CConstaterende datHelmond
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen Programmabegroting 2026-2029

Gemeenteraad 4 november 2025, gemeente HelmondBij agendapunt: Programmabegroting 202629.189 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Waar nodig worden in dat kader afspraken gemaakt over prioritering of aanpassing van activiteiten, zodat de maatschappelijke meerwaarde behouden blijft binnen de beschikbare middelen. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

61

Op pagina: 39 Fractie: VVD Het subsidieplafond wordt vanaf 2028 met € 200.000 verlaagd. Vraag: Hoeveel vrijwilligersorganisaties kennen wij in Helmond die een subsidie ontvangen en hoe groot is dan het bedrag dat wij in totaliteit aan deze categorie subsidie verlenen. Kunt u deze vrijwilligersorganisaties benoemen of op z’n minst aantallen benoemen en deze groeperen per doelgroep. Antwoord: Helmond kent circa 115 vrijwilligersorganisaties die een structurele subsidie ontvangen binnen het subsidieprogramma voor vrijwilligersorganisaties. In totaal gaat het in 2026 om een bedrag van ongeveer € 2 miljoen. De organisaties zijn actief binnen uiteenlopende domeinen, zoals sport, jeugd, ouderen, speeltuinen, scouting, buurt- en wijkverenigingen en wijkaccommodaties. Een overzicht van alle toekenningen uit 2025 is terug te vinden in het Subsidieprogramma 2025 vrijwilligersorganisaties op de gemeentelijke website. Voor 2026 wordt het Subsidieprogramma voor het einde van het jaar ook op de website gepubliceerd.

27

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

62

Op pagina 39 Fractie: staat dat de gemeente de mantelzorgwaardering verlaagt. Samen 0492 Vraag: Wat is de nieuwe hoogte van de mantelzorgwaardering, en hoe wordt voorkomen dat mantelzorgers hierdoor afhaken? Antwoord: De mantelzorgwaardering bedroeg €70 per volwassene en €40 per jonge mantelzorger. Door deze bedragen te verlagen naar respectievelijk €50 en €30 blijft de waardering beschikbaar als blijk van erkenning en waardering. De ondersteuning aan mantelzorgers via informele zorg, respijtzorg en begeleiding blijft ongewijzigd. Een deel van de mantelzorgers heeft namelijk vooral behoefte aan concrete ontzorging en ondersteuning. Vanwege de sterke intrinsieke motivatie van mantelzorgers is een dergelijk vangnet van grote meerwaarde. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

63

Op pagina 39 Fractie: VVD Vraag: Kosten woningaanpassing verlagen door verhuizing naar passende woning. Betekent dit dat het college actief inzet op verhuizen in plaats van aanpassen van bestaande woningen? En wat betekent dit concreet en financieel voor inwoners? Antwoord: Nee, dit betekent niet dat het college actief inzet op verhuizen. We willen juist dat onze ouder wordende inwoners nadenken over hun toekomstige woonsituatie en hen vervolgens ondersteunen bij het daadwerkelijke uitvoeren van de acties die daaruit voort kunnen vloeien. Zowel wat betreft het aanpassen van de eigen woning, het verbeteren van het sociale netwerk in de directe omgeving of het verhuizen naar een beter geschikte woonruimte en/of woonomgeving, passend bij de (toekomstige) behoeften. Het doel is dat de oudere uiteindelijk in een woonsituatie woont, die aansluit bij hun fysieke en sociale behoefte. Door op tijd hierover na te denken en passende actie te ondernemen, ontstaat voor de bewoner een beter aangepaste woonsituatie en woonomgeving, waardoor ze langer comfortabel, veilig en zelfstandig kunnen blijven wonen en minder beroep op zorgvoorzieningen en ondersteuning hoeven te doen. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

64

Op pagina 39 Fractie: Helder Vraag: Wat is de echte besparing m.b.t. kosten woningaanpassing? Kosten ander Helmond woning aanpasbaar maken en verhuiskosten worden die er ook in meegenomen? Antwoord: De gemeentelijke besparing betreft een afname van de totaalkosten vanwege afnemende of lagere indicaties voor een woningaanpassing, zoals traplift of aangepaste keuken of badkamer. Maatwerk is daarbij het uitgangspunt. Het kan bijvoorbeeld zijn dat we verhuiskosten vergoeden, als er een passende aangepaste woning voor de inwoner beschikbaar blijkt te zijn.

28

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

65

Op pagina 40: Fractie: VVD Het subsidieplafond is vanaf 2026 met € 50.000 verlaagd. Vraag: Hoeveel professionele organisaties kennen wij in Helmond die een subsidie ontvangen en hoe groot is dan het bedrag dat wij in totaliteit aan deze categorie subsidie verlenen. Kunt u deze professionele organisaties benoemen of op z’n minst aantallen benoemen en deze groeperen per doelgroep. Antwoord: Helmond kent circa 25 professionele organisaties die een subsidie ontvangen vanuit het subsidieprogramma professionele organisaties en het subsidieprogramma begrotingssubsidies professionele organisaties. In totaal gaat het in 2025 om een bedrag van ongeveer € 17 miljoen. De subsidies richten zich op maatschappelijke ondersteuning, jeugd- en opvoedhulp, preventie, participatie, gezondheid, veiligheid, opvang en educatie. Een volledig overzicht van de organisaties en bedragen is opgenomen in de subsidieprogramma’s 2025 professionele organisaties, die openbaar beschikbaar zijn via de gemeentelijke website. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

66

Op pagina 40 Fractie: VVD Bijdrage Peelgemeenten WvGGZ Door ons uitgevoerde werkzaamheden voor de Peelgemeenten voor de Wet verplichte Geestelijke Gezondheidszorg (WvGGZ), factureren we bij de Peelgemeenten en boeken we in de begroting op het sociaal domein. Vraag: Uit het staatje lijkt het alsof we dit pas vanaf 2026 doen, klopt dat? Of vanwaar komt deze besparing anders vandaan, om opgenomen te worden in dit staatje? Antwoord: Deze vergoeding voor onkosten ontvangt de gemeente Helmond al langere tijd van de Peelgemeenten. Vanaf 2026 begroot de gemeente Helmond deze inkomsten binnen het sociaal domein, waar de kosten ook gerealiseerd worden. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

67

Op pagina 40 Fractie: VVD Stoppen lidmaatschap Slimmer Leven Uit een recente evaluatie blijkt dat wij de diensten en het netwerk de afgelopen periode nauwelijks actief hebben benut. Daarmee staat de jaarlijkse contributie niet meer in verhouding tot de opbrengsten. Vraag: Betreft dit een incident, of is er in het kader van de begroting kritisch naar alle lidmaatschappen gekeken? Antwoord: Nee, in het kader van de voorliggende begroting en noodzakelijke ombuigingen, is kritisch naar alle lidmaatschappen gekeken.

29

*Werk en Inkomen* Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

68

Op pagina 42 Fractie: Helder Vraag: Wat houdt de servicedesk Social Return Helmond – de Peel in? Is deze Helmond toegankelijk voor inwoners? Antwoord: Bij aanbestedingen met een waarde vanaf € 100.000 en een looptijd van meer dan drie maanden moet de opdrachtnemer een deel van de aanneemsom inzetten voor social return. Dit betekent dat de opdrachtnemer bijdraagt aan maatschappelijke doelen, bijvoorbeeld door het in dienst nemen of begeleiden van iemand met een afstand tot de arbeidsmarkt. De exacte voorwaarden en verplichtingen zijn vastgelegd in het beleidskader Social Return, dat te vinden is op de website van de gemeente Helmond. De Servicedesk Social Return ondersteunt zowel opdrachtgevers als opdrachtnemers bij een passende invulling hiervan. Hoewel dit onderwerp voor inwoners minder direct zichtbaar is, laat het wel zien hoe we als gemeente sociaal verantwoord aanbesteden.

