Bijlage V Begroting MGR 2024-2027
Tekst van het document
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
26
3 ICT Rijk van Nijmegen ICT Rijk van Nijmegen (iRvN) beheert, exploi teert en ontwikkelt de technische ICT-infra structuur (inclusief telefonie) van en voor de gemeenten in de regio Rijk van Nijmegen. Dat doen we ook voor WBRN en ODRN. En daar naast verzorgen we voor Gemeente Nijmegen een groot deel van het functioneel beheer, we doen dat op verzoek en in toenemende mate ook voor (primaire) procesapplicaties van de overige deelnemende gemeenten.
3.1
Wat willen we bereiken?
Het accent voor deze ontwerpbegroting 2024, en de bijgestelde begroting 2023, blijft in algemene termen liggen op de doorontwikkeling van iRvN als ICT-dienstverlener voor een veilige, flexibele en moderne werkomgeving. In 2022 hebben de gemeenten ingestemd met de conclusies en aanbevelingen uit het onderzoeksrapport dat PwC heeft uitgevoerd naar de ICT-functie in de regio. Duidelijk is dat iRvN de komende 4 à 5 jaar primair een beheerorganisatie blijft, gestoeld op het huidige fundament en dat géén uitbreidingen van het iRvN-dienstenportfolio en/of grote organisatorische veranderingen van regionale betekenis door alle samenwerkingspartners gewenst worden. iRvN heeft de opdracht om dat, naast het uitvoe-
ren van de core business, met een innovatie focus te doen en een actieve, projectmatige deelname aan gemeentelijke I&A-projecten te leveren. De huidige situatie, waarin onder andere geopolitieke ontwikkelingen zorgen voor wereldwijde chiptekorten en prijsstijgingen, vraagt om een verdere optimalisatie van een 100%-mobiele werkplek voor iedereen die voldoet aan zware beveiligingseisen. Een werkplek, gebaseerd op Microsoft365, waarbij naast het ver- en bewerken van informatie ook spraak- en beeldcommunicatie geïntegreerd is, zodat (digitaal) samenwerken op afstand, kennisdelen etc. optimaal gefaciliteerd en gestimuleerd wordt Onze primaire doelstelling is en blijft het waarborgen van de bedrijfscontinuïteit en beschikbaarheid van de gehele regionale ICT-infrastructuur. De afhankelijkheid van de ICT-infrastructuur (serverpark, storage, netwerk en werkplekken) en het huidige en toekomstig applicatielandschap van de primaire processen stelt hoge eisen aan de kwaliteit van die infrastructuur en met name aan de cybersecurity en informatieveiligheid. Een andere belangrijke doelstelling van iRvN is actief projectmatig samenwerken met de bij haar aangesloten gemeenten en organisaties in hun digitale transformatieproces.
Deze beide doelstellingen zijn bepalend voor de keuzes die gemaakt worden. Het is onze taak om vanuit die doelstellingen te adviseren en voorstellen en aanbevelingen te doen over de inzet van technologie. We zijn daar niet leidend in, de gemeenten zijn leidend door hun rol als opdrachtgever. iRvN exploiteert, ontwikkelt en investeert in toekomstbestendige ICT‑infrastructuur, rekening houdend met technologische ontwikkelingen én met name ook met de in- en externe security-eisen, zodat deze geen belemmering vormen voor innovatieve ontwikkelingen binnen de gemeentelijke informatievoorziening (zoals VNGs ‘Samen-Organiseren’ en Common Ground). We hebben oog voor innovaties in de technologie, doen daar ervaring en kennis in op; we volgen de landelijke ontwikkelingen en werken daaraan mee. We doen voorstellen en aanbevelingen aan gemeenten voor innovaties. Voorbeelden hiervan zijn het ‘mobiel tenzij…’-concept en het regionale beleid op mobiele devices, de inzet van de ESB als regionaal koppelmechanisme, implementatie van landelijke producten zoals aansluiting GGI-netwerk en GT-Connect. Maar ook de verdere implementatie van Microsoft365 en aanvullende maatregelen met betrekking tot informatieveiligheid
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
27
en privacy. De producten- en dienstencatalogus van iRvN wordt i.o.m. de gemeenten aangepast en waar gewenst uitgebreid. We hechten aan het gezamenlijk opdrachtgeverschap van de deelnemende gemeenten en organisaties. Zo werken we nauw met hen samen om de opgestelde strategische en tactische kaders waarbinnen iRvN de aan haar toevertrouwde ICT-infrastructuur kan/moet gaan ontwikkelen, te implementeren en de regionale governance daaromtrent verder in te richten. Deze ICT-kaders zijn afgeleid van de gemeentelijke (strategische) I&A‑beleidsplannen. Daarmee wordt invulling gegeven aan het uitgangspunt dat gemeenten zelf volledig verantwoordelijk blijven voor hun eigen (ontwikkeling van de) informatievoorziening en inzet van innovatieve ICT-ontwikkelingen.
3.2
Wat gaan we hiervoor doen?
iRvN kent vanaf 2023 drie verantwoordelijkheidsgebieden: Dienstverlening, Beheer & Beveiliging en Samenwerken & Innovatie. Deze drie gebieden werken nauw samen om het eindproduct van iRvN te kunnen leveren: professionele ICT-dienstverlening om gemeenten te ondersteunen bij de ontwikkeling van hun digitale informatievoorzie-
ning. We geven verdere invulling aan de door de colleges gegeven opdrachten naar aanleiding van het PwC-evaluatieonderzoek “Vrijheid in gebondenheid” en het uitgevoerde regionale Rekenkameronderzoek ‘Weten wat je moet weten’. En we doen dat in nauw overleg met onze opdrachtgevers en betrokkenen in de regio.
Organisatie We zorgen ervoor dat de interne iRvN-organisatie optimaal afgestemd wordt op die opdrachten voor de komende jaren. We hebben daartoe in 2022 de organisatorische en personele randvoorwaarden ingevuld om verantwoordelijkheden verder in de organisatie te beleggen om autonomie binnen de organisatie te vergroten. We gaan daar in 2023 verder mee aan het werk met het doel om de operationele werkorganisatie wendbaarder te maken en de kwaliteit van de beslissingen te verhogen door ze dichter op het proces te nemen. Een kleiner en strategisch gefocust directieteam, een tactisch middenkader van teamleiders en meer capaciteit voor projectmanagement, servicelevel management en communicatie maken dat we in 2023 de dienstverlening aan de eindgebruikers verder kunnen uitbouwen. Als vervolg op iRvN’s Strategisch Organisatie- en Personeelsplan werken we in 2023 verder aan
een strategisch HR-plan met o.a. veel aandacht voor duurzame inzetbaarheid, wendbaarheid en in-, door-, en uitstroom van personeel om alle kennis en kunde binnen iRvN te borgen en verder te ontwikkelen.
Dienstverlening Onze dienstverlening, of liever gezegd: de ervaren dienstverlening ‘op de werkplek’, is een blijvende kritische succesfactor voor iRvN. De Servicedesk bepaalt voor een groot deel de waardering van de eindgebruikers. Om onze eindgebruikersdienstverlening verder te verbeteren blijven we inzetten op dienstverlening op locaties en op het bewaken van alle servicedesk-meldingen, meer nog op klantgerichte communicatie en – in samenwerking met Beheer & Beveiliging – op gecoördineerde probleemoplossingen. In 2023 toetsen wij met een klantentevredenheidsonderzoek de dienstverleningservaringen bij onze eindgebruikers en koppelen daar vanzelfsprekend (verbeter)acties aan. Met de invoering van Identity & Access Management (dat betreft het toekennen en beheren van de rechten over wat iemand wel/niet mag en kan) zijn in nauwe samenwerking met de gemeenten de P&O-systemen gekoppeld aan onze systemen voor o.a. accountbeheer. In 2023 gaan we daar
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
28
verder op door en bieden we ondersteuning, technisch en praktisch waar dat kan, voor gemeenten om de rechtentoekenning op basis van rollen te kunnen doen. Het Self Service Portal waar we in 2022 mee gestart zijn, zal in 2023 verder uitgerold worden in de gehele regio. Het portaal is een plek waar de eindgebruikers snel en gemakkelijk kunnen vinden wat ze nodig hebben en wanneer ze dat nodig hebben. De iRvN-Dienstenlandkaart, op basis waarvan we nu de dienstverlening monitoren en bespreken met de gemeenten, zal in 2023 verder uitgebreid worden zodat we ook meer inzicht kunnen delen over bijvoorbeeld licentiebeheer en changes/implementaties. We ontwikkelen de Dienstenlandkaart verder door m.b.v. Power BI om betere gegevensvisualisaties en uitgebreide managementrapportages te maken. Vanuit de afdeling Dienstverlening worden alle devices (laptops, smartphones, …) uitgeleverd aan de eindgebruikers. iRvN blijft deelnemen aan de landelijke aanbestedingen m.b.t. de door iRvN beheerde ICT-infrastructuur onder het motto: “doe mee of leg uit” en in 2023 zal de aanbesteding ‘GT Mobiele Communicatie (GT Mobiel3)’ plaatsvinden. Deze aanbesteding moet opnieuw gaan leiden tot een lage(re) prijs ‘per sim’.
