 1 Uitgangspunten begroting.. ................................ XX 2 Bijdrage per gemeente 2020-2021.................. XX 3 Bijdrage per gemeente details......................... XX 4 Bekostigingssystematiek SW. . .......................... XX 5 Staat van personele lasten................................ XX 6 Staat van voorzieningen. . .................................... XX 7 Overheadnorm. . ..................................................... XX 8 Staat van investeringen...................................... XX 9 Consolidatieoverzicht MGR. . .............................. XX 10 Risico per gemeente........................................... XX 11 Geprognotiseerde Balans 2021-2025............ XX
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
72
Bijlage 1 Uitgangspunten begroting Algemeen MGR Uitgangspunten: • • • • • •
• • • •
De begroting is opgesteld conform de voorschriften van de BBV. De begroting die op 9 juli 2021 door het AB is vastgesteld is als basis gehanteerd. De begrotingswijzigingen zijn tot en met december 2021 meegenomen. De begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen 2023 zijn toegepast. De gemeente Nijmegen treedt op als gastheergemeente voor diverse ondersteunende functies. De regionale overheadsnorm van 25% wordt gehanteerd. De begroting is taakstellend. De rente wordt toegerekend op basis van de werkelijke rente. Subsidies worden begroot conform het baten en lasten stelsel, wat inhoudt dat uitgaven en ontvangsten toegerekend worden aan het tijdvak waarin het verbruik van goederen en diensten plaatsvindt (lasten) en de baten ontstaan. Alleen bij specifiek geoormerkte subsidies, zoals de ESF, wordt het realisatie-
beginsel gevolgd. Dit betekent dat deze subsidies slechts in het resultaat tot uiting worden gebracht als zij ook effectief gerealiseerd zijn. De uitgangspunten voor de bijdrage per gemeente zijn terug te vinden in bijlage 2 en 3.
•
•
Module WerkBedrijf Voor de opstelling van de begrotingsbijstelling 2021 en de begroting 2022 zijn de volgende uitgangspunten bepaald: • •
•
Effecten van de septembercirculaire van 2021 van het Ministerie van Binnenlandse zaken zijn in de begroting verwerkt. Administratief blijven de financiële resultaten voor SW, Participatiebudget, wettelijke loonkostensubsidie en arbeidsmatige dagbesteding inzichtelijk.
Module iRvN
•
Administratief blijven de financiële resultaten voor de onderdelen Automatisering en Informatie- & applicatiebeheer apart inzichtelijk. IRvN levert naast standaardproducten en diensten ook plusproducten en diensten. Deze worden kostenneutraal in rekening gebracht. Als deze plusproducten en diensten een meerjarig karakter hebben, zijn ze nu al In de begroting van 2021 opgenomen. In de loop van 2021 zal de begroting voor het lopende jaar worden bijgesteld op basis van inschatting van de totale omvang van alle plusproducten. Voor ICT-producten en diensten geldt: standaard, tenzij... Dit betekent dat altijd wordt gekozen voor uniforme producten en/of diensten, tenzij er zwaarwegende argumenten (m.n. productiebelemmerende) zijn om hier in bepaalde gevallen of situaties van af te wijken. Voor het onderdeel automatisering geldt dat we namens de hele regio meedoen aan de landelijke ICT-ontwikkelingen binnen de (lokale) overheid, tenzij er zwaarwegende redenen zijn (met name productiebelemmerende redenen) om hiervan af te wijken.