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

69

Op pagina 42 Fractie: Helder Vraag: Wat is er uit de pilot LLO gekomen dat in relatie staat tot het Regionale plan Helmond laaggeletterdheid? Antwoord: De pilot LLO is in de gemeente Eindhoven en Twente uitgevoerd. Deze twee pilots zijn succesvol geweest en daarom is het op dit moment voor iedere arbeidsregio tot eind oktober mogelijk om deze subsidie aan te vragen. Er wordt ook vanuit onze arbeidsregio een aanvraag ingediend vanuit Ter Aa als penvoerder, Senzer en de gemeente Helmond als centrumgemeente van de arbeidsmarktregio. Er is op dit moment net gestart met het maken van een nieuw regionaal plan laaggeletterdheid dat voor de zomer van 2026 klaar is. De lessen uit de pilots zijn nu vooral meegenomen in de regionale subsidieaanvraag. Denk bijvoorbeeld aan dat een succesvolle samenwerking tussen gemeenten, onderwijsinstellingen, bibliotheken/Taalhuizen, werkgevers en maatschappelijke organisaties essentieel bleek, een combinatie van basisvaardigheden en vakvaardigheden werkt, persoonlijke begeleiding het verschil maakt en betrokkenheid van werkgevers noodzakelijk is. Als de subsidie wordt toegekend zal dit project een onderdeel worden van het nieuwe regionale plan laaggeletterdheid. Nr.

Technische vraag:

Ingediend 10-10

70

Op pagina 42 Vraag: Op pagina 40 in de laatste alinea staat: “Ter Aa & het & teken staan? Antwoord: Op die plek had ‘Senzer’ moeten staan. Dit is gecorrigeerd.

30

“. Wat moet er achter

Gesteld door: Fractie: GroenLinks

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

71

Op pagina 42 Fractie: Helder Vraag: Zijn er al tussentijdse resultaten te presenteren omtrent de pilot Startbanen? En Helmond krijgen we deze sowieso na afloop? Antwoord: Op dit moment zijn er 124 deelnemers binnen de pilot startbanen. Hiervan zijn 25 mensen aan het werk in combinatie met hun inburgering. Daarnaast doen 13 statushouders vrijwilligerswerk. Na afloop van de pilot zal een raadsinformatiebrief worden opgesteld waarmee alle gemeenten van de arbeidsmarktregio worden geïnformeerd. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

72

Fractie: VVD Op pagina 43 Daar staat, niet doorvoeren van ophoging individuele inkomenstoeslag naar 130%. Eerder is verkend om de grens te verhogen van 120% naar 130%. Vraag: Dat was toch beleid sinds een paar jaar? Antwoord: Ten aanzien van de ophoging van de inkomensgrens voor minimaregelingen tot 130% is destijds besloten om dit in 3 etappes te doen. Per 2023 is de inkomensgrens van de inkomensverklaring verhoogd naar 130%, per 2024 geldt dit ook voor de bijzondere bijstand en de collectieve aanvullende verzekering. Doelstelling was om per januari 2025 aanpassingen te doen ten aanzien van de individuele inkomenstoeslag. Deze aanpassing heeft geen doorgang gevonden, omdat dit is meegenomen in de ombuigingsvoorstellen.

31

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

73

Op pagina 43 Vraag: Kan er worden uitgelegd waarom de grens voor de individuele inkomenstoeslag niet worden verhoogd naar 130% van het sociaal minimum? Is dit niet in tegenstrijd met het ambitieakkoord? We begrijpen dat er voor de huidige doelgroep (tot 120%) niets verandert, maar wat betekent het voor de inwoners tussen 120 en 130%. Hoe groot is deze groep en wat zijn op langere termijn de mogelijke risico’s die kunnen opspelen die juist voor een kostenstijging binnen het sociaal domein kunnen zorgen? Antwoord: Zie antwoord op vraag 72 van de VVD.

Fractie: Helder Helmond

Het betreffen 1100 huishoudens. Er kan niet precies worden aangeven hoe groot de groep is die een inkomen heeft tussen 120% en 130% én daarnaast een beroep kan doen op de individuele inkomenstoeslag. Immers het is niet bekend in hoeverre voornoemde doelgroep voldoet aan de minimale eis om 5 jaar een inkomen te hebben op minimumniveau (referteperiode) Ook is er geen inzicht op hun mogelijke inkomensverbetering. Er worden geen risico's op langere termijn voorzien, omdat de huidige doelgroep nog steeds gebruik kan maken van deze voorziening. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

74

Op pagina 43 Fractie: Helder Vraag: Wat wordt verstaan onder ‘eigen vermogen Stichting Leergeld’? Blijven Helmond budgetten ongebruikt? Wat zijn de overlappende voorzieningen? Antwoord: Onder eigen vermogen Stichting Leergeld worden de opgebouwde reserves bedoeld, onder meer door donaties. Budgetten blijven niet ongebruikt, maar kunnen, zoals is aangegeven, efficiënter worden ingezet. Een voorbeeld van een overlappende voorzienin g betreft het verstrekken van een vergoeding voor kleding door Stichting leergeld en het verstrekken van een kledingpas door de Kringloopwinkel Helmond. Er zijn meer overlappende voorzieningen, maar het is aan Stichting Leergeld om te bepalen hoe de bezuiniging vorm kan wroden gegeven. binnen de gestelde beleidskaders. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

75

Op pagina 43 Fractie: Helder Vraag: Wat houdt de versobering bijzondere bijstand in voor de inwoners als de Helmond vergoedingen en kostennorm m.b.t. taxivervoer worden aangepast? Antwoord: Indien taxivervoer medisch noodzakelijk is, wordt dit vergoed door de Zorgverzekeringswet. Tot op heden verstrekt de gemeente Helmond bijzondere bijstand voor reiskosten bij eigen vervoer op basis van deze Zorgverzekeringswet ad € 0,40 per kilometer. Voorstel is om de vergoeding voor reiskosten per 2026 te koppelen aan de vergoeding die de belastingdienst hanteert ad € 0,23 per kilometer. We achten dit een realistische compensatie.

32

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

76

Op pagina 44 (en Belastingverordening & tarieven): Vragen: Het tarief voor een huwelijksvoltrekking in Helmond bedraagt in 2026 € 454, wat hoger is dan in omliggende gemeenten en boven het landelijk gemiddelde ligt. a. Waarom is trouwen in Helmond duurder dan in omliggende gemeenten en het landelijk gemiddelde? b. Waarop is dit tarief van € 454 precies gebaseerd? Graag een uitsplitsing van de kosten (zoals personele inzet, locatiekosten, tijdsduur ceremonie, administratieve afhandeling e.d.). Is dit tarief kostendekkend of winstgevend voor de gemeente? Antwoord:

Fractie: VVD

Antwoord op vraag a. in een vergelijking met de legeskosten met de omliggende gemeente blijkt dat wij in de middenmoot zitten (zie bijlage op pagina 82). Onze kosten zijn ook afhankelijk van de locatie waar het huwelijk voltrokken wordt. Wij zijn overigens uniek als gemeente in het aanbieden van aantal gratis en gereduceerd tarief huwelijken per week en zitten we ook boven de wettelijke norm. Dit doen we ook voor niet inwoners van de gemeente Helmond. Antwoord op vraag b. Bij deze vragen is een overzicht toegevoegd met de kosten van de omliggende gemeenten en de verschillende kosten binnen de gemeente Helmond.

*Jeugd, Jeugdzorg en Onderwijs* Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

77

Op pagina 45 Fractie: Helder Vraag: Op welk moment komt de Raad (nog) aan zet omtrent inclusief onderwijs. Helmond Antwoord: Komend jaar wordt er gewerkt aan een quick scan om een inschatting te kunnen maken wat de introductie van inclusief onderwijs in 2035 voor de gemeente gaat betekenen. Op basis daarvan volgt een plan van aanpak. Daaruit zal het antwoord op deze vraag moeten blijken. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

78

Op pagina 45 Fractie: Lokaal Vragen: sterk a. Hoe verhouden de investeringsramingen in het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs zich tot de begrotingsreserveringen? b. Zijn alle geplande projecten financieel gedekt binnen het meerjarenbeeld? Antwoord: Op 15 oktober 2024 heeft uw Raad ingestemd met de gewijzigde uitgangspunten voor het lopende IHP t/m 2029. De financiële consequenties zijn verwerkt en financieel gedekt binnen de meerjarenbegroting 20262029. Op 7 oktober 2025 heeft uw Raad de visie onderwijshuisvesting 2030-2045 vastgesteld. De financiële consequenties hiervan worden in 2026 verder uitgewerkt en zijn nog niet in deze begroting opgenomen. Hierover volgt nog separate besluitvorming.