Een actieplan met betrekking tot ‘Duurzaamheid’ zal in 2023 opgesteld worden en worden besproken met de regio.
Beheer en Beveiliging De redundante regionale ICT-infrastructuur, aangesloten aan het landelijk GGI-netwerk, heeft zijn robuustheid inmiddels bewezen. De dreiging van innovatieve, kwaadwillende technologie (m.n. ransomware/gijzelsoftware) blijft onverminderd heel groot. Monitoring, in samenwerking met derden (we gebruiken 24-uursmonitoring ‘Carbon Black’ van Hunt & Hackett), en incidentbewaking en -afhandeling vereisen speciale aandacht en zijn inmiddels het dagelijks beheer ruim ontstegen. Deze taken zijn toegewezen aan een specifiek team (CSIRT: Computer Security Incident Response Team) binnen Beheer en Beveiliging waar de noodzakelijke kennis aanwezig is en up-to-date gehouden wordt. Dat team speelt een grote rol in het meerjarige Programma Beveiliging dat in 2022 is gestart en in 2023 verder uitgevoerd wordt. We ronden in 2023 de aanbesteding van een zgn. SIEM/SOC af en implementeren het. ‘SIEM’ is een detectieinstrumentarium om continu de toegang van buitenaf te monitoren. Het ‘SOC’ is het zenuwcentrum voor cybersecurity: het monitort de volledige
IT-omgeving en legt informatie vanuit applicaties, software en infrastructuur vast. Binnen hetzelfde programma focussen we ook op de eigen omgevingen. Bescherming tegen binnendringing door kwaadwillenden is van cruciaal belang maar mocht men onverhoopt binnen zijn gekomen, moeten ook daar meer en meer geavanceerde maatregelen getroffen worden om de schade beperkt te houden. Technisch zullen we in 2023, naast de aandacht voor de systeem- en beheerdersaccounts en de daarmee samenhangende herstructurering van onze Active Directory, ervoor zorgen dat onze Citrix-omgeving gesegmenteerd wordt om de impact van kwaadwillende toegang te beperken. Om te voorkomen dat data gelekt wordt tussen organisaties en om te voorkomen dat ongeautoriseerde toegang mogelijk is óver technische organisatiegrenzen heen, zullen we in 2023 ook scheiding aanbrengen tussen de kantoorautomatiseringsomgevingen van de organisaties in de regio. En we implementeren een nieuwe veiligere, werkbare beheerwerkplek t.b.v. de beheerders (applicatieve, functionele en technische specialisten) waarbij de rechten afgestemd zijn op de taak. In dit kader blijven ook de bedrijfskritische informatiesystemen en het beheer ervan om aandacht
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
29
vragen. Met name bij veranderingen in de ICT‑ infrastructuur maar ook bij migraties (zoals de migratie naar Oracle19 die in 2023 afgerond zal worden) en bij nieuwe releases, koppelingen etc van/bij gemeentelijke processystemen. De aanbesteding betreffende de vervanging van de backup- en restorevoorziening én het gehele serverpark is afgerond. In 2023 zal die nieuwe infrastructuur geïmplementeerd worden. We verwachten over circa vijf jaar niet weer een dergelijke grote aanbesteding te hoeven doen omdat het applicatielandschap zich dan grotendeels in de cloud en niet meer ‘op zaal’ zal bevinden. Dat vraagt wel een cloudstrategie van iRvN voor haar systemen en van gemeenten voor de gemeentelijke processystemen en een samen optrekken daarin. Zolang systemen op onze eigen systemen zijn geïnstalleerd, blijven eigen servers nodig. Begin 2023 is door iRvN voor een groot deel van de regio ingeschreven op de landelijke aanbesteding GT Connect2. Dat betreft een gezamenlijke aanbesteding waarmee VNG voor gemeenten diensten in wil kopen als aanvulling op en in koppeling met MS Teams als reeds bestaand telefonieplatform bij gemeenten. Op basis daarvan kunnen gemeenten MS Teams in zetten als primair communicatieplatform. GT Connect2 is de opvolger van GT Connect.
Een andere aanbesteding zal in 2023 opgepakt worden betreffende ‘End User Devices’, dat is de hardware die eindgebruikers tot hun beschikking hebben, en netwerkproducten. En moderniseren en optimaliseren we het veilige, gecentraliseerde en geautomatiseerde technisch beheer van onze IP‑netwerkbronnen.
Samenwerken en Innovatie Deze nieuwe afdeling richt zich op de facilitering en het stimuleren van het samenwerken met gemeenten m.b.t. hun informatie ontwikkelingsen innovatieprojecten en, daar waar gewenst, het business-georiënteerd beheer van het applicatie landschap. Dit vraagt een verdere opbouw van de kennis van de gemeentelijke processen. Met name de innovatieprojecten en -plannen worden vanuit Samenwerken en Innovatie vertaald naar de gewenste en noodzakelijke aanpassingen die daarvoor binnen iRvN – in de ruimste zin van het woord – nodig zijn. Ook vullen we in 2023 voor een aantal gemeenten de rol van informatiemanager in en voegen we daar de rol van CISO aan toe. Het functioneel beheer van de applicatiesoftware is primaire gericht op de ondersteuning van de gemeentelijk werkprocessen (business-oriëntatie), ook bij ver-SAAS-de applicaties blijft een deel hiervan bestaan. Een specifiek aspect daarbij is
leveranciersmanagement. Met name op dit punt zal iRvN, op basis van de jarenlang opgebouwde kennis en ervaring een meerwaarde zijn voor alle gemeentelijk I&A-projecten waar ver-SAAS-ing plaatsvindt. De afdeling bestaat verder uit een aantal medewerkers met competenties op het gebied van informatiemanagement, account-en projectmanagement en een team met functioneel beheerders. Het groeiende besef is er, teneinde als iRvN een consistente en voorspelbare kwaliteit te kunnen leveren (en dat te kunnen toetsen en verantwoorden), dat de manier van werken procesmatiger moet zijn. Het is daarom dat iRvN gestart is om binnen drie jaar een kwaliteitsverklaring te kunnen afgeven in de vorm van een certificering (of TPM: Third Party Memorandum) over de BIO-maatregelen. Naast het genoemde op het gebied van o.a. documentatie en procesmatige manier van werken, vraagt het ook een andere mindset van de medewerkers, andere spelregels, andere structuren. Het traject wordt daarom ook gebruikt als onderdeel van iRvN’s doorontwikkeling om die andere manier van werken te leren én te doen.
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
30
IRvN onderdeel investeringen Automatisering Bij de vaststelling van de begroting wordt ook over het investeringsplan besloten (bij de jaarrekening wordt hierover inhoudelijk en financieel verantwoording afgelegd). Middels het principe van budgetoverheveling is 1,1 miljoen euro toegevoegd aan het investeringskrediet van 2023. De investering vindt uiteindelijk financieel plaats in 2023, dat zal terug te zien zijn in de kapitaallasten vanaf 2024 en niet vanaf 2023.
Met de regio is hier overleg over gevoerd en dat heeft geleid tot een aanpassing op de begroting 2023 en op de meerjarenbegroting 2024 en verder. De globale verdeling van de investeringen van € 4,8 miljoen ziet er als volgt uit: • € 3,8 miljoen Centrale computercapaciteit • € 150.000 Netwerk • € 350.000 Vervanging van Werkplekken • € 500.000 Mobiele telefonie
De omstandigheden die we nu ervaren zijn enorm anders dan we vijf, zes jaar geleden hadden verwacht. De wereld is sterk veranderd, als recente ontwikkelingen zijn wet- en regelgeving (AVG en BIO) en ‘Beveiliging’ te noemen. We verwachten een toename van kosten als gevolg van krapte op de arbeidsmarkt en als gevolg van prijsstijgingen door wereldwijde chiptekorten en de consequenties van geo-politieke ontwikkelingen. Het aantal eindgebruikers in de afgelopen jaren met circa 600 gestegen (13%). Daardoor is de druk op de Servicedesk ook toegenomen (extra dienstverlening zoals telefonische ondersteuning en incidentafhandeling). En door het vele thuiswerken is nu sprake van 100%-werkplek (iedereen een laptop en smartphone) in plaats van de 70%-werkplek ten tijde van de situatie voor Corona toen we allen op kantoor werkten.
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
31
Deel 2 Wat gaat het kosten? In hoofdstuk 4 (MGR totaal), 5 (WerkBedrijf) en 6 (iRvN) werken we uit wat het realiseren van onze ambities gaat kosten. We richten ons op de baten en lasten voor de verschillende onderdelen.
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
32
4 Baten en lasten MGR In dit hoofdstuk gaan we in op de baten en lasten van de MGR in totaal en het onderdeel Bestuursondersteuning.