Voor de opstelling van de ontwerpbegroting 2022 en de bijgestelde begroting 2021 zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd:
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
73
Bijlage 2 Bijdrage per gemeente 2022-2023 MGR
Gemeentelijke bijdrage 2022
Informatie- en Applicatiebeheer
WERK Automatisering
Bestuursonder steuning
1.005
18
Druten
509
Heumen
583
Bedragen in € 1.000 Beuningen
Nijmegen
3.503
Wijchen
Overige bijdrage WERK
tijdelijke middelen aanvullende pakket en impul re-integratie
Gemeentelijke bijdragen reserveren (CAO aan de slag)
Gemeentelijke bijdragen (CAO aan de slag)
OWNW
Vastgoed
Participatiebudget
2.700
10
604
36
-12
12
254
13
1.949
7
481
6
-10
10
11
1.349
5
386
-8
8
7.673
122
21.909
84
16.119
-328
328
1.737
1.259
28
4.026
15
1.286
-26
26
268
West Maas en Waal
SW
1.169
OWNW extra budget Nijmegen
Loonkostensubsidie
Loonkostensubsidie CAO aan de slag
388
42
5.057
5.057
143
215
23
3.346
3.346
71
101
11
2.517
2.517
2.691
290
55.433
552
59
7.493
7.493
1.159
1.159
137
1.159
Mook en Middelaar
297
5
Berg en Dal
939
24
108 3.924
15
7
1.582
Perspectief op Werk
Totaal
245
IPS
Eindtotaal
55.803
125
-2
2
74
68
7
567
567
-32
32
261
362
39
7.148
7.148
Werkorg. Druten-Wijchen
61
61
61
ODR. Nijmegen
731
731
731
Totaal
3.503
13.058
221
37.015
136
20.566
1.218
-418
418
2.808
137
4.377
472
Gemeentelijke bijdragen (CAO aan de slag)
OWNW
OWNW extra budget Nijmegen
Loonkostensubsidie
Loonkostensubsidie CAO aan de slag
83.511
245
125
83.881
MGR
Gemeentelijke bijdrage 2023 Bedragen in € 1.000
WERK InformatieBestuursen Applica- Automationder tiebeheer sering steuning
Beuningen Druten Heumen Nijmegen
3.519
Wijchen
Vastgoed
Participatiebudget
Gemeentelijke bijdragen reserveren (CAO aan de slag)
Overige bijdrage WERK
IPS
Eindtotaal
18
2.604
11
584
38
-25
25
254
388
91
5.021
5.021
13
1.887
8
461
6
-20
20
143
215
46
3.302
3.302
-16
16
71
101
22
2.455
1.241
-653
653
1.737
2.691
575
54.108
-53
53
268
552
118
599
12
1.275
5
371
7.881
125
21.083
86
15.170
1.343
29
3.840
16
1.237
Mook en Middelaar
305
6
Berg en Dal
965
25
Werkorg. Druten-Wijchen
63
107 3.724
15
8
1.494
13.461
2.455 245
7.402
7.402
1.053
1.053
5
74
68
15
582
582
-64
64
261
362
77
6.923
6.923
63
63
751 227
35.466
140
19.424
1.293
54.353
-5
751 3.519
Perspectief op Werk
523
1.053
ODR. Nijmegen
Totaal
1.032
West Maas en Waal
Totaal
SW
tijdelijke middelen aanvullende pakket en impul re-integratie
-836
836
2.808
4.377
944
81.659
751 245
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
81.904
74
Verdeelsleutels WerkBedrijf Dienstverlening (Basis dvl): op basis van het per gemeente toegekende participatiebudget. Meerwerk: op basis van afspraken met afzonderlijke gemeenten. Arbeidsmatige dagbesteding (AD): op basis van de verdeling in de realisatie van 2021. Afrekening vindt plaats op basis van realisatie per gemeente. Wettelijke loonkostensubsidie (WLKS):op basis van de verdeling in de realisatie van 2021. Afrekening vindt plaats op basis van realisatie per gemeente. SW: op basis een inschatting van het aantal SE per gemeente (zie bijlage 4) tegen een kostprijs per SW. Afrekening op basis van realisatie per gemeente.
Vastgoed: Op basis van dezelfde SE’s als bij de SW. Alleen wordt West Maas en Waal hierin niet meegenomen.
ICT Rijk van Nijmegen Automatisering: de deelnemersbijdrage is gebaseerd op een aantal verdeelsleutels. Dit kan zijn op basis van werkelijke inbreng, inwonersaantallen, FTE’s, aandeel ideaal-complex en een aparte verdeelsleutel voor PIOFACH. Informatie-en Applicatiebeheer (Info & applicaties): op basis van werkelijke inbreng.