33

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

79

Op pagina 46 Fractie: Lokaal In de begroting staat dat de besluitvorming over de nieuwbouw van het Jan van sterk Brabant College in 2026 plaatsvindt. Vraag: Waarom is dit besluit uitgesteld ten opzichte van eerdere planning en in welk kwartaal van 2026 wordt nu besluitvorming voorzien? Antwoord: Op 25 maart 2025 is de raad met informatiebrief 45 geïnformeerd over het pauzeren van het project “nieuwbouw van het Jan van Brabant College”. De verwachting is dat de genoemde quickscan in 2025 wordt afgerond. De uitkomsten en vervolgstappen legt het college vervolgens aan u voor. In de beantwoording van de raadsvragen (volgnummer 31) vindt u het verdere proces. Dit proces verloopt volgens planning en het college verwacht in het eerste kwartaal van 2026 een voorstel aan u te kunnen voorleggen. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

80

Op pagina 47 Fractie: Vraag: In hoeverre worden initiatieven op het gebied van remedial teaching of DENK taalondersteuning betrokken bij het gemeentelijke taalontwikkelingsprogramma binnen de Helmondse Educatieve Agenda? Antwoord: De HEA werkt overkoepelend. Hier komen initiatieven samen. Het taalontwikkelingsprogramma van de gemeente valt onder het Ontwikkelkansenbeleid en remedial teaching wordt momenteel binnen verschillende pilots binnen onze gemeente en regio uitgewerkt. Hierdoor vallen deze ook weer onder eigen samenwerkingen en projectgroepen. Bij de HEA kunnen deze, indien gewenst, geagendeerd worden. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

81

Op pagina 47 Fractie: Vraag: Wie kunnen aanspraak maken op de rijksmiddelen die worden ingezet om de DENK ontwikkelkansen van kinderen in Helmond te verbeteren? Geldt dit uitsluitend voor basisscholen en kindcentra, of ook voor particuliere en niet-bekostigde organisaties? Antwoord: Binnen het huidige Ontwikkelkansenbeleid lopen voor kalenderjaren 2026 – 2027 vijf subsidies: een voor VElocaties, twee voor basisscholen en twee voor onderwijs, kinderopvang, verenigingen, de eerste en tweede lijn gezondheidszorg, vrijwilligersorganisaties, ervaringsdeskundigen, GGZ en andere partijen waar onze inwoners komen en mee te maken hebben. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

82

Op pagina 47 Fractie: Vraag: Indien particuliere initiatieven niet rechtstreeks in aanmerking komen: bestaat DENK er een andere gemeentelijke regeling of samenwerkingsvorm waarmee zij kunnen bijdragen aan de doelstellingen van het ontwikkelkansenbeleid? Antwoord: Het is een bestuurlijke keuze om nieuwe beleidskeuzes te maken en hierdoor te starten met nieuwe initiatieven. Gezien de begrotingsproblematiek de komende jaren zal dit niet kunnen zonder de huidige initiatieven stop te zetten of er minder op in te zetten.

34

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

83

Op pagina 47 Fractie: Vraag: Hoe worden aanvragen of samenwerkingsvoorstellen binnen het DENK ontwikkelkansenbeleid beoordeeld? Zijn er specifieke criteria of afspraken over de toewijzing van middelen? Antwoord: Wij kennen alleen middelen toe middels vastgestelde subsidieregelingen. Elke regeling kent eigen criteria en afspraken. Deze zijn online gepubliceerd: -Nadere regels subsidie Peuteropvang en Voorschoolse Educatie Helmond 2025 | Lokale wet- en regelgeving - Gemeenteblad 2025, 99376 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen - Gemeenteblad 2025, 82274 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen - Gemeenteblad 2025, 82312 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen - Gemeenteblad 2025, 84822 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

84

Op pagina 47 Fractie: Vraag: Houdt het beleid om ‘geen nieuwe verwijzingen naar niet-gecontracteerd Helder aanbod’ door te voeren in dat dit een ban betekent op nieuwe kwaliteit goede Helmond aanbieders? Antwoord: Deze maatregel houdt in dat er meer gestuurd gaat worden op het inzetten van zorg bij gecontracteerde zorgaanbieders. Gecontracteerde aanbieders werken volgens de kwaliteitseisen en tarieven zoals vastgesteld in de overeenkomst. Nieuwe aanbieders kunnen gecontracteerd worden mits ze voldoen aan de kwaliteitseisen Nr.

Technische vraag:

Ingediend 10-10

Gesteld door:

85

Op pagina 47 Fractie: Vraag: Wat wordt er bedoeld met een tandemaanpak (bij samenwerking instellingen)? GroenLinks Antwoord: Met deze tandemaanpak wordt bedoeld dat professionals met specialistische vakkennis samen met professionals met kennis van de lokale sociale kaart afstemmen welke zorg het beste (sub)regionaal of lokaal kan worden ingezet. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

86

Op pagina 47 Fractie: Helder Vraag: Hoe verklaart het college dat stapeling van jeugdhulpproducten als onwenselijk Helmond wordt gezien. Geldt dit ook voor jeugdigen? En geldt dit per definitie voor alle casussen? (In deze beantwoording de beschouwing omtrent de financiële kant loslaten, het gaat om het persoonlijke aspect wat wordt gesuggereerd in deze alinea). Antwoord: Het gaat hier over het efficiënt inzetten van zorg bij jeugdigen die ondersteuning vanuit meerdere aanbieders ontvangen. Het risico bij stapeling van jeugdhulp is dat aanbieders onvoldoende met elkaar afstemmen en jeugdigen overvraagd worden. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

87

Op pagina 48 Vraag: Kan er inzicht worden gegeven om welke abonnementen het gaat die nu worden stopgezet. Antwoord: Het gaat enkel om Bereken uw Recht.

35

Fractie: Helder Helmond

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

88

Op pagina 48 Fractie: VVD Inkoopstrategie jeugdhulp 2028 Met de inkoopstrategie jeugdhulp wordt toegewerkt naar een breed en dekkend gecontracteerd aanbod per 2028. Daarbij is expliciet aandacht voor kostenbeheersing, met behoud van kwaliteit en beschikbaarheid van hulp. Vraag: Welke aannames en onderliggende maatregelen liggen ten grondslag aan de ingeboekte besparing van € 2 miljoen op de jeugdzorg in 2028, en hoe zijn deze bedragen onderbouwd qua uitvoerbaarheid en haalbaarheid (bijvoorbeeld met ramingen, contractafspraken of ervaringscijfers)? Antwoord: Dit bedrag is gebaseerd op een korting op het totale budget voor jeugdhulp. Deze maatregel moet de komende periode ten behoeve van de nieuwe aanbesteding exact ingevuld worden waarbij gedacht kan worden aan een andere vorm van bekostiging van zorgaanbieders. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

89

Op pagina 48 Fractie: Helder Vraag: Is het effect dat wordt gesteld omtrent de businesscase jeugdconsulent omtrent Helmond ‘gezinnen sneller passende hulp krijgen’ ook al meetbaar/betrouwbaar vastgesteld? Is er bijvoorbeeld een verkorting van de wachtlijsten zichtbaar? Antwoord: In de eerste maanden van 2025 zien we het effect van de inzet van jeugdconsulenten. Dit effect zit op minder inzet van zware zorg en/of eerder afschalen van zorg. Het effect op wachtlijsten is geen KPI die gemonitord wordt in het kader van de jeugdconsulenten. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

90

Op pagina 50 Vragen:

Fractie: VVD

a. “De vervanging van ruim 60 speelplekken voorlopig uitgesteld”. Zijn omwonenden geïnformeerd over het uitstellen van de vervanging van de speelplekken in hun omgeving? b. Is de speelvoorziening in de nieuwbouwwijken in Brandevoort – Hazewinkel nog wel opgenomen conform planning dus realisatie in 2026? Antwoorden: a. Bewoners zijn niet geïnformeerd omdat dit niet nodig is. De speeltoestellen voldoen en zijn veilig. Bewoners worden geïnformeerd op het moment dat de speelplek wordt gerenoveerd. Bewoners mogen dan meedenken door middel van participatie. b. Bij het project Hazewinkel zijn de speelplekken buiten nu in voorbereiding. De verwachting is dat speeltoestellen eind 2025 en begin 2026 worden geplaatst.