4.1
MGR totaal
Tabel 1 Totale baten en lasten MGR 2022 t/m 2027
Baten Bedragen in € 1.000
B2023 P
B2023 (h)
B2023
B 2024
25.071
B2025
25.175
B2026
23.896
B2027
Arbeidsparticipatie
20.067
22.471
23.375
Begeleide participatie
48.677
46.825
46.825
0
0
0
0
0
WSW en beschut werk
0
0
0
50.251
49.865
46.883
43.151
39.341
24.127
24.423
Inkomensregelingen
4.811
5.320
4.849
6.106
6.106
6.106
6.106
6.106
Overhead
18.810
17.790
17.790
20.805
21.870
22.129
22.242
22.354
Totaal baten
92.366
92.406
92.838
102.233
103.017
99.015
95.626
92.225
B2023
B 2024
Lasten
Door een wijziging in het besluit begroten en verantwoorden (BBV) valt de arbeidsmatige dagbesteding vanaf 2023 niet meer onder het taakveld begeleidende participatie maar onder het taakveld WSW en beschut werk. Dat is de reden van de verschuiving van middelen tussen taakveld begeleidende participatie en WSW & beschut werk. De totale baten nemen af van € 102,2 miljoen in 2023 naar € 92,2 miljoen in 2027. De afname komt vooral door de afbouw van de sociale werkvoorziening. Zie tabel 2.
MGR totaal R2022
R2022
B2023 P
B2023 (h)
B2025
B2026
B2027
Arbeidsparticipatie
14.990
18.433
18.895
19.914
20.235
18.956
19.287
19.584
Begeleide participatie
45.759
44.196
44.196
0
0
0
0
0
WSW en beschut werk Inkomensregelingen
0
0
0
47.182
46.582
43.752
40.021
36.210
4.811
4.377
4.377
5.634
5.162
5.162
5.162
5.162
Overhead
17.919
16.656
16.656
19.736
20.682
20.941
21.054
21.166
Totaal Programmalasten
83.480
83.661
84.123
92.467
92.662
88.812
85.524
82.122
Overhead MGR
8.886
8.745
8.715
9.766
10.355
10.202
10.102
10.102
Totaal lasten
92.366
92.406
92.838
102.233
103.017
99.015
95.626
92.225
0
0
0
0
0
0
0
0
Saldo baten en lasten
Voor de jaren 2023 en 2024 hebben we de budgetten verhoogd conform de BRN norm. Bij het onderdeel Werk hebben we vanaf 2023 te maken met een wijziging in het gemeentefonds waardoor het klassieke re-integratiebudget, de middelen begeleiding nieuw Wajong en de middelen begeleiding nieuw regulier zijn opgegaan
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
33
in het cluster participatie van het sociaal domein en daardoor niet afzonderlijke identificeerbaar meer zijn. Immers in de taakuitvoering van het cluster participatie zit tevens uit uitvoering van de uitkering verstrekking en de uitvoering van de bijzondere bijstand. Dit leidt ertoe dat we opnieuw afspraken moeten gaan maken over de wijze waarop het onderdeel Werk van het WerkBedrijf gefinancierd moet gaan worden. De herziening van het gemeentefonds vanaf 2023 heeft daarnaast met zich meegebracht dat binnen het cluster participatie een herverdeling van middelen heeft plaatsgevonden. De gemeenten Nijmegen en Wijchen ontvangen minder middelen in het cluster. De overige gemeenten ontvangen meer. Binnen onze regio is daardoor in het cluster participatie €1,4 miljoen minder beschikbaar. De verdeling van dit nadeel ziet er per gemeente als volgt uit: € 699.800 € 181.900 € 167.500 € 125.200 € 61.400 € 2.545.300 € 95.100
Berg & Dal toename Beuningen toename Druten toename Heumen toename Mook en Middelaar toename Nijmegen afname Wijchen afname
Dit nadeel van € 1,4 betreft het totale nadeel op het cluster participatie waarvoor de taken uitke-
ring verstrekking, uitvoering bijzondere bijstand en de re-integratie (Werk) uitgevoerd moeten worden. Welk deel van de middelen uit het cluster participatie toebedeeld moet worden aan de drie taken is niet terug te vinden in het gemeentefonds. Het ministerie heeft Berenschot onder begeleiding van Divosa en Cidris de opdracht gegeven een systematiek te ontwikkelen om tot een verdeling van de middelen over de drie taken te komen. Inmiddels is deze systematiek er. Het voordeel is dat aangesloten wordt bij de middelen die gemeenten in het gemeentefonds ontvangen, met andere woorden er wordt niet meer over de drie taken verdeeld dan dat een gemeente ook daadwerkelijk via het gemeentefonds ontvangt. Daarmee is het een werkbare en objectieve methode om tot een verdeling van de middelen binnen het cluster participatie te komen. Daarmee wordt echter niet voorkomen dat het ververdeeleffect tussen gemeenten binnen het participatiebudget is opgelost. De eerste berekeningen laten zien dat er een verschuiving plaatsvind van de nadeelgemeenten naar de voordeelgemeenten. Met andere woorden de voordeelgemeenten gaan meer bijdragen en de nadeelgemeenten gaan minder bijdragen aan het WerkBedrijf. Dit laatste is op dit moment nog onderwerp van discussie.
Om toch tot een oplading van de meerjarenbegroting te komen is met de gemeenten afgesproken om voor de jaren bijgesteld 2023 en 2024 tot en met 2027 de middelen conform de oude verdeling van het Rijk op te nemen. Wij indexeren deze middelen met de BRN norm omdat er geen actualisatie van de middelen vanuit het rijk meer plaatsvindt. In de tabellen staan drie kolommen die betrekking hebben op het jaar 2023. De kolom 'B2023 P' heeft betrekking op de vastgestelde begroting in juli 2022, de kolom 'B2023 (h)' op de tussentijdse technische begrotingswijziging 2023 en kolom 'B2023' heeft betrekking op de nu voorliggende begrotingswijziging 2023. We zien dat de gewijzigde begroting 2023 zo’n 9,9 miljoen euro hoger is dan de in juli 2022 vastgestelde begroting 2023. Dat komt o.a. door gestegen personeelskosten (zowel van SW-medewerkers als ambtelijke medewerkers), hoge inflatie en dus indexering en een verwachte toename van de uitgaven aan loonkostensubsidies. In hoofdstukken 5 en 6 gaan we dieper op deze zaken in.
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
34
Tabel 2 Begrotingstotalen per onderdeel van de MGR 2022 t/m 2027
4.2
Bestuursondersteuning
Tabel 3 Totale baten en lasten MGR Bestuursondersteuning in 2022 t/m 2027 De baten en lasten 2023 zijn niet gewijzigd ten opzichte van de primaire begroting. De baten en lasten 2024 zijn geïndexeerd met de BRN norm.
Begrotingstotaal Bedragen in € 1.000
R2022
B2023 P
B2023 (h)
B2023
B 2024
B2025
B2026
B2027
Applicatiebeheer
4.522
3.890
3.890
4.445
4.664
4.664
4.664
4.664
Automatisering
15.113
14.560
14.560
17.034
17.936
18.195
18.308
18.420
Bestuursondersteuning Werkbedrijf SW
318
325
325
325
341
341
341
341
46.611
44.598
44.598
47.863
47.473
44.487
40.751
36.937
Werkbedrijf Vastgoed
1.071
1.049
1.049
1.384
1.487
1.487
1.487
1.487
Werkbedrijf Werk
27.498
30.590
31.022
34.141
34.245
32.965
33.196
33.493
Consolidatie
-2.766
-2.605
-2.605
-2.959
-3.129
-3.125
-3.121
-3.117
Totaal lasten
92.366
92.406
92.838
102.233
103.017
99.015
95.626
92.225
Baten Bedragen in € 1.000 Overhead
Gemeentelijke bijdragen Overige bijdragen
Totaal Baten Lasten Bedragen in € 1.000 Overhead
MGR Bestuursondersteuning R2022 221
B2023 P
B2023 (h)
227
227
B2023
B 2024
227
B2025
239
B2026
239
B2027
239
239
96
98
98
98
103
103
103
103
318
325
325
325
341
341
341
341
MGR Bestuursondersteuning R2022
B2023 P
B2023 (h)
B2023
B 2024
B2025
B2026
B2027
Operationele lasten
9
76
76
76
80
80
80
80
Personele lasten
309
249
249
249
261
261
261
261
318
325
325
325
341
341
341
341
0
0
0
0
0
0
0
0
Totaal lasten Saldo baten en lasten
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
35
5 Baten en lasten WerkBedrijf Bij WerkBedrijf maken we onderscheid in drie onderdelen: WERK (in tabellen taakvelden inkomensregelingen en arbeidsparticipatie en begeleide participatie), SW (taakveld begeleide participatie) en Vastgoed (taakveld overhead). Per onderdeel lichten we de ontwikkeling van baten en lasten in 2023 en 2024 toe. We beginnen met een overzicht van de totale baten en lasten voor WerkBedrijf.
