'verslag - Raad (31.10.2023)'
Tekst van het document
We gaan dan eerst iedereen de vraag stellen en dan vraagt u nog een keer: wat is uw vraag? De heer Mol: Maar ik heb maar een kort geheugen. De voorzitter: Ik vind dit niet kunnen. Wij zijn tweeënhalf uur aan de vergaderen en dan gaan we ook nog alles dubbel doen. Dat gaat gewoon niet. De heer Rieter: Voorzitter, kan iemand hem dan even een pen geven? Want er zijn vier vragen en als dadelijk weer alle vragen worden herhaald. Dan kunt u ze even opschrijven. Dat doen trouwens alle collega's. De heer Manders: Nou ja, ik wil het toch ook voor de heer Mol opnemen. Kijk, we hebben een inclusieve raad en we moeten ook rekening houden met mensen die een korter geheugen hebben. En ik wil graag de vraag nog een keer herhalen. En de vraag betrof: één, en ik zal één voor één vragen en dan u de mogelijkheid geven als u dat goed vindt, voorzitter, om de vraag te beantwoorden, en dan vraag twee geven. De eerste vraag was: hoe staat 50PLUS tegenover het weghalen van de parkeerplekken op straatniveau en in het bijzonder de Steenweg? De heer Mol: Dat zou ik bijzonder jammer vinden als dat zou gebeuren, want ik zou zo graag met mijn opa, met mijn schoonvader van 93 de Steenweg in willen rijden, de beste man willen af kunnen zetten en dan weer doorrijden. De voorzitter: De heer Manders. De heer Manders: Dus eigenlijk impliciet gaat u dan onze motie steunen dat kort parkeren mogelijk blijft.
De heer Mol: Ik steun helemaal geen motie. Sorry voorzitter. Ik steun helemaal geen moties die wij niet besproken hebben. De heer Manders: Oké. Daar stond namelijk in dat kort parkeren mogelijk zou blijven op bijvoorbeeld de Steenweg. Dus in dit geval steunt u geen motie waar u in feite wel voor bent. Dank u wel. De tweede vraag was: die robuuste randen. Als ik nu zou voorstellen met mijn fractie: we nemen op in de mobiliteitsvisie, een amendement: de Ruit moet bespreekbaar blijven. Puur die zin en voor de rest niets. Zou u dat steunen? Want u zegt net: de Ruit vinden wij dat onze partij dat moet blijven steunen. De heer Mol: Ik zou de Ruit steunen, mijnheer Manders. De voorzitter: Ja, ja, nog een vraag? Nee? De heer Mol: Dat waren er twee. De heer Manders: Dan zou ik graag straks met een amendement komen en een schorsing aan willen vragen. Dankjewel. De voorzitter: Ja, dank u wel. De heer Van Sas. De heer Mol: De heer Van Sas. De voorzitter: Nou, ik ben de voorzitter hè. De heer Van Sas: Ook een vraag aan de heer Mol. Een vraag die ik regelmatig aan de heer Manders stel. Maar is de heer Mol ervan op de hoogte dat een Ruit slechts nog een paar procent invloed heeft op de verkeersintensiteit op het Kasteel Traverse? Dat is vaker onderzocht en die invloed is gewoon heel gering. De voorzitter: De heer Mol. De heer Mol: Daar zijn wij van op de hoogte. Mijnheer Van Sas, dank u wel.
De voorzitter: De heer Van de Werff, u moet de vraag stellen, nog een keer. De heer Van de Werff: U bent hem vergeten. Oké. Weet u nog van de Traverse van vroeger? Ja, daar is ook een heel procedé aan vooraf gegaan en die heeft het nipt gehaald. Zijn we er dan nu blij mee de laatste jaren met die Traverse? Nee, het is een hele langetermijnvisie. Hoe denkt u daarover? De mobiliteitsvisie is ook een langetermijnvisie. Dus het moet breed gedragen worden, is heel belangrijk. Hoe denkt u daarover? De voorzitter: De heer Mol. De heer Mol: Voorzitter, wij willen graag dat hij breed gedragen wordt. Hoe meer mensen of partijen eraan meedoen, des te beter het zou zijn. En dat geldt ook voor de Traverse. Want we denken er allemaal hetzelfde over, over die Traverse. De voorzitter: Oké. De heer Vervoort.
De heer Vervoort: Mijnheer Mol, u daagt me uit om een vraag te stellen, u zegt vanuit ons hier: een visie moet breed gedragen worden. Maar als nu blijkt dat de coalitie recht tegenover staat ten opzichte van de coalitie, oppositie coalitie, heeft u dan in uw beleving voldoende draagvlak? De voorzitter: De heer Mol. De heer Mol: Heel eerlijk zou ik meer draagvlak willen zien. De voorzitter: Dank u wel. De heer Vervoort: Voorzitter, dat is geen antwoord op mijn vraag. Mijn vraag is: op het moment als de coalitie oppositie lijnrecht tegenover elkaar staat, vindt u dan dat deze visie door moet gaan? En het antwoord kan zijn ja, meerderheid is meerderheid. Of u kunt zeggen vanuit hier: nee, dan wil ik hem eigenlijk niet in stemming brengen. De voorzitter: De heer Mol. De heer Mol: Ja. Sorry. Ja, meerderheid is meerderheid. De voorzitter: Mevrouw Maráczi. Korte vraag hè. Mevrouw Maráczi: Ja korte vraag aan de heer Vervoort. Want ik … De voorzitter: Een interruptie op een interruptie. Dat doen we niet. Mevrouw Maráczi: O, nou jammer. De voorzitter: Oké. Dan dank ik de heer Mol voor zijn bijdrage. Dan gaan we door naar de heer Van den Boogaard en daarna de heer Van Sas. Van den Boogaard. De heer Van den Boogaard: Dankjewel voorzitter. We hebben eerder al uitgebreid gesproken over de mobiliteitsvisie en ook vanavond zijn we er al heel lang over aan het praten.
In de commissievergadering heeft de wethouder al de nodige zaken toegezegd, aangevuld en aangepast, waarvoor dank. Dit laat zien dat er ook echt geluisterd is en wordt. D66 staat volledig achter deze visie richting 2040. Als we als stad willen groeien en daarbij niet compleet willen dichtslibben, dan zullen er maatregelen genomen moeten worden om het aantal vervoersbewegingen met de auto omlaag te krijgen. Zo maken we de stad aangenamer, leefbaarder en duurzamer. Het gaat dan ook niet zozeer om het ontzeggen van de mogelijkheid om een auto te gebruiken, maar meer om prioriteit te geven aan actieve mobiliteit, lees te voet en met de fiets en slimme mobiliteit. Daarbij willen we stimuleren dat zoveel mogelijk mensen de fiets pakken, ook voor woon-werkverkeer. In de mobiliteitsvisie staan veel goede ideeën voor de lange termijn, maar moet ook onze ogen niet sluiten voor de realiteit. De auto is voorlopig nog niet weg te denken, dus de alternatieven voor de auto moeten eerst op het juiste niveau zijn. Om het autoverkeer in het centrum te kunnen verminderen zal daarom eerst voldaan moeten worden aan een goed en veilig openbaar vervoer binnen Helmond en dan gaat het vooral om vervoer van het station naar de verschillende wijken. En hiervoor is in 2021 ook al een raadsbrede motie aangenomen.
We lezen in de visie dat de gemeente samen met de provincie beter openbaar vervoer wil gaan ontwikkelen, waarbij de ontwikkeling van autonome shuttlebusjes hopelijk tot nieuwe mogelijkheden zal leiden. Wanneer kunnen we hiervan de concrete resultaten verwachten? Dan het tweede punt. Voldoende parkeergarageplaats met goede en veilige aan- en afvoerroutes naar de parkeergarage. Daarnaast dienen er
ook voldoende parkeerplaatsen over te blijven voor de Helmonders die slecht ter been zijn. Gelukkig lezen we in de visie dat kort parkeren voor laden en lossen voor wegbrengen en ophalen en voor mindervaliden mogelijk zal blijven. En in het centrum zal plek blijven voor de kermis en de markt. Ook blijven er parkeerplaatsen beschikbaar voor bezorgen en afhaalmogelijkheden. Ten derde. Er is een complete ringweg binnen Helmond nodig voor een goede verkeersdoorstroming en ontlasting van het overige verkeer in de stad. Denk hierbij ook aan de route via de Kasteelherenlaan en ‘…’ Een vierde voorwaarde is een goed onderhouden netwerk van fietspaden, het bevorderen van fietsen en met name dan wat ik net al noemde, voor woon- en werkverkeer. Zoals gezegd, D66 Helmond staat positief tegenover deze visie die een richting geeft voor de lange termijn, maar benadrukt wel dat het slagen van dit project afhankelijk is van op de juiste wijze en de juiste volgorde uitvoeren van de genoemde aandachtspunten. Wij wensen de wethouder veel succes met de uitvoering van deze plannen, die de komende twintig jaar als puzzelstukjes uitgewerkt worden. Samen met de inwoners, ondernemers en de regio. Tot zover. De voorzitter: Oké. Dank u wel. Mevrouw Spoek en de heer Van de Werff. Mevrouw Spoek. Mevrouw Spoek-van Dinther: Ja, dank u wel voorzitter.