Bestuursondersteuning Op basis van de inwoneraantallen per gemeente (afkomstig uit Begrotingsrichtlijnen 2020/2021 gemeente Nijmegen). Afrekening is met dezelfde inwoneraantallen.
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
75
Bijlage 3 Bijdrage per gemeente
Vastgoed Bedragen in € 1.000
R 2021
B 2022
b 2022 (h)
B 2022 W
B 2023
B 2024
B2025
B2026
Beuningen
10
10
10
10
11
11
11
10
Druten
8
7
7
7
8
8
8
8
Heumen
5
5
5
5
5
5
5
5
Nijmegen
83
84
84
84
86
86
86
86
Wijchen
16
15
15
15
16
15
15
16
Berg en Dal
15
15
15
15
15
15
15
15
Totaal
136
136
136
136
140
140
140
140
b 2022 (h)
B 2022 W
Bestuursondersteuning Bedragen in € 1.000
R 2021
B 2022
B 2023
B 2024
B2025
B2026
Beuningen
18
18
18
18
18
18
18
18
Druten
13
13
13
13
13
13
13
13
Heumen
11
11
11
11
12
12
12
12
Nijmegen
122
122
122
122
125
125
125
125
Wijchen
28
28
28
28
29
29
29
29
Mook en Middelaar
5
5
5
5
6
6
6
6
Berg en Dal
24
24
24
24
25
25
25
25
Totaal
221
221
221
221
227
227
227
227
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
76
Gemeentelijke bijdrage SW Bedragen in € 1.000 Beuningen
R 2021 2.727
B 2022 2.679
b 2022 (h)
B 2022 W
B 2023
B 2024
B2025
B2026
2.679
2.700
2.604
2.508
2.374
2.251
Druten
1.985
1.947
1.947
1.949
1.887
1.816
1.643
1.472
Heumen
1.349
1.274
1.274
1.349
1.275
1.127
1.074
1.074
Nijmegen
22.641
21.740
21.740
21.909
21.083
19.910
18.320
17.325
Wijchen
4.132
4.014
4.014
4.026
3.840
3.574
3.313
3.182
West Maas en Waal
1.220
1.144
1.144
1.159
1.053
995
953
939
Berg en Dal
4.088
3.849
3.849
3.924
3.724
3.535
3.160
2.881
Totaal
38.142
36.646
36.646
37.015
35.466
33.467
30.837
29.123
b 2022 (h)
B 2022 W
Rijksbijdrage Bedragen in € 1.000 Beuningen
R 2021
B 2022
B 2023
B 2024 2.349
B2025 2.291
B2026
2.571
2.508
2.508
2.508
2.435
2.210
Druten
1.894
1.839
1.839
1.839
1.774
1.723
1.690
1.510
Heumen
1.232
1.222
1.222
1.222
1.186
1.024
1.026
1.031
Nijmegen
21.627
20.900
20.900
20.900
20.185
19.390
18.484
17.748
Wijchen
3.952
3.838
3.838
3.838
3.710
3.504
3.334
3.221
West Maas en Waal
1.129
1.070
1.070
1.070
947
944
921
925
Berg en Dal
3.867
3.667
3.667
3.667
3.457
3.351
3.086
2.887
Totaal
36.274
35.045
35.045
35.045
33.694
32.284
30.832
29.533
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
77
Aanvullende bijdragen Bedragen in € 1.000 Beuningen
R 2021
B 2022
b 2022 (h)
B 2022 W
B 2023
B 2024
156
171
171
192
170
Druten
91
107
107
109
Heumen
116
52
52
127
Nijmegen
1.014
840
840
Wijchen
180
176
176
West Maas en Waal
91
74
74
Berg en Dal Totaal
Participatiebudget Bedragen in € 1.000
83
42
113
93
-47
-37
89
103
48
43
1.010
898
520
-164
-423
187
130
71
-22
-40
88
105
52
33
14
220
181
181
257
267
184
74
-7
1.868
1.602
1.602
1.971
1.772
1.183
5
-409
b 2022 (h)
B 2022 W
570
604
R 2021
B 2022
Druten
355
415
415
481
461
Heumen
312
364
364
386
371
Nijmegen
12.511
14.590
14.590
16.119
15.170
Wijchen
1.035
1.211
1.211
1.286
1.237
Totaal
570
B 2023
487
Berg en Dal
B2026
160
Beuningen
Mook en Middelaar
B2025
584
B 2024 602
B2025
B2026
625
650
474
491
509