5.1
Totalen
Tabel 4 Totale baten en lasten WerkBedrijf 2022 t/m 2027
Baten Bedragen in € 1.000
Ontwikkeling begrotingstotalen Het begrotingstotaal neemt af van € 83,4 miljoen in 2023 naar € 71,9 miljoen in 2027. Dit komt vooral door de afname van het aantal medewerkers in de sociale werkvoorziening en een afname
B2023 P
B2023 (h)
B2023
B 2024
B2025
B2026
B2027
Arbeidsparticipatie
20.035
22.461
23.365
25.061
25.165
23.886
24.117
24.413
Begeleide participatie
49.748
47.901
47.901
0
0
0
0
0
WSW en beschut werk
0
0
0
51.619
51.325
48.339
44.604
40.789
Inkomensregelingen
4.811
5.320
4.849
6.106
6.106
6.106
6.106
6.106
Overhead
586
554
554
601
608
608
608
608
Totaal baten
75.180
76.237
76.669
83.387
83.204
78.939
75.434
71.916
Lasten Bedragen in € 1.000
MGR WerkBedrijf R2022
B2023 P
B2023 (h)
B2023
B 2024
19.428
Begeleide participatie
46.285
44.718
44.718
0
0
0
0
0
WSW en beschut werk
0
0
0
47.991
47.483
44.649
40.914
37.099
4.811
4.377
4.377
5.634
5.162
5.162
5.162
5.162
429
391
391
598
638
638
638
638
Totaal programma
67.083
68.451
68.913
74.685
74.066
69.953
66.549
63.030
Overhead MGR
8.096
7.785
7.755
8.702
9.138
8.986
8.886
8.886
Totaal lasten
75.180
76.237
76.669
83.387
83.204
78.939
75.434
71.916
0
0
0
0
0
0
0
0
van extra tijdelijke budgetten. In de tabellen staan drie kolommen die betrekking hebben op het jaar 2023. De kolom 'B2023' heeft betrekking op de vastgestelde begroting in juli 2022, de kolom 'b2023 (h)' op de tussentijdse technische begrotingswijziging 2023 en kolom 'B2023W' heeft
19.504
B2027
18.966
Saldo baten en lasten
20.783
B2026
15.558
Overhead
20.463
B2025
Arbeidsparticipatie
Inkomensregelingen
Door een wijziging in het besluit begroten en verantwoorden (BBV) valt de arbeidsmatige dagbesteding vanaf 2023 niet meer onder het taakveld begeleidende participatie maar onder het taakveld WSW en beschut werk. Dat is de reden van de verschuiving van middelen tussen taakveld begeleidende participatie en WSW & beschut werk.
MGR WerkBedrijf R2022
19.835
20.131
betrekking op de nu voorliggende begrotings wijziging 2023.
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
36
Arbeidsparticipatie Participatiebudget, Septembercirculaire 2022 Rijk In de septembercirculaire 2022 maakt het Rijk de omvang van het Participatiebudget kenbaar. In de septembercirculaire 2022 is alleen nog het budget voor 2022 bijgesteld en niet meer het meerjarig perspectief. Dit komt omdat vanaf 2023 de afzonderlijk herkenbare middelen van het participatiebudget opgegaan zijn in het bredere cluster participatie van het sociaal domein. Op het moment van opstellen van de meerjarenbegroting lopen de gesprekken met de gemeenten over een nieuwe wijze van verdelen van de middelen van het cluster participatie. Voor 2023 bijgesteld en 2024 tot en met 2027 is nu voorlopig gekozen om het meerjarenperspectief van het Participatiebudget zoals gepubliceerd in de septembercirculaire 2021 als basis te gebruiken. Daarbij zijn de budgetten 2021 geïndexeerd met de BRN norm voor 2023 en 2024. Indexeringen Bij onderdeel Werk en SW zijn de lasten met de BRN norm geïndexeerd. Een uitzondering hierop zijn de personele lasten van de SW-medewerkers en de salarissen van de ambtelijk medewerkers. Deze salarissen indexeren we conform de verwachte wijzigingen in de betreffende cao’s.
Tabel 5 Overzicht van de personele lasten van Werkbedrijf in 2021 t/m 2027 De overige personele lasten zijn buiten beschouwing gelaten
•
•
Personele lasten Door de richtlijnen van de BBV zijn de personele lasten in tabel 4 niet zichtbaar. De personele lasten maken onderdeel uit van de programmalasten en de overhead MGR. In tabel 5 geven we een overzicht van de ambtelijke salarislasten inclusief inhuur voor de komende jaren. De totale salarislasten nemen in 2023 toe met € 2,9 miljoen ten opzichte van de gewijzigde begroting 2023. De toename wordt met name veroorzaakt door: • 5% indexering vanwege de nieuwe cao SGO waardoor de loonkosten met € 841.600 toenemen.
WBRN Bedragen in € 1.000
R2022
B2023 P
•
•
•
B2023 (h)
Voor de uitvoering van het project werken aan de match ramen we in 2023 eenmalig € 600.000 extra in voor personeel. In 2023 gaan we uitvoering geven aan de werkgeversdienstverlening tussen het UWV en WerkBedrijf. Hiervoor ramen we € 420.000 aan personele lasten. In 2023 gaan we de CAO aan de slag uitvoeren hiervoor ramen we € 418.000 aan personele lasten. We hebben te maken met een groep langdurig zieken. Ter vervanging van deze groep ramen we € 360.000 aan extra personele uitgaven. Om de kwaliteit van onze dienstverlening te verbeteren starten we een programma professionalisering dienstverlening op in 2023. Hiervoor ramen we € 250.000 aan personele lasten.
B2023
B 2024
B2025
B2026
B2027
Arbeidsparticipatie
9.600
10.100
11.363
12.368
11.053
9.532
9.382
9.382
Overhead
4.205
4.176
4.146
4.601
4.842
4.742
4.642
4.642
Begeleide participatie
3.973
3.910
3.910
0
0
0
0
0
WSW en beschut werk
0
0
0
4.106
3.980
3.743
3.521
3.329
17.778
18.186
19.419
21.076
19.875
18.016
17.545
17.352
Totaal lasten
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
37
Tabel 6 Totale baten en lasten WerkBedrijf onderdeel WERK in 2022 t/m 2027
5.2
Onderdeel WERK
In deze paragraaf staan we in detail stil bij onze begroting voor het onderdeel Werk. Na het overzicht van de totale baten en lasten in 2022-2027. Per (sub)paragraaf lichten we de begrotingswijziging 2023 en begroting 2024 toe. Door een wijziging in het besluit begroten en verantwoorden (BBV) valt de arbeidsmatige dagbesteding (Op weg naar Werk) vanaf 2023 niet meer onder het taakveld begeleidende participatie maar onder het taakveld WSW en beschut werk. Dat is de reden van de verschuiving van middelen tussen taakveld begeleidende participatie en WSW & beschut werk.
Werkbedrijf onderdeel WERK
Baten Bedragen in € 1.000
B2023 P
B2023 (h)
Inkomensregelingen
Gemeentelijke bijdragen
4.811
5.321
4.849
Begeleide participatie
Gemeentelijke bijdragen
2.652
2.808
2.808
0
0
0
0
0
WSW en beschut werk
Gemeentelijke bijdragen
0
0
0
2.974
2.974
2.974
2.974
2.974
Gemeentelijke bijdragen Arbeidsparticipatie
R2022
B2023
B 2024
6.106
B2025
6.106
B2026
6.106
B2027
6.106
6.106
17.360
19.424
19.424
20.149
21.301
21.968
22.704
23.001
Omzet
0
1.092
546
546
1.092
1.092
1.092
1.092
Overige bedrijfsopbrengsten
19
70
35
35
320
320
320
320
Overige bijdragen Totaal baten
2.656
1.875
3.360
4.331
2.452
505
0
0
27.498
30.590
31.022
34.141
34.245
32.965
33.196
33.493
Werkbedrijf onderdeel WERK
Lasten Bedragen in € 1.000
R2022
B2023 P
B2023 (h)
B2023
B 2024
B2025
B2026
B2027
Inkomensregelingen
Loonkostensubsidies
4.811
4.377
4.377
5.634
5.162
5.162
5.162
5.162
Begeleide participatie
Op Weg naar Werk
2.652
2.808
2.808
0
0
0
0
0
WSW en beschut werk
Op Weg naar Werk
Arbeidsparticipatie
0
0
0
2.974
2.974
2.974
2.974
2.974
Instrumenten
5.378
6.282
7.642
7.591
6.638
7.356
8.332
8.629
Oude verplichtingen
1.358
1.482
1.482
1.482
1.447
1.397
1.256
1.256
Algemene uitvoering arbeidsparticipatie
6.231
6.675
6.978
7.343
7.594
7.594
7.594
7.594
0
2.652
1.326
1.326
2.652
2.652
2.652
2.652
Inzet tijdelijke middelen
2.591
1.538
1.663
2.553
2.115
0
0
0
Inzet tijdelijke middelen budgetoverheveling
0
337
337
168
337
505
0
0
Totaal Programmalasten
23.021
26.151
26.613
29.071
28.919
27.640
27.971
28.267
Overhead MGR
4.477
4.439
4.409
5.070
5.326
5.326
5.226
5.226
Totaal lasten
27.498
30.590
31.022
34.141
34.245
32.965
33.196
33.493
0
0
0
0
0
0
0
0
Saldo baten en lasten
Directe kosten CAO aan de slag
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
38
Toelichting op technische bijstelling begroting 2023 Bij het opstellen van de tussenrapportage 2022 is voor het onderdeel Werk een technische wijziging doorgevoerd voor 2023. Deze wijziging heeft betrekking op: • • • •
€ 1,0 miljoen extra middelen afronding Werken aan de Match € 1,0 miljoen aframen middelen CAO aan de slag € 360.000 extra middelen meicirculaire € 125.000 extra middelen uitvoering IPS (Individuele Plaatsing en Steun)
is dit een toename van afgerond € 786.000. Dit komt omdat we een verdere groei verwachten van een aantal verstrekte loonkostensubsidies. Daarbij sluiten we zo goed als mogelijk aan bij de rijksbijdrage.