36

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

91

Op pagina 50 Fractie: Helder Vraag: Waarom zijn de 60 speeltoestellen die nu worden doorgeschoven niet al eerder Helmond aangepakt? Het is immers al veel langer bekend dat deze vervangen moesten worden. Bestaat er nu kans op onveiligheid in de breedste zin van het woord? Antwoord: De betreffende speeltoestellen zijn niet vervangen omdat dit technisch niet nodig was. De vervangingsopgave (ca. 40 plekken per jaar) kent vanwege de omvang en haalbaarheid een kritische prioritering waarbij veiligheid altijd leidend is. Mocht uit de periodieke veiligheidsinspectie blijken dat uitstel van vervanging van een speeltoestel veiligheidsrisico’s geeft, dan wordt de vervanging van dat speeltoestel in de planning naar voren gehaald. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

92

Op pagina 50 Fractie: Helder Vraag: Hoe verantwoord het college de afweging om 60 bestaande speeltoestellen Helmond door te schuiven, maar wel 1 nieuw park aan te leggen van € 75.000? Hoeveel bestaande speeltoestellen hadden in plaats hiervan wel kunnen worden aangepakt? Antwoord: De huidige skatevoorziening is ook toe aan vervanging, daarom wordt hier budget voor aangevraagd. Deze skatevoorziening is vrij eenvoudig en snel te vervangen. Voor dit bedrag kunnen er 2 speelplekken worden gerealiseerd. Mocht uit de periodieke veiligheidsinspectie blijken dat uitstel van vervanging van een speeltoestel veiligheidsrisico’s geeft, dan wordt de vervanging van dat speeltoestel in de planning naar voren gehaald.

*Inclusie* Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

93

Op pagina 52 Fractie: VVD Vraag: In de programmabegroting van vorig jaar stond dat in 2025 minimaal één keer een terugkoppeling aan de raad zou plaatsvinden. In RIB 16 werd aangekondigd dat de raad vóór de zomer van 2025 zou worden geïnformeerd over de uitkomsten van de gesprekken en de presentatie van de Antidiscriminatieagenda. Wanneer wordt de Inclusie- en Antidiscriminatieagenda met de raad gedeeld? En kan het college een afschrift van dit document toevoegen aan de beantwoording indien het inmiddels gereed is? Antwoord: Er vinden diverse bijeenkomsten met maatschappelijke partners plaats over inclusie en discriminatie. De opbrengst daarvan vormt de basis voor de agenda. Over de vorm en het moment van informeren zal u later dit jaar worden geïnformeerd.

37

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

94

Op pagina 52 Vraag: Wanneer wordt de Inclusie- en Antidiscriminatieagenda gepresenteerd aan de gemeenteraad en aan de stad, gezien dat in 2026 gestart wordt met de uitvoering? Antwoord: Over de vorm en het verdere proces van informeren zal u later dit jaar worden geïnformeerd.

Fractie: DENK

Nr.

Gesteld door:

Technische vraag:

95

Op pagina 52 Fractie: Vraag: Vertegenwoordigers van verschillende minderheden en maatschappelijke DENK organisaties zijn betrokken bij de totstandkoming van de Inclusie- en Antidiscriminatieagenda. Worden zij ook structureel geraadpleegd of betrokken bij de uitvoering van deze agenda? Antwoord: Samenwerking is het uitgangpunt van de Inclusie- Antidiscriminatieagenda. Deze vertegenwoordigers betrekken we daarom uiteraard structureel bij de uitvoering. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

96

Op pagina 52 Fractie: Vraag: In de begroting staat dat de nadruk de komende jaren ligt op emancipatie van DENK mensen met een beperking, een andere etnische afkomst, religie of LHBTQI+achtergrond. Waarom wordt in de doelstellingen echter uitsluitend gesproken over de LHBTIQ+-gemeenschap en het VN-verdrag Handicap, en niet over de aanpak van discriminatie en racisme op basis van afkomst, huidskleur of religie (zoals moslimhaat)? Antwoord: De komende periode vindt nog een bijeenkomst met maatschappelijke partners over discriminatie op grond van afkomst, huidskleur of religie plaats. Dan wordt duidelijk welke concrete doelen we kunnen stellen. Onder doelen en resultaten 2027 is dat in de begroting in algemene termen verwoord. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

97

Op pagina 52: Fractie: Helder Vraag: De begroting noemt de opvang van vluchtelingen onder inclusiebeleid. Kan het Helmond college aangeven welke structurele kosten hiermee gemoeid zijn en hoe deze zich verhouden tot de reguliere sociale voorziengein voor inwoners? Antwoord: Het COA is verantwoordelijk voor de opvang en begeleiding van asielzoekers. Voor de begeleiding en inburgering van statushouders worden middelen ingezet, die gemeenten ontvangen middels een specifieke uitkering van het Rijk. Voor de opvang en begeleiding van Oekraïense ontheemden ontvangen gemeenten een aparte specifieke uitkering van het Rijk. Iedereen die in Helmond verblijft kan en mag gebruik maken van de reguliere sociale voorzieningen.

38

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

98

Op pagina 52 Fractie: Helder Vraag: Hoe wordt voorkomen dat de opvang van vluchtelingen leidt tot verdringing van Helmond reguliere huisvesting of druk op voorzieningen voor Helmondse inwoners met een urgente woonbehoefte? Antwoord: Statushouders zijn conform huisvestingsverordening urgent woningzoekenden. Er zit geen contingent aan het aantal of aandeel woningzoekenden in de verhuringen binnen de sociale huursector. Hiermee gaat de huisvesting van vergunninghouders niet ten koste van Helmondse woningzoekenden met een andersoortige urgentie (maatschappelijke urgentie, medische urgentie, sociale urgentie, volkshuisvestelijke urgentie). In 2024 zijn in Helmond 1.018 sociale huurwoningen door de corporaties verhuurd. Hiervan gingen 203 woningen naar urgent woningzoekenden. Dat is 20%. Binnen de groep urgenten zijn 53 woningen toegewezen aan vergunninghouders. Dat is 5% van de totale toewijzingen in de sociale huursector. Voor alleengaande vergunninghouders (in afwachting van gezinshereniging) doen we een pilot waarbij een woning wordt gedeeld voor 2 alleengaanden. Om de krapte op de woningmarkt structureel te verminderen voor alle doelgroepen, is het belangrijk meer voordeuren toe te voegen. Dat doen we via nieuwbouw en het beter benutten van de bestaande woningvoorraad. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

99

Op pagina 52 Fractie: Helder Vraag: Wordt de gemeente financieel volledig gecompenseerd door het Rijk voor de Helmond opvang en begeleiding van vluchtelingen? En hoe wordt gecontroleerd dat deze middelen doelmatig worden besteed? Antwoord: Het COA is verantwoordelijk voor de opvang en begeleiding van asielzoekers. Voor de begeleiding en inburgering van statushouders worden middelen ingezet, die gemeenten ontvangen middels een specifieke uitkering van het Rijk. Voor de opvang en begeleiding van Oekraïense ontheemden ontvangen gemeenten een aparte specifieke uitkering van het Rijk. Deze middelen moeten specifiek verantwoord worden.

*Gezondheid* Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

100

Op pagina 54 Fractie: Helder Vraag: In het programma gezondheid wordt ingezet op preventie en vitaliteit. Hoe Helmond wordt de effectiviteit van deze maatregelen gemeten en wat zijn de concrete doelstellingen voor 2026-2029? Antwoord: Met de monitor kadernota Sociaal Domein monitoren worden de cijfers rondom de gezondheid van onze inwoners gemonitord. De effectiviteit van specifieke interventies wordt zover kan per interventie gemeten. De concrete doelstellingen voor de periode 2026 – 2029 volgen in nieuw (nog te vormen) gezondheidsbeleid. Dit gezondheidsbeleid moet volgens de Wet publieke gezondheid volgen uit de landelijke nota, welke naar verwachting in het najaar van 2025 volgt. Een integrale benadering van gezondheid staat centraal.

39

*Sport en Bewegen* Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

101

Op pagina 57 Fractie: Helder Vraag: Het budget voor onderhoud van sportaccommodaties wordt verlaagd. Welke Helmond concrete gevolgen heeft dit voor de kwaliteit, veiligheid en beschikbaarheid van sportvoorzieningen in wijken? Antwoord: Er verandert niets aan de reguliere onderhoudstaken of aan het kwaliteitsniveau. Het betreft een bedrag dat ingezet werd voor extra onderhoudswerkzaamheden. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

102

Op pagina 57 Fractie: Helder Vraag: Hoe wordt voorkomen dat lagere onderhoudsbudgetten leiden tot hogere Helmond kosten op de lange termijn door achterstallig onderhoud of noodzakelijke renovaties? Antwoord: Er verandert niets aan de reguliere onderhoudstaken of aan het vastgestelde kwaliteitsniveau. Grote renovaties worden gefinancierd vanuit het daarvoor beschikbare investeringskrediet. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

103

Op pagina 57 Fractie: VVD Voor de buitensportaccommodaties in bezit van de gemeente is een bepaald budget voor onderhoud opgenomen in de begroting. Dit budget verlagen we. Vraag: Welke onderhoudstaken of kwaliteitsniveaus worden geraakt door de verlaging van het budget? Antwoord: Er verandert niets aan de reguliere onderhoudstaken of aan het kwaliteitsniveau. Het betreft een bedrag dat ingezet werd voor extra onderhoudswerkzaamheden.

