CConstaterende datHeumen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage II Ontwerpjaarrekening MGR RvN 2024

Raad 5 juni 2025, gemeente HeumenBij agendapunt: Vaststellen zienswijze jaarrekening 2024, bijgestelde begroting 2025 en de begroting 2026-2029 Modulaire Gemeenschappelijke Regeling (MGR)35.548 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Bedragen in € 1 Rechtmatigheids-fouten

Onduidelijkheden

Berg en Dal

€ 140.100

€0

Beuningen

€ 108.100

€0

Druten

€ 76.100

€0

Heumen

€ 66.100

€0

Mook en Middelaar

€ 32.000

€0

Nijmegen

€ 715.500

€0

Wijchen

€ 165.000

€0

Totaal

€ 1.302.900

€0

Gemeente

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

47

De verdeling van de afwijkingen per gemeente is in onderstaande tabel terug te vinden. Conclusie De in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties zijn, behoudens de genoemde onrechtmatigheden, rechtmatig tot stand gekomen. Begrotingsrechtmatigheid Bij de rechtmatigheidscontrole vormt het begrotingscriterium een belangrijk toetsingscriterium. Met de controle op de juiste toepassing van het begrotingscriterium wordt getoetst of het budgetrecht van het algemeen bestuur is gerespecteerd. De toe te passen normen voor het begrotingscriterium zijn op hoofdlijnen door de wetgever bepaald (artikel 189, 190 en 191 van de Gemeentewet) en worden door het algemeen bestuur zelf nader ingevuld en geconcretiseerd. Dit gebeurt door middel van de begroting en via de verordening op het financieel beheer ex artikel 212 van de Gemeentewet.

Begrotingsonrechtmatigheden Hiervan is sprake als het dagelijks bestuur bij de realisatie van doelen en het realiseren van activiteiten de door het algemeen bestuur vastgestelde budgetten voor wat betreft:

• de lasten of investeringsbudgetten overschrijdt; • toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves, die niet door het algemeen bestuur zijn vastgesteld; • onderschrijdingen van lasten of investeringsbudgetten en/of lagere of hogere baten dan begroot, de begroting niet tijdig met begrotingswijzigingen is aangepast. Wat niet tijdig concreet betekent, wordt bepaald door de ‘spelregels’ tussen het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur over het informeren en vaststellen van

begrotingswijzigingen bij onderschrijdingen van lasten of investeringsbudgetten en/of lagere of hogere baten dan begroot. Deze spelregels zijn hoofdzakelijk in de financiële verordening art. 212 Gemeentewet opgenomen. De MGR Rijk van Nijmegen kan tussentijds wel technische wijzigingen doorvoeren, maar geen begrotingswijzigingen die het budgetrecht van het algemeen bestuur raken. Overschrijding van lasten dan wel onderschrijdingen melden we met de tussenrapportage, zodat ons bestuur tijdig op de hoogte is.

MGR totaal Begroting 2024 inclusief wijzigingen

bedragen in 1.000

Realisatie

verschillen

Overschrijding begroting

Onder­ schrijdingen

0.4 Overhead

32.540

32.647

-108

ja

nee

6.3 Inkomensregelingen

7.825

7.295

530

nee

ja

6.4 WSW en beschut werk

46.976

44.901

2.075

nee

ja

6.5 Arbeidsparticipatie

19.111

18.980

132

nee

ja

106.453

103.823

2.629

0.4 Overhead

21.876

22.223

-347

ja

nee

6.3 Inkomensregelingen

7.825

7.295

530

nee

ja

6.4 WSW en beschut werk

47.536

45.701

1.835

nee

ja

6.5 Arbeidsparticipatie

18.273

17.796

477

nee

ja

95.510

93.015

2.495

10.943

10.808

135

nee

ja

106.453

103.823

2.629

Totaal Baten

Totaal programmalasten 0.4 overhead MGR totaal lasten

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

48

In onderstaande tabel is per taakveld aangegeven of zich in 2023 begrotingsonderschrijdingen c.q. -overschrijdingen hebben voorgedaan (x € 1.000).

Toelichting begrotingsonder­ schrijdingen c.q. -overschrijdingen Inkomensregelingen De inkomensregelingen betreft de uitvoering van de loonkostensubsidies. Bij de presentatie van de halfjaarcijfers 2024 aan het algemeen bestuur en de gemeenten hebben wij aangekondigd dat we verwachten het budget te gaan overschrijden. Dit bleek een ramingsfout te zijn. We hebben medio oktober aan de financieel adviseurs gemeld te verwachten € 400.000 minder te gaan besteden. Uit de cijfers van de jaarrekening blijkt dat we € 530.000 minder besteed hebben. De lagere besteding wordt mede veroorzaakt doordat het aantal detacheringsbanen minder snel gegroeid is dan verwacht. Tegenover deze lagere uitgaven staan tevens lagere inkomsten, omdat we op werkelijk verbruik afrekenen. WSW en beschut werk Het taakveld WSW en beschut werk betreft de uitvoering van de sociale werkvoorziening, Op Weg Naar Werk en beschut werk. We hebben daar € 2,1

miljoen minder inkomsten gehad en € 1,9 miljoen minder uitgaven. Sociale werkvoorziening Bij de presentatie van de halfjaarcijfers 2024 aan het algemeen bestuur en de gemeenten hebben we gemeld per saldo tussen de € 950.000 en € 1,4 miljoen minder te gaan besteden bij de sociale werkvoorzienig. Bij de jaarrekening hebben we € 1,4 miljoen minder inkomsten en minder bestedingen gehad. Het lagere bestedingsniveau is met name ontstaan door minder uitgaven aan loonkosten voor medewerkers sociale werkvoorziening. Enerzijds doordat de aangekondigde extra loonstijging van het minimum loon niet doorgegaan is en anderzijds door een snellere daling van het aantal verloonde fte’s. Op Weg Naar Werk Daarnaast hebben wij gemeld tussen de € 0 en de € 250.000 minder te gaan besteden bij Op Weg Naar Werk. Bij de jaarrekening kunnen we melden € 380.000 minder besteed te hebben. Tegenover deze lagere uitgaven staan tevens lagere inkomsten, omdat we op werkelijkheid afrekenen met de deelnemende gemeenten. Detacheringsbanen Ten slotte hebben we bij de presentatie van

de halfjaarcijfers 2024 aan het algemeen bestuur en de gemeenten gemeld dat we minder gaan uitgeven aan de uitvoering van de detacheringsbanen, omdat het aantal detacheringsbanen minder hard groeit dan verwacht. Hierdoor vallen zowel de inkomsten als de uitgaven lager uit. Wij hebben op basis hiervan de begroting aangepaste. Bij het opstellen van de jaarrekening 2024 zijn de inkomsten en uitgaven € 130.000 lager uitgevallen. Arbeidsparticipatie We hebben bij de presentatie van de halfjaarcijfers 2024 aan het algemeen bestuur en de gemeenten gemeld tussen de € 0 en de € 500.000 minder te gaan uitgeven. We hebben in 2024 €477.000 minder uitgegeven en € 132.000 minder inkomsten gehad. De lagere uitgaven van €477.000 betreffen € 271.000 minder uitgaven binnen de instrumentmiddelen en € 79.000 minder inzet vanuit de iRvN. Binnen de intrumentmiddelen hebben we met name minder uitgeven aan IPS, ontwikkeltrajecten met diagnoselement en de werkgeversbonus plus. Vanuit de iRvN is er op dit onderdeel minder formatieve inzet geweest. De lagere uitgaven geven op onderdelen ook lager inkomsten zoals bijvoorbeeld in de uitvoering van IPS.