Ik ben benieuwd of fractie van D66 al een idee heeft waar de kermis en de markt dan gesitueerd dadelijk moeten worden in de nieuwe situatie zoals die op de plaatjes geschetst is in deze visie? De voorzitter: Mijnheer Van de Werff. De heer Van de Werff: Dank u wel, voorzitter. Mijnheer Van den Boogaard, bent u het met mij eens als ik de volgen vraag ga stellen aan alle medestanders in het centrum: bent u bereid te verhuizen naar Asten, Someren, Deurne, Venray? Want daar hebben we niet zo’n mobiliteitsvisie. Die zijn met de auto bereikbaar. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van den Boogaard. De heer Van den Boogaard: Ja dankjewel. De exacte locatie van kermis, dat moet natuurlijk dan nog verder bepaald worden, maar het is in ieder geval zeker duidelijk dat er plek voor is. Op de markt zal er vast een plek voor zijn. Dus dat komt zeker goed. Dan de andere vraag over een middenstand. Ik snap uw vraag niet helemaal, want ik denk dat het nog steeds heel aantrekkelijk is voor ondernemers om te ondernemen in de stad in Helmond, waar ook heel veel mensen nog komen om daar te winkelen, om te recreëren. Dus ik weet niet waar uw zorg precies zit? De voorzitter: U stelt een vraag terug. De heer van de Werff, waar zit uw zorg? De heer Van de Werff: Mijn zorg, die is er al langer. Ik heb het persoonlijk ervaren.
Het is prettig parkeren en winkelen in die gemeenten die ik zojuist heb genoemd. En dat is zeer vriendelijk, ook voor mindervaliden mensen en oudere mensen. Zo simpel is het. En wij maken het hier alleen maar moeilijker. De voorzitter: De heer Van den Boogaard, tot slot. De heer Van den Boogaard: Ja, zoals ik ook al in mijn bijdrage aangegeven heb, er blijft gewoon mogelijkheid voor parkeren voor mindervaliden, heel dicht bij de voorzieningen. Dus de zorgen die u heeft, die worden al weggenomen met deze visie.
De voorzitter: Dank u wel. Dan dank ik de heer Van den Boogaard voor zijn bijdrage. Dan gaan we over naar de bijdrage van de heer Van Sas en daarna de heer De Mare. De heer Van Sas, GroenLinks. De heer Van Sas: Dank u wel, voorzitter. Om uw zorgen weg te nemen, hier staat de enige echte woordvoerder van GroenLinks Mobiliteit. De voorzitter: Ik had er al een stuk of vijf gehoord, dus. De heer Van Sas: Een kleine veertig jaar geleden zaten een aantal mensen in een achterafbarak van Philips te dromen over toekomstige technologieën. Er was sprake van veel wensdenken en hun ideeën waar behoorlijk utopisch. Je zou het ook niet realistische luchtfietserij kunnen noemen. En al die mooie ideeën waren allesbehalve financieel onderbouwd, maar ze ontwikkelden wel een visie, een visie die uiteindelijk leidde tot plannen met bijbehorende financiële onderbouwingen. Het bedrijf dat uit deze visie-ontwikkelaars is voortgekomen, zit allang niet meer in een achterafbarak. Het bedrijf is inmiddels aanjager van de hele Brainporteconomie en misschien wel het belangrijkste bedrijf ter wereld. Zonder de utopische, op dat moment weinig realistische visie van de mannen van het eerste uur van ASML zou dat bedrijf er nooit gekomen zijn. Maar terug naar de Helmondse mobiliteitsvisie. Ook deze visie bevat elementen die je utopisch zou kunnen noemen.
Wat zou het mooi zijn als het drukke Kasteel Traverse uit de stad verbannen zou kunnen worden. Maar deze visie bevat ook elementen waar we morgen mee aan de slag zouden kunnen gaan. Een visie vaststellen en omzetten in plannen vereist wel draagvlak in de stad. Wat dat betreft zijn we het eens met de opmerkingen van de VVD ook. Maar draagvlak vereist wel ondubbelzinnige duidelijkheid over de visie en de toekomstige plannen. Onze fractie was dan ook zeer verbaasd dat het CDA blijkbaar 1.400 euro overhad voor een paginagrote advertentie in de Loop waarin geen duidelijkheid, maar verwarring geschapen werd. Enkele citaten. In de CDA-advertentie staat, en ik citeer: ‘we moeten de dingen wel in de goede volgorde doen. Als we parkeren in het centrum bovengronds willen aanpakken, dan moeten we eerst zorgen voor voldoende alternatieve parkeerplekken.’ Einde citaat. In de mobiliteitsvisie staat letterlijk: ‘er wordt gezorgd voor voldoende beschikbare parkeerplaatsen in de parkeergarages, waarna bestaande parkeerplaatsen op straat worden opgeheven.’ Einde citaat. Wat is er niet duidelijk aan die visietekst? Ook staat in de CDA-advertentie, weer een citaat: ‘mensen met een beperking of ouderen moeten de binnenstad wel met de auto kunnen bereiken. Dat staat nu niet voldoende duidelijk in de mobiliteitsvisie.’ Einde citaat.
In de mobiliteitsvisie staat letterlijk: ‘bezoekers en bewoners die om bijvoorbeeld gezondheidsredenen afhankelijk zijn van de auto moeten dicht bij hun bestemming kunnen blijven komen.’ Welke woorden van de Nederlandse taal zijn het CDA niet duidelijk? Nog een CDA citaat, en ik heb het hier vaker gehoord, ook van anderen. ‘Als je de kermis en de markt uit het centrum wilt halen, dan moet je toch ook over alternatieve locaties hebben nagedacht?’ Einde citaat. In de mobiliteitsvisie staat letterlijk: belangrijke randvoorwaarde is dat voor de weekmarkt en de kermis als vaste waarden in het centrum passende en aantrekkelijke locaties worden geworden in het centrum.’ Mijn tijd is hier te kort om nog meer citaten aan te halen, die volgens mij gericht zijn op het zaaien van verwarring en niet gericht zijn op het samen komen tot een zo goed mogelijk visiedocument. Maar als het CDA nog meer citaten wil vergelijken met de inhoud van de mobiliteitsvisie, dan kunnen ze opzoeken op onze website. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: De heer Vervoort en dan de heer Heller. De heer Vervoort. De heer Vervoort: Ja dankjewel voorzitter. Ik kan u aangeven, er komt komende week wederom een volle advertentie over de mobiliteitsvisie hoe het CDA kijkt tegen de mobiliteitsvisie. En daar hebben we nog een keer geld voor over.
Dus wij vinden het van groot belang dat onze Helmonders de visie van het CDA kan lezen en die oproep doe ik ook aan iedereen, u maakt reclame voor ons tegen alle inwoners van Helmond. Ga de
Loop lezen, want er wordt precies uitgelegd hoe wij als CDA tegen die visie kijken. Betreft het parkeren, het van ouderen naar de betreffende plek te komen. Ik heb daarstraks nog tegen mevrouw Hendriks aangegeven: mijn moeder van 85 kon ik op een normale manier niet naar de bestemming brengen, ondanks het feit dat … De voorzitter: En uw vraag is? Een interruptie is een kort statement en een vraag. De heer Vervoort: Mijn vraag is: er is een hele hoop gesproken over het CDA, wat dat betreft prima. Ik heb een andere vraag. Het ging over ASML. U gaat een bedrijf, een wereldspeler op dit gebied, vergelijken met een mobiliteitsvisie als een stad Helmond. Ik snap echt niet waar u de vergelijking van vandaan haalt om een ondernemer als ASML met een parkeermobiliteitsvisie te vergelijken. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van de Werff. De heer Van de Werff: Dankjewel voorzitter, daar haak ik kort op aan. U heeft het over citaten. U begint zelf met een citaat van luchtfietserij, mogelijk van Philips. Er zijn ook mislukte producten, zoals CDI en Video 2000. Daar wil ik het niet over hebben, maar mijn vraag is: ik vind die vergelijking mank gaan, een commerciële instelling of hier idealisme. Wat is uw antwoord daarop? De voorzitter: De heer Heller. De heer Heller: Ja dank u wel voorzitter. Een vraag aan de heer Van Sas. We hebben straks de erfgoedvisie afgetikt.