40

*Beleidsprogramma's* - *Programma 2: Duurzaam en Leefbaar* Pagina 59-88 Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

104

Op pagina 59 e.v. Fractie: Helder Vraag: De schaalsprong vergt aanzienlijke investeringen in woningbouw, infrastructuur Helmond en duurzaamheid. Welke financiële risico’s lopen we als de verwachte bijdragen van het Rijk en andere partijen achterblijven? Antwoord: Op dit moment hebben we niet de verwachting dat de bijdragen van het Rijk en provincie achterblijven. Duidelijkheid daarover verwachten we medio november van het Rijk te ontvangen, na besluitvorming op het BO MIRT. Mochten bijdragen lager uitvallen dan verwacht dan zullen we mogelijk onze investeringen moeten temporiseren om de kosten beheersbaar te houden en in lijn te houden met de investeringsmogelijkheden van de gemeente Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

105

Op pagina 59 e.v. Fractie: Helder Vraag: Hoe worden de risico’s van stijgende bouwkosten en rentelasten opgevangen Helmond binnen het investeringsprogramma van de schaalsprong? En welke reserveringen zijn hiervoor getroffen? Antwoord: Bij de raming van de investeringskosten wordt rekening gehouden met indexering van de kosten in de toekomst. De investeringen komen ten laste van de strategische reserve Schaalsprong en/of het kapitaallastenplafond. Als investeringen ten laste komen van het kapitaallastenplafond dan betekent dit dat de kapitaallasten (rente en afschrijving) worden opgevangen binnen het kapitaallastenplafond. De investeringen kunnen ook onderdeel zijn van (te openen) grondexploitaties voor ontwikkellocaties (voor wonen of werken). Bij de grondexploitaties worden de kosten (en verwachte opbrengsten) ook geïndexeerd en bepalen samen met de rente het verwachte eindresultaat van die grondexploitaties. Resultaten op grondexploitaties (+ en -) komen ten laste van de reserve grondbedrijf. Jaarlijks wordt bij de jaarrekening een risicoanalyse opgesteld waarin meerdere scenario's worden doorgerekend waaronder bijvoorbeeld stijging van rente en hogere indexen dan waarmee gerekend is. Op basis van die scenario's worden risicobedragen bepaald. Bij de bepaling van het benodigde weerstandsvermogen wordt rekening gehouden met deze risicobedragen. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

106

Op pagina 59 e.v. Fractie: Helder Vraag: Is er een scenario uitgewerkt waarin de bevolkingsgroei of woningbouwtempo Helmond achterblijft bij de prognoses? En wat betekent dit voor de financiële haalbaarheid van de schaalsprong? Antwoord: Er is geen scenario uitgewerkt waarin de bevolkingsgroei of het woningbouwtempo achterblijft. Wel is de provinciale prognose meer conservatief (groei naar 107.505 inwoners) dan bijvoorbeeld de prognose die verband houdt met de schaalsprong (groei naar 115.000 inwoners). Zie hiervoor ook de Kennisagenda: Kennisagenda Helmond - Bevolking. Maar nog altijd betekent dit dat een groot aantal woningen nodig is Door een gefaseerde ontwikkeling van woningbouwlocaties (niet alle plannen tegelijk in ontwikkeling nemen, maar meerdere plannen in verschillende fasen (studie/ voorbereiding / in aanbouw) te hebben, kan zo goed als mogelijk worden geanticipeerd op veranderingen in groei.

41

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

107

Op pagina 59 e.v. Fractie: Helder Vraag: Hoe wordt gewaarborgd dat bij de uitvoering van de schaalsprong sociale en Helmond ecologische belangen van inwoners niet ondergeschikt raken aan financiële rendementseisen? Antwoord: Ervan uitgaande dat u met financiële rendementseisen wijst op ‘economische waarden’ grijpen we voor de beantwoording van uw vraag terug op de strategische koers in de Voorjaarsnota 2025. U heeft als raad gekozen voor een strategie waarbij de balans tussen sociaal-culturele waarden, ecologische waarden en economische waarden voorop staat. Op basis hiervan is in de voorjaarsnota gesteld dat extra aandacht nodig is voor de sociaal-culturele en ecologische pijler, om niet te veel gericht te zijn op het economische. Deze keuze is in de voorjaarsnota doorvertaald naar een koers binnen de verschillende programma's en beleidsterreinen. In de begroting is de strategische koers doorvertaald naar een uitvoeringsagenda. Door doorwerking van de strategie in de uitvoeringsagenda is gewaarborgd dat er niet alleen wordt gestuurd op een schaalsprong, maar juist ook op een kwaliteitssprong. In de praktijk is dit terug te zien, bijvoorbeeld doordat er in wijken en in het centrum met een integrale blik wordt gekeken.

Zo wordt in samenhang gewerkt aan meer woningen, verbetering van de leefomgeving, ontmoetingsplekken, voorzieningen, verbetering van bereikbaarheid, versterken van de bedrijvigheid, etc. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

108

Op pagina 59 e.v. Fractie: Helder Vraag: In de komende schaalsprong zit een groot deel hoger (theoretisch) opgeleiden Helmond (door o.a. de hightech). Is dit iets waar rekening mee wordt gehouden i.v.m. woonwensen en dus bouwplannen? Antwoord: Conform de woonvisie willen we voor allerlei doelgroepen woningen toevoegen (jong, oud, mensen met een kleine en grote beurs en alles daar tussenin), waarbij we primair sturen op de segmentering ofwel betaalbaarheid van de toe te voegen woningen: 70% betaalbaar en 30% vrije sector. We willen hierbij de Helmondse vraag bedienen, maar ook de regionale vraag. Om voor verschillende doelgroepen ook verschillende woonmilieus en bouwplannen aan te kunnen bieden, hebben we u recent op de hoogte gebracht van een doelgroepenonderzoek. Het onderzoek geeft suggesties om gebieden een eigen karakter te geven op basis van onder meer dominante doelgroepen en leefstijlen, bijpassende woningtypologie (grondgebonden, appartementen, collectieve woonvormen), ruimtelijke opzet (groen, mobiliteit, dichtheid) en voorzieningenaanbod (zorg, cultuur, onderwijs, horeca, winkels, sport. Voor meer informatie verwijzen wij naar RIB 2025-137.

42

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

109

Op pagina 59 e.v. (en andere) Fractie: VVD Vraag: In de begroting wordt gesproken over de Schaalsprong als onderdeel van de Brainportstrategie, maar zonder vermelding van betrokken bedrijven of financiële bijdragen vanuit de Brainportregio. Kan het college toelichten hoe de groei van bedrijven als ASML doorwerkt in de Helmondse Schaalsprong en woningbouwopgave in bijvoorbeeld Nieuw-Brandevoort. Kortom zijn er afspraken zijn over financiële of infrastructurele bijdragen vanuit de Brainportpartners zoals concreet ASML aan de lokale investeringen in Helmond? Antwoord: Uiteraard werkt de groei van de economie door op de woningbouwopgave in Helmond. Vandaar ook dat woningbouw prioriteit heeft. Voor de financiële bijdrage van het regionale bedrijfsleven heeft Brainport Development een privaat fonds ingericht: het Brainport Partnerfonds. Individuele bedrijven co-financieren via dit fonds een breed en samenhangend pakket aan maatregelen die een gebalanceerde groei mogelijk maken. Met dit fonds wordt bijgedragen aan vier doelstellingen: betere bereikbaarheid, de versnelde bouw van betaalbare woningen, een evenwichtige arbeidsmarkt en gelijke kansen voor iedereen. Een concreet voorbeeld van een bijdrage is de Beethoven-subsidie voor woningbouw, waarbij rijk en ASML investeren in de woningmarkt in de regio, en dus ook in Helmond. Nr.