382
395
410
15.488
15.965
16.480
1.271
1.317
1.366
107
126
126
108
107
111
117
122
1.242
1.447
1.447
1.582
1.494
1.526
1.574
1.626
16.049
18.723
18.723
20.566
19.424
19.853
20.485
21.164
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
78
Op Weg naar Werk Bedragen in € 1.000
R 2021
B 2022
b 2022 (h)
B 2022 W
B 2023
B 2024
B2025
B2026
Beuningen
225
254
254
254
254
254
254
254
Druten
83
142
142
143
143
143
143
143
Heumen
82
71
71
71
71
71
71
71
Nijmegen
1.586
1.732
1.732
1.874
1.737
1.737
1.737
1.737
Wijchen
216
267
267
268
268
268
268
268
Mook en Middelaar
27
73
73
74
74
74
74
74
Berg en Dal Totaal
Automatisering Bedragen in € 1.000 Beuningen
172
260
260
261
261
261
261
261
2.391
2.800
2.800
2.945
2.808
2.808
2.808
2.808
b 2022 (h)
B 2022 W
1.005
1.005
R 2021
B 2022
1.002
1.005
B 2023
B 2024
1.032
B2025
1.032
B2026
1.032
1.032
Druten
508
509
509
509
523
523
523
523
Heumen
582
583
583
583
599
599
599
599
Nijmegen
8.391
7.673
7.673
7.673
7.881
7.881
7.881
7.881
Wijchen
1.266
1.259
1.259
1.259
1.343
1.343
1.343
1.343
Mook en Middelaar
296
297
297
297
305
305
305
305
Berg en Dal
937
939
939
939
965
965
965
965
Werkorg Druten-Wijchen
-1
61
61
61
63
63
63
63
ODRN
-7
731
731
731
751
751
751
751
Totaal
12.975
13.058
13.058
13.058
13.461
13.461
13.461
13.461
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
79
Loonkostensubsidie beschut Bedragen in € 1.000
R 2021
B 2022
b 2022 (h)
B 2022 W
B 2023
B 2024
B2025
B2026
Beuningen
25
60
60
39
39
39
39
39
Druten
11
40
40
7
7
7
7
7
Heumen
1
20
20
1
1
1
1
1
Nijmegen
115
605
605
159
159
159
159
159
Wijchen
17
60
60
24
24
24
24
24
20
20
Berg en Dal
16
40
40
18
18
18
18
18
Totaal
185
847
847
247
247
247
247
247
b 2022 (h)
B 2022 W
Mook en Middelaar
Loonkostensubsidie regulier Bedragen in € 1.000
R 2021
B 2022
B 2023
B 2024
B2025
B2026
Beuningen
217
248
248
349
349
349
349
349
Druten
236
208
208
208
208
208
208
208
Heumen
145
181
181
100
100
100
100
100
Nijmegen
2.369
1.964
1.964
2.532
2.532
2.532
2.532
2.532
Wijchen
380
370
370
528
528
528
528
528
Mook en Middelaar
59
26
26
68
68
68
68
68
Berg en Dal
365
343
343
344
344
344
344
344
3.771
3.341
3.341
4.129
4.129
4.129
4.129
4.129
b 2022 (h)
B 2022 W
Totaal
Applicatiebeheer Bedragen in € 1.000
R 2021
B 2022
B 2023
B 2024
B2025
B2026
Nijmegen
3.530
3.503
3.503
3.503
3.519
3.519
3.519
3.519
Totaal
3.530
3.503
3.503
3.503
3.519
3.519
3.519
3.519
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
80
Project "Doe je mee" Bedragen in € 1.000
R 2021
B 2022
b 2022 (h)
B 2022 W
B 2023
B 2024
Beuningen
5
57
36
36
38
32
Druten
1
10
6
6
6
5
148
1.852
1.169
1.169
1.241
1.041
1
11
7
7
8
6
155
1.930
1.218
1.218
1.293
1.085
b 2022 (h)
B 2022 W
B2025
B2026
B2025
B2026
Heumen Nijmegen Wijchen Mook en Middelaar Berg en Dal Totaal
CAO aan de slag Bedragen in € 1.000
R 2021
B 2022
B 2023
B 2024
Beuningen
42
91
91
91
91
Druten
23
46
46
46
46
Heumen
11
22
22
22
22
Nijmegen
290
575
575
575
575
Wijchen
59
118
118
118
118
Mook en Middelaar
7
15
15
15
15
