CConstaterende datHendrik-Ido-Ambacht
Koppel je AI →
Document · PDF

Voorstel 7.5 Bijlage 4 APV 2026 was-wordt

raadsvergadering openbaar 6 juli 2026, gemeente Hendrik-Ido-AmbachtBij agendapunt: Algemene Plaatselijke Verordening26.929 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

In het tweede lid worden enkele uitzonderingen opgenomen. a.voor personen die dieren voeren in opdracht van Dit wijst voor zich. de beheerder van de openbare plaats of het openbaar water;

APV 2022 (WAS)

Artikel 2:65 Bedelarij Het is verboden binnen de bebouwde kom op een openbare plaats of in een voor het publiek toegankelijk gebouw te bedelen om geld of andere zaken.

Afdeling 9. Bepalingen ter bestrijding van heling van goederen

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

b. voor een persoon die zijn gezelschapsdier(en) voert;

Het is niet de bedoeling dat dit verbod geldt voor bijvoorbeeld hondeneigenaren die hun hond belonen met een brokje.

c. ten aanzien van door het college aan te wijzen categorieën van gevallen;

Het college kan categorieën aanwijzen waar het verbod niet geldt. Op dit moment zijn deze nog niet aangewezen, maar dit geeft het college wel de mogelijkheid een categorie uit te sluiten als het verbod zich hier niet voor leent.

d. in door het college aan te wijzen gebieden.

Het college kan gebieden aanwijzen waar het verbod niet geldt. Op dit moment zijn deze nog niet aangewezen, maar dit geeft het college wel de mogelijkheid een gebied uit te sluiten als het verbod zich hier niet voor leent.

Het is verboden op een openbare plaats te In een uitspraak van het Europese Hof van de bedelen om geld of andere zaken in door het Rechten van de Mens is geoordeeld dat de college ter voorkoming of beëindiging van overlast menselijke waardigheid wordt aangetast als aangewezen gebieden. iemand niet beschikt over voldoende bestaansmiddelen. Bedelarij valt hiermee onder het recht op eerbiediging van het privéleven (art. 8 EVRM). Een algeheel verbod op bedelarij is niet toegestaan, omdat beperken van dit recht alleen kan als dit een legitiem doel dient, bijvoorbeeld het beschermen van de openbare orde. In het VNG-model is daarom een aanwijzingsbevoegdheid opgenomen. Wanneer naar het oordeel van het collgee een overlastgevende situatie in een bepaald gebied bestaat door bedelen, kan binnen dit gebied een verbod worden opgelegd.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

1. De handelaar is verplicht aantekening te houden van alle gebruikte of ongeregelde goederen die hij verkoopt of op andere wijze overdraagt, in een doorlopend en een door of namens de burgemeester gewaarmerkt register. Het Digitaal Opkopersregister (DOR) geldt hierbij in ieder geval als een door of namens de burgemeester gewaarmerkt register. In het register vermeldt de handelaar onverwijld:

Momenteel wordt in de Tweede Kamer een wetsvoorstel behandeld waarmee het DOR verplicht wordt gesteld als register (zie Kamerstukken II 2021/22, 36036, nr. 2 (voorstel van wet) en Kamerstukken II 2021/22, 36036, nr. 3 (memorie van toelichting). In de praktijk werken al 180 gemeenten met het DOR, waaronder Hendrik-Ido-Ambacht. Met deze wijzinging wordt alvast voorgesorteerd op toekomstige wetgeving.

d. de verkoopprijs of andere voorwaarden voor overdracht van het goed; en

Dit woord is toegevoegd om duidelijk te maken dat hier geen sprake is van een 'of'-bepaling, maar van een 'en'-bepaling en dus aan alle voorwaarden dient te worden voldaan.

Artikel 2:67 Verplichtingen met betrekking tot het verkoopregister 1. De handelaar is verplicht aantekening te houden van alle gebruikte of ongeregelde goederen die hij verkoopt of op andere wijze overdraagt, in een doorlopend en een door of namens de burgemeester gewaarmerkt register en daarin vermeldt hij onverwijld:

a. het volgnummer van de aantekening met betrekking tot het goed; b. de datum van verkoop of overdracht van het goed; c. een omschrijving van het goed, voor zover van toepassing daaronder begrepen soort, merk en nummer van het goed; d. de verkoopprijs of andere voorwaarden voor overdracht van het goed;

e. de naam en het adres van degene die het goed heeft verkregen. 2.

De burgemeester kan vrijstelling verlenen van deze verplichtingen.

2. De burgemeester kan vrijstelling verlenen van Verduidelijking dat de verplichtingen slaan op de in het eerste lid genoemde verplichtingen . hetgeen in het eerste lid staat.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

3. Op de aanvraag om een vrijstelling is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

Op de aanvraag om een vrijstelling is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing.

Zie toelichting bij artikel 2:6 lid 6.

Artikel 2:68 Voorschriften als bedoeld in artikel 437 van het Wetboek van Strafrecht De handelaar of een voor hem handelend persoon is verplicht: De handelaar of een voor die persoon handelend persoon is verplicht: a. de burgemeester binnen drie dagen schriftelijk in kennis te stellen:

Aangepast door genderneutraal te maken.

1º dat hij het beroep van handelaar uitoefent met vermelding van zijn woonadres en het adres van de bij zijn onderneming behorende vestiging; 2º van een verandering van de onder a, 1º, bedoelde adressen; 3º dat hij het beroep van handelaar niet langer uitoefent; 4º dat hij enig goed kan verkrijgen dat redelijkerwijs van een misdrijf afkomstig is of voor de rechthebbende verloren is gegaan; b. de burgemeester op eerste aanvraag zijn administratie of register ter inzage te geven; c. aan de hoofdingang van elke vestiging een kenteken te hebben waarop zijn naam en de aard van de onderneming duidelijk zichtbaar zijn; d. een door opkoop verkregen goed gedurende de eerste drie dagen in bewaring te houden in de staat waarin het goed verkregen is.

Afdeling 10. Consumentenvuurwerk Artikel 2:71 Definitie

d. een door opkoop verkregen goed gedurende Zie toelichting bij artikel 2:67 lid 1. In hetzelfde de eerste vijf werkdagen in bewaring te houden in wetsvoorstel wordt de bewaartermijn de staat waarin het goed verkregen is. vastegesteld op vijf werkdagen. Met deze wijziging passen wij ons alvast hierop aan.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

In deze afdeling wordt onder consumentenvuurwerk verstaan vuurwerk van categorie F1, F2 of F3 dat op grond van artikel 2.1.1 van het Vuurwerkbesluit is aangewezen als vuurwerk dat ter beschikking mag worden gesteld voor particulier gebruik.

In deze afdeling wordt onder Bij ministeriële regeling op grond van artikel 2.1.1 consumentenvuurwerk verstaan vuurwerk dat op van het Vuurwerkbesluit wordt bepaald welk grond van artikel 2.1.1 van het Vuurwerkbesluit is vuurwerk aan particulieren beschikbaar mag aangewezen als vuurwerk dat ter beschikking mag worden gesteld. De toevoeging van de worden gesteld voor particulier gebruik. categorieaanduidingen F1, F2 of F3 in de definitie is overbodig.

Artikel 2:73 Gebruik van consumentenvuurwerk tijdens de jaarwisseling 1. Het is verboden consumentenvuurwerk te gebruiken op een door het 1. Het is in het belang van het voorkomen van college in het belang van het voorkomen van gevaar, schade of overlast gevaar, schade of overlast verboden aangewezen plaats. consumentenvuurwerk te gebruiken op een door het college aangewezen plaats. 2. Het is verboden consumentenvuurwerk op een openbare plaats te gebruiken als dat gevaar, schade of overlast kan veroorzaken. 3. De verboden zijn niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder 1˚, van het Wetboek van Strafrecht. Afdeling 11. Drugsoverlast Artikel 2:74 Drugshandel op straat

Woordvolgorde gewijzigd voor betere leesbaarheid, dit verandert niets aan de inhoudelijke betekenis van het artikel.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

Onverminderd het bepaalde in de Opiumwet is het verboden zich op een openbare plaats op te houden met het kennelijke doel om, al dan niet tegen betaling, middelenals bedoeld in de artikelen 2 of 3 van de Opiumwet of daarop gelijkende waar af te leveren, aan te bieden of te verwerven, daarbij behulpzaam te zijn of daarin te bemiddelen.