5.2.1 Baten onderdeel Werk Tabel 7 Baten voor onderdeel WERK van WerkBedrijf in 2022 t/m 2027
Toelichting op de bijstelling van de begroting 2023
Begeleide participatie c.q. WSW en beschut werk € 165.000 Vanaf 2023 wijzigt het Besluit Begroten en Verantwoorden (BBV) op en aantal punten. Eén van de wijzigingen is dat het taakveld begeleidende participatie komt te vervalen. Daarvoor in de plaats komt het taakveld WSW en beschut werk. Hieronder worden onder andere de inkomsten inzake Op Weg Naar Werk verantwoord (voorheen: Arbeidsmatige dagbesteding).
Inkomensregelingen € 786.000 We ontvangen gemeentelijke bijdragen voor loonkostensubsidies (eerste regel tabel 7). We begroten hier in 2023 € 6,1 miljoen voor. Deze middelen zijn ten behoeve van het verstrekken van loonkostensubsidies aan werkgevers en ten behoeve van de uitvoering van de CAO aan de slag. Ten opzichte van de primaire begroting 2023
Werkbedrijf onderdeel WERK
Baten Bedragen in € 1.000
R2022
B2023 P
B2023 (h)
B2023
B 2024
5.321
4.849
Begeleide participatie
Gemeentelijke bijdragen
2.652
2.808
2.808
0
0
0
0
0
WSW en beschut werk
Gemeentelijke bijdragen
0
0
0
2.974
2.974
2.974
2.974
2.974
Gemeentelijke bijdragen
17.360
19.424
19.424
20.149
21.301
21.968
22.704
23.001
0
1.092
546
546
1.092
1.092
1.092
1.092
Overige bedrijfsopbrengsten Overige bijdragen
Totaal baten
6.106
B2027
4.811
Arbeidsparticipatie
6.106
B2026
Gemeentelijke bijdragen
Omzet
6.106
B2025
Inkomensregelingen
6.106
6.106
19
70
35
35
320
320
320
320
2.656
1.875
3.360
4.331
2.452
505
0
0
27.498
30.590
31.022
34.141
34.245
32.965
33.196
33.493
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
39
We ontvangen gemeentelijke bijdragen voor Op Weg Naar Werk (tweede regel in tabel 7). We begroten in 2023 € 3,0 miljoen. Het budget is ten opzichte van de primaire begroting met € 165.000 toegenomen. Dit komt door indexering van personele lasten (5%) en de indexering conform de regionale indexering voor de WMO van 6%. In 2022 zijn we gestart met de pilot Simpel switchen. Aan deze pilot nemen de gemeente Nijmegen en Berg & Dal deel. In 2023 gaan we naar de reguliere indexering het tarief aanvullend met € 1,26 verhogen. Dit doen we omdat er een te groot verschil is ontstaan tussen het tarief van Op Weg Naar Werk en de belevingsgerichte dagbesteding. Met deze aanpassing blijft er een verschil in tarief van € 2,74.
Overige bijdragen € 2,5 miljoen Aan overige bijdragen begroten we voor 2023 € 4,3 miljoen (regel 4 tot en met 6 in tabel 7). Dit is een toename van € 2,5 miljoen ten opzichte van de primaire begroting 2023. Dit wordt met name veroorzaakt door een toename van de tijdelijke budgetten. De belangrijksten zijn: € 1.000.000 Werken aan de Match We zijn volop bezig om onze diensten en producten te blijven verbeteren om succesvolle matches te kunnen maken. Hiervoor is in 2022 eenmalig een budget van € 1,2 miljoen geraamd voor het project Werken aan de Match. De meeste projecten gaan van start in het 3e en 4e kwartaal van 2022 en lopen door in 2023. Eind 2023 verwachten we het project af te ronden.
Arbeidsparticipatie Gemeentelijke bijdrage € 725.000 We ontvangen gemeentelijke bijdragen voor arbeidsparticipatie (regel 3 in tabel 7). Dit is het participatiebudget ter grootte van € 20,1 miljoen. Dit is een toename van € 725.000. De toename wordt veroorzaakt door indexeringen van het klassieke budget conform de BRN norm 2023. En een toename van de begeleidingsgelden beschut.
€ 125.000 IPS (Individuele Plaatsing en Steun) Dit betreft de middelen beschikbaar voor de inzet van IPS trajecten voor 2023. Voor deze kwetsbare groep zijn met een drietal zorgleveranciers afspraken gemaakt over de uitvoering van de trajecten. € 250.000 Programma professionalisering dienstverlening / kwaliteitsimpuls Met de impuls kwaliteit beogen we een zichtbare verbeterslag te maken in de kwaliteit van onze
dienstverlening aan kandidaten en ondernemers. Met het uiteindelijke doel meer een meer duurzame plaatsingen te realiseren. € 655.000 SUWI In de komende jaren willen we de match tussen vraag en aanbod nog meer verbeteren en verhogen. Met die reden hebben we een uitvoeringsplan opgesteld, dat nu gericht is op het verbeteren van de gezamenlijke werkgeversdienstverlening. Wij denken dat dit nog beter kan, dan dat we nu al doen. Uit onze eigen onderzoeken blijkt dat werkgevers behoefte hebben aan een meer geïntegreerde dienstverlening en betere vindbaarheid van onze diensten Het Rijk wil daarom de werkgeversdienstverlening en matching in de regio versterken. We streven naar een inclusieve, werkende arbeidsmarkt, waarin plaats is voor iedereen. We vormen samen hét punt, waar werkgevers ondersteund worden bij het vinden van het juiste personeel en het juiste advies. We zijn met werkgevers verbonden, omdat we hun taal spreken en die van werkzoekenden. Samen met onderwijs en kennisinstellingen, vakbonden en andere partners werken we aan inclusiviteit op de arbeidsmarkt, het optimaal inzetten van talenten, waarin duurzaam passend werk voor velen hand in hand gaat met het bevorderen van economische groei in de regio.
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
40
€ 205.000 POW (Perspectief Op Werk) De POW middelen zijn eenmalige middelen waarvoor het WerkBedrijf penvoerder is. Het RTA (Regionale Tafel Arbeidsmarkt) bepaald de wijze waarop de middelen ingezet worden. Voor 2023 verwachten we € 205.000 uit te gaan geven. We verwachten dat het budget eind 2024 uitgenut is.
CAO aan de slag Met één jaar vertraging gaan we vanaf 2023 kandidaten met indicatie banenafspraak of een indicatie beschut werk een detacheringsbaan aanbieden bij de MGR conform de cao Aan de slag. Wij verwachten in het eerste jaar een instroom van 35 fte (54 personen) oplopend in de jaren daarna tot 70 fte (108 personen). Een deel van de kosten dekken we uit reguliere daarvoor bestemde budgetten, zoals de loonkostensubsidies en het participatiebudget (onderdeel Nieuwe Begeleiding). We begroten voor de loonkostensubsidies in 2023 € 472.000, de jaren daarna € 836.000. De bijdrage vanuit het participatiebudget begroten we in 2023 op € 418.000 en de jaren daarna op € 836.000. Voor het overige dekken we de kosten uit de omzet: fiscale tegemoetkomingen en de detacheringsopbrengsten voor in totaal € 581.000. Hierbij moeten we rekening houden met een risico
wegens het niet volledig kunnen factureren van het minimaal benodigd detacheringstarief. Uit onze ervaringen blijkt dat we voor deze kandidaten het benodigde tarief niet uit de markt kunnen halen. In 2023 verwachten we een risico van € 168.000, in 2024 € 337.000 en in 2025 € 505.000. Dit risico dekken we uit de budgetoverheveling 2021 (zie hoofdstuk 5.1). De uitgaven betreffen met name de salariskosten voor de medewerkers op de detacheringsbanen. Voor uitvoering en begeleiding verwachten we 1,6 fte in te moeten zetten oplopend tot 3,2 fte.
Toelichting op de begroting 2024 tov 2023 Toelichting op de begroting 2024 Hier lichten we de belangrijkste afwijkingen ten opzichte van de bijgestelde begroting 2023 toe. Daar waar geen afwijkingen zijn ten opzichte van 2023 lichten we de cijfers ook niet verder toe. Daarnaast willen we in deze begroting beter inzichtelijk maken waar we onze middelen aan besteden. Hier beginnen we mee. Arbeidsparticipatie € 1,2 miljoen We ontvangen gemeentelijke bijdragen voor arbeidsparticipatie. Dit is het participatiebudget ter grootte van € 21,3 miljoen. Dit is een toename van € 1,2miljoen. De toename wordt veroorzaakt
door de indexering van 4,94%. Naast de indexering nemen de middelen voor de begeleiding van kandidaten regulier en beschut toe doordat het aantal loonkostensubsidies alsmede de groep beschut nog jaarlijks aan het groeien is.