Technische vraag:

Ingediend 10-10

Gesteld door:

110

Op pagina 59 Fractie: Vraag: Op deze pagina kunnen we het volgende lezen: Mogelijk maken dat via de GroenLinks woningbouwprogrammering vanaf 2026 tot 2040 nog zo’n 12.500 woningen worden gerealiseerd in Nieuw-Brandevoort en dat bestaande bouw beter kan worden benut via bijvoorbeeld woningsplitsing en kamerbewoning. Klopt het aantal woningen dat hier genoemd wordt? Antwoord: Nee, dit moet zijn waaronder in Nieuw Brandevoort, maar ook in het centrum en in Helmond-Oost. Dit is gecorrigeerd.

*Ruimtelijke ordening en volkshuisvesting* Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

111

Op pagina 60 Fractie: VVD Vraag: Welke financiële bijdrage levert de gemeente Helmond aan het Flexôtel-project (zoals gronduitgifte, infrastructuur, subsidies of beheer)? Antwoord: De financiële bijdrage van de gemeente bestaat uit het aanleggen van de grondwerken tot aan het perceel (riolering etc). De gemeente Helmond zal het perceel verhuren aan de ontwikkelaar. Het beheer zal volledig door de ontwikkelaar worden gedaan. Aan het verlenen van de vergunning zit een subsidieregel gekoppeld. Als gemeente hebben wij de Regeling Huisvesting Arbeidsmigranten aangevraagd en ontvangen. Het gaat om een bedrag van een half miljoen. Deze subsidie zit gekoppeld aan het definitief verlenen van de vergunning. Zodra de vergunning definitief is geworden zal het subsidiegeld RHA worden toegekend aan de ontwikkelaar.

43

Nr.

Technische vraag:

Ingediend 10-10

112

Gesteld door:

Op pagina 61 Vraag: Hier staat: De Woondeal die we als regio in december 2025 hebben afgesloten met provincie en Rijk dient herijkt en opgepakt te worden. Wij vermoeden dat hier een ander jaartal wordt bedoeld. Klopt dat? Antwoord: Klopt, dit moet het jaartal 2023 zijn. Dit is gecorrigeerd

Fractie: GroenLinks

Nr.

Gesteld door:

Technische vraag:

113

Op pagina 62 Fractie: staat dat de gemeente biobased bouwen wil stimuleren. Samen 0492 Vraag: Welke concrete projecten zijn hiervoor gepland, en hoe wordt dit gefaciliteerd? Antwoord: We zijn op meerdere niveaus actief om biobased bouwen te faciliteren. Om te voorkomen dat we een aanpak voor alleen Helmond ontwikkelen, zoeken we samenwerking op verschillende regionale niveaus. Op MRE-niveau is het convenant ‘Biobased Bouwen en Telen in de MRE’ al ondertekend. Hierin werken 19 MRE-gemeenten samen om te verkennen welke mogelijkheden binnen hun invloedssfeer liggen om het telen van vezelgewassen en het bouwen met deze materialen te stimuleren en te faciliteren. Binnen de NOVEX-ontwikkeling sluiten we aan bij het sleutelproject ‘Biobased bouwen en telen’. Samen met Limburgse gemeenten brengen we boeren en bouwers bij elkaar om een nieuwe productstroom van biobased bouwmaterialen uit vezelgewassen zoals stro en hennep te ontwikkelen. Daarnaast werken we samen met partners zoals woningcorporaties om gezamenlijk op te trekken. We verkennen met de corporaties welke concrete prestatieafspraken we voor 2026 kunnen maken om biobased bouwen te stimuleren. Ook bestaande woningbouwconcepten zoals WOONST 2.0 bevatten deels biobased materialen. Bij projecten waarin WOONST 2.0 wordt toegepast, streven we ernaar om biobased opties zoveel mogelijk toe te passen.

Vanuit de woonvisie hanteren we het prestatieniveau van ‘Het nieuwe normaal’ in alle woningbouwprojecten binnen de gemeente. Dit geldt zowel voor aanbestedingen als voor programma’s van eisen die we opstellen. Het prestatieniveau van ‘Het nieuwe normaal’ vraagt onder anderen om minimaal 20% biobased, gerecyclede of hergebruikte materialen bij grondgebonden woningen en 25% bij gestapelde bouw. Voor het gemeentelijk en maatschappelijk vastgoed ontwikkelen we een methodiek om biobased en circulaire materialen structureler uit te vragen. Daarnaast experimenteren we met biobased materialen (natuurlijke vezels) in civiele projecten, zoals geluidschermen en asfalt. Hoewel deze normen als uitgangspunt gelden, kunnen er in de praktijk obstakels ontstaan, zoals constructieve beperkingen, conflicterende eisen & ambities, beperkte beschikbaarheid, hoge kosten of krappe budgetten. We leren van deze ervaringen en verwerken deze inzichten in beleid en de budgettering. De markt ontwikkelt zich snel. Steeds vaker blijkt dat biobased bouwen niet duurder of ingewikkelder hoeft te zijn dan conventionele bouw, mits er in een vroeg stadium slimme keuzes en goede afspraken worden gemaakt. Hier blijven we actief op bijsturen.

44

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

114

Op pagina 62 & 171 Fractie: VVD Vraag: Er staat dat de subsidie voor de Stichting Brainport Smart District wordt verlaagd, maar dat de stichting tot minimaal 2029 wordt voortgezet en blijft gefinancierd. Welke concrete opgaven of activiteiten voert de stichting nog uit in de periode 2026–2029 en is dit ook voor Nieuw-Brandevoort? Antwoord: Vanwege het stopzetten van de gebiedsontwikkeling van Brainport Smart District (BSD) heeft de betrokken partner, Stichting BSD, minder middelen nodig voor de uitvoering van haar activiteiten. In juni 2025 is een NGF-subsidie van €6,1 miljoen definitief toegekend voor innovatie in de woningbouw. Deze middelen zijn rechtstreeks beschikt aan de deelnemende partijen, waarvan €210.000 aan Stichting BSD. De subsidie is bedoeld voor programmamanagement en het stimuleren van innovatie, onder meer via kennisdeling, netwerkvorming en inzet van expertise binnen de projectgroep. De subsidie wordt ingezet binnen de vastgestelde looptijd van het programma.

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

115

Op pagina 63 Fractie: Lokaal Staat dat het budget voor activiteiten van WOP Rijpelberg wordt verlaagd omdat dit sterk “niet nodig zou zijn gebleken”. Het WOP is echter nog niet vastgesteld. Vraag: Waarom is ervoor gekozen dit budget nu al te verlagen? Loopt de gemeente hiermee niet het risico dat toekomstige opgaven uit het WOP Rijpelberg niet uitvoerbaar zullen zijn, omdat te zijner tijd daar dan mogelijk onvoldoende financiële middelen voor beschikbaar zijn? Antwoord: Er blijft voldoende financiële ruimte beschikbaar om de uitvoering van de WOP-opgaven te ondersteunen. Mocht in de toekomst blijken dat aanvullende middelen nodig zijn, dan kan dit binnen de reguliere begrotingscyclus worden afgewogen. De verlaging vormt daarmee geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het WOP Rijpelberg. Nr.

Technische vraag:

Ingediend 10-10

Gesteld door:

116

Op pagina 63 Fractie: Vraag: In de laatste alinea staat: Op 2 december heeft het college van B&W de GroenLinks Inrichtingsvisie en bijbehorend uitvoeringsprogramma voor Landschapspark Kloostereind vastgesteld. We gaan ervan uit dat dit december 2024 moet zijn. Is dat juist? Antwoord: Dat is juist. Op 3 december 2024 heeft het college van Burgemeester en Wethouders de Inrichtingsvisie voor Landschapspark Kloostereind vastgesteld. Deze datum is gecorrigeerd. Nr.

Technische vraag:

Ingediend 10-10

117

Gesteld door:

Op pagina 64 Fractie: Vraag: Tabel: “Planproductie PBH” Wat betekent de afkorting PBH? Deze staat niet in GroenLinks afkortingen tabel. Antwoord: De afkorting PBH in de tabel specificatie per hoofdproduct staat voor Projectbureau Helmond. De afkorting is toegevoegd aan de tabel afkortingen.