Onverminderd het bepaalde in de Opiumwet is het Met ingang van 1 juli 2025 is artikel 2a (en lijst Ia) verboden zich op een openbare plaats op te aan de Opiumwet toegevoegd. Daarin zijn nieuwe houden met het kennelijke doel om, al dan niet psychoactieve stoffen (zogenaamde tegen betaling, middelen of substanties als designerdrugs) onder de werking van de bedoeld in de artikelen 2, 2a of 3 van de Opiumwet gebracht. Het betreft een aantal Opiumwet of daarop gelijkende waar af te leveren, groepen stoffen dat sterk lijkt op middelen die op aan te bieden of te verwerven, daarbij lijst I van de Opiumwet zijn geplaatst. De artikelen behulpzaam te zijn of daarin te bemiddelen. 2:74 en 2:74a van de APV zijn erop gericht hinder, overlast en gevoelens van onveiligheid door drugshandel en drugsgebruik op straat te voorkomen. Hoewel deze designerdrugs kunnen worden aangemerkt als ‘daarop gelijkende waar’ in de APV-artikelen, is het wenselijk hierin ook substanties als bedoeld in artikel 2a van de Opiumwet expliciet te noemen.

Artikel 2.74a Openlijk drugsgebruik Het is verboden op of aan de weg, op een andere openbare plaats of in een voor publiek toegankelijk gebouw als bedoeld in de artikelen 2 en 3 van de Opiumwet of daarop gelijkende waar te gebruiken, toe te dienen, dan wel voorbereidingen daartoe te verrichten of ten behoeve van dat gebruik voorwerpen en/of stoffen voorhanden te hebben.

Afdeling 12. Bijzondere bevoegdheden avn de burgemeester Artikel 2:75 Bestuurlijke ophouding

TOELICHTING

Het is verboden op of aan de weg, op een andere openbare plaats of in een voor publiek toegankelijk gebouw middelen of substanties als bedoeld in de artikelen 2, 2a of 3 van de Opiumwet of daarop gelijkende waar te gebruiken, toe te dienen, dan wel voorbereidingen daartoe te verrichten of ten behoeve van dat gebruik voorwerpen of stoffen voorhanden te hebben. Afdeling 12. Bijzondere bevoegdheden van de burgemeester

Correctie van een schrijffout.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

De burgemeester kan overeenkomstig artikel 154a van de Gemeentewet besluiten tot het tijdelijk doen ophouden van door hem aangewezen groepen van personen op een door hem aangewezen plaats als deze personen het bepaalde in de artikelen 2:1, 2:26. 2:47, 2:48, 2:49, 2:50, 2:73, 2:74, 2:74a en 5:34 van de vigerende Algemene plaatselijke verordening groepsgewijs niet naleven.

De burgemeester kan overeenkomstig artikel 154a Verwijzing 'hem' veranderd naar 'de van de Gemeentewet besluiten tot het tijdelijk burgemeester' voor genderneutraliteit. doen ophouden van door de burgemeester aangewezen groepen van personen op een door de burgemeester aangewezen plaats als deze personen het bepaalde in de artikelen 2:1, 2:26. 2:47, 2:48, 2:49, 2:50, 2:73, 2:74, 2:74a en 5:34 van de vigerende Algemene plaatselijke verordening groepsgewijs niet naleven.

Artikel 2:75 a Gebiedsontzeggingen 1. Een ieder is verplicht zich op een daartoe strekkend bevel, schriftelijk gegeven door of namens de burgemeester in het belang van de openbare orde, te verwijderen en verwijderd te houden, uit een door het college aangewezen gebied, gedurende de tijd, in het bevel genoemd. 2. Het in het eerste lid gestelde is niet van toepassing op personen die in het door het college aangewezen gebied: a. zich bevinden in een middel van openbaar vervoer; b. aldaar werkzaam zijn; c. volgens het bevolkingsregister aldaar woonachtig zijn; d. een aantoonbaar redelijk belang hebben om zich in dit gebied op te houden; 3. Een bevel als bedoeld in het eerste lid geldt gedurende het in het besluit van de burgemeester genoemde tijdvak van maximaal acht weken. Artikel 2:76 Veiligheidsrisicogebieden

TOELICHTING

Conform VNG-model verplaatst naar artikel 2:78 zodat dit voor politie en/of boa's overeenkomt met de feitcode om hierop te kunnen schrijven.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

De burgemeester kan overeenkomstig artikel 151b van de Gemeentewet bij verstoring van de openbare orde door de aanwezigheid van wapens, dan wel bij ernstige vrees voor het ontstaan daarvan, een gebied, met inbegrip van de daarin gelegen voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven, aanwijzen als veiligheidsrisicogebied.

De burgemeester kan overeenkomstig artikel 151b Opgesplitst in twee zinnen voor betere van de Gemeentewet bij verstoring van de leesbaarheid. openbare orde door de aanwezigheid van wapens, of bij ernstige vrees voor het ontstaan daarvan, een gebied aanwijzen als veiligheidsregio. Dit geldt ook voor de in het aangewezen gebied gelegen voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven.

Artikel 2:77 Cameratoezicht op openbare plaatsen 1. De burgemeester kan overeenkomstig artikel 151c van de Gemeentewet besluiten tot plaatsing van vaste en flexibele camera’s voor een bepaalde duur ten behoeve van het toezicht op een openbare plaats. 2. De burgemeester heeft de bevoegdheid als bedoeld in het eerste lid eveneens ten aanzien van de volgende voor een ieder toegankelijke plaatsen:

2. De burgemeester heeft de bevoegdheid als bedoeld in het eerste lid ook op de volgende plaatsen die voor een ieder toegankelijk zijn:

Tekstuele aanpassing voor betere leesbaarheid.

a. parkeergarages en parkeerterreinen; b. bedrijfsterreinen; c. winkelcentra. Artikel 2:78 Gebiedsontzeggingen

Artikel 2:78 Gebiedsontzeggingen

Verplaatst vanuit artikel 2:75a zodat dit voor politie en/of boa's overeenkomt met de feitcode om hierop te kunnen schrijven.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

[Gereserveerd]

1. De burgemeester kan in het belang van de Er is gekozen voor een nieuwe invulling van de openbare orde, het voorkomen of beperken van bevoegdheid tot het opleggen van een overlast, het voorkomen of beperken van gebiedsontzegging. Deze versie biedt een aantastingen van het woon- of leefklimaat, de escalatiemodel, waarmee de burgemeester beter veiligheid van personen of goederen, de kan afwegen welke maatregel wanneer gezondheid of de zedelijkheid aan een persoon die proportioneel is. strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen verricht, een bevel geven zich gedurende ten hoogste 24 uur niet in een of meer bepaalde delen van de gemeente op een openbare plaats op te houden.

2, Met het oog op de in het eerste lid genoemde belangen kan de burgemeester aan een persoon aan wie ten minste eenmaal een tijdelijk verbod als bedoeld in dat lid is gegeven en die binnen zes maanden na eerder tijdelijk verbod opnieuw strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen verricht, een bevel geven zich gedurende ten hoogste acht weken niet in een of meer bepaalde delen van de gemeente op een openbare plaats aanwezig te zijn.