Berg en Dal
39
77
77
77
77
Totaal
472
944
944
944
944
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
81
Bijlage 4 Bijdrage per gemeente details (iRvN) Deelnemersbijdrage ICT-Rijk van Nijmegen Automatisering en informatie/applicatiebeheer
Automatisering
WBRN/SW
14.128
499
571
7.673
731
1.320
509
Begroting 2022
14.128
499
571
7.673
731
1.320
Begroting
14.177
499
571
7.673
731
1.368
Begroting
WBRN/ WERK
Nijmegen
ODRN
Wijchen
Beuningen
Heumen
Mook en M
Applicatie beheer
Werkbedrijf Werk
Nijmegen
939
1.005
583
297
3.863
361
3.503
509
939
1.005
583
297
3.863
361
3.503
509
939
1.005
583
297
3.787
361
3.427
Druten
Berg en Dal
Indexering
Indexering 2,7%
383
13
15
207
20
37
14
25
27
16
8
102
10
93
Begroting 2023
14.560
512
587
7.881
751
1.405
523
965
1.032
599
305
3.890
370
3.519
Begroting
14.177
499
571
7.673
731
1.368
509
939
1.005
583
297
3.787
361
3.427
Indexering 2,7%
383
13
15
207
20
37
14
25
27
16
8
102
10
93
Begroting 2024
14.560
512
587
7.881
751
1.405
523
965
1.032
599
305
3.890
370
3.519
Begroting
14.177
499
571
7.673
731
1.368
509
939
1.005
583
297
3.787
361
3.427
Indexering 2,7%
383
13
15
207
20
37
14
25
27
16
8
102
10
93
Begroting 2025
14.560
512
587
7.881
751
1.405
523
965
1.032
599
305
3.890
370
3.519
Begroting
14.177
499
571
7.673
731
1.368
509
939
1.005
583
297
3.787
361
3.427
Indexering 2,7%
383
13
15
207
20
37
14
25
27
16
8
102
10
93
Begroting 2026
14.560
512
587
7.881
751
1.405
523
965
1.032
599
305
3.890
370
3.519
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
82
Automatisering Bedragen in € 1.000
Nijmegen
ODRN
WDW
Berg en Dal
Beuningen
Mook en Middelaar
Heumen
Huur en software scanners
24
0
0
0
0
24
0
0
Adobe licenties
98
69
18
1
4
4
1
0
Bluebeam licenties
24
2
0
11
3
3
3
3
Aanschaf van de laptops t/m 2024
15
0
0
15
0
0
0
0
Uitlevering 55 Samsung S10
15
15
0
0
0
0
0
0
ICT-beheer VSA
113
113
0
0
0
0
0
0
Totaal Automatisering
289
199
18
27
7
31
4
3
Jeugdvolgsysteem
38
0
0
18
9
6
4
1
GWS personele lasten Mook, factuur via NMG
38
38
0
0
0
0
0
0
Scanners
2
2
0
0
0
0
0
0
3
0
0
0
0
0
0
3
Extra dienstverlening
189
0
0
75
0
103
0
11
Totaal Applicatiebeheer
271
40
0
93
9
108
4
16
Totaal
560
239
18
120
16
140
8
18
Licenties Xential
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
83
Bijlage 5 Bekostigingssystematiek SW De definitie van de SE’s als verdeling van het Rijksbudget is ook weer het afgelopen jaar aan verandering onderhevig geweest. Hierbij worden er correcties op de SE’s toegevoegd, uitstroom cijfers opnieuw berekend en worden peildata aangepast. Per saldo blijft het macrobudget hetzelfde, maar dit kan wel de onderlinge verhouding tussen gemeenten veranderen. Deze werkwijze is vooraf niet te voorspellen en daarmee ook als verdeelfactor niet hanteerbaar. Door de SE definitie gelijk te houden, de uitstroom zelf te bepalen en bepaling van de betalende gemeente op een uniforme peildatum te houden is de realisatie beter in te schatten en blijft de kostprijs per SE over de jaren vergelijkbaar.