Omzet € 546.000 De omzet neemt met € 546.000 toe. Dit wordt veroorzaakt doordat we verwachten dat het aantal deelnemers aan de CAO aan de slag verder toeneemt waardoor de verwachte omzet tevens al toenemen. We zijn uitgegaan van een kostendekkende exploitatie. Omdat we de ervaring hebben dat niet iedere medewerker volledig kostendekkend zal kunnen worden geplaatst houden we er rekening mee dat een deel van de baten niet gerealiseerd zal gaan worden. Hiervoor is een voorziening gevormd. Overige bijdragen/bedrijfsopbrengsten € 1,6 miljoen De overige bijdragen/opbrengsten ramen we op € 2,8 miljoen. Dit is een afname van € 1,6 miljoen ten opzichte van 2023. De afname wordt met name veroorzaakt door een afname van extra tijdelijke budgetten werken aan de match ad € 1,0 miljoen, € 208.000 doe je mee en de middelen kwaliteitsimpuls ad €250.000, SUWI ad € 100.000 en IPS ad € 125.000.
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
41
5.2.2 Lasten onderdeel Werk
Arbeidsparticipatie
Tabel 9 lasten voor onderdeel WERK van WerkBedrijf in 2022 t/m 2027
De instrumentengelden De instrumentmiddelen nemen in 2023 ten opzichte van 2023 primair toe met € 1,3 miljoen toe. In 2023 hebben we aan instrumentgelden € 7,6 miljoen beschikbaar. Op hoofdlijnen ramen wij de uitgaven als volgt:
Toelichting op de bijstelling van de begroting 2023 We lichten hieronder de onderdelen toe die aan de batenkant niet zijn besproken.
•
regionale doelen te halen en de uitgangspunten van de regionale nota Werk voorop! te verwerken. Deze 25% wordt deels toegevoegd aan het instrumentengeld en deels aan het personele budget. € 2,5 miljoen voor de inzet van diverse voorzieningen zoals scholing, werkgeversbonussen, kinderopvang, reiskostenvergoedingen, projecten, et cetera. € 1,0 miljoen werken aan de match € 0,4 miljoen ten behoeve van specifieke projecten zoals de Dar, Werklab etc.
•
€ 3,7 miljoen ten behoeve van lokale zichtbaarheid en accenten. Dit is circa 25% van het (klassieke) Participatiebudget. Dit om de
• •
MGR Onderdeel WERK
Lasten Bedragen in € 1.000
R2022
B2023 P
B2023 (h)
B2023
B 2024
B2025
B2026
B2027
Inkomensregelingen
Loonkostensubsidies
4.811
4.377
4.377
5.634
5.162
5.162
5.162
5.162
Begeleide participatie
Arbeidsmatige dagbesteding
2.652
2.808
2.808
0
0
0
0
0
WSW en beschut werk
Arbeidsmatige dagbesteding
0
0
0
2.974
2.974
2.974
2.974
2.974
Instrumenten
5.378
6.282
7.642
7.591
6.638
7.356
8.332
8.629
Oude verplichtingen
1.358
1.482
1.482
1.482
1.447
1.397
1.256
1.256
Algemene uitvoering arbeidsparticipatie
6.231
6.675
6.978
7.343
7.594
7.594
7.594
7.594
0
2.652
1.326
1.326
2.652
2.652
2.652
2.652
2.591
1.538
1.663
2.553
2.115
0
0
0
0
337
337
168
337
505
0
0
23.021
26.151
26.613
29.071
28.919
27.640
27.971
28.267
4.477
4.439
4.409
5.070
5.326
5.326
5.226
5.226
27.498
30.590
31.022
34.141
34.245
32.965
33.196
33.493
Arbeidsparticipatie
Directe kosten CAO aan de slag Inzet tijdelijke middelen Inzet tijdelijke middelen budgetoverheveling
Totaal programmalasten Overhead Totaal Lasten
Overhead MGR
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
42
De ‘oude verplichtingen’ De ‘oude verplichtingen‘ gaat over verplichtingen in het kader van de vroegere WIW en ID-deelnemers. Deze verplichtingen van de gemeenten heeft WerkBedrijf overgenomen. Doordat er geen instroom meer is nemen de uitgaven jaarlijks af. We verwachten € 1,5 miljoen uit te gaan geven in 2023. De algemene uitvoering arbeidsparticipatie Deze voor € 0,9 miljoen uit operationele lasten en voor € 6,4 miljoen uit personele lasten. We verwachten € 670.000 meer uit te geven ten opzichte van de primaire begroting. Dit komt door de indexering van de personele lasten en de operationele lasten en een eenmalig voordeel op het project CAO aan de slag van 418.000. Dit eenmalig voordeel wordt in 2023 ingezet om de formatie van langdurig zieken op te kunnen vangen. Directe kosten kandidaten Omdat de uitvoering van de CAO aan de slag pas in 2023 van start gaat ramen we € 1,3 miljoen lagere uitgaven voor 2023. Inzet tijdelijke middelen De tijdelijke middelen nemen met € 1,0 miljoen toe. Dit wordt met name veroorzaakt doordat het project SUWI ad € 655.000 is toegevoegd aan de
begroting. Dit betreft een samenwerking met het UWV ter verbetering van de werkgeversdienstverlening. Daarnaast betreft het de verwachte inzet van de regionale POW middelen ad € 205.000 en de inzet van IPS gelden ad € 125.000. Inzet tijdelijke middelen budgetoverheveling De tijdelijke middelen nemen met € 170.000 af. Dit wordt veroorzaakt door een vertraging in de uitvoering van de CAO aan de slag.
Overhead MGR Aan overhead verwachten we in 2023 5,1 miljoen uit te geven. De overheadkosten bestaan voor €1,7 miljoen uit operationele lasten en kapitaallasten . Het gaat om met name ICT kosten en de huur van het pand aan de Nieuwe Dukenburgseweg. Dit zijn kosten die minder beïnvloedbaar zijn en alleen schoksgewijs kunnen dalen. Ten aanzien van de post ICT zien wij de lasten toenemen doordat ICT een steeds prominentere rol speelt bij de uitvoering van processen. De verwachting is dan ook dat de kosten hiervan niet dalen de komende jaren. Daarnaast nemen de energiekosten toe. De tariefstijging van de energiecontracten hebben we zo goed mogelijk vertaald in de begroting. Waar het tarief in 2023 op uitkomt kunnen we op dit moment nog niet goed inschatten omdat nog niet alle energie is ingekocht.
In 2023 bestaat de overige € 3,4 miljoen van de overhead uit personele lasten. Deze personele lasten nemen toe conform de stijging van de cao SGO. Daarnaast is tijdelijk € 100.000 toegevoegd voor personeel ten behoeve van het project kwaliteitsimpuls.
CAO aan de slag Met één jaar vertraging gaan we vanaf 2023 kandidaten met indicatie banenafspraak of een indicatie beschut werk een detacheringsbaan aanbieden bij de MGR conform de cao Aan de slag. Wij verwachten in het eerste jaar een instroom van 35 fte (54 personen) oplopend in de jaren daarna tot 70 fte (108 personen). Een deel van de kosten dekken we uit reguliere daarvoor bestemde budgetten, zoals de loonkostensubsidies en het participatiebudget (onderdeel Nieuwe Begeleiding). We begroten voor de loonkostensubsidies in 2023 € 472.000, de jaren daarna € 836.000. De bijdrage vanuit het participatiebudget begroten we in 2023 op € 418.000 en de jaren daarna op € 836.000. Voor het overige dekken we de kosten uit de omzet: fiscale tegemoetkomingen en de detacheringsopbrengsten. Hierbij moeten we rekening houden met een risico wegens het niet volledig kunnen factureren van het minimaal benodigd
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
43
MGR CAO aan de slag
Baten Bedragen in € 1.000
Arbeidsparticipatie
R2022
B2023 (h)
B2023
B 2024
B2025
B2026
B2027
Gemeentelijke bijdragen (CAO aan de slag)
0
836
418
418
836
836
836
836
Omzet
0
1.092
546
546
1.092
1.092
1.092
1.092
omzet stelpost tariefrisico
0
0
0
0
0
0
0
0
Overige bedrijfsopbrengsten
0
70
35
35
70
70
70
70
0
1.998
999
999
1.998
1.998
1.998
1.998
0
944
472
472
944
944
944
944
Totaal Arbeidsparticipatie Inkomensregelingen
B2023 P
Loonkostensubsidies
Totaal Inkomensregelingen
0
944
472
472
944
944
944
944
Totaal Baten
0
2.942
1.471
1.471
2.942
2.942
2.942
2.942
MGR CAO aan de slag
Lasten Bedragen in € 1.000
Arbeidsparticipatie
R2022
B2023 (h)
B2023
B 2024
B2025
B2026
B2027
Algemene uitvoering arbeidsparticipatie
0
230
115
115
230
230
230
230
Overige kosten kandidaten
0
546
273
273
546
546
546
546
Salariskosten kandidaten
0
2.106
1.053
1.053
2.106
2.106
2.106
2.106
0
2.882
1.441
1.441
2.882
2.882
2.882
2.882
0
60
30
30
60
60
60
60
Totaal Arbeidsparticipatie Overhead
B2023 P
Overhead MGR
Totaal Overhead
0
60
30
30
60
60
60
60
Totaal lasten
0
2.942
1.471
1.471
2.942
2.942
2.942
2.942
Saldo baten en lasten
0
0
0
0
0
0
0
0
detacheringstarief. Uit onze ervaringen blijkt dat we voor deze kandidaten het benodigde tarief niet uit de markt kunnen halen. In 2023 verwachten we een risico van € 168.000, in 2024 € 337.000 en in 2025 € 505.000. Dit risico dekken we uit de budgetoverheveling 2021 (zie hoofdstuk 5.1). De uitgaven betreffen met name de salariskosten voor de medewerkers op de detacheringsbanen. Voor uitvoering en begeleiding verwachten we 1,6 fte in te moeten zetten oplopend tot 3,2 fte.