TOELICHTING

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

3. De burgemeester beperkt het krachtens het eerste of tweede lid gegeven opgelegde verbod, als hij dat in verband met de persoonlijke omstandigheden van betrokkene noodzakelijk oordeelt. De burgemeester kan op aanvraag tijdelijk ontheffing verlenen van een tijdelijk verbod. Artikel 2:79 Woonoverlast als bedoeld in artikel 151d Gemeentewet 1. Degene die een woning of een bij die woning behorend erf gebruikt of 1. Degene die een woning of een bij die woning Tot 1 januari 2021 was de gedragsaanwijzing aan tegen betaling in gebruik geeft aan een persoon die niet als ingezetene behorend erf gebruikt of tegen betaling in gebruik verhuurders alleen mogelijk als de persoon die met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen is geeft aan een persoon, draagt er zorg voor dat overlast gaf niet als ingezetene in de ingeschreven, draagt er zorg voor dat door gedragingen in of vanuit die door gedragingen in of vanuit die woning of dat erf desbetreffende gemeente stond ingeschreven. woning of dat erf of in de onmiddellijke nabijheid van die woning of dat erf of in de onmiddellijke nabijheid van die woning of Met de inwerkingtreding van de Wet toeristische geen ernstige en herhaaldelijke hinder voor omwonenden wordt dat erf geen ernstige en herhaaldelijke hinder voor verhuur van woonruimte (Stb. 2020, 460) op 1 veroorzaakt. omwonenden wordt veroorzaakt.

januari 2021 is die beperking vervallen. Om woonoverlast beter tegen te gaan, geldt de zorgplicht voortaan in alle gevallen voor verhuurders van woonruimten. 2. De burgemeester kan een last onder bestuursdwang wegens overtreding van het eerste lid in ieder geval opleggen bij ernstige en herhaaldelijke: a. geluid- of geurhinder; b. hinder van dieren; c. hinder van bezoekers of personen die tijdelijk in een woning of op een erf aanwezig zijn; d. overlast door vervuiling of verwaarlozing van een woning of een erf; e.

intimidatie van derden vanuit een woning of een erf.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

Artikel 2:80 Tegengaan onveilig, niet leefbaar en malafide ondernemersklimaat

Artikel 2:81 Tegengaan onveilig, niet leefbaar en Artikel 2:80 in de huidige APV wordt artikel 2:81, malafide ondernemersklimaat maar voor de leesbaarheid worden de wijzigingen op deze wijze naast elkaar gezet. De volgorde wordt gewijzigd omdat artikel 2:80 de mogelijkheid biedt overlastgevende voor het publiek openstaande gebouwen te sluiten. Artikel 2:81 bevat een aanvullende sluitingsbevoegdheid wanneer sprake is van een vergunningplicht. Het toetsingskader voor sluiting is anders dan voor een vergunning. Als een sluiting op grond van artikel 2:80 in dezelfde situatie leidt tot het aanwijzen als vergunningplichtig, gevolgd door een weigering van de vergunning, moet de burgemeester ervoor waken dat het oordeel over de vergunning niet vermengd raakt met het oordeel over de sluiting.

1. In dit artikel wordt verstaan onder:

TOELICHTING

Deze begrippen gelden specifiek voor dit artikel, vandaar dat de begripsomschrijvingen worden toegevoegd.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

a. bedrijfsmatige activiteit: activiteit in de Bij de uitoefening van een bedrijfsmatige activiteit uitoefening van een beroep of bedrijf, die niet valt gaat het om bedrijfsmatige activiteiten in voor het onder de vergunningplicht bedoeld in artikel 3 van publiek openstaande gebouwen of op daarbij de Alcoholwet of de artikelen 2:28 of 3:3; behorende erven, zoals winkels (al dan niet met een horecacomponent) of dienstverlenende bedrijven. Als bedrijfsmatige activiteit wordt niet aangemerkt een slijtersbedrijf, horecabedrijf of andere openbare inrichting of een seksbedrijf, waarvoor al een vergunningplicht geldt op grond van artikel 3 van de Alcoholwet, respectievelijk artikel 2:28 of artikel 3:3 APV. Bij die vergunningaanvragen vindt al een vergelijkbare toetsing plaats.

b. beheerder: natuurlijk persoon die door de exploitant is aangesteld voor de feitelijke leiding over de bedrijfsmatige activiteit; c. exploitant: natuurlijk persoon of bestuurder van Voor de definitie van het begrip exploitant is een rechtspersoon of tot vertegenwoordiging van aansluiting gezocht bij hoofdstuk 3. Het ‘voor die rechtspersoon bevoegde natuurlijk persoon, rekening en risico’ heeft betrekking op de voor wiens rekening en risico de bedrijfsmatige natuurlijke persoon of op de rechtspersoon. Het activiteit wordt uitgeoefend. bestuur van een rechtspersoon kan zelf ook een rechtspersoon zijn, maar gelet op de (persoonlijke) eisen die worden gesteld aan de exploitant dient er uiteindelijk altijd één natuurlijke persoon te zijn die kan worden beschouwd als exploitant in de zin van de APV – al dan niet als vertegenwoordiger van die rechtspersoon.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

1. De burgemeester kan gebouwen, gebieden of bedrijfsmatige activiteiten aanwijzen waar(op) het verbod uit het tweede lid van toepassing is. Een gebouw of gebied wordt uitsluitend aangewezen als in of rondom dat gebouw dan wel in dat gebied naar het oordeel van de burgemeester de leefbaarheid of de openbare orde en veiligheid onder druk staat. Een aanwijzing van een gebouw of gebied kan zich tot één of meer bedrijfsmatige activiteiten beperken. Een bedrijfsmatige activiteit wordt uitsluitend voor de gehele gemeente aangewezen als het naar het oordeel van de burgemeester de leefbaarheid aantast, de openbare orde en veiligheid verstoort of anderszins ondermijning veroorzaakt.

2. De burgemeester kan in het belang van de Verplaatsing naar tweede lid vanwege toevoeging leefbaarheid, de openbare orde en veiligheid of van begripsbepaling. Het lid wordt voor de ter voorkoming van een nadelige beïnvloeding leesbaarheid ingekort. daarvan bedrijfsmatige activiteiten en gebouwen of bij die gebouwen behorende erven of gebieden aanwijzen waarop het verbod uit het derde lid van toepassing is.

2. Het is verboden om zonder vergunning van de burgemeester een bedrijf uit te oefenen:

3. Het is verboden om zonder vergunning van de Sub a en b zeggen nagenoeg hetzelfde, vandaar burgemeester een door hem aangewezen dat deze worden samengevoegd in één lid. bedrijfsmatige activiteit uit te oefenen in een door hem aangewezen gebouw, op een bij dat gebouw behorend erf of in een door hem aangewezen gebied.

a. in een door de burgemeester op grond van het eerste lid aangewezen gebouw of gebied voor door de burgemeester benoemde bedrijfsmatige activiteiten; of b. indien de uitoefening van het bedrijf een door de burgemeester op grond van het eerste lid aangewezen bedrijfsmatige activiteit betreft. 3. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester een vergunning als bedoeld in het tweede lid weigeren:

4. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de Doorgenummerd en aanpassing van de verwijzing. burgemeester een vergunning als bedoeld in het derde lid weigeren:

a. in het belang van het voorkomen of beperken van overlast of strafbare feiten; b. indien de leefbaarheid of openbare orde in het gebied door de wijze van a. als de leefbaarheid in het gebied door de wijze exploitatie nadelig wordt beïnvloed of dreigt te worden beïnvloed of er om van exploitatie nadelig wordt beïnvloed of dreigt andere redenen sprake van ondermijning door het bedrijf te worden beïnvloed;

Dit wordt al opgevangen door artikel 1:8 APV. Doorgeletterd. Bescherming van de openbare orde wordt al opgevangen door artikel 1:8 APV.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

c. de exploitant of beheerder staat onder curatele of bewind, zijn ontzet uit de ouderlijke macht of voogdij, zijn in enig opzicht van slecht levensgedrag.

b. als de exploitant of beheerder onder curatele of Tekstueel verbeterd zodat dit sub aansluit op de bewind staat , is ontzet uit de ouderlijke macht of tekst in de aanhef van dit lid. voogdij of in enig opzicht van slecht levensgedrag is.

d. indien redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de feitelijke toestand niet met het in de aanvraag vermelde in overeenstemming zal zijn;

c. als redelijkerwijs moet worden aangenomen dat Oouderwets woord 'indien' gewijzigd in 'als'. de feitelijke toestand niet met het in de aanvraag vermelde in overeenstemming zal zijn;

e. indien niet voldaan is aan de bij of krachtens lid vier en vijf gestelde eisen met betrekking tot de aanvraag;

d. als niet voldaan is aan de bij of krachtens het vierde lid gestelde eisen voor de aanvraag;

f. indien er aanwijzingen zijn dat in het bedrijf personen werkzaam zijn of zullen zijn in strijd met het bij of krachtens de Wet arbeid vreemdelingen of Vreemdelingenwet 2000 bepaalde;

e. als er aanwijzingen zijn dat in de uitoefening van Ouderwets woord 'indien' gewijzigd in 'als'. Verder de bedrijfsmatige activiteit personen werkzaam het lid beter laten aansluiten aan de definities zijn of zullen zijn in strijd met het bij of krachtens binnen dit artikel. de Wet arbeid vreemdelingen of Vreemdelingenwet 2000 bepaalde;

g. indien de vestiging of de exploitatie in strijd is met een geldend bestemmingsplan, een geldend ruimtelijk exploitatieplan, een geldende beheersverordening, een geldend voorbereidingsbesluit of de Wet milieubeheer;

f. als het uitoefenen van de bedrijfsmatige activiteit in strijd is met het omgevingsplan of de Wet milieubeheer.