Die is onlangs ook in de commissie geweest en daar heb ik ook toen het onderwerp in de commissie vervolgens naar de mobiliteitsvisie ging de heer Bonte op attent gemaakt dat in 1951 een stedenbouwkundige mijnheer Froger is gevraagd om te adviseren over het ontlasten van het centrum van Helmond. En het resultaat daarvan was de ontwikkeling van de Kasteel Traverse, om maar eventjes aan te geven dat door de tijden heen de visies kunnen veranderen. Bent u het met mij eens dat het ook zo kan zijn dat deze mobiliteitsvisie over een paar jaar misschien wel heel anders geïnterpreteerd zou kunnen worden? De voorzitter: De heer Van Sas. De heer Van Sas: Ja, dank u wel voorzitter. Te beginnen met de komende advertentie van het CDA. Ik zal hem met belangstelling lezen, maar ik hoop wel dat er geen uitspraken in staan die gewoon letterlijk in strijd zijn met wat er in de mobiliteitsvisie staat. Want dat is waar ik op reageerde. Parkeren in de stad. Ja volgens mij, die toezegging staat ook letterlijk in de mobiliteitsvisie en die toezegging is door de wethouder gedaan dat er mogelijkheid moet blijven om inderdaad mensen slecht ter been dat die in de stad kunnen blijven komen met de auto. En daarnaast inderdaad mensen af kunnen zetten en vervolgens naar een parkeergarage rijden. Zoals al gezegd, Boscotondo is altijd plek en op andere parkeergarages is ook gebleken dat er ruimte is.
De vergelijking met ASML. Het ging voor een goed verstaander natuurlijk helemaal niet over ASML. Het ging over duidelijk proberen te maken waar visies over gaan. Hier in de raad lopen continu visies, plannen en planningen en financiering door elkaar. Dit document is een visiedocument, dat gaat over een visie. En visie staan … Een plan, een planning, een financiering komt na een visie. Ik werk veertig jaar in het bedrijfsleven en alle projecten waar ik aan gewerkt heb, die worden voorafgegaan door een visie. En een goede visie is de basis voor de plannen die daarna gemaakt worden. Dus ja, de opmerking over ASML ging natuurlijk niet over ASML, het ging over duidelijk maken waar een visie over gaat. Ja, de vraag van de heer Heller. Ja, ik denk een visie is een lopend document. Het is onmogelijk om nu iets voor meer dan twintig jaar exact vast te leggen. Een visie is een richting waar je uit wilt en daar zal vast wel in de loop van de jaren veranderingen in plaatsvinden. Tot zover, voorzitter.
De voorzitter: De heer Manders, die had nog een aanvulling. Gaan we weer … Oké. Maar de Manders eerst. De heer Manders: Ik begreep uit non-verbale communicatie dat ik die vraag niet meer mocht stellen en hij is mij nu ontschoten. Sorry. De voorzitter: Even laten uitspreken. Dus hij was drie vragen aan het beantwoorden, er is iemand een vraag aan het beantwoorden en dan moet hij weer een volgende vraag. Dus dat is niet helder. Dus we gaan eerst af en daarom zei ik: nu niet. Maar u mag natuurlijk altijd een vraag stellen. De heer Manders: Ik snap het, maar hij is mij ontschoten. Excuses. De voorzitter: De heer Van de Werff. De heer Van de Werff: Mijn vraag was of de heer Van Sas het eens was met mij dat het vergelijken tussen visies van het bedrijfsleven met de commerciële inslag toch iets anders zijn dan visies met een idealistische inslag. De voorzitter: De heer Van Sas. De heer Van Sas: Ik heb u proberen uit te leggen, ook in reactie op een andere opmerking dat het een manier is om duidelijk te maken waar een visie over gaat. Een visie of dat nu een visie in het bedrijfsleven of een visie is over een toekomst van een stad, een visie is een visie. En ik heb duidelijk proberen te maken het onderscheid tussen visie, plan, planning, financiering. De voorzitter: Oké. Dank je wel. Dan de heer Manders en dan de heer Heller. De heer Manders: Ja, het geheugen werkt soms heel raar.
Maar u zei straks: wij vinden dat kort parkeren, en dat is ook toegezegd, voor mensen die slecht ter ben zijn moet blijven bestaan. Bent u het ook eens dat kort parkeren moet blijven bestaan voor bijvoorbeeld bedrijven zoals Loro Blonyo en andere bedrijven in de stad die het moeten hebben van dat korte parkeren? De voorzitter: Dank je wel. De heer Heller. De heer Heller: Ja, dank u wel voorzitter. Even een vraag over een opmerking die de heer Van Sas maakte, maar die ik vanavond al meerdere keren heb gehoord, is dat er in parkeergarage Boscotondo meer dan voldoende ruimte zou zijn. Ja dat kan wezen, maar op dit moment hebben we nog straatparkeren. Bent u het met mij eens dat de situatie gaat veranderen als het straatparkeren dadelijk ingeperkt wordt? want dan is die garage gewoon te klein. De voorzitter: De heer Van Sas. De heer Van Sas: Om op het laatste in te gaan. Ja, volgens mij staat het duidelijk in de mobiliteitsvisie dat straatparkeerplekken pas verdwijnen op het moment dat er voldoende ruimte is in de parkeergarages. Dat is ook uitgebreid over gegaan in de commissies, dat is ook toegezegd. Dus ja, natuurlijk. Nu ben ik even de vraag van de heer Manders kwijt. Ik ben ook van de leeftijd van de heer Mol en ik heb ook een kort geheugen. Kunt u me even een … De heer Manders: Ja, het ging mij om niet alleen kort straatparkeren, daar zijn we het meteen al over eens …
De voorzitter: Loro Blonyo. De heer Manders: Nee nee, ook andere bedrijven. Ik wil geen reclame maken voor een specifiek bedrijf. De voorzitter: Oké. De heer Van Sas. De heer Van Sas: Als u nu in de commissie opgelet had, dan had u kunnen horen dat onze fractie inderdaad daar ook een opmerking over gemaakt had en dat de wethouder volgens mij ook al een toezegging op gedaan heeft. Dus ja, ik ben het met u eens. De voorzitter: Oké. Dank u wel, dank u wel de heer Van Sas. Dan geef ik het woord aan de heer De Mare en dan tot slot de heer Guldenaar. De heer De Mare: Voorzitter, collega's en toehoorders. Als eerste wil ik naar de in onze mening belangrijkste uitgangspunten voor deze mobiliteitsvisie benoemen. Ten eerste. Helmond maakt deel uit van een groeiende regio met succesvolle bedrijvigheid en onderwijsinstellingen. De zogenaamde schaalsprong, waarin steeds meer mensen en bedrijven in een beperkte ruimte met elkaar zullen moeten gaan samenleven en waardoor ook het aantal verplaatsingen flink zal toenemen, is het gevolg daarvan. Dat is geen wens, maar wordt door ons als een feit geaccepteerd en noem ik maar uitgangspunt numero één. Ten tweede. Het huidige verkeerssysteem en de huidige openbare ruimte kan al die extra verkeersbewegingen als ze op de huidige manier voor een groot deel met auto's zouden worden uitgevoerd, simpelweg niet aan.