45

*Stedelijke vernieuwing (centrum en wijken)* Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

118

Op pagina 65 Fractie: Lokaal In de begroting staat dat uitvoering wordt gegeven aan de sterk wijkontwikkelingsprogramma’s Binnenstad Oost, Leonardusbuurt en Annawijk. Vraag: Betreft dit een nieuwe fase of voortzetting van lopende uitvoering en welke concrete resultaten worden hier in 2026 verwacht? Antwoord: Binnenstad oost en Annawijk zijn aflopende programma’s. De laatste projecten worden opgeleverd. Leonardusbuurt is een nog gaand programma. Gemeente volgt met de herinrichting van de openbare ruimte de renovatie van de woningen. Dit proces zal enkele jaren duren. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

119

Op pagina 66 Fractie: VVD De invulling van de locatie naast de Cacaofabriek is bekend Vraag: Welke opties worden dan in dit kader al verkend? Antwoord: De locatie is eerder aangewezen als nieuwbouwlocatie voor het Jan van Brabant college. Dit bleek binnen de gestelde randvoorwaarden niet haalbaar. Zolang er geen nieuwe locatie gekozen is, blijft ook deze locatie een optie voor het Jan van Brabant college. Mocht blijken dat definitief voor een andere locatie gekozen wordt kan gewerkt worden aan de invulling van de plek nabij de Cacaofabriek Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

120

Op pagina 66 Fractie: VVD Vraag: Het college heeft met Vlisco en de provincie een intentieovereenkomst gesloten over mogelijke herontwikkeling van het terrein, terwijl de raad hierover nog geen kaders heeft vastgesteld. Ook een verzoek om dit tijdens de heidag te bespreken is niet opgepakt. In de begroting wordt al gesproken over het verder uitwerken van de strategie in 2026. Hoe verhoudt deze aanpak zich tot de kaderstellende rol van de raad (art. 169 Gemeentewet)? Waarom is de raad niet vooraf betrokken bij de uitgangspunten, strategie, financiën etc en wanneer wordt de raad hierin alsnog meegenomen? Antwoord: De omgevingsvisie en de visie Stationskwartier zijn als kaders meegegeven door de gemeenteraad. Vlisco is eerst aan zet om te kijken hoe zij in de toekomst wil functioneren en welke grond daarbij eventueel beschikbaar zou kunnen komen. Daar spreken wij samen over. Voor een eventuele verdere uitwerking naar aanleiding van het onderzoek komen we terug bij de raad.

46

*Veiligheid* Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

121

Op pagina 70, inleiding pagina 3 Fractie: VVD Vraag: “Ook versterken we de interne crisisorganisatie”. Waarom en hoe wordt dat gedaan en welke middelen zijn hiervoor begroot? Antwoord: Het Veiligheidsberaad heeft een Uniform Kwaliteitsniveau Bevolkingszorg (UKB) vastgesteld en hiermee invulling gegeven aan de uitkomsten van de evaluatie Wet veiligheidsregio’s. In navolging hiervan heeft het Algemeen Bestuur Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (VRBZO) een regionaal en lokaal UKB voor alle 21 gemeenten van de VRBZO vastgesteld. Dit UKB is onderdeel van het Samenwerkingsconvenant Bevolkingszorg Brabant-Zuidoost dat in 2024 ter ondertekening is voorgelegd aan de colleges van alle 21 gemeenten. Doel is om een eenduidig kwaliteitsniveau te behalen, waardoor onder meer de uitwisselbaarheid tussen regio’s en gemeenten (bijv. bij langdurige crises) eenvoudiger wordt en de lokale bevolkingszorg verder wordt geprofessionaliseerd. Gemeente Helmond voldeed nog niet geheel aan alle nieuwe kwaliteitscriteria. Om die reden is eind 2024 een verbeterproces gestart met het opstellen van een lokaal crisisplan, werkateliers, infosessies, bemensing van processen (waarbij cruciale posities een piketfunctie krijgen) en wordt een (structureel) opleidings-, trainings- en oefenplan opgesteld. Voor 2025 is een bedrag van € 215.000,- en vanaf 2026 is jaarlijks € 160.000,- beschikbaar. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

122

Op pagina 70-72 Fractie: VVD Vraag: Op 9 september 2025 is burgerberaad besloten in de gemeenteraad met een motie om zo snel mogelijk te beginnen met het uitvoeren of opvolgen van de adviezen (veiligheid). Waarom is hiervoor geen budget opgenomen in de begroting? Antwoord: In aanloop naar de uitkomst van de adviezen en bij het aannemen van de motie was nog niet bekend wat de financiële impact is van de door het burgerberaad uitgebrachte adviezen. Eerder is aan de voorkant richting raad al aangegeven dat er geen financiële middelen beschikbaar zijn voor de uitvoering van de door het burgerberaad uit te brengen adviezen. Op 9 september jl. is toegezegd de raad te informeren over de adviezen die direct worden uitgevoerd, deze informatie volgt op korte termijn in de vorm van een RIB. Op een later moment wordt de stand van zaken aangegeven t.a.v. de adviezen die vragen om een raadsbesluit vanwege budget of anderszins. De mogelijk aanvullende middelen worden dan meegenomen richting de voorbereiding van de begroting 2027.

47

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

123

Op pagina 70 Vragen: a. In het raadsbesluit bij het Masterplan Integrale Veiligheid 2022–2026 staat: “Jaarlijks wordt een dynamisch uitvoeringsprogramma opgesteld met daarin concrete activiteiten. Het dynamisch uitvoeringsprogramma wordt ter vaststelling aan het college voorgelegd.” De toenmalige burgemeester heeft meermaals toegezegd dat dit lokale uitvoeringsprogramma jaarlijks met de raad zou worden besproken. Wordt er een uitvoeringsprogramma 2026 gemaakt? Zo nee, waarom wordt afgeweken van een raadsbesluit met een tweejarig programma?

Fractie: VVD

b. In de programmabegroting wordt aangekondigd dat in 2026 een nieuw Masterplan Integrale Veiligheid 2027–2030 wordt opgesteld. De raad ontvangt dit plan vierjaarlijks, maar er wordt niet gesproken over een jaarlijks lokaal uitvoeringsplan of uitvoeringsprogramma. In 2024 is wel een terugkoppeling ontvangen en een uitvoeringsprogramma 2025–2026 vastgesteld (die vorig jaar ook was benoemd in de begroting). Kan het college vanaf 2027 opnieuw een jaarlijks lokaal uitvoeringsprogramma opstellen en dit, conform de eerdere afspraak, bespreken met de raad? c. Hoe kan de gemeenteraad haar kaderstellende en controlerende rol vervullen en de voortgang en resultaten op het gebied van veiligheid monitoren tussen de masterplannen door, als veiligheid niet jaarlijks met de raad wordt besproken? Welke suggesties ter verbetering heeft u voor het in positie brengen van de raad op het thema veiligheid? d. Graag daarbij het regionale uitvoeringsprogramma 2025–2026 (samenwerking met de regio) als afschrift toevoegen aan de beantwoording. e. In het Uitvoeringsprogramma Integrale Veiligheid 2025–2026 worden concrete activiteiten benoemd, maar in de programmabegroting zijn deze niet financieel of resultaatgericht uitgewerkt. Hoe worden de acties uit het uitvoeringsprogramma financieel geborgd binnen de begroting, en hoe wordt de voortgang hiervan aan de raad gerapporteerd? f.

In zowel het uitvoeringsprogramma 2025–2026 als de terugkoppeling 2024 worden resultaten hoofdzakelijk beschrijvend weergegeven. Worden er prestatie- of effectindicatoren ontwikkeld waarmee jaarlijks kan worden gemeten wat de inzet op veiligheid concreet oplevert (bijvoorbeeld via de BBVindicatoren of een lokaal dashboard)? g. In het Plan van Aanpak Preventie met Gezag is opgenomen dat er monitoring en voortgangsrapportages zullen komen.Wat zijn de resultaten? Een paar jaar geleden is dit gepubliceerd: https://www.ed.nl/helmond/echte-volkswijkhelmond-west-landelijk-koploper-met-jongeren-die-risico-lopen-op-criminele-carrierehet-is-urgent~a9d04a4c/ Wat zijn de actuele cijfers? h. Hoe wordt de effectiviteit van de “brede aanpak jongerenoverlast” gemeten?