Ouderwets woord 'indien' gewijzigd in 'als'. Daarnaast de instrumenten die golden onder de vervallen Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en Wet ruimtelijke ordening (Wro) aangepast naar Omgevingswetinstrumenten.

h. indien er een eerdere vergunning voor de exploitatie van het bedrijf is ingetrokken of het bedrijf met toepassing van artikel 2.35A van deze verordening dan wel van artikel 13b van de Opiumwet is gesloten;

g. als er een eerdere vergunning voor de exploitatie van het bedrijf is ingetrokken of het bedrijf met toepassing artikel 13b van de Opiumwet is gesloten;

Artikel 2:35A bestaat niet meer in de huidige APV en wordt ook bij deze wijziging niet toegevoegd.

i. indien de wijze van bedrijfsvoering daartoe aanleiding geeft;

h. als de wijze van bedrijfsvoering daartoe aanleiding geeft; i. als er niet wordt voldaan aan de specifieke voorwaarden die in het aanwijzingsbesluit zijn opgenomen.

Oouderwets woord 'indien' gewijzigd in 'als'.

j. indien er niet wordt voldaan aan de specifieke voorwaarden die in het aanwijzingsbesluit zijn opgenomen.

TOELICHTING

Verwijzing aangepast en ouderwets woord 'indien' gewijzigd in 'als'.

Oouderwets woord 'indien' gewijzigd in 'als'.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

4. De vergunning wordt aangevraagd door de exploitant. Een aanvraag 5. De exploitant vraagt de vergunning aan door om een vergunning wordt ingediend door gebruikmaking van een door de gebruik te maken van een door de burgemeester burgemeester vastgesteld formulier. Bij de aanvraag om een vergunning vastgesteld formulier, waarbij in elk geval de wordt vermeld voor welke bedrijfsmatige activiteiten de vergunning wordt volgende gegevens worden verstrekt: gevraagd, en worden in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden overgelegd:

TOELICHTING Vanaf hier doorgenummerd. Artikel ingekort voor betere leesbaarheid. Het melden van de bedrijfsmatige activiteiten wordt toegevoegd aan de lijst met gegevens en bescheiden die moeten worden overlegd.

a. voor welke bedrijfsmatige activiteit de vergunning wordt gevraagd; b. de persoonsgegevens en een geldig identiteitsbewijs van de exploitant en beheerder;

Verplaatst vanuit aanhef van dit lid.

b. het adres en telefoonnummer waar de bedrijfsmatige activiteiten worden uitgeoefend;

c. het adres en telefoonnummer van de locatie waar de bedrijfsmatige activiteit wordt uitgeoefend;

Toevoeging zodat de zin taaltechnisch beter loopt.

c. het nummer van inschrijving in het handelsregister bij de Kamer van Koophandel;

d. het nummer van inschrijving in het handelsregister bij de Kamer van Koophandel;

d. indien van toepassing de verblijftitel van de exploitant of beheerder;

e. voor zover van toepassing, de verblijfstitel van de exploitant en beheerder;

het woord 'of' veranderd oin 'en', omdat we deze gegevens van zowel de exploitant en de beheerder wensen als dit twee verschillende personen zijn.

e. een bewijs waaruit blijkt dat de exploitant of beheerder gerechtigd is om in Nederland arbeid te verrichten;

f. voor zover van toepassing, een bewijs waaruit blijkt dat de exploitant en beheerder gerechtigd zijn om in Nederland arbeid te verrichten;

Dit is alleen van toepassing als de exploitant of beheerder uit een land buiten de EU komen waar een visum, verblijfsvergunning en/of werkvergunning vereist is.

f. een document waaruit blijkt dat de exploitant gerechtigd is over de ruimte te beschikken waarin het bedrijf wordt gevestigd;

g. een document waaruit blijkt dat de exploitant Aanpassing om beter aan te sluiten aan de gerechtigd is over het gebouw of erf te beschikken gebruikte termen in dit artikel. waar de bedrijfsmatige activiteit wordt uitgeoefend;

a. de persoonsgegevens en een geldig identiteitsbewijs van de exploitant of beheerder;

Vanaf hier doorgeletterd + het woord 'of' veranderd oin 'en', omdat we deze gegevens van zowel de exploitant en de beheerder wensen als dit twee verschillende personen zijn.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

g. bij een aanvraag om een vergunning wordt naast het aanvraagformulier h. bij een aanvraag om een vergunning wordt ook een bedrijfsplan overlegd, waarin in ieder geval staat beschreven naast het aanvraagformulier ook een bedrijfsplan welke bedrijfsmatige activiteiten worden ontplooid, op welke wijze de overlegd, waarin in ieder geval staat beschreven bedrijfsactiviteiten worden gefinancierd en op welke wijze wordt welke bedrijfsmatige activiteiten worden voorkomen dat de openbare orde wordt verstoord, het woon- en ontplooid, op welke wijze de bedrijfsactiviteiten leefklimaat wordt aangetast of er anderszins ondermijning wordt worden gefinancierd en op welke wijze wordt veroorzaakt. voorkomen dat de openbare orde wordt verstoord, het woon- en leefklimaat wordt aangetast of er anderszins ondermijning wordt veroorzaakt. i. een verklaring omtrent het gedrag van de exploitant en beheerder.

5. Indien de burgemeester dat nodig acht voor de beoordeling van een [Vervallen] aanvraag kan hij verlangen dat aanvullende gegevens worden overgelegd. 6. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:6 kan de burgemeester een vergunning als bedoeld in het tweede lid intrekken of wijzigen indien:

a. door het bedrijf de openbare orde wordt aangetast of dreigt te worden aangetast; of b. door het bedrijf de leefbaarheid in het gebied door de wijze van de exploitatie nadelig wordt beïnvloed of dreigt te worden beïnvloed; of

c. de voorwaarden uit de vergunning of de plichten voortvloeiend uit dit artikel niet worden nageleefd; of d. de exploitant of beheerder in enig opzicht van slecht levensgedrag is; of

TOELICHTING Doorgeletterd.

Toegevoegd omdat hiermee kan worden gevraagd of kan worden aangetoond dat de exploitant en/of beheerder niet van slecht levensgedrag is. Deze bevoegdheid wordt al gegeven in artikel 4:5, eerste lid, aanhef en onder c, van de Awb en is hier dus overbodig.

6. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:6 kan de Doorgenummerd en ouderwets woord 'indien' burgemeester een vergunning als bedoeld in het gewijzigd in 'als'. derde lid intrekken of wijzigen als:

APV 2022 (WAS) e. de exploitant of beheerder betrokken is of ernstige nalatigheid kan worden verweten bij activiteiten of strafbare feiten in of vanuit het bedrijf dan wel toestaat of gedoogt dat strafbare feiten of activiteiten worden gepleegd waarmee de openbare orde nadelig wordt beïnvloed; of f. er strafbare feiten in het bedrijf hebben plaatsgevonden of plaatsvinden; of g. er aanwijzingen zijn dat in het bedrijf personen werkzaam zijn of zullen zijn in strijd met het bij of krachtens de Wet arbeid vreemdelingen of Vreemdelingenwet 2000 bepaalde; of h. de bedrijfsmatige activiteiten door de exploitant zijn beëindigd dan wel sprake is van een gewijzigde exploitatie; of i. redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de feitelijke toestand niet met het in de vergunning vermelde in overeenstemming is; of j. de vestiging of de exploitatie in strijd is met een geldend bestemmingsplan, een geldend ruimtelijk exploitatieplan, een geldende beheersverordening, een geldend voorbereidingsbesluit, de Wet milieubeheer of een gebiedsplan; of k. de exploitant of beheerder het toezicht op de naleving van het in dit hoofdstuk bepaalde belemmert of bemoeilijkt.