Dat is ook geen wens, maar een simpele constatering en vormt uitgangspunt numero twee. We willen van Helmond in 2040 een fijnere en gezondere stad maken om in te wonen, werken en leven. Dat is wel een wens, een doel. Dat noem ik uitgangspunt numero drie. Vanuit deze uitgangspunten is de mobiliteitsvisie ontwikkeld. De stip op de horizon dat in een toekomstig mobiliteitssysteem de auto zal blijven, maar wat minder prominente rol zou moeten innemen. Een plaatje zegt soms meer dan duizend woorden en wat ons betreft geeft het schema op bladzijde vijf van de visie bij de inleiding dat ook uitstekend weer. De auto blijft, maar wordt iets minder prominent. Hoe je die stip op de horizon gaat bereiken, daar zal ik zo op terugkomen. Voorzitter, als tweede wil ik eens terugkijken op al eerder vastgesteld beleid. Dat geeft toch een iets andere kijk op de discussie als wat vanavond is gebeurd. Op 11 november 2020 is met een overweldigende meerderheid de herijking Centrumperspectief door de gemeenteraad aangenomen. Alleen het CDA stemde toen tegen en dus alle andere fracties, behalve natuurlijk fracties die er toen nog niet waren, stemden toen voor. In die herijking Centrumperspectief is een schema opgenomen met daarop specifiek de melding: geen straatparkeren op een omvangrijk gebied. Ik heb het schema hier, waar onder andere het Ameideplein en de Kegelbaan zijn aangegeven.
Dat staat gewoon in het schema, is toen door de gemeenteraad vastgesteld. Volgens mij zaten er toen andere partijen in het college. Op 28 september 2021 is met slechts één stem tegen van de fractie Plan, nu niet meer in de gemeenteraad vertegenwoordigd, de actualisatie Parkeerbeleid door de gemeenteraad aangenomen. In dat stuk staan ook, in die uitgebreide beleidsnotitie, dezelfde visie ten aanzien van het verminderen en verwijderen van het lang parkeren in en om het centrum werd daarin gedetailleerd uiteengezet en uitgewerkt. Kunt u gewoon allemaal nalezen, heeft u allemaal mee ingestemd. In diezelfde vergadering is de visie op deelmobiliteit en plan van aanpak zelfs unaniem door de raad vastgesteld. Die visie ging, zoals de titel al zegt, vooral over deelmobiliteit als middel om het individuele autogebruik terug te dringen. Heeft u allemaal mee ingestemd. En als laatste is in diezelfde vergadering de door de VVD ingediende motie terugdringen geluidsbelasting unaniem door de gemeenteraad aangenomen, waarbij ook nadrukkelijk over de overlast door de Traverse werd gesproken. De nu vast te stellen mobiliteitsvisie is volledig in overeenstemming met al deze eerder vastgestelde raadsbesluiten. Het is dus echt niet zo dat nu ineens wordt voorgesteld om het centrum voor auto's minder makkelijk bereikbaar te maken, of dat nooit eerder is
geopperd om de Traverse af te schalen. Alle ophef daarover, onder andere van partijen die met alle zojuist genoemde besluiten hebben ingestemd, kwam ons dus wel wat merkwaardig over. Uit de zojuist ingediende moties van de VVD, en enkele partijen die dat hebben gesteund, hoop ik overigens toch wel te mogen afleiden dat de neuzen toch wel weer iets meer in dezelfde richting komen te staan. Want veel wat in die moties wordt gevraagd, staat doodgewoon in de mobiliteitsvisie en is volgens ons altijd de bedoeling geweest. Voorzitter, vanuit de genoemde uitgangspunten zijn wij het helemaal eens met de in dit rapport omschreven stip op de horizon en we constateren dat veel van de in dit rapport genoemde eerste fase uitwerkingsmaatregelen, met name voor het centrum, niet zijn gewijzigd ten opzichte van de al eerder genomen raadsbesluiten. Over de verdergaande maatregelen, die afhankelijk zijn van allerlei externe toekomstige keuzes en ontwikkelingen, zoals bijvoorbeeld openbaar vervoer met zelfrijdende shuttlebusjes, externe geldstromen en de mogelijke locatie van een nieuw regionaal bedrijventerrein. Die latere onderdelen worden dus nu nog helemaal niet vastgesteld, maar die zullen nader worden onderzocht. Voorzitter, wij kunnen dus instemmen met deze mobiliteitsvisie. Wij wensen de wethouder en zijn ambtenaren veel succes bij de verdere uitwerkingen.
Wij gaan er volledig vanuit dat daarbij de redelijke belangen van bewoners en bedrijven van binnen en buiten Helmond evenwichtig en serieus meegenomen zullen worden. En of we de komende zeventien jaar tot 2040 nu wel of niet in de coalitie zitten, wij zullen dat vanuit onze fractie met veel belangstelling positief kritisch blijven volgen. Dank u wel. De voorzitter: Oké, dank u wel. De heer Vervoort heeft een interruptie. De heer Vervoort: Dank u wel voorzitter. Mijnheer De Mare, u had van alles opgesomd waar wij in het verleden voor en tegen hebben gestemd en één van de onderwerpen was deelmobiliteit. Als u nu terugkijkt van toen we dat hebben gezegd vanuit hier, dan zijn we met zijn allen voor en nu vandaag de dag … De voorzitter: Korte interruptie hè. Dus kort en een vraag. Wat is uw vraag? De heer Vervoort: Is het een succes volgens u? Want op dit moment is twee procent van de Nederlanders die gebruik maakt van deelmobiliteit. Is dan dit een succes en heeft dit toekomst, ja of nee? De voorzitter: Ik kijk even naar de zijde van de gemeenteraad. Niemand meer. Is dit een succes, ja of nee? De heer De Mare: Dank u wel voorzitter, dank u wel voor uw vraag. Ik constateer dat u mij vraagt of een beleid wat twee jaar, één maand en drie dagen geleden is ingestemd als langetermijnvisie, of dat één jaar één maand en drie dagen later tot een succes is geleid.
Dan zeg ik u: nee, want het is het begin van een transitie en de transitie kost tientallen jaren, dus ik vind het eerlijk gezegd met alle respect een onzinnige vraag. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even naar de zijde. Dank u wel, de heer De Mare. Dan geef ik het woord aan de heer Guldenaar. De heer Guldenaar: Dank u wel, voorzitter. Ik kreeg een beetje déjà vu gevoel van zeven november, de begrotingsbijdrage. Daar ben ik ook als laatste. Er is al zoveel gezegd, maar ik wilde toch nog heel even iets aanvullen. Ik heb mijn mobiliteitsvisiebijdrage van 12 september nog een keer gelezen. Is mijn mening in de tussentijd veranderd? We hebben gediscussieerd, mensen gesproken, verschillende standpunten aangehoord. Voorzitter, zelfs het interview van de wethouder op Dit is Helmond bekeken. Ja, nog steeds bekruipt mij de stip aan het horizon gevoel. Wat mis ik in deze visie? Allereerst wordt alle aandacht gevestigd op het autoluw maken van het centrum. De volgordelijkheid, prioriteit voor ondernemers, horeca, winkeliers, ouderen, mindervaliden, staat nergens expliciet vermeld. Het tweede. De impact van de autoluwe centrum, wat dat
heeft op het verkeer, parkeren, verkeersveiligheid rondom scholen, in de wijken en randwijken. Staat ook nergens expliciet vermeld in een volgordelijke wijze. We kunnen nog meer onderwerpen opnoemen, maar wat wij willen zien is dat deze stippen aan de horizon, die al heel veel keren hier vermeld staan en vermeld zijn tijdens deze avond, daadwerkelijk worden uitgevoerd met een duidelijke volgordelijkheid en prioritering. Ik bedoel daarmee als je het hebt over het autoluw maken van het centrum, waarom stel je dan niet eerst voor om de randwijken en de wijken daar je aandacht aan te besteden? Want je weet gewoon dat als je in het centrum daarmee gaat beginnen, dat de wijken en de randwijken daar de problemen zich voor gaan doen. En nergens staat daarin: wij gaan eerst dat doen en wij gaan daarna dit doen en we gaan daarna dat doen, in een … Ik vind als je een plan maakt, een visie maakt, dat dat daarin moet terugkomen en niet daarna pas bepaald moet worden als wij gaan stemmen in die rol. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Dank u wel voor uw bijdrage. Dit is het einde van de bijdragen van de zijde van de raad in de eerste termijn. Ik geef nu het woord aan de wethouder. Wethouder Bonte. De heer Bonte: Ja voorzitter, dank u wel.