Uitgangspunten voor de bepaling van het aantal SE per gemeente: •
•
•
•
•
De definitie van het aantal SE blijf gelijk aan de definitie op het moment van ingang van de participatiewet. De peildatum voor de betalende gemeente in jaar X is de gemeente waar de medewerker ultimo jaar X-1 inwoner was. Voor de begroting wordt de betalende gemeente bepaald op basis van de dan beschikbare informatie van de woongemeente. Per gemeente wordt de uitstroom bepaald op basis van pensioen. Dit uitstroompercentage zal dus per gemeente variëren. Per gemeente wordt de overige uitstroom bepaald als een vast percentage per gemeente, op basis historische uitstroomgegevens.
Hiermee hanteren we niet meer het uitstroom percentage van het Ministerie, maar een uitstroompercentage op basis van pensioen uitstroom en ervaringscijfers.
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
84
Bijlage 6 Staat van personele lasten
WBRN Schaal
Bestuursondersteuning fte
Schaal
iRvN fte
Schaal
fte
schaal 5-6
4,0
schaal 9-10
1,0
schaal 5-6
0
schaal 7-8
45,9
schaal 11-12
0,64
schaal 7-8
18,4
schaal 9-10
158,9
> schaal 12
1,1
schaal 9-10
92,1
schaal 11-12
19,9
Totaal
2,74
schaal 11-12
3,7
> schaal 12 Totaal
2,7 231,5
> schaal 12 Totaal
4,0 118,2
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
85
Functies
WBRN Functieomschrijving
fte
Functieomschrijving
Bestuursondersteuning
fte
fte
Arbeidsdeskundige
2,00
Projectleider EVA
0,90
controller/CISO
1,0
Arbeidspsycholoog
1,89
Teammanager
8,68
Directeur Werkbedrijf
0,1
Consulent Intake en Diagnose
35,19
Adviseur Medezeggenschap
0,78
Juridisch adviseur
0,22
Consulent "project Doe je mee"
8,39
HR adviseur
2,56
Jurist
0,25
Consulenten "aanvalsplan"
10,40
Juridisch Adviseur SW
1,34
Projectleider
0,39
Trainer/Opleidingskundige
3,83
Projectleider
6,42
Projectmedewerker
0,78
Trainer/Opleidingskundige "project Doe je mee"
0,11
Administratief Medewerker
4,17
Eindtotaal
2,74
Administratief Medewerker
11,97
Adviseur SROI
1,00
Administratief Medewerker "project Doe je mee"
1,04
Commercieel manager
2,83
Allround Administratief Medewerker
1,00
Communicatie Adviseur
1,56
Financieel Administratief Medewerker
1,78
Communicatiemedewerker
0,88
IRVN
Medewerker Salarisadministratie
2,38
Managementassistent
2,89
Directeur II
Contractbeheerder
1,00
Personeelsadviseur SW
3,50
Mdw admin & secr II
1,0
Financieel Adviseur
3,23
Projectleider RTA
1,00
Manager II
3,0
Kwaliteitsmedewerker
4,67
Medewerker Facilitair
3,00
Adviseur II
1,0
fte 1,0
Medewerker Informatievoorziening
3,00
Adviseur III
2,7
Consulent Bedrijfsdienstverlening
51,18
Adviseur IV
6,8
Senior Consulent Bedrijfsdienstverlening
13,30
Mdw gegevens I
11,9
Participatiecoaches "project Doe je mee"
4,00
Mdw gegevens II
28,3
Klantmanagers "project Doe je mee"