Toelichting op de begroting 2024 Inkomensregelingen We ontvangen gemeentelijke bijdragen voor loonkostensubsidies. We begroten hier in 2024 € 5,1 miljoen. Ten opzichte van de begroting 2023 is dit een afname van € 472.000. Deze afname wordt veroorzaakt door de uitvoering van de cao Aan de slag. Zie daarvoor de afzonderlijke toelichting verderop in deze paragraaf
Arbeidsparticipatie De instrumentengelden nemen in 2024 ten opzichte van 2023 met € 1,0 miljoen af. Dit wordt veroorzaakt door het wegvallen van het tijdelijke budget. In 2024 hebben we aan instrumentgelden €6,6 miljoen beschikbaar. Op hoofdlijnen ramen wij de uitgaven als volgt: • € 3,8 miljoen ten behoeve van lokale zichtbaarheid en accenten. Dit is circa 25% van het (klassieke) Participatiebudget. Dit om de
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
44
•
•
regionale doelen te halen en de uitgangspunten van de regionale nota Werk voorop! te verwerken. Deze 25% wordt deels toegevoegd aan het instrumentengeld en deels aan het personele budget. € 2,5 miljoen voor de inzet van diverse voorzieningen zoals scholing, werkgeversbonussen, kinderopvang, reiskostenvergoedingen et cetera. € 0,3 miljoen uitvoering tijdelijke projecten zoals van de DAR.
De algemene uitvoering arbeidsparticipatie De algemene uitvoering arbeidsparticipatie bestaat voor € 0,9 miljoen uit operationele lasten en voor € 6,7 miljoen uit personele lasten. De lasten nemen met 250.000 toe. Dit wordt veroorzaakt door de verwachte groei bij de uitvoering van de CAO aan de slag ad € 115.000. Daarnaast nemen de lasten toe met 137.000 door indexeringen. Directe kosten kandidaten De loonkosten van kandidaten voor de uitvoering van de CAO aan de slag nemen in 2024 met € 1,3 toe omdat we dan voor een volledig jaar de CAO aan de slag gaan uitvoeren. Daarnaast verwachten we in dat jaar een verder toename van het aantal kandidaten dat gebruik gaat maken van de CAO aan de slag.
Inzet tijdelijke middelen De tijdelijke middelen nemen in 2024 af met € 438.000 door met name de afloop van de IPS gelden en Doe je mee. 2024 is tevens het laatste jaar van beide projecten. IPS heeft nog wel een doorloop in de afwikkeling. We verwachten dit project eind 2026 af te ronden.
Inzet tijdelijke middelen budgetoverheveling € 169.000 Dit betreft de inzet van middelen voor het tarief risico bij de uitvoering van de CAO aan de slag. We verwachten dat dit risico toeneemt van € 168.000 in 2023 naar € 337.000 in 2024. Overhead MGR Aan overhead verwachten we in 2023 5,3 miljoen uit te geven. Dit is toename van 260.000. Deze toename wordt veroorzaakt door extra detacheringsopbrengsten doordat projectmanagers deels rendabel zijn op projecten. Daarnaast zijn de lasten geïndexeerd
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
45
Werkbedrijf- onderdeel SW
Baten Bedragen in € 1.000
R2022
B2023 P
B2023 (h)
37.000
35.466
35.466
0
0
0
0
0
Overige bedrijfsopbrengsten
637
653
653
0
0
0
0
0
Overige bijdragen
409
195
195
0
0
0
0
0
8.565
8.302
8.302
0
0
0
0
0
0
-17
-17
0
0
0
0
0
Gemeentelijke bijdragen
5.3
Onderdeel SW
In deze paragraaf staan we in detail stil bij onze begroting voor het onderdeel SW. Na het overzicht van de totale baten en lasten in 2022 – 2027. Per (sub)paragraaf lichten we de begrotingswijziging 2023 en begroting 2024 toe. Tabel 10 Totale baten en lasten WerkBedrijf onderdeel SW in 2021 t/m 2026
Begeleide participatie
netto omzet Materiaal verbruik Toegevoegde waarde
WSW en beschut werk
Tabel 10 Totale baten en lasten Werkbedrijf onderdeel SW in 2022 tot en met 2027. Per (sub) paragraaf lichten we de begrotingswijziging 2023 en begroting 2024 toe. De begro-tingstotalen van
B2026
B2027
8.284
8.284
0
0
0
0
0
0
0
0
38.051
38.477
36.162
33.141
30.072
Overige bedrijfsopbrengsten
0
0
0
1.128
653
648
648
648
Overige bijdragen
0
0
0
195
195
205
205
205
netto omzet
0
0
0
8.506
8.165
7.489
6.775
6.029
Materiaal verbruik
0
0
0
-17
-17
-17
-17
-17
Toegevoegde waarde
0
0
0
8.488
8.148
7.472
6.757
6.012
46.611
44.598
44.598
47.863
47.473
44.487
40.751
36.937
B2025
B2026
B2027
Werkbedrijf- onderdeel SW
Lage inkomensvoordeel Operationele lasten
R2022
B2023 P
B2023 (h)
-351
-330
-330
B2023 0
B 2024 0
0
0
0
39
52
52
0
0
0
0
0
Overige kosten SW medewerkers
2.298
1.936
1.936
0
0
0
0
0
Personele lasten
3.712
3.611
3.611
0
0
0
0
0
Productiekosten
445
445
445
0
0
0
0
0
Salariskosten SW medewerkers
WSW en beschut werk
B2025
8.565
Lasten Bedragen in € 1.000
Begeleide participatie
B 2024
Gemeentelijke bijdragen
Totaal baten
Door een wijziging in het besluit begroten en verantwoorden (BBV) valt de WSW vanaf 2023 niet meer onder het taakveld begeleidende participatie maar onder het taakveld WSW en beschut werk. Dat is de reden van de verschuiving van middelen tussen taakveld begeleidende participatie en WSW & beschut werk. In deze paragraaf staan we in detail stil bij onze begroting voor het onderdeel SW. Na het overzicht van de totale baten en lasten in 2021 – 2026 en de overhead lichten we in 5.2.1 de baten en in 5.2.2 de lasten toe.
B2023
36.848
35.537
35.537
0
0
0
0
0
Lage inkomensvoordeel
0
0
0
-330
-330
0
0
0
Operationele lasten
0
0
0
58
58
58
58
54
Overige kosten SW medewerkers
0
0
0
2.600
2.197
2.015
1.821
1.620
Personele lasten
0
0
0
3.791
3.666
3.428
3.206
3.014
Productiekosten
0
0
0
728
824
824
824
824
Salariskosten SW medewerkers
0
0
0
37.383
37.246
34.502
31.182
27.764
Totaal programma
42.992
41.252
41.252
44.231
43.660
40.827
37.091
33.277
Overhead
3.619
3.346
3.346
3.632
3.812
3.660
3.660
3.660
Totaal lasten
46.611
44.598
44.598
47.863
47.473
44.487
40.751
36.937
0
0
0
0
0
0
0
0
Saldo baten en lasten
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
46
de sociale werkvoorziening (SW) dalen van € 46,5 miljoen in 2022 naar € 36,9 in 2027. Een afname van € 9,6 miljoen. Dit komt doordat er geen mensen meer in de SW stromen.
Werkbedrijf- onderdeel SW
Baten Bedragen in € 1.000
R2022
B2023 P
B2023 (h)
37.000
35.466
35.466
0
0
0
0
0
637
653
653
0
0
0
0
0
Gemeentelijke bijdragen Overige bedrijfsopbrengsten
Toelichting op technische bijstelling begroting 2023 Tussentijds zijn er in 2022 bij de SW geen begrotingswijzigingen geweest. Daardoor is de kolom B 2023 P en B 2023(h) aan elkaar gelijk.