Dank aan alle bijdragen die vanuit alle fracties zijn geleverd en volgens mij zei de heer Vervoort: er is, volgens mij noemde u veertien jaar tijd, geen onderwerp geweest wat de tongen zoveel heeft losgemaakt. En ik denk dat dat waar is en dat dat ook heel nuttig is geweest. In het afgelopen half jaar is er vanuit veel kanten in de stad, door de regio, door u gesproken over in eerste instantie natuurlijk de conceptmobiliteitsvisie die we aan u hebben voorgesteld en vervolgens ook aan de aangepaste mobiliteitsvisie waar ook uit dat participatietraject veel opmerkingen ook waren verwerkt. Er zijn een aantal zaken, ik zou hier niet de commissievergadering over willen doen, maar in de commissievergadering heeft u ook een aantal zaken benadrukt die ook sindsdien nog een extra uitwerking hebben gehad. Eigenlijk de twee hoofdpunten die in de afgelopen maanden ook bij u en bij anderen een rol hebben gespeeld is: hoe gaan wij om met de volgtijdelijkheid van parkeren in het centrum? En daar heeft u aandacht voor gevraagd, hebben ook de ondernemers in het centrum aandacht voor gevraagd. En dat heeft ook tussen mij en de ondernemers tot een intensieve dialoog geleid en ook tot een werkwijze die we hebben afgesproken om de ondernemers daarin gerust te stellen en ook u daarin gerust te stellen dat onze ambitie is om kwaliteit in de openbare ruimte toe te voegen.
Op termijn ook parkeerplekken op straat weg te halen, maar wel onder de garantie dat dat in dat tempo gebeurt en dat wij ook daar goed op monitoren dat er altijd voldoende plekken blijven in de garages. Dus dat is ook een systematiek met een aantal zaken die we daar ook praktisch omheen hebben afgesproken. Ondernemers die de suggestie hebben gedaan van een parkeergeleidingssysteem, zodat het ook makkelijker is om die parkeergarages te vinden. Ook afspraken over hoe gaan we nou met laden en lossen om? Hoe blijven we ook het gesprek aangaan over kort parkeren? Op welke plekken wil je dat in ieder geval ook nog blijven faciliteren? Dat zijn allemaal zaken die we ook samen met de ondernemers ook de komende tijd blijven oppakken. De visie geeft wat dat betreft de richting aan, namelijk dat we die kwaliteit in het centrum willen toevoegen, dat we een groene en gezonde stad met elkaar willen realiseren die ook klaar is voor de schaalsprong. Maar we doen dat wel, die transitie, in een tempo die de stad ook aankan. Dus dat is het ene. Het tweede is: hoe betrekken we daar ook de regio bij? En ook, u heeft de insprekers vandaag ook gehoord vanuit het regionale bedrijfsleven.
Daar heb ik samen met, heb ik u vorige week ook in raadsinformatiebrieven over geïnformeerd, samen met ook de bestuurders in de regio gekeken: wat is er nou nodig? Want die bestuurders in de regio, die hebben ook via een brief ook in uw richting eerder aan de bel getrokken. Die zeiden: we maken ons zorgen als er te rigoureus maatregelen op die Kasteel Traverse worden genomen, wat heeft dat dan voor gevolgen voor het verkeer in onze dorpen of de bereikbaarheid in deze regio? Dus daar hebben we in regionaal verband met elkaar ook stevige, maar uiteindelijk ook hele constructieve gesprekken over gevoerd met één belangrijk uitgangspunt wat we ook naar elkaar toe hebben uitgesproken. De regiogemeenten hebben heel nadrukkelijk ook in onze richting uitgesproken dat zij zich
realiseren en ook respecteren dat wij, in het belang van de leefbaarheid van de stad en ook het klaarmaken van onze stad op de schaalsprong, maatregelen willen nemen op de Kasteel Traverse en dat we die ook op termijn willen afwaarderen. Dus dat begrip is er. Maar ik heb ook richting de regiogemeenten uitgesproken dat ik ook hun zorgen begrijp dat als wij dat niet doen, als we dat niet gepaard laten gaan met ook een flankerend maatregelenpakket, dat daar elders ongewenste effecten zouden ontstaan. Vandaar dat we ook gezegd hebben: we moeten die twee zaken hand in hand laten lopen. En dat heeft geleid tot die tot die transitieagenda voor de Kasteel Traverse, waar we ook juist dat flankerende maatregelenpakket met elkaar uitwerken. En dat zal stapje bij beetje gaan. Het is niet zo dat we als we straks een aantal maatregelen genomen hebben, dat we heel resoluut een knip kunnen aanbrengen op de Kasteel Traverse. Zo zal het niet gaan. Het zal altijd stapje bij beetje zijn en we moeten ook monitoren: hoe pakt dat dan uit? Want je kan, nou ik ben heel optimistisch bijvoorbeeld over een goede samenwerking die wij met bedrijven op de bedrijventerreinen hebben om werknemers te verleiden om de fiets te pakken.
En waarom ben ik over die maatregel zo optimistisch? Omdat dat mensen in de spits, het moment waarop de wegen het volste staan, op de spits kan verleiden om op de fiets te gaan en de auto te laten staan. Dus dat kan een hele effectieve maatregel zijn om ook te zorgen dat we minder verkeer hebben, dus ook minder opstoppingen en dat we dus ook stappen kunnen gaan zetten op de Kasteel Traverse. Maar of dat uiteindelijk, en in welke mate dat ook effect heeft, dat zullen we ook moeten monitoren met elkaar. Dus dat is ook onderdeel van die gezamenlijke aanpak. Dus dat zijn eigenlijk de twee sporen waar we de afgelopen tijd ook mee aan de slag zijn gegaan en de komende tijd ook aan de slag blijven. En daar kom ik eigenlijk op, want er liggen een aantal concrete vragen en ook drie moties die vanuit de VVD zijn ingediend. En laat ik dan met motie drie beginnen, want die sluit eigenlijk aan op die transitieagenda voor de Kasteel Traverse. En we hebben samen ook met de regionale bestuurders hebben we hem uitgewerkt, maar het is nadrukkelijk, en die proefde ik in de vraag van de heer Manders, nadrukkelijk niet de bedoeling dat de uitvoering daarvan zich alleen beperkt tot de regionale bestuurders.
Die zijn wel een belangrijke factor hierin en ik heb ook richting de regiobestuurders aangegeven dat de stappen die we hierin gaan zetten, dat we die ook nadrukkelijk in de regio zullen bespreken. Dat we ook gezamenlijk werken aan een maatregelenpakket en een regionale mobiliteitsvisie. En daar zijn natuurlijk juist regiobestuurders heel belangrijk in. Maar de maatregelen die we gaan nemen in die transitieagenda, daar moeten alle partners bij betrokken worden. Dat is bijvoorbeeld een VNO-NCW, een partner die u nadrukkelijk ook in de motie noemt, maar dat is bijvoorbeeld ook een Fietsersbond, of dat zijn ook de wijkraden, onze eigen wijkraden, dus dat is een heel breed scala aan partners die het ook niet allemaal met elkaar in zijn. Dus we proberen in die participatieaanpak vooral ook de belangen goed uit te lichten en tot maatregelen te komen waar we zoveel mogelijk van die belangen bij elkaar kunnen brengen. Zullen we nooit iedereen tevreden stellen, maar we proberen zoveel mogelijk van die belangen bij elkaar te brengen. Dus dat is de inzet die we daarin plegen en die komt volgens mij in hele grote lijnen, zeker met de aanpassing in uw motie die u gedaan heeft, met ook de oproep die u in uw motie doet, want het leek in de eerste formulering in uw motie een beetje alsof u één partij daar nadrukkelijk uit wilde halen, VNO-NCW.