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

49

Overhead Met de tussenrapportage hebben we aan het algemeen bestuur en de gemeenten geen melding gemaakt ten aanzien van de overhead. We geven € 347.000 meer uit hebben € 108.000 meer inkomsten. De hoger inkomsten hebben te maken met de plus producten van de iRvN. Tegenover deze hogere inkomsten staat een gelijk bedrag aan uitgaven. Daarnaast heeft de iRvN € 200.000 meer uitgegeven aan extra inhuur voor de begeleiding van de implementatie van het nieuwe financieel systeem en vraagstukken het verder implementeren van de ict bij de sociale werkvoorziening. Overhead (MGR) Met de tussenrapportage hebben we aan het algemeen bestuur en de gemeenten gemeld tussen de € 50.000 en de € 200.000 hogere uitgaven te verwachten. Bij de jaarrekening 2024 kunnen we melden dat we € 135.000 minder uitgeven. De lagere uitgaven worden met name veroorzaakt doordat de afrekening met de gastheer lager is uitgevallen. Deze informatie hebben we ontvangen na het opmaken van de tussenrapportage. Met name het onderdeel energielasten is lager geworden dan verwacht. Conclusie Bij de diverse programma’s zijn verschillen

geconstateerd ten opzichte van de begroting, zowel in positieve als in negatieve zin. In deze gevallen is echter sprake van door het algemeen bestuur goedgekeurd beleid, dan wel heeft melding bij de tussenrapportage plaatsgevonden, of zijn er direct gerelateerde inkomsten. We hebben voor € 135.000 aan onderschrijdingen die aan het bestuur zijn gemeld als een overschrijding en € 200.000 aan niet gemelde overschrijdingen die niet tijdig gemeld zijn. Overigens passen deze onderschrijdingen en overschrijdingen van lasten binnen het bestaande beleid zoals verwoord in artikel 10 van de financiële verordening.

overschrijding is gemeld bij de tussenrapportage. Daarmee is geen sprake van onrechtmatig handelen.

Overschrijdingen investeringskredieten Met de jaarrekening melden we een overschrijding op de investeringskredieten van de iRvN van € 31.000. Deze overschrijding hebben we wel gemeld bij de tussenrapportage echter we verwachten op dat moment binnen de raming van € 2,5 miljoen te blijven. De overschrijding is met name veroorzaakt doordat we te maken gehad hebben met prijsstijgingen van diverse hardware en het managed maken van de devices. Conclusie De investeringskredieten hebben geleid tot overschrijdingen van € 31.000. Deze

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

50

Onderhoud kapitaalgoederen Voor groot onderhoud wordt geen voorziening gevormd. In de begroting is voor de komende jaren € 150.000 per jaar begroot voor onderhoud. Dit bedrag is beschikbaar voor een tweetal panden: • De locatie Boekweitweg • De locatie Sint Teunismolenweg

deel van de verbouwingen afgerond zijn gaan we in 2025 de tekeningen actualiseren en een meerjarenonderhoudsplan opstellen. Dit om de effecten voor de middellange termijn in te schatten en om jaarlijks een goede afweging te kunnen maken.

Op de locatie Boekweitweg is het productiegedeelte in 2020 volledig gerevitaliseerd. Het kantorendeel is in 2022 gerevitaliseerd, waarbij onze huurder voor de komende 10 jaar een belangrijk deel van het onderhoud voor haar rekening neemt. In 2024 is het laatste deel van het pand gerevitaliseerd. Dit betreft het restaurant, het restant van het kantorendeel en de instructieruimten. Door deze verbouwingen is het pand van energielabel B naar A+++ gegaan. Het pand aan de Sint Teunismolenweg gaan we verkopen. We zijn momenteel met een potentiële koper in gesprek. Het onderhoud wordt beperkt tot het hoogst noodzakelijke, waarbij de beoogd koper al steeds meer van het onderhoud voor eigen rekening neemt. Wij verwachten dat het budget van € 150.000 de komende jaren toereikend is. Dit willen we ook graag onderbouwen. Nu het belangrijkste

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

51

Verbonden partijen De MGR Rijk van Nijmegen is de gemeentelijke regeling van de volgende 7 gemeenten: • • • • • • •

Berg en Dal Beuningen Druten Heumen Mook en Middelaar Nijmegen Wijchen

Daarmee is de MGR een verbonden partij van deze gemeenten. De MGR zelf heeft geen verbonden partijen. Er bestaat ook geen visie of voornemen om dit komend jaar te wijzigen.

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

52

Openbaarheidsparagraaf Wet open overheid (Woo) De Wet open Overheid (Woo) heeft als doel om de overheid transparanter te maken. Deze wet regelt het recht van burgers op informatie van de overheid. Overheidsinformatie is openbaar, tenzij de Woo of andere wetgeving bepaalt dat de gevraagde informatie niet geschikt is om openbaar te maken. De Woo regelt zowel de openbaarmaking van informatie op verzoek (passieve openbaarmaking) als de openbaarmaking uit eigen initiatief van de MGR (actieve openbaarmaking). De MGR heeft een Woo-contactpersoon aangesteld. Deze persoon is (o.a.) aanspreekpunt voor belanghebbenden die een Woo-verzoek willen indienen. Daarnaast is relevante informatie over de Woo beschikbaar gesteld op de diverse relevante websites. Er is in kaart gebracht welke informatie door de MGR actief geopenbaard moet worden. Door redacteuren bij de MGR wordt de Woo-index (overheid.nl) bijgehouden. De Woo-index verwijst naar documentcollecties die al elders door de MGR op het internet zijn gepubliceerd. In 2024 heeft er één Woo verzoek plaatsgevonden. Deze is binnen de daarvoor gestelde termijn afgewikkeld.

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

53

Verklaring van toepasselijkheid Aanwezig (Opzet)

Algemeen De MGR Rijk van Nijmegen dient in het kader van de informatiebeveiliging en privacy te voldoen aan de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) en de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). De MGR Rijk van Nijmegen heeft geen verplichting om zelfstandig de verklaring van toepasselijkheid in te dienen bij het Rijk. Wel doen we dit indirect via onze deelnemende gemeenten. Onderstaand wordt de naleving van de BIO en de AVG door MGR Rijk van Nijmegen over 2024 nader toegelicht. Aanvullend worden de verantwoording voor Suwinet en de incidenten uitgelicht. Informatiebeveiliging (BIO) BIO De BIO omvat 114 controle- en 126 verplichte overheidsmaatregelen waaraan voldaan moet worden. Eind 2021 is gestart met de invoering van de Cybermanager als ISMS-tool waarin we de status van de diverse controls en maatregelen bijhouden. De komende jaren zal er naar toegewerkt worden om dit volledig af te hebben. In 2022 is iRvN gestart met het project “BIO TPM5”. Dit project heeft tot doel om binnen drie jaar een TPM-verklaring te kunnen afgeven

aan de regio. In 2023 heeft de eerste interne audit plaatsgevonden en eind 2024 een tweede externe audit. Hiernaast staan de scores weergegeven op de implementatie van de BIO. De scores geven wel een beeld dat er nog veel van de BIO geïmplementeerd moet worden. Dit valt te verklaren doordat we in de praktijk wel degelijk werkzaamheden uitvoeren op maatregelen uit de BIO, maar documentatie vaak ontbreekt. Dit komt doordat de focus bij de iRvN ligt op een goede dienstverlening; namelijk het veilig houden van onze systemen en dat daarna zorg gedragen wordt voor een goede documentatie. Dit houdt in dat we achterlopen en daarmee in de BIO portal slechter scoren dan dat de feitelijke situatie is. Zoals eerder aangegeven loopt er een BIO implementatieplan waarbij we over 3 jaar voor de regio de opzet, bestaan en werking van de BIO kunnen aantonen. Informatiebeveiliging en -plan De MGR Rijk van Nijmegen heeft een vastgesteld informatiebeveiligingsbeleid 2024-2028. Aanvullend op het strategische informatiebeveiligingsbeleid, is er een tactische en operationeel plan. In het plan worden jaarlijks uit te voeren acties beschreven. De acties zijn

5 TPM staat voor Third Party Mededeling. Dit is een verklaring die wordt afgegeven door een onafhankelijke auditpartij.

61% (Bestaan)

51%

39% Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

54

gebaseerd op de openstaande BIO maatregelen en onder te verdelen in generieke maatregelen en maatregelen voor kritische systemen. De belangrijkste actiepunten waar aandacht aan besteed wordt: 1. Generieke maatregelen zijn maatregelen zoals het in beeld houden van ons IT-landschap, autorisatiematrix, de in- door en uitstroomprocedure en de incidentmanagementprocedure. In 2024 is er verder gewerkt aan het beschermen en verbeteren van MGR Rijk van Nijmegen IT-landschap. Het verbeteren van het ITlandschap is gedaan door acties zoals: een hackathon(Nymacon), nauwe samenwerking met een cybersecurity leverancier, controle werking conditional access etc. In 2024 is onze nieuwe SIEM6 operationeel geworden. 2. Er is extra aandacht voor kritische processen en procedures zoals de back-up en recovery procedure, het wijzigingsbeheer, het gebruikersbeheer, de incidentafhandeling. In 2024 is hierop verder doorontwikkeld. De bovengenoemde acties dragen bij aan het verhogen van de digitale weerbaarheid en het structureel in beeld brengen van kwetsbaarheden. Wij rapporteren ook elk kwartaal over de voortgang en bevindingen.