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

7. Indien een bedrijf in strijd met het verbod uit het tweede lid van deze bepaling wordt geëxploiteerd of indien een van de situaties als bedoeld in het zesde lid, sub a tot en met k, van toepassing is, kan de burgemeester de sluiting van het bedrijf bevelen.

7. Als de bedrijfsmatige activiteit in strijd met de Aanpassing van de termen om beter aan te sluiten vergunning of het verbod wordt uitgeoefend of als op de definities in dit artikel. Artikel 2:81 bevat een van de situaties bedoeld in het zesde lid van een aanvullende sluitingsbevoegdheid op artikel toepassing is, kan de burgemeester, onverminderd 2:80 wanneer sprake is van een vergunningplicht. het bepaalde in artikel 2:80, een besluit nemen tot Het toetsingskader voor sluiting is anders dan voor sluiting van het gebouw of erf waar de een vergunning. Als een sluiting op grond van bedrijfsmatige activiteit wordt uitgeoefend. artikel 2:80 in dezelfde situatie leidt tot het aanwijzen als vergunningplichtig, gevolgd door een weigering van de vergunning, dient de burgemeester ervoor te waken dat het oordeel over de vergunning niet vermengd raakt met het oordeel over de sluiting.

8. De burgemeester brengt een afschrift van zijn besluit tot sluiting aan op of nabij de toegang van het voor het publiek openstaande gebouw of erf.

9. Eenieder is verplicht toe te laten dat het afschrift wordt aangebracht en aangebracht blijft, zolang de sluiting van kracht is. 8. Het is een ieder verboden een overeenkomstig het zevende lid van deze bepaling gesloten bedrijf te betreden of daarin te verblijven.

10. Het is eenieder verboden een volgens het zevende lid gesloten gebouw of erf te betreden of daarin of daarop te verblijven.

TOELICHTING

Aansaluiting op de termen die in dit artikel worden gebruikt. Naast de bekendmaking aan belanghebbende wordt ter plaatse een afschrift van het besluit tot sluiting aangebracht. Zo is voor eenieder voldoende kenbaar dat gedurende de sluiting niemand het gebouw of daarbij behorende erf zonder toestemming van de burgemeester mag betreden. Het is verboden dat afschrift te verwijderen.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

9. De sluiting kan door de burgemeester worden opgeheven indien later 11. De burgemeester kan de sluiting opheffen als Toegevoegd dat de burgemeester de sluiting ook bekend geworden feiten en omstandigheden hiertoe aanleiding geven. later bekend geworden feiten en omstandigheden kan opheffen als voldoende garanties aanwezig hiertoe aanleiding geven en voldoende garanties zijn waaruit blijkt dat de openbare orde en het aanwezig zijn dat geen herhaling van de feiten of woon- en leefklimaat in de omgeving van het pand gedragingen die tot sluiting hebben geleid, zal gewaarborgd zijn. Het moet er dus om gaan dat de plaatsvinden. situatie gewijzigd is naast dat er nieuwe feiten en omstandigheden bekend zijn geworden. 10. De exploitant is verplicht elke verandering in de uitoefening van zijn bedrijf waardoor deze niet langer in overeenstemming is met de in de vergunning opgenomen gegevens zo spoedig mogelijk aan de burgemeester te melden. De burgemeester verleent een gewijzigde vergunning als het bedrijf aan de vereisten voldoet.

12. De exploitant is verplicht elke verandering in Vanaf hier doorgenummerd. de uitoefening van zijn bedrijf waardoor deze niet langer in overeenstemming is met de in de vergunning opgenomen gegevens zo spoedig mogelijk aan de burgemeester te melden. De burgemeester verleent een gewijzigde vergunning als het bedrijf aan de vereisten voldoet.

11. Het is verboden een bedrijf voor bezoekers geopend te hebben zonder 13. Het is verboden een bedrijf voor bezoekers dat de exploitant of beheerder aanwezig is. geopend te hebben zonder dat de exploitant of beheerder aanwezig is. 12. De exploitant en de beheerder zien erop toe dat in het bedrijf geen strafbare feiten plaatsvinden.

14. De exploitant en de beheerder zien erop toe dat in het bedrijf geen strafbare feiten plaatsvinden.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

13. In afwijking van het tweede lid geldt dit verbod voor de exploitant die op het moment van inwerkingtreding van het aanwijzingsbesluit reeds onder het aanwijzingsbesluit vallende bedrijfsmatige activiteiten verricht, voor die bestaande activiteiten op bestaande locaties eerst drie maanden na inwerkingtreding van het aanwijzingsbesluit of met ingang van inwerkingtreding van het besluit tot weigering of intrekking van een door hem aangevraagde vergunning, voor zover dat eerder is.

15. In afwijking van het tweede lid geldt dit verbod voor de exploitant die op het moment van inwerkingtreding van het aanwijzingsbesluit reeds onder het aanwijzingsbesluit vallende bedrijfsmatige activiteiten verricht, voor die bestaande activiteiten op bestaande locaties eerst drie maanden na inwerkingtreding van het aanwijzingsbesluit of met ingang van inwerkingtreding van het besluit tot weigering of intrekking van een door hem aangevraagde vergunning, voor zover dat eerder is.

14. Op de vergunning als bedoeld in het derde lid is paragraaf 4.1.3.3 van 16. Op de aanvraag om een vergunning is de Algemene wet bestuursrecht (positieve beschikking bij niet tijdig paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet beslissen) niet van toepassing. bestuursrecht niet van toepassing. Artikel 2:81 Sluiting overlastgevende voor het publiek openstaande gebouwen 1. De burgemeester kan, indien zulks naar zijn oordeel in het belang van de openbare orde of ter voorkoming of beperking van overlast of nadelige beïnvloeding van het woon- of leefklimaat is vereist, de gehele of gedeeltelijke sluiting bevelen van een voor het publiek openstaand gebouw - niet zijnde een openbare inrichting of seksinrichting - of een bij dat gebouw behorend erf, een perceel of perceelsgedeelte of enige andere ruimte, niet zijnde een woning die als zodanig in gebruik is.

TOELICHTING

Zie toelichting bij artikel 2:6 lid 6.

Artikel 2:80 Sluiting overlastgevende voor het Zie voor toelichting op de volgordewijziging de publiek openstaande gebouwen toelichting bij het vorige artikel. 1. De burgemeester kan in het belang van de Dit lid wordt ingekort ter bevordering van de openbare orde of ter voorkoming of beperking van leesbaarheid. De uitzondering op openbare overlast of nadelige beïnvloeding van het woon- of inrichtingen of seksinrichtingen vallen onder het leefklimaat besluiten tot de gehele of gedeeltelijke hieronder toegevoegde tweede lid. sluiting van een voor het publiek openstaand gebouw of een bij dat gebouw behorend erf.

2. Het eerste lid is niet van toepassing op situaties Artikel 2:80 is een aanvulling op de bevoegdheden waarin artikel 2:30, eerste lid, of artikel 13b van de van de burgemeester om op grond van artikel 2:30 Opiumwet voorziet. APV of artikel 13b van de Opiumwet overlastgevende inrichtingen, zoals horecabedrijven en seksinrichtingen, of woningen op grond van artikel 174a Gemeentewet te sluiten.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

2. De burgemeester maakt de sluiting bekend door het aanbrengen van 3. De burgemeester maakt de sluiting bekend door Doorgenummerd. Gezien de sluiting een besluit is, een afschrift van zijn bevel op of nabij de toegang van het voor het publiek het aanbrengen van een afschrift van zijn besluit is hier het woord 'bevel' aangepast. openstaande gebouw of het bij dat gebouw behorende erf, het perceel of op of nabij de toegang van het voor het publiek perceelsgedeelte of de ruimte. De sluiting treedt in werking op het openstaande gebouw of het bij dat gebouw moment dat bedoeld afschrift is aangebracht. behorende erf, perceel of perceelsgedeelte of de ruimte. De sluiting treedt in werking op het moment dat bedoeld afschrift is aangebracht. 3. Een ieder is verplicht toe te laten dat het in het tweede lid bedoelde afschrift wordt aangebracht en aangebracht blijft, zolang de sluiting van kracht is.