Dat is een belangrijke partner, maar niet de enige. Dus dat brede scala aan partners, die zullen ook in de uitvoering van die transitieagenda ook een rol krijgen. Dan de andere moties die u heeft ingediend. Die motie behoud kort parkeren. Ja, zoals ik u net aangaf, dat is ook een van de zaken die we samen met de ondernemers in het centrum oppakken. Ik heb ook al eerder in commissiedebat aangegeven dat ook dat zal een kwestie zijn in het totale aanbod van parkeergelegenheden in het centrum, waar we nauw contact ook met de ondernemers hebben. En er spelen een aantal zaken, een aantal randvoorwaarden, ook een rol. Dus voor mindervaliden zal er altijd een goede plek zijn. Dat staat ook nadrukkelijk als uitgangspunt in de visie. Dat geldt ook voor laad- en losmogelijkheden. Maar zeker ook voor het voor het kort parkeren en voor het lang parkeren, voor zover we daar nog niet voldoende alternatieven in de parkeergarages hebben. Dus daar zullen we ook samen met de ondernemers ook goede gesprekken over voeren. Ja, daar hebben we niet per se, zeker niet op al die onderdelen, gedetailleerde onderzoeken nodig,
zoals u in uw motie zegt. Het is vooral een kwestie van goed overleg en ook, ja de signalen en dat kunnen gewoon signalen van ondernemers zijn van goh, ik loop nu hier tegenaan op deze plek. Of als wij een maatregel voorstaan, dat we met elkaar ook kijken en in gesprek gaan van ja, wat betekent dat hier en hier. Dus ja, een heel … En kijk, een onderzoek is ook een momentopname, terwijl dit een onderdeel van een transitie zal zijn tot in ieder geval tot aan 2040. Dus dat is gewoon een continu gesprek wat je met elkaar hebt. Dus op dat punt, als daar bij u nog onduidelijkheid over was is dat nadrukkelijk ook onderdeel van de werkafspraken die we met de ondernemers hebben gemaakt en zullen we daar ook in praktische zin altijd invulling aan geven, waarbij het uitgangspunt ook blijft dat zolang er in parkeergarages nog niet voldoende ruimte is er op straat gewoon geparkeerd kan worden en dat voor kort parkeervoorzieningen, een aantal van die zaken zijn ook hier in de commissie naar voren geweest, dat daar gewoon ruimte voor blijft. Dus dat is het uitgangspunt wat we daar ook bij hebben. Dan heeft u een motie ingediend over het gereguleerd parkeren aan de randwijken. Nu vind ik die naam randwijken, zou ik niet voor mijn rekening willen nemen voor de mensen die in de randwijken wonen. Maar ik snap wat u bedoelt, dus de wijken aan de randen van centrum.
Ja die vind ik, volgens mij was het de heer De Mare die ook refereerde aan het besluit in 2021, actualisatie van het parkeerbeleid. Die motie staat eigenlijk haaks op die actualisatie van het parkeerbeleid. Dus ik zou u willen adviseren om die in ieder geval op dit moment niet in te dienen, maar ik kan me wel voorstellen dat we op enig moment ook met elkaar komen te spreken over hoe pakt die actualisatie van het parkeerbeleid uit? En u noemde een voorbeeld, bijvoorbeeld Kasteel-Noord, Annawijk is zo’n voorbeeld. Hoe gaan wij om met de uitrol van het gereguleerd parkeren juist aan de randen van het centrum. Vaak is dat, bijvoorbeeld vanuit Kasteel-Noord is er vanuit bewoners zelf ook aangegeven richting de gemeente: wij zouden eigenlijk wel betaald parkeren willen in onze omgeving. Dus je ziet dat in dit geval ook een verzoek vanuit bewoners komt. Maar het lijkt me goed om daar met u ook te kijken van nou, op welke manier pakt die actualisatie van het parkeerbeleid in de praktijk uit en hoe geven we daar invulling aan? Maar de motie op dit moment zou ik u aanraden om die nu niet in te dienen. Dan had ik nog twee concrete vragen staan. Eén van de heer Boetzkes, die aangaf eigenlijk in reactie op de transitieagenda die we hebben opgesteld.
Ja, uw vraag was: waarom alleen in gesprek met de Peelgemeenten en niet met onze inwoners en ondernemers? Nou, we hebben die transitieagenda opgesteld omdat de flankerende maatregelen die we nodig hebben om die Kasteel Traverse af te waarderen, dat die ook een regionaal effect hebben. Dat die deels ook buiten de gemeente Helmond vallen, bijvoorbeeld die robuuste randen. Maar het is nadrukkelijk ook de bedoeling om ook de interne partners te betrekken. Dus de wijkraden, ik noemde net al een Fietsersbond, eigenlijk iedereen en ook de ondernemers uiteraard in Helmond, iedereen die daar mee te maken heeft en ook een mening over heeft, die zal ook in de uitrol van die transitieagenda betrokken worden in het participatieproces wat we daarvoor optuigen. En dan tenslotte de heer Van der Burgt, die aangaf: er komt een nieuwe aanbesteding voor het OV aan en is dat ook niet een kans? Ja, dat is zeker een kans. We zijn overigens ook in bredere zin met de provincie in gesprek hoe we ook de ambities die de provincie op het gebied van OV heeft, hoe we die hier zo goed mogelijk kunnen laten landen. Dus daar zullen we ook, ja waar dat kan de kans benutten.
Ik verwacht niet dat de provincie opeens met tientallen of honderden miljoenen extra over de brug gaat komen, maar we zijn al in gesprek en zeker zo’n aanbesteding is daar een mooi moment voor om invulling te geven aan de ambities die we in deze visie hebben. Ambities die volgens mij hier ook, als ik het dan over de hele visie heb, breed gedeeld worden. Niet door iedereen, maar wel de richting wordt breed gedeeld. En ik denk dat dit ook niet het laatste moment is dat we met elkaar over de praktische uitvoering gaan praten, want die plannen, of het nu gaat bijvoorbeeld om een verkeersveiligheidsagenda of om een fietsagenda, om een deelmobiliteitsaanpak. Dat zijn zaken die voortvloeien uit de visie, de bouwstenen die ook nodig zijn om uiteindelijk aan die stip aan de horizon, om daarop uit te komen. Om een groene en gezonde stad met elkaar te creëren die ook klaar is voor de schaalsprong. Maar er zullen nog heel veel momenten zijn dat we met elkaar over die concrete invulling ook nader komen te spreken.
De voorzitter: Oké, dank u wel voor uw bijdrage. Ik kijk even naar de zijde van de gemeenteraad. We gaan kijken of we naar een tweede termijn gaan en ik ga ook eens even de heer Manders, want mijnheer Manders heeft iets gezegd ik wil eigenlijk een schorsing, want ik overweeg een amendement. Dat hebt u niet ingediend, maar wilt u schorsen of gaan we meteen door naar de tweede termijn? De heer Manders: Ja, u heeft het inderdaad goed begrepen. Ik zou graag een schorsing willen van zeker tien minuten om even in gesprek te gaan over dat misschien in te dienen amendement van de VVD-fractie. De voorzitter: Oké. Dan kijk ik even, er waren al handen. Dat was voor de tweede termijn c.q. nog om nog het debat verder … Lonneke? Sorry. Mevrouw Maráczi? Mevrouw Maráczi: Dank u wel. Ja ik had eigenlijk nog een vraag aan de wethouder. Als ik het goed begrijp, hoe hij de eerste twee moties beoordeelt als overbodig, dat is voor mij niet helemaal helder. Ik vond het een beetje vaag. De voorzitter: Nou, die duiding hoeft u niet te geven, maar het was voor u niet helemaal duidelijk. Oké. Prima. Wilt u misschien nog even over de moties ondersteunen, ondersteunen van beleid, dat het voor de raad duidelijk is. De heer Bonte: Ja.
En dan in de volgorde zoals ik ze heb, dus dat volgens mij in het systeem motie drie, maar dat is die motie die eigenlijk vraagt ook over de betrokkenheid van die regionale partners rond die transitieagenda. Daarvan heb ik gezegd, zeker met de aanpassing die de VVD-fractie heeft gedaan, dat die goed in lijn is met de aanpak zoals we die ook voor ogen hebben. Dus het betrekken van alle partners. Dus die, ja dat is in die zin exact in lijn met ook de uitvoering zoals we die in gedachte hebben. De voorzitter: Dan is het even de vraag, zegt u dan, want dat is wat de raad wil. Het is aan uw raad. Want u gaat erover. Er is een motie ingediend. Dit is gewoon conform de lijn die we hebben. Het is aan uw raad wat u ermee doet. Dat is wat u zegt hé? De heer Bonte: Dat is wat ik zeg, want uiteindelijk is dat ook het oordeel wat u daaraan kan koppelen, maar ... De voorzitter: Ja. Mevrouw Spierings. Mevrouw Spierings-van Deursen: Ik zie nu dat er ook een motie is ingediend door Forum voor Democratie, en daar heb ik de wethouder nog niet over gehoord. Nou, die staat in ieder geval … De voorzitter: Nee, hij is niet ingediend en dan is het gewoon ‘…’ onderdeel van de beraadslagingen, heb ik gezegd. Dat is niet onderdeel van de beraadslagingen. De heer Manders.