Privacy (AVG) De MGR heeft een algemeen privacybeleid dat van toepassing is op de gehele organisatie. Dit beleid is in lijn met het algemene beleid van de MGR en de relevante wet- en regelgeving. In het privacyplan zijn de jaarlijks te ondernemen acties omschreven. Daarbij wordt specifiek aandacht besteed aan de privacy van betrokkenen en de bewustwording van medewerkers. Het actueel houden van de verwerkersovereenkomsten met derden betreft een continu proces waar in 2024 aandacht aan is besteed. Ook is er gebruik gemaakt van de privacy rechten door (ex)kandidaten. Er zijn in 2024 twee inzageverzoeken gedaan. Privacy en het naleven van de AVG heeft voor een belangrijk deel met bewustwording te maken. In 2024 is op diverse wijzen aandacht besteed aan bewustzijnsbevordering. Nieuwe medewerkers hebben een introductie gesprek gehad met de privacy officer. Verder is in 2024 een eigen Digitaal Leer Platform (DLP) aangeschaft. In het DLP worden alle e-learnings en trainingen ondergebracht. Voor nieuwe medewerkers geldt dan ook dat de modules op privacy, AVG en informatieveiligheid gemaakt moeten worden. Naast de e-learnings zijn er ook workshops

6 Een Security Information and Event Management systeem. Dit is een (extra) verdedigingsschil dat helpt met het monitoren en detecteren van incidenten.

op het gebied van privacy gegeven. Er zijn workshops specifiek op privacy gegeven, maar ook workshops op hoe en wat te rapporteren. Periodiek worden er berichten op WerkNet (intranet) geplaatst met uitleg en voorbeelden (bijvoorbeeld over phishing). De MGR heeft door middel van het privacyvolwassenheidsniveau getoetst hoe we er op privacy ervoor staan. Hier scoort MGR niveau 2 op, maar met nog 2 punten te implementeren om niveau 3 te bereiken. De thema’s “beveiligingen van de verwerking van persoonsgegevens” en “bewaren van persoonsgegevens” worden nog verbetert. De verwachting is dat het eerste aandachtspunt in 2025 is geïmplementeerd en het tweede kost meer implementatietijd. De verwachting is 20262027. Verantwoording Suwinet De MGR heeft de verantwoordelijkheid voor het beheer en de controle op het gebruik van Suwinet door de medewerkers van het WerkBedrijf. Omdat de gemeenten eindverantwoordelijke blijven en middels ENSIA verantwoording afleggen over Suwinet, is het belangrijk dat de MGR een Third Party Mededeling (TPM) verklaring kan afgeven over Suwinet. Deze TPM verklaring, een bevestiging dat wij voldoen aan het gestelde normenkader. Wij hebben de verklaring over 2024

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

55

inmiddels ontvangen en gedeeld met de regio. Wij voldoen aan het gestelde normenkader. Incidenten In het afgelopen jaar zijn er 20 (2023; 16) beveiligingsmeldingen geweest. • 15 (12) gevallen betreft het algemene persoonsgegevens; • 1 (1) gevallen betreft het bijzondere persoonsgegevens (waar onder gezondheidsgegevens); • 0 (0) gevallen betreft het een wettelijk identificatienummer; • 4 (3) gevallen betreft meldingen waarbij geconcludeerd is dat er geen persoonsgegevens gelekt zijn. We merken wel dat we in toenemende mate last hebben van phishing aanvallen waarbij CEO fraude aan de orde is en / of gebruik gemaakt wordt van de social engineering methode. Er zijn geen incidenten in 2024 (2023; geen) gemeld bij de AP, omdat de aard en omvang daartoe geen aanleiding gaven. Conclusie De MGR Rijk van Nijmegen heeft, ondanks de benoemde risico’s en de incidenten die zich

hebben voorgedaan, op dit moment de risico’s rondom informatiebeveiliging in beeld. Op bestaande tekortkomingen wordt gestuurd met als doel de risico’s en het aantal incidenten weg te nemen, te voorkomen of tot een minimum te beperken zowel op het gebied van privacy als informatieveiligheid. Er lopen continu beveiligingsprojecten en de MGR Rijk van Nijmegen is dan ook constant in beweging om zich te verbeteren en mee te groeien met de dreigingen. We volgen hiermee de PDCA-cyclus.

Duurzaamheid Aanleiding In 2022 heeft het Europees Parlement ingestemd met de invoering van de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD). Deze nieuwe richtlijn gaat vanaf 2025 van kracht en verplicht bedrijven om te rapporteren over hun ESGprestaties. Binnen de CSRD wordt duurzaamheid gedefinieerd aan de hand van drie hoofdthema’s waarover gerapporteerd moet worden. Dit zijn milieu (Environmental), sociale aspecten (Social), en governance (Governance), afgekort als ESG. Bedrijven moeten rapporteren over hun impact op mens en milieu. Momenteel vallen overheidsorganisaties nog niet onder de

wetgeving van de CSRD. Omdat we duurzaamheid belangrijk vinden, willen we al de eerste stappen zetten in het rapporteren over duurzaamheid. Waarom Wij geloven dat zorgen voor onze medewerkers, kandidaten en de aarde inherent aan elkaar verbonden is. De noodzaak om te verduurzamen is duidelijk aanwezig. Daarop voortbouwend willen wij een vooruitstrevende en verantwoordelijke maatschappelijke organisatie zijn en blijven. Daarbij hebben we als organisatie een voorbeeldfunctie en willen we zowel onze eigen organisatie als deelnemende gemeenten inspireren tot duurzame actie. Duurzaamheidsambitie Onze visie op duurzaamheid verenigt de kracht van de twee organisaties die de MGR Regio Rijk van Nijmegen vormen:

We dragen bij aan een gezondere wereld door onze ecologische impact te verlagen en onze sociale impact te vergroten. We committeren ons aan de nationale doelstellingen en willen daarnaast aantoonbaar in de voorhoede opereren, in lijn met de duurzaamheidsambities van de vooroplopende

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

56

gemeenten in onze regio. Onze stip aan de horizon is:

Een inclusief, CO2-neutraal en circulaire MGR in 2045.

Toelichting duurzaamheidsonderwerpen Als framework voor onze duurzaamheidsambitie hebben we gekozen voor de Sustainable Development Goals (SDG’s). Dit zijn 17 globale duurzame ontwikkelingsdoelstellingen geformuleerd vanuit de Verenigde Naties om een einde te maken aan armoede, ongelijkheid en klimaatverandering in 2030. We kiezen de SDG’s omdat het een herkenbaar framework is dat al veel wordt gebruikt bij gemeenten en andere overheden. Bovendien bieden de SDG’s een holistische kijk op duurzaamheid en duurzame ontwikkeling, waarin zowel ecologische als sociale en economische aspecten een plek hebben. Op basis van potentiële impact en de invloedsfeer van de MGR zijn 6 SDG’s gekozen:

Gezien de uiteenlopende werkzaamheden van iRvN en Werkbedrijf is er een onderscheid gemaakt tussen invloed vanuit beide organisaties. Zo focust Werkbedrijf zich op de sociale SDG’s (1, 3, 8, 10) en krijgen de ecologische SDG’s (3, 12, 13) meer prioriteit binnen iRvN. We maken gebruik van elkaars expertise om als gemeenschappelijke regeling op alle vlakken het maximale duurzaamheidspotentieel te benutten. Zo bevorderen we kruisbestuiving tussen beide organisaties en slagkracht in het realiseren van de gezamenlijke ambitie. Voor iRvN zullen deze focuspunten ook zichtbaar worden in de vertaling van de duurzaamheidsambitie naar het actieplan. We willen met onze duurzaamheidsambitie en de focus op de gekozen SDG’s vanuit onze eigen kracht aantoonbaar in de voorhoede bewegen binnen ons werkveld. Om de SDG’s praktisch te maken voor onze organisatie hebben we de vertaling gemaakt naar drie duurzaamheidsthema’s. Daarnaast hebben we mijlpalen door de tijd toegevoegd voor 2025 en 2030 op onze weg richting 2045. De vertaling van

deze duurzaamheidsambities inclusief meetbare KPIs en realistische reductiedoelstellingen volgt in de uitwerking van het actieplan. Sociale inclusie en diversiteit Goed werkgeverschap is onze prioriteit. Dit houdt in dat we een gezonde en veilige werkomgeving creëren voor onze medewerkers en bijdragen aan hun welzijn, vitaliteit en werkgeluk. Onze inzet in het faciliteren van de gezonde en gelukkige medewerker is geborgd binnen onze HR-afdeling. Naast gezondheid en welzijn zetten we ook in op het creëren van maatschappelijke waarde door sociale inclusie en diversiteit te bevorderen. Werkbedrijf voert de Participatiewet uit voor de regio Rijk van Nijmegen. We bieden werkzoekenden met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt een passende werkplek door bemiddeling, ontwikkeling en begeleiding. Hiermee bevorderen we gelijkheid in onze maatschappij en dragen we bij aan het verminderen van armoede en het bevorderen van zelfredzaamheid. Ten slotte streven we naar een afspiegeling van de maatschappij in ons personeelsbestand.

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

57

We hebben ons voor 2025 als doelstelling gesteld om de Social Return On Investment (SROI) te verhogen door werkgelegenheid te creëren voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Wat hebben we gedaan in 2024: Voor opdrachten met een waarde van meer dan € 50.000 stellen we ons in beginsel de Eis dat 5% van de aanneemsom wordt ingezet voor SROI. Bij projecten waar een grote toeleveringscomponent aanwezig is, is dit 2% van de aanneemsom. Bij opdrachten van minder dan €50.000 is het de wens om SROI in te zetten. Gemiddeld zullen we dus uitkomen op een percentage tussen de 2% en de 5%. We sturen bij onze opdrachten op de inzet van SROI en registreren de SROI inzet op onze opdrachten. We ervaren wel een knelpunt in de registratie, omdat het voorkomt dat deze met terugwerkende kracht gevuld wordt. Daardoor blijft de realisatie per jaareinde een meetmoment en geen definitief percentage voor dat jaar. Een oplossing hiervoor hebben we nog niet. In 2024 heeft de MGR in totaal 10 lopende inkoopcontracten uitstaan waar SROI over is uitgevraagd. Denk hierbij aan inkoop van arbodienstverlening, een nieuw financieel systeem of werknemersvervoer. Sommigen van deze contracten lopen nog door in 2025 waardoor er mogelijk nog verantwoording open staat. De

contracten hebben een gezamenlijke omvang van ruim € 4,6 miljoen. In 2024 ligt het percentage inzet SROI, op het moment van meting, gemiddeld op 3,1%7. Omdat we van mening zijn dat de bedragen an sich geen goed beeld geven van het werk dat dit oplevert, werken we in 2025 aan een betere vertaling van cijfers die bijvoorbeeld ook aantallen plaatsingen kunnen weergeven. Dit om een betere invulling te geven van de geformuleerde doelstelling. Circulariteit Onze ecologische impact zit deels in de producten en materialen die we inkopen, gebruiken en na hun levensduur weer wegdoen. We willen bijdragen aan een circulaire economie door het verminderen en efficiënter gebruik maken van grondstoffen, hoogwaardig hergebruik, ICTapparatuur. Waar mogelijk kijken we naar duurzame alternatieven, verlengen we levensduur door goed onderhoud, hanteren we technische in plaats van economische levensduur en zorgen we voor her-inzet na onze gebruiksperiode. We passen de R-ladder toe om circulariteit verder te integreren in onze organisatie.

hebben, om een significante vermindering van ons restafval te realiseren en om minimaal twee initiatieven per jaar om circulariteit te bevorderen. Waarbij er één verband houd met ICT-hardware en applicaties. Wat hebben we gedaan in 2024: In ons inkoopbeleid hebben we de duurzaamheidscriteria opgenomen. We hebben wel vastgesteld dat nog onvoldoende gestuurd wordt op de duurzaamheidcriteria. Voor de inkopen die we in 2025 gaan starten hebben we afgesproken duurzaamheden meer onderdeel te laten uitmaken van de inkoopstartnotitie zodat vooraf de juiste duurzaamheidsafwegingen gemaakt kunnen worden. In 2024 zijn we gestart met het gescheiden inzamelen met een deel van ons restafval. Dit moet voor 2025 verdere invulling krijgen. Daarnaast zijn we in 2024 afgestapt van de papieren koffiebekers. Dit scheelt op jaarbasis 1,5 miljoen bekers en zijn we overgestapt op kopjes. In onze restaurants hebben we sinds 2024 één maal per week een “vege” dag om dat impact op het klimaat te verminderen.

We hebben ons voor 2025 ten doel gesteld om een duurzaam inkoopbeleid geïmplementeerd te

7 N.B. Twee opdrachtnemers hebben geen % van de aanneemsom als opdracht gekregen, maar een vast bedrag. Hierdoor ontstaat een verschil in het gemiddelde percentage ten opzichte van het te realiseren bedrag.

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

58

Klimaat Het thema klimaat gaat voor de MGR om het reduceren van de CO2-footprint in samenwerking met ketenpartners. Hierbij focussen we ons op energieverbruik en mobiliteit. Anderzijds proberen we ook onze ‘verborgen impact’ in de keten te reduceren middels het verduurzamen van onze facilitaire diensten en ontwikkeling van duurzame dienstverlening (zie ook circulariteit). Hierbij is de samenwerking met de gemeenten binnen de regio essentieel, omdat de MGR hierin een beperkte invloedsfeer heeft. Voor 2025 hebben we ons ten doel gesteld om op basis van de CO2-nulmeting van 2022 inventariseren we de potentiële reductiemogelijkheden op korte termijn en vertalen dit in het actieplan naar een realistische reductiedoelstelling voor 2025. Wat hebben we gedaan in 2024: Energieverbruik We hebben twee panden in eigendom en één pand huren wij. Eén pand in eigendom wordt op termijn afgestoten. De investeringen in dat pand zijn nog minimaal en niet gericht op duurzaamheid. Voor het pand aan de Boekweitweg is de verbouwing

afgerond. Met de verbouwing zijn tevens duurzaamheidsmaatregelen doorgevoerd zoals een warmte terugwininstallatie, dakisolatie, zonnepanelen, plaatsen ledverlichting, etc. Dit heeft eind 2024 geresulteerd in een A+++ label voor de Boekweitweg. Vanaf 2025 moet we dit terug kunnen zien in ons energieverbruik. Daarnaast hebben we in 2024 gewerkt aan bewustwording bij onze huurders. Deze eerste stappen geeft ons een goede basis om te bepalen welke reductiemogelijkheden we kunnen realiseren met de reeds genomen maatregen. Voor ons gehuurde pand zijn we voor een belangrijk deel afhankelijk van de duurzaamheidsstappen die door de verhuurder worden genomen. In 2025 wordt aan het actieplan toegevoegd de verdere reductiemogelijkheden voor het pand aan de Boekweitweg en wordt onderzocht of de mogelijkheid bestaat om toe te werken naar een energie neutraal gebouw in 2050. Voor het huurpand worde de verdere mogelijkheden met de verhuurder verkend. Voor het energieverbruik nemen we 2023 als nulmeting.

in het energiezuinig maken van de serverruimtes. Zoals bekend verbruiken deze veel energie. Deze investering moet er de komende jaren voor zorgen dat het energieverbruik van de serviceruimten gaat afnemen. Ten slotte hebben we al onze “Raas” stations centraal geplaatst, waardoor we dagelijkse reiskilometers besparen richting de gemeenten Wijchen, Mook en Middelaar, Berg en Dal, Heumen en Beuningen. Mobiliteit We hebben in 2024 geïnventariseerd op welke wijze het woon- werkverkeer en onze zakelijke kilometers worden ingevuld. Op basis van deze inventarisatie wordt in 2025 onderzocht welke mogelijkheden er liggen om tot een andere invulling of reductie van het woon- werkverkeer en zakelijke kilometers te komen. Met als doel te groeien naar meer duurzame mobiliteit. Met dit onderzoek kunnen we in 2025 onze ambities formulieren.