48

Antwoorden: a. Het Uitvoeringsplan Integrale Veiligheid 2025-2026, dat is vastgesteld door het college, is middels raadsinformatiebrief nr. 22 (d.d. 6 februari 2025) met de raad gedeeld. Het uitvoeringsplan is een dynamisch sturingsdocument voor het management, om waar nodig bij actuele ontwikkelingen te kunnen sturen en de planning bij te stellen. Het uitvoeringsplan voorziet in de planning voor de resterende looptijd van het Masterplan Integrale Veiligheid 2023-2026. b. Het meerjarige beleidskader (Masterplan Integrale Veiligheid) wordt ter besluitvorming voorgelegd aan de raad. Dit gebeurt ook zo voor de nieuwe versie voor de periode 2027-2030. Het college stelt vervolgens de onderhavige Uitvoeringsplannen Integrale Veiligheid vast. Deze zullen ter informatie ook worden gedeeld met de raad, evenals de resultaten van het voorgaande beleidsjaar (schriftelijk). c. Zoals hiervoor aangegeven wordt de raad jaarlijks schriftelijk geïnformeerd over de voortgang op de veiligheidsresultaten volgend uit het beleid en meer concreet vanuit de uitvoeringsplannen. Voor dit jaar staat ook een themabrede bijeenkomst veiligheid gepland in de commissievergadering inwoners (25 november) om de raad informatief mee te nemen in en in gesprek te gaan over de dagdagelijkse werkzaamheden en de integraliteit/ samenwerking binnen de teams die vallen onder de afdeling Veiligheid en Naleving.

Dit draagt bij aan het in positie brengen van de raad op het thema veiligheid. d. Op basisteamniveau (Peelland) wordt ook samengewerkt op het gebied van veiligheid. Hiertoe is een Veiligheidsplan Peelland 2023-2026 opgesteld welke zich richt op de gemeenschappelijke doelen die voortkomen uit het Regionaal Veiligheidsplan 2023-2026 (regio Oost-Brabant) en de door de raad vastgestelde prioriteiten in gemeentelijk veiligheidsbeleid. Op deze manier kan bovenlokaal de samenwerking zodanig worden georganiseerd dat het bijdraagt aan en een versterkende werking heeft t.a.v. de lokaal beschreven prioriteiten. e. Bij de vaststelling van het Masterplan Integrale Veiligheid 2023-2026 is gevraagd om extra financiële middelen voor de gestelde accenten. De benodigde extra middelen voor 2025 en 2026 zijn toegekend in de begroting 2025. f. T.a.v. de objectieve veiligheid monitoren we de meldingen/ cijfers (en de opvolging daarvan) binnen onze lokale dashboards op de verschillende thema’s welke zijn opgebouwd uit meldingen die worden gedaan bij gemeente en politie. T.a.v. de subjectieve veiligheid maken we gebruik van de Veiligheidsmonitor, waar Helmond ook de aankomende editie aan deelneemt.

Verder bespreken we tussentijdse resultaten in de veiligheidsaanpak met onze partners en zijn we in contact met onze inwoners, waarbij ook de zachte info (subjectief) wordt getoetst aan de objectieve (feitelijke) informatie om onze aanpak op af te stemmen. g. In Raadsinformatiebrief 155 (2023) heeft het college aangegeven de raad jaarlijks te zullen informeren over de voortgang van het programma Preventie met Gezag (PmG). In december 2024 heeft het college dit gedaan middels een Raadsinformatiebrief (RIB 185). In november a.s. staat een informerende themasessie over Veiligheid & Naleving gepland, waarin de raad onder andere over de voortgang van PmG zal worden geïnformeerd. Het genoemde artikel van het ED refereert naar een artikel van RTL, dat gebaseerd is op cijfers van ‘Zicht op Ondermijning’. Deze cijfers zijn openbaar toegankelijk via: http://zichtopondermijning.nl. De betreffende (jaarlijks geactualiseerde) cijfers zijn te vinden door in de menubalk te kiezen voor: ‘jonge aanwas --> risicojongeren’ en als regio Helmond in te voeren. h. Zie hiervoor ook het antwoord beschreven onder ‘f’. Aanvullend bespreken we en monitoren de aanpak op risicojeugd/ jongerenoverlast op het niveau van groep, locatie en individu. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

124

Op pagina 71 Fractie: Helder Vraag: In het kader van de gefaseerde groei van BOA’s. Hoe waarborgt het college dat Helmond de inzet van handhaving effectief en kostenefficiënt blijft? Antwoord: Het college bewaakt de effectiviteit en efficiëntie van de handhaving door inzet op prioritaire gebieden (die vragen om aandacht), samenwerking met de politie en regelmatige evaluatie van resultaten en werkwijzen. Daarnaast dragen digitalisering en een gerichte inzet van capaciteit ook bij aan het voorkomen van onnodige kosten.

49

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

125

Op pagina 71 Fractie: Helder Vraag: Hoe wordt bepaald welke wijken of thema’s pritoriteit krijgen bij de uitbreiding Helmond van BOA-capaciteit. En hoe wordt dit afgestemd met politie en buurtpreventie? Antwoord: Prioriteiten worden vastgesteld op basis van meldingen, overlastcijfers, veiligheidsanalyses en signalen uit de wijken. De inzet van BOA’s wordt wekelijks afgestemd met de politie en periodiek met buurtpreventieteams en wijkadviseurs. Tevens worden er in het Masterplan Integrale Veiligheid (meerjarig beleid) en in het uitvoeringsplan van Toezicht en Handhaving (jaarlijks) de verschillende veiligheidsthema’s geprioriteerd. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

126

Op pagina 71 Fractie: Helder Vraag: De geplande uitbreiding van het aantal BOA’s wordt bijgesteld om kosten te Helmond beperken, terwijl de zichtbaarheid en handhaving nu al onder druk staan. Waarom wordt er afgeweken van de eerdere prognose voor groei van de BOA-capaciteit. En hoe is deze keuze financieel én operationeel onderbouwd? Antwoord: De bijstelling van de BOA-capaciteit is het gevolg van financiële afwegingen en de beperkingen van de arbeidsmarkt. Financieel is gekozen om de kosten voor toezicht en handhaving te beperken en ruimte in de begroting te creëren voor andere prioriteiten. Operationeel is onderzocht dat de zichtbaarheid, handhaving en afhandeling van meldingen binnen de gestelde termijnen kan worden gehandhaafd door gerichte inzet, prioritering en samenwerking met politie en buurtpartners. Hierdoor blijven de effecten op toezicht en handhaving beperkt, ondanks de vertraagde groei. Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

127

Op pagina 71 Fractie: Helder Vraag: Er wordt gesteld dat de negatieve gevolgen van het minder snel uitbreiden Helmond vanhet BOA-team beperkt zijn. Waarop is deze inschatting gebaseerd? En hoe wordt gemonitord of dit daadwerkelijk geen verslechtering veroorzaakt in de zichtbaarheid, handhaving en afhandeling van meldingen? Antwoord: De inschatting dat het bijstellen van de groei van het aantal BOA’s beperkte gevolgen heeft, is gebaseerd op gegevens waaruit blijkt dat meldingen binnen de gestelde termijnen worden afgehandeld. Er is daarmee geen sprake van achterstanden die duiden op een tekort aan capaciteit. Daarnaast is rekening gehouden met de huidige krapte op de arbeidsmarkt, waardoor volledige groei ook moeilijk in te vullen is.

50

Nr.

Technische vraag:

Gesteld door:

128

Op pagina 71 Fractie: VVD Gefaseerde groei Buitengewoon Opsporingsambtenaar (BOA's) De geplande uitbreiding van het aantal boa’s wordt bijgesteld om de kosten voor toezicht en handhaving te beperken en ruimte te creëren in de begroting. Hierdoor groeit de inzet op toezicht minder snel dan eerder voorzien. De inschatting is dat de negatieve gevolgen beperkt zijn als het gaat om de zichtbaarheid, handhaving en afhandeling van meldingen. De beschikbare ruimte voor de werving van nieuwe BOA’s is relatief moeilijk te vullen door de (landelijke) krapte op de arbeidsmarkt. Vraag: Op basis van welke gegevens of analyses is bepaald dat het bijstellen van de groei van het aantal BOA’s slechts beperkte gevolgen heeft voor de zichtbaarheid, handhaving en afhandeling van meldingen, en hoe verhoudt deze inschatting zich tot de gemeten behoefte aan toezicht vanuit inwoners? Antwoord: De inschatting dat het bijstellen van de groei van het aantal BOA’s beperkte gevolgen heeft, is gebaseerd op gegevens waaruit blijkt dat meldingen binnen de gestelde termijnen worden afgehandeld. Er is daarmee geen sprake van achterstanden die duiden op een tekort aan capaciteit. Daarnaast is rekening gehouden met de huidige krapte op de arbeidsmarkt, waardoor volledige groei ook moeilijk in te vullen is. Nr.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16126426/1