De heer Manders: Als ik de wethouder goed beluisterd heb zojuist, dan gaf hij aan dat in de motie wel degelijk een aantal andere partijen, een heel breed scala aan partijen werd genoemd die inderdaad noodzakelijk zijn om dat breed draagvlak te krijgen. En dat hij in die zin de motie aanvullend vond. Heb ik dat goed begrepen? De voorzitter: De heer Bonte. De heer Bonte: Nee, ik heb gezegd: in lijn met de aanpak zoals we hem voor ogen staan. Uw oorspronkelijke formulering haalde daar één partij uit en zou ook de indruk kunnen wekken dat die een bijzonderder positie zou krijgen dan andere partijen. Dat heeft u verduidelijkt ook in de aanpassing van de motie. En dan is hij, ja in
lijn met de participatieaanpak die we voor de transitieagenda voor ogen zien. Ja, je zou kunnen zeggen is die overbodig, je zou kunnen zeggen het is een ondersteuning van het beleid. Dat laat ik echt aan uw raad om te kijken hoe u daarmee omgaat. Als het gaat over … De voorzitter: Dat is motie twee. Motie twee. De heer Bonte: Ja, dat is de motie behoud kort parkeren. Dus daarvan heb ik aangegeven: ik steun de gedachte achter de motie, maar u neemt in het eerste bolletje bijvoorbeeld ook dat gedetailleerde onderzoek. Ja, de manier waarop we met die aanpak ook rond het kort parkeren, maar ook andere vormen van parkeren omgaan, is gewoon in regelmatig overleg met de ondernemers in het centrum. De voorzitter: Ja, de heer Manders. De heer Manders: Ik zou willen voorstellen om die zin, omdat u daar moeite mee heeft, gewoon te schrappen en als u dan zegt: het is in lijn met de gedachte en laat ik aan de raad, dan zouden wij tevreden zijn. De heer Bonte: Nou, dan is hij inderdaad in lijn met het beleid zoals we dat ook ingezet hebben, dus dan zou ik deze ook open aan de raad voor willen leggen. De voorzitter: Dan is dus de vraag, de heer Manders, u gaat hem aanpassen? De heer Manders: ‘…’ Of u nog een aparte tekst wilt, of dat gewoon de griffie die zin kan wegstrepen? De voorzitter: Als die zin weggestreept is, dan is dat nu helder in het debat. De heer Manders: Oké, dankjewel.
De voorzitter: Dat was motie twee. Motie drie? De heer Bonte: Ja, daarvan heb ik aangeven, dus daar geef ik echt een negatief advies over, of ik heb eigenlijk het advies aan de VVD-fractie gegeven om die eigenlijk in te trekken, want we zouden daar op een later moment ook volgens mij met elkaar, dat is meer echt een uitvoering. Een uitvoeringsmotie op een ander moment. De voorzitter: Oké. Dan is het even de vraag, de heer Manders, of u die laatste motie gaat intrekken? Want dan hoeft u daar niet over te discussiëren in de schorsing. Dus gaat u, de eerste is verbreed. Dus niet alleen het bedrijfsleven, maar meer. Het tweede is de eerste dictum komen te vervallen, van het brede onderzoek. En de derde, u wordt de wethouder gevraagd of u die wilt aanhouden. De heer Manders: Ja, ik begrijp het. Maar daarvoor heb ik ook de schorsing nodig, want ik ben natuurlijk een part… ik ben geen eenmansfractie, maar een partij. Dus wij moeten overleggen. De voorzitter: Oké. Daar komt u dadelijk met de schorsing op terug. De heer Vervoort. De heer Vervoort: Voorzitter, maar volgens mij hebben we nog geen eerste termijn gehad om de wethouder vragen te stellen, maar gewoon te zeggen: we gaan direct over naar de tweede termijn, maar we hebben de eerste nog niet gehad?
De voorzitter: U hebt uw eerste termijn gehad. Daar is een reactie geweest van de wethouder en ik ga dadelijk vervolgens door naar de tweede termijn. Maar dat doe ik niet alvorens ik nu tien minuten de vergadering schors. Ik schors de vergadering. Ik heropen de vergadering en ik vraag de VVD, de heer Manders om te starten. De heer Manders. De heer Manders: Ja, dank u wel voorzitter. Wij zijn heel blij met de twee moties waarbij de wethouder heeft gezegd: die zijn in lijn met de gedachte en die gaan we natuurlijk in stemming brengen. Bij de derde motie hebben we besloten om die toch ook in stemming te brengen, omdat wij als partij proactief die wijken willen benaderen en ook de onrust die er bij die wijken is willen wegnemen. En daar vragen we ook een hoofdelijke stemming bij die motie. Daarnaast komen we met een amendement. Als het goed is heeft de griffie op dit moment een tekstamendement met betrekking tot de mobiliteitsvisie. De voorzitter: Ja. Dan kunt u die … die gaat u indienen in uw tweede termijn? De heer Manders: Ja, gaan we indienen in de tweede termijn. De voorzitter: Oké. Ik kijk eventjes naar anderen. Dan gaan we over naar de tweede termijn. Wie in de tweede termijn? Ik neem aan de heer Vervoort, mijnheer Manders, mevrouw Spoek. De heer Vervoort. Boetzkes. Ja, u bent meteen aan de beurt. De heer Vervoort: Dank u wel voorzitter. Ik heb een vraag aan de wethouder.
Helmond heeft ontzettend veel ambities op tal van terreinen. De financiën zijn niet toereikend om al uw plannen waar te maken. Hoe gaat u dat organiseren? Want een parkeerplaats onder de grond is al gauw 50.000 euro minimaal per parkeerplaats. Op dit moment hebben we nogal wat parkeerplaatsen in en rondom het centrum. Dus als al die auto's onder de grond moeten, vervolgens gaat dat miljoenen en miljoenen en tientallen miljoenen kosten. Heeft u al gedacht, hoe gaat u dat realiseren en in wat voor tempo? Want 2040 is binnenkort en als ik de wethouder financiën aankijk wordt 2026 al een heel moeizaam jaar en dan hebben we nog veertien jaar te gaan. Dus ik ben benieuwd waar hij al het geld vandaan haalt. De voorzitter: Dank u wel. De heer Manders. De heer Manders: Ja dankjewel voorzitter. Nogmaals, heb ik net al gedaan, dank voor toch de ondersteuning van twee moties. Hoewel wij, zoals ik al zei, de derde motie ook wel zeer nadrukkelijk belangrijk vinden, juist voor die wijken waar de mensen het niet zo breed hebben en waarbij die visie en wat er aan gaat komen, dat weet je zeker omdat het namelijk ook in andere steden gebeurt. Die willen die onrust bij die wijken meenemen. Daarom ook echt expliciet de vraag van een hoofdelijke stemming. Wat betreft het amendement. Wij begrepen straks dat 50PLUS zei: ja, die Ruit zijn we altijd voor geweest.
Wij willen absoluut niet de discussie van de Ruit vastleggen dat die Ruit er gaat komen. Wij vinden het fijn, ook in de gedachte: we zijn ons breed aan het oriënteren, we zoeken een breed draagvlak. We gaan met de ondernemers, klein en groot, met iedereen gaan we hier praten. Dan vinden wij het belangrijk dat als we met iedereen praten, want dat is een beetje de richting waar we in vandaag denken, dan moeten we ook niet bij voorbaat iets uitsluiten. Dus wij willen graag in het amendement aangeven dat we de optie, de mogelijkheid van een randweg gewoon bespreken, net als elke andere mogelijkheid. En dat is dus totaal geen vergaande verandering, maar wel een kleine verandering om in de gedachte mee te gaan dat we met zijn allen een heel breed draagvlak willen. En ik weet zeker dat heel veel mensen in Helmond zeggen: o, fijn dat daar weer over gediscussieerd wordt. Historisch moment na vijftien jaar. We mogen er weer over praten. Want het is altijd een woord geweest wat we niet eens mochten noemen. En in die zin willen wij dus dat amendement, zo willen we dat amendement
zien en zo brengen we het ook, totaal niet vastleggen, maar meer als optie om mee te nemen. Helemaal in de gedachten van we gaan samen proberen de juiste oplossing te vinden. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: U dient hem nu in? Ja, moet u hem wel indienen. De heer Manders: Als het goed is, heeft de griffie hem. Ik heb het zojuist gezien en die zou hem in Notubiz zetten. De voorzitter: Ja, maar wilt u even het dictum lezen? Wilt u hem zelf even lezen? De heer Manders: Ja. Nou heb ik hier misschien net een aangepaste versie. Ik vraag even mijn medeauteur om hem naar de whatsapp te sturen, dan kan ik hem voorlezen. Zit in mijn mail. Oké, sorry. De techniek staat voor niets. Rob. Ja. Ik zal hem voorlezen. Amendement Ruit op Brainportregio. De mobiliteitsvisie als volgt te veranderen.