5.3.1 Baten onderdeel SW Tabel 11 Totale baten WerkBedrijf onderdeel SW in 2022 t/m 2027
Begeleide participatie
Overige bijdragen netto omzet
B 2024
B2025
B2026
B2027
409
195
195
0
0
0
0
0
8.565
8.302
8.302
0
0
0
0
0
Materiaal verbruik
0
-17
-17
0
0
0
0
0
8.565
8.284
8.284
0
0
0
0
0
Gemeentelijke bijdragen
0
0
0
38.051
38.477
36.162
33.141
30.072
Overige bedrijfsopbrengsten
0
0
0
1.128
653
648
648
648
Overige bijdragen
0
0
0
195
195
205
205
205
netto omzet
0
0
0
8.506
8.165
7.489
6.775
6.029
Materiaal verbruik
0
0
0
-17
-17
-17
-17
-17
Toegevoegde waarde
0
0
0
8.488
8.148
7.472
6.757
6.012
46.611
44.598
44.598
47.863
47.473
44.487
40.751
36.937
Toegevoegde waarde
WSW en beschut werk
B2023
Totaal baten
Toelichting op de begrotingswijziging 2023 Gemeentelijke bijdragen De gemeentelijke bijdrage neemt toe met € 2,6 miljoen ten opzichte van de primaire begroting. Dit wordt vooral veroorzaakt door de verwachte CAO stijging van onze SW medewerkers, de CAO toename van de ambtelijk medewerkers en in zijn algemeenheid de hogere inflatie. In het bijzonder de energie- en vervoerskosten. De kostprijs per SE neemt toe van €31.129 in 2022 naar €34.037 in 2023. Dit is een toename van 9,5% ten opzichte
begroting
Rijksbijdrage
netto bijdrage
netto bijdrage was
mutatie
2023
38.051
34.727
3.324
1.772
-1.552
2024
38.477
33.209
5.268
1.183
-4.085
2025
36.162
31.646
4.516
5
-4.511
2026
33.141
30.282
2.859
-409
-3.268
2027
30.072
28.706
1.366
0
-1.366
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
47
van de begroting 2022. De toename betreft met name de CAO stijging van onze SW medewerkers. Niet alle schalen in de CAO SW gaan er 10% op vooruit. Dit zijn vooral de laagste schalen. Voor ons heeft dit naast de verwacht CAO toename per 1 juli 2023 en de daling van het aantal SW medewerkers een effect van 5% op de loonkosten. Het overige effect betreft de BRN norm voor 2023 van 2,7% en een effect van 1,8% om de toegenomen inflatie en ambtelijke loonkosten te kunnen dekken. De BRN norm van 2023 ad 2,7% is daarvoor te beperkt geweest. Door de toename van 9,5% van de SW kosten neemt tevens de netto bijdrage van de gemeenten toe. Deze was voor 2023 begroot op € 1,8 miljoen. Deze neemt toe naar € 3,3 miljoen. Een toename van € 1,6 miljoen voor onze regio. Hierbij dient opgemerkt worden we in onderstaand overzicht uitgegaan zijn van de Rijksbijdrage zoals bekend bij de septembercirculaire 2022. De verhoging van de LPO en de verhoging van het minimumloon per 1 januari 2023 zijn hierin nog niet verwerkt. Dit vindt plaats met de september circulaire 2023. Daarmee zal een belangrijk deel van het nadeel teniet gedaan worden.
Overige bijdrage en bedrijfsopbrengsten De overige bijdrage en bedrijfsopbrengsten
nemen toe met € 475.000. Dit wordt veroorzaakt door de eenmalige budgetoverheveling voor de dekking van de hoge reiskostenvergoeding. De overige bijdrage en bedrijfsopbrengsten bestaan voor 2023 met name uit de middelen voor de extra kosten van vervoer ad € 503.000 en de uitvoering van de praktijkdiagnose ad € 385.000:
Netto omzet De begrote omzet voor 2023 bedraagt € 8,5 miljoen en is met € 204.000 gestegen ten opzichte van de primaire begroting 2023. We gaan de tarieven per 1 januari 2023 verhogen met 4,3% en per juli 2023 met 4%. Voor de eerste verhoging hanteren we de index “G-N commerciële dienstverlening cao-lonen. De tweede verhoging per juli 2023 beargumenteren we met de toename van het minimumloon voor onze SW medewerkers. De omzet blijft nagenoeg gelijk omdat we ook rekening moeten houden met de effecten van de seniorenregeling conform cao WSW. We rekenen met een urenverlies van 2 %. De toegevoegde waarde per fte neemt toe van € 8.275 naar € 8.386. Deze toegevoegde waarde bestaat uit twee categorieën, namelijk een toegevoegde waarde voor individueel geplaatste SW-medewerkers van € 14.617 en een toegevoegde waarde voor groepsplaatsingen van € 6.359.
Toelichting op de begroting 2024 Gemeentelijke bijdragen De gemeentelijke bijdrage neemt toe met € 426.000. De kostprijs neemt hierdoor toe van € 34.073 in 2023 naar 37.010 in 2024. Dit is een stijging van 8,6%. Dit is 3,66% meer dan de BRN norm van 4,94%. De toename van 3,66% wordt volledig veroorzaakt door de verwachte stijging van de CAO SW. De SW salarissen hebben we voor 2024 geïndexeerd met 5% per 1 januari 2024 en 2% per 1 juli 2024 omdat een deel van de loon en prijsontwikkeling (LPO) 2023 zich pas per 1 januari 2024 zal gaan voordoen. Overige bijdrage en bedrijfsopbrengsten De overige bijdragen en bedrijfsopbrengsten nemen met € 475.000 af. Dit wordt veroorzaakt doordat de eenmalige budgetoverheveling voor de dekking van de hoge vervoerskosten ter grootte van € 475.000 komt te vervallen. Toegevoegde waarde De omzet neemt daalt met 341.000. Dit komt doordat het aantal verloonde SW-medewerkers daalt van 1.012 fte naar 932 fte. We verwachten voor 2024 uit te komen op een toegevoegde waarde van € 8.653 per fte. Dit is een toename ten opzichte van 2023 met € 267.
Begroting 2024-2027 MGR Rijk van Nijmegen
48
5.3.2 Lasten onderdeel SW
Werkbedrijf- onderdeel SW
Lasten Bedragen in € 1.000
R2022
B2023 P
B2023 (h)
-351
-330
-330
0
0
0
0
0
Lage inkomensvoordeel
Tabel 12 Totale programmalasten WerkBedrijf onderdeel SW in 2022 t/m 2027 ▶
Toelichting op de bijstelling van de begroting 2023 We lichten hieronder de onderdelen toe die aan de batenkant niet zijn besproken. Lage inkomensvoordeel Wij ramen het lage inkomensvoordeel voor 2023 gelijk aan de primaire begroting 2023. Wij willen nog wel opmerken dat per 2025 het lage inkomensvoordeel komt te vervallen. De verwachting is dat het nadeel wat op dat moment ontstaat vergoed wordt in een hogere SW bijdrage vanuit het Rijk. Overige kosten SW medewerkers Aan overige kosten SW medewerkers verwachten we in 2023 een bedrag van € 2,6 miljoen uit te geven. Dit is een toename van € 664.000. Dit wordt met name veroorzaakt de hogere vervoerskosten. Voor 2023 hebben we besloten om vanwege de energiecrisis en de daardoor ontstane hoge inflatie tijdelijk de reiskostenvergoeding voor onze SW medewerkers te verhogen naar het wettelijk
Operationele lasten Begeleide participatie
Totaal programma
B 2024
B2025
B2026
B2027
39
52
52
0
0
0
0
0
Overige kosten SW medewerkers
2.298
1.936
1.936
0
0
0
0
0
Personele lasten
3.712
3.611
3.611
0
0
0
0
0
Productiekosten
445
445
445
0
0
0
0
0
Salariskosten SW medewerkers
WSW en beschut werk
B2023
36.848
35.537
35.537
0
0
0
0
0
Lage inkomensvoordeel
0
0
0
-330
-330
0
0
0
Operationele lasten
0
0
0
58
58
58
58
54
Overige kosten SW medewerkers
0
0
0
2.600
2.197
2.015
1.821
1.620
Personele lasten
0
0
0
3.791
3.666
3.428
3.206
3.014
Productiekosten
0
0
0
728
824
824
824
824
Salariskosten SW medewerkers
0
0
0
37.383
37.246
34.502
31.182
27.764
42.992
41.252
41.252
44.231
43.660
40.827
37.091
33.277
Overhead
3.619
3.346
3.346
3.632
3.812
3.660
3.660
3.660
Totaal lasten
46.611
44.598
44.598
47.863
47.473
44.487
40.751
36.937
maximum van € 0,21 per KM en hebben we de ondergrens verlaagd naar 0 KM. Dit leidt tot een extra last van € 475.000. Daarnaast zien we dat de kosten van het collectief vervoer zijn toegenomen met € 95.000 in verband met de toegenomen dieselprijs. Ten slotte zien we een stijging in het gebruik van onze arbodienstverlener van €100.000. Met het ouder worden van onze doelgroep neemt ook het gebruik toe.
Personele lasten Aan personele lasten voor de uitvoering van de SW verwachten we in 2022 € 3,8 miljoen uit te geven. Dit is een toename van € 181.000 ten opzichte van de primaire begroting 2023. Dit is conform de stijging van de nieuwe CAO 2023 ad 5%. Productiekosten Dit betreft met name de doorbelasting van de gebouwlasten vanuit vastgoed naar de SW. In 2023 verwachten we € 728.000 aan lasten. Dit is