4. Eenieder is verplicht toe te laten dat het in het Aanpassing van de verwijzing door toevoeging van derde lid bedoelde afschrift wordt aangebracht en het tweede lid. aangebracht blijft, zolang de sluiting van kracht is.

4. Het is de rechthebbende op en de beheerder van het gebouw, erf, perceel of perceelsgedeelte of de ruimte waarvoor een bevel als bedoeld in het eerste lid geldt, verboden daarin bezoekers toe te laten of te laten verblijven, zolang de sluiting van kracht is.

5. Het is verboden een gesloten gebouw of erf te bezoeken, als bezoeker daarin of daarop te verblijven of een bezoeker daarin of daarop te laten verblijven zonder toestemming van de burgemeester.

Lid 4 en 5 worden in dit lid samengevoegd, zodat er een duidelijk verbod geldt op het bezoeken, verblijven of laten verblijven.

5. Het is een ieder verboden een overeenkomstig het eerste lid gesloten gebouw, erf, perceel of perceelsgedeelte of enige andere ruimte te bezoeken of als bezoeker daarin te verblijven. 6.

Op aanvraag van een belanghebbende kan:

a. een sluiting voor onbepaalde duur door de burgemeester worden opgeheven, wanneer naar zijn oordeel voldoende garanties aanwezig zijn, dat geen herhaling van de feiten of gedragingen die tot sluiting hebben geleid, zal plaatsvinden;

6. De burgemeester kan een sluiting opheffen als Weggelaten dat de opheffing alleen gebeurt op later bekend geworden feiten en omstandigheden aanvraag van een belanghebbende, zodat de hiertoe aanleiding geven en voldoende garanties burgemeester deze mogelijkheid ook heeft zonder aanwezig zijn dat geen herhaling van de feiten of aanvraag. Sub a en b worden samengevoegd gedragingen die tot sluiting hebben geleid, zal omdat de betekenis nagenoeg hetzelfde is. plaatsvinden.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

Artikel 3:2 Definities

Aangezien hier meerdere begrippen worden gedefinieerd, wordt dit gewijzigd naar meervoud.

b. een sluiting door de burgemeester worden opgeheven wanneer later bekend geworden feiten en omstandigheden hiertoe aanleiding geven en naar zijn oordeel voldoende garanties aanwezig zijn dat geen herhaling van de feiten of gedragingen die tot sluiting hebben geleid, zal plaatsvinden. Hoofdstuk 3. Regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen Afdeling 1. Algemene bepalingen Artikel 3:2 Definitie

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder: a. adverten e: elke commerciële ui ng in een medium, die een seksbedrijf a. adverten e: elke commerciële ui ng in een of een prostituee onder de aandacht van het publiek brengt; medium, die een seksbedrijf of een prostitué(e) onder de aandacht van het publiek brengt;

Zie toelichting bij onderdeel g.

b. beheerder: de natuurlijke persoon die door de exploitant is aangesteld voor de feitelijke leiding van een seksbedrijf; c. bevoegd bestuursorgaan: het college of, voor zover het betre voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven als bedoeld in artikel 174 van de Gemeentewet, de burgemeester; d. escortbedrijf: de ac viteit, bestaande uit het bedrijfsma g gelegenheid geven tot prostitutie in de vorm van bemiddeling tussen klant en prostituee; e. exploitant: de natuurlijke persoon of de bestuurder van een rechtspersoon of, voor zover van toepassing, de tot vertegenwoordiging van die rechtspersoon bevoegde natuurlijk persoon, voor wiens rekening en risico een seksbedrijf wordt uitgeoefend;

d. escortbedrijf: de ac viteit, bestaande uit het Zie toelichting bij onderdeel g. bedrijfsmatig gelegenheid geven tot prostitutie in de vorm van bemiddeling tussen klant en prostitué(e);

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

f. klant: degene die gebruik maakt van de door een exploitant van een prostitutiebedrijf of een prostituee aangeboden seksuele diensten;

f. klant: degene die gebruik maakt van de door een exploitant van een prostitutiebedrijf of een prostitué(e) aangeboden seksuele diensten;

Zie toelichting bij onderdeel g.

g. pros tuee: degene die zich beschikbaar stelt tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen betaling;

g. prostitué(e): degene die zich beschikbaar stelt Het woord 'prostituee' is een vrouwelijk woord, tot het verrichten van seksuele handelingen met wat suggereert dat in dit hoofdstuk alleen wordt een ander tegen betaling; uitgegaan van vrouwen die in de prostitutie werken. Dit wordt daarom aangepast naar 'prostitué(e), zodat het ook op mannelijke sekswerkers van toepassing is. Indien de aanpassing van de term prostituee of de verwijzing 'haar' naar een inclusievere verwijzing in andere artikelen binnen dit hoofdstuk de enige wijziging is van dat artikel, wordt de wijziging in deze waswordt lijst niet nader toegelicht.

h. pros tu e: het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen betaling; i. pros tu ebedrijf: de ac viteit, bestaande uit het bedrijfsma g gelegenheid geven tot prostitutie; j. raampros tu ebedrijf: de ac viteit, bestaande uit het bedrijfsma g j. raampros tu ebedrijf: de ac viteit, bestaande gelegenheid geven tot prostitutie, waarbij het werven van klanten gebeurt uit het bedrijfsmatig gelegenheid geven tot door een prostituee die zichtbaar is vanuit een voor publiek toegankelijke prostitutie, waarbij het werven van klanten plaats; gebeurt door een prostitué(e) die zichtbaar is vanuit een voor publiek toegankelijke plaats; k. seksbedrijf: de ac viteit, bestaande uit het bedrijfsma g gelegenheid geven tot prostitutie of tot het verrichten van seksuele handelingen voor een ander tegen betaling of uit het bedrijfsmatig aanbieden van vertoningen van erotisch-pornografische aard in een seksinrichting tegen betaling; l. seksinrich ng: voor het publiek toegankelijke besloten ruimte, onderdeel van een seksbedrijf;

Zie toelichting bij onderdeel g.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

m. werkruimte: als zelfstandig aan te merken onderdeel van een seksinrichting waarin de seksuele handelingen met een ander tegen betaling worden verricht. Afdeling 2. Vergunning seksbedrijf Artikel 3:3 Vergunning 1. Het is verboden een seksbedrijf uit te oefenen zonder vergunning van het bevoegde bestuursorgaan. 2. Het bevoegde bestuursorgaan kan een seksinrich ng jdelijk of voor onbepaalde tijd voor publiek of algeheel gesloten verklaren, indien het seksbedrijf wordt geëxploiteerd zonder geldige vergunning dan wel een van de in artikel 3:9, tweede lid onder f, g en h, genoemde situaties zich voor doet.

2. Het bevoegde bestuursorgaan kan een Ouderwets woord 'indien' gewijzigd in 'als'. seksinrichting tijdelijk of voor onbepaalde tijd voor publiek of algeheel gesloten verklaren, als het seksbedrijf wordt geëxploiteerd zonder geldige vergunning dan wel een van de in artikel 3:9, tweede lid onder f, g en h, genoemde situaties zich voor doet.

3. Het bevoegde bestuursorgaan draagt zorg voor een onpar jdige en transparante verlening van beschikbare vergunningen. 4. Op een aanvraag om een vergunning wordt binnen twaalf weken beslist. Deze termijn kan met ten hoogste twaalf weken worden verlengd. 5. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing. 6. Een vergunning kan mede voor een seksinrich ng worden verleend. 7. De vergunning wordt verleend aan de exploitant en op diens naam gesteld. Artikel 3:4 Concentratie seksinrichtingen

5. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing.