2,20
Mdw systemen I
17,7
Werkcoach
18,80
Mdw systemen II
27,4
Coordinator logistiek
1,00
Mdw systemen III
17,4
Medewerker Bedrijfsbureau
1,00
Voorlieden
1,00
DT
1,79
Manager ondersteuning
3,80
Eindtotaal
231,46
Eindtotaal
118,2
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
86
Bijlage 7 Staat van voorzieningen Hiernaast is het verwacht verloop van de voorzieningen weergegeven ▶
MGR Bedragen in € 1.000
beginstand 2022
eindstand 2022
Voorziening SPP
366
Voorziening IRvN
100
Totaal
658
2023
2024
275
183
275
183
2025
2026
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
87
Bijlage 8 Overheadnorm Overheadpercentages (BBV) Bedragen in € 1.000
R 2021
B 2022
b 2022 (h)
B 2022 W
B 2023
B 2024
B2025
B2026
Primair
31.481
29.605
29.833
33.451
32.652
32.762
31.498
31.294
Overhead
9.998
10.092
10.092
10.111
9.912
9.913
9.913
9.913
41.480
39.697
39.925
43.561
42.563
42.675
41.411
41.207
Primair %
75,9%
74,6%
74,7%
76,8%
76,7%
76,8%
76,1%
75,9%
Overhead %
24,1%
25,4%
25,3%
23,2%
23,3%
23,2%
23,9%
24,1%
Begroting 2023-2026 MGR Rijk van Nijmegen
88
Bijlage 9 Staat van investeringen Hiernaast reft u het investeringsoverzicht aan met de voorgenomen investeringen voor de jaren 2022 t/m 2026. Dit kan tevens bestaan uit overheveling van restant budgetten uit voorgaande jaren. Tenzij een project is afgerond. ▶
Investeringen MGR totaal Bedragen in € 1.000
2022
2023
Werkbedrijf - Applicatielangschap EVA *
386
Werkbedrijf - Archieffunctie
300
2024
2025
2026
Werkbedrijf - inventaris
226
Ten aanzien van Eva fase 2 merken wij op dat de projectvoorbereiding in een afrondende fase is. Vooralsnog wordt ervan uitgegaan dat de geraamde € 515.000 toereikend is om Eva 2 in te richten.
ICT Rijk van Nijmegen
3.000
2.000
2.000
2.000
2.000
3.912
2.000
2.000
2.000
2.000
In december 2020 is het plan van aanpak Nu Digitaal geaccordeerd. Daarmee gaat het digitale archief ingericht worden en gaat de analoge stroom tot een minimum beperkt worden. Dit houdt onder andere in dat de relevante delen van het analoge archief gedigitaliseerd gaar worden en Eva aangesloten wordt op het digitale archief. De investering die hiermee gemoeid wordt geraamd op €300.000 en bestaat uit de volgende onderdelen:
investeringen 2021/2022 EVA 2 Bedragen in € 1.000
• • • • • •
€ 70.000 projectleiding € 70.000 inrichting archieffunctie en conversie € 80.000 scannen analoge archieven € 40.000 bewaartermijntool € 10.000 opleidingskosten € 20.000 onvoorzien
beschikbaar budget
bestedingen
restant budget
Inspanningen GAC
7
6
Boost!
23
22
Vormkracht
6
6
Marketing Module
35
34
1
Inspanningen GAC
65
60
5
Op Weg naar Werk
65
60
5
voorbereiding
30
29
1
Inspanningen GAC
335
0
335
0
0
0
Addionele inspanningen IRVN Inspanningen leverancier app
50
0
50
SW module
415