Op pagina 35 de tekst: ‘ook voor de robuuste rand geldt dat negatieve bijeffecten van het autoverkeer op de omgeving zoveel mogelijk worden beperkt.’ Te vervangen door: ‘voor de robuuste rand geldt dat er een reële randweg in de vorm van een autosnelweg, dan wel autoweg om het stedelijk gebied Eindhoven kan komen, voorheen ook wel bekend als de Ruit.’ Op pagina 43 de tekst: ‘zo zijn investeringen in het OV, de robuuste randen,N279 en A67 en sommige inprikkers, zoals de N612, vooral een aangelegenheid van provincie en rijk.’ Te vervangen door: ‘zo zijn investeringen in het OV, de robuuste randen, in de vorm van een volwaardige randweg om het stedelijk gebied Eindhoven en sommige inprikkers, zoals de N612, vooral een aangelegenheid van provincie en rijk’, dus echt een hele kleine aanpassing. En dan op pagina 52 na de zin: ‘de robuuste rand aan de Oost- en Zuidzijde moet dan ook worden aangepast om te kunnen bijdragen aan de mobiliteitstransitie in Helmond’, toe te voegen: ‘het ontwikkelen van een robuuste rand aan de Noord- en Westzijde van Helmond, voorheen de Ruit genoemd, blijft een optie. Dat zijn de aanpassingen, voorzitter. Voorgestelde aanpassingen. De voorzitter: Dank u wel. Oké, de heer Van Sas. De heer Van Sas: Ja, nog een vraag aan de heer Manders.
Waarom wilt u per se een Ruit erin, wetende dat een, kijk een robuuste rand in A67, N279 heeft wel degelijk invloed op de doorstroming in de stad. Maar het is al verschillende keren aangetoond dat een Ruit nauwelijks invloed heeft op de verkeersintensiteit op de Kasteel Traverse. De voorzitter: Oké. De heer Manders. De heer Manders: Ik zal het even netjes doen en bij het spreekgestoelte blijven. Ik dacht dat ik net duidelijk had gemaakt dat het absoluut niet de bedoeling is om per se de Ruit als oplossing te zien. Waar het ons om gaat is dat we de optie, in alle gesprekken die we met al die partners voeren, niet bij voorbaat uitsluiten. Dat is eigenlijk de strekking van het amendement. Dus eigenlijk klopt dan uw bewering niet, of u heeft het verkeerd begrepen. De voorzitter: Oké. De heer Van Sas. De heer Van Sas: Ik denk dat u alleen maar verwarring zaait door de Ruit weer in te brengen, terwijl dat geen invloed heeft op de verkeersdoorstroming in de stad. De voorzitter: De heer Manders.
De heer Manders: Dat is een stelling. Ik zou graag de nieuwe berekeningen afwachten. Nieuwe kabinet afwachten. We hebben een historisch moment hier. Het kan zo zijn dat we met zijn allen eindelijk eens een mobiliteitsvisie misschien zouden dragen met een breed draagvlak. En dat kun je misschien krijgen door te zeggen: we gaan gewoon alles openhouden. We gaan onderzoek doen. We gaan erover discussiëren. Wat u eigenlijk nu wil zeggen is bij voorbaat al: we schieten het af, want het is geen optie. Dat zou kunnen. Maar ik zou dan graag de onderzoeken en het gesprek af willen wachten met al die mensen die we graag achter die mobiliteitsvisie willen hebben staan. Dat is de vraag. De voorzitter: De heer Van Geel. De heer Van Geel: Ja, langzaam maar zeker, en ik volg die discussie toch al een hele tijd. En word ik toch wel een beetje moe dat elke keer die Ruit er weer bijgesleept wordt. Het is een gepasseerd station. Het is heel duidelijk dat de aanzuigende werking die je zou krijgen op het vrachtverkeer, dat dat enorme problemen zou opleveren aan de Oostkant van de stad. Ja, het is een doodlopende weg. Dus waarom nu toch weer hierover beginnen? De voorzitter: De heer Manders. De heer Manders: Dit noemen we en is één. U heeft een mening, daar kunnen we over discussiëren. Daar kunnen we het eens of niet eens zijn. Ik zou ook graag de berekeningen willen zien.
Het gaat mij erom: er is volgens mij geen enkele metropoolregio in de wereld, Amsterdam, Rotterdam, ze hebben allemaal een Ruit of bijna volledige Ruit. We hebben hier te maken met een schaalsprong. Als we bij voorbaat gaan zeggen: die Ruit is absoluut onbespreekbaar, dan denk ik dat we niet met een open vizier gaan praten, gaan discussiëren over een enorm probleem waar we hiermee te maken krijgen. Dus de enige vraag is: laten we het openhouden in de discussie. De voorzitter: De heer Van Geel. De heer Van Geel: Ja, het is niet het openhouden van de discussie, het is een herhaling van zetten. Want er is gewoon heel lang over gediscussieerd. Er is een conclusie uitgekomen dat het niet haalbaar was en niet wenselijk. En dan gaan we die discussie gewoon overdoen. Ja, dat heeft geen zin. De heer Manders: Mag ik nog even reageren, voorzitter? De voorzitter: Ja, en dan wil ik dadelijk, de heer Bonte gaat ook reageren. De heer Manders: De discussie heeft vijftien jaar geleden plaatsgevonden. We leven in volledig andere tijden. We hebben te maken met een onvoorstelbare schaalsprong die zijn weerga bijna niet kent in de moderne Nederlandse geschiedenis. Europees gezien zijn we één van de snelst groeiende regio's. Het zou dus heel apart zijn als we hier niet gewoon over mogen praten. De voorzitter: Dank u wel. Wie had er nog meer? Ik dacht de heer Boetzkes. Uw bijdrage.
Nee, uw bijdrage is klaar, de heer Manders hè? Ja. De heer Boetzkes. De heer Boetzkes: Voorzitter, als u mij toestaat u vanaf mijn plek, het is redelijk kort denk ik. Voorzitter, een belangrijke taak van de raadsleden is het vertegenwoordigen van de Helmonders en om gevoelens, intenties en wensen van onze inwoners een plek te geven in beleid, visies en koersbepaling. En zonder hier een
discussie met elkaar te gaan voeren over interpretaties van insprekers. Het is aan ons als volksvertegenwoordigers om dat geluid hier te vertegenwoordigen. Helmond zal de komende jaren groeien en bereikbaarheid wordt steeds belangrijker. Met duizenden extra woningen groeit de behoefte ook aan een bereikbare stad. Voor onze binnenstad, de wijken, maar ook de industrieterreinen. En er komen naar verwachting veel auto's bij. Helder Helmond vertegenwoordigt hier al die Helmonders die vinden dat we auto’s daar in ieder geval een prominent plek in moeten geven. Helder Helmond vindt dat we in moeten zetten op slim, schoon, betaalbaar en veilig autovervoer. Wij staan voor een goed bereikbare en leefbare stad waar in de politiek meer aandacht nodig is voor de groei van het aantal auto's. Het is dom om te denken dat de groei van Helmond kan zonder na te denken over de groei van automobiliteit. En als automotive hoofdstad hoort de auto er misschien ook wel gewoon bij. Helder Helmond kan zich dan ook niet vinden in deze visie die vandaag voor ons ligt. De voorzitter: Dank u wel. Anderen nog? Mevrouw Spoek. Mevrouw Spoek-van Dinther: Ja, dank u wel voorzitter. Ik zal proberen het kort te houden. Sommigen hadden hem al inderdaad voorbij zien komen de motie. In de tweede termijn en alle bijdrages beluisterend te hebben, lijkt deze visie erdoorheen te komen.