Naast onze panden levert de iRvN natuurlijk ook veel laptops en beeldschermen uit binnen onze regio. Deze zetten we standaard op de energie bespaarmodus. Daarnaast hebben geïnvesteerd

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

59

Jaarrekening 2024

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

60

1. Balans per 31-12-2024 Activa

Bedragen in € 1.000

Vaste Activa

Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut

31-12-2024

14.073

31-12-2023

Passiva

Bedragen in € 1.000

Vaste Activa

Eigen vermogen

10.114

Financiele vaste acitva Financiele vaste acitva Vlottende activa

4.000

4.000

Totaal vaste activa

18.073

14.114

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

11.422

10.111

Vorderingen op openbare lichamen

1.671

1.149

Rekening-courantverhouding met het rijk

8.682

7.899

Overige vorderingen

1.069

1.063

Liquide middelen Banksaldo

74 74

Overlopende activa

2.982

Vooruitbetaalde bedragen die ten laste van het volgende begrotingsjaren komen

2.289

2.442

Overige nog te ontvangen bedragen

226

0

Overige Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen

283

541

0

0

Bestemmings reserve

242

0

Gerealiseerd resultaat

0

Voorzieningen 2.450

14.294

13.397

Totaal Activa

32.367

27.511

2.242 2.242

7.694 7.694

7.750 7.750

Totaal vaste passiva

10.386

9.992

Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

10.886

10.779

Overige schulden

10.886

Overlopende Passiva

Totaal vlottende activa

0 2.450

Voorzieningen

Vlottende passiva

0

Algemene reserve

Onderhandse lening 303

31-12-2023

242

Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer

303 2.798

31-12-2024

10.779 11.095

verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen

677

Overige Nederlandse overheidslichamen vooruitontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen

10.418

6.740

6.740

Totaal vlottende passiva

21.981

17.519

Totaal passiva

32.367

27.511

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

61

2. Het overzicht van baten en lasten over het begrotingsjaar 2.1

Toelichting op overzicht baten en lasten

baten bedragen in 1.000 begroting 2024 voor wijziging (A)

begroting 2024 na wijziging (B)

begroting 2024 incl wijzigingen 2024 (C)

realisatie 2024 (D)

0.4 Overhead

21.871

22.307

32.540

32.647

108

6.3 Inkomensregelingen

6.106

7.825

7.825

7.295

-530

6.4 WSW en beschut werk

49.865

50.370

46.976

44.901

-2.075

6.5 Arbeidsparticipatie

25.575

26.292

19.111

18.980

-132

totaal baten

103.417

106.794

106.453

103.823

-2.629

0.4 Overhead

20.156

21.094

21.876

22.223

347

6.3 Inkomensregelingen

6.106

7.825

7.825

7.295

-530

6.4 WSW en beschut werk

46.582

46.987

47.536

45.701

-1.835

6.5 Arbeidsparticipatie

19.441

19.945

18.273

17.796

-477

Taakveld

In bovenstaande tabel vermelden we de begroting vóór en ná wijziging. De begroting vóór wijziging betreft de ontwerpbegroting 2025-2028 en bijgesteld. Deze is door ons bestuur in juli 2023 vastgesteld. In de kolom ‘begroting ná wijziging’ zijn de technische begrotingswijzigingen te zien, welke het dagelijks bestuur heeft goedgekeurd. Wijzigingen zijn toegelicht in bijlage 7 van de jaarstukken. Bovenstaand baten en lasten overzicht betreft de geconsolideerde resultaten van de MGR. In bijlage 6 is de aansluiting tussen de modules en de geconsolideerde MGR terug te vinden.

MGR totaal saldo 2024 (D-C)

92.286

95.851

95.510

93.015

-2.495

0.4 overhead MGR

11.131

10.943

10.943

10.808

-135

Totaal lasten

103.417

106.794

106.453

103.823

-2.629

Saldo na toevoeging aan reserves

0

0

0

0

0

Resultaat voor

0

0

0

242

0

Toevoeging aan reserves

0

0

0

242

0

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

62

In het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) is vastgesteld dat vanaf 2017 gerapporteerd moet worden op taakvelden. De onderdelen van de MGR zijn als volgt onderverdeeld in de taakvelden:

2.2

Toelichting op resultaat vóór eindafrekening

Het resultaat van de MGR komt uit op € 0. De afrekeningen met de deelnemende gemeenten zijn al in de cijfers verwerkt. De reden hiervoor is een fiscaal vereiste.

Bedragen in € 1.000

Overhead

Inkomensregelingen

WSW en beschut werk

Arbeidsparticipatie

• • • •

•

•

•

iRvN WerkBedrijf Vastgoed Bestuursondersteuning Overhead MGR bij alle onderdelen

WerkBedrijf Werk – wettelijke loonkostensubsidie

•

In deze toelichting op het resultaat lichten we, conform afspraak met de adviesfunctie, het resultaat voor en na afrekening en per onderdeel toe. Het resultaat van de MGR voor afrekening

WerkBedrijf

komt uit op € 2,5 miljoen. Dit resultaat valt uiteen in de volgende onderdelen:

ICT-Rijk van Nijmegen

Vastgoed

Totaal

Bestuursondersteuning Totaal

BO

MGR

Automatisering

Applicatiebeheer

222

6

491

5

0

5

0

0

496

Beuningen

28

262

4

294

5

0

5

0

0

299

Druten

152

-32

3

124

3

0

3

0

0

126

Heumen

7

-25

2

-17

3

0

3

0

0

-14

Mook en Middelaar

0

43

0

43

1

0

1

0

0

44

766

297

32

1.096

38

55

93

0

0

1.189

Wijchen

83

105

6

194

7

0

7

0

0

200

West Maas en Waal

103

0

0

103

0

0

0

0

0

103

Werkbedrijf WBRN

0

0

0

0

5

48

53

0

0

53

ODRN

0

0

0

0

4

0,4

4

0

0

4

Totaal

1.402

873

52

2.327

71

104

174

0

0

2.501

Nijmegen

WERK*

WerkBedrijf Werk – basisdienstverlening Participatiewet en meerwerk

263

Berg en Dal

SW*

WerkBedrijf Werk – Op Weg Naar Werk (arbeidsmatige dagbesteding) WerkBedrijf SW – uitvoering Wet sociale werkvoorziening

Totaal

Totaal

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

63

In onderstaande tabel is het resultaat van WBRN verder gespecificeerd: WerkBedrijf Het resultaat van onderdeel Sociale Werkvoorziening komt voor verwerking van de afrekeningen uit op € 1,4 miljoen. Dit resultaat valt op hoofdlijnen als volgt te verklaren: • € 1,4 miljoen minder besteed. Binnen de SW hadden we voor 2024 een gemeentelijke bijdrage van 38,5 miljoen euro begroot. Vanwege het positief resultaat van 1,4 miljoen euro hebben we maar 37,1 miljoen euro op hoeven te halen. Van het Rijk ontvingen de gemeenten voor de uitvoering van de SW 37,5 miljoen euro. We hebben de SW dus wederom ruim binnen de door het Rijk beschikbaar gestelde budgetten uit kunnen voeren. Er is voor de gemeenten in de regio een voordelig resultaat ontstaan van € 0,4 miljoen. Wij gaan graag met de gemeenten in gesprek om te bezien hoe we dit overschot op een zinvolle wijze kunnen inzetten voor de onderkant van de arbeidsmarkt. Bijvoorbeeld om de doorgroei van nieuw beschut mogelijk te maken.