Zie toelichting bij artikel 2:6 lid 6.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

Het college kan delen van de gemeente aanwijzen [waarbuiten of waarbinnen] voor het vestigen van een seksinrichting geen vergunning wordt verleend. Daarbij kan worden bepaald dat de aanwijzing slechts geldt voor seksinrichtingen van seksbedrijven van een nader aangewezen aard.

Het college kan delen van de gemeente aanwijzen waarbinnen voor het vestigen van een seksinrichting geen vergunning wordt verleend. Daarbij kan worden bepaald dat de aanwijzing slechts geldt voor seksinrichtingen van seksbedrijven van een nader aangewezen aard.

In de huidige APV was nog geen keuze gemaakt tussen "waarbuiten" en "waarbinnen. Deze keuze dient wel gemaakt te worden binnen dit artikel. Het verschil maakt in principe niet heel veel uit. Wij kiezen uiteindelijk voor "waarbinnen" omdat in dat geval geconcentreerde aanwijzigngen kunnen worden gegeven.

1. Een vergunning wordt geweigerd als:

In artikel 3:1 van de APV staat dat artikel 1:8 niet van toepassing is op dit hoofdstuk. Hier artikel 1:8 noemen klopt dus niet.

Artikel 3:7 Weigeringsgronden 1. Onverminderd het bepaalde in ar kel 1:8 wordt een vergunning geweigerd als: a. de exploitant of de beheerder onder curatele staat; b. de exploitant of de beheerder onherroepelijk is veroordeeld voor een gewelds- of zedendelict of voor mensenhandel, of in enig ander opzicht van slecht levensgedrag is; c. de exploitant of de beheerder de lee ijd van 21 jaar nog niet hee bereikt; d. redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de feitelijke toestand niet met het in de aanvraag vermelde in overeenstemming zal zijn; e. redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de aanvrager in strijd zal handelen met aan de vergunning verbonden beperkingen of voorschriften;

f. er aanwijzingen zijn dat voor of bij het seksbedrijf personen f. er aanwijzingen zijn dat voor of bij het Zie toelichting bij artikel 3:2, onderdeel g. tewerkgesteld zijn of zullen zijn die, als het prostituees betreft, nog niet de seksbedrijf personen tewerkgesteld zijn of zullen leeftijd van 21 jaar hebben bereikt, als het overige personen betreft, nog zijn die, als het prostitué(e)s betreft, nog niet de niet de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt, slachtoffer zijn van leeftijd van 21 jaar hebben bereikt, als het overige mensenhandel of verblijven of werken in strijd met het bepaalde bij of personen betreft, nog niet de leeftijd van 18 jaar krachtens de Vreemdelingenwet 2000; hebben bereikt, slachtoffer zijn van mensenhandel of verblijven of werken in strijd met het bepaalde

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

g. de exploitant of de beheerder minder dan vijf jaar voorafgaand aan de g. de exploitant of de beheerder minder dan vijf Tekstuele aanpassing; ronde getallen en getallen dag dat de vergunning wordt aangevraagd, wegens een misdrijf jaar voorafgaand aan de dag dat de vergunning onder de twintig worden voluit geschreven voor onherroepelijk is veroordeeld tot een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van wordt aangevraagd, wegens een misdrijf zover het niet gaat om exacte waarden. meer dan 6 maanden; onherroepelijk is veroordeeld tot een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van meer dan zes maanden; h. de exploitant of de beheerder minder dan 5 jaar voorafgaand aan de dag dat de vergunning wordt aangevraagd, bij meer dan 1 rechterlijke uitspraak of strafbeschikking onherroepelijk veroordeeld is tot een onvoorwaardelijke geldboete van € 500 of meer of tot een andere hoofdstraf als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder a, van het Wetboek van Strafrecht, wegens dan wel mede wegens overtreding van:

h. de exploitant of de beheerder minder dan vijf Tekstuele aanpassing; ronde getallen en getallen jaar voorafgaand aan de dag dat de vergunning onder de twintig worden voluit geschreven voor wordt aangevraagd, bij meer dan één rechterlijke zover het niet gaat om exacte waarden. uitspraak of strafbeschikking onherroepelijk veroordeeld is tot een onvoorwaardelijke geldboete van € 500 of meer of tot een andere hoofdstraf als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder a, van het Wetboek van Strafrecht, wegens dan wel mede wegens overtreding van:

1°. bepalingen, gesteld bij of krachtens de Alcoholwet, de Opiumwet, de Vreemdelingenwet 2000, de Wet arbeid vreemdelingen en hoofdstuk 3 van deze verordening; 2°. de artikelen 137c tot en met 137g, 140, 416, 417, 417bis, 420bis tot en met 420quinquies, 426 en 429quater van het Wetboek van Strafrecht; 3°. artikel 69 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen; 4°. de artikelen 8 en 162, derde lid, alsmede de artikelen 6 juncto 8 en 163 4°. de artikelen 8 en 162, derde lid, alsmede de van de Wegenverkeerswet 1994; artikelen 6 in samenhang met 8 en 163 van de Wegenverkeerswet 1994; 5°. de artikelen 2 en 3 van de Wet op de weerkorpsen; of 6°. de artikelen 54 en 55 van de Wet wapens en munitie.

Het woord 'juncto' is juridische vaktaal en dus weet niet iedereen wat dit betekent. Het woord is vervangen door 'in samenhang met' om dit te verduidelijken.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

i. een maximum als bedoeld in ar kel 3:5 is vastgesteld en dit maximum al is bereikt of een maximum als bedoeld in artikel 3:5 al is bereikt;

i. een maximum als bedoeld in ar kel 3:5 is vastgesteld en dit maximum al is bereikt;

Voor artikel 3:5 moest een keuze worden gemaakt om op voorhand een maximum vast te stellen, óf het bevoegde bestuursorgaan de mogelijkheid te geven een maximum te stellen. In de huidige APV was al gekozen voor de tweede optie. Daarom moet dit deel verwijderd worden uit de tekst, aangezien in artikel 3:5 geen maximum wordt genoemd.

b. betaling van een geldsom als bedoeld in ar kel 74, tweede lid, onder a, van het Wetboek van Strafrecht of een onherroepelijk geworden strafbeschikking als artikel 76, tweede lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, tenzij de geldsom minder dan € 375 bedraagt.

Het Openbaar Ministerie geeft in sommige strafzaken de mogelijkheid om de strafvervolging "af te kopen" door betaling van een geldsom. De keuze voor de verdachte om hierop in te gaan moet vrijwillig zijn, vandaar dat het woord "vrijwillige" wordt toegevoegd. Wat betreft de Algemene wet inzake rijksbelastingen is een verwijzingsfout hersteld. Hierbij is ook de onherroepelijkheid toegevoegd aangezien hierbij geen vrijwilligheid geldt zoals bij het artikel uit het Wetboek van Strafrecht.

j. de voorgenomen uitoefening van het seksbedrijf strijd zal opleveren met het omgevingsplan of een bekendgemaakte ontwerpwijziging daarvan of een aanwijzing als bedoeld in artikel 3:4. 2. Met een veroordeling als bedoeld in het eerste lid, onder g, wordt gelijkgesteld: a. een bevel tot tenuitvoerlegging van een zodanige voorwaardelijke straf; b. vrijwillige betaling van een geldsom als bedoeld in artikel 74, tweede lid, onder a, van het Wetboek van Strafrecht of artikel 76, derde lid, onder a, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, tenzij de geldsom minder dan € 375 bedraagt.

3. De periode van vijf jaar, bedoeld in het eerste lid, onder g en h, wordt bij de intrekking van een vergunning teruggerekend vanaf de datum van de intrekking van deze vergunning.