Het overschot wordt op de gebruikelijke wijze terugbetaald aan de gemeenten.

Bedragen in € 1.000

WERK ADB

LKS

Participatie

Totaal

Berg en Dal

101

102

19

222

Beuningen

63

192

7

262

Druten

21

-58

6

-32

Heumen

50

-80

5

-25

Mook en Middelaar

-11

52

1

43

Nijmegen

94

294

-90

297

Wijchen

62

28

15

105

West Maas en Waal Totaal*

0

0

0

0

380

530

-37

873

Bij de halfjaarcijfers hebben we gemeld een voordeel te behalen van tussen de € 950.000 en €1,4 miljoen. Zoals reeds verwoord bij de halfjaarcijfers is dit voordeel met name ontstaan door minder uitgaven aan loonkosten sociale werkvoorziening. Enerzijds doordat de aangekondigde extra loonstijging van het minimum loon niet doorgegaan is en anderzijds door een snellere daling van het aantal verloonde fte’s. Gemeenten hebben tevens eenmalige middelen ontvangen ten behoeve van toekomstbestendigheid sociaal ontwikkelbedrijven / werkontwikkelbedrijven. Bij de meicirculaire 2024 is 1,2 miljoen euro

uitgekeerd. Daarnaast volgen er de komende jaren nog structurele en a-structurele middelen ten behoeve van dit doel. bij het onderdeel Werk houden we voor verwerking van de afrekeningen een bedrag van 873.000 over. Op de onderdelen loonkostensubsidies, Op Weg Naar Werk en arbeidsparticipatie zijn de volgende resultaten bereikt: • bij Op Weg Naar Werk hebben we 380.000 niet besteed. Bij de halfjaarcijfers hebben we gemeld tussen de € 0 en de € 250.000 over te gaan houden bij Op Weg Naar Werk. Het voordeel is iets groter geworden. Dit betreft een eenmalig voordeel. In 2024 is

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

64

€ 95.000 extra toegevoegd aan de middelen arbeidsmatige dagbesteding voor het uitvoeren van de pilot Simpel Switchen. In 2025 komt deze extra toevoeging te vervallen. Daarnaast is het aantal dagdelen per kandidaat gelijk aan 2023. In de begroting is rekening gehouden met een stijging. Tot slot is het tarief van Op Weg Naar Werk met ingang van 2025, in afstemming met de regio, gelijk geworden aan het tarief van de reguliere dagbesteding. Het tarief per dagdeel is daarmee toegenomen van € 40,74 naar € 46,75. Met deze tariefstijging verwachten we net binnen de begroting 2025 te blijven. Bij de gemeente Mook en Middelaar is een nadeel ontstaan van € 10.900. Bij de overige gemeenten is een voordeel ontstaan. • Bij de wettelijke loonkostensubsidies hebben we 530.000 niet besteed Bij de halfjaarcijfers hebben wij aangekondigd dat we verwachten tekort te komen. Dit bleek een ramingsfout te zijn. We hebben medio oktober aan de financieel adviseurs gemeld te verwachten € 400.000 over te houden. Het overschot is iets hoger geworden. Mede veroorzaakt doordat het aantal detacheringsbanen minder snel gegroeid is dan verwacht. In de melding van medio

oktober hebben we tevens aangegeven dat we een tekort verwachten bij de gemeenten Druten en Heumen. Het tekort komt uit op € 57.900 voor de gemeente Druten en € 79.700 voor de gemeente Heumen. De overige gemeenten ontvangen middelen teug. • Op de gemeentelijke bijdrage hebben we 37.000 meer uitgegeven dan het beschikbare budget. We hebben in de halfjaar rapportage aangegeven tussen de € 0 en de € 500.000 uit te komen. Het nadeel van € 37.000 is ontstaan doordat we een specifiek probleem bij de gemeente Nijmegen hebben moeten oplossen. Dit leidt tot een nadeel voor de gemeente Nijmegen van € 279.000. Omdat dit specifiek de gemeente Nijmegen betreft wordt in de afrekening dit onderdeel ook specifiek met de gemeent Nijmegen afgewikkeld. Blijft regio breed een onderbesteding over van € 242.000. We stellen voor de onderbesteding toe te voegen aan de bestemmingsreserve risico’s participatiebudget. Onderdeel van de uitvoering van het participatiebudget betreft de inzet op nieuw beschut. Deze willen we afzonderlijk toelichten: o In het kader van de uitvoering van nieuw beschut zijn eind 2024 negen detacheringsbanen gerealiseerd

en 56 kandidaten rechtstreeks in dienst bij werkgevers, wat een totaal van 65 kandidaten oplevert. Dit is een toename van 10 kandidaten ten opzichte van eind 2023. We hebben 11 detacheringsbanen minder gerealiseerd dan begroot, wat leidde tot lagere baten in de vorm van loonkostensubsidies en detacheringsvergoedingen. Hier tegenover staan ook lager loonkosten. Voor de 56 kandidaten die rechtstreeks bij werkgevers in dienst zijn, zijn in 2024 begeleidingsvergoedingen en werkplekaanpassingen betaald, met een totaalbedrag van € 282.000, gemiddeld € 5.000 per kandidaat. Dit bedrag is exclusief de loonkostensubsidies voor deze kandidaten. Op het onderdeel Vastgoed houden we 51.000 over. Dit resultaat valt op hoofdlijnen als volgt te verklaren: • € 51.000 voordelig resultaat. Bij de halfjaarcijfers hebben we gemeld dat we voor het onderdeel vastgoed geen resultaat verwachten. Het eenmalig voordeel van € 51.000 is ontstaan doordat de verbouwing van de Boekweitweg langer geduurd heeft waardoor we een jaar later gaan afschrijven.

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

65

iRvN Bij de iRvN hebben we over 2024 minder uitgegeven dan begroot. De onderbesteding per onderdeel ziet er als volgt uit: • bij onderdeel Automatisering is € 71.000 minder uitgegeven; • bij onderdeel Applicatiebeheer is € 104.000 minder uitgegeven. Op beide onderdelen is de onderbesteding met name ontstaan door een eenmalig voordeel op de overhead. Wegens lagere kosten gastheer of doorbelasting van PIOFAH taken.

grondslagen (zie hoofdstuk 3). De afrekeningen zullen apart plaatsvinden op de volgende onderdelen:

WerkBedrijf, onderdeel SW Onderschrijding uitvoering sociale werkvoorziening €1,4 miljoen

WerkBedrijf, onderdeel Werk Overschrijding budget Af: dotatie bestemmingsreserve risico’s Te verrekenen nadelig resultaat:

Werkbedrijf, onderdeel Vastgoed Onderschrijding uitvoering vastgoed

Bestuursondersteuning Bestuursondersteuning is conform begroting gerealiseerd.

Ondeschrijding arbeidsmatige dagbesteding € 380.000 Onderschrijding wettelijke loonkostensubsidies €530.000

Een nadere toelichting van de totstandkoming van de realisering van de baten en lasten leest u in hoofdstuk 7 van de jaarrekening.

2.3

Voorstel resultaatbestemming

Het voorstel aan het algemeen bestuur is om het resultaat 2024 te verwerken in de gemeentelijke bijdrage volgens onderstaand schema en conform de verdelingssystematiek zoals genoemd in de

€ 37.000 -/€ 242.000 -/€ 279.000

De overschrijding van het budget betreft een specifieke overschrijding bij de gemeente Nijmegen. We verrekenen de overschrijding 2024 met de gemeente Nijmegen.

Wettelijke loonkostensubsidie Bedragen in € 1.000

€ 51.000

De verantwoording van dit inkomensdeel is terug te vinden in bijlage 2. iRvN, onderdeel Automatisering Onderschrijding uitvoering automatisering € 71.000 iRvN, onderdeel Applicatiebeheer Onderschrijding uitvoering applicatiebeheer€ 104.000 Bestuursondersteuning Resultaat afrekening

€0

Baten loonkosten-subsidie

Bestedingen loonkosten-subsidie

Betalings-verplichting gemeenten

Berg en Dal

708

606

102

Beuningen

661

470

192

Druten

448

506

-58

Heumen

255

335

-80

Mook en Middelaar

153

101

52

Nijmegen

4.849

4.556

294

Wijchen

750

722

28

Totaal

7.825

7.295

530

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

66

Afrekening wettelijke loonkostensubsidie en arbeidsmatige dagbesteding Voor de afrekening van de wettelijke loonkostensubsidie en arbeidsmatige dagbesteding (Op Weg Naar Werk) is geen bestuursbesluit nodig. Voor de volledigheid geven we wel deze resultaten per gemeente weer ten opzichte van de begroting. De verantwoording van het aantal dagdelen is terug te vinden in bijlage 3.

Op Weg naar Werk Bedragen in € 1.000

% Begroot

Ingelegd

Personele Lasten

Subsidie

Betalingsverplichting Gemeenten

Budgetoverheveling

Berg en Dal

10%

319

187

31

0

101

Beuningen

10%

325

227

34

0

63

Druten

5%

161

123

17

0

21

Heumen

4%

140

75

15

0

50

Mook en Middelaar

2%

70

74

7

0

-11

Nijmegen

60%

1.942

1.649

198

0

94

Wijchen

9%

302

209

32

0

62

Totaal

100%

3.259

2.543

335

0

380

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

67

Gemeentelijke bijdragen overzicht WerkBedrijf

Bedragen in € 1.000 Basisdienstverlening

Op Weg naar Werk

Bestuur

WLKS

SW

ICT Rijk van Nijmegen

Bestuursondersteuning

Vastgoed

Automati­ sering

Applicatie­ beheer

Subtotaal

Overige bijdragen

Totaal

Deelnemers bijdragen

Meerwerk

Bijdragen

Berg en Dal

1.627

218

606

3.735

10

26

1.160

0

7.382

0

7.382

Beuningen

637

262

470

2.841

7

19

1.241

0

5.477

0

5.477

Druten

503

140

506

2.044

6

14

629

0

3.841

0

3.841

Heumen

405

90

335

1.213

3

12

721

0

2.778

0

2.778

118

81

101

0

0

6

367

0

672

0

672

Nijmegen

Mook en Middelaar

16.830

1.848

4.556

22.210

59

131

9.478

3.317

58.430

0

58.430

Wijchen

1.351

241

722

4.058

11

30

1.625

0

8.037

0

8.037

West Maas en Waal

0

0

0

1.027

0

0

0

0

1.027

0

1.027

ODRN

0

0

0

0

0

0

903

218

1.121

0

1.121

Werkbedrijf WBRN

0

0

0

0

0

0

1.323

348

1.671

0

1.671

Werkorg Druten-Wijchen

0

0

0

0

0

0

65

0

65

0

65

21.469

2.879

7.295

37.129

95

239

17.513

3.884

90.503

0

90.503

Totaal

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

68

3. Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft en de verordening ex artikel 212 Gemeentewet, waarin door het algemeen bestuur op d.d. 3 oktober 2024 de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgesteld. De in de onderhavige jaarrekening gehanteerde grondslagen voor waardering en resultaatbepaling zijn gebaseerd op de veronderstelling van continuïteit van de gemeente.

Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. De activa en passiva worden opgenomen tegen de nominale waarden, tenzij bij het balanshoofd anders is vermeld. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en

winsten zijn slechts opgenomen voor zover zij op de balansdatum gerealiseerd zijn. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, zijn in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Gebruik van schattingen Bij het opstellen van de jaarrekening doet het algemeen bestuur schattingen en veronderstellingen die medebepalend zijn voor de opgenomen bedragen. Dit gebeurt in overeenstemming met algemeen geldende grondslagen.

van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. De kosten voor de verbouwing van het bedrijfspand zijn geactiveerd in de materiële vaste activa. De afschrijving op materiële vaste activa vangt aan in het jaar na de in gebruik name van de materiële vaste activa. De gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn vastgesteld aan de hand van notitie richtlijnen activeren en afschrijven activa, artikel 4, lid 2 en 3. De gehanteerde termijnen in jaren staan genoteerd in de tabel hieronder. Aan de materiële vaste activa wordt geen rente toegerekend.

Schattingswijzigingen Voor 2024 hebben zich geen schattingswijzigingen voorgedaan. Waarderingsgrondslagen Vaste Activa

Materiële vaste activa met economisch nut De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de bruto-verkrijgingsprijs of vervaardigingsprijs, eventueel verminderd met bijdragen van derden en verminderd met afschrijvingen. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten

Materiële vaste activa

Termijn (in jaren)

Gronden en terreinen

0

bedrijfsgebouwen

40

Voorzieningen aan terreinen

25

Machines, apparaten en installaties

15

Inventarissen

10

Vervoersmiddelen

5

ICT-investeringen (mobiele devices)

3

ICT-overige investeringen

5

Overige activa

10

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

69

Financiële vaste activa De financiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs of lagere marktwaarde. Vlottende Activa

Voorraden De voorraden worden gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs of lagere marktwaarde. Uitzettingen met een typische looptijd korter dan één jaar en overlopende activa De vorderingen en overlopende activa zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. Deze voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen Liquide middelen zijn tegen de nominale waarde opgenomen. Vaste Passiva

Eigen vermogen Omdat sprake is van een gemeenschappelijke regeling waarvoor de deelnemende gemeenten

verantwoordelijk zijn, is het uitgangspunt om vermogensvorming binnen de MGR Rijk van Nijmegen beperkt te houden. De deelnemende gemeenten houden in hun weerstandsvermogen rekening met de bij de MGR aanwezige risico’s. Voorzieningen Voorzieningen worden gevormd voor verplichtingen of verwachte verliezen of risico’s waarvan de omvang redelijkerwijs is in te schatten op de balansdatum. Onder voorzieningen worden ook de van derden verkregen middelen die specifiek moeten worden besteed opgenomen. Uitzondering hierop vormen de van Europese en Nederlandse overheidslichamen verkregen middelen. Deze worden gepresenteerd bij de ‘Overlopende passiva overheidsmiddelen’. De voorzieningen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer De vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met de gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer.

Vlottende Passiva

Vlottende passiva De vlottende passiva zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. De vlottende passiva hebben een rentetypische looptijd van één jaar of korter.

Grondslagen voor resultaatbepaling Overzicht van baten en lasten Baten en lasten worden toegerekend aan de periode waarop ze betrekking hebben en worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Verliezen en risico’s die hun oorsprong hebben in het boekjaar, worden in de jaarrekening verwerkt indien zij bekend zijn op het moment van het opmaken van de jaarrekening. Personele lasten Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

70

componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden en overlopende verlofaanspraken. Bijdrage per gemeente De subsidies van de deelnemende gemeenten hebben een structureel karakter en zijn bedoeld om de activiteiten van de MGR te bekostigen. De subsidies zijn toegerekend aan het jaar waarop ze betrekking hebben, rekening houdend met een eventuele terugbetalingsverplichting. De voor de subsidie geldende wet- en regelgeving is gevolgd. De bijdrage per gemeente is per module anders afgesproken. Op hoofdlijnen wordt de bijdrage als volgt bepaald: WerkBedrijf • Voor het onderdeel Werk draagt iedere deelnemende gemeente het volledige Participatiebudget over aan de MGR. • Voor het onderdeel SW wordt een kostprijs per SE bepaald. De bijdrage wordt bepaald op basis van het aantal SE deelnemers in een gemeente. iRvN • Voor het onderdeel Automatisering is de bijdrage van iedere gemeente op basis van verdeelsleutels bepaald. De verdeelsleutels

betreffen; inbreng, fte’s, inwoneraantallen of op basis van werkelijke lasten. • Voor het onderdeel Applicatiebeheer worden op begrotingsbasis afspraken gemaakt.

koepelvrijstelling, zoals afgestemd met de Belastingdienst. • Het onderdeel SW en iRvN vallen onder de ondernemers BTW.

Bestuursondersteuning • De bijdrage is bepaald op basis van het aantal inwoners.

Vennootschapsbelasting (VPB) In 2017 heeft de Belastingdienst geconcludeerd dat de MGR onder voorwaarden niet VPB plichtig is. De afspraken die daarover met de Belastingdienst zijn gemaakt, hebben wij voor 2024 strikt toegepast. Wijziging in activiteiten vanuit de MGR of inzichten vanuit de Belastingdienst kunnen dit standpunt doen wijzigen.