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

4. Voor de berekening van de periode van vijf jaar, bedoeld in het eerste lid, onder g en h, telt de periode waarin een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf is ondergaan, niet mee. 5. Een vergunning kan in ieder geval worden geweigerd: a. voor een seksbedrijf waarvoor de vergunning op grond van ar kel 3:9, a. voor een seksbedrijf waarvoor de vergunning In de huidige APV was nog geen keuze gemaakt tot eerste lid, aanhef en onder a tot en met f, of tweede lid, aanhef onder a op grond van artikel 3:9, eerste lid, aanhef en welk onderdeel dit artikel strekt. Aangezien wij tot en met [e OF f OF g], of in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld onder a tot en met f, of tweede lid, aanhef onder a willen dat deze intrekkingsgronden alle kunnen in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het tot en met g, of in het geval en onder de worden gebruikt als weigeringsgrond, kiezen wij openbaar bestuur is ingetrokken, gedurende een periode van vijf jaar na voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet voor toepassing tot en met onderdeel g. de intrekking; bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur is ingetrokken, gedurende een periode van vijf jaar na de intrekking; b.

als niet is voldaan aan een bij of krachtens ar kel 3:6 gestelde eis met betrekking tot de aanvraag, mits de aanvrager de gelegenheid heeft gehad de aanvraag binnen een door het bevoegde bestuursorgaande gestelde termijn aan te vullen; c. als de vergunning geheel of gedeeltelijk betrekking hee op het uitoefenen van een prostitutiebedrijf in een seksinrichting waarvoor eerder een vergunning is ingetrokken, of in die seksinrichting eerder zonder vergunning een prostitutiebedrijf is uitgeoefend; d. als de openbare orde, de woon- en leefomgeving of de veiligheid en de gezondheid van prostituees of klanten nadelig wordt beïnvloed door de aanwezigheid van de seksinrichting waarvoor de vergunning is aangevraagd;

e. als het bedrijfsplan niet voldoet aan ar kel 3:15, eerste en tweede lid; f. als onvoldoende aannemelijk is dat de exploitant de bij ar kel 3:17 gestelde verplichtingen zal naleven;

d. als de openbare orde, de woon- en leefomgeving of de veiligheid en de gezondheid van prostitué(e)s of klanten nadelig wordt beïnvloed door de aanwezigheid van de seksinrichting waarvoor de vergunning is aangevraagd;

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

Artikel 3:12 Sluitingstijden seksinrichtingen; aanwezigheid; toegang

Correctie van een schrijffout.

2. Het is bezoekers van een seksinrichting verboden zich daarin te bevinden gedurende de tijd dat die inrichting gesloten moet zijn voor bezoekers.

Ouderwets woord 'dient' vervangen door 'moet'.

g. als het escortbedrijf wordt geves gd in een woonruimte waarvoor geen vergunning als bedoeld in artikel 21, aanhef en onder a, van de Huisvestingswet 2014 is verleend. Afdeling 3. Uitoefenen seksbedrijf Paragraaf 3.1 Regels voor alle seksbedrijven Artikel 3:12 Sluitingstijden sekinrichtingen; aanwezigheid; toegang 1. Het is de exploitant en de beheerder verboden een seksinrichting voor bezoekers geopend te hebben of daarin bezoekers toe te laten of te laten verblijven tussen 01.00 en 06.00 op maandag tot en met vrijdag en op zaterdag en zondag tussen 02.00 en 06.00 uur tenzij bij vergunning anders is bepaald.

2. Het is bezoekers van een seksinrichting verboden zich daarin te bevinden gedurende de tijd dat die inrichting gesloten dient te zijn voor bezoekers. 3. Het is de exploitant en de beheerder verboden personen die nog niet de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt toe te laten of te laten verblijven in een seksinrichting. Paragraaf 3.2 Regels voor alle prostitutiebedrijven en prostituees Artikel 3:14 Leeftijd en verblijfstitiel prostituees

Paragraaf 3.2 Regels voor alle prostitutiebedrijven en prostitué(e)s Artikel 3:14 Leeftijd en verblijfstitel prostitué(e)s Correctie van een schrijffout. Voor woordaanpassing zie toelichting bij artikel 3:2, onderdeel g.

1. Prostitutie vindt uitsluitend plaats door een prostituee die de leeftijd van 21 jaar heeft bereikt.

1. Prostitutie vindt uitsluitend plaats door een prostitué(e) die de leeftijd van 21 jaar heeft bereikt.

Zie toelichting bij artikel 3:2, onderdeel g.

2. Het is een exploitant verboden een prostituee voor of bij zich te laten werken die:

2. Het is een exploitant verboden een prostitué(e) Zie toelichting bij artikel 3:2, onderdeel g. voor of bij zich te laten werken die:

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

a. nog niet de leeftijd van 21 jaar heeft bereikt;

a. nog niet de leeftijd van 21 jaar heeft bereikt;

TOELICHTING

b. in Nederland verblijft of werkt in strijd met het bepaalde bij of krachtens b. in Nederland verblijft of werkt in strijd met het de Vreemdelingenwet 2000. bepaalde bij of krachtens de Vreemdelingenwet 2000. 3. Het is een prostituee verboden: a. te handelen in strijd met het eerste lid; b. werkzaam te zijn voor of bij een exploitant aan wie geen vergunning voor een prostitutiebedrijf is verleend.

3. Het is een prostitué(e) verboden: Zie toelichting bij artikel 3:2, onderdeel g. a. te handelen in strijd met het eerste lid; b. werkzaam te zijn voor of bij een exploitant aan wie geen vergunning voor een prostitutiebedrijf is verleend.

Artikel 3:17 Verdere verplichtingen van de exploitatant en beheerder prostitutiebedrijf 1. De exploitant of de beheerder is aanwezig gedurende de uren dat het prostitutiebedrijf daadwerkelijk wordt uitgeoefend. 2. De exploitant van een prostitutiebedrijf draagt er zorg voor dat: a. de voor of bij het prostitutiebedrijf werkzame prostituees redelijkerwijs hun eigen werktijden kunnen bepalen;

Artikel 3:17 Verdere verplichtingen van de exploitant en beheerder prostitutiebedrijf

Correctie van een schrijffout.

a. de voor of bij het prostitutiebedrijf werkzame prostitué(e)s redelijkerwijs hun eigen werktijden kunnen bepalen;

Zie toelichting bij artikel 3:2, onderdeel g.

3°. met betrekking tot alle voor of bij het prostitutiebedrijf werkzame prostitué(e), de documentatie die ten grondslag ligt aan de vorming van het oordeel over de mate van zelfredzaamheid, bedoeld in artikel 3:15, tweede lid, onder k;

Zie toelichting bij artikel 3:2, onderdeel g.

b. er een deugdelijke bedrijfsadministratie wordt gevoerd waarin de actuele gegevens zijn opgenomen van in ieder geval; 1°. de voor of bij het prostitutiebedrijf werkzame prostituees; 2°. de verhuuradministratie; 3°. met betrekking tot alle voor of bij het prostitutiebedrijf werkzame prostituees, de documentatie die ten grondslag ligt aan de vorming van het oordeel over de mate van zelfredzaamheid, bedoeld in artikel 3:15, tweede lid, onder k;

4°. de werkroosters van de beheerders; c. de bedrijfsadministratie met inachtneming van de wettelijke termijnen wordt bewaard en te allen tijde beschikbaar is voor toezichthouders;

APV 2022 (WAS)

APV 2026 (WORDT)

TOELICHTING

d. medewerkers van de gemeentelijke gezondheidsdienst en van andere door de burgemeester of het college aangewezen instellingen worden toegelaten tot seksinrichtingen als ze voornemens zijn voorlichtings- en preventieactiviteiten uit te voeren of voorlichtingsmateriaal te verspreiden; e. onverwijld bij de politie wordt gemeld ieder signaal van mensenhandel of andere vormen van dwang en uitbuiting; f. onverwijld aan het bevoegde bestuursorgaan wordt gemeld als gedurende ten minste één maand geen gebruik gemaakt zal worden van de vergunning. Deze melding vermeldt de reden en de verwachte duur; g. gedaan wordt wat nodig is voor een goede gang van zaken binnen het prostitutiebedrijf. Hoofdstuk 4. Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente Afdeling 1. Voorkomen of beperken geluidhinder en hinder door verlichting Artikel 4:1 Definities In deze afdeling wordt verstaan onder: - Activiteitenbesluit milieubeheer: Activiteitenbesluit milieubeheer, zoals dat besluit luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet;

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17034460/1