Eventuele overschotten of tekorten worden in de eindafrekening met de gemeenten verrekend. Daarbij geldt dat over- en onderschrijdingen op het Werk-, SW- en iRvN-budget gezamenlijk gedragen worden. Hierbij wordt bovenstaande systematiek gehanteerd. Daarnaast worden budgetten voor een specifiek doel toegekend, zoals arbeidsmatige dagbesteding (Op Weg Naar Werk) en de wettelijke loonkostensubsidies. Deze budgetten worden ook alleen voor dat doel ingezet en per gemeente afgerekend. Mede omdat de wettelijke grondslag hierbij anders ligt.

Overige grondslagen Belasting Toegevoegde Waarde (BTW) De BTW wordt als volgt toegepast bij de MGR Rijk van Nijmegen: • Het onderdeel Werk valt deels onder de

Wet Normering Topinkomens (WNT) De Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) verplicht tot openbaarmaking van de bezoldiging van de zogenaamde ‘topfunctionarissen’. ‘Topfunctionarissen’ zijn diegenen die leiding geven aan de gehele organisatie en in de WNT als zodanig zijn aangemerkt. De WNT verplicht ook tot openbaarmaking van de bezoldiging van de ‘overige functionarissen’, indien deze de bezoldiging of de ontslaguitkering de maximale norm te boven gaat. Het algemene bezoldigingsmaximum voor de WNT is voor 2024 vastgesteld op € 233.000.

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

71

Algemene grondslagen voor de rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dat betekent dat: • De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van artikel 17 van de Financiële-verhoudingswet; • De financiële rechtmatigheid, waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik en oneigenlijk gebruik criterium, omvat: o Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op 3 oktober 2024 door het algemeen bestuur is vastgesteld. o Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor over- en onderscheidingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van

8 Versie oktober 2024

investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt, indien ze niet tijdig aan het algemeen bestuur zijn gemeld. o Ten aanzien van het M&O criterium is de nota M&O-beleid van onze organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid, zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. • De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 20248 van de Commissie BBV, alsmede onze eigen financiële verordening. Dit betekent dat: o Een verantwoordingsgrens van 1% (zijnde € 1.038.000) is gehanteerd, waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen; o Een rapporteringstolerantie van € 50.000 is gehanteerd, waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen.

Onderstaand de belangrijkste wetten die automatisch vallen onder het normenkader waarbinnen MGR Rijk van Nijmegen opereert: • Grondwet • Burgerlijk Wetboek • Gemeentewet • Wet gemeenschappelijke regelingen • Participatiewet en de daarbij horende regelingen/protocollen • Wet sociale werkvoorziening (WSW) en daarbij behorende regelingen/protocollen • Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) • Besluit begroting en verantwoording (BBV) • Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado) • Wet financiering decentrale overheden (Fido) en aanverwante regelingen (Ruddo) • Wet Normering Topinkomens (WNT) • Wet modernisering invoering vennootschapsbelastingplicht overheidsondernemingen • Fiscale wetgeving in brede zin • Sociale wetgeving in brede zin • Wet markt en overheid • Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) • EU aanbestedingsregels

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

72

4. Toelichting balans per 31 december 2024 Vaste activa

aantal ICT voorzieningen. De boekwaarde is in 2024 toegenomen van € 10,1 miljoen naar € 14,1 miljoen.

Materiële vaste activa De MGR heeft alleen investeringen met economisch nut. De materiële vaste activa bestaan uit de volgende onderdelen:

bedragen in 1.000

Boekwaarde 31-12-24

Boekwaarde 31-12-23

Bedrijfsgebouwen

4.758

1.665

Gronden en terreinen

899

899

Machines, apparaten en installaties

158

185

Overige ICT-investeringen Eindtotaal

8.258

7.365

14.073

10.114

De materiële vaste activa bestaan bij de MGR Rijk van Nijmegen hoofdzakelijk uit een tweetal bedrijfspanden en de daarbij behorende inrichting. De inrichting van een gehuurd pand en een groot

In 2024 hebben we voor een bedrag van € 179.000 aan activa buiten gebruik gesteld. Verminderd met de cumulatieve afschrijvingen hebben we € 67.000 ten laste van de exploitatie gebracht. Bij de iRvN betreft dit in 2024 en voorgaande jaren buiten gebruik gesteld laptops en telefoons, omdat deze om diverse reden onbruikbaar zijn geworden door verlies, diefstal of omdat het device niet meer te repareren is. Bij Werkbedrijf hebben we in 2024 een deel van de activa in gebruik door een huurder van de Boekweitweg verkocht aan deze huurder omdat de activiteiten verplaatst zijn naar een andere locatie. Op deze activa is een voordelig resultaat behaald van € 5.000.

Categorie bedragen in 1.000

Aanschafkosten 31-12-23

Afschrijving 31-12-23

Boekwaarde 31-12-23

correctie OHW

Buiten­ gebruikstelling WBRN

Bedrijfsgebouwen

2.541

-877

1.665

-23

899

0

899

0

Gronden en terreinen Machines, apparaten en installaties

De investeringen in 2024 van € 6,5 miljoen betreft voor € 2,5 miljoen ICT-gerelateerde aankopen, zoals laptops, telefoons, virtuele werkplekken en beveiligingsvoorzieningen. Voor € 4,0 miljoen betreft het met name investeringen in de Boekweit weg. Onderstaand overzicht geeft een nadere detaillering van de investeringen. Bij WerkBedrijf is de verbouwing van de Boekweit weg eind 2024 afgerond. Komende jaren verwachten we een lager volume aan investeringen bij Werkbedrijf. Bij de iRvN zullen de investeringen op een vergelijkbaar volume blijven liggen. Bij de iRvN overschrijden we het investeringsbudget met € 31.000. We geven een fractie meer uit op mobile telefonie en centrale computercapaciteit. Op vervanging fysieke werkplekken houden we over. De overschrijdingen hebben met name te maken met doorgevoerde prijsstijgingen bij de aangekochte hardware en het in managed maken van de Buitengebruikstelling Afschrijving in periode IRVN

Buitengebruikstelling Afschrijving in periode WBRN

Boekwaarde 31-12-24

-131

0

68

4.758

0

0

0

899

Buiten­ gebruikstelling IRVN

Investeringen 2024

Afschrijving in periode na correctie

-113

0

3.292

0

0

0

264

-79

185

0

0

0

0

-26

0

0

158

Overige ICT-investeringen

10.424

-3.058

7.365

23

0

-66

3.200

-2.310

44

0

8.258

Eindtotaal

14.128

-4.014

10.114

0

-113

-66

6.492

-2.467

44

68

14.073

Jaarstukken 2024 MGR Rijk van Nijmegen

73

devices. Bij werkbedrijf houden we € 142.000 over. Inventaris en verbouwing Boekweitweg moeten we in 2024 als één geheel zien omdat onze aandacht in 2024 met name uitgegaan is naar de verbouwing en herinrichting van de Boekweitweg. We houden daar nu € 142.000 over. Dit wordt veroorzaakt doordat we de zonwering – screens nog niet vervangen hebben. Dit gaat in 2025 plaatsvinden omdat we daarmee gewacht hebben totdat de verbouwing gereed was.

Bedragen in € 1.000

Beschikbaar gesteld krediet 2024

Budget­ overheveling vanuit 2023

Cumulatief beschikbaar gesteld krediet

Besteed in 2024

Afwijking cumulatief

ICT - Vervanging fysieke werkplek

920

0

920

840

80

ICT - Mobiele telefonie

825

0

825

852

-27

ICT - Centrale computercapaciteit

755

0

755

839

-84

Totaal

2.500

0

2.500

2.531

-31

WerkBedrijf - Boekweitweg

3.570

0

3.570

3.670

-100

WerkBedrijf - Inventaris Totaal

558

0

558

314

244

4.128

0

4.128

3.985

143

Hieronder staat een overzicht van de beschikbaar gestelde kredieten en de uitnutting ervan: Financiële vaste activa Bedragen in € 1.000 Deposito's

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